Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka
|
|
|
- Vera ten Wolde
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 1 Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2010/2011 Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam
2 2 Deelregio s van PLABEKA Bestuurlijke afbakening km Deelregio Haarlem-IJmond Deelregio Zaanstad-Waterland HAARLEMMERMEER AMSTELVEEN OUDER- AMSTEL AALSMEER UITHOORN CASTRICUM BEEMSTER GRAFT-DE RIJP ZEEVANG UITGEEST HEEMSKERK WORMERLAND PURMEREND EDAM- BEVERWIJK VOLENDAM ZAANSTAD OOSTZAAN VELSEN LANDSMEER WATERLAND Bedrijventerreinen Metropoolregio Amsterdam (Plabeka) LELYSTAD BLOEMENDAAL HAARLEMMERLIEDE CA Deelregio Amsterdam ZANDVOORT HAARLEM AMSTERDAM ALMERE Deelregio Almere-Lelystad HEEMSTEDE DIEMEN MUIDEN Deelregio Amstelland-Meerlanden WEESP NAARDEN HUIZEN BLARICUM BUSSUM LAREN WIJDEMEREN HILVERSUM Deelregio Gooi en Vechtstreek versie 18 juli 2011
3 Inhoudsopgave 3 Voorwoord Arthur van Dijk 3 Samenvatting 9 1. Inleiding Doelstelling De Metropoolregio Amsterdam Belangrijke kanttekeningen Verbeteropgave Leeswijzer Ontwikkelingen Kantoren MRA Opname en uitbreidingsvraag kantoren Kantoorgebruik en leegstand Nieuwbouw en transformatie Plancapaciteit tot Conclusie Ontwikkelingen Bedrijventerreinen MRA Uitgifte bedrijventerreinen De markt voor bedrijfshuisvesting Herstructurering bedrijventerreinen Plancapaciteit tot Conclusie Ontwikkelingen Zeehaventerreinen MRA Het Noordzeekanaalgebied Uitgifte zeehaventerreinen Herstructurering zeehaventerreinen Plancapaciteit tot Conclusie 55 Bijlagen 57 Bijlage I Organogram Plabeka 58 Bijlage II Vergelijking oude en nieuwe behoefteraming 61 Bijlage III Ontwikkelingen kantorenmarkt naar gemeente 62 Bijlage IV Plancapaciteit kantoren naar terrein (stand ) 63 Bijlage V Overzicht uitgifte per bedrijventerrein 72 Bijlage VI Tabellen transacties en aanbod bedrijfsruimten 75 Bijlage VII Herstructurering Bedrijventerreinen 76 Bijlage VIII Plancapaciteit bedrijventerreinen per subdeelregio (stand ) 78 Bijlage IX Voortgang besluiten Uitvoeringsstrategie Bijlage X Bronvermelding 91 Colofon 92
4 4
5 Voorwoord 5 De vier Plabeka-monitors van de afgelopen jaren hebben hun werk gedaan. We hebben nu een actueel, gedetailleerd en meerjarig inzicht in hoe onze regio zich vanuit het perspectief van vestigingslocaties - ruimtelijk-economisch ontwikkelt. Dat is essentieel om goed ruimtelijk en economisch beleid op te kunnen voeren. De monitors hebben ons ook geleerd dat we als regio nog steeds een te ruime jas qua planvoorraad aan hadden. Daarom zijn we op 23 juni 2011 een nieuwe Uitvoeringsstrategie overeen gekomen met als motto: snoeien om weer te kunnen bloeien. Een strategie waar veel mensen hard aan hebben gewerkt en waar ik trots op ben! In geen enkele andere regio in Nederland is er een werklocatie-strategie die: tussen zoveel gemeenten is afgestemd (gesteund door provincies en Stadsregio); over bedrijventerreinen én kantoren gaat; over droge bedrijventerreinen én natte (zeehaven)terreinen; en waarin de bestaande voorraad en de nieuwe gekoppeld worden aan elkaar! Bovendien hebben we als overheid intensief samengewerkt met marktpartijen zoals ontwikkelaars, beleggers, makelaars en eindgebruikers. Vanaf deze plek wil ik Rudy Stroink en de leden van zijn Adviescommissie Plabeka nogmaals bedanken voor hun kritisch advies. Op 23 juni jl. heeft de Adviescommissie positief gereageerd op mijn uitnodiging namens Plabeka om aan te blijven. Daar ben ik ze zeer erkentelijk voor. De overheid en de markt hebben elkaar de komende decennia hard nodig om onze regio te laten bloeien en in de top te laten meedraaien van de meest aantrekkelijke Europese vestigingsplaatsen. Dat pad gaat Plabeka dan ook bewandelen, zo zijn we op 23 juni overeen gekomen. Er zijn op 23 juni ook enkele uitwerkingsafspraken omtrent de Plabeka Monitor vastgelegd: de provincie Noord-Holland neemt het stokje over van de Stadsregio als trekker van de monitor; de monitor wordt voortgezet en verbeterd. Het is immers dé tool om de vinger aan de pols te houden of ons beleid werkt en of iedereen zijn afspraken nakomt; wij volgen het advies van de Adviescommissie Plabeka en gaan kwalitatiever onderzoeken en monitoren wat de eindgebruiker wil qua pand en omgeving ; we gaan sneller monitoren: de komende jaren zal de Plabeka Monitor publicatie eerder in het jaar verschijnen (en wordt van gemeenten verwacht dat zij eerder in het jaar hun gegevens aanleveren). Deze zaken gaan we naast alle andere afspraken uit de nieuwe Uitvoeringsstrategie de komende maanden oppakken en uitwerken zodat wij u volgend jaar een nog beter inzicht kunnen bieden over de huidige stand van zaken op de werklocaties in de Metropoolregio Amsterdam. Arthur van Dijk Voorzitter Platform Bedrijven en Kantoren Metropoolregio (Plabeka) Wethouder Economie, Schiphol en Cultuur, gemeente Haarlemmermeer Juli 2011
6 6
7 SSamenvatting
8 8 Figuur Opname A Opname en uitbreidingsvraag en uitbreidingsvraag kantoren 2005 t/m kantoren 2010 Totale opname (totaal betrokken) Uitbreidingsvraag (netto groei gebruik) x m2 bvo Bron: Kantorenmonitor 2011 Leegstand kantoren (incl. voorverhuur) 2005 t/m 2010 (MRA, incl. Lelystad) Figuur B Leegstand kantoren in de MRA x m2 bvo januari 2005 januari 2006 januari 2007 januari 2008 januari 2009 januari 2010 januari 2011 Bron: Kantorenmonitor 2011
9 Samenvatting 9 A. Doel monitor Plabeka Het Platform Bedrijven en Kantoren (Plabeka) is in 2005 opgericht. Als onderdeel van het Platform Regionaal Economische Structuur (PRES) is Plabeka een vooruitstrevend informeel samenwerkingsverband van regionale en lokale overheden in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). In de MRA werken 34 gemeenten, de provincies Noord-Holland en Flevoland en de Stadsregio Amsterdam met elkaar samen op thema s als Verstedelijking, Economie, Landschap en Verkeer & Vervoer. De doelstelling van Plabeka luidt: het bevorderen van het internationaal vestigingsklimaat, onder meer door het zorgen voor goede vestigingsplaatsmogelijkheden op (voldoende) bedrijventerreinen en kantorenlocaties. Op de 6e Noordvleugelconferentie (16 februari 2007) zijn de Plabeka-partners (de gemeenten Almere, Amsterdam, Haarlem, Haarlemmermeer, Zaanstad, de twee provincies en de Stadsregio) overeengekomen dat zij de afspraken die in de Uitvoeringsstrategie 2007 zijn vastgelegd jaarlijks zullen monitoren. Er is toen ook afgesproken dat, indien de monitor daar aanleiding toe geeft, de afspraken voortijdig geactualiseerd zouden kunnen worden. De voorliggende Plabeka Monitor is inmiddels de vierde kwantitatieve vinger aan de pols die Plabeka heeft gepubliceerd. Er worden géén beleidsmatige conclusies getrokken in de Plabeka Monitor. Deze publicatie dient ervoor de regionale bestuurders zo goed mogelijk te voorzien van objectieve data waarop zij hun beslissingen kunnen baseren. B. Effect van monitor van vorig jaar Één van de belangrijkste conclusies uit de monitor van vorig jaar was dat deels onder invloed van de economische crisis de gemiddelde uitgifte van bedrijventerreinen en uitbreidingsvraag van kantoren over de laatste jaren minder hoog bleek te zijn dan in 2007 was geprognosticeerd. De afspraken uit 2007 staan in deze monitor centraal Aangezien de afspraken van 2007 waren gebaseerd op zo bleek uit de Plabeka monitor niet met de werkelijkheid overeenkomende prognoses heeft het Platform Regionaal Economische Structuur Metropoolregio Amsterdam (PRES) in december van 2009 besloten om de behoefteraming in 2010 te laten actualiseren voor zowel kantoren als bedrijventerreinen. Tijdens de 3e PRES conferentie (23 juni 2011 jl.) is de nieuwe behoefteraming aangenomen als basis voor de nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka Voor wat betreft de behoefteraming (en planreducties die overeen zijn gekomen) zullen deze bestuurlijke afspraken op in werking treden. De voorliggende monitor-publicatie heeft nog betrekking op de situatie voorafgaand aan de nieuwe Plabeka afspraken. De peildatum is In deze monitor staat voor een laatste keer de oude behoefteraming centraal: Plabeka monitort voor het laatst de oude afspraken. Vanaf volgend jaar wordt de nieuwe behoefteraming gemonitord. Ter info is in bijlage II een vergelijking tussen de uitgangspunten en uitkomsten van beide ramingen opgenomen. Een belangrijk verschil tussen de uitkomsten van de ruimtebehoefteprognose uit 2007 en die uit 2010 betreft de geprognosticeerde vraag naar bedrijventerreinen en kantoren voor de periode In de oude raming werd uitgegaan van een vraag van respectievelijk 100 ha en m 2 per jaar tot In de nieuwe raming wordt uitgegaan van respectievelijk ±85 ha en m 2 per jaar tot Daarbij moet vermeld worden dat de gemeente Lelystad in tegenstelling tot de oude behoefteraming en uitvoeringsstrategie wél is opgenomen in de nieuwe behoefteraming en afsprakenpakket. De nieuwe behoefteraming komt voor de periode tot 2020 echter ±15% lager uit bij bedrijventerreinen en ±25% bij kantoren.
10 10 Figuur C Leegstandspercentages kantoren in grote steden in Nederland volgens DTZ, medio 2011* DEN HELDER > 15% 10% - 15% 5% - 10% km Gemiddeld leegstandspercentage kantoren G32: 13,8% (2011, gewogen) AMSTERDAM 17,6% 18,7% ALKMAAR HOORN DEN HAAG 8,9% 10,7% LEIDEN 11,1% 14,9% ZOETERMEER 23,1% 23,3% HAARLEM 5,2% 11,2% HOOFDDORP HAARLEMMERMEER 19,3% 20,4% SCHIPHOL 22,1% GOUDA 21,4% ZAANSTAD PURMEREND AMSTELVEEN 20,8% 20,1% AMSTERDAM 17,6% WOERDEN 19,0% 16,4% 18,7% 21,1% DIEMEN 16,4% HILVERSUM 13,1% 11,9% UTRECHT 7,7% 8,0% ALMERE 20,8% 23,9% AMERSFOORT 16,2% 18,0% LELYSTAD 10,7% 9,0% APELDOORN 12,4% 15,6% ARNHEM 14,2% 12,6% ZWOLLE 13,2% 13,2% ROTTERDAM 12,2% 12,3% NIJMEGEN 10,0% 15,6% versie 18 juli 2011 *de leegstandspercentages van steden in de MRA kunnen in deze kaart afwijken van de cijfers uit de rest van de publicatie. Dit heeft als verklaring dat onderstaande kaart is opgesteld met gegevens voor steden in heel NL (Bron: DTZ), daar waar Kantorenmonitor B.V. alleen cijfers over de MRA heeft). Bron: DTZ Zadelhoff (2011), bewerking Bureau BUITEN
11 11 C. De belangrijkste 7 conclusies Er zijn 7 samenvattende overall-conclusies die kunnen worden getrokken uit de monitor van dit jaar. In hoofdstuk 5 van dit rapport worden deze conclusies uitgebreider onderbouwd en toegelicht met figuren en tabellen. In deze samenvatting volstaan we met de hoofdlijnen: 1. Uitbreidingsvraag kantoren en uitgifte van bedrijventerreinen minder hoog dan verwacht: voor zowel kantoren als bedrijventerreinen geldt dat de feitelijke vraagontwikkeling het laatste decennium achterbleef bij de prognoses die aan de basis van de Uitvoeringsstrategie 2007 lagen. Een opmerkelijk punt daarbij is het feit dat de MRA voor het tweede jaar op rij een negatieve uitbreidingsvraag aan kantoren heeft genoteerd, terwijl een substantiële uitbreidingsvraag stond geprognosticeerd voor de jaren tot 2020 (zie figuur A). Door de lage uitgiftes hebben de gemeenten en overige terreinbeheerders plannen voor nieuwe kantoren en bedrijventerreinen al in de tijd naar achter geschoven en ambities aangepast, zo blijkt uit de monitors van afgelopen jaren. 2. Aanhoudende leegstand van kantoren: er blijft sprake van voortdurende hoge leegstand van kantoren in de MRA: in absolute zin: inclusief Lelystad bijna 2,5 mln m 2 bvo op , m 2 (ofwel 8%) meer dan op (zie figuur B); in relatieve zin (17,8% volgens Kantorenmonitor B.V., inclusief Lelystad); en in nationaal (zie figuur C) én internationaal perspectief. Uitgifte bedrijventerreinen in 2010 licht omhoog, uitbreidingsvraag kantoren verder gedaald Ook het aantal m 2 kantoorruimte in aanbouw vertoont een dalende trend. Op 1 januari 2011 was er voor m 2 aan nieuwe kantoorruimte in aanbouw. Dat is m 2 minder dan in 2010 en m 2 minder dan in Uitgifte van bedrijventerreinen trok in 2010 licht aan, maar blijft achter bij de verwachtingen: in 2010 is er 34 ha aan bedrijventerreinen uitgegeven (zie figuur E). Dat is een stijging van 20% ten opzichte van de dip in Het beeld van de uitgifte over de laatste 10 jaar is echter vrij helder: de uitgifte schommelt al jaren rond de 45 ha exclusief Lelystad 1 ; inclusief Lelystad komt het gemiddelde uit op 53 ha. Alleen in het jaar 2000 werd er een uitgiftepiek bereikt van ±100 ha. Zonder de (eenmalig uitzonderlijk hoge) uitgifte in 2000 komt het jaargemiddelde van de uitgifte vanaf 2001 uit op 39,3 ha (exclusief Lelystad). 4. Transacties van bestaande bedrijfsruimten verder gedaald, aanbod flink omhoog: de afgelopen jaren zijn steeds tussen de en m 2 aan transacties voor bedrijfsruimten geregistreerd in de MRA door de researchafdelingen van Vastgoedmarkt en PropertyNL. Indicatief betekent dit, omgerekend naar hectares bij een FSI van 0,7 ongeveer 45 tot 80 ha aan transacties op bestaande bedrijventerreinen per jaar. Ten opzichte van de gemiddelde jaarlijkse uitgifte van nieuwbouwkavels (±40 tot 45 ha per jaar) kan geconcludeerd worden dat een substantieel deel van de ruimtelijk economische dynamiek in de regio plaats vindt op bestaande bedrijventerreinen. Het aantal transacties is in 2010 met 25% gedaald ten opzichte van In 2010 werd m 2 bedrijfsruimte verhuurd of verkocht aan een nieuwe eindgebruiker tegenover ruim m 2 in Het aanbod van bedrijfsruimten is in diezelfde periode gestegen met 26% naar bijna 1,6 mln m 2 aangeboden bedrijfsruimte in december Deze cijfers geven een indicatie van de ontwikkelingen op bestaande terreinen. Tegenover de hoge leegstand staat het feit dat het aantal plannen en initiatieven om kantoren te transformeren naar andere functies lijkt toe te nemen (zie figuur D). 1 Bij een kantoorquotiënt van 20 m2 wordt aangenomen dat een werknemer 20m2 bvo aan kantoorruimte gebruikt. Onder die aanname kun je met een slag om de arm berekenen hoeveel mensen er werken in een pand van bijv m 2 (namelijk 500). De feitelijke, huidige, gemiddelde KQ in de MRA is niet bekend. Ook is niet bekend hoe dit getal zich zal ontwikkelen naar de toekomst toe, met bijvoorbeeld Het Nieuwe Werken in het achterhoofd. Sommige experts verwachten een daling van de KQ, terwijl anderen voorspellen dat het zo n vaart niet zal lopen.
12 12 Figuur D Transformatie kantoren (feitelijk getransformeerd en initiatieven tot ) in de MRA Figuur E Uitgifte bedrijventerreinen in de MRA 2000 t/m 2010 (in netto ha, excl. Lelystad) Transformatie kantoren 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio (excl. Lelystad) Oplevering en 120 in aanbouw genomen nieuwbouw kantoren 2005 t/m 2010 (MRA, excl. Lelystad) x m 2 bvo Gemiddeld 2005 t/m Bron: Kantorenmonitor B.V Almere Zaanstreek-Waterland Ijmond-Haarlem Gooi en Vechtstreek Amstelland-Meerlanden Amsterdam x m 2 bvo jan jan jan jan jan Gem. uitgifte jan t/m 2010 Opgeleverde nieuwbouw (in jaar ervoor) Kantoorruimte in aanbouw Bron: Kantorenmonitor B.V Tabel A Voortgang herstructurering in de MRA in hectares (stand ) Plabeka deelregio Totale opgave (revit./herprof.) Stand : lopend of start Stand : uitgevoerd of in uitvoering** Bron gegevens: Bureau BUITEN (april 2010) Bureau BUITEN (april 2010) Monitor Bedrijven terreinen Noord-Holland (aug 2011) Almere-Lelystad Amstelland-Meerlanden Amsterdam 609* 423* 235 Gooi en Vechtstreek IJmond-Haarlem 281* 275* 139 Zaanstreek-Waterland 463* 333* 323 Metropoolregio *** *in de inventarisatie uit 2010 is de herstructureringsopgave op de Zaanse haventerreinen Westerspoor Zuid, Hemburg en Achtersluispolder ten onrechte toegekend aan de deelregio IJmond-Haarlem. Deze correctie is in bovenstaande tabel doorgevoerd. ** Dit zijn projecten waarvan de gemeenten in de meest recente provinciale monitor hebben aangegeven dat ze In Uitvoering zijn. In andere gevallen heeft de gemeente aangegeven dat het project in studie of plan is, maar waarvoor wel al ooit (sinds 2004) een HIRB subsidie voor fysieke investeringen is ontvangen. ***Er zijn 4 projecten waar momenteel een fysiek herstructureringsproces aan de gang is dat is gestimuleerd middels een HIRB-fysiek subsidie, maar die in 2010 niet door de gemeente is opgegeven in de inventarisatie. De hectares van deze projecten zijn daarom ook niet meegenomen in deze tabel. Bron: Provincie Noord-Holland (2011) en Bureau BUITEN (2010), onderzoek Aanscherping Herstructureringsopgave bedrijventerreinen Metropoolregio Amsterdam, opgave gemeenten
13 13 5. Herstructurering bedrijventerreinen komt op gang, maar er is nog een lange weg te gaan: ondanks het feit dat in de MRA op ca ha bedrijventerreinen momenteel worden geherstructureerd (zie tabel A) blijft het tekort aan financiële middelen en capaciteit bij gemeenten om de enorme herstructureringsopgave weg te werken een knelpunt. De MRA staat voor een grote financiële en organisatorische opgave om voor 2020 aan de herstructureringsambities te voldoen. Het feit dat er vaak meerdere investerings- en herstructureringsronden moeten worden ingezet voordat een terrein volledig en succesvol is geherstructureerd speelt hierbij mee. Het Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen (PHB) en de subsidieregeling Herstructurering en Innovatief Ruimtegebruik op Bedrijventerreinen in Noord-Holland (HIRB) zijn belangrijke elementen in het aanjagen van herstructureringsprocessen, zo is gebleken. 6. Dalend aanbod aan zeehaventerreinen ondanks inbreiding: bij zeehaventerreinen ligt de uitgifte van kadegebonden en havengerelateerde terreinen gemiddeld genomen in lijn met de in 2007 opgestelde prognoses. Het uitgiftepatroon vertoont echter een veel grilliger en meer fluctuerend beeld dan bij normale bedrijventerreinen. Het is aannemelijk dat de voorraad kadegebonden terreinen de komende jaren ondanks het groot aantal hectares dan aan inbreiding is ingeboekt de laatste jaren - verder zal afnemen. Aan havengerelateerde terreinen lijkt voorlopig voldoende voorraad in huis te zijn om aan de vraag te kunnen voldoen. In het najaar van 2011 presenteert de provincie Noord-Holland de resultaten van het onderzoek naar een optimale benutting van het bestaand havengebied. Deze studie is een deelproject uit de vastgestelde structuurvisie Noord-Holland in De Plabeka Monitor wordt komend jaar verder verbeterd 7. De Uitvoeringsstrategie 2007 is volgens plan uitgevoerd: één van de doelen van de Plabeka Monitor is nagaan of de (proces)afspraken zoals die in 2007 zijn gemaakt zijn nagekomen. Uit de monitoring van de afgelopen jaren is gebleken dat sinds 2007 nagenoeg alle procesmatige en inhoudelijke taken zijn opgepakt en uitgevoerd. De samenwerking van lokale en regionale overheden in Plabeka-verband is succesvol en zal ook de komende jaren worden voortgezet. Op hoofdlijnen zijn de Plabeka partners hun afspraken uit 2007 inzake planreducties van kantoren nagekomen. D. Verbeteropgave Plabeka tracht elk jaar haar monitoringssystematiek en -publicatie te verbeteren, zodat een zo scherp mogelijk inzicht ontstaat van de situatie op en de (historische) ontwikkeling van de werklocaties in de regio. Één van de belangrijkste besluiten tijdens de Platform Regionaal Economische Structuur (PRES-) conferentie van 23 juni jl. was dat monitoring essentieel blijft en dat de Plabeka monitor qua proces, systematiek en inhoud verder verbeterd dient te worden. De publicatie van volgend jaar (de editie medio 2012) zal wellicht een andere indeling en/of opzet hebben dan die van de afgelopen jaren. Dit met het doel nog meer inzicht te krijgen in waar ondernemers zich willen vestigen en de voorwaarden zo gunstig mogelijk te maken zodat ons lokale en regionale vestigingsklimaat voor de langere termijn versterkt wordt. Zowel in nationaal als internationaal perspectief.
14 14
15 1 Inleiding
16 DEN HELDER 16 Enkele grote werklocaties in de Metropoolregio Amsterdam ZAANSTAD-WATERLAND ± banen in 2010 Achtersluispolder AMSTERDAM ± banen in 2010 First in Food langs de Zaan Inverdan Baanstee Noord Haven Amsterdam banen 0 Kraanspoor / NDSM Zuidas banen GRAFT-DE RIJP ZEEVANG UITGEEST HEEMSKERK De Omval / Rembrandttoren Amstel III banen banen Platform Bedrijventerreinen Kantoorlocaties Metropoolregio Amsterdam (Plabeka) BEEMSTER CASTRICUM km HOORN ALKMAAR HAARLEM-IJMOND ± banen in WORMERLAND PURMEREND BEVERWIJK EDAMVOLENDAM ALMERE-LELYSTAD ± banen in 2010 ZWOLLE LELYSTAD ZAANSTAD OOSTZAAN VELSEN De Pijp LANDSMEER WATERLAND Flevokust BLOEMENDAAL HAARLEMMERLIEDE CA HAARLEM AMSTERDAM ALMERE ZANDVOORT HEEMSTEDE DIEMEN Zeesluis IJmuiden Airport Garden City (Omala) MUIDEN WEESP HAARLEMMERMEER AMSTELVEEN NAARDEN OUDERAALSMEER HUIZEN BUSSUM AMSTEL BLARICUM Ontwikkeling inwoners en banen LAREN UITHOORN WIJDEMEREN Tata Steel / Corus HILVERSUM banen AMERSFOORT LEIDEN Waarderpolder banen UTRECHT x miljoen Inwoners 2,29 2,75 Banen 1,12 1,34 Bron: Inwoners: Provincie Noord-Holland / Flevoland Banen: Behoefteraming Plabeka Gooise Poort Almere Poort DEN HAAG ARNHEM De President Beukenhorst ROTTERDAM AMSTELLAND-MEERLANDEN ± banen in 2010 Greenport/Greenpark Aalsmeer banen op Greenport banen (in)direct in NL Act Beyond Logistics Schiphol Arenapark Mediapark banen op Schiphol banen (in)direct in NL banen banen Weesp-Noord Productie: GOOI EN VECHTSTREEK ± banen in 2010 versie 18 juli 2011
17 1 Inleiding 17 In deze inleiding komen achtereenvolgens aan bod: het doel van deze publicatie, achtergrondinformatie over de Metropoolregio Amsterdam, belangrijke kanttekeningen, verbetervoorstellen en de leeswijzer van dit rapport. 1.1 Doelstelling en opzet Monitoring draait om het nagaan van procesafspraken ( is aan de afspraken voldaan? ), en vooral om het volgen van marktontwikkelingen: ontwikkelt de economie en de vraag naar werklocaties zich zoals we bij het ondertekenen van de Uitvoeringsstrategie 2007 verwachtten? Hoe verhoudt de feitelijke, gerealiseerde vraag zich tot de (modelmatige) vraagprognoses die in 2005 zijn opgesteld? Houdt iedere deelregio zich aan de maximale planplafonds voor kantoorontwikkeling die overeen zijn gekomen? Doelstelling van Plabeka Het Platform Bedrijven en Kantoren (Plabeka) is in 2005 opgericht. Als onderdeel van het Platform Regionaal Economische Structuur (PRES) is Plabeka een vooruitstrevend informeel samenwerkingsverband van regionale en lokale overheden in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). In de MRA werken 34 gemeenten, de provincies Noord-Holland en Flevoland en de Stadsregio Amsterdam met elkaar samen op thema s als Verstedelijking, Economie, Landschap en Verkeer & Vervoer. Zie bijlage I voor het organogram van Plabeka en de relatie met PRES. Plabeka is onderdeel van de MRA Impuls Economie. De centrale doelstelling van Plabeka, zoals vastgelegd in de Uitvoeringsstrategie uit 2007, luidt: De Plabeka Monitor dient als kwantitatieve vinger aan de pols Dit zijn de belangrijkste vragen die in deze monitorpublicatie worden beantwoord. In bijlage X staan de bronnen opgenomen waarop de monitor is gebaseerd. Deze publicatie bevat de meest recente cijfers over vraag en aanbod van kantoren, bedrijventerreinen en zeehaventerreinen in de MRA met als peildatum Het is dus een weergave van de ontwikkelingen tot en met het jaar Er worden géén beleidsmatige conclusies getrokken in de Plabeka Monitor. Deze publicatie dient ervoor de regionale bestuurders zo goed mogelijk te voorzien van objectieve data waarop zij hun beslissingen kunnen baseren. het bevorderen van het internationaal vestigingsklimaat, onder meer door het zorgen voor goede vestigingsplaatsmogelijkheden op (voldoende) bedrijventerreinen en kantorenlocaties. Doelstelling en opzet monitor Op de 6e Noordvleugelconferentie (16 februari 2007) zijn de Plabeka-partners overeengekomen dat zij de afspraken die in de Uitvoeringsstrategie 2007 zijn vastgelegd jaarlijks zullen monitoren. Er is toen ook afgesproken dat, indien de monitor daar aanleiding toe geeft, de afspraken voortijdig geactualiseerd zouden kunnen worden. De voorliggende Plabeka Monitor is inmiddels de vierde kwantitatieve vinger aan de pols die Plabeka heeft gepubliceerd. 1.2 De Metropoolregio Amsterdam Op de binnenflap van deze publicatie staat een kaart van de bestuurlijke afbakening van de MRA en de 6 Plabeka-deelregio s. De economie trekt zich echter niets aan van grenzen. De MRA is ruimtelijk-economisch bezien - één van oudste, sterkste, meest internationale en dynamische van alle regio s van Nederland. De internationale aantrekkingskracht van de MRA blijkt bijvoorbeeld uit de vele hoofdkantoren van multinationals die in de MRA gevestigd zijn, uit de vele hoogopgeleide expats die in Amsterdam en omgeving wonen en werken, en uit de logistieke spilfunctie die Schiphol en het Noordzeekanaal vervullen.
18 18 Tabel 1.1 Deelregio s van Plabeka Plabeka deelregio Aantal banen Verdeling van banen Aantal inwoners Verdeling van inwoners Banen per inwoner Almere-Lelystad % % 0,35 Amstelland-Meerlanden % % 0,64 Amsterdam % % 0,56 t Gooi en Vechtstreek % % 0,43 Haarlem-IJmond % % 0,38 Zaanstreek-Waterland % % 0,48 Metropoolregio % % 0,49 Bron banen: BCI (2010); behoefteraming kantoren en bedrijventerreinen MRA grote banen, o.b.v. LISA, bewerkt door BCI (afgerond op duizendtallen) Bron inwoners: O+S Amsterdam, Metropoolregio Amsterdam in Cijfers 2010 (afgerond op duizendtallen)
19 19 Er wonen 2,3 miljoen mensen in de MRA en er zijn meer dan 1,1 miljoen banen, verdeeld over 36 gemeenten en 2 provincies. De verdeling van inwoners en banen per deelregio kan uit de overzichtskaart op de binnenflap worden opgemaakt. Plabeka probeert vanuit het perspectief van werklocaties bij te dragen aan een duurzame economische ontwikkeling van dit gebied. Indirect verstevigt de Metropoolregio Amsterdam daarmee de internationale concurrentiepositie van ons land als vestigingsplaats van buitenlandse ondernemingen en instellingen. 1.3 Belangrijke kanttekeningen Één van de belangrijkste conclusies uit de monitor van vorig jaar was dat deels onder invloed van de economische crisis de gemiddelde uitgifte van bedrijventerreinen en uitbreidingsvraag van kantoren over de laatste jaren minder hoog bleek te zijn dan in 2007 was geprognosticeerd. Aangezien de afspraken van 2007 waren gebaseerd op zo bleek uit de Plabeka monitor niet met de werkelijkheid overeenkomende prognoses heeft PRES in december van 2009 besloten om de behoefteraming in 2010 te laten actualiseren voor zowel kantoren als bedrijventerreinen. Tijdens de 3e PRES conferentie (23 juni 2011 jl.) is de nieuwe behoefteraming aangenomen als basis voor de nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka (zie bijlage II). Voor wat betreft de behoefteraming (en planreducties die overeen zijn gekomen) zullen deze bestuurlijke afspraken op in werking treden. De voorliggende monitorpublicatie heeft nog betrekking op dit situatie voorafgaand aan de nieuwe Plabeka afspraken. De peildatum is immers In deze monitor staat voor de laatste keer de oude behoefteraming centraal: Plabeka monitort voor het laatst de oude afspraken. Vanaf volgend jaar wordt de nieuwe behoefteraming gemonitord. Ter info is in bijlage II een vergelijking tussen de uitgangspunten en uitkomsten van beide ramingen opgenomen. De MRA telt 2,3 miljoen inwoners en 1,1 miljoen banen Kanttekening gemeenten Lelystad, Castricum en Graft-de Rijp De gemeente Lelystad is in deze monitor in sommige analyses niet meegenomen, aangezien Lelystad pas sinds 2009 lid is van Plabeka. De gemeente maakte geen deel uit van de overheden die de afspraken van de Uitvoeringsstrategie in 2007 ondertekenden. Bovendien is Lelystad niet opgenomen in de oude behoefteraming. Vanaf de monitor van volgend jaar zal Lelystad volledig geïntegreerd worden in de Plabeka systematiek. De gemeenten Graft-de Rijp en Castricum zijn dit jaar met terugwerkende kracht niet meegenomen in de kwantitatieve analyses, aangezien zij officieel geen deel uitmaken van het informele samenwerkingsverband van de Metropoolregio Amsterdam. 1.4 Verbeteropgave Plabeka tracht elk jaar haar monitoringssystematiek en -publicatie te verbeteren, zodat een zo scherp mogelijk inzicht ontstaat van de situatie op en de (historische) ontwikkeling van de werklocaties in de regio. Beleidsmatige of eventuele politieke consequenties worden in deze publicatie overigens nadrukkelijk bewust niet getrokken. Één van de belangrijkste besluiten tijdens de PRES conferentie van 23 juni jl. was dat monitoring essentieel blijft en dat de Plabeka monitor qua proces, systematiek en inhoud verder verbeterd dient te worden. In voorliggend rapport worden daarom aan het einde van ieder hoofdstuk in een boxtekst verbetervoorstellen gedaan die het komend jaar verder onderzocht zullen worden op haalbaarheid. De taak voor verbetering van de monitor ligt bij de werkgroep Plabeka monitor.
20 Leeswijzer De voortgangsrapportage 2010/2011 volgt de structuur van de Uitvoeringsstrategie uit 2007: Eerst komt de kantorenmarkt aan bod (hoofdstuk 2); vervolgens de bedrijventerreinen (hoofdstuk 3); en daarna de zeehaventerreinen (hoofdstuk 4). Ieder hoofdstuk eindigt met conclusies over de belangrijkste afspraken voor de Uitvoeringsstrategie en verbetervoorstellen voor de monitoring op dat onderdeel. In hoofdstuk 5 worden de belangrijkste conclusies en verbetervoorstellen nogmaals overzichtelijk op een rij gezet. De bijlagen geven gedetailleerde achtergrondinformatie op terrein- en locatieniveau.
21 2 21 Ontwikkelingen kantorenmarkt MRA
22 22 Figuur Opname 2.1 Opname en uitbreidingsvraag en uitbreidingsvraag kantoren 2005 t/m kantoren 2010 Opname kantoren 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio Figuur 2.2 Totale opname kantoren (totaal betrokken) per MRA-deelregio Totale opname (totaal betrokken) Uitbreidingsvraag (netto groei gebruik) x m2 bvo x m 2 bvo Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad (indicatie) Bron: Kantorenmonitor 2011 Bron: Kantorenmonitor 2011 Uitbreidingsvraag kantoren 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio Figuur 2.3 Uitbreidingsvraag kantoren (netto groei kantoorgebruik) per MRA-deelregio x m2 bvo Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad (indicatie) Bron: Kantorenmonitor 2011
23 2 Ontwikkelingen kantorenmarkt MRA 23 In dit hoofdstuk staat de ontwikkeling van de kantorenmarkt in de MRA centraal. De onderdelen opname/uitbreidingsvraag, kantoorgebruik/leegstand, nieuwbouw/ transformatie en resterende plancapaciteit komen aan bod. In paragraaf 2.5 worden de conclusies hierover verbonden met de uitgangspunten en afspraken zoals die in 2007 zijn vastgelegd. 2.1 Opname en uitbreidingsvraag 2010 Opname en uitbreidingsvraag in de MRA De totale opname van kantorenmeters in de MRA is ten opzichte van 2009 weer licht aangetrokken. In totaal is er in m 2 kantoorruimte betrokken (exclusief Lelystad, zie figuur 2.1), tegen in 2009 (+9,6%) en m 2 in De kantorenmarkt in de MRA staat dus zeker niet stil: er vinden nog steeds voor een flink volume opnames plaats. Een regionaal cijfer over het exacte metrage per werknemer (de kantoorquotiënt) is niet voorhanden, maar als je de veronderstelling hanteert dat de kantoorquotient 20 m 2 2 bedraagt, dan betekent dit dat er in werknemers plaats hebben genomen achter een nieuw bureau in de MRA. Qua uitbreidingsvraag (de netto groei van het kantoorgebruik) is er echter sprake van een neergaande trend. Net als in 2009 is er in 2010 een negatieve uitbreidingsvraag genoteerd. In 2009 was dit nog m 2. In 2010 zijn er netto m 2 meer kantorenmeters verlaten dan dat er zijn betrokken. Dit is opmerkelijk omdat er vanaf 2005 vrij substantiële jaarlijkse volumes aan uitbreidingsvraag waren geprognosticeerd. 2 Bij een kantoorquotiënt van 20 m 2 wordt aangenomen dat een werknemer 20 m 2 bvo aan kantoorruimte gebruikt. Onder die aanname kun je met een slag om de arm berekenen hoeveel mensen er werken in een pand van bijv m 2 (namelijk 500). De feitelijke, huidige, gemiddelde KQ in de MRA is niet bekend. Ook is niet bekend hoe dit getal zich zal ontwikkelen naar de toekomst toe, met bijvoorbeeld Het Nieuwe Werken in het achterhoofd. Sommige experts verwachten een daling van de KQ, terwijl anderen voorspellen dat het zo n vaart niet zal lopen. in 2010 werd m 2 kantoorruimte betrokken, maar was de netto uitbreidingsvraag negatief Ontwikkelingen opname en uitbreidingsvraag per deelregio De totaalcijfers zoals hiervoor gepresenteerd, zijn opgebouwd uit de ontwikkelingen op het niveau van de Plabeka-deelregio s (zie figuur 2.2). Zoals gebruikelijk in de MRA weegt de ontwikkeling van Amsterdam, als grootste kantorenmarkt, het sterkst in de cijfers door. In Amsterdam zet de daling in de opname zich in 2010 verder voort, al zwakt deze wel af was een uitzonderlijk goed jaar qua opname van kantoorruimte in Amsterdam, toen de stad ook ten opzichte van de regio uitzonderlijk goed presteerde. Opvallend is ook de gestage daling van de opname van kantoren in Zaanstreek-Waterland en het herstel van Amstelland-Meerlanden na de dip in De stijging van de opname in de MRA in 2010 komt vrijwel volledig om conto van laatstgenoemde deelregio. De uitbreidingsvraag naar kantoorruimte laat in 2010 over de gehele linie een sterke daling zien. Alleen op het nieuwe land (Almere en Lelystad) vond er in 2010 een lichte uitbreiding van het aantal m2 kantoorruimte in gebruik plaats, zij het minimaal (zie figuur 2.3). 2.2 Kantoorgebruik en leegstand Omvang van de voorraad: stand De totale voorraad aan kantoren (de bestaande bouw) in de MRA was op ongeveer 13,8 miljoen m 2 bvo (zie figuur 2.4). Van deze voorraad is een groot deel in gebruik, maar er staat ook een flink deel bijna 2,5 miljoen m 2 bvo leeg (zie figuur 2.5). Van de totale kantorenvoorraad in de Metropoolregio (leegstaand én in gebruik) staat 54% in Amsterdam. De overige concentraties van kantoren liggen met name in de deelregio s Amstelland, Meerlanden, Gooi en Vechtstreek en IJmond-Haarlem. Samen hebben zij 35% van de voorraad kantoren. Zoals uit het taartdiagram blijkt is de absolute omvang van de kantorenmarkten van Almere en Lelystad klein.
24 24 Spreiding kantorenvoorraad MRA (2011, totaal 13,8 mln m² bvo) Figuur 2.4 Regionale verdeling van de totale bestaande kantorenvoorraad in de MRA (incl. Lelystad) Leegstand kantoren (incl. voorverhuur) 2005 t/m 2010 (MRA, incl. Lelystad) Figuur 2.5 Leegstand kantoren in de MRA Amsterdam (54%) Meerlanden (11%) Amstelland (9%) Gooi en Vechtstreek (8%) Zuid Kennemerland (5%) Almere (5%) x m2 bvo Zaanstreek (3%) 500 IJmond (2%) Lelystad (2%) Waterland (1%) 0 januari 2005 januari 2006 januari 2007 januari 2008 januari 2009 januari 2010 januari 2011 Bron: Kantorenmonitor B.V Bron: Kantorenmonitor B.V Figuur 2.6 Leegstand kantoren per MRA-deelregio (inclusief reeds voorverhuurde kantorenmeters, x m2 bvo Leegstand kantoren (incl. voorverhuur) 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio x m 2 bvo) Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad (indicatie) Leegstandspercentages kantoren per MRA-deelregio (excl Lelystad) Figuur 2.7 Ontwikkeling leegstandspercentages kantoren per Plabeka-deelregio % van de totale bestaande voorraad (leegstand incl. voorverhuur) 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% januari 2005 januari 2006 januari 2007 januari 2008 januari 2009 januari 2010 Almere Amstelland-Meerlanden Amsterdam t Gooi en Vechtstreek IJmond-Haarlem Zaanstreek-Waterland Metropoolregio (excl. Lelystad) januari 2011 januari 2005 januari 2006 januari 2007 januari 2008 januari 2009 januari 2010 januari 2011 Bron: Kantorenmonitor B.V Bron: Kantorenmonitor B.V. 2011
25 25 In de regio Amstelland zijn de meeste kantoren gevestigd in de gemeente Amstelveen, de belangrijkste kantorenlocatie in Meerlanden zijn Schiphol en Hoofddorp. In t Gooi en Vechtreek is het Arenapark de grootste kantoorlocatie en is er een andere belangrijke concentratie van hoogwaardige kantorenmeters op het Mediapark te Hilversum. De huidige stand van zaken per gemeente is opgenomen in de tabel in bijlage III. Ontwikkeling absolute omvang leegstand De leegstand steeg voor het tweede opeenvolgende jaar met meer dan m 2. Tussen 2008 en 2009 steeg de leegstand met m2 bvo. Tussen 2009 en 2010 met m 2. Inmiddels bedraagt de leegstand nu bijna 2,5 miljoen m 2 (peildatum januari 2011, zie figuur 2.5). Daarmee is de daling van de leegstand die tussen 2006 en 2008 plaatsvond voorbij. De leegstand van kantoren in de MRA heeft, in ieder geval sinds 2005, een recordhoogte bereikt. Volgens DTZ staat er in Nederland als geheel meer dan 7 miljoen m 2 kantoorruimte leeg. De grootste absolute leegstand van kantoren is te vinden in de grootste kantorenmarkt van de MRA: de stad Amsterdam. Ruim 1,2 miljoen m 2 van de 2,5 miljoen m 2 leegstaande kantoren in de Metropoolregio staat in die gemeente (zie figuur 2.6). De stijging van de leegstand in de MRA in 2010 t.o.v komt vrijwel geheel op conto van Amstelland-Meerlanden en Almere. Ook in de meeste andere regio s is de leegstand licht gestegen, Amsterdam uitgezonderd. Daar daalde de leegstand ten opzichte van 1 januari 2010 licht. Dit is mede het gevolg van de groei van het aantal initiatieven tot (voorgenomen) transformatie en een teruglopende oplevering van nieuwbouw in deze gemeente. Ontwikkeling leegstandspercentages In alle deelgebieden de gemeente Amsterdam uitgezonderd zijn de leegstandspercentages het afgelopen jaar gestegen (zie figuur 2.7), terwijl tot 2009 nog vrijwel iedere regio een daling liet zien. Het leegstandspercentage in Almere- Lelystad raakt momenteel bijna een kwart van de totale voorraad. Dit komt vooral door de oplevering van enkele grote kantoorgebouwen in 2010 in het centrum van Almere. Volgens de huidige inzichten staan deze gebouwen op een duurzame locatie, dus aangenomen kan worden dat er genoeg kansen voor toekomstige verhuur zullen zijn. Ook Amstelland-Meerlanden heeft de laatste 2 à 3 jaar te maken met een hoge leegstand. Niet alleen in relatieve zin, maar ook in absolute zin. Met name Meerlanden heeft in de economisch goede jaren tussen 2005 en 2009 mede door de groei van Schiphol kunnen profiteren van een aantrekkende economie en 2010 zijn echter economisch mindere jaren gebleken. Zaanstreek-Waterland kent al jaren het laagste leegstandspercentage van de MRA. Over 2010 was dat gemiddeld 12,5%. Het gemiddelde leegstandspercentage (inclusief voorverhuur) van de MRA bedraagt in januari ,8% tegen 16,5% in januari 2010 en 14,7% in januari Voor een gezonde vastgoedmarkt wordt meestal 5 tot 8% (frictie)leegstand nodig geacht. Het leegstandspercentage anno 2011 ligt daar in alle deelregio s ruim boven. Nationaal gezien staat er volgens DTZ rond de 14% leeg (G32-gemiddelde, zie figuur 2.8). Ook in internationaal perspectief is de leegstand in Amsterdam substantieel hoger dan in andere grote metropolen in de EU. Zo stond er in mei 2011 in Londen 7,1% van de kantoorruimte leeg, in Parijs 7,8%, in Berlijn 7,1%, in Frankfurt 13,7% en in Barcelona 14,7% (Bron: BNP Paribas). In de kaart hieronder zijn de leegstandspercentages van de grote steden opgenomen uit de regionale factsheets die makelaar DTZ Zadelhoff jaarlijks meerdere malen publiceert. De leegstandspercentages van DTZ wijken af van de hoofdbron die Plabeka gebruikt voor de monitor (Kantorenmonitor B.V.), omdat beide bureaus andere definities en andere onderliggende data gebruiken. Vooral in Lelystad is dat verschil groot. Omdat Kantorenmonitor B.V. niet over cijfers beschikt van steden buiten de MRA, geeft figuur 2.8 een interessant beeld van de ruimtelijke spreiding van de leegstand van kantoren in Nederland, medio Het beeld dat uit de kaart naar voren komt is dat leegstand kantoren overal in Nederland hoog is, maar dat die leegstand zich met hoge absolute aantallen én percentages concentreert in de MRA.
26 26 Figuur 2.8 Leegstandspercentages kantoren in grote steden in Nederland volgens DTZ, medio 2011* DEN HELDER > 15% 10% - 15% 5% - 10% km Gemiddeld leegstandspercentage kantoren G32: 13,8% (2011, gewogen) AMSTERDAM 17,6% 18,7% ALKMAAR HOORN DEN HAAG 8,9% 10,7% LEIDEN 11,1% 14,9% ZOETERMEER 23,1% 23,3% HAARLEM 5,2% 11,2% HOOFDDORP HAARLEMMERMEER 19,3% 20,4% SCHIPHOL 22,1% GOUDA 21,4% ZAANSTAD PURMEREND AMSTELVEEN 20,8% 20,1% AMSTERDAM 17,6% WOERDEN 19,0% 16,4% 18,7% 21,1% DIEMEN 16,4% HILVERSUM 13,1% 11,9% UTRECHT 7,7% 8,0% ALMERE 20,8% 23,9% AMERSFOORT 16,2% 18,0% LELYSTAD 10,7% 9,0% APELDOORN 12,4% 15,6% ARNHEM 14,2% 12,6% ZWOLLE 13,2% 13,2% ROTTERDAM 12,2% 12,3% NIJMEGEN 10,0% 15,6% versie 18 juli 2011 *de leegstandspercentages van steden in de MRA kunnen in deze kaart afwijken van de cijfers uit de rest van de publicatie. Dit heeft als verklaring dat onderstaande kaart is opgesteld met gegevens voor steden in heel NL (Bron: DTZ), daar waar Kantorenmonitor B.V. alleen cijfers over de MRA heeft. Bron: DTZ Zadelhoff (2011), bewerking Bureau BUITEN Figuur 2.9 Transformatie kantoren (links) en opgeleverde nieuwbouw/in aanbouw (rechts). Exclusief Lelystad. Transformatie kantoren 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio (excl. Lelystad) Oplevering en in aanbouw genomen nieuwbouw kantoren 2005 t/m 2010 (MRA, excl. Lelystad) x m 2 bvo Gemiddeld 2005 t/m 2010 Bron: Kantorenmonitor B.V Almere Zaanstreek-Waterland Ijmond-Haarlem Gooi en Vechtstreek Amstelland-Meerlanden Amsterdam x m 2 bvo Opgeleverde nieuwbouw (in jaar ervoor) Kantoorruimte in aanbouw jan jan jan jan jan jan. 2011
27 Nieuwbouw en transformatie Stijgend aantal initiatieven tot transformatie In de periode 2005 t/m 2009 werd er in de MRA jaarlijks gemiddeld ongeveer +/ m 2 bvo kantoren aan de markt onttrokken door transformatie. In 2010 heeft er een opleving plaatsgevonden: m 2 staat voor 2010 te boek als (in potentie) aan de markt onttrokken door transformatie naar een andere bestemming. Van die m 2 kantoorruimte is een deel daadwerkelijk in 2010 getransformeerd (dus fysiek omgezet en opgeleverd) naar een andere functie dan kantoor. Een ander deel bestaat echter uit zachte initiatieven en harde(re) voornemens die zijn uitgesproken door de eigenaars van de panden over toekomstige bestemming ervan (die anders is dan een kantoorbestemming). Feitelijk moet die m 2 transformatie deels dus nog wel waargemaakt worden. Er is overigens volgens onze monitoringssystematiek geen dubbeling van cijfers: voorgenomen transformaties worden niet ook meegeteld in de hoogte van de huidige leegstand. Ze worden of als leegstand of als (initiatief tot) transformatie geregistreerd en bieden dus een vrij zuiver beeld van de stand van zaken. Daarnaast geldt bovendien: mocht de transformatie niet door blijken te gaan dan wordt de leegstand (met terugwerkende kracht) aangepast. Figuur 2.9 (links) geeft daardoor dus altijd een kloppend beeld. Teruglopende nieuwbouw Waar transformatie en sloop leidt tot een verkleining van de bestaande voorraad worden er aan de andere kant nieuwe kantorenmeters toegevoegd door (opgeleverde) nieuwbouw. Zowel in 2009 als in 2010 werd er voor ongeveer m 2 bvo aan nieuwbouw opgeleverd in de MRA (zie figuur 2.9). Deze verversing van de voorraad is belangrijk om als regio genoeg gebouwen van goede kwaliteit aan de markt te kunnen aanbieden. In totaal is er tussen 2005 en m 2 bvo kantoorruimte opgeleverd in de MRA, waarvan 62% in de belangrijkste markt: Amsterdam. De toename van transformatie-initiatieven is een belangrijke oplossing voor leegstand Het aantal kantoren dat momenteel in aanbouw is slinkt in rap tempo, zo blijkt uit figuur De krediet- en bankencrisis heeft nadrukkelijk zijn sporen achtergelaten in de vastgoedsector en de wereld van de bouw. Waar in 2009 nog m 2 kantoren in aanbouw waren is dat aantal m 2 nu geslonken naar m 2. In welke mate dit aan het Plabeka-beleid is te danken, is moeilijk vast te stellen. Het blad Vastgoedmarkt stelde in juni 2011 dat de kantorenmarkt nergens in Europa zo is teruggevallen als in Nederland. De productiewaarde voor de bouwers zou in 2011 met 31% dalen tot amper nog een miljard euro. Vastgoedmarkt gaf aan dat terwijl de Nederlandse kantorenbouw verder inzakt, nemen elders in Europa de investeringen fors toe. In Groot-Brittannië, dat gedurende de crisis 45,9 procent van zijn volume inleverde, groeit de kantorenbouw 5,4 procent. De vooruitzichten zijn erg gunstig. Voor 2012 rekent Euroconstruct, de koepel van Europese bouwinstituten zoals het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), op 6,5 procent extra. In 2013 stijgen de investeringen met 17,9 procent tot 12,9 miljard euro. Ter vergelijking: in 2008 bouwden de Britten nog voor een bedrag van 16,8 miljard euro aan kantoren. De Britse kantorenmarkt is op afstand de grootste van Europa. Saldo van transformatie en nieuwbouw In 2006 en 2007 veranderde de totale omvang van de voorraad in de MRA vrijwel niet (hij daalde zelfs licht in 2006). In de jaren 2005, 2008 en 2010 lag de nieuwbouw echter op een hoger niveau dan de transformatie. In die jaren werd de kantorenvoorraad per saldo jaarlijks met tot m 2 bvo uitgebreid. In 2009 was de uitbreiding zelfs eenmalig met m 2, vanwege de hoge oplevering van nieuwbouw en de veel lagere omvang van transformatie. In een niet groeiende markt van kantoorgebruik(ers) zorgt een uitbreiding van de kantorenvoorraad (door nieuwbouw) tot meer leegstand. 3 De definitie van In aanbouw luidt overigens dat er zichtbare bouwactiviteiten plaatsvinden op de locatie waar het nieuwe kantoor zal verrijzen. Afhankelijk van de maand waarin de bouw is gestart zal de oplevering 1 of 2 jaar later geregistreerd worden door Kantorenmonitor B.V. als opgeleverd.
28 28 Tabel 2.1 Uitvoeringsstrategie 2007: afspraken plancapaciteit kantoren 2006 t/m 2030 (in m 2 bvo, peildatum ) Exclusief Lelystad Plabeka deelregio In aanbouw jan Plafond plancapaciteit Plafond plancapaciteit Plafond plancapaciteit Plafond plancapaciteit Totale plancapaciteit Totale plancapaciteit (incl. in aanbouw in januari 2006 Almere nvt Amstelland-Meerlanden nvt Amsterdam nvt Gooi en Vechtstreek nvt IJmond-Haarlem nvt Zaanstreek-Waterland nvt Metropoolregio (excl. Lelystad) nb nvt Bron: Uitvoeringsstrategie Plabeka (2007, bijlage 3) en Kantorenmonitor B.V Tabel 2.2 Monitor Uitvoeringsstrategie: plancapaciteit kantoren 2011 t/m 2030 (in m 2 bvo, peildatum , harde en zachte plannen) Plabeka deelregio Opgeleverde nieuwbouw 2006 t/m 2010 In aanbouw jan Resterende plancapaciteit Resterende plancapaciteit Resterende plancapaciteit Totaal 2006 t/m 2039 (stand , incl. in aanbouw in januari 2011) Almere Amstelland-Meerlanden * Amsterdam ** Gooi en Vechtstreek *** IJmond-Haarlem Zaanstreek-Waterland **** Metropoolregio (excl. Lelystad) Lelystad Metropoolregio (incl. Lelystad) Bron: Kantorenmonitor B.V en Monitor Bedrijventerreinen en Kantoorlocaties Provincie Noord-Holland 2011, bewerking door Plabeka De volgende locaties zijn niet meegenomen in nieuwste plancapaciteit-cijfers per deelregio, aangezien ze niet in de monitorpublicatie van vorig jaar stonden geregistreerd. De locaties komen wél terug in de nieuwe Uitvoeringsstrategie, vandaar dat ze hier vermeld worden: *excl de Hoek Noord Haarlemmermeer ( m 2 ), **excl Bijmerdreef Amsterdam (500 m 2 ), ***Excl Crailo Laren ( m 2 ), ****Excl Kop van West Purmerend (5.000 m 2 ) Ook de volgende locaties zijn niet meegenomen. Ze zijn niet geregistreerd in de zowel de monitorpublicatie van vorig jaar als in de nieuwe Uitvoeringsstrategie: Gemeente Haarlemmermeer: Station Beukenhorst Zuid ( m 2, direct ontwikkelbaar) Gemeente Haarlem: Schipholweg / Prins Bernhardlaan ( m 2 >2016), Waarderpolder Zuid ( m 2 >2016)
29 Plancapaciteit tot 2030 Plancapaciteit zoals opgenomen in Uitvoeringsstrategie 2007 ( ) In de Uitvoeringsstrategie 2007 hebben de Plabeka-partijen de omvang en fasering van de plancapaciteit van kantoren van 2006 tot 2030 per deelregio vastgelegd. Inmiddels zijn er op 23 juni 2011 nieuwe afspraken omtrent de plancapaciteit gemaakt. In voorliggende monitor staan zoals toegelicht in de inleiding nog de oude plancapaciteit afspraken centraal. Resterende plancapaciteit ( ) op MRA-niveau Op hadden de gemeenten in de MRA samen ongeveer 4,8 miljoen m2 aan plannen voor nieuwe kantoorruimte (zie tabel 2.1, (exclusief m2 bvo Dokzone ontwikkeling Zuidas, gepland na 2030). Er was op dat moment ca m 2 in aanbouw in de MRA. In totaal is er exclusief Lelystad - tussen en ongeveer 1,1 mln m 2 nieuwe kantoorruimte opgeleverd (zie tabel 2.2). Daarnaast staat er momenteel (peildatum ) nog m 2 in de steigers. De resterende plancapaciteit van de gemeenten tot 2030 is zo blijkt uit deze Plabeka Monitor nog ongeveer 3 mln m2. Van de 2 mln m 2 die de gemeenten volgens de Uitvoeringsstrategie tussen 2006 en 2010 aan ontwikkelingsmogelijkheden mochten hebben, is ongeveer 70% daadwerkelijk gerealiseerd (1,1 mln m2 + 0,3 mln m 2 ). De kantoren die immers in januari 2011 in aanbouw zijn zijn als plan hoogstwaarschijnlijk in het tijdvak (of ervoor) op papier gezet. De ca. half miljoen m 2 aan plannen die niet tot ontwikkeling zijn gebracht in het tijdvak lijken niet automatisch te zijn doorgeschoven naar het volgende tijdvak. Daar waar de Uitvoeringsstrategie een plafond stelde van 2 mln m 2 nieuw kantorenaanbod tussen 2010 en 2020, blijken er nagenoeg nog steeds voor ongeveer die omvang aan plannen te zijn in dat tijdvak. De resterende plancapaciteit voor de periode ( m 2 ) blijkt echter hoger te zijn dan in 2007 is afgesproken ( m 2 ). Er zijn dus hoogstwaarschijnlijk plannen in de eerste tijdvakken naar achteren geschoven in de tijd, maar er zijn zeker ook plannen geschrapt. Overall kan toch gesteld worden dat de kantoorontwikkelingen in de MRA de laatste jaren redelijk binnen de bandbreedtes van de UItvoeringsstrategie 2007 zijn gebleven. Het totale kantoorgebruik in de MRA is echter niet in dezelfde mate gegroeid, zo blijkt uit de cijfers van Kantorenmonitor BV. De leegstand is met 2,5 mln m2 nog steeds hoog en de overheden hebben op een bestaande voorraad van bijna 14 mln m 2 een resterende plancapaciteit van bijna 3 mln m 2 voor nieuwe kantoren. Resterende plancapaciteit ( ) per deelregio Op hadden de gemeenten in de MRA samen ongeveer 4,8 miljoen m 2 aan plannen voor nieuwe kantoorruimte (zie tabel 2.1, (exclusief m 2 bvo Dokzone ontwikkeling Zuidas, gepland na 2030). Er was op dat moment ca m 2 in aanbouw in de MRA. In totaal kon er dus voor ongeveer 5 mln m 2 aan nieuwe kantoren bijkomen. De nieuwste monitor laat zien dat bijna 0,5 mln m 2 van die plannen zijn geschrapt. In totaal is er namelijk exclusief Lelystad tussen en ongeveer 1,1 mln m 2 nieuwe kantoorruimte opgeleverd (zie tabel 2.2). Daarnaast staat er momenteel (peildatum ) nog m 2 in de steigers en is de resterende plancapaciteit van de gemeenten tot 2030 is nog ongeveer 3 mln m 2. Samen telt dat op tot ongeveer 4,5 mln m 2 : een half miljoen m 2 minder dan in Van de 2 mln m 2 die de gemeenten volgens de Uitvoeringsstrategie tussen 2006 en 2010 aan ontwikkelingsmogelijkheden mochten hebben, is ongeveer 70% daadwerkelijk gerealiseerd (1,1 mln m 2 + 0,3 mln m 2 ). De kantoren die immers in januari 2011 in aanbouw zijn, zijn als plan hoogstwaarschijnlijk in het tijdvak (of ervoor) op papier gezet. De ca. half miljoen m 2 aan plannen die niet tot ontwikkeling zijn gebracht in het tijdvak lijken niet automatisch te zijn doorgeschoven naar het volgende
30 30 Figuur 2.12 Vraagscenario s* kantoren Uitvoeringsstrategie 2007 afgezet tegen feitelijke uitbreidingsvraag Behoefteraming (x m 2 bvo, vs excl. feitelijke Lelystad) uitbreidingsvraag kantoren (MRA, excl. Lelystad) x m2 bvo Prognose jaarlijkse uitbreidingsvraag kantoren volgens hoogste scenario (GE) Prognose jaarlijkse uitbreidingsvraag kantoren volgens laagste scenario (RC) Feitelijke, gerealiseerde uitbreidingsvraag *GE=Global Economy, SE=Strong Europe, TM=Transatlantic Market en RC=Regional Communities. Dit zijn economische groeiscenario s van het CPB die aan de basis liggen van de vigerende behoefteraming. Bron: Uitvoeringsstrategie Plabeka (2007) en Kantorenmonitor B.V. 2011
31 31 tijdvak. Daar waar de Uitvoeringsstrategie een plafond stelde van 2 mln m 2 nieuw kantorenaanbod tussen 2010 en 2020, blijken er nagenoeg nog steeds voor ongeveer die omvang aan plannen te zijn in dat tijdvak. Als laatste concluderen we dat Zaanstreek-Waterland vanaf 2006 substantieel meer plannen feitelijk tot ontwikkeling heeft gebracht ( m 2 ) dan in 2007 voorzien was ( m 2 ). Deelregio t Gooi en Vechtstreek heeft juist veel minder ( m 2 ) nieuwe kantoren neergezet dan waar ruimte voor was ( m 2 ) binnen de Plabeka afspraken. In IJmond-Haarlem zijn de plannen tot 2020 flink gereduceerd van m 2 tot m Conclusie Afspraken uitvoeringsstrategie 2007 In de Uitvoeringsstrategie zijn met betrekking tot kantoren concrete afspraken gemaakt. De belangrijkste zijn: Partijen besluiten om fors in te grijpen in de kantorenplannen en hiermee een substantiële reductie van de planvoorraad voor kantoren met 3,5 miljoen m 2 bvo van 8,5 naar 5 miljoen m 2 bvo te realiseren. Partijen spreken met elkaar af dat de vastgelegde omvang en fasering van de plancapaciteit (zie tabel 2.1) voor een ieder de maximale omvang van in ontwikkeling te nemen plannen zal zijn. Op MRA-schaal wordt ingezet op het optimaal benutten van de bestaande voorraad kantoren. Onderzocht zal worden in hoeverre sloop-nieuwbouw en transformatie bij kunnen dragen aan reductie van de overschotten. Hiervoor is een werkgroep oudnieuw in het leven geroepen. Zie bijlage I voor de uitkomsten van deze werkgroep. Feitelijke, gerealiseerde vraag vs vraagprognose Uitvoeringsstrategie 2007 Uit figuur 2.12 kan worden opgemaakt in hoeverre de feiten overeenkomen met de prognoses uit De paarse staafjes geven de bandbreedte aan tussen het hoogste en laagste scenario die destijds zijn opgesteld. Ze geven de jaarlijkse prognose van de vraag weer tot 2030, op basis waarvan de Uitvoeringsstrategie-afspraken uit 2007 zijn gemaakt. De leegstand van kantoren bleef in 2010 onverminderd hoog De oranje staafjes geven de feitelijk gerealiseerde vraag weer: dit is de totale jaarlijkse uitbreidingsvraag kantoren in de MRA sinds De conclusie kan worden getrokken dat de feitelijke vraag in 2005 en 2006 enigszins in de buurt komt van het laagste geprognosticeerde scenario, in 2007 en 2008 werd het hoogste scenario benaderd, maar de laatste twee jaar is de uitbreidingsvraag negatief en komt ver onder het laagste scenario uit. De gemiddelde uitbreidingsvraag over zes jaar blijkt m 2 per jaar te zijn geweest. Dat ligt net onder het laagste scenario (terwijl Plabeka op het hoogste scenario heeft gepland dat in het eerste tijdvak ( ) een factor 2,6 hoger uitkomt dan het lagere scenario). Dit was een van de belangrijkste redenen om de Uitvoeringsstrategie-afspraken uit 2007 in juni 2011 grondig te herzien. Monitor van de plancapaciteit Er kan geconcludeerd worden dat de kantoorontwikkelingen in de MRA de laatste jaren redelijk binnen de bandbreedtes van de UItvoeringsstrategie 2007 zijn gebleven. Het analyseren van de ontwikkeling van de plancapaciteit op een lager schaalniveau (dat van de deelregio s) blijft een ingewikkelde klus, die wordt bemoeilijkt doordat de kwaliteit van de respons jaarlijks fluctueert. Als Plabeka de komende jaren de resterende plancapaciteit beter wil monitoren dan de afgelopen jaren het geval is geweest, dan dient de systematiek verbeterd te worden en dienen de gemeenten de gegevens jaarlijks consistenter en nauwkeuriger aan te leveren. Daarom worden de gemeenten geadviseerd om één vast contactpersoon verantwoordelijk te maken voor de interne dataverzameling en dataoverdracht richting provincie. Daarbij is een eigen, interne monitoringssystematiek die gebaseerd is op de definities, uitgangspunten en structuur van de Plabeka Monitor onontbeerlijk.
32 32 Overige conclusies Er blijft sprake van aanhoudende hoge leegstand van kantoren in de MRA: in absolute zin (2,5 mln m 2 bvo op , m2 ofwel 8% meer dan op ); in relatieve zin (17,8% volgens Kantorenmonitor B.V.); en in nationaal én internationaal perspectief (zie figuur 2.8). De leegstand is in absolute zin vooral hoog in Amsterdam en Amstelland-Meerlanden (met respectievelijk 1,2 en 0,6 mln m 2 leegstand). In relatieve zin zitten Almere en Lelystad (met leegstandspercentages van respectievelijk 24,4% en 23,1% volgens Kantorenmonitor B.V.) op een hoog niveau van leegstand. Hierbij moet worden opgemerkt dat DTZ voor Lelystad tot een substantieel lager leegstandspercentage komt van 11%. Daartegenover staat het feit dat het aantal plannen en initiatieven om kantoren te transformeren naar andere functies toeneemt. Daarnaast vertoont het aantal m 2 kantoorruimte in aanbouw een dalende trend. Op 1 januari 2011 stond er nog voor m 2 aan nieuwe kantoorruime in aanbouw. Dat is m 2 minder dan in 2010 en m 2 minder dan in 2009.
33 3 33 Ontwikkelingen bedrijventerreinen MRA
34 34 Figuur 3.1 Totale uitgifte bedrijventerreinen MRA 2005 t/m 2010 (in netto ha, excl. Lelystad) Gem. uitgifte 2000 t/m 2010 Bron: Plabeka Monitor 2011 Figuur 3.2 Cumulatieve uitgifte bedrijventerreinen per deelregio (in netto ha, incl. Lelystad) Uitgifte in netto ha Almere Amsterdam Gooi en Amstelland- Ijmond- Zaanstreek- Lelystad Meerlanden Vechtstreek Haarlem Waterland Bron: Plabeka Monitor 2011
35 3 Ontwikkelingen bedrijventerreinen MRA 35 In dit hoofdstuk staan de (droge) bedrijventerreinen in de MRA centraal. De onderdelen uitgifte bedrijventerreinen, bedrijfsruimtemarkt, herstructurering en resterende plancapaciteit komen aan bod. In paragraaf 3.5 worden de conclusies hierover verbonden met de afspraken uit de Uitvoeringsstrategie Om dit getal in perspectief te plaatsen: de behoefteraming uit 2005 ging uit van gemiddeld 100 ha uitgifte per jaar van 2005 tot De nieuwe (regiospecifieke) bedrijventerreinraming die aan de basis ligt van de nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka gaat uit van ongeveer 85 ha netto uitgifte per jaar tussen 2010 en 2020, 60 ha per jaar voor het decennium daarna en 30 ha per jaar voor de laatste periode tot Uitgifte bedrijventerreinen 2010 Uitgifte in 2010 Ten opzichte van de monitors van de vorige jaren is het beeld gecompleteerd met de uitgifte van bedrijventerreinen in de MRA sinds het jaar Zo is een langere tijdreeks ontstaan waaruit voor dit hoofdstuk interessante inzichten te destilleren zijn. In 2010 zijn er in de MRA 34 ha. netto bedrijventerreinkavels verkocht (exclusief de uitgifte in Lelystad). Dat is een stijging van 20% ten opzichte van de dip in 2009 (toen de uitgifte 29 ha was). Uit figuur 3.1 kan duidelijk een golfbeweging worden opgemaakt: de uitgifte in het jaar 2000 was met 100 ha relatief hoog, mede vanwege de hoge uitgiften in Zaanstad (23 ha), Haarlemmermeer (20 ha) en Amsterdam en Almere (beide 19 ha). In de jaren daarna daalde de uitgifte tot een dieptepunt in 2004 (23 ha uitgifte) om vervolgens enkele jaren van stijgende uitgiften te registeren. De uitgifte is sinds 2007 steeds tussen de 35 en 40 ha uitgekomen. De golfbeweging van de uitgifte van bedrijventerreinen in de MRA houdt overigens een opvallende gelijkenis met de nationale economische ontwikkeling gedurende diezelfde periode. Er is immers een duidelijk herkenbaar piekperiode rond de millenniumwisseling, daarna een scherpe daling en een korte herstelperiode met een piekje in 2006/2007, voorafgaand aan de banken- en schuldencrisis die in 2008 losbrak. De uitgifte lijkt zich echter al meerdere jaren te stabiliseren rond de ha. Of dit een structurele trend is kan echter niet met zekerheid worden gesteld. De uitgifte steeg van 29,5 ha in 2009 naar 34,3 ha in 2010 Inclusief Lelystad komt de gemiddelde uitgifte over het laatste decennium uit op 53 ha per jaar. Daarvan neemt Lelystad 7,7 ha voor zijn rekening, net als Zaanstreek-Waterland. De uitgifte in Amsterdam was de laatste 11 jaar gemiddeld 12,1 ha, die in Almere 11 ha en in Amstelland-Meerlanden 9 ha. Cumulatieve uitgifte per deelregio Figuur 3.2 laat zien dat de uitgifte van de laatste decennium (bijna 600 ha in totaal) met name heeft plaatsgevonden in Amsterdam (23% van het totaal) en Almere (20%). Drie regio s staan op een gedeelde derde plek met ongeveer 16% van de totale uitgifte: Amstelland-Meerlanden, Zaanstreek- Waterland en Lelystad. IJmond-Haarlem nam 9% voor zijn rekening en t Gooi en Vechtstreek nog geen 1%. Chronologische uitgifte per deelregio In figuur 3.3 kan worden afgelezen hoe de uitgifte per deelregio zich heeft ontwikkeld in de tijd. De figuur is minder makkelijk leesbaar dan de figuren hiervoor maar geeft een interessante ontwikkeling weer. De overall conclusie is dat de uitgifte per deelregio fluctueert en dat er bepaalde patronen te ontdekken zijn: De uitgifte in de subdeelregio Lelystad lijkt het meeste op niveau te blijven. De uitgifte is er het meest constant van alle deelregio s, met relatief gezien de minste fluctuaties. De deelregio s Almere, Amstelland-Meerlanden en IJmond-Haarlem hebben duidelijk te maken met teruglopende uitgiftes. Amsterdam lijkt juist tegen deze trend in te gaan: de laatste jaren trekt de uitgifte in deze deelregio juist weer aan.
36 36 Figuur 3.3 Jaarlijkse uitgifte bedrijventerreinen in chronologische volgorde (in netto ha) Netto uitgifte in ha Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek Ijmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad Bron: Plabeka Monitor 2011 Figuur 3.4 Transacties en aanbod van bedrijfsruimten (in m 2, ondergrens 750 m 2, huur en koop) Aanbod in dec. van dat jaar Transacties in dat jaar m2 vvo M2 vvo Bron: Vastgoedmarkt en PropertyNL, bewerkt door Kantorenmonitor B.V.
37 37 De uitgifte in Zaanstreek-Waterland kende stevige pieken in 2000 en 2007, daar waar de uitgifte in die deelregio eigenlijk gemiddeld nooit boven de 7 a 8 ha. per jaar uitkomst. Een beperkt terstond uitgeefbaar aanbod van bedrijventerreinen leidt uiteraard tot lage uitgiftecijfers. Dit is zeker het geval in subdeelregio s als Amstelland, t Gooi en Vechtstreek, Waterland en Haarlem. Amsterdam presteert de laatste jaren relatief goed. De uitgifte in Lelystad (4,3 ha netto) lag in 2009 een fractie onder het niveau van de Meerlanden en Almere. In bijlage IV zijn de achtergrondtabellen opgenomen van de uitgiftecijfers per bedrijventerrein, gemeente en subdeelregio 2005 t/m 2009, waaruit alle figuren in paragraaf 3.1 zijn opgebouwd. 3.2 De markt voor bedrijfshuisvesting Waarom monitort Plabeka de bedrijfshuisvestingsmarkt? Ook de kwaliteit van bestaande locaties is voor Plabeka een belangrijk aandachtspunt. In deze paragraaf staat niet de uitgifte van bedrijfskavels voor nieuwbouw centraal, maar juist het aanbod en transacties van bedrijfspanden, vooral op reeds bestaande bedrijventerreinen. De Plabeka-partners hebben op dit onderdeel geen concrete afspraken gemaakt; de overheid heeft immers geen directe invloed op markttransacties van bedrijfsmatig vastgoed. De cijfers in deze paragraaf geven Plabeka echter wél aanvullend inzicht in de ontwikkelingen op bestaande terreinen, onder andere op het gebied van ruimtelijk economische dynamiek en het aanbod van bedrijfspanden. Net als in de vorige monitorrapportages is op basis van een inventarisatie van gegevens uit de vakbladen Property NL en Vastgoedmarkt een overzicht samengesteld waaraan een indicatieve omvang en ontwikkeling van bedrijfsruimte-transacties in de Metropoolregio is af te lezen (zie figuur 3.4). Deze cijfers betreffen de geregistreerde transacties van panden op zowel bedrijventerreinen, zeehaventerreinen als ook solitair en/of in woonwijken gelegen. In bijlage VI zijn de exacte cijfers opgenomen op basis waarvan de figuren in deze paragraaf zijn opgebouwd. Kanttekeningen bij de cijfers Bij deze cijfers moeten een aantal belangrijke kanttekeningen geplaatst worden: In de inventarisatie zijn alleen de officieel doorgegeven en geregistreerde transacties van onroerend goedmakelaars meegenomen. Het is een bekend gegeven dat niet alle transacties worden gemeld bij Vastgoedmarkt of PropertyNL. Waarschijnlijk ontbreekt ook een substantieel deel van de transacties die wél via een makelaar hebben plaatsgevonden maar die niet als transactie zijn aangemeld. De ondergrens van geregistreerde transacties is 750 m 2. Transacties van kleinere bedrijfspanden, en dat zijn er relatief gezien aardig veel, zijn dus niet meegenomen in de inventarisatie. Waar de kantorenmarkt vooral een huurmarkt is, wordt op de bedrijvenmarkt veel meer voor eigen gebruik gebouwd. In het totaal aan geregistreerde markttransacties ontbreekt dan ook een flink gedeelte van de bouw voor eigen gebruik zonder dat verhuur of verkoop via makelaars heeft plaatsgevonden. Ontwikkeling transacties en aanbod in de MRA De afgelopen 3 jaar zijn er jaarlijks tussen de en m 2 aan transacties voor bedrijfsruimten geregistreerd door Vastgoedmarkt en PropertyNL. Indicatief betekent dit, omgerekend naar ha bij een FSI van 0,7 ongeveer 45 tot 80 ha aan transacties op bestaande bedrijventerreinen. Ten opzichte van de gemiddelde jaarlijkse uitgifte van nieuwwbouwkavels (±40 tot 45 ha per jaar) kan geconcludeerd worden dan een substantieel deel van de ruimtelijk economische dynamiek in de regio plaats vindt op bestaande bedrijventerreinen. Het aantal transacties is in 2010 met 25% gedaald ten opzichte van In 2010 werd slechts m 2 bedrijfsruimte verhuurd of verkocht aan een nieuwe eindgebruiker. Het aanbod van bedrijfsruimten is in diezelfde periode gestegen met 26% naar bijna 1,6 mln m 2 aangeboden bedrijfsruimte in december Deze cijfers geven een goede indicatie van de ontwikkelingen op bestaande terreinen. Ontwikkeling transacties naar deelregio De daling van het volume aan transactie heeft volgens figuur 3.5 vooral plaatsgevonden in de deelregio s Almere, Amstelland-Meerlanden en Amsterdam. In Zaanstreek- Waterland en Lelystad was er een lichte stijging t.o.v In t Gooi en Vechtstreek en
38 38 Figuur 3.5 Transacties bedrijfsruimten (in m2, ondergrens transacties 750 m 2, huur en koop) Tabel 3.1 Oppervlakte herstructurering in ha (feitelijk te herstructureren oppervlakte) naar zwaarte en deelgebied (lopend/in uitvoering en nog op te starten) Plabeka deelregio Lichte revitalisering Zware revitalisering Herprofilering Totaal Almere-Lelystad 35,0 25,5 134,4 194,9 M2 vvo Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad Amstelland-Meerlanden 360,2 65,9 8,5 434,6 Amsterdam 48,2 288,9 271,5 608,6* Gooi en Vechtstreek 173,0 20,1 36,5 229,6 IJmond-Haarlem* 2,2 262,4 16,5 281,0* Zaanstreek-Waterland* 333,1 64,8 64,8 462,7* Metropoolregio 951,7 727,6 532, ,3 *In de inventarisatie uit 2010 is de herstructureringsopgave op het Amsterdamse Vervoerscentrum en op de Zaanse haventerreinen Westerspoor Zuid, Hembrug en Achtersluispolder ten onrechte toegekend aan de deelregio IJmond- Haarlem. Deze correctie is in bovenstaande tabel doorgevoerd. Bron: Bureau BUITEN (2010), onderzoek Aanscherping Herstructureringsopgave bedrijventerreinen Metropoolregio Bron: Vastgoedmarkt en PropertyNL, bewerkt door Kantorenmonitor B.V. Amsterdam, opgave gemeenten (gecorrigeerd) Figuur 3.6 Aanbod bedrijfsruimte 2005 t/m 2010 per MRA-deelregio M2 vvo Jan Jan Jan Jan Jan Almere Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Lelystad Jan Jan Bron: bewerking gegevens Vastgoedmarkt januari 2005 t/m 2011 door Kantorenmonitor B.V.
39 39 IJmond-Haarlem is het volume aan transacties nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van vorig jaar. Opvallend is de piek aan transacties in Amstelland-Meerlanden in 2005, 2006 en 2007, terwijl juist in 2008 in de MRA een recordvolume aan transacties werd omgezet (met name in Amsterdam). Juist Amsterdam en Almere zijn stevig teruggevallen na de piek in Ontwikkeling aanbod naar deelregio Ook de ontwikkelingen van het aanbod op bedrijventerreinen is in figuur 3.6 weergegeven. Na jaren van een relatief stabiel niveau van het aanbod op het niveau van de MRA (rond de 1,25 miljoen m 2 ), is het aanbod in 2010 fors gestegen. In vrijwel alle deelregio s is sprake geweest van een stijging van het aanbod. Vooral t Gooi en Vechtstreek en Zaanstreek-Waterland hebben een flinke tik te verduren gekregen in Almere, Amstelland-Meerlanden en IJmond-Haarlem in iets mindere mate. Amsterdam en Lelystad hebben weinig gemerkt van een stijging van het aanbod. Omgerekend naar ha (onder de vrij grove aanname van een FSI van 0,7) zijn er in de MRA momenteel 225 ha bedrijventerreinkavels, waarop bedrijfsruimtes wordt aangeboden. Figuur 3.6 Aangeboden bedrijfsruimte (in m2, waaronder kantoordeel, ondergrens 750 m 2 ) 3.3 Herstructurering bedrijventerreinen Een schets van de herstructureringsopgave Begin 2010 hebben de provincie Noord-Holland en Plabeka samen met het PHB (Pilotbureau Herstructurering Bedrijventerreinen) een onderzoek laten uitvoeren naar de herstructureringsopgave voor bedrijventerreinen in de Metropoolregio. De belangrijkste bevindingen van het onderzoek waren: 1. Alle deelregio s kennen een forse herstructureringsopgave, zowel in aantallen projecten als qua hectares. De totale herstructureringsopgave bedraagt ha onderverdeeld in vijf typen herstructurering. De drie belangrijkste typen herstructurering (zie tabel 3.1) kennen een opgave van ha. 2. In alle deelregio s in Noord-Holland ligt een flinke revitaliseringsopgave. In Amsterdam en IJmond-Haarlem is meer zware revitalisering nodig. Herprofilering speelt met name in Amsterdam, zowel in oppervlakte als in aantallen projecten. In Amsterdam staan tevens relatief veel bedrijventerreinen (of delen van terreinen) op de nominatie om getransformeerd te worden. 3. Een groot deel van de herstructureringsopgave (in totaal 26% van de totale opgave qua oppervlakte en 11% van het aantal projecten) is gesitueerd op de haventerreinen. 4. In totaal alle typen herstructurering tezamen (dus ha) gaat het om 140 herstructureringslocaties. Van de 140 locaties liggen er 127 in Noord-Holland en 13 in Flevoland. Van de 127 Noord-Hollandse projecten waren er volgens de gemeente op (920 ha) in uitvoering (schop in de grond). 5. Ten tijde van de inventarisatie in 2010 schatten de gemeente in dat tot 2013 er nog 62 projecten (1.400 ha) opgestart zouden moeten worden. Voor de periode zouden dat er nog eens 45 (550 ha) zijn. 6. De verwachting is dat er door uitvoering van herstructureringsprojecten - tussen 2010 en 2020 meer dan 300 ha bedrijventerrein getransformeerd zal worden naar woningbouw. Tussen 2005 en 2007 is er (indicatief) reeds 70 ha bedrijventerrein onttrokken aan de voorraad door transformatie (Bron: vorige monitors Plabeka). HIRB subsidies De provincie Noord-Holland stimuleert sinds 2004 de herstructurering van bedrijventerreinen middels het HIRB-subsidieprogramma. Gemeenten kunnen een aanvraag indienen voor een financiele bijdrage van de provincie om een deel van de kosten die in het herstructureringsproces gemaakt worden vergoed te krijgen. De huidige HIRB regeling loopt nog door tot In totaal is er sinds 2004 (tot en met de laatste tender van 2010) bijna 34 miljoen van de provincie naar 50 bedrijventerrein-projecten in de MRA geinvesteerd.
40 40 Figuur 3.7 De aan MRA-gemeenten verleende HIRB subsidies vanaf 2004 Gehonoreerde HIRB subsidies voor fysieke investeringen/ verbeteringen van bedrijventerreinen vanaf 2004 Aantal gehonoreerde HIRB subsidieprojecten voor fysieke investeringen/verbeteringen van bedrijventerreinen vanaf II 2009-I Amstelland- Amsterdam Gooi en Meerlanden Vechtstreek Ijmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Amstelland- Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek Ijmond- Haarlem Zaanstreek- Waterland Bron: Provincie Noord-Holland (2011), bewerking Bureau BUITEN Figuur 3.8 Prioriteringssystematiek van herstructureringsprojecten in het PHP Noord-Holland* Tabel 3.2 Voortgang herstructurering in de MRA en betrokkenheid PHB A Bedrijventerreinen waarbij door veroudering de druk op het functioneren groot is waardoor een hoge urgentie aanwezig is voor herstructurering. De economische en sociale meerwaarde van herstructurering op deze terreinen is groot en het voorgestelde herstructureringsproject is (binnen de gestelde termijn tot en met 2013) in hoge mate uitvoerbaar. B Net als bij A is de urgentie tot herstructurering groot. Door 1 of meer oorzaken (zoals ontbreken van middelen of menskracht of planologische belemmeringen) is de mate van uitvoerbaarheid echter relatieflaag. C Bij deze terreinen staat het bedrijfseconomisch functioneren minder onder druk dan bij A en B. De economische en sociale meerwaarde van de herstructurering is dan ook lager. Wel is het herstructureringsproject binnen de gestelde termijn tot en met 2013 in hoge mate uitvoerbaar. D Deze terreinen combineren een beperkte problematiek met een lage mate van Uitvoerbaarheid. *Alleen de bedrijventerreinen in de categorieën At/m C komen in aanmerking voor een HIRB subsidie. De terreinen in de categorie D niet. Bron: Provincie Noord-Holland (2010), PHP Plabeka deelregio Totale opgave (revit./herprof.) Stand : lopend of start Stand : uitgevoerd of in uitvoering* Aantal terreinen met PHBbetrokkenheid Almere-Lelystad Amstelland-Meerlanden ** 15 Amsterdam ** 4 Gooi en Vechtstreek IJmond-Haarlem Zaanstreek-Waterland Metropoolregio ** 28*** * Dit zijn projecten waarvan de gemeenten in de meest recente provinciale monitor hebben aangegeven dat ze In Uitvoering zijn. In andere gevallen heeft de gemeente aangegeven dat het project in studie of plan is, maar waarvoor wel al ooit (sinds 2004) een HIRB subsidie voor fysieke investeringen is ontvangen. **Er zijn 4 projecten waar momenteel een fysiek herstructureringsproces aan de gang is dat is gestimuleerd middels een HIRB-fysiek subsidie, maar die in 2010 niet door de gemeente is opgegeven in de inventarisatie: Bedrijvencentrum Osdorp, WCW en het Polderweggebied (Amsterdam) en Hoofddorp-Noord (Haarlemmermeer). De overige 30 projecten uitgevoerd/in uitvoering op staan in bijlage VII opgesomd. ***De 28 projecten waar het PHB bij betrokken is zijn niet per sé projecten waar al een schop in de grond is gegaan. Deze 28 projecten komen dus niet 1 op 1 overeen met de 30+4 projecten die op zijn uitgevoerd of in uitvoering zijn. Bron: Combinatie van gegevens van PHB (2011), Monitor Bedrijventerreinen Provincie Noord-Holland (2011), HIRB Provincie Noord-Holland (2011) en Bureau BUITEN (2010), onderzoek Aanscherping Herstructureringsopgave bedrijventerreinen Metropoolregio Amsterdam, opgave gemeenten
41 41 In onderstaand figuren is weergegeven waar de HIRB subsidies de laatste jaren in de MRA terecht zijn gekomen. Voor iedere deelregio is het totaalbedrag aan ontvangen HIRB-subsidies af te lezen (zoals 10 miljoen voor IJmond-Haarlem) en ook het aantal projecten dat door de provincie financieel is ondersteund (bijvoorbeeld: 12 projecten in Amstelland-Meerlanden). De subsidies voor onderzoek en procesmanagement zijn hierbij niet meegenomen. In de figuren zijn alleen de subsidies meegenomen waardoor er écht een schop de grond is gegaan voor fysieke verbetering van het terrein. De Provinciale Herstructurerings Programma s (PHP) Noord-Holland en Flevoland De bedrijventerreinen die in de periode in aanmerking komen voor HIRB subsidies staan opgenomen in tabellen in het Provinciaal Herstructurerings Programma Noord-Holland. De provincie Noord-Holland heeft een rol bij het stimuleren van revitaliseren, herprofileren en ook bij het uitvoeren facelift- en/of transformatieoperaties op terreinen. Bij de uitvoering hebben de gemeenten de belangrijkste rol. De terreinen in het PHP zijn ingedeeld in de categorieën zoals omschreven in figuur 3.8. Het PHP is een uitvloeisel van het Convenant Bedrijventerreinen dat IPO en VNG in 2009 met het rijk hebben gesloten. Als onderdeel van dat convenant stelde het rijk 400 mln ter beschikking aan de 12 provincies als zij meer de regie zouden nemen bij de bedrijventerreinplanning en actie zouden ondernemen in het versneld wegwerken van de (landelijk aanwezige) herstructureringsopgave. Alle provincies hebben daarom een PHP opgesteld waarin duidelijke prioriteiten worden gegeven en kaders worden geschetst hoe de provincies daar invulling aan willen geven. Noord-Holland heeft ervoor gekozen om de rijksgelden te koppelen aan het HIRBsubsidieprogramma om zo efficiënt en gericht mogelijk te kunnen investeren. In Flevoland is de noodzaak tot herstructurering momenteel nog niet zo groot als op het oude land. De provincie Flevoland heeft dan ook geen cofinanciering beschikbaar voor het herstructureren van de terreinen die Almere en Lelystad ten tijde van de De herstructurering komt op gang, maar er is nog een lange weg te gaan... inventarisatie hebben opgegeven. De terreinen de Vaart en de Steiger (Almere) zullen de eerste terreinen zijn die de komende jaren voor herstructurering in aanmerking zullen komen. Het Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen MRA (PHB) Op initiatief van Plabeka staan sinds 1 oktober 2009 zes regionale accountmanagers van het PHB ter beschikking aan alle MRA-gemeenten om herstructureringsprocessen te ondersteunen. Dat kan zijn in de vorm van een vrijblijvend en/of oriënterend advies, procesmanagement of advisering omtrent subsidies. Sinds 2009 is het PHB betrokken geweest bij herstructureringsprocessen op 28 bedrijventerreinen, met name in de regio Amstelland-Meerlanden (zie tabel 3.2). Voor meer informatie omtrent het PHB verwijzen wij naar de website Voortgang herstructurering Uit tabel 3.2 blijkt dat de betrokkenheid van het PHB en de HIRB-subsidies die de provincie ter beschikking stelt om herstructurering te stimuleren (zie figuur 3.7) zijn vruchten afwerpt. In 2010 werd bekend dat de totale herstructureringsopgave in de MRA 140 projecten betreft, waarvan bij ongeveer 90 terreinen voornamelijk revitalisering of herprofilering aan de orde zou zijn (het type projecten die de provincie Noord-Holland middels het HIRBprogramma ondersteunt). Van die 90 projecten die toen zijn opgegeven waren er toen al ongeveer 60 in uitvoering, of werd verwacht dat bij die projecten voor 2013 een schop in de grond zou gaan. Momenteel (peildatum ) is er op ruim de helft van die terreinen (34 om precies te zijn) een herstructureringsproject in uitvoering of in 2010 afgerond. In 2011 en 2012 zullen er dus nog ongeveer 25 nieuwe herstructureringsprojecten concreet moeten worden opgepakt en/of aangejaagd. Op welke terreinen er nog een opgave ligt en welke terreinen Plabeka als prioritair project heeft bestempeld in de nieuwe Uitvoeringsstrategie staat in bijlage VII weergegeven.
42 42 Tabel 3.3 Voortgang herstructurering in de MRA in hectares (stand ) Plabeka deelregio Totale opgave (revit./herprof.) Stand : lopend of start Stand : uitgevoerd of in uitvoering** Bron gegevens: Bureau BUITEN (april 2010) Bureau BUITEN (april 2010) Monitor Bedrijven terreinen Noord-Holland (aug 2011) Almere-Lelystad 195* 96* 0*** Amstelland-Meerlanden 435* 408* 266*** Amsterdam 609* 423** 235*** Gooi en Vechtstreek 230* 213* 109*** IJmond-Haarlem 281* 275* 139*** Zaanstreek-Waterland 463* 333* 323*** Metropoolregio *** *In de inventarisatie uit 2010 is de herstructureringsopgave op het Amsterdamse Vervoerscentrum en op de Zaanse haventerreinen Westerspoor Zuid, Hembrug en Achtersluispolder ten onrechte toegekend aan de deelregio IJmond-Haarlem. Deze correctie is in bovenstaande tabel doorgevoerd. ** Dit zijn projecten waarvan de gemeenten in de meest recente provinciale monitor hebben aangegeven dat ze In Uitvoering zijn. In andere gevallen heeft de gemeente aangegeven dat het project in studie of plan is, maar waarvoor wel al ooit (sinds 2004) een HIRB subsidie voor fysieke investeringen is ontvangen. ***Er zijn 4 projecten waar momenteel een fysiek herstructureringsproces aan de gang is dat is gestimuleerd middels een HIRB-fysiek subsidie, maar die in 2010 niet door de gemeente is opgegeven in de inventarisatie. De hectares van deze projecten zijn daarom ook niet meegenomen in deze tabel. Bron: Provincie Noord-Holland (2011) en Bureau BUITEN (2010), onderzoek Aanscherping Herstructureringsopgave bedrijventerreinen Metropoolregio Amsterdam, opgave gemeenten.
43 43 Als wordt gekeken naar de voortgang van de herstructurering qua aantal ha dan levert dit het beeld op uit tabel 3.3. Tot 2013 zou er ha opgepakt moeten zijn. Op dit moment zijn er op ha herstructureringsactiviteiten in uitvoering of afgerond. Voor de komende twee jaar ligt er dus een opgave om nog 700 ha aan nieuwe projecten in uitvoering te nemen. De uitdaging De nog resterende herstructureringsopgave (ca. 700 ha en ca. 25 nieuwe projecten) kan alleen worden opgepakt als de samenwerking tussen overheid (gemeenten en provincies) en het bedrijfsleven (ontwikkelaars, eigenaars en eindgebruikers) soepel verloopt: de gemeente is in veel gevallen initiatiefnemer en belangrijke financier van herstructureringsprojecten. Zij kunnen deels gratis gebruik maken van de kennis en kunde die in het PHB gebundeld is; het PHB heeft een essentiële taak als aanjager, klankbord, kennismakelaar en opdrachtnemer van de gezamenlijke partijen die op een locatie een herstructureringsavontuur met elkaar aangaan; het lokaal georganiseerde bedrijfsleven moet daarbij liefst zo vroeg mogelijk in het proces betrokken worden. Succesvolle herstructurering kan alleen als de gebruikers daadwerkelijk zeggenschap hebben over de wijze van uitvoering en ook betrokken blijven bij het duurzaam beheer van het geherstructureerde terrein. De ervaring leert dat er vaak op één terrein meerdere ingrepen na elkaar moeten worden ondernomen om de kwaliteit van het terrein duurzaam te verhogen. Meerdere herstructureringsprocessen die na elkaar worden ondernomen leveren in sommige gevallen trajecten op die meer dan 10 jaar kunnen duren. Zo is men momenteel op Waarderpolder in Haarlem aan het 6e herstructureringsproject bezig en op Ahchtersluispolder in Zaanstad aan het 4e. Met één herstructureringsproject op een terrein is het dus vaak nog niet klaar. Gemeenten hebben plannen verder uitgefaseerd of geschrapt 3.4 Plancapaciteit tot 2030 Plancapaciteit zoals opgenomen in Uitvoeringsstrategie 2007 ( ) In de Uitvoeringsstrategie 2007 hebben de Plabeka-partijen destijds de omvang en fasering van de plancapaciteit van bedrijventerreinen van 2006 tot 2030 per deelregio vastgelegd. Inmiddels zijn er op 23 juni 2011 nieuwe afspraken omtrent de plancapaciteit gemaakt. In voorliggende monitor staan zoals toegelicht in de inleiding nog de oude plancapaciteit afspraken centraal. De volgende monitor zoomt in op de (voortgang van de) nieuwe afspraken. In tabel 3.4 zijn de oude afspraken weergegeven: voor iedere deelregio zijn per tijdvak de in ontwikkeling te nemen plannen getoond. In totaal was de opgave om in de periode ha netto nieuwe bedrijventerrein te reserveren en uit te geven. Deze zou met name in Almere en de Meerlanden/ Schiphol gerealiseerd moeten worden. In de monitor publicatie van vorig jaar is het aanbod vanaf 2010 tot 2030 op een rij gezet. Omdat Plabeka inmiddels (middels vaststelling van de nieuwe Uitvoeringsstrategie) zijn blik naar voren heeft geworpen (horizon op 2040) en ook Lelystad lid is geworden, zullen in de hierna volgende tabellen ten opzichte van tabel 3.4 een extra kolom (namelijk tijdvak ) en een extra rij (Lelystad) worden toegevoegd. Zo kan duidelijk en transparant worden bezien hoe het aanbod zich ontwikkelde het afgelopen jaar. De hoofdconclusie uit de monitor van vorig jaar was dat in vrijwel alle deelregio s de plannen waarschijnlijk vanwege de ook toen reeds tegenvallende uitgiftecijfers deels naar achter geschoven waren in de tijd om een te groot overaanbod te voorkomen en risico s op verminderde afzetkansen te verkleinen. Resterende plancapaciteit ( ) In 2006/2007 was er ongeveer 750 ha netto bedrijventerrein beschikbaar voor de directe verkoop (zie tabel 3.4). Dat was exclusief Lelystad, dat toen nog geen lid was van de MRA.
44 44 Tabel 3.4 Uitvoeringsstrategie 2007: plancapaciteit bedrijventerreinen 2006 t/m 2030 (in netto ha, peildatum , harde en zachte plannen) Plabeka deelregio Plancapaciteit Plancapaciteit Plancapaciteit Plancapaciteit Totaal Almere 161,3 191,6 327,0 nvt 679,9 Amstelland-Meerlanden 194,6 385,3 0,0 nvt 579,9 Amsterdam 223,5 18,3 0,0 nvt 241,8 Gooi en Vechtstreek 97,0 68,0 29,0 nvt 194,0 IJmond-Haarlem 71,7 24,6 0,0 nvt 96,3 Zaanstreek-Waterland 0,0 24,5 0,0 nvt 24,5 Metropoolregio 748,1 712,3 356,0 nvt 1.816,4 (excl. Lelystad) Bron: Uitvoeringsstrategie Plabeka (2007, bijlage 4) Tabel 3.5 Plancapaciteit bedrijventerreinen 2011 t/m 2040 (in netto ha, peildatum , harde en zachte plannen) Plabeka deelregio Uitgifte 2006 t/m t/m 2039 Almere 36,7 73,2 381,3 0,0 454,5 Amstelland-Meerlanden 37,4 426,8 68,9 375,0 870,7 Amsterdam 61,9 123,3 67,2 0,0 190,5 Gooi en Vechtstreek 0,8 27,5 0,8 0,0 28,3 IJmond-Haarlem 13,4 42,5 16,0 0,0 58,5 Zaanstreek-Waterland 43,7 84,5 47,0 0,0 131,5 Metropoolregio 193,9 777,8 581,2 375, ,0 (excl. Lelystad) Lelystad 26,2 77,6 419,1 0,0 496,7 Metropoolregio (incl. Lelystad) 220,1 855, ,3 375, ,7 Bron: Monitor Bedrijventerreinen provincie Noord-Holland 2011, Monitor Bedrijventerreinen provincie Flevoland 2011, bewerking door Bureau BUITEN
45 45 In totaal is er exclusief Lelystad - tussen en ongeveer 200 ha netto uitgegeven (zie tabel 3.5), zo blijkt uit deze editie van de Plabeka Monitor. Conclusie: er was vanaf 2006 een vrij ruim aanbod aan vestigingslocaties voorhanden in de MRA. Daarvan is uiteindelijk ruim een kwart opgenomen door de markt (tot januari 2011). MRA-breed kan de volgende inhoudelijke conclusie getrokken worden: als er van de ha 200 ha zijn uitgegeven, zou er in theorie momenteel (op ) nog ongeveer ha netto aan plancapaciteit voorhanden moeten zijn tot Dat blijkt echter flink minder te zijn: tabel 3.5 wees uit dat er een aanbod van ha resteert tot Na 2030 resteert overigens nog een capaciteit van circa 375 ha. Ten opzichte van peildatum januari 2010 is de plancapaciteit in het tijdvak momenteel overigens circa 100 ha minder. Bepaalde plannen voor nieuwe bedrijventerreinen zijn de afgelopen jaren sinds 2007 dus door MRA gemeenten geschrapt. Gemeenten hebben al voordat ze de nieuwe Plabeka afspraken ondertekenden op 23 juni 2011 ( wij reduceren de totale plancapaciteit tot 2040 met 514 ha ) geanticipeerd op achterblijvende uitgiftecijfers. De uitkomsten van de Plabeka Monitor wezen de laatste jaren ook al die kant op. Het analyseren van de ontwikkeling van de plancapaciteit op een lager schaalniveau (dat van de deelregio s en de werklocaties) is een meer ingewikkelde klus. Om dat te kunnen doen is de resterende plancapaciteit in bijlage VIII uitgesplitst per subdeelregio naar bedrijventerrein, gemeente, tijdvak en peildatum vanaf de vorige monitor ( ). Uit die tabellen komt duidelijk naar voren dat er in meerdere gevallen jaarlijks stevige fluctuaties in de omvang en fasering van de aanbodcijfers per terrein geregistreerd worden. Doordat de kwaliteit van de geregistreerde data en respons ieder jaar weer varieert (ook ten opzichte van de gegevens die het jaar ervoor zijn aangeleverd), is het moeilijk om tot een consistente monitoring op subregionale schaal en op terreinniveau te komen. Dit punt dient nadrukkelijk onderdeel te zijn van de verbeteropgave van de Plabeka Monitor voor de komende jaren. Zonder goede en consistente aanlevering van data kan Plabeka niet goed monitoren of aan de afspraken, zoals die inmiddels op de schaal van locaties gemaakt zijn, wordt voldaan. 3.5 Conclusie Afspraken uitvoeringsstrategie 2007 De belangrijkste afspraken die in de Uitvoeringsstrategie uit februari 2007 met betrekking tot bedrijventerreinen zijn gemaakt luiden: Vastgesteld wordt dat ten opzichte van het Structuurschema de planvoorraad van bedrijventerreinen lager is dan de geprognosticeerde vraag. Gelet op de krapte in het aanbod van bedrijventerreinen is het noodzakelijk dat alle partijen de in de Uitvoeringsstrategie vastgelegde omvang en fasering van de plannen ten aanzien van bedrijventerreinen ook daadwerkelijk zullen realiseren. De regio kent een grote herstructureringsopgave. Daarom probeert Plabeka om te komen tot een regionaal herstructureringsprogramma. Het is noodzakelijk dat er gelet op de lange ontwikkelingsduur van bedrijventerreinen tijdig geanticipeerd wordt op de voorziene tekorten. Dit betekent dat de komende jaren benut moeten worden om de verschillende langetermijnopties onder meer zoals in deze Uitvoeringsstrategie benoemt allemaal serieus onderzocht worden. Hierover maken de direct betrokkenen procesafspraken. Feitelijke, gerealiseerde vraag vs vraagprognose Uitvoeringsstrategie 2007 Uit figuur 3.9 kan worden opgemaakt hoe de feiten overeenkomen met de prognoses uit De paarse staafjes geven de bandbreedte aan tussen het hoogste en laagste scenario die destijds zijn opgesteld. Ze geven de jaarlijkse prognose van de vraag weer tot 2030, op basis waarvan vraag en aanbod volgens de Uitvoeringsstrategie-afspraken uit 2007 richting evenwicht zijn gebracht. De oranje staafjes geven de feitelijk gerealiseerde uitbreidingsvraag weer: dit is de totale jaarlijkse uitgifte van bedrijventerreinen in de MRA sinds Net als in de monitors van de vorige jaren moet de conclusie worden getrokken dat de feitelijke uitgifte niet in de buurt komt van het laagste geprognosticeerde scenario. Dit is één van de redenen geweest om te besluiten de Uitvoeringsstrategie-afspraken uit 2007 in juni 2011 grondig te herzien.
46 46 Figuur 3.9 Vraagscenario s* bedrijventerreinen Uitvoeringsstrategie 2007 ( verwachte uitgifte per jaar tussen 2005 en 2030 ) Behoefteraming afgezet tegen vs feitelijke vraagontwikkeling uitgifte bedrijventerreinen vanaf t/m 2010 (in(mra, netto excl. ha, Lelystad) excl. Lelystad) Netto ha Prognose jaarlijkse uitgifte volgens hoogste scenario (GE) Prognose jaarlijkse uitgifte volgens laagste scenario (RC) Feitelijke, gerealiseerde uitgifte *GE=Global Economy en RC=Regional Communities. Dit zijn economische groeiscenario s van het CPB die aan de basis liggen van de vigerende behoefteraming. Bron: Uitvoeringsstrategie Plabeka (2007) en Monitor Plabeka 2011
47 47 Monitor van de plancapaciteit In de uitvoeringsstrategie is vastgelegd dat alle partijen, gelet op de voorziene krapte in het aanbod van bedrijventerreinen, de omvang en fasering van de plannen ook daadwerkelijk zullen realiseren. Uit de monitor van vorig jaar bleek al dat die krapte voor op de markt voor bedrijventerreinen veel minder aan de orde is dan gedacht. De feitelijke vraag is in bepaalde delen van de MRA ver achtergebleven bij de prognose waarop het aanbod destijds was afgesteld, zodat er zich een situatie van overaanbod aandeed. MRA-breed kan de volgende inhoudelijke conclusie getrokken worden: als er van de ha 200 ha zijn uitgegeven, zou er in theorie momenteel (op ) nog ongeveer ha netto aan plancapaciteit voorhanden moeten zijn tot Dat blijkt echter flink minder te zijn: tabel 3.5 wees uit dat er een aanbod van ha resteert tot Na 2030 resteert overigens nog een capaciteit van circa 375 ha. Ten opzichte van peildatum januari 2010 is de plancapaciteit in het tijdvak momenteel overigens circa 100 ha minder. Bepaalde plannen voor nieuwe bedrijventerreinen zijn de afgelopen jaren sinds 2007 dus door MRA gemeenten geschrapt. Gemeenten hebben al voordat ze de nieuwe Plabeka afspraken ondertekenden op 23 juni 2011 ( wij reduceren de totale plancapaciteit tot 2040 met 514 ha ) geanticipeerd op achterblijvende uitgiftecijfers. De uitkomsten van de Plabeka Monitor wezen de laatste jaren ook al die kant op. Terwijl het aanbodcijfer van met name terstond uitgeefbare terreinen eigenlijk alleen zou moeten kunnen dalen bij uitgifte van terreinen (en uiteraard ook bij administratieve correcties), lijken de fluctuaties in de jaarlijkse aanbodregistratie per jaar per terrein aan meer factoren te wijten dan alleen uitgifte. Een mogelijke verklaring is dat de cijfers op terreinniveau niet alle jaren door dezelfde medewerker (en op dezelfde consistente manier) zijn ingevuld. Daarom worden de gemeenten geadviseerd om één vast contactpersoon verantwoordelijk te maken voor de interne dataverzameling en dataoverdracht richting provincie. De gerealiseerde uitgiftes blijven achter bij de prognoses uit 2007 Overige conclusies Transacties van bestaande bedrijfsruimten verder gedaald, aanbod flink omhoog: de afgelopen jaren zijn er steeds tussen de en m 2 aan transacties voor bedrijfsruimten geregistreerd in de MRA door de onderzoeksbureaus Vastgoedmarkt en PropertyNL. Indicatief betekent dit - omgerekend naar hectares bij een FSI van 0,7 - ongeveer 45 tot 80 ha aan transacties op bestaande bedrijventerreinen per jaar. Ten opzichte van de gemiddelde jaarlijkse uitgifte van nieuwwbouwkavels (±40 tot 45 ha per jaar) kan geconcludeerd worden dan een substantieel deel van de ruimtelijk economische dynamiek in de regio plaatsvindt op bestaande bedrijventerreinen. Het aantal transacties is in 2010 met 25% gedaald ten opzichte van In 2010 werd slechts m 2 bedrijfsruimte verhuurd of verkocht aan een nieuwe eindgebruiker tegenover ruim m2 in Het aanbod van bedrijfsruimten is in diezelfde periode gestegen met 26% naar bijna 1,6 mln m 2 aangeboden bedrijfsruimte in december Omgerekend naar ha (onder de grove aanname van een FSI van 0,7) staan in de MRA momenteel 225 ha bedrijventerreinkavels met aangeboden bedrijfsruimtes erop. Deze cijfers geven een indicatie van de ontwikkelingen op bestaande terreinen. Herstructurering bedrijventerreinen komt op gang maar er is nog een lange weg te gaan: ondanks het feit dat in de MRA qua herstructurering van bedrijventerreinen veel gebeurt blijft het tekort aan financiële middelen en capaciteit bij gemeenten om de enorme herstructureringsopgave op bedrijventerreinen en zeehaventerreinen weg te werken een knelpunt. De MRA staat voor een grote financiële en organisatorische opgave om voor 2020 aan de herstructureringsambities te voldoen. Het feit dat er vaak meerdere investerings- en herstructureringsrondes moeten worden ingezet
48 48 voordat een terrein volledig en succesvol is geherstructureerd speelt hierbij mee. Het PHB en de HIRB subsidies zijn belangrijke elementen in het aanjagen van herstructureringsprocessen, zo is gebleken. Advies aan gemeenten Terwijl het aanbodcijfer van met name terstond uitgeefbare terreinen eigenlijk alleen zou moeten kunnen dalen bij uitgifte van terreinen (en uiteraard ook bij administratieve correcties), lijken de fluctuaties in de jaarlijkse aanbodregistratie per jaar per terrein aan meer factoren te wijten dan alleen uitgifte. Een mogelijke verklaring is dat de cijfers op terreinniveau niet alle jaren door dezelfde medewerker (en op dezelfde consistente manier) zijn ingevuld. Daarom worden de gemeenten geadviseerd om één vast contactpersoon verantwoordelijk te maken voor de interne dataverzameling en dataoverdracht richting provincie. Daarbij is een eigen, interne monitoringssystematiek die gebaseerd is op de definities, uitgangspunten en structuur van de Plabeka Monitor onontbeerlijk.
49 4 49 Ontwikkelingen zeehaventerreinen MRA
50 50 Tabel 4.1 Economische prestatie havens NZKG in nationaal perspectief (2009) Werkzame personen in 2009 Aandeel wp Toegevoegde waarde in 2009 (x 1 mrd) Aandeel tw Zeehaven Rotterdam % 10,1 49% Noordzeekanaalgebied % 3,5 17% Overige havens Rijn- en Maasmond % 3,3 16% Overig NL % 3,6 17% Totaal Nederlandse havens % 20,5 100% Bron: Erasmus Universiteit Rotterdam (mei 2011), De economische betekenis van Nederlandse zeehavens, bewerking Bureau BUITEN Figuur 4.1 Overzichtskaart bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied Bron: Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2009
51 4 Ontwikkelingen zeehaventerreinen MRA 51 In dit hoofdstuk staan de ontwikkelingen op het gebied van zeehaventerreinen centraal. Het betreft de terreinen die toebehoren aan het werkveld van het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied tot mensen), Westerspoor Zuid te Zaanstad (4.753 arbeidsplaatsen), De Pijp (Beverwijk, met arbeidsplaatsen) en in Amsterdam de Hemhavens (4.307 arbeidsplaatsen) en de Westhaven (4.290 arbeidsplaatsen) (Bron: projectbureau NZKG, nov. 2009). 4.1 Het Noordzeekanaalgebied Masterplan Noordzeekanaalgebied Van de 26 terreinen die het Masterplan NZKG staan opgenomen worden de ontwikkelingen op 21 terreinen actief door het projectbureau gemonitord. Dit aangezien een aantal terreinen als strategische reserve locatie fungeren en daardoor nu nog niet beschikbaar zijn voor de markt. In onderstaande kaart zijn alle bedrijventerreinen die een relatie met de haven hebben opgenomen. Het is het gebied dat direct grenst aan het Noordzeekanaal en de terreinen langs de Zaan, en omvat terreinen op het grondgebied van de gemeenten Amsterdam, Zaanstad, Beverwijk en Velsen. Het Noordzeekanaal in nationaal perspectief Uit recent onderzoek van de Erasmus Universiteit (mei 2011) naar de economische betekenis van Nederlandse zeehavengebieden blijkt de belangrijke rol van het Noordzeekanaalgebied in nationaal perspectief (zie tabel 4.1). In het NZKG zijn ongeveer personen werkzaam. Dat is 21% van alle zeehavengerelateerde werkgelegenheid in Nederland. Daarnaast produceert het Noordzeekanaal volgens dit onderzoek jaarlijks voor bijna 3,5 miljard aan toegevoegde waarde. Dit is ongeveer 1/6e deel van alle waarde die wordt toegevoegd in de Nederlandse havens. Op de bedrijventerreinen langs het kanaal zijn ongeveer personen werkzaam bij maritieme bedrijven (Bron: projectbureau NZKG, stand ). Terreinen met veel werkgelegenheid in het NZKG zijn TATA/Corus (op 788 hectare werken ruim Het Noordzeekanaalgebied is een belangrijke motor van de economie van de MRA Segmentering van zeehaventerreinen Net als Plabeka onderscheidt het projectbureau Masterplan NZKG twee segmenten aan zeehaven terreinen: Kadegebonden (of natte ) zeehaventerreinen: Dit zijn terreinen met een laadloskade langs diep vaarwater, toegankelijk voor grote zeeschepen. Bedrijven uit de milieucategorieën 2 t/m 5 zijn hier toegestaan. Deze terreinen zijn in principe bedoeld voor bedrijven die een directie relatie hebben met de haven: vandaar dat Plabeka de term kadegebonden hanteert. Havengerelateerde ( of droge ) zeehaventerreinen: Dit zijn zeehaventerreinen die op een grotere afstand van de kade liggen. Ze zijn bedoeld voor grootschalige en/of milieuhinderlijke activiteiten die vaak een relatie met de zeehaven hebben. Havengerelateerde bedrijven kunnen hier hun plek vinden. Daarnaast monitort het projectbureau een aantal regionale bedrijventerreinen in de buurt van de haven. Dit omdat ook hier veel bedrijvigheid een indirecte relatie heeft met de zeehaven. Deze terreinen zijn bestemd om lokale en regionale bedrijvigheid te faciliteren. Ten opzichte van voorgaande jaren heeft het Projectbureau NZKG een deel van de bedrijventerreinen die voorheen onder de categorie droge zeehaventerreinen vielen nu onder de categorie overig droog laten vallen. Daardoor spoort de monitor van het projectbureau dit jaar beter met de Plabeka monitor dan de vorige monitor publicaties.
52 52 Figuur 4.2 Uitgifte zeehaventerreinen in het Noordzeekanaalgebied (in netto ha) Uitgifte van zeehaventerreinen NZKG 2000 t/m 2010 (netto ha.) Havengerelateerd Kadegebonden Uitgifte (netto ha.) Gem. uitgifte Bron: Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka en Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2010 Tabel 4.2 Uitvoeringsstrategie 2007: plancapaciteit zeehaventerreinen 2006 t/m 2030 (in netto ha, peildatum ) Tabel 4.3 Monitor Uitvoeringsstrategie: resterende plancapaciteit zeehaventerreinen vanaf 2011 (in netto ha, peildatum ) Plancapaciteit * Plancapaciteit ** Plancapaciteit ** Totaal Kadegebonden Amsterdam 265,2 12,4 12,4 290,0 IJmond 32,7 10,5 10,5 53,7 Zaanstad 27,0 87,5 87,5 202,0 Totaal 324,9 110,4 110,4 545,7 Havengerelateerd Amsterdam 131,3 131,3 Zeehaventerreinen Metropoolregio *Harde plancapaciteit IJmond 1,5 1,5 Zaanstad Totaal 132,8 132,8 457,7 110,4 110,4 678,5 **Zachte capaciteit : Wijkermeerpolder Zaanstad (175 ha), ADM terrein Amerikahaven (24,8 ha), Averijhaven Velsen (15 ha) en Oostoever Direct uitgeefbaar (binnen 1 jaar, gerekend vanaf ) Niet direct uitgeefbaar Onzekere capaciteit* Totaal uitgeefbaar Uitgifte 2006 t/m 2010** Kadegebonden 209,7 175,0 24,8 409,5 170,3 Havengerelateerd 93,6 18,0 20,3 131,9 40,2 Zeehaventerreinen Metropoolregio 303,3 193,0 45,1 541,4 210,5 * De onzekere capaciteit betreft het kadegebonden ADM terrein (24,8 ha) in de Amerikahaven Amsterdam en qua havengerelateerd de Afrikahaven Amsterdam (incl. Atlaspark, 20,3 ha). **Deze uitgifte is geregistreerd op alle Masterplan NZKG terreinen segmenten maritiem en droog, exclusief de ± 40 ha uitgifte vanaf t/m in het segment overig droog. Bron: Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka en Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2010, bewerking Bureau BUITEN Zijkanaal A Beverwijk (6 ha). Bron: Uitvoeringsstrategie Plabeka (2007)
53 Uitgifte zeehaventerreinen 2010 Uitgifte 2010 in historisch perspectief Daar waar de uitgifte van havengerelateerde terreinen redelijk op peil is gebleven (2010: 5,2 ha tegenover 5,1 ha in 2008 en 8,0 ha in 2009) is de uitgifte van kadegebonden terreinen dit jaar minimaal geweest. In 2010 werd er voor 2,6 ha aan kadegebonden terreinen uitgegeven terwijl dit de jaren daarvoor altijd minimaal 8 ha was. In figuur 4.2 worden deze cijfers afgezet tegen de uitgiftes vanaf In totaal is er in deze periode van 11 jaar voor 300 ha aan kadegebonden en 55 ha aan havengerelateerde terreinen uitgegeven. Gemiddeld wordt er jaarlijks 27 ha kadegebonden haventerrein uitgegeven en ongeveer 5 ha havengerelateerd. Het meest opmerkelijk in deze tijdreeks zijn de enorm grote uitgiften aan kadegebonden terreinen in de jaren 2006 en Dit betreft nieuwe terminals voor kolen en olieproducten in de Afrjkahaven. Met gemiddeld 7,5 ha lag de uitgifte van kadegebonden terreinen de laatste 3 jaar substantieel onder het meerjarige gemiddelde van 27 ha. De uitgifte van havengerelateerde terreinen lag daarentegen met 6,4 ha (gemiddeld, gemeten over diezelfde periode van 3 jaar) iets boven het meerjarig gemiddelde (sinds 2000) van 5 ha per jaar. 4.3 Herstructurering zeehaventerreinen In de Uitvoeringsstrategie 2007 is afgesproken met het Bestuursplatform Masterplan Noordzeekanaalgebied dat zij de potenties van de herstructurerings- en intensiveringscapaciteit in het Noordzeekanaalgebied duidelijk in kaart brengt. Daarin wordt voorzien middels de jaarlijkse monitorraportage van het Masterplan. Het meten van onder andere ruimtewinst is een onderdeel van hun monitor. De herstructureringsopgave in de havens is daarnaast in 2010 apart door Plabeka in kaart gebracht (zie paragraaf 3.3). In totaal blijkt 26% van de totale herstructureringsopgave in Noord-Holland op de haventerreinen gelegen te zijn. Er ligt een opgave van meer dan 700 ha. Het betreft 14 van de 127 terreinen/projecten. De provincie Noord-Holland is inmiddels gestart met het onderzoek naar een optimale benutting van het bestaand havengebied als deelproject van de vastgestelde structuurvisie in De resultaten daarvan worden in het najaar van 2011 verwacht. 4.4 Plancapaciteit tot 2030 Plancapaciteit zoals opgenomen in Uitvoeringsstrategie 2007 Volgens de vastgestelde Uitvoeringsstrategie 2007 was er op 1 januari 2006 voor 460 ha zeehaventerrein aan harde plancapaciteit (325 ha kadegebonden en 133 ha havengerelateerd). Daarnaast was er nog 220 ha zachte plancapaciteit in voorraad, waarvan het grootste deel (175 ha) de Wijkermeerpolder betrof (zie tabel 4.2). Resterende plancapaciteit In tabel 4.3 is de huidige plancapaciteit (stand ) weergegeven. Ten opzichte van de situatie in 2006 kunnen de volgende opmerkingen worden geplaatst: De Averijhaven Velsen (15 ha) en het Oostoever Zijkanaal A (6 ha) in Beverwijk zijn inmiddels geschrapt uit de zachte en/of onzekere planvoorraad. Voor de Averijhaven bestaan plannen om deze weer als havenbekken te benutten voor het lichteren van bulkschepen. Oostoever Zijkanaal A is door een uitspraak van de Raad van State onbruikbaar als zeehaventerrein. In de structuurvisie van de provincie Noord-Holland is een strategische reserve voor haventerreinen opgenomen van 175 ha. Mogelijke locaties daarvoor zijn de Houtrakpolder of de Wijkermeerpolder. Tussen 2006 en 2010 is er 210 ha zeehaventerrein uitgegeven: 170 ha kadegebonden en 40 ha havengerelateerd. Een deel van die uitgifte is op de bestaande terreinen als ruimtewinst/inbreiding gerealiseerd. Meer daarover in het vervolg van deze paragraaf. Op dit moment is er nog ongeveer 300 ha direct uitgeefbaar: 210 ha kadegebonden terreinen en 94 ha havengerelateerde zeehaventerreinen. Daarnaast is er nog een niet direct uitgeefbare voorraad van 175 ha kadegebonden en 18 ha havengerelateerde kavels (zie tabel 4.3). Er is aanvullend nog een onzekere capaciteit van 45 ha.
54 54 Figuur 4.3 Vraagscenario s* kadegebonden zeehaventerreinen in het NZKG afgezet tegen feitelijke vraagontwikkeling Behoefteraming vanaf natte 2000 terreinen (in NZKG netto ha). vs feitelijke uitgifte 2000 t/m Prognose jaarlijkse uitgifte kadegebonden terreinen volgens optimistisch (GE) scenario Prognose jaarlijkse uitgifte kadegebonden terreinen volgens pessimistisch (RC) scenario Feitelijke, gerealiseerde uitgifte Bron: Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka en Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2010 Figuur 4.4 Vraagscenario s* havengerelateerde zeehaventerreinen in het NZKG afgezet tegen feitelijke vraagontwikkeling vanaf 2000 (in netto ha). Behoefteraming droge zeehaventerreinen NZKG vs feitelijke uitgifte 2000 t/m Prognose jaarlijkse uitgifte havengerelateerde terreinen volgens optimistisch (GE) scenario Prognose jaarlijkse uitgifte havengerelateerde terreinen volgens pessimistisch (RC) scenario Feitelijke, gerealiseerde uitgifte *GE=Global Economy en RC=Regional Communities. Dit zijn economische groeiscenario s van het CPB die aan de basis liggen van de vigerende NZKG behoefteraming. Bron: Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka en Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2010 Tabel 4.4 Uitgeefbaar aanbod kadegebonden terrein naar kavelgrootte Kavelgrootte Aantal Locatie(s) kavels > 20 ha 1 Afrikahaven (Amsterdam) ha 5 Amerikahaven (Amsterdam), Grote Hout (Velsen), Hoogtij (Zaanstad), IJmondhaven (Velsen) 5 10 ha 3 Afrikahaven (Amsterdam), Amerikahaven (Amsterdam) 1-5 ha 17 Afrikahaven (Amsterdam), Amerikahaven (Amsterdam), Hemhavens (Amsterdam), Hoogtij (Zaanstad), Havens IJmuiden (Velsen), Westhaven (Amsterdam) Bron: Monitoring Bedrijventerreinen Masterplan Noordzeekanaalgebied 2010
55 55 Grootte van kavels in aanbod De hectares die momenteel nog vrij beschikbaar zijn in het Noordzeekanaalgebied bestaan vooral uit kleinere kavels (zie tabel 4.4). Er is slechts één kavel van meer dan 20 ha beschikbaar (in de Afrikahaven Amsterdam). Veel kavels in het resterende aanbod zijn momenteel in optie uitgegeven. De feitelijke uitgifte van deze terreinen moet echter nog plaatsvinden: vooralsnog zijn deze dus nog niet geregistreerd in figuur 4.2. Zodra de economie aantrekt bestaat de mogelijkheid dat ondernemingen weer gaan investeren en hun opties omzetten naar transacties (en dus uitgifte) van kavels. In hoeverre deze verwachtingen uitkomen is echter onzeker. Over het aanbod kadegebonden kavels (zie o.a. tabel 4.4) zijn de volgende opmerkingen te plaatsen: In de Afrikahaven (incl. Atlaspark) is er in totaal nog 95 ha netto kadegebonden terrein op korte termijn uitgeefbaar, in de Amerikahaven 44 ha, Hoogtij 27 ha, IJmondhaven 17 ha, Grote Hout 11 ha, Hemhavens 7 ha en Westhaven 5 ha. Qua kavelgrootte is er 1 kavel in het aanbod van méér dan 20 ha. Daarnaast zijn er iets meer kavels in aanbod van ha. De meeste kavels hebben een omvang van 1-5 ha. Ondanks forse inbreiding een teruglopend aanbod kadegebonden terreinen Voor de kadegebonden terreinen moet geconcludeerd worden dat de uitgeefbare voorraad in 5 jaar tijd mede door de hoge uitgifte van natte kavels in 2006 en 2007 sterk is teruggelopen van 524,7 ha in 2006 (545,7 ha 15 ha Averijhaven 6 ha Oostoever Zijkanaal, zie tabel 4.2) tot bijna 410 ha in Er is echter in diezelfde periode voor 170 ha aan uitgifte geweest. Dit zou betekenen dat er mogelijk voor meer dan 50 ha aan inbreiding heeft plaatsgevonden op de (kadegebonden) haventerreinen. De voorraad havengerelateerde kavels is teruggelopen van 133 ha in 2006 (zie tabel 4.2) naar 132 ha op (zie tabel 4.3). Terwijl er in dit segment 40 ha heeft plaatsgevonden is de voorraad dus vrijwel geheel in tact gebleven. Ook hier is waarschijnlijk sprake van inbreiding. 4.5 Conclusie Het aanbod kadegebonden kavels zou tussen 2015 en 2020 opgedroogd kunnen zijn Afspraken Uitvoeringsstrategie 2007 In de Uitvoeringsstrategie uit 2007 is met het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied afgesproken dat zij: een nieuwe vraagprognose laat opstellen voor de periode tot 2030, rekening houdend met de ontwikkeling van de goederenstromen. de daadwerkelijke uitgifte in 2006 en 2007 zullen monitoren om te kijken of de voorraad inderdaad sterk terugloopt. Feitelijke, gerealiseerde vraag vs vraagprognose Ecorys In 2007 is in opdracht van het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied een nieuwe vraagprognose opgesteld. De verschillen met de ramingen die aan de basis lagen van de Uitvoeringsstrategie-afspraken over zeehaventerreinen zijn niet groot. Voor havengerelateerde terreinen komt de vraagraming in de periode tot 2020 hoger uit. Dit hangt vooral samen met een grotere vraag naar distributieterreinen in relatie tot het containervervoer. In figuur 4.3 is de nieuwe behoefteraming afgezet tegen de feitelijke uitgifte van natte en droge zeehaventerreinen 2000 t/m Zoals in paragraaf 4.2 is geconstateerd is de uitgifte in 2010 van natte kadegebonden terreinen weggezakt (zie figuur 4.3) terwijl de vraag naar kavels in het droge segment redelijk op niveau is gebleven (zie figuur 4.4). Zoals ook in de vorige Plabeka monitor is geconstateerd blijft het meerjarige gemiddelde voor de uitgifte van kadegebonden zeehaventerreinen ver boven het hoogste scenario: de prognose gaat in het optimistische scenario uit van 22 ha uitgifte per jaar terwijl in werkelijkheid de gemiddelde uitgifte sinds 2000 overigens stevig positief beïnvloed door de hoge uitgiftepieken in van 85 ha en 83 ha in respectievelijk 2006 en op 27 ha/jaar ligt. Over de laatste 11 jaar lag de gemiddelde uitgifte van havengerelateerde terreinen met 5 ha/jaar rond het optimistische scenario (±6 ha/jaar). Ook hier speelt het effect van het piekjaar 2007 mee.
56 56 Monitor van de plancapaciteit Conclusie kadegebonden terreinen: ondanks de inbreiding die heeft plaatsgevonden (zie tabel 4.5) loopt het aanbod van kadegebonden kavels terug. Afgaande op de gemiddelde uitgifte van de laatste 11 jaar (27 ha) is de totale kadegebonden voorraad (210 ha, exclusief de strategische reserve van 175 ha en de onzekere capaciteit op het ADM terrein) waarschijnlijk tussen 2015 en 2020 volledig uitgegeven. Het is daarom belangrijk de komende periode het accent te blijven leggen bij herstructurering en efficiënt ruimtegebruik. Zodra de economie en de goederenoverslag in de haven weer flink aantrekt is het niet ondenkbaar dat de huidige resterende voorraad aan kadegebonden zeehaventerreinen snel terugloopt. De vele kavels die momenteel in optie zijn uitgegeven kunnen beschouwd worden als latente uitgifte; als enkele grote transacties worden gepleegd kan de resterende voorraad kadegebonden terreinen snel teruglopen. De studie die de provincie momenteel laat uitvoeren naar een optimale benutting van het bestaand havengebied moet meer duidelijkheid verschaffen over de mogelijkheden die het huidige areaal biedt. Met de voorraad havengerelateerde terreinen (111 ha, exclusief de onzekere capaciteit) kan de regio nog 22 jaar vooruit (als we rekenen met een gemiddelde jaarlijkse uitgifte in de toekomst van 5 ha per jaar).
57 BBijlagen 57
58 58 Bijlage I Organogram Plabeka Relatie tussen PRES en Plabeka PRES is het bestuurlijke overleg voor de economische ontwikkeling van de Metropoolregio Amsterdam. Deelnemers zijn de gemeenten Almere, Amsterdam, Haarlem, Haarlemmermeer, Hilversum, Lelystad en Zaanstad, de provincies Flevoland en Noord-Holland, de Stadsregio Amsterdam en de Kamers van Koophandel Amsterdam en GEF. Deze partijen werken binnen het platform samen om antwoorden te geven op de economische uitdagingen waar de MRA voor staat. De thema s die in PRES verband worden opgepakt zijn: Werklocaties/Plabeka De sociaal-economische agenda Kennis & Innovatie Toerisme Marketing & Acquisitie Duurzaamheid Logistics Board Arbeidsmarkt Organisatiestructuur Plabeka De gemeente Haarlemmermeer is trekker van Plabeka: Bestuurlijk is Arthur van Dijk (in PRES verband) voorzitter van Plabeka Ambtelijk is Bert Uitterhoeve voorzitter van de projectgroep Plabeka. Tot en met 2010 was Peter de Kruijk voorzitter van de projectgroep. De volgende instanties nemen deel aan de (ambtelijke) projectgroep Plabeka: Bert Uitterhoeve/Peter de Kruijk (Gemeente Haarlemmermeer), ambtelijk voorzitter Martin Bekker (Stadsregio Amsterdam), vicevoorzitter + trekker werkgroep monitor Saskia van Beek/Aafke Kaspers (Gemeente Haarlemmermeer) Sabine ten Brinke (OGA Amsterdam) CJ Dippel (EZ Amsterdam) Margreet Leclerq(DRO Amsterdam) Casper de Canne (Gemeente Zaanstad) trekker werkgroep herstructurering Tom Lips (Provincie Noord-Holland) Paul Smeenk (Provincie Flevoland) Hinne-Paul Krolis (Gemeente Almere) Robert-Jan Moorman (gemeente Lelystad) Jan Appelman (Gemeente Haarlem) trekker werkgroep communicatie Dick Hulsebosch (Kamer van Koophandel Amsterdam) Wouter Weyers (Kamer van Koophandel GEF) Joost Hagens (Bureau BUITEN), secretariaat Plabeka Luuk Stevens (Bureau BUITEN), secretariaat Plabeka Sinds de uitvoeringsstrategie in 2007 is vastgesteld heeft Plabeka via de projectgroep en haar werkgroepen stappen gezet om de afspraken in uitvoering te brengen. Hieronder wordt kort verslag gedaan van activiteiten die per werkgroep zijn opgepakt. Werkgroep herstructurering (2007-nu) Het onderzoek naar de herstructureringsopgave in de Metropoolregio Amsterdam van begin 2010 toonde aan dat er een enorme opgave ligt om de achterstanden op het gebied van herstructurering in te halen. De publieke middelen zijn bij lange na niet voldoende om de kosten van de totale operatie van ha te financieren. Het bestuurlijk overleg PRES/Plabeka heeft daarom - in aansluiting op adviezen van de Taskforce (Her)Ontwikkeling Bedrijventerreinen (ook wel bekend als de Commissie Noordanus) - besloten tot de oprichting van het Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen (PHB) dat sinds 1 september 2009 operationeel is. In het PHB is de expertise gebundeld van regionale ontwikkelingsbedrijven als SADC, RON en OGA. Het PHB ondersteunt gemeenten in het versnellen van de uitvoering van herstructurering van bedrijventerreinen en bundelen kennis en ervaring om tot advies voor de regionale aanpak op langere termijn te komen. Het PHB opereert onder toezicht van de werkgroep herstructurering van Plabeka. Werkgroep monitor (2007-nu) Deze werkgroep heeft met voorliggende publicatie de vierde voortgangsrapportage Plabeka voortgebracht. De monitor is een centraal punt in de kwaliteit van de uitvoering van de uitvoeringsstrategie. Alle partijen hebben zich meerjarig verbonden aan het zorgen voor voldoende capaciteit en kwaliteit om de voeding van de plabeka monitor op een zorgvuldige wijze te garanderen. De werkgroep hoopt ook de komende jaren
59 59 op voldoende medewerking van alle gemeenten, met name via een goede respons op de provinciale Monitors Bedrijventerreinen en Kantoorlocaties. Dat is immers de voornaamste bron waaruit Plabeka put voor haar Plabeka Monitor. Werkgroep communicatie (2007-nu) Deze werkgroep werkt op basis van het communicatieplan dat in 2010 is opgesteld. In 2011 gaat Plabeka haar website vernieuwen, wordt een digitale nieuwsbrief ontwikkeld (frequentie 4x per jaar) en is een LinkedIn Group Vrienden van Plabeka opgestart. Op deze manier wil Plabeka zichtbaarder worden voor een breder publiek. Werkgroep oud-nieuw (in 2009 opgeheven) Na onderzoeken uitgevoerd te hebben naar (structurele) leegstand van vastgoedobjecten voor kantoren en op bedrijventerreinen heeft de Werkgroep Oud- Nieuw in oktober 2009 een eindnotitie opgeleverd. De werkgroep was opgezet om in beeld te brengen op welke manier een koppeling aangebracht kon worden tussen de bouw van nieuwe kantoren en het transformeren of anderszins van de markt halen van oude kantoren. Aanleiding hiervoor was het te ruime aanbod van en de hoge leegstand in kantoren. De aanbod-opname-ratio en de leegstand bevonden zich ruim buiten de gezonde waarden. De werkgroep concludeerde dat er geen instrumenten zijn die een directe koppeling kunnen leggen tussen de realisatie van nieuwe en de transformatie/ sloop van oude kantoren. Vanwege het ontbreken van een wettelijke basis worden de verhandelbare ontwikkelingsrechten als een theoretische optie gezien, waar we in de praktijk (voorlopig) niets mee kunnen. Indirecte, financiële instrumenten namelijk kostenverhaal en verevening - zijn wel toepasbaar, maar nog met veel vragen omgeven. Aangezien het PHB met beantwoording van soortgelijke vragen maar dan voor bedrijventerreinen bezig is, heeft Plabeka besloten de resultaten van het PHB af te wachten. Werkgroep duurzaamheid (in 2008 opgeheven) De werkzaamheden van deze werkgroep hebben geleid tot de interessante duurzaamheids-top in mei Als follow up is besloten geen afzonderlijke activiteiten onder Plabeka-vlag op te zetten, maar aan te haken op het duurzaamheidsplatform van de Kamer van Koophandel. Daarnaast wordt via de reguliere Plabeka-activiteiten, met name herstructurering en de verdere regionale samenwerking, invulling gegeven aan het besluit tot het integreren van duurzaamheid in Plabeka-kader. Werkgroep impuls Almere (in 2008 opgeheven) Op basis van een bestuurlijke wens van Almere is in de Uitvoeringsstrategie van 2007 een onderzoek opgenomen waarin verkend zou worden welke aanvullende maatregelen genomen kunnen worden om de werkgelegenheidsontwikkeling in Almere verder te stimuleren. Om daar invulling aan te geven is in 2007 het project Impuls Almere opgezet. Doel van dat project was het aandragen van vraaggerichte opties en regionale beleidsmogelijkheden waarmee de woon-werk balans van Almere kon worden verbeterd. Het project is op verzoek van Almere voortijdig stopgezet. Langs andere wegen en overlegstructuren wordt immers al invulling aan het doel gegeven, zo heeft Almere geconcludeerd. Werkgroep behoefteraming (in 2011 opgeheven) In 2010 heeft deze werkgroep de begeleiding op zich genomen van het onderzoek voor de nieuwe behoefteraming Plabeka De Provincie Noord-Holland was voorzitter van de werkgroep. Tijdens de kick-off conferentie van het actualiseringsproces van de Uitvoeringsstrategie op 30 juni 2010 op Schiphol werden de eerste uitkomsten van het onderzoek gepresenteerd aan een groot publiek. Inmiddels is de nieuwe behoefteraming (zie ook bijlage II) vastgesteld als nieuwe behoefteraming waar de planning van werklocaties in de MRA de komende jaren op zal worden afgestemd. Kernteam actualisering uitvoeringsstrategie (in 2011 opgeheven) Dit team heeft onder leiding van procesmanager Lubbert Hakvoort en met ondersteuning van Luuk Stevens de totstandkoming van de nieuwe Uitvoeringsstrategie verzorgd. De werkzaamheden startten in april 2010 en eindigden op de 3e PRES conferentie in juni 2011, toen de nieuwe Uitvoeringsstrategie werd ondertekend door de 34 gemeenten van de MRA, de 2 provincies en de Stadsregio Amsterdam.
60 60 Figuur Vergelijking II.1 Vergelijking behoefteramingen behoefteramingen kantoren Noordvleugel/MRA kantoren Noordvleugel/MRA 250 Figuur Vergelijking II.3 Vergelijking behoefteramingen behoefteramingen zeehaventerreinen (K+H) zeehaventerreinen Noordvleugel/MRA 30 Oude hoog (GE) - DRO 2005 Oude hoog - DRO 2005 Prognose van jaarlijkse uitbreidingsvraag (x m2 bvo) Oude laag (RC) - DRO 2005 Nieuwe hoge scenario (GG) - BCI 2010 Laagste nieuwe scenario (DT) - BCI 2010 Prognose van jaarlijkse uitgifte (in netto ha.) Oude laag - DRO 2005 Nieuwe hoog (optimistisch/ge) - Ecorys 2007 Nieuwe laag (pessimistisch/rc) - Ecorys Bron: DRO (2005), BCI (2010), bewerking Bureau Buiten Bron: DRO (2005), Ecorys (2007), bewerking Bureau Buiten Figuur Vergelijking II.2 Vergelijking behoefteramingen behoefteramingen bedrijventerreinen bedrijventerreinen Noordvleugel/MRA 120 Oude hoog (GE) - DRO Oude laag (RC) - DRO 2005 Nieuwe (GG regiospecifiek) - BCI 2010 Nieuwe (GG MRA breed) - BCI 2010 Prognose van jaarlijkse uitgifte (in netto ha.) Nieuwe (DT) - BCI Bron: DRO (2005), BCI (2010), bewerking Bureau Buiten
61 Bijlage II Vergelijking oude en nieuwe behoefteraming 61 In deze bijlage staan de oude en nieuwe behoefteramingen van Plabeka naast elkaar (zie linkerpagina). Zo wordt in één oogopslag duidelijk wat de verschillen in uitkomsten zijn. Zoals gezegd staat in voorliggende monitor nog de oude behoefteraming centraal bij kantoren en bedrijventerreinen. Vanaf volgend jaar kijken we alleen nog maar naar de nieuwe ramingen. Bij zeehaventerreinen is er al langer een nieuwe behoefteraming vigerend, namelijk de raming die in 2007 door Ecorys is opgesteld. De uitkomsten van de oude en nieuwe behoefteramingen voor kantoren en bedrijventerreinen verschillen omdat andere aannames en uitgangspunten aan de basis hebben gestaan van de modelmatige exercitie. De belangrijkste verschillen in aannames/uitgangspunten zijn: 1. Dekkingsgebied: in de nieuwe raming is Lelystad meegenomen 2. Gehanteerde kantoorquotiënt: in de nieuwe raming is die 24 m2 per baan en geijkt, in de oude raming was gerekend met 28 m2 per baan 3. Verwachte economische groei: in de nieuwe raming gaat Plabeka op basis van CPB prognoses - uit van een jaarlijkse groei van de werkgelegenheid van 0,6% plus banen vanwege de Schaalsprong Almere. De groeiverwachting voor de Randstad is in diezelfde periode 0,5% per jaar en nationaal 0,7%. In de oude raming ging Plabeka nog uit van een verwachtte jaarlijkse groei van 1,47% (excl. t Gooi en Vechtstreek). 4. In tegenstelling tot de oude raming is bij de nieuwe raming rekening gehouden met het feit dat er naast uitbreidingsvraag ook onttrekkingsvraag/vervangingsvraag bestaat: De vraag door onttrekking is bij kantoren, naast onttrekking door functiewijziging, gebaseerd op de veroudering en daarmee samenhangende vervanging van het bestaande vastgoed. Aanname: jaarlijks 1,75% van de totale bestaande voorraad in gebruik. De vervanging van kantoren leidt niet één op één tot ruimtevraag. Een gedeelte van de vervanging kan namelijk geaccommodeerd worden op dezelfde locatie door herontwikkeling (sloop-nieuwbouw op dezelfde locatie). De hierbij gehanteerde aanname is dat dit in 80% van de vervangingsvraag voorkomt. Het verouderde deel van de kantorenvoorraad dat niet wordt herontwikkeld, dient onttrokken en dus gesloopt te worden. Plabeka neemt aan dat dit 20% van de berekende vervangingsvraag is. De kantoorgebruikers die als gevolg daarvan moeten worden verplaatst, vragen elders ruimte. Op de gesloopte plek komen geen kantoren meer terug. Bij kantoren is tevens de aanname dat 50% van de huidige totale leegstand ( ) incourant is/wordt tot 2020 en dat dit voor bedrijfsverplaatsingen zorgt. Deze 50% incourante leegstand dient voor 2020 van de markt gehaald te worden door sloop, herontwikkeling of transformatie. 5. Regiospecifieke bedrijventerreinraming: in de regiospecifieke bedrijventerreinraming is een gevoeligheidsanalyse uitgevoerd op de verschillen in cruciale modelparameters tussen de verschillende deelregio`s. Deze regiospecifieke raming is alléén uitgevoerd voor bedrijventerreinen en niet voor kantoren, uitgaande van het scenario Global Gateway. Hierbij is anders dan bij de MRA-brede raming - voor elke regio een eigen raming opgesteld (naast een raming voor de hele regio die uiteindelijk wordt toebedeeld naar de deelregio s). Gegeven de deelregionale verschillen in locatietypevoorkeuren en terreinquotienten wijken de uitkomsten tussen de MRA-brede en de Regiospecifieke raming voor zowel individuele deelregio s als ook de MRA als geheel af van elkaar. De regiospecifieke raming berust gedeeltelijk op regiospecifieke modelparameters en gedeeltelijk op MRA brede modelparameters. Voor een volledig overzicht van de achtergronden bij en uitkomsten van de nieuwe behoefteraming (inclusief referentiescenario s) verwijzen we naar het rapport van BCI uit oktober 2010.
62 62 Bijlage III Ontwikkelingen kantorenmarkt naar gemeente wijziging voorraad kantoren in 2010 dynamiek wijziging kantoorgebruik situatie januari 2011 nieuwbouw (opgeleverd) A saldo functiewijziging/ sloop B groei voorraad C=A+B betrokken (in gebruik genomen) D groei gebruik E groei leegstand F=C-E leegstand inclusief voorverhuur G % leegstand inclusief voorverhuur % G leegstand exclusief voorverhuur H % leegstand exclusief voorverhuur % H voorraad I aandeel in de regionale voorraad in % aanbouw aanbouw ten opzichte vd voorraad % 1 Amsterdam ,6% ,6% ,2% ,8% 2 Haarlemmermeer ,8% ,0% ,3% ,9% 3 Haarlem ,1% ,4% ,5% ,6% 4 Zaanstad ,4% ,2% ,4% ,5% 5 Almere ,3% ,4% ,7% ,2% 6 Purmerend ,1% ,9% ,8% ,6% 7 Heemskerk ,6% ,6% ,2% ,8% 8 Beverwijk ,3% ,3% ,5% ,6% 9 Bussum ,5% ,5% ,5% ,8% 10 Naarden ,6% ,6% ,6% ,3% 11 Hilversum ,4% ,8% ,7% ,3% 12 Amstelveen ,4% ,1% ,0% ,4% 13 Velsen ,6% ,2% ,1% ,4% 14 Castricum ,1% ,7% ,2% ,7% 15 Heemstede ,6% ,6% ,3% ,6% 16 Lelystad ,9% ,6% ,8% 700 0,3% 17 Uithoorn ,9% ,6% ,4% 600 1,1% 18 Landsmeer ,2% ,2% ,1% 400 2,6% 19 Laren ,6% ,0% ,2% 300 1,2% 20 Diemen ,2% ,2% ,4% 0 0,0% 21 Ouder-Amstel ,0% ,5% ,2% 0 0,0% 22 Aalsmeer ,5% ,5% ,3% 0 0,0% 23 Wormerland ,6% ,1% ,2% 0 0,0% 24 Beemster ,4% ,4% ,0% 0 0,0% 25 Zeevang ,0% 0 0,0% ,0% 0 0,0% 26 Graft-de Rijp ,2% 100 3,2% ,0% 0 0,0% 27 Edam-Volendam ,5% ,5% ,2% 0 0,0% 28 Waterland ,0% 0 0,0% ,0% 0 0,0% 29 Oostzaan ,2% ,1% ,1% 0 0,0% 30 Bloemendaal ,0% ,0% ,1% 0 0,0% 31 Zandvoort ,5% ,5% ,1% 0 0,0% 32 Haarlemmerliede c.a ,3% ,0% ,2% 0 0,0% 33 Uitgeest ,7% ,7% ,1% 0 0,0% 34 Wijdemeren ,6% ,6% ,2% 0 0,0% 35 Weesp ,7% ,2% ,6% 0 0,0% 36 Muiden ,3% 500 9,3% ,0% 0 0,0% 37 Huizen ,5% ,5% ,6% 0 0,0% 38 Blaricum ,9% 200 3,9% ,0% 0 0,0% regio ,8% ,4% ,0% ,2%
63 Bijlage IV Plancapaciteit kantoren naar terrein (stand ) 63 Als uitgangspunt voor onderstaande lijst met locaties zijn de terreinen genomen die in de bijlagen van de monitor van vorig jaar stonden geregistreerd. Voor iedere kantoorlocatie-met-plancapaciteit zijn in deze bijlage drie rijen met getallen opgenomen: Stand Dit is het getal dat in de vorige Plabeka Monitor publicatie is ( ) gepubliceerd. Uiteraard betrof dit getal het tijdvak t/m (dus 2010 t/m 2019), daar waar de meest recente registratie een jaar later betreft. US ( ) Dit is de aangepaste planning die op 23 juni in de nieuwe Uitvoeringsstrategie is vastgesteld. Zoals afgesproken gelden deze getallen administratief als de stand In het najaar 2011/voorjaar 2012 worden nieuwe afspraken gemaakt over aanpassing (naar beneden) van de plancapaciteit in het eerste tijdvak tot Het verschil tussen de hoogte van het getal in de kolom en de rijen en kan te wijten zijn aan: Feitelijke bouwactiviteiten op het terrein: het terrein is van plan (papier) fysiek in aanbouw genomen. Een administratieve correctie. Stand Dit is het getal dat in april 2011 door de ambtelijke contactpersonen op gemeentelijk niveau zijn ingevuld in de provinciale monitor applicatie van Flevoland of Noord-Holland. De provinciale monitor vraagt op dit punt naar capaciteit in 3 tijdvakken: Binnen 1 jaar ontwikkelbaar, binnen 1 tot 5 jaar en na 5 jaar. Om deze indeling aan te laten sluiten bij de tijdvakken die Plabeka altijd gebruikt zijn de eerste twee provinciale tijdvakken gerekend tot het eerste Plabeka tijdvak (tot 2020) en het derde provinciale tijdvak tot het tweede Plabeka tijdvak ( ). Er wordt een dringend beroep gedaan op de gemeenten om hun cijfers goed op orde te houden. Dat betekent dat hun eigen monitoringssystematiek consistent moet zijn met de Plabeka systematiek en dat de gegevens consistent, consequent en volledig aan de provincie aangeleverd worden. Bron: Plabeka Monitor , Monitor Bedrijventerreinen en Kantoorlocaties provincie Noord-Holland 2011 en de Monitor Bedrijventerreinen provincie Flevoland 2010, bewerking Bureau BUITEN. Deze indeling is een aanname van de monitor werkgroep! Op dit punt dient de provinciale monitoringssystematiek/-applicatie komend jaar aangepast te worden. De provincie Noord-Holland is daar momenteel al mee bezig. Ook de monitoringssystematiek van de provincie Flevoland dient hierop aangepast te worden.
64 64 Meerlanden Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Haarlemmermeer Beukenhorst Oost US ( ) 0 Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Beukenhorst Oost-oost US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Beukenhorst Zuid US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Business Garden US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Elzenhof US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Badhoevedorp Zuid*** US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Schiphol centrum US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Schiphol oost US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Schiphol Rijk US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Schuilhoeve US ( ) Stand Stand (' ') Haarlemmermeer A4 Zone West US ( ) 0 Stand Stand (' ') Haarlemmermeer Schiphol Noord West US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Meerlanden US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt m2 geschrapt m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt m2 geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als aparte kantorenlocatie in de provinciale Monitor Plancapaciteit in Uitvoeringsstrategie: 0 m2 (niets geschrapt) Ontbreekt als aparte kantorenlocatie in de provinciale Monitor Excl m2 op de Hoek Noord (zie Uitvoeringsstrategie) Excl. de Hoek Noord Excl. de Hoek Noord Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Station Beukenhorst Zuid ( m2) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: De Hoek Noord (35.000m2 in , m2 geschrapt bij vaststelling Uitvoeringsstrategie) mbt Badhoevedorp Zuid ( m 2 geschrapt) heeft de provincie Noord-Holland in haar structuurvisie opgenomen dat de provincie een inspanningsverplichting heeft om een bedrijventerrein in Badhoevedorp-Zuid planologisch mogelijk te maken.
65 65 Amstelland Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Amstelveen Zone A9 US ( ) Stand Stand (' ') Amstelveen Bovenkerk / Bovenkerkerhoek US ( ) Stand Stand (' ') Amstelveen Stadshart US ( ) Stand Stand (' ') Amstelveen Bankrashof US ( ) Stand Stand (' ') Amstelveen KNSF zone 2 US ( ) 0 Stand Stand (' ') Amstelveen Fokkerlaan (Keizer Karel Park) US ( ) 0 Stand Stand (' ') Amstelveen Bovenkerk / Bovenkerkerweg 5-7 US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm Amstelveen KNSF zone 3 US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm Amstelveen Kronenburg / Amstenrade US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm Totaal Amstelland US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking Uitvoeringsstrategie: 'schrappen nader te bepalen' Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Uitvoeringsstrategie: 'schrappen nader te bepalen' Uitvoeringsstrategie: 'schrappen nader te bepalen' ( m2 in aanbouw) Uitvoeringsstrategie: 'schrappen nader te bepalen' Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Van de m2 aan plannen dienen m2 geschrapt te worden.
66 66 Almere Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Almere Olympia office park US ( ) Stand Stand (' ') Almere Kustzone US ( ) Stand Stand (' ') Almere Olympiakwartier oost US ( ) Stand Stand (' ') Almere Zakencentrum US ( ) Stand Stand (' ') Almere Almere buiten centrum US ( ) Stand Stand (' ') Almere Zuidelijk stadscentrum US ( ) Stand Stand (' ') Almere Evenaar / 3KNS US ( ) 0 Stand Stand (' ') Almere Cascadepark oost US ( ) Stand Stand (' ') Almere Lage Kant US ( ) Stand Stand (' ') Almere Europakwartier US ( ) Stand Stand (' ') Almere Middenkant US ( ) Stand Stand (' ') Almere Bouwmeesterbuurt en overig Almere Buiten US ( ) Stand Stand (' ') Almere Oksel A6 / A27 US ( ) Stand Stand (' ') Almere Kantorenvilla's US ( ) Stand Stand (' ') Almere Weerwaterzone US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Almere US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking Fasering aangepast (naar voren gehaald), resterende plancapaciteit licht gedaald Plannen geschrapt of nieuwbouw opgeleverd? Plancapaciteit verhoogd Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Totale plancapaciteit verhoogd, fasering aangepast (naar voren gehaald) Totale plancapaciteit verhoogd, fasering aangepast (naar achteren geschoven) Totale plancapaciteit verhoogd, fasering aangepast (naar achteren geschoven)
67 67 Lelystad Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Lelystad Stadscentrum US ( ) Stand Stand (' ') Lelystad Kantorenzone Larserpoort US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Lelystad US ( ) Stand Stand (' ') Gooi en Vechtstreek Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Hilversum Media Park US ( ) 0 Stand Stand (' ') Hilversum Hilversum Arenapark/Sportpark US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Gooi en Vechtstreek US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking Nvt Media Park wordt voortaan als thematisch bedrijventerrein beschouwd, dus hier staat geen specifiek 'kantoren'programma In uitvoeringsstrategie 'Arenapark' genoemd (4.600 m2 in aanbouw) Excl m2 op Crailo (Laren) (zie Uitvoeringsstrategie) Excl. Crailo (Laren) Excl. Crailo (Laren) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Laren (Crailo), m2 IJmond Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Beverwijk Stationsgebied US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Ijmond US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking geschrapt m2
68 68 Haarlem Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Haarlem Spoorzone Oostpoort 2 US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Nul23 US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Winkelcentrum Schalkstad US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Mariastichting US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Pim Mulier West.Randweg US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Spoorzone Station US ( ) Stand Stand (' ') Haarlem Haarlem Oost US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Haarlem US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking geschrapt m2 Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor opgenomen als 'Schipholweg 023' in provinciale monitor geschrapt 8.000m2 opgenomen als Schalkstad opgenomen als 'kamperlaan (mariastichting) opgenomen als 'Westelijke randweg (PimMulier) geschrapt m2 geschrapt m2 Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Schipholweg / Prins Bernhardlaan (20.000m2 >2016), Waarderpolder Zuid (55.000m2 >2016) Zaanstreek Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Poort Clam Dijcke US ( ) Stand Stand (' ') Inverdan US ( ) Stand Stand (' ') VVZ-terrein US ( ) Stand Stand (' ') Totaal Zaanstreek US ( ) Stand Stand (' ') Opmerking geschrapt m2 Totale plancapaciteit verhoogd? ( m2 in aanbouw) Excl m2 in Purmerend (zie Uitvoeringsstrategie) Excl. Kop van West (Purmerend) Excl. Kop van West (Purmerend) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Kop van West Purmerend (5.000m , nadat ikv Uitvoeringsstrategie m2 is geschrapt). Purmerend heeft geen cijfers aangeleverd voor stand
69 Amsterdam 69 Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Amsterdam Zuidas US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Medical business park US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam NDSM Werf-Oost, Werf-Noord, Werf-Zuid US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Oosterdokseiland US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam RID US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Overhoeks (Shellterrein) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Westerdokseiland US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Riekerpolder US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Oostelijke handelskade US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Amstel III US ( ) 0 Stand Stand (' ') Amsterdam Alfa Driehoek US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Science park Amsterdam US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Centrum Amsterdam Nieuw West (Osdorperplein e.o.) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Koningin Wilhelminaplein US ( ) 0 Stand Stand (' ') Amsterdam De Klencke US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Ijburg US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Amsterdam Teleport US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Amstel business park US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Centrumgebied Amsterdam Zuidoost US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Amstelstation US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Bilderdijkkade US ( ) 0 Stand Stand (' ') Opmerking m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt m2 geschrapt opgenomen als Oosterdokseiland zuidzijde! ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt m2 geschrapt, opgenomen als 'westerdokseiland kop' m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt (8.000 m2 in aanbouw) Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie m2 geschrapt m2 geschrapt ( m2 in aanbouw) geschrapt m2 ( m2 in aanbouw) m2 geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie m2 geschrapt
70 70 Amsterdam vervolg Gemeente Terreinnaam totaal tot 2040 Amsterdam Centrum Amsterdam Noord US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Cornelis Lelylaan e.o. US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Karspeldreef US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Cultuurpark Westergasfabriek US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Osdorp Midden Noord (wonen en werken) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Holendrecht (Zuidoost) (wonen en werken) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Geuzenveld Zuid (wonen en werken) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Huigenbos (Zuidoost (wonen en werken) US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Eenhoorn US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Laan van Spartaan (sportparkstad) US ( ) 0 Stand Stand (' ') Amsterdam Anton de Komplein US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Osdorp de Punt US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Staalmanplein / Delflandplein US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Buurt Negen US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam De Cuserstraat (buitenveldert Zuidwest) US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm pm Amsterdam Buiksloterham US ( ) Stand Stand (' ') Amsterdam Oostenburgeiland US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm pm Amsterdam De Mirandastrook US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm pm Amsterdam Spaarndammerhout Houthavens west US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm pm Amsterdam Wibautstraat (parooldriehoek) US ( ) 0 Stand Stand (' ') pm pm pm pm Totaal Amsterdam US ( ) Stand Stand (' ') m 2 geschrapt m 2 geschrapt m 2 geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie (600 m 2 in aanbouw) Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie (5.400 m 2 in aanbouw) m 2 geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Excl. Bijlmerdreef (500 m 2 in ), zie Uitvoeringsstrategie Excl. Bijlmerdreef (500 m 2 ) Excl. Bijlmerdreef (500 m 2 ) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Bijlmerdreef (500 m 2 )
71 71 Tabel A Plancapaciteit kantoren volgens de nieuwe Uitvoeringsstrategie* Plabeka deelregio t/m 2039 Almere Amstelland-Meerlanden Amsterdam t Gooi en Vechtstreek Haarlem-Ijmond Zaanstreek-Waterland Metropoolregio (excl. Lelystad) Lelystad Metropoolregio (incl. Lelystad) Opmerking *Excl m 2 in op: de Hoek Noord Haarlemmermeer ( m 2 ) Bijmerdreef Amsterdam (500 m 2 ) Crailo Laren ( m 2 ) Kop van West Purmerend (5.000 m 2 ) *excl. de locaties die door gemeenten NIET zijn ingevuld/aangeleverd via de provinciale monitor als stand Bron: de nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka (juni 2011), bewerking Bureau BUITEN Tabel B Overzicht ontwikkeling plancapaciteit door de jaren heen, exclusief Lelystad* Stand (' ') totaal tot Stand Preview van de nieuwe Plabeka-afspraken qua plancapaciteit In onderstaande tabellen A t/m C zijn de nieuwe Plabeka afspraken weergegeven. Om op dit punt de vergelijkbaarheid met de oude afspraken te kunnen maken dient men rekening te houden met de volgende zaken: Lelystad maakte geen onderdeel uit van de oude afspraken uit Daarom zijn de cijfers voor die gemeente in tabel A in een aparte rij weergegeven. *excl de locaties die door gemeenten NIET zijn ingevuld/aangeleverd via de provinciale monitor als stand Tabel C Overzicht ontwikkeling plancapaciteit door de jaren heen, inclusief Lelystad* Stand (' ') totaal tot Stand In tabel A zijn de nieuwe afspraken opgenomen EXCLUSIEF een aantal locaties die ook niet in de monitor van vorig jaar zijn opgegeven door de gemeenten. Door deze eruit te filteren kunnen de cijfers van de monitor van vorig jaar, die van dit jaar en de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken beter met elkaar vergeleken worden. Tabellen B en C geven een totaal overzicht (op MRA niveau) van de ontwikkeling van de omvang van de totale plancapaciteit van bedrijventerreinen in de MRA de laatste jaren. De ene tabel is exclusief Lelystad, de andere is inclusief. *excl. de locaties die door gemeenten NIET zijn ingevuld/aangeleverd via de provinciale monitor als stand
72 72 Bijlage V Overzicht uitgifte per bedrijventerrein Almere-Lelystad Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Almere Almere Stad Sallandsekant 0,7 1,2 5,2 3,0 1,4 11,5 Almere Almere Hout Stichtse Kant 0,8 4,3 3,8 2,6 11,5 Almere Almere Stad Veluwsekant O+W 2,1 0,9 0,5 3,5 7,0 Almere Almere Poort Hoge Kant 2,0 0,6 0,6 1,6 0,1 0,2 5,1 Almere Almere Buiten De Vaart I,II en III 1,3 0,5 1,8 Almere Almere Stad De Uitgeverij 0,4 1,2 0,2 1,8 Almere Almere Stad Het Atelier 0,2 0,6 0,3 0,2 1,3 Almere Almere Buiten Poldervlak 0,6 0,4 1,0 Almere Almere Buiten De Rederij 0,1 0,2 0,3 0,1 0,7 Almere Almere Buiten Bouwmeesterbuurt 0,1 0,5 0,6 Almere Volgelweg 0,5 0,5 Almere Lage kant 0,3 0,3 Almere Almere Buiten 3T (striptekenaar, stripmaker) 0,3 0,3 Almere Almere Stad Felserplaats 0,2 0,2 Almere Columbus kwartier 0,2 0,2 Almere Almere Buiten Faunabuurt 0,1 0,1 Almere Almere Haven De Steiger 0,1 0,1 Almere Almere Stad De Binderij 0,1 0,1 Almere Almere Stad Frezersplaats 0,1 0,1 Lelystad FLEVOPOORT 1,4 0,9 0,7 1,6 1,2 4,0 9,8 Lelystad LARSERPOORT 123 0,7 2,3 1,8 2,1 6,8 Lelystad NOORDERSLUIS (v/h +Noordersluis ZO + Westerdreef) 1,6 1,5 0,3 2,2 1,1 0,3 6,6 Lelystad OOSTERVAART OOST 1,7 2,6 1,3 5,6 Lelystad LUCHTHAVEN 1,0 0,6 1,6 Lelystad OOSTERVAART 0,5 0,4 0,5 1,4 Lelystad MERWEDE (v/h Rivierenbrt ZO excl. Larserboog) 0,4 0,2 0,3 0,9 Totaal Almere-Lelystad 14,3 8,7 17,8 20,2 9,4 6,9 76,9
73 Amstelland-Meerlanden 73 Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Haarlemmermeer De President 9,9 9,9 3,4 2,5 1,7 27,4 Haarlemmermeer Nieuw-Vennep Zuid 5,5 1,4 1,0 7,9 Haarlemmermeer Cruquius 5,3 5,3 Haarlemmermeer Cruquius opvanggebied 4,5 4,5 Haarlemmermeer Lijnden Oost Q4 0,3 2,7 0,7 3,7 Haarlemmermeer Schiphol Noord 3,0 3,0 Haarlemmermeer Cruquius Zuid 1,2 0,5 0,5 0,2 2,4 Haarlemmermeer De Liede 2,0 2,0 Haarlemmermeer Spoorzicht Noord 0,6 0,6 Amstelveen Meerlandenweg 0,5 0,5 Haarlemmermeer Spoorzicht Noord 0,4 0,4 Totaal Amstel-Meerlanden 20,3 11,1 9,9 6,6 6,3 3,5 57,7 Amsterdam Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Amsterdam Sloterdijk III Noord 4,9 1,4 2,3 3,5 12,1 Amsterdam Atlaspark Oost (grootschalig) 7,8 7,8 Amsterdam Cornelis Douwesterrein 0 0,8 7 0,3 8,1 Amsterdam Atlaspark West (grootschalig) 7,2 7,2 Amsterdam Airport Business Park Amsterdam Osdorp 7 0,9 7,9 Amsterdam Sloterdijk III Zuid 1,6 0,6 1,3 1,3 1,6 6,4 Amsterdam Cornelis Douwesterrein 1 & 2 0,5 2,9 3,4 Amsterdam Bedrijventerrein Cruquius 0 3 0,4 3,4 Amsterdam Mercuriushaven e.o. 2,4 0,8 3,2 Amsterdam Westhaven Oost 0,5 1,2 1,7 Amsterdam Amerikahaven Zuidoost (gemengd) 0,9 0,9 Amsterdam Bedrijventerrein Steigereiland 0,4 0,5 0,9 Amsterdam Sloterdijk I 0,4 0,4 Amsterdam Bedrijvengebied Zuidoost 0,1 0,1 0,2 Amsterdam Vervoerscentrum 0,1 0,1 0,2 Amsterdam Afrikahaven 0,1 0,1 Amsterdam Zeeburgerpad 0,1 0,1 Totaal Amsterdam 2,1 8,5 4,3 12,8 13,3 23,0 64,0
74 74 Gooi en Vechtstreek Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Naarden Gooimeer Zuid 0,8 0,8 Totaal Gooi en Vechtstreek ,8 0 0,8 IJmond-Haarlem Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Haarlem Waarderpolder 0,7 2,9 0,5 1,0 1,1 6,2 Velsen Grote Hout (vm NAM-terrein) 4,0 4,0 Heemskerk De Trompet 0,5 1,3 1,3 0,2 3,3 Velsen Broekerwerf 2,0 2,0 Uitgeest Bedrijfsterrein Noord 1,0 1,0 Velsen Zeehavens IJmuiden 0,2 0,8 1,0 Heemskerk De Houtwegen 0,6 0,6 Velsen Business Park IJmond 0,2 0,2 Totaal IJmond-Haarlem 4,9 8 1,8 2,3 1,3 0 18,3 Zaanstreek- Waterland Gemeente Naam bedrijventerrein Uitgifte Totaal Zaanstad Hoogtij (Westzanerpolder) 1,6 12,0 0,2 0,2 14,0 Zaanstad Noorderveld 3,0 2,0 2,0 7,0 Zaanstad SaendelftForbostrook (Assendelft) 2,0 2,0 0,6 1,6 6,2 Beemster Insulindeweg 3,0 3,0 6,0 Purmerend Ilpendam Zuid 2,0 2,0 4,0 Oostzaan Bombraak 3,5 3,5 Oostzaan Skoon/Lolkweg Zuid 3,0 3,0 Totaal Zaanstreek-Waterland 0 6,6 21,0 7,8 1,8 6,5 43,7
75 Bijlage VI Tabellen transacties en aanbod bedrijfsruimten 75 Figuur VI.1 Transacties bedrijfsruimten Almere Amstelland-Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond-Haarlem Zaanstreek-Waterland Lelystad Metropoolregio Bron: Vastgoedmarkt en Property NL, bewerking Kantorenmonitor BV 2011 Figuur VI.2 Aanbod bedrijfsruimten (dec. van dat jaar) Almere Amstelland-Meerlanden Amsterdam Gooi en Vechtstreek IJmond-Haarlem Zaanstreek-Waterland Lelystad Metropoolregio Bron: Vastgoedmarkt en Property NL, bewerking Kantorenmonitor BV 2011
76 76 Bijlage VII Herstructurering Bedrijventerreinen De vetgedrukte terreinen zijn de prioritaire herstructureringsprojecten zoals vastgesteld in de nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka deelregio Op geregistreerd als uitgevoerd of in uitvoering (bron: Monitor Bedrijventerreinen Noord-Holland 2011) Gemeente Nog niet uitgevoerd ( ) Gemeente Almere-Lelystad de Vaart 1, 2, 3 Almere 0,0 0,0 56,5 56,5 De Steiger Almere 0,0 25,5 12,5 38,0 Poldervlak Almere 0,0 0,0 0,0 0,0 Ambachtsmark Almere 0,0 0,0 1,3 1,3 De Paal Almere 0,0 0,0 0,0 0,0 Resterende opgave > 0,0 25,5 70,3 95,8 Amstelland-Meerlanden Legmeer Amstelveen Verrijn Stuart vervolg Diemen 12,0 4,0 0,0 16,0 Verrijn Stuart huidig project Diemen Cruquius Haarlemmermeer 11,9 11,9 0,0 23,8 De Pionier (Bolsterrein?) Haarlemmermeer de Sniep Diemen 0,0 1,0 0,0 1,0 Graan voor Visch Zuid Haarlemmermeer De Hoek (bestaand) Haarlemmermeer 26,6 6,7 0,0 33,3 Bedrijventerrein Uithoorn Uithoorn De Liede (bestaand) Haarlemmermeer 49,0 0,0 0,0 49,0 Hornmeer Aalsmeer Boesingheliede Haarlemmermeer 10,6 0,0 0,0 10,6 Fokkerterrein Haarlemmermeer Rijsenhout Haarlemmermeer 8,6 0,0 0,0 8,6 De Weeren Haarlemmermeer Spoorzicht Haarlemmermeer Molenkade-Industrieweg Ouder-Amstel Resterende opgave > 118,7 23,6 0,0 142,3 Amsterdam Amstel III deelgebied 1 Amsterdam Gembo-terrein Amsterdam 2,4 0,0 0,0 2,4 NDSM werf Oost (Corn. D. 4a + 6) FCA/Centrale Amsterdam Amsterdam 0,0 16,5 0,0 16,5 Markthallen Stadhaven Minerva Landlust Amsterdam Amsterdam 0,0 4,3 4,3 8,6 Buiksloterham Westerhoofd Amsterdam Amsterdam 0,0 6,0 0,0 6,0 (Coen- en Vlothaven) NDSM werf Zuid Hamerstraatgebied Amsterdam (Corn. D. 4b) Amsterdam 0,0 0,0 3,6 3,6 Lichte rev. Zware rev. Herprofilering Totaal Amstel III deelgebied 2 ADM terrein (Amerikahaven) Amsterdam Amsterdam Zeeburgereiland, Bedrijvenstrook Amstel Business Park (Zuid) (Amstel II) Main/Moezelhaven (Westhaven) Autoterminal verdichting (Westhaven) Amsterdam 0,0 0,0 20,7 20,7 Amsterdam 45,8 22,9 0,0 68,7 Amsterdam 0,0 14,0 0,0 14,0 Amsterdam 0,0 47,0 0,0 47,0 Resterende opgave > 48,2 110,7 28,6 187,5
77 77 Plabeka deelregio Op geregistreerd als uitgevoerd of in uitvoering (bron: Monitor Bedrijventerreinen Noord-Holland 2011) Gemeente Nog niet uitgevoerd ( ) Gemeente t Gooi en Vechtstreek Havenkwartier Hilversum t Plaveen (Lucentterrein) Huizen 0,0 3,0 1,5 4,5 Lichte rev. Zware rev. Herprofilering Bedrijventerrein Noord Weesp Rading Wijdemeren 6,3 0,0 0,7 7,0 Nijverheidslaan Weesp Mussenstraat Hilversum 0,0 0,0 5,0 5,0 Totaal Kerkelanden Hilversum 25,0 0,0 0,0 25,0 Korte Noorderweg Hilversum 0,0 0,0 4,0 4,0 Liebergerweg Hilversum 7,0 3,0 0,0 10,0 Oude Amersfoortseweg Hilversum 6,3 2,7 0,0 9,0 t Plaveen (overig incl. havengebied) Huizen 36,6 0,0 0,0 36,6 t Plaveen (BNI-terrein) Huizen 0,0 0,0 0,6 0,6 Gooimeer Zuid Naarden 0,0 0,0 2,5 2,5 Resterende opgave > 81,2 8,7 14,3 104,2 IJmond-Haarlem Waarderpolder Haarlem de Pijp Beverwijk 0 79,2 0 79,2 zeehavens IJmuiden Velsen Vervoerscentrum Amsterdam 0 0 5,5 5,5 Sugar City Haarlemmerliede Spaarnwoude Business Park Ijmond (Corus) Velsen/Beverwijk Grote Hout/NAM Velsen 0 11,8 0 11,8 Resterende opgave > ,5 136,5 Zaanstreek-Waterland Assendelft Noord Zaanstad Krommenie Oost (incl. Noordervaartdijk) Zaanstad 0 3,9 0 3,9 Molletjesveer Zaanstad Kogerveld midden Zaanstad 6, ,5 Kogerveld zuid Zaanstad Zuiderhout (incl. Bruynzeel) Achtersluispolder Hembrugterrein Zaanstad Zaanstad Zaanstad Resterende opgave > 6,5 3,9 0 10,4
78 78 Bijlage VIII Plancapaciteit bedrijventerreinen per subdeelregio (stand ) Als uitgangspunt voor onderstaande lijst met locaties zijn de terreinen genomen die in de bijlagen van de monitor van vorig jaar stonden geregistreerd Voor ieder bedrijventerrein-met-plancapaciteit zijn drie rijen met getallen opgenomen: US ( ) Stand Dit is de aangepaste planning die op 23 juni in de nieuwe Uitvoeringsstrategie is vastgesteld. Zoals afgesproken gelden deze getallen administratief als de stand In het najaar 2011/voorjaar 2012 worden nieuwe afspraken gemaakt over aanpassing (naar beneden) van de plancapaciteit in het eerste tijdvak tot Dit is het getal dat in april 2011 door de ambtelijke contactpersonen op gemeentelijk niveau zijn ingevuld in de provinciale monitor applicatie van Flevoland of Noord-Holland. Twee opmerkingen daarbij: Soms staat er de code n.b.. Dit betekent dat de provinciale monitor op dat punt door de verantwoordelijke monitor contactpersoon niet, niet goed, inconsistent of onduidelijk is ingevuld. Vandaar dat hier geen duidelijkheid over verschaft kan worden naar de regionale partners over de status en/of omvang van het terrein. De provinciale monitors vragen op dit punt niet naar uitgiftecapaciteit naar tijdvakken (zoals Plabeka wel doet), maar naar uitgiftemogelijkheden terstond, niet terstond, door de gemeente of door particulieren. Plabeka registreert in deze tabel de TERSTOND uitgeefbare terreinen (of delen daarvan) onder het tijdvak en NIET TERSTOND in het tijdvak daarna. LET OP! Feitelijk komt dit soms niet overeen met de werkelijke situatie. Het betreft hier een aanname bij gebrek aan betere gegevens. Deze indeling is een aanname van de monitor werkgroep! Op dit punt dient de provinciale monitoringssystematiek/-applicatie komend jaar aangepast te worden: de provincie dient naast (NIET) TERSTOND ook naar de verdeling in de tijd te kijken. De provincie Noord-Holland is daar momenteel al mee bezig. Ook de monitoringssystematiek van de provincie Flevoland dient hierop aangepast te worden. Daarbij dienen bij de haventerreinen de grotere terreinen in de monitor Plabeka publicatie uitgesplitst te worden naar de kleinere deelgebieden waaruit bijvoorbeeld de Amerikahaven is opgebouwd. Dit om de transparantie te verbeteren. De systematiek is daarop reeds aangepast. Stand Dit is het getal dat in de vorige Plabeka Monitor publicatie is ( ) gepubliceerd. Uiteraard betrof dit getal het tijdvak t/m (dus 2010 t/m 2019), daar waar de meest recente registratie een jaar later betreft. Het verschil tussen de hoogte van het getal in de kolom en de rijen en kan te wijten zijn aan: Feitelijke uitgifte op het terrein Een administratieve correctie. Hoe meer getallen of kleuren in de subdeelregio tabel staat, hoe moeilijker het blijkt te zijn om de voorraadontwikkelingen in deze deelregio te monitoren. Daar dient de komende jaren een verbeterslag aangebracht te worden, in de eerste plaats bij de gemeenten/terreinbeheerders zelf: hun cijfers dienen goed op orde te zijn (en consistent met de jaren daarvoor) voordat ze via de provinciale monitoringsapplicatie ter beschikking aan Plabeka worden gesteld. Bron: Plabeka Monitor , Monitor Bedrijventerreinen en Kantoorlocaties provincie Noord-Holland 2011 en de Monitor Bedrijventerreinen provincie Flevoland 2010, bewerking Bureau BUITEN.
79 Meerlanden Gemeente Terreinnaam Totaal Haarlemmermeer Zwanenburg Zuid US ( ) 0,0 Stand ,0 210,0 Stand (' ') 210,0 210,0 Haarlemmermeer Nieuw-Vennep A4 Zone US ( ) 0,0 Stand ,0 165,0 Stand (' ') 165,0 165,0 Haarlemmermeer A4 Zone West US ( ) 100,0 100,0 Stand ,0 160,0 Stand (' ') 76,5 76,5 153,0 Haarlemmermeer De President fase I en II US ( ) 25,8 25,8 Stand ,0 59,0 Stand (' ') 60,2 60,2 Haarlemmermeer Lijnden West US ( ) 0,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 48,0 48,0 Haarlemmermeer Schiphol Logistics Park Oost-& Westlob US ( ) 34,0 34,0 Stand ,0 47,0 Stand (' ') 47,0 47,0 Aalsmeer Greenpark Aalsmeer US ( ) 42,0 42,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 42,0 42,0 Haarlemmermeer De Groene Hoek US ( ) 0,0 Stand ,0 40,0 Stand (' ') 40,0 40,0 Haarlemmermeer De Liede (nieuw) US ( ) 37,6 37,6 Stand ,6 37,6 Stand (' ') 37,6 37,6 Haarlemmermeer Schiphol-Zuidoost US ( ) 6,0 6,0 Stand ,0 6,0 Stand (' ') 35,0 35,0 Aalsmeer Verenigde Bloemenveiling Aalsmeer VBA US ( ) 30,0 30,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 30,0 30,0 Haarlemmermeer Project Grondgeluid US ( ) 0,0 Stand ,0 20,0 Stand (' ') 20,0 20,0 Haarlemmermeer Lijndenhof US ( ) 8,0 8,0 Stand ,9 7,9 Stand (' ') 6,4 4,9 11,3 Haarlemmermeer Cruquius-Zuid US ( ) 0,0 Stand ,0 14,0 Stand (' ') 14,0 14,0 Haarlemmermeer De Hoek Noord US ( ) 11,0 11,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 11,0 11,0 Haarlemmermeer Groenenbergterrein US ( ) 9,0 9,0 Stand ,0 9,0 Stand (' ') 9,0 9,0 Haarlemmermeer Wilhelminahoeve US ( ) 7,0 7,0 Stand ,0 7,0 Stand (' ') 7,0 7,0 Uithoorn Industrieterrein Uithoorn US ( ) 5,0 5,0 Stand ,0 5,0 Stand (' ') 5,0 5,0 Haarlemmermeer Nieuw-Vennep Zuid US ( ) 2,3 2,3 Stand ,0 4,0 Stand (' ') 2,8 2,8 Haarlemmermeer Lijnden Oost US ( ) 0,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 1,5 1,5 Totaal Meerlanden US ( ) 279,7 38,0 0,0 317,7 Stand ,6 67,9 375,0 791,5 Stand (' ') 335,0 146,5 467,9 949,4 Opmerking Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie In provinciale monitor geregistreerd als Niet Terstond uitgeefbaar Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie In provinciale monitor geregistreerd als Niet Terstond uitgeefbaar 70 ha geschrapt (totale omvang 170 ha doorgegeven in actualiseringsproces) Fase I (25,8 ha) blijft overeind, fase II (32,7 ha) is geschrapt Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor. ABP Lijnden (?) Oostlob (34 ha) blijft overeind, Westlob (13 ha) is geschrapt Staat op de lijst met VBA Zuid-Zuid, Amstelveen Zuid (N201) en de Loeten om in/vanaf 2012 (deels) te geschrapt te worden Terrein staat als 126 ha netto ingevuld in de provinciale monitor (?) 40 ha geschrapt 2e linie Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie overzichten zijn meegenomen: Lijnden Q4 (1 ha terstond), Strategische reserve Schiphol Driehoek (ha en planning nb), Schiphol Rijk Fase II (ha en planning nb), 3,6 ha geschrapt Niet ingevuld Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Ontbreekt als apart terrein in de provinciale Monitor. ABP Lijnden? excl. Spoorzicht Nrd H meer (3,6 ha) en VBA Zuid-Zuid (40 ha), alle excl. Spoorzicht Nrd H meer (3,6 ha) en VBA Zuid-Zuid (40 ha), alle excl. Spoorzicht Nrd H meer (3,6 ha) en VBA Zuid-Zuid (40 ha), alle Sky Park (ha en planning nb). Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Badhoevedorp Zuid (75 ha geschrapt), Spoorzicht Noord (3,6 ha ), VBA Zuid-Zuid (40 ha ), Beukenhorst Oost-Oost (16 ha geschrapt) mbt Badhoevedorp Zuid (75 ha geschrapt) heeft de provincie Noord-Holland in haar structuurvisie opgenomen dat de provincie een inspanningsverplichting heeft om een bedrijventerrein in Badhoevedorp-Zuid planologisch mogelijk te maken. 79
80 80 Almere Gemeente Terreinnaam Totaal Almere Strategische Reserve US ( ) 30,0 30,0 Stand ,0 135,0 Stand (' ') 135,0 135,0 Almere Stichtse Kant US ( ) 86,3 30,5 116,8 Stand ,3 96,2 123,5 Stand (' ') 27,3 96,2 123,5 Almere De Vaart Iv US ( ) 48,5 25,8 74,3 Stand ,3 52,3 Stand (' ') 52,3 52,3 Almere A6/A27 Werkmilieu Binnenstedelijk US ( ) 58,5 58,5 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 58,5 58,5 Almere A6/A27 Werkmilieu Institutencampus US ( ) 48,5 48,5 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 48,5 48,5 Almere A6/A27 A6 Park US ( ) 37,2 11,1 48,3 Stand ,3 48,3 Stand (' ') 48,3 48,3 Almere A27/Vogelweg US ( ) 40,0 40,0 Stand ,0 40,0 Stand (' ') 40,0 40,0 Almere A6/A27 Werkmilieu B2c US ( ) 28,0 28,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 28,0 28,0 Almere Hoge Kant US ( ) 10,3 10,3 Stand ,1 10,1 Stand (' ') 10,3 10,3 Almere Middenkant US ( ) 7,0 1,0 8,0 Stand ,5 9,5 Stand (' ') 9,5 9,5 Almere Lage Kant US ( ) 9,4 9,4 Stand ,1 9,1 Stand (' ') 9,4 9,4 Almere De Striptekenaar US ( ) 6,7 6,7 Stand ,7 6,7 Stand (' ') 6,7 6,7 Almere Sallandsekant US ( ) 6,3 6,3 Stand ,3 6,3 Stand (' ') 6,3 6,3 Almere Columbus-Kwartier US ( ) 2,7 2,7 Stand ,5 2,5 Stand (' ') 2,7 2,7 Almere De Stripmaker US ( ) 2,4 2,4 Stand ,4 2,4 Stand (' ') 2,4 2,4 Almere Veluwse Kant (O+W) US ( ) 1,9 1,9 Stand ,9 1,9 Stand (' ') 1,9 1,9 Almere De Vaart I,Ii & Iii US ( ) 0,9 0,9 Stand ,8 1,8 Stand (' ') 1,8 1,8 Almere Het Atelier US ( ) 1,4 1,4 Stand ,4 1,4 Stand (' ') 1,4 1,4 Almere Buitenhout US ( ) 0,0 Stand ,2 1,2 Stand (' ') 1,2 1,2 Almere Poldervlak US ( ) 0,8 0,8 Stand ,2 1,2 Stand (' ') 1,2 1,2 Almere De Rederij US ( ) 0,7 0,7 Stand ,7 0,7 Stand (' ') 0,7 0,7 Almere Bouwmeesterbuurt US ( ) 0,3 0,3 Stand ,3 0,3 Stand (' ') 0,3 0,3 Almere De Uitgeverij US ( ) 0,3 0,3 Stand ,3 0,3 Stand (' ') 0,3 0,3 Almere Faunabuurt US ( ) 0,1 0,1 Stand ,1 0,1 Stand (' ') 0,1 0,1 Totaal Almere US ( ) 223,2 273,4 0,0 496,6 Stand ,2 381,3 0,0 454,5 Stand (' ') 71,3 519,0 0,0 590,3 Opmerking 20 ha gemengd plus en 10 ha modern gemengd blijft overeind, 105 ha is geschrapt (20 ha Gemengd plus, 85 ha modern gemengd) A6/A27 overig (deel Zeewolde) Fase 1B en 2 zijn modern gemengd (37,5 ja en 16 ha ), Fase 1 en 3 is T&D (34,3 ha ) en fase 4 is 29 ha wv 50% In provinciale monitor geregistreerd als Niet Terstond uitgeefbaar voor 2020 en 50% na 2020 (voor 2030). De Vaart IV-VI (?) Niet aangeleverd Niet aangeleverd Niet aangeleverd excl. Oosterwold (75 ha, ) excl. Oosterwold (75 ha, ) excl. Oosterwold (75 ha, ) Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Tussenring/A6-Park (5 ha ), Reinwaterbuurt/A6 (3 ha ), Beverbuurt/Tussenring (2 ha ) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Oosterwold overig (modern gemengd) 75 ha in
81 Lelystad Gemeente Terreinnaam Totaal Lelystad Larserknoop/omala (v/h uitbreiding larserpoort) US ( ) 96,0 52,5 148,5 Stand ,0 205,0 Stand (' ') 116,0 89,0 205,0 Lelystad Flevokust US ( ) 70,0 40,0 110,0 Stand ,0 150,0 Stand (' ') 100,0 50,0 150,0 Lelystad Flevopoort US ( ) 43,1 19,0 62,1 Stand ,1 19,0 58,1 Stand (' ') 43,1 19,0 62,1 Lelystad Bio science park zuid US ( ) 20,0 20,0 Stand ,0 20,0 Stand (' ') 20,0 20,0 Lelystad Luchthaven US ( ) 6,4 12,0 18,4 Stand ,9 11,9 17,8 Stand (' ') 6,5 11,9 18,4 Lelystad Noordersluis (v/h +noordersluis zo + westerdreef) US ( ) 12,3 12,3 Stand ,7 1,2 11,9 Stand (' ') 11,1 1,2 12,3 Lelystad Bio science park noord US ( ) 12,0 12,0 Stand ,0 12,0 Stand (' ') 12,0 12,0 Lelystad Oostervaart oost US ( ) 10,4 10,4 Stand ,4 10,4 Stand (' ') 10,4 10,4 Lelystad Larserpoort 123 US ( ) 10,1 10,1 Stand ,1 10,1 Stand (' ') 10,1 10,1 Lelystad Merwede(v/h rivierenbrt zo excl. Larserboog) US ( ) 1,6 1,6 Stand ,4 1,4 Stand (' ') 1,6 1,6 Lelystad Oostervaart US ( ) 0,0 Stand ,0 0,0 Stand (' ') 0,1 0,1 Totaal lelystad US ( ) 281,9 123,5 0,0 405,4 Stand ,6 419,1 0,0 496,7 Stand (' ') 298,9 203,1 0,0 502,0 Opmerking Gemengd Plus: 20 ha in (20 ha geschrapt). Modern gemengd: 56,5 ha wv 45 ha voor 2020 en 11,5 ha (3,5 ha geschrapt). Hoogwaardig: 46 ha (25 ha <2020, 21 ha ). T&D: 26 ha < Hoogwaardig: 46 ha (25 ha <2020, 21 ha ). T&D: 26 ha < ha gemengd plus (wv 50 ha voor 2020) en 40 ha (wv 20 ha voor 2020) T&D blijft overeind, 20 ha is geschrapt (was Gemengd plus) Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Middendreef (0,4 ha ) 81 Zaanstreek Gemeente Terreinnaam Totaal Zaanstad Hoogtij US ( ) 34,0 10,0 44,0 Stand ,0 Stand (' ') 23,8 73,0 96,8 Zaanstad Hembrug US ( ) 10,0 10,0 Stand ,0 30,0 Stand (' ') 7,0 36,0 43,0 Zaanstad De Hemmes US ( ) 0,0 Stand ,5 4,5 Stand (' ') 3,5 3,5 Zaanstad Bonar Floors US ( ) 2,5 2,5 Stand ,5 2,5 Stand (' ') 2,5 2,5 Zaanstad Noordeinde US ( ) 0,0 Stand ,0 2,0 Stand (' ') 2,0 2,0 Zaanstad Forbostrook/Saendelft US ( ) 2,0 2,0 Stand ,0 2,0 Stand (' ') 2,0 2,0 Zaanstad Noorderveld US ( ) 1,0 1,0 Stand ,0 1,0 Stand (' ') 1,0 1,0 Totaal Zaanstreek US ( ) 47,0 12,5 0,0 59,5 Stand ,5 4,5 0,0 42,0 Stand (' ') 35,8 115,0 0,0 150,8 Opmerking 9 ha geschrapt Staat in provinciale monitor onterecht 100% als NAT terrein 20 ha geschrapt 3,5 ha geschrapt 2 ha geschrapt excl. Zuiderhout (7 ha) en Kogerveld Zuid (2 ha) excl. Zuiderhout (7 ha) en Kogerveld Zuid (2 ha) excl. Zuiderhout (7 ha) en Kogerveld Zuid (2 ha) nb Hoogtij is in de provinciale monitor onterecht 100% als NAT terreinaangemerkt Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Zuiderhout (8 ha ) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Zuiderhout (7 ha ), Kogerveld Zuid (2,0 ha ), Krommenie Oost (1 ha geschrapt)
82 82 Amsterdam Gemeente Terreinnaam Totaal Amsterdam Atlaspark (grootschalig) oost EN west US ( ) 48,0 48,0 Stand ,0 20,0 44,0 Stand (' ') 27,7 20,3 48,0 Amsterdam Atlaspark (gemengd) US ( ) 47,1 47,1 Stand ,0 36,0 Stand (' ') 47,1 47,1 Amsterdam Airport Business Park Amsterdam Osdorp US ( ) 37,7 37,7 Stand ,8 25,0 36,8 Stand (' ') 12,7 25,0 37,7 Amsterdam Sloterdijk III-Noord (grootschalig) US ( ) 32,1 32,1 Stand ,3 19,3 28,6 Stand (' ') 12,8 19,3 32,1 Amsterdam Sloterdijk III-Zuid (kleinschalig) US ( ) 19,8 19,8 Stand ,6 2,5 21,1 Stand (' ') 13,7 6,1 19,8 Amsterdam Hemhavens (gemengd) US ( ) 7,5 7,5 Stand ,0 8,0 Stand (' ') 7,8 7,8 Amsterdam Cornelis Douwesterrein US ( ) 5,0 5,0 Stand ,0 5,0 Stand (' ') 5,0 5,0 Amsterdam Afrikahaven (gemengd) US ( ) 4,9 4,9 Stand ,0 5,0 Stand (' ') 4,9 4,9 Amsterdam Bedrijvengebied Zuidoost US ( ) 1,8 1,8 Stand ,8 1,8 Stand (' ') 1,8 1,8 Amsterdam Sloterdijk I US ( ) 0,9 0,9 Stand ,5 0,5 Stand (' ') 0,6 0,3 0,9 Amsterdam Amerikahaven (gemengd) US ( ) 0,7 0,7 Stand ,0 3,0 Stand (' ') 0,7 0,7 Amsterdam Bedrijventerrein Schinkel US ( ) 0,4 0,4 Stand ,4 0,4 Stand (' ') 0,4 0,4 Amsterdam Bedrijventerrein Westerpark (Centrale Markthallen) US ( ) 0,0 Stand ,0 0,0 Stand (' ') 0,4 0,4 Amsterdam Bedrijventerrein Cruquius US ( ) 0,3 0,3 Stand ,3 0,3 Stand (' ') 0,3 0,3 Amsterdam Westhaven (gemengd) US ( ) 0,2 0,2 Stand ,0 0,0 Stand (' ') 0,2 0,2 Totaal Amsterdam US ( ) 206,4 0,0 0,0 206,4 Stand ,3 67,2 0,0 190,5 Stand (' ') 135,0 72,1 0,0 207,1 Opmerking Oost en west resp: 3 ha en 21 ha voor 2020 en 20 ha en 0 ha tussen Staat in provinciale monitor onterecht als NAT terrein Staat in provinciale monitor onterecht als NAT terrein 6 ha Mercuriushaven (gemengd) en 2 ha petroleumhaven (gemengd) Amerikahaven Noordoost (gemengd) Inmiddels volledig uitgegeven (?) Inmiddels volledig uitgegeven (?) Inmiddels volledig uitgegeven (?) Terreinen die WEL volgens de provinciale monitor over plancapaciteit beschikken maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Alfadriehoek, 1 ha modern gemengd voor 2020 Waterland Gemeente Terreinnaam Totaal Purmerend De Baanstee Noord US ( ) 47,0 34,0 81,0 Stand ,0 34,0 81,0 Stand (' ') 81,0 81,0 Edam-Volendam Oosthuizerweg Uitbreiding US ( ) 5,5 5,5 Stand ,5 5,5 Stand (' ') 5,5 5,5 Waterland Katwoude US ( ) 2,0 2,0 Stand ,0 2,0 Stand (' ') 2,0 2,0 Purmerend De Baanstee Oost US ( ) 1,0 1,0 Stand ,0 1,0 Stand (' ') 1,0 1,0 Totaal Waterland US ( ) 47,0 42,5 0,0 89,5 Stand ,0 42,5 0,0 89,5 Stand (' ') 0,0 89,5 0,0 89,5 Opmerking Fase I <2020, fase II Fase I
83 Amstelland Gemeente Terreinnaam Totaal Amstelveen Amstelveen Zuid (N201) US ( ) 45,0 45,0 Stand ,0 45,0 Stand (' ') 45,0 45,0 Amstelveen Meerlandenweg US ( ) 30,0 30,0 Stand ,0 33,0 Stand (' ') 30,0 30,0 Amstelveen Bedrijventerrein Legmeer US ( ) 0,0 Stand ,2 0,2 Stand (' ') 2,5 2,5 Diemen Verrijn Stuart US ( ) 1,0 1,0 Stand ,0 1,0 Stand (' ') 1,5 1,0 2,5 Totaal Amstelland US ( ) 76,0 0,0 0,0 76,0 Stand ,2 1,0 0,0 79,2 Stand (' ') 79,0 1,0 0,0 80,0 Opmerking Staat op de lijst met VBA Zuid-Zuid, Greenpark Aalsmeer en de Loeten om in/vanaf 2012 (deels) te geschrapt te worden Staat op de lijst met VBA Zuid-Zuid, Amstelveen Zuid (N201) en Greenpark Aalsmeer om in/vanaf 2012 (deels) te geschrapt te worden de Loeten (?) excl. De Sniep te Diemen (0,8 ha voor 2020) excl. De Sniep te Diemen (0,8 ha voor 2020) excl. De Sniep te Diemen (0,8 ha voor 2020) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: De Sniep te Diemen (0,8 ha voor 2020, modern gemengd). Staat ook niet in de provinciale monitor met plancapaciteit te boek. 83 Haarlem Gemeente Terreinnaam Totaal Haarlem Waarderpolder US ( ) 10,0 10,0 20,0 Stand ,0 16,0 20,0 Stand (' ') 4,0 16,0 20,0 Haarlemmerliede C.A Polanenpark US ( ) 9,0 9,0 18,0 Stand ,0 21,0 Stand (' ') 18,0 18,0 Haarlemmerliede C.A Sugar City US ( ) 6,0 6,0 Stand ,0 6,0 Stand (' ') 6,0 6,0 Totaal Haarlem US ( ) 19,0 25,0 0,0 44,0 Stand ,0 16,0 0,0 47,0 Stand (' ') 4,0 40,0 0,0 44,0 Opmerking 4 ha binnenstedelijk , 16 ha modern gemengd < 2020, 10 ha modern gemengd Wel in database, abusievelijk niet in provinciale publicatie opgenomen Bijgesteld door SADC
84 84 IJmond Gemeente Terreinnaam Totaal Beverwijk Kagerweg US ( ) 5,0 5,0 Stand ,0 5,0 Stand (' ') 5,0 5,0 Heemskerk De Trompet US ( ) 2,9 2,9 Stand ,9 2,9 Stand (' ') 2,9 2,9 Castricum Nieuwelaan Oost US ( ) 2,0 2,0 (geen lid van de MRA, wél meegenomen in de nieuwe Uitvoeringsstrategie) Stand ,5 2,5 Stand (' ') 2,0 2,0 Heemskerk De Waterwegen US ( ) 1,1 1,1 Stand ,1 1,1 Stand (' ') 1,1 1,1 Totaal IJmond US ( ) 9,0 2,0 0,0 11,0 Stand ,5 0,0 0,0 11,5 Stand (' ') 9,0 2,0 0,0 11,0 Opmerking excl. Grote Hout/NAM (23 ha, ) excl. Grote Hout/NAM (23 ha, ) excl. Grote Hout/NAM (23 ha, ) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Grote Hout/oude NAM (23 ha modern gemengd ). Gooi en Vechtstreek Gemeente Terreinnaam Totaal Blaricum Blaricummermeent US ( ) 18,5 18,5 Stand ,5 18,5 Stand (' ') 18,5 18,5 Hilversum Crailo/A1 US ( ) 9 9,0 Stand ,0 9,0 Stand (' ') 9,0 9,0 Huizen Industriewijk US ( ) 4,0 4,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 6,0 6,0 Wijdemeren Loodijk US ( ) 0,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 4,0 4,0 Wijdemeren De Slenk US ( ) 0,0 Stand nb nb nb nb Stand (' ') 2,0 2,0 4,0 Naarden Gooimeer Zuid US ( ) 0,8 0,8 Stand ,8 0,8 Stand (' ') 0,8 0,8 Totaal Gooi en Vechtstreek US ( ) 31,5 0,8 0,0 32,3 Stand ,5 0,8 0,0 28,3 Stand (' ') 6,8 35,5 0,0 42,3 Opmerking Lucentterrein (modern gemengd) (?) Niet ingevuld Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Niet ingevuld Niet opgenomen in Uitvoeringsstrategie Niet ingevuld Wel in database, abusievelijk niet in provinciale publicatie opgenomen excl. Mediapark (2 ha, ) excl. Mediapark (2 ha, ) excl. Mediapark (2 ha, ) Terreinen waarover WEL in de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken zijn gemaakt, maar die tot op heden NIET in de Plabeka overzichten zijn meegenomen: Mediapark Hilversum (2 ha parkachtig ). Staat wél correct in de provinciale database (abusievelijk niet in de provinciale publicatie) met plancapaciteit te boek.
85 Tabel A Plancapaciteit bedrijventerreinen volgens de nieuwe Uitvoeringsstrategie* 85 Plabeka deelregio t/m 2039 Almere 505,1 396,9 0,0 902,0 Amstelland-Meerlanden 355,7 38,0 0,0 393,7 Amsterdam 206,4 0,0 0,0 206,4 Gooi en Vechtstreek 31,5 0,8 0,0 32,3 IJmond-Haarlem 28,0 27,0 0,0 55,0 Zaanstreek-Waterland 94,0 55,0 0,0 149,0 Metropoolregio 938,8 394,2 0, ,0 (excl. Lelystad) Lelystad 281,9 123,5 0,0 405,4 Metropoolregio (incl. Lelystad) 1.220,7 517,7 0, ,4 Opmerking *excl. 54,6 ha en 98 ha op: Oosterwold (75 ha, ) de Sniep Diemen (0,8 ha), Spoorzicht Nrd H meer (3,6 ha) en VBA Zuid-Zuid (40 ha), alle Mediapark (2 ha, ) Grote Hout/NAM (23 ha, ) Zuiderhout (7 ha) en Kogerveld Zuid (2 ha) Bron: de Nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka (juni 2011), p 133, bewerking Bureau BUITEN Tabel B Overzicht ontwikkeling plancapaciteit door de jaren heen, exclusief Lelystad* totaal tot 2040 Stand ( ) 675, ,6 467, ,4 Stand ,8 581,2 375, , ,8 394,2 0, ,0 Tabel C Overzicht ontwikkeling plancapaciteit door de jaren heen, inclusief Lelystad* totaal tot 2040 Stand ( ) 974, ,7 467, ,4 Stand , ,3 375, , ,7 517,7 0, ,4 *excl. de locaties die door gemeenten NIET zijn ingevuld/aangeleverd via de provinciale monitor als stand Preview van de nieuwe Plabeka-afspraken qua plancapaciteit In onderstaande tabellen A t/m C zijn de nieuwe Plabeka afspraken weergegeven. Om op dit punt de vergelijkbaarheid met de oude afspraken te kunnen maken dient men rekening te houden met de volgende zaken: Lelystad maakte geen onderdeel uit van de oude afspraken uit Daarom zijn de cijfers voor die gemeente in tabel A in een aparte rij weergegeven. In tabel A zijn de nieuwe afspraken opgenomen EXCLUSIEF een aantal locaties die ook niet in de monitor van vorig jaar zijn opgegeven door de gemeenten. Door deze eruit te filteren kunnen de cijfers van de monitor van vorig jaar, die van dit jaar en de nieuwe Uitvoeringsstrategie afspraken beter met elkaar vergeleken worden. Tabellen B en C geven een totaal overzicht (op MRA niveau) van de ontwikkeling van de omvang van de totale plancapaciteit van bedrijventerreinen in de MRA de laatste jaren. De ene tabel is exclusief Lelystad, de andere is inclusief.
86 86
87 Bijlage IX Voortgang besluiten Uitvoeringsstrategie In deze bijlage staan de besluiten opgesomd zoals die in de Uitvoeringsstrategie Plabeka (vastgesteld tijdens de 6e Noordvleugelconferentie op 16 februari 2007) staan opgenomen op pagina s 2 en 3. Per besluit wordt een conclusie gegeven over de voortgang. Besluit: Ten aanzien van de uitvoeringsstrategie: Voortgang: Besluit: Ten aanzien van de uitvoeringsstrategie: Voortgang: 1 Regionale afstemming en samenwerking met betrekking tot de omvang en kwaliteit van het aanbod van bedrijfslocaties is de basis voor de uitvoeringsstrategie 2 Alle partijen stemmen in met de in de uitvoeringsstrategie opgenomen omvang, fasering en segmentering van het planaanbod voor werklocaties 3 De partijen zullen de samenwerking in Plabeka voortzetten en de gemaakte afspraken monitoren. Indien noodzakelijk worden de afspraken aangepast. De afstemming is succesvol en nog steeds in tact. De afstemming is succesvol en nog steeds in tact. Plabeka brengt jaarlijks een monitoringspublicatie uit. Dit is de vierde editie. Naar aanleiding van vorige monitor is een actualisatie van de uitvoeringsstrategie uitgevoerd en op 23 juni 2011 ondertekend door 34 gemeenten, 2 provincies en de Stadsregio. 4 De herstructureringsopgave is groot. Op korte termijn wordt in samenspraak tussen regio en Rijk gekomen tot een regionaal herstructurerings-programma In de Plabeka-monitor worden nadrukkelijk de effecten van herstructurering op het aanbod meegenomen. Middels onderzoek heeft Plabeka de herstructureringsopgave scherp in beeld gebracht. Er is tot een gezamenlijke aanzet tot prioritering van herstructureringsprojecten gekomen. Het provinciaal herstructurerings programma is het kader voor een eventueel regionaal herstructureringsprogramma. Per 1 september 2009 is het Pilotbureau Herstructurering (PHB) opgericht. Het PHB ondersteunt gemeenten in het versnellen van de uitvoering van herstructurering van bedrijventerreinen en bundelen kennis en ervaring om tot advies voor de regionale aanpak op langere termijn te komen. Daarnaast zouden er nog verdere verbeteringen doorgevoerd kunnen worden in een (structurele) monitoring van de effecten van herstructurering. 5 Het streven naar een duurzame economische ontwikkeling zal één van de uitgangspunten zijn bij alle te nemen maatregelen ter verbetering van de internationale concurrentiepositie. In mei 2008 heeft Plabeka samen met de KvK een duurzaamheidstop georganiseerd. Als follow up is besloten geen afzonderlijke activiteiten onder Plabeka-vlag op te zetten, maar aan te haken op het duurzaamheidsplatform van de Kamer van Koophandel. Daarnaast wordt via de reguliere Plabekaactiviteiten, met name herstructurering en de verdere regionale samenwerking, invulling gegeven aan het besluit tot het integreren van duurzaamheid in Plabeka-kader.
88 88 Besluit: Voortgang: Ten aanzien van fasering en segmentering: 6 De uit de Uitvoeringstrategie voortvloeiende fasering, segmentering en totale omvang van de planvoorraad voor werklocaties wordt vertaald in juridisch bindende ruimtelijke plannen: bestemmingsplannen en hogere planvormen. 7 De vraagontwikkeling en het vraagplanaanbodsaldo wordt in Plabeka-kader jaarlijks gemonitord. 8 Jaarlijkse aanpassingen van de omvang (per deelgebied) van het plan-aanbod voor kantoren en bedrijventerreinen zijn op basis van de monitoruitkomsten in goed overleg tussen de Plabeka-partijen mogelijk. Een (majeure) herijking van de Uitvoeringsstrategie en de daarbij horende afspraken vindt plaats over vijf jaar, of eerder als daar aanleiding toe is. Provincies en gemeenten hebben de afspraken in hun structuurplannen en structuurvisies verwerkt als uitgangspunten voor beleid. Plabeka brengt jaarlijks een monitoringspublicatie uit. Dit is de vierde editie. Zoals blijkt uit de monitor hebben gemeenten hun plannen aangepast, mede op basis van de (vraag)ontwikkeling. Naar aanleiding van vorige monitor is een actualisatie van de uitvoeringsstrategie uitgevoerd en op 23 juni 2011 ondertekend door 34 gemeenten, 2 provincies en de Stadsregio. Besluit: Ten aanzien van kantoren: 9 Partijen realiseren een substantiële reductie van de planvoorraad voor kantoren van 3,5 miljoen m 2 bvo (van 8,5 naar 5 miljoen m 2 bvo tot 2030). 10 De Plabeka-partijen spreken met elkaar af dat de in de Uitvoeringsstrategie in de tabellen 2.2. tot en met 2.7 vastgelegde omvang en fasering van de plancapaciteit voor een ieder de maximale omvang is van in ontwikkeling te nemen plannen. 11 Op Noordvleugelschaal wordt ingezet op het optimaal benutten van de bestaande voorraad kantoren. Onderzocht zal worden in hoeverre sloop-nieuwbouw en transformatie bij kunnen dragen aan reductie van de overschotten. Voortgang: Reducties hebben plaatsgevonden. Grotendeels hebben de partijen zich aan de afspraken gehouden. In de Nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka zijn nieuwe, extra reducties overeengekomen. Uit de monitor blijkt: dat de feitelijk vraag de laatste zes jaar substantieel achter is gebleven bij de prognoses. dat plannen naar achter zijn geschoven in de tijd. Plabeka heeft onderzoek verricht naar dit thema. In oktober 2009 is een eindnotitie opgeleverd. De werkgroep oud nieuw concludeerde hierin dat er geen instrumenten zijn die een directe koppeling kunnen leggen tussen de realisatie van nieuwe en de transformatie/sloop van oude kantoren. Het PHB is momenteel bezig met onderzoek naar dit thema bij bedrijventerreinen. Plabeka heeft besloten de resultaten van het PHB af te wachten voordat nieuwe stappen worden gezet op dit punt. In de Nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka is de aanpak van de leegstand van kantoren één van de hoofdthema s waar beleid en acties omheen zijn gevormd. Hier wordt de komende jaren door de MRA stevig op ingezet.
89 Besluit: Ten aanzien van Almere: Voortgang: Besluit: Ten aanzien van bedrijventerreinen: Voortgang: De Plabeka-partijen erkennen de specifieke positie van Almere. Er wordt onderzocht welke aanvullende maatregelen genomen kunnen worden om de werkgelegenheidsontwikkeling in Almere verder te stimuleren. 13 Voor de ontwerpopgave in het kader van de schaalsprong kan Almere gebruik maken van zelf ontwikkelde scenario s voor de groei van de werkgelegenheid. De activiteiten op dit punt zijn op verzoek van Almere stopgezet, aangezien langs andere wegen en overlegstructuren al invulling aan het doel wordt gegeven, aldus Almere. Almere heeft in 2010 de Beleidsnota Gemeentelijke Visie op het Vestigingsbeleid Almere vastgesteld, waarin eigen werkgelegenheidsscenario s zijn gehanteerd, en daarbijhorende vraag naar bedrijventerreinen en kantoorlocaties. Binnen de Nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka heeft Almere de ruimte gekregen om haar schaalsprong ambities te realiseren. 15 Vastgesteld wordt dat ten opzichte van het Structuurschema de planvoorraad van bedrijventerreinen lager is dan de geprognosticeerde vraag. Aanvullend: Plabeka roept Almere op om de zoeklocatie in het Omgevingsplan ten oosten van de A27 tijdig beschikbaar te maken (p. 6). Uit de monitor blijkt dat de feitelijke vraag de laatste zes jaar substantieel achter is gebleven bij de prognoses. In de Beleidsnota Gemeentelijke Visie op het Vestigingsbeleid Almere van januari 2010 is een planaanbod opgenomen van netto 680 ha, inclusief reserveringen ten oosten van de A27. In de Nieuwe Uitvoeringsstrategie Plabeka is er sprake van een overschot aan bedrijventerreinen tot Daarom zijn reducties van planaanbod aan nieuwe terreinen overeen gekomen. Dit is dus een koerswijziging ten opzichte van het oude Plabeka beleid zoals vastgesteld in Voor de daadwerkelijke ontwikkeling van werklocaties conformeert Almere zich aan de afspraken zoals gemaakt in de Uitvoeringsstrategie Plabeka. Almere heeft momenteel meer ontwikkelingsmogelijkheden van kantoorruimte in de planning dan in 2007 afgesproken. Deze toename komt voort uit de schaalsprong-ambities die door de regio worden ondersteund. 16 Gelet op de krapte in het aanbod van bedrijventerreinen is het noodzakelijk dat alle partijen de in deze Uitvoeringsstrategie vastgelegde omvang en fasering van de plannen ten aanzien van bedrijventerreinen ook daadwerkelijk zullen realiseren. De monitor wijst uit dat de meeste deelregio s grotendeels aan hun opgave hebben voldaan. In vrijwel alle deelregio s zijn plannen waarschijnlijk mede vanwege tegenvallende uitgiftecijfers naar achter geschoven in de tijd. 17 Het is noodzakelijk dat er gelet op de lange ontwikkelingsduur van bedrijventerreinen tijdig geanticipeerd wordt op de voorziene tekorten. De komende jaren worden benut om de verschillende langetermijnopties serieus te onderzoeken. Hierover maken de direct betrokkenen procesafspraken. Zoals blijkt uit de monitor hebben gemeenten hun plannen aangepast, mede op basis van de (vraag)ontwikkeling. 18 Ten aanzien van de gesignaleerde tekorten in Zaanstreek-Waterland, gelet op het spanningsveld met landschappelijke waarden in grote delen van deze subregio, zal ten aanzien van de opgave in dit plangebied tevens gekeken worden naar andere buiten de Noordvleugel gelegen opties. Het in de uitvoeringsstrategie op korte termijn voorziene tekort aan droge bedrijventerreinen in Zaanstreek-Waterland en IJmond heeft zich vooralsnog niet concreet gemanifesteerd. Aanvullend: IJmond en Zaanstad komen met een procesbeschrijving van de wijze waarop zij het tekort op korte (IJmond) en langere termijn in hun deelgebieden zo goed mogelijk willen oplossen (p. 6).
90 90 Besluit: Ten aanzien van zeehaventerreinen: Voortgang: Besluit: Ten aanzien van uitvoering: Voortgang: 19 Voor de zeehaventerreinen dient een nieuwe vraagprognose opgesteld te worden, rekening houdend met de ontwikkeling van de goederenstromen. Aanvullend: NZKG dient een volledig beeld te geven van de potenties van de herstructurerings- en intensiveringscapaciteit in het Noordzeekanaalgebied (p. 7). Onder regie van het Bestuursplatform (Masterplan) Noordzeekanaalgebied is in 2007 een nieuwe behoefteraming voor zeehaventerreinen opgesteld. De vraagraming impliceert dat het zachte Plabeka-aanbod moet worden gehandhaafd met oog op de lange termijn. In de jaarlijkse monitorraportage van het Masterplan wordt onder andere ruimtewinst gemonitord. Daarnaast heeft PLabeka middels onderzoek de herstructureringsopgave scherp in beeld gebracht, ook op haventerreinen. 22 De resultaten van de Plabeka-monitor zijn de basis voor bestuurlijk overleg ten aanzien van mogelijke aanpassingen van de in de Uitvoeringstrategie gemaakte afspraken. Naar aanleiding van vorige monitor is een actualisatie van de uitvoeringsstrategie uitgevoerd en op 23 juni 2011 ondertekend door 34 gemeenten, 2 provincies en de Stadsregio. 20 Er wordt in beeld gebracht wat de voor- en nadelen zijn en wat de uitvoerbaarheid is van een aangepaste uitgiftestrategie ten behoeve van een versterking van de internationale concurrentiekracht van het Noordzeekanaalgebied. Een nieuwe uitgiftestrategie is onderzocht en heeft niet tot overeenstemming geleid binnen het bestuursforum. 21 Het Bestuursplatform Noordzeekanaalgebied wordt gevraagd deze onderzoeken op zich te nemen, waarbij ook aandacht is voor de problematiek van de droge bedrijventerreinen in de IJmond en de Zaanstreek. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd.
91 Bijlage X Bronvermelding 91 De drie belangrijkste bronnen voor de kwantitatieve data waarop deze voortgangsrapportage is gebaseerd zijn: 1. Kantorenmonitor B.V., met name voor gegevens over de bestaande voorraad kantoren. De gegevens uit deze database zijn via veldwerk (eigen waarneming) verkregen, en nauwkeurig tot op adres-/pandniveau (zonder ondergrens aan grootte van transactie of mutatie) opgebouwd. Deze bron is de belangrijkste onderlegger voor hoofdstuk de Monitors Bedrijventerreinen 2011 van de Provincie Noord-Holland en Flevoland, zowel voor cijfers op het vlak van uitgifte en planaanbod van bedrijventerreinen als ook de plancapaciteit van kantoren. Hoofdstuk 3 stoelt op deze bron. 3. De Monitoring Bedrijventerreinen 2010 van het projectbureau Masterplan Noordzeekanaalgebied is de basis voor hoofdstuk 4. Voor de inventarisatie van aanbod en transacties van bestaande bedrijfsruimte (zie hoofdstuk 3) is gebruik gemaakt van de bron Vastgoedmarkt en PropertyNL (bewerking door Kantorenmonitor B.V.). Uiteraard is de monitor afgestemd op en met de Monitor Bedrijventerreinen van de provincie Noord-Holland, de Monitor Bedrijventerreinen van de provincie Flevoland, de Monitor Bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied van het projectbureau Masterplan NZKG en de Monitor Ontwikkelingsstrategie REVS (Schiphol).
92 92 Colofon Werkgroep Plabeka Monitor: Deze vierde voortgangsrapportage is een product van de werkgroep Plabeka Monitor. Leden van de werkgroep zijn: Martin Bekker (Stadsregio Amsterdam); ambtelijk trekker Tom Lips (Provincie Noord-Holland) Paul Smeenk (Provincie Flevoland) CJ Dippel (EZ Amsterdam) Laura van Dijk (DRO Amsterdam) Luuk Stevens (Bureau BUITEN) Chrétienne Nielen (projectbureau Masterplan Noordzeekanaalgebied) Wilt u meer informatie? Neem dan contact op met: Ambtelijk voorzitter Plabeka: Bert Uitterhoeve, Gemeente Haarlemmermeer ( , [email protected]) Ambtelijk vice-voorzitter Plabeka: Martin Bekker, Stadsregio Amsterdam ( , [email protected]) Downloaden Deze publicatie staat in digitaal formaat op economie. Productie namens Plabeka: Procesbegeleiding, cartografie en eindredactie: Vormgeving en druk (15o exemplaren):
93 93
94 94
downloadbaar document, behorende bij bijlage I
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2009-2010 downloadbaar document, behorende bij bijlage I Definities monitor B.V. en verschillen met andere bronnen Om een foute interpretatie van
Gelet op artikel 11, tweede lid, van de Provinciale Ruimtelijke Verordening;
Besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 19 mei 2015, nr. 532790/605881, tot vaststelling van de Planningsopgave werklocaties Noord-Holland Zuid Gedeputeerde staten van Noord-Holland; Gelet
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2012 / 2013. Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam
1 Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2012 / 2013 Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam 3 Inhoudsopgave Voorwoord Arthur van Dijk Samenvatting 1. Inleiding 13 1.1
Noordwest-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Noordwest- Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Noordwest- (*1. m²) 38.116 11.59 Overig In Noordwest- ligt circa 23% van de landelijke kantorenvoorraad.
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2011/2012. Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam
1 Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2011/2012 Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam 3 Inhoudsopgave Voorwoord Arthur van Dijk Samenvatting 1. Inleiding 11 1.1 Context
Postcode Gem.CODE Gemeentenaam Cor.CODE Coropgebied Prov.CODE Provincie Regio geb.code Leegwaardegebied Amsterdam 23 Groot-Amsterdam 27
1000 363 Amsterdam 23 Groot-Amsterdam 27 Noord-Holland W 363 Gemeente Amsterdam 1001 363 Amsterdam 23 Groot-Amsterdam 27 Noord-Holland W 363 Gemeente Amsterdam 1005 363 Amsterdam 23 Groot-Amsterdam 27
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka 2014 2015
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka 214 215 2 Plabeka 214-15 Inhoudsopgave 1 Samenvatting 4 1.1 Economie, kantorenmarkt, bedrijventerreinenmarkt MRA 4 1.2 Voortgang afspraken uitvoeringsstrategie 7 1.3
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka 215 216 2 n Plabeka 215-16 Inhoudsopgave 1 Samenvatting 4 1.1 Economie, kantorenmarkt, bedrijventerreinenmarkt MRA 4 1.2 Voortgang afspraken uitvoeringsstrategie 7
Kantorenmarkt Amsterdam
Kantorenmarkt Amsterdam 2014 Kantorenmarkt Amsterdam De gemeente Amsterdam telt circa 810.000 inwoners en 554.730 banen, verdeeld over 112.800 vestigingen (bron: Lisa). De kantorenvoorraad heeft een omvang
Muiden. Weesp Naarden. Gooi Gooi- en Vechtstreek. Wijdemeren
Lelystad Muiden Weesp Naarden kantorenmonitor Metropoolregio 219 Huizen Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Wijdemeren Bussum Gezondmaking kantorenmarkt: verdere daling van de leegstand door
Daarwilikwerken.nl is het arbeidsmarktplatform voor maatschappelijk bet rokken ondernemers en inwoners in de Met ropool regio Amst erdam.
Daarwilikwerken.nl is het arbeidsmarktplatform voor maatschappelijk bet rokken ondernemers en inwoners in de Met ropool regio Amst erdam. Vacatures, stageplaatsen, snuffel stages, SROI projecten en leerwerkplekken
opgeleverd leegstand eind december
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam Muiden Lelystad Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Hilversum Wijdemeren Toename leegstand door sterk gedaald kantoorgebruik
Flevoland, Noord-Holland en Utrecht. Landelijke marktontwikkelingen
Landelijke marktontwikkelingen Na een korte opleving in 211 viel de opname van bedrijfsruimte in 212 opnieuw terug. Tegen de verwachting in bleef het aanbod echter redelijk stabiel. Wel wordt een steeds
Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2013 / 2014. Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam
1 Monitor Uitvoeringsstrategie Plabeka Voortgangsrapportage 2013 / 2014 Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam 3 Inhoudsopgave Voorwoord Bert Uitterhoeve 5 Samenvatting 7 5. Schiphol (REVS-)
De Haarlemmermeerse Kantorenmarkt Visie op structurele leegstand
De Haarlemmermeerse Kantorenmarkt Visie op structurele leegstand Sector Economische Zaken Danny van Leeuwen 23 februari 2006 Inhoud Inleiding Haarlemmermeer Economisch profiel Ontwikkeling kantorenlocaties
Kantorenleegstand. Hoe groot is het probleem? Amersfoort 18 mei 2011 Gregor Heemskerk
Hoe groot is het probleem? Amersfoort 18 mei 2011 Gregor Heemskerk Agenda 1. Opening 2. Leegstand in Nederland 3. Leegstand in Amsterdam 4. Stellingen 5. Einde presentatie 2 CV Gregor Heemskerk Management
www.kantorenmonitor.nl
kantorenmonitor regio Amsterdam 2005 Door Kantorenmonitor B.V. wordt jaarlijks aan de hand van een veldopname de ontwikkeling van de kantorenmarkt in de regio Amsterdam geregistreerd (Amsterdam, Amstelland,
opgeleverd leegstand eind december
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam Muiden Lelystad Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Hilversum Wijdemeren Voorraad sterker gedaald dan kantoorgebruik In werd
Zuidwest-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Zuidwest-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Zuidwest-Nederland (*1. m²) 35.536 13.629 459 Overig Nederland In Zuidwest-Nederland ligt circa 29%
Recordonttrekking van kantoorruimte en toegenomen kantoorgebruik zorgen voor sterke daling van de leegstand
kantorenmonitor Metropoolregio 216 Muiden Lelystad Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Recordonttrekking van kantoorruimte en toegenomen kantoorgebruik zorgen voor
kantorenmonitor regio Amsterdam 2006
kantorenmonitor regio Amsterdam 2006 Gemeenten binnen de deelregio s Amsterdam, Amstelland, Meerlanden, Zaanstreek, Waterland, Almere en Zuid Kennemerland. meer kantoorruimte betrokken Door een grote dynamiek
Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf. Gemeente Zaanstad
Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf Gemeente Zaanstad Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf Gemeente Zaanstad Rapportnummer: 203x00999.075242_2 Datum: 26 april 2013 Contactpersoon opdrachtgever:
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam 2010
kantorenmonitor Metropoolregio 2010 Muiden Weesp Naarden Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Gemeenten binnen de deelregio s, Amstelland, Meerlanden, Zaanstreek, Waterland,, Kennemerland, IJmond
Kantorenmonitor Holland Rijnland
Kantorenmonitor Holland Rijnland Inhoud Voorwoord 4 Inleiding 4 Kantorenvoorraad in Holland Rijnland 7 Bestaande kantorenvoorraad 7 Kantoren 8 Kantorenstand 9 Ontwikkelingen in 21, 211 en 212 12 Kantorenvoorraad
Monitor bedrijventerreinen provincie Noord-Holland
Monitor bedrijventerreinen provincie Noord-Holland Provincie Noord-Holland Eindrapport Opdrachtgever: Provincie Noord-Holland ECORYS Nederland BV Rotterdam, 23 januari 2009 r/ II18688 ECORYS Nederland
Oost-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Oost-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Oost-Nederland (*1. m²) 43.8 4.136 2.481 Overig Nederland In de oostelijke provincies is ruim 13% van
Midden-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Midden-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Midden-Nederland (*1. m²) 42.674 95 6.46 Overig Nederland In de regio Midden-Nederland ligt circa 14%
opgeleverd leegstand eind december
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam 2014 Muiden Lelystad Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Hilversum Wijdemeren Toename leegstand door sterk gedaald kantoorgebruik
Provinciale Staten van Noord-Holland
Provinciale Staten van Noord-Holland Voordracht 120 Haarlem, 14 november 2006 Onderwerp: Wet maatschappelijke ondersteuning Ondersteuningsprogramma provincie Noord-Holland 2007 2008 Bijlagen: - ontwerpbesluit
herstel groei kantoorgebruik in Amsterdam leidt tot forse daling leegstand
kantorenmonitor regio Amsterdam 2008 Gemeenten binnen de deelregio s Amsterdam, Amstelland, Meerlanden, Zaanstreek, Waterland, Almere, Zuid Kennemerland en IJmond. herstel groei kantoorgebruik in Amsterdam
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam 2009
kantorenmonitor Metropoolregio 29 Muiden Gemeenten binnen de deelregio s,,,,,,, en Gooi- en Vechtstreek. Weesp Naarden Huizen Huizen Gooi Gooi- en en Vechtstreek Laren Vechtstreek Laren Wijdemeren Bussum
Analyse ontwikkeling van vraag en aanbod logistiek terreinen in de regio Schiphol
Analyse ontwikkeling van vraag en aanbod logistiek terreinen in de regio Schiphol Hoofdrapport 4 maart 2013 Inhoudsopgave 1. Aanleiding en context pagina 3 3. Geografische afbakening pagina 4 4. Ontwikkeling
Toelichting lokale en regionale woningbehoefte Waterland
Toelichting lokale en regionale woningbehoefte Waterland Woningbehoefte in de gemeente Waterland In 2013 heeft de gemeente Waterland het Volkshuisvestingsplan Gemeente Waterland 2013-2022 op laten stellen
Leegstand van bedrijfsruimten in Noord-Holland
Leegstand van bedrijfsruimten in Noord-Holland Inhoud Blz. 1 Inleiding 1 2 Leegstand bedrijfsruimten 3 3 Typering leegstand 6 Bijlage 1 Contactpersonen 9 Uitgevoerd in opdracht van: Provincie Noord-Holland
Deel 2 Monitor Plabeka. Verdieping per MRA - deelregio
Deel 2 Monitor Plabeka Verdieping per MRA - deelregio 6 I Deelregio Almere-Lelystad Overzichtskaart werklocaties en gemengde werkmilieus 61 I.I Samenvattingstabel ontwikkelingen Almere-Lelystad 218 Thema
Werkgelegenheidsrapportage Haarlemmermeer Inleiding
Inleiding De werkgelegenheid in Haarlemmermeer is in 2016 aanzienlijk gestegen. Het aantal banen is toegenomen met 1% (1.500). Het totaal komt hiermee op 154.100 ( Bron CBS). Belangrijkste punten Nog nooit
Analyse vraaghuurprijzen kantoorruimte 2012-2014
Analyse vraaghuurprijzen kantoorruimte 2012-2014 Kantorenmarkt uit balans De situatie op de Nederlandse kantorenmarkt is zeer ongunstig. Het aanbod van kantoorruimte ligt structureel op een zeer hoog niveau
Schatting van de duurzame energie-gerelateerde werkgelegenheid in de Metropoolregio Amsterdam
Schatting van de duurzame energie-gerelateerde werkgelegenheid in de Metropoolregio Amsterdam Auteur: Sven Iversen April 2016 In opdracht van: Titel : Schatting van de duurzame energie-gerelateerde werkgelegenheid
Monitor Bedrijvenaanbod Amerstreek 2013. Aanbod bedrijfs-, kantooren winkelruimte
Monitor Bedrijvenaanbod Amerstreek Aanbod bedrijfs-, kantooren winkelruimte Monitor Bedrijvenaanbod Amerstreek Aanbod bedrijfs-, kantoor- en winkelruimte Mede door de prima ligging en gunstige regionale
ECONOMIE. Monitor Werklocaties Noord-Holland 2016 BEDRIJVENTERREINEN EN KANTOREN WERKLO
ECONOMIE Monitor Werklocaties Noord-Holland 2016 BEDRIJVENTERREINEN EN KANTOREN WERKLO 2 5 Inleiding NHOUD 6 Managementsamenvatting 8 1 Kantoren 8 1.1 Bestaande kantoren: gebruik en leegstand 11 1.2 Plancapaciteit
betrokken kantoorruimte naar schaal gebruikers
kantorenmonitor Metropoolregio Amsterdam 2013 Muiden Lelystad Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en Vechtstreek en Laren Vechtstreek Hilversum Wijdemeren Forse omzetting en minder nieuwbouw voorkomt
Snoeien om te kunnen bloeien
1 Snoeien om te kunnen bloeien Samenvatting Uitvoeringsstrategie Plabeka 2010-2040 Platform Bedrijven Kantoren Metropoolregio Amsterdam DEN HELDER 2 Enkele grote werklocaties in de Metropoolregio Amsterdam
Noord-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Noord-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Noord-Nederland (*1. m²) 46.787 643 973 1.222 Drenthe Friesland Groningen Overig Nederland De drie noordelijke
CJ Dippel (EZ Amsterdam) Tanja Priems (DRO Amsterdam) Frank van de Lustgraaf en Maarten Kruger (Bureau BUITEN); proces, inhoud en redactie
5 Bijlagen Algemene informatie Context Plabeka De Plabeka monitor is een van de werklijnen van het Platform Bedrijventerreinen en Kantoren (Plabeka), een samenwerkingsverband van regionale en lokale overheden
Nieuwsflits Arbeidsmarkt. Noord-Holland Noord september 2014
Nieuwsflits Arbeidsmarkt Noord-Holland Noord september 2014 Krimp WW Noord-Holland vooral in grotere gemeenten In september is het aantal WW-uitkeringen verder gedaald. In de arbeidsmarktregio s Noord-Holland
Haarlemmermeer 2009. marktleider in de cosmeticamarkt hebben, waarbij we de milieubelasting zo veel mogelijk terug willen dringen.
kantorenmonitor Haarlemmermeer L Oréal Nederland heeft haar hoofdkantoor verplaatst van verschillende locaties in Alphen aan de Rijn en Weesp naar een modern en representatief pand in Beukenhorst-Zuid
Economische Monitor 2017/2018
Economische Monitor 2017/2018 Samenvatting: Positieve cijfers Haarlemse economie 2017 De Haarlemse economie laat in 2017 positieve cijfers zien met een groeiend aantal bedrijven (+470) en banen (+370),
kantorenmonitor regio Amsterdam 2007
kantorenmonitor regio Amsterdam 2007 Gemeenten binnen de deelregio s Amsterdam, Amstelland, Meerlanden, Zaanstreek, Waterland, Almere, Zuid Kennemerland en IJmond. vooral kantoorruimte betrokken door kleinere
FACTSHEET 10 JAAR PLABEKA
FACTSHEET 10 JAAR PLABEKA TIENJAAR PLABEKA In 2005 is het Platform Bedrijventerreinen en Kantoren (Plabeka) opgericht om te komen tot een doorbraak in de dynamiek van overmaat aan kantorenlocaties en bedrijventerreinen.
Kantorenmarkt Rotterdam
Kantorenmarkt Rotterdam 1 e halfjaar 2015 Kantorenmarkt Rotterdam De gemeente Rotterdam telt circa 625.000 inwoners en 314.120 banen, verdeeld over 25.220 vestigingen (bron: Lisa). De kantorenvoorraad
Kantorenmarkt Den Bosch
Kantorenmarkt Den Bosch Medio 2017 DO RESEARCH www.doresearch.nl Kantorenmarkt Den Bosch, 1 e halfjaar 2017 De gemeente Den Bosch telt bijna 155.000 inwoners en circa 96.700 arbeidsplaatsen verdeeld over
VERZONDEN - 4.11.13 uw brief van uw kenmerk ons kenmerk datum 1101231 31 oktober 2013
gemeentebestuur,..,.. r^fw Postbus 15 PURMEREND JSj 1440 AA Purmerend V telefoon 0299-452452 telefax 0299-452124 Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling Team Economie Aan de gemeenteraad van Purmerend VERZONDEN
Bewoners regio kopen minder in eigen gemeente
1 Bewoners regio kopen minder in eigen gemeente Fact sheet augustus 15 Net als Amsterdammers kopen bewoners in de Amsterdamse regio steeds meer niet-dagelijkse producten (kleding, muziek, interieurartikelen)
Regio Amsterdam. Kantorenvisie. Januari 2010. Amstelveen. 40% minder opname kantoorruimte. Grootste transacties. 40% minder opname kantoorruimte
Research Kantorenvisie Regio Amsterdam Januari 2010 40% minder opname kantoorruimte De negatieve economische ontwikkelingen in Nederland in 2009 hebben bijgedragen aan een terugval in de opname van kantoorruimte
Zuid-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Zuid-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Zuid-Nederland (*1. m²) 42.2 2.15 5.518 Overig Nederland Het totale oppervlak aan kantoormeters in en
Regionale Samenwerking in de metropool
Regionale Samenwerking in de metropool Deelregio Zaanstreek - Waterland Datum: 20 april 2016 Inhoud 1. Inleiding Wat is de regio? 2. Concept voorstel Metropoolregio Amsterdam Hoe organiseren we het netwerk
Flevoland, Noord-Holland en Utrecht. Landelijke marktontwikkelingen
Landelijke marktontwikkelingen Veel consumenten nemen een afwachtende houding aan. De economische vooruitzichten zijn immers niet goed en de dalende koopkracht zorgt ervoor dat klanten alleen maar langer
Trendrapportage Monitor Werkgebieden Regio Gooi en Vechtstreek 2013
Trendrapportage Monitor Werkgebieden Regio Gooi en Vechtstreek 13 VOORWOORD In 14 is er door Stichting ilocator hard gewerkt aan de doorontwikkeling van de Monitor Werkgebieden. Dit heeft geresulteerd
Trendrapportage Monitor Werkgebieden Regio Gooi en Vechtstreek
2013 Trendrapportage Monitor Werkgebieden Regio Gooi en Vechtstreek 1 Voorwoord De tweede, verbeterde versie van de ilocator monitor Werkgebieden wordt in juni gelanceerd. De belangrijkste toevoeging aan
kantorenmonitor metropoolregio Amsterdam Ondanks recordomzetting toename leegstand door nieuwbouw en gedaald kantoorgebruik
kantorenmonitor Metropoolregio 211 Muiden Voorraad kantoorruimte naar percentage onverhuurde leegstand -1% 1-2% 2% of meer Weesp Naarden Huizen Bussum Gooi Gooi- en en Laren Hilversum Wijdemeren Huizen;
Regio Amsterdam. Kantorenvisie. Januari 2011 Beukenhorst, Hoofddorp. Lichte stijging opnameniveau 2010
Research Kantorenvisie Regio Amsterdam Januari 2011 Beukenhorst, Hoofddorp Lichte stijging opnameniveau De totale opname van kantoorruimte in de regio Amsterdam in bedraagt 268.317 m², hetgeen een lichte
Leerlingenprognose Zuidelijk Noord-Holland 2012-2025
Leerlingenprognose Zuidelijk Noord-Holland 2012-2025 Onderzoeksnotitie Onderzoek in opdracht van het ministerie van OCW Sil Vrielink & Dik Leering ResearchNed & QDelft mei 2012 2012 ResearchNed Nijmegen
RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl Rapportage woningbouwplannen Stadsregio Amsterdam
RIGO Research en Advies BV De bewoonde omgeving www.rigo.nl Rapportage woningbouwplannen Stadsregio Amsterdam o.b.v. monitor plancapaciteit woningbouw 2012 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust
Convenant Versterking samenwerking Metropoolregio Amsterdam
Convenant Versterking samenwerking Metropoolregio Amsterdam Oktober 2016 1 Dit convenant wordt aangegaan tussen de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die deelnemen aan de samenwerking
Leegstand van kantoren, 1991-2013
Leegstand van kantoren, 1991-2013 Conclusie In Nederland is een overaanbod van kantoorvloeroppervlakte. Gemiddeld 16% van het kantoorvloeroppervlakte staat leeg in 2013. Dit percentage neemt nog steeds
