Jaardocument. Medisch Centrum Haaglanden

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Jaardocument. Medisch Centrum Haaglanden"

Transcriptie

1 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2014

2 Inhoudsopgave Pagina 1 Voorwoord 4 2 Strategie en beleid Profiel van de organisatie Missie en visie Strategisch beleidsplan 9 3 Leiderschap Besturingsmodel Raad van bestuur Raad van toezicht Vereniging Medische Staf (VMS) Patiëntenadviesraad (PAR) Ondernemingsraad (OR) Verpleegkundige AdviesRaad (VAR) 29 4 Management van processen Kwaliteit van zorg Patiëntveiligheid Zorgprocessen Instrumenten patiënttevredenheid Risicomanagement Wetenschappelijk onderzoek en opleidingen Samenleving en milieu 50 5 Management van middelen Financieel beleid Salesbeleid/Verkoop ICT en informatievoorziening Bouw en renovatie Gebouwen, installaties en kritische systemen 61 6 Management van medewerkers Personeelsbeleid Arbeidsomstandigheden Klokkenluidersregeling 66 7 Klanten en partners Klachten Melden van (bijna-)incidenten in de patiëntenzorg 71 8 Medewerkers Verloop en verzuim 74 2

3 9 Maatschappij Beoordeling door externe deskundigen Resultaten wetenschappelijk onderzoek Maatschappelijk verantwoord ondernemen Scores op speerpunten Keurmerken Persoonlijke onderscheidingen Resultaten dochters Stichting Diabetes Zorg Haaglanden (DZH) Apotheek MCH Lijnbaan BV West End Facility BV Express-so BV Lab West BV Jaarrekening Geconsolideerde jaarrekening Overige gegevens Bijlagen Zorgbrede Governancecode Nevenfuncties raad van bestuur Verdeling aandachtsgebieden raad van bestuur Personalia op 31 december Publicaties Promoties 194 DigiMV -via internet opvraagbaar- 3

4 1 Voorwoord In het verslagjaar werd de bestuurlijke fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo een feit en is de juridische fusie verder voorbereid. Per 1 januari 2015 zijn het MCH en Bronovo-Nebo juridisch gefuseerd. Wat betreft de zorg voor onze patiënten was 2014 een bijzonder jaar. We zijn erin geslaagd om de kwaliteit van onze patiëntenzorg weer aanzienlijk te verbeteren. Wij ontwikkelen ons tot een expertisecentrum voor borstkankerpatiënten. In oktober openden wij in MCH Antoniushove te Leidschendam de polikliniek voor borstkankerpatiënten. Hier is de zorg op maat en volledig rondom de patiënt georganiseerd. Eén ziekenhuislocatie waar medisch specialisten uit MCH en Bronovo, verpleegkundigen en laboranten samenwerken in een multidisciplinair team dat zich helemaal richt op borstkanker. Op het gebied van intra-operatieve radiotherapie (bestraling tijdens de operatie) zijn wij voorloper in Nederland, met inmiddels meer dan 300 behandelingen. MCH en Bronovo hechten grote waarde aan samenwerking in de regio, zodat ook in de toekomst alle benodigde medisch specialistische zorg aan de inwoners van de Haags-Leidse regio kan worden geboden. Samen met het LUMC hebben wij inmiddels het Universitair Kankercentrum Leiden-Den Haag (UKC) opgericht met twee locaties: MCH Antoniushove en LUMC. Het UKC zal de komende jaren uitgroeien tot één van de tien belangrijkste oncologische centra in Nederland. Met de fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo is er een groot topklinisch opleidingsziekenhuis in de Haagse regio ontstaan met drie ziekenhuislocaties en het verpleeghuis Nebo. In 2015 zal verder inhoud worden gegeven aan het enerzijds spreiden en anderzijds concentreren van specialistische zorg. Dit vraagt veel van iedereen in het ziekenhuis, maar levert ook veel op: betere patiëntenzorg, kansen voor innovatie, onderzoek en opleidingen. In 2014 promoveerden dertien medewerkers van ons ziekenhuis. Deze promoties zijn dikwijls gebaseerd op eigen klinisch onderzoek. Ook zijn in 2014 vier nieuwe erkenningen ontvangen, voor de opleiding tot geriatrieverpleegkundige, Medium Care Verpleegkundige, Radiodiagnostisch Laborant (duaal) en Deskundige Infectiepreventie. Als topklinisch ziekenhuis in een grootstedelijke omgeving kiezen wij voor passende speerpunten, zoals infectieziekten en acute zorg. In mei 2014 werd de eerste patiënt in Nederland met het MERScoronavirus in MCH Westeinde in strikte isolatie verpleegd. De afdelingen spoedeisende hulp (SEH) van het MCH en Bronovo samen ontvangen ca patiënten per jaar. Met bijna patiënten is de SEH van MCH Westeinde één van de grootste in Nederland. De komende jaren blijft onze opdracht om ziekenhuiszorg van topkwaliteit te leveren; vakbekwaam, gastvrij en toegewijd aan iedereen die dat nodig heeft. Op basis van de kwaliteiten en de inzet van een ieder in het MCH en Bronovo-Nebo, werken wij samen aan een nieuw perspectief voor onze patiënten. Paul Doop (voorzitter) Renée Barge 4

5 2 Strategie en beleid 2.1 Profiel van de organisatie In het verslagjaar is de bestuurlijke fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo gerealiseerd en de juridische fusie voorbereid. Een belangrijke stap voor beide ziekenhuizen, met als doel het kunnen blijven garanderen van de basisspecialistische, topklinische zorg en verpleeghuiszorg voor patiënten in de Haagse regio, vanuit de vertrouwde locaties MCH Westeinde, MCH Antoniushove, Bronovo en Nebo. De informatie in dit hoofdstuk heeft - uiteraard - voornamelijk betrekking op het MCH als zelfstandig ziekenhuis en daarnaast komt de samenwerking met Bronovo aan bod Uitgangspunten en algemene identificatiegegevens Het MCH heeft een directiejaarverslag opgesteld conform de richtlijn van Dutch Hospital Data (DHD). Uitgangspunt bij het opstellen van de cijfermatige bepaling is de WTZi (Wet Toelating Zorginstellingen). Algemene identificatiegegevens Naam verslagleggende rechtspersoon Stichting Medisch Centrum Haaglanden Adres Lijnbaan 32 Postcode 2512 VA Plaats Den Haag Telefoonnummer Identificatienummer Kamer van Koophandel (vanaf : ) adres [email protected] Website Het MCH in een notendop Het MCH levert op twee plekken in de Haagse regio medisch specialistische zorg die past bij een topklinisch ziekenhuis en bij de patiëntenpopulatie in de directe omgeving van beide ziekenhuizen. De multiculturele patiëntenpopulatie van de Haagse binnenstad, een sterk ontwikkelde acute zorg en een aantal topklinische functies horen bij MCH Westeinde. De bevolking van Leidschendam en omgeving kan rekenen op een breed palet aan algemene ziekenhuiszorg in MCH Antoniushove. De oncologische zorg is in MCH Antoniushove door concentratie steeds prominenter aanwezig. Naast twee ziekenhuislocaties heeft het MCH een aantal buitenpoli s. De gemeente Den Haag heeft meer dan inwoners en het Stadsgewest Haaglanden ruim één miljoen. De bevolking in het verzorgingsgebied van het MCH is de afgelopen jaren iets harder gegroeid dan landelijk. Deze groei, maar ook de samenstelling van de bevolking, heeft effect op de zorgvraag. 5

6 De populatie in de omgeving van MCH Westeinde is relatief jong met veel westerse en niet-westerse allochtonen. Deze patiëntengroepen kennen andere medische problemen dan de autochtone Nederlanders. Hiervoor is binnen het MCH specifieke kennis aanwezig. Uit gegevens van het MCH en die van de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) blijkt een toename in de vraag naar zorg bij patiënten met diabetes, hart- en vaatziekten, infectieziekten en chronische leveraandoeningen. In Leidschendam is voor MCH Antoniushove niet zo zeer de absolute bevolkingsgroei maar de vergrijzing de reden van een toenemende zorgvraag. Het aantal 65+ patiënten is in Leidschendam hoger dan het landelijk gemiddelde. Daarbij is er sprake van een toename van het aantal ouderen en een stijging van hun leeftijd. Ter illustratie: de gemiddelde leeftijd van de opgenomen patiënt in MCH Antoniushove is zes jaar hoger dan de gemiddelde leeftijd in MCH Westeinde. Door vergrijzing zal het aantal patiënten met ziektebeelden als beroerte, artrose, COPD, diabetes mellitus en verschillende vormen van kanker gaan toenemen. Het verzorgingsgebied voor met name de drie speerpunten - acute zorg, oncologie en infectieziekten - is deels bovenregionaal. Alle aan de speerpunten verwante specialismen of disciplines, zoals radiotherapie, spoedeisende hulp en intensive care, zijn sterk ontwikkeld. Kerngegevens Aantal opgenomen patiënten Aantal verpleegdagen Aantal dagopnames Specialismen en vergunningen Onderstaande tabellen geven de specialismen en vergunningen van het MCH weer. Specialismen in het MCH Anesthesiologie Neurologie Cardiologie Nucleaire geneeskunde Dermatologie Oogheelkunde Gynaecologie Orthopedie Heelkunde Pathologie Intensive Care Plastische chirurgie Interne Geneeskunde Psychiatrie Kaakchirurgie Radiologie Kindergeneeskunde Radiotherapie Klinische Neurofysiologie Reumatologie Keel-, Neus-, en Oorheelkunde Revalidatiegeneeskunde Longgeneeskunde Spoedeisende Hulp Maag-Darm-Leverziekten Sportgeneeskunde Medische microbiologie Urologie Neurochirurgie Ziekenhuisapotheek 6

7 Vergunningen WBMV Transplantaties niertransplantatie Nee harttranplantatie Nee longtransplantatie Nee levertransplantatie Nee pancreastransplantatie Nee transplantatie van dunne darm Nee haematopoëtische stamceltransplantatie Nee transplantatie van de eilandjes van Langerhans Nee Radiotherapie Ja Bijzondere neurochirurgie Ja Hartchirurgie openhartoperatie (OHO) Nee automatic implantable cardioverter-defibrillator (AICD) Ja ritmechirurgie Nee percutane transluminale coronaire angioplastiek Ja Klinisch genetisch onderzoek en erfelijkheidsadvisering Nee Neonatale intensive care Nee Aanwijzingen WBMV Pediatrische intensive care Nee Hemofiliebehandeling Nee Traumazorg Subcentrum LUMC Pijnrevalidatie en revalidatietechniek Nee HIV - behandelcentrum Nee Cockleaire implantaties Nee Uitnameteams en orgaandonaties Nee Kerngegevens capaciteit, personeel en opbrengsten Capaciteit per 31 december 2014 Aantal beschikbare bedden 525 waarvan wiegen 20 Personeel op 31 december 2014 Aantal personeelsleden in loondienst exclusief medisch specialisten Aantal FTE personeelsleden in loondienst exclusief medisch specialisten Aantal medisch specialisten (loondienst + inhuur + vrij beroep) 219 Bedrijfsopbrengsten (x 1.000) Totaal bedrijfsopbrengsten verslagjaar Resultaat boekjaar (x 1.000) Resultaat boekjaar Gemiddelde wachttijd Gemiddelde wachttijd voor opname in ,5 dag 7

8 2.2 Missie en visie Missie Het MCH heeft een tweeledige missie: Het MCH levert medisch-specialistische zorg met passie, passend bij een topklinisch ziekenhuis en bij de patiëntenpopulatie in de directe omgeving van beide ziekenhuizen; Als STZ-ziekenhuis behandelt het MCH ook patiënten buiten het directe verzorgingsgebied en worden er specialisten, verpleegkundigen en andere medewerkers opgeleid. Ook initieert het MCH klinisch wetenschappelijk onderzoek en participeert het hierin. Het MCH heeft bovendien een belangrijke rol in de regionale afstemming met andere ziekenhuizen op het gebied van concentratie en spreiding van zorg. Visie De centrale doelstelling van het MCH is het leveren van ziekenhuiszorg van topkwaliteit. We doen dat vakbekwaam en toegewijd aan iedereen die dat nodig heeft. Om deze doelstelling te realiseren, gebruiken wij KICK : Kwaliteit Het MCH levert patiëntenzorg van uitstekende kwaliteit. Opleiding en wetenschap spelen hierin een heel belangrijke rol. De MCH er stelt hoge eisen aan de kwaliteit van het eigen werk en dat van anderen. Initiatief Specialisten en medewerkers zijn constant op zoek naar verbetering, ook om nieuwe ontwikkelingen mogelijk te maken. Dit maakt het interessant om in het MCH te werken. De MCH er neemt zelf initiatief en zoekt naar kansen om de zorg te verbeteren. Creativiteit De MCH er gaat op een originele, niet altijd voor de hand liggende wijze om met de vragen die op hem of haar afkomen, zowel in de directe patiëntenzorg als daarbuiten. Klantgerichtheid Het MCH is een ziekenhuis dat tegemoetkomt aan de behoeften, verwachtingen en wensen van patiënten, bezoekers, verwijzers en medewerkers. Het MCH is een stichting met katholieke signatuur, waar iedereen welkom is, ongeacht de levensbeschouwing. 8

9 2.3 Strategisch beleidsplan In het voorjaar van 2012 verscheen het strategisch beleidsplan Zorg met Passie III, dat de raad van bestuur en het stafbestuur gezamenlijk hebben opgesteld en ook in 2014 van kracht was. Pijlers van de strategie zijn: 1. Algemene ziekenhuiszorg Ziekenhuisbreed bestaat de meeste zorg uit algemene ziekenhuiszorg. Om een aantal redenen is deze zorg van groot belang: voor mensen die rondom onze ziekenhuizen wonen; om comorbiditeit te kunnen herkennen en behandelen, want daarvoor is een breed palet aan zorg noodzakelijk; om te voldoen aan de eisen van de opleidingen die wij in huis hebben of willen verkrijgen (opleidingen vragen om een mix van specifieke en algemene ziekenhuiszorg om zo algemene en specifieke kennis te ontwikkelen); voor voldoende vraag naar en daarmee het behoud van onze topklinische functies. Het MCH garandeert een hoog niveau van algemene ziekenhuiszorg, wil minimaal het huidige marktaandeel behouden en ervoor zorgen dat patiënten en verwijzers tevreden zijn over de geleverde zorg. 2. Meer focus op topklinische functie Het MCH is een topklinisch opleidingsziekenhuis voor de Haags-Leidse regio. Onderstaande kenmerken zijn hierbij voor ons van belang: De topklinische functie houdt in dat het MCH hoogwaardige zorg biedt aan patiënten van binnen en buiten onze regio. Kwaliteit van zorg en topklinische functies zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het is voor patiënten, specialisten en medewerkers herkenbaar dat zorg van topklinisch niveau wordt geboden. Ook zijn specialisten en medewerkers trots op het leveren van topklinische zorg; Ambitieuze specialisten en medewerkers met specifieke kennis en kunde zullen eerder kiezen voor een topklinisch ziekenhuis. Door de ambitie van specialisten en medewerkers is het mogelijk om zeer goede algemene ziekenhuiszorg en topklinische zorg te bieden. Werken in het MCH is interessant en afwisselend, zeker in combinatie met de opleidingen, mogelijkheden voor klinisch wetenschappelijk onderzoek en de patiëntenpopulatie; Opleiding is onlosmakelijk verbonden aan een topklinisch ziekenhuis. Het MCH vindt het belangrijk dat in ieder geval de specialismen met een topklinische functie een medischspecialistische opleiding hebben. Het topklinische aspect maakt deze opleidingen aantrekkelijk voor artsen in opleiding tot specialist, coassistenten, verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en andere zorgprofessionals. Daarnaast vormen opleidingsvisitaties een belangrijke kwaliteitsimpuls voor het MCH; 9

10 Het MCH vindt het noodzakelijk om voor deze topklinische functies goed klinisch wetenschappelijk onderzoek te doen. Het MCH doet dit alleen, of in samenwerking met - meestal - een universitair medisch centrum. Het MCH werkt hierbij vooral samen met het LUMC. 3. Aanscherping speerpunten Met speerpunten wordt een accent aangebracht in de patiëntenzorg. Hiermee onderscheidt het MCH zich binnen de Haags-Leidse regio en daarbuiten. De speerpunten betreffen altijd een bundeling van specialismen, die passen bij de voorgeschiedenis van het MCH, de demografie van het verzorgingsgebied en de expertise van specialisten en medewerkers. De aangescherpte speerpunten binnen de algemene ziekenhuiszorg en topklinische functies zijn: acute zorg, oncologie en infectieziekten. Acute zorg Het MCH heeft bijzondere expertise op het gebied van traumazorg (mono- en polytrauma s), neurovasculaire zorg (hersenbloedingen en hersenschedelletsel) en acute heelkunde (vaatchirurgie en buikchirurgie). Deze drie vormen, met verloskunde en de Medisch Psychiatrische Unit, het speerpunt acute zorg. De afdeling SEH van MCH Westeinde is een van de grootste van Nederland en behandelt het hoogste aantal patiënten met een polytrauma in de regio Den Haag. Ook is deze afdeling toonaangevend op het gebied van verpleegkundig en medisch wetenschappelijk onderzoek. Uit het jaarlijks onderzoek van de ambulancediensten naar de kwaliteit van de SEH-afdelingen in de regio Den Haag, komt de afdeling SEH van MCH Westeinde steevast als beste uit de bus. Ook vervult de afdeling landelijk een voortrekkersrol in de aanpak van maatschappelijke problemen, zoals kindermishandeling en overmatig alcoholgebruik bij volwassenen. In het verslagjaar heeft het MCH met het Bronovo, andere zorgaanbieders in de regio en zorgverzekeraars gesprekken gevoerd over de reorganisatie van de acute zorg in de komende jaren. In 2014 is een plan ontwikkeld om tot harmonisatie van de SEH-afdelingen van MCH Westeinde, MCH Antoniushove en Bronovo te komen. Elke SEH krijgt zijn eigen profiel. Op de SEH van Bronovo kunnen patiënten terecht voor niet-complexe acute zorg. De SEH van MCH Westeinde blijft het adres voor complexe acute zorg. De SEH van MCH Antoniushove wordt in samenwerking met de huisartsen een 24/7 post voor niet-complexe acute zorg. Er blijven SEH-artsen werkzaam in MCH Antoniushove. Per 1 februari 2015 rijden alleen nog ambulances meer met verwezen patiënten naar MCH Antoniushove. Oncologie Oncologische zorg wordt zowel in MCH Westeinde en MCH Antoniushove als op de locatie van fusiepartner Bronovo aangeboden. Concentratie van laag volume oncologische chirurgie leidt tot kwaliteitsvoordeel. Daarom is het MCH in 2012 begonnen met de concentratie van oncologische chirurgie. Steeds meer oncologie wordt geconcentreerd in MCH Antoniushove, evenals radiotherapie vanaf medio

11 In oktober 2014 is de gezamenlijke mammapoli van het MCH en Bronovo van start gegaan in MCH Antoniushove in Leidschendam, en met succes. De mammapoli is alle dagen van de week geopend. De poli trekt patiënten uit de hele Haagse regio. Het afgelopen jaar is een intentieverklaring met het LUMC gesloten om te komen tot een Universitair Kankercentrum Leiden - Den Haag. Zie verder onder punt 6. van deze paragraaf. Infectieziekten Door toegenomen migratie en reizen naar andere landen komen er onder patiënten meer en nieuwe infectieziekten voor. Het MCH heeft onder andere te maken met de infectieziekten HIV, hepatitis, TBC, SOA en in toenemende mate infecties met resistente bacteriën. In mei 2014 is in het MCH de eerste Nederlandse patiënt met het MERS-coronavirus gediagnosticeerd en verpleegd, zie paragraaf 9.4. De laatste jaren heeft het MCH meer medisch specialisten aangetrokken met specifieke kennis en kunde van infectieziekten. In het verslagjaar hebben vier medewerkers de opleiding tot ziekenhuishygiënist afgerond. Dat stelt het MCH in staat meer aandacht te besteden aan infectiepreventie op de werkvloer. 4. Concentratie en spreiding in de zorg Concentratie van zorg bij complexe en weinig voorkomende behandelingen leidt tot kwalitatief betere zorg, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Wetenschappelijke verenigingen stellen steeds vaker volumenormen op als kwaliteitsmaatstaf voor weinig voorkomende behandelingen. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) neemt deze over en verzekeraars gebruiken deze volumenormen om zorg selectief in te kopen. Patiënten zijn bereid om verder te reizen voor betere zorg, zeker als de behandeling ingrijpend is. Voor minder ingrijpende behandelingen willen patiënten goede zorg dichtbij huis. Dat vraagt om het opzetten van netwerken tussen ziekenhuizen. Het MCH speelt hierop in met de vorming van een oncologisch netwerk bij bepaalde kankersoorten, met de ziekenhuizen Bronovo en LUMC. Ook binnen de Coöperatie speelt het MCH hierop in, zie onder andere de acute zorg en de oncologie. Het MCH ziet ook risico s in het toenemende sturen op volumenormen boven de door de wetenschappelijke verenigingen vastgestelde normen, met gedwongen concentratie tot gevolg. Er zijn grenzen aan de kwaliteitsverbetering die hiermee behaald kan worden en in bepaalde gevallen kan het de continuïteit van de zorg onnodig schaden. Daarom is het MCH waakzaam op deze ontwikkeling. 5. Inzet nieuwe functies in patiëntenzorg Ziekenhuisarts Het MCH vindt het belangrijk 24 uur per dag goede medische zorg te leveren. Om die reden wordt sinds 2013 een nieuwe beroepsgroep opgeleid: de ziekenhuisarts. Dit zijn basisartsen die een brede aanvullende driejarige opleiding krijgen. De opleiding bestaat uit een aantal stages bij de grootste specialismen en een daarop gericht onderwijsprogramma. Kwaliteit van zorg en patiëntveiligheid vormen de rode draad in de opleiding. De ziekenhuisarts werkt een langere periode op een afdeling 11

12 en is vast aanspreekpunt voor patiënt en verpleging. Inmiddels zijn er veertien ziekenhuisartsen in opleiding. Verpleegkundig specialist en physician assistant Er is een groot aantal verpleegkundig specialisten en physician assistants werkzaam in het MCH. In het verslagjaar is het kader voorbereid waarbinnen deze beroepsgroep hun wettelijke bevoegdheid om medicatie voor te schrijven kan invullen. 6. Samenwerkingsverbanden en projecten De belangrijkste samenwerking is die met fusiepartner Bronovo. Inmiddels is de behandeling van liesbreuken en galblazen geconcentreerd op één locatie, zodat het proces helemaal op de patient kan worden afgestemd. Verschillende andere behandelingen zullen in 2015 ook op die manier worden uitgevoerd. Ook is de gezamenlijk B-opleiding cardiologie aangevraagd en de harmonisatie van administratieve processen voorbereid. LUMC Samenwerking met een universitair medisch centrum is nodig om hoogwaardige zorg te blijven leveren. Het is ook van belang voor onderzoek en onderwijs. Het MCH waardeert de samenwerking met het LUMC, die al langer bestaat tussen diverse specialismen, waaronder traumatologie en neurochirurgie. Sinds november 2012 werken de afdelingen cardiologie van het MCH en het LUMC nauw samen en sinds 2013 is in Coöperatieverband een aantal gynae-oncologische operaties geconcentreerd met het LUMC. De Leidse expertise maakt het voor het MCH mogelijk zijn ambities in dit specialisme te realiseren. Voor het LUMC is de samenwerking interessant omdat een groot STZ-ziekenhuis (Samenwerkende Topklinische Opleidingsziekenhuizen) specifieke kenmerken heeft die voor het LUMC van belang zijn. Het MCH is als opleidingsziekenhuis aangesloten bij de Onderwijs- en Opleidingsregio (OOR) van het LUMC. Het LUMC en het MCH hebben de afgelopen jaren diverse samenwerkingsovereenkomsten gesloten voor het opleiden van basisartsen tot medisch specialist. De volgende specialismen hebben een opleidingserkenning voor het opleiden van medisch specialisten: anesthesiologie; chirurgie; dermatologie; gynaecologie; interne geneeskunde; keel-, neus- en oorheelkunde; maagdarmleverziekten; neurochirurgie; 12

13 neurologie; oogheelkunde; orthopedie; pathologie; radiologie; radiotherapie; revalidatiegeneeskunde, in samenwerking met Sophia Revalidatie; psychiatrie, in samenwerking met Parnassia Bavo Groep; klinische chemie, in samenwerking met de Reinier Haga Groep; SEH-arts, in samenwerking met het Erasmus MC; ziekenhuisapotheker, in samenwerking met de Apotheek Haagse Ziekenhuizen (AHZ). Voorts wordt voor de KNF(laborant klinische neurofysiologie)-opleiding samengewerkt met het LUMC. Zoals hierboven genoemd is in 2014 een intentieverklaring met het LUMC gesloten om te komen tot de opzet van het Universitair Kankercentrum Leiden - Den Haag. Deze samenwerking behelst een groot aantal tumorsoorten en heeft daarnaast betrekking op onderzoek, opleiding en onderwijs op oncologisch gebied. Huisartsen Het MCH investeert op verschillende manieren in een goede samenwerking met de huisartsen. Nascholing In 2014 heeft het MCH een aantal nascholingsactiviteiten met huisartsen georganiseerd: 1. MCH-studiedagen over sekseverschillen in de zorg, infectieziekten en patiëntveiligheid; 2. Avondbijeenkomsten over revalidatie en oncologie. Daarbij kwam onder andere de terugkoppeling naar de eerste lijn aan bod voor de follow- up bij een patiënt met mammacarcinoom; 3. Mede met Fonds Huisartsen in Achterstandswijken is een filmavond georganiseerd over laaggeletterdheid. Daarbij is aandacht besteed aan het herkennen van laaggeletterdheid en het aanpassen van de communicatie in het ziekenhuis en de huisartsenpraktijk; 4. In samenwerking met de Waarneemgroep Haaglanden is een Bruggen-Bouwen Borrel georganiseerd. De volgende onderwerpen werden behandeld: diagnostiek van allergieën, samenwerking huisartsenpraktijk en SEH en diagnostiek bij artritis en wondzorg; 5. Op een door het MCH georganiseerd symposium volgden ruim 130 assistenten van huisartsen drie workshops over kwetsbare ouderen, hartinfarcten en het bevolkingsonderzoek darmkanker. Transmurale afspraken In Den Haag zijn drie zorggroepen actief. Het MCH heeft met Eerstelijns Zorggroep Haaglanden (ELZHA), met de Stichting Haagse Gezondheidscentra (SHG) en met Arts en Zorg een Regionale Transmurale Afspraak over de keten-dbc diabetes gemaakt. Met de SHG is het MCH een Intentieverklaring Transmurale Samenwerking overeengekomen. 13

14 Er is zorg die zowel op het terrein van de huisarts als van het ziekenhuis ligt. In het land zijn er huisartsengroepen en ziekenhuizen die deze zorg gezamenlijk opzetten. Het MCH wil huisartsen die initiatieven in deze richting ontwikkelen met zijn expertise ondersteunen. Beleidsoverleg In 2014 heeft driemaal beleidsoverleg tussen het MCH en de Huisartsen Kring Haaglanden plaats gevonden. Daarnaast is een lunchsessie georganiseerd voor huisartsen en de afdeling cardiologie. Afgesproken is om deze sessie tweemaal per jaar te herhalen. Coöperatie Sinds 2008 vormen Bronovo-Nebo, Groene Hart Ziekenhuis (GHZ) en Medisch Centrum Haaglanden (MCH) de Coöperatie. De coöperatieziekenhuizen spannen zich gezamenlijk in voor nieuwe, betere en goedkopere zorg. Binnen de coöperatie is de oncologische longchirurgie, blaaschirurgie, gynae-oncologische chirurgie (ovarium- en endometriumcarcinoom) geconcentreerd in MCH Antoniushove. Met het Zorgverlenersportaal, dat in 2012 is geïmplementeerd, wordt de zorgsamenwerking door het Oncologiecentrum van de Coöperatie ondersteund. Na toestemming van de patiënt kunnen betrokken zorgverleners hierin informatie, waaronder radiologiebeelden, inzien. In 2013 en 2014 is het Zorgverlenersportaal sterk verbeterd en uitgebreid, mede door de intensivering van de samenwerking met Bronovo. Een van de samenwerkingstrajecten is het gezamenlijk inkopen van apparatuur, diensten en gebruiksen verbruiksgoederen. Kern is dat op basis van de gezamenlijke volumes en specificaties de markt wordt benaderd, met als doel gezamenlijke besparingen te realiseren en harmonisatie door te voeren. In 2014 is voor de Coöperatie in totaal 1,2 miljoen bespaard, vooral met de inkoop van proceduretrays, trocars en staplers. Voorts is 13% cost avoidance gerealiseerd op investeringen. Topklinische zorg met LUMC en de Reinier Haga Groep Het LUMC, MCH en Bronovo, en de Reinier Haga Groep vinden elkaar in hun ambities om de kwaliteit van topklinische zorg in de regio Den Haag-Leiden te verbeteren. Om dat te bereiken hebben de besturen eind 2014 een intentieverklaring getekend. Doel is overlapping in het zorgaanbod te voorkomen en een groot zorgaanbod te garanderen. Er wordt samenwerking nagestreefd binnen de specialismen hartchirurgie en overige acute hartzorg, zorg bij zeldzame en minder frequent voorkomende vormen van kanker, radiotherapie, polytraumazorg, kindergeneeskunde en neurochirurgie. De plannen worden besproken met de verzekeraars. Stichting Transmurale Zorg Den Haag en omstreken en RSO Bij het samenwerkingsverband Stichting Transmurale Zorg Den Haag en omstreken is naast het MCH ook een groot deel van de belangrijkste Haagse zorgaanbieders op het gebied van care en cure betrokken, evenals de huisartsenkring in de Haagse regio. Doel is het bevorderen van samenhang in de zorg in de Haagse regio. Voor de resultaten verwijzen we naar het jaarverslag van de stichting. 14

15 Regionale zorgverleners, waaronder het MCH, nemen sinds enkele jaren deel in een Regionale Schakel Organisatie Haaglanden BV (RSO Haaglanden) om de uitwisseling van informatie in de regio te faciliteren. In 2014 zijn de aandelen overgedragen aan de Stichting Transmurale Zorg. Het MCH participeert in de drie regionale berichtenstromen: edifact, zorgdomein en point. Daarnaast richt de organisatie zich op de platformfunctie en projecten. Apotheek Haagse Ziekenhuizen Van oudsher heeft het MCH zijn ziekenhuisapotheek samen met de andere Haagse zorgaanbieders ondergebracht bij de Apotheek Haagse Ziekenhuizen (AHZ). De bestuurders van de ziekenhuizen vormen de raad van toezicht van de AHZ. De raad van toezicht overlegt met de bestuurders over de toekomstige dienstverlening. Verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg Het MCH werkt structureel samen met verpleeg- en verzorgingshuizen en de thuiszorg. Over de verwijzing van een aantal patiëntengroepen zijn afspraken gemaakt met zorgorganisaties. De afspraken richten zich ook op service en kwaliteit voor de patiënt. In 2014 heeft de IGZ een thematoets uitgevoerd op het gebied van overdracht van informatie naar verpleeg- en verzorgingshuizen vanuit het ziekenhuis. Banken en waarborgfonds Voor de financiering van moderne, kwalitatief hoogwaardige ziekenhuisvoorzieningen is het MCH aangewezen op banken. MCH investeert in deze voorzieningen met behulp van banken op basis van geleverde en verwachte prestaties. Continuïteit, vertrouwen en een solide financiële positie zijn hierbij belangrijke uitgangspunten. Het MCH is deelnemer in het Waarborgfonds voor de Zorgsector, dat bij financiering zo nodig aanvullende garanties kan verstrekken aan banken. Ook voor het Waarborgfonds zijn continuïteit, vertrouwen en een solide financiële positie van het MCH belangrijke uitgangspunten. 7. Samenwerking zorgverzekeraars Het MCH wil zelf invulling blijven geven aan de zorginhoud binnen het ziekenhuis en in relatie tot de partners. Zorgverzekeraars mogen van het MCH de hoogste kwaliteit van zorg verwachten voor hun verzekerden. In de overleggen wordt hier frequent en meer inhoudelijk over gesproken. In 2015 is de nieuwe strategie voor de gefuseerde ziekenhuizen MCH en Bronovo gereed en zullen speerpunten opnieuw gedefinieerd of aangescherpt worden. 15

16 3 Leiderschap 3.1 Besturingsmodel Het besturingsmodel van het MCH is gebaseerd op integraal management. Daarbij wordt gestreefd naar een minimum aantal managementlagen. De organisatie is opgebouwd uit divisies waarin het primaire proces zich afspeelt. Er zijn drie lagen: zorgmanagement, divisiemanagement en de raad van bestuur. Het MCH heeft een besturingsmodel waarin bevoegdheden en verantwoordelijkheden zoveel mogelijk zijn ondergebracht op het niveau waar patiëntenzorg en onderwijs plaatsvinden. Medisch specialisten participeren in het management en zijn daarmee medeverantwoordelijk voor management en organisatie. Op operationeel niveau is elke medewerker en medisch specialist verantwoordelijk voor zijn werk en voor het nemen van initiatieven voor verbeteringen. Op tactisch niveau zijn gemandateerd specialisten en zorgmanagers verantwoordelijk voor coördinatie en aansturing van de afdeling en het signaleren en uitwerken van verbetermogelijkheden. Het duaal management van de vijf patiëntenzorgdivisies bestaat uit een medisch en een organisatorisch manager. Zij zijn verantwoordelijk voor het aansturen van divisies op alle gebieden, zoals patiëntenzorg, kwaliteit, financiën en HRM. Daarnaast zijn er de 16

17 ondersteunende bedrijven: HRM, Facilitair Bedrijf, Economisch Administratief Bedrijf (EAB), Landsteiner Instituut en Stafgroep Ondersteuning. Het Landsteiner Instituut werkt sinds 2010 met een aangepast rapportagemodel, omdat het samenwerkt met andere ziekenhuizen en niet alleen aan het bestuur van het MCH maar ook rechtstreeks aan de besturen van deze ziekenhuizen rapporteert. 3.2 Raad van bestuur Vanaf 15 augustus 2014 zijn het MCH en Bronovo-Nebo bestuurlijk gefuseerd. Sinds die datum wordt het bestuur van het MCH gevormd door het bestuur van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo-Nebo. Per datum van de bestuurlijke fusie is de heer W. Geerlings teruggetreden als voorzitter van de raad van bestuur. Hij is opgevolgd door de heer P. W. Doop. De bestuurders van stichting Bronovo-Nebo zijn tot het bestuur van de Holdingstichting toegetreden. De raad van bestuur bestaat daarmee uit drie leden. Eind 2014 heeft de heer J.G.M. Hendriks aangekondigd het ziekenhuis te zullen verlaten per 1 maart Het bestuur wordt geadviseerd door onder andere het bestuur van de medische staf. Samenstelling raad van bestuur Naam Bestuursfunctie Drs. W. Geerlings voorzitter tot 15 augustus 2014 Drs. P. Doop lid vanaf 1 januari 2014 voorzitter vanaf 15 augustus 2014 Drs. J.G.M. Hendriks lid vanaf 15 augustus 2014 Mevr. dr. R.M.Y. Barge lid vanaf 15 augustus 2014 Verdeling van aandachtsgebieden en nevenfuncties De raad van bestuur is gezamenlijk integraal verantwoordelijk voor de strategie, organisatie en bedrijfsvoering van het MCH. De leden van de raad van bestuur hebben de aandachtsgebieden verdeeld. In de praktijk betekent dit dat de betreffende bestuurder het primaire aanspreekpunt is voor een divisie of gremium. Afhankelijk van de aard of het belang van het onderwerp worden activiteiten gezamenlijk of door de voor dat aandachtsgebied verantwoordelijke bestuurder opgepakt. Zie paragraaf 12.2 (bijlage met verdeling aandachtsgebieden per 31 december 2014). De raad van bestuur bespreekt de nevenfuncties jaarlijks met de remuneratiecommissie van de raad van toezicht, in het kader van de jaarbeoordeling. Hierbij wordt, naast eventuele risico s met betrekking tot belangenverstrengeling, ook gekeken naar het verwachte tijdsbeslag. Verzoeken voor het aanvaarden van een nevenfunctie gedurende het verslagjaar bespreken de bestuurders met 17

18 elkaar en met de voorzitter van de raad van toezicht. Voor een overzicht van nevenfuncties van de bestuurders, zie paragraaf Beoordeling Het functioneren van de raad van bestuur als geheel en van de individuele leden komt ten minste aan de orde in het jaargesprek. De raad van bestuur stelt jaarlijks prestatie-indicatoren op, gericht op financiën, kwaliteit en organisatie. Deze indicatoren worden ter goedkeuring voorgelegd aan de raad van toezicht. In 2014 heeft geen beoordeling van de raad van bestuur plaatsgevonden op de wijze die voorheen gebruikelijk was in het MCH. Dit komt door de verschillende wijzigingen die in 2014 hebben plaatsgevonden in de samenstelling en de portefeuilleverdeling van de raad van bestuur en de raad van toezicht. In 2015 vindt de beoordeling over 2014 plaats en wordt een nieuwe beoordelingsprocedure vastgesteld. Bezoldiging De beloningscode die is opgesteld door de Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorg en Welzijn (NVTZ) en de geldende wettelijke bepalingen (Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT); regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg- en welzijnssector, januari 2014) zijn gehanteerd als uitgangspunt voor de bezoldiging van de raad van bestuur. De gegevens over de bezoldiging van de raad van bestuur en raad van toezicht zijn opgenomen in het jaarrekeningdeel van dit verslag. 3.3 Raad van toezicht De raad van toezicht houdt integraal toezicht op het beleid van de raad van bestuur en toetst of er in beleid en uitvoering evenwicht bestaat tussen het organisatiebelang en de maatschappelijke functie van de zorginstelling. Samenstelling Vanaf de datum van de bestuurlijke fusie, 15 augustus 2014, wordt de raad van toezicht van het MCH gevormd door de raad van toezicht van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo- Nebo. Deze raad van toezicht is samengesteld uit leden van de voormalige raad van toezicht van Bronovo-Nebo en van het MCH. Bij de samenstelling is het rooster van aftreden van beide ziekenhuizen als uitgangspunt genomen, rekening houdend met de wensen van de individuele leden. Per 31 december 2014 bestaat de raad van toezicht uit zeven leden. De raad van toezicht van de Holdingstichting houdt toezicht op het bestuur van de Holdingstichting. 18

19 Samenstelling raad van toezicht per 31 december 2014 Naam Geboortedatum Datum van toetreden RvT Datum eerstvolgende Datum van aftreden Vergaderingen bijgewoond herbenoeming volgens oude rooster volgens oude rooster Mevr. N (MCH) nvt /6 Albayrak-Temur (BRV) /7 Drs. J.W. Holtslag (MCH) nvt /6 Drs. G.A (MCH) /6 Maranus RA Mevr. prof.dr (BRV) nvt /7 H.E. van der Horst Prof. dr. C.J.H.M (MCH) /6 van Laarhoven P.A. van der Linden (BRV) nvt /7 Taken en werkwijze; reglement raad van toezicht en reglement raad van bestuur De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht zijn vastgelegd in de statuten van het MCH. De statuten zijn in het verslagjaar gewijzigd op 15 augustus, met de oprichting van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo-Nebo. De werkwijze is nader uitgewerkt in het Reglement raad van toezicht. Het reglement omschrijft de toezichthoudende rol van de raad en de wijze waarop deze verantwoording aflegt. Het reglement bevat verder het profiel van de leden van de raad van toezicht, de overlegstructuur, benoemingsprocedures en zittingstermijnen, informatievoorziening, onafhankelijkheid, vergoedingen en de verhouding met de raad van bestuur. Daarnaast heeft de raad van toezicht een Reglement raad van bestuur vastgesteld. De raad van toezicht evalueert jaarlijks zijn functioneren. Statuten, reglementen en rooster van aftreden zijn te raadplegen via 19

20 Commissies raad van toezicht Om de raad van toezicht te ondersteunen en besluitvorming voor te bereiden, zijn uit het midden van de raad van toezicht de volgende vaste commissies ingesteld: Commissie kwaliteit en veiligheid De commissie kwaliteit en veiligheid heeft tot taak de raad van toezicht te ondersteunen bij zijn toezichthoudende rol op het gebied van kwaliteit en patiëntveiligheid 1. De commissie heeft daarbij onder andere als taak het (voorgenomen) kwaliteits- en veiligheidsbeleid van de raad van bestuur te toetsen, inclusief de opzet en werking van het interne risicomanagement (het systeem van kwaliteitsbeheersing). De commissie treedt op als klankbord voor de raad van bestuur, en adviseert zowel de raad van bestuur als de raad van toezicht op het gebied van kwaliteit en veiligheid. De commissie hanteert het belang van de patiënt of cliënt als leidend principe. De commissie houdt onder meer toezicht op de naleving van aanbevelingen en opvolging van opmerkingen van (externe) instanties op het gebied van kwaliteit en veiligheid en op de resultaten van het kwaliteitsbeleid, inclusief de uitkomsten van interne en externe audits en visitaties. De commissie is in het bijzonder betrokken bij de Patiëntenadviesraad (PAR), bij de klachtenbehandeling en juridische vraagstukken. De betreffende leden overleggen eenmaal per jaar met de PAR en met medewerkers van de afdeling Klachten en Gezondheidsrecht. Tevens wordt met de raad van bestuur het verslag van de MIPcommissie besproken. Daarnaast spreekt de commissie meerdere keren per jaar met de raad van bestuur over de stand van zaken op het gebied van kwaliteit en veiligheid. Bij dit overleg zijn ook medewerkers van de afdeling Kwaliteit en Veiligheid, de medisch manager Kwaliteit en Veiligheid en, afhankelijk van de agenda, de voorzitter van de Verpleegkundige AdviesRaad (VAR) aanwezig. De Commissie vergadert ten minste viermaal per jaar; de vergaderingen worden bijgewoond door het lid van de raad van bestuur dat de portefeuille kwaliteit en veiligheid beheert. Audit commissie De audit commissie heeft de volgende taken: beoordeling van de externe verslaggeving; beoordeling van het functioneren van de externe accountant; beoordeling van de werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen; beoordeling van onder meer interne bevoegdheden en richtlijnen, onafhankelijkheid van de raad van bestuur en raad van toezicht. De audit commissie vergadert ten minste viermaal per jaar. Het lid van de raad van bestuur met aandachtsgebied financiën wordt standaard uitgenodigd voor de vergaderingen. In beginsel is de 1 Kwaliteit betreft de inhoud van zorg (standaarden en richtlijnen) en de wijze waarop de zorg wordt verleend (effectiviteit, toegankelijkheid, efficiëntie, tijdigheid, veiligheid en vraaggerichtheid). Patiëntveiligheid wordt omschreven als het (nagenoeg) ontbreken van (de kans op) aan de patiënt toegebrachte schade (lichamelijk en/of psychisch) die is ontstaan door het niet volgens de professionele standaard handelen van hulpverleners en/of door tekortkomingen van het zorgsysteem. 20

21 externe accountant aanwezig bij de vergaderingen waarin de jaarrekening en de (interim) managementletter en het accountantsverslag worden besproken. Remuneratiecommissie De remuneratiecommissie heeft tot taak de raad van toezicht te adviseren bij zijn toezichthoudende rol, op het gebied van de omvang en samenstelling van de raad van bestuur en het bezoldigingsbeleid voor de leden van de raad van bestuur en de raad van toezicht. Daarnaast heeft de remuneratiecommissie een belangrijke rol bij de werving en selectie van leden en in de jaarlijkse beoordeling van het functioneren van de raad van bestuur. De remuneratiecommissie komt ten minste eenmaal per jaar bij elkaar. De remuneratiecommissie is niet bijeen geweest in Wel is een voorstel gedaan ten aanzien van de honorering van de raad van toezicht voor het fusieziekenhuis, vanaf 1 januari Vergaderingen raad van toezicht In het verslagjaar kwam de raad van toezicht zesmaal bijeen. De eerste drie bijeenkomsten betroffen vergaderingen van de raad van toezicht van Stichting MCH, de laatste drie van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo-Nebo. Alle overleggen van de raad van toezicht hebben plaatsgevonden in aanwezigheid van de raad van bestuur. Voorafgaand aan het overleg van de raad van toezicht vond overleg plaats over de agenda tussen de voorzitter van de raad van bestuur en de voorzitter raad van toezicht. Bespreekpunten in raad van toezicht Voor elke vergadering worden standaard de volgende onderwerpen geagendeerd: financiën, fusie, kwaliteit en veiligheid, bouw, samenwerking binnen de Coöperatie en met andere ziekenhuizen en schriftelijke mededelingen van de raad van bestuur. De schriftelijke mededelingen bevatten de actuele ontwikkelingen van het MCH op uiteenlopende gebieden, en ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving. Over belangrijke zaken wordt de voorzitter en/of voltallige raad van toezicht tussentijds geïnformeerd. In het kader van de voorbereiding van de fusie heeft de voorzitter van de raad van toezicht verschillende keren, ook informeel, vergaderd met de voorzitter van de raad van toezicht van het Bronovo. Tijdens de reguliere vergaderingen van de raad van toezicht kwamen onder meer de volgende onderwerpen aan de orde: voorgenomen fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo; implementatieplan fusie; oprichting Medisch Specialistisch Bedrijf; samenwerking met Reinier Haga Groep op het gebied van topklinische functies; samenwerking met LUMC op het gebied van oncologie; samenwerking binnen de Coöperatie; 21

22 beleid en activiteiten op het gebied van kwaliteit en veiligheid; managementrapportages; ICT-integratie MCH en Bronovo; risicomanagement; goedkeuring van de begroting; goedkeuring van de jaarrekening; voortgang nieuwbouw beddenhuis MCH Antoniushove; nieuwbouw radiotherapiecentrum (RCWEST); modernisering stroomvoorziening; verslag gesprekken met Ondernemingsraad en Patiëntenadviesraad; contractering zorgverzekeraars; evaluatie raad van toezicht; ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving. In de themabijeenkomsten van de raad van toezicht is gesproken over het speerpunt ouderengeneeskunde (speerpunt Bronovo) en infectieziekten (speerpunt MCH). Een afvaardiging van de raad van toezicht is aanwezig geweest bij de beleidsdag van de raad van bestuur, tweedelijns management en stafbestuur op 24 juni Overleg met stafbestuur Overleg met het stafbestuur heeft in het verslagjaar zoals gebruikelijk eenmaal plaatsgevonden, voorafgaand aan een reguliere vergadering van de raad van toezicht. In dit overleg is aan de orde geweest: de voorgenomen fusie met Bronovo-Nebo, de integratie van de ICT-systemen van het MCH en Bronovo, de samenwerking met de Reinier Haga Groep en de samenwerking binnen de Coöperatie. Overleg met Ondernemingsraad (OR) Een vertegenwoordiging van de raad van toezicht heeft in het verslagjaar eenmaal de vergadering van de raad van bestuur met de Ondernemingsraad bijgewoond. Naast de algemene agendapunten is gesproken over de voorgenomen fusie met Bronovo-Nebo. Overleg met de Patiëntenadviesraad (PAR) De kwaliteitscommissie van de raad van toezicht heeft een overleg gehad met de PAR en de raad van bestuur over onder meer de onderlinge samenwerking. Overleg met de afdeling Klacht en Gezondheidsrecht De Kwaliteitscommissie heeft, samen met de voorzitter van de raad van bestuur, met de manager van de afdeling Kwaliteit gesproken over het jaarverslag van de afdeling Klachten en Gezondheidsrecht. In dit overleg is voorts met de voorzitter en secretaris van de MIP-commissie gesproken over het jaarverslag van de commissie Melding Incidenten Patiëntenzorg. 22

23 Functioneren van de raad van toezicht De raad van toezicht streeft naar optimaal functioneren. De raad is zo samengesteld dat de leden onafhankelijk en kritisch kunnen opereren, zowel onderling als ten opzichte van de raad van bestuur. De raad van toezicht heeft de volgende aandachtsgebieden benoemd, waarbij elk aandachtsgebied door ten minste één lid van de raad van toezicht behartigd wordt: 1. financiering, accountancy en economie; 2. gezondheidszorg en medische zaken; 3. toezicht; 4. juridische zaken; 5. personeel en organisatie, sociale verhoudingen en multiculturaliteit; 6. marktwerking en ondernemerschap en ICT; 7. PAR/specifieke belangen van de patiënt; 8. ethiek; 9. huisvesting; 10. politiek en openbaar bestuur. Van de leden van de raad van toezicht wordt verwacht dat ze zich blijven verdiepen in de ontwikkelingen in en om de organisatie en dat ze maatschappelijk actief zijn. De raad van toezicht is lid van de NVTZ (toezichthouders in zorg & welzijn) en de leden nemen deel aan inhoudelijke bijeenkomsten van de NVTZ. Evaluatie raad van toezicht In maart 2014 heeft de raad van toezicht van het MCH zijn functioneren geëvalueerd, aan de hand van een schriftelijke vragenlijst. De rapportage is tijdens de vergadering in onderling overleg besproken. De raad van toezicht heeft besloten om de honorering van de raad niet aan te passen; deze past binnen de WNT. Rooster van aftreden In het verslagjaar zijn mevrouw A. Vietsch, mevrouw S. Wortmann en de heer E. Kist op eigen verzoek afgetreden in het licht van de fusie en het rooster van aftreden. Tevens is in het licht van de fusie besloten om geen vacature te stellen. Bij de bestuurlijke fusie is, om reden van zowel continuiteit als doorstroom, besloten om het bestaande rooster van aftreden te hanteren voor personen die lid worden van de nieuwe raad van toezicht. 23

24 Naam Geboortedatum Datum van toetreden RvT MCH of Datum eerstvolgende herbenoeming volgens oude rooster Datum van aftreden volgens oude rooster Vergaderingen bijgewoond RvT BRV mevr. N. Albayrak nvt /6 Temur Drs. W.J. Deetman /7 Drs. J.W. Holtslag nvt /6 Mr. E. Kist nvt /1 * Drs. G.A. Maranus /6 RA Mevr. prof.dr. H.E nvt /7 van der Horst Prof. dr. C.J.H.M /6 van Laarhoven P.A. van der Linden nvt /7 Mevr. dr. ir. C.A. Vietsch nvt /3 ** Mevr. prof. mr. S.F.M. Wortmann nvt /1 * * Vergaderingen bijgewoond tot aftreden per 15 mei 2014 ** Vergaderingen bijgewoond tot aftreden per 15 augustus 2014 Voor oud MCH-toezichthouders zijn er in 2014 zes vergaderingen geweest, voor oud Bronovo-toezichthouders zeven vergaderingen. Governancecode De raad van toezicht en raad van bestuur onderschrijven de uitgangspunten van de zorgbrede governancecode en passen deze code toe. In paragraaf 12.1 (bijlage Zorgbrede Governancecode) staat een gedetailleerd overzicht van alle punten uit de code. Ten aanzien van één aspect week de raad van toezicht van het MCH af van de code, namelijk de benoemingsperiode. Hiervoor werd maximaal driemaal vier jaar aangehouden, terwijl in de governancecode tweemaal vier jaar het uitgangspunt is. In het nieuwe reglement van de raad van toezicht van het MCH en Bronovo-Nebo is de governancecode ook op dit punt gevolgd en is tweemaal vier jaar als maximale zittingstermijn opgenomen. 24

25 3.4 Vereniging Medische Staf (VMS) De Vereniging Medische Staf (VMS) van het MCH bestaat uit 215 medisch specialisten (zowel vrijgevestigd als in loondienst). De vereniging heeft als doel samen met de raad van bestuur vorm en inhoud te geven aan medisch beleid, kwaliteit en veiligheid van zorg. Daarnaast behartigt de VMS de belangen van haar leden. Het bestuur van de VMS (stafbestuur) vergadert wekelijks over actuele onderwerpen die de medische staf aangaan. Tijdens de vergaderingen is er ruimte voor besprekingen met (een vertegenwoordiging van) vakgroepen, maatschappen, commissies en individuele stafleden. De VMS brengt jaarlijks een eigen jaarverslag uit. Alle vrijgevestigde medisch specialisten van het MCH hebben zich daarnaast aangesloten bij het collectief. Het collectief kent een eigen bestuur en een eigen plenaire maandelijkse vergadering. Hierin worden onderwerpen besproken die van betekenis zijn voor de financiering van de vrijgevestigd medisch specialisten, zoals productieontwikkeling en honorariuminkomsten. Het bestuur bestaat uit de volgende leden: Dr. A.C. de Vries, chirurg, voorzitter; Dr. R.J. Verburg, MDL-arts, vicevoorzitter; Drs. R. Walchenbach, neurochirurg, lid; Drs. L.C.F. Haans, gynaecoloog, lid. Bestuurlijke en juridische fusie MCH en Bronovo-Nebo De VMS is nauw betrokken bij de voorbereiding van de bestuurlijke en vervolgens juridische fusie met Bronovo. De fusie is een standaard agendapunt geweest in de vergaderingen van de VMS. Begin 2014 heeft de VMS positief geadviseerd met betrekking tot de voorgenomen bestuurlijke fusie. In het najaar heeft de VMS een positief advies gegeven over de juridische fusie. Eén Vereniging Medische Staf Het stafbestuur heeft zich ingezet om te komen tot de oprichting van één VMS en één stafbestuur. De stafbesturen van het MCH en Bronovo hebben in de loop van het jaar hun gezamenlijk overleg geïntensiveerd. Er is een wekelijks overleg ingevoerd tussen afgevaardigden van de stafbesturen en de raad van bestuur. Daarnaast is er een actieplan opgesteld en uitgevoerd om de oprichting van één Vereniging Medische Staf per 2015 mogelijk te maken. Per 1 januari 2015 is de Vereniging Medische Staf Medisch Centrum Haaglanden Bronovo-Nebo een feit, met één stafbestuur en ruim 300 leden. Deze VMS wordt bestuurd door het gezamenlijk gevormde stafbestuur. 25

26 Gezamenlijk reglement benoemingsadviescommissie (BAC) Eén van de eerste activiteiten van beide VMS en was de vorming van een reglement voor de benoemingsadviescommissie van medisch specialisten en de bijbehorende vorming van één benoemingsadviescommissie. Eind 2014 is dit eerste gezamenlijke reglement vastgesteld. Om volledige integratie te bewerkstelligen, zullen er in 2015 nog veel activiteiten volgen, zoals één beleid bij functioneringsvragen, één sanctiebeleid en één vergoedingsregeling voor bestuurs- en managementtaken. Integratie van vakgroepen Met het oog op de juridische fusie hebben de stafbesturen en de raad van bestuur alle vakgroepen geadviseerd om onder leiding van een externe begeleider in gesprek te gaan met de collega-vakgroep uit het andere ziekenhuis. Het doel van deze gesprekken is de integratie van alle vakgroepen tot één organisatorische eenheid per specialisme in De besturen streven naar integratie van alle vakgroepen voor 1 juli Bij een aantal vakgroepen is sprake van een hybride situatie. In de ene organisatie is de vakgroep in loondienst, in de andere organisatie is er sprake van vrije vestiging. Om de integratie te faciliteren, hebben de anesthesiologen en longartsen van Bronovo besloten de overstap te maken van vrije vestiging naar loondienst, gelijk aan hun collega s in het MCH. De doelstelling is om geen hybride vakgroepen meer te hebben op 1 juli In 2014 is de vakgroep MDL van het MCH uitgebreid met twee MDL-artsen ten behoeve van het Bronovo ziekenhuis. Hiermee is de MDL-zorg in Bronovo structureel gegarandeerd. Oprichting Medisch Specialistisch Bedrijf MCH-Bronovo Met ingang van 2015 is er sprake van integrale tarieven, waarmee de honorariumcomponent van de medische behandeling integraal onderdeel wordt van het tarief. Vrijgevestigd medisch specialisten moesten in 2014 daarom de nodige voorbereidingen treffen om ook in 2015 in fiscale zin ondernemer te blijven. Dit is opgepakt door de besturen van het collectief van MCH en de stafmaatschap van Bronovo. In een werkgroep is, met externe begeleiding, gewerkt aan de oprichting van het Medisch Specialistisch Bedrijf MCH- Bronovo (MSB) in een fiscaal transparante vorm. Dit is een maatschap waarin alle vrijgevestigd medisch specialisten participeren. Afspraken met het ziekenhuis zijn vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst. Voor het MSB is een businessplan opgesteld dat is voorgelegd aan de Belastingdienst. In december bleek het businessplan voldoende om het MSB aan te kunnen merken als onderneming. Dit was positief nieuws, echter in 2015 moet nog veel werk verzet worden om de plannen uit te voeren. Medio december zijn handtekeningsessies georganiseerd. In aanwezigheid van een notaris zetten alle vrijgevestigd medisch specialisten van zowel het MCH als Bronovo hun handtekening voor de nieuwe maatschapsovereenkomst, de samenwerkingsovereenkomst MSB-ziekenhuis, een instemmingsverklaring en een intentieverklaring voor de fusie met de maten uit het Bronovo. Het MSB was daarmee een feit. Per 1 januari 2015 is er sprake van een maatschap met in totaal ruim

27 leden. De bestaande maatschapsstructuren zijn daarmee vervallen en overgegaan in Organisatorische Eenheden. In het kader van de fusie is gewerkt aan een nieuw honorarium verdeelmodel voor MCH-Bronovo. Dit is opgesteld met input van een enquête die alle vrijgevestigden hebben ingevuld. Speerpunten en lateralisatie De samenwerking met het LUMC op het gebied van oncologie, de lateralisatieplannen van heelkunde, de ontwikkelingen op het gebied van acute zorg en de zorg voor moeder en kind zijn regelmatig besproken met de betrokken stafleden. Individueel Functioneren Medisch Specialisten Ieder ziekenhuis is verplicht om een systeem voor de evaluatie van het individueel functioneren van medisch specialisten (IFMS) in te voeren. Het MCH heeft hiervoor in 2012 een eigen variant ontwikkeld die gebruik maakt van vakgroep- en/of maatschapbeoordelingen In 2014 heeft de IFMS commissie gesprekken gevoerd met cardiologie, interne geneeskunde, kaakchirurgie, kindergeneeskunde, KNO, MDL, MMB, nucleaire geneeskunde, MCDM, pathologie, psychiatrie, revalidatiegeneeskunde, sportgeneeskunde, SEH en de ziekenhuisapotheek. Voorafgaand aan het gesprek vullen de deelnemers een vragenlijst in. Daarnaast is er een vragenlijst die door een aantal aanpalende specialismen wordt ingevuld. Medio 2014 is overgeschakeld naar de quickscan-vragenlijst van Professional Performance Online. In 2015 zullen de vakgroep- en/of maatschapgesprekken in het kader van de IFMS samen met Bronovo worden voortgezet. Overige punten Evaluatie behandelbeperkingen In 2013 zijn medisch specialisten gestart met het registreren van de behandelbeperkingen in EZIS. In 2014 is dit beleid geëvalueerd en de registratie aangescherpt. Registratie hoofdbehandelaarschap In 2013 is het beleid voor het hoofdbehandelaarschap aangepast. In 2014 is een registratiewijze voor het vastleggen van het hoofdbehandelaarschap in EZIS ontwikkeld. In 2015 zal deze registratie worden ingevoerd. Voorschrijven van medicatie door physician assistent en verpleegkundig specialist In 2014 is aanpassing van het beleid voorbereid, waardoor onder bepaalde voorwaarden het voorschrijven van medicatie door de physician assistent en/of verpleegkundig specialist mogelijk wordt. 27

28 3.5 Patiëntenadviesraad (PAR) Het MCH heeft een betrokken en actieve Patiëntenadviesraad (PAR), die gevraagd en ongevraagd advies geeft over onderwerpen die te maken hebben met kwaliteit en patiëntveiligheid. Zo worden voornemens voor het beleid doorgesproken en wordt de PAR geconsulteerd bij concrete vraagstukken. De PAR heeft een eigen budget en een ambtelijk secretaris, toegekend door het MCH. De PAR is betrokken bij beleidsonderwerpen als kwaliteitsbeleid, patiëntveiligheid, begroting, reorganisaties, samenwerkingen met andere ziekenhuizen, bouw en verbouw. De PAR vergadert maandelijks. Zesmaal per jaar is er overleg met de raad van bestuur over actuele onderwerpen. In de overige vergaderingen, waarbij de raad van bestuur niet aanwezig is, informeert de secretaris van de raad van bestuur de PAR over actuele onderwerpen. Hierbij komen ook punten aan de orde die de PAR aandraagt. Verder overlegt de PAR ten minste één keer per jaar met de Commissie Kwaliteit van de raad van toezicht. De PAR heeft in 2014 de volgende adviezen uitgebracht: Adviesaanvraag bestuurlijke fusie MCH/Bronovo. Er is een positief (mits) advies uitgebracht; Overgang maaltijdvoorziening naar Eetgemak. De PAR heeft hierover een positief advies uitgebracht; Adviesaanvraag concentratie mammapoli s oncologie. De PAR heeft hier een positief advies over uitgebracht; Adviesaanvraag juridische fusie MCH en Bronovo. De PAR heeft hierover een positief advies uitgebracht; Adviesaanvraag zorgondersteuning. De PAR heeft hierover een positief advies uitgebracht, onder voorwaarde van evaluatie na zes maanden; Benoeming van een nieuw lid van de Patiënten Klachten Commissie (PKC). De PAR heeft hierover een positief advies uitgebracht; Adviesaanvraag acute zorg. De PAR heeft hierover een positief advies onder voorwaarden uitgebracht; Adviesaanvraag duurzame samenwerkingsrelatie met het Medisch Specialistisch Bedrijf. De PAR is gekomen tot een positief advies dat begin 2015 wordt uitgebracht; Ongevraagd advies elektronische sigaret. Dit advies is overgenomen door de raad van bestuur. De PAR heeft in het verslagjaar ook regelmatig overleg gevoerd met het management van zorgafdelingen, het bouwbureau en het facilitair bedrijf. Met de totstandkoming van de nieuwe fusieorganisatie per 1 januari 2015 gaat de PAR van het MCH samen met die van Bronovo op in een overkoepelende Cliëntenraad MCH Bronovo. Ook in die nieuwe opzet blijven de leden onverminderd opkomen voor de belangen van de patiënt. 28

29 Het Huis Nebo heeft een eigen Cliëntenraad, die bestaat uit familieleden en andere relaties van bewoners. 3.6 Ondernemingsraad (OR) De raad van bestuur voert gestructureerd overleg over het algemeen beleid met de Ondernemingsraad (OR), met name over onderwerpen waarvoor advies en/of instemming noodzakelijk is. In het verslagjaar is veel gesproken over de voorgenomen fusie met Bronovo-Nebo en over de reorganisatie van onderdelen van het Facilitair Bedrijf. Zaken waarover in 2014 advies dan wel instemming is gevraagd: fusie met Bronovo-Nebo; reorganisatie Facilitair Bedrijf; project op weg naar de nieuwbouw ; hygiënereglement; cameratoezicht; strategisch opleidingsbeleid; studiefaciliteitenregeling; medische microbiologie; aanpassing tbc-reglement; roosteren. Iedere zes weken vindt overleg tussen de OR en de raad van bestuur plaats. Daarnaast is er eenmaal in de zes weken overleg tussen het Dagelijks Bestuur van de Ondernemingsraad en de raad van bestuur. In april heeft een vertegenwoordiging van de raad van toezicht de OR-vergadering bijgewoond. Vanaf 1 januari 2014 werken de Ondernemingsraden van het MCH en Bronovo samen, zodat een gezamenlijk advies uitgebracht kan worden aan het bestuur. Het Huis Nebo heeft een eigen ondernemingsraad. 3.7 Verpleegkundige AdviesRaad (VAR) Verpleegkundige AdviesRaad (VAR) De Verpleegkundige AdviesRaad (VAR) adviseert de raad van bestuur over verpleegkundige onderwerpen. De VAR heeft in 2014 adviezen uitgebracht over: patiëntenvervoer binnen het ziekenhuis; betrekken van verpleegkundigen bij jaarplannen; 29

30 valpreventie; vrijheid beperkende maatregelen; verpleegkundigen in ziekenhuiscommissies; Evidence Based Practice. De VAR heeft zich daarnaast in 2014 onder andere ingezet: voor de verdere ontwikkeling van het verpleegkundig kwaliteitsbeleid; voor de organisatie van de dag van de verpleging; als klankbordgroep voor diverse projecten, zoals voor zorgondersteuning, kindcheck, EvPD, klinisch redeneren en op weg naar de nieuwbouw ; als vertegenwoordiging van de verpleegkundigen bij fusiebijeenkomsten; voor het samengaan met de VAR van Bronovo in verband met de fusie. 30

31 4 Management van processen 4.1 Kwaliteit van zorg Het MCH wil veilige, kwalitatief hoogwaardige, toegankelijke en patiëntgerichte zorg bieden. Op onderstaande wijze geeft het MCH daar invulling aan. Accreditaties en gecertificeerde kwaliteitssystemen Beleid Als één van de eerste ziekenhuizen in Nederland heeft het MCH in juni 2012 voor de derde keer een ziekenhuisbrede accreditatie gerealiseerd. Bijzonder hierbij is dat het MCH óók is geaccrediteerd in het kader van de norm voor het Veiligheidsmanagementsysteem in Ziekenhuizen (NTA 8009:2007), dat sinds 2008 volledig operationeel is. Hiermee voldoet het MCH ruim op tijd aan de landelijke doelstellingen. Naast de NIAZ-accreditatie beschikt het MCH over meerdere afdelingsspecifieke geaccrediteerde/gecertificeerde kwaliteitssystemen: Afdeling Kwaliteitssysteem Lab West CCKL geaccrediteerd Dialyse HKZ/ISO 9001:2008 Pathologisch Laboratorium CCKL geaccrediteerd Medische Microbiologie CCKL geaccrediteerd Colonscreening RIVM-accreditatie Resultaat De NIAZ-accreditatiesystematiek is er, naast het voldoen aan basisvoorwaarden voor goede en veilige patiëntenzorg, vooral op gericht om het continu verbeteren te stimuleren. Het NIAZ gaf het MCH daarom niet alleen diverse complimenten mee, maar ook verbeterpunten die in 2013 zijn opgepakt en in 2014 verder zijn ingevuld. Vanaf 2015 zal NIAZ het Internationaal Accreditatieprogramma NIAZ- Qmentum toepassen. Keurmerken Het MCH beschikt over verschillende TopZorgpredicaten: predicaat voor behandeling van Borstkanker; meniscus; cataract; carpaal Tunnelsyndroom; OSAS (slaapapneu); heupprothese; 31

32 rughernia; darmkanker; prostaatkanker. Verder zijn door verschillende organisaties als patiëntenverenigingen en wetenschappelijke verenigingen keurmerken afgegeven: Borstkankerlintje van Borstkankervereniging Nederland BVN; Erkenning als instelling voor pijngeneeskunde door de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie; Freya Pluim voor goede fertiliteitszorg; Bloed- en Lymfeklierzorg: Groene Vink; Darmkankerzorg: Groene Vink; Stomazorg: Groene Vink; Prostaatkankerzorg: Groene Vink; Dermatologie: Kwaliteitszegel; Kind en Ziekenhuis: Smiley kinderafdeling; Spataderzorg: Spataderkeurmerk; Vaatzorg: Vaatkeurmerk; Nederlandse Vereniging voor Cardiologie: Witte Lijst; CZ: Borstkankerzorg categorie 3. Indicatoren Beleid Het MCH is continu alert op mogelijkheden om de kwaliteit en veiligheid van de patiëntenzorg inzichtelijk te maken ten behoeve van verantwoording, sturing en verbetering. Indicatoren kunnen daaraan een waardevolle bijdrage leveren, mits deze voldoen aan basisvoorwaarden als betrouwbaarheid, tijdigheid, juistheid, stuurbaarheid en vergelijkbaarheid. Het MCH investeert veel in dit proces. Het MCH wil op tijdige, juiste en betrouwbare wijze aan de externe (verplichte) uitvragen voldoen, en de resultaten van deze uitvragen analyseren om er waar mogelijk en nodig verbeteringen aan te koppelen. Dit resulteert zowel in interne initiatieven voor sturing en verbetering als in kritische maar constructieve reacties naar ontwikkelaars van deze indicatoren, zoals de IGZ, Zichtbare Zorg, Zorgverzekeraars Nederland, de individuele zorgverzekeraars en de patiënten- en belangenorganisaties. Het MCH participeert om deze reden in de klankbordgroep van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ). Naast de interne verbeteractiviteiten op basis van de indicatoren, zijn de uitkomsten ervan inzichtelijk gemaakt in dashboards en kwartaalrapportages. Hierdoor kan de ontwikkeling van deze indicatoren continu worden gevolgd en kan waar nodig tijdig worden bijgestuurd. 32

33 Indicatoren vormen een weerbarstig onderwerp. Ze geven een aanwijzing over de stand van zaken. De kunst is ze te benutten voor verder onderzoek: wat ligt er achter de waarden en wat betekent dat voor de kwaliteit en veiligheid van de zorg? Er ligt een risico in het hanteren van indicatoren als een absoluut gegeven, waarbij aan kale getallen consequenties worden verbonden. Dat kan leiden tot verkeerde beslissingen, over bijvoorbeeld het al dan niet toekennen van contracten, en tot onjuiste en onterechte informatievoorziening aan het publiek, zoals het publiceren van ranglijsten van ziekenhuizen, specifieke verrichtingen, artsen of specialismen. Het MCH staat er dan ook voor om indicatoren te gebruiken als hulpmiddel voor verdieping, voor interne sturing en externe verantwoording, kortom als één van de bronnen om het eigen presteren tegen het licht te houden. Resultaat Indicator % gescreende patiënten (op pijn na operatie) op verpleegafdeling 81% 81,4% 82,4% 82,5% 86,2% % patiënten met op enig moment een pijnscore boven de 7 in de eerste 72 7% 6,4% 5,3% 4,6 % 4,2% uur na de operatie % juist uitgevoerde time out voor OK 95,9% 95,7% 97,3% Metingen en toetsingen Beleid De kwaliteit van zorg bewaakt het MCH met diverse metingen en toetsingen die in samenhang een beeld geven van de kwaliteit en veiligheid van zorg. Voorbeelden van metingen zijn de basisset prestatie-indicatoren van de IGZ, de kwaliteitsindicatoren van Zichtbare Zorg Ziekenhuizen en patiënttevredenheidsmetingen. De indicatoren staan gepubliceerd op en Voorbeelden van (interne) toetsingen zijn audits, procesaudits en veiligheidsrondes en thematische georiënteerde toetsingen. Voorbeelden van externe toetsingen zijn kwaliteitsvisitaties door wetenschappelijke verenigingen, visitaties in het kader van de opleidingen van artsen, inspecties door toezichthoudende instanties zoals de IGZ en audits van aansprakelijkheidsverzekeraar MediRisk. Ten slotte maakt het MCH risicoanalyses, procesanalyses, analyses van incidenten in de patiëntenzorg en analyses van incidenten met medewerkers. De uitkomsten van analyses van deze bronnen worden vervolgens gebruikt om de patiëntenzorg te verbeteren. Resultaat Resultaten van metingen en toetsingen zijn ook in 2014 weer geëvalueerd en waar nodig zijn verbeteringen doorgevoerd. Afdelingen maken gebruik van procesbeschrijvingen die periodiek zijn getoetst op naleving en gestelde eisen. De kwaliteit en veiligheid van afdelingsoverstijgende 33

34 zorgprocessen en kwaliteitssystemen zijn tijdens multidisciplinair overleg geanalyseerd en vervolgens verbeterd. Procesaudits Beleid In 2014 is het in 2009 ingezette beleid voor procesaudits voortgezet. Doel van procesaudits is met name het traceren van afdelingsoverstijgende onvolkomenheden en het verbeteren ervan. De resultaten, inclusief verbeterplannen, worden besproken door management, raad van bestuur en stafbestuur. Het divisiemanagement ziet erop toe dat de verbeterplannen worden gerealiseerd. Resultaat De volgende drie procesaudits zijn in 2014 uitgevoerd: opvang traumapatiënten 24/7 van SEH tot en met opname op de afdeling; de klinisch diabetische patiënt; patiënten met slaapproblemen door OSAS (slaapapneu). 4.2 Patiëntveiligheid Beleid De ontwikkeling van patiëntveiligheidseisen staat niet stil. Deze komen bijvoorbeeld voort uit de NTA 8009:2011 voor patiëntveiligheid. Het MCH geeft op verschillende manieren sturing aan het verbeteren van de kwaliteit en (patiënt)veiligheid: Ieder kwartaal verschijnt een kwartaalrapportage Kwaliteit & Veiligheid met cijfers over incidentafwikkeling, klachtafwikkeling, medische apparatuur, dossieronderzoek, interne audits, zorginhoudelijke prestatie-indicatoren en verbeterprocessen. Deze rapportages worden besproken in het overleg tussen raad van bestuur en divisiemanagement. Waar nodig worden afspraken gemaakt over bijsturing of te realiseren verbeteringen; Voorafgaand aan de oplevering van indicatoren aan externen (zoals de basisset prestatieindicatoren van de IGZ of de kwaliteitsindicatoren van Zichtbare Zorg Ziekenhuizen) worden de resultaten afgezet tegen eerdere uitkomsten en tegen interne en externe normen. Ook dit wordt besproken in diverse overleggen tussen bestuur en (medisch) management, waarna indien nodig of gewenst bijsturing of verbetering plaatsvindt; Voor het meten van patiënttevredenheid heeft het MCH de systematiek U Maakt Ons Beter ontwikkeld. Resultaten worden op meerdere niveaus in het ziekenhuis besproken om te onderzoeken of en waar verbetering mogelijk is; Eenmaal per maand worden checkrondes uitgevoerd door medewerkers van de afdeling kwaliteit en veiligheid, zogenaamde thematoetsen, op specifieke onderwerpen. Voorbeelden hiervan zijn: toepassen van de zogenaamde SIT-score bij patiënten met bedreigde vitale functies, toepassen van de risicoanalyses bij kwetsbare ouderen, naleven van hygiënevoorschriften, 34

35 informatieveiligheid, beschikbaarheid en geschiktheid van zuurstofklokken. De resultaten van deze toetsingen worden teruggekoppeld aan het management, de raad van bestuur en medische staf. Waar nodig worden verbetermaatregelen getroffen; Er zijn tien veiligheidsthema s benoemd waar voortdurend aandacht voor is. Voorbeelden van indicatoren waarop sturing plaatsvindt zijn: pijnbestrijding; ondervoeding; onderhoud van medische apparatuur; melden en afwikkelen van incidenten in de patiëntenzorg; kwetsbare ouderen; voorkomen van verwisseling patiënten; postoperatieve wondinfecties; naleving van hygiënevoorschriften. Het veiligheidsmanagementsysteem bestaat uit: 1. een patiëntveiligheidsbeleid om onnodige schade te voorkomen; 2. het opleiden van medewerkers in patiëntveiligheid en veilig werken, en het bevorderen van de veiligheidscultuur; 3. het systematisch analyseren van incidenten in de patiëntenzorg; 4. het systematisch doorlichten van risicovolle (patiënt)processen op de risico s voor de patiëntveiligheid; 5. het analyseren van gegevens (dossieranalyse, indicatoren, auditgegevens en dergelijke) met als doel verbetermogelijkheden op te sporen; 6. het doorvoeren van verbeteringen op basis van voornoemde analyses; 7. het betrekken van patiënten bij patiëntveiligheid. Het MCH werkt in een regionaal netwerk van ziekenhuizen (samen met het LUMC, Bronovo, Het LangeLand Ziekenhuis, het Groene Hart Ziekenhuis, het Diaconessenhuis Leiden en het Rijnland Ziekenhuis) aan het opzetten van patiëntveiligheidsprojecten. Daarnaast participeert het MCH in een landelijk veiligheidsnetwerk van circa tien topklinische ziekenhuizen. Een belangrijke informatiebron voor het opsporen van mogelijkheden om de patiëntveiligheid te verbeteren is het patiëntendossier. Vanaf oktober 2012 wordt 100% van de patiëntendossiers van overleden patiënten in het MCH door de necrologiecommissie gescreend op mogelijkheden voor verbetering. De gehanteerde methode is ontwikkeld door het EMGO/NIVEL, waardoor ook landelijke vergelijkingen mogelijk zijn. De Necrologiecommissie zorgt ervoor dat uitkomsten van dossierscreening worden besproken met de betreffende specialismen en/of maatschappen, zodat waar nodig maatregelen kunnen worden genomen. De informatie die op deze manier beschikbaar komt, is naar onze mening meer relevant 35

36 dan het sterftecijfer (absoluut en HSMR). Iedere twee maanden presenteert de necrologiecommissie een casus als leerpunt, waarbij artsen, assistenten en medewerkers welkom zijn. Resultaat Het MCH heeft in 2014 invulling gegeven aan onderwerpen als: veilige toepassing van medische technologie in het ziekenhuis en het borgen van de bekwaamheid en bevoegdheid van gebruikers van medische apparatuur, via de commissie medische technologie; het zorgvuldig samenstellen van een aanschafdossier voor nieuwe (medische) apparatuur, waarin een prospectieve analyse is opgenomen van de risico s voor de patiëntveiligheid bij gebruik van apparatuur. Op basis van deze risicoanalyse wordt onder meer vastgesteld wie de apparatuur mag bedienen, wat de opleidingseisen zijn voor de gebruiker, de onderhoudsschema s, de opstart- en controleactiviteiten en de storingsprocedures; het opstellen van checklists om - daar waar in de zorg wordt samengewerkt met externe partners (bijvoorbeeld revalidatiecentra) - de patiëntveiligheidseisen te regelen, met als doel de veiligheidsrisico s voor de patiënt te minimaliseren. In 2014 heeft het MCH verder vorm gegeven aan nieuwe veiligheidsthema s: hoofdbehandelaarschap; de overdracht tussen professionals via de SBAR-methodiek; kwaliteit van dossiervoering; medicatieveiligheid; patiëntenparticipatie. Deze nieuwe thema s zijn voortgekomen uit analyse van bronnen als incidentregistraties, resultaten van analyses van patiëntendossiers, klachtenregistraties en prospectieve risicoanalyses. Daarnaast is gebruik gemaakt van de kennis en ervaring van specialisten, management en verpleging. Juist door gebruik te maken van de eigen gegevens- en ervaringsbronnen, is de betrokkenheid van de professionals (artsen, verpleegkundigen) en management bij de thema s bijzonder groot. In 2014 zijn ook veiligheidsthema s opgeleverd en afgerond. Dat wil zeggen dat voor een thema maatregelen zijn vastgesteld en geïmplementeerd. De borging wordt bewaakt met indicatoren of, als dat niet mogelijk is, met periodieke toetsingen. Voorbeelden: patiënten met bedreigde vitale functies (toepassing van de SIT-score); Acuut Coronair Syndroom ( gouden vijf medicatie ); voorkomen van verwisseling van en bij patiënten (time-out en sign out procedures); medische protocollen in i-document; hygiëne op de werkvloer (kledingvoorschriften); medische apparatuur, basisregels voor gebruik en geschiktheid voor gebruik. 36

37 Thematoets: hulpmiddel voor beïnvloeden van de veiligheidscultuur In het MCH is de thematoets geïntroduceerd, als variant van de veiligheidsronde. Daarmee wordt de naleving van bekende en gedeelde veiligheids- en gedragsafspraken getoetst. Een thematoets wordt uitgevoerd als: er sprake is van een werkafspraak die is vastgelegd en uitgedragen in de organisatie; de naleving van een werkafspraak via observaties kan worden getoetst in de praktijk; de mogelijkheid er is om tijdens de uitvoering van de praktijktoets uitkomsten van observaties te bespreken met betrokken medewerkers (direct aanspreken). Met thematoetsen bereiken wij dat: er een ziekenhuisbrede meting beschikbaar is binnen het gekozen onderwerp; er met medewerkers kan worden gesproken over nut, noodzaak en wel/niet naleven ervan; helder wordt waarom afspraken door medewerkers niet worden nageleefd. Voorbeelden van onderwerpen waarop in 2014 thematoetsen zijn uitgevoerd: toepassing van de SIT-score bij patiënten; toepassen van de pijnscore; naleven van de werkwijzen bij bereiden en toedienen van high-risk medicatie; naleven van afspraken over het voorkomen van verwisseling van en bij patiënten; opiatenbeleid; afspraken over de veiligheid van patiënteninformatie; naleving van de afspraken voor behandelbeleid en/of niet-reanimatiebeleid; beschikbaarheid en geschiktheid voor gebruik van zuurstofklokken; kwetsbare ouderen. Uit de resultaten van veiligheidsrondes komen altijd verbetermaatregelen voort. Deze hebben veelal betrekking op: het aanscherpen of verbeteren van de afspraak. Doordat medewerkers aangeven waarom zij een afspraak niet (kunnen) opvolgen kan de afspraak worden aangescherpt; maatregelen voor het verhogen van de naleving, daar waar de afspraak goed is. Deze maatregelen kunnen van disciplinaire aard zijn, maar ook in de beschikbaarheid en/of geschiktheid van middelen liggen. Andere recente initiatieven om de patiëntveiligheid verder te vergroten zijn: activiteiten in de week van de patiëntveiligheid (november 2014) om het thema bij medewerkers onder de aandacht te brengen, zoals: het houden van collegiale mini-veiligheidsaudits; een ziekenhuisbrede necrologiebespreking; het uitvoeren van een thematoets. 37

38 ziekenhuisbrede necrologiebesprekingen op beide locaties over de onderwerpen communicatie en overdracht, opname na traumaopvang, multi-morbiditeit en medicatiefouten, naast de necrologiebesprekingen op maatschaps- of vakgroepniveau. De belangstelling en opkomst voor deze ziekenhuisbrede besprekingen is bijzonder groot, zowel van specialisten als van verpleging en management. Training en opleiding Beleid Om veilig werken te bevorderen en zo onnodige schade te voorkomen, is het opleiden en trainen van professionals (medisch, verpleegkundig en ondersteunend personeel) essentieel. Voor hen zijn specifieke trainingen ontwikkeld: alle nieuwe medewerkers worden geïntroduceerd in patiëntveilig werken in het MCH; in de opleidingen van senior-verpleegkundigen en zorgmanagers is patiëntveiligheid een standaard module; alle nieuwe arts-assistenten en specialisten van de onderwijs- en opleidingsregio Leiden volgen een tweedaagse training patiëntveiligheid, ontwikkeld door het MCH; adviseurs, stafmedewerkers en zorgmanagers worden getraind in het uitvoeren van prospectieve risicoanalyses op patiëntveiligheid; patiëntveiligheidsteams op afdelingen worden getraind in oorzaakanalyses van incidenten (PRISMA-analyse) en in het veiliger maken van zorgprocessen; teams volgen een gezamenlijke training over het verbeteren van patiëntveiligheid door effectief samen te werken (team resource management training); circa viermaal per jaar vinden zogenaamde zeepkistbijeenkomsten plaats. Medewerkers die een bijzonder resultaat hebben behaald voor het veiliger of beter maken van de afdeling, krijgen de mogelijkheid een inspirerende presentatie te houden voor collega s. Ook deze presentaties worden druk bezocht en als zeer waardevol ervaren, omdat kennis op een praktische manier wordt gedeeld; medewerkers die betrokken zijn bij het verbeteren van kwaliteit en veiligheid krijgen de training de kunst van het klein maken aangeboden, een praktische training om eenvoudig en organisch de veiligheid op de afdeling te verbeteren, met het kleinschalig testen van mogelijke oplossingen en stapsgewijze opschaling van effectieve oplossingen. in de opleiding van ziekenhuisartsen wordt uitgebreid stilgestaan bij methoden en technieken voor het bewaken en verbeteren van de patiëntveiligheid. Resultaat Per eind 2014 hadden meer dan medewerkers een opleiding of training gevolgd over het onderwerp patiëntveiligheid en over hun rol en verantwoordelijkheid. 38

39 Ten slotte is in 2014, in de verdere voorbereiding van de fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo, gewerkt aan uniformering van werkwijzen en afspraken. Hierbij is voorrang gegeven aan onderwerpen die risico s opleveren voor de veiligheid van de patiënt. Voorbeelden: er is een top tien van risicovolle protocollen in de zorg opgesteld, met als doel deze te uniformeren. In deze top tien staan de protocollen voor reanimatie, sedatie, antistolling, time-out en sign-out procedures, behandelbeperking, bloedtransfusie en massaal bloedverlies, de vitaal bedreigde patiënt en de toepassing van de SIT-score, hoofdbehandelaarschap en de procedures bij nood en ontruiming; uniforme calamiteitenprocedure en gezamenlijke calamiteitencommissie; werkwijze bij het synchroniseren van protocollen over de locaties heen; uniforme afwikkeling van klachten over de patiëntenzorg; voorbereidingen voor gezamenlijke accreditatie door het NIAZ; uniforme managementrapportages voor kwaliteit, veiligheid, financiën en HRM. 4.3 Zorgprocessen In het MCH wordt continu gewerkt aan het beheersen en verbeteren van de zorgprocessen om daarmee de kwaliteit, veiligheid en klantgerichtheid te optimaliseren. Procesmanagement De samenwerking met Bronovo, het Groene Hart Ziekenhuis en LUMC leidt tot het zo optimaal mogelijk inrichten van bepaalde patiëntprocessen vanuit patiëntperspectief, kwaliteit en efficiency. Voor het continu verbeteren van processen wordt een intern ontwikkelde methodiek voor procesverbetering (MEDIC) gebruikt. Daarnaast is er in 2013 een methodiek ontwikkeld om processen vast te leggen en te beheersen, die in 2014 op verschillende patiëntprocessen is toegepast. Deze ontwikkeling sluit ook aan op wat het NIAZ van ons vraagt. Een aantal verbeterde zorgprocessen staat hieronder omschreven. Proces mamma-oncologie In 2014 is het hele proces voor patiënten met een verdenking op een mammacarcinoom herontworpen. Vanaf 27 oktober 2014 is een volledig multidisciplinaire gezamenlijke mammapoli in MCH Antoniushove ingericht, waar naast de chirurg ook een verpleegkundig specialist, internistoncoloog, radiotherapeut en mammacare-verpleegkundige bij betrokken zijn. Patiënten kunnen voortaan dagelijks terecht, hebben alle benodigde afspraken op dezelfde dag en horen binnen één werkdag of zij borstkanker hebben of niet. Alle betrokken specialisten stellen dagelijks in een multidisciplinair overleg een op maat gemaakt behandeladvies voor elke patiënt vast. In MCH Westeinde en in Bronovo kunnen patiënten daarnaast ook nog een dagdeel per week terecht. 39

40 Knie- en heupoperaties Voor zowel knie- als heupoperaties gebruikt het MCH het zorgpad goed en snel herstel, gericht op betere voorbereiding van en betere communicatie met de patiënt. Het zorgpad bevat duidelijke doelen voor elke dag vanaf de operatie. Zo weten patiënten precies wat ze weer moeten kunnen voor ontslag. De patiënt gaat zo snel mogelijk naar huis om daar verder aan te sterken en te revalideren. In 2014 is per afdeling gekeken naar verbetermogelijkheden voor het proces. Het gaat ervan uit dat patiënten niet ziek zijn, maar dat slechts een onderdeel wordt vervangen. Vier uur na de operatie starten patiënten al met mobiliseren. Om dit te laten slagen, is betrokkenheid en inzet nodig van zowel de patiënt als alle betrokken medewerkers (preoperatieve poli, OK, verpleegafdelingen en fysiotherapie). Op de polikliniek is een verpleegkundig consulent aangetrokken die in een zelfstandig spreekuur de patiënt de nodige voorlichting geeft over het totale traject. In 2015 wordt ingezet op het beter informeren van zorgmanagers en medewerkers over het proces en informatie-uitwisseling tussen afdelingen. OK-proces Eind 2013 heeft de afdeling Procesverbetering het OK-proces geanalyseerd met betrokkenen. Om het OK-proces continu te kunnen verbeteren, is in 2014 in het ziekenhuisinformatiesysteem (EZIS) de mogelijkheid toegevoegd om vertragingsredenen te registreren. Zo kunnen leidinggevenden meer grip krijgen op het proces. Ook zijn er nieuwe EZIS-schermen ontwikkeld die het mogelijk maken te plannen op basis van historische operatietijd. Een aantal specialismen is overgestapt op deze nieuwe systematiek. Verdere implementatie vindt begin 2015 plaats. Het beoogde resultaat is een realistische en uitvoerbare OK-planning, met zo min mogelijk uitloop en afzeggingen. Invoering SBAR-methode voor verpleegkundige overdracht Het MCH gebruikte de SBAR-methode al voor de overdracht naar artsen in acute situaties. In 2014 is deze vorm van overdracht volledig ingevoerd voor de overdracht naar verpleegkundigen. De SBARmethodiek (Situation, Background, Assessment, Recommendation) is een internationale standaard voor het overdragen van patiënten naar een andere discipline, maar ook voor patiëntgebonden problemen waarbij overleg noodzakelijk is. De methode brengt structuur in de overdracht en verbetert daarmee de patiëntveiligheid. Verpleegkundigen geven een oordeel over de situatie van een patiënt en doen een aanbeveling voor hun opvolger op de eigen of een andere afdeling. Zij richten zich daarbij niet alleen op hoe de patiënt zich nu voelt, maar ook op mogelijke ontwikkelingen in het ziektebeeld. Acute Opname Afdeling Interne Geneeskunde Het proces dat acute patiënten van de Interne Geneeskunde doorlopen is in 2014 gestructureerd. Er is gestart met een Acute Opname Afdeling (AOA). Patiënten van Interne Geneeskunde die vanaf de SEH worden opgenomen, komen allereerst terecht op deze AOA. Tijdens dit verblijf van maximaal 48 uur wordt versnelde diagnostiek verricht, de medicatie geverifieerd en zo snel mogelijk een behandelplan opgesteld. Bijna 50% van de patiënten mag na dit verblijf op de AOA met ontslag naar 40

41 huis. Mocht langere opname noodzakelijk zijn, dan wordt de patiënt opgenomen op een reguliere verpleegafdeling Interne Geneeskunde. Het stroomlijnen van dit proces in een AOA zorgt binnen de interne geneeskunde voor een kortere ligduur op de SEH, kortere opnameduur, hogere kwaliteit van zorg en hogere patiënttevredenheid. Medicatieproces In 2014 is het project om het medicatieproces te verbeteren op het snijvlak van apotheek en afdeling voortgezet. Het medicatieproces is verder in kaart gebracht en er zijn verbeteracties ingezet. Medicatieverificatie Op enkele afdelingen in MCH Westeinde en MCH Antoniushove is een pilot gestart waarbij medicatieverificatie plaatsvindt bij zowel opname als ontslag, door een daarvoor getrainde apothekersassistent. Specialisten en arts-assistenten kunnen op basis van betere informatie veiliger voorschrijven, en zowel patiënten als openbare apotheken worden beter geïnformeerd. Daarnaast zorgt de aanwezigheid van de assistenten op de afdeling voor een betere en snellere communicatie. Zij kunnen vragen over medicatie beantwoorden en problemen met betrekking tot de levering van medicatie snel oplossen. Elektronische toedieningsregistratie (etr) Op twee afdelingen in MCH Westeinde is gestart met een pilot etr. De papieren medicatieverantwoordingslijst is vervangen door een digitale variant en de patiënteninformatie in Ezis kan aan bed worden bijgehouden. Op beide afdelingen is de pilot succesvol. Verpleegkundigen kunnen op elke werkplek in één oogopslag zien wat de patiënt wel en niet toegediend heeft gekregen en zijn geen tijd meer kwijt aan het inplakken van etiketten. Zorgpaden Cardiologie In MCH Antoniushove wordt binnen de cardiologie invulling gegeven aan Chronische Cardiologie 3.0. Dat is zorg met als uitgangspunt: een sterke relatie met de eerste lijn, om daarmee de zorg voor chronische patiënten te verbeteren. Onderdeel hiervan is de invoering van zorgpaden, zoals voor cardiogenetica, hartfalen, de collapsstraat, de emboliestraat en de pijn op de borst (POB) -straat. Deze processen worden steeds verder verbeterd. Project op weg naar de nieuwbouw Bij MCH Antoniushove wordt een nieuw beddenhuis gebouwd. Dit zal in de tweede helft van 2015 in gebruik worden genomen. Daarin komen twee klinische verpleegvloeren: snijdend en beschouwend. Hoewel de fysieke situatie nu nog niet is veranderd, werken de voorheen zes verpleegvloeren vanaf 2014 al samen op basis van twee vloeren. Er is een reductie van 28 klinische bedden gerealiseerd, waarbij de productie in grote lijnen gelijk is gebleven. Dezelfde soort zorg is zoveel mogelijk geconcentreerd, ten behoeve van de kwaliteit en efficiëntie. De bed=bed-cultuur is geïntroduceerd; bedden worden niet voor een specialisme gereserveerd maar flexibel toegewezen. Ook is de functie van beddencoördinator geïntroduceerd binnen het opnamebureau en is het proces interne 41

42 overplaatsing geborgd. Werktijden zijn geüniformeerd en zorgmanagers hebben voor hun teams scholing georganiseerd. De werkindeling en overlegstructuur van alle verpleegafdelingen zijn op elkaar afgestemd. In diverse werkgroepen en medische klankbordgroepen is verder hard gewerkt aan twintig procesverbeteringen die een voorbeeld moeten zijn voor het hele ziekenhuis. Zo is het proces visite lopen geïmplementeerd en geharmoniseerd, is er een COPD- en pneumonie-zorgpad ontworpen en is er een start gemaakt met de zorgpaden urineweginfectie, ERAS voor de urologie en gynaecologie. Het omvangrijke project op weg naar de nieuwbouw is een pragmatische, efficiënte en gedragen procesverbetering gebleken. Opnamelounge MCH Antoniushove Sinds 1 oktober 2014 is in MCH Antoniushove gefaseerd een opnamelounge in gebruik genomen. Hier melden patiënten zich voor een geplande operatie. Na de herinrichting van de verpleegvloeren was er niet altijd een bed beschikbaar voor een op te nemen patiënt. Opnameproces en verpleegproces liepen door elkaar, wat tot onrust en verstoringen leidde. In de opnamelounge zijn deze processen gescheiden. Er is voldoende tijd en aandacht voor de patiënt tijdens het opname-, verpleeg- en ontslagproces, wat tevens voor meer focus en rust zorgt bij de verpleegkundigen. Door deze scheiding zijn er tevens op het juiste moment voldoende verpleegbedden beschikbaar. Liesbreukcentrum Het MCH en Bronovo hebben de liesbreukoperaties geconcentreerd in Bronovo. Door deze bundeling van expertise kan optimale kwaliteit van zorg en behandeling van liesbreuken geboden worden. Het aantal chirurgen dat deze operaties uitvoert is teruggebracht naar zeven. Zij hebben zich gespecialiseerd in twee operatietechnieken en er worden drie verdovingsmogelijkheden geboden. Operaties en (na)zorg gebeuren in Bronovo, ook voor patiënten van het MCH. Uit een eerste evaluatie blijkt dat patiënten de zorg een 8,2 geven. 85% van de patiënten raadt het centrum aan anderen aan. Ook het medische resultaat over het eerste half jaar is goed: slechts 0,4% van de patiënten krijgt te maken met infectie of moet opnieuw geopereerd worden. Draaiboek Ebola Het MCH heeft een multiculturele patiëntenpopulatie. Met het oog op de Ebola-uitbraak in West-Afrika, heeft het MCH er rekening mee gehouden dat zich een patiënt met ebolabesmetting zou kunnen aandienen. Ons handelen op het gebied van multiresistente (ziekenhuis)bacteriën is daarom herzien en aangescherpt. De afdelingen Medische Microbiologie en Hygiëne en Infectiepreventie zijn er, met ondersteuning van de afdeling Procesverbetering, in geslaagd om in korte tijd een specifiek Eboladraaiboek te ontwikkelen. Een patiënt met Ebola wordt volgens landelijke afspraken behandeld in een UMC. In het draaiboek is er - vanaf opvang van de patiënt tot aan vervoer naar het UMC - aandacht voor de patiënt, maar vooral ook voor de bescherming en veiligheid van de medewerker. Het draaiboek is uitvoerig getest in samenwerking met de SEH. 42

43 TIA spoedservice De TIA spoedservice in MCH Westeinde is per juni 2014 verplaatst naar de SEH. Doel is patiënten nóg sneller te kunnen onderzoeken en behandelen en iedere vorm van vertraging te voorkomen. Het risico op een (nieuw) herseninfarct is namelijk erg hoog; patiënten lopen ongeveer 4% risico op een nieuwe TIA binnen de eerste 48 uur en 8% binnen een week. Huisartsen kunnen patiënten met verdenking op een TIA na overleg met de dienstdoende neuroloog of arts-assistent met spoed verwijzen naar de SEH. 4.4 Instrumenten patiënttevredenheid In 2014 is doorgegaan met het verder uitrollen van de online versie van het instrument U maakt ons beter, een patiënten-feedbacksysteem. Eind 2014 konden patiënten bij bijna alle poliklinieken en een deel van de verpleegafdelingen online feedback geven. Deze feedback komt direct bij de juiste afdeling terecht, die snel kan reageren en direct met verbeteringen aan de slag kan. Met de online versie kunnen afdelingen bovendien makkelijker van elkaar leren, omdat ze elkaars reacties kunnen zien. Het instrument U maakt ons beter levert veel kleine verbeteringen op. Zowel managers als medewerkers kunnen na het lezen van een reactie actie ondernemen. In 2014 werd bijvoorbeeld verschillende malen door patiënten de behoefte geuit aan meer privacy en rust tijdens de intake voor een operatie. Onder andere die feedback heeft geleid tot de opnamelounge. In deze lounge worden patiënten in alle rust ontvangen voor een operatie, door verpleegkundigen die op dat moment alleen met opnames bezig zijn. De opnamelounge wordt in 2015 verder ontwikkeld. Naast U maakt ons beter worden ook afdelingsspecifieke onderzoeken uitgevoerd, waaronder het CQI onderzoek naar borstkanker op de mammapoli. 4.5 Risicomanagement Risicomanagement heeft in het MCH volop aandacht. Inzicht in risico s draagt bij aan het nemen van verantwoorde besluiten om de lange-termijndoelen van het MCH te realiseren. In 2009 is begonnen met de invoering van een integraal systeem voor risicomanagement, dat is ingebed in de planning- en controlcyclus. Sinds 2010 is deze aanpak van kracht, die zich als volgt laat karakteriseren: er zijn risicoclusters benoemd; jaarlijks worden de risico s in ieder risicocluster benoemd en beoordeeld; de risico s zijn vastgelegd in een risicoregister. In 2014 zijn, om de actualiteit en de slagvaardigheid van het risicomanagement te vergroten, de volgende aanpassingen aangebracht in het systeem voor risicomanagement: door samenvoegen van risicoclusters is het aantal clusters teruggebracht van twaalf naar zeven; de focus is gelegd op de actuele risico s; 43

44 ieder risicocluster heeft een eigenaar toegewezen gekregen die verantwoordelijk is voor de juiste en volledige inventarisatie van de actuele risico s en ervoor zorgdraagt dat verbeterpunten uit de risico-inventarisatie worden belegd in de organisatie. Risicogebied Risicocluster INK-model Eigenaar # 1 Omgeving, markt, strategie en beleid, Leiderschap Secretaris raad van bestuur deelnemingen, externe relaties Beleid & Strategie 2 Personeel, arbo, opleidingen, cultuur Personeel Manager HRM 3 Medische technologie en apparatuur Middelen Organisatorisch Manager divisie Behandelend 4 Financiën, investeringen, treasury, Middelen Manager EAB planning & control, sales 5 Gebouwen en technische systemen Middelen Manager Facilitair Bedrijf 6 ICT (informatisering, automatisering) Middelen Manager Stafgroep Ondersteuning 7 Zorg- en zorgondersteunende processen Processen Organisatorisch Manager divisie Snijdend Resultaten: Er zijn 38 risico s benoemd en 51 maatregelen genomen om de risico s te minimaliseren. De belangrijkste risico s voor het MCH hangen samen met: betrouwbaarheid van infrastructuur en technische voorzieningen; ontwikkelingen in de markt, zoals het inkoopbeleid van zorgverzekeraars en concurrentie van andere ziekenhuizen en focusklinieken; de politieke besluitvorming en de mogelijk financiële consequenties daarvan; wijzigingen in de verhouding tussen het ziekenhuis en de medische staf door de regelgeving vanaf Voorbereiding gezamenlijke aanpak In voorbereiding op de fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo is voor het risicomanagement vanaf 2015 een gezamenlijke aanpak uitgewerkt en vastgesteld. De aanpak kenmerkt zich door: maximaal gebruik van de in de organisatie aanwezige kennis over risico s bij experts van een onderwerp en betrokkenen; risicodenken en risico beoordelen integreren in bestaande werkwijzen en routines; accent op actuele risico s zonder op voorhand potentiele risico s uit te sluiten; inhoudelijk betrokkenen en verantwoordelijken ervaren de risicoaanpak als een waardevolle en praktische aanvulling voor de uitvoering van hun taken en verantwoordelijkheden. 44

45 4.6 Wetenschappelijk onderzoek en opleidingen Wetenschap en opleidingen behoren, naast patiëntenzorg, tot de kerntaken van het MCH. Het Landsteiner Instituut levert een belangrijke bijdrage aan de professionalisering van het MCH door opleiding, ontwikkeling van medewerkers en wetenschappelijk onderzoek. Op deze gebieden wordt nauw samengewerkt met onderwijsinstellingen én leerhuizen of opleidingsafdelingen van andere ziekenhuizen in de regio Wetenschappelijk onderzoek Advisering lokale uitvoerbaarheid door wetenschapscommissie Voorstellen voor wetenschappelijk onderzoek worden voorgelegd aan de Wetenschapscommissie, die de raad van bestuur adviseert over de lokale uitvoerbaarheid. Dit geldt zowel voor WMO-plichtig als niet-wmo-plichtig (Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen) onderzoek. De Wetenschapscommissie wordt hierin ondersteund door het wetenschapsbureau. In 2014 zijn 103 studievoorstellen goedgekeurd door de wetenschapscommissie; 19 keer daarvan betrof het een amendement van een eerder goedgekeurd onderzoek. Beoordeeld worden: de onderzoeksbegroting door een financial controller; de kwaliteit van het onderzoek en de onderzoeker, zoals voorgesteld door STZ, IGZ en VWS door de Wetenschapscommissie; eventueel het sponsorcontract door een jurist. Daarnaast zijn 12 studies die in 2014 zijn ingediend (nog) in behandeling bij het wetenschapsbureau en de wetenschapscommissie. Voor 28 (investigator-initiated) studies is geld toegekend uit het wetenschapsfonds, met een totaalbedrag van Meer informatie staat in het jaarverslag van de wetenschapscommissie. Scholing voor onderzoekers Het wetenschapsbureau heeft drie GCP-training (Good Clinical Practice) georganiseerd voor 46 onderzoekers (specialisten, al dan niet in opleiding, en verpleegkundigen). Daarnaast heeft het wetenschapsbureau twee basistrainingen medische statistiek met SPSS en één training over hetzelfde onderwerp voor gevorderden georganiseerd. Trialbureau In het MCH komen jaarlijks veel aanvragen binnen voor ondersteuning in de voorbereiding en bij de uitvoering van (met name) fase III- en IV-onderzoeken. Tevens is er een toename van wetenschappelijk onderzoek dat in het MCH is geïnitieerd. De researchverpleegkundigen van het trialbureau hebben in 2014 ruim 30% meer wetenschappelijke onderzoeken ondersteund dan in 2013: dertien studies door de internist-oncologen, waarvan er twee zijn afgesloten in 2014; zes studies voor de internist-hematologen; twee studies voor de MDL-artsen; 45

46 drie studies voor de internist-endocrinologen; een studie van de internist-geriater; twee studies voor de urologen; vier studies voor heelkunde, waarvan één multi-center onderzoek dat is opgestart vanuit het MCH, één studie is afgesloten in 2014; een studie voor anesthesie; een studie voor de apotheek welke is afgesloten in 2014; een studie van kindergeneeskunde. Eind 2014 was het trialbureau bezig met het voorbereiden en/of indienen van minstens 11 trials. De formatie van researchverpleegkundigen van het trialbureau is uitgebreid met 0,44 fte en bedraagt in 2015 in totaal 1,9 fte. Wetenschapsmiddag Op 7 november heeft de wetenschapscommissie in samenwerking met de centrale opleidingscommissie (COC) de MCH Wetenschapsmiddag georganiseerd. Medisch specialisten (in opleiding), paramedici en gespecialiseerde verpleegkundigen hebben daar hun wetenschappelijk onderzoek gepresenteerd. Er zijn 28 abstracts ontvangen. Door een jury vanuit de wetenschapscommissie zijn uit alle aanmeldingen acht mondelinge presentaties geselecteerd. De overigen hadden een posterpresentatie. Tijdens de wetenschapsmiddag ging de prijs voor de beste presentatie naar Michiel van Veelen, AIOS SEH, voor zijn onderzoek spoedzorg, is een geïntegreerde 24-uurs huisartsenpost in het ziekenhuis de oplossing?. De prijs voor de beste poster werd door het publiek gegeven aan Stan Jansen, ten tijde van het onderzoek semi-arts bij KNO en Heelkunde, voor zijn onderzoek naar chirurgische excisie van huidtumoren in het gelaat. De keynote lecture werd verzorgd door professor Henk Struikmans van radiotherapie, met als titel bestraling en borstkanker anno 2014, less is better. De middag is goed bezocht door opleiders, medisch specialisten, assistenten (niet-)in- opleiding (A(N)IOS), paramedici en gespecialiseerde verpleegkundigen. Medische bibliotheek Medewerkers van het ziekenhuis kunnen in de Medische Bibliotheek terecht voor het gebruiken van de boeken- en tijdschriftencollectie, ondersteuning bij het zoeken naar literatuur of informatie en voor diverse cursussen, zoals de opfriscursus PubMed en Reference Manager. De Medische Bibliotheek werkt op diverse manieren samen met de Walaeus Bibliotheek van het LUMC en de andere medische bibliotheken in de regio. Meer informatie is te vinden in het jaarverslag van de bibliotheekcommissie. MCH-wetenschapsbeurs voor wetenschappelijk onderzoek In 2014 heeft de Wetenschapscommissie acht onderzoeksvoorstellen ontvangen en beoordeeld. De jury heeft vier onderzoeksvoorstellen gehonoreerd met een studiebeurs: Ellen van Minderhout, orthoptist oogheelkunde: promotietraject. Klinisch onderzoek naar de effectiviteit en veiligheid van anticholinergische oogdruppels bij een pediatrische populatie. 46

47 Mignon van Gent, AIOS gynaecologie: promotietraject. Onderzoek op het gebied van oncologische gynaecologie naar Tailoring van behandeling in vroeg stadium van oncologische gynaecologie. Kirsten Dorresteijn, AIOS neurologie: De PALADIN studie. Is procalcitonine een betrouwbare parameter voor de detectie van een bacteriële intracerebrale draininfectie? Christa Nederstigt, AIOS interne geneeskunde: promotietraject. Onderzoek naar ontwikkeling en voorkomen van schildklierziekten bij 1300 patiënten met diabetes type 1, die gedurende langere tijd gevolgd zijn. De vier kandidaten zijn met de MCH-studiebeurs gedurende een jaar een dag per week vrijgesteld van opleiding, om zich te wijden aan (het voorgestelde) wetenschappelijk onderzoek. Dit wordt gefinancierd uit het MCH-wetenschapsfonds. Wetenschappelijke stages Via de MCH-website kunnen studenten van bijvoorbeeld de opleidingen Geneeskunde, Biomedische Wetenschappen, Bewegingswetenschappen en Beleid en Management in de Gezondheidszorg reageren op de mogelijkheid van een wetenschappelijke stage in het MCH. Vanaf medio 2014 worden deze aanvragen verzameld op het secretariaat van het Landsteiner Instituut en wordt door de stafmedewerker Wetenschap bemiddeld voor een stageplaats. In het verslagjaar zijn 35 verzoeken voor een stageplaats ontvangen en zijn, voor zover bekend, twaalf studenten gestart met een wetenschappelijke stage Opleidingen Initiële beroepsopleidingen en vervolgopleidingen Het MCH is een erkend leerbedrijf en biedt een breed pakket aan beroepsopleidingen. Per jaar heeft het MCH ongeveer 100 beroepsbeoefenaren via de werken leren -variant in opleiding. Daarnaast biedt het MCH stageplaatsen voor diverse beroepsopleidingen. Ook bood het MCH de Haagse Hogeschool in het schooljaar twee leerafdelingen in het ziekenhuis. Hiermee wordt een groot aantal extra HBO-V stageplaatsen aangeboden. Om de kwaliteit van begeleiden te versterken wordt er geïnvesteerd in het opleiden van de begeleiders op de diverse afdelingen in de vorm van blended learning. Er wordt een e-learning module geboden in combinatie met praktijktrainingen. Binnen de regio Den Haag werkt het MCH mee aan een strategische alliantie op het gebied van beroepsopleidingen. Hier zijn het ROC Mondriaan, de Hogeschool Den Haag en andere ziekenhuizen bij betrokken. Speerpunt is het beter integreren van onderwijs in de praktijk en vice versa, en het verbeteren van de mobiliteit tussen opleidingen. Vervolgopleidingen Na het volgen van een initiële opleiding, biedt het MCH tal van mogelijkheden voor het volgen van een specialistische vervolgopleiding. Alle verpleegkundige vervolgopleidingen als ook de beroepsopleidingen voor radiotherapeutisch laborant en OK- en anesthesieassistent hebben de CZO- 47

48 erkenning. Vier nieuwe erkenningen zijn ontvangen: de opleiding voor Geriatrie Verpleegkundige, Medium Care Verpleegkundige, Radiodiagnostisch Laborant (duaal) en Deskundige Infectiepreventie. Opleiding geneeskunde Jaarlijks worden studenten Geneeskunde uit het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) in hun derde tot en met zesde leerjaar voor praktijkonderdelen van hun studie begeleid in het MCH. Eén keer per jaar krijgen groepen derde- en vierdejaarsstudenten gedurende acht bijeenkomsten begeleiding bij hun eerste ervaringen in de praktijk. Daarnaast lopen jaarlijks ruim 300 studenten gedurende vier tot tien weken hun coschappen in het MCH. Verder volgen ongeveer 40 studenten een keuzecoschap van vijf tot tien weken en lopen ruim 60 zesdejaars studenten gedurende zestien weken hun semi-artsenstage. Medisch-specialistische opleidingen Naast medisch specialisten leidt het MCH ziekenhuisapothekers, klinisch psychologen, GZpsychologen, klinisch fysici, klinisch chemici, sportartsen, ziekenhuisartsen en SEH-artsen op. De Centrale OpleidingsCommissie (COC) onderhoudt samen met het Landsteiner Instituut een intern systeem voor toetsing van de kwaliteit van de vervolgopleidingen. Zowel met de artsen in opleiding tot specialist (aios) als met de opleiders wordt overlegd over mogelijkheden voor verbetering. De COC kent een Dagelijks Bestuur (DB) dat maandelijks vergadert. De (arts-)assistenten van alle vakgroepen wordt jaarlijks verzocht de Direct-enquête in te vullen. Vervolgens spreekt het DB per vakgroep met een vertegenwoordiging van hen en aansluitend met de opleider. De commissie streeft ernaar viermaal per vijf jaar alle opleidende vakgroepen op deze manier onder de loep te nemen. De verslagen ervan zijn vertrouwelijk in verband met het blame free bespreken en onderzoeken van het leer- en opleidingsklimaat. Met dit systeem voor interne kwaliteitsbewaking worden eventuele aandachtspunten in de opleidingen in een vroeg stadium gesignaleerd en aangepakt. Het is tevens een goede manier om visitaties voor te bereiden, vakgroepoverstijgende problemen te signaleren en bij opleiders en raad van bestuur onder de aandacht te brengen. Daarnaast kent het MCH een meldpunt, waartoe arts-assistenten zich kunnen wenden bij problemen. Meldingen zijn vertrouwelijk. Ook zijn er drie vakgroepen (interne geneeskunde, neurologie en obstetrie & gynaecologie) die voor hun arts-assistenten intervisiebijeenkomsten organiseren, geleid door medisch psychologen. Sinds 2013 is er ook een vertrouwenspersoon voor arts-assistenten en coassistenten. Samen met de opleiders coördineert het Landsteiner Instituut de aanvragen en afhandeling van de bekostiging van de medische vervolgopleidingen. Met ingang van 2013 is dit geen subsidieregeling van VWS meer, maar een beschikbaarheidsbijdrage van de NZa. Ontwikkeling Opleiden en het trainen van vaardigheden is belangrijk voor alle medewerkers en specialisten. Zij worden daarom in de gelegenheid gesteld om zowel intern als extern scholing te volgen. Voor 48

49 verschillende beroepsgroepen zijn er scholingsprogramma s op specifieke vakterreinen of onderwerpen, vaak in samenwerking met het Landsteiner Instituut georganiseerd. Voorbeelden: de scholing objectief beoordelen voor toetsers van voorbehouden handelingen of apparatuur, de praktijkworkshopdagen voor verpleegkundigen, de scholing van bedreigde vitale functies voor verpleegkundigen van onder andere de kinderafdeling, overdragen aan de hand van de SBARmethode, klinisch redeneren en de agressiereductie-trainingen. Voor de vaardigheidstrainingen zoals de ALS, APLS en ABCDE, worden specialistische verpleegkundigen ingezet als instructeur. De eerste, door de Nederlandse Reanimatieraad erkende, ALS cursus is gegeven door het Landsteiner Instituut. In het kader van patiëntveiligheid zijn meerdere arts-assistenten, samen met de opleider of supervisor, en verpleegkundigen van de acute specialismen getraind in acute situaties. Deze trainingen zijn gericht op communicatie, samenwerken en medisch handelen binnen eigen en afdelingsoverschrijdende specialismen. Management Development In 2014 is uitvoering gegeven aan de jaarkalender voor het middenmanagement, die in 2013 is ontwikkeld door HRM, het divisiemanagement en het Landsteiner Instituut. Het aanbod bestaat uit interne informatiebijeenkomsten, kennisdelen en een facultatief aanbod van trainingen over specifieke onderwerpen. Daarnaast hebben enkele zorgmanagers deelgenomen aan een scholingsprogramma voor het middenkader van alle STZ-ziekenhuizen, in samenwerking met de Nijenrode Business Universiteit. Door de medische staf en het Landsteiner Instituut is een leergang zorgmanagement opgezet voor specialisten uit de Coöperatie met ambities op het vlak van leidinggeven, De eerste leergang is afgerond en een tweede groep is gestart. Kwaliteitsimpuls zorginstellingen Een strategisch opleidingsplan is opgesteld in het kader van de subsidieregeling Kwaliteitsimpuls zorginstellingen. Landsteiner Leerplein De opleidingsprofielen van de zorgafdelingen en de daarbij behorende kwaliteitsregels zijn verwerkt in het kwaliteitsdashboard van het Landsteiner Leerplein. Per functie en medewerker is inzichtelijk gemaakt welke scholingsactiviteiten de medewerker moet volgen en met welke herhalingsfrequentie. E-learning ProfPortaal Zorg is opgestart, een nieuw initiatief op het gebied van e-learning. ProfPortaal Zorg ontwikkelt, onderhoudt en beheert content voor en met de zorg. Dat betekent dat niet elke instelling zelf content hoeft te maken of in te kopen. Dat levert een kostenbesparing en flexibiliteit op. ProfPortaal Zorg is ontstaan uit een gezamenlijk initiatief van het Landsteiner Instituut (namens Bronovo, Groene Hart Ziekenhuis en Medisch Centrum Haaglanden) en enkele andere grote ziekenhuizen en andere zorginstellingen in Nederland. 49

50 4.7 Samenleving en milieu Milieu Relevante wet- en regelgeving op het gebied van milieu, specifiek voor de ziekenhuisbranche, zijn onder andere de Wet milieubeheer, de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Kernenergiewet. Alle drie zijn inmiddels opgegaan in de overkoepelende omgevingsvergunning. Uiteraard kunnen we meer doen dan dat wat de wet- en regelgeving voorschrijft. In het ziekenhuis werken wij bijvoorbeeld met strikt gescheiden afvalstromen, waarbij ook het kantoorafval zoveel mogelijk voor hergebruik wordt ingezameld en voor verwerking wordt aangeboden. Doelen Zorg voor het milieu is in onze organisatie een continu gegeven. Bovendien voelen wij ons betrokken bij de maatschappij in de volle breedte. Als ziekenhuis kunnen en willen we bijdragen aan het welzijn van anderen. Meer concreet onderscheiden wij de volgende doelen op het gebied van milieu: Energiebeheer. Het MCH streeft naar beperking van het energiegebruik door middel van onderstaande maatregelen: gebruik van energiezuinige verlichting; afwegen warmte- en koellast bij aanschaf van apparatuur; voorkomen van het lekken van warmte door goede isolatie; oplossingen bij verbouw- en nieuwbouwprojecten die het energieverbruik verminderen; aandacht voor meet- en regelonderhoud, koel- en warmteprocessen, opheffen van elkaar tegenwerkende processen; Hergebruik goederen. Het MCH streeft ernaar zoveel mogelijk goederen te hergebruiken, om het beslag op natuurlijke bronnen te beperken. Uitgangspunten in de milieuzorg van het MCH zijn het voldoen aan de wettelijke eisen die hiervoor gelden en de zorg voor een milieuvriendelijke omgeving; Structureel worden interne controles en evaluaties op het gebied van de inzameling van reststoffen opgenomen in periodieke interne audits. Resultaten Het verbruik van energie, gas en stadsverwarming is aanzienlijk verminderd ten opzichte van In MCH Westeinde is in 2014 een daling van 9,4% gerealiseerd in het gasverbruik en een daling van 15,1% in het gebruik van stadsverwarming. Het energieverbruik is gestegen met 2,3%. In MCH Antoniushove is het gasverbruik met 23,2% afgenomen en het energieverbruik met 4,6% gedaald. De totale hoeveelheid afval is in 2014 nauwelijks gewijzigd ten opzichte van Voor MCH Westeinde is de hoeveelheid van de grote stromen zoals bedrijfsafval, specifiek ziekenhuisafval (SZA) en de inkoop van de Wiva-vaten niet noemenswaardig gewijzigd. Ook de opbrengst van papier en karton is nagenoeg gelijk gebleven. 50

51 Voor MCH Westeinde is ten opzichte van minder uitgegeven aan transportkosten, door de aankoop van een nieuwe perscontainer met groter volume. Het bedrag voor de huur van een tijdelijke pers à is komen te vervallen. Voor MCH Antoniushove is het bedrijfsafval afgenomen met 6 ton op jaarbasis, van 170 ton naar 164 ton. De overige afvalstromen zijn nagenoeg gelijk gebleven. 51

52 5 Management van middelen 5.1 Financieel beleid Ontwikkelingen in 2014 In 2014 heeft het MCH de jaarrekening 2013 gedeponeerd, waarbij de accountant een verklaring met een sectorale beperking heeft afgegeven vanwege de risico s en onduidelijkheden met betrekking tot de registratie en facturatie. Achtergrond was de discussie over de open normen die in de loop van 2014 door de regelgever met terugwerkende kracht zijn aangepast. Hierdoor kon in de gehele sector de juistheid en betrouwbaarheid van de omzet met onvoldoende zekerheid worden ingeschat. In juli 2014 is ten gevolge van dit landelijke probleem een zelfonderzoek gestart naar de declaraties over 2012 en Uitgangspunt hierbij was dat wanneer de ziekenhuizen dit zelfonderzoek afronden, zorgverzekeraars geen materiële controles meer zullen uitvoeren over de jaren tot en met 2013 en dat eventueel te veel ontvangen omzet door onjuiste toepassing van de regelgeving door de ziekenhuizen zullen worden terugbetaald aan de zorgverzekeraars. Voor MCH hebben de uitkomsten van het zelfonderzoek geleid tot een correctie van 1,7 mln. op de gedeclareerde omzet over 2012 en Omdat over deze jaren al sprake was van een overdekking op de gemaakte afspraken met zorgverzekeraars heeft dit uiteindelijk geen effect op de omzet voor de jaarrekening. De accountant zou op basis van de gegevens over 2013, zoals die in december 2014 beschikbaar waren, een goedkeurende verklaring bij de jaarrekening 2013 hebben gegeven. In 2014 is het Transitiebedrag definitief vastgesteld. In de jaarrekening 2013 is rekening gehouden met een te ontvangen bedrag uit de Transitieregeling ter waarde van 5 mln. De definitieve vaststelling van het Transitiebedrag in december is nog hoger uitgevallen, waardoor in de jaarrekening 2014 een eenmalige bate van 3,3 mln. is opgenomen. De basis voor de bepaling van de omzet 2014 vormt de handreiking omzetverantwoording zoals die in 2013 is vastgesteld. De omzet 2014 bevat de gefactureerde DOT Zorgproducten, de mutatie op de nog te factureren DOT Zorgproducten en de mutatie onderhanden werk. Deze omzet is gecorrigeerd voor: Voorzichtigheid vanwege de rechtmatigheidscontroles die over 2014 nog dienen plaats te vinden. Hiervoor is een percentage van 1% van de factuurwaarde 2014 gehanteerd; Nuancering als gevolg van afspraken met zorgverzekeraars zoals deze in de contracten zijn opgenomen. In 2014 is met de ING overeenstemming bereikt over een kredietfaciliteit van 24,9 mln. Het Waarborgfonds staat borg voor de leningen onder deze faciliteit, maar wilde hiervoor zekerheid in de vorm van een hypotheek op het onroerend goed van het MCH en verpanding van de hierin aanwezige inventaris. Als gevolg hiervan is eind 2014 een hypotheek gevestigd van 106 mln., waarin de totale uitstaande financiering is onder gebracht. De begunstigden zijn het Waarborgfonds, de ING en de Staat. 52

53 In 2014 heeft eveneens de aanbesteding voor de nieuwbouw van de Radiotherapie op locatie Antoniushove succesvol plaatsgevonden. In de loop van 2015 zal worden gestart met de nieuwbouw. Er is een projectgroep ingesteld die toeziet op de voortgang, de Raad van Bestuur adviseert en de uitgaven monitort. Bij het Waarborgfonds zal een borgstellingsverzoek worden ingediend voor de bij consolidatie zo nodig aan te trekken financiering. Jaarverantwoording In de geconsolideerde jaarrekening zijn de cijfers opgenomen van het MCH en de deelnemingen waarin zij een controlerend belang heeft. Voor 2014 zijn dit Express-so B.V., stichting Diabeteszorg Haaglanden, West End Facility B.V., Apotheek MCH Lijnbaan B.V. en LabWest B.V. In de onderstaande tabel worden de belangrijkste kengetallen weergegeven uit de jaarrekening: Financiële kengetallen Totale bedrijfsopbrengsten Resultaat Winstmarge 2,7% 3,3% Eigen vermogen Solvabiliteit (balanstotaal) 29,6% 32,5% Solvabiliteit (opbrengsten) 27,8% 30,2% Langlopende schulden Loan to value 2 62,3% 55,1% Debt Service Coverage Ratio (DSCR) 3 2,7 3,0 Cashflow ontwikkeling Liquiditeitsratio (current) 4 1,5 1,6 1) Inclusief aflossingsverplichting komend boekjaar. 2) De langlopende schulden worden in deze ratio uitgedrukt als percentage van de materiele vaste activa. 3) Deze ratio, waarbij het resultaat voor rente en afschrijving wordt gedeeld door de rente en aflossingsverplichtingen, geeft weer in hoeverre de instelling aan haar rente en aflossingsverplichtingen kan voldoen. 4) Deze ratio, waarbij de vlottende activa worden gedeeld door de kortlopende schulden, geeft weer in hoeverre de instelling op korte termijn aan haar verplichtingen kan voldoen. Resultatenrekening De totale bedrijfsopbrengsten stijgen met 10 mln. De stijging van de omzet DOT Zorgproducten is 18 mln. Deze stijging moet in het perspectief worden gezien van de jaarrekening 2013 waarbij in de omzet 2013 een correctie is opgenomen vanwege te veel toegerekende omzet aan het boekjaar Wordt deze post geëlimineerd uit 2013 dan is er sprake van een stijging van de omzet DOT Zorgproducten van 10 mln. De omzet subsidies is met 2,2 mln. toegenomen. Achtergrond van deze stijging is een toename van de subsidie voor arts-assistenten in opleiding. Daarnaast heeft MCH een subsidie gekregen in het kader van de pilot ziekenhuisartsen in opleiding. Een daling van de omzet is waarneembaar bij de niet gebudgetteerde zorgprestaties. Deze daling wordt veroorzaakt doordat het 53

54 LangeLand Ziekenhuis haar contract voor de diensten van het Pathologisch Anatomisch Lab en de Medische Microbiologie in 2014 heeft beëindigd. Op jaarbasis valt hiermee een omzet van 2,2 mln structureel weg. De overige bedrijfsopbrengsten stijgen met 1,8 mln. door toegenomen opbrengsten uit deelnemingen. De opbrengst uit hoofde van de transitieregeling bedraagt in 2014 nog 3,3 mln. In de jaarrekening 2013 en 2014 was, zoals bovenstaand reeds toegelicht, voorzichtigheidshalve een lager bedrag opgenomen. Gelet op de definitieve vaststelling in december 2014 is nu het volledige bedrag uit de transitieregeling verwerkt. De totale bedrijfslasten bedragen 285 mln, een stijging van 8,5 mln. ten opzichte van De belangrijkste stijging betreft de personele lasten die met 7,3 mln. zijn toegenomen. Deze stijging wordt enerzijds verklaard door de doorwerking in 2014 van de CAO en anderzijds door extra opleidingskosten ter grootte van 1,7 mln. De personele formatie is ultimo 2014 afgenomen met 32 fte. Deze daling doet zich met name voor bij de facilitaire functies en is er sprake van een daling van het aantal leerlingen. Omdat de daling pas eind 2014 is gerealiseerd, komt dit nog niet tot uitdrukking in de personele lasten. De overige bedrijfskosten 2014 zijn gestegen met 0,6 mln. Aan de voorziening groot onderhoud is een extra dotatie gedaan ter hoogte van 12,5 mln. In deze dotatie zit het onderhoud aan de luchtbehandelingsinstallatie, de netwerkinfrastructuur en er is een extra reservering opgenomen voor het verwijderen van asbest. De patiënt- en bewoners gebonden kosten zijn toegenomen door de stijging van met name de dure geneesmiddelen. Aan de middelen Herceptin, Avastin en Vectibin is bijna 1 mln. meer uitgegeven dan in Ook is het gebruik van Remicade met bijna toegenomen. Een laatste stijging binnen de patiënt- en bewoners gebonden kosten betreft de kosten voor radiologisch interventie materiaal. Hierin is een stijging van bijna waarneembaar. Door een vrijval van de transitievoorziening is de algehele stijging van de overige bedrijfskosten beperkt. Balans De financiële positie van het MCH is het afgelopen jaar verder verbeterd. De ontwikkeling van de DSCR, Solvabiliteit en Current Ratio zijn verder toegenomen. Deze ontwikkeling past bij de verhoogde onzekerheid in de sector waardoor de eisen van vermogensverstrekkers verder toenemen. De materiële vaste activa nemen in 2014 toe waarbij met name de nieuwbouw van de kliniek in Antoniushove zorgt voor de stijging. De bouw van de kliniek is in een vergevorderd stadium en zal medio 2015 worden opgeleverd. Daarnaast is in december de bouw van de Radiotherapie als ook de apparatuur aanbesteed. Beide projecten zullen zorgen voor een toename van de materiële vaste activa in de komende jaren. In de jaarrekening 2013 waren de vorderingen op zorgverzekeraars hoog vanwege de late facturatie in In 2014 is voor meerdere zorgverzekeraars op een eerder moment gefactureerd waardoor de 54

55 stand van de vorderingen met bijna 50 mln. is gedaald. Dit heeft een positief effect op de liquide middelen. Gelet op de wijziging in de systematiek in 2015, waarbij de doorlooptijd van DOT Zorgproducten wordt verkort, is dit een zeer wenselijke uitkomst. De verwachting is dat de doorlooptijdverkorting zal leiden tot een langere discussie met zorgverzekeraars over de prijsstelling 2015 waardoor in 2015 weer later gefactureerd zal worden. Het positieve resultaat heeft als consequentie dat het eigen vermogen op 32% van het balanstotaal uitkomt, waarmee de stijgende lijn van de afgelopen jaren is gecontinueerd. In 2014 is een nadere analyse gemaakt van een aantal specifieke onderdelen van het gebouw. Hierbij is geconstateerd dat de luchtbehandeling en de netwerkinfrastructuur onderhoud nodig hebben. Daarom is aan de voorziening Groot Onderhoud extra ruimte gedoteerd om hierin te kunnen voorzien. De deelnemingen hebben de resultaten van 2013 doorgezet in 2014 en blijven daarmee bijdragen aan het positieve resultaat van MCH. Financiële instrumenten Ten behoeve van de continuïteit streeft het MCH ernaar om de financiële risico s te beheersen en te beperken. Het MCH maakt hierbij zo nodig gebruik van afgeleide financiële instrumenten, voor zover financiële factoren als renteschommelingen een materiële impact dreigen te hebben op de kasstromen en het resultaat. De financiering van het MCH bestaat voor een aanzienlijk deel uit vreemd vermogen. Sterke rentefluctuaties kunnen dan ook leiden tot sterke schommelingen in de kasstromen en het resultaat. Het MCH probeert deze fluctuaties op verschillende manieren te ondervangen. Waar mogelijk maakt het MCH gebruik van leningen met een vaste rente in plaats van leningen met een variabele rente. Bij de vastrentende leningen streeft het MCH naar een evenwichtige spreiding van de rentevervalmomenten en rentelooptijden. Bij leningen met een variabele rente maakt het MCH gebruik van rentederivaten om het risico van een stijgende rente te ondervangen. Er is dan ook altijd een relatie tussen een afgesloten lening en de aanwezigheid van een derivaat. Het MCH waardeert haar derivaten in de jaarrekening tegen kostprijs, met toepassing van kostprijs hedge-accounting. Per balansdatum heeft het MCH twee renteswaps lopen, die gekoppeld zijn aan twee leningen met een variabele rente. Door de huidige lage marktrente hebben deze renteswaps per 31 december een negatieve waarde van 1,6 mln. Een negatieve waarde leidt niet tot margin calls. Administratieve organisatie en interne controle In 2014 is het zelfonderzoek over de jaren 2012 en 2013 uitgevoerd. Het MCH heeft een foutscore van 0,5%, hetgeen ten opzichte van het Landelijk Gemiddelde van 1,2% gunstig is. Deze 0,5% houdt in dat het ziekenhuis een bedrag van 1,7 mln. teveel aan zorgverzekeraars heeft gedeclareerd. 55

56 In deze 1,7 mln. zit voor 1,3 mln. aan eerste polikliniekbezoeken met een onjuiste face-to-facecontactregistratie. Deze fout betreft een aanpassing in de regelgeving waarbij een face to face contact met een medisch specialist noodzakelijk is terwijl bij MCH een 1e polikliniekbezoek ook werd geregistreerd indien een patiënt door een nurse practitioner of physician assistent werd gezien. In 2015 is dit volgens de nu geldende regelgeving toegestaan. Voor de periode tot en met 2014 wordt dit als fout aangemerkt. In 2013 zijn al maatregelen genomen om dit juist te registreren. Van de 1,7 mln. aan onjuiste registraties heeft 1,5 mln. dan ook betrekking op Op basis van de analyse van de fouten zijn controles ingericht om fouten in de toekomst te kunnen opsporen. Daarnaast zijn nieuwe registratie instructies gegeven om de fout aan de bron te elimineren. Het onderstaande overzicht maakt de belangrijkste fouten uit het zelfonderzoek inzichtelijk: Totaal!!!"#! $ % #!! "! " Uitkomst factuurcontrole Door de afdeling interne controle is een steekproef uitgevoerd bij 479 facturen. Deze steekproef heeft geleid tot een foutpercentage van 2,27%, waarmee het MCH binnen de toegestane bovengrens van 3% blijft. De belangrijkste geconstateerde fouten betreffen registratie van een onjuiste diagnose, een onterecht parallel subtraject en een overbodig subtraject. Wanneer een onjuiste diagnose is geregistreerd, is vaak abusievelijk niet de einddiagnose gekozen of niet de diagnose die volgens het dossier uit de typeringslijst gekozen had moeten worden. Bij onterecht parallel subtraject of overbodig subtraject is een extra subtraject geopend wat volgens de regelgeving niet had gemogen. Oorzaak is vaak de toch nog onduidelijke regelgeving. Voor voorgaande jaren moest er een omzetverantwoording (bestuursverklaring) worden afgegeven, met accountantsverklaring. Voor het jaar 2014 vervalt deze en komt een zelfonderzoek 2014 conform uitgevoerd over 2012 en 2013 in de plaats. Risico s Met zorgverzekeraars zijn voor 2015 gezamenlijke contracten door MCH en Bronovo gesloten. In deze gezamenlijke contracten wordt gewerkt met één gezamenlijke verkoopprijs voor Naast het samen gaan van de beide verkoopprijzen speelt tevens het probleem van de verkorting van de maximale duur 56

57 van een DOT Zorgproduct van 365 dagen naar 120 dagen. Deze verkorting leidt er toe dat er sprake is van een schadelastdip waardoor eenmalig in 2015 een lagere schadelast wordt gefactureerd. Over de omvang van deze schadelastdip is veel discussie tussen zorgverzekeraars en ziekenhuizen omdat er diverse analyse tools zijn die verschillende uitkomsten opleveren voor de bepaling van deze schadelastdip. Consequentie van deze schadelastdip is een uitstel van facturatie met als risico dat ziekenhuizen in de liquiditeitsproblemen komen. Hoewel er tussen ZN en NVZ een overeenkomst is om ziekenhuizen te bevoorschotten lijkt hier in de praktijk nog veel discussie over te bestaan. Een tweede risico voor 2015 betreft de toename van controles door zorgverzekeraars. Naast de rechtmatigheid discussies van de afgelopen jaren is er in toenemende mate ook druk op het aantonen van doelmatig gebruik. Dit is voor de ziekenhuizen lastig aantoonbaar en zal in de praktijk leiden tot veel discussie. Een derde issue betreft het inzetten van het macro beheers instrument. De cijfers zoals deze op dit moment bij het opmaken van de jaarrekening bekend zijn, duiden erop dat er over de jaren 2012 en 2013 sprake is geweest van een overschrijding van het macrokader. Deze overschrijding heeft tot op heden nog niet geleid tot een inzet van het macro beheers instrument. Inzet van dit instrument kan leiden tot een korting voor de ziekenhuizen. Gelet op de omvang van de gerapporteerde overschrijding zou de inzet van een macro beheersinstrument tot forse exploitatie effecten voor alle Nederlandse ziekenhuizen leiden. Een laatste risico betreft het goed inregelen van de relatie met het Medisch Specialistisch Bedrijf als gevolg van de overgang naar integrale bekostiging per Tussen ziekenhuis en het MSB zijn goede principe afspraken gemaakt echter het definitief inregelen en neerzetten van een goede administratieve organisatie aan beide kanten zal nog de nodige tijd en inspanning vergen. 5.2 Salesbeleid/Verkoop Onderhandelingen zorgverzekeraars In 2014 is in tegenstelling tot 2012 en 2013 met slechts één van de zes inkoopcombinaties van zorgverzekeraars een aanneemsom afgesproken voor de totale ziekenhuiszorg. Met de andere inkooporganisaties van zorgverzekeraars zijn plafondbedragen afgesproken. Bij overschrijding van zowel aanneemsom als budgetplafond is sprake van een doorleverplicht binnen redelijke grenzen. In het eerste halfjaar van 2014 is energie gaan zitten in afstemming met de individuele zorgverzekeraars over de prijslijsten met zorgproducten. Door tussentijdse mutaties in de productstructuur en maximumprijzen zijn gemiddeld vijf prijslijsten per zorgverzekeraar afgesproken. 57

58 Medio juli 2014 werden de vergevorderde gesprekken met de gezamenlijke verzekeraars over de herinrichting van de acute zorg in de regio door ingrijpen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) plotsklaps afgebroken. Het is nog onduidelijk wanneer dit traject door verzekeraars weer opgepakt wordt. Beide fusieziekenhuizen streven ernaar om in de tussentijd hun toezeggingen aan de zorgverzekeraars over wijzigingen in het aanbod gestalte te geven. De budgetpolis Begin 2014 werd duidelijk dat het MCH niet gecontracteerd was door Achmea om verzekerden met een budgetpolis te behandelen, omdat MCH minder korting aanbood dan andere ziekenhuizen. Medio juli 2014 berichtte Achmea dat het grootste deel van de budgetpolissen afgesloten is rondom voor deze polis gecontracteerde ziekenhuizen. De declaratiestroom met Achmea kwam laat op gang. Daardoor duurde het tot eind 2014 voordat het ziekenhuis maatregelen kon nemen om verzekerden voorafgaand aan hun geplande behandeling individueel te waarschuwen voor de meerkosten. Fusie Nadat de ACM eind 2013 het groene licht gaf voor de fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo, bleef lange tijd onzekerheid bestaan over het doorgaan van de fusie door het uitblijven van een advies van de NZa. Naar verwachting zou de juridische fusie in 2015 doorgang kunnen vinden. Daarom is het verkoopbeleid van beide ziekenhuizen in het tweede kwartaal van 2014 op elkaar afgestemd. Ondanks verzoeken van meerdere zorgverzekeraars hebben beide ziekenhuizen besloten om in 2014 geen gedetailleerde prijsofferte voor 2015 uit te brengen. De complexiteit van de samenvoeging van de prijzen van beide ziekenhuizen, gecombineerd met een omvangrijke wijziging in het dbc-systeem in 2015, waren hierbij doorslaggevend. Dit resulteerde in juni 2014 in een gezamenlijke offerte op hoofdlijnen naar zorgverzekeraars voor 2015 voor het MCH en Bronovo, waarin een voorbehoud gemaakt werd in het geval de fusie geen doorgang zou vinden. Kenmerkend voor de daaropvolgende onderhandelronde voor 2015 tussen het MCH en de zorgverzekeraars, was het tempo waarop de onderhandelingen gevoerd werden. Beide partijen spraken af dat de onderhandelingen zes weken voor 2015 afgerond moesten zijn. Verzekeraars kunnen daardoor aan potentiële verzekerden kenbaar maken welke ziekenhuizen gecontracteerd zijn. Met vijf van de zes verzekeraars is het gelukt om tijdig een akkoord op hoofdlijnen te sluiten. Met de zesde zorgverzekeraar is dit resultaat begin december bereikt. 58

59 5.3 ICT en informatievoorziening In het verslagjaar waren er de volgende ontwikkelingen op het gebied van ICT: PDMS In april is een PDMS &'!( )* +in gebruik genomen op de Intensive Care afdeling. Hiermee is een eerste stap gezet in digitalisering en daarmee verdere verbetering van de kwaliteit van zorg binnen de critical care keten. EvPD Veel inspanning is verricht om een digitaal verpleegkundig dossier (EvPD) in te richten, voornamelijk gericht op het verbeteren van de verpleegkundige overdacht. Het dossier wordt vanaf het eerste kwartaal van 2015 in gebruik genomen. Palliatie-app Begin 2014 is de palliatie-app in gebruik genomen op de afdelingen Radiotherapie, Oncologie en Longziekten. De app heeft als doel tijdig de behoefte aan palliatieve zorg bij patiënten te signaleren, om onnodig lijden te voorkomen. De palliatie-app in het MCH voorziet in een behoefte bij ongeneeslijk zieke patiënten. Dat vinden zowel patiënten als de VGZ, zo blijkt uit de VGZ-zorginnovatiewedstrijd waarbij ook het publiek een stem kon uitbrengen. De app is een screeningsinstrument met vragen over veel voorkomende symptomen zoals pijn, benauwdheid en misselijkheid. Zowel patiënten als palliatieverpleegkundigen geven aan dat het prettig is naar aanleiding van de vragen rustig in gesprek te kunnen gaan over het ziekteproces en eventuele klachten. Scoort een symptoom hoog, dan kan de palliatieverpleegkundige de patiënt tijdig adviseren en begeleiding geven. In de VGZzorginnovatiewedstrijd van 2014 eindigde de palliatie-app op de tweede plaats. Integratie ICT Er is een vooronderzoek verricht om te kijken hoe de bestaande ICT-systemen van de beide fusieziekenhuizen zo snel mogelijk kunnen worden geïntegreerd. Dit vooronderzoek heeft zich specifiek gericht op het veilig delen van patiëntinformatie. De resultaten van het onderzoek zijn in oktober aan de raad van bestuur gepresenteerd en zullen verder worden uitgewerkt in het eerste kwartaal van Bouw en renovatie Nieuwbouw beddenhuis MCH Antoniushove MCH Antoniushove krijgt een nieuw beddenhuis. De nieuwbouw omvat een nieuwe hoofdentree op de begane grond, centrale hal, gedeelte voor bloedafname, restaurant en een apotheek. Op de eerste en tweede verdieping komen de verpleegafdelingen, met op de eerste verdieping ook een binnentuin. In de kelder en deels op de begane grond wordt een parkeergarage gerealiseerd. De 59

60 bouwwerkzaamheden zijn in december 2013 gestart. Na voltooiing van de vloer van de begane grond is in april 2014 gestart met de bouw van de eerste en tweede verdieping. De aansluitingen van de nieuwbouw op de bestaande bouw zijn in de zomer van 2014 gerealiseerd. De ruwbouwfase is in het najaar van 2014 afgerond. In het laatste kwartaal van 2014 is gestart met de afbouw van de installaties en inpandig met de inrichting van de kliniek en de afbouw. De totale bouwtijd bedraagt 20 maanden. Naar verwachting zal de nieuwbouw in het najaar van 2015 in gebruik worden genomen. Nieuwbouw RCWEST Vanwege de concentratie van Oncologische zorg in MCH Antoniushove, verhuist de afdeling Radiotherapie (RCWEST) van de locatie MCH Westeinde naar de locatie MCH Antoniushove. Dit gebeurt in 2016, na het gereedkomen van de nieuwbouw. In 2014 zijn voorbereidingen getroffen en heeft de aanbesteding plaatsgevonden. Er is gestart met de sloop van de A-flat om ruimte te maken voor de nieuwbouw. In het nieuwe centrum is ruimte voor een polikliniek, vier versnellers, een CTscanner, een brachytoestel en één toestel voor intra-operatieve radiotherapie op de OK. Er is rekening gehouden met het eventueel bijplaatsen van twee versnellers in de toekomst. Herinrichting C02 MCH Antoniushove De oude verpleegafdeling C02 is volledig opnieuw ingericht met kantoor- en vergaderruimtes. Op de nieuwe afdeling zijn ten behoeve van het zorgproces een aantal ondersteunende afdelingen gehuisvest. Daarnaast is een groot aantal werkplekken ingericht voor flexibel gebruik door artsen, arts-assistenten en stafmedewerkers. Nieuwe entree aan Lijnbaan MCH Westeinde In maart 2014 is de nieuwe entreehal aan de Lijnbaanzijde in gebruik genomen: een mooie ruime glazen hal, net zo hoog als de hal aan de andere zijde. De verticale binnentuin, zichtbaar bij RCWEST, is door het team van Rob Verlinden (bekend van onder andere het tv-programma Eigen Huis en Tuin ) opnieuw ingericht, passend bij de nieuwe situatie. Ook het binnenterrein heeft een nieuw uiterlijk gekregen. Over de rotonde is een voetpad aangelegd en er is een speciale overkapte zone voor kiss & ride gerealiseerd - een plek waar chauffeurs bezoekers en patiënten af kunnen zetten. Mammapoli in MCH Antoniushove Eind oktober is de gezamenlijke mammapoli van het MCH en Bronovo van start gegaan in MCH Antoniushove in Leidschendam. Op deze locatie wordt alle zorg voor borstkankerpatiënten geconcentreerd. Er is veel aandacht besteed aan de inrichting van de poli. De vloer- en wandafwerking en het meubilair zijn vernieuwd, waardoor de poli een vriendelijke en sfeervolle uitstraling heeft. Meer informatie in paragraaf 4.3 over zorgprocessen. Nieuwe dialyseafdeling MCH Westeinde Eind 2014 is de nieuwe dialyseafdeling van MCH Westeinde in gebruik genomen. De nieuwe, lichte ruimte is zo opgezet dat de patiënten een zo prettig mogelijk verblijf hebben. Er zijn vier ruimtes die in 60

61 het midden samenkomen, bij de balie voor de verpleegkundigen. Dankzij de lage wanden tussen de ruimtes hebben zij goed overzicht. In iedere ruimte is één grote fotowand gerealiseerd met een natuurthema. Ook zijn de ruimtes ingericht met nieuwe stoelen en tafels. Op de nieuwe afdeling is ook een polikliniek gerealiseerd waar bezoekers worden ontvangen in de sfeer van een huiskamer. 5.5 Gebouwen, installaties en kritische systemen Veiligheid van gebouwen, installaties en apparatuur Het MCH heeft een systeem voor zowel planmatig onderhoud aan gebouwen en installaties als voor storingsafwikkeling en reparaties. Het systeem voldoet aan de standaarden van het NIAZ. Daarnaast voldoet het MCH aan wettelijke regels, normen en voorschriften zoals deze staan beschreven in de NEN 1010, NEN 3141 en NTA 8009:2011, en de algemene veiligheidsaspecten van installaties en apparaten. Ook voor de beheersing van medische apparatuur wordt gewerkt met een veiligheidssysteem. Hieronder valt het opzetten van procedures voor inkoop, ingebruikname en onderhoud, met de bijbehorende training en opleiding. Ook worden er risico-inventarisaties uitgevoerd voor medische apparatuur om preventieve onderhoudsschema s vast te kunnen stellen. In 2012 is het convenant Veilige toepassing van medische technologie in het ziekenhuis geïmplementeerd. De IGZ past dit convenant toe als veldnorm bij haar toezicht op de werking van het veiligheidssysteem. Het borgen van dit convenant is een continu proces waaraan nog steeds dagelijks wordt gewerkt. Brandveiligheid Het MCH werkt voor brandpreventie nauw samen met de brandweer. Brandpreventie bestaat onder andere uit het verbeteren van de brandwerendheid van wanden en deuren en het plaatsen of vervangen van brandkleppen in luchtkanalen. Deze maatregelen moeten de verspreiding van een eventuele brand zoveel mogelijk voorkomen, zodat medewerkers, de bedrijfshulpverlening (BHV) en andere dienstverlenende instanties bij een incident voldoende tijd hebben om passende maatregelen te nemen. In 2014 zijn er 57 brandmeldingen geweest. Dit is een daling ten opzichte van de 59 brandmeldingen in Wanneer er sprake is van een brandmelding is er een belangrijke rol weggelegd voor het BHV-team. Het BHV-team wordt regelmatig getraind. In 2014 zijn er op 18 afdelingen table-top oefeningen uitgevoerd. In het verslagjaar is er geen gezamenlijke oefening door de brandweer en BHV gehouden. Wel hebben er diverse rondleidingen met de brandweer plaatsgevonden. Veiligheid van kritische voorzieningen Voor de kwaliteit en continuïteit van kritieke voorzieningen, zoals elektriciteit, water, liften, ICT en risicovolle materialen, zijn beheersmaatregelen opgesteld. Ook in 2014 zijn periodieke testen en keuringen uitgevoerd, die hebben uitgewezen of de voorzieningen voldoen aan de gestelde eisen. In geval van storing of uitval zijn noodvoorzieningen aanwezig. 61

62 MCH Westeinde heeft acht transformatoren in gebruik om de volt die het ziekenhuis binnenkomt omlaag te brengen naar 400 of 230 Volt. Deze transformatoren zijn aangesloten op acht verdeelkasten, die de stroom over het ziekenhuis verdelen. Voor noodstroom beschikt het MCH Westeinde over drie generatoren in de kelder. In 2014 was intensief onderhoud van het elektrisch hart nodig. De volt-schakelaars, de schakelaars van de verdeelkasten en twee dieselgeneratoren, inclusief de circa 40 jaar oude besturing, zijn vervangen. Dat was een omvangrijke operatie waarbij ieder deel van het ziekenhuis het tussen mei 2014 en januari 2015 een zaterdag zonder stroom moest doen. Voor kritische afdelingen en installaties zijn tijdelijke voorzieningen getroffen. De energievoorziening en de noodstroominstallatie voldoen nu weer aan de huidige eisen. RampenOpvangplan en bedrijfshulpverlening Het MCH beschikt over een RampenOpvangPlan om snel en effectief te kunnen reageren op een groot aanbod van slachtoffers in geval van een ramp. Het RampenOpvangPlan, of onderdelen daarvan, wordt periodiek getest en er vinden rampoefeningen plaats. Voor interne calamiteiten is de BHV-organisatie ingericht. De BHV ers oefenen zowel in MCH Westeinde als MCH Antoniushove tien keer per jaar. Daarnaast zijn op beide locaties vijf afdelingsoefeningen gehouden. Ten slotte oefenen ook alle externe hulpverleners een keer per jaar op iedere locatie. Iedere afdeling heeft een eigen ontruimingsplan en ontruimingscoördinator. Gevaarlijke Stoffen Er is een systeem voor het markeren en gebruiken van gevaarlijke stoffen en de logistieke afwikkeling ervan. Sinds de invoering is het systeem volledig in werking en toereikend. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft in 2014 geen bezoek gebracht aan het MCH. De aandachtspunten uit 2013 zijn door de verschillende afdelingen opgepakt. Uit de jaarlijkse evaluatie met externe partner Reactie bleek in 2014 dat de logistiek van gevaarlijke stoffen aanzienlijk is verbeterd, zoals het gebruik van absorptiemiddelen op de OK, het lab en de apotheek, de instructies op inzamelplekken waardoor verpakkingen beter worden gesloten en de actualisatie van verpakkingen, etiketteringen en kenmerking naar het ADR (verdrag voor het internationale vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg). Naar aanleiding van de evaluatie is het magazijn opnieuw ingedeeld. De gevaarlijke stoffen staan nu apart opgeslagen, en niet meer zoals eerder verspreid tussen andere goederen. 62

63 6 Management van medewerkers 6.1 Personeelsbeleid Inleiding Van de MCH-strategie Zorg met Passie III heeft HRM een vertaalslag gemaakt voor de ontwikkeling van het HRM-beleid. Het centrale thema is duurzame inzetbaarheid, geënt op drie bouwstenen: beleid en activiteiten gericht op prestaties; beleid en activiteiten gericht op ontwikkeling; beleid en activiteiten gericht op gezondheid. Door het creëren van een werkomgeving waarin alle medewerkers binnen het MCH duurzaam inzetbaar zijn, kan HRM bijdragen aan de doelstellingen van het MCH. Bestaand en nieuw beleid en activiteiten worden steeds langs deze lijn getoetst en geïnitieerd. Vanwege de fusie tussen het MCH en Bronovo-Nebo zijn in 2014 voorbereidingen getroffen voor de harmonisatie van regelingen en werkwijzen. In december hebben de medewerkers van beide organisaties een brief ontvangen ter bevestiging van de overgang van de arbeidsovereenkomst naar de gefuseerde organisatie per 1 januari Voorlichting aan medewerkers op het brede terrein van HRM De middelen die hiervoor worden ingezet zijn: maandelijkse informatie voor alle managers in de Leidraad (maandelijkse nieuwsbrief); wekelijkse informatie voor alle medewerkers in het Huisbulletin (wekelijkse nieuwsbrief); medewerkersnet: onderdeel van het intranet waar alle HRM-informatie voor nieuwe en zittende medewerkers te vinden is. Gaandeweg wordt gewerkt aan de harmonisatie van de informatie over HRM op de intranetten van Bronovo en MCH. In de tweede helft van 2014 is hiermee een start gemaakt. Specifieke voorlichtingsactiviteiten: drie bijeenkomsten pensioenvoorlichting met 75 deelnemers; met 29 medewerkers heeft een persoonlijk gesprek pensioenadvies plaatsgevonden; naar aanleiding van de behoefte gepeild in de Fitweek in 2013, zijn informatiebijeenkomsten gehouden op het gebied van mantelzorg (acht deelnemers) en de overgang (26 deelnemers); in verband met de nieuwe AMS en de aftopping van de opbouw pensioen is een informatiebijeenkomst georganiseerd voor medisch specialisten over deze beide onderwerpen. Vanwege een sterke toename in het aantal loonbeslagen, is medio 2014 een nieuwe dienstverlening opgezet: persoonlijk financieel advies. Hiervoor hebben zich in medewerkers aangemeld. 63

64 Personeelsplanning Via e-hrm is maandelijkse actuele managementinformatie beschikbaar op het gebied van HRM. Ook in 2014 heeft de jaarlijkse analyse van deze informatie per afdeling plaatsgevonden. Deze analyse vindt op alle afdelingen van de divisies en stafgroepen plaats zodat daarvan afgeleid jaarlijks doelstellingen kunnen worden geformuleerd met betrekking tot een evenwichtig personeelsbestand. Zowel in kwaliteit als in kwantiteit. e-hrm In gezamenlijkheid met de twee coöperatiepartners beheert het MCH het personeelsinformatiesysteem Profit. Medewerkers kunnen zelf wijzigingen doorvoeren in hun persoonsgegevens en de salarisstrook bekijken. Leidinggevenden kunnen steeds meer personele mutaties digitaal verwerken. In 2014 besloot het GHZ geen gebruik meer te maken van deze gezamenlijke omgeving. Vanwege de fusie per 1 januari 2015 hebben in het najaar van 2014 alle voorbereidingen plaatsgevonden voor een conversie naar een nieuwe werkgever MCH-Bronovo. Deze conversie is nagenoeg zonder problemen verlopen. Trainingen op het gebied van HRM In samenspraak tussen het Landsteiner Instituut, divisiemanagent en HRM is in 2013 een kalender ontwikkeld op basis waarvan vanaf 2014 een jaarlijks aanbod gepland is voor het gehele leidinggevende middenkader. Dit aanbod bestaat uit interne informatiebijeenkomsten/kennisdeling en een facultatief aanbod van trainingen voor specifieke onderwerpen die specifiek voor 2014 zijn vastgesteld. Daarnaast heeft HRM een actieve rol gespeeld binnen de STZ-ziekenhuizen om in samenwerking met Nijenrode een programma te ontwikkelen voor het middenkader van alle STZ-ziekenhuizen. Dit programma is in 2014 gestart en twaalf MCH managers hebben hier in 2014 aan deelgenomen. Op het gebied van HR hebben in 2014 diverse trainingen plaatsgevonden voor het management en medewerkers. In totaal zijn 28 medewerkers getraind op het geven van feedback, 19 voor algemene gesprekstechniek, 9 voor situationeel leiderschap en 28 voor timemanagement. Daarnaast heeft over psychisch verzuim een workshop voor het derdelijns management plaatsgevonden. Mobiliteit In 2014 zijn in totaal 25 medewerkers door reorganisatie boventallig geworden, van wie er 22 aangemeld zijn bij het mobiliteitsbureau voor een herplaatsingstraject. Hiervan zijn er 17 in 2014 afgerond. Voor de overige medewerkers lopen de activiteiten door in Medio 2014 is gestart met een loopbaanbalie. Hier kunnen alle medewerkers terecht met al hun vragen over hun loopbaan. Vanuit de loopbaanbalie (zowel digitaal als fysiek) vindt een eerste 64

65 gesprek plaats, waarna afhankelijk van de vraag een eventuele doorverwijzing plaatsvindt. In 2014 hebben 15 medewerkers gebruik gemaakt van deze dienstverlening. Vertrouwenspersonen en klachtencommissie voor medewerkers In 2014 zijn door de vertrouwenspersonen ongewenst gedrag negen incidenten geregistreerd. In twee gevallen ging het om (non-)verbale agressie. In vier gevallen gaat het om het niet nakomen van afspraken, het onaangenaam maken van het werk en een arbeidsconflict. In twee gevallen betrof het HRM-aangelegenheden en is doorverwezen, en in één geval is advies gevraagd. Acht incidenten zijn afgehandeld en één geval loopt door in In geen van de gevallen heeft de melding en daaropvolgende interventie van de vertrouwenspersoon geleid tot een klacht. De vertrouwenspersonen hebben in hun jaarrapportage aangegeven dat hun bemiddeling, hulp en advies in alle gevallen heeft geleid tot een verbetering of oplossing van de situatie. Ook hebben zij kunnen bijdragen aan de mogelijkheid van de medewerker om in het vervolg de situatie weer zelf ter hand te nemen. In 2014 zijn geen klachten ingediend bij de klachtencommissie voor medewerkers. PLB-uren Het aantal opgespaarde PLB-uren is in 2014 wederom verder toegenomen, waardoor de reservering op de balans toeneemt. In 2014 is een informatiecampagne ingezet om medewerkers bewust te maken van de mogelijkheden. Daarnaast zijn in het vernieuwde meerkeuzesysteem arbeidsvoorwaarden meerdere mogelijkheden opgenomen voor de inzet van PLB uren. Harmonisatie HR-regelingen In het kader van de fusie per 1 januari 2015 is een traject gestart voor het harmoniseren van werkwijze en regelingen op het gebied van HR van Bronovo-Nebo en MCH. Hiertoe is een overzicht gemaakt met een prioritering per onderwerp. In dit kader zijn de inhoud van (aanvullende) arbeidsovereenkomsten, getuigschriften en geheimhoudingsdocumenten geharmoniseerd, is een gezamenlijke regeling Meerkeuzesysteem Arbeidsvoorwaarden tot stand gekomen en is een gezamenlijke introductiedag voor nieuwe medewerkers met ingang van 1 januari 2015 voorbereid. Daarnaast is een aantal regelingen op het gebied van arbeidsomstandigheden en het beleid voor werving, selectie en instroom geüniformeerd. De werkwijzen voor personeels- en verzuimadministratie zijn geüniformeerd. 65

66 6.2 Arbeidsomstandigheden Het arbobeleid van het MCH kent drie pijlers: risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E); voorlichting en instructie; het netwerk van arbocontactpersonen. De RI&E vormt de basis van het arbobeleid. Ieder kwartaal wordt aan het divisiemanagement en de raad van bestuur gerapporteerd hoe het staat met de uitvoering van verbeterpunten. De voorlichting richtte zich dit jaar specifiek op medewerkers die gevaarlijke stoffen vervoeren. Zij hebben allen een awareness training gehad. Daarnaast is de in 2013 ontwikkelde training agressie diverse malen gegeven. Er is extra aandacht besteed aan melden van incidenten door verbetering van het registratiesysteem. Het aantal meldingen van incidenten is van 148 in 2013 gestegen naar 155 in De twee belangrijkste redenen zijn ongewijzigd en betreffen agressie en werkwijze. Het MCH beschikt over zo n 70 Arbo contactpersonen. Zij ondersteunen bij de uitvoering van het arbobeleid op de afdeling. In 2014 is met deze contactpersonen aandacht besteed aan onder meer agressie, ongevallen, tilbanden, veilige naalden en werkstress. De nieuwsbrief voor deze groep is ook in 2014 weer vier maal uitgebracht. 6.3 Klokkenluidersregeling Het MCH beschikt over een goedgekeurde en actuele regeling klokkenluiders en daaraan gekoppeld een vertrouwenspersoon specifiek opgeleid voor meldingen in deze. Bij de vertrouwenspersoon klokkenluider zijn in 2014 geen meldingen gedaan. 66

67 7 Klanten en partners 7.1 Klachten Klachtenfunctionarissen Het MCH heeft drie klachtenfunctionarissen. Patiënten kunnen bij deze medewerkers een klacht indienen, waarna - als patiënten daar behoefte aan hebben - een gesprek met de patiënt, de betrokken zorgverlener en de klachtenfunctionaris plaatsvindt. Aantal deelklachten per locatie bij klachtenfunctionarissen Het aantal patiënten dat een klacht heeft geuit is, na een lichte toename in de afgelopen jaren, dit jaar iets afgenomen. Deze afname geldt ook voor het aantal deelklachten. Aantal deelklachten verdeeld naar type zorg 67

68 Aantal klachten per categorie (soort) Tevredenheid over de klachtafhandeling Aan het eind van de bemiddeling wordt aan de klager gevraagd hoe hij de bemiddeling heeft ervaren. De klager wordt naar zijn mening gevraagd over twee stellingen: 1. ik voelde me serieus genomen door de klachtenfunctionaris/de klachtenprocedure; 2. ik ben tevreden over het resultaat van de behandeling. De reacties op deze twee stellingen zijn in de volgende twee grafieken weergegeven: 68

69 In totaal voelt 87% van de klagers zich in 2014 serieus genomen bij het behandelen van de klacht. 74% geeft aan tevreden te zijn over het resultaat van de behandeling van de klacht: * Het verschil tussen het cijfer van het aantal onderzochte deelklachten en de cijfers van tevredenheid/niettevredenheid, betreft cijfers die te maken hebben met uitkomsten als 'geen reactie ontvangen', 'niet-gemeten' en 'geen uitspraak'. Van Klacht Naar Kwaliteit Na afwikkeling van de klacht door de klachtenfunctionaris geeft de manager van de betreffende afdeling aan welke verbetermaatregelen worden doorgevoerd. Dit traject heet Van Klacht Naar Kwaliteit. Een tweetal voorbeelden: Toen een patiënt van mening was dat de pijnblok ontoereikend was, voorafgaand aan de operatie, heeft de vakgroep anesthesiologie besloten voortaan nog duidelijker de bijwerkingen van plexusblokkades (verdoving van meerdere zenuwen) met patiënten te bespreken. Een patiënt zou vanuit de polikliniek snel worden opgeroepen voor een eerste afspraak bij de behandelaar, maar dit gebeurde niet omdat het screeningsformulier en de verwijsbrief waren meegenomen. Besloten is dat voortaan alle formulieren en brieven direct gedigitaliseerd worden. In 2014 is in totaal 92% van de Van Klacht naar Kwaliteit - formulieren ingevuld. Naast het management participeren ook maatschappen en vakgroepen in dit verbetertraject. Patiënten Klachtencommissie Patiënten die behoefte hebben aan een onafhankelijk schriftelijk oordeel over de gegrondheid van hun klacht, kunnen de Patiënten Klachtencommissie (PKC) inschakelen. Deze commissie beoordeelt of de (deel)klacht gegrond is en rapporteert daarover schriftelijk aan de klager, aan alle betrokkenen en aan de raad van bestuur. De raad van bestuur laat de klager vervolgens weten of de uitspraak van de PKC aanleiding is tot het nemen van maatregelen en zo ja, welke. 69

70 Aantal nieuwe klachten. # $%&'., -. In 2014 hebben 14 klagers een klacht ingediend bij de PKC en heeft de PKC heeft over de gegrondheid van de klachten van 17 klagers een schriftelijk oordeel gegeven (van 7 klagers uit 2013 en 10 klagers uit 2014) Aantal deelklachten per categorie $ () $$# $ $ $, -# # -# #., 70

71 Oordeel PKC over de deelklachten $ $ *!#%&' $ $,! $ 7.2 Melden van (bijna-)incidenten in de patiëntenzorg Het MCH werkt met Veilig Incident Melden (VIM). Dit betekent dat op afdelingsniveau (bijna)incidenten veilig gemeld en geanalyseerd kunnen worden. De eventuele oorzaken worden dichtbij het werkproces in kaart gebracht door 36 decentrale VIM-commissies. Complexere incidenten en incidenten waarbij meerdere afdelingen betrokken zijn, worden centraal (in de MIP-commissie) besproken en afgewikkeld. Indien gewenst, kunnen de decentrale VIM-commissies de MIP-commissie om advies vragen of vragen de gehele analyse over te nemen. Het MCH heeft een specifieke procedure voor het melden en omgaan met calamiteiten in de patiëntenzorg. Hierbij geldt de definitie zoals de IGZ hanteert: Een calamiteit is een niet beoogde of onverwachte gebeurtenis, die betrekking heeft op de kwaliteit van zorg en die tot de dood van of een ernstig schadelijk gevolg voor een patiënt heeft geleid. De calamiteitenprocedure stelt zeker dat: de gebeurtenis die mogelijk als calamiteit kan worden gekenmerkt door de zorgverlener binnen 24 uur wordt gemeld aan de raad van bestuur; de raad van bestuur beslist of er sprake is van een mogelijke calamiteit en daarmee over de noodzaak tot informeren van IGZ. Bij twijfel neemt de raad van bestuur contact op met IGZ voor overleg of een melding gewenst is. Indien de raad van bestuur besluit dat er geen sprake is van een calamiteit, maar wel van een incident wordt de melding geanalyseerd door de MIP-Commissie; de raad van bestuur een onderzoeksteam formeert, bestaande uit twee zorgverleners en een secretaris. Welke zorgverleners in het onderzoeksteam participeren, is afhankelijk van het incident. 71

72 Voor een zorgvuldige en systematische uitvoering van deze analyse wordt de PRISMA-methodiek gebruikt (Prevention And Recovery Information System for Monitoring and Analysis); de raad van bestuur erop toeziet dat de patiënt, zo nodig zijn familie en de huisarts, op de juiste wijze wordt geïnformeerd over het incident en de afwikkeling ervan; de raad van bestuur - op basis van de resultaten van de oorzaakanalyse - eventuele verbetermaatregelen vaststelt om herhaling te voorkomen; de raad van bestuur binnen de daarvoor door IGZ gestelde termijnen, de IGZ en de betrokken zorgverleners informeert over de resultaten van de analyse en de door te voeren verbetermaatregelen. De verschillende VIM-commissies zijn verantwoordelijk voor het analyseren van incidenten en het opstellen van verbeteradviezen. Deze verbeteradviezen kunnen geregistreerd worden in het meldingsprogramma. In 2014 waren dit er 165. Veel VIM-commissies gebruiken ook andere methoden om verbeteradviezen te documenteren en terug te koppelen aan het management van afdelingen of vakgroepen, zoals via nieuwsbrieven of werkoverleggen. Voorbeelden van ingevoerde verbetermaatregelen: de naamgeving van medicament is in het medicatie voorschrijfsysteem verduidelijkt; het antistollingsbeleid is een standaard onderdeel geworden van de ontslag-/overplaatsingsbrief van de ICU; de overdracht tussen de OK en de ICU is gestandaardiseerd en wordt volgens het Time-Out principe uitgevoerd; medicatietijden zijn aangepast, zodat het werkproces veiliger wordt ondersteund door het elektronisch toedienregistratiesysteem; de werkafspraken over het fixeren van drains zijn verduidelijkt; er zijn klinische lessen gegeven over de slikproef en niets per os -beleid; er wordt iedere maand onderwijs gegeven aan arts-assistenten over het beoordelen van thoraxfoto s. 72

73 Aantallen (bijna-)incidenten gemeld per jaar. VIM-meldingen Totaal aantal meldingen geanalyseerd door de calamiteitencommissie Totaal aantal meldingen geanalyseerd door de MIP-commissie Totaal aantal meldingen geanalyseerd door de VIM-commissies Totaal aantal meldingen geanalyseerd door de MIP en VIM-commissies Totaal aantal meldingen nog niet geclassificeerd op peildatum jaarverslag Totaal aantal meldingen Het aantal incidentmeldingen is in 2014 met 20,6% gestegen ten opzichte van Oorzaak van deze stijging is ingebruikname van een nieuw gebruiksvriendelijker meldingssysteem, en het geven van extra aandacht aan het doen van meldingen in de organisatie met als doel (potentiële) oorzaken weg te nemen en daarmee de zorg veiliger te maken. 73

74 8 Medewerkers 8.1 Verloop en verzuim Verloop personeel en vacatures Het verlooppercentage in 2013 is 12,7% (stijging van 1 % t.o. 2013). Dit is exclusief stagiaires en vakantiekrachten, maar inclusief tijdelijke contracten, zoals met AIOS/ANIOS. Belangrijkste redenen van vertrek zijn: beëindiging van rechtswege; functieverbetering elders; privéomstandigheden of pensionering. Hierdoor zijn 152 nieuwe vacatures ontstaan, waarop in totaal sollicitanten hebben gereageerd. De gemiddelde looptijd van vacatures bedraagt ruim drie maanden en met uitzondering van een aantal zeer specialistische functies is geen sprake van krapte op de arbeidsmarkt. Ziekteverzuim In 2014 is een verzuimpercentage van 4,1% gerealiseerd. Dit resultaat is 0,1% hoger dan in Het branchegemiddelde van 4,15% is in 2014 gelijk gebleven. De meldingsfrequentie is nagenoeg gelijk gebleven, met 1,18% in 2014 ten opzichte van 1,16% in De meldingsfrequentie in de branche ligt op 1,13. Zowel Bronovo-Nebo als het MCH zijn eigen risicodrager voor de WGA en ZW. In 2014 is een polis voor de fusie-organisatie afgesloten (bij Loyalis) met betrekking tot het eigenrisicodragerschap WGA. Voor het eigenrisicodragerschap ZW is een ondersteuningsovereenkomst afgesloten voor de fusieorganisatie. 74

75 9 Maatschappij 9.1 Beoordeling door externe deskundigen NVZ kiest SEH-project uit als goed innovatievoorbeeld De NVZ heeft in december 2014 een aantal inspirerende voorbeelden geselecteerd van 'krachtig innoveren', waaraan ook een invitational conference is gekoppeld. Van 120 inzendingen is onder andere het MCH-project Continue meting van drukte op de SEH uitgekozen. Op basis van verschillende gegevens wordt in het digitale SEH-dossier ieder kwartier de drukte vastgesteld. De drukte hangt af van het aantal patiënten dat zich meldt, de urgentie en aard van de klachten, het aantal beschikbare kamers op de SEH, de wachttijd voor laboratoriumuitslagen en de opnamecapaciteit op de verpleegafdelingen. De druktemeter geeft patiënten zowel online als in de wachtkamer live informatie over de wachttijd. Daarnaast maakt de druktemeter intern het effect van wachttijd verkortende projecten zichtbaar. De druktemeter komt voort uit het promotieonderzoek van Christien van der Linden, SEH verpleegkundige en klinisch epidemioloog in het MCH, naar de risico s en het terugdringen van overmatige drukte op de spoedeisende hulp. 9.2 Resultaten wetenschappelijk onderzoek Minder belastende methode voor CT-scan bij nierpatiënten ontdekt door MCH- en Bronovo-artsen Patiënten met een gestoorde nierfunctie, waarvan MCH Westeinde er veel in behandeling heeft, hebben bij een CT-scan met contrastvloeistof een groter risico op complicaties. Zoutinfusen moesten de patiënt tot nu toe beschermen voor deze complicaties. Deze zijn echter relatief belastend en maken een opname van een tot twee dagen nodig. MCH- en Bronovo-artsen hebben in december 2014 ontdekt dat een minder belastende voorbehandeling met natriumbicarbonaat hetzelfde effect geeft. Dit eenmalige infuus neemt slechts een uur in beslag, waardoor de patiënt maar kort in het ziekenhuis hoeft te blijven. Op basis van het onderzoek wordt een landelijke aanpassing van de richtlijnen verwacht. Elk jaar worden in Nederland naar schatting contrast-ct-scans gemaakt bij patiënten met chronische nierinsufficiëntie. Amerikaanse award voor onderzoek van neuropsycholoog Esther Habets Neuropsycholoog Esther Habets van het MCH kreeg een Amerikaanse award voor haar onderzoek naar de gevolgen van stereotactische bestraling op de cognitie en kwaliteit van leven. Esther Habets toonde, in samenwerking met de radiotherapeuten en neuro-oncologen, aan dat stereotactische (gerichte) bestraling minder nadelig is voor cognitie en kwaliteit van leven dan totale schedelbestraling. De voorbereiding van stereotactische bestraling is intensiever, maar de belasting voor patiënten is lager. Gedurende zes maanden na de bestraling is hun situatie stabiel en gaan zij niet achteruit. Habets stuurde een abstract van haar onderzoek in voor de 19e Annual Scientific 75

76 Meeting and Education Day of the Society for Neuro-Oncology. De Society beloonde Habets op 16 november in Miami met een Award for Excellence in Adult Quality of Life Research. 9.3 Maatschappelijk verantwoord ondernemen Nieuw kwaliteitsplatform Samenwerkende Endoscopiecentra (SEC) In februari lanceerde Tweede Kamerlid Ockje Tellegen de Samenwerkende Endoscopiecentra (SEC). De SEC is een samenwerkingsverband van ziekenhuizen met endoscopiecentra in Nederland, waaronder ook het MCH, met als doel de klinische kwaliteit van darmonderzoek en de patiënttevredenheid te verbeteren. Het SEC monitort de kwaliteit van zorg op landelijk niveau en zorgt waar mogelijk voor verbetering, onder meer met intercollegiale audits, gezamenlijke scholing en het uitwisselen van informatie. Een van de eerste instrumenten die de SEC heeft ontwikkeld, is de SEC Kwaliteitsmonitor. Met deze vragenlijst op internet wordt de patiënttevredenheid gemeten, naar voorbeeld van de Global Rating Scale in het Verenigd Koninkrijk, waarbij zowel de input van de ziekenhuizen als die van patiënten een grote rol speelt. Recordaantal bezoekers Dag van de Beroerte Tijdens de Europese Dag van de Beroerte in mei bracht het MCH aan een recordaantal van 471 bezoekers onder de aandacht welke risicofactoren een rol spelen bij een beroerte. Verpleegkundigen testten de bezoekers op bloeddruk, cholesterol en bloedsuiker. Zij gaven samen met de Hersenstichting en de Hartstichting voorlichting over gezonde leefstijl. 40% van de geteste bezoekers bleek een verhoogd risico op hart- en vaatziekten te hebben en kreeg het advies naar de huisarts te gaan. Het MCH biedt patiënten met een beroerte acute hersenhulp. Deze spoedeisende hulp redt levens en geeft de grootste kans op herstel. Na dit acuut ingrijpen, volgt direct een specialistische behandeling, waardoor de gevolgen worden beperkt, en professionele nazorg. MCH-neurochirurg plaatst eerste 3-D geprinte titanium nekimplantaat Neurochirurg dr. Mark Arts van het MCH plaatste in juni als eerste in Nederland een 3-D geprint titanium implantaat in de nek van een herniapatiënt met nekpijn uitstralend in de arm door slijtage van de tussenwervelschijf. Met een 3-D geprint titanium implantaat kan de botstructuur en vorm van de wervel goed worden nagebootst waardoor het implantaat goed past. Voordeel voor de patiënt is betere botdoorbouw en minder kans op inzakken van het implantaat. Neurochirurgen Mark Arts en zijn collega Jasper Wolfs, die een bijzondere expertise in de wervelkolomchirurgie hebben, onderzoeken of een variant toepasbaar is bij patiënten met een tumor in de wervelkolom. Het MCH heeft voor wervelkolomoperaties een bovenregionale functie. Publiekscampagne Naar het ziekenhuis? Neem altijd uw actueel medicatieoverzicht mee Het MCH vestigde in november 2014 aandacht op het belang van het meenemen van een actueel medicatieoverzicht bij een bezoek aan het ziekenhuis. Dit gebeurde in een publiekscampagne tijdens 76

77 de week van de Patiëntveiligheid van november 2014, samen met alle Haagse ziekenhuizen, openbare apothekers en de Apotheek Haagse Ziekenhuizen. Met het medicatieoverzicht zijn medisch specialist en ziekenhuisapotheker sneller op de hoogte van het medicijngebruik. Zo kunnen patiënten zelf bijdragen aan medicatieveiligheid. Wetenschapsmiddag Tijdens de jaarlijkse MCH wetenschapsmiddag op 7 november konden arts-assistenten in opleiding, specialisten, nurse-practitioners en andere geïnteresseerden elkaar informeren over eigen wetenschappelijk werk en elkaar stimuleren meer onderzoek te doen. Inzenders maakten (poster)presentaties over hun onderzoeken die op diverse specialismen betrekking hadden. De presentatie van SEH-arts in opleiding Michiel van Veelen over een geïntegreerde 24-uurs huisartsenpost leverde hem de wetenschapsprijs op. De poster van coassistent Stan Jansen over chirurgische excisie van huidtumoren in het gelaat werd door bezoekers als beste beoordeeld. De wetenschapsmiddag wordt georganiseerd door de Centrale Opleiding Commissie, de artsassistentenvereniging en het Landsteiner Instituut. 9.4 Scores op speerpunten Acute zorg Openen bloedvat bij herseninfarct kan effectiever: MCH past nieuwe methode al langer toe Patiënten met een ernstig herseninfarct herstellen beter en sneller als je het afgesloten bloedvat snel weer openmaakt met een katheter. Dat bleek in december 2014 uit een groot onderzoek dat werd gefinancierd door de Hartstichting en uitgevoerd door een grote groep Nederlandse neurologen, radiologen en neurochirurgen. Patiënten hebben minder hersenschade, minder neurologische klachten en functioneren beter in het dagelijks leven. Het MCH, een van de grotere neurovasculaire centra in Nederland, nam deel aan het onderzoek en past deze behandeling al langer toe. Een deel van de patiënten in de studie werd hier behandeld. Nominatie Anna Reynvaan Wetenschapsprijs 2014 voor onderzoek effectiviteit oudermeldingen Aandachtsfunctionaris kindermishandeling en huiselijk geweld Hester Diderich is in april 2014 genomineerd voor de Anna Reynvaan Wetenschapsprijs 2014, een prijs voor de beste wetenschappelijke publicatie van een verpleegkundige. Diderich werd genomineerd voor haar onderzoek in 2013 naar de effectiviteit van oudermeldingen op de SEH, voortkomend uit het Haaglandenprotocol Kindermishandeling. Dit landelijke ingevoerde protocol stelt medewerkers in staat om kindermishandeling vroegtijdig te ontdekken en Diderich is een van de initiatiefnemers. Uit haar onderzoek bleek 91% van de meldingen terecht. 77

78 Oncologie Neuro-oncoloog prof. dr. Martin Taphoorn houdt prestigieuze 'Abhijit Guha Oration Tijdens het jaarcongres van de Indiase Society of Neuro-Oncology (ISNO) in april 2014 in Lucknow in India, sprak neuro-oncoloog prof. dr. Martin Taphoorn de 'Abhijit Guha Oration' uit. Deze prestigieuze lezing wordt jaarlijks gehouden door een promininte neuro-oncoloog ter ere van Abhijit Guha, een neurochirurg van Indiase afkomst die in Canada werkte en onder andere voorzitter van de Amerikaanse Society for Neuro-Oncology (SNO) was. Hij heeft daarnaast een grote bijdrage geleverd aan de oprichting van de ISNO in zijn vaderland. Voorgaande ontvangers van deze award zijn grote namen binnen de neuro-oncologie zoals Andreas Von Deimling, Michael Brada en Roger Stupp. Naast zijn werk als neuroloog in het MCH is Taphoorn onder andere bijzonder hoogleraar Kwaliteit van Leven in de neuro-oncologie in het VU Medisch Centrum, doet hij klinisch onderzoek naar uitkomstmaten bij patiënten met hersentumoren, participeert hij in de EORTC Brain Tumour Group en de EORTC Quality of Life Group en is hij bestuurslid van de European Association for Neuro- Oncology (EANO). Hoge waardering voor beweegprogramma tegen kanker Het beweegprogramma tegen kanker in het MCH krijgt een hoge waardering van patiënten en motiveert tot meer bewegen en sporten, blijkt uit onderzoek van medio In het beweegprogramma werken sportartsen en fysiotherapeuten samen om voor iedere patiënt een individueel programma op maat samen te stellen. 95% van de deelnemers beveelt andere (ex)- kankerpatiënten het programma aan. Het merendeel gaat door met sporten na de behandeling, waarvan een groot aantal nog intensiever dan daarvoor. Met de resultaten van het onderzoek wordt het beweegprogramma verder ontwikkeld. Infectieziekten MERS-patiënt geïdentificeerd in het MCH In mei 2014 heeft het MCH samen met het RIVM en het Erasmus MC voor het eerst een infectie met het MERS-coronavirus vastgesteld bij een Nederlandse patiënt. De patiënt raakte besmet tijdens een bezoek aan Saoedi-Arabië. De patiënt is in strikte isolatie verpleegd in het MCH en van de mensen in zijn omgeving is de gezondheidstoestand in de gaten gehouden. Er was veel aandacht van (inter)nationale landelijke media. Een multidisciplinair team besprak van dag tot dag de maatregelen via videoconferences met deskundigen van het RIVM en van het Erasmus MC. Sinds 2012 is er een uitbraak van het nieuwe MERS-coronavirus (Middle East Respiratory Syndrome) in het Midden- Oosten, met een forse toename van meldingen in april en mei Sinds 2013 hebben zich ook enkele patiënten aangediend in landen daarbuiten, waaronder Europese landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland. Ook deze patiënten waren besmet gemaakt tijdens een bezoek aan het Midden-Oosten. 78

79 Voorlichting en gratis testen tijdens HIV-campagne Het MCH organiseerde in november 2014 samen met het Regionaal Soa Centrum Den Haag en de Reinier Haga Groep de campagne Hiv? Je kunt het beter maar weten. In een GGD- Gezondheidsbus in centrum Den Haag kon het publiek zich laten voorlichten en gratis laten testen op hiv, waarbij binnen twintig minuten de uitslag bekend was. De gezamenlijke campagne werd georganiseerd in het kader van de Europese hiv-testweek en Wereldaidsdag op 1 december. 9.5 Keurmerken Naast de certificaten zoals genoemd in 4.1 (Kwaliteit van zorg) werden in 2014 de volgende keurmerken aan het MCH toebedeeld. MCH voldoet aan criteria Nederlandse Vereniging voor Cardiologie Het MCH heeft van de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC) in januari 2014 wederom een plaats op de zogenaamde Witte Lijst gekregen. Dit betekent dat het MCH als cardiologisch centrum voldoet aan de criteria voor ICD-implantaties en PCI-procedures, inclusief de nabehandeling. Een ICD-implantatie staat voor Implanteerbare Cardioverter Defibrillator, een inwendige defibrillator voor mensen met hartritmestoornissen. PCI staat voor Percutane Coronaire Interventie (dotteren). Roze lintje van de Borstkanker-vereniging Nederland In september 2014 ontvingen het MCH en Bronovo respectievelijk voor de derde en vijfde keer het roze lintje van de Borstkanker-vereniging Nederland (BVN). Dit toont aan dat het MCH en Bronovo de kwalitatief goede zorg voor borstkankerpatiënten als fusiepartners hebben kunnen voortzetten. De Monitor Borstkankerzorg die BVN hanteert, laat zien hoe de zorg in het ziekenhuis is geregeld en hoe de patiënten deze zorg ervaren. Het MCH en Bronovo voldoen aan alle eisen, zo blijkt uit de toekenning van het kwaliteitskeurmerk. Ook dit jaar zijn de eisen weer aangescherpt. Zo weegt de stem van de patiënt zwaarder dan voorheen. Vaatkeurmerk 2014 Van de Hart&Vaatgroep hebben het MCH en Bronovo het Vaatkeurmerk 2014 ontvangen, net als in de jaren ervoor. Beide ziekenhuizen voldoen aan alle kwaliteitseisen van de vereniging, gebaseerd op vijftien criteria voor goede vaatzorg. Zo moeten er bijvoorbeeld gecertificeerde vaatchirurgen werkzaam zijn in het ziekenhuis, verschillende disciplines als een cardioloog en internist bij de vaatzorg betrokken zijn, en onderzoeken als een looptest en doppleronderzoek worden geboden. Op de website kunnen patiënten de vaatzorg van zorgaanbieders vergelijken. Groen vinkje voor stomazorg De Nederlandse Stomavereniging heeft zowel het MCH als Bronovo het groene vinkje voor goede stomazorg gegeven. Dat betekent dat de ziekenhuizen voldoen aan de kwaliteitseisen van de vereniging, gebaseerd op dertien minimale normen voor goede stomazorg. Voorbeelden van deze 79

80 normen, die zijn ontwikkeld vanuit het perspectief van patiënten met een stoma, zijn bijvoorbeeld een preoperatief gesprek met een stomaverpleegkundige en stomazorg als onderdeel van het zorgpad darmkanker. MCH voldoet, net als Bronovo, aan de normen voor stomazorg voor zowel mensen met een darmstoma als met een urinestoma. 9.6 Persoonlijke onderscheidingen Gynaecoloog Prof. dr. Joep Dörr benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau Prof. dr. Joep Dörr, gynaecoloog in het MCH en hoogleraar medische vervolgopleidingen aan het LUMC, ontving in januari 2014 de Koninklijke onderscheiding Officier in de Orde van Oranje Nassau. Joep Dörr overleed op 8 maart Naast een gedreven specialist was Dörr de grondlegger van het kwaliteitsbeleid als bestuurder van de Centrale Opleidingscommissie (COC) in het MCH, waarmee hij zijn tijd ver vooruit was. Ook was hij een van de bedenkers van een website, waarmee ziekenhuizen hun medische stages konden laten zien: Chirurg Maarten Bronkhorst wint Schoemakerprijs De Schoemakerprijs, voor de beste wetenschappelijke chirurgische publicatie, ging dit jaar naar chirurg Maarten Bronkhorst. Infecties zoals longontsteking, bacteriën in de bloedbaan en wondinfectie komen veel voor. Ze verlengen de opnameduur en verhogen de kosten voor de maatschappij. Bronkhorst ontdekte met zijn promotieonderzoek dat meerdere genetische varianten een sterke invloed hebben op het ontstaan van infectieuze complicaties bij polytraumapatiënten. Dit kan in de toekomst implicaties hebben voor de behandeling. De Haagse traumachirurg ontving de prijs uit handen van de voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde. Bestuursvoorzitter Willem Geerlings benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau Willem Geerlings kreeg bij de receptie ter gelegenheid van zijn afscheid als bestuursvoorzitter van het MCH in oktober de Koninklijke onderscheiding Officier in de Orde van Oranje Nassau opgespeld door burgemeester Jozias van Aartsen. Geerlings begon zijn loopbaan als nefroloog en droeg bij aan de ontwikkeling van de draagbare kunstnier. Als bestuurder van 2000 tot 2007 in het Erasmus MC en vanaf 2007 in het MCH bleef het patiëntenbelang leidraad bij de besluitvorming. Geerlings heeft altijd ingezet op het verbeteren van de kwaliteit en veiligheid van de zorg. 80

81 10 Resultaten dochters 10.1 Stichting Diabetes Zorg Haaglanden (DZH) Missie DZH verleent hoogwaardige en vernieuwende zorg voor patiënten met Diabetes Mellitus. Verwijzing vindt plaats via de huisarts of via een specialist uit het MCH. DZH werkt samen met andere instellingen om de patiënt een volledig zorgaanbod te kunnen bieden. DZH is een centrum waarin veel aandacht wordt besteed aan opleiding, zowel voor de medewerkers als voor de patiënten. Samenstelling organisatie DZH is een stichting met als statutair directeur mw. H.C.M. Bank. Het bestuur wordt gevormd door de raad van bestuur van het MCH. In 2014 werkten in DZH gemiddeld 26 medewerkers (exclusief specialisten). Pijlers DZH is een (boven-)regionaal en tweedelijns centre of excellence voor alle patiënten met diabetes mellitus, met een gerichte focus op de volgende pijlers: zorg daar waar het protocol ophoudt, diabeteszorg jongeren, juiste behandeling voor de jongvolwassene, themabijeenkomsten, expertisecentrum, kennisoverdracht binnen de klinische afdelingen van het MCH, DZH online en patiënttevredenheid meten. Samenwerkingsverbanden DZH heeft met diverse partijen samenwerkingsverbanden ter bevordering van hoogwaardige zorg, zoals met het MCH, Bronovo, Groene Hart Ziekenhuis, Bosman, DVN, EADV, Huisartsen en POH-ers van huisartsenpraktijken. Enkele ontwikkelingen in 2014: Structureel wordt op basis van geldende NIAZ-normen geëvalueerd. Dit heeft geleid tot een kwaliteitsbarometer ingevoerd en de aanstelling van een VIM-commissie. DZH heeft input geleverd voor het realiseren en vastleggen van onderdelen in DiabetesNed, om de zorgmodellen diabetes hierin goed te verankeren. Er wordt structureel een interactieve workshop rekenen met koolhydraten aangeboden aan groepen patiënten. Er is een start gemaakt met het organiseren van themabijeenkomsten op het gebied van educatie voor zwangeren en diabetes in groepsverband. Deze komt in de plaats van de gebruikelijke éénop-één consulten. De huisarts kan nu via Zorgdomein eenvoudig een keuze maken uit de vier diabeteszorgmodellen. DZH deelt nieuws via social media en er is een tool geïntroduceerd waarmee medewerkers informatie met elkaar kunnen delen. Daarnaast is een nieuwe website gelanceerd. 81

82 In 2014 is verder geïnvesteerd in de samenwerking binnen het team met een bijeenkomst Socratisch Motiveren. Ook zijn verschillende intervisiebijeenkomsten gehouden. Arts-assistenten van interne geneeskunde krijgen praktische informatie over diabetes. Zij meten net als diabetespatiënten een aantal dagen hun bloedglucose en houden een eetdagboek bij. Met het Care Rate systeem wordt de patiënttevredenheid gemeten. Tijdens Wereld Diabetes Dag op 14 november zijn verschillende activiteiten georganiseerd. De senior diabetesverpleegkundige heeft scholingen verzorgd over de meerwaarde van DiabetesNed voor de Stichting Diabetes Kenniscentrum. Er is een gebruikersnetwerk opgezet waaraan DZH een actieve bijdrage levert. In het jaar 2014 zijn er drie klachten van een patiënt binnengekomen bij de klachtenfunctionaris. Deze klachten zijn volgens de klachtenprocedure opgelost en afgehandeld. Financieel Resultaat De omzet van DZH in het verslagjaar bedroeg en het resultaat was Publicaties: Use of a Smart Glucose Monitoring System to Guide Insulin Dosing in Patients With Diabetes in Regular Clinical Practice. Niel JV, Geelhoed- Duijvestijn PH; on behalf of the Dutch Insulinx Study Group. J Diabetes Sci Technol Jan 1;8(1): [Epub ahead of print] PMID: [PubMed - as supplied by publisher] Diabetes-specific emotional distress in people with Type 2 diabetes: a comparison between primary and secondary care. Stoop CH1, Nefs G, Pop VJ, Wijnands-van Gent CJ, Tack CJ, Geelhoed-Duijvestijn PH, Diamant M, Snoek FJ, Pouwer F. Diabet Med Oct;31(10): doi: /dme Epub 2014 May 20. PMID: [PubMed - in process] Comparison by computed tomographic angiography-the presence and extent of coronary arterial atherosclerosis in South Asians versus Caucasians with diabetes mellitus. Roos CJ1, Kharagjitsingh AV2, Jukema JW1, Bax JJ3, Scholte AJ4. Am J Cardiol Jun 1;113(11): doi: /j.amjcard Epub 2014 Mar 15. PMID: [PubMed - indexed for MEDLINE] 10.2 Apotheek MCH Lijnbaan BV Apotheek MCH Lijnbaan BV is een (poliklinische) openbare apotheek die sinds april 2008 gevestigd in de centrale hal van MCH Westeinde. Naast een poliklinische functie heeft Apotheek MCH Lijnbaan BV ook een buurtfunctie, met enige duizenden patiënten in Den Haag en omstreken. Sinds april 2013 verzorgt Apotheek MCH Lijnbaan BV de farmaceutische spoedzorg voor een deel van de groot- Haagse regio en is daarmee een hybride-apotheek. 82

83 Apotheek MCH Lijnbaan BV is gericht op het leveren en garanderen van verantwoorde farmaceutische zorg, zoals omschreven in de kwaliteitswet Zorginstellingen. Het gaat om zorg van goed niveau, doeltreffend, doelmatig en patiëntgericht, die voorziet in de reële behoefte van de patiënt. De doelgroepen van de apotheek zijn: alle poliklinische patiënten van MCH Westeinde, patiënten die ontslagen worden uit MCH Westeinde, patiënten die de SEH en HAP van MCH Westeinde bezoeken, personeel dat werkzaam is in het MCH, patiënten die in de omgeving van het ziekenhuis wonen en passanten. Kwaliteit De verleende zorg is in overeenstemming met wettelijke regelingen en met de bepalingen van de Nederlandse Apotheek Norm, de Modelregeling apotheker-patiënt en de met zorgverzekeraars overeengekomen contracten. Apotheek MCH Lijnbaan BV is per 6 januari 2015 gecertificeerd volgens het HKZ-certificatieschema openbare apotheken conform ISO 9001: Apotheek MCH Lijnbaan BV is aangesloten op het Landelijk Schakelpunt (LSP) en heeft een landelijke dekking. Voorlichting medicijngebruik In Apotheek MCH Lijnbaan BV wordt het geven van voorlichting en advies over geneesmiddelen en het correcte en veilige gebruik van deze middelen beschouwd als een kerntaak. De cliënt is uiteindelijk zelf verantwoordelijk, maar door de medewerkers van Apotheek MCH Lijnbaan BV wordt alles in het werk gesteld om de cliënt te helpen bij het nemen van goede beslissingen over geneesmiddelgebruik. Om de therapietrouw te bevorderen zijn weekleveringen, de herhaalreceptservice en de thuisbezoekservice een nog belangrijkere plaats gaan innemen binnen de dienstverlening aan de patiënten. Apotheek MCH Lijnbaan BV wil patiënten laten zien dat een goede begeleiding bij en informatie over de geleverde medicijnen bijdraagt aan een betere kwaliteit van leven, bij ziekte of ongemak. Apotheek MCH Lijnbaan BV participeert in de regionale nachtdienstapotheek organisatie SASA met de vestiging Leyenburg te Den Haag. De beherend apotheker is drs. P.S.A. van Rooijen. De tweede apothekers zijn mw MSc. W.J.Berger, mw Drs. S.Li en MSc. T. Pham. De apothekers vormen samen met vijftien apothekersassistenten en vier bezorgers het apotheekteam. Financieel resultaat Het financiële resultaat van 2014 bedroeg bij een omzet van

84 10.3 West End Facility BV West End Facility BV (WEF) levert schoonmaakdiensten in MCH Westeinde en MCH Antoniushove. WEF meet de kwaliteit van het werk op basis van het Dagelijks Kwaliteit Systeem (DKS) en werkt conform de WIP-richtlijnen. De werkzaamheden worden onder andere uitgevoerd in het OK-complex, de afdelingen CSA en radiotherapie, de poli s, kantoren en trappenhuizen. Schoon te maken oppervlaktes: m2 in MCH Westeinde; m2 in MCH Antoniushove. Op 31 december 2014 had WEF 86 medewerkers in dienst (39 FTE). Financieel resultaat De omzet over 2014 bedroeg met een resultaat van Express-so BV Express-so BV is de restauratieve voorziening met ziekenhuiswinkel voor patiënten, bezoekers en personeel van het MCH. Express-so BV is gevestigd in zowel MCH Westeinde als MCH Antoniushove. Aantal gasten per week: Circa in MCH Westeinde; Circa in het bezoekersrestaurant en 650 in het personeelsrestaurant in MCH Antoniushove. Express-so BV had op 31 december medewerkers in dienst (19 fte). Financieel resultaat De omzet over 2014 bedroeg met een resultaat van Lab West BV LabWest B.V. is op 1 juli 2011 opgericht en is een dochteronderneming van het MCH en het Hagaziekenhuis. LabWest levert laboratoriumdiagnostiek aan de patiënten en artsen van het MCH, de Reinier Haga Groep, huisartsen, verzorgingshuizen en aan GGZ-instellingen in de regio Haaglanden. Daarnaast levert LabWest trombosezorg aan ca patiënten in deze regio. 84

85 De 330 medewerkers van LabWest verrichten jaarlijks ongeveer 1 miljoen keer een bloedafname. Met de afgenomen materialen worden door hen meer dan 8 miljoen analyses uitgevoerd. De uitslagen van deze analyses helpen verschillende soorten zorgprofessionals bij het stellen van de juiste diagnose of bij het bepalen van het goede behandelplan. LabWest stelt zich tot doel om een goede kwaliteit te leveren aan patiënten en artsen en dat te doen voor een oorbare prijs. In 2014 zijn onder andere de volgende mijlpalen bereikt. De patiëntenzorg bij de bloedafname is verbeterd doordat bij de bloedafname poliklinieken de manier van werken is veranderd. Daardoor zijn de wachttijden teruggelopen, alsmede het aantal klachten. De tijden van de prikrondes zijn in overleg met de OK, de IC en de verpleegafdelingen opnieuw geëvalueerd. Als een gevolg daarvan is er in MCH Antoniushove een proef gestart met een extra vroege prikronde. In de herfst van 2014 is er een uitgebreid onderzoek gedaan naar de tevredenheid van de patiënten voor de dienstverlening van LabWest. Daartoe heeft LabWest meegedaan aan een landelijk onderzoek. De deelnemende patiënten gaven LabWest gemiddeld een 8,4 voor de dienstverlening. De apparatuur van LabWest wordt in de jaren 2013 t/m 2015 geleidelijk vernieuwd. In 2014 is een groot deel van de apparatuur van de (immuno) chemie vervangen. De vervanging maakt het mogelijk om in de toekomst goedkoper te produceren met kortere doorlooptijden. In 2014 is een accreditatie aangevraagd op basis van het ISO normenkader. De bijbehorende accreditatieaudit is in oktober 2014 uitgevoerd en is goed verlopen. LabWest verwacht in het tweede kwartaal van 2015 de accreditatie te verkrijgen. In 2014 heeft LabWest een uitgebreid onderwijsprogramma voor de eigen medewerkers geïmplementeerd. Ook hebben twee klinisch chemici in opleiding hun opleiding afgerond. LabWest is internationaal referentielab voor enzymen. In 2014 is een wereldwijde standaardisatie tot stand gekomen. Binnen Nederland is LabWest expertisecentrum op dit gebied. LabWest beoogd via samenwerking in de regio de kwaliteit te verbeteren en de kosten verder te verlagen. In dit kader wordt een regionaal antistollingscentrum opgericht met de trombosedienst van Leiden en (zo mogelijk) de trombosedienst van Delft. Een volledig overzicht van mijlpalen zal verschijnen in het LabWest jaarverslag over LabWest had 266 fte in dienst op 31 december De totale omzet bedraagt 27,8 miljoen. Het bedrijfsresultaat is

86 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden Jaarrekening 2014 Stichting Medisch Centrum Haaglanden 86

87 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden INHOUDSOPGAVE Pagina 11.1 Geconsolideerde jaarrekening Geconsolideerde balans per 31 december Geconsolideerde resultatenrekening over Geconsolideerd kasstroomoverzicht over Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Toelichting op de geconsolideerde balans per 31 december Mutatieoverzicht vaste activa o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi Specificatie ultimo boekjaar onderhanden projecten en gereedgekomen projecten Overzicht langlopende schulden ultimo Toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening over Enkelvoudige balans per 31 december Enkelvoudige resultatenrekening over Grondslagen van waardering en resultaatbepaling enkelvoudige jaarrekening Toelichting op de enkelvoudige balans per 31 december Mutatieoverzicht vaste activa o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi (enkelvoudig) Specificatie ultimo boekjaar onderhanden projecten en gereedgekomen projecten (enkelvoudig) Overzicht langlopende schulden ultimo 2014 (enkelvoudig) Toelichting op de enkelvoudige resultatenrekening over Overige gegevens Resultaatbestemming Gebeurtenissen na balansdatum Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

88 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden 11.1 GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

89 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden 11.1 GECONSOLIDEERDE JAARREKENING GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 (na resultaatbestemming) Ref. 31-dec dec ACTIVA Vaste activa Immateriële vaste activa 0 0 Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten Vorderingen uit hoofde van bekostiging Overige vorderingen Liquide middelen Totaal vlottende activa Totaal activa Ref. 31-dec dec-13 PASSIVA Groepsvermogen Kapitaal Bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Algemene en overige reserves Totaal eigen vermogen Aandeel derden Voorzieningen Overige voorzieningen Langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) Kortlopende schulden (ten hoogste 1 jaar) Overige kortlopende schulden Totaal passiva

90 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 BEDRIJFSOPBRENGSTEN: Ref Niet-gebudgetteerde zorgprestaties (exclusief DBC's / DBC-zorgproducten A- en B-segment) Omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Opbrengsten uit hoofde van transitieregelingen en honorariumplafonds Subsidies Overige bedrijfsopbrengsten Som der bedrijfsopbrengsten BEDRIJFSLASTEN: Personeelskosten Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa Overige bedrijfskosten Som der bedrijfslasten BEDRIJFSRESULTAAT Financiële baten en lasten Resultaat aandeel derden RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITOEFENING Buitengewone baten Buitengewone lasten Buitengewoon resultaat 0 0 RESULTAAT BOEKJAAR VOOR BELASTINGEN Belastingen RESULTAAT BOEKJAAR NA BELASTINGEN RESULTAATBESTEMMING Het resultaat is als volgt verdeeld: Toevoeging: Reserve aanvaardbare kosten Niet collectief gefinancierd vrij vermogen

91 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT OVER 2014 Kasstroom uit operationele activiteiten Ref Bedrijfsresultaat Aanpassingen voor: - afschrijvingen aandeel derden mutaties voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen: - voorraden mutatie onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten vorderingen vorderingen/schulden uit hoofde van bekostiging kortlopende schulden (excl. schulden aan banken) Kasstroom uit bedrijfsoperaties Ontvangen interest Betaalde interest Resultaat aandeel derden Belastingen Buitengewoon resultaat Totaal kasstroom uit operationele activiteiten Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen materiële vaste activa Desinvesteringen materiële vaste activa Investeringen immateriële vaste activa 0 0 Desinvesteringen immateriële vaste activa 0 0 Investeringen deelnemingen en/of samenwerkingsverbanden Nieuw opgenomen leningen 0 0 Aflossing leningen Overige investeringen in financiële vaste activa Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen leningen Aflossing langlopende schulden Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten Mutatie geldmiddelen Stand geldmiddelen per 1 januari Stand geldmiddelen per 31 december Mutatie geldmiddelen

92 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Algemeen Algemene gegevens en groepsverhoudingen Zorginstelling Stichting Medisch Centrum Haaglanden (MCH) is statutair (en feitelijk) gevestigd te Den Haag. Vestigingsadres Naam: Stichting Medisch Centrum Haaglanden Telefoon: Adres: Lijnbaan 32, 2512 VA KvK: Postbus: Postbus 432, 2501 CK Internet: Plaats: Den Haag De belangrijkste activiteiten zijn het verlenen en organiseren van de gezondheidszorg in de ruimste zin, het beroepsgericht onderwijs en het meewerken aan opleidingen en het verrichten van wetenschappelijk onderzoek in het kader van de volksgezondheid. MCH is sinds 15 augustus 2014 onderdeel van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo. Deze stichting heeft tot doel om gemeenschappelijk bestuur en beheer over de rechtspersonen Stichting Medisch Centrum Haaglanden en Stichting Bronovo-Nebo te voeren alsmede het bevorderen van een samenhangend zorgbeleid. De jaarrekening van MCH is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo te Den Haag. Deze jaarrekening is te verkrijgen via jaarverslagenzorg.nl. Vanaf 1 januari 2015 is MCH opgegaan in stichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo met KvK nummer In deze jaarrekening zijn alle bedragen x 1.000,- opgenomen, tenzij anders is vermeld. De Raad van Bestuur van Stichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo heeft de jaarrekening 2014 vastgesteld in de vergadering van 6 mei De Raad van Toezicht van de Stichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo heeft de jaarrekening 2014 goedgekeurd in de vergadering van 26 mei Grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de Regeling verslaggeving WTZi, de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving, in het bijzonder RJ 655 inzake de jaarverslaggeving voor zorginstellingen, en Titel 9 Boek 2 BW. In 2014 hebben zich geen stelsel- of schattingswijzigingen voorgedaan. De grondslagen zijn met uitzondering van de toepassing van ontwerp-richtlijn RJ 655, ongewijzigd gebleven. Continuïteitsveronderstelling Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Er zijn geen onzekerheden van materieel belang op grond waarvan twijfel zou kunnen bestaan over de continuïteit van het geheel van de werkzaamheden van MCH. De verwachting is dat de cashflow over het boekjaar 2015 zich positief zal ontwikkelen. Vergelijking met voorgaand jaar De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Vergelijkende cijfers De cijfers voor 2013 zijn, waar nodig, geherrubriceerd om vergelijkbaarheid met 2014 mogelijk te maken. Consolidatie In de consolidatie worden de financiële gegevens van MCH opgenomen, samen met haar groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen waarin MCH direct of indirect overheersende zeggenschap kan uitoefenen doordat zij beschikt over de meerderheid van de stemrechten of op enige andere wijze de financiële en operationele activiteiten kan beheersen. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met potentiële stemrechten die direct kunnen worden uitgeoefend op balansdatum. De groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft, worden voor 100% in de consolidatie betrokken. Wanneer er sprake is van een belang in een joint venture, dan wordt het desbetreffende belang proportioneel geconsolideerd. Van een joint venture is sprake indien als gevolg van een overeenkomst tot samenwerking de zeggenschap door de deelnemers gezamenlijk wordt uitgeoefend. Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen worden geëlimineerd, voor zover de resultaten niet door transacties met derden buiten de groep zijn gerealiseerd. Ongerealiseerde verliezen op intercompany-transacties worden ook geëlimineerd tenzij er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen zijn waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen voor de Groep. In de consolidatie zijn de volgende rechtspersonen begrepen: Stichting Diabetes Zorg Haaglanden; De Stichting exploiteert een zelfstandig behandelcentrum in Den Haag voor het verlenen van zorg aan mensen met diabetes mellitus. Het MCH heeft 100% zeggenschap. Express-so BV; De exploitatie van de restauratieve voorzieningen in de centale hal van het MCH Westeinde en MCH Antoniushove en het bedrijfsrestaurant in MCH Antoniushove wordt door Express-so verzorgt. Het MCH heeft 100% zeggenschap. 92

93 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING West End Facility BV; In West End Facility zijn schoonmaakwerkzaamheden en -diensten, afvalverwerking, interne verhuizingen en gebouw- en terreingebonden werkzaamheden ondergebracht. Het MCH heeft 100% zeggenschap. Apotheek MCH Lijnbaan BV; De activiteiten bestaan uit het exploiteren van een openbare apotheek in MCH Westeinde. Het MCH bezit 51% van de aandelen. Lab West BV. De BV exploiteert het Klinisch Chemisch Laboratorium van het HagaZiekenhuis en MCH. De aandelen van de vennootschap zijn voor 50% in handen van het HagaZiekenhuis en MCH bezit de andere 50% van de aandelen. Verbonden rechtspersonen Als verbonden partijen worden aangemerkt alle rechtspersonen waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van MCH en nauwe verwanten zijn verbonden partijen. Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transacties en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht. Schattingen Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat de Raad van Bestuur van MCH zich over verschillende zaken een oordeel vormt en dat de Raad van Bestuur schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. Indien het voor het geven van het in art. 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten. Operationele leasing Bij de stichting kunnen er leasecontracten bestaan waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan het eigendom verbonden zijn, niet bij de stichting ligt. Deze leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Verplichtingen uit hoofde van operationele leasing worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor, op lineaire basis verwerkt in de winst- en verliesrekening over de looptijd van het contract. Grondslagen van segmentering Gezien de activiteiten van de gelieerde vennootschappen en de ondersteuning aan de processen van MCH is afgezien van segmentering van deze activiteiten anders dan het opstellen van een geconsolideerde en enkelvoudige jaarrekening. Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld op basis van de indirecte methode. Betalingen welke voortvloeien uit langlopende leningen worden voor het gedeelte dat betrekking heeft op de rente opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten en voor het gedeelte dat betrekking heeft op de aflossing als kasstroom uit financieringsactiviteiten. In deze opstelling is de mutatie van de kortlopende schulden aan de kredietinstellingen begrepen in de mutatie van de liquide middelen Grondslagen van waardering van activa en passiva Activa en passiva De algemene grondslag voor de waardering van de activa en de passiva is de verkrijgings- of de vervaardigingsprijs. Voor zover niet anders is vermeld zijn de activa en passiva gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Toelichtingen op posten in de balans, resultatenrekening en kasstroomoverzicht zijn in de jaarrekening genummerd. Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de stichting zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Immateriële en materiële vaste activa De immateriële en materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs onder aftrek van cumulatieve afschrijvingen en cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De vaste activa worden lineair afgeschreven met een restwaarde van 0. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de geschatte levensduur die per categorie als volgt zijn bepaald: Terreinvoorzieningen Gebouwen Verbouwingen en installaties Inventarissen en ICT Trekkingsrechten Instandhouding / kleine verbouwingen 20 jaar 50 jaar 3 tot 20 jaar 3 tot 10 jaar 20 jaar 10 jaar Op de grondwaarde vindt geen afschrijving plaats. Bouwrente wordt niet geactiveerd. 93

94 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING De materiële vaste activa waarvan de instelling krachtens een financiële leaseovereenkomst de economische eigendom heeft, worden geactiveerd. De uit de financiële leaseovereenkomst voortkomende verplichting wordt als schuld verantwoord. De in de toekomstige leasetermijnen begrepen interest wordt gedurende de looptijd van de financiële leaseovereenkomst ten laste van het resultaat gebracht. Voor zover subsidies of daaraan gelijk te stellen vergoedingen zijn ontvangen als eenmalige bijdrage in de afschrijvingskosten, zijn deze als vooruitontvangen bedrag onder de overlopende passiva opgenomen. Voor de kosten van periodiek groot onderhoud wordt een voorziening gevormd. Deze voorziening is opgenomen onder de overige voorzieningen aan de passiefzijde van de balans. De uitgaven voor groot onderhoud worden ten laste gebracht van deze voorziening. De Minister van VWS heeft een overgangsregime kapitaallasten bewerkstelligd. Dit overgangsregime geeft, aflopend in de tijd, gedeeltelijke zekerheid voor oudbouw- en nieuwbouwproblematiek van het vastgoed en zekerheid voor de afwikkeling van de voormalige Immateriële Vaste Activa (door versnelde afschrijving en vergoeding in de budgetten). Dit overgangsregime is uitgewerkt in beleidsregels van de NZa. Bijzondere Waardevermindering Vaste activa met een lange levensduur worden beoordeeld op bijzondere waardeverminderingen wanneer wijzigingen of omstandigheden zich voordoen die doen vermoeden dat de boekwaarde van een actief niet terugverdiend zal worden. De terugverdienmogelijkheid van activa die in gebruik zijn, wordt bepaald door de boekwaarde van een actief te vergelijken met de geschatte contante waarde van de toekomstige nettokasstromen die het actief naar verwachting zal genereren. Wanneer de boekwaarde van een actief hoger is dan de geschatte contante waarde van de toekomstige kasstromen, worden bijzondere waardeverminderingen verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde. MCH heeft voor het ziekenhuis een bedrijfswaardeberekening opgesteld om te beoordelen of er sprake is van een bijzondere waardevermindering. De uitkomsten van de bedrijfswaardeberekening zijn sterk afhankelijk van veronderstellingen over de tarieven in de toekomstige afspraken met Zorgverzekeraars, groei van de productie en disconteringsvoeten die mede afhankelijk zijn van de toekomstige marktontwikkelingen, financiering en bekostiging. De bedrijfswaardeberekening geeft aan dat de bandbreedte van de uitkomst zeer groot kan zijn. De uitgangspunten die het ziekenhuis hanteert zijn de volgende: Jaarlijkse groei: volume 0,5% en prijs 0,5% in 2015 en vervolgens 1,5%. Dit resulteert in 1% omzetgroei in 2015 en daarna 2% per jaar. Inflatie 2% per jaar Discontovoet bedraagt 3,4% De ingeschatte opbrengstwaarde is hoger dan de boekwaarde eind Aangezien dit saldo positief is, zijn geen aanpassingen gedaan aan de waardering van het vastgoed. Een eventuele afwijking van de verwachtingen kan mogelijk een substantiële impact hebben op de vermogenspositie van MCH in de toekomst, zowel voor het beeld van resultaat en vermogen in de onderhavige jaarrekening als in toekomstige jaren. Een dergelijke afwijking zal, voorzover aan de orde, worden verwerkt in het jaar dat deze voldoende betrouwbaar kan worden bepaald. Financiële vaste activa Deelnemingen in groepsmaatschappijen en overige deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaardemethode. Invloed van betekenis wordt in ieder geval verondersteld aanwezig te zijn bij het kunnen uitbrengen van 20% of meer van de stemrechten. De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening; voor deelnemingen waarvan onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor aanpassing aan deze grondslagen, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de desbetreffende deelneming. Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt deze op nihil gewaardeerd. Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde; afwaardering vindt plaats ten laste van de resultatenrekening. De leningen aan niet-geconsolideerde deelnemingen worden opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen. De grondslagen voor overige financiële vaste activa zijn opgenomen onder het kopje Financiële Instrumenten. Dividenden worden verantwoord in de periode waarin zij betaalbaar worden gesteld. Rentebaten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende post. Eventuele winsten of verliezen worden verantwoord onder de financiële baten en lasten. MCH kent, naast de in de consolidatie betrokken rechtspersonen, de volgende deelnemingen: Nederlands Centrum voor Plastische Chirurgie BV te Den Haag De vennootschap exploiteert een een kliniek voor plastische chirurgie. Het MCH is voor 10% aandeelhouder. De deelneming is op verkrijgingsprijs (ad ) gewaardeerd. 94

95 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Vervreemding van vaste activa Voor verkoop beschikbare activa worden gewaardeerd tegen boekwaarde of lagere opbrengstwaarde. Voorraden De voorraden zijn gewaardeerd tegen historische inkoopprijzen onder aftrek van een voorziening voor incourantheid, voorzover daartoe aanleiding bestaat. Financiële instrumenten Financiële instrumenten omvatten handels- en overige vorderingen, geldmiddelen, leningen en overige financieringsverplichtingen, handelsschulden en overige te betalen posten. Financiële instrumenten omvatten tevens in contracten besloten afgeleide financiële instrumenten (derivaten). Financiële instrumenten worden bij de eerste opname verwerkt tegen reële waarde, waarbij (dis)agio en de direct toerekenbare transactiekosten niet in de eerste opname worden meegenomen. Indien instrumenten niet zijn gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de resultatenrekening, maken eventuele direct toerekenbare transactiekosten geen deel uit van de eerste waardering. In contracten besloten financiële instrumenten die niet worden gescheiden van het basiscontract, worden verwerkt in overeenstemming met het basiscontract. Na de eerste opname worden financiële instrumenten op de hierna beschreven manier gewaardeerd. Verstrekte leningen en overige vorderingen Verstrekte leningen en overige vorderingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen. Overige financiële verplichtingen Financiële verplichtingen die geen deel uitmaken van een handelsportefeuille worden tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd op basis van de effectieve rentemethode. Afgeleide financiële instrumenten MCH documenteert de hedgerelaties in generieke hedgedocumentatie en toetst periodiek de effectiviteit van de hedgerelaties door vast te stellen dat geen sprake is van overhedges. Indien afgeleide instrumenten niet langer voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting, aflopen of worden verkocht of wanneer de instelling niet langer kiest voor hedge accounting wordt hedge accounting beëindigd. De tot dat moment in het vermogen verantwoorde resultaten blijven in het eigen vermogen uitgesteld tot het moment dat de toekomstige transactie plaatsvindt. Indien de transactie naar verwachting niet meer plaatsvindt, worden de in het eigen vermogen uitgestelde cumulatieve hedgeresultaten naar de resultatenrekening gebracht. MCH waardeert de transacties tegen kostprijs onder toepassing van kostprijshedge-accounting. Slechts het ineffectieve deel dat in een verlies resulteert wordt verantwoord in de winst- en verliesrekening. Onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten Het onderhanden werk wordt gewaardeerd op basis van de huidige opbrengstwaarde. Tot het onderhanden werk worden gerekend al die trajecten die nog niet zijn afgesloten per balansdatum. De huidige opbrengstwaarde wordt bepaald door de tussentijds afgeleide Zorgproducten door de OHW Grouper te waarderen tegen verkoopprijs gecorrigeerd voor eventuele overschrijdingen van de contractwaarden met zorgverzekeraars. Op het onderhanden werk worden de voorschotten in mindering gebracht die zijn ontvangen van zorgverzekeraars. De reeds gesloten zorgproducten die nog niet zijn gefactureerd zijn ondergebracht in Nog te factureren onder de overige vorderingen. Vorderingen Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Handelsvorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering, evenals voorschotten in het kader van de transitie naar Zorgproducten. Vorderingen op patiënten worden als volgt gewaardeerd: < 60 dagen: 100% inbaar > 60 dagen en <= 360 dagen : 14% inbaar > 360 dagen: 0 % inbaar Vorderingen op instellingen worden alsvolgt gewaardeerd: > 91 dagen en < 360 dagen: 50% inbaar >= 360 dagen: 0 % inbaar Niet EU-ingezettenen worden als niet inbaar behandeld. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 95

96 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Eigen vermogen Op de presentatie en classificatie van de onderdelen van het eigen vermogen van MCH is de ontwerp-richtlijn RJ 655 toegepast. Het aandeel derden als onderdeel van het groepsvermogen wordt gewaardeerd tegen het bedrag van het netto belang in de netto-activa van de desbetreffende groepsmaatschappijen. Voor zover de desbetreffende groepsmaatschappij een negatieve nettovermogenswaarde heeft, worden de negatieve waarde en de eventuele verdere verliezen niet toegewezen aan het aandeel derden, tenzij de derden-aandeelhouders een feitelijke verplichting hebben en in staat zijn om de verliezen voor hun rekening te nemen. Zodra de nettovermogenswaarde van de groepsmaatschappij weer positief is, worden resultaten toegekend aan het aandeel derden. Voorzieningen (algemeen) Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. Wanneer verplichtingen naar verwachting door een derde zullen worden vergoed, wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen indien het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting. Voorziening groot onderhoud De voorziening groot onderhoud wordt gevormd voor verwachte kosten inzake periodiek onderhoud van panden, installaties, e.d., gebaseerd op een meerjaren onderhoudsplan. De voorziening is gebaseerd op nominale waarde. Voorziening persoonlijk budget levensfase (toerekening aan jaren) De voorziening persoonlijk budget levensfase (PBL) betreft een voorziening uit hoofde van een CAO verplichting in het kader van de overgangsregeling 45+. Het persoonlijk budget levensfase kwalificeert als een beloning met opbouw van rechten. De voorziening betreft de nominale waarde van de in de toekomst eenmalig uit te keren PBL-uren. De berekening is gebaseerd op de CAO-bepalingen, blijfkans, leeftijd en resterende dienstjaren tot het bereiken van de 55-jarige leeftijd. Voorziening jubileumverplichtingen De jubileumvoorziening betreft een voorziening voor toekomstige jubileumuitkeringen. De voorziening betreft de nominale waarde van de in de toekomst uit te keren jubileumuitkeringen. De berekening is gebaseerd op gedane toezeggingen, blijfkans en leeftijd. Voorziening goodwill specialisten Om te komen tot integratie van de medische staven is het nodig om de toelatingsvoorwaarden te harmoniseren. De kosten van deze harmonisatie, zijnde de te betalen goodwill aan de uittredende specialist van de locatie, zijn hiervoor voorzien. Reorganisatievoorziening De reorganisatievoorziening is gevormd voor de verwachte kosten inzake de oprichting van Lab West BV. Eventuele reorganisatiekosten worden op deze post verantwoord. Schulden Langlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden niet meegenomen in de waardering. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. De kortlopende schulden hebben een verwachte looptijd van maximaal één jaar. Verzekeringen Medisch Centrum Haaglanden heeft als beleid om claims, voor zover deze het verzekerde bedrag overstijgen, te voorzien. 96

97 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Grondslagen van resultaatbepaling Algemeen Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en de lasten over het verslagjaar, met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde waarderingsgrondslagen. De baten en lasten worden toegerekend aan de periode waarop deze betrekking hebben, uitgaande van historische kosten. Verliezen worden verantwoord als deze voorzienbaar zijn; baten worden verantwoord als deze gerealiseerd zijn. Baten (waaronder nagekomen budgetaanpassingen) en lasten uit voorgaande jaren die in dit boekjaar zijn geconstateerd, worden aan dit boekjaar toegerekend. Opbrengsten De met de opbrengsten samenhangende lasten worden toegerekend aan de periode waarin de baten zijn verantwoord. Bij de omzetbepaling van de DBC zorgproducten en overige zorgproducten, alsmede de opbrengsten uit hoofde van transitieregelingen en honoraria medisch specialisten heeft MCH de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling gehanteerd zoals opgenomen in paragraaf van deze jaarrekening. Hierbij is de "Handreiking Omzetverantwoording MSZ 2014" gevolgd, die door het Bestuurlijk Overleg onder voorzitterschap van het Ministerie van VWS is vastgesteld. De bedragen voor de niet gebudgetteerde zorgprestaties, transitie en subsidies voor opleidingen zijn gebaseerd op de algemene beleidsregels en beschikkingen van de NZa. Personele kosten Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de winst- en verliesrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. Pensioenen MCH heeft voor haar werknemers een toegezegde pensioenregeling. Hiervoor in aanmerking komende werknemers hebben op de pensioengerechtigde leeftijd recht op een pensioen dat is gebaseerd op het gemiddeld verdiende loon berekend over de jaren dat de werknemer pensioen heeft opgebouwd bij MCH. De verplichtingen, die voortvloeien uit deze rechten van haar personeel, zijn ondergebracht bij het bedrijfstakpensioenfonds Zorg en Welzijn. MCH betaalt hiervoor premies waarvan de helft door de werkgever wordt betaald en de helft door de werknemer. De pensioenrechten worden jaarlijks geïndexeerd, indien en voor zover de dekkingsgraad van het pensioenfonds (het vermogen van het pensioenfonds gedeeld door haar financiële verplichtingen) dit toelaat. Per 1 januari 2014 diende het pensioenfonds een dekkingsgraad van ten minste 104,5% te hebben. De dekkingsgraad (na indexatie) bedroeg toen 109%. Per 1 januari 2015 gelden nieuwe regels voor pensioenfondsen. Daarbij hoort ook een nieuwe berekening van de dekkingsgraad. De nieuwe dekkingsgraad is het gemiddelde van de laatste twaalf dekkingsgraden. Door een gemiddelde te gebruiken zal de dekkingsgraad nu minder sterk schommelen. Op 31 december 2023 moet de dekkingsgraad minimaal 123% zijn. Het pensioenfonds verwacht hieraan te kunnen voldoen en voorziet geen noodzaak voor de aangesloten instellingen om extra stortingen te verrichten of om bijzondere premieverhogingen door te voeren. MCH heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het pensioenfonds, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. MCH heeft daarom alleen de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord. Financiele baten en lasten De financiële baten en lasten betreffen van derden en groepsmaatschappijen ontvangen (te ontvangen) en aan derden en groepsmaatschappijen betaalde (te betalen) interest. Tevens is hieronder opgenomen het aandeel van de stichting in het resultaat van de op nettovermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen danwel ontvangen dividenden van deelnemingen waarin geen invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend en waardeveranderingen van financiële vaste activa. Overheidssubsidies Overheidssubsidies worden aanvankelijk in de balans opgenomen als vooruitontvangen baten zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat MCH zal voldoen aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van door MCH gemaakte kosten worden systematisch als opbrengsten in de winst-en-verliesrekening opgenomen in dezelfde periode als die waarin de kosten worden gemaakt. Subsidies ter compensatie van MCH voor de kosten van een actief worden systematisch in de winst-en-verliesrekening opgenomen gedurende de gebruiksduur van het actief. Belastingen Stichting Medisch Centrum Haaglanden is vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting, op basis van artikel 5.1, onderdeel c, sub 1, Wet op de Vennootschapsbelasting De rechtpersonen waarin wordt deelgenomen in het geplaatste kapitaal door Stichting Medisch Centrum Haaglanden zijn zelfstandig belastingplichting voor de vennootschapsbelasting. Stichting Medisch Centrum Haaglanden is belastingplichtig voor de omzetbelasting Waarderingsgrondslagen WNT Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft de stichting zich gehouden aan de Beleidsregels toepassing WNT d.d. 26 februari 2014, inclusief de wijziging van 12 maart 2014, en deze als normenkader bij het opmaken van deze jaarrekening gehanteerd. 97

98 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Sectorontwikkelingen omzetverantwoording Inleiding De landelijke onzekerheden waarmee MCH tot en met 2013 geconfronteerd werd in de omzetverantwoording zijn in 2014 aanzienlijk afgenomen met de vaststelling van : - de uitkomst van het aanvullend omzetonderzoek van MCH door de expertcommissie van zorgverzekeraars; en - de transitiebedragen 2012 en 2013 door de Nza. De resterende onzekerheid in de omzetverantwoording 2014 van MCH betreft voornamelijk schattingsposten met betrekking tot : - in 2014 gesloten DBC's, geopend in 2013 die buiten de scope van het self assessment vielen; - in 2014 geopende DBC-zorgproducten; - de afwikkeling van het FB systeem in de loop van 2015; en - het nog vast te stellen bedrag van de eventuele vordering uit hoofde van de overgangsregeling kapitaallasten. De schattingsposten hebben betrekking op de bepaling van de financiële impact van de onrechtmatigheden over 2014, de impact op de omzetverantwoording en de toerekening aan boekjaren. Daarnaast is rondom een aantal onderwerpen nog sprake van interpretatieruimte in de registratievoorschriften. Oorzaken onzekerheden omzetverantwoording De onzekerheden zijn in 2012 ontstaan door gelijktijdige invoering van prestatiebekostiging in combinatie met een transitiemodel, wijzigingen in de DOT-productstructuur en nieuwe wijzen van contracteren met zorgverzekeraars. Diverse van de in 2012 en 2013 gesignaleerde problemen inzake de omzetverantwoording golden in 2014 nog steeds en werken door in de verantwoording en in de interne controle over Open registratie- en declaratienormen zijn na afloop van het boekjaar 2013 nader geduid door de regelgever (laatstelijk in augustus 2014). Daarnaast zijn formele en materiële controles door de zorgverzekeraars geïntensiveerd. Achtergrond landelijk herstelplan en stand van zaken herstelplan Voornoemde problematiek heeft geleid tot een landelijk herstelplan medio 2014 voor de ziekenhuizen zoals vastgesteld door de Minister van VWS. Kern van het herstelplan was: - Verduidelijking van normen door de NZa (medio 2014); - Een landelijk aanvullend omzetonderzoek over de jaren 2012 en 2013 en vaststelling door een expertgroep van zorgverzekeraars (ultimo 2014); - Het definitief afwikkelen van materiële controles tot en met 2011 in 2014 door zorgverzekeraars; - Definitieve vaststelling van het eerder onzekere transitiebedrag door de NZa (ultimo 2014); - Duidelijkheid over de garantieregeling kapitaallasten door de NZa; - Uitstel van de publicatietermijn van de jaarrekening 2013 tot 15 december Door vaststelling van de uitkomsten van het herstelplan heeft MCH duidelijkheid verkregen over de rechtmatigheidsaspecten en (resterende) onzekerheden hierin over de DBC-zorgproducten zoals die zijn afgesloten en gefactureerd in de jaren tot en met Met de vaststelling van het definitieve transitiebedrag 2012 en 2013 door de NZa d.d. 24 november 2014 heeft MCH zekerheid gekregen over desbetreffende balanspost. Verschillen ten opzichte van eerdere inschattingen zijn als nagekomen baten en lasten uit het zelfonderzoek en de definitief vastgestelde transitiebedragen verwerkt in deze jaarrekening. De onzekerheden die in de jaarrekening 2014 resteren zijn door het afsluiten van de oude jaren dan ook kleiner dan de onzekerheden in voorgaande jaren en betreffen: 1. Definitieve afwikkeling zelfonderzoek 2012/2013 met de zorgverzekeraars; 2. Rechtmatigheidscontroles MSZ 2014; 3.Toerekening van de contractafspraken met de zorgverzekeraars op schadejaar aan het boekjaar; 4. Afwikkeling FB tot en met 2011; 5. Macrobeheersinstrument; Deze issues zijn (inclusief de afwikkeling hiervan) hierna toegelicht: 1. Definitieve afwikkeling zelfonderzoek 2012/2013 met de zorgverzekeraars Het rapportageformulier zelfonderzoek correct declareren is goedgekeurd door de expertgroep d.d. 03 december De onderhandelingen met de zorgverzekeraars over de finale verrekening zijn nog onderhanden. De verwachte uitkomsten van deze onderhandelingen zijn verwerkt in de jaarrekening Op grond van de brief van de Minister van VWS van 22 mei 2014 concludeert MCH dat de uitkomst van het zelfonderzoek, behoudens vermoedens van fraude, die MCH niet heeft, een goede basis is voor een betrouwbare schatting van de uiteindelijke uitkomst van de onderhandelingen met de zorgverzekeraars. 98

99 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING 2. Rechtmatigheidscontroles MSZ 2014 De NFU, NVZ en ZN hebben eind maart 2015 een Handreiking rechtmatigheidscontroles MSZ 2014 gepubliceerd. De NZa heeft bevestigd dat deze handreiking in overeenstemming is met publiekrechtelijke regelgeving. Naar analogie van het onderzoek over 2012/2013 kunnen instellingen zelf rechtmatigheidscontroles uitvoeren op in 2014 gesloten DBC's en overige zorgproducten. Deze rechtmatigheidscontroles worden beoordeeld door de representerende zorgverzekeraars. Op basis van dit oordeel zal zullen alle verzekeraars gezamenlijk over de rechtmatigheid van de facturatie 2014 concluderen. MCH heeft op basis van deze handreiking een onderzoek inzake 2014 uitgevoerd. De voorlopige uitkomsten zijn betrokken bij het opstellen van deze jaarrekening en het inschatten van de risico's die voortvloeien uit geconstateerde onjuiste registraties en/of declaraties, rekening houdende met de contractafspraken met zorgverzekeraars. Naar verwachting zal MCH de definitieve rapportage vóór 30 juni 2015 aan de representerende zorgverzekeraars aanleveren en volgt voor eind oktober 2015 uitsluitsel over dit onderzoek. Dit kan naar verwachting van de raad van bestuur van MCH leiden tot niet-materiële, nagekomen baten of lasten. Waar nodig heeft MCH nuanceringen geboekt. Naast de rechtmatigheidscontroles MSZ 2014 zoals opgenomen in de handreiking heeft de instelling op basis van een risicoanalyse onderzoek verricht naar de risico's die voor MCH materieel zijn. In deze risicoanalyse zijn de uitkomsten van het aanvullend omzetonderzoek 2012/2013, de uitgevoerde steekproef en beschikbare overige in- en externe controles betrokken. Doelmatigheidscontroles over 2014 zullen door de zorgverzekeraars nog uitgevoerd worden, maar hoeven geen financieel effect met terugwerkende kracht te hebben. MCH gaat ervan uit dat dit geen financieel effect met terugwerkende kracht hoeft te hebben. De Nza heeft dit in het landelijke overleg echter niet bevestigd, dus deze onzekerheid blijft vooralsnog bestaan. Ook privaatrechtelijk heeft MCH geen afspraken terzake gemaakt, anders dan verwerking van de aandachtspunten zoals opgenomen in het landelijke omzetonderzoek. De uit de genoemde werkzaamheden en controles voortvloeiende beste inschatting van het financieel effect op de omzet en daarmee samenhangende posten is verwerkt in deze jaarrekening. 3. Toerekening van de contractafspraken met de zorgverzekeraars op schadejaar aan het boekjaar MCH heeft met de zorgverzekeraars voor 2014 schadelastafspraken op basis van aanneemsommen en plafondafspraken gemaakt. Toerekening van de schadelastafspraken aan het boekjaar 2014 heeft plaatsgevonden op basis van een beste schatting van het voortgangspercentage ultimo 2014 in lijn met de Handreiking Omzetverantwoording en rekening houdend met de verwachte effecten van het zelfonderzoek. Deze correcties zijn conform de Handreiking Omzetverantwoording op de omzet 2014 in mindering gebracht en verwerkt in de voorziening te vorderen uit hoofde van contracten ultimo 2014 onder overige vorderingen. De uiteindelijke uitkomsten zullen later blijken uit de afrekeningen met zorgverzekeraars. In deze jaarrekening is de beste inschatting van het financieel effect op de omzet en daarmee samenhangende posten verwerkt. 4. Afwikkeling FB tot en met 2011 De NZa heeft met circulaire d.d. 4 juli 2014 de uitgangspunten voor finale afwikkeling FB kenbaar gemaakt zoals deze in overleg met de veldpartijen tot stand zijn gekomen. Tot op heden heeft nog geen verdere informatieverstrekking plaatsgevonden, anders dan dat over verdere procedures in de sector een convenant is gesloten tussen de koepels ZN, NVZ en NFU. MCH heeft de jaren tot en met 2011 afgerekend, exclusief de effecten van materiële controles, welke in 2014 zijn afgerond. De onzekerheid over de uitkomsten van de afwikkelingsprocedure blijft bestaan, zolang er geen sprake is van overeenstemming over de positie tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars en waar dus historische verschillen onopgelost zijn. Daarmee is sprake van onzekerheden over de juistheid en volledigheid van de opgenomen positie ultimo 2014 zoals opgenomen in de positie nog in tarieven te verrekenen bedragen in de balans. 5. Macrobeheersinstrument Uit de berekeningen van het ministerie van VWS blijkt een overschrijding van EUR 242 miljoen voor 2013 en voor 2014 is de overschrijding nog niet bekend. De minister neemt uiterlijk 1 mei 2016 een besluit of de handhaving van het MBI-omzetplafond 2013 wordt ingezet of dat er alternatieven zijn om de overschrijding 2013 te redresseren. Bij opmaak van de jaarrekening is daarom niet betrouwbaar te schatten wat het effect gaat zijn van het macrobeheersinstrument voor 2013 en 2014 in latere jaren. Voor verdere toelichting rondom dit risico wordt verwezen naar de Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen in paragraaf Conclusie Raad van Bestuur De Raad van Bestuur heeft ten behoeve van de bepaling van het resultaat en de financiële positie de best mogelijke schattingen gemaakt op basis van de beschikbare informatie, onder andere met betrekking tot bovenstaande aspecten van de omzetverantwoording. De Raad van Bestuur is van mening dat, met voornoemde toelichting, de jaarrekening het vereiste inzicht geeft in het resultaat en de financiële positie van MCH op basis van de ons nu bekende feiten en omstandigheden. 99

100 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA 2. Materiële vaste activa De specificatie is als volgt: 31-dec dec Bedrijfsgebouwen en terreinen Machines en installaties Andere vaste bedrijfsmiddelen, technische en administratieve uitrusting Materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa Niet aan het bedrijfsproces dienstbare materiële activa 0 0 Totaal materiële vaste activa Het verloop van de materiële activa in het verslagjaar is als volgt weer te geven: Boekwaarde per 1 januari Bij: investeringen Bij: herwaarderingen 0 0 Af: afschrijvingen Af: bijzondere waardeverminderingen 0 0 Af: terugname geheel afgeschreven activa 0-34 Af: desinvesteringen Boekwaarde per 31 december Toelichting: Voor een nadere specificatie van het verloop van de WTZi-vergunningplichtige vaste activa, de WTZi-meldingsplichtige vaste activa, de WMGgefinancierde vaste activa en de niet WTZi-gefinancierde vaste activa per activagroep wordt verwezen naar het mutatieoverzicht onder In toelichting zijn overzichten opgenomen voor de onderhanden en gereedgekomen projecten. 3. Financiële vaste activa De specificatie is als volgt: 31-dec dec Deelnemingen Resultaat deelnemingen 0 0 Aandeel derden 0 0 Overige vorderingen financiële vaste activa 3 3 Leningen Totaal financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt: Specificatie deelnemingen: x dec-13 Mutatie 31-dec-14 MediRisk MediRisk (Lab West BV) Nederlandse Centrum voor Plastische Chirurgie BV Apotheek Centrum HAP Den Haag BV te Den Haag (100%) Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV Totaal Toelichting deelnemingen Het door MCH verstrekte kapitaal aan MediRisk bedraagt per In 2012 is door Lab West BV aan MediRisk kapitaal verstrekt voor een bedrag van Het MCH-aandeel betreft 50%. Dit kapitaal is verstrekt aan MediRisk ter versterking van het vermogen, zodat er aan de eisen van de DNB wordt voldaan. Begin 2014 zijn de aandelen van de Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV overgedragen aan de Stichting Transmurale Zorg Den Haag en omstreken. Apotheek MCH Lijnbaan BV heeft in 2014 een 100% kapitaalbelang ( ) in Apotheek Centrum HAP BV te Den Haag. 100

101 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Specificatie overige vorderingen financiële vaste activa: x dec-13 Mutatie 31-dec-14 Waarborgsom (Lab West BV) Totaal Toelichting overige vorderingen financiële vaste activa In 2012 heeft Lab West BV een waarborgsom van verstrekt. De waarde van deze waarborgsom betreft in 2014, Het aandeel van MCH in deze waarborgsom bedraagt 50%, zijnde een bedrag van 3.380,50. Waarborgsommen hebben betrekking op bij PostNL gedeponeerde bedragen voor frankeerkosten. Specificatie leningen : x dec-13 Aflossing Verstrekt 31-dec-14 Lening u/g Apotheek Haagse Ziekenhuizen Lening u/g Apotheek Antoniushove BV Lening u/g MyownFile BV Lening u/g Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV Lening MediRisk/MediFire Totaal Toelichting leningen De kapitaalstructuur van de Apotheek Haagse Ziekenhuizen (AHZ) voorziet niet in voldoende liquiditeit om de levering van geneesmiddelen aan MCH voor te financieren. Afhankelijk van de omzet wordt middels leningen, door de instellingen, voorzien in voldoende liquiditeit. De lening aan de AHZ bedraagt In 2014 heeft MCH aan de apotheken, Apotheek Antoniushove BV en Apotheek MCH Lijnbaan BV totaal een bevoorschotting van verstrekt ter dekking van de voorraadpositie van geneesmiddelen. De bevoorschotting aan de Apotheek MCH Lijnbaan BV is in de geconsolideerde jaarrekening geëliminieerd. Ten behoeve van het project "MIJN MEDISCHE GEGEVENS" is aan MyOwnFile BV een lening verstrekt van Voor de oprichting van het regionaal schakelpunt heeft MCH een lening verstrekt aan de Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV (RSO) van De lening is in 2104 afgelost. Op 30 juni 2011 is Lab West BV opgericht. Het MCH heeft ter financiering van de aanloopkosten en overname van activa een lening verstrekt van Jaarlijks vindt een aflossing plaats van De restwaarde van de door MCH verstrekte lening bedraagt ultimo In de geconsolideerde balans wordt deze lening geëlimineerd. In 1993 is een lening aan MediRisk verstrekt voor een bedrag van , de rente op deze lening bedraagt 1,55%. Aan MediFire is in 1999 een lening verstrekt van met een rentepercentage van 3,59%. Deze lening is in 2014 afgelost. Toelichting op belangen in andere rechtspersonen of vennootschappen: Naam en rechtsvorm en woonplaats rechtspersoon Verschaft kapitaal Kapitaalbelang (in %) Eigen vermogen Resultaat Rechtstreekse kapitaalbelangen >= 20%: Express-so BV, te Den Haag zie % St. Diabetes Zorg Haaglanden, te Den Haag zie % West End Facility BV, te Den Haag zie % Apotheek MCH Lijnbaan BV, te Den Haag zie % Lab West BV, te Den Haag zie % Zeggenschapsbelangen: Nederlandse Centrum voor Plastische Chirurgie BV % Toelichting: Kernactiviteit Het resultaat en het vermogen betreft het jaar Grondslag voor de cijfers zijn de (concept)jaarrekeningen van de deelnemingen. Zowel het resultaat als het vermogen zijn voor 100% in de bovenstaande tabel weergegeven. In 2015 zal Stichting Diabetes Zorg Haaglanden worden opgeheven en gaan de activiteiten over naar MCH. Apotheek MCH Lijnbaan BV heeft in 2014 een dividend uitgekeerd van

102 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA 4. Voorraden De specificatie is als volgt: 31-dec dec Medische middelen Leenemballage Overige middelen Af: voorziening incourante voorraden Totaal voorraden Toelichting: De voorziening voor incourantheid die in aftrek op de voorraden is gebracht bedraagt De afname van de voorraad medische middelen is toe te schrijven aan een te hoge voorraadwaardering in Deze is in 2014 gecorrigeerd. 5. Onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten De specificatie is als volgt: 31-dec dec Onderhanden projecten DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Onderhanden projecten DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Onderhanden projecten DBC's honoraria Af: ontvangen voorschotten Af: voorziening onderhanden projecten 0 0 Totaal onderhanden werk Toelichting: Het onderhanden werk daalt ten opzichte van 2013 door een stijging van de bevoorschotting door Zorgverzekeraars. 6. Vorderingen en schulden uit hoofde van bekostiging Vorderingen uit hoofde van bekostiging: 31-dec dec Vorderingen uit hoofde van financieringstekort Vorderingen uit hoofde van transitieregeling Vordering uit hoofde van Nacalculatie doorloop DBC's / DBC-zorgproducten 2012 en 0 0 nacalculatie 2013 Totaal vorderingen uit hoofde van bekostiging

103 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Specificatie vorderingen en schulden uit hoofde van financieringstekort respectievelijk financieringsoverschot t/m totaal Saldo per 1 januari Financieringsverschil boekjaar Correcties voorgaande jaren Betalingen/ontvangsten Subtotaal mutatie boekjaar Correcties voorgaande jaren Saldo per 31 december Stadium van vaststelling (per erkenning): c c c c a= interne berekening b= overeenstemming met zorgverzekeraars c= definitieve vaststelling NZa 31-dec dec Waarvan gepresenteerd als: - vorderingen uit hoofde van financieringstekort schulden uit hoofde van financieringsoverschot Specificatie financieringsverschil in het boekjaar Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 0 0 Vergoedingen ter dekking van het wettelijk budget: Verpleeg- en verzorgingsgelden 0 0 Dagbehandeling, deeltijdbehandeling en dagverpleging 0 0 Honoraria medisch-specialistische hulp 0 0 Vergoedingen voor klinische en poliklinische verrichtingen 0 0 Gedeclareerde DBC-omzet 0 0 Mutatie onderhanden projecten (voor zover ter dekking wettelijk budget) 0 0 Afrekening overfinanciering Totaal financieringsverschil Toelichting: In het kader van de afwikkeling van de FB- bekostigingssystematiek had MCH, in 2013, nog een vordering van 1,9 mln. op verzekeraars. Conform de beleidsregels is deze post in 2014 afgewikkeld. 103

104 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Specificatie vorderingen uit hoofde van transitieregeling en schulden uit hoofde van transitieregeling De specificatie is als volgt: Schaduwbudget (op basis van afspraken met zorgverzekeraars) Af: A omzet (inclusief overloop) Af: B nieuw (binnen transitiemodel = B-2012) honorariumomzet loondienst met vergoeding in schaduwbudget in B nieuw Transitiebedrag Waarvan gepresenteerd als: - vorderingen uit hoofde van transitieregeling schulden uit hoofde van transitieregeling Het transitiebedrag wordt verwerkt in: % % Toelichting: Voor de transitiejaren 2012 en 2013 heeft de NZa een overgangsregeling (NR/CU-208) opgesteld. Deze transitieregeling vereist dat de gerealiseerde omzet uit de prestatiebekostiging wordt afgezet tegen de omzet volgens de oude bekostigingssystematiek (schaduwbudget), beiden over het jaar Het verschil tussen beide bedragen wordt aangeduid met de term transitiebedrag. Het transitiebedrag is eind 2014 definitief vastgesteld door de NZa. Als gevolg hiervan heeft MCH een vordering van 8.3 mln ( 4,8 mln + 3,5 mln) uit hoofde van deze regeling. In april 2014 is op basis van de voorlopige vaststelling van het transitiebedrag een bedrag van 14,5 mln betaald aan het Zorgverzekeringsfonds. Hierdoor is een totale vordering op het Zorgverzekeringsfonds ontstaan van 22,8 mln. Dit bedrag is begin 2015 aan MCH uitbetaald. Specificatie schulden uit hoofde van honorariumplafond Gedeclareerd aan het Gedeclareerd via het Totaal 2014 Totaal 2013 ziekenhuis lokaal collectief Lokaal omzetplafond /- gedeclareerd /- mutatie Onderhanden werk Saldo in balans (schuld) Toelichting: De vrijgevestigde medisch specialisten hebben er allen voor gekozen om hun declaratie via het MCH Collectief te laten verlopen. Op basis van het vastgestelde honorariumplafond in 2014 voor het MCH Collectief van 34,9 mln. is er geen bedrag verschuldigd door het Collectief in De omzet in 2014 die onder dit plafond valt komt uit op 33,9 mln. Ultimo 2014 is de schuld uit hoofde van het honorariumplafond dan ook Overige vorderingen De specificatie is als volgt: 31-dec dec Vorderingen op debiteuren Nog te factureren omzet DBC's / DBC-zorgproducten Overige vorderingen Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen 0 0 Te vorderen uit hoofde van contracten Totaal overige vorderingen Toelichting: De post vorderingen op debiteuren is afgenomen als gevolg van een iets eerdere facturatie in 2014 richting Zorgverzekeraars, ondanks wederom lange prijsonderhandelingen. Dit vertaald zich eveneens in een lagere nog te factureren omzet. Over 2014 is de omzet op basis van de Handreiking omzetverantwoording 2014 afgezet tegen de contractafspraken met de zorgverzekeraars. De toerekening aan het boekjaar 2014 en de hoogte van de omzet leidt ertoe dat op basis van de afgesproken contractwaarden schulden aan zorgverzekeraars ontstaan. Deze schulden zijn opgenomen onder 'Te vorderen uit hoofde van contracten'. Een zelfde exercitie heeft plaatsgevonden voor de schadelastjaren 2012 en De gefactureerde omzet is hierbij afgezet tegen de contractwaarde. Hieruit volgt dat MCH meer heeft gedeclareerd dan de contractwaarde. Een deel van deze teveel gefactureerde bedragen zijn reeds in 2013 en 2014 tussentijds terugbetaald. Hierdoor daalt het bedrag licht. Er is geen sprake van vorderingen met een verwachte looptijd van > 1 jaar. 104

105 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA 9. Liquide middelen De specificatie is als volgt: 31-dec dec Bankrekeningen Kassen Totaal liquide middelen Toelichting: Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito s met een looptijd korter dan twaalf maanden. De liquide middelen zijn vrij opneembaar. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. De liquide middelen stijgen door een iets hogere bevoorschotting door zorgverzekeraars en door de iets eerdere start van de facturatie over het jaar

106 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA 10. Groepsvermogen Het eigen vermogen bestaat uit de volgende componenten: 31-dec dec Kapitaal 0 0 Bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Algemene en overige reserves Totaal eigen vermogen Kapitaal Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Kapitaal Bestemmingsreserves Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Bestemmingsreserves: Reserve afschrijving inventarissen Reserve automatisering Reserve projecten Reserve bond medische specialisten Reserve aanvaardbare kosten: Reserve aanvaardbare kosten Totaal bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Bestemmingsfondsen: Bestemmingsfondsen Totaal bestemmingsfondsen Algemene en overige reserves Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Algemene reserves: Algemene reserves Totaal algemene en overige reserves Toelichting: Bestemmingsreserves Reserve aanvaardbare kosten Als gevolg van een wijziging in RJ 655 wordt het eigen vermogen anders gepresenteerd. Als gevolg hiervan hebben wij de reserve aanvaardbare kosten verdeeld over de bestemmingsfondsen en de algemene reserve. Alle resultaten die betrekking hebben op de jaren 2011 en eerder zijn toegerekend aan de bestemmingsfondsen. De mutaties m.b.t. het bovenstaande zijn verwerkt in het beginbalans van Reserve afschrijvingen inventarissen De reserve afschrijvingen inventarissen bestaat uit het verschil tussen de afschrijvingskosten volgens de investeringsruimte zoals opgenomen in het budget en de gerealiseerde afschrijvingen. Toekomstige overschrijdingen van de normatieve afschrijvingskosten komen ten laste van deze reserve. De budgettering is in 2012 komen te vervallen en dus muteert deze reserve niet meer. Het resterende saldo per 2014 betreft de afschrijvingsreserve inventaris voor Radiotherapie. Reserve automatisering De reserve automatisering is gevormd in verband met aanzienlijke investeringen in nieuwe ICT in de komende jaren. Reserve projecten De reserve projecten is gevormd ten behoeve van diverse projecten. 106

107 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA (Vervolg) Bestemmingsreserves Reserve Bond Medisch Specialisten De Bond Medisch Specialisten heeft in 2001 haar activiteiten beëindigd. Het batige saldo heeft de bond in 2008 aan de ziekenhuizen gedoneerd. De gelden dienen te worden aangewend voor opleiding en onderzoek door medisch specialisten en arts-assistenten. Bestemmingsfondsen De overheid heeft aan het eigen vermogen dat tot en met 2011 tot het collectief vermogen werd gerekend een beperktere bestedingsmogelijkheid gegeven. Aldus wordt dit vermogen vanaf 2014 gepresenteerd als bestemmingsfonds. Deze beperking volgt uit de beleidsregels NZa en het uitvoeringsbesluit WTZi. Vanuit de reserve aanvaardbare kosten is in de beginbalans een bedrag toegevoegd van 31 mln. Algemene en overige reserves Algemene reserve Door het wegvallen van het onderscheid tussen collectief en niet collectief vermogen wordt de winst toegevoegd aan de algemene reserves omdat hier geen wettelijke of statutaire beperking meer op rust. Dit heeft er ook toe geleid dat de winsten vanaf 2012 worden gerekend tot de algemene reserve. Als gevolg hiervan is een bedrag van 26,9 mln gereclassificeerd uit eerdere jaren. Deze reclassificatie is in de beginbalans van 2014 gemuteerd. Overzicht van het totaalresultaat van de instelling 31-dec dec Geconsolideerd netto-resultaat (na belastingen) toekomend aan de instelling Herwaardering materiële vaste activa 0 0 Af: gerealiseerde herwaardering ten laste van het eigen vermogen 0 0 Totaal van de rechtstreekse mutaties in het eigen vermogen van de instelling als onderdeel van het groepsvermogen 0 0 Totaalresultaat van de instelling Voorzieningen Saldo per Dotatie Onttrekking Vrijval Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan dec Voorzieningen uit hoofde van macrobeheersinstrument Overige voorzieningen: Egalisatierekening groot onderhoud Goodwill specialisten Jubilea Reorganisatievoorziening Voorziening CAO Levensfase Giftenfonds Voorziening deelneming Lab West BV Totaal voorzieningen Toelichting in welke mate (het totaal van) de voorzieningen als langlopend moeten worden beschouwd: 31-dec Kortlopend deel van de voorzieningen (< 1 jr.) Langlopend deel van de voorzieningen (> 1 jr.) Hiervan langlopend (> 5 jaar)

108 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA Toelichting per categorie voorziening: Egalisatierekening groot onderhoud De egalisatierekening groot onderhoud is gevormd teneinde de kosten van groot onderhoud aan gebouwen en installaties gelijkmatig over de jaren te verdelen. In 2014 is er een bedrag van ca. 9,9 mln. toegevoegd aan de voorziening, de onttrekking bedraagt 6,4 mln. Goodwill specialisten Om te komen tot integratie van de medische staven is het nodig om de toelatingsvoorwaarden te harmoniseren. De kosten van deze harmonisatie, zijnde de te betalen goodwill aan de uittredende specialisten en de specialisten die in 2014 besloten hebben om in loondienst te treden, zijn hier voorzien. Jubilea Conform nieuwe regelgeving per 1 januari 2005 is een voorziening gevormd voor toekomstige jubileumuitkeringen ten laste van het resultaat. Per ultimo 2014 bedraagt de voorziening voor MCH In 2014 heeft Lab West BV een voorziening gevormd van (MCH-deel bedraagt ). Reorganisatievoorziening In 2014 is aan de reorganisatievoorziening ten behoeve van Lab West BV een dotatie verricht van ca. 1,8 mln. Dit als gevolg van de alternatieven die MCH onderzoekt naar aanleiding van de fusie met Bronovo. Voorziening CAO Levensfase De voorziening persoonlijke levensfase (PLB) betreft een voorziening uit hoofde van een CAO verplichting in het kader van de overgangsregeling 45+. Het persoonljik budget levensfase kwalificeert als een beloning met opbouw van rechten. In 2014 is deze voorziening herberekend, hetgeen resulteert in een voorziening van 1,2 mln. Hiervan heeft ca. 0,5 mln. betrekking op Lab West BV. Pensioenverplichting MCH is aangesloten bij het bedrijfspensioenfonds Zorg en Welzijn. In het pensioenreglement is niets opgenomen over het voldoen van direct aanvullende bijdragen in geval van een tekort. Jaarlijks wordt de premie zodanig vastgesteld, dat eventuele overschotten of tekorten niet direct worden verrekend met de aangesloten instellingen. MCH heeft de pensioenregeling in de jaarrekening verwerkt volgens de verplichtingenbenadering en hoeft geen pensioenverplichting op te nemen. Voorziening deelneming Lab West BV De netto vermogenswaarde van deelneming Lab West BV is ultimo 2014 negatief, conform de waarderinggrondslagen wordt de deelneming (enkelvoudig) tot nihil gewaardeerd en is deze voorziening getroffen. In de geconsolideerde balans is er geen sprake van deze voorziening. 12. Langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) De specificatie is als volgt: 31-dec dec Schulden aan banken Overige langlopende schulden Totaal langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) Het verloop 'schulden aan banken' is als volgt weer te geven: Stand per 1 januari Bij: nieuwe leningen 0 0 Af: aflossingen Stand per 31 december Af: aflossingsverplichting komend boekjaar Stand 'schulden aan banken' per 31 december > 1 jaar Toelichting in welke mate (het totaal van) de langlopende schulden als langlopend moeten 31-dec dec-13 worden beschouwd: Kortlopend deel van de langlopende schulden (< 1 jr.), aflossingsverplichtingen Langlopend deel van de langlopende schulden (> 1 jr.) (balanspost) Hiervan langlopend (> 5 jaar) Toelichting: Voor een nadere toelichting op de langlopende schulden wordt verwezen naar , het overzicht langlopende schulden. De aflossingsverplichtingen zijn verantwoord onder de kortlopende schulden. De post 'overige langlopende schulden' betreft het opgenomen lening aan LabWest BV ter financirering van de aanloopkosten en overname van activa. Daarnaast betreft het de leasecomponent van het met Roche afgesloten contract per 01 maart 2014 voor de duur van 10 jaar voor de inrichting van de laboratoria van LabWest BV. 108

109 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA 13. Overige kortlopende schulden De specificatie is als volgt: 31-dec dec Crediteuren Aflossingsverplichtingen langlopende leningen Aflossingsverplichtingen roll-over lening Belastingen en sociale premies Schulden terzake pensioenen Nog te betalen salarissen Vakantiegeld Vakantiedagen CAO levensfase Nog te betalen kosten: Interest leningen Overige overlopende passiva: Overige Totaal overige kortlopende schulden Toelichting: Er zijn geen kortlopende schulden met een verwachte looptijd > 1 jaar. De aflossingsverplichtingen langlopende schulden betreffen leningen van MCH ( ) en LabWest BV ( ). Voor de financiering van het nieuwe Ziekenhuis Informatie Systeem is op 1 april 2006 een roll-over financiering aangetrokken van 8 mln. en per 1 juli 2006 is hier nog 1 mln. aan toegevoegd. Deze financiering van 9 mln. loopt vervolgens per kwartaal met terug, voor het eerst op 1 oktober De restschuld per 31 december 2014 bedraagt Op deze financiering is de 3 maands Euribor rente van toepassing plus een opslag van 0,5%. De crediteurenstand is eind 2014 hoger dan 2013 door over de jaargrens verschoven betaling voor onder meer LabWest en de AHZ en door een toename van de bouwgerelateerde facturen. 14. Financiële instrumenten Algemeen MCH maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de instelling blootstellen aan markt- en/of kredietrisico s. Deze betreffen financiële instrumenten die in de balans zijn opgenomen. Daarnaast maakt MCH gebruik van afgeleide financiële instrumenten om de renterisico's af te dekken. MCH handelt niet in deze financiële instrumenten en heeft procedures en gedragslijnen om de omvang van het kredietrisico bij elke tegenpartij of markt te beperken. Bij het niet nakomen door een tegenpartij van aan MCH verschuldigde betalingen blijven eventuele daaruit voortvloeiende verliezen beperkt tot de marktwaarde van de desbetreffende instrumenten. De contractwaarde of fictieve hoofdsommen van de financiële instrumenten zijn slechts een indicatie van de mate waarin van dergelijke financiële instrumenten gebruik wordt gemaakt en niet van het bedrag van de krediet- of marktrisico s. Kredietrisico De vorderingen uit hoofde van handelsdebiteuren zijn voor circa 95% geconcentreerd bij de vijf grote verzekeraars. Renterisico en kasstroomrisico MCH loopt renterisico over eventuele veranderingen in de marktwaarde van opgenomen en uitgegeven leningen. Bij enkele leningen is sprake van een vast rentepercentage over de gehele looptijd. Hierdoor is er geen sprake van een renterisico op deze leningen. Anderen leningen hebben een vast rentepercentage die tussentijds moet worden herzien. Om het renterisico op deze leningen te beperken hanteert MCH als uitgangspunt dat in enig jaar voor maximaal 20% van de leningenportefeuille de rente opnieuw mag worden vastgesteld. De leningen worden in principe aangehouden tot het einde van de looptijd. Tenslotte heeft MCH leningen met een variabel rentepercentage. Het beleid hierbij is om, afhankelijk van de rentevisie, afgeleide financiële instrumenten te gebruiken om (tussentijdse) rentefluctuaties te beheersen. Sinds 2006 maakt MCH gebruik van rentederivaten om opwaartse renterisico s af te dekken. Ultimo 2014 heeft MCH twee renteswaps in portefeuille. Op 28 maart 2006 heeft het MCH een renteswap afgesloten om het opwaartse renterisico van de roll-over financiering voor het nieuwe Ziekenhuis Informatie Systeem af te dekken. De variabele 3 maands Euribor rente wordt ingeruild voor een vaste rente van 3,7425%. De ingangsdatum van de renteswap is 1 april 2006 met een onderliggende waarde van 8 mln. Op 1 juli 2006 is deze waarde verhoogd naar 9 mln. om vervolgens gedurende 10 jaar per kwartaal de onderliggende waarde met te laten afnemen, voor het eerst op 1 oktober Om het opwaartse renterisico van de 3-maands Euribor af te dekken van de Euroflex lening bij de ING uit december 2008 zijn op 11 december 2008 twee renteswaps afgesloten. De ingangsdatum van beide swaps is 15 december 2008 en zij hebben elk een onderliggende waarde van 17,5 mln. Ieder kwartaal neemt de onderliggende hoofdsom van de renteswap met af. Eén swap heeft een looptijd van 5 jaar en de andere heeft een looptijd van 10 jaar. Voor de renteswap met een looptijd van 10 jaar geldt dat de variabele 3 maands Euribor rente is ingeruild voor een vaste rente van 3,665%. De renteswap met een looptijd van 5 jaar is per 15 december 2013 afgelopen. Deze swap moet nog opnieuw worden afgesloten, maar dit is mede gelet op de rente ontwikkeling op de geld- en kapitaalmarkt nog niet aan de orde. Ultimo 2014 geldt een rentepercentage voor dit deel van de lening van 2,032%. De hedges zijn 100% effectief. Derhalve vindt geen verantwoording van de huidige negatieve waarde van de renteswaps van plaats via de resultatenrekening. Er is geen sprake van bijstortverplichtingen. 109

110 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA Reële waarde De reële waarde van de meeste in de balans verantwoorde financiële instrumenten, waaronder vorderingen, effecten, liquide middelen en kortlopende schulden, benadert de boekwaarde ervan. Van de langlopende schulden is de reële waarde niet goed vast te stellen door het ontbreken van inzicht in de credit-spreads op deze leningen. 15. Niet in de balans opgenomen regelingen Overige niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen PET/CT scan De vier ziekenhuizen welke samen de coöperatie vormden, Medisch Centrum Haaglanden, Bronovo ziekenhuis, Groene Hart Ziekenhuis en 't Lange Land Ziekenhuis, hebben gezamenlijk een PET/CT scan aangeschaft. Deze PET/CT scan is de tweede helft van 2010 geplaatst op de Bleulandlocatie van het Groene Hart Ziekenhuis in Gouda. Het MCH heeft een afname garantie verstrekt tot Ultimo 2014 bedraagt de hieruit voortvloeiende verplichting 2,7 mln. St Jacobusstichting MCH heeft op 23 december 2011 met de St Jacobusstichting een overeenkomst gesloten waarbij de St Jacobusstichting vanaf 2012 neurochirurgische apparatuur om niet ter beschikking stelt aan MCH voor de behandeling van intra-axiale hersentumoren. Uiterlijk 1 februari 2017 dienen jaarlijks 250 patiënten te worden behandeld door MCH. Wanneer dit aantal niet wordt behaald dient MCH de apparatuur tegen de dan geldende boekwaarde van over te nemen van de St Jacobusstichting. MCH verwacht, conform de uitgangspunten bij deze overeenkomst, dit aantal patiënten per jaar te behalen. Huur ruimten derden MCH De volgende ruimten worden gehuurd: - Buitenpoli Monster; - Polikliniekruimte aan de Koninginnegracht in Den Haag; - Magazijnruimte Binckhorst in Den Haag; - Polikliniekruimte in het gezondsheidscentrum Wassenaar; - Kantoor- en bedrijfsruimte op de locatie Albardastraat en Monsterseweg in Parnassia Bavo Groep in Den Haag; - Kantoorruimte Hofje van Nieuwkoop aan de Warmoezierstraat in Den Haag; - Diagnostisch Centrum Haaglanden buitenpoli Neurologie in Den Haag; - Diagnostisch Centrum Voorschoten buitenpoli Neurologie in Voorschoten; - Medisch Centrum Voorburg buitenpoli Orthopedie; - Diagnostisch Centrum Haaglanden buitenpoli Orthopedie; - Saffier de Residentie Groep Orthopedie; - Huur Woonruimte Prinses Marijkelaan te Leidschendam; - Huur Nieuwendamlaan te Den Haag; - Huur Poli Interne Diabetes te Den Haag; - Huur Woonruimte Warmoezier 112 te Den Haag. Huur ruimten derden deelnemingen - Jacobus I, Diabetes Zorg Haaglanden De totale huursom op jaarbasis van deze ruimten bedraagt Door deelnemingen worden de volgende ruimten gehuurd van het MCH. - Begane grond in de centrale hal locatie MCH Westeinde door Express-so BV; - Begane grond in de centrale hal locatie MCH Antoniushove door Express-so BV; - Begane grond in de centrale hal locatie MCH Westeinde door Apotheek MCH Lijnbaan BV. Ten behoeve van de magazijnruimte Binckhorst in Den Haag, heeft MCH een bankgarantie verstrekt van MCH heeft bij de overdracht van de gehuurde ruimte van de Haaglanden Kliniek aan de nieuwe huurder een bankgarantie verstrekt van Deze garantie is in 2014 ingeroepen door de verhuurder. Obligoverplichtingen Waarborgfonds In 2014 zijn geen leningen toegevoegd aan de geborgde leningen bij het Waarborgfonds. De obligoverplichting van 3% over de geborgde restschuld bedraagt ca. 1,27 mln. Zekerheden MCH heeft aan de ING Bank, De Nederlandse Staat en het Waarborgfonds voor de Zorgsector een positieve hypotheekverklaring afgegeven. Aan de ING Bank is daarnaast eveneens een negative pledge/pari passu en cross default verklaring afgegeven. Verder zijn de vorderingen verpand aan de ING Bank. Ook is in 2014 op verzoek van het Waarborgfonds hypotheek gevestigd op het onroerend goed van MCH inclusief verpanding van de hierin aanwezige roerende zaken ten behoeve van de ING Bank, de Nederlandse Staat en het Waarborgfonds voor een totaalbedrag van 106 mln. In de hypotheek is niet betrokken het H-gebouw, kadastraal bekend onder L De totale kredietfaciliteit bij de ING bedraagt per 31 december Op 1 december is de faciliteit uitgebreid met een krediet van 24,9 mln. die wordt geborgd door het Waarborgfonds ten behoeve van de nieuwbouwfinanciering kliniek Antoniushove. MCH heeft aan ABN AMRO een borgstelling afgegeven van EUR ter meerdere zekerheid voor de financiering van de (ver-)nieuwbouw van de Apotheek Haagse Ziekenhuizen. 110

111 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA Macrobeheersingsinstrument Het macrobeheersinstrument (MBI) kan door de minister van VWS worden ingezet bij overschrij-dingen van het macrokader zorg. Het MBI is uitgewerkt in de Aanwijzing macrobeheersmodel instellingen voor medisch specialistische zorg. Inzet van het MBI betekent een terugvordering bij instellingen voor medisch specialistische zorg. Jaarlijks wordt door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) ambtshalve een MBI-omzetplafond vastgesteld. Tevens wordt door de NZa jaarlijks een omzetplafond per instelling vastgesteld, die afhankelijk is van de realisatie van het MBI-omzetplafond van alle instellingen gezamenlijk. Deze vaststelling vindt plaats nadat door de Minister van VWS de overschrijding van het MBI-omzetplafond uiterlijk vóór 1 december van het opvolgend jaar is gecommuniceerd. Voor de verschillende boekjaren geldt het volgende: - De verplichting uit hoofde van het MBI 2012 die er ultimo 2013 nog wel was, is vervallen en wordt meegenomen in de groeiruimte in 2016, zo heeft de Minister van VWS op 31 maart 2015 besloten. - Het macrokader over 2013 is op basis van cijfers van het Ministerie van VWS overschreden met een te verrekenen bedrag van maximaal EUR 242 miljoen. De minister neemt uiterlijk 1 mei 2016 een besluit of de handhaving van het MBI-omzetplafond 2013 daadwerkelijk wordt ingezet, of dat er alternatieven zijn om de alsdan definitief vast te stelling overschrijding 2013 te redresseren. - Voor 2014 is het MBI-omzetplafond door de NZa vastgesteld op EUR miljoen (prijsni-veau 2013). Bij het opstellen van de jaarrekening 2014 is niet bekend of sprake is van een overschrijding van het MBI-omzetplafond over MCH is niet in staat een betrouwbare inschatting te maken of er uiteindelijk sprake zal zijn van een daadwerkelijke verplichting voor de instelling voortkomende uit het MBI. Hierdoor is deze mogelijke verplichting niet tot uitdrukking gebracht in de balans per 31 december

112 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT VASTE ACTIVA o.g.v art. 5a Regeling verslaggeving WTZi WTZi-vergunningplichtige vaste activa NZa-IVA Grond Terrein- Gebouwen Semi perm. Ver- Installaties Onderhanden Subtotaal Totaal voorzieningen gebouwen bouwingen Projecten vergunning Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen extra afschrijvingen NZa-goedgekeurd terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 0,0% 2% en 5% 2,0% 5,0% 5,0% 112

113 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT VASTE ACTIVA o.g.v art. 5a Regeling verslaggeving WTZi WTZi-meldingsplichtige vaste activa Trekkings Onderhanden Subtotaal Instand- Onderhanden Subtotaal Subtotaal rechten Projecten houding Projecten meldingsplichtige activa Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 5,0% 10,0% 113

114 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT VASTE ACTIVA o.g.v art. 5a Regeling verslaggeving WTZi WMG-gefinancierde vaste activa Inventaris Onderhanden Vervoer- Automati- Subtotaal projecten middelen sering WMG Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 10,0% 0,0% 20,0% 20,0% 114

115 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT VASTE ACTIVA o.g.v art. 5a Regeling verslaggeving WTZi Niet - WTZi/WMG - gefinancieerde materiële vaste activa Nieuwbouw Nieuwbouw Verbouwingen/ Kleine werken/ Inventaris Automatisering Onderhanden Subtotaal gebouwen installaties renovaties LTO projecten Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage divers divers divers 0,0% 115

116 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR ONDERHANDEN PROJECTEN EN GEREEDGEKOMEN PROJECTEN SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR ONDERHANDEN PROJECTEN Projectgegevens Investeringen Goedkeuringen Nummer t/m 2014 Briefnummer onder- Nominaal bedrag Indexering Aangepaste Datum Omschrijving WTZi-type t/m gereed handen WTZi WTZi goedkeuring Jaar van oplevering 0113 Dialyse Westeinde niet WTZi nieuwbouw kliniek AH niet WTZi nieuwbouw RC West niet WTZi Verbouwing C12 niet WTZi Hybride OK niet WTZi Spoedeisende hulp WZ niet WTZi ICT Migratie Windows 7 WMG Inventaris C12 niet WTZi Totaal SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR GEREEDGEKOMEN PROJECTEN Nummer Projectgegevens Investeringen Toekomstige lasten Briefnummer Datum Omschrijving WTZi-type Activapost WTZi WMG Overige Totaal Afschrijving WTZi Rentekosten 0109 Brandmeldinstallatie niet WTZi verbouwingen Energievoorziening AH niet WTZi verbouwingen Dialyse Westeinde niet WTZi verbouwingen Verbouwing C12 niet WTZi verbouwingen Overig niet WTZi verbouwingen M11 Jaarmelding 2011 melding instandhouding M12 Jaarmelding 2012 melding instandhouding M13 Jaarmelding 2013 melding instandhouding M14 Jaarmelding 2014 melding instandhouding Inventaris en ICT WMG inventaris/ict Business cases niet WTZi inventaris Totaal

117 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden OVERZICHT LANGLOPENDE SCHULDEN ULTIMO 2014 Leninggever Datum Hoofdsom Soort lening Restschuld 31 december 2013 Nieuwe Aflossing in leningen in Restschuld Restschuld 31 december over 5 jaar 2014 Resterende looptijd in jaren eind 2014 Totale looptijd Werkelijkerente Aflossingswijze Aflossing 2015 Gestelde zekerheden % Bank Nederlandse Gemeenten 30-mrt onderhands 2,200% lineair Nederlandse Waterschapsbank 30-mrt onderhands 4,320% lineair Nederlandse Waterschapsbank 30-mrt onderhands 4,270% lineair Nederlandse Waterschapsbank 15-nov onderhands 2,710% lineair Nederlandse Waterschapsbank 24-jan onderhands 2,150% lineair Nederlandse Waterschapsbank 15-aug onderhands 5,065% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-aug onderhands 3,640% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 13-aug onderhands 5,085% lineair Nederlandse Waterschapsbank 14-nov onderhands 2,340% lineair Nederlandse Waterschapsbank 14-nov onderhands 1,110% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 1-jun onderhands 4,025% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 21-jun onderhands 4,155% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 1-aug onderhands 4,475% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-sep onderhands 4,313% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-dec onderhands 3,910% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 2-jan onderhands 3,930% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 20-jan onderhands 3,950% lineair Nederlandse Waterschapsbank 20-jan onderhands 3,810% lineair 76 1 Bank Nederlandse Gemeenten 1-feb onderhands 3,898% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 16-feb onderhands 3,730% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 21-feb onderhands 3,620% lineair 57 1 Nederlandse Waterschapsbank 18-sep onderhands 2,990% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 18-sep onderhands 1,700% lineair ING Bank 15-dec euroflex 3,824% lineair Totaal ING Bank 1-jul roll-over 4,243% lineair Totaal Totalen Gestelde zekerheid: 1) Rijksgarantie 2) Waarborgfonds 3) Positieve / negatieve hypotheekverklaring op het onroerend goed aan de Burgemeester Banninglaan 1 in Leidschendam en aan de Lijnbaan 32 in Den Haag. Er zijn geen schulden in rang achtergesteld bij andere schulden. Voor de positieve hypotheekverklaring heeft het Waarborgfonds voor de Zorgsector een positie die gelijk in rang is. In 2014 is ter meerdere zekerheid hypotheekrecht verstrekt aan het Waarborgfonds, de ING Bank en de Nederlandse Staat voor een bedrag van 106 miljoen. 117

118 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden, TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 BATEN 17. Niet-gebudgetteerde zorgprestaties (exclusief DBC's / DBC-zorgproducten A- en B-segment) De specificatie is als volgt: Opbrengsten in opdracht van andere instellingen Totaal Toelichting: In 2014 nemen de opbrengsten van de post 'niet-gebudgetteerde zorgprestaties' af met ca. 1,9 mln. Per 15 februari 2014 is het contract tussen MCH en het Langeland Ziekenhuis inzake de dienstverlening van het medische microbiologische laboratorium en pathologisch anatomische laboratorium beëindigd. De afname van de opbrengst is hier grotendeels aan toe te schrijven. 18. Omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment De specificatie is als volgt: Gefactureerde omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Mutatie onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Onverzekerde deel 1 0 Totaal Omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment De specificatie is als volgt: Gefactureerde omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Mutatie onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Totaal Toelichting 18 en 19 Wordt de zorgproductenomzet in totaal bekeken dan stijgt deze met 18,5 mln. ten opzichte van In 2013 zit echter een éénmalige correctie van de omzet uit 2012 van 8 mln. De netto stijging van de omzet in 2014 van 10,5 mln. bestaat voor 5 mln. uit de vrijval van de voorziening rechtmatigheidscontroles 2012 en 2013 als gevolg van de afronding van het self assessment 2012/ Opbrengsten uit hoofde van transitieregelingen en honorariumplafonds De specificatie is als volgt: Opbrengst uit hoofde van te verrekenen transitiebedrag medisch specialistische zorg Totaal Toelichting: Het transitiebedrag 2012/2013 is definitief vastgesteld. Dit leidt nog tot een nagekomen bate in

119 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 BATEN 21. Subsidies De specificatie is als volgt: Rijkssubsidies vanwege het Ministerie van VWS (waaronder opleidingsfonds) Overige subsidies, waaronder loonkostensubsidies en EU-subsidies Totaal Toelichting: In 2014 zijn de subsidieopbrengsten van de post 'Rijkssubsidies vanwege het Ministerie van VWS' met ca toegenomen. De toename wordt hoofdzakelijk verklaard door een hogere bijdrage voor artsen in opleiding en medisch ondersteunend personeel en gespecialiseerde verpleegkundigen in opleiding. De stijging van de post 'overige subsidies' is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de 'subsidie pilot ziekenhuisartsen i.o.' en aan de bijdrage 'kwaliteitsimpuls opleidingen 2014'. Per saldo zien we hier een stijging van ca. 1,3 mln. 22. Overige bedrijfsopbrengsten De specificatie is als volgt: Overige dienstverlening (waaronder 2e-4e geldstroom UMC's voor onderzoek): Overige dienstverlening Overige opbrengsten (waaronder vergoeding voor uitgeleend personeel en verhuur onroerend goed): Overige opbrengsten Totaal Toelichting: De overige dienstverlening daalt met Dit is grotendeels toe te schrijven aan een daling van de opbrengsten van het kinderdagverblijf door de sluiting locatie Antoniushove en de moeizame markt. De overige opbrengsten stijgen met 2,0 mln. Dit wordt voor veroorzaakt door een stijging van de doorbelaste personeelskosten aan derden. De resterende 1,3 mln. komt van de deelnemingen, waarbij vooral de opbrengsten uit de Apotheek Lijnbaan en Stichting Diabetes Zorg Haaglanden en in het oog springen met een toename van 1,7 mln. 119

120 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 23. Personeelskosten De specificatie is als volgt: Lonen en salarissen Sociale lasten Pensioenpremies Andere personeelskosten: Andere persoonsgebonden personeelkosten Subtotaal Personeel niet in loondienst Totaal personeelskosten Specificatie aantal personeelsleden (in FTE's) per 31 december: Personeel algemene en administratieve functies Personeel hotelfuncties Personeel patiëntgebonden functies Leerl. verpleegkundig en verzorgend personeel Personeel terrein- en gebouwgebonden functies Totaal personeel in loondienst MCH Personeel in loondienst deelnemingen Totaal personeel in loondienst Toelichting: De stijging van de post 'lonen en salarissen' wordt met name veroorzaakt door een doorwerking van de CAO stijging medio 2013 in 2014, periodieken en door kosten voor meeruren en overwerk. De sociale lasten en pensioenpremies stijgen vooral door de stijging in de post 'lonen en salarissen'. De stijging van de post 'andere persoonsgebonden personeelskosten' wordt veroorzaakt door een stijging van de opleidingskosten, gratificaties en een uitbreiding van het Meerkeuze Systeem Arbeidsvoorwaarden om de mogelijkheden binnen de Werkkostenregeling te benutten. De stijging van de post 'andere persoonsgebonden personeelskosten' wordt met name veroorzaakt door de stijging in onder andere opleidingskosten en kosten voor ontwikkeling en ontspanning. Per saldo zijn deze kosten gestegen met ca. 1,7 mln. De toename van de kosten van personeel niet in loondienst in 2014 ziet volledig op patientgebonden functies. MCH heeft geen werknemers die buiten Nederland werkzaam zijn. 25. Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa De specificatie is als volgt: Nacalculeerbare afschrijvingen: - immateriële vaste activa materiële vaste activa Totaal afschrijvingen Waarvan nacalculeerbare afschrijvingen: - immateriële vaste activa materiële vaste activa financiële vaste activa 0 0 Toelichting: Er hebben in 2014 geen bijzondere afschrijvingen plaatsgevonden. 120

121 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 26. Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa De specificatie is als volgt: Bijzondere waardeverminderingen van: - immateriële vaste activa materiële vaste activa 0 0 Totaal 0 0 Toelichting: Er hebben in 2014 geen bijzondere waardeverminderingen plaatsgevonden. 27. Overige bedrijfskosten De specificatie is als volgt: Voedingsmiddelen en hotelmatige kosten Algemene kosten Patiënt- en bewonersgebonden kosten Onderhoud en energiekosten: - Onderhoud Energiekosten gas Energiekosten stroom Energie transport en overig Subtotaal Huur en leasing Dotatie dubieuze debiteuren Overige baten en lasten Totaal overige bedrijfskosten Toelichting: De post 'algemene kosten' is toegenomen met ca. 3 mln. De toename is deels toe te schrijven aan de toename van de kosten van de deelnemingen. Met name de inkoopkosten voor geneesmiddelen bij Apotheek MCH Lijnbaan zijn toegenomen door de hogere omzet. De overige toename in de post 'algemene kosten' zit grotendeels in de kosten voor de aansprakelijkheidsverzekering die met 0,8 mln. is gestegen voor MCH in De patiënt- en bewonersgebonden kosten stijgen door de verdere overheveling van de dure geneesmiddelen naar het ziekenhuis. De kosten voor de dure geneesmiddelen stijgen met 3 mln. De geneesmiddelen ten behoeve van oncologische patiënten (m.n. Herceptin, Vectibin en Avastin) zijn met 1 mln. toegenomen. Het gebruik van Remicade is met 0,7 mln. toegenomen. Ook het gebruik van TNF-alfaremmers is verder toegenomen met 0,3 mln. De toename van het aantal radiologische interventies vertaalt zich in een toename van de materiaalkosten voor stents met bijna 0,4mln. Een daling van 0,3mln. is zichtbaar bij de kosten voor ICD's en toebehoren. De dotatie aan Voorziening Onderhoud is toegenomen met 7,5 mln., de voornaamste oorzaak van de toename is het noodzakelijke onderhoud op beide locaties aan de luchtbehandeling. Hier is een kostenpost van 4,8 mln. mee gemoeid. Verder is onderhoud nodig aan onder meer het netwerk, elektra (NEN3140) en schilderwerk. In 2014 is een hogere dotatie gedaan ten behoeve van de post dubieuze debiteuren. Bij deze dotatie wordt rekening gehouden met de verwachte kans op inning. De post neemt toe doordat in 2014 patiënten zijn behandeld voor het plaatsen ICD terwijl niet met alle verzekeraars hiervoor een contract is afgesloten. Voor 2015 is inmiddels weer met alle verzekeraars een contract gesloten. Het saldo van de overige baten en lasten in 2014 is in vergelijking tot 2013 afgenomen. Deze afname is het gevolg van mutaties in een aantal voorzieningen en reserveringen, waarvan de grootste de vrijval van de voorziening in het kader van de transitieregeling is. 121

122 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 28. Financiële baten en lasten De specificatie is als volgt: Rentebaten Dividenden 0 0 Resultaat deelnemingen 0 0 Subtotaal financiële baten Rentelasten Subtotaal financiële lasten Totaal financiële baten en lasten Toelichting: Onder de financiële baten en lasten vallen de posten langlopende rente, bankrente en overige rentekosten en rentebaten. De rentebaten bestaat uit de rekening courant rente van diverse bankrekeningen. MCH had in 2014 een gunstiger creditsaldo op de bank. Door scherpere sturing op spaarrente zijn de rentebaten gestegen, ondanks de dalende rente. De rentelasten dalen door een afnemende restschuld en herziening van de rente van 2 leningen bij de BNG en NWB tegen een lager percentage. De post 'resultaat deelnemingen' betreft het resultaat van de deelnemingen over het boekjaar De deelnemingen worden voor 100% geconsolideerd. Het resultaat aandeel derden wordt onder punt 30 opgenomen. 29. Buitengewone baten en lasten De specificatie is als volgt: Buitengewone baten 0 0 Buitengewone lasten 0 0 Totaal buitengewone baten en lasten 0 0 Toelichting: Er zijn geen buitengewone baten en lasten. 30. Resultaat aandeel derden De specificatie is als volgt: Resultaat aandeel derden Totaal resultaat aandeel derden Toelichting: Het resultaat aandeel derden per 31 december 2014 betreft het resultaat aandeel derden van Apotheek MCH Lijnbaan BV. 31. Belastingen De specificatie is als volgt: Vennootschapsbelasting Totaal belastingen Toelichting: Deze post betreft de berekende vennootschapsbelasting van de deelnemingen. 122

123 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING OVER Honoraria onafhankelijke accountant De honoraria van de onafhankelijke accountant over 2014 zijn als volgt: 1 Controle van de jaarrekening Overige controlewerkzaamheden (w.o. Regeling AO/IC en Nacalculatie) Fiscale advisering Niet-controlediensten Totaal honoraria onafhankelijke accountant Transacties met verbonden partijen Van transacties met verbonden partijen is sprake wanneer een relatie bestaat tussen de instelling, haar deelnemingen en hun bestuurders en leidinggevende functionarissen. Er hebben zich geen transacties met verbonden partijen voorgedaan op niet-zakelijke grondslag. De bezoldiging van de bestuurders en toezichthouders is opgenomen onder punt Bezoldiging bestuurders en toezichthouders Bestuurders en voormalige bestuurders Toezichthouders en voormalige toezichthouders Vanaf de bestuurlijke fusie, 15 augustus 2014, wordt de raad van bestuur gevormd door het bestuur van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo-Nebo. De raad van bestuur bestaat daarmee uit drie leden, de heren P.W. Doop (voorzitter), J.G.M. Hendriks en mevrouw R.M.Y. Barge. Tot 15 augustus 2014 bestond de raad van bestuur uit de heren W. Geerlings (voorzitter) en P.W. Doop. De heer Geerlings is per 15 augustus 2014 teruggetreden als bestuurslid. Vanaf de bestuurlijke fusie, 15 augustus 2014, wordt de raad van toezicht gevormd door de raad van toezicht van de Holdingstichting Medisch Centrum Haaglanden/Bronovo-Nebo. De raad van toezicht bestaat daarmee uit zeven leden, de heren W.J. Deetman (voorzitter), J.W. Holtslag (vice-voorzitter), G.A. Maranus, C.J.M. van Laarhoven, P.A. van der Linden en de dames N. Albayrak - Temur en H.E. van der Horst. Tot 15 augustus 2014 bestond de raad van toezicht uit de heren J.W. Holtslag (voorzitter), E. Kist (uitgetreden per 1 juni 2014), G.A. Maranus, C.J.H.M. van Laarhoven en de dames N.Albayrak - Temur, S.F.M. Wortmann (uitgetreden per 1 juni 2014) en C.A. Vietsch. De vermelde bezoldiging betreft de bezoldiging zoals deze door de Stichting Medisch Centrum Haaglanden is uitbetaald. De bezoldiging van de bestuurders en voormalige bestuurders betreft de heren W. Geerlings (voorzitter) en P.W. Doop. De bezoldiging omvat periodiek betaalde beloningen, zoals salarissen, vakantiegeld en sociale lasten, beloningen betaalbaar op termijn, zoals pensioenlasten, uitkeringen bij beëindiging van het dienstverband en winstdelingen en bonusbetalingen, voor zover deze posten ten laste zijn gekomen van de stichting en alle meerderheidsdeelnemingen van de stichting. 35. Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Voor het overzicht van de WNT wordt verwezen naar de geconsolideerde jaarrekening van de Stichting Medisch Centrum Haaglanden en Bronovo-Nebo. 123

124 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 (na resultaatbestemming) Ref. 31-dec dec ACTIVA Vaste activa Immateriële vaste activa 0 0 Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten Vorderingen uit hoofde van bekostiging Overige vorderingen Liquide middelen Totaal vlottende activa Totaal activa Ref. 31-dec dec-13 PASSIVA Eigen vermogen Kapitaal Bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Algemene en overige reserves Totaal eigen vermogen Voorzieningen Overige voorzieningen Langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) Kortlopende schulden (ten hoogste 1 jaar) Overige kortlopende schulden Totaal passiva

125 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 BEDRIJFSOPBRENGSTEN: Ref Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties Niet-gebudgetteerde zorgprestaties (exclusief DBC's / DBC-zorgproducten A- en B-segment) Omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Opbrengsten uit hoofde van transitieregelingen en honorariumplafonds Subsidies Overige bedrijfsopbrengsten Som der bedrijfsopbrengsten BEDRIJFSLASTEN: Personeelskosten Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa Overige bedrijfskosten Som der bedrijfslasten BEDRIJFSRESULTAAT Financiële baten en lasten RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITOEFENING Buitengewone baten Buitengewone lasten Buitengewoon resultaat 0 0 RESULTAAT BOEKJAAR RESULTAATBESTEMMING Het resultaat is als volgt verdeeld: Toevoeging: Reserve aanvaardbare kosten Niet collectief gefinancierd vrij vermogen

126 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden GRONDSLAGEN VAN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING ENKELVOUDIGE JAARREKENING Algemeen Voor een toelichting op de specificaties van de enkelvoudige balans en resultatenrekening wordt verwezen naar de toelichting bij de geconsolideerde balans en resultatenrekening Afwijkingen in waarderingsgrondslagen enkelvoudige jaarrekening Er zijn geen afwijkingen van de waarderingsgrondslagen in de enkelvoudige jaarrekening ten opzichte van de geconsolideerde jaarrekening. Verwezen wordt derhalve naar de geconsolideerde jaarrekening. 126

127 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA 2. Materiële vaste activa De specificatie is als volgt: 31-dec dec Bedrijfsgebouwen en terreinen Machines en installaties Andere vaste bedrijfsmiddelen, technische en administratieve uitrusting Materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa Niet aan het bedrijfsproces dienstbare materiële activa 0 0 Totaal materiële vaste activa Het verloop van de materiële activa in het verslagjaar is als volgt weer te geven: Boekwaarde per 1 januari Bij: investeringen Bij: herwaarderingen 0 0 Af: afschrijvingen Af: bijzondere waardeverminderingen 0 0 Af: terugname geheel afgeschreven activa 0 0 Af: desinvesteringen Boekwaarde per 31 december Toelichting: Voor een nadere specificatie van het verloop van de WTZi-vergunningplichtige vaste activa, de WTZi-meldingsplichtige vaste activa en de WMG-gefinancierde vaste activa per activagroep wordt verwezen naar het mutatieoverzicht onder In toelichting zijn overzichten opgenomen voor de onderhanden en gereedgekomen projecten. 3. Financiële vaste activa De specificatie is als volgt: 31-dec dec Deelnemingen Resultaat deelnemingen Aandeel derden 0 0 Overige vorderingen financiële vaste activa 0 0 Leningen Totaal financiële vaste activa

128 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt: Specificatie deelnemingen: x dec-13 Mutatie 31-dec-14 Stichting Diabetes Zorg Haaglanden BV Apotheek MCH Lijnbaan BV Express-so BV West End Facility BV Lab West BV MediRisk Nederlandse Centrum voor Plastische Chirurgie BV Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV Subtotaal Waardevermindering Lab West BV Totaal Specificatie resultaat: x dec-13 Mutatie Aandeel derden 31-dec-14 Stichting Diabetes Zorg Haaglanden BV Apotheek MCH Lijnbaan BV Express-so BV West End Facility BV Lab West BV Subtotaal Waardevermindering Lab West BV Totaal Specificatie leningen: x dec-13 Aflossing Verstrekt 31-dec-14 Lening u/g Apotheek Haagse Ziekenhuizen Lening u/g Apotheek Antoniushove Lening u/g Apotheek MCH Lijnbaan Lening u/g MyownFile BV Lening u/g Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden BV Lening u/g Lab West BV Lening u/g MediRisk/Medifire Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans In de 'specificatie resultaat' is in het kolom 'mutatie', resultaatcorrecties uit voorgaande jaren opgenomen. Toelichting op belangen in andere rechtspersonen of vennootschappen: Naam en rechtsvorm en woonplaats rechtspersoon Verschaft kapitaal Kapitaalbelang (in %) Eigen vermogen Resultaat Rechtstreekse kapitaalbelangen >= 20%: Express-so BV, te Den Haag zie % St. Diabetes Zorg Haaglanden, te Den Haag zie % West End Facility BV, te Den Haag zie % Apotheek MCH Lijnbaan BV, te Den Haag zie % Lab West BV, te Den Haag zie % Zeggenschapsbelangen: Nederlandse Centrum voor Plastische Chirurgie BV % Toelichting: Kernactiviteit Zowel het resultaat als het vermogen zijn voor 100% in het bovenstaande tabel weergegeven. Verschillen met de verloopoverzicht is te verklaren door mutaties in het resultaat uit voorgaande boekjaren. Zie voor verdere toelichting, toelichting op de geconsolideerde balans

129 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA 4. Voorraden De specificatie is als volgt: 31-dec dec Medische middelen Leenemballage Af: voorziening incourante voorraden Totaal voorraden Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Onderhanden werk uit hoofde van DBC's / DBC-zorgproducten De specificatie is als volgt: 31-dec dec Onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Onderhanden werk DBC's honoraria Af: ontvangen voorschotten Af: voorziening onderhanden werk 0 0 Totaal onderhanden werk Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Vorderingen en schulden uit hoofde van bekostiging Vorderingen uit hoofde van bekostiging: 31-dec dec Vorderingen uit hoofde van financieringstekort Vorderingen uit hoofde van transitieregeling Vordering uit hoofde van Nacalculatie doorloop DBC's / DBC-zorgproducten 2012 en 0 0 nacalculatie 2013 Totaal vorderingen uit hoofde van bekostiging Schulden uit hoofde van bekostiging: 31-dec dec Schulden uit hoofde van financieringsoverschot Schulden uit hoofde van transitieregeling Schuld uit hoofde van Nacalculatie doorloop DBC's / DBC-zorgproducten 2012 en 0 0 nacalculatie Schulden uit hoofde van honorariumplafond Schulden uit hoofde van macrobeheersinstrument 0 0 Totaal schulden uit hoofde van bekostiging

130 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Specificatie vorderingen en schulden uit hoofde van financieringstekort respectievelijk financieringsoverschot t/m totaal Saldo per 1 januari Financieringsverschil boekjaar Correcties voorgaande jaren Betalingen/ontvangsten Subtotaal mutatie boekjaar Correcties voorgaande jaren Saldo per 31 december Stadium van vaststelling (per erkenning): c c c c a= interne berekening b= overeenstemming met zorgverzekeraars c= definitieve vaststelling NZa 31-dec dec Waarvan gepresenteerd als: - vorderingen uit hoofde van financieringstekort schulden uit hoofde van financieringsoverschot Specificatie financieringsverschil in het boekjaar Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten 0 0 Vergoedingen ter dekking van het wettelijk budget: Verpleeg- en verzorgingsgelden 0 0 Dagbehandeling, deeltijdbehandeling en dagverpleging 0 0 Honoraria medisch-specialistische hulp 0 0 Vergoedingen voor klinische en poliklinische verrichtingen 0 0 Gedeclareerde DBC-omzet 0 0 Mutatie onderhanden projecten (voor zover ter dekking wettelijk budget) 0 0 Afrekening overfinanciering Totaal financieringsverschil Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans

131 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 ACTIVA Specificatie vorderingen uit hoofde van transitieregeling en schulden uit hoofde van transitieregeling De specificatie is als volgt: Schaduwbudget (op basis van afspraken met zorgverzekeraars) Af: A omzet (inclusief overloop) Af: B nieuw (binnen transitiemodel = B-2012) honorariumomzet loondienst met vergoeding in schaduwbudget in B nieuw Transitiebedrag dec dec Waarvan gepresenteerd als: - vorderingen uit hoofde van transitieregeling schulden uit hoofde van transitieregeling Het transitiebedrag wordt verwerkt in: % % Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Specificatie schulden uit hoofde van honorariumplafond Gedeclareerd aan het Gedeclareerd via het Totaal 2014 Totaal 2013 ziekenhuis lokaal collectief Lokaal omzetplafond /- gedeclareerd /- mutatie Onderhanden werk Saldo in balans (schuld) Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Overige vorderingen De specificatie is als volgt: 31-dec dec Vorderingen op debiteuren Vorderingen op groepmaatschappijen Nog te factureren omzet DBC's / DBC-zorgproducten Overige vorderingen Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen 0 0 Te vorderen uit hoofde van contracten Totaal overige vorderingen Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Liquide middelen De specificatie is als volgt: 31-dec dec Bankrekeningen Kassen 5 9 Totaal liquide middelen Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans

132 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA 10. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de volgende componenten: 31-dec dec Kapitaal 0 0 Bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Algemene en overige reserves Totaal eigen vermogen Kapitaal Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Kapitaal Bestemmingsreserves Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Bestemmingsreserves: Reserve afschrijving inventarissen Reserve automatisering Reserve projecten Reserve bond medische specialisten Reserve aanvaardbare kosten: Reserve aanvaardbare kosten Herwaarderingsreserve: Herwaarderingsreserve Totaal bestemmingsreserves Bestemmingsfondsen Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Bestemmingsfondsen: Bestemmingsfondsen Totaal bestemingsfondsen Algemene en overige reserves Saldo per Resultaat- Overige Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan-2014 bestemming mutaties 31-dec Algemene reserves: Algemene reserves Totaal algemene en overige reserves Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans

133 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA Specificatie aansluiting geconsolideerd - enkelvoudig vermogen 31 december 2014 en resultaat over 2014 De specificatie is als volgt : Enkelvoudig eigen vermogen en resultaat: Eigen vermogen Resultaat Medisch Centrum Haaglanden Totaal geconsolideerd eigen vermogen en resultaat Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Voorzieningen Saldo per Dotatie Onttrekking Vrijval Saldo per Het verloop is als volgt weer te geven: 1-jan dec Voorzieningen uit hoofde van macrobeheersinstrument Overige voorzieningen: Egalisatierekening groot onderhoud Goodwill specialisten Antoniushove Jubilea Reorganisatievoorziening Voorziening CAO Levensfase Voorziening deelneming Lab West BV Totaal voorzieningen Toelichting in welke mate (het totaal van) de voorzieningen als langlopend moeten worden beschouwd: 31-dec Kortlopend deel van de voorzieningen (< 1 jr.) Langlopend deel van de voorzieningen (> 1 jr.) Hiervan langlopend (> 5 jaar) Toelichting per categorie voorziening: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) De specificatie is als volgt: 31-dec dec Schulden aan banken Overige langlopende schulden 2 2 Totaal langlopende schulden (nog voor meer dan een jaar) Het verloop 'schulden aan banken' is als volgt weer te geven: Stand per 1 januari Bij: nieuwe leningen 0 0 Af: aflossingen Stand per 31 december Af: aflossingsverplichting komend boekjaar Stand 'schulden aan banken' per 31 december > 1 jaar

134 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE BALANS PER 31 DECEMBER 2014 PASSIVA Toelichting in welke mate (het totaal van) de langlopende schulden als langlopend moeten 31-dec dec-13 worden beschouwd: Kortlopend deel van de langlopende schulden (< 1 jr.), aflossingsverplichtingen Langlopend deel van de langlopende schulden (> 1 jr.) (balanspost) Hiervan langlopend (> 5 jaar) Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Overige kortlopende schulden De specificatie is als volgt: 31-dec dec Schulden aan groepsmaatschappijen Crediteuren Aflossingsverplichtingen langlopende leningen Aflossingsverplichtingen roll-over lening Belastingen en sociale premies Schulden terzake pensioenen Nog te betalen salarissen Vakantiegeld Vakantiedagen CAO levensfase Nog te betalen kosten: Interest leningen Overige overlopende passiva: Overige Totaal overige kortlopende schulden Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Financiële instrumenten Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans Niet in de balans opgenomen regelingen Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde balans

135 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT MATERIELE VASTE ACTIVA o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi (enkelvoudig) WTZi-vergunningplichtige vaste activa Grond Terrein- Gebouwen Semi perm. Ver- Installaties Onderhanden Subtotaal Totaal voorzieningen gebouwen bouwingen Projecten vergunning Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen extra afschrijvingen NZa-goedgekeurd terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 0,0% 2% en 5% 2,0% 5,0% 5,0% 135

136 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT MATERIELE VASTE ACTIVA o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi (enkelvoudig) WTZi-meldingsplichtige vaste activa Trekkings Onderhanden Subtotaal Instand- Onderhanden Subtotaal Subtotaal rechten Projecten houding Projecten meldingsplichtige activa Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 5,0% 10,0% 136

137 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT MATERIELE VASTE ACTIVA o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi (enkelvoudig) WMG-gefinancierde vaste activa Inventaris Onderhanden Vervoer- Automati- Subtotaal projecten middelen sering WMG Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage 10,0% 0,0% 20,0% 20,0% 137

138 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden MUTATIEOVERZICHT MATERIELE VASTE ACTIVA o.g.v. art. 5a Regeling verslaggeving WTZi (enkelvoudig) Niet - WTZi/WMG - gefinancieerde materiële vaste activa Nieuwbouw Nieuwbouw Verbouwingen/ Kleine werken/ Inventaris Automatisering Onderhanden Subtotaal gebouwen installaties renovaties LTO projecten Stand per 1 januari aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 1 januari Mutaties in het boekjaar - investeringen herwaarderingen afschrijvingen terugname geheel afgeschreven activa.aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen per saldo Mutaties in boekwaarde (per saldo) Stand per 31 december aanschafwaarde cumulatieve herwaarderingen cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Afschrijvingspercentage divers divers divers 0,0% 138

139 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR ONDERHANDEN PROJECTEN EN GEREEDGEKOMEN PROJECTEN (ENKELVOUDIG) SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR ONDERHANDEN PROJECTEN Projectgegevens Investeringen Goedkeuringen t/m 2014 Nummer Briefnummer Datum Omschrijving WTZi-type t/m gereed onderhanden Nominaal bedrag WTZi Indexering WTZi Aangepaste goedkeuring Jaar van oplevering 0113 Dialyse Westeinde niet WTZi nieuwbouw kliniek AH niet WTZi nieuwbouw RC West niet WTZi Verbouwing C12 niet WTZi Hybride OK niet WTZi Spoedeisende hulp WZ niet WTZi ICT Migratie Windows 7 WMG Inventaris C12 niet WTZi Totaal SPECIFICATIE ULTIMO BOEKJAAR GEREEDGEKOMEN PROJECTEN Nummer Projectgegevens Investeringen Toekomstige lasten Briefnummer Datum Omschrijving WTZi-type Activapost WTZi WMG Overige Totaal Afschrijving WTZi Rentekosten 0109 Brandmeldinstallatie niet WTZi verbouwingen Energievoorziening AH niet WTZi verbouwingen Dialyse Westeinde niet WTZi verbouwingen Verbouwing C12 niet WTZi verbouwingen Overig niet WTZi verbouwingen M11 Jaarmelding 2011 melding instandhouding M12 Jaarmelding 2012 melding instandhouding M13 Jaarmelding 2013 melding instandhouding M14 Jaarmelding 2014 melding instandhouding Inventaris en ICT WMG inventaris/ict Business cases niet WTZi inventaris Totaal

140 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden BIJLAGE OVERZICHT LANGLOPENDE SCHULDEN ULTIMO 2014 (ENKELVOUDIG) Leninggever Datum Hoofdsom Soort lening Restschuld Nieuwe 31 december leningen in Aflossing in 2014 Restschuld 31 december 2014 Restschuld over 5 jaar Resterende looptijd in jaren eind 2014 Totale looptijd Werkelijkerente Aflossingswijze Aflossing 2015 Gestelde zekerheden % Bank Nederlandse Gemeenten 30-mrt onderhands 2,200% lineair Nederlandse Waterschapsbank 30-mrt onderhands 4,320% lineair Nederlandse Waterschapsbank 30-mrt onderhands 4,270% lineair Nederlandse Waterschapsbank 15-nov onderhands 2,710% lineair Nederlandse Waterschapsbank 24-jan onderhands 2,150% lineair Nederlandse Waterschapsbank 15-aug onderhands 5,065% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-aug onderhands 3,640% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 13-aug onderhands 5,085% lineair Nederlandse Waterschapsbank 14-nov onderhands 2,340% lineair Nederlandse Waterschapsbank 14-nov onderhands 1,110% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 1-jun onderhands 4,025% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 21-jun onderhands 4,155% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 1-aug onderhands 4,475% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-sep onderhands 4,313% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 15-dec onderhands 3,910% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 2-jan onderhands 3,930% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 20-jan onderhands 3,950% lineair Nederlandse Waterschapsbank 20-jan onderhands 3,810% lineair 76 1 Bank Nederlandse Gemeenten 1-feb onderhands 3,898% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 16-feb onderhands 3,730% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 21-feb onderhands 3,620% lineair 57 1 Nederlandse Waterschapsbank 18-sep onderhands 2,990% lineair Bank Nederlandse Gemeenten 18-sep onderhands 1,700% lineair ING Bank 15-dec euroflex 3,824% lineair Totaal ING Bank 1-jul roll-over 4,243% lineair Totaal Totalen Gestelde zekerheid: 1) Rijksgarantie 2) Waarborgfonds 3) Positieve / negatieve hypotheekverklaring op het onroerend goed aan de Burgemeester Banninglaan 1 in Leidschendam en aan de Lijnbaan 32 in Den Haag. Er zijn geen schulden in rang achtergesteld bij andere schulden. Voor de positieve hypotheekverklaring heeft het Waarborgfonds voor de Zorgsector een positie die gelijk in rang is. In 2014 is ter meerdere zekerheid hypotheekrecht verstrekt aan het Waarborgfonds, de ING Bank en de Nederlandse Staat voor een bedrag van 106 miljoen. 140

141 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 BATEN 16. Opbrengsten uit gebudgetteerde zorgprestaties De specificatie is als volgt: Wettelijk budget voor aanvaardbare kosten Zvw-zorg 0 0 Totaal 0 0 Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Niet-gebudgetteerde zorgprestaties (exclusief DBC's / DBC-zorgproducten A- en B-segment) De specificatie is als volgt: Opbrengsten in opdracht van andere instellingen Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment De specificatie is als volgt: Gefactureerde omzet DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Mutatie onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten B-segment Onverzekerde deel 1 0 Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment De specificatie is als volgt: Gefactureerde omzet DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Mutatie onderhanden werk DBC's / DBC-zorgproducten A-segment Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

142 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 BATEN 20. Opbrengsten uit hoofde van transitieregelingen en honorariumplafonds De specificatie is als volgt: Opbrengst uit hoofde van te verrekenen transitiebedrag medisch specialistische zorg Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Subsidies De specificatie is als volgt: Rijkssubsidies vanwege het Ministerie van VWS (waaronder opleidingsfonds) Overige subsidies, waaronder loonkostensubsidies en EU-subsidies Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Overige bedrijfsopbrengsten De specificatie is als volgt: Overige dienstverlening (waaronder 2e-4e geldstroom UMC's voor onderzoek): Overige dienstverlening Overige opbrengsten (waaronder vergoeding voor uitgeleend personeel en verhuur onroerend goed): Overige opbrengsten Totaal Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

143 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 23. Personeelskosten De specificatie is als volgt: Lonen en salarissen Sociale lasten Pensioenpremies Andere personeelskosten: Andere persoonsgebonden personeelkosten Subtotaal Personeel niet in loondienst Totaal personeelskosten Specificatie aantal personeelsleden (in FTE's) per 31 december: Personeel algemene en administratieve functies Personeel hotelfuncties Personeel patiëntgebonden functies Leerl. verpleegkundig en verzorgend personeel Personeel terrein en gebouwgebonden functies Totaal personeel in loondienst MCH Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa De specificatie is als volgt: Nacalculeerbare afschrijvingen: - immateriële vaste activa materiële vaste activa Totaal afschrijvingen Waarvan nacalculeerbare afschrijvingen: - immateriële vaste activa materiële vaste activa financiële vaste activa 0 0 Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

144 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 26. Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa De specificatie is als volgt: Bijzondere waardeverminderingen van: - immateriële vaste activa materiële vaste activa 0 0 Totaal 0 0 Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Overige bedrijfskosten De specificatie is als volgt: Voedingsmiddelen en hotelmatige kosten Algemene kosten Patiënt- en bewonersgebonden kosten Onderhoud en energiekosten: - Onderhoud Energiekosten gas Energiekosten stroom Energie transport en overig Subtotaal Huur en leasing Dotatie dubieuze debiteuren Overige baten en lasten Totaal overige bedrijfskosten Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

145 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden TOELICHTING OP DE ENKELVOUDIGE RESULTATENREKENING OVER 2014 LASTEN 28. Financiële baten en lasten De specificatie is als volgt: Rentebaten Dividenden 0 0 Resultaat deelnemingen Waardeveranderingen financiële vaste activa en effecten 0 0 Subtotaal financiële baten Rentelasten Resultaat deelnemingen 0 0 Subtotaal financiële lasten Totaal financiële baten en lasten Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening Buitengewone baten en lasten De specificatie is als volgt: Buitengewone baten 0 0 Buitengewone lasten 0 0 Totaal buitengewone baten en lasten 0 0 Toelichting: Zie toelichting op de geconsolideerde resultatenrekening

146 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden Ondertekening door bestuurders en toezichthouders Raad van Bestuur W.G. dhr. drs. P.W. Doop W.G. mevr. dr. R.M.Y. Barge Raad van Toezicht W.G. dhr. drs. W.J. Deetman W.G. dhr. drs. J.W. Holtslag W.G. dhr. P.A. van der Linden W.G. dhr. drs. C.J.H.M. van Laarhoven W.G. dhr. drs. G.A. Maranus W.G. mevr. prof. H.E. van der Horst W.G. mevr. N.Y. Albayrak - Temur Den Haag, 26 mei

147 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden 11.2 OVERIGE GEGEVENS 147

148 Geconsolideerde jaarrekening stichting Medisch Centrum Haaglanden 11.2 OVERIGE GEGEVENS Resultaatbestemming Volgens het besluit van de Raad van Bestuur is het resultaat van 2014 ad als volgt verdeeld: Toevoeging: Algemene en overige reserves Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum met belangrijke financiele gevolgen voor MCH Controleverklaring van de onafhankelijke accountant De controleverklaring is opgenomen op de volgende pagina. 148

149

150

151 12 Bijlagen 12.1 Zorgbrede Governancecode VERANTWOORDING Informatie aan en/of raadpleging van belanghebbenden of hun vertegenwoordiging 1. Het beleid van de zorgorganisatie voor de dialoog met belanghebbenden De zorgorganisatie heeft als maatschappelijke onderneming een beleid voor de dialoog met de samenwerkingsverbanden of organisaties die rechtstreeks bij het beleid en de maatschappelijke doelstelling van de zorgorganisatie zijn betrokken en als belanghebbenden actief zijn binnen haar verzorgingsgebied. In het kader van dat beleid stelt de Raad van Bestuur vast en keurt de Raad van Toezicht goed: wie de belanghebbenden bij de zorgorganisatie zijn; de wijze waarop vorm wordt gegeven aan het overleg met de belanghebbenden over het voorgenomen beleid en de uitvoering daarvan door de zorgorganisatie; de aard en inhoud van de informatieverschaffing aan de belanghebbenden- (vertegenwoordiging) over de gang van zaken en het gevoerde beleid van de zorgorganisatie;governancecode 2010 de betrokkenheid van de belanghebbenden(vertegenwoordiging) bij de beleidsvorming en de uitvoering van het beleid door de zorgorganisatie. De hiervoor bedoelde belanghebbenden worden door de zorgorganisatie geïnformeerd over het vaststellen en uitbrengen van het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording en hoe zij dit document kunnen verkrijgen of inzien. 2. Informatieverstrekking aan en/of raadpleging van belanghebbenden in ten minste de volgende gevallen De belanghebbenden dan wel hun vertegenwoordiging worden door de Raad van Bestuur in elk geval geïnformeerd en/of geraadpleegd over de volgende onderwerpen: de vaststelling of wijziging van de missie, doelstelling of grondslag van de zorgorganisatie; de hoofdlijnen van het strategisch beleid van de zorgorganisatie als maatschappelijke onderneming; het overdragen van de zeggenschap over de zorgorganisatie of over een belangrijk onderdeel daarvan en over besluiten tot fusie of tot het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking met een (zorg-) organisatie; Ja Nee 151

152 de opheffing of een belangrijke inkrimping dan wel belangrijke uitbreiding van de werkzaamheden van de zorgorganisatie; de besluiten tot concentratie of deconcentratie van de zorgorganisatie respectievelijk structurele sluiting van afdelingen, dependances of locaties; de systematische bewaking, beheersing of verbetering van de kwaliteit van de te verlenen zorg. 3. Het recht van enquête De statuten van de zorgorganisatie wijzen ten minste één partij aan die de belangen van de patiënten of cliënten van de zorginstelling vertegenwoordigt, waaraan het recht van enquête wordt toegekend als bedoeld in titel 8 afdeling 2 van Boek 2 BW. Verantwoording aan belanghebbenden 1. De zorgorganisatie legt jaarlijks aan alle rechthebbenden en belangstellenden verantwoording af over het in het verslagjaar gevoerde beleid en over de (totale) in dat jaar geleverde prestaties door middel van het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording. 2. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de kwaliteit, de juistheid en de volledigheid van het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording. De Raad van Toezicht ziet er op toe dat de Raad van Bestuur deze verantwoordelijkheid vervult. 3. De zorgorganisatie draagt er zorg voor dat alle aan de zorgorganisatie verbonden vrijgevestigde (medische) professionals op geaggregeerd niveau (in ieder geval op het niveau van maatschappen en medische staven) verantwoording afleggen over de wijze en resultaten van hun handelen en behandelen. 4. De Raad van Bestuur legt in het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording jaarlijks verantwoording af over het gevoerde beleid ten aanzien van de belanghebbenden. 5. De Raad van Toezicht legt in het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording jaarlijks verantwoording af over zijn in het verslagjaar verrichte werkzaamheden. 6. Van elke toezichthouder wordt in het verslag van de Raad van Toezicht opgave gedaan van geslacht, leeftijd, beroep, hoofdfunctie, nevenfuncties voor zover relevant voor de vervulling van de taak als toezichthouder, tijdstip van eerste benoeming en de lopende termijn waarvoor de toezichthouder is benoemd. De externe accountant en diens relatie en communicatie met de organen van de zorgorganisatie Ja Nee 152

153 1. De externe accountant wordt benoemd en ontslagen door de Raad van Toezicht tenzij de Algemene Vergadering daartoe wettelijk bevoegd is. Indien de externe accountant door de Algemene Vergadering wordt benoemd, doet de Raad van Toezicht daartoe een voordracht. De Raad van Bestuur kan hierover advies uitbrengen aan de Raad van Toezicht. De externe accountant wordt qua persoon periodiek gewisseld. 2. De externe accountant verricht bij voorkeur geen advieswerkzaamheden voor de zorgorganisatie en maakt indien dit in het te controleren boekjaar wel is gebeurd in het verslag over de jaarrekening melding van de in dat jaar verrichte advieswerkzaamheden. 3. De externe accountant woont het van belang zijnde gedeelte van de vergaderingen van de Raad van Toezicht respectievelijk Algemene Vergadering bij waarin de jaarrekening wordt besproken en/of waarin wordt besloten over de goedkeuring of vaststelling van de jaarrekening. 4. De externe accountant rapporteert zijn bevindingen betreffende het onderzoek van de jaarrekening gelijkelijk aan de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht. DE RAAD VAN BESTUUR Taak en werkwijze 1. De Raad van Bestuur is eindverantwoordelijk voor en belast met het besturen van de zorgorganisatie. Dit houdt onder meer in dat hij verantwoordelijk is voor de realisatie van de statutaire en andere doelstellingen van de zorgorganisatie, de strategie en het beleid en de daaruit voortvloeiende resultatenontwikkeling en voor de kwaliteit en veiligheid van de zorg. De Raad van Bestuur legt hierover verantwoording af aan de Raad van Toezicht. 2. Bij de vervulling van zijn taak richt de Raad van Bestuur zich naar het belang van de zorgorganisatie als maatschappelijke onderneming en weegt daartoe de in aanmerking komende belangen van de bij de zorgorganisatie betrokken belanghebbenden af. 3. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor het beheersen van de risico s verbonden aan de activiteiten van de zorgorganisatie en voor de financiering van de zorgorganisatie. De Raad van Bestuur rapporteert hierover aan en bespreekt de interne risicobeheersings- en controlesystemen met de Raad van Toezicht. 4. De Raad van Bestuur verschaft de Raad van Toezicht tijdig alle informatie die nodig is voor een goede uitoefening van de taak van de Raad van Toezicht. Afspraken hierover worden vastgelegd in een informatieprotocol. Ja Nee 153

154 5. De Raad van Bestuur draagt ervoor zorg dat werknemers en anderen die in een contractuele relatie tot de zorgorganisatie staan, zonder gevaar voor hun rechtspositie de mogelijkheid hebben aan de voorzitter van de Raad van Bestuur of aan een door hem aangewezen functionaris te rapporteren over vermeende onregelmatigheden binnen de zorgorganisatie van algemene, operationele en/of financiële aard. Vermeende onregelmatigheden die het functioneren van leden van de Raad van Bestuur betreffen, worden gerapporteerd aan de voorzitter van de Raad van Toezicht. Deze klokkenluiders regeling wordt algemeen bekend gemaakt. Benoeming, ontslag en beloning 1. De Raad van Toezicht stelt de omvang van de Raad van Bestuur vast, tenzij deze bevoegdheid bij de Algemene Vergadering berust. 2. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor benoeming, schorsing en ontslag, het verlenen van décharge, het vaststellen van een maatschappelijk passende beloning, de contractduur, de rechtspositie en de andere arbeidsvoorwaarden van de individuele leden van de Raad van Bestuur, tenzij deze bevoegdheid bij de Algemene Vergadering berust. 3. Een voormalig lid van de Raad van Toezicht van de zorgorganisatie is gedurende een periode van drie jaar na het einde van zijn toezichthoudende functie niet benoembaar tot lid van de Raad van Bestuur. 4. De jaarlijkse verantwoording van de zorgorganisatie bevat de door de wet voorgeschreven informatie over de hoogte en de structuur van de beloning van de individuele leden van de Raad van Bestuur. 5. Aan bestuurders worden geen aandelen en/of rechten op aandelen bij wijze van beloning toegekend. 6. Het eventuele aandelenbezit van een bestuurder in een zorgorganisatie waarvan hij bestuurder is, is ter belegging op de lange termijn. Toelichting: aan de bestuurders zijn geen aandelen verstrekt. 7. De zorgorganisatie verstrekt aan haar bestuurders geen persoonlijke leningen, garanties en dergelijke, tenzij in de normale uitoefening van het bedrijf en tegen de daarvoor voor het gehele personeel geldende voorwaarden en na goedkeuring van de Raad van Toezicht. Leningen worden niet kwijtgescholden. Toelichting: aan de bestuurders zijn geen persoonlijke leningen verstrekt. Belangenverstrengeling 1. De Raad van Bestuur is integer en stelt zich toetsbaar op ten aanzien van zijn eigen functioneren. Elke vorm en schijn van persoonlijke bevoordeling dan wel belangenverstrengeling tussen enig lid van de Raad van Bestuur en de zorgorganisatie wordt vermeden. Besluiten tot het aangaan van transacties waarbij tegenstrijdige belangen van bestuurders spelen die van materiële Ja Nee 154

155 betekenis zijn voor de zorgorganisatie en/of voor de betreffende bestuurders, behoeven de goedkeuring van de Raad van Toezicht. 2. Een lid van de Raad van Bestuur kan niet tegelijkertijd de functie vervullen van lid van de Raad van Toezicht van de zorgorganisatie of van een andere zorgorganisatie die binnen het verzorgingsgebied van de zorgorganisatie geheel of gedeeltelijk dezelfde werkzaamheden als de zorgorganisatie verricht, tenzij de andere zorgorganisatie als groeps- of dochtermaatschappij of anderszins nauw verbonden is met de zorgorganisatie. 3. Een lid van de Raad van Bestuur zal zonder de toestemming van de Raad van Toezicht geen betaalde of onbetaalde nevenfunctie aanvaarden of continueren als deze nevenfunctie, al dan niet in samenhang met andere betaalde of onbetaalde nevenfuncties, een meer dan minimale werkbelasting kan opleveren of anderszins strijdig kan zijn met de belangen van de zorgorganisatie. 4. De Raad van Bestuur geeft de Raad van Toezicht op eerste verzoek inzicht in de door hem uitgeoefende nevenfuncties. DE RAAD VAN TOEZICHT Taak en werkwijze 1. De Raad van Toezicht heeft tot taak toezicht te houden op het besturen door de Raad van Bestuur en op de algemene gang van zaken in de zorgorganisatie als maatschappelijke onderneming en staat de Raad van Bestuur met raad terzijde. De Raad van Toezicht vervult de werkgeversrol voor de Raad van Bestuur en zorgt ondermeer door benoeming, evaluatie en ontslag dat de zorgorganisatie is voorzien van een capabel bestuur. De Raad van Toezicht houdt toezicht op ten minste: de realisatie van de statutaire en andere doelstellingen van de zorgorganisatie; de strategie en de risico s verbonden aan de activiteiten van de zorgorganisatie; de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen; de financiële verslaglegging; de kwaliteit en veiligheid van zorg; de naleving van wet- en regelgeving; de verhouding met belanghebbenden; het op passende wijze uitvoering geven aan de maatschappelijke doelstelling en verantwoordelijkheid van de zorgorganisatie. De Raad van Toezicht bespreekt in ieder geval eenmaal per jaar de strategie en de voornaamste risico s verbonden aan de zorgorganisatie, de uitkomsten van de beoordeling door de Raad van Bestuur van de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen alsmede eventuele significante wijzigingen daarin. Van het houden van deze besprekingen wordt melding gemaakt in het jaarverslag van de Raad van Toezicht. Ja Nee 155

156 2. Aan de goedkeuring van de Raad van Toezicht zijn in ieder geval onderworpen de besluiten van de Raad van Bestuur omtrent: de vaststelling van de begroting, de jaarrekening en de winstbestemming, tenzij deze bevoegdheid wettelijk aan de Algemene Vergadering toekomt; de vaststelling van (strategische) beleidsplannen van de zorgorganisatie; het beleid van de zorgorganisatie voor de dialoog met belanghebbenden; het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking van de zorgorganisatie met andere rechtspersonen of vennootschappen indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de zorgorganisatie; het bestuursreglement van de Raad van Bestuur; aangifte van faillissement en aanvraag van surséance van betaling; gelijktijdige beëindiging of beëindiging binnen een kort tijdsbestek van de arbeidsovereenkomst van een aanmerkelijk aantal werknemers, of van het verbreken van een overeenkomst met een aanmerkelijk aantal personen dat als zelfstandigen of als samenwerkingsverband werkzaam is voor de zorgorganisatie; overige majeure beslissingen, vast te leggen in de statuten en/of het bestuursreglement. 3. Bij de vervulling van zijn taak richt de Raad van Toezicht zich naar het belang van de zorgorganisatie als maatschappelijke onderneming en weegt daartoe de in aanmerking komende belangen van de bij de zorgorganisatie betrokken belanghebbenden af. 4. De Raad van Toezicht voert jaarlijks met elk van de leden van de Raad van Bestuur een gesprek over diens functioneren. 5. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn eigen functioneren. 6. De Raad van Toezicht evalueert zijn functioneren ten minste jaarlijks buiten de aanwezigheid van de Raad van Bestuur en informeert de Raad van Bestuur over de uitkomsten hiervan. 7. De Raad van Toezicht voert ten minste jaarlijks met de Raad van Bestuur als geheel een evaluatiegesprek over het wederzijds functioneren van beide organen op zich en in relatie tot elkaar. 8. De Raad van Toezicht en de toezichthouders afzonderlijk hebben een eigen verantwoordelijkheid om van de Raad van Bestuur en de externe accountant alle informatie te verlangen die de Raad van Toezicht behoeft om zijn taak als toezichthoudend orgaan goed te kunnen uitoefenen. Indien de Raad van Toezicht dit geboden acht, kan hij informatie inwinnen van functionarissen en externe adviseurs van de zorgorganisatie. De zorgorganisatie stelt hiertoe de benodigde middelen ter beschikking. Ja Nee 156

157 Benoeming, ontslag, samenstelling en deskundigheid 1. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor de benoeming, schorsing en ontslag, het verlenen van décharge en het vaststellen van de honorering van de leden van de Raad van Toezicht, tenzij deze bevoegdheid bij de Algemene Vergadering berust. 2. De Raad van Toezicht dient zodanig te zijn samengesteld dat hij zijn taak naar behoren kan vervullen. 3. Ieder lid van de Raad van Toezicht dient geschikt te zijn om de hoofdlijnen van het totale beleid te beoordelen. Ieder lid van de Raad van Toezicht beschikt over de specifieke deskundigheid die noodzakelijk is voor de vervulling van zijn specifieke taak, binnen zijn rol in het kader van de profielschets van de Raad. 4. Alle leden van de Raad van Toezicht volgen na benoeming een introductieprogramma of scholingsprogramma waarin in ieder geval aandacht wordt besteed aan algemene financiële, sociale en juridische zaken, de financiële verslaggeving door de zorgorganisatie, de specifieke aspecten die eigen zijn aan het type zorgorganisatie waar betrokkene als lid van de Raad van Toezicht aan verbonden is en aan de verantwoordelijkheden als toezichthouder. De Raad van Toezicht beoordeelt jaarlijks op welke onderdelen de toezichthouders gedurende hun benoemingsperiode behoefte hebben aan nadere training of opleiding. De zorgorganisatie speelt hierbij een faciliterende rol. 5. Ten minste één lid van de Raad van Toezicht beschikt over voor de zorgorganisatie relevante kennis van en ervaring in de zorg. 6. Het aantal bestuurlijke of toezichthoudende functies van de leden van de Raad van Toezicht is zodanig beperkt dat een goede taakvervulling door ieder van de leden van de Raad gewaarborgd is. 7. Een lid van de Raad van Toezicht kan maximaal tweemaal voor een periode van vier jaar zitting hebben in de Raad van Toezicht. Toelichting: In de code is opgenomen dat een lid van de Raad van Toezicht maximaal tweemaal voor een periode van maximaal vier jaar zitting kan hebben in de Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht van MCH is het eens met de strekking van de code, maar heeft besloten dat dit maximaal driemaal voor een periode van vier jaar kan zijn. De Raad van Toezicht kiest hiervoor zodat de door de Raad van Toezichtleden opgebouwde expertise behouden en optimaal ingezet wordt. 8. Bij de werving, selectie en benoeming van nieuwe leden van de Raad van Toezicht wordt gebruik gemaakt van een voor de betreffende vacature opgestelde profielschets. De leden van de Raad van Toezicht worden op openbare wijze geworven, tenzij voor een bepaalde plaats in de Raad van Toezicht op grond van een wettelijke bepaling geldt dat deze plaats op voordracht wordt ingevuld of het Ja Nee 157

158 recht tot benoeming aan anderen dan de Raad van Toezicht of de Algemene Vergadering toekomt. 9. Statutair is vastgelegd op welke gronden de Raad van Toezicht respectievelijk de Algemene Vergadering een lid van de Raad van Toezicht kan schorsen of ontslaan, welke meerderheid van stemmen hiertoe vereist is en welke eventuele daarbij te hanteren procedures worden gevolgd. Honorering 1. De Raad van Toezicht respectievelijk de Algemene Vergadering op voordracht van de Raad van Toezicht, stelt de honorering van de leden van de Raad van Toezicht vast. 2. De honorering van een lid van de Raad van Toezicht is niet afhankelijk van de resultaten van de zorgorganisatie. 3. Aan leden van de Raad van Toezicht worden geen aandelen en/of rechten op aandelen bij wijze van honorering toegekend. 4. Het eventuele aandelenbezit van een lid van de Raad van Toezicht in een zorgorganisatie waarvan hij toezichthouder is, is ter belegging op de lange termijn. 5. Het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording van de zorgorganisatie bevat de door de wet voorgeschreven informatie over de hoogte en de structuur van de honorering van de individuele leden van de Raad van Toezicht. Onafhankelijkheid 1. De Raad van Toezicht is zodanig samengesteld dat de leden ten opzichte van elkaar, de Raad van Bestuur en welk deelbelang dan ook onafhankelijk en kritisch kunnen opereren. 2. Leden van de Raad van Toezicht die op voordracht, of door anderen dan de Raad van Toezicht of de Algemene Vergadering van Aandeelhouders dienen te worden benoemd, zijn onafhankelijk. De leden van de Raad van Toezicht vervullen hun functie zonder last of ruggespraak en zonder een deelbelang te laten prevaleren. 3. Leden van de Raad van Toezicht verrichten nimmer taken van de Raad van Bestuur. 4. Een lid van de Raad van Toezicht kan niet tegelijkertijd de functie vervullen van lid van de Raad van Bestuur of van de Raad van Toezicht van een andere zorgorganisatie die binnen het verzorgingsgebied van de zorgorganisatie geheel of gedeeltelijk dezelfde werkzaamheden als de zorgorganisatie verricht, tenzij de andere zorgorganisatie als groeps- of dochtermaatschappij of anderszins nauw verbonden is met de zorgorganisatie. Ja Nee 158

159 5. Een voormalig lid van de Raad van Bestuur van de zorgorganisatie is gedurende een periode van drie jaar na het einde van zijn bestuurlijke functie niet benoembaar tot lid van de Raad van Toezicht. Evenmin zijn tot de leden van de Raad van Toezicht benoembaar werknemers of personen die tot de zorgorganisatie toegelaten zijn tot drie jaar na het einde van hun arbeidscontract of toelatingsovereenkomst. Belangenverstrengeling 1. Elke vorm of schijn van persoonlijke bevoordeling dan wel belangenverstrengeling tussen enig lid van de Raad van Toezicht en de zorgorganisatie moet worden vermeden. Besluiten tot het aangaan van transacties waarbij tegenstrijdige belangen van leden van de Raad van Toezicht spelen die van materiële betekenis zijn voor de zorgorganisatie en/of voor de betreffende toezichthouders, behoeven de goedkeuring van de Raad van Toezicht. 2. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor de besluitvorming over het oplossen van zaken waarbij een belangenverstrengeling aan de orde kan zijn bij leden van de Raad van Toezicht, de Raad van Bestuur, bij aandeelhouders en/of de externe accountants in relatie tot de zorgorganisatie. Ja Nee Opmerking: hoofdstuk 5 van de zorgbrede governancecode is niet van toepassing voor MCH en Bronovo-Nebo, omdat het een Stichting is. 159

160 12.2 Nevenfuncties raad van bestuur Naam en woonplaats Nevenfuncties Drs. P.W. Doop Den Haag Voorzitter raad van bestuur Collegelid van de Algemene Rekenkamer in buitengewone dienst Voorzitter van de raad van toezicht van de Nationale Reisopera (NRO) Collegelid van de adviescommissie NVAO/Nederlandse Vlaamse Accreditatie Organisatie Lid raad van commissarissen AMC/AMR Medical Research Drs. J.G.M. Hendriks Utrecht Lid raad van bestuur Lid van de NVZ-commissie Onderwijs en Opleiding, op voordracht van de SAZ Lid raad van toezicht Integraal Kankercentrum Nederland IKNL Lid raad van advies Xenia, hospice in te Leiden Lid raad van toezicht Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid Mw. dr. R.M.Y. Barge arts Wassenaar Bestuurslid Stichting Transmurale Zorg, Den Haag Lid raad van toezicht Apotheek Haagse Ziekenhuizen Lid raad van toezicht Rijndam Revalidatiecentrum, Rotterdam Lid van de kamer medisch specialisten Capaciteitsorgaan Lid raad van bestuur 160

161 12.3 Verdeling aandachtsgebieden raad van bestuur Aandachtsgebieden PD JH RB Gez Specifieke aandachtsgebieden Acute zorg (SEH, IC, HA post) x Oncologisch centrum (coöperatie) Oncologie samenwerking met LUMC x x x Topklinische functie incl. wetenschap en onderwijs x Interne lijnorganisatie + algemene aandachtsgebieden BRV: cluster beschouwend x BRV: cluster snijdend x BRV: cluster logistiek (IC, SEH, OK, endoscopie etc) x BRV: cluster diagnostiek x BRV: cluster ouderen (NEBO) x MCH: divisie behandelend (OK, IC, SEH) x MCH: divisie beschouwend x MCH: divisie beweging x MCH: divisie snijdend x MCH: divisie medisch ondersteunend x Bronovo: F&C+ MCH:EAB Inkoop x x Bronovo + MCH Facilitair bedrijf Vastgoed x x Bronovo: PO&O en MCH: afdeling HRM x Landsteiner Instituut x Bronovo: ICTA x Stafgroep ondersteuning (voor MCH en voor BRV individuele funct. of afdelingshfd) klachten en gezondheidsrecht x 161

162 Aandachtsgebieden PD JH RB Gez communicatie x procesmanagement kwaliteit en veiligheid x x marketing, sales, zorgcontractering x informatisering en informatiebeveiliging x Interne gremia Raad van Toezichtvergaderingen x nb: commissies volgen op basis overleg RvT BRV: Ondernemingsraad BRV: Dagelijks Bestuur OR MCH: Ondernemingsraad MCH: Dagelijks bestuur OR x x x x BRV: Stafbestuur BRV: VMS MCH: Stafbestuur MCH + BRV: Stafbesturen MCH: VMS Collectief MCH + Stafmaatschap Bronovo x x x x x x BRV: Patiëntenadviesraad MCH: Patiëntenadviesraad MCH+BRV: Patiëntenadviesraad BRV: Verpleegkundige adviesraad MCH: Verpleegkundige adviesraad MCH+BRV: VAR en x x x x x x BRV: MT MCH: divisie-overleg x x BRV: kwartaalverantwoording x (x) rouler (x) rouler 162

163 Aandachtsgebieden PD JH RB Gez Commissies MCH: Centrale opleidingscommissie (COC) BRV: Centrale opleidingscommissie (COC) x x BRV: Stuurgroep informatiebeveiliging x BRV: stuurgroep Bouw MCH: stuurgroep Bouw x x BRV: Stuurgroep Bronovozorg (RvB gaat uit deze cie) BRV: Stuurgroep Kwaliteit&Veiligheid BRV: Stuurgroep MMI (microbiologie) BRV: Ziekenhuis commissie I&A BRV: SEH commissie (RvB gaat uit deze cie) x x x x x BRV: Stuurgroep Ouderen BRV: Commissie Eerste Lijn BRV: Researchfonds x x x BRV: Expat commissie x Gelieerde entiteiten Coöperatie Apotheek Haagse Ziekenhuizen (AHZ) (MCH+Bronovo in RvT) MCH: Espress-so BV (restauratieve voorzieningen) MCH: West End Facility BV (schoonmaak) x x x x MCH: Stichting Diabetes Zorg Haaglanden MCH: Apotheek Lijnbaan MCH BV x x MCH: Lab West BV MCH: Nederlands Centrum voor Plastische Chirurgie (voorheen: Haaglanden Kliniek) x x MCH: St Jacobusstichting x BRV: Stichting Vrienden van Bronovo BRV: St. beheer registergoederen Bronovo-Nebo x x 163

164 Aandachtsgebieden PD JH RB Gez BRV: stichting ZBC Bronovo (ouderen) BRV: Bronovo behandeladviescentrum Ouderengeneeskunde BV x x Extern Medisch Ethische Toetsings Commissie (METC) x Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) x Stichting Topklinische opleidings Ziekenhuizen (STZ) Samenwerkende Algemene Ziekenhuizen (SAZ) x x Stichting Transmurale Zorg (STZ) x Zorgverzekeraars x Ministerie VWS x Inspectie, regulier overleg + jaargesprek x Bank, regulier overleg x Andere ziekenhuizen: Hagaziekenhuis LUMC x Accountant x 164

165 12.4 Personalia op 31 december Stafbestuur op 31 december 2014 Voorzitter De heer dr. H.P. Verschuur, KNO arts Vice-voorzitter De heer dr. E.M. Scholten, internist-nefroloog Secretaris Mevrouw dr. A. Verbeek-de Kanter, radiotherapeut Penningmeester De heer dr. S.J. Rhemrev, chirurg Lid De heer dr. E.C.M. Ooms, patholoog De heer dr. B.A. in t Veld, anesthesioloog De heer dr. D.M.V. Pelikan, gynaecoloog De heer R.J. Verburg, MDL-arts 165

166 Nevenfuncties leden Raad van Toezicht op 31 december 2014 Naam rvt functie Lidmaatschap Commissie Nevenfuncties Aantal bijgewoonde Jaar van eerste benoeming en (AC, Bouw, Kwaliteit of vergaderingen jaar van aftreden, Governance) Hoofdfunctie Drs. W.J. Remuneratie- voorzitter curatorium Mr. Gonsalves-nationale rvt: 7/7 Deetman commissie innovatieprijs voor de rechtshandhaving Voorzitter voorzitter bestuur Stichting Postacademische Audit commissie: Medische cursussen in Indonesië 3/7 2011, 2019 voorzitter Commissie Aedes Code voorzitter Raad van Toezicht van ProDemos Remuneratie- Lid van de voorzitter CIO (Commissie Interkerkelijk commissie: 1/1 Raad van Contact met de overheid) State voorzitter Foundation Board IHE Delft en UNESCO-IHE (postgraduate education and capacity building in water, environment and infrastructure) voorzitter Raad van Toezicht Museum Meermanno voorzitter Raad van Advies Hersenen en Cognitie (NWO) voorzitter Commissie nevenfuncties van de gemeenteraad Den Haag voorzitter Stichting Kloosterkerk voorzitter Stichting MCH Bronovo en voorzitter van de Cornelia-stichting voorzitter geschillencommissie CDA lid van de kring van experts van Loodslicht voorzitter van het Curatorium Master of Strategic Urban Studies lid van het Comité van Aansporing, Inspiratie en Reflectie (CAIR) van de gemeente Haarlemmermeer 166

167 Naam Lidmaatschap Nevenfuncties Aantal rvt functie Commissie bijgewoonde (AC, Bouw, vergaderingen Jaar van Kwaliteit of eerste Governance) benoeming en jaar van aftreden, Hoofdfunctie P.A. van der Audit lid van het bestuur van Vereniging Vrienden rvt: 5/6 Linden Commissie van Bronovo Lid Audit commissie: 6/7 2009, 2017 Zelfstandig gevestigd adviseur Mw. prof. Commissie lid van de Raad van Toezicht Stichting Reinier rvt: 5/6 H.E. van der Kwaliteit & van Arkel, Den Bosch tot 1/9/2014 Horst Veiligheid lid Wetenschappelijke adviesraad CVZ, per 1 Commissie Lid april 2014 Zorg Instituut Nederland Kwaliteit & Veiligheid: 3/3 2009, 2017 Hoogleraar / hoofd afd. huisartsgeneeskunde en ouderengeneeskunde VUmc Mw. N.Y Albayrak- Temur Lid Commissie Kwaliteit & Veiligheid Lid Raad van Toezicht Nederlands Openluchtmuseum Lid Forum A tot Z (Geletterdheidsforum) rvt: 3/6 Commissie 2007, 2015 Geen Bestuurslid Atlantic & Pacific Exchange Program Kwaliteit & Veiligheid: 3/3 167

168 Naam Lidmaatschap Nevenfuncties Aantal rvt functie Commissie bijgewoonde (AC, Bouw, vergaderingen Jaar van Kwaliteit of eerste Governance) benoeming en jaar van aftreden, Hoofdfunctie Drs J.W. Remuneratie- Voorzitter College van Toezicht voor rvt: 5/6 Holtslag * commissie Auteursrechten en naburige rechten Vice- Voorzitter Stichting Kamermuziek Warmond Remuneratie- voorzitter Lid bestuur Stichting leerstoelen CAOP, commissie: 1/1 Universiteit van leiden 2007, 2015 Voorzitter Mr. Hans van Mierlo Stichting, wetenschappelijk bureau D66 Geen Lid Raad van Advies van de Inspectie Veiligheid en Justitie * Voorzitterschap van de RvT MCH duurde tot 15 augustus 2014, vanaf die datum vice voorzitter. Drs. G.A. Audit Penningmeester Vereniging Vrienden van het rvt: 0/6 Maranus RA Commissie Residentie Orkest Lid Audit 2012,2020 commissie: 0/7 Partner, KPMG Accountants N.V. 168

169 Naam Lidmaatschap Nevenfuncties Aantal rvt functie Commissie bijgewoonde (AC, Bouw, vergaderingen Jaar van Kwaliteit of eerste Governance benoeming en jaar van aftreden, Hoofdfunctie Prof. dr. Commissie Reviewer Cochrane Hepato-Biliary Review rvt: 5/6 C.J.H.M. van Kwaliteit & group, Copenhagen Laarhoven Veiligheid Lid Raad van Advies van de Oude gracht Commissie MSc. Group B.V. Kwaliteit & Lid Reservist Luitenant-Kolonel defensie relatie Veiligheid: 3/3 ziekenhuizen (IDR) 2013,2021 Hoogleraar/ afdelingshoofd Heelkunde, Radboud umc Nijmegen 169

170 Medische staf op 31 december 2014 Anesthesiologie De heer W. van Alphen Mevrouw S. van Duijn De heer K. Jacz De heer R. Jansen De heer C.F. den Hartog De heer J.D. Holstein De heer dr. B.A. in 't Veld Mevrouw F. de Kempenaer- Ulrich De heer J.W.K.E. Osse De heer dr. J.S. Pöll Mevrouw M. Toonen De heer M. G.C.M. Verbeek Mevrouw A.C. Werger De heer B.E. Zeppenfeldt Cardiologie De heer dr. P.V. Oemrawsingh Mevrouw dr. H.A.P. Peeters De heer L.H. Savalle De heer dr. J.H.M. Schreur De heer dr. R.F. Veldkamp De heer dr. A. J. Wardeh Chirurgie De heer dr. G.J.D. van Acker De heer dr. D. Eefting De heer dr. J.M. Hoogendoorn De heer F.J. Idenburg Mevrouw dr. M.T.T. Knook De heer dr. A.W.K.S. Marinelli De heer dr. S.A.G. Meylaerts De heer dr. J.C.A. de Mol van Otterloo De heer dr. S.J. Rhemrev De heer dr. J.R.M. van der Sijp De heer dr. A.C. de Vries Dermatologie De heer dr. Th. W. van den Akker Mevrouw dr. S. Badeloe De heer V.R. Basdew Mevrouw dr. A. Chang Mevrouw N.H. Shadid De heer J.P.W. van der Veen Mevrouw dr. J. Vink Mevrouw dr. L.E. Vos Mevrouw A. Westers-Attema Gynaecologie Mevrouw dr. F.M. van Dunné De heer L.C.F. Haans Mevrouw dr. M.J. Kagie De heer dr. J. Lind Mevrouw I.F. van Luijk Mevrouw S. van der Meer Mevrouw dr. D.M.V. Pelikan De heer F.C.M. Twaalfhoven Mevrouw C.B. Vredevoogd De heer dr. C.A. Yedema Intensive Care Geneeskunde Mevrouw G.C. Admiraal De heer dr. P.J.W. Dennesen Mevrouw P.M. Klooster Mevrouw drs. M.C.A. Muller De heer R. Peters Mevrouw M. Slabbekoorn De heer dr. J.P. van der Sluijs De heer dr. D.J. Versluis Interne Geneeskunde Mevrouw L. te Boome De heer dr. A.H. Bootsma Mevrouw C. Brumsen De heer dr. P.K. Chandie Shaw Mevrouw M. Galli - Leslie Mevrouw dr. P.H.L.M. Geelhoed-Duyvestijn De heer dr. L.B.S. Gelinck De heer J.H.M. Groeneveld De heer H.H. Helgason De heer H.M.A. Hofstee De heer dr. F.J.F. Jeurissen Mevrouw dr. S. Johannsson- Vidarsdottir De heer J.J. Keller De heer J.Y.L. Lai Mevrouw dr. E.M.S. Leyten Mevrouw H.M.Oosterkamp De heer L.E. Perk De heer dr. E. M. Scholten Mevrouw N. Srivastava Mevrouw H. van Soest Mevrouw H.D. Thang De heer dr. P.P.J. van der Veek De heer dr. R.J. Verburg Mevrouw M.J.M. de Vreede Kaakchirurgie De heer M. Frank Mevrouw Y.L.N. Pace- Khouw Keel- Neus- Oorheelkunde De heer J.M. Becker De heer G.A. Croll De heer dr. J.H. Hulshof Mevrouw S.F. Meinesz De heer dr. H.P. Verschuur Kindergeneeskunde Mevrouw J.W. Bolt-Wieringa De heer L.H.P.M. Filippini Mevrouw M.L. Kingma De heer dr. R.W.J. Leunissen Mevrouw M.J. Oele Klinische Chemie De heer dr. G. de Kort Mevrouw dr. G.A.E. Ponjee De heer dr. J. van de Ven Klinische Farmacie Mevrouw M. Bogaards De heer dr. J.W.P.M. Overdiek Mevrouw E.E. Roelofsen Mevrouw E.M.J. Visser Klinische Fysica Dhr. N. Braakman De heer dr. E. Kouwenhoven Mevrouw dr. A. Petoukhova De heer dr. P.J.M. Rietveld De heer ir. J. P.C. van Santvoort Klinische Genetica Mevrouw D. Barge- Schaapveld De heer dr. F.J. Hes Mevrouw M. Nielsen 170

171 Klinische Psychologie De heer C.J.M. Denissen De heer A.C. van Houwelingen Mevrouw M.M.H. Lub-Moss Longgeneeskunde De heer H.J.C.M. Baur Mevrouw Drs. J.S.J.A. Van Campen De heer dr. E.F.L. Dubois Mevrouw D.W.M. de Jong Mevrouw Ch. Korteweg Mevrouw dr. K.W. Maas De heer dr. R.E.T. Nocker Mevrouw M.J. Overbeek Medisch Centrum Dansers en Musici De heer A.B.M. Rietveld Medische Microbiologie De heer C.L Jansen Mevrouw A.E. Muller Neurochirurgie De heer M.P. Arts De heer A. Kloet De heer R. Nandoe Tewarie De heer dr. G.C.W. de Ruiter De heer R. Walchenbach De heer J.F.C. Wolfs Neurologie Mevrouw E.G. Berger- Plantinga De heer dr. J. Boiten Mevrouw N. van Dijk De heer R.J. Groen De heer dr. K. Jellema Mevrouw V. van Kasteel Mevrouw dr. W. van der Mey Mevrouw E.A.J. Peeters De heer R.S. Rundervoort Mevrouw dr. R. Rijsman De heer dr. R.J. Schimsheimer De heer prof. dr.m.j.b. Taphoorn Mevrouw dr. M. Vos Nucleaire Geneeskunde De heer E.F.I. Comans De heer dr. J. Tim Oogheelkunde De heer dr. M.V. Joosse De heer B.F.T. Hogewind Mevrouw L.D.M. van Osch De heer L. van Philips Mevrouw M. Stefanovic De heer M. Vlaskamp Orthopedie De heer dr. E.R.A. van Arkel De heer R.E. van der Flier De heer P.H.C. den Hollander De heer S.B. Keizer De heer J.W.A. Swen De heer P. van der Zwaal Ouderengeneeskunde Mevrouw W.P. Markito- Notenboom Pathologie De heer dr. P.C. Clahsen De heer dr. H.M. Hazelbag De heer dr. E.C.M. Ooms De heer J.H. von der Thüsen Psychiatrie De heer. F.J.E. Balk Mevrouw E. Baptist Mevrouw I.C. de Graaf Mevrouw R.M.C. Oostveen Radiologie De heer dr. L.P.J. Cobben De heer E.G. Coerkamp De heer R.E. Hagenbeek De heer M.W. Heyenbrok De heer B.F. W. van der Kallen Mevrouw F. de Korte De heer dr. E. van der Linden De heer dr. G.J. Lycklama à Nijeholt Mevrouw dr. H.M.E. Quarles De heer T.P.W. de Rooij De heer dr. J.B.C.M. Puylaert De heer W.G. Wassenaar van Ufford De heer B.J.G. van Weelde Mevrouw M. Wever- Koorevaar De heer dr. F.M. Zijta Radiotherapie Mevrouw dr. H.M. Ceha Mevrouw H.K. de Jager- Nowak De heer dr. P.C.M. Koper Mevrouw dr. T.C. Stam De heer prof. dr. H. Struikmans De heer dr. P.J. M. van de Vaart Mevrouw dr. A.Y. Verbeekde Kanter Mevrouw Van de Voort van Zijp De heer R.G.J. Wiggenraad Reumatologie Mevrouw M.H.W. de Bois Mevrouw M. De Buck De heer dr. G. Collée De heer dr. L.R. Lard Revalidatiegeneeskunde De heer H.J. Arwert Mevrouw E.H.T. Los -van Mechelen Mevrouw T. A. Veenis SEH Dhr. C.L. van den Brand Dhr. E.R.J.T. de Deckere Mevrouw K.Y. van Doorn Mevrouw T. Ghafani-Taheri Mevrouw M.C.P. de Kort Mevrouw M. van Loon Mevrouw T.M.A.J. Reijnen Mevrouw I.E. Scholtes De heer drs. M. Veen Mevrouw A.S. Vis Mevrouw B.P.W.M. Wurth Mevrouw G. van Woerden Sportgeneeskunde Dhr. R.F. van Oosterom De heer P.L.J. van Veldhoven Urologie De heer C.P.A.M. Berger De heer dr. P.M. Groenendijk De heer J.A.F. Leenarts De heer B. T. Merks 171

172 Samenstelling OR, VAR en PAR op 31 december 2014 Ondernemingsraad (OR) Voorzitter De heer T. Stuijk, IC Secretaris Mevrouw M. Peeters, Radiotherapie Algemeen adjunct De heer P. Vooijs, OK Ambtelijk secretaris Mevrouw E. Steentjes Leden Mevrouw M. de Bruijne-Albracht, Divisie Beweging Mevrouw L. Bollee, C5 cardiologie Mevrouw K. Hamdi-El Hachami, Medische Microbiologie Mevrouw L. van Heiningen, verpleegkundige AH Mevrouw W. Kemp, Landsteiner Instituut De heer J. Man in 't Veld, Facilitair Bedrijf De heer H. Reijnhout, AVR De heer F. Peterse, Techniek & Gebouwen Mevrouw N. van Schie, poli interne en oncologie De heer P. Stubbs, AVR Mevrouw O. Teeuw, Radiologie Mevrouw C. Voslamber, AEB Samenstelling bestuur VAR Voorzitter Mevrouw T. van Schaik (Verpleegkundige SEH WZ) Secretaris Mevrouw Y. Bal (Adviseur kwaliteit en veiligheid) Leden 169

173 Mevrouw M. Bal (Verpleegkundige ICU AH/WZ) Mevrouw A. van der Graaf (Verpleegkundige 11 AH) Mevrouw D. van Dijk (Verpleegkundige 1 AH) De heer R. de Kort (Verpleegkundige C11 WZ) Mevrouw A. van der Roest (Verpleegkundige 6 AH) Mevrouw E. Scheffers (Stomaverpleegkundige AH/WZ) Mevrouw C. Snip (Verpleegkundige SEH WZ) De heer S. Wildenbeest (HIV verpleegkundige) Patiënten-adviesraad (PAR) Voorzitter De heer F.P.G.M. van Drunen Secretaris/penningmeester De heer M.A. Ozir Leden De heer P.A.L. Baak vanaf mei De heer W.M.H. Boerse vanaf januari De heer A.L.F.P. van Beurden Mevrouw J.M. Faber Mevrouw M. van Kampen Mevrouw C. Maltha-Huffener Mevrouw M. Noomen-Poederbach De heer D.A. de Vries tot half mei Ondersteuning Mevrouw G. Kok (ambtelijk secretaris) 170

174 12.5 Publicaties CARDIOLOGIE Dharma S, Wardeh AJ, Soerianata S, Firdaus I, Jukema JW. A Randomized Comparison between Everolimus-Eluting Stent and Cobalt Chromium Stent in Patients with Acute ST-Elevation Myocardial Infarction Undergoing Primary Percutaneous Coronary Intervention Using Routine Intravenous Eptifibatide: The X-MAN (Xience vs. Multi-Link Stent in Acute Myocardial Infarction) Trial, A Pilot Study. Int J Angiol 2014 June; 23(2): Dharma S, Firdaus I, Danny SS, Juzar DA, Wardeh AJ, Jukema JW, van der Laarse A. Impact of Timing of Eptifibatide Administration on Preprocedural Infarct-Related Artery Patency in Acute STEMI Patients Undergoing Primary PCI. Int J Angiol 2014 September; 23(3): Dharma S, Siswanto BB, Firdaus I, Dakota I, Andriantoro H, Wardeh AJ, van der Laarse A, Jukema JW. Temporal Trends of System of Care for STEMI: Insights from the Jakarta Cardiovascular Care Unit Network System. PLoS One 2014; 9(2):e Veltman CE, van der Hoeven BL, Hoogslag GE, Boden H, Kharbanda RK, de Graaf MA, Delgado V, van Zwet EW, Schalij MJ, Bax JJ, Scholte AJ. Influence of coronary vessel dominance on short-and long-term outcome in patients after ST-segment elevation myocardial infarction. Eur Heart J 2014 June 13. Veltman CE, Hoogslag GE, Kharbanda RK, de Graaf MA, van Zwet EW, van der Hoeven BL, Delgado V, Bax JJ, Scholte AJ. Relation between coronary arterial dominance and left ventricular ejection fraction after ST-segment elevation acute myocardial infarction in patients having percutaneous coronary intervention. Am J Cardiol 2014 December 1; 114(11): CHIRURGIE Boogerd LS, Perk LE, van Acker GJ. [Pigtail stent for gallbladder drainage]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158:A7518. Bruinsma W, Kodde I, de Muinck Keizer RJ, Kloen P, Lindenhovius AL, Vroemen JP, Haverlag R, van den Bekerom MP, Bolhuis HW, Bullens PH, Meylaerts SA, van der Zwaal P, Steller PE, Hageman M, Ring DC, Den HD, Hammacher ER, King GJ, Athwal GS, Faber KJ, Drosdowech D, Grewal R, Goslings JC, Schep NW, Eygendaal D. A randomized controlled trial of nonoperative treatment versus open reduction and internal fixation for stable, displaced, partial articular fractures of the radial head: the RAMBO trial. BMC Musculoskelet Disord 2014; 15:147. Buijze GA, Goslings JC, Rhemrev SJ, Weening AA, Van DB, Doornberg JN, Ring D. Cast Immobilization With and Without Immobilization of the Thumb for Nondisplaced and Minimally 171

175 Displaced Scaphoid Waist Fractures: A Multicenter, Randomized, Controlled Trial. J Hand Surg Am 2014 February 27. Burgers PT, Zielinski SM, Mailuhu AK, Heetveld MJ, Verhofstad MH, Roukema GR, Patka P, Poolman RW, Van Lieshout EM. Cumulative incidence and treatment of non-simultaneous bilateral femoral neck fractures in a cohort of one thousand two hundred and fifty patients. Int Orthop 2014 November; 38(11): de Ruiter GC, van der Zwaal P, Meylaerts SA. Intrapelvic sciatic notch schwannoma. J Neurosurg 2014 April; 120(4): Donker M, Van TG, Straver ME, Meijnen P, van de Velde CJ, Mansel RE, Cataliotti L, Westenberg AH, Klinkenbijl JH, Orzalesi L, Bouma WH, van der Mijle HC, Nieuwenhuijzen GA, Veltkamp SC, Slaets L, Duez NJ, de Graaf PW, van DT, Marinelli A, Rijna H, Snoj M, Bundred NJ, Merkus JW, Belkacemi Y, Petignat P, Schinagl DA, Coens C, Messina CG, Bogaerts J, Rutgers EJ. Radiotherapy or surgery of the axilla after a positive sentinel node in breast cancer (EORTC AMAROS): a randomised, multicentre, open-label, phase 3 non-inferiority trial. Lancet Oncol 2014 November; 15(12): Gurnani N, Hoogendoorn J, Rhemrev S. [Mallet finger: surgery versus splinting]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158:A6941. Hoencamp R, Idenburg FJ, Vermetten E, Tan E, Plat MC, Hoencamp E, Leenen LP, Hamming JF. Impact of combat events on first responders: Experiences of the armed conflict in Uruzgan, Afghanistan. Injury 2014 December 16. Hoencamp R, Huizinga EP, van Dongen TT, Idenburg FJ, Ramasamy A, Leenen LP, Hamming JF. Impact of explosive devices in modern armed conflicts: in-depth analysis of Dutch battle casualties in southern Afghanistan. World J Surg 2014 October; 38(10): Hoencamp R, Idenburg FJ, Hamming JF, Tan EC. Incidence and epidemiology of casualties treated at the Dutch role 2 enhanced medical treatment facility at multi national base Tarin Kowt, Afghanistan in the period World J Surg 2014 July; 38(7): Hoencamp R, Idenburg F, Vermetten E, Leenen L, Hamming J. Lessons learned from Dutch deployed surgeons and anesthesiologists to Afghanistan: Mil Med 2014 July; 179(7): Kleppe M, van Hooff MH, Rhemrev JP. Effect of total motile sperm count in intra-uterine insemination on ongoing pregnancy rate. Andrologia 2014 December; 46(10):

176 van den Brand CL, Quarles van Ufford JH, van Leerdam RH, Rhemrev SJ. Comment on "Re: Is there a need for a clinical decision rule in blunt wrist trauma?". Injury 2014 November; 45(11): van den Brand CL, van der Linden MC, van der Linden N, Rhemrev SJ. Fracture prevalence during an unusual period of snow and ice in the Netherlands. Int J Emerg Med 2014; 7:17. van der Linden MC, Lindeboom R, de HR, van der Linden N, de Deckere ER, Lucas C, Rhemrev SJ, Goslings JC. Unscheduled return visits to a Dutch inner-city emergency department. Int J Emerg Med 2014; 7:23. van ED, van GW, van de Steenhoven T, Rhemrev S. The surgeon's eye: a prospective analysis of the anteversion in the placement of hemiarthroplasties after a femoral neck fracture. Hip Int 2014 November 1; 0. Walenkamp MM, Goslings JC, Beumer A, Haverlag R, Leenhouts PA, Verleisdonk EJ, Liem RS, Sintenie JB, Bronkhorst MW, Winkelhagen J, Schep NW. Surgery versus conservative treatment in patients with type A distal radius fractures, a randomized controlled trial. BMC Musculoskelet Disord 2014; 15:90. Fixation using alternative implants for the treatment of hip fractures (FAITH): design and rationale for a multi-centre randomized trial comparing sliding hip screws and cancellous screws on revision surgery rates and quality of life in the treatment of femoral neck fractures. BMC Musculoskelet Disord 2014; 15:219. Zielinski SM, Bouwmans CA, Heetveld MJ, Bhandari M, Patka P, Van Lieshout EM. The societal costs of femoral neck fracture patients treated with internal fixation. Osteoporos Int 2014 March; 25(3): Mathew G, Kowalczuk M, Hetaimish B, Bedi A, Philippon MJ, Bhandari M, Simunovic N, Crouch S, Ayeni OR. Radiographic prevalence of CAM-type femoroacetabular impingement after open reduction and internal fixation of femoral neck fractures. Knee Surg Sports Traumatol Arthrosc 2014 April; 22(4): DERMATOLOGIE Lambert J, Hol CW, Vink J. Real-life effectiveness of once-daily calcipotriol and betamethasone dipropionate gel vs. ointment formulations in psoriasis vulgaris: 4- and 12-week interim results from the PRO-long study. J Eur Acad Dermatol Venereol 2014 December; 28(12): Shadid N, Nelemans P, Lawson J, Sommer A. Predictors of recurrence of great saphenous vein reflux following treatment with ultrasound-guided foamsclerotherapy. Phlebology 2014 January

177 Teulings HE, Willemsen KJ, Glykofridis I, Krebbers G, Komen L, Kroon MW, Kemp EH, Wolkerstorfer A, van der Veen JP, Luiten RM, Tjin EP. The antibody response against MART-1 differs in patients with melanoma-associated leucoderma and vitiligo. Pigment Cell Melanoma Res 2014 November; 27(6): Van der Velden SK, Shadid NH, Nelemans PJ, Sommer A. How specific are venous symptoms for diagnosis of chronic venous disease? Phlebology 2014 October; 29(9): Westers-Attema A, van den Heijkant F, Lohman BG, Nelemans PJ, Winnepenninckx V, Kelleners- Smeets NW, Mosterd K. Bowen's disease: A six-year retrospective study of treatment with emphasis on resection margins. Acta Derm Venereol 2014 July; 94(4): GYNAECOLOGIE Fokkema JP, Scheele F, Westerman M, van EJ, Scherpbier AJ, van der Vleuten CP, Dorr PJ, Teunissen PW. Perceived effects of innovations in postgraduate medical education: a Q study focusing on workplace-based assessment. Acad Med 2014 September; 89(9): Roeters van Lennep JE, Heida KY, Bots ML, Hoek A. Cardiovascular disease risk in women with premature ovarian insufficiency: A systematic review and meta-analysis. Eur J Prev Cardiol 2014 October 20. van OR, Eilers P, Willemsen S, van DF, Exalto N, Steegers E. Determinants of number-specific recall error of last menstrual period: a retrospective cohort study. BJOG 2014 July 18. Verweij SP, Quint KD, Bax CJ, van Leeuwen AP, Mutsaers JA, Jansen CL, Oostvogel PM, Ouburg S, Morre SA, Peters RP. Serogroup distribution of urogenital Chlamydia trachomatis in urban ethnic groups in The Netherlands. Epidemiol Infect 2014 February; 142(2): Visser S, Hermes W, Ket JC, Otten RH, van Pampus MG, Bloemenkamp KW, Franx A, Mol BW, de Groot CJ. Systematic review and metaanalysis on nonclassic cardiovascular biomarkers after hypertensive pregnancy disorders. Am J Obstet Gynecol 2014 March 15. Wagner MM, van Dunne FM, Kuipers I, Thornton N, Folman CC, Ponjee GA, Oepkes D. Anti- Emm in a pregnant patient--case report. Vox Sang 2014 May; 106(4): de Vos van Steenwijk PJ, van Poelgeest MI, Ramwadhdoebe TH, Lowik MJ, Berends-van der Meer DM, van der Minne CE, Loof NM, Stynenbosch LF, Fathers LM, Valentijn AR, Oostendorp J, Osse EM, Fleuren GJ, Nooij L, Kagie MJ, Hellebrekers BW, Melief CJ, Welters MJ, van der Burg SH, Kenter GG. The long-term immune response after HPV16 peptide vaccination in women with low-grade pre-malignant disorders of the uterine cervix: a placebo-controlled phase II study. Cancer Immunol Immunother 2014 February; 63(2):

178 van Gent MD, van den Haak LW, Gaarenstroom KN, Peters AA, van Poelgeest MI, Trimbos JB, de Kroon CD. Nerve-sparing radical abdominal trachelectomy versus nerve-sparing radical hysterectomy in early-stage (FIGO IA2-IB) cervical cancer: a comparative study on feasibility and outcome. Int J Gynecol Cancer 2014 May; 24(4): van Gendt AW, van der Pal SM, Hermes W, Walther FJ, van der Pal-de Bruin KM, de Groot CJ. Reproductive outcomes of women and men born very preterm and/or with a very low birth weight in 1983: a longitudinal cohort study in the Netherlands. Eur J Pediatr 2014 December 12. Raps M, Curvers J, Helmerhorst FM, Ballieux BE, Rosing J, Thomassen S, Rosendaal FR, van Vliet HA. Thyroid function, activated protein C resistance and the risk of venous thrombosis in users of hormonal contraceptives. Thromb Res 2014 April; 133(4): van RJ, van den Akker T. Safety concerns for caesarean section. BJOG 2014 June; 121(7): INTENSIVE CARE Laterre PF, Wittebole X, van d, V, Muller AE, Mouton JW, Carryn S, Tulkens PM, Dugernier T. Temocillin (6 g daily) in critically ill patients: continuous infusion versus three times daily administration. J Antimicrob Chemother 2014 November 27. INTERNE GENEESKUNDE Auger D, Hoke U, Marsan NA, Tops LF, Leong DP, Bertini M, Schalij MJ, Bax JJ, Delgado V. Effect of induced LV dyssynchrony by right ventricular apical pacing on all-cause mortality and heart failure hospitalization rates at long-term follow-up. J Cardiovasc Electrophysiol 2014 June; 25(6): Auger D, Hoke U, Thijssen J, Abate E, Yiu KH, Ewe SH, Witkowski TG, Leong DP, Holman ER, Ajmone MN, Schalij MJ, Bax JJ, Delgado V. Effect of cardiac resynchronization therapy on the sequence of mechanical activation assessed by two-dimensional radial strain imaging. Am J Cardiol 2014 March 15; 113(6): Bijkerk R, van SC, de Boer HC, van der Pol P, Khairoun M, de Bruin RG, van Oeveren-Rietdijk AM, Lievers E, Schlagwein N, van Gijlswijk DJ, Roeten MK, Neshati Z, de Vries AA, Rodijk M, Pike-Overzet K, van den Berg YW, van der Veer EP, Versteeg HH, Reinders ME, Staal FJ, van KC, Rabelink TJ, van Zonneveld AJ. Hematopoietic microrna-126 protects against renal ischemia/reperfusion injury by promoting vascular integrity. J Am Soc Nephrol 2014 August; 25(8): Bilgin YM, Visser O, Beckers EA, Te Boome LC, Huisman C, Ypma PF, Croockewit AJ, Netelenbos T, Kramer EP, de Greef GE. Evaluation of Dutch guideline for just-in-time addition of 175

179 plerixafor to stem cell mobilization in patients who fail with granulocyte-colony-stimulating factor. Transfusion 2014 December 30. Fanoy EB, van der Sande MA, Kraaij-Dirkzwager M, Dirksen K, Jonges M, van der Hoek W, Koopmans MP, van der Werf D, Sonder G, van der Weijden C, van der Heuvel J, Gelinck L, Bouwhuis JW, van Gageldonk-Lafeber AB. Travel-related MERS-CoV cases: an assessment of exposures and risk factors in a group of Dutch travellers returning from the Kingdom of Saudi Arabia, May Emerg Themes Epidemiol 2014; 11:16 Haeck ML, Hoke U, Marsan NA, Holman ER, Wolterbeek R, Bax JJ, Schalij MJ, Vliegen HW, Delgado V. Impact of right ventricular dyssynchrony on left ventricular performance in patients with pulmonary hypertension. Int J Cardiovasc Imaging 2014 April; 30(4): Hoke U, Putter H, van der Velde ET, Schalij MJ, Delgado V, Bax JJ, Marsan NA. Left ventricular reverse remodeling, device-related adverse events, and long-term outcome after cardiac resynchronization therapy in the elderly. Circ Cardiovasc Qual Outcomes 2014 May; 7(3): Hoke U, Auger D, Thijssen J, Wolterbeek R, van der Velde ET, Holman ER, Schalij MJ, Bax JJ, Delgado V, Marsan NA. Significant lead-induced tricuspid regurgitation is associated with poor prognosis at long-term follow-up. Heart 2014 June; 100(12): Hoogslag GE, Thijssen J, Hoke U, Boden H, Antoni ML, Debonnaire P, Haeck ML, Holman ER, Bax JJ, Ajmone MN, Schalij MJ, Delgado V. Prognostic implications of left ventricular regional function heterogeneity assessed with two-dimensional speckle tracking in patients with STsegment elevation myocardial infarction and depressed left ventricular ejection fraction. Heart Vessels 2014 September; 29(5): Klinkenberg RE, Gelinck LB. [Influenza vaccination in immunocompromised patients]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158:A7574. Mitrov-Winkelmolen L, Oude Engberink RD, Roelofs R, Ponjee GA, Vleming LJ, Wilms EB, Geelhoed-Duijvestijn NH. [Metformin, renal function and lactate: the MetClear Study]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158(5):A6266. Niel JV, Geelhoed-Duijvestijn PH. Use of a Smart Glucose Monitoring System to Guide Insulin Dosing in Patients With Diabetes in Regular Clinical Practice. J Diabetes Sci Technol 2014 January 1; 8(1):188-9 Riemens A, Te Boome LC, Kalinina A, V, Kuiper JJ, Imhof SM, Lokhorst HM, Aniki R. Impact of ocular graft-versus-host disease on visual quality of life in patients after allogeneic stem cell transplantation: questionnaire study. Acta Ophthalmol 2014 February; 92(1):

180 Roos CJ, Kharagjitsingh AV, Jukema JW, Bax JJ, Scholte AJ. Comparison by computed tomographic angiography-the presence and extent of coronary arterial atherosclerosis in South Asians versus Caucasians with diabetes mellitus. Am J Cardiol 2014 June 1; 113(11): Stoop CH, Nefs G, Pop VJ, Wijnands-van Gent CJ, Tack CJ, Geelhoed-Duijvestijn PH, Diamant M, Snoek FJ, Pouwer F. Diabetes-specific emotional distress in people with Type 2 diabetes: a comparison between primary and secondary care. Diabet Med 2014 October; 31(10): Stoyanova EI, Riemens A, Lokhorst HM, Te BL, Rothova A. Absence of intraocular infections after hematopoietic stem cell transplantation at a single center: the experience with current preventive regimens. Ocul Immunol Inflamm 2014 April; 22(2): Thus KA, Te BL, Kuball J, Spierings E. Indirectly Recognized HLA-C Mismatches and Their Potential Role in Transplant Outcome. Front Immunol 2014; 5:210. Thus KA, Ruizendaal MT, de Hoop TA, Borst E, van Deutekom HW, Te BL, Kuball J, Spierings E. Refinement of the definition of permissible HLA-DPB1 mismatches with predicted indirectly recognizable HLA-DPB1 epitopes. Biol Blood Marrow Transplant 2014 November; 20(11): van der Heijden AC, Hoke U, Thijssen J, Borleffs CJ, van Rees JB, van der Velde ET, Schalij MJ, van EL. Super-responders to cardiac resynchronization therapy remain at risk for ventricular arrhythmias and benefit from defibrillator treatment. Eur J Heart Fail 2014 October; 16(10): van ME, van Buul-Gast MC, Abdoellakhan R, Gelinck L, Neef C, Touw D. Once-daily dosed gentamicin is more nephrotoxic than once-daily dosed tobramycin in clinically infected patients. J Antimicrob Chemother 2014 September; 69(9): Smith CJ, Ryom L, Weber R, Morlat P, Pradier C, Reiss P, Kowalska JD, de WS, Law M, el SW, Kirk O, Friis-Moller N, Monforte A, Phillips AN, Sabin CA, Lundgren JD. Trends in underlying causes of death in people with HIV from 1999 to 2011 (D:A:D): a multicohort collaboration. Lancet 2014 July 19; 384(9939): Petoumenos K, Reiss P, Ryom L, Rickenbach M, Sabin CA, El-Sadr W, d'arminio MA, Phillips AN, de WS, Kirk O, Dabis F, Pradier C, Lundgren JD, Law MG. Increased risk of cardiovascular disease (CVD) with age in HIV-positive men: a comparison of the D:A:D CVD risk equation and general population CVD risk equations. HIV Med 2014 November; 15(10): van der Starre WE, Zunder SM, Vollaard AM, van NC, Stalenhoef JE, Delfos NM, van't Wout JW, Spelt IC, Blom JW, Leyten EM, Koster T, Ablij HC, van Dissel JT. Prognostic value of proadrenomedullin, procalcitonin and C-reactive protein in predicting outcome of febrile urinary tract infection. Clin Microbiol Infect 2014 October; 20(10):

181 Kraaij-Dirkzwager M, Timen A, Dirksen K, Gelinck L, Leyten E, Groeneveld P, Jansen C, Jonges M, Raj S, Thurkow I, van Gageldonk-Lafeber R, van der Eijk A, Koopmans M. Middle East respiratory syndrome coronavirus (MERS-CoV) infections in two returning travellers in the Netherlands, May Euro Surveill 2014; 19(21). KINDERGENEESKUNDE Uijterschout L, Domellof M, Abbink M, Berglund SK, van V, I, Vos P, Rovekamp L, Boersma B, Hudig C, Vos R, van Goudoever JB, Brus F. Iron deficiency in the first 6 months of age in infants born between 32 and 37 weeks of gestational age. Eur J Clin Nutr 2014 October 15. Wieringa J, Stok J, van RA, Filippini L. Feeding problems in a lethargic infant (Case Presentation). Acta Paediatr 2014 March; 103(3): Wieringa J, Stok J, van RA, Filippini L. Feeding problems in a lethargic infant (Discussion and Diagnosis). Acta Paediatr 2014 March; 103(3): KLINISCHE CHEMIE Alons IM, van den Wijngaard IR, Verheul RJ, Lycklama AN, Wermer MJ, Algra A, Jellema K. The value of CT angiography in patients with acute severe headache. Acta Neurol Scand 2014 October 14. Mitrov-Winkelmolen L, Oude Engberink RD, Roelofs R, Ponjee GA, Vleming LJ, Wilms EB, Geelhoed-Duijvestijn NH. [Metformin, renal function and lactate: the MetClear Study]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158(5):A6266. KLINISCHE NEURO-FYSIOLOGIE van Veen KE, Alblas KC, Alons IM, Kerklaan JP, Siegersma MC, Wesstein M, Visser LH, van K, V, Jellema K. Corticosteroid injection in patients with ulnar neuropathy at the elbow: A randomized, double-blind, placebo-controlled trial. Muscle Nerve 2014 December 19 van Veen KE, Wesstein M, van K, V. Ultrasonography and electrodiagnostic studies in ulnar neuropathy: an examination of the sensitivity and specificity and the correlations between both diagnostic tools. J Clin Neurophysiol 2014 November

182 LANDSTEINER INSTITUUT de Goeij MC, Meuleman Y, van DS, Grootendorst DC, Dekker FW, Halbesma N. Haemoglobin levels and health-related quality of life in young and elderly patients on specialized predialysis care. Nephrol Dial Transplant 2014 July; 29(7): Kunneman M, Marijnen CA, Rozema T, Ceha HM, Grootenboers DA, Neelis KJ, Stiggelbout AM, Pieterse AH. Decision consultations on preoperative radiotherapy for rectal cancer: large variation in benefits and harms that are addressed. Br J Cancer 2014 October 21. Rozeman AD, Ottolini T, Grootendorst DC, Vogels OJ, Rijsman RM. Effect of sensory stimuli on restless legs syndrome: a randomized crossover study. J Clin Sleep Med 2014 August 15; 10(8): Stiksma J, Grootendorst DC, van der Linden PW. CA 19-9 as a marker in addition to CEA to monitor colorectal cancer. Clin Colorectal Cancer 2014 December; 13(4): Westland GJ, Grootendorst DC, Halbesma N, Dekker FW, Verburgh CA. The Nutritional Status of Patients Starting Specialized Predialysis Care. J Ren Nutr 2014 November 25. Nacak H, van DM, de Goeij MC, Rotmans JI, Dekker FW. Uric acid: association with rate of renal function decline and time until start of dialysis in incident pre-dialysis patients. BMC Nephrol 2014; 15:91. MDL Berden FA, Kievit W, Baak LC, Bakker CM, Beuers U, Boucher CA, Brouwer JT, Burger DM, van Erpecum KJ, van HB, Hoepelman AI, Honkoop P, Kerbert-Dreteler MJ, de Knegt RJ, Koek GH, van Nieuwkerk CM, van SH, Tan AC, Vrolijk JM, Drenth JP. Dutch guidance for the treatment of chronic hepatitis C virus infection in a new therapeutic era. Neth J Med 2014 October; 72(8): Boogerd LS, Perk LE, van Acker GJ. [Pigtail stent for gallbladder drainage]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158:A7518. de Groot NL, van Oijen MG, Kessels K, Hemmink M, Weusten BL, Timmer R, Hazen WL, van LN, Vermeijden RR, Curvers WL, Baak BC, Verburg R, Bosman JH, de Wijkerslooth LR, de RJ, Venneman NG, Pennings M, van HK, Scheffer BC, van Eijk RL, Meiland R, Siersema PD, Bredenoord AJ. Reassessment of the predictive value of the Forrest classification for peptic ulcer rebleeding and mortality: can classification be simplified? Endoscopy 2014 January; 46(1):46-52 Massl R, van Putten PG, Steyerberg EW, van Tilburg AJ, Lai JY, de Ridder RJ, Brouwer JT, Verburg RJ, Alderliesten J, Schoon EJ, van Leerdam ME, Kuipers EJ. Comparing quality, safety, 179

183 and costs of colonoscopies performed by nurse vs physician trainees. Clin Gastroenterol Hepatol 2014 March; 12(3): MICROBIOLOGIE Dijkmans AC, Wilms EB, Kamerling IM, Birkhoff W, van NC, Verbrugh HA, Touw DJ. [Practical guideline for the use of colistin]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158(0):A7445. Dijkmans AC, Wilms EB, Kamerling IM, Birkhoff W, Ortiz-Zacarias NV, van NC, Verbrugh HA, Touw DJ. Colistin: revival of an old polymyxin antibiotic. Ther Drug Monit 2014 December 29. Laterre PF, Wittebole X, van d, V, Muller AE, Mouton JW, Carryn S, Tulkens PM, Dugernier T. Temocillin (6 g daily) in critically ill patients: continuous infusion versus three times daily administration. J Antimicrob Chemother 2014 November 27. Verweij SP, Quint KD, Bax CJ, van Leeuwen AP, Mutsaers JA, Jansen CL, Oostvogel PM, Ouburg S, Morre SA, Peters RP. Serogroup distribution of urogenital Chlamydia trachomatis in urban ethnic groups in The Netherlands. Epidemiol Infect 2014 February; 142(2): NEUROLOGIE Alons IM, van den Wijngaard IR, Verheul RJ, Lycklama AN, Wermer MJ, Algra A, Jellema K. The value of CT angiography in patients with acute severe headache. Acta Neurol Scand 2014 October 14. Dirven L, Reijneveld JC, Taphoorn MJ. Health-related quality of life or quantity of life: a difficult trade-off in primary brain tumors? Semin Oncol 2014 August; 41(4): Dirven L, Taphoorn MJ, Reijneveld JC, Blazeby J, Jacobs M, Pusic A, La SE, Stupp R, Fayers P, Efficace F. The level of patient-reported outcome reporting in randomised controlled trials of brain tumour patients: a systematic review. Eur J Cancer 2014 September; 50(14): Ediebah DE, Coens C, Zikos E, Quinten C, Ringash J, King MT, Schmucker von KJ, Gotay C, Greimel E, Flechtner H, Weis J, Reeve BB, Smit EF, Taphoorn MJ, Bottomley A. Does change in health-related quality of life score predict survival? Analysis of EORTC lung cancer trial. Br J Cancer 2014 May 13; 110(10): Fransen PS, Beumer D, Berkhemer OA, van den Berg LA, Lingsma H, van der Lugt A, van Zwam WH, van Oostenbrugge RJ, Roos YB, Majoie CB, Dippel DW. MR CLEAN, a multicenter randomized clinical trial of endovascular treatment for acute ischemic stroke in the Netherlands: study protocol for a randomized controlled trial. Trials 2014; 15:

184 Habets EJ, Taphoorn MJ, Nederend S, Klein M, Delgadillo D, Hoang-Xuan K, Bottomley A, Allgeier A, Seute T, Gijtenbeek AM, de GJ, Enting RH, Tijssen CC, van den Bent MJ, Reijneveld JC. Health-related quality of life and cognitive functioning in long-term anaplastic oligodendroglioma and oligoastrocytoma survivors. J Neurooncol 2014 January; 116(1): Huijgen W, Lycklama AN. RE: Comments on "Unilateral Reversible Posterior Leukoencephalopathy Syndrome after Coiling of an Aneurysm": The Authors Respond. J Clin Neurol 2014 July; 10(3):279. Huijgen W, van der Kallen B, Boiten J, Lycklama AN. Unilateral reversible posterior leukoencephalopathy syndrome after coiling of an aneurysm. J Clin Neurol 2014 January; 10(1): Koekkoek JA, Dirven L, Reijneveld JC, Sizoo EM, Pasman HR, Postma TJ, Deliens L, Grant R, McNamara S, Grisold W, Medicus E, Stockhammer G, Oberndorfer S, Flechl B, Marosi C, Taphoorn MJ, Heimans JJ. End of life care in high-grade glioma patients in three European countries: a comparative study. J Neurooncol 2014 November; 120(2): Koekkoek JA, Dirven L, Heimans JJ, Postma TJ, Vos MJ, Reijneveld JC, Taphoorn MJ. Seizure reduction in a low-grade glioma: more than a beneficial side effect of temozolomide. J Neurol Neurosurg Psychiatry 2014 July 23. Koekkoek JA, Dirven L, Sizoo EM, Pasman HR, Heimans JJ, Postma TJ, Deliens L, Grant R, McNamara S, Stockhammer G, Medicus E, Taphoorn MJ, Reijneveld JC. Symptoms and medication management in the end of life phase of high-grade glioma patients. J Neurooncol 2014 December; 120(3): Santos EM, Marquering HA, Berkhemer OA, van Zwam WH, van der Lugt A, Majoie CB, Niessen WJ. Development and validation of intracranial thrombus segmentation on CT angiography in patients with acute ischemic stroke. PLoS One 2014; 9(7):e Schoonman GG, Bakker DP, Jellema K. Low risk of late intracranial complications in mild traumatic brain injury patients using oral anticoagulation after an initial normal brain computed tomography scan: education instead of hospitalization. Eur J Neurol 2014 March 29. Stupp R, Hegi ME, Gorlia T, Erridge SC, Perry J, Hong YK, Aldape KD, Lhermitte B, Pietsch T, Grujicic D, Steinbach JP, Wick W, Tarnawski R, Nam DH, Hau P, Weyerbrock A, Taphoorn MJ, Shen CC, Rao N, Thurzo L, Herrlinger U, Gupta T, Kortmann RD, Adamska K, McBain C, Brandes AA, Tonn JC, Schnell O, Wiegel T, Kim CY, Nabors LB, Reardon DA, van den Bent MJ, Hicking C, Markivskyy A, Picard M, Weller M. Cilengitide combined with standard treatment for patients with newly diagnosed glioblastoma with methylated MGMT promoter (CENTRIC EORTC study): a multicentre, randomised, open-label, phase 3 trial. Lancet Oncol 2014 September; 15(10):

185 Taal W, Oosterkamp HM, Walenkamp AM, Dubbink HJ, Beerepoot LV, Hanse MC, Buter J, Honkoop AH, Boerman D, de Vos FY, Dinjens WN, Enting RH, Taphoorn MJ, van den Berkmortel FW, Jansen RL, Brandsma D, Bromberg JE, van H, I, Vernhout RM, van der Holt B, van den Bent MJ. Single-agent bevacizumab or lomustine versus a combination of bevacizumab plus lomustine in patients with recurrent glioblastoma (BELOB trial): a randomised controlled phase 2 trial. Lancet Oncol 2014 August; 15(9): van den Brand CL, Rambach AH, Postma R, van de Craats VL, Lengers F, Benit CP, Verbree FC, Jellema K. [Practice guideline 'Management of patients with mild traumatic head/brain injury' in the Netherlands]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158(0):A6973. van Veen KE, Alblas KC, Alons IM, Kerklaan JP, Siegersma MC, Wesstein M, Visser LH, van K, V, Jellema K. Corticosteroid injection in patients with ulnar neuropathy at the elbow: A randomized, double-blind, placebo-controlled trial. Muscle Nerve 2014 December 19 van ST, Biessels GJ, van der Schaaf IC, Dankbaar JW, Horsch AD, Luitse MJ, Niesten JM, Mali WP, Kappelle LJ, van der Graaf Y, Velthuis BK. Prediction of outcome in patients with suspected acute ischaemic stroke with CT perfusion and CT angiography: the Dutch acute stroke trial (DUST) study protocol. BMC Neurol 2014; 14:37. Wiggenraad R, Bos P, Verbeek-de KA, Lycklama AN, van SJ, Taphoorn M, Struikmans H. Pseudo-progression after stereotactic radiotherapy of brain metastases: lesion analysis using MRI cine-loops. J Neurooncol 2014 September; 119(2): NEURO-CHIRURGIE de Ruiter GC, van der Zwaal P, Meylaerts SA. Intrapelvic sciatic notch schwannoma. J Neurosurg 2014 April; 120(4): de Ruiter GC, Lobatto DJ, Wolfs JF, Peul WC, Arts MP. Reconstruction with expandable cages after single and multilevel corpectomies for spinal metastases: a prospective case series of 60 patients. Spine J 2014 January 18. de Vet HC, Foumani M, Scholten MA, Jacobs WC, Stiggelbout AM, Knol DL, Peul WC. Minimally important change values of a measurement instrument depend more on baseline values than on the type of intervention. J Clin Epidemiol 2014 November 26. El BA, Vleggeert-Lankamp CL, van der Kallen BF, Lycklama ANG, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Back pain's association with vertebral end-plate signal changes in sciatica. Spine J 2014 February 1; 14(2):

186 El BA, Vleggeert-Lankamp CL, Nijeholt GJ, van der Kallen BF, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Influence of low back pain and prognostic value of MRI in sciatica patients in relation to back pain. PLoS One 2014; 9(3):e El BA, Vleggeert-Lankamp CL, Lycklama ANG, van der Kallen BF, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Reliability of Gadolinium-enhanced MRI findings and their correlation with clinical outcome in patients with sciatica. Spine J 2014 February 20 Mertens BJ, Jacobs WC, Brand R, Peul WC. Assessment of patient-specific surgery effect based on weighted estimation and propensity scoring in the re-analysis of the sciatica trial. PLoS One 2014; 9(10):e Moojen WA, Bredenoord AL, Viergever RF, Peul WC. Scientific evaluation of spinal implants: an ethical necessity. Spine (Phila Pa 1976) 2014 December 15; 39(26): Overdevest GM, Moojen WA, Arts MP, Vleggeert-Lankamp CL, Jacobs WC, Peul WC. Management of lumbar spinal stenosis: a survey among Dutch spine surgeons. Acta Neurochir (Wien ) 2014 November; 156(11): Peul WC, Bredenoord AL, Jacobs WC. Avoid surgery as first line treatment for non-specific low back pain. BMJ 2014; 349:g4214 Sener S, Menovsky T, Kloet A. Open ulnar nerve decompression using small incision and alternate positioning. Neurosurgery 2014 February; 74(2):E230-E232 van den Akker-van Marle ME, Moojen WA, Arts MP, Vleggeert-Lankamp CL, Peul WC. Interspinous Process Devices versus Standard Conventional Surgical Decompression for Lumbar Spinal Stenosis: Cost Utility Analysis. Spine J 2014 October 23. van HH, Apeldoorn AT, Ostelo RW, Knol DL, Arts MP, Kamper SJ, van Tulder MW. Transforaminal Epidural Steroid Injections Followed by Mechanical Diagnosis and Therapy to Prevent Surgery for Lumbar Disc Herniation. Pain Med 2014 May 7. Wolfs JF, Arts MP, Peul WC. Juvenile chronic arthritis and the craniovertebral junction in the paediatric patient: review of the literature and management considerations. Adv Tech Stand Neurosurg 2014; 41: OOGHEELKUNDE Hogewind BF, Micheal S, Schoenmaker-Koller FE, Hoyng CB, den Hollander AI. Analyses of Sequence Variants in the MYOC Gene and of Single Nucleotide Polymorphisms in the NR3C1 and FKBP5 Genes in Corticosteroid-induced Ocular Hypertension. Ophthalmic Genet 2014 January

187 Joosse MV. May consultation #8. J Cataract Refract Surg 2014 May; 40(5): ORTHOPEDIE Bruinsma W, Kodde I, de Muinck Keizer RJ, Kloen P, Lindenhovius AL, Vroemen JP, Haverlag R, van den Bekerom MP, Bolhuis HW, Bullens PH, Meylaerts SA, van der Zwaal P, Steller PE, Hageman M, Ring DC, Den HD, Hammacher ER, King GJ, Athwal GS, Faber KJ, Drosdowech D, Grewal R, Goslings JC, Schep NW, Eygendaal D. A randomized controlled trial of nonoperative treatment versus open reduction and internal fixation for stable, displaced, partial articular fractures of the radial head: the RAMBO trial. BMC Musculoskelet Disord 2014; 15:147. de Ruiter GC, van der Zwaal P, Meylaerts SA. Intrapelvic sciatic notch schwannoma. J Neurosurg 2014 April; 120(4): Eggerding V, van Kuijk KS, van Meer BL, Bierma-Zeinstra SM, van Arkel ER, Reijman M, Waarsing JH, Meuffels DE. Knee shape might predict clinical outcome after an anterior cruciate ligament rupture. Bone Joint J 2014 June; 96-B(6): Henseler JF, Kolk A, van der Zwaal P, Nagels J, Vliet Vlieland TP, Nelissen RG. The minimal detectable change of the Constant score in impingement, full-thickness tears, and massive rotator cuff tears. J Shoulder Elbow Surg 2014 September 17 Henseler JF, van der Zwaal P, Dijkstra PD. Use of sutures as Kirschner wire and tension-band wire for olecranon fractures: a technical note. J Orthop Surg (Hong Kong) 2014 December; 22(3): Mahabier KC, Van Lieshout EM, Bolhuis HW, Bos PK, Bronkhorst MW, Bruijninckx MM, De HJ, Deenik AR, Dwars BJ, Eversdijk MG, Goslings JC, Haverlag R, Heetveld MJ, Kerver AJ, Kolkman KA, Leenhouts PA, Meylaerts SA, Onstenk R, Poeze M, Poolman RW, Punt BJ, Roerdink WH, Roukema GR, Sintenie JB, Soesman NM, Tanka AK, Ten Holder EJ, Van der Elst M, Van der Heijden FH, Van der Linden FM, van der Zwaal P, Van Dijk JP, Van Jonbergen HP, Verleisdonk EJ, Vroemen JP, Waleboer M, Wittich P, Zuidema WP, Polinder S, Verhofstad MH, Den HD. HUMeral shaft fractures: measuring recovery after operative versus non-operative treatment (HUMMER): a multicenter comparative observational study. BMC Musculoskelet Disord 2014; 15:39. Thomassen BJ, den Hollander PH, Kaptijn HH, Nelissen RG, Pilot P. Autologous wound drains have no effect on allogeneic blood transfusions in primary total hip and knee replacement: a threearm randomised trial. Bone Joint J 2014 June; 96-B(6):

188 Thomassen BJ, Touw D, van der Woude P, van der Flier RE, in 't Veld BA. Safety of blood reinfusion after local infiltration analgesia with ropivacaine in total knee arthroplasty. Int J Clin Pharmacol Ther 2014 February; 52(2): van der Wal RJ, Pot JH, van Arkel ER. Comments on Grassi et al.: Clinical outcome and complications of a collagen meniscus implant: a systematic review. Int Orthop 2014 October 18. van der Zwaal P, Pijls BG, Thomassen BJ, Lindenburg R, Nelissen RG, van de Sande MA. The natural history of the rheumatoid shoulder: a prospective long-term follow-up study. Bone Joint J 2014 November; 96-B(11): van Meer BL, Oei EH, Bierma-Zeinstra SM, van Arkel ER, Verhaar JA, Reijman M, Meuffels DE. Are magnetic resonance imaging recovery and laxity improvement possible after anterior cruciate ligament rupture in nonoperative treatment? Arthroscopy 2014 September; 30(9): van Meer BL, Waarsing JH, van Eijsden WA, Meuffels DE, van Arkel ER, Verhaar JA, Bierma- Zeinstra SM, Reijman M. Bone mineral density changes in the knee following anterior cruciate ligament rupture. Osteoarthritis Cartilage 2014 January; 22(1): PATHOLOGIE Camus P, von der TJ, Hansell DM, Colby TV. Pleuroparenchymal fibroelastosis: one more walk on the wild side of drugs? Eur Respir J 2014 August; 44(2): PLASTISCHE CHIRURGIE Hamdi M, Larsen M, Craggs B, Vanmierlo B, Zeltzer A. Harvesting free abdominal perforator flaps in the presence of previous upper abdominal scars. J Plast Reconstr Aesthet Surg 2014 February; 67(2): Larsen M, Willems WF, Pelzer M, Friedrich PF, Dadsetan M, Bishop AT. Fibroblast growth factor- 2 and vascular endothelial growth factor mediated augmentation of angiogenesis and bone formation in vascularized bone allotransplants. Microsurgery 2014 May; 34(4): Willems WF, Larsen M, Friedrich PF, Bishop AT. Cell lineage in vascularized bone transplantation. Microsurgery 2014 January; 34(1): PSYCHOLOGIE Boele FW, Schilder CM, de Roode ML, Deijen JB, Schagen SB. Cognitive functioning during longterm tamoxifen treatment in postmenopausal women with breast cancer. Menopause 2014 June

189 RADIOLOGIE Alons IM, van den Wijngaard IR, Verheul RJ, Lycklama AN, Wermer MJ, Algra A, Jellema K. The value of CT angiography in patients with acute severe headache. Acta Neurol Scand 2014 October 14. El BA, Vleggeert-Lankamp CL, van der Kallen BF, Lycklama ANG, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Back pain's association with vertebral end-plate signal changes in sciatica. Spine J 2014 February 1; 14(2): El BA, Vleggeert-Lankamp CL, Nijeholt GJ, van der Kallen BF, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Influence of low back pain and prognostic value of MRI in sciatica patients in relation to back pain. PLoS One 2014; 9(3):e El BA, Vleggeert-Lankamp CL, Lycklama ANG, van der Kallen BF, van den Hout WB, Koes BW, Peul WC. Reliability of Gadolinium-enhanced MRI findings and their correlation with clinical outcome in patients with sciatica. Spine J 2014 February 20 Fransen PS, Beumer D, Berkhemer OA, van den Berg LA, Lingsma H, van der Lugt A, van Zwam WH, van Oostenbrugge RJ, Roos YB, Majoie CB, Dippel DW. MR CLEAN, a multicenter randomized clinical trial of endovascular treatment for acute ischemic stroke in the Netherlands: study protocol for a randomized controlled trial. Trials 2014; 15:343. Huijgen W, Lycklama AN. RE: Comments on "Unilateral Reversible Posterior Leukoencephalopathy Syndrome after Coiling of an Aneurysm": The Authors Respond. J Clin Neurol 2014 July; 10(3):279. Huijgen W, van der Kallen B, Boiten J, Lycklama AN. Unilateral reversible posterior leukoencephalopathy syndrome after coiling of an aneurysm. J Clin Neurol 2014 January; 10(1): Leeuwenburgh MM, Wiarda BM, Jensch S, van Es HW, Stockmann HB, Gratama JW, Cobben LP, Bossuyt PM, Boermeester MA, Stoker J. Accuracy and interobserver agreement between MRnon-expert radiologists and MR-experts in reading MRI for suspected appendicitis. Eur J Radiol 2014 January; 83(1): Leeuwenburgh MM, Jensch S, Gratama JW, Spilt A, Wiarda BM, van Es HW, Cobben LP, Bossuyt PM, Boermeester MA, Stoker J. MRI features associated with acute appendicitis. Eur Radiol 2014 January; 24(1): Mast M, Coerkamp E, Heijenbrok M, Scholten A, Jansen W, Kouwenhoven E, Nijkamp J, de WS, Petoukhova A, Struikmans H. Target volume delineation in breast conserving radiotherapy: are co-registered CT and MR images of added value? Radiat Oncol 2014 February 26; 9(1):

190 Mast ME, Vredeveld EJ, Credoe HM, van EJ, Heijenbrok MW, Hug EB, Kalk P, van Kempen- Harteveld LM, Korevaar EW, van der Laan HP, Langendijk JA, Rozema HJ, Petoukhova AL, Schippers JM, Struikmans H, Maduro JH. Whole breast proton irradiation for maximal reduction of heart dose in breast cancer patients. Breast Cancer Res Treat 2014 November; 148(1):33-9. Santos EM, Marquering HA, Berkhemer OA, van Zwam WH, van der Lugt A, Majoie CB, Niessen WJ. Development and validation of intracranial thrombus segmentation on CT angiography in patients with acute ischemic stroke. PLoS One 2014; 9(7):e Siesling S, Tjan-Heijnen VC, de RM, Snel Y, van DT, Wouters MW, Struikmans H, van der Hoeven JJ, Maduro JH, Visser O. Impact of hospital volume on breast cancer outcome: a population-based study in the Netherlands. Breast Cancer Res Treat 2014 August; 147(1): Urlings TA, de Vries AC, de Mol van Otterloo JC, Eefting D, van der Linden E. Thromboembolic Complications after Zenith Low Profile Endovascular Graft for Infrarenal Abdominal Aneurysms. Cardiovasc Intervent Radiol 2014 August 22. van den Brand CL, Quarles van Ufford JH, van Leerdam RH, Rhemrev SJ. Comment on "Re: Is there a need for a clinical decision rule in blunt wrist trauma?". Injury 2014 November; 45(11): van der Paardt MP, Zijta FM, Boellaard TN, Jensch S, Baak LC, Depla AC, Dekker E, Nederveen AJ, Bipat S, Stoker J. Magnetic resonance colonography with automated carbon dioxide insufflation: Diagnostic accuracy and distension. Eur J Radiol 2014 May; 83(5): van dw, I, Wermer M, van WM, Wiendels N, Peeters-Scholte C, Lycklama AN. Intra-arterial treatment in a child with embolic stroke due to atrial myxoma. Interv Neuroradiol 2014 May; 20(3): van ST, Biessels GJ, van der Schaaf IC, Dankbaar JW, Horsch AD, Luitse MJ, Niesten JM, Mali WP, Kappelle LJ, van der Graaf Y, Velthuis BK. Prediction of outcome in patients with suspected acute ischaemic stroke with CT perfusion and CT angiography: the Dutch acute stroke trial (DUST) study protocol. BMC Neurol 2014; 14:37. Wiggenraad R, Bos P, Verbeek-de KA, Lycklama AN, van SJ, Taphoorn M, Struikmans H. Pseudo-progression after stereotactic radiotherapy of brain metastases: lesion analysis using MRI cine-loops. J Neurooncol 2014 September; 119(2): RADIOTHERAPIE Jobsen J, van der Palen J, Riemersma S, Heijmans H, Ong F, Struikmans H. Pattern of ipsilateral breast tumor recurrence after breast-conserving therapy. Int J Radiat Oncol Biol Phys 2014 August 1; 89(5):

191 Kunkler IH, Audisio R, Belkacemi Y, Betz M, Gore E, Hoffe S, Kirova Y, Koper P, Lagrange JL, Markouizou A, Pfeffer R, Villa S. Review of current best practice and priorities for research in radiation oncology for elderly patients with cancer: the International Society of Geriatric Oncology (SIOG) task force. Ann Oncol 2014 November; 25(11): Kunneman M, Marijnen CA, Rozema T, Ceha HM, Grootenboers DA, Neelis KJ, Stiggelbout AM, Pieterse AH. Decision consultations on preoperative radiotherapy for rectal cancer: large variation in benefits and harms that are addressed. Br J Cancer 2014 October 21. Mast M, Coerkamp E, Heijenbrok M, Scholten A, Jansen W, Kouwenhoven E, Nijkamp J, de WS, Petoukhova A, Struikmans H. Target volume delineation in breast conserving radiotherapy: are co-registered CT and MR images of added value? Radiat Oncol 2014 February 26; 9(1):65. Mast ME, Vredeveld EJ, Credoe HM, van EJ, Heijenbrok MW, Hug EB, Kalk P, van Kempen- Harteveld LM, Korevaar EW, van der Laan HP, Langendijk JA, Rozema HJ, Petoukhova AL, Schippers JM, Struikmans H, Maduro JH. Whole breast proton irradiation for maximal reduction of heart dose in breast cancer patients. Breast Cancer Res Treat 2014 November; 148(1):33-9. van der Geest LG, Elferink MA, Steup WH, Witte AM, Nortier JW, Tollenaar RA, Struikmans H. Guidelines-based diagnostic process does increase hospital delay in a cohort of colorectal cancer patients: a population-based study. Eur J Cancer Prev 2014 September; 23(5): Wiggenraad R, Bos P, Verbeek-de KA, Lycklama AN, van SJ, Taphoorn M, Struikmans H. Pseudo-progression after stereotactic radiotherapy of brain metastases: lesion analysis using MRI cine-loops. J Neurooncol 2014 September; 119(2): REUMATOLOGIE Heimans L, Wevers-de Boer KV, Visser K, Goekoop RJ, van OM, Harbers JB, Bijkerk C, Speyer I, de Buck MP, de Sonnaville PB, Grillet BA, Huizinga TW, Allaart CF. A two-step treatment strategy trial in patients with early arthritis aimed at achieving remission: the IMPROVED study. Ann Rheum Dis 2014 July; 73(7): SEH de GB, Lameijer J, de Deckere ER, Vis A. The prognostic performance of the predisposition, infection, response and organ failure (PIRO) classification in high-risk and low-risk emergency department sepsis populations: comparison with clinical judgement and sepsis category. Emerg Med J 2014 April; 31(4):

192 Diderich HM, Fekkes M, Dechesne M, Buitendijk SE, Oudesluys-Murphy AM. Detecting child abuse based on parental characteristics: Does The Hague Protocol cause parents to avoid the Emergency Department? Int Emerg Nurs 2014 September 19. Diderich HM, Dechesne M, Fekkes M, Verkerk PH, Pannebakker FD, Klein VM, Sorensen PJ, Buitendijk SE, Oudesluys-Murphy AM. Facilitators and barriers to the successful implementation of a protocol to detect child abuse based on parental characteristics. Child Abuse Negl 2014 September 2. Diderich HM, Verkerk PH, Oudesluys-Murphy AM, Dechesne M, Buitendijk SE, Fekkes M. Missed Cases in the Detection of Child Abuse Based on Parental Characteristics in the Emergency Department (the Hague Protocol). J Emerg Nurs 2014 July 29. Diderich HM, Pannebakker FD, Dechesne M, Buitendijk SE, Oudesluys-Murphy AM. Support and monitoring of families after child abuse detection based on parental characteristics at the Emergency Department. Child Care Health Dev 2014 October 8. Diderich HM, Dechesne M, Fekkes M, Verkerk PH, Buitendijk SE, Oudesluys-Murphy AM. What parental characteristics can predict child maltreatment at the Emergency Department? Considering expansion of the Hague Protocol. Eur J Emerg Med 2014 June 2. Uittenbogaard AJ, de Deckere ER, Sandel MH, Vis A, Houser CM, de GB. Impact of the diagnostic process on the accuracy of source identification and time to antibiotics in septic emergency department patients. Eur J Emerg Med 2014 June; 21(3): van den Brand CL, Rambach AH, Postma R, van de Craats VL, Lengers F, Benit CP, Verbree FC, Jellema K. [Practice guideline 'Management of patients with mild traumatic head/brain injury' in the Netherlands]. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158(0):A6973. van den Brand CL, Quarles van Ufford JH, van Leerdam RH, Rhemrev SJ. Comment on "Re: Is there a need for a clinical decision rule in blunt wrist trauma?". Injury 2014 November; 45(11): van den Brand CL, van der Linden MC, van der Linden N, Rhemrev SJ. Fracture prevalence during an unusual period of snow and ice in the Netherlands. Int J Emerg Med 2014; 7:17. van der Linden MC, van den Brand CL, van der Linden N, Rambach AH, Brumsen C. Rate, characteristics, and factors associated with high emergency department utilization. Int J Emerg Med 2014; 7(1):9. van der Linden MC, Lindeboom R, van der Linden N, van den Brand CL, Lam RC, Lucas C, de HR, Goslings JC. Self-referring patients at the emergency department: appropriateness of ED use and motives for self-referral. Int J Emerg Med 2014; 7:

193 van der Linden MC, Lindeboom R, de HR, van der Linden N, de Deckere ER, Lucas C, Rhemrev SJ, Goslings JC. Unscheduled return visits to a Dutch inner-city emergency department. Int J Emerg Med 2014; 7:23. van der Linden MC, Lindeboom R, van der Linden N, van den Brand CL, Lam RC, Lucas C, Rhemrev SJ, de HR, Goslings JC. Walkouts from the emergency department: characteristics, reasons and medical care needs. Eur J Emerg Med 2014 October; 21(5): SLAAPCENTRUM Bottelier MA, Schouw ML, Klomp A, Tamminga HG, Schrantee AG, Bouziane C, de Ruiter MB, Boer F, Ruhe HG, Denys D, Rijsman R, Lindauer RJ, Reitsma HB, Geurts HM, Reneman L. The effects of Psychotropic drugs On Developing brain (epod) study: methods and design. BMC Psychiatry 2014; 14:48. Rijsman RM, Schoolderman LF, Rundervoort RS, Louter M. Restless legs syndrome in Parkinson's disease. Parkinsonism Relat Disord 2014 January; 20 Suppl 1:S5-S9. Rozeman AD, Ottolini T, Grootendorst DC, Vogels OJ, Rijsman RM. Effect of sensory stimuli on restless legs syndrome: a randomized crossover study. J Clin Sleep Med 2014 August 15; 10(8): SPORTGENEESKUNDE de Vos RJ, Reurink G, Goudswaard GJ, Moen MH, Weir A, Tol JL. Clinical findings just after return to play predict hamstring re-injury, but baseline MRI findings do not. Br J Sports Med 2014 September; 48(18): de Vos RJ, Windt J, Weir A. Strong evidence against platelet-rich plasma injections for chronic lateral epicondylar tendinopathy: a systematic review. Br J Sports Med 2014 June; 48(12): de JS, Warnaars JL, de Vos RJ, Weir A, van Schie HT, Bierma-Zeinstra SM, Verhaar JA, Tol JL. Relationship between neovascularization and clinical severity in Achilles tendinopathy in 556 paired measurements. Scand J Med Sci Sports 2014 October; 24(5): West L, Malliaropoulos N, de JS. ECOSEP: bringing the European SEM family together. Br J Sports Med 2014 December; 48(22):1585. Wiegerinck JI, de JS, de Jonge MC, Kerkhoffs GM, Verhaar J, van Dijk CN. Comparison of Postinjection Protocols After Intratendinous Achilles Platelet-rich Plasma Injections: A Cadaveric Study. J Foot Ankle Surg 2014 August

194 ZIEKENHUIS APOTHEEK van ME, van Buul-Gast MC, Abdoellakhan R, Gelinck L, Neef C, Touw D. Once-daily dosed gentamicin is more nephrotoxic than once-daily dosed tobramycin in clinically infected patients. J Antimicrob Chemother 2014 September; 69(9): Mos IC, Douma RA, Erkens PM, Kruip MJ, Hovens MM, van Houten AA, Hofstee HM, Kooiman J, Klok FA, Buller HR, Kamphuisen PW, Huisman MV. Diagnostic outcome management study in patients with clinically suspected recurrent acute pulmonary embolism with a structured algorithm. Thromb Res 2014 June; 133(6): Oosterkamp HM, Hijmans EM, Brummelkamp TR, Canisius S, Wessels LF, Zwart W, Bernards R. USP9X downregulation renders breast cancer cells resistant to tamoxifen. Cancer Res 2014 July 15; 74(14): Zielinski SM, Keijsers NL, Praet SF, Heetveld MJ, Bhandari M, Wilssens JP, Patka P, Van Lieshout EM. Functional outcome after successful internal fixation versus salvage arthroplasty of patients with a femoral neck fracture. J Orthop Trauma 2014 December; 28(12):e273-e

195 12.6 Promoties Gynaecologie Complications in diabetic pregnancy : role of immunology and Advanced Glycation End products / Bart Groen. - [Groningen] : Rijksuniversiteit Groningen, [2014], pagina's : illustraties ; 24 cm Promotores: Prof. dr. T.P. Links, Prof. dr. P.P. van den Berg. - Proefschrift Rijksuniversiteit Groningen ter verkrijging van de graad van doctor in het jaar Met literatuuropgave. - Met samenvatting in het Nederlands. ISBN (paperback) Cardiovascular assessment after hypertensive pregnancy disorders / Wietske Hermes. - [Nederland] : [uitgever niet vastgesteld], [2014], 2014 (Enschede: Gildeprint) pagina s : illustraties ; 24 cm Proefschrift Vrije Universiteit Amsterdam ter verkrijging van de graad doctor in het jaar Met literatuuropgave (waaronder lijst van werken van W. Hermes) en samenvatting in het Nederlands. ISBN (paperback) Effectiveness and side effects of hormonal contraceptives / Marjolein Raps. - [Nederland] : [uitgever niet vastgesteld], [2014], 2014 (Leiden : UFB/GrafiMedia) pagina's : illustraties ; 24 cm Promotores: Prof.dr. F.M. Helmerhorst, Prof.dr. F.R. Rosendaal. - Proefschrift Universiteit Leiden ter verkrijging van de graad van Doctor in het jaar Met bibliografie, literatuuropgave. - Met samenvatting in het Nederlands. ISBN (paperback) Heelkunde On prevention of second hip fracture surgery : epidemiological and biomechanical aspects of elastomer femoroplasty / Timothy J. van der Steenhoven. - [Netherlands] : [publisher not identified], [2014], pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of doctor in the year With Summary in Dutch. ISBN

196 Interne geneeskunde Unraveling joint destruction in rheumatoid arthritis / Rachel Knevel. - [Netherlands] : [Publisher not identified], [2014], pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. Biliary strictures and liver transplantation : clinical and biomedical aspects / Kerem Sebib Korkmaz. - [Netherlands] : [Publisher not identified], [2014], pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. ISBN The influence of autoantibody status and characteristics on the course of rheumatoid arthritis / Annemieke Willemze. - [Netherlands] : [publisher not identified], [2014], pages : illustrations ; 24 cm Name author on cover: Annemiek Willemze. - Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. ISBN Intensive Care Coagulopathy and plasma transfusion in critically ill patients / Marcella Catharina Antoinetta Müller. - [S.l] : [s.n.], 2014 (Enschede : Gildeprint) p. : ill. ; 24 cm Met samenvatting in het Nederlands. - Proefschrift Universiteit van Amsterdam. ISBN Neurochirurgie Introducing new implants and imaging techniques for lumbar spinal stenosis / Wouter Anton Moojen. - [Netherlands] : [publisher not identified], [2014], 2014 (Ede : GVO Drukkers&vormgevers B.V. Ponsen & Loojen) pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. ISBN (paperback) 193

197 Neurologie 1. Narcolepsy beyond sleepiness : endocrine, metabolic and other aspects / Claire Elisabeth Henrica Maria Donjacour. - [Netherlands] : [publisher not identified], [2014], 2014 ([Enschede] : Ipskamp Drukkers B.V.) pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. ISBN (paperback) Orthopedie Patient pain and blood management in total hip and knee arthroplasty / Bregje J.W. Thomassen. - [Netherlands] : [publisher not identified], [2014] ([Enschede] : Gildeprint) pages : illustrations ; 24 cm Dissertation Leiden University in order to obtain the degree of Doctor in the year With summary in Dutch. ISBN (paperback) Sportgeneeskunde The musculoskeletalsystem in Pompe Disease: Pathology, consequences and treatment options = Het musculosjeletaal stelsel bij de ziekte van Pompe: Pathologie. Consequenties en behandelmogelijkheden / Linda Elisabeth Maria van den Berg. - Rotterdam : Erasmus Universiteit Rotterdam, 2014, 2014 (Enschede : Ipskamp Drukkers) pagina's : illustraties ; 24 cm Met literatuuropgave. - Titel en samenvatting in het Nederlands. - Proefschrift Erasmus Universiteit Rotterdam ter verkrijging van de graad doctor in het jaar ISBN Ziekenhuisapotheek: Optimal dosing strategy for prothrombin complex concentrate / Nakisa Khorsand. - [Groningen] : Rijksuniversiteit Groningen, [2014], pagina's : illustraties ; 24 cm. - (Promotiereeks Hagaziekenhuis) Promotores: Prof. dr. J.C. Kluin-Nelemans, Prof. dr. K. Meijer. - Proefschrift Rijksuniversiteit Groningen ter verkrijging van de graad van doctor in het jaar Met literatuuropgave. - Met samenvatting in het Nederlands. ISBN (paperback) 194

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2013

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2013 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2013 Inhoudsopgave Pagina 1 Voorwoord en samenvatting 4 2 Strategie en beleid 6 2.1 Profiel van de organisatie 6 2.1.1 Uitgangspunten en algemene identificatiegegevens

Nadere informatie

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2012

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2012 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2012 Inhoudsopgave Pagina 1 Voorwoord en samenvatting 4 2 Strategie en beleid 5 2.1 Profiel van de organisatie 5 2.1.1 Uitgangspunten en algemene identificatiegegevens

Nadere informatie

Profiel. Voorzitter Cliëntenraad. 13 oktober Opdrachtgever Cliëntenraad Haaglanden Medisch Centrum

Profiel. Voorzitter Cliëntenraad. 13 oktober Opdrachtgever Cliëntenraad Haaglanden Medisch Centrum Profiel Voorzitter Cliëntenraad 13 oktober 2017 Opdrachtgever Cliëntenraad Haaglanden Medisch Centrum Voor meer informatie over de functie Manon Min, adviseur Leeuwendaal Telefoon (088) 00 868 00 06 29

Nadere informatie

MES-6 / 2 14. Informatie voor en over Coassistenten

MES-6 / 2 14. Informatie voor en over Coassistenten MES-6 / 2 14 A6 A6 Informatie voor en over Coassistenten A5 A5 A4 A4 Informatie voor en over Coassistenten Medisch Spectrum Twente Medisch Spectrum Twente (MST) behoort tot de grootste niet-academische

Nadere informatie

LID RAAD VAN TOEZICHT (voordracht Cliëntenraad)

LID RAAD VAN TOEZICHT (voordracht Cliëntenraad) STICHTING GELRE ZIEKENHUIZEN LID RAAD VAN TOEZICHT (voordracht Cliëntenraad) Februari 2016 HCG/TK/ES DE ORGANISATIE is met ruim 3.500 medewerkers, 190 medisch specialisten, 300 vrijwilligers en een verzorgingsgebied

Nadere informatie

Het toezichthoudend orgaan van de Stichting Bestuur Ziel<enhuisgroep Twente (ZGT) is de Raad van Toezicht.

Het toezichthoudend orgaan van de Stichting Bestuur Ziel<enhuisgroep Twente (ZGT) is de Raad van Toezicht. 2St ruw Verslag Raad van Toezicht 2014 Het toezichthoudend orgaan van de Stichting Bestuur Ziel

Nadere informatie

CLIËNTENRAAD. Beleidsplan. Cliëntenraad Martini Ziekenhuis Periode De cliënt als partner

CLIËNTENRAAD. Beleidsplan. Cliëntenraad Martini Ziekenhuis Periode De cliënt als partner Beleidsplan Cliëntenraad Martini Ziekenhuis Periode 2012 2016 De cliënt als partner 1 Inleiding De cliënt als partner In de afgelopen beleidsperiode heeft er in het Martini Ziekenhuis een verandering van

Nadere informatie

Jaardocument. Stichting Bronovo-Nebo

Jaardocument. Stichting Bronovo-Nebo Jaardocument Stichting Bronovo-Nebo 2014 Inhoudsopgave Pagina 1 Voorwoord 3 2 Uitgangspunten van de verslaggeving 4 3 Algemene informatie 5 3.1 Structuur van de organisatie 5 3.2. Kerngegevens 7 4 Bestuur,

Nadere informatie

Informatieprotocol. Datum: 27 april 2010 Raad van toezicht Raad van bestuur

Informatieprotocol. Datum: 27 april 2010 Raad van toezicht Raad van bestuur Informatieprotocol Datum: 27 april 2010 Aan: Raad van toezicht Van: Raad van bestuur Kenmerk: II-1.1/10.78.1n 1. Inleiding De RvT en de RvB van de St. Anna Zorggroep achten het van belang dat de RvT tijdig

Nadere informatie

VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT COSIS NOVO & PROMENS CARE

VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT COSIS NOVO & PROMENS CARE PROFIEL @ VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT COSIS NOVO & PROMENS CARE voor meer informatie over de functie: dhr. mr. E.G. Martinus, Bestuurssecretaris, telefoon (088) 878 98 03 of 06 207 441 66 ORGANISATIE

Nadere informatie

Profiel. Manager Service en Huisvesting. 18 mei Opdrachtgever Haaglanden Medisch Centrum

Profiel. Manager Service en Huisvesting. 18 mei Opdrachtgever Haaglanden Medisch Centrum Profiel Manager Service en Huisvesting 18 mei 2018 Opdrachtgever Haaglanden Medisch Centrum Voor meer informatie over de functie Manon Min, adviseur Leeuwendaal Telefoon (088) 00 868 00 06 29 00 47 81

Nadere informatie

Governancestructuur WonenBreburg. januari 2012, geactualiseerd augustus 2015

Governancestructuur WonenBreburg. januari 2012, geactualiseerd augustus 2015 Governancestructuur WonenBreburg januari 2012, geactualiseerd augustus 2015 1 Inhoud 1. Inleiding 3 2. Bestuur 3 2.1 Taak en werkwijze 3 2.2 Rechtspositie en bezoldiging bestuur 4 2.3 Tegenstrijdige belangen

Nadere informatie

Profielschets Lid Raad van Toezicht, met profiel zorginhoudelijk. Reinier Haga Groep

Profielschets Lid Raad van Toezicht, met profiel zorginhoudelijk. Reinier Haga Groep Profielschets Lid Raad van Toezicht, met profiel zorginhoudelijk Reinier Haga Groep 1. Inleiding Per 12 juli 2013 maakt het HagaZiekenhuis samen met het Reinier de Graaf in Delft deel uit van een overkoepelende

Nadere informatie

Jaarplan 2014. Jaarplan 2014 Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden

Jaarplan 2014. Jaarplan 2014 Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden Jaarplan 2014 Jaarplan 2014 Regionale Samenwerkings Organisatie Haaglanden Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Doelstelling 2014... 4 3. Zorgdiensten... 4 4. Overdracht de functies van platform en projectcoordinatie...

Nadere informatie

Lid Raad van Toezicht Aandachtgebieden financiën, bedrijfsvoering en vastgoed

Lid Raad van Toezicht Aandachtgebieden financiën, bedrijfsvoering en vastgoed Vacature Lid Raad van Toezicht Aandachtgebieden financiën, bedrijfsvoering en vastgoed Stichting De Waalboog Nijmegen 13 maart 2019 1 Stichting De Waalboog Stichting De Waalboog is één van de grote Nijmeegse

Nadere informatie

Máxima Medisch Centrum (g)een gewoon bedrijf. 11 april 2013 Welkom VOC

Máxima Medisch Centrum (g)een gewoon bedrijf. 11 april 2013 Welkom VOC Máxima Medisch Centrum (g)een gewoon bedrijf 11 april 2013 Welkom VOC Hoogwaardige en persoonlijke patiëntenzorg Máxima Medisch Centrum: het grootste ziekenhuis in Zuidoost-Brabant Ruim 3.300 medewerkers,

Nadere informatie

Bestuursreglement voor de Nederlandse Uitdaging

Bestuursreglement voor de Nederlandse Uitdaging Bestuursreglement voor de Nederlandse Uitdaging Vastgesteld door het bestuur op: 30 december 2014 HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Begrippen en terminologie Dit reglement is opgesteld en vastgesteld ingevolge

Nadere informatie

2 januari 2015. Onderzoek: Effectiviteit van de zorg

2 januari 2015. Onderzoek: Effectiviteit van de zorg 2 januari 2015 Onderzoek: Effectiviteit van de zorg 1 Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek.

Nadere informatie

Reglement intern toezicht

Reglement intern toezicht Reglement intern toezicht De raad van toezicht van de Stichting Scala College en Coenecoop College besluit gelet op richtlijn 23 van de Code Goed Onderwijsbestuur VO d.d. 4 juni 2015 en artikel 2 lid 1

Nadere informatie

VISIE OP TOEZICHT LAVERHOF

VISIE OP TOEZICHT LAVERHOF VISIE OP TOEZICHT LAVERHOF Inleiding De raad van toezicht van Laverhof heeft de wettelijke taak toezicht te houden op de besturing door de raad van bestuur en op de algemene gang van zaken binnen Laverhof

Nadere informatie

Profiel raad van toezicht Jeroen Bosch Ziekenhuis

Profiel raad van toezicht Jeroen Bosch Ziekenhuis BIJLAGE A Profiel raad van toezicht Jeroen Bosch Ziekenhuis Dit profiel is vastgesteld op 28 mei 2013 op grond van het bepaalde in artikel 3.1 van het reglement van de raad van toezicht. 1. Profiel raad

Nadere informatie

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Aanwijzing van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van 1 7 OKJ. 2013, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg, inzake

Nadere informatie

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2009

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2009 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2009 1. VOORWOORD Het MCH levert ziekenhuiszorg aan iedereen die dat nodig heeft, met vakbekwame en toegewijde medewerkers. Bij een aantal bereikte resultaten willen

Nadere informatie

VERKORT JAARDOCUMENT 2011

VERKORT JAARDOCUMENT 2011 Voorwoord VERKORT JAARDOCUMENT 2011 Patiënt als partner Ziekenhuis van en voor de regio Samenwerken in de Coöperatie Kerngegevens Verantwoordelijke medewerker Financiën Voorwoord Afgelopen jaar vonden

Nadere informatie

Best Practice-bepalingen 0.1 Met enige regelmaat wordt een zorgvuldige analyse gemaakt van het gewenste besturingsmodel.

Best Practice-bepalingen 0.1 Met enige regelmaat wordt een zorgvuldige analyse gemaakt van het gewenste besturingsmodel. Bijlage Code Cultural Goverance: Principes en uitwerkingen Nummer Principe De organen van de culturele instelling zijn verantwoordelijk voor de keuze van het besturingsmodel en de naleving van deze code.

Nadere informatie

GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES

GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES November 2006 1 GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES PRINCIPES I. Naleving en handhaving van de code Het bestuur 1 en de raad van commissarissen zijn verantwoordelijk voor

Nadere informatie

ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0 ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0. Wie sturen de patiënten: ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0. Opvang basis acute zorg: Ons Streven:

ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0 ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0. Wie sturen de patiënten: ACUTE ZORG SIONSBERG 2.0. Opvang basis acute zorg: Ons Streven: Ons Streven: Kwalitatief goede en veilige zorg Dichtbij en makkelijk toegankelijk Duurzaam en tegen lagere kosten 24/7 beschikbaar, dan ook Dokterswacht bestaansrecht! Wie sturen de patiënten: Huisartsen

Nadere informatie

Toezichtvisie Raad van Toezicht. september 2018

Toezichtvisie Raad van Toezicht. september 2018 Toezichtvisie Raad van Toezicht september 2018 Inleiding In dit document is de visie op toezicht door de Raad van Toezicht (RvT) van s Heeren Loo vastgelegd. Hoe zien wij onze rol en welke uitgangspunten

Nadere informatie

Profiel. Laurentius Ziekenhuis Roermond. Leden raad van toezicht

Profiel. Laurentius Ziekenhuis Roermond. Leden raad van toezicht Profiel Laurentius Ziekenhuis Roermond Leden raad van toezicht Laurentius Ziekenhuis Roermond Leden raad van toezicht Organisatie Het Laurentius Ziekenhuis Roermond is een vooruitstrevend en vooraanstaand

Nadere informatie

2 januari 2015. Onderzoek: Effectiviteit van de zorg

2 januari 2015. Onderzoek: Effectiviteit van de zorg 2 januari 2015 Onderzoek: Effectiviteit van de zorg 1 Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek.

Nadere informatie

Reglement Raad van Toezicht Bijlage F: reglement selectie- en remuneratiecommissie RvT

Reglement Raad van Toezicht Bijlage F: reglement selectie- en remuneratiecommissie RvT Reglement Raad van Toezicht Bijlage F: reglement selectie- en remuneratiecommissie RvT Versie: 2017.01 Vastgesteld door Raad van Toezicht: 23 november 2017 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Reglement

Nadere informatie

Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen

Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen BIJLAGE 1 Vragenlijst Vragen die betrekking hebben op de borging van de kwaliteit van de zorg. A. Algemeen Ik werk momenteel als arts

Nadere informatie

Transfer-Ketens Transfers-Netwerk Den Haag. Van proces naar resultaat

Transfer-Ketens Transfers-Netwerk Den Haag. Van proces naar resultaat Transfer-Ketens Transfers-Netwerk Den Haag Van proces naar resultaat Inleiding Dit is de 10 de jaarrapportage RSO Transferpunten Den Haag. De workflow wordt zowel voor de regio (alle deelnemende instellingen)

Nadere informatie

Samen Beter. Op weg naar 2020

Samen Beter. Op weg naar 2020 Samen Beter Op weg naar 2020 Ambitie BovenIJ ziekenhuis 2020 Op weg naar 2020 wil het BovenIJ ziekenhuis met en voor alle bewoners van Amsterdam-Noord e.o. bijdragen aan een betere gezondheid en een betere

Nadere informatie

VERTROUWELIJK. Reglement Raad van Toezicht Stichting Spine & Joint Centre

VERTROUWELIJK. Reglement Raad van Toezicht Stichting Spine & Joint Centre VERTROUWELIJK Reglement Raad van Toezicht Stichting Spine & Joint Centre Versieblad Versie Status Datum Wijzigingen 0.1 Concept 24-11-2014 startnotitie 0.2 Concept 4-12-2014 Review bestuurder 0.3 Concept

Nadere informatie

Dit reglement is opgesteld en vastgesteld ingevolge artikel 5.5. van de statuten van Stichting Vocallis.

Dit reglement is opgesteld en vastgesteld ingevolge artikel 5.5. van de statuten van Stichting Vocallis. BESTUURSREGLEMENT Vastgesteld door het bestuur op 6 mei 2015. Hoofdstuk I. Algemeen. Artikel 1. Begrippen en terminologie. Dit reglement is opgesteld en vastgesteld ingevolge artikel 5.5. van de statuten

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG. Datum 13 juni 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG. Datum 13 juni 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 255 XP DEN HAAG T 070 340 79 F 070 340 78 34

Nadere informatie

Jeroen Bosch Ziekenhuis. Aandacht maakt t beter

Jeroen Bosch Ziekenhuis. Aandacht maakt t beter Jeroen Bosch Ziekenhuis Aandacht maakt t beter Inhoud + Wie zijn we? + Wat gebeurt er om ons heen? + Waar staan we voor? Wie zijn we? Facts & figures I + 635.000 inwoners in verzorgingsgebied + 3.577 medewerkers

Nadere informatie

Profielschets lid Raad van Toezicht SMO Traverse Tilburg

Profielschets lid Raad van Toezicht SMO Traverse Tilburg Profielschets lid Raad van Toezicht SMO Traverse Tilburg Oktober 2015 1 Traverse, thuis in opvang en begeleiding, missie Traverse is een Stichting voor maatschappelijke opvang in Midden-Brabant en organiseert

Nadere informatie

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2011

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2011 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2011 1 Voorwoord Het leveren van ziekenhuiszorg aan iedereen die dat nodig heeft, vakbekwaam en toegewijd, dat is de missie van het MCH. Centraal hierbij staan de

Nadere informatie

ZORG MET PASSIE DRIE

ZORG MET PASSIE DRIE ZORG MET PASSIE DRIE ZMP III ZORG MET PASSIE DRIE Inhoud 1 Inleiding 7 2 Waar komen we vandaan? 9 3 Wie zijn we? 11 4 De wereld om ons heen 15 4.1 Demografie en patiëntenpopulatie 15 4.2 Kosten en zorgverzekeraars

Nadere informatie

Jaarverslag 2017 Raad van Toezicht Stichting Alkcare

Jaarverslag 2017 Raad van Toezicht Stichting Alkcare Jaarverslag 2017 Raad van Stichting Alkcare Versie 2,0 Vastgesteld op 17 oktober 2018 VOORWOORD 2017 was een jaar met veel wisselingen in de Raad van van de Stichting Alkcare. Er zijn er niet alleen twee

Nadere informatie

Inleiding 3. Samenstelling cliëntenraad (per 31 december) 4. Portefeuilleverdeling 4. Vergaderingen / bijeenkomsten 5

Inleiding 3. Samenstelling cliëntenraad (per 31 december) 4. Portefeuilleverdeling 4. Vergaderingen / bijeenkomsten 5 INHOUD Pagina Inleiding 3 Samenstelling cliëntenraad (per 31 december) 4 Portefeuilleverdeling 4 Vergaderingen / bijeenkomsten 5 Onderwerpen die besproken zijn in 2015 6 Overig 7 Vooruitblik 2016 7 Status:

Nadere informatie

Evaluatie locatieprofiel ziekenhuislocatie Den Helder. Continu op zoek naar de meest optimale zorg voor iedere patiënt

Evaluatie locatieprofiel ziekenhuislocatie Den Helder. Continu op zoek naar de meest optimale zorg voor iedere patiënt Evaluatie locatieprofiel ziekenhuislocatie Den Helder Continu op zoek naar de meest optimale zorg voor iedere patiënt 1 januari 2015 implementatie locatieprofiel ziekenhuislocatie Den Helder: behouden

Nadere informatie

4. Bij voorkeur zal de raad van toezicht van Stichting P60 bij de werving van nieuwe toezichthouders buiten het eigen netwerk zoeken.

4. Bij voorkeur zal de raad van toezicht van Stichting P60 bij de werving van nieuwe toezichthouders buiten het eigen netwerk zoeken. REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT Opgesteld door de voorzitter op 25.03.2013 Vastgesteld door de raad van toezicht op: 27.05.2013 te Amstelveen HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Begrippen en terminologie Dit

Nadere informatie

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2010

Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2010 Jaardocument Medisch Centrum Haaglanden 2010 1 Voorwoord Het leveren van ziekenhuiszorg aan iedereen die dat nodig heeft, vakbekwaam en toegewijd, dat is de missie van het MCH. Hierbij gaat het om de sleutelbegrippen

Nadere informatie

Profielschets Raad van Toezicht

Profielschets Raad van Toezicht Inleiding De Raad van Toezicht van de Stichting Sherpa, hierna Sherpa, werkt voor het bepalen van zijn samenstelling met een profielschets. Wanneer zich een vacature in de Raad van Toezicht voordoet, stelt

Nadere informatie

Antonius in NOP en op Urk

Antonius in NOP en op Urk Antonius in NOP en op Urk Presentatie voor gemeenten Dr. W.J. van der Kam, voorzitter Raad van Bestuur Overzicht Historie Het ziekenhuis van de toekomst Wat gaan we concreet doen? Historie De pioniers

Nadere informatie

Profiel Lid Raad van Toezicht

Profiel Lid Raad van Toezicht Profiel Lid Raad van Toezicht Profielschets lid Raad van Toezicht Liemerije Liemerije is sinds 1976 het adres voor ouderenzorg in de Liemers. Onze cliënten zijn bij onze deskundige medewerkers in goede

Nadere informatie

Reglement van de Raad van Toezicht

Reglement van de Raad van Toezicht Van de besluit gelet op richtlijn 23 van de Code Goed Onderwijsbestuur VO d.d. 4 juni 2015 en artikel 11 lid 4 van de statuten van de stichting tot vaststelling van het onderstaande Reglement van de Raad

Nadere informatie

Betreft: beroepsgroep-brede invoering van zelfevaluatie gunstbetoon. Datum: 15 februari Geachte aanbieder van nascholing,

Betreft: beroepsgroep-brede invoering van zelfevaluatie gunstbetoon. Datum: 15 februari Geachte aanbieder van nascholing, Betreft: beroepsgroep-brede invoering van zelfevaluatie gunstbetoon Datum: 15 februari 2016 Geachte aanbieder van nascholing, Op 1 mei 2014 is de pilot zelfevaluatie gunstbetoon van start gegaan. De zelfevaluatie

Nadere informatie

Profiel. Vanboeijen. Twee leden raad van toezicht

Profiel. Vanboeijen. Twee leden raad van toezicht Profiel Vanboeijen Twee leden raad van toezicht 1 Vanboeijen Twee leden raad van toezicht Organisatie Vanboeijen biedt overwegend in Drenthe zorg en ondersteuning aan ruim 700 kinderen, jongeren, volwassenen

Nadere informatie

Allerlei partijen beïnvloeden ons werk: verzekeraars, politiek, inspectie, farmaceuten, managers, patiëntenorganisaties. Er zijn grote belangen.

Allerlei partijen beïnvloeden ons werk: verzekeraars, politiek, inspectie, farmaceuten, managers, patiëntenorganisaties. Er zijn grote belangen. De uitdaging Er gebeurt ontzettend veel in de zorg. De technologische ontwikkelingen gaan razendsnel, de zorgvraag neemt alleen maar toe, budgetten staan onder druk en we komen steeds vaker bedden en handen

Nadere informatie

In deze maandelijkse nieuwsbrief praten we u bij over onze toekomstplannen. Over wat er is gebeurd en wat er op de planning staat.

In deze maandelijkse nieuwsbrief praten we u bij over onze toekomstplannen. Over wat er is gebeurd en wat er op de planning staat. 1 van 9 2-5-2019 19:51 Online lezen Afmelden Nieuwsbrief Toekomst HMC Mei 2019 Even bijpraten... In deze maandelijkse nieuwsbrief praten we u bij over onze toekomstplannen. Over wat er is gebeurd en wat

Nadere informatie

Informatieprotocol. Raad van Bestuur Raad van Toezicht. Versie 1.1 Document code: Status. Definitief Datum januari Secretaris Raad van Bestuur

Informatieprotocol. Raad van Bestuur Raad van Toezicht. Versie 1.1 Document code: Status. Definitief Datum januari Secretaris Raad van Bestuur Informatieprotocol Raad van Bestuur Raad van Toezicht Versie 1.1 Document code: Status Definitief Datum januari 2013 Auteur(s) Raad van Bestuur Verificator Secretaris Raad van Bestuur Autorisator Raad

Nadere informatie

Governance Code 2018

Governance Code 2018 Governance Code 2018 Stichting Federatie van Zorginstellingen ALGEMEEN 1. De Governance Code 2018, kortweg de code, is tot stand gekomen op initiatief van Stichting Federatie van Zorginstellingen. De code

Nadere informatie

Basisarts, en dan. Mastering your future 24 oktober 2015 Victor Slenter, arts M&G

Basisarts, en dan. Mastering your future 24 oktober 2015 Victor Slenter, arts M&G Basisarts, en dan. Mastering your future 24 oktober 2015 Victor Slenter, arts M&G 1 Disclosure Sinds 2013 lid Dagelijks Bestuur Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten 2 Inhoud presentatie Wat doet

Nadere informatie

Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied bedrijfsvoering

Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied bedrijfsvoering Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied bedrijfsvoering Profielschets lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied bedrijfsvoering Liemerije Liemerije is sinds 1976 het adres voor ouderenzorg in

Nadere informatie

Reglement Raad van Toezicht Coöperatie Zorgaanbieders Midden Nederland

Reglement Raad van Toezicht Coöperatie Zorgaanbieders Midden Nederland Reglement Raad van Toezicht Coöperatie Zorgaanbieders Midden Nederland Versie 1 Vastgesteld 14 oktober 2016 Reglement raad van toezicht Coöperatie Zorgaanbieders Midden Nederland U.A. Vastgesteld door

Nadere informatie

REGLEMENT RISK- EN AUDITCOMMISSIE N.V. NEDERLANDSE SPOORWEGEN

REGLEMENT RISK- EN AUDITCOMMISSIE N.V. NEDERLANDSE SPOORWEGEN REGLEMENT RISK- EN AUDITCOMMISSIE N.V. NEDERLANDSE SPOORWEGEN 24 november 2017 INHOUD HOOFDSTUK 1: Rol en status van het Reglement 1 HOOFDSTUK 2: Samenstelling RAC 1 HOOFDSTUK 3: Taken RAC 2 HOOFDSTUK

Nadere informatie

TWEE LEDEN RAAD VAN TOEZICHT (PROFIEL BEDRIJFSVOERING EN PROFIEL POLITIEK BESTUURLIJKE VRAAGSTUKKEN)

TWEE LEDEN RAAD VAN TOEZICHT (PROFIEL BEDRIJFSVOERING EN PROFIEL POLITIEK BESTUURLIJKE VRAAGSTUKKEN) TWEE LEDEN RAAD VAN TOEZICHT (PROFIEL BEDRIJFSVOERING EN PROFIEL POLITIEK BESTUURLIJKE VRAAGSTUKKEN) 7 november 2014 DE ORGANISATIE RIBW Kennemerland / Amstelland en de Meerlanden De Regionale Instelling

Nadere informatie

Functieprofiel lid Raad van Toezicht

Functieprofiel lid Raad van Toezicht Functieprofiel lid Raad van Toezicht 1. ORGANISATIE MEE Noord ondersteunt kwetsbare burgers, mensen met beperkingen en hun netwerk op alle levensgebieden en in alle levensfasen. MEE Noord zet zich in voor

Nadere informatie

Stand van zaken juli 2016 EMBRAZE kankernetwerk

Stand van zaken juli 2016 EMBRAZE kankernetwerk Stand van zaken juli 2016 EMBRAZE kankernetwerk www.embraze.net Aanleiding Toename kanker patiënten, complexe behandelingen, maatwerk. Toename van kwaliteitseisen/normen, krimpend budget, wijziging rol

Nadere informatie

Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied zorg, kwaliteit en veiligheid

Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied zorg, kwaliteit en veiligheid Profiel Lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied zorg, kwaliteit en veiligheid Profielschets lid Raad van Toezicht met aandachtsgebied zorg, kwaliteit en veiligheid Liemerije Liemerije is sinds 1976 het

Nadere informatie

REGLEMENT AUDITCOMMISSIE RAAD VAN COMMISSARISSEN STICHTING WOONSTAD ROTTERDAM

REGLEMENT AUDITCOMMISSIE RAAD VAN COMMISSARISSEN STICHTING WOONSTAD ROTTERDAM REGLEMENT AUDITCOMMISSIE RAAD VAN COMMISSARISSEN STICHTING WOONSTAD ROTTERDAM 25 april 2012 pagina 2 Artikel 1 Doelstelling De Auditcommissie maakt onderdeel uit van de Raad van Commissarissen van de Stichting

Nadere informatie

Bestuursreglement Stichting Regionaal Opleidingencentrum ID College versie 20 januari 2015

Bestuursreglement Stichting Regionaal Opleidingencentrum ID College versie 20 januari 2015 Bestuursreglement Stichting Regionaal Opleidingencentrum ID College versie 20 januari 2015 Goedgekeurd door de Raad van Toezicht d.d. 20 januari 2015 1 Bestuursreglement Stichting Regionaal Opleidingencentrum

Nadere informatie

Reglement Raad van Toezicht Thuiszorg Maatschappij

Reglement Raad van Toezicht Thuiszorg Maatschappij Artikel 1 Inleiding 1. Dit reglement is opgesteld ter aanvulling van de statuten van de coöperatieve vereniging ThuisZorg Maatschappij en is gebaseerd op de Governance Code Zorg en Welzijn 2010 2. Dit

Nadere informatie

De Raad van Toezicht voert tenminste jaarlijks met de Raad van Bestuur een functionering en beoordelingsgesprek. (in de maand september)

De Raad van Toezicht voert tenminste jaarlijks met de Raad van Bestuur een functionering en beoordelingsgesprek. (in de maand september) TAKEN EN BEVOEGDHEDEN RAAD VAN TOEZICHT ALERIMUS 1. Taak en werkwijze: De Raad van Toezicht heeft tot taak toezicht te houden op het besturen door de Raad van Bestuur en op de algemene gang van zaken in

Nadere informatie

Jaarverslag Cliëntenraad Isala Diaconessenhuis

Jaarverslag Cliëntenraad Isala Diaconessenhuis Jaarverslag 2015 Cliëntenraad Isala Diaconessenhuis Inhoudsopgave Voorwoord 4 Missie en visie 5 Samenstelling 5 Interne en externe overleggen 6 Adviesaanvragen 7 Verzwaarde adviesaanvragen 8 Ongevraagd

Nadere informatie

Strategisch beleidsplan 2010-2015. Slingeland Ziekenhuis

Strategisch beleidsplan 2010-2015. Slingeland Ziekenhuis Strategisch beleidsplan 2010-2015 Slingeland Ziekenhuis Voorwoord Voor u ligt de verkorte uitgave van het Strategisch Beleidsplan 2010-2015 van ons ziekenhuis. Deze uitgave is speciaal voor u als medewerker

Nadere informatie

Reglement, werkwijze en taakverdeling RVC

Reglement, werkwijze en taakverdeling RVC Reglement, werkwijze en taakverdeling RVC Artikel 1. Begripsbepalingen De RvC De vennootschap De Statuten De RvC van Commissarissen zoals bedoeld in artikel 16 e.v. van de statuten van Twente Milieu N.V

Nadere informatie

Voorzitter Raad van Toezicht en lid Raad van Toezicht met juridisch profiel

Voorzitter Raad van Toezicht en lid Raad van Toezicht met juridisch profiel Functieprofiel Voorzitter Raad van Toezicht en lid Raad van Toezicht met juridisch profiel Stichting De Waalboog Nijmegen 17 mei 2017 1 Stichting De Waalboog Stichting De Waalboog is één van de grote Nijmeegse

Nadere informatie

Inspectie voor de Gezondheidszorg Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Inspectie voor de Gezondheidszorg Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Inspectie voor de Gezondheidszorg Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport > Retouradres Postbus 90700 2509 LS Den Haag Medisch Centrum Haaglanden Werkgebied Zuidwest Raad van Bestuur WiIh. van

Nadere informatie

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT ROC MONDRIAAN

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT ROC MONDRIAAN REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT ROC MONDRIAAN Inhoudsopgave Preambule 2 0. Definities 2 1. Status en werkingsduur 3 2. Vergaderingen 3 3. Informatievoorziening 3 4. Evaluatie 4 5. Taakverdeling 4 6. Commissies

Nadere informatie

Toezichtkader Montessori Vereniging Haarlemmermeer

Toezichtkader Montessori Vereniging Haarlemmermeer Toezichtkader Montessori Vereniging Haarlemmermeer Inhoud Inleiding... 3 Wat houdt het (intern) toezicht in?... 4 Werkwijze toezichthoudende deel van het bestuur/ toezichtkader... 6 1. Openbare identiteit...

Nadere informatie

Voorzitter van de Raad van Toezicht van Dichterbij

Voorzitter van de Raad van Toezicht van Dichterbij Voorzitter van de Raad van Toezicht van Dichterbij zorg en ondersteuning die uitdaagt om gewoon te leven Conform het rooster van aftreden ontstaat per 1 januari 2020 bij Dichterbij een vacature voor de

Nadere informatie

Toezichtkader Raad van Toezicht SGR

Toezichtkader Raad van Toezicht SGR Toezichtkader Raad van Toezicht SGR Vastgesteld door de Raad van Toezicht van SGR op 14 april 2015 Inleiding Vanaf 2011 zijn bij de SGR de functies van bestuur en intern toezicht gescheiden. Deze functiescheiding

Nadere informatie

Directiereglement Voorgesteld door de directie op: 14 juni 2011 Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011

Directiereglement Voorgesteld door de directie op: 14 juni 2011 Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011 Directiereglement Voorgesteld door de directie op: 14 juni 2011 Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011 HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Begrippen en terminologie Dit Reglement is opgesteld

Nadere informatie

Strategische koers 2010-2015

Strategische koers 2010-2015 Strategische koers 2010-2015 Veiligheid voorop Strategische koers 2010-2015: DOELSTELLING: HET WESTFRIESGASTHUIS BEHOORT BINNEN DRIE JAAR TOT DE TOP-TIEN VAN VEILIGE ZIEKENHUIZEN. Het Westfriesgasthuis

Nadere informatie

Capacity building in the healthsector AZP Moving Lives Forward. Datum: 7-2- 2015

Capacity building in the healthsector AZP Moving Lives Forward. Datum: 7-2- 2015 Capacity building in the healthsector AZP Moving Lives Forward Datum: 7-2- 2015 Inhoud Introductie Zorglandschap Suriname Kengetallen AZP Strategisch Plan 2020 Van AZP naar AMC - SU Wat biedt AZP Samenwerkingsverbanden

Nadere informatie

Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T

Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T Werkveld Datum Instemming/Advies GMR Vastgesteld R v T Organisatie Januari 2012 nvt 18 Januari 2012 Zelfevaluatie Raad van Toezicht Organisatie/Zelfevaluatie Inhoudsopgave 1. PROCEDURE ZELFEVALUATIE RAAD

Nadere informatie

Reglement remuneratiecommissie Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Stromenland

Reglement remuneratiecommissie Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Stromenland Reglement remuneratiecommissie Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Stromenland HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Doel en reikwijdte reglement 1. Dit reglement geeft nadere invulling van samenstelling

Nadere informatie

Jaarverslag 2018 Raad van Toezicht

Jaarverslag 2018 Raad van Toezicht Jaarverslag 2018 Raad van Toezicht Pagina 2/6 Inhoud 1.1 Integraal toezicht... 3 1.2 Samenstelling Raad van Toezicht... 3 1.3 Vergaderingen, commissies en overleg Raad van Toezicht... 3 1.4 Scholing Raad

Nadere informatie

Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT

Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT werkveld datum Instemming/advies GMR Vaststelling RvT Vastgesteld CvB Organisatie 28-11-2012 n.v.t. 28-11-2012 n.v.t. Zelfevaluatie Raad van Toezicht RvT Inhoudsopgave 1. Procedure zelfevaluatie Raad van

Nadere informatie