Afstudeerproject. Verantwoordingsdocument
|
|
|
- Linda van der Pol
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Afstudeerproject Verantwoordingsdocument Wat wordt er in Nederland gedaan, aan begeleiding van Mission Kids, die teruggekomen zijn naar Nederland. Aan wat voor soort begeleiding hebben MK's behoefte, en hoe kan er in die behoefte voorzien worden In opdracht van: Member Care Nederland Maria Austriastr. 704a 1087 KH Amsterdam Vanuit de opleiding: Godsdienst Pastoraal Werk aan de Christelijke Hogeschool Ede Oude Kerkweg JS Ede Auteurs: Deborah Aartsma Annelies van der Ploeg Afstudeer Coach: Sabine van der Heijden Ede, 28 september , Aartsma, D. en Ploeg, van der A. Uitgegeven in opdracht van Member Care Nederland Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur en/of uitgever.
2 Voorwoord Beste lezer, Voor u ligt het verantwoordingsdocument van het afstudeeronderzoek van Annelies van der Ploeg en Deborah Aartsma. Dit document is een van de twee documenten die horen bij ons afstudeeronderzoek aan de CHE. Naast dit document hebben we een eindproduct. Dit is het boekje: Landen na de (terug)reis; praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids. Voor zendingsorganisaties, kerken, Thuisfrontcommissies, ouders van Mission Kids en Mission Kids geworden. Sommige onderdelen van ons onderzoek staan uitgebreid beschreven in het boekje, en zullen om die reden niet opgenomen worden in dit verantwoordingsdocument. In dit document zullen wij daarom meerdere keren verwijzen naar ons eindproduct. Beide werken, ons eindproduct en dit verantwoordingsdocument, zijn complementair en dienen als zodanig gelezen te worden. We wensen u veel plezier met het lezen van ons afstudeeronderzoek! Annelies van der Ploeg en Deborah Aartsma 2
3 Begrippen en Definities Hieronder zullen we kort enkele begrippen die we gebruiken, nader definiëren. In ons eindproduct vindt u meer begrippen en uitgebreidere definities. MK: Missionary Kid oftwel zendingskind. TCK: Third Culture Kid, oftewel Derde Cultuur Kind. A Third Culture Kid (TCK) is a person who has spent a significant part of his or her developmental years outside the parent s culture. The TCK builds relationships to all of the cultures, while not having full ownership in any. Although elements from each culture are assimilated into the TCK s life experience, the sense of belonging is in relationship to others of similar background. 1 Elke MK is een TCK, maar niet alle TCK s zijn MK s. TCK s kunnen ook kinderen zijn van diplomaten, zakenmensen en mensen uit het leger; kinderen die door het werk van hun ouders in het buitenland zijn opgegroeid. 2 Re-entry: De terugkeer van zendingswerkers en/of hun kinderen naar het land van herkomst. Re-entry Proces: Het integratieproces dat hoort bij de re-entry. Issue: We hebben het in ons afstudeeronderzoek onder andere over 'issues' die MK's kunnen hebben. Hoewel het eigenlijk een Engels woord is, wordt het ook wel in het Nederlands gebruikt. Woorden die eraan verwant zijn maar net niet helemaal de lading dekken, zijn: uitdagingen of problemen. Omdat deze woorden de lading net niet helemaal dekken, hebben we ervoor gekozen het woord issues te blijven gebruiken. 1 2 Pollock, D.C., Reken, R.E. Van, Third Culture Kids. The Experience of Growing Up Among Worlds (Boston London: Nicholas Brealey Publishing, 2001) p. 19 Het boek 'Third Culture Kids. The Experience of Growing Up Among Worlds' van David Pollock en Ruth van Reken wordt wel gezien als 'de bijbel' onder de MK/TCK-literatuur. Het is een basiswerk waar veel andere literatuur over MK's en TCK's zich op baseert en uit put. Omdat alle MK's Third Culture Kids zijn, geldt wat in dit boek staat ook voor MK's. Dit boek is dan ook van groot belang geweest voor ons onderzoek. Hoewel ons onderzoek specifiek is gericht op de MK's en niet op TCK's, zullen wij regelmatig van het boek van D. Pollock en R. van Reken gebruik maken. Om die reden zult u ook de term TCK met enige regelmaat zien terugkeren in ons werk. 3
4 Inhoudsopgave Voorwoord... 2 Begrippen en Definities... 3 Inhoudsopgave Het definitieve Projectplan Aanleiding Probleem- en doelstelling Doelstelling Probleemstelling Deelvragen Projectresultaat Activiteiten Tijd Geld/uren Kwaliteit Communicatie Organisatie Procesverslag De inhoudelijke verantwoording Probleemstelling Doelstelling Hypotheses Randvoorwaarden Beperkingen Onderzoeksrelevantie Onderzoeksopzet Methodiek Populatie van de MK's Selectie interviews MK's Populatie van de Zendingsorganisaties Waarom geen zendingsorganisaties geïnterviewd Verantwoording van de literatuur Third Culture Kids David C. Pollock en Ruth E. van Reken Burn-Up or Splash Down Marion Knell
5 4.3 Van heinde en ver(der) Margrete Bac-Fahner Antwoord op deelvragen Welke MK issues zijn er? Wat wordt er in Nederland gedaan aan begeleiding van MK s bij terugkomst naar Nederland? Wat wordt er gedaan door uitzendende zendingsorganisaties? Wat wordt er gedaan door andere organisaties (zoals InTransit, Member Care, e.a.)? Wat wordt er gedaan door kerken? Wat wordt er gedaan door Thuis front Commissie? Zijn de MK s begeleid bij terugkomst naar Nederland, en hoe hebben ze de begeleiding ervaren? Welke behoeften aan begeleiding hebben of hadden MK s bij terugkomst naar Nederland? In welke mate is er in deze behoeften aan begeleiding voorzien, en door wie? Hoe hebben de MK s deze begeleiding ervaren? Hoe kunnen MK s worden voorzien in hun behoeften aan begeleiding bij terugkomst in Nederland? Hoe kunnen zendingsorganisaties, kerken en Thuisfrontcommissies voorzien in de behoeften aan begeleiding van MK s? Welke stappen kunnen de MK s zelf nemen als hulmiddel bij het re-entry proces? Theologische verantwoording Theologische onderbouwing Het eindproduct van onze opleiding Popularisering Landen na de (terug)reis; Aandacht voor de terugkerende Mission Kid Evaluatie/Discussie Woord van Dank Literatuurlijst Bijlage 1: De enquête die de MK s ingevuld hebben Bijlage 2: Verwerking van de Enquête voor de MK s : Hoe oud ben je? : Hoe oud was je toen je (voorgoed) terugkwam in Nederland? : Ben je een man of een vrouw? : Hoe oud was je toen je voor het eerst naar het buitenland verhuisde? : Hoeveel jaar heb je in totaal in het buitenland gewoond? : Kwam je samen met je ouders terug naar Nederland, of bleven zij in het zendingsland werken? : Is jouw zendingsorganisatie aangesloten bij de EZA? : Door wie ben je voorbereid, en waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland? : Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen?
6 10: Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? : Hoe heb je de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland ervaren? : Toen je net terug was in Nederland, hoe vaak heb je toen gesprekken gehad, die te maken hadden met jouw re-entry? : Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? : In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? : Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? : Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen : Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? : Over welke thema s had je graag met iemand gesproken of heb je gesproken, toen je net (max. 2 jaar) terug was in Nederland? : Wat heeft jou geholpen bij de re-entry? Of, wat is niet gebeurd, maar zou je geholpen hebben als het wel gebeurd was : In hoeverre ben je het eens met de volgende stellingen? Vragen naast elkaar gelegd Vraag 8 en 10: Vraag 10 en vraag 11 naast elkaar gelegd Tussen vraag 12 en 13: Tussen vraag 9, 11, 12 en Vergelijking vraag 14, 15, 16 en Vraag 18 ingedeeld per geslacht Vraag 18 ingedeeld per leeftijd terug in Nederland : Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland? : Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? : Heb je nog andere opmerkingen? Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland? Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? Heb je nog andere opmerkingen? Bijlage 3: De enquête die de zendingsorganisaties hebben ingevuld Bijlage 4: verwerking van de Enquête voor Zendingsorganisaties: : Namens welke zendingsorganisatie vult u deze Enquête in? : Zend uw organisatie echtparen met kinderen uit naar het buitenland? : Heeft uw zendingsorganisatie een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK's? : Is jullie zendingsorganisatie bekend met de issues die bij MK s kunnen spelen?
7 5: Heeft uw zendingsorganisatie een van de volgende activiteiten, voor MK s in de leeftijd van 12 t/m 21 jaar, om hen te begeleiden bij de re-entry? : Indien u bij vraag 5 geen activiteiten heeft ingevuld: Wat is de reden dat uw zendingsorganisatie dit niet heeft? : Verwijst uw zendingsorganisatie MK s door naar andere instanties? : Graag nemen wij n.a.v. deze enquête met enkele zendingsorganisaties contact op voor een kort telefonisch interview, van ongeveer een kwartier. ( Indien uw organisatie een contactpersoon voor MK zaken heeft, wilt u dan hieronder de naam van de contactpersoon en het telefoonnummer invullen?) : Heeft u naar aanleiding van deze enquête nog opmerkingen? Bijlage 5: Telefonische interviews met MK s Interview Interview Interview Interview Interview Interview Bijlage 6: Een samenvatting van ons afstudeeronderzoek
8 1. Het definitieve Projectplan 1.1 Aanleiding Opdrachtgever: Member Care Nederland Contactpersoon: Mathilde Companjen en Margrete Bac (van InTransit). Zij begeleiden ons samen zodat wanneer Mathilde op reis is voor haar werk, de voortgang van ons onderzoek gegarandeerd kan blijven. Deborah: Door mijn eigen ervaring als zendingskind en literatuur over en gesprekken met kinderen van zendelingen (oftewel MK's, Mission Kids), concludeerde ik dat MK s heel wat meemaken in hun jonge leven. Ze gaan mee met hun ouders naar het buitenland, en groeien daar op. Ze maken er (nieuwe) vrienden en gaan daar naar een (nieuwe) school. Veel MK's zijn een aantal keer verhuist. En dan komt de grote 'terug'komst naar het land van herkomst. Maar wat voor de ouders vaak thuiskomen is, is voor de meeste MK's een verhuizing naar een nieuw land met andere gewoonten en een andere cultuur. Er moet afscheid genomen worden van vrienden, huisdieren, het huis. En dan komt men in het nieuwe land terecht. Bij de ene MK gaat de aanpassing en integratie sneller dan bij de ander, en de een heeft er meer moeite mee dan de ander. Bij veel MK's laat het verborgen pijn achter. Vroeger was er weinig tot geen aandacht voor de kinderen van de zendelingen. De zendelingen werden uitgezonden, en de kinderen gingen mee (of niet, heel vroeger). Er werd weinig aandacht besteedt aan wat het met de kinderen zou kunnen doen. Tegenwoordig is dat gelukkig anders. Er komt steeds meer aandacht voor de kinderen van zendelingen, en men krijgt steeds meer oog voor de gevolgen die de uitzending en terugkomst bij de kinderen kan hebben. Maar naar mijn idee mist er nog een stukje concrete (pastorale) begeleiding van MK's in Nederland. Er bestaat wel een psychologische praktijk (InTransit) die gespecialiseerd is in psychologische hulp aan zendelingen en MK's, maar naar mijn idee is dat vaak al een stap te hoog voor de MK. Tussen weinig tot geen begeleiding en een psycholoog zit nog een hele stap. Ik zou graag zien dat er nog iets tussenkomt. Een gecentraliseerd punt waar MK's terecht kunnen om hun verhaal te doen en waar ze zich begrepen weten/voelen, en daarnaast een stukje begeleiding kunnen krijgen waar dat nodig is. Daarom zou ik graag onderzoek willen doen naar wát er al gedaan wordt aan begeleiding van MK's in Nederland, wat er nog mist, en welke behoeften MK's zelf hebben aan begeleiding. Omdat mijn afstudeerplan over zendingskinderen gaat, wilde ik graag een opdrachtgever die bij zending betrokken is en met zending te maken heeft, en belang zou hebben bij dit onderzoek. Om die reden heb ik contact opgenomen met Member Care Nederland (MCNL), en gevraagd of zij mijn opdrachtgever wilden worden. Member Care Nederland bevordert en stimuleert de ondersteuning van en zorg voor missionaire werkers in alle fasen van de uitzending. Annelies: Deborah heeft initiatief genomen voor het tot stand komen van dit onderzoek. Deborah zocht nog een afstudeer maatje, en ik voelde mij tot dit project aangetrokken. Persoonlijk ben ik geen MK maar ik heb wel contacten met MK s. Ik merk dat er binnen de kerken en binnen de huidige cultuur in Nederland weinig aandacht is voor de MK s. En ik denk dat op dit punt nog wel wat verbeteringen nodig zijn. Persoonlijk zou ik graag zien dat MK s zich 8
9 welkom voelen in Nederland. Dat de zendingsorganisaties, kerken, TFC en scholen de MK s op een adequate manier kunnen begeleiden bij terugkeer naar Nederland. Daarbij vind ik het vooral belangrijk dat er gekeken word naar de behoefte van de MK s zelf. 1.2 Probleem- en doelstelling Doelstelling Onderzoeken wat er concreet wordt gedaan aan begeleiding van MK's in Nederland, aan wat voor soort begeleiding MK's behoefte hebben en hoe er in die behoefte voorzien kan worden Probleemstelling Wat wordt er in Nederland concreet gedaan aan begeleiding van MK's in de leeftijd 12 tot 18 jaar die terugkomen naar Nederland, welke behoeften aan begeleiding hebben of hadden MK's bij terugkomst, en in welke mate is in deze behoeften voorzien en hoe kan in deze behoeften voorzien worden? Wij willen graag MK s interviewen en enquêtes sturen naar MK s in de leeftijd van 13 tot 28 jaar, die tussen hun 12 e en 18 e jaar terug zijn gekomen naar Nederland, en minimaal 1 en maximaal 10 jaar terug zijn in Nederland Deelvragen 1. Welke MK issues zijn er? 2. Wat wordt er in Nederland gedaan aan begeleiding van MK s bij terugkomst naar Nederland? 2.1. Wat wordt er gedaan door uitzendende zendingsorganisaties? 2.2. Wat wordt er gedaan door andere organisaties (zoals InTransit, Member Care, e.a.)? 2.3. Wat wordt er gedaan door kerken? 3. Zijn de MK s begeleid bij terugkomst naar Nederland, en hoe hebben ze de begeleiding ervaren? 3.1. Welke behoeften aan begeleiding hebben of hadden MK s bij terugkomst naar Nederland? 3.2. In welke mate is er in deze behoeften aan begeleiding voorzien, en door wie? 3.3. Hoe hebben de MK s deze begeleiding ervaren? 4. Hoe kunnen MK s worden voorzien in hun behoeften aan begeleiding bij terugkomst in Nederland? 4.1. Hoe kunnen zendingsorganisaties, kerken en Thuisfrontcommissies voorzien in de behoeften aan begeleiding van MK s? 4.2. Welke stappen kunnen de MK s zelf nemen als hulmiddel bij het re-entry proces? 9
10 1. 3 Projectresultaat Aan het einde van ons onderzoek willen we de resultaten verwerken, zodat we vanuit deze resultaten aanbevelingen kunnen geven. Deze aanbevelingen gaan over hoe MK s bij terugkomst naar Nederland begeleid kunnen worden door zendingsorganisaties en kerken. We willen een klein handboekje maken waarin we de resultaten van ons onderzoek en onze aanbevelingen verwerken voor zendingsorganisaties, welke ook geschikt is voor kerken en Thuisfrontcommissies, en waaruit een soort routekaart uit voortvloeit voor de MK s. Dit handboekje voor de zendingsorganisaties, kerken en Thuisfrontcommissies gaat in op wat de behoeften aan begeleiding zijn van MK s bij terugkomst naar Nederland en hoe in die behoeften aan begeleiding voorzien kan worden. De routekaart voor de MK s gaat in op welke stappen de MK s zelf kunnen nemen als hulpmiddel bij het re-entry proces. 1.4 Activiteiten 1. Verkenning MK problematiek in literatuur/websites 2. Onderzoek doen onder MK s naar welke behoeften zij hebben qua begeleiding, door middel van interviews en enquêtes met MK s. 3. Onderzoek doen naar het bestaande aanbod van begeleiding van MK s in Nederland. Wij willen hiervoor interviews en gesprekken hebben met enkele zendingsorganisaties die aangesloten zijn bij de Evangelische Zendings Alliantie (EZA), met Member Care en met InTransit. 4. De behoeften van MK s vergelijken met het bestaande aanbod van begeleiding in Nederland. 5. Aanbevelingen doen voor aanbod in Nederland mede op basis verkenning Overzicht van mogelijk te gebruiken literatuur Boeken Belangrijk Third Culture Kids David. Pollock en Ruth van Reken (333 pagina's) Missionary Kids Manual 1&2 Jean Barnicoat (62 en 71 pagina's) Burn-up or splash down Marion Knell (184 pagina s) Van heinde en ver(der) M.G. Bac-Fahner (32 pagina s) Psychologie van de adolescentie Jan de Wit, Wim Slot en Marcel van Aken (246 pagina s) Basismethoden en Technieken Baarda en de Goede Optioneel Raising Resilient MKs - Resources for caregivers, parents, and teachers - Joyce M. Bowers Thesis van Jesse van Nes uit Leuven Indien mogelijk de scriptie van Sifra Koops-Companjen Van buitenland naar buitenbeen? Een studie naar de psychosociale gevolgen op lange termijn voor expatriates kinderen Drs. H.L. Oppenheim Wereldkids voor en door Nederlandstalige kinderen in het buitenland Op reis naar Nederland M. Janssen-Matthes Meer dan koffers pakken C. Janse 10
11 Enkeltje thuis Neal Pirolo (hfdst. 8) I have to be Perfect (and Other Parsonage Heresies) - Timothy L. Sanford Home keeps moving - Heidi Sand-Hart Families on the move - Marion Knell The art of coming home - Craig Storti websites Mogelijke volgorde van de activiteiten Definitiefase - Afstudeerplan schrijven - Afstudeeronderzoek samen met opdrachtgever bespreken, aanpassen en verder uitwerken Ontwerpfase - Kader scheppen waarbinnen we werken: tijdsbestek, afbakening onderzoek, communicatie met betreffende personen, einddatum Voorbereiden - Literatuurstudie doen. Wat is er geschreven over de thematiek van MK's, en waar gaan wij ons op richten tijdens ons onderzoek. Uitvoeren - MK Focus, MemberCare, InTransit vragen wat er bij hen bekend is aan begeleiding van MK's bij re-entry (en uitzending). Weten zij wie/welke zendingsorganisaties dat goed opgepakt heeft, of doen ze het zelf en zo ja op welke manier pakken zij dat op? - Een aantal 'grote' of 'bekende' zendingsorganisaties benaderen en vragen of en hoe zij hun MK's begeleiden. Wat doen zij aan begeleiding van MK's, hoe pakken zij dat op, wat voor methodes gebruiken zij daarvoor. - Met bovenstaande kennis en kennis uit de literatuur interviews en enquêtes opstellen voor MK's. Hoe zijn de MK's begeleid, hoe hebben ze dat ervaren, wat waren en zijn hun behoeften daarin. Wat was er positief en wat hebben ze gemist, wat zouden ze graag zien/gezien hebben. - Conclusies trekken uit de gesprekken, interviews en enquêtes. - Verslag schrijven en aanbevelingen doen 1.5 Tijd Wij beginnen eind mei 2011 met ons afstudeeronderzoek, en hebben het in augustus/september 2011 afgerond. 1.6 Geld/uren Member Care is een doorverwijsorganisatie, en valt onder de EZA. Member Care zelf heeft geen geld. Daarom is afgesproken dat Annelies en Deborah zelf de printkosten betalen. We voorzien geen buitenproportionele extra kosten. Het is de bedoeling dat het projectresultaat gebruikt gaat worden door zendingsorganisaties en kerken. De opdrachtgever gaat daarom kijken of de EZA drukkosten van het projectresultaat op zich willen nemen. Een andere optie is ons projectresultaat digitaal beschikbaar te maken voor organisaties en kerken om te downloaden. 11
12 Het project zelf is 18 ECTS, daarvan gaan ongeveer 3 ECTS naar de cursus afstudeer vaardigheden. Dat betekent dat er 15 ECTS overblijven. Dit staat gelijk aan 420 uur, oftewel ongeveer 3 maanden. 1.7 Kwaliteit Voor dit onderzoek willen wij in ieder geval voldoen aan onderstaande opleidingscriteria. A. Bijdrage aan beroep Aansluiting op actuele beleidsthema s (werkveld) Bijdrage aan ontwikkelingen in werkveld en instelling Biedt een adequate oplossing voor een vraagstuk in de beroepspraktijk Bevat realistische aanbevelingen B. Theoretische verantwoording - Bevat adequate analyse vraagstuk - Bekijkt vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken, alvorens standpunt in te nemen - Verwerkt hierbij stand van zaken (op nationaal en internationaal niveau) van kennis en inzichten op het vakgebied - Onderbouwt de gekozen oplossing(en) - Bevat een verantwoorde theologische onderbouwing - Verantwoording van gebruikte bronnen (voetnoten, literatuurlijst) C. Praktijkbeschrijving en oordeelsvorming 1. Verzamelt relevante gegevens doelgericht en systematisch 2. Gegevens zijn consistent, realistisch en relevant voor het vraagstuk 3. Gegevens worden adequaat geanalyseerd en verwerkt 4. Baseert oordeel op basis van relevante gegevens 5. Houdt hierbij rekening houdend met maatschappelijke, wetenschappelijke en ethische afwegingen D. Werkproces Toont inzicht in aanpak van afstudeerproject Neemt initiatieven als zich problemen voordoen Werkt adequaat samen met anderen in projectteam en is in staat als coördinator op te treden Bezit doorzettingsvermogen om het project succesvol en binnen de afgesproken tijd af te ronden Voldoet aan eisen die het participeren in een arbeidsorganisatie/project stelt Toont professioneel handelen vanuit eigen spiritualiteit en/of spiritualiteit van de instelling E. Vormgeving 1. Sluit aan op wensen opdrachtgever en bij het niveau van beoogde gebruikers 2. Adequate vormgeving qua taalgebruik, indeling en lay-out 3. Volledigheid (eindproduct en verantwoordingsdocument) F. Presentatie 1. In staat uitkomsten in een presentatie over te dragen aan een publiek van specialisten en niet-specialisten 12
13 2. Bouwt aan een draagvlak voor implementatie van product 3. Weet adequaat vorm te geven aan popularisering van uitkomsten voor breder publiek (media/werkveld) 1.8 Communicatie Wij willen de opdrachtgever, projectleden, belanghebbenden e.a informeren d.m.v gesprekken, per , telefoon en indien nodig over de post (bijvoorbeeld om stukken op te sturen). Wij willen aan het begin van ons afstuderen een aantal gesprekken hebben met o.a onze opdrachtgever en afstudeercoach, om een werkkader voor onszelf te scheppen en duidelijkheid te krijgen over wat we ga doen, hoe we het ga doen en hoe we gaan samenwerken. Tussendoor willen wij regelmatig contact hebben met de opdrachtgever en afstudeercoach om te zien of wij nog op koers en op schema liggen. En aan het einde zullen wij contact hebben met alle betrokkenen, ter afronding van ons onderzoek. Elke fase dient te eindigen met een go/no go beoordeling door de opdrachtgever en de afstudeercoach. Hierom sturen we per fase de bijbehorende stukken naar de opdrachtgever en de afstudeercoach, zodat deze kunnen zien wat we gedaan hebben en of we nog op koers liggen met ons afstudeeropdracht. Na een no go beoordeling zullen we de stukken verbeteren en opnieuw ter beoordeling opsturen, na een go beoordeling gaan we verder met de volgende fase. Voor een goede communicatie en voortgang het werk, is het van belang dat wij tijdig de stukken ter beoordeling naar de opdrachtgever en de afstudeercoach opsturen voor een reactie. 1.9 Organisatie Onze opdrachtgever is Member Care Nederland. Member Care Nederland (MCNL) bevordert en stimuleert de ondersteuning van en zorg voor missionaire werkers in alle fasen van de uitzending. De Nederlandse Zendingsraad en de Evangelische Zendingsalliantie zijn de dragende organisaties van MCNL. Member Care Nederland richt zich op alle missionaire werkers Internationale netwerken MCNL maakt ook deel uit van internationale netwerken. Allereerst maken ze deel uit van Member Care Europe, dat is een netwerk van Member Care organisaties in verschillende Europese landen. Daarnaast zijn ze verbonden met de Global Member Care Network. Op deze manier blijven ze op de hoogte van ontwikkelingen elders Wat is Member Care? Het begrip 'Member Care' is een technische term geworden voor de ondersteuning van missionaire werkers. Member Care heeft de volgende definitie ontwikkeld op basis van een recente Engelstalige omschrijving. Member care betekent: Missionaire werkers (1) ondersteunen bij de voorbereiding op hun taak, (2) stimuleren zich te blijven ontwikkelen en (3) toe te rusten, zodat ze effectief en evenwichtig zijn in werk en leven. 13
14 De Engelse definitie zegt: "Member Care is the ongoing preparation, equipping and empowering of Missionaries for effective and sustainable life, ministry and work (Global MC network) Wat doet Member Care Nederland? Member Care Nederland (MCNL) is een netwerkorganisatie. Zij inventariseert wat voor soort ondersteuning missionaire werkers, hun gezin en hun achterban nodig hebben. Daarnaast kijkt MCNL welke hulp beschikbaar is. Wanneer uitzendende organisaties en gemeenten goede Member Care bieden, dan probeert MCNL anderen mee te laten profiteren van deze kennis en ervaring. Als er lacunes zijn, dan stimuleert MCNL verdere ontwikkeling van het hulpaanbod. Vervolgens brengt MCNL missionaire werkers, zendingsorganisaties en kerken die hulp zoeken in contact met hulpgevers. MCNL doet dus zelf geen Member Care, maar verwijst door Organisatie Member Care NL heeft een bestuur en een coördinatieteam. In het bestuur zitten de directeuren van de EZA en de NZR (als koepels) en een aantal personen met aantoonbare expertise in het veld van Member Care. Het is ook mogelijk dat adviseurs deel uit maken van het bestuur. Het coördinatieteam bestaat uit tenminste 4 personen. De voorzitter van het coördinatieteam (ook wel coördinator genoemd) heeft een parttime aanstelling voor zijn taak.3 4 De contactpersoon van onze opdrachtgever Member Care is Mathilde Companjen. Zij is de coördinator van Member Care Member Care Nederland Beleidsplan
15 2. Procesverslag Om privacy redenen is het procesverslag uit dit document gehaald. 15
16 3. De inhoudelijke verantwoording 3.1 Probleemstelling Onze probleemstelling luid: Wat wordt er in Nederland concreet gedaan aan begeleiding van MK's in de leeftijd 12 tot 18 jaar die terugkomen naar Nederland, welke behoeften aan begeleiding hebben of hadden MK's bij terugkomst, en in welke mate is in deze behoeften voorzien en hoe kan in deze behoeften voorzien worden? 3.2 Doelstelling Onze doelstelling is om te onderzoeken wat er concreet wordt gedaan aan begeleiding van MK's die terugkeren in Nederland, aan wat voor soort begeleiding MK's behoefte hebben en hoe er in die behoefte voorzien kan worden. We hopen hiermee in kaart te brengen wat zendingsorganisaties, thuisfrontcommissies, kerken en eventuele andere organisaties doen en kunnen doen, om MK's op te vangen en te begeleiden wanneer zij definitief terugkeren naar Nederland. Wij hopen dat er meer oog komt voor de uitdagingen waar een MK voor komt te staan wanneer hij terugkeert naar Nederland, en dat er een plek wordt gecreëerd waar de MK zijn verhaal kan doen en waar er naar zijn pijn geluisterd wordt. 3.3 Hypotheses Voordat we aan ons onderzoek begonnen, hadden wij de volgende hypotheses: 1. Op dit moment is er beperkte begeleiding voor de MK s als ze terug komen in Nederland vanuit de zendingsorganisaties. 2. De kerken begeleiden de MK s op een minimum niveau bij terugkeer/re-entry en laten de begeleiding vooral over aan de zendingsorganisatie. 3. In de re-entry fase is er vooral aandacht voor de ouders en beperkte aandacht voor de MK s. 4. Bij de re-entry is er vooral aandacht voor de praktische zaken rond om de re- entry van MK s. 5. MK's missen vaak begeleiding bij terugkomst naar Nederland, zowel van de zendingsorganisatie als de kerk. 6. MK s hebben behoefte aan (pastorale) begeleiding als ze terug komen in Nederland. 7. Op het moment is er niet echt een gecentraliseerd punt, waar MK s met hun pastorale vragen terecht kunnen. 8. Elke MK zou in het buitenland al goed voorbereid moeten worden op de re-entry. 9. Tijdens de re-entry heeft een MK ook behoefte aan begeleiding, en zou de zendingsorganisatie deze ook moeten bieden. 10. De zendingsorganisatie moet een beleid/ protocol hebben voor de re-entry van MK s. 11. Kerken en TFC kunnen beter voorbereid worden om de MK s te helpen bij de reentry. 12. MK s hebben vooral behoefte aan een luisterend oor 13. MK s hebben behoefte om elkaar te ontmoeten 16
17 Naast onze hypotheses, moesten wij tijdens de ontwerpfase van ons afstuderen ook een aantal randvoorwaarden en beperkingen opstellen. Dit hebben we in overleg gedaan met onze opdrachtgevers, en deze zijn goedgekeurd door onze afstudeercoach Randvoorwaarden Randvoorwaarden van ons onderzoek zijn: Dat we minimaal 5-10 MK s bereid vinden met wie we een interview mogen houden Dat er minimaal 40 MK s een enquête ingevuld terug zullen sturen Dat we minimaal 5-10 zendingsorganisaties bereidt vinden met wie we een telefonisch interview kunnen houden Dat er minimaal 10 zendingsorganisaties een enquête ingevuld terug zullen sturen 3.5 Beperkingen We zijn afhankelijk van de respons van MK's en de zendingsorganisaties voor het slagen van ons onderzoek We zijn beperkt in onze tijd en zullen daarom keuzes moeten maken m.b.t. de hoeveelheid data die we verzamelen. 3.6 Onderzoeksrelevantie Er zijn verschillende onderzoeken gedaan naar het 'fenomeen' TCK's en MK's en er is veel literatuur over geschreven. Dit heeft geleid tot meer kennis over TCK's en MK's, en de realisatie dat er meer aandacht voor deze doelgroep moest komen. De laatste jaren is er dan ook steeds meer aandacht voor TCK's en MK's gekomen. In Nederland heeft dit onder andere geleid tot de oprichting van MK Focus, een werkgroep van de EZA (Evangelische Zendings Alliantie) in Deze werkgroep heeft als doel contacten tussen MK s onderling en MK-ondersteunende netwerken te bevorderen. Ze willen MK s die terugkomen naar Nederland helpen bij het integratieproces. Er wordt naar ons idee echter nog maar weinig gedaan aan concrete en praktische begeleiding van MK's, bij terugkomst naar Nederland. Zendingswerkers hebben vaak (debriefings)gesprekken met hun zendingsorganisatie na terugkomst naar Nederland en/of krijgen bepaalde aandacht van de kerk. Maar wij vermoeden dat de kinderen van de zendingswerkers daarbij vaak 'vergeten' worden. Zij krijgen deze aandacht vaak niet, en weinig zendingsorganisaties hebben enige vorm van nazorg voor hun MK's. Terwijl MK's het net zo hard en misschien wel harder nodig hebben als hun ouders. Hier valt dus een gat. Wij onderzoeken om die reden wat er gedaan wordt aan begeleiding van MK's in Nederland, en welke behoeften aan begeleiding MK's hebben. Dit doen we met als doel zendingsorganisaties, kerken, thuisfrontcommissies, ouders en MK's te informeren over de uitdagingen waar MK's voor kunnen komen te staan bij de re-entry, en hoe de MK's daarbij geholpen kunnen worden. Op die manier hopen wij bij te kunnen dragen aan een goede begeleiding van toekomstige MK's bij de re-entry naar Nederland; een begeleiding die in onze ogen nu nog vaak mist. 3.7 Onderzoeksopzet Om antwoord te kunnen geven op de probleemstelling en de doelstelling te bereiken, hebben we ervoor gekozen om ons onderzoek op te delen in drie delen. Het eerste deel bestaat uit informatie vergaren en onderzoek doen. We hebben daarvoor onder andere literatuuronderzoek gedaan over MK's en TCK's en wat het betekent om een MK te zijn. Dit literatuuronderzoek diende als oriëntatie op de uitdagingen en problemen waar MK's mee te maken kunnen krijgen wanneer zij definitief terugkeren naar Nederland. 17
18 Door middel van dit literatuuronderzoek geven we vanuit de theorie antwoord op de eerste deelvraag 'Welke MK issues zijn er', en voor een deel op de vierde deelvraag 'Hoe kunnen MK s worden voorzien in hun behoeften aan begeleiding bij terugkomst in Nederland'. Op deze theorie hebben wij vervolgens onze enquête voor de MK's gebaseerd. Deze enquête bestaat voornamelijk uit gesloten vragen, en gaat in op de vragen hoe de MK's begeleid zijn bij terugkomst naar Nederland, hoe zij deze begeleiding ervaren hebben, en aan wat voor begeleiding zij behoefte hebben. Daarnaast hebben wij een enquête gemaakt voor de zendingsorganisaties, om te onderzoeken wat zij doen aan begeleiding voor MK's die terugkeren naar Nederland. Op basis van de literatuur en de verkregen resultaten uit de enquêtes, hebben we vragen opgesteld voor een telefonisch interview met een aantal MK's. We wilden de MK's interviewen om de resultaten van de enquête als het ware te 'staven' en eventueel te verfijnen. Doordat we zoveel respons hadden op de enquête konden we er van uitgaan, dat de gegevens die we daaruit verkregen hadden representatief zijn. We hebben besloten om zes MK's te interviewen. In deze interviews zijn we vooral ingegaan op hetgeen nog niet duidelijk was vanuit de enquête voor MK s. Het bleek namelijk dat we na het verwerken van de gegevens, nog een paar vragen hadden waar we nog niet echt antwoord op hadden gekregen, maar die we wel graag wilden weten. Deze vragen hebben we tijdens het interview gesteld aan de MK s Het tweede deel van ons onderzoek bestaat uit het ordenen van de informatie en het verwerken van alle resultaten uit ons onderzoek, en het trekken van conclusies. Het derde deel bestaat uit het schrijven van aanbevelingen voor de zendingsorganisaties, thuisfrontcommissies, kerken, ouders van MK's en MK's zelf. 3.8 Methodiek Ons onderzoek is een praktijk gericht onderzoek. Onze probleemstelling is afkomstig uit de dagelijkse praktijk, en we proberen vragen te beantwoorden die primair gericht zijn op toepassing in de praktijk. Wij hebben met name kwantitatief onderzoek gedaan, maar ook gedeeltelijk kwalitatief. We hebben enquêtes gehouden onder MK s en zendingsorganisaties, waardoor we gebruik maken van cijfermatige informatie, gegevens in cijfers over objecten, organisaties en personen. We hebben vervolgens statistiek gebruikt om beschrijvingen van de resultaten te geven en om verwachtingen over de uitkomst te toetsen. Dit hoort bij kwantitatief onderzoek. We hebben echter ook een aantal telefonische interviews gehouden, en geluisterd naar de verhalen van MK s. Dit hoort bij kwalitatief onderzoek. Het combineren van kwalitatief en kwantitatief onderzoek gebeurd tegenwoordig vaker in onderzoeken. Volgens veel onderzoekers verhoogt dit de geldigheid van de onderzoeksresultaten. 5 Onze manier van enquêteren hoort bij een Surveyonderzoek. De vraagstelling stond van tevoren vast en we hebben een klein aantal antwoordmogelijkheden gegeven waaruit de ondervraagde kon kiezen. We hebben het aantal open vragen tot een minimum beperkt. Bij de enige vragen die wel open waren, konden de MK s aangeven of ze tips hadden of andere opmerkingen, voor o.a. zendingsorganisaties en kerken. Deze vragen hebben we kwalitatief geanalyseerd. We hebben veel gebruik gemaakt van zogeheten antwoordschalen, wanneer we de mening van de MK wilden weten. Zij konden dan kiezen uit een aantal antwoorden, bijvoorbeeld oplopend van heel slecht tot heel goed. Het nadeel van deze vorm is dat de vraag waarom iemand een bepaald antwoord geeft, niet kan worden beantwoord. Dit was bij sommige van onze vragen wel jammer. 5 Verhoeven, N., Wat is onderzoek? Praktijkboek methoden en technieken voor het hoger onderwijs (z.p.: Boom Onderwijs, 2007) p
19 We hebben een vrij representatieve steekproef gedaan. Het enige wat niet helemaal mogelijk was, was de steekproef aselect te trekken. We hebben voor de enquête voor de MK s gebruik gemaakt van het adressenbestand van MK Focus, en van de medewerking van de Gereformeerde Zendingsbond (GZB), De Verre Naasten (DVN) en Zending Gereformeerde Gemeenten (ZGG) om de enquête door te sturen naar hun MK s. De enquête voor de zendingsorganisaties hebben we naar alle organisaties gestuurd die aangesloten zijn bij de EZA, en daarbij nog naar de GZB, DVN en ZGG. Zoals we in ons afstudeerplan schreven, wilden we met name de grotere zendingsorganisaties benaderen, anders zou het onderzoek te breed worden. Onze steekproef is dus niet helemaal aselect getrokken, maar lijkt wel in alle belangrijke kenmerken (voor ons onderzoek) op de groep (populatie) waarover we een uitspraak over willen doen. Er is niet bekend hoeveel MK s er in Nederland zijn, maar we hebben een vrij grote steekproef gedaan, waardoor de kans dat deze een goede afspiegeling van de populatie vormt ook groter is. Aangezien onze steekproef ons inziens representatief is, mogen we volgens Verhoeven de conclusies uit de analyses als het ware uitvergroten, oftewel generaliseren. Ze zijn dan ook geldig voor de populatie. 6 We hebben voor deze methodiek gekozen, om een zo groot mogelijk publiek MK's te bereiken, zodat we een betrouwbaar beeld konden schetsen van hoe het gesteld is met de begeleiding van MK's in Nederland, in de ervaring van MK's. Door zoveel mogelijk MK's te bereiken, van verschillende zendingsorganisaties en kerken, zouden we een algemeen beeld van de begeleiding door zendingsorganisaties en kerken in Nederland verkrijgen. Hieruit wilden we conclusies trekken voor de zendingsorganisaties en kerken, en naar aanleiding van de conclusies aanbevelingen doen voor de zendingsorganisaties en kerken. Er zijn uiteindelijk ook aanbevelingen voor de ouders en de TFC's bij gekomen, omdat zij in de directe omgeving van de MK verkeren, en daardoor een belangrijke rol kunnen spelen in de begeleiding van MK's. 3.9 Populatie van de MK's Hoeveel MK s er in Nederland zijn is onbekend, en om achter de daadwerkelijke populatie MK s te komen is apart onderzoek nodig. We hebben echter geprobeerd om zoveel mogelijk MK s te bereiken. Aangezien niet bekend is hoe groot het aantal MK s in Nederland is, en we niet alle zendingsorganisaties konden bereiken, moesten wij het doen met een deel van de populatie. We hebben dus eigenlijk een steekproef gedaan. 7 Ons onderzoek gaat volgens ons afstudeerplan over de begeleiding van MK's in de leeftijd van 12 tot 18 jaar. Wij wilden daarom graag MK s interviewen en enquêtes sturen naar MK s in de leeftijd van 13 tot 28 jaar, die tussen hun 12 e en 18 e jaar terug zijn gekomen naar Nederland, en minimaal 1 en maximaal 10 jaar terug zijn in Nederland. We hebben voor deze afbakening gekozen, omdat veel MK s terugkomen tijdens de adolescentie, en om op deze manier het onderzoek af te bakenen. De leeftijd van twaalf tot en met achttien jaar valt binnen de adolescentie, een belangrijke periode in de ontwikkeling van een jongere. Voor het versturen van de enquête naar de MK's mochten we gebruik maken van het adressenbestand van MK Focus. Dit was de makkelijkste manier voor ons om aan een grote populatie MK s te komen, aangezien er naar wij weten geen ander gecentraliseerd adressenbestand van MK s bestaat. 6 7 Verhoeven, N., Wat is onderzoek?, p Verhoeven, N., Wat is onderzoek?, p
20 MK Focus organiseert ontmoetingen voor Nederlandse MK's vanaf de middelbare school leeftijd tot een jaar of drieëntwintig. Om die reden ontvangt MK Focus de gegevens van MK's, en houdt hiervan een bestand bij dat regelmatig wordt bijgewerkt. Hoewel de MK's die naar de ontmoetingen komen vaak niet ouder zijn dan een jaar of twintig, zitten er wel oudere MK's in het bestand. Dit zijn MK's die bijvoorbeeld jaren eerder naar MK ontmoetingen zijn geweest of op de hoogte willen blijven van de ontmoetingen. De MK's uit het bestand van MK Focus komen uit heel Nederland, hebben een verschillende kerkelijke achtergrond, zijn met verschillende organisaties uitgezonden geweest en hebben in verschillende landen over de hele wereld gewoond. Een hele brede populatie dus. Daarnaast hebben we voor de enquête voor de MK's (op aanraden van onze opdrachtgevers) de medewerking gevraagd van de Gereformeerde Zendingsbond, de Zending Gereformeerde Gemeente en De Verre Naasten. De ZGG en DVN hebben hun medewerking verleent, en de enquête naar de MK's zelf of naar hun ouders gestuurd. Het is helaas niet meer gelukt om de enquête naar de MK's van de GZB te sturen. We hebben de enquête naar ongeveer 140 MK's uit het adressenbestand van MK Focus gestuurd, de ZGG heeft de enquête naar ongeveer 40 ouders met MK's verstuurd, en de DVN heeft de enquête naar een onbekend aantal MK s gestuurd. Tijdens het verwerken van de enquête bleek dat MK s de enquête ook hebben doorgestuurd naar andere MK s Het totaal aantal MK's dat een enquête ontvangen heeft, ligt denken wij rond de 200 MK s. In de enquête hebben we twee 'filtervragen' 8 toegevoegd, om te zorgen dat de MK's daadwerkelijk tot onze doelgroep zouden behoren. Behoorden ze niet tot onze doelgroep, dan kwamen ze terecht op de laatste pagina van de enquête waarin ze bedankt werden voor hun medewerking. Uiteindelijk hadden we een respons van achtentachtig MK's, waarvan er vierenzeventig daadwerkelijk tot onze doelgroep behoorden. Als we uitgaan dat de enquête naar 200 MK's is verstuurd, en er hebben 88 MK s de enquête ingevuld, dan hebben we dus een respons van 44%. De grote respons betekent dat we de antwoorden uit onze enquête mogen generaliseren en dat ze daarom representatief zijn voor alle MK s in Nederland Selectie interviews MK's In de enquête voor de MK's was een van onze laatste vragen of we met de MK contact op mochten nemen voor een vervolg-interview, en zo ja, of hij zijn adres erbij wilde zetten. Dan zouden we op die manier contact met hem opnemen. Op die manier hebben achtendertig reacties van MK's gekregen, die we mochten interviewen. In verband met de tijd, hebben we er uiteindelijk voor gekozen niet bij de MK's langs te gaan, maar hen telefonisch te interviewen. We hebben al deze MK's g d, met de vraag of zij ons hun telefoonnummer door wilden geven en mogelijk data en tijden waarop wij hen zouden kunnen bellen. Wij kregen hierop twaalf reacties. Van deze twaalf MK s hebben wij een selectie gemaakt. We hebben zes MK s uitgekozen om te interviewen. We hebben de MK s zo breed mogelijk geselecteerd. Zo hebben we drie mannen en drie vrouwen geïnterviewd, en zijn drie MK s terug gekomen in de leeftijd van twaalf tot en met veertien jaar en drie in de leeftijd van vijftien tot en met achttien jaar. Daarnaast hebben we gekeken naar hun huidige leeftijd. Vanuit elke leeftijdsgroep hebben we MK s geselecteerd. Wij hebben ervoor gekozen om de MK s telefonisch te benaderen. Dit zodat we effectief en snel aan onze informatie konden komen. We hebben van te voren afspraken gemaakt, over het tijdstip waarop we 8 9 Zie bijlage 1 Enquête voor de MK's, vraag 1 en 2 Verhoeven, N., Wat is onderzoek?, p
21 telefonisch contact met hun opnamen. De interviews hebben allemaal ongeveer een half uur geduurd. Wij hebben allebei drie MK s geïnterviewd Populatie van de Zendingsorganisaties We hebben onze enquête voor de zendingsorganisaties naar zoveel mogelijk zendingsorganisaties gestuurd. De enquête voor de zendingsorganisaties hebben we verstuurd naar de zendingsorganisaties die aangesloten zijn bij de Evangelische Zendingsalliantie (EZA), en naar De Verre Naasten, de Zending Gereformeerde Gemeenten en de Gereformeerde Zendingsbond. De EZA heeft 120 deelnemers, uit deze lijst hebben we de zendingsorganisaties weg gelaten waarvan we zeker wisten dat ze geen MK s hebben. Uiteindelijk hebben ongeveer tachtig zendingsorganisaties onze enquête ontvangen. Hiervan hebben zeventien de enquête ingevuld en veertien organisaties hebben terug g d dat ze niet tot onze doelgroep behoren. Uiteindelijk hadden we dus een respons van eenentwintig zendingsorganisaties van de tachtig die we g d hebben, dit is 26%. Om te zorgen dat de zendingsorganisaties daadwerkelijk tot onze doelgroep zouden behoren (zendingsorganisaties die ook echtparen met kinderen uitzenden), hebben we in deze enquête een 'filtervraag' 10 toegevoegd. Behoorde de organisatie niet tot onze doelgroep, dan kwamen ze terecht op de laatste pagina van de enquête waarin ze werden bedankt voor hun medewerking. Zeventien zendingsorganisaties hebben de enquête wel ingevuld, waarvan er negen niet tot de doelgroep behoorden en daarom de rest van de enquête niet in konden te vullen. Uiteindelijk hebben acht zendingsorganisaties de enquête volledig ingevuld. Dit lijkt misschien weinig, maar van tevoren is ons door de opdrachtgevers verteld dat we niet veel reacties hoefden te verwachten van de zendingsorganisaties, waardoor we in overleg met onze opdrachtgever de randvoorwaarde op minimaal tien reacties van de zendingsorganisaties hadden gesteld. Met deze enquête hebben we dus aan onze randvoorwaarde voldaan Waarom geen zendingsorganisaties geïnterviewd In onze randvoorwaarde hebben wij opgenomen dat we minimaal vijf tot tien zendingsorganisaties bereidt moesten vinden met wie we een telefonisch interview zouden kunnen houden. Wij hebben dit niet meer gedaan, omdat we vonden dat we genoeg informatie uit de enquêtes van zowel de zendingsorganisaties zelf, als uit de enquêtes van de MK's hebben kunnen halen, voor de beantwoording van onze vragen. 10 Zie bijlage 3 Enquête voor de Zendingsorganisatie, vraag 2 21
22 4. Verantwoording van de literatuur Hieronder volgt een bespreking van de belangrijkste literatuur die wij gebruikt hebben voor ons onderzoek. 4.1 Third Culture Kids David C. Pollock en Ruth E. van Reken Wij hebben tijdens ons onderzoek voornamelijk gebruik gemaakt van het boek Third Culture Kids. The Experience of Growing Up Among Worlds, geschreven door David C. Pollock en Ruth E. van Reken. Het boek werd voor het eerst gepubliceerd in 1999, en in 2009 is er een hernieuwde druk van uitgegeven. Deze laatste hadden wij helaas niet tot onze beschikking, wij hebben gebruik gemaakt van de 2 e druk uit Third Culture Kids bevat persoonlijke verhalen van TCK's, theorieën en praktische adviezen. De verhalen van de TCK's maken het werk inzichtelijk en helpen de lezer de theorie en de TCK beter te begrijpen. De inzichten, theorieën en praktische adviezen zijn gebaseerd op onderzoek, en de jarenlange ervaring van zowel Pollock als van Reken. David Pollock heeft voor dit boek gebruik gemaakt van zijn jarenlange ervaring met Third Culture Kids (TCK's) en volwassen TCK's, in alle leeftijden en met verschillende nationaliteiten. Hij begon in de jaren '70 met TCK's te werken. Na meer dan twintig jaar intensief contact te hebben gehad met TCK's en hun families, ontdekte hij verschillende patronen in gedragingen en reacties op het leven, die voortkwamen uit hun interculturele en snel aan verandering onderhevige leven. Wanneer hij met TCK's, hun ouders, leraren en zorgdragers over deze patronen sprak, bemerkte hij dat zijn verhaal voor herkenning zorgde. TCK's van verschillende organisaties en op alle continenten herkenden zich in het verhaal en bevestigden zijn observaties. In Third Culture Kids heeft David Pollock in samenwerking met Ruth van Reken zijn theorie en observaties met betrekking tot TCK's opgeschreven. Pollock erkent dat hij ondanks zijn ervaring en kennis, in dit boek niet helemaal volledig kan zijn. Ten eerste omdat er nog veel is wat men niet weet met betrekking tot TCK's, of wat nog vastgesteld en gestaafd moet worden door onderzoek. En ten tweede omdat het boek over mensen gaat, en er daardoor geschreven wordt over een proces en vooruitgang en niet over een vaststaand geheel. Door de jaren heen vinden er verschillende veranderingen plaats met betrekking tot de zorg voor kinderen en volwassenen in de global nomad gemeenschap, en ongetwijfeld zullen er nieuwe theorieën en praktijken/toepassingen ontstaan. Desondanks ziet hij dit boek als een begin. Ruth van Reken is opgegroeid als Missionary Kid, en is een ouder en grootouder van TCK's. Zij kent het leven als TCK van binnen uit, en heeft naast Third Culture Kids een eigen boek geschreven over haar ervaringen als MK met de titel Letters Never Sent. Als TCK en schrijfster heeft zij samen met Pollock bijgedragen aan het tot stand komen van het boek Third Culture Kids. Samen hebben David Pollock en Ruth van Reken een helder vormgegeven en goed leesbaar werk geleverd, welke veel gebruikt wordt op het interculturele werkveld. Third Culture Kids wordt alom geprezen als het eerste en enige boek dat uitgebreid de gevolgen van overgangen en veranderingen bespreekt, die TCK's met elkaar gemeenschappelijk hebben. Zodoende wordt het boek veel gebruikt door mensen die (gaan) werken op het interculturele werkveld, mensen die met TCK's te maken hebben of gaan krijgen, mensen die hulpverlening bieden aan TCK's en volwassen TCK's, en (volwassen) TCK's zelf. Ook 22
23 wordt Third Culture Kids veel gebruikt als een soort basiswerk waar veel andere literatuur over MK's en TCK's zich op baseert en uit put. Aangezien Third Culture Kids op dit moment naar wij weten het enige boek is dat uitgebreid de gevolgen van de culturele overgangen op het leven van een TCK bespreekt, en veel boeken die wij kennen met betrekking tot MK's/TCK's zich op dit boek baseren, hebben wij ervoor gekozen dit boek te gebruiken als basis voor ons onderzoek. 4.2 Burn-Up or Splash Down Marion Knell Marion Knell heeft veel gereisd en met families in het buitenland gewerkt, met name in de Arabische wereld. Ze werkt als Family Cross-Cultural Consultant bij zakelijke, humanitaire, en christelijke organisaties, om zowel volwassenen als kinderen voor te bereiden op hun internationale aanstelling, en hen bij terugkeer te debriefen. In haar boek Burn-Up or Splash Down integreert Knell haar kennis en haar ervaring als Family Cross-Cultural Consultant, met conclusies uit eigen onderzoek onder expats en hun kinderen (dit laatste valt te concluderen uit het boek, maar wordt niet specifiek genoemd). Het boek werd in 2007 voor het eerst gepubliceerd. 4.3 Van heinde en ver(der) Margrete Bac-Fahner Margrete Bac-Fahner groeide op als MK in Oost-Indonesië, en werkt als psycholoog bij InTransit. InTransit is een praktijk voor psychologische hulp- en dienstverlening aan zendingswerkers en de organisaties die hen uitzenden. Sinds 1995 combineert InTransit psychologische en crossculturele kennis en ervaring. Bac-Fahner integreert haar eigen buitenlandervaring in haar werk en begeleidt de trajecten van uitzending en terugkeer. De tweede druk van dit boekje kwam uit in 2001, en is aanvankelijk geschreven op verzoek van de Zending Gereformeerde Gemeenten (ZGG) en in samenspraak met de GLIAGG (gereformeerde RIAGG). 23
24 5. Antwoord op deelvragen Om een antwoord te kunnen geven op onze probleemstelling, hebben we de probleemstelling opgedeeld in de volgende vier deelvragen met bijbehorende subvragen: 5.1 Welke MK issues zijn er? Door middel van literatuuronderzoek hebben we onderzocht welke MK-issues er bekend zijn. Omdat wij onderzoek doen naar MK s die terugkomen in de leeftijd van jaar, hebben wij ons daarnaast ook verdiept in de algemene adolescentie issues. In de enquête voor MK s hebben we deze issues verwerkt. We hebben een vraag gesteld over welke thema s MK s het liefst zouden willen praten bij terugkomst in Nederland. De uitkomsten van de enquête hebben wij verder verwerkt in het eindproduct en verantwoordingsdocument. 5.2 Wat wordt er in Nederland gedaan aan begeleiding van MK s bij terugkomst naar Nederland? Wat wordt er gedaan door uitzendende zendingsorganisaties? We hebben in de enquête voor MK s gevraagd op welke manier ze begeleid zijn door de zendingsorganisaties. Welke materialen ze gekregen hebben, en hoe vaak ze gesprekken hebben gehad. Daarnaast hebben we de zendingsorganisaties zelf gevraagd wat ze doen aan begeleiding voor MK s. Uit de enquête voor de zendingsorganisaties blijkt, dat de zendingsorganisaties verschillende activiteiten hebben voor hun MK's 11. Alle zendingsorganisaties die de enquête hebben ingevuld informeren de ouders over de re-entry van hun kinderen en informeren de TFC s over de re-entry van MK s. Daarnaast organiseert de helft van de zendingsorganisaties ontmoetingen met MK s die in Nederland wonen. Andere activiteiten van de zendingsorganisaties zijn: - (debriefings)gesprekken met de MK's bij terugkomst naar Nederland, zowel met als zonder de ouders erbij - Contact houden met de MK s terwijl ze in Nederland wonen gedurende het eerste jaar Daarnaast is één organisatie die kampen organiseert voor MK s. De organisaties die geen activiteiten hebben, geven aan dat dit is omdat ze niemand hebben om dit te regelen of omdat ze doorverwijzen naar andere organisaties. Van alle zendingsorganisaties verwijst 87.5% door naar MK Focus en naar Intransit. 62% naar MemerCare en 12.5% verwijst door naar EZA. Van de zendingsorganisatie heeft 57% een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK s. De zendingsorganisaties die niet zo n contactpersoon hebben, geven aan dat hun organisatie te klein is, of dat de verantwoordelijkheid hiervoor bij de ouders ligt. 11 De volledige antwoorden op de enquête zijn opgenomen in bijlage 4, Verwerking van de enquête voor zendingsorganisaties 24
25 Als we kijken naar de bekendheid met de issues die bij MK s kunnen spelen, dan geeft 50% van de zendingsorganisaties aan dat ze hier mee bekend zijn, 25% geeft aan dat ze hier enigszins mee beken zijn, en nog eens 25% is onbekend met deze issues. Naast deze informatie uit de enquête voor de zendingsorganisaties, hebben we informatie met betrekking tot de zendingsorganisatis gehaald uit de enquête voor MK s. 12 In deze enquête hebben we gekeken naar de ervaringen en de beleving van de MK s met betrekking tot de begeleiding door zendingsorganisaties. Uit de resultaten van de enquête onder de MK s, bleek dat 71% van de MK s niet is voorbereid op het vertrek naar en wonen in het buitenland. De MK s die wel zijn voorbereid door de zendingsorganisatie, geven aan dat dit hun niet /wel heeft geholpen. Als je kijkt naar de norm voor een voldoende, dan kun je zeggen dat de zendingsorganisaties op dit punt de MK s niet geholpen hebben en eigenlijk als het ware een onvoldoende scoren. 13 Vanuit het buitenland kunnen de MK s ook voorbereid worden op de terugkeer naar Nederland. 80% van de MKs geeft aan niet voorbereid te zijn op de terugkeer door de zendingsorganisatie. De MK s die wel door de zendingsorganisatie op de terugkeer zijn voorbereid, geven aan deze voorbereiding als slecht te hebben ervaren. 14 De zendingsorganisaties die hun MK s wel voorbereiden op de terugkeer naar Nederland, doen dit voornamelijk door gesprekken. 4.2% van alle MK s gaf namelijk aan op deze manier voorbereid te zijn. Eenmaal terug in Nederland hebben de MK s over het algemeen gezien nooit gesprekken gehad met de Zendingsorganisatie. 83% van de MK s zegt niet begeleid te zijn bij terugkomst in Nederland. Degenen die wel begeleid zijn, zeggen dat ze dit als goed/slecht hebben ervaren. Als we kijken naar de norm die wij hebben gesteld, dan scoren de zendingsorganisaties op dit punt een onvoldoende, en kunnen we zeggen dat hun begeleiding over het algemeen gezien niet als positief is ervaren. Uit deze enquête blijkt dat het merendeel van de MK's niet begeleid is door hun zendingsorganisatie, of dit in ieder geval niet zo ervaren heeft. Het grootste gedeelte van diegenen die wel begeleid of opgevangen zijn door hun zendingsorganisatie, hebben dit niet als positief ervaren. De zendingsorganisaties scoren continu onder de norm voor een voldoende. Uit de resultaten van de enquête onder de MK s, concluderen wij dat de meeste zendingsorganisaties hun MK s niet begeleiden tijdens de re-entry. Als de zendingsorganisaties hun MK s wel begeleiden, dan wordt dit door de meeste MK s niet als positief ervaren. Naast gesloten vragen in de enquête,hadden we een aantal open vragen. Ook hebben we een aantal telefonische interviews gedaan met MK s. Uuit de enquête bleek dat de MK s geen begeleiding verwachten van hun zendingsorganisatie. Een verwachting die in de meeste gevallen uit blijkt te komen. Uit de interviews die we gehouden hebben, blijkt desondanks dat de MK's wel een taak voor de zendingsorganisaties zien weggelegd, in het begeleiden van MK's die naar Nederland terugkeren. Hoewel ze deze begeleiding niet verwachten, vinden ze dat de zendingsorganisatie wel deze verantwoordelijkheid heeft. 12 Deze enquête is opgenomen in bijlage 3 Enquête voor MK s 13 Wij hebben gekozen voor een norm van 3.2 op een 5 schaal. Dit staat gelijk aan een 5,5 op een 10 puntsschaal. Wij vinden dat een 5,5 de minimale norm is om de begeleiding als voldoende te kunnen beoordelen. 14 We hebben gekeken naar de gemiddelden 25
26 5.2.2 Wat wordt er gedaan door andere organisaties (zoals InTransit, Member Care, e.a.)? MK Focus is een werkgroep van de EZA die als doel heeft contacten tussen MK s onderling en MK ondersteunende netwerken te bevorderen. Zij willen MK s die terugkomen naar Nederland helpen bij het integratieproces. MK Focus organiseert onder andere ontmoetingen en weekenden voor MK's. Daarnaast hebben zij een eigen website met forum. Member Care Nederland is een instantie die met name doorverwijst. Wanneer zij een vraag (van of over een MK) krijgen, verwijzen ze deze door naar mensen uit het netwerk van Member Care (zie de website www. membercare.nl) of naar contacten daar buiten. InTransit is een praktijk voor psychologische hulp- en dienstverlening aan expatriates en hun eventuele kinderen. InTransit biedt ook mogelijkheden voor en met kinderen op het psycho-sociale gebied. Meer informatie over deze organisaties hebben wij opgenomen in ons eindproduct Wat wordt er gedaan door kerken? In de enquête voor de MK s en de telefonische interviews met MK s hebben we gevraagd wat de kerk voor de MK heeft gedaan met betrekking tot de re-entry. Hieruit blijkt, dat de kerken weinig begeleiding bieden aan MK's bij hun re-entry. Uit de enquête voor de MK's blijkt, dat 69% van de MK s niet is voorbereid door de kerk op het vertrek naar en wonen in het buitenland. De MK s die bij het vertrek wel begeleid zijn door de kerk, zeggen dat dit hun slecht geholpen heeft. 83% van de MK s is in het buitenland niet voorbereid op de terugkeer naar Nederland door de kerk. Van de MK s die wel voorbereid zijn hebben er twee gesprekken gehad met de kerk over de voorbereiding op de terugkeer naar Nederland. De MK s hebben de voorbereiding op het vertrek naar Nederland door de kerk als slecht ervaren. Eenmaal in Nederland heeft een MK over het algemeen een enkele keer een gesprek met iemand van de kerk over de re-entry. Uiteindelijk is 68% van de MK s die terugkomen zijn in Nederland, niet door de kerk begeleid tijdens de re-entry. Degenen die wel zijn begeleid waarderen dit als niet goed/ niet slecht. Als we echter naar de norm kijken, dan kunnen we zeggen dat de begeleiding als onvoldoende wordt ervaren door de MK s. De MK s geven aan dat ze niet goed zijn opgevangen door de kerk bij terugkomst in Nederland. Daarnaast voelden ze zich niet thuis in de kerk. De MK s geven echter ook aan dat als de kerk hun wel had opgevangen, dat dit hen dan niet perse geholpen zou hebben bij de re-entry. Over het algemeen voelen de MK s zich niet echt welkom op de jeugdgroep en kunnen ze daar ook niet hun verhaal kwijt. Dat een MK zich welkom voelt op de jeugdgroep, is voor een MK wel belangrijk en zou hen wel helpen tijdens de re-entry Wat wordt er gedaan door Thuis front Commissie? In de enquête voor de MK s hebben we gevraagd wat de Thuisfrontcommissie (TFC) heeft gedaan voor de MK s met betrekking tot de re-entry. Uit de enquête voor de MK's blijkt dat 69% van de MK s niet is voorbereid door de TFC op het vertrek naar en wonen in het buitenland. De MK s die bij het vertrek wel begeleid zijn door de TFC zeggen dat dit hun slecht geholpen heeft. 26
27 80% van de MK s is in het buitenland niet door de TFC voorbereid op de terugkeer naar Nederland. Van de mensen die wel voorbereid zijn hebben drie gesprekken gehad met de TFC over de voorbereiding op de terugkeer naar Nederland en twee MK s hebben informatie gekregen over Nederland. De voorbereiding op het vertrek naar Nederland door de TFC hebben de MK s als slecht ervaren. Als de MK terug in Nederland is dan heeft hij over het algemeen gezien nooit een gesprek met iemand van de TFC, over de re-entry. Door de TFC wordt uiteindelijk is 76% van de MK s niet begeleid tijdens de re-entry. Degene die wel zijn begeleid waarderen dit als slecht. De MK s verwachten echter ook geen begeleiding van hun TFC, en zien hierin ook geen taak voor de TFC's. 5.3 Zijn de MK s begeleid bij terugkomst naar Nederland, en hoe hebben ze de begeleiding ervaren? De vraag naar wat voor behoeften een MK heeft is in directe zin moeilijk te beantwoorden. Als je een MK vraagt: waaraan had je behoefte bij terugkomst naar Nederland? Dan kan een MK daar moeilijk antwoord opgeven. Om deze deelvraag te kunnen beantwoorden hebben wij eerst naar de literatuur gekeken, vervolgens hebben we de literatuur verwerkt in de Enquête. MK s hebben vooral behoefte aan een luisterend oor. De vraag is echter waar ze deze kunnen vinden. Vandaar dat we in de enquête voor MK s vragen hebben opgenomen over waar ze hun verhaal kwijt konden en dergelijke Welke behoeften aan begeleiding hebben of hadden MK s bij terugkomst naar Nederland? De vraag welke behoefte een MK heeft, is eigenlijk beter te onderscheiden in de behoefte, wens en noodzaak. De informatie voor het beantwoorden van deze deelvraag komt voornamelijk uit de enquête voor MK s en uit de telefonische interviews. Daaruit blijkt dat Mk s graag willen dat zendingsorganisaties en andere organisaties bereikbaar zijn en (individuele) aandacht hebben voor de MK en dat er naar hun verhaal geluisterd wordt. Ze hebben behoefte aan iemand die ze kunnen vertrouwen en bij wie ze terecht kunnen, en eventueel ook aan professionele hulp. In de enquête hebben we de MK s gevraagd, in hoeverre ze behoefte hebben om hun verhaal kwijt te kunnen en/ of hun vragen te stellen bij verschillende personen. Hieruit bleek dat MK s behoefte hebben om hun verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan hun ouders, vrienden en andere MK s. Mk s willen graag ook al vanuit het buitenland voorbereid worden op de re-entry. Van de zendingsorganisaties vragen ze om hen goed voor te bereiden op de re-entry en wat daar bij komt kijken. MK s vinden het belangrijk dat zendingsorganisaties laten weten dat het belangrijk is om goed en bewust afscheid te nemen van alles in het gastland voordat ze terugkeren naar Nederland. Eenmaal in Nederland willen ze ook graag op de hoogte gebracht worden van wat er allemaal de re-entry kan komen kijken.. 27
28 Eenmaal in Nederland willen MK s zich graag welkom voelen in de kerk en vooral op de jeugdgroep. Ze vinden het fijn als de kerk oog en interesse heeft voor de MK. Niet alleen als ze net terug zijn, maar ook later nog. MK s willen graag hun plek vinden binnen de kerk. Ze zouden het fijn vinden als iemand van de kerk/ jeugdleider hun helpt om aansluiting te vinden bij de jeugdgroep Ze verlangen van de kerk dat deze naar de MK luistert en dat ze hun verhaal kwijt kunnen in persoonlijke gesprekken of dat ze iets kunnen vertellen op de jeugdgroep. Het kan daarbij handig zijn als een MK aan iemand wordt gekoppeld die eventueel vragen kan beantwoorden, de MK opvangt en contact houdt met de MK en de MK mee op sleeptouw neemt. Daarnaast zijn er verschillende dingen die de MK s kunnen helpen bij de re-entry. Dit zijn: - Contact met andere MK s - Literatuur over MK s - Retraite in een Retraite Centrum voor zendingswerkers - Dat zijn ouders er voor hem zijn - Bewust afscheid nemen van het gastland - Meegenomen souvenirs en andere belangrijke dingen uit het gastland - Contact met bekenden/ vrienden in Nederland, voor vertrek naar Nederland - Dat de MK bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden heeft - Dat de MK in het gastland op de hoogte word gehouden van de gewoonten en gebruiken in Nederland - Dat de MK opgevangen wordt door de kerk - Dat de MK zich welkom voelt in de jeugdgroep van de kerk. - Dat de school de MK goed opvangt - Bidden en bijbel lezen - Dat de MK via internet contact kan houden met mensen uit het gastland - Nieuwe vrienden - Professionele hulp MK s willen graag dat hun zendingsorganisatie MK's verwijst naar MK Focus en naar andere MK's. In de kerk willen ze graag aandacht voor wie zij zijn, en een luisterend oor. Daarnaast hebben ze behoefte om aansluiting te vinden op de jeugdgroep van de kerk. Dit is voor veel MK's echter niet gemakkelijk, en hier kunnen ze wel wat hulp bij gebruiken. Dit zou kunnen door de MK's actief te betrekken bij de jeugdgroep en activiteiten. Daarnaast is het belangrijk dat de leiding van de jeugd tijd en aandacht heeft voor de MK (dezelfde soort aandacht als voor andere jeugd van de groep die het even niet gemakkelijk hebben), en een luisterend oor biedt. MK's hebben daarnaast behoefte aan contact met andere MK's. Ze vinden het fijn om hun verhaal te delen met andere MK's, en herkenning bij hen te vinden In welke mate is er in deze behoeften aan begeleiding voorzien, en door wie? Vanuit de enquête voor MK s bleek dat MK s vooral behoefte hadden om hun vragen te stellen en hun verhaal kwijt te doen bij de ouders, vrienden en andere MK s. MK s verwachten dat ze terecht konden met hun vragen en verhaal bij hun ouders, andere familieleden, vrienden en andere MK s. Uiteindelijk konden de MK s hiervoor ook bij bovenstaande personen terecht met hun verhaal. Het heeft de MK s geholpen om hun verhaal te kunnen bij bovenstaande 28
29 personen. Daarnaast konden de meeste MK s hun verhaal kwijt bij de school, dit heeft hun echter niet echt geholpen. Als we kijken naar aan wie de MK s hun vragen konden stellen,r bijvoorbeeld over hoe hier in Nederland iets werkt, wat de mode is, wat gewoon is in Nederland en dergelijk, dan verwachten de MK s dat ze ook hiervoor terecht kunnen bij hun ouders, andere familie leden, vrienden en andere MK s. Uiteindelijk kunnen de MK s hiervoor ook bij bovenstaande personen terecht, daarnaast konden de meeste MK s terecht met hun vragen bij iemand van school. Het heeft de MK s echter alleen geholpen om hun vragen te stellen aan: de ouders, andere familieleden en aan hun vrienden Hoe hebben de MK s deze begeleiding ervaren? In bovenstaande deelvragen hebben we beschreven hoe de MK s de begeleiding hebben ervaren. In de enquête hebben we verschillende groepen opgenomen die begeleiding hadden kunnen bieden aan de MK s. Van al deze groepen hebben alleen de ouders de MK s voldoende begeleid tijdens de re- entry. De zendingsorganisatie, de TFC, de kerk en de school scoren wat de begeleiding van de MK s betreft een onvoldoende. In de beleving van de MK s begeleiden zij de MK s niet, of de begeleiding heeft hen niet geholpen. 5.4 Hoe kunnen MK s worden voorzien in hun behoeften aan begeleiding bij terugkomst in Nederland? Hoe kunnen zendingsorganisaties, kerken en Thuisfrontcommissies voorzien in de behoeften aan begeleiding van MK s? Deze vraag beantwoorden wij in ons eindproduct. Vanuit de beide enquêtes en interviews en de literatuur hebben we aanbevelingen gedaan voor de ouders, zendingsorganisaties, kerken en TFC. Deze zijn opgenomen in hoofdstuk: van ons eindproduct Welke stappen kunnen de MK s zelf nemen als hulmiddel bij het re-entry proces? Deze vraag beantwoorden wij in ons eindproduct. Vanuit de beide enquêtes en interviews en de literatuur hebben we gekeken naar wat MK s zelf kunnen doen tijdens het re-entry proces. Deze zijn opgenomen in hoofdstuk: van ons eindproduct 29
30 6. Theologische verantwoording Onze Theologische verantwoording bestaat uit twee delen, een Theologische onderbouwing van ons onderzoek, en een gedeelte waarin we kort laten zien hoe onze Theologische opleiding ons gevormd en klaargestoomd heeft voor dit eindproject. 6.1 Theologische onderbouwing Ons afstudeeronderzoek past binnen de opleiding Godsdienst Pastoraal Werk (GPW). Deze opleiding is er op gericht om mensen te onderwijzen en bekwaam te maken voor een taak in de kerk. Of dit nu het voorgangerschap betreft, het jeugdwerk, het pastoraat of het missionaire werk, het zijn allemaal taken die dienen tot opbouw van de kerk, tot de opbouw van medegelovigen. Een kerk is in eerste instantie een gemeenschap van mensen die God aanbidden. Daarnaast heeft een kerk de centrale taak om het evangelie uit te dragen in de wereld. Het evangelie verkondigen aan alle volken is een opdracht van Jezus aan de gelovigen, en daarmee aan de kerk. In Matteüs 28:18-19 zegt Jezus tegen Zijn discipelen:...mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde. Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u geboden heb en in Handelingen 1:8:...maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult Mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde. 15 Jezus roept de mensen die in Hem geloven op om getuigen van Hem te zijn. Niet alleen in de plaats waar ze wonen, niet alleen in de eigen omgeving of in het eigen land, maar ook over de hele wereld. Iedere gelovige wordt opgeroepen een getuige te zijn, ieder lid van de kerk heeft deze taak. Enkele van deze leden worden geroepen om ver weg te gaan, om het evangelie in het buitenland te verkondigen. De kerkleden die ver weg gaan, gaan daarmee niet úit de kerk, maar gaan vánuit de kerk. De gehele kerk heeft immers dezelfde opdracht. De kerk hoort daardoor achter zijn zendelingen te staan, en hen te ondersteunen op alle gebieden. Zending is een gezamenlijke taak van alle gelovigen. De kerk heeft daarnaast de opdracht elkaar lief te hebben en om te zien naar elkaar, en elkaar als gelovigen op te bouwen. De Bijbel roept christenen op om zorg te dragen voor elkaar en voor de medemens Dit is mijn gebod, dat gij elkander liefhebt, gelijk Ik u heb liefgehad (Joh. 15:12). En in 2 Korinthe 1:3-5 staat: Geloofd zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, de Vader der barmhartigheden en de God der vertroosting, die ons troost in al onze druk, zodat wij hen, die in allerlei druk zijn, troosten kunnen met de troost, waarmede wijzelf door God vertroost worden. De kerk wordt opgeroepen diegenen die het moeilijk hebben, te troosten en bij te staan. Kinderen en jongeren horen ook bij de kerk, en hebben net zo hard de zorg van de kerk nodig. Jezus geeft kinderen in de evangeliën zelfs speciale aandacht. Tijdens verschillende gelegenheden gebruikt Jezus een kind als voorbeeld voor de discipelen. En toen de discipelen de ouders die hun kinderen bij Jezus wilden brengen, tegen wilden houden, nam Jezus hen dat kwalijk en zei:...laat de kinderen tot Mij komen, verhindert ze niet; want voor zodanigen is het Koninkrijk Gods. Vervolgens omarmde Hij de kinderen, legde hen de handen op en zegende ze (Marc. 10:13-16). Jezus heeft aandacht voor de kinderen, Hij ziet om naar alle mensen, ongeacht ras, geslacht of leeftijd. En Hij wil dat wij dat ook doen. Wij mogen zijn voorbeeld volgen. 15 Alle teksten komen uit de Nederlands Bijbel Genootschap (NBG) vertaling 1951, tenzij anders vermeld 30
31 Naar ons idee is er vanuit de kerk en de zendingsorganisaties nog te weinig aandacht voor de kinderen van zendingswerkers, voor de MK's. Wij laten door ons onderzoek zien welke noodzaak er is tot het aanbieden van begeleiding aan MK's. Het zijn geen kleine uitdagingen waar zij voor kunnen komen te staan, en kunnen daar soms best wat hulp bij gebruiken. Dit geven de MK's uit ons onderzoek zelf ook aan. Met ons onderzoek willen wij hier aandacht voor vragen. Wij zien de begeleiding van MK's, naast de taak van de ouders, met name als de taak van de kerk en de zendingsorganisatie. De ouders zijn immers door de kerk en de zendingsorganisatie uitgezonden. De kerk en de zendingsorganisatie hebben daarom de taak om op 'hun schapen' te letten. Zij hebben de taak om de noden in de gaten te houden, en daar zelf op in te springen of door te verwijzen. Zendingsorganisaties en kerken doen er goed aan om ook in het geval van MK s deze taak op te pakken. 6.2 Het eindproduct van onze opleiding Wij doen allebei de opleiding Godsdienst Pastoraal Werk (GPW). Annelies heeft voor de richting Voorganger gekozen, en Deborah voor de richting Pastoraal Werker. Ondanks de verschillende richtingen, hebben we veel gemeenschappelijke vakken gehad. Naast de Voorgangers' en Pastorale richting hebben wij ook vakken bijgewoond van de Missionaire en Jeugdwerk richting. Deze kennis kwam ons goed van pas tijdens ons onderzoek, waarin eigenlijk alle vier de richtingen vertegenwoordigd zijn Inmiddels zitten wij aan het einde van onze opleiding en hebben we veel geleerd. Deze kennis en vaardigheden hebben wij bewust en onbewust toegepast tijdens ons onderzoek. Hoewel we niet altijd meer precies kunnen zeggen waar we bepaalde kennis in ons hoofd vandaan hebben, hebben de volgende vakken zeker invloed gehad ons onderzoek. Zo hebben we voor ons onderzoek baat gehad bij het vak Onderzoeksmethoden, een vak waarin onder andere uitgelegd werd hoe je een onderzoek op kan zetten en op welke manieren je onderzoek kan doen. Daarnaast hebben we tijdens het vak Gemeentegroei Project kunnen oefenen met het doen van een groot onderzoek. We hebben het vak Psychologie van de Adolescentie gehad, wat goed van pas kwam voor ons onderzoek. Zo hebben we bijvoorbeeld het boek dat erbij hoorde gebruikt om leeftijdsgrenzen te bepalen in onze enquête, en hebben we gekeken naar de verschillende ontwikkelingsfasen. De zendingsvakken (Practicum Zending, Interculturele Communicatie, Culturele Antropologie) een aantal jaren geleden waren voor Deborah niet heel nieuw, maar Annelies heeft er veel van geleerd. Zo leerde ze wat MK's zijn, wat zendingsorganisaties doen, wat Thuisfrontcommissies zijn, wat re-entry is, etc. Deze vakken zijn voor haar een goede voorbereiding geweest op dit onderzoek. Ook de pastorale vakken (zoals Relatie, Huwelijk en Gezin, Jeugdpastoraat en Pastorale Theologie) zijn van invloed geweest op ons onderzoek. Ze leerden ons wat empathie is, hoe belangrijk een luisterend oor is, en hoe we God in situaties en gesprekken met mensen mogen betrekken. Daarnaast hebben we inzicht gekregen in de verschillende pastorale stromingen die er bestaan, en wat hun voor- en nadelen zijn. Over de verschillende soorten stromingen hebben we een kort stukje over geschreven in ons eindproduct. In de Themaweek van 2007 hebben we de thema's verlies, rouw en lijden behandelt. Dit heeft ons inzicht in deze thema's gegeven. Zo leerden we over de verschillende rouwfases, de ABC(D)-methode, en wat we kunnen doen in situaties waar mensen met deze thema's te maken hebben. Hoewel we deze informatie niet letterlijk verwerkt hebben in ons onderzoek, heeft het wel ons denken over en onze kennis van deze thema's gevormd. Dat is belangrijk geweest, want de thema's verlies en rouw komen in ons onderzoek sterk naar voren. 31
32 Tijdens onze opleiding hebben we onder andere de vakken Communicatie en SRV gehad, en nog een aantal soortgelijke vakken. Hier hebben we onder andere vergadertechnieken en gesprekstechnieken geleerd en geoefend, kwamen de verschillende leerstijlen en persoonlijkheden aan bod en de DISC-test. Hier hebben we veel baat bij gehad tijdens ons afstuderen. We hebben aan het begin van ons afstuderen naar onze DISC-profielen gekeken, aangezien wij nogal verschillende personen zijn en daardoor frustraties niet ondenkbaar waren. Om tot een zo goed mogelijke samenwerking te komen, hebben wij besloten om onze werkstijl met elkaar te bespreken. We hebben gesprekken gepland met onze opdrachtgevers en afstudeercoach, en hiervoor Agenda's opgesteld. We spraken af wie van ons het gesprek voor zou zitten en wie van ons zou notuleren. Vervolgens hebben we van al deze gesprekken notulen voor onszelf gemaakt. De notulen van de gesprekken met de opdrachtgevers hebben we ook naar hen gestuurd. We hebben tijdens de interviews en de gesprekken gebruik gemaakt van enkele gesprektechnieken als parafrase en samenvatten. Deze dingen zouden we zonder de lessen die we hierover gehad hebben, nu niet geweten of gedaan hebben. Dan zouden we dat waarschijnlijk maar onzin of onnodig vinden (zoals we dat soms aan het begin van de opleiding dachten). Nu hebben we door de jaren heen ervaren en geleerd hoe belangrijk en zinvol het is, en nu passen we hetgeen wat we geleerd hebben, zelfstandig toe. Tijdens het afstuderen hebben wij gebruik gemaakt van alles wat wij in de afgelopen jaren op de opleiding hebben geleerd. De kennis die wij door de jaren heen hebben opgedaan, hebben wij uiteindelijk toegepast in dit verslag. 32
33 7. Popularisering Landen na de (terug)reis; Aandacht voor de terugkerende Mission Kid Mission Kids; kinderen van zendelingen, een doelgroep die wel wat extra aandacht kan gebruiken. Dit thema komt duidelijk naar voren in eindscriptie van Annelies van der Ploeg en Deborah Aartsma Deborah en Annelies studeerden beiden af aan de opleiding Godsdienst Pastoraal Werk aan de Christelijke Hogeschool in Ede. Voor hun eindscriptie hebben zij in opdracht van Member Care Nederland onderzocht hoe het gesteld is met de begeleiding van Mission Kids (MK s) in Nederland. Hierbij hebben zij specifiek gekeken naar wat er wordt gedaan aan begeleiding van MK's in de leeftijd van twaalf tot en met achttien jaar die vanuit het buitenland teruggekomen zijn naar Nederland. Aan dit onderzoek hebben achtentachtig MK s meegewerkt en ook meerdere Zendingsorganisaties. De resultaten van dit onderzoek zijn uiteindelijk verwerkt in een boekje: Landen na de (terug) reis; praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids. Uit de resultaten van het onderzoek is gebleken, dat MK s die terugkwamen naar Nederland goede begeleiding kregen van hun ouders tijdens de re-entry; de terugkeer naar het land van herkomst. Toch geeft veertien procent van de MK s aan, dat ze niet begeleid zijn door de ouders bij de terugkomst in Nederland. Deze aantallen liggen bij de organisaties echter veel hoger. Van de geënquêteerde MK s geeft drieëntachtig procent aan niet begeleid te zijn door de zendingsorganisatie, achtenzestig procent is niet begeleid door de kerk en zesenzeventig procent niet door de thuisfrontcommissie. Hoewel de verschillende organisaties verbonden zijn met het zendingsgezin en een verantwoordelijkheid naar hen toe hebben, valt er een gat in de aandacht voor en de begeleiding van MK's. Niet alleen de ouders worden uitgezonden door de zendingsorganisatie, maar ook de kinderen gaan mee. Deze uitzending heeft grote invloed op het leven van de kinderen. MK s krijgen van verschillende culturen elementen mee, welke ze integreren tot een eigen cultuur, de zogenaamde derde cultuur of 'Third Culture'. Vandaar dat er ook wel eens gesproken wordt over Third Culture Kids (TCK s). Elke MK is een TCK, maar niet alle TCK s zijn MK s. TCK s kunnen ook kinderen zijn van diplomaten, zakenmensen en mensen uit het leger; kinderen die door het werk van hun ouders in het buitenland zijn opgegroeid. Door bekend te zijn met wat het inhoud om een MK te zijn, leren MK's zichzelf beter te begrijpen. MK s vinden het fijn om in contact te komen met andere MK s. Ze delen immers dezelfde cultuur. Zodra MK s, andere MK s of TCK's ontmoeten, vinden ze herkenning bij elkaar. Het leven als MK biedt veel voordelen. Een MK ziet meer van de wereld dan zijn meeste leeftijdsgenoten, leeft tussen verschillende culturen en groeit daarin op, en ontwikkelt daardoor een breder wereldbeeld. Het leven van een MK brengt echter niet alleen voordelen met zich mee maar kan ook voor problemen zorgen. Er zijn verschillende issues die kunnen spelen bij MK s, zoals rusteloosheid, ontworteling, geloofstwijfels en onverwerkte rouw. MK s kunnen wel wat extra ondersteuning gebruiken, zodat ze hiermee 33
34 om leren gaan. Deze ondersteuning is vooral nodig wanneer MK s terugkomen naar Nederland en zij dus in de re-entry fase zitten. Het ondersteunen van MK s kan op verschillende manieren. Wat MK s echter vooral nodig hebben is een luisterend oor. Iemand die oprecht geïnteresseerd is in hun verhaal. Het leven als zendingskind heeft een grote impact op de MK. Het is belangrijk dat de omgeving van een MK zich hiervan bewust is. Hoewel de MK's in het onderzoek aangaven geen speciale aandacht te willen, is deze in beperkte mate wel nodig. De issues die in het boekje genoemd worden zijn geen kleinigheden. Hoewel niet alle MK's met alle issues te maken krijgen, zijn deze wel kenmerkend voor MK's. Het is daarom belangrijk dat er aandacht is voor de MK, vooral wanneer hij terugkeert naar Nederland. Het hoeft geen hulpverlening te worden, daar zitten de meeste MK's niet op te wachten. Maar er moet wel gepaste aandacht voor hen zijn. De resultaten van het onderzoek zijn verwerkt in een boekje: Landen na de (terug)reis; praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids. In dit boekje worden de voordelen en de uitdagingen in het leven van een MK beschreven, komen de conclusies uit het onderzoek aan bod en worden een aantal aanbevelingen gedaan voor de ouders van MK's, zendingsorganisaties, kerken, thuisfrontcommissies en tenslotte natuurlijk ook voor de MK's zelf. Het boekje is bedoeld om mensen te informeren en inzicht te geven in MK's en in hun reentry proces, en om een bijdrage te leveren aan een positieve ontwikkeling op het gebied van begeleiding aan MK's. Dit boekje is gratis verkrijgbaar en kan gedownload worden op de website van Member Care Nederland. 34
35 8. Evaluatie/Discussie We zijn dit onderzoek enthousiast en met goede moed begonnen. We vonden het een leuk onderwerp, en zijn gemotiveerd aan de slag gegaan. Aan het begin van ons onderzoek zou het boek van Baarda Het Basisboek Methoden en Technieken ons van pas komen. Dit boek hebben we moeten gebruiken voor het vak 'Onderzoeksmethoden' in het tweede jaar. Het gebruik van dit boek viel ons helaas tegen. We vonden het boek niet echt praktisch en bruikbaar, maar hebben wel geprobeerd de stof zo goed mogelijk toe te passen. Gelukkig hadden we wel eerder onderzoek gedaan, dus we waren bekend met hoe we een onderzoek aan moesten pakken. Daarnaast hebben we natuurlijk het vak onderzoeksvaardigheden en de afstudeercursus met succes afgrond. We hebben nagedacht over de methodiek die we wilden gebruiken; interviews of enquêtes of allebei, en waarom we die methode wilden gebruiken. We hebben gekozen voor allebei, omdat we met enquêtes heel veel mensen konden bereiken, en met interviews meer de diepte in zouden kunnen gaan. In de enquêtes hebben we met name gesloten vragen gesteld en zo weinig mogelijk open vragen, dit in verband met de verwerking van de gegevens. De resultaten van de enquêtes hebben we vervolgens in Excel verwerkt. Aan het einde van ons onderzoek kijken we nu terug, en zien we een aantal dingen die we anders hadden kunnen doen. Het was handig geweest als we aan het begin van het onderzoek, op zoek waren gegaan naar andere literatuur over onderzoek doen. Zo ontdekten we pas later in ons onderzoek het boek van Verhoeven 'Wat is onderzoek? Praktijkboek methoden en technieken voor het hoger onderwijs'. Een heel praktisch en goed te begrijpen boek over hoe studenten in het HBO een (afstudeer)onderzoek op kunnen zetten. We hadden gewild dat we eerder van dit boek hadden geweten, dat zou ons een eind op weg hebben geholpen. Achteraf bleek dat onze manier van onderzoek wel redelijk overeenkwam met hoe het beschreven word in dit boek, dus dat hebben we wel goed gedaan. Maar voor de oriëntatie en een betere aanpak van ons onderzoek was dit boek goed geweest. We willen dit boek dan ook aanraden voor iedereen die een groot onderzoek of afstudeeronderzoek gaat opzetten. Als wij opnieuw onderzoek zouden moeten gaan doen, zouden wij ons beter bezinnen op de methodiek en op de kennis die we in kunnen zetten. We hebben van dit onderzoek geleerd dat het belangrijk is goed na te gaan, welke kennis en vaardigheden je al hebt. Met welke hulpmiddelen je al kan werken (bijvoorbeeld Excel of SPSS), of dat je nog veel moet bijleren op dit gebied. Als je nog veel vaardigheden moet aanleren om onderzoek te kunnen doen, dan is het beter te kiezen voor een andere manier van onderzoek doen. Of je moet er voor kiezen dat je de benodigde kennis en vaardigheden opdoet voordat je begint met het onderzoek. Als wij dit onderzoek nu opnieuw zouden doen, zouden we er waarschijnlijk voor kiezen om de nadruk op de interviews te leggen, in plaats van op de enquêtes. Met de enquêtes hebben we een groot aantal MK s en zendingsorganisaties bereikt en daardoor zijn de resultaten van ons onderzoek representatief. Dit was anders geweest als we alleen interviews hadden gedaan. Maar in de enquêtes konden we niet echt de diepte in of open vragen stellen. Daarnaast is onze kennis van Excel en van statistiek erg beperkt, waardoor het lastig was om de enquêtes te verwerken. We hadden beter meer kennis kunnen hebben van statistiek, voordat we aan dit onderzoek begonnen. Doordat we in de enquête veel gesloten vragen hadden, was het uiteindelijk moeilijk om de vraag naar de behoeften van de MK s goed te beantwoorden. Deze vraag hadden we 35
36 beter kunnen beantwoorden, als we via diepte interviews opzoek waren gegaan naar het antwoord. Wat we ook anders zouden doen, zijn een aantal van onze enquêtevragen. We hebben goed over de formulering nagedacht, en zijn de vragen ontelbare keren bij langs gegaan, toch zien we nu dat we sommige vragen beter anders hadden kunnen stellen. Zo hadden we enkele dubbele vragen in één vraag. Of we gebruikten verschillende woorden waar we ongeveer hetzelfde mee bedoelden, zoals 'ervaren', 'gewaardeerd' en 'beoordelen'. Het was duidelijker geweest als we daar eenzelfde woord voor hadden gebruikt. We hadden de vragen beter en scherper moeten stellen. Achteraf gezien hebben we ook vergeten een belangrijke vraag in de enquête voor de MK's te stellen. We hebben niet de open vraag gesteld als 'Waar heb of had jij behoefte aan (of had je nodig), toen je net terug was in Nederland, qua begeleiding?'. Als we deze vraag wel gesteld hadden, hadden we daar veel informatie uit kunnen halen. Gelukkig konden we wel veel informatie halen uit de overige open (en gesloten) vragen. Aan het einde van ons onderzoek, willen wij nog een aantal aanbevelingen doen voor mogelijk vervolgonderzoek. - Ontwikkel een werkvorm voor de begeleiding van MK's, welke aansluit bij hun behoeften en leeftijd, en die gebruikt kan worden door bijvoorbeeld zendingsorganisaties en kerken. - Ontwikkel een concrete vorm van begeleiding voor MK weekenden, MK avonden en dergelijke die ingaat op de behoeftes en thema's van MK s - Onderzoek de behoeftes van kinderen van 4-12 jaar bij de re-entry - Ontwikkel een vorm van begeleiding voor MK s die zonder hun ouders terug komen naar Nederland. 36
37 9. Woord van Dank Onze dank gaat uit naar Membercare Nederland voor de mogelijkheid die zij hebben geboden om bij hun ons afstudeeronderzoek te doen. Speciale dank gaat uit naar onze begeleiders vanuit Membercare: Mathilde Companjen en Margrete Bac, voor hun begeleiding en wijsheid. Wij willen Sabine van der Heijden, onze afstudeercoach, heel erg bedanken voor de begeleiding die zij ons geboden heeft tijdens ons onderzoek. Ook willen wij Eduard Groen bedanken; de meelezer die ons heeft geholpen om ons onderzoek aan te scherpen. Uiteraard zijn wij de achtentachtig MK s die de enquête hebben ingevuld heel erg dankbaar voor hun medewerking. Zonder hen had het onderzoek niet plaats kunnen vinden. Speciale dank gaat hierbij uit naar de zes MK s die wij telefonisch hebben geïnterviewd. Ook de zendingsorganisaties die gereageerd hebben op ons verzoek om de enquête in te vullen, willen wij bedanken. De leraren van de CHE die ons hebben geholpen met ons onderzoek willen wij bedanken. Dit zijn: Dirk van Schepen, Teus van de Lagemaat en Bert Roor. Wij zijn heel erg dankbaar voor de externe hulp die wij hebben gekregen tijdens het onderzoek. Speciale dank gaat hierbij uit naar Hanneke Aarsma, zij heeft de enquête voor de MK s voor ons getest, en naar Alinda Blank en Susanne van der Ploeg die ons hebben geholpen met Excel. Verder dank gaat uit naar onze familie, vrienden, kennissen en huisgenoten voor het meedenken met het onderzoek, de morele support en hun gebed. En onze grote dank is aan God, die ons tijdens het hele afstudeerproject gesteund heeft en ons kracht en wijsheid heeft gegeven. Groot is Zijn trouw. 37
38 10. Literatuurlijst Bac-Fahner, drs. M.G., Van heinde en ver(der). Aandachtspunten bij de re-entry van adolescente third culture kids (z.p. Instituut voor Transculturele en Missionaire Psychologie, 2001) p.p.32 Bowers (editor), J.M., Raising Resilient MKs. Resources for Caregivers, Parents, and Teachers (z.p., Association of Christian Schools International, 1998) p.p. 510 Erickson, M.J., Christian theology. Second edition (Grand Rapids: Baker Books, 2003 [6e druk]), 1312pp. Samensteling: Janse, C., bewerking: Nap-van Dalen, C.N.M., Meer dan koffers pakken. Praktische handreiking bij de repatriëring van zendingswerkers (z.p., Instituut voor Transculturele en Missionaire Psychologie, 2001) p.p.40 Samenstelling: Janse, K., Heldoorn-Reijnoudt, A., bijdragen van: Nap-van Dalen, C.N.M., Bac-Fahner, drs. M.G., Bruin Brood Met Kaas. Praktische handreiking over verlof houden voor zendingswerkers (z.p. gezamelijke uitgave van ZGG en InTransit, 2010) p.p. 120 Knell, M. Burn-up or Splash down Surviving the culture shock of re-entry (Atlanta, Lonon, Hyderabad: Authentic Publishing, 2007) p.p.184 Malschaert, H. en Traas, M., Werkboek jeugdcultuur, theorie en praktijk (Baarn: HB uitgevers, 2002),141pp. MemberCare Nederland Beleidsplan (aangevraagd via Member Care ) Pollock, D.C., Reken, R.E. Van, Third Culture Kids. The Experience of Growing Up Among Worlds (Boston London: Nicholas Brealey Publishing, 2001) p.p. 333 Schoonveld, K., Focus op MK's. Tips voor TFC's die aandacht willen geven aan MK's (MK Focus, z.p., z.j.) p.p.16 Tassia, E., The missionary kid survival guide (USA: CafePress.com, 2008) p.p. 51 Wit, J. de, Slot, W., e.a., Psychologie van de adolescentie. Basisboek (Baarn: HB Uitgevers, 2006) p.p. 246 Verhoeven, N., Wat is onderzoek? Praktijkboek methoden en technieken voor het hoger onderwijs (z.p.: Boom Onderwijs, 2007) p.p. 334 Meulen., H.C. van der, Liefdevol oog en open oor. Handboek pastoraat in de christelijke gemeente (Zoetermeer: boekencentrum, 2001 [2e druk]) p.p
39 Websites Beleidsplan van MK Focus, te vinden op hun website:
40 Bijlage 1: De enquête die de MK s ingevuld hebben Pagina: 1 Onderzoek naar de ervaringen van de MK's bij terugkomst naar Nederland Definities: MK = Mission Kid of zendingskind Met een MK bedoelen we iemand die als kind is opgegroeid in het buitenland, omdat zijn of haar ouders daar zendelingen waren. Re-entry = Terugkeer in het land van herkomst (van de ouders) Namens Member Care Nederland doen wij, Annelies van der Ploeg en Deborah Aartsma, een onderzoek. Wij doen onderzoek naar wat er in Nederland wordt gedaan aan begeleiding van Mission Kids die 'voorgoed' terugkomen naar Nederland. Daarbij zijn we met name benieuwd naar jouw ervaring. Waar heb jijzelf behoefte aan (gehad), en hoe kan er in die behoefte voorzien worden. Door de ervaringen van zoveel mogelijk MK's te bundelen, hopen we bij te kunnen dragen aan een betere begeleiding van MK's die terugkomen naar Nederland. Om zoveel mogelijk ervaringen van MK's te kunnen verzamelen, hebben wij deze digitale enquête gemaakt. Hij bestaat uit 25 vragen, en het kost ongeveer 10 à 15 minuten om hem helemaal in te vullen. Door het invullen van deze enquête kan je bijdragen aan een betere begeleiding van toekomstige MK s wanneer ze voorgoed terugkomen naar Nederland. Daarnaast maak je, als je de enquête ingevuld terugstuurt, kans op een cadeaubon naar keuze ter waarde van 20 euro!!! Wil je kans maken op deze cadeaubon, vul dan onderaan de enquête je adres in. Mocht je de cadeaubon gewonnen hebben, dan nemen we op die manier contact met je op. Uiteraard gaan wij voorzichtig om met de informatie die jij ons geeft. De enquête is anoniem, en we maken geen gebruik van de informatie of je adres voor andere doeleinden dan voor dit onderzoek. Ergens in september of oktober gaan we de resultaten van ons onderzoek en ons projectresultaat publiceren. We houden jullie hiervan op de hoogte! Start Pagina: 2 Onderzoek naar de ervaringen van de MK's bij terugkomst naar Nederland 40
41 * = verplicht in te vullen ( De rest is eigenlijk ook verplicht, maar daar kon geen sterretje bij ;) ) 1. Hoe oud ben je? * Jonger dan Ouder dan Hoe oud was je toen je (voorgoed) terugkwam in Nederland? * Jonger dan Ouder dan 18 jaar Extra toelichting: Wij doen onderzoek onder MK's in de leeftijd van 13 tot 28 jaar, die tussen hun 12e en 18e jaar terug zijn gekomen naar Nederland, en minimaal 1 en maximaal 10 jaar terug zijn in Nederland. Om deze reden hoef je als je jonger bent dan 13, of ouder dan 28 jaar, deze enquête niet in te vullen! Mocht je alsnog de bovenstaande vragen hebben ingevuld, dan zul je doorverwezen worden naar de laatste pagina van de enquête. We willen je alsnog bedanken voor de moeite die je hebt genomen om deze enquête in te vullen. Volgende 41
42 Pagina: 3 3. Ben je een man of een vrouw? Geslacht: Man Vrouw 4. Hoe oud was je toen je voor het eerst naar het buitenland verhuisde? * 0-3 (incl. geboren in buitenland) Hoeveel jaar heb je in totaal in het buitenland gewoond? 1 jaar 6. Kwam je samen met je ouders terug waar Nederland, of bleven zij in het zendingsland werken? * Ik kwam alleen terug Ik kwam samen met mijn ouders terug 7. Is jouw zendingsorganisatie aangesloten bij de EZA (De Evangelische Zendingsalliantie)? Als je het niet weet kijk dan op: * ja nee 42
43 Volgende Pagina: 4 Onderstaande vragen gaan over het vertrek en wonen in het buitenland. 8. Door wie ben je voorbereid, en waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland? Door je ouders Ik was te jong: geen voorbereiding Geen voorbereiding Gesprekken over vertrek+ buitenland Taal - cursus Info over Buitenland Info Literatuur over over: school in MK's/ buiten- TCK's land Anders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk 9. Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? [Schaal:heel slecht, slecht, neutraal, goed, heel goed] Door je ouders Heel slecht Heel Goed Ik was te jong/ geen voorbereiding Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Volgende 43
44 Pagina: 5 De volgende paar vragen gaan over de voorbereiding op de (terug)komst naar Nederland, vanuit het buitenland. 10. Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? Door je ouders Geen voorbereiding Gesprekken over de reentry Cursus Nederlands Info over Nederland Info over school in Nederland Literatuur over reentry Anders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland 11. Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? Door je ouders Heel slecht Heel Goed Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland Volgende Pagina: 6 44
45 De volgende paar vragen gaan over de begeleiding toen je eenmaal terug was in Nederland. Deze vragen gaan over de eerste 2 jaar na terugkomst. 12. Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw re-entry. (Bijv. debriefingsgesprekken, hoe het nu met je gaat, wennen in Nederland e.d.) [Schaal: nooit, eenmalig, regelmatig, vaak] Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Nooit Vaak Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Iemand van de school in Nederland Ouders 13. Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? [Indien niet begeleid graag het vakje 'niet begeleid' aanvinken] Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Heel slecht Heel goed niet begeleid Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Door de school in Nederland Door je ouders 45
46 Volgende Pagina: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? Je ouders Helemaal geen behoefte Heel veel behoefte Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school Volgende Pagina: Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? Je ouders Niet Wel Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk 46
47 Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school Volgende Pagina: Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen? Je ouders Heel slecht Heel goed Kon mijn verhaal niet kwijt Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school Volgende Pagina: Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? Bijvoorbeeld over hoe iets in Nederland werkt, wat de mode is, wat gewoon is in Nederland. ed. 47
48 En in hoe verre heeft dit jou geholpen? je ouders Heel slecht Heel goed Kon niet terecht met vragen andere familieleden iemand van de zendingsorganisatie iemand van de thuisfrontcommissie iemand van de kerk een jeugdleider vrienden andere MK's iemand van school Volgende Pagina: Over welke thema s had je graag met iemand gesproken of heb je gesproken, toen je net (max. 2 jaar) terug was in Nederland? Waar hoor ik thuis? Wie ben ik? Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Sombere gevoelens Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe studie of beroep. Moeite met de normen en waarden van Nederland Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Vragen over en aan God Schuldgevoelens Seksualiteit Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels e.d. Genotsmiddelen: alcohol en drugs Aansluiting bij leeftijdsgenoten Moeite met het leggen van nieuwe contacten Aansluiting bij het schoolsysteem Taalproblemen Anders 1 Anders 2 Stress 48
49 Angstige gevoelens Boosheid Volgende Pagina: Wat heeft jou geholpen bij de re-entry? Of, wat is niet gebeurd, maar zou je geholpen hebben als het wel gebeurd was. [Vul per vraag de 1e of de 2e kolom in] Contact met andere MK's Helemaal niet geholpen Heel erg goed Zou mij niet geholpen geholpen hebben Zou mij wel geholpen hebben Literatuur over MK's Retraite in een retraitecentrum voor zendingswerkers (bijv. Le Rucher in Frankrijk) Gesprekken met zendingsorganisatie/ TFC/ kerk Dat mijn ouders er voor mij waren Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar Foto's van belangrijke plaatsen en mensen in het gastland. Meegenomen souvenirs en andere voor mij belangrijke dingen uit het gastland Contact met bekenden/vrienden in Nederland, vóór vertrek naar Nederland Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden/ bekenden had Dat ik in het gastland op de hoogte werd gehouden van 49
50 de gewoonten en gebruiken in Nederland (Bijv. over nieuwe ontwikkelingen, mode, muziek, films e.d.) Dat ik opgevangen werd door kerk Dat ik mij welkom voelde in de jeugdgroep van de kerk Dat de school mij goed opving Bidden en bijbel lezen Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool Nieuwe vrienden Professionele hulp Volgende Pagina: In hoeverre ben je het eens met de volgende stellingen? Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op helemaal mee oneens helemaal mee eens Ik voelde mij thuis in de kerk Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God Ik had behoefte aan contact met andere MK s Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan professionele hulp 50
51 Laatste pagina Pagina: Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland die zich richten op MK s, om MK s te helpen bij de re-entry in Nederland? 22. Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? 23. Heb je nog andere opmerkingen 24. Mogen wij n.a.v. deze enquête contact met jou opnemen voor een verdiepend interview? Vul dan hier jouw adres in:
52 Als je kans wil maken op de cadeaubon, vul dan hier je adres in: Verstuur de enquête Pagina: 15 Bedankt voor het invullen van deze enquête en het meewerken aan ons onderzoek. Je hebt ons hier heel erg mee geholpen en we zijn je zeer dankbaar! Ergens in september of oktober gaan we de resultaten van ons onderzoek en ons projectresultaat publiceren. We houden jullie hiervan op de hoogte! (c) Joan van Rixtel 52
53 Bijlage 2: Verwerking van de Enquête voor de MK s De enquête hebben we afgenomen via ThesisTools, dat betekent dat de enquête een digitale en online enquête is. Hij is doorgestuurd naar het adressenbestand van MK focus. Daarnaast hebben De Verre Naaste, de Zending Gereformeerde Gemeenten hun medewerking verleent. De enquête is ingevuld door 88 MK s, van deze 88 MK s vielen er 14 buiten de doelgroep, de enquête is dus uiteindelijk ingevuld door 74 MK s. De MK s hebben echter niet altijd alle vragen ingevuld, vandaar dat het totaal aantal respondenten, per vraag apart wordt genoemd. De enquête is via ThesisTools door ons verwerkt in Excel. De tabellen van de enquête zijn opgenomen in bijlage:??? We hebben vooral gewerkt met percentages en gemiddelden. 53
54 Frequentie 1: Hoe oud ben je? Huidige leeftijd: frequentie: Uitgedrukt in percentages: jonger dan 13 0 jonger dan 13 0,00% ,26% ,40% ,07% ,95% ouder dan 28 2 ouder dan 28 2,33% totaal: 86 totaal: 100,0% Huidige leeftijd: jonger dan ouder dan 28 Deze vraag hebben we onder andere gebruikt als een filtervraag om te zorgen dat de mensen die deze enquête invulden, daadwerkelijk tot onze doelgroep behoorden. In ons onderzoek gaat het om MK s die terug zijn gekomen naar Nederland toen ze 12 tot en met 18 jaar oud waren, en minimaal 1 en maximaal 10 jaar terug zijn in Nederland. De MK s die tot onze doelgroep behoren zijn uiteindelijke tussen de 13 en 28 jaar oud. Indien een MK aangaf dat hij jonger dan 13 of ouder dan 28 jaar oud was, dan werd hij doorverwezen naar het einde van de enquête. De MK s die niet tot onze doelgroep behoorden, hebben dus uiteindelijk niet de enquête kunnen invullen. Er waren geen uitschieters bij de verschillende leeftijdscategorieën die deze enquête hebben ingevuld. 54
55 Frequentie 2: Hoe oud was je toen je (voorgoed) terugkwam in Nederland? Leeftijd terug in Nederland: frequentie: Uitgedrukt in percentages: Jonger dan 12 7 jonger dan 12 8,14% ,70% ,67% ouder dan 18 3 ouder dan 18 3,49% totaal: 86 totaal: 100,00% Leeftijd terug in Nederland: Jonger dan ouder dan 18 Ook deze vraag is een filter vraag, om te zorgen dat de mensen tot onze doelgroep behoorden. Zoals in onze doelstelling opgenomen, houden we ons onderzoek onder MK s in de leeftijd van 13 tot 28 jaar, die tussen hun 12 e en 18 e jaar terug zijn gekomen naar Nederland, en minimaal 1 en maximaal 10 jaar terug zijn in Nederland. Dit betekent dat indien een MK bij deze vraag invulde dat hij terug kwam toen hij jonger dan 12 jaar was of ouder dan 18, hij werd doorverwezen naar het einde van de enquête. De meeste MK s kwamen terug in de leeftijd van 15 t/m 18 jaar; namelijk 41 MK s. En er kwamen 35 MK s terug in de leeftijd van 12 t/m 14 jaar Het klopt dat is en niet 74. Dit komt omdat pas aan het einde van deze vraag de MK s door werden verwezen naar het einde van de enquête, dat betekend dus dat in de vraag hierboven ook de MK s zijn opgenomen die vanuit vraag 1 niet tot onze doelgroep behoorden. De MK s die niet tot onze doelgroep behoorden konden vanaf vraag 3 de enquête niet meer invullen. En zijn vanaf dat moment ook niet meer opgenomen in de enquête. 55
56 frequentie 3: Ben je een man of een vrouw? geslacht: frequentie: Uitgedrukt in percentages: man 26 man 37,68% vrouw 43 vrouw 62,32% totaal: 69 totaal: 100,0% man Geslacht: vrouw Van de MK s die de enquête hebben ingevuld, is 62% vrouw, en 38% man Per enquête vraag wordt nog extra het: totaal genoemd: Dit zijn de MK s die de vraag hebben ingevuld. Zo hebben bij vraag t vraag 3: 74-69=5 MK s de vraag niet in gevuld. De digitale enquête kon niet alle vragen verplicht maken, dit betekent dat het technisch gezien mogelijk was om vragen over te slaan. Hoogstwaarschijnlijk heeft een MK niet bewust vragen overgeslagen, maar er overheen gelezen, verkeerd gekeken, verkeerd geklikt e.d. 56
57 frequentie 4: Hoe oud was je toen je voor het eerst naar het buitenland verhuisde? Leeftijd 1e keer verhuizen buitenland: 0-3(Incl. geboren in buitenland' frequentie: 43 Uitgedrukt in percentages: 0-3(Incl. geboren in buitenland 58,11% ,92% ,92% ,05% ,00% totaal: ,0% Leeftijd 1e keer verhuizen buitenland (Incl. geboren in buitenland' Meer dan de helft van de MK s die deze enquête hebben ingevuld, zijn geboren in het buitenland, of waren maximaal 3 jaar oud, toen ze voor het eerst naar het buitenland verhuisden. 57
58 frequentie 5: Hoeveel jaar heb je in totaal in het buitenland gewoond? Aantal jaar totaal in buitenland Uitgedrukt in percentages: frequentie: (1 jaar) 0 (1 jaar) 0,0% 2-5 jaar jaar 6,76% 6-10 jaar jaar 41,89% jaar jaar 41,89% meer dan 15 jaar 7 meer dan 15 jaar 9,46% totaal: 74 totaal: 100,0% 35 Aantal jaar totaal in buitenland (1 jaar) 2-5 jaar 6-10 jaar jaar meer dan 15 jaar Alle MK s die de enquête ingevuld hebben, hebben langer dan 1 jaar in het buitenland gewoond. Hiervan heeft maar liefst 86%, 6 tot en met 15 jaar in het buitenland doorgebracht. 58
59 frequentie 6: Kwam je samen met je ouders terug naar Nederland, of bleven zij in het zendingsland werken? Alleen of samen met ouders terug frequentie: Uitgedrukt in percentages: Ik kwam alleen Ik kwam alleen 22 terug terug 30,56% Ik kwam samen met mijn ouders 50 Ik kwam samen met mijn ouders 69,44% terug terug totaal: 72 totaal: 100,0% 60 Alleen of samen met ouders terug: Ik kwam alleen terug Ik kwam samen met mijn ouders terug Twee derde van de MK s kwam samen met hun ouders terug naar Nederland, een derde van de MK s kwam alleen terug. 59
60 frequentie 7: Is jouw zendingsorganisatie aangesloten bij de EZA? Zendingsorganisatie lid van EZA: frequentie: Uitgedrukt in percentages: ja 39 ja 53,42% nee 34 nee 46,58% totaal: ,0% Zendingsorganisatie lid van EZA: ja nee Er waren ongeveer net zoveel MK s aangesloten bij de EZA, als dat er niet aangesloten waren bij de EZA. 60
61 8: Door wie ben je voorbereid, en waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland? Ik was te jong: geen voorbereiding Geen voorbereiding Gesprekken over vertrek+ buitenland Taalcursus Info over Buitenland Info over school in buitenland Literatuur over: MK's/ TCK's Anders totaal: Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Uitgedrukt in percentages: Ik was te jong: geen voorbereiding geen voorbereiding: berekend over totaal MK's oud genoeg voor voorbereiding Door je ouders 55,71% 9,68% Door de 60,00% zendingsorganisatie 71,43% Door de 62,86% thuisfrontcommissie 69,23% Door de kerk 62,86% 69,23% 61
62 Door wie ben je voorbereid, en waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland? Anders Literatuur over: MK's/ TCK's Info over school in buitenland Info over Buitenland Taalcursus Gesprekken over vertrek+ buitenland Door de kerk Door de thuisfrontcommissie Door de zendingsorganisatie Door je ouders Geen voorbereiding Ik was te jong: geen voorbereiding frequentie Op deze vraag door wie de MK s zijn voorbereid op het vertrek en wonen in het buitland, antwoordt rond de 60% dat ze niet voorbereid zijn door de ouders, TFC, zendingsorganisatie en de kerk omdat ze te jong waren. Naast de 60% die niet zijn voorbereid vanwege de leeftijd, is 69% helemaal niet voorbereid door de kerk en TFC. door de zendingsorganisatie is 71% niet voorbereid en door de ouders is 10% niet voorbereid Aan de tabel is te zien dat de ouders op diverse manieren hun kinderen hebben voorbereid op het vertrek en wonen in het buitland. Deze voorbereiding bestond voor het grootste gedeelte uit gesprekken over het vertrek en wonen in het buitenland, gevolgd door de informatie over het buitenland en informatie over de school in het buitenland. Voor zover de zendingsorganisatie, TFC en de kerk hebben voorbereid op het vertrek en wonen in het buitenland, gebeurde dit vooral door middel van gesprekken. 62
63 9: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? heel slecht slecht neutraal goed heel goed totaal: Ik was jong / geen voorbereiding totaal: Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Uitgedrukt in percentages: wie: geen voorbereiding wel voorbereid gemiddelde beoordeling: wel voorbereid Door je ouders 58,90% 41,10% 3,93 goed Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie 77,61% 22,39% 2,60 neutraal 77,94% 22,06% 2,33 slecht Door de kerk 79,10% 20,90% 2,21 slecht 63
64 frequentie Spreiding antwoorden: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? [Schaal: 1:heel slecht, 2: slecht, 3:neutraal, 4: goed, 5:heel goed] Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk gemiddelde beoordeling: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? 5,00 verticale schaal: 5: heel goed, 4: goed, 3: neutraal, 2: slecht, 1: heel slecht 4,00 3,00 2,00 1,00 0,00 Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de kerk gemiddelde beoordeling: wel voorbereid 64
65 De MK s die aan hebben gegeven in hoeverre de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitland heeft geholpen, zijn allemaal begeleid door de desbetreffende organisatie en/of personen. Van de MK s is 40% voorbereid op het vertrek naar het buitenland door de ouders. Deze begeleiding heeft de MK s het beste geholpen. De MK s zeggen dat de begeleiding door hun ouders, hen goed geholpen heeft. 18 Van de MK s is 22% begeleid door de zendingsorganisatie, deze begeleiding heeft hen niet slecht/ niet goed geholpen. 22% van de MK s is begeleid door de TFC, deze begeleiding heeft hen slecht geholpen. 21% is begeleid door de kerk, deze begeleiding heeft de MK s slecht geholpen. Als we kijken naar de minimale norm van 3.2 dan voldoen alleen de ouders aan deze norm.. 19 Dat wil dus zeggen dat alleen de voorbereiding door de ouders de MK s geholpen heeft. 10: Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? Geen voorbereiding Gesprekken over de re-entry Cursus Nederlands Info over Nederland Info over school in Nederland Literatuur over re-entry Anders totaal: Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland Het gaat hier en in de rest van dit verslag om wat de MK s: gemiddeld zeggen. Dat wil zeggen dat we hebben berekend wat de gemiddelde MK als antwoord geeft op deze vraag. De antwoorden van alle MK s zijn dus samengevoegd en vanuit die antwoorden hebben wij het gemiddelde berekend. 19 Wij hebben gekozen voor een norm van 3.2: dit staat gelijk aan een 5,5 op een 10 puntsschaal. Wij vinden dat een 5,5 de minimale norm is om de begeleiding als voldoende te kunnen beoordelen. 65
66 Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? Anders Literatuur over re-entry Info over school in Nederland Info over Nederland Cursus Nederlands Gesprekken over de re-entry Geen voorbereiding Door de kerk in Nederland Door de school in het buitenland Door de thuisfrontcommissie Door de zendingsorganisatie Door je ouders frequentie Op de vraag waaruit de voorbereiding bestond op de (terug) keer naar Nederland, antwoordde 11% van de MK's dat ze niet door de ouders voorbereid zijn. De voorbereiding van de MK s die wel voorbereid zijn door de ouders bestond voornamelijk uit gesprekken over de re-entry. Van de 70 MK s hebben er 50 gesprekken gehad met hun ouders over de re-entry. Daarnaast hebben 31 MK s informatie gekregen over de school in Nederland, 18 MK s hebben van de ouders informatie gekregen over Nederland. Rond de 80% van de MK s is niet voorbereid op de terugkeer naar Nederland, door de zendingsorganisatie, TFC en de kerk in Nederland. De MK s die door de zendingsorganisatie, TFC en de kerk in Nederland wel zijn voorbereid, zijn voornamelijk voorbereid op de terugkeer door het voeren van gesprekken. Hierbij gaat het echter niet om hoge aantallen. Slechts 6 MK s hebben een gesprek gehad met de zendingsorganisatie, 3 met de TFC en 2 met de kerk in Nederland. Van de MK s is 48% door de school in het buitenland voorbereid op de terugkeer naar Nederland. Met 20 van de 70 MK s zijn gesprekken gevoerd over de terugkeer. Daarnaast hebben 7 MK s van hun school literatuur ontvangen over de re-entry. 66
67 11: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland ervaren? heel slecht slecht neutraal goed heel goed totaal: Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland Gemiddelde beoordeling: gemiddelde beoordeling: wie: wel/niet voorbereid Door je ouders 3,78 goed Door de zendingsorganisatie 2,18 Door de thuisfrontcommissie 2,09 Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland slecht slecht 2,53 neutraal 1,97 slecht 67
68 frequentie Spreiding antwoorden: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland [Schaal: 1:heel slecht, 2: slecht, 3:neutraal, 4: goed, 5:heel goed] 68
69 verticale schaal: 5: heel goed, 4: goed, 3: neutraal, 2: slecht, 1: heel slecht gemiddelde beoordeling: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 Door je ouders Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland gemiddelde beoordeling: wel/niet voorbereid Zowel de MK s die voorbereid zijn, als de MK s die niet voorbereid zijn, hebben een waardering gegeven over de (wel of geen) voorbereiding op de terugkeer naar Nederland. De voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland door de ouders, hebben de meeste MK s als goed ervaren, en ook de gemiddelde beoordeling is goed. De voorbereiding op de terugkeer naar Nederland door de TFC, zendingsorganisatie, en de kerk in Nederland, hebben de meeste MK s als heel slecht beoordeeld. De gemiddelde beoordeling hiervan is slecht. De voorbereiding door de school in het buitenland is wisselend beoordeeld. De meeste MK s hebben de begeleiding door de school in het buitenland beoordeeld als: heel slecht. Gevolgd door de MK s die de voorbereiding van de school hebben beoordeeld als: neutraal en goed. De gemiddelde beoordeling van hoe de MK s de voorbereiding door de school in het buitenland op de terugkeer naar Nederland hebben ervaren, is zowel niet goed/ als niet slecht Als je kijkt naar een voldoende beoordeling dan voldoen alleen de ouders aan de norm van 3.2. Alleen de voorbereiding door de ouders wordt door de MK s als voldoende ervaren. 69
70 12: Toen je net terug was in Nederland, hoe vaak heb je toen gesprekken gehad, die te maken hadden met jouw re-entry? (Bijv. debriefingsgesprekken, hoe het nu met je gaat, wennen in Nederland e.d.) [Schaal: nooit, eenmalig, regelmatig, vaak] Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij nooit eenmalig regelmatig vaak totaal: Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Iemand van de school in Nederland Ouders Gemiddeld aantal gesprekken Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij 1,22 nooit 1,22 nooit Iemand van de thuisfrontcommissie 1,28 nooit Iemand van de kerk 1,64 eenmalig Iemand van de school in Nederland 1,67 eenmalig Ouders 2,93 regelmatig 70
71 frequentie Spreiding antwoorden: Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw re-entry Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Iemand van de school in Nederland 10 Ouders [Schaal: 1:nooit, 2:eenmalig, 3:regelmatig, 4:vaak] 71
72 Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw re-entry. (Bijv. debriefingsgesprekken, hoe het nu met je gaat, wennen in Nederland e.d.) Ouders Iemand van de school in Nederland Iemand van de kerk vaak regelmatig Iemand van de thuisfrontcommissie eenmalig nooit Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij frequentie 72
73 We hebben de MK s de vraag gesteld, hoe vaak ze gesprekken hebben gehad m.b.t. de re-entry. We hebben deze vraag bij de zendingsorganisatie opgedeeld in twee vragen. Namelijk in: gesprekken die de MK s hebben gehad met de zendingsorganisatie met de ouders erbij, en gesprekken die de MK s hebben gehad met de zendingsorganisatie zonder de ouders er bij. Met iemand van de zendingsorganisatie hebben de meeste MK s nooit een gesprek gehad. Ook gemiddeld gezien hebben de MK s nooit een gesprek gehad met iemand van de zendingsorganisatie. Datzelfde geldt voor de TFC, de meeste MK s hebben nooit een gesprek gehad met iemand van de TFC. Ook het gemiddelde aantal gesprekken is hier: nooit. Zowel voor de kerk als voor iemand van school, verschilt sterk hoeveel gesprekken de MK s hebben gehad m.b.t. de re-entry. De meeste MK s geven aan dat ze over de re-entry nooit een gesprek hebben gehad met iemand van de kerk of iemand van de school. Gemiddeld gezien hebben de MK s eenmalig een gesprek gehad met de iemand van de kerk en/ of school. Met de ouders hebben de meeste MK s vaak gesprekken gehad m.b.t. de re-entry. Toch hebben er van de 69 nog 8 MK s hierover nooit een gesprek gehad met de ouders. Gemiddeld gezien hebben de MK s regelmatig gesprekken met de ouders gehad over de re-entry. 73
74 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? [Indien niet begeleid graag het vakje 'niet begeleid' aanvinken] Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij heel slecht slecht neutraal goed heel goed Totaal begeleid: niet begeleid Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Totaal van respondenten: Door de school in Nederland Door je ouders wie: niet begeleid wel begeleid gemiddelde beoordeling: wel begeleid Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij 87,67% 12,33% 2,67 neutraal 78,87% 21,13% 2,47 slecht Door de thuisfrontcommissie 76,39% 23,61% 2,47 slecht Door de kerk 67,61% 32,39% 2,52 neutraal Door de school in Nederland 58,57% 41,43% 3,24 neutraal Door je ouders 14,29% 85,71% 3,88 goed 74
75 frequentie Aantal MK's die begeleiding heeft gehad bij terugkomst in Nederland Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Door de school in Nederland Door je ouders Wel Niet 75
76 frequentie Spreiding antwoorden: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? ( alleen de MK's die wel zijn begeleid) Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Door de thuisfrontcommissie 10 Door de kerk 5 Door de school in Nederland [Schaal: 1:heel slecht, 2: slecht, 3:neutraal, 4: goed, 5:heel goed] Door je ouders 76
77 verticale schaal: 5: heel goed, 4: goed, 3: neutraal, 2: slecht, 1: heel slecht Gemiddelde beoordeling: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 Door iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Door iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij Door de thuisfrontcommissie Door de kerk Door de school in Nederland Door je ouders gemiddelde beoordeling: wel begeleid Als we het hebben over de waardering van de begeleiding die de MK s hebben gehad, dan hebben we het over: hoe de MK s die wel begeleid zijn, deze begeleiding hebben ervaren. De meeste MK s zijn niet begeleid door iemand van de zendingsorganisatie met ouders er bij, iemand van de zendingsorganisatie zonder de ouders erbij, de TFC, de kerk en school. Door de ouders zijn de meeste MK s echter wel begeleid. 12% van de MK s die zijn begeleid, zijn begeleid door de zendingsorganisatie met de ouders erbij, de MK s beoordelen dit als niet slecht/ niet goed. 20 De 21% die gesprekken hebben gehad met de zendingsorganisatie, zonder de ouders erbij, beoordelen dit als: slecht. 24% van de MK s die zijn begeleid, zijn begeleid door de TFC, deze begeleiding wordt door de MK s gewaardeerd als: slecht. 20 Het gaat hier nog steeds om gemiddelden 77
78 32% is begeleid door de kerk, dit wordt beoordeeld als: niet goed/ niet slecht. 41% van de MK s die zijn begeleid, zijn door de school in Nederland begeleid, dit wordt beoordeeld als: niet goed/ niet slecht. Door de ouders is 86% van de MK s begeleid. De beoordeling daarvan is: goed. Als we de norm van 3.2 er bij houden dan zien we dat alleen de begeleiding door de school in Nederland en door de ouders als voldoende wordt beschouwd. 14: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? helemaal geen behoefte weinig behoefte neutraal behoefte heel veel behoefte totaal: gemiddelde beoordeling: behoefte om vragen te stellen/ verhaal kwijt te kunnen: Je ouders Je ouders 3,61 behoefte Andere familieleden Andere familieleden 2,71 neutraal Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de thuisfrontcommissie 1,67 weinig behoefte 1,44 helemaal geen behoefte Iemand van de kerk Iemand van de kerk 1,97 weinig behoefte Een jeugdleider Een jeugdleider 2,35 weinig behoefte Vrienden Vrienden 3,74 behoefte Andere MK's Andere MK's 3,65 behoefte Iemand van school Iemand van school 2,45 weinig behoefte 78
79 frequentie Spreiding antwoorden: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? Je ouders Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school [Schaal: 1:helemaal geen behoefte, 2: weinig behoefte, 3:neutraal, 4: behoefte 5:heel veel behoefte] 79
80 verticale schaal: 5: heel veel behoefte 4: behoefte 3: Neutraal 2: weinig behoefte 1: helemaal geen behoefte Gemiddelde beoordeling: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? : 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 We hebben de MK s gevraagd in hoeverre ze behoefte hadden om hun vragen te stellen, of hun verhaal kwijt te kunnen bij verschillende personen. De beoordeling van de MK s lag hierbij allemaal dicht bij elkaar. Als we kijken bij wie de MK s behoefte hadden om hun verkaal kwijt te kunnen/ of hun vragen te stellen, dan zien we dat de MK s helemaal geen behoefte hadden om met iemand van de TFC hierover te spreken. De MK s hadden gemiddeld weinig behoefte om hun vragen te stellen en/of hun verhaal kwijt te doen bij: iemand van de zendingsorganisatie, kerk, school en bij de jeugdleider. Als het gaat om de andere familieleden dan de ouders, dan hadden de MK s gemiddeld gezien wel/geen behoefte, om bij de familieleden hun verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen. De MK s hadden behoefte om aan hun ouders, vrienden en aan andere MK s hun vragen te stellen, of hun verhaal kwijt te doen. 80
81 15: Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? Aangevinkt door de respondenten: niet wel totaal: Gemiddelde beoordeling: verwachting waar de MK met vragen/ verhaal terecht kon Uitgedrukt in percentages niet wel Je ouders wel Je ouders 4,35% 95,65% Andere familieleden wel Andere familieleden 28,99% 71,01% Iemand van de zendingsorganisatie niet Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie niet Iemand van de thuisfrontcommissie 73,53% 26,47% 81,16% 18,84% Iemand van de kerk niet Iemand van de kerk 58,21% 41,79% Een jeugdleider wel Een jeugdleider 50,72% 49,28% Vrienden wel Vrienden 24,64% 75,36% Andere MK's wel Andere MK's 18,84% 81,16% Iemand van school niet Iemand van school 62,32% 37,68% 81
82 frequentie Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? niet wel De verwachting van de MK s bij wie ze terecht konden met hun vragen en/ of verhaal is anders. Meer dan 75% verwachtte terecht te kunnen bij hun ouders, de vrienden en andere MK s. Het merendeel van de MK s verwachtte dat ze terecht kunnen bij: andere familieleden. Als we het hebben over waar ze verwachten dat ze niet terecht kunnen, dan verwacht het merendeel van de MK s dat ze niet terecht kunnen bij iemand va de zendingsorganisatie, de kerk, school en bij een jeugdleider. Meer dan 75% verwacht dat ze niet terecht kunnen bij iemand van de TFC. 82
83 16: Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen heel slecht slecht neutraal goed heel goed Totaal: Kon mijn verhaal kwijt kon mijn verhaal niet kwijt Totaal van respondenten: Je ouders Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school
84 Uitgedrukt in percentages niet verhaal kwijt wel verhaal kwijt gemiddelde beoordeling: wel verhaal kwijt Je ouders 3,08% 96,92% 4,00 goed Andere familieleden 22,39% 77,61% 3,27 neutraal Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie 63,77% 36,23% 2,32 slecht 67,65% 32,35% 2,14 slecht Iemand van de kerk 51,47% 48,53% 2,45 slecht Een jeugdleider 51,47% 48,53% 2,79 neutraal Vrienden 10,61% 89,39% 3,68 goed Andere MK's 13,85% 86,15% 3,86 goed Iemand van school 38,89% 61,11% 2,50 neutraal 84
85 frequentie Bij wie kon jij je verhaal kwijt? wel niet 85
86 frequentie Spreiding antwoorden: In hoeverre heeft het jou geholpen om je verhaal kwijt te kunnen bij: (alleen de MK's die hun verhaal wel kwijt konden) Je ouders Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school [Schaal: 1:heel slecht, 2: slecht, 3:neutraal, 4: goed, 5:heel goed] 86
87 verticale schaal: 5: heel goed, 4: goed, 3: neutraal, 2: slecht, 1: heel slecht gemiddelde beoordeling: In hoeverre heeft het jou geholpen om je verhaal kwijt te kunnen bij: (alleen de MK's die hun verhaal wel kwijt konden) 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 We hebben de MK s gevraagd bij wie ze hun verhaal kwijt konden en in hoeverre hun dit daadwerkelijk geholpen heeft. Meer dan 75% van de MK s kon hun verhaal kwijt bij de ouders, andere familieleden, vrienden en andere MK s. Meer dan de helft van de MK s kon hun verhaal kwijt bij iemand van school. Bij iemand van de zendingsorganisatie, TFC, kerk en bij de jeugdleider kon meer dan de helft van de MK s hun verhaal niet kwijt. 87
88 De MK s die hun verhaal kwijt konden hebben aangegeven in hoeverre hun dit geholpen heeft. De MK s zeggen dat het hen goed geholpen heeft om hun verhaal kwijt te kunnen bij: de ouders, vrienden en ander MK s. In hoeverre het de MK s geholpen heeft om hun verhaal te vertellen bij de andere familieleden, een jeugdleider en iemand van de school, is de beoordeling van de MK s dat dit niet slecht/ niet goed geholpen heeft. Het heeft de MK s slecht geholpen om hun verhaal te doen bij de zendingsorganisatie, TFC, en de kerk. Als we kijken naar de norm van 3.2 dan heeft het de MK s alleen geholpen om hun verhaal kwijt te kunnen bij: De ouders en andere familieleden, vrienden en andere MK s 17: Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? Bijvoorbeeld over hoe iets in Nederland werkt, wat de mode is, wat gewoon is in Nederland. ed. En in hoe verre heeft dit jou geholpen? heel slecht slecht neutraal goed heel goed totaal: Kon niet terecht met mijn vragen Je ouders Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school
89 Uitgedrukt in percentages niet terecht met vragen: wel terecht met vragen gemiddelde beoordeling, wel terecht met vragen: Je ouders 13,64% 86,36% 3,54 goed Andere familieleden 19,70% 80,30% 3,55 goed Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie 63,24% 36,76% 1,76 slecht 67,69% 32,31% 1,86 slecht Iemand van de kerk 54,55% 45,45% 2,43 slecht Een jeugdleider 54,41% 45,59% 2,48 slecht Vrienden 18,18% 81,82% 3,67 goed Andere MK's 36,23% 63,77% 2,93 neutraal Iemand van school 39,39% 60,61% 3,10 neutraal 89
90 frequentie Bij wie kon jij je terecht met vragen? (Bijvoorbeeld over hoe iets in Nederland werkt, wat de mode is, wat gewoon is in Nederland, e.d. En in hoe verre heeft dit jou geholpen?) wel niet 90
91 frequentie Spreiding antwoorden: In hoeverre heeft het jou geholpen om je vragen te stellen bij: (alleen de MK's die hun vragen wel konden stellen) Je ouders Andere familieleden Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie Iemand van de kerk Een jeugdleider Vrienden Andere MK's Iemand van school [Schaal: 1:heel slecht, 2: slecht, 3:neutraal, 4: goed, 5:heel goed] 91
92 verticale schaal: 5: heel goed, 4: goed, 3: neutraal, 2: slecht, 1: heel slecht 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 gemiddelde beoordeling: In hoeverre heeft het jou geholpen om je vragen te stellen aan: (alleen de MK's wel hun vragen konden stellen) Op de vraag of de MK s terecht konden met hun vragen, antwoordde meer dan ¾ van de MK s dat ze wel terecht konden bij: de ouders, andere familieleden en bij vrienden. Meer dan de helft antwoordde dat ze terecht konden met hun vragen bij: andere MK s en iemand van school. Het merendeel van de MK s kon niet met hun vragen terecht bij: iemand van de zendingsorganisatie?, kerk, TFC, school en bij de jeugdleider. 92
93 Als de MK s wel terecht konden met hun vragen, dan heeft het hen gemiddeld gezien goed geholpen om hun vragen te stellen aan: hun ouders, andere familieleden en aan de vrienden. Als ze hun vragen kwijt konden bij iemand van school, of bij andere MK s, dan heeft dit de MK s gemiddeld niet goed/ niet slecht geholpen. Vragen stellen aan de zendingsorganisatie, TFC, kerk en jeugdleider heeft de MK s gemiddeld slecht geholpen. Als we naar de norm van 3.2 kijken dan heeft het de MK s alleen geholpen om aan hun ouders, andere familieleden en aan hun vrienden vragen te stellen. 93
94 18: Over welke thema s had je graag met iemand gesproken of heb je gesproken, toen je net (max. 2 jaar) terug was in Nederland? wel aangevinkt niet aangevinkt totaal: procent wel aangevinkt: Waar hoor ik thuis? ,38% Wie ben ik? ,46% Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid ,69% Sombere gevoelens ,15% Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe ,69% studie of beroep. Moeite met de normen en waarden van Nederland ,00% Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc ,77% Vragen over en aan God ,85% Stress ,62% Angstige gevoelens ,46% Boosheid ,69% Schuldgevoelens ,38% Seksualiteit ,77% Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels e.d ,00% Genotsmiddelen: alcohol en drugs ,54% Aansluiting bij leeftijdsgenoten ,38% Moeite met het leggen van nieuwe contacten ,08% Aansluiting bij het schoolsysteem ,08% Taalproblemen ,85% Anders ,62% Anders ,08% Anders 1: Waarom drop soms zout is en soms zoet. Hoe werkt het openbaar vervoer? (bvb treinkaartje aan verkeerde kant gestempeld, stond namelijk z.o.z. op... Resultaat=boze conducteur) Financien Anders 2: Waarom mannen nog steeds fertiel zijn in Nederland terwijl ze de hele dag fietsen. Van studie/universiteit veranderen, hoe doe ik dat? Wat is het beste voor mij? 94
95 over welke thema s had je graag met iemand gesproken of heb je gesproken, toen je net (max. 2 jaar) terug was in Nederland? Anders 2 Anders 1 Taalproblemen Aansluiting bij het schoolsysteem Moeite met het leggen van nieuwe contacten Aansluiting bij leeftijdsgenoten Genotsmiddelen: alcohol en drugs Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels e.d. Seksualiteit Schuldgevoelens Boosheid Angstige gevoelens Stress Vragen over en aan God Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Moeite met de normen en waarden van Nederland Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met Sombere gevoelens Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Wie ben ik? Waar hoor ik thuis? wel aangevinkt niet aangevinkt aantal MK's We hebben de MK s gevraagd over welke thema s ze graag met iemand hadden gesproken of een gesprek hebben gehad. Het thema waarover 71% van de MK s graag had gesproken of heeft gesproken is: het missen van het gastland. Bij 68% speelde het thema: alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid.een ander groot thema is: Moeite met de normen en waarden van Nederland wat 60% van de MK s heeft ingevuld. Het 4 e grote thema is de vraag: waar hoor ik thuis. Daarover heeft 55% van de MK s met iemand gesproken, of hadden ze graag met iemand over gesproken. 55% van de MK s had ook graag gesproken, of heeft gesprekken gehad over het thema: aansluiting met leeftijdsgenootjes. 95
96 Meer dan 40% van de MK s had graag gesproken, of heeft gesprekken gehad over de thema s: sombere gevoelens en moeite met het leggen van nieuwe contacten. De thema s waarover minder dan 16% van de MK s had willen spreken, of gesprekken over heeft gehad, zijn de thema s: genotsmiddelen, seksualiteit, taalproblemen en schuldgevoelens. 19: Wat heeft jou geholpen bij de re-entry? Of, wat is niet gebeurd, maar zou je geholpen hebben als het wel gebeurd was. [Vul per vraag de 1e of de 2e kolom in] helemaal niet geholpen niet geholpen neutraal wel geholpen heel erg goed geholpen totaal: zou mij niet geholpen hebben neutraal zou mij wel geholpen hebben totaal: Contact met andere MK's Literatuur over MK's Retraite in een retraitecentrum voor zendingswerkers (bijv. Le Rucher in Frankrijk) Gesprekken met zendingsorganisatie/ TFC/ kerk Dat mijn ouders er voor mij waren Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar Foto's van belangrijke plaatsen en mensen in het gastland. Meegenomen souvenirs en andere voor mij belangrijke dingen uit het gastland Contact met bekenden/vrienden in Nederland, vóór vertrek naar Nederland Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal
97 vrienden/ bekenden had Dat ik in het gastland op de hoogte werd gehouden van de gewoonten en gebruiken in Nederland (Bijv. over nieuwe ontwikkelingen, mode, muziek, films e.d.) Dat ik opgevangen werd door kerk Dat ik mij welkom voelde in de jeugdgroep van de kerk Dat de school mij goed opving Bidden en Bijbel lezen Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool Nieuwe vrienden Professionele hulp Contact met andere MK's 3,73 gemiddelde beoordeling, geholpen(5): wel geholpen Gemiddelde beoordeling: als gebeurd was(3). 2,39 neutraal Literatuur over MK's 3,06 neutraal 2,03 neutraal Retraite in een retraitecentrum voor zendingswerkers (bijv. Le Rucher in Frankrijk) Gesprekken met zendingsorganisatie/ TFC/ kerk Dat mijn ouders er voor mij waren 3,63 wel geholpen 2,00 neutraal 3,14 neutraal 1,81 neutraal 4,39 wel geholpen 2,50 zou mij wel geholpen 97
98 Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar Foto's van belangrijke plaatsen en mensen in het gastland. Meegenomen souvenirs en andere voor mij belangrijke dingen uit het gastland Contact met bekenden/vrienden in Nederland, vóór vertrek naar Nederland Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden/ bekenden had Dat ik in het gastland op de hoogte werd gehouden van de gewoonten en gebruiken in Nederland (Bijv. over nieuwe ontwikkelingen, mode, muziek, films e.d.) Dat ik opgevangen werd door kerk Dat ik mij welkom voelde in de jeugdgroep van de kerk 3,79 3,55 3,57 wel geholpen wel geholpen wel geholpen 2,71 hebben zou mij wel geholpen hebben 2,26 neutraal 2,08 neutraal 3,41 neutraal 2,32 neutraal 3,59 Dat de school mij goed opving 3,53 Bidden en bijbel lezen 3,88 Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool wel geholpen 2,76 zou mij wel geholpen hebben 3,13 neutraal 2,00 neutraal 3,14 neutraal 2,40 neutraal 3,45 neutraal 2,67 4,33 Nieuwe vrienden 3,92 wel geholpen wel geholpen wel geholpen wel geholpen zou mij wel geholpen hebben 2,23 neutraal 2,11 neutraal 2,28 neutraal 2,74 zou mij wel geholpen hebben Professionele hulp 3,05 neutraal 2,00 neutraal 98
99 Wat heeft jou geholpen bij de re-entry? Of, wat is niet gebeurd, maar zou je geholpen hebben als het wel gebeurd was. Gemiddelde beoordeling; als gebeurd was. Gemiddelde beoordeling: geholpen (op 3 schaal) Professionele hulp Nieuwe vrienden Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool Bidden en bijbel lezen Dat de school mij goed opving Dat ik mij welkom voelde in de jeugdgroep van de kerk Dat ik opgevangen werd door kerk Dat ik in het gastland op de hoogte werd gehouden van de gewoonten en gebruiken in Nederland (Bijv. over nieuwe ontwikkelingen, mode, muziek, films e.d.) Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden/ bekenden had Contact met bekenden/vrienden in Nederland, vóór vertrek naar Nederland Meegenomen souvenirs en andere voor mij belangrijke dingen uit het gastland Foto's van belangrijke plaatsen en mensen in het gastland. Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar Dat mijn ouders er voor mij waren Gesprekken met zendingsorganisatie/ TGS/ kerk Retraite in een retraitecentrum voor zendingswerkers (bijv. Le Rucher in Frankrijk) Literatuur over MK's Contact met andere MK's 0,00 0,50 1,00 1,50 2,00 2,50 3,00 schaal: 1:niet geholpen, 2: neutraal, 3: wel geholpen 99
100 We hebben de MK s gevraagd wat hen heeft geholpen bij de re-entry, of wat hun geholpen zou hebben als het wel gebeurd was. Een MK kan namelijk terugkijken en denken: Dit heb ik toen niet gedaan of heb ik toen de mogelijkheid niet voor gehad, maar het zou mij waarschijnlijk wel geholpen hebben als ik het wel had gedaan. Opvallend bij deze vraag is dat de MK s van alle punten zeggen, dat dit hun niet/wel geholpen heeft, of geholpen zou hebben. Of dat het daadwerkelijk geholpen heeft, of geholpen zou hebben. Er is dus geen enkel punt waarvan de MK s zeggen dat het hen niet geholpen zou hebben, of hen niet heeft geholpen. Punten die de MK s hebben geholpen bij de re-entry of die geholpen zouden hebben als het gebeurd was, zijn: Dat mijn ouders er voor mij waren Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden/ bekenden had Nieuwe vrienden Punten waarvan de MK s zeggen dat het hen wel geholpen had bij de re-entry, maar als het niet gebeurd was het zowel niet als wel heeft geholpen Contact met andere MK s Retraite in een retraitecentrum voor zendingswerkers Foto s van belangrijke plaatsen en mensen in het gastland Meegenomen souvenirs en andere voor mij belangrijke dingen uit het gastland. Dat de school mij goed opving Bidden en Bijbel lezen Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool. Punten waarvan de MK s zeiden, dat het hun zowel niet goed als niet slecht heeft geholpen. Maar waarvan de MK s zeiden dat als het gebeurd was het hen geholpen zou hebben bij de re-entry zijn: Dat ik mij welkom voelde in de kerk Punten waarvan de MK s zeiden dat als het wel gebeurd was, het zowel niet als wel heeft geholpen. En waarvan de MK s zeggen dat het niet gebeurd was, maar als het wel gebeurd was hen zowel niet als wel geholpen zou kunnen hebben: Literatuur over de MK s Gesprekken met de zendingsorganisatie/ TFC/kerk Contacten met bekenden/ vrienden in Nederland, voor vertrek naar Nederland Dat ik in het gastland op de hoogte werd gehouden van de gewoonten en gebruiken in Nederland (bijv. over nieuwe ontwikkelingen, mode muziek, films e.d.) Dat ik opgevangen werd door de kerk. Professionele hulp. 100
101 De top 5 punten die de MK s hebben geholpen bij de re-entry: 5. Dat mijn ouders er voor mij waren 6. Dat ik via internet contact kan houden met mensen uit het gastland/ kostschool 7. Nieuwe vrienden 8. Bidden en Bijbel lezen 9. Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar De top 5 punten van het geen wat niet gebeurd was, maar wat de MK s wel geholpen zou hebben als het wel gebeurd was: - Dat ik bij terugkomst naar Nederland al een aantal vrienden/ bekenden had - Nieuwe vrienden - Bewust afscheid genomen van het gastland en de mensen, dieren, plaatsen e.d. daar - Dat ik mij welkom voelde in de jeugdgroep van de kerk - Dat mijn ouders er voor mij waren 20: In hoeverre ben je het eens met de volgende stellingen? Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op helemaal mee oneens oneens neutraal mee eens helemaal mee eens totaal: Ik voelde mij thuis in de kerk Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God Ik had behoefte aan contact met andere MK s Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan
102 professionele hulp Gemiddelde beoordeling: eens met stelling Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op 2,19 oneens Ik voelde mij thuis in de kerk 2,33 oneens Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God Ik had behoefte aan contact met andere MK s Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan professionele hulp 2,71 neutraal 1,84 oneens 2,83 neutraal 3,47 neutraal 2,16 oneens 102
103 frequentie Spreiding antwoorden: In hoeverre ben je het eens met de volgende stellingen? Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op Ik voelde mij thuis in de kerk Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God Ik had behoefte aan contact met andere MK s Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan professionele hulp [Schaal: 1: helemaal oneens, 2: oneens, 3:neutraal, 4: mee eens 5:helemaal eens] 103
104 verticale schaal: 5: helemaal mee eens, 4: eens, 3: neutraal, 2: oneens, 1: helemaal mee oneens 5,00 4,50 4,00 3,50 3,00 2,50 2,00 1,50 1,00 0,50 0,00 Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op gemiddelde beoordeling: eens met stellingen Ik voelde mij thuis in de kerk Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt We hebben de Mk s enkele stellingen voorgelegd. Ze waren het met geen van de 5 stellingen eens. Gemiddeld waren de MK s het met de volgende stellingen oneens: Op de jeugdgroep kon ik mijn verhaal kwijt Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan professionele hulp Bij terugkomst in Nederland ving de kerk mij goed op Ik voelde mij thuis in de kerk De volgende stellingen werden gemiddeld door de MK s met neutraal beantwoord: Ik voelde me welkom op de jeugdgroep Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God- Ik had behoefte aan contact met andere MK s Als je kijkt naar de norm van 3.2 dan waren MK s het er vooral met de stelling eens: Ik had bij terugkomst veel vragen aan/ over God Ik had behoefte aan contact met andere MK s Toen ik net terug was in Nederland had ik behoefte aan professionele hulp 104
105 Ik had behoefte aan contact met andere MK s Vragen naast elkaar gelegd Vraag 8 en 10: 8: Door wie ben je voorbereid, en waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland? 10: Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? vertrek terugkomst vertrek terugkomst vertrek terugkomst vertrek terugkomst vertrek terugkomst vertrek terugkomst vertrek terugkomst geen voorbereiding : berekend over totaal MK's oud genoeg voor voorbereiding Geen voorbereiding Gesprekken over vertrek+ buitenland Gesprekken over de reentry Taal - cursus Cursus Nederlands Info over Buitenland Info over Nederland Info over school in buitenland Info over school in Nederland Literatuur over: MK's/ TCK's Literatuur over reentry Ander s Anders Door je ouders 9,68% 11,43% 38,57% 71,43% 7,14% 11,43% 17,14% 25,71% 12,86% 44,29% 2,86% 15,71% 1,43% 10,00% Door de zendingsorganisatie 71,43% 80,00% 2,86% 8,57% 1,43% 1,43% 1,43% 0,00% 0,00% 0,00% 1,43% 2,86% 0,00% 2,86% Door de thuisfrontcommissie 69,23% 80,00% 2,86% 4,29% 1,43% 0,00% 0,00% 2,86% 0,00% 1,43% 0,00% 1,43% 1,43% 2,86% Door de kerk 69,23% 82,86% 1,43% 2,86% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 1,43% 4,29% Door de school in het buitenland 51,43% 28,57% 7,14% 5,71% 4,29% 10,00% 5,71% 105
106 vertrek terugkom st vertrek terugkom st vertrek terugkom st vertrek terugkom st vertrek terugkom st vertrek terugkom st vertrek terugkom st Waaruit bestond de voorbereiding op het vertrek naar het buitenland/ terug keer naar Nederland (door wie ben je voorbereid?) Door de school in het buitenland Door de kerk Door de thuisfrontcommissie Door de zendingsorganisatie Door je ouders Anders Anders Literatuur over re-entry Literatuur over: MK's/ TCK's Info over school in Nederland Info over school in buitenland Info over Nederland Info over Buitenland Cursus Nederlands Taal - cursus Gesprekken over de re-entry Gesprekken over vertrek+ buitenland Geen voorbereiding We hebben verschillende vragen naast elkaar gelegd om met elkaar te vergelijken. (Ik was te jong) geen voorbereiding 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% 106
107 We hebben verschillende vragen naast elkaar gelegd/ gecombineerd om te vergelijken. Deze 2 vragen gaan beiden over waaruit de voorbereiding bestond. Vraag 8 gaat over de voorbereiding op het vertrek naar het buitland, en vraag 10 over de terugkomst naar Nederland. Hieronder zullen wij vooral opvallende verschillen benoemen. Mocht iets niets genoemd worden, dan zit er niet veel verschil tussen de voorbereiding bij het vertrek naar het buitenland en de voorbereiding op de terugkomst in Nederland. De meeste punten waarop veel verschil te bemerken is, komt doordat de MK s bij het vertrek naar het buitenland te jong waren om begeleid te worden. Ongeveer evenveel MK s zijn bij het vertrek en bij de terugkomst niet voorbereid door de: zendingsorganisatie, TFC, en de kerk. Er zijn bij de terugkomst naar Nederland opvallend meer MK s voorbereid, dan bij het vertrek uit Nederland. Veel meer MK s hebben gesprekken gehad met hun ouders bij de terugkeer naar Nederland, dan bij het vertrek naar het buitenland. Bij de terugkomst naar Nederland hebben meer MK s informatie ontvangen over het schoolsysteem in Nederland, dan dat ze ontvangen hebben bij het vertrek naar het buitenland. Bij de terugkomst hebben meer jongeren literatuur gekregen over de re-entry, dan dat ze bij het vertrek aan literatuur hebben gekregen over MK s/ TCK s. Technisch gezien zijn de MK s over het algemeen beter voorbereid op de terugkeer naar Nederland, dan bij het vertrek naar het buitenland. Een reden hiervoor is dat veel MK s te jong waren om voorbereid te worden op het vertrek naar het buitenland. 107
108 Vraag 10 en vraag 11 naast elkaar gelegd 10: Eenmaal in het buitenland: Waaruit bestond de voorbereiding op de (terug)keer naar Nederland? 11: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? Geen voorbereiding Wel voorbereid Gemiddelde beoordeling: wel/niet voorbereid Door je ouders 11,43% 88,57% 3,78 goed Door de zendingsorganisatie Door de thuisfrontcommissie Door de school in het buitenland Door de kerk in Nederland 80,00% 20,00% 2,18 slecht 80,00% 20,00% 2,09 slecht 51,43% 48,57% 2,53 neutraal 82,86% 17,14% 1,97 slecht Bij vraag 10 konden de MK s aangeven of ze waren voorbereid op de (terug)keer naar Nederland. En bij vraag 11 konden ze hierover aangeven in hoeverre ze deze begeleiding hebben gewaardeerd. De MK s die zowel niet als wel begeleid zijn konden hun waardering geven voor deze begeleiding. Uit deze tabel kan worden opgemaakt dat als de desbetreffende organisatie/ persoon de MK s niet begeleid heeft, deze vervolgens ook laag scoort op de gemiddelde beoordeling van de MK. 108
109 Tussen vraag 12 en 13: 12: Toen je net terug was in Nederland: hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw re-entry 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? Iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij Iemand van de zendingsorganisatie zonder je ouders erbij gemiddeld aantal gesprekken gemiddelde beoordeling: wel begeleid 1,22 nooit 2,67 neutraal 1,22 nooit 2,47 slecht Iemand van de thuisfrontcommissie 1,28 nooit 2,47 slecht Iemand van de kerk 1,64 eenmalig 2,52 neutraal Iemand van de school in Nederland 1,67 eenmalig 3,24 neutraal Ouders 2,93 regelmatig 3,88 goed Bij vraag 12 hebben we gevraagd hoeveel gesprekken ze hebben gehad met een organisatie/ persoon. En bij vraag 13 konden ze hierover hun waardering geven. We kunnen hieruit opmaken dat als er geen/ weinig gesprekken zijn gevoerd met de desbetreffende organisatie/ personen, dat deze dan vervolgens laag scoren bij de gemiddelde beoordeling. Een uitzonder hierop is: iemand van de zendingsorganisatie met je ouders erbij. Gemiddeld hebben de MK s nooit gesprekken gehad, toch waarden ze de begeleiding gemiddeld als: neutraal. 109
110 Tussen vraag 9, 11, 12 en 13 9: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? 11: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? 12: Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad, die te maken hadden met jouw re-entry. 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? : Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? 11:Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? 12: Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw re-entry. 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? geen voorbereiding: berekend over totaal MK's oud genoeg voor voorbereiding gemiddelde beoordeling: wel voorbereid (5) gemiddelde beoordeling(5) gemiddeld aantal gesprekken (4) niet begeleid gemiddelde beoordeling: wel begeleid (5) Ouders 9,68% 3,93 3,78 2,93 14,29% 3,88 Zendingsorganisatie 71,43% 2,60 2,18 1,22 83,27% 2,57 Thuisfrontcommissie 69,23% 2,33 2,09 1,28 76,39% 2,47 Kerk 69,23% 2,21 1,97 1,64 67,61% 2,52 School in het buitenland 2,53 School in Nederland 1,67 58,57% 3,24 110
111 9: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? geen voorbereiding: berekend over totaal MK's oud genoeg voor voorbereiding 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? niet begeleid Ouders 9,68% 14,29% Zendingsorganisatie 71,43% 83,27% Thuisfrontcommissie 69,23% 76,39% Kerk 69,23% 67,61% School in het buitenland 0,00% 0,00% school in Nederland 0,00% 58,57% 9: Heeft de voorbereiding op het vertrek naar/ wonen in het buitenland jou geholpen? Ik was te jong/ niet begeleid gemiddelde beoordeling: wel voorbereid 11: Hoe heb je de voorbereiding op de (terug) keer naar Nederland ervaren? gemiddelde beoordeling 12: Toen je net terug was in Nederland; hoe vaak heb je toen gesprekken gehad die te maken hadden met jouw reentry. gemiddeld aantal gesprekken (4) 13: Hoe waardeer je de begeleiding die je hebt gehad bij terugkomst in Nederland? niet begeleid gemiddelde beoordeling: wel begeleid (5) Ouders 60,00% goed goed regelmatig 14,29% goed Zendingsorganisatie 88,57% neutraal slecht nooit 83,27% neutraal Thuisfrontcommissie 88,57% slecht slecht nooit 76,39% slecht Kerk 88,57% slecht slecht eenmalig 67,61% neutraal School in het buitenland 0,00% neutraal school in Nederland 0,00% eenmalig 58,57% neutraal 111
112 Deze vragen hebben we naast elkaar gelegd om te kijken hoe de begeleiding van organisaties / personen over het algemeen werden gewaardeerd door de MK s. Hieruit valt te lezen dat de MK s positief zijn over de begeleiding door hun ouders. Deze beoordelen ze altijd met: goed. De MK s hebben een neutrale kijk op de begeleiding door hun school, het gaat hierbij zowel om de school in het buitenland als de school in Nederland. De begeleiding door de zendingsorganisatie krijgt van de MK s 2 keer de beoordeling neutraal, en 1 keer slecht. De begeleiding door de kerk wordt slechter beoordeeld door de MK s dan de zendingsorganisatie. Deze krijgt van de MK s, 2 keer de beoordeling slecht, en 1 keer neutraal. De begeleiding van organisatie die het negatiefs wordt beoordeeld door de MK s is de TFC. Deze krijgt van de MK s gemiddeld gezien altijd het oordeel: slecht. 112
113 Vergelijking vraag 14, 15, 16 en 17 14: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? 15: Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? 16: Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen? 17: Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? gemiddelde beoordeling: behoefte om vragen te stellen/ verhaal kwijt te kunnen: 14: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? gemiddelde beoordeling: behoefte voor vragen/ verhaal (5) 15:Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? gemiddelde: verwachting terecht: (1=nee/2=ja) 16:Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen? percentage: kon niet verhaal kwijt gemiddelde beoordeling: kon wel verhaal kwijt (5) 17: Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? En in hoeverre heeft dit jou geholpen? percentage: kon niet terecht met vragen gemiddelde beoordeling: wel terecht(5) Je ouders 3,61 1,96 3,08% 4,00 13,64% 3,54 Andere familieleden 2,71 1,71 22,39% 3,27 19,70% 3,55 Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie 1,67 1,26 63,77% 2,32 63,24% 1,76 1,44 1,19 67,65% 2,14 67,69% 1,86 Iemand van de kerk 1,97 1,42 51,47% 2,45 54,55% 2,43 Een jeugdleider 2,35 1,49 51,47% 2,79 54,41% 2,48 Vrienden 3,74 1,75 10,61% 3,68 18,18% 3,67 Andere MK's 3,65 1,81 13,85% 3,86 36,23% 2,93 Iemand van school 2,45 1,38 38,89% 2,50 39,39% 3,10 113
114 gemiddelde beoordeling: behoefte om vragen te stellen/ verhaal kwijt te kunnen: 14: In hoeverre had je behoefte om je verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen aan onderstaande personen? gemiddelde beoordeling: behoefte voor vragen/ verhaal (5) 15:Bij wie verwachtte je dat je terecht kon met vragen of je verhaal? gemiddelde: verwachting terecht: (1=nee/2=ja) 16:Bij wie kon jij je verhaal kwijt en in hoeverre heeft het jou geholpen? percentage: kon niet verhaal kwijt gemiddelde beoordeling: kon wel verhaal kwijt (5) 17: Had je iemand bij wie je terecht kon met vragen? En in hoeverre heeft dit jou geholpen? percentage: kon niet terecht met vragen gemiddelde beoordeling: wel terecht(5) Je ouders behoefte wel 3,08% goed 13,64% goed Andere familieleden neutraal wel 22,39% neutraal 19,70% goed Iemand van de zendingsorganisatie Iemand van de thuisfrontcommissie weinig behoefte niet 63,77% slecht 63,24% slecht helemaal geen behoefte niet 67,65% slecht 67,69% slecht Iemand van de kerk weinig behoefte niet 51,47% slecht 54,55% slecht Een jeugdleider weinig behoefte wel 51,47% neutraal 54,41% slecht Vrienden behoefte wel 10,61% goed 18,18% goed Andere MK's behoefte wel 13,85% goed 36,23% neutraal Iemand van school weinig behoefte niet 38,89% neutraal 39,39% neutraal Deze vragen gaan over waar de MK s terecht konden met hun vragen of hun verhaal. Hierbij gaat het om de behoefte, de verwachting, en waar ze daadwerkelijk terecht konden met hun vragen en met hun verhaal. Hieruit valt o.a. op te maken dat over het algemeen de behoefte, verwachtingspatronen, en waar ze daadwerkelijk terecht konden, dicht bij elkaar liggen. Per groep zullen we dit kort doornemen. We kijken hierbij naar wat de MK s gemiddeld hebben beantwoord. 114
115 Ouders De MK s hadden behoefte om bij hun ouders terecht te kunnen met hun vragen, of verhaal. Ze verwachtten ook dat ze bij hun ouders terecht konden. Aan deze verwachting is voldaan, verreweg het grootste gedeelte van de MK's kon bij de ouders terecht. De beoordeling van de MK s over in hoeverre dit geholpen heeft is: goed. Andere familieleden De MK s hadden gemiddeld niet behoefte/ behoefte om aan andere familieleden hun vragen te stellen of hun verhaal te vertellen. Ze verwachtten dat ze wel terecht konden bij hun familieleden. Aan deze verwachting is voldaan, verreweg de meeste MK s konden bij familieleden terecht met hun vragen/ verhaal. Als we het hebben over in hoeverre dit geholpen heeft, dan heeft het hen goed/slecht geholpen om hun verhaal kwijt te kunnen bij de familieleden. Het heeft hen echter goed geholpen om hun vragen te stellen aan de familieleden. Iemand van de zendingsorganisatie De MK s hadden weinig behoefte om hun verhaal kwijt te kunnen/ vragen te stellen aan de iemand van de Zendingsorganisatie. Ze verwachten niet dat ze bij iemand van de zendingsorganisatie hun verhaal kwijt kunnen, of vragen kunnen stellen. Dit klopt aangezien meer dan de helft van de MK s hun vragen/ verhaal niet kwijt kon bij de zendingsorganisatie. Degenen die wel hun verhaal kwijt konden en/ of hun vragen konden stellen aan iemand van de zendingsorganisatie, zeggen dat dit hen slecht geholpen heeft. Iemand van de TFC De MK s hadden gemiddeld helemaal geen behoefte om iemand van de TFC vragen te stellen, of om bij iemand van de TFC hun verhaal kwijt te kunnen. Ze verwachtten dat ze ook niet terecht konden bij iemand van de TFC. Meer dan de helft van de MK s kon hierook niet voor terecht bij de TFC. Als ze wel bij de TFC terecht konden dan heeft hen dat slecht geholpen. Iemand van de Kerk De MK s hadden weinig behoefte om bij iemand van de kerk hun verhaal kwijt te kunnen, of vragen te stellen. Ze verwachtten gemiddeld ook dat ze niet terecht konden bij iemand van de kerk. Net iets meer dan de helft van de MK s kon ook daadwerkelijk niet bij de kerk terecht met hun vragen of verhaal. Als ze wel bij de kerk terecht konden, zeggen ze dat dit hen slecht geholpen heeft. 115
116 Een jeugdleider De MK's hadden gemiddeld gezien weinig behoefte om bij een jeugdleider hun verhaal kwijt te kunnen, of om aan de jeugdleider vragen te stellen. Net iets meer dan de helft van de MK's verwachtte dat ze wel terecht konden bij een jeugdleider. Net iets meer dan de helft van de MK's kon ook daadwerkelijk terecht bij de jeugdleider. Degenen die terecht konden met hun verhaal, hebben deze hulp als neutraal beoordeeld. Ze zeggen dus dat het hen niet geholpen/wel geholpen (of: geholpen/niet geholpen) heeft. Als ze bij de jeugdleider terecht konden met hun vragen, heeft dat de MK s slecht geholpen. Vrienden De MK s hadden behoefte om aan hun vrienden hun vragen te stellen en/ of hun verhaal kwijt te doen. De MK s verwachtten dat ze hiervoor terecht koen bij hun vrienden. Het overgrote merendeel van de MK s kon hier ook daadwerkelijk voor terecht bij vrienden. Voor zowel het vragen stellen als hun verhaal kwijt kunnen, geldt dat het de MK s goed geholpen heeft om hierover met hun vrienden te spreken. Andere MK s Gemiddeld hebben de meeste MK s behoefte om aan andere MK s hun verhaal kwijt te kunen, of aan hen hun vragen te stellen. Ze verwachten ook dat ze hiervoor bij andere MK s terecht kunnen. Aan deze verwachting wordt voldaan. Het grootste gedeelte van de MK s kan terecht bij andere MK s. Hun verhaal vertellen aan andere MK s, heeft hen gemiddeld gezien goed geholpen. Als ze hun vragen gingen stellen aan andere MK s, heeft hen dat gemiddeld niet/wel geholpen. Iemand van school De MK s hadden weinig behoefte om hun verhaal kwijt te kunnen, of hun vragen te stellen aan iemand van school. Ze verwachtten dat ze hiervoor niet terecht konden bij iemand van school. Aan deze verwachting werd voldaan, het merendeel van de MK s kon hiervoor niet terecht bij iemand van school. Voor de paar MK s die wel terecht konden met hun vragen/ hun verhaal, hebben de MK s gemiddeld gezien niet/ wel geholpen. Als we kijken naar het verschil tussen het kwijt kunnen van hun verhaal en het kunnen stellen van vragen, zien we dat hier weinig verschil tussen zit. Er zijn twee verschillen. Als we kijken naar de ouders, dan kunnen MK s vaker met hun verhaal bij hun ouders terecht, dan met hun vragen. Dit is ook het geval bij de categorie 'andere MK s'. MK s kunnen vaker bij andere MK's met hun verhaal terecht dan met hun vragen. 116
117 Vraag 18 ingedeeld per geslacht Waar hoor ik thuis? aangevinkt percentage: aangevinkt 1: man 2: vrouw totaal: man vrouw ,46% 53,49% -15,03% Wie ben ik? ,08% 39,53% -16,46% Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Sombere gevoelens Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe studie of beroep. Moeite met de normen en waarden van Nederland Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Vragen over en aan God ,31% 69,77% -27,46% ,77% 46,51% -15,74% ,77% 48,84% -18,07% ,00% 55,81% -5,81% ,85% 67,44% -13,60% ,08% 32,56% -9,48% Stress ,54% 27,91% -16,37% Angstige gevoelens ,85% 25,58% -21,74% Boosheid ,38% 27,91% -12,52% Schuldgevoelens ,69% 16,28% -8,59% Seksualiteit ,69% 11,63% -3,94% verschil tussen man en vrouw 117
118 Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels e.d. Genotsmiddelen: alcohol en drugs Aansluiting bij leeftijdsgenoten Moeite met het leggen van nieuwe contacten Aansluiting bij het schoolsysteem ,92% 41,86% -14,94% ,85% 0,00% 3,85% ,00% 48,84% 1,16% ,08% 46,51% -23,43% ,08% 18,60% 4,47% Taalproblemen ,54% 13,95% -2,42% Anders ,85% 4,65% -0,81% Anders ,85% 2,33% 1,52% 118
119 Ingedeeld per geslacht: over welke thema s had je graag met iemand gesproken of heb je gesproken, toen je net (max. 2 jaar) terug was in Nederland? Anders 2 Anders 1 Taalproblemen Aansluiting bij het schoolsysteem Moeite met het leggen van nieuwe contacten Aansluiting bij leeftijdsgenoten Genotsmiddelen: alcohol en drugs Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels e.d. Seksualiteit Schuldgevoelens Boosheid Angstige gevoelens Stress 2: vrouw 1: man Vragen over en aan God Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Moeite met de normen en waarden van Nederland Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met Sombere gevoelens Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Wie ben ik? Waar hoor ik thuis? frequentie 119
120 We waren benieuwd of er een verschil zou zitten tussen wat mannen hadden geantwoord bij deze vraag, en wat vrouwen hadden geantwoord bij deze vraag. We hebben bij deze vraag niet gekeken naar de hoeveelheid mannen en vrouwen, maar naar het percentage mannen en vrouwen dat een bepaald antwoord had aangevinkt. Als we naar alle thema s kijken, dan zien we dat vrouwen meer thema s hebben aangevinkt dan de mannen. Dit betekent dat de vrouwelijke MK s meer over deze thema's wilden spreken dan de mannen. De top 5 van thema s waar mannen over hebben gesproken toen ze net terug waren in Nederland, of waarover ze graag hadden willen spreken bij terugkomst, zijn: - Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. - Moeite met de normen en waarden van Nederland - Aansluiting bij leeftijdsgenoten - Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid - Waar hoor ik thuis? De top 5 van thema s waar vrouwen over hebben gesproken toen ze net terug waren in Nederland, of waarover ze graag hadden willen spreken bij terugkomst zijn: Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Moeite met de normen en waarden van Nederland Waar hoor ik thuis? Aansluiting bij leeftijdsgenoten/ Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe studie of beroep Zoals we zien staan in de top 5 van zowel de vrouwen als van de mannen dezelfde thema s. Als we naar de verschillen kijken tussen mannen en vrouwen, dan zien we dat de vrouwen over meer thema s willen praten. Er zijn echter een paar thema s waarover mannen meer willen praten dan vrouwen, dit zijn: aansluiting bij het schoolsysteem, genotsmiddelen en aansluiting bij leeftijdsgenootjes. Vrouwen willen veel meer dan mannen praten over: alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid, moeite met het leggen van nieuwe contacten angstige gevoelens en belangrijke keuzes maken. 120
121 Vraag 18 ingedeeld per leeftijd terug in Nederland Leeftijd voorgoed terug in Nederland: aangevinkt percentage: aangevinkt totaal: verschil tussen leeftijd terug: Waar hoor ik thuis? ,00% 53,66% -13,66% Wie ben ik? ,57% 36,59% -8,01% Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid ,71% 51,22% 14,49% Sombere gevoelens ,00% 39,02% 0,98% Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe studie of ,29% 46,34% -12,06% beroep. Moeite met de normen en waarden van Nederland ,29% 48,78% 5,51% Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc ,43% 51,22% 20,21% Vragen over en aan God ,00% 36,59% -16,59% Stress ,00% 21,95% -1,95% Angstige gevoelens ,00% 12,20% 7,80% Boosheid ,43% 17,07% 14,36% Schuldgevoelens ,71% 19,51% -13,80% Seksualiteit ,43% 7,32% 4,11% Praktische zaken: zoals kleding, muziek, tv programma s, winkels ,14% 31,71% 5,44% e.d. Genotsmiddelen: alcohol en drugs ,00% 2,44% -2,44% Aansluiting bij leeftijdsgenoten ,71% 31,71% 34,01% Moeite met het leggen van nieuwe contacten ,00% 34,15% 5,85% Aansluiting bij het schoolsysteem ,14% 21,95% -4,81% Taalproblemen ,43% 12,20% -0,77% Anders ,00% 7,32% -7,32% Anders ,00% 4,88% -4,88% 121
122 We hebben bij vraag 18 ook gekeken of bepaalde antwoorden afhankelijk zouden zijn van de leeftijd waarop de MK s teruggekomen zijn in Nederland. Daarin ontdekten we inderdaad enige verschillen. Als de MK s op jarige leeftijd zijn teruggekomen naar Nederland, dan zijn hun top 5 thema s: Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Aansluiting bij leeftijdsgenoten Moeite met de normen en waarden van Nederland Waar hoor ik thuis?/ Sombere gevoelens/ Moeite met het leggen van nieuwe contacten Als de MK s op 15 tot en met 18 jarige leeftijd zijn teruggekomen naar Nederland, dan zijn hun top 5 thema s: Waar hoor ik thuis? Missen van het gastland: mensen, dingen, levensstijl, huisdieren etc. Alleen voelen/ eenzaam zijn/ gevoel van verlatenheid Moeite met de normen en waarden van Nederland Belangrijke keuzes maken; zoals bijvoorbeeld keuzes die te maken hebben met een nieuwe studie of beroep. Hoewel de top 5 van de oudere en jongere MK s veel dezelfde thema s bevat, komen ze niet helemaal overeen. Als we kijken naar de verschillen, dan zien we dat de MK's die op 12 tot 14 jarige leeftijd terugkwamen, veel meer de thema s: aansluiting bij leeftijdsgenoten en het missen van het gastland hadden willen bespreken,, dan de MK s die op 15 tot18 jarige leeftijd terug zijn gekomen. Daarentegen willen de MK s die op 15 tot 18 jarige leeftijd terugkwamen, meer praten over: vragen over en aan God, schuldgevoelens en waar hoor ik thuis? 122
123 Naast de gesloten meerkeuze vragen die we in de enquête gesteld hebben, stelden we de volgende drie open vragen: - Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland? - Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? - Heb je nog andere opmerkingen Van de 74 MK's die de enquête ingevuld hebben, hebben er 36 MK s bij deze openvragen tips en opmerkingen opgeschreven. Hoewel het open vragen waren en de MK's hier zelf mochten weten wat ze invulden, kwamen veel antwoorden met elkaar overeen (zie onderstaande tabel). 21: Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland? Belangrijkste antwoorden van de MK's Blijf ontmoetingen tussen MK's organiseren (weekenden, ontmoetingen, activiteiten). Wees bereikbaar en heb aandacht voor de MK's die terugkomen en hun persoonlijke verhaal, geef ze individuele aandacht. Bereidt MK's+ouders goed voor op de re-entry en wat daar bij komt kijken, voordat men naar Nederland vertrekt. En informeer MK's over de uitdagingen die ze tegen kunnen komen tijdens de re-entry (dit kan ook terwijl ze al in Nederland zijn). Biedt professionele hulp aan of stimuleer het zoeken daarnaar, en stel betrouwbare vertrouwenspersonen beschikbaar. Biedt ook verschillende vormen aan van een MK-vertrouwenspersoon. Niet alleen via activiteiten en weekenden, maar ook via forum/chat/facebook/ . Maak MK's ervan bewust hoe belangrijk het is om goed en bewust afscheid te nemen van alles in het gastland voordat ze terugkeren naar Nederland. Heb speciale aandacht voor studenten die terug komen, bijvoorbeeld d.m.v. een aparte groep die met enige regelmaat bij elkaar komt. Koppel MK's aan een soort gastgezin (met name wanneer MK's alleen terugkeren naar Frequentie MK's die (ongeveer) hetzelfde antwoord gaven 10x 5x 5x 4x 3x n.v.t. n.v.t. 123
124 Nederland). Informeer TFC's en kerken en moedig hen aan een actieve rol te spelen bij de terugkeer van kinderen. Zendingsorganisaties moeten aandacht besteden aan hun MK's en aan hun terugkeer naar Nederland. Zoek een manier om ook de MK's waarvan de ouders niet bij een zendingsorganisatie horen, te bereiken. Ook zij hebben behoefte aan contact met andere MK's en dergelijke, maar worden nu vaak niet bereikt. MK's komen soms terug doordat er een conflict is tussen de ouders en de zendingsorganisatie of iets dergelijks. Het zou goed zijn als zendingsorganisaties praten met de (oudere) kinderen, want die is de situatie niet ontgaan, maar wel de details van waarom ze moesten gaan. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. 22: Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? Luister naar de MK, laat ze hun verhaal doen (in persoonlijke gesprekken, en laat ze iets vertellen in de kerk of op de jeugdgroep). Laat de MK welkom voelen, heb oog en interesse voor de MK, vang ze op (niet alleen wanneer ze net terug zijn, maar (juist) ook later. Zie er op toe dat ze een goede plek hebben gekregen in de gemeente). Help de MK aansluiting te vinden bij de jeugdgroep en zorg dat ze zich daar welkom voelen. Koppel de MK aan iemand die eventuele vragen kan beantwoorden, de MK opvangt en contact houdt met de MK, en de MK op sleeptouw neemt. Houdt contact met organisaties zoals MK-Focus en verwijs de MK daarheen. Stel een vast groepje mensen in de kerk samen (bijvoorbeeld ouders of jonge gezinnen) die zich beschikbaar stellen voor het opvangen van MK's, als een soort 'substitute family away from home'. Bereidt de jeugdgroep en de TFC voor op de MK's, en verstrek hen de nodige informatie over de n.v.t. 11x 10x 8x 6x 2x n.v.t. 124
125 MK's. Begeleidt MK's en hun ouders terwijl ze in het buitenland zijn (over wat hen te wachten staat, contacten leggen, begeleiding regelen). Koppel de identiteit van een MK niet aan dat van de ouders. Wat hun ouders zijn/doen moet niet van de MK's verwacht worden, en ze moeten vooral geen plaatsvervangers worden voor hun ouders. n.v.t. n.v.t. 23: Heb je nog andere opmerkingen? Het is belangrijk dat MK's opnieuw vrienden maken in Nederland (niet alleen met andere MK's), dit helpt bij het re-entry proces. Het is belangrijk dat de MK eenmaal terug in Nederland stappen neemt, ook al kunnen die eng zijn. Ga op voetbal of wordt deel van een (studenten)vereniging en stop extra moeite in het vinden van vrienden, ook al is alle zin tegen. Er is al best veel voor MK's, maar het lijkt alsof er door veel organisaties niet naar verwezen wordt. Fijn/goed dat er onderzoek naar gedaan wordt. 2x n.v.t. n.v.t. 5x Als je bedenkt dat de MK s individueel antwoord hebben gegeven op een vraag is het opmerkelijk, zonder daarbij een keuze te maken uit een rijtje met antwoorden, is het opmerkelijk hoeveel antwoorden overeenkomen. Hierdoor kunnen we uit de antwoorden op deze vragen enkele conclusies trekken. Heb je tips voor MK Focus en andere (zendings)organisaties in Nederland? - MK's vinden het fijn en belangrijk om contact te hebben met andere MK's. Dat ze weten dat ze niet de enige zijn die worstelen met het re-entry proces en dat ze vragen kunnen stellen aan mensen die weten wat zij doormaken. Ze vinden het fijn om de 'third culture' die zij gewend waren, bij andere MK's terug te vinden. Ze hebben behoefte aan activiteiten en ontmoetingen met andere MK's, en zijn blij met de MK weekenden. 125
126 - MK's hebben behoefte aan persoonlijke aandacht, aandacht voor hun eigen verhaal. Wel is het belangrijk dat de ander zich in kan leven in de MK en de MK begrijpt; herkenning en erkenning is het grootste hulpmiddel. Ze willen graag dat MK Focus en andere (zendings)organisaties laagdrempelig en bereikbaar zijn, en contact blijven zoeken met MK's die terugkomen. - MK's vinden een goede voorbereiding op de re-entry belangrijk. Een voorbereiding op het leven in Nederland en de manier van denken en doen, de dingen uit het dagelijkse leven. Maar ook een voorbereiding m.b.t. hoe een MK 'het beste' de periode in het gastland af kan sluiten. Dat de MK er bewust van wordt gemaakt hoe belangrijk het is om goed afscheid te nemen en bijvoorbeeld foto's, souvenirs en aandenken mee te nemen. De zendingsorganisatie, ouders of de zendingsschool zouden (eventueel d.m.v. literatuur) in het laatste jaar dat de MK in het gastland woont, aandacht kunnen besteden aan de punten waar de MK het moeilijk mee zou kunnen krijgen tijdens de reentry en in Nederland, en wat hem daarbij zou kunnen helpen. - Verschillende MK's gaven aan dat het aanbieden van professionele hulp of het stimuleren van het zoeken naar professionele hulp gewenst was. Ook het beschikbaar stellen van betrouwbare vertrouwenspersonen werd genoemd, niet alleen tijdens MK ontmoetingen, maar ook d.m.v. contact of via het internet. - Het blijkt dat bewust afscheid nemen erg belangrijk wordt gevonden. Er werd drie keer gezegd door MK's dat het belangrijk is dat MK's goed en bewust afscheid nemen. Je hebt geen grotere spijt dan later alsnog afscheid willen nemen van de wereld die jou heeft gevormd tot wie je bent. Naast de antwoorden die met elkaar overeen kwamen, werden er nog enkele andere tips en opmerkingen gegeven voor MK Focus en andere (zendings)organisaties: - Heb speciale aandacht voor studenten die terug komen, bijvoorbeeld d.m.v. een aparte groep die met enige regelmaat bij elkaar komt. - Voor sommige MK's zou het helpen als zij gekoppeld konden worden aan een soort gastgezin. Vooral wanneer MK's alleen terugkeren naar Nederland en ouders in het buitenland blijven. Op die manier is de MK toch altijd welkom en heeft hij een soort van 'familie' die hem op kan vangen. - Informeer TFC's en kerken en moedig hen aan een actieve rol te spelen bij de terugkeer van kinderen. - Zendingsorganisaties moeten aandacht besteden aan hun MK's en aan hun terugkeer naar Nederland. - Zoek een manier om ook de MK's waarvan de ouders niet bij een zendingsorganisatie horen, te bereiken. Ook zij hebben behoefte aan contact met andere MK's en dergelijke, maar worden nu vaak niet bereikt. - MK's komen soms terug doordat er een conflict is tussen de ouders en de zendingsorganisatie of iets dergelijks. Het zou goed zijn als zendingsorganisaties praten met de (oudere) kinderen, want die is de situatie niet ontgaan, maar wel de details van waarom ze moesten gaan. 126
127 Heb je tips voor kerken om MK's te helpen bij de re-entry in Nederland? - Het is interessant en opmerkelijk hoeveel MK's hier hetzelfde zeggen: Luister naar de MK, toon interesse, laat ze hun verhaal doen, zowel in persoonlijke gesprekken als bijvoorbeeld een keer in de kerk of op de jeugdgroep. MK's hebben duidelijk behoefte aan aandacht en een luisterend oor, aan iemand van de kerk die oprecht geïnteresseerd is in hun verhaal, ook wanneer zij alweer een tijdje terug zijn. - De MK's willen zich welkom voelen in de kerk. Ze roepen de kerk op, oog en interesse te hebben voor de MK, hen op te vangen en welkom te laten voelen in de kerk. Met name wanneer de MK net terug is, maar ook wanneer de MK alweer een tijdje terug is. - De MK's hebben behoefte om aansluiting te vinden en betrokken te worden bij de jeugdgroep van de kerk, en zich daar welkom te voelen. Soms kunnen ze daar wat hulp bij gebruiken. Zorg ervoor dat de jeugd- of tienerleiding weet dat de betreffende MK's net terug zijn. - De MK's hebben behoefte om gekoppeld te worden aan iemand van de kerk, die eventuele vragen van de MK kan beantwoorden, iemand die de MK opvangt en regelmatig contact heeft met de MK, en de MK in het begin op sleeptouw neemt. Dit kan iemand van de zendingscommissie zijn, een soort mentor, en/of leeftijdsgenoten van de jeugd/tienergroep. - Sommige MK's vinden het belangrijk dat kerken weet hebben van en contact hebben met organisaties als MK Focus, en zodoende hun MK's daar op kunnen wijzen. Naast de antwoorden die met elkaar overeen kwamen, werden er nog enkele andere tips en opmerkingen gegeven voor de kerken: - Iemand gaf hier bijna dezelfde tip als iemand anders voor MK Focus en andere (zendings)organisaties: Stel een vast groepje mensen in de kerk samen (bijvoorbeeld ouders of jonge gezinnen) die zich beschikbaar stellen voor het opvangen van MK's, als een soort 'substitute family away from home'. - Bereidt de jeugdgroep en de TFC voor op de MK's, en verstrek hen de nodige informatie over de MK's. - Begeleidt MK's en hun ouders terwijl ze in het buitenland zijn (over wat hen te wachten staat, contacten leggen, begeleiding regelen). - Koppel de identiteit van een MK niet aan dat van de ouders. Wat hun ouders zijn/doen moet niet van de MK's verwacht worden, en ze moeten vooral geen plaatsvervangers worden voor hun ouders. Heb je nog andere opmerkingen? Sommige MK's merkten op dat het belangrijk is dat MK's opnieuw vrienden maken in Nederland (niet alleen met andere MK's), dit helpt bij het re-entry proces. 127
128 Ook werd er gezegd dat het belangrijk is dat de MK eenmaal terug in Nederland stappen neemt, ook al kunnen die eng zijn. Ga op voetbal of wordt deel van een (studenten)vereniging en stop extra moeite in het vinden van vrienden, ook al is alle zin tegen. Iemand merkte op dat er al best veel is voor MK's, maar dat het lijkt alsof er door veel organisaties niet naar verwezen wordt. Een aantal MK's lieten weten dat ze het een leuk onderzoek vinden, en dat ze het goed vinden dat er onderzoek naar gedaan wordt. 128
129 Bijlage 3: De enquête die de zendingsorganisaties hebben ingevuld Pagina: 1 Onderzoek: begeleiding Mission Kids door zendingsorganisaties Definities: MK = Mission Kid of zendingskind Met een MK bedoelen we iemand die als kind is opgegroeid in het buitenland, omdat zijn of haar ouders daar zendelingen waren. Re-entry = Terugkeer in het land van herkomst (van de ouders) Namens Member Care Nederland doen wij, Annelies van der Ploeg en Deborah Aartsma, een onderzoek. Wij doen onderzoek naar wat er in Nederland wordt gedaan aan begeleiding van Mission Kids die 'voorgoed' terugkomen naar Nederland. Voor ons onderzoek willen wij graag weten wat uw zendingsorganisatie doet aan begeleiding van MK's bij de re-entry. Het gaat om MK's die in de leeftijd van jaar zijn teruggekomen naar Nederland. Door middel van ons onderzoek hopen wij bij te kunnen dragen aan een goede begeleiding van MK's tijdens de re-entry. Deze digitale enquête bestaat uit 9 vragen, en het kost ongeveer 2 tot 5 minuten. In september of oktober gaan we de resultaten van ons onderzoek en ons projectresultaat publiceren. We houden u hiervan op de hoogte. Alvast bedankt voor het invullen van de enquête. Pagina: 2 Onderzoek: begeleiding Mission Kids door zendingsorganisaties * = verplicht in te vullen (De rest is eigenlijk ook verplicht, maar daar kon geen sterretje bij)
130 Namens welke zendingsorganisatie vult u deze Enquête in? * 2. Zendt uw organisatie echtparen met kinderen uit naar het buitenland? * Ja Nee Extra toelichting: Wij doen onderzoek naar wat er in Nederland wordt gedaan aan begeleiding van Mission Kids die 'voorgoed' terugkomen naar Nederland. Mocht uw zendingsorganisatie geen echtparen met kinderen uitzenden, dan wordt u nu doorverwezen naar de laatste pagina van de enquête. We willen u bedanken voor de moeite die u hebt genomen om deze enquête in te vullen. Pagina: 3 3. Heeft uw zendingsorganisatie een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK's? * Ja Nee: Onze organisatie is te klein Nee: We hebben geen geschikte mensen gevonden Nee: Vinden we niet noodzakelijk Nee: Anders 4. Is jullie zendingsorganisatie bekend met de issues die bij MK s kunnen spelen (Issues als: waar is thuis, (onverwerkte) rouw, moeite met aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten)? * 130
131 Mee onbekend Enigszins mee bekend Mee bekend 5. Heeft uw zendingsorganisatie een van de volgende activiteiten, voor MK s in de leeftijd van 12 t/m 21 jaar, om hen te begeleiden bij de re-entry? Informeren van de ouders over de re-entry van hun kinderen Voorbereiding van de MK s op terugkomst naar Nederland Het aanstellen van een mentor of mentorgezin die met praktische zaken kan helpen en op wie het gezin gedurende een aantal maanden een beroep kan doen Thuisfrontcommissies informeren over de re-entry van MK s Kerken informeren over de re-entry van MKs (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst met de ouders erbij (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst zonder de ouders Contact houden met de MK s terwijl ze in Nederland wonen gedurende het eerste jaar Ontmoetingen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Weekenden organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Kampen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Anders 1 Anders 2 Geen activiteiten 6. Indien u bij vraag 5 geen activiteiten heeft ingevuld: Wat is de reden dat uw zendingsorganisatie dit niet heeft? We hebben niemand om dat te regelen Vinden we niet nodig We verwijzen de MK's hiervoor door naar een andere organisatie Anders, nl. : n.v.t. 131
132 7. Verwijst uw zendingsorganisatie MK s door naar andere instanties? Ja, naar MK Focus Ja, naar InTransit Ja, naar Member Care Ja, naar andere (zendings) organisaties, namelijk: Nee, want we hebben zelf genoeg in huis Nee, want dat vinden we niet nodig Nee, want: 8. Graag nemen wij n.a.v. deze enquête met enkele zendingsorganisaties contact op voor een kort telefonisch interview, van ongeveer een kwartier. Indien uw organisatie een contactpersoon voor MK zaken heeft, wilt u dan hieronder de naam van de contactpersoon en het telefoonnummer invullen? 9. Heeft u naar aanleiding van deze enquête nog opmerkingen? Pagina: 4 132
133 Bedankt voor het invullen van deze enquête en het meewerken aan dit onderzoek! In september of oktober gaan we de resultaten van ons onderzoek en ons projectresultaat publiceren. We houden u hiervan op de hoogte! (c) Joan van Rixtel 133
134 Bijlage 4: verwerking van de Enquête voor Zendingsorganisaties: De enquête hebben we afgenomen via ThesisTools, dat betekent dat de enquête een digitale en online enquête is. De enquête voor de zendingsorganisaties hebben we verstuurd naar de zendingsorganisaties die aangesloten zijn bij de Evangelische Zendingsalliantie (EZA) 21, en naar De Verre Naasten, de Zending Gereformeerde Gemeenten en de Gereformeerde Zendingsbond De enquête is ingevuld door 17 zendingsorganisaties, van deze 17 zendingsorganisaties vielen er 9 buiten de doelgroep, de enquête is dus uiteindelijk ingevuld door 8 zendingsorganisaties. 22 Daarnaast hebben 14 zendingsorganisaties via de mail laten weten dat ze geen MK s hebben. De enquête is via ThesisTools door ons verwerkt in Excel. We hebben vooral gewerkt met percentages en gemiddelden. 1: Namens welke zendingsorganisatie vult u deze Enquête in? 1: Namens welke zendingsorganisatie vult u deze Enquête in? hoop voor albanie New Tribes Mission Stichting Kindertehuis Horeb Brazilië Compassion Nederland MAF Nederland CAMA Stichting Leprazending Nederland Wycliffe Bijbelvertalers EZB - Evangelische Zending Brazilië Andreas Manna Stichting en Charismatische Huisgemeente Enthousia Hoogeven WEC 2: Zend uw organisatie echtparen met kinderen uit naar het buitenland Nee Ja Nee Nee Ja Ja Nee Ja Nee Nee Ja 21 De EZA heeft 120 deelnemende organisaties, we hebben alle deelnemende organisaties waarvan de contact gegevens bekend zijn een mail gestuurd, behalve degene waarvan we zeker wisten dat ze geen zendingswerkers in het buitenland hebben. We hebben uiteindelijk rond de 70 stichtingen g d. 22 Stichting Nehemia heeft de Enquête 2 keer ingevuld, we hebben dit samengevoegd tot 1 respondent. 134
135 Stichting Coming Home! Interserve Nederland Christs Hope Nederland stichting Nehemia (geen officiële zendingsorganisatie omdat wij geen zendelingen in dienst hebben. Wij functioneren als doorgeefluik van geld en info tussen thuisfront en zendingswerker. stichting Jemima Nee Ja Nee Ja Nee Operatie Mobilisatie Nederland Ja Naast de zendingsorganisaties die de enquête invult hebben zijn er meerdere organisaties geweest die ons g d hebben dat ze niet bij de doelgroep horen. Stichting Apollos Gospel recordings Nederland Mensenkinderen Open Doors Elim Trans World Radio Nederland ANDREAS MANNA STICHTING Stg. Witte Velden Word Partners Tot heil des volks Liebenzell Mission Nederlands Bijbelgenootschap Schild van Geloof Nederland Hearth for Children Dit is een onderwerp dat bij ons niet speelt. Binnen onze organisatie is re-entry van mission kids niet aan de orde. Wij hebben geen éigen zendelingen. Wij zenden geen zendelingen uit en hebben geen ervaring met MK s. Wij zenden geen mensen uit in principe zenden wij geen zendelingen uit Wij zenden geen gezinnen uit. Wij vinden het schandalig dat er gezinnen worden uitgezonden omdat het geen Bijbelse praktijk is en hele gezinnen verwoest. Tot nu toe hebben we niet te maken gehad met de terugkeer van zendelingen met kinderen in de leeftijd van jaar. Wij hebben geen ervaring met het onderwerp dat jullie onderzoeken Wij zenden geen mensen uit Wij niet mensen hebben die met kinderen gerepatrieerd zijn in de zendingsorg. Wij hebben geen zendingswerkers (met kinderen) in dienst wij als organisatie zenden geen zendelingen uit Ik heb geen ervaring met missionkids, onze veldwerker is met een Oegandese vrouw getrouwd en woont daar ook blijvend. 135
136 2: Zend uw organisatie echtparen met kinderen uit naar het buitenland? frequentie: percentage: ja 8 47,1% nee 9 52,9% totaal: Zend uw organisatie echtparen met kinderen uit naar het buitenland? ja Deze vraag was een filtervraag om te zorgen dat de mensen die deze enquête invulden, daadwerkelijk tot onze doelgroep behoorden; namelijk zendingsorganisaties die ook echtparen met kinderen uitzenden. Mocht een zendingsorganisatie in hebben gevuld dat ze geen MK s hebben, dan werd deze zendingsorganisatie doorverwezen naar het einde van de enquête. Van de zendingsorganisaties die onze enquête ingevuld hebben, zendt 47 procent ook echtparen met kinderen uit. ]23 3: Heeft uw zendingsorganisatie een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK's? nee frequentie: frequentie: frequentie: percentage Ja 4 ja: 4 57,1% Nee: Onze organisatie is te klein 1 nee: 3 42,9% Nee: We hebben geen geschikte mensen gevonden Nee: Vinden we niet noodzakelijk 0 Nee: Anders 2 0 totaal: 7 Nee: anders: - wel gehad, momenteel niet echt - Die verantwoordelijkheid ligt bij de ouders en wij willen daarin graag 23 Per enquête vraag wordt nog extra het: totaal genoemd: Dit zijn de zendingsorganisaties die de vraag hebben ingevuld.. De digitale enquête kon niet alle vragen verplicht maken, dit betekent dat het technisch gezien mogelijk was om vragen over te slaan. Sommige zendingsorganisaties hebben vragen overgeslagen, hoogstwaarschijnlijk heeft diegene dit niet bewust gedaan, maar er overheen gelezen, verkeerd gekeken, verkeerd geklikt e.d. 136
137 adviseren. - is onderdeel van de HR Manager maar geen specifieke verantwoordelijkheid - Omdat van oudsher onze stichting geen zendende organisatie is. Wij zijn van mening dat de zendingswerker zelf zijn organisatie kiest of ook niet en dan zelf bepaalt wat de begeleiding van de kinderen nodig heeft Heeft uw zendingsorganisatie een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK's? Ja Nee: Onze organisatie is te klein Nee: We hebben geen geschikte mensen gevonden Nee: Vinden we niet noodzakelijk Nee: Anders frequentie: Van de 8 zendingsorganisaties die ook echtparen met kinderen uitzenden, hebben er 7 deze vraag ingevuld. Daarvan heeft 57 procent een contactpersoon die verantwoordelijk is voor zaken die te maken hebben met MK's. 4: Is jullie zendingsorganisatie bekend met de issues die bij MK s kunnen spelen? (Issues als: waar is thuis, (onverwerkte) rouw, moeite met aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten)? frequentie: Mee onbekend 2 Enigzinds mee Bekend 2 Mee bekend 4 totaal: 8 gemiddelde bekendheid Issues(3) 2,3 Enigszins mee bekend 137
138 Is jullie zendingsorganisatie bekend met de issues die bij MK s kunnen spelen Mee onbekend Enigzinds mee Bekend Mee bekend totaal: frequentie: Van de acht zendingsorganisaties die echtparen met kinderen uitzenden, is 50 procent bekend met de issues die bij MK's kunnen spelen, 25 procent is er enigszins mee bekend, en 25 procent is niet bekend met deze issues. 138
139 5: Heeft uw zendingsorganisatie een van de volgende activiteiten, voor MK s in de leeftijd van 12 t/m 21 jaar, om hen te begeleiden bij de reentry? Informeren van de ouders over de re-entry van hun kinderen Voorbereiding van de MK s op terugkomst naar Nederland Het aanstellen van een mentor of mentorgezin die met praktische zaken kan helpen en op wie het gezin gedurende een aantal maanden een beroep kan doen Thuisfrontcommissies informeren over de re-entry van MK s Kerken informeren over de reentry van MKs (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst met de ouders erbij (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst zonder de ouders Contact houden met de MK s terwijl ze in Nederland wonen gedurende het eerste jaar Ontmoetingen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Weekenden organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Kampen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen wel aangevinkt niet aangevinkt totaal: percentage aangevinkt ,0% ,0% ,0% ,0% ,0% ,0% ,5% ,5% ,0% ,0% ,5% Anders ,0% Anders ,0% Geen activiteiten ,0% Anders 1: - Wij verwijzen altijd naar bestaande activiteiten - MAF biedt de mogelijkheden in een bredere context van re entry maar de verantwoordelijkheid ligt bij de ouders zelf - ouders doorverwijzen naar InTransit en MKFocus 139
140 Heeft uw zendingsorganisatie een van de volgende activiteiten, voor MK s in de leeftijd van 12 t/m 21 jaar, om hen te begeleiden bij de re-entry? wel aangevinkt niet aangevinkt Geen activiteiten Anders 2 Anders 1 Kampen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Weekenden organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Ontmoetingen organiseren voor de MK s die in Nederland wonen Contact houden met de MK s terwijl ze in Nederland wonen gedurende het eerste jaar (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst zonder de ouders (Debriefing)gesprekken met de MK s bij terugkomst met de ouders erbij Kerken informeren over de re-entry van MKs Thuisfrontcommissies informeren over de re-entry van MK s Het aanstellen van een mentor of mentorgezin die met praktische zaken kan helpen en op wie het gezin gedurende een aantal maanden een beroep kan doen Voorbereiding van de MK s op terugkomst naar Nederland Informeren van de ouders over de re-entry van hun kinderen
141 Van de zendingsorganisaties die echtparen met kinderen uitzenden, informeert 100% de ouders over de re-entry van hun kinderen. 25% bereidt de MK s voor op de terugkomst naar Nederland. 0% stelt een mentor of mentorgezin aan, die met praktische zaken kan helpen en op wie het gezin gedurende een aantal maanden een beroep kan doen. 100% informeert TFC's over de re-entry van MK's. 0% informeert kerken over de re-entry van MK's. 25% heeft (debriefings)gesprekken met de MK's bij terugkomst naar Nederland, met de ouders erbij. 37,5% heeft (debriefings)gesprekken met de MK's bij terugkomst naar Nederland, zonder de ouders erbij. Nogmaals 37,5% houdt contact met de MK s terwijl ze in Nederland wonen gedurende het eerste jaar. 50% organiseert ontmoetingen voor de MK's die in Nederland wonen. 0% organiseert weekenden voor de MK's die in Nederland wonen. 12,5% organiseert kampen voor de MK's die in Nederland wonen. 25% verwijst altijd door naar bestaande activiteiten, verwijst ouders door naar InTransit en MK Focus, of biedt de mogelijkheden in een bredere context van re entry maar vindt dat de verantwoordelijkheid bij de ouders zelf ligt. 0% heeft helemaal geen activiteiten voor de MK's die in Nederland wonen. 6: Indien u bij vraag 5 geen activiteiten heeft ingevuld: Wat is de reden dat uw zendingsorganisatie dit niet heeft? frequentie: totaal ingevuld: geen activiteiten (bij vraag 5) 0 frequentie: We hebben niemand om dat te regelen 1 Vinden we niet nodig 0 We verwijzen de MK's hiervoor door naar een andere organisatie Anders, nl. : 0 totaal: Wat is de reden dat uw zendingsorganisatie geen activiteiten heeft voor MK's (die terugkomen naar Ned. in de leeftijd van jaar) 1 0 We hebben niemand om dat te regelen Vinden we niet nodig We verwijzen de MK's hiervoor door naar een andere organisatie Anders, nl. : frequentie: Desondanks dat alle zendingsorganisaties bij vraag vijf activiteiten hebben ingevuld, hebben daarvan alsnog drie organisaties deze vraag beantwoord. Daaruit kwam naar voren dat één zendingsorganisatie niemand heeft om activiteiten voor MK's te regelen, en twee zendingsorganisaties verwijzen de MK's hiervoor door naar een andere organisatie. 141
142 7: Verwijst uw zendingsorganisatie MK s door naar andere instanties? wel aangevinkt niet aangevinkt percentage aangevinkt Ja, naar MK Focus ,5% Ja, naar InTransit ,5% Ja, naar Member Care ,5% Ja, naar andere (zendings) organisaties, namelijk: Nee, want we hebben zelf genoeg in huis Nee, want dat vinden we niet nodig ,5% ,0% ,0% Nee, want: ,0% Ja, naar andere (zendings) organisaties, namelijk: EZA Verwijst uw zendingsorganisatie MK s door naar andere instanties? wel aangevinkt niet aangevinkt Nee, want: Nee, want dat vinden we niet nodig Nee, want we hebben zelf genoeg in huis Ja, naar andere (zendings) organisaties, namelijk: Ja, naar Member Care Ja, naar InTransit Ja, naar MK Focus Van de zendingsorganisaties verwijst 87,5% hun MK's door naar MK Focus. Eveneens 87,5% verwijst hun MK's door naar InTransit. 62,5% verwijst door naar Member Care, en 12,5% verwijst door naar andere (zendings)organisaties namelijk EZA. 142
143 8: Graag nemen wij n.a.v. deze enquête met enkele zendingsorganisaties contact op voor een kort telefonisch interview, van ongeveer een kwartier. ( Indien uw organisatie een contactpersoon voor MK zaken heeft, wilt u dan hieronder de naam van de contactpersoon en het telefoonnummer invullen?) CAMA: geen contact opnemen Wycliffe:Bijbelvertalers: *** 24 WEC: Stichting Nehemia: N.v.t. Operatie Mobilisatie Nederland: *** 9: Heeft u naar aanleiding van deze enquête nog opmerkingen? CAMA: geen WEC: goede enquête Operatie Mobilisatie Nederland: niet alle activiteiten waarvan ik aangegeven heb dat we die doen worden consequent gedaan. We staan nog wat in de kinderschoenen van deze zaken, maar proberen toch gestalte te geven aan de zaken. 24 Vanwege de privacy hebben wij hier de naam+ nummer van contactpersonen weggelaten. 143
144 Bijlage 5: Telefonische interviews met MK s Voor ons onderzoek hebben we een digitale enquête afgenomen bij uiteindelijk 74.Mk s.we wilden echter nog MK s interviewen, zodat we specifiekere en open vragen konden stellen. We hebben onze interviews gebaseerd op de informatie die we op dat moment al hadden, vanuit de digitale enquête, en daarnaast vanuit de informatie uit de literatuur. De MK s konden in de enquête aangeven of wij contact mochten opnemen voor een verdiepend interview. Wij hebben met deze MK s contact opgenomen en een selectie gemaakt van 6 MK s. We hebben de MK s zo breed mogelijk geselecteerd. Zo hebben we drie mannen en drie vrouwen geïnterviewd, en zijn drie MK s terug gekomen in de leeftijd van en drie in de leeftijd van Daarnaast hebben we gekeken naar hun huidige leeftijd. Vanuit elke leeftijdsgroep hebben we MK s geselecteerd. Wij hebben ervoor gekozen om de MK s telefonisch te benaderen. Dit zodat we effectief en snel aan onze informatie konden komen. We hebben van te voren afspraken gemaakt, over het tijdstip waarop we telefonisch contact met hun opnamen. De interviews hebben allemaal ongeveer een half uur geduurd. Wij hebben allebei drie MK s geïnterviewd. Interview 1 Achtergrond informatie vanuit de enquête: Geslacht: man: Huidige leeftijd:25-28 Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23: geen Voorbereiding op re-entry D. s 25 ouders waren door een ZO uitgezonden. Hij is een jaar vóór zijn familie naar Nederland gegaan. In zijn laatste verlof heeft zijn ZO hem gewezen op een workshop over Re-entry, die een instelling namens Member Care organiseerde. Hij heeft deze voorbereiding niet als vervelend ervaren. Deze voorbereiding heeft in die zin geholpen, dat hij dingen herkende toen hij eenmaal terug was in Nederland. Wat hij tijdens deze voorbereiding hoorde, heeft hij vaker gehoord, toen hij eenmaal terug in Nederland was. Zoals bijv. op de re-entry dag van MK Focus in Amersfoort. Tijdens zijn laatste jaar in het gastland, hebben de veldleiders met hem gesproken over de re-entry en wat hij kon verwachten. Dit heeft hij als heel positief ervaren, de veldleiders deden het goed. Ook hebben ze voor hem gebeden voordat hij ging. Zijn ouders hebben met hem en de rest van het gezin, veel over de re-entry gepraat, en uitgelegd dat de mensen het lastig vinden om te relaten. Hier was hij dus op voorbereid toen hij terugkwam in Nederland, hij verwachtte dat dit zo zou zijn. Daarnaast was er nog een andere oud-mk(?), die hem vertelde dat hij moest proberen in Nederland snel een thuis te maken. Net zoals de Ballingen in Babel, die 25 We hebben de MK s beloofd om de informatie anoniem te verwerken. Vandaar dat we niet meer gegevens hebben opgenomen over de desbetreffende MK. Wij zijn zelf wel op de hoogte van meer achtergrondgegevens dan degene die hier genoemd worden. Omdat Christelijk Nederland erg klein is, hebben we besloten om de privacy van de MK te beschermen en deze gegevens hierin niet op te nemen. 144
145 de opdracht kregen daar huizen te bouwen, te trouwen en kinderen te krijgen. Zo moest hij zich in Nederland een thuis maken. Daar heeft D. heel bewust een keus in gemaakt, om dat te gaan doen. Om in elke plaats waar hij komt, te leven als iemand, een zendeling, die door God gezonden is. Wat heeft de zendingsorganisatie jou aangeboden toen je net terug was, qua begeleiding? Eenmaal terug in Nederland heeft D. nog een aantal keer iemand van de ZO gesproken. Niet bewust over de re-entry, en de gesprekken waren ook niet gepland, meer toevallig. Deze mensen kennen hem en zijn familie, hun situatie en achtergrond heel goed. Deze contacten heeft hij als positief ervaren. Maar de ZO heeft verder geen begeleiding geboden. Dit vond D. niet erg, hij vind het prima zoals het nu gegaan is. Hij heeft hierin niet iets gemist. Het contact was goed. Wat heeft de kerk en/of jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? D. kwam in een nieuwe kerk terecht, niet in dezelfde kerk als voorheen. De mensen wisten van tevoren niet dat hij een MK was, maar wel toen hij eenmaal in de kerk kwam (omdat hij hier met mensen over gesproken heeft). Dat er geen speciale aandacht voor hem was, vond hij moeilijker. (Niet zozeer aandacht voor hem als MK, maar aandacht voor leden van de kerk in het algemeen.) De aansluiting met de jongeren in de jeugdgroep heeft hij als moeilijk ervaren. De geloofsbeleving van een deel van de jongeren was anders dan die van hem, hij had het idee dat hij in sommige dingen verder was. Met de jeugdleiders kon hij het goed vinden, en zij hadden aandacht voor hem. D. had het fijn gevonden als de kerk meer aandacht voor hem gehad zou hebben, een betere onderlinge band in het algemeen zou hebben gehad, en meer oog voor elkaar zou hebben gehad. Hij had het niet fijn gevonden als de kerk voorbereid was geweest op hem als MK, als hij daardoor speciale aandacht had gekregen. Hij had niet in een vakje geplaatst willen worden. Andere begeleiding D. is in Nederland nog een aantal keer naar MK ontmoetingen van MK Focus geweest, maar toen was hij al langer dan 2 jaar terug in Nederland. Vooral de herkenning die hij daar vond bij de andere MK s, deed hem goed en heeft hij als positief ervaren. Totdat hij het er op een gegeven moment helemaal mee had gehad, omdat de MK s (en de avonden) naar zijn idee teveel in het verleden bleven hangen, in plaats van dat ze ook keken naar het heden en de toekomst. Daar had hij moeite mee, en vraagt zich af of het niet een beetje zielig-doenerij is. Hij had graag meer aandacht gewild voor hoe je God hier en nu, op de plek waar je nu bent, kan dienen. En dat er bijvoorbeeld Bijbelstudies werden gegeven die niet alleen met het MK-zijn te maken hadden, maar ook andere onderwerpen behandelden. Wat D. ook als heel fijn heeft ervaren, is dat hij bij zijn opa en oma in huis woonde. Zij kenden hem en zijn familie heel goed, zijn in het gastland wel eens op bezoek geweest en wisten dus een beetje hoe het daar was. Daarnaast is hij met Kerst naar zijn familie in het gastland gegaan, en nog een keer rond april toen zijn ouders een afscheidsfeest gaven voor hun vertrek naar Nederland. Hij vond het fijn dat hij hier bij heeft kunnen zijn, om nogmaals als gezin afscheid te nemen van alles. 145
146 Na een jaar, toen zijn familie ook in Nederland was, zijn ze als gezin een week naar Le Rucher geweest. Dit heeft hij als ontzettend goed ervaren. Om dit als gezin te kunnen doen. Ze hebben daar gesprekken gehad, 1 sessie per dag, van drie uur lang. Dit lijkt lang, maar zo heeft hij het niet ervaren. Het waren debriefingsgesprekken. Alle gesprekken hebben ze samen gedaan, als gezin. In de middag moesten ze opdrachten maken. D. vond het heel fijn dat ze dit als gezin hebben kunnen doen en als gezin hebben kunnen beleven. Niet alleen papa en mama, maar samen, dat ze er met elkaar over konden praten en van elkaar konden horen hoe ze de re-entry (e.d.) beleefden. Hoe moet er in jouw ogen vorm gegeven worden aan begeleiding van MK s? Begeleid MK s in het zetten van stappen in het hier en nu. Dus niet alleen over de terugkomst praten en daar begeleiding bij bieden, maar help ze bij het hier en nu. Dit ziet D. vooral als een taak van de kerk. Maar ook de ZO moet de MK hiertoe stimuleren en de MK hierin begeleiden, of doorverwijzen. En MK Focus en andere MK organisaties kunnen hierin een rol spelen, bijvoorbeeld door de invulling van de MK avonden. 146
147 Interview 2 Achtergrond informatie vanuit de enquête Geslacht: vrouw Huidige leeftijd: Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23: er zou meer hulp voor moeten zijn: ik denk zelf dat het zoeken van professionele hulp zou moeten worden gestimuleerd. onder christenen heerst vaak een taboe op professionele hulp, maar ik denk dat ik alles dan veel sneller zou hebben verwerkt als ik die hulp zou hebben gehad maak het bespreekbaar, op een ontspannen manier\r\n--> en zorg ervoor dat de jeugd/10-er leiding weet dat die MK\'s net terug zijn Wat heeft de kerk en/of jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? Het gezin van C. is door een kerk uitgezonden. De kerk heeft hun gezin niet voorbereid op de re-entry. C. vermoedt dat de kerk niet veel ervaring heeft met gezinnen die terugkomen. Toen zij terugkwamen kregen ze een kaartje, maar verder geen begeleiding of nazorg. Dit vond ze wel vervelend. Hun TFC heeft wel een boekje naar haar ouders gestuurd over re-entry. Dit hebben ze allemaal gelezen, C. ook. Dit boekje heeft haar wel een beetje voorbereid. Verder heeft ze geen voorbereiding op de re-entry gehad. De jeugd van haar kerk is onderverdeeld in subgroepen, en elke subgroep heeft twee leiding. De jeugdgroep waar zij op kwam en één van de leiders wisten niet dat zij MK was. De andere leider van haar groep wist wel dat zij een MK was, en heeft één keertje kort met C. gepraat. Dit gesprek werd onderbroken, en daarna is de leiding er niet meer op teruggekomen. C. kijkt hier niet negatief op terug, maar ze zou het wel fijn hebben gevonden als ze wel bij een leider terecht had gekund met haar verhaal. Wat heeft de kerk en/of jeugdgroep anders kunnen/moeten doen? Ze hadden iets meer aandacht aan C. (en hun gezin) kunnen besteden. Ze had het fijn gevonden als iedereen wat meer van haar achtergrond had geweten, zodat ze er ook met anderen over had kunnen praten. Ze had graag eerder in contact willen komen met andere MK s, en meer begeleiding gewild. Bijvoorbeeld in de vorm van gesprekken, met andere MK s, maar ook met een volwassene. Met iemand die er een beetje buiten staat (buiten de kerk of organisatie), maar wel weet heeft van MK s e.d. Ook had C. graag meer voorbereiding op de re-entry gehad, bijvoorbeeld in de vorm van een simpel lesje of d.m.v. Nederlandse TV. Hier had de kerk in haar ogen een rol in kunnen spelen. Daarnaast had ze in het gastland niet veel Nederlands gehad, dus daarin liep ze een beetje achter toen ze terugkwam naar Nederland, dat had ze graag anders gewild. Andere begeleiding Een voordeel vind C. dat ze met drie kinderen thuis zijn, en best close zijn, waardoor ze met elkaar over veel dingen kunnen praten. Dit heeft geholpen. 147
148 Daarnaast had de EZA een keer een midweek voor zendelingen die teruggekomen waren georganiseerd, daar waren ook andere MK s. Dit heeft wel geholpen. Vooral het contact met de andere MK s vond ze fijn, en de herkenning uit elkaars verhalen. Ze is niet naar MK ontmoetingen van MK Focus geweest, omdat deze te ver bij haar uit de buurt waren. Als ze dichter bij waren geweest, had het haar wel leuk geleken om er naar toe te gaan. Hoe moet er in jouw ogen vorm gegeven worden aan begeleiding van MK s? Ontmoetingen tussen andere MK s zijn goed. En begeleiding door volwassenen. Bijvoorbeeld een groep MK s met een leider. 148
149 Interview 3 Achtergrond informatie vanuit de enquête: Geslacht: vrouw Huidige leeftijd: Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23:geen Wat heeft de kerk en/of jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? Het gezin van H. kwam in een andere kerk terug, dan die hen uitgezonden heeft. Van hun oude kerk heeft ze niks meer gehoord. Dit vind ze zelf niet zo erg, omdat ze die kerk niet echt kende. De nieuwe kerk waar ze in terecht kwamen, heeft hen wel goed opgevangen. Dankzij mensen uit de kerk kwam ze in contact met andere MK s. Er bleken ook enkele van deze MK s bij haar op school te zitten. Dit vond ze fijn. Daarnaast heeft de leiding van de jeugd haar goed opgevangen. Ze heeft veel gesprekken met hen gehad. Ze vindt het fijn om te praten over dingen waar ze mee zit, en bij hen kon ze haar verhaal kwijt. Dit heeft ze als erg positief ervaren. De aansluiting met de andere jongeren van de jeugd was moeilijker. Ze voelde zich ouder dan de meeste jongeren, en had andere interesses. Hierdoor had ze meer contact met oudere jeugd. Er zijn veel jongeren bij haar in de kerk, en daardoor had ze wel al gauw een aantal mensen gevonden om mee op te trekken. Ze vindt dat de kerk haar goed geholpen heeft in het re-entry proces. Andere begeleiding Dankzij MK Focus kwam H. in contact met nog andere MK s. Dit was fijn. En de school heeft haar goed opgevangen. Ze had een hele goede mentor bij wie ze terecht kon. Eigenlijk altijd als ze ergens mee zat, was er wel iemand om mee te praten. Dit heeft ze als erg positief ervaren. Hoe moet er in jouw ogen vorm gegeven worden aan begeleiding van MK s? Wat MK Focus doet is goed. Het organiseren van MK ontmoetingen en MK weekenden. H. denkt dat de beste begeleiding het contact is met andere MK s, en de herkenning die je bij elkaar vindt. Er zijn volgens H. nog best veel MK s die niet weten van MK Focus. Het is volgens haar belangrijk dat deze in contact gebracht worden met organisaties als MK Focus. 149
150 Interview 4 Achtergrond informatie vanuit de enquête: Geslacht: Man Huidige leeftijd: Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23: Iets van een retraite organiseren met MK\'s, zodat MK\'s die net terug zijn vragen kunnen stellen aan mensen die weten wat zij doormaken, en om even een plek te creeëren waar de \'third culture\' die zij gewend waren terug te vinden is. Betrek ze actief bij de jeugdgroep Wat heeft de zendingsorganisaties jou aangeboden toen je net terug was, qua begeleiding? De Zendingsorganisatie zelf heeft weinig aangeboden, ik heb er in ieder geval weinig van gemerkt. Mijn ouders waren de belangrijkste bron van begeleiding. Wij kwamen met drie kinderen terug uit Nepal. Wat ik nog wel weet is dat wij boeken hebben gekregen. Deze boeken gingen over TCK s en MK s e.d. informatie. Deze boeken hebben wij van onze ouders gekregen en niet van de ZO. Ik miste de begeleiding van de zendingsorganisatie wel. Ze hadden ons meer kunnen aanbieden. Waar ik dan concreet aan denk is dat ze ons iets van info hadden kunnen geven over de cultuur in Nederland, en dan specifiek de cultuur van de leeftijdsgenootjes. Veel MK s geven in de enquête aan dat ze geen behoefte hebben om te praten met iemand van de zendingsorganisatie. Ik denk dat dit komt omdat MK s makkelijker praten met leeftijdsgenoten. Daarnaast is in mijn geval de rol van de zendingsorganisatie nooit op de voorgrond geweest. Natuurlijk hadden we wel te maken met de ZO. Maar dit ging (bijna) nooit direct via ons. Op het veld stonden onze leeftijdsgenootjes op de voorgrond + de ouders van onze leeftijdsgenootjes. Daarnaast natuurlijk mijn ouders en de vrienden van onze ouders. [De ZO heeft wel eens wat aangeboden aan activiteiten maar we hadden nooit direct contact met iemand van de ZO] Wat heeft de kerk en/of de jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? Toen ik net terug was sprak de jeugdleiding van de kerk mij aan. Ze vroegen of ik mee ging naar de jeugd, en dat heeft er voor gezorgd dat ik in de jeugdgroep rolde. Op de jeugd heb ik echt mijn plek gevonden. Hiermee heb ik geluk gehad, dit heb ik als erg positief ervaren. Verder spraken mensen van de kerk mij aan, dit ging op individuele basis, niet als deel van het gezin. Dit vond ik wel prettig omdat ze zo echt mij leren kennen. Al vrij snel nadat ik in Nederland was, werd ik betrokken bij het opbouwen van de kerkzaal, dit vond ik fijn om te doen. 150
151 Ik was tevreden met de rol die de kerk speelde. Ik vind niet dat de kerk een centrale rol hoeft te spelen bij de re-entry. Want mensen betrekken bij de kerk hoort bij het algemene kerk zijn. Het maakt hierbij niet uit of die mensen uit het buitenland komen of niet. De kerk had in mijn geval ook niks anders hoeven te doen, dan dat ze op dat moment al deden. Kerken kunnen er voor zorgen dat MK s zich welkom voelen door ze aan te spreken en te betrekken bij taken. Gezamenlijke activiteiten zijn erg goed, vooral activiteiten die gericht zijn op groepsvorming. Een voorbeeld is dat we op een jeugdkamp een survivaltocht hadden, dan leer je echt samenwerken en mensen kennen. Verder kunnen er misschien aanwijzingen worden gegeven, over wat voor plek iemand inneemt. De sterke en zwakke punten aan het licht brengen. Over of iemand graag in t middelpunt staat, of liever met een paar mensen omgaat. Dit hoeft de Jeugdleiding niet aan te geven, want dat is iets wat vanzelf ontstaat. Als jij het voor het zeggen had, wat hadden de Zendingsorganisatie en de kerk moeten doen om jou te helpen bij de re-entry? Dit vind ik een lastige vraag. Een ding waar ik in ieder geval heel erg mee geholpen was, was een jeugdweekend van de kerk; het samen weg gaan met mijn leeftijdsgenootjes. Dit was erg goed voor mij, hoewel ik wel last had van heimwee. Verder is het goed om een MK iets te geven om zich mee bezig te zijn, zoals een taak in de kerk. Om de jongeren de mogelijkheid te bieden een plek te vinden in de jeugdgroep van de kerk. Het is goed om met andere TCK s te praten, omdat zij echt kunnen begrijpen hoe je, je voelt. Andere mensen kunnen niet echt begrijpen hoe je, je voelt. Het is goed om met andere TCK s te praten. Het zou goed zijn als de ZO de MK s in contact brengt met andere MK s bijvoorbeeld via MK- focus. In mijn geval heeft de ZO ons niet meteen in contact gebracht met MK-Focus. Ik denk dat het goed is als de ZO, MK s in contact brengen met ander MK s. Hierbij zie ik meerwaarde in het contact met MK s tegenover TCK s. Dit omdat het geloof voor mij erg belangrijk is en een grote rol speelt. In het contact met MK s is geloof een samenbinden factor, een factor die ik zou missen bij TCK s. Toen je net (max. 2 jaar) terug was, wat had je nodig? Wat zou jou écht geholpen hebben bij de re-entry? Ik had zelf last van Heimwee, vooral naar Nepal en het leven daar. Ik zou het fijn gevonden hebben als hiervoor een soort opvang was geweest. Dat er in ieder geval aandacht aan wordt gegeven. Veel MK s geven in de enquête aan dat ze wel hun verhaal kwijt konden, maar dat hen dit niet geholpen heeft. Waar denk jij dat dit aan ligt? Tja, dat kan aan heel veel dingen liggen. Ik denk dat de MK s misschien niet de reactie kregen die ze hadden verwacht. Daarnaast kan niet iedereen adequaat om gaan met het verhaal van de MK. En waarschijnlijk zijn de mensen bij wie ze hun verhaal kwijt konden, zoals de andere familieleden niet in staat om volledig te begrijpen wat een MK zegt, en wat hij voelt. 151
152 Interview 5 Achtergrond informatie vanuit de enquête: Geslacht: vrouw Huidige leeftijd: Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23: Ga door met mk dagen en mk weekenden\r\n!luister naar hun verhaal. Betrek ze bij de activiteiten. Wat heeft de zendingsorganisaties jou aangeboden toen je net terug was, qua begeleiding? De ZO heeft mij niks aangeboden qua begeleiding. Ik had ook helemaal geen verwachtingen ten aanzien van de ZO, en ik was hier niet verbaasd over. Als ik denk aan wat de ZO anders had hadden kunnen doen, dan hadden ze mij wel meer opvang mogen bieden bij terugkomst. Daarnaast hadden ze mij in contact kunnen brengen met andere MK s. Want met andere MK s kan ik me goed identificeren. Oudere MK s kunnen een weg wijzen, want zij hebben die weg al eerder afgelegd. Ik weet niet in hoeverre dit vanuit de organisatie geregeld kan worden. Omdat de ZO niet altijd MK s of zendingsgezinnen in de buurt heeft zitten. Ik had het geluk dat er op mijn dorp een andere MK woonde, met haar sprak ik regelmatig af. Verder ben ik in contact gekomen met MK focus, hier kon ik goed terecht. Ik kreeg echter pas toen ik op kamers woonde te horen over MK focus. Toen hoorde ik over dat MK s bij fam Huberts(?) samen gingen eten. Ik ben toen een keer meegegaan, en zo kwam ik in contact met MK focus. Wat heeft de kerk en/of de jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? Ik kwam in dezelfde kerk terug als waardoor ik uitgezonden was, hoewel mijn kerk ondertussen opgesplitst was. De jeugd werd geleid door een echtpaar, de vrouw nam contact met mij op, dit heeft mij geholpen om in contact te komen met de jeugd. Daarnaast waren er mensen die mijn ouders kenden die mij aanspraken, hoewel ik zelf die mensen vaak niet kende. Het viel echter niet mee om de draad daar op te pakken. En contact te maken met de jeugd van de kerk. Na 1 jaar ben ik verhuisd naar Ede, en daar op kamers gegaan. In Ede was het makkelijker om in contact te komen met andere mensen. Omdat voor veel mensen t nieuw was. Terwijl op de jeugd waar ik kwam, iedereen al mensen kende en al een vriendengroep had. Wat de kerk anders had kunnen doen, vind ik een lastige vraag. Ze hadden mij kunnen helpen, om contact te maken met de jeugd, om aansluiting te vinden. De volwassenen in de kerk hadden wel aandacht voor mij. Maar mijn eigen leeftijdsgenootjes veel minder. Dit was erg lastig, ik was blij dat het in Ede beter ging. Kerken en jeugdgroepen kunnen er voor zorgen dat een MK zich welkom voelt, door te luisteren naar de verhalen van de MK. Vooral naar de verhalen uit het buitenland. 152
153 Ik had het idee dat de aandacht van mijn leeftijdsgenootjes hiervoor niet groot was. Niet iedereen vind die verhalen interessant. Hierdoor ga je er niet meer over praten en wordt je eigenlijk gedwongen om een bepaald hoofdstuk af te sluiten, terwijl je daar nog niet aan toe bent. Daarnaast is het goed als een MK bij activiteiten wordt betrokken. Dat je uitgenodigd wordt voor feestjes e.d. Want je kent op dat moment nog niemand. Misschien dat de jeugdleiding de jeugd daar op kan attenderen? Had je nog andere vormen van begeleiding gehad, toen je net (2 jaar) terug was in Nederland? Ik heb vooral veel gesprekken gehad met mijn ouders. Daarnaast had ik gesprekken met een andere MK die bij mij op t dorp woonde. Later heb ik ook gesprekken gehad met MemberCare, dit had een andere aanleiding dan de re-entry. Ik had gezondheidsklachten die eventueel te maken konden hebben met het leven van een MK. Ik heb toen 3 gesprekken gehad die mij hebben geholpen, verder heb ik ook persoonlijke effecttiteits training gehad op de CHE, in groepsverband. Het leven als eenling op het veld had mij erg beïnvloed. Ik was eigenlijk veel alleen, enigskinds, en tussen de indianen was ik ook een beetje een eenling, dit heeft mijn leven sterk beïnvloed. Als jij het voor het zeggen had, wat hadden de Zendingsorganisatie en de kerk moeten doen om jou te helpen bij de re-entry? Denkend aan een perfecte situatie, onafhankelijk van bijv. geld of mankracht? Dat is moeilijk vraag. Het zou fijn geweest zijn als er op de jeugdgroep, begrip was voor mij. En dat ze echt met aandacht en interesse naar mijn verhalen konden luisteren. Aan de ander kant is dat moeilijk, omdat mijn leeftijdsgenoten zich geen voorstelling konden maken van mijn leven op het veld. Ik had het fijn gevonden, als er echt interesse in mij werd getoond. Daarnaast hadden ze mij meer kunnen opnemen in de jeugdgroep. De zendingsorganisaties zouden kunnen aanbieden, om te helpen tijdens de reentry. Dit zouden ze kunnen doen door literatuur aan te bieden. Over bijvoorbeeld de cultuur, MK s e.d. Verder had de ZO mij in contact kunnen brengen met andere MK s in Nederland, bijvoorbeeld via MK-Focus. Verder heb ik nog een idee voor de ZO. Misschien dat het een optie is om mensen die terug komen vanuit het zendingsveld te koppelen aan mensen die al langer terug zijn. Als een soort coach. Dit kan misschien lastig zijn vanwege de fysieke afstand. Maar het is gemakkelijk om via mail- contact je vragen te kunnen stellen. Ik zie dit dan voor me als MK s op MK s, of zendingsgezin op zendingsgezin. Hoe ze dit doen maakt denk ik niet zo veel uit. In ieder geval is het goed als de ZO, MK s in contact brengt met andere MK s. 153
154 Interview 6 Achtergrond informatie vanuit de enquête: Geslacht: Man Huidige leeftijd:17-20 Leeftijd terug in Nederland: Opmerkingen vraag 21-23: geen Wat heeft de zendingsorganisaties jou aangeboden toen je net terug was, qua begeleiding? Ik was 13 jaar toen ik terug kwam naar Nederland. De ZO heeft mij niks aangeboden m.b.t. begeleiding. 13 jaar is een lastige leeftijd. Ik denk dat ze dachten dat ik vanzelfsprekend zou integreren. Gewoon mee met de rest van het middelbare onderwijs. Eigenlijk heb ik nooit zo nagedacht over de rol die de ZO hierin speelde. Achteraf was het wel leuk geweest als ik mijn ervaring kon delen. Toen had ik daar niet echt behoefte aan. Toen was ik net terug, moest ik heel erg wennen, want alles was anders. Na een poosje raakte ik wel wat beter gewend. Maar misschien dat het wel goed was geweest, want pubers zullen niet snel toegeven dat ze hulp nodig hebben. Achteraf had de ZO wel iets meer mogen doen. Het was goed geweest als ze iets voor ons hadden gedaan. Ik denk dat die behoefte groter is voor iets oudere MK s van Ik zelf heb niet echt behoefte aan SPH gebeuren. Maar in contact komen met andere MK s en ervaringen uitwisselen met elkaar zou fijn zijn geweest. Wat heeft de kerk en/of de jeugdgroep voor jou gedaan toen je net terug was? Ik was slechts 2 jaar oud toen we weggingen uit Nederland. We kwamen in een andere kerk terug dan waaruit we vertrokken waren. Maar omdat ik toch maar 2 jaar oud was maakte mij dat niks uit. In mijn oude kerk zat wel veel familie, maar daar had ik toch eigenlijk niet zo n goede band mee. Mijn ouders wel, dus voor hun was het wel wat jammer. Maar mij maakte dat niet zo veel uit. Toen ik terug was maakte de dominee wel eens een toespeling op de zending. Zo van: Dat is op t veld toch ook zo: toch: A. Op zich vond ik dat wel prima. Maar op een gegeven moment word je die toespelingen toch ook wel zat. Nog steeds word er aan mij gevraagd door de mensen in de kerk, of ik al gewend ben in Nederland. Er wordt verondersteld dat ik niet gewend ben, terwijl ik toch al zeven jaar terug ben! Dat soort opmerkingen vind ik vervelend. Op de Jongere vereniging van de kerk werd ik goed opgevangen. Ik heb daar ook vriendschappen opgebouwd, dat ging eigenlijk allemaal wel vanzelf. Ik was wel aardig tevreden met de rol die de kerk hierin speelde. Veel dingen gingen automatisch. Het zou hierin helpen om te zorgen dat MK s zich thuis voelen in de jeugdgroep. Ze moeten in ieder geval niet dingen forceren, sommige dingen gebeuren gewoon spontaan. Het zou goed zijn als de jeugdgroep contact opneemt met een MK. Want dit kan voor de MK zelf lastig zijn. Helemaal als je wat ouder bent, dan wordt het moeilijk om daar je draai in te vinden. Ben je verder nog begeleid tijdens de re-entry? 154
155 Ik ben verder helemaal niet begeleid tijdens de re-entry. Ja, thuis hadden we er wel gesprekken over. Vooral met mijn broertjes, daar was veel herkenning. Maar er zit ook een verschil tussen mij, en mijn broertjes. Ik wilde vooral terug naar Equador, terwijl mijn broertjes liever in Nederland bleven. Op dit moment vind ik t prima om in Nederland te blijven. Maar ik zou t niet erg vinden om terug te gaan. Afgelopen jaar ben ik terug geweest, en dat was echt super gaaf! Ik denk dat het leven in Equador er voor heeft gezorgd dat ik op meerdere plekken thuis ben. Ik ben thuis in Nederland maar ook in Equador. Heb je nog contact met andere MK s? Ja, wij waren in Equador met 4 gezinnen, die kinderen hadden van onze leeftijd. Op dit moment hebben wij daar nog steeds contact mee. We hebben binnenkort weer een dag gepland staan. We gaan dan het niet hebben over de re-entry e.d., maar we hebben gewoon contact met die andere MK s, en doen gezellige dingen. Verder heb ik geen contact met andere MK s Denk je dat een stichting als MK-Focus die wat meer vanuit de evangelische stroming komt, zich ook kan richten op gereformeerde jongeren? Dat er bijvoorbeeld jeugdkampen worden georganiseerd met gereformeerde jongeren en evangelische jongeren? Ik denk dat een stichting als MK- Focus ook goed is voor gereformeerde jongeren! Misschien dat het zelfs zo is dat een evangelische beweging juist goed aansluit, bij de beleef wereld van de gereformeerde MK De Gereformeerde gemeente heeft een beetje een eigen wereldje. In het buitenland is dat anders, en ben je in zekere zin buiten de wereld van de ger.gem. De kerkdiensten zijn daar heel anders dan hier in Nederland. Veel vrolijker en je komt met meer mensen in contact. Ik denk dat het juist goed is voor gereformeerde MK s om in contact te komen, met een evangelische stichting. De samenbindende factor is het geloof en het leven van een MK. Natuurlijk zijn er wel verschillen, en misschien dat die tijdens een Bijbelstudie wel naar boven kunnen komen, maar ik denk dat dit zeker geen probleem hoeft te zijn! De gedachtegang van evangelische MK s en gereformeerde MK s is denk ik t zelfde. Kortom ik dat, dat prima kan! Als jij het voor het zeggen had, wat hadden de Zendingsorganisatie en de kerk moeten doen om jou te helpen bij de re-entry? Daar heb ik eigenlijk nooit echt over nagedacht, dat weet ik zo niet. Misschien een boek over het leven van een MK. Ik heb zelf toen een boek gelezen over het leven van een MK, dit was wel een ander verhaal dan mijn verhaal, maar er was wel herkenning. Ik denk dat iedereen de re-entry op een eigen manier verwerkt. Mij heeft het geholpen om dingen op te schrijven, maar ik denk dat andere dat misschien helemaal niet zou helpen. Iets van coaching? Haha, ik zie mezelf al zitten op de bank met een ouderling, en dan moet je opeens spreken over jouw leven. Nee, dat moet vanzelf gaan. Contact met andere MK s is denk ik wel goed, maar ik zie mezelf zeker niet elke vrijdagavond met een clubje bijeenkomen. 155
156 Bijlage 6: Een samenvatting van ons afstudeeronderzoek Wij hebben in opdracht van Member Care Nederland onderzocht wat er in Nederland gedaan wordt aan begeleiding van Mission Kids (MK's), oftewel zendingskinderen, die terugkomen naar Nederland in de leeftijd 12 tot 18 jaar. Daarnaast hebben wij onderzocht welke behoeften aan begeleiding MK's hebben bij terugkomst naar Nederland (re-entry), en hoe in die behoeften voorzien kan worden. Om een antwoord te vinden op onze probleemstelling, hebben wij literatuuronderzoek gedaan en MK s geïnterviewd en enquêtes afgenomen bij MK s en zendingsorganisaties. Uit ons onderzoek is gebleken dat MK's weinig tot geen begeleiding krijgen van de zendingsorganisaties, kerken en thuisfrontcommissies. Alleen de ouders begeleiden hun kinderen goed, zowel op het vertrek naar het buitenland als bij de re-entry naar Nederland. Dat deze begeleiding wel nodig is, is gebleken uit ons onderzoek. De uitzending van het zendingsgezin heeft grote invloed op het leven van de kinderen, en hun identiteit wordt erdoor gevormd. Hoewel de MK's aangeven geen speciale aandacht te willen, is deze in beperkte mate wel nodig. De issues die in de literatuur genoemd worden, zijn namelijk geen kleinigheden. In Landen na de (terug)reis;praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids beschrijven wij de voordelen en de uitdagingen in het leven van een MK, komen de conclusies uit ons onderzoek aan bod en doen wij een aantal aanbevelingen voor de ouders van MK's, zendingsorganisaties, kerken, thuisfrontcommissie en de MK's zelf. Wij hopen met dit boekje mensen inzicht te geven in MK's en hun re-entry proces, en een bijdrage te mogen leveren aan een positieve ontwikkeling op het gebied van begeleiding aan MK's. 156
In opdracht van: Member Care Nederland
Landen na de (terug)reis Praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids Voor zendingsorganisaties, kerken, thuisfrontcommissies, ouders van Mission Kids en Mission Kids In opdracht van: Member
doordat er op dat moment geen leeftijdsgenootjes aanwezig zijn. Als ze iets mochten veranderen gaven ze aan dat de meeste kinderen iets aan de
SAMENVATTING Er is onderzoek gedaan naar de manier waarop kinderen van 6 8 jaar het best kunnen worden geïnterviewd over hun mening van de buitenschoolse opvang (BSO). Om hier antwoord op te kunnen geven,
In opdracht van: Member Care Nederland
Landen na de (terug)reis Praktische informatie bij de re-entry van Mission Kids Voor zendingsorganisaties, kerken, thuisfrontcommissies, ouders van Mission Kids en Mission Kids In opdracht van: Member
www.thesishulp.nl onderdeel van www.nexttalent.nl
Inhoudsopgave: 1. Inleiding 1.1 Een vervelende ervaring of de kroon op je studie? 1.2 Hoe dit boekje te gebruiken 2. Het begin 2.1 De gouden basisregels 2.2 Het kiezen van een onderwerp 3. Onderzoeksopzet
Thuis front commissies en Missionary Kids TFC-dag 2009 Door: Sifra Koops-Companjen
Thuis front commissies en Missionary Kids TFC-dag 2009 Door: Sifra Koops-Companjen MK staat voor: Missionary Kid ofwel zendingskind TCK staat voor: Third Culture Kid ofwel derde cultuur kind Een MK is
Beoordelingscriteria scriptie Nemas HRM
Beoordelingscriteria scriptie Nemas HRM Instructie Dit document hoort bij het beoordelingsformulier. Op het beoordelingsformulier kan de score per criterium worden ingevuld. Elk criterium kan op vijf niveaus
www.thesishulp.nl onderdeel van www.nexttalent.nl
Inhoudsopgave: 1. Inleiding 1.1 Een vervelende ervaring of de kroon op je studie? 1.2 Hoe dit boekje te gebruiken 2. Het begin 2.1 De gouden basisregels 2.2 Het kiezen van een onderwerp 3. Onderzoeksopzet
Beoordelingscriteria scriptie Nemas HRM
Beoordelingscriteria scriptie Nemas HRM Instructie Dit document hoort bij het beoordelingsformulier. Op het beoordelingsformulier kan de score per criterium worden ingevuld. Elk criterium kan op vijf niveaus
Screening versus Roeping? Toerustingsdag van Member Care Nederland vrijdag 30 september 2011 in Amersfoort
[email protected] www.membercare.nl Screening versus Roeping? Toerustingsdag van Member Care Nederland vrijdag 30 september 2011 in Amersfoort Screening versus Roeping? Hartelijk welkom op deze toerustingsdag
Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking
Nederlandse Associatie voor Examinering 1 Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking Met de scriptie voor Compensation & Benefits Consultant (CBC) toont de kandidaat een onderbouwd advies
Informatiebrief en toestemmingsformulier registratie facioscapulohumerale spierdystrofie voor jongeren van 12-17 jaar
Informatiebrief en toestemmingsformulier registratie facioscapulohumerale spierdystrofie voor jongeren van 12-17 jaar Beste lezer, Wij willen je vragen deel te nemen aan de landelijke FSHD registratie,
PeerEducatie Handboek voor Peers
PeerEducatie Handboek voor Peers Handboek voor Peers 1 Colofon PeerEducatie Handboek voor Peers december 2007 Work-Wise Dit is een uitgave van: Work-Wise [email protected] www.work-wise.nl Contactpersoon:
Bijeenkomst afstudeerbegeleiders. 13 januari 2009 Bespreking opzet scriptie
Bijeenkomst afstudeerbegeleiders 13 januari 2009 Bespreking opzet scriptie Doel deel II bijeenkomst vandaag Afstudeerbegeleiders zijn geinformeerd over inhoud Medmec jaar vier (scriptievaardigheden) Afstudeerbegeleiders
Individueel verslag Timo de Reus klas 4A
Individueel verslag de Reus klas 4A Overzicht en tijdsbesteding van taken en activiteiten 3.2 Wanneer Planning: hoe zorg je ervoor dat het project binnen de beschikbare tijd wordt afgerond? Wat Wie Van
Voorwoord. Nienke Meijer College van Bestuur Fontys Hogescholen
3 Voorwoord Goed onderwijs is een belangrijke voorwaarde voor jonge mensen om uiteindelijk een betekenisvolle en passende plek in de maatschappij te krijgen. Voor studenten met een autismespectrumstoornis
Stichting Jeugd en Jongerenwerk Midden-Holland 2005. Hoe maak ik een jeugdenquête
Stichting Jeugd en Jongerenwerk Midden-Holland 2005 Hoe maak ik een jeugdenquête Inhoudsopgave Inleiding 3 Hoofdstuk 1 Wanneer een enquête 4 Hoofdstuk 2 Hoe maak ik een enquête 5 Hoofdstuk 3 Plan van aanpak
1+1=3. Veranderingen in het leven van een derde-cultuur-kind. Anna-Carina Walraven Klas H1C
1+1=3 Veranderingen in het leven van een derde-cultuur-kind Anna-Carina Walraven Klas H1C Figuur 1. [Wereld in gezicht] (z. j.) Auteursrechthebbende onbekend. Overgenomen van http://expatwithkids.blogspot.nl/2011/09/you-know-youre-third-culture-kids-when.html
Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers
Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers nderzoek uitgevoerd in opdracht van: Gemeente Goirle DIMENSUS beleidsonderzoek April 2012 Projectnummer 488 Het onderzoek De gemeente Goirle is eind april 2010
Voor deze enquête bevragen jullie minstens 25 personen
TIPS VOOR ENQUÊTES 1. Opstellen van de enquête 1.1 Bepalen van het doel van de enquête Voor je een enquête opstelt denk je eerst na over wat je wil weten en waarom. Vermijd een te ruime omschrijving van
SECTORWERKSTUK 2013-2014
SECTORWERKSTUK 2013-2014 1 HET SECTORWERKSTUK Het sectorwerkstuk is een verplicht onderdeel voor alle leerlingen uit het Mavo. Het maken van een sectorwerkstuk is een manier waarop je, als eindexamenkandidaat,
Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving
Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van
Scriptiegroep. Bijeenkomst 08
Scriptiegroep Bijeenkomst 08 Inhoudselementen van een scriptie Inhoudsopgave Voorwoord Inleiding Bronnenonderzoek Afstudeerproject Conclusie Samenvatting Literatuurlijst Bijlagen Inhoudsopgave Routekaart
Deze vragenlijst vul je in door aan te kruisen in welke mate je het eens bent met de uitspraken in de vragenlijst.
Wij, Verloskundigenpraktijk Baarn, hebben je begeleid tijdens je zwangerschap, bevalling en/of kraambed. Omdat wij graag kwalitatief goede zorg willen aanbieden, zijn wij zelf voortdurend aan het onderzoeken
tudievragen voor het vak TCO-2B
S tudievragen voor het vak TCO-2B 1 Wat is fundamenteel/theoretisch onderzoek? 2 Geef een voorbeeld uit de krant van fundamenteel/theoretisch onderzoek. 3 Wat is het doel van fundamenteel/theoretisch onderzoek?
Samenvatting en rapportage Klanttevredenheidsonderzoek PPF 2011/2012
Samenvatting en rapportage Klanttevredenheidsonderzoek PPF 0/0 Stichting Personeelspensioenfonds Cordares (PPF) Astrid Currie, communicatieadviseur Maart 0 versie.0 Pagina versie.0 Inleiding Op initiatief
Methodologie voor sociaalwetenschappelijk onderzoek. Foeke van der Zee
Methodologie voor sociaalwetenschappelijk onderzoek Foeke van der Zee Niets uit deze uitgave mag worden verveelvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar worden gemaakt, in
Vragenlijst Ervaringen met het preventieve gezondheidsonderzoek 1
Vragenlijst Ervaringen met het preventieve gezondheidsonderzoek 1 Het basisontwerp van de CQI meetinstrumenten is ontwikkeld door het NIVEL, in samenwerking met de afdeling Sociale Geneeskunde van het
Uitkomsten Enquête mei 2015
Uitkomsten Enquête mei 2015 Inhoud Conclusies 1 Inleiding 2 Antwoorden op de vragen 3 Wat is je geslacht? 3 Wat is je leeftijd? 3 Wat beschrijft jouw (werk) situatie het beste? 4 Hoe vaak lees je de nieuwsbrief?
Docent Kunsteducatie in de schijnwerpers
Docent Kunsteducatie in de schijnwerpers Master-thesis over de werkwijze van de docent kunsteducatie in het VMBO en VWO Tirza Sibelo Faculteit der Historische en Kunstwetenschappen Richting: Sociologie
Schooldiagnose Contacten met Ouders
Schooldiagnose Contacten met Ouders Uitslagen Schooldiagnose R.K.basisschool Johannes Paulus Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De schooldiagnose... 3 Gegevens... 5 Schoolgegevens... 5 Periode
Inhoud. Aan jou de keuze 7. Niet alleen maar een boek 187. Auteurs 191. Dankwoord 197
Inhoud Aan jou de keuze 7 D/2012/45/239 - isbn 978 94 014 0183 8 - nur 248 Tweede druk Vormgeving omslag en binnenwerk: Nanja Toebak, s-hertogenbosch Illustraties omslag en binnenwerk: Marcel Jurriëns,
Vragenlijst. Ervaringen met hulpverlening na een schokkende gebeurtenis
Vragenlijst Ervaringen met hulpverlening na een schokkende gebeurtenis Voor u ligt de vragenlijst Ervaringen met hulpverlening na een schokkende gebeurtenis. Deze vragenlijst wordt u aangeboden door [instantie].
Handleiding bij het maken van een profielwerkstuk. april 2012
Handleiding bij het maken van een profielwerkstuk april 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. De tijdlijn 3. De verschillende fasen 4. Onderwerp zoeken 5. Informatie zoeken 6. Nog 10 tips 7. De beoordeling
Evalueren van projecten met externen Kennisdocument Onderzoek & Statistiek
Evalueren van projecten met externen Kennisdocument Onderzoek & Statistiek Zwaantina van der Veen / Dymphna Meijneken / Marieke Boekenoogen Stad met een hart Inhoud Hoofdstuk 1 Inleiding 3 Hoofdstuk 2
Het Rouwende Kind. een handvat voor de volwassene
Het Rouwende Kind een handvat voor de volwassene Het Rouwende Kind een handvat voor de volwassene Nina José Verhoeven Elk kind dat oud genoeg is om van iemand te houden, is oud genoeg om te rouwen. Alan
Partnerschap Samenwerkings Overeenkomst tijdens uitzending (naam van de Missionair Werkers)
chap Samenwerkings Overeenkomst tijdens uitzending (naam van de ) De verschillende : 1.uitgezonden naar. 2 ().(van waaruit de uitzending plaats vindt) 3 4 ThuisFrontTeam 5 professionele begeleiding en
Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS)
Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS) Stel dat dat (te grote wonder) gebeurt, ik betwijfel of dat zal gebeuren, maar stel je voor dat, wat zou je dan doen dat je nu niet doet? (p36)
Methodologie voor onderzoek in zorg, welzijn en hulpverlening. Foeke van der Zee
Methodologie voor onderzoek in zorg, welzijn en hulpverlening Foeke van der Zee Niets uit deze uitgave mag worden verveelvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar worden gemaakt,
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's Versie 5.0.0 Drs. J.J. Laninga December 2015 www.triqs.nl Voorwoord Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over het uitgevoerde ervaringsonderzoek naar
Inclusief IEDEREEN! Hoe het vertrouwen van de burger in de overheid te herstellen.
Inclusief IEDEREEN! Hoe het vertrouwen van de burger in de overheid te herstellen. Anita Hütten / T ik BV, Veghel 2012 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen
Interviews: - interview: vragen gast - vragen pleeggezin - vragen aan begeleider van Open Thuis - Interview met de dienst VMG :
Bijlage Interviews: - interview: vragen gast - vragen pleeggezin - vragen aan begeleider van Open Thuis - Interview met de dienst VMG : Interview: vragen gast : Levensgeschiedenis: Zie dossier Hoe vind
Pubers van Nu! Praktijkboek voor iedereen die met pubers werkt. Klaas Jan Terpstra en Herberd Prinsen
Pubers van Nu! Pubers van Nu! Praktijkboek voor iedereen die met pubers werkt Klaas Jan Terpstra en Herberd Prinsen Bohn Stafleu van Loghum Houten 2009 2009 Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer
Praktijk Werkboek. Retail Trainingen. werkboek met opdrachten en vragen
werkboek met opdrachten en vragen Onderdeel van de Opleidingen Verkopen in de Gemengde Branche en Verkopen in de Speelgoedbranche Retail Trainingen 2 Dit vakinformatieboek is een uitgave van: Vereniging
Kort verslag van de beleidsanalyse van het programma Valor in India
Kort verslag van de beleidsanalyse van het programma Valor in India Inspectie jeugdzorg Utrecht, april 2008 2 Inhoudsopgave= Samenvatting...5 1. Inleiding...7 1.1. Aanleiding...7 1.2. Vraagstelling...7
Rekenen Groep 4-1e helft schooljaar.
Sweelinck & De Boer B.V., Den Haag 2016 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm
Inhoudsopgave van de gehele gids:
Inhoudsopgave van de gehele gids: 1. Inleiding 2. De rol van werk 3. Talent 3.1 Wat is talent en toptalent? 3.2 Hoe ontstaat een talent? 4. Talent ontdekking: Ontdek je talenten 4.1 Waaraan herken je een
KLANTTEVREDENHEIDSONDERZOEK SCHOONMAAKDIENST GEMEENTE HAREN
KLANTTEVREDENHEIDSONDERZOEK SCHOONMAAKDIENST GEMEENTE HAREN Klanttevredenheidsonderzoek Schoonmaakdienst gemeente Haren Colofon Opdrachtgever Gemeente Haren Datum December 2016 Auteurs Tessa Schoot Uiterkamp
Resultaten interviews met patiënten Vervolgens wordt een korte samenvatting gegeven van de belangrijkste resultaten uit de gelabelde interviews.
Onderzoek nazorg afdeling gynaecologie UMCG (samenvatting) Jacelyn de Boer, Anniek Dik & Karin Knol Studenten HBO-Verpleegkunde aan de Hanze Hogeschool Groningen Jaar 2011/2012 Resultaten Literatuuronderzoek
Individueel verhuisprofiel en verhuisplan
Individueel verhuisprofiel en verhuisplan Het ondersteunen van kinderen en volwassenen met een verstandelijke en zintuiglijke beperking bij verhuizen Marijse Pol Bartiméus Expertisecentrum Doofblindheid
Hans van Rooij VERSTAG
Hans van Rooij VERSTAG Colofon Eindredactie Joost Pool Redactie Boris Goddijn Vormgeving Pien Vermazeren Fotografie Boris Goddijn Beeldbewerking Pien Vermazeren Copyright en disclaimer Het overnemen van
Voorwoord... iii Verantwoording... v
Inhoudsopgave Voorwoord... iii Verantwoording... v INTRODUCTIE... 1 1. Wat is onderzoek... 2 1.1 Een definitie van onderzoek... 2 1.2 De onderzoeker als probleemoplosser of de onderzoeker als adviseur...
Mantelzorg, waar ligt de grens?
Mantelzorg, waar ligt de grens? CDA Talentacademie 2014-2015 Anita Relou Wat is volgens het christendemocratisch gedachtengoed de grens van mantelzorg. Inleiding 2015. Een jaar met veel veranderingen in
Ouderschap in Ontwikkeling
Ouderschap in Ontwikkeling Ouderschap in Ontwikkeling. De kracht van alledaags ouderschap. Carolien Gravesteijn Ouderschap in Ontwikkeling. De kracht van alledaags ouderschap. Carolien Gravesteijn Ouderschap
Methodologie voor onderzoek in marketing en management. Foeke van der Zee
Methodologie voor onderzoek in marketing en management Foeke van der Zee Niets uit deze uitgave mag worden verveelvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar worden gemaakt,
Auteurs: Baarda e.a. isbn: 978-90-01-80771-9
Woord vooraf Het Basisboek Methoden en Technieken biedt je een handleiding voor het opzetten en uitvoeren van empirisch kwantitatief onderzoek. Je stelt door waarneming vast wat zich in de werkelijkheid
BUDDYSYSTEEM INLEIDING. THEMA blijf in verbinding
BUDDYSYSTEEM DOEL Studenten leerjaar 1 die problemen ervaren kunnen terugvallen op de hulp van medestudenten uit leerjaar 2. Hierdoor neemt de kans op voortijdig schoolverlaten af. SCHOOLSOORT VO en MBO
Kennisdeling op internet tussen leraren in Kennisnet Vakcommunities. De belangrijkste resultaten. Management samenvatting
Kennisdeling op internet tussen leraren in Kennisnet Vakcommunities. De belangrijkste resultaten Uwe Matzat/Chris Snijders Technische Universiteit Eindhoven Management samenvatting De grote meerderheid
Als eerste bedankt voor het aanschaffen van deze PDF waarin ik je handige tips en trucs zal geven over het schrijven van een handleiding.
Bedankt! Als eerste bedankt voor het aanschaffen van deze PDF waarin ik je handige tips en trucs zal geven over het schrijven van een handleiding. Graag zou ik je willen vragen mij een email te sturen
Eerste uitgave: maart 2015-03-14 Copyright 2015 Saskia Steur Druk: www.drukzo.nl
Eerste uitgave: maart 2015-03-14 Copyright 2015 Saskia Steur Druk: www.drukzo.nl Hoewel deze uitgave met zorg is samengesteld aanvaardt de auteur geen enkele aansprakelijkheid voor schade ontstaan door
Dankwoord (Acknowledgements)
Dankwoord (Acknowledgements) Dankwoord (Acknowledgements) 245 Het heeft even geduurd maar daar ligt hij dan eindelijk, de gedrukte versie van mijn proefschrift! Ik kan me nog als de dag van gisteren herinneren
Klanttevredenheidsrapportage ARAG Rechtsbijstand
Klanttevredenheidsrapportage ARAG Rechtsbijstand Alle verzekeraars die het Keurmerk Klantgericht Verzekeren voeren laten jaarlijks binnen dezelfde normen klanttevredenheidsonderzoek uitvoeren. De onderzoeksresultaten
ONDERZOEK VOOR JE PROFIELWERKSTUK HOE DOE JE DAT?
ONDERZOEK VOOR JE PROFIELWERKSTUK HOE DOE JE DAT? Wim Biemans Rijksuniversiteit Groningen, Faculteit Economie & Bedrijfswetenschappen 4 juni, 2014 2 Het doen van wetenschappelijk onderzoek Verschillende
VOORBEELD. Huurders en asbest. Informatie en tips voor individuele huurders. en bewonersorganisaties. Eerste druk, augustus 2013
Huurders en asbest Informatie en tips voor individuele huurders en bewonersorganisaties Eerste druk, augustus 2013 HUURDERS EN ASBEST Informatie en tips voor individuele huurders en bewonersorganisaties
Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen
Rapportage Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen In opdracht van: Mediawijzer.net Datum: 22 november 2013 Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon Index Achtergrond van het onderzoek 3 Conclusies
SPEELWIJZE LEIDERSCHAPSSPEL
SPEELWIJZE LEIDERSCHAPSSPEL Bij werken, zowel betaald als vrijwillig, hoort leiding krijgen of leiding geven. De vraag wat effectief leiderschap is houdt dan ook veel mensen bezig. De meningen hierover
Onderzoek Module 10.3 Het empirisch onderzoek ontwerpen. Master Innovation & Leadership in Education
Onderzoek Module 10.3 Het empirisch onderzoek ontwerpen Master Innovation & Leadership in Education Leerdoelen Aan het eind van deze lesdag heb je: Kennis van de dataverzamelingsmethodes vragenlijstonderzoek,
KERK EN CHRISTENVERVOLGING christenvervolging
KERK EN CHRISTENVERVOLGING christenvervolging Een onderzoek naar de betrokkenheid van predikanten en voorgangers bij de vervolgde kerk November 2013 Inleiding Hoe 'leeft' het onderwerp christenvervolging
Praktische tips voor succesvol marktonderzoek in de land- en tuinbouwsector
marktonderzoek in de land- en tuinbouwsector Marktonderzoek kunt u prima inzetten om informatie te verzamelen over (mogelijke) markten, klanten of producten, maar bijvoorbeeld ook om de effectiviteit van
Competent talent in de praktijk
Competent talent in de praktijk Competent talent in DE PRAKTIJK CURSISTENBOEK Talent ontdekken, ontwikkelen & inzetten Competent talent in de praktijk Cursistenboek Talent ontdekken, ontwikkelen & inzetten
Beoordelingsmodel scriptie De beoordelaars gaan niet over tot een eindbeoordeling indien een van de categorieën een onvoldoende is.
Beoordelingsmodel scriptie De beoordelaars gaan niet over tot een eindbeoordeling indien een van de categorieën een is. Plan van aanpak 1.aanleiding (10 punten) Er is geen duidelijk omschreven aanleiding
Wat doet NIM Maatschappelijk Werk?
Wat doet NIM Maatschappelijk Werk? Hulp, informatie en advies voor iedereen die het nodig heeft Bij NIM Maatschappelijk Werk kan iedereen die het nodig heeft (in Nijmegen en de regio) aankloppen voor gratis
Cursus Onderwijs en ICT. Programmeren met Visual Basic
Cursus Onderwijs en ICT Jaargang 2, deel 23 (versie 1.0 NL 2-7-2011) Programmeren met Visual Basic door Serge de Beer Inleiding In sommige gevallen biedt het aanbod op de softwaremarkt niet wat je zoekt.
Welkom. Neem contact op zodat wij aan de hand van uw situatie specifieker kunnen aangeven wat wij kunnen betekenen. Werkgever. Werknemer.
http://www. Welkom Organisaties die afscheid gaan nemen van medewerkers helpen wij door deze medewerkers te begeleiden op weg naar nieuw werk: tijdig, passend en in een goede sfeer. Dat scheelt organisaties
HEY WAT KAN JIJ EIGENLIJK GOED? VERKLAP JE TALENT IN 8 STAPPEN
E-blog HEY WAT KAN JIJ EIGENLIJK GOED? VERKLAP JE TALENT IN 8 STAPPEN In talent & groei Het is belangrijk om je talent goed onder woorden te kunnen brengen. Je krijgt daardoor meer kans om het werk te
Nederlands bedrijfsleven: maak faillissementsfraude snel openbaar
Nederlands bedrijfsleven: maak faillissementsfraude snel openbaar Korte peiling over een actueel onderwerp op het gebied van credit management juni 2014 Tussentijdse meting Trendmeter 14 B16475 / juni
71x071 Handleiding. Wie doet wat?
71x071 Handleiding In dit document vind je de spelregels van 71x07 1, een onderzoek naar urban trends in Leiden e.o. in de periode 2015-2020. We verkennen de toekomst van 071: - Welke trends (ontwikkelingen)
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Faculteit Educatie Instituut voor Leraar en School
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Faculteit Educatie Instituut voor Leraar en School Beoordeling Afstudeeronderzoek eindfase 2014-2015 VT-DT ONDERZOEKSVERSLAG 1 Bijlage 5c Beoordelingsformulier onderzoeksverslag
Voorwoord van Hester van Herk... iii Voorwoord van Foeke van der Zee... iv Verantwoording... vi
Inhoudsopgave Voorwoord van Hester van Herk... iii Voorwoord van Foeke van der Zee... iv Verantwoording... vi INTRODUCTIE... 1 1. Wat is onderzoek... 2 1.1 Een definitie van onderzoek... 2 1.2 De onderzoeker
Onderzoek naar de nazorg bij dikke darmkanker door de huisarts of de chirurg en het gebruik van een persoonlijke interactieve website (I CARE studie).
Onderzoek naar de nazorg bij dikke darmkanker door de huisarts of de chirurg en het gebruik van een persoonlijke interactieve website (I CARE studie). Verbetert de zorg na de behandeling van dikke darmkanker
Cursusgids - Social Medi lessen. Eerste druk November 2015. Digitaal Leerplein. Website: www.digitaalleerplein.nl E-mail: info@digitaalleerplein.
Titel Cursusgids - Social Medi lessen Eerste druk November 2015 Auteur Fred Beumer Digitaal Leerplein Website: www.digitaalleerplein.nl E-mail: [email protected] Alle rechten voorbehouden. Niets
Formulier Aanvraag start Afstudeeronderzoek
Bijlage 2. Aanvraag start Afstudeeronderzoek Formulier Aanvraag start Afstudeeronderzoek Opleiding Sport en Bewegen Hierbij het verzoek om onderstaande gegevens in te vullen en in te dienen bij de afstudeercommissie.
De kaderstellende rol van de raad bij complexe projecten
De kaderstellende rol van de raad bij complexe projecten Basisschool Aan de Bron en sporthal op het voormalige WML-terrein Onderzoeksopzet Rekenkamer Weert 16 december 2007 Inhoudsopgave 1. Achtergrond
Onderzoek: Studiekeuze
Onderzoek: Studiekeuze Publicatiedatum: 31-01- 2014 Over dit onderzoek Aan dit online onderzoek, gehouden van 29 t/m 31 januari 2014, deden 712 scholieren en 1064 studenten mee. De uitslag van de peiling
Deel ; Conclusie. Handleiding scripties
Deel ; Conclusie Als je klaar bent met het analyseren van de onderzoeksresultaten, kun je beginnen met het opstellen van de conclusie(s), de eventuele discussie en het eventuele advies. In dit deel ga
Reflectieonderzoek Informatie voor deelnemers
Reflectieonderzoek Informatie voor deelnemers Voorwoord Beste kandidaat, Je gaat binnenkort deelnemen aan een reflectieonderzoek. In deze informatiebrochure kun je lezen wat je kunt verwachten van een
Voorwoord. Hoogbegaafdheid in kaart
Voorwoord In de afgelopen jaren is er meer aandacht gekomen voor hoogbegaafde kinderen in het onderwijs. We staan daarmee aan het begin van een leerproces en deze kaarten leveren daar een bijdrage aan
Voorwoord bij de tiende druk 8. 1 Inleiding 1 0. deel i voorbereiding 15
Inhoud Voorwoord bij de tiende druk 8 1 Inleiding 1 0 deel i voorbereiding 15 2 Verkenning van onderzoeks- en rapporteringsterrein 1 9 2.1 Terreinafbakening 2 0 2.2 Vraagstelling 3 0 2.3 Doelstelling 3
Tevredenheidsonderzoek 2011. Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv
Tevredenheidsonderzoek 2011 Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv Zoetermeer, zaterdag 4 februari 2012 In opdracht van Studiecentrum Talen Eindhoven bv De verantwoordelijkheid voor de inhoud
1. Is de standaard duidelijk over de werkzaamheden die mogen worden uitgevoerd.? Zo nee, graag toelichten waarom niet.
Reactie op Consultatiedocument Standaard 4400N Met belangstelling heb ik kennis genomen van het consultatiedocument Standaard 4400N. Ik maak graag gebruik van de mogelijkheid om te reageren op dit document.
Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden door verstandelijke beperkingen
Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden door verstandelijke beperkingen Een speciale uitdaging voor het huisartsenteam en het steunnetwerk Dr. Jany Rademakers, NIVEL Drs. Jeanny
Agenda 15 t/m 17 juni Kamp groep 8 24 juni Onderbouwdag (groep 1 t/m 4 is vrij) We luisteren naar elkaar.
Vrijdag 10 juni 2016 Agenda 15 t/m 17 juni Kamp groep 8 24 juni Onderbouwdag (groep 1 t/m 4 is vrij) Regel van de week: We luisteren naar elkaar. Storing bij het versturen van e-mails Afgelopen week hebben
PAPER IMPLEMENTATIE ICT INFRASTRUCTURE PROJECT 3
INSTITUTE OF MANAGEMENT & INFORMATION TECHNOLOGY R E A D E R PAPER IMPLEMENTATIE ICT INFRASTRUCTURE PROJECT 3 MODEL STRUCTUUR EN INDELING VAN DE ITP3 PAPER VERSIE 3.0 PARAMARIBO 21 OKTOBER 2016 BY MCT
