Allianties en speltheorie Presentatie Zeist Annelies de Ridder Agenda 1. Inleiding 2. Een ander perspectief: de Speltheorie 3. Inzoomen op opportunistisch gedrag 4. Vragen 2
1: Inleiding: profilering Promotieonderzoek: The dynamics of alliances. A game theoretical approach (Radboud Universiteit Nijmegen, november 2007) Sinds 1 mei 2007 adviseur bij Twynstra Gudde Een van de kernthema s van Twynstra Gudde: ambitiekern samenwerken Inleiding: samenwerking Strategische allianties: langdurige samenwerkingsverbanden waarin iedere organisatie zelfstandig blijft. Samenwerken is soms een goede manier om om te gaan met (internationale) concurrentie Maar is niet altijd makkelijk! De samenwerking op een goede manier van start naar finish managen Goed omgaan met de dynamiek tussen de partners gedurende de weg
2. Een ander perspectief: de speltheorie Speltheorie = interactieve besliskunde - bestudeert sociale interacties - meerdere actoren (spelers) met meerdere (conflicterende) doelen - vaak formeel, wiskundig van aard - niet voor één toepassingsgebied ontworpen Wat kunnen we met de besliskunde? Descriptief: Hoe beslissen individuen of groepen in de werkelijkheid? Normatief: Hoe, volgende welke normen of regels, zouden individuen of groepen beslissingen kunnen nemen? Prescriptief: Hoe kunnen individuele of collectieve beslissingen verbeterd worden? Verklaren: Het kunnen uitleggen, duiden, verklaren waarom een individu of groep op een bepaalde manier handelt (bijv. irrationeel gedrag blootleggen). 6
Wat hebben we aan de speltheorie om samenwerking te bestuderen? Speltheorie biedt een andere benadering Speltheorie richt zich op interactie en heeft een aantal samenwerkingstheorieën Speltheorie is dynamischer dan sommige andere alliantie theorieën Speltheorie is meer abstraherend en verklarend, tegenover beschrijvende theorieën Gebruikt in andere domeinen als kabinetsformaties, dus waarom hier niet? Achterliggende aannames van speltheorie Een spel is een beslissituatie met spelers en diverse alternatieven, waar de spelers uit moeten kiezen (hun strategie). Het resultaat van een spel is de combinatie van alle spelers hun keuze (interdependentie): een objectieve situatie. Dit resultaat wordt door de spelers subjectief beoordeeld in een uitbetaling / nut. De spelers zijn rationeel: ze kennen hun eigen voorkeuren over de verschillende uitkomsten en handelen zo dat ze hun eigen voorkeuren nastreven en het hoogste nut behalen. 8
Achterliggende aannames van speltheorie Wegens gedeelde controle over het spel, bepaalt interactie het resultaat. Volledige informatie: iedere spelers kent het spel (dat betekent de alternatieven, alle andere spelers en hun uitbetalingen). 9 Wat voor spel spelen we? - Zijn er twee of meer spelers? - Spelen we met elkaar of tegen elkaar? - Spelen we een zero sum spel of creëren we samen meerwaarde? - Hoe compleet is de informatie? - Beslissen we tegelijk of om en om? - Is het een eenmalig spel of komen we elkaar nog tegen? 10
3: Inzoomen op opportunistisch gedrag Het risico op opportunistisch gedrag is één van de uitdagingen waar partners voor staan. Partners krijgen te maken met een dilemma: Als alle bedrijven zich opportunistisch gedragen in een alliantie is de kans aanwezig dat de alliantie een slecht resultaat zal hebben, wat ook in het nadeel is van die bedrijven. Echter, als een bedrijf zich betrokken en samenwerkend opstelt, wordt deze kwetsbaar doordat een partner hierop mee kan liften door te profiteren en opportunistisch te zijn. 11 Het prisoner s dilemma Een bekend spel uit de speltheorie: Non-coöperatief, spelen tegen elkaar Hier met 2 spelers Simultaan beslissen Statisch versus dynamisch (herhalen van spelen)
Hoe werkt het dilemma? Organisatie 2 betrokken opportunistisch Organisatie 1 betrokken 3 3 1 4 opportunistisch 4 1 2 2 Ontsnappen aan een Prisoner s dilemma Eerder onderzoek toonde aan dat als: het spel een oneindig aantal keer herhaald wordt (of de laatste ronde is onbekend), de toekomst genoeg gewaardeerd wordt, de spelers een bepaalde super-strategie hanteren, bijvoorbeeld tit-for-tat (oog om oog, wederkerigheid), dan kan wederzijdse betrokkenheid ontstaan Maar, mijn onderzoek toont aan dat dit niet opgaat voor spelen met een ongelijke machtsbalans
Toepassing op allianties In principe kunnen alle samenwerkingsverbanden te maken hebben met opportunisme, maar de volgende soort relaties zijn extra kwetsbaar: meer informele verbanden zonder nieuwe entiteit of duidelijke autoriteit zeer flexibele samenwerking waar relatief weinig is vastgelegd ad-hoc samenwerking samenwerking tussen concurrenten Hoe herken ik opportunistisch gedrag? Een opportunistische partner komt niet over als een trouwe partner die zich inzet voor een harmonieuze relatie is meer op eigen belang gericht dan op het gezamenlijke belang zijn belang gaat soms (gedeeltelijk) ten koste van de andere partners of het gezamenlijke belang is erg gericht op zijn eigen leren legt veel nadruk op formele controle.
Hoe kun je opportunisme vermijden? Bouw aan een gezamenlijke toekomst en ga samenwerking voor onbepaalde tijd aan. Hanteer een reactie van straffen en belonen van het gedrag van je partners. Zorg ervoor dat iedereen even afhankelijk is van de samenwerking en werk aan een gelijke machtsbalans. Vermijd dat je als enige te afhankelijk van de samenwerking wordt. Werk aan een goede relatie: door bijvoorbeeld goede communicatie, het bouwen aan vertrouwen, hanteren van eerlijke normen en ieder de ruimte geven. Annelies de Ridder rid@tg.nl www.twynstragudde.nl Alle intellectuele eigendomsrechten met betrekking tot deze presentatie berusten bij Twynstra Gudde. Niets uit deze presentatie mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming van Twynstra Gudde. 18