VERSLAG THEMAGROEP VTO EN ARBEID 8 JANUARI 2014 Aanwezigen: Dr. Hendrik Vermeerbergen (Medisch advizeur CM), Dirk Van Gool (Medisch adviseur CM), Geert Kerstens (Uilenspiegel), Jyoti Hullebusch (VDAB Antwerpen), Ann Dupont (OCMW Antwerpen), Menno Fransen (Tsedek), Sven Ceustermans (MTA De Link), Peter Mous (Vzw De Link), Wim De Weerd (PSAA provincie Antwerpen), Marleen Van Staey (Similes), Jorinde Janssen ( t Karwei), Nadine Van Gool (VDAB), Martie Mol (De Evenaar), Ann Wauters (MTA De Vliering), Lies Janssens (GTB Antwerpen), Guido Maertens (De Sleutel), Karolien Weemaes (Netwerkcoördinator SaRA), Joris Housen (Netwerkcoördinator SaRA), Leen de Merlier (PZ Sint-Amedeus), Dirk Goeminne (voorzitter themagroep PZ Sint-Amedeus en verslag), Verontschuldigd: Lieve Heene en Lenie Van Ooteghem (GA Vzw Kinsbergen), Dirk Meeus (CGG VAGGA), Leen van Assche (CGG Adante), Veerle Van den Bosch (GOB De Ploeg), Liesbeth Felix (ANA vzw), Marc Dockx (GTB Antwerpen), ), Lieve Fransen (GTB Antwerpen), Marie-Josée Peeters (ZNA Antwerpen) 1. Goedkeuring vorig verslag Het verslag werd op 07/01/2014 nog doorgemaild en wordt ter plaatse ook uitgedeeld. Het verslag moet wel nog goedgekeurd worden op de volgende vergadering. 2. Kennismakingsrondje Er zijn enkele nieuwe leden. De aanwezigen stellen zich beknopt voor. 3. Artikel 107: beknopte voorstelling met de focus op functie 3 (zie presentatie in bijlage) Ten behoeve van Dr. Vermeerbergen en Dr. Van Gool, beiden medisch adviseur op de CM Antwerpen, licht K. Weemaes kort de doelstellingen en de realisaties van functie 3 toe. 4. De arbeidsongeschiktheid en de (gedeeltelijke) werkhervatting: toelichting door Dr. H. Vermeerbergen en Dr. D. Van Gool vanuit de positie van de medisch adviseur (zie presentatie) Voorafgaand: de cijfers van het RIZIV met betrekking tot de jaarlijkse groei van het aantal mensen die op invaliditeit komen, moet gerelativeerd worden. De bevolking veroudert maar de geneeskunde verbetert ook. De kans dat mensen voor hun 65 jaar, ziek worden en op invaliditeit komen is groter. In het verleden stierven er meer mensen voor hun 65 jaar en kwamen ze bijgevolg ook niet voor in de cijfers van de invaliden. Wel is het zeker zo dat er een toename is van het aantal invaliden met een psychiatrische diagnose. Belangrijkste criteria bij de bepaling van de arbeidsongeschiktheid (Artikel 100 par. 1 wet 10/07/1994) =
1. Alle werkzaamheid wordt onderbroken 2. Het intreden of verergeren van letsels of functionele stoornissen 3. Verdienvermogen is minder dan een derde (of anders gezegd: 66%) De eerste 6 maanden voor het eigen beroep en de volgende maanden voor de algemene arbeidsmarkt. Punt 2 is voor patiënten met een psychische kwetsbaarheid erg belangrijk. Als de medisch adviseur vaststelt dat er nooit beroepsbekwaamheid aanwezig was, kan er ook geen arbeidsongeschiktheid vastgesteld worden en is er dus geen recht op ziekte-uitkering. Soms gebeurt dit een tijdje wel, bijvoorbeeld na een periode van werkloosheid, maar na een grondige controle zal dan de ziekteuitkering stoppen. Deze mensen worden dan verwezen naar de FOD Sociale Zaken voor een tegemoetkoming. Een ingewikkeld verhaal is de gedeeltelijke hertewerkstelling tijdens de periode van het gewaarborgd loon. Voor bedienden is dit een maand, voor arbeider afhankelijk van de sector één of meerdere weken (het eenheidsstatuut heeft dit onderscheid tussen bedienden en arbeiders nog niet weggewerkt). Van zodra de werknemer tijdens de periode gewaarborgd loon deeltijds hervat, met akkoord adviserend geneesheer, is de werkgever geen verder gewaarborgd loon verschuldigd. De werknemer krijgt dan zijn loon voor het geleverde werk (bv. 50%), en een aanvullend stuk uitkering van het ziekenfonds, waarbij uiteraard bepaalde plafonds (ònder het normale volledige loon) niet overschreden kunnen worden. Zijn er tijdens deze periode opnieuw dagen van volledige werkonbekwaamheid, zal voor die dagen de teller gewaarborgd loon opnieuw lopen. Zijn er zo geen dagen, en hervat de werknemer nà een periode deeltijds opnieuw voltijds, doet de werkgever een zaak, vermits er dan slechts een beperkt deel van het gewaarborgd loon betaald diende te worden. In zo n situatie zijn er twee verliezers : werknemer (die bij volledige werkonbekwaamheid (WO) zijn volledige loon behoudt gedurende 1 maand, en bij deeltijdse hervatting wat inlevert) en de sociale zekerheid (die bij volledige WO de eerste maand niets zou moeten betalen) en één winnaar, de werkgever, die met deze incentive misschien vlugger geneigd zal zijn om akkoord te gaan met de deeltijdse hervatting. Wel is het zo dat blijkbaar de werkgever vaak (?) gewoon het gewaarborgd loon doorbetaalt (uit onwetendheid? uit loyauteit t.o.v. de werknemer?). Dat is uiteraard niet verboden, en het ziekenfonds gaat hem niet op andere gedachten brengen en geeft dan (nog) geen aanvullende uitkering. In de rand nog dit : Bij werkhervatting van personen met een psychiatrische problematiek doet de medisch adviseur veelal beroep op de (attesten/verslagen van de ) specialist-psychiater met zeer concrete info ( okee dat die persoon dat en dat gaat doen? ), omdat men absoluut wil vermijden dat iemand decompenseert, net omdat hij een bepaalde activiteit heeft hervat. Soms wordt werkhervatting door de medisch adviseur geweigerd bv. duizeligheid / evenwichtsstoornissen bij dakwerker.
De klassieke herscholing via het RIZIV = Artikel 215 Quater. RIZIV betaalt: 1. Het oriëntatieonderzoek (bv door psycholoog) 2. De feitelijke opleidingskosten bv bij de VDAB 3. De vervoerskosten De medisch adviseur geeft al dan niet toestemming, afhankelijk van de groeikansen. Het is belangrijk om weten dat de arbeidsongeschiktheid ophoudt na het beëindigen van de opleiding omdat men dan opnieuw ter beschikking staat van de arbeidsmarkt. Dit betekent dat men géén ziekte-uitkering meer kan genieten en men op werkloosheidsuitkering terecht komt als men niet onmiddellijk werk vindt (met een lagere uitkering tot gevolg, soms voelen mensen zich gestraft). Als de klassieke herscholing via het RIZIV therapeutisch bedoeld is, kan er wel een akkoord komen via het RIZIV, maar geen financiering via het RIZIV. De samenwerkingsconvenant tussen : RIZIV/VDAB/GTB Dit is een meer trapsgewijze aanpak via de VDAB, ook met de finaliteit om iemand terug professioneel in te schakelen. Het is de cliënt zelf die moet aangeven wat hij wil. Hij ontvangt een aanmeldingsformulier van de medisch adviseur (opgemaakt door GTB). Vrijwilligerswerk kan alleen in een VZW of een non-profit organisatie (en dus niet in een commerciële organisatie bv. een arbeidsongeschikte dame kan niet even op de winkel van de schoonzus letten als de schoonzus even weg moet als je arbeidsongeschikt bent, mag je niet gratis voor iemand gaan werken). Voor vrijwilligerswerk is in principe geen toestemming (goedkeuring) nodig. Melding is wel noodzakelijk. Het moet onbetaald zijn (maandelijks een declaratie van de VZW aan de mutualiteit). Wat stages betreft, zegt de wet niets. Deze kunnen m.a.w. ook in het commerciële organisaties van het Normaal Economisch Circuit (NEC) als : 1. de periode goed gelimiteerd wordt, 2. het werk goed omschreven wordt; en 3. de stage niet te lang duurt. Hier zal de adviserend geneesheer echter beschermend optreden aangezien we moeten vermijden dat men gratis gaat werken. Bespreking: Hoe beoordeelt de arts de verhouding tussen de draagkracht en de intentie tot herintegratie? In eer en geweten. Het is belangrijk om weten dat een klant de beslissing van de medisch adviseur kan betwisten door beroep aan te tekenen. In de herstelgerichte zorg worden patiënten aangemoedigd om iets te doen, initiatieven te nemen, bv. een herscholing. Er is een tendens om mee te gaan in het verhaal van de klant en hem daar in te ondersteunen. Kan de medisch adviseur dit volgen, zijn ze mee in dat denken, hoe verhouden ze zich daar tegenover?
Dat hangt af van de doelstelling: als de medisch adviseur de klant al jaren kent en weet dat hij al verschillende kansen gekregen heeft die niet tot een positief resultaat geleid hebben, dan zal de medisch adviseur bv. wel toestemming geven om de opleiding te volgen, maar geen toestemming voor de terugbetaling van de kosten. De voorgestelde procedures zijn eigenlijk bedoeld voor mensen die gezond zijn en dit (grotendeels) verliezen. Via de beschutte werkplaatsen is er echter een groep mensen bij gekomen die eigenlijk arbeidsgehandicapt ( arbeidsongeschikt) zijn. Bv. een persoon met een ernstige psychiatrische aandoening die decompenseert en een psychose doormaakt, wordt volgens de logica van de procedures terug werkbekwaam van zodra de psychose weg is ( omdat de vererging weg is 2 e criteria arbeidsongeschiktheid (supra)) ook al wil deze persoon het werk niet hervatten (omdat er bv. onvoldoende draagkracht is of andere processen spelen). 5. De dienst arbeidshandicap van de VDAB: Yoti Hullebus Er is een lijst met criteria die onmiddellijk recht geven op een BTOM (bijzonder tewerk ondersteunende maatregelen). Zie bijlage. Als de patiënt in aanmerking komt voor één van de vermelde criteria, mag dit overgemaakt worden aan de dienst arbeidshandicap van de VDAB. Zij zullen dan het ticket bezorgen dat toegang geeft tot de BTOM. Belangrijk: het is dus niet omdat men via één van de vermelde criteria recht zou verkrijgen, dat men dit ook al heeft. De VDAB geeft het ticket. Als er géén automatisch recht is, maar wel een nood aan een BTOM, dan zal de trajectbegeleider van de VDAB of GTB een MEA (Multi-Elementen Adviesrapport) opstellen. Voor bijkomende onderzoeken kan de dienst voor Gespecialiseerde Arbeidsonderzoeksdiensten (Kinsbergen) ingeschakeld worden. Zij hebben een overeenkomst met de dienst Arbeidshandicap van de VDAB. Het advies van deze dienst wordt gerespecteerd. Andere centra zoals bv. psychiatrische ziekenhuizen kunnen hun informatie (met toestemming van de patiënt) ook opslagen in een MEA en deze overmaken aan GTB. Dit zal de procedure zeker versnellen. BTOM: waarvoor? 1. Tewerkstelling beschutte werkplaats 2. Vlaams Ondersteuningspremie (VOP) 3. Aanpassing van de arbeidspost 4. Doventolk 5. Verplaatsingsonkosten
In het reguliere circuit is de VOP interessant om werknemers die door een medische aandoening een vermindering van het verdienvermogen hebben, in loondienst te houden. De hoogte van de premie: Periode waarin je de werknemer voor het eerst aanwierf Hoogte van de premie Jaar 1 (kwartaal 1 waarin je hem voor het eerst aanwierf tot en met 5) 40% van het referteloon Jaar 2 (kwartaal 6 tot en met 9) 30% van het referteloon Jaar 3 (kwartaal 10 en daarna) 20% van het referteloon 6. DAZ bis: toelichting door W. De Weerdt Het dossier DAZ 2 (of DAZ bis) is goedgekeurd. De trajecten kunnen opgestart worden. Dit resulteert in het volgende plaatje: Vlaamse subsidie Provinciale subsidie 600 euro; + 200 euro penhoudersvergoeding = 800 euro TOTAAL per traject TOAAL voor 60 trajecten Zorgpartner 900 200 1.100 66.000 Empowerment partner 700 500 1.200 72.000 Arbeidszorginitiatief 700 100 800 48.000 Subtotaal 2.300 800 3.100 186.000 GTB 1.418 0 1.418 85.080 TOTAAL per traject TOTAAL voor 60 trajecten 3.718 800 4.518 // 223.080 48.000 // 271.080 7. Varia: Cijfers GTB: op het einde van het traject: 59% BTOM. Het aantal toeleidingen zonder BTOM stijgt. Op 01/04/2014 starten de indiceringen met betrekking tot maatwerk. Er leeft een ongerustheid met betrekking tot het publiek dat men in de toekomst zal krijgen in de Sociale en de beschutte werkplaatsen. De subsidie zal afhankelijk zijn van de sterkte van de werknemers. Een ESF project waarin de partners ANA en De Sleutel in participeren is goedgekeurd. Het gaat over de begeleiding van een kwetsbare groep van 120 personen die nog nergens in begeleiding zijn.
De bedoeling is om deze mits een voortraject van 10 weken op een activerende werkvloer af te leveren aan de VDAB. Alle partners kunnen potentiële klanten aanmelden. Volgende vergadering: Woensdag 12 maart 2014 te VDAB (Copernicuslaan 1, lokaal 232) van 9h30 tot ten laatste 12h.