Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode
|
|
|
- Roel van den Pol
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode voor de gemeente Bussum Concept Gemeente Bussum Afdeling Ruimtelijke Inrichting en Beheer Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 14 april 2009
2 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode Subtitel : voor de gemeente Bussum Projectnummer : Referentienummer : Revisie : 02 Datum : 14 april 2009 Auteur(s) : ing. A.E. Swets adres : [email protected] Gecontroleerd door : Paraaf gecontroleerd : Goedgekeurd door : Paraaf goedgekeurd : Contact : Robijnstraat RB Alkmaar Postbus AE Alkmaar T F [email protected] Pagina 2 van 40
3 Inhoudsopgave 1 Inleiding Aanleiding... 5 Procedure Leeswijzer Functies GRP Termen en definities Relaties rioleringszorg Inleiding Relaties met andere plannen/regelgeving Samenwerking met derden... 7 Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Provincie Gemeentelijke herindeling Evaluatie GRP Inleiding Rol GRP binnen gemeente Procedures totstandkoming GRP Resultaten planperiode Financiële en personele middelen Onderzoek naar doelmatigheid rioolbeheer Toetsingskader en doelen rioleringszorg Inleiding Invulling zorgplichten Zorgplicht stedelijk afvalwater Zorgplicht hemelwater Zorgplicht grondwater Doelen rioleringszorg Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer Toetsing huidige situatie Inleiding Algemeen Aanwezige voorzieningen Toestand van de objecten Stedelijk afvalwater Nog niet-aangesloten bestaande bebouwing Overzicht aanwezige voorzieningen Functioneren van de voorzieningen Onderhoud van de voorzieningen Hemelwater Verwerking van hemelwater Overzicht van aanwezige voorzieningen Functioneren van de voorzieningen Onderhoud van de voorzieningen Pagina 3 van 40
4 Inhoudsopgave (vervolg) 5.5 Grondwater Vergunningen Klachtenafhandeling en voorlichting De opgave Inleiding Aanleg voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater Aanleg bij nieuwbouw Beheer van de bestaande voorzieningen Onderzoek Algemeen Stedelijk afvalwater Grondwater Maatregelen Algemeen Stedelijk afvalwater Hemelwater Organisatie en financiën Inleiding Personele middelen Financiële middelen Vervangingswaarde Beleid rioolrechten Totale uitgaven Huidige inkomsten Kostendekking Omzetting rioolrecht in rioolheffing Kanttekeningen bij geschetste ontwikkeling rioolheffing Besluitvorming Referenties Bijlage 1: Bijlage 2: Woordenlijst Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg Bijlage 3: Uitgevoerde maatregelen in Bijlage 4: Streefbeelden kwaliteit vrijvervalriolen Bijlage 5: Geïnspecteerde riolen in Bijlage 6: Planning vervanging vrijvervalriolering Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Personele aspecten gemeentelijke watertaken Uitgangspunten kostendekkingsplan Financiële tabellen kostendekkingsplan Bijlage 10: Reacties externen op concept-grp Pagina 4 van 40
5 1 Inleiding 1.1 Aanleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (hierna te noemen: GRP) op te stellen. In artikel 4.22 van de Wet milieubeheer is aangegeven dat de gemeenteraad, voor een nader vast te stellen periode, een GRP vaststelt (zie bijlage 2). Het GRP is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken voor de vastgestelde planperiode en de langere termijn weergeeft. De geldigheidsduur van het GRP van de gemeente Bussum is verstreken. Daarom is het GRP opgesteld: het vierde GRP voor Bussum. De gemeente stelt zelf de geldigheidsduur van het GRP vast. Voor dit GRP is een looptijd van 4 jaar aangehouden: 2009 t/m De planperiode van het GRP past binnen de planperiode van het Waterplan Naarden-Bussum ( ). In het GRP is het huidige beleid, c.q. de huidige gevoerde praktijk, verwoord. Aangegeven is op welke wijze in de periode invulling wordt gegeven aan de gemeentelijke watertaken. Op grond van de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken moet in het verbreed GRP aandacht worden besteed aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. Het verbreed GRP moet vóór 2013 door de gemeenteraad worden vastgesteld. In 2012 wordt een verbreed GRP opgesteld, zodat aan de wettelijke eis wordt voldaan. Gelet op de gemeentelijke herindeling, is er voor gekozen de definitieve invulling van de zorgplichten uit te stellen tot Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? 1.2 Procedure In artikel 4.23 van de Wet milieubeheer (zie bijlage 2) is aangegeven wie de gemeente bij de voorbereiding van het GRP moet betrekken. De gemeente heeft een eigen verantwoordelijkheid voor de invulling van het rioleringsbeleid. Een deel van het beleid wordt echter bepaald door randvoorwaarden van andere overheidsinstellingen, zoals het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, met Waternet als uitvoerende dienst, en de Provincie Noord-Holland. Voorafgaand aan de formele vaststelling door de gemeenteraad, is het concept-grp ter beoordeling aan Waternet en de Provincie Noord-Holland voorgelegd. De reacties zijn in bijlage 10 opgenomen. Besluitvorming (H8) 1.3 Leeswijzer Het GRP is opgezet conform de Leidraad Riolering en bestaat uit de volgende hoofdstukken: 1. Inleiding, met de aanleiding, de geldigheidsduur en de gevolgde procedure. 2. Relaties rioleringszorg, met wet- en regelgeving en ontwikkelingen. 3. Evaluatie GRP Met de conclusies en aanbevelingen uit de evaluatie is rekening gehouden bij het opstellen van het GRP In de evaluatie zijn ook de resultaten van het onderzoek naar de doelmatigheid van het rioolbeheer in de gemeente Bussum gepresenteerd. Pagina 5 van 40
6 Inleiding 4. Toetsingskader doelen rioleringszorg. Hierin zijn de doelen beschreven en uitgewerkt. Hiermee geeft de gemeente aan wat zij voor de eigen lokale situatie met de zorgplichten wil bereiken. 5. Toetsing huidige situatie. De huidige situatie is getoetst aan de doelen en er is gekeken in hoeverre de gestelde doelen zijn gerealiseerd. In dit hoofdstuk is tevens een overzicht gegeven van de aanwezige voorzieningen. 6. De opgave. Hierin zijn de maatregelen weergegeven die nodig zijn om de gestelde doelen te kunnen realiseren. 7. Organisatie en financiën. Hierin is de opgave vertaald naar benodigde personele en financiële middelen. 1.4 Functies GRP Het GRP is opgesteld conform de module A1050 GRP: Planvorming gemeentelijke watertaken. Volgens de module heeft het GRP vier functies: 1. Het kader voor invulling van de gemeentelijke zorgplichten. Het GRP bevat de hoofdlijnen voor de gemeentelijke zorgtaken voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. In het plan geeft de gemeente aan welke beleidskeuzes zijn gemaakt, zoals voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, de inzameling en verwerking van hemel- en grondwater en de rol van de particulier hierbij. 2. Interne afstemming zorgplichten met overige gemeentelijke beleidsvelden en taken. De gemeente is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de openbare ruimte. Dit vereist integraal beheer en onderlinge afstemming tussen sectoren, zoals wegbeheer en ruimtelijke ordening. De gemeente moet een afweging maken over wat zij wel en niet wil inzamelen (bv. hemelwater) en hoe zij dat gaat doen (bv. al dan niet gemengd). De raakvlakken tussen rioleringszorg en de milieuvergunningverlening en -handhaving nemen daarmee toe. Het is daarom raadzaam ook ambtenaren te betrekken die belast zijn met het milieubeleid en de handhaving van de Wet milieubeheer. Het GRP kan worden gebruikt voor de toekenning van budgetten. De uitwerking van het GRP op projectbasis, wordt in jaarprogramma s gedaan. 3. Externe afstemming gemeentelijke zorgplichten met andere overheden. De gemeente moet haar rioleringsbeleid afstemmen met andere overheden. Op het gebied van grondwater is er een relatie met de hoogheemraadschappen en de provincie. Verder heeft de provincie een rol als toezichthouder op de gemeentelijke financiën en heeft zij een aanwijzingsbevoegdheid (zie artikel 4.24 Wet milieubeheer). De externe afstemming is vooral gericht op het omgaan met hemel- en grondwater. In de externe afstemming spelen de lozingsvergunningen van de gemeente nu nog een belangrijke rol. Na invoering van de Waterwet verdwijnen deze vergunningen en gaan voor lozingen algemene regels en maatwerkvoorschriften gelden. Het GRP wordt daardoor een nog belangrijker instrument om afspraken over emissiereductie en het omgaan met hemelwater vast te leggen. 4. Continuïteit in de invulling van de gemeentelijke zorgplichten. De voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater, hebben een relatief lange levensduur. De effecten van wijzigingen in de aanpak en afstemming met andere beleidsterreinen zijn vaak pas op langere termijn zichtbaar. Het GRP heeft daarbij een belangrijke functie omdat het ook de lange termijn in hoofdlijnen zichtbaar maakt. Een beeld van de ontwikkeling op langere termijn wordt verkregen door in het GRP een evaluatie van de vorige planperiode op te nemen en door toetsing aan een referentiekader (doelen). Bij het opstellen van het GRP is met bovengenoemde functies rekening gehouden. 1.5 Termen en definities Het GRP is een gemeentelijk beleidsplan, waar de gemeenteraad zich over moet uitspreken. Het is echter niet alleen voor het bestuur geschreven maar ook voor overleg met de in de Wet milieubeheer genoemde instanties. Dit heeft tot gevolg dat in dit GRP 'vaktaal' wordt gebruikt. In bijlage 1 van dit GRP is een verklarende woordenlijst opgenomen. Voor de definitie van begrippen wordt naar deze woordenlijst verwezen. Pagina 6 van 40
7 2 Relaties rioleringszorg 2.1 Inleiding Dit GRP heeft relaties met andere plannen van de gemeente en andere overheden. Die relaties bepalen deels de eisen die worden gesteld aan de invulling van de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. De gemeente is primair verantwoordelijk voor het te voeren rioleringsbeleid maar andere overheden drukken voor een niet onbelangrijk deel een stempel op het door de gemeente te voeren beleid. In dit hoofdstuk zijn de relaties met andere overheidstaken en ontwikkelingen aangegeven. Ontwikkelingen geven aan waar de aandacht de komende jaren op gericht zal zijn. 2.2 Relaties met andere plannen/regelgeving Riolering staat niet op zichzelf, maar maakt onderdeel uit van de waterketen en heeft relaties met het watersysteem. In figuur 1 is aangegeven welke ontwikkelingen, plannen en wet- en regelgeving op welk(e) aspect(en) van de afvalwaterketen ingrijpen. In de bovenste helft zijn de ontwikkelingen weergegeven, in de onderste helft de wet- en regelgeving. In de volgende paragrafen zijn de belangrijkste planvormen en relaties met het GRP toegelicht. In bijlage 2 zijn de overige relaties tekstueel toegelicht. Voor uitgebreide informatie wordt verwezen naar de betreffende (beleids-)stukken. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? 2.3 Samenwerking met derden In deze paragraaf zijn de relaties met derden toegelicht Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Waterplan Naarden-Bussum (2008) De samenwerking met het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht en de gemeente Naarden heeft geresulteerd in het Waterplan Naarden-Bussum, met planperiode In het waterplan is het waterbeheer over de periode uiteengezet en in concrete maatregelen vertaald. In het waterplan zijn de meest recente beleidsontwikkelingen opgenomen en vertaald naar onderzoeks- en uitvoeringsmaatregelen. Het Waterplan Naarden-Bussum is een strategisch plan. Het levert de gemeenten en Waternet handvatten om te komen tot een robuust en meer natuurlijk functionerend watersysteem. Bovendien richt het zich op het vergroten van de (recreatieve) beleving van water. In het waterplan zijn maatregelen benoemd die voortkomen uit wettelijke verplichtingen. Het plan gaat ook een stap verder dan wat moet, door ook maatregelen te benoemen waarmee Naarden, Bussum en Waternet de eigen ambities gestalte kunnen geven. Kaderrichtlijn Water (KRW) Voor de riolering zijn door Waternet geen concrete maatregelen in het kader van de KRW voorgesteld. Besluitvorming (H8) Pagina 7 van 40
8 Relaties rioleringszorg Aandachtsgebied Ontwikkelingen Externe ontwikkelingen op het gebied van de rioleringszorg Volksgezondheid en water in de stad X X X X X X Kwaliteit leefomgeving, IBOR X X Afvalwater buitengebied X X X Tweesporenbeleid (basisinspanning en waterkwaliteitsspoor) X X Diffuse lozingen X X X X Klimaatverandering X X X Rijksvisie op de waterketen X Rijksbrief omgaan met regen water en grondwater X X X X X Waterwet X X X X Wet Informatie Uitwisseling Ondergrondse Netten X Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) X X X Europese richtlijn Stedelijk Afvalwater X Nationaal Bestuursakkoord Water X X X X Vierde Nota Waterhuishouding X X X X Wet Milieubeheer (Wm) X X X X X Wet op de waterhuishouding (Whh) X X X Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren (Wvo) X X X X Woningwet en Bouwbesluit X X Nationaal Milieubeleidsplan X X X R.O. (Vijfde Nota, streekplannen, bestemmingsplannen) X Bouwverordening gemeente Bussum X X Wet Verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken X X X X Bestuursakkoord Waterketen 2007 X Provinciaal milieubeleidsplan X X X X Beleidsnota riolering Hoogheemraadschap AGV X X X X X Waterplan Provincie X X X X Figuur 1 Ontwikkelingen, wet- en regelgeving Wet- en regelgeving Ontwerp riolering Emissie oppervlaktewater Emissie grondwater Ruimtelijke ordening (Huis)aansluitingen Risico's Monitoring Veiligheid, volksgezondheid Bekostiging Proces, doelmatigheid en samenwerking Provincie De provincie wil de samenwerking in de waterketen faciliteren en coördineren en heeft daartoe het Convenant Samenwerken Waterketen Noord-Holland opgesteld. De hierin gemaakte afspraken moeten in 2011 zijn gerealiseerd. Een speerpunt uit het convenant is samenwerken. De waterbeheerders maken met de gemeente bindende afspraken over het optimaliseren van de afvalwaterketen en geadviseerd wordt de samenwerking met andere gemeenten uit te breiden. De provincie faciliteert hierin. In het regionale overleg van gemeenten uit het Amstel, Gooi en Vecht-gebied, is in 2008 de aanpak gepresenteerd voor het inventariseren van mogelijkheden voor samenwerking. De provincies Noord-Holland en Utrecht ondersteunen dit initiatief door een faciliterende en coördinerende rol op zich te nemen. Als kansrijke onderwerpen voor samenwerking zijn genoemd: de technische invulling van het meetplan (Wvo-verplichting), de rapportage diffuse bronnen en het beheerplan gemalen Gemeentelijke herindeling In de komende jaren vindt mogelijk een gemeentelijke herindeling plaats tussen de gemeenten Bussum, Naarden, Muiden en Weesp. Met de definitieve invulling van de zorgplichten voor het stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater wordt gewacht tot er duidelijkheid over de fusie is verkregen. Pagina 8 van 40
9 3 Evaluatie GRP Inleiding Een eerste stap in het opstellen van het GRP is een terugblik op het GRP Bij de evaluatie is een aantal invalshoeken onderscheiden, zoals de rol van het GRP zelf, de totstandkomingsprocedure en het resultaat van het GRP. Deze invalshoeken zijn in de volgende paragrafen nader belicht. 3.2 Rol GRP binnen gemeente Het accent in het GRP lag op de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor (milieumaatregelen), de vervanging van de vrijvervalriolering en de sanering van de ongezuiverde lozingen. Het GRP was een onderliggend document voor de gemeenteraad om in te kunnen stemmen met rioleringskredieten. Het heeft tevens gediend als basis voor het berekende rioolrecht. Het GRP is gedurende de planperiode een goede leidraad gebleken voor de dagelijkse rioleringszorg. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? 3.3 Procedures totstandkoming GRP Het GRP is opgesteld op basis van de in de Wet milieubeheer vastgestelde procedure. Het concept-grp is ter beoordeling toegestuurd aan het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, de Provincie Noord-Holland en de Inspectie Milieuhygiëne Noord-West. De reacties zijn in het GRP verwerkt. 3.4 Resultaten planperiode In tabel A zijn de voorgenomen maatregelen en onderzoeken uit het GRP beschreven en is aangegeven in hoeverre de voornemens zijn gerealiseerd. Een totaaloverzicht van de uitgevoerde projecten is weergegeven in bijlage 3 van dit GRP. In deze bijlage zijn op kaarten en in tabellen, de uitgevoerde werkzaamheden in de periode weergegeven. Tabel A Voorgenomen maatregelen en onderzoeken uit GRP nr. maatregel / onderzoek 1 Aanleg van riolering bij bestaande bebouwing 2 Vervanging vrijvervalriolering gepland in GRP resultaat in planperiode Aansluiten van 21 percelen op de riolering. Vervangen van: - 11,5 km voor de basisinspanning; - 7,3 km voor het waterkwaliteitsspoor; - 6,1 km op basis inspectieresultaten. Of vervanging werkelijk noodzakelijk is, moet uit nader onderzoek blijken. 20 Percelen zijn aangesloten op de riolering. Bij één perceel moet de eigenaar zelf de aansluiting op de gemeentelijke riolering nog verzorgen. In totaal is 8,9 km vrijvervalriolering vervangen. Door vertraging in de planvormings- en voorbereidingsfase, is de planning niet gehaald. (bv. Godelinde-buurt). Uit nader onderzoek op basis van de inspectie-resultaten, bleek dat vervanging van riolering niet in alle gevallen noodzakelijk was of kon worden uitgesteld. De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) Pagina 9 van 40
10 Evaluatie GRP nr. maatregel / onderzoek 3 Afkoppelen verhard oppervlak 4 Aanleg bergbezinkvoorzieningen 5 Aanpassing vijzelgemaal (hoofdgemaal) 6 Aanpassing van rioolstelsel en bijzondere putten gepland in GRP resultaat in planperiode In totaal wordt vóór 2018, 50 ha afgekoppeld; circa 30% van het op het gemengd stelsel aangesloten verhard oppervlak. Aanleg van twee bergbezinkvoorzieningen, te weten: 1. Huizerweg / Dr. Frederik van Eedenweg ( t Mouwtje), inhoud m³; 2. Korte Landstraat, inhoud m³. De capaciteit van het gemaal wordt teruggebracht van m³/h tot m³/h. De maatregelen bestaan onder meer uit het maken van vrijvervalverbindingen tussen de rioolstelsels van Naarden en Bussum. Hiermee wordt in een vroegtijdig stadium van een regenbui al gebruik gemaakt van de Per 1 januari 2009 is 25,0 ha afgekoppeld: - 22,2 ha voor de basisinspanning; - 2,8 ha voor het waterkwaliteitsspoor. 50% van de afkoppelambities is nu gerealiseerd. Het afkoppelen van het verhard oppervlak wordt gecombi-neerd met de vervanging van de vrijvervalriolering. Het afkoppelen heeft derhalve ook vertraging opgelopen. De volgende afkoppelprojecten zijn in de afgelopen periode uitgevoerd: - Godelindebuurt Oost (2,04 ha); - Prins Hendrikbuurt (0,95 ha); - Simon Stevinbuurt (1,58 ha); - de Berken, de Peppels (0,61 ha); - Laarderweg (0,68 ha); - Stationsweg e.o. (1,04 ha); - Herenstraat e.o. (1,79 ha); - Batterijlaan e.o. (2,11 ha); - Oud Bussummerweg (2,50 ha); - Comeniuslaan, Brinklaan (1,10 ha); - Bottemastraat (0,99 ha); - Sloop Deen / HOBU - Vaartweg (1,10 ha); - Sloop kantoren - Brinklaan (1,30 ha); - Sloop scholencomplex - Akkerlaan (0,25 ha); - Spiegel-Noord - rijbanen (0,88 ha); - Sloop Beatrixschool + ventweg Ceintuurbn. (0,41 ha); - Sloop Gamma Verbindingslaan (0,29 ha); - Zwembad Zandzee + Squash en Wellness (0,84 ha); - Terrein gemeentehuis (2,62 ha); - Torenlaan, Singel (0,52 ha); - Westereng - flats (1,44). Een aantal afkoppelprojecten is thans in voorbereiding. Bij het afkoppelen worden in principe alleen de wegen op een hemelwaterafvoerstelsel aangesloten. Het afstromende hemelwater wordt afgevoerd naar open water of geïnfiltreerd in de bodem. Op één locatie is een parkeerplaats afgekoppeld, waarbij het hemelwater via kratten wordt geïnfiltreerd in de bodem. Inmiddels zijn ook enkele grote dakoppervlakken afgekoppeld. Hier zijn echter geen goede ervaringen mee opgedaan, vanwege inpandige foutieve aansluitingen. De aanleg van beide bassins is in 2008 voltooid. Daarnaast is 700 m³ extra berging gecreëerd in de afvoerkoker tussen de bergbezinkvoorziening aan de Korte Landstraat en de externe overstort. In 2008 is het vijzelgemaal gerenoveerd en de capaciteit is tot het gewenste niveau gereduceerd. Alle hiervoor benodigde maatregelen zijn uitgevoerd. Het betreft: - Brinklaan: aanleg van 525 m riolering (Ø800 mm en Ø1.000 mm); - Nieuwe Raadhuisstraat: aanleg van 70 m riolering (Ø2.000 mm); Pagina 10 van 40
11 Evaluatie GRP nr. maatregel / onderzoek 7 Bijhouden rioolbeheersysteem 8 Inspectie van vrijvervalriolen 9 Opzetten basismeetnet 10 Het opstellen van operationele jaarprogramma s 11 Opstellen Waterplan Naarden-Bussum gepland in GRP resultaat in planperiode beschikbare berging in de rioolstelsels van Bussum en Naarden, waardoor overstorting in een later stadium plaatsvindt. Twee maal per jaar de gegevens uit het rioolbeheersysteem actualiseren. Een planmatige en cyclische inspectie van de vrijvervalriolen. Opstellen van een meetplan om inzicht te krijgen in het werkelijk functioneren van het gemengd rioolstelsel. Het maken van een vertaalslag van inspectieresultaten naar het treffen van maatregelen, in operationele jaarprogramma s. Het opstellen van het waterplan was geen voornemen uit het GRP Genestetlaan: aanleg van 130 m riolering (Ø1.000 mm en Ø1.250 mm); - Lammert Majoorlaan: aanleg van 315 m riolering (Ø1.000 mm); - Vossiuslaan: aanleg van 80 m riolering (Ø1.000 mm en Ø1.250 mm); - Brediusweg: aanleg van 160 m riolering (Ø1.000 mm). De gemeente beschikt over een digitaal rioolbeheersysteem. Sinds 2007 is er een nieuw systeem aangeschaft. Begin 2009 is het systeem nog niet geheel operationeel met actuele gegevens. Inspectie van de vrijvervalriolering vindt per wijk plaats. Voorafgaand aan de inspectie wordt het stelsel gereinigd. Op basis van de beoordeling van de inspectieresultaten worden maatregelen opgesteld. Er is een meetplan voor het gemengd stelsel opgesteld. In 2009 gaan de metingen van start. Door tijdgebrek wordt niet jaarlijks een operationeel programma opgesteld. Het rioolbeheersysteem is niet gevuld met actuele gegevens. Hierdoor komt het opstellen van vervangings- en onderhoudsplanningen moeizaam van de grond. In samenwerking met Waternet en de gemeente Naarden, is het Waterplan Naarden-Bussum ( ) opgesteld. Hierin zijn ook maatregelen voor de riolering opgenomen, zoals het opstellen van een verbreed GRP, het uitvoeren van de Wvo-maatregelen en het handhaven van het bestaande grondwater-meetnet. Deze onderzoeken en maatregelen zijn in hoofdstuk 6 (De Opgave) nader uitgewerkt. Figuur 2 Bergbezinkvoorziening Korte Landstraat Pagina 11 van 40
12 Evaluatie GRP Financiële en personele middelen De financiële middelen zijn beschikbaar gesteld op basis van het maatregelenpakket uit het GRP Uit de evaluatie van de investeringsuitgaven blijkt dat de beschikbare financiële middelen niet volledig zijn benut, waardoor een reserve van circa 6,7 miljoen is opgebouwd (peildatum: 1 januari 2009). Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door vertraging in de planvormings- en voorbereidingsfase van projecten. Bij de planning van de uitvoeringsprojecten voor de periode is hiermee rekening gehouden. Voor de rioleringszorg in de gemeente zijn momenteel 1,4 f.t.e. beschikbaar. Een groot deel van de voorbereiding, uitvoering en begeleiding van rioleringsprojecten wordt al uitbesteed aan derden. Het blijkt in de praktijk dat door onderbezetting toch nog een aantal taken blijft liggen. Inschatting van de benodigde personele middelen (zie hoofdstuk 7) laat zien dat de gemeente niet beschikt over de noodzakelijke personele capaciteit om de gestelde doelen te kunnen realiseren. Niet alleen vanwege capaciteitsgebrek worden werkzaamheden uitbesteed aan derden. Een deel van de werkzaamheden wordt door derden uitgevoerd omdat deze te specialistisch van aard zijn en de omvang van het specialistische werk te klein is om dergelijke kennis effectief binnen de gemeente zelf op te bouwen. Onderzocht wordt of er in de planperiode structureel extra capaciteit kan worden ingehuurd of personeel kan worden aangetrokken, waardoor de bezetting wordt uitgebreid. 3.6 Onderzoek naar doelmatigheid rioolbeheer In artikel 213a van de Gemeentewet is vastgesteld dat het college periodiek onderzoek doet naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. Van het 213aonderzoek, zoals in 2008 is uitgevoerd, is een onderzoeksrapportage opgesteld genaamd Processen en besluitvorming Gemeentelijke Rioleringsplan in beeld. Geconcludeerd is dat de gemeente Bussum belangrijke stappen heeft gezet in het projectmatig en efficiënter werken. Hoewel de basis is gelegd voor een doelmatige manier van werken, blijkt dat de betrokken afdelingen niet op dezelfde manier hiermee werken en dat processen niet overal in de organisatie zijn vastgelegd. De doelmatigheid van rioolbeheer moet verbeterd en gewaarborgd worden in de bestaande processen in de organisatie. Er is een aantal aanbevelingen geformuleerd die de doelmatigheid van het rioolbeheer kunnen vergroten. Deze zijn: 1. Borg samenwerking en afstemming in werkprocessen en functiebeschrijvingen De betrokken afdelingen werken in hoge mate samen, maar de verschillende afstemmingsmomenten zijn niet vastgelegd. Door de overlegmomenten tijdens projecten in werkprocessen te vatten, kan de uitvoering gestructureerder plaatsvinden en daarmee efficiëntiewinst behaald worden. 2. Meer uniformering door eenheid in uitvoering In het verlengde van bovenstaande aanbeveling kan de doelmatigheid van de uitvoering van het rioolbeleid worden vergroot door een uniforme toepassing van PlaBussum (interne leidraad voor projectmatig werken) te bevorderen. Door meer eenheid in de manier van werken, kan er beter zicht en meer grip op de beheersing van projecten worden bereikt. 3. Zet de beschikbare kennis binnen de organisatie op papier Binnen de gemeente Bussum is veel kennis en ervaring beschikbaar over rioolbeleid en -beheer. Deze informatie is echter vooral omvat in de hoofden van mensen en niet in de organisatie vastgelegd. Wanneer deze mensen de organisatie verlaten, is het risico groot dat ook de relevante kennis wegvloeit. Door de kennis vast te leggen blijft deze beschikbaar voor de organisatie en komt de doelmatigheid niet in het geding. 4. Vergroot het lerend vermogen door meer monitoring en gerichte evaluaties De voortgang van projecten kan beter inzichtelijk worden gemaakt door meer monitoring. De uitkomsten hiervan kunnen vervolgens ingezet worden om tussentijds bij te sturen, zodat voorkomen kan worden dat men achteraf voor een voldongen feit komt te staan. Daarnaast is het relevant om bij de evaluaties van projecten ook een inhoudelijk element in te bouwen, zodat zodat ook de bestaande werkprocessen tegen het licht kunnen worden gehouden en waar nodig verbeterd. Pagina 12 van 40
13 Evaluatie GRP In de planperiode wordt aan bovenstaande aanbevelingen invulling gegeven door uitvoering van de volgende acties: Ad.1. Het management van de verschillende afdelingen ziet er op toe dat overleggen tussen de afdelingen structureel plaatsvindt en gemaakte afspraken worden vastgelegd en uitgevoerd. Ad.2. Het nieuwe Handboek Projectmatig werken in Bussum wordt gebruikt. Ad.3. De beheerssystemen worden op orde gemaakt. Revelvante kennis wordt vastgelegd in documenten. Ad.4. Uitgevoerde projecten worden geëvalueerd: wat gaat goed, wat gaat fout, wat zijn de verbeterpunten? Een samenvatting van de evaluaties wordt onder de betrokken medewerkers verspreid. Medewerkers worden zo nodig getraind in het gebruik van administratieve systemen om de voortgang van projecten beter te kunnen monitoren. Pagina 13 van 40
14 4 Toetsingskader en doelen rioleringszorg 4.1 Inleiding Het GRP is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken voor de vastgestelde planperiode én de langere termijn weergeeft. In het GRP geeft de gemeente aan wat zij voor de eigen lokale situatie met de zorgplichten wil bereiken. Om dit eenduidig vast te leggen, is de systematiek van doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden toegepast. Met de doelen en functionele eisen wordt de gewenste situatie beschreven en vastgelegd over de toestand en het functioneren van bestaande en nieuwe voorzieningen voor de gemeentelijke watertaken. Door het formuleren van maatstaven en de daarbij behorende meetmethoden, wordt de zorg voor de gemeentelijke watertaken geconcretiseerd en toetsbaar gemaakt. In het GRP is het huidige beleid, c.q. de huidige gevoerde praktijk, verwoord. In dit GRP is nog geen volledige invulling gegeven aan de zorgplichten, volgens de nieuwe wetgeving. Op grond van de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken moet in het verbreed GRP aandacht worden besteed aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. Het verbreed GRP moet vóór 2013 door de gemeenteraad worden vastgesteld. In 2012 wordt een verbreed GRP opgesteld, zodat aan de wettelijke eis wordt voldaan. Gelet op de gemeentelijke herindeling, is er voor gekozen de definitieve invulling van de zorgplichten uit te stellen tot Alvorens de doelen en de functionele eisen worden beschreven, is eerst aangegeven op welke wijze de gemeente Bussum in de planperiode invulling geeft aan de zorgplichten voor de gemeentelijke watertaken. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) 4.2 Invulling zorgplichten De zorgplichten voor het stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater zijn toegelicht in bijlage 2. In deze paragraaf is ingegaan op de invulling van de zorgplichten in de planperiode De concrete acties die hieruit volgen, zijn verder uitgewerkt in hoofdstuk 6 van dit GRP (De opgave) Zorgplicht stedelijk afvalwater De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen. Bij in- en uitbreidingen wordt altijd riolering aangelegd Zorgplicht hemelwater Mate van ontvlechting (afkoppelen) In de gemeente Bussum is sprake van gedeeltelijke ontvlechting van stedelijk afvalwater en hemelwater. Door aanleg van gescheiden riolering bij nieuwbouw en het ombouwen van gemengd naar gescheiden stelsels, voor de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor, is al op grote schaal sprake van gescheiden inzameling en verwerking van stedelijk afvalwater en Pagina 14 van 40
15 Toetsingskader en doelen rioleringszorg hemelwater. Het afkoppelen van het op het gemengd stelsel aangesloten verhard oppervlak is een methode om verdere ontvlechting te realiseren. De gemeente Bussum streeft zoveel mogelijk ontvlechting na van stedelijk afvalwater en hemelwater, binnen het stedelijk gebied. In de planperiode wordt hieraan invulling gegeven door: het afkoppelen van verhard oppervlak. In de periode t/m 2018 wordt 50 ha afgekoppeld (28% van 176 ha). Uit doelmatigheidsoverwegingen loopt het afkoppelen gelijk met de vervangingscyclus van de vrijvervalriolering. Voor de basisinspanning wordt 23,5 ha afgekoppeld, voor het waterkwaliteitsspoor nog eens 26,5 ha; door aanleg van gescheiden stelsels bij nieuwbouw. Door uitvoering van deze maatregelen wordt er minder schoon hemelwater naar de afvalwaterzuiveringsinstallatie afgevoerd. Er wordt meer hemelwater via InfiltratieTransportriolen (hierna te noemen: IT-riolen) geïnfiltreerd in de bodem of via het hemelwaterafvoerriool geloosd op het oppervlaktewater. Voor het afkoppelen komen alleen grote, relatief schone oppervlakken en wegen in de openbare buitenruimte in aanmerking. Verhard oppervlak op particulier terrein kan door de gemeente niet afgekoppeld worden. Bij het afkoppelen van het verhard oppervlak wordt het gemengd stelsel vervangen en wordt een extra hemelwaterafvoerstelsel aangelegd. Gemeentelijke voorzieningen voor inzameling hemelwater De zorgplicht treedt in werking als van de perceeleigenaar redelijkerwijs niet kan worden gevraagd zelf het hemelwater te verwerken. Voor het openbaar gebied van de gemeente Bussum geldt dat, gelet op de bodemopbouw en de relatief lage grondwaterstand in het stedelijk gebied, lozing in de bodem een haalbare technische oplossing is. Daarom worden sinds 2000 IT-riolen toegepast. Door toepassing van IT-riolen wordt minder schoon hemelwater naar de afvalwaterzuiveringsinstallatie afgevoerd. Voor bestaande bebouwing is ondergrondse afvoer een doelmatige manier van verwerking van hemelwater. Het is een robuust en beheersbaar systeem en brengt weinig veiligheidsrisico s met zich mee. In bestaande situaties worden de aanwezige rioleringssystemen gehandhaafd en eventueel uitgebreid met een hemelwaterafvoerstelsel (bij afkoppelen). Bij nieuwbouw wordt een gescheiden rioolstelsel aangelegd. Wateroverlast De gemeente zal niet direct het hemelwater van elke extreme bui kunnen inzamelen. Er is een landelijk geaccepteerde norm voor het optreden van water op straat, in relatie tot de capaciteit van de riolering. Bij een neerslaggebeurtenis die eenmaal per twee jaar voorkomt, mag net geen of slechts heel kort water op straat optreden. In dit GRP is deze norm vastgelegd (zie tabel B, functionele eis en maatstaf 2f en 4r). Water op straat wordt niet altijd beschouwd als wateroverlast. Er is sprake van wateroverlast bij langdurig en op grotere schaal optreden van water op straat, water in winkels, woningen met materiële schade en ernstige belemmering van het verkeer. De verwachting is dat door de klimaatveranderingen de frequentie en intensiteit van hevige regenbuien toenemen en daarmee ook de kans op wateroverlast in het stedelijk gebied. Doordat de bui die eenmaal in de twee jaar valt wel extremer kan worden, zijn aanpassingen aan het stelsel in de toekomst mogelijk noodzakelijk. Voor zover daar al geen rekening mee is gehouden, moet uit het op te stellen basisrioleringsplan (2012) blijken welke maatregelen nodig zijn om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen. De normen voor water op straat en wateroverlast worden zo nodig gedifferentieerd naar type gebied Zorgplicht grondwater In de gemeente Bussum wordt nauwelijks grondwateroverlast of -onderlast ervaren. In een aantal gevallen is in het verleden wateroverlast opgetreden maar dit bleek vaak een bouwkundige oorzaak te hebben. Het oplossen hiervan is echter geen verantwoordelijkheid van de gemeente. Mogelijk dat in de nabije toekomst de grondwaterstand in het stedelijk gebied van Bussum stijgt, door een toename van de neerslag door klimaatverandering, infiltratie van hemelwater in de Pagina 15 van 40
16 Toetsingskader en doelen rioleringszorg bodem en het stopzetten van grondwaterwinningen. Stijging van de grondwaterstand kan leiden tot overlast. De volgende inspanningen worden de in de planperiode door de gemeente verricht: a) klachtenafhandeling; b) nader onderzoek naar aanleiding van klachten; c) beoordeling doelmatigheid te treffen maatregelen. ad. a) Klachtenafhandeling De gemeente fungeert als loket waar particulieren met hun klachten terecht kunnen en is daarmee primair aanspreekpunt voor de particulier. De gemeente onderzoekt het probleem en afhankelijk van de uitkomst: Neemt zij zelf maatregelen. De taak van de gemeente heeft het karakter van een inspanningsverplichting. Gaat zij na of andere partij verantwoordelijk is (gemeente is regisseur en niet de beheerder van het grondwater). Constateert zij dat er geen sprake is van een structureel grondwaterstandsprobleem. ad. b) Nader onderzoek naar aanleiding van klachten De gemeente Bussum heeft een gemeentelijk grondwatermeetnet, waardoor er inzicht is in het verloop van de grondwaterstand in het stedelijk gebied. Als er klachten van burgers of bedrijven zijn, die frequent grondwateroverlast ervaren, wordt op basis van onderzoek ter plaatse beoordeeld of er sprake is van structurele grondwateroverlast. ad. c) Beoordeling doelmatigheid te treffen maatregelen In hoeverre structurele grondwateroverlast aanleiding geeft tot het treffen van maatregelen in het openbaar gebied, is afhankelijk van de doelmatigheid van de te nemen maatregelen. De beoordeling van de doelmatigheid hangt in grote mate samen met de investering die hiermee gemoeid is en de risico s die optreden als er geen maatregelen worden getroffen. Dit wordt voor elke situatie apart beoordeeld. Eventuele maatregelen voor het opheffen van grondwateroverlast worden zo veel mogelijk gecombineerd uitgevoerd met vervangings- of reconstructiewerkzaamheden van wegen, riolering of woningen. De maatregelen beperken zich tot de openbare buitenruimte. De eigenaar is verantwoordelijk voor de voorzieningen op het eigen terrein. 4.3 Doelen rioleringszorg Voor de gemeentelijke watertaken zijn de volgende doelen geformuleerd: 1. zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater; 2. zorgen voor transport van stedelijk afvalwater; 3. zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door particulier); 4. zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater; 5. zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. De doelen geven de gewenste situatie weer voor het beheer van de bestaande en de aanleg van nieuwe voorzieningen. Uit de doelen voor de planperiode zijn eisen afgeleid, die aan het functioneren van de riolering als systeem of aan de toestand van de objecten (riolen, putten, rioolgemalen, bergbezinkvoorzieningen) worden gesteld. Om de doelen te halen, moet de riolering aan die functionele eisen voldoen. Maatstaven zijn vastgesteld om te bepalen of aan de functionele eisen wordt voldaan. In tabel B zijn de doelen, functionele eisen en maatstaven weergegeven. Tabel B Doelen, functionele eisen en maatstaven gemeentelijke watertaken doel functionele eis maatstaf 1. Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater. a. Alle percelen binnen het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt, moeten zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling doelmatiger is. a. Alle percelen zijn voorzien van een aansluiting op de riolering. Pagina 16 van 40
17 Toetsingskader en doelen rioleringszorg doel functionele eis maatstaf b. De objecten moeten in goede staat verkeren. b. Waterdichtheid en stabiliteit van riolen moeten voldoen aan kwaliteitsdoelstellingen (zie bijlage 4). Voor overige objecten naar eigen inzicht en volgens specificaties van leveranciers. c. Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden. c. Geen overtredingen van de lozingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet milieubeheer. Geen foutieve aansluitingen. d. De vuiluitworp uit rioolstelsels dient beperkt te zijn. De belasting van het oppervlaktewater vanuit de riolering mag niet zodanig zijn dat de functie niet kan worden gewaarborgd. d. De vuiluitworp uit gemengd rioolstelsel moet minimaal gelijk zijn aan die van het referentiestelsel (volgens de eenduidige basisinspanning van de CIW). Daarnaast moet aan de waterkwaliteitsdoelstelling van het hoogheemraadschap worden voldaan. 2. Zorgen voor transport van stedelijk e. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij e. droog weer het aanbod van afvalwater te verwerken. Optimaal stelselontwerp volgens Leidraad Riolering ( ontwerpgrondslagen ). afvalwater. f. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van afvalwater bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd in bepaalde buitengewone omstandigheden. f. Theoretisch geen water op straat bij een standaard bui, met een herhalingstijd van 2 jaar (bui 07 en 08 volgens de Leidraad Riolering). Water op straat mag niet leiden tot wateroverlast (het onderlopen van woningen en gebouwen) en geen blokkade zijn voor doorgaande verkeersroutes. g. Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de rioolwaterzuiveringsinstallatie te bereiken. h. De afstroming dient gewaarborgd te zijn. g. h. De verloren berging in het stelsel is niet groter dan 5% van de theoretische onderdrempelberging. Afstromingscondities moeten voldoen aan de kwaliteitsdoelstellingen. De inslagpeilen van rioolgemalen moeten onder de binnenonderkant van het laagst inkomend riool liggen. Persleidingen moeten in of zo dicht mogelijk bij ontvangende gemalen uitmonden. Alle putten zijn voorzien van een stroomprofiel. Maximaal 5% verloren berging. i. De bedrijfszekerheid van rioolgemalen en andere objecten dient gewaarborgd te zijn. i. Het aantal storingen dient zo klein mogelijk te zijn. Grote hoofdgemalen moeten van een automatische storingsmelding worden voorzien. Storingen moeten binnen 6 uur na signalering worden verholpen, afhankelijk van de prioriteit van het gemaal. De pompen in hoofdgemalen dienen elkaars reserve te zijn. j. De stabiliteit van de riolen dient gewaarborgd te zijn. j. Stabiliteit van riolen moet voldoen aan kwaliteitsdoelstellingen. k. De riolering dient zodanig te worden ont- en belucht te zijn dat overlast door stank wordt voorkomen. l. Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. m. De objecten moeten in goede staat verkeren k. Er dient sprake van een acceptabel niveau van klachten, dat betrekking heeft op het totale functioneren van de riolering. l. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven. Bereikbaarheid percelen zoveel mogelijk handhaven. m. Waterdichtheid en stabiliteit van riolen moeten voldoen aan kwaliteitsdoelstellingen. Pagina 17 van 40
18 Toetsingskader en doelen rioleringszorg doel functionele eis maatstaf 3. Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door de particulier). 4. Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater. 5. Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. n. Voorzien in de inzameling van hemelwater, voor zover de particulier niet redelijkerwijs in de verwerking ervan kan voorzien. o. De objecten moeten in goede staat verkeren. p. De instroming in riolen via de kolken dient ongehinderd plaats te vinden. q. De vuiluitworp door regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. r. De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van hemelwater bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd in bepaalde buitengewone omstandigheden. s. De objecten moeten in goede staat verkeren. t. Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. u. Adequate afvoer van overtollig grondwater, bij te hoge grondwaterstanden. v. Riolen dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodat de hoeveelheid in- en uittredend rioolwater tot een minimum beperkt blijft en het grondwater niet verontreinigd raakt. n. Alle percelen zijn voorzien in een aansluiting op de riolering, tenzij men zich niet van hemelwater wil ontdoen maar voor de lokale waterhuishouding of andere doeleinden wil gebruiken óf wanneer directe lozing geoorloofd is. o. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid (behoudens voor IT-riolen) en stabiliteit mogen niet voorkomen. p. Plasvorming bij kolken dient beperkt te zijn. q. Verontreinigingen door uitwerpselen, bouwmaterialen, straatmeubilair, bestrijdingsmiddelen, strooibeleid en straatvegen moeten geminimaliseerd worden. r. Theoretisch geen water op straat bij een standaard bui, met een herhalingstijd van 2 jaar (bui 07 en 08 volgens de Leidraad Riolering). Water op straat mag niet leiden tot wateroverlast (het onderlopen van woningen en gebouwen) en geen blokkade zijn voor doorgaande verkeersroutes. s. Waterdichtheid (behoudens voor IT-riolen) en stabiliteit moeten voldoen aan de kwaliteitsdoelstellingen. t. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven. Bereikbaarheid percelen zoveel mogelijk handhaven. u. De ontwateringsdiepte mag niet leiden tot structurele grondwateroverlast. v. Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit mogen niet voorkomen. 4.4 Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer De rioleringsbeheerder moet een aantal voorwaarden scheppen om een doelmatige inzameling en transport te kunnen realiseren. Wanneer niet aan die voorwaarden wordt voldaan, is een effectieve besturing niet mogelijk en kan de doelmatigheid van de inzameling en het transport niet worden gewaarborgd. Hier ligt ook de relatie met de eis uit de Wet Milieubeheer (artikel 4.22) dat bekend moet zijn wat er aan rioleringsvoorzieningen aanwezig is en in welke staat zij verkeren. De voorwaarden zijn op een vergelijkbare manier als de doelen toetsbaar te maken door ze nader te specificeren in concrete maatstaven. Pagina 18 van 40
19 Toetsingskader en doelen rioleringszorg Tabel C Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer voorwaarde maatstaf 1. Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd op andere gemeentelijke taken. a. In het GRP moet de relatie met overige gemeentelijke taken inzichtelijk worden gemaakt. b. In operationele programma s samenhang aangeven. 2. De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen. c. Naleving en actueel houden vergunningen (Wvo- en aansluitvergunningen). d. Eénmaal per jaar bestand controleren. e. Geen illegale en foutieve aansluitingen. f. Actueel bestand aansluitingen op de riolering. 3. Inzicht in kosten op langere termijn. g. Alle kosten van de rioleringszorg minimaal één keer in beeld (60 jaar). 4. Er dient inzicht te bestaan in de toestand van het functioneren van de riolering, en hemel- en grondwatervoorzieningen. h. Directe toegankelijkheid en beschikbaarheid gegevens (van riolering en grondwatervoorzieningen). i. Jaarlijks, visuele inspectie van 10% van het rioolstelsel. j. Verwerking revisiegegevens binnen een half jaar. k. Herberekening bij significante wijzigingen in rioolstelsel. 5. Er dient zo veel mogelijk gebruik te worden gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke materialen. l. Maken van duurzaamheidsafweging bij het toepassen van bouwmaterialen en straatmeubilair. 6. Er dient een klantgerichte benadering te worden nagestreefd. m. Behandeling van klachten en een reactie naar de klager binnen één werkdag. Pagina 19 van 40
20 5 Toetsing huidige situatie Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies 5.1 Inleiding In dit hoofdstuk vindt de toetsing van de huidige situatie plaats. Deze toetsing is het uitgangspunt voor het bepalen van de benodigde maatregelen (hoofdstuk 6). De huidige situatie is bepaald op basis van: het GRP en de op grond daarvan uitgevoerde onderzoeken; beschikbare informatie over het functioneren van de riolering; de in het rioolbeheersysteem opgenomen gegevens van riolen, putten en inspecties. Per paragraaf is het bijbehorende doel en/of de functionele eisen genoemd. In dit hoofdstuk is onderscheid gemaakt in de drie zorgplichten: stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. 5.2 Algemeen Aanwezige voorzieningen Voor de inzameling en verwerking van stedelijk afvalwater en hemelwater in het stedelijk gebied van de gemeente Bussum, is 147 km vrijvervalriolering aanwezig. Dit is een toename van 6% ten opzichte van de situatie in Deze toename wordt veroorzaakt door de aanleg van gescheiden stelsels bij nieuwbouw en de aanleg van hemelwaterafvoerstelsels bij afkoppelprojecten. In figuur 3 is het areaal vrijvervalriolering en de leeftijdsopbouw van het rioolstelsel weergegeven. Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) jaar van aanleg vrijvervalriolen lengte (km) Figuur 3 Overzicht aanlegperioden vrijvervalriolen Pagina 20 van 40
21 Toetsing huidige situatie Bussum kent drie bemalingsgebieden: 1. het hoofdbemalingsgebied; een gemengd stelsel, met een afvoerend verhard oppervlak van 176 ha. Door het afkoppelen van verhard oppervlak zijn binnen het bemalingsgebied gescheiden stelsels ontstaan. In bijlage 6 van dit GRP is dit op een kaart weergegeven; 2. Het Spiegel; een verbeterd gescheiden stelsel, met een afvoerend verhard oppervlak van 40 ha; 3. Oostereng; een verbeterd gescheiden stelsel, met een afvoerend verhard oppervlak Figuur 4 Globale indeling bemalingsgebieden rioolstelsel Bussum van 27 ha. Het hoofdrioolgemaal (vijzelgemaal) staat in het hoofdbemalingsgebied en loost het water in het vrijvervalstelsel van het gebied Ministerpark van Naarden. Van daaruit wordt het afvalwater via de DWR-leiding getransporteerd naar de AWZI Horstermeer. Figuur 5 Schematische weergave stelsel Bussum Toestand van de objecten Bijbehorende doelen: inzameling en transport van stedelijk afvalwater (doelen 1 en 2). Vrijvervalriolering Jaarlijks wordt een deel van het vrijvervalstelsel geïnspecteerd en vindt beoordeling plaats van de inspectieresultaten. Inspectie vindt per wijk plaats. Binnen een wijk worden alle leidingen geïnspecteerd. Hierbij wordt met een videocamera door de riolen gereden en wordt de toestand digitaal vastgelegd. Zowel de riolen van het gemengd stelsel, het droogweerafvoerstelsel, als ook de riolen van het hemelwaterafvoerstelsel worden geïnspecteerd. Het doel van inspectie is inzicht verkrijgen in de kwaliteit van de riolen. De inspectiegegevens worden in een digitaal rioolbeheersysteem opgeslagen. In totaal is 62 km riool geïnspecteerd Pagina 21 van 40
22 Toetsing huidige situatie vanuit het riool. Dit is ruim 40% van het totale stelsel. De stelsels waarvan bekend is dat ze binnen enkele jaren worden vervangen, zijn niet geïnspecteerd (bv. Godelindebuurt). In bijlage 5 is een overzicht van de geïnspecteerde wijken opgenomen. De inspectieresultaten geven een goed beeld van de kwaliteit van het rioolstelsel. De kwalitatief slechte strengen zijn in beeld gebracht. De meest voorkomende schadebeelden zijn: lichte scheurvorming, verzakking (waarschijnlijk door slechte verdichting) en wortelingroei. In Het Spiegel zijn problemen met afstroming geconstateerd. Uit de inspecties blijkt dat er geen grootschalige renovaties nodig zijn. Er zijn op basis van de inspectieresultaten enkele deelreparaties uitgevoerd: voegen zijn gerepareerd en wortels gefreesd, ter bevordering van de doorstroming. Vervangen en gerepareerde riolen worden als zodanig in het rioolbeheerbestand opgenomen. Aandachtspunt voor de komende inspecties zijn de IT-riolen en de infiltratiekratten. Het bijhouden van het rioolbeheerbestand, het opstellen van reinigings- en inspectieplannen van vrijvervalriolering, het beoordelen van de inspectieresultaten en het opstellen van renovatieplannen voor de vrijvervalriolering, worden in eigen beheer uitgevoerd. Door het tekort aan personeel, is hierin een achterstand ontstaan. Conclusie: aan de functionele eis dat inzicht moet bestaan in de toestand van de riolen, is voldaan. Er bestaat voldoende inzicht in de toestand van het rioolstelsel. 5.3 Stedelijk afvalwater Nog niet-aangesloten bestaande bebouwing Bijbehorend doel: zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater (doel 1). In de planperiode zijn alle ongezuiverde lozingen gesaneerd. Vrijwel alle bebouwde percelen binnen het gemeentelijk grondgebied zijn aangesloten op de riolering. Bij één perceel moet de eigenaar zelf nog de aansluiting op de gemeentelijke riolering verzorgen. Conclusie: de gemeente voldoet aan de maatstaf voor inzameling van afvalwater (1a) Overzicht aanwezige voorzieningen Voorwaarde voor effectief rioleringsbeheer: overzicht van de in beheer zijnde riolering. De inzameling van stedelijk afvalwater binnen de bebouwde kom vindt plaats door vrijvervalriolen (gemengd stelsel en droogweerafvoerstelsel). Het hoofdbemalingsgebied is voornamelijk gemengd uitgevoerd. Alle bedrijventerreinen in Bussum zijn voorzien van een gemengd rioolstelsel. Het stelsel voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater heeft de volgende kenmerken: In totaal is er 106,4 km vrijvervalriolering voor stedelijk afvalwater aanwezig, waarvan 69,0 km gemengd stelsel en 37,4 km droogweerafvoerstelsel. Op het gemengd stelsel is 151 ha afvoerend verhard oppervlak aangesloten. In 2000 was het afvoerend oppervlak 176 ha. Inmiddels is 25 ha afgekoppeld (per 1 januari 2009). In totaal zijn er inspectieputten aanwezig. Het gemengd stelsel heeft 6 externe overstorten. De gemeente heeft 5 rioolgemalen in beheer. De lengte van bijbehorende persleidingen bedraagt 0,6 km. Er is drukriolering aanwezig met 27 pompunits en 3 km drukleiding. Er zijn twee bergbezinkvoorzieningen aanwezig, in de Korte Landstraat (inhoud m³) en bij de Huizerweg (inhoud m³). Daarnaast is 700 m³ berging aanwezig in de afvoerkoker tussen de bergbezinkvoorziening aan de Korte Landstraat en de externe overstort van de voorziening. Pagina 22 van 40
23 Toetsing huidige situatie Functioneren van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor transport van stedelijk afvalwater (doel 2). Hydraulisch en milieutechnisch functioneren gemengd stelsel Het hydraulisch en milieutechnisch functioneren van het gemengd rioolstelsel is in 2003 getoetst aan de maatstaven. De resultaten zijn gerapporteerd in het basisrioleringsplan 2004 (hierna te noemen: BRP). In de berekeningen is rekening gehouden met de interacties tussen de rioolstelsels van Naarden en Bussum. In de BRP van Bussum en Naarden is de emissie van beide stelsels tezamen getoetst aan de basisinspanning. Uit het BRP blijkt dat het gemengd stelsel, wat betreft het hydraulisch functioneren, niet voldoet aan de gestelde eisen. Een aantal locaties is gevoelig voor water op straat, waaronder het gebied ten noorden van het raadhuis. Door aanpassing van de riolering en de aanleg van de bergbezinkvoorziening aan de Korte Landstraat, is dit verholpen. In de praktijk wordt bij intensieve neerslag in het stedelijk gebied nergens water op straat waargenomen. De vuilemissie van het gemengd stelsel voldoet in 2008 nog niet aan de gestelde norm. Om te kunnen voldoen aan de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor, is een maatregelenpakket opgesteld. De nog uit te voeren maatregelen zijn in hoofdstuk 6 (De Opgave) opgesomd. In totaal wordt vóór 2019 in Bussum 50 ha afgekoppeld. Dit is 28% van het in 2000 op het gemengd stelsel aangesloten verhard oppervlak van 176 ha. Voor de basisinspanning wordt 23,5 ha afgekoppeld. In het kader van het waterkwaliteitsspoor wordt nog eens 26,5 ha afgekoppeld. Per 1 januari 2009 is in totaal 25,0 ha afgekoppeld. Hiermee is 50% van de afkoppelambitie gerealiseerd. Met het afkoppelen loopt de gemeente achter op de planning. Waternet is hiervan op de hoogte gesteld. Een overzicht van afgekoppelde gebieden en uitgevoerde maatregelen is weergegeven in bijlage 3 van dit GRP. De bergbezinkvoorzieningen, met een gezamenlijke inhoud van m³, zijn in 2008 aangelegd. De monitoring van de overstorten van het gemengd stelsel is opgenomen in de Wvovergunning. Het meetplan voor het gemengd stelsel is opgesteld. In 2009 wordt gestart met de uitvoering van de metingen. De bemeten overstorten worden aangesloten op de hoofdpost van de gemalen. Functioneren van rioolgemalen, drukrioleringsunits en bergbezinkvoorzieningen Alle gemalen zijn aangesloten op een centrale hoofdpost. Controle op functioneren en besturing op afstand vindt vanaf hier plaats. Ook het functioneren van de bergbezinkvoorzieningen kan vanaf de centrale post worden gemonitord. Het functioneren en de onderhoudstoestand van de gemalen, de persleidingen en de drukrioleringsunits, is niet vastgelegd in het rioolbeheersysteem maar in een logboek en storingslijsten. De pompunits van de drukriolering zijn voorzien van een storingsmeldingssysteem in de vorm van een rode lamp. Een calamiteitenplan voor gemalen en persleidingen is nog niet opgesteld. Optimalisatie afvalwatersysteem In 2008 is een onderzoek (quick scan) gestart naar de optimalisatiemogelijkheden van het totale afvalwatersysteem van Horstermeer. Medio 2009 worden de resultaten hiervan verwacht. De verwachting is dat dit geen gevolgen heeft voor de gemeente Bussum. Conclusies: in de huidige situatie voldoet het gemengd stelsel niet aan de maatstaf voor de vuilemissie. Een maatregelenpakket is opgesteld om te kunnen voldoen aan de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor. Er is inzicht in het functioneren van de rioolgemalen en de drukrioleringsunits Onderhoud van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor transport van het stedelijk afvalwater (doel 2). Reiniging van de voorzieningen voor het stedelijk afvalwater worden planmatig door derden uitgevoerd en wordt gecombineerd met rioolinspectie. Daarnaast wordt ook additioneel Pagina 23 van 40
24 Toetsing huidige situatie gereinigd. Het gemengd stelsel en het droogweerafvoerriool worden gemiddeld eenmaal per 8 jaar gereinigd. In totaal wordt jaarlijks gemiddeld 13 km gereinigd. Kolken worden twee maal per jaar gezogen en de wegen worden geveegd. Door het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, wordt de afstroming naar de riolen en in de riolen gewaarborgd. Onderhoud en reiniging van de gemalen en drukrioleringsunits wordt planmatig door derden uitgevoerd. Storingen worden door derden verholpen. Onderhoud en vervanging van mechanisch / elektrische onderdelen worden eveneens door derden uitgevoerd. De bergbezinkvoorzieningen zijn zelfreinigend en worden nog niet additioneel gereinigd en onderhouden. Een beheerplan voor de mechanisch / elektrische onderdelen van de gemalen in de bergbezinkvoorzieningen wordt opgesteld. Conclusie: de afstroming van de vrijvervalriolen en de afvoer van rioolgemalen en drukrioleringsunits wordt gewaarborgd en waar nodig verbeterd. 5.4 Hemelwater Verwerking van hemelwater Inzameling en verwerking van hemelwater vindt plaats via het openbaar hemelwaterafvoerstelsel. Bij het afkoppelen van verhard oppervlak van het gemengd stelsel, worden infiltratievoorzieningen aangelegd. Incidenteel wordt hemelwater bovengronds afgevoerd en via de berm geloosd op het oppervlaktewater Overzicht van aanwezige voorzieningen Voorwaarden voor effectief beheer: overzicht van in de in beheer zijnde voorzieningen. In totaal is er 40,9 km vrijvervalriolering voor de verwerking van hemelwater aangelegd: 39,1 km hemelwaterafvoerriool en 1,8 km IT-riool. In totaal zijn er in het hemelwaterafvoerstelsel 900 inspectieputten aanwezig. Er zijn geen lamellenfilters of andere zuiverende voorzieningen voor het hemelwater aanwezig. Infiltratie in de bodem vindt plaats via IT-riolen en infiltratiekratten. De gegevens van de hemelwaterstelsels zijn opgeslagen in het rioolbeheersysteem. Revisiegegevens van recent aangelegde of vervangen vrijvervalleidingen worden hierin verwerkt Functioneren van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater (doel 4). Uit het BRP blijkt dat het gescheiden stelsel op een aantal locaties gevoelig is voor water op straat. In de praktijk wordt bij intensieve neerslag in het stedelijk gebied echter nergens water op straat waargenomen. De bemalingsgebieden Het Spiegel en Oostereng hebben een verbeterd gescheiden rioolstelsel. De berging in het hemelwaterafvoerstelsel van Het Spiegel bedraagt 4,9 mm. In het verbeterd gescheiden stelsel van Oostereng is, als gevolg van het steile maaiveldverloop, de berging zeer gering (0,7 mm). De pompovercapaciteit van beide stelsels is 0,3 mm/h. Aan de lozing van hemelwater via de overstorten van de verbeterd gescheiden stelsels, worden geen verdere eisen gesteld. Over de emissie uit gescheiden stelsels van vervuilende stoffen op oppervlaktewater is niets bekend. Conclusie: aan de functionele eis dat er inzicht moet zijn in het functioneren van het hemelwaterstelsel, wordt voldaan Onderhoud van de voorzieningen Bijbehorend doel: zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater (doel 4). Reiniging van hemelwaterafvoerriolen wordt planmatig door derden uitgevoerd. Het hemelwaterafvoerstelsel wordt gemiddeld eenmaal per 8 jaar gereinigd. In totaal wordt jaarlijks gemiddeld 5 km gereinigd. Conclusie: de afstroming van de hemelwaterafvoerriolen wordt gewaarborgd en waar nodig verbeterd. Pagina 24 van 40
25 Toetsing huidige situatie 5.5 Grondwater Bijbehorend doel: zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert (doel 5). Voorwaarden voor effectief beheer: overzicht van in de in beheer zijnde voorzieningen. Het stedelijk gebied van Bussum wordt gekenmerkt door lage grondwaterstanden. Om inzicht te krijgen in het verloop van de grondwaterstand, is in 2002 een grondwatermeetnet opgezet, met 16 peilbuizen. De grondwaterstanden worden geregistreerd met elektronische dataloggers. Uit de metingen blijkt dat de ontwateringsdiepte bijna overal meer dan 0,90 m bedraagt. Aangenomen mag worden dat eventueel geconstateerde wateroverlast niet door hoge grondwaterstanden wordt veroorzaakt. De gemeente heeft geen drainagevoorzieningen in beheer. Conclusie: er is inzicht in het verloop van de grondwaterstanden in het stedelijk gebied. 5.6 Vergunningen Bijbehorend doel: zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater (doel 1). Voorwaarden voor effectief rioleringsbeheer: de gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen moeten worden voorkomen (voorwaarde 2). Het voorkómen van nadelige gevolgen, die bedrijven of instellingen kunnen veroorzaken aan de gemeentelijke riolering, is een gemeentelijke taak. In de gemeente zijn 524 inrichtingen aanwezig waarop toezicht moet worden uitgeoefend in het kader van de Wet milieubeheer. Voor zover nodig, hebben alle bedrijven een lozingsvergunning in het kader van de Wvo voor het lozen op oppervlaktewater, dan wel hebben zij een kennisgeving gedaan voor het lozen van afvalwater op riolering. De handhaving wordt uitgevoerd door de afdeling Vergunningen & Handhaving. Door onderbezetting wordt een deel van de controles uitbesteed. De gemeente beschikt zelf over een Wvo-vergunning, voor het overstorten op oppervlaktewater vanuit het gemengd stelsel en het lozen van hemelwater via uitlaten, in het beheergebied van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht. Deze vergunning is in 2007 verleend. In de voorschriften behorende bij de Wvo-vergunning is onder meer opgenomen dat de maatregelen in het kader van het waterkwaliteitsspoor uiterlijk in 2015 uitgevoerd moeten zijn. Conclusie: er is inzicht in de lozingen van de bedrijven binnen de gemeente. Voor zover nodig beschikken alle bedrijven, als ook de gemeente, over de noodzakelijke vergunningen. 5.7 Klachtenafhandeling en voorlichting Voorwaarde voor effectief rioleringsbeheer: er dient een klantgerichte benadering te worden nagestreefd (voorwaarde 6). Klachten en meldingen op het gebied van riolering en grondwater worden geregistreerd in een digitaal klachtenmeldingssysteem. Behandeling van de klacht vindt, afhankelijk van de urgentie, binnen 24 uur plaats. De registratie en afwikkeling van de klachten vindt plaats bij de afdeling Wijkbeheer. Bij rioolwerkzaamheden, die overlast voor de burger kunnen veroorzaken, worden de betrokkenen vooraf geïnformeerd door een huis-aan-huisbrief voor direct aanwonenden en een persbericht in de locale bladen. Bij reiniging van riolering worden de bewoners schriftelijk ingelicht over de werkzaamheden. Conclusie: voor klachtenafhandeling en voorlichting wordt voldaan aan de maatstaf. Pagina 25 van 40
26 6 De opgave 6.1 Inleiding De opgave geeft de hoofdlijnen weer van een aanpak die leidt tot het bereiken van de gestelde doelen. Het is een samenstel van onderzoek (inspectie, studie) en maatregelen (onderhoud, verbetering en vervanging), geplaatst in de tijd. In de volgende paragrafen komt achtereenvolgens aan de orde: aanleg van voorzieningen bij bestaande bebouwing en bij nieuwbouw (paragraaf 6.2); het beheer van de bestaande voorzieningen, bestaande uit onderzoek en maatregelen (paragraaf 6.3). Alle in dit hoofdstuk genoemde geldbedragen zijn op prijspeil 1 januari 2009, inclusief bijkomende kosten en exclusief btw. 6.2 Aanleg voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemelen grondwater Bijbehorende doelen: alle doelen (1 t/m 5) Aanleg bij nieuwbouw In de planperiode worden in de gemeente Bussum, circa 250 woningen gebouwd. Voor de jaren daarna wordt een toename verwacht van 60 woningen per jaar. Het areaal bedrijventerrein (Crailo) wordt met circa 2 ha uitgebreid. Dit terrein ligt op het grondgebied van de gemeenten Bussum, Hilversum en Laren, maar wordt aangesloten op het rioolstelsel van Bussum. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater wordt bij in- en uitbreidingen altijd riolering aangelegd. Bij de aanleg van riolering bij nieuwbouw wordt bewust nagegaan hoe er met hemelwater wordt omgegaan. In uitbreidingsgebieden voor woningbouw worden gescheiden rioolstelsels aangelegd. Randvoorwaarde hierbij is dat het geloosde hemelwater kwantitatief door het ontvangend oppervlaktewatersysteem of de bodem kan worden verwerkt en kwalitatief voldoet aan de richtlijnen van Waternet. Bij de voorbereiding van rioleringsplannen voor in- en uitbreidingsgebieden wordt Waternet betrokken en wordt de watertoets doorlopen. Percelen in inbreidingsgebieden worden, bij geringe omvang, aangesloten op het bestaande stelsel. Bij risicovolle bedrijventerreinen of drukke verkeerswegen worden maatregelen getroffen om de emissie van vervuilende stoffen op oppervlaktewater zo veel mogelijk tegen te gaan. Voor bedrijventerreinen is het Activiteitenbesluit van kracht. Bij kans op vervuiling van het grondwater, worden geen IT-riolen toegepast. De kosten voor het ontwerp, het besteksgereedmaken en de aanleg van de riolering voor nieuwbouw worden niet verrekend via de rioolheffing maar via de grondexploitatie. De lengte te beheren riolering neemt toe. De gegevens van nieuw aan te leggen riolering worden in het rioolbeheersysteem opgenomen. Besluitvorming (H8) Pagina 26 van 40
27 De opgave 6.3 Beheer van de bestaande voorzieningen In het beheer van de bestaande voorzieningen wordt onderscheid gemaakt in het uitvoeren van onderzoek en het uitvoeren van maatregelen (zowel object- als systeemgericht) Onderzoek Beheer vraagt een actieve rol van de beheerder. Om te bepalen welke activiteiten waar moeten worden uitgevoerd, moet informatie worden verzameld over het functioneren van de riolering en de toestand van de objecten (onderzoek). Dit GRP is gebaseerd op gedetailleerde informatie, opgenomen in een rioolbeheersysteem. Op enkele onderdelen is echter nader onderzoek noodzakelijk. Hierin wordt onderscheid gemaakt in jaarlijks en incidenteel onderzoek. In deze paragraaf zijn de in dit GRP opgenomen onderzoeken nader toegelicht Algemeen 1. Inspectie vrijvervalriolen Visuele inspectie van vrijvervalriolen vindt structureel plaats. De inspectie vormt de basis voor de beoordeling van de toestand van de riolen en daarmee voor de te nemen maatregelen zoals onderhoud, reparatie, renovatie en vervanging. In de gemeente Bussum is gekozen voor inspectie met een rijdende tv-camera. Jaarlijks wordt uit strategisch oogpunt gemiddeld 11 km geïnspecteerd (8% van het totaal). Inspectie vindt per wijk plaats. Per wijk worden alle riolen ouder dan 5 jaar geïnspecteerd. Daarnaast vindt inspectie plaats bij de voorbereiding van renovatieprojecten, calamiteiten en oplevering van aangelegde riolering. Voorafgaand aan de inspectie wordt het riool gereinigd. Na het inspecteren van de riolering worden de resultaten beoordeeld om eventuele maatregelen te kunnen vaststellen. In de exploitatie-uitgaven zijn kosten opgenomen voor het reinigen en inspecteren van de vrijvervalriolen en het beoordelen van de inspectieresultaten. 2. Bijhouden beheerbestand De gemeente beschikt over een digitaal rioolbeheersysteem. De gegevens van het gemengd stelsel en de droogweerafvoerstelsels (strengen en putten) zijn hierin opgeslagen. In 2007 is een nieuw beheersysteem in gebruik genomen. In 2008 was het systeem nog niet gevuld met actuele gegevens. De laatste mutaties zijn in 2006 ingevoerd. Het beheersysteem wordt in 2009 bijgewerkt. Daarna wordt het invoeren van mutaties en revisiegegevens uitgevoerd. De reguliere, terugkerende werkzaamheden zijn: het periodiek bijwerken van de revisiegegevens (vervangingen van de riolering); het toevoegen van nieuw aangelegde riolering (nieuwbouw); het invoeren van inspectie- en reinigingsgegevens. In de exploitatie-uitgaven zijn kosten opgenomen voor het actueel houden van het beheerbestand. 3. Operationaliseren van de strategie Aan het doelmatig organiseren van de zorgplicht voor de riolering wordt invulling gegeven door, na vaststelling van dit GRP, jaarlijks een operationeel programma op te stellen. Hierin wordt het in het GRP omschreven beleid vertaald in een operationeel rioleringsprogramma, waarin aanleg, onderzoek en maatregelen voor het komende jaar worden opgenomen. Het rioleringsbeheer wordt daarbij zo goed mogelijk afgestemd op andere gemeentelijke taken. In de exploitatie-uitgaven zijn kosten opgenomen voor het opstellen van een operationeel jaarprogramma. 4. Implementatie WION (Grondroerdersregeling) Inmiddels zijn de voorbereidingen voor de implementatie van de WION van start gegaan. Thans wordt onderzocht welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. De uitkomst van dit onderzoek schept duidelijkheid over de te nemen vervolgstappen en kosten. In het GRP is een bedrag gereserveerd van ,- voor de implementatie van software en het digitaliseren van analoge leidinggegevens. 5. Controle van verordeningen en vergunningen Pagina 27 van 40
28 De opgave Het regelmatig controleren van bedrijven met een vergunning in het kader van de Wet milieubeheer vindt plaats conform de daarvoor opgestelde kengetallen. De controles worden geïntensiveerd, als er sprake is van klachten of aangetroffen gebreken. De controle van de lozingen op de riolering is ondergebracht bij de afdeling Vergunningen & Handhaving. Door onderbezetting wordt een deel van de controles uitbesteed. De huidige werkwijze wordt niet gewijzigd. Resultaat van deze werkwijze is dat er structureel een goed inzicht blijft bestaan in de lozingen op de riolering en ongeoorloofd gebruik van de riolering wordt beperkt. 6. Opstellen verbreed GRP In 2012 wordt een verbreed GRP opgesteld. Hierin wordt aangegeven hoe de gemeente invulling geeft aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater. De kosten voor het opstellen van het verbreed GRP zijn geraamd op ,-. 7. Opstellen actieplan diffuse bronnen In de planperiode wordt een actieplan diffuse bronnen opgesteld. Dit plan heeft tot doel de verontreiniging van afvoerend oppervlak en hiermee de verontreiniging van afstromend hemelwater en uiteindelijk het oppervlaktewater te reduceren. Het plan wordt opgesteld in het kader van de door Waternet verleende Wvo-vergunning (voorschrift 5) en is ook als maatregel in het Waterplan Naarden-Bussum opgenomen. De kosten voor het opstellen van dit actieplan zijn geraamd op 7.500,-. 8. Opstellen calamiteitenplan riolering In de planperiode wordt een calamiteitenplan opgesteld (voorschrift 13 uit Wvovergunning). In dit plan zijn de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de rioleringsbeheerder vastgelegd, in het geval van incidenten, calamiteiten en uitzonderlijke omstandigheden waarbij de riolering is betrokken, en die bedreigend zijn voor het milieu, de volksgezondheid of het goed functioneren van het afvalwatersysteem. De kosten voor het opstellen van het calamiteitenplan zijn geraamd op 5.000,-. 9. Opstellen plan ontwerp en beheer van gemalen In de planperiode wordt een plan opgesteld waarin het ontwerp en beheer van gemalen zijn vastgelegd (voorschrift 7 uit de Wvo-vergunning). De kosten voor het opstellen van dit plan zijn geraamd op 5.000, Stedelijk afvalwater 10. Actueel inzicht in theoretisch functioneren vrijvervalriolering Het BRP van de gemeente Bussum dateert uit Het BRP geeft inzicht in de verwachte toekomstige overstortingshoeveelheden en de te lozen vuilvrachten, op basis van theoretische berekeningen. In voorschrift 10 van de Wvo-vergunning is de verplichting tot het periodiek herberekenen van de vuilemissie opgenomen. Volgens dit voorschrift moet een herberekening plaatsvinden als zich, ten opzichte van de afgegeven Wvo-beschikking, significante wijzigingen hebben voorgedaan binnen of buiten het stelsel (afvoerend verhard oppervlak, droogweerafvoer, berging, pompovercapaciteit). Daarnaast wordt voorgeschreven dat de berekeningen niet ouder mogen zijn dan 5 jaar. In 2012 wordt een (controle-)berekening van het rioolstelsel uitgevoerd. Doel hiervan is inzicht krijgen in het theoretisch functioneren van de vrijvervalriolering. De kosten voor het uitvoeren van de herberekening zijn geraamd op , Actueel inzicht in werkelijk functioneren gemengd stelsel In de Wvo-vergunning (voorschrift 9) is een bepaling opgenomen over het monitoren van de overstorten van het gemengd stelsel. De gemeente beschikt over een goedgekeurd meetplan. De metingen gaan in 2009 van start. Jaarlijks wordt een rapportage met meetresultaten opgesteld. Het doel hiervan is: inzicht krijgen in het werkelijk functioneren van het gemengd stelsel. Er worden een aantal permanente metingen verricht, onder andere bij de bergbezinkvoorzieningen. Pagina 28 van 40
29 De opgave De kosten voor het inrichten van het meetnet zijn geraamd op ,-. De kosten voor de rapportage van de resultaten en het beheer en onderhoud van het meetnet, zijn geraamd op ,- per jaar Grondwater 12. Inrichten grondwaterloket Het grondwaterloket wordt in de planperiode geïmplementeerd binnen het digitale klachtenmeldingssysteem. Hiervoor is in dit GRP een bedrag gereserveerd van , Monitoring grondwatermeetnet Voor het beheer en onderhoud van het peilbuizenmeetnet en de jaarlijkse rapportage van de grondwaterstanden, is in dit GRP 5.000,- per jaar gereserveerd Maatregelen Onder maatregelen wordt verstaan: onderhoud, reparatie, renovatie, vervanging en verbetering. In bijlage 1 zijn de verschillende begrippen nader verklaard. De volgende maatregelen worden uitgevoerd Algemeen 1. Reparatie, renovatie en vervanging vrijvervalriolen Door reparatie, renovatie en vervanging wordt de technische staat van de objecten in de vrijvervalstelsels gewaarborgd. Om te voldoen aan de maatstaven (waarborgen stabiliteit en waterdichtheid), is het nodig de riolering op tijd te repareren, te renoveren of te vervangen. Hiervoor is een planning opgesteld en de kosten van de maatregelen zijn bepaald. Voor de periode is een vervangingsplanning op hoofdlijnen opgezet. De planning is opgesteld op basis van ouderdom van de te vervangen strengen. De in tabel D weergegeven, te vervangen strengen maken onderdeel uit van het gemengd stelsel. Het gemengd riool wordt vervangen door een leiding met dezelfde diameter. Er wordt een extra hemelwaterafvoerriool of een IT-riool aangelegd voor de afvoer van het hemelwater van de af te koppelen oppervlakken. Gecombineerd met de vervanging van de riolering wordt de gehele rijbaan afgekoppeld (inclusief parkeerplaatsen, trottoirs en in sommige gevallen ook de daken van garageboxen). Het hiermee af te koppelen verhard oppervlak is eveneens in tabel D weergegeven. In totaal wordt in de periode ongeveer 28 km gemengd riool vervangen en door de aanleg van gescheiden stelsels ongeveer 31 ha verhard oppervlak afgekoppeld. De investering voor de vervanging van de riolering en het afkoppelen van het verhard oppervlak zijn geraamd op 1.100, - per m sleuflengte en bedraagt in totaal circa 31 miljoen. In deze investering is de te ontvangen bijdrage van Waternet niet verwerkt (zie paragraaf Verbetering functioneren gemengd stelsel ). In tabel D is de planning voor de vervanging van de vrijvervalriolering weergegeven voor de periode Op de tekening in bijlage 6 is de planning grafisch weergegeven. Pagina 29 van 40
30 De opgave Tabel D Planning vervanging vrijvervalriolering (periode ) jaar straat lengte (m) investering (prijspeil 2009) ( ) af te koppelen verhard oppervlak (m²) 2009 Vlietlaan rioolvervanging Eslaan e.o Godelindebuurt fasen 1 en Godelindebuurt fasen 3 en Veldheimerlaan / Botweg Nieuwe Spiegelstraat / Iepenlaan e.o Spiegel - Oud centrum Herenstraat Vogelkersstraat e.o Veldweg Dr. Schaepmanlaan Spijkerstraat e.o Jozef Israëlslaan e.o Papaverstraat e.o Prinses Margrietplantsoen / T.B. Huurmanlaan 2014 De Ruijterlaan e.o Beerensteinerlaan e.o Versteeghstraat / Ruysstraat e.o W. Barentszstraat e.o Beekmanstraat e.o Jan Bottemastraat e.o Lange Heul 1 e fase De Dennen e.o Randweg / Karel Doormanlaan Lange Heul 2 e fase alle gaardes ( 5x 300 m 1 ) TOTAAL Voor de overige 119 km vrijvervalriolering is nog geen vervangingsplanning opgesteld. Voor de berekening van de vervangingskosten in de periode ná 2019 is dezelfde eenheidsprijs gehanteerd, waarbij geen rekening is gehouden met het afkoppelen van verhard oppervlak. De eenheidsprijs bedraagt dan 860 per m sleuf. In totaal bedraagt de investering voor de vervanging van de vrijvervalriolen in de periode ná miljoen. Bij het vertalen van de strategische planning naar operationele jaarprogramma s, worden ook de onderhoudstoestand van de boven- en ondergrondse infrastructuur, evenals de overige noodzakelijke ingrepen, meegenomen. De werkzaamheden aan boven- en ondergrondse infrastructuur worden op elkaar afgestemd. Vervangingswerkzaamheden worden zo veel mogelijk geïntegreerd. Pagina 30 van 40
31 De opgave Stedelijk afvalwater 2. Onderhoud vrijvervalriolering, gemalen en drukrioleringsunits Reiniging van vrijvervalriolering vindt plaats in combinatie met rioolinspectie. Daarnaast wordt ook additioneel gereinigd. In totaal wordt jaarlijks gemiddeld 11,5 km gereinigd. De reinigingsfrequentie voor het droogweerafvoerstelsel en het gemengd stelsel is eenmaal per acht jaar. Kolken worden twee maal per jaar gezogen en de wegen worden geveegd. Door het structureel reinigen van riolen, kolken en wegen, wordt de afstroming naar de riolen en in de riolen gewaarborgd. Onderhoud van de gemalen en drukrioleringsunits en reiniging wordt planmatig door derden uitgevoerd. Het oplossen van storingen wordt eveneens door derden uitgevoerd. Dit geldt ook voor de gemalen van de bergbezinkvoorzieningen. In de exploitatie-uitgaven zijn de kosten opgenomen voor het onderhoud van vrijvervalriolering, gemalen en drukrioleringsunits. 3. Reparatie, renovatie en vervanging gemalen, persleidingen en drukrioleringsunits Voor dit rioleringsplan is geen onderzoek verricht naar de toestand van onderdelen van de drukriolering, rioolgemalen en persleidingen. Voor vervanging van rioolgemalen en persleidingen is uitgegaan van standaard afschrijvingstermijnen, gebaseerd op ervaringscijfers van de gemeente en landelijke trends. Voor de mechanische en elektrische componenten van een rioolgemaal, drukrioleringsunit en gemalen van de bergbezinkvoorzieningen, is gemiddeld 15 jaar aangehouden; voor het bouwkundige deel 45 jaar. Een persleiding wordt gemiddeld na 45 jaar vervangen. Jaarlijks worden door derden inspecties uitgevoerd naar de toestand van de mechanisch / elektrische installatie van de rioolgemalen. Gebreken worden direct verholpen en benodigde aanpassingen uitgevoerd. In de planperiode is, op basis van de standaardlevensduren, vervanging voorzien van 1 rioolgemaal (zie tabel 5.1 van bijlage 9). Of vervanging echt noodzakelijk is, moet uit nader uit te voeren inspectie blijken. 4. Verbetering functioneren gemengd stelsel In de Wvo-vergunning zijn de volgende saneringsmaatregelen opgenomen: het afkoppelen van verhard oppervlak, waarvan 23,5 ha voor de basisinspanning (tot 2009 is 22,2 ha gerealiseerd) en 26,5 ha voor het waterkwaliteitsspoor (tot 2009 is 2,8 ha gerealiseerd); het bouwen van twee bergbezinkvoorzieningen met een totale inhoud van m 3. Beide voorzieningen zijn uitgevoerd in De in de komende jaren nog uit te voeren milieumaatregelen zijn weergegeven in tabel E. Het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht draagt 80% van de kosten bij die worden gemaakt voor het afkoppelen in het kader van het waterkwaliteitsspoor. De overige 20% komen voor rekening van de gemeente. De subsidie van het hoogheemraadschap bedraagt circa 4,1 miljoen (zie tabel 7.5 in bijlage 9). De afspraken tussen het hoogheemraadschap en de gemeente over de uitvoering van de werkzaamheden voor het waterkwaliteitsspoor en de bijbehorende financiering, zijn vastgelegd in een convenant. Het convenant is echter nog niet ondertekend. Medio 2008 is door de dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht mondeling toegezegd dat het convenant op korte termijn zou worden bekrachtigd. Per 1 januari 2009 is dit nog niet gebeurd. Pagina 31 van 40
32 De opgave Tabel E Planning milieumaatregelen gemengd stelsel maatregel locatie omschrijving / hoeveelheid (ha) jaar uitvoering afkoppelen basisinspanning Nieuwe Spiegelstraat 0, Godelindebuurt - Midden 1, Godelindebuurt - West 1, Papaverstraat 2, De Dennen 0, totaal nog af te koppelen 6,83 reeds afgekoppeld ( ) 22,24 + totaal 29, afkoppelen waterkwaliteitsspoor Spijkerstraat 1, Veldheimerlaan, Botweg 0, Jozef Israëlslaan 0, Kromme Englaan 1, Spiegel - Centrum 1, Westereng 14, Spiegel - Noord 2, (al gedeeltelijk uitgevoerd) Godelinde (Vogelkersstraat e.o.) 2, totaal nog af te koppelen 23,93 reeds afgekoppeld ( ) 2,78 + totaal 26, no regret - maatregelen waterkwaliteitsspoor Het Spiegel Het Spiegel Crailoo Hilversumse Meent DWA (gemaal Zwarteweg) niet meer op DWR-leiding lozen, maar direct naar het gemaal aan de Verlengde Fortlaan hemelwater rechtstreeks op Bussummervaart lozen (middels pomp laten lozen, niet de drempel weghalen) DWA Crailoo niet meer op Oostereng lozen, maar op een hoofdgemaal DWA Hilversumse Meent niet meer op Het Spiegel lozen, maar direct naar het gemaal aan de Verlengde Fortlaan maatregel wordt niet uitgevoerd (niet doelmatig) maatregel wordt niet uitgevoerd (niet doelmatig) In totaal moet voor de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor 50 ha worden afgekoppeld. Na uitvoering van de in tabel E weergegeven projecten is 55,8 ha afgekoppeld. In 2019 zijn alle milieumaatregelen voor het gemengd stelsel uitgevoerd en voldoet de gemeente aan de basisinspanning en het waterkwaliteitsspoor. Pagina 32 van 40
33 De opgave Hemelwater 5. Verbetering functioneren verbeterd gescheiden rioolstelsels Ter verbetering van het hydraulisch functioneren van het stelsel in Het Spiegel, is in het BRP een aantal maatregelen voorgesteld (zie tabel F). Over de uitvoering van deze maatregelen is de gemeente in gesprek met Waternet. In 2009 wordt hier over meer duidelijkheid verkregen. Tabel F Maatregelen verbeterd gescheiden stelsel Het Spiegel locatie omschrijving maatregel jaar uitvoering put 7H061 put verbinden met nieuwe overstortput KARN1 - drempelbreedte 12,5 m kruising Meerweg met Zwarteweg Karnemelksloot aanpassen leiding 7H016-7H060-7H061-KARN1 (190 m mm) aanleg overstortleiding van KARN1 naar Karnemelksloot (375 m mm) nog vast te stellen in overleg met Waternet idem idem 6. Onderhoud hemelwaterafvoerstelsel Reiniging van het hemelwaterafvoerstelsel wordt planmatig door derden uitgevoerd. Het stelsel wordt gemiddeld eenmaal per acht jaar gereinigd. In totaal wordt jaarlijks gemiddeld 5 km gereinigd. In de exploitatie-uitgaven zijn kosten opgenomen voor het reinigen van de vrijvervalriolen. Pagina 33 van 40
34 7 Organisatie en financiën 7.1 Inleiding In dit hoofdstuk zijn de personele en financiële middelen gekwantificeerd. Deze middelen zijn nodig om de in dit plan gestelde doelen, met de in hoofdstuk 6 beschreven strategie, te kunnen realiseren. Alle in dit hoofdstuk genoemde geldbedragen zijn op prijspeil 1 januari 2009, inclusief bijkomende kosten en exclusief btw. 7.2 Personele middelen In deze paragraaf is aandacht besteed aan de werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om de gestelde doelen voor de rioleringszorg te kunnen halen. Aan de hand van vijf deeltaken is de benodigde formatie globaal bepaald. Uitgangspunt daarbij is de module Personele aspecten van gemeentelijke watertaken van de Leidraad Riolering. Deze deeltaken zijn: planvorming, onderzoek, onderhoud, maatregelen en facilitair. Voor het bepalen van de benodigde formatie voor de uitvoering van deze taken, wordt verwezen naar bijlage 7. Uit een eerste globale capaciteitsraming komt naar voren dat er voor uitvoering van alle taken 4 f.t.e. nodig zou zijn. De structurele capaciteit voor rioleringszorg bij de gemeente Bussum bedraagt op dit moment 1,4 f.t.e. Daarnaast worden veel taken op het gebied van voorbereiding, uitvoering en begeleiding ook nu reeds incidenteel uitbesteed. De benodigde middelen voor incidentele capaciteit zijn ook opgenomen in het GRP. Met de structurele en incidentele capaciteit tezamen kunnen de taken in de planperiode worden uitgevoerd. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) 7.3 Financiële middelen Op korte termijn (planperiode ) enerzijds en op de lange termijn (beschouwde periode van 60 jaar) anderzijds, worden activiteiten uitgevoerd in het kader van aanleg en beheer van riolering en grondwatervoorzieningen. Deze activiteiten worden volgens de beschreven aanpak uitgevoerd om de gestelde doelen te kunnen halen. In deze paragraaf zijn de benodigde financiële middelen samengevat en is aangegeven hoe in de dekking van de kosten kan worden voorzien. De uitgangspunten die zijn gehanteerd bij het opstellen van het kostendekkingsplan zijn weergegeven in bijlage 8. De bijbehorende financiële gegevens zijn weergegeven in de tabellen in bijlage Vervangingswaarde De vervangingskosten van de riolen zijn berekend op basis van eenheidsprijzen en bedraagt: vrijvervalriolen en putten : rioolgemalen en persleidingen : drukriolering totale vervangingswaarde riolering : Pagina 34 van 40
35 Organisatie en financiën De gemiddelde vervangingswaarde van de vrijvervalriolen mét rioolgemalen en persleidingen, bedraagt 853,- per m riool. De gemiddelde vervangingswaarde van de drukriolering (leidingen en pompen) bedraagt ,- per eenheid Beleid rioolrechten Uit de beleidsnota lokale heffingen vloeit het huidige beleid voor de lokale heffingen voort. In deze beleidsnota is onder andere afgesproken dat de rioolrechten kostendekkende heffingen (ook op rekeningbasis) zijn en dat exploitatieoverschotten en de exploitatietekorten respectievelijk worden gestort in of worden onttrokken aan de egalisatievoorziening riolering. Jaarlijks vindt een integrale kostencalculatie plaats. Verder heeft de raad in zijn vergadering van 10 november 2005 besloten om jaarlijks ,- uit de egalisatievoorziening riolering te onttrekken voor het wegonderhoud door rioleringswerkzaamheden Totale uitgaven Het totaal van de uitgaven dat met de aanleg (exclusief nieuwbouw) en het beheer van de riolering over een periode van 60 jaar is gemoeid, is samengevat weergegeven in figuur 6 en in tabel H. De periode van 60 jaar is gehanteerd omdat dan alle te verwachten uitgaven in beeld zijn gebracht. Tabel H Overzicht totale uitgaven (* 1.000,-) periode onderzoek jaarlijkse uitgaven exploitatie vervanging/ verbetering investeringen milieumaatregelen grondwater kapitaallasten nieuwe investeringen totaal excl. btw = Pagina 35 van 40
36 Organisatie en financiën uitgaven ( * 1.000) onderzoek exploitatie vervanging milieumaatregelen Figuur 6 Uitgaven per jaar, prijspeil Huidige inkomsten De huidige inkomsten zijn als volgt opgebouwd: De gemeente int rioolheffing. Het voor 2009 vastgestelde tarief bedraagt 201,48 per eigendom, per jaar (vastrecht). Het variabel recht voor de grote lozers bedraagt 51,36 voor elke volle eenheid van 100 m³ afvalwater boven m³. De inkomsten uit de heffing voor grote lozers is geschat op ,- per jaar. De gemeente beschikt over een voorziening van 6,675 miljoen, per 1 januari Er is rekening gehouden met een bijdrage van Waternet van 4,1 miljoen, voor het afkoppelen van verhard oppervlak in het kader van het waterkwaliteitsspoor. Voor het vijzelgemaal en het gemaal Zwarteweg, wordt jaarlijks een bijdrage van Waternet ontvangen van , Kostendekking In deze paragraaf komt de kostendekking op de lange termijn aan de orde. Er is uitgegaan van de kosten voor de periode , zoals die in de vorige paragraaf zijn weergegeven. Voor de dekking van de kosten van aanleg en beheer van riolering komen verschillende bronnen in aanmerking. De aanleg van riolering in nieuwe bestemmingsplannen wordt bekostigd uit de exploitatieopzet van die plannen en zijn verdisconteerd in de verkoopprijs. De kosten van beheer van riolering en van aanleg van riolering en grondwatervoorzieningen bij bestaande panden worden gedekt uit de rioolheffing. In deze paragraaf is de rioolheffing weergegeven die bij directe invoering de totale kosten voor de rioleringszorg dekt, gezien over 60 jaar. Directe invoering van een op deze manier berekende rioolheffing, is maatschappelijk niet aanvaardbaar. Daarom is een voorbeeld gegeven van een geleidelijke stijging: van het huidige niveau naar een ook op langere termijn kostendekkend niveau. Hierbij wordt min of meer de stijging van de kapitaallasten van investeringen gevolgd. Over een periode van 60 jaar is het door de rioolheffing te dekken bedrag 220 miljoen. Dit is gemiddeld 3,7 miljoen per jaar. In werkelijkheid fluctueert dit bedrag. De opbouw van de totale uitgaven, gebaseerd op de contante waarde van de verschillende kostengroepen, is weergegeven in figuur 7. Pagina 36 van 40
37 Organisatie en financiën 56% 8% 1% 35% Onderzoek ( totaal) EURO 3,03 Exploitatie ( totaal) EURO 83,62 Vervanging (totaal) EURO 134,52 Milieumaatregelen (totaal) EURO 19,75 Figuur 7 Aandeel in totale uitgaven over periode In het kostendekkingsplan wordt uitgegaan van één heffing voor de totale kosten van de zorgplichten. In deze paragraaf is de kostendekkende rioolheffing berekend. Omdat het huidige tarief van 201,48 lager is dan het benodigde tarief, is uitgerekend hoe tot een kostendekkend tarief kan worden gekomen. Hiervoor zijn twee scenario s doorgerekend: 1. een jaarlijkse stijging van het tarief met 1,0%, met ingang van 1 januari Bij deze stijging wordt in 2013 een kostendekkend niveau bereikt van 209,54 per heffingseenheid (zie figuur 8). 2. een jaarlijkse stijging van het tarief met 2,5%, met ingang van 1 januari Bij deze stijging wordt in 2011 een kostendekkend niveau bereikt van 209,24 per heffingseenheid. heffing per aansluiting ( ) rioolheffing bij jaarlijkse stijging 1,0% rioolheffing bij jaarlijkse stijging 2,5% Figuur 8 Ontwikkeling rioolheffing, bij een jaarlijkse stijging van 1,0% en 2,5% Het berekende tarief moet jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Pagina 37 van 40
38 Organisatie en financiën Advies afdeling Financiën gemeente Bussum: Gelet op onze ervaringen met het vorige GRP hebben wij ons afgevraagd of het niet mogelijk is de uit het GRP voortvloeiende tariefstijgingen voor de komende jaren achterwege te laten. Ook tijdens de vergaderingen van de commissie middelen en de raad is over de hoogte van het riooltarief gediscussieerd bij de behandeling van de jaarrekening 2007 en de perspectiefnota Door de raadsleden is daarbij gewezen op het hoge riooltarief dat in Bussum regionaal en landelijk gezien wordt gehanteerd. De afgelopen 4 jaar blijkt de hoogte van de egalisatievoorziening jaarlijks veel sterker te zijn opgelopen dan in het GRP was geraamd. Een van de oorzaken was achterblijvende rioolinvesteringen. Hierdoor is de egalisatievoorziening met circa 3,4 miljoen extra gegroeid. Als wij het geheel overzien en daarbij als uitgangspunt hanteren dat wij op voorhand van de inwoners niet meer belasting willen vragen dan strikt noodzakelijk, komen wij tot de conclusie dat het verantwoord is de komende 3 jaar (vanaf 2010) de nullijn te hanteren en de huidige riooltarieven te bevriezen. Mocht gedurende de komende jaren de egalisatievoorziening zich anders ontwikkelen dan wij nu aannemen dan zullen wij hierop tijdens de jaarlijkse tariefvoorstellingen (onderdeel van de jaarlijkse begrotingsbehandeling) nader ingaan. 7.5 Omzetting rioolrecht in rioolheffing Als gevolg van een wetswijziging mogen de gemeenten de rioolrechten tot 31 december 2009 blijven heffen. Vanaf 1 januari 2010 kan alleen nog maar de nieuwe rioolheffing (gebaseerd op het nieuwe artikel 228a Gemeentewet) worden geheven. Per saldo komt er geen extra heffing bij. De omzetting van rioolrecht naar rioolheffing vindt in 2009 plaats. Dit kan op eenvoudige wijze worden geregeld door de gelijktijdige vaststelling van dit GRP en een nieuwe verordening rioolheffing. 7.6 Kanttekeningen bij geschetste ontwikkeling rioolheffing Voor het opstellen van het kostendekkingsplan is een zo nauwkeurig mogelijke inschatting gemaakt van alle te nemen maatregelen en de daarbij behorende investeringen. Om in het GRP alle te verwachten uitgaven in beeld te brengen en daardoor langetermijnverrassingen zo veel mogelijk uit te sluiten, is een planningshorizon van het GRP en het kostendekkingsplan aangehouden van 60 jaar. Voor een dergelijk lange periode kunnen niet alle gebeurtenissen exact worden ingeschat. Daarom wordt benadrukt dat het GRP in principe wordt vastgesteld voor de planperiode ( ), maar dat dit gebeurt in het licht van de lange termijn. Naast de in dit GRP genoemde maatregelen, zijn in de nabije toekomst mogelijk extra maatregelen te verwachten, waarvan de financiële consequenties op dit moment niet kunnen worden ingeschat. Dit betreft onder meer de invulling van de zorgplicht voor het grond- en hemelwater. De gemeentelijke herindeling en de daaruit voortvloeiende beleidsontwikkelingen hebben eveneens invloed op de ontwikkeling van de rioolheffing. De marges en onzekerheden in de financiële aspecten zijn vaak groot. Rente en inflatie kunnen in grote mate fluctueren. Het kostendekkingsplan wordt daarom gemiddeld om de vier jaar bijgesteld. Bovengenoemde onzekerheden maken het niet mogelijk een exacte beschrijving van de kostenontwikkeling en de ontwikkeling van de rioolheffing in de komende jaren te maken. De geschetste ontwikkeling van de rioolheffing moet daarom als indicatief worden beschouwd. Pagina 38 van 40
39 8 Besluitvorming Dit plan is het vierde GRP van de gemeente Bussum. De gemeente voldoet met dit plan aan de planverplichting (Wet milieubeheer artikel 4.22). Met de strategie zoals die in dit GRP is verwoord, worden de doelen voor de rioleringzorg bereikt. Hierdoor wordt in de gemeente Bussum, op het gebied van de riolerings- en grondwaterzorg, een goed woon-, leef- en werkklimaat gehandhaafd. Burgemeester en wethouders van de gemeente Bussum verzoeken de gemeenteraad het GRP Bussum vast te stellen door: in te stemmen met de in dit GRP geformuleerde doelen (zie paragraaf 4.3); in te stemmen met het voorgenomen onderzoek , welke nodig is om een doelmatige rioleringszorg te realiseren (zie paragraaf 6.3.1); in te stemmen met de voorgenomen maatregelen (zie paragraaf 6.3.2); in te stemmen met de voorgestelde wijze van kostendekking (zie paragraaf 7.4). Het concept-grp is voorafgaand aan de vaststelling door de gemeenteraad, ter beoordeling toegezonden aan het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht en de Provincie Noord- Holland. Na vaststelling wordt in één of meer dag- of weekbladen die in de gemeente worden verspreid, bekend gemaakt hoe burgers kennis kunnen nemen van de inhoud van dit GRP. Inleiding (H1) Aanleiding, procedure, functies Relaties rioleringszorg (H2) Wet- en regelgeving, ontwikkelingen Evaluatie GRP (H3) Terugblik op vorige GRP Toetsingskader (H4) Doelen rioleringszorg Toetsing huidige situatie (H5) Wat hebben we nu? De opgave (H6) Wat moeten we doen? Organisatie en financiën (H7) Wat hebben we nodig? Besluitvorming (H8) Pagina 39 van 40
40 Referenties 1. Basisrioleringsplan Gemeente Bussum. Grontmij Advies & techniek bv, januari Bestuursakkoord Waterketen 2007 ( BWK-2007 ). Ministerie van VROM, Ministerie van Verkeer en waterstaat, IPO, Vewin, VNG en Unie van Waterschappen, juli Convenant Samenwerken Waterketen Noord-Holland. Provincie Noord-Holland, november Gemeentelijk Rioleringsplan Bussum Grontmij, oktober Handreiking kostentoerekening (leges en tarieven). Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, juli Leidraad Riolering; Stichting RIONED en ministerie van VROM, modules a. GRP: Planvorming gemeentelijke watertaken (A1050), 2007; b. Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden (A1100), 2007; c. Kostenkengetallen rioleringszorg (D1100), 2007; d. Personele aspecten van gemeentelijke watertaken (D2000), Notitie Riolering (versie 17jul07). Commissie BBV, juni Processen en besluitvorming Gemeentelijke Rioleringsplan in beeld 213 a onderzoek naar doelmatigheid van rioolbeheer in de gemeente Bussum. DHV, juni Provinciaal Waterplan Noord-Holland 2006 t/m 2010 Bewust omgaan met water. 10. Waterbeheerplan AGV , Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht. 11. Waterplan Naarden-Bussum. Grontmij Nederland bv, februari Wijziging van de Gemeentewet, de Wet op de waterhuishouding en de Wet milieubeheer in verband met de introductie van zorgplichten van gemeenten voor het afvloeiend hemelwater en het grondwater, alsmede verduidelijking van de zorgplicht voor het afvalwater, en aanpassing van het bijbehorende bekostigingsinstrument (verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken), Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING, Tweede Kamer, vergaderjaar , Pagina 40 van 40
41 Bijlage 1 Woordenlijst
42 Bijlage 1: Woordenlijst AFKORTINGEN AMvB AWZI BBV DWA GRP IBA NEN NPR RWZI VNHG Wm Wvo Algemene Maatregel van Bestuur afvalwaterzuiveringsinrichting bergbezinkvoorziening droogweerafvoer gemeentelijk rioleringsplan installatie voor individuele behandeling van afvalwater Nederlandse norm Nederlandse praktijkrichtlijn rioolwaterzuiveringsinrichting Vereniging van Noord-Hollandse gemeenten Wet milieubeheer Wet verontreiniging oppervlaktewateren TERMEN EN DEFINITIES De woorden en verklaringen in deze lijst zijn (voor een groot deel) afkomstig uit: Beter Bouw- en Woonrijp Maken, GD112-7 Publicatie Ontwatering in stedelijk gebied, definitief 2 d.d. 20 april 2007; NEN 3300 Buitenriolering - Termen en definities. aangroei aansluitvergunning aantasting afkoppelen afvoerend oppervlak afwatering afzetting ander afvalwater basisinspanning basisrioleringsplan bedrijfsafvalwater bemalingsgebied beoordelen verzameling van organismen die zich op de buiswand hebben vastgehecht of in slierten aan de buiswand hangen vergunning op grond van de aansluitverordening en de Wvo die wordt afgegeven door het hoogheemraadschap voor de aansluiting op de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) een wijziging van de structuur van de buiswand als gevolg van (bio)chemische of mechanische processen Afkoppelen is het niet langer afvoeren van hemelwater via de riolering naar de RWZI maar op omgevingsverantwoorde wijze brengen van hemelwater in bodem of oppervlaktewater. Omgevingsverantwoord wil zeggen zonder overlast of nadelige gevolgen voor bewoners, gebruikers, waterpeilbeheer, ecologie en water- en bodemmilieu het niet meer inzamelen en naar de RWZI transporteren van hemelwater. het naar de riolering afwaterende oppervlak de afvoer van water via een stelsel van open waterlopen naar een lozingspunt van het afwateringsgebied aankoeking van slib, vet en kalk op de buiswand; tevens afzetting van bodemmateriaal anders dan zand ter plaatse van een buisverbinding of scheur Datgene wat niet onder een van de volgende begrippen is te vatten: huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater, bedrijfsafvalwater of stedelijk afvalwater. Een voorbeeld van ander afvalwater is zwembadwater bij een particulier huishouden dat geloosd moet worden. Te lozen zwembadwater van een professioneel zwembad is bedrijfsafvalwater. term die de waterkwaliteitsbeheerders gebruiken voor het aanduiden van de inspanningen die elke gemeente moet uitvoeren of uitgevoerd hebben om de vuiluitworp uit de riolering tot een bepaald niveau te reduceren voor een Wvo- of aansluitvergunningaanvraag opgesteld document (tekening + toelichting en berekeningen) met de huidige situatie van de riolering en de uit te voeren verbeteringsmaatregelen afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is een rioleringsgebied waaruit het afvalwater door een gemaal wordt verwijderd het toetsen van een parameter aan de bijbehorende maatstaf en het geven van een oordeel over de uitkomsten van de toetsing
43 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 1) bergbezinkkelder berging bergingsverlies bouwtechnische maatregelen bouwrijpmaken classificatie dg DIALOG Riolering doorlatendheid drainage drooglegging reservoir voor de tijdelijke opslag van afvalwater waarin tevens slibafzetting plaatsvindt met een voorziening om het slib te kunnen verwijderen en waaruit overstortingen kunnen plaatsvinden de inhoud van de riolering uitgedrukt in m 3 of mm de vermindering van berging door permanente vulling in de riolering als gevolg van verzakkingen maatregelen in de woning (in de kruipruimte of kelder, of in de woonruimte), met als doel vochtoverlast te beperken een terrein zodanig inrichten dat aanleg van infrastructuur, woningen, recreatievoorzieningen en dergelijke mogelijk wordt de indeling van toestandsaspecten in klassen het computerprogramma voor rioleringsbeheer het vermogen van de grond om water en/of lucht door te laten een systeem van doorlatende, geperforeerde kunststof pijpen in de bodem, waarin opvang en afvoer van overtollig grondwater plaatsvindt, waardoor de grondwaterstand beheerst kan worden afstand tussen het oppervlaktewaterpeil en het maaiveld droogweerafvoer (dwa) drukriolering DWA-rioolstelsel emissiespoor externe overstort foutieve aansluiting freatisch grondwater GHG gemengd rioolstelsel gescheiden rioolstelsel geohydrologie de hoeveelheid afvalwater die per tijdseenheid in een droogweersituatie via het rioolstelsel wordt afgevoerd riolering waarbij het transport plaatsvindt via pompen en persleidingen zie vuilwaterrioolstelsel onderdeel van het tweesporenbeleid van waterkwaliteitsbeheerders gericht op het tot een bepaald niveau terugbrengen van de emissies (vuiluitworp) uit een rioolstelsel, ongeacht de werkelijke waterkwaliteit rioolput voorzien van een overstortdrempel die loost buiten het in beschouwing genomen rioolstelsel, meestal op oppervlaktewater Het aansluiten van een vuilwaterriool op een regenwaterriool of omgekeerd. Het grondwater in de bovenste bodemlaag, dat (indirect) in contact staat met de atmosfeer. De freatische grondwaterstand is een andere term voor grondwaterspiegel. Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand. Dit is het gemiddelde van de drie hoogste grondwaterstanden van de afgelopen 8 jaren, gebaseerd op maandelijkse metingen. stelsel waarbij afvalwater inclusief ingezamelde neerslag door één leidingstelsel wordt getransporteerd rioolstelsel, waarbij afvalwater exclusief neerslag door een leidingstelsel wordt getransporteerd en neerslag door een afzonderlijk leidingstelsel rechtstreeks naar oppervlaktewater wordt afgevoerd leer van de grondwaterstroming en de dynamiek in samenhang met de structuur en de opbouw van de ondergrond
44 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 2) grondwater grondwateronderlast grondwateroverlast huishoudelijk afvalwater hydraulisch hydraulische berekening infiltratie infiltratiekrat ingrijpmaatstaf inhangend voegmateriaal inhangende rubberring inrichting inspectie kruipruimte kwel lekkage maaiveld maatstaf niet-inrichting obstakels onderhoud onderzoek ontwatering ontwateringsdiepte water beneden het grondoppervlak, meestal beperkt tot het water beneden de grondwaterspiegel problemen die zich voordoen als gevolg van lage grondwaterstanden, bijvoorbeeld aantasting van houten funderingen als gevolg van droogstand wateroverlast door hoge grondwaterstanden, bijvoorbeeld plasvorming op binnenterreinen of vocht in kruipruimtes afvalwater dat overwegend afkomstig is van menselijke stofwisseling en huishoudelijke werkzaamheden waarbij van de leer van de praktische toepassing van waterbeweging gebruik wordt gemaakt het door rekenen bepalen van het hydraulisch functioneren van een rioolstelsel intreding van water in de bodem ondergrondse buffer waarin het hemelwater tijdelijk wordt geborgen en geleidelijk wordt afgeven aan de omliggende bodem grenstoestand waarbij ingrijpen in de actuele toestand noodzakelijk is en waarbij maatregelen moeten worden opgesteld voegmateriaal (kit, bitumineuze profielstrip) dat uit de voeg in het doorstroomprofiel is gezakt of gedrukt een niet gescheurde rubberring die zichtbaar is of een gescheurde rubberring waarvan een gedeelte in het doorstroomprofiel hangt elke door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid die binnen een zekere begrenzing pleegt te worden verricht het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand ruimte onder de begane-grondvloer in gebruik voor het bereiken van leidingen voor inspectie, onderhoud of reparatie, en voor ventilatie van de vloer en eventuele houten constructiedelen onder de woning het uittreden van grondwater het in- of uittreden van water via voegen, scheuren, langs inlaten of door de buiswand grondoppervlak, bovenzijde van de bodem grenswaarde (getalsmatig) op basis waarvan geconcludeerd wordt of aan een functionele eis wordt voldaan Alles wat geen inrichting is. Naast huishoudens gaat het vooral om activiteiten die vanwege het niet-begrensde of tijdelijke karakter niet als inrichting worden beschouwd (bv. gevelreiniging, evenementen, op locatie wassen van auto s). voorwerpen in het riool die geen functie in rioleringstechnische zin hebben en geen deel uitmaken van een normale afvalwaterstroom herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij de toestand van objecten ongewijzigd gehandhaafd wordt het verzamelen, ordenen, analyseren en verwerken van gegevens, zodanig dat informatie kan worden afgeleid over de toestand en het functioneren van de buitenriolering afvoer van water uit percelen over en door de grond en eventueel door drains, kleine sloten en greppels naar een stelsel van grote waterlopen met als functie afwatering afstand tussen de hoogste grondwaterstand tussen twee ontwateringsmiddelen (sloot, drain) en het maaiveld
45 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 3) onverhard oppervlak opbolling openbaar hemelwaterstelsel openbaar ontwateringsstelsel openbaar vuilwaterriool oppervlaktewater overstorting overstortput peilbuis pompovercapaciteit (poc) randvoorziening regenwaterriool regenwaterrioolstelsel renovatie reparatie riolering riool rioolput rioolwaterzuiveringsinrichting RWA-riool RWA-rioolstelsel scheuren oppervlak in stedelijk gebied waar neerslagwater kan infiltreren (plantsoenen, tuinen, bermen) maximale hoogteverschil tussen de grondwaterspiegel en de waterstand in de drainagebuizen en/of watergangen voorziening voor de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater, niet zijnde een openbaar vuilwaterriool, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast voorziening voor de inzameling en verdere verwerking van grondwater, niet zijnde een openbaar vuilwaterriool, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast voorziening voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast water dat stroomt over of verblijft op het aardoppervlak de lozing van afvalwater via een overstortdrempel naar oppervlaktewater rioolput voorzien van een overstortdrempel algemene term voor een buis of soortgelijke constructie met een kleine diameter waarin een grondwaterstand c.q. stijghoogte kan worden gemeten Het deel van de pompcapaciteit dat beschikbaar is voor de regenwaterafvoer. Het andere deel van de capaciteit is beschikbaar voor de afvalwaterafvoer tijdens droog weer. vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel die als doel heeft de lozing van vuil uit het rioolstelsel op oppervlaktewater te verminderen riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een ingrijpende toestandswijziging wordt doorgevoerd; evenaren technische staat van nieuw aangelegd herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een beperkte toestandswijziging wordt doorgevoerd het samenstel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater samenstel van buizen tussen twee putten bestemd voor de inzameling en/of het transport van afvalwater constructie toegang gevend tot het rioolstelsel (te herkennen aan gietijzeren deksels in de weg) het totaal van de grond, gebouwen en apparatuur voor de zuivering van afvalwater zie regenwaterriool zie regenwaterrioolstelsel het geheel van scheuren, barsten en breuken
46 Bijlage 1: Woordenlijst (Vervolg 4) stedelijk afvalwater stijghoogte streng verbeterd gescheiden rioolstelsel verbeteren verhard oppervlak vervangen visuele inspectie vrijvervalriool vuilemissie vuiluitworp vuilwaterriool vuilwaterrioolstelsel waarschuwingsmaatstaf wadi huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater Hoogte boven een referentievlak tot waar het water in een peilbuis stijgt. Deze stijghoogte is afhankelijk van de druk van het grondwater ter plaatse van de opening onderin de peilbuis. rioolbuizen tussen twee inspectieputten Gescheiden rioolstelsel met voorzieningen waardoor de neerslag slechts bij wat grotere regenbuien naar oppervlaktewater wordt afgevoerd. Het meest vervuilde deel van de neerslag wordt 'geborgen' in de riolering en naar de zuivering afgevoerd. het aanpassen van het oorspronkelijke functioneren oppervlak in stedelijk gebied waar neerslagwater niet kan infiltreren, maar oppervlakkig afstroomt (huizen, straten, en dergelijke) herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij het bestaande object wordt verwijderd en een nieuw gelijkwaardig object wordt teruggeplaatst het op directe wijze dan wel op indirecte wijze via optische hulpmiddelen inspecteren van de toestand riool waardoor afvalwater door de zwaartekracht wordt getransporteerd zie vuiluitworp Het totaal aan stoffen (niet zijnde water) geloosd uit een rioolstelsel op het oppervlaktewater via overstorten. Hierbij kan gedacht worden aan biologisch afbreekbare stoffen die bij afbraak in het water zuurstof verbruiken (BZV), aan stikstof en fosfaten en aan zware metalen. riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag rioolstelsel voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag grenstoestand waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek nodig is systeem voor hemelwater afvoer door drainage en infiltratie waterkwaliteitsdoelstelling doelstelling voor de kwaliteit van een oppervlaktewater nodig om dat water een bepaalde functie te kunnen laten vervullen water op straat waterketen wateroverlast wegzijging wortelingroei zandinloop zand- en vuilophoping zetting het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau De waterstroom vanaf het drinkwaterbedrijf, via de gebruikers en het rioolstelsel naar de RWZI (drinkwatervoorziening - riolering - afvalwaterzuivering). het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau waarbij hinder of schade wordt ondervonden neerwaartse stroming van grondwater de wortels van bomen of planten, die door voegen, scheuren of via gebouw of kolkaansluitingen het riool zijn ingegroeid het intreden van zand via buisverbindingen of scheuren opgehoopt materiaal met een losse structuur bodemdaling als gevolg van inklinking, krimp, door de bouw van kunstwerken, het ophogen van de grond of het aanbrengen van andere materialen
47 Bijlage 2 Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg
48 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg In deze bijlage zijn de belangrijkste ontwikkelingen geschetst op het gebied van wet- en regelgeving en rioleringszorg. 1. Volksgezondheid en Water in de stad Riolering is een belangrijke voorziening in het kader van de volksgezondheid. Bij het opstellen van maatregelen en het ontwikkelen en toepassen van nieuwe systemen moet met dit aspect rekening worden gehouden. Bij afkoppelen moet goed worden gekeken naar de mate van verontreiniging van de af te koppelen oppervlakken. 2. Kwaliteit leefomgeving Kwaliteit van de leefomgeving en integraal beheer van de openbare ruimte hebben een sterke relatie met elkaar. Ook in de openbare ruimte staat riolering niet op zichzelf. Maatregelen aan de riolering moeten worden afgestemd met andere maatregelen in de openbare ruimte om overlast voor burgers en bedrijven te minimaliseren en een efficiënte besteding van middelen te garanderen. Ook het voorkomen van wateroverlast en het zorgen voor schoon oppervlaktewater verhogen de kwaliteit van de leefomgeving. 3. Lozingen op de riolering (Wet milieubeheer) Lozingen op de riolering worden sinds 1 maart 1996 op basis van de Wet milieubeheer geregeld. Bij Wet milieubeheer-controles bij bedrijven, moet ook de rioleringscomponent worden meegenomen. Over enkele jaren zal de Omgevingsvergunning zijn intrede doen. De gemeente voert dan ook de controles uit bij de AMvB-bedrijven. Nu worden die controles door het Waternet uitgevoerd. 4. Hemelwaterbeleid, klimaatverandering, diffuse lozingen De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW), het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) en Waterbeheer 21 e eeuw (WB21) zijn bepalend voor de stedelijke wateropgave. Riolering speelt in het waterbeleid een belangrijke rol. Afkoppelen van schone oppervlakken, waardoor relatief schoon hemelwater niet meer naar de zuivering wordt getransporteerd, is een aanpak die past in de ontwikkelingen. De tritsen vasthouden-bergenafvoeren en schoonhouden-scheiden-schoonmaken zijn daarbij leidend. Figuur B2.1 Vasthouden-bergen-afvoeren De watertoets is een belangrijk stedenbouwkundig instrument om (bestemmings-)plannen hierop te beoordelen. Het ministerie van VROM heeft een regenwaterbrief uitgebracht die aangeeft hoe de regenwaterproblematiek bij gemeenten het best kan worden aangepakt. Er zijn vier pijlers van het regenwaterbeleid benoemd: 1. aanpak bij de bron: het voorkomen van verontreiniging van regenwater; 2. regenwater vasthouden en bergen; 3. regenwater gescheiden van afvalwater afvoeren; 4. integrale afweging op lokaal niveau. De gemeente is de regisseur die dit regenwaterbeleid op lokaal niveau vorm moet geven. 5. Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) De Kaderrichtlijn Water (KRW) is erop gericht de kwaliteit van watersystemen te verbeteren. Daarnaast wordt het duurzaam gebruik van water bevorderd en de verontreiniging van grondwater verminderd. Voor de KRW zullen in 2009 de waterkwaliteitswensen waaraan het watersysteem in 2015 moet voldoen, in beeld zijn gebracht. De KRW-maatregelen moeten zoveel mogelijk vóór 2015 en in ieder geval vóór 2027 zijn uitgevoerd. Voor de gemeente Bussum zijn in het kader van de KRW geen maatregelen voorgesteld die betrekking hebben op de rioleringszorg.
49 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 1) 6. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Deze wet regelt de omgevingsvergunning: één geïntegreerde vergunning voor bouwen, wonen, monumenten, ruimte, natuur en milieu. Het vergunningstelsel voor directe lozingen op oppervlaktewater valt onder de Waterwet. De bevoegdheid voor vergunningverlening voor indirecte lozingen gaat over van het hoogheemraadschap naar de gemeente. De regels voor indirecte lozingen worden uitsluitend in de omgevingsvergunning of in het stelsel van algemene regels op grond van de Wet milieubeheer gesteld. Het hoogheemraadschap krijgt een adviesrecht bij het verlenen van de omgevingsvergunning (alleen voor indirecte lozingen). Als zij aangeeft dat door het verlenen van de vergunning de doelmatige werking van RWZI wordt belemmerd of het bereiken van de grenswaarden voor de kwaliteit van het oppervlaktewater in het geding komt, wordt het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning verplicht aan het advies gevolg te geven. De gevolgen van de implementatie van de Wabo voor de gemeentelijke rioleringszorg zijn eind 2008 nog niet te overzien. 7. Waterwet (2009) De Waterwet vervangt een aantal bestaande wetten op het gebied van waterbeheer, zoals de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en Wet op de waterhuishouding. De wet regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater, en verbetert ook de samenhang tussen waterbeleid en ruimtelijke ordening. Een gevolg van de Waterwet is dat de huidige vergunningstelsels worden gebundeld: één watervergunning voor alle handelingen in het watersysteem. Voor het bevoegde gezag betekent dit dat de vergunning aan álle aspecten van het waterbeheer moet worden getoetst. Het bevoegde gezag voor de verlening van de watervergunning is het hoogheemraadschap, voor het regionale watersysteem, en Rijkswaterstaat voor het hoofdwatersysteem. De provincie blijft het bevoegde gezag voor grote grondwateronttrekkingen en -infiltraties. De gemeente krijgt de zorg voor grondwatermaatregelen en afvloeiend hemelwater in het stedelijke gebied. Tevens wordt zij belast met de lokale ruimtelijke inpassing van maatregelen op het gebied van waterkwantiteit en het uitvoeren van milieumaatregelen in het stedelijke gebied voor de KRW. 8. Regels voor lozingen van afvalwater, hemel- en grondwater (2008) Op 1 januari 2008 zijn twee nieuwe besluiten in werking getreden: het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit) en het Besluit lozing afvalwater huishoudens. Het Besluit niet-inrichtingen is in bewerking. Het doel van het Activiteitenbesluit is het vereenvoudigen van de regelgeving voor bedrijven. Het besluit regelt in principe alle lozingen vanuit inrichtingen, uitgezonderd de IPPC-inrichtingen (zoals intensieve veehouderij, voedingsmiddelen- en metaalindustrie). Vergunningen of ontheffingen voor lozingen worden zo veel mogelijk worden vervangen door algemene regels. In veel gevallen zal de Wvo-vergunningplicht geheel of gedeeltelijk komen te vervallen. Dit betreft niet alleen de directe lozingen op het oppervlaktewater maar ook de lozingen op de riolering vanuit een aantal categorieën van inrichtingen die onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit komen te vallen. De Wvo gaat uiteindelijk op in de Waterwet. Tot de inwerkingtreding van de Wabo blijft het hoogheemraadschap het bevoegde gezag, voor zowel de directe als de indirecte lozingen. Voor de indirecte lozingen gaat het bevoegd gezag over naar de gemeenten en de provincie. In het Activiteitenbesluit wordt het bevoegd gezag de mogelijkheid geboden om maatwerkvoorschriften te stellen. Het Besluit lozing afvalwater huishoudens regelt alle lozingssituaties die bij een particulier huishouden aan de orde kunnen zijn, zowel in het stedelijk gebied als in het buitengebied. De regels uit dit besluit hebben betrekking op alle soorten afvalwater die bij particuliere huishoudens vrijkomen (afvalwater, hemelwater en grondwater). Het te lozen afvalwater mag de doelmatige werking van het riool of andere voorzieningen voor het beheer van afvalwater niet belemmeren.
50 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 2) In de meeste situaties mag het afvloeiende hemelwater van daken en het grondwater zonder restricties in het oppervlaktewater, in de bodem of op een hemel- of ontwateringsstelsel worden geloosd. Hierop bestaat een drietal uitzonderingen: 1. In gevallen waarin dat voor de bescherming van de kwaliteit van het oppervlaktewater of de bodem noodzakelijk is, kunnen nadere eisen aan lozingen worden gesteld; 2. Als het belang van de bescherming van bodem, oppervlaktewater of riolering daartoe noodzaakt, kan de gemeente met een verordening regels stellen aan de lozingen van afvloeiend hemelwater en ingezameld grondwater; 3. Voor het verwezenlijken van de doelstellingen van het hemelwaterbeleid is het van belang dat, bij lozingen van hemelwater en grondwater op het gemengd stelsel, de gemeente de mogelijkheid heeft om die lozingen op termijn te beëindigen (af te koppelen). 9. Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken (2008) Op 1 januari 2008 is de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken in werking getreden. Op grond hiervan moet de gemeente in het GRP expliciet aandacht besteden aan de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Deze wet zal in 2009 opgaan in de nieuwe Waterwet. Zorgplicht stedelijk afvalwater De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen. De gemeente kan zelf kiezen hoe ze haar zorgplicht invult, zowel voor de bebouwde kom als voor het buitengebied. In plaats van een openbaar vuilwaterriool zijn andere systemen toegestaan, mits een zelfde graad van milieubescherming wordt bereikt. Zorgplicht hemelwater De hemelwaterzorgplicht omvat het door de gemeente aanbieden van een voorziening waarin het hemelwater geloosd kan worden. Welke voorziening dit is, maakt voor de zorgplicht niet uit, hoewel er beleidsmatig een voorkeur bestaat voor gescheiden rioleren. Het is wenselijk het hemel- en grondwater zo weinig mogelijk te vermengen met afvalwater. In de wet wordt dit aangeduid met te term ontvlechting. De gemeente moet in het verbreed GRP aangeven in hoeverre zij een ontvlechting van stedelijk afvalwater en hemelwater nastreeft en welke rol zij hierbij de particulier geeft. Op particulier terrein is primair de eigenaar verantwoordelijk voor de afvoer en verwerking van hemelwater, bij voorkeur naar oppervlaktewater of in de bodem. Wanneer de particulier redelijkerwijs hiervoor niet kan zorg dragen, is de gemeente verplicht een voorziening aan te bieden voor de afvoer van hemelwater van particuliere percelen. De gemeente heeft beleidsvrijheid in de keuze van de aard en omvang van de voorziening. Zorgplicht grondwater De zorgplicht grondwater betreft het in het openbaar gemeentelijk gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. De maatregelen beperken zich tot het nemen van maatregelen op en in het openbare terrein. Bouwkundige oplossingen op particulier terrein zijn voor rekening van de perceelseigenaren. De zorgplicht heeft het karakter van een inspanningsverplichting, waarbij de gemeente bij de uitvoering van hun taak de beleidsvrijheid heeft die aanpak te kiezen die, gelet op de lokale omstandigheden, doelmatig is. Uit het verbreed GRP moet kunnen worden opgemaakt wanneer er sprake is van structurele grondwaterstandsproblemen. Verordening grond- en hemelwater Uitgangspunt in de nieuwe wetgeving is dat afstromend hemelwater schoon genoeg is om zonder zuivering in het milieu te worden teruggebracht. In sommige situaties is toch extra beleid nodig. De gemeente krijgt vanuit de regelgeving nieuwe bevoegdheden om eventueel aanvullende eisen te stellen: via een maatwerkvoorschrift en via een gebiedsgerichte verordening. Via een verordening kan de gemeente ook regels stellen aan de aanbieding van overtollig grondwater.
51 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 3) De gemeente mag regels stellen aan de aanbieding van hemelwater, wanneer dat voor de bescherming van het milieu of de doelmatige werking van het gemeentelijk stelsel nodig is. De voorschriften moeten gericht zijn op het voorkomen van bovenmatige verontreiniging van het hemelwater. Concreet mag de gemeente maatregelen voorschrijven, die de perceelseigenaar moet nemen vóór het lozen van hemelwater. De gemeente mag ook een termijn stellen waarbinnen perceelseigenaren lozing van hemelwater op een gemeentelijk systeem moeten beëindigen. Bekostiging Vanaf 1 januari 2008 heeft de gemeente de mogelijkheid om de kosten voor de uitvoering van de zorgplichten te verhalen via een nieuwe rioolheffing. De wet regelt de verbreding van het gemeentelijke rioolrecht tot een bestemmingsheffing. Hiermee kunnen gemeenten ook voorzieningen bekostigen voor hemelwaterinzameling én aanpak van grondwaterproblemen. Vanaf 2010 moeten gemeenten overgeschakeld zijn op de nieuwe heffing en kunnen alleen op basis van de nieuwe heffing kosten worden verhaald. Gemeenten kunnen de kosten voor inzameling van huishoudelijk afvalwater apart bij de burger in rekening brengen. Dat wil zeggen apart van de kosten voor inzameling van overtollig hemelwater en grondwater, maar dit is niet verplicht. 10. Bestuursakkoord Waterketen 2007 In dit akkoord willen alle partijen in de waterketen gezamenlijk een extra impuls geven aan de ontwikkeling van een meer doelmatige en transparante waterketen, met behoud en versterking van de goede prestaties op het gebied van volksgezondheid, milieu en leveringszekerheid. Belangrijke speerpunten uit dit akkoord zijn: doelmatigheid en transparantie. Een instrument hiervoor is de Benchmark. De provincie stimuleert deelname hieraan. Voor een goede onderlinge vergelijking van financiële kengetallen moeten gemeenten zorg dragen voor een uniforme en eenduidige kostentoerekening. Daarnaast is het gewenst kostendekkende tarieven te hanteren. Uit het oogpunt van doelmatigheid gaan gemeenten kennis en capaciteit in het rioleringsbeheer bundelen. Voor alle zuiveringskringen worden vóór 2010 optimalisatiestudies uitgevoerd. Het akkoord is niet bindend voor gemeenten. 11. Beleid Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht In het Waterbeheerplan AGV zijn voor de rioleringszorg de volgende aandachtpunten geformuleerd: Inzameling van afvalwater. Waternet wil intensiever samenwerken met gemeenten bij het inzamelen van afvalwater. Zij biedt gemeenten aan om het beheer van het rioolstelsel voor hen uit te voeren en de vergunningverlening voor lozing op de riolering en de handhaving daarvan voor de gemeenten uit te voeren. Duurzame behandeling van afvalwater. Zo goed mogelijke zuiveringstechnieken inzetten, waarbij een optimale combinatie van maatregelen in het rioolstelsel en bij de zuivering wordt nagestreefd. Uitgangspunt hierbij is een eerlijke verdeling van de kosten en zo laag mogelijke lasten voor de burger. Aanpak van ongezuiverde lozingen en riooloverstorten. Lozing van het gezuiverde water, ongezuiverde lozingen en riooloverstortingen mogen geen problemen veroorzaken in het watersysteem. Ook hier wordt samenwerking met de gemeente nagestreefd. De nieuwe richtlijnen voor het omgaan met hemelwater ( Handboek Regenwater ) zijn in 2008 verschenen. De Handreiking Grondwater van Waternet wordt in het voorjaar van 2009 verwacht. Waternet biedt de mogelijkheid gemeenten te ontzorgen bij het oplossen van grondwateroverlast. Gemeenten kunnen voor vragen over grondwateroverlast in ieder geval een beroep doen op het Kenniscentrum van Waternet.
52 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 4) 12. Beleid Provincie Noord-Holland Het beleid van de provincie is verwoord in het Provinciaal Waterplan. De rol van de provincie in de afvalwaterketen betreft de toetsing van GRP s, het verlenen van ontheffingen voor de rioleringszorg en de beoordeling van ruimtelijke plannen (watertoets) Als het GRP strijdig is met het provinciale water- en milieubeleid, mag de provincie gebruik maken van haar aanwijzingsbevoegdheid. Doel voor 2015 is een goed beheerde afvalwaterketen die bijdraagt aan het realiseren van de waterkwaliteitsdoelstellingen, die Provinciale Staten in 2009 vaststelt. Doel voor 2010 is het terugdringen van de belasting van het oppervlaktewater met ongezuiverd afvalwater, door het saneren van ongezuiverde lozingen, het reduceren van emissies vanuit de riolering en het verbeteren van de kwaliteit van het effluent van RWZI s. De provincie wil dit doel onder meer bereiken door de samenwerking in de waterketen te faciliteren en te coördineren. Om de samenwerking op regionaal niveau te concretiseren, is het Convenant Samenwerken Waterketen Noord-Holland opgesteld. De in dit convenant gemaakte afspraken moeten in 2011 zijn gerealiseerd. Speerpunten uit het convenant zijn: benchmarking: de provincie en VNHG verzoeken gemeenten uiterlijk in 2010 een benchmark uitgevoerd te hebben; samenwerken: de waterbeheerders maken met de gemeente bindende afspraken over het optimaliseren van de afvalwaterketen en geadviseerd wordt de samenwerking met andere gemeenten uit te breiden. De provincie faciliteert hierin; zicht op kosten: de gemeenten maken de rioolheffing kostendekkend vóór Het convenant is niet in rechte afdwingbaar. 13. Waterplan Naarden-Bussum (2008) In het Waterplan Naarden-Bussum is een aantal maatregelen afgesproken. De voor de rioleringszorg relevante maatregelen uit dit waterplan zijn in hoofdstuk 6 van dit GRP uitgewerkt. Deze betreffen onder meer: het opstellen van een verbreed GRP, het uitvoeren van de Wvo-maatregelen en het handhaven van het bestaande grondwatermeetnet. 14. Wet Informatie Uitwisseling Ondergrondse Netten (Wion, 2009) De Wion ( Grondroerdersregeling ) moet graafschade aan kabels en netten voorkomen. De gemeente is als kabel- en leidingbeheerders, verplicht via een digitaal loket de grondroerder tijdig te voorzien van betrouwbare en bruikbare informatie over de ligging van kabels en leidingen. De gemeente is als eigenaar van het rioolstelsel ook leidingbeheerder en moet daarom over betrouwbare rioolgegevens beschikken. Deze gegevens moeten uitwisselbaar en actueel zijn. Voor huisaansluitingen is dit niet wettelijk verplicht.
53 Bijlage 2: Ontwikkelingen, wet- en regelgeving rioleringszorg (Vervolg 5) 15. Wet milieubeheer (relevante artikelen uit Inleiding) In deze paragraaf zijn de relevante artikelen uit de Wet milieubeheer, genoemd in de inleiding van dit GRP, weergegeven. Artikel 4.22 De gemeente is wettelijk verplicht een GRP op te stellen (Wet milieubeheer art. 4.22). In dit artikel is aangegeven dat de gemeenteraad telkens voor een nader vast te stellen periode, een GRP vaststelt. Artikel 4.22 Wet milieubeheer 1. De gemeenteraad stelt telkens voor een daarbij vast te stellen periode een gemeentelijk rioleringsplan vast. 2. Het plan bevat ten minste: a. een overzicht van de in de gemeente aanwezige voorzieningen voor het transport van stedelijk afvalwater als bedoeld in artikel 10.33, alsmede de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater als bedoeld in artikel 9a van de Wet op de waterhuishouding, en maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, als bedoeld in artikel 9b van laatstgenoemde wet, en een aanduiding van het tijdstip waarop die voorzieningen naar verwachting aan vervanging toe zijn; b. een overzicht van de in de door het plan bestreken periode aan te leggen of te vervangen voorzieningen als bedoeld onder a; c. een overzicht van de wijze waarop de voorzieningen, bedoeld onder a en b, worden of zullen worden beheerd; d. de gevolgen voor het milieu van de aanwezige voorzieningen als bedoeld onder a en van de in het plan aangekondigde activiteiten; e. een overzicht van de financiële gevolgen van de in het plan aangekondigde activiteiten. 3. Indien in de gemeente een gemeentelijk milieubeleidsplan geldt, houdt de gemeenteraad met dat plan rekening bij de vaststelling van een gemeentelijk rioleringsplan. Artikel 4.23 Dit artikel geeft aan wie de gemeente bij de voorbereiding van het plan moet betrekken. Artikel 4.23 Wet milieubeheer 1. Het gemeentelijk rioleringsplan wordt voorbereid door burgemeester en wethouders. Zij betrekken bij de voorbereiding van het plan in elk geval: a. gedeputeerde staten; b. de beheerders van de zuiveringstechnische werken waarnaar het ingezamelde afvalwater wordt getransporteerd; c. de beheerders van het oppervlaktewater waarop het ingezamelde water wordt geloosd. 2. Zodra het plan is vastgesteld, doen burgemeester en wethouders hiervan mededeling door toezending aan de in het eerste lid, onder a tot en met c genoemde organen, en Onze Minister. 3. Burgemeester en wethouders maken de vaststelling bekend in één of meer dag- of nieuwsbladen die in de gemeente verspreid worden. Hierbij geven zij aan op welke wijze kennis kan worden verkregen van de inhoud van het plan. Artikel 4.24 De gemeente moet haar rioleringsbeleid afstemmen met andere overheden. Op het gebied van grondwater is er een relatie met Waternet en de provincie. Verder heeft de provincie een rol als toezichthouder op de gemeentelijke financiën en heeft zij een aanwijzingsbevoegdheid. Artikel 4.24 Wet milieubeheer 1. Gedeputeerde staten kunnen, nadat burgemeester en wethouders in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze naar voren te brengen, aan de gemeenteraad aanwijzingen geven omtrent de inhoud van het gemeentelijk rioleringsplan. Bij een aanwijzing wordt een termijn gesteld, binnen welke het plan in overeenstemming met de aanwijzing moet zijn gebracht. 2. Bij het geven van een aanwijzing houden gedeputeerde staten rekening met het geldende provinciale waterhuishoudingsplan.
54 Bijlage 3 Uitgevoerde maatregelen in
55 Bijlage 3: Uitgevoerde maatregelen in Aanpassen hoofdafvoer Bussum, mede t.b.v. BBV Brinklaan, voor basisinspanning locatie maatregel lengte / diameter (mm) status (per ) 1 Brinklaan Tussen put 1G314-1G163-1G162-1G161-1G m 800 uitgevoerd 2 Brinklaan Tussen put 1G074 en 1G m uitgevoerd 3 Brinklaan Realiseren van een vrijvervalverbinding tussen put 1G m uitgevoerd en 9N001. Uitvoeren met terugslagklep vanuit het nieuwe riool, direct naar de DWR-leiding. 4 Nieuwe Vaart Opheffen huidige vijzelgemaal van m 3 /h, realiseren uitgevoerd nieuw gemaal van m 3 /h 5 Nieuwe Vaart Realiseren van een vrijvervalverbinding met terugslagklep 144 m niet uitgevoerd tussen het aanvoerriool naar het nieuwe opvoergemaal en de DWR-leiding. 6 Brediusweg Opheffen overstorten 2G104 en 2G107 uitgevoerd 7 Brinklaan Opheffen overstort 1G026 uitgevoerd 12 Nieuwe Tussen put 1G160-1G m uitgevoerd Raadhuisstraat 13 Genestetlaan Tussen put 1G311-2G m uitgevoerd 14 Genestetlaan Tussen put 2G159-1G m uitgevoerd 15 Lammert Tussen put 2G159-1G m uitgevoerd Majoorlaan 16 Vossiuslaan Tussen put 2G057-1G m uitgevoerd 17 Vossiuslaan Tussen put 2G051-1G m uitgevoerd 18 Brediusweg Tussen put 2G053-1G m bestaand uitgevoerd 19 Brediusweg Tussen put 2G047-1G m uitgevoerd 20 Brinklaan BBV van m 3 drempelbr. 10 m uitgevoerd Inrichten Godelindebuurt als stuwgebied en plaatsen BBV t Mouwtje voor basisinspanning locatie maatregel lengte / diameter (mm) status (per ) 8 Huizerweg Afsluiten verbindingen met laaggelegen gebied uitgevoerd ter plaatse van kruising met W. Kalfflaan, A. Mauvelaan en J. Israelslaan. 9 Kruising Huizerweg met F. van Eedenweg Realiseren van stuwput 3G niet uitgevoerd (uitvoering in 2009) 10 Huizerweg Opheffen overstort 3G012 en verplaatsen uitgevoerd overstortwater naar 3G Huizerweg Overstortriool van 3G012 gebruiken voor afvoer uitgevoerd regenwater afgekoppeld oppervlak uit Godelindebuurt / Bisonstraatbuurt 21 t Mouwtje Realiseren BBV van m 3 uitgevoerd
56 Bijlage 3: Uitgevoerde maatregelen in (Vervolg 1) No regret maatregelen voor waterkwaliteitsspoor locatie maatregel status (per ) Het Spiegel DWA niet meer op DWR-leiding lozen, maar direct naar het niet uitgevoerd gemaal aan de Verlengde Fortlaan Het Spiegel RWA rechtstreeks op Bussummervaart lozen (middels pomp niet uitgevoerd laten lozen, niet de drempel weghalen) Crailoo DWA Crailoo niet meer op Oostereng lozen, maar op een hoofdgemaal (welk?) maatregel vervalt (ondoelmatig) Hilversumse Meent DWA Hilversumse Meent niet meer op Het Spiegel lozen, maar direct naar het gemaal aan de Verlengde Fortlaan maatregel vervalt (ondoelmatig) Water op straat maatregelen (hydraulisch) locatie maatregel lengte / diameter (mm) status (per ) Ceintuurbaan, Afvoercapaciteit vergroten van riolering richting uitgevoerd Laarderweg overstortvijver. Dit veroorzaakt nu opstuwing. De Lange Heul Aanpassen van de diameter 70 m 600 uitgevoerd Maatregelen in Het Spiegel (hydraulisch) locatie maatregel lengte / diameter (mm) status (per ) Put 7H061 Put verbinden met nieuwe overstortput KARN1 drempelbreedte 12,5 niet uitgevoerd m Kruising Meerweg Aanpassen leiding 7H016-7H060-7H061-KARN1 190 m mm niet uitgevoerd met Zwarteweg Karnemelksloot Aanleg overstortleiding van KARN1 naar Karnemelksloot 375 m mm niet uitgevoerd Afkoppelen t/m 2005 voor basisinspanning locatie oppervlakte (ha) status (per ) totaal afgekoppeld (ha) Godelindebuurt Oost 2,04 uitgevoerd 2,04 Prins Hendrikbuurt 0,95 uitgevoerd 0,95 Simon Stevinbuurt 1,58 uitgevoerd 1,58 de Berken, de Peppels 0,61 uitgevoerd 0,61 Laarderweg 0,68 uitgevoerd 0,68 Stationsweg e.o. 1,04 uitgevoerd 1,04 Herenstraat e.o. 1,79 uitgevoerd 1,79 Batterijlaan e.o. 2,11 uitgevoerd 2,11 Oud Bussummerweg (fasen 2 en 3) 2,50 uitgevoerd 2,50 Comeniuslaan, Brinklaan 1,10 uitgevoerd 1,10 Bottemastraat e.o. 0,99 uitgevoerd 0,99 Terrein gemeentehuis 2,62 uitgevoerd 2,62 Spiegel-Noord (afkoppelen rijbanen) 0,88 uitgevoerd 0,88 Sloop Beatrixschool en ventweg Ceintaarbaan 0,41 uitgevoerd 0,41 Sloop Gamma - Verbindingslaan 0,29 uitgevoerd 0,29 Sloop Deen/HOBU (slachthuis Vaartweg) 1,10 uitgevoerd 1,10 Sloop Koster/Gewest kantoren (Brinklaan) 1,30 uitgevoerd 1,30 Sloop scholencomplex Zonnewijzer (Akkerlaan) 0,25 uitgevoerd 0,25 Nieuwe Spiegelstraat 0,54 projecten in Bisonstraatbuurt 0,90 voorbereiding - Godelindebuurt Midden 1,42 zie tabel D in Godelindebuurt West 1,69 hoofdstuk 6 Papaverstraat 2,31 (De opgave) Totaal 29,10 22,24
57 Bijlage 3: Uitgevoerde maatregelen in (Vervolg 2) Afkoppelen na 2005 voor waterkwaliteitsspoor locatie oppervlakte (ha) status (per ) totaal afgekoppeld (ha) Torenlaan, Singel 0,52 uitgevoerd 0,52 Zwembadterrein De Zandzee en Squash en Wellness 0,84 uitgevoerd 0,84 Westereng (flats) 1,44 uitgevoerd 1,44 Spijkerstraat 1,59 Vogelkersstraat 2,02 Veldheimerweg, Botweg 0,39 Jozef Israelstraat 0,69 Kromme Eng 1,10 Spiegel Centrum 1,76 Westereng 14,00 Spiegel Noord 2,00 Godelinde 1) 2,40 projecten in voorbereiding - zie tabel D in hoofdstuk 6 (De opgave) Totaal 28,75 2,80 1) Godelindebuurt wordt in 3 fasen afgekoppeld: het afkoppelen in openbaar gebied wordt in twee fasen uitgevoerd (Midden en West) en in samenwerking met de woningbouwvereniging wordt (in de derde fase) het binnenterrein afgekoppeld. Overige maatregel in kader waterkwaliteitsspoor locatie maatregel status (per ) t Mouwtje Rondmaken watergang uitgevoerd (watergang vergroot)
58 Bijlage 4 Streefbeelden kwaliteit vrijvervalriolen
59 Bijlage 4: Streefbeelden kwaliteit vrijvervalriolen toestandsaspect code waarschuwingsmaatstaf ingrijpmaatstaf functie: waterdichtheid defectieve aansluiting BAH 2,3,4,5 a afdichtingsring BAIA 2 3,4,5 andere afdichting BAIZ 3,5 a verbinding axiaal BAJA 3,4 5 verbinding radiaal BAJB 3 4,5 hoekverdraaiing BAJC 5 a poreuze buis BAN 5 a grond zichtbaar door defect BAO - 5 holle ruimte zichtbaar door defect BAP - 5 binnendringende grond BBD 2,3 4,5 infiltratie BBF 3 4,5 exfiltratie BBG - 5 functie: stabiliteit deformatie BAA 3,4,5 a scheur BAB 4 5 breuk/instorting BAC - 2,4,5 defectieve bakstenen of metselwerk BAD 3,4 5 ontbrekende metselspecie BAE 3,4,5 a oppervlakteschade BAF 3 4,5 defectieve lining BAK 3,4,5 a defectieve reparatie BAL 2,3,5 a lasfouten BAM 2,3,5 a functie: afstroming instekende inlaat BAG 3 5 wortels BBA 3 4,5 aangehechte afzetting BBB 2,3 4,5 bezonken afzetting BBC 2,3 4,5 andere obstakels BBE 2,3 4,5 waterpeil BDD 2,3,4,5 a a Geen maatstaf gegeven omdat visuele inspectie alleen, onvoldoende is om tot maatregelen te kunnen besluiten. Nader onderzoek wordt aanbevolen. Toelichting: 1. De toestand die in riolen wordt aangetroffen door visuele inspectie, wordt beschreven door een systeem van standaardbeelden (toestandsaspecten). Van ieder toestandsaspect is eenduidig de aard gedefinieerd. De mate waarin ieder beeld aanwezig is wordt met een vijfpuntsschaal aangegeven. Het beschrijven van de toestand van een riool vindt met een genormaliseerd systeem plaats: NEN 3399 Classificatiesysteem bij visuele inspectie van riolen ; 2. Onderscheid wordt gemaakt tussen waarschuwings- en ingrijpmaatstaven. Een waarschuwingsmaatstaf geeft een grenstoestand weer, waarbij nader onderzoek nodig is. Een ingrijpmaatstaf geeft een grenstoestand aan, waarbij ingrijpen in principe noodzakelijk is en maatregelen moeten worden opgesteld.
60 Bijlage 5 Geïnspecteerde riolen in
61 Bijlage 5: Geïnspecteerde riolen in
62 Bijlage 6: Planning vervanging vrijvervalriolering Bijlage 6 Planning vervanging vrijvervalriolering
63 Bijlage 7 Personele aspecten gemeentelijke watertaken
64 Bijlage 7: Personele aspecten gemeentelijke watertaken Personele aspecten gemeentelijk watertaken in gemeente Bussum 1. Inleiding In deze bijlage is aandacht besteed aan de werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om de gestelde doelen voor de rioleringszorg te kunnen halen. Aan de hand van vijf deeltaken is de benodigde formatie ingeschat. Hierbij is gebruik gemaakt van module D2000 Personele aspecten van gemeentelijke watertaken van de Leidraad Riolering. Deze onderscheiden deeltaken zijn: 1. Planvorming : opstellen verbreed GRP, afstemming andere plannen (waterplan, RO-plannen), opstellen jaarprogramma's; 2. Onderzoek : inventarisatie, inspectie / controle, meten, berekenen; 3. Onderhoud : riolen / kolken, gemalen / mechanische riolering, infiltratievoorzieningen / lokale zuiveringen, grondwatervoorzieningen; 4. Maatregelen : aanleg, reparatie, renovatie / vervanging, verbetering; 5. Facilitair : verwerking, vergunningen en voorlichting, klachtenanalyse en verwerking). Nadat de huidige situatie is vastgelegd en is bepaald welke activiteiten de komende jaren moeten plaatsvinden, wordt de benodigde formatie vastgesteld. De kengetallen voor planvorming, onderzoek en facilitair zijn gerelateerd aan de gemeentegrootte. De kengetallen voor onderhoud en maatregelen zijn sterk afhankelijk van andere lokale factoren. 2. Planvorming, onderzoek en facilitair Voor de deeltaken planvorming, onderzoek en facilitair worden landelijke kengetallen gebruikt. De grootte van een gemeente speelt daarbij een rol. Daarom geeft de module D2000 de personele inzet voor deze deeltaken apart voor gemeenten van: minder dan inwoners; inwoners; meer dan inwoners. Het aantal inwoners van de gemeente Bussum bedraagt (per 1 juni 2008). 2.1 Planvorming Planvorming is het gehele proces rond het vastleggen van voornemens. Dit omvat ook alle voorbereidende werkzaamheden. De planvormingstaken zijn: opstellen (verbreed) GRP. De Wet Milieubeheer verplicht de gemeente een GRP op te stellen. Hierin legt zij vast hoe de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater wordt verzorgd. Daarnaast moet aandacht worden besteed aan de zorgplicht voor hemel- en grondwater. in- en externe afstemming. De verbreding van de gemeentelijke watertaken vergt steeds méér afstemming en overleg. Jaarlijks moet meer tijd worden gereserveerd voor afstemming met andere beheerders, bijdragen aan andere plannen (zoals het waterplan) en procedures (bv. de watertoets) en overleg met het management en gemeentebestuurders. opstellen jaarprogramma s. In de jaarprogramma s worden de te verrichten onderzoeken en de voorgenomen maatregelen uit het GRP verder uitgewerkt. Vaak is een jaarprogramma geen statisch geheel maar vinden gedurende het jaar nog wijzigingen plaats. Het opstellen van een jaarprogramma bestaat uit: o beoordelen inspectieresultaten en verwerken in onderhouds- en vervangingsplanning; o beoordelen van de meetresultaten; o o bepalen te verrichten aanleg, onderzoek en maatregelen; uitwerken jaarprogramma: - aard maatregel / type onderzoek; - planning; - benodigde middelen; - overleg en afstemming met andere (in- en externe) beheerders en afdeling Financiën; - opstellen jaarbegroting.
65 Bijlage 7: Personele aspecten gemeentelijke watertaken (Vervolg 1) 2.2 Onderzoek De onderzoekstaken bestaan uit: inventarisatie. De gemeente verzamelt gegevens en beoordeelt de kwaliteit ervan. Inventarisatie kan zowel vanaf papier (tekening) als in het veld gebeuren (bv. het inmeten van rioolputten). Om een beeld te krijgen van de grondwaterstanden in de gemeente en in hoeverre sprake is van overlast, is veel tijd nodig. Naast het plaatsen van peilbuizen (meten) is de analyse van klachten van bewoners een belangrijke informatiebron. inspectie / controle. Inspectie en controle zijn nodig om inzicht te krijgen (en te houden) in de toestand van riolen, gemalen, putten en andere voorzieningen voor stedelijk afvalwater, regen- en grondwater. Dit inzicht is erg belangrijk voor de uitvoering van andere deeltaken, zoals onderhoud en vervanging. De werkzaamheden bestaan uit: o opstellen inspectie- / controleplan; o maken bestek of werkinstructie; o uitbesteden werkzaamheden; o uitvoeren inspectie- en controlewerkzaamheden; o financiële en administratieve afwikkeling. meten. Door te meten wordt een goed beeld verkregen over het functioneren van de riolering. Hierbij zijn de werking van overstorten, gemalen en waterstanden binnen het stelsel belangrijke elementen. Voor het grondwater worden waterstanden in peilbuizen gemeten. berekenen. Berekeningen zijn nodig om het hydraulische functioneren van de riolering te toetsen aan de functionele eisen en maatstaven, alsmede om de belasting van het oppervlaktewater (vuiluitworp) te bepalen. Onder berekenen valt ook onderzoek om de werking van het totale afvalwatersysteem te optimaliseren (OAS). De werkzaamheden bestaan uit: o verzamelen gegevens; o bepalen functioneren huidige situatie; o toetsen aan maatstaven; o bepalen maatregelen; o overleg en afstemming met derden; o toetsen maatregelen: o overleg en afstemming met derden. 2.3 Facilitair Voor het invullen van de gemeentelijke watertaken, zijn ondersteunende of facilitaire activiteiten nodig: verwerking revisiegegevens: een volledig en actueel overzicht van alle voorzieningen is een van de basisvoorwaarden voor beheer; vergunningen voor en voorlichting over het gebruik: voorlichting aan burgers en bedrijven is zeer belangrijk om de goede werking van de voorzieningen te kunnen waarborgen. Zeker voor systemen die stedelijk afvalwater via individuele voorzieningen zuiveren of regenwater infiltreren of rechtstreeks afvoeren naar het oppervlaktewater; klachtenanalyse en -verwerking: klachten van burgers en bedrijven geven belangrijke informatie over de toestand en het functioneren van de voorzieningen. 2.4 Inschatting benodigde formatie voor planvorming, onderzoek en facilitair In tabel B7.1 is een schatting gegeven van de tijdbesteding voor de taken planvorming, onderzoek en facilitair. De tabel geeft een korte beschrijving van de gemeentelijke regie bij de uitvoering van de werkzaamheden. Per activiteit is aangegeven welk deel wordt uitbesteed. Sommige taken lenen zich niet voor uitbesteding, zoals afstemming en overleg.
66 Bijlage 7: Personele aspecten gemeentelijke watertaken (Vervolg 2) Tabel B7.1 Inschatting benodigde formatie voor planvorming, onderzoek en facilitair gemeente inwoners tijdbesteding max. uitbesteding tijdbesteding regie Planvorming dagen/jaar uit te besteden uw situatie dagen/jaar (verbreed) GRP 60 70% 70% 18 terugkoppeling binnen gemeente, overleg, strategie en middelen afstemming en overleg eigen taak organisatie jaarprogramma's % 0% 115 overleg en afstemming andere beheerders, jaarbegroting Onderzoek inventarisatie eigen taak organisatie inspectie/controle % 90% 18 plan, uitbesteding, finan.afwikkeling meten 40 50% 50% 20 verwerking en verantwoording functioneren (berekeningen, afkoppelplannen, OAS) Facilitair verwerken revisiegegevens 25 90% 0% 25 vergunningen en voorlichting gebruik eigen taak organisatie klachtenanalyse en -verwerking eigen taak organisatie tijdsbesteding 321 dagen/jaar fte (175 dagen/jaar) 1,8 3. Onderhoud Hierbij wordt onderscheid gemaakt in: riolen, kolken, mechanische riolering en gemalen. Het betreft reiniging van de riolen, het zuigen van de kolken en onderhoud van gemalen en pompen van drukriolering. De werkzaamheden bestaan uit: o maken uitvoeringsplannen; o maken bestek of werkinstructie; o uitbesteden onderhoudswerkzaamheden; o uitvoeren onderhoudswerkzaamheden; o financiële en administratieve afwikkeling. drainage / grondwatervoorzieningen. Het onderhoud van drainage- en grondwatervoorzieningen bestaat uit het doorspuiten van de drains. Voor de onderhoudsinspanningen is het areaal bepalend. Daarom worden de onderhoudsinspanningen gebaseerd op de lengte per rioolstelseltype en het aantal gemalen, pompunits en andere bijzondere voorzieningen. In tabel B7.2 is de onderhoudstijdbesteding per jaar weergegeven. Alle onderhoudswerkzaamheden worden uitbesteed. Tabel B7.2 Inschatting benodigde formatie voor onderhoud onderdeel dagen per jaar % uitbesteed dagen gemeente fte gemeente riolen / kolken ,2 gemalen / mechanische ,0 riolering infiltratievoozieningen / ,0 lokale zuiveringen drainage ,0 planning en begeleiding ,1 + totaal ,3
67 Bijlage 7: Personele aspecten gemeentelijke watertaken (Vervolg 3) 4. Maatregelen Investeringsmaatregelen worden ingedeeld in: aanleg (voor nieuwbouw en bestaande bebouwing) en beheer (reparatie, renovatie/vervanging en verbetering). De werkzaamheden voor elk van deze maatregelen zijn in grote lijnen gelijk: o ontwerpen voorzieningen (voor stedelijk afvalwater, hemel- en grondwater); o afstemming met derden; o in detail uitwerken voorzieningen / maken bestek; o aanvragen vergunningen en controleren op algemene regels; o aanbesteden werkzaamheden; o communicatie met bewoners; o uitvoeren werkzaamheden; o toezicht houden; o financiële en administratieve afwikkeling. reparatie. De lokale omstandigheden zijn bepalend voor de personele inzet. De benodigde personele inspanningen zijn berekend op basis van de geplande investeringen, zoals opgenomen in het GRP In tabel B7.3 zijn de investeringen naar personele inzet vertaald. Daarbij is gebruikt gemaakt van de werkelijke percentages voor voorbereiding en toezicht (directievoering), zoals die binnen de gemeente worden gehanteerd. Hetzelfde geldt voor de uurprijs. Voor deze raming is uitgegaan van een tarief van 93,- per uur. Ook in deze dagenraming is rekening gehouden met de hoeveelheid werk die wordt uitbesteed. Onder kale kostprijs wordt verstaan: de geraamde kosten, exclusief uitvoeringskosten, algemene kosten, winst en risico. Tabel B7.3 Inschatting benodigde formatie voor maatregelen investeringen perc kosten maximale uitbesteding personeelsinzet "kale"kostprijs V+T personeel uit te besteden uw situatie dagen aanleg nieuwbouw - 12% - 60% 0% - bestaande bebouwing 15% - 60% 0% - drainage - 10% - 60% 0% - reparatie - 15% - 60% 0% - renovatie - 12% - 60% 0% - vervanging % % 50% 250 verbetering 15% - 60% 0% - Totaal 250 fte (175 dagen/jaar) 1,4 5. Benodigde formatie voor uitvoeren doelen GRP In tabel B7.4 is de benodigde formatie aangegeven, voor de werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om de gestelde doelen voor de rioleringszorg te kunnen halen. Voor de raming is uitgegaan van dat 1 f.t.e. overeenkomt met een tijdsbesteding van uur of 175 dagen. Tabel B7.4 Benodigde formatie voor uitvoering doelen GRP nr. deeltaak tijdsbesteding (dag) benodigd aantal fte (bij 175 dagen / jaar) 1 planvorming, onderzoek en facilitair 321 1,8 2 onderhoud 58 0,3 3 maatregelen 250 1,4 subtotaal 629 3,6 toeslag nieuwe ontwikkelingen en procedures 10% 63 0,4 totaal 692 4,0
68 Bijlage 8 Uitgangspunten kostendekkingsplan
69 Bijlage 8: Uitgangspunten kostendekkingsplan In deze bijlage zijn de uitgangspunten voor het kostendekkingsplan weergegeven. 1. Rioolheffing Voor de bekostiging van de gemeentelijke watertaken, is het bekostigingsinstrument aangepast. De Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken voorziet in het creëren van een nieuwe rioolheffing (Gemeentewet, artikel 228a). Uit de opbrengst hiervan kunnen de in dit wetsvoorstel bedoelde taken worden bekostigd. Artikel 228a 1. Onder de naam rioolheffing kan een belasting worden geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: a. de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater en b. de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. 2. Ter zake van de kosten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, kunnen twee afzonderlijke belastingen worden geheven. Vanaf 2010 moeten gemeenten overgeschakeld zijn op de nieuwe heffing en kunnen alleen op basis van de nieuwe heffing kosten worden verhaald. Gemeenten kunnen de kosten voor inzameling van huishoudelijk afvalwater apart bij de burger in rekening brengen. Dat wil zeggen apart van de kosten voor inzameling van overtollig hemelwater en grondwater, maar dit is niet verplicht. In het kostendekkingsplan, behorende bij dit GRP (zie hoofdstuk 7), is uitgegaan van één heffing voor de totale kosten van de zorgplichten. De heffing mag maximaal kostendekkend zijn. De rioolheffing treedt in de plaats van het rioolrecht. De gemeente krijgt er per saldo geen extra heffing bij; het huidige bekostigingsinstrument wordt aangepast aan de bredere taakinvulling. Waar het huidige rioolrecht een retributiekarakter heeft voor de bekostiging van door de gemeente te verlenen diensten of het gebruik van gemeentelijke voorzieningen, heeft deze nieuwe gemeentelijke heffing het karakter van een bestemmingsheffing waarmee kosten kunnen worden verhaald om collectieve maatregelen te treffen die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering en overige maatregelen voor hemel- en grondwater. Het uitgangspunt van de nieuwe heffing is om gemeenten in staat te stellen de kosten te verhalen die gepaard gaan met de gemeentelijke watertaken. 2. Toegepaste methode voor berekening rioolheffing op lange termijn De rioolrechtberekening wordt uitgevoerd met behulp van de contante-waardemethode. Deze methode is geschikt om de effecten en de trend op langere termijn zichtbaar te maken. Met de contante-waardemethode is een vergelijking van uitgaven en inkomsten in verschillende jaren mogelijk. De toekomstige uitgaven en inkomsten van elk jaar, in de periode , worden contant gemaakt naar 1 januari In de te verwachten inkomsten zit één onbekende: de hoogte van de benodigde inkomsten per aansluiting. Door de contante waarde van de te verwachten inkomsten gelijk te stellen aan de contante waarde van de te verwachten uitgaven, worden de kosten per aansluiting berekend. Voor toekomstige investeringen wordt in de contante-waardebenadering geen specifieke wijze van afschrijving of financiering verondersteld. De diverse afschrijvingsmethoden (lineair, afschrijving op annuïteitsbasis) verschillen onderling wel door een andere (boekhoudkundige) verdeling van lasten in de tijd, maar de contante waarde van de jaarlijkse lasten is in deze methoden steeds gelijk aan de contante waarde van de investeringen. Het inflatie- en rentepercentage worden gebruikt voor het contant maken van de toekomstige uitgaven en inkomsten. Dit gebeurt op de volgende wijze:
70 Bijlage 8: Uitgangspunten kostendekkingsplan (Vervolg 1) CW ( U x j ) = U j ( cwf ) ( j x) = U j (1 + i) (1 + r) ( j x) waarbij: x = startjaar berekening U j = uitgave in jaar (j) op prijspeil startjaar i = inflatie (in decimalen, bijvoorbeeld 0,03) r = rente (in decimalen, bijvoorbeeld 0,05) cwf = contante-waardefactor { = (1+i) / (1+r) } CW x (U j ) = contante waarde in jaar x van investering U in het jaar j 3. Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Bij het opstellen van het kostendekkingsplan wordt rekening gehouden met de richtlijnen uit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). In het kader van het BBV moeten vervangingsinvesteringen in beginsel worden beschouwd als investeringen van economisch nut en geactiveerd te worden, waaruit jaarlijkse kapitaallasten ontstaan. In overeenstemming met de BBV wordt gebruik gemaakt van een tariefegalisatievoorziening, om ongewenste schommelingen in het rioolrecht te voorkomen (art. 43, lid 1b). De voorziening wordt gevormd voor kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt. Dit leidt tot een gelijkmatige verdeling van de lasten voor de burger, over een aantal begrotingsjaren. Er wordt rente via de resultaatsbestemming aan de tariefegalisatievoorziening toegevoegd. Artikel 45 van het BBV bepaalt dat rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn toegestaan, mits deze zijn gewaardeerd tegen contante waarde. De contante-waardemethode gaat er van uit dat rentetoevoeging aan de tariefegalisatievoorziening noodzakelijk is om de voorziening op voldoende niveau te houden. Gedurende de planningshorizon van het GRP mag de tariefegalisatievoorziening niet negatief worden. 4. Inkomsten en heffingseenheden De inkomsten zijn als volgt opgebouwd: a. Rioolheffing Het voor 2009 vastgestelde tarief bedraagt 201,48,- per eigendom, per jaar (vastrecht). Het variabel recht voor grootverbruikers bedraagt 51,36 voor elke volle eenheid van 100 m³ afvalwater boven m³. Het aantal heffingseenheden per 1 januari 2009 bedraagt Er is rekening gehouden met wijziging van het aantal heffingseenheden de komende jaren, door nieuwbouw en sloop van woningen. De inkomsten uit de rioolheffing bedragen: - vastrecht : eenheden * 201,48 per eenheid = ,- - grote lozers : ,- + - TOTAAL : ,- Omgerekend bedraagt het aantal eenheden basistarief b. Egalisatievoorziening De stand van de egalisatievoorziening per 1 januari 2009 bedraagt 6,675 miljoen. c. Bijdrage waterkwaliteitsspoor Er is rekening is rekening gehouden met de bijdrage van 4,1 miljoen, van Waternet, voor het afkoppelen van verhard oppervlak in het kader van het waterkwaliteitsspoor. d. Bijdrage gemalen Voor het vijzelgemaal en het gemaal Zwarteweg, wordt jaarlijks een bijdrage van Waternet ontvangen van ,-.
71 Bijlage 8: Uitgangspunten kostendekkingsplan (Vervolg 2) 5. Planningshorizon Bij de berekening van het rioolrecht is uitgegaan van een planningshorizon van 60 jaar: Deze termijn is gekoppeld aan de technische levensduur van de rioleringsobjecten in Bussum. Binnen een periode van 60 jaar zijn alle objecten minimaal één maal vervangen. Het startjaar is Het prijspeil is vastgesteld op 1 januari Inflatie De consumentenprijsindex (CPI) voor 2007 bedraagt 1,6%. Uit de prijsindexcijfers voor de Grond- Weg en Waterbouw (GWW) van het CBS, blijkt dat deze vanaf 2000, 3% per jaar bedraagt. Deze prijsindex is gebaseerd op de prijsontwikkeling van de lonen, materiaal en materieel die nodig zijn voor het aanleggen van een riolering binnen de bebouwde kom. In het kostendekkingsplan is uitgegaan van een inflatie van 3%. 7. Rentevoet Er is een rentevoet van 6,0% gehanteerd. Dit betreft zowel de rente voor kapitaalleningen als ook de rente voor de tariefegalisatievoorziening. Sterke wijziging van de rente in de komende jaren, kan aanleiding zijn de berekeningen te herzien. 8. Prijspeil Alle in het GRP genoemde bedragen zijn op prijspeil 1 januari 2009, inclusief van toepassing zijnde bijkomende kosten uitvoering, winst en risico, voorbereiding, honorarium en toezicht en exclusief btw. 9. Staartkosten Voor de staartkosten zijn de volgende waarden gehanteerd: uitvoeringskosten 10% (inrichting werkterrein, uitzetwerkzaamheden), algemene kosten, winst en risico 12%, voorbereiding, honorarium en toezicht 15%. Er is geen rekening gehouden met de post onvoorzien. 10. Kostendekkendheid Het berekende rioolrecht is 100% kostendekkend. 11. Indexering rioolrecht Het in het kostendekkingsplan berekende tarief moet jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Dit wordt jaarlijks bij de vaststelling van de gemeentebegroting afgehandeld. 12. Afschrijvingsmethode De materiële vaste activa met economisch nut, zoals bedoeld in artikel 35 van het BBV, worden lineair afgeschreven. (Bron: financiële verordening gemeente Bussum 2007). 13. Afschrijvingstermijnen Onderscheid wordt gemaakt in de technische en de economische afschrijvingstermijn. De technische afschrijvingstermijn (levensduur) heeft grote invloed op de hoogte van het rioolrecht. De economische afschrijvingstermijn is van invloed op het verloop van de lasten in de tijd, maar niet op de hoogte van het kostendekkend tarief. De technische en economische afschrijvingstermijnen mogen afwijken. Volgens de richtlijnen uit de BBV, moeten de afschrijving en de afschrijvingstermijn zo goed mogelijk aansluiten op de feitelijke waardedaling van de vrijvervalriolering. Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat, indien de economische levensduur korter is dan de technische levensduur, afgeschreven moet worden op basis van de economische levensduur. De in de berekening gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn weergegeven in tabel B8.1. De hierin vermelde technische levensduur is de gemiddelde levensduur van de rioleringsobjecten in Bussum.
72 Bijlage 8: Uitgangspunten kostendekkingsplan (Vervolg 3) Tabel B8.1 Overzicht gehanteerde afschrijvingstermijnen (jaar) object afschrijvingstermijn technisch economisch vrijvervalriolen bergbezinkvoorzieningen gemalen bouwkundig gemalen mechanisch / elektrisch persleidingen drukriolering bouwkundig drukriolering mechanisch / elektrisch Kapitaallasten in verleden gedane investeringen In de berekening van de rioolheffing is geen rekening gehouden met de kapitaallasten van de in het verleden (vóór 1 januari 2009) gedane investeringen. 15. Doorlopende kapitaallasten ná 2068 In de berekening van de rioolheffing is geen rekening gehouden met het doorlopen van de kapitaallasten ná Eenheidsprijzen De gehanteerde eenheidsprijzen voor de berekening van de kosten voor vervanging van de vrijvervalriolering zijn gebaseerd op informatie van leveranciers en het MISSET-prijzenbestand. Voor de berekening van de investeringskosten van de overige rioleringsobjecten is gebruik gemaakt van de module Kostenkengetallen rioleringszorg (D1100), van de Leidraad Riolering. 17. Rioolrecht en btw De geraamde btw op zowel goederen als diensten en investeringen mogen in het riooltarief worden meegenomen. Het tarief is inclusief btw. 18. Nieuwe investeringen voor nieuwbouw Nieuwe investeringen voor nieuwbouw mogen niet worden verrekend via de rioolheffing maar via de grondexploitatie. Herinvesteringen komen wel ten laste van de rioolexploitatie. 19. Straatvegen en kolkenzuigen De kosten voor straatvegen zijn voor 25% toegerekend aan de rioleringszorg; die voor kolkenzuigen voor 50%.
73 Bijlage 9 Financiële tabellen kostendekkingsplan
74 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan In deze bijlage zijn de volgende tabellen opgenomen: 5.1 GEM gemalen gemengd 5.2 GEM persleidingen gemengd 5.3 DWA mechanische riolering 6.1 onderzoeksuitgaven 6.2 exploitatie-uitgaven 6.4 vrijvervalriolen 6.5 milieumaatregelen 7.2 totaaloverzicht uitgaven, exclusief btw 7.3 btw, totaal 7.4 kapitaallasten van nieuwe investeringen 7.5 baten, exclusief rioolrecht 7.6 eenheden basistarief 7.8 kostendekkingsberekening
75 Gemalen Gemengd bedragen * EURO prijspeil 2009 Nr Lokatie gemaal Tabel 5.1 GEM 45 jaar 15 jaar aanlegjaar capaciteit investering vervanging bouwk deel investering vervanging mech./elek. deel bouwk mech./elek. m 3 /h 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1 Zwarteweg ,0 13, ,0 10,6 2 Brinklaan ,0 9, ,0 6,8 3 Vijzelgemaal Hooftlaan ,0 167, ,0 34,0 4 BBV N.K.Landstraat ,0 11, ,0 8,7 5 BBV Mouwtje ,0 12, ,0 9,7 TOTALEN BK 1.128,0 214,3 M/E 368,0 69,9 Kosten bepaald aan de hand van Leidraad Riolering, module D1100 Omrekenfactor index Leidraad (pp 2007) naar ,06 Formule: Kosten = factor * Basisprijs*capaciteit ^macht bouwkundig mech/elektr. capaciteit factor basisprijs macht factor basisprijs macht 0-10 m³/h 1, ,00 1, , m³/h 0, ,00 0, , m³/h 0, ,35 0, , m³/h 0, ,00 0, ,46 Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
76 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 1) Persleidingen Gemengd bedragen * EURO prijspeil 2009 Tabel 5.2 GEM 45 jaar Nr persleiding behorend bij gemaal lengte diameter jaar 1e jaar Investering BTW (m) (mm) aanleg vervanging excl. BTW 1 gemaal Zwarteweg naar Verlengde Fortlaan ,9 15,9 TOTALEN ,9 15,9 Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Vervangingskosten geschat : L[m] * D[mm] * 0,61 voor diameter mm 0,51 voor diameter mm Omrekenfactor index Leidraad (pp 2007) naar ,06 Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
77 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 2) Mechanische riolering (Droogweeafvoer) bedragen * EURO prijspeil 2009 Tabel 5.3 DWA 45 jaar 15 jaar Nr Druksysteem aantal leidinglengte jaar vervanging bouwkundig vervanging mech./elek. deel units druk vv aanleg 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1e vv-jaar excl. BTW BTW 1 Amersfoortse straatweg ,0 23, ,0 8,0 2 Bastillonhotel (P-plaats) ,9 5, ,0 1,1 3 Fransekampweg ,2 7, ,0 2,3 4 Hooftlaan ,9 2, ,0 1,1 5 Huizerweg ,6 3, ,0 1,1 6 Groothertoginnelaan ,1 3, ,0 1,1 7 Meerweg ,2 2, ,0 1,1 8 Nieuwe Hilversumse weg ,8 9, ,0 3,4 9 Nieuwe 's-gravelandseweg ,7 9, ,0 3,4 10 Plaggenweg ,6 2, ,0 1,1 11 De Dennen ,6 4, ,0 2,3 12 Zanderijweg ,4 9, ,0 3,4 13 Spoortunnel Julianaplein ,4 2, ,0 1,1 TOTALEN bk 457,4 86,9 m/e 162,0 30,8 Uitgangspunten vervangingsinvesteringen, in EURO, excl. BTW, prijspeil startjaar Index LR (pp 2007) -> pp startjaar: 1,06 Pompunit (bouwkundig ca.) Drukleiding per m1 49 Pompunit (mech/el) Vrijvervalleiding per m1 210 Bufferput nvt Klep bufferput nvt Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
78 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 3) Onderzoeksuitgaven Tabel 6.1 bedragen in EURO prijspeil 2009 STRUCTUREEL, Jaarlijks Uitgaven Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW Bron Inspectie vanuit de leiding (zie exploitatie) Beoordeling inspectie (zie exploitatie) Bestandsbeheer (zie exploitatie) Beheer meetnet gemengd stelsel (exploitatie en rapportage) Monitoring grondwatermeetnet INCIDENTEEL PLANPERIODE Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW 2009 Inrichten meetnet gemengd stelsel Implementatie WION (Grondroerdersregeling) Opstellen plan diffuse bronnen Opstellen calamiteitenplan & ontwerp en beheer gemalen Inrichten grondwaterloket Onderzoek rol particulier Opstellen verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (daarna om 5 jaar) Opstellen Basis RioleringsPlan (daarna om 5 jaar) TOTAAL PLANPERIODE TOTAAL PER JAAR Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd TOTAAL jaar excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW TOTAAL in periode : Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
79 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 4) Exploitatieuitgaven Tabel 6.2 bedragen in EURO prijspeil 2009 Uitgaven Vuilwater Hemelwater + GW Gemengd Omschrijving excl. BTW BTW excl. BTW BTW excl. BTW BTW Begrote uren RIOOLRECHTEN Aankopen niet duurzame goederen en diensten Reserveringen Rentelasten buiten norm kap.lastenvoorz Afschrijvingslasten buiten norm kap.lastenvoorz Doorberekening kpl Belastingen Opbrengst overige goederen en diensten Balasting op producenten Balasting op inkomen van gezinnen INSTANDHOUDING RIOLERING Aankopen niet duurzame goederen en diensten Verzekeringen Rentelasten buiten norm kap.lastenvoorz Afschrijvingslasten buiten norm kap.lastenvoorz Doorberekening hulpkpl Uitv Wkb / RIB Doorberekening hulpkpl Wijkbeheer / RIB hoog Opbrengst overige goederen en diensten OVERSTORT VIJVERPARK Energie Aankopen niet duurzame goederen en diensten SCHOONMAKEN RIOLEN EN KOLKEN Aankopen niet duurzame goederen en diensten Doorberekening hulpkpl Uitv Wkb / RIB POMPEN EN POMPPUTTEN Energie Aankopen niet duurzame goederen en diensten Doorberekening hulpkpl Wijkbeheer / RIB hoog VIJZELGEMAAL Energie Aankopen niet duurzame goederen en diensten Verzekeringen Opbrengst overige goederen en diensten GEMAAL ZWARTEWEG Energie Betaalde belastingen Aankopen niet duurzame goederen en diensten Verzekeringen Reserveringen Doorberekening hulpkpl Geb beh / RIB Doorberekening hulpkpl Wijkbeheer / RIB laag Opbrengst overige goederen en diensten ADV. RIOOLBEHEER Aankopen niet duurzame goederen en diensten Doorberekening kpl RI / RIB Doorberekening kpl Wijkbeheer / RIB laag ONTREKKING VOOR WEGONDERHOUD, ALS GEVOLG VAN RIOLERINGSWERKZAAMHEDEN Extra personeelslasten, i.v.m. opheffen structureel tekort (f.t.e.) : 2, dagen / jaar, met tarief van ( per uur) : In de begroting 2009 is rekening gehouden met uren. Uitgaande van produktieve uren, komt dit overeen met 1,40 f.t.e. Het totaal aantal benodigd f.t.e.'s bedraagt : 4,00 (zie bijlage 8 van het GRP). Voor het opheffen van structureel tekort personeel, is in de exploitatie-uitgaven uitgegaan van 2,60 extra f.t.e. Als gevolg van de uitbreiding van de riolering en de daaraan gerelateerde toename van het aantal heffingseenheden, nemen de exploitatielasten met EURO 78,00 per extra eenheid per jaar toe. Toename BTW-component 5,16 per extra eenheid per jaar toe. Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
80 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 5) Vrijvervalriolen Tabel 6.4 GEM bedragen * EURO prijspeil 2009 toeslagen vervanging V & T totaal Totaal gemiddeld jaar excl. kosten voor afkoppelen 0% 0% excl. voorbereiding excl. BTW BTW Totalen Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
81 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 6) Milieumaatregelen (Hemelwaterafvoer) bedragen in EURO * 1000 prijspeil 2009 Tabel 6.5 HWA+GW jaar omschrijving maatregel Totaal excl. BTW BTW 2009 afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² afkoppelen m² TOTAAL m² Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnummer: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
82 Totaaloverzicht uitgaven, exclusief BTW, Totaal Tabel 7.2 Bedragen * EURO prijspeil 2009 Investeringen jaarlijkse uitgaven vrijverval gemalen persleiding mechanische riolering milieumaatregelen subtotaal Onderzoek Exploitatie subtotaal kap.lasten Totaal jaar bouwkundig mech/el bouwkundig mech/el investering verv. mech/el invest. jaarl. uitg. verleden excl. BTW Totalen CW Kolom A B C D E F G H M N O P Q R Brontabel Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnr: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
83 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 1) BTW, Totaal Tabel 7.3 Bedragen * EURO prijspeil 2009 BTW op Investeringen BTW op jaarlijkse uitgaven vrijverval gemalen persleiding mechanische riolering milieumaatregelen subtotaal Onderzoek Exploitatie subtotaal kap.lasten BTW Totaal jaar bouwkundig mech/elek bouwkundig mech/elek investering verv. mech/el invest. verleden Totalen CW Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnr: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
84 Kapitaallasten van nieuwe investeringen TOTAAL (lineair, cumulatief) Tabel 7.4 bedragen x 1000 prijspeil 2009 vrijverval gemalen persleiding mechanische riolering milieumaatregelen Totaal jaar bouwkundig mech/elek bouwkundig mech/elek investering verv. m/e Afschrijving lineair lineair lineair lineair lineair lineair lineair lineair Duur (jaar) Rente (%) 6,00 6,00 6,00 6,00 6,00 6,00 6,00 6,00
85 Baten, excl. rioolrecht, Totaal Tabel 7.5 bedragen x Egalisatievoorziening Bijdrage Waternet WKS Bijdrage gemalen Baten 3 Totaal Totaal jaar 2009 nominaal prijspeil nominaal prijspeil nominaal prijspeil nominaal prijspeil Totalen CW Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnr: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
86 Bijlage 9: Financiële tabellen kostendekkingsplan (Vervolg 1) Eenheden basistarief (Totaal) Tabel 7.6 rekeneenheden stijging stijging stijging stijging stijging stijging totaal jaar 2009 buitengebied nieuwbouw eenheden Totalen Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnr: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
87 Kostendekkingsberekening TOTAAL, trend lange termijn via kapitaaldienst (lineaire afschrijving) CW rente 6,00% alle bedragen (incl. tarief) in de toekomst met 3% per jaar indexeren Tabel 7.8 bedragen * EURO, tenzij anders vermeld prijspeil 2009 Inflatie 3,00% BTW-dekking 100% kostendekkingsperiode: 2009 t/m 2068 Lasten excl. BTW compensabele Baten Benodigde dekking Dekking Egalisatievoorziening nieuwe cum. nieuwe onderzoek oude subtotaal BTW excl heffing te dekken te dekken tarief stijging in eur stijging in % eenheden dekking geindexeerde mutatie rente voorz. saldo jaar investeringen kapitaallast en exploitatie kap. lasten excl BTW 100% en voorziening saldo (A) per eenheid excl infl. corr excl infl. corr excl infl. corr (B) stand vorig jaar A-B *) 6,00% ,52 201,48-0,0% ,32 203,49 2,01 1,0% ,87 205,53 2,03 1,0% ,75 207,59 2,06 1,0% ,21 209,54 1,96 0,9% ,89 209,54-0,0% ,98 209,54-0,0% ,06 209,54-0,0% ,78 209,54-0,0% ,48 209,54-0,0% ,39 209,54-0,0% ,95 209,54-0,0% ,06 209,54-0,0% ,41 209,54-0,0% ,79 209,54-0,0% ,25 209,54-0,0% ,49 209,54-0,0% ,26 209,54-0,0% ,50 209,54-0,0% ,83 209,54-0,0% ,65 209,54-0,0% ,10 209,54-0,0% ,97 209,54-0,0% ,91 209,54-0,0% ,89 209,54-0,0% ,08 209,54-0,0% ,06 209,54-0,0% ,81 209,54-0,0% ,09 209,54-0,0% ,18 209,54-0,0% ,03 209,54-0,0% ,39 209,54-0,0% ,06 209,54-0,0% ,28 209,54-0,0% ,19 209,54-0,0% ,67 209,54-0,0% ,48 209,54-0,0% ,61 209,54-0,0% ,95 209,54-0,0% ,80 209,54-0,0% ,66 209,54-0,0% ,72 209,54-0,0% ,67 209,54-0,0% ,84 209,54-0,0% ,05 209,54-0,0% ,49 209,54-0,0% ,36 209,54-0,0% ,67 209,54-0,0% ,52 209,54-0,0% ,03 209,54-0,0% ,18 209,54-0,0% ,09 209,54-0,0% ,73 209,54-0,0% ,46 209,54-0,0% ,47 209,54-0,0% ,03 209,54-0,0% ,42 209,54-0,0% ,70 209,54-0,0% ,63 209,54-0,0% ,99 209,54-0,0% CONTANTE WAARDE LASTEN BATEN CW lasten na CW baten CW eind periode 0 CW na van investeringen t/m van BTW t/m 2068 CW voorziening in 2009: Kapitaallasten buiten periode zijn niet gedekt Project: GRP Bussum 2008 t/m 2012 Scenario: basis Projectnr: Filenaam: Model GRP Bussum v xls Datum: 7-apr-09
88 Bijlage 10 Reacties externen op concept-grp
89 Bijlage 10: Reacties externen op concept-grp
Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland. planperiode 2013 t/m 2017
Samenvatting Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 13 maart 2012 1.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (hierna te noemen: GRP) op te
Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven
Bijlage 3. Doelen functionele eisen en maatstaven Tabel 3-1 Doelen, functionele eisen en maatstaven voor de rioleringszorg (stedelijk afvalwater en regenwater) Doelen Functionele Eisen Maatstaven 1. Inzameling
Raadsvoorstel. drs A.J. Ditewig 18 februari 2010. 05 januari 2010. De raad wordt voorgesteld te besluiten:
Portefeuillehouder Datum raadsvergadering drs A.J. Ditewig 18 februari 2010 Datum voorstel 05 januari 2010 Agendapunt Onderwerp Gemeentelijke watertaken De raad wordt voorgesteld te besluiten: het bijgaande
Gemeentelijk RioleringsPlan. 2009 t/m 2013
Gemeentelijk RioleringsPlan 2009 t/m 2013 Gemeentelijk Rioleringsplan planperiode 2009 t/m 2013 voor de gemeente Heemskerk Concept ONTWERP Pagina 1 van 40 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 1.1 Aanleiding...
Basisopleiding Riolering Module 1
Basisopleiding Riolering Module 1 Cursusboek Nieuwegein, 2013 w w w. w a t e r o p l e i d i n g e n. n l Stichting Wateropleidingen, augustus 2013 Groningenhaven 7 3433 PE Nieuwegein Versie 1.1 Niets
Presentatie GRP Commissievergadering 6 oktober Peter Borkus, Susanne Naberman
Presentatie GRP 2016-2020 Commissievergadering 6 oktober Peter Borkus, Susanne Naberman Programma Inhoud Waarom een nieuw GRP? Evaluatie afgelopen planperiode Een gezonde leefomgeving Een veilige leefomgeving:
Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018
Gemeentelijk Riolerings Plan Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018 Doel en inhoud Doel Inzicht verschaffen in de diverse elementen die hebben geleid tot het GRP 2014 t/m 2018 Inhoud
Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3)
Bouwlokalen INFRA Innovatie onder het maaiveld / renovatie van rioolstelsels Het riool in Veghel Jos Bongers Beleidsmedewerker water- en riolering Gemeente Veghel 21 juni 2006 Veghel in cijfers en beeld
F. Buijserd burgemeester
Gemeente Nieuwkoop College van Burgemeester en Wethouders raadsvoorstel portefeuillehouder opgesteld door Registratienummer collegebesluit 14.22243 G. Elkhuizen Beheer Openbare Ruimte / Kees Hoogervorst
TOETSING VERBREED GRP
Dit document beschrijft de toetsing van het verbreed GRP op hoofdlijnen. De toetsing is op volledigheid en niet op inhoud. Het is een hulpmiddel bij het maken van afspraken over het proces van het opstellen
Bijlagen: Gemeentelijk Rioleringsplan , inclusief samenvatting
svoorstel Onderwerp: Vaststellen Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2015 Portefeuillehouder: J. Kuper Dienst Gebied Inrichting en beheer J. Vos, telefoon (0591-68 52 82) Aan de gemeenteraad Voorgesteld
GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo. Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan.
GRP 2014-2018 Gemeente Tynaarlo Naar een nieuw gemeentelijk rioleringsplan. Landelijk beleid en ontwikkelingen Gemeentelijke zorgplicht watertaken: Zorgen voor een doelmatige inzameling en een doelmatig
Tubbergen o. gemeente. Aan de gemeenteraad. Vergadering: 8 september 2014. Nummer: Tubbergen, 28 augustus 2014
gemeente Tubbergen o Aan de gemeenteraad Vergadering: 8 september 2014 Nummer: 9A Tubbergen, 28 augustus 2014 Onderwerp: Vaststellen verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater. Samenvatting
Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan
Gemeentelijk Rioleringsplan Oostzaan planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 20 juni 2012, revisie Verantwoording Titel :
Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland
Gemeentelijk Rioleringsplan Wormerland planperiode 2013 t/m 2017 ONTWERP ONTWERP OVER-gemeenten Afdeling Gebied- en Wijkzaken WORMER Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 13 maart 2012, revisie Verantwoording
Gemeente Beemster. B e l e i d s d o c u m e n t. j u n i 2 0 1 2 / O n t w e r p G R P
Gemeente Beemster B e l e i d s d o c u m e n t Gemeentelijk Rioleringsplan Beemster Planperiode 2012-2016 j u n i 2 0 1 2 / O n t w e r p G R P Gemeente Beemster B e l e i d s d o c u m e n t Gemeentelijk
Gemeentelijk Rioleringsplan Opmeer
Gemeentelijk Rioleringsplan Opmeer planperiode 2010 t/m 2013 ONTWERP Concept Gemeente Opmeer Afdeling Civiele Techniek en Wonen Spanbroek Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 15 februari 2010 Verantwoording
Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13
Raadsvergadering : 20 juni 2011 Agendanr. 13 Voorstelnr. : R 6837 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan 2010-2015 Stadskanaal, 1 juni 2011 Beslispunten 1. Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2015
Beheerplan Afvalwater, Regenwater en Grondwater
@ Grontmij @ Grontmij Beheerplan Afvalwater, Regenwater en Grondwater 2006-2010 Ontwerp, september 2005 Gemeente Dordrecht Stadswerken Memo Plaats Kenmerk Houten, 30 september 2005 300905/UG 188120 Aan
Raadsvoorstel Reg. nr : 1010217 Ag nr. : Datum : 18-05-10
Ag nr. : Onderwerp Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater Status besluitvormend Voorstel 1. Vast te stellen de Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater; 2. De kosten van het
Het waterbeleid van de provincie Limburg is beschreven in het Provinciaal Waterplan Limburg, dd. 20 november 2009.
Memo Ter attentie van Project management Den Dekker B.V. Datum 03 januari 2013 Distributie Projectnummer 111850-01 Onderwerp Parkeerterrein Jumbo Heythuysen Geachte heer Bosman, 1 WATERBELEID Het streven
Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt
Vragen en antwoorden Aanpak Agniesebuurt Waarom aan de slag in de Agniesebuurt? Oude stadswijken zoals de Agniesebuurt, die dichtbebouwd zijn met veel verharding en weinig open water en groen, zijn kwetsbaar
Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens
Omgang met hemelwater binnen de perceelgrens Ir. Emil Hartman Senior adviseur duurzaam stedelijk waterbeheer Ede, 10 april 2014 Inhoud presentatie Wat en hoe van afkoppelen Wat zegt de wet over hemelwater
Water- en Rioleringsplan
Water- en Rioleringsplan 2017-2021 Inleiding Hemelwater Oppervlaktewater overstort Afvalwater Grondwater Drinkwater Beleidskader Wet Milieubeheer afname- en zorgplicht voor afvalwater verplichting WRP
GEMEENTEBLAD. Nr. 6603. Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Schagen. Nr. 6603 23 januari 2015 Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen 0 Samenvatting 0.1 Inleiding De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan
Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel
Berekening hwa-riool Oranjebuurt te Riel Gemeente Goirle projectnr. 219713 revisie 3.0 12 juli 2010 Opdrachtgever Gemeente Goirle Afdeling Realisatie en beheer Postbus 17 5050 AA Goirle datum vrijgave
Inhoudsopgave. 1 Inleiding 4. Gemeentelijk rioleringsplan Den Helder 2013-2017
Gemeente Den Helder Gemeentelijk Rioleringsplan 2013-2017 Den Helder, september 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 1.1 Wettelijk kader 4 1.2 Planhorizon 4 1.3 Belangrijkste relevant beleidskader voor de
Functionele eisen 1. Geen (onaanvaardbaar) gezondheidsrisico. Bescherm volksgezondheid. Beperk overlast en hinder Voorkom schade.
Doelen Functionele eisen 1. Geen (onaanvaardbaar) gezondheidsrisico. 2. Geen (onaanvaardbare) economische schade of maatschappelijke hinder door wateroverlast. Bescherm volksgezondheid Beperk overlast
VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD
VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD Onderwerp: Gemeentelijk rioleringsplan Registratienummer: 00538296 Op voorstel B&W d.d.: 31 maart 2015 Datum vergadering: 26 mei 2015 Portefeuillehouder: Helm Verhees Rol gemeenteraad:
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Hulst Planperiode 2010 tot en met 2015 Gemeente Hulst Postbus 49 4560 AA Hulst Grontmij Nederland B.V. Middelburg, 30 september 2009 Verantwoording Titel : Verbreed
Raadsstuk. Haarlem. Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan
Haarlem Raadsstuk Onderwerp Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2018-2023 Nummer 2017/361078 Portefeuillehouder Sikkema, C.Y. Programma/beleidsveld 5.1 Openbare ruimte en mobiliteit Afdeling GOB/BBOR
Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg
Gemeentelijk Rioleringsplan Leidschendam-Voorburg Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2009-2014 Definitief Gemeente Leidschendam-Voorburg Postbus 905 2270 AX VOORBURG Grontmij Nederland
Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst
Voorstel aan : Gemeenteraad van 14 december 2009 Door tussenkomst van Nummer : : Raadscommissie van 2 december 2009 Onderwerp : Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2010-2014 Bijlage(n) : 1. Gemeentelijk
Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP
Samenhang en samenvatting vgrp+, Waterplan, BRP Uden gastvrij voor water Kenmerk: 11-10044-JV 14 september 2011 Ingenieursbureau Moons 1 Inhoudsopgave 1 SAMENHANG... 3 2 SAMENVATTING... 4 2.1 KOERSWIJZIGINGEN...
Watertoets De Cuyp, Enkhuizen
Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Definitief Bouwfonds Ontwikkeling Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 6 april 2009 Verantwoording Titel : Watertoets De Cuyp, Enkhuizen Subtitel : Projectnummer : 275039 Referentienummer
Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht
Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Stichtse Vecht Planperiode 2012-2016 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Definitief Grontmij Nederland B.V. De Bilt, 2 augustus 2012 Verantwoording Titel
Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58
Voorstel aan de raad Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg 1 8331 XE Steenwijk Steenwijk, 19 mei 2009 Nummer voorstel: 2009/58 Voor raadsvergadering d.d.: 02-06-2009 Agendapunt: Onderwerp:
VOORBLAD RAADSVOORSTEL
VOORBLAD RAADSVOORSTEL ONDERWERP Gemeentelijk Rioleringsplan 2013 t/m 2017 VOORSTEL 1. De geformuleerde doelen, 2. Het voorgenomen onderzoek 3. De voorgenomen beheermaatregelen 4. De rioolheffing in 2013
Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede
Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk bij Duurstede Definitief gemeente Wijk bij Duurstede Grontmij Nederland bv Houten, 28 juli 2009 Verantwoording Titel : Gemeentelijk rioleringsplan 2009-2013 Wijk
BERGBEZINKBASSIN (BBB) WEERSELO
BERGBEZINKBASSIN (BBB) WEERSELO INHOUDSOPGAVE - AANLEIDING - HUIDIGE SITUATIE - GEVOLGEN RIOOLOVERSTORT - OVERSTORTREDUCTIE - BERGING EN BEZINKING OVERTOLLIG RIOOLWATER - WERKING BBB - WERKING (schematisch)
BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.
Bijlage 1 Afkortingen en begrippen Afkortingen AWZI Zie RWZI BBB (v)brp CZV DWA DOB GRP HWA / RWA IBA KRW MOR NBW (-Actueel) OAS RIONED BergBezinkBassin Zie toelichting in begrippenlijst bij bergbezinkbassin.
Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer
Gemeentelijk rioleringsplan Zoetermeer Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2011-2015 Ontwerp Gemeente Zoetermeer Grontmij Nederland B.V. Houten, 30 mei 2011 Verantwoording Titel
Programma van de avond: vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst. Positie vgrp5 gemeentebeleid. Even voorstellen. Relaties met beleid / plannen
vgrp 2015-2019 Inwonersbijeenkomst 8 Januari 2015 19:45 20:00 20:05 20:15 22:00 Programma van de avond: Welkom en voorstelronde Toelichting doel bijeenkomst Wat is een vgrp? Gesprek met de inwoners adv
RAADSVOORSTEL Agendanummer 9.2
RAADSVOORSTEL Agendanummer 9.2 Raadsvergadering van 25 februari 2010 Onderwerp: Uitbreiding personele capaciteiten in verband met verwezenlijking van de activiteiten en taken in het kader van de rioleringszorg
Gemeente Doetinchem. Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015. Witteveen+Bos. van Twickelostraat 2. postbus 233.
Gemeente Doetinchem Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2010-2015 van Twickelostraat 2 postbus 233 7400 AE Deventer telefoon 0570 69 79 11 telefax 0570 69 73 44 INHOUDSOPGAVE blz. SAMENVATTING 1 1.
Inhoudsopgave. Gemeentelijk rioleringsplan 2010-2015 Plan Pagina 3 van 28
J. van Kampen (Steller) SB/ING Juni 2011 Inhoudsopgave 1. Inleiding...4 1.1. Aanleiding...4 1.2. Geldigheidsduur...4 1.3. Procedure...4 1.4. Leeswijzer...4 2. Evaluatie vorig GRP en verkenning omgeving...5
Verbreed GRP Coevorden Planperiode 2010-2014
Verbreed GRP Coevorden Planperiode 2010-2014 25 augustus 2009 Verantwoording Titel Verbreed GRP Coevorden 2010-2014 Opdrachtgever Gemeente Coevorden Projectleider Nils Kappenburg Auteur(s) Jeroen van Voorn
Raadsvoorstel Krediet voor de voorbereiding en uitvoering van diverse maatregelen uit het Gemeentelijk Rioleringsplan
gemeente Haarlemmermeer Raadsvoorstel20071171301 Portefeuillehouder J.J. Nobel Steiler M. van Munster Collegevergadering 25 september 2007 Raadsvergadering 25 oktober 2007 1. Samenvatting Wat willen we
Wateradvies voor ruimtelijke plannen met een klein waterbelang (korte procedure)
Notitie Contactpersoon Paul Lammers Datum 10 maart 2016 Kenmerk N002-1233768PTL-evp-V01-NL Watertoets Paleis t Loo Inleiding Eén van de milieuthema s die in het bestemmingsplan voor Paleis t Loo en het
Rioleringsbeheerplan Terschelling
Rioleringsbeheerplan Terschelling 2016-2020 augustus 2016 Team Techniek en Uitvoering 1 2 Inhoudsopgave 1 Samenvatting...4 2 Inleiding...5 2.1 Doelen...5 2.2 Afvalwater...5 2.3 Hemelwater...5 2.4 Grondwater...6
Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011. Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Planperiode 2010-2015. Definitief
Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010-2015 Definitief Grontmij Nederland B.V. Assen, 17 mei 2011 Pagina 1 van 51 Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Emmen Subtitel : Stedelijk
Aansluitverordening van de riolering in de gemeente Krimpen aan den IJssel
Aansluitverordening van de riolering in de gemeente Krimpen aan den IJssel De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum];
Bijlage 1 Watertoets en (standaard) waterparagraaf
Bijlage 1 Watertoets en (standaard) waterparagraaf datum 2-3-2017 dossiercode 20170302-4-14760 Geachte heer / mevrouw R. Zuidema, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//.
Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel
Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Voor: Opgesteld door: Versie 1 (14-06-2012) Uitwerking hemelwaterbeleid gemeente Leeuwarderadeel Dit document bevat 11 bladzijden. Ons kenmerk: 19312RA-MW-LED
12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort
12 Hemelwateruitlaat of riooloverstort 12.1 Inleiding Gemeenten hebben de taak om hemelwater en afvalwater in te zamelen. Het hemelwater wordt steeds vaker opgevangen in een separaat hemelwaterriool. Vanuit
Gemeente Bergen Noord-Holland. Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015. Samenvatting. Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011)
Gemeente Bergen Noord-Holland Gemeentelijke Rioleringsplan 2011-2015 Bergingskelder onder het Pompplein, Egmond aan Zee (2011) Samenvatting Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Gemeente Bergen (NH) 1\11
Gemeentelijk rioleringsplan Leusden
Gemeentelijk rioleringsplan Leusden Planperiode 2009-2013 Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Ontwerp Gemeente Leusden postbus 150 3830 AD LEUSDEN Grontmij Nederland B.V. Houten, 2 december
datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema,
datum 27-2-2016 dossiercode 20160227-4-12526 Geachte heer / mevrouw R.G. Zuidema, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website http://www.dewatertoets.nl//. Op basis van deze toets volgt u de korte
Gemeentelijk rioleringsplan Woerden
Gemeentelijk rioleringsplan Woerden Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2009-2013 Definitief Gemeente Woerden Postbus 45 3440 AA WOERDEN Grontmij Nederland bv Houten, 11 november
Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)(
Impressie(informatieavond(rioolvervanging(Straatweg( Datum:(8(september(2015( Opstelling(verslag:(Tineke(van(Oosten(en(Sieb(de(Jong((cgOH)( Indeling(van(de(avond:(van(19.00(uur(tot(21.00(uur(konden(bewoners(van(de(Straatweg(informatie(
Gemeente Bloemendaal Team Civiele Techniek en Verkeer EHs
Gemeente Bloemendaal Team Civiele Techniek en Verkeer EHs (verbreed) Gemeentelijk RioleringsPlan Bloemendaal 2008 2010 [ 2008007144 ] Tekening IJsfontein/Stichting RIONED GRP Bloemendaal 2008 2010 Synopsis
RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012
RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 Archimedesweg 1 CORSA nummer: 14.48265 postadres: versie: Definitief postbus 156 auteur: Irene van der Stap 2300 AD Leiden oplage: Digitaal telefoon (071) 3 063
Aan u wordt voorgesteld bijgevoegd verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015 vast te stellen.
Raadsvoorstel: Nummer: 2010-633 Onderwerp: Vaststellen verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2011-2015(vGRP2011-2015) Datum: 6 april 2011 Portefeuillehouder: A.J. Rijsdijk/ T. van der Torren Raadsbijeenkomst:
Stedelijke wateropgave. (van traditionele rioolvervanging
Stedelijke wateropgave (van traditionele rioolvervanging i naar duurzame leefomgeving) Landelijke bijeenkomst waterambassadeurs 21-09-2010 Inhoud: Wettelijk kader en doelen Stand van zaken invulling sted.
Gemeentelijk Riolerings Plan
Gemeentelijk Riolerings Plan 2018-2022 dorpspraat over aanpak van wateroverlast Laren, maart en april 2018 Programma deel 1: kaders en historie deel 2: wat gebeurt er? deel 3: welke oplossingen? deel 4:
Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen
Bijlage 1. Lijst met afkortingen en begrippen VERKLARENDE WOORDENLIJST Afkortingen AMvB... Algemene Maatregel van Bestuur BARIM... Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer BBB... Bergbezinkbassin
Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Nijkerk. Nr. 87172 30 juni 2016 Gemeente Nijkerk - Verordening afvoer regenwater en grondwater Raadsbesluit nummer 2016-011 De raad van de gemeente Nijkerk;
Notitie. Visiedocument GRP/BRP Brummen. 1 Inleiding - 15.004012 -
Notitie Contactpersoon Gwendolijn Vugs Datum 1 mei 2015 Kenmerk N001-1229319GBV-avd-V02-NL Visiedocument GRP/BRP Brummen 1 Inleiding Het huidig Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) van de gemeente Brummen
Samenvatting van de watertoets. Hieronder vindt u een samenvatting van de door u ingevulde gegevens.
Samenvatting van de watertoets De toets is uitgevoerd op een ruimtelijke ontwikkeling in het beheergebied van het waterschap Regge en Dinkel. Voor algemene informatie over de watertoets van Regge en Dinkel
Water in Tiel. 1 Naast regionale wateren die in beheer zijn bij de waterschappen, zijn er rijkswateren (de hoofdwateren
Water in Tiel Waterbeleid Tiel en Waterschap Rivierenland Water en Nederland zijn onafscheidelijk. Eigenlijk geldt hetzelfde voor water en Tiel, met de ligging langs de Waal, het Amsterdam Rijnkanaal en
SONENBREUGEL GEMEENTE
GEMEENTE SONENBREUGEL De raad der gemeente van de gemeente Son en Breugel. Overwegende, dat de Wet milieubeheer de bevoegdheid biedt bij verordening regels te stellen over het brengen van afvloeiend hemelwater
Notitie. 1. Beleidskader Water
Notitie Ingenieursbureau Bezoekadres: Galvanistraat 15 Postadres: Postbus 6633 3002 AP Rotterdam Website: www.gw.rotterdam.nl Van: ir. A.H. Markus Kamer: 06.40 Europoint III Telefoon: (010) 4893361 Fax:
1. INLEIDING 1.1 ALGEMEEN. 1.2 DE WATERTOETS. NOTITIE
NOTITIE Onderwerp : Waterparagraaf Opdrachtgever : A.E.C. Vestjens Projectnummer : BIM-079-01 Projectomschrijving : Gezondheidscentrum te Neer Opgesteld door : ing. R. Peeters Paraaf: Datum : 18 oktober
gelezen het voorstel van het college van 18 september 2018, no. B ; gezien het advies van de raadscommissie van 15 november 2019;
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van de gemeente Dronten Nr. 261548 6 december 2018 Aansluitverordening riolering 2019 De raad van de gemeente Dronten, gelezen het voorstel van het college van 18 september
Water in Eindhoven. Studiedag Lokaal waterbeleid water in balans. 28 september Water in Eindhoven - Studiedag Lokaal waterbeleid, Antwerpen
Water in Eindhoven Studiedag Lokaal waterbeleid water in balans 28 september 2010 Aanleiding voor de stedelijke wateropgaven Maatregelen Effecten van maatregelen Omgaan met nieuwe extremen 1835 1921 2004
De 'Verordening Rioolaansluiting Gemeente Mook en Middelaar 2017' vast te stellen.
Raadsvoorstel Gemeente Mook en Middelaar Agendapuntnummer : Documentnummer : Raadsvergadering d. d. Raadscommissie Commissie d.d. Programma Onderwerp Portefeuillehouder Bijlagen 23 februari 2017 Samenleving
Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen
Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen Planperiode 2015 t/m 2017 ONTWERP Gemeente Schagen Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 20 maart 2013 Verantwoording Titel : Gemeentelijk Rioleringsplan Schagen Subtitel
Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016
Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 27 juli 2010 Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Brummen 2011-2016 Doelmatige invulling van de rioleringszorg Inhoud Verantwoording en colofon...
dat het met name in het buitengebied, wijken met een apart vuilwaterriool en op bedrijventerreinen wenselijk is om dit verbod te laten gelden;
CONCEPT Besluit gebiedsaanwijzing afvoer hemelwater (artikel 4:44 APV) Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn; Overwegende dat artikel 4:44, eerste lid jo artikel 4:43 van de Algemene
De Veranderende Zorgplicht
De Veranderende Zorgplicht Ede 23 april 2015 Frans Debets Debets b.v. i.s.m. Een korte versie van een cursus op 14 juni 1- De Veranderende Waterwetwetgeving 1. Achtergronden en betekenis van de veranderingen
Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater
Bijlage 1: Toelichting achtergronden en gebruik modelverordening voor de afvoer van hemelwater en grondwater Met de inwerkingtreding van de Wet Gemeentelijke Watertaken per 1 januari 2008 is o.a. de Wet
www.grontmij.nl Gemeentelijk Rioleringsplan Voorst Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010 t/m 2014
Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2010 t/m 2014 Gemeentelijk Rioleringsplan Voorst www.grontmij.nl Wij ontwerpen en realiseren plannen voor de toekomst, door mensen en partijen
Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam
Gemeentelijk rioleringsplan Leerdam Stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater Planperiode 2011-2015 Definitief Gemeente Leerdam Grontmij Nederland B.V. Houten, 6 december 2010 Verantwoording Titel
Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015
Olst-Wijhe, 14 oktober 2010. doc. nr.: 1029-8-RU-WA Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Olst- Wijhe 2011-2015 Verantwoording Titel : Verbreed GRP Olst-Wijhe 2011-2015 Subtitel : Ontwerp Projectnummer
17 mei 2011. Thema avond Gemeentelijk Rioolplan
FLO/2011/8572 17 mei 2011 Thema avond Gemeentelijk Rioolplan Doel van het rioolstelsel: Volksgezondheid en milieu; Afvoer vuil water naar waterzuivering; Afvoer schoon regenwater. Wettelijke regels en
Bergingsberekeningen en controle afvoercapaciteit Plangebied Haatland
Bergingsberekeningen en controle afvoercapaciteit Plangebied Haatland Definitief Gemeente Kampen Grontmij Nederland bv Zwolle, 29 november 2005 @ Grontmij 11/99014943, rev. d1 Verantwoording Titel : Bergingsberekeningen
