16 Chromosoomafwijkingen Januari 2008 Gest e un d do or E urog ent e st, No E ( N et w o rk of Excellence ) contract nr.512148, gesteund door EU-FP6 Illustraties: Rebecca J Kent www.rebeccajkent.com rebecca@rebeccajkent.com Informatie voor patiënten en hun familie
2 15 Chromosoomafwijkingen Hierna vindt u informatie over chromosoomafwijkingen: wat is het, hoe worden deze overgeërfd en wanneer zorgt dit voor problemen. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van gesprekken met een arts. Om chromosoomafwijkingen beter te begrijpen, is het nuttig om meer te weten over genen en chromosomen. Wat zijn genen en chromosomen? Ons lichaam bestaat uit miljoenen cellen. Praktisch alle cellen bevatten een volledig stel genen, we hebben dan ook duizenden genen.. Genen gedragen zich als een geheel van instructies, ze controleren onze groei en ook hoe ons lichaam werkt. De genen zijn verantwoordelijk voor heel wat van onze kenmerken zoals kleur van de ogen, bloedtype of lichaamslengte. De genen bevinden zich op draadvormige structuren, die de chromosomen worden genoemd. De meeste van onze cellen hebben elk 46 chromosomen. We erven onze chromosomen van onze ouders, 23 van de moeder en 23 van de vader. We hebben dus 2 stellen van 23 chromosomen, of 23 paren. Vermits de chromosomen uit genen bestaan, erven we 2 kopieën van de meeste genen, één kopie van elke ouder. Dit is de reden waarom we vaak dezelfde kenmerken hebben als onze ouders. De chromosomen, en dus ook de genen, bestaan uit een chemische substantie die het DNA wordt genoemd.
14 Vrije Universiteit Brussel - VUB www.az.vub.ac.be/azlabogids/gbl/genetica.htm Tel. +32 (0)2 477 60 71 Université Catholique de Louvain - UCL www.uclouvain.be Tel. +32 (0)10 47.21.11 Centrum Menselijke Erfelijkheid Katholieke Universiteit Leuven http://organigram.kuleuven.be/5/50000622e.htm Tel. +32 (0)16 345899 Centrum Medische Genetica - Universiteit Antwerpen http://webh01.ua.ac.be/cmg/home_boven.htm Tel. +32 (0) 3 820 25 70 Institut de Pathologie et de Génétique - Loverval www.ipg.be Tel. +32 (0) 71 44 71 81 Afbeelding 1: Genen, Chromosomen en DNA 3 De chromosomen-paren 1 tot 22 (zie afbeelding 2) zijn dezelfde voor mannen en vrouwen. Het 23 ste paar is verschillend bij mannen en vrouwen en vormt de geslachtschromosomen. Er zijn 2 soorten: het ene is het X-chromosoom, het andere het Y- chromosoom. Vrouwen hebben 2 X- chromosomen (XX), waarbij ze één X-chromosoom van de moeder erven, en één X- chromosoom van de vader. Mannen hebben een X- en een Y- chromosoom, waarbij ze een X-chromosoom van de moeder erven en een Y-chromosoom van de vader. Afbeelding 2 toont de chromosomen van een man, vermits het laatste paar XYchromosomen zijn.
4 Afbeelding 2: 23 chromosomen-paren gerangschikt volgens grootte; chromosoom 1 is het grootste. De twee laatste chromosomen zijn geslachtschromosomen. patiëntenverenigingen uit Vlaanderen die streeft naar een toegankelijke zorg op maat voor de patiënt en zijn omgeving. www.vlaamspatientenplatform.be Tel. +32 16 230 526 13 BOKS - Belgische organisatie voor kinderen en volwassenen met stofwisselingsziekten www.boks.be Tel. +32 3 775 4839 Orphanet Website met informatie over zeldzame ziekten, klinische proeven, medicijnen en links naar hulpverenigingen in Europa. www.orpha.net EuroGentest Website met informatie over genetische testen en links naar hulpverenigingen in Europa. www.eurogentest.org Chromosoomafwijkingen Het is belangrijk dat we een correcte hoeveelheid chromosomenmateriaal hebben, omdat de genen die onze lichaamscellen instructies geven zich op de chromosomen bevinden. Elke verandering in aantal, grootte of structuur kan een verandering in de hoeveelheid of de rangschikking van de genetische informatie betekenen, wat bij een kind kan resulteren in een leerstoornis, ontwikkelingsachterstand en gezondheidsproblemen. Chromosoomafwijkingen kunnen worden overgeërfd van één van de ouders. Meestal ontstaan deze afwijkingen echter waneer de ei- of zaadcellen ontstaan, of rond het tijdstip van de bevruchting. Dit gebeurt buiten onze controle. Of de genetische afdeling in jouw lokale ziekenhuis: Université de Liège Ulg www.genetique-hum-ulg.be Tel. +32(0)4 366 81 45 Universiteit Gent - UG http://medgen.ugent.be/cmgg/home.php Tel. +32(0)9 240 36 03 Université Libre de Bruxelles - ULB www.ulb.ac.be/erasme/fr/services/medicaux/genmed/index.htm Tel. +32 (0)2 555 31 11
12 5 De twee belangrijkste afwijkingen die kunnen ontstaan, zijn: Afwijkingen in het aantal chromosomen. Dit betekent dat er meer of minder kopieën zijn dan normaal van een bepaald chromosoom. Waar kan ik meer informatie vinden over chromosoomafwijkingen? Dit is enkel een korte inleiding over chromosoomafwijkingen. Meer informatie bij: Erfocentrum - Een Nederlandse website met informatie voor patiënten over alle aspecten omtrent erfelijkheid. www.erfelijkheid.nl Tel. +31(0)35 602 7173 Unique Britse steungroep voor mensen met een zeldzame chromosoomafwijking Tel. + 44 (0) 1883 330766 Email: info@rarechromo.org www.rarechromo.org LUSS - Ligue des Usagers des Services de Santé www.luss.be Tel. +32 81 744 428 Afwijkingen in de structuur van de chromosomen. Dit betekent dat het materiaal van een individuele chromosoom op één of andere manier is onderbroken of in een andere volgorde staat. In deze folder bespreken we volgende stoornissen: chromosoom deleties, chromosoom duplicaties, chromosoom inserties, chromosoom inversies en ringen. Informatie over chromosomentranslocaties vindt u in de specifieke folder over deze afwijking. Afwijkingen in het aantal chromosomen Elke cel in het lichaam heeft normaal 46 chromosomen. Soms kan een baby echter geboren worden met meer of minder chromosomen. Dit betekent dat de baby teveel of te weinig genen of instructies heeft. Eén van de meest bekende voorbeelden van een genetische aandoening die wordt veroorzaakt door een extra chromosoom is het Down syndroom. Mensen met deze aandoening hebben 47 chromosomen in hun cellen in plaats van 46. Er zijn namelijk drie kopieën van het 21ste chromosoom in plaats van twee. VPP - Vlaams Patienten Platform vzw Een onafhankelijke koepelorganisatie van meer dan 82
6 Afbeelding 3: Chromosomen van een meisje (het laatste chromosomenpaar is XX) met het Down syndroom. Er zijn drie kopieën van chromosoom 21 in plaats van twee. 11 Te onthouden Een afwijking in de chromosomen wordt of overgeërfd van een ouder of gebeurt rond het tijdstip van de bevruchting. Afwijkingen in de structuur van de chromosomen Afwijkingen in de structuur van de chromosomen gebeuren wanneer het materiaal van een individueel chromosoom op één of andere manier werd doorgebroken en op een andere manier werd geordend. Hierbij kan er verlies van chromosomenmateriaal zijn of teveel materiaal. Dit kan op een aantal manieren gebeuren, die hieronder worden besproken. Afwijkingen in de structuur zijn vaak zeer klein en moeilijk te vinden in het laboratorium. Zelfs wanneer een veranderde structuur wordt gevonden, dan is het nog vaak moeilijk om te voorspellen welk effect dit zal hebben op een persoon. Dit is zeer frusterend voor de ouders die natuurlijk zoveel mogelijk informatie wensen over de toekomst van hun kind. Een chromosoomafwijking kan niet worden gecorrigeerd dit is voor het leven. Een chromosoomafwijking kan men niet krijgen van andere mensen. Zo kan een translocatie-drager bijvoorbeeld toch nog bloedgever zijn. Mensen voelen zich vaak schuldig bij een chromosoomafwijking. Het is belangrijk om weten, dat niemand hier schuldig is en dat niemand iets gedaan heeft waardoor dit kon gebeuren. De meeste dragers van zo n afwijking kunnen gezonde kinderen hebben.
10 ouders volkomen normale chromosomen hebben. Dit wordt een de novo (uit het Latijn) genoemd, of een nieuw patroon. De kans is zeer klein dat de ouders opnieuw een kind zullen hebben met een ongewoon patroon. Chromosomen onderzoek Om te weten te komen of iemand een ongewoon chromosomenpatroon heeft, bestaan er genetische testen. Via een eenvoudige bloedtest kunnen in het laboratorium de bloedcellen worden onderzocht en wordt er gekeken naar de chromosomen. Dit wordt een karyotype genoemd. Er kan ook een test worden gedaan tijdens de zwangerschap om de chromosoomstructuur van de baby te bepalen. Dit wordt prenatale diagnose genoemd en kan met de geneticus worden besproken. Meer informatie over deze testen is beschikbaar in de folders over de vruchtwaterpunctie en de vlokkentest. Wat met de andere familieleden? Indien een familielid een ongewoon karyotype heeft, dan wil hij dit misschien bespreken met andere familieleden. De andere familieleden hebben dan de mogelijkheid om een test te doen en na te gaan of zij hier ook drager van zijn. Dit kan belangrijk zijn voor familieleden die al kinderen hebben, of kinderen willen in de toekomst. Indien een familielid normale chromosomen heeft, dan kan deze persoon ook geen afwijking overdragen aan zijn of haar kinderen. Indien dit wel zo is, dan kan aan vrouwen reeds tijdens de zwangerschap een test worden aangeboden om de chromomsomen van de baby te bekijken. Soms heeft men ook contact verloren met bepaalde familieleden, en vindt men het moeilijk om dan contact met hen te zoeken. Genetici hebben heel wat ervaring met families in die situaties en kunnen vaak helpen bij de discussies met andere familieleden. Translocaties Informatie over chromosomentranslocaties vindt u in de specifieke folder over deze afwijking. Deletie Bij een deletie ontbreekt er een stukje chromosoom. Dit kan bij elk chromosoom gebeuren, gelijk waar op het chromosoom en kan ook van elke grootte zijn. Indien de genen die dan ontbreken belangrijke instructies bevatten, kan de persoon een l e e r s t o o r n i s h e b b e n, o n t w i k k e l i n g s a c h t e r s t a n d o f gezondheidsproblemen. De ernst van deze problemen hangt af van waar of hoeveel stukjes chromosoom er ontbreken. Duplicatie Duplicatie betekent dat een chromosoom zichzelf of een stukje van zichzelf heeft gedupliceerd, zodat er teveel chromosomenmateriaal aanwezig is. Dit bijkomende c h r o m o s o m e n m a t e r i a a l k a n betekenen dat er ook teveel instructies aanwezig zijn, meer dan het lichaam kan verwerken. Dit kan resulteren in een leerstoornis, o n t w i k k e l i n g s a c h t e r s t a n d e n gezondheidsproblemen bij een kind. 7
8 Insertie Inversie 9 Insertie betekent dat er ergens een stukje chromosoom op een ongewone positie is toegevoegd, of aan hetzelfde of aan een ander chromosoom. Indien er dan geen bijkomend of ontbrekend chromoso menmateriaal is, dan is deze persoon vaak gewoon gezond. Indien er wel bijkomend of ontbrekend chromoso menmateriaal is, dan kan deze persoon een leerstoornis, ontwikkelingsachterstand en gezondheidsproblemen hebben. Ringen Chromosomen-ring betekent dat de uiteinden van een chromosoom bij elkaar komen zoals bij een ring. Dit komt meestal voor wanneer de uiteinden van eenzelfde chromosoom afbreken. De uiteinden zijn dan kleverig en vormen een ring. Het effect hiervan is meestal afhankelijk van hoeveel chromosomen-materiaal, en dus informatie er is weggevallen wanneer de ring werd gevormd. Inversie betekent dat een stukje chromosoom zich omgedraaid heeft, waardoor de volgorde van de genen in de chromosoom is veranderd. Bij een meerderheid veroorzaakt dit geen gezondheidsproblemen. I n d i e n e e n o u d e r e e n o n g e w o o n chromosomenpatroon heeft, geeft hij/zij dit altijd door? Niet noodzakelijk, er zijn verschillende mogelijkheden bij elke zwangerschap: Het kind kan volledig normale chromosomen hebben. Het kind kan hetzelfde ongewone patroon overerven. Het kind kan geboren worden met een leerstoornis, ontwikkelingsachterstand en gezondheidsproblemen. De zwangerschap kan in een miskraam eindigen. Een persoon die een afwijking van de chromosomen heeft, kan dus gezonde kinderen krijgen, en velen hebben die ook. Elke afwijking is uniek, dragers moeten dus hun specifieke situatie bespreken met een geneticus. Het komt ook vaak voor dat kinderen worden geboren met een ander patroon terwijl de