Structuurvisie Gemeente Lingewaard 2012-2022 vastgesteld 31 mei 2012
Voorwoord De nieuwe structuurvisie Lingewaard is een visie waarin de ingrediënten zijn opgenomen hoe Lingewaard zich op ruimtelijk vlak in de nabije en verdere toekomst wil ontwikkelen. Die toekomst wordt mede bepaald door de manier waarop we met de ruimte omgaan; welke bestaande kwaliteiten worden versterkt en welke nieuwe functies zijn wenselijk op vrijkomende terreinen? Uitgangspunt dat wij daarbij genomen hebben is het landschap met haar historische kwaliteiten waarin gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt, aangevuld met de ambities die de gemeente heeft. Die ambities worden niet alleen bepaald door de gemeente maar vooral juist door onze inwoners en de volksvertegenwoordiging. In een interactief proces met inwoners, bedrijven, organisaties, en andere belanghebbenden hebben de deelnemers op persoonlijke titel veel energie en deskundigheid ingebracht. Dat meedenken, benutten van kennis en het inzetten van professionele deskundigheid heeft geleid tot deze structuurvisie. Het is een inspirerende visie die rekening houdt met gemeentelijke inzichten en met rijks- en regionale ontwikkelingen op een manier dat kansen worden opgespoord en benut, ruimte wordt geboden aan goede initiatieven en waar ook doelbewust ontwikkelingen worden tegenhouden die een ongewenste kant uitgaan. Een structuurvisie is richtinggevend en moet houdbaar zijn voor een reeks van jaren. Het ontstijgt daarmee de waan van de dag. Tegelijkertijd moet het een instrument zijn waarbij oog blijft voor de dynamiek van de samenleving. Ons beeld is dat de Lingewaardse structuurvisie daaraan voldoet. Kortom we hebben een structuurvisie in handen waar we als gemeente best trots op mogen zijn en waar we nog jaren mee vooruit kunnen. Frans Schut Wethouder ruimtelijke ordening
Inhoud Voorwoord Introductie 7 Aanleiding 8 Schrijfwijze 8 Leeswijzer 9 Analyse 11 Landschap - Hoe ziet het landschap eruit? 11 Infrastructuur - Hoe verplaats ik me in het landschap? 23 Gebruikers - Waar woon ik? 31 Gebruikers - Waar werk ik? 39 Gebruikers - Waar recreëer ik? 43 Van sectoraal naar integraal ontwikkelen 47 Toekomst van Lingewaard 51 Stedelijk netwerk 51 Landschap en cultuurhistorie 52 Een groene gemeente 52 Agro-food 53 Midden in een internationaal bereikbare regio 53 Duurzame ontwikkeling 56 Efficiënt ruimtegebruik Klimaat en energie Leesbaarheid en herkenbaarheid van het landschap Waterbeheer Bereikbaarheid Woningbouw Werkgelegenheid Recreatie
Opgaven 61 Ontwikkeling stedelijk netwerk 1 Uiterwaarden toegankelijk en recreatief aantrekkelijk maken 65 2 Park Lingezegen 67 3 Hoogwaardig openbaar vervoer 69 4 Ontwikkelen van de knooppunten 71 5 Ontwikkelen van het recreatieve routenetwerk 76 6 Concentreren van de glastuinbouw 79 7 Versterken en verlevendigen van de lokale economie in het Huissense centrum 81 8 Landschap, recreatie en economie met elkaar verbinden 82 Ontwikkeling lokale schaal 9 Ontwikkeling van de dijkzone als authentiek en cultuurhistorisch bepalend landschap 87 10 Waterberging 89 11 De lokale ring als utilitaire verplaatsingsroute, de dijk als verplaatsingsroute voor de genieter 91 12 Verbinden van wonen en werken met de hoofdinfrastructuur 93 13 Bouwen van woningen 94 14 Versterken en verlevendigen lokale economie 97 15 Werken aan een vitaal platteland 101 16 Versterken leefbaarheid en identiteit van de woonkernen 103 Uitvoeringsparagraaf 107 Inleiding 107 Financieel-economische uitvoerbaarheid 113 Maatschappelijke haalbaarheid 124 Beoordeling m.e.r.-plicht 127 Discussie 131 Literatuurlijst 167
Introductie Het landschap in Lingewaard wordt continu onderworpen aan veranderingen. Om ervoor te zorgen dat dit op een gestructureerde manier gebeurt, fungeert een structuurvisie als leidraad zoals bedoeld in de wet ruimtelijke ordening. Dit houdt in dat er een beeld wordt geschetst hoe de gemeente haar omgeving wil ontwikkelen. Volgens de wet kan aan een structuurvisie een tijdsbestek van 10 jaar worden verbonden. In deze structuurvisie wordt een planhorizon tot 2022 aangehouden met een doorkijk naar de jaren daarna. 7
Aanleiding In 2004 is in de gemeente de StructuurvisiePlus vastgesteld. Inmiddels zijn we nog maar een aantal jaren verder en schrijven we een nieuwe visie. Er is een aantal redenen te noemen waarom het schrijven van een nieuwe visie onontbeerlijk is. Als eerste vanwege nieuwe wetgeving. Het is voor een gemeente op grond van de nieuwe Wro die in juli 2008 haar intrede heeft gedaan, verplicht een of meerdere structuurvisies vast te stellen ten behoeve van het totale grondgebied behorend bij de gemeente. In deze wet zijn nieuwe regels opgenomen waaraan de structuurvisie van 2004 niet voldoet. De juridische binding van een structuuurvisie is in de wetgeving niet veranderd; de inhoud ervan is in juridische zin voor niemand bindend. Het stuk is vooral bedoeld om sturing te geven binnen de organisatie en om inwoners en bedrijven en andere belangstellenden in de gemeente te informeren over de richting die gemeente in zal slaan. Ten tweede zijn er ontwikkelingen en vraagstukken actueel die qua aard en omvang niet op projectniveau of in een bestemmingsplan kunnen worden opgelost, maar om afstemming op structuurvisie-niveau binnen de gemeente vragen. Onder andere vanuit het Rijk zijn ruimtelijke ontwikkelingen op gang gebracht die de komende jaren tot veranderingen in het landschap leiden. Een voorbeeld hiervan is de geplande ingreep als antwoord op de mobiliteitsproblematiek; het doortrekken van de A15. Tegelijk dienen zich regionale discussies aan. Bijeenkomsten over hoe de Stadregio Arnhem Nijmegen zich zou moeten ontwikkelen op het gebied van verstedelijking en mobiliteit hebben afgelopen jaar veelvuldig plaats gevonden. Verder speelt er binnen de gemeente een aantal kwesties die om een helder integraal inzicht vragen. Schrijfwijze Lingewaard bestond voor 2001 uit drie gemeenten, te weten Bemmel, Gendt en Huissen. Structuurvisies die door de verschillende gemeenten destijds zijn geproduceerd waren vooral het gevolg van een gewenst ruimtelijk programma. De behoefte aan woningaantallen en hectares nieuw bedrijventerrein was leidend voor de visie. Na het samenvoegen van de drie voormalige gemeenten tot één gemeente werd de StructuurvisiePlus geschreven. Dit beleidsstuk had als belangrijkste doel de identiteit van het hele grondgebied van Lingewaard helder te krijgen. Het ruimtelijk programma werd in deze visie beter op landschap afgestemd maar van ambities was nog nauwelijks sprake. In deze structuurvisie zetten we een volgende stap: het landschap met haar historische kwaliteiten waarin gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt, plus de ambities van de gemeente zijn sturend voor het programma resulterend in een mix van kleine en grote projecten die soms lokale, soms regionale en heel soms bovenregionale belangen dienen. Het landschap is niet meer een aspect 8
of belang dat per project wordt afgewogen maar vormt de basis voor alle projecten en de visie op de ruimtelijke ontwikkeling van de hele gemeente. Het wiel wordt voor deze visie niet opnieuw uitgevonden. Een belangrijke basis vormt de StructuurvisiePlus 2004. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren vele stukken geproduceerd die in de vorige structuurvisie nog niet aan de orde zijn gekomen.* Deze stukken samen vormen een vertrekpunt voor de visie. De structuurvisie is niet alleen tot stand gekomen door discussie met deskundigen; de input van allerlei belanghebbenden heeft ervoor gezorgd dat we dit product hebben kunnen maken zoals het er nu ligt. Door middel van een interactief proces met inwoners, bedrijven, ambtenaren en raadsleden die mee konden praten over de inhoud van de visie, is de visie tot stand gekomen. Leeswijzer Voor het maken van een visie is het essentieel te weten wat het vertrekpunt is. Een analyse van de gemeente op ruimtelijk vlak kan op vele manieren. Wij hebben ervoor gekozen om vanuit de gebruiker te denken die in het landschap woont, werkt of recreëert en zich daarbij ook verplaatst. Het hoofdstuk analyse is op deze manier opgebouwd. Volgend op de analyse wordt kort toegelicht welke veranderingen er de afgelopen decennia plaats hebben gevonden die hun invloed hebben op onze gemeente. De toekomst van Lingewaard is het hoofdstuk hierop volgend waarin de visie en ambities van Lingewaard uiteen worden gezet, gevolgd door het hoofdstuk Opgaven. Nieuw in de structuurvisie is het hoofdstuk Uitvoeringsparagraaf waarbij wordt ingegaan op de wijze waarop de gemeente denkt de geformuleerde beleidsdoelen te verwezenlijken. Tot slot volgen de hoofdstukken Beoordeling m.e.r.-plicht, Discussie en de Literatuurlijst. gebruik van het landschap hoe de omgeving eruit ziet Landschap onderdeel van het landschap Infrastructuur Wonen Werken Recreëren * Voorbeelden: Landschapsontwikkelingsplan Lingewaard, Dijk als as van ontwikkeling etc. 9
Analyse Landschap - Hoe ziet het landschap eruit? Het landschap in Lingewaard kan getypeerd worden als een rivierenlandschap waarin verschillende woonkernen hun plek hebben gevonden. Naast de kernen zijn er een aantal andere bebouwingsvormen in het gebied te vinden zoals bedrijventerreinen en kassen. Dat het grondgebied van de gemeente getypeerd wordt als een rivierenlandschap is ondermeer aan de begrenzing van het gebied af te lezen: Waal, Neder-Rijn en Pannerdensch Kanaal vormen een belangrijk onderdeel van de gemeentegrens. Verder wordt de gemeente globaal begrensd door de stadsweg (N325/A325), een belangrijke verplaatsingsas tussen de steden Arnhem en Nijmegen. Arnhem Westervoort Neder Rijn Duiven Overbetuwe A325 Huissen Elst Angeren Pannerdensch Kanaal Rijnwaarden Bemmel Haalderen Doornenburg N325 Gendt Waal Waal Millingen a/d Rijn Ubbergen Nijmegen gemeentegrens 11
open karakter komgebied bebouwde oeverwal dijk open kakakter uiterwaarden
Rivierenlandschap Het landschap in Lingewaard is gevormd door het krachtig stromende water. De rivieren die steeds de beste weg zochten om hun water te verplaatsen hebben telkens de vorm van het land veranderd. Het steeds terug kerende water heeft ervoor gezorgd dat wij het landschap rond de rivieren op een bepaalde manier zijn gaan inrichten. De hoge gedeelten, de oeverwallen werden als eerst benut voor bebouwing en intensief grondgebruik. Het gebied tussen de oeverwallen en de rivieren werd gevormd door de uiterwaarden. Naast de oeverwallen en de uiterwaarden kon een derde belangrijk landschapstype worden onderscheiden: de komgronden. Deze lager gelegen gronden werden ontgonnen na het bedijken van het landschap. De dijk die in de 13de eeuw voor het eerst is aangelegd veranderde ook de strijd tegen het water. De gebieden achter de dijken konden niet zomaar onder water lopen. Toch heeft het gebied achter de dijk door diverse dijkdoorbraken nog regelmatig onder water gestaan. Tegenwoordig zijn de landschapstypen oeverwal, kom en uiterwaard nog steeds goed te herkennen door de verschillende manieren waarop ze worden gebruikt. De uiterwaarden kennen een extensief gebruik en staan vooral in het teken van natuurontwikkelingen met hier en daar extensieve landbouw. Daarnaast vangen de uiterwaarden bij piekmomenten van de rivier het water op. De komgronden kennen nog steeds hun open karakter en worden gekenmerkt door grote landschappelijke eenheden bedoeld voor landbouw. 13
landschap Nationaal Landschap De Gelderse Poort uiterwaarden oeverwallen komgronden bestaande bebouwing 14 dijk infrastructuur bestaand en gepland (doortrekking A15) spoor
Nationaal Landschap De Gelderse Poort Nationaal Landschap De Gelderse Poort uiterwaarden Bouwen gebeurt in de gemeente nog altijd voornamelijk op de oeverwallen ook al zijn er op het gebied van bouwen en aanleg van infrastructuur veranderingen opgetreden. Vooral doordat het door allerlei technieken tegenwoordig mogelijk is om overal te bouwen en infrastructuur aan te leggen wordt er steeds vaker afgeweken van het bouwen op de van oudsher daarvoor gebruikelijke plekken. Vooral op de komgronden zijn hier resultaten van te zien zoals de aanleg van de Betuweroute en de bouw van de kassen in Bergerden. De herkenbaarheid en leesbaarheid van het oorspronkelijke landschap komt door dit soort ingrepen in gevaar. Toch bestaan er voor de gemeente verschillende mogelijkheden om de leesbaarheid te verbeteren en niet verder in het geding te laten komen. Vele projecten wijden aandacht aan het vermijden van verdere afname van leesbaarheid van het karakteristieke landschap. Één van de middelen die wordt ingezet is het besluit waarbij landelijk gebieden worden aangewezen waar sprake is van een unieke combinatie van cultuurhistorie en natuurlijke elementen; de Nationale Landschappen. Deze gebieden genieten bescherming. De uiterwaarden van Lingewaard maken deel uit van zo n Nationaal Landschap onder de naam De Gelderse Poort. 15
Cultuurhistorie gemeentegrens Nationaal Landschap De Gelderse Poort uiterwaarden bestaand woongebied bestaand bedrijventerrein / glastuinbouwgebied gemeentegrens Nationaal Landschap De Gelderse Poort uiterwaarden oeverwallen komgronden bestaande bebouwing dijk infrastructuur bestaand en gepland (doortrekking A15) spoor Nationaal Landschap De Gelderse Poort uiterwaarden dijkzone overslaggronden oud glas dijk 16 Kasteel Doornenburg Sterrenschans Fort Pannerden kerk EHS-natuur EHS-verweving
Archeologie en cultuurhistorie De opbouw van het rivierenlandschap, heeft de gemeente in directe en indirecte zin veel archeologie en cultuurhistorie opgeleverd. In directe zin onder andere afleesbaar aan de ontwikkeling van glastuinbouw op vruchtbare plekken net achter de dijk. Met de komst van de dijk in de 13de eeuw waren alle overstromingen nog niet voorbij. Dijkdoorbraken zorgden ervoor dat de inwoners nog steeds natte voeten kregen. Deze doorbraken zorgden er wel voor dat de grond net achter de dijkdoorbraak erg vruchtbaar werd, geschikt voor landbouwactiviteiten. Deze vruchtbare gebieden worden ook wel overslaggronden genoemd. Later heeft zich op deze overslaggronden de glastuinbouw ontwikkeld. Tegenwoordig bevindt zich op een groot aantal van deze plekken nog steeds glastuinbouw. Het Herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen-Angeren is hier een voorbeeld van. Verder vinden we in de gemeente op diverse plaatsen nog boomgaarden die bij uitstek het Betuwse landschap kerk direct langs de dijk vertegenwoordigen. Boomgaarden zijn te vinden in Ressen, Bemmel, Haalderen, Gendt, Doornenburg en Angeren. Huissen kent vooral glastuinbouw en geen boomgaarden. Dit komt door de ondergrond die bestaat uit zand en vroeger soms heel hoge grondwaterstanden kende. In het gebied van de Zilverkamp stonden vroeger wel boomgaarden. De gebieden net achter de dijk werden niet alleen ontwikkeld tot landbouwgrond (en later gedeeltelijk tot glastuinbouw), de kernen zoals we die nu kennen zijn ook in dit gebied ontstaan. De kerk als belangrijke factor in het vroegere dagelijkse leven is nog herkenbaar aan de ligging van veel dorpskerken aan de dijk en aan de deels nog aanwezige kerkenpaden tussen kerk en woonbuurten. In indirecte zin komt veel archeologie en cultuurhistorie voort uit de versperrende functie die het water heeft. Het rivierenlandschap is altijd een strategisch landschap geweest. De mens heeft meermaals in verschillende eeuwen strijd onderling gevoerd waarbij de rivieren grenzend aan de gemeente een belangrijke barrière bleken. Onder andere bouwwerken als Kasteel Doornenburg en Fort Pannerden vertellen het verhaal van een strijdlustig verleden. De strijd aan het eind van de laatste oorlog (WOII) is nog steeds merkbaar als voor nieuwbouwplannen eerst uitgebreid onderzoek naar bommen en granaten nodig is. Verder zijn de resultaten van herstel en wederopbouw in het landschap af te lezen, veel woningbouw, maar ook kerken en dorpshuizen stammen uit de jaren 50 van de vorige eeuw. 17 Herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen- Angeren woningbouw uit jaren 50 Kasteel Doornenburg
Ecologische Hoofdstructuur EHS-natuur 18 EHS-verweving EHS-verbinding
Natura 2000 Vogelrichtlijngebied Vogel- en habitatrichtlijngebied Vogel- en habitatrichtlijngebied en beschermd natuurmonument Ecologie Het zal niemand verbazen dat ook de natuur verband houdt met het rivierenlandschap. In de gemeente bevinden zich gebieden die een hoge natuurlijke waarde hebben en onderdeel vormen van een beschermd gebied. Die bescherming vloeit voort uit Europese en landelijke regelgeving. Voor de ruimtelijke ontwikkeling zijn deze beschermingsregels vertaald tot gebiedsaanwijzingen. Zo zijn alle uiterwaarden in onze gemeente om meerdere redenen beschermd. De Gelderse Poort waar de uiterwaarden deel van uitmaken, is niet alleen aangewezen als Nationaal Landschap maar maakt ook deel uit van een internationaal netwerk van natuurgebieden (Natura 2000). Naast de aanwijzing van gebieden is er door het Rijk ook een structuur met ecologische waarde aangewezen die bescherming geniet. Deze aangewezen structuur wordt Ecologische Hoofd Structuur (EHS) genoemd en loopt ook door Lingewaard. De uiterwaarden, Park Lingezegen, de Linge en een zone langs de Linge behoren tot deze structuur, maar hebben niet allen dezelfde natuurlijke waarde. Binnen de EHS wordt er onderscheid gemaakt tussen drie typen gebieden: gebieden met echte natuur; ov busroute door de gemeente verwevingsgebieden waar natuurwaarden gemengd mogen zijn met landbouw, recreatie of ander menselijk gebruik van de omgeving; ov spoor en verbindingsgebieden die de echte natuurgebieden en verwevingsgebieden veerpont met elkaar verbinden. Betuweroute Met name de uiterwaarden langs de Waal zijn binnen onze gemeente aangewezen als echte natuur. De uiterwaarden langs het Pannerdensch Kanaal en de Neder-Rijn hebben voornamelijk een verwevende functie. Park Lingezegen, de Linge en de zone langs de Linge zorgen vooral voor verbindingen tussen de echte natuur en verwevingsgebieden. 19 veerpont
Linge water Neder Rijn IJssel Neder Rijn Pannerdensch Kanaal Waal Waal Linge met zijarmen uiterwaarden project Bemmelse uiterwaard project Gendtse uiterwaard 20 project uiterwaard Huissen-Angeren gemaal
Waterbeheer Goed georganiseerd waterbeheer in het laag gelegen Nederland is essentieel. Door verstedelijking en klimaatverandering neemt het overstromingsrisico bij hoogwater en de maatschappelijke impact daarvan toe. Daarom worden in het hele riviergebied maatregelen genomen om het waterbergend vermogen van de uiterwaarden te vergroten en hoogwater op een veilige manier te kunnen afvoeren. Bij de uiterwaard Huissen-Angeren wordt binnen onze gemeente aan het waterbergend vermogen gewerkt. Daarbij worden gelijk kansen benut om de toegankelijkheid van de uiterwaardennatuur en de gebruiksmogelijkheden voor recreatie te vergroten. De rivieren Neder-Rijn, Pannerdensch Kanaal en Waal zijn niet de enige belangrijke waterstromen in de gemeente. Centraal door onze gemeente loopt de Linge, die haar oorsprong vindt ter hoogte van Doornenburg en haar weg baant richting het westen. De Linge is bijzonder. In tijden van droogte voert de Linge water aan vanuit het Pannerdensch kanaal met behulp van het gemaal bij Doornenburg. Bij overtollig water in het agrarisch gebied voert een uitgebreid stelsel van zijwatergangen (zegen) water af naar de Linge. De Linge loost dit water nabij Hardinxveld-Giessendam in de Merwede. Bouwen in het rivierengebied veronderstelt ook de zorg voor voldoende waterberging. Op dit moment zijn er in onze gemeente te weinig waterbergingsfaciliteiten in verhouding tot de oppervlakte bestaand verstedelijkt gebied (woonkernen en bedrijventerreinen). Dat betekent voor de toekomst een extra opgave bovenop de bestaande taakstelling wanneer er nieuwe bouwplannen worden gepland. Ontwikkelingen zijn in gang gezet om de waterberging niet meer incidenteel (per project) te regelen maar op basis van een inzicht in alle nieuwe bouwontwikkelingen, waarnaar vervolgens gemeentebreed naar geschikte locaties voor waterberging wordt gezocht. Waterbeheer gaat veel verder dan alleen een kwantitatieve balans zoeken tussen benodigde berging en capaciteit. Het bewaken en verbeteren van de kwaliteit speelt ook een essentiële rol, vooral voor de ecologie. De kwaliteit van het water is volgens een aantal normen niet overal zoals die zou moeten zijn. Onder andere voor de gemeente ligt hier een taak. 21 gemaal Linge Waal
N325 autoverkeer Arnhem Pleyweg Westervoort A12 A325 Ir. Molsweg Duiven Huissen Elst N839 Angeren A325 N15 toekomstige A15 A15 Bemmel Haalderen Doornenburg Gendt Nijmegen hoofdonsluiting ringweg gebiedsontsluiting tunnel 22 ov busroute door de gemeente ov spoor veerpont
Infrastructuur - Hoe verplaats ik me in het landschap? Verplaatsen binnen de gemeente kan op verschillende manieren. Aangezien Lingewaard van oorsprong een landelijk karakter heeft, is vooral aandacht geschonken aan het aanleggen van infrastructuur voor de auto; infrastructuur voor openbaar vervoer is minder ontwikkeld. De laatste jaren is echter een lichte verschuiving te signaleren. Lingewaard ligt centraal tussen de steeds verder uitbreidende steden Arnhem en Nijmegen. Hierdoor is de potentie voor het ontwikkelen van openbaar vervoer gegroeid. ringweg Ingenieur Molsweg N15 Autoverkeer Een consequentie van een gebied dat voornamelijk begrensd is door rivieren, is de barrière die het water opwerpt en daarmee de ontsluiting van de gemeente beperkt. Vanuit Lingewaard zijn er daardoor een gering aantal belangrijke ontsluitingswegen: de N325/A325 die Arnhem en Nijmegen met elkaar verbindt, de Ingenieur Molsweg die vanaf Huissen naar de Pleyroute bij Arnhem loopt en de A15 die bij knooppunt Ressen eindigt en in het westen dicht bij de kust begint. Vanaf knooppunt Ressen gaat de A15 over in de N15 met een eindpunt ter hoogte van Bemmel. De A15 zal in de toekomst waarschijnlijk niet eindigen bij knooppunt Ressen, maar wordt waarschijnlijk doorgetrokken richting de A12 waardoor ons buurland gemakkelijk te bereiken wordt vanuit Lingewaard. Om vanuit de kernen op de belangrijke ontsluitingswegen te komen, speelt de ringweg een belangrijke rol. De ringweg, loopt voornamelijk over de oeverwallen en verbindt de kernen in de gemeente met elkaar. De druk op het bestaande wegennet in en rond de gemeente is groot, zo blijkt uit het in 2009 vastgestelde mobiliteitsplan. Vooral de stadsweg tussen Arnhem en Nijmegen staat onder grote druk door de enorme toename van autoverkeer van de afgelopen decennia. Dit komt onder andere doordat bij ontwikkeling van nieuwe woon- en werklocaties het uitgangspunt gehanteerd is dat gebruik gemaakt moest worden van de bestaande wegen. Verbetering van het huidige verkeersnetwerk is essentieel. 23
openbaar vervoer Arnhem Arnhem-Zuid Westervoort Duiven Huissen Elst Angeren Bemmel Haalderen Doornenburg Gendt Nijmegen- Lent hoofdonsluiting ringweg Nijmegen gebiedsontsluiting tunnel ov busroute door de gemeente ov spoor 24 veerpont Betuweroute fietsknooppuntennetwerk
Openbaar vervoer Verplaatsen binnen de gemeenten per openbaar vervoer is mogelijk met de bus. Er zijn twee lijndiensten tussen Arnhem en Nijmegen die via de gemeente lopen; lijn 300 en 33. Daarnaast rijden er bussen op lijn 34 en 35 vanuit Bemmel naar Velp en Elst. Bussen op lijn 300 rijden frequent, de andere niet. De frequentie op de route van lijn 300 is het afgelopen jaar gestegen met een behoorlijke toename van het aantal reizigers als gevolg. Een alternatief voor de bus is de Stadsregiotaxi. De Stadsregiotaxi brengt je van deur tot deur en is goedkoper dan een gewone taxi maar wel duurder dan de bus. Een andere mogelijkheid naast de bus en regiotaxi om via openbaar vervoer de gemeente te verlaten of binnen te komen is met de veerpont. Er bevinden zich drie vertrekpunten van de pont: ter hoogte van Huissen, Doornenburg en Gendt. De pont in de buurt van Gendt vaart echter alleen in de zomer en is alleen bedoeld voor langzaamverkeer. ov bus Haalderen pontje Gendt-Millingen pontje Huissen-Loo Om sneller dan met de huidige bussen naar omliggende regio te verplaatsen is de trein een logisch alternatief. De trein rijdt langs de gemeente maar stopt er niet. Dichtbij gelegen stations zijn Arnhem-Zuid, Elst en Nijmegen-Lent. Met uitzondering van Arnhem-Zuid rijden verschillende buslijnen vanuit Lingewaard langs deze stations. Goederenvervoer Treinen die door de gemeente rijden, namelijk goederentreinen, verplaatsen zich over de Betuweroute. Deze spoorlijn is vrij dominant in het open polderlandschap van de gemeente aanwezig. Als de A15 wordt doorgetrokken dan komt deze naast de spoorlijn te liggen. Een andere manier van het vervoeren van goederen gebeurt via water. Met name de Waal speelt hierin een grote rol. De Waal is de belangrijkste vaarwegverbinding tussen de Rotterdamse haven en Duitsland. Het meeste goederenvervoer vindt echter nog plaats over de weg. Met name via de hoofdwegen. 25 spoor langs de gemeente Betuweroute
utilitair langzaam verkeer Arnhem Westervoort Duiven Huissen Elst Angeren ov busroute door de gemeente ov spoor veerpont Bemmel Haalderen Betuweroute Doornenburg Gendt veerpont woon-werk fietsverkeer Nijmegen school fietsverkeer middelbare school Rijnwaalpad zijtak snelfietsroute onveilige fietsroute 26 gevaarlijk kruispunt autosluis woningbouwcontour bestaand woongebied in de gemeente woningbouw buiten de contouren onder
dijk bij Gendt verkeersdrukte op erftoegangsweg Utilitair langzaamverkeer Utilitair langzaamverkeer, ofwel dagelijks fiets- of voetgangersverkeer bestaat voor een groot deel uit naar school gaand verkeer, maar ook uit woon-werk verkeer. Voor de dagelijkse verplaatsingen met de fiets zijn er vele routes in de gemeente voorhanden. Momenteel wordt er gewerkt het Rijnwaalpad, een snelfietspad tussen Arnhem en Nijmegen met als intentie een snelle, veilige en comfortabele route voor de fietser. Vanaf Huissen, Bemmel en Elst zal er worden aangetakt op deze route. De veiligheid van de dagelijkse fietsroutes binnen de gemeente staat bij een aantal wegen onder druk. De dijken zijn bijvoorbeeld grotendeels zowel voor fietsers als voor auto s bestemd. De snelheid waarmee er met de auto maar ook motoren over de dijken wordt gereden is behoorlijk waardoor de veiligheid voor de fietser in het geding komt. Op diverse erftoegangswegen in het landelijk gebied speelt hetzelfde. 27
oud glas recreatief langzaam verkeer dijk Kasteel Doornenburg Sterrenschans Fort Pannerden kerk EHS-natuur Arnhem EHS-verweving EHS-verbinding Vogelrichtlijngebied Vogel- en habitatrichtlijngebied Westervoort Vogel- en habitatrichtlijngebied en beschermd natuurmonument dijk Duiven Huissen Linge met zijarmen uiterwaarden Elst Angeren project Bemmelse uiterwaard project Gendtse uiterwaard project uiterwaard Huissen-Angeren gemaal hoofdonsluiting ringweg Bemmel Haalderen gebiedsontsluiting tunnel Doornenburg Gendt ov busroute door de gemeente ov spoor veerpont Betuweroute fietsknooppuntennetwerk Nijmegen landelijke fietsroute Linge- en waardenroute Park Lingezegen Nationaal landschap De Gelderse Poort veerpont 28 woon-werk fietsverkeer school fietsverkeer middelbare school Rijnwaalpad
Recreatief langzaamverkeer Voor de recreant zijn er diverse routes aangelegd die door de gemeente lopen. Recreatieve fietsers kunnen gebruik maken van het fietsknooppuntennetwerk. In dit netwerk zijn alle bestaande routes opgenomen en nieuwe routes toegevoegd. Doordat het netwerk verbonden is met de buurtgemeenten wordt fietsen in de regio gemakkelijker gemaakt. In combinatie met diverse pontjes over de Waal, Neder-Rijn en Pannerdesch Kanaal zijn fietstochten door bijvoorbeeld het Nationaal Landschap De Gelderse Poort waar Lingewaard een onderdeel van uitmaakt, eenvoudiger geworden. Voor de wandelaars zijn er diverse themarondjes bedacht die langs kastelen, kapellen en kloosters lopen. Daarnaast zijn er op de dijk en in de uiterwaarden ook wandelrondjes uitgezet. De uiterwaarden zijn echter niet erg toegankelijk voor zowel de wandelaar als de fietser. In de gemeente wordt er gewerkt aan het verbeteren van de recreatieve infrastructuur. Kerkenpaden worden hersteld, er komen nog steeds nieuwe routes bij die een verhaal vertellen over het landschap en haar cultuurhistorie. Een deel van ons grondgebied waar gewerkt wordt aan het verbeteren van recreatieve routes is in het landschapspark Park Lingezegen; het is een park waar mens, water, landbouw en natuur hun plek krijgen. Ontwikkeling van recreatie en natuur staan in het park voorop. knooppuntennetwerk recreatief verkeer op de dijk toegang tot de Gendtse uiterwaarden 29
woonomgeving 30 Nationaal landschap De Gelderse Poort Park Lingezegen centrumgebied lintbebouwing waardevol dorpsgezicht sportpark glastuinbouwgebied bestaand bedrijventerrein open polder oude dorpsentree
Gebruikers - Waar woon ik? In de gemeente bevinden zich naast een aantal buurtschappen, zeven kernen namelijk: Huissen, Bemmel, Gendt, Angeren, Doornenburg, Haalderen en Ressen. De grootste kernen zijn Huissen en Bemmel. De meeste voorzieningen voor de bewoners van de gemeente bevinden zich in deze kernen. Woonomgeving De kernen binnen de gemeente worden gekenmerkt door een variatie aan woonmilieus. De meest stedelijke manieren van wonen zijn te vinden in Huissen met de hoogste dichtheden in en rond het centrum van het stadje. Verder van het centrum tref je de meer dorpse woonmilieus aan. Dorpse woonmilieus zijn ook te vinden in Bemmel, Gendt, Doornenburg en Angeren. De oude buurtschap Ressen wordt vooral gekenmerkt door landelijke woonvormen. Deze kern wordt gezien als waardevol dorpsgezicht. Ook in Bemmel is een gebied aangewezen met een bijzondere waarde. Naast deze twee waardevolle dorpsgezichten bevinden zich in de kernen van de gemeente diverse cultuurhistorische waarden die wonen in de kernen mede aantrekkelijk maken. Een landelijk woonmilieu komt niet alleen voor in Ressen. Hoe verder men vanaf Bemmel en Huissen in de gemeente in oostelijke richting gaat, hoe meer landelijke woonvormen men in en aan de rand van de kernen aantreft. Alle kernen met uitzondering van Ressen grenzen aan het Nationaal landschap De Gelderse Poort. Dit landschap met uiterwaarden ligt om de hoek als aantrekkelijke ontspanningruimte voor de inwoners van de kernen. Naast deze ruimte voor ontspanning wordt Park Lingezegen ontwikkeld, het gebied dat in onze gemeente tussen Huissen en Bemmel ligt. Ressen is in het parklandschap opgenomen. Het park grenst aan Bemmel en zal voor een belangrijke ontspanningsmogelijkheid zorgen voor de inwoners van onder andere Bemmel, Huissen en Ressen en andere inwoners van de gemeente maar ook van de regio. Het rivierenlandschap is vanaf de kernen niet alleen te zien aan de uiterwaarden maar het polderlandschap met open kommen is vanaf een aantal kernen snel te bereiken en goed beleefbaar. Vooral ten zuiden van de Betuweroute zijn de kommen nog grotendeels onbebouwd wat een weids uitzicht oplevert vanaf Bemmel, Gendt en Doornenburg. Door de polders zoveel mogelijk vrij te houden van bebouwing blijft het gevoel van landelijk wonen beter gewaarborgd. Het aantal inwoners is in Lingewaard de afgelopen jaren flink gegroeid. Met de stad om de hoek zijn met name Huissen en Bemmel interessante kernen gebleken om te wonen. Deze twee kernen liggen het dichtst bij de steden en zijn relatief gezien het best bereikbaar. Doornenburg, gelegen in de hoek van de gemeente is het slechtst bereikbaar wat wel de nodige rust en ruimte oplevert voor de inwoners van het dorp. Lingewaard biedt haar inwoners allerlei kwalitatief hoogwaardige woonmilieus aan. Voor inwoners die zoeken naar rust, ruimte en veel natuur is Doornenburg een ideale plek om te wonen. Voor de inwoner die dorps willen wonen maar toch in de buurt van allerlei stadse voorzieningen kunnen zich vestigen in Bemmel en Huissen. Haalderen, Angeren en Gendt vormen hierin een soort tussenmaat tussen de westelijk gelegen Bemmel en Huissen en het oostelijk gelegen Doornenburg. 31
woningbouw Aantal inwoners 1 januari 2010 Huissen 17.888 Bemmel 12.591 Gendt 7.253 Haalderen 1.991 Doornenburg 2.742 Angeren 2.847 Ressen 126 Vogel- en habitatrichtlijngebied Vogel- en habitatrichtlijngebied en beschermd natuurmonument dijk Linge met zijarmen uiterwaarden project Bemmelse uiterwaard project Gendtse uiterwaard project uiterwaard Huissen-Angeren gemaal Arnhem Westervoort hoofdonsluiting ringweg gebiedsontsluiting tunnel Duiven Driegaarden Huissen ov busroute door de gemeente ov spoor veerpont Elst Betuweroute Angeren De Nieuwe Poel fietsknooppuntennetwerk landelijke fietsroute Linge- en waardenroute Bemmel Haalderen De Bongerd en Vleumingen West Gendt Park Lingezegen Doornenburg Nationaal landschap Lange De Gelderse Poort veerpont Oosterwijk Martinus Mark woon-werk fietsverkeer school fietsverkeer middelbare school Rijnwaalpad zijtak snelfietsroute Nijmegen onveilige fietsroute gevaarlijk kruispunt woningbouwcontour 32 bestaand woongebied in de gemeente woningbouw buiten de contouren onder voorwaarden toegestaan geplande woningbouw dagelijke voorzieningen koopkracht bestaand bedrijventerrein
Woningbouw Veel bebouwing in de kernen stamt uit de periode van de wederopbouw na de WOII. Ook in de afgelopen jaren is er flink gebouwd in de vorm van VINEXwijken. In kernen als Bemmel en Huissen heeft deze tendens geresulteerd in flinke uitbreidingen. In de kleinere kernen is de Essenpas VINEX-locatie Bemmel woningbouw vooral gelijk gehouden met de natuurlijke aanwas. De periode van enorme planproductie is voorbij haar hoogtepunt. Het huidige programma bestaat uit uitbreidingen, herstructureringen en inbreidingen, verbonden aan de verstedelijkingsafspraken, vastgesteld door de Stadsregio. Bij deze afspraken zijn ook percentages opgenomen voor het aantal minimaal te bouwen betaalbare woningen. Lingewaard heeft zich hiervoor ingezet, echter heeft dit consequenties gehad; verhoudingsgewijs zijn er minder woningen net boven de betaalbare prijsklasse (tussen de 2 en 3 ton euro) gebouwd en is de behoefte naar deze categorie gestegen. Naast de bouwopgaven gebonden aan de contouren, wordt er heel beperkt gebouwd in het landelijk gebied. Dit laatste komt voort uit de functieverandering van glastuinbouw en andere agrarische bedrijven naar landelijke woonvormen. De gemeente heeft een regeling om de sloop van voormalige agrarische bebouwing in het buitengebied te stimuleren: de functieveranderingsregeling. Doel is de landschappelijke kwaliteit van het buitengebied te verbeteren. De regeling is er op gericht om agrarische ondernemers te compenseren voor het beëindigen van de agrarische activiteit op hun bedrijfsperceel en het afbreken van de aanwezige bedrijfsbebouwing. Op basis van de regeling kunnen (stoppende) agrarische bedrijven compensatie krijgen in de vorm van woningbouwmogelijkheden. Hiermee probeert de gemeente leegstand en verrommeling van oude bebouwing te vermijden. Voorbeeld functieverandering 33
lokale voorzieningen in de kernen 34 huisarts zorgcentrum tandarts fysiotherapeut apotheek buurt-, dorp-, of wijkcentrum cultureel centrum jongeren centrum bibliotheek museum zwembad sportpark fitness voortgezet onderwijs basisschool kinderopvang / dagopvang peuterspeelzaal
Voorzieningen Bij de woonomgeving horen voorzieningen. Voorzieningen zijn er in vele soorten en maten. Hierbij valt te denken aan dagelijkse voorzieningen of voorzieningen voor sport en ontspanning. Voorzieningen waarvan we dagelijks gebruik maken zijn supermarkten en andere winkels voor de dagelijkse boodschappen. Niet elke kern heeft een eigen winkelcentrum. Wel is er in de meeste kernen een supermarkt, uitzonderingen zijn Haalderen en Ressen. Inwoners van deze kernen halen hun dagelijkse boodschappen vooral in Bemmel. Voor het basisonderwijs en de huisarts geldt alle woonkernen behalve Ressen hierover beschikken. Lingewaard heeft veel sportverenigingen en veel muziekgroepen die gebruik maken van verenigingsgebouwen. Elke kern in de gemeente heeft een of meer verenigingsgebouwen. Huissen en Bemmel zijn de grootste woonkernen in de gemeente en hebben de meeste voorzieningen. Een verschil is dat in Huissen sommige nieuwbouwwijken zoals in de jaren 70 de Zilverkamp en nu Loovelden groter zijn dan woonuitbreidingen in Bemmel. Daardoor beschikken zij over eigen voorzieningencentra, zoals het winkelcentrum in de wijk Zilverkamp en de Brede school en medische voorzieningen in Loovelden. dagelijkse voorziening Angeren 35
regionale voorzieningen Arnhem Westervoort Duiven Huissen Zevenaar Elst Angeren maximale bebouwing binnen contouren bestaand woongebied bestaand bedrijventerrein? Bemmel Haalderen Doornenburg Gendt aangewezen glastuinbouwgebied spoor gebiedsontsluiting hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 middelbaar beroeps onderwijs hoger beroeps onderwijs Nijmegen maximale bebouwing binnen contouren bestaand woongebied bestaand bedrijventerrein aangewezen glastuinbouwgebied spoor universiteit stadscentrum (culturele, horeca, winkelvoorzieningen etc.) ziekenhuis evenemententerrein/voetbal bezienswaardigheid gebiedsontsluiting waterrecreatie 36 hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 kantoorlokatie perifere detailhandel middelbaar beroeps onderwijs hoger beroeps onderwijs
Een trend die ook in onze gemeente zichtbaar begint te worden is bundeling van voorzieningen bij elkaar. Traditioneel zijn veel voorzieningen al geclusterd in of rond het dorpscentrum. Uitzondering hierop zijn de sportvelden die veelal aan de rand van de woonkern liggen. Naast die geografische bundeling worden sectoraal steeds meer voorzieningen bij elkaar of zelfs onder één dak ondergebracht: de brede school, medische voorzieningen zoals huisarts en apotheek, verenigingsgebouwen of culturele centra. Betere samenwerking, kostenbesparing en het behoud van voorzieningen in kleinere dorpen zijn hiervoor vaak de motieven. De meeste voorzieningen met een bovenlokaal verzorgingsgebied, zoals bijvoorbeeld een ziekenhuis of instellingen voor hoger onderwijs, zijn gevestigd in de steden. Grootschalige winkelvoorzieningen (IKEA e.d.) en grotere kantoorlocaties bevinden zich aan de rand van de steden langs de belangrijkste uitvals-/ toegangswegen. Wat opvalt is dat op het gebied van bovenlokale voorzieningen, of het nu zorg-, onderwijs- of commerciële voorzieningen zijn, het gebied tussen Neder-Rijn en Waal nog weinig te bieden heeft. De groei van het woning- en inwoneraantal in de afgelopen twintig jaren is niet gepaard gegaan met een zelfde groei in het voorzieningenniveau. 37
werken A12 A325 Looveer Polseweg Lingewal Agropark II Agropark I Pannenhuis I Pannenhuis II A15 Houtakker II Houtakker I Industrieterrein Gendt-Bemmel 38 bestaand bedrijventerrein gepland bedrijventerrein in de gemeente concentratiegebied glastuinbouw zonder herstructurering glastuinbouwgebied met herstructurering oud glas concentratie detailhandel steenfabriek komgronden uiterwaarden ontsluiting vrachtverkeer
Gebruikers - Waar werk ik? De werkgelegenheid in Lingewaard komt voort uit verschillende sectoren. De meeste werkgelegenheid is afkomstig uit de sectoren zorg, zakelijke diensterlening, detail- en autohandel en industrie. Qua interne en externe profilering springt de glastuinbouwsector er echter uit. Er is een opmars waarneembaar van werkgelegenheid in de sectoren handel, bouw, zorg en dienstverlening (voornamelijk zakelijke dienstverlening). Bedrijventerreinen In de gemeente bevinden zich verschillende bedrijventerreinen namelijk: Gendt-Bemmel, Pannenhuis I en II, Houtakker I en II, Agropark I en II, Lingewal, Polseweg en Looveer. De bedrijventerreinen Agropark en Pannenhuis hebben een bovenlokale functie voor de agrobusiness. De overige bedrijventerreinen zijn bestemd voor lokale bedrijvigheid. Deze terreinen zijn gesegmenteerd naar aard, functie en type bedrijvigheid. Bedrijven van buiten de gemeente hebben, (mits ze gelieerd zijn aan de groene of agrobusiness sector) de mogelijkheid om zich te vestigen op het Agropark II of Pannenhuis II. Het glastuinbouwgebied Bergerden is geen bedrijventerrein, maar heeft wel de uitstraling ervan. Bergerden heeft een nationale functie als concentratiegebied voor grootschalige glastuinbouw. Het is een innovatief glastuinbouwgebied, gericht op een duurzame en efficiënte manier van tuinbouw. De bedrijventerreinen hebben een relatief groot ruimtebeslag en zijn niet altijd op landschappelijk logische plekken gesitueerd. Bovendien is de beeldkwaliteit van sommige bedrijventerreinen of delen daarvan onderwerp van discussie. De maatschappelijke kritiek op zowel de beeldkwaliteit als het ruimtebeslag van bedrijventerreinen is de laatste jaren behoorlijk toegenomen. Mede hierdoor geldt niet alleen voor woningbouw maar ook bedrijventerreinen dat efficiënt ruimtebeslag noodzakelijk is: inbreiding gaat voor uitbreiding. De komende jaren wordt de druk op revitalisering van bedrijventerreinen opgevoerd. Aangezien de herstructurering tot nu toe moeilijk op gang komt heeft de provincie samen met de Stadsregio hiervoor de regierol opgepakt. Goede bereikbaarheid van een bedrijventerrein is essentieel evenals een goede ontsluiting. Bereikbaarheid wordt onder andere bepaald door de route vanaf het bedrijventerrein naar de hoofdinfrastructuur. De Karstraat ontsluit een aantal bedrijventerreinen en vormt een belangrijke route voor vrachtverkeer richting hoofdinfrastructuur. Naast een gedegen route naar de hoofdinfrastructuur speelt de afstand tot de hoofdontsluiting vanaf het bedrijventerrein een belangrijke rol. Met name voor de bedrijventerreinen Pannenhuis I en II, Houtakker I en II, Lingewal en Agropark I en II geldt dat de Bergerden Pannenhuis I vrachtverkeer op Ir. Molsweg 39
afstand van de bedrijventerreinen tot de hoofdinfrastructuur beperkt en dus gunstig is. Voor de andere terreinen is deze afstand groter. Met betrekking tot infrastructuur is er voor het vrachtverkeer nog een slag te slaan. Veel vrachtverkeer rijdt door de bebouwde kom van Huissen. Huissen ondervindt hier veel overlast van. Doortrekken van de A15 betekent vermindering van deze problematiek. Landbouw en tuinbouw Landbouw bevindt zich in alle gebieden van het rivierenlandschap, zei het met een verschillend karakter. In de open komgebieden is landbouw de primaire functie. Dit is te zien aan de grote landbouwkavels met weideland en akkerbouw. Op de oeverwallen is er sprake van een minder intensief gebruik voor landbouw. Naast landbouw bevindt zich veel tuinbouw op deze hoger gelegen gebieden. Tuinbouw is van oudsher een belangrijke sector in de gemeente. Een van de oudere gebieden is het herstructureringsgebied Huissen-Angeren. Veel kassen in dit gebied zijn verouderd, daarnaast is er sprake van kleinschalige verkaveling. Gemeente en provincie hebben een projectbureau in het leven geroepen om te werken aan een toekomstbestendiger glastuinbouwgebied maar ook om de infrastructuur, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van het herstructureringsgebied te verbeteren. Bergerden is een totaal ander glastuinbouwgebied. De bedrijven die hier inmiddels gevestigd zijn, zijn gemiddeld genomen vele malen groter dan in het herstructureringsgebied. Tuinders proberen op een innovatieve manier toekomstgericht bezig te zijn. De energievoorziening en de gietwatervoorziening voor de tuinders wordt bijvoorbeeld voornamelijk collectief geregeld. Bergerden en het herstructureringsgebied maken deel uit van het in rijks- en provinciaal beleid aangewezen concentratiegebied voor de glastuinbouw. In de uiterwaarden wordt de landbouw vooral extensief bedreven. De uiterwaarden zijn gekwalificeerd als beschermd gebied. Beleid richt zich steeds meer op natuur en steeds minder op landbouw. De hedendaagse landbouw in de uiterwaarden zou moeten bijdragen aan de natuurlijke kwaliteit en de karakteristiek van het landschap. De landbouw staat hierdoor behoorlijk onder druk. De agrariërs worden in hun mogelijkheden beperkt door het gewenste extensiever karakter van de uiterwaarden. De uiterwaarden zijn niet de enige gebieden waar de agrariër het steeds moeilijker heeft. Ook op de oeverwallen en in de kommen stuit de agrariër op problemen. De kernen en bedrijventerreinen zijn de afgelopen decennia uitgebreid en hebben veel ruimte in beslag genomen met als gevolg stijgende grondprijzen. Door de stijgende prijzen kunnen agrariërs moeilijk uitbreiden. Daarnaast heeft de steeds strengere regelgeving en schaalvergroting ook de nodige invloed gehad op het aantal bedrijven in deze sector: af te lezen aan het aantal bedrijfsbeëindigingen de laatste jaren. 40 grote landbouweenheden in komgebied landbouwgrond met in de toekomst een andere functie (Huissense uiterwaard) winkelstraat Huissen
Detailhandel Detailhandel bevindt zich vooral in de centra van Huissen, Bemmel en Gendt. Verder bevindt zich op een aantal bedrijventerreinen perifere detailhandel. Hier worden producten verkocht die qua aard of omvang niet in normale winkelcentra worden verkocht (bijv. meubels of bouwmaterialen). Huissen, het oude stadje heeft de meeste winkelvoorzieningen. Toch is het aandeel van alle bestedingen in Huissen relatief zelf laag. Het stadje heeft vooral te leiden onder het goed toegankelijke winkelcentrum Arnhem Kronenburg. Hierdoor lopen de winkeliers veel klanten mis. In de toekomst zal de aantrekkelijkheid om boodschappen te doen in Arnhem Kronenbrug waarschijnlijk toenemen: voor het winkelcentrum liggen plannen voor verdere uitbreiding. Ook aan de kant van Nijmegen wordt aan de weg getimmerd. Bij de Waalsprong zal in de nabije toekomst een groot winkelcentrum genaamd Citadel worden gebouwd. Dit winkelcentrum zou de koopstromen in de gemeente kunnen beïnvloeden. Met andere woorden centrumontwikkelingen zijn nodig om de koopkracht te behouden. Inmiddels is er een project opgestart waarbij wordt getracht de lokale economie in Huissen te versterken en te verlevendigen. Het centrum van Huissen is niet het enige centrum waaraan wordt gewerkt. Ook in Bemmel wordt er gewerkt aan het verbeteren van het winkelcentrum. Recreatie Recreatie is een verbindende schakel tussen natuur, landschap en rust enerzijds en lokale economie anderzijds. Meer kwaliteit aan toegankelijke natuur en landschap resulteert vaak in meer bezoekers en meer bezoekers betekent meer omzet. Landschap en economie zijn dan ook niet elkaars tegengestelde. De huidige financiële en werkgelegenheidsbijdrage vanuit de tak recreatie aan de lokale economie is in de gemeente beperkt, en dat terwijl recreatieve groene ruimte in onze verstedelijkte regio een schaars goed is. Commerciële dienstverlening De commerciële en zakelijke dienstverlening zijn snel groeiende sectoren. Dit ondanks het feit dat de gemeente geen echte kantoorlocaties kent. De meeste werknemers in deze sector zijn de kleine zelfstandigen zonder personeel (ZZP-ers). Voor lokale zelfstandige kantoren is op het bedrijventerrein de Houtakker II inmiddels de mogelijkheid om zich te kunnen vestigen. Daarnaast is er verspreid over de gemeente een aantal voornamelijk kleine kantoren. Zorg De werkgelegenheid in de zorgsector is de laatste decennia toegenomen. Gezondheidsen welzijnsinstellingen in de gemeente zijn flink gegroeid. Doordat de vergrijzing van de bevolking steeds verder doorzet zijn telkens meer zorgvoorzieningen nodig. Bedrijventerreinen Landbouw Detailhandel Recreatie Dienstverlening Zorg en onderwijs werkgelegenheid ++ - + -- ++ ++ ++ = hoge werkgelegenheid -- = lage werkgelegenheid 41
recreëeren Arnhem Westervoort Neder Rijn Duiven Huissen Elst Angeren Pannerdensch Kanaal Bemmel Haalderen Doornenburg Gendt Waal Waal Nijmegen 42 in ontwikkeling tbv recreatieve voorzieningen beperkt in ontwikkeling tbv recreatieve voorzieningen dijk als recreatieve drager hotel bed en breakfast camping horecavoorzieningen Kasteel Doornenburg Sterrenschans Fort Pannerden Aanlegsteiger
Gebruikers - Waar recreëer ik? Fietsen, wandelen, kanoën of paardrijden, er zijn allerlei vormen van recreatie mogelijk in Lingewaard. Ook voor de recreant die wil overnachten zijn er mogelijkheden. Gendtse uiterwaard toegang fort Pannerden omgeving fort Pannerden Dagrecreatie Lingewaard is voor de recreant vooral aantrekkelijk vanwege de weidsheid van het rivierenlandschap. Vanaf de dijk is deze weidsheid goed beleefbaar en er is een sensationeel zicht op de rivieren die langs de gemeente stromen. Vanaf de dijk is niet alleen het water zelf te bewonderen maar ook de historische invloed van het water op het bebouwde land. Voorbeelden hiervan zijn de vele wielen; stille getuigen van de kracht van het water. Dichtbij het punt waar de Rijn zich splitst in de Waal en het Pannerdensch Kanaal bevinden zich drie historisch bouwwerken, namelijk: het Fort Pannerden, de trekpleister Kasteel Doornenbug en de Sterrenschans. Deze natuurlijke en cultuurhistorische omgeving binnen de gemeente is het moeilijkst bereikbaar maar trekt wel de meeste recreanten. Bemmelse uiterwaard Wiel Linge 43
De steden Arnhem en Nijmegen groeien steeds verder naar elkaar. Enorme uitbreidingslocaties voor woningbouw als de Waalsprong en Schuytgraaf zijn in aanbouw. Voor de huidige en toekomstige bewoners van deze gebieden maar ook voor onze eigen bewoners wordt het landschapspark Park Lingezegen aangelegd waar volop gerecreëerd kan gaan worden. Een goed aangelegde routestructuur voor bijvoorbeeld wandelaars, fietsers, maar ook voor ruiters en skeelers is een van de belangrijkste doelen. De kernen van de gemeenten verschillen qua aantrekkingskracht voor de recreant. Het stadje Huissen heeft de grootste aantrekkingskracht en heeft enigszins een toeristische uitstraling. Huissen moet het vooral hebben van haar historie. Er bevinden zich diverse horecagelegenheden waar de recreant gebruik van kan maken. Het aanbod is echter beperkt. Een groot deel van de gemeente bestaat uit landbouwgrond. De druk op de agrarische sector is groot. Mogelijk zijn nevenactiviteiten zoals recreatie naast akkerbouw een goede oplossing om meer geld in het laatje te krijgen. In Lingewaard zijn er enkele bedrijven die dit principe hebben opgepakt. Voorbeelden zijn bed & breakfast-voorzieningen of kampeerfaciliteiten bij het agrarisch bedrijf. Sommige bedrijven kunnen ook zodanig profiteren van de naderende stad dat ze echt omschakelen naar een andere bedrijfsvoering, zoals de landwinkel in Ressen en het pannenkoekenrestaurant langs de Waaldijk bij Bemmel. Park Lingezegen bebouwing Arnhem ligt om de hoek landwinkel de Woerdt 44
Camping Waalstrand Hotel en restaurant Rijnzicht Verblijfsrecreatie Er bestaat een aantal mogelijkheden om in Lingewaard te overnachten. Het aanbod is echter wel eenzijdig. Er bevindt zich een aantal bed and breakfast voorzieningen in Huissen, één in Bemmel, één tussen Lent en Bemmel en één in de omgeving van Doornenburg. Kamperen kan ook in de gemeente; er zijn twee campings. Voor een luxere overnachting is hotel Rijnzicht in Doornenburg een goede optie. Hotel Rijnzicht is het enige hotel in de gemeente. Voor het aantrekken van meer recreanten die in de gemeente kunnen overnachten is een gedifferentieerder aanbod van verblijfsrecreatie van belang. 45
Van sectoraal naar integraal ontwikkelen De afgelopen jaren Begin jaren 90 stonden er voor de woningbouw enorme veranderingen voor de deur. Men is steeds meer stil gaan staan bij het nut van duurzame ingrepen. Er stond een gigantische woningbouwopgave op het programma waarbij ruimtelijk duurzaam denken voor het eerste een belangrijke rol kreeg. Nieuwe woonwijken schoten als paddenstoelen uit de grond. De focus hierbij lag vooral op het duurzaam bouwen van de nieuwe woonwijken en niet zozeer op het duurzaam inrichten van de al bestaande gebouwde omgeving. Daarnaast werden veel nieuwe woonwijken in de jaren 90 vooral aangesloten op de bestaande wegenstructuur, waarvan we nu de consequenties ondervinden. Al deze nieuwe woonwijken nemen enorme oppervlakten in beslag. Als reactie hierop zijn er in de regio afspraken gemaakt over contouren om de kernen waar binnen gebouwd zou moeten worden, met de gedachte: zuinig ruimtegebruik en inbreiding gaat voor uitbreiding. Dit zou ook moeten gelden voor bedrijventerreinen en infrastructuur. Landelijk betreft een van de grootste klachten over de ruimtelijke inrichting van Nederland het ruimteverslindende karakter van bedrijventerreinen die de ruimte slecht benutten en infrastructuur die niet goed in het landschap is ingepast. Rijk, provincie en regio hebben maatregelen aangekondigd om hier wat aan te doen. Beslissingen over uitbreiding van bedrijventerrein gaan strakker geregisseerd worden en ook hiervoor gelden uitgangspunten van zuiniger en efficiënter en dus duurzamer ruimtegebruik en beheer. Infrastructuur en omgeving moeten meer samenhang gaan vertonen. De gemeenteraad heeft al laten weten dat die samenhang niet alleen ruimtelijk maar ook in tijd moet worden bewerkstelligd. Voortaan eerst infrastructuur regelen, dan pas bouwen is een uitspraak die algemeen wordt gedeeld. Die samenhang gaat niet vanzelf ontstaan. Op dit moment zijn veel overheden, ook onze gemeente, flink aan het bezuinigen. De exploitatie en voortgang van projecten staat onder druk en het ziet er naar uit dat de doortrekking van de A15 een feit wordt. Een heldere toekomstvisie op ons landschap, (inpassing van) wegen, wonen en werken, ambities waar geld bij moet en een werkelijkheid waarin geld schaars is, is nodig om meer samenhang in de ruimtelijke inrichting te bewerkstellingen. Daarvoor is over de gemeentegrens heen kijken en duidelijk maken wat lingewaard is en te bieden heeft onontbeerlijk. Er liggen twee steden om de hoek die steeds verder naar elkaar toe groeien. Dat onze gemeente daar centraal tussen ligt kan niet onopgemerkt blijven. 47
Nieuwe afspraken en regels In de regio worden nieuwe verstedelijkingsafspraken gemaakt. In deze nieuwe afspraken gaat ook meer aandacht uit naar de samenhang tussen wonen, werken en infrastructuur en de fasering van nieuwe ontwikkelingen in de tijd. De eerstkomende jaren richten we ons op het netjes afronden van projecten die in gang zijn gezet. Een goede fasering van nieuwe plannen is nodig omdat steeds minder sprake is van echte schaarste aan woningen, kantoren en ruimte op een bedrijventerrein. Hoewel in Lingewaard en tussen de rivieren het inwoner-aantal nog wel een aantal jaren blijft toenemen, elders in de regio en zeker landelijk geldt dat de behoefte aan nieuwe woningen, kantoren en bedrijfsruimte stagneert. Dat betekent dat we ook in onze gemeente op een andere manier naar woningbouw en andere projecten zullen gaan kijken. Neuwe inwoners komen niet naar Lingewaard omdat er nu eenmaal woningen worden gebouwd, ze komen alleen als we echt wat te bieden hebben : een aantrekkelijke woon- en leefomgeving. Ook hiervoor is samenhang tussen wonen, ontwikkelingen in de woonomgeving en infrastructuur / vervoer belangrijk. Ook op landelijk niveau is er sprake van nieuwe regels. Dit jaar zijn een nieuwe rijksstructuurvisie Infrastructuur & Ruimte en nieuwe algemene regels ruimtelijke ordening bekend gemaakt. Ook daarin, de titel laat dat al zien, is nadenken over een betere afstemming tussen ruimtegebruik en verplaatsingsmogelijkheden belangrijk. Een van de redenen is dat de ruimtelijke verschillen tussen regio s en tussen steden en het omringende platteland toenemen. Dat komt omdat over een aantal jaren groei, stagnatie en krimp van inwoneraantallen tegelijk plaatsvinden. Verplaatsingsmogelijkheden om, bijvoorbeeld vanuit een dorp met een dalend inwonertal toch van voorzieningen gebruik te kunnen maken, je snel en comfortabel in een ander dorp of in de stad moet kunnen komen. Je woont in een dorp of stad, maar je leeft in een regio die bestaat uit allerlei kernen met een eigen karakter en verplaatsingsmogelijkheden daartussen. Onderwerpen uit de structuurvisie Infrastructuur & Ruimte die voor onze gemeente van belang zijn komen verderop in de hoofdstukken Toekomst van Lingewaard en Opgaven kort aan bod. 48
Cultureel en landschappelijk erfgoed als basis Naast samenhang in ontwikkelingen en goede verplaatsingsmogelijkheden is er nog een andere belangrijke thermometer voor een aantrekkelijk woon- en leefklimaat: een herkenbare omgeving. Basis van de identiteit van onze omgeving is het landschap en daarmee bedoelen we de hele om ons heen geroeide historische omgeving: het cultureel en landschappelijk erfgoed. In de introductie van deze structuurvisie is al genoemd dat dit erfgoed meer is dan een belang dat wordt afgewogen tegen andere belangen, het is de grondslag en drager voor alle ontwikkelingen. In de hierna volgende hoofdstukken wordt toegelicht wat we ons daarbij voorstellen. 49
Toekomst van Lingewaard Stedelijk Netwerk Vanaf 2001 is Lingewaard één gemeente. In de afgelopen jaren is steeds meer duidelijk geworden dat Lingewaard een belangrijke positie inneemt tussen de steden en zijn we meer bewust deel gaan uitmaken van een groter geheel: de Stadsregio Arnhem Nijmegen. Die Stadsregio is een stedelijk netwerk dat bestaat uit steden, dorpen, landelijk gebied, infrastructuur, water en natuur die iets met elkaar hebben. De onderdelen van zo n netwerk hebben elkaar nodig en kunnen niet als onafhankelijke eenheid worden beschouwd: voor belangrijke voorzieningen ga je naar de stad en veel stedelingen gaan in hun vrije tijd naar buiten. Op landelijk niveau zijn in de Nota Ruimte (2006) zes stedelijke netwerken benoemd, waarvan onze Stadsregio er een is. In de nieuwe structuurvisie Infrastructuur en Ruimte zijn dit stedelijke regio s met top-sectoren. Het netwerk-idee van een goede leefomgeving die bestaat uit woonkernen, landelijk gebied, natuur, rivieren en goede infrastructuur en vervoersmogelijkheden zit daar nog steeds in. De sectoren in onze regio die top zijn, zijn agrofood en life-sciences. Lingewaard is belangrijk in dit netwerk en het netwerk is belangrijk voor ons. Vanuit de steden bezien biedt het landschap in onze gemeente groene ruimte, mogelijkheden voor recreatie en landelijk wonen. Vanuit onze gemeente bezien betekent de nabijheid van de steden een ruim voorzieningenaanbod vlakbij de eigen woonkern. Onderdeel uitmaken van een stedelijk netwerk biedt vele mogelijkheden en kansen. Hierbij valt te denken aan bereikbaarheid. Een gedegen netwerk veronderstelt een hoge mobiliteit met als gevolg dat de omgeving dichterbij komt. Bij hoge mobiliteit kunnen gebruikers die wonen, werken en recreëren in het netwerk zich sneller van, naar en binnen de gemeente verplaatsen. De nabijheid van de steden maakt het voor ons mogelijk om gebruik te maken van voorzieningen die bij zo n stedelijke omgeving horen zoals openbaar vervoer, grote winkelcentra en dergelijke. Lingewaard heeft vele karakteristieken die waarde leveren aan het netwerk zoals natuur, een aantrekkelijk woonmilieu, cultuurhistorie, recreatie. Bovendien ligt Lingewaard centraal in het netwerk van de Stadsregio en is daarmee geografisch het middelpunt van het stedelijk netwerk. De gemeente kan profiteren van de gunstige ligging en kan de potenties die het met zich mee brengt benutten. We liggen in de periferie van beide steden en kunnen die beiden bedienen en ook van beiden profiteren. Kansen en beperkingen van het netwerk en wat onze bijdrage aan het netwerk kan zijn dienen we zo goed mogelijk in kaart te brengen. 51
Landschap en cultuurhistorie Lingewaard beschikt over internationaal beschermde natuur, riviersplitsingen die een uniek landschap opleveren. Onze cultuurhistorie is het resultaat van de barrièrewerking van de rivieren waardoor wij al tweeduizend jaar de overgang zijn tussen beneden en boven de rivieren. Dat zit eigenlijk overal verspreid door de gemeente: ondergronds (archeologie) en bovengronds (gebouwen, landschap, wegen en paden, rivieren, het watersysteem van de Linge), en je kunt het zien aan het gebruik van de ruimte (fruitteelt, glastuinbouw). Met de dijkzonevisie beschikt onze gemeente al over een landschappelijke en cultuurhistorische analyse voor een belangrijk deel van het grondgebied. Op basis hiervan is ook een inspiratieboek gemaakt voor ontwerpers en plannenmakers voor nieuwe ontwikkelingen in de dijkzone. De komende jaren kan dit worden uitgebouwd tot een bredere analyse van archeologische en cultuurhistorische waarden in de gemeente en een integraal erfgoedbeleid. Veranderende wetgeving zorgt er ook voor dat dit wordt ingebed wordt in ruimtelijke planprocedures. Een groene gemeente Lingewaard is een groene gemeente. Ondanks alle grootschalige ontwikkelingen van de afgelopen jaren, de grote nieuwbouwwijken, de Betuweroute, de ontwikkeling van een groot kassengebied, is het grote verschil tussen ons en de steden waar we tussenin liggen onze groene omgeving. Woonwijken zijn bij ons minder dicht bebouwd dan in de steden, wegen hebben een meer landelijk karakter en vanuit de woonkern naar het open polderlandschap of de natuur in de uiterwaarden duurt nergens langer dan een paar minuten. Van het oppervlak van Lingewaard is 25% beschermd landschap: de Gelderse Poort, 10 % is open agrarisch komgebied, 10 % is Park Lingezegen. Voor onszelf en voor de regio is die groene omgeving belangrijk. Toegankelijke natuur, op tien minuten lopen van het dorp of een kwartiertje fietsen vanuit de stad, is voor het plezierig wonen in onze regio van groot belang. Lingewaard blijft ook een groene gemeente. Hoe meer mensen tussen de rivieren, hoe groter de behoefte aan mogelijkheden om buiten te recreëren, te wandelen, skeeleren, fietsen, spelen, etc., dichtbij huis. Om die reden wordt ook, na de realisatie van grote nieuwbouwwijken en de planvorming voor bedrijventerreinen en grote infrastructuur, geïnvesteerd in de groene omgeving. Park Lingezegen en de herinrichting van veel uiterwaarden hebben onder meer tot 52
doel het landelijk gebied meer toegankelijk te maken voor de inwoners en dat gebeurt niet toevallig. Groen in de omgeving is belangrijk en noodzakelijk voor een goed woonklimaat in de toekomst. Niet alleen in verband met het groeiend aantal inwoners, ook door klimaatverandering zal behoefte aan groene en waterrijke gebieden waar gerecreëerd kan worden in de toekomst nog groter worden. Groen betekent niet hetzelfde als natuur en het betekent ook niet dat niets mag of niets verandert. Naast soms echt beschermde natuur is het groen in onze gemeente ook juist bedoeld voor de inwoners van de regio. Toegankelijkheid, initiatieven en activiteiten in het groen zijn daarbij belangrijk. Het is wel zo dat veranderingen moeten voldoen aan de kwaliteiten die onze groene omgeving juist zo aantrekkelijk maakt. Het historisch gegroeide landschap en de herkenbaarheid daarvan vormen de basis voor die toetsing. Dat betekent dat gelet wordt op de mate waarin een verandering bijdraagt aan de herkenbaarheid van bijvoorbeeld het dijkzonelandschap, de open polder, het typisch Betuwse boomgaarden-landschap. Daarnaast zijn toegankelijkheid en recreatieve mogelijkheden van belang, maar wel zonder dat nieuwe bebouwing of autoverkeer de kwaliteit van het landschap aantast in plaats van verbeterd. Agro-food De stedelijke regio in het nieuwe rijksbeleid is iets anders begrensd dan de Stadsregio Arnhem Nijmegen. De omgeving van Wageningen en alle technologische kennis op het gebied van landbouw en voeding staat voor de topsector agro-food. Dat past overigens goed bij een belangrijk kenmerk van onze gemeente: de glastuinbouw en agrobussiness. Midden in een internationaal bereikbare regio In veel nieuw beleid wordt de noodzakelijke samenhang tussen bereikbaarheid en ruimtegebruik benadrukt. Ook de nieuwe rijksstructuurvisie gaat daarop in. Daarin wordt ook de internationale bereikbaarheid van stedelijke regio s belangrijk genoemd. Belangrijk voor de economie en belangrijk voor een goed vestigingsklimaat in een tijd dat ook sprake is van krimpende inwoneraantallen elders in het land. Kortom, een goede bereikbaarheid en goede verplaatsingsmogelijkheden worden nóg belangrijker. 53
ontwikkeling binnen de Stadsregio Regionaal Plan 2005-2020: ontwikkeling stedelijk netwerk Arnhem Nijmegen in de vorm van een `S Bij doorstrekking van de A15 vervalt de vorm van een S centrale positie Stadsregio Arnhem Nijmegen Visie Lingewaard ligt centraal in het stedelijk netwerk van de Stadsregio Arnhem Nijmegen. Met deze positie willen we zorgvuldig omgaan. We willen het netwerk versterken en op een duurzame manier verder ontwikkelen en daarbij de kwaliteiten van het landschap benutten. Het gaat hierbij vooral om het bewaken van de karakteristiek van het Betuwse landschap. Ideeën over nieuwe ontwikkelingen en de invulling daarvan beredeneren we vanuit de gebruiker van de ruimte in onze gemeente. Denken vanuit de gebruiker betekent denken vanuit de mens die hier woont, werkt of recreëert of dat in de toekomst zou kunnen gaan doen. Verder wordt de invulling van de visie bepaald door regelgeving op onder andere landelijk, regionaal en provinciaal niveau. Door te denken vanuit de gebruiker (van onderaf) en regelgeving mee te nemen (van bovenaf) wordt de visie zo compleet mogelijk gemaakt. 54
ontwikkeling binnen de Stadsregio Huidige situatie Rotterdam Duitsland 2012-2020 Netwerk toekomstbestendig versterken met in het middengebied (tussen de rivieren): ontwikkeling natuur en recratie Lingezegen en uiterwaarden doortrekken A15 upgraden HOV-as Arnhem-Nijmegen eerste strappen HOV-as Zevernaar-Tiel visie op ontwikkeling van knooppunten bij Bemmel toekomstbestendige woningbouw versterken leefbaarheid en identiteit woonkernen op peil houden voorzieningenniveau behouden werkgelegenheid tussen de rivieren versterken recreatieve routestructuur Rotterdam Duitsland 2020-2030 Netwerk toekomstbestendig versterken met in het middengebied (tussen de rivieren): verder ontwikkelen natuur en recratie Lingezegen en uiterwaarden upgraden HOV-as Arnhem-Nijmegen HOV-as Zevernaar-Tiel passende ontwikkeling van de knooppunten bij Bemmel toekomstbestendige woningbouw verder versterken leefbaarheid en identiteit woonkernen op peil houden voorzieningenniveau behouden/vergroten werkgelegenheid 2030... ontwikkeling centrale positie in Stadsregio Arnhem Nijmegen met: 1. ontwikkelde natuur en recreatie in Park Lingezegen en de uiterwaarden 2. snel en duurzaam vervoer 3. passende ontwikkeling van de knooppunten bij Bemmel 4. toekomstbestendige woonkernen met een heldere identeit 5. toekomstbestendig kassengebied 6. voldoende werkgelegenheid 55
Duurzame ontwikkeling Om niet alleen voor vandaag de dag maar ook in de toekomst een leefbare en gezonde gemeente te zijn willen we ons duurzaam ontwikkelen. Een duurzame gemeente ben je niet zomaar. Hiervoor zijn op verschillende vlakken doelstellingen nodig. Vaak gaan doelstellingen met betrekking tot duurzaamheid over klimaat en energie, maar efficiënt ruimtegebruik, aanbieden van goede duurzame vervoersmogelijkheden, integraal waterbeheer, versterking van het landschap met levendige kernen met de nodige voorzieningen en mogelijkheid voor inwoners om te recreëren dicht bij huis behoren hier ook toe. Een leefbare en gezonde gemeente zijn kan een gemeente niet alleen bewerkstelligen. Bedrijven, instellingen en burgers spelen ook een belangrijke rol. De overheid kan voor bedrijven en instellingen voorwaarden scheppen om duurzame ontwikkeling te verwezenlijken. Consistent beleid is van groot belang. Communicatie naar verschillende instanties is hierbij essentieel om zo draagvlak en betrokkenheid te krijgen. Een integraal duurzaamheidsbeleid wordt in een aparte beleidsnotitie geformuleerd. Gemeente Lingewaard heeft een aantal ruimtelijke ambities om een toekomstbestendige gemeente te zijn. Deze duurzame ambities zijn gericht op: efficiënt ruimtegebruik klimaat en energie leesbaar en herkenbaar landschap waterbeheer bereikbaarheid woonomgeving werkgelegenheid recreatie 56
Efficiënt ruimtegebruik Duurzame ontwikkeling moet leiden tot een duurzame inrichting en daarmee ook zuinig ruimtegebruik. De landelijke klacht over de lelijkheid van ruimteverslindende infrastructuur en bedrijventerreinen langs de hoofdwegen is ook voor ons aanleiding om absoluut meer kwaliteit te willen behalen. Meer kwaliteit valt te behalen in meer samenhang tussen ruimtegebruik en bereikbaarheid, minder versnippering en intensievere benutting op bedrijventerreinen zelf. Binnen de Stadsregio zijn afspraken gemaakt over de contouren en uitbreidingsrichting van woonkernen. Dit was nodig om het steeds maar inpikken van groene ruimte tegen te gaan. Efficiënt ruimtegebruik dient echter ook te gelden voor infrastructuur, bedrijventerreinen en andere vormen van verstening in het landschap. Klimaat en energie In het milieubeleidsplan is een aantal doelstellingen geformuleerd ten aanzien van ons klimaat. We willen ten opzichte van 1990 30% reductie van broeikasgassen in 2020. Verder willen we per jaar 2% energiebesparing. Ook hebben we een doelstelling voor wat betreft het leveren van energie: de doelstelling is 20% duurzame energie in 2020. Minder uitstoot, zuinig omgaan met grondstoffen en meer duurzame energieproductie dienen zowel bij nieuwe ontwikkelingen als bij herstructureringsopgaven een belangrijke rol te gaan spelen. Voor de glastuinbouwsector zou het opwekken van duurzame energie een dominantere rol kunnen spelen. Leesbaarheid en herkenbaarheid van het landschap Het landschap van Lingewaard is de afgelopen eeuw enorm veranderd. Uitbreidingen van kernen en bedrijventerreinen zijn overal in de gemeente de grond uit gestampt. Deze uitbreidingen hebben niet allen plaats gevonden op logische plekken volgens de regels van het oorspronkelijke landschap, waarbij vooral op de hoger gelegen gebieden wordt gebouwd. Samen met uitbreidingen is er ook infrastructuur aangelegd, soms dwars door het landschap snijdend. Al deze ontwikkelingen verminderen de leesbaarheid van het oorspronkelijke landschap, je kunt niet meer zien waar je je in het landschap bevindt, oriënteren wordt lastiger. Het is een utopie om het oorspronkelijke landschap volledig te herstellen. We kunnen de in het verleden gedane ingrepen niet wegpoetsen. Toch zijn er wel mogelijkheden om de herkenbaarheid en leesbaarheid van het landschap te verbeteren. Cultuurhistorie dient hierin een belangrijke rol te vervullen. Voorbeelden van het herstel van historische landschapselementen en structuren zijn het opknappen van wielen en woerden. Ook de herbestemming van cultuurhistorisch waardevolle gebouwen kan bijdragen aan de herkenbaarheid van de (bebouwde) omgeving. Werken aan leesbaarheid en herkenbaarheid kunnen naast verbetering van de beleving van het landschap ook het gevoel van identiteit bevorderen. 57
Waterbeheer Waterberging niet per project aanpakken maar nadenken over de collectieve waterbergingsopgave zodat je er in het landschap ook wat van kunt maken en misschien wel met meer functies kunt combineren. Ook multifunctioneel ruimtegebruik, meervoudig ruimtegebruik of intensivering (dichter of hoger of ondergronds) zijn vormen van efficiënt met de beschikbare ruimte omgaan. Rivierverruiming zal ook na de periode van het huidige rijksbesluit (de Planologische kernbeslissing Ruimte voor de rivier) tot maatregelen kunnen leiden (het Deltaprogramma). Rivierverruiming kan noodzakelijk zijn voor de veiligheid. De ambitie is dat de ruimtelijke kwaliteit van de uiterwaarden daarbij niet achteruit gaat maar juist verbetert. Bereikbaarheid Verbeteren van de bereikbaarheid is essentieel voor het goed functioneren van het regionale netwerk. Het huidige wegennet staat onder druk en heeft te weinig capaciteit. De rivieren vormen hierin de grootste barrière. De bereikbaarheid alleen verbeteren met meer asfalt werkt niet. Andere vormen van vervoer die duurzamer zijn, zoals openbaar vervoer, zijn nodig om de barrièrewerking van de rivieren te verlagen. De rivieren alleen zien als belemmering is een gemiste kans. Meer vervoer over water kan een bijdrage leveren aan openbaar vervoer. Nadenken over verbeteringen van bereikbaarheid leidt ook tot opnieuw nadenken over plekken die bereikbaar worden of welke plekken we bereikbaar willen hebben met de juiste functie op de juiste plek. Ontwikkeling van knooppunten komt uit deze gedachte voort. Woonomgeving Zowel bij herstructurering als bij nieuwbouw kunnen we ons meer richten op een toekomstbestendige woon- en leefomgeving. Dat betekent niet alleen dat we moeten focussen op materiaalgebruik, oriëntatie van woningen ten opzichte van de zon, duurzame energielevering of levensbestendige woningen. Ook een klimaatbestendige omgeving met een degelijke groenstructuur is een belangrijk thema voor de komende jaren. Tot slot moeten ontwikkelingen passen in het landschap en bij de cultuur van onze gemeente. Bij planuitwerkingen spelen burgers een belangrijke rol. 58
Werkgelegenheid Gemeente Lingwaard wil een levendige gemeente zijn. Om ervoor te zorgen dat ondernemers zich hier willen vestigen moeten we blijven werken aan een aantrekkelijke vestigingsplaats voor ondernemers. Zowel in de kernen als in het landelijk gebied stuiten ondernemers nu vaak op beperkende maatregelen zoals beperkte bestemmingsmogelijkheden. Meer flexibiliteit is nodig om ondernemers in de toekomst een aantrekkelijk vestigingsklimaat te kunnen bieden. Het aantal inwoners tussen Neder-Rijn en Waal neemt de komende jaren enorm toe. Deze inwoners wonen in Arnhem-Zuid, Nijmegen-Noord, Lingewaard of Overbetuwe resulterend in ongeveer 160.000 inwoners tot 2020. Deze grote groep nieuwe bewoners rivieren hebben voorzieningen en faciliteiten nodig. De gemeente wil hier de komende jaren op inspelen. Recreatie In de Stadsregio bevinden zich twee gebieden die jaarlijks veel dag- en verblijfsrecreanten trekken, namelijk de Veluwe bij Arnhem en de stuwwal bij Nijmegen. Deze twee gebieden kunnen worden gekenmerkt als aantrekkelijk. Lingewaard trekt in verhouding weinig recreanten. Lingewaard is minder variatievol en heeft niet de mogelijkheid om zich te ontwikkelen tot een tweede Veluwe. Dat betekent niet dat er geen potentie is om recreatie te verbeteren. Vooral voor de dagrecreatie zijn er mogelijkheden. De enorme toename van bewoners tussen de rivieren betekent ook een vraag naar toename aan ruimte voor sport en ontspanning dichtbij huis. Om het voor inwoners van de regio logisch te maken om hier te recreëren, moet er wel wat te doen zijn; er is aandacht nodig voor een gedegen routenetwerk met voorzieningen. Naast het feit dat er vanwege het stijgende inwoneraantal tussen de rivieren behoefte is aan ruimte voor recreatie, zijn er in de gemeente gebieden met landschappelijke en cultuurhistorische waarden die nu nog beperkt benut worden waarop meer ingezet kan worden (bijv. het gebied rond het splitisingspunt bij Doornenburg). Deze gebieden hebben economische potenties. Gebiedgerichte aanpak is hier een logische stap. Kern van de aanpak schuilt in het op een juiste manier omgaan met deze economische potenties. Ingrepen die ten koste gaan van het landschap en de leefbaarheid moeten daarbij vermeden worden. Een voorbeeld van zo n gevaar is, in het te ontwikkelen gebied enorme parkeerplaatsen in het landschap aanleggen om een stroom toeristen op te kunnen vangen. 59
Opgaven Bouwen aan een duurzaam stedelijk netwerk is geen eenduidig karwei, hiervoor zijn meerdere opgaven nodig. Opgaven zijn herleidbaar naar een plek, een gebied of een thema. Uitvoeringsprojecten zijn bijna altijd gerelateerd aan een concrete plek. Gebieds- of thematische opgaven zijn soms wat lastig te koppelen aan een echt uitvoeringsproject en dat kan de vraag oproepen: Wat gaan we nu precies doen? Gebieds- of thematische opgaven vormen een leidraad voor het initiëren of beoordelen van nieuwe projecten en geven aan waar die projecten aan moeten voldoen. Een onderverdeling kan ook gemaakt worden naar opgaven die echt lokaal van aard zijn en opgaven die bij uitstek bijdragen aan versterking van het regionale netwerk van gebieden waar gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt. In dit hoofdstuk zullen eerst de opgaven die bijdragen aan het regionale netwerk uiteen worden gezet. Hierop volgend de opgaven van meer lokale aard. Ook bij de opgaven wordt dezelfde volgorde gehanteerd als bij de analyse: eerst landschap, dan infrastructuur en eindigend met wonen, werken en recreëren. gebruik van het landschap hoe de omgeving eruit ziet Landschap onderdeel van het landschap Infrastructuur Wonen Werken Recreëren Versterking van het regionaal netwerk De discussie over ruimtelijke ontwikkelingen in Lingewaard die bijdragen aan een beter regionaal netwerk van goed met elkaar verbonden plekken om te wonen, werken en recreëren kent twee onderwerpen die al prominent als project op de agenda staan voor het gebied tussen de twee rivieren: Park Lingezegen en de A15-doortrekking. Andere zaken die met name op regionale schaal het netwerk versterken zijn het verbeteren en uitbouwen van het openbaar vervoer en het beter toegankelijk maken van de groen blauwe ruimte van De Gelderse Poort: de uiterwaarden en rivieren. De doelen en belangen die op nationaal niveau zijn aangegeven in de nieuwe structuurvisie Infrastructuur en Ruimte gaan hier ook op in. De bereikbaarheid van de regio, de omslag naar duurzaam vervoer en de toegankelijkheid van groene ruimte zijn van belang voor onze regio. Verder dient er bij ontwikkeling van het stedelijk netwerk, te worden nagedacht over voorzieningen die in de toekomst logischerwijs tussen de rivieren aanwezig horen te zijn. Hierbij gaat het niet alleen over onze eigen gemeente, maar ook over gemeente Overbetuwe, Arnhem- Zuid en Nijmegen-Noord. In vervolg op de verstedelijkingsvisie van de Stadsregio is hierover discussie nodig. 61
ontwikkeling stedelijk netwerk 7 8 6 2 3 4 8 1
Opgaven ontwikkeling stedelijk netwerk 1 Uiterwaarden toegankelijk en recreatief aantrekkelijk maken 2 Park Lingezegen 3 Hoogwaardig openbaar vervoer 4 Ontwikkelen van de knooppunten 5 Ontwikkelen van het recreatieve routenetwerk 6 Concentreren glastuinbouw 7 Versterken en verlevendigen van de lokale economie in het Huissense centrum 8 Landschap, recreatie en economie met elkaar verbinden ontwikkelen natuur en recreatie begrenzing Park Lingezegen faciliteren publieksintensieve recreatieve Park voorziening verbinden Parkdelen begrenzing Nationaal landschap De Gelderse Poort rivierverruiming Huissense uiterwaard gebiedsontwikkeling met horeca en detailhandel recreatieve gebiedsontwikkeling met water en oeverrecreatie recreatieve gebiedsontwikkeling gericht op beleving cultureel erfgoed en landschap glastuinbouw en bovenlokale (agro) bedrijvigheid entree gemeente hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 A15 corridor Toeristisch Overstappunt dijk spoor en station trace hov landelijke fietsroute Linge- en Waardenroute Rijnwaalpad gemeentegrens 63
64 Klompenwaard
Opgave 1 Uiterwaarden toegankelijk en recreatief aantrekkelijk maken De uiterwaarden van onze gemeente dienen een aantal belangrijke doelen. Ze vormen voor veel dieren en planten een beschermde omgeving. Daarnaast zorgen ze ervoor dat bij hoge waterstanden water opgevangen kan worden. Ten derde hebben de uiterwaarden een open en weids natuurlijk karakter dat voor recreanten interessant is. Vooral vanaf de dijken is het open en weidse landschap van de uiterwaarden goed te ervaren. De dijken zijn echter voor het grootste gedeelte toegankelijk voor auto s en motoren waardoor wandelen op de dijken soms tot gevaarlijke situaties leidt. In de uiterwaarden zelf bevinden zich diverse plekken waar je optimaal van de natuur en weidsheid kunt genieten. De manier waarop je deze plekken kunt bereiken is voor veel recreanten minder aantrekkelijk: er zijn nauwelijks wandelpaden in de uiterwaarden, en de paden die er zijn, zijn vaak slecht toegankelijk of lopen dood. Een belangrijke opgave voor onze eigen inwoners en de inwoners van de regio is dan ook het vooral te voet toegankelijker maken van de natuur en de groene ruimte in de uiterwaarden. De opgave ligt niet alleen in het toegankelijk maken maar ook het verbinden van diverse (thema) routes. Hierbij niet verder kijken dan de gemeentegrens is een gemiste kans. Overleg met buurtgemeenten is nodig om meer samenhang in het routenetwerk voor langzaamverkeer te krijgen. Ontwikkeling van natuur, recreatie en opvang van water levert projecten op die per uiterwaard weer verschillende accenten kent. Het accent dat een bepaalde uiterwaard in de projecten krijgt wordt in belangrijke mate bepaald door de natuurlijke waarde die de uiterwaard kent en de potentie die de uiterwaard heeft om bij te dragen aan recreatie. De uiterwaarden in de gemeente behoren tot het Natura 2000 gebied. Ook zijn alle uiterwaarden opgenomen als onderdeel van de ecologische hoofdstructuur. De uiterwaarden langs de Waal zijn aangewezen als EHS- natuur en zijn binnen deze hoofdstructuur het meest beschermd. De mogelijkheden voor ontwikkeling van recreatie in de uiterwaarden langs de Neder-Rijn zijn dan ook groter. Een aantal projecten ten behoeve van natuur-, recreatieontwikkeling en extra wateropvang in de uiterwaarden is inmiddels opgestart of is al afgerond. De herinrichting van de uiterwaard Huissen-Angeren moet als project nog starten. Binnen dit project wordt vooral ingezet op recreatie: aan vele vormen van recreatie wordt een invulling gegeven waaronder water en oeverrecreatie echter met behoud van landschappelijke en natuurlijke waarden. Ook de uiterwaarden rond Fort Pannerden worden in het kader van ontwikkeling onder de loep genomen. Recreatie en cultuurhistorie vormen hierbij de belangrijkste insteek. Alle lopende projecten in de uiterwaarden schenken automatisch aandacht aan natuur en waterberging vanwege regelgeving van bovenaf. In de toekomst is het essentieel dat het toegankelijker maken van de uiterwaarden voor langzaam recreatief verkeer vanzelfsprekend ook als uitgangspunt wordt gezien en daarmee een belangrijke rol speelt bij herinrichting. Toegankelijker en recreatief aantrekkelijker maken van de uiterwaarden met heldere aangegeven en doorlopende wandel- en fietsroutes. essentie 65
deelgebieden Park Lingezegen Doelstellingen parkdelen uit: Park Lingezegen intergemeentelijke structuurvisie : 1 2 3 4 5 1. De Park - Kleinschalig mozaieklandschap van boomgaarden, weilanden en bos. - Kleinschalige recreatieve voorzieningen. 2. Het Waterrijk - Robuust waterrijk landschap bestaand uit grote eenheden van open water, bos en ruige gras(moeras)landen. - Intensieve recreatie op recreatiestrips. 3. Het Landbouwland - Open en weids landschap. - Landbouw hoofdfunctie, recreatief medegebruik 4. De Buitens - Kleinschalig mozaieklandschap van erven, nieuwe landgoederen, boomgaarden, weilanden en bos. - Kleinschalige recreatieve functies. 5. De Woerdt - Kleinschalig landschap van boomgaarden kavelbeplantingen, landen, weilanden en bos. - Intensief wandelpadennetwerk aansluitend op omgeving. - Kleinschalige recreatieve ontwikkeling publieksintensieve recreatieve Park voorziening 66
Opgave 2 Park Lingezegen Het parkproject is ontstaan als medicijn tegen het chronisch tekort aan recreatief toegankelijke groene ruimte dichtbij de woonwijken. Om ervoor te zorgen dat de steden niet tegen elkaar aangroeien is Park Lingezegen ontstaan. Voortaan in dit gebied geen grote uitbreidingen meer, maar behoud van open landschap met ruimte voor recreatie. Natuur speelt een grote rol bij ontwikkeling. Het Park maakt deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur. Park Lingezegen is geen statisch gebied. Er is gestart met het realiseren van de basisuitrusting voor het park. Die bestaat uit de verwerving van gronden en inrichting van voldoende robuust en toegankelijk groen (en water), het aanleggen en aankleden van fiets- en wandelroutes en het maken van toegangen tot het parkgebied. Een van die toegangen ligt vlakbij de afslag van de A15 aan de lokale ring (Karstraat - Van Elkweg). Deze omgeving is geschikt voor een parkfunctie die meer bezoekersverkeer aantrekt. De belangrijkste opgave in het Lingewaardse deel van het parklandschap is de recreatieve ontsluiting en inrichting van het landelijk gebied voor meer recreatie en het toelaten van functies die bijdragen aan de recreatiewaarde van het parklandschap. Andere opgaven liggen in het goed ontwikkelen van de publieksintensieve recreatieve park voorziening, het meewerken aan initiatieven die in het park passen, het inpassen van de A15-doortrekking en de inpassing van lokale ontwikkelingen in Ressen of Bemmel die soms aan de rand van of in het park liggen. essentie Het regelen van een goede recreatieve ontsluiting, het toelaten van nieuwe initiatieven en functies die binnen het park karakter passen en het faciliteren van een publieksintensieve parkfunctie aan de ring ter hoogte van de afrit A15. 67
HOV Arnhem Arnhem Huissen wonen, werken, recreeren Huissen Nijmegen Bemmel 1 modaliteit zonder overstappen recreëren werken koppeling A15 bedrijventerrein Park Lingezegen Knoop A15- ring spoor en station trace hov snelfietsroute / arm snelfietsroute A15 corridor knooppunt hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 gebiedsontsluiting Park Lingezegen bestaand bedrijventerrein gepland bedrijventerrein in de gemeente glastuinbouwgebied bestaand woongebied woningbouwcontour recreatieve gebiedsontwikkeling met horeca en detailhandel natuurlijke en (intensieve) recreatieve gebiedsontwikkeling publieksintensieve recreatieve Park voorziening wonen, werken, recreeren koppeling A15 Bemmel Knoop Ressen 68 Nijmegen
Opgave 3 Hoogwaardig openbaar vervoer Bereikbaarheid en mobiliteit zijn bijzondere vraagstukken, zeker voor Lingewaard, waar de mogelijkheden om naar de omliggende steden te komen beperkt zijn door de barrière die de rivieren vormen. Niet alleen voor Lingewaard geldt deze problematiek, Overbetuwe, Nijmegen- Noord en Arnhem-Zuid kampen met hetzelfde probleem. De vier gemeenten die geheel of gedeeltelijk tussen de rivieren liggen groeien steeds verder. De Waalsprong in Nijmegen-Noord krijgt er nog 9.000 woningen, werklocaties, winkels e.d. bij en ook Schuytgraaf in Arnhem- Zuid bouwt in grote aantallen verder aan de woningvoorraad maar ook aan voorzieningen. In Schuytgraaf is ongeveer de helft van de 6.250 woningen opgeleverd. De bevolkingstoename tussen de rivieren verhoogt de druk op de bestaande wegenstructuur. Dagelijks staan er zowel in de richting van Nijmegen als Arnhem al files om met z n allen de brug over te komen. Rekening houdend met de toename van inwoners en werkers tussen de rivieren moeten we ons niet alleen maar richten op meer asfalt maar meer op andere manieren om te verplaatsen: openbaar vervoer. Openbaar vervoer over weg, rail en water kunnen hierbij bekeken worden. Binnen de Stadsregio wordt druk gewerkt aan het upgraden van het openbaar vervoer naar hoogwaardig openbaar vervoer (HOV). Voor het uitbouwen van een HOV-netwerk worden studies gedaan naar de verbetering van bestaande en de realisatie van nieuwe verbindingen. De tracés die bij de route Arnhem Huissen Bemmel Nijmegen en Zevenaar Tiel horen zijn voor onze gemeente het meest belangrijk. Voor de gemeente is het belangrijk in te zien welke consequenties en mogelijkheden een goed ontwikkeld openbaar vervoersnetwerk biedt en daar een invulling aan te geven. Het verbinden van openbaar vervoer met knooppunten, woningbouwlocaties en bedrijvigheid is essentieel om het HOV zo effectief mogelijk te laten functioneren. HOV moet een reden hebben om een aantal keer in Lingewaard te stoppen: HOV dat alleen stopt in Nijmegen-Noord en Arnhem-Zuid hebben we weinig aan. De opgave ligt dan ook vooral in het op een juiste manier koppelen van ontwikkelingen en daarmee stopplaatsen genereren aan de HOV-route die op een snelle manier via onze gemeente tussen de steden rijdt. Een aantal van deze stopplaatsen ligt voor de hand, namelijk centrum Huissen, bedrijventerreinen, centrum Bemmel. Andere logische stopplekken zijn in de toekomst: de publieksintensieve parkfunctie aan de Karstraat, knoop A15- ring en knooppunt Ressen. Op snelle manier verplaatsen met openbaar vervoer betekent ook kiezen voor één modaliteit en een korte reistijd. Voor de kleinere woonkernen is verbetering van de overstapmogelijkheden tussen het HOV en auto, fiets of bus van belang. essentie Ervoor zorgen dat hoogwaardig openbaar vervoer in Lingewaard meerdere haltes aandoet. 69
A15 corridor Rotterdam A15 Nijmegen Arnhem Ruhrgebied DUITSLAND knooppunt A15- Karstraat - van Elkweg knooppunt Ressen A15 corridor knooppunt entree gemeente hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 bundelen en inpassen infrastructuur ringweg gebiedsontsluiting spoor en station trace hov Park Lingezegen verbinding Parkdelen bestaand bedrijventerrein 70 gepland bedrijventerrein in de gemeente bestaand woongebied
Opgave 4 Ontwikkelen van de knooppunten Het ontwikkelen van (OV-)knooppunten in de Stadsregio is gericht op een betere samenhang tussen mobiliteit en verstedelijking. Dit is nodig omdat het groeiend inwoneraantal en de barrièrewerking van de rivieren anders tot structurele problemen leiden op het gebied van bereikbaarheid en leefbaarheid. Doortrekking van de A15 is goed voor de bereikbaarheid en de ruimtelijk-economische positie van het gebied tussen Neder-Rijn en Waal. Het mobiliteits-vraagstuk in Lingewaard gaat zeker niet alleen over de A15 maar deze geplande verbinding is wel medebepalend voor de wijze waarop de verstedelijking in de regio zich verder kan ontwikkelen. Lingewaard staat achter het doortrekken van de A15 als dit op een landschappelijk verantwoorde manier gebeurt. Dat betekent ondertunneling van de natuur van de Gelderse Poort. Daarnaast is belangrijk dat bij Bemmel behalve bij het knooppunt Ressen ook een volwaardige ontsluiting op de N389 (Karstraat - Van Elkweg) wordt gerealiseerd en dat bij de kruising met de Lodderhoeksestraat tussen Angeren en Doornenburg een calamiteitenaansluiting komt. Tot slot zijn maatregelen nodig om (geluid-) hinder te beperken. Het realiseren van de twee volwaardige knopen bij Bemmel is van belang voor een betere afstemming tussen ruimtegebruik en bereikbaarheid. Daarmee wordt bedoeld dat goed bereikbare plekken worden benut voor functies die voor veel verkeer zorgen en overlast op lokale wegen of in de woonomgeving wordt vermeden. Versterking van deze twee knopen met openbaar vervoer en overstapmogelijkheden vergroot de kansen op een duurzame afstemming tussen mobiliteit en verstedelijking. In onze gemeente is dit aanleiding tot nadere visievorming over de twee knooppunten langs de N15 of A15: het knooppunt Ressen en de kruising Karstraat - Van Elkweg. Daarbij is een gedegen koppeling met de regionale en lokale wegenstructuur en het openbaar vervoer voor de hand liggend. Ook zonder doortrekking van de A15 zijn beide knopen belangrijk al zullen ontwikkelingen dan van een ander schaalniveau zijn dan met een doorgetrokken snelweg. Wordt de A15 doorgetrokken, dan bestaat de opgave uit het nadenken over de inpassing van de nieuwe infrastructuur in het landschap; hoe ziet de A15 eruit. Maar ook: Hoe ziet Lingewaard eruit vanaf de A15 en ligt hier een heldere structuur aan ten grondslag. Het besluit over de doortrekking van de A15 neemt de rijksoverheid. De regio en de gemeente hebben enige invloed op de onderbouwing van zo n besluit en op de wijze waarop het besluit wordt uitgevoerd, oftewel de inpassing in de omgeving: hoe ziet het er straks uit? Landelijk is er veel kritiek op de ruimtelijke kwaliteit van snelwegen en vooral op de omgeving langs die snelwegen. Voor de samenhang tussen weg en omgeving bestaan geen harde normen. Dat is een opgave waar we in deze structuurvisie op ingaan. 71
knooppunten ontwikkeling in de regio Arnhem Westervoort Neder Rijn Overbetuwe A325 Huissen Duiven Zevenaar Elst Angeren Pannerdensch Kanaal Rijnwaarden Bemmel Haalderen Doornenburg N325 Gendt Waal Millingen a/d Rijn Ubbergen Nijmegen zone met ontwikkelingen knooppunt toekomstig knooppunt hoofdontsluiting geplande hoofdontsluiting spoor en station 72 trace hov Betuweroute
Leesbaar landschap: samenhang tussen weg en omgeving Vanaf de bedrijvenzone bij Oosterhout tot aan de ring (Karstraat - Van Elkweg) maakt de omgeving deel uit van het stedelijk kerngebied in de regio. Met doortrekking van de A15 wordt het knooppunt Ressen hét verdeelstation tussen internationaal doorgaand verkeer en verkeer in de regio. De omgeving van het knooppunt wordt een van de beter bereikbare plekken in de regio, precies tussen de twee steden in. Dat wordt nog versterkt als in de omgeving een OV-halte wordt gerealiseerd. Het ruimtegebruik rondom het knooppunt is nu divers en zonder samenhang. In Lingewaard liggen het klaverblad, de gebundelde infrastructuur van autoweg, spoorweg en boven- en ondergrondse leidingen, en de buurtschap Ressen als waardevol dorpsgezicht. In Overbetuwe en Nijmegen ligt agrarisch gebied en bedrijventerrein. In de toekomst komt zal de oppervlakte bedrijventerrein toenemen. Daarnaast wordt er een landschapspark met windturbines gerealiseerd. Wat verderop aan de zuidkant van het knooppunt ligt de toekomstige landschapszone in de Waalsprong met een ontwikkelzone langs de A325 en de Ovatonde. Tussen de twee knopen van het klaverblad Ressen en de kruising met de Karstraat - Van Elkweg passeert de huidige N15 de dorpskern Bemmel en Park Lingezegen. De weg heeft daar een bebouwde en een groene kant die ook nog met elkaar verbonden dienen te zijn. Vanuit de woonkern dient het groen van Park Lingezegen te voet en per fiets goed toegankelijk te zijn. In plaats van meer barrièrewerking zou doortrekking van de A15 moeten worden benut om een meer aantrekkelijke schakel tussen dorp en park te maken. Bij de kruising met de lokale ringweg komen wonen en werken in het dorp, recreëren in het parklandschap en de weidsheid van de open polder in het komgebied bij elkaar: de drie gezichten van dit knooppunt. Het gebied ten noorden en oosten van de knoop valt binnen de begrenzing van Park Lingezegen. Ontwikkelingen rond de knoop zijn mogelijk mits ze passen binnen het beleid van Park Lingezegen. Oostelijk hiervan is het stedelijke karakter van het netwerk voorbij en gaat de geplande A15 door het landelijk gebied. Bij de tweede passage van de lokale ring, tussen Angeren en Doornenburg, dienen hulpdiensten snel de hoofdweg op- en af te kunnen. Weer verder in oostelijke richting gaat de weg onder de natuur van De Gelderse Poort door, om bij Duiven en Zevenaar weer boven te komen als zichtbaar onderdeel van het stedelijk netwerk. 73
knooppunt A15-Karstraat-van Elkweg Inpassing in het landschap Inpassing van de nieuwe weg vergt veel aandacht. Voor de inwoners van Bemmel is het belangrijk dat geluidshinder zoveel mogelijk beperkt wordt. De Houtakker II, gelegen in de oksel van de Van Elkweg en A15 dient deels een zichtlocatie te blijven. Landschappelijk inpassen vergt hier de nodige aandacht. Verder is een goede inpassing om nog twee andere redenen belangrijk: De weg ligt er niet alleen. Op basis van het principe van gebundelde infrastructuur is de zone waarin bovengronds en ondergronds veel meer infrastructuur ligt (Betuweroute, hoogspanningsleidingen, bestaande en nieuwe gasleidingen) is een soort kabelgoot dwars door het rivierengebied ontstaan, in een oorspronkelijk plat en open landschap. Inpassing waarbij uitsluitend naar de nieuw aan te leggen weg wordt gekeken, leidt waarschijnlijk weer tot een bonte verzameling van individuele maatregelen die op zichzelf ook weer fysiek in het landschap zichtbaar zijn en als lelijk worden ervaren. Een meer samenhangende visie op deze zone van infrastructuur en de relatie met de omgeving, is nodig om het beeld van een rommelig en lelijk landschap te keren. ring De tweede reden wordt gevormd door de noodzaak om meer verband te brengen tussen infrastructuur en (nieuwe) verstedelijking en de aanleg van nog andere infrastructuur: het openbaar vervoer tussen de steden dat in noord-zuid-richting door de gemeente gaat. Lingewaard heeft een groot mobiliteitsprobleem voor wat betreft de rivieroverstekende mogelijkheden en veel baat bij verbetering van snel openbaar vervoer naar de stad. De ontwikkeling van het hele ov-netwerk in de regio is bijzonder kostbaar. Daarom wordt, ook in onze gemeente, gezocht naar mogelijkheden om nieuwe ontwikkelingen die juist mogelijk worden door beter openbaar vervoer, ook te laten bijdragen in de kosten voor de realisatie van het openbaar vervoer. Eerder is uitgesproken dat een deel van de gemeentelijke kosten voor het nieuwe openbaar vervoer, daar zou kunnen worden opgebracht. Hoe dit moet is nog in studie, maar dat er meer aan de hand is dan het aanleggen van een weg is zeker. 74
Tot slot blijven de gebruikelijke milieuhygiënische inpassingsmaatregelen van belang. Een verschil tussen spoor en weg is dat de A15 veel meer echt een deken van geluid over het landelijk gebied en nabijgelegen woonbuurten legt. Wat we echter niet willen is weer een lelijk scherm. Op plekken waar echt sprake is van hinder is verdiepte ligging of een heel ander scherm dan het grijze beton (groen, zonne-energie, schilderij, reclamezuil, een scherm van niet geluidgevoelige functies) denkbaar. Nadere visie-ontwikkeling voor de omgeving van het knooppunt bij Ressen kan het beste samen met Nijmegen en Overbetuwe plaatsvinden. Daarbij zijn van belang: - Ligging van het knooppunt midden in de regio, goed bereikbaar vanuit beide steden; - Het knooppunt als verdeelstation tussen verkeersstromen en soorten, de poort van de regio; - Dynamiek van verkeer, mensen die op weg zijn, nieuwe duurzame vormen van transport en energiegebruik; - Positie van de bedrijventerreinen De Houtakker, Pannenhuis en Agropark ten opzichte van de nieuwe hoofdwegenstructuur; - Toegankelijkheid van Park Lingezegen vanuit het dorp Bemmel; - Relatie tussen de parkdelen van Park Lingezegen ten zuiden en ten noorden van de A15; - Bescherming van het waardevol dorpsgezicht Ressen. De eerstkomende jaren wordt gewerkt aan een goede afronding van de grote Vinex-opgaven in De Waalsprong, Elst en Arnhem-zuid. Die tijd kan worden benut voor de gezamenlijke visievorming van gewenste ontwikkelingen. Daarna volgt verdere uitwerking van het HOV trace en de planologische bescherming ten aanzien van ongewenste ontwikkelingen. Na 2020 ontstaat echter een situatie waarin het knooppunt veel meer verkeer en verkeersdeelnemers verwerkt dan nu. Om ervoor te zorgen dat dat kan zonder aantasting van het waardevol dorpsgezicht, maar ook zonder nog meer infrastructuur die uitsluitend lelijk is en dwars door het landschap snijdt, is samenwerking en een gemeenschappelijk idee over de omgeving van het knooppunt nodig. De in regionaal verband opgestelde notitie over de ontwikkeling van OV-knooppunten kan hiervoor een bouwsteen zijn. In het kader van de visievorming voor de A15-corridor langs Bemmel en de daarmee samenhangende ruimtelijke vraagstukken (knooppunten, positie van bedrijventerreinen) zal (sub-)regionaal overleg plaatsvinden. Bij een betere afstemming tussen mobiliteit en verstedelijking in de regio kunnen de twee knopen bij Bemmel, samen met de andere knopen in de regio, een belangrijke rol spelen. Veel verkeer komt hier langs en kan hier ook gemakkelijk worden afgewikkeld zonder dat lokale wegen, woonbuurten of groene ruimte onnodig worden belast. essentie Visie opstellen voor de ontwikkeling van de twee knopen en de ruimte daar tussen, waarbij samenhang tussen weg en omgeving, respect voor het waardevol dorpsgezicht en koppeling met openbaar vervoer een rol spelen. Het al dan niet doortrekken van de A15 zal hierbij van invloed zijn op de ontwikkeling van de corridor tussen de knopen en de knopen zelf. 75
TOP s Toeristisch Overstappunt Opgave 5 Ontwikkelen van het recreatieve routenetwerk Versterken van een stedelijk netwerk betekent niet alleen het versterken van snelle verbindingen, maar ook van langzame verbindingen, bijvoorbeeld fiets- wandel of ruiterpaden. Een goede aanhechting van groene gebieden zoals Park Lingezegen en de uiterwaarden aan omliggende woonkernen is hierbij van belang. Ook vervoer over water kan een bijdrage leveren aan het recreatief netwerk. Vervoer over water kan ter ondersteuning zijn van bijvoorbeeld het wandel- of fietsroutenetwerk maar kan ook een op zichzelf staande route zijn, bijvoorbeeld tussen Arnhem en Doornenburg. Ook aanlegmogelijkheden voor de pleziervaart vormen een toevoeging op het recreatieve netwerk. Ten zuiden van het splitsingspunt Neder-Rijn en IJssel is behoefte aan een jachthavenvoorziening. Een dergelijke voorziening creëren in de in de uiterwaard bij Huissen-Angeren ligt voor de hand. En jachthavenvoorziening draagt op deze plek niet alleen bij aan de recreatievaart maar ook aan het versterken van de economische activiteit in het Huissense centrum. 76
Het langzame netwerk dat binnen de gemeente het best ontwikkeld is, is het fietsnetwerk. Door middel van een knooppuntensysteem zijn allerlei routes met elkaar verbonden. Het knooppuntensysteem is een landelijk toegepast systeem. De fietsroutes houden dus niet bij de gemeentegrens op. Voor wandelroutes geldt dat er een aantal lokale ommetjes is gerealiseerd. Verder loopt er een aantal paden in de uiterwaarden en in de zone langs de dijk die niet altijd even toegankelijk zijn. Binnen diverse projecten wordt er gewerkt aan het verbeteren van de wandelpaden bijvoorbeeld bij Doornenburg waar een aantal kerkepaden onlangs is hersteld. Een overzicht van alle routes in de gemeente bestaat echter niet. Van een wandelnetwerk binnen de gemeente kan niet worden gesproken. Hier ligt voor de gemeente een opgave. Door middel van een inventarisatie zal duidelijk worden welke paden een opknapbeurt nodig hebben en welke paden op elkaar aangesloten kunnen worden. Niet alleen de gemeente zelf maar zeker de recreant kan van zo n overzicht profiteren. Verder kan een overzicht helderheid bieden bij overleg met Stadsregio en RBT-KAN die een initiërende functie hebben in het verder ontwikkelen van regionale wandelroutes, ofwel lange afstand wandelroutes. Veel recreanten die willen fietsen of wandelen komen per auto. De parkeerplaatsen waar de recreanten hun auto s kunnen parkeren, sluiten logischerwijs aan op de diverse routenetwerken. Hiervoor zijn zogenaamde Toeristische Overstappunten (TOP s) aangewezen binnen het Beleidsplan Recreatie en Toerisme. Een TOP is duidelijk gemarkeerd en voorzien van voldoende parkeergelegenheid en ligt (bij voorkeur) in de directe nabijheid van horecavoorzieningen. Verder is de TOP voorzien van informatieborden met daarop diverse routes. In onze gemeente zijn drie TOP s aangewezen. De locatiekeuze van de TOP bij Doornenburg is nog niet definitief. Verder geldt dat de TOP s nog aankleding behoeven. Naast het verbeteren van het wandelnetwerk is er behoefte aan de ontwikkeling van een padenstructuur voor ruiters. Hiermee wordt een begin gemaakt in Park Lingezegen. Voor verdere ontwikkeling ligt samenwerking met de gemeente Overbetuwe voor de hand. Andere routenetwerken bijvoorbeeld voor de mountainbike kunnen ontwikkeld worden wanneer daar maatschappelijke vraag naar is. Vanuit de maatschappij is er naast concreet aangelegde paden met bewegwijzering, steeds meer behoefte aan digitale vormen van routenetwerken met bijbehorende informatie. Deze digitalisering kan vele mogelijkheden met zich mee brengen. Verkennen mogelijkheden recreatief vervoer over water essentie Inventariseren en verbeteren van wandelmogelijkheden Ontwikkelen Toeristische Overstappunten als duidelijk begin en eindpunt van routes Start maken met het aanleggen van ruiterpaden in Park Lingezegen 77
glastuinbouwgebieden 1 2 4 3 intensiveringsgebied extensiveringsgebied reserveconcentratiegebied Kamervoort bufferzone concentratiegebied zonder herstructurering Deelgebieden herstructureringsgebied 1. De Rietkamp: toekomstbestendige glastuinbouw 2. t Zand: woonwerkgebied 3. Leutensche leigraaf: toekomstbestendige glastuinbouw 4. Dijkzone: landschapsversterkend wonen 78
Opgave 6 Concentreren glastuinbouw Lingewaard is een echte agro-gemeente. Overal in de gemeente Lingewaard bevinden zich glastuinbouwbedrijven. Bedrijfsuitbreidingen en de groeiende behoefte aan een groen buitengebied hebben ervoor gezorgd dat we grootschalige kassen niet meer overal passend vinden en zijn we glastuinbouw gaan concentreren. Binnen de gemeente is een aantal glastuinbouwgebieden aangewezen, namelijk: Bergerden, herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen-Angeren en de Kamervoort. De glastuinbouw zelf maakt weer onderdeel uit van een omvangrijker cluster, de Greenport Betuwse Bloem. Dit is een samenwerkingsverband waarin innovatie en duurzaam ondernemen hoog op het programma staan. Bergerden De projectmatige realisatie van het nationaal concentratiegebied voor de glastuinbouw Bergerden is in volle gang. Het aanwijzen van concentratiegebieden in de jaren 90 had twee drijfveren: In de eerste plaats was het op landelijk niveau nodig om de glastuinbouw en de intensieve veehouderij die qua verschijningsvormen steeds minder in een open en landelijk gebied passen, te concentreren in speciaal daarvoor aangewezen gebieden. Bergerden is er daar één van. Daarnaast konden op die manier ook kansen op het gebied van economie, innovatie en duurzame ontwikkeling, beter worden benut. Dat laatste is een blijvende opgave voor het concentratiegebied. Ook na de vestiging van bedrijven in het concentratiegebied kan innovatie gericht op duurzame ontwikkeling tot veranderingen leiden. Een tweede opgave die verband houdt met het concentreren van de glastuinbouw is het verder tegen gaan van verspreid liggend glas. Herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen-Angeren Een andere opgave met betrekking tot toekomstgericht stimuleren van de glastuinbouwsector ligt in het herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen-Angeren. In dit gebied is sprake van een verouderde en kleinschalige inrichtingsstructuur en hebben naast glastuinbouwbedrijven ook andere bedrijven en woningen een plek ingenomen. Door gemeente en provincie samen wordt het verbeteren van de economische toekomstmogelijkheden voor de tuinbouwbedrijven en ruimtelijke kwaliteit in het gebied gestimuleerd. Er wordt onder andere geïnvesteerd in de wegenstructuur in het gebied. Daarmee wordt de bereikbaarheid van bedrijven verbeterd. Verder wordt onder andere ingezet op schaalvergroting en verbetering van de leefbaarheid voor de bewoners van het gebied. Binnen het herstructureringsgebied zijn vier deelgebieden te onderscheiden. De doelstelling is het ontwikkelen van twee vitale toekomstbestendige tuinbouwgebieden Leutensche Leigraaf en de Rietkamp door ruimte te bieden voor schaalvergroting en of clustering van verspreid liggende locaties. Deze ruimte wordt mede gecreëerd door stoppende of verplaatsende tuinders te faciliteren via functieverandering. De deelgebieden t Zand en Dijkzone lenen zich gelet op de schaal en verkaveling minder voor schaalvergroting van glastuinbouw. Er wordt daar meer op de ontwikkeling van woon- of werkfuncties gericht. 79
Reserveconcentratiegebied Kamervoort In het provinciaal en regionaal ruimtelijk beleid is rekening gehouden met een eventuele verdere uitbreiding van het concentratiegebied voor glastuinbouw, tot aan de Betuweroute: het zogenoemde reserveconcentratiegebied Kamervoort. Er is inmiddels geconstateerd dat de vraag naar grond voor tuinbouwkassen momenteel minder is dan werd voorzien. De behoefte om de Kamervoort te ontwikkelen is afgenomen. Het reservegebied wordt daarom beperkt tot het gebied ten noorden van de Kampsestraat en houdt 250 m afstand ten opzichte van de dorpsbebouwing van Angeren. In het gebied ten zuiden van de Kampsestraat wil de gemeente geen nieuw glas. Het beleid in dit gebied is gericht op het behouden van het groene en open karakter. Bufferzone rond Angeren Op grond van de provinciale structuurvisie (Streekplan Gelderland 2005) wijst de gemeente in het concentratiegebied rond de dorpskom van Angeren een bufferzone aan waar geen nieuw glas komt. Ten zuiden van de Kampsestraat wil de gemeente geen nieuw glas en is zo n bufferzone niet nodig. Tussen de Kampsestraat en de Kamervoort waar ook het reservegebied is geprojecteerd, is de bufferzone 250 m. Bepalend voor begrenzing van de bufferzone is de bestemmingsplangrens van kom Angeren van februari 2012. Ten noorden van de bestemmingsplan-grens kom Angeren, ligt het intensiveringsgebied Leutensche Leigraaf. Het beleid is hier gericht op het optimaliseren van de intensiveringsmogelijkheden voor glas. In dit gebied is rekening gehouden met een bufferzone die ruimer is dan de wettelijke afstand van 50 m. maar geen belemmeringen tot gevolg heeft voor het herstructureringsproces en waarmee bestaande rechten van bestaande bedrijven blijven gerespecteerd. In het extensiveringsgebied, tussen de Leutsestraat en de Rijndijk is geen bufferzone nodig omdat daar geen nieuw glas wordt toegestaan, behoudens de al bestemde bouwpercelen voor de bestaande bedrijven. Zoekzone Gendt Glastuinbouw is ooit ontstaan op de vruchtbare overslaggronden achter de dijk. Rondom Gendt zien we nog veel van deze bedrijvigheid. Dit is een van de gebieden in de regio waar buiten het concentratiegebied nog ruimte wordt geboden aan grootschalige vestiging en uitbreiding in deze bedrijfstak. In het Regionaal Plan van de Stadsregio is langs de noordrand van het dorp een opgenomen, waarbinnen de gemeente een cluster glastuinbouw kan aanwijzen. In zo n cluster mogen bedrijven uit de directe omgeving van de dijkzone (de Kommerdijk) zich hervestigen en kunnen geen andere functies dan glastuinbouw worden toegestaan. Inmiddels wordt ook het herstructureringsgebied geschikt gemaakt voor schaalvergroting en hervestiging. Om verdichting van het landelijk gebied bij Gendt met glastuinbouw te beperken, wordt van de geen gebruik gemaakt en geen glastuinbouw-cluster aangewezen. Dit betekent dat, net als in het overige landelijk gebied, hier alleen de bestaande bedrijven blijven gehandhaafd en dat functieverandering op termijn kan leiden tot minder glas in plaats van meer. 80
Duurzame energie De geconcentreerde glastuinbouw in Lingewaard kan een gedegen rol spelen bij de ontwikkeling van duurzame energie. Dat kan als afnemer of als leverancier. Op dit moment is al een biovergistingsbedrijf bezig zich te vestigen in het concentratiegebied. Mogelijke concrete ontwikkelingen in de toekomst dienen nog te worden onderzocht. Gedacht wordt aan bijvoorbeeld geothermie (aardwarmte) en windenergie (als bijdrage aan de provinciale doelstelling op dit punt). Op het gebied van duurzame energie kan zeker ook worden samengewerkt met andere gemeenten, de grote nieuwbouwlokaties van Nijmegen-noord en Arnhem-zuid zouden in de toekomst belangrijke afnemers kunnen worden van duurzame energie en ook daar is onderzoek naar dit thema gaande. essentie Inzet richten op Bergerden en het Herstructureringsgebied glastuinbouw Huissen-Angeren en daarbij blijvend stimuleren van innovatie en verduurzaming van de glastuinbouw De zuidelijke grens van het reserveconcentratiegebied Kamervoort op de Kampsestraat leggen. Het groene en open karakter tussen de Kampsestraat en de Betuweroute behouden. Geen gebruik maken van de voor glastuinbouw bij Gendt Opgave 7 Versterken en verlevendigen van de lokale economie in het Huissense centrum De nabijheid van Arnhem heeft voor Huissen voordelen maar ook nadelen. De wegenstructuur wordt voller en voor nieuwe wegen aanleggen is geen ruimte, bestedingen in winkels lopen terug omdat vlakbij meer en grotere winkelcentra zijn, de bereikbaarheid nodigt niet uit tot het vestigen van nieuwe winkels en zo ontstaat een neerwaartse ontwikkeling. In veel kleinere provincieplaatsen is dit een probleem. Een historisch stadscentrum zoals dat in Huissen, is eigenlijk van oudsher een stedelijk netwerk in het klein: wonen, werken, winkels, andere voorzieningen, recreëren, een goede bereikbaarheid en een openbare ruimte die uitnodigt tot bezoek en verblijf. De doelen die in de ruimtelijk economische visie voor Huissen zijn benoemd zijn ger gericht op het in stand houden en versterken van dat (lokale) netwerk. Ook nieuwe ontwikkelingen in of vlakbij het centrum, kunnen bijdragen aan de levendigheid. Vooral de herinrichting van de uiterwaard bij Huissen-Angeren en de daarbij gedachte recreatiemogelijkheden kunnen een rol spelen. essentie Het versterken van de economische activiteit in en rond het Huissense centrum en het bevorderen van een logische samenhang tussen wonen, winkelen, recreëren, verblijven en bereikbaarheid. 81
inventarisatie kansen rond Fort Pannerden Kansenkaart zicht Romeinse Rijksgrens Romeins castellum Hollandse waterlinie riverhopping 100-morgen kunstprojecten Rijn-ijssellinie >> projectplan + uitvoeringsprogramma worden opgesteld aanhaken bij Dijk van een Delta Museaal landschap als motor economie; aanhaken Rijnstrangenproject Romeinse weg Herstel Sterrenschans; prijsvraag? Romeinse tempel Romeinse Rijksgrens: Limes Het nieuwe boeren * Agrarische ondernemen in harmonie met dier en plant * Diverse inkomstenbronnen, economisch verantwoord, in de achtertuin van de stad * Trend: gezondleven als investeringsprikkel, nostalgie van stedeling * Museaal landschap als marktproduct. * pilot boeredrij Kasteel Doornenburg, andere ondernemers, samenwerking Helicon (agrarische hogeschool) belevingsnetwerk oudste Romeinse nederzetting Romeinse legerplaats en commandopost Romeinse waterleiding Romeinse steenbakkerij Romeinse wachttoren herbouw Romeins Patrouilleschip Rijnstrangen kansenkaart in productie cultuurhistorie, recreatie, toerisme herbouw fort Carvium riverhopping Schenkenschanz Locatie mefigro: nieuwe / alternatieve woonvormen Natuurboerderij duurzame schakel tussen Park Lingezegen en museaal landschap rond Sterrenschans het nieuwe boeren sanering glastuinbouw, investeren in landschap >> project loopt Kansen Rijnstrangen project - cultuurhistorische inventarisatie Romeise limes - voorstel Unesco Zichtbaar maken sterrenschans Oregional - natuurboerderij Rijncruises - riverhopping Masterplan Dijk en Kolk - linies, beleving, recratief, educatie Masterplan Dijk en Kolk - museaal landschap omgeving fort - dijkzone Masterplan Dijk en Kolk - Mefigro Fort Pannerden als museum en informatiecentrum Historisch belevingsnetwerk - Romeinen, Middeleeuwen, WOII Uniforme toeristische bewegwijzering Aanlegsteiger Gelderse Poort - Duitsland Virtueel Nationaal Historisch Museum 100- morgen - kunstprojecten als rustpunt aan de rivier 82 Opgave 8 Landschap, recreatie en economie met elkaar verbinden In het uiterste puntje van de gemeente splitst de Neder-Rijn zich in tweeën in het Pannerdensch Kanaal en de Waal. De omgeving rond dit splitsingspunt kent een rijke geschiedenis. Getuigen hiervan zijn Kasteel Doornenburg, Fort Pannerden en Sterrenschans. Het is vooral deze omgeving die jaarlijks vele recreanten en toeristen trekt. Niet alleen de cultuurhistorische waarde van het gebied trekt bezoekers, het open landschap langs de rivieren is vooral rond het splitsingspunt goed beleefbaar. In dit gebied liggen nog vele recreatieve mogelijkheden voor de toekomst. Deze mogelijkheden beperken zich niet alleen tot het recreatief ontwikkelen van het gebied rond het splitsingspunt zelf. Er liggen ook kansen om het gebied rond het splitsingspunt te verbinden met het in Duitsland
gelegen Schenkenschans. Schenkenschans was voorheen de roemruchte veste die de splitsing van Neder-Rijn en Waal bij Lobith bewaakte. Het recreatief ontwikkelen van beide gebieden kan een synergetisch resultaat opleveren; ze zou elkaar kunnen versterken en aanvullen. Recreatief ontwikkelen van een gebied betekent ook meer bezoekersstromen. Om te voorkomen dat meer bezoekers voor meer overlast in Doornenburg zorgt, dient recreatieve ontwikkeling van het gebied hand in hand te gaan met het bewaken van de leefbaarheid in het dorp. Meer bezoekers betekent ook economische mogelijkheden voor Doornenburg. Ontwikkeling van horecavoorzieningen biedt perspectief. Een integrale visie voor Doornenburg in samenhang met het gebied rond het splitsingspunt waarin de potentie voor recreatieontwikkeling onder de loep wordt genomen is voor de gemeente een opgave. Een eerste inventarisatie voor kansen van dit gebied vindt al plaats. Deze eerste inventarisatie wordt gedaan naar aanleiding van de restauratie en herbestemming van Fort Pannerden. Een belangrijk opgave voor Doornenburg en omgeving is het beter toegankelijk maken en aanleggen van recreatieve routes en daarbij aansluiten op routes die verder de gemeente in lopen. Voor recreanten voldoende parkeerruimte op de juiste plek realiseren vormt hierbij een aandachtspunt. Ook zal er binnen deze opgave nagedacht moeten worden over het eventueel verleggen van de veerverbinding naar een strategische locatie. Verder ligt er een belangrijk deelopgave in het herkenbaarder maken en ontwikkelen van Sterrenschans als recreatief product. Ontwikkelingen in samenhang met Schenkenschans dienen niet uit het oog te worden verloren. Een andere plek langs de rivier waar landschap en recreatie als economische factor een belangrijke rol spelen ligt in de uiterwaard bij Huissen-Angeren. Rivierverruiming is hier de aanleiding voor een integrale herinrichting van de uiterwaard. Daarbij wordt ook gewerkt aan de toegankelijkheid en aan een aantal recreatieve voorzieningen. Dichtbij het Huissense centrum kunnen voorzieningen voor de waterrecreatie zoals een jachthaven ook een bijdrage leveren aan de lokale economie en de levendigheid in en rond het stadscentrum. Het benutten van het landschap als economische factor door allerlei recreatieve activiteiten toe te laten is een speciale opgave. Dat komt omdat we enerzijds willen kunnen profiteren van de kansen die recreatie en toerisme bieden. Tegelijkertijd komen die recreanten en toeristen af op een aantrekkelijk landschap. Teveel van het goede kan afbreuk doen aan het landschap en dus aan de waarde die het voor de recreatie heeft. De hierboven geformuleerde opgaven bij Fort Pannerden en bij Huissen-Angeren gaan over het landschap dat het meest gevoelig is voor verstoring, de omgeving van de uiterwaardennatuur die is aangewezen als Ecologische Hoofd Structuur. Ze gaan ook over de omgeving die de beste kansen kent om recreatie en toerisme in Lingewaard van meer betekenis te laten zijn. essentie Integrale gebiedsvisie voor de omgeving van Fort Pannerden gericht op het bevorderen van recreatie zonder aantasting van belangrijke cultuurhistorische- en natuurwaarden Inrichtingsvisie voor de uitwaard bij Huissen-Angeren uitvoeren 83
ontwikkeling lokale schaal 11 9
Versterking op lokale schaal De opgaven hieronder gaan vooral over de versterking van het netwerk van wonen, werken, recreëren en de verbindingen daartussen op lokaal of gemeentelijk niveau. Ook in meer lokale opgaven zijn doelen en belangen terug te vinden die op rijksniveau worden vastgelegd in de structuurvisie Infrastructuur en Ruimte: de aandacht voor instandhouding van landschappelijk en cultuurhistorisch erfgoed, efficiënt ruimtegebruik bij nieuwe verstedelijking, ook voor bedrijfs-, winkel- en kantoorfuncties, meer aandacht voor de samenhang tussen vervoersmogelijkheden en ruimtegebruik / activiteiten. Opgaven ontwikkeling lokale schaal 9 Ontwikkeling van de dijkzone als authentiek en cultuurhistorisch bepalend landschap 10 Waterberging 11 De lokale ring als utilitaire verplaatsingsroute, de dijk als verplaatsingsroute voor de genieter 12 Verbinden van wonen en werken met de hoofdinfrastructuur 13 Bouwen van woningen 14 Versterken en verlevendigen lokale economie 15 Werken aan een vitaal platteland 16 Versterken leefbaarheid en identiteit van de woonkernen Park Lingezegen Park Lingezegen en dijkzone uiterwaarden dijkzone behouden open polder landschappelijk versterken Lingezone bestaand bedrijventerrein gepland bedrijventerrein in de gemeente glastuinbouwgebied bestaand woongebied geplande woningbouw woningbouwcontour woningbouw buiten de contouren onder voorwaarden toegestaan ringweg gebiedsontsluiting dijk gemeentegrens 85
landschappelijke eenheden Dijk Komgronden dijkzone Oeverwallen Uiterwaarden Dijk Algemene ontwerpregels uit het rapport: Dijk als as van ontwikkeling : 86 Synergie ('1+1=3') Integrale gebiedsontwikkeling. Transpositie > herkenbaar vertalen van uitgedoofde of verdwenen functies of toestanden (bijv. restanten van steenfabrieken, overblijfselen van de koude oorlog etc.) naar eigentijdse oplossingen. Toerisme als nieuwe economische pijler voor buitengebied > werken aan gastvrijheid, daarmee aandacht richten op: toegankelijkheid, gezelligheid, educatie en veiligheid. Museale landschappen behouden door ontwikkeling > bijv. in en rond Doornenburg. Het verhaal als speerpunt > benodigdheden: op-en-top sprekend leesbaar landschap (bijv. herstel oude kerkepaden) en educatieve voorzienigen die het verhaal vertellen (bijv. informatieborden of autdiotechnische geluidsdragers die vertellen over oorlogen, tradities, natuur etc. In Lingewaard). Natuurboerderij > landgoed waarbij agrarisch ondernemen samen gaat met dier en plant.
rood, blauw en groen vinden elkaar Opgave 9 Ontwikkeling van de dijkzone als authentiek en cultuurhistorisch bepalend landschap In de 13 de eeuw is de dijk aangelegd die voor een enorme cultuuromslag zorgde. Men ging anders leven, wonen gebeurde nog wel steeds op de hoogste plekken maar het bewerken van land werd ineens op meerdere plekken mogelijk. Niet alleen zorgde de dijk voor een andere inrichting achter de dijk, de dijk zelf werd de belangrijkste route voor verplaatsingen. De cultuurhistorische waarde van de dijk met haar directe omgeving, de dijkzone, is dan ook groot. De dijkzone behoort samen met de uiterwaarden tot het Nationaal Landschap De Gelderse Poort. De waarde van de dijkzone komt ook duidelijk naar voren in het twee jaar geleden verschenen rapport, Visie op de dijk: Dijk als as van ontwikkeling. In dit document wordt de dijkzone omschreven als een gebied met potentie om zich te ontwikkelen vooral op het gebied van cultuurhistorie met een eigentijds tintje. Bij projecten in de dijkzone liggen talrijke kansen ten aanzien van cultuurhistorie, maar natuurlijk ook op het gebied van water, natuur, landschap, leefbaarheid en economie. In het rapport, Visie op de dijk zijn algemene ontwerpregels met betrekking tot cultuurhistorie opgesteld die niet alleen in de dijkzone maar in alle gebieden van de gemeente toegepast kunnen worden. Deze regels zijn voor dijkzone bedoelt als leidend en voor de uiterwaarden, oeverwallen en kommen als inspirerend. Projecten die onder ander uit dit rapport voort komen en bijdragen aan de authentieke en cultuurhistorisch landschap zijn het wielenproject en het woerdenproject. Verder zijn er een aantal maatregelen opgesteld zoals benoemd in het Landschapsontwikkelingsplan die bijdragen aan het authentieke landschap. Voorbeelden hiervan zijn: oeverontwikkeling langs de Linge en de Haalderensche Zeeg en het toevoegen van karakteristieke en inheemse beplanting zoals boomgaarden en wegbeplanting op diverse plekken in de gemeente. essentie Cultuurhistorie in de dijkzone positioneren als uitgangspunt voor ontwikkeling transpositie verdronken dorp gastvrijheid van de boer synergie toerisme als economische pijler museaal landschap gebied rond Doornenburg onderdeel van groter geheel Voor ontwikkelingen in de uiterwaarden, op de oeverwallen en op de komgronden cultuurhistorie als inspiratiebron voor ontwikkeling gebruiken verhaal als speerpunt 87 natuurboerderij
waterberging onderzoekgebied retentie herstel historisch water waterberging door verbreding watergang Vasthouden-bergen-afvoeren principe vasthouden bergen afvoeren 88
Opgave 10 Waterberging In de afgelopen jaren hebben vele maatregelen naar aanleiding van klimaatveranderingen de revue gepasseerd. Om wateroverlast te voorkomen moet landelijk gezien de volgende drietrapsstrategie gevolgd worden: vasthouden, bergen, afvoeren. Uitgangspunt voor alle overheden (Rijk, provincie, gemeente en waterschap) is dat wateroverlast niet afgewenteld mag worden op anderen. In het gemeentelijk Waterplan dat is opgesteld in samenspraak met het waterschap, wordt dit principe nagestreefd en vertaald in concrete opgaven. Naast dit principe zet het Waterplan in op het zoveel mogelijk scheiden van regenwater en huishoudelijk/ bedrijfsmatig afvalwater. Medewerking van burgers is hierbij van groot belang. Vanwege de toenemende verstedelijking en de daaruit voort komende kwantitatieve bergingsbehoefte is de gemeente samen met het waterschap bezig met het regelen van een waterbank. Dit houdt in dat bij ontwikkelingen waarbij het verhard oppervlak tussen de 500m2 en 1500m2 toeneemt een principe kan worden gehanteerd om op een logische manier het verhard oppervlak te compenseren in de vorm van waterberging buiten het plangebied (Bij ontwikkelingen van minder dan 500 m2 toename van verhard oppervlak hoeft er geen waterberging gerealiseerd te worden). Hierbij wordt als voorwaarde gesteld dat de waterberging wordt gezocht in hetzelfde peilgebied als waar de ontwikkeling plaatsvindt. In het Waterplan is al aandacht geschonken aan mogelijke plekken waar ruimte zou kunnen zijn voor waterberging. Of deze plekken daadwerkelijk geschikt of groot genoeg zijn zal in de toekomst duidelijk worden. Naast plekken die aan worden gewezen voor retentie is er ook gekeken naar plekken die historisch gezien veel water herbergden en de functie nu hebben verloren. Te denken valt aan de vele wielen achter de dijk die deels verdwenen zijn. Wanneer ontwikkelingen groter zijn dan 1500m2 verhard oppervlak dan dient er binnen het plan zelf naar waterberging worden gezocht. Binnen de kernen wordt er zover bekend geen overlast van water ervaren. Toch is er volgens berekeningen in een aantal kernen te weinig waterberging in verhouding tot wat er gebouwd is. Dit geldt voor de kernen Gendt, Angeren en Doornenburg. Hier ligt voor de gemeente een extra opgave bovenop de geplande nieuwe ontwikkelingen. We richten ons op de ontwikkeling van robuuste watergangen met natuurvriendelijke oevers, met name voor de Linge en de Bemmelse en Huissense zeeg. Daarnaast wordt de circulatie verbeterd, ten behoeve van een biologische gezond watersysteem. Verbetering van verbindingen tussen de watergangen is op een aantal plaatsen nodig om meer doorstroming te genereren en daarmee versnippering van het watersysteem zoveel mogelijk tegen te gaan. Kwantitatieve en kwalitatieve verbetering van het watersysteem. essentie 89
ring en dijk als sturende schakels dijk uiterwaarden natuurlijke en recreatieve gebiedsontwikkeling ringweg entree gemeente bestaand woongebied bestaand bedrijventerrein gepland bedrijventerrein in de gemeente glastuinbouwgebied 90
Opgave 11 De lokale ring als utilitaire verplaatsingsroute, de dijk als verplaatsingsroute voor de genieter Doorgaand verkeer kennen we in Lingewaard nog niet. Binnen de gemeente is er vooral sprake van intern verkeer en verkeer dat zich vanaf of naar Lingewaard verplaatst. Vooral de ring maar ook de dijk zijn hiervoor veel gebruikte wegen. De ring is de verbindingsweg tussen de kernen en vormt een belangrijke ontsluitingsweg in de richting van de grotere wegen. De weg loopt over de oeverwallen en past daarmee goed in de opbouw van het oorspronkelijke landschap. Voornamelijk door auto s maar ook door fietsers wordt deze route dagelijks veel gebruikt. De dijk liggend op de grens tussen oeverwallen en uiterwaarden is bij uitstek geschikt om van het open landschap te genieten. De dijk wordt niet alleen door recreërende wandelaars en fietsers gebruikt maar ook door auto s en motoren. Regelmatig wordt met grote snelheden over de dijk gereden, wat op diverse plaatsen tot gevaarlijke situaties voor het langzaamverkeer leidt. Auto s gebruiken de dijk vaak als sluiproute om andere drukke wegen te vermijden. Lingewaard heeft de ambitie om de leesbaarheid van het landschap, daar waar mogelijk te bevorderen. Sturende schakels kunnen hierin een belangrijke rol vervullen. Zowel de ring als de dijk zijn sturende schakels in het landschap, zij het met een verschillende functie. De ring vooral geschikt voor utilitaire verplaatsingen, dat wil zeggen de dagelijkse verplaatsingen naar school, werk of winkel etc. en de dijk voor iedereen die wil genieten van de omgeving. Dit hoeven niet alleen recreanten te zijn maar ook bijvoorbeeld mensen die dagelijks op een prettige manier naar hun werk willen. De ring zou een meer oriënterende werking kunnen hebben, zodat je beter weet waar je bent: op de oeverwal. Om deze oriëntatie te verbeteren bestaan er verschillende mogelijkheden, bijvoorbeeld: nieuwe ontwikkelingen zoals woon- of werklocaties koppelen aan de ring of de ring overal op een zelfde een herkenbare manier aankleden. Andere belangrijke punten die bij de ring aandacht behoeven hebben te maken met de oversteekbaarheid, veiligheid en de leefbaarheid in de kernen langs de ring. Voor de dijk geldt echter een andere kwestie: voor wie is de dijk, voor de recreant, de forens of voor allebei? Het antwoord is voor allebei. De dijk is een waterkering maar ook infrastructuur. Om de beleving van het landschap zo optimaal mogelijk te kunnen maken is het essentieel dat de recreant het gevoel heeft zich veilig over de dijk te kunnen verplaatsen zonder daarmee het dagelijkse verkeer op de dijk te belemmeren. essentie Door middel van inrichtingsmaatregelen de ring als dagelijkse verplaatsingsroute en de dijk als veilige recreatieve route accentueren zonder het autoverkeer te verbieden Opgave 12 Verbinden van wonen en werken met de hoofdinfrastructuur Uit verschillende discussies blijkt duidelijk de urgentie van verbeteringen in de verkeers- en vervoersinfrastructuur in onze gemeente. Het belang van snelle en veilige verplaatsingsmogelijkheden voor een goed functionerend netwerk van wonen, werken, voorzieningen en groene recreatieruimte mag ook duidelijk zijn. 91
maatregelen infrastructuur 3 1 2 11 10 4 5 5 6 7 9 auto 8 ov fiets keuze trace of inrichting Maatregelen gemeentelijk mobiliteitsplan 1. verbinding naar A325 trace nog bezien, aanpassing na vaststelling: modaliteit ook nog bezien 2. HOV uitwerking naar Arnhem - Zuid 3. verbeteren en exclusiviteit fietsverbinding Anhem-Zuid 4. verbeteren aansluiting A15 5. westelijke ontsluiting A325 en westelijke ontsluiting Bemmel 6. ontwerpopgave inpassing HOV op Herkenrathweg 7. werken aan oversteekbaarheid en leefbaarheid traverse Haalderen 8. onderzoek fietsoverzetveer Bemmel-Ooij 9. vervoersmanagement bij evenementen 10. meer ruimte voor veilig fietsverkeer op de dijken Maatregelen infrastructuur Park Lingezegen 11. doorgaand verkeer Breedlersestraat belemmeren, Kattenleger inrichten voor fiets en auto 92
In het mobiliteitsplan is een agenda opgenomen voor de meest prioritaire verbeteringen met name op lokale schaal. Die omvatten zowel de verbindingen voor de auto, het openbaar vervoer als de fiets. Ook is het zo dat verbeteren niet gelijk staat met aanleggen. Ook (her) inrichten, inpassen, auto en fiets scheiden, duidelijk bewegwijzeren, helpen om de reis van A naar B sneller en veiliger te maken. Na het vaststellen van het gemeentelijk mobiliteitsplan is er een aantal ontwikkelen opgetreden die ofwel een aanvulling zijn op het plan, ofwel een verbetering. Rondweg Haalderen en ontsluiting van Huissen aan de oostzijde zijn genoemd. Verder wordt in Park Lingezegen gestreefd naar belemmering van het doorgaand verkeer op de Breedlersestraat. De Kattenleger zal alleen inrichtingstechnisch veranderen en voor zowel voor auto s als voor fietsers toegankelijk blijven. Behalve het maken of verbeteren van verkeersverbindingen is belangrijk dat goed wordt nagedacht over plekken die goed bereikbaar zijn en waar nieuwe functies (wonen, werken of voorzieningen) worden geprojecteerd. Infrastructuur een schoolvoorbeeld van een discussie die niet ophoud bij de gemeentegrens. Dat betekent dat regionale samenwerking en als het nodig is met zijn allen met één mond spreken, hier niet alleen wenselijk is maar een must. Het verbinden van wonen en werken gaat over de auto, het openbaar vervoer en de fiets, en over sneller en veiliger. Dit leidt tot een uitgebreide agenda, waarbij de opgave voor de gemeente ook uitgebreid is. Het is daarom moeilijk om een overzicht te geven dat iedereen volledig zal vinden. De highlights in deze opgave zijn echter wel helder. Voor de auto zijn dat betere verbindingen vanuit Bemmel, Huissen en Bergerden/ Pannenhuis naar de regionale en nationale hoofdwegen. Die verbeteringen zijn uitsluitend mogelijk als regionaal hierover geen meningsverschillen bestaan, ze moeten betaald worden, gerealiseerd en in de omgeving ingepast. De bovenlokale verkeersafwikkeling en met name de verbetering van de bereikbaarheid van de A325 vanuit Lingewaard is inmiddels onderwerp van regionale studie en overleg. Voor het openbaar vervoer gaat het om financieren, realiseren en inpassen van een echte hoofdas tussen de steden via Bemmel en Huissen, en een snelle verbinding in oost-west richting tussen Zevenaar en Tiel. Die laatste komt langs bij de knoop A15 Karstraat Van Elkweg als de A15 wordt doorgetrokken. Voor de fiets gaat het om financieren en realiseren van aantakkingen op de snelfietsroute en het veiliger maken van school- en recreatieroutes, waaronder de rivierdijken. Voor het verder ontwikkelen van woningbouw, bedrijvigheid en voorzieningen gaat het om het zoeken naar de juiste plek. Efficiënt ruimtegebruik en een betere afstemming tussen mobiliteit en ruimtegebruik, betekent voor Lingewaard dat goed moet worden nagedacht over de twee knopen in de A15, de halteplaatsen van de nieuwe openbaar vervoerassen en over het laten samenvallen van auto- en ov-knooppunten. essentie Maatregelen uit het gemeentelijk mobitliteitsplan uitvoeren Bij nieuwe ontwikkelingen het ruimtegebruik en de vervoermogelijkheden beter op elkaar afstemmen. Dit betreft een goede ontsluiting van woon- en werklocaties voor auto en/of openbaar vervoer, en veilige verbindingen voor langzaamverkeer 93
Opgave 13 Bouwen van woningen In 2004 zijn er binnen de Stadsregio afspraken gemaakt over woningbouwcontouren waarbinnen gebouwd mag worden. Dezelfde contouren zijn in de nieuwe verstedelijkingsvisie van de regio (geldend tot 2020) ongewijzigd overgenomen. Uitbreidingen buiten deze contouren zijn onder voorwaarden op enkele plaatsen toegestaan. Op basis van provinciale cijfers wordt gedurende de periode 2010-2020 een toename van ongeveer 1500 huishoudens verwacht. Het stijgen van het aantal huishoudens heeft niet alleen als oorzaak dat er woningen bij worden gebouwd die nieuwe bewoners van buiten de gemeente trekken, ook door huishoudensverkleining neemt het aantal huishoudens toe. Huishoudensverkleining heeft onder andere te maken met het toenemend aantal alleenstaande inwoners. Een grote groep alleenstaanden, die steeds groter wordt is de groep senioren. Voor deze groep ligt er een grote opgave in de (betaalbare) huursector. Kwantitatieve opgave Het aantal inwoners in Lingewaard groeit de komende jaren nog. Het huidige inwoneraantal ligt net boven de 45.000 inwoners. Tot 2020 ligt er een bouwcapaciteit van ongeveer 2000 woningen binnen de contouren. Lingewaard bouwt niet alleen voor zichzelf, maar ook voor mensen uit de regio. Voor deze groep worden vooral woningen in Huissen gebouwd, maar ook in Bemmel. In de overige kernen wordt voornamelijk voor eigen behoefte gebouwd. De bouwcapaciteit in Bemmel is de komende 10 jaar echter laag, lager dan de behoefte. De behoefte van Bemmel kan deels in Huissen binnen de contouren worden opgevangen. Kwalitatieve opgave Uit recente onderzoeken blijkt een grote vraag naar woningen in het zogenaamde middensegment. De afgelopen jaren werd net boven de grens voor de betaalbare categorie weinig aanbod gerealiseerd. Door vergroting van het aanbod in het middensegment kan ook de doorstroming vanuit goedkopere woningen beter worden gestimuleerd, waardoor de woningen in de betaalbare sector ook echt beschikbaar komen voor de doelgroepen waarvoor deze bedoeld zijn. In de huidige situatie is de overstap vanuit goedkopere woningen vaak te groot. Binnen de regio en met de gemeenten in het middengebied van de regio (Arnhem, Nijmegen en Overbetuwe) vindt afstemming plaats over de kwalitatieve verdeling en de fasering van bouwplannen. Door de economische crisis is de woningmarkt veranderd van een aanbod- naar een vraaggerichte woningmarkt. Daarvoor is belangrijk dat we weten wat er gevraagd wordt en wat wij daarin willen bieden. Nieuwe inwoners komen niet meer voor een woning maar voor een omgeving die biedt wat mensen willen en dat is niet bij iedereen hetzelfde. Het is nodig om meer vraaggericht en consument-gericht te gaan bouwen. Juist vanwege allerlei verschillende woonwensen moet daarbij ook helder zijn welk woonmilieu Lingewaard kan en wil bieden. 94
Lingewaard heeft de ambitie om duurzaamheid een belangrijke rol te laten spelen bij de ontwikkeling van nieuwbouwlocaties. Hierbij gaat het niet alleen om het verminderen van de milieubelasting bij bouw en beheer, maar willen we ook dat de woningen niet alleen voor vandaag maar ook door toekomstige generaties bewoond kunnen worden. Daarnaast willen we duurzaam met de ruimte omgaan door middel van efficiënt ruimtegebruik, wat inhoud dat we binnen de afgesproken contouren willen blijven bouwen. Efficiënt ruimtegebruik, levensbestendigheid van de woning en daarmee flexibel bouwen worden als belangrijk uitgangspunten gezien voor nieuwe ontwikkelingen binnen de woningbouw. Het is wel van wezenlijk belang dat het bouwen binnen de contouren geen afbreuk doet aan de kwaliteiten die de kernen bezitten. Belangrijk voor de kwaliteit van het woonmilieu en dus ook de aandachtspunten voor nieuwe ontwikkelingen zijn: De historisch gegroeide omgeving en de structureren die daarin bepalend zijn. Dit geldt voor bebouwing, maar ook de openbare ruimte, stratenpatronen en groen; De mate waarin de hierboven genoemde duurzaamheids-aspecten zijn meegenomen in ontwerp, bouwen en beheer; De nabijheid en toegankelijkheid van het groen buiten de woonkern en de mogelijkheden om er te recreëren of te genieten van stilte en natuur; De mogelijkheden om snel en comfortabel naar werk of voorzieningen buiten de eigen woonkern te gaan, de toegankelijkheid van hoofdwegen, openbaar vervoer en fietsroutes; De leefbaarheid en het voorzieningenniveau in de omgeving (zie opgave 16). Het verband tussen woningen bouwen en mogelijkheden om de rivier over te kunnen is de laatste jaren steeds meer een issue geworden. Wanneer we alleen maar woningen bouwen en niet werken aan de dringend benodigde verbetering van onze infrastructuur, neemt de aantrekkelijkheid om hier te wonen af. Het al dan niet uitvoeren van een aantal infrastructurele ingrepen zal in belangrijke mate invloed hebben op de woningbehoefte na 2020. De belangrijkste infrastructurele ingrepen zijn: de realisatie van een doorgetrokken A15, een ontwikkeld HOV netwerk en een verbeterde verkeersontsluiting van Bemmel en Huissen. Ook afspraken die binnen de regio worden gemaakt zullen van invloed zijn op het toekomstig bouwprogramma. Wanneer de hierboven staande infrastructurele projecten worden opgepakt ontstaan er meer kansen om het netwerk verder te versterken. Bemmel en Huissen blijven altijd de kernen met de stad om de hoek en zullen daarom altijd een aantrekkelijk woonmilieu vormen vooral voor vestigers van buitenaf. Mocht er naast de huidige aangewezen nieuwbouwlocaties behoefte ontstaan naar een nieuwe locatie dan is goede koppeling met HOV en infrastructuur essentieel. Hierbij ligt de koppeling met de lokale ring ook voor de hand als drager van het landschap. Voldoende woningen bouwen, die aansluiten bij de vraag, kwaliteit en toekomstwaarde waarbij investeringen in openbaar vervoer en infrastructuur gelijk oplopen met het toenemend aantal inwoners. essentie 95
96 Markt in Doornenburg
Opgave 14 Versterken en verlevendigen lokale economie Een stedelijk netwerk bestaat uit plekken om te wonen, te werken en te recreëren en verbindingen daartussen. Hoe completer het netwerk, hoe aantrekkelijker de omgeving ook op langere termijn blijft als vestigingsplaats voor bewoners en ondernemers. En hoe aantrekkelijker als vestigingsplaats, hoe levendiger de samenleving en hoe groter het draagvlak voor het in stand houden van allerlei voorzieningen zoals winkels, scholen, buurtcentra, voorzieningen voor het verenigingsleven etc. Kortom: hoe vitaler het netwerk, hoe duurzamer het kan voortbestaan. Na de grote woonuitbreidingen van de afgelopen decennia gaat op dit moment veel aandacht uit naar de kwaliteit van de groene ruimte en beter vervoer. Daarnaast is het goed om ruimte te bieden voor de ontwikkeling van werkgelegenheid, bedrijvigheid en het winkelaanbod. Lingewaard wil geen slaapgemeente worden waarbij werk en voorzieningen altijd over de rivier liggen. In de woonkernen en het landelijk gebied bestaat de opgave uit het vinden van creatieve oplossingen om bedrijvigheid, winkels en voorzieningen te behouden en wat aan de andere kant van de rivier ligt bereikbaar te houden. In het landelijk gebied zal dit vooral gaan over het behouden van de agrarische sector en de glastuinbouw. Het concentreren van de glastuinbouw vloeit hieruit voort. In de kernen kan economische activiteit gestimuleerd worden door bundeling van activiteiten en het bieden van flexibelere bestemmingsmogelijkheden in de dorpscentra. In de woonkernen is belangrijk dat oude gedetailleerde bestemmingen als handel in sportartikelen met één dienstwoning vervangen worden door bestemmingen die veel meer dynamiek toelaten. Functiemenging en functieverandering, woon-werkcombinaties, werk- praktijk- of commerciële ruimte moet in een dorpscentrum gewoon zijn in plaats van reden voor een extra procedure en vergunning. Hetzelfde geldt voor de mogelijkheden op bedrijventerreinen en in het buitengebied. Bestemmingsplannen moeten worden gemoderniseerd en meer ruimte geven op het gebied van duurzaam ondernemen. Verbreding van de landbouw en het stimuleren van zorg- of recreatieve functies draagt bij aan de leefbaarheid in het landelijk gebied. Vooral op de oeverwal kan de gemeente meewerken aan functieverandering, verbreding van de agrarische bedrijfsvoering en initiatieven op het gebied van zorg en recreatie. Zorg en recreatie zijn behalve voorzieningen ook een economische factor. Nieuwe mogelijkheden voor dagrecreatie, verblijfsrecreatie maar ook een uitgaanscentrum, horeca, en dergelijke, versterken het netwerk op twee manieren: het voorzieningenniveau wordt aangevuld (er is meer te doen in de gemeente) en de economische activiteit neemt toe. Voor uitbreiding of situering van nieuwe bedrijfsfuncties, kantoren, winkels en grootschalige voorzieningen wordt in de toekomst echter wel strenger gelet op efficiënt ruimtegebruik. Mogelijkheden voor functieverandering, hergebruik en herstructurering moeten worden benut alvorens nog nieuwe ruimteclaims verantwoord zijn. De gemeente wil bijvoorbeeld geen megastallen in het buitengebied. Agropark en een deel van Bergerden zouden zich eerder kunnen lenen voor megastallen. Naar de wenselijkheid van een dergelijke bestemming zal de gemeente eerst onderzoek moeten doen. 97
Bedrijventerreinen Ontwikkeling van werkgelegenheid is niet meer bedrijventerrein. De toekomstige vraag naar nieuwe bedrijventerreinen neemt af en ook het ruimtebehoefte van individuele bedrijven neemt af, omdat er steeds minder echte productiebedrijven zijn, de kantoorruimten en -functies en reguliere bedrijven nemen toe en er daardoor is er steeds minder ruimte nodig is voor echte productieactiviteiten. Van belang is een meer toekomstbestendig ruimtegebruik: efficiënter, intensiever, veelzijdiger en beter afgestemd op mobiliteit. Locaties die zowel per auto als per OV goed bereikbaar zijn, zijn zeldzaam in de regio. Treinstations liggen doorgaans in het centrum, afritten van autowegen aan de rand van de kern. Knooppunten van wegen en openbaar vervoer spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van werkgelegenheid en de afwikkeling van het daarbij horende verkeer. Andersom zal ook het openbaar vervoer zoals de nieuwe HOV-tracés, plekken opzoeken waar nu al veel in- en uitstappers zijn, zoals bijvoorbeeld scholen, winkelcentra of grotere bedrijven, om die nog beter bereikbaar te maken. De twee knopen in de A15-zone zijn in dit verband van belang. De komende jaren worden hier uitbreidingen van bedrijventerreinen in Overbetuwe, Nijmegen en Lingewaard (De Houtakker II) gerealiseerd en wordt het openbaar vervoer tussen de steden (noord-zuid) verbeterd. Op lange termijn zijn deze knopen geschikt voor het afwikkelen van grotere verkeersstromen en de daarbij behorende functies. Dat kunnen bedrijven zijn maar ook bepaalde voorzieningen, kantoren, zorg- of onderwijsinstellingen, en dergelijke. Het concentratiegebied voor de glastuinbouw en de bedrijventerreinen Agropark en Pannenhuis II zijn van regionale betekenis. Agropark is ook nadrukkelijk bedoeld als regionaal agrobussiness terrein. Deze bedrijvigheid en de ontwikkelingen op het gebied van energie en innovatie in deze sector zijn voor de regio een belangrijk speerpunt in de ontwikkeling van werk en economie. De ruimtebehoefte op dit punt neemt niet af en segmentering, het echt reserveren van Agropark voor deze bedrijvigheid, is wél functioneel. Van belang is wel dat binnen de regio het segmenteringsbeleid (het juiste bedrijf op de juiste plek) goed wordt uitgevoerd. Binnen de hele regio dienen bedrijven in deze sector te worden doorverwezen naar het Agropark als ze op zoek zijn naar een goede vestigingsplaats. Het terrein biedt deze mogelijkheid en wordt niet gevuld vanuit de lokale agro-sector. Pannenhuis en De Houtakker hebben op dit moment een inrichting, oriëntatie en verkeersontsluiting die past bij een lokaal bedrijventerrein. Meer activiteit of een veelzijdigere benutting veronderstelt aanpassingen in de verkeersontsluiting en in het bestaand gebruik zoals bijvoorbeeld de woningen op het terrein. Met name voor De Houtakker geldt dat doortrekking van de A15 aanleiding kan zijn voor bovenlokale belangstelling. Niet doortrekken van de A15 kan aanleiding zijn voor een meer veelzijdige lokale activiteiten op het terrein. Daarnaast is op zo n knoop die ook een beetje visitekaartje van de gemeente is de kwaliteit van gebouwen en omgeving van belang. Een starre segmentering die slechts één soort bedrijvigheid toelaat is dan niet meer functioneel. Bovendien geldt dat op lange termijn de behoefte aan ruimte voor traditionele productiebedrijven afneemt. Daarentegen is wel ruimte nodig voor kantoor- en andere functies in het bedrijfspand. 98
Pannenhuis is opgedeeld in Pannenhuis I en II. Bedrijventerrein Pannenhuis I wordt gerevitaliseerd. Een groot gedeelte van Pannenhuis I was in gebruik als bloemenveiling. Deze veiling heeft zijn activiteiten beëindigt. Herontwikkeling van dit terrein met opstallen ligt voor de hand. Voorwaarde hiervoor is dat de herontwikkeling in samenhang met het bedrijventerrein Pannenhuis I beschouwd wordt, zodat een toekomstvaste ruimtelijk structuur ontstaat. Daarbij wil de gemeente dat cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische kwaliteiten worden gerespecteerd en dat de waterhuishouding goed wordt geregeld. Verder streeft de gemeente naar een duurzame en veilige invulling die geen bedreiging voor interne of externe veiligheid vormt. Naast Pannenhuis I is ook bedrijventerrein Gendt-Bemmel toe aan een revitaliseringsslag. Na revitalisering van Pannenhuis I zal de gemeente op termijn inzetten op revitalisering van bedrijventerrein Gendt-Bemmel. Het bedrijventerrein Looveer is gelegen aan het Pannerdensch-Kanaal. Het meeste goederenvervoer vanaf Looveer vindt plaats over de weg, maar voor deel ook over water. Het vervoer over water wordt door de gemeente gestimuleerd. Uitbreiding van het bedrijventerrein is nu niet mogelijk en is ook niet gewenst. Kleine oude terreinen zoals langs de Polseweg bij Huissen of aan de Lingewal bij Bemmel kunnen op termijn een andere functie krijgen, meer passend bij de omgeving en de ligging aan de lokale rondweg door de gemeente. De gemeente stimuleert en ondersteunt initiatieven vanuit de markt om tot transformatie te komen. De gemeente heeft geen eigen financiële middelen hiervoor beschikbaar. Het transformatieproces is daarmee ook afhankelijk van reële verplaatsingsmogelijkheden voor de huidige bedrijven en van herbestemmingsmogelijkheden van de oude locaties. Het bevorderen van economische activiteit passend bij het schaalniveau (lokaal, regionaal en boven regionaal) en de bereikbaarheid van de locatie essentie Het bevorderen van een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor inwoners en ondernemers onder andere door: moderniseren bestemmingsplannen, vraaggericht bouwen, revitaliseren en herstructureren bedrijventerreinen, bereikbaarheid verbeteren 99
verbreding landbouw stimuleren en faciliteren verbreding faciliteren omschakeling naar agrarisch natuurbeheer afhankelijk van initiatief faciliteren verbreding open polder 100
Opgave 15 Werken aan een vitaal platteland De agrarische sector staat onder druk. Door verstedelijking enerzijds en natuurontwikkeling anderzijds wordt agrarische grond schaars en stijgt de prijs ervan. Daarnaast worden agrarische bouwmogelijkheden beperkt, terwijl juist vaak investeringen in aanpassing of uitbreiding nodig zijn om aan nieuwe regelgeving te kunnen voldoen. Ook door schaalvergroting stoppen veel bedrijven. Overheden werken daarom steeds meer mee aan functieverandering en verbreding van de bedrijfsvoering, zodat het inkomen met kleinschalige nevenactiviteiten kan worden aangevuld. Daarvoor is onder meer nodig dat in bestemmingsplanregels meer mogelijkheden worden gecreëerd. In Lingewaard bestaan verschillende mogelijkheden voor zo n bredere bedrijfsvoering of voor functieverandering. Bij functieverandering zijn de regels net als bij de bedrijfsverbreding erop gericht om met zo min mogelijk nieuwe bebouwing een alternatief te bieden voor stallen of kassen die leeg komen te staan. De regeling is er op gericht om agrarische ondernemers te compenseren voor het beëindigen van de agrarische activiteit op hun bedrijfsperceel en het afbreken van de aanwezige bedrijfsbebouwing. Op basis van de regeling kunnen (stoppende) agrarische bedrijven compensatie krijgen in de vorm van woningbouwmogelijkheden. Verbreding met recreatie biedt voor een aantal agrariërs kansen om de verstedelijking niet meer als bedreigend te ervaren maar juist als meer klandizie. Dit kan op de eerste plaats door voorzieningen die het gebruik van recreatieroutes aangenamer maken, zoals verschillende vormen van pleisterplaatsen, terrasjes, horeca, fietsverhuur, verkoop van streekproducten en dergelijke. Daarnaast stimuleert de gemeente ook de ontwikkeling van kleinschalige verblijfsrecreatie, zoals het bieden van bed- en breakfast-faciliteiten. Een andere vorm van profiteren van de naderende stad is het bieden van ruimte aan functies die niet per se aan het buitengebied gebonden zijn maar waaraan dichtbij de stad of de woonomgeving soms wel behoefte is: zorg, spelen, recreëren, werkruimte of opslagruimte bijvoorbeeld. De gemeente Lingewaard is van origine een agrarische gemeente en we willen de agrariër in onze gemeente behouden. Dit doen we niet alleen met glastuinbouw of door verbreding te faciliteren, maar ook door het gebied centraal in de gemeente: de open polder vrij te houden voor agrarische bedrijvigheid. Grote landbouw-eenheden passen bij de beleving van het weidse landschap in de open kom. Nieuwvestiging van agrarische bouwpercelen (met uitzondering glastuinbouw en bedrijven met megastallen) wordt in het buitengebied niet uitgesloten, behalve in de open polder. Voor glastuinbouwbedrijven is nieuwvestiging alleen mogelijk in Bergerden, de Rietkamp en de Leutensche Leigraaf (zie opgave 6). Bij agrarische percelen en -gebouwen flexibeler omgaan met bouw- en gebruiksregels, zodat beter kan worden ingespeeld op het veranderende buitengebied. essentie Initiatieven die ondersteunend zijn aan landschappelijke en recreatieve doelstellingen faciliteren en niet laten stranden op traditionele bestemmingsplanregels. 101
102
Opgave 16 Versterken leefbaarheid en identiteit van de woonkernen De leefbaarheid en identiteit van de verschillende woonkernen in de gemeente is een laatste maar niet minder veelzijdig thema dat we hier bespreken. Wat identiteit is wordt niet bepaald door één ding. Discussies hierover blijven vaak steken in meningen over hoog- en laagbouw en mooi versus lelijk. Beeldbepalende bebouwing, bomen, openbaar groen, het stratenpatroon en bebouwing die herkenbaar is als oud zijn inderdaad een onderdeel van de fysiek herkenbare identiteit. Maar ook andere zaken zijn relevant. Hebben functies een logische plek? Staan de dingen die ik verwacht in het centrum ook in het centrum of zijn ze daar weg? Past het schaalniveau van wat je tegen komt ook bij de schaal van het dorp? Faciliteert de ruimtelijke ontwikkeling ook de plaatselijke behoefte aan wonen, werken en recreëren en het voorzieningenniveau, het verenigingsleven, de sociale samenhang en verbanden die er in die woonkern bestaan? De gemeente heeft onlangs een inventarisatie gedaan naar het aantal gebouwen dat zij voor voorzieningen in haar bezit heeft. Hieruit is geconcludeerd dat er teveel gebouwen voor voorzieningen in eigendom zijn van de gemeente. Er zullen keuzes moeten worden gemaakt welke gebouwen worden afgestoten en welke voorzieningen kunnen worden geclusterd. Het aanbod van voorzieningen wil de gemeente zoveel mogelijk behouden en versterken. Op het gebied van onderwijs, sport en multifunctionele accommodatie ligt er een aantal plannen. De herbestemming van vrijkomende plekken en gebouwen kan benut worden om de leesbaarheid en identiteit van de kernen te versterken. Leefbaarheid en identiteit zijn soms ruimtelijk te herleiden maar soms ook niet. Een prettig ervaren leefbare omgeving kan voortkomen uit een gezonde, veilige en aantrekkelijke omgeving, maar wordt ook in een bepaalde mate bepaald door het aanwezig zijn van benodigde voorzieningen. De connectie met sociaal beleid is in deze opgave zeer sterk. De gemeente zal binnenkort starten met het schrijven van een brugdocument waarin zal worden toegelicht hoe ruimtelijk beleid en sociaal beleid elkaar kunnen vinden en hoe we in onze gemeente daar het best op in kunnen zetten. essentie Ruimtelijk beleid en sociaal beleid samen laten komen in het nog te schrijven brugdocument. Hierin aandacht vestigen op het versterken van de leefbaarheid en identiteit van de woonkernen op basis van: een herkenbare omgeving gebaseerd op historisch gegroeide structuren en een gezonde omgeving waarin voorzieningen bereikbaar zijn 103
visiekaart
ontwikkelen natuur en recreatie begrenzing Park Lingezegen faciliteren publieksintensieve recreatieve Park voorziening verbinden Parkdelen begrenzing Nationaal landschap De Gelderse Poort rivierverruiming Huissense uiterwaard gebiedsontwikkeling met horeca en detailhandel recreatieve gebiedsontwikkeling met water en oeverrecreatie recreatieve gebiedsontwikkeling gericht op beleving cultureel erfgoed en landschap behouden open polder landschappelijk versterken Lingezone glastuinbouw en bovenlokale (agro) bedrijvigheid bestaand bedrijventerrein gepland bedrijventerrein in de gemeente glastuinbouwgebied entree gemeente hoofdontsluiting hoofdontsluiting doortrekking A15 bundelen en inpassen infrastructuur ringweg gebiedsontsluiting gebiedsontsluiting verbeteren dmv aansluiting op A325 dijk Toeristisch Overstappunt A15 corridor spoor trace hov landelijke fietsroute Linge- en Waardenroute Rijnwaalpad veerpont gemeentegrens reserveconcentratiegebied Kamervoort bestaand woongebied geplande woningbouw woningbouwcontour woningbouw buiten de contouren onder voorwaarden toegestaan 105
Uitvoeringsparagraaf Inleiding Het realiseren van de in dit document verwoorde visie kost tijd en geld. De gemeente doet dat ook niet alleen, maar samen met andere overheden en private partijen. In de nieuwe Wet ruimtelijke ordening is bepaald dat structuurvisies dienen in te gaan op de wijze waarop de gemeente(raad) zich voorstelt de voorgenomen ontwikkeling te doen verwezenlijken. In de volksmond wordt dat de uitvoeringsparagraaf genoemd. In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op de wijze waarop de gemeente denkt de geformuleerde beleidsdoelen te verwezenlijken. Eerst wordt ingegaan op het financieel instrumentarium dat de gemeente wil inzetten. Daarna komen de programmatische aspecten van de uitvoering en de maatschappelijke haalbaarheid van de visie aan de orde. Algemeen beleid ten aanzien van de uitvoering Zoals opgenomen in de Nota Grondbeleid 2007, die op 19 september 2007 door de gemeenteraad is vastgesteld, maakt de gemeente per ontwikkelingslocatie een keuze over het te voeren grondbeleid (actief of faciliterend). Bij deze keuze worden meerdere factoren betrokken, waaronder de grondposities op de betreffende locatie, de zeggenschap die de gemeente op de locatie wil hebben, de competenties, de te genereren opbrengsten en de bereidheid om bepaalde risico s voor de locatieontwikkeling te lopen. Op grond van deze factoren wordt afgewogen of het wenselijk, dan wel noodzakelijk is om een actief grondbeleid te voeren of dat de gemeente door middel van een faciliterend grondbeleid ook haar doelstellingen zoals verwoord in gemeentelijk beleid (waaronder deze structuurvisie) kan verwezenlijken. Particuliere initiatieven die passen binnen deze visie zullen door de gemeente worden ondersteund. De gemeente hecht daarbij waarde aan een duurzame ontwikkeling en versterking van het stedelijk netwerk, waarbij de kwaliteiten van het landschap worden benut. Voor initiatieven die niet passen in deze visie bestaat geen basis voor uitwerking anders dan het onderzoeken van de mogelijkheden of en hoe het initiatief in overeenstemming kan worden gebracht met deze visie. Indien het initiatief past binnen de uitgangspunten van de visie, wordt onderzocht of het initiatief inpasbaar is in de directe omgeving. Hiermee dragen particuliere initiatieven in belangrijke mate bij aan de beoogde ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. Een particulier initiatief wordt op onderstaande wijze in behandeling genomen; 1. Toets aan visie: Beoogde ruimtelijke ontwikkeling van gemeente. 107
2. Beoordeling op basis van wet- en regelgeving: Het initiatief moet voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van bodem, geluid, luchtkwaliteit, archeologie, water, verkeer en parkeren, milieuzonering, visuele hinder, schaduwwerking, bezonning, landschap, cultuurhistorie, externe veiligheid en natuur. Eveneens dient de economische uitvoerbaarheid van het initiatief aangetoond te worden. 3. Planologische procedure: Indien een initiatief kan voldoen aan bovenstaande toetsings- en beoordelingsaspecten wordt een planologische procedure in de vorm van bestemmingsplanherziening of -wijziging / omgevingsvergunning opgestart. Voor de financiële uitvoerbaarheid zal de gemeente gebruik gaan maken van de mogelijkheden die de nieuwe wet daartoe biedt. Het algemene standpunt van de gemeente daarbij is aan de realisatie van particuliere initiatieven geen kosten voor de gemeente zijn verbonden (zowel plankosten als ook (ambtelijke) voorbereidingskosten en planschade). De gemeente heeft als streven zoveel mogelijk vast te leggen in anterieure overeenkomsten. Deze overeenkomsten zullen worden verbonden met de juridisch-planologische stukken (zoals bestemmingsplan, of projectafwijkingsbesluit en omgevingsvergunning) die nodig zijn voor de daadwerkelijke realisatie. In de volgende paragrafen wordt ingegaan op de regeling en de toepassing daarvan door de gemeente. Kostenverhaal Sinds de inwerkingtreding van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening zijn gemeenten in de volgende gevallen verplicht tot kostenverhaal op de initiatiefnemer van een ruimtelijke ontwikkeling: 1 Wanneer een initiatief mogelijk wordt gemaakt via een bestemmingsplan(herziening), een omgevingsvergunning met ruimtelijke onderbouwing of een wijzigingsplan en er sprake is van een bouwplan zoals genoemd in artikel 6.2.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), zie hieronder: De bouw van één of meer woningen; De bouw van één of meer andere hoofdgebouwen; De uitbreiding van één hoofdgebouw met tenminste 1.000 m 2 bruto vloeroppervlakte (bvo) of met één of meer woningen; De verbouwing van één of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik waren, voor woondoeleinden, mits tenminste 10 woningen worden gerealiseerd; De verbouwing van één of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik waren, voor detailhandel, dienstverlening, horeca- of kantoordoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies tenminste 1.500 m 2 bvo bedraagt; De bouw van kassen met een oppervlakte van tenminste 1.000 m 2. In voornoemde gevallen geldt de plicht tot het vaststellen van een (publiekrechtelijk) exploitatieplan zoals bedoeld in artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening. Het exploitatieplan volgt 1 Er moet sprake zijn van te verhalen kosten, die worden gemaakt door de gemeente, en het moet ook gaan over ruimtelijke ontwikkelingen in relatie tot grondexploitatie 108
daarbij de procedure van het planologische besluit, waarbij in het geval van bijvoorbeeld een bestemmingsplan, tegelijkertijd met de vaststelling van dat plan eveneens een exploitatieplan wordt vastgesteld. Aan de hand van de kostensoortenlijst in artikel 6.2.3 t/m 6.2.5 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt in het exploitatieplan aangegeven welke kosten voor de betreffende ontwikkeling worden gemaakt. Aan de hand van die opsomming wordt een bijdrage berekend aan diegene die de opbrengsten van een bepaalde ontwikkeling, bijvoorbeeld woningbouw, ontvangt. De feitelijke afrekening hiervan vindt plaats bij de afgifte van de omgevingsvergunning voor het bouwen. Een gemeente hoeft geen exploitatieplan op te stellen indien het kostenverhaal al op een andere manier geregeld is ( anderszins verzekerd ) en tevens locatie-eisen en regels voor woningbouwcategorieën niet nodig zijn of op een andere manier zijn geregeld. Deze situatie kan zich voordoen als met de eigenaar van een locatie een exploitatieovereenkomst wordt gesloten. Ook is het mogelijk dat de gemeente zelf grond uitgeeft, waardoor gemaakte kosten kunnen worden versleuteld in de gronduitgifteprijs. Kostenverhaal in relatie tot de structuurvisie De Wet ruimtelijke ordening geeft een direct verband aan tussen de mogelijkheden voor kostenverhaal en het instrument structuurvisie. Dit heeft betrekking op bovenplanse verevening (artikel 6.13 lid 7 Wro) en de bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen (artikel 6.24 Wro). Zolang de kosten die worden gemaakt voor voorzieningen direct toewijsbaar of toerekenbaar zijn aan één of meer ontwikkelingslocaties, is er geen relatie met de structuurvisie. In het kader van bovenplanse verevening is de structuurvisie wel van belang. De Wro biedt namelijk de mogelijkheid verevening van exploitaties in de vorm van een fondsbijdrage in de exploitatieopzet van een exploitatieplan op te nemen, mits voor deze locaties een structuurvisie is vastgesteld. Uit de structuurvisie moet derhalve de bovenplanse verevening te herleiden zijn, alsmede de ruimtelijke en/of functionele relatie tussen beide exploitatiegebieden. De structuurvisie kent ook een directe koppeling met (anterieure) overeenkomsten, voor zover het financiële bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen betreft. Voorwaarde is wel dat er een structuurvisie vastgesteld is, waarin de ruimtelijke samenhang van de ruimtelijke ontwikkeling waarvoor een bijdrage wordt gevraagd is aangegeven (het profijtgebied ). Bovenplanse verevening De regeling ten aanzien van bovenplanse verevening (artikel 6.13 lid 7 Wro) komt er op neer dat de tekorten in de grondexploitatie van de ene locatie worden gedekt door de positieve resultaten van een andere locatie, onder de voorwaarde dat een samenhang tussen beide locaties bestaat. Daar waar in artikel 6.13 lid 7 van de wet (Wro) wordt gesproken over bovenplanse kosten, worden deze in de structuurvisie aangeduid als bovenplanse verevening. Een voorbeeld betreft de kosten voor herstructurering van een bestaand bedrijventerrein, dat samenhangt met een nieuw te ontwikkelen bedrijventerrein. Bovenplanse verevening kan voor meerdere locaties of gedeeltes daarvan in de exploitatieopzet worden opgenomen in de vorm van een fondsbijdrage, indien er voor deze locaties of gedeeltes daarvan een structuurvisie is vastgesteld, welke aanwijzingen geeft 109
over de bestedingen die ten laste van het fonds kunnen komen. Bovenplanse verevening is mogelijk via een exploitatieplan, maar ook via een anterieure overeenkomst. De criteria profijt, proportionaliteit en toerekenbaarheid zijn van toepassing bij een exploitatieplan. Hieronder wordt het volgende verstaan: Profijt: de ontwikkellocatie moet nut ondervinden van de te treffen werken, maatregelen of voorzieningen. Deze toets geldt alleen voor de locatie als geheel, niet per bouwperceel binnen een locatie. De wetgever gaat ervan uit dat bijvoorbeeld het opheffen van een stankcirkel binnen een gebied ten gunste komt van het gehele plangebied en niet een gedeelte ervan; Toerekenbaarheid: er moet een causaal verband zijn tussen de gebiedsontwikkeling en de kosten. De werken, maatregelen en voorzieningen zouden niet aan de orde zijn zonder dat plan of de kosten worden mede gemaakte ten behoeve van dat plan; Proportionaliteit: indien meerdere gebieden profijt hebben bij een werk, maatregel of voorziening moeten deze naar evenredigheid (neergelegd in expliciet gemaakte verdeelmaatstaven) worden verdeeld. Dat betekent dat de gemeente transparant moet aanduiden langs welke criteria deze kosten zijn verdeeld. Bovenwijkse voorziening Voor een exploitatiegebied worden voorzieningen of maatregelen getroffen. Het gaat hierbij om de aanleg van een voorziening zoals genoemd op de kostensoortenlijst (6.2.5 Bro). Een bovenwijkse voorziening is een voorziening buiten een exploitatiegebied. De kosten van de aanleg van dergelijke voorzieningen komen voor verhaal in aanmerking via het exploitatieplan. Hierbij gelden de criteria profijt, proportionaliteit en toerekenbaarheid (zie hiervoor voor definities). De kosten van de aanleg van deze voorziening zijn ook op basis van een anterieure overeenkomst te verhalen. Criteria bij het bepalen of sprake is van een bovenwijkse voorziening zijn: Is er sprake van de aanleg van een voorziening als vermeld in artikel 6.2.5 Bro?; Ondervindt het exploitatiegebied profijt van de aanleg van de voorziening? Indien er sprake is van profijt, in welke mate is er sprake van profijt voor het exploitatiegebied en/of andere exploitatiegebieden? Om de kosten te kunnen verhalen is het niet noodzakelijk dat er een onderbouwing plaatsvindt in een structuurvisie, omdat ze via de kostensoortenlijst afdwingbaar zijn. Zekerheidshalve is er echter voor gekozen om in deze structuurvisie de bovenwijkse voorzieningen te benoemen en hiervoor een onderbouwing op te nemen. Voorgaande is opgenomen in paragraaf 1.2.4. van deze uitvoeringsparagraaf. Drie kostensoorten (de kosten voor aanleg van infrastructuur voor openbaar vervoer, de kosten van aanleg van nutsvoorzieningen en de kosten van openbaar toegankelijke gebouwde parkeervoorzieningen) kan de gemeente alleen in rekening brengen voor zover ze niet via gebruikstarieven kunnen worden gedekt. Alleen de zogenaamde onrendabele top is verhaalbaar. Kosten voor toekomstige grondexploitaties Soms legt men bij de ontwikkeling van een locatie al voorzieningen aan (mede) voor andere, in de toekomst te realiseren locaties. Van deze kosten is bijvoorbeeld sprake indien een 110
binnen het exploitatiegebied geplande ontsluitingsweg ruimer gedimensioneerd wordt dan voor de in voorbereiding zijnde locatie nodig is, omdat in de toekomst ook een andere nog te realiseren locatie er gebruik van zal maken. De gemeente kan de kosten van deze bovenwijkse voorzieningen weliswaar opnemen in de exploitatie van het huidige plangebied, maar moet bij de opbrengsten een reservering opnemen ten laste van de toekomstige locatie ter hoogte van het bedrag van de meerkosten. De opname van de genoemde kostensoort is dus vooral bedoeld om in de toekomst haar eerdere reservering weer terug te krijgen. Bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen Een anterieure overeenkomst over grondexploitatie is in principe vormvrij. Hierbij geldt echter dat uitsluitend bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen mogen worden gevraagd, als deze zijn opgenomen in de structuurvisie. In tegenstelling tot bovenplanse verevening en bij bovenwijkse voorzieningen gelden de drie criteria profijt, proportionaliteit en toerekenbaarheid niet voor bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen. Om een bijdrage te mogen vragen voor ruimtelijke ontwikkelingen, hoeft er (volgens de wet) dus niet perse een relatie tussen de betreffende (opbrengstgevende) ontwikkeling en de ruimtelijke ontwikkeling, waarvoor een bijdrage wordt gevraagd, te zijn. Uit de parlementaire geschiedenis blijkt echter dat dit wel als dusdanig bedoeld was, dus daarom is er voor gekozen de relatie zekerheidshalve op te nemen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen valt te denken aan de aanleg van natuurelementen en maatschappelijke voorzieningen, maar ook aan de verbetering van de infrastructurele voorzieningen van een gemeente, zo blijkt uit de toelichting van de Wet ruimtelijke ordening op dit onderdeel. Een ruimtelijke ontwikkeling maakt de uitvoering van meer algemeen gemeentelijk beleid, dat maatschappelijk relevant is, mogelijk. Als voorwaarde voor het vragen van bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen geldt echter wel dat deze ruimtelijke ontwikkelingen moeten zijn benoemd in de structuurvisie. Pas dan kan een gemeente aan een initiatiefnemer een bijdrage vragen in de door haar te maken kosten voor een bepaalde ruimtelijke ontwikkeling. Voor een overeenkomst gelden uiteraard de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (a.b.b.b.) en de algemene eisen van het Burgerlijk Wetboek. Dit betekent dat de gevraagde bijdrage altijd in verhouding zal moeten staan tot de betreffende ontwikkeling, die aan de ruimtelijke ontwikkeling bijdraagt. De bijdrage voor ruimtelijke ontwikkelingen mag alleen in een anterieure overeenkomst worden opgenomen. Bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen zijn niet mogelijk via het exploitatieplan of via een posterieure overeenkomst. In paragraaf 1.2.5. is aangegeven welke ruimtelijke ontwikkelingen in de planperiode van deze visie (tot 2021)worden voorzien en welke (potentiële) kostendragende locaties hiervan profijt hebben, dus wat het verzorgingsgebied van de ruimtelijke ontwikkelingen is. Nieuwe initiatieven in dat verzorgingsgebied, die voldoen aan het begrip bouwplan zoals genoemd in artikel 6.2.1. van het Bro, worden geacht bij te dragen in de kosten voor de algemene ruimtelijke ontwikkeling, in het geval een exploitatieovereenkomst wordt gesloten. Hiermee wordt de ruimtelijke relatie tussen kostenpost en de opbrengst opleverende locaties gelegd in deze structuurvisie. 111
Begrippenlijst 2 Anterieure overeenkomst Een overeenkomst over grondexploitatie, die wordt gesloten tussen de gemeente en een particuliere eigenaar vóór de vaststelling van een planologische maatregel; Bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen Een financiële vergoeding van een initiatiefnemer aan de gemeente voor in een vastgestelde structuurvisie vastgelegde ruimtelijke ontwikkelingen, als bedoeld in artikel 6.24, lid 1, sub a Wro; Bovenwijkse voorziening Een voorziening, die van nut is voor het exploitatiegebied en voor één of meer andere gebieden; Bovenplanse verevening Het, naast de kosten, bijdragen vanuit winstgevende exploitatiegebieden ter (gedeeltelijke) dekking van een tekort in de grondexploitatie in een ander exploitatiegebied; Exploitatiebijdrage De door een particuliere eigenaar op grond van een anterieure of posterieure overeenkomst, dan wel via een omgevingsvergunning, aan de gemeente verschuldigde vergoeding in de kosten van de grondexploitatie; Exploitatiegebied Een als zodanig aangewezen gebied in het exploitatieplan; Exploitatieplan Een plan als bedoeld in artikel 6.12 Wro; Kostensoortenlijst De lijst, zoals opgenomen in artikel 6.2.3 t/m 6.2.5 van het Besluit ruimtelijke ordening, die een overzicht geeft van kosten die op grond van de Wet ruimtelijke ordening moeten worden verhaald op de initiatiefnemer van een ontwikkelingslocatie; Posterieure overeenkomst Een overeenkomst over grondexploitatie, die wordt gesloten tussen de gemeente en een particuliere eigenaar na de vaststelling van een exploitatieplan; Profijt Een ontwikkellocatie ondervindt nut van de te treffen werken, maatregelen of voorzieningen. Deze toets geldt alleen voor de locatie als geheel, niet per bouwperceel binnen een locatie. De wetgever gaat ervan uit dat bijvoorbeeld het opheffen van een stankcirkel binnen een gebied ten gunste komt van het gehele plangebied en niet een gedeelte ervan; 112 2 Gebaseerd op de begrippenlijst in de Handreiking Grondexploitatiewet, 2008, ISBN: 9789012123419
Proportionaliteit Indien meerdere gebieden profijt hebben bij een werk, maatregel of voorziening moeten de kosten naar evenredigheid (neergelegd in expliciet gemaakte verdeelmaatstaven) worden verdeeld. Dat betekent dat de gemeente transparant moet aanduiden langs welke criteria deze kosten zijn verdeeld. Toerekenbaarheid Er moet een causaal verband zijn tussen de gebiedsontwikkeling en te maken kosten. De werken, maatregelen en voorzieningen zouden niet aan de orde zijn zonder dat plan of de kosten worden mede gemaakte ten behoeve van dat plan. Financieel-economische uitvoerbaarheid In de structuurvisie staat het beoogde ruimtelijk beleid van de gemeente Lingewaard beschreven voor de komende tien jaar. Het is een visie, waarin vooral de belangrijkste ontwikkelingen staan beschreven. De realisatie van deze ontwikkelingen dient te worden georganiseerd en gefinancierd. Projecten die niet kunnen worden bekostigd, kunnen ook niet worden gerealiseerd. Dat wil echter niet zeggen dat elk project ook zijn eigen kosten moet dragen. Het is mogelijk om met externe geldstromen (geldstromen van buiten) ontwikkelingen te realiseren. Subsidies zijn daar een eenvoudig voorbeeld van. In dit hoofdstuk wordt aangegeven van welke ontwikkelingen de gemeente verwacht opbrengsten te kunnen inzetten voor de financiering van andere projecten en voor welke ontwikkelingen de gemeente deze opbrengsten dan wil inzetten. Kostendragende locaties In de hierna volgende overzichten staan de belangrijkste kostendragende locaties genoemd. Kostendragende locaties zijn locaties waar, naast kosten, ook substantiële opbrengsten zijn te verwachten. Uitgangspunt van de gemeente is dat deze locaties een financiële bijdrage leveren aan de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen (veelal verfraaiing van het landschap, ontwikkeling van natuur en groen) of vereveningslocaties, waarbij geen of weinig opbrengsten te verwachten zijn. Voor de naamgeving en ligging van de locaties wordt verwezen naar bijgevoegde kaartbeelden. De kostendragende locaties zijn met de wetenschap van nu benoemd. Het navolgende overzicht is niet star of uitputtend. Met het opnemen van deze locaties geeft de gemeente het streven aan dat ze bij deze locaties substantiële opbrengsten verwacht en dat ze daarmee kunnen bijdragen aan de realisatie van de ruimtelijke ontwikkelingen en vereveningslocaties in deze visie. Het kan uiteraard zo zijn dat bij de uitwerking van een locatie blijkt dat de verwachtingen (naar beneden) moeten worden bijgesteld. Ook kan voorkomen dat locaties die wel in deze visie zijn benoemd, vooralsnog niet als kostendragend zijn aangemerkt, terwijl ze dat in de toekomst wel blijken te zijn. De gemeente kan dan ook bij die locaties vragen om een bijdrage. 113
kostendragende locaties Huissen Driegaarden Huissense uiterwaard Agropark II Herontwikkeling voormalig veilingterrein Pannenhuis II Angeren Houtakker II Bemmel Haalderen De Bongerd en Vleumingen West Gendt Doornenburg Martinus Mark Lange Oosterwijk 114
Overigens zullen zich in de praktijk, naast genoemde grote ontwikkelingen, kleinere initiatieven voordoen die passen binnen de doelstellingen van de structuurvisie. Deze kleinere initiatieven worden niet specifiek genoemd in deze structuurvisie. Voor alle bouwplannen met een omvang groter dan de grens van één woning (etc., zoals genoemd in het Besluit ruimtelijke ordening), waarvoor nog een planologisch besluit moet worden genomen, geldt dat hiervoor een verplichting geldt tot kostenverhaal en hierop eveneens de bepalingen met betrekking tot bovenplanse verevening, bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen en bovenwijkse voorzieningen van toepassing zijn. Het betreft dus meer locaties dan enkel de grotere ontwikkelingen, die in de navolgende opsomming zijn opgenomen. Huissen Zand- en kleiwinning Huissense uitwaard Bedrijventerrein Agropark II Bedrijventerrein Pannenhuis II Driegaarden (ca. 525 woningen) Herontwikkeling voormalig veilingterrein: De gemeente zal bij de herontwikkeling van het voormalig veilingterrein een faciliterende rol vervullen. De herontwikkeling dient voor de gemeente budgetneutraal plaats te vinden. Kostenverhaal zal worden toegepast. Alle ontwikkelingskosten zijn voor risico en rekening van ontwikkelende partij(en). Bemmel Bedrijventerrein Houtakker II Gendt De Bongerd (ca. 148 woningen) Vleumingen West (ca. 225 woningen) Martinus Mark (ca. 50 woningen) Doornenburg Lange Oosterwijk (ca. 90 woningen) In voorgaande structuurvisie zijn uiteraard veel meer rode ontwikkelingslocaties benoemd. De gemeente heeft echter de verwachting dat een aantal van deze locaties geen potentie hebben tot het generen van (substantiële) opbrengsten. Daarnaast is voor een groot deel van de locaties, waaronder diverse woningbouwlocaties, reeds een overeenkomst met de initiatiefnemer gesloten. Bovenplanse verevening (artikel 6.13 lid 7 Wro) Volkshuisvesting Het volkshuisvestelijk beleid van de gemeente is erop gericht dat voor alle inkomenscategorieën voldoende woonruimte beschikbaar is van voldoende kwaliteit. De komende 10 jaar verwacht de gemeente een grote vraag naar woningen voor de doorstroom in de prijsklasse 2 tot 3 ton en leeftijdsbestendige woningen. Lingewaard bouwt daarbij niet alleen voor zichzelf, maar ook 115
voor mensen uit de regio, afkomstig van onder andere Arnhem en Nijmegen. Voor deze groep worden vooral woningen in Huissen gebouwd, maar ook in Bemmel. In de overige kernen wordt voornamelijk voor eigen behoefte gebouwd. Het bouwen van middendure woningen voor doorstroom en leeftijdsbestendige woningen is weliswaar uitgangspunt, maar het kan zo zijn dat vanuit het aspect landschap, cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit toch voor andere woningtypen wordt gekozen, danwel een groter aandeel van bijvoorbeeld duurdere woningen. Te denken valt aan landgoederen, vrijkomende agrarische bebouwing, het willen behouden van zichtlijnen langs de dijk of karakteristieke weilandjes en boomgaarden binnen de kern, versterking van bestaande lintbebouwing etc.. Hier zijn bijvoorbeeld juist grotere kavels met vrijstaande bebouwing gewenst in plaats van bijvoorbeeld rijwoningen. Indien afgeweken wordt van de woonwensen van de gemeente op een locatie, dan dient elders compensatie te worden gevonden. Compensatie kan op verschillende manieren. Dit kan door een programmatische bovenplanse verevening of een financiële bovenplanse verevening. In het eerste geval wordt afgesproken het tekort aan een bepaald type woningen in het ene plan te compenseren in een ander plan, zodat het woningbouwprogramma van beide locaties samen weer voldoet aan de verdeling. In het tweede geval worden afspraken gemaakt over een financiële bijdrage die het mogelijk maakt om op een andere toekomstige locatie het tekort aan goedkopere woningen te compenseren. Binnen de gemeente zijn, voorzover nu op basis van de structuurvisie bekend, geen locaties aan de orde die in aanmerkingen komen voor bovenplanse verevening. Bovenwijkse voorzieningen (artikel 6.2.5 Bro) De volgende projecten worden op basis van artikel 6.2.5 gedefinieerd als een bovenwijkse voorziening: Waterberging De gemeente Lingewaard werkt samen met het waterschap aan een waterbank. Dit houdt in dat bij ontwikkelingen waarbij het verhard oppervlak met 500m2 tot 1500 m2 toeneemt, de behoefte aan waterberging kan worden gecompenseerd buiten het plangebied van de ontwikkeling, maar wel binnen hetzelfde peilgebied. Hiertoe zijn in het gemeentelijk Waterplan plekken aangeduid die nader worden onderzocht. De aanleg van waterbergingsgebieden is afhankelijk van ontwikkelingen, die een verhard oppervlak tot gevolg hebben. Infrastructurele aanpassingen In de visie is aangegeven dat de gemeente Lingewaard veel waarde hecht aan afstemming tussen mobiliteit en ruimtegebruik. Om een optimale ontsluiting van opbrengstlocaties mogelijk te maken, is het noodzakelijk dat infrastructurele aanpassingen worden gerealiseerd. Groenvoorzieningen De gemeente Lingewaard zet met haar visie in op een leefbare woonkern, waarin aandacht is voor de identiteit van de kern. De inpassing van ruimtelijke ontwikkelingen met onder andere groenvoorzieningen vraagt aandacht. Dit is bijvoorbeeld aan de orde bij de voormalige begraafplaats behorende bij de Martinuskerk te Gendt. 116
Ruimtelijke ontwikkelingen (artikel 6.24 Wro) Op grond van artikel 6.24 Wro kan de gemeente bij het aangaan van een overeenkomst over grondexploitatie afspraken maken over financiële bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen op basis van een vastgestelde structuurvisie. De gemeente is voornemens van deze regeling gebruik te maken voor de realisatie van een aantal ruimtelijke ontwikkelingen, die in deze visie zijn opgenomen. In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van deze ruimtelijke ontwikkelingen die de gemeente de komende tien jaar beoogt te realiseren, mits er voldoende samenwerkingspartners en financieringsmogelijkheden gevonden worden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in regionale en gemeentelijke projecten. Ook wordt een zachte tijdsfasering aangegeven. Mogelijk kunnen onderdelen sneller uitgevoerd worden vanuit een andere prioriteitsstelling door andere beleidsvelden. In algemene zin kan gesteld worden dat alle hieronder genoemde ruimtelijke ontwikkelingen een positieve bijdrage leveren aan de verbetering, versterking en ontwikkeling van het imago en de uitstraling van de gehele gemeente en/of regio. Iedereen heeft daar profijt van: bewoners, arbeiders, passanten, recreanten etc. De ruimtelijke ontwikkelingen hebben veelal een ruim verzorgingsgebied, een gebied dat van de betreffende ontwikkeling voordeel heeft. Voor enkele kostendragende locaties kan een ruimtelijke ontwikkeling een bovenwijkse voorziening, zoals bedoeld in de kostensoortenlijst van het Besluit ruimtelijke ordening, worden. Duidelijk mag zijn dat voor zover kosten vallen onder het begrip bovenwijkse kosten, ze niet vallen onder de bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen. Regionale ontwikkelingen Uiterwaarden toegankelijk en recreatief aantrekkelijk maken Een belangrijke opgave voor de inwoners van de Stadsregio Arnhem Nijmegen is het toegankelijker maken van de natuur en groene ruimte in de uitwaarden met heldere aangegeven en doorlopende wandel- en fietsroutes. Natuur en waterberging spelen hierbij een belangrijke rol. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van de ontwikkeling van de uitwaarden. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele Stadsregio Arnhem Nijmegen. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Park Lingezegen Park Lingezegen moet een oplossing bieden voor het tekort aan recreatief toegankelijke groene ruimte dichtbij de woonwijken. Het park maakt deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur en heeft daarmee de status van beschermd gebied. Behoud van groene ruimte, natuurontwikkeling en ruimte voor recreatie staan centraal. Voor een concrete visie voor dit park en de uitwerking en doelstellingen per deelgebied wordt verwezen naar de intergemeentelijke structuurvisie Park Lingezegen. Met deze intergemeentelijk structuurvisie is het beleid voor het plangebied van Park Lingezegen vastgelegd. Deze intergemeentelijke structuurvisie vormt, ook na vaststelling van voorliggende gemeentelijke structuurvisie, de leidraad voor de beoordeling van nieuwe plannen en initiatieven. 117
De gemeente Lingewaard heeft een bestuursovereenkomst getekend, en daarmee toegezegd een financiële bijdrage te leveren. De gemeente wenst deze bijdrage op profijtlocaties te verhalen. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben immers profijt van de realisatie van het park. Het park maakt de gemeente tot een meer aantrekkelijke gemeente. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente Lingewaard. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Glastuinbouwgebieden Binnen het gebied Bergerden en herstructureringsgebied Huissen-Angeren wordt gewerkt aan een schaalvergroting en innovatieve glastuinbouw. Meer oppervlakte glastuinbouw betekent ook meer waterberging. Het collectief regelen van waterberging behoort tot de mogelijkheden. De gemeente zou hiervoor collectief waterberging kunnen realiseren. Zowel huidige gebruikers als toekomstige gebruikers binnen de glastuinbouwgebieden hebben profijt van deze waterbergingsgebieden. De verzorgingsgebieden zijn de glastuinbouwgebieden Bergerden en Huissen-Angeren. Alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, binnen deze plangebieden leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. In het herstructureringsgebied Huissen-Angeren zijn veel de kassen verouderend, daarnaast is er sprake van kleinschalige verkaveling. Gemeente zet in op het een toekomstbestendiger glastuinbouwgebied met een verbeterde infrastructuur en gebiedsontsluiting. Daarnaast zet ze in op het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit door middel van goede landschappelijke inpassing, landschappelijke verfraaiing en verbetering van het recreatieve routenetwerk. Zowel huidige gebruikers als toekomstige gebruikers binnen het herstructureringsgebied Huissen- Angeren hebben profijt van deze gebiedsontwikkeling. Het verzorgingsgebied is het herstructureringsgebied Huissen-Angeren. Alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, binnen dit plangebied leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Omgeving Fort Pannerden Het landschap rond Fort Pannerden heeft vanuit recreatief oogpunt gezien potentie. Hierbij wil de gemeente zich richten op een optimale beleving van cultureel erfgoed en natuur waarbij ook oog is voor een goede bereikbaarheid van het fort en omgeving. Tot dit project behoort onder andere het verbeteren van de herkenbaarheid van Sterrenschans, restauratie van voormalige wallen en gracht. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt deze gebiedsontwikkeling. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Uitbouwen hoogwaardig openbaar vervoer Arnhem Nijmegen en Arnhem - Huissen De bevolkingstoename tussen de rivieren verhoogt de druk op de bestaande wegenstructuur. Door de gemeente loopt inmiddels een hoogwaardig openbaar vervoer (HOV) verbinding in 118
noord-zuid-richting (buslijn 300). De gemeente streeft naar het verbinden van HOV met goed bereikbare plekken in de wegenstructuur (bij Bemmel/A15) en het ontwikkelingen van goede halte-plaatsen bij grote woningbouwlocaties en bedrijvigheid. HOV moet een reden hebben om in onze gemeente op een aantal gewenste plekken te stoppen. Met de realisatie van een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding tussen Arnhem en Huissen beoogt de gemeente een betere verbinding in noord-zuid richting op meer lokaal niveau. Hiertoe zal naar verwachting de trolleyverbinding vanuit Arnhem richting Huissen worden doorgetrokken. Ten slotte is een snelle verbinding in oost-west richting (tussen Zevenaar en Tiel) gewenst. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van de ontwikkeling van het HOV netwerk. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele Stadsregio Arnhem Nijmegen. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Recreatief routenetwerk De gemeente zet in op de realisatie van langzame verbindingen met bijbehorende voorzieningen (bijv. picknickplekken). Met langzame verbindingen worden bijvoorbeeld fiets- en wandelpaden of ruiterpaden bedoeld. Wandelmogelijkheden worden hiertoe geïnventariseerd en waar mogelijk verbeterd, mede door de realisatie van nieuwe verbindingen. Ook andere vormen van routegebonden recreatie (bijv. skeeleren, kanovaren) en de toegankelijkheid voor iedereen (ook minder-validen) verdienen aandacht. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van een goed recreatief routenetwerk. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente en alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Ontwikkeling Toeristische Overstappunten (TOP s) Uit de visie blijkt dat de gemeente inzet op de realisatie en aankleding van TOP s. Hierbij moet worden voorzien in parkeergelegenheid en de daarbij horende voorzieningen als overstap naar het recreatieve netwerk. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van deze TOP s. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente en alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling Lokale ontwikkelingen In het door de gemeenteraad vastgestelde Landschapsontwikkelingsplan (LOP) van 2006 is het landschapsbeleid voor het buitengebied van de gemeente vastgelegd. In het LOP worden concrete projecten benoemd die gezien kunnen worden als ruimtelijke ontwikkeling. Alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, gelegen in het buitengebied van de gemeente (waaronder ontwikkelingen in het kader van de functieveranderingsregeling) leveren een financiële bijdrage aan deze in het LOP genoemde ruimtelijke ontwikkelingen. Hiervoor is een Landschapsontwikkelingsfonds ingesteld. 119
Waterberging De gemeente Lingewaard werkt samen met het waterschap aan een waterbank voor nieuwe ontwikkelingen. Daarnaast is in een aantal kernen sprake van een tekort aan waterberging, in verhouding tot wat is gebouwd. Het betreft de kernen Gendt, Angeren en Doornenburg. De gemeente moet hier extra waterberging realiseren. Zowel huidige gebruikers in en nabij de kernen als toekomstige gebruikers hebben profijt van deze waterbergingsgebieden. Het verzorgingsgebied is dan ook per waterbergingsgebied de betreffende kern plus de directe omgeving. Alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, binnen de stedelijke ontwikkelingscontour van die kern leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Kwalitatieve wateropgaven De gemeente Lingewaard zet in op een biologisch gezond watersysteem. Hiertoe zijn robuuste watergangen, natuurvriendelijke oevers en extra verbindingen ten behoeve van voldoende circulatie noodzakelijk. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van een gezond watersysteem. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente en alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Verbeteren relatie Bemmel en Park Lingezegen Het groen van Park Lingezegen moet vanuit de woonkern Bemmel te voet en per fiets bereikbaar zijn. Het parklandschap is immers bedoeld als toegankelijke groene ruimte voor de inwoners. Overbrugging van de huidige N15 wordt nagestreefd. Deze overbrugging staat in ieder geval centraal bij het eventueel doortrekken van de A15. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van het verbeteren van deze relatie. Het verzorgingsgebied is dan ook de kern Bemmel en Ressen met de nabije omgeving. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in en nabij de kern Bemmel leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Ontwikkeling dijkzone Zoals in de visie aangegeven vindt de gemeente het zeer belangrijk de cultuurhistorische waarden van de dijken en bijbehorende dijkzones te behouden en waar mogelijk te verbeteren en versterken. Herstel en verdere ontwikkeling van deze cultuurhistorische waarden is van groot belang voor de leesbaarheid van het landschap, maar ook voor de beleving van de eigen gemeentelijke historie. Cultuurhistorie moet in de dijkzone het uitgangspunt vormen bij ontwikkeling, hetgeen bijvoorbeeld functieverandering tot gevolg kan hebben. Een voorbeeld hiervan is het restaureren van nog bestaande restanten van baksteenfabricage (loodsen, schoorstenen, terreinen, oude aan- en afvoerroutes, etc.) waarbij zo mogelijk nieuwe functies worden toegekend. Aan de ontwikkeling van de dijkzone zal ook invulling worden gegeven met het woerdenproject en het wielenproject. Bij het woerdenproject wordt gestreefd naar herkenbaarheid van de woerden en het herstel van cultuurhistorische elementen op de woerden. Bij het wielenproject gaat het om het restaureren van circa 20 wielen, waarbij ook aandacht uit gaat naar de 120
het toegankelijk maken en aantrekkelijk maken van de wielen voor recreanten. Nieuwe en op te knappen paden naar de wielen worden op het bestaande routenetwerk aangehaakt. Een onderdeel van het project is bijvoorbeeld het aanleggen van een pad over de onderhoudsstrook van de dijk. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van het herstel van deze cultuurhistorische waarden. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Kazematten In de gemeente Lingewaard bevindt zich een aantal kazematten en andere restanten van de koude oorlog waarbij herstel en vergroting van de herkenbaarheid gewenst is. De gemeente wil hierop inzetten en de samenhang tussen de kazematten verbeteren. Daarnaast wil ze nieuwe functies toekennen, bijvoorbeeld door aanleg van een nieuwe fietsroute tussen de kazematten. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van het herstel van deze cultuurhistorische waarden. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Karakteristieke landschapselementen Hoogestamboomgaarden en karakteristieke beplanting en wegbeplanting zijn beeldbeplalend in het Lingewaardse landschap. De gemeente zet op diverse plekken in op aanleg van deze karakteristieke landschapselementen. Specifiek zet ze in op het ruimtelijk versterken van het contrast open/ dicht aan de randen van het komgebied door middel van versterking/ aanleg wegplanting langs oude bewoningslinten en versterking van erfbeplanting op de oeverwallen. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt deze ontwikkeling. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Beplanting om bedrijventerrein Gendt-Bemmel De gemeente wil landschappelijke beplanting toevoegen rondom bedrijventerrein Gendt-Bemmel ten westen van de Kommerdijk. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van deze beplanting. Het verzorgingsgebied is het bedrijventerrein Gendt-Bemmel met de nabije omgeving. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in en nabij het bedrijventerrein leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Oeverontwikkeling Linge en Haaldersche Zeeg Er wordt door de gemeente ingezet op de ontwikkeling van een brede multifunctionele zone langs de Linge, de zogenaamde Lingezone. Het doel is de ontwikkeling van een brede zone 121
langs de Linge, met een multifunctioneel karakter. Binnen deze zone worden de mogelijkheden voor natuur, water en recreatie versterkt en blijft ook ruimte bestaan voor extensief landbouwkundig gebruik (agrarisch natuurbeheer). Daarnaast wordt de Haaldersche Zeeg voorzien van ecologische oevers met een fiets- / wandelverbinding. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt deze ontwikkeling. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente. Alle ontwikkelingslocaties, inclusief particuliere initiatieven, in de gemeente leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. De lokale ring De ring op de oeverwallen vormt de verbindingsweg tussen de kernen en vormt een belangrijke ontsluitingsweg richting de grotere wegen. Deze ring is geschikt voor dagelijkse verplaatsingen. De oriënterende werking van de ring behoeft verbetering. Daarnaast verdienen oversteekbaarheid, veiligheid en leefbaarheid in de kernen langs de ring aandacht. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van een verbeterde lokale ontsluitingsweg. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente en alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. De dijk De dijk wordt, naast recreërende wandelaars en fietsers, gebruikt door auto s. Verkeersveiligheid verdient dan ook aandacht, zodat recreanten zich veilig over de dijk kunnen verplaatsen, zonder het dagelijks verkeer op de dijk te belemmeren. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van een verbeterde lokale ontsluitingsweg. Het verzorgingsgebied is dan ook de gehele gemeente en alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Maken en verbeteren van verkeersverbindingen Zoals in de visie is aangegeven hecht de gemeente veel waarde aan verbeteringen in de verkeers- en vervoersinfrastructuur. In dit kader hebben de volgende projecten, naast bovenstaande en genoemde regionale projecten, voor wat betreft wegverkeer en langzaam verkeer prioriteit: De realisatie van een verbinding vanuit het westen van Huissen naar de A325; De verbetering van de fietsverbinding tussen Huissen en Arnhem-Zuid; De realisatie van de westelijke ontsluiting (Dorpensingel Oost) tussen Bemmel en de Ovatonde (A325); Verbeteren oversteekbaarheid en leefbaarheid traverse Haalderen (v.d. Mondeweg); De realisatie van parkeervoorzieningen in het centrum van Huissen; De realisatie van een fietsoverzetveer Bemmel - Ooij. Het verbeteren van de leefbaarheid in woonkernen door middel van maatregelen om het doorgaand (vracht-) verkeer terug te dringen. Zowel huidige gebruikers (bewoners, recreanten, arbeiders, passanten etc.) als toekomstige gebruikers hebben profijt van verbeterde verkeersverbindingen. Het verzorgingsgebied is dan 122
ook de gehele gemeente. Alle ontwikkellocaties, inclusief particuliere initiatieven, leveren een financiële bijdrage aan deze ruimtelijke ontwikkeling. Lokale economie Voor de leefbaarheid van de kernen in de gemeente zijn voorzieningen van groot belang. Het gaat dan om voorzieningen van goede kwaliteit en voorzieningen die goed bereikbaar zijn. De gemeente streeft naar een versterking van de economische activiteit in en rond het Huissense centrum. Ook voor de overige kernen wordt behoud van voorzieningen van belang geacht. Een bundeling van economische activiteiten moet hieraan bijdragen. Hiermee kan het karakter en de uitstraling van de centrumgebieden worden versterkt. Het gaat enerzijds om de gebouwde omgeving, maar ook om het herinrichten van de openbare ruimte. Voor de herinrichting van de openbare ruimte in de centrumgebieden wil de gemeente alle ontwikkelingslocaties en particulieren initiatieven in de kernen een financiële bijdrage laten leveren. Het verzorgingsgebied wordt dan ook gevormd door de kern waarbinnen de herinrichting wordt gerealiseerd. Ontwikkellocaties en particuliere initiatieven binnen deze kern leveren een financiële bijdrage. Het gaat niet om een bijdrage ten behoeve van de exploitatie. Het verzorgingsgebied beperkt zicht echter niet alleen tot de kern zelf. Inwoners van vrijwel alle kernen maken gebruik van de voorzieningen in Huissen, Bemmel en Gendt. Daarnaast zijn de gebruikers van het buitengebied aangewezen op de voorzieningen in de kernen. Voorzieningen Voor de leefbaarheid van de kernen in de gemeente zijn maatschappelijke voorzieningen van groot belang. Het gaat dan om voorzieningen van goede kwaliteit, die goed bereikbaar zijn. De gemeente streeft naar versterking en behoud van het aanbod. Hierbij kan worden gedacht aan: De bouw of renovatie van scholen waarbij ook voldoende gymnastiekruimte wordt gerealiseerd. Het gaat onder andere om de volgende scholen: de Zilverzwaan te Huissen en het OBC De Heister te Bemmel De realisatie van multifunctionele accommodaties, namelijk het kulturhus Gendt, De Kinkel te Bemmel, multifunctioneel centrum te Huissen en de stadsgehoorzaal te Huissen; De bouw van sporthallen, namelijk de sporthal Angeren-Huissen en de sportzaal te Bemmel. Voor de realisatie van maatschappelijke voorzieningen wil de gemeente alle ontwikkelingslocaties en particuliere initiatieven een financiële bijdrage laten leveren. Het verzorgingsgebied wordt dan ook gevormd door de gehele gemeente. Nota bovenwijkse voorzieningen Voor de bovenwijkse voorzieningen zal een Nota fonds bovenwijkse voorzieningen worden opgesteld. De ruimtelijke ontwikkelingen zijn in deze uitvoeringsparagraaf genoemd. 123
Maatschappelijke haalbaarheid Procedure structuurvisie De nieuwe Wet ruimtelijke ordening bepaalt dat het opstellen van een structuurvisie vorm- en procedurevrij is. Echter voor goede ruimtelijke plannen en een snelle totstandkoming en uitvoering daarvan is het creëren van maatschappelijk draagvlak essentieel. Door (groepen) burgers en maatschappelijke organisaties in een vroeg stadium bij de ontwikkeling van ruimtelijk beleid te betrekken en te laten meedenken over de formulering van het beleid kan draagvlak ontstaan. Om die reden zijn tijdens de totstandkoming van de visie discussies in het veld gehouden. Aan het begin hebben sessies plaatsgevonden waarbij burgers, verenigingen, organisaties en de gemeenteraad mee hebben kunnen praten over de inhoud van deze visie. Voor nadere informatie over deze bijeenkomsten wordt verwezen naar het navolgende hoofdstuk Discussie in deze structuurvisie. Inspraakverordening De gemeente heeft er voor gekozen om conform haar eigen inspraakverordening de visie voor een ieder ter inzage te leggen. Hieronder zijn de resultaten van de inspraak weergegeven. Eveneens is overleg gevoerd met de bij de structuurvisie betrokken instanties. Resultaten inspraak en advies Voor de verwerking van de resultaten van de inspraak en de adviezen van andere overheden en organisaties is een aparte reactienota opgesteld die als bijlage bij deze structuurvisie ook is vastgesteld. In alle reacties speelden twee thema s een hoofdrol: glastuinbouw en de verkeersstructuur. In een aantal reacties is gevraagd om het reservegebied Kamervoort voor uitbreiding van de glastuinbouw en de zoekzone voor een blijvende cluster glastuinbouw bij Gendt te handhaven. Het in stand houden van grote reserve-uitbreidingen voor nieuw glas kan echter niet worden verantwoord vanuit een reële behoefte. Tegelijkertijd zijn deze ruimtereserveringen wel een blokkade voor alle andere ontwikkelingen, zoals functieverandering. Ook voor de glastuinbouw kiezen we voor efficiënt ruimtegebruik. Daarnaast spant de gemeente zich in voor de herstructurering en ondersteunen we ontwikkelingen die leiden tot verduurzaming van bijvoorbeeld het energiegebruik of het waterbeheer. We kiezen voor concentratie en verduurzaming, en niet voor het in stand houden van grote reserve-uitbreidingen. Tussen de Kamervoort en de Kampsestraat blijft wel een kleinere reserveruimte gereserveerd. Het tweede dominante thema was de wegenstructuur en dan met name de zaken waar regionaal overleg voor nodig is of waarvan de gemeentelijke visie afwijkt van die van andere overheden. Het klopt dat een aantal zaken nog in studie of discussie zijn of dat nog procedures moeten worden doorlopen. Dit betreft de uitbouw van het hoogwaardig openbaar vervoer, de bovenlokale verkeers-afwikkeling en de doortrekking van de A15. Vandaar dat we in deze structuurvisie ook aangeven hoe onze gemeente die thema s ziet en wat we graag gerealiseerd willen hebben, als basis voor het overleg met anderen. 124
125
126
Beoordeling m.e.r.-plicht Voor plannen en besluiten waarin ontwikkelingen worden geregeld met een grote impact op het milieu kan een milieu effectrapportage (m.e.r.) verplicht zijn. Doelstelling van een milieu effectrapportage is het verkrijgen van relevante informatie over milieueffecten van een ruimtelijke ingreep, zodat deze effecten een volwaardige plaats kunnen krijgen in de belangenafweging. In Nederland is de milieu effectrapportage geregeld in de Wet milieubeheer (Wm) en in een Algemene maatregel van bestuur (Amvb): het Besluit m.e.r. Dit Besluit m.e.r. is recentelijk herzien. In het Besluit m.e.r. zijn de plannen benoemd waarvoor een milieu effectrapportage nodig is. Bij twijfel kan een zogenaamde Voortoets uitwijzen of een (plan-)m.e.r. nodig is. Voor deze structuurvisie is nagegaan of kaderstellende uitspraken worden gedaan over concrete ontwikkelingen die m.e.r.-plichtig kunnen zijn of dat een zogenaamde m.e.r.-voortoets nodig is. Beschouwd zijn de volgende (mogelijke) ontwikkelingen: Herinrichting uiterwaarden Voor ontwikkelingen in de uiterwaard in verband met bijvoorbeeld rivierverruiming en herinrichting voor natuur en recreatie, verzorgen initiatiefnemers de milieu effectrapportage als dat nodig is. Deze structuurvisie doet over ontwikkelingen in de uiterwaarden geen nieuwe uitspraken. Park Lingezegen Voor het parkgebied is de m.e.r.-procedure doorlopen ten behoeve van de intergemeentelijke structuurvisie en het nieuwe bestemmingsplan voor het parkgebied. Hoogwaardig Openbaar Vervoer In de regio wordt gestreefd naar beter openbaar vervoer. Meer hoogwaardig in de zin van duurzamer, sneller, comfortabeler en met een hoge frequentie. Voorlopig bestaan de verbeteringen uit het opwaarderen van bestaande o.v.-verbindingen met Nijmegen en Arnhem. Een schaalsprong naar andere vormen van vervoer is binnen tien jaar niet voorzien. Deze structuurvisie doet ook geen uitspraken over het aanleggen van bijvoorbeeld tramrails of andere voorzieningen die nodig zijn voor zo n schaalsprong. Hiervoor zijn nog nadere studies en plannen nodig, die in regionaal verband worden geïnitieerd. 127
Doortrekking A15 Voor de doortrekking van de A15 verzorgt de rijksoverheid als initiatiefnemer de milieu effectrapportage. Visievorming rond de autoweg-knooppunten bij Bemmel In de regio wordt vanuit oogpunt van mobiliteitsbeheersing gestuurd op een betere afstemming tussen ruimtelijke ontwikkelingen en vervoer. In onze structuurvisie is een opgave opgenomen waarin vermeld wordt dat voor de zone die bestaat uit de omgeving van de twee autowegknooppunten bij Bemmel en de zone daartussen nadere visievorming nodig is om te bepalen op welke wijze de gemeente in de toekomst wil omgaan met deze omgeving na doortrekking van de A15. Deze structuurvisie regelt echter geen concrete ontwikkelingen. Glastuinbouw De gemeente heeft binnen haar grondgebied een concentratiegebied voor glastuinbouw. Een deel daarvan (Bergerden) is projectmatig ingericht en daarvoor is destijds de m.e.r.-procedure doorlopen. Voor een ander deel van het concentratiegebied geldt dat daar van oudsher al veel glastuinbouw aanwezig is. In dit gebied vindt herstructurering plaats. Die herstructurering is vanaf 2009 in gang gezet en in het kader van de planvorming daarvoor is de m.e.r.-plicht beoordeeld. Deze structuurvisie regelt geen nieuwe glastuinbouw-ontwikkelingen. Duurzame energie Een van de ambities van de gemeente is om meer te doen met duurzame vormen van energie. Omdat hiervoor nog nadere studies en visies nodig zijn om te bepalen in welke vorm precies en op welke wijze en welke lokatie(s) dit kan, is een onderzoek naar effecten nu niet mogelijk. De concentratie van glastuinbouw in de gemeente biedt in elk geval ook kansen voor het ontwikkelen van initiatieven op het gebied van duurzame energie. Recreatie rond Fort Pannerden Het fort ligt in een Natura-2000 gebied. Dat betekent dat hier extra zorgvuldig dient te worden omgegaan met mogelijke effecten op de natuur. De gemeente wil de recreatie bevorderen zonder afbreuk te doen aan cultuurhistorische waarden en de kwaliteit van natuur en landschap. Voor de omgeving van het fort en het kasteel bij Doornenburg is een integrale gebiedsvisie nodig die aangeeft op welke wijze dat hier het beste kan. Deze structuurvisie legt geen concrete ontwikkelingen vast waarvoor een m.e.r. of een voortoets nodig is. 128
Conclusie Geconcludeerd is dat deze structuurvisie geen kaderstellende uitspraken bevat waarvoor een plan-m.e.r. nodig is of een voortoets die dient uit te wijzen of drempelwaarden worden overschreden c.q. significante effecten op gevoelig gebied optreden en een plan-m.e.r. nodig maken. Voor toekomstige planvorming op het gebied van de hierboven omschreven thema s dient de gemeente wel alert te blijven op mogelijk m.e.r.-plichtige ontwikkelingen en plannen. 129
Discussie Voor het schrijven van een stuk als dit is discussie met het veld essentieel. Diverse malen hebben er sessies plaats gevonden waarbij burgers, verenigingen, organisaties en de gemeenteraad mee hebben kunnen praten over de inhoud van het stuk. Wij willen via deze weg alle participanten die deel namen aan de discussies bedanken voor hun inbreng. globale analyse uitgangspositie discussieronde 1 -intern (ambtelijk) -extern -gemeenteraad discussieronde 2 -intern (ambtelijk) -extern en gemeenteraad (politieke markt) werkdocument visie op hoofdlijnen aanscherpen opgaven + uitvoeringsstratgie informatieve ronde 3 -extern -gemeenteraad ontwerp structuurvisie Wro procedure vastgestelde visie 131
Intern (ambtelijk) Discussiemoment: Februari 2009 Locatie: De Eusebiuskerk, Arnhem Insteek: Brainstormen waarbij elke groep een andere bril opzet 132
Lingewaard beschouwd als jonge inwoner Lingewaard leger maken; geen glastuinbouw meer, naar buitenland; compact bouwen, alleen in en om Huissen, geen groei kleine kernen, open gebied; metro Arnhem Nijmegen met aftakking Huissen en Bemmel gratis voor jongeren met eigen cocon op magneetbaan; uiterwaard vergraven; woongemeenschappen met eigen energievoorzieningen, landmark bij sterrenschans, poort van Nederland virtuele gemeenschap, wereld is grenzeloos; natuurgebieden meer verbinden met everzwijnen, edelherten e.d.; cultuur dorpsoverstijgend met stadsgehoorzalen; industrieterreinen hoogwaardiger met compact bouwen, cradle to cradle; industrieflats, kleine terreinen opheffen; ruimte is beperkt, ondergronds wat ondergronds kan; buizenpost voor goederen en personen; alles is herbruikbaar, vervoersnetwerk ondergrond; groene campus; survivalpark met watersport; Lingewaard centrum voor primair onderwijs; A15 tunnel onder polder en rivier door 133
Lingewaard beschouwd als oudere inwoner mooi gebied om te recreëren; prettig leefklimaat; perfecte ligging bij de grote steden; ongerepte natuur; rijk verenigingsleven; rust gemoedelijk; historie; ruimte en rivieren, het centrum van Den Bosch in Huissen; goede voorzieningen in de kernen, metro, watertaxi, nieuwe woonvormen; begijnenhofjes, studenten flats voor ouderen, kangoeroe woningen 134
Lingewaard beschouwd als inwoner van Arnhem zandstranden, dorpen, dijken, vlak, dorpse sfeer, fruitbomen, sluiproutes, cultuurhistorie, ponymarkt & dweildag, klandizie paradijs voor actieve mid-lifers, speeltuin voor de regio, tuinbouw, fluisterbootjes, vervoer voer water, spido, cardioroutes, nordic walking, gated communities, exclusief wonen, zorgboulevard, welness centrum, nieuwe woonvormen, met landgoederen; paalwoningen, koolzaad, bamboe, medicinale weed aardgasvulpunt, havanna aan de waal, bananen plukken, thuiswerken, minder bedrijfsterreinen, kantoor gemeente drive- trough, windmolens in de polder, in middengebied de stadstuin, groene energie en natuurproducten, zeppelins 135
Lingewaard beschouwd als inwoner van Nijmegen rust van het platteland, toekomstige woonplaats, binnendoor naar Arnhem, goede sociale controle, goedkopere woningen, wandelgebied, WOII, dijken, bruisend met alle voorzieningen en centrumfuncties voor alle inwoners tussen de rivieren, hart van de regio, ondergrond vervoer, stadstuin kanregio, cultuur en natuurontwikkeling nieuwe economie, rust en recreatie, in kleine kernen 136
Lingewaard beschouwd als inwoner van de randstad waar is dit? geen files, veilig, tuinieren, buitenleven, flipje, buiten wonen 137
Lingewaard beschouwd als inwoner van Europa stadstuin tussen interessante steden, recreatieruimte om te ontspannen en als basis voor ontdekkingen, wig tussen de rivieren, strijd tegen het water zichtbaar in het dijkenlandschap en incidentele oplossingen, rustpunt, rivieren, dijken, kolken, Europese natuur en geschiedenis, ligging, strijd, verdediging, agrarisch, sport, omgeving fort en kasteel als trekker toerisme, positie in regio als coolregion, kernen met eigen identiteit 138
Lingewaard beschouwd vanuit geheime opdracht natuurgebieden autovrij om te recreëren; meer bomen; voorzieningen, winkels, muziek sport centraal daarvoor Lingewaard niet meer uit hoeven; geen files, goed modern openbaar vervoer, gratis flitstrein naar de steden; combinaties wonen, werken, zorg recreatie in combinatie met health, Bergerden tuinbouw en horeca; vrijheid, eigen keuzes kunnen maken; fietsen, wandelen, skeeleren, kanoën, roeien, scootmobielen over fantastische routestructuur die in de stad onmogelijk is; thuis winkelen en werkend 139
Extern Discussiemoment: Juli 2009 Locatie: De Vasim, Nijmegen Insteek: Brainstormen over algemene en concrete ruimtelijke vraagstukken brainstorm... dromen... macroniveau lagerhuisdebat... dialoog... mesoniveau landkaart... doen... microniveau 140
Deelnemers discussie Beleidscommissie monumenten en cultuurhistorie, M. Kocken Greenport Arnhem-Nijmegen, B. Tiemessen Lingewaard wonen, S. Holwerda LTO Noord, afd. Lingewaard-Lent, G. Langelaan en T. Willemsen (Voormalige) ondernemersvereniging Doornenburg, J. Scholten Ondernemersvereniging Bemmel, H. Bergamin Stichting Lingewaard Natuurlijk, L. Dolmans Stichting Strijdbaar Angeren, G. Rasing Stichting Tussenstroom, O. van Dijk Stuurgroep wijkplatforms, E. Dikland en H. Duifhuizen Vereniging Dorpsbelangen Ressen, H. Jansen Veron, E. van Eechoud en G. Kampschreur Jongerenraad, T. Lasisi, M. Aarntze, R. Doeleman, E. Persoon, J. Pisters, T. Visser, W. de Waal, T. Wallenbrug, L. Weghorst Gemeente, T. Berns, R. Garritsen, E. Masselink, L. de Waal Procesbegeleiding Gemeente, H. de Vries, J. Bruckwilder en E. Luggenhorst 024 Architecten + L O U T, M. van der Wel Learning spirit, M. Nooijen Kiekies Art, E. Groenhuijzen 141
Lingewaard...... is uniek door: eenheid in verscheidenheid; natuurlijke oase tussen economische polen; rivierenlandschap; verenigingsleven; ligging tussen rivieren; kasteel en fort; rust; hart van KAN; innovatieve tuinbouw Bergerden; variatie in karakter tussen de kernen; groene uiterwaarden. brainstorm op microniveau Motto Cultuurrijk Lingewaard..de verbindende schakel..hart van het KAN D as nou Lingewaard..de gulden middenweg Natuurlijk Lingewaard Lingewaard...... op de kaart zetten met: duurzaamheid; park Lingezegen; groen kwalitatief verbeteren; openheid; openbaar vervoer; toerisme; zakelijke dienstverlening; werkgelegenheid in kernen; stedelijke voorzieningen met een dorps gevoel; ontwikkeling toeristische trekkers rond Doornenburg. 142
Infrastructuur (A15/ Betuweroute) is altijd lelijk Landschappelijke inpassing is bepalend voor de mate van lelijkheid. Geluidsschermen zijn misschien lelijk, maar zorgen voor een gezonder leefklimaat langs infrastructuur. Weidsheid en openheid dient niet verstoort te worden door infrastructuur. De Betuwelijn minder lelijk maken door middel van inpakken met groen. eens oneens Gebruik de A15 en het HOV zoveel mogelijk als economische motor voor tegen Dit levert een spookbeeld op waarbij de gemeente vol loopt met bedrijven. Industrieterreinen kunnen rechtstreeks aansluiten op de A15. Dan loopt al dat verkeer niet meer door de dorpen. Ik denk dat het economische potentieel in het groen moet worden gezocht. lagerhuisdebat op mesoniveau Onze bewoners zijn zo auto-minded dat verbetering van openbaar vervoer weinig zin heeft We krijgen het niet voor elkaar om mensen uit de auto te krijgen. In Lingewaard kun je overal moeilijk komen met het openbaar vervoer. Lingewaard groen en open houden in combinatie met hoogwaardig openbaar vervoer is tegenstrijdig. Goed openbaar vervoer maakt het gebied voor buitenstaanders toegankelijker. eens oneens 143
Windmolens, óók in Lingewaard eens In het landschap niet teveel afwijkende oneens dingen doen die er van oorsprong niet thuis horen, dit doet afbreuk aan het karakter van het landschap. We moeten iets doen met duurzame energie, ook specifiek met windenergie. In een kleinschalig landschap, passen geen grote windmolens. voor tegen Dorps bouwen is beslist niet hetzelfde als geen hoogbouw Wanneer je als gemeente wilt groeien, dan zal je wat compacter moeten bouwen, je kunt daarmee ook buitengebied beter behouden. Door compacter te bouwen kun je functies toevoegen aan het bebouwde gebied. Wanneer je de groene ruimte zoveel mogelijk wilt behouden en je wilt als gemeente groeien, dan zal je de lucht in moeten. Hoogbouw op Loovelden past niet binnen het dorpse karakter van Huissen. lagerhuisdebat op mesoniveau Om recreatie te bevorderen moet Lingewaard vooral inzetten op het opknappen van het landschap Het landschap niet opknappen voor recreatie, maar overlaten aan agrariërs. Wanneer het gebied met Fort, Sterrenschans en kasteel Doornenburg verder wordt ontwikkeld, dan is een koppeling te maken met Duitsland. Aanpak van dijkenlandschap kan de identiteit versterken en resulteren in meer recreatie. Het woord opknappen is te weinig ambitieus, je moet veel meer doen dan dat, je moet investeren, we moeten niet tevreden zijn met opknappen. voor tegen 144
landkaart op microniveau Prioriteiten in Lingewaard... ontwikkeling driehoek bij Doornenburg; goed en betrouwbaar openbaar vervoer; infrastructuur inpakken in groen; discotheek; overkapte fietsroute tussen kernen met zonnepanelen; bestaande bedrijven revitaliseren; hoogbouw kernen; oude natuur en monumenten herstellen; recreatie voorzieningen uiterwaarden; koppelingen met Overbetuwe; vloeiende overgang tussen Ressen en Waalsprong; snelfietsroute Arnhem-Nijmegen.... experimenteren met waterwoningen; landmark bij Fort Pannerden; hoogbouw; Haven in Huissen; onder handen nemen Betuweroute met groen of zonnepanelen. 145
Gemeenteraad Discussiemoment: Oktober 2009 Locatie: Vergaderzaal 1, gemeentekantoor, Huissen Insteek: Discussie over actuele ruimtelijke vraagstukken Deelnemers discussie Raadsleden K. van den Beemt P. Boeijen P. Busch L. Duiven J. Gerichhausen P. Gerritsen H. Huberts B&W F. Crijns H. Jeurissen-Berends H. Joosten J. Leenders-van Heck H. Peren T. Peren R. Rutjes F. Schut Procesbegeleiding Gemeente, J. Bruckwilder en E. Luggenhorst 024 Architecten + L O U T, M. van der Wel Kiekies Art, E. Groenhuijzen hoe de omgeving eruit ziet Landschap onderdeel van het landschap Infrastructuur gebruik van het landschap Wonen Werken Recreëren 146
Verrommeling We kijken teveel naar onze eigen gemeente, we moeten meer met Overbetuwe doen....... Je moet ook met Arnhem en Nijmegen samenwerken. Plannen in de stadsregio bepalen min of meer de verrommeling in onze gemeente. Infrastructuur als A15 is verrommeling, het doorsnijdt het open gebied, hier kun je niets tegen doen want het wordt aangelegd voor algemeen belang. Zoals we glas herstructureren vind ik geen verrommeling. landschap Verandering landschap Het oorspronkelijke Betuwelandschap kunnen we niet terug krijgen, die illusie moeten we niet hebben. De boeren komen waarschijnlijk in opstand als we de akkers laten verwilderen. Als we het groen zoals het nu is kunnen behouden, dan hebben we al heel wat bereikt. Waarom de Linge niet meer ruimte geven. Duurzame energie Niet met windmolens. Kunnen we iets met het stromen van de rivier, waterkracht? Glastuinbouw Zonnecellen langs de Betuweroute. Beleving van landschap Het uitzicht vanaf de A15 vind ik niet relevant. Bij de toekomstige afslag A15 Karstraat ontstaat verstedelijkingsdruk. 147
Infrastructuur als economische motor Moeten we wel ontwikkelen? Bedrijventerreinen en kantoren, dat werkt toch niet. Bedrijventerreinen bij knooppunten door uitruilen met andere terreinen. Knooppunt Ressen is de moeite waard om te ontwikkelen, je ontkomt er bijna niet aan. Op De Houtakker ook kantoren, het wordt straks een zichtlocatie. Eerst de huidige industrieterreinen opknappen. Pannenhuis is in een mum van tijd weg als de A15 er is. Vormgeving snelfietsroute De afstand Arnhem-Nijmegen is te lang, hiervoor werkt het niet. Maar waarschijnlijk wel voor Elst-Huissen. Het wordt een mooi ding. Snel en comfortabel moet hij zijn. infrastructuur Hoogwaardig openbaar vervoer Het liefst 1 systeem. Tram, aardgasbus, iets wat stil is. Eerst een vrijliggende baan, dan laten we er iets over lopen, bepaald door finaciele mogelijkheden. Inpassing infrastructuur Struiken zoals bij knooppunt Ressen, daar zie je van het knooppunt niks meer. Een trolley zorgt voor verrommeling van het landschap. Stations op plaatsen waar we woningen gaan bouwen. Woningen en industrie langs de HOV verbinding. Kwaliteitsgroen, passend in het landschap. Zonnepanelen langs de Betuweroute, maar dan wel een klein stukje. 148
Handhaving contouren Het kan binnen de contouren best hoger. Wanneer je hoger gaat bouwen is de varieteit in architectuur essentieel. Misschien moeten de contouren wel opnieuw worden vastgesteld. Stel er staan een aantal lelijke schuren net buiten de contouren, dan mag je die vind ik best vervangen voor nieuwe woningen. Contouren zijn contouren, die afspraken zijn gemaakt, daar gaan we nu niet aan trekken. Je moet altijd binnen de contouren bouwen. Dan ben je van de eeuwige discussie af of het op die of die plek wel kan. Maar het kan wel zo zijn dat we voor de regio moeten bouwen. In dat geval moeten we misschien de contouren oprekken. wonen Experimentele woningbouw Geen experimentele woningbouw. Houd de uiterwaarden zoals ze zijn. Bovendien zit je met de met de ruimte voor de rivier dus je kunt niet zoveel doen. Bouwen in de uiterwaarden is uit den boze. Woningen bij havenfront Huissen zal waarschijnlijk weinig weerstand opleveren. 149
Werkgelegenheid Werk wat er nu is binnen de gemeente houden, omdat we er simpelweg niet uit komen met z n allen. Werkgelegenheid is iets wat je regionaal moet regelen en niet als gemeente alleen. Je moet als regio kijken waar concentraties zijn. Als we open staan voor regionale ontwikkelingen dan moeten we daar wat voor terug krijgen. We moeten er voor zorgen dat we kantoren in de gemeente binnen zien te krijgen. In de kantoren werken veel mensen op relati ef weinig hectares. werken Hoogbouw op bedrijventerreinen Ik ben niet tegen hoogbouw op bedrijventerreinen. 150
Meer recreatie door opladen landschap We willen niet meer recreatie. We willen wel meer fietsers. Opladen van het landschap, dat zouden we kunnen doen, dan moeten we misschien iets investeren. Linge meer benutten? Ruiterpaden Wanneer je de hoek Doornenburg aantrekkelijker wilt maken, dan zul je actie moeten ondernemen. Het gaat niet vanzelf. Evenementen organiseren. Die bankjes nodigen niet uit. recreëren Recreatie als speerpunt Er ligt druk op het gebied door uitbreidingen van Arnhem en Nijmegen. We willen geen 300.000 mensen hier. 151
We zouden het landschap gaan behouden, dan hoef je het niet perse op te knappen. Ik zou geld genereren met de industrieterreinen die nog vol moeten raken. Misschien moeten we wel wat doen bij knooppunt Ressen. Moeten we nou meteen aan geld denken? Wat je nu neer legt zijn contouren voor toekomstige ontwikkeling. Misschien moeten we ons meer richten op het sturen van particulier initiatief. Vervoer moet beter geregeld worden. Daar hebben we geld voor nodig. Je zult waarschijnlijk niet alle infra ontwikkelingen met subsidies voor elkaar kunnen krijgen. Je kunt geld verdienen met industrie. Woningbouw hoeveel verdien je daar nog mee? Laten we in ieder geval blij zijn dat we hier nog kunnen bouwen. We gaan investeren in vervoer en werk. Recreatie moet de markt zelf op willen pakken. financiën 152
Intern (ambtelijk) Discussiemoment: Oktober 2009 Locatie: Ridderzaal kasteel, Bemmel Insteek: Discussie over actuele ruimtelijke vraagstukken 153
Extern (deskundigen) Discussiemoment: 31 mei 2010 Locatie: Kinkelsalon kasteel, Bemmel Insteek: Advies t.a.v. werkdocument bespreken Alvorens het werkdocument aan college en raad aan te bieden, wilden wij graag een advies van enkele deskundige buitenstaanders over de kwaliteit van wat we intern gemaakt hebben. Dit advies vroegen wij aan dhr. ir. M. Dubbeling van SAB aan dhr. ir. J. Nakken van de gemeente Deventer en dhr. J.W. van de Kamp van Dekker van de Kamp. Deze adviseurs beschikten in het bijzonder over kennis op het gebied van duurzaamheid, infrastructuur en landschapinrichting. De opmerkingen zullen hieronder in een notendop opgesomd worden. dhr. ir. J. Nakken Het werkdocument getuigt van een enthousiaste en vooral ook trotse kijk op de gemeente. Onderbelicht blijft wat de gebruiker nou precies van de gemeente Lingewaard als geheel vindt. Welke identiteit heeft de gemeente? Wat zou die in de toekomst kunnen zijn? Waarin is ze onderscheidend ten opzichte van omliggende gemeenten? De kwaliteit van de leefomgeving is naar mijn mening nog onderbelicht. De gemeente zal mijn inziens vooral scherp moeten sturen op welke voorzieningen het gekoppeld aan welk netwerk wil aanbieden. Vanuit een pakket van tamelijk abstracte ambities wordt wel heel erg snel de stap gemaakt naar concrete opgaven. Een doorvertaling van wat de ambities op het schaal niveau van de gemeente Lingewaard meer concreet betekenen is mijn inziens nodig. Ofwel, wat zijn de sateprikkers die de verschillende deelbelangen op de goede manier aan elkaar rijgen, wat is de rol hierin van de verschillende netwerken, wat betekent dat programmatisch etc. dhr. J.W. van de Kamp Het al dan niet doorgaan van het doortrekken van de A15 heeft nogal wat gevolgen voor de visie. Hoe hiermee wordt omgegaan is in de visie nog niet duidelijk verwoord. Er is weinig verblijfsrecreatie. Zijn er mogelijkheden in combinatie met waterretentie of bij knooppunten? Burgerparticipatie is van groot belang. 154
dhr. ir. M. Dubbeling Waarom een ruimtelijk-economische visie. Dit verondersteld een sectorale insteek. De visie is op een hoog schaalniveau gemaakt. Omdat de visie voor 10 jaar het beleid voor het grondgebied van de gemeente vastlegt en ook een toetsingskader is, is het juist van belang om ook op een lager schaalniveau (buitengebied en kernen) beleid te ontwikkelen. Waar welke functies en waarom? Waar kwaliteiten behouden en/of versterken, waar knelpunten oplossen? De kans is groot dat juist op dat lagere schaalniveau innitiatieven worden ingediend. Het is van groot belang te bepalen hoe de gemeente zich wil profileren. Hoe wordt er omgegaan met versterking van het landschap, overgang kernen-buitengebied, functies in buitengebied, druk op het gebied vanuit de stadsregio? Wellicht zonering toepassen. Het is belangrijk bij het opstellen van de structuurvisie te bepalen of de gemeente binnen de planperiode van de stuctuurvsie projecten wil realiseren die plan Mer-plichtig zijn of waarvoor een strategische milieubeoordeling moet worden gedaan en wellicht daarna een planmer. In de analyse ontbreken de thema s klimaatverandering en energie. Maak keuzes. Sturen op duurzaamheid betekent essentiele ruimtelijke en programmatische keuzes maken. Deze keuzes kunnen in sommige gevallen stevig uitpakken. In de kassenbouw is veel duurzaamheidwinst te halen. Wat is het standpunt van Lingewaard over herstructurering van bedrijventerreinen? Hoe om te gaan met het ontstaan van zichtlocaties door het doortrekken van de A15? Opgave verbinden van wonen werken met infrastructuur: let op het samenvallen van auto en ov punten. Opgave wonen: dat de vraag naar woningen er is, betekent nog niet dat je deze ook allemaal onvoorwaardelijk moet bouwen. De bestaande kernen kunnen vaak intensiever benut worden. De kwaliteiten, rust en ruimte worden minder met meer woningen. De unieke ligging van de gemeente Lingewaard biedt perspectief voor een duurzame ontwikkeling van haar stad, dorpen, buurtschappen en landschappen. Tussen en ten oosten van de stedelijke uitbreidingen van Arnhem, Elst en Nijmegen is nog rust en ruimte te vinden in de Betuwe. Dit zijn kwaliteiten die schaars zijn geworden in het centrum van de Stadsregio Arnhem Nijmegen. Andersom gezien biedt de centrale ligging in dit stedelijk netwerk de mogelijkheid om aan te sluiten bij nabijgelegen stedelijke voorzieningen zoals (te ontwikkelen) hoogwaardig openbaar vervoer. Door te kiezen waar rust, kwaliteit en gemoedelijkheid en snel, dynatisch en stedelijk de hoofdtoon voeren kan de ontwikkeling van de gemeente meer uitgesproken worden in deze visie. 155
Extern en gemeenteraad (politieke markt) Discussiemoment: Juni 2010 Locatie: Vergaderzaal 1, gemeentekantoor, Huissen Insteek: Discussie over volledigheid en juistheid van visie, ambities en opgaven 156
Wat ik tot nou toe mis is een soort statement over hoe in de toekomst het buitengebied beheert gaat worden en wie de drager is van het buitengebied. Is dat nog wel de agrariër? Wij moeten zeer trots zijn op ons landschap, daar moeten we een zeer hoge ambitie in hebben. Alleen als we dat doen, dan bestaan wij over 20 jaar nog. Landschap Het Betuws landschap wil ik ook eigenlijk wat sterker benoemt hebben en vandaaruit ook gekwalificeerd hebben. Het is hier de bedoeling om ideeën in te brengen die tot nog toe wat onderbelicht zijn. Ik zou in dat verband willen wijzen op het aspect van de cultuurhistorie en de beschermde dorpsgezichten. Cultuurhistorische kernen kennen we in onze gemeente met hun eigenheid. Hoe kan dat een plaats krijgen in de visie, zodat we niet verrast worden men nieuwe bouw in kernen die geen recht doen aan de historie van de kernen. Ik zou willen vragen of er na kan worden gedacht over of het landschap ook in het begrip stedelijk netwerk versterken geplaatst kan worden. waternetwerk Als inwoner van Lingewaard, als inwoner van Huissen, zou ik toch iets willen toevoegen aan de visie want als rivierenman vind ik toch dat onze rivier er een beetje bekaaid afkomt....wij liggen centraal in een waterstaatkundig netwerk. 95% van het zoetwater dat wij in Nederland verbruiken komt door en langs de gemeente Lingewaard. Dus wij liggen in een netwerk van Nationaal belang.... we zitten ook aan een internationaal netwerk. En dat internationaal netwerk is scheepvaart. Benut de potenties die het watersysteem heeft en ga niet met de rug naar de rivier staan. 157
Ik ben bang dat er heel veel met stadse ogen naar dit landelijke gebied wordt gekeken. innovatie recreatie stedelijk netwerk Het zijn geen cultuur- en recreatiebarbaren die in de stad zitten. Als je ze als tegenstander ziet en niet als partner dan ga je onderuit. Wij grenzen aan 3 gemeentes aan de andere kant van het Pannerdensch kanaal en ook nog aan 2 gemeentes aan de overkant van de Waal. Maar daar hebben we het eigenlijk niet over. Het begrip stedelijk, dan denk ik aan drukte, overlast, etc. Ik hoop niet dat wij onderdeel worden van de steden en daar maak ik me zorgen over. Het is een zooitje op recreatief gebied. Als je de polder in gaat dan word je door blaffende honden aangevallen of in ieder geval bedreigt, de hekken zijn afgesloten. Er moet echt een prioriteit aan gesteld worden. Gebruik de rivieren, het begrip watertaxi is gebruikt. Je zou kunnen denken aan een verbinding tussen Arnhem en Kasteel Doornenburg, Fort Pannerden en alle recreatieve en niet alleen recreatieve maar ook cultuurhistorische zaken die bezichtigt kunnen worden. En wat ik ook eigenlijk wel mis, dat leek me nou net zo n aardig idee, is de haven van Huissen... Kunt u mooi sier mee maken. Ik mis een wat innovatieve gedachte. Een aantal dingen zijn beschreven zo van: zo zit dat nu en we blijven eigenlijk de lijn volgen. Maar ik mis dan wel bijvoorbeeld ideeën als vervoer over het water. Of laten we eens op een andere manier naar elkaar kijken dan hetgeen dat we al doen. Natuureducatie, natuurboerderijen, waterberging, ik zie het allemaal wel terug maar niet genoeg omdat ik denk dat wij namelijk een hele speciale kwaliteit hebben hier in de Betuwe. 158
infrastructuur energie werkgelegenheid Er werd gesproken over het bevorderen van werkgelegenheid. Dan ben ik eigenlijk toch wel heel benieuwd waar men dat ziet want als ik het stuk lees, dan gaat het bevorderen van werkgelegenheid met name over bedrijventerreinen en nauwelijks over recreatie en landbouw. Ik mis eigenlijk een beetje een duidelijke visie op de bedrijventerreinen, wat we daar mee willen. Hoe gaan we dat inkleden? Ook in het kader van bedrijvenparken. Er werd net al gesproken over verbreding, energie en dergelijke maar ik mis toch een fatsoenlijke paragraaf over de energie, ook de doelstellingen van de gemeente zelf hierin. Ik breng een nieuwe visie in:... de ontsluiting Huissen-oost. Toch mis ik eigenlijk concreet de ontsluiting op de A325 en de ontsluiting van Bemmel. Er staat wel een wit lijntje en een voorzichtige omschrijving. Toch vind ik dat dat meer aandacht verdient. 159
Raadsvergadering Discussiemoment: 23 september 2010 Locatie: Vergaderzaal 1, gemeentekantoor, Huissen Insteek: Voorgesteld wordt om in te stemmen met de omschrijving van visie, ambities en opgaven. 160
Staat deze visie niet haaks op onze boodschap naar de Stadsregio waarin we stellen juist een groene enclave te willen blijven? visie We missen in het werkdocument op diverse plaatsen de relatie naar veiligheid van wonen en het ook veilig voelen door de ligging van Lingewaard ingesloten door de Rijn en Waal. In het raadsvoorstel wordt duurzaamheid als ambitie benoemd. Bij het bouwen van woningen, glastuinbouw, landbouw, economie zou duurzaamheid specifieker terug kunnen komen. cultuurhistorie Waarom wordt de zeer belangrijke cultuurhistorie in het werkdocument niet prominent genoemd? OV Er wordt gesproken over het upgraden van openbaar vervoer tussen Arnhem- Huissen-Bemmel-Nijmegen. Wat is de visie met betrekking tot openbaar vervoer naar de andere kernen? De bus 300 mist, het blijft zaak om het werkdocument zo actueel mogelijk te houden. Kansen voor de omgeving van knooppunt Ressen. Wat moeten ons hierbij voorstellen? En hoe past dit in het beschermd dorpsgezicht van Ressen? A15 Alleen een A15 als deze verdiept in het Lingewaards landschap wordt aangelegd en bij het Pannerdensch kanaal wordt ondertunnelt. We lezen ook dat we de A15 moet beleven vanuit de A15 en dat we inkijk moeten hebben in het gebied, terwijl wij er nou juist met z n allen naar gestreefd hebben om de A15 op een dusdanige manier in te passen dat wij zo min mogelijk van die weg zien en nog liever niks van horen. Ik denk dat we meer van het belevingspatroon van de bewoners uit moeten gaan dan vanuit het belevingspatroon van degene die toevallig over die weg komt rijden. 161
dijk De ring tussen de kernen moet geüpgrade worden, en de dijk wordt alleen nog voor de hobbyist. Het zal in iets andere bewoording staan maar, in ieder geval hebben we er steeds naar gestreefd dat de dijk wel veiliger moet maar wel dat de dijk open moet blijven ook voor autoverkeer. Dat wordt genieten als we er niet meer over mogen, dat kan niet de bedoeling zijn. TOP Waarom wordt met de huidige parkeeroverlast aan Sterrenschans de TOP geprojecteerd aan de andere kant van het dorp? wonen Er zou meer aandacht gegeven kunnen worden aan de differentiatie in de senioren cq generatiewoningen. land & tuinbouw Wat ons is opgevallen is dat de land en tuinbouw als economische factor totaal onbenoemd blijft. Dat zouden we graag opgenomen willen zien in de structuurvisie, want in dit gebied is dat altijd heel belangrijk geweest. Er wordt in het stuk gesproken over het Agro businesspark en we weten met z n allen dat het steeds moeilijker wordt. En ik denk dat we op korte tijd eens moeten gaan bezien en ook in de structuurvisie moeten gaan beschrijven dat die gelinieerde bedrijven aan de glastuinbouw, dat dat eigenlijk maar een keer over moet zijn. De cluster Gendt is helemaal van de kaart verdwenen. 162
Chrystal Palace Wij hebben juist de vraag, waarom willen we daar een publieks intensieve ontwikkeling. Je kan het graag willen, maar je kunt ook zeggen van laten we het nou niet zo intensief gaan doen. Wanneer en bij welke besluiten gaat dit toekomstig leidend zijn of beperkt dit document zich tot alleen vaststellen? Algemeen We weten dat de sociale structuurvisie nog onderweg is en ik denk dat deze hieraan vast geknoopt moet worden. We wachten dat af en we hopen dat dit al maatlat in de toekomst gebruikt gaat worden. Het is een uitvoerig document dat makkelijk leest. 163
Extern Discussiemoment: 24 augustus 2011 Locatie: Ridderzaal kasteel, Bemmel Insteek: Informatieavond over de hoofdkeuzes in de visie & toelichting op de uitvoeringsparagraaf Vanwege de insteek van de avond werden er vooral vragen gesteld. Deze nemen we niet allemaal op in het discussiehoofdstuk. Hieronder staan een aantal opmerkingen die tijdens de avond zijn gemaakt. Het is me nog niet helder hoe we ruimte geven aan de agrarische sector. Antw: De gemeente Lingewaard een agrarische gemeente en we willen de agrariër in onze gemeente behouden. Dit doen we door het bijvend stimuleren van innovatie en verduurzaming in de glastuinbouwsector en door verbreding te faciliteren, maar ook door het gebied centraal in de gemeente: de open polder vrij te houden voor agrarische bedrijvigheid. Grote landbouw-eenheden passen bij de beleving van het weidse landschap in de open kom. Nieuwvestiging van agrarische bedrijf (met uitzondering glastuinbouwbedrijven en bedrijven met megastallen) wordt in het buitengebied niet uitgesloten. Voor glastuinbouwbedrijven is nieuwvestiging alleen mogelijk in Bergerden, de Rietkamp en de Leutensche Leigraaf. Bedrijven die willen stoppen kunnen gebruik maken van de functieveranderingsregeling. De kamervoort wordt in de visie geschrapt als reservelocatie. Dit is niet positief voor de sector. Antw.: Het gebied ten zuiden van de Kamervoort wordt aangewezen als zoekzone in plaats van reservelocatie. Hiermee zetten we het gebied niet meer op slot. In het kader van efficient ruimtegebruik zijn er nog voldoende andere glastuinbouwgebieden waar ruimte is voor glas. Duurzame ontwikkelingen in de gemeente spreken aan. Er liggen nog vele kansen die we zouden kunnen benutten. Hoe we compact gaan bouwen is me nog niet helemaal helder. Antw.: We handhaven de contouren zoals die zijn afgesproken in de regio. Het is belangrijk dat in de visie genoeg aandacht wordt geschonken aan de A15 en de druk op de directe omgeving. 164
Gemeenteraad Discussiemoment: 12 oktober 2011 Locatie: Vergaderzaal 1, gemeentekantoor, Huissen Insteek: Informatieavond over de hoofdkeuzes in de visie Vanwege de insteek van de avond werden er vooral vragen gesteld. Deze nemen we niet allemaal op in het discussiehoofdstuk. Hieronder staan een aantal opmerkingen die tijdens de avond zijn gemaakt. Er wordt voornamelijk gepraat over het toegankelijk maken van de uiterwaarden voor wandelaars. Worden de uiterwaarden ook toegankelijker voor fietsers? Antw.: Ja De lokale ring als snelle utilitaire route. Welk effect heeft dat op de leefbaarheid in de dorpen als deze als snel bestempeld wordt? Antw.: In de dorpen moet de doorgaande route veilig en oversteekbaar zijn. Ook hiervoor is een meer herkenbare en uniforme inrichting die er in alle dorpen hetzelfde uitziet een hulpmiddel. OV Wordt het kasteel als belangrijk historisch element voldoende genoemd? Antw.: Ja 165
Literatuurlijst Arcadis, Gemeente Lingewaard, Landschapsontwikkelingsplan Lingewaard, Plandeel, Bemmel, 2006 Arcadis, Landschapsontwikkelingsplan Lingewaard, Achtergronddocument, Bemmel, 2006 BTL advies, Groenstructuurplan Gemeente Lingewaard, 2007 Buck consultants international, Economisch beleidsplan gemeente Lingewaard, Ondernemen bij de Linge: het investeren WAARD, Nijmegen, 2006 Buro5 Maastricht, Dorpenvisie Doornenburg, Groeten uit Doornenburg, Maastricht, 2006 Buro5 Maastricht, Dorpenvisie Gendt, Groeten uit Gendt, Maastricht, 2006 DLA+ landscape architects BV, Geschiedkundig Bureau van Hemmen, MARC erfgoed adviseurs, Masterplan Dijk & Kolk, Groesbeek, 2009 Gemeente Arnhem, Kantorenbeleid 2006-2020, Arnhem, 2006 Gemeente Lingewaard, Wmo-beleidsnota 2008 tot en met 2011, Meedoen en meedenken: naar een zorgzaam Lingewaard!, 2008 Gemeente Lingewaard, Notitie nieuwe economische dragers, Bemmel, 2008 Gemeente Lingewaard, Milieubeleidsplan, Huissen, 2009 Gemeente Lingewaard, Lokaal sociaal infrastructuur plan, Bemmel, 2004Geschiedkundig bureau van Gemeente Lingewaard, Beleidsanalyse Ressen dorpskern, 2008 Gemeente LIngewaard, Lingewaardse woningbouwopgave 2010-2020, Position paper, Bemmel, 2009 Hemmen & DLA+ landscape architects BV, Dijk als as van ontwikkeling. Economische kansen voor het cultuurlandschap in gemeente Lingewaard, Huissen, 2008 Inbo Adviserus & Grondmij, Verstedelijkingsvisie Stadsregio Arnhem Nijmegen, van koers naar keuze, Integrale visie op de gebundelde kracht van stad en land, 2011 Goudappel Coffeng & Twynstra Gudde, Gemeentelijke Mobiliteitsplan Lingewaard, Bemmel, 2009 Grondmij Route IV, Beleidsplan Recreatie en Toerisme gemeente Lingewaard, Groene parel tussen de rivieren, Arnhem, 2009 Grondmij Route IV, Kadernota Verblijfsrecreatie Lingewaard, Arnhem, 2008 Pouderoyen compagnons, Beschermd dorpsgezicht Bemmel, Nederlands Hervormde kerk en omgeving, Beleidsvisie, Nijmegen, 2000 Pouderoyen compagnons, Gemeente Lingewaard, StructuurvisiePlus, Nijmegen, 2004 Pouderoyen compagnons, Gemeente Lingewaard, Nota Analyse, sterkten/zwakten, Nijmegen, 2004 Projectbureau Park Lingezegen e.a. Masterplan Park Lingezegen, 2008 Provincie Gelderland, Streekplan Gelderland 2005, kansen voor de Regio, Arnhem, 2005SAB & DHV, Intergemeentelijke structuurvisie Park Lingezegen, 2011 RAAP Archeologisch adviesbureau, Voorstel tot bijstelling wettelijk verplichte ondergrens archeologisch onderzoek gemeente Lingewaard, 2009 Vista landscape and urban design, Regionaal Plan 2005-2020 Stadsregio Arnhem- Nijmegen, Nijmegen, 2005 ZKA consultants & planners, Toeristisch-recreatieve monitor Regio Arnhem-Nijmegen, 2005 167
Kaartmateriaal Alterra, Natura 2000-gebied, overzichtskaart Gelderse Poort, 2008 Datahotel Gelderland, www.gelderland.nl Fietsknooppuntpuntennetwerk, www.lekkerfietsen.nl Ministerie van Infrastructuur en Milieu, Ontwerp structuurvisie infrastructuur en ruimte, Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig, Den Haag, 2011 RAAP Archeologisch adviesbureau, Archeologische beleidsadvieskaart Gemeente Lingewaard, Amsterdam, 2004 Syncera, Waterplan gemeente Lingewaard, 2008 168
Colofon Opgesteld door Joost Bruckwilder Evelien Luggenhorst Uitvoeringsparagraaf: Margot Sloot Irene Buitenhuis Betrokken ambtenaren Ben Zweerink Carla Dormans Ellie Weijde-Leenders Emil Bos Frank Hoes Hans Korfage Hans van Vliet Harry ten Broeke Henk Andringa Ilse Kok Jan Gosselink Lisette Hoekstra Marloes Meynen Mireille Borgers Monique Esselbrugge Peter Mom Ronald Garritsen Ruud Janssen Ruud Reuling Thijs Zee Willem Bijker 169