Reflectie en feedback Professionele vorming Kennis Attitude Skills Module ICTPIS01VX/DX Aantal studiepunten: 3 1
Modulebeschrijving Modulenaam: Modulecode: Reflectie en feedback. Deze module is onderdeel van het project: ICTPIS01VX/DX Aantal studiepunten: Studiepunten 3 Werkvormen: Toetsing: Praktijkopdracht & feedbackbijeenkomsten en reflectie Het project wordt beoordeeld op 3 onderdelen, te weten: 1. Inhoud van het project 2. Professionele vorming 3. Taalvaardigheid Nederlands en de onderzoeksvaardigheden Voor elk onderdeel kan maximaal 100 punten worden verdiend. 300 punten = 10 en 150 punten = 5. Om de (8) studiepunten te behalen, dient elk onderdeel met minimaal 55 punten (= een voldoende) te worden afgesloten. Het eindcijfer is een gewogen gemiddelde van het cijfer van elk van de 3 onderdelen. Het onderdeel professionele vorming wordt beoordeeld aan de hand van de opdrachtuitwerkingen en de reflectieverslagen. Leermiddelen: Draagt bij aan de Dublin descriptoren : Jonas Rubrech, Interpersoonlijke vaardigheden voor ICT ers Leervaardigheden De bachelor is in staat om zijn/haar kennis en inzicht op dusdanige wijze toe te passen, dat dit een professionele benadering van zijn/haar werk of beroep laat zien. Toepassen kennis en inzicht De bachelor is in staat om zijn/haar kennis en inzicht op dusdanige wijze toe te passen, dat dit een professionele benadering van zijn/haar werk of beroep laat zien. Leerdoelen: Binnen de eindtermen, de student kan: reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties constructief feedback geven op prestaties van anderen constructief feedback geven op gedrag van anderen is de student in staat om: 1. Te reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties door effectief toepassen van het STARR model en de cyclus van Korthagen 2. Feedback op zijn gedrag, handelen en bereikte resultaten te vragen en te ontvangen 3. Constructief feedback te geven op prestaties van anderen volgens het 6-Staps model 4. Feiten van persoonlijke indrukken, meningen en oordelen te onderscheiden 5. Constructief feedback te geven op gedrag van anderen volgens het 6-Staps model Inhoud: Context, Opmerkingen: Module beheerder: In deze module worden basisvaardigheden geleerd en geoefend om tot een hoger niveau van prestatie en professionaliteit te komen. De nadruk ligt op het zelfstandig werken aan situaties uit de eigen beroepspraktijk. De student toont een professionele, nieuwsgierige, pro actieve en enthousiaste houding. Marcel Hermsen Datum: Augustus 2012 Versie 1.0 2
Inhoudsopgave 1 ALGEMENE OMSCHRIJVING... 4 1.1 INLEIDING... 4 1.2 INHOUD... 4 1.3 RELATIE MET ANDERE ONDERWIJSEENHEDEN... 4 1.4 COMPETENTIES EN LEERDOELEN... 4 1.5 WERKVORMEN... 5 1.6 LITERATUUR EN AANBEVOLEN ICT-BRONNEN... 5 2 PROGRAMMA... 5 2.1 WEEKSCHEMA... 5 2.2 OPDRACHTEN... 6 3. TOETSING EN BEOORDELING... 8 3.1 PROCEDURE... 8 3.2 BEOORDELING MODULE PROFESSIONELE VORMING... 8 3.3 TOETSMATRIJS... 9 3.4 HERKANSING... 9 BIJLAGE 1: CHECKLIST HET VRAGEN EN ONTVANGEN VAN FEEDBACK... 10 BIJLAGE 2: CYCLUS VAN KORTHAGEN... 11 BIJLAGE 3: FEITEN EN INDRUKKEN... 12 BIJLAGE 4: OBSERVATIEFORMULIER FEEDBACK GEVEN... 13 BIJLAGE 5: OBSERVATIEFORMULIER FEEDBACK ONTVANGEN... 14 BIJLAGE 6: PERSOONLIJKE REFLECTIEVERSLAG... 15 3
1 Algemene omschrijving 1.1 Inleiding Instituut CMI leidt studenten op tot Communicatie, Multimedia en ICT professionals voor de wereld van Internettechnologie en nieuwe media. Bij uitstek professionals van wie wordt verwacht dat ze hun deskundigheid in kunnen zetten bij het uitvoeren van hun taken. Het 2 jarige AD-traject leidt studenten op tot Bachelor ICT Servicemanagement. Als professional dien je te beschikken over voldoende ICT kennis en tevens over de vaardigheden deze deskundigheid adequaat in te zetten. 1.2 Inhoud ICT professionals en vooral professionals binnen het domein van ICT Servicemanagement werken veelal met interne en externe klanten en afnemers van ICT diensten en producten. Om service gericht te kunnen werken dient de professional diepgaande deskundigheid te hebben op één of meerdere ICT gebieden. Daarnaast dient de student over een passend pakket aan vaardigheden (skills) te beschikken, zowel op vakinhoudelijk als intermenselijk gebied. Denk hierbij onder andere aan vaardigheden, zoals: onderzoeken, adviseren, programmeren, communiceren, samenwerken en zelfreflectie. Naast de vakinhoudelijke deskundigheid en de benodigde vaardigheden om met die deskundigheid om te gaan is de beroepshouding of attitude essentieel. Denk hierbij aan doelgerichtheid, oplossingsgerichtheid, stressbestendigheid, servicegerichtheid en klantgerichtheid. In deze module word je jezelf bewust van het belang van een professionele en service gerichte houding en word je uitgedaagd een kritisch houding aan te nemen ten opzichte van je eigen prestaties en als de prestaties van anderen. Je leert reflecteren en constructief feedback geven. 1.3 Relatie met andere onderwijseenheden De module Reflectie en feedback is onderdeel van de leerlijn Professionele vorming en is elke onderwijsperiode onderdeel van het project. 1.4 Competenties en leerdoelen Deze module draagt bij aan de Dublin descriptoren : Leervaardigheden De bachelor is in staat om zijn/haar kennis en inzicht op dusdanige wijze toe te passen, dat dit een professionele benadering van zijn/haar werk of beroep laat zien. Toepassen kennis en inzicht De bachelor is in staat om zijn/haar kennis en inzicht op dusdanige wijze toe te passen, dat dit een professionele benadering van zijn/haar werk of beroep laat zien. Leerdoelen Binnen de eindtermen, de student kan: reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties constructief feedback geven op prestaties van anderen constructief feedback geven op gedrag van anderen Is de student in staat om: 1. Te reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties door effectief toepassen van het STARR model en de cyclus van Korthagen 2. Feedback op zijn gedrag, handelen en bereikte resultaten te vragen en te ontvangen 3. Constructief feedback te geven op prestaties van anderen volgens het 6-Staps model 4. Feiten van persoonlijke indrukken, meningen en oordelen te onderscheiden 5. Constructief feedback te geven op gedrag van anderen volgens het 6-Staps model 4
1.5 Werkvormen Om de doelstelling van deze module te bereiken, is gekozen voor praktisch en interactief onderwijs. Pro actieve deelname; de leerdoelen zijn uitsluitend te behalen door actieve deelname aan de bijeenkomsten en het tijdens en buiten de bijeenkomsten om werken aan de opdracht. Je bereidt jezelf gericht voor op de volgende bijeenkomst en je hebt de gevraagde opdrachten uitgewerkt. Je werkt zelfstandig en in feedbackgroepjes van 2 studenten aan de opdrachten. De docent begeleidt de opdrachten. Omdat programmaonderdelen op elkaar aansluiten en je feedback nodig hebt voor de volgende stappen, geldt een aanwezigheidsplicht. Praktijkopdrachten en feedback bijeenkomsten; de module kenmerkt zich door aan de beroepspraktijk gekoppelde opdrachten met verschillende op elkaar aansluitende onderdelen. In de bijeenkomsten wordt de voortgang besproken en ontvang je feedback op je uitwerking en handreikingen voor het vervolg. Indien nodig wordt theorie behandeld die je nodig hebt bij de uitwerking van de opdracht. Elke bijeenkomst kan elk groepslid worden gevraagd een update te geven, waarop je feedback ontvangt. Door deze gerichte feedback wordt je in de gelegenheid gesteld jezelf verder te bekwamen. Tegelijkertijd worden anderen door deze feedback geïnspireerd. Persoonlijke en modulereflectie; na elke bijeenkomst werk je het persoonlijke reflectieverslag bij en beschrijf je jouw leermomenten, verworven inzichten en voorgenomen acties. De laatste 10 minuten van een bijeenkomst worden besteed aan persoonlijke reflectie, zowel individueel als in groepjes (peer to peer). 1.6 Literatuur en aanbevolen ICT-bronnen Jonas Rubrech, Communicatieve vaardigheden voor ICT ers, Pearson Education, 2008, ISBN 97890-430-141-68 2 Programma 2.1 Weekschema Hieronder vind je het globale lesschema, waarin staat beschreven wanneer welke onderdelen worden behandeld en welke (voorbereidende) inspanningen van de studenten worden verwacht. Lesweek Werkvorm Onderwerp Voorbereiding 1 o o o 2 o o o 3 o o o 4 o o o 5 o o o 6 o o o 7 - (les 1) o Theorie uitleg o Reflectie o Lezen modulewijzer o Maken opdrachten 8 - (les 2) o Feedback o Feedback o Maken opdrachten 9 - (les 3) o Rollenspel o Feedback o o Peer to peer o Reflectie 10 o o o Maken opdrachten 5
2.2 Opdrachten 1: Methoden van reflecteren Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 1. In deze opdracht gaat het om de STARR methode en de cyclus van Korthagen te leren kennen en kunnen toepassen. 1.1 Bestudeer hoofdstuk 1 uit Communicatieve vaardigheden voor ICT ers en de beide methoden, bijvoorbeeld via: Reflecteren, Starr en Korthagen. 1.2 Kies een situatie uit de praktijk en pas de STARR-methode toe 1.3 Kies een andere situatie uit de praktijk en pas de cyclus van Korthagen toe 1.4 Welke nuttige inzichten heb je verkregen om te komen tot inzichten over je eigen prestatieniveau en het nut van reflectie om te komen tot een hoger prestatieniveau? 2: Feedback ontvangen Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 2. In deze opdracht gaat het om de meerwaarde ervaren van feedback vragen en ontvangen op je eigen prestaties, waardoor je inzicht vergaart hoe te komen tot een hoger prestatieniveau. 2.1 Gebruik de checklist het vragen en ontvangen van feedback uit bijlage 1 (en 5) en vraag feedback aan je leidinggevende over een bepaalde taak de je diende te doen. 2.2 Kies een van beide methoden om te reflecteren op de taak/prestatie het vragen en ontvangen van feedback en pas de methode toe. 2.3 Welke nuttige inzichten heb je verkregen om te komen tot een hoger prestatieniveau? 3: Feedback geven op prestaties Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 3. In deze opdracht gaat het om het kunnen nagaan in welke mate een ander een bepaalde taak / prestatie kan verrichten. 3.1 Kies een medestudent en vraag diens medewerking. Gebruik de checklist van bijlage 2 om na te gaan in hoeverre de cyclus van Korthagen correct is uitgevoerd. 3.2 Geef deze student feedback volgens de 6-staps methode. 3.3 Welke nuttige inzichten heb je verkregen om te komen tot een hoger prestatieniveau? 4: Feiten en indrukken Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 4. In deze opdracht gaat het om het kunnen onderscheiden van feiten en meningen. 4.1 Kies een situatie uit je eigen omgeving (school of werk) waarin sprake is van ongewenst gedrag van een ander en dat bij jou irritatie oproept. Beschrijf de feiten en je meningen en oordelen over dat gedrag, die situatie en die persoon. Gebruik hiertoe bijlage 3. 4.2 Welke nuttige inzichten heb je verkregen? 5: Feedback geven op gedrag Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 5. In deze opdracht oefen je het geven van feedback op een persoon die een gedrag vertoont dat jezelf als ongewenst ervaart. 5.1 Kies een situatie uit je eigen omgeving (school of werk) om feedback op te geven. Neem een situatie waarin sprake is van ongewenst gedrag van een ander en dat bij jou irritatie oproept en nadelige gevolgen kan hebben op je functioneren of taakuitvoering. 5.2 Bereid volgens de 6-staps methode een feedback gesprek voor, zodat je tijdens de oefenbijeenkomst feedback kunt geven. Neem het observatieformulier (bijlage 4 en 5) mee. 5.3 Welke nuttige inzichten heb je verkregen mbt het toepassen van de feedbackmethode? 6
6. Module reflectie Deze opdracht sluit aan bij leerdoel 1 tot en met 5. Een belangrijk onderdeel van deze module zijn de ontwikkelingen, leermomenten en verworven inzichten waarmee je laat zien de mate waarin je de lesstof hebt eigen gemaakt. Middels deze module reflectie maak je inzichtelijk wat je precies hebt geleerd en in welke mate je de doelstellingen hebt behaald. Tevens maak je inzichtelijk de mate waarin je aan de eindtermen en Dublin descriptoren hebt bijgedragen. Je geeft ook aan in welke leerfase hij/zij zich bevindt, door te beargumenteren aan welke doelstellingen wel, gedeeltelijk of nog niet wordt voldaan en wat de te nemen acties zijn om aan wel aan alle doelstellingen te voldoen. Hiertoe ga je reflecteren. Dit is een proces van inzoomen & uitzoomen op je inzet en prestaties. Om informatie en inzichten te verzamelen kun je de STARR methode of de cyclus van Korthagen gebruiken. In je reflectieverslag ga je in op gebruikte theorieën, bestudeerde lesstof en toegepaste methoden en modellen. Daarnaast ga je in op ontvangen feedback en de meerwaarde van deze module voor jou als professional in je beroepsomgeving. Hiertoe kun je anderen interviewen en/of om feedback vragen op je prestaties. Wekelijks kunnen studenten worden uitgenodigd de eigen reflecties en verworven inzichten en leermomenten klassikaal te presenteren. 6.1 Schrijf je reflectieverslag en gebruik alle punten uit bijlage 5. Lees goed wat wordt gevraagd. Belangrijk is de onderbouwing van je antwoorden met relevante argumenten. Het reflectieverslag is als WORD format beschikbaar. Het reflectieverslag dient compleet en volledig, in overeenstemming met de onderdeelbeschrijving van het te gebruiken format te zijn uitgewerkt. PS: het reflectieverslag wordt beoordeeld op kwaliteit, onderbouwing en inhoud. Een reflectieverslag dat aan deze criteria voldoet neemt al snel 3-4 A4 in beslag. Opmerking: De bijlagen zijn als WORD format beschikaar. 7
3. Toetsing en beoordeling 3.1 Procedure Er zijn 3 verschillende onderdelen waarop gescoord kan worden. 1. De inhoud van het project 2. De professionele vorming 3. Taalvaardigheid Nederlands en de onderzoeksvaardigheden Voor elk onderdeel kan maximaal 100 punten worden gescoord. Totaal kunnen dus 300 punten worden gescoord. Om de studiepunten te verdienen, dient elk onderdeel dient met minimaal 55 punten te worden afgesloten. Om voor een beoordeling van de module Reflectie en feedback in aanmerking te komen, dien je aan een aantal voorwaarden te voldoen. Hieronder staat beschreven wat die voorwaarden zijn: Voorwaarden Aanwezigheid Compleetheid Volledigheid Tijdigheid Eindverslag Toelichting Voor deze module geldt een 100% aanwezigheidsplicht met een actieve houding. Indien je eenmaal afwezig is, kan de docent aanvullende eisen stellen. Bij 2 keer afwezigheid wordt teveel gemist en dient de module te worden herkanst. Compleet betekent dat je alle opdrachten en onderdelen van de opdracht maakt. Bij het ontbreken van één of meerdere (deel)opdrachten is het ingeleverde werk incompleet en volgt geen beoordeling. Volledig betekent dat de uitgewerkte (deel)opdrachten voldoen aan alle gestelde criteria en de opdrachtomschrijving. Als een conclusie wordt gevraagd dient deze te zijn beargumenteerd. Bij het ontbreken van een onderbouwing of het niet voldoen aan criteria is het werk onvolledig en volgt geen beoordeling. Binnen 2 weken na laatste bijeenkomst inleveren van het einddossier. Te laat inleveren betekent geen beoordeling binnen de betreffende periode. Het einddossier voldoet aan de volgende criteria: Bevat alle uitgewerkte opdrachten De rapportage is in correct Nederlands geschreven Teksten zijn duidelijk en goed geformuleerd, passend bij het Hbo-niveau van de opleiding De uitwerkingen zien er professioneel uit De rapportage is eenduidig in typografie, overzichtelijk en leesaantrekkelijk (qua lay out en structuur). Je verslag oogt zakelijk op het gebied van inhoud en structuur en voldoet aan de gangbare richtlijnen van een zakelijk rapport. 3.2 Beoordeling module professionele vorming De module reflectie en feedback van de leerlijn professionele vorming wordt beoordeeld zodra het eindverslag tijdig is ingeleverd, voldoet aan de toetsingscriteria en alle wanneer alle opdrachten compleet en volledig zijn uitgewerkt. De module wordt beoordeeld aan de hand van de volgende onderdelen: 1. Uitwerking opdracht 1 (maximaal) 25 punten 2. Uitwerking opdracht 2 (maximaal) 15 punten 3. Uitwerking opdracht 3 (maximaal) 15 punten 4. Uitwerking opdracht 4 (maximaal) 10 punten 5. Uitwerking opdracht 5 (maximaal) 20 punten 6. Uitwerking opdracht 6 (maximaal) 15 punten Totaal Bij 55 punten of meer heb je de module behaald. (maximaal) 100 punten 8
3.3 Toetsmatrijs OWP1 leerdoelen professionele vorming Te reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties door effectief toepassen van het STARR model en de cyclus van Korthagen voldaan Feedback op zijn gedrag, handelen en bereikte resultaten te vragen en te ontvangen Constructief feedback te geven op prestaties van anderen volgens het 6-Staps model Feiten van persoonlijke indrukken, meningen en oordelen te onderscheiden Constructief feedback te geven op gedrag van anderen volgens het 6-Staps model 3.4 Herkansing Het herstellen van ingeleverd werk is als volgt geregeld: o Bij een cijfer 5 aan het eind van de lesperiode, volgt een herstelmogelijkheid in de direct daaropvolgende onderwijsperiode. Dit houdt in dat je direct na het bekend worden van het cijfer, individuele afspraken maakt met de begeleidende docent over het te volgen traject. Het dossier met de herstelde onderdelen worden uiterlijk in de 5 de lesweek van de volgende periode ingeleverd. o Indien je niets inlevert of dit resultaat wederom onvoldoende is, dien je de module opnieuw te volgen. Bij te laat inleveren wordt als volgt gehandeld: o Indien je het eindverslag te laat inlevert, maar nog wel in dezelfde onderwijsperiode, kan het verslag alsnog worden beoordeeld. Je dient een gemotiveerd beoordelingsverzoek in bij de docent. De nadruk ligt hierbij op het nemen van verantwoordelijkheid. De docent kan aanvullende eisen stellen ter compensatie van de overschreden inlevertermijn of punten in mindering brengen. o Bij niet inleveren of te laat inleveren, dat wil zeggen in een daaropvolgende onderwijsperiode, vindt geen beoordeling plaats. Je dient de module opnieuw te volgen. De herkansing is als volgt geregeld: o Bij een onvoldoende (cijfer <5) aan het einde van de moduleperiode, dien je de module te herkansen. Dit houdt in dat je direct na het bekend worden van het cijfer, afspraken maakt met de begeleidende docenten over het te volgen traject en de inhoud en criteria van de herkansing. o De herkansing kan bestaan uit een herkansingsopdracht of de module opnieuw volgen. o Ingeval een herkansingsopdracht wordt overeengekomen, wordt deze herkansing uiterlijk in de 5 de lesweek van de volgende onderwijsperiode ingeleverd. Indien dit resultaat weer onvoldoende is, dien je de module opnieuw te volgen. In alle gevallen neem je zelf initiatief naar de docent. 9
Bijlage 1: Checklist het vragen en ontvangen van feedback Feedback op geleverde prestatie Beschrijf kort de taak: Uitwerking van: - De cyclus van Korthagen Of - De STARR methode Wat ging goed? Wat kan beter? Conclusie: 10
Bijlage 2: Cyclus van Korthagen Ga na of en hoe de volgende onderdeel zijn benoemd, uitgewerkt en onderbouwd. Fase Onderdeel Uitgewerkt Opmerkingen en feedback tav uitwerking 1 Wat wilde ik bereiken? Waar wilde ik op letten? Wat waren mijn doelstellingen? Hoe keek ik vooraf tegen de actie aan? Wat wilde ik uitproberen? 2 Wat gebeurde er? Wat was de context? Wat wilde je? Wat deed je? Wat dacht je? Wat voelde je? Wat ging goed? Wat ging minder goed? 3 Hoe hangen de antwoorden op de vorige vragen met elkaar samen? Wat is daarbij de invloed van de context/de school als geheel? Wat is de relatie met de theorie? Wat betekent dit nu voor mij? Wat is dus het probleem (of de positieve ontdekking)? Wat vond ik goed en wat niet? 4 Welke alternatieven zie ik? Welke voor- en nadelen hebben die? Wat neem ik mee nu voor de volgende keer? Fase 1: Handelen (Praktijkervaring opdoen = tevens fase 5 vorige cyclus) Fase 2: Terugblikken op het handelen (speciale aandacht voor eigen handelen, voelen en denken. Kijken naar jezelf, naar de ander en naar beïnvloedende omgevingsaspecten) Fase 3: Bewust worden van essentiële aspecten (analyse) Fase 4: Formuleren van handelingsalternatieven (na analyse alternatieven benoemen) 11
Bijlage 3: Feiten en indrukken Kies een situatie uit je eigen omgeving (school of werk) waarin sprake is van ongewenst gedrag van een ander en dat bij jou irritatie oproept. Beschrijf kort: De situatie Datgene je irriteert Het gedrag van de ander De feiten betreffende de situatie, het gedrag en die persoon Je meningen over dat gedrag, die situatie en die persoon Je (voor)oordelen over dat gedrag, die situatie en die persoon Opmerkingen: 12
Bijlage 4: Observatieformulier feedback geven Feedbackgever Feedbackontvanger Geobserveerd wordt:... Observator is: Onvoldoende voldoende goed Feedbackgever: Kondigt de feedback aan O O O Benoemt positieve intentie O O O Geeft feedback over gedrag en feiten. O O O Niet over persoon. Is beschrijvend. Baseert feedback op feitelijke waarnemingen O O O en benoemt deze. Spreekt in de ik-vorm. O O O Is specifiek en concreet en ondersteunt non-verbaal O O O Benoemt het effect (gedachten / gevoelens) O O O van het gedrag van de ander op zichzelf. Benoemt de indruk van het gedrag O O O Benoemt de gevolgen van het gedrag O O O Past herhaaltechniek toe bij ontkenning van feedback O O O Geeft ruimte voor reactie.. O O O Gaat dialoog aan tot oplossing O O O Doet suggesties O O O Luistert naar de ander en stelt verduidelijkingvragen O O O Vraagt door om meer duidelijkheid te krijgen O O O Bedankt voor medewerking en constructieve houding O O O Feedback is positief kritisch: wat gaat goed, O O O wat kan beter (bruikbare suggesties). Overige opmerkingen m.b.t. de kwaliteit van bovenstaande vaardigheden: 13
Bijlage 5: Observatieformulier feedback ontvangen Feedbackgever Feedbackontvanger Geobserveerd wordt:... Observator is: Onvoldoende voldoende goed Feedbackontvanger: Gaat niet meteen in de verdediging. O O O Staat open voor gegeven feedback / luistert. O O O Gaat niet in discussie. O O O Vraagt door om meer duidelijkheid te krijgen. O O O Bedankt voor gekregen feedback. O O O Overige opmerkingen m.b.t. de kwaliteit van bovenstaande vaardigheden: 14
Bijlage 6: Persoonlijke reflectieverslag Persoonlijk reflectieverslag Modulecode: ICTPIS01VX/DX Naam student: Student#: Klas: Schrijf voor deze module kort en bondig één persoonlijk reflectieverslag over alle behandelde lesstof, de verkregen inzichten en alle uitgewerkte opdrachten. Verwerk na elke bijeenkomst je leermomenten. Ga uit van onderstaande aandachtspunten en beargumenteer al je antwoorden duidelijk en volledig. 1. Mijn leerdoelen, zoals beschreven in de modulewijzer en mijn persoonlijke leerdoelen De moduleleerdoelen zijn: 1. Te reflecteren op eigen handelen en bereikte prestaties door effectief toepassen van het STARR model en de cyclus van Korthagen 2. Feedback op zijn gedrag, handelen en bereikte resultaten te vragen en te ontvangen 3. Constructief feedback te geven op prestaties van anderen volgens het 6-Staps model 4. Feiten van persoonlijke indrukken, meningen en oordelen te onderscheiden 5. Constructief feedback te geven op gedrag van anderen volgens het 6-Staps model Mijn persoonlijke leerdoelen zijn: 2. Mijn verworven inzichten / mijn leermomenten nav de bijeenkomsten, de lesstof en de uitgevoerde opdrachten. Ga uit van de leerdoelen, je verrichte inspanningen en je bereikte resultaten. Beschrijf ook het nut / de meerwaarde die deze inzichten en leermomenten voor jou in de beroepspraktijk hebben (#): 3. Ik voldoe (geheel/gedeeltelijk) aan de volgende leerdoelen (zie 1.), want (#): 4. Ik voldoe nog niet volledig aan de volgende leerdoelen en competenties en dit zijn mijn concrete leerdoelen en aandachtsgebieden ter verbetering (#): 5. Deze module bij aan de eindtermen en de van toepassing zijnde Dublin Descriptoren door: 6. Dit zijn mijn concrete actiepunten (SMART) om aan de openstaande leerdoelen (onder 4.) te voldoen: 7. Dit is de meerwaarde van deze module voor mijn beroepsmatig functioneren als professional : Module evaluatie: beschrijf jouw mening (TOPS en TIPS) over de module en de werkwijze. 8. Dit zijn mijn TOPS (pluspunten) over de werkwijze, begeleiding en inhoud van de module: 9. Dit zijn mijn TIPS (aandachtspunten) over de werkwijze, begeleiding en inhoud van de module: (#) Heb je al je antwoorden duidelijk en volledig met relevante argumenten onderbouwd? 15