Bewustwording en duurzaamheid



Vergelijkbare documenten
Stoplichten. Studentengezondheidstest UvA en HvA studenten. Student & Gezondheid. Universiteit van Amsterdam/ Hogeschool van Amsterdam

Terugkoppeling monitor subsidieregeling Versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen

Uw imago onder uw regionale belanghouders. Resultaten imago-onderzoek Wonen Noordwest Friesland

Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test

Hoe goed of slecht beleeft men de EOT-regeling? Hoe evolueert deze beleving in de eerste 30 maanden?

Factsheet. Evaluatie van het Transmuraal Interactief Patiënt Platform (TIPP) vanuit patiënten perspectief

ANALYSE RESULTATEN ENQUÊTE OVER CENTRUMPLANNEN april 2015

Stoplichten. Studentengezondheidstest UvA en HvA studenten

Jaarverslag Geschillenadviescommissie Hogeschool van Amsterdam

Schakelprogramma s. Brug of kloof tussen bachelor en master? Dit is een uitgave van het ASVA onderzoeksbureau

Commissie Onderzoek Financiën en Huisvesting UvA. Plan van Aanpak

Statistische analyse CMDB

HvA-beeld richtlijnen

Stoplichten. Studentengezondheidstest UvA en HvA studenten. Universiteit van Amsterdam/ Hogeschool van Amsterdam

Uw imago onder uw regionale belanghouders. Resultaten imago-onderzoek Heuvelrug Wonen

UW IMAGO ONDER UW HUURDERS? Resultaten imago-onderzoek De Goede Woning

VOORBEELDRAPPORT MARKETING EN SALES POTENTIEEL TEST

Handleiding Sprintkompas. Een instrument voor reflectie op het bètatechniekbeleid van hogescholen en universiteiten

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest

Studieprestaties van allochtone studenten

Doorstroom HBO- WO: stimuleren of afremmen? Wilfred Diekmann, HvA Saskia Swart, HvA Johan Post, UvA

Toezichthouders in de wijk

Tevredenheidsonderzoek bij klanten van interim management (providers)

Mening van het digitaal Burgerpanel Oss over: Kunst en Cultuur. Gemeente Oss. December 2013

Nederlandse samenvatting

Zit de online burger wel online op u te wachten? Door: David Kok

Stoplichten. Studentengezondheidstest UvA en HvA studenten

Klanttevredenheidsonderzoek Warmtenet (2015)

Enquête Telefonische dienstverlening

Rapportage resultaten enquête project derdengelden

OOG TV en Radio. Marjolein Kolstein. Mei Laura de Jong. Kübra Ozisik.

Verslag onderzoek UvA-senioren

Werkend leren in de jeugdhulpverlening

Persoonlijk Actieplan voor Ontwikkeling

Clientervaringsonderzoek Wmo & Jeugd

HvA- STUDENTENPANEL Student informatievoorziening

Samenvatting Klanttevredenheidsonderzoek 2009 Facilitair Bedrijf UT

DEMO VERSIE. Enquêteresultaat Trainingsevaluatie Mirotek QuestionTool

Relatiespel SPEELWIJZE. SPEELWIJZE RELATIESPEL - Bladzijde 1 / 9

Jaarverslag College van Beroep voor de Examens Hogeschool van Amsterdam

Ik-Wijzer Ik ben wie ik ben

Wat vinden uw cliënten van de zorg thuis?

Onderzoek behoefte gemeentelijke informatie

Bedrijfsarchitectuur sterker door opleiding

Klantonderzoek: de laatste inzichten!

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten

S a m e n v a t t i n g 149. Samenvatting

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie

Student & Homo. Acceptatie in het Amsterdamse Studentenleven. Dit is een uitgave van het ASVA onderzoeksbureau

SPEELWIJZE LEIDERSCHAPSSPEL

Terugkoppeling monitor subsidieregeling Versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen

Performance Improvement Plan

Draagt lesmateriaal bij aan het vergroten van financiële vaardigheden van basisschoolleerlingen?

Omgaan met verschillen in de klas: Onderzoeksresultaten

Klantpensioenmonitor Pensioenfonds UMG

Samenvatting afstudeeronderzoek

Onderzoek naar houding en kennis van Nederlandse burgers ten aanzien van schaliegas

Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg

Uit het resultaat van mijn test kwamen voornamelijk de doener en beslisser naar voren.

Gescheiden gft inzameling Nesselande

Klanttevredenheidsonderzoek 2015

MAART 2014 DOEN EN LATEN GEDRAGSANALYSEKADER VOOR DE ONTWIKKELING VAN EFFECTIEVER MILIEUBELEID

Aluminium en duurzaamheid

De actieve student. Extra-curriculaire activiteiten van studenten. Dit is een uitgave van het ASVA onderzoeksbureau

IV-besturing. Samenstelling stuurgroepen en expertisegroepen. Versie april Pagina

Inge Test

Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's

Nederlandse Samenvatting

hoofdstuk 2 een vergelijkbaar sekseverschil laat zien voor buitenrelationeel seksueel gedrag: het hebben van seksuele contacten buiten de vaste

Rapportage Zingeving. Bea Voorbeeld. Naam: Datum:

SIRE. Rapport. "Geef kinderen hun spel terug" Jonneke Heins. C0521b 29 oktober 2007

Coffeeshop in de buurt Ervaringen van direct omwonenden

Social media around the world Door: David Kok

Behoeftes rijksambtenaren in kaart Flitspanelonderzoek oktober Een uitgave in het kader van het strategisch personeelsbeleid Rijk

Sportclubs en Sociale Media

Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen

Citation for published version (APA): Verbakel, N. J. (2007). Het Chronische Vermoeidheidssyndroom, Fibromyalgie & Reuma.

Transcriptie:

Bewustwording en duurzaamheid Onderzoek naar groen bewustzijn en groen gedrag onder UvA en HvA studenten Lieke Dreijerink Jan Uitzinger Amsterdam, 17 maart 201 IVAM Inzicht in duurzaamheid Plantage Muidergracht 24-1018 TV Amsterdam - Postbus 18180-1001 ZB Amsterdam Tel. 020-2 080, Fax 020-2 80, internet: www.ivam.uva.nl, e-mail: office@ivam.uva.nl

B EWU S T W O R D I N G D U U R Z A A M H E I D B I J U V A EN H V A Samenvatting Het vergroten van bewustwording van duurzaamheid en energie bij studenten wordt in het UvA/HvA Energy Efficiency Plan (2012) als cruciaal punt van aandacht genoemd. Hoe bewust studenten daar al van zijn is echter onbekend. Bovendien is het van belang er bij stil te staan dat bewustzijn over duurzaamheid, we noemen dat in dit onderzoek groen bewustzijn, niet automatisch tot duurzaam of groen gedrag leidt. IVAM is door de UvA gevraagd dit nader te onderzoeken voor zowel UvA als HvA studenten. De centrale vragen van dit onderzoek zijn: Hoe is het gesteld met het groen bewustzijn en groene gedrag van de HvA en UvA studenten? Hoe is het gesteld met de eventuele kloof tussen dit bewustzijn en het gedrag? En zijn er verschillen tussen de UvA faculteiten en tussen de HvA domeinen? In het najaar van 201 is onder de studentenpanels van de UvA en HvA een digitale vragenlijst uitgezet. Van de 124 UvA-panelleden hebben 47 studenten de vragenlijst ingevuld (respons: 36%) en van de 939 HvA-panelleden hebben 40 studenten de vragenlijst ingevuld (respons: 48%). Groen bewustzijn en groen gedrag van UvA en HvA studenten Groen bewustzijn UvA studenten hebben gemiddeld een vrij hoog besef van duurzaamheidproblemen: zij zijn zich bewust van de huidige stand van milieu- en sociale problemen. Slechts een heel kleine groep heeft helemaal geen besef van dit type problemen. Ook onder HvA studenten is het probleembesef gemiddeld vrij hoog, maar wel lager dan bij UvA studenten. Er is een grotere groep die wat neutraler naar de problematiek kijkt. Ook bij de HvA is er slechts een heel kleine groep die helemaal geen groen probleembesef heeft. Probleembesef UvA studenten 2% Probleembesef HvA studenten 2% 4% 24% 12% zeer hoog hoog niet hoog/laag 37% 62% laag zeer laag 7% Groen gedrag Iets meer dan de helft van de UvA studenten vertoont vaak groen gedrag. Het andere deel gedraagt zich soms op een groene manier. Een klein deel vertoont vrijwel altijd groen gedrag. Bijna geen studenten gedragen zich nooit groen. HvA studenten vertonen wat minder groen gedrag: ongeveer een derde vertoont vaak groen gedrag, terwijl twee derde dit soms doet. Bij de HvA gedragen bijna geen studenten zich vrijwel altijd of nooit groen. 1

I V A M R E S E A R C H A N D C O N S U L T A N C Y O N S U S T A I N A B I L I TY Gedrag UvA studenten 0,% 3% Gedrag HvA studenten 1% 1% 47% altijd groen vaak groen soms groen nooit groen 64% 34% Wereldbeeld en respons-effectiviteit Studenten zijn bevraagd over hun zogenaamde ecologisch wereldbeeld. Dit gaat over de relatie tussen de mens en de natuur en de aarde. Uit de resultaten op een internationaal toegepaste set vragen over blijkt dat UvA en HvA studenten gemiddeld niet laag scoren, maar ook niet hoog. UvA studenten hebben gemiddeld iets meer een ecologisch wereldbeeld dan HvA studenten. Vergeleken met een studie onder de algemene Nederlandse populatie scoren UvA studenten iets hoger, en HvA studenten iets lager. Er zijn echter wel ook verschillen tussen studenten van verschillende faculteiten en domeinen. Tot slot zijn studenten bevraagd over in hoeverre hun eigen gedrag bijdraagt aan de oplossing van duurzaamheidproblemen; opgedeeld in milieuproblemen, sociale problemen en economische problemen. Dit wordt wel respons-effectiviteit genoemd. Op een schaal van 1 tot 10 scoorden zowel de UvA als HvA studenten gemiddeld aan de lage kant (zie figuur 1). 30 2 20 1 10 UvA HvA 0 1 2 3 4 6 7 8 9 10 Figuur 1. Respons-effectiviteit UvA en HvA studenten (in %) Verschillen tussen UvA faculteiten Groen probleembesef Studenten van zes UvA faculteiten verschillen wat betreft hun probleembesef. Vooral studenten Economie en Bedrijfskunde (FEB) blijken een lager probleembesef te hebben dan studenten van andere faculteiten (zie figuur hieronder). De faculteit Tandheelkunde is vanwege te weinig respondenten uit de analyse gelaten. 2

B EWU S T W O R D I N G D U U R Z A A M H E I D B I J U V A EN H V A zeer laag laag niet hoog/laag hoog zeer hoog FdR GNK FNWI FGW FEB FMG AUC Figuur 2. Probleembesef per faculteit. Groen gedrag Ook wat groen gedrag betreft zijn er verschillen tussen studenten van verschillende faculteiten (zie figuur hieronder). AUC studenten vertonen het vaakst groen gedrag, en verschillen hierin van studenten Rechten (FdR) en studenten Economie en Bedrijfskunde (FEB). nooit groen soms groen vaak groen altijd groen FdR GNK FNWI FGW FEB FMG AUC Figuur 3. Groen gedrag per faculteit. Persoonlijke waarden en wereldbeeld Naast probleembesef en gedrag, zijn studenten bevraagd over hun persoonlijke waarden (wat zij belangrijk vinden in hun leven) en hun wereldbeeld. Waarden waren onderverdeeld in vier typen (zie tabel 1) en aan studenten werd gevraagd hoe belangrijk zij deze voor hun leven vonden op een schaal van -1 tot 7. Tabel 1. Persoonlijke waarden Waarde Toelichting Hedonisme Plezier, genieten van het leven, jezelf verwennen Egoïsme Macht, rijkdom, gezag, invloedrijk, ambitieus Altruïsme Gelijkheid, een vreedzame wereld, sociale rechtvaardigheid, behulpzaamheid Biosferisch Respect voor de aarde, eenheid met de natuur, bescherming van het milieu, milieuvervuiling voorkomen 3

I V A M R E S E A R C H A N D C O N S U L T A N C Y O N S U S T A I N A B I L I TY UvA studenten bleken in wat grotere mate hedonistische en altruïstische waarden belangrijk te vinden (zie figuur 4). Daarna volgden biosferische en egoïstische waarden. 7 6 4 3 2 UvA HvA 1 0 Hedonisme Altruïsme Biosferisch Egoïsme Figuur 4. Belang persoonlijke waarden voor UvA en HvA (in %). Ook hier waren verschillen tussen studenten van verschillende faculteiten. Zo bleken studenten Geesteswetenschappen (FGW) lager te scoren op hedonisme en hoger op altruïsme (zie figuur ). Daarnaast vonden zij biosferische waarden belangrijker en vonden zij egoïsme minder belangrijk dan studenten van sommige andere faculteiten. Voor studenten van de Economie en Bedrijfskunde faculteit (FEB) waren hedonisme aspecten belangrijk en vervolgens altruïstische. Zij scoorden van alle faculteiten het hoogst op egoïstische waarden; al waren andere waarden wel belangrijker. FNWI studenten scoorden bijvoorbeeld in vergelijking met studenten van andere faculteiten, hoger op de biosferische waarde. 7 6 4 3 2 1 0 FdR GNK FNWI FGW FEB FMG AUC UvA totaal Hedonisme Egoïsme Altruïsme Biosferisch Figuur. Belang persoonlijke waarden per faculteit (niet alle verschillen tussen faculteiten zijn significant). FNWI studenten hebben tot slot ook in de hoogste mate een ecologisch wereldbeeld (zie figuur 6). Zij verschillen hierbij van Rechtsgeleerdheid (FdR), Economie en Bedrijfskunde (FEB) en Maatschappij- en Gedragswetenschap (FMG) studenten, die dit in mindere mate hebben. 4

B EWU S T W O R D I N G D U U R Z A A M H E I D B I J U V A EN H V A FdR GNK FNWI FGW FEB FMG AUC Figuur 6. Mate van ecologisch wereldbeeld per faculteit (hoe groener hoe sterker). Verschillen tussen HvA domeinen Groen probleembesef Studenten van de zeven HvA domeinen verschillen van elkaar wat betreft hun probleembesef. Studenten van het domein Onderwijs en Opvoeding (DOO) hebben een hoger besef dan alle andere domeinen, behalve dan studenten van het domein Gezondheid (DG; zie figuur hieronder). Studenten van het domein Economie en Management (DEM) hebben juist een lager probleembesef dan studenten van de domeinen Gezondheid (DG) en Maatschappij en Recht (DMR). zeer laag laag niet hoog/laag hoog zeer hoog DBSV DEM DG DMR DMCI DOO DT Figuur 7. Probleembesef per domein. Groen gedrag Ook wat groen gedrag betreft zijn er verschillen tussen studenten van verschillende domeinen (zie figuur 8). Studenten van het domein Techniek (DT) vertonen minder groen gedrag dan studenten van de domeinen Onderwijs en Opvoeding (DOO), Gezondheid (DG) en Maatschappij en Recht (DMR). Studenten van het domein Onderwijs en Opvoeding vertonen bovendien meer groen gedrag dan studenten van het domein Economie en Management (DEM).

I V A M R E S E A R C H A N D C O N S U L T A N C Y O N S U S T A I N A B I L I TY nooit groen soms groen vaak groen altijd groen DBSV DEM DG DMR DMCI DOO DT Figuur 8. Groen gedrag per domein. Persoonlijke waarden en wereldbeeld Ook HvA studenten bleken in wat grotere mate hedonistische ( genieten van het leven ) en altruïstische waarden belangrijk te vinden (zie figuur 3). Daarna volgden biosferische of milieuwaarden en egoïstische waarden. Er waren verschillen tussen studenten van verschillende domeinen: zo was voor studenten van het domein Beweging, Sport en Voeding (DBSV) hedonisme belangrijker dan voor studenten van de meeste andere domeinen (zie figuur 9). Onderwijs en Opvoeding studenten hechtten juist waarde aan altruïsme en veel minder aan egoïsme. Techniek studenten hadden minder met altruïstische waarden. Economie en Management studenten hechtten gezien meer aan egoïsme en het minst aan biosferische waarden. 7 6 4 3 2 1 0 DBSV DEM DG DMR DMCI DOO DT HvA totaal Hedonisme Egoïsme Altruïsme Biosferisch Figuur 9. Belang vier persoonlijke waarden per domein (niet alle verschillen tussen domeinen zijn significant). Economie en Management studenten bleken ook een minder sterk ecologisch wereldbeeld te hebben dan de studenten van de domeinen Onderwijs en Opvoeding, en Gezondheid, die hier relatief wat beter op scoorden. De studenten van de verschillende HvA domeinen verschilden echter niet veel wat betreft hun ecologische wereldbeeld (zie figuur 10). 6

B EWU S T W O R D I N G D U U R Z A A M H E I D B I J U V A EN H V A DBSV DEM DG DMR DMCI DOO DT Figuur 10. Mate van ecologisch wereldbeeld per domein (hoe groener hoe sterker). Kloof tussen groen bewustzijn en groen gedrag Eén van de hypotheses van ons onderzoek was dat er sprake is van een kloof tussen groen probleembesef en groen gedrag. Zoals hierboven wordt beschreven, blijkt zowel bij de UvA studenten als bij de HvA studenten het probleembesef redelijk hoog te zijn, maar vertonen studenten niet per se heel groen gedrag. Wanneer we het groene gedrag van UvA studenten in een model verklaren, blijkt inderdaad dat er naast probleembesef ook andere factoren een rol moeten spel. Dit is de genoemde kloof. Alleen het vergroten van het bewustzijn van studenten zal daarom niet automatisch leiden tot groen gedrag, maar er wel iets aan bijdragen. Naast probleembesef verklaren persoonlijke waarden van studenten een deel van het groene gedrag. Ook de mate waarin studenten vinden dat zij zelf aan oplossingen bij kunnen dragen (respons-effectiviteit) is van invloed. In het geval van de HvA studenten bleek het verklaren van het groene gedrag op basis van de factoren probleembesef en persoonlijke waarden wat minder goed te werken. Maar ook bij hen bleek wel dat meer bewustwording alleen niet tot groen gedrag zal leiden. Conclusies en aanbevelingen De mate van bewustwording onder UvA en HvA studenten is redelijk hoog te noemen. Er zijn echter wel verschillen tussen studenten van verschillende faculteiten en domeinen. Uit het onderzoek blijkt dat naast bewustwording ook andere factoren bijdragen aan groen gedrag. Het vergroten van bewustwording alleen, zal daarom maar voor een beperkt effect op gedrag kunnen zorgen. Maar aan de andere kant blijkt bewustwording wel ook van invloed. Op basis van de resultaten uit dit onderzoek, doen we een aantal aanbevelingen die bij de UvA en HvA zouden kunnen worden toegepast. Vergroten van bewustwording per faculteit en domein Bij de faculteiten en domeinen die op achterblijven op bewustwording, zou aandacht aan meer probleembesef door bijvoorbeeld onderwijs of andere vormen van communicatie kunnen worden geschonken. Dit betreft de faculteiten Economie en Bedrijfskunde en Geneeskunde, en de domeinen Economie en Management, DMCI en Techniek. Het probleembesef kan bijvoorbeeld worden vergroot door informatie over van oorzaken en gevolgen van het probleem en de rol van het eigen gedrag daarbij (zie ook RLI, 2014). Feedback over de milieueffecten van het eigen gedrag kan hierbij effectief zijn. Verbeteren van groen gedrag bij de UvA en HvA Het groene gedrag van studenten zou vanuit de huidige duurzaamheid problematiek bekeken, best wat beter kunnen. Als de UvA en HvA belang hechten aan meer groen gedrag dan zou breder ingezet moeten 7

I V A M R E S E A R C H A N D C O N S U L T A N C Y O N S U S T A I N A B I L I TY worden dan alleen op bewustwording. Het gedrag van studenten beperkt zich bij de UvA en HvA tot hun vervoerskeuzes, aankopen in de mensa en kantine, het uitdoen van verlichting en computers (als van toepassing) of het scheiden van afval. Hoewel de hoeveelheid dingen die ze zelf kunnen doen beperkt lijkt, kunnen studenten op deze manier toch bijdragen. Hun inschatting of eigen keuzes bijdragen aan de oplossing van problemen (respons-effectiviteit) is nu echter negatief. Door studenten gericht te informeren over opties of hen opties te laten zien en ervaren, kan dit worden vergroot (RLI, 2014). Zo kunnen tips op het juiste moment en op de juiste plaats gedrag beïnvloeden. Daarnaast kan worden ingespeeld op de verschillende waardeoriëntaties bij studenten van de verschillende faculteiten en domeinen. Mensen verschillen in wat zij belangrijk vinden in hun leven, en het is daarom ook niet verwonderlijk dat dit soort verschillen ook tussen faculteiten en domeinen wordt gevonden. De ene oriëntatie is overigens niet beter dan de ander. Bij studenten die waarde hechten aan biosferische waarden zijn argumenten gericht op het verbeteren van het milieu effectiever dan bij studenten die daar weinig of geen waarde aan hechten. Een groep die meer belang hecht aan egoïstische waarden kan bijvoorbeeld worden aangesproken op de effecten die duurzaamheidproblemen op hun eigen dagelijks leven hebben en op welke manier zij zelf baat hebben van ander gedrag. Op deze manier kan per faculteit of domein voor een andere insteek worden gekozen. Naast de focus op persoonlijke waarden, kan ook gekozen worden voor andere factoren die van invloed zijn op groen gedrag. In het theoretisch kader in de Bijlage wordt een aantal beschreven, zoals economische, sociale en institutionele omstandigheden, en bekwaamheden (kennis en vaardigheden). Ook keuzeprocessen spelen hierbij een rol. Het RLI (2014) gedragsanalysekader kan daarbij hulp bieden. Verbeteren van groen gedrag in het algemeen Ook het algemene groene gedrag van studenten zou best wat beter kunnen. Zowel voor nu als voor later, als zij mogelijk beslissingen zullen nemen op verschillende maatschappelijke posities. Of dit een taak is van de UvA en HvA dat is een eigen afweging. Indien gewenst zou een project kunnen worden opgezet om over wat langere tijd bij een specifieke faculteit of domein het groene gedrag te verbeteren. Bijvoorbeeld bij een faculteit of domein die wat achterblijft. Daarbij kan weer worden ingespeeld op eerder genoemde factoren, zoals motieven (probleembesef, respons-effectiviteit, persoonlijke waarden), bekwaamheden en omstandigheden. Een mix van factoren en aanpakken zal het meest effectief zijn. Om dit project op te zetten is het vinden van externe financiering waarschijnlijk een goede mogelijkheid. 8