Uitwerking Basisopgaven
|
|
|
- Femke Hermans
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Uitwerking Basisopgaven Opgave 1 a. Gevraagd wordt om y = 3x 2 te tekenen. Een manier om dit te doen is het berekenen van snijpunten met x-as en y-as: - Snijpunt y-as: x = 0 invullen geeft y = = -2. We vinden (0, -2). - Snijpunt x-as: y = 0 levert op 3x 2 = 0, dus 3x = 2 ofwel x = 2/3. We vinden (2/3, 0). Figuur 11 b. We gaan y = -4x + 1 tekenen. Daartoe berekenen we het snijpunt met de x-as en de y-as: - Snijpunt y-as: x = 0 invullen geeft y = = 1. We vinden (0, 1). - Snijpunt x-as: y = 0 invullen geeft -4x + 1 = 0, dus -4x = -1 ofwel x = ¼. We vinden (¼, 0).
2 Figuur 12 Opgave 2 a. y = -x + 7 = -1x + 7, dan zijn a = -1 en b = 7. b. y = 5x = 5x + 0, dus a = 5 en b = 0 c. 3x + 3y = 6 is een impliciete vorm welke we herschrijven naar de expliciete vorm: 3x + 3y = 6 is hetzelfde als 3y = -3x + 6. Delen door 3 levert op y = -x + 2. We vinden a = -1 en b = 2 d. 7x 2y herschrijven we naar -2y = -7x + 9. Delen door -2 geeft y = 3,5x 4,5. Dat betekent dat a = 3,5 en b = -4,5. Opgave 3 a. y = 12x 24, hiervan berekenen we de snijpunten met de y-as en de x-as: Snijpunt y-as: x = 0, y = = -24 levert op (0, -24); snijpunt x-as: y = 0, 12x 24 = 0, 12x = 24, x = 2 levert op (2,0). b. y = -2x 5, hiervan berekenen we de snijpunten met de y-as en de x-as: Snijpunt y-as: x = 0, y = = -5, dus (0, -5); snijpunt x-as: y = 0, -2x 5 = 0, -2x = 5 delen we door -2, x = -2,5 levert op (-2,5; 0). c. 5x 4y = 1 is impliciet, maar hierin vullen we direct x = 0 en y = 0 in: Snijpunt y-as: x = 0, 5 0 4y = 1, ofwel -4y = 1 delen we door -4, y = -¼ en we vinden het punt (0, -¼); snijpunt x-as: y = 0, 5x 4 0 = 1, dus 5x = 1 ofwel x = 1/5 met het punt (1/5, 0).
3 d. 7x + 6y = 3 Snijpunt y-as: x = 0, y = 3, dus 6y = 3 geeft y = ½ met het punt (0, ½); snijpunt x-as: y = 0, 7x = 3, dus 7x = 3 geeft x = 3/7, dus (3/7, 0). Opgave 4 a. 3x + 2 = 6x 3, 3x 6x = -3 2, dus -3x = -5, delen door -3 geeft x = 5/3. Invullen in bijvoorbeeld y = 3x + 2, dus y = 3 5/3 + 2 = = 7. Het snijpunt is (1 2/3, 7). b. 2x 1 = 3x + 5, 2x 3x = 5 + 1, dus -x = 6 vermenigvuldigen met -1 geeft x = -6. Invullen in bijvoorbeeld y = 2x 1 geeft y = = -13. Het snijpunt is (-6, -13). c. x + 10 = -2x + 7, x + 2x = 7 10 ofwel 3x = -3 delen we door 3 en we vinden x = -1. Invullen in bijvoorbeeld y = x + 10 geeft y = = 9. Het snijpunt is (-1, 9). d. 4x + 5 = -3x 6, 4x + 3x = -6 5, dus 7x = -11 delen we door 7 en we vinden x = -11/7 = -1 4/7. Invullen in bijvoorbeeld y = 4x + 5 geeft y = 4-11/7 + 5 = -44/7 + 35/7 = -9/7 = -1 2/7. Het snijpunt is (-1 4/7, -1 2/7). Opgave 5 a. (1, 3) en (3, 7) vullen we in bij de algemene gedaante y = ax + b: 3 = a 1 + b = a + b 7 = a 3 + b = 3a + b - -4 = -2a Delen door -2 levert op a = 2. Invullen in bijvoorbeeld 3 = a + b geeft 3 = 2 + b, dus b = 1. Het lineair verband is y = 2x + 1. b. (0, 0) en (6, -1) vullen we in bij de algemene gedaante y = ax + b:
4 0 = a 0 + b = b -1 = a 6 + b = 6a + b We zien dat b = 0. Deze vullen we in bij -1 = 6a + b en dat wordt -1 = 6a + 0 = 6a. Delen door 6 geeft a = -1/6. Het lineair verband is y = -1/6x. c. (-2, -2) en (3, -4) vullen we in bij de algemene gedaante y = ax + b: -2 = a -2 + b = -2a + b -4 = a 3 + b = 3a + b - 2 = -5a Delen door -5 geeft a = -2/5. Invullen in bijvoorbeeld -2 = -2a + b geeft -2 = -2 2/5 + b, ofwel -2 = 4/5 + b, dus -2 4/5 = b. Het lineair verband is y = -2/5x 2 4/5. d. (-1, -2) en (-6, 8) vullen we in bij y = ax + b: Opgave 6-2 = a -1 + b = -a + b 8 = a -6 + b = -6a + b = 5a Delen door 5 geeft a = -2. Invullen in bijvoorbeeld -2 = -a + b geeft -2 = 2 + b, dus b = -4. Het lineair verband is y = -2x 4. a. We vermenigvuldigen de eerste vergelijking met 1 en de tweede vergelijking met 3: 2x + 3y = 5 1 wordt 2x + 3y = 5 3x + y = 7 3 wordt 9x + 3y = x = -16 Delen door -7 geeft x = 16/7 = 2 2/7. Invullen in bijvoorbeeld 2x + 3y = 5 geeft 2 16/7 + 3y = 5, dus 32/7 + 3y = 5, ofwel 3y = 35/7 32/7 = 3/7. Delen door 3 geeft y = 1/7. De oplossing is x = 2 2/7 en y = 1/7. b. We vermenigvuldigen de eerste vergelijking met 2 en de tweede vergelijking met 1: 5x 2y = -2 2 wordt 10x 4y = -4-3x + 4y = 8 1 wordt -3x + 4y = 8 + 7x = 4 Delen door 7 geeft x = 4/7. Invullen in bijvoorbeeld -3x + 4y = 8 geeft -3 4/7 + 4y = 8, dus -12/7 + 4y = 8, ofwel 4y = 56/7 + 12/7 = 68/7. Delen door 4 geeft y = 17/7 = 2 3/7. De oplossing is x = 4/7 en y = 2 3/7. c. We vermenigvuldigen de eerste vergelijking met 3 en de tweede vergelijking met 7:
5 7x 7y = 9 3 wordt 21x 21y = 27-3x 5y = 12 7 wordt -21x 35y = y = 111 Delen door -56 geeft y = -111/56 = -1 55/56. Invullen in bijvoorbeeld 7x 7y = 9 geeft 7x 7-111/56 = 9, dus 7x + 777/56 = 9, ofwel 7x = 9 777/56 = 504/56 777/56 = -273/56. Delen door 7 geeft x = -39/56. De oplossing is x = -39/56 en y = -1 55/56. d. Voordat we op analoge wijze als bij de vorige onderdelen gaan rekenen, vereenvoudigen we allereerst de eerste vergelijking -12x + 15y = 6. We kunnen namelijk door 3 en vinden dan -4x + 5y = 2. We vermenigvuldigen hierna de eerste vergelijking met 5 en de tweede vergelijking met 4: -4x + 5y = 2 5 wordt -20x + 25y = 10-5x + 7y = 20 3 wordt -20x + 28y = y = -70 Delen door -3 geeft y = -70/-3 = 70/3 = 23 1/3. Invullen in bijvoorbeeld -4x + 5y = 2 geeft -4x /3 = 2, dus -4x + 350/3 y = 2, ofwel -4x = 6/3 350/3 = -344/3. Delen door -4 geeft x = 86/3 = 28 2/3. De oplossing is x = 28 2/3 en y = 23 1/3. Uitwerking Toegepaste opgaven Opgave 1 In wiskundige notatie is gegeven: TK = 69, q = 6 TK = 77, q = 9 met TK in euro per maand en q in kilogram per maand. De algemene gedaante van TK = aq + b gaan we invullen: 69 = a 6 + b = 6a + b 77 = a 9 + b = 9a + b - -8 = -3a Delen door -3 levert op a = -8/-3 = 8/3 = 2 2/3. Invullen in bijvoorbeeld 69 = 6a + b geeft 69 = 6 8/3 + b, dus 69 = 48/3 + b = 16 + b. En we zien dat b = = 53. De totale kosten per maand zijn TK = 2 2/3q + 53.
6 Opgave 2 a. Figuur 13 b. TO = TK bij een break-evenpoint. Dat betekent hier het oplossen van: 32q = q, dus 20q = 20. Delen door 20 levert op q = 1. Invullen in TO of TK geeft TO= TK = 32. Het break-evenpoint is een afzet van 10 stuks per dag met een totale ontvangst en totale kosten van euro per dag. Opgave 3 Allereerst bereken we de winst voor Brie: TO = 12q TK = q, dus TW = TO TK = 12q (27 + 5q) = 12q 27 5q = 7q 27. Invullen van q = 20 levert op: TW = = 113. Bij 20 kilo per maand is de totale winst 113 euro. Daarna voor Brousson: TO = 10q TK = q, dus TW = TO TK = 10q (23 + 4q) = 10q 23 4q = 6q 23.
7 Invullen van q = 20 geeft: TW = = = 97. Bij 20 kilo per maand is de totale winst gelijk aan 97 euro. Conclusie: Brie heeft de grootste winst. Opgave 4 Uit de tekst van de opgave blijkt dat TO = 11q en TK = 4q + 25 met TO en TK in euro per week en q in kilogram per week. We vinden het break-evenpoint als TO = TK, dus 11q = 4q + 25, ofwel 7q = 25 Delen door 7 geeft q = 25/7 = 3 4/7 kilogram per week. Invullen in TO en TK geeft 39 2/7 euro per week. Opgave 5 Allereerst kijken we naar cornedbeef: TO = 14q en TK = q, dus TW = TO TK = 14q (18 + 5q) = 14q 18 5q = 9q 18 Invullen van q = 18 levert op TW = = 144, dus bij 18 kilogram per maand aan cornedbeef hoort 144 euro winst. Vervolgens aanschouwen we rollade: TO = 12q en TK = q dus TW = TO TK = 12q (23 + 4q) = 8q 23 Invullen van q = 18 geeft TW = = 121, dus bij 18 kilogram rollade per maand hoort een winst van 121 euro. Conclusie: De winst voor rollade is kleiner dan die voor cornedbeef. Opgave 6 a. We vinden het break even point door vraag en aanbod aan elkaar gelijk te stellen:
8 p + 6 = -0,5p + 18, dus 1,5p = 12 Delen door 1,5 geeft p = 8. Invullen in bijvoorbeeld q = p + 6 levert op q = = 14. Het evenwichtspunt worden bereikt bij een prijs van 800 euro per ton en een hoeveelheid van ton per maand. b. Het aanbodoverschot wordt berekend door te kijken hoe groot het aanbod is en dit te vergelijken met de vraag. Het verschil is het aanbodoverschot: p = 10 invullen in q = p + 6 geeft q = = 16, p = 10 invullen in q = -0,5p + 18 geeft q = -0, = 13 Het aanbodoverschot bedraagt = kilogram per maand ofwel 300 ton per maand. c. De financiële consequentie is = euro per maand. d. Voor het tekenen van het aanbod gebruiken we bijvoorbeeld de punten: p = 0, q = 6 en p = 8, q = 14; voor het tekenen van de vraag kunnen we bijvoorbeeld gebruik maken van de punten: p = 0, q = 18 en p = 8, q = 14. We vinden visueel het aanbodoverschot door bij p = 10 een horizontale lijn te trekken en dan het verschil tussen vraag en aanbod dik te kleuren.
9 Figuur 14 e. Het vraagoverschot wordt, net als het aanbodoverschot, berekend door te kijken hoe groot het aanbod is en dit te vergelijken met de vraag. Het verschil is in dit geval het vraagoverschot: p = 7 invullen in q = p + 6 geeft q = = 13, p = 7 invullen in q = -0, geeft q = -3, = 14,5 Het vraagoverschot bedraagt = kilogram per maand ofwel 150 ton per maand. In de grafiek is bij p = 7 een horizontale lijn getrokken. Het verschil tussen vraag en aanbod is aangeduid door de dikke lijn. Figuur 15
10 Uitwerking Competentieprikkel Er moet dus blijkbaar gelden dat: euro en euro. Laten we de prijs van de mountainbike x noemen en de prijs van de stadsfiets y: euro en euro. Of nog eenvoudiger als een herkenbaar stelsel van vergelijkingen (het keer teken mocht je immers weglaten): Dit kun je oplossen m.b.v. het trucje uit paragraaf 2.4.8: Vermenigvuldig de onderste vergelijking met 3 en de bovenste met 2, als je ze dan van elkaar aftrekt krijg je het volgende: - Ofwel:, de mountainbikes blijken dus 420 euro per stuk te kosten. En nu de prijs van de stadsfietsen nog. Nu, als je de prijs van 420 invult in de eerste vergelijking (voordat er vermenigvuldigt is!) dan krijg je: Ofwel: Ofwel, de prijs van een stadsfiets is dus 720 euro.
5.1 Lineaire formules [1]
5.1 Lineaire formules [1] Voorbeeld : Teken de grafiek van y = 1½x - 3 Stap 1: Maak een tabel met twee coördinaten van deze lijn: x 0 2 y -3 0 Stap 2: Teken de twee punten en de grafiek: 1 5.1 Lineaire
Het opstellen van een lineaire formule.
Het opstellen van een lineaire formule. Gegeven is onderstaande lineaire grafiek (lijn b). Van deze grafiek willen wij de lineaire formule weten. Met deze formule kunnen we gaan rekenen. Je kan geen lineaire
Hoofdstuk 11: Eerstegraadsfuncties in R
- 229 - Hoofdstuk 11: Eerstegraadsfuncties in R Definitie: Een eerstegraadsfunctie in R is een functie met een voorschrift van de gedaante y = ax + b (met a R 0 en b R ) Voorbeeld 1: y = 2x Functiewaardetabel
Hoofdstuk 2: Grafieken en formules
Hoofdstuk 2: Grafieken en formules Wiskunde VMBO 2011/2012 www.lyceo.nl Hoofdstuk 2: Grafieken en formules Wiskunde 1. Basisvaardigheden 2. Grafieken en formules 3. Algebraïsche verbanden 4. Meetkunde
Domein Markt. Zie steeds de eenvoud!! uitwerking totale winst. Frans Etman
Domein Markt Zie steeds de eenvoud!! uitwerking totale winst havo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1. Lees in de grafiek af hoe hoog de totale omzet (TO) en de totale kosten (TK) is bij een afzet van 3 producten,
De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn.
Verbanden Als er tussen twee variabelen x en y een verband bestaat kunnen we dat op meerdere manieren vastleggen: door een vergelijking, door een grafiek of door een tabel. Stel dat het verband tussen
Wiskunde D vwo Lineaire algebra. Presentatie Noordhoff wiskunde Tweede Fase congres 19 november 2015 Harm Houwing en John Romkes
Wiskunde D vwo Lineaire algebra Presentatie Noordhoff wiskunde Tweede Fase congres 9 november 205 Harm Houwing en John Romkes Vwo D Lineaire algebra Harm Houwing John Romkes Hoofdstuk 4 Onderwerpen Rekenen
F3 Formules: Formule rechte lijn opstellen 1/3
F3 Formules: Formule rechte lijn opstellen 1/3 Inleiding Bij Module F1 heb je geleerd dat Formule, Verhaal, Tabel, Grafiek en Vergelijking altijd bij elkaar horen. Bij Module F2 heb je geleerd wat een
1. Vectoren in R n. y-as
1. Vectoren in R n Vectoren en hun meetkundige voorstelling. Een vector in R n is een rijtje (a 1, a 2,..., a n ) van reële getallen. De getallen a i heten de coördinaten van de vector. In het speciale
3.1 Kwadratische functies[1]
3.1 Kwadratische functies[1] Voorbeeld 1: y = x 2-6 Invullen van x = 2 geeft y = 2 2-6 = -2 In dit voorbeeld is: 2 het origineel; -2 het beeld (of de functiewaarde) y = x 2-6 de formule. Een functie voegt
Zomercursus Wiskunde. Module 4 Limieten en asymptoten van rationale functies (versie 22 augustus 2011)
Katholieke Universiteit Leuven September 20 Module 4 Limieten en asymptoten van rationale functies (versie 22 augustus 20) Inhoudsopgave Rationale functies. Inleiding....................................2
Zomercursus Wiskunde. Katholieke Universiteit Leuven Groep Wetenschap & Technologie. September 2008
Katholieke Universiteit Leuven September 2008 Limieten en asymptoten van rationale functies (versie juli 2008) Rationale functies. Inleiding Functies als f : 5 5, f 2 : 2 3 + 2 f 3 : 32 + 7 4 en f 4 :
Noordhoff Uitgevers bv
Voorkennis V-a Per deelnemer méér gaat er e 0,- van de prijs per persoon af, dus bij 4 personen zal de prijs per persoon e 500,- zijn, bij 30 personen e 50,- 7 3 e 0,- = e 380,-. b n = 0 geeft p = 0 3
1.1 Lineaire vergelijkingen [1]
1.1 Lineaire vergelijkingen [1] Voorbeeld: Los de vergelijking 4x + 3 = 2x + 11 op. Om deze vergelijking op te lossen moet nu een x gevonden worden zodat 4x + 3 gelijk wordt aan 2x + 11. = x kg = 1 kg
3.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x.
3.0 Voorkennis Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x. 6x + 28 = 30 10x +10x +10x 16x + 28 = 30-28 -28 16x = 2 :16 :16 x = 2 1 16 8 Stappenplan: 1) Zorg dat alles met x links van het = teken komt te staan;
De grafiek van een lineair verband is altijd een rechte lijn.
2. Verbanden Verbanden Als er tussen twee variabelen x en y een verband bestaat kunnen we dat op meerdere manieren vastleggen: door een vergelijking, door een grafiek of door een tabel. Stel dat het verband
Correcties en verbeteringen Wiskunde voor het Hoger Onderwijs, deel A.
Wiskunde voor het hoger onderwijs deel A Errata 00 Noordhoff Uitgevers Correcties en verbeteringen Wiskunde voor het Hoger Onderwijs, deel A. Hoofdstuk. 4 Op blz. in het Theorieboek staat halverwege de
Bij alle verbanden geldt dat je, als je een negatief getal in een formule invult, je altijd haakjes om dat getal moet zetten.
Theorie lineair verband Bij alle verbanden geldt dat je, als je een negatief getal in een formule invult, je altijd haakjes om dat getal moet zetten. In het dagelijks leven wordt vaak gebruik gemaakt van
6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen:
6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen: 1) Haakjes wegwerken 2) Vermenigvuldigen en delen van links naar rechts 3) Optellen en aftrekken van links naar rechts Schrijf ALLE stappen ONDER
2 Vergelijkingen van lijnen
2 Vergelijkingen van lijnen Verkennen Meetkunde Lijnen Inleiding Verkennen Beantwoord de vragen bij Verkennen. Gebruik de applet! Uitleg Meetkunde Lijnen Uitleg Opgave 1 Bestudeer de Uitleg. Laat zien
1.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x.
1.0 Voorkennis Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x. 6x + 28 = 30 10x +10x +10x 16x + 28 = 30-28 -28 16x = 2 :16 :16 x = 2 1 16 8 Stappenplan: 1) Zorg dat alles met x links van het = teken komt te staan;
Vragen over algebraïsche vaardigheden aan het eind van klas 3 havo/vwo
Bijlage 7 Vragen over algebraïsche vaardigheden aan het eind van klas 3 havo/vwo Deze vragen kunnen gebruikt worden om aan het eind van klas 3 havo/vwo na te gaan in hoeverre leerlingen in staat zijn te
. noemer noemer Voorbeelden: 1 Breuken vereenvoudigen Schrijf de volgende breuken als één breuk en zo eenvoudig mogelijk: 4 1 x e.
Tips: Maak de volgende opgaven het liefst voorin in één van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een som niet lukt, werk hem dan uit tot waar je kunt en ga verder met de volgende
Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts
Voorbereiding toelatingsexamen artstandarts Wiskunde: oppervlakteberekening juli 05 dr. Brenda Castelen Met dank aan: Atheneum van Veurne (http:www.natuurdigitaal.begeneeskundefsicawiskundewiskunde.htm),
WISNET-HBO NHL update jan. 2009
Tweedegraadsfuncties Parabolen maken WISNET-HBO NHL update jan. 2009 Inleiding In deze les leer je wat systeem brengen in het snel herkennen van tweedegraadsfuncties. Een paar handige trucjes voor het
Wiskunde 20 maart 2014 versie 1-1 -
Wiskunde 0 maart 04 versie - -. a 3 a =. a.. 6.,AppB./ a 4 3. a 3. Rekenregels voor machten: als je twee machten op elkaar deelt, trek je de exponenten van elkaar af. De exponent van a wordt dan =. 3 6
extra oefeningen HOOFDSTUK 4 VMBO 4
extra oefeningen HOOFDSTUK 4 VMBO 4 1. a. Teken in één assenstelsel de grafieken bij de formules y = 4x - 3 en y = 7 - x b. Bereken de coördinaten van het snijpunt c. Teken in hetzelfde assenstelsel de
Oefentoets uitwerkingen
Vak: Wiskunde Onderwerp: Hogere machtsverb., gebr. func=es, exp. func=es en logaritmen Leerjaar: 3 (206/207) Periode: 3 Oefentoets uitwerkingen Opmerkingen vooraf: Geef je antwoord al=jd mét berekening
Grafieken, functies en verzamelingen. Eerst enkele begrippen. Grafiek. Assenstelsel. Oorsprong. Coördinaten. Stapgrootte.
Grafieken, functies en verzamelingen Eerst enkele begrippen Grafiek In een assenstelsel teken je een grafiek. Assenstelsel Een assenstelsel bestaat uit twee assen die elkaar snijden: een horizontale en
Kerstvakantiecursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO kan niet korter
Voorbereidende opgaven VWO Kerstvakantiecursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk
Noordhoff Uitgevers bv
Voorkennis V-a Per deelnemer méér gaat er e 0,- van de prijs per persoon af, dus bij 4 personen zal de prijs per persoon e 500,- zijn, bij 0 personen e 50,- 7 e 0,- 5 e 80,-. b n 5 0 geeft p 5 0 0 980
H. 8 Kwadratische vergelijking / kwadratische functie
H. 8 Kwadratische vergelijking / kwadratische functie 8. Kwadratische vergelijking Een kwadratische vergelijking (of e graadsvergelijking) is een vergelijking van de vorm: a b c + + = Ook wordt een kwadratische
Wiskundige Technieken 1 Uitwerkingen Hertentamen 2 januari 2014
Wiskundige Technieken Uitwerkingen Hertentamen januari 4 Normering voor 4 pt vragen (andere vragen naar rato): 4pt 3pt pt pt pt goed begrepen én goed uitgevoerd, eventueel met of onbelangrijke rekenfoutjes
Verbanden en functies
Verbanden en functies 0. voorkennis Stelsels vergelijkingen Je kunt een stelsel van twee lineaire vergelijkingen met twee variabelen oplossen. De oplossing van het stelsel is het snijpunt van twee lijnen.
Voorbereidende opgaven Kerstvakantiecursus. Rekenregels voor vereenvoudigen ( ) = = ( ) ( ) ( ) = ( ) ( ) = ( ) = = ( )
Voorbereidende opgaven Kerstvakantiecursus Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in één van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk hem dan uit tot
Machten, exponenten en logaritmen
Machten, eponenten en logaritmen Machten, eponenten en logaritmen Macht, eponent en grondtal Eponenten en logaritmen hebben alles met machtsverheffen te maken. Een macht als 4 is niets anders dan de herhaalde
2012 I Onafhankelijk van a
0 I Onafhankelijk van a Voor a>0 is gegeven de functie: f a (x) = ( ax) e ax. Toon aan dat F a (x) = x e ax een primitieve functie is van f a (x). De grafiek van f a snijdt de x-as in (/a, 0) en de y-as
3.0 Voorkennis. y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x.
3.0 Voorkennis y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x. y = -4x + 8 kan herschreven worden als y + 4x = 8 Dit is een lineaire vergelijking met twee variabelen. Als je
Examen HAVO. Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl)
Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 19 juni 13.30 16.30 uur 20 02 Voor dit examen zijn maximaal 85 punten te behalen; het examen bestaat uit
Herhaling vwo 4. Module 1, 2 en 3. Herhaling vwo 4 module 1, 2, 3. Domeinen ruil, schaarste, markt.
Herhaling vwo 4 Module 1, 2 en 3 1 Problemen 1. Overzicht over de stof 2. Vergelijkingen oplossen 3. Oplosstappen TWmax 4. Tekenen van grafieken 5. Leerwerk verbeteren 6. Lezen van opgaven (m.i. grootste
Oefentoets - Lineaire problemen
Oefentoets - Lineaire problemen Schrijf je antwoorden zo volledig mogelijk op. grafiek potlood en lineaal. Gebruik voor het tekenen van een Vraag 1 Voetbal is een sport met steeds meer leden. Het aantal
6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen:
6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen: 1) Haakjes wegwerken 2) Vermenigvuldigen en delen van links naar rechts 3) Optellen en aftrekken van links naar rechts Schrijf ALLE stappen ONDER
Examencursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO kan niet korter
Voorbereidende opgaven VWO Examencursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk hem dan
Functies. Verdieping. 6N-3p 2013-2014 gghm
Functies Verdieping 6N-p 01-014 gghm Standaardfuncties Hieronder is telkens een standaard functie gegeven. Maak steeds een schets van de bijbehorende grafiek. Je mag de GRM hierbij gebruiken. Y f ( x)
Opgave 1 Elke overeenkomst tussen gegevens in deze opgave en de werkelijkheid berust op toeval.
oefentoets 3 e periode havo-4 economie 2009-10 blad 1 van 4 Opgave 1 Elke overeenkomst tussen gegevens in deze opgave en de werkelijkheid berust op toeval. Bij toepassing van moderne operatietechnieken
Wiskunde voor bachelor en master. Deel 1 Basiskennis en basisvaardigheden. c 2015, Syntax Media, Utrecht. Uitwerkingen hoofdstuk 9
Wiskunde voor bachelor en master Deel Basiskennis en basisvaardigheden c 0, Sntax Media, Utrecht www.sntaxmedia.nl Uitwerkingen hoofdstuk 9 9.. = x = x 0 0 a. b. =, 0 0 = x + c. d. Uitwerkingen 9.. = x
Uitwerkingen Mei 2012. Eindexamen VWO Wiskunde B. Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek
Uitwerkingen Mei 01 Eindexamen VWO Wiskunde B A B C Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek Onafhankelijkheid van a Opgave 1. We moeten aantonen dat F a een primitieve is van de
Vijf oefenopgaven bij de voorbereiding op toets 1, h5 ec12. 1 van 5
ijf oefenopgaven bij de voorbereiding op toets 1, h5 ec12. 1 van 5 Opgave 1 Gegevens: q a = 0,6p ; q a : aanbod tarwe van boeren in de EU q v = -0,1p + 40; q v : vraag naar tarwe binnen de EU (q: hoeveelheid
ProefToelatingstoets Wiskunde B
Uitwerking ProefToelatingstoets Wiskunde B Hulpmiddelen :tentamenpapier,kladpapier, een eenvoudige rekenmachine (dus geen grafische of programmeerbare rekenmachine) De te bepalen punten per opgave staan
Vergelijkingen en hun oplossingen
Vergelijkingen en hun oplossingen + 3 = 5 is een voorbeeld van een wiskundige vergelijking: er komt een = teken in voor, en een onbekende of variabele: in dit geval de letter. Alleen als we voor de variabele
Examen HAVO 2013. wiskunde B. tijdvak 1 vrijdag 17 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 201 tijdvak 1 vrijdag 17 mei 1.0-16.0 uur wiskunde B Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 19 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten te behalen. Voor elk
Stoomcursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO ( ) = = ( ) ( ) ( ) = ( ) ( ) = ( ) = = ( )
Voorbereidende opgaven VWO Stoomcursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk hem dan
Examen HAVO. wiskunde B. tijdvak 2 woensdag 18 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2014 tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-16.30 uur wiskunde B Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 19 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 77 punten te behalen. Voor
Eindexamen wiskunde b 1-2 havo 2002 - II
Pompen of... Een cilindervormig vat met een hoogte van 32 dm heeft een inhoud van 8000 liter (1 liter = 1 dm 3 ). figuur 1 4p 1 Bereken de diameter van het vat. Geef je antwoord in gehele centimeters nauwkeurig.
De twee schepen komen niet precies op hetzelfde moment in S aan.
Gevaar op zee Schepen die elkaar te dicht naderen worden gewaarschuwd door de kustwacht. Wanneer schepen niet op zo n waarschuwing hebben gereageerd, stelt de Inspectie Verkeer en Waterstaat een onderzoek
Hoofdstuk 1: Formules en grafieken. 1.1 Lineaire verbanden
Hoofdstuk : Formules en grafieken.. Lineaire verbanden Opgave : in 0 minuten daalt het water 40 cm, dus 4 cm per minuut dus na minuut geldt: h 40 4 6 cm en na minuten geldt: h 40 4 cm b. formule II Opgave
Domein D markt UITWERKINGEN. monopolie enzo. Zie steeds de eenvoud!! Frans Etman
Domein D markt monopolie enzo Zie steeds de eenvoud!! UITWERKINGEN havo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1. Bij welke afzet geldt dat de MO-lijn de MK-lijn snijdt? q= 6 2. Teken een stippellijn naar de prijslijn
snelheid in m/s Fig. 2
Dit oefen-vt en de uitwerking vind je op Itslearning en op www.agtijmensen.nl 1. Oversteken. Een BMW nadert eenparig met 21 m/s een 53 m verder gelegen zebrapad. Ria die bij de zebra stond te wachten steekt
H9 Exponentiële verbanden
H9 Exponentiële verbanden Havo 5 wiskunde A Getal & Ruimte deel 3 PTA 1 Oefenmateriaal examens 2 Voorkennis Rekenen met procenten Formule van procentuele verandering Vermenigvuldigingsfactor Procent op
Transformaties Grafieken verschuiven en vervormen
Wiskunde LJ2P4 Transformaties Grafieken verschuiven en vervormen 1. Ver'cale verschuiving We hebben bij wiskunde al verschillende grafieken leren kennen: rechte lijn, parabool, sinus, cosinus. Voor de
Appendix Inversie bekeken vanuit een complex standpunt
Bijlage bij Inversie Appendix Inversie bekeken vanuit een complex standpunt In dee paragraaf gaan we op een andere manier kijken naar inversie. We doen dat met behulp van de complexe getallen. We veronderstellen
Examen VWO. Wiskunde A1,2 (nieuwe stijl)
Wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 20 juni 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen; het examen bestaat
Domein Markt. Uitwerking. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. Frans Etman
Domein Markt Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit Uitwerking vwo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1.Lees in de grafiek af hoe hoog de totale omzet (TO) en de totale kosten (TK) is bij een afzet
3. Lineaire vergelijkingen
3. Lineaire vergelijkingen Lineaire vergelijkingen De vergelijking 2x = 3 noemen we een eerstegraads- of lineaire vergelijking. De onbekende x komt er namelijk tot de eerste macht in voor. Een eerstegraads
Oef 1. Oef 2 Geef het functievoorschrift van g, h en k als a = 1
Herhalingsoefeningen Tweedegraadsfuncties Van de opgaven die geel gemarkeerd zijn, vind je achteraan de oplossingen. De oplossingen van de andere mag je steeds afgeven of er vragen over stellen. Oef 1
Uitgewerkte oefeningen
Uitgewerkte oefeningen Algebra Oefening 1 Gegeven is de ongelijkheid: 4 x. Welke waarden voor x voldoen aan deze ongelijkheid? A) x B) x [ ] 4 C) x, [ ] D) x, Oplossing We werken de ongelijkheid uit: 4
Wiskunde - MBO Niveau 4. Eerste- en tweedegraads verbanden
Wiskunde - MBO Niveau 4 Eerste- en tweedegraads verbanden OPLEIDING: Noorderpoort MBO Niveau 4 DOCENT: H.J. Riksen LEERJAAR: Leerjaar 1 - Periode 2 UITGAVE: 2018/2019 Wiskunde - MBO Niveau 4 Eerste- en
BREAK EVEN ANALYSE. Break-even wil zeggen dat er noch winst noch verlies is.
BREAK EVEN ANALYSE Break-even wil zeggen dat er noch winst noch verlies is. 1. BREAK EVEN GRAFIEK GEGEVENS Ik verkoop bloemen aan 1,00 per stuk. Ik koop deze bloemen aan voor 0,50 per stuk. Mijn vaste
Hoofdstuk 11 - formules en vergelijkingen. HAVO wiskunde A hoofdstuk 11
Hoofdstuk - formules en vergelijkingen HAVO wiskunde A hoofdstuk 0 voorkennis Soorten van stijgen en dalen Je ziet hier de verschillende soorten van stijgen en dalen Voorbeeld Gegegeven is de de formule:
1.1.2. Wiskundige taal. Symbolen om mee te rekenen + optelling - aftrekking. vermenigvuldiging : deling
Examen Wiskunde: Hoofdstuk 1: Reële getallen: 1.1 Rationale getallen: 1.1.1 Soorten getallen. Een natuurlijk getal is het resultaat van een tellg van een edig aantal dgen. Een geheel getal is het verschil
vwo: Het maken van een natuurkunde-verslag vs 21062011
Het maken van een verslag voor natuurkunde, vwo versie Deze tekst vind je op www.agtijmensen.nl: Een voorbeeld van een verslag Daar vind je ook een po of pws verslag dat wat uitgebreider is. Gebruik volledige
Noordhoff Uitgevers bv
Blok - Vaardigheden Extra oefening - Basis B-a De formules a = en s= t 8 zijn lineaire formules. Bij tael A hoort een lineair verand omdat de toename in de onderste rij steeds + is. Bij tael B hoort geen
2.1 Lineaire formules [1]
2.1 Lineaire formules [1] De lijn heeft een helling (richtingscoëfficiënt) van 1; De lijn gaat in het punt (0,2) door de y-as; In het plaatje is de lijn y = x + 2 getekend. Omdat de grafiek een rechte
K.0 Voorkennis. y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x.
K.0 Voorkennis y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x. y = -4x + 8 kan herschreven worden als y + 4x = 8 Dit is een lineaire vergelijking met twee variabelen. Als je
Paragraaf 1.1 : Lineaire verbanden
Hoofdstuk 1 Formules, grafieken en vergelijkingen (H4 Wis B) Pagina 1 van 11 Paragraaf 1.1 : Lineaire verbanden Les 1 Lineaire verbanden Definitie lijn Algemene formule van een lijn : y = ax + b a = richtingscoëfficiënt
Hogeschool Rotterdam. Voorbeeldexamen Wiskunde A
. Bereken zonder rekenmachine: + d. + 0 + 6 6 6 Hogeschool Rotterdam Voorbeeldeamen Wiskunde A 6 6 Oplossingen. Bereken zonder rekenmachine: + 6 b. + 6 0 + 9. Bereken zonder rekenmachine: 9 9 d.. Een supermarkt
Lineaire verbanden. 4 HAVO wiskunde A getal en ruimte deel 1
Lineaire verbanden 4 HAVO wiskunde A getal en ruimte deel 0. voorkennis Letterrekenen Regels: a(b + c ) = a b + ac (a + b )c = a c + bc (a + b )(c + d ) = a c + a d + b c + bd Vergelijkingen oplossen Je
4.1 Negatieve getallen vermenigvuldigen [1]
4.1 Negatieve getallen vermenigvuldigen [1] Voorbeeld 1: 5 x 3 = 15 (3 + 3 + 3 + 3 + 3 = 15) Voorbeeld 2: 5 x -3 = -15 (-3 +-3 +-3 +-3 +-3 = -3-3 -3-3 -3 = -15) Voorbeeld 3: -5 x 3 = -15 Afspraak: In plaats
Extra opgaven hoofdstuk 15
Extra opgaven hoofdstuk 15 Opgave 1 Veronderstel dat de oliemarkt wordt beschreven door het onderstaande model (1) q v = 20 p + 16.000 p prijs per vat olie in euro s (2) q a = 20 p q v, q a aangeboden,
Hoofdstuk 9 - Lineair Programmeren Twee variabelen
Hoofdstuk 9 - Lineair Programmeren Twee variabelen bladzijde a Twee ons bonbons kost, euro. Er blijft,, =, euro over. Doris kan daarvan, = ons drop kopen., b d is het aantal ons gemengde drop (, euro per
Lineaire formules.
www.betales.nl In de wiskunde horen bij grafieken bepaalde formules waarmee deze grafiek getekend kan worden. Lineaire formules zijn formules die in een grafiek een reeks van punten oplevert die op een
Praktische opdracht Wiskunde A Formules
Praktische opdracht Wiskunde A Formules Praktische-opdracht door een scholier 2482 woorden 15 juni 2006 5,5 40 keer beoordeeld Vak Wiskunde A Inleiding Formules komen veel voor in de economie, wiskunde,
VIDEO 4 4. MODULUSVERGELIJKINGEN
VIDEO 1 VIDEO 2 VIDEO 3 VIDEO 4 4. MODULUSVERGELIJKINGEN De modulus (ook wel absolute waarde) is de afstand van een punt op de getallenlijn tot nul. De modulus van zowel -5 als 5 is dus 5, omdat -5 ook
Combinatoriek en rekenregels
Combinatoriek en rekenregels Les 2: Roosters en ongeordende grepen (deze les sluit aan bij de paragrafen 3 en 4 van Hoofdstuk 1 Combinatoriek en Rekenregels van de Wageningse Methode, http://www.wageningsemethode.nl/methode/het-lesmateriaal/?s=y456v-d)
Het berekenen van coördinaten van bijzondere punten van een grafiek gaat met opties uit het CALC-menu.
Toppen en snijpunten We gaan uit van de formule y 0,08x 1,44x 6,48x 3. Voer deze formule in op het formule-invoerscherm (via!) en plot de grafiek met Xmin = 0, Xmax = 14, Ymin = 5 en Ymax = 14. In de figuur
Samenvatting Wiskunde B
Bereken: Bereken algebraisch: Bereken eact: De opgave mag berekend worden met de hand of met de GR. Geef bij GR gebruik de ingevoerde formules en gebruikte opties. Kies op een eamen in dit geval voor berekenen
8.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Bereken het snijpunt van 3x + 2y = 6 en -2x + y = 3
8.0 Voorkennis Voorbeeld 1: Bereken het snijpunt van 3x + 2y = 6 en -2x + y = 3 2x y 3 3 3x 2 y 6 2 Het vermenigvuldigen van de vergelijkingen zorgt ervoor dat in de volgende stap de x-en tegen elkaar
Trillingen en geluid wiskundig. 1 De sinus van een hoek 2 Uitwijking van een trilling berekenen 3 Macht en logaritme 4 Geluidsniveau en amplitude
Trillingen en geluid wiskundig 1 De sinus van een hoek 2 Uitwijking van een trilling berekenen 3 Macht en logaritme 4 Geluidsniveau en amplitude 1 De sinus van een hoek Eenheidscirkel In de figuur hiernaast
INDITHOOFDSTUKgaan jullie kennismaken met het cartesisch assenstelsel.
Hoofdstuk 5 Het Assenstelsel 5.1 Het Assenstelsel INDITHOOFDSTUKgaan jullie kennismaken met het cartesisch assenstelsel. Dit assenstelsel is een idee van de Franse filosoof en wiskundige René Descartes(1596-1650).
Noordhoff Uitgevers bv
Hoofdstuk - Wortels Hoofdstuk - Wortels Voorkennis V- zijde vierkant in m oppervlakte vierkant in m 9 V- = = = = = 7 = 9 = 7 = 89 = 9 8 = = 9 8 = = 9 = 8 = 9 9 = = 0 = 00 = 0 = 00 V-a = 9 = b 7 = 9 = 9
SOM- en PRODUCTGRAFIEK van twee RECHTEN
SOM- en PRODUCTGRAFIEK van twee RECHTEN 1. SOMGRAFIEK Walter De Volder Breng onder Y 1 en Y 2 de vergelijking van een rechte in. Stel Y 3 = Y 1 + Y 2. Construeer de drie grafieken. Onderzoek verschillende
b) Het spreidingsdiagram ziet er als volgt uit (de getrokken lijn is de later uit te rekenen lineaire regressie-lijn): hoogte
Classroom Exercises GEO2-4208 Opgave 7.1 a) Regressie-analyse dicteert hier geen stricte regels voor. Wanneer we echter naar causaliteit kijken (wat wordt door wat bepaald), dan is het duidelijk dat hoogte
Wiskunde D. Keuzevak beslissen onderdeel: optimaliseren
Wiskunde D Keuzevak beslissen onderdeel: optimaliseren Samenstelling Jan Essers ism Kerngroep Wiskunde D Eindhoven Fontys bewerking van Ferdy van der Werf op 16 juli 2008 voorkennis: lineaire vergelijkingen
Wiskunde 1 Samenvatting deel /2018
Inleiding Dit is een preview van onze samenvatting voor het vak Wiskunde 1. Wij hopen met hiermee te laten zien dat onze samenvattingen volledig, gestructureerd en gemakkelijk te begrijpen zijn. In deze
Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap
Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap 1 Rekenen met procenten, basispunten en procentpunten... 1 2 Werken met indexcijfers... 3 3 Grafieken maken en lezen... 5 4a Tweedegraads functie: de parabool...
x 3x x 7x x 2x x 5x x 4x G&R havo B deel 1 3 Vergelijkingen en ongelijkheden C. von Schwartzenberg 1/12 TOETS VOORKENNIS
G&R havo B deel Vergelijkingen en ongelijkheden C. von Schwartzenberg / a x = x =. b x = x x =. c d x (x ) 0 x = 0 =. 9. e f x 0 x ( x ) 0. x x = x x ( x )( x + ). TOETS VOORKENNIS a ( x + ) = x c x e
In een zware tornado worden maximale windsnelheden van ongeveer 280 km/u bereikt.
Tornadoschalen In tornado s kunnen hoge windsnelheden bereikt worden. De zwaarte of heftigheid van een tornado wordt intensiteit genoemd. Er zijn verschillende schalen om de intensiteit van een tornado
Vector-en matrixvergelijkingen. Figuur: Vectoren, optellen
Vector-en matrixvergelijkingen (a) Parallellogramconstructie (b) Kop aan staartmethode Figuur: Vectoren, optellen (a) Kop aan staartmethode, optellen (b) Kop aan staart methode, aftrekken Figuur: Het optellen
