Deelnemings vrij stelling

Vergelijkbare documenten
Checklist Deelnemingsvrijstelling

Voor wat betreft de rentebetalingen wordt verwezen naar onderdeel a hiervoor.

Collegeaantekeningen Belastingrecht 2 Week 2

Spoedreparatie fiscale eenheid. Michel Ruijschop

Alles onder Controle!

Bedrijfsfusie. Vennootschapsbelasting; bedrijfsfusie, laatstelijk gewijzigd bij Stcrt. 2008, 196

Besluit deelnemingsvrijstelling. Besluit deelnemingsvrijstelling

Blok 11. IS 2: dubbele belasting en de Spaanse holding (ETVE). Deelnemingen, deelnemingsvrijstelling of voorkoming van dubbele belasting.

1b Wanneer eindigt uw boekjaar? 31 december (boekjaar is gelijk aan kalenderjaar) Andere datum, namelijk. Telefoon: Fax: Naam: Adres:

Stichting RB-Studiekring Gelderland-Overijssel

Gegevens belastingplichtige. Naam. Adres Postcode Plaats Telefoon. Inspectienaam Boekjaar van.. t/m

Fiscale aspecten van aandelenvennootschappen met een dubbele vestigingsplaats

De plaats van de deelnemingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting / 7

Definitief aangiftebiljet winstbelasting 2012

Naar een EU-bestendige vennootschapsbelasting. Frank Engelen PricewaterhouseCoopers Universiteit Leiden International Tax Center Leiden

Definitief aangiftebiljet winstbelasting 2010

Vennootschapsbelasting. Bedrijfsfusie. Toepassing artikel 14, tweede lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Bijlage 1: Algemeen. Indien deze bijlage niet voldoende is, maak dan een kopie van deze bijlage.

Compendium vennootschapsbelasting

Overgangsrecht Wet op de vennootschapsbelasting 1969

Bijlage 1: Algemeen. Indien deze bijlage niet voldoende is, u kunt dan een een kopie van deze bijlage maken. Pagina 1 van 13

Reorganiseren in zwaar weer. Mr drs S.A.W.J. Strik Hoofd Vaktechniek Directe Belastingen, Ernst & Young

De deelnemingsvrijstelling is opgenomen in art. 13 tot en met 13k Wet op de vennootschapsbelasting

De liquidatieverliesregeling, van lelijk eendje naar mooie zwaan?

Fiscale aspecten van groepsfinanciering van vastgoed

Bachelor thesis Voordelen uit hoofde van een deelneming

Compendium van de vennootschapsbelasting

PRAKTIJKNOTITIE Fiscaal. 1. Inleiding. 2. De fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting Inleiding Voorwaarden vormen fiscale eenheid VPB

Omzetting van vordering in aandelenkapitaal. regels voor de debiteur

Bachelor Thesis "Deelnemingsvrijstelling"

Staatssecretaris beantwoordt vragen spoedreparatie fiscale eenheid

Gevraagd 1. Wat is het fiscale gevolg voor Manager BV van de liquidatie van IJzerwerken BV?

HOOFDSTUK 1 OOGMERKTOETS

Vennootschapsbelasting -- Deel 3

De problemen en onvolkomenheden van het forfaitair bepaalde liquidatieverlies

Hoorcollege Directe Belastingen DB II Collegejaar 2014/2015

Bachelor Thesis. : Fiscale Economie. De wenselijkheid van de Wet compartimenteringsreserve. : Roxanne Kuijpers

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

HOOFDSTUK 4 Op welk tijdstip wordt de winst in aanmerking genomen? / 73

Bachelorthesis. ''De grens tussen voordelen uit hoofde van een deelneming en voordelen uit anderen hoofde'' Thomas Redegeld

Vennootschapsbelasting. Bedrijfsfusie. Toepassing artikel 14, tweede lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969

Het nieuwe besluit deelnemingsvrijstelling

CFC & Fiscale eenheid

Belastingdienst 2015 Aangifte

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Fiscale eenheid. Impact spoedmaatregelen. Agenda. februari dr. A. Rozendal. Toepassing art. 10a. Toepassing art. 20a.

Elsevier Belastingcongres 2009

Wet werken aan winst in Staatsblad

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Vennootschapsbelasting. Artikel 28a; omzetting rechtspersoon

Wegwijs in de Vennootschapsbelasting

Fiscale onderkapitalisatie van vennootschappen

Voorwoord en verantwoording 5. Deel I OPGAVEN 23

Vennootschapsbelasting -- Deel 4

Transcriptie:

Deelnemings vrij stelling prof.mr.dr. P.G.H. Aïbert Sdu Uitgevers Den Haag

Inhoudsopgave Voorwoord / Inleiding / Opzet van het boek / 5 1 Wettekst, wetsgeschiedenis en ratio van art. 13 Wet Vpb 1969 / 15 1.1 Inleiding/15 1.2 De op 1 januari 2010 geldende tekst van art. 13 Wet Vpb 1969 /15 1.3 Wetsgeschiedenis van art. 13 (vanaf 1 januari 2007) /19 1.4 De tekst van art. 13 Wet Vpb 1969 per 31 december 2006 / 21 1.5 Wetsgeschiedenis van art. 13 (tot 1 januari 2007) / 23 1.6 De essentie van de deelnemingsvrijstelling / 24 1.7 Ratio/25 2 Het begrip deelneming / 27 2.1 Inleiding / 27 2.2 Aandeelhouder voor ten minste 5% van het nominaal gestorte kapitaal in een vennootschap waarvan het kapitaal in aandelen is verdeeld / 27 2.2.1 In aandelen verdeeld kapitaal / 28 2.2.2 Aandelen van een bijzondere soort / 29 2.2.3 Gestort kapitaal / 31 2.2.4 Stemrechtcriterium / 32 2.2.5 Aandeelhouderschap / 33 2.2.6 Voorraadaandelen / 35 2.3 Aflopende deelneming / 36 2.4 Oneigenlijke deelneming in 2007 t/m 2009 / 39 2.5 Belang < 5% vormt deelneming als verbonden lichaam deelneming heeft of als belastingplichtige met deelneming is verbonden (meetrekregeling van lid 5a) / 40 2.6 Opties op aandelen / 41 2.6.1 Inleiding/41 2.6.2 Vier basisvarianten van optiecontracten / 42 2.6.3 De overwegingen van de Hoge Raad in het Falconsarrest / 42 2.6.4 De fiscale positie van M, die een calloptie op aandelen D schrijft / 44 2.6.5 De fiscale positie van de koper van een calloptie op aandelen D / 44 2.6.6 De fiscale positie van M, die een putoptie op aandelen D koopt / 45 2.6.7 De fiscale positie van de schrijver van een putoptie op aandelen D / 45 2.6.8 Overdracht van call- en putoptie; cash settlement / 46 2.6.9 Optie op nieuw te emitteren aandelen / 47 2.6.10 Combinatie van aandelen en optierecht / 49 2.7 Fonds voor gemene rekening / 50 Inhoudsopgave

2.8 Lidmaatschap coöperatie / 51 2.9 Belang in open commanditaire vennootschap / 51 2.10 Winstbewijzen (meesleepregeling van lid 4a en meetrekregeling van lid 5c) / 52 2.11 Deelnemerschapslening (meesleepregeling van lid 4b en meetrekregeling van lid 5b) / 53 3 Deelnemingsvoordelen en -kosten / 55 3.1 Inleiding / 55 3.2 Voordelen uit hoofde van de deelneming / 55 3.3 Verlies op lening aan (of borgstelling ten behoeve van) dochtermaatschappij / 60 3.3.1 Afwaarderingsverlies op lening aan dochtermaatschappij / 60 3.3.2 Verlies op borgstelling ten behoeve van een dochtermaatschappij / 66 3.4 Valutaresultaten / 69 3.4.1 Valutaresultaten op een deelneming / 69 3.4.2 Valutaresultaten op leningen (en valutatermijntransacties) die verband houden met de deelneming / 69 3.5 Kosten in verband met de deelneming / 76 3.5.1 Kosten in verband met de deelneming (algemeen) / 76 3.5.2 Kosten ter zake van de verwerving van een deelneming / 77 3.5.3 Overgangsrecht kosten ter zake van de verwerving van een deelneming / 80 3.5.4 Kosten ter zake van de vervreemding van een deelneming / 83 3.6 Nabetalingen / 85 3.6.1 Nabetalingen (de wettelijke regeling van art. 13, lid 6) / 85 3.6.2 Beoordeling van de koopovereenkomst: maakt rente onderdeel uit van de prijs waartegen de deelneming is ge- of verkocht? / 88 4A Laagbelaste beleggingsdeelneming (2007 t/m 2009) / 91 4A.1 Wettekst / 91 4A.2 Wetsgeschiedenis / 92 4A.3 Globale inhoud en ratio / 92 4A.4 Bezittingentoets / 94 4A.4.1 Inleiding / 94 4A.4.2 Bezittingentoets is continue toets / 94 4A.4.3 Waarderingsmaatstaf/95 4A.4.4 Belang in tussenhoudstermaatschappij / 95 4A.4.4.1 Algemeen (toerekening van bezittingen van kleindochter aan dochter/deelneming) / 95 4A.4.4.2 Betekenis van het woordje 'of in 'onmiddellijk of middellijk' / 97 4A.4.5 Vrije beleggingen / 99 4A.4.5.1 Vrije beleggingen (algemeen) / 99 4A.4.5.2 Verhuurd onroerend goed /100 4A.4.5.3 Verhuurde bedrijfsmiddelen /103 4A.4.5.4 Vordering op groepsmaatschappij: vrije belegging? (lid 11) /104 4A.4.5.5 Een aandelenbelang kleiner dan 5% vormt altijd een belegging, maar niet noodzakelijkerwijs een vrije belegging (lid 12) /118 4A.4.5.6 Overnamekas, liquiditeiten en handelsvorderingen /120 Inhoudsopgave

4A.4.6 Kritiek op bezittingentoets /121 4A.5 Vastgoeddeelneming /122 4A.5.1 Inleiding/122 4A.5.2 Definitie vastgoeddeelneming /122 4A.5.3 Ratio /123 4A.5.4 Geen toerekeningsbalans, maar consolidatie /124 4A.5.5 Bezittingen /125 4A.5.6 Onroerende zaken /125 4A.5.7 90%-grens /126 4A.5.8 Voorbeeld (het belang van een juiste structurering) /127 4A.6 Onderworpenheidstoets /128 4A.6.1 Inleiding /128 4A.6.2 Feitelijke jaar-tot-jaartoets achteraf; gevolgen voor compartimentering? /129 4A.6.3 Is per definitie aan de onderworpenheidstoets voldaan in het jaar waarin de deelneming naar Nederlandse maatstaven verlies lijdt? /131 4A.6.4 Winstbelasting /134 4A.6.5 Naar Nederlandse maatstaven bepaalde belastbare winst /135 4A.6.6 Invloed van verliesverrekening in het buitenland /140 4A.6.7 Invloed van consolidatie en verliesoverdraeht in het buitenland en van hybride buitenlandse rechtsvormen /141 4A.6.8 Invloed van vermindering ter voorkoming van dubbele belasting in 4A.6.9 het buitenland /145 Fiscale eenheid met feitelijk in het buitenland gevestigde dochtermaatschappij /151 4A.7 Verplichte jaarlijkse herwaardering laagbelaste beleggingsdeelneming /153 4A.8 Verdeling van de bewijslast /153 4A.8.1 Inleiding/153 4A.8.2 Wijze van bewijslevering bij de bezittingentoets /155 4A.8.3 Wijze van bewijslevering bij de onderworpenheidstoets /157 4A.9 Heeft de invoering van het regime van de niet-kwalificerende beleggingsdeelneming gevolgen voor de toepassing van het regime van de laagbelaste beleggingsdeelneming? /161 4A.10 Is de regeling van de laagbelaste beleggingsdeelneming in overeenstemming met het EG-recht? /162 4A.11 Samenloop fiscale eenheid en laagbelaste beleggingsdeelneming /164 4B Beleggingsdeelneming (vanaf 1 januari 2010) / 167 4B.1 Wettekst/167 4B.2 Wetsgeschiedenis/168 4B.3 Globale inhoud en ratio van het regime voor beleggingsdeelnemingen; vergelijking met het regime 2007 t/m 2009 /169 4B.4 Hoofdregel (lid 9): oogmerktoets /170 4B.5 De belastingplichtige is een houdstervennootschap /173 4B.5.1 Tophoudster /173 4B.5.2 Tussenhoudster /173 4B.5.3 Participatiemaatschappij/174 4B.6 Beleggingsdeelneming bij wetsfictie (lid 10) /174 4B.6.1 De beleggingsdeelneming van lid 10a (aandelenbelangen < 5%) /174 Inhoudsopgave

4B.6.2 De beleggingsdeelneming van lid 10b (actieve of passieve groepsfïnanciering) /176 4B.7 De kwalificerende beleggingsdeelneming (lid 11) /177 4B.8 De onderworpenheidstoets (lid lla) /178 4B.9 De bezittingentoets /180 4B.9.1 Algemeen (lid llb)/180 4B.9.2 Vrije beleggingen (lid 12) /183 4B.9.3 Wanneer zijn vrije beleggingen laagbelast? (lid 13) /185 4B.9.4 Aandelenbelangen kleiner dan 5% (lid 14) /187 4B.9.5 Extern gefinancierde groepsvorderingen (lid 15) /187 4B.10 Verdeling en zwaarte van de bewijslast /189 4B.11 Twee voorbeelden ter demonstratie van de versoepeling van het regime voor beleggingsdeelnemingen /191 4B.11.1 Voorbeeld 1 /191 4B.11.2 Voorbeeld 2/194 5 Compartimentering / 197 5.1 Inleiding /197 5.2 Volledige, geen gesaldeerde compartimentering /199 5.3 De oorzaak van de sfeerovergang doet niet ter zake / 200 5.4 De compartimenteringsleer geldt voor vermogenswinsten, liquidatieuitkeringen en dividenden / 201 5.5 Compartimentering en opgeofferd bedrag / 202 5.6 Compartimentering en aflopende deelneming (art. 13, lid 16) / 203 5.7 Compartimentering en oneigenlijke deelneming in 2007 t/m 2009 / 204 5.8 Compartimentering en laagbelaste beleggingsdeelneming (beleggingsdeelneming niet zijde een kwalificerende beleggingsdeehieming): rekening houden met winstvermeerdering van art. 13aa, lid 6 / 204 5.9 Compartimentering en omzetting afgewaardeerde vordering op laagbelaste beleggingsdeelneming (beleggingsdeelneming niet zijnde een kwalificerende beleggingsdeelneming) / 205 5.10 Compartimentering bij valutaresultaten op leningen (en valutatermijntransacties) die verband houden met een deelneming / 205 5.11 Tijdstip sfeerovergang laagbelaste beleggingsdeelneming / 205 6 Verplichte jaarlijkse herwaardering laagbelaste beleggingsdeelneming c.q. niet kwalificerende beleggingsdeelneming / 207 6.1 Wettekst / 207 6.2 Wetsgeschiedenis / 207 6.3 Jaarlijkse herwaardering (lid 1) / 208 6.4 Compartimentering (lid 2) / 209 6.5 Is art. 13a in strijd met de vrijheid van vestiging (art. 43 EG-Verdrag) of vrijheid van kapitaalverkeer (art. 56 EG-Verdrag)? / 210 10 inhinuisopsuve

7 Deelnemingsverrekening (art. 13aa en 23c) / 211 7.1 De wettekst/ 211 7.2 De wetsgeschiedenis/213 7.3 Forfaitaire verrekening / 214 7.4 Grenzen aan de forfaitaire verrekening / 216 7.5 Afwaarderingsverlies laagbelaste beleggingsdeelneming (beleggingsdeelneming niet zijnde een kwalificerende beleggingsdeelneming); compartimentering en winstvermeerdering van art. 13aa, lid 6 / 218 7.6 Deelnemingsverrekening en fiscale eenheid / 221 7.7 Is art. 13aa in strijd met de vrijheid van vestiging (art. 43 EG-Verdrag) of vrijheid van kapitaalverkeer (art. 56 EG-Verdrag)? / 221 8 Art. 13b (overdracht afgewaardeerde vordering) / 223 8.1 Wettekst/223 8.2 Wetsgeschiedenis van art. 13b / 224 8.3 Achtergrond van art. 13b / 225 8.4 De vereisten voor de sanctie / 226 8.5 Deelneming of middellijk belang (lid 5) / 227 8.6 (Tijdstip) verbondenheid / 229 8.7 Afwaardering / 229 8.8 Verhoging van het opgeofferde bedrag / 233 8.9 Doorschuiving van de fiscale claim is niet mogelijk / 234 8.10 De besmette rechtshandelingen (lid 2 en 3) / 234 8.10.1 Inleiding / 234 8.10.2 Vervreemding vordering (lid 2) / 235 8.10.3 Vervreemding (deel) onderneming (art. 13b, lid 3) / 236 8.11 Samenloop art. 13b en fiscale eenheid / 240 8.12 Verbonden üchaam / 242 8.13 Verbonden natuurlijk persoon / 244 9 Art. 13ba (omzetting afgewaardeerde vordering) / 245 9.1 Wettekst/245 9.2 Wetsgeschiedenis van art. 13ba / 248 9.3 Achtergrond van art. 13ba / 249 9.4 De inhoud van de sanctie: winstneming of vorming opwaarderingsreserve / 250 9.5 Het karakter van de opwaarderingsreserve / 250 9.6 De vereisten voor de sanctie / 252 9.7 Omzetting vordering die is afgewaardeerd door een niet-verbonden lichaam / 252 9.8 Deelneming / 255 9.9 De besmette rechtshandelingen / 256 9.9.1 Omzetting in aandelenkapitaal / 256 9.9.2 Omzetting in informeel kapitaal of agio / 257 9.9.3 Het prijsgeven van de schuldvordering (algemeen) / 257 9.9.4 Het prijsgeven van een vordering op een buitenlandse debiteur / 259 9.9.4.1 Is lid 4 in strijd met het Europese recht? / 260 lnhaudsopepvt 11

9.9.4.2 Eist lid 4 normatieve of feitelijke buitenlandse onderworpenheid? / 260 9.9.4.3 Verdeling van de bewijslast / 262 9.10 Vervreemding afgewaardeerde vordering: soms geen art. 13b, maar 13ba(lidl3)/263 9.11 Voorkoming dubbele heffing (lid 3); samenloop met art. 13b / 265 9.12 Geleidelijke vrijval opwaarderingsreserve (lid 5, eerste volzin) / 266 9.13 Gevolgen opwaarderingsreserve bij gedeeltelijke vervreemding deelneming en bij uitbreiding deelneming (lid 6) / 269 9.14 Vrijval opwaarderingsreserve bij niet-vrijgestelde deelnemingsvoordelen (lid 7) / 270 9.15 Vrijval opwaarderingsreserve bij beëindiging van de deelnemingsrelatie (lid 5, tweede volzin, en lid 8 en 9) / 271 9.15.1 Overdracht buiten concern (lid 8, eerste volzin) / 271 9.15.2 Earn-outregeling of balansgarantie (lid 8, tweede volzin) / 272 9.15.3 Antimisbruikbepaling (lid 9) / 273 9.16 Vrijval opwaarderingsreserve ineens (lid 10) / 274 9.17 Verhoging opgeofferd bedrag / 278 9.18 Samenloop art. 13ba en fiscale eenheid / 278 9.18.1 Gevolgen opwaarderingsreserve bij opname schuldenaar van afgewaardeerde vordering in fiscale eenheid / 279 9.18.2 Toepassing art. 13ba gedurende het bestaan van een fiscale eenheid (schuldenaar van afgewaardeerde vordering maakt deel uit van fiscale eenheid) / 280 9.18.3 Toedeling opwaarderingsreserve bij de ontvoeging van een vennootschap die een afgewaardeerde vordering heeft omgezet / 283 9.19 Samenloop art. 13ba met bedrijfsfusie, splitsing en juridische fusie / 286 9.20 Omzetting afgewaardeerde vordering door natuurlijk persoon (terbeschikkingstellingsregeling) / 287 10 Art. 13c (omzetting vaste inrichting in deelneming) / 291 10.1 Wettekst / 291 10.2 Wetsgeschiedenis van art. 13c / 292 10.3 Doel van art. 13c / 293 10.4 Hoofdregel van lid 1: toekomstige deelnemingsvoordelen zijn niet vrijgesteld / 294 10.5 Komt art. 13c in strijd met het EG-recht? / 294 10.6 De uitzondering van de leden 2 en 3: onmiddellijke winstneming / 295 10.7 Overdracht verliesgevende vaste inrichting aan kleindochter (lid 4) / 296 10.8 Samenloop lid 1 en lid 4 (de anticumulatiebepaling van lid 5) / 299 10.9 De afrekenverplichting van lid 6 indien lid 4 niet langer van toepassing is / 300 10.10 Overgangsrecht voor voormalige vaste inrichtingen in kleindochters / 301 10.11 Ontvoeging dochtermaatschappij met verliesgevende vaste inrichting / 302 10.12 Samenloop art. 13c met bedrijfsfusie, splitsing en juridische fusie / 305 12 Inhoudsopgave

10.12.1 Art. 13c en bedrijfsfusie / 305 10.12.2 Art. 13c en splitsing / 305 10.12.3 Art. 13c en juridische fusie / 306 11 Art. 13ca (tijdelijk afwaarderingsverlies deelneming) / 309 11.1 Wettekst / 309 11.2 Wetsgeschiedenis / 312 11.3 Inhoud van art. 13ca / 313 11.4 Het terugnemen van het afwaarderingsverlies / 314 11.5 Samenloop art. 13ca en fiscale eenheid / 318 11.6 Samenloop art. 13ca met bedrijfsfusie, splitsing en juridische fusie / 321 11.6.1 Art. 13ca en bedrijfsfusie/321 11.6.2 Art. 13ca en splitsing / 321 11.6.3 Art. 13ca en juridische fusie/322 12 Art. 13d (liquidatieverliezen) / 325 12.1 Wettekst / 325 12.2 Wetsgeschiedenis / 327 12.3 Ratio inbreuk op deelnemingsvrijstelling (aftrekbaarheid liquidatieverlies) / 329 12.4 Liquidatie van een laagbelaste beleggingsdeelneming (2007 t/m 2009) of van een niet-kwalificerende beleggingsdeelneming (vanaf2010)/329 12.5 Omvang liquidatieverlies / 330 12.5.1 Opgeofferd bedrag (hoofdregel) / 330 12.5.2 Zit er in het bedrag dat voor de deelneming is betaald, een renteelement dat niet tot het opgeofferde bedrag behoort? / 330 12.5.3 De deelneming is niet van een onafhankelijke derde gekocht / 332 12.5.4 Gebeurtenissen die leiden tot een aanpassing van het opgeofferde bedrag / 333 12.5.5 De (fictieve) verhogingen van het opgeofferde bedrag van art. 13d, lid 2 / 334 12.5.6 Liquidatie-uitkering / 335 12.6 Voorwaarden verrekening liquidatieverlies / 335 12.7 Liquidatie tussenhoudstermaatschappij / 337 12.8 Gevolgen van staking en voortzetting van de onderneming van de geliquideerde deelneming / 350 12.8.1 Inleiding / 350 12.8.2 Staking of gedeeltelijke voortzetting van de onderneming? Houdsteractiviteiten; beleggingsactiviteiten / 350 12.8.3 Toetsingstijdstip voortzetting onderneming door verbonden lichaam / 352 12.9 Liquidatieverlies en fiscale eenheid / 354 12.10 Liquidatieverlies en juridische fusie, bedrijfsfusie of splitsing / 356 12.11 Liquidatieverlies en toepassing art. 20a (aandeelhouderswisseling) / 357 Inhoudsopgave 13

13 Art. 13e (doorschuiving liquidatieverlies bij voortzetting onderneming van de geliquideerde deelneming binnen concern) / 359 13.1 Wettekst/359 13.2 Wetsgeschiedenis van art. 13e / 359 13.3 Inhoud van art. 13e / 359 14 Art. 13h (vervreemding belang dat géén deelneming vormt in het kader van aandelenfusie, splitsing of juridische fusie) / 361 14.1 Wettekst / 361 14.2 Wetsgeschiedenis / 361 14.3 Inhoud van art. 13h / 362 15 Art. 13i (vervreemding deelneming in het kader van aandelenfusie) / 365 15.1 Wettekst / 365 15.2 Wetsgeschiedenis van art. 13i / 365 15.3 Inhoud van art. 13i / 366 16 Art. 13j (vervreemding deelneming in het kader van splitsing) / 367 16.1 Wettekst / 367 16.2 Wetsgeschiedenis van art. 13j / 367 16.3 Inhoud van art. 13j / 368 17 Art. 13k (vervreemding deelneming in het kader van juridische fusie) / 371 17.1 Wettekst/371 17.2 Wetsgeschiedenis van art. 13k / 372 17.3 Inhoud van art. 13k / 372 Bijlage 1 - Parlementaire toelichting van wetsvoorstel 32 129 / 375 Bijlage 2 - Consultatiewetsvoorstel 31 369 / 407 Jurisprudentieregister / 417 Geraadpleegde literatuur / 421 Trefwoordenregister / 429 14 Inhoudsopgave