Antwoorden hoofdstuk 10
|
|
|
- Nathan Koster
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Antwoorden hoofdstuk 10 Opgave 10.1 Tv = ,50 = 2,50 + 3,50 = 6 N Opgave = 3 + 8,50 = 11,50 N W Opgave 10.3 Tv = ,20 = ,20 = 18,20 N Opgave = 3,33 + 2,22 = 5,55 N W Opgave 10.5 = 6 is x 6 = Opgave 10.6 = 8 is x 8 = Opgave 10.7 = is x 9 = Begrote variabele kosten zijn: x 3 = Begrote totale kosten Opgave 10.8 = is x 7 = De variabele kosten per stuk (Tv) zijn 15 7 = 8 Begrote variabele kosten zijn: x 8 = Begrote totale kosten Opgave 10.9 (Tc) = = 8 N Begrote onderbezetting is ( ) x 8 = Antwoorden hoofdstuk 6 1
2 Opgave (Tc) = = 12,50 N Begrote overbezetting is ( ) x 12,50 = Opgave (Tc) = = 8,50 N Begrote onderbezetting is ( ) x 8,50 = Opgave (Tc) = = 9,20 N Begrote overbezetting is ( ) x 9,20 = Opgave Verkoopresultaat: x ( 8,50-5,20) = Opgave Verkoopresultaat: x ( 18 15,40) = Opgave = 18,50 + 1,50 = 20 N W b. Begrote verkoopresultaat: x ( 28 20) = c. Begrote overbezetting is ( ) x 18,50 = Opgave = 14,70 + 5,30 = 20 N W b. De verkoopprijs wordt 120 % van 20 = 24 c. Begrote verkoopresultaat: x ( 24 20) = d. Begrote overbezetting is ( ) x 14,70 = Opgave = = 25 N W b. Omzet x 38 = onstante kosten Variabele kosten: x 7 = Totale kosten Winst Antwoorden hoofdstuk 6 2
3 c. Verkoopresultaat: x ( 38 25) = Overbezetting is ( ) x 18 = Totale winst Opgave Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal (Totaal) (90.000) Zowel kwartaal 2 als kwartaal 3 eisen de meeste capaciteit. Het drukste kwartaal vereist i.v.m. reservecapaciteit een capaciteit van 120 % van stuks is stuks. Op jaarbasis is de vereiste capaciteit 4 x = stuks. Hiervoor zijn = 5,76 machines nodig. Dit worden 6 machines Opgave Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal (Totaal) ( ) Kwartaal 3 eist de meeste capaciteit. Dit kwartaal vereist i.v.m. reservecapaciteit een capaciteit van 110 % van stuks is stuks. Op jaarbasis is de vereiste capaciteit 4 x = stuks. Hiervoor zijn = 13,2 machines nodig. Dit worden 14 machines N.B. Dit aantal moet bij deze problematiek altijd naar boven worden afgerond. Opgave Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal (Totaal) (12.000) Kwartaal 3 (net als kwartaal 2) eist de meeste capaciteit. Dit kwartaal vereist i.v.m. reservecapaciteit een capaciteit van 105 % van uur is 3.937,5 uur. Op jaarbasis is de vereiste capaciteit 4 x 3.937,5 = uur. Antwoorden hoofdstuk 6 3
4 Hiervoor zijn = 8,75 machines nodig. Dit worden 9 machines De rationele capaciteit is 9 x = machine-uren De rationele capaciteit is machine-uren De normale productie vereist machine-uren b. Rationele overcapaciteit machine-uren c. Bovendien nodig i.v.m. ondeelbaarheid machines uur 450 uur door ondeelbaarheid machines Bovendien nodig i.v.m. reservecapaciteit (4 x 3.937,5) uur 750 uur door reservecapaciteit Benodigd door seizoen (4 x 3.750) Normale productie vereist N.B. Dit schema lezen van onderen naar boven uur uur uur door seizoensinvloed d. Men heeft onnodig 1 machine aangeschaft. Dit betekent een verlies van op jaarbasis. N.B. van de constante machinekosten mogen uitsluitend de kosten, behorend bij de rationele capaciteit in de kostprijs. e. Machine-uurtarief: 9 x = = 25 N W Opgave Voor oktober geldt: x Tv = Voor februari geldt: x Tv = Verschil: x Tv = Tv is : = 14 Substitutie, bijvoorbeeld bij oktober geeft: x 14 = = = Opgave Voor week 7 geldt: x Tv = Voor week 11 geldt: x Tv = Verschil: x Tv = Tv is : = 7,95 Substitutie, bijvoorbeeld bij week 11 geeft: x 7,95 = = ,50 = ,50 Antwoorden hoofdstuk 6 4
5 Opgave = 2,40 + 2,20 = 4,60 N W Variabele loonkosten per product (niet in overuren): = 1, Variabele loonkosten bij incidentele order per product: 150% van 1,50 = 2,25 Overige variabele kosten per product: = 0, Pakhuishuur: : = 0,75 b. Differentiële kostprijs 3,70 Opgave Differentiële kostprijs: = b. Differentiële kostprijs: = Opgave Kostprijs per km: = 2,55+ 0,65 = 3,20 N W Deze kostprijs is mede gebaseerd op de gemiddelde beladingsgraad van 80 % van 10 ton is 8 ton. Dus 1 km met 8 ton belading kost 3,20; 1 km met 1 ton belading (dit is de ton/kilometer) kost 3,20 : 8 = 0,40 b. Kostprijs per ton/km is dus 0,40. Aan klanten wordt 160 % van 0,40 = 0,64 in rekening gebracht. N.V. Laks geeft een opdracht voor 6 x 210 = ton/kilometer. c. Hiervoor moet Laks x 0,64 = 806,40 betalen. Opgave Begrote constante kosten voor dit jaar: 110 % van = Begrote variabele kosten bij stuks zijn 106 % van = = 24, ,72 = 37,14 N W N.B. de variabele kosten variëren met de productie, dus kunnen we gerust een hoeveelheid van stuks noteren. Je kunt ook stuks noteren, maar dan zijn de totale begrote variabele kosten x 0,95 x 1,06 = Tv blijft : = 12,72 Antwoorden hoofdstuk 6 5
6 Opgave De kostprijs van het product wordt als volgt berekend: = ,25 = 31,25 N W Verwacht verkoopresultaat: x ( 40 31,25) = Opgave Het tarief voor de constante kosten per eenheid, Tc is 18,50 4 = 14,50 = 14,50 is x 14,50 = Totale variabele kosten: x 4 = Totale kosten b. Omzet x 24 = onstante kosten Variabele kosten: x 4 = Totale kosten Winst c. Verkoopresultaat: x ( 24 18,50) = Onderbezetting is ( ) x 14,50 = Totale winst Opgave Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal (Totaal) ( ) Kwartaal 4 eist de meeste capaciteit. Dit kwartaal vereist i.v.m. reservecapaciteit een capaciteit van 108 % van stuks is stuks. Op jaarbasis is een capaciteit vereist voor 4 x = stuks. Hiervoor zijn = 23,26 machines nodig. Dit worden 24 machines Antwoorden hoofdstuk 6 6
7 De rationele capaciteit is 24 x = stuks De normale productie is stuks b. Rationele overcapaciteit stuks c. Bovendien nodig i.v.m. ondeelbaarheid machines st Bovendien nodig i.v.m. reservecapaciteit (4 x ) st Benodigd door seizoen ( 4 x ) Normale productie vereist N.B. Dit schema lezen van onderen naar boven st st st door ondeelbaarheid machines st door reservecapaciteit st door seizoensinvloed d. Men heeft onnodig 2 machines aangeschaft. Dit betekent een verlies van 2 x = op jaarbasis. N.B. van de constante machinekosten mogen uitsluitend de kosten, behorend bij de rationele capaciteit in de kostprijs. e. Machine-uurtarief: Tv = 24 x ,20 = 5,60 + 4,20 = 9,80 N Opgave Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal (Totaal) ( ) Kwartaal 1 eist de meeste capaciteit. Dit kwartaal vereist i.v.m. reservecapaciteit een capaciteit van 112,5 % van stuks is stuks. Op jaarbasis is een capaciteit vereist voor 4 x = stuks. Anders dan hiervoor zijn er verschillende mogelijkheden om capaciteit van stuks te verkrijgen. De realistische mogelijkheden zijn: 2 machines A, (capaciteit stuks) 1 machine, (capaciteit stuks) Aangezien wij streven naar de laagste kosten gaan wij voor 2 machines A, constante kosten in plaats van , 1 machine. De rationale capaciteit is stuks. Antwoorden hoofdstuk 6 7
8 b. Kostprijs: Tv = 2 x = = 22 N Opgave Voor week 7 geldt: x Tv = Voor week 11 geldt: x Tv = Verschil: x Tv = Tv is : = 8,20 Substitutie, bijvoorbeeld bij week 11 geeft: x 8,20 = = = Opgave Integrale kostprijs: : = 45,83 b. Differentiële kostprijs: = 57, c. Differentiële kostprijs: = 58, Opgave Kostprijs per km: = 1,85+ 0,58 = 2,43 N W Deze kostprijs is mede gebaseerd op de gemiddelde beladingsgraad van 75 % van 12 ton is 9 ton. b. Kostprijs per ton/km is 2,43: 9 = 0,27 Aan klanten wordt 0,27 + 0,23 = 0,50 in rekening gebracht. Petersen geeft een opdracht voor 9 x 156 = ton/kilometer. c. Hiervoor moet Petersen x 0,50 = 702 betalen. Antwoorden hoofdstuk 6 8
De normale afzet van Verhoeven, uitgedrukt in ton/km per jaar, is als volgt verdeeld:
MA1 Oefententamen 3 Opgave 1 Verhoeven bv is een middelgrote transportonderneming die vrachten vervoert binnen Nederland voor diverse klanten. De onderneming heeft plannen om haar vrachtwagens te vervangen
Antwoorden hoofdstuk 14
Antwoorden hoofdstuk 14 Opgave 14.1 35.000 x 27 = 945.000 Variabele kosten: 35.000 x 12 = 420.000 Dekkingsbijdrage: 525.000 Constante kosten: 420.000 Winst: 105.000 Opgave 14.2 28.500 x 35 = 997.500 Variabele
UITWERKINGEN OPGAVEN OEFENEXAMEN 1 ASSOCIATIE MBA-KC
UITWERKINGEN OPGAVEN OEFENEXAMEN 1 ASSOCIATIE MBA-KC Opgave 1 Antwoord A Economische voorraad is: Voorinkopen + aanwezige voorraad voorverkopen Antwoord A = Economische voorraad plus voorverkopen voorinkopen
UITWERKINGEN OPGAVEN
HOOFDSTUK 10 Opgave 1 a. Bereken het begrote bedrijfsresultaat. Verwachte bedrijfsresultaat Omzet 170 12.000 2.040.000 Variabelekosten 75 12.000 900.000 Constante kosten 550.000 + 1.450.000 - Verwachte
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8
HOOFDSTUK 8 Opgave 1 a. Waarom zijn er bij een bedrijf met massaproductie waar maar één product gemaakt wordt geen indirecte kosten? Het kenmerk van indirecte kosten is dat er geen direct verband is te
Opgave 9.5 Variabele kosten per stuk: / = 3,75 Totale variabele kosten bij eenheden: ,75 =
Opgave 9.1 Normale productie is: 70% 12.000 = 8.400 eenheden Overbezetting is: 10.800-8.400 = 2.400 eenheden Opgave 9.2 a. Onderbezetting bij productie: 20.000-18.000 = 2.000 eenheden b. Onderbezetting
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10 Opgave 1 Onderneming De groene wand maakt geluidswallen waarin beplanting is opgenomen. Voor 2020 is de volgende begroting samengesteld. Constante fabricagekosten 450.000
ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10
ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10 Opgave 1 Onderneming De groene wand maakt geluidswallen waarin beplanting is opgenomen. Voor 2020 is de volgende begroting samengesteld. Constante fabricagekosten 450.000
1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat
1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat 1.1 Inleiding In het Basisboek Bedrijfseconomie heb je al veel geleerd over hoe de prijs van een product tot stand komt. De eerste hoofdstukken in dat boek
De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten
De kostprijs en capaciteiten De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten 1 De kostprijs Kostprijs Constante of vaste kosten: Kosten die in een bepaalde periode
2. Bepaal de omvang van de rationele overcapaciteit en splits deze uit naar de gebruikelijke oorzaken.
MA1 Oefententamen 4 Opgave 1 Energieleverancier ElNed NV wil een windmolenpark realiseren in het IJsselmeer. De productie van stroom is vooral afhankelijk van de windsterkte. ElNed wil jaarlijks 275 miljoen
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8 Opgave 1 a. Wat is het belangrijkste kenmerk van constante kosten? Constante kosten zijn niet gevoelig voor een toename of afname van de bedrijfsdrukte. Zolang dit binnen
Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke productie/afzet.
www.jooplengkeek.nl Nacalculatie bij homogene productie Berekening van het bedrijfsresultaat Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke
Opgave 2 a. Met welke formule berekenen we de integrale kostprijs? b. Hoe noemen we integrale kostprijsberekening ook wel?
Opgaven paragraaf 1.9.1 en 1.9.2 a. Wat wordt verstaan onder direct costing? b. Hoe wordt direct costing ook wel genoemd? c. Wat is de essentie waarom een onderneming kiest voor direct costing? a. Met
OPGAVEN HOOFDSTUK 6 ANTWOORDEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 6 ANTWOORDEN Opgave 1 Jansen heeft een maakt en verkoopt product P11. De verkoopprijs van het product is 60 exclusief btw. De inkoopprijs van het product is 28. De overige variabele kosten
De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten. dinsdag 14 juni 2016
De kostprijs en capaciteiten De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten 1 De kostprijs Kostprijs Constante of vaste kosten: Kosten die in een bepaalde periode
Examen PC 2 Accounting 1
Examen PC 2 Accounting 1 Instructieblad Examen : Professional Controller 2 leergang 11 Vak : Accounting 1 Datum : 18 december 2014 Tijd : 12.00 13.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen
Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave COST & MANAGEMENTACCOUNTING VRIJDAG 19 JUNI 2015 9.00-11.00 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer
Opgave 6.2. PDB Kostencalculatie Uitwerkingen hoofdstuk 6. Opgave 6.1
PDB Kostencalculatie Uitwerkingen hoofdstuk 6 Opgave 6.1 a. C/N = 80.000 / 20.000 = 4 V/B = 189.000 / 18.000 = 10,50 + Fabricagekostprijs 14,50 b. Fabricagekostprijs 14,50 C/N = 30.000 / 20.000 = 1,50
SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 6 OKTOBER UUR
SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 6 OKTOBER 2015 11.45-13.45 UUR Indien een kandidaat tot eenzelfde antwoord komt als opgenomen in dit correctiemodel maar waarbij
2 Constante en variabele kosten
2 Constante en variabele kosten 2.1 Inleiding Bij het starten van een nieuw bedrijf zal de ondernemer zich onder andere de vraag stellen welke capaciteit zijn bedrijf moet hebben. Zal hij een productie/omzet
OPGAVEN HOOFDSTUK 6 UITWERKINGEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 6 UITWERKINGEN Opgave 1 Jansen heeft een maakt en verkoopt product P11. De verkoopprijs van het product is 60 exclusief btw. De inkoopprijs van het product is 28. De overige variabele
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8 Opgave 1 De zoon van Jansen schaft een duurzaam productiemiddel aan voor 544.500 inclusief btw. Naast de aanschafprijs moet de zoon van Jansen nog meer uitgaven doen om
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9
HOOFDSTUK 9 Opgave 1 a. Bereken de fabricagekostprijs van één product. Constante deel van het tarief: 500.000 2.500.000 = 0,20 Variabele deel van het tarief: 10 10 = 1 Totale fabricagekostprijs: 0,20 +
Kostencalculatie niveau 5 Correctiemodel voorbeeldexamen 2
Kostencalculatie niveau 5 Correctiemodel voorbeeldexamen 2 2017 Nederlandse Associatie voor Examinering Kostencalculatie niveau 5 1 / 9 Vraag 1 Toetsterm 3.5 - Beheersingsniveau: B - Aantal punten: 1 Welke
SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 15 DECEMBER UUR
SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 15 DECEMBER 2015 09.00 11.00 UUR Indien een kandidaat tot eenzelfde antwoord komt als opgenomen in dit correctiemodel maar waarbij
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden (PDB)
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden (PDB) Kostprijscalculatie 26 januari 2013 Beschikbare tijd 2 uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient,
ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8
ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8 Opgave 1 De zoon van Jansen schaft een duurzaam productiemiddel aan voor 544.500 inclusief btw. Naast de aanschafprijs moet de zoon van Jansen nog meer uitgaven doen om het
Hoofdstuk 26 Kosten en resultaten in de industriële onderneming Diagn.Toets
Hoofdstuk 26 Kosten en resultaten in de industriële onderneming Diagn.Toets Opgave 1 Aangezien de aanschaf van een bietenrooimachine voor een individuele landbouwer te kostbaar is, schakelen landbouwers
Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 15 DECEMBER 2015 09.00 11.00 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer
Direct costing en break even analyse
6 hoofdstuk Direct costing en breakevenanalyse 6.1 D 6.2 B 6.3 A 6.4 D 6.5 D 6.6 C 6.7 B 6.8 A 6.9 C 6.10 B 6.11 B 1.440.000 / 4.800 = 300 6.12 A 4.800 700 1.440.000 1.000.000 = 920.000 6.13 C 1.000.000
Hoofdstuk 26 Kosten en resultaten in de industriële onderneming
Hoofdstuk 26 Kosten en resultaten in de industriële onderneming De kostensoorten van een industriële onderneming zijn: grondstofkosten, arbeidskosten, overige variabele kosten, kosten van duurzame productiemiddelen,
PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie
PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie Beschikbare tijd 2 uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient, tezamen
OPGAVEN HOOFDSTUK 3 ANTWOORDEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 3 ANTWOORDEN Opgave 1 a. Waarom is het vaststellen van de standaardkostprijs belangrijk? Noem drie redenen. Wanneer een onderneming een product op de markt brengt, moet vooraf worden
Voorraadwaardering. Fabricagekosten: = = 25 => fabricage kostprijs
Les 1 2 methoden van kostprijsberekening I (AC) absorption costing => integrale methode, zowel variabele- als vaste kosten worden meegenomen C + V N W II (DC) Variabele kostprijsmethode => direct costing,
Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m 30. 15 juni 2009 proeftoets 100 minuten. In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.
Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m 30 15 juni 2009 proeftoets 100 minuten Opgave 1 In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing. Firma Balans produceert uitsluitend twee typen weegschalen,
OPGAVEN HOOFDSTUK 5 UITWERKINGEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 5 UITWERKINGEN Opgave 1 Mevrouw Van Driel maakt product Z207. Voor 2018 zijn de volgende gegevens begroot: Begrote toegestane constante kosten 200.000 Verwachte totale variabele kosten
OPGAVEN HOOFDSTUK 5 ANTWOORDEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 5 ANTWOORDEN Opgave 1 Mevrouw Van Driel maakt product Z207. Voor 2018 zijn de volgende gegevens begroot: Begrote toegestane constante kosten 200.000 Verwachte totale variabele kosten
De break-evenanalyse. De break-evenanalyse De veiligheidsmarge Het indifferentiepunt Differentiële kosten
De break-evenanalyse De veiligheidsmarge Het indifferentiepunt Differentiële kosten 1 Break-evenanalyse Bij het break-evenpunt zijn de totale opbrengsten gelijk aan de totale kosten. Met andere woorden
Fabricage kosten Grondstoffen Machinekosten Loon productiepersoneel Hulpafdelingen (onderhoud/magazijn) Deze kosten zijn samen de fabricagekostprijs
www.jooplengkeek.nl Voorcalculatie Fabricage kosten Grondstoffen Machinekosten Loon productiepersoneel Hulpafdelingen (onderhoud/magazijn) Deze kosten zijn samen de fabricagekostprijs Verkoop kosten Reclamekosten
Examen VWO. economische wetenschappen II en recht (oude stijl)
economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Examen VWO Vragenboekje Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 19 mei 13.30 16.30 uur 20 04 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten
Dit voorbeeldexamen bestaat uit 20 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.
Kostencalculatie niveau 5 Examenopgaven Dit voorbeeldexamen bestaat uit 20 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Dit voorbeeldexamen bestaat uit de volgende documenten:
Bedrijfsadministratie Opgave 1 Fabrieksboekhouding 25 punten
Bedrijfsadministratie 45 punten Opgave 1 Fabrieksboekhouding 25 punten De industriële onderneming NV Sabi fabriceert het product ETZES. De voorraad grondstoffen administreert zij steeds tegen een vaste
5 Kosten en bedrijfsdrukte
Kosten en edrijfsdrukte hoofdstuk.1 D.2 B.3 C.4 A. C.6 D.7 D.8 C De constante kosten zijn 100.000. De variaele kosten zijn 7 per product. 100.000 7 = 9,0 40.000.9 C De constante kosten zijn 100.000. De
Het programma van vandaag
kostprijs Het programma van vandaag De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten De differentiële kostprijs De opslagmethode 1 De kostprijs Kostprijs Constante of vaste
Kostencalculatie niveau 5 Examenopgaven voorbeeldexamen 2
Kostencalculatie niveau 5 Examenopgaven voorbeeldexamen 2 Belangrijke informatie Dit voorbeeldexamen bestaat uit 20 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Dit examen
Vooraf lees de opdracht eerst heel rustig door. Analyseren is echt het halve werk. Want:
Massaproductie twee opdrachten uit Stoffels uitgeschreven Bundel De Industrie opdracht 39 Bundel De Industrie opdracht 41 Hieronder zijn twee opdrachten uit hoofdstuk 2 van De Industrie in (veel) woorden
Dit voorbeeldexamen bestaat uit 23 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.
Kostencalculatie niveau 5 Examenopgaven Dit voorbeeldexamen bestaat uit 23 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Dit voorbeeldexamen bestaat uit de volgende documenten:
opgave 1 Hoeveel bedraagt het opslagpercentage voor de indirecte kosten op de directe kosten die samenhangen met de reiskosten?
opgave 1 Hoeveel bedraagt het opslagpercentage voor de indirecte kosten op de directe kosten die samenhangen met de reiskosten? Opslagpercentage: indirecte kosten / directe kosten * 100% De indirecte kosten
Eindexamen m&o vwo 2001-II
4 Antwoordmodel Opgave Het boekresultaat (winst of verlies) dat ontstaat bij verkoop van vaste activa /deelnemingen. Niet, want in een beoordelingsgesprek staat de beoordeling van de prestaties van de
d. Contributiemarge: 160 ( 295 -/ /- 66) = Constante kosten /- Bedrijfsresultaat bij direct costing
PDB Kostencalculatie Uitwerkingen hoofdstuk 7 Opgave 7.1 a. Voorraad tuinbeelden Cupido op 1 oktober: 20 + 225 -/- 160 = 85 stuks b. Proportioneel variabele inkoopkosten 135 Proportioneel variabele verkoopkosten
2 Constante en variabele kosten
2 Constante en variabele kosten Opgaven paragraaf 2.2 en 2.3 Opgave 1 Van een onderneming zijn de volgende gegevens bekend: constante kosten 600.000, normale productie 40.000 stuks werkelijke productie
Break-evenanalyse Het break-evenpunt is de afzet waarbij geen winst maar ook geen verlies wordt gemaakt.
www.jooplengkeek.nl Break-evenanalyse Het break-evenpunt is de afzet waarbij geen winst maar ook geen verlies wordt gemaakt. De omzet is dus gelijk aan de kosten. Om het break-evenpunt te berekenen gaan
Heterogene productie (meerdere producten) De directe kosten hebben een rechtstreeks verband met de productie/verkoop van een product.
www.jooplengkeek.nl Heterogene productie (meerdere producten) Primitieve opslagmethode We splitsen de kosten in: Directe kosten Indirecte kosten belangrijk De directe kosten hebben een rechtstreeks verband
Antwoorden hoofdstuk 12
Antwoorden hoofdstuk 12 Opgave 12.1 De indirecte kosten waren 40.000 x 100 % = 40 % van het materiaalverbruik 100.000 De indirecte kosten waren 40.000 x 100 % = 20 % van de directe lonen. 200.000 c. De
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9
HOOFDSTUK 9 Opgave 1 a. Wat wordt bij de break-evenanalyse berekend? Hier wordt de afzet of omzet berekend wanneer geen sprake is van winst of verlies. b. Wat is de break-evenafzet? Dit is de afzet waarbij
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden Kostprijscalculatie 9 november 2013 Beschikbare tijd 2 uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient, tezamen
Samenvatting M&O De Industrie
Samenvatting M&O De Industrie Samenvatting door Y. 1310 woorden 5 juli 2017 8,9 4 keer beoordeeld Vak M&O De industrie Hoofdstuk 1 Kosten= de geldwaarde van alle noodzakelijk opgeofferde productiemiddelen
Cost & Managementaccounting. Vrijdag 24 juni uur
SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel Cost & Managementaccounting Vrijdag 24 juni 2016 09.00 11.00 uur Indien een kandidaat tot eenzelfde antwoord komt als opgenomen in dit correctiemodel, maar daarbij
Uitwerkingen hoofdstuk 4 Kostenindelingen en kostprijs
Uitwerkingen hoofdstuk 4 Kostenindelingen en kostprijs Opgave 4-2 Er is hier sprake van een onderneming die een bepaald type koffieautomaat produceert. Op grond van dit gegeven zal bepaald moeten worden
Het tentamen dien je te maken op het uitwerkingenpapier. Je doet dit als volgt!!
Toelichting Voor dit tentamen heb je ontvangen: 1. Een opgavenboekje 2. Uitwerkingenpapier. Het tentamen dien je te maken op het uitwerkingenpapier. Je doet dit als volgt!! 1. Je start iedere opgave op
Uitwerkingen proefexamen II PDB kostencalculatie
Uitwerkingen proefexamen II PDB kostencalculatie Vraag 1 Machinekosten: Machine inclusief 21% omzetbelasting 96.800. Dat is exclusief omzetbelasting 96.800 1,21 = 80.000 Installatiekosten van 10.000 horen
Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad?
Kostencalculatie Correctiemodel Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad? De technische voorraad a is de economische
Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo. Hoofdstuk 17 tot en met 28. Normering. Aantal punten x 9 + 1 = cijfer 63
Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo Hoofdstuk 17 tot en met 28 Normering Opgave 1 Opgave 1 Opgave 2 Opgave 4 Opgave 5 Opgave 6 Opgave 7 1: 2 punten 1: 2 punten a: 2 punten 1: 3 punten 1: 2
Let bij de correctie op doorwerkfouten! SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING VRIJDAG 24 JUNI
SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel COST & MANAGEMENTACCOUNTING VRIJDAG 24 JUNI 2016 09.00 11.00 UUR Indien een kandidaat tot eenzelfde antwoord komt als opgenomen in dit correctiemodel, maar daarbij
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9
12.000 18.000 26.000 25.000 UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9 Opgave 1 a. Wat zijn de grote verschillen tussen financial- en operational leasing? Financial leasing Langlopende overeenkomst Leasetermijn
Opmerkingen vooraf aan het examen: Tenzij anders gemeld, hoeft u geen rekening te houden met btw.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave EXAMEN COST- EN MANAGEMENT ACCOUNTING DINSDAG 3 MAART 2015 11.45 UUR 13:45 UUR Belangrijke informatie Dit examen bestaat uit de volgende documenten: examenopgaven;
Elementaire Bedrijfseconomie. Uitwerkingen bij het werkboek. Prof. dr. R. Slot Drs. G.H. Minnaar. Zevende druk. Stenfert Kroese Groningen
Elementaire Bedrijfseconomie Uitwerkingen bij het werkboek Prof. dr. R. Slot Drs. G.H. Minnaar Zevende druk Stenfert Kroese Groningen Wolters-Noordhoff bv voert voor het hoger onderwijs de imprints Wolters-Noordhoff,
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 5
HOOFDSTUK 5 Opgave 1 a. Wat is het belangrijkste kenmerk van constante kosten? Constante kosten zijn niet gevoelig voor een toename of afname van de bedrijfsdrukte. Zolang dit binnen bepaalde grenzen valt.
Deze examenopgave bestaat uit 11 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 5 opgaven en omvat 26 vragen.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave JAARREKENING DINSDAG 20 DECEMBER 2016 12.15-15.15 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 11 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat
SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel JAARREKENING DINSDAG 20 DECEMBER UUR. SPD Bedrijfsadministratie Jaarrekening B / 9
SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel JAARREKENING DINSDAG 20 DECEMBER 2016 12.15-15.15 UUR SPD Bedrijfsadministratie Jaarrekening B / 9 2016 NGO-ENS B / 9 Opgave 1 (50 punten) Vraag 1 Vraag 2 Vraag
7 Directe en indirecte kosten
7 Directe en indirecte kosten hoofdstuk 7.1 C 7.2 B 7.3 C 7.4 A 7.5 B 7.6 D 800 / 7.0 = 0,101 7.7 B 1.350 13,5 40 = 810 Opslag: 60 / 40 = 1,5 (150%) 7.8 A 2 35 + 10 15 + 0,50 2 35 = 255 7.9 B 12 + 10 +
1.9.2 Verschil tussen direct costing en integrale kostencalculatie
1.9 Direct costing 1.9.1 Direct costing en variabele-kostencalaculatie Direct costing (D.C.) of wel variabele kostencalculatie is de methode van kostencalculatie waarbij alleen de variabele kosten als
b. Materiaal Loonkosten Opslag indirecte kosten: 125%
Opgave 8.1 a. Indirecte kosten afhankelijk van de materiaalkosten: 500.000 100% = 125% 400.000 Opslag indirecte kosten: 125% 4.000 5.000 + 15.100 Opgave 8.2 a. Indirecte kosten afhankelijk van de directe
Deze uitwerkingen horen bij het boek Examentraining basiskennis Calculatie BKC van de uitgeverij OBCO, ISBN VERSIE 2 dd
Deze uitwerkingen horen bij het boek Examentraining basiskennis Calculatie BKC van de uitgeverij OBCO, ISBN 978-94-92705-01-3 VERSIE 2 dd 04-07-2018 1 Examentraining 1 Opgave 1 Opgave 2 Opgave 3 De juiste
Hoofdstuk 1 Management accounting: plaatsbepaling en ontwikkeling
Hoofdstuk 1 Management accounting: plaatsbepaling en ontwikkeling Meerkeuzevraag 1.8 Eigen vermogen 31 december 220.000 Eigen vermogen 1 januari 250.000 -- Vermogenstoename 30.000 Onttrekkingen 70.000
2 Kostprijsberekening en opslagmethode
2 Kostprijsberekening en opslagmethode 2.1 Inleiding In het Basisboek Bedrijfseconomie hebben we al uitgebreid stilgestaan bij het bepalen van de kostprijs. We hebben kennisgemaakt met directe en indirecte
Omschrijf wat er verstaan wordt onder proportioneel variabele kosten.
1 M1 Oefententamen 2 OPGV 1 Halstra V is een onderneming die onderdelen produceert voor de auto industrie. Halstra heeft zich sterk gespecialiseerd op een bepaald type onderdeel en daarom kan worden gesteld
Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave JAARREKENING DONDERDAG 5 MAART 2015 08:45 UUR 11:45 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle
Zie de hierachter opgenomen opgave, waarachter je ook de antwoorden ziet.
Constante en variabele machinekosten Aantekeningen bij examenopgave 2012-I-4 opgaven uit Management en Organisatie in Balans Het is en blijft een lastig onderwerp, alles wat te maken heeft met machinekosten,
www.jooplengkeek.nl Kostensoorten
www.jooplengkeek.nl Kostensoorten Grondstoffen Arbeid Overige variabele kosten Duurzame productiemiddelen Grond Diensten van derden Belastingen Financiering 1 Kostensoorten Financiering Financieringskosten
Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.
PDB KOSTENCALCULATIE 4 OEFENEXAMEN 3 Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Het aantal te behalen punten is 38. Bij elke vraag staat aangegeven
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden (PDB)
EXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden (PDB) Kostprijscalculatie 18 januari 2014 Beschikbare tijd 2 uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient,
Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur
Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - een case met 12 open
Case bungalow park. Opgave 1
Case bungalow park Opgave 1 Geef een oordeel over de liquiditeit. Kan je op korte termijn je schulden betalen? Wat moet je op korte termijn betalen? Het kort vreemd vermogen. Wat heb je op korte termijn
Vraag 1 Toetsterm Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad?
Kostencalculatie Correctiemodel Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad? De technische voorraad a is de economische
Bedrijfsadministratie
MINISTERIE VAN ONDERWIJS EN VOLKSONTWIKKELING VAK : ECONOMIE II DATUM : WOENSDAG 24 JUNI 2015 TIJD : 7.45 10.45 UUR UNIFORM EINDEXAMEN VWO 2015 tevens 1 e ZITTING STAATSEXAMEN 2015 Aantal opgaven bij dit
PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 22 EN 23 JUNI 2010
FINANCIËLE ADMINISTRATIE LEGRO BV PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 22 EN 23 JUNI 2010 1. Gelijke perioden waardoor de perioden eerlijker met elkaar kunnen worden vergeleken
Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.
SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave COST & MANAGEMENTACCOUNTING DINSDAG 6 OKTOBER 2015 11.45 13.45 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer
OPGAVEN HOOFDSTUK 7 ANTWOORDEN
OPGAVEN HOOFDSTUK 7 ANTWOORDEN Opgave 1 a. Leg uit waarom het efficiencyresultaat van de grondstoffen iets anders is dan het efficiencyresultaat van het afval. Het efficiencyresultaat van de grondstoffen
De kostenplaatsenmethode en Activity Based Costing
8 hoofdstuk De kostenplaatsenmethode en Activity Based Costing 8.1 A 8.2 C 8.3 D 8.4 C 8.5 B 8.6 D 8.7 C 8.8 B 8.9 D 8.10 A (220.000 / 4.000) 1.400 = 77.000 8.11 C (4.500 + 25 + 110 + 145 + 710) 1.000
Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl)
Economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Vrijdag 20 juni 10.00 13.00 20 03 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen; het
Samenvatting door Sabien 1939 woorden 15 juni keer beoordeeld
Samenvatting door Sabien 1939 woorden 15 juni 2014 6 10 keer beoordeeld Vak Methode M&O In balans Management en Organisatie Hoofdstuk 26 paragraaf 1 'Kostensoorten' Kostensoorten binnen een industriële
Samengevat bereken je de nettowinst van een onderneming zo:
4.4 Bedrijfsresultaat Voor een retailer is het van belang wat het bedrijfsresultaat of nettowinst is van zijn onderneming. Het bedrijfsresultaat is namelijk dat wat van je omzet overblijft als je alle
Case study 1: Contributiemarge
Case study 1: Contributiemarge 1) Wat vind je van de manier van berekenen van de kostprijs per eenheid door de financiële directeur. Wat vind je goed, wat mindergoed? Hoe zou je het eventueel anders doen
Eindexamen m&o vwo 2007-II
Beoordelingsmodel Opgave 1 1 maximumscore 1 product maximumscore 1 De regels van FNLI zijn strenger dan de internationale richtlijnen waardoor er minder producten onder een gezond-logo geplaatst kunnen
Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.
PDB kostencalculatie 4 Oefenexamen 2 Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Het aantal te behalen punten is 38. Bij elke vraag staat aangegeven
