Notitie rente

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Notitie rente 9-12-2013"

Transcriptie

1 Notitie rente

2 INHOUDSOPGAVE blz. 1. Aanleiding van de notitie 3 2. Rente 3 3. Toerekenen van rente 5 4. Overige onderwerpen 10 -ii

3 1. Aanleiding van de notitie Rente is een belangrijke kostenpost in de begroting van gemeenten 1, maar kan soms ook een inkomstenpost zijn. Verandering van de rentestanden kan grote risico s met zich mee brengen. De wijze waarop de rentelasten en rentebaten in de begroting van gemeenten, provincies en waterschappen zijn opgenomen, roept nogal eens vragen op in verband met de complexiteit van de verwerking en door begrippen als renteresultaat, omslagrente en rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen (ook wel interne rente genoemd). Onder de eigen (interne) financieringsmiddelen wordt verstaan de reserves en voorzieningen. Daarom is het belangrijk dat er inzicht wordt gegeven in deze begrippen, de verschillende wijzen van verwerken in de begroting en jaarrekening en dat duidelijk wordt waar de door de gemeenteraad te beïnvloeden knoppen zitten. Deze notitie bestaat uit 4 hoofdstukken. Na het beschrijven van de aanleiding van de notitie in hoofdstuk 1, geeft hoofdstuk 2 een beschouwing over het begrip rente. Het toerekenen van rente komt in hoofdstuk 3 aan de orde en in hoofdstuk 4 wordt op overige onderwerpen en ontwikkelingen ingegaan. 2. Rente De wijze waarop met rente in de begroting en jaarstukken van gemeenten wordt omgegaan is vaak complex en daardoor lastig te doorgronden. Hierdoor bestaat de mogelijkheid dat voor de raad de wijze van verwerken van de rente en de effecten hiervan op de begroting en de jaarstukken, niet duidelijk is. Rente, interest of intrest is de vergoeding die wordt ontvangen voor het uitlenen van geld en die betaald wordt door degene die het geld leent. Het begrip rente is onder te verdelen in rentelasten, rentebaten en de rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen. Hiernaast wordt ook onderscheid gemaakt in rente op vlottende leningen en uitzettingen en rente op vaste geldleningen en uitzettingen. 2.1 Rentelasten en rentebaten Voor de financiering van investeringen worden veelal externe financieringsmiddelen aangetrokken. Aan het aantrekken van deze (externe) financieringsmiddelen zijn rentekosten verbonden. De rente is onder te verdelen in korte (tot één jaar) en lange (vanaf één jaar) rente. De korte rente (geldmarktrente) is die, welke wordt gegeven op een vlottende lening. Lange rente (kapitaalmarktrente) is de rente op een vaste lening. De hoogte van de geboden en de te betalen rente is afhankelijk van de hoogte van de inflatie, de mate waarin de uitlenende partij risico loopt en een eventuele vergoeding voor de te leveren diensten. Het verschil tussen de korte en lange rente is dat de hoogte van de lange rente het resultaat is van vraag en aanbod op de markt van geld, de zogenoemde kapitaalmarkt en dat de centrale bank de korte rente bepaalt die daardoor beter te voorspellen is. 1 In deze notitie wordt gesproken over gemeenten. Deze notitie is ook van toepassing op provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen. 3

4 Gemeenten lenen ook geld uit aan partijen of zetten overtollig kasgeld uit. Voor deze uitzetting van gelden ontvangt de gemeente een vergoeding in de vorm van rente. De Wet FIDO (Financiering Decentrale Overheden), Ruddo (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) en Ufdo (Uitvoeringsregeling decentrale overheden) leggen beperkingen op bij het uitzetten van gelden. Het verstrekken van leningen is alleen toegestaan voor de uitoefening van de publieke taak en mag niet gericht zijn op het generen van inkomsten door het aangaan van overmatige risico s. Voor gemeenten treedt het schatkistbankieren in werking. In hoofdstuk 4 gaan wij verder in op de bepalingen van de Wet FIDO en schatkistbankieren. 2.2 Rente eigen financieringsmiddelen (bespaarde rente) Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit het saldo van de bezittingen en de schulden. Dit eigen vermogen bestaat uit het gerealiseerde resultaat, de algemene reserve en bestemmingsreserves. Over de eigen (interne) financieringsmiddelen kan rente worden berekend. Dit is de bespaarde rente. Reden om bespaarde rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen te berekenen, is dat de eigen (interne) financieringsmiddelen dienen als financieringsbron. Het eigen vermogen houdt overigens niet in dat de gemeente dit geld ook daadwerkelijk ter beschikking heeft. Bij de bespaarde rente is er dan ook sprake van een fictieve rente. Fictief omdat er door de gemeenten geen rente wordt ontvangen en ook geen rente wordt betaald. De berekende rentelast over de eigen (interne) financieringsmiddelen wordt als last meegenomen in de begroting. Rentetoerekening aan reserves kan via een toevoeging aan de reserves (na het bepalen van het resultaat van baten en lasten) plaatsvinden. Rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn niet toegestaan, tenzij de voorziening berekend is op contante waarde. Voor het bepalen van het rentepercentage eigen (interne) financieringsmiddelen zijn verschillende methoden mogelijk. De gangbare methoden zijn de marktrente, het inflatiepercentage en de gemiddelde vermogenskostenvoet. Al deze methoden zijn toegestaan. De keuze van het percentage hangt af van de doelstelling van de gemeente. Indien de gemeente als uitgangspunt heeft dat de bespaarde rente de huidige marktontwikkelingen moet weerspiegelen (alsof het geld van de bank is geleend) dan kiest zij voor de marktrente als percentage voor de bespaarde rente. Wanneer de gemeente niet wil dat op de eigen (interne) financieringsmiddelen wordt ingeteerd, dan kiest zij voor het inflatiepercentage als percentage voor de bespaarde rente. Indien de gemeente ervoor kiest de huidige financieringsstructuur als basis te nemen voor het toerekenen van rente dan kiest zij voor de gemiddelde vermogenskostenvoet. Dat is het gemiddelde rentepercentage dat aan externe financiële instellingen (banken) wordt betaald. Bij de raad ligt de bevoegdheid te besluiten over de rentetoerekening en allocatie. Het is aan te bevelen om de wijze van toerekening en allocatie op te nemen in de verordening op basis van artikel 212 Gemeentewet. Vervolgens is het ongeacht de methode en percentage sterk aan te bevelen om in de paragraaf financiering bij de beleidsbegroting in te gaan op de rente, zoals deze in de begroting is opgenomen en in de paragraaf financiering bij het jaarverslag verantwoording af te leggen over de rente in het verslagjaar. Verder zal in het kader van transparantie het verloop van de rentebaten en - lasten ook uitdrukkelijk aandacht moeten krijgen in de tussentijdse rapportages, zodat de raad de mogelijkheid heeft om te kunnen bijsturen en zal het college in de jaarstukken uiteindelijk verantwoording moeten afleggen over de rentelasten en -baten. 4

5 De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders moeten over de volgende vragen een (kaderstellend) bestuurlijk besluit nemen: I. Wordt bespaarde rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen berekend (verordening 212 Gemeentewet)? II. Welke methode en percentage worden gehanteerd (verordening 212 Gemeentewet)? 3. Toerekenen van rente In dit hoofdstuk gaan wij (nader) in op de bespaarde rente, het toerekenen van rente aan producten, rente op de grondexploitaties, bouwrente, de rente-omslag en het renteresultaat. Al deze methoden zijn toegestaan. 3.1 Het toerekenen van rente aan reserves In paragraaf 2.2 van deze notitie zijn wij ingegaan op het begrip bespaarde rente. De bespaarde rente kan als last worden berekend en vervolgens worden toegevoegd aan de reserves. Ook kan worden gekozen om de bespaarde rente als last te berekenen en vervolgens als baat (bij het programma algemene dekkingsmiddelen) te verantwoorden. Bij het jaarlijks doteren aan de reserves wordt de waarde van de reserves (koopkracht) gehandhaafd. Door middel van het doteren van rente aan de reserves wordt het interen van de reserves tegengegaan. Dit kan ten koste gaan van de transparantie. Als de koopkracht of anders gezegd de inflatie moet worden opgevangen, dan moet dit ook als zodanig worden benoemd. Bij het doteren van een rentevergoeding (inflatievergoeding) aan de reserves wordt de waarde in stand gehouden en kunnen de reserves worden aangewend zonder dat dit tot een wezenlijk dekkingsprobleem in de begroting leidt. Als een gemeente dit eigen (interne) financieringsmiddel aanwendt, vervallen de rentelasten. Daar tegenover staan extra rentelasten voor het aantrekken van (vervangende) externe financieringsmiddelen, dan wel het vervallen van rentebaten op belegde liquide middelen. Wanneer het percentage van de bespaarde rente dus in de buurt ligt van het rentepercentage van de (vervangende) externe financiering of rentepercentage van de belegde liquide middelen compenseert dat in de begroting. Wanneer de rente eigen (interne) financieringsmiddelen niet aan de reserves worden toegevoegd, maar ten gunste van de exploitatie wordt verantwoord, ontstaat er bij het aanwenden van de eigen (interne) financieringsmiddelen mogelijk wel een dekkingsprobleem in de begroting. Als het eigen (interne) financieringsmiddel wordt aangewend vervallen in dat geval zowel de rentelasten als de rentebaten. Dat is een neutraal effect. Het dekkingsprobleem ontstaat door het aantrekken van (vervangende) externe financieringsmiddelen die wel rentelasten, maar geen rentebaten met zich brengen, dan wel het wegvallen van rentebaten op belegde liquide middelen. De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders moeten een kaderstellend besluit nemen over het toerekenen van bespaarde rente aan de eigen (interne) financieringsmiddelen: 5

6 III. Wordt de bespaarde rente aan de eigen (interne) financieringsmiddelen toegevoegd (verordening 212 Gemeentewet)? 3.2 Renteomslag Veel gemeenten trekken niet voor iedere financiering een aparte lening aan, maar financieren het geheel van investeringen (integrale financiering). Tegenover de totaliteit van de boekwaarden van alle investeringen staan de totaal beschikbare financieringsmiddelen. Deze (externe) financieringsmiddelen hebben verschillende rentepercentages omdat de (externe) financieringsmiddelen op verschillende tijdstippen zijn aangetrokken. De rentestand van deze (externe) financieringsmiddelen is aan fluctuaties onderhevig. Bij integrale financiering door middel van de omslagrente worden de kapitaallasten (rente en afschrijving) van investeringen toegerekend aan producten en maken deze lasten vervolgens deel uit van de betreffende programma s. Hiernaast heeft de omslagrente een rente stabiliserend effect op de begroting. Toepassing van de omslagrente betekent dat er sprake is van een verzwaring van de administratieve lasten en dat de omslagrente niet de huidige marktcondities hoeft te weerspiegelen. Ook is projectfinanciering mogelijk. De lening wordt dan aangetrokken ten behoeve van een bepaalde investering of project. Bij deze methode ligt het voor de hand de rentelasten van de lening toe te rekenen aan de investering of programma waarvoor de investering is aangetrokken. Indien geen renteomslag wordt toegepast dan worden de rentelasten op één post (algemene dekkingsmiddelen) in de begroting verantwoord. Dat zijn in ieder geval de werkelijke rentelasten van externe financiering en kunnen (indien daar voor is gekozen) ook de rentelasten van de eigen (interne) financieringsmiddelen zijn. Deze methodiek is transparant en geeft direct inzicht in de rentelasten in de begroting. Het punt bij deze methode is dat de rentekosten niet aan de programma s en producten zijn toegerekend en dat de begroting daardoor geen inzicht geeft in de volledige kosten (dus inclusief de rentelasten) van een programma en product. Bij deze methode kunnen de rentelasten en baten worden verantwoord in het overzicht algemene dekkingsmiddelen en zal in de paragraaf financiering een nadere toelichting worden gegeven. Dit kan ook discussies over de kostendekkendheid van tarieven voor de heffingen geven. De rente moet dan comptabel of extracomptabel aan de tarieven worden toegerekend. In de praktijk komen drie methoden van de renteomslag voor: 1. In de renteomslag wordt ook de berekende rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen verwerkt. 2. Alleen de werkelijk betaalde rente wordt verwerkt in de renteomslag. 3. Renteomslag gebaseerd op de marktrente Een gemeente die methode 1 toepast moet op grond van artikel 2, vierde lid BBV, de bespaarde rente over de eigen (interne) financieringsmiddelen onder de lasten opnemen. Wanneer gekozen wordt voor het niet doteren aan de reserves, dan wordt de bespaarde rente als baat verantwoord. Om te voorkomen dat het rente-omslagpercentage jaarlijks moet worden bijgesteld, wordt vaak voor een langere periode een percentage vastgesteld. Dit leidt ertoe dat de rente die aan de programma s en producten wordt toegerekend vast en dus stabiel is. Als het renteomslagpercentage gaat afwijken van de werkelijke vermogenskostenvoet (werkelijke rentelasten), ontstaat er een renteresultaat. Wanneer dit renteresultaat hoog wordt, is dat een signaal om het 6

7 rente-omslagpercentage te herzien. Bij methode 1 speelt de financieringswijze geen rol bij het bepalen van de kostprijs. Een gemeente die methode 2 kiest, houdt bij de toerekening van rente aan de programma s en producten geen rekening met de rentelasten die samenhangen met het hebben van eigen (interne) financieringsmiddelen. Zeker wanneer de omvang van de eigen (interne) financieringsmiddelen groot is, kan een kritiekpunt zijn dat de rentekosten bij de programma s en producten te laag zijn. Ook bij deze methode kan, om te voorkomen dat het rente-omslagpercentage jaarlijks moet worden bijgesteld, het percentage voor een langere periode worden vastgesteld. Dan ontstaat er ook een renteresultaat. Bij toepassing van methode 3 wordt het rente-omslagpercentage gebaseerd op de marktrente (bijvoorbeeld: de kapitaalmarkt). Deze rente wijkt af van de gemiddelde vermogenskostenvoet van een gemeente en zal vrijwel altijd leiden tot een renteresultaat. Bovendien ligt het bij deze methode wat betreft uitgangspunten voor de hand dat het rente-omslagpercentage ieder jaar anders is (meebeweegt met de marktrente). Dit geeft onrust in de begroting omdat de rentelasten dan jaarlijks veranderen. Om dit te voorkomen kan het rente-omslagpercentage voor een langere periode worden vastgesteld. Bij alle drie de methoden is een variant mogelijk door een afwijkende vaste rente toe te rekenen aan bepaalde investeringen. Dit is een vorm van projectfinanciering. Hierbij kan worden gedacht aan investeringen in de riolering of in schoolgebouwen of in grondexploitaties (paragraaf 3.4). De rentelasten van deze producten zijn stabiel en onafhankelijk van of de investeringen met eigen of externe financieringsmiddelen zijn gefinancierd. Dit geeft ook een stabiele basis voor de tariefberekening ten behoeve van bijvoorbeeld het rioolrecht. Deze methode heeft als gevolg dat bij producten van een gemeente verschillende rentetarieven worden gehanteerd. In onderstaande tabel is een voorbeeld van een berekening van de omslagrente opgenomen: boekwaarde investeringen per 1-1-jaar x Af: vaste eigen financiële middelen reserves en voorzieningen per 1-1-jaar x restantschuld geldleningen financieringstekort/-overschot rentelasten/-baten rente vaste schulden rente eigen (interne) financieringsmiddelen rente financieringstekort/-overschot totaal rentefactoren boekwaarde investeringen per 1-1-jaar x af: investeringen met vast rentepercentage rente te verdelen over totaal rentefactoren af: vaste rente van investeringen te verdelen rente.., (A).., (B).., (C)..,- (B+C).., (A-(B+C).., (D).., (E).., (F).., (D+E+F).., (A).., (G).., (A-G).., (D+E+F).., (H).., (D+E+F-H) 7

8 te verdelen rente (D+E+F-H) 1% rente te verdelen over (A-G) x % = omslagrente De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders moeten over de volgende vragen een (kaderstellend) bestuurlijk besluit nemen: IV. Wordt een omslagrente berekend om de rente aan producten toe te rekenen (verordening 212 Gemeentewet)? V. Welk rentepercentage wordt gekozen (marktrente, gemiddelde vermogenskostenvoet, gemiddelde rentevoet over geleend geld en eigen (interne) financieringsmiddelen of gedifferentieerde rentepercentages) (verordening 212 Gemeentewet)? 3.3 Rente toerekenen aan producten De drie toegestane geschetste methoden, met enkele mogelijke varianten daarop, geven aan dat er sprake is van een grote diversiteit, tussen gemeenten, van kostentoerekening van rente aan de programma s en producten. Bovendien is de transparantie over de wijze van toerekenen veelal beperkt. Onder de Comptabiliteitsvoorschriften 1995 (CV 95) moest de kostenverdeelstaat verplicht worden opgenomen en de toerekening van apparaatskosten (inclusief rentelasten) aan functies werd voorgeschreven. In het BBV is de verplichting van een kostenverdeelstaat niet meer opgenomen en het BBV kent ook niet meer de verplichting van een specifieke toerekening van de apparaatskosten. Wel moet op grond van artikel 71 en 72 BBV in de informatie voor derden (IV3) voor het CBS duidelijk worden gemaakt hoe de baten, lasten, kostenplaatsen en balansmutaties (de kostensoorten) aan de producten en vervolgens aan de functies zijn toegerekend. Bij het doorberekenen van kapitaallasten (= rente- en afschrijvingslasten) naar kostenplaatsen en via kostenplaatsen naar programma s en producten ontstaan veelal verschillen op de kostenplaats. Het saldo (renteresultaat) op deze kostenplaatsen wordt verantwoord in het overzicht algemene dekkingsmiddelen. Bij het verantwoorden van een saldo in het overzicht algemene dekkingsmiddelen heeft de gemeenteraad beperkt inzicht in de baten en lasten van de bedrijfsvoering en de verschillende effecten van de toerekening van rente. De gemeenteraad krijgt immers alleen een saldo gepresenteerd en geen inzicht in de totstandkoming van het saldo. Indien de gemeenteraad nader inzicht wil krijgen in deze baten en lasten bestaat de mogelijkheid om dit toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering of financiering. Wel zal ten behoeve van Iv3 en voor het bepalen van tarieven en prijzen een gemeente berekeningen (apparaatskosten inclusief rentelastendoor te berekenen aan functies) extracomptabel uit moeten voeren. Een hoog renteresultaat roept wel de vraag op of aan de producten niet te veel of te weinig rente wordt toegerekend ten opzichte van de werkelijke rentelasten. Het is van belang inzicht te verkrijgen in de oorzaken van het renteresultaat. 3.4 Rente op activa Het BBV specificeert het bezit van grond naar de volgende activa: 1. Vaste materiele vaste activa 8

9 2. Vlottende activa (voorraden en ruilgronden) 3. Niet in exploitatie genomen gronden (NIEGG) 4. Bouwgrond in exploitatie (BIE) De mogelijkheid tot het bijschrijven van rente is afhankelijk van de aard van het bezit. 1. Vaste materiele vaste activa Over grond als vaste materiële vaste activa kan worden gesteld, dat deze grond een vaste bestemming heeft en niet in een transformatieproces zit. Er is dus geen sprake van een vervaardigingsprijs maar van een verkrijgingsprijs. Op de boekwaarde van deze grond worden daarom ook geen kosten als rente bijgeschreven 2. Vlottende activa (ruilgronden) Ruilgronden of strategische aankopen zijn niet aangekocht met het stellige voornemen tot toekomstige bouw, maar om op afzienbare termijn te ruilen voor gronden waarop wel een toekomstige bouw is/wordt voorgenomen. Omdat er voor deze ruilgronden geen vervaardigingsproces zal gaan plaatsvinden, kan er geen sprake zijn van activeerbare vervaardigingskosten (geen rente bijschrijven dus). 3. Niet in exploitatie genomen gronden Bij de niet in exploitatie genomen gronden bestaat de mogelijkheid om rente bij te schrijven. Wel moet een reëel en stellig voornemen bestaan dat deze in de nabije toekomst zal worden bebouwd gebaseerd op een raadsbesluit. Bij de toerekening van de rente moet sprake zijn van een reëel rentepercentage. De activering van de rentekosten (en overige vervaardigingskosten) dient beperkt te blijven tot het niveau van de huidige marktwaarde. Ook mag de verwachte marktwaarde als uitgangspunt worden gehanteerd, maar dan moet wel rekening gehouden worden met de overige nog te maken kosten die gemaakt moeten worden om de toekomstige bestemming te realiseren. 4. Bouwgrond in exploitatie Bij de boekwaarde mogen rentekosten worden bijgeschreven gedurende de vervaardiging van het actief. De rentelasten die worden toegerekend aan de Niet in exploitatie genomen gronden en bouwgronden in exploitatie dient realistisch te worden bepaald (één van de methoden van paragraaf 3.2 en 3.3). Bij de huidige marktomstandigheden is het een extra aandachtspunt in hoeverre de Niet in exploitatie genomen gronden en bouwgronden in exploitatie de rentelasten kunnen dragen. Indien dat niet het geval is, zal direct een voorziening voor verwachte tekorten moeten worden getroffen. Een alternatief is de rentelasten direct ten laste van de exploitatie te brengen en geen rente toe te rekenen aan de Niet in exploitatie genomen gronden en bouwgrond in exploitatie. De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders moeten over de volgende vragen een (kaderstellend) bestuurlijk besluit nemen: VI. Wordt een omslagrente berekend om de rente aan grondexploitaties toe te rekenen (verordening 212 Gemeentewet)? VII. Welk rentepercentage wordt gekozen (marktrente, gemiddelde vermogenskostenvoet, gemiddelde rentevoet over geleend geld en eigen (interne) financieringsmiddelen of gedifferentieerde rentepercentages) (verordening 212 Gemeentewet)? 9

10 4. Overige onderwerpen 4.1 Inleiding Dit hoofdstuk geeft een uiteenzetting van interne en externe wet- en regelgeving die gevolgen hebben voor de rente in de jaarrekening van gemeenten. De Wet financiering decentrale overheden en de regels voorschriften financiering hebben onder andere als doel risicobeheersende maatregelen te geven voor gemeenten. Deze risicobeheersende maatregelen uiten zich concreet in het kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Paragraaf 4.2 geeft een uiteenzetting van de wet FIDO en van deze twee begrippen. Het BBV en de Gemeentewet stellen eisen aan de inrichting en rapportering van treasury. Deze bepalingen zijn opgenomen in paragraaf 4.3. Nieuwe ontwikkelingen rondom treasury zijn het schatkistbankieren en de wet Hof. Deze nieuwe ontwikkelingen zijn beschreven in paragraaf 4.4 en De wet FIDO Sinds 1 januari 2001 is de Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO) van kracht. Deze wet geeft regels voor het financieringsbeleid bij gemeenten. Met ingang van 1 januari 2009 is de Wet tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden en enkele andere regelingen en besluiten ten behoeve van een verbeterde werking van de financieringsfunctie van gemeenten in werking getreden. Deze besluiten en regelingen zijn hieronder uiteengezet: In de Ruddo (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) staat o.m. dat de gemeenten alleen geld mogen uitzetten bij een instelling die financieel gezond is. Mede naar aanleiding van de kredietcrisis zijn begin 2009 de eisen verscherpt en is de Ruddo aangepast. Bij die wijziging is de Handreiking Wijziging Ruddo geschreven. In het Besluit leningvoorwaarden decentrale overheden staan voorwaarden voor gemeenten die geld willen lenen. Dit besluit van 14 december 2000, Stb 589 is gebaseerd op artikel 2, derde lid Wet FIDO. Hierin staat dat openbare lichamen een geldlening slechts kunnen aangaan en verstrekken, dan wel de nakoming van uit geldleningen voortvloeiende verplichtingen ten aanzien van de betaling van rente en aflossing slechts garanderen, indien de geldleningen voldoen aan de daarvoor bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels. In de Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden (Ufdo) staan de rentepercentages voor de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Deze uitvoeringsregeling van 21 december 2000, Stcrt. 252 en laatstelijk gewijzigd bij Regeling van 3 april 2009, Stcrt. 65 is gebaseerd op de artikelen 3, 5 en 8 van de Wet FIDO. FIDO Het uitgangspunt van de Wet FIDO is het beheersen van risico s, dat zich uit in een tweetal kwalitatieve randvoorwaarden voor het treasurybeleid: het aangaan en verstrekken van leningen evenals het verlenen van garanties zijn alleen toegestaan voor de uitoefening van de publieke taak uitzettingen en derivaten moeten een prudent karakter hebben en mogen niet gericht zijn op het genereren van inkomsten door het aangaan van overmatige risico s. 10

11 Uit deze randvoorwaarden komt naar voren dat bankieren verboden is. Het beheersen van de risico s als uitgangspunt van de Wet FIDO uit zich verder concreet in de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet 2 Artikel 4, lid 1 Wet FIDO bepaalt, dat de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal niet de kasgeldlimiet overschrijdt. De kasgeldlimiet stelt een grens aan de korte financiering. Hiermee kan het renterisico op de korte financiering beperkt worden. De kasgeldlimiet wordt berekend als een bepaald percentage (van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. De uitvoeringsregeling FIDO bepaalt het percentage voor de kasgeldlimiet. Onder de netto-vlottende schuld wordt verstaan het gezamenlijke bedrag van: De opgenomen gelden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar de schuld in rekening courant; de voor een termijn van korter dan één jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden (kortlopende waarborgsommen); overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld. Verminderd met het gezamenlijke bedrag van: de contante gelden in kas; de tegoeden in rekening courant; de overige uitstaande gelden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar. Renterisiconorm 3 De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het renterisico op het begrotingstotaal overschrijdt de renterisiconorm niet (artikel 6, lid 1 Wet FIDO). De renterisiconorm wordt berekend door een vastgesteld percentage te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Op basis van de wijzigingswet stelt de beoogde renterisiconorm in de kern dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherzieningen niet meer dan 20% van de begroting mogen bedragen. Het maximum percentage van 20% moet voor de komende vier jaar worden berekend op basis van de begroting voor het komende jaar. De horizon van het begrotingsjaar plus de komende drie jaar komt overeen met de periode van de meerjarenraming. Om de risico s over een langere periode te kunnen overzien, is het raadzaam de financieringsbehoefte inclusief de renteherzieningen over een langere periode te bezien. 4.3 Interne regels In artikel 212 van de Gemeentewet is opgenomen dat de financiële verordening in ieder geval regels moet bevatten over de algemene doelstellingen en de te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie en regels moet bevatten over de administratieve organisatie van de 2 Voor waterschappen gelden andere bepalingen 3 Voor waterschappen gelden andere bepalingen 11

12 financieringsfunctie. Hieronder vallen ook de taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening. In artikel 9 en 13 van het BBV is geregeld dat de gemeenten verplicht zijn in de begroting en de jaarstukken een financieringsparagraaf op te nemen. In de financieringsparagraaf wordt ingegaan op de uitvoering van het treasurybeleid. Als regel zal het om de concrete invulling gaan van zaken waarvoor het treasurystatuut de kaders geeft. De financieringsparagraaf heeft zowel betrekking op de begroting als de jaarstukken. In de begroting komen de (concrete) beleidsplannen aan de orde. In de jaarstukken gaat het om de realisatie van de plannen en om een verschillenanalyse tussen de plannen en de uitkomsten. De gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders moeten over de volgende vraag een (kaderstellend) bestuurlijk besluit nemen: VIII. Op welke wijze wordt het treasurybeleid ingericht en vormgegeven binnen de gemeente (verordening 212 Gemeentewet en paragraaf financiering)? 4.4 Schatkistbankieren In het wetsvoorstel van 8 februari 2013 is geregeld dat gemeenten verplicht worden tot schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat gemeenten hun overtollige middelen bij het Rijk moeten uitzetten. Hiermee wordt beoogd dat de Staat minder geld leent op de financiële markten en de staatsschuld hierdoor daalt. Daarnaast wordt beoogd dat financiële risico s voor gemeenten worden verminderd. 4.5 Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) De Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF) maakt dat het sturen op het EMU-saldo essentieel wordt voor gemeenten. Voor gemeenten komt er met het sturen op het EMU-saldo een nieuw kader bij. Het sturen op het EMU-saldo stelt hoge eisen aan een goede liquiditeitsplanning en heeft ook gevolgen voor de schuldenpositie van gemeenten. 12

1. Inleiding en richtlijnen

1. Inleiding en richtlijnen NOTITIE RENTE 2017 1. Inleiding en richtlijnen 1.1 Inleiding Bij de wijzigingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de invoering van de Vennootschapsbelasting (VPB) voor de lagere overheden

Nadere informatie

BEGROTING 2014. Paragraaf Financiering

BEGROTING 2014. Paragraaf Financiering BEGROTING 2014 Paragraaf Financiering Ambtelijke programmamanager Afdelingshoofd Bedrijfsvoering Inleiding In de BBV 2004 (Besluit Beheer en Verantwoording Provincies en gemeenten) is een paragraaf financiering

Nadere informatie

http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_15-01-2015/afdrukken

http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_15-01-2015/afdrukken http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_/afdrukken Page 1 of 5 Wet financiering decentrale overheden (Tekst geldend op: ) Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het

Nadere informatie

Onderstaande tabel geeft het verloop weer van onze huidige langlopende geldleningen.

Onderstaande tabel geeft het verloop weer van onze huidige langlopende geldleningen. 4 Financiering Het doel van deze paragraaf is om de raad beter te informeren omtrent het treasurybeleid en de beheersing van financiële risico s. De treasuryfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma's

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT 6.9

Aan de raad AGENDAPUNT 6.9 Aan de raad AGENDAPUNT 6.9 Treasurystatuut 2010 Voorstel: het Treasurystatuut 2010 vaststellen. Inleiding In februari 2009 hebben wij u geïnformeerd over de treasury bij onze gemeente. Aanleiding hiervoor

Nadere informatie

Kadernota rentebeleid en rentetoerekening 2013 gemeente Heerhugowaard

Kadernota rentebeleid en rentetoerekening 2013 gemeente Heerhugowaard Kadernota rentebeleid en rentetoerekening 2013 gemeente Heerhugowaard 1. Inleiding Het begrip rente speelt een belangrijke rol in het gemeentelijk huishoudboekje en kent binnen de gemeentefinanciën een

Nadere informatie

4.4 Financiering. 4.4.3 De financiering van de gemeente Spijkenisse

4.4 Financiering. 4.4.3 De financiering van de gemeente Spijkenisse 4.4 Financiering 4.4.1 Inleiding De kaders voor het beleid van de gemeente Spijkenisse ten aanzien van de treasuryfunctie liggen wettelijk vast in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido). Deze

Nadere informatie

VERBONDEN PARTIJEN artikel 1 en artikel 5

VERBONDEN PARTIJEN artikel 1 en artikel 5 Hoofdstuk 1 BBV Artikel 1-6 Algemene bepalingen VERBONDEN PARTIJEN artikel 1 en artikel 5 Vraag 13 van deel 7 (vóór apr05) Is een artikel 82 commissie een verbonden partij volgens het BBV? Een artikel

Nadere informatie

Notitie Rentebeleid 2007

Notitie Rentebeleid 2007 Notitie Rentebeleid 2007 Inhoudsopgave Inleiding 3 De positie van de nota rentebeleid 3 De werking van het marktconform percentage 3 Totaalfinanciering versus project- of objectfinanciering 4 Rentetoerekening

Nadere informatie

Financiële verordening gemeente Achtkarspelen

Financiële verordening gemeente Achtkarspelen Financiële verordening gemeente Achtkarspelen De raad van de gemeente Achtkarspelen; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van @; gelet op artikel 212 van de gemeentewet en

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT NR. 7. Doetinchem, 22 mei 2013. Bijstellen begroting rentekosten met ingang van begrotingsjaar 2014

Aan de raad AGENDAPUNT NR. 7. Doetinchem, 22 mei 2013. Bijstellen begroting rentekosten met ingang van begrotingsjaar 2014 Aan de raad AGENDAPUNT NR. 7 Bijstellen begroting rentekosten met ingang van begrotingsjaar 2014 Voorstel: 1. Met ingang van de programmabegroting 2014-2017 een bijstelling doorvoeren van de wijze van

Nadere informatie

- Besluit van het college van burgemeester en wethouders van 7 december 2010 (agendapuntnummer 3.1).

- Besluit van het college van burgemeester en wethouders van 7 december 2010 (agendapuntnummer 3.1). Gemeenteblad Nijmegen Jaartal / nummer 2011 / 031 Naam Besluit Financieringsstatuut gemeente Nijmegen Publicatiedatum 2 maart 2011 Opmerkingen - Besluit van het college van burgemeester en wethouders van

Nadere informatie

Notitie software Mei 2007

Notitie software Mei 2007 Notitie software Mei 2007 2 1 Inleiding 1.1 Algemeen De taak van de commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) is om een eenduidige toepassing van het BBV te bevorderen.

Nadere informatie

Richtlijnen van de commissie BBV

Richtlijnen van de commissie BBV Richtlijnen van de commissie BBV Stellige uitspraken gelden met ingang van begrotingsjaar T+1, het jaar nadat de uitspraak is gepubliceerd. 1. Notitie Software, mei 2007 1.1 Software (als afzonderlijk

Nadere informatie

Jaarrekening 2013. Gemeente Bunnik. Bunnik, 5 juni 2014 Open Huis gemeenteraad

Jaarrekening 2013. Gemeente Bunnik. Bunnik, 5 juni 2014 Open Huis gemeenteraad Jaarrekening 2013 Gemeente Bunnik Bunnik, 5 juni 2014 Open Huis gemeenteraad Agenda Controle van de jaarrekening De voorschriften voor de jaarrekening Jaarrekeningcontrole 2013 Controle van de jaarrekening

Nadere informatie

FINANCIËLE VERORDENING RECREATIESCHAP DOBBEPLAS

FINANCIËLE VERORDENING RECREATIESCHAP DOBBEPLAS FINANCIËLE VERORDENING RECREATIESCHAP DOBBEPLAS Het Algemeen Bestuur van het recreatieschap Dobbeplas; Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur van 13 oktober 2014; Gelet op het bepaalde in de artikelen

Nadere informatie

Raadsvoorstel Treasurystatuut gemeente Eindhoven 2015

Raadsvoorstel Treasurystatuut gemeente Eindhoven 2015 gemeente Eindhoven Raadsnummer 15R6172 Inboeknummer 15bst00015 Beslisdatum B&W 27 januari 2015 Dossiernummer 15.05.651 Raadsvoorstel Treasurystatuut gemeente Eindhoven 2015 Inleiding Het treasurystatuut

Nadere informatie

Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo

Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo Hoofdstuk I Artikel 1 Hoofdstuk II Artikel 2 Artikel 3 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Hoofdstuk III Artikel 8 Artikel

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Almere (Flevoland)

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Almere (Flevoland) De raad van de gemeente Almere, Gelet op artikel 212, tweede lid, aanhef en onder c van de Gemeentewet, BESLUIT vast te stellen het navolgende treasurystatuut welk statuut in nauwe samenhang met de Wet

Nadere informatie

Investeringskasstroom: Investeringen maatschappelijk nut -25,5 Investeringen economisch nut -83,4 Investeringen grondexploitaties (netto) -0,6

Investeringskasstroom: Investeringen maatschappelijk nut -25,5 Investeringen economisch nut -83,4 Investeringen grondexploitaties (netto) -0,6 2.7 Financiering Algemeen Deze paragraaf informeert de raad over het treasurybeleid en het risicobeheer van de financieringsportefeuille. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in de wet Financiering Decentrale

Nadere informatie

Kanttekeningen bij de Begroting 2015. Paragraaf 4 Financiering

Kanttekeningen bij de Begroting 2015. Paragraaf 4 Financiering Kanttekeningen bij de Begroting 2015 Paragraaf 4 Financiering Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Financieringsbehoefte = Schuldgroei... 4 3 Oorzaak van Schuldgroei : Investeringen en Exploitatietekort... 5 4 Hoe

Nadere informatie

PARAGRAAF FINANCIERING ALGEMEEN

PARAGRAAF FINANCIERING ALGEMEEN PARAGRAAF FINANCIERING ALGEMEEN Inleiding Het doel van deze paragraaf is om u te informeren over het treasurybeleid en de beheersing van financiële risico s. Treasury is het besturen en beheersen van,

Nadere informatie

Toelichting op de artikelen Financiële Verordening gemeente Groningen

Toelichting op de artikelen Financiële Verordening gemeente Groningen Toelichting op de artikelen Financiële Verordening gemeente Groningen Artikel 1 Definities Voor de gehanteerde begrippen in de verordening gelden de definities uit de Gemeentewet, de Wet Fido, het besluit

Nadere informatie

De inschatting van de kans op eventuele wanbetalingen bij toekomstige rente- en aflossingsbetalingen op schuldpapier; Renterisico

De inschatting van de kans op eventuele wanbetalingen bij toekomstige rente- en aflossingsbetalingen op schuldpapier; Renterisico Agendapunt 05 Bijlage 08 TREASURYSTATUUT I Begripsbepalingen Artikel 1 In dit statuut wordt verstaan onder: Derivaten Financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende waarde.

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Verordening financieel beleid en beheer 2015 gemeente Heemstede De raad van de gemeente Heemstede; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 juli 2015; gezien het advies van de commissie

Nadere informatie

Regeling Financieel Beheer Belastingsamenwerking Gouwe- Rijnland

Regeling Financieel Beheer Belastingsamenwerking Gouwe- Rijnland Regeling Financieel Beheer Belastingsamenwerking Gouwe- Rijnland Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Gouwe-Rijnland (BSGR), gelet op: Artikel 212 van de Gemeentewet; Het Waterschapsbesluit;

Nadere informatie

Treasurystatuut voor de Veiligheidsregio Utrecht

Treasurystatuut voor de Veiligheidsregio Utrecht Treasurystatuut voor de Veiligheidsregio Utrecht Versie: AB VRU 21 juni 2010 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 2 Algemeen 2 Wettelijke voorschriften 2 Opbouw statuut 2 2. Uitgangspunten en doelstellingen 3 Uitgangspunten

Nadere informatie

Financiële Verordening 2015 gemeente Papendrecht

Financiële Verordening 2015 gemeente Papendrecht Financiële Verordening 2015 gemeente Papendrecht Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van

Nadere informatie

Hoogheemraadschap van Delfland NOTA TREASURYBELEID. Versie: 1.0 Datum: 25 november 2008. Nota Treasurybeleid 1

Hoogheemraadschap van Delfland NOTA TREASURYBELEID. Versie: 1.0 Datum: 25 november 2008. Nota Treasurybeleid 1 NOTA TREASURYBELEID Versie: 1.0 Datum: 25 november 2008 Nota Treasurybeleid 1 INHOUDSOPGAVE 1 Inleiding 3 2 Rapportages 3 3 Liquiditeitsprognoses 4 4 Uitgangspunten financiering 4 5 Geldleningen 5 6 Kasbeheer

Nadere informatie

Naam Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Bijsterhuizen (2006)

Naam Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Bijsterhuizen (2006) Gemeenteblad Nijmegen Jaartal / nummer 2006 / 85 Naam Financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Bijsterhuizen (2006) Publicatiedatum 25 oktober 2006 Opmerkingen - Vaststelling van de verordening

Nadere informatie

Advies: Kennis te nemen van de treasuryrapportage 2014 inclusief de geactualiseerde liquiditeitsprognose 2014-2015.

Advies: Kennis te nemen van de treasuryrapportage 2014 inclusief de geactualiseerde liquiditeitsprognose 2014-2015. VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Van: B.J. Zondag Tel.nr. : Datum: 25 september 2014 8416 Team: Financiën Tekenstukken: Nee Bijlagen: 2 Afschrift aan: N.a.v. (evt. briefnrs.): B.Duindam, V. Griessler,

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Bijlage 2 Besluit van houdende wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten en het Waterschapsbesluit in verband met het opnemen van informatie in de toelichting op de

Nadere informatie

FINANCIËLE VERORDENING

FINANCIËLE VERORDENING FINANCIËLE VERORDENING Gemeenschappelijke regeling Regionaal reinigingsbedrijf AVALEX Financiële verordening Avalex 10-12-2012 pag. 1 van 8 Inhoud Hoofdstuk 1 - Inleidende bepalingen...3 Artikel 1 Begripsomschrijvingen...

Nadere informatie

Financiële verordening RUD Zuid-Limburg

Financiële verordening RUD Zuid-Limburg Financiële verordening RUD Zuid-Limburg 1 Inhoud Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen... 3 Artikel 1 Begrippenkader... 3 Hoofdstuk 2 Begroting en verantwoording... 4 Artikel 2 Opstellen begroting en verantwoording...

Nadere informatie

Raadsstuk. Onderwerp: Actualisatie financiële verordening Haarlem BBV nr: 2015/98823

Raadsstuk. Onderwerp: Actualisatie financiële verordening Haarlem BBV nr: 2015/98823 Raadsstuk Onderwerp: Actualisatie financiële verordening Haarlem BBV nr: 2015/98823 1. Inleiding De gemeenteraad stelt kaders vast o.a. in de vorm van gemeentelijke verordeningen. De financiële beheersverordening

Nadere informatie

Treasurystatuut 2014 d.d. 18 februari 2014

Treasurystatuut 2014 d.d. 18 februari 2014 0 Treasurystatuut 2014 d.d. 18 februari 2014 Inhoudsopgave Inleiding. 2 Beleidsregels 2 1. Doelstelling treasuryfunctie 2 2. Risicobeheer (doelstellingen, richtlijnen en limieten). 2 2.1. Renterisicobeheer.

Nadere informatie

Bijlage 4. WORDT WAS Verschillen. Financiële verordening Gemeente Ridderkerk 2014 Ridderkerk 2012. Financiële verordening

Bijlage 4. WORDT WAS Verschillen. Financiële verordening Gemeente Ridderkerk 2014 Ridderkerk 2012. Financiële verordening Hoofdstuk 1 inleidende bepalingen Artikel 1. Definities art. 1 Niet meer opgenomen: - afdeling - Administratieve organisatie - Financieel beheer Deze definities hebben betrekking op de GR-BAR en zijn daarom

Nadere informatie

Volgens de uitkomst van het onderzoek van GroenLinks ligt dat genuanceerder.

Volgens de uitkomst van het onderzoek van GroenLinks ligt dat genuanceerder. SCHOONHOVEN/KRIMPENERWAARD Het college van de gemeente Schoonhoven schrijft al jaren in de begroting dat de lokale lastendruk in deze gemeente het laagste is in de Krimpenerwaard. Gemeente Belang voorspelt

Nadere informatie

BESLUIT: vast te stellen het navolgende: TREASURYSTATUUT VOOR DE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING STROOMOOPWAARTS MVS.

BESLUIT: vast te stellen het navolgende: TREASURYSTATUUT VOOR DE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING STROOMOOPWAARTS MVS. Treasurystatuut Stroomopwaarts MVS 2015 Het algemeen bestuur van Stroomopwaarts MVS gelet op de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), de Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS en de

Nadere informatie

afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de omgevingsdienst met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid

afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de omgevingsdienst met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid o Financiële verordening Omgevingsdienst Veluwe IJssel Het algemeen bestuur van de Omgevingsdienst Veluwe IJssel, gelet op artikel 212 van de Gemeentewet; gelet op artikel 216 van de Provinciewet; gelet

Nadere informatie

Treasurystatuut 2010

Treasurystatuut 2010 Treasurystatuut 2010 Treasurystatuut 2010 gemeente Dalfsen 2 INHOUDSOPGAVE 1 Treasurystatuut...5 2 Doelstellingen treasuryfunctie...5 3 Uitzettingen en garanties...5 3.1 Uitzettingen en garanties uit hoofde

Nadere informatie

Treasurystatuut DCMR Milieudienst Rijnmond 2014

Treasurystatuut DCMR Milieudienst Rijnmond 2014 Treasurystatuut DCMR Milieudienst Rijnmond 2014 DCMR Milieudienst Rijnmond Parallelweg 1 3112 NA Schiedam telefoon: (010) 2468 000 telefax : (010) 2468 283 Web: http://www.dcmr.nl/ 1 van 9 Inhoudsopgave

Nadere informatie

gezien het voorstel van de Tijdelijke Commissie ingesteld door de Drechtraad van 21 augustus 2006 en 13 november 2006; b e s l u i t :

gezien het voorstel van de Tijdelijke Commissie ingesteld door de Drechtraad van 21 augustus 2006 en 13 november 2006; b e s l u i t : De Drechtraad gezien het voorstel van de Tijdelijke Commissie ingesteld door de Drechtraad van 21 augustus 2006 en 13 november 2006; gelet op artikel 212 van de Gemeentewet, alsmede artikel 30, eerste

Nadere informatie

Bekendmaking van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 18 februari 2014 tot vaststelling van het Treasurystatuut.

Bekendmaking van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 18 februari 2014 tot vaststelling van het Treasurystatuut. Gemeenteblad van de gemeente Tubbergen Jaargang: 2014 Nummer: 73 Uitgifte: 31 oktober 2014 Bekendmaking van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 18 februari 2014 tot vaststelling

Nadere informatie

Treasurystatuut Aqualysis 2014

Treasurystatuut Aqualysis 2014 Treasurystatuut Aqualysis 2014 Het algemeen bestuur van Aqualysis, gezien het voorstel van @@ d.d. @@; gelet op het voorstel van het dagelijks bestuur; artikel 50 e van de Wet gemeenschappelijke regelingen

Nadere informatie

De bij het opstellen van de jaarrekening gehanteerde uitgangspunten hebben betrekking op:

De bij het opstellen van de jaarrekening gehanteerde uitgangspunten hebben betrekking op: ADDENDUM PROGRAMMA- VERANTWOORDING EN REKENING 2005 GEMEENTE HAAREN In het jaarverslag 2005 (bestaande uit de programmaverantwoording en programmarekening) staan enkele onderwerpen vermeld die wij alsnog

Nadere informatie

4.4 Financiering. Inleiding

4.4 Financiering. Inleiding 4.4 Financiering Inleiding In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten wordt bepaald, dat gemeenten jaarlijks een paragraaf financiering opnemen in, zowel de begroting als de jaarrekening.

Nadere informatie

RUD UTRECHT. Besluit van het Algemeen Bestuur van de RUD Utrecht

RUD UTRECHT. Besluit van het Algemeen Bestuur van de RUD Utrecht Besluit van het Algemeen Bestuur van de RUD Utrecht Overwegende dat: - De RUD Utrecht een gemeenschappelijke regeling is, waarbij een openbaar lichaam is ingesteld - Dat voor genoemd openbaar lichaam regels

Nadere informatie

Treasurystatuut Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland

Treasurystatuut Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland Treasurystatuut Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, besluit gelet op: artikel 212 van de Gemeentewet, het

Nadere informatie

Treasurystatuut 2016 Gemeenschappelijke Regeling Avri

Treasurystatuut 2016 Gemeenschappelijke Regeling Avri Treasurystatuut 2016 Gemeenschappelijke Regeling Avri Auteur Avri Versie 1 Datum 26 november 2015 TREASURYSTATUUT GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING AVRI Het algemeen bestuur van Avri; gelet op de Financiële

Nadere informatie

gfedcb Besluitenlijst d.d. d.d. gfedcb gem.secr.

gfedcb Besluitenlijst d.d. d.d. gfedcb gem.secr. Nota voor burgemeester en wethouders Onderwerp Eenheid/Cluster/Team PC Financiering nieuwbouw stadhuiskwartier 1- Notagegevens Notanummer 632051 Datum 21-9-2011 Programma: Portefeuillehouder Weth. Ahne

Nadere informatie

NB beide formulieren invullen (2 tabbladen)

NB beide formulieren invullen (2 tabbladen) Behandelend ambtenaar gemeente Begroting 2015 is Meerjarenbegroting 2016-2018 is Datum vaststelling begroting 2015 Datum ontvangst begroting 2015 Maatstaven Aantal inwoners per 1-1-2015 Aantal woonruimten

Nadere informatie

Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo

Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Hengelo. Nr. 70808 2 december 2014 Verordening op het financiële beleid en beheer van de gemeente Hengelo De raad van de gemeente Hengelo; gelezen het voorstel

Nadere informatie

Onderwerp: Aanpassing Financiële Verordening

Onderwerp: Aanpassing Financiële Verordening Onderwerp: Aanpassing Financiële Verordening In Algemeen Bestuur van 21 december 2011 is de Financiële Verordening (FV) vastgesteld. In de FV is in artikel 13 de bepaling opgenomen dat een inventarisatie

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Nota activabeleid 2

Inhoudsopgave. Nota activabeleid 2 Nota Activabeleid Inhoudsopgave 1. Inleiding...3 1.1 Inleiding...3 1.2 Opbouw nota...3 2. Begrippen...4 2.1 Definities...4 2.3 Wijzigingen activabeleid als gevolg van gewijzigde regelgeving...5 2.1.1 Wijzigingen

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STTSCOURNT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 20619 17 juli 2015 Regeling van de Minister van innenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 9 juli 2015, nr. 2015-0000387198,

Nadere informatie

Grip op Financiën. 13 januari 2015 Sector Control

Grip op Financiën. 13 januari 2015 Sector Control Grip op Financiën 13 januari 2015 Sector Control Opbouw presentatie Inzicht in ontwikkeling leningenportefeuille en rente Normenkader van de gemeente Eindhoven Beheersmaatregelen Huidige leningenportefeuille

Nadere informatie

SCHULDPOSITIE. Algemeen. Ontwikkeling schuldpositie Nederlandse gemeenten

SCHULDPOSITIE. Algemeen. Ontwikkeling schuldpositie Nederlandse gemeenten SCHULDPOSITIE De schuldencrisis in Europa en de ontwikkelingen op financieel en economisch gebied van de laatste jaren hebben invloed op de manier van kijken naar de vermogenspositie van gemeenten. In

Nadere informatie

Financiële verordening van de Stadsregio Amsterdam per 13 maart 2012

Financiële verordening van de Stadsregio Amsterdam per 13 maart 2012 Financiële verordening van de Stadsregio Amsterdam per 13 maart 2012 Vastgesteld bij besluit van de Regioraad van 13 maart 2012 1 2 Inhoudsopgave Titel 1. Definities 5 Artikel 1 Definities 5 Titel 2. Begroting

Nadere informatie

PlusTeam. Hofstraat 4 5664 HT Geldrop KvK: 61974528 Bankrekening: Financiële verordening

PlusTeam. Hofstraat 4 5664 HT Geldrop KvK: 61974528 Bankrekening: Financiële verordening Financiële verordening Het Algemeen Bestuur van gelet op artikel 17 eerste lid van de regeling openbaar lichaam en artikel 212 van de Gemeentewet; zoals luidend vanaf de inwerkingtreding van de Wet dualisering

Nadere informatie

TREASURYSTATUUT GEMEENTE HELMOND 2016

TREASURYSTATUUT GEMEENTE HELMOND 2016 Treasurystatuut TREASURYSTATUUT GEMEENTE HELMOND 2016 Burgemeester en wethouders van Helmond, Gelet op artikel 212 Gemeentewet en artikel 14, vierde lid, van de Verordening op de uitgangspunten voor het

Nadere informatie

Herstructurering geldleningenportefeuille Vechtstromen Agendapunt 6 Kenmerk. Nee

Herstructurering geldleningenportefeuille Vechtstromen Agendapunt 6 Kenmerk. Nee Voorstel voor Algemeen bestuur Vergaderdatum 15 april 2015 Onderwerp Herstructurering geldleningenportefeuille Vechtstromen Agendapunt 6 Kenmerk B2015/u488 Portefeuillehouder W. Stegeman Opsteller/indiener

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2013 579 Besluit van 13 december 2013, houdende wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in verband met de invoering

Nadere informatie

Treasury reglement. 4 juni 2014. 1 van 5

Treasury reglement. 4 juni 2014. 1 van 5 Treasury reglement 4 juni 2014 1 van 5 01. Inleiding In het licht van de Code Goed Bestuur Publieke Dienstverleners heeft Spaarnelanden een Treasuryreglement opgesteld. Dit reglement de stelt de aandeelhouder

Nadere informatie

MID 11/004. Financiële verordening gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude (Artikel 212 Gemeentewet)

MID 11/004. Financiële verordening gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude (Artikel 212 Gemeentewet) MID 11/004 Financiële verordening gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude (Artikel 212 Gemeentewet) Versie: 29 maart 2011 2 Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: Afdeling: iedere

Nadere informatie

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 2 juni 2015;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 2 juni 2015; GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Sliedrecht. Nr. 89825 29 september 2015 Financiële Verordening gemeente Sliedrecht 2015 De raad der gemeente Sliedrecht; gezien het voorstel van het college

Nadere informatie

TREASURY-STATUUT GEMEENTE GRAVE

TREASURY-STATUUT GEMEENTE GRAVE TREASURY-STATUUT GEMEENTE GRAVE 1. Inleiding Dit treasurystatuut geeft de bestuurlijke infrastructuur voor de uitvoering van de treasuryfunctie. Het gaat om de beleidsmatige vaststelling van de uitgangspunten,

Nadere informatie

b e s l u i t : 1 Inleidende bepaling 2 Begroting en verantwoording Nr: 07-104a De raad van de gemeente Barneveld;

b e s l u i t : 1 Inleidende bepaling 2 Begroting en verantwoording Nr: 07-104a De raad van de gemeente Barneveld; Nr: 07-104a De raad van de gemeente Barneveld; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nr. 07-104; gelet op artikel 212 van de Gemeentewet; overwegende dat de verordening op de uitgangspunten

Nadere informatie

FINANCIËLE VERORDENING GEMEENTE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL

FINANCIËLE VERORDENING GEMEENTE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL FINANCIËLE VERORDENING GEMEENTE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL TITEL 1: INLEIDENDE BEPALINGEN Artikel 1 - Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. Afdeling Iedere organisatorische eenheid binnen

Nadere informatie

CIRCULAIRE WET FIDO 2001. Voorwoord. Doelstelling Toelichting wet- en regelgeving

CIRCULAIRE WET FIDO 2001. Voorwoord. Doelstelling Toelichting wet- en regelgeving CIRCULAIRE WET FIDO 2001 Doelstelling Toelichting wet- en regelgeving Relatie met andere circulaires Circulaire Handreiking Treasury van 24-02-2000 Ingangsdatum 01-02-2001 Internet http://www.minbzk.nl/

Nadere informatie

Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 23 november 2005

Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 23 november 2005 Financiële verordening gemeente Ooststellingwerf De raad van de gemeente Ooststellingwerf; Nr. A.6 Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 23 november 2005 Gelet op artikel

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE. Nota vaste activa 2014 2

INHOUDSOPGAVE. Nota vaste activa 2014 2 Nota Vaste Activa INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding... 3 1.1 Aanleiding... 3 1.2 Doelstelling... 3 1.3 Wettelijk kader... 3 2. Activeren... 4 2.1 Soorten Activa... 4 2.1.1 Materiële vaste activa... 4 2.1.2 Immateriële

Nadere informatie

Treasurystatuut Gemeente Borsele 2015

Treasurystatuut Gemeente Borsele 2015 Treasurystatuut Gemeente Borsele 2015 Het college van burgemeester en wethouders gelet op artikel 14 van de financiële verordening 2015 en de Wet financiering decentrale overheden; besluit: vast te stellen

Nadere informatie

Treasurystatuut Regio Twente 2016

Treasurystatuut Regio Twente 2016 Treasurystatuut Regio Twente 2016 Autorisatie OPSTELLERS: Jan Olthof FUNCTIONARIS Beleidsadviseur Bedrijfsvoering Versiegegevens VERSIE: DATUM: OMSCHRIJVING: 1.1 2 september Concept Definitief concept

Nadere informatie

Financiële Verordening

Financiële Verordening Financiële Verordening Financiële Verordening Gemeente Helmond Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie

Nadere informatie

Financiële verordening als bedoeld in artikel 212 Gemeentewet

Financiële verordening als bedoeld in artikel 212 Gemeentewet Financiële verordening als bedoeld in artikel 212 Gemeentewet Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Hulpverleningsdienst Fryslân ; gelet op: - artikel 212 van de Gemeentewet - het Besluit

Nadere informatie

22 april 2015 OPENBAAR LICHAAM CREMATORIA TWENTE

22 april 2015 OPENBAAR LICHAAM CREMATORIA TWENTE 22 april 2015 OPENBAAR LICHAAM CREMATORIA TWENTE ONTWERPBEGROTING 2016 Inhoudsopgave Bladz. 1. Aanbieding begroting 2016 1 2. Beleidsbegroting 2016 3 2.1 Programma 2.2 Paragrafen 3. Financiële begroting

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. (Tekst geldend op: 04-02-2014) Besluit van 17 januari 2003, houdende de voorschriften voor de begrotings- en verantwoordingsdocumenten, uitvoeringsinformatie en informatie voor derden van provincies en

Nadere informatie

- Toelichting en nadere uitwerking (blz. 4-6) - voorbeeldberekening 1 contract, totaal annuïteitberekening op 4,6% en lineair (blz.

- Toelichting en nadere uitwerking (blz. 4-6) - voorbeeldberekening 1 contract, totaal annuïteitberekening op 4,6% en lineair (blz. gemeente Schiedam notitie DANM 01 oktober 2010 ONDERWERP stelselherziening erfpacht in het kader van de kerntaken analyse sdoor 3 1. Aanleiding Al geruime tijd wordt hard gewerkt om de bedrijfsvoering

Nadere informatie

Paragraaf 4.4 Financiering

Paragraaf 4.4 Financiering Paragraaf 4.4 Financiering 4.4.1 Inleiding In de verplichte Verordening Financieel Beheer is onder andere opgenomen dat Spijkenisse een treasurystatuut opstelt en periodiek actualiseert. In het treasurystatuut

Nadere informatie

Treasurystatuut Brandweer Brabant-Noord

Treasurystatuut Brandweer Brabant-Noord AGP 9 ABVRBN 20141112 Bijlage 6 C. Treasurystatuut Brandweer Brabant-Noord Regels voor treasury voor Brandweer Brabant-Noord op grond van artikel 18 Financiële Verordening Veiligheidsregio Brabant-Noord

Nadere informatie

Vragen & antwoorden Iv3 FUNCTIONELE INDELING GEMEENTEN HOOFDFUNCTIE 9

Vragen & antwoorden Iv3 FUNCTIONELE INDELING GEMEENTEN HOOFDFUNCTIE 9 Vragen & antwoorden Iv3 FUNCTIONELE INDELING GEMEENTEN HOOFDFUNCTIE 9 Vraag 1 In de circulaire Ministeriële Regeling Iv3 wordt op pagina 41, in de tabel die de wijzigingen van de Ministeriële Regeling

Nadere informatie

Treasurystatuut. Conceptversie 1.6, december 2014

Treasurystatuut. Conceptversie 1.6, december 2014 Treasurystatuut Conceptversie 1.6, december 2014 Autorisatie OPSTELLERS: Martin de Jong FUNCTIONARIS Specialist financiën Versiegegevens VERSIE: DATUM: OMSCHRIJVING: 1.5 11 november Concept 1.6 11 december

Nadere informatie

Voorstel: Wij stellen uw raad voor bijgaande Nota Reserves en Voorzieningen 2013 vast te stellen. Burgemeester en wethouders van Ferwerderadiel,

Voorstel: Wij stellen uw raad voor bijgaande Nota Reserves en Voorzieningen 2013 vast te stellen. Burgemeester en wethouders van Ferwerderadiel, AAN: De raad van de gemeente Ferwerderadiel. Sector : II Nr. : 06/52.13 Onderwerp : Vaststelling Nota Reserves en Voorzieningen 2013. Ferwert, 9 september 2013. Inleiding: Normaliter wordt de Nota Reserves

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Nr. 23017. Treasurystatuut 2015 gemeente Landerd. 1 Inhoudsopgave

GEMEENTEBLAD. Nr. 23017. Treasurystatuut 2015 gemeente Landerd. 1 Inhoudsopgave GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Landerd. Nr. 23017 20 maart 2015 Treasurystatuut 2015 gemeente Landerd 1 Inhoudsopgave 2 Uitgangspunten en doelstellingen Uitgangspunten Het treasurybeleid maakt

Nadere informatie

Voorstel aan dagelijks bestuur

Voorstel aan dagelijks bestuur Voorstel aan dagelijks bestuur Datum vergadering 28-01-2014 Agendapunt 7 Steller / afdeling P. Daelmans / Middelen Openbaar Ja Bestuurder R.L.M. Sleijpen Bijlage(n) - Programma Bedrijfsvoering Registratiecode

Nadere informatie

Nota reserves en voorzieningen 2015-2018

Nota reserves en voorzieningen 2015-2018 Nota reserves en voorzieningen 2015-2018 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Beleidslijnen reserves en voorzieningen... 4 2.1 Definities en regelgeving... 4 2.2 Toerekening van rente... 5 3. Huidige standen

Nadere informatie

Bekendmaking van het Treasurystatuut, door het dagelijks bestuur vastgesteld bij besluit van 18 december 2012, nr. 09

Bekendmaking van het Treasurystatuut, door het dagelijks bestuur vastgesteld bij besluit van 18 december 2012, nr. 09 Publicatieblad Elektronisch uitgegeven Openbaar lichaam Noaberkracht Dinkelland Tubbergen Jaargang: 2013 Nummer: 6 Uitgifte: 17 januari 2013 Bekendmaking van het Treasurystatuut, door het dagelijks bestuur

Nadere informatie

Te besluiten om het treasurystatuut 2010 vast te stellen

Te besluiten om het treasurystatuut 2010 vast te stellen ADVIESNOTA AAN DE GEMEENTERAAD Voorstel 20 april 2010 Agendanummer : 7 B. Karman Datum Financiën raadsvergadering : 3 juni 2010 Registratienummer : 2010004720 Onderwerp: Treasurystatuut 2010 Gevraagde

Nadere informatie

MEMO van college aan de raad

MEMO van college aan de raad MEMO van college aan de raad datum : 27 november 2008 aan : Gemeenteraad van : College onderwerp : Beantwoording vraag vanuit de raadsvergadering van 4 november j.l. over de ontstane rentevoordelen na

Nadere informatie

B&W besluit Publicatie

B&W besluit Publicatie B&W besluit Publicatie Onderwerp Stelselwijziging leningen via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Bestuurlijk behandelvoorstel (2013/367273) CS/CC Collegebesluit 1. Kennis te nemen van het eindrapport

Nadere informatie

Het algemeen bestuur van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen;

Het algemeen bestuur van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen; GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Groesbeek. Nr. 62513 10 juli 2015 Treasurystatuut MGR Rijk van Nijmegen 2015 Het algemeen bestuur van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen;

Nadere informatie

Voorzien in reserves? Een geactualiseerde nota over reserves en voorzieningen bij de gemeente Schiermonnikoog

Voorzien in reserves? Een geactualiseerde nota over reserves en voorzieningen bij de gemeente Schiermonnikoog Voorzien in reserves? Een geactualiseerde nota over reserves en voorzieningen bij de gemeente Schiermonnikoog Voorwoord De gemeente is verplicht om één keer per vier jaar een nota reserves en voorzieningen

Nadere informatie

Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2014

Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2014 Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2014 DCMR Milieudienst Rijnmond Parallelweg 1 3112 NA Schiedam telefoon: (010) 2468 000 telefax : (010) 2468 283 Web: http://www.dcmr.nl/ Het algemeen

Nadere informatie

BBV no&&e Grondexploita&e toegelicht. Sytzo van der Schaaf RA Adviseur commissie BBV

BBV no&&e Grondexploita&e toegelicht. Sytzo van der Schaaf RA Adviseur commissie BBV BBV no&&e Grondexploita&e toegelicht Sytzo van der Schaaf RA Adviseur commissie BBV Taak commissie BBV Eenduidige toepassing van BBV bevorderen Beantwoorden vragen Rich=nggevende no==es publiceren Doel

Nadere informatie

Nota reserves en voorzieningen Gemeente Oost Gelre 2010

Nota reserves en voorzieningen Gemeente Oost Gelre 2010 Nota reserves en voorzieningen Gemeente Oost Gelre 2010 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2 Inleiding 2 2. Overzicht van reserves en voorzieningen resultaatsbestemming 2009 3 3. Besluit Begroting en Verantwoording

Nadere informatie

TREASURYSTATUUT GEMEENTE VELSEN 2014

TREASURYSTATUUT GEMEENTE VELSEN 2014 TREASURYSTATUUT GEMEENTE VELSEN 2014 Algemeen Artikel 1 Begrippenkader Agentschap Het uitvoeringsorgaan van het Ministerie van Financiën, dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van schatkistbankieren.

Nadere informatie

Versie Wijzigingen Status

Versie Wijzigingen Status Treasury Statuut Versie Wijzigingen Status versie 2.0 Goedgekeurd RvT 9 oktober 2015 Vastgesteld RvB 12 oktober 2015 Inhoudsopgave 1. INLEIDING 3 2. DOELSTELLINGEN EN KADERS TREASURY 3 3. TREASURY OPBOUW

Nadere informatie

Treasury Statuut Brandweer Brabant Noord

Treasury Statuut Brandweer Brabant Noord AGP Treasury Statuut Brandweer Brabant Noord Regels voor treasury voor Brandweer Brabant-Noord op grond van artikel 17 Financiële Verordening Veiligheidsregio Brabant-Noord zoals vastgesteld door het Dagelijks

Nadere informatie

BIJLAGE TREASURYSTATUUT. Waterschap Rijn en IJssel Doetinchem

BIJLAGE TREASURYSTATUUT. Waterschap Rijn en IJssel Doetinchem BIJLAGE TREASURYSTATUUT Waterschap Rijn en IJssel Doetinchem Doetinchem, 6 mei 2014 1 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 3 2. BEGRIPPENKADER 4 2.1 Algemene begrippen 4 2.2 Belangrijke bepalingen uit de Wet fido

Nadere informatie