Rugoperatie. Decompressie / Herniotomie / Laminectomie



Vergelijkbare documenten
Rugoperatie. Meer informatie of vragen. Uitgave van de afdeling Communicatie, i.s.m. het orthopediecentrum. Colofon. Maart 2012

Decompressie / Herniotomie

Rugoperatie. Dorsale / Ventrale / Circumferente lumbale spondylodese

Correctie van de stand van de rug. Lumbale columnotomie

Heupoperatie. Peri-acetabulaire osteotomie en triple osteotomie van het bekken

Spondylodese van de rug

Correctie van de stand van de rug

Heupoperatie. Peri-acetabulaire osteotomie en triple osteotomie van het bekken

Dienst Orthopedie Stedelijk Ziekenhuis Roeselare LUMBALE KANAAL STENOSE WAARVOOR DECOMPRESSIE

Operatie aan de nekwervels via de hals. Ventrale cervicale spondylodese

Heupoperatie. De Pandakplastiek

Correctie van de stand van de nek. Cervicale columnotomie

Vastzetten van het polsgewricht. Polsartrodese

Standsverandering onderbeen. Tibiakop osteotomie

Inleiding 3. Reden voor de operatie 3. De operatie 3. Risico s van de operatie 5

Spondylodese van de rug

Kyfosecorrectie. Operatie aan de rug

Herstellen schouderspieren met operatie. Cuffrepair

Operatie bij een vernauwing van het lendenwervelkanaal

Anatomische schouderprothese

Kijkoperatie heup. Heupartroscopie

Verwijderen osteosynthesemateriaal Knie, onderbeen, voet, heup en rug

Herstellen schouderspieren met operatie. Cuffrepair

Een operatie bij uitzaaiingen in de wervelkolom

Orthopedie LUMBALE HNP-OPERATIE

Vervangen buiten- of binnenband van de knie. Laterale of mediale bandreconstructie

Laterale clavicula resectie. Operatie aan de schouder

Reversed schouderprothese

Micro-invasieve operatie van een hernia in de onderrug in dagbehandeling

Verplaatsen knieschijf pees en herstel binnenste knieschijfband bij voorste knie pijn en instabiliteit

De unicompartimentele knieprothese

Orthopedie Lumbale HNP-operatie

De schouderprothese. Meer informatie of vragen

Brede rugspier verleggen met operatie i.v.m. gescheurde pezen in schouder. Latissiumus Dorsi transpositie

Stabiliserende operatie van schoudergewricht. Latarjet operatie

PATIËNTENFOLDER Wervelkolomcentrum Spondylodese (achterste benadering)

Operatie bij cervicale kanaalstenose of hernia

Revisie knieprothese

Scopische neerplastiek. Kijkoperatie van de schouder

Vernauwing van het wervelkanaal

Vernauwing van het wervelkanaal in de onderrug Neurochirurgische behandeling

Lage rughernia Neurochirurgische behandeling

Vervangen buiten- of binnenband of achterste kruisband van de knie. Laterale/ mediale bandreconstructie of achterste kruisbandreconstructie

PATIËNTENFOLDER Orthopedie Kyfoplastiek Rugwervelfracturen/inzakkingen

Spondylodese van de nek

Vervangen polsgewricht. Polsprothese

Nekhernia Neurochirurgische behandeling

De cuffrepair. (Operatie om de cuff te herstellen)

Operatie aan het gewrichtskapsel van het schoudergewricht. Capsular shift

Carpaal Tunnel Syndroom. Operatie

Ventrale cervicale spondylodese. Een operatie aan de nekwervels via de hals

Vernauwing van het wervelkanaal in de nek Neurochirurgische behandeling

Nekhernia. Informatie voor patiënten. Medisch Centrum Haaglanden

Neurologie. Hernia-operatie van de rug

Een hernia De operatieve behandeling

Vernauwing van het wervelkanaal

Meniscustransplantatie

WERVELKANAALSTENOSE LAMINECTOMIE

Spondylodese van de nek

Artroscopie van de schouder. kijkoperatie

Vervangen deel ellebooggewricht. Radiuskopprothese

WERVELKANAALSTENOSE LAMINECTOMIE

Decompressie/ laminectomie

Nabehandeling voorvoetoperatie. Zonder gips

VERNAUWING VAN HET WERVELKANAAL IN DE ONDERRUG NEUROCHIRURGISCHE BEHANDELING

PATIËNTENFOLDER Wervelkolomcentrum Spondylodese (voorste benadering) Het vastzetten van rugwervels

Hernia. Ziekenhuis Gelderse Vallei

Informatie voor thuis Na een opname op afdeling D2, locatie Dordwijk

Kijkoperatie van de schouder. arthroscopie

Operatie bij rughernia of kanaalstenose

Uitzaaiingen in de wervelkolom

Cervicale Spondylodese

Operatie bij een vernauwing van het wervelkanaal

Artroscopisch hechten van de meniscus

Leefregels na ontslag. Na een klinische opname

Operatie bij standafwijking been of beenlengteverschil. (Hemi) Epifysiodese

Nucleoplasty. Cervicaal, thoracaal of lumbaal. Behandeling van een hernia bij het Pijnbehandelcentrum

Externe lumbale drain Het inbrengen van een drain in het onderste gedeelte van de rug

Operatie bij Trigger finger/thumb. Tendovaginitus stenosans

Nazorg en leefregels na een operatie aan het wervelkanaal

Tuberositas transpositie

Nabehandeling voorvoetoperatie. Met gips

Patiënteninformatie. (hernia inguinalis) Operatie voor een liesbreuk. Operatie voor een liesbreuk

Lumbale hernia operatie

rugoperatie lumbale spondylodese patiënteninformatie

Targeted Disc Decompression (TDD)

CERVICALE HERNIA. Franciscus Gasthuis

Thuis herstellen na een gynaecologische operatie. Verpleegafdeling Oost 43

PATIËNTEN INFORMATIE. Hernia-operatie nek

Liesbreukoperatie volwassenen (hernia inguinalis)

Reconstructie voorste kruisband

Leefregels en houdingsadviezen

Met ontslag van afdeling A2. Chirurgie/Gynaecologie

Inhoud. Inleiding 3. Het ellebooggewricht 3 Een normaal ellebooggewricht 3 Een versleten ellebooggewricht 3 Vervangen van het ellebooggewricht 3

Artroscopie van de knie. Kijkoperatie

Neurologie. Lumbale laminectomie

Osteotomieën. Standveranderingen rondom de knie

Adviezen na rugoperatie (rug)hernia / vernauwing van het wervelkanaal

Nabehandeling voorvoetoperatie. Zonder gips

Transcriptie:

Rugoperatie Decompressie / Herniotomie / Laminectomie

Inhoud Inleiding 3 De wervelkolom 3 De operatie Benige decompressie/laminectomie 3 Herniotomie 3 Resultaten 4 Risico's van de operatie 4 Algemene risico s 4 Specifieke risico s 4 Na de operatie 5 De wond 5 Het ontslag 5 Leefregels na ontslag 6 Eerste drie weken 6 Eerste 6 weken 6 Eerste 6-12 weken 6 Overige adviezen 7 Weer aan het werk 7 Poliklinische controle 7 Vragen en tip 7 2

Inleiding U ondergaat een operatie aan de rug om één of meerdere beknelde zenuw(en) vrij te leggen. In deze folder krijgt u informatie over de voorbereiding op de operatie, de operatie en adviezen met betrekking tot belasting van de rug in de eerste weken na de operatie. De wervelkolom Het onderste gedeelte van de rug bestaat uit vijf lendenwervels die met behulp van tussenwervelschijven en bandstructuren met elkaar verbonden zijn. In het wervelkanaal loopt het ruggenmerg. Vanuit het ruggenmerg lopen zenuwen naar de benen. De operatie Benige decompressie/laminectomie Ten gevolge van degeneratie (artrose) van de tussenwervelschijven ontstaan er botwoekeringen die de ruimte voor de zenuwwortels vernauwen. De zenuwen kunnen hierdoor bekneld raken. Deze beknelde zenuw(en) veroorzaken pijnklachten in de rug die kunnen uitstralen naar één of beide benen. Een benige decompressie is een operatie waarbij de chirurg de botwoekeringen weghaalt. Hierdoor verminderen de pijnklachten in het been. Nadat u onder algehele narcose bent gebracht, wordt u op uw buik gelegd. De chirurg maakt een snede in het midden van de onderrug en legt de lendenwervel vrij op de plaats waar de beknelde zenuw zich bevindt. Vervolgens haalt hij de botwoekering(en) weg. Zo nodig wordt een (groot) deel van de wervelboog verwijderd. Hierdoor komt de beknelde zenuw(en) weer vrij te liggen. Tot slot wordt de wond gehecht. Herniotomie Ten gevolge van degeneratie van een tussenwervelschijf, kan er een uitstulping van die tussenwervelschijf (= hernia) ontstaan. Omdat de zenuwen vlak langs de tussenwervelschijf lopen, kan zo n uitstulping op een zenuwwortel drukken. Dit veroorzaakt voornamelijk pijnklachten in één van beide benen. Een herniotomie is een operatie waarbij de hernia weggehaald wordt, zodat de beknelde zenuw weer vrij ligt. Hierdoor verminderen of verdwijnen de pijnklachten in het been. Nadat u onder algehele narcose bent gebracht, wordt u op uw buik gelegd en maakt de chirurg een snede in het midden van de onderrug. Hij legt de 3

tussenwervelschijf vrij op de plaats waar de hernia zich bevindt en haalt de hernia weg. Hierdoor komt de beknelde zenuw weer vrij te liggen. Tot slot wordt de wond gehecht. Resultaten 70-75 % van de geopereerde patiënten ervaart een aanzienlijke verbetering/genezing wat betreft de beenpijn. 20-25 % van de geopereerde patiënten voelt zich beter, maar houdt nog wel wat beenpijn. 5% van de geopereerde patiënten ervaart geen verbetering. 1% van de geopereerde patiënten ervaart een verslechtering ten opzichte van voor de operatie. Risico's van een herniotomie/decompressie/laminectomie operatie Algemeen Een operatie brengt minder risico met zich mee, als u gezond en fit bent. Het is dan ook aan u om de complicaties van de operatie zo klein mogelijk te houden. Dit kan bijvoorbeeld door uw gewicht in de gaten houden en te blijven bewegen (wandelen, fietsen). Er wordt van u verwacht dat u minimaal zes weken voor de operatie stopt met roken en dit volhoudt tot drie maanden na de operatie. Roken vertraagt de wond- en botgenezing. Als u bloedverdunners gebruikt, is het van belang dat uw arts hiervan op de hoogte is. Bij mensen met diabetes is de kans op infectie iets verhoogd en het herstel van de zenuwen kan wat achter blijven. Specifieke risico s De zenuw die de pijn veroorzaakt kan al beschadigd zijn. Deze zal dan niet volledig herstellen ondanks een geslaagde operatie. Des te langer de zenuw beschadigd is, des te langer duurt het herstel. Bij het weghalen van de botwoekering of de hernia komt de chirurg dicht bij het ruggenmerg en de zenuwen die naar de benen lopen. Het ruggenmerg wordt omgeven door een dun beschermend vlies (dura) gevuld met vocht (liquor). Tijdens de operatie bestaat altijd de kans dat deze dura beschadigd raakt en er liquor lekt. Dit duralek geneest vrijwel altijd vanzelf, maar kan tijdelijk hoofdpijnklachten veroorzaken. Soms bestaat hierdoor de noodzaak 4

voor tijdelijke bedrust na de operatie. De kans op beschadiging van de dura is wat groter als het een her-operatie betreft. Tevens kunnen de zenuwen (tijdelijke) schade oplopen. Dit kan leiden tot verlammingsverschijnselen en/of pijnklachten in de benen. In de meeste gevallen verdwijnt dit naar verloop van tijd vanzelf. Er bestaat altijd een kans dat infectie van de wond optreedt. Dit is in de meeste gevallen goed te behandelen met antibiotica. Soms is een heroperatie noodzakelijk. Na de operatie Alleen gedurende de opname krijgt u iedere dag een injectie met een anti-stollingsmedicijn. Dit voorkomt de vorming van trombose (bloedstolsel) in de bloedvaten tijdens en na de operatie. Onder begeleiding van de verpleegkundige mag u de 1 e dag na de operatie weer uit bed. Wanneer dit goed gaat, zult u - met instructies van de verpleegkundige - zelfstandig naar het toilet en / of onder de douche mogen. De zaalarts zal neurologisch onderzoek uitvoeren en u informeren over de operatie. Indien u nog vragen heeft omtrent de adviezen met betrekking tot de belasting van de rug na de operatie, kunt u die ook aan de zaalarts stellen. Het is niet nodig om een korset te dragen na de operatie, tenzij de chirurg anders voorschrijft. U zult ook geen fysiotherapie krijgen na de operatie. De wond Als de wond gehecht is met oplosbare hechtingen, hoeven deze niet verwijderd te worden. Wel mag de huisarts 14 dagen na de operatie de eventueel aanwezige knoopjes aan weerszijde van de wond afknippen. Indien de hechtingen niet oplosbaar zijn, kan uw huisarts deze na 14 dagen verwijderen. Eventueel kan dit ook op de wondpolikliniek van het orthopediecentrum. Het ontslag U wordt de tweede dag na de operatie s avonds ontslagen uit het ziekenhuis, tenzij de zaalarts anders beslist. Voordat u met ontslag gaat heeft u een ontslag gesprek met de verpleegkundige en met een medewerker van de apotheek. 5

Leefregels na ontslag Lees de folder Leefregels na ontslag. Napijn in de rug, bil en/of het been is geen alarmerend verschijnsel. De operatiewond en de beknelde zenuw hebben immers tijd nodig om te herstellen. Het is daarom van belang dat de rug de eerste 6 weken niet te zwaar belast wordt. Daarom gelden de volgende adviezen na de operatie. U mag wel autorijden en douchen na de operatie. Wat mag u de eerste drie weken na de operatie niet: De eerste drie weken is het beter geen seksuele gemeenschap te hebben. Daarna kan het wel, indien u bepaalde regels in acht neemt. U mag bijvoorbeeld geen holle of bolle rug maken. Wat mag u de eerste zes weken na de operatie niet: Zwaarder dan 5 kilo dragen of tillen Bukken en een holle rug maken Lang en onderuitgezakt zitten Gelijktijdig door beide knieën zakken Fietsen en bromfiets rijden (ook niet achterop zitten) Sporten Een grijpstang boven uw bed gebruiken De hond aangelijnd uitlaten Met de volgende activiteiten moet u, de eerste 6-12 weken, voorzichtig zijn omdat ze de rug zwaarder kunnen belasten Lang staan, slenteren, hardlopen Dragen en duwen van - en trekken aan zware objecten (bijv. bij het uitoefenen van hobby's of bij boodschappen doen) Huishoudelijke activiteiten als stofzuigen, bed opmaken, strijken en ramen wassen: o U mag zittend strijken (niet staand) o U mag stofzuigen als iemand anders de stofzuiger klaarzet en als de stofzuigerstang op de langste stand staat o U mag koken 6

Overige adviezen Wissel rust en beweging met elkaar af; het is aan te raden, zeker in het begin, minimaal 2 keer per dag een half uur te rusten. U mag zowel op de rug, de zij als de buik slapen. Het is aan te raden activiteiten als lopen en wandelen geleidelijk op te voeren ter verbetering van uw conditie. Weer aan het werk Heeft u een benige decompressie of herniotomie ondergaan, dan mag u vanaf 6 weken na de operatie uw werkzaamheden weer hervatten. Poliklinische controle Drie maanden na de operatie komt u voor controle bij uw behandelend arts, arts-assistent of bij een Nurse pratitioner (NP)/Physician assistant (PA). Een NP/PA is opgeleid om deze controles te doen en werkt onder supervisie van en in overleg met een orthopedisch chirurg. Eventueel wordt op de afdeling radiologie vooraf een controlefoto gemaakt. Vervolgens wordt het resultaat van de ingreep besproken en de eventuele foto s. Vragen Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u deze stellen tijdens het preoperatieve onderzoek of contact opnemen met de orthopedisch consulenten. Tip Neem de folder mee wanneer u wordt opgenomen. U kunt dan alle relevante informatie nog eens nalezen. 7

Meer informatie of vragen Colofon Voor vragen of meer informatie kunt u contact opnemen met de orthopedisch consulenten via telefoonnummer (024) 365 96 59 of e-mail orthopedie.consulenten@maartenskliniek.nl Uitgave van de afdeling Communicatie, i.s.m. afdeling Orthopedie Maart 2015 Bestelcode 1036758 Bezoekadres Hengstdal 3, 6574 NA Ubbergen (bij Nijmegen) Postadres Postbus 9011, 6500 GM Nijmegen Telefoon (024) 365 99 11 Internet www.maartenskliniek.nl