Elektrische installatie
|
|
|
- Tania Sonja Sasbrink
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Elektrische installatie VERLICHTING VOORZIJDE INSTRUMENTEN - DASHBOARD TELEFOON MULTIMEDIA ZEKERINGPLAAT INTERIEUR PARKEERHULP MULTIPLEXSYSTEEM AIRBAG EN GORDELSPANNERS JANUARI 2005 EDITION NEERLANDAISE De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens de technische richtlijnen geldend op het tijdstip dat dit document werd samengesteld. Deze methoden zijn aan verandering onderhevig indien de constructeur tussentijds constructiewijzigingen op onderdelen of accessoires heeft aangebracht. Alle auteursrechten zijn voorbehouden aan RENAULT s.a.s. Reproduceren en/of vertalen, zelfs gedeeltelijk, van dit document evenals het overnemen van de indeling van dit document en/of wijze van aanduiden van de onderdelen is verboden zonder vooraf ontvangen schriftelijke toestemming van RENAULT s.a.s. Renault s.a.s. 2005
2 Elektrische installatie Inhoud Blz. Blz. 80B VERLICHTING VOORZIJDE 86B TELEFOON Xenonlampen - Vdiagnr.: 44 Inleiding 80B-1 Diagnosekaart 80B-6 Werking van het systeem 80B-8 Aansluitingen van de rekeneenheid 80B-10 Vervangen van organen 80B-11 Configuratie en inlezen 80B-12 Overzicht van de storingen 80B-15 Betekenis van de storingen 80B-16 Conformiteitscontrole 80B-32 Overzicht van de staten 80B-41 Betekenis van de staten 80B-42 Overzicht van de parameters 80B-56 Betekenis van de commando's 80B-57 Klachten 80B-58 Zoekschema's 80B-59 Inleiding 86B-1 Werking van het systeem 86B-6 Aansluitingen van de rekeneenheid 86B-10 Vervangen van organen 86B-13 Configuratie en inlezen 86B-14 Overzicht van de storingen 86B-16 Betekenis van de storingen 86B-17 Conformiteitscontrole 86B-32 Overzicht van de staten 86B-35 Betekenis van de staten 86B-36 Overzicht van de parameters 86B-51 Betekenis van de parameters 86B-52 Behandeling van de commando's 86B-55 Betekenis van de commando's 86B-56 Klachten 86B-65 Zoekschema's 86B-66 83A INSTRUMENTEN - DASHBOARD 86C MULTIMEDIA Vdiagnr.: 11 Inleiding 83A-1 Diagnosekaart 83A-6 Werking van het systeem 83A-8 Aansluitingen van de rekeneenheid 83A-11 Vervangen van organen 83A-13 Configuratie en inlezen 83A-14 Overzicht van de storingen 83A-19 Betekenis van de storingen 83A-20 Conformiteitscontrole 83A-26 Overzicht van de staten 83A-33 Betekenis van de staten 83A-34 Overzicht van de parameters 83A-46 Betekenis van de parameters 83A-47 Overzicht van de commando's 83A-49 Betekenis van de commando's 83A-50 Klachten 83A-52 Zoekschema's 83A-54 Programmanr.: Vdiagnr.: 04 Inleiding 86C-1 Werking van het systeem 86C-6 Aansluitingen van de rekeneenheid 86C-8 Vervangen van organen 86C-22 Configuratie en inlezen 86C-23 Overzicht van de storingen 86C-24 Betekenis van de storingen 86C-25 Conformiteitscontrole 86C-36 Overzicht van de staten 86C-42 Betekenis van de staten 86C-43 Overzicht van de parameters 86C-50 Betekenis van de parameters 86C-51 Overzicht van de commando's 86C-54 Betekenis van de commando's 86C-55 Klachten 86C-64 Zoekschema's 86C-66
3 Elektrische installatie Inhoud Blz. Blz. 87B 87F HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Programmanr.: Vdiagnr.: 04 Inleiding 87B-1 Werking van het systeem 87B-6 Aansluitingen rekeneenheid 87B-9 Configuraties en inlezen 87B-11 Overzicht van de storingen 87B-17 Betekenis van de storingen 87B-19 Overzicht van de staten 87B-67 Overzicht van de parameters 87B-70 Overzicht van de commando's 87B-71 Behandeling van de commando's 87B-73 PARKEERHULP Rekeneenheid - 1 stekker - Vdiagnr.: 04 Inleiding 87F-1 Diagnosekaart 87F-6 Werking van het systeem 87F-8 Aansluitingen rekeneenheid 87F-9 Vervangen organen 87F-10 Configuraties en inlezen 87F-11 Overzicht van de storingen 87F-12 Betekenis van de storingen 87F-13 Conformiteitscontrole 87F-22 Overzicht van de staten 87F-24 Betekenis van de staten 87F-25 Overzicht van de parameters 87F-30 Betekenis van de parameters 87F-31 Klachten 87F-33 Zoekschema's 87F-34 88B 88C MULTIPLEXSYSTEEM Inleiding 88B-1 Aansluitingen van de rekeneenheid 88B-5 Configuratie 88B-6 Behandeling van de storingen 88B-8 Zoekschema's 88B-12 AIRBAG EN GORDELSPANNERS Airbag ACU3 - Vdiagnr.: 2C Inleiding 88C-1 Diagnosekaart 88C-6 Werking van het systeem 88C-13 Aansluitingen van de rekeneenheid 88C-14 Vervangen van organen 88C-16 Configuratie en inlezen 88C-17 Overzicht van de storingen 88C-19 Betekenis van de storingen 88C-20 Conformiteitscontrole 88C-66 Overzicht van de staten en parameters 88C-67 Zoekschema's 88C-68
4 LAD Vdiagnr.: B VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Inleiding 80B 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model(len): Laguna II Phase 2 Betreffende functie: Xenonlampen Naam van de rekeneenheid: LAD Programmanr.: VDIAGNR.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Type diagnoseapparaat Methodes van de diagnose (dit document): Diagnose assistentie (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), papier (Werkplaatshandboek of Service Mededeling), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. CLIP + CAN-sonde Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap multimeter Elé CLIP + CAN-sonde 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. LAD_V44_PRELI 80B LAD-1
5 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Inleiding 80B Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.). de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, De ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de staten en parameters gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij geen samenhang hebben. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, De werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema' Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde. 80B LAD-2
6 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Inleiding 80B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Controleer de laadtoestand van de accu en de staat van de zekeringen Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart 80B LAD-3
7 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Inleiding 80B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De elektrische metingen van de spanning, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxidatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de weerstand: Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 80B LAD-4
8 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Inleiding 80B 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. BIJ IEDERE DIAGNOSE MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART WORDEN INGEVULD. Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, gebruik geschikt gereedschap, raak de xenonlampen niet met de hand aan, werk niet aan het systeem van de xenonlampen als dit in werking is, de spanning is V of hoger. 80B LAD-5
9 Systeem: Xenonlampen DIAGNOSEKAART Blz. 1 / 2 Lijst van de onderdelen onder controle: Rekeneenheid Administratieve identificatie Datum 2 0 Ingevuld door VIN: Motor Diagnoseapparaat CLIP Versie van de update Klacht 1079 Geen automatische afstelling van de dimlichten 1081 Automatische afstelling op verkeerde momenten 1082 De dimlichten gaan niet branden 1080 Dimlichten gaan niet uit 1083 De dimlichten gaan af en toe branden 1084 Het bereik van de lichten is te klein Ander Uw toelichting Omstandigheden van de klacht 005 rijdend 011 Bij contact aanzetten 009 plotselinge storing 003 Stilstaand 004 af en toe 999 Bij het inschakelen van de grootlichten Ander Uw toelichting Gebruikte documentatie voor de diagnose Gebruikte diagnosemethode Type diagnosehandboek: N diagnosehandboek: Werkplaatshandboek Ondersteunende diagnose Service Mededeling Gebruikt elektrisch schema N van de Service Mededeling Elektrisch schema: Andere documentatie Titel en / of nummer: FD 19 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
10 Systeem: Xenonlampen DIAGNOSEKAART Blz. 2 / 2 Identificatie van de rekeneenheid en van de vervangen onderdelen voor het systeem Nummer onderdeel 1 Nummer onderdeel 2 Nummer onderdeel 3 Nummer onderdeel 4 Nummer onderdeel 5 Lezen met het diagnoseapparaat (Identificatiescherm): Rekeneenheid nummer Leverancier nummer Programma nummer Programmaversie Kalibratienummer: VDIAG Storingen aangegeven op het diagnoseapparaat Storingsnummer Aanwezig In geheugen Omschrijving van de storing Bijzonderheid Context van de storing bij zijn verschijnen Staat of parameter nummer Titel van de parameter Waarde Eenheid Specifieke informatie van het systeem Beschrijving: Aanvullende informatie Waarom heeft u de rekeneenheid vervangen? Welke andere onderdelen zijn vervangen? Andere defecte functies? Uw toelichting: FD 19 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
11 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Werking van het systeem 80B 1 - BESCHRIJVING VAN HET SYSTEEM De te controleren auto heeft het systeem van xenonlampen en bochtlichten. Dit systeem maakt het mogelijk: de stand van de koplampen dynamische te corrigeren (Functie LAD), 2 - OPBOUW VAN DE SYSTEMEN FUNCTIE XENONLAMPEN (LAD) Het systeem bestaat uit: een rekeneenheid die de informatie beheert en de stelmotors aanstuurt, een opname element wagenhoogte voor op de vooras dat de hoogtevariaties van de carrosserie meet, een opname element wagenhoogte achter op de achteras dat de hoogtevariaties van de carrosserie meet, twee motors voor de correctie in de koplampen, twee spanningstransformators (voorschakeleenheid) die niet controleerbaar zijn, twee xenonlampen in de koplampen die niet controleerbaar zijn. 3 - STRATEGIE VAN DE WERKING A - FUNCTIE XENONLAMPEN (LAD) De gebruiker wil de dimlichten inschakelen met de lichtschakelaar. De wens van de bestuurder wordt ontvangen door de UCH via het multiplexnetwerk van de auto. De UPC geeft het commando voor het inschakelen van de xenonlampen. De rekeneenheid van de xenonlampen geeft het commando voor de motors voor de correctie van de stand van de koplampen. Handtekening Bij het inschakelen van de xenonlampen, zetten de koplampen hun "handtekening". Hierbij worden de koplampstelmotors in 3 verschillende standen gezet. De bestuurder wordt geïnformeerd over de goede werking van het systeem. Als de rekeneenheid defect is, is er geen handtekening bij het inschakelen van de lampen. De handtekening wordt gezet als aan de volgende voorwaarden is voldaan: schakelaar in stand dimlichten. systeem is geïnitialiseerd.. stilstaande auto of snelheid < 10 km/u. 80B LAD-8
12 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Werking van het systeem 80B Dynamische correctie Deze functie corrigeert de stand van de xenonlampen naargelang de hoogtevariaties van de carrosserie en de rijsnelheid. Deze informatie wordt gegeven door: de opname elementen van de wagenhoogte voor en achter, de ABS-rekeneenheid (informatie snelheid via het CAN netwerk), het opname element versnelling lengterichting. De rekeneenheid van de xenonlampen stuurt de correctiemotors aan naargelang de ontvangen informatie, waardoor de stand van de lichtbundel optimaal is onder alle rijomstandigheden. Snelheidsafhankelijke kanteling Deze functie zet de correctiemotors (en de lichtbundel) hoger vanaf 30 km/u, voor een beter rijcomfort. De lichtbundel wordt aangepast aan de rijsnelheid. Als de rijsnelheid < 30 km/u, worden de correctiemotors lager gezet. Dimlicht omhoog Deze functie zet de lichtbundel van de dimlichten hoger als de "grootlichten" zijn ingeschakeld. Als een stelmotor defect is, is de functie "dimlicht omhoog" uitgeschakeld. De informatie van de storing circuleert over het CAN netwerk en dooft de defecte lamp. De UCH stuurt een waarschuwingsboodschap naar het instrumentenpaneel, en de mistlichten voor worden ingeschakeld. 80B LAD-9
13 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 80B a) Zwarte stekker, 12-polig Aansl. 1 Niet aangesloten 2 Signaal CAN H 3 Niet aangesloten 4 Signaal CAN L Omschrijving 5 Analoog signaal opname element achter 6 Voeding + opname elementen 7 + na contact 8 Massa 9 Niet aangesloten 10 Niet aangesloten 11 Analoog signaal opname element voor 12 Massa opname elementen b) Zwarte stekker, 10-polig Aansl. Omschrijving 1 Aansl. 2 correctiemotor links 2 Aansl. 4 correctiemotor links 3 Aansl. 1 correctiemotor links 4 Aansl. 3 correctiemotor links 5 Niet aangesloten 6 Aansl. 3 correctiemotor rechts 7 Aansl. 1 correctiemotor rechts 8 Aansl. 4 correctiemotor rechts 9 Aansl. 2 correctiemotor rechts 10 Niet aangesloten 80B LAD-10
14 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Vervangen van organen 80B a) Voorschriften bij het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen: Na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlamp moet het volgende worden gedaan: de rekeneenheid toewijzen aan de auto met de configuratie CF001 "Type van de auto", het systeem initialiseren met de parameter VP002 "Initialisatie van het systeem". b) Voorschriften bij het vervangen van een of twee correctiemotors: Na het vervangen van een correctiemotor moet de koplamp met de hand worden afgesteld. (Zie MR 385 Mechanisch, 80C, Xenonkoplampen: Afstellen). c) Voorschriften bij het vervangen van een opname element wagenhoogte: Na het vervangen van een opname element wagenhoogte moeten de nieuwe parameters van het systeem worden geïnitialiseerd. Gebruik altijd de parameter VP002 "Initialisatie van het systeem" na het vervangen van een opname element wagenhoogte. 80B LAD-11
15 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Configuratie en inlezen 80B Overzicht van de configuratie en het elzen van de configuratie van het systeem: CF001 en LC001 "Type van de auto": MODUS Laguna II ph2 X85: Vel Satis Niet gedefinieerd Deze configuratie moet worden uitgevoerd na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen. Selecteer de gecontroleerde auto en bevestig. Zet het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en controleer door het lezen van de configuratie LC001 "Type van de auto". Als het type van de auto niet het gewenste is, voer de configuratie dan opnieuw uit. BELANGRIJK Na iedere configuratie van het type van de auto, moet een initialisatie van het systeem worden uitgevoerd. Gebruik de parameter VP002 "Initialisatie van het systeem". CF002 "Dynamische correctie": MET Deze configuratie dient voor het activeren van de aanpassing van de lichtbundel aan de beweging van de carrosserie die is geregistreerd door de opname elementen van de hoogte aan de voor- en achterzijde van de auto. Selecteer "MET" om de functie te activeren. Zet na de configuratie het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en controleer door het lezen van de configuratie LC002 "Dynamische correctie". LC002 "Dynamische correctie": MET ZONDER De configuratie moet standaard "MET" zijn Als LC002 = "ZONDER" na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen, gebruik dan de configuratie CF002 "Dynamische correctie". CF003 "Automatisch kantelen van de koplampen": MET Deze configuratie dient voor het aanpassen van de lichtbundel afhankelijk van de rijsnelheid voor een beter rijcomfort. Selecteer "MET" om de functie te activeren. Zet na de configuratie het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en controleer door het lezen van de configuratie LC003 "Automatisch kantelen van de koplampen". LC003 "Automatisch kantelen van de koplampen": MET ZONDER De configuratie moet standaard "MET" zijn Als LC003 = "ZONDER" na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen, gebruik dan de configuratie CF003 "Automatisch kantelen van de koplampen". 80B LAD-12
16 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Configuratie en inlezen 80B CF004 "Dimlicht omhoog": MET Deze functie dient om de lichtbundel van de dimlichten hoger te zetten als de bestuurder de grootlichten inschakelt. Selecteer "MET" om de functie te activeren. Zet na het commando het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en controleer door het lezen van de configuratie LC004 "Dimlicht omhoog". LC004 "Dimlicht omhoog": MET ZONDER De configuratie moet standaard "MET" zijn Als LC004 = "ZONDER" na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen, gebruik dan de configuratie CF004 "Dynamische correctie". CF005 "Handtekening": MET Deze configuratie dient voor het aansturen van de correctiemotors bij het inschakelen van de xenonlampen. Dit informeert de bestuurder over de goede werking van het systeem en het ontbreken van storingen. Selecteer "MET" om de functie te activeren. Zet na het commando het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en controleer door het lezen van de configuratie LC005 "Handtekening". LC005 "Handtekening": MET ZONDER De configuratie moet standaard "MET" zijn Als LC005 = "ZONDER" na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen, gebruik dan de configuratie CF005 "Handtekening". 80B LAD-13
17 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Configuratie en inlezen 80B VP002: Initialisatie van het systeem Deze parameter wordt gebruikt na het vervangen van de rekeneenheid van de xenonlampen, of van een opname element wagenhoogte. Deze dient voor de toewijzen van de waarden van de werking van de opname elementen wagenhoogte in de beginstand. Dit commando moet worden uitgevoerd in de volgende omstandigheden: stilstaande auto, met + na contact, geen storing aanwezig in de rekeneenheid, onbelaste auto, handrem vrijgezet, auto op een vlakke en horizontale ondergrond, versnellingsbak in neutraal. Zet na het commando het contact uit en wacht op het knipperen van het startvergrendelingslampje. Zet het contact weer aan en raadpleeg de betekenis van de staat ET002 "Initialisatie rekeneenheid". Als de staat ET002 niet "UITGEVOERD" wordt, begin dan de configuratie opnieuw. 80B LAD-14
18 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Overzicht van de storingen 80B Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF001 9C05 Rekeneenheid DF002 9C01 Circuit opname element hoogte voor DF003 9C00 Circuit opname element hoogte achter DF004 D200 Informatie snelheid DF005 9C0A Initialisatie rekeneenheid DF009 9C04 Circuit correctiemotor links DF010 9C03 Circuit correctiemotor rechts DF011 DC05 Informatie positie stuurwiel DF013 9C08 Voedingsspanning van de rekeneenheid DF014 9C0B Configuratie rekeneenheid Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-15
19 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF001 AANWEZIG REKENEENHEID 1.DEF : Interne elektronische storing Geen bijzonderheden Maak de 12-polige zwarte stekker van de rekeneenheid van de xenonlampen los. Controleer de staat van de stekkerverbindingen: oxydatie, beschadiging... Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF001P 80B LAD-16
20 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF002 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPNAME ELEMENT HOOGTE VOOR CC.1 : kortsluiting aan + 12 V CC.0 : kortsluiting aan massa 1.DEF : waarden buiten de tolerantie Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na een proefrit of de initialisatie van het systeem. CC.1 Geen bijzonderheden Maak het opname element wagenhoogte voor los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de geleiding en de isolatie ten opzichte + 12 V van de volgende verbindingen: Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 11 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte voor. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF002 80B LAD-17
21 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF002 VERVOLG 1 CC.0 Geen bijzonderheden Maak het opname element wagenhoogte voor los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 11 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Controleer de isolatie ten opzichte van massa van de volgende verbindingen: Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 11 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte voor. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-18
22 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF002 VERVOLG 2 1.DEF Geen bijzonderheden Controleer de staat van het stangetje van de overbrenging van het opname element. Vervang deze indien nodig. Maak het opname element wagenhoogte voor los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 11 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte voor zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte voor. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-19
23 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF003 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPNAME ELEMENT HOOGTE ACHTER CC.1 : kortsluiting aan + 12 V CC.0 : kortsluiting aan massa 1.DEF : waarden buiten de tolerantie Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na een proefrit. CC.1 Geen bijzonderheden Maak het opname element wagenhoogte achter los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de geleiding en de isolatie ten opzichte + 12 V van de volgende verbindingen: Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 5 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte achter. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF003 80B LAD-20
24 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF003 VERVOLG 1 CC.0 Geen bijzonderheden Maak het opname element wagenhoogte achter los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 5 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Controleer de isolatie ten opzichte van massa van de volgende verbindingen: Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 5 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte achter. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-21
25 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF003 VERVOLG 2 1.DEF Geen bijzonderheden Controleer de staat van het stangetje van de overbrenging van het opname element. Vervang deze indien nodig. Maak het opname element wagenhoogte achter los en controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging), herstellen indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 4 Aansl. 5 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 5 Aansl. 6 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Opname element wagenhoogte achter zwarte stekker aansl. 1 Aansl. 12 rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker 12-polig Als al deze controles goed zijn: vervang het opname element wagenhoogte achter. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-22
26 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF004 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN INFORMATIE RIJSNELHEID 1.DEF : foute informatie afkomstig van het ABS. Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na een proefrit. Doe een test van het multiplexnetwerk en behandel de eventuele storingen. Controleer vervolgens de ABS-rekeneenheid, raadpleeg hierbij de diagnose van de betreffende auto. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF004 80B LAD-23
27 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF005 AANWEZIG INITIALISATIE REKENEENHEID 1.DEF : initialisatie rekeneenheid niet uitgevoerd Geen bijzonderheden De storing DF005 is direct verbonden met de staat ET002 "Initialisatie rekeneenheid". Als de initialisatie van de rekeneenheid niet is uitgevoerd, gebruik dan het commando VP002 "Initialisatie van het systeem". Ga te werk volgens de procedure in het del "Configuratie en inlezen" in dit document. Wis na het commando de storingen en controleer of DF005 afwezig is. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF005P 80B LAD-24
28 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF009 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CORRECTIEMOTOR LINKS 1.DEF : Niet-geïdentificeerde elektrische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na: het inschakelen van de dimlichten, het commando AC001 "Correctiemotors". Bijzonderheden: Als de storing is verschenen in de stand dimlichten: beweegt de correctiemotor links niet meer, wordt de correctiemotor links niet langer aangestuurd. Als de storing is verschenen in de stand grootlichten: wordt de correctiemotor links naar beneden gezet, wordt de lamp van het dimlicht links uitgeschakeld, worden de mistlichten voor ingeschakeld, wordt een waarschuwingsboodschap naar het instrumentenpaneel gestuurd. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF009 80B LAD-25
29 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF009 VERVOLG De storing DF009 verschijnt na: een onderbreking op de commandolijnen van de correctiemotor links, een kortsluiting aan + 12 V op een van de commandolijnen van de correctiemotor links, een kortsluiting tussen 2 commandolijnen van de correctiemotor links, een kortsluiting aan de massa op een van de commandolijnen van de correctiemotor links. Maak de 4-polige zwarte stekker van de correctiemotor links los. Controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging...). Controleer de geleiding, het ontbreken van overgangsweerstanden, de isolatie ten opzichte van + 12 V, en de isolatie ten opzichte van de massa van de volgende verbindingen: Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 2 Aansl. 4 correctiemotor links zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 4 Aansl. 3 correctiemotor links zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 1 Aansl. 2 correctiemotor links zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 3 Aansl. 1 correctiemotor links zwarte stekker 4-polig Controleer de isolatie tussen iedere commandodraad, stekkers losgenomen. Als twee draden kortsluiting maken, herstel de verstoorde verbindingen. Als de storing aanhoudt: vervang de correctiemotor links. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-26
30 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF010 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CORRECTIEMOTOR RECHTS 1.DEF : Niet-geïdentificeerde elektrische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na: het inschakelen van de dimlichten, het commando AC001 "Correctiemotors". Bijzonderheden: Als de storing is verschenen in de stand dimlichten: beweegt de correctiemotor rechts niet meer, wordt de correctiemotor rechts niet langer aangestuurd. Als de storing is verschenen in de stand grootlichten: wordt de correctiemotor rechts naar beneden gezet, wordt de lamp van het dimlicht rechts uitgeschakeld, worden de mistlichten voor ingeschakeld, wordt een waarschuwingsboodschap naar het instrumentenpaneel gestuurd. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF010 80B LAD-27
31 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF010 VERVOLG De storing DF010 verschijnt na: een onderbreking op de commandolijnen van de correctiemotor rechts, een kortsluiting aan + 12 V op een van de commandolijnen van de correctiemotor rechts, een kortsluiting tussen 2 commandolijnen van de correctiemotor rechts, een kortsluiting aan de massa op een van de commandolijnen van de correctiemotor rechts. Maak de 4-polige zwarte stekker van de correctiemotor rechts los. Controleer de staat van de stekkerverbindingen (oxydatie, beschadiging...). Controleer de geleiding, het ontbreken van overgangsweerstanden, de isolatie ten opzichte van + 12 V, en de isolatie ten opzichte van de massa van de volgende verbindingen: Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 8 Aansl. 4 correctiemotor rechts zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 6 Aansl. 3 correctiemotor rechts zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 9 Aansl. 2 correctiemotor rechts zwarte stekker 4-polig Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 7 Aansl. 1 correctiemotor rechts zwarte stekker 4-polig Controleer de isolatie tussen iedere commandodraad, stekkers losgenomen. Als twee draden kortsluiting maken, herstel de verstoorde verbindingen. Als de storing aanhoudt: vervang de correctiemotor rechts. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. 80B LAD-28
32 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF011 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN INFORMATIE POSITIE STUURWIEL 1.DEF : multiplexinformatie van producerende rekeneenheid ongeldig Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na: het verdraaien van het stuurwiel, een proefrit. 1.DEF Deze storing ligt buiten het systeem van de xenonlamp. Storing aanwezig op het CAN netwerk van de auto. Controleer de rekeneenheid van de elektrische stuurbekrachtiging, en raadpleeg de diagnose van de auto. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF011 80B LAD-29
33 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF013 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VOEDINGSSPANNING REKENEENHEID 1.DEF : voedingsspanning te laag 2.DEF : voedingsspanning te hoog Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na: het starten van de motor het vervangen van de accu. 1.DEF Geen bijzonderheden Controleer de staat van de accu en van het laadstroomcircuit. 2.DEF Geen bijzonderheden Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Veiligheids- en schakeleenheid Aansl. 1 van de 5-polige zwarte stekker van de rekeneenheid van de xenonlampen Massa van de auto Aansl. 4 van de 5-polige zwarte stekker van de rekeneenheid van de xenonlampen Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF013 80B LAD-30
34 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de storingen 80B DF014 AANWEZIG CONFIGURATIE REKENEENHEID 1.DEF : configuratie van de auto niet uitgevoerd Geen bijzonderheden Als de storing DF014 aanwezig is, is de configuratie van de auto niet gedaan. Gebruik de configuratie CF001 "Type van de auto" (zie Configuratie en inlezen). Controleer na de procedure of het systeem storingen heeft. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. Maak een proefrit gevolgd door een controle met het diagnoseapparaat. LAD_V44_DF014P 80B LAD-31
35 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. HOOFDSCHERM Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Rekeneenheid ET001: ET002: Configuratie rekeneenheid Initialisatie rekeneenheid UITGEVOERD of NIET UITGEVOERD Als de staat ET001 "Niet uitgevoerd" blijft, raadpleeg de betekenis van de configuratie CF001 "Type van de auto" (zie Configuratie en inlezen). Als de staat ET002 "Niet uitgevoerd" blijft, raadpleeg de betekenis van het commando VP002 "Initialisatie van het systeem" (zie Configuratie en inlezen). 2 PR016: PR013: Voedingsspanningen Voedingsspanning van de rekeneenheid Voedingsspanning opname elementen wagenhoogte 10 V < U < 15,5 V 4,8 V < U < 5,2 V Als een van de spanningen niet conform de vereiste waarden is, raadpleeg de betekenis van de storing: DF013 "Voedingsspanning rekeneenheid". LAD_V44_CCONF 80B LAD-32
36 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. HOOFDSCHERM (Vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 4 Motor ET018: Motor Draaiend of Stilstaand Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk en behandel de eventuele storingen. 5 Achteruit ET021: Informatie achteruitversnelling Aanwezig of Afwezig Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk en behandel de eventuele storingen. 6 Rijsnelheid PR006: Rijsnelheid 0 km/u Als de parameter PR006 onsamenhangend is, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het ABS circuit om de conformiteit van het signaal rijsnelheid te controleren. 7 Dimlichten ET016: Dimlichten AAN of UIT Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het huis met hulporganen interieur. Zie MR 387 diagnose, 87C, Betekenis van de storingen. 80B LAD-33
37 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. HOOFDSCHERM (Vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 8 Grootlichten ET017: Grootlichten AAN of UIT Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het huis met hulporganen interieur. Zie MR 387 diagnose, 87C, Betekenis van de storingen. 80B LAD-34
38 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: STAND VERLICHTING Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 PR013: Voedingsspanning sensors Voedingsspanning opname elementen wagenhoogte 4,8 V < U < 5,2 V Als de voedingsspanning niet binnen het werkgebied ligt, controleer het laadstroomcircuit en de staat van de accu. 2 Informatie stand opname elementen PR011: PR012: Informatie opname element hoogte voor Informatie opname element hoogte achter 12,5 % < X < 87,5 % Als de waarden van de werking van de opname elementen van de hoogte buiten de toleranties zijn, raadpleeg de betekenis van de storingen DF002 "Circuit opname element hoogte voor" en DF003 "Circuit opname element hoogte achter". 3 Stand correctiemotors PR008: PR009: PR021: PR022: Stand correctiemotor rechts Stand correctiemotor links Berekende stand correctiemotor links Berekende stand correctiemotor rechts PR008 = PR021 ± 3 stappen PR009 = PR022 met ± 3 stappen 0 stappen < X < 260 stappen Als de waarden van de werking van de correctiemotors buiten de toleranties zijn, raadpleeg de betekenis van de storingen DF009 "Circuit correctiemotor links" en DF010 "Circuit correctiemotor rechts". 80B LAD-35
39 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: STAND VERLICHTING (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 4 Commando's stelmotors AC001: Correctiemotors Met dit commando kan de werking van de correctiemotors getest worden. Als tijdens het commando AC001, de correctiemotors zich niet verplaatsen, raadpleeg de betekenis van het commando AC B LAD-36
40 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: REGELING VERLICHTING Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Parameters rekeneenheid ET002: ET001: Initialisatie rekeneenheid Configuratie rekeneenheid De staat ET002 moet zijn "UITGEVOERD" De staat ET001 moet zijn "UITGEVOERD" Als de staat ET002 "NIET UITGEVOERD" is, gebruik dan het commando VP002 "Initialisatie van het systeem" (zie Configuratie en inlezen). Als de staat ET001 "NIET UITGEVOERD" is, gebruik dan het commando CF001 "Type van de auto" (zie Configuratie en inlezen). 2 PR016: PR013: Voedingsspanningen Voedingsspanning van de rekeneenheid Voedingsspanning opname elementen wagenhoogte 10 V < U < 15,5 V 4,8 V < U < 5,2 V Als een van de spanningen niet conform de vereiste waarden is, raadpleeg de betekenis van de storing: DF013 "Voedingsspanning rekeneenheid". 80B LAD-37
41 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: REGELING VERLICHTING (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 4 Dimlicht omhoog ET010: ET009: Dimlicht omhoog rechts Dimlicht omhoog links De staten ET010 en ET009 moeten "STAAT3" zijn als de auto stilstaat. Als de staat ET010 of ET009 niet "STAAT3" is, raadpleeg de betekenis van de staten ET010 en ET009 om de strategie van de werking van het dimlicht omhoog te weten. 80B LAD-38
42 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: REGELING VERLICHTING (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 5 Dynamische correctie ET005: ET004: Correctie rechts Correctie links De staten ET005 en ET004 moeten "ACTIEF" zijn als de auto stilstaat. Als de staat ET005 of ET004 niet "ACTIEF" is, raadpleeg de betekenis van de staten ET004 en ET005 om de strategie van de werking van de dynamische correctie te weten. 6 Rijsnelheid PR006: Rijsnelheid 0 km/u Als de parameter PR006 onsamenhangend is, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het ABS circuit om de conformiteit van het signaal rijsnelheid te controleren. 80B LAD-39
43 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Conformiteitscontrole 80B Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Omstandigheden: Contact aan, dimlichten branden. SUBFUNCTIE: COMMANDO VERLICHTING (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 3 Dimlichten ET016: Dimlichten INGESCHAKELD ET008: Verzoek uitschakelen dimlichten NEE OF STAAT 1 OF STAAT 2 OF STAAT 3 Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het huis met hulporganen interieur. Zie MR 387 diagnose, 87C, Betekenis van de storingen. Als een correctiemotor defect is, onderbreekt de rekeneenheid in de stand grootlicht de voeding van de lamp die bij de defecte motor hoort. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET Grootlichten ET017: Grootlichten INGESCHAKELD OF UIT Bij een probleem, voer een test uit van het multiplexnetwerk, en controleer het huis met hulporganen interieur. Zie MR 387 diagnose, 87C, Betekenis van de storingen. 80B LAD-40
44 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Overzicht van de staten 80B Staat gereedschap ET001 ET002 ET004 ET005 ET008 ET009 ET010 ET016 ET017 ET021 Omschrijving in diagnoseapparaat Configuratie rekeneenheid Initialisatie rekeneenheid Correctie links Correctie rechts Verzoek uitschakelen dimlichten Dimlicht omhoog links Dimlicht omhoog rechts Dimlichten Grootlichten Informatie achteruitversnelling 80B LAD-41
45 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET001 CONFIGURATIE REKENEENHEID ET001 "CONFIGURATIE VAN DE REKENEENHEID" geeft de werking van het systeem en staat de initialisatie van de rekeneenheid toe. VERBODEN Als de staat ET001 "VERBODEN" is, kan de rekeneenheid niet worden geïnitialiseerd. Mogelijke oorzaken: Configuratie niet uitgevoerd tijdens poging tot configureren. Snelheid niet nul tijdens poging tot initialisatie. Storing opname element of waarde opname element buiten bereik tijdens poging tot initialisatie. Controleer de opname elementen van de hoogte. Controleer de configuratie. Na de reparatie, voer de initialisatie van het systeem uit door middel van het commando VP002. Na afloop van het procedure moet de staat ET001 "TOEGESTAAN" zijn. TOEGESTAAN Als de staat ET001 "TOEGESTAAN" is, dan is de initialisatie van het systeem mogelijk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. LAD_V44_ET001 80B LAD-42
46 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET002 INITIALISATIE REKENEENHEID Als ET002 "INITIALISATIE REKENEENHEID" "VERBODEN" is, dan is de initialisatie van het systeem niet mogelijk. NIET UITGEVOERD Als de staat ET002 "NIET UITGEVOERD" is, dan is de initialisatie van de rekeneenheid niet uitgevoerd. De storing DF014 "Configuratie rekeneenheid" is aanwezig, en de werking van het systeem is uitgeschakeld. Gebruik de configuratie CF001 "Type van de auto" volgens de methode in het deel "Configuratie en inlezen". Na afloop van het procedure moet de staat ET002 "UITGEVOERD" zijn. UITGEVOERD Als de staat ET002 "UITGEVOERD" is, dan is de initialisatie van de rekeneenheid niet uitgevoerd en het systeem werkt normaal. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. LAD_V44_ET002 80B LAD-43
47 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET004 CORRECTIE LINKS Doe deze controles alleen als de staat niet overeenkomt met de werkomstandigheden van het systeem. ACTIEF De staat ET004 is "ACTIEF" als de correctiemotor links wordt aangestuurd door de rekeneenheid: bij het inschakelen van de dimlichten, tijdens de correctie van de lichtbundel. STAAT1: INITIALISATIE De staat ET004 is "STAAT1" als het systeem in de initialisatiefase is. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de beginstanden van de correctiemotors en van de opname elementen van de hoogte. STAAT2: WACHTEN VAN DE DIMLICHTEN De staat ET004 is "STAAT2" als de dimlichten uit zijn. Het correctiesysteem is standby. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de beginstanden van de correctiemotors en van de opname elementen van de hoogte. STAAT3: REFERENTIEFASE De staat ET004 is "STAAT3" als de rekeneenheid de handtekening van het systeem toestaat. Deze staat is maar kort zichtbaar. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. LAD_V44_ET004 80B LAD-44
48 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET004 VERVOLG 1 STAAT4: HANDTEKENINGFASE De staat ET004 is "STAAT4" tijdens de handtekening. De handtekening bestaat uit het aansturen van de correctiemotor op 3 verschillende hoogtes bij het inschakelen van de dimlichten. Hiermee kan de werking van het systeem worden gecontroleerd gezien worden of er een storing is (zie Werking systeem). STAAT5: BEVRIEZEN VOEDING TIJDSCHAKELING Als er een storing is in de correctiemotors, wordt de voeding van de motors onderbroken en blijven zij in vaste stand staan. De staat ET004 wordt "STAAT5". Er gaat geen enkel commando naar de correctiemotor links. STAAT6: BEVRIEZEN VOEDING TIJDSCHAKELING VERSTREKEN Het bevriezen van de commando's is beëindigd, het systeem gaat over naar het noodprogramma. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-45
49 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET004 VERVOLG 2 STAAT7: NOODPROGRAMMA De staat ET004 is "STAAT7" als: de correctiemotor links een storing heeft, het opname element wagenhoogte achter een storing heeft, de voeding van de rekeneenheid is < 10 V meer dan 10 s. Raadpleeg de eventuele storingen, en raadpleeg hun betekenis indien nodig. Als het systeem geen storing heeft, raadpleeg de betekenis van het commando AC001 "Correctiemotors". STAAT8: BEVRIEZEN DIMLICHT OMHOOG De staat ET004 is "STAAT8" als: het systeem in de fase dimlicht omhoog is, de correctiemotor links een storing heeft in de stand grootlichten. De functie dimlicht omhoog is uitgeschakeld tot de reparatie. De correctiemotor aan de andere kant wordt omlaag gezet. Het systeem gaat over op het noodprogramma. STAAT9: NOODPROGRAMMA DIMLICHT OMHOOG De functie dimlicht omhoog is niet meer effectief op de correctiemotor links. De correctiemotor wordt niet meer aangestuurd, ongeacht de omstandigheden. De motor blijft in een stand staan. De voeding van de gloeilamp van het dimlicht links is uitgeschakeld. De mistlichten voor worden ingeschakeld. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-46
50 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET005 CORRECTIE RECHTS Doe deze controles alleen als de staat niet overeenkomt met de werkomstandigheden van het systeem. ACTIEF De staat ET004 is "ACTIEF" als de correctiemotor rechts wordt aangestuurd door de rekeneenheid: bij het inschakelen van de dimlichten, tijdens de correctie van de lichtbundel. STAAT1: INITIALISATIE De staat ET005 is "STAAT1" als het systeem in de initialisatiefase is. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de beginstanden van de correctiemotors en van de opname elementen van de hoogte. STAAT2: WACHTEN VAN DE DIMLICHTEN De staat ET005 is "STAAT2" als de dimlichten uit zijn. Het correctiesysteem is standby. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de beginstanden van de correctiemotors en van de opname elementen van de hoogte. STAAT3: REFERENTIEFASE De staat ET005 is "STAAT3" als de rekeneenheid de handtekening van het systeem toestaat. Deze staat is maar kort zichtbaar. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. LAD_V44_ET005 80B LAD-47
51 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET005 VERVOLG 1 STAAT4: HANDTEKENINGFASE De staat ET005 is "STAAT4" tijdens de handtekening. De handtekening bestaat uit het aansturen van de correctiemotor op 3 verschillende hoogtes bij het inschakelen van de dimlichten. Hiermee kan de werking van het systeem worden gecontroleerd gezien worden of er een storing is (zie Werking systeem). STAAT5: BEVRIEZEN VOEDING TIJDSCHAKELING Als er een storing is in de correctiemotors, wordt de voeding van de motors onderbroken en blijven zij in vaste stand staan. De staat ET005 wordt "STAAT5". Er gaat geen enkel commando naar de correctiemotor rechts. STAAT6: BEVRIEZEN VOEDING TIJDSCHAKELING VERSTREKEN Het bevriezen van de commando's is beëindigd, het systeem gaat over naar het noodprogramma. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-48
52 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET005 VERVOLG 2 STAAT7: NOODPROGRAMMA De staat ET005 is "STAAT7" als: de correctiemotor rechts een storing heeft, het opname element wagenhoogte achter een storing heeft, de voeding van de rekeneenheid is < 10 V meer dan 10 s. Raadpleeg de eventuele storingen, en raadpleeg hun betekenis indien nodig. Als het systeem geen storing heeft, raadpleeg de betekenis van het commando AC001 "Correctiemotors". STAAT8: BEVRIEZEN DIMLICHT OMHOOG De staat ET005 is "STAAT8" als: het systeem in de fase dimlicht omhoog is, de correctiemotor rechts een storing heeft in de stand grootlichten. De functie dimlicht omhoog is uitgeschakeld tot de reparatie. De correctiemotor aan de andere kant wordt omlaag gezet. Het systeem gaat over op het noodprogramma. STAAT9: NOODPROGRAMMA DIMLICHT OMHOOG De functie dimlicht omhoog is niet meer effectief op de correctiemotor rechts. De correctiemotor wordt niet meer aangestuurd, ongeacht de omstandigheden. De motor blijft in een stand staan. De voeding van de gloeilamp van het dimlicht rechts is uitgeschakeld. De mistlichten voor worden ingeschakeld. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-49
53 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET008 VERZOEK UITSCHAKELEN DIMLICHTEN Doe deze controles alleen als de staat niet overeenkomt met de werkomstandigheden van het systeem. NEE De staat ET008 is "NEE" tijdens de normale werking van het systeem. Het systeem heeft geen storing. STAAT1: LINKS De staat ET008 is "STAAT1" als een storing is gedetecteerd in de stand grootlichten op het circuit van de correctiemotor links. De rekeneenheid onderbreekt de voeding van de gloeilamp van het dimlicht links. Het systeem is dan in een noodprogramma, de rekeneenheid vraagt om het inschakelen van de mistlichten voor. STAAT2: RECHTS De staat ET008 is "STAAT2" als een storing is gedetecteerd in de stand grootlichten op het circuit van de correctiemotor rechts. De rekeneenheid onderbreekt de voeding van de gloeilamp van het dimlicht rechts. Het systeem is dan in een noodprogramma, de rekeneenheid vraagt om het inschakelen van de mistlichten voor. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. LAD_V44_ET008 80B LAD-50
54 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET008 VERVOLG STAAT3: TWEE KANTEN De staat ET008 is "STAAT3" als een storing is gedetecteerd in de stand grootlichten op de 2 circuits van de correctiemotors. De rekeneenheid onderbreekt de voeding van de gloeilampen van de dimlichten. Het systeem is dan in een noodprogramma, de rekeneenheid vraagt om het inschakelen van de mistlichten voor. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-51
55 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET009 DIMLICHT OMHOOG LINKS Doe deze controles alleen als de staat niet overeenkomt met de werkomstandigheden van het systeem. UITGESCHAKELD De staat ET009 is "UITGESCHAKELD" als de gebruiker de grootlichten uitschakelt. ACTIEF De staat ET009 is "ACTIEF" als het systeem bezig is met de initialisatie. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de werkgebieden van de correctiemotors en van de opname elementen van het systeem. STAAT1: RIJPROGRAMMA De staat ET009 is "STAAT1" als de functie "dimlicht omhoog" actief is en als de rijsnelheid > 10 km/u. De lichtbundel van de dimlichten gaat omhoog als de bestuurder de grootlichten inschakelt en de dynamische correctie actief is. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. LAD_V44_ET009 80B LAD-52
56 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET009 VERVOLG STAAT2: STILSTAND De staat ET009 is "STAAT2" als de functie "dimlicht omhoog" inactief is: rijsnelheid < 10 km/u,. grootlichten uit. De dynamische correctie is actief en lichtbundel is iets hoger. STAAT3: SCHRIJVEN EEPROM De staat ET009 is "STAAT3" als de rekeneenheid van de xenonlampen bezig is met de configuratie. Deze staat is niet zichtbaar in het diagnoseprogramma. STAAT4: NOODPROGRAMMA De staat ET009 is "STAAT4" als een storing is gedetecteerd op de correctiemotor links in de stand grootlichten. De lamp van het dimlicht links wordt uitgeschakeld, en de mistlichten voor krijgen voeding. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-53
57 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET010 DIMLICHT OMHOOG RECHTS Doe deze controles alleen als de staat niet overeenkomt met de werkomstandigheden van het systeem. UITGESCHAKELD De staat ET010 is "UITGESCHAKELD" als de gebruiker de grootlichten uitschakelt. ACTIEF De staat ET010 is "ACTIEF" als het systeem bezig is met de initialisatie. De rekeneenheid wordt geïnformeerd over de werkgebieden van de correctiemotors en van de opname elementen van het systeem. STAAT1: RIJPROGRAMMA De staat ET010 is "STAAT1" als de functie "dimlicht omhoog" actief is en als de rijsnelheid > 10 km/u. De lichtbundel van de dimlichten gaat omhoog als de bestuurder de grootlichten inschakelt en de dynamische correctie actief is. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. LAD_V44_ET010 80B LAD-54
58 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de staten 80B ET010 VERVOLG STAAT2: STILSTAND De staat ET010 is "STAAT2" als de functie "dimlicht omhoog" inactief is: rijsnelheid < 10 km/u,. grootlichten uit. De dynamische correctie is actief en lichtbundel is iets hoger. STAAT3: SCHRIJVEN EEPROM De staat ET010 is "STAAT3" als de rekeneenheid van de xenonlampen bezig is met de configuratie. Deze staat is niet zichtbaar in het diagnoseprogramma. STAAT4: NOODPROGRAMMA De staat ET010 is "STAAT4" als een storing is gedetecteerd op de correctiemotor rechts in de stand grootlichten. De lamp van het dimlicht rechts wordt uitgeschakeld, en de mistlichten voor krijgen voeding. Wis eventueel aanwezige storingen. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. 80B LAD-55
59 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Overzicht van de parameters 80B Overzicht van de parameters van het systeem: Parameter gereedschap Omschrijving in diagnoseapparaat PR004 PR005 PR006 PR008 PR009 PR011 PR012 PR013 PR014 PR016 PR021 PR022 Referentiehoogte achter Referentiehoogte voor Rijsnelheid Stand correctiemotor rechts Stand correctiemotor links Informatie opname element hoogte voor Informatie opname element hoogte achter Voedingsspanning opname elementen wagenhoogte Offset snelheidsafhankelijke kanteling Voedingsspanning van de rekeneenheid Berekende stand correctiemotor links Berekende stand correctiemotor rechts 80B LAD-56
60 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Betekenis van de commando's 80B AC001 CORRECTIEMOTORS Met dit commando kan het commandocircuit van de correctiemotors gecontroleerd worden. Selecteer het tabblad actuator van het diagnoseapparaat. Selecteer het commando AC001. Tijdens het commando, moeten de correctiemotors zich verplaatsen. Schakel de lichten indien nodig in voor het controleren van de hoogteverandering van de lichtbundel. Als een van de 2 motors, of als de 2 motors zich niet verplaatsen, controleer de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Correctiemotor links: Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 3 Aansl. 1 correctiemotor links Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 1 Aansl. 2 correctiemotor links Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 4 Aansl. 3 correctiemotor links Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 2 Aansl. 4 correctiemotor links Als de geleidingen conform zijn, vervang de correctiemotor links. Correctiemotor rechts: Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 7 Aansl. 1 correctiemotor rechts Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 9 Aansl. 2 correctiemotor rechts Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 6 Aansl. 3 correctiemotor rechts Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 10-polig aansl. 8 Aansl. 4 correctiemotor rechts Als de geleidingen conform zijn, vervang de correctiemotor rechts. Voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Behandel de eventuele storingen. LAD_V44_AC001 80B LAD-57
61 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Klachten 80B GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID VAN DE XENONLAMPEN ZOEKSCHEMA 1 GEEN HOOGTECORRECTIE VAN EEN OF VAN DE TWEE KOPLAMPEN ONGEACHT DE BELASTING VAN DE AUTO ZOEKSCHEMA 2 VERBLINDING OF TE LAGE STAND VAN EEN OF VAN DE KOPLAMP(EN) ZOEKSCHEMA 3 Voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Behandel de eventuele storingen. 80B LAD-58
62 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Zoekschema's 80B ZOEKSCHEMA 1 Geen communicatie met de rekeneenheid van de xenonlampen Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Maak de 12-polige zwarte stekker van de rekeneenheid van de xenonlampen los. Controleer de staat van de stekkerverbindingen: geen oxydatie, beschadigde contacten... Controleer de accuspanning en voer de nodige werkzaamheden uit om de spanning op de juiste waarde te krijgen (9,5 V < U accu < 16 V). Controleer de aanwezigheid en de staat van de zekering F106 15A. Vervang deze indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: UPC zwarte stekker 6-polig aansl. 1 Aansl. 7 Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 12-polig UPC bruine stekker 12-polig aansl. 11 Aansl. 7 Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 12-polig Rekeneenheid xenonlamp zwarte stekker aansl. 8 Massa auto Controleer de geleiding van de verbindingen CAN H en CAN L: UPC witte stekker 12-polig aansl. 5 Aansl. 2 Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 12-polig UPC witte stekker 12-polig aansl. 10 Aansl. 4 Rekeneenheid xenonlampen zwarte stekker 12-polig Herstellen: Controleer de voedingen en de massa's van de diagnoseaansluiting: de + 12 V + voor contact op aansl. 16 de + 12 V + na contact op aansl. 1 de massa op aansl. 4 en 5. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Behandel de eventuele storingen. LAD_V44_ALP1 80B LAD-59
63 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Zoekschema's 80B ZOEKSCHEMA 2 Geen hoogtecorrectie van een of van de twee koplampen ongeacht de belasting van de auto Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer de handtekening bij het inschakelen van de dimlichten stilstaand. Als de handtekening niet wordt uitgevoerd, kunnen de correctiemotors of een van de onderdelen van het systeem defect zijn. Controleer de conformiteit en de staat van de zekering F106 15A. Vervang deze indien nodig. Gebruik het commando AC001 "Correctiemotors" voor het controleren van de werking van de correctiemotors. Als er niets gebeurd tijdens het commando, raadpleeg de betekenis van het commando AC001 "Correctiemotors". Controleer de conformiteit van de parameters PR011 en PR012 "Informatie opname element hoogte voor en achter". Controleer de staat van de verbindingsstangetjes van de opname elementen van de hoogte: vastklemmen, losgeschoten kogeldraaipunt, beschadiging van het opname element en elektrische aansluiting. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Behandel de eventuele storingen. LAD_V44_ALP1 80B LAD-60
64 LAD Vdiagnr.: 44 VERLICHTING VOORZIJDE Diagnose - Zoekschema's 80B ZOEKSCHEMA 3 Verblinding of te lage stand van een of van de koplamp(en) Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de koplampen correct zijn gemonteerd. Controleer of de koplampen rechts en links even hoog schijnen. Als de hoogtes van de koplampen verschillend zijn, stel de koplampen dan met de hand af. Controleer de mechanische elementen van het systeem (steun opname elementen, verbindingsstangetjes). Initialiseer het systeem met het commando VP002 (zie de procedure in het deel Configuratie en inlezen). Schakel de dimlichten in en gebruik het commando AC001 "Correctiemotors". Als de correctiemotors aangestuurd worden maar de lichtbundel niet beweegt, controleer dan de staat van de verbindingsstangetjes correctiemotor/koplamp. Vervang de defecte correctiemotor(s). Als de motors niet worden aangestuurd, vervang de defecte correctiemotor(s). Als de correctiemotors worden aangestuurd en de stand van de lichtbundel verandert, stel de koplampen dan met de hand af. Voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Behandel de eventuele storingen. LAD_V44_ALP3 80B LAD-61
65 183A X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding 83A 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model: LAGUNA II Phase 2 Betreffende functie: Automatische parkeerrem Naam van de rekeneenheid: FPA Vdiagnr.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Methodes van de diagnose (dit document): Ondersteunende diagnose (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. Type diagnoseapparaat CLIP Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap multimeter Elé Universeel verlengblok 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. TDB_V04_PRELI 83A-1
66 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding 83A Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.). de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, de ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, De werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema' Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde 83A-2
67 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding 83A 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Voer een voor-diagnose van het systeem uit Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart 83A-3
68 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding 83A 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De gemeten waarden van de spanningen, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de geleiding en de isolatie Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 83A-4
69 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding 83A 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP: Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. U MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART INVULLEN BIJ IEDERE DIAGNOSE DIE U UITVOERT Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, niet roken, gebruik geschikt gereedschap. 83A-5
70 Systeem: Instrumentenpaneel Lijst van de onderdelen onder controle: Rekeneenheid DIAGNOSEKAART Blz. 1 / 2 Administratieve identificatie Datum 2 0 Ingevuld door VIN: Motor Diagnoseapparaat CLIP Versie van de update Klacht 1188 Weergave brandstofpeil niet goed 1156 Weergave koelvloeistoftemperatuur niet goed 1187 Digitaal display: tekst / figuur niet goed 1185 Weergave van de snelheid niet goed 1157 De waarschuwingslampjes branden niet 1186 Weergave toerental niet goed 1190 Verkeerde indicaties van de boordcomputer Ander Uw toelichting Omstandigheden van de klacht 011 Bij contact aanzetten 005 rijdend 004 af en toe 009 plotselinge storing 010 Geleidelijke verslechtering Ander Uw toelichting Gebruikte documentatie voor de diagnose Gebruikte diagnosemethode Type diagnosehandboek: N diagnosehandboek: Werkplaatshandboek Service Mededeling Ondersteunende diagnose Gebruikt elektrisch schema N van de Service Mededeling Elektrisch schema: Andere documentatie Titel en / of nummer: FD 10 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
71 Systeem: Instrumentenpaneel DIAGNOSEKAART Blz. 2 / 2 Identificatie van de rekeneenheid en van de vervangen onderdelen voor het systeem Nummer onderdeel 1 Nummer onderdeel 2 Nummer onderdeel 3 Nummer onderdeel 4 Nummer onderdeel 5 Lezen met het diagnoseapparaat (Identificatiescherm): Rekeneenheid nummer Leverancier nummer Programma nummer Programmaversie Kalibratienummer: VDIAG Storingen aangegeven op het diagnoseapparaat Storingsnummer Aanwezig In geheugen Omschrijving van de storing Bijzonderheid Context van de storing bij zijn verschijnen Staat of parameter nummer Titel van de parameter Waarde Eenheid Specifieke informatie van het systeem Beschrijving: Aanvullende informatie Waarom heeft u de rekeneenheid vervangen? Welke andere onderdelen zijn vervangen? Andere defecte functies? Uw toelichting: FD 10 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
72 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Werking van het systeem 83A 1. Functies van het instrumentenpaneel: Bijzonderheid benzine: waarschuwingslampje gas (LPG), toerenteller tot 7125 tr/min. Bijzonderheid diesel: waarschuwingslampje FAP (roetfilter), toerenteller tot 5000 tr/min. Zichtbaar door analoge wijzers: rijsnelheid, toerenteller, brandstofpeil (benzine, diesel of gas), koelvloeistoftemperatuur. Zichtbaar op LCD display: afstandsmeter algemeen en gedeeltelijk: informatie ABS/ESP door CAN, oliepeil, boordcomputer, verbruikte brandstof (benzine of diesel), gemiddeld verbruik (benzine of diesel), actueel verbruik (benzine of diesel), actieradius brandstof (benzine of diesel), verbruikte brandstof gas, gemiddeld verbruik gas, actieradius gas, afgelegde afstand, gemiddelde snelheid, afstand tot olie verversen. Zichtbaar op een monochroom infoscherm met informatie over de staat van de werking van de auto door een kleurensysteem: wit: boodschap over de staat (snelheidsregelaar, auto zonder sleutel, enz.), oranje: waarschuwingsboodschappen met risico (sensor controlesysteem bandenspanning defect, enz.), rood: waarschuwingsboodschappen met gevaar (temperatuur van de koelvloeistof in de motor, enz.). Het infoscherm wordt gebruikt voor de volgende functies: auto zonder sleutel, controlesysteem bandenspanning staat van de portieren, indicator automatische transmissie (optie), enz. (ongeveer 70 boodschappen per taal - 4 regels van 13 tekens). Opmerkingen: Het is mogelijk om in het zelfdiagnoseprogramma van het instrumentenpaneel te komen. Zet het contact aan met ingedrukte functiekeuzetoets van de boordcomputer op het uiteinde van de wisserschakelaar. 83A-8
73 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Werking van het systeem 83A Beheer van een multifunctionele zoemer: De zoemer wordt gebruikt voor de volgende functies: signaleren van de werking van de knipperlichten, signaleren van het vergeten van de markeringslichten, aan de bestuurder aangeven van het activeren of deactiveren van de portiervergrendeling tijdens het rijden, aangeven van de storing van het kinderveiligheidssysteem, aangeven van het memory systeem van de bestuurdersstoel, signaal vergeten van de parkeerrem, signaleren van het vergeten van het vastmaken van de gordel van bestuurder of passagier tijdens het rijden, signaleren van het begin van het aangeven van alle waarschuwingen van de eerste prioriteit (gekoppeld aan een waarschuwingslampje STOP): ernstige storing inspuitsysteem, storing van het remcircuit of van de elektronische remkrachtverdeler, storing van het laadstroomcircuit van de accu, storing oliedruk waarschuwing koelvloeistoftemperatuur storing startvergrendeling, storing grendel, storing parkeerrem, signaleren van een storing van de eerste prioriteit door het controlesysteem bandenspanning: leeglopen of groot lek in de band, signaleren bereiken brandstofreserve "waarschuwing brandstof", signaleren portier/achterklep niet goed gesloten, signaleren handrem vastgezet tijdens het rijden, signaleren van verzoek tot weer in de hand nemen van de ACC, signaleren van inschakelen of uitschakelen van de ACC, aangeven van overschrijden snelheid van uitvoeringen Arabië waar een snelheidsverklikker is voorgeschreven. De zoemer is operationeel zodra het instrumentenpaneel actief is. De volgende geluidssignalen zijn mogelijk: vergeten markeringslicht, knipperlichten, kaart vergeten, automatische parkeerrem. Regelweerstand van het instrumentenpaneel: als de markeringslichten branden, kan de lichtintensiteit van het instrumentenpaneel geregeld worden met behulp van een knop op het instrumentenpaneel. Bepaalde functies of configuraties zijn bekend door het programmeren via de diagnose. Het oliepeil wordt aangegeven na een vaste tijd, er ontstaat een spanningsverschil bij de klemmen van de oliepeilzender. Dit spanningsverschil wordt door een elektronische schakeling behandeld die deze informatie naar de peilmeter stuurt. Voor de boodschappen "Olie verversen" en "Binnenkort olie verversen": De waarden van overgebleven afstanden in tijdsduur, evenals de overgebleven afstanden op het display worden weer geïnitialiseerd na het olie verversen door middel van 2 parameters "overgebleven afstand tot olie verversen" en "overgebleven tijd tot olie verversen". Bereiken van 1 e alarmdrempel: Olie verversen Als de overgebleven afstand de waarde van 1500 km of 1000 mijlen bereikt OF de overgebleven tijd bereikt 2 maanden, wordt de eerste alarmdrempel gepasseerd en verschijnt op het display "Olie verversen". Bereiken van 2 e alarmdrempel: Binnenkort olie verversen Als de overgebleven afstand OF de overgebleven tijd de waarde 0 bereikt, wordt de tweede alarmdrempel gepasseerd met weergave van "Binnenkort olie verversen" (en branden van het controlelampje SERVICE). 83A-9
74 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Werking van het systeem 83A 2. Weergave in noodprogramma Storing verbruikte brandstof aanwezig ABS storing in geheugen aanwezig Parameter boordcomputer Rekeneenheid storing in geheugen aanwezig LPG/CNG storing afwezigheid in geheugen tankelement benzine/diesel met storing in geheugen Storing tankelement gas storing(en) Bezig met detectie Verbruikte brandstof (benzine/diesel) knipperende streepjes 2 Hz zonder effect knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Gemiddeld verbruik benzine/diesel knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Actueel verbruik benzine/diesel knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Actieradius brandstof benzine/diesel knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect knipperende streepjes 2 Hz zonder effect Waarde blijft onveranderd Verbruikte brandstof gas knipperende streepjes 2 Hz zonder effect knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Gemiddeld verbruik gas knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Actieradius met gas knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz knipperende streepjes 2 Hz zonder effect knipperen de streepjes 2 Hz Waarde blijft onveranderd afgelegde afstand zonder effect knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Gemiddelde snelheid zonder effect knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Afstand tot olie verversen zonder effect knipperende streepjes 2 Hz zonder effect zonder effect zonder effect zonder effect Waarde blijft onveranderd Divers Weergave van de letter "d" op de 3 e digitale regel in testprogramma zonder effect zonder effect zonder effect Weergave van de letter "j" op de 2 e digitale regel in testprogramma zonder effect zonder effect 83A-10
75 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 83A Rekeneenheid van het instrumentenpaneel, 30-polige stekker: Aansl. Omschrijving 1 Bestuurdersportier 2 Knipperlicht rechts 3 Knipperlicht links 4 +accu 5 Commando Led Verlog 6 Gordel bestuurder 7 Uitgang Safety Line 8 Dimlichten 9 Grootlichten 10 Voeding waarschuwingslampje autogordel 11 Mistachterlichten 12 Mistlichten voor 13 Minimum ruitensproeierpeil 14 Accu laadstroom 15 Stoelverwarming 16 + na contact 17 RESERVE PHASE 1 18 Oliedruk 19 Ingang kap 20 Niet in gebruik 21 + Oliepeilzender 22 + Tankelement 23 Niet in gebruik 24 Massa 25 - Tankelement 26 - Oliepeilzender 27 + Verlichting 28 Toets herhaling 29 Ingang parkeerrem 30 Ingang remvloeistofpeil 83A-11
76 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 83A Rekeneenheid van het instrumentenpaneel, 15-polige stekker: Aansl. Omschrijving 1 Uitgang waarschuwingslampje portier 2 Toets discretie 3 Uitgang waarschuwingslampje autogordel (-) 4 Niet in gebruik 5 Regelweerstand 6 Functiekeuze afstandsmeter/boordcomputer 7 Niet in gebruik 8 Uitgang kopie CAN H auto 9 Niet in gebruik 10 CAN H auto 11 CAN L auto 12 RESERVE PHASE 1 13 Uitgang kopie CAN L auto 14 Uitgang waarschuwingslampje airbag OFF (-) 15 Voeding waarschuwingslampje airbag OFF (+) 83A-12
77 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Vervangen van organen 83A 1. VERVANGEN, PROGRAMMEREN OF HERPROGRAMMEREN VAN HET INSTRUMENTENPANEEL: Na het vervangen van het instrumentenpaneel voert u de configuratie uit die in de volgende paragraaf staat (zie "Configuratie en inlezen"). OPMERKING Na het programmeren, herprogrammeren of vervangen van de rekeneenheid instrumentenpaneel, geeft u het commando VP011 "Kalibratie van het tankelement". 83A-13
78 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Configuratie en inlezen 83A 1. CONFIGURATIES: Als het instrumentenpaneel nooit geconfigureerd is, verschijnt de boodschap "NO PROG" op het display zodra het contact aangezet wordt. BELANGRIJK Voer de configuraties uit zodat de nieuwe configuratiewaarden door het systeem gebruikt worden. Nr. CF Configuratie Opmerking CF018 Inhoud reserve LAGUNA II phase 2 VELSATIS phase 2 = 7 liter = 9 liter CF019 Type display boordcomputer Europa (l/100 km) GB (mijlen/gallon) Brazilië (km/l) Controleer de aan- of afwezigheid van de bladzijde Boordcomputer "actueel verbruik". CF035 Inhoud tank LAGUNA II phase 2 VELSATIS phase 2 = 70 liter = 80 liter CF039 Huis met hulporganen LAGUNA II phase 2 VELSATIS phase 2 CF040 Roetfilter Zonder Met CF046 Inhoud gastank 60 liter 83A-14
79 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Configuratie en inlezen 83A CF125 Uitvoering taal Frans Engels Italiaans Duits Spaans Nederlands Portugees Turks Japans Russisch CF136 Eenheid van de bandenspanning Bar Psi Selectie van de eenheid waarin de bandenspanning wordt weergegeven. CF137 Type van de auto LAGUNA phase 2 VELSATIS phase 2 LAGUNA phase 1 Selectie van de auto waarin het instrumentenpaneel is gemonteerd. CF138 Soort brandstof Benzine diesel Twee brandstoffen benzine/gas Benzine: controleer of de schaalverdeling van de toerenteller maximaal 7000 tr/min aangeeft. Diesel: controleer of de schaalverdeling van de toerenteller maximaal 6000 tr/min aangeeft en het controlelampje voorverwarming diesel oplicht bij het aanzetten van het contact. LET OP: Deze controle is belangrijk, want deze zorgt bovendien voor de goede peilwerking. CF139 Spraakmaker Zonder Met (alleen VELSATIS) CF140 Eenheid van afstand Km Mijlen Selectie van de aanwezigheid of niet van de optie snelheidsregelaar met afstandsregelaar (radar aan voorzijde). 83A-15
80 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Configuratie en inlezen 83A CF141 Snelheidsverklikker Arabië Zonder Met Rijd sneller dan 130 km/uur, u moet een zoemer horen. CF142 Stabiliteitsprogramma (ESP) Zonder Met Als de auto uitgerust is met ESP: controleer door de knop ESP OFF in te drukken of de boodschap "ESP uitgeschakeld" verschijnt. Als de auto niet uitgerust is met ESP: controleer of het controlelampje ESP niet 3 secondes oplicht bij het aanzetten van het contact. CF145 Bandenspanning-controlesysteem Zonder Met Als de auto een bandenspanning-controlesysteem heeft: controleer dan of het profiel van de auto niet zonder wielen blijft en niet de boodschap "spanning niet gecontroleerd" verschijnt (boodschap die aangeeft dat er gen frames zijn van het bandenspanning-controlesysteem). CF146 Automatische parkeerrem Zonder Met LET OP Als het instrumentenpaneel geconfigureerd is "zonder automatische parkeerrem" terwijl de auto deze wel heeft, toont het instrumentenpaneel "NO PROG" op het infoscherm. CF148 Automatische verlichting Met Zonder Schakel de automatische verlichting uit, controleer of de boodschap "Lichtautomaat Off" verschijnt. CF149 Type versnellingsbak BVA BVR BVM Als de auto een automatische transmissie (BVA) of robotversnellingsbak (BVR) heeft, controleer dan of het instrumentenpaneel de versnelling aangeeft. Als de auto geen automatische transmissie (BVA) of robotversnellingsbak (BVR) heeft, controleer dan of er geen boodschap "versnellingsbak controleren" is (deze boodschap geeft de afwezigheid aan van de frames van de automatische transmissie als het instrumentenpaneel voor een automatische transmissie of robotversnellingsbak geconfigureerd is). CF150 Snelheidsregelaar / -begrenzer Met Zonder Als de auto uitgerust is met een snelheidsregelaar/-begrenzer: controleer dan of het controlelampje snelheidsregelaar of snelheidsbegrenzer oplicht door het knopje snelheidsregelaar/- begrenzer te gebruiken. CF158 Zoemer gordel vergeten Met Zonder 83A-16
81 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Configuratie en inlezen 83A Afstand tot olie verversen: De waarden van de afstanden en tijden tot het olie verversen moeten opnieuw geïnitialiseerd worden, evenals de getoonde waarde tot het olie verversen door de 2 parameters te configureren met de CLIP, VP008 "Afstand tot olie verversen: actuele waarde in KM" en VP009 "Afstand tot olie verversen: actuele waarde in maanden". Bereiken van 1 e alarmdrempel: Olie verversen Als de overgebleven afstand de waarde van 1500 km of 1000 mijlen bereikt OF de overgebleven tijd bereikt 2 maanden, wordt de eerste alarmdrempel gepasseerd en verschijnt op het display " Olie verversen A". Bereiken van 2 e alarmdrempel: Binnenkort olie verversen Als de overgebleven afstand OF de overgebleven tijd de waarde bereikt, wordt de tweede alarmdrempel gepasseerd met weergave van "Binnenkort olie verversen" (en branden van het controlelampje SERVICE). Interval olieverversen: Gebruik deze parameter alleen als het instrumentenpaneel nieuw is. Deze parameter dient voor het overbrengen op het nieuwe instrumentenpaneel, van de 2 te configureren parameters door de CLIP, VP006 "Interval olieverversen in KM" en VP007 "Interval olieverversen in maanden" die in het oude instrumentenpaneel aanwezig is. Raadpleeg het instructieboekje van de auto voor het kilometer- en het tijdsinterval van de auto afhankelijk van het land. Contact aan, stilstaande motor. Geef het commando VP006 "Interval olieverversen in km". Voer de verversingsinterval in km in. Voorbeeld van invoeren: Voer met behulp van het toetsenbord van de clip, 20 in om km aan te geven of voer 30 in om km aan te geven Bijzonderheid bij Engelse uitvoeringen: Het nieuw geleverde instrumentenpaneel is in kilometers geconfigureerd. Maak, behalve het configureren van de taal CF125 "Uitvoering taal" (KM Mijlen), onderstaande berekening zodat het instrumentenpaneel de juiste waarde aangeeft voor de afstand tot olie verversen en het gewenste interval voor het olieverversen. Om het interval voor het olieverversen in mijlen aan te geven vermenigvuldigt u de in mijlen aangegeven waarde in het onderhoudsboekje met 10 daarna deelt u door 6, om de waarde in kilometers te krijgen. Na de waarde te hebben ingevoerd, rekent de rekeneenheid deze automatisch om in mijlen voor het interval van het olieverversen. "Houd u altijd aan volgende procedure voor het goed functioneren van de afstand en interval olieverversen". Voorbeeld: mijlen x 10 = mijlen, daarna deelt u door 6 = km (Voer 30 in) 83A-17
82 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Configuratie en inlezen 83A Afstandsmeter Gebruik deze parameter alleen als het instrumentenpaneel nieuw is. Deze parameter dient voor het actualiseren van de afstandsmeter op het nieuwe instrumentenpaneel, door middel een parameter die te configureren is met de CLIP, VP010 "Update afstandsmeter". De update teller wordt groter bij elke update van de afstandsmeter van het instrumentenpaneel (maximale waarde 15). Deze update teller is in de EEPROM en kan alleen geïnitialiseerd worden in de fabriek of in de werkplaats. Kalibratie van het tankelement Gebruik deze parameter alleen als het instrumentenpaneel nieuw is. Deze parameter dient voor het actualiseren van de peilmeting op het nieuwe instrumentenpaneel, door middel een parameter die te configureren is met de CLIP, VP011 "Kalibratie van het tankelement". Contact aan, stilstaande motor. Geef het commando VP011 "Kalibratie van het tankelement". De waarde meting gaat van 15 Ω tot 320 Ω waarbij het instrumentenpaneel de weerstandswaarde omrekent in liters. 2. INLEZEN: Niet van toepassing. 83A-18
83 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Overzicht van de storingen 83A Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF Circuit tankelement DF Circuit opname element oliedruk DF Circuit oliepeilzender DF Instrumentenpaneel DF Accuspanning DF Circuit stuurkolomgrendel 83A-19
84 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF007 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT TANKELEMENT CO : onderbreking CC : kortsluiting 1.DEF : interne elektronische storing 2.DEF : spanningen buiten de tolerantie Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het aanzetten van het contact, wacht 2 minuten om de storing te bevestigen. Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en het tankelement heen en weer om een verandering van de storing (aanwezig in geheugen) te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van het tankelement en zijn stekkerverbindingen. Controleer de geleiding en de isolatie van de volgende verbindingen: Tankelement aansl. A1 Tankelement aansl. B1 aansl. 22, 30-polige stekker, van het instrumentenpaneel aansl. 25, 30-polige stekker, van het instrumentenpaneel Meet de weerstand tussen aansl. A1 en B1 van het tankelement. Vervang het tankelement als de waarde van de weerstand niet is: 350 Ω tank reserve 10 Ω tank vol Als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF007 83A-20
85 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF009 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPNAME ELEMENT OLIEDRUK 1.DEF : onsamenhangend signaal Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Zet het contact aan, start de motor (toerental boven 500 tr/min); de staat moet zijn: inactief als het lampje uit is. Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en de oliepeilzender heen en weer om een verandering van staat van de storing te krijgen (aanwezig in geheugen). Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de oliepeilzender en de stekkers. Controleer de staat en de aansluiting van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel (pennetjes teruggedrukt, geoxydeerd, gebroken). Controleer de isolatie en de geleiding van de verbinding: Drukcontact, heldere stekker, aansl. 1 Drukcontact, grijze stekker, aansl. 2 aansl. 18, 30-polige stekker, van het instrumentenpaneel aansl. 18, 30-polige stekker, van het instrumentenpaneel Als de storing aanhoudt, controleer de tussenstekker R262 op aansl. C5. Controleer of het drukcontact goed gemonteerd is en spoor een eventuele olielekkage op (zie M.R. 395 Mechanisch, 10A, Motorblok en onderzijde). Als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF009 83A-21
86 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF016 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN Circuit oliepeilzender CO : onderbreking CC : kortsluiting 1.DEF : onsamenhangende waarde van de stroom 2.DEF : interne elektronische storing 3.DEF : accuspanning buiten bereik Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het aanzetten van het contact, wacht 2 minuten om de storing te bevestigen. Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en de oliepeilzender heen en weer om een verandering van staat van de storing te krijgen (aanwezig in geheugen). Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de oliepeilzender en de stekkers. Controleer de staat en de aansluiting van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel (pennetjes teruggedrukt, geoxydeerd, gebroken). Controleer de isolatie en de geleiding van de verbindingen: Oliepeilzender aansl. 2 Oliepeilzender aansl. 1 aansl. 26 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel aansl. 21 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel Als de storing aanhoudt, controleer de tussenstekker R262 op aansl. C6 en C7. Meet de weerstand tussen aansl. 3 en 4 van de oliepeilzender. Vervang de oliepeilzender als de weerstand niet ligt tussen 7 en 20 Ω. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF016 83A-22
87 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF018 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN INSTRUMENTENPANEEL 1.DEF : afwijking in EEPROM 2.DEF : accuspanning te laag Bijzonderheden: Een EEPROM storing wordt aangegeven als het instrumentenpaneel een afwijking van het beheer van de kilometerstanden in de EEPROM* heeft gedetecteerd. De kilometerstand is niet meer correct. Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard, contact aan, als de spanning van het signaal lager is dan 5 V of hoger dan 12 V. 1.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en de accu heen en weer om een verandering van de storing (aanwezig in geheugen) te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de accu en zijn stekkerverbindingen. Controleer de staat en de aansluiting van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel (pennetjes teruggedrukt, geoxydeerd, gebroken). Controleer de staat van de accu en het laadcircuit. Controleer de staat van de massa's van de auto. Controleer de + 12 V op aansl. 4 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. Controleer, contact aan, de + 12 V op aansl. 16 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. Controleer de massa op aansl. 24 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. * EEPROM = Geheugen van de rekeneenheid. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF018 83A-23
88 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF019 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN ACCUSPANNING 1.DEF : spanning te laag 2.DEF : voedingsspanning te hoog (tussen 16 en 18 V) 3.DEF : voedingsspanning te hoog (hoger dan 18 V) 4.DEF : interne elektronische storing Bijzonderheden: Als de accuspanning hoger is dan 18 V door een verwisseling van de polariteit, controleer of het instrumentenpaneel niet beschadigd is.' Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en de accu heen en weer om een verandering van de storing (aanwezig in geheugen) te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de accu en zijn stekkerverbindingen. Controleer de staat en de aansluiting van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel (pennetjes teruggedrukt, geoxydeerd, gebroken). Controleer de staat van de accu en het laadcircuit. Controleer de staat van de massa's van de auto. Controleer de + 12 V op aansl. 4 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. Controleer, contact aan, de + 12 V op aansl. 16 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. Controleer de massa op aansl. 24 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF019 83A-24
89 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de storingen 83A DF020 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT STUURKOLOMGRENDEL CC.0 : kortsluiting aan massa Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het aanzetten van het contact. Beweeg de kabelbundel tussen het instrumentenpaneel en de stuurkolomgrendel heen en weer om een verandering van staat van de storing te krijgen (aanwezig in geheugen). Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de elektrische stuurkolomgrendel en zijn aansluitingen. Controleer de isolatie en de geleiding van de verbinding: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 7 aansl. 5 elektrische stuurkolomgrendel Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Wis het geheugen van de rekeneenheid. Maak een proefrit gevolgd door een nieuwe controle met behulp van het diagnoseapparaat. TDB_V04_DF020 83A-25
90 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan BELANGRIJKSTE STATEN EN PARAMETERS VAN DE REKENEENHEID Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Voeding ET002: + 12 V na contact Contact aan, de staat moet AANWEZIG zijn Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET002 "+ 12 V na contact". 2 PR110: Accuspanning 8 V < PR110 < 16 V Accuspanning 3 ET058: Accu laadstroom GOED Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de storing DF019 "Accuspanning". Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET058 "Laadtoestand van de accu". 4 Rijsnelheid ET008: Informatie rijsnelheid < 15 km/u JA Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET008 "informatie snelheid < 15 km/u". 5 Temperatuur ET056: Koelvloeistoftemperatuur: informatie afwezig NEE Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET056 "Koelvloeistoftemperatuur: informatie afwezig". TDB_V04_CCONF 83A-26
91 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan BOORDCOMPUTER Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Radio ET030: Toets functiekeuze boordcomputer INGEDRUKT LOS Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET030 "Functiekeuzetoets boordcomputer". 2 ET034: Toets nulinstelling boordcomputer INGEDRUKT LOS Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. 3 PR003: 4 brandstof PR004: 5 PR112: Brandstofverbruik Brandstofverbruik LPG Brandstofopbrengst Geeft het brandstofverbruik aan. Geeft het LPGverbruik aan. Geeft de brandstofopbrengst. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de storing DF007 "Circuit tankelement". 6 Infoscherm AC011: Vignet Met dit commando wordt de weergave van het infoscherm in rood zichtbaar. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. 83A-27
92 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan DISPLAY Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Rijsnelheid ET008: Informatie rijsnelheid < 15 km/u JA Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET008 "informatie snelheid < 15 km/u". 2 Ruitensproeier ET014: minimum peil ruitensproeiervloeistof Informeert over het peil ruitensproeiervloeistof. JA: Peil te laag NEE: Peil voldoende Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET014 "Minimum peil ruitensproeiervloeistof". 3 ET016: Portiervergrendeling Bestuurdersportier open JA: Portier open NEE: Portier dicht Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET016 "Bestuurdersportier open". 4 Remvloeistofpeil ET019: Minimum remvloeistofpeil Informeert over het remvloeistofpeil. JA: Peil te laag NEE: Peil voldoende Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET019 "Minimum remvloeistofpeil". 5 Stoelverwarming ET055: Stoelverwarming Bedien de schakelaar van de stoelverwarming, de staat moet JA zijn. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET055 "Stoelverwarming". 6 Oliedruk ET096: Oliedrukcontact 7 parkeerrem ET097: parkeerrem DICHT OPEN Geeft de stand van de parkeerrem (VAST- GEZET/VRIJGEZET) aan, behalve bij een automatische parkeerrem; in dat geval is de staat INACTIEF Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de storing DF009 "Circuit opname element oliedruk". Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET097 "Parkeerrem". 83A-28
93 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan DISPLAY (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 9 ET098: Autogordel 10 ET156: Contact autogordel bestuurder Contact autogordel passagier Contact aan, maak de autogordel van de bestuurder vast, de staat moet OPEN zijn. Contact aan, maak de autogordel van de passagier vast, de staat moet OPEN zijn. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET098 "Contact autogordel bestuurder". Bij een probleem, voer een diagnose uit van de rekeneenheid van de airbags en gordelspanners. 11 ET157: Informatie dimlichten 12 ET158: Verlichting buitenkant 13 ET159: Informatie markeringslichten Informatie mistlichten voor AANWEZIG Bij een probleem, voer een diagnose uit van de rekeneenheid van het huis met hulporganen interieur. 14 ET160: Informatie mistachterlichten 15 Verlichting instrumentenpaneel ET107: Kartelknop regelweerstand verlichting Contact aan, dimlichten aan, de helderheid van de verlichting gaat veranderen. Bij een probleem: neem contact op met de technische helpdesk. 83A-29
94 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan DISPLAY (vervolg) Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 16 AC009: 17 AC008: 18 AC005: Waarschuwingsen controlelampjes instrumentenpaneel WIJZERS IN- STRUMENTEN- PANEEL Test van de weergave 19 AC010: Verlichting 20 AC004: 21 AC003: Waarschuwingslampje gordel Waarschuwingslampje portier 22 Zoemer AC006: Zoemer Het aansturen van de waarschuwings- en controlelampjes van het instrumentenpaneel wordt uitgevoerd in verschillende stappen. De waarschuwings- en controlelampjes lichten op, daarna laat het commando al deze lampjes branden. Contact aan en stilstaande motor, de wijzers moeten bewegen. Contact aan en stilstaande motor, alle weergaven op het instrumentenpaneel lichten op. Door de activering van alle lampjes van het instrumentenpaneel, kan de intensiteit van de verlichting variëren van 25 %, 50 %, 75 % daarna 100 % van de maximum intensiteit gedurende elke keer 4 secondes. Oplichten van waarschuwingslampje autogordel. Oplichten van het waarschuwingslampje portieren open. Contact aan en stilstaande motor, de zoemer moet klinken. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. 83A-30
95 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan PEILEN Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 ET110: Noodprogramma tankelement NEE Waarschuwt voor een storing van het brandstofpeil. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET110 "Noodprogramma tankelement". 2 PR002: Brandstof Weerstand tankelement 3 PR010: Inhoud tank PR002 leeg = 5 Ω PR002 vol = 350 Ω Geeft de hoeveelheid brandstof in de tank aan. 0 < PR010 < 80 l Bij een probleem, voer de diagnose uit van DF007 "Circuit tankelement". Bij een probleem, controleer of de configuratie LC006 "inhoud van de tank" goed is uitgevoerd. Als het probleem aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. 4 Oliepeil PR011: Spanning opname element oliepeil Oliepeil vol: = 190 mv Minimum oliepeil: = 440 mv Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de storing DF016 "Circuit opname element oliepeil". 83A-31
96 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Conformiteitscontrole 83A Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. De in deze conformiteitscontrole genoemde waarden gelden ter indicatie. Omstandigheden: stilstaande motor, contact aan AFSTANDSMETER Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Interval olieverversen PR005: 2 PR006: Verversingsinterval in km Verversingsinterval in maanden Geeft de afstand tot het olie verversen in km aan. Geeft de tijdsduur tussen het olie verversen in maanden aan. 3 Afstand tot olie verversen PR007: 4 PR008: Afstand tot de volgende verversing: actuele waarde in km Afstand tot de volgende verversing: huidige waarde in maanden Geeft de afstand tot de volgende verversing in km aan. (deze waarde moet kleiner dan of gelijk aan het interval zijn). PR005 PR009 = PR007 Geeft de afstand tot de volgende verversing in maanden aan. (deze waarde moet kleiner dan of gelijk aan het interval zijn). Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. 5 Afstandsmeter PR009: Afstandsmeter Geeft de waarde van de teller in km aan. 83A-32
97 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Overzicht van de staten 83A Staat gereedschap ET002 ET008 ET014 ET016 ET019 ET030 ET034 ET055 ET056 ET058 ET096 ET097 ET098 ET107 ET110 ET156 ET157 ET158 ET159 ET160 Omschrijving in diagnoseapparaat + 12 V na contact Informatie rijsnelheid < 15 km/u Minimum peil ruitensproeiervloeistof Bestuurdersportier open Minimum remvloeistofpeil Functiekeuzetoets boordcomputer Toets nulinstelling boordcomputer Stoelverwarming Koelvloeistoftemperatuur: informatie afwezig Accu laadstroom Oliedrukcontact Parkeerrem Contact autogordel bestuurder Kartelknop regelweerstand verlichting Noodprogramma tankelement Contact autogordel passagier Informatie dimlichten Informatie markeringslichten Informatie mistlichten voor Informatie mistachterlichten 83A-33
98 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A + 12 V NA CONTACT ET002 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, de staat ET002 moet "ACTIEF" zijn. Controleer de zekering F11 (20A) van het instrumentenpaneel op de zekering- en relaisplaat interieur. Controleer de stekkers van de zekering- en relaisplaat interieur. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Zekering- en relaisplaat, groene stekker, aansl. 1 Zekering- en relaisplaat interieur, zwarte stekker, aansl. J5 Aansl. B9, zwarte stekker, van de zekering- en relaisplaat interieur aansl. 4, 30-polige stekker, van het instrumentenpaneel Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET002 83A-34
99 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A INFORMATIE RIJSNELHEID < 15 KM/U ET008 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, maak een proefrit. In geval van een storing, voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk en het ABS (zie 88B, Multiplexsysteem en 38C, ABS). Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET008 83A-35
100 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A MINIMUM PEIL RUITENSPROEIERVLOEISTOF ET014 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, vul het ruitensproeierreservoir: de staat ET014 moet "INACTIEF" zijn. Controleer de stekker van het instrumentenpaneel en van het ruitensproeierreservoir. Controleer de massa op aansl. 2 van het reservoir. Controleer de isolatie en de geleiding van de verbinding: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 13 aansl. 1 van het ruitensproeierreservoir Als het probleem aanhoudt, controleer de tussenstekker R265 op aansl. C7. Controleer of de twee aansluitingen van het reservoir geen kortsluiting maken. Vervang eventueel het reservoir. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET014 83A-36
101 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A BESTUURDERSPORTIER OPEN ET016 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, open het portier. Controleer de verbindingsstekker van de bedrading van het bestuurdersportier. Controleer de massa op aansl. D van het slot. LET OP Er bestaan verschillende sloten (zie SM Elektrisch schema, 140). Controleer de geleiding en de isolatie tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 1 Aansl. C van de vergrendeling van het bestuurdersportier Als het probleem aanhoudt, controleer de tussenstekker R153 op aansl. B10. Controleer de werking van het slot en met name of het slot goed de slotpen pakt. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET016 83A-37
102 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A MINIMUM REMVLOEISTOFPEIL ET019 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, controleer de vulling van het remvloeistofreservoir. Controleer de stekker van het instrumentenpaneel en de stekker van het reservoir. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 30 aansl. 2 van het remvloeistofreservoir Controleer de massa op aansl. 1 van de remvloeistofpeilzender. Vervang eventueel het reservoir. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET019 83A-38
103 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A FUNCTIEKEUZETOETS BOORDCOMPUTER ET030 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, druk op knop: de staat ET030 moet "ACTIEF" zijn. Controleer de stekkers van het instrumentenpaneel en van de ruitenwisserschakelaar. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Instrumentenpaneel, 15-polige stekker, aansl. 6 aansl. B7 van de ruitenwisserschakelaar Controleer de massa op aansl. B5 van de schakelaar. Vervang indien nodig de schakelaar. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET030 83A-39
104 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A STOELVERWARMING ET055 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan. Controleer de aansluiting van het instrumentenpaneel en van de stekkers. Controleer de geleiding en de isolatie tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 15 Aansl. A1 van de schakelaars van de stoelverwarming (bestuurder en passagier) Als het probleem aanhoudt, controleer de tussenstekkers R334 en R335 op aansl. 16 Controleer de correcte montage van de stoelen en of de automatische verbinding (R334 en R335) tussen de bedrading van de stoel en de interieurbedrading goed vergrendeld is. Controleer ook de massa op aansl. B1 van deze schakelaars. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET055 83A-40
105 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A KOELVLOEISTOFTEMPERATUUR: INFORMATIE AFWEZIG ET056 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, start de motor. Voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk en van het inspuitsysteem (zie 88B, Multiplexsysteem en 17B, Benzine-inspuitsysteem of 13B, Dieselinspuitsysteem). Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET056 83A-41
106 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A ACCU LAADSTROOM ET058 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, start de motor (toerental boven 1000 tr/min); de staat ET058 moet "INACTIEF" zijn als het lampje uit is. Beweeg de kabelbundel tussen de stekker van het instrumentenpaneel en de stekker van de dynamo heen en weer om een verandering van staat te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de dynamo en de stekkers. Controleer de montage en de bevestiging van de dynamo. Controleer of de dynamo de accu goed oplaad. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 14 aansl. 1 van de zwarte stekker van de dynamo Als het probleem aanhoudt, controleer de tussenstekker R262 op aansl. C4. Als de staat ET058 niet "INACTIEF" wordt, controleer dan de informatie van de werking van de dynamo (zie M.R. 395 Mechanisch, 16A, Starten - Laden). Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET058 83A-42
107 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A PARKEERREM ET097 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, zet de rem vast, de staat ET097 moet "ACTIEF" zijn. Bijzonderheden Controleer of de auto een automatische parkeerrem heeft door het lezen van de configuratie LC057 "automatische parkeerrem". Want als hij deze heeft, dan is de staat ET097 "INACTIEF". Beweeg de kabelbundel tussen de stekker van het instrumentenpaneel en de stekker van de handrem heen en weer om een verandering van de staat te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de handrem en zijn stekkerverbindingen. Controleer of het handremcontact goed vastzit op de carrosserie en of het goed werkt. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 29 Aansl. 1 van de handrem Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET097 83A-43
108 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A CONTACT AUTOGORDEL BESTUURDER ET098 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan, maak de autogordel vast: de staat ET098 moet "ACTIEF" zijn. Controleer de stekkers van het instrumentenpaneel en van de klauw van de autogordelbevestiging. Beweeg de kabelbundel tussen de stekker van het instrumentenpaneel en de stekker van de klauw/gordelbevestiging, om zo een verandering van de staat van de storing te krijgen. Zoek naar eventuele beschadigingen van de kabelbundel, controleer de aansluiting en de staat van de klauw/gordelbevestiging en van zijn stekkers. Controleer de isolatie en de geleiding tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 6 aansl. A2 van de klauw van de autogordel bestuurder Als het probleem aanhoudt, controleer de tussenstekker R335 op aansl. 2. Controleer of de massa goed aankomt op de klauw van de autogordelbevestiging (aansl. A1). Vervang eventueel de klauw van de autogordelbevestiging. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET098 83A-44
109 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de staten 83A NOODPROGRAMMA TANKELEMENT ET110 Geen bijzonderheden. Controleer de isolatie en de geleiding van de verbindingen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 22 Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 25 aansl. A1 van het tankelement aansl. B1 van het tankelement Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_ET110 83A-45
110 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Overzicht van de parameters 83A Parameter gereedschap PR002 PR003 PR004 PR005 PR006 PR007 PR008 PR009 PR010 PR011 PR110 PR112 Omschrijving in diagnoseapparaat Weerstand tankelement Brandstofverbruik Hoeveelheid verbruikte LPG Verversingsinterval in km Verversingsinterval in maanden Afstand tot de volgende verversing: huidige waarde in km Afstand tot de volgende verversing: huidige waarde in maanden Afstandsmeter Inhoud tank Spanning opname element oliepeil Accuspanning Brandstofopbrengst 83A-46
111 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de parameters 83A ACCUSPANNING PR110 Geen bijzonderheden Controleer of er geen storingen zijn. Als de spanning minimaal is: Controleer de accu en het laadstroomcircuit. Als de spanning maximaal is: Controleer of de laadspanning met en zonder stroomverbruikers correct is. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Instrumentenpaneel, 30-polige stekker, aansl. 16 +accu Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_PR110 83A-47
112 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de parameters 83A BRANDSTOFOPBRENGST PR112 Stationair draaiende motor, de opbrengst moet dicht bij of 0 zijn. Varieer het toerental van de motor om het toenemen van de brandstofopbrengst te zien. N.B.: Door een verkeerde informatie van de "brandstofopbrengst" geeft de boordcomputer verkeerde waardes aan. Voer een test uit van het multiplexnetwerk en van het inspuitsysteem (zie 88B, Multiplexsysteem en 13B, Benzine-inspuitsysteem of 17B, Dieselinspuitsysteem). Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Wis het storingsgeheugen. TDB_V04_PR112 83A-48
113 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Overzicht van de commando's 83A Commando gereedschap SC001 RZ001 AC003 AC004 AC005 AC006 AC008 AC009 AC010 AC011 VP002 VP006 VP007 VP008 VP009 VP010 VP011 Omschrijving in diagnoseapparaat Afstand tot olie verversen Storingsgeheugen, Waarschuwingslampje portier Waarschuwingslampje gordel Test van de weergave Zoemer Wijzers instrumentenpaneel Waarschuwingslampjes instrumentenpaneel Verlichting Vignet Schrijven van het V.I.N. Verversingsinterval in km Verversingsinterval in maanden Afstand tot de volgende verversing: actuele waarde in km Afstand tot de volgende verversing: actuele waarde in maanden Update afstandsmeter Kalibratie tankelement 83A-49
114 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de commando's 83A WISSEN: RZ001: Storingsgeheugen Met dit commando kunnen de storingen uit het geheugen van de rekeneenheid worden gewist. INSCHAKELEN AC003: Controlelampje portier Met dit commando kan de werking van het controlelampje van het openen van de portieren worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC003. De zoemer moet klinken. AC004: Waarschuwingslampje autogordel Met dit commando kan de werking van het waarschuwingslampje van de autogordel worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC004. De zoemer moet klinken. AC005: Test van de weergave Met dit commando kan de werking van het geheel van de weergaves worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC005. U moet alle weergaves op het instrumentenpaneel zien oplichten. AC006: Zoemer Met dit commando kan de werking van de zoemer worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC006. De zoemer moet klinken. AC008: Wijzers instrumentenpaneel Met dit commando kan de werking van de wijzers (toerenteller, rijsnelheid, olie- en koelvloeistoftemperatuur) worden getest. Zet het contact aan, geef het commando AC008. De zoemer moet klinken. AC009: Waarschuwingslampjes instrumentenpaneel Met dit commando kan de werking van het geheel van de waarschuwings- en controlelampjes van het instrumentenpaneel worden getest. De controlelampjes gaan branden en daarna weer uit: controleer of het branden van een lampje niet het branden van een ander lampje, zelfs gedeeltelijk, tot gevolg heeft. Daarna branden alle waarschuwingslampjes: controleer of het branden correct is. AC010: Verlichting Met dit commando kan de verlichting van het instrumentenpaneel worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC010. het instrumentenpaneel licht op en verandert van lichtsterkte. 83A-50
115 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Betekenis van de commando's 83A INSCHAKELEN (vervolg) AC011: Vignet Met dit commando kan de weergave van het infoscherm worden getest. Zet het contact aan en geef het commando AC011. Alle pixels van het infoscherm moeten rood zijn. 83A-51
116 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Klachten 83A Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk. Controleer het instrumentenpaneel. Indien het een instrumentenpaneel van het hoge gamma (met display in het midden) betreft, voert u een diagnose uit van de functie. EEN OF MEER WIJZERS BEWEGEN NIET ZOEKSCHEMA 1 EEN OF MEER WIJZERS GEVEN NIET DE JUISTE WAARDEN AAN ZOEKSCHEMA 1 DE WEERGAVE OP DE BOORDCOMPUTER OF HET CENTRALE DISPLAY IS INCOMPLEET OF GESTOORD ZOEKSCHEMA 1 EEN AANTAL GEGEVENS VAN DE BOORDCOMPUTER IS ONJUIST ZOEKSCHEMA 1 EEN AANTAL GEGEVENS VAN DE BOORDCOMPUTER IS VERVANGEN DOOR STREEPJES ZOEKSCHEMA 1 DE BRANDSTOFMETER (BEHALVE LPG) GEEFT EEN ONWAARSCHIJNLIJKE WAARDE AAN ZOEKSCHEMA 1 DE OLIEPEILMETER GEEFT EEN VERKEERDE WAARDE AAN ZOEKSCHEMA 1 83A-52
117 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Klachten 83A DE BOORDCOMPUTER REAGEERT NIET ALS OP DE TOETS WORDT GEDRUKT ZOEKSCHEMA 2 WAARSCHUWINGSLAMPJES BRANDEN NIET OF BERICHTEN WORDEN NIET DOORGEGEVEN ALS ER EEN STORING IS ZOEKSCHEMA 3 WAARSCHUWINGSLAMPJES BRANDEN TERWIJL ER GEEN STORING IS ZOEKSCHEMA 3 DE REGELWEERSTAND VAN DE INSTRUMENTENVERLICHTING WERKT NIET ZOEKSCHEMA 4 HET INSTRUMENTENPANEEL LICHT NIET OP ALS DE MARKERINGSLICHTEN BRANDEN ZOEKSCHEMA 4 ZELFTEST VAN HET INSTRUMENTENPANEEL PRO 1 83A-53
118 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Zoekschema's 83A ZOEKSCHEMA 1 Een of meer wijzers bewegen niet Een of meer wijzers geven niet de juiste waarden aan De weergave op de boordcomputer of het centrale display is incompleet of gestoord Een aantal gegevens van de boordcomputer is onjuist een aantal gegevens van de boordcomputer is vervangen door streepjes De brandstofmeter (behalve LPG) geeft een onwaarschijnlijke waarde aan De oliepeilmeter geeft een verkeerde waarde aan Geen bijzonderheden Start de zelftest van het instrumentenpaneel (PRO 1) Als een instrumentenpaneel is vervangen: voer een zelftest uit en wis de storingen, stel de parameters van het instrumentenpaneel in. TDB_V04_ALP1 83A-54
119 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Zoekschema's 83A ZOEKSCHEMA 2 DE BOORDCOMPUTER REAGEERT NIET ALS OP DE TOETS WORDT GEDRUKT Voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk (zie 88B, Multiplexsysteem). Zet het contact aan. Start de zelftest van het instrumentenpaneel (PRO 1) Controleer/herstel de geleiding en de isolatie van de verbinding tussen: Instrumentenpaneel, 15-polige stekker, aansl. 6 aansl. B7 van de ruitenwisserschakelaar Controleer de massa op aansl. B5 van de stekker van de ruitenwisserschakelaar. Controleer of de spanning wel nul is op aansl. 6 als de knop is ingedrukt. Herstel de bedrading of vervang de ruitenwisserschakelaar indien nodig. Vervang het instrumentenpaneel. Als een instrumentenpaneel is vervangen: voer een zelftest uit en wis de storingen, stel de parameters van het instrumentenpaneel in. TDB_V04_ALP2 83A-55
120 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Zoekschema's 83A ZOEKSCHEMA 3 Waarschuwingslampjes branden niet of berichten worden niet doorgegeven als er een storing is Waarschuwingslampjes branden terwijl er geen storing is Voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk (zie 88B, Multiplexsysteem). Voer een diagnose uit van het systeem dat het lampje - bericht aanstuurt. Zet het contact aan. Lijst van lampjes die via een draad oplichten en niet via het multiplexnetwerk: storing oliedruk (let op: het toerental van de motor moet hoger dan 1600 tr/min het wordt ontvangen door het CAN), storing ruitensproeierpeil, storing laadstroom, storing remvloeistof, branden van de dimlichten, branden van de grootlichten, branden van de mistlichten voor, branden van de mistachterlichten, knipperlichten, controlelampje stoelverwarming, waarschuwingslampje startvergrendeling, minimum brandstofpeil. Als deze lampjes niet branden of branden als ze niet moeten branden: controleer de geleiding van de bedrading tussen het commando van het lampje (sonde, lichtschakelaar, dynamo...) en het instrumentenpaneel, controleer de werking van de informatiebron, de voeding ervan en of er geen kortsluiting is in de verbinding. De storingsdetectie van de gloeilampen wordt verzorgd door het huis met hulporganen interieur, dat de staat van de lampen stuurt naar het multiplexnetwerk. Vervang het instrumentenpaneel. Als een instrumentenpaneel is vervangen: voer een zelftest uit en wis de storingen, stel de parameters van het instrumentenpaneel in. TDB_V04_ALP3 83A-56
121 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Zoekschema's 83A ZOEKSCHEMA 4 De regelweerstand van de instrumentenverlichting werkt niet Het instrumentenpaneel licht niet op als de markeringslichten branden Zet het contact aan. Zet de markeringslichten aan. Voer een diagnose uit van het instrumentenpaneel (controleer of de markeringslichten branden). Controleer of de spanning op aansl. 27 van de 30-polige stekker van het instrumentenpaneel 12 V is als de markeringslichten ingeschakeld zijn. Controleer de isolatie en de geleiding van de verbindingen tussen: Instrumentenpaneel, 15-polige stekker, aansl. 5 Regelweerstand aansl. 3 aansl. 2 van de regelweerstand Massa Controleer of de weerstand van de regelweerstand varieert tussen 0 en 1000 Ω als de kartelknop wordt bewogen. Als dit niet zo is, controleer of de verlichting van de airconditioning varieert en raadpleeg de diagnose van de airconditioning (zie 62B, Geregelde airconditioning). Als een instrumentenpaneel is vervangen: voer een zelftest uit en wis de storingen, stel de parameters van het instrumentenpaneel in. TDB_V04_ALP4 83A-57
122 X74 ph2 Vdiagnr.: 11 INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Zoekschema's 83A PRO 1 Zelftest van het instrumentenpaneel Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Druk op de toets van de boordcomputer (functiekeuzetoets op de ruitenwisserschakelaar). Zet het contact aan (kaart zo diep mogelijk in de lezer) en houdt hem ingedrukt. Zodra de wijzers bewegen, is het testprogramma 5 minuten actief. Laat de toets los. Om van het ene scherm van de boordcomputer naar een ander te gaan, drukt u kort op de functiekeuzetoets van de boordcomputer Druk op de nulinsteltoets 0 van de km-tellers om het testprogramma te verlaten en wis de storingen. Controleer of de wijzers van de toerenteller, de snelheidsmeter, de koelvloeistoftemperatuur en het brandstofpeil draaien en alle waarden goed aangeven. Vervang anders het instrumentenpaneel. Controleer of alle segmenten van de boordcomputer oplichten. Vervang anders het instrumentenpaneel. Bij iedere druk op de functiekeuzetoets van de boordcomputer, verandert het beeld op het centrale display. Als sommige beelden gestoord zijn: vervang het instrumentenpaneel. Als een instrumentenpaneel is vervangen: voer een zelftest uit en wis de storingen, stel de parameters van het instrumentenpaneel in. 83A-58
123 186B Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Inleiding 86B 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model(len): Laguna II Phase 2 Betreffende functie: Telefoon Naam van de rekeneenheid: Geïntegreerde handsfree telefoonbediening VDIAGNR.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Type diagnoseapparaat Methodes van de diagnose (dit document): Ondersteunende diagnose (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. CLIP Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap multimeter Elé Elé Verlengblok verbinding rekeneenheid Testadapter 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. KML_V04_PRELI 86B-1
124 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Inleiding 86B Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.). de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, De ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, De werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema' Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde. 86B-2
125 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Inleiding 86B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Voer een voor-diagnose van het systeem uit Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart 86B-3
126 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Inleiding 86B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De elektrische metingen van de spanning, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de geleiding en de isolatie Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 86B-4
127 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Inleiding 86B 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. BIJ IEDERE DIAGNOSE MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART WORDEN INGEVULD. Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, gebruik geschikt gereedschap. 86B-5
128 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Werking van het systeem 86B BELANGRIJK De diagnose van het systeem van de geïntegreerde handsfree telefoonbediening is mogelijk met de icoon met het symbool van een telefoon op bureaublad van het diagnoseapparaat. Deze applicatie mag nooit tegelijk geopend zijn met de applicatie CLIP (RENAULT icoon) en omgekeerd, open nooit de applicatie CLIP (RENAULT icoon) tegelijk met de diagnose van de handsfree set. N.B.: Het systeem van de geïntegreerde handsfree telefoonbediening wordt ook wel aangeduid met KMLE (handsfree set). FUNCTIES MOGELIJK MET DE HANDSFREE SET: Met het handsfree systeem kan de klant de telefoon gebruiken zonder het stuurwiel los te laten (" Handsfree"). De klant kan de telefoon op twee manieren bedienen: met de toetsen van de radiosatelliet of via spraakherkenning (indien geconfigureerd: zie Configuratie en inlezen). Voor meer informatie, raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de Handsfree set. Met het Handsfree systeem zijn de volgende functies mogelijk: oproepen beantwoorden of beginnen, het geluidsvolume van de gesprekken aanpassen (annuleren van de echo en minder storende geluiden), navigeren in de functies van de telefoon (namenlijst, ontvangen oproepen...) met behulp van de satelliet of via spraakherkenning, de informatie van het telefoonscherm op het display van de auto zien, de accu van de telefoon opladen (via de telefoonhouder), de antenne van de auto gebruiken voor een betere ontvangstkwaliteit, de luidsprekers van de auto gebruiken in plaats van de luidspreker van de telefoon, de radio onderbreken tijdens de gesprekken. 86B-6
129 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Werking van het systeem 86B SAMENSTELLING VAN HET HANDSFREE SYSTEEM Het systeem bestaat uit de volgende delen: een rekeneenheid (Handsfree set), een telefoonhouder (adapter voor de telefoon) op de steun in de auto, een steun in de auto voor de telefoonhouder (aan de onderkant van de middenconsole), een microfoon (tussen de zonnekleppen), een toets voor de communicatie (op het einde van de richtingaanwijzerschakelaar), de telefoon van de klant (geschikte modellen: zie de gebruiksaanwijzing). Het systeem gebruikt onderdelen van de radio en van het navigatiesysteem radio, bedieningssatelliet bij het stuurwiel, display, luidsprekers van de auto, antenne van de radio (of GPS). N.B.: Met een "testadapter" (Elé. 1737) kan de conformiteit van de "seriële" en audio verbindingen tussen de telefoonhouder en de rekeneenheid worden gecontroleerd. Deze adapter wordt gebruik met de commando's VP005 "Tests seriële verbindingen" en VP006 "Tests audio verbindingen" (zie de betekenis van deze commando's). 86B-7
130 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Werking van het systeem 86B BESCHRIJVING VAN HET SYSTEEM Met de handsfree set kunnen de mogelijkheden van de mobiele telefoon van de klant worden gebruikt via de multimediasystemen van de auto (autoradio, display, bedieningssatelliet, microfoon). De handsfree set kan worden gemonteerd met of zonder navigatiesysteem en kan worden gemonteerd met drie verschillende types radio's: Met navigatie: Radio Navigatie Carminat (RNav) met of zonder cd-wisselaar. Gebruik bij dit type radio niet een "Nokia 6820" telefoon. Zonder navigatie: Radio hoge gamma Auditorium zonder navigatie (PN6) met cd-wisselaar. Radio midden gamma zonder navigatie (NR5) met of zonder cd-wisselaar. OVERZICHT VAN HET SYSTEEM MET NAVIGATIE Navigatie-uitrusting Instrumentenpaneel Luidspreker Rekeneenheid navigatiesysteem hoge gamma Audioverbinding CAN multimedia 2 Display A3 CAN auto Antenne Centrale communicatie eenheid KML "On'' CAN multimedia 1 Voeding + ACC + APC Diagnoseaansluiting Microfoon Luidsprekers Radio Navigatie Carminat (Rnav) Audio Radio On Rekeneenheid handsfree set Voeding Seriële verbinding Audio Audio Houder + Steun Audioverbinding Seriële verbinding Cd-wisselaar (optie) Satelliet + Toets Communicatie GSMantenne Draadverbindingen Multiplexverbindingen KML On: Radio On: Signaal voor het wekken Signaal voor het wekken van de handsfree set (zonder + Accessoires) en voor het starten van het audiosysteem. 86B-8
131 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Werking van het systeem 86B OVERZICHT VAN HET SYSTEEM ZONDER NAVIGATIE Instrumentenpaneel Diagnoseaansluiting Display A3 KML "On" Voeding + ACC + APC Microfoon CAN multimedia Luidsprekers Radio hoge gamma (PN6) of Radio midden gamma (NR5) Audio Radio On Rekeneenheid handsfree set Voeding Seriële verbinding Audio Audio Houder + Steun Seriële verbinding CD-wisselaar (optie) Satelliet + Toets Communicatie FMantenne GSMantenne Draadverbindingen Multiplexverbindingen KML On: Radio On: Signaal voor het wekken van het display. Signaal voor het wekken van de handsfree set (zonder + Accessoires) en voor het starten van het audiosysteem. 86B-9
132 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86B Rekeneenheid HANDSFREE SET 40-polige stekker: Aansl. rekeneenheid Omschrijving BESTEMMING 1 Niet in gebruik 2 KML "On" (weksignaal voor het display) Display 3 Niet in gebruik V voor contact Aparte zekering 5 Niet in gebruik V accessoire Zekeringplaat interieur V na contact Zekeringplaat interieur 8 Niet in gebruik 9 MASSA MASSA 10 Niet in gebruik 11 CAN L multimedia 1 Radio 12 Shunt CAN L Telefoon 13 Niet in gebruik 14 CAN H multimedia 1 Radio 15 Shunt CAN H Telefoon 16 Niet in gebruik 17 Toets Communicatie Lichtschakelaar 18 RADIO "ON" (weksignaal voor de handsfree Radio set) 19 Niet in gebruik 20 Verbinding bediening autoradio (signaal L0) Aansl. B1 21 Verbinding bediening autoradio (signaal IN2) Aansl. A3 Radiobediening 22 Verbinding bediening autoradio (signaal L1) Aansl. B2 bij het 23 Verbinding bediening autoradio (signaal IN0) Aansl. B3 stuurwiel 24 Verbinding bediening autoradio (signaal L2) Aansl. A2 (satelliet) 25 Verbinding bediening autoradio (signaal IN1) Aansl. A1 26 Niet in gebruik 27 Niet in gebruik 28 Signaal + van de microfoon Aansl. 2 microfoon 29 Signaal + van de microfoon Aansl. 1 microfoon 30 Niet in gebruik 31 Eindweerstand CAN H 32 Niet in gebruik 33 Niet in gebruik 34 Eindweerstand CAN L 35 Audioverbinding 5 Radio 36 Niet in gebruik 37 Audioverbinding 6 Radio 38 Afscherming van de audioverbinding Radio 39 Niet in gebruik 40 Niet in gebruik ("shunts" via kabelbundel) 86B-10
133 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86B Rekeneenheid HANDSFREE SET 24-polige stekker: Aansl. rekeneenheid 1 Niet in gebruik 2 Niet in gebruik Omschrijving Aansl. telefoonsteun 3 Audioverbinding Audioverbinding Afscherming van de audioverbinding 6 Audioverbinding Audioverbinding Niet in gebruik 9 Niet in gebruik 10 Niet in gebruik 11 Niet in gebruik 12 Niet in gebruik V telefoonsteun 4 14 MASSA telefoonsteun 6 15 Niet in gebruik 16 Niet in gebruik 17 Seriële verbinding Seriële verbinding Niet in gebruik 20 Niet in gebruik 21 Seriële verbinding Seriële verbinding Niet in gebruik 24 Niet in gebruik 86B-11
134 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86B Telefoonsteun 14-polige stekker: Aansl. telefoonsteun 1 Niet in gebruik Omschrijving Aansluitingen rekeneenheid handsfree set 2 Audioverbinding Audioverbinding V telefoonsteun 13 5 Niet in gebruik 6 MASSA telefoonsteun 14 7 Niet in gebruik 8 Seriële verbinding Seriële verbinding Niet in gebruik 11 Audioverbinding Audioverbinding Seriële verbinding Seriële verbinding X X Afbeelding van de 14-polige stekker van de telefoonsteun (vooraanzicht). 86B-12
135 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Vervangen van organen 86B BELANGRIJK Voor het vervangen van de rekeneenheid van de handsfree set, moet u goed controleren of deze wel de oorzaak is (lezen van de storingen, conformiteit van de variabelen, lezen van de klachten). Het vervangen van de rekeneenheid is mogelijk na toestemming van de technische helpdesk en het invullen van een diagnosekaart. Vervangen van de rekeneenheid van de handsfree set: Configureer de rekeneenheid voor de in de auto aanwezige uitrusting. Controleer of het contact uit staat. Na akkoord van de technische helpdesk, vervang de rekeneenheid. Zet het contact aan en schakel het diagnoseapparaat in. Voer altijd* de 3 configuraties van de rekeneenheid uit naargelang de opties in de auto (zie, Configuratie en inlezen). Zet het contact uit en weer aan om de configuratie te verwerken. Controleer in het menu "lezen van de configuratie" of de configuraties goed zijn verwerkt. Controleer de storingen en raadpleeg de betekenis van de storingen die het diagnoseapparaat aangeeft. Wis de eventuele storingen in het geheugen. Controleer de werking van de Handsfree set. BELANGRIJK Gebruik niet de commando's CF009 "Taal" en VP008 "Akoestische kenmerken Laguna II" als het onderdeelnummer van de rekeneenheid of is: GEVAAR VAN BESCHADIGING VAN HET SYSTEEM (zie het identificatiescherm). Voor alle andere nummers, zijn de 2 eerder genoemde commando's en het commando CF020 "Uitrusting model Laguna II" onmisbaar voor de goede werking van het systeem. 86B-13
136 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Configuratie en inlezen 86B OVERZICHTSTABEL CONFIGURATIE KEUZE LEZEN VAN DE CONFIGURATIE LC001: GENERATIE RADIO LC002: TYPE RADIO CF020: UITRUSTING MODEL LAGUNA II RADIO PN6/NR5 of RADIO NAV. LC003: LC004: LC005: GENERATIE DISPLAY TYPE DISPLAY GENERATIE HANDSFREE SET LC006: TYPE HANDSFREE SET LC007: TYPE AUTO CF009: TAAL * FRANS ENGELS DUITS ITALIAANS PORTUGEES NEDERLANDS SPAANS LC009: Taal VP008: GEGEVENS AKOESTIEK LAGUNA II* N.B.: Na de configuratie: zet het contact uit en weer aan voor het goed verwerken van de configuraties. Deze diagnose is gemeenschappelijk met de Vel-Satis en de Espace IV, houd geen rekening met configuratie die hierboven niet zijn genoemd. BELANGRIJK Gebruik niet de commando's CF009 "Taal" en VP008 "Akoestische kenmerken Laguna II" als het onderdeelnummer van de rekeneenheid of is: GEVAAR VAN BESCHADIGING VAN HET SYSTEEM (zie het identificatiescherm). Voor alle andere nummers, zijn de 2 eerder genoemde commando's en het commando CF020 "Uitrusting model Laguna II" onmisbaar voor de goede werking van het systeem. 86B-14
137 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Configuratie en inlezen 86B Met de configuratie CF020 "Uitrusting model Laguna II" kunnen het type van de radio, het type van het display en het type van de auto worden ingesteld. Met de configuratie CF009 "Taal" kan de spraakherkenning worden geactiveerd in de geselecteerde taal. Met het commando VP008 "Akoestische kenmerken Laguna II", kan de rekeneenheid worden ingesteld in overeenstemming met de auto: aanpassing van de functies voor het annuleren van de echo, de ruisonderdrukking en de spraakherkenning naargelang het geluidsvolume in de auto. 86B-15
138 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Overzicht van de storingen 86B Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF Rekeneenheid DF Verbinding rekeneenheid / display DF Voeding rekeneenheid DF Verbinding rekeneenheid / microfoon DF Voeding telefoonhouder DF Verbinding rekeneenheid / telefoonhouder DF Telefoonsignaal DF A Onsamenhangende akoestische configuratie DF011 93A2 Geen uitzending multiplexsignaal radio DF012 93A3 Geen uitzending multiplexsignaal display DF Verkeerde configuratie audio-uitrusting DF Verkeerde configuratie display DF Configuratie rekeneenheid DF Rekeneenheid 86B-16
139 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF001 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN REKENEENHEID 1.DEF : interne elektronische storing Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst storing DF003 "Voeding rekeneenheid" als die aanwezig of in het geheugen is. Als de storing in het geheugen is: wis de storing, zet het contact uit en maak de voedingszekering los van de rekeneenheid (zie elektrisch schema). Plaats de zekering terug en zet het contact aan (+ na contact geforceerd). Als de storing terugkomt in geheugen bij het aanzetten van het contact: controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de stekkers van de rekeneenheid van de handsfree set en van hun klemmetjes. Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en controleer de conformiteit van de elektrische voedingen (deze moeten gelijk zijn aan de accuspanning). Bij een probleem, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 9 aansl. 4 aansl. 6 aansl. 7 Massa + 12 V + voor contact + 12 V accessoire + 12 V na contact Als de storing aanwezig is of als de storing aanhoudt, vul de diagnosekaart in en neem contact op met de technische helpdesk. Als de rekeneenheid is vervangen (op verzoek van de technische helpdesk): voer de configuraties van de rekeneenheid opnieuw uit (zie "Configuraties en Inlezen"). Behandel eventueel aanwezige andere storingen. KML_V04_DF001 86B-17
140 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF002 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERBINDING REKENEENHEID / DISPLAY CO.1 : onderbreking of kortsluiting aan + 12 V CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF014 "Verkeerde configuratie display". Controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set en van de klemmetjes. Controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de 24-polige stekker van het instrumentenpaneel en van de klemmetjes. Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set, en de 24-polige stekker van het display A3 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set Zwarte 40-polige stekker Display A3 Zwarte 24-polige stekker aansl. 2 aansl. 16 Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF002 86B-18
141 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF003 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VOEDING REKENEENHEID 1.DEF: te lage spanning 2.DEF : te hoge spanning Bijzonderheden: De storing van de te lage spanning verschijnt als de voeding van de rekeneenheid 8,5 V of minder is. De storing van de te hoge spanning verschijnt als de voeding van de rekeneenheid 16 V of meer is. Controleer de conformiteit van de accuspanning (10 V < X < 14,4 V). Als de spanning niet conform is, voer een diagnose uit van de accu en van het laadstroomcircuit. Controleer de staat van de zekeringen: F23 van 10A (+ 12 V accessoire), F28 van 20A (+ 12 V na contact) en F50 van 20A (+ 12 V voor contact): zie elektrisch schema. Controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de stekkers van de rekeneenheid van de handsfree set en van de klemmetjes. Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en controleer de conformiteit van de elektrische voedingen (deze moeten gelijk zijn aan de accuspanning). Bij een probleem, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 9 aansl. 4 aansl. 6 aansl. 7 Massa + 12 V voor contact (zie schema van de auto) + 12 V accessoire (zie schema van de auto) + 12 V na contact (zie schema van de auto) Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF003 86B-19
142 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF004 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERBINDING REKENEENHEID / MICROFOON CO : Onderbreking CC.0 : Kortsluiting aan massa CC.1 : Kortsluiting aan + 12 V Bijzonderheden: De microfoon bevindt zich in het midden van de zonnekleppen. Geef het commando VP004 "Test microfoon" (reparatieprogramma van het diagnoseapparaat, tabblad instellingen): zie de betekenis van dit commando. Als het resultaat van dd test 0 % is, controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set en van de klemmetjes, en de aansluiting, de staat en de conformiteit van de grijze 6-polige stekker van de microfoon en van de klemmetjes. Zet het contact uit, maak de twee eerder genoemde stekkers los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Microfoon 6-polige stekker aansl. 28 (microfoon +) aansl. 2 aansl. 29 (microfoon -) aansl. 1 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF004 86B-20
143 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF005 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VOEDING TELEFOONHOUDER CO.1: onderbreking of kortsluiting aan + 12 V CC.0: kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst storing DF003 "Voeding rekeneenheid" als die aanwezig of in het geheugen is. Bijzonderheden: De telefoonhouder bevindt zich in de middenconsole. Controleer de conformiteit van de accuspanning (10 V < X < 14,4 V). Als de spanning niet conform is, voer een diagnose uit van de accu en van het laadstroomcircuit. Controleer de staat van de zekeringen: F23 van 10A (+ 12 V accessoire), F28 van 20A (+ 12 V na contact) en F50 van 20A (+ 12 V voor contact): zie elektrisch schema. Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de telefoonhouder (achter de versnellingshendel) en de staat van de elektrische contacten tussen de steun van de telefoonhouder en de telefoonhouder. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set Zwarte 24-polige stekker Telefoonhouder 14-polige stekker aansl. 13 aansl. 4 (+ 12 V) aansl. 14 aansl. 6 (massa) Als de gecontroleerde verbindingen en de elektrische voedingen conform zijn, maar de storing aanhoudt: vervang de steun van de telefoon. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF005 86B-21
144 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF006 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERBINDING REKENEENHEID / TELEFOONHOUDER 1.DEF : geen of slecht antwoord van de telefoonhouder naar de rekeneenheid Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF005 "Voeding telefoonhouder" als die aanwezig of in het geheugen is. Bijzonderheden: De verbindingen tussen de rekeneenheid en de telefoonsteun worden verzorgd door draadverbindingen. De telefoonsteun bevindt zich in de middenconsole. Geef het commando VP005 "Test seriële verbindingen" (reparatieprogramma van het diagnoseapparaat, tabblad instellingen). Als het resultaat van het commando is "Slecht": Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de telefoonhouder (achter de versnellingshendel) en de staat van de elektrische contacten tussen de steun van de telefoonhouder en de telefoonhouder. Controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de 24-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set en van de klemmetjes. Maak de 24-polige stekker los van de rekeneenheid en die van de steun van de telefoonhouder en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende seriële verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 24-polige stekker Telefoonsteun 14-polige stekker aansl. 17 aansl. 8 aansl. 18 aansl. 9 aansl. 21 aansl. 13 aansl. 22 aansl. 14 Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF006 86B-22
145 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF007 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN TELEFOONSIGNAAL 1.DEF : onsamenhangend signaal Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF006 "Verbinding rekeneenheid/telefoonhouder" als die aanwezig of in het geheugen is. Bijzonderheden: De telefoonsteun bevindt zich in de middenconsole. Deze storing geeft aan dat er geen of een slechte communicatie is tussen de telefoon (of de telefoonhouder en niet van de steun) naar de rekeneenheid. Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de steun van de telefoonhouder. Controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder (gouden contacten). Vervang de steun in de auto of de telefoonhouder indien nodig. Plaats de telefoon in zijn houder en controleer op het scherm van het navigatiesysteem of de telefoon is gedetecteerd (afkorting "Tel" niet doorgekruist). Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon van de klant. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF007 86B-23
146 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF008 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN ONSAMENHANGENDE AKOESTISCHE CONFIGURATIE 1.DEF : akoestische parameters incorrect Bijzonderheden: Deze storing geeft aan dat de akoestische parameters in het geheugen van de rekeneenheid niet conform de auto zijn waarin het systeem is gemonteerd. Stel de akoestische parameters van de rekeneenheid in door middel van het commando VP008 "Akoestische kenmerken Laguna II" (zie "Configuratie en inlezen"). Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF008 86B-24
147 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF011 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL RADIO Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF013 "Verkeerde configuratie audio uitrusting" als die aanwezig of in het geheugen is. Radio hoge gamma PN6 Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set, en de 15-polige stekker van de radio (PN6) en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio PN6 Zwarte 15-polige stekker aansl. 14 aansl. 3 aansl. 11 aansl. 4 Radio Navigatie RN Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set, en de 18-polige stekker van de Radio Navigatie (RN) en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio Navigatie (RN) Zwarte 18-polige stekker aansl. 14 aansl. 8 aansl. 11 aansl. 17 Radio midden gamma NR5 Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set, en de 6-polige gele stekker van de Radio Navigatie (NR5) en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio NR5 Gele 6-polige stekker aansl. 14 aansl. 2 aansl. 11 aansl. 1 Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF011 86B-25
148 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF012 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL DISPLAY Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF014 "Verkeerde configuratie display" als die aanwezig of in het geheugen is. Controleer of de rekeneenheid correct is geconfigureerd, herconfigureer deze indien nodig (zie Configuratie en inlezen). Bij een storing voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige stekkers van de rekeneenheid van de handsfree set en van de 24-polige stekker van het display. Radio hoge gamma PN6 Maak de zwarte 15-polige stekker van de radio (PN6), de zwarte 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree functie set en de zwarte 24-polige stekker 24 van het display A3 los, en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Display A3 24-polige stekker Radio PN6 15-polige stekker Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 11 aansl. 2 aansl. 4 aansl. 11 aansl. 12 aansl. 1 aansl. 3 aansl. 14 Radio Navigatie RN Maak de zwarte 18-polige stekker van de radio (RN), de zwarte 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree functie set en de zwarte 24-polige stekker 24 van het display A3 los, en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Display A3 24-polige stekker Radio PN 18-polige stekker Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 11 aansl. 16 aansl. 17 aansl. 11 aansl. 12 aansl. 7 aansl. 8 aansl. 14 Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF012 86B-26
149 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF012 (VERVOLG) Radio midden gamma NR5 Maak de gele 6-polige stekker van de radio (NR5) en de zwarte 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Display A3 24-polige stekker Radio NR5 6-polige stekker aansl. 11 aansl. 1 aansl. 12 aansl. 2 Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. 86B-27
150 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF013 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERKEERDE CONFIGURATIE AUDIO-UITRUSTING Geen bijzonderheden. Configureer de rekeneenheid van de handsfree set door middel van het commando CF020 "Uitrusting model Laguna ll" (zie Configuratie en inlezen). Na de configuratie: zet het contact uit en weer aan voor het goed verwerken van de configuraties. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF013 86B-28
151 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF014 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERKEERDE CONFIGURATIE DISPLAY Geen bijzonderheden. Configureer de rekeneenheid van de handsfree set door middel van het commando CF020 "Uitrusting model Laguna ll" (zie Configuratie en inlezen). Na de configuratie: zet het contact uit en weer aan voor het goed verwerken van de configuraties. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF014 86B-29
152 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF015 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CONFIGURATIE REKENEENHEID 1.DEF : configuratie leeg of onvolledig Geen bijzonderheden. Configureer de rekeneenheid van de handsfree set door middel van het commando CF020 "Uitrusting model Laguna ll" (zie Configuratie en inlezen). Na de configuratie: zet het contact uit en weer aan voor het goed verwerken van de configuraties. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. Controleer de werking van het systeem. KML_V04_DF015 86B-30
153 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de storingen 86B DF016 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN REKENEENHEID 1.DEF : onsamenhangende software rekeneenheid Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst storing DF003 "Voeding rekeneenheid" als deze aanwezig of in het geheugen is. Als de storing in het geheugen is: wis de storing, zet het contact uit en maak de voedingszekering los van de rekeneenheid (zie elektrisch schema). Plaats de zekering terug en zet het contact aan (+ na contact geforceerd). Als de storing terugkomt in geheugen bij het aanzetten van het contact: controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de stekkers van de rekeneenheid van de handsfree set en van hun klemmetjes. Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en controleer de conformiteit van de elektrische voedingen (deze moeten gelijk zijn aan de accuspanning). Bij een probleem, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 9 aansl. 4 aansl. 6 aansl. 7 Massa + 12 V + voor contact + 12 V accessoire + 12 V na contact Als de storing aanwezig is of als de storing aanhoudt, vul de diagnosekaart in en neem contact op met de technische helpdesk. Als de rekeneenheid is vervangen (op verzoek van de technische helpdesk): voer de configuraties van de rekeneenheid opnieuw uit (zie "Configuraties en Inlezen"). Behandel eventueel aanwezige andere storingen. KML_V04_DF016 86B-31
154 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Conformiteitscontrole 86B Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: contact aan. SUBFUNCTIE SELECTIE BESTUURDER Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose ET006: TOETS + INGEDRUKT als de toets "+" van de satelliet is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET007: TOETS - INGEDRUKT als de toets "+" van de satelliet is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET008: BOVENSTE TOETS INGEDRUKT als de "bovenste" toets van de satelliet is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. 1 Toetsen radiosatelliet ET009: HOGE TOETS INGEDRUKT als de "hoge" toets van de satelliet is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET010: LAGE TOETS INGEDRUKT als de "lage" toets van de satelliet is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET011: ACTIE DRAAIKNOP INACTIEF als de draaiknop inactief is, NAAR BOVEN of NAAR BENEDEN afhankelijk van de actie op de draaiknop. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET013: TOETS COMMUNICATIE INGEDRUKT als de toets "communicatie" is ingedrukt. LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. KML_V04_CCONF 86B-32
155 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Conformiteitscontrole 86B Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: contact aan en telefoon in zijn houder. SUBFUNCTIE TELEFOON Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose ET002: SIGNAAL "RADIO ON" AANWEZIG als de radio is ingeschakeld. AFWEZIG in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET014: TELEFOON AANWEZIG als de telefoon aanwezig is. AFWEZIG in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET021: WERKING TELEFOON UIT als de telefoon is uitgeschakeld. AAN in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. 2 Telefoon ET015: PIN CODE GELDIG als de code correct is. FOUT in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. ET016: PR001: TELEFOONNETWERK TELEFOONSIGNAAL AANWEZIG als het telefoonnetwerk aanwezig is (telefoon in zijn houder). AFWEZIG in het tegenovergestelde geval. 0 % < X < 100 % (voor het signaalniveau te kunnen zien, moet de telefoon in zijn houder zitten). Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van deze staat. Bij een storing: raadpleeg de betekenis van deze parameter. 86B-33
156 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Conformiteitscontrole 86B Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: Contact aan. SUBFUNCTIE TESTS GELUIDSSIGNALEN Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose AC001: BELSIGNAAL U moet de beltoon van de telefoon horen. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van dit commando. 3 Geluidssignalen AC003: LAGE TOON U moet een lage toon hogen. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van dit commando. AC002: HOGE TOON U moet een hoge toon hogen. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van dit commando. 86B-34
157 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Overzicht van de staten 86B Index ET002 ET003 ET004 Omschrijving in diagnoseapparaat SIGNAAL "RADIO ON" + 12 V NA CONTACT + 12 V ACCESSOIRES ET006 TOETS + ET007 TOETS - ET008 ET009 ET010 ET011 ET013 ET014 ET015 ET016 ET021 BOVENSTE TOETS HOGE TOETS LAGE TOETS ACTIE DRAAIKNOP TOETS COMMUNICATIE TELEFOON PIN CODE TELEFOONNETWERK WERKING TELEFOON 86B-35
158 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B SIGNAAL "RADIO ON" ET002 Bijzonderheden: De ET002 "SIGNAAL RADIO ON" heeft twee kenmerken: aanwezig afwezig Radio auditorium PN6 Dit is het weksignaal voor de handsfree set (zonder + Accessoires) en voor het starten van het audiosysteem. Dit loopt tussen de rekeneenheid van de handsfree set en de radio. Als het signaal "Afwezig" is, terwijl de radio is ingeschakeld, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de zwarte 15-polige stekker van de radio hoge gamma PN6 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio hoge gamma Zwarte 15-polige stekker aansl. 18 aansl. 8 Radio Navigatie Met dit signaal wordt de handsfree set gewekt (zonder + Accessoires) en daarmee het audiosysteem gestart, het loopt tussen de rekeneenheid van de handsfree set en de radio. Als het signaal "Afwezig" is, terwijl de radio is ingeschakeld, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de zwarte 18-polige stekker van de radio navigatie en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio Navigatie Zwarte 18-polige stekker aansl. 18 aansl. 12 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET002 86B-36
159 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B ET002 (VERVOLG) Radio midden gamma NR5 Met dit signaal wordt de handsfree set gewekt (zonder + Accessoires) en daarmee het audiosysteem gestart, het loopt tussen de rekeneenheid van de handsfree set en de radio. Als het signaal "Afwezig" is, terwijl de radio is ingeschakeld, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de gele 6-polige stekker van de radio midden gamma NR5 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio midden gamma Gele 6-polige stekker aansl. 18 aansl. 5 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-37
160 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B + 12 V NA CONTACT ET003 Bijzonderheden: De ET003 "+ 12 V na contact" heeft twee kenmerken: aanwezig afwezig Als de staat "Afwezig" is terwijl het contact aan is, behandel dan de betekenis van deze staat. De voeding van de rekeneenheid van de handsfree set met + 12 V na contact verloopt via aansl. 7 van de 40-polige stekker. Contact aan, controleer de aanwezigheid en de conformiteit van de voeding +12 V na contact op aansl. 7 van de rekeneenheid van de handsfree set. Als de voeding niet conform is: controleer de zekering F28 van 20A op de zekering- en relaisplaat interieur (vervang hem indien nodig), gebruik het "universele verlengblok" en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding Zekering- en relaisplaat interieur Witte 18-polige stekker groene klem Aansl. 3 Aansl. 7, 40-polige stekker Rekeneenheid handsfree set Sluit de stekkers van de zekering- en relaisplaat interieur en van de rekeneenheid van de handsfree set weer aan. Als de storing aanhoudt: voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET003 86B-38
161 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B + 12 V ACCESSOIRES ET004 Bijzonderheden: De ET004 "+ 12 V accessoires" heeft twee kenmerken: aanwezig afwezig Als de staat "Afwezig" is terwijl het contact aan is, behandel dan de betekenis van deze staat. De voeding van de rekeneenheid van de handsfree set met + 12 V accessoires verloopt via aansl. 6 van de 40-polige stekker. Contact aan, controleer de aanwezigheid en de conformiteit van de voeding + 12 V accessoires op aansl. 6 van de rekeneenheid van de handsfree set. Als de voeding niet conform is: controleer de zekering F23 van 10A op de zekering- en relaisplaat interieur (vervang hem indien nodig), gebruik het "universele verlengblok" en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: Zekering- en relaisplaat interieur Zwarte 27-polige stekker aansl. 7 Rekeneenheid handsfree set aansl. 6, 40-polige stekker Sluit de stekkers van de zekering- en relaisplaat interieur en van de rekeneenheid van de handsfree set weer aan. Als de storing aanhoudt: voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET004 86B-39
162 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B TOETS + ET006 Bijzonderheden: De ET006 "Toets +" heeft twee kenmerken: ingedrukt los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. Maak de stekker van de bedieningssatelliet los en controleer met een ohmmeter: Toets "+" ingedrukt: weerstand van 28 Ω tussen aansl. A1 en aansl. B1, Toets "+" niet ingedrukt: geen geleiding tussen aansl. A1 en aansl. B1. Als de toets niet werkt zoals aangegeven, vervang de radiosatelliet. Als de satelliet conform is, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 20 aansl. 25 Radiosatelliet aansl. B1 aansl. A1 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET006 86B-40
163 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B TOETS - ET007 Bijzonderheden: De ET007 "Toets -" heeft twee kenmerken: ingedrukt los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. Maak de stekker van de bedieningssatelliet los en controleer met een ohmmeter: Toets "-" ingedrukt: weerstand van 0,5 Ω tussen aansl. B3 en aansl. B1, Toets "-" niet ingedrukt: geen geleiding tussen aansl. B3 en aansl. B1. Als de toets niet werkt zoals aangegeven, vervang de radiosatelliet. Als de satelliet conform is, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 20 Radiosatelliet aansl. B1 aansl. 23 aansl. B3 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET007 86B-41
164 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B BOVENSTE TOETS ET008 Bijzonderheden: De ET008 "Bovenste toets" heeft twee kenmerken: Ingedrukt Los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De bovenste toets is de toets "source audio" (toets bij het stuurwiel). Maak de stekker van de bedieningssatelliet los en controleer met een ohmmeter: "Bovenste" toets ingedrukt: weerstand van 28 Ω tussen aansl. B3 en aansl. B2, "Bovenste" toets niet ingedrukt: geen geleiding tussen aansl. B3 en aansl. B2. Als de toets niet werkt zoals aangegeven, vervang de radiosatelliet. Als de satelliet conform is, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 23 aansl. 22 Radiosatelliet aansl. B3 aansl. B2 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET008 86B-42
165 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B HOGE TOETS ET009 Bijzonderheden: De ET009 "Toets hoog" heeft twee kenmerken: Ingedrukt Los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De toets "hoog" is de toets met het telefoonsymbool. Maak de stekker van de bedieningssatelliet los en controleer met een ohmmeter: Toets "hoog" ingedrukt: weerstand van 28 Ω tussen aansl. A3 en aansl. B2, Toets "hoog" niet ingedrukt: geen geleiding tussen aansl. A3 en aansl. B2. Als de toets niet werkt zoals aangegeven, vervang de radiosatelliet. Als de satelliet conform is, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radiosatelliet aansl. 21 aansl. 22 aansl. A3 aansl. B2 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET009 86B-43
166 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B LAGE TOETS ET010 Bijzonderheden: De ET010 "Toets laag" heeft twee kenmerken: Ingedrukt Los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De toets "laag" is de toets aan de onderkant van de satelliet. Maak de stekker van de bedieningssatelliet los en controleer met een ohmmeter: Toets "laag" ingedrukt: weerstand van 28 Ω tussen aansl. A3 en aansl. B1, Toets "laag" niet ingedrukt: geen geleiding tussen aansl. A3 en aansl. B1, Als de toets niet werkt zoals aangegeven, vervang de radiosatelliet. Als de geleiding bij de satelliet goed is bij een druk op de toets, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 21 aansl. 20 Radiosatelliet aansl. A3 aansl. B1 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET010 86B-44
167 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B ACTIE DRAAIKNOP ET011 Bijzonderheden: De ET011 "Actie draaiknop" heeft drie kenmerken: inactief omhoog omlaag Als de staat "inactief" is terwijl de draaiknop wordt bediend, behandel dan de betekenis van deze staat. Controleer de werking van de bedieningssatelliet, raadpleeg hoofdstuk 86A van MR Elektrische installatie. Vervang de radiosatelliet. Als de satelliet conform is, maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 24 aansl. 21 aansl. 23 aansl. 25 Radiosatelliet aansl. A2 aansl. A3 aansl. B3 aansl. A1 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET011 86B-45
168 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B TOETS COMMUNICATIE ET013 Bijzonderheden: De ET013 "Toets communicatie" heeft twee kenmerken: Ingedrukt Los Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de actie op de toets, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De toets "communicatie" is de`toets op het einde van de lichtschakelaar., maak de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Zwarte 3-polige stekker van de lichtschakelaar aansl. 17 aansl. 2 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET013 86B-46
169 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B TELEFOON ET014 Bijzonderheden: De ET014 "Telefoon" heeft twee kenmerken: aanwezig afwezig Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de staat van het systeem, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer de aansluiting en de staat van de 14-polige stekker van de steun. Controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Vervang de steun of de houder indien nodig. Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET014 86B-47
170 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B PIN CODE ET015 Bijzonderheden: De ET015 "Pin code heeft twee kenmerken: geldig fout Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de staat van het systeem, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer of de in de telefoon ingevoerde PIN code correct is. Als dit niet zo is, voer de juiste PIN code in. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET015 86B-48
171 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B TELEFOONNETWERK ET016 Bijzonderheden: De ET016 "Telefoonnetwerk" heeft twee kenmerken: aanwezig, afwezig. Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de staat van het systeem, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer op de telefoon of het telefoonnetwerk aanwezig is (signaalvlakjes van de telefoon). Als de telefoon het netwerk niet detecteert, verander dan de positie voordat u deze staat onderzoekt. Plaats de testadapter Elé op de plaats van de telefoonhouder om de verbinding naar de antenne te controleren: controlelampje van de adapter brandt groen: de verbinding is goed. controlelampje van de adapter brandt rood: de verbinding is slecht. Als het controlelampje van de adapter rood brandt, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding tussen de antenne en de steun in de auto. N.B.: Deze verbinding is een coaxkabel die de antenne rechtstreeks met de steun verbindt. Als de staat niet werkt zoals is aangegeven, controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET016 86B-49
172 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de staten 86B WERKING TELEFOON ET021 Bijzonderheden: De ET021 "werking telefoon" heeft twee kenmerken: aan, uit. Als het kenmerk van de staat niet overeenkomt met de staat van het systeem, raadpleeg dan de betekenis van de diagnose. N.B.: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer de werking van de telefoon voordat u deze staat onderzoekt. Als de staat niet werkt zoals is aangegeven, controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ET021 86B-50
173 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Overzicht van de parameters 86B Parameter gereedschap PR001 PR003 PR004 Omschrijving in diagnoseapparaat Telefoonsignaal Accuspanning Rijsnelheid 86B-51
174 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de parameters 86B TELEFOONSIGNAAL PR001 Bijzonderheden: Deze parameter werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer op de telefoon of het telefoonnetwerk aanwezig is (signaalvlakjes van de telefoon). Als de telefoon het netwerk niet detecteert, verander dan de positie voordat u deze parameter onderzoekt. Plaats de testadapter Elé op de plaats van de telefoonhouder om de verbinding naar de antenne te controleren: controlelampje van de adapter brandt groen: de verbinding is goed. controlelampje van de adapter brandt rood: de verbinding is slecht. Als het controlelampje van de adapter rood brandt, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding tussen de antenne en de steun in de auto. N.B.: Deze verbinding is een coaxkabel die de antenne rechtstreeks met de steun verbindt. Als de parameter niet werkt zoals aangegeven in de conformiteitscontrole, controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_PR001 86B-52
175 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de parameters 86B ACCUSPANNING PR003 Geen bijzonderheden Controleer de conformiteit van de accuspanning (10 V < X < 14,4 V). Als de spanning niet conform is, voer een diagnose uit van de accu en van het laadstroomcircuit. Controleer de staat van de zekeringen F23 van 10A (+ 12 V accessoire), F28 van 20A (+ 12 V na contact) en F50 van 20A (+ 12 V voor contact): zie elektrisch schema. Controleer de aansluiting, de staat en de conformiteit van de stekkers van de rekeneenheid van de handsfree set en van de klemmetjes. Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en controleer de conformiteit van de elektrische voedingen (deze moeten gelijk zijn aan de accuspanning). Bij een probleem, controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Stekker rekeneenheid aansl. 9 Stekker rekeneenheid aansl. 4 Stekker rekeneenheid aansl. 6 Rekeneenheid stekker A aansl. 7 Massa + 12 V contact (zie schema van de auto) + 12 V accessoire (zie schema van de auto) + 12 V na contact (zie schema van de auto) Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_PR003 86B-53
176 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de parameters 86B RIJSNELHEID PR004 Geen bijzonderheden Als deze parameter onsamenhangend is, voer een diagnose uit van het ABS. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_PR004 86B-54
177 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Behandeling van de commando's 86B Commando gereedschap RZ001 AC001 AC002 AC003 VP001 VP002 VP004 VP005 VP006 Omschrijving in diagnoseapparaat Storingsgeheugen Belsignaal Hoge toon Lage toon Schrijven datum laatste werkzaamheden. Schrijven van het V.I.N. Test microfoon Test seriële verbinding Test verbindingen audio 86B-55
178 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B BELSIGNAAL AC001 Bijzonderheden: Contact aan, dit commando is toegankelijk in het diagnoseprogramma van het gereedschap (tabblad actuatorcommando). Tijdens dit commando, moet u de telefoon horen overgaan. Door het activeren van dit commando kunt u de verbindingen tussen de rekeneenheid van de handsfree set, de radio en de luidsprekers controleren. Radio auditorium PN6 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de heldere 15-polige stekker van de radio hoge gamma en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio hoge gamma 15-polige stekker aansl. 35 aansl. 28 aansl. 36 aansl. 30 aansl. 37 aansl. 29 Radio Navigatie Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de zwarte 18-polige stekker van de radio navigatie en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio Navigatie 18-polige stekker aansl. 35 aansl. 4 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 83 aansl. 13 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-56
179 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B AC001 (VERVOLG) Radio midden gamma NR5 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de groene 6-polige stekker van de radio NR5 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio NR5 Groene 6-polige stekker aansl. 35 aansl. 7 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 38 aansl. 9 Als na deze stap het commando stil blijft, controleer dan de geleiding van de verbindingen tussen de radio hoge gamma en de luidsprekers door de radio in te schakelen. Als deze stil blijft, maak dan de 8-polige ISO stekker B los van de radio en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Radio hoge gamma 8-polige stekker Luidsprekers aansl. 1 aansl. 2 aansl. 3 aansl. 4 aansl. 5 aansl. 6 aansl. 7 aansl. 8 + rechts achter - rechts achter + rechts voor - rechts voor + links voor - links voor + links achter - links achter Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-57
180 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B HOGE TOON AC002 Bijzonderheden: Contact aan, dit commando is toegankelijk in het diagnoseprogramma van het gereedschap (tabblad actuatorcommando). Tijdens dit commando, moet een hoge toon klinken. Door het activeren van dit commando kunt u de verbindingen tussen de rekeneenheid van de handsfree set, de radio en de luidsprekers controleren. Radio auditorium PN6 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de heldere 15-polige stekker van de radio hoge gamma en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio hoge gamma 15-polige stekker aansl. 35 aansl. 28 aansl. 36 aansl. 30 aansl. 37 aansl. 29 Radio Navigatie Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de zwarte 18-polige stekker van de radio navigatie en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio Navigatie 18-polige stekker aansl. 35 aansl. 4 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 38 aansl. 13 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-58
181 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B AC002 (VERVOLG) Radio midden gamma NR5 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de groene 6-polige stekker van de radio NR5 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio NR5 Groene 6-polige stekker aansl. 35 aansl. 7 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 38 aansl. 9 Als na deze stap het commando stil blijft, controleer dan de geleiding van de verbindingen tussen de radio hoge gamma en de luidsprekers door de radio in te schakelen. Als deze stil blijft, maak dan de 8-polige ISO stekker B los van de radio en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Radio hoge gamma 8-polige stekker Luidsprekers aansl. 1 aansl. 2 aansl. 3 aansl. 4 aansl. 5 aansl. 6 aansl. 7 aansl. 8 + rechts achter - rechts achter + rechts voor - rechts voor + links voor - links voor + links achter - links achter Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-59
182 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B LAGE TOON AC003 Bijzonderheden: Contact mis, dit commando is toegankelijk in het diagnoseprogramma van het gereedschap (tabblad actuatorcommando). Tijdens dit commando, moet een lage toon klinken. Door het activeren van dit commando kunt u de verbindingen tussen de rekeneenheid van de handsfree set, de radio en de luidsprekers controleren. Radio auditorium PN6 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de heldere 15-polige stekker van de radio hoge gamma en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio hoge gamma 15-polige stekker aansl. 35 aansl. 28 aansl. 36 aansl. 30 aansl. 37 aansl. 29 Radio Navigatie Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de zwarte 18-polige stekker van de radio navigatie en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio Navigatie 18-polige stekker aansl. 35 aansl. 4 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 38 aansl. 13 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-60
183 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B AC003 (VERVOLG) Radio midden gamma NR5 Als tijdens dit commando de telefoon niet overgaat, maak dan de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en de groene 6-polige stekker van de radio NR5 en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Radio NR5 Groene 6-polige stekker aansl. 35 aansl. 7 aansl. 36 aansl. 5 aansl. 38 aansl. 9 Als na deze stap het commando stil blijft, controleer dan de geleiding van de verbindingen tussen de radio hoge gamma en de luidsprekers door de radio in te schakelen. Als deze stil blijft, maak dan de 8-polige ISO stekker B los van de radio en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Radio hoge gamma 8-polige stekker Luidsprekers aansl. 1 aansl. 2 aansl. 3 aansl. 4 aansl. 5 aansl. 6 aansl. 7 aansl. 8 + rechts achter - rechts achter + rechts voor - rechts voor + links voor - links voor + links achter - links achter Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-61
184 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B TEST MICROFOON VP004 Bijzonderheden: Contact aan, dit commando is toegankelijk in het reparatieprogramma van het diagnoseapparaat (tabblad instellingen). Bij deze test, moet u op de bestuurdersstoel zitten en "normaal" spreken. Door het activeren van dit commando kunt u de volgende verbindingen controleren: Rekeneenheid handsfree set Microfoon Rekeneenheid handsfree set De elektrische verbindingen zijn conform als het resultaat test een percentage van 4 of hoger is. Als het resultaat van de test een percentage van minder dan 4 is: Maak de 40-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en van de 6-polige stekker van de microfoon en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker Telefoonsteun 6-polige stekker aansl. 28 aansl. 2 aansl. 29 aansl. 1 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-62
185 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B TEST SERIËLE VERBINDING VP005 Bijzonderheden: Contact aan, dit commando is toegankelijk in het reparatieprogramma van het diagnoseapparaat (tabblad instellingen). Door het activeren van dit commando kunt u de volgende seriële verbindingen controleren: Rekeneenheid han dsfree set Telefoonsteun Testadapter Telefoonsteun Rekeneenheid handsfree set Plaats de testadapter Elé op de plaats van de telefoonhouder voor dit commando: Tijdens het activeren van dit commando verzendt de handsfree set gegevens via de seriële verbindingen. Deze gegevens worden doorgelust door de testadapter in de steun, en teruggestuurd naar de handsfree set die ze analyseert. Deze gegevens zijn niet zichtbaar. De elektrische verbindingen zijn in orde als het resultaat van de test "GOED" is. Als het resultaat van de test "SLECHT" is, maak de 24-polige stekker van de rekeneenheid van de handsfree set los en de 14-polige stekker van de steun van de telefoonhouder en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 24-polige stekker aansl. 17 aansl. 8 Telefoonsteun 14-polige stekker aansl. 18 aansl. 9 aansl. 21 aansl. 13 aansl. 22 aansl. 14 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-63
186 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Betekenis van de commando's 86B TEST VERBINDINGEN AUDIO VP006 Bijzonderheden: Contact aan, dit commando is toegankelijk in het reparatieprogramma van het diagnoseapparaat (tabblad instellingen). Door het activeren van dit commando kunt u de volgende audioverbindingen controleren: Hands free set Testadapter telefoonsteun Telefoonsteun Handsfree set Radio Luidspreker Plaats de testadapter Elé op de plaats van de telefoonhouder voor dit commando: Dit commando wordt bevestigd door een "geluid" uit de luidsprekers: als dit niet zo is controleer dan de geleiding van de verbindingen van de onderdelen van het systeem. Maak de 24-polige stekker los van de rekeneenheid van de handsfree set en van de 14-polige stekker van de steun van de telefoonhouder en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid handsfree set 24-polige stekker aansl. 3 aansl. 2 Telefoonsteun 14-polige stekker aansl. 4 aansl. 11 aansl. 6 aansl. 3 aansl. 7 aansl. 12 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. 86B-64
187 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Klachten 86B COMMUNICATIEPROBLEEM GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID ZOEK- SCHEMA 1 86B-65
188 Vdiagnr.: 04 TELEFOON Diagnose - Zoekschema's 86B ZOEKSCHEMA 1 GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID Voordat u iets doet, controleer de werking van de autoradio. Controleer de conformiteit van de accuspanning (10 V < X < 14,4 V). Als de spanning niet conform is, voer een diagnose uit van de accu en van het laadstroomcircuit. Controleer de staat van de zekeringen F23 van 10A (+ 12 V accessoire), F28 van 20A (+ 12 V na contact) en F50 van 20A (+ 12 V voor contact): zie elektrisch schema. Controleer: de verbinding tussen het diagnoseapparaat en de diagnosesonde (staat van de kabel). De verbinding tussen de diagnosesonde en de diagnoseaansluiting (staat van de kabel). Herstellen indien nodig Controleer de + 12 V voor contact op aansl. 16, de + 12 V na contact op aansl. 1 en de massa op aansl. 4 en op aansl. 5 van de diagnoseaansluiting van de auto. Probeer het diagnoseapparaat op een andere auto (om te weten of het apparaat niet de oorzaak is). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen om zeker te weten dat de voedingen en de massa's van rekeneenheid van de handsfree set in orde zijn: Rekeneenheid handsfree set 40-polige stekker aansl. 6 aansl. 4 aansl. 7 aansl. 9 aansl. 11 aansl. 14 Radio (zie het schema van de radio die gemonteerd is in de auto) + 12 V accessoires + 12 V voor contact + 12 V na contact Massa Radio (zie het schema van de radio die gemonteerd is in de auto) Radio (zie het schema van de radio die gemonteerd is in de auto) Aansl. 12 (diagnoseaansluiting) Aansl. 13 (diagnoseaansluiting) Als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. KML_V04_ALP01 86B-66
189 ITS Programmanr.: 020 Vdiagnr.: C MULTIMEDIA Diagnose - Inleiding 86C 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model: Laguna II ph2 Betreffende functie: Navigatie, handsfree functie telefoonbediening, tuner-versterker, cd-speler Naam van de rekeneenheid: ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Methodes van de diagnose (dit document): Diagnose assistentie (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), papier (Werkplaatshandboek of Service Mededeling), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. Type diagnoseapparaat CLIP Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap multimeter Elé Elé Universeel verlengblok Testadapter voor de telefoonhouder 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. ITS_V09_PRELI ITSX74ph2 V1.0 86C-1
190 ITS Programmanummer: 020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Inleiding 86C Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.), de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, de ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, de werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema s Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde 86C-2 ITSX74ph2 V1.0
191 ITS Programmanummer: 020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Inleiding 86C 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Voer een voor-diagnose van het systeem uit Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart ITSX74ph2 V1.0 86C-3
192 ITS Programmanummer: 020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Inleiding 86C 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De gemeten waarden van de spanningen, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de geleiding, de isolatie en de weerstand Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 86C-4 ITSX74ph2 V1.0
193 ITS Programmanummer: 020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Inleiding 86C 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. BIJ IEDERE DIAGNOSE MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART WORDEN INGEVULD Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, gebruik geschikt gereedschap. 86C-5 ITSX74ph2 V1.0
194 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Werking van het systeem 86C Het systeem "CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE" komt overeen met het navigatiesysteem "hoge gamma" van de Laguna II ph2. Dit systeem wordt ook ITS genoemd (ITS: Intelligent Transport Systeem). De rekeneenheid van de navigatie van dit systeem omvat de functies van de centrale communicatie eenheid en van de rekeneenheid van de handsfree functie telefoonbediening (KMLE). Algemene werking Het systeem "CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE" draag bij aan de functies: tuner-versterker, cd-wisselaar, navigatie door satellietgeleiding, handsfree telefoonbediening, display, buitenthermometer, klok. 1 - Tuner-versterker Hiermee kan naar de radio worden geluisterd op de AM- en FM-band. De tuner-versterker selecteert automatisch de beste frequentie voor een station dankzij de functie AF, hij ontvangt de verkeersinformatie via de functie TMC voor een optimale geleiding door het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE. 2 - Cd-wisselaar De cd-wisselaar in het dashboard kan 6 cd's bevatten. Hij kan is geschikt voor audio cd's, door de klant gebrande cd-r's en MP3 cd's. Het aantal cd's in de wisselaar is te zien met de parameter PR005 "Aantal cd's in wisselaar" 3 - Navigatie Deze functie geleidt de bestuurder door middel van kaarten en met een stem. De adressen voor de geleiding kunnen met de centrale bediening of met de stem worden ingevoerd. 4 - Handsfree telefoonbediening Met deze functie kan een mobiele telefoon handsfree worden gebruikt dankzij een microfoon bij de zonneklep van de bestuurder en de luidsprekers van de auto. Het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE kan de namenlijst van de telefoon gebruiken, gesprekken ontvangen en uitzenden en SMS tekstberichten ontvangen. De telefoon kan worden aangesloten op de auto door een steun en een telefoonhouder of via een Bluetooth verbinding. 5 - Display Het display toont de informatie, zoals kaarten voor de navigatie, radio, titel van de cd, tijd, temperatuur en informatie van de mobiele telefoon. 6 - Thermometer De centrale communicatie eenheid meet de buitentemperatuur via een opname element in de buitenspiegel rechts. De temperatuur wordt ook doorgegeven aan de rekeneenheid van de airconditioning. De parameter is te zien met PR006 "Buitentemperatuur". 86C-6 ITSX74ph2 V1.0
195 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Werking van het systeem 86C De belangrijkste elementen van het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE Multiplexnetwerk van de auto Microfoon Antenne GPS + telefoon Display Rekeneenheid navigatiesysteem Telefoonsteun Tuner-versterker Centrale bediening van de navigatie Diagnoseaansluiting Cd-wisselaar Radiobedieningssatelliet Multiplexnetwerk van de auto Multiplexnetwerk multimedia Bus UART Draadverbindingen ITSX74ph2 V1.0 86C-7
196 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Rekeneenheid navigatiesysteem Aansl. Omschrijving Aansl. opname element - actuator Stekker A (32-polig) 1 CAN L auto aansl. 14 van de diagnoseaansluiting 2 CAN L multimedia 1 aansl. 11 van de centrale bediening van de navigatie 3 niet gebruikt 4 Signaal rijsnelheid aansl. 24 rekeneenheid ABS/ESP 5 niet gebruikt 6 commando - regelweerstand verlichting aansl. 13 tuner-versterker, aansl. 12 cd-wisselaar, aansl. 9 centrale bediening van de navigatie, aansl. 2 van de regelweerstand. 7 niet gebruikt 8 niet gebruikt 9 niet gebruikt 10 signaal 1 videodisplay aansl. 16 display 11 videosignaal aansl. 10 display 12 videosignaal aansl. 12 display 13 niet gebruikt 14 videosignaal RGB blauw aansl. 22 display 15 videosignaal RGB rood aansl. 24 display 16 niet gebruikt 17 CAN H auto aansl. 6 van de diagnoseaansluiting 18 CAN H multimedia 1 aansl. 5 centrale bediening van de navigatie 19 niet gebruikt 20 Commando + achteruitrijlichten 21 niet gebruikt 22 + markeringslichten links aansl. 8 van de zwarte stekker van het huis met hulporganen interieur aansl. 4 van de stekker CGB2-A van de zekeringen/relaisplaat interieur 23 afscherming videosignaal aansl. 8 display 24 niet gebruikt 25 afscherming videocommando aansl. 4 display 26 signaal 2 videodisplay aansl. 15 display 86C-8 ITSX74ph2 V1.0
197 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. Omschrijving Aansl. opname element - actuator 27 videosignaal aansl. 11 display 28 afscherming aansl. 5 display 29 massa signalen RGB aansl. 9 display 30 videosignaal RGB groen aansl. 23 display 31 niet gebruikt 32 niet gebruikt 86C-9 ITSX74ph2 V1.0
198 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. Omschrijving Aansl. opname element - actuator Stekker B (40-polig) 1 niet gebruikt 2 niet gebruikt 3 niet gebruikt 4 niet gebruikt V telefoonsteun aansl. 4 telefoonsteun 6 signaal verzenden verzoek aansl. 13 telefoonsteun 7 signaal gegevensontvangst aansl. 8 telefoonsteun 8 niet gebruikt 9 niet gebruikt 10 niet gebruikt 11 - audio handsfree set 1 aansl. 12 telefoonsteun 12 + audio handsfree set 1 aansl. 3 telefoonsteun 13 + audio handsfree set 2 aansl. 2 telefoonsteun 14 - stem navigatie 15 + stem navigatie 16 + stem telefoon aansl. 14 stekker D (32-polig) van de tunerversterker aansl. 30 stekker D (32-polig) van de tunerversterker aansl. 32 stekker D (32-polig) van de tunerversterker 17 signaal microfoon aansl. 2 microfoon handsfree telefoon 18 + microfoon aansl. 3 microfoon handsfree telefoon 19 niet gebruikt 20 + accu aansl. 2 aparte zekering F50 21 niet gebruikt 22 niet gebruikt 23 niet gebruikt 24 massa telefoonsteun aansl. 6 telefoonsteun 25 signaal annuleren verzoek aansl. 14 telefoonsteun 26 afscherming 27 signaal gegevensverzending aansl. 9 telefoonsteun 28 niet gebruikt 29 niet gebruikt 30 niet gebruikt 31 niet gebruikt 86C-10 ITSX74ph2 V1.0
199 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. Omschrijving Aansl. opname element - actuator 32 - audio handsfree set 2 aansl. 11 telefoonsteun 33 niet gebruikt 34 afscherming 35 - stem telefoon 36 afscherming aansl. 31 stekker D (32-polig) van de tunerversterker aansl. 16 stekker D (32-polig) van de tunerversterker aansl. 15 stekker D (32-polig) van de tunerversterker 37 afscherming microfoon telefoon aansl. 1 microfoon handsfree telefoon 38 signaal wekken multimedia aansl. 3 videodisplay, aansl. 1 centrale bediening van de navigatie, aansl. 14 stekker C3 (8-polig) tuner-versterker, aansl. 21 cd-wisselaar 39 niet gebruikt 40 massa ITSX74ph2 V1.0 86C-11
200 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Tuner-versterker Aansl. tunerversterker Stekker A (8-polig) Omschrijving Aansl. opname element - actuator 1 ingang signaal rijsnelheid aansl. 24 stekker rekeneenheid ABS/ESP 2 niet gebruikt 3 signaal telefoon onderbreken geluid tunerversterker aansl. 1 telefoon basis 4 + accu aansl. 2 houder aparte zekering 5 + antenneversterker AM/FM aansl. 1 antenneversterker 6 signaal markeringslichten 7 + accessoires aansl. 4 stekker CGB2-A van de zekeringen/ relaisplaat interieur aansl. 7 stekker CGB1-B van de zekeringen/ relaisplaat interieur 8 massa Aansl. tunerversterker Omschrijving Aansluitingen opname elementen - actuators Stekker B (8-polig) 1 + luidspreker rechts achter aansl. A1 luidspreker en tweeter rechts achter 2 - luidspreker rechts achter aansl. A2 luidspreker en tweeter rechts achter 3 + luidspreker rechts voor aansl. A1 luidspreker en tweeter rechts voor 4 - luidspreker rechts voor aansl. A2 luidspreker en tweeter rechts voor 5 + luidspreker links voor aansl. A1 luidspreker en tweeter links voor 6 - luidspreker links voor aansl. A2 luidspreker en tweeter links voor 7 + luidspreker links achter aansl. A1 luidspreker en tweeter links achter 8 - luidspreker links achter aansl. A2 luidspreker en tweeter links achter 86C-12 ITSX74ph2 V1.0
201 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. tunerversterker C1 Omschrijving Stekker C (20-polig) Aansl. opname element - actuator 1 niet gebruikt 2 niet gebruikt 3 niet gebruikt 4 niet gebruikt 5 niet gebruikt 6 niet gebruikt C2 7 - signaal audio links cd-wisselaar aansl. 5 van de cd-wisselaar 8 + signaal audio links cd-wisselaar aansl. 17 van de cd-wisselaar 9 afscherming 10 - signaal audio rechts cd-wisselaar aansl. 7 van de cd-wisselaar 11 + signaal audio rechts cd-wisselaar aansl. 19 van de cd-wisselaar 12 niet gebruikt C3 13 commando - regelweerstand verlichting 14 signaal wekken multimedia aansl. 12 van de cd-wisselaar, aansl. 9 centrale bediening van de navigatie, aansl. 6 van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van het navigatiesysteem, aansl. 2 van de regelweerstand. aansl. 21 van de cd-wisselaar, aansl. 1 centrale bediening van de navigatie, aansl. 3 van het display, aansl. 38 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van het navigatiesysteem. 15 niet gebruiktniet gebruikt 16 niet gebruikt 17 afscherming 18 signaal commando cd aansl. 2 van de cd-wisselaar 19 signaal commando uitzending cd aansl. 14 van de cd-wisselaar 20 signaal commando ontvangst cd aansl. 1 van de cd-wisselaar ITSX74ph2 V1.0 86C-13
202 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. tunerversterker Omschrijving Stekker D (32-polig) Aansl. opname element - actuator 1 CAN H multimedia 2 CAN L multimedia 3 eindweerstand aansl. 19 stekker D van de tunerversterker aansl. 3 stekker D van de tunerversterker aansl. 2 stekker D van de tunerversterker 4 niet gebruikt aansl. 24 stekker rekeneenheid ABS 5 niet gebruikt 6 niet gebruikt 7 niet gebruikt 8 regel 1 matrix radiobedieningssatelliet aansl. B2 radiobedieningssatelliet 9 rij 2 matrix radiobedieningssatelliet aansl. A3 radiobedieningssatelliet 10 rij 0 matrix radiobedieningssatelliet aansl. B1 radiobedieningssatelliet 11 contact toets activeren stemherkenning aansl. 2 van 3-polige stekker richtingaanwijzerschakelaar 12 massa temperatuurzender aansl. 1D buitenspiegel rechts 13 niet gebruikt 14 ingang signaal - stemgeleiding 15 afscherming signaal audio - telefoon 16 ingang signaal audio - telefoon aansl. 14 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 36 van 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 35 van 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 17 CAN H multimedia aansl. 6 centrale bediening van de navigatie 18 CAN H multimedia 19 eindweerstand aansl. 12 centrale bediening van de navigatie aansl. 1 stekker D van de tunerversterker 20 niet gebruikt 21 massa signaal afstandsbediening aansl. 11 cd-wisselaar 22 ingang signaal afstandsbediening aansl. 23 cd-wisselaar 23 niet gebruikt ITSX74ph2 V1.0 86C-14
203 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. tunerversterker Omschrijving Aansl. opname element - actuator 24 regel 2 matrix radiobedieningssatelliet aansl. A2 radiobedieningssatelliet 25 regel 0 matrix radiobedieningssatelliet aansl. B1 radiobedieningssatelliet 26 rij 1 matrix radiobedieningssatelliet aansl. A1 radiobedieningssatelliet 27 uitgang signaal temperatuur aansl. 14 van de zwarte stekker van het huis met hulporganen interieur 28 ingang signaal + van temperatuurzender aansl. 1E buitenspiegel rechts 29 niet gebruikt 30 ingang + signaal audio van de geleiding aansl. B15 rekeneenheid van de navigatie 31 afscherming signaal audio van de geleiding aansl. B34 rekeneenheid van de navigatie 32 ingang + signaal audio van de telefoon aansl. B16 rekeneenheid van de navigatie 86C-15 ITSX74ph2 V1.0
204 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Telefoonsteun Aansl. telefoonsteun 14-polige stekker Omschrijving Aansl. opname element - actuator 1 niet gebruikt 2 + audio handsfree set audio handsfree set V telefoonsteun aansl. 13 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 12 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 5 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 5 niet gebruikt 6 massa telefoonsteun aansl. 24 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 7 niet gebruikt 8 signaal gegevensontvangst 9 signaal gegevensverzending aansl. 7 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 27 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 10 niet gebruikt 11 - audio handsfree set audio handsfree set 1 13 signaal verzenden verzoek 14 signaal annuleren verzoek aansl. 32 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 11 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 6 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 25 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie ITSX74ph2 V1.0 86C-16
205 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Display Aansl. display 24-polige stekker Omschrijving Aansl. opname element - actuator 1 niet gebruikt 2 niet gebruikt 3 signaal wekken multimedia 4 afscherming 5 afscherming aansl. 38 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie, stem 1 centrale bediening van de navigatie, aansl. 14 stekker C3 (8-polig) tuner-versterker, aansl. 21 cd-wisselaar aansl. 25 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 28 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 6 niet gebruikt 7 niet gebruikt 8 afscherming 9 massa videosignalen RGB 10 videosignaal 11 videosignaal 12 videosignaal helderheid aansl. 23 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 29 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 11 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 27 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 12 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 13 massa 14 + accu aansl. 2 aparte zekering F50 15 signaal commando 2 videodisplay 16 signaal commando 1 videodisplay aansl. 26 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 10 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 17 niet gebruikt 18 niet gebruikt 19 niet gebruikt 20 niet gebruikt 21 niet gebruikt ITSX74ph2 V1.0 86C-17
206 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. display Omschrijving Aansl. opname element - actuator 22 videosignaal RGB blauw 23 videosignaal RGB groen 24 videosignaal RGB rood aansl. 14 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 30 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 15 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie ITSX74ph2 V1.0 86C-18
207 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Centrale bediening van de navigatie Aansl. centrale bediening van de navigatie 12-polige stekker Omschrijving Aansl. opname element - actuator 1 signaal wekken multimedia aansl. 38 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie, stem 3 display, aansl. 14 stekker C3 (8-polig) tuner-versterker, aansl. 21 cd-wisselaar 2 niet gebruikt 3 niet gebruikt 4 niet gebruikt 5 CAN H multimedia aansl. 18 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 6 CAN H multimedia diagnoseaansluiting aansl. 13 van de diagnoseaansluiting 7 + accu aansl. 2 aparte zekering F50 8 massa 9 commando - regelweerstand verlichting 10 + markeringslichten links 11 CAN L multimedia aansl. 12 van de cd-wisselaar, aansl. 13 van stekker C3 van de tuner-versterker, aansl. 6 van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van het navigatiesysteem, aansl. 2 van de regelweerstand. aansl. 4 van de stekker CGB2-A van de zekeringen/relaisplaat interieur aansl. 2 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie 12 CAN L multimedia diagnoseaansluiting aansl. 12 van de diagnoseaansluiting 86C-19 ITSX74ph2 V1.0
208 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Cd-wisselaar Aansl. cdwisselaar 12-polige stekker Omschrijving Aansl. opname element - actuator 1 signaal commando ontvangst cd 2 signaal controle commando cd 3 + accessoires aansl. 20 van stekker C3 van de tunerversterker aansl. 18 van stekker C3 van de tunerversterker aansl. 7 van stekker CGB1-B van de zekeringen/relaisplaat interieur 4 niet gebruikt 5 - audio links cd aansl. 7 van stekker C2 van de tuner-versterker 6 niet gebruikt 7 - audio rechts cd aansl. 10 van stekker C2 van de tunerversterker 8 niet gebruikt 9 niet gebruikt 10 massa 11 + commando afstandsbediening 12 commando - regelweerstand verlichting 13 afscherming 14 signaal commando uitzending cd 15 + na contact aansl. 21 van de 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 13 van stekker C3 van de tunerversterker, aansl. 9 van de centrale bediening van de navigatie, aansl. 6 van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van het navigatiesysteem, aansl. 2 van de regelweerstand. aansl. 17 van stekker C3 van de tunerversterker aansl. 19 van stekker C3 van de tunerversterker aansl. 3 van de stekker CGB1-A van de zekeringen/relaisplaat interieur 16 niet gebruikt 17 + audio links cd aansl. 8 van stekker C2 van de tuner-versterker 18 afscherming aansl. 9 van stekker C2 van de tuner-versterker 19 + audio rechts cd aansl. 11 van stekker C2 van de tunerversterker 20 niet gebruikt 21 signaal wekken multimedia aansl. 38 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie, aansl. 3 display, aansl. 14 van stekker C3 (8-polig) tuner-versterker, aansl. 1 centrale bediening van de navigatie ITSX74ph2 V1.0 86C-20
209 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 86C Aansl. cdwisselaar Omschrijving Aansl. opname element - actuator 22 + accu aansl. 2 aparte zekering F infrarood afstandsbediening 24 + markeringslichten links aansl. 22 van de 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 4 van de stekker CGB2-A van de zekeringen/relaisplaat interieur ITSX74ph2 V1.0 86C-21
210 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Vervangen van organen 86C Voor het uitbouwen-inbouwen van deze rekeneenheid zie MR 395, 86C, Systeem multimedia, Vervangen van de organen. Werkzaamheden voorafgaand aan het vervangen van de rekeneenheid van de navigatie: 1. Voor het vervangen van de rekeneenheid (met akkoord van de technische helpdesk), leest u de storingen uit en voert u een conformiteitscontrole uit om te controleren of deze wel de oorzaak is. 2. Voor het uitbouwen van de rekeneenheid, wist u de gegevens van de klant (telefoonnummers, adresboek van de klant, enz.) met behulp van het diagnoseapparaat, door middel van het commando RZ003 "Parameters en gegevens van de klant". 3. Na akkoord van de technische helpdesk, bouwt u de rekeneenheid uit, met contact uit. De rekeneenheden van de navigatie uit het magazijn worden geleverd zonder configuratie en in de fabrieksstand (tuner-versterker afgestemd op 162 khz AM, en piepjes gedurende 2 minuten). Werkzaamheden na het vervangen van de rekeneenheid van de navigatie: 1. Voer de code in voor het ontgrendelen van het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE Methode voor het kennen van de code voor het ontgrendelen van het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE schakel de + na contact in schakel het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE in sluit het diagnoseapparaat CLIP aan noteer het nummer van de voorcode die staat in het menu "identificatie" neem contact op met de technische helpdesk met deze voorcode om de code voor het ontgrendelen van het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE te krijgen 2 minuten na het inschakelen van het systeem CARMINAT NAVIGATIE en COMMUNICATIE, wordt de code voor het ontgrendelen gevraagd voer deze code in met behulp van de centrale bediening van de navigatie N.B.: Als de code fout is, loopt de wachttijd voor het invoeren van een nieuwe code op van 2 naar 32 minuten. Wis de verkeerde code voordat u de nieuwe invoert. 2. Configureer de rekeneenheid (zie "Configuratie en inlezen"). De 2 op te geven configuraties zijn CF001 "Type auto" en CF002 "Type land" 3. Voer de V.I.N. code in (zie Behandeling van de commando's). Het commando voor het invoeren van de VIN code is VP002 "Schrijven V.I.N." 86C-22 ITSX74ph2 V1.0
211 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Configuratie en inlezen 86C Beschikbare configuraties en werking Type auto (CF001): Met deze configuratie kan het systeem de auto herkennen waarin het is gemonteerd. Type land (CF002): LET OP De keuze "NEDERLAND" initialiseert de rekeneenheid de wetgeving van dit land. Deze configuratie is ONOMKEERBAAR, deze keuze kan niet meer worden veranderd. Voor alle andere landen kiest u "BEHALVE NEDERLAND" Lijst van de beschikbare configuraties in het diagnoseapparaat met lezen van de configuratie Configuratie Lezen van de configuratie Naam van de configuratie Keuze van de configuratie CF001 LC001 Type auto CF002 LC002 Type land Vel Satis ph2 Laguna II ph2 Behalve Nederland Nederland Procedure voor het wijzigen van deze configuraties Open de communicatie met de rekeneenheid. Selecteer het menu "Reparatie". Selecteer het menu "Schrijven van de configuratie". Selecteer de regel van de te wijzigen configuratie. Kies in het afrolmenu de regel die overeenkomt met de auto en met het land. Klik op "bevestigen". Verlaat het diagnoseprogramma (verbreek de communicatie met de rekeneenheid zonder het diagnoseapparaat uit te schakelen), zet het contact 5 s uit een daarna weer aan. Open de communicatie met de rekeneenheid. Controleer in het menu "lezen configuratie" of de configuratie goed is uitgevoerd. Inlezen Er is geen inlezen nodig van het systeem van de navigatie en communicatie. 86C-23 ITSX74ph2 V1.0
212 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Overzicht van de storingen 86C Overzicht van de door de rekeneenheid van de navigatie controleerbare storingen, met de bijbehorende codes van het ontwerpbureau. Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF001 D010 REKENEENHEID DF002 D011 REKENEENHEID DF003 9A01 REKENEENHEID DF004 9A02 REKENEENHEID DF005 9A03 REKENEENHEID DF006 9A04 REKENEENHEID DF007 9A07 REKENEENHEID DF008 9A08 REKENEENHEID DF009 9A10 REKENEENHEID DF010 9A0D REKENEENHEID DF021 C300 CONFIGURATIE REKENEENHEID DF022 C186 GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL RADIO DF023 9A06 GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL DISPLAY DF024 C155 GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL INSTRUMENTENPANEEL DF025 C163 GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL CENTRALE BEDIENING DF027 C189 GEEN INFORMATIE CD-WISSELAAR AUDIO DF028 9A0F VERBINDING REKENEENHEID / TELEFOONHOUDER DF029 9A0C LEZEN DVD NAVIGATIE DF030 9A00 CIRCUIT ANTENNE GPS 86C-24 ITSX74ph2 V1.0
213 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF001 DF002 DF003 DF004 DF005 DF006 DF007 DF008 DF009 DF010 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN REKENEENHEID 1.DEF : Interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer de diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uitzetten en weer aanzetten van het contact. Als de storing in het geheugen is: wis de storing, zet het contact uit en maak de voedingszekering F50 (20A) los van de rekeneenheid. Plaats de zekering terug en zet het contact weer aan. Schakel het navigatiesysteem in. Als de storing terugkomt in het geheugen: neem contact op met de technische helpdesk. Als de storing niet terugkomt: bedien het navigatiesysteem, de cd-wisselaar, de tuner-versterker en de handsfree telefoonbediening (indien aanwezig) om de werking van het systeem te controleren. Controleer de + 12 V op aansl. 20 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie. Controleer de massa op aansl. 40 van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie. Als de storing aanwezig is, neem dan contact op met de technische helpdesk. Als de rekeneenheid is vervangen (op verzoek van de technische helpdesk): voer de configuraties van de rekeneenheid opnieuw uit (zie Configuraties en Inlezen). Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF001/ITS_V04_DF002/ITS_V04_DF003/ITS_V04_DF004/ITS_V04_DF005/ ITS_V04_DF006/ITS_V04_DF007/ITS_V04_DF008/ITS_V04_DF009/ITS_V04_DF010 ITSX74ph2 V1.0 86C-25
214 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF021 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CONFIGURATIE REKENEENHEID 1.DEF : configuratie leeg of onvolledig Geen bijzonderheden Als de storing aanwezig is, moet u de configuratie van het systeem uitvoeren (zie Configuratie en inlezen). Na de configuratie, zet u het contact 5 s uit een daarna weer aan. Controleer de goede verwerking van de configuraties door het lezen van de configuratie LC001 "Type auto" en LC002 "Type land". Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Als de storing in het geheugen is, wist u de storingen met het commando RZ001 ''Storingsgeheugen''. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF021 ITSX74ph2 V1.0 86C-26
215 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF022 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL RADIO Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer deze diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en inschakelen van de tuner-versterker (een paar keer achter elkaar). Bij gelijktijdige optreden van de storingen DF022 "Geen multiplexsignaal radio" en DF027 "Geen informatie cd-wisselaar audio": controleer het multiplexnetwerk multimedia (zie 88B, Multiplexsysteem). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de tuner versterker (in de opbergruimte) (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de centrale bediening van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: stekker centrale bediening aansl. 6 aansl. 17 van de 32-polige stekker van de tunerversterker stekker centrale bediening aansl. 12 aansl. 18 van de 32-polige stekker van de tunerversterker stekker centrale bediening aansl. 5 aansl. 18 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker centrale bediening aansl. 11 aansl. 2 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF022 ITSX74ph2 V1.0 86C-27
216 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF023 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL DISPLAY 1.DEF : geen communicatie met het display 2.DEF : storing van het display Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer de diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uitzetten en weer aanzetten van het contact en het inschakelen van het navigatiesysteem. 1.DEF Geen bijzonderheden Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van het display (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: stekker display aansl. 4 aansl. 25 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 5 aansl. 28 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 8 aansl. 23 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 9 aansl. 29 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 10 aansl. 11 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 11 aansl. 27 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 12 aansl. 12 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 15 aansl. 26 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 16 aansl. 10 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 22 aansl. 14 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 23 aansl. 30 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 24 aansl. 15 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF023 ITSX74ph2 V1.0 86C-28
217 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF023 (VERVOLG) 2.DEF Geen bijzonderheden Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van het display (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de + 12 V op aansl. 14 van het display. Controleer de massa op aansl. 13 van het display. Als de storing aanhoudt, vervang het display. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITSX74ph2 V1.0 86C-29
218 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF024 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL INSTRUMENTENPANEEL 1.DEF : geen communicatie met het instrumentenpaneel Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer de diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uitzetten en weer aanzetten van het contact. Voer een diagnose uit van het instrumentenpaneel (zie 83A, Instrumenten - dashboard). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de rode stekker van het instrumentenpaneel (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 17 aansl. 10 rode stekker van het instrumentenpaneel 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 1 aansl. 11 rode stekker van het instrumentenpaneel Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF024 ITSX74ph2 V1.0 86C-30
219 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF025 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN UITZENDING MULTIPLEXSIGNAAL CENTRALE BEDIENING 1.DEF : geen communicatie met de centrale bediening Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer deze diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en inschakelen van het navigatiesysteem (een paar keer achter elkaar met de centrale bediening). Bij gelijktijdige optreden van de storingen DF022 "Geen multiplexsignaal radio", DF025 "Geen multiplexsignaal centrale bediening" en DF027 "Geen informatie cd-wisselaar audio": controleer het multiplexnetwerk multimedia (zie 88B, Multiplexsysteem). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de centrale bediening van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: stekker centrale bediening aansl. 5 aansl. 18 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker centrale bediening aansl. 11 aansl. 2 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF025 ITSX74ph2 V1.0 86C-31
220 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF027 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN GEEN INFORMATIE CD-WISSELAAR AUDIO 1.DEF : geen communicatie met het toetsenbord van de cd-wisselaar Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer deze diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en inschakelen van de cd-wisselaar (een paar keer achter elkaar met de cd-wisselaar). Volgorde voor het behandelen van meer dan een storing: Behandel eerst de storing DF022 "Geen multiplexsignaal radio". Controleer de staat en de aansluiting van de cd-wisselaar (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de groene stekker C2 van de tuner-versterker (in de opbergruimte) (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: stekker cd-wisselaar aansl. 1 aansl. 20 van blauwe stekker C3 van de tuner-versterker stekker cd-wisselaar aansl. 2 aansl. 18 van blauwe stekker C3 van de tuner-versterker stekker cd-wisselaar aansl. 13 aansl. 17 van blauwe stekker C3 van de tuner-versterker stekker cd-wisselaar aansl. 14 aansl. 19 van blauwe stekker C3 van de tuner-versterker Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF027 ITSX74ph2 V1.0 86C-32
221 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF028 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERBINDING REKENEENHEID / TELEFOONHOUDER 1.DEF : geen of slecht antwoord van de houder naar de rekeneenheid Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer deze diagnose uit als de storing aanwezig of in geheugen terugkomt na: het wissen van de storing, uitzetten en weer aanzetten van het contact en inschakelen van het audio systeem (met een aantal acties van de telefoon op zijn houder). Geef het commando AC005 "Test aanwezigheid telefoonsteun", zie Behandeling van de commando's voor de betekenis van dit commando. Controleer de staat en de aansluiting van de 14-polige stekker van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Contact aan, controleer de + 12 V op aansl. 4 van de stekker van de telefoonsteun. Controleer of de massa op aansl. 6 van de stekker van de telefoonsteun perfect is. Als de verbindingen correct zijn, vervang de telefoonsteun. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF028 ITSX74ph2 V1.0 86C-33
222 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF029 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN DVD-SPELER NAVIGATIE 1.DEF : schijf onleesbaar Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: Voer deze diagnose uit als de storing terugkomt als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en inschakelen van het navigatiesysteem met een goede DVD van de navigatie. Controleer of de DVD van de navigatie op de juiste manier in de speler zit. Controleer of de DVD in de rekeneenheid van de navigatie niet een audio of andere cd is, maar inderdaad een navigatie-dvd bestemd voor dit navigatiesysteem is. Veeg de DVD vanuit het midden naar de buitenkant af met droge en schone doek. Vervang de DVD van de navigatie als deze krassen vertoont. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF029 ITSX74ph2 V1.0 86C-34
223 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de storingen 86C DF030 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT ANTENNE GPS C.O : onderbreking Geen bijzonderheden Controleer de staat en de aansluiting van de 2-polige stekker van de GPS-antenne (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 2-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: 2-polige stekker rekeneenheid aansl. 1 aansl. 1 stekker van de GPS-antenne 2-polige stekker rekeneenheid aansl. 2 aansl. 2 stekker van de GPS-antenne Als de verbindingen correct zijn, vervang de GPS-antenne. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. ITS_V04_DF030 ITSX74ph2 V1.0 86C-35
224 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. HOOFDSCHERM Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose ET003: + 12 V markeringslichten nacht AAN UIT Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET Nachtverlichting PR007: Niveau nachtverlichting 0 % < X < 102 % (maxi) (mini) Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR Rijsnelheid PR002: Rijsnelheid X km/u Bij een probleem, voer een diagnose uit van het ABS. 3 Achteruit ET024: Achteruit ingeschakeld JA NEE Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET PR006: Buitentemperatuur Buitentemperatuur X C Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR006. N.B.: Als PR006 = - 42 C dan is er een onderbreking op een van de lijnen van de temperatuurzender. 5 Cd-wisselaar PR005: Aantal cd's in de wisselaar 0, 1, 2, 3, 4, 5 of 6 Geen bijzonderheden ITS_V04_CCONF ITSX74ph2 V1.0 86C-36
225 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. Subfunctie : SELECTIE BESTUURDER Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose ET006: Toets + INGEDRUKT LOS 1 Radiobedieningssatelliet ET007: Toets - ET009: Hoge toets ( ) ET010: Lage toets (Mode - OK) INGEDRUKT LOS INGEDRUKT LOS INGEDRUKT LOS Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staten ET006, ET007, ET008, ET009 en ET010. ET008: Bovenste toets (Source Audio) INGEDRUKT LOS ET018: Actie draaiknop INACTIEF OMHOOG OMLAAG Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET Toets communicatie ET017: Toets voor de communicatie (op het einde van de richtingaanwijzerschakelaar) INGEDRUKT LOS Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de staat ET017. ITSX74ph2 V1.0 86C-37
226 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. N.B.: Als u met de telefoon moet werken, moet u de PIN code van de telefoon kennen. Subfunctie: TELEFOON Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Telefoon ET020: ET021: Telefoon Werking telefoon AANWEZIG AFWEZIG AAN UIT Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET020. Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET PIN code ET022: PIN code GELDIG NIET INGEVOERD Als de staat "NIET INGEVOERD" is, voer dan de PIN code in de telefoon in. 3 ET023: Telefoonnetwerk Telefoonnetwerk AANWEZIG AFWEZIG Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de staat ET SIM kaart ET025: SIM kaart AANWEZIG AFWEZIG Als de staat "AFWEZIG" is, haal dan de SIM kaart uit zijn houder, reinig de contacten tussen de SIM kaart en de telefoon en plaats de SIM kaart terug in zijn houder. 86C-38 ITSX74ph2 V1.0
227 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. Subfunctie: TESTS GELUIDSSIGNALEN Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Tests luidsprekers links voor AC010: AC012: Tweeter links voor Luidspreker links voor Met deze commando's kunnen de luidsprekers links voor worden geactiveerd. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van de commando's AC010 en A C Tests luidsprekers rechts voor AC011: AC013: Tweeter rechts voor Luidspreker rechts voor Met deze commando's kunnen de luidsprekers rechts voor worden geactiveerd. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van de commando's AC011 en AC Test luidspreker links achter AC014: Luidspreker links achter Met dit commando kan de luidspreker links achter worden geactiveerd. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC Test luidspreker rechts achter AC015: Luidspreker rechts achter Met dit commando kan de luidspreker rechts achter worden geactiveerd. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC015. ITSX74ph2 V1.0 86C-39
228 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. Subfunctie: TESTS Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 1 Verbindingen AC001: AC002: Test verbinding audio Test seriële verbinding Met dit commando kunnen de audioverbindingen tussen de telefoonsteun en de rekeneenheid van de navigatie worden getest. Met dit commando kunnen de dataverbindingen tussen de telefoonsteun en de rekeneenheid van de navigatie worden getest. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van de commando's AC001 en AC002. Voor de commando's AC001 en AC002, moet u de testadapter Elé aansluiten op de plaats van de telefoonhouder. 2 Telefoonsteun AC005: Test aanwezigheid telefoonsteun Met dit commando kunnen de verbindingen tussen de telefoonsteun en de rekeneenheid van de navigatie worden getest. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC005. AC006: Test scherm: kleurenbalken Met dit commando kunnen de kleurverbindingen tussen de rekeneenheid van de navigatie en het display worden getest. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC Scherm AC007: Test scherm: grijstinten Met dit commando kunnen de videoverbindingen tussen de rekeneenheid van de navigatie en het display worden getest. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC007. AC008: Test scherm: wit scherm Met dit commando kan het scherm worden getest om te zien of er geen defecte pixels zijn. Als er defecte pixels zijn, vervang het display. ITSX74ph2 V1.0 86C-40
229 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Conformiteitscontrole 86C Voer deze conformiteitscontrole pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (lezen van de storingen en controle van de configuraties). Omstandigheden: stilstaande motor, met + na contact. Subfunctie: TESTS (VERVOLG) Volgorde Functie Parameter of staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 4 Microfoon AC009: Test microfoon Met dit commando kan de werking van de microfoon worden getest. N.B.: Spreek in een stille omgeving dicht bij de microfoon om de werking te controleren. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC Opname element temperatuur AC016: Test opname element buitentemperatuur Met dit commando kan de verbinding van het opname element buitentemperatuur worden getest. Bij een probleem, raadpleeg de behandeling van het commando AC016. ITSX74ph2 V1.0 86C-41
230 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Overzicht van de staten 86C Staat gereedschap Omschrijving in diagnoseapparaat ET V markeringslichten ET006 Toets + ET007 Toets - ET008 ET009 ET010 ET017 ET018 ET020 ET021 ET023 ET024 Bovenste toets Lage toets Lage toets Toets communicatie Actie draaiknop Telefoon Werking telefoon Telefoonnetwerk Achteruit ingeschakeld 86C-42 ITSX74ph2 V1.0
231 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET V MARKERINGSLICHTEN Controleer de werking van de markeringslichten, begin anders met een diagnose van de stuurkolomschakelaars en van de markeringslichten (zie 80D, Verlichting). Als geen enkel markeringslicht links werkt, controleer de staat en de aansluiting van de stekker CGB2-A van de zekeringen/relaisplaat interieur (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat van de zekering F4 (7,5A) van de zekeringen/relaisplaat interieur. Vervang de zekering indien nodig. Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de centrale bediening van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de cd-wisselaar (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: stekker CGB2-A van de zekeringen en relaisplaat interieur aansl. 4 Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. aansl. 22 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 10 van de stekker van de centrale bediening van de navigatie aansl. 24 van de stekker van de cd-wisselaar Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET003 ITSX74ph2 V1.0 86C-43
232 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET006 ET007 ET008 ET009 ET010 TOETS + TOETS BOVENSTE TOETS HOGE TOETS LAGE TOETS Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer de staat en de aansluiting van de 6-polige stekker van de radiobedieningssatelliet (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de tuner-versterker (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de stekker van de radiobedieningssatelliet en de 32-polige stekker van de tuner-versterker: 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 8 aansl. B2 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 9 aansl. A3 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 10 aansl. B3 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 24 aansl. A2 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 25 aansl. B1 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 26 aansl. A1 van de stekker van de radiobedieningssatelliet Controleer op de radiobedieningssatelliet met een ohmmeter het volgende: Toets "+" ingedrukt: de weerstand moet 28 Ω zijn tussen aansl A1 en B1 Toets "+" niet ingedrukt: er moet isolatie zijn tussen aansl. A1 en B1 Toets "-" ingedrukt: de weerstand moet 0,5 Ω zijn tussen aansl. B1 en B3 Toets "-" niet ingedrukt: er moet isolatie zijn tussen aansl. B1 en B3 Toets "bovenste" ingedrukt: de weerstand moet 28 Ω zijn tussen aansl. B2 en B3 Toets "bovenste" niet ingedrukt: er moet isolatie zijn tussen aansl. B2 en B3 Toets "hoog" ingedrukt: de weerstand moet 28 Ω zijn tussen aansl. A3 en B2 Toets "hoog" niet ingedrukt: er moet isolatie zijn tussen aansl. A3 en B2 Toets "laag" ingedrukt: de weerstand moet 28 Ω zijn tussen aansl. A3 en B1 Toets "laag" niet ingedrukt: er moet isolatie zijn tussen aansl. A3 en B1 Als de gemeten waarden niet overeenkomen met de waarden hierboven, vervang de radiobedieningssatelliet. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET006/ITS_V04_ET007/ITS_V04_ET008/ ITS_V04_ET009/ITS_V04_ET010 ITSX74ph2 V1.0 86C-44
233 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET017 TOETS COMMUNICATIE Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer de staat en de aansluiting van de 3-polige stekker van de schakelaar van de richtingaanwijzers (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de tuner-versterker (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de stekker van de schakelaar van de richtingaanwijzers en de 32-polige stekker van de tunerversterker: 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 11 aansl. 2 van de stekker van de schakelaar van de richtingaanwijzers Controleer de geleiding van de toets communicatie: tussen aansl. 1 en 2 van de 3-polige stekker van de schakelaar van de richtingaanwijzers, toets communicatie ingedrukt. Als er geen geleiding is, vervang de schakelaar van de richtingaanwijzers. Controleer of de massa op aansl. 1 van de stekker van de schakelaar van de richtingaanwijzers perfect is. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET017 ITSX74ph2 V1.0 86C-45
234 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET018 ACTIE DRAAIKNOP Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer de staat en de aansluiting van de 6-polige stekker van de radiobedieningssatelliet (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de tuner-versterker (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de stekker van de radiobedieningssatelliet en de 32-polige stekker van de tuner-versterker: 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 9 aansl. A3 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 10 aansl. B3 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 26 aansl. A1 van de stekker van de radiobedieningssatelliet 32-polige stekker van de tuner-versterker aansl. 24 aansl. A2 van de stekker van de radiobedieningssatelliet Controleer de geleiding van de radiobedieningssatelliet: tussen aansl. A2 en A1. tussen aansl. A2 en A3. tussen aansl. A2 en B3. Methode voor de controle van de draaiknop (zie MR 395, 86A, Radiobedieningssatelliet: Controle). Als er geen geleiding is, vervang de radiobedieningssatelliet. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET018 ITSX74ph2 V1.0 86C-46
235 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET020 ET021 TELEFOON WERKING TELEFOON Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Bijzonderheden: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer de werking van de telefoon voordat u deze staat onderzoekt. Controleer de staat en de aansluiting van de 14-polige stekker van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Contact aan, controleer de + 12 V op aansl. 4 van de telefoonsteun. Controleer of de massa op aansl. 6 van de telefoonsteun perfect is. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de stekker en de telefoonsteun en en de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie: stekker telefoonsteun aansl. 8 aansl. 7 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 9 aansl. 27 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 13 aansl. 6 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 14 aansl. 25 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Vervang de steun of de houder indien nodig. Als het probleem aanhoudt, controleer de werking van de telefoon en de staat van de contacten met de telefoonhouder. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET020/ITS_V04_ET021 ITSX74ph2 V1.0 86C-47
236 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET023 TELEFOONNETWERK Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Bijzonderheden: De staat werkt alleen als de telefoon in zijn houder zit. Controleer of de zone is gedekt (signaalvlakje op de telefoon) door de provider van het mobiele telefoonnetwerk van de SIM kaart. Als de telefoon het netwerk niet detecteert, verander dan de positie voordat u deze staat onderzoekt. Controleer de positie van de telefoon in zijn houder. Plaats de testadapter Elé op de plaats van de telefoonhouder om de verbinding naar de antenne te controleren: Controlelampje van de adapter brandt groen: de verbinding is goed. Controlelampje van de adapter brandt rood: de verbinding is slecht. Als het controlelampje rood is, controleer de staat en de aansluiting van de twee 2-polige stekkers van de antenne van de telefoon en GPS (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 14-polige en 2-polige (antenne) stekkers van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Als de staat niet werkt zoals is aangegeven, controleer de staat van de contacten tussen de steun in de auto en de telefoonhouder. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de stekker en de telefoonsteun en en de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie: stekker telefoonsteun aansl. 8 aansl. 7 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 9 aansl. 27 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 13 aansl. 6 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 14 aansl. 25 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt, controleer de werking van de telefoon. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET023 ITSX74ph2 V1.0 86C-48
237 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de staten 86C ET024 ACHTERUIT INGESCHAKELD Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Doe een test van het multiplexnetwerk van de auto (zie 88B, Multiplexsysteem). Voer een diagnose uit van het huis met hulporganen interieur (zie 87B, Huis met hulporganen interieur). Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker P100 van het huis met hulporganen interieur (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding tussen de stekker P100 van de UCH en de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie: stekker P100 van de UCH aansl. 8 aansl. 20 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_ET024 ITSX74ph2 V1.0 86C-49
238 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Overzicht van de parameters 86C Parameter gereedschap PR006 PR007 Buitentemperatuur Niveau nachtverlichting Omschrijving in diagnoseapparaat 86C-50 ITSX74ph2 V1.0
239 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de parameters 86C PR006 BUITENTEMPERATUUR Voer de controles uitsluitend uit als de parameter onsamenhangend is. Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Als de buitentemperatuur niet op het display van de auto staat, controleer dan of het opname element van de temperatuur geen onderbreking of kortsluiting heeft door middel van het commando AC016 "Test opname element temperatuur". Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van het opname element van de buitentemperatuur achter de plastic kap van de spiegel op het portier rechts (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.) Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de radio (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker spiegel rechts aansl. 1E aansl. 28 van de 32-polige stekker van de radio stekker spiegel rechts aansl. 1D aansl. 12 van de 32-polige stekker van de radio Als de temperatuur die het opname element meet niet overeenkomt met de buitentemperatuur: Meet de weerstand van het opname element tussen de aansl. 1E en 1D. De weerstand moet zijn: ongeveer 3000 Ω ± 10 % bij 20 C Vervang het opname element als dit niet goed is. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_PR006 ITSX74ph2 V1.0 86C-51
240 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de parameters 86C PR007 NIVEAU NACHTVERLICHTING Voer de controles uitsluitend uit als de parameter onsamenhangend is. Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Geen enkele nachtverlichting werkt Controleer de staat en de aansluiting van de 3-polige stekker van de regelweerstand (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de + 12 V op aansl. 1 van de stekker van de regelweerstand verlichting. Controleer de aanwezigheid en de staat van de zekering F4 (7,5A) op de zekering- en relaisplaat interieur. Vervang de zekering en herstel indien nodig. Controleer de massa op aansl. 3 van de regelweerstand verlichting. Als deze controles goed zijn, vervang de regelweerstand verlichting. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITS_V04_PR007 ITSX74ph2 V1.0 86C-52
241 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Betekenis van de parameters 86C PR007 (VERVOLG) Een of meer elementen hebben geen nachtverlichting Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de centrale bediening van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de cd-wisselaar (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker C3 van de radio (pennetjes teruggedrukt, gebroken, enz.). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker regelweerstand verlichting aansl. 2 aansl. 13 van de stekker C3 van de radio aansl. 12 stekker cd-wisselaar aansl. 9 de stekker centrale bediening van de navigatie aansl. 6 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als deze controles goed zijn, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. ITSX74ph2 V1.0 86C-53
242 MULTIMEDIA Vdiagnr.: 04 Diagnose - Overzicht van de commando's ITS Programmanr.: C WISSEN RZ001 RZ002 RZ003 Storingsgeheugen Geheugen rekeneenheid Parameters en gegevens klant SCHRIJVEN VAN HET VIN VP002 Schrijven van het VIN INSCHAKELEN AC001 AC002 AC005 AC006 AC007 AC009 AC010 AC011 AC012 AC013 AC014 AC015 AC016 Test verbinding audio Test seriële verbinding Test aanwezigheid telefoonsteun Test scherm: kleurenbalken Test scherm: grijstinten Test microfoon Tweeter links voor Tweeter rechts voor Luidspreker links voor Luidspreker rechts voor Luidspreker links achter Luidspreker rechts achter Test opname element temperatuur 86C-54 ITSX74ph2 V1.0
243 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C RZ001 "Storingsgeheugen": Met dit commando kunnen de storingen in het geheugen van de rekeneenheid van de navigatie worden gewist. RZ002 "Geheugen rekeneenheid": Met dit commando kunnen de configuraties CF001 "Type auto" en CF002 "Type land" van de rekeneenheid van de navigatie worden gewist. LET OP De configuratie "NEDERLAND" is ONOMKEERBAAR, deze keuze kan niet meer worden gewist. RZ003 "Parameters en gegevens klant" Met dit commando kunnen de configuraties van het commando RZ002 "Geheugen rekeneenheid" + de adresboeken, interessepunten, en afstellingen van de navigatie die de klant heeft opgeslagen in de rekeneenheid van de navigatie worden gewist. Met dit commando kunnen ook de telefoonnummers die zijn opgeslagen in de rekeneenheid van de navigatie, de lijst van de ontvangen en verzonden oproepen terwijl de telefoon op de auto is aangesloten, worden gewist. LET OP Geef dit commando altijd voordat de rekeneenheid wordt uitgebouwd. Procedure voor het wissen Open de communicatie met de rekeneenheid van de navigatie. Selecteer het menu "reparatie". Selecteer het menu "wissen". Selecteer de gewenste regel. Bevestig. VP002 "Schrijven van het V.I.N.": Dit commando maakt het mogelijk om handmatig het VIN van de auto in de rekeneenheid in te voeren. Gebruik dit commando bij het vervangen van de rekeneenheid. Het nummer van het VIN staat op het constructeursplaatje. Schrijven van het VIN Open de communicatie met de rekeneenheid van de navigatie. Selecteer het menu "reparatie". Selecteer het menu "andere parameters". Selecteer de regel VP002 "Schrijven van het VIN". Voer het VIN in. Verlaat het diagnoseprogramma. Zet het contact uit. Wacht tot het einde van de "power latch". Controleer het VIN in het menu "identificatie" ter bevestiging. 86C-55 ITSX74ph2 V1.0
244 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC001 TEST VERBINDINGEN AUDIO Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Bijzonderheden: Voor dit commando moet u de testadapter Elé aansluiten op de plaats van de telefoonhouder. Contact aan, dit commando is toegankelijk in het reparatieprogramma van het diagnoseapparaat. LET OP Voer nooit een diagnose uit van de verbindingen tussen de houder en de rekeneenheid met een telefoon aangesloten op de telefoonhouder, hierdoor kan de telefoon beschadigen. Door het activeren van dit commando kunt u de volgende audioverbindingen controleren: testadapter rekeneenheid navigatiesysteem telefoonsteun telefoonsteun Rekeneenheid navigatiesysteem tunerversterker luidsprekers Deze verbinding wordt bevestigd door een geluidssignaal van de luidsprekers. In het tegenovergestelde geval controleert u de geleiding van de verbindingen van de elementen van het systeem. Pas deze behandeling toe als het geluid zwak is of helemaal niet klinkt bij het activeren van het commando. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van elke luidspreker voorin (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker telefoonsteun aansl. 2 aansl. 13 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 3 aansl. 12 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 11 aansl. 32 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 12 aansl. 11 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt, vervang de telefoonsteun. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-56
245 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC002 TEST SERIËLE VERBINDING Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Bijzonderheden: Voor dit commando moet u de testadapter Elé aansluiten op de plaats van de telefoonhouder. Contact aan, dit commando is toegankelijk in het reparatieprogramma van het diagnoseapparaat. LET OP Voer nooit een diagnose uit van de verbindingen tussen de houder en de rekeneenheid met een telefoon aangesloten op de telefoonhouder, hierdoor kan de telefoon beschadigen. Door het activeren van dit commando kunt u de volgende audioverbindingen controleren: Rekeneenheid navigatiesysteem telefoonsteun testadapter telefoonsteun Rekeneenheid navigatiesysteem Tijdens het activeren van dit commando verzendt de rekeneenheid van de navigatie gegevens via de seriële verbindingen. Deze gegevens worden doorgelust door de testadapter in de steun, en teruggestuurd naar de rekeneenheid van de navigatie die ze analyseert. Deze gegevens zijn niet zichtbaar. De elektrische verbindingen zijn in orde als het resultaat van de test "Verbinding conform" is. Pas deze behandeling toe als het bericht "verbinding defect" verschijnt tijdens het activeren van dit commando. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker telefoonsteun aansl. 8 aansl. 7 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 9 aansl. 27 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 13 aansl. 6 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 14 aansl. 25 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt, vervang de telefoonsteun. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-57
246 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC005 TEST AANWEZIGHEID TELEFOONSTEUN Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Pas deze behandeling toe als het bericht "verbinding defect" verschijnt tijdens het activeren van dit commando. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de telefoonsteun (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Contact aan, controleer de + 12 V op aansl. 4 van de stekker van de telefoonsteun. Controleer of de massa op aansl. 6 van de stekker van de telefoonsteun perfect is. Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker telefoonsteun aansl. 4 aansl. 5 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker telefoonsteun aansl. 6 aansl. 24 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de storing aanhoudt, vervang de telefoonsteun. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-58
247 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC006 TEST SCHERM: KLEURENBALKEN Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Pas deze behandeling toe als één of meer kleurblokken ontbreken op het display tijdens het activeren van dit commando. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van het display (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer of de massa op aansl. 9 van de stekker van het display perfect is. Controleer de + 12 V op aansl. 14 van de stekker van het display. Controleer de aanwezigheid en de staat van de zekering F50 (20A). Vervang de zekering en herstel indien nodig. Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker display aansl. 8 aansl. 23 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 9 aansl. 29 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie (massa) stekker display aansl. 22 aansl. 14 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie (kleur blauw) stekker display aansl. 23 aansl. 30 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie (kleur groen) stekker display aansl. 24 aansl. 15 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie (kleur rood) Als de controles goed zijn, maar de kleuren op het display niet correct zijn, vervang het display. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-59
248 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC007 TEST SCHERM: GRIJSTINTEN Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Pas deze behandeling toe als de grijstinten niet goed zijn op het display tijdens het activeren van dit commando. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van het display (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer of de massa op aansl. 9 van de stekker van het display perfect is. Controleer de + 12 V op aansl. 14 van de stekker van het display. Controleer de aanwezigheid en de staat van de zekering F50 (20A). Vervang de zekering en herstel indien nodig. Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker display aansl. 4 aansl. 25 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 5 aansl. 28 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 10 aansl. 11 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 11 aansl. 27 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 12 aansl. 12 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 15 aansl. 26 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker display aansl. 16 aansl. 10 van de 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als de controles goed zijn, maar de grijstinten op het display niet correct zijn, vervang het display. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-60
249 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC009 Test microfoon Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn. Pas deze behandeling toe als het bericht "verbinding defect" verschijnt tijdens het activeren van deze commando's. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de microfoon (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd enz.). Controleer de staat en de aansluiting van de 40-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: stekker microfoon aansl. 1 aansl. 37 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker microfoon aansl. 2 aansl. 17 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie stekker microfoon aansl. 3 aansl. 18 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Als deze controles goed zijn, maar de microfoon werkt niet, vervang de microfoon. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-61
250 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC010 AC011 AC012 AC013 AC014 AC015 TWEETER LINKS VOOR TWEETER RECHTS VOOR LUIDSPREKER LINKS VOOR LUIDSPREKER RECHTS VOOR LUIDSPREKER LINKS ACHTER LUIDSPREKER RECHTS ACHTER Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer de staat en de aansluiting van de stekker b van de tuner-versterker (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de defecte luidspreker (pennetjes teruggedrukt, gebroken, geoxydeerd). Controleer de geleiding, de isolatie en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: radio stekker B aansl. 9 aansl. A1 stekker luidspreker rechts achter radio stekker B aansl. 10 aansl. A2 stekker luidspreker rechts achter radio stekker B aansl. 11 aansl. A1 stekkers luidspreker portier en tweeter rechts voor radio stekker B aansl. 12 aansl. A2 stekkers luidspreker portier en tweeter rechts voor radio stekker B aansl. 13 aansl. A1 stekkers luidspreker portier en tweeter links voor radio stekker B aansl. 14 aansl. A2 stekkers luidspreker portier en tweeter links voor radio stekker B aansl. 15 aansl. A1 stekker luidspreker links achter radio stekker B aansl. 16 aansl. A2 stekker luidspreker links achter Als deze controles goed zijn, maar één of meer luidspreker werkt niet, vervang de defecte luidspreker(s). Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-62
251 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Behandeling van de commando's 86C AC016 OPNAME ELEMENT TEMPERATUUR Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Met dit commando kunnen de verbindingen van het opname element buitentemperatuur worden getest. Hiermee kunnen de verbindingen van het opname element temperatuur met een kortsluiting of een onderbreking worden opgespoord. Als de boodschap "kortsluiting" of "onderbreking" verschijnt tijdens het activeren va dit commando, pas de behandeling toe van de parameter PR006 "Buitentemperatuur". Voer opnieuw een diagnose van het systeem uit. ITSX74ph2 V1.0 86C-63
252 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Klachten 86C Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID ZOEKSCHEMA 1 HET SCHERM BLIJFT ZWART ZOEKSCHEMA 2 DE WEERGAVE OP HET SCHERM IS VASTGELOPEN ZOEKSCHEMA 3 HET SCHERM TOONT "SLUIT EEN DIAGNOSEAPPARAAT AAN" ZOEKSCHEMA 4 GEEN GESPROKEN BERICHTEN ZOEKSCHEMA 5 GEEN VERKEERSINFORMATIE OP HET SCHERM ZOEKSCHEMA 6 SLECHTE SATELLIETONTVANGST ZOEKSCHEMA 7 DE RADIO SCHAKELT NIET AUTOMATISCH IN BIJ "+ ACCESSOIRES" OF SCHAKELT UIT NA 20 MINUTEN ZOEKSCHEMA 8 GEEN WEERGAVE OF VERKEERDE WEERGAVE VAN DE TIJD ZOEKSCHEMA 9 HET VOLUME NEEMT NIET TOE MET DE SNELHEID VAN DE AUTO ZOEKSCHEMA 10 SLECHTE RADIO-ONTVANGST ZOEKSCHEMA 11 DE CD-WISSELAAR WERKT NIET ZOEKSCHEMA 12 EEN GPS GELEIDING KAN NIET WORDEN VERANDERD TIJDENS HET RIJDEN ZOEKSCHEMA 13 86C-64 ITSX74ph2 V1.0
253 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Klachten 86C Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. NA EEN UPDATE VAN DE NAVIGATIE DVD WERKT HET SYSTEEM NIET MEER ZOEKSCHEMA 14 GEEN ENKELE BELTOON VAN DE TELEFOON EN GEEN STEM HOORBAAR ZOEKSCHEMA 15 ONMOGELIJK IEMAND TE BELLEN ZOEKSCHEMA 16 ONMOGELIJK DE TELEFOON MET BLUETOOTH TE GEBRUIKEN ZOEKSCHEMA 17 IK KAN DE NUMMERS UIT DE LIJST VAN DE ONTVANGEN GESPREKKEN NIET BELLEN ZOEKSCHEMA 18 ALS IK MIJN VOIC BEL HOOR IK EN VERVELENDE PIEP ZOEKSCHEMA 19 ALS IK EEN NUMMER BEL VANAF MIJN TELEFOON WORDT HET GESPREK NIET DOORGEGEVEN VIA HET SYSTEEM VAN DE NAVIGATIE EN COMMUNICATIE ZOEKSCHEMA 20 DE VERBINDINGEN ZIJN GESTOORD MET BLUETOOTH ZOEKSCHEMA 21 DE VERBINDINGEN ZIJN GESTOORD MET DE TELEFOON OP ZIJN HOUDER ZOEKSCHEMA 22 DEGENE DIE IK BEL MET HET COMMUNICATIESYSTEEM HOORT MIJ NIET OF SLECHT (MET BLUETOOTH) ZOEKSCHEMA 23 DEGENE DIE IK BEL MET HET COMMUNICATIESYSTEEM HOORT MIJ NIET OF SLECHT (TELEFOON OP ZIJN HOUDER) ZOEKSCHEMA 24 DE SPRAAKHERKENNING WERKT NIET ZOEKSCHEMA 25 86C-65 ITSX74ph2 V1.0
254 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 1 GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID Schakel + na contact in om de diagnose met de rekeneenheid te starten. Controleer de aansluiting en de staat van de aansluitingen van de accu. Controleer de zekeringen. Controleer de accuspanning. Probeer het diagnoseapparaat op een andere auto. Controleer: de verbinding tussen het diagnoseapparaat en de diagnosesonde (staat van de kabel), de verbinding tussen de diagnosesonde en de diagnoseaansluiting (staat van de kabel) Controleer de + 12 V voor contact op aansl. 16, de + 12 V na contact op aansl. 1 en de massa op aansl. 5 en op aansl. 4 van de diagnoseaansluiting. Controleer de + 12 V accu op aansl. 7 en de massa op aansl. 8 van de centrale bediening van de navigatie. Maak de 32-polige stekker los van de rekeneenheid van de navigatie en de stekker van de centrale bediening van de navigatie en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: 32-polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 18 centrale bediening van de navigatie aansl. 6 centrale bediening van de navigatie aansl polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl polige stekker rekeneenheid van de navigatie aansl. 40 aansl. 11 centrale bediening van de navigatie aansl. 5 centrale bediening van de navigatie aansl. 13 van de diagnoseaansluiting (CAN H) aansl. 12 van de diagnoseaansluiting (CAN L) aansl. 2 van de aparte zekering F50 (+ accu) massa Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP01 ITSX74ph2 V1.0 86C-66
255 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 2 Het scherm blijft zwart Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Controleer of het display niet is gedeactiveerd. Druk op de toets LIGHT van de centrale bediening gedurende 2 s om het display weer te activeren. Controleer of het contrast en de helderheid correct zijn ingesteld. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "display"; "helderheid"; "contrast". Controleer de voeding van het display: Zet het contact aan, schakel het navigatiesysteem in en laat de DVD van de navigatie naar buiten komen. Is de DVD naar buiten gekomen? Nee Controleer de + 12 V op aansl. 20 en de massa op aansl. 40 van de rekeneenheid van de navigatie. Zijn deze controles goed? Ja Controleer de + 12 V op aansl. 14 en de massa op aansl. 13 van het display. Zijn deze controles goed? Ja Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding tussen aansl. 3 van de stekker van het display en aansl. 21 van de stekker van de cd-wisselaar. Als de verbinding OK is: vervang het display. Als de verbinding defect is: voer de noodzakelijke reparaties uit. JA Neem contact op met de technische helpdesk. Nee Nee Nee Controleer de aanwezigheid en de staat van de voedingszekering F50 (20A). Vervang de zekering indien nodig. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen tussen de rekeneenheid van de navigatie en het display (zie elektrisch schema). Zijn deze controles goed? Ja Voer de nodige reparaties uit. Neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP02 ITSX74ph2 V1.0 86C-67
256 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 3 De weergave op het scherm is vastgelopen Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. De weergave op het scherm blijft vastgelopen. Zet het contact uit en wacht tot het systeem geheel is uitgeschakeld (minstens 1 minuut). Zet het contact weer aan. Is het probleem opgelost? Ja Nee Voer de test uit van het multiplexnetwerk Zijn de controles goed? Einde storing zoeken. Als de storing terugkomt: neem contact op met de technische helpdesk. Ja Neem contact op met de technische helpdesk. Nee Herstel de defecte verbindingen. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP03 ITSX74ph2 V1.0 86C-68
257 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 4 Het scherm toont "sluit een diagnoseapparaat aan" Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. De configuratie van de rekeneenheid van de navigatie is niet uitgevoerd. Voer de configuratie van de rekeneenheid uit (zie 86C, Configuratie en inlezen). Is het probleem opgelost? Ja Nee Voer de test uit van het multiplexnetwerk Zijn de controles goed? Einde storing zoeken. Ja Nee Neem contact op met de technische helpdesk. Herstel de defecte verbindingen. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP04 ITSX74ph2 V1.0 86C-69
258 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 5 Geen gesproken berichten Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Controleer of het geluid van de radio uit de luidsprekers voor en achter komt. Als dit niet zo is, stel het geluid in naar alle luidsprekers van de auto. Controleer of de stemgeleiding is geactiveerd. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "navigatie"; "voorkeur geleiding"; "stemgeleiding". Is de stemgeleiding geactiveerd? Nee Activeer de stemgeleiding. Ja Controleer of het volume van de stemgeleiding goed is afgesteld. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "volumes en piepjes"; "stemgeleiding". Is het volume van de stemgeleiding goed ingesteld? Nee Stel het volume du van de stemgeleiding af. Ja Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP05 ITSX74ph2 V1.0 86C-70
259 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 6 Geen verkeersinformatie op het scherm Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. De TMC verkeersinformatie wordt uitgezonden via de FM-band van de radio. Het pictogram TMC moet groen zijn om verkeersinformatie te kunnen ontvangen. Welke kleur heeft het TMC pictogram? Grijs Geen enkele verkeersinformatie wordt ontvangen. Groen Het systeem werkt correct, maar er is geen verkeersinformatie om uit te zenden. Controleer of het display van de verkeersinformatie is geactiveerd. Druk op de toets INFO, selecteer de menu's "Verkeersinformatie TMC"; "instelling verkeersinformatie"; "weergave op kaart". Is het display geactiveerd? Nee Activeer de weergave van de TMC verkeersinformatie. Ja Controleer of de instellingen van de verkeersinformatie correct zijn. Druk op de toets INFO, selecteer de menu's "Verkeersinformatie TMC"; "instelling verkeersinformatie"; "type te tonen informatie"; "service verkeersinformatie". Voer de nodige afstellingen uit. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP06 ITSX74ph2 V1.0 86C-71
260 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 7 Slechte satellietontvangst Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Controleer of er geen enkele storing aanwezig of in het geheugen is. Welke kleur heeft het GPS pictogram? Groen Geel of Grijs De positie is onnauwkeurig (geel) of onmogelijk (grijs) in de volgende zones: bos, tunnel, dal, overal tijdens een onweersbui. Test het systeem in een vrije zone. Het systeem werkt normaal Controleer de staat en de reinheid van de GPS-antenne. Vervang de antenne als deze niet goed is. Herstellen. Nee Controleer de staat en de aansluiting van de stekker tussen de rekeneenheid van de navigatie en de GPS-antenne. Zijn de aansluitingen goed? Ja Vervang de GPS-antenne. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP07 ITSX74ph2 V1.0 86C-72
261 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 8 De radio schakelt niet automatisch in of schakelt uit na 20 minuten Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Het navigatiesysteem ontvangt geen weksignaal multimedia bij het inschakelen van de + na contact. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: stekker cd-wisselaar aansl. 21 aansl. 14 van de stekker C3 van de radio aansl. 1 centrale bediening van de navigatie aansl. 3 van het display aansl. 38 van de 40-polige stekker rekeneenheid van de navigatie Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP08 ITSX74ph2 V1.0 86C-73
262 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 9 Geen weergave of verkeerde weergave van de tijd Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Controleer of de weergave van de tijd is geactiveerd en of de tijdzone correct is. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "klok"; "weergave klok"; "instellen omschakeling"; "zomertijd"; "tijdzone". Zijn deze instellingen goed? Ja Nee Stel de weergave en de tijd in. Leg aan de klant uit hoe hij deze instelling moet doen. Zet de auto buiten, in een geografisch vrije zone en controleer of de satellietontvangst correct is. Is het GPS pictogram groen? Nee Zie zoekschema: "Slechte satellietontvangst". Ja Wacht een paar minuten op een plaats met een goede satellietontvangst. Als de tijd nog steeds niet goed is: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP09 ITSX74ph2 V1.0 86C-74
263 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 10 Het volume neemt niet toe met de snelheid Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het navigatiesysteem wel goed gebruikt. Controleer of het snelheidsafhankelijke volume is geactiveerd. Druk op de toets SET, selecteer het menu "volumecorrectie". Is het snelheidsafhankelijke volume geactiveerd? Nee Activeer deze functie. Ja Controleer de staat en de aansluiting van de 32-polige stekker van de rekeneenheid van de navigatie en de stekker van de rekeneenheid van het ABS. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: rekeneenheid van de navigatie 32-polige stekker aansl. 4 aansl. 24 stekker van de rekeneenheid van het ABS Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP10 ITSX74ph2 V1.0 86C-75
264 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 11 Slechte radio-ontvangst Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker A en van de stekker van de antenne op de radio. Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de antenneversterker. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: radio stekker A aansl. 5 enkele aansluiting van de antenneversterker radio stekker van de antenne aansl. 1 aansl. 1 van de antenneversterker radio stekker van de antenne aansl. 2 aansl. 2 van de antenneversterker Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP11 ITSX74ph2 V1.0 86C-76
265 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 12 De cd-wisselaar werkt niet Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de cd-wisselaar. Controleer of de massa op aansl. 10 van de stekker van de wisselaar perfect is. Controleer de + voor contact op aansl. 22, de + accessoires op aansl. 3 en de + na contact op aansl. 15 van de stekker van de cd-wisselaar. Controleer de staat van de zekeringen F23 (10 A) (+ accessoires) en F28 (20A) (+ na contact) op de zekeringen- en relaisplaat interieur. Zijn de zekeringen in orde? Nee Vervang de zekeringen. Ja Controleer de staat van de aparte zekering F50 (20 A) (+ voor contact). Vervang de zekering indien nodig. Is de zekering in orde? Nee Vervang de zekering. Ja Neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP12 ITSX74ph2 V1.0 86C-77
266 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 13 een gps geleiding kan niet worden veranderd tijdens het rijden Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Als de configuratie CF002 "Type land" NEDERLAND is, is het normaal dat de geleiding niet kan worden veranderd tijdens het rijden. Deze configuratie is ONOMKEERBAAR en deze keuze kan niet meer worden veranderd. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP13 ITSX74ph2 V1.0 86C-78
267 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 14 Na een update van de navigatie DVD werkt het systeem niet meer Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de softwareversie van de rekeneenheid van de navigatie compatibel is met de update van de DVD van de navigatie. Als de DVD van de navigatie niet compatibel is met de software van de rekeneenheid van de navigatie, adviseer de klant een versie van de DVD van de navigatie te kopen die compatibel is met het navigatiesysteem in de auto. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP14 ITSX74ph2 V1.0 86C-79
268 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 15 Geen enkele beltoon van de telefoon en geen stem hoorbaar Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem en zijn telefoon wel goed gebruikt. Controleer of het volume correct is ingesteld op de telefoon en op het systeem van de navigatie en communicatie. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "volumes en piepjes"; "beltoon telefoon"; "ontvangst telefoon". Zijn de instellingen goed? Ja Nee Voer de afstellingen uit om de beltoon en de stem goed te horen. Controleer de staat en de aansluiting van de stekkers tussen de rekeneenheid van de navigatie en de radio en op de plaat van de telefoonhouder (indien aanwezig in de auto). Voer de nodige reparaties uit. Bevindt de telefoon zich op een telefoonhouder? Ja Nee Probeer met een andere telefoon of het probleem is verdwenen. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Is de telefoon goedgekeurd door Renault en is hij compatibel met de telefoonhouder in de auto? Nee Probeer, indien mogelijk, de telefoon en het navigatiesysteem met elkaar te laten communiceren via Bluetooth. Ja Pas de betekenis toe van het commando AC001 "Test verbinding audio". Als de communicatie via Bluetooth niet mogelijk is, adviseer de klant dan een houder die compatibel is met zijn telefoon of een nieuwe telefoon te kopen. Als de behandeling van dit commando goed is, maar het probleem is niet opgelost, vervang de telefoonhouder. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP15 ITSX74ph2 V1.0 86C-80
269 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 16 Onmogelijk iemand te bellen Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of de telefoon correct werkt zonder de houder. Werkt hij correct zonder de houder? Ja Nee Controleer of het telefoonnetwerk voldoende is om een gesprek door te geven. Als het netwerk correct is, adviseer de klant zijn telefoon te vervangen. Is de telefoon goedgekeurd door Renault en is hij compatibel met de telefoonhouder in de auto? Nee Probeer, indien mogelijk, de telefoon en het navigatiesysteem met elkaar te laten communiceren via Bluetooth. Ja Pas de betekenis toe van het commando AC002 "Test seriële verbinding". Als de communicatie via Bluetooth niet mogelijk is, adviseer de klant dan een houder die compatibel is met zijn telefoon of een nieuwe telefoon te kopen. Als de behandeling van dit commando goed is, maar het probleem is niet opgelost, vervang de telefoonhouder. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP16 ITSX74ph2 V1.0 86C-81
270 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 17 Onmogelijk de telefoon met Bluetooth te gebruiken Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of de storing DF009 "Rekeneenheid" niet aanwezig of in geheugen is. N.B.: Lijst van de door Renault goedgekeurde telefoons in maart 2005: Nokia 6820, Nokia 6230, Siemens S65, Motorola V500, Motorola V600. Om de actuele lijst van de door Renault goedgekeurde telefoons en de diverse handelingen die met deze telefoons moeten worden uitgevoerd, zie SM 6024A "Bijzonderheden mobiele telefoons voor het systeem van de navigatie en communicatie". Controleer of de Bluetooth werking van het systeem van de navigatie en communicatie is geactiveerd. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "telefoon"; "optie Bluetooth"; "verbinding Bluetooth". Is de telefoon goedgekeurd door Renault? Nee Adviseer de klant een telefoon te kopen die is goedgekeurd door Renault. Ja Controleer of de software van de telefoon compatibel is met het systeem van de navigatie en communicatie van de auto. De software van de telefoon die compatibel is met het systeem van de navigatie en communicatie is gelijk aan of hoger dan: Nokia 6230 en 6820: v 03,15 Motorola V500 en V600: Triplets_G_0B.09.44R Siemens S65: v 12 Is de software van de telefoon compatibel met het systeem van de navigatie en communicatie van de auto? Commando om de software van de telefoon te weten (zie SM 6024A "Bijzonderheden mobiele telefoons voor het systeem van de navigatie en communicatie"): Nokia: *#0000# Motorola: selecteer "configuratie", "status van de telefoon" daarna "info versie" Siemens: *#06# Nee Adviseer de klant contact op te nemen met de leverancier van de telefoon om een softwareversie in de telefoon te zetten zie compatibel is met het systeem van de navigatie en communicatie. Ja Activeer de Bluetooth werking van de telefoon (zie SM 6024A "Bijzonderheden mobiele telefoons voor het systeem van de navigatie en communicatie"). Methode voor het activeren van de Bluetooth werking van de telefoon: Nokia: In het hoofdmenu, selecteer "Instellingen", "Verbinding", "Bluetooth", "Activeren". Motorola: In het hoofdmenu, selecteer "Configuratie", "Verbinding", "Bluetooth link", "Configuratie", "Voeding", "Geactiveerd". Siemens: In het hoofdmenu, selecteer "Instellingen", "Mod/Data", "Bluetooth", activeer daarna de Bluetooth werking. ITS_V04_ALP17 ITSX74ph2 V1.0 86C-82
271 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 17 (VERVOLG) Breng de verbinding tot stand tussen het systeem van de navigatie en communicatie en de telefoon. Is de verbinding geslaagd? Methode voor het verbinden van het communicatiesysteem en de telefoon: Op het systeem van de navigatie en communicatie: Druk op de toets SET Ga naar het menu "telefoon". Selecteer de regel "optie Bluetooth". Selecteer de regel "registreer een Bluetooth telefoon". Ja Nee Test de Bluetooth uitgang van de rekeneenheid van de navigatie. Op de telefoon: Ga naar het menu voor het zoeken van een Bluetooth accessoire. In de lijst van de gevonden accessoires, selecteer "My CAR". Voer de PIN code in die op het display van de navigatie van de auto staat. Controleer of de telefoon geen bevestiging nodig heeft voor de verbinding met het Bluetooth systeem. Indien ja, antwoord dan dat men verbinding wil maken en schakel daarna deze functie uit in de telefoon (niet mogelijk op Siemens telefoon). Controleer of de telefoon als voorrang is ingesteld in de lijst van de combineerbare telefoons (icoon bij de naam ervan). Heeft hij voorrang? Probeer een andere telefoon te verbinden op het systeem van de navigatie en communicatie van de auto. Is de verbinding geslaagd? Nee Nee Geef de telefoon voorrang in de lijst van de telefoons die verbonden zijn met het systeem van de navigatie en communicatie. Als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Ja De telefoon van de klant is de oorzaak van het niet werken met het systeem van de navigatie en communicatie. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITSX74ph2 V1.0 86C-83
272 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 18 Ik kan de nummers uit de lijst van de ontvangen gesprekken niet bellen Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Dit probleem is bekend voor de Nokia telefoons en is niet te repareren. ZOEKSCHEMA 19 Als ik mijn voic bel hoor ik en vervelende piep Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Dit probleem is beken voor de Motorola telefoons. Om dit probleem te verhelpen, moet de klant een nieuwe versie van de software van de telefoon vragen aan de leverancier van zijn telefoon. ZOEKSCHEMA 20 Als ik een nummer bel vanaf mijn telefoon wordt het gesprek niet doorgegeven via het systeem van de navigatie en communicatie Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Dit probleem is bekend voor de Siemens telefoons en is niet te repareren. In dit geval, kiest u de telefoonnummers met de centrale bediening van de navigatie. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP18/ITS_V04_ALP19/ITS_V04_ALP20 ITSX74ph2 V1.0 86C-84
273 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 21 De verbindingen zijn gestoord met Bluetooth Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of het telefoonnetwerk voldoende is om een gesprek door te geven. Bel naar een vast toestel. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Nee Het probleem wordt veroorzaakt door het toestel dat de klant belt of door een tijdelijk zwak netwerk. Deactiveer de Bluetooth werking van de telefoon. Als de telefoon niet hiernaast wordt genoemd, zie SM 6024A "Bijzonderheden mobiele telefoons voor het systeem van de navigatie en communicatie" Deactiveer de Bluetooth werking van het systeem van de navigatie en communicatie. Druk op de toets SET, selecteer de menu's "telefoon"; "optie Bluetooth"; "verbinding Bluetooth". Bel naar een vast toestel. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Methode voor het activeren van de Bluetooth werking van de telefoon: Nokia: In het hoofdmenu, selecteer "Instellingen", "Verbinding", "Bluetooth", "'Deactiveren". Motorola: In het hoofdmenu, selecteer "Configuratie", "Verbinding", "Bluetooth link", "Configuratie", "Voeding", "Gedeactiveerd". Siemens: In het hoofdmenu, selecteer "Instellingen", "Mod/Data", "Bluetooth", deactiveer daarna de Bluetooth werking. Nee Het probleem wordt veroorzaakt door de telefoon van de klant. Adviseer de klant zijn telefoon te laten nakijken door zijn leverancier. Zet de radio uit als deze was ingeschakeld. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Nee Voer een diagnose uit van de radio. Vervang de radio indien nodig. ITS_V04_ALP21 ITSX74ph2 V1.0 86C-85
274 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 21 (VERVOLG) Houd de telefoon bij de rekeneenheid van de navigatie. Als het probleem aanhoudt, controleer de staat en de aansluiting van de stekkers op de rekeneenheid van de navigatie en op de radio. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Nee Einde storing zoeken. Ja Maak verbinding met een andere telefoon en bel een nummer. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Nee Methode voor het verbinden van het communicatiesysteem en de telefoon: Op het systeem van de navigatie en communicatie: Druk op de toets SET. Ga naar het menu "telefoon". Selecteer de regel "optie Bluetooth". Selecteer de regel "registreer een Bluetooth telefoon". Op de telefoon: Ga naar het menu voor het zoeken van een Bluetooth accessoire. In de lijst van de gevonden accessoires, selecteer "My CAR". Voer de PIN code in die op het display van de navigatie van de auto staat. Probleem opgelost, einde diagnose. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITSX74ph2 V1.0 86C-86
275 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 22 De verbindingen zijn gestoord met de telefoon op zijn houder Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of het telefoonnetwerk voldoende is om een gesprek door te geven. Bel naar een vast toestel. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Nee Het probleem wordt veroorzaakt door het toestel dat de klant belt of door een tijdelijk zwak netwerk. Bel een nummer met de telefoon alleen. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Nee Het probleem wordt veroorzaakt door de telefoon van de klant. Adviseer de klant zijn telefoon te laten nakijken door zijn leverancier. Zet de radio uit als deze was ingeschakeld. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Nee Voer een diagnose uit van de radio. Vervang de radio indien nodig. Als de telefoon geen stekker heeft voor een GSM-antenne (bijv.:nokia telefoons...), is het probleem dan aanwezig als de ontvangst sterker is dan 2 streepjes op het display? Nee Het probleem wordt veroorzaakt door een zwakke ontvangst van het telefoonnetwerk. Ja Controleer de staat en de aansluiting van de telefoonhouder. Vervang de telefoonhouder indien nodig. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Nee Probleem opgelost, einde diagnose. Ja ITS_V04_ALP22 ITSX74ph2 V1.0 86C-87
276 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 22 (VERVOLG) Vervang de microfoon. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Nee Probleem opgelost, einde diagnose. Ja Vervang de steun van de telefoonhouder indien nodig. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Nee Probleem opgelost, einde diagnose. Ja Vervang de GSM-antenne. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Nee Probleem opgelost, einde diagnose. Ja Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITSX74ph2 V1.0 86C-88
277 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 23 Degene die ik bel met het communicatiesysteem hoort mij niet of slecht (met Bluetooth) Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of het telefoonnetwerk voldoende is om een gesprek door te geven. Bel naar een vast toestel. Is het probleem nog steeds aanwezig? Ja Nee Het probleem wordt veroorzaakt door het toestel dat de klant belt of door een tijdelijk zwak netwerk. Stilstaande motor, werkt de spraakherkenning van de woorden "namenlijst" en "nummer samenstellen"? Ja Nee Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de microfoon. Controleer of de referentie van de microfoon correct is. Als dit niet zo is, vervang de microfoon. Controleer de staat en de aansluiting van de stekkers van de steun van de telefoonhouder, van de rekeneenheid van de navigatie en van de radio. Voer de nodige reparaties uit. Maak verbinding met een andere telefoon en bel een nummer. Is het probleem nog steeds aanwezig? Methode voor het verbinden van het communicatiesysteem en de telefoon: Op het systeem van de navigatie en communicatie: Druk op de toets SET Ga naar het menu "telefoon" Selecteer de regel "optie Bluetooth" Selecteer de regel "registreer een Bluetooth telefoon" Ja Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Nee Op de telefoon: Ga naar het menu voor het zoeken van een Bluetooth accessoire In de lijst van de gevonden accessoires, selecteer "My CAR" Voer de PIN code in die op het display van de navigatie van de auto staat Het probleem wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de telefoon. Adviseer de klant zijn telefoon te laten nakijken. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP23 ITSX74ph2 V1.0 86C-89
278 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 24 Degene die ik bel met het communicatiesysteem hoort mij niet of slecht (telefoon op zijn houder) Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Controleer of het telefoonnetwerk voldoende is om een gesprek door te geven. Bel met de telefoon van de klant naar een vast toestel. Is het probleem nog steeds aanwezig? Ja Nee Behoud de communicatie en sluit de telefoon aan op de telefoonhouder. Komen de problemen met het geluid terug? Het probleem wordt veroorzaakt door de telefoon van de klant of door een tijdelijk zwak netwerk. Adviseer de klant zijn telefoon te laten nakijken. Nee Informeer bij de klant naar de omstandigheden waarbij het probleem optreedt. Ja Probleem opgelost, einde diagnose. Nee Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de microfoon. Controleer of de referentie van de microfoon correct is. Als dit niet zo is, vervang de microfoon. Is het probleem nog steeds aanwezig? Ja Controleer de staat en de aansluiting van de stekkers van de steun van de telefoonhouder, van de rekeneenheid van de navigatie en van de radio. Voer de nodige reparaties uit. Ja ITS_V04_ALP24 ITSX74ph2 V1.0 86C-90
279 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 24 (VERVOLG) Probleem opgelost, einde diagnose. Nee Vervang de telefoonhouder indien nodig. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Probleem opgelost, einde diagnose. Nee Vervang de steun van de telefoonhouder indien nodig. Zijn de storingen nog steeds aanwezig? Ja Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITSX74ph2 V1.0 86C-91
280 ITS Programmanr.: 0020 Vdiagnr.: 04 MULTIMEDIA Diagnose - Zoekschema's 86C ZOEKSCHEMA 25 De spraakherkenning werkt niet Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. Controleer of de klant het systeem wel correct gebruikt. Stilstaande motor, daarna bij 50 km/u, werkt de spraakherkenning van de woorden "namenlijst" en "nummer samenstellen"? Ja De klant moet de spraakherkenning 2 weken intensief gebruiken zodat het systeem zijn stem leert herkennen. Nee Controleer de staat en de aansluiting van de stekker van de microfoon. Controleer of de referentie van de microfoon correct is. Als dit niet zo is, vervang de microfoon. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. ITS_V04_ALP25 ITSX74ph2 V1.0 86C-92
281 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: B HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Inleiding 87B 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model(len) : Laguna II Phase 2 Betreffende functie: Huis met hulporganen interieur Naam van de rekeneenheid: UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Methodes van de diagnose (dit document): Ondersteunende diagnose (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. Type diagnoseapparaat CLIP Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap multimeter Elé Universeel verlengblok 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. UCH_V04_PRELI 87B-1 UCH X74Ph2
282 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Inleiding 87B Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.). de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, De ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, de werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde 87B-2 UCH X74Ph2
283 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Inleiding 87B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Voer een voor-diagnose van het systeem uit Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart UCH X74Ph2 87B-3
284 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Inleiding 87B 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De gemeten waarden van de spanningen, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de weerstand: Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 87B-4 UCH X74Ph2
285 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Inleiding 87B 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. BIJ IEDERE DIAGNOSE MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART WORDEN INGEVULD Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, gebruik geschikt gereedschap. 87B-5 UCH X74Ph2
286 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Werking van het systeem 87B FUNCTIE STARTVERGRENDELING EN AUTO ZONDER SLEUTEL (VSC) : De auto heeft startvergrendeling met een herkenningssysteem voor de RENAULT-kaart met een continu variabele code (gecrypteerd V3). Er is geen noodcode meer maar een reparatiecode die levenslang aan de auto is toegewezen tijdens de fabricage. Er staat geen nummer op de RENAULT-kaart. De auto heeft bij aflevering geen etiket waarop de code staat. Voor alle werkzaamheden aan het systeem, kan dit nummer worden opgevraagd via de technische helpdesk van de importeur. Bij het aanvragen van deze code, moeten het identificatienummer en het fabricagenummer van de auto worden opgegeven. Hiermee kan de auto exact geïdentificeerd worden om de juiste code te kunnen geven. De Renault-kaart is uitgerust met een noodsleutel (1) waarmee het portier geopend kan worden in geval van een storing. De RENAULT-kaart uit het magazijn is niet gecodeerd, heeft geen nummer en geen noodsleutel. Op de plaats van de noodsleutel is een bescherming (groen) geplaatst. Bij het vervangen van een RENAULT-kaart is het noodzakelijk om de noodsleutel op de plaats van de groene bescherming te zetten en de groene bescherming op de defecte RENAULT-kaart te plaatsen als deze voor analyse retour wordt gestuurd. N.B.: Het is mogelijk om een noodsleutel bij het magazijn te bestellen onder vermelding van de reparatiecode van de auto. Het systeem kan maximaal vier RENAULT-kaarten bevatten. De afstandsbediening en de batterij hebben geen functie voor de startvergrendeling. De "eenvoudige" en "handsfree" RENAULT-kaarten zijn verschillend en niet onderling verwisselbaar. Zij kunnen niet worden gebruikt op een daarvoor niet geschikte auto. Bij verlies, diefstal of op verzoek van de klant, kan een RENAULT-kaart onbruikbaar voor de auto worden gemaakt. Hij kan, indien nodig, opnieuw aan dezelfde auto worden toegewezen. LET OP: Met dit systeem, is het niet mogelijk verschillende elementen (huis met hulporganen interieur en RENAULTkaarten of huis met hulporganen interieur en rekeneenheid van het inspuitsysteem) tegelijk te vervangen. Deze onderdelen worden ongecodeerd geleverd. Het is namelijk niet mogelijk deze elementen te coderen als geen enkel element de oorspronkelijke code van de auto in zijn geheugen heeft (zie de toepassingstabel). Er is geen manier om een eenmaal in een element van het systeem ingelezen code te wissen. De ingelezen code kan niet gewist worden. Werking van het eenvoudige systeem. Als de startvergrendeling operationeel is knippert het rode controlelampje van de startvergrendeling (langzaam; een flits/seconde). De elektrische stuurkolomgrendel is geblokkeerd. De startvergrendeling wordt enkele secondes na het afzetten van het contact geactiveerd. Nadat de RENAULT-kaart in de lezer is geplaatst, wordt code van de RENAULT-kaart naar het huis met hulporganen interieur gestuurd. Als de code wordt herkend door het huis met hulporganen interieur, stuurt dit via het multiplexnetwerk een gecodeerd signaal naar de stuurkolomgrendel. Als het gecodeerde signaal dat de stuurkolomgrendel ontvangt, gelijk is aan dat wat hij in zijn geheugen heeft, ontgrendelt hij de stuurkolom en stuurt hij een bevestiging naar het huis met hulporganen interieur. Als het huis met hulporganen interieur dit bericht ontvangt, schakelt het de + na contact in en dooft het rode controlelampje van de startvergrendeling. Als het contact is ingeschakeld, sturen het huis met hulporganen interieur en de rekeneenheid van het inspuitsysteem elkaar gecodeerde signalen via het multiplexnetwerk. Als de signalen van het huis met hulporganen interieur en de rekeneenheid van het inspuitsysteem overeenkomen, geeft het huis met hulporganen interieur toestemming voor het starten van de motor en het inspuitsysteem ontgrendelt zich. 87B-6 UCH X74Ph2
287 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Werking van het systeem 87B Bijzondere situaties Als de rekeneenheid van het inspuitsysteem of de elektrische stuurkolomgrendel geen referentiecode in het geheugen heeft: de code die hij heeft ontvangen, wordt opgeslagen in het geheugen. Als er een probleem is met de overeenkomst tussen de codes, blijft het systeem vergrendeld. Het rode startvergrendelingslampje knippert (snel) of brandt vast. Raadpleeg de tabel over het branden van het lampje. LET OP: Als gestart wordt met een accu met een lage accuspanning is het mogelijk dat de startvergrendeling door de spanningsdaling opnieuw wordt ingeschakeld. Als de spanning lager is kan er niet worden gestart, zelfs niet als de auto wordt aangeduwd. Tabel branden van het lampje Branden controlelampje Contact aan Mogelijke oorzaak Langzaam Snel (tegelijk met de RENAULT-kaartlezer) Vast Vast Nee Nee Nee Ja Startvergrendeling in actie (geen kaart herkend in de lezer) RENAULT-kaart niet herkend door de kaartlezer. De RENAULT-kaart is niet van de auto of niet langer toegewezen aan de auto. Probleem met de elektrische stuurkolomgrendel of de multiplexverbinding. De elektrische stuurkolomgrendel is gedeblokkeerd. De auto heeft een probleem van het inspuitsysteem. Werking van het handsfree systeem Als de startvergrendeling operationeel is, knippert het controlelampje van de startvergrendeling langzaam (een knippering/seconde), de elektrische stuurkolomgrendel is geblokkeerd. Bij het indrukken van de startknop, ondervraagt de auto de RENAULT-kaart via de antenne 125 khz. De RENAULT-kaart antwoordt met een frequentie van 433 MHz of 315 MHz (afhankelijk van het land). De code van de RENAULT-kaart wordt ontvangen door de lezer en doorgestuurd naar het huis met hulporganen interieur. BELANGRIJK: Het "handsfree" starten van de auto kan worden gedeactiveerd door de configuratie van het huis met hulporganen interieur. In dit geval werkt het starten als bij het eenvoudige systeem. Als de code wordt herkend door het huis met hulporganen interieur, stuurt dit via het multiplexnetwerk een gecodeerd signaal naar de stuurkolomgrendel. Als het gecodeerde signaal dat de stuurkolomgrendel ontvangt, gelijk is aan dat wat hij in zijn geheugen heeft, ontgrendelt hij de stuurkolom en stuurt hij een bevestiging naar het huis met hulporganen interieur. Als het huis met hulporganen interieur dit bericht ontvangt, schakelt het de + na contact in en dooft het rode controlelampje van de startvergrendeling. Als het contact is ingeschakeld, sturen het huis met hulporganen interieur en de rekeneenheid van het inspuitsysteem elkaar gecodeerde signalen via het multiplexnetwerk. Als de signalen van het huis met hulporganen interieur en de rekeneenheid van het inspuitsysteem overeenkomen, geeft het huis met hulporganen interieur toestemming voor het starten van de motor en het inspuitsysteem ontgrendelt zich. N.B.: De handsfree RENAULT-kaart werkt met een batterij. Als de batterij niet werkt, kan de RENAULT-kaart in de lezer worden gestoken. De auto werkt dan als een auto zonder handsfree functie. 87B-7 UCH X74Ph2
288 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Werking van het systeem 87B FUNCTIE BANDENSPANNING-CONTROLESYSTEEM (SSPP) Met dit systeem wordt permanent de spanning van de vier banden van de auto (het reservewiel wordt niet gecontroleerd). Het systeem waarschuwt de bestuurder als: de spanning 0,3 bar lager is dan de voorgeschreven spanning (oranje boodschap) of 0,6 bar lager is (rode boodschap), de druk te hoog is, een band snel leeg loopt, de banden links en rechts niet dezelfde spanning hebben. Het systeem functioneert met behulp van: vier druksensors (met ingebouwd ventiel van de band) in elk van de wielen, een ontvanger van radiosignalen, die onder de auto is aangebracht, het huis met hulporganen interieur een display dat aangeeft welke band het betreft. Deze geeft ook elke keer bij het starten de spanning aan en in geval van nood. FUNCTIE VARIABELE STUURBEKRACHTIGING (DAV) De rekeneenheid van de functie van de variabele stuurbekrachtiging is het huis met hulporganen interieur. 87B-8 UCH X74Ph2
289 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 87B Huis met hulporganen interieur alle opties (N3) Zwarte stekker P100 (40-polig) Aansl Omschrijving Kaartlezer auto zonder sleutel, signaal kaart op aanslag Schakelaar alarmknipperlichten Knop commando aan/uit auto zonder sleutel, groene LED Commando vergrendelen ruitbediening achter Commando snel wissen voor Kaartlezer auto zonder sleutel Opname element vliegwiel Achteruitrijlichten Commando vergrendelen portieren Commando lage snelheid interval ruitenwisser voor Knop commando aan/uit auto zonder sleutel, retroverlichting Niet in gebruik Diagnoseaansluiting, lijn K Multifunctionele display Commando langzaam wissen voor Commando bagageverlichting Commando vergrendelen portieren Signaal radiofrequentie te lage bandenspanning Kaartlezer auto zonder sleutel Commando knop aan/uit motor Alarmsirene met eigen voeding/commando portiervergrendeling Signaal elektrische ruitbediening open dak en afknijpbeveiliging Regen- en lichtsensor Commando interval achterruitwisser Commando ruitensproeierpomp achter Koppelingspedaalcontact Niet in gebruik Optische sensor handgreep bestuurdersportier Optische sensor handgreep portier rechts achter CAN H Commando verlichting interieur Lichtschakeaar grootlicht Optische sensor handgreep passagiersportier Commando rustcontact ruitenwisser voor Commando ruitensproeierpomp voor Lichtschakeaar knipperlicht rechts Lichtschakeaar knipperlicht links Signaal - schakelaar rustcontact wisser achter Commando grootlichtsignaal CAN L UCH X74Ph2 87B-9
290 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 87B Huis met hulporganen interieur alle opties (N3) Witte stekker P101 (40-polig) Aansl Omschrijving CAN L Motor variabele stuurbekrachtiging Motor variabele stuurbekrachtiging Signaal extra portiervergrendeling achter + optische sensor handgreep portieren Lichtschakeaar dimlicht Verlichting portier rechts achter Motor bekrachtiging sluiten achterklep Elektrische stuurkolomgrendel Elektrische stuurkolomgrendel CAN H Kaartlezer auto zonder sleutel, aanwezigheid kaart Motor variabele stuurbekrachtiging Controlelampje instrumentenpaneel startvergrendeling Verlichting portier links achter Verlichting bestuurdersportier Niet in gebruik Motor variabele stuurbekrachtiging Niet in gebruik Verlichting passagiersportier Vergrendeling portier links achter Multifunctionele zoemer Optische sensor hendel bestuurdersportier links achter Commando vergrendelen ruitbediening achter Niet in gebruik Remlichtschakelaar Niet in gebruik Lichtschakeaar mistlichten voor Lichtschakeaar markeringslichten Achterklepslot Lichtschakeaar mistachterlichten Rekeneenheid stoelgeheugen Niet in gebruik Niet in gebruik Niet in gebruik Rekeneenheid stoelgeheugen Niet in gebruik Schakelaar alarmknipperlichten Niet in gebruik Relais koplampsproeierpomp UCH X74Ph2 87B-10
291 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B CONFIGURATIES Deze configuraties moeten altijd worden uitgevoerd bij iedere vervanging van het huis met hulporganen interieur en gecontroleerd bij ieder storing zoeken. Index CF009 LC003 CF010 LC001 CF011 LC005 CF014 LC008 CF020 LC014 CF023 LC017 CF024 LC018 CF030 LC033 CF031 CF032 LC025 CF033 LC026 CF035 LC044 CF036 LC029 CF088 LC049 Omschrijving Extra portiervergrendeling Handsfree functie Type versnellingsbak Rijverlichting Plaats van het stuurwiel FUNCTIE SSPP Inschakelen alarmknipperlichten door ABS Xenonlampen Calibratie Uitschakelvertraging Elektrische kinderveiligheid Regen-/lichtsensor Selectief openen van de portieren Toon zoemer automatische vergrendeling Bijzonderheden en opmerkingen Met of Zonder Met of Zonder BVM of BVA Met handgeschakelde versnellingsbak (BVM) of automatische transmissie (BVA) Met of Zonder Let op, niet configureren zonder de definitie van de auto en de gemonteerde kabelbundel te hebben gecontroleerd, anders zal deze functie niet werken. Rechts of links Met rechts stuur of links stuur Met of Zonder functie bandenspanning-controlesysteem Met of Zonder (In sommige landen, zoals Groot-Brittannië,is het branden van de alarmknipperlichten bij een noodstop verboden) Met of Zonder functie xenonlamp Doe deze configuratie altijd na iedere verandering of na het vervangen van de rekeneenheid Met of Zonder Met of Zonder Met of Zonder Met Met deze configuratie wordt bij auto's met rechts stuur alleen het bestuurdersportier en de achterklep ontgrendeld bij het ontgrendelen van de auto (gewoon of handsfree). Zonder, 1, 2, 3, 4, 5, 6 of 7 Met deze configuratie kan het volume van de zoemer geregeld worden. De zoemer wordt geactiveerd bij het vergrendelen van de auto met de handsfree functie. 87B-11 UCH X74Ph2
292 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B Deze configuraties moeten altijd worden uitgevoerd bij iedere vervanging van het huis met hulporganen interieur en gecontroleerd bij ieder storing zoeken. Index CF089 LC050 CF091 LC052 CF100 LC032 Omschrijving Memory systeem van de bestuurdersstoel Open dak Handsfree starten Bijzonderheden en opmerkingen Met of Zonder Met of Zonder Met of Zonder CF101 LC066 Gevoeligheid lichtsensor 0, 1, 2, 3 CF112 LC042 CF116 LC048 CF120 LC057 CF132 LC051 CF134 LC063 CF169 LC068 CF174 LC071 Koplampsproeiers Handsfree vergrendelen Autom. sluiten van de ruiten (door kaart) Familie van de auto Type stuurbekrachtiging Automatische verlichting Uitschakelen selectief openen van de portieren Met of Zonder Met of Zonder Met of Zonder functie automatisch sluiten van de ruiten (door kaart) Break of hatchback Eenvoudig of variabel Met of Zonder (Als de auto een regensensor heeft, kan deze functie worden geconfigureerd. Na de configuratie, kan deze functie worden inof uitgeschakeld door het twee keer inschakelen van de dimlichten) JA of NEE Deze configuratie geldt voor de uitvoeringen met links stuur. Hiermee worden het bestuurdersportier en de achterklep niet vergrendeld bij het ontgrendelen van de auto (gewoon of handsfree). LC027 Set wielen Zomer of winter LC040 Automatische vergrendeling tijdens het rijden Met of Zonder UCH X74Ph2 87B-12
293 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B INLEZINGEN SC002 INLEZEN VAN DE CODES VAN DE 4 VENTIELEN Bijzonderheden: Bij alle werkzaamheden waarbij een ventiel verwisseld moet worden, moet zich houden aan de voorschriften in hoofdstuk 35 van het werkplaatshandboek. Er zijn twee mogelijkheden om de ventielcodes in te lezen. handmatig op het diagnoseapparaat, waarbij de ventielcodes bekend moeten zijn, automatisch, door de staat van de ventielen te veranderen, waarbij u bij voorkeur beschikt over het "ventielactiveringsgereedschap". Handmatig inlezen: Let bijzonder goed op bij het toewijzen van de ventielcode / wiel. In het algemene menu, selecteer het submenu "commando" daarna "specifiek commando", selecteer het commando SC002 "Inlezen van de vier ventielcodes" en volg de instructies voor de handmatige invoer (van 1 tot maximaal 8 cijfers). Automatisch inlezen met activeringsgereedschap: Controleer de afwezigheid van storing DF052 "Ontvanger ventielsignaal". Begin als bij het handmatige inlezen, maar volg de instructies voor een automatisch inlezen. Activeer ieder ventiel in de volgorde die het gereedschap aangeeft. De activeringsgereedschap moet op de band rusten, net onder het betreffende ventiel. Als u op de knop van het activeringsgereedschap drukt licht het groene lampje op, als dit dooft en het rode lampje oplicht is het activeren van het ventiel afgelopen. Controleer of de code is opgenomen in het diagnoseapparaat. Doe hetzelfde bij de andere ventielen. Als er na het activeren van een ventiel geen code is opgenomen, vervang dan het betreffende ventiel. Automatisch inlezen zonder activeringsgereedschap. LET OP: Het signaal van het ventiel naar de ontvanger bevat:de staat, de spanning en de code van het ventiel. De ontvanger decodeert deze informatie en geeft hem door aan het huis met hulporganen interieur. Bij rijdende auto, zenden de ventielen eens per minuut hun signaal uit als er geen lek is en elke 10 secondes als er een lek is: STAAT 2. Bij stilstaande auto, zenden de ventielen eens per uur hun signaal uit als er geen lek is en ieder kwartier als er een lek is: STAAT 2. Als u niet over het activeringsgereedschap beschikt, kunt u de staat van het ventiel veranderen, door een lek te simuleren (verminder de spanning met ten minste 1 bar, waardoor in het menu parameter, het betreffende wiel moet overgaan naar STAAT 2). ofwel stilstaand, waarbij u per wiel een kwartier moet wachten, ofwel maak een proefrit, bij een snelheid > 20 km/u (maar behandel dan maar één wiel per keer), (een band laten leeglopen + proefrit + opslaan in geheugen met diagnoseapparaat + band weer oppompen, te herhalen voor ieder wiel) Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-13
294 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B SC004 INLEZEN HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Trek de kaart uit de lezer. Geef dit commando bij het inlezen van een nieuw huis met hulporganen interieur. LET OP: U moet beschikken over de reparatiecode en een reeds ingelezen kaart van de auto. Na inlezen van het huis met hulporganen interieur, start u het inlezen van de kaarten, anders zal de auto alleen de aanwezige kaart herkennen. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-14
295 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B SC009 INLEZEN VAN EEN VENTIELCODE Bijzonderheden: Bij alle werkzaamheden waarbij een ventiel verwisseld moet worden, moet zich houden aan de voorschriften in hoofdstuk 35 van het werkplaatshandboek. Er zijn twee mogelijkheden om de ventielcodes in te lezen. handmatig op het diagnoseapparaat, waarbij de ventielcodes bekend moeten zijn, Automatisch, door de staat van de ventielen te veranderen, waarbij u bij voorkeur beschikt over het "ventielactiveringsgereedschap". Handmatig inlezen: Let bijzonder goed op bij het toewijzen van de ventielcode / wiel. In het algemene menu, selecteer het submenu "commando" daarna "specifiek commando", selecteer het commando SC009 "Inlezen van een ventielcode" en volg de instructies voor de handmatige invoer (van 1 tot maximaal 8 cijfers). Automatisch inlezen met activeringsgereedschap: Controleer de afwezigheid van storing DF052 "Ontvanger ventielsignaal". Begin als bij het handmatige inlezen, maar volg de instructies voor een automatisch inlezen. Activeer ieder ventiel in de volgorde die het gereedschap aangeeft. De activeringsgereedschap moet op de band rusten, net onder het betreffende ventiel. Als u op de knop van het activeringsgereedschap drukt licht het groene lampje op, als dit dooft en het rode lampje oplicht is het activeren van het ventiel afgelopen. Controleer of de code is opgenomen in het diagnoseapparaat. Doe hetzelfde bij de andere ventielen. Als er na het activeren van een ventiel geen code is opgenomen, vervang dan het betreffende ventiel. Automatisch inlezen zonder activeringsgereedschap. LET OP: Het signaal van het ventiel naar de ontvanger bevat:de staat, de spanning en de code van het ventiel. De ontvanger decodeert deze informatie en geeft hem door aan het huis met hulporganen interieur. Bij rijdende auto, zenden de ventielen eens per minuut hun signaal uit als er geen lek is en elke 10 secondes als er een lek is: STAAT 2. Bij stilstaande auto, zenden de ventielen eens per uur hun signaal uit als er geen lek is en ieder kwartier als er een lek is: STAAT 2. Als u niet over het activeringsgereedschap beschikt, kunt u de staat van het ventiel veranderen, door een lek te simuleren (verminder de spanning met ten minste 1 bar, waardoor in het menu parameter, het betreffende wiel moet overgaan naar STAAT 2). ofwel stilstaand, waarbij u per wiel een kwartier moet wachten, ofwel maak een proefrit, bij een snelheid > 20 km/u (maar behandel dan maar één wiel per keer), (een band laten leeglopen + proefrit + opslaan in geheugen met diagnoseapparaat + band weer oppompen, te herhalen voor ieder wiel). Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-15
296 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Configuratie en inlezen 87B SC010 INLEZEN KAARTEN Voor het correct inlezen van de kaarten moet de kaart ondersteboven worden gehouden, (knoppen aan de onderkant). Het chassisnummer (VIN) moet eerst zijn ingevoerd in het huis met hulporganen interieur. Trek de kaart uit de lezer. Geef dit commando na het inlezen van een nieuw huis met hulporganen interieur of bij het inlezen van nieuwe kaarten. Vraag de reparatiecode op en voer hem in (alleen hoofdletters). LET OP: Bij ieder inlezen, moeten alle kaarten worden aangeboden die voor de auto bestemd zijn. Niet aangeboden kaarten worden onbruikbaar. U zal de inleesprocedure opnieuw moeten uitvoeren. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-16
297 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de storingen 87B Storing Code DF001 DF002 DF003 DF005 DF006 DF007 DF008 DF009 DF011 DF028 DF029 DF040 DF050 DF051 DF052 DF053 DF055 DF056 DF058 DF060 DF061 DF062 DF064 DF067 DF068 DF072 DF075 DF081 DF082 DF084 Omschrijving in diagnoseapparaat Huis met hulporganen Stuurkolomgrendel Circuit contact koppelingspedaal Kaart Ventielsensor wiel links voor Ventielsensor wiel rechts voor Ventielsensor wiel rechts achter Ventielsensor wiel links achter Circuit regen- en lichtsensor Verbinding memory systeem van de bestuurdersstoel Circuit stuurkolomgrendel Rustcontact ruitenwisser achter Spanningsverschil voorbanden Spanningsverschil achterbanden Ontvanger ventielsignalen Informatie snelheid Circuit contact kaart aanwezig Circuit contact kaart op aanslag Circuit contact neutraalstand Commandocircuit relais + 12 V APC Commandocircuit relais + 12 V accessoires Commandocircuit relais startmotor Circuit waarschuwingslampje startvergrendeling Codes van de ventielen van de zomerset Codes van de ventielen van de winterset Circuit kinderveiligheid Circuit tijdgeschakelde voeding Circuit toets portierontgrendeling Circuit controlelampje toets portiervergrendeling Circuit controlelampje toets kinderveiligheid 87B-17 UCH X74Ph2
298 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de storingen 87B Storing Code DF086 DF087 DF088 DF089 DF097 DF098 DF099 DF101 DF102 DF103 DF105 DF106 DF108 DF109 DF110 DF111 DF112 DF113 DF114 DF115 DF116 DF118 DF119 Omschrijving in diagnoseapparaat Relais wissen achter Commandocircuit relais markeringslichten Commandocircuit relais dimlichten Circuit stuursignaal relais koplampsproeiers Circuit rustcontact ruitenwisser voor Commandocircuit relais dimlichten Circuit ruitenwissermotor voor Zekeringen-/relaisplaat Commandocircuit motor stuurbekrachtiging Spanning motor variabele stuurbekrachtiging Circuit voeding portiervergrendeling Circuit toets portiervergrendeling Commandocircuit mistlichten voor Commandocircuit mistachterlicht(en) Commandocircuit knipperlichten Circuit optische sensor portier links voor Circuit optische sensor portier rechts voor Circuit optische sensor portier links achter Circuit optische sensor portier rechts achter Circuit ruit-snelbediening afknijpbeveiliging Verzoek uitschakelen dimlichten Knop voor het starten Bandenspanning-controlesysteem 87B-18 UCH X74Ph2
299 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF001 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR 1.DEF : Interne elektronische storing Zet het contact aan. Neem contact op met de technische helpdesk. Configureer het huis met hulporganen interieur. UCH_V04_DF001 87B-19 UCH X74Ph2
300 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF002 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN STUURKOLOMGRENDEL 1.DEF : Elektronische storing in stuurkolomgrendel Zet het contact aan en uit en controleer het ontgrendelen en vergrendelen van de stuurkolomgrendel. Als de storing aanhoudt: vervang de stuurkolomgrendel. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF002 UCH X74Ph2 87B-20
301 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF003 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT KOPPELINGSCONTACT CC : Kortsluiting CO : Onderbreking Alleen bij handgeschakelde versnellingsbak. Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan. Druk op het koppelingspedaal. De storing verschijnt na: Rijdende auto met snelheid hoger dan 5 km/u met koppeling "ingerukt" langer dan 2 minuten of de auto gaat 128 keer van 0 tot 60 km/u zonder informatie van de koppeling. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van het koppelingspedaalcontact. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Koppelingspedaalcontact aansl. 1 Aansl polige stekker P101 huis met hulporganen interieur. Controleer de massa op aansl. 2 van de schakelaar. Demonteer het contact door op de schakelaar te drukken. LET OP: Er kunnen twee contacten zijn bij het koppelingspedaal (een voor het inspuitsysteem en een voor het huis met hulporganen interieur). De staat van het koppelingspedaalcontact wordt "ingedrukt". Bij een storing: vervang het contact. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF003 UCH X74Ph2 87B-21
302 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF005 AANWEZIG KAART 1.DEF : Batterijtje van kaart n 1 2.DEF : Batterijtje van kaart n 2 3.DEF : Batterijtje van kaart n 3 4.DEF : Batterijtje van kaart n 4 Geen. Vervang het batterijtje van de betreffende kaart. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF005P UCH X74Ph2 87B-22
303 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF006 DF007 DF008 DF009 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VENTIELSENSOR WIEL LINKS VOOR VENTIELSENSOR WIEL RECHTS VOOR VENTIELSENSOR WIEL RECHTS ACHTER VENTIELSENSOR WIEL LINKS ACHTER 1.DEF : Geen signaal van de sensor Voorwaarden voor de behandeling van een storing die in het geheugen is. De storing wordt aanwezig na een proefrit. Bijzonderheden: Voor alle werkzaamheden, moet u controleren of alle gemonteerde banden een speciaal ventiel hebben voor het controlesysteem van de bandenspanning (en dat het reservewiel niet op een van de assen gemonteerd is). Het ontbreken van het signaal van een ventiel kan veroorzaakt worden doordat de code van een ventiel niet goed is ingelezen of door een storing in het ventiel. Lees het betreffende ventiel in, wis de storing en maak een proefrit. Als de storing is verholpen, bent u klaar met storing zoeken. Als de storing nog steeds aanwezig is: Met ventielactiveringsgereedschap: Zoek de staat van het betreffende ventiel in het menu "staat". Laat het genoemde ventiel geforceerd uitzenden, constateer of zijn staat wordt "staat 1 "geforceerd signaal"", als de staat niet verandert: vervang dan het ventiel en voer het inlezen uit van SC009 "Inlezen van een ventielcode". Zonder ventielactiveringsgereedschap: Zoek de staat van het betreffende ventiel in het menu "staat". Laat de band > 0,86 bar leeglopen en maak en proefrit (of wacht een kwartier), constateer of zij staat wordt "staat 3 "Signaal door drukverandering"", als de staat niet verandert: vervang dan het ventiel en voer het inlezen uit van SC009 "Inlezen van een ventielcode". Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF006/UCH_V04_DF007/UCH_V04_DF008/UCH_V04_DF009 87B-23 UCH X74Ph2
304 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF011 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT REGEN- EN LICHTSENSOR 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting 2.DEF : Elektronische afwijking in opname element Zet het contact aan, schakel de ruitenwisser in op de intervalstand om de storing te bevestigen. 1.DEF Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van de regen- en lichtsensor. Controleer de zekering F24 20A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de + APC op aansl. 1 en de massa op aansl. 2 van de regen- en lichtsensor. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Regensensor aansl. 3 Aansl polige witte stekker P101 huis met hulporganen interieur. 2.DEF Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Vervang de regen- en lichtsensor. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF011 87B-24 UCH X74Ph2
305 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF028 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERBINDING MEMORY SYSTEEM VAN DE BESTUURDERSSTOEL 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met stoel met memory systeem terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en de stekker van de rekeneenheid van de stoel met memory systeem. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 32 Aansl. 8 blauwe 9-polige stekker van de rekeneenheid memory systeem van de bestuurdersstoel. Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 36 Aansl. 5 blauwe 9-polige stekker van de rekeneenheid memory systeem van de bestuurdersstoel. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF028 87B-25 UCH X74Ph2
306 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF029 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT STUURKOLOMGRENDEL CC.1 : Kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : Onderbreking of kortsluiting aan massa 1.DEF : Massa grendel afwezig of multiplexnetwerk defect (bijv.: verbinding stuurkolomgrendel => Huis met hulporganen interieur) Zet het contact aan. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van de stuurkolomgrendel. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 9 Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 10 Diagnoseaansluiting aansl. 6 Diagnoseaansluiting aansl. 14 Aansl. 2 stekker van de stuurkolomgrendel Aansl. 4 stekker van de stuurkolomgrendel Aansl. 3 stekker van de stuurkolomgrendel Aansl. 6 stekker van de stuurkolomgrendel Als het probleem aanhoudt, vervang de stuurkolomgrendel, als de storing aanhoudt neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF029 UCH X74Ph2 87B-26
307 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF040 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN RUSTCONTACT RUITENWISSER ACHTER 1.DEF : Niet-geïdentificeerde elektrische storing Zet het contact aan, schakel de ruitenwisser achter in. Controleer of de arm en de ruitenwissermotor achter niet geblokkeerd zijn. Controleer de zekering F14 30A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de + APC op aansl. 1 en de massa op aansl. 3 van de ruitenwissermotor achter. Controleer de aansluiting en de staat 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de ruitenwissermotor achter. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 38 Aansl. 2 stekker van de ruitenwissermotor achter + APC Aansl. 1 stekker van de ruitenwissermotor achter massa Aansl. 3 stekker van de ruitenwissermotor achter Als het probleem aanhoudt, vervang de ruitenwissermotor achter, als de storing aanhoudt neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF040 UCH X74Ph2 87B-27
308 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF050 DF051 AANWEZIG SPANNINGSVERSCHIL VOORBANDEN SPANNINGSVERSCHIL ACHTERBANDEN Geen bijzonderheden Controleer of de invoer van de voorgeschreven spanningen overeenkomt met de gegevens van de constructeur : PR003 "Spanning wiel links voor" PR004 "Spanning wiel rechts voor" PR005 "Spanning wiel rechts achter" PR006 "Spanning wiel links achter" Is dit niet zo, raadpleeg dan de "procedure voor het invoeren van de voorgeschreven spanningen". Als de invoer correct is, controleer de spanningen met een manometer, controleer of de bandenspanning overeenkomt met de gegevens van de constructeur. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF050P/UCH_V04_DF051P UCH X74Ph2 87B-28
309 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF052 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN ONTVANGER VENTIELSIGNALEN CO.1 : Onderbreking of kortsluiting aan + 12 volt 1.DEF : Niet-geïdentificeerde elektrische storing Bijzonderheden: Bij het opslaan van de auto, ontstaat door het verwijderen van de zekering stroomonderbreker een storing in geheugen, in dit geval wist u de storingen maar vervang niet de ontvanger. Als de klacht is dat de vier wielen af en toe van het display verdwijnen, behandel dan deze storing. CO.1 Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met SSPP terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige stekker P100 van de UCH en de stekker van de ontvanger van het SSPP. Controleer de geleiding, de isolatie ten opzichte van + 12 V en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding: Stekker van de ontvanger onder de carrosserie aansl. 1 Aansl. 18 huis met hulporganen interieur 40-polige stekker P101 Vervang, als het probleem aanhoudt de ontvanger onder de carrosserie, contact uit. 1.DEF Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met SSPP terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P100 van de UCH en de stekker van de ontvanger van het SSPP. Controleer de voedingen: Massa Aansl. 3 van de stekker van de ontvanger onder de carrosserie + 12 V voor contact Aansl. 4 van de stekker van de ontvanger onder de carrosserie Controleer de zekering F5O 20 A Controleer de geleiding en de isolatie ten opzichte van massa van de verbinding tussen: Stekker van de ontvanger aansl. 1 Aansl. 18 huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P100 Meet de weerstand van dezelfde verbinding. Voer de nodige herstelwerkzaamheden uit als de weerstand abnormaal hoog is. Vervang, als het probleem aanhoudt de ontvanger onder de carrosserie, contact uit. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF052 87B-29 UCH X74Ph2
310 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF053 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN INFORMATIE RIJSNELHEID 1.DEF : Informatie snelheid afwezig 2.DEF : Onsamenhangende snelheid Geen bijzonderheden Voer een diagnose uit van het multiplexnetwerk. Voer een complete diagnose uit van het ABS. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF053 87B-30 UCH X74Ph2
311 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF055 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTACT KAART AANWEZIG CO.0 : Onderbreking of kortsluiting aan massa Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Steek de kaart halverwege in de kaartlezer. Zonder functie als de auto "handsfree" heeft. Controleer de zekering F11 10A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van de kaartlezer. Controleer de masse op aansl. 8 en de + 12 V op aansl. 2 van de kaartlezer. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 12 Aansl. 5 kaartlezer. Controleer de spanning op aansl. 12 van het huis met hulporganen interieur, als de spanning niet 12 V is, probeer het dan met een andere kaart, als het probleem aanhoudt vervang de kaartlezer. Als de spanning 12 V is, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF055 UCH X74Ph2 87B-31
312 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF056 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTACT KAART OP AANSLAG CO.0 : Onderbreking of kortsluiting aan massa Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Steek de kaart halverwege in de kaartlezer. Zonder functie als de auto "handsfree" heeft. Controleer de zekering F11 10A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en van de stekker van de kaartlezer. Controleer de masse op aansl. 8 en de + 12 V op aansl. 2 van de kaartlezer. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 1 Aansl. 7 kaartlezer Als het probleem aanhoudt, controleer de spanning op aansl. 1 van het huis met hulporganen interieur, als de spanning niet 12 V is, vervang de kaartlezer, als de spanning 12 V is, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF056 UCH X74Ph2 87B-32
313 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF058 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTACT NEUTRAALSTAND CC.1 : Kortsluiting aan + 12 volt CO : Onderbreking Alleen bij handgeschakelde versnellingsbak. Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Zet het contact aan. Schakel in neutraal: de staat van het contact moet actief zijn. Controleer de zekering F24 20A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en van de stekker van het contact neutraal stand. Controleer de geleiding, het ontbreken van overgangsweerstanden en de isolatie tussen: Contact aansl. 3 Aansl. 7 huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 Controleer de + APC en aansl. 2 van het contact neutraal stand. Controleer de montage van het contact op de versnellingsbak, demonteer het contact en druk op de schakelaar. De staat van het contact neutraalstand wordt actief en daarna gaan de achteruitrijlichten branden. Bij een storing: vervang het contact. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF058 87B-33 UCH X74Ph2
314 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF060 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS + 12 V APC CC : Kortsluiting 1.DEF : Geen samenhang met na contact Zet het contact aan. CC Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Controleer de werking en de stand van het relais + APC (RL22) op de zekering- en relaisplaat interieur. Vervang deze indien nodig. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. 1.DEF Bijzonderheid: Geen bijzonderheden. Controleer of er in de kabelbundel geen kortsluiting is tussen een + voor contact en de + na contact of tussen de + accessoires en de + na contact (voorbeeld schakelaar ruitbediening, remlichtschakelaar,...). Controleer de werking en de stand van het relais + APC op de zekering- en relaisplaat interieur. Vervang deze indien nodig. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF060 87B-34 UCH X74Ph2
315 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF061 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS + 12 V ACCESSOIRES CC : Kortsluiting Zet het contact aan. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Controleer de voeding van de relais + accessoires (RL 18 en 19) op de zekeringen-/relaisplaat. Controleer de werking van de relais, vervang indien nodig. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF061 UCH X74Ph2 87B-35
316 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF062 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS STARTMOTOR CC : Kortsluiting Zet het contact aan, start de motor. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF062 UCH X74Ph2 87B-36
317 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF064 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTROLELAMPJE STARTVERGRENDELING 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van het instrumentenpaneel. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 14 Aansl. 5 van het instrumentenpaneel Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF064 UCH X74Ph2 87B-37
318 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF067 DF068 AANWEZIG CODES VAN DE VENTIELEN VAN DE ZOMERSET CODES VAN DE VENTIELEN VAN DE WINTERSET 1.DEF : Er ontbreekt minstens een ventielcode 2.DEF : Er zijn minstens twee dezelfde ventielcodes Bij alle werkzaamheden waarbij een ventiel verwisseld of een band uitgebouwd moet worden, moet zich houden aan de voorschriften in het werkplaatshandboek. 1.DEF Voor alle werkzaamheden, moet u controleren of alle gemonteerde banden een speciaal ventiel hebben voor het controlesysteem van de bandenspanning (en dat het reservewiel niet gemonteerd is). Als het huis met hulporganen interieur de ventielcodes niet kent voor een van beide bandensets (zomer- of winterbanden), is deze storing normaal en zal altijd aanwezig zijn. In dat geval is de enige oplossing om deze storing te voorkomen het inlezen van dezelfde ventielcodes voor de twee bandensets. Als het huis met hulporganen interieur de codes voor beide bandensets heeft ingelezen (menu parameter), dan is er een code niet goed ingelezen of staat er een verkeerde bandenset in het geheugen. Kijk in het menu "staat", welke bandenset in het geheugen staat (zomer of winter). Kijk in het menu parameter naar de toegewezen ventielcodes die in het geheugen staan voor de bandenset. Lees de vier ventielcodes in. Als er geen verband bestaat, lees dan de ontbrekende of verkeerd ingevoerde codes in. Maak een proefrit om de reparatie te bevestigen. 2.DEF Geen. Lees opnieuw de ventielcodes in. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF067P/UCH_V04_DF068P 87B-38 UCH X74Ph2
319 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF072 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT KINDERVEILIGHEID CC.0 : Kortsluiting aan massa CC : Kortsluiting Zet het contact aan en druk op de toets kinderveiligheid. Controleer de staat en de stand van de zekering van de portiervergrendeling. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en de stekker van de grendelmotors van de achterportieren. Controleer de isolatie ten opzichte van + 12 V en ten opzichte van de massa van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 4 Aansl. A van de grendelmotor van het portier rechts achter Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 21 Aansl. A van de grendelmotor van het portier links achter Controleer de werking van de motors van de portiervergrendeling achter. Vervang ze indien nodig. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF072 87B-39 UCH X74Ph2
320 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF075 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT TIJDGESCHAKELDE VOEDING CC : Kortsluiting Zet het contact aan. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF075 UCH X74Ph2 87B-40
321 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF081 AANWEZIG CIRCUIT TOETS PORTIERONTGRENDELING CC.0 : Kortsluiting aan massa Zet het contact aan en druk op de toets van de portierontgrendeling. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P100 van de UCH en de stekker van de toets voor de portierontgrendeling. Controleer de isolatie ten opzichte van massa van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P100 aansl. 17 Aansl. B1 van de toets van de portierontgrendeling. Controleer de staat en de werking van de toets van de portierontgrendeling, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF081P UCH X74Ph2 87B-41
322 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF082 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTROLELAMPJE TOETS PORTIERVERGRENDELING 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan en druk op de toets van de portiervergrendeling. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de toets voor de portierontgrendeling. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 21 Aansl. B3 van de toets van de portierontgrendeling. Controleer de staat en de werking van de toets van de portiervergrendeling, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF082 UCH X74Ph2 87B-42
323 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF084 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT CONTROLELAMPJE TOETS KINDERVEILIGHEID 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan en druk op de toets kinderveiligheid. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en de stekker van de toets van de kinderveiligheid. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden tussen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 24 Aansl. B3 van de toets kinderveiligheid Controleer de staat en de werking van de toets van de kinderveiligheid, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF084 UCH X74Ph2 87B-43
324 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF086 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN RELAIS WISSEN ACHTER CC.1 : Kortsluiting aan + 12 V Zet het contact aan, schakel de ruitenwisser achter in. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF086 UCH X74Ph2 87B-44
325 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF087 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS MARKERINGSLICHTEN CC : Kortsluiting Zet het contact aan. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF087 UCH X74Ph2 87B-45
326 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF088 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS DIMLICHTEN 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF088 UCH X74Ph2 87B-46
327 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF089 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS KOPLAMPSPROEIERS CC.1 : Kortsluiting aan + 12 V Zet het contact aan, schakel de dimlichten in en bedien de voorruitsproeier. Controleer de isolatie ten opzichte van + 12 V van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 40 Aansl. D2 van het relais koplampsproeiers op de zekeringen-/relaisplaat Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF089 UCH X74Ph2 87B-47
328 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF097 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT RUSTCONTACT RUITENWISSER VOOR 1.DEF : Niet-geïdentificeerde elektrische storing Zet het contact aan, schakel de ruitenwisser voor in. Controleer of de armen en de ruitenwissermotor voor niet geblokkeerd zijn. Controleer de zekering F14 30A op de zekeringplaat in het interieur. Controleer de + APC op aansl. 1 en de massa op aansl. 3 van de ruitenwissermotor voor. Controleer de aansluiting en de staat 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de ruitenwissermotor voor. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 34 Aansl. 2 stekker ruitenwissermotor voor + APC Aansl. 5 en 4 stekker ruitenwissermotor voor massa Aansl. 1 stekker ruitenwissermotor voor Herstellen indien nodig Als het probleem aanhoudt, vervang de ruitenwissermotor achter. Als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF097 UCH X74Ph2 87B-48
329 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF098 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT RELAIS DIMLICHTEN CC : Kortsluiting Zet het contact aan, en schakel de grootlichten in. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF098 UCH X74Ph2 87B-49
330 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF099 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN Circuit ruitenwissermotor voor CC : Kortsluiting Zet het contact aan, schakel de ruitenwisser voor in. Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF099 UCH X74Ph2 87B-50
331 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF101 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN ZEKERINGEN- EN RELAISPLAAT 1.DEF : Detectie van een kortsluiting van het commando van een of meer interne relais van de zekeringplaat Relais na vergrendelen of ontgrendelen van de portieren. Vergrendel of ontgrendel de portieren. Vervang de zekeringen-/relaisplaat. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF101 UCH X74Ph2 87B-51
332 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF102 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT MOTOR STUURBEKRACHTIGING 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Draaiende motor, verdraai het stuurwiel om de motor van de variabele stuurbekrachtiging in te schakelen. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met variabele stuurbekrachtiging terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en de stekker van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Controleer de massa op aansl. E van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 2 Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 3 Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 13 Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 18 Aansl. D stekker van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Aansl. B stekker van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Aansl. C stekker van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Aansl. A stekker van de motor van de variabele stuurbekrachtiging. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF102 UCH X74Ph2 87B-52
333 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF103 AANWEZIG SPANNING MOTOR VARIABELE STUURBEKRACHTIGING 1.DEF : Spanning buiten de tolerantie Zet het contact aan. Bijzonderheden: De storing kan verschijnen als de spanning hoger is dan 17 V of lager dan 9 V. (Hij kan verschijnen na het gebruik van een booster) Controleer de conformiteit van de accuspanning en voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF103P UCH X74Ph2 87B-53
334 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF105 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT VOEDING PORTIERVERGRENDELING CC : Kortsluiting Zet het contact aan en vergrendel de portieren. Controleer de conformiteit van de accuspanning en voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. Controleer of de kabelbundel van de grendelmotors van de portieren (uitgezonderd het achterklepslot), gen kortsluiting maken (zie elektrisch schema, naargelang het type van de auto). Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF105 UCH X74Ph2 87B-54
335 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF106 AANWEZIG CIRCUIT TOETS PORTIERVERGRENDELING CC.0 : Kortsluiting aan massa Zet het contact aan en vergrendel de portieren. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de toets voor de portiervergrendeling. Controleer de isolatie ten opzichte van massa van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. Aansl. A3 van de toets van de portierontgrendeling. Controleer de staat en de werking van de toets van de portiervergrendeling, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF106P UCH X74Ph2 87B-55
336 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF108 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT MISTLICHTEN VOOR CC.1 : Kortsluiting aan + 12 V Zet het contact aan, lichtschakelaar op stand mistlichten voor aan. Als de staat ET124 "Mistlichten voor" is "uit" en de staat ET111 "Verzoek mistlichten voor" is "Actief": Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Als de staat ET111 "Verzoek mistlichten voor" is "Inactief" ga dan als volgt te werk: Controleer de isolatie ten opzichte van + 12 V van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 28 Aansl. A1 van de lichtschakelaar Controleer de werking van de lichtschakelaar, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF108 UCH X74Ph2 87B-56
337 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF109 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT MISTACHTERLICHT CC.1 : Kortsluiting aan + 12 V Zet het contact aan, lichtschakelaar op stand mistachterlicht aan. Als de staat ET125 "Mistachterlichten" is "uit" en de staat ET082 "Verzoek mistachterlichten " is "Actief": Controleer de staat van de stekkers U1 en U2 van de UCH en de stekkers van de zekeringen-/relaisplaat. Controleer of de zekeringen-/relaisplaat correct is geplaatst en aangesloten op de UCH. Vervang de zekeringen-/relaisplaat, als de storing aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Als de staat ET082 "Verzoek mistachterlichten" is "Inactief" ga dan als volgt te werk: Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en van de stekker van de lichtschakelaar. Controleer de isolatie ten opzichte van + 12 V van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 31 Aansl. A3 van de lichtschakelaar Controleer de werking van de lichtschakelaar, vervang deze indien nodig. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF109 UCH X74Ph2 87B-57
338 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF110 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN COMMANDOCIRCUIT KNIPPERLICHTEN CO : Onderbreking CC.0 : Kortsluiting aan massa 1.DEF : Voedingscircuit Zet het contact aan. 1.DEF ; CO Bijzonderheden: Contact aan, lichtschakelaar op stand knipperlicht rechts of links (niet alarmknipperlichten). Controleer de gloeilampen van de knipperlichten. Controleer de staat en de stand van de zekering van het knipperlicht. Controleer de conformiteit van de accuspanning en voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. Controleer of de kabelbundel van de knipperlichten geen onderbreking heeft (zie elektrisch schema). Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. CC.0 Bijzonderheden: Contact aan, lichtschakelaar op stand knipperlicht rechts of links (of alarmknipperlichten aan). Controleer of er geen te groot verbruik is door een te groot aantal gloeilampen (caravan niet conform). Controleer of de kabelbundel van de knipperlichten geen kortsluiting aan massa maakt (zie elektrisch schema). Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF110 87B-58 UCH X74Ph2
339 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF111 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPTISCHE SENSOR PORTIER LINKS VOOR CC.0 : Kortsluiting aan massa CO : Onderbreking Bijzonderheden: De storing verschijnt als de sensor van dit portier langer dan 16 s actief is bij rijdende auto of 32 detecties van het openen van dit portier zonder detectie door de sensor. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de optische sensor van het portier links voor. Controleer de isolatie ten opzichte van massa en de geleiding van de verbinding: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 28 Aansl. 1 van de optische sensor Controleer de voeding van de optische sensor, massa op aansl. 2 en 12 V op aansl. 3. Vervang de optische sensor van het portier links voor. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF111 87B-59 UCH X74Ph2
340 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF112 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPTISCHE SENSOR PORTIER RECHTS VOOR CC.0 : Kortsluiting aan massa CO : Onderbreking Bijzonderheden: De storing verschijnt als de sensor van dit portier langer dan 16 s actief is bij rijdende auto of 32 detecties van het openen van dit portier zonder detectie door de sensor. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de optische sensor van het portier rechts voor. Controleer de isolatie ten opzichte van massa en de geleiding van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 33 Aansl. 1 van de optische sensor Controleer de voeding van de optische sensor, massa op aansl. 2 en 12 V op aansl. 3. Vervang de optische sensor van het portier rechts voor. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF112 UCH X74Ph2 87B-60
341 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF113 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPTISCHE SENSOR PORTIER LINKS ACHTER CC.0 : Kortsluiting aan massa CO : Onderbreking Bijzonderheden: De storing verschijnt als de sensor van dit portier langer dan 16 s actief is bij rijdende auto of 32 detecties van het openen van dit portier zonder detectie door de sensor. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige witte stekker P101 van de UCH en de stekker van de optische sensor van het portier links achter. Controleer de isolatie ten opzichte van massa en de geleiding van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige witte stekker P101 aansl. 23 Aansl. 1 van de optische sensor Controleer de voeding van de optische sensor, massa op aansl. 2 en 12 V op aansl. 3. Vervang de optische sensor van het portier links achter. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF113 87B-61 UCH X74Ph2
342 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF114 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT OPTISCHE SENSOR PORTIER RECHTS ACHTER CC.0 : Kortsluiting aan massa CO : Onderbreking Bijzonderheden: De storing verschijnt als de sensor van dit portier langer dan 16 s actief is bij rijdende auto of 32 detecties van het openen van dit portier zonder detectie door de sensor. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de optische sensor van het portier rechts achter. Controleer de isolatie ten opzichte van massa en de geleiding van de verbinding: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 29 Aansl. 1 van de optische sensor Controleer de voeding van de optische sensor, massa op aansl. 2 en 12 V op aansl. 3. Vervang de optische sensor van het portier rechts achter. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF114 87B-62 UCH X74Ph2
343 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF115 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CIRCUIT RUIT-SNELBEDIENING AFKNIJPBEVEILIGING 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met ruit-snelbediening afknijpbeveiliging terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de ruit-snelbediening afknijpbeveiliging. Controleer voor elke ruitbediening met afknijpbeveiliging, de geleiding en isolatie tussen: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 22 aansl. 6 ruitbediening bestuurder OF voor ruitbediening met afknijpbeveiliging en spiegelgeheugen: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 22 aansl. 27 ruitbediening bestuurder OF voor het open dak met afknijpbeveiliging: Huis met hulporganen interieur zwarte stekker 40-polige P100 aansl. 22 aansl. 9 open dak Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF115 UCH X74Ph2 87B-63
344 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF116 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VERZOEK UITSCHAKELEN DIMLICHTEN 1.DEF : Verzoek uitschakelen van het dimlicht rechts. Voer een diagnose uit van de rekeneenheid van de xenonlampen 2.DEF : Verzoek uitschakelen van het dimlicht links. Voer een diagnose uit van de rekeneenheid van de xenonlampen Zet het contact aan. Voer een diagnose uit van de rekeneenheid van de xenonlampen. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF116 87B-64 UCH X74Ph2
345 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF118 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN STARTKNOP 1.DEF : Storing controlelampje draaiende motor op de startknop 2.DEF : Storing controlelampje startinvitatie op de startknop Zet het contact aan. 1.DEF Bijzonderheden: De storing verschijnt bij draaiende motor. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en van de stekker van de startknop. Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 3 Aansl. 1 van de startknop Vervang de startknop. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. 2.DEF Bijzonderheden: De storing verschijnt met contact aan, voorwaarde voor het starten. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en van de stekker van de startknop. Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding: Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 aansl. 11 Aansl. 3 van de startknop Vervang de startknop. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF118 UCH X74Ph2 87B-65
346 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Betekenis van de storingen 87B DF119 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN CONTROLE BANDENSPANNING 1.DEF : Onderbreking of kortsluiting Zet het contact aan. Controleer of de UCH niet is geconfigureerd met SSPP terwijl de auto deze niet heeft. Controleer de aansluiting en de staat van de 40-polige zwarte stekker P100 van de UCH en de stekker van de ontvanger van het SSPP. Controleer de geleiding, de isolatie ten opzichte van + 12 V en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbinding: Stekker van de ontvanger onder de carrosserie aansl. 1 Aansl. 18 Huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH_V04_DF119 UCH X74Ph2 87B-66
347 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de staten 87B Staat gereedschap ET001 ET004 ET006 ET008 ET012 ET027 ET032 ET033 ET034 ET035 ET042 ET043 ET044 ET045 ET046 ET047 ET048 ET051 ET052 ET053 ET063 ET070 ET071 ET073 ET074 ET077 ET078 ET079 ET080 Omschrijving in diagnoseapparaat Set ventielen herkend + 12 V na contact Dimlichten Huis met hulporganen interieur ongecodeerd Kaart toegewezen aan de auto Rustcontact ruitenwisser voor Informatie ventiel wiel links voor Informatie ventiel wiel rechts voor Informatie ventiel wiel rechts achter Informatie ventiel wiel links achter Passagiersportier Toestemming functie C.A.R door C.P.E Toets CPE Frame R.F. ontvangen Startvergrendeling Stand rempedaal Stand koppelingspedaal Portier links achter Portier rechts achter Bestuurdersportier Grootlichten Knop voor het starten Stuurkolomgrendel ongecodeerd Informatie opname element stuurkolomgrendel Markeringslichten Stand ruitenwisserschakelaar Verzoek ruitensproeier voor Verzoek achterruitsproeier Verzoek achterruitwisser 87B-67 UCH X74Ph2
348 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de staten 87B Staat gereedschap ET081 ET082 ET083 ET084 ET089 ET097 ET109 ET111 ET115 ET124 ET125 ET127 ET134 ET135 ET137 ET141 ET142 ET148 ET150 ET151 ET159 ET160 ET165 ET170 ET171 ET172 ET174 ET186 ET187 ET188 Omschrijving in diagnoseapparaat Stand lichtschakelaar Verzoek mistachterlichten Verzoek knipperlicht links Verzoek knipperlicht rechts Toets kinderveiligheid Rustcontact ruitenwisser achter Achteruit ingeschakeld Verzoek mistlichten voor Verzoek verlichting door lichtsensor Mistlichten voor Mistachterlichten Lampje startvergrendeling Ruitenwissermotor achter Kaartcode in orde Controlelampje kinderveiligheid Bandenspanning iets te hoog Werkomstandigheden motor Controlelampje toets CPE Knipperlicht rechts Knipperlicht links Kinderveiligheid portier links achter Kinderveiligheid portier rechts achter + 12 V accessoires Info. stand selecteurhendel BVA Stand versnellingshendel BVM Kaart op aanslag Commando relais + 12 V na contact Korte druk toets portieren sluiten Lange druk toets portieren sluiten Uitschakelen van de inspuiting 87B-68 UCH X74Ph2
349 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de staten 87B Staat gereedschap ET189 ET196 Omschrijving in diagnoseapparaat Druk toets portieren openen Bandenspanning te laag ET199 ET204 ET214 ET226 ET238 ET241 ET242 ET243 ET250 ET275 ET278 ET279 ET325 ET327 ET328 ET329 ET330 ET331 ET332 ET334 ET335 ET336 ET337 ET338 Waarschuwing "lekke band" ingeschakeld door het systeem Controlelampje SSPP Verkeerde grendelcode Antenne middenconsole + 12 V rustcontact van relais APC Optische sensor links achter Optische sensor rechts achter Toets memory systeem van de bestuurdersstoel Inspuitsysteem Schakelaar alarmknipperlichten Automatische verlichting Indrukken knop verlichting op afstand Achterklep/achterruit Ruitenwissermotor voor Voeding optische sensors van de portieren Optische sensor bestuurder Optische sensor passagier Commando relais koplampsproeiers Commando achterklepslot Handsfree starten Handsfree vergrendelen/ontgrendelen Frame R.F. geldig Voeding stuurkolomgrendel Controlelampje starttoets ET403 Dakantenne 1 ET404 Dakantenne 2 ET405 ET406 Antenne bagageruimte Antenne instrumentenpaneel UCH X74Ph2 87B-69
350 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de parameters 87B Parameter gereedschap PR001 PR002 PR003 PR004 PR005 PR006 PR008 PR009 PR010 PR011 PR012 PR013 PR029 PR030 PR031 PR032 PR033 PR034 PR035 PR036 PR060 PR064 PR066 Omschrijving in diagnoseapparaat Accuspanning Buitentemperatuur Spanning wiel links voor Spanning wiel rechts voor Spanning wiel rechts achter Spanning wiel links achter Rijsnelheid Voorgeschreven spanning lage snelheid voorwielen Voorgeschreven spanning lage snelheid achterwielen Voorgeschreven spanning hoge snelheid achterwielen Voorgeschreven spanning hoge snelheid voorwielen Aantal ingelezen kaarten Code rechter voorwiel winterset Code rechter achterwiel winterset Code linker voorwiel winterset Code linker achterwiel winterset Code linker voorwiel zomerset Code rechter voorwiel zomerset Code rechter achterwiel zomerset Code linker achterwiel zomerset Stand van de motor van de stuurbekrachtiging Stand intervalring ruitenwisser Voeding stuurkolomgrendel 87B-70 UCH X74Ph2
351 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de commando's 87B Commando gereedschap RZ001 RZ002 VP004 VP005 VP007 AC002 AC007 AC008 AC009 AC013 AC020 AC021 AC022 AC023 Omschrijving in diagnoseapparaat Storingsgeheugen Na vervangen van band Schrijven van het V.I.N. Invoeren van de voorgeschreven spanningen Selectie van de bandenset Ontgrendeling/vergrendeling portieren Ruitenwisser achter Mistlichten voor Mistachterlichten Geluidssignaal Controlelampje toets CPE Inschakelen binnenlicht. Knipperlicht links Knipperlicht rechts AC030 Relais koplampsproeier 1 AC035 AC043 AC044 AC045 AC047 AC048 AC052 AC053 AC054 AC055 AC056 AC057 AC062 AC076 AC077 Extra portiervergrendeling Relais + 12 V na contact Relais + 12 V accessoires Relais startmotor Controlelampje startinvitatie Controlelampje draaiende motor Controlelampje alarmknipperlichten Extra portierontgrendeling Dimlichten Markeringslichten Langzaam wissen Snel wissen Grootlichten Controlelampje kinderveiligheid Test motor stuurbekrachtiging UCH X74Ph2 87B-71
352 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Overzicht van de commando's 87B Commando gereedschap SC011 SC020 SC023 SC024 SC025 SC026 Omschrijving in diagnoseapparaat Controle van de kaarten Test lading kaartbatterij Test verbindingen UCH -> kaartlezer Vergrendelen grendelpal Ontgrendelen van de portieren Test van de antennes 87B-72 UCH X74Ph2
353 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B INVOEREN VAN DE VOORGESCHREVEN SPANNINGEN VP004 Bijzonderheden: Zorg ervoor dat u bij het invoeren beschikt over de door de constructeur voorgeschreven bandenspanningen (zie het werkplaatshandboek of instructieboekje van de betreffende auto). Kies in het algemene menu "commando's", klik dan op de knop parametrage en maak de keuze: VP004: Zet de waarden uit het werkplaatshandboek in het geheugen en bevestig. Controleer dan of de voorgeschreven spanningen goed in het geheugen van het menu "parameter" (via het algemene menu) opgenomen is. In geval van problemen, begint u deze handeling opnieuw vanaf het begin. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-73
354 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B VP007 SELECTIE SET WIELEN Bijzonderheden: In het algemene menu, klikt u op het submenu lijst van de staten, controleer de bandenset die in het geheugen is geregistreerd, via de staat: ET001 "Set ventielen herkend". Als de geselecteerde set niet de juiste is, ga dan als volgt te werk: Kies in het algemene menu "commando's", klik dan op de knop parametrage en maak de keuze: VP004. Zet de waarden uit het werkplaatshandboek in het geheugen en bevestig. Controleer dan of de voorgeschreven spanningen goed in het geheugen van het menu "parameter" (via het algemene menu) opgenomen is. In geval van problemen, begint u deze handeling opnieuw vanaf het begin. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-74
355 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B AC013 CLAXON Zet het contact aan. Let op, dit commando is alleen van toepassing bij auto's die uitgerust zijn met de handsfree functie. Dit commando maakt het mogelijk de verbinding tussen het huis met hulporganen interieur en de elektronische claxon te testen. Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding: Claxon aansl. 3 Aansl polige witte stekker P101 huis met hulporganen interieur Controleer de voeding (aansl. 1) en de massa (aansl. 2) van de claxon. Vervang de claxon. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-75
356 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B AC043 AC044 AC045 RELAIS + 12 V NA CONTACT RELAIS + 12 V ACCESSOIRES RELAIS STARTMOTOR Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Geef het commando De relais + 12 V accessoires en + 12 V na contact worden 1 s aangestuurd. Controleer de staat en de stand van het relais, vervang het indien nodig. Het relais startmotor wordt aangestuurd gedurende 0,2 seconde. Bij een probleem, vervang de zekeringen-/relaisplaat. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-76
357 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B AC047 CONTROLELAMPJE STARTINVITATIE Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer of de markeringslichten uit zijn. Zet het contact aan. Controlelampje startinvitatie brandt in de knop motor aan/uit als het contact is ingeschakeld. Als het lampje niet oplicht, geef het commando. Als het lampje niet oplicht: controleer de isolatie en de geleiding van de verbinding tussen: Knop aan/uit aansl. 3 aansl. 11 huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 Controleer de voeding van de knop + 12 V AVC op aansl. 2. Vervang de knop motor aan/uit. Als het probleem aanhoudt, neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-77
358 UCH Programmanr.: 0031 Vdiagnr.: 04 HUIS MET HULPORGANEN INTERIEUR Diagnose - Behandeling van de commando's 87B AC048 CONTROLELAMPJE DRAAIENDE MOTOR Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Controleer of de markeringslichten uit zijn. Zet het contact aan. Controlelampje startinvitatie brandt in de knop motor aan/uit als de motor draait. Als het lampje niet oplicht, geef het commando. Als het lampje niet oplicht: controleer de isolatie en de geleiding van de verbinding tussen: Knop aan/uit aansl. 4 aansl. 3 huis met hulporganen interieur 40-polige zwarte stekker P100 Controleer de voeding van de knop + 12 V AVC op aansl. 2. Vervang de knop motor aan/uit. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Voer een diagnose van het systeem uit. Wis het storingsgeheugen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. UCH X74Ph2 87B-78
359 187F Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Inleiding 87F 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model: LAGUNA II Phase 2 Betreffende functie: Parkeerhulp Naam van de rekeneenheid: Parkeerhulp Vdiagnr.: ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie Type diagnoseapparaat Methodes van de diagnose (dit document): Ondersteunende diagnose (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom), papier. CLIP + CAN-sonde Type onmisbaar gereedschap Onmisbaar speciaal gereedschap Elé Multimeter Universeel verlengblok 3. TER HERINNERING Werkwijze Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. 87F-1 AAP 74 ph2
360 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Inleiding 87F Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat aanwezig of in geheugen van de storingen moet bekeken worden bij het opstarten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (zonder iets aan de elementen van het systeem te doen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.). de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, De ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren). Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, De werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema s Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde 87F-2 AAP 74 ph2
361 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Inleiding 87F 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Voer een voor-diagnose van het systeem uit Druk de diagnosekaart af van het systeem (van de CLIP en in het Werkplaatshandboek of Service Mededeling) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid? nee Zie zoekschema n 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart AAP 74 ph2 87F-3
362 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Inleiding 87F 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De gemeten waarden van de spanningen, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de weerstand Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan +12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 87F-4 AAP 74 ph2
363 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Inleiding 87F 5. DIAGNOSEKAART LET OP! LET OP Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. U MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART INVULLEN BIJ IEDERE DIAGNOSE DIE U UITVOERT Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is, om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen: controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading, gebruik geschikt gereedschap, raak de xenonlampen niet met de hand aan, werk niet aan het COSLAD-systeem als dit in werking is, de spanning is V of hoger. 87F-5 AAP 74 ph2
364 Systeem: Parkeerhulp DIAGNOSEKAART Blz. 1 / 2 Lijst van de onderdelen onder controle: Rekeneenheid Administratieve identificatie Datum 2 0 Ingevuld door VIN: Motor Diagnoseapparaat CLIP Versie van de update Klacht 1198 Geen geluidssignaal 1198 Permanent geluidssignaal 1198 Het systeem detecteert geen obstakel Ander Uw toelichting: Omstandigheden van de klacht 011 Bij contact aanzetten 005 rijdend 004 af en toe 009 plotselinge storing 999 Bij het inschakelen van de achteruit Ander Uw toelichting: Gebruikte documentatie voor de diagnose Gebruikte diagnosemethode Type diagnosehandboek: Werkplaatshandboek Service Mededeling Ondersteunende diagnose N diagnosehandboek: N van de Service Mededeling Elektrisch schema: Titel en / of nummer: Gebruikt elektrisch schema Andere documentatie FD 24 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
365 Systeem: Parkeerhulp DIAGNOSEKAART Blz. 2 / 2 Identificatie van de rekeneenheid en van de vervangen onderdelen voor het systeem Nummer onderdeel 1 Nummer onderdeel 2 Nummer onderdeel 3 Nummer onderdeel 4 Nummer onderdeel 5 Lezen met het diagnoseapparaat (Identificatiescherm): Rekeneenheid nummer Leverancier nummer Programma nummer Programmaversie Kalibratienummer VDIAG Storingen aangegeven op het diagnoseapparaat Storingsnummer Aanwezig In geheugen Omschrijving van de storing Bijzonderheid Context van de storing bij zijn verschijnen Staat of parameter nummer Titel van de parameter Waarde Eenheid Specifieke informatie van het systeem Beschrijving: Aanvullende informatie Waarom heeft u de rekeneenheid vervangen? Welke andere onderdelen zijn vervangen? Andere defecte functies? Uw toelichting: FD 24 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
366 PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Werking van het systeem Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 87F Beschrijving van de werking Het systeem bestaat uit vier sensors in de schildbumper achter, een rekeneenheid en een zoemer: Het systeem helpt de bestuurder bij het parkeren door te waarschuwen bij eventuele obstakels achter de auto. De sensors en de rekeneenheid berekenen de afstand tussen de auto en het obstakel. Het afstandsbereik van het systeem is tussen minimaal 20 à 30 cm tot maximaal 150 cm. De afstandsinformatie wordt aan de bestuurder doorgegeven door middel van een zoemer. Het systeem is alleen actief als de achteruitversnelling is ingeschakeld. Deze activering wordt aangegeven door een kort geluidssignaal van 0,5 secondes bij het inschakelen. het akoestische signaal wordt actief als de auto zich op 150 cm van het obstakel bevindt. Naarmate de afstand kleiner wordt, volgen de geluidssignalen elkaar sneller op. Vanaf een afstand van 20 à 30 cm, moet het een continu geluidssignaal worden. Het systeem kan alleen geactiveerd worden met + na contact. UITSCHAKELEN VAN HET SYSTEEM : Het parkeerhulpsysteem kan op twee manieren worden uitgeschakeld: Tijdelijke uitschakeling: een korte druk (1 seconde) op de schakelaar van de parkeerhulp op het dashboard schakelt het systeem uit (het rode lampje in de schakelaar licht op). De functie wordt opnieuw ingeschakeld door een tweede korte druk (het rode lampje in de schakelaar dooft) of door het uit- en weer aanzetten van het contact. Permanente uitschakeling: het parkeerhulpsysteem kan langduriger worden uitgeschakeld door een lange druk (ongeveer 3 secondes) op de schakelaar van de parkeerhulp op het dashboard (het rode lampje in de schakelaar licht op). De functie wordt opnieuw ingeschakeld uitsluitend door een tweede lange druk (het rode lampje in de schakelaar dooft). N.B.: Met behulp van de staten van het diagnoseapparaat, is de staat van de functie te zien (klaar, detecterend, tijdelijk of langdurig uitgeschakeld) door middel van de staat ET003 "Functie parkeerhulp" (zie de conformiteitscontrole of de betekenis van deze staat). Diagnose : Bij een storing in het systeem, hoort de bestuurder bij het aanzetten van het contact gedurende ongeveer 5 secondes een lage zoemtoon. 87F-8 AAP 74 ph2
367 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Aansluiting rekeneenheid 87F Aansl V na contact V zoemer 3 Massa rekeneenheid 4 Informatie achteruit (+ 12 V) 5 Commando waarschuwingslampje 6 Massa van de zoemer 7 Niet in gebruik 8 Diagnoselijn "K" V sensors achter 10 Massa van de sensors achter 11 Niet in gebruik Omschrijving 12 Informatie van de achteruitversnelling of van de uitschakeling van de functie door de schakelaar van de parkeerhulp 13 Signaal binnenste sensor rechts 14 Signaal binnenste sensor links 15 Signaal buitenste sensor links 16 Signaal buitenste sensor rechts 87F-9 AAP 74 ph2
368 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Vervangen van organen 87F VERVANGEN VAN DE REKENEENHEID VAN DE PARKEERHULP VOORDAT U EEN REKENEENHEID GAAT VERVANGEN MOET U BESLIST CONTACT OPNEMEN MET DE TECHNISCHE HELPDESK Ga bij het vervangen van de rekeneenheid als volgt te werk: zet het contact uit, vervang de rekeneenheid, configureer de identificatie van de auto door middel van het commando CF005 "Identificatie van de auto" (zie Configuratie en inlezen), configureer het volume van de zoemer evenals de afstelling van de toon door middel van de commando's CF001 "Volume zoemer" en CF006 "Afstelling toon" (zie Configuratie en inlezen), schrijf de reparatiedatum met behulp van het diagnoseapparaat door middel van het commando VP001 "Schrijven datum laatste reparatie", controleer de werking van het systeem en of er geen storingen zijn. 87F-10 AAP 74 ph2
369 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Configuratie en inlezen 87F CONFIGURATIE NA VERVANGEN VAN DE REKENEENHEID Na het vervangen van de rekeneenheid, moet de rekeneenheid van de parkeerhulp worden geconfigureerd zodat deze het type van de auto weet, door middel van de configuratie CF005 "Identificatie van de auto" (menu reparatie, configuratie van het diagnoseapparaat). Door deze configuratie past het detectieveld van de sensors zich aan het type van de carrosserie aan. Het type versnellingsbak van de auto (automatische transmissie of handgeschakelde versnellingsbak) dient om het inschakelen van de parkeerhulp te vertragen. Het activeren van de parkeerhulp wordt immers aangegeven door een kort geluidssignaal van 0,5 secondes bij het inschakelen (achteruit versnelling ingeschakeld). De vertraging van 3 secondes voorkomt bij auto's met en automatische transmissie dat het inschakelgeluid telkens klinkt als de selecteurhendel van stand P in stand D wordt gezet. Er kunnen acht types auto's worden aangegeven: LAGUNA K74 automatische transmissie: Voor de Laguna K74 met een automatische transmissie. LAGUNA K74 handgeschakelde versnellingsbak: Voor de Laguna K74 met een handgeschakelde versnellingsbak. LAGUNA B74 automatische transmissie: Voor de Laguna B74 met een automatische transmissie LAGUNA B74 handgeschakelde versnellingsbak: Voor de Laguna B74 met een handgeschakelde versnellingsbak. VELSATIS automatische transmissie: Voor de Velsatis met een automatische transmissie. VELSATIS handgeschakelde versnellingsbak: Voor de Velsatis met een handgeschakelde versnellingsbak. ESPACE automatische transmissie: Voor de Espace met een automatische transmissie. ESPACE handgeschakelde versnellingsbak: Voor de Espace met een handgeschakelde versnellingsbak. Na het configureren van de rekeneenheid, controleert u of de configuratie verwerkt is door het lezen van de configuratie LC005 "Identificatie van de auto". AFSTELMOGELIJKHEDEN Op verzoek van de klant kan de toon van de zoemer gewijzigd worden. Met de configuratie CF001 "Volume zoemer" kan het volume van de zoemer worden geregeld. Er zijn vijf keuzes mogelijk: UITGESCHAKELD, MINIMUM, ZACHT, MIDDEL, LUID. Met de configuratie CF006 "Regeling toon" kan de toon van de zoemer worden geregeld. Er zijn drie keuzes mogelijk: 800 Hz, 1000 Hz, 2000 Hz (hoog). Na het configureren van de rekeneenheid, controleert of deze configuraties goed verwerkt zijn door het lezen van de configuraties LC001 "Volume zoemer" en LC006 "Afstelling toon". 87F-11 AAP 74 ph2
370 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Overzicht van de storingen 87F Overzicht van de sensors en actuators die controleerbaar zijn via de rekeneenheid van de parkeerhulp (met de overeenkomstige codes van de ontwerpafdeling). Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF Buitenste sensor links DF Binnenste sensor links DF Buitenste sensor rechts DF Binnenste sensor rechts DF Zoemer DF Voedingsspanning sensors DF Storing rekeneenheid DF Lampje schakelaar parkeerhulp 87F-12 AAP 74 ph2
371 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF002 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN BUITENSTE SENSOR LINKS CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : onderbreking of kortsluiting aan massa 1.DEF : interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruitversnelling als het parkeerhulpsysteem ACTIEF (KLAAR) is: controlelampje in de schakelaar van de parkeerhulp uit, zie de betekenis van de staat ET003 "Functie parkeerhulp". Bijzonderheden: Deze storing wordt gesignaleerd door de zoemer (een geluidssignaal van 5 secondes) en het systeem schakelt zich uit. Zet het contact uit en maak de 16-polige stekker van de rekeneenheid los. Meet de interne weerstanden van de rekeneenheid: Tussen aansl. 15 en aansl. 9 een weerstand van 215 ± Ω 10 kω. Tussen aansl. 15 en aansl. 10 een weerstand van 100 ± Ω 5 kω. Als de weerstanden niet overeenkomen met de hierboven genoemde waarden of als er een kortsluiting is tussen de genoemde aansluitingen: neem contact op met de technische helpdesk. Bouw de schildbumper achter uit en maak de 3-polige stekker van de buitenste sensor links los. Controleer de staat van de stekker van de sensor. Vervang de stekker indien nodig. Meet de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 1 (voeding) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet oneindig is. Meet vervolgens de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 3 (massa) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet gelijk is aan 40 kω ± 5 kω (wacht enkele secondes tot de meting stabiliseert). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 9 Aansl. 15 Aansl. 10 Buitenste sensor links Aansl. 1 Aansl. 2 Aansl. 3 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Als de storing aanhoudt, vervang de buitenste sensor links. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-13
372 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF003 AANWEZIG of IN GEHEUGEN BINNENSTE SENSOR LINKS CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : onderbreking of kortsluiting aan massa 1.DEF : interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruitversnelling als het parkeerhulpsysteem ACTIEF (KLAAR) is: controlelampje in de schakelaar van de parkeerhulp uit, zie de betekenis van de staat ET003 "Functie parkeerhulp". Bijzonderheden: Deze storing wordt gesignaleerd door de zoemer (een geluidssignaal van 5 secondes) en het systeem schakelt zich uit. Zet het contact uit en maak de 16-polige stekker van de rekeneenheid los. Meet de interne weerstanden van de rekeneenheid: Tussen aansl. 14 en aansl. 9 een weerstand van 215 ± Ω 10 kω. Tussen aansl. 14 en aansl. 10 een weerstand van 100 ± Ω 5 kω. Als de weerstanden niet overeenkomen met de hierboven genoemde waarden of als er een kortsluiting is tussen de genoemde aansluitingen: neem contact op met de technische helpdesk. Bouw de schildbumper achter uit en maak de 3-polige stekker van de binnenste sensor links los. Controleer de staat van de stekker van de sensor. Vervang de stekker indien nodig. Meet de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 1 (voeding) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet oneindig is. Meet vervolgens de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 3 (massa) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet gelijk is aan 40 kω ± 5 kω (wacht enkele secondes tot de meting stabiliseert). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 9 Aansl. 14 Aansl. 10 Binnenste sensor links Aansl. 1 Aansl. 2 Aansl. 3 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Als de storing aanhoudt, vervang de binnenste sensor links. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-14
373 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF004 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN BUITENSTE SENSOR RECHTS CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : onderbreking of kortsluiting aan massa 1.DEF : interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruitversnelling als het parkeerhulpsysteem ACTIEF (KLAAR) is: controlelampje in de schakelaar van de parkeerhulp uit, zie de betekenis van de staat ET003 "Functie parkeerhulp". Bijzonderheden: Deze storing wordt gesignaleerd door de zoemer (een geluidssignaal van 5 secondes) en het systeem schakelt zich uit. Zet het contact uit en maak de 16-polige stekker van de rekeneenheid los. Meet de interne weerstanden van de rekeneenheid: Tussen aansl. 16 en aansl. 9 een weerstand van 215 ± Ω 10 kω. Tussen aansl. 16 en aansl. 10 een weerstand van 100 ± Ω 5 kω. Als de weerstanden niet overeenkomen met de hierboven genoemde waarden of als er een kortsluiting is tussen de genoemde aansluitingen: neem contact op met de technische helpdesk. Bouw de schildbumper achter uit en maak de 3-polige stekker van de buitenste sensor rechts los. Controleer de staat van de stekker van de sensor. Vervang de stekker indien nodig. Meet de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 1 (voeding) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet oneindig is. Meet vervolgens de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 3 (massa) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet gelijk is aan 40 kω ± 5 kω (wacht enkele secondes tot de meting stabiliseert). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 9 Aansl. 16 Aansl. 10 Buitenste sensor rechts Aansl. 1 Aansl. 2 Aansl. 3 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Als de storing aanhoudt, vervang de buitenste sensor rechts. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-15
374 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF005 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN BINNENSTE SENSOR RECHTS CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : onderbreking of kortsluiting aan massa 1.DEF : interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruitversnelling als het parkeerhulpsysteem ACTIEF (KLAAR) is: controlelampje in de schakelaar van de parkeerhulp uit, zie de betekenis van de staat ET003 "Functie parkeerhulp". Bijzonderheden: Deze storing wordt gesignaleerd door de zoemer (een geluidssignaal van 5 secondes) en het systeem schakelt zich uit. Zet het contact uit en maak de 16-polige stekker van de rekeneenheid los. Meet de interne weerstanden van de rekeneenheid: Tussen aansl. 13 en aansl. 9 een weerstand van 215 ± Ω 10 kω. Tussen aansl. 13 en aansl. 10 een weerstand van 100 ± Ω 5 kω. Als de weerstanden niet overeenkomen met de hierboven genoemde waarden of als er een kortsluiting is tussen de genoemde aansluitingen: neem contact op met de technische helpdesk. Bouw de schildbumper achter uit en maak de 3-polige stekker van de binnenste sensor rechts los. Controleer de staat van de stekker van de sensor. Vervang de stekker indien nodig. Meet de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 1 (voeding) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet oneindig is. Meet vervolgens de weerstand tussen aansl. 2 (signaal) en aansl. 3 (massa) van de sensor. Vervang de sensor als de weerstand niet gelijk is aan 40 kω ± 5 kω (wacht enkele secondes tot de meting stabiliseert). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 9 Aansl. 13 Aansl. 10 Binnenste sensor rechts Aansl. 1 Aansl. 2 Aansl. 3 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Als de storing aanhoudt, vervang de binnenste sensor rechts. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-16
375 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF006 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN ZOEMER CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CO.0 : onderbreking of kortsluiting aan massa Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruitversnelling als het parkeerhulpsysteem ACTIEF (KLAAR) is: controlelampje in de schakelaar van de parkeerhulp uit, zie de betekenis van de staat ET003 "Functie parkeerhulp". Bijzonderheden: Deze storing wordt gesignaleerd door het ontbreken van het geluidssignaal van 1 seconde dat normaal klinkt uit de zoemer bij het inschakelen van de achteruitversnelling. Zet het contact uit en maak de 16-polige stekker van de rekeneenheid los. Meet de interne weerstand van de rekeneenheid tussen aansl. 2 en 6. Als de gemeten waarde niet 314 Ω is of als er kortsluiting is tussen de genoemde aansluitingen, neem dan contact op met de technische helpdesk. Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de zoemer. Vervang de stekker indien nodig. Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 2 Aansl. 6 Zoemer Aansl. 2 Aansl. 1 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Meet de weerstand van de zoemer tussen aansl. 1 en 2. Vervang de zoemer als de weerstand niet ongeveer 48 Ω is. Als de storing aanhoudt, vervang de zoemer. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-17
376 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF007 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN VOEDINGSSPANNING SENSORS CO.0 : onderbreking Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing verschijnt weer als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en het inschakelen van de achteruitversnelling. Bijzonderheden: De sensors krijgen rechtstreeks + 12 V voeding via de rekeneenheid. 16-polige stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp aangesloten en contact aan, meet de voeding van de sensors op de uitgang van de rekeneenheid. De spanning moet gelijk zijn aan de accuspanning (± 0,5 V), meet tussen aansl. 9 (+ 12 V) en aansl. 10 (massa). Als er geen + 12 V voeding is tussen de bovengenoemde aansluitingen, bouw de schildbumper achter uit om bij de sensors te kunnen komen. Zet het contact uit en maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 9 Aansl. 10 Sensors Aansl. 1 van de vier sensors Aansl. 3 van de vier sensors Als de voedingslijnen van de sensors goed zijn (geen kortsluiting), sluit de stekker van de rekeneenheid en de vier stekkers van de sensors weer aan. Zet het contact aan en maak de sensors één voor één los om te controleren of een van de sensors geen daling van de voedingsspanning veroorzaakt. Vervang de defecte sensor. Als de storing aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-18
377 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF008 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN STORING REKENEENHEID 1.DEF : interne elektronische storing 2.DEF : interne elektronische storing. 3.DEF : interne elektronische storing Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing verschijnt weer als aanwezig of in het geheugen na het wissen van de storing, uit- en weer aanzetten van het contact en het inschakelen van de achteruitversnelling. Bijzonderheden: Als de storing aanwezig is met het kenmerk 1.DEF of 2.DEF, werkt het systeem in het noodprogramma (met gebruik van vervangende waarden). Als de storing aanwezig is met het kenmerk 3.DEF, en als de zoemer geen geluid geeft bij het inschakelen van de achteruitversnelling: neem contact op met de technische helpdesk. 1.DEF 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Als na de uitvoering van het advies, de storing opnieuw aanwezig is, zet het contact uit en maak de voedingszekering van de rekeneenheid van de parkeerhulp los (zie het schema van de auto). Sluit de zekering weer aan, zet het contact aan en lees de storingen uit. Als de storing terugkomt, controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp (geen beschadiging van de aansluitingen). Contact uit, maak de stekker los van de rekeneenheid van de parkeerhulp en controleer de voedingen en de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 1 + na contact Aansl. 3 massa Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de technische helpdesk. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-19
378 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF008 VERVOLG 3.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Neem contact op met de technische helpdesk. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. 87F-20 AAP 74 ph2
379 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Overzicht van de storingen 87F DF0012 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN LAMPJE SCHAKELAAR PARKEERHULP CC.0 : kortsluiting aan massa of onderbreking CO.1 : onderbreking of kortsluiting aan + 12 volt Voorwaarden voor het storing zoeken bij storing in geheugen: De storing wordt aanwezig verklaard na het inschakelen van de achteruit en een druk op de schakelaar van het uitschakelen van de parkeerhulp. Bouw de schakelaar van de parkeerhulp uit een controleer de aansluiting en de staat van de stekker ervan. Controleer de massa op aansl. B3 van de stekker van de toets van de parkeerhulp. Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Stekker van de toets van de parkeerhulp Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. B2 Aansl. 5 Als de storing aanhoudt, vervang de schakelaar van de parkeerhulp. Wis het storingsgeheugen. Voer het advies uit om de reparatie te bevestigen. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. AAP 74 ph2 87F-21
380 PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Conformiteitscontrole Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 87F Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Voorwaarden voor het storing zoeken: contact aan Volgorde Functie Parameter of Staat controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose KLAAR (systeem werkt en klaar om te detecteren). 1 Staat van het parkeerhulpsysteem ET003: Functie parkeerhulp DETECTEREND (als het systeem detecteert). OPGESCHORT (als het systeem tijdelijk is uitgeschakeld). Voor meer informatie of bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de staat: ET003. UITGESCHAKELD (als het systeem compleet is uitgeschakeld). 2 Schakelaar uitschakelen van de parkeerhulp ET004: Schakelaar parkeerhulp DRUK GEDETECTEERD als de schakelaar is ingedrukt, LOS in het tegenovergestelde geval. Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de staat ET004. PR006: Voedingsspanning sensors 10,5 V < X < 14,4 V Voer indien nodig de diagnose uit van storing DF007 "Voedingsspanning sensors". 3 Voedingen PR020: Voedingsspanning van de rekeneenheid 10,5 V < X < 14,4 V Bij problemen met deze parameter: controleer de isolatie, de geleiding en het ontbrekenvan overgangsweerstanden van de voedingen en de massa van de rekeneenheid (zie elektrische schema). Als de storing aanhoudt: voer een diagnose uit van het laadstroomcircuit. AAP 74 ph2 87F-22
381 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Conformiteitscontrole 87F Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Voorwaarden voor het storing zoeken: contact aan Volgorde Functie Parameter of Staat controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diagnose 4 Selectie achteruit ET001: Achteruit ingeschakeld JA of NEE Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de staat ET Commando van de zoemer ET002: Commando zoemer ACTIEF als de zoemer een signaal geeft. INACTIEF in het tegenovergestelde geval Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de staat ET002. PR001: Afstand buitenste sensor links 20 cm < X < 150 cm afhankelijk van de afstand van het obstakel (detectielimiet: 255 cm). Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR001. PR002: Afstand binnenste sensor links 20 cm < X < 150 cm afhankelijk van de afstand van het obstakel (detectielimiet: 255 cm). Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR Detectiesensors PR003: Afstand buitenste sensor rechts 20 cm < X < 150 cm afhankelijk van de afstand van het obstakel (detectielimiet: 255 cm). Bij een storing: raadpleeg de betekenis van de parameter PR003. PR004: Afstand binnenste sensor rechts 20 cm < X < 150 cm afhankelijk van de afstand van het obstakel (detectielimiet: 255 cm). Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR004. PR005: Kortste berekende afstand 20 cm < X < 150 cm afhankelijk van de afstand van het obstakel (detectielimiet: 255 cm). Bij een probleem: raadpleeg de betekenis van de parameter PR F-23 AAP 74 ph2
382 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Overzicht van de staten 87F Staat gereedschap ET001 ET002 ET003 ET004 Achteruit ingeschakeld Commando zoemer Functie parkeerhulp Schakelaar parkeerhulp Omschrijving in diagnoseapparaat 87F-24 AAP 74 ph2
383 PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Betekenis van de staten Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 87F ACHTERUIT INGESCHAKELD ET001 Bijzonderheden: Voer de controles alleen uit als de staten "JA" en "NEE" niet overeenkomen met de stand van de versnellingshendel. Controleer de werking van de achteruitrijlichten: deze branden als de achteruitversnelling is ingeschakeld en niet in het tegenovergestelde geval. Als de achteruitrijlichten niet werken zoals aangegeven: Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie (ten opzichte van + 12 V), de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Stekker van de achterlichten Aansl. 4 Aansl. 3 Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-25
384 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Betekenis van de staten 87F COMMANDO ZOEMER ET002 Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn ET002 blijft INACTIEF Controleer of het systeem van de parkeerhulp ingeschakeld is door de staat ET003 "Functie parkeerhulp" (waarschuwingslampje van de schakelaar parkeerhulp gedoofd). Als de staat het kenmerk opgeschort of gedeactiveerd aangeeft, schakel het systeem dan weer in met een druk van 1 of 3 secondes, raadpleeg de betekenis van de staat ET003. Controleer of het systeem van de parkeerhulp correct is geconfigureerd overeenkomstig het type van de auto waarin het is gemonteerd (LC005 "Identificatie van de auto" Laguna B74, K74, Velsatis, Espace met automatische transmissie of handgeschakelde versnellingsbak). Herconfigureer de rekeneenheid indien nodig via het commando CF005 "Identificatie van de auto". Controleer, met de auto bij een obstakel (tussen 20 en 150 cm), of de gemeten afstand overeenkomt met die op het diagnoseapparaat (PR001 t/m PR004). Als de afstand niet overeenkomt of als de parameters van de afstand 255 cm blijven, neem dan contact op met de technische helpdesk. ET002 ACTIEF maar geen geluid van de zoemer Controleer of het volume van de zoemer niet op nul is ingesteld LC001: NUL). Als het geconfigureerde volume "NUL" is, herconfigureer dan de rekeneenheid via het commando CF001 "Volume zoemer". Kies het door de klant gewenste volumeniveau (minimum, zacht, gemiddeld, luid). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 2 Aansl. 6 Zoemer Aansl. 1 Aansl. 2 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Controleer de weerstand van de zoemer, meet tussen de twee aansluitingen ervan. Vervang de zoemer als de weerstand niet ongeveer 48 Ω is. Als de storing aanhoudt, vervang de zoemer. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-26
385 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Betekenis van de staten 87F FUNCTIE PARKEERHULP ET003 Bijzonderheden: Als het systeem van de parkeerhulp is kort of langdurig is uitgeschakeld, brandt het controlelampje van de toets van de parkeerhulp. Deze staat geeft aan of het systeem van de parkeerhulp actief is of niet: ET003: KLAAR ET003: DETECTEREND ET003: OPGESCHORT ET003: UITGESCHAKELD Deze informatie geeft aan dat bij het inschakelen van de achteruitversnelling het systeem van de parkeerhulp de obstakels detecteert en de zoemer klinkt (het controlelampje van de toets van de parkeerhulp is uit). Deze informatie verschijnt als de achteruitversnelling is ingeschakeld en geeft aan dat het systeem van de parkeerhulp een obstakel detecteert. Deze informatie geeft aan dat het systeem van de parkeerhulp inactief is (geen detectie mogelijk). Deze opschorting van het systeem is tijdelijk want het systeem van de parkeerhulp wordt weer actief na het onderbreken en weer inschakelen van de + na contact. Om het systeem handmatig op te schorten of weer in te schakelen, geeft u een korte druk (1 s) op de toets van de parkeerhulp. Deze informatie geeft aan dat het systeem van de parkeerhulp inactief is (geen detectie mogelijk). Deze opschorting van het systeem is permanent (het systeem van de parkeerhulp wordt niet actief na het onderbreken en weer inschakelen van de + na contact). Om het systeem handmatig te uit- of weer in te schakelen, geeft u een lange druk (3 s) op de toets van de parkeerhulp. Als de staat niet werkt zoals aangegeven, controleer de massa op aansl. A2 van de toets van de parkeerhulp. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-27
386 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Betekenis van de staten 87F ET003 VERVOLG Contact uit, maak de stekker los van de toets van de parkeerhulp en controleer de isolatie (ten opzichte van massa en van + 12 V), de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: Stekker van de toets van de parkeerhulp Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. B1 Aansl. 12 Als de hiervoor gecontroleerde verbinding goed is (geen onderbreking en geen kortsluiting), als de massa aanwezig is op aansl. A2 van de toets maar de storing aanhoudt, controleer dan de werking van de toets met behulp van een ohmmeter. Toets niet ingedrukt: isolatie tussen aansl. A2 en B1. Toets ingedrukt: geleiding tussen aansl. A2 en B1. Vervang de toets van de parkeerhulp als deze niet werkt zoals is aangegeven. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-28
387 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Betekenis van de staten 87F FUNCTIE PARKEERHULP ET004 Bijzonderheden: Pas de betekenis van deze staat uitsluitend toe als de stand van de knop van de parkeerhulp niet overeenkomt met de informatie van de staat (''Druk gedetecteerd'' of ''Los''). Er mag geen enkele storing aanwezig of in het geheugen zijn Contact uit, maak de stekker los van de toets van de parkeerhulp en controleer de isolatie (ten opzichte van massa en van + 12 V), de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbinding: Stekker van de toets van de parkeerhulp Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. B1 Aansl. 12 Als de hiervoor gecontroleerde verbinding goed is (geen onderbreking en geen kortsluiting), als de massa aanwezig is op aansl. A2 van de toets maar de storing aanhoudt, controleer dan de werking van de toets met behulp van een ohmmeter. Toets niet ingedrukt: isolatie tussen aansl. A2 en B1. Toets ingedrukt: geleiding tussen aansl. A2 en B1. Vervang de toets van de parkeerhulp als deze niet werkt zoals is aangegeven. Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-29
388 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Overzicht van de parameters 87F Parameters gereedschap PR001 PR002 PR003 PR004 PR005 PR006 PR020 Omschrijving in diagnoseapparaat Afstand buitenste sensor links Afstand binnenste sensor links Afstand buitenste sensor rechts Afstand binnenste sensor rechts Kortste berekende afstand Voedingsspanning sensors Voedingsspanning van de rekeneenheid 87F-30 AAP 74 ph2
389 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Betekenis van de parameters 87F PR001 PR002 PR003 PR004 AFSTAND BUITENSTE SENSOR LINKS AFSTAND BINNENSTE SENSOR LINKS AFSTAND BUITENSTE SENSOR RECHTS AFSTAND BINNENSTE SENSOR RECHTS Bijzonderheden: Voordat u een eventueel probleem met deze parameters zoekt, controleert u of geen enkele storing aanwezig of in het geheugen is. Als dit het geval is, raadpleeg dan de betekenis van de storing die hoort bij de storing die het diagnoseapparaat aangeeft. N.B.: De ultrasoonsensors zijn bijzonder kwetsbaar. Let op bij het uitbouwen van de schildbumper achter dat er geen krassen op de ultrasoonsensors komen. Controleer met behulp van het scherm van het lezen van de configuratie van het diagnoseapparaat (menu "reparatie"), of het systeem van de parkeerhulp correct is geconfigureerd overeenkomstig het type van de carrosserie waarin het is gemonteerd (LC005 "Identificatie van de auto" Laguna B74, K74, Velsatis, Espace met automatische transmissie of handgeschakelde versnellingsbak). Herconfigureer de rekeneenheid indien nodig via het commando CF005 "Identificatie van de auto". Controleer, met de auto bij een obstakel (tussen 20 en 150 cm), of de gemeten afstand overeenkomt met die op het diagnoseapparaat (PR001 t/m PR004). Als de afstand niet goed is of als de parameters van de afstand 255 cm blijven, controleer dan of geen enkel obstakel de meting verstoort (sticker, modder, sneeuw enz. op de schildbumper achter). Als de afstand die de sensors aangeven niet goed is of als de afstand permanent 255 cm is, controleer de staat van de sensor(s). De sensors mogen geen krassen hebben op het detectievlak (metalen buitenkant). Vervang de defecte sensor. Als de storing aanhoudt, voer de diagnose uit van de sensor waarvan de parameter van de afstand niet goed lijkt (zelfs als het diagnoseapparaat geen storing constateert). Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-31
390 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Betekenis van de parameters 87F KORTSTE BEREKENDE AFSTAND PR005 Bijzonderheden: Voordat u een eventueel probleem van deze parameter zoekt, controleert u of geen enkele storing aanwezig of in het geheugen is. Als dit het geval is, raadpleeg dan de betekenis van de storing die hoort bij de storing die het diagnoseapparaat aangeeft. N.B.: De ultrasoonsensors zijn bijzonder kwetsbaar. Let op bij het uitbouwen van de schildbumper achter dat er geen krassen op de ultrasoonsensors komen. Deze parameter is de gemiddelde door de rekeneenheid berekende waarde als een obstakel zich tussen twee sensors bevindt. Onder 30 cm is de berekende waarde 0 cm (kritieke detectiezone met continu geluidssignaal). Controleer met behulp van het scherm van het lezen van de configuratie van het diagnoseapparaat (menu "reparatie"), of het systeem van de parkeerhulp correct is geconfigureerd overeenkomstig het type van de carrosserie waarin het is gemonteerd (LC005 "Identificatie van de auto": Laguna B74, K74, Velsatis, Espace met automatische transmissie of handgeschakelde versnellingsbak). Herconfigureer de rekeneenheid indien nodig via het commando CF005 "Identificatie van de auto". Controleer met een obstakel (tussen 0 en 150 cm) achter de auto, of de berekende afstand goed lijkt. Als de afstand niet goed is of als de parameter 255 cm blijft, controleer dan of geen enkel obstakel de meting verstoort (sticker, modder, sneeuw enz. op de schildbumper achter). Als de berekende afstand nog steeds niet goed is of als permanent 255 cm wordt aangegeven, controleer de staat van de sensors, deze mogen geen krassen hebben op het detectievlak (metalen buitenkant). Vervang de defecte sensor. Als de storing aanhoudt, voer de diagnose uit van de sensor waarvan de parameter van de afstand niet goed lijkt (zelfs als het diagnoseapparaat geen storing constateert). Voer de conformiteitscontrole opnieuw uit vanaf het begin. AAP 74 ph2 87F-32
391 PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Klachten Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 87F Voer eerst een complete controle uit met het diagnoseapparaat. GEEN COMMUNICATIE MET DE REKENEENHEID ZOEKSCHEMA 1 GEEN GELUIDSSIGNAAL ZOEKSCHEMA 2 PERMANENT GELUIDSSIGNAAL (ZONDER DETECTIE VAN EEN OBSTAKEL) ZOEKSCHEMA 3 AAP 74 ph2 87F-33
392 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: PARKEERHULP 1 stekker Diagnose - Zoekschema's 87F ZOEKSCHEMA 1 Geen communicatie met de rekeneenheid Geen bijzonderheden Probeer het diagnoseapparaat op een andere auto. Controleer: De verbinding tussen het diagnoseapparaat en de diagnoseaansluiting (staat van de kabel). de zekeringen van het inspuitsysteem, in interieur en motorruimte. Controleer de + 12 V accu op aansl. 16, de + 12 V na contact op aansl. 1 en de massa op aansl. 5 en op aansl. 4 van de diagnoseaansluiting. Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 1 + voor contact (zie schema van de auto) Aansl. 3 Massa Aansl. 8 aansl. 7 van de diagnoseaansluiting (lijn K) Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Voer een complete controle uit met behulp van het diagnoseapparaat. AAP 74 ph2 87F-34
393 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Zoekschema's 87F ZOEKSCHEMA 2 Geen geluidssignaal Voer dit zoekschema pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (geen enkele storing aanwezig of in het geheugen). Controleer met behulp van het scherm van de "belangrijkste gegevens" van het diagnoseapparaat, of het systeem van de parkeerhulp wel actief is. De staat ET003 "Functie parkeerhulp" moet "KLAAR" zijn (en het rode controlelampje van de schakelaar van de parkeerhulp moet uit zijn). Is de staat ET003 "KLAAR"? JA NEE Activeer het systeem van de parkeerhulp door 1 of 3 secondes te drukken op de schakelaar (het rode controlelampje moet doven). N.B.: Voor meer informatie over het activeren van het systeem, raadpleegt u de betekenis van de staat ET003. Controleer met behulp van het scherm van de "belangrijkste gegevens" van het diagnoseapparaat, of de achteruitversnelling wel is ingeschakeld. De staat ET001 "achteruitversnelling ingeschakeld" moet "JA" zijn. Controleer ook of de achteruitrijlichten branden als de achteruitversnelling is ingeschakeld. Is de staat ET001 "JA"? JA NEE Raadpleeg de betekenis van de staat ET001. Controleer, met behulp van het scherm voor het aflezen van de configuratie van het diagnoseapparaat, of het volume van de zoemer niet is uitgeschakeld (LC001 "Volume zoemer" mag niet "NUL" zijn). Is LC001 "NUL"? NEE JA Herconfigureer het volume van de zoemer met behulp van het diagnoseapparaat (commando CF001 "Volume zoemer"). Controleer de aansluiting en de staat van de stekker van de zoemer. Vervang de stekker indien nodig. Controleer de werking van het systeem. AAP 74 ph2 87F-35
394 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Zoekschema's 87F ZOEKSCHEMA 2 VERVOLG Controleer met behulp van het scherm van de parameters van het diagnoseapparaat (PR001, PR002, PR003, PR004), of de detectiesensors wel de obstakels detecteren (tussen 20 en 150 cm). Geven de genoemde parameters afstanden aan (met een obstakel achter de schildbumper achter)? JA NEE Raadpleeg de betekenis van de parameters (PR001, PR002, PR003, PR004). Zet een obstakel achter de schildbumper achter om de afstand te zien op het diagnoseapparaat. Controleer of de zoemer correct voeding heeft tijdens de detectie, meet tussen aansl. 1 en aansl. 2 van de zoemer. Heeft de zoemer voeding tijdens deze test? JA NEE Controleer de weerstand van de zoemer, meet tussen de twee aansluitingen ervan. Vervang de zoemer als de weerstand niet ongeveer 48 Ω is. Is de storing nog aanwezig? JA Vervang de zoemer. NEE Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de volgende verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 2 Aansl. 6 Zoemer Aansl. 2 Aansl. 1 Herstel indien nodig de aanwezige storingen (zie elektrisch schema van de auto). Is de storing nog aanwezig? NEE JA Einde van de diagnose neem contact op met de technische helpdesk Controleer de werking van het systeem. AAP 74 ph2 87F-36
395 Vdiagnr.: 04 Rekeneenheid: 1 stekker PARKEERHULP Diagnose - Zoekschema's 87F ZOEKSCHEMA 3 Permanent geluidssignaal (zonder detectie van een obstakel) Voer dit zoekschema pas uit na een complete controle met het diagnoseapparaat (geen enkele storing aanwezig of in het geheugen). Contact uit, maak de stekker van de rekeneenheid van de parkeerhulp los en controleer de isolatie, de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de verbindingen: Rekeneenheid van de parkeerhulp Aansl. 2 Aansl. 6 Zoemer Aansl. 1 Aansl. 2 N.B.: De lijn die afkomstig is van aansl. 2 van de rekeneenheid moet geïsoleerd zijn ten opzichte van + 12 V en de lijn die afkomstig is van aansl. 6 van de rekeneenheid moet geïsoleerd zijn ten opzichte van massa. Herstellen indien nodig (zie elektrisch schema van de auto). Is de storing nog aanwezig? NEE EINDE VAN DE DIAGNOSE JA Controleer, zonder obstakel achter de schildbumper achter (op minder dan 150 cm), of de parameters van de afstand van het diagnoseapparaat de waarde "buiten detectie" van 255 cm (PR001, PR002, PR003, PR004) hebben. Als genoemde parameters een afstand aangeven terwijl er geen het obstakel achter de schildbumper achter is, controleer dan of niets de meting verstoort (sticker, modder, sneeuw enz. op de schildbumper achter). Einde van de diagnose Controleer de werking van het systeem. AAP 74 ph2 87F-37
396 188B MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Inleiding 88B INLEIDING Definitie van het multiplexnetwerk: Het multiplexnetwerk bestaat uit twee verstrengelde draden die verbonden zijn met verschillende rekeneenheden van de auto. Deze twee draden heten CAN H en CAN L. Afhankelijk van de opties van de auto kunnen er twee multiplexnetwerken zijn. het CAN Voertuig (inspuitsysteem, ABS, instrumentenpaneel...) is altijd aanwezig, het CAN Multimedia (navigati, radio, handsfree telefoon) naargelang de opties. N.B.: Aleen het multiplexnetwerk Voertuig kan worden gecontroleerd met behulp van het RENAULTdiagnoseapparaat. de informatie die de rekeneenheden uitwisselen op de netwerken circuleert met een communicatiesnelheid van: 250 kbit/s voor het netwerk CAN V 500 kbit/s voor het netwerk CAN M het netwerk CAN Voertuig heeft twee rekeneenheden met een interne weerstand van 120 Ω elk (eindweerstanden van het netwerk): het inspuitsysteem, het huis met hulporganen interieur. Het netwerk CAN Multimedia heeft als eindweerstanden de rekeneenheid van de navigatie en de autoradio voor de auto's met een navigatiesysteem. DOEL De test van het multiplexnetwerk heeft als doel de verschillende op het netwerk van de auto aanwezige rekeneenheden te definiëren, en de oorzaak te bepalen van de eventuele communicatiestoringen tussen de rekeneenheden. Hij maakt het ook mogelijk de op de auto aanwezige functies te definiëren die soms verspreid zijn over verschillende rekeneenheden (gedeelde functies). Met de test kan de staat worden gecontroleerd van de segmenten van het multiplexnetwerk. Met de test van het multiplexnetwerk kunnen ook de rekeneenheden buiten het multiplexnetwerk worden gecontroleerd, waardoor een globaal zicht mogelijk is van de elektronische opbouw van de auto. 88B-1
397 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Inleiding 88B CONTROLE VAN DE WERKING VAN HET MULTIPLEXNETWERK Voeding van de rekeneenheden van de auto voor de diagnose: Procedure + na contact geforceerd Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van het + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. Sluit het diagnoseapparaat aan en voer de gewenste handelingen uit. Deze stap is het noodzakelijke vertrekpunt voordat een diagnose bij een rekeneenheid uitgevoerd kan worden. Deze stap zorgt ervoor dat het netwerk continu goed is aangesloten op de aansluitingen van elke rekeneenheid en dat de informatie correct wordt uitgezonden en ontvangen. Deze functie zoorgt ook voor het lezen van het aantal storingen in de rekeneenheden. De functie "Test multiplexnetwerk" wordt uitgevoerd na de selectie van de auto door de gebruiker en het bevestigen van de icoon ''Test van de rekeneenheden''. Na de controle van de netwerken, worden de andere functies toegankelijk. VERLOOP VAN DE TEST VAN HET MULTIPLEXNETWERK Begin van de communicatie met de rekeneenheden met de configuratie van de auto (lezen van de identificatie). Lezen van de configuratie van de auto in de twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk (ABS en airbag). Lezen van de lijst van de controleerbare rekeneenheden in de twee rekeneenheden met deze informatie. Ondervragen van de rekeneenheden. Fysieke (elektrische) metingen op het CAN netwerk. LET OP Afhankelijk van de rekeneenheden zijn er drie diagnoselijnen: Rekeneenheid gecontroleerd via het CAN V: Instrumentenpaneel Dynamische correctie xenonlamp Inspuitsysteem S3000 Rekeneenheid gecontroleerd via het CAN M: Intelligent Transport System (Communicatie eenheid) Handsfree telefoon Rekeneenheid gecontroleerd via de lijn K: Huis met hulporganen interieur Airconditioning Airbag Inspuitsysteem ME7.4.6 ABS/ESP Inspuitsysteem EDC15, EDC16 C3 Automatische parkeerrem Parkeerhulp (niet aanwezig op het CAN) Automatische transmissie Brander (niet aanwezig op het CAN) 88B-2
398 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Inleiding 88B ONTVANGEN EN WEERGEVEN VAN DE RESULTATEN Het ontvangstscherm is samengesteld uit een voortgangsbalk die verandert tijdens het overgaan naar de verschillende stappen van de initialisatie, ontvangst en analyse van de gegevens. Aan het eind van de test, geeft het diagnoseapparaat een scherm aan met het resultaat van de test. Hoe moet het topologieschema gelezen worden: Het scherm met de weergave van de resultaten bestaat uit drie zones: de bovenste zone: boodschap met resultaat van de diagnose, de middelste zone links: topologieschema (niet altijd beschikbaar), de middelste zone rechts: interpretatie van de resultaten van de verschillende rekeneenheden van de auto en hun nam. REKENEENHEDEN Geldig: groene omtrek, groene letters. Niet gedetecteerd: rode omtrek, rode letters. Niet controleerbaar: zwarte omtrek, zwarte letters. Niet herkend: rode omtrek, rode letters + uitroepteken. SEGMENTEN Geldig: groene streep. Defect: rode streep. Niet gecontroleerd: zwarte streep. Betekenis van het overzicht van de resultaten van de test In het tabblad "Storingen" zijn de rekeneenheden gerangschikt in de volgende categorieën: "Niet gedetecteerd", als de rekeneenheid niet heeft gereageerd op het verzoek om identificatie van het diagnoseapparaat. In de categorie van de "niet gedetecteerde" rekeneenheden, zijn de rekeneenheden gerangschikt volgens de categorieën "Bevat de configuratie van het multiplexnetwerk" of "Bevat niet de configuratie van het multiplexnetwerk". "Niet herkend", als de rekeneenheid is gedetecteerd maar als hij met dit antwoord niet kan worden geïdentificeerd. In het tabblad "Informatie" zijn de rekeneenheden gerangschikt en gedefinieerd als: "Niet controleerbaar", als de rekeneenheid niet controleerbaar en dus niet ondervraagd is door het diagnoseapparaat. "Geldig", als de rekeneenheid correct heeft gereageerd op het verzoek van het diagnoseapparaat. Als de icoon "doorgaan" wordt geselecteerd in de hoek rechts onder, krijgt u een nieuw scherm te zien met het volgende tabblad: Tabblad "Resultaten", de rekeneenheden zijn gerangschikt in de volgende categorieën: "Met storing", als de rekeneenheid is herkend en met een aantal storingen niet nul. "Zonder storing", als de rekeneenheid is gedetecteerd en zonder storingen. "Niet herkend", als de rekeneenheid is gedetecteerd maar als hij met dit antwoord niet kan worden geïdentificeerd. "Niet gedetecteerd", als de rekeneenheid niet reageert terwijl hij controleerbaar is. 88B-3
399 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Inleiding 88B TEST PER FUNCTIE De test per functie wordt verkregen door te klikken op de icoon "lijst van de functies". Het scherm van de tests van de functies van de auto heeft dezelfde vorm als de test van het multiplexnetwerk met een schema van de opbouw van het netwerk als dit bekend en afgebeeld is. In het tabblad "Functie", staan de verschillende rekeneenheden die meewerken aan de over de rekeneenheden verdeelde functies. Het tabblad "Informatie" geeft de andere mogelijk aanwezige functies van de auto. De selectie van een functie in de lijst van de functies maakt het mogelijk om op het schema de rekeneenheden die niet aan deze functie meedoen grijs weer te geven, en laat de rekeneenheden goed zien die betrokken zijn bij deze functie. De knop "Diagnose" geeft toegang tot de diagnose van de functie als een ervan is geselecteerd in de lijst van de functies. HULP BIJ REPARATIE Hulp bij de detectie van een defecte rekeneenheid of segment: Als het multiplexnetwerk geheel in storing is, kunnen met dit commando segmenten van het multiplexnetwerk worden geïsoleerd, om zo de segmenten die correct op het diagnoseapparaat reageren, uit te schakelen. Hierdoor kan de oorzaak van de storing gemakkelijker worden bepaald. Het hulpprogramma voor het lokaliseren van de storingen is alleen bedoeld voor de behandeling van elektrische storingen op het CAN, daarom worden de stekkers en rekeneenheden die niet op het CAN V zijn aangesloten buiten beschouwing gelaten. Een controle via fysieke metingen voor de storingen van het multiplexnetwerk: Als een segment van het multiplexnetwerk kortsluiting heeft, kunnen de rekeneenheden niet meer onderling of met het diagnoseapparaat communiceren. Op dat moment is de test van het netwerk buiten werking. Het diagnoseapparaat CLIP kan door middel van elektrische metingen op het multiplexnetwerk CAN H en CAN L een aantal storingstypes bepalen. Het kan bepalen: een kortsluiting CAN L / CAN H, een kortsluiting CAN L / + 12 V, een kortsluiting CAN H / + 12 V, een kortsluiting CAN H / massa. Vervolgens kan, dankzij de hieronder beschreven volgorde van het losmaken van de stekkers en daarna van de rekeneenheden, het betreffende defecte of verdachte segment van het multiplexnetwerk worden bepaald. Losmaken van de stekkers en van de rekeneenheden: Scherm "Hulp bij het lokaliseren van netwerkstoring" Volgens het hulpprogramma van het diagnoseapparaat en afhankelijk van de resultaten tijdens de diagnose, is de volgorde voor het losmaken van de stekkers en van de rekeneenheden die het diagnoseapparaat voorschrijft waarschijnlijk als volgt: Inspuitsysteem, ABS/ABR (ESP), Automatische transmissie, Xenonlampen (COSLAD), Instrumentenpaneel, Huis met hulporganen interieur (UCH), Communicatie eenheid = ITS (intelligent transport système) Airconditioning, Automatische parkeerrem (FPA), Verbindingstekker R262, Airbag, Verbindingstekker R265, Verbindingstekker R316, Verbindingstekker R369. N.B.: Het diagnoseapparaat vraagt soms rekeneenheden los te maken die niet aanwezig zijn op de auto; in dat geval moet u controleren of de betreffende rekeneenheid niet aanwezig is en bevestigen alsof het element is losgemaakt-aangesloten en doorgaan met de test. Scherm "Fysieke metingen van het netwerk" Met het tweede scherm, kunt u de staat van het multiplexnetwerk controleren na ieder losmaken / aansluiten van de stekker of rekeneenheid van uw keuze. Hiermee kunt u, na ieder losmaken van een orgaan, de staat van het multiplexnetwerk controleren. 88B-4
400 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Aansluiting rekeneenheden 88B Overzicht van de verbindingen Can H en Can L Ingang Uitgang Stekker Can H Can L Stekker Can H Can L Inspuitsysteem S3000 SAGEM Zwart A4 A3 Bruin K4 K3 Inspuitsysteem EDC15C Grijs B4 A4 Bruin A1 B1 Inspuitsysteem EDC16C3 Grijs B4 A4 Bruin A1 B1 Inspuitsysteem ME7.4.6 BOSCH Bruin H3 H4 Grijs C2 A2 Automatische transmissie SU1 Zwart Automatische transmissie DP0 Zwart ABS + ESP Blauw Automatische parkeerrem Grijs A3 A2 Airbag/Gordelspanners Geel Geregelde/handbediende airconditioning Zwart 10 9 Huis met hulporganen interieur (UCH) Bruin/Witte klem 11 1 Groen/ Zwarte klem Instrumentenpaneel Zwart Stuurkolomgrendel Zwart 3 6 Dynamische correctie xenonlamp Communicatie eenheid (Intelligent Transport Système) Zwart 2 4 Wit 17 1 Wit CAN multimedia 18 2 OBD Grijs R262 Interieur/motor Grijs B5 B6 R265 Interieur/front Zwart B4 B3 R316 Interieur/onderzijde carrosserie Blauw C7 C6 R369 Dashboard/multimedia Wit B-5
401 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Configuratie 88B CONFIGURATIES VAN HET MULTIPLEXNETWERK Bij deze auto staat de configuratie van het multiplexnetwerk in de rekeneenheden van de airbag en in de rekeneenheid van het ABS. Het scherm "Configuratie" bestaat uit twee tabbladen voor het tonen en wijzigen van: Het eerste tabblad: "Configuratie multiplexnetwerk" informeert over de uitvoering van het multiplexnetwerk en de lijst van de rekeneenheden die zijn gedefinieerd als aanwezig op het multiplexnetwerk. Het tweede tabblad: "Configuratie van de controleerbare rekeneenheden" informeert over het toe te passen schemanummer en de lijst van de rekeneenheden die zijn gedefinieerd als controleerbaar door het RENAULT diagnoseapparaat LET OP Repareer eerst de rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk (airbag en ABS), om een scherm te kunnen zien met het schema van de configuratie van het multiplexnetwerk van de te gecontroleerde auto. Rekeneenheid Configuratie multiplexnetwerk Configuratie van de controleerbare rekeneenheden Inspuitsysteem AANWEZIG JA ABS of ABS/ESP AANWEZIG JA Huis met hulporganen interieur (UCH) AANWEZIG JA Automatische transmissie AANWEZIG (optie) JA (optie) Dynamische correctie xenonlamp AANWEZIG (optie) JA (optie) Automatische parkeerrem AANWEZIG (optie) JA (optie) Instrumentenpaneel AANWEZIG JA Airbag/Gordelspanners AANWEZIG JA Stuurkolomgrendel AANWEZIG NEE Communicatie eenheid (Intelligent Transport System) AANWEZIG (optie) JA Airconditioning AANWEZIG JA Parkeerhulp AFWEZIG JA (optie) Handsfree telefoon AFWEZIG JA (optie) Brander AFWEZIG JA (optie) Optie: afhankelijk van het uitrustingsniveau 88B-6
402 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Configuratie 88B CONFIGURATIE VAN HET NETWERK Het invoeren van de configuratie gebeurt met contact aan, pas de procedure + na contact geforcd toe, (zie Inleiding). Dit kan worden gestart vanuit de schermen met de resultaten van de test van het multiplexnetwerk. Het diagnoseapparaat toont de configuratie van het ABS of/en van de airbag. De stappen voor de configuratie zijn de volgende: Selecteer de rekeneenheid die veranderd moet worden. Kies de uitvoering van het schema van het multiplexnetwerk. Het gaat hier om de uitvoering van het schema van het multiplexnetwerk. Deze uitvoering verandert bij elke ontwikkeling van de bedrading van het multiplexnetwerk van deze auto. BELANGRIJK: het nummer van de versie 2 is van de auto's vanaf de introductiedatum 03/03/2004. Keuze van de rekeneenheden die aangesloten zijn op het netwerk Altijd aanwezig zijn: het inspuitsysteem, het ABS/ABR (ESP), het instrumentenpaneel, het huis met hulporganen interieur (UCH), airbag/gordelspanners, stuurkolomgrendel, handbediende airconditioning, + de opties van de auto: de automatische transmissie, xenonlampen (COSLAD), de geregelde airconditioning. automatische parkeerrem, (FPA), Intelligent transport system (ITS) = Communicatie eenheid. LET OP Een rekeneenheid die wel op het multiplexnetwerk is aangesloten maar die niet is geconfigureerd in de rekeneenheden die de configuratie bevatten, wordt niet gecontroleerd bij de test van het multiplexnetwerk. Corrigeer de configuratie door de ontbrekende rekeneenheid aanwezig te verklaren in het ABS, de airbag of de twee. Start de test van het multiplexnetwerk opnieuw na het wijzigen van de configuraties. 88B-7
403 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Behandeling van de storingen 88B MULTIPLEXNETWERK BUITEN WERKING Controleer eerst of de rekeneenheid aan het uiteinde van het defecte segment goed gevoed wordt (massa, + voor contact, + accessoires of + na contact). Controleer altijd de conformiteit van de rekeneenheden. LET OP Zet het contact uit, verwijder de RENAULT kaart uit de lezer, controleer of de markeringslichten uit zijn, wacht 1 minuut. Zoeken van het type storing Raadpleeg het schema van het multiplexnetwerk van de auto (Schema van de diagnoseaansluiting). Meet de weerstand tussen aansl. 6 en 14 van de diagnoseaansluiting. Wat is de aangegeven waarde? 0 Ω De twee lijnen maken kortsluiting (raadpleeg het deel "hulp bij de reparatie"). 60 Ω Controleer de aanwezigheid (Massa, + voor contact, + accessoires of + na contact) op de aansluitingen van de rekeneenheid van het inspuitsysteem en van het huis met hulporganen interieur (UCH). Tussen 70 Ω en 110 Ω 120 Ω Controleer voor elk van de aansl. 6 en 14, het ontbreken van overgangsweerstanden en het ontbreken van kortsluiting aan massa of aan + voor contact. Onderbreking op een lijn of op de twee lijnen. Maak de stekker van de rekeneenheid van het inspuitsysteem los en controleer of de multiplexverbinding tussen de diagnoseaansluiting en het inspuitsysteem. Is de multiplexverbinding correcte? JA Controleer of de weerstand ongeveer 120 Ω is tussen de twee aansluitingen van het netwerk op de rekeneenheid van het inspuitsysteem: Als de weerstand niet ongeveer 120 Ω is, neem contact op met de technische helpdesk. Als de weerstand 120 Ω is, controleer de geleiding en het ontbreken van overgangsweerstanden van de multiplexverbinding tussen de diagnoseaansluiting en het huis met hulporganen interieur. Controleer of de weerstand ongeveer 120 Ω is tussen de twee aansluitingen van het netwerk op de rekeneenheid van het huis met hulporganen interieur: Als de weerstand niet ongeveer 120 Ω is, neem contact op met de technische helpdesk. NEE Herstel de multiplexverbinding tussen de diagnoseaansluiting en het inspuitsysteem. Als het probleem aanhoudt: neem contact op met de technische helpdesk. Controleer het multiplexnetwerk opnieuw met behulp van het diagnoseapparaat. Wis de storingen die in het geheugen staan van alle rekeneenheden die in verbinding staan met het netwerk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. 88B-8
404 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Behandeling van de storingen 88B SEGMENT DEFECT Controleer eerst of de rekeneenheid aan het uiteinde van het defecte segment goed gevoed wordt (massa, + voor contact, + accessoires of + na contact). Controleer altijd de conformiteit van de rekeneenheden. LET OP Het is mogelijk dat het diagnoseapparaat (een) defect(e) segment(en) niet exact kan bepalen. Het toont dan een aantal mogelijk defecte segmenten. Repareer in dit geval het segment dat het dichtste bij de diagnoseaansluiting is. Isoleer het defecte segment door de twee einden van het segment los te maken. Controleer de staat van de stekkers. Controleer de geleiding en de isolatie van de lijnen CAN H en CAN L tussen de twee stekkers van het geïsoleerde segment. Voor de bestemming van de aansluitingen bij de rekeneenheden en de verbindingsstekkers (zie "Overzicht van de verbindingen CAN H en CAN L"). Voer de nodige werkzaamheden uit om ervoor te zorgen da de geleiding van de twee lijnen goed is (vervangen van de kabelbundel, bijvoorbeeld). Controleer of de rekeneenheid in de auto wel bestemd is voor de auto en of de informaties van de rekeneenheid correct zijn. Sluit het segment weer aan. Controleer het multiplexnetwerk opnieuw met behulp van het diagnoseapparaat. Wordt het segment nog steeds defect verklaard? NEE Einde storing zoeken. JA Is er een storing in andere segmenten? NEE Controleer het multiplexnetwerk opnieuw om de geleiding en de isolatie te herstellen van de lijnen CAN H en CAN L tussen het einde van het defecte segment en de diagnoseaansluiting. JA Herhaal dit bij ieder segment. Controleer het multiplexnetwerk opnieuw met behulp van het diagnoseapparaat. Wis de storingen die in het geheugen staan van alle rekeneenheden die in verbinding staan met het netwerk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. 88B-9
405 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Behandeling van de storingen 88B REKENEENHEID DEFECT Controleer of de rekeneenheden in de auto wel de juiste en bestemd zijn voor de auto. Controleer of de rekeneenheden wel voeding krijgen (massa, + voor contact, + accessoires of + na contact). Controleer of "wachtstand" van de rekeneenheden wel werkt in de auto, en wel is opgenomen door de rekeneenheden. de wachtstand is: tijdgeschakelde voeding: huis met hulporganen interieur, instrumentenpaneel. + accessoires: Airconditioning, Communicatie eenheid, ABS/ASR. + na contact: Inspuitsysteem, Airbag/Gordelspanners, Automatische transmissie, Xenonlampen. Bij + accessoires verschijnen deze rekeneenheden niet. Ga naar het diagnoseprogramma van de rekeneenheden. Test van de communicatie met de rekeneenheden. Geen communicatie van de rekeneenheden naar het diagnoseapparaat: zie zoekschema 1 "Geen communicatie met de rekeneenheid" van de rekeneenhe(i)d(en) die niet communiceert met het diagnoseapparaat. Controleer de aansluitingen van de stekkers op de rekeneenheden en het ontbreken van onderbrekingen. De rekeneenheden geven slechts gedeeltelijke informatie over hun identificaties: Controleer in het werkplaatshandboek of in de BVM (databank met gegevens van alle auto's) of de rekeneenheid wel bestemd is voor de auto. Controleer of de update van het diagnoseapparaat CLIP nieuw genoeg is om de storingen van de auto te kunnen verwerken. Als na deze controles geen enkele storing en geen enkele onderbreking of kortsluiting is gedetecteerd, neem dan contact op met de technische helpdesk. Controleer het multiplexnetwerk opnieuw met behulp van het diagnoseapparaat. Wis de storingen die in het geheugen staan van alle rekeneenheden die in verbinding staan met het netwerk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. 88B-10
406 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Behandeling van de storingen 88B REKENEENHEDEN NIET HERKEND OP HET NETWERK Controleer de conformiteit van de rekeneenheden voor de auto. Controleer of de update van het diagnoseapparaat CLIP nieuw genoeg is om de storingen van de auto te kunnen verwerken. Ga naar het diagnoseprogramma van de rekeneenheden. Test van de communicatie met de rekeneenheden. Als er geen communicatie van de rekeneenheden naar het diagnoseapparaat is: zie zoekschema 1. "Geen communicatie met de rekeneenheden" van de rekeneenhe(i)d(en) die niet communiceert met het diagnoseapparaat. Controleer de aansluitingen van de stekkers op de rekeneenheden en het ontbreken van onderbrekingen. Als er geen communicatie met de rekeneenheden is: Controleer of de informaties over de identiteit van de rekeneenheden correct zijn en in overeenstemming met de gecontroleerde auto. Geef de informatie op in de rekeneenheden: Referentie magazijn: Vdiag: Programmanr.: Versienr.: Kalibratienr.: Als na deze controles geen enkele storing en geen enkele onderbreking of kortsluiting is gedetecteerd, neem dan contact op met de technische helpdesk. Controleer het multiplexnetwerk opnieuw met behulp van het diagnoseapparaat. Wis de storingen die in het geheugen staan van alle rekeneenheden die in verbinding staan met het netwerk. Behandel eventueel aanwezige andere storingen. 88B-11
407 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Zoekschema 88B ZOEKSCHEMA 1 Geen communicatie met de rekeneenheden Voeding van de rekeneenheden van de auto voor de diagnose: stilstaande motor, contact aan. Sluit het diagnoseapparaat aan en voer de gewenste handelingen uit. Probeer het diagnoseapparaat op een andere auto. Controleer of de update van het diagnoseapparaat gelijk aan of hoger is dan CD n 52. Controleer: de verbinding tussen het diagnoseapparaat en de diagnoseaansluiting (aansluiting en staat van de verbindingskabel), de voedingen van de rekeneenheden, de zekeringen interieur en motorruimte. Controleer of de sonde van de CLIP correct voeding krijgt via aansl. 16 (+ 12 V), en 4 en 5 (massa) van de diagnoseaansluiting, te zien aan het oplichten van de twee rode diodes op de sonde. Controleer of de sonde van de CLIP voeding krijgt via de USB-poort van de computer (rode diode). Controleer of de sonde van de CLIP communiceert met de rekeneenheden van de auto, te zien aan het oplichten van de twee groene diodes op de sonde. groene diodes rode diodes CAN ISO Voeding auto via diagnoseaansluiting Voeding sonde via USB poort Controleer op de diagnoseaansluiting de volgende aansluitingen: Aansl. 1 + na contact Aansl voor contact Aansl. 4 en 5 Massa Rekeneenheid aangesloten op CAN Voertuig Als het probleem aanhoudt, controleer de geleiding et de isolatie van de lijnen: CAN H (aansl. 6 van de diagnoseaansluiting) CAN L (aansl. 14 van de diagnoseaansluiting) Controleer met een multimeter of de spanningen op de aansluitingen van de diagnoseaansluiting ongeveer zijn: 2,5 V tussen CAN H (aansl. 6) en massa (aansl. 4 en 5) (Gemiddelde waarden) 2,5 V tussen CAN L (aansl. 14) en massa (aansl. 4 en 5) (Gemiddelde waarden) Rekeneenheid aangesloten op CAN Multimedia Als het probleem aanhoudt, controleer de geleiding et de isolatie van de lijnen: CAN H (aansl. 13 van de diagnoseaansluiting) CAN L (aansl. 12 van de diagnoseaansluiting) Controleer met een multimeter of de spanningen op de aansluitingen van de diagnoseaansluiting ongeveer zijn: 2,5 V tussen CAN H (aansl. 13) en massa (aansl. 4 en 5) (Gemiddelde waarden) 2,5 V tussen CAN L (aansl. 12) en massa (aansl. 4 en 5) (Gemiddelde waarden) Voor het detecteren van een kortsluiting op het multiplexnetwerk voertuig raadpleegt u de rubriek "Hulp bij de reparatie". 88B-12
408 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Zoekschema 88B ZOEKSCHEMA 2 Geen weergave van het topologieschema en weergave van de configuratietabel aan het eind van de test van het multiplexnetwerk. De topologie is niet zichtbaar in de volgende gevallen: 1 De twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk hebben niet geantwoord. 2 Het multiplexnetwerk is buiten werking, dus communicatie is onmogelijk. 3 De twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk hebben niet dezelfde configuraties. 4 In het tabblad "multiplexnetwerk" van het configuratiescherm, staat een verkeerd nummer van de "versie van het netwerk" op een van de twee rekeneenheden met de configuratie van het netwerk. 5 Geen enkele "versie van het netwerk" is zichtbaar bij de twee rekeneenheden met de configuratie. 1 De twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk hebben niet geantwoord. Controleer eerst of de rekeneenheden met de configuratie (airbag en ABS) goed gevoed worden (massa, + voor contact, + accessoires of + na contact). Controleer de staat van het multiplexnetwerk en de geleiding en de isolatie van de lijnen CAN H en CAN L tussen de rekeneenheden met de configuratie. 2 Het multiplexnetwerk is defect, dus communicatie is onmogelijk. Zie storing "Multiplexnetwerk defect". 3 De twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk hebben niet dezelfde configuraties. Zie configuratie "configuraties van het multiplexnetwerk". 4 In het tabblad "multiplexnetwerk" van het configuratiescherm, staat een verkeerd nummer van de "versie van het netwerk" op een van de twee rekeneenheden met de configuratie van het netwerk. Zie configuratie "configuratie van het netwerk". 5 Geen enkele "versie van het netwerk" is zichtbaar bij de twee rekeneenheden met de configuratie. Zie configuratie "configuratie van het netwerk". 88B-13
409 MULTIPLEXSYSTEEM Diagnose - Zoekschema 88B ZOEKSCHEMA 3 Weergave van de configuratietabel aan het einde van de test van het multiplexnetwerk Behandel dit zoekschema als het diagnoseapparaat het configuratiescherm laadt aan het einde van de test van het multiplexnetwerk. Het configuratieoverzicht blijft altijd toegankelijk via de icoon "configuratie". Het RENAULT diagnoseapparaat laadt direct het configuratiescherm in de volgende gevallen: Tabblad "MULTIPLEXNETWERK" Geen samenhang tussen de nummers van de "versie van het netwerk" in de twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk. Geen samenhang in de lijst van de rekeneenheden in de twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk. Het nummer van de "versie van het netwerk" in minstens een van de twee rekeneenheden met de configuratie van het multiplexnetwerk is verkeerd. Een van de twee rekeneenheden met de versie van het netwerk is nieuw (na vervangen van rekeneenheid van het ABS of van de airbag). Tabblad "CONTROLEERBARE REKENEENHEDEN" Geen samenhang tussen de nummers van de "versie van het netwerk" in de twee rekeneenheden met de configuratie. Geen samenhang in de lijst van de controleerbare rekeneenheden in de twee rekeneenheden met de lijst van de controleerbare rekeneenheden. Geen samenhang tussen de lijst van de opgegeven rekeneenheden en de werkelijk gedetecteerde rekeneenheden in de auto. 88B-14
410 188C AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C 1. GELDIGHEID VAN HET DOCUMENT In dit document staat de diagnose die geldig is voor alle volgende rekeneenheden: Model(len): LAGUNA II PH II Betreffende functie: AIRBAG Naam van de rekeneenheid: AUTOLIV - ACU 3 Programmanr.: VDIAGNR.: 2C 2. ONMISBARE ELEMENTEN VOOR DE DIAGNOSE Type documentatie: Methodes van de diagnose (dit document): Ondersteunende diagnose (geïntegreerd in het diagnoseapparaat), Dialogys. Elektrische schema's: Visu-Schéma (cd-rom). Type diagnoseapparaat: CLIP Type onmisbaar gereedschap: Onmisbaar speciaal gereedschap Multimeter. Set adapters en verlengblokken voor de functie "Controle van de bedrading van airbags en gordelspanners" van de diagnoseapparaten CLIP of XRBAG met onderstaande verlengblokken. Vanwege de wijziging van de stekkers van de ontstekers van de airbag is de loze ontsteker gewijzigd. ZELF AANPASSEN VAN DE LOZE ONTSTEKER Maak de ontsteker los van zijn rode houder en verwijder één van de twee bruine grendelnokjes. Elé Elé Elé Elé Verlengblok rekeneenheid 75-polig B53 Adapter voor draaibare doorvoer 10-polig zwart Adapter voor controles kabelbundels stoel 6-polig blauw. Adapter voor controles kabelbundels stoel 28-polig. ABGACU3_V2C_PRELI ACU3 X74II vdiag2c C-1
411 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C 3. TER HERINNERING Werkwijze: Om energie te besparen onderbreekt het huis met hulporganen interieur van de Laguna II Phase 2 de voeding + na contact na 3 min. Voor een diagnose van een rekeneenheid, is het mogelijk de + na contact gedurende 1 uur te forceren met behulp van de volgende procedure: druk op de ontgrendeltoets van de kaart, steek de kaart in de kaartlezer, druk op de startknop (onderbreking van de "tijdgeschakelde + na contact"), druk langer dan 5 secondes op de startknop tot het startvergrendelingslampje snel knippert (4 Hz). Deze functie "+ na contact geforceerd" is 1 uur lang actief. Een druk op de startknop of het verwijderen van de kaart uit de kaartlezer onderbreekt de voeding + na contact geforceerd maar onderbreekt niet de tijdschakeling van de functie "+ na contact geforceerd". Zolang het uur nog niet voorbij is, zorgt het aanzetten van + na contact opnieuw voor voeding + na contact geforceerd voor de resterende tijd. Storingen De storingen worden aanwezig verklaard of staan in het geheugen (verschenen in een bepaalde context en sindsdien verdwenen of nog altijd aanwezig maar niet geconstateerd onder de huidige omstandigheden). De staat "aanwezig" of "in geheugen" van de storingen moet bekeken worden bij het starten van het diagnoseapparaat na het aanzetten van + na contact (+APC) (zonder de elementen van het systeem te bedienen). Een storing die aanwezig is, behandelt u zoals is aangegeven in het hoofdstuk Betekenis van de storingen. Bij een storing geheugen, noteert u de storingen die aangegeven zijn en volgt u de aanwijzingen van het deel adviezen. Als de storing bevestigd is na het opvolgen van de adviezen, is de storing aanwezig. Behandel de storing. Als de storing niet bevestigd wordt, controleer: de elektrische lijnen die bij de storing horen, de stekkers van deze lijnen (oxidatie, verbogen pennetjes enz.), de weerstand van het als defect aangegeven orgaan, de ligging en de staat van de draden (isolatie gesmolten of gescheurd, doorschuren), of laat u inspireren door de diagnose voor het controleren van het circuit van het verdachte onderdeel. Conformiteitscontrole Bij de conformiteitscontrole worden de gegevens gecontroleerd die door het diagnoseapparaat niet als defect worden aangegeven als zij niet goed zijn. Hiermee kunt u: afwijkingen vinden welke verband houden met de klacht maar die niet als defect worden aangegeven, De werking van het systeem controleren om te voorkomen dat een storing na de reparatie snel weer terugkomt. In dit hoofdstuk vindt u een diagnose van de staten en de parameters, met de omstandigheden van de controle. Als een staat niet goed is of als een parameter buiten de tolerantie is, raadpleeg dan de met de overeenkomstige methode voor het storing zoeken. Klachten - Zoekschema' Als de controle met behulp van het diagnoseapparaat correct is, terwijl de klacht van de klant nog steeds aanwezig is, behandelt u het probleem uitgaande van de klacht. Een samenvatting van de globale werkwijze ziet u in het diagram op de volgende bladzijde. 88C-2 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
412 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN Controleer de laadtoestand van de accu en de staat van de zekeringen Print de diagnosekaart van het systeem (in de CLIP) Sluit de CLIP aan Communicatie met rekeneenheid nee Zie zoekschema 1 ja Lezen van de storingen Bestaan van storingen nee Conformiteitscontrole ja Behandeling van de aanwezige storingen De verschijnselen blijven nee Storing opgelost Behandeling van de storingen in het geheugen ja Gebruik de zoekschema's De verschijnselen blijven nee Storing opgelost De verschijnselen blijven nee Storing opgelost ja ja Neem contact op met de technische helpdesk met ingevulde diagnosekaart ACU3 X74II vdiag2c C-3
413 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C 4. WERKWIJZE BIJ HET STORING ZOEKEN (vervolg) Controle van de kabelbundels Moeilijkheden bij de diagnose Het aansluiten van de stekkers en/of het werken aan de kabelbundel kan, tijdelijk, de oorzaak van de storing wegnemen. De elektrische metingen van de spanning, de weerstand en de isolatie zijn meestal correct, vooral als de storing niet aanwezig is op het moment van de analyse (storing in het geheugen). Controle op het oog Zoeken van beschadigingen, onder de motorkap en in het interieur. Voer een nauwgezette controle uit van de beschermingen, van de isolaties en van de correcte ligging van de kabelbundels. Zoek oxydatiesporen. Manuele controle Gebruik, tijdens de werkzaamheden aan de kabelbundels, het diagnoseapparaat op zo'n manier dat het een verandering aangeeft van de staat van de storingen van "in het geheugen" naar "aanwezig". Controleer of de stekkers correct zijn vergrendeld. Zet de stekkers lichtjes onder mechanische spanning. Verdraai de kabelbundel. Als er zich een verandering in de staat voordoet, probeer dan de oorzaak van het incident te lokaliseren. Onderzoek van elk element Maak de stekkers los en controleer het uiterlijk van de klemmetjes en van de pennetjes evenals het felsen (niet gefelst op de isolatie). Controleer of de klemmetjes en de pennetjes goed in de stekkerbehuizing vergrendeld zijn. Controleer of de klemmetjes of pennetjes tijdens het aansluiten niet worden teruggedrukt. Controleer de contactdruk van de klemmetjes met behulp van een pennetje van het juiste model. Controle van de weerstand: Controleer de geleiding van de complete lijnen, daarna sectie voor sectie. Zoek een kortsluiting aan massa, aan + 12 V of met een andere draad. Als een storing is gedetecteerd, repareer of vervang dan de kabelbundel. 88C-4 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
414 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C 5. DIAGNOSEKAART AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C LET OP! LET OP: Bij alle incidenten van een complex systeem moet een complete diagnose worden uitgevoerd met het juiste gereedschap. Met de DIAGNOSEKAART, die tijdens de diagnose wordt ingevuld, krijgt en houdt u een overzicht van de uitgevoerde diagnose. Het is een essentieel element in de communicatie met de fabrikant. BIJ IEDERE DIAGNOSE MOET DAAROM EEN DIAGNOSEKAART WORDEN INGEVULD. Er zal altijd naar deze kaart worden gevraagd: bij verzoeken om technische bijstand door de technische helpdesk, bij het vragen om goedkeuring, voor het vervangen van onderdelen waarvoor goedkeuring nodig is. Om bij te voegen bij onderdelen die "onder controle" staan en die retour gezonden moeten worden. Het is daarmee een voorwaarde voor het vergoeden van de garantie, en is een hulp bij het analyseren van de uitgebouwde onderdelen. 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij alle werkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften worden nageleefd om materiële schade en lichamelijk letsel te voorkomen. Controleer de laadtoestand van de accu om beschadiging van de rekeneenheden te voorkomen door een te geringe lading. Voor iedere reparatie/werkzaamheden aan de airbag en gordelspanners, moet u altijd eerst de rekeneenheid vergrendelen met het diagnoseapparaat om te voorkomen dat het systeem wordt geactiveerd (alle uitgangen naar de ontstekers zijn dan uitgeschakeld). Het lampje op het instrumentenpaneel brandt om aan te geven dat de rekeneenheid is "vergrendeld". Als er geen verbinding met het diagnoseapparaat mogelijk is, zet u het contact uit, verwijdert u de voedingszekering van het systeem en wacht u minstens 2 secondes op het ontladen van de reserveenergie. Controleer de verbinding naar de ontsteker van een airbag of gordelspanner uitsluitend met de XRBAG of met de functie "Controle van kabelbundels van airbags en gordelspanners" van de CLIP. Controleer voordat u een loze ontsteker gebruikt, of de weerstand ervan tussen 1,8 en 2,5 Ω ligt. Let op dat tijdens de werkzaamheden de voedingsspanning van de rekeneenheid niet onder 10 V zakt. Maak de accu los voordat u een pyrotechnisch element (airbagmodule, gordelspanner of oprolmechanisme van de gordel) in- of uitbouwt. LET OP Het onschadelijk maken en het als afval afvoeren van de airbags en gordelspanners is aan wettelijke voorschriften gebonden. 88C-5 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
415 Systeem: Airbags en gordelspanners DIAGNOSEKAART Lijst van de onderdelen onder controle: Rekeneenheid airbag Blz. 1 / 2 Administratieve identificatie Datum 2 0 Ingevuld door N /Naam dealer/land Naam van de auto VIN: Motor Diagnoseapparaat CLIP Versie van de update Klacht 1192 Airbaglampje brandt Ander Uw toelichting: Omstandigheden van de storing 011 Bij contact aanzetten 004 af en toe 999 Bij het starten van de motor 005 rijdend Ander Uw toelichting: Gebruikte documentatie voor de diagnose Gebruikte diagnosemethode Type diagnosehandboek: Werkplaatshandboek Service Mededeling Ondersteunende diagnose N diagnosehandboek: N van de Service Mededeling Elektrisch schema: Titel en / of nummer: Gebruikt elektrisch schema Andere documentatie FD 16 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
416 DIAGNOSEKAART Systeem: Airbag en gordelspanners Blz. 2 / 2 Identificatie van de rekeneenheid en van de vervangen onderdelen voor het systeem Nummer onderdeel 1 Nummer onderdeel 2 Nummer onderdeel 3 Nummer onderdeel 4 Nummer onderdeel 5 Lezen met het diagnoseapparaat (identificatiescherm): Rekeneenheid nummer Leverancier nummer Programma nummer Programmaversie Kalibratie nummer VDIAG Storingen aangegeven op het diagnoseapparaat Storingsnummer Aanwezig In geheugen Omschrijving van de storing Bijzonderheid Specifieke informatie van het systeem Kilometerstand auto bij de eerste optreden van de klacht: Frequentie van het optreden van de klacht: Na hoeveel tijd na het starten van de motor?: Aanvullende informatie Waarom heeft u de rekeneenheid vervangen? Welke andere onderdelen zijn vervangen? Andere defecte functies? CAN Bedrading Stoelen Instrumentenpaneel ACCU Anders: Draaibare doorvoer Zekering Uw toelichting: FD 16 Diagnosekaart bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren - bladzijde printen of fotokopiëren
417 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C DIAGNOSE - SYSTEEMCONFIGURATIE (voorste deel) Frontale airbags en zijairbags (rijruit + borstkas) en gordelspanners (voor + achter) 1: Naar bedrading achter A B C D E G H I Centrale rekeneenheid Bestuurdersstoel Passagiersstoel Schoudergordelspanner Ontsteker frontale airbag bestuurder Ontsteker frontale airbag passagier Ontsteker zijairbag borstkas voor Gordelspanner heupgordel J/K L/M N/O CT Ontstekers zijruitairbags Ontstekers zijairbags borstkas achter Pyrotechnische oprolmechanismes achter Draaibare doorvoer P + 12 V / Massa / Controlelampje / Diagnoselijnen / Opname elementen / Uitschakelsleutel / Multiplexnetwerk. ACU3 X74II vdiag2c C-8
418 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C DIAGNOSE - SYSTEEMCONFIGURATIE (voorste deel) (vervolg) FRONTALE AIRBAGS Meetpunt Correcte waarde Bestuurder C0, C2 en C4 1,5 t/m 7,1 Ω Passagier C0, C2 en C4 1,5 t/m 4,4 Ω ZIJAIRBAGS EN GORDELSPANNERS Meetpunt Correcte waarde C0, C1 en C3 1,5 t/m 4,4 Ω Correcte waarde van de isolatie: indicatie 100 h of 9999 knippert 88C-9 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
419 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C DIAGNOSE - SYSTEEMCONFIGURATIE (achterste deel) A B C D E G H I Centrale rekeneenheid Bestuurdersstoel Passagiersstoel Schoudergordelspanner Ontsteker frontale airbag bestuurder Ontsteker frontale airbag passagier Ontsteker zijairbag borstkas voor Gordelspanner heupgordel J/K L/M N/O CT Ontstekers zijruitairbags Ontstekers zijairbags borstkas achter Pyrotechnische oprolmechanismes achter Draaibare doorvoer P + 12 V / Massa / Controlelampje / Diagnoselijnen / Opname elementen / Uitschakelsleutel / Multiplexnetwerk. ACU3 X74II vdiag2c C-10
420 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C DIAGNOSE - SYSTEEMCONFIGURATIE (achterste deel) (vervolg) FRONTALE AIRBAGS Meetpunt Correcte waarde Bestuurder C0, C2 en C4 1,5 t/m 7,1 Ω Passagier C0, C2 en C4 1,5 t/m 4,4 Ω ZIJAIRBAGS EN GORDELSPANNERS Meetpunt Correcte waarde C0, C1 en C3 1,5 t/m 4,4 Ω Correcte waarde van de isolatie: indicatie 100 h of 9999 knippert 88C-11 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
421 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Inleiding 88C DEFINITIE VAN DE ONTSTEKINGSLIJNEN: L1: Circuit gordelspanner heupgordel bestuurder (kabel K van B53) L2 Circuit gordelspanner heupgordel passagier (kabel L van B53) L3: Circuit gordelspanner schoudergordel aan bestuurderskant (kabel B of C van B53) L4: Circuit gordelspanner schoudergordel aan passagierskant (kabel D of F van B53) L5: Circuit frontale airbag passagier circuit 1 (kabel O van B53) L6: Circuit frontale airbag passagier circuit 2 (kabel P van B53) L7: Circuit frontale airbag bestuurder circuit 1 (kabel M van B53) L8: Circuit frontale airbag bestuurder circuit 2 (kabel N van B53) L9: Circuit zijruitairbag bestuurder (kabel S van B53) L10: Circuit zijruitairbag passagier (kabel T van B53) L11: Circuit zijairbag borstkas (thorax) bestuurder (kabel Q van B53) L12: Circuit zijairbag borstkas (thorax) passagier (kabel R van B53) L13: Circuit zijairbag borstkas (thorax) achter aan bestuurderskant (kabel W van B53) L14: Circuit zijairbag borstkas (thorax) achter aan passagierskant (kabel X van B53) N.B.: De circuits van de ontstekers die niet aanwezig zijn op de auto worden aangegeven met CO na het vervangen van de rekeneenheid (standaard configuratie "met alle ontstekingslijnen aanwezig"). Configureer de werkelijk op de auto aanwezige ontstekingslijnen met het diagnoseapparaat (let op: de configuraties van de ontstekers op de CLIP gebeuren op 2 schermen). 88C-12 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
422 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Werking van het systeem 88C De belangrijkste functie van de rekeneenheid ACU 3 is het activeren, bij een hevige botsing, van de bevestigingssystemen, zoals de gordelspanners de pyrotechnische oprolmechanismes, de frontale airbags en zijairbags, afhankelijk van de configuratie van het systeem. De frontale airbags van bestuurder en passagier voor zijn adaptief (2 ontstekers). Schakelaar aanwezig voor het vergrendelen van de airbags van de passagier. N.B.: De gordelspanner schoudergordel voor bestuurder en het oprolmechanisme achter aan bestuurderskant zijn in serie geschakeld. De gordelspanner schoudergordel voor passagier en het oprolmechanisme achter aan passagierskant zijn in serie geschakeld. 88C-13 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
423 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Aansluitingen rekeneenheid 88C 75-polige stekker Omschrijving Aansl. Aansl. Omschrijving Niet in gebruik 1 29 Niet in gebruik + Gordelspanner schoudergordel na contact bestuurder. - Pyrotechnisch oprolmechanisme achter 3 31 Massa bestuurderskant - Gordelspanner schoudergordel 4 32 Niet in gebruik passagier. - Pyrotechnisch oprolmechanisme achter 5 33 Niet in gebruik passagierskant Niet in gebruik 6 34 Diagnoselijn K Niet in gebruik Stuurwielairbag circuit 1 Niet in gebruik Stuurwielairbag circuit 2 Niet in gebruik Frontale passagiersairbag circuit 1 Niet in gebruik Frontale passagiersairbag circuit 2 Niet in gebruik Schakelaar uitschakelen airbag Niet in gebruik Niet in gebruik Niet in gebruik Zijairbag borstkas voor, bestuurder Niet in gebruik Zijairbag borstkas voor, passagier Niet in gebruik Zijruitairbag bestuurderskant Niet in gebruik Zijruitairbag passagierskant Niet in gebruik Crash sensor zijkant bestuurderskant Niet in gebruik Crash sensor zijkant passagierskant Niet in gebruik Niet in gebruik Niet in gebruik Niet in gebruik Niet in gebruik Zijairbag borstkas achter bestuurderskant Niet in gebruik Zijairbag borstkas (thorax) achter passagierskant Niet in gebruik Pyrotechnisch oprolmechanisme achter bestuurderskant Niet in gebruik Pyrotechnisch oprolmechanisme achter passagierskant Niet in gebruik Gordelspanner heupgordel bestuurder - Gordelspanner schoudergordel Niet in gebruik bestuurder. + Gordelspanner schoudergordel Niet in gebruik passagier. - Gordelspanner heupgordel bestuurder Opname element stand bestuurdersstoel 88C-14 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
424 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Aansluitingen rekeneenheid 88C 75-polige stekker (vervolg) Omschrijving Aansl. Aansl. Omschrijving + Opname element aanwezigheid passagier CAN H CAN L Stuurwielairbag circuit 1 - Stuurwielairbag circuit Frontale passagiersairbag circuit 1 - Frontale passagiersairbag circuit Schakelaar uitschakelen airbag Niet in gebruik Zijairbag borstkas voor, bestuurder - Zijairbag borstkas voor, passagier Zijruitairbag bestuurderskant - Zijruitairbag passagierskant Crash sensor zijkant bestuurderskant - Crash sensor zijkant passagierskant Niet in gebruik Niet in gebruik Zijairbag borstkas (thorax) achter bestuurderskant - Zijairbag borstkas (thorax) achter passagierskant 75 ACU3 X74II vdiag2c C-15
425 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Vervangen van organen 88C Vervangen van een element van het systeem: Maak altijd de accu los voordat u een pyrotechnisch element van het systeem (airbagmodule, gordelspanner of oprolmechanisme van de gordel) in- of uitbouwt. Vervangen van de rekeneenheid van de airbag VOORDAT U DE REKENEENHEID GAAT VERVANGEN MOET U BESLIST CONTACT OPNEMEN MET DE TECHNISCHE HELPDESK. Om een analyse van het defect van de geretourneerde rekeneenheid mogelijk te maken, mag beslist niet het commando RZ001 "Wissen van het storingsgeheugen" worden gebruikt als DF001 "Rekeneenheid" aanwezig of in het geheugen is. Het magazijn levert de airbagrekeneenheid in vergrendelde staat (alle uitgangen naar de ontstekers zijn afgesloten), zodat er geen ongelukken bij het aansluiten kunnen gebeuren. De "vergrendeling" wordt aangegeven door het oplichten van het waarschuwingslampje airbag op het instrumentenpaneel (DF034 aanwezig). Bij het vervangen van een airbagrekeneenheid, gaat u als volgt te werk: controleer of het contact uit staat, vervang de rekeneenheid, wijzig indien nodig, de configuratie van de rekeneenheid (zie N.B.), stel de plaats van net stuurwiel in via het commando CF291, Schrijf het VIN in de rekeneenheid met behulp van het diagnoseapparaat met het commando VP010 "Schrijven van het VIN". zet het contact uit, voer een controle uit met het diagnoseapparaat, schrijf de datum van de werkzaamheden met behulp van het diagnoseapparaat met commando VP008 "Schrijven datum laatste werkzaamheden", alleen als er geen storing wordt aangegeven door het diagnoseapparaat, ontgrendelt u de rekeneenheid met het diagnoseapparaat (anders dan DF034), constateer of het lampje uit is. N.B.: De circuits van de ontstekers die niet aanwezig zijn op de auto worden aangegeven met CO na het vervangen van de rekeneenheid (standaard configuratie "met alle ontstekingslijnen aanwezig"). Daarom moeten de werkelijk op de auto aanwezige ontstekingslijnen worden geconfigureerd met het diagnoseapparaat (let op: de configuraties van de ontstekers op de CLIP gebeuren op 2 schermen). 88C-16 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
426 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Configuratie/Inlezen 88C COMMANDO'S LEZEN VAN DE CONFIGURATIE LC034: Type auto Met dit commando kan worden gecontroleerd of de rekeneenheid die in de auto is gemonteerd wel overeenkomt met het type van de auto. LC088: Plaats stuurwiel Met dit commando kan worden gecontroleerd of de plaats van het stuurwiel correct is geconfigureerd. Als de configuratie ontbreekt, gebruikt u het commando CF291 "Plaats stuurwiel" voor het configureren. CONFIGURATIE CF291: Plaats stuurwiel Met dit commando kan de plaats van het stuurwiel worden geconfigureerd (rechts stuur of links stuur). Voer beslist deze configuratie uit. PARAMETRAGE VP006: Vergrendeling rekeneenheid. Geef dit commando elke keer dat er aan het systeem gewerkt wordt. Hiermee worden alle verbindingen naar de ontstekers uitgeschakeld. VP007: Ontgrendeling rekeneenheid. Met dit commando kan de rekeneenheid worden ontgrendeld (nieuwe rekeneenheid of na een vergrendeling). VP008: Schrijven datum laatste werkzaamheden. Met dit commando kan de datum van werkzaamheden in het systeem geschreven worden. VP010: Schrijven van het VIN. Met dit commando kan het VIN in de rekeneenheid geschreven worden. SPECIFIEK COMMANDO SC004: Lezen omstandigheden botsing. Gebruik dit commando bij het herstellen van de auto na een botsing. Met dit commando geeft de te vervangen rekeneenheid de lijst met ontstekingslijnen die vervangen moeten worden en de staat van het systeem op het moment van de botsing. 88C-17 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
427 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Configuratie/Inlezen 88C COMMANDO'S (vervolg) SPECIFIEK COMMANDO(vervolg) SC005: Configuratie van de elementen van het systeem Met dit commando kan de configuratie van de rekeneenheid worden aangepast aan de werkelijke uitrusting van de auto. SC008: Configuratie van de ontstekers Met het commando van de configuratie van de ontstekers kan de configuratie van de rekeneenheid worden aangepast aan de werkelijke uitrusting van de auto. LET OP DE CONFIGURATIE VAN DE ONTSTEKERS GEBEURT OP TWEE SCHERMEN (Gebruik de toets "volgende pagina" om naar het tweede scherm te gaan). ANDER COMMANDO RZ001: Storingsgeheugen. Met dit commando kunnen de storingen uit het geheugen van de rekeneenheid worden gewist. 88C-18 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
428 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Overzicht van de storingen 88C Storing Code Bijbehorende DTC Omschrijving in diagnoseapparaat DF Voedingsspanning van de rekeneenheid DF Circuit waarschuwingslampje DF Circuit controlelampje passagiersairbag DF E Rekeneenheid vergrendeld DF Circuit opname element zijkant bestuurder DF Circuit opname element zijkant passagier DF Multiplexnetwerk DF Circuit opname element stand bestuurdersstoel DF E Circuit zijairbag borstkas achter passagier DF D Circuit zijairbag borstkas achter bestuurderskant DF C Circuit zijairbag borstkas voor passagier DF A Circuit zijruitairbag passagierskant DF Circuit zijruitairbag bestuurderskant DF Circuit 2 frontale airbag bestuurder DF Circuit 1 frontale airbag bestuurder DF Circuit gordelspanners sluiting passagierskant DF Circuit 2 frontale airbag passagier DF Circuit 1 frontale airbag passagier DF Circuit gordelspanners sluiting bestuurderskant DF B Circuit zijairbag borstkas voor bestuurder. DF Circuit gordelspanner heupgordel bestuurder DF Circuit airbagschakelaar DF094 t/m DF t/m 90D2 Storing rekeneenheid DF Configuratie ontstekingslijnen DF C Verandering staat vergrendeling passagiersairbag DF F Rekeneenheid moet vervangen worden wegens botsing DF B Configuratie plaats van het stuurwiel 88C-19 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
429 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF002 AANWEZIG VOEDINGSSPANNING REKENEENHEID 1.DEF : spanning buiten de tolerantie 2.DEF : te veel micro-onderbrekingen Bijzonderheden: Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel 1). 1.DEF - 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Voer de benodigde werkzaamheden uit om de juiste spanning van de voeding van de rekeneenheid te krijgen: 10,5 V ± 0,1 < correcte spanning < 16 V ± 0,1. Controleer de lading van de accu. Controleer het laadstroomcircuit. Controleer de bevestiging en de staat van de accupolen. Controleer de massa van de rekeneenheid. Staat van de stekkerverbindingen bij de rekeneenheid en vergrendeling. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF002P ACU3 X74II vdiag2c C-20
430 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF010 AANWEZIG CIRCUIT WAARSCHUWINGSLAMPJE 1.DEF : Diagnose uitgevoerd door het instrumentenpaneel Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Voer de diagnose uit die bij de storing hoort in het diagnoseprogramma van het instrumentenpaneel. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF010P ACU3 X74II vdiag2c C-21
431 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF028 AANWEZIG CIRCUIT CONTROLELAMPJE PASSAGIERSAIRBAG 1.DEF : Diagnose uitgevoerd door het instrumentenpaneel Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Voer de diagnose uit die bij de storing hoort in het diagnoseprogramma van het instrumentenpaneel. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF028P ACU3 X74II vdiag2c C-22
432 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF034 AANWEZIG REKENEENHEID VERGRENDELD Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Geef met het diagnoseapparaat het commando VP007 "Ontgrendelen rekeneenheid" om de airbagrekeneenheid te ontgrendelen. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF034P ACU3 X74II vdiag2c C-23
433 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF039 AANWEZIG CIRCUIT OPNAME ELEMENT ZIJKANT BESTUURDER CC.0 : kortsluiting aan massa 1.DEF : geen communicatie 2.DEF : verstoorde communicatie 3.DEF : sensor defect Bijzonderheden: Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid. CC.0-1.DEF - 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Controleer of het opname element zijkant aan bestuurderskant correct is aangesloten en controleer de stekkerverbindingen. Controleer de staat van de stekkerverbindingen bij de rekeneenheid (aansl. 45 en 70). Controleer de staat van de 75-polige stekker (vergrendeling, stekkerverbindingen,...). Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding tussen: Verlengblok B53 aansl. 70 Aansl. 1 stekker van het opname element Verlengblok B53 aansl. 45 Aansl. 2 stekker van het opname element 3.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vervang het opname element zijkant bestuurder. Sluit de rekeneenheid en het opname element zijkant bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF039P ACU3 X74II vdiag2c C-24
434 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF040 AANWEZIG CIRCUIT OPNAME ELEMENT ZIJKANT PASSAGIER CC.0 : kortsluiting aan massa 1.DEF : geen communicatie 2.DEF : verstoorde communicatie 3.DEF : sensor defect Bijzonderheden: Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid. CC.0-1.DEF - 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Controleer of het opname element zijkant aan bestuurderskant correct is aangesloten en controleer de stekkerverbindingen. Controleer de staat van de stekkerverbindingen bij de rekeneenheid ( aansl. 46 en 71). Controleer de staat van de 75-polige stekker (vergrendeling, stekkerverbindingen,...). Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding tussen: Verlengblok B53 aansl. 71 aansl. 1 stekker van het opname element Verlengblok B53 aansl. 46 aansl. 2 stekker van het opname element 3.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vervang het opname element zijairbag passagier. Sluit de rekeneenheid en het opname element zijkant passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF040P ACU3 X74II vdiag2c C-25
435 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF060 AANWEZIG MULTIPLEXNETWERK 1.DEF : multiplexnetwerk 2.DEF : rijsnelheid ongeldig 3.DEF : rijsnelheid te hoog 4.DEF : geen multiplexuitzending instrumentenpaneel 5.DEF : geen multiplexuitzending ABS Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Voer de diagnose uit van het multiplexnetwerk. Wis het geheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer opnieuw een controle uit met het diagnoseapparaat. ABGACU3_V2C_DF060P ACU3 X74II vdiag2c C-26
436 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF065 AANWEZIG CIRCUIT OPNAME ELEMENT STAND BESTUURDERSSTOEL CO : onderbreking CC.0 : kortsluiting aan massa CC. 1 : kortsluiting aan + 12 volt 1.DEF : onder minimum waarde 2.DEF : configuratie 3.DEF : sensor defect Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF065 aanwezig is met minstens één van de storingen DF076, DF077, DF080, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel. CO - CC.0 - CC.1-1.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Plaats de 75-polige adapter B53 en meet de weerstand tussen de aansluitingen 31 en 56, stoel naar voren en stoel naar achteren. Stoel naar voren: de weerstand is ongeveer: 400 Ω Stoel naar achteren: de weerstand is ongeveer: 100 Ω Als de weerstanden correct zijn: controleer de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker van de rekeneenheid. Bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel. Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige op de stoel en meet de weerstand tussen de aansluitingen 9 en 13, stoel naar voren en stoel naar achteren. Stoel naar voren: de weerstand is ongeveer: 400 Ω Stoel naar achteren: de weerstand is ongeveer: 100 Ω Zijn de waarden correct? Stuit de rekeneenheid en het opname element stand van de stoel weer aan, bouw de stoel in en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF065P ACU3 X74II vdiag2c C-27
437 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF065 VERVOLG 1 NEE Controleer de aansluiting en de staat van de stekkerverbindingen van het opname element. Controleer de isolatie en de geleiding van de verbindingen tussen: Verlengblok aansl. 9 Stekker van het opname element Verlengblok aansl. 13 Stekker van het opname element Als de controles correct zijn: vervang het opname element van de stand van de stoel. JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 13 en 9) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 31 en 56). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de bestuurdersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Stuit de rekeneenheid en het opname element stand van de stoel weer aan, bouw de stoel in en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ACU3 X74II vdiag2c C-28
438 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF065 VERVOLG 2 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Deze storing betekent dat de configuratie van de rekeneenheid en de uitrusting van de auto volgens de rekeneenheid niet overeenstemmen. De rekeneenheid detecteert een niet-geconfigureerd onderdeel of een verkeerde configuratie. Verander de configuratie van de rekeneenheid met het commando SC005 "Configuratie van de elementen van het systeem". 3.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vervang het opname element van de positie van de bestuurdersstoel. Stuit de rekeneenheid en het opname element stand van de stoel weer aan, bouw de stoel in en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. 88C-29 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
439 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF066 AANWEZIG CIRCUIT ZIJAIRBAG BORSTKAS ACHTER PASSAGIER CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: Controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel X). CO - CC Bijzonderheden: corrigeer de configuratie van de ontstekingslijnen als de auto niet uitgerust is met zijairbags achter. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijairbag borstkas achter passagier correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbag borstkas achter passagier en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijairbag borstkas achter passagier als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Controleer de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker van de rekeneenheid. Plaats de 75-polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel X van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: controleer de stekkerverbindingen van de rekeneenheid (aansl. 50 en 75). Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de airbagmodule borstkas achter (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas achter passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas achter passagier onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF066P ACU3 X74II vdiag2c C-30
440 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF066 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbag borstkas achter passagier en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijairbag borstkas achter passagier als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Controleer de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker van de rekeneenheid. Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel X van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: controleer de stekkerverbindingen van de rekeneenheid (aansl. 50 en 75). Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de airbagmodule borstkas achter (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas achter passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas achter passagier onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-31 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
441 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF067 AANWEZIG CIRCUIT ZIJAIRBAG BORSTKAS ACHTER BESTUURDERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel W). CO - CC Bijzonderheden: corrigeer de configuratie van de ontstekingslijnen als de auto niet uitgerust is met zijairbags achter. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijairbag borstkas achter bestuurder correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbag borstkas achter bestuurder en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijairbag borstkas achter bestuurder als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Controleer de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker van de rekeneenheid. Plaats de 75-polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel W van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: controleer de stekkerverbindingen van de rekeneenheid (aansl. 49 en 74). Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de airbagmodule borstkas achter (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas achter bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas achter bestuurder onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF067P ACU3 X74II vdiag2c C-32
442 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF067 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbag borstkas achter bestuurder en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijairbag borstkas achter bestuurder als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Controleer de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker van de rekeneenheid. Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel W van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: controleer de stekkerverbindingen van de rekeneenheid (aansl. 49 en 74). Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de airbagmodule borstkas achter (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas achter bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas achter bestuurder onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-33 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
443 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF068 AANWEZIG CIRCUIT ZIJAIRBAG BORSTKAS VOOR PASSAGIERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF068 en DF073 aanwezig zijn, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel R) en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel (kabel C). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat, maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats 75 polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de weerstand te meten van de kabel R van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 42 en 67). Bouw de passagiersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel. Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Meet met uitsluitend de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel C van de adapter. Is de gemeten waarde correct? Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF068P ACU3 X74II vdiag2c C-34
444 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF068 VERVOLG 1 NEE Controleer de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 28 en 14). Maak de passagiersstoel kaal en controleer of de ontsteker van de zijairbagmodule correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbagmodule en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Meet vervolgens de weerstand op kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: vervang de zijairbagmodule borstkas voor passagierskant. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de kabelbundel tussen de punten C1 en C3 (stoelkabel). JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 42 en 67). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de passagiersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-35 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
445 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF068 VERVOLG 2 CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat, maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats 75 polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel R van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 42 en 67). Bouw de passagiersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel. Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Meet met uitsluitend de CLIP of XRBAG de weerstand van de bij het type storing behorende isolatie op kabel C van de adapter. Is de gemeten waarde correct? NEE Controleer de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28). Maak de passagiersstoel kaal en controleer of de ontsteker van de zijairbagmodule correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbagmodule, sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker en meet opnieuw de weerstand van de bij de storing behorende isolatie op kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: vervang de zijairbagmodule borstkas voor passagierskant. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de kabelbundel tussen de punten C1 en C3 (stoelkabel). JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 42 en 67). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de passagiersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-36 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
446 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF069 AANWEZIG CIRCUIT ZIJRUITAIRBAG PASSAGIER CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel T) en de 6-polige adapter Elé (kabel B). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijruitairbag passagier correct is aangesloten (achter de bevestigingsplaat van de hoedenplank). Maak de stekker los van de ontsteker van de zijruitairbag passagier en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijruitairbag passagier als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Verwijder de bekleding van de achterste dorpel links en controleer de stekkerverbindingen bij de 6-polige gele stekker langs de dorpel aan de achterkant (aansl. 5 en 6). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 6-polige adapter op de bedrading van de airbag (punt C1). Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 6-polige stekker en de zijruitairbag (C1/C3), vervang de bedrading indien nodig. Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de 6-polige tussenstekker (aansl. 5 en 6) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 44 en 69). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige tussenstekker (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijruitairbagmodule passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijruitairbagmodule passagier onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF069P ACU3 X74II vdiag2c C-37
447 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF069 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijruitairbag passagier correct is aangesloten (achter de bevestigingsplaat van de hoedenplank). Maak de stekker los van de ontsteker van de zijruitairbag passagier en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijruitairbag aan passagierskant als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Verwijder de bekleding van de achterste dorpel links en controleer de stekkerverbindingen bij de 6-polige gele stekker langs de dorpel aan de achterkant (aansl. 5 en 6). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 6-polige adapter op de bedrading van de airbag (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 6-polige stekker en de zijruitairbag (C1/C3), vervang de bedrading indien nodig. Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de 6-polige tussenstekker (aansl. 5 en 6) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 44 en 69). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige tussenstekker (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijruitairbagmodule passagier weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijruitairbagmodule passagier onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-38 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
448 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF070 AANWEZIG CIRCUIT ZIJRUITAIRBAG BESTUURDERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel S) en de 6-polige adapter Elé (kabel A). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijruitairbag bestuurder correct is aangesloten (achter de bevestigingsplaat van de hoedenplank). Maak de stekker los van de ontsteker van de zijruitairbag bestuurder en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijruitairbag aan bestuurderskant als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Verwijder de bekleding van de achterste dorpel links en controleer de stekkerverbindingen bij de 6-polige gele stekker langs de dorpel aan de achterkant (aansl. 1 en 2). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 6-polige adapter op de bedrading van de airbag (punt C1). Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 6-polige stekker en de zijruitairbag (C1/C3), vervang de bedrading indien nodig. Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de 6-polige tussenstekker (aansl. 1 en 2) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 43 en 68). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige tussenstekker (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijruitairbagmodule bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendelt u de rekeneenheid. Maak de zijruitairbagmodule bestuurderskant onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF070P ACU3 X74II vdiag2c C-39
449 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF070 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de zijruitairbag bestuurder correct is aangesloten (achter de bevestigingsplaat van de hoedenplank). Maak de stekker los van de ontsteker van de zijruitairbag bestuurder en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de zijruitairbag aan bestuurderskant als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Verwijder de bekleding van de achterste dorpel links en controleer de stekkerverbindingen bij de 6-polige gele stekker langs de dorpel aan de achterkant (aansl. 1 en 2). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 6-polige adapter op de bedrading van de airbag (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 6-polige stekker en de zijruitairbag (C1/C3), vervang de bedrading indien nodig. Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de 6-polige tussenstekker (aansl. 1 en 2) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 43 en 68). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige tussenstekker (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijruitairbagmodule bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendelt u de rekeneenheid. Maak de zijruitairbagmodule bestuurderskant onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-40 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
450 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF071 AANWEZIG CIRCUIT 2 FRONTALE AIRBAG BESTUURDER CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel N) en de 10-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de draaibare doorvoer (kabel A). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw de frontale airbag bestuurder uit. Controleer of het correct is aangesloten. Maak de stekkers los van de frontale airbag bestuurder en verbind 2 loze ontstekers met de stekkers van de ontstekers. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de frontale bestuurdersairbag als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Contact uit, maak de stekker los van de draaibare doorvoer onder het stuurwiel en sluit hem weer aan. Repareer de stekkerverbindingen als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet langer aanwezig verklaard). Plaats de 10-polige adapter op de draaibare doorvoer (punt C2 aansl. 9 en 10). Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de draaibare doorvoer onder het stuurwiel. Sluit de draaibare doorvoer onder het stuurwiel weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker ( aansl. 36 en 61). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel N van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de stekker van de draaibare doorvoer (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontstekers van de frontale bestuurdersairbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de frontale bestuurdersairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF071P ACU3 X74II vdiag2c C-41
451 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF071 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw de frontale airbag bestuurder uit. Controleer de staat van de ontstekingskabels. Maak de stekkers los van de frontale airbag bestuurder en verbind 2 loze ontstekers met de stekkers van de ontstekers. Plaats de 10-polige adapter op de draaibare doorvoer (punt C2 aansl. 9 en 10). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de draaibare doorvoer onder het stuurwiel. Sluit de draaibare doorvoer onder het stuurwiel weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker ( aansl. 36 en 61). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel N van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de stekker van de draaibare doorvoer (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontstekers van de frontale airbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de frontale bestuurdersairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-42 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
452 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF072 AANWEZIG CIRCUIT 1 FRONTALE AIRBAG BESTUURDER CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel M) en de 10-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de draaibare doorvoer (kabel B). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw de frontale airbag bestuurder uit. Controleer of het correct is aangesloten. Maak de stekkers los van de frontale airbag bestuurder en verbind 2 loze ontstekers met de stekkers van de ontstekers. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de frontale bestuurdersairbag als de storing in het geheugen is geregistreerd (storing niet meer aanwezig verklaard). Contact uit, maak de stekker los van de draaibare doorvoer onder het stuurwiel en sluit hem weer aan. Repareer de stekkerverbindingen als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet langer aanwezig verklaard). Plaats de 10-polige adapter op de draaibare doorvoer (punt C2 aansl. 6 en 7). Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de draaibare doorvoer onder het stuurwiel. Sluit de draaibare doorvoer onder het stuurwiel weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker ( aansl. 35 en 60). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel M van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de stekker van de draaibare doorvoer (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontstekers van de frontale airbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de frontale bestuurdersairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF072P ACU3 X74II vdiag2c C-43
453 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF072 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw de frontale airbag bestuurder uit. Controleer de staat van de ontstekingskabels. Maak de stekkers los van de frontale bestuurdersairbag en verbind 2 loze ontstekers met de stekkers van de ontstekers. Plaats de 10-polige adapter op de draaibare doorvoer (punt C2 aansl. 6 en 7). eet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand van de bij het type storing behorende isolatie op kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de draaibare doorvoer onder het stuurwiel. Sluit de draaibare doorvoer onder het stuurwiel weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker ( aansl. 35 en 60). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel M van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de stekker van de draaibare doorvoer (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontstekers van de frontale airbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de frontale bestuurdersairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-44 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
454 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF073 AANWEZIG CIRCUIT GORDELSPANNER SCHOUDERGORDEL PASSAGIERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF073 en DF068 aanwezig zijn, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: De gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersvoorstoel is in serie geschakeld met het pyrotechnische oprolmechanisme achter aan passagierskant. Metingen aan de verbinding naar de ontstekers van de airbag en gordelspanners mogen uitsluitend met de CLIP of XRBAG worden uitgevoerd. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel E of F) en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel (kabel A). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact af en controleer of de ontsteker van de gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersstoel correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de gordelspanner en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersstoel als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet meer aanwezig verklaard). Zet het contact af en controleer of de ontsteker van het pyrotechnisch oprolmechanisme achter aan passagierskant correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van het oprolmechanisme en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang het pyrotechnische oprolmechanisme achter aan passagierskant als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet meer aanwezig verklaard). Maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansluitingen 4, 5, 27 en 52). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel F van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de pyrotechnische oprolmechanisme achter aan passagierskant (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF073P ACU3 X74II vdiag2c C-45
455 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF073 VERVOLG 1 Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel E van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersstoel (C0/C3). Raadpleeg de volgende bladzijde Bouw de passagiersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 8 en 22). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de weerstand te meten van de kabel A van de adapter. Is de gemeten waarde correct? NEE Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel aan de kant van de stoel (aansl. 8 en 22). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker van de stoel en de gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersstoel (C1/C3). Vervang de bedrading indien nodig. JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 8 en 22) aan de kant van de interieurkabel en die bij de 75-polige stekker (aansl. 4 en 27). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de passagiersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-46 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
456 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF073 VERVOLG 2 CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansluitingen 4, 5, 27 en 52). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel F van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de pyrotechnische oprolmechanisme achter aan passagierskant (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel E van de adapter. Als de gemeten weerstand niet correct is: bouw de passagiersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 8 en 22). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28 polige adapter op de stoel (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel A van de adapter. Is de gemeten waarde correct? NEE Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel aan de kant van de stoel (aansl. 8 en 22). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker van de stoel en de gordelspanner van de schoudergordel van de passagiersstoel (C1/C3). Vervang de bedrading indien nodig. JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 8 en 22) aan de kant van de interieurkabel en die bij de 75-polige stekker (aansl. 4 en 27). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de passagiersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-47 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
457 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF074 AANWEZIG Circuit 2 frontale airbag passagier CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel P) en de 6-polige adapter Elé (kabel B). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw het dashboardkastje uit. Controleer de aansluiting en de staat van de 6-polige stekker (aansl. 5 en 6) achter het dashboardkastje. Plaats de 6-polige adapter. Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: vervang de dashboardairbag en zijn kabelbundel (C2/C4). Als de waarde correct is. Sluit de 6-polige stekker weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 38 en 63). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel P van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige stekker (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de 6-polige stekker van de dashboardairbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de passagiersairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF074P ACU3 X74II vdiag2c C-48
458 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF074 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw het dashboardkastje uit. Controleer de aansluiting en de staat van de 6-polige stekker (aansl. 5 en 6) achter het dashboardkastje. Plaats de 6-polige adapter. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: vervang de dashboardairbag en zijn kabelbundel (C2/C4). Als de waarde correct is. Sluit de 6-polige stekker weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 38 en 63). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel P van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige stekker (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de 6-polige stekker van de dashboardairbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de dashboardairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-49 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
459 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF075 AANWEZIG CIRCUIT 1 FRONTALE PASSAGIERSAIRBAG CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel O) en de 6-polige adapter Elé (kabel A). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw het dashboardkastje uit. Controleer de aansluiting en de staat van de 6-polige stekker (aansl. 1 en 2) achter het dashboardkastje. Plaats de 6-polige adapter. Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: vervang de dashboardairbag en zijn kabelbundel (C2/C4). Als de waarde correct is. Sluit de 6-polige stekker weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 37 en 62). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel O van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige stekker (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de 6-polige stekker van de dashboardairbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de dashboardairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF075P ACU3 X74II vdiag2c C-50
460 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF075 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en bouw het dashboardkastje uit. Controleer de aansluiting en de staat van de 6-polige stekker (aansl. 1 en 2) achter het dashboardkastje. Plaats de 6-polige adapter (punt C2 aansl. 1 en 2). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel A van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: vervang de passagiersairbag en zijn kabelbundel (C2/C4). Als de waarde correct is. Sluit de 6-polige stekker weer aan, maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 32 en 67). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel O van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de 6-polige stekker (C0/C2). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de 6-polige stekker van de dashboardairbag weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de dashboardairbag onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-51 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
461 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF076 AANWEZIG CIRCUIT GORDELSPANNER SCHOUDERGORDEL BESTUURDERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF076 aanwezig is met minstens één van de storingen DF065, DF077, DF080, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: De gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersvoorstoel is in serie geschakeld met het pyrotechnische oprolmechanisme achter aan bestuurderskant. Metingen aan de verbinding naar de ontstekers van de airbag en gordelspanners mogen uitsluitend met de CLIP of XRBAG worden uitgevoerd. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel B of C) en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel (kabel A). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersstoel correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de gordelspanner en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersstoel als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet meer aanwezig verklaard). Zet het contact af en controleer of de ontsteker van het pyrotechnische oprolmechanisme achter aan bestuurderskant correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van het oprolmechanisme en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang het pyrotechnische oprolmechanisme achter aan bestuurderskant als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet meer aanwezig verklaard). Sluit de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan. Maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 2, 3, 26 en 51). Plaats de 75-polige adapter B53. Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de pyrotechnische oprolmechanisme achter aan bestuurderskant (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF076P ACU3 X74II vdiag2c C-52
462 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF076 VERVOLG 1 Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersstoel (C0/C3). Raadpleeg de volgende bladzijde Bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 8 en 22). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de weerstand te meten van de kabel A van de adapter. Is de gemeten waarde correct? NEE Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel aan de kant van de stoel (aansl. 8 en 22). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker van de stoel en de gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersstoel (C1/C3). Vervang de bedrading indien nodig. JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 8 en 22) aan de kant van de interieurkabel en die bij de 75-polige stekker (aansl. 2 en 26). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de bestuurdersstoel ( C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-53 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
463 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF076 VERVOLG 2 CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Maak de stekker los van de rekeneenheid en controleer de stekkerverbindingen bij de stekker (aansl. 2, 3, 26 en 51). Plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de rekeneenheid en de pyrotechnische oprolmechanisme achter aan bestuurderskant (C0/C3). Vervang de bedrading indien nodig. eet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand van de bij het type storing behorende isolatie op kabel B van de adapter. Als de gemeten weerstand niet correct is: bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 8 en 22). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel A van de adapter. Is de gemeten waarde correct? Raadpleeg de volgende bladzijde. NEE Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel aan de kant van de stoel (aansl. 8 en 22). Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker van de stoel en de gordelspanner van de schoudergordel van de bestuurdersstoel (C1/C3). Vervang de bedrading indien nodig. JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 8 en 22) aan de kant van de interieurkabel en die bij de 75-polige stekker (aansl. 2 en 26). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de bestuurdersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid, de gordelspanner en het oprolmechanisme weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner of het oprolmechanisme onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-54 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
464 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF077 AANWEZIG CIRCUIT ZIJAIRBAG BORSTKAS VOOR BESTUURDERSKANT CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF077 aanwezig is met minstens één van de storingen DF065, DF076, DF080, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel Q) en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel (kabel C). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat, maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats 75 polige adapter B53. Meet met uitsluitend het gereedschap CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel Q van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 41 en 66). Bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel. Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel C van de adapter. Is de gemeten waarde correct? Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF077P ACU3 X74II vdiag2c C-55
465 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF077 VERVOLG 1 NEE Controleer de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28). Maak de bestuurdersstoel kaal en controleer of de ontsteker van de zijairbagmodule correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbagmodule en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Meet vervolgens de weerstand op kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: vervang de zijairbagmodule borstkas voor bestuurderskant. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de kabelbundel tussen de punten C1 en C3 (stoelkabel). JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 41 en 66). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de bestuurdersstoel ( C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor bestuurder weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-56 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
466 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF077 VERVOLG 2 CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat, maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats 75 polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel Q van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 41 en 66). Bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel. Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Meet met uitsluitend de CLIP of XRBAG de weerstand van de bij het type storing behorende isolatie op kabel C van de adapter. Is de gemeten waarde correct? NEE Controleer de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28). Maak de bestuurdersstoel kaal en controleer of de ontsteker van de zijairbagmodule correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de zijairbagmodule, sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker en meet opnieuw de weerstand van de bij de storing behorende isolatie op kabel C van de adapter. Als de gemeten waarde correct is: vervang de zijairbagmodule borstkas voor bestuurderskant. Als de gemeten waarde niet correct is, vervangt u de kabelbundel tussen de punten C1 en C3 (stoelkabel). JA Controleer opnieuw de stekkerverbindingen bij de stekker van de stoel (aansl. 14 en 28) en die bij de 75-polige stekker (aansl. 41 en 66). Als de storing aanhoudt: defect in de bedrading tussen de rekeneenheid en de bestuurdersstoel ( C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de zijairbagmodule borstkas voor bestuurderskant weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de zijairbagmodule borstkas onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-57 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
467 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF080 AANWEZIG CIRCUIT GORDELSPANNER HEUPGORDEL BESTUURDER CC : kortsluiting CO : onderbreking CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt CC.0 : kortsluiting aan massa Volgorde voor het behandelen van meer dan één storing: Als DF080 aanwezig is met minstens één van de storingen DF065, DF076, DF077, begin de diagnose dan vanaf de controle van de 28-polige stekker onder de stoel. Bijzonderheden: controleer de verbindingen naar de ontstekers uitsluitend met een CLIP of XRBAG. Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid (kabel K) en de 28-polige adapter Elé voor werkzaamheden aan de stoel (kabel B). CO - CC Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Zet het contact uit en controleer of de ontsteker van de gordelspanner van de heupgordel van de bestuurdersstoel correct is aangesloten. Maak de stekker los van de ontsteker van de heupgordelspanner van de bestuurder en sluit een loze ontsteker aan op de stekker van de ontsteker. Zet het contact aan en voer een controle uit met het diagnoseapparaat. Vervang de gordelspanner van de heupgordel van de bestuurdersstoel als de storing in het geheugen is geregistreerd (de storing is niet meer aanwezig verklaard). Maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de weerstand te meten van de kabel K van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 28 en 53). Bouw de passagiersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 7 en 21). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Meet uitsluitend met de CLIP of XRBAG de weerstand op de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker en de heupgordelspanner van de bestuurder (C1 en C3). Vervang de bedrading indien nodig. Als de storing aanhoudt: defect in bedrading tussen de 75-polige stekker van de rekeneenheid en de bestuurdersstoel (C0 /C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de gordelspanner weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). ABGACU3_V2C_DF080P ACU3 X74II vdiag2c C-58
468 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF080 VERVOLG CC.1 - CC.0 Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. Maak de stekker van de rekeneenheid los en plaats de 75-polige adapter B53. Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel K van de adapter. Als de gemeten waarde correct is, controleer dan de stekkerverbindingen bij de 75-polige stekker (aansl. 28 en 53). Als de gemeten weerstand niet correct is: bouw de bestuurdersstoel uit en controleer de stekkerverbindingen bij de 28-polige stekker onder de stoel (aansl. 7 en 21). Herstel indien nodig de aanwezige storingen. Plaats de 28-polige adapter op de stoel (punt C1). Gebruik uitsluitend de CLIP of XRBAG om de isolatie te meten tussen de storingsbron en de kabel B van de adapter. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 28-polige stekker en de heupgordelspanner van de bestuurder (C1 en C3). Vervang de bedrading indien nodig. Als de gemeten waarde niet correct is: defect in bedrading tussen de 75-polige stekker van de rekeneenheid en de bestuurdersstoel (C0/C1). Vervang de bedrading indien nodig. Sluit de rekeneenheid en de ontsteker van de gordelspanner weer aan en zet het contact aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. Maak de gordelspanner onschadelijk als hij is vervangen (gereedschap Elé. 1287). 88C-59 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
469 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF091 AANWEZIG CIRCUIT AIRBAGSCHAKELAAR CO : onderbreking CC.0 : kortsluiting aan massa CC.1 : kortsluiting aan + 12 volt 1.DEF : onder minimum waarde 2.DEF : configuratie 3.DEF : interne elektronische storing Bijzonderheden: Gebruik de 75-polige adapter B53 Elé voor werkzaamheden aan de stekker van de rekeneenheid. Vergrendel de rekeneenheid met het diagnoseapparaat. CO - CC.0 - CC.1-1.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Controleer de staat van de stekkerverbindingen bij de rekeneenheid. Controleer de staat van de 75-polige stekker (vergrendeling, stekkerverbindingen,...). Controleer of het airbagcontactslot correct is aangesloten en controleer de stekkerverbindingen. Controleer de geleiding en de isolatie van de verbinding tussen: Verlengblok B53 aansl. 39 Aansl. 6 stekker airbagcontactslot Verlengblok B53 aansl. 64 Aansl. 3 stekker airbagcontactslot Vervang de stekker van het airbagcontactslot als de storing aanhoudt. 2.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Deze storing betekent dat de configuratie van de rekeneenheid en de uitrusting van de auto volgens de rekeneenheid niet overeenstemmen. De rekeneenheid constateert een niet geconfigureerd element of een verkeerde configuratie. Verander de configuratie van de rekeneenheid met het commando SC005 "Configuratie van de elementen van het systeem". 3.DEF Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Vervang het airbagcontactslot. Sluit de rekeneenheid en het airbagcontactslot weer aan en zet het contact van de auto aan. Wis het storingsgeheugen van de rekeneenheid en zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF091P ACU3 X74II vdiag2c C-60
470 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF094 t/m DF153 AANWEZIG OF IN GEHEUGEN STORING REKENEENHEID Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Neem contact op met de technische helpdesk. Geen 88C-61 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
471 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF187 AANWEZIG CONFIGURATIE ONTSTEKINGSLIJNEN Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Deze storing betekent dat de configuratie van de rekeneenheid en de uitrusting van de auto volgens de rekeneenheid niet overeenstemmen. De rekeneenheid heeft een element waargenomen waarvoor hij niet is geconfigureerd Verander de configuratie van de rekeneenheid door middel van het commando SC008 "Configuratie van de ontstekers" (let op de configuratie van de ontstekers gebeurt op 2 schermen). Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF187P ACU3 X74II vdiag2c C-62
472 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C VERANDERING STAAT VERGRENDELING PASSAGIERSAIRBAG DF193 IN GEHEUGEN Bijzonderheden: de rekeneenheid slaat deze storing op in het geheugen, en laat het lampje op het instrumentenpaneel branden als de stand van de sleutel verandert (actie van de gebruiker of storing in de schakelaar) terwijl de auto rijdt. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit en wacht enkele secondes. Zet de schakelaar in de gewenste stand. Zet het contact weer aan en controleer of de storing niet meer aanwezig is. Wis de storing uit het geheugen van de rekeneenheid. Zet het contact uit. Voer een nieuwe controle uit met het diagnoseapparaat en, als er geen storing wordt aangegeven, ontgrendel de rekeneenheid. ABGACU3_V2C_DF193M ACU3 X74II vdiag2c C-63
473 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF194 AANWEZIG REKENEENHEID MOET VERVANGEN WORDEN WEGENS BOTSING Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Voor het uitvoeren van de nodige reparaties: Gebruik het commando SC004 "Lezen omstandigheden botsing" voor het vervangen van alle op het moment van de botsing aangestuurde onderdelen (zie "Vervangen van organen"). Geen ABGACU3_V2C_DF194P ACU3 X74II vdiag2c C-64
474 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Betekenis van de storingen 88C DF242 AANWEZIG CONFIGURATIE PLAATS VAN HET STUURWIEL Bijzonderheden: Geen bijzonderheden. Deze storing betekent dat de plaats van het stuurwiel niet is geconfigureerd. Configureer de rekeneenheid via het commando CF291 "Plaats stuurwiel". Lees de configuratie van de plaats van net stuurwiel via het commando LC088 "Plaats stuurwiel" in de rubriek "lezen configuratie". Geen ABGACU3_V2C_DF242P ACU3 X74II vdiag2c C-65
475 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Conformiteitscontrole 88C Voer een complete controle uit met het diagnoseapparaat en daarna deze conformiteitscontrole. Volgorde Functie Parameter of Staat Controle of actie Afleespaneel en opmerkingen Diag 1 Communicatie diagnoseapparaat - Airbag ACU 3 ZOEKSCHEMA 1 2 Conformiteit rekeneenheid Lezen van de configuratie LC034 "Autotype" LAGUNA II ZONDER 3 Configuratie rekeneenheid Gebruik van de commando's: SC008 "Configuraties van de ontstekers". SC005 "Configuraties van de onderdelen van het systeem". Controleer of de configuratie van de rekeneenheid die in de kolom "Actueel" wordt aangegeven overeenkomt met de auto. ZONDER CF291 "Plaats van het stuurwiel". Controleer of de configuratie van de rekeneenheid die wordt aangegeven door het lezen van de configuratie LC088 overeenkomt met de auto. 4 Werking van het lampje Controle van de initialisatie van de rekeneenheid Contact aanzetten Gedurende 3 secondes oplichten van het waarschuwingslampje bij het aanzetten van het contact Bij een probleem, raadpleeg de betekenis van de storing DF010 "Circuit waarschuwingslampje". ABGACU3_V2C_CCONF ACU3 X74II vdiag2c C-66
476 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Overzicht van de staten en parameters van het systeem 88C Staat gereedschap ET072 ET073 ET074 ET075 ET083 ET084 ET085 ET102 ET166 ET167 Omschrijving in diagnoseapparaat Controlelampje staat passagiersairbag aangestuurd. Rekeneenheid vergrendeld door het gereedschap Waarschuwingslampje storing aangestuurd. Waarschuwingslampje aangestuurd na botsing. Stand bestuurdersstoel. Ontsteking van alle ontstekers. Schakelaar uitschakelen airbag. Passagiersairbag vergrendeld. Contact autogordel passagier. Aanwezigheid passagier gedetecteerd. Parameter gereedschap PR003 PR086 PR104 PR105 PR106 PR107 PR108 Omschrijving in diagnoseapparaat Aantal botsingen. Aantal van wissen. Impedantie opname element bestuurdersstoel. Impedantie lijn 1 (Circuit gordelspanner heupgordel bestuurder). Impedantie lijn 2 (Circuit gordelspanner heupgordel passagier). Impedantie lijn 3 (Circuit gordelspanner schoudergordel bestuurderskant). Impedantie lijn 4 (Circuit gordelspanner schoudergordel passagierskant). PR109 Impedantie lijn 5 (Circuit frontale airbag passagier circuit 1). PR110 Impedantie lijn 6 (Circuit frontale airbag passagier circuit 2). PR111 Impedantie lijn 7 (Circuit frontale airbag bestuurder circuit 1). PR112 Impedantie lijn 8 (Circuit frontale airbag bestuurder circuit 2). PR113 PR114 PR115 PR116 PR117 PR118 PR122 Impedantie lijn 9 (Circuit zijruitairbag bestuurderskant). Impedantie lijn 10 (Circuit zijruitairbag passagierskant). Impedantie lijn 11 (Circuit zijairbag borstkas voor, bestuurder). Impedantie lijn 12 (Circuit zijairbag borstkas voor, passagier). Impedantie lijn 13 (Circuit zijairbag borstkas achter bestuurderskant). Impedantie lijn 14 (Circuit zijairbag borstkas achter passagierskant). Impedantie circuit opname element vergrendeling. De impedantie van de verbinding naar de ontsteker of de sensor is 99,9 Ω als het onderdeel is losgemaakt of niet door de rekeneenheid wordt beheerd. 88C-67 ACU3 X74II vdiag2c 1.0
477 AIRBAG ACU3 Vdiag: 2C AIRBAGS EN GORDELSPANNERS Diagnose - Zoekschema's 88C ZOEKSCHEMA 1 GEEN COMMUNICATIE MET DE AIRBAGREKENEENHEID Bijzonderheid: Zie "Inleiding, verloop" voor het inschakelen van + na contact geforceerd voor de diagnose van een rekeneenheid. Controleer het diagnoseapparaat door dit aan te sluiten op de rekeneenheid van een andere auto. Als het diagnoseapparaat in orde is en er met geen enkele andere rekeneenheid van de auto gecommuniceerd kan worden, is het mogelijk dat een defecte rekeneenheid de diagnoselijn K verstoort. Maak de verschillende rekeneenheden één voor één los om de defecte rekeneenheid te lokaliseren. Controleer de accuspanning en voer de nodige werkzaamheden uit om de spanning op de juiste waarde te krijgen (10,5 V < U accu < 16 V). Controleer de voedingszekering van de airbagrekeneenheid. Controleer de aansluiting van de stekker van de rekeneenheid en de staat van deze stekkerverbindingen. Controleer de voeding van de rekeneenheid: Maak de stekker los van de rekeneenheid en plaats de 50-polige adapter B53 (kabel 1). Controleer en herstel de + na contact tussen de aansluitingen gemerkt massa en + na contact. Controleer de voeding van de diagnoseaansluiting: + voor contact op aansl na contact op aansl. 1. Massa op aansl. 4 en 5. Controleer de geleiding en de isolatie van de verbindingen tussen de airbagrekeneenheid en de diagnoseaansluiting: Tussen aansluiting K en aansl. 7 van de diagnoseaansluiting. Als er na deze controles nog steeds geen communicatie is, neem contact op met de technische helpdesk. Als de communicatie tot stand is gekomen, behandelt u de eventueel aangegeven storingen. ABGACU3_V2C_ALP1 ACU3 X74II vdiag2c C-68
Elektrische installatie
Elektrische installatie Vdiagnr.: 09, 08 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Configuratie en inleren - 7 Diagnose - Conformiteitscontrole - 8 Diagnose - Overzicht van de staten - 9 Diagnose - Betekenis
Chassis 36B ELEKTRISCHE STUURBEKRACHTIGING
Chassis DAE Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 7 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 8 Diagnose - Vervangen van organen - 9 Diagnose - Configuratie en inleren - 10 Diagnose
Elektrische installatie
Elektrische installatie Programmanr.: 522 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 7 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 8 Diagnose - Vervangen van organen - 10 Diagnose - Configuratie
Elektrische installatie
Elektrische installatie XENONLAMPEN STARTVERGRENDELING INSTRUMENTEN - DASHBOARD SNELHEIDSREGELAAR ZEKERINGPLAAT INTERIEUR REGELING VAN DE PORTIEREN ELEKTRISCHE RUITBEDIENING - OPEN DAK PARKEERHULP MULTIPLEXSYSTEEM
Elektrische installatie
Elektrische installatie INSTRUMENTEN - DASHBOARD Diagnose - Inleiding - 1 Diagnose - Werking van het systeem - 9 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 13 Diagnose - Vervangen van organen - 15 Diagnose
Elektrische installatie
Elektrische installatie Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Vervangen van organen - 8 Diagnose - Configuratie en inlezen - 9 Diagnose - Overzicht van de storingen - 10-11 Diagnose - Behandeling van de
Chassis 38C ANTIBLOKKEERSYSTEEM VAN DE WIELEN
Chassis ABS BOSCH 8.0 Diagnose - Inleiding - 1 Diagnose - Werking van het systeem - 8 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 9 Diagnose - Vervangen van organen - 10 Diagnose - Configuratie en inlezen -
Elektrische installatie
Elektrische installatie Vdiagnr. : 08-09 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 7 Diagnose - Configuratie en inleren - 10 Diagnose - Overzicht van de storingen - 16 Diagnose - Betekenis
Airconditioning GEREGELDE AIRCONDITIONING FEBRUARI 2005 EDITION NÉERLANDAISE
Airconditioning FEBRUARI 2005 EDITION NÉERLANDAISE De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens de technische richtlijnen geldend op
Motor en randorganen
Motor en randorganen GAS 3000 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 9 Diagnose - Vervangen van organen - 12 Diagnose - Configuratie en inleren - 13 Diagnose - Overzicht van de storingen
Elektrische installatie
Elektrische installatie Programmanr.: 522 Afkortingen - 1 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 9 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 12 Diagnose - Vervangen van organen - 13
Airconditioning GEREGELDE AIRCONDITIONING HANDBEDIENDE AIRCONDITIONING JANUARI 2005 EDITION NEERLANDAISE
Airconditioning HANDBEDIENDE AIRCONDITIONING NUARI 2005 EDITION RLANDAISE De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens de technische
CONTROLESYSTEEM BANDENSPANNING STUURBEKRACHTIGING AUTOMATISCHE PARKEERREM ANTIBLOKKEERSYSTEEM VAN DE WIELEN BJ0E - BJ0J - BJ0K - BJ0M - BJ0P - BJ0V
Chassis CONTROLESYSTEEM BANDENSPANNING STUURBEKRACHTIGING AUTOMATISCHE PARKEERREM ANTIBLOKKEERSYSTEEM VAN DE WIELEN BJ0E - BJ0J - BJ0K - BJ0M - BJ0P - BJ0V 77 11 311 264 Editie 2 - DECEMBER 2001 EDITION
0 Algemeen GEGEVENS VAN DE AUTO - MECHANISCH MECHANISCHE INLEIDING HEFMIDDELEN SMEERMIDDELEN INGREDIËNTEN - PRODUCTEN X91 01A 01D 02A 04A 04B
0 Algemeen 01A GEGEVENS VAN DE AUTO - MECHANISCH 01D MECHANISCHE INLEIDING HEFMIDDELEN 04A SMEERMIDDELEN 04B INGREDIËNTEN - PRODUCTEN X91 MAART 2007 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven
0 Algemeen HEFMIDDELEN CARROSSERIE INNOVATIES X91 02A 02B
0 Algemeen HEFMIDDELEN 02B CARROSSERIE INNOVATIES X91 MAART 2007 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens de
Motor en randorganen
Motor en randorganen INSPUITSYSTEEM SIM 32 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 7 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 13 Diagnose - Vervangen van organen - 17 Diagnose - Configuratie
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G01 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE VERLICHTING Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307 406 (vanaf
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G10 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE RUITENWISSERS Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307 406 (vanaf
6 Airconditioning AIRCONDITIONING X91 62A
6 Airconditioning AIRCONDITIONING X91 MAART 2007 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens de technische richtlijnen
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager - Technisch
Algemeen INTRODUCTIE STORING ZOEKEN BJ0F - BJ0G - BJ0J - BJ0K - BJ0V DECEMBER 2001 EDITION NEERLANDAISE RENAULT 2001
Algemeen INTRODUCTIE STORING ZOEKEN BJ0F - BJ0G - BJ0J - BJ0K - BJ0V 77 11 311 204 DECEMBER 2001 EDITION NEERLANDAISE De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven,
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G05 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE CENTRALE VERGRENDELING Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076)
Airconditioning STANDKACHEL GEREGELDE AIRCONDITIONING BJ0E - BJ0J - BJ0K - BJ0P - BJ0V - BJ0M JUNI 2005 EDITION NEERLANDAISE. Renault s.a.s.
Airconditioning STANDKACHEL BJ0E - BJ0J - BJ0K - BJ0P - BJ0V - BJ0M 77 11 311 284 JUNI 2005 EDITION RLANDAISE De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven,
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G08 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE MOTOROLIENIVEAUMETER Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307
Motor en randorganen
Motor en randorganen EMS 3134 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Lijst en plaats van de elementen - 8 Diagnose - Rol van de elementen - 13 Diagnose - Prestatie - 15 Diagnose- noodprogramma's - 21 Diagnose
8 Elektrische installatie
8 Elektrische installatie 80A ACCU 80B VERLICHTING VOORZIJDE 80C XENONLAMPEN 81A VERLICHTING ACHTER 81B BINNENVERLICHTING 81C ZEKERING 82A STARTVERGRENDELING 82B CLAXON 82C ALARM 83A INSTRUMENTEN - DASHBOARD
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
0 Algemeen GEGEVENS VAN DE AUTO - MECHANISCH HEFMIDDELEN INGREDIËNTEN - PRODUCTEN OLIE VERVERSEN - BIJVULLEN X74 01A 02A 04B 05A
0 Algemeen 01A GEGEVENS VAN DE AUTO - MECHANISCH 02A HEFMIDDELEN 04B INGREDIËNTEN - PRODUCTEN 05A OLIE VERVERSEN - BIJVULLEN X74 DECEMBER 2004 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven
Chassis AUTOMATISCHE PARKEERREM ANTIBLOKKEERSYSTEEM VAN DE WIELEN JULI 2005 EDITION NEERLANDAISE
Chassis AUTOMATISCHE PARKEERREM ANTIBLOKKEERSYSTEEM VAN DE WIELEN JULI 2005 EDITION NEERLANDAISE "De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt
Motor en randorganen
Motor en randorganen Injection EMS 31.32 Diagnose - Inleiding - 2 Diagnose - Werking van het systeem - 7 Diagnose - Conformiteitscontrole - 22 Diagnose - Aansluiting rekeneenheid - 23 Diagnose - Vervangen
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AC / QCAV / MTD FILIALEN / IMPORTEURS / DR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G12 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE AIRCONDITIONING Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307 406
Parameters Zichtbaarheid. Inleiding
Inleiding Inleiding De lijst van parameters in dit document is beperkt tot die parameters die relevant worden geacht voor carrosseriebouwers. Neem contact op met een een erkende Scania werkplaats voor
ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000
INFOTEC AP/TAVG/MMXP/MUX BEVESTIGING DIAGNOSE BSI ELEKTRISCHE INSTALLATIE BI-VAN CAN COM2000 G02 CONTROLEPROCEDURE VAN DE FUNCTIE CLAXON Toepassing bij PEUGEOT 206 (vanaf DAM-nr. 9076) 307 406 (vanaf DAM-nr.
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
InteGra Gebruikershandleiding 1
InteGra Gebruikershandleiding 1 Algemeen Met dank voor de keuze van dit product aangeboden door SATEL. Hoge kwaliteit en vele functies met een simpele bediening zijn de voordelen van deze inbraak alarmcentrale.
Prakticum Veiligheid
Prakticum Veiligheid 1 Opdracht: Airbagsysteem controleren met de VAG 1551 (Deze opdracht is gemaakt voor een Seat Leon, uitgevoerd met een TDI 1.9 AHF motor, zoals deze op het Mondriaan College aanwezig
Vervangt hoofdstuk 29 van Service Mededelingen 2639A en 2651A
SERVICE MEDEDELING Edition néerlandaise (wit) SAFRANE JANUARI 1997 77 11 192 134 Type B 54 L, F 2697A Service 0422 S/Chapitre 29 Vervangt hoofdstuk 29 van Service Mededelingen 2639A en 2651A 29 BIJZONDERHEDEN
Elektrische installatie
Elektrische installatie ACCU - VERLICHTING VOORZIJDE VERLICHTING ACHTERZIJDE - INTERIEUR STARTVERGRENDELING INSTRUMENTEN - DASHBOARD SCHAKELAARS WISSEN RADIO ELEKTRISCHE HULPORGANEN BEDRADING BG0A - BG0B
Motor Scooter Alarm Systeem. Installatie handleiding
Motor Scooter Alarm Systeem Installatie handleiding Aansluiten van draden en stekkers Stap 1 Basisunit.Basis unit aansluiten (speaker, sirene, antenne) en tijdelijk een plaats zoeken voor bevestiging (pas
Elektrische installatie
Elektrische installatie RADIO Algemeen - 2 Procedure voor het verkrijgen van de antidiefstal - 6 Beveiligingscode - 7 Configuraties - Parameters - 10 Aansluitingen - 11 Zelfdiagnose - 12 Storing zoeken
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Servicemanager - Technisch Specialist / Onderhoudstechnicus
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager - Technisch
Zekeringen en Relais
INHOUD ZEKERINGPLAAT INTERIEUR (1016) 2 ZEKERINGHOUDERMODULES 1 en 2 (1792-1793) 6 RELAISPLAAT INTERIEUR (602-805-2375) 8 RELAIS NA CONTACT (853) 10 REKENEENHEID INTERIEUR (645) 11 TRACTIEBATTERIJ (938)
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
LCD scherm ve LCD scherm
scherm. Gebruik scherm Met het in Uw scooter ingebouwde scherm kunt U alle rij-, stuuracties, remmen en bedienen van het voertuig bepalen. De elektrische installatie van de scooter en de elektronica zelf
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
ALARM. De werking van het systeem wordt door de body computer geregeld, die via de seriële verbinding commando''s verzendt/ontvangt.
Elektrische functie printen ALARM DIEFSTALALARM BESCHRIJVING Het diefstalalarm beveiligt de auto tegen diefstal m.b.v.: interieur en omtrekbeveiliging, kanteldetectie en controle op doorsnijden van voedingskabels.
LCD scherm va LCD scherm
scherm 1. Gebruik scherm Met het in Uw scooter ingebouwde scherm kunt U alle rij-, stuuracties, remmen en bedienen van het voertuig bepalen. De elektrische installatie van de scooter en de elektronica
DUMAN US-Module V1.5 2 ste druk Inbouw handleiding. Bedankt voor de aanschaf van de DUMAN US-Light Module V1.5
Inbouw handleiding Bedankt voor de aanschaf van de DUMAN US-Light Module V1.5 Eigenschappen: - Geen hitte-ontwikkeling (in tegenstelling tot andere modules)! - Instelbare helderheid van de US-Lights van
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
8 Elektrische installatie
8 Elektrische installatie 80A ACCU 80B VERLICHTING VOORZIJDE 81A VERLICHTING ACHTER 81C ZEKERING X91 MAART 2007 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit
Rijverlichting deactiveren
Achtergrondinformatie Achtergrondinformatie De functie voor deactivering van de rijverlichting wordt geregeld door de BCI-regeleenheid (communicatie-interface carrosserie). De functie kan ofwel door analoge
INSTALLATIE HANDLEIDING MKR 41
INSTALLATIE HANDLEIDING MKR 41 MKR41 HI-SEC DEZE KIT BESTAAT UIT: 1. Elektronische module met een startonderbrekingssysteem, knipperlichtsignalering, aansluitingen voor alle typen deurvergrendeling en
PRODUCTBESCHRIJVING...
Naslaghandleiding Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 4 INHOUD VAN DE DOOS... 4 STROOMVERBRUIK... 4 PRAKTISCHE TIPS VOOR HET GEBRUIK VAN HET CONTROLEAPPARAAT... 5 2. PRODUCTBESCHRIJVING... 6 FUNCTIES VAN HET
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
DIC WANDMODEL HANDLEIDING MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC wandmodel met plug and play systeem
DIC WANDMODEL HANDLEIDING MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC wandmodel met plug and play systeem INHOUDSOPGAVE DIC wandmodel met plug and play stysteem 1 Veiligheidsvoorschriften
2 Aandrijving AUTOMATISCHE TRANSMISSIE AANDRIJFASSEN X91 23A 29A
2 Aandrijving AUTOMATISCHE TRANSMISSIE AANDRIJFASSEN X91 MAART 2007 Edition néerlandaise De door de constructeur voorgeschreven reparatiemethoden, zoals in dit document beschreven, zijn gemaakt volgens
Werkplaatshandboek voor het rangeersysteem. Type Mammut AMS 1
Werkplaatshandboek voor het rangeersysteem Type Mammut AMS 1 Testvoorwaarden > Aandrijvingen zijn volledig aan het chassis gemonteerd (automatische positiebepaling) > de voedingsleidingen (rood en zwart)
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR. Citroën Distributeur Nieuwe Auto's. - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties. Citroën Erkend Reparateur
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AFTER SALES SERVICE Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager
Elektrische functie printen DIMLICHT
Elektrische functie printen DIMLICHT DIMLICHT BESCHRIJVING De auto is uitgerust met twee dimlichten in de koplampunits. Het dimlicht wordt ingeschakeld als de stuurkolomschakelaar in de stand na de stand
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR Citroën Distributeur Nieuwe Auto's - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties Citroën Erkend Reparateur - Servicemanager - Technisch
8 Elektrische installatie
8 Elektrische installatie 80A ACCU 80B VERLICHTING VOORZIJDE 80C XENONLAMPEN 81A VERLICHTING ACHTER 81B BINNENVERLICHTING 82A STARTVERGRENDELING 83A INSTRUMENTEN - DASHBOARD 83C INGEBOUWD TELEMATICASYSTEEM
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 29 AC / QCAV / MTD FILIALEN / IMPORTEURS / DR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR LEXIA PROXIA CD 35 AFTER SALES SERVICE CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager
Het Keypad (met segmenten)
Het Keypad (met segmenten) Het JABLOTRON 100 systeem kan worden gebruikt met verschillende type keypads waarmee het systeem kan worden bediend, en die informatie geven omtrent de status van het systeem
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.1 AC-1000 STEKKERDOOSSCHAKELAAR
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.1 AC-1000 STEKKERDOOSSCHAKELAAR A B C * Verlichting: Aan / Uit * Afbeelding van de YCT-102 (niet altijd inbegrepen, check de specificaties op de verpakking) A: Indicator (spannings-
Henks Reparatie Werkplaats - Van IJsendijkstraat 152-1442LC - Purmerend - www.hksservices.nl. Bedienings display
Bedienings display T4 koelkast storing zoeken Dit artikel omschrijft het fout zoeken en om de juiste diagnose te stellen als de koelkast problemen geeft. Het betreft de volgende modellen. Compressor type
4 Plaatwerk ALGEMEEN BODEMPLAAT VOOR CENTRALE BODEMPLAAT ZIJKANT BODEMPLAAT BODEMPLAAT ACHTER BOVENBOUW VOOR BOVENBOUW ZIJKANT BOVENBOUW ACHTERZIJDE
4 Plaatwerk 40A ALGEMEEN 41A BODEMPLAAT VOOR 41B CENTRALE BODEMPLAAT 41C ZIJKANT BODEMPLAAT 41D BODEMPLAAT ACHTER 42A BOVENBOUW VOOR 43A BOVENBOUW ZIJKANT 44A BOVENBOUW ACHTERZIJDE 45A BOVENKANT CARROSSERIE
RUITENWISSERS/-SPROEIERS
Elektrische functie printen RUITENWISSERS/-SPROEIERS RUITENWISSERS/-SPROEIERS - BESCHRIJVING De ruitenwissers/-sproeiers worden bediend via de hendel rechts naast het stuur: de hendel kan - door omhoog
MK99 NL AUTOMATISCH IN WERKING TREDENDE STARTONDERBREKER MET ELEKTRONISCHE SLEUTEL EN OVERRIDE NOODCODE
MK99 NL AUTOMATISCH IN WERKING TREDENDE STARTONDERBREKER MET ELEKTRONISCHE SLEUTEL EN OVERRIDE NOODCODE Met de startonderbreker MK99 kunnen twee automatisch in werking tredende startonderbrekingen plaatsvinden
Elektrische installatie
Elektrische installatie ACCU VERLICHTING VOORZIJDE XENONLAMPEN ACHTERLICHTEN BINNENVERLICHTING ZEKERINGEN STARTVERGRENDELING CLAXON ALARM INSTRUMENTEN - DASHBOARD BOORDCOMPUTER TELEMATICASYSTEEM SNELHEIDSREGELAAR
Inleiding. Inhoudsopgave: Omschrijving. 1.1 Het toetsenbord 1. 1.2 De displays 1. 1.3 Lampjes 1. 2.0 Vaste programma's 2. 3.0 Vrije programma's 3.
Inleiding. Deze regelaar is in samenwerking met een Nederlands elektronica bedrijf door TOMA ontwikkeld. Daarbij is gebruik gemaakt van de nieuwste technieken, en gedacht aan bedieningsgemak en mogelijkheden.
Handleiding Motronic diagnose apparaat MDD
Handleiding Motronic diagnose apparaat MDD Wij danken u voor de aanschaf van dit eenvoudige maar waardevolle apparaatje waarmee u belangrijke diagnose controles kunt uitvoeren aan het Motronic motormanagement
LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem
LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK VOERTUIGEN HANDLEIDING Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem INHOUDSOPGAVE DIC laadzuil met plug and play systeem 1 Veiligheidsvoorschriften
TECHNISCHE HANDLEIDING
TECHNISCHE HANDLEIDING TIMER SCHAKELAAR Sleutelschakelaar met timerfunctie 230/380V / 4 x 10 Amp - 1 x 2 AMP inschakelbaar incl. LED controle, uitvoering opbouw ASW BV 2011 Technische Handleiding Documentversie
ACM-LV24 MINI 12-24V LED DIMMER
GEBRUIKSAANWIJZING* v. 1.0 ACM-LV24 MINI 12-24V LED DIMMER *Op www.klikaanklikuit.nl vindt u altijd de meest recente gebruiksaanwijzingen Gefeliciteerd met de aankoop van dit KlikAanKlikUit product. U
Parameters Zichtbaarheid
Inleiding Inleiding In dit document worden de parameters beschreven die verband houden met zichtbaarheid. Het vermeldt alleen de parameters die nuttig worden geacht voor de carrosseriebouwer. De parameters
INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR
CITROËN AFTER SALES SERVICE INFO DIAG DIAGNOSE- APPARATUUR CITROËN DISTRIBUTEUR NIEUWE AUTO'S - Afleveringstechnicus - Coördinator terugroepacties CITROËN ERKEND REPARATEURS - Servicemanager - Technisch
Inbouwen van de Speedohealer
Inbouwen van de Speedohealer Deze HOWTO is gebaseerd op de informatie die Freek op het Z3 Forum heeft geplaatst. Het BMW Z3 Forum Nederland > On Topic lounge > Vragen staat vrij > Kilometerteller kalibrereb.
INBOUW HANDLEIDING GT806 (GT804+GT844)
1 INBOUW HANDLEIDING GT806 (GT804+GT844) Hartelijk dank voor het kiezen van een GT produkt. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze produkten hebben, dan
RUIMTEREGELAAR MET STOOKLIJN- VERSTELLING
Installatie- en gebruikershandleiding NL RUIMTEREGELAAR MET STOOKLIJN- VERSTELLING Afstandsbediening voor warmtepompen met koeling RFV-DK Vertaling van de originele handleiding Alpha-InnoTec GmbH A.u.b.
Verkorte gebruiksaanwijzing
Verkorte gebruiksaanwijzing Fun2Go Contactgegevens fabrikant: Tel. +31 (0)315 257370 E-mail: [email protected] Website: www.vanraam.com Van Raam Aaltenseweg 56 7051 CM Varsseveld Nederland Versie 18.06
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.0 AFR-060 FITTING-ONTVANGER
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.0 AFR-060 FITTING-ONTVANGER A B C * Verlichting: Aan / Uit * Afbeelding van de YCT-102 (niet inbegrepen) A: Fitting voor gloeilamp B: Zoekmode-knop C: Indicator 1 [1] Uitschakelen
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.0 APA2-2300R AFSTANDSBEDIENING EN STEKKERDOOS SCHAKELAARS
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.0 APA2-2300R AFSTANDSBEDIENING EN STEKKERDOOS SCHAKELAARS A C B 1 2 1 2 G D E A: LED-indicator B: Kinderbeveiliging C: LED-indicator D: Aan/uit-toetsen E: Groeptoets (kanaal 1 en
Inhoud. 95042 AST3 - Opdrachten en benodigdheden Proeve 2.doc Pagina 1 van 8
Alle opdrachten proeve Inhoud Opdracht AST3-1: Fase 1 schade analyseren (Opel Astra)... 2 Opdracht AST3-2: Fase 2 diagnose stellen aan voertuigsystemen (VW Polo)... 4 Opdracht AST3-3: Fase 3 inleren van
Integratie van Net2 met een inbraakalarmsysteem
Integratie van met een inbraakalarm Overzicht kan controleren of het inbraakalarm in of uit geschakeld is. Als het alarm aan staat zal alleen toegang verlenen aan gebruikers die gemachtigd zijn om het
ASUN-650 ZONWERING SCHAKELAAR. Draadloos bedienen
Draadloos bedienen Deze ontvanger is draadloos te bedienen met minimaal 1 en maximaal 6 KlikAanKlikUit zenders. Bijvoorbeeld de 16-kanaals afstandsbediening AYCT-102, de draadloze wandschakelaar AWST-8800,
GT-912/GT-913/GT-914 Inbouwhandleiding
GT-912/GT-913/GT-914 Inbouwhandleiding Rho-Delta b.v. Escudostraat 2 2991 XV Barendrecht Tel. +031 102927461 Fax. +031 104795755 www.rhodelta.nl [email protected] 1.0 - OMSCHRIJVING De GT-912 /GT-913/GT-914
AT-142 EPD Basis 1. Zelfstudie en huiswerk 10-08
AT-142 EPD Basis 1 Zelfstudie en huiswerk 10-08 2 Inhoud INTRODUCTIE 3 DOELSTELLINGEN 4 ELEKTRISCH METEN 5 SPANNING METEN 6 STROOM METEN 7 WEERSTAND METEN 9 BASISSCHAKELINGEN 10 ELEKTRISCH VERMOGEN 11
MINI INBOUW SCHAKELAAR
START-LINE AWS-3500S GEBRUIKERSHANDLEIDING Item 70230 Versie 1.0 Op www.klikaanklikuit.nl vindt u altijd de meest recente gebruiksaanwijzingen MINI INBOUW SCHAKELAAR Lees deze eenvoudige instructies. Bij
Ontvanger met GSM-transmissie GSM 700
HANDLEIDING Ontvanger met GSM-transmissie GSM 700 www.tempolec.be 01. INTRODUCTIE Ontvanger met : - een GSM-transmissie - een uitgang (contact NO / NF spanningsvrij). Mogelijke functie van de uitgang :
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.1 AC-300 STEKKERDOOS DIMMER/SCHAKELAAR
GEBRUIKSAANWIJZING v. 1.1 AC-300 STEKKERDOOS DIMMER/SCHAKELAAR A B C * Verlichting: Aan / Uit / Dimmen * Afbeelding van de YCT-102 (niet altijd inbegrepen, check de specificaties op de verpakking) A: Indicator
Betrouwbaar en veilig overal in huis energie beschikbaar. Uw vision groepenverdeler van Hager
Betrouwbaar en veilig overal in huis energie beschikbaar Uw vision groepenverdeler van Hager De groepenverdeler in uw meterkast Beste bewoner, Uw Hager-groepenverdeler zorgt dat u op veilige wijze stroom
Afstelbare parameters - Signalering en zichtbaarheidssystemen
Inleiding Inleiding De lijst van afstelbare parameters is beperkt tot die parameters die relevant worden geacht voor carrosseriebouwers. Bezoek voor meer informatie over de huidige parameters voor een
INBOUW HANDLEIDING GT625, GT626, GT627
1 INBOUW HANDLEIDING GT625, GT626, GT627 Hartelijk dank voor het kiezen van een GT produkt. Onze materialen zijn met uiterste zorg gefabriceerd en getest. Mocht U vragen over onze produkten hebben, dan
