talen leren met prisma

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "talen leren met prisma"

Transcriptie

1 talen leren met prisma Als u een taal wilt leren, kunt u met de op elkaar afgestemde uitgaven van Prisma uw eigen leerprogramma samenstellen. Afhankelijk van uw leerdoel kunt u verschillende taalvaardigheden verstaan, spreken, lezen en schrijven trainen. Het Prisma taalleersysteem bestaat uit dit BASISBOEK UIT DE ZELFSTUDIEREEKS, met daarbij aansluitend een WERKBOEK. Voor verdere uitleg en training van de grammatica is er de Basisgrammatica en, voor verdieping, de Grammatica. Voor uitgebreide informatie over de woordenschat van de vreemde taal zijn er diverse Prisma woordenboeken. Daarnaast heeft Prisma nog Luistercursussen en Interactieve taaltrainingen voor op de computer voor bijvoorbeeld het perfectioneren van de uitspraak. Welke van deze uitgaven voor u het meest geschikt zijn, hangt af van wat u wilt bereiken. Een gesprekje voeren op een terras veronderstelt een andere training dan het voeren van een zakengesprek. Ook is het van belang om eerst voor uzelf te bepalen hoe u het makkelijkst leert. Prisma biedt drie leervormen: luistercursussen, leerboeken (steeds met audiomateriaal) en cursussen voor op de computer. Aan u de keuze welke van deze leervormen u het meest aanspreekt en motiveert. Uiteraard kunt u de leervormen combineren. Er is altijd een zekere basiskennis nodig, het fundament om op verder te bouwen. Die noodzake lijke ondergrond vindt u in dit BASISBOEK met audiomateriaal. Het besteedt aandacht aan alle basisvaardigheden die in ieder geval nodig zijn voor een goede beheersing van de vreemde taal. Het aanvullende WERKBOEK biedt zeer gevarieerd oefenmateriaal om het fundament te versterken. Voor training van specifieke vaardigheden kunt u kiezen voor de volgende uitgaven: spreken en uitspraak kunt u goed trainen met de Prisma Luistercursussen (cursussen op cd s). En nog beter met de Complete taalcursussen interactieve cursussen voor op de computer, met een ingebouwde uitspraakcorrector. woordenschat: deze kunt u vergroten door de woordenlijst in dit basisboek te bestuderen. Voor verdere uitbreiding kunt u gebruikmaken van de speciale woordentrainer in de Complete taalcursus. En voor de vertaling van woorden die u niet kent, kunt u uiteraard terecht bij de Prisma woordenboeken. verstaan en BegrIjpen van de vreemde taal in gesproken vorm kunt u oefenen met het audiomateriaal bij dit basisboek en het bijbehorende Werkboek. Ook de Luistercursussen zijn zeer geschikt voor dit doel. grammatica vindt u in de lessen van dit basisboek en het Werkboek. Verder is er de Prisma Basisgrammatica, met een helder overzicht van alle grammaticale basisregels én veel oefenmateriaal. Voor verdere verdieping en verfijning van de grammaticale kennis kunt u terecht bij de Prisma Grammatica. zelf teksten schrijven in de vreemde taal veronderstelt een goede kennis van woordenschat, spelling, woordvolgorde, vervoegingen en verbuigingen, basisidioom, kortom alle aspecten van een taal die hierboven aan de orde zijn geweest. Als u correspondentie moet voeren in de vreemde taal is de reeks Prisma s en brieven schrijven een erg praktisch hulpmiddel. Kijk voor meer informatie op

2 Prisma Taaltraining Duits voor zelfstudie dr. Katja B. Zaich

3 Inhoud Voorwoord inhoud Les 1 Tekst 1 9 Begroetingen 9 Du of Sie? 10 Vragen hoe het met de ander gaat 11 Zich voorstellen 11 Tekst 2 13 Vragen naar de persoon 14 Hoofdletter of kleine letter 16 Beroepen 19 Tekst 3 20 Familie en relaties 22 Het alfabet 23 Uitspraak 23 Les 2 Tekst 1 26 Kaffee und Kuchen 27 Op visite 27 Tekst 2 31 Over hobby s spreken 32 Een afspraak maken 33 De dagen van de week 33 De getallen 34 Tekst 3 39 Een etentje 41 Les 3 Tekst 1 43 Boodschappen doen 44 Bij de bakker 45 Tekst 2 50 Winkelen 51 Openbaar vervoer 52 Tekst 3 56 Café en koffie 58 Les 4 Tekst 1 61 Telefoneren 62 Meubels 62 Tekst 2 71 Het huis/de woning 72 Tekst 3 76 Les 5 Tekst 1 80 Verjaardag 81 Tekst 2 86 Verjaardagsfeest 88 Feestjes en feliciteren 88 Tekst 3 95 Les 6 Tekst 1 99 Familierelaties 100 Tekst Du und Sie (binnen de familie) 109 Vraagwoorden 109 Tekst Les 7 Tekst Bundesländer 119 vakantie 120 Tekst De supermarkt 127 Tekst Les 8 Tekst Dagen en maanden 140 Tijdsbepalingen 140 Tekst Werk en gezin 147 Tekst Les 9 Tekst Reizen en openbaar vervoer 159 Tekst Berlijn 166 Tekst Les 10 Tekst (Zakelijke) telefoongesprekken 178 Tekst Zakelijke telefoongesprekken/ zakelijke besprekingen 185 Tekst Les 11 Tekst Problemen met de auto 198 Tekst als of wenn 204 Tekst Les 12 Tekst Wonen 216 Tekst Een huis opknappen 224 Tekst

4 Les 13 Tekst Vakantie en hotel 235 Tekst Vakantiegebieden in Duitsland 242 Tekst Les 14 Tekst Ziekenhuis 257 Tekst Wegverkeer 262 Tekst Les 15 Tekst Kerstmis 273 Tekst Hotel en wintersport 280 Tekst Duitse onregelmatige werkwoorden 290 Grammaticale inhoudsopgave 297 Antwoorden 299 Woordenlijst Duits-Nederlands Duits voor zelfstudie

5 voorwoord Duits voor zelfstudie is een communicatieve cursus waarmee u in hoog tempo de Duitse taal kunt leren. Door de uit het leven gegrepen dialogen die u op de toegevoegde audio-cd kunt beluisteren, leert u niet alleen de juiste uitspraak, maar ook de juiste formuleringen en zegswijzen. De grammatica wordt met gevarieerde oefeningen verdiept. De vertalingen van de teksten, de woordenlijsten, de antwoorden van de oefeningen en de doorgaans Nederlandstalige uitleg van de grammatica maken het mogelijk om de Duitse taal door zelfstudie te leren, maar het boek is ook geschikt voor een cursus in groepsverband of als houvast bij een gespecialiseerde cursus. Het boek bevat vijftien lessen die elk uit drie onderdelen bestaat, waarin verschillende thema s en grammaticale structuren worden behandeld. Ieder onderdeel begint met een tekst die is gebaseerd op een alledaagse situatie en die wordt gevolgd door informatie, zowel over communicatieve situaties als over grammaticale problemen, aangevuld met oefeningen. De al gevorderde student zal overzichten van grammaticale vormen en betekenissen vinden. Iedere les is als volgt opgebouwd: Luisteroefening met tekst Vertaling van de tekst Taalgebruik en culturele informatie Grammatica: uitleg, eventuele schema s, oefeningen Luisteroefening met tekst Vertaling van de tekst Taalgebruik en culturele informatie Grammatica: uitleg, eventuele schema s, oefeningen Luisteroefening met tekst Vragen over de tekst Vertaling van de tekst Herhalingsoefeningen van de geleerde grammatica Aan het begin van het boek staat een inhoudsopgave. De uitspraakregels vindt u aan het einde van les 1. Aan het eind van het boek staat de woordenlijst, een overzicht van de onregelmatige werkwoorden, een schema van de behandelde grammatica per les en de antwoorden van de oefeningen. Alle andere overzichten vindt u in de les waar het thema wordt behandeld. Wij raden u aan naast de woordenlijst ook een woordenboek te gebruiken omdat u daarin meer informatie kunt vinden. Hoe werkt u met Duits voor zelfstudie? Met dit boek zult u vooral spreek- en luistervaardigheid opdoen en inzicht krijgen in grammaticale structuren. Bij het maken van Duits voor zelfstudie ben ik ervan uitgegaan dat een zekere basiskennis aanwezig is - de meeste Nederlanders hebben deze al op grond van de gelijkenis van de twee talen. In tegenstelling tot wat veel Nederlanders op school hebben geleerd, zult u geen rijtjes gaan leren, maar zult u de principes erachter leren begrijpen. Denk erom dat grammatica geen doel op zich is, maar een hulpmiddel om te communiceren. De Duitse basisgrammatica wordt in zijn geheel behandeld, maar het tempo is vrij hoog. Als zelfstudieboek is dit boek vooral geschikt voor cursisten die voorkennis van grammaticale begrippen hebben en de Nederlandse grammatica kennen. Tips voor het studeren met Duits voor zelfstudie Volg de instructies bij de lessen op. Dat houdt vooral in dat u zich intensief met de luisterteksten bezighoudt. Als u een tekst nog niet goed hebt begrepen of de uitspraak u niet duidelijk is, luister er vaker naar en spreek de teksten hardop na. Herhaal oefeningen waarin u veel fouten hebt gemaakt. Leer woorden in een context. Maak uw eigen woorden-box (zie les 1) die u overal kunt meenemen. U kunt ook woorden en uitdrukkingen opnemen die u in het woordenboek vindt of bijvoorbeeld op televisie hoort. Denk erom: woorden kennen is veel belangrijker voor de communicatie dan grammatica! Leer de grammatica niet in rijtjes, maar in context. Onthoud bijvoorbeeld niet dat op mit de 3e naamval volgt, maar onthoud iets als mit dem Auto. Om de taal echt goed te leren, is het belangrijk om gelegenheid te hebben om Duits te horen en te spreken (bijvoorbeeld vakantie, Duitstalige kennissen, etc.). Ook Duitse televisie kijken of Duitse kranten en tijdschriften lezen (bijvoorbeeld via internet) is erg zinvol. voorwoord 7

6 Dit boek komt voort uit mijn ervaringen als taaltrainster Duits in Nederland. Veel inspiratie heb ik opgedaan in gesprekken met collega s; vooral aan Roswitha Schmitt en Sabine Weijers ben ik dank verschuldigd, maar ook aan mijn cursisten die mij op de problemen hebben gewezen die Nederlanders met de Duitse taal hebben. Als germaniste heb ik getracht om de Duitse taal zo weer te geven zoals ze tegenwoordig wordt gebruikt. Daarbij heb ik niet altijd naar volledigheid gestreefd. De aangeboden woorden en structuren moesten vooral frequent en bruikbaar zijn. Ten slotte wilde ik graag tegen het vooroordeel ingaan dat het Duits een jungle van regels en rijtjes zonder communicatieve functie is. De kennis van woorden en cultuur is meestal veel belangrijker dan de kennis van een grammaticaregel. Amsterdam, in de herfst van Katja B. Zaich 8 Duits voor zelfstudie

7 Les 1 Tekst 1 (track 1) BegrüSSung sich vorstellen les 1 - tekst 1 Luister naar de teksten. Frau Hoffmann: Frau Schneider: Frau Hoffmann: Bettina: Steffi: Bettina: Steffi: Herr Hoffmann: Frau Mayer: Herr Hoffmann: Frank Hoffmann: Frank Hoffmann: Frank Hoffmann: Sabine Gruber: Guten Morgen, Frau Schneider. Wie geht es Ihnen? Danke, gut. Und Ihnen? Auch gut, danke. Hallo, Steffi! Hallo, Bettina. Wie geht s dir? Danke, gut. Und dir? Auch gut, danke. Guten Tag, mein Name ist Hoffmann. Mein Name ist Mayer. Es freut mich, Sie kennen zu lernen. Ganz meinerseits. Thomas! Was für ein Zufall! Hallo, Frank, wie geht s? Gut. Und dir? Bestens. Ist Lisa auch hier? Ja, sie holt etwas zu trinken. Da kommt sie. Hallo, Thomas. Lange nicht gesehen. Hallo, Lisa. Darf ich euch Sabine Gruber vorstellen? Sabine, das sind Lisa und Frank Hoffmann, alte Freunde von mir. Guten Tag. Es freut mich, Sie kennen zu lernen. Wir können doch du sagen. Ich bin Lisa. 9

8 Luister opnieuw naar de teksten. Lees daarna hardop. Vertaling: Begroeting zich voorstellen Mw. Hoffmann: Goedemorgen, mevrouw Schneider. Hoe gaat het met u? Mw. Schneider: Goed, bedankt. En met u? Mw. Hoffmann: Ook goed, bedankt. Bettina: Steffi: Bettina: Steffi: Dhr Hoffmann: Mw. Mayer: Dhr Hoffmann: Frank Hoffmann: Frank Hoffmann: Frank Hoffmann: Sabine Gruber: Hoi, Steffi! Hoi, Bettina. Hoe gaat het met jou? Goed, bedankt. En met jou? Ook goed, bedankt. Dag, mijn naam is Hoffmann. Mijn naam is mevrouw Mayer. Aangenaam kennis te maken. Insgelijks. Thomas! Dat is toevallig! Hoi, Frank, hoe gaat het? Goed. En met jou? Heel goed. Is Lisa hier ook? Ja, ze is net iets te drinken aan het halen. Daar komt ze. Hoi, Thomas. Dat is lang geleden. Hoi, Lisa. Mag ik Sabine Gruber aan jullie voorstellen? Sabine, dit zijn Lisa en Frank Hoffmann, oude vrienden van mij. Goededag. Aangenaam kennis met u te maken. Laten we je zeggen. Ik ben Lisa. Begroetingen Guten Morgen Guten Tag Guten Abend Grüß Gott Hallo Goedemorgen Goededag / Goedemiddag / Dag Goedenavond Goededag [in Zuid-Duitsland en Oostenrijk] Hallo, Hoi 1. vul In: 1, Herr Hoffmann. Goedemorgen, meneer Hoffmann. 2 Tag, Frau Schneider. Goedemiddag, mevrouw Schneider. 3, Bettina. Hoi, Bettina. Du of Sie? De aanspreekvormen du en Sie in het Duits zijn niet zomaar met het Nederlandse jij en u te vergelijken. In het Duits wordt de Sie-vorm vaak gebruikt. Het is de normale vorm om iemand aan te spreken. De du-vorm drukt een zekere vertrouwdheid uit. Vooral binnen de familie en onder vrienden spreek je elkaar met du aan. Sie zeggen tegen ouders, grootouders of tegen God is in het Duits volkomen onbekend. Volwassen mensen spreken elkaar niet zomaar met du aan, maar spreken dat af. De beleefdheidsvorm Sie moet altijd met een hoofdletter worden geschreven. 10 Duits voor zelfstudie

9 Met Sie spreek je aan: onbekende volwassenen onbekende jongeren vanaf ongeveer 16 jaar mensen die je niet goed kent zakenpartners collega s Met du spreek je aan: familieleden kinderen vrienden, goede kennissen collega s [na afspraak] les 1 - tekst 1 Als je iemand met Sie aanspreekt, zeg je normaalgesproken ook Herr X of Frau Y. Het is echter ook mogelijk om de voornaam met Sie te combineren (bij jongeren, als tussenvorm). Als je iemand met du aanspreekt, zeg je altijd de voornaam. Vragen hoe het met de ander gaat Wie geht es dir? Hoe gaat het met jou? Danke, gut. Und dir? Goed, bedankt. En met jou? Auch gut, danke. Ook goed, bedankt. Wie geht es Ihnen? Hoe gaat het met u? Danke, gut. Und Ihnen? Goed, bedankt. En met u? Auch gut, danke. Ook goed, bedankt. Wie geht s? Hoe gaat het? 2. Vul in: 1 Wie geht, Steffi? Danke, Und? 2 Wie geht es, Frau Schneider? -, gut. Und? 3 gut, danke. 4 es Ihnen? Danke,? 5 Wie geht es? Danke, gut. Und dir? Zich voorstellen Ich heiße Ich bin Mein Name ist Darf ich mich vorstellen? Es freut mich, Sie kennen zu lernen. Angenehm! Ganz meinerseits. Ik heet Ik ben Mijn naam is Mag ik mij voorstellen? Aangenaam met u kennis te maken. Aangenaam! Insgelijks. formeel Mein Name ist Hoffmann. / Mein Name ist Frank Hoffmann. Ich heiße Mayer. / Ich heiße Claudia Mayer. 11

10 informeel Ich heiße Frank. / Ich heiße Frank Hoffmann. / Ich bin (der) Frank. Ich heiße Claudia. / Ich heiße Claudia Mayer. / Ich bin (die) Claudia. Volwassenen stellen zich praktisch nooit alleen met de voornaam aan elkaar voor. In een formele - zakelijke - situatie is het gebruikelijk om alleen de achternaam te gebruiken, maar voor- en achternaam mag ook. Je gebruikt Herr / Frau alleen maar om anderen aan te spreken, niet als je over jezelf spreekt. 3. Vul in: 1 Mein ist Paul Keller. Es freut mich, kennen zu lernen. 2 heiße Mayer. Angenehm. Name ist Schneider. 3 Darf ich? Mein ist Luise Weber. 4 Es, Sie kennen zu lernen. 5 Ich Anna Limmer. -! 6 heiße Rolf Becker. Es freut mich,. 7 Darf vorstellen? Name Angermeier. 8 Es mich, Sie Ganz. 12 Duits voor zelfstudie

11 Tekst 2 (track 2) Einander kennen lernen les 1 - tekst 2 Luister naar de teksten. Herr Hoffmann: Wie ist Ihr Name? Frau Mayer: Mayer. Und wie heißen* Sie? Herr Hoffmann: Hoffmann, Frank Hoffmann. Woher kommen Sie, Frau Mayer? Frau Mayer: Ich komme aus der Schweiz. Herr Hoffmann: Und wo wohnen Sie? Frau Mayer: In Zürich. Woher kommen Sie, Herr Hoffmann? Herr Hoffmann: Ich komme aus Deutschland. Ich wohne in Hamburg. Frau Mayer: Was sind Sie von Beruf? Herr Hoffmann: Ich bin Verkaufsleiter von Beruf. Frau Mayer: Und wo arbeiten Sie? Herr Hoffmann: Ich arbeite beim Otto-Versand. Was sind Sie von Beruf? Frau Mayer: Ich bin Einkaufsleiterin bei einem Modehaus. Herr Hoffmann: Ah, sehr interessant. Thomas, wie heißt deine Freundin? Sie heißt Sabine. Woher kommt Sabine? Sie kommt aus Österreich. Und wo wohnt sie? Sie wohnt jetzt hier in Hamburg. Wo denn in Hamburg? In der Lübecker Straße. Was ist Sabine von Beruf? Sie ist Bankkauffrau von Beruf. Wo arbeitet sie denn? Bei derselben Bank wie ich. Ach, da habt ihr euch kennen gelernt! * De letter ß heet in het Duits es-tsett en wordt als een s uitgesproken. De ß staat in plaats van ss, als de klinker daarvoor lang is óf een dubbelklinker zoals hier bij heißen. 13

12 Luister opnieuw naar de teksten. Lees daarna hardop. Vertaling: Elkaar leren kennen Dhr Hoffmann: Wat is uw naam? Mw. Mayer: Mayer. En hoe heet u? Dhr Hoffmann: Hoffmann, Frank Hoffmann. Waar komt u vandaan, mevrouw Mayer? Mw. Mayer: Ik kom uit Zwitserland. Dhr Hoffmann: En waar woont u? Mw. Mayer: In Zürich. Waar komt u vandaan, meneer Hoffmann? Dhr Hoffmann: Ik kom uit Duitsland. Ik woon in Hamburg. Mw. Mayer: Wat is uw beroep? Dhr Hoffmann: Ik ben verkoopleider. Mw. Mayer: En waar werkt u? Dhr Hoffmann: Ik werk bij de Otto-Versand. Wat is uw beroep? Mw. Mayer: Ik ben hoofd inkoop bij een modehuis. Dhr Hoffmann: Zo, dat is interessant! Thomas, hoe heet je vriendin? Ze heet Sabine. Thomas, waar komt Sabine vandaan? Zij komt uit Oostenrijk. En waar woont zij? Zij woont nu hier in Hamburg. Waar in Hamburg? In de Lübecker Straße. Wat voor een beroep heeft Sabine? Zij is bankmedewerkster. Waar werkt zij? Bij dezelfde bank als ik. Ach, daar hebben jullie elkaar leren kennen! Vragen naar de persoon Wie heißen Sie? Hoe heet u? Wie ist Ihr Name? Wat is uw naam? Wie heißt du? Hoe heet jij? Wie ist dein Name? Wat is je naam? Wie heißt er? Hoe heet hij? Wie ist sein Name? Wat is zijn naam? Wie heißt sie? Hoe heet zij? Wie ist ihr Name? Wat is haar naam? Woher kommen Sie? Woher kommst du? Woher kommt sie? Woher kommt er? Ich komme aus Er/sie kommt aus Waar komt u vandaan? Waar kom jij vandaan? Waar komt zij vandaan? Waar komt hij vandaan? Ik kom uit Hij/zij komt uit 14 Duits voor zelfstudie

13 Wo wohnen Sie? Waar woont u? Wo wohnst du? Waar woon jij? Wo wohnt er/sie? Waar woont hij/zij? Ich wohne in Ik woon in Er/sie wohnt in Hij/zij woont in Was sind Sie von Beruf? Wat is uw beroep? Was bist du von Beruf? Wat is je beroep? Was ist er/sie von Beruf? Wat is zijn/haar beroep? Ich bin. [von Beruf]. Ik ben. [beroep]. Er/sie ist. [von Beruf]. Hij/zij is. [beroep]. les 1 - tekst 2 Wo arbeiten Sie? Waar werkt u? Wo arbeitest du? Waar werk jij? Wo arbeitet er/sie? Waar werkt hij/zij? Ich arbeite bei Er/sie arbeitet bei Ik werk bij Hij/zij werkt bij 1. Vul in: 1 ist Ihr Name? Mein ist Hoffmann. 2 Wie Sie? Ich heiße Bettina Mayer. 3 Wo, Herr Hoffmann? Ich in Hamburg. 4 Wo, Thomas? wohne in Hamburg. 5 Wo Frau Mayer? Sie in Zürich. 6 kommt Sabine? kommt aus Österreich. 7 Was Sie von Beruf? Ich Verkaufsleiter Beruf. 8 Was ist Herr Hoffmann? ist Verkaufsleiter von Beruf. 9 Lisa, arbeitest du? Ich beim Otto-Versand. 10 Wo arbeitet Sabine? Sie bei der Bank. 2. Vertaal: 1 Waar komt u vandaan? 2 Waar woon jij? 3 Waar woont mevrouw Mayer? 4 Ik kom uit Duitsland. 15

14 5 Hij woont in Oostenrijk. 6 Wat voor een beroep heeft u? 7 Wat is uw naam? 8 Hij heet Frank. Hoofdletter of kleine letter? In het Duits staat niet alleen aan het begin van een zin en bij namen een hoofdletter. Alle zelfstandige naamwoorden worden met een hoofdletter geschreven. Zelfstandige naamwoorden zijn woorden waar in het Nederlands de, het of een voor kan staan. In het Duits is dat der (= de, mannelijk), die (= de, vrouwelijk) of das (= het); een is ein bij mannelijke en onzijdige woorden en eine bij vrouwelijke woorden. Het is belangrijk om zelfstandige naamwoorden in het Duits met hun lidwoord te leren. 3. Hoofdletter of kleine letter? Vul in: Das ist (f) rau Mayer. Sie ist (e) inkaufsleiterin von (b) eruf. Herr Hoffmann (i) st (v) erkaufsleiter beim Otto-(v) ersand. Das sind (l) isa und (f) rank, (a) lte (f) reunde von mir. Thomas arbeitet bei der (b) ank. Grammatica de persoonlijke voornaamwoorden Einzahl ich du er sie es Mehrzahl wir ihr sie Sie* enkelvoud ik jij hij zij het meervoud wij jullie zij u * De beleefdheidsvorm Sie komt qua vorm overeen met de meervoudsvorm sie (= zij, meervoud). Zowel één als meerdere personen spreek je in de beleefdheidsvorm met Sie en de meervoudsvorm van het werkwoord aan. In de luisterteksten tref je ook de vormen mir, dir, euch en Ihnen aan. Dat zijn andere vormen van de persoonlijke voornaamwoorden. Deze worden in een later hoofdstuk behandeld. 16 Duits voor zelfstudie

15 De werkwoordsvormen Regelmatig wohnen wonen arbeiten werken ich wohne ik woon ich arbeite ik werk du wohnst jij woont du arbeitest jij werkt er/sie/es wohnt hij/zij/het woont er/sie/es arbeitet hij/zij/het werkt wir wohnen wij wonen wir arbeiten wij werken ihr wohnt jullie wonen ihr arbeitet jullie werken sie wohnen zij wonen sie arbeiten zij werken Sie wohnen u woont Sie arbeiten u werkt les 1 - tekst 2 Let op de vetgedrukte uitgangen die bij de persoonsvormen horen. Om een werkwoord in de juiste persoonsvorm te zetten, streep je de uitgang en van het werkwoord weg en vervang je die door de juiste uitgang. Let erop dat de ihr-vorm niet dezelfde uitgang heeft als wir en sie. Als de stam van het werkwoord (dus het werkwoord minus en) op een d of t eindigt, komt er bij du, er/sie/es en ihr een e tussen stam en uitgang. Dat maakt de uitspraak makkelijker. De vormen van sein (zijn) en haben (hebben) sein zijn haben hebben ich bin ik ben ich habe ik heb du bist jij bent du hast jij hebt er/sie/es ist hij/zij/het is er/sie/es hat hij/zij/het heeft wir sind wij zijn wir haben wij hebben ihr seid jullie zijn ihr habt jullie hebben sie sind zij zijn sie haben zij hebben Sie sind u bent Sie haben u heeft De vormen van sein lijken op de vormen van het Nederlandse zijn, maar let goed op de meervoudsvormen in het Duits! Oefeningen 4. Vul de juiste uitgang of de juiste vorm in. 1 Wo wohn Sie? 2 Mein Name Hoffmann. 3 Wo wohn Sabine? 4 Ich komm aus Österreich. 5 Er Verkaufsleiter von Beruf. 6 Was Sie von Beruf? 7 Ich heiß Lisa. 8 Wir komm aus der Schweiz. 17

Duits voor zelfstudie

Duits voor zelfstudie Prisma Taaltraining Duits voor zelfstudie dr. Katja B. Zaich Auteur: dr. Katja B. Zaich luisterteksten ingesproken door: Klaus Jans, Kerstin Lorenz, Hanns-André Pitot, Fiona Schouten, Katja B. Zaich Ontwerp

Nadere informatie

Werkwoorden TB 49. wissen = weten müssen = moeten fahren = rijden. Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3

Werkwoorden TB 49. wissen = weten müssen = moeten fahren = rijden. Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3 Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3 Neue Kontakte 5 e, VMBO KGT 1-2 Werkwoorden TB 49 3 e naamval TB 54 Rangtelwoorden (overzicht) Kloktijden (overzicht) Werkwoorden TB 49 wissen = weten

Nadere informatie

Naamvallen Tabel Begrijpen. Klas 3/4

Naamvallen Tabel Begrijpen. Klas 3/4 Naamvallen Tabel Begrijpen Klas 3/4 Wil je weten hoe de Naamvallen Tabel in elkaar zit, dan is dit de juiste workshop voor jou. A) Naamvaltabel (overzicht) B) Tools om met de Naamvaltabel aan de slag te

Nadere informatie

Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits

Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits Dit document is samengesteld als aanvulling op de test Succesvol zakendoen in het Duits. Wilt u ontdekken hoe goed u geëquipeerd bent voor zakendoen met Duitstalige

Nadere informatie

Woordenlijst Nederlands Duits

Woordenlijst Nederlands Duits Taaltalent deel 1 Methode Nederlands voor midden- en hoogopgeleide anderstaligen Woordenlijst Nederlands Duits Hoofdstuk 1 De cursus Henny Taks Katja Verbruggen u i t g e v e r ij coutinho c bussum 2014

Nadere informatie

Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem en lager 6

Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem en lager 6 Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem Nederlands: Duits: 10 1 9 8 2 7 3 6 4 5 5 4 en lager 6 In t Duits kennen we 3 lidwoorden: Aantekening hs1 de lidwoorden -der -die de/het -----> bepaald lidwoord

Nadere informatie

Top 100 Duitse woorden

Top 100 Duitse woorden Top 100 Duitse woorden hinter achter hinten achteraan letzten Monat afgelopen maand schon al nur (of: nur noch) alleen maar nur noch alleen nog wenn als bitte alstublieft (als je iets geeft) immer altijd

Nadere informatie

haben / hatten / hätten können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden

haben / hatten / hätten können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden ein Missverständnis an der Rezeption haben / hatten / hätten bin / war / wäre können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden sich entschuldigen Es tut mir leid! Das wollte

Nadere informatie

Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug.

Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug. Polizei Polizei Dialog 1- Handy Dialog 1 - Handy Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug. 2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Vertel, dat je zaktelefoon is gestolen. 3 Können Sie mir erzählen,

Nadere informatie

Gefeliciteerd! Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja. In de gloria. Lang zal hij leven. Hij leve lang hoera hoera

Gefeliciteerd! Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja. In de gloria. Lang zal hij leven. Hij leve lang hoera hoera Gefeliciteerd! 1 Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja In de gloria Lang zal hij leven Hij leve lang hoera hoera Hij leve lang hoera hoera Lang zal hij leven In de

Nadere informatie

die Meldung bestätigen nicht jetzt

die Meldung bestätigen nicht jetzt am Computer sitzen im Internet surfen Informationen suchen mit einem Freund chatten eine E-Mail schreiben Nachrichten lesen Freunde finden ein Foto hochladen eine Datei herunterladen einen Film gucken

Nadere informatie

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat.

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. A. LEER EN TOETSPLAN DUITS Onderwerp: Leesvaardigheid De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven

Nadere informatie

Wir sind verwandt. Wir sind verwandt. Kann ich die Antworten haben. Kann ich die Antworten haben? die Cousine. die Nichte / die Cousine

Wir sind verwandt. Wir sind verwandt. Kann ich die Antworten haben. Kann ich die Antworten haben? die Cousine. die Nichte / die Cousine die Familie Wir sind verwandt Wir sind verwandt. Ich habe mein Arbeitsbuch vergessen Ich habe mein Arbeitsbuch vergessen. Können Sie das aufschreiben Können Sie das aufschreiben? Kann ich die Antworten

Nadere informatie

Zoals jullie afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval.

Zoals jullie afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval. Naamvallen & Voorzetsels Zoals afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval. Onder aan staat rijtje met de belangrijkste voorzetsels en werkwoorden. Meteen heb je ook een overzicht hoe dan

Nadere informatie

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt - Belangrijkste benodigdheden Kunt u me alstublieft helpen? Om hulp vragen Spreekt u Engels? Vragen of iemand Engels spreekt Spreekt u _[taal]_? Vragen of iemand een bepaalde taal spreekt Ik spreek geen

Nadere informatie

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt - Belangrijkste benodigdheden Können Sie mir bitte helfen? Om hulp vragen Sprechen Sie Englisch? Vragen of iemand Engels spreekt Sprechen Sie _[Sprache]_? Vragen of iemand een bepaalde taal spreekt Ich

Nadere informatie

Themaboek IBL1 - Internationaal marktanalist

Themaboek IBL1 - Internationaal marktanalist Duits IBL1 Vakcode 56008 Verantwoordelijke e-mail mevr. K. Voogd k.m.voogd@saxion.nl ECTS 4 Kwartiel 1.1 en 1.2 Competenties IBL1 Prestatie-indicatoren 1.3 Zie bijlage 1 voor een overzicht van de competenties

Nadere informatie

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas Leraar: Dag Jef. Jef: Dag mevrouw. Hoe gaat het met u? Leraar: Goed, dank je. En met jou? Jef: Ook goed. ----------- Mark: Hallo

Nadere informatie

Wie is dat? thema. Hoe heet jij? Ik weet het niet! Beatriz. Marco. Hallo, ik heet Jürgen. Dag mevrouw. Dag meneer. Hoi! Ik heet Bushra. En jij?

Wie is dat? thema. Hoe heet jij? Ik weet het niet! Beatriz. Marco. Hallo, ik heet Jürgen. Dag mevrouw. Dag meneer. Hoi! Ik heet Bushra. En jij? thema 1 Ik weet het niet! 1 Hoe heet jij? Beatriz Hoe heet jij? Ik heet Jürgen. Dag meneer. Dag mevrouw. Hallo, ik heet Jürgen. Hoi! Ik heet Bushra. En jij? Jürgen, dit is Lei San. Leuk met je kennis te

Nadere informatie

werkbladen thema 1 naar een nieuwe school

werkbladen thema 1 naar een nieuwe school werkbladen thema 1 naar een nieuwe school 1.0 vragen bij de film alleen Kijk naar de film. Geef antwoord op de vragen. eerste ronde filmkijken 1 Tarik en Zoera gaan naar de inburgeringscursus. waar / niet

Nadere informatie

De kleine Duits voor Dummies. Paulina Christensen en Anne Fox

De kleine Duits voor Dummies. Paulina Christensen en Anne Fox De kleine Duits voor Dummies Paulina Christensen en Anne Fox Amersfoort, 2016 Inhoud Inleiding.............................................................. 9 Hoofdstuk 1: Je kent al een beetje Duits.................................

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Luisterteksten en instructies bij de oefen-cd 201. Grammaticaoverzicht 233. Correctiesymbolen schrijfvaardigheid 269.

Inhoudsopgave. Luisterteksten en instructies bij de oefen-cd 201. Grammaticaoverzicht 233. Correctiesymbolen schrijfvaardigheid 269. Inhoudsopgave Thema 1 Wie is dat? 7 Thema 2 Hoe spel je dat? 33 Thema 3 Hoeveel? 47 Thema 4 Hoe laat is het? 55 Thema 5 Wanneer ben jij jarig? 67 Thema 6 Wanneer zijn de winkels open? 75 Thema 7 Kun je

Nadere informatie

Nieuwe woorden correct kunnen schrijven, kunnen vertalen van N-F en van F-N en kunnen gebruiken in mondelinge en schriftelijke zinnen.

Nieuwe woorden correct kunnen schrijven, kunnen vertalen van N-F en van F-N en kunnen gebruiken in mondelinge en schriftelijke zinnen. Vaktips Frans 1. D O E L S T E L L I N G E N De Franse taal leren verstaan, lezen, spreken en schrijven. Om dit te bereiken, moet je: Nieuwe woorden correct kunnen schrijven, kunnen vertalen van N-F en

Nadere informatie

EL ABANICO CURSUSSEN SPAANS ROTTERDAM STUDIEGIDS

EL ABANICO CURSUSSEN SPAANS ROTTERDAM STUDIEGIDS EL ABANICO CURSUSSEN SPAANS ROTTERDAM STUDIEGIDS 1 Naam cursus INICIAL 1 Aan het eind van de cursus kunt u zich redden in eenvoudige situaties. U kunt een simpele conversatie in het Spaans voeren over

Nadere informatie

Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen.

Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen. Print het Word-document uit. Afrekenen met de klant Opdracht 1 Luister naar luisterfragment 6 Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen.

Nadere informatie

Studiehandleiding. Russisch voor beginners

Studiehandleiding. Russisch voor beginners Studiehandleiding Russisch voor beginners Lay-out en opmaak: NTI DTP Studio, Leiden 1 e druk, september 2012 001204557 2012, NTI bv, Leiden Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden

Nadere informatie

Kapitel 8 Nervenkitzel

Kapitel 8 Nervenkitzel 1: Am See Kapitel 8 Nervenkitzel 4. 1. gedacht 4. kans 2. blokken 5. verknalt 3. kamerarrest 6. redt 6. 1. Groβeltern Köningswinter 2. Bruder Brandenburg 3. Ste. Maxime Campingplatz 4. Sylt Insel 5. zu

Nadere informatie

1 Spelling en uitspraak

1 Spelling en uitspraak Inhoud 1 Spelling en uitspraak 1 de spellingregels 11 Klinkers en medeklinkers 12 Accenttekens 11 Apostrof ( ) en koppelteken (-) 12 Hoofdletters 13 Los of aan elkaar? 13 Afbreken 14 2 uitspraak 14 Medeklinkers

Nadere informatie

Tijdsvormen. 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t

Tijdsvormen. 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t Tijdsvormen 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t wir stam+en ihr stam+t sie stam+en uitzondering van de onregelmatige werkwoorden 2. Präteritum: verleden tijd ich stam+te du stam+test

Nadere informatie

Meer dan grammatica!

Meer dan grammatica! Gramm@foon Meer dan grammatica! 1e druk 2011 ISBN: 9789490807061 Copyright: KleurRijker B.V., info@kleurrijker.nl Auteurs: Karine Jekel, Vika Lukina, Nynke Oosterhuis Redactie: Karine Jekel, Nynke Oosterhuis,

Nadere informatie

2.5 Seminar Literatur- und Sprachwissenschaft (3. und 4. Semester) 2.5 a Werkcollege met werkstuk (en presentatie) datum:

2.5 Seminar Literatur- und Sprachwissenschaft (3. und 4. Semester) 2.5 a Werkcollege met werkstuk (en presentatie) datum: 2.5 Seminar Literatur- und Sprachwissenschaft (3. und 4. Semester) Die Arbeit mit dem Sprachtagebuch dient in den Seminaren Literatur- und Sprachwissenschaft zur Vertiefung und Erweiterung der erworbenen

Nadere informatie

Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017

Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017 In stillem Gedenken an Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017 Annegret Korte schrieb am 21. September 2017 um 21.47 Uhr Liebe Familie Egbers, und Freundin mit Tochter. Es tut schon weh, am Grabe von Pascal

Nadere informatie

a Luister en noteer. Hören Sie und notieren Sie die Nummer des passenden Dialogs zu den Bildern.

a Luister en noteer. Hören Sie und notieren Sie die Nummer des passenden Dialogs zu den Bildern. Hoi, ik heet LES Hallo, ik ben a Lister en noteer. Hören Sie nd notieren Sie die Nmmer des passenden Dialogs z den Bildern. b Lister nog eens en vl in. Hören Sie ernet nd ergänzen Sie. ben goedemorgen

Nadere informatie

Taalkalender. 1. De tijd. 2. Voorzetsels. 3. Wat hoort bij elkaar? 4. Werkwoorden: zijn. 5. Persoonlijke voornaamwoorden

Taalkalender. 1. De tijd. 2. Voorzetsels. 3. Wat hoort bij elkaar? 4. Werkwoorden: zijn. 5. Persoonlijke voornaamwoorden Birgitta Bexten, 5/2003 (birgitta.bexten@ruhr-uni-bochum.de) laatste bewerking: 23 05 2003 niveau A1 geoefende vaardigheden grammatica, woordenschat (gemengd: Taal Vitaal les 1-6) Taalkalender soort lesactiviteit

Nadere informatie

Prisma Taaltraining. Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten-Antwerpen

Prisma Taaltraining. Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten-Antwerpen Praktisch Deutsch Zakelijk Duits voor beginners Prisma Taaltraining Praktisch Deutsch Zakelijk Duits voor beginners Claudia Wittenberg, MEd & Dr. Katja B. Zaich Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten-Antwerpen

Nadere informatie

TAKENBOEK DEEL 1 0-A1

TAKENBOEK DEEL 1 0-A1 TAKENBOEK DEEL 1 0-A1 Basisleergang Nederlands voor anderstaligen Universiteit van Amsterdam, Instituut voor Nederlands Taalonderwijs en Taaladvies (INTT) Nicky Heijne Marten Hidma Karolien Kamma Vrije

Nadere informatie

Aanvullende informatie ter voorbereiding op de TGN A1. Inleiding. Hoe maakt u de TGN?

Aanvullende informatie ter voorbereiding op de TGN A1. Inleiding. Hoe maakt u de TGN? Aanvullende informatie ter voorbereiding op de TGN A1 Inleiding Dit is informatie over de Toets Gesproken Nederlands (of TGN) 1. De TGN maakt deel uit van het inburgeringsexamen buitenland. Moet u de TGN

Nadere informatie

bringen ausleihen bezahlen wären denken auschecken das Handtuch das Problem das Missverständnis das Zimmer die Rechnung die Bettwäsche

bringen ausleihen bezahlen wären denken auschecken das Handtuch das Problem das Missverständnis das Zimmer die Rechnung die Bettwäsche An der Rezeption Ich habe eine Frage. Ich habe meine Handtücher vergessen / weil ich dachte / es sind welche auf dem Zimmer. Aber für zwei Euro können Sie sich Das war dann wohl ein hier welche leihen

Nadere informatie

weiblich das Alter der Beruf

weiblich das Alter der Beruf das Formular erreichen der Fehler Nachname Vorname Land Telefonnummer Geburtsdatum Straße Postleitzahl Ort Handynummer Sprachen das Passwort der Benutzername die Staatsangehörigkeit das Geschlecht männlich

Nadere informatie

http://www.schoolsamenvatting.nl/ - De site voor samenvattingen

http://www.schoolsamenvatting.nl/ - De site voor samenvattingen GRAMMATICA OEFENINGEN DUITS Vertaal mbv woordenboek!!!! 1. Ik hoor het vrij vaak = Ich höre es oft 2. Op de eerste plaats = 3. Ik weet niet, of hij kan komen = 4. Hij wil zelfmoord plegen = 5. Kunt u mij

Nadere informatie

Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting

Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting Rode tekst = tip Grammatica Imperfekt (verleden tijd) wollen (willen) sollen (moeten) müssen (moeten) wissen (weten) ich wollte sollte musste wusste du wolltest

Nadere informatie

Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen. 15. Januar 2014. groepswerk en stadsbezoek. Gruppenarbeit und Stadtbesichtigung. Nijmegen is een heel mooie stad.

Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen. 15. Januar 2014. groepswerk en stadsbezoek. Gruppenarbeit und Stadtbesichtigung. Nijmegen is een heel mooie stad. Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen 15. Januar 2014 Die Schüler sollten aufschreiben, was ihnen gefallen hat. De leerlingen moesten opschrijven wat hun goed bevallen is. Das schrieb die deutsche Klasse Gruppenarbeit

Nadere informatie

Alles onder de knie? 1 Herhalen. Intro. Met de docent. 1 Werk samen. Lees het begin van de gesprekjes. Maak samen de gesprekjes af.

Alles onder de knie? 1 Herhalen. Intro. Met de docent. 1 Werk samen. Lees het begin van de gesprekjes. Maak samen de gesprekjes af. Intro Met de docent Wat ga je doen in dit hoofdstuk? 1 Herhalen: je gaat herhalen wat je hebt geleerd in hoofdstuk 7, 8 en 9. 2 Toepassen: je gaat wat je hebt geleerd gebruiken in een situatie over werk.

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 7. Werk vragen in een winkel

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 7. Werk vragen in een winkel Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 7. Werk vragen in een winkel Inleiding Deze les gaat over het zoeken naar werk. Over hoe je een baan kunt vinden. In deze les gaat een vrouw, Maria, naar een winkel om

Nadere informatie

Nederlands voor Arabisch taligen A0 A1/A2

Nederlands voor Arabisch taligen A0 A1/A2 Auteur boek: مو لف الكتاب: Vera Lukassen Titel boek: Nederlands voor Arabisch taligen كتاب : الھولندي للناطقین باللغة العربیة المستوى Niveau A0 A2, A0 A2 2015, Serasta Uitgegeven in eigen beheer info@serasta.nl

Nadere informatie

Zakelijke correspondentie

Zakelijke correspondentie - Aanhef Duits Nederlands Sehr geehrter Herr Präsident, Geachte heer President Zeer formeel, geadresseerde heeft een speciale titel die in plaats van de naam wordt gebruikt Sehr geehrter Herr, Formeel,

Nadere informatie

Zakelijke correspondentie

Zakelijke correspondentie - Aanhef Nederlands Duits Geachte heer President Sehr geehrter Herr Präsident, Zeer formeel, geadresseerde heeft een speciale titel die in plaats van de naam wordt gebruikt Geachte heer Formeel, mannelijke

Nadere informatie

Kapitel 6 Frust oder Lust?

Kapitel 6 Frust oder Lust? Kapitel 6 Frust oder Lust? 1: Abgehauen 2. 1. ausreißen 2. völlig 3. endgültig 4a. Logo 4b. Alter 5a. Lager 5b. Zündkerzen 3. 1. Heb je ze niet allemaal op een rijtje? 2. Ben je je tong verloren? 6. 1.

Nadere informatie

Persoonlijke correspondentie Brief

Persoonlijke correspondentie Brief - Adressering Herrn Peter Müller Falkenstraße 28 20140 Hamburg Deutschland Hans van der Meer, Stationslaan 87, 1011 Amsterdam Standaard adressering in Nederland: naam geadresseerde, straatnaam + huisnummer,

Nadere informatie

Nederlands voor zelfstudie

Nederlands voor zelfstudie Nederlands voor zelfstudie Prisma Taaltraining Nederlands voor zelfstudie Willy Hemelrijk Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten-Antwerpen Auteur: Willy Hemelrijk, met adviezen van Afdeling Nederlands

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 5. Werk vragen in een winkel

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 5. Werk vragen in een winkel Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 5. Werk vragen in een winkel Inleiding Deze les gaat over het zoeken naar werk. Over hoe je een baan kunt vinden. In deze les gaat een vrouw, Maria, naar een winkel om

Nadere informatie

TOETSTAAK 11: NICHTEN EN NEVEN

TOETSTAAK 11: NICHTEN EN NEVEN TOETSTAAK 11: NICHTEN EN NEVEN Vaardigheid: luisteren. Doelstelling: de cursist kan op beschrijvend niveau het globale onderwerp bepalen en de gedachtegang volgen in: - informatieve teksten zoals fragmenten

Nadere informatie

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt - Belangrijkste benodigdheden Können Sie mir bitte helfen? Om hulp vragen Sprechen Sie Englisch? Vragen of iemand spreekt Sprechen Sie _[Sprache]_? Vragen of iemand een bepaalde taal spreekt Ich spreche

Nadere informatie

Dag! kennismaken. Ik ben Eric.

Dag! kennismaken. Ik ben Eric. Vocabulaire Oefening 1 Woordweb Dag! Waar kom je vandaan? groeten Goedemorgen! de ontmoeting Hoe heet je? kennismaken Hoi! mensen Hallo! Ik ben Eric. nieuw Ik kom uit Engeland. Hallo, ik ben Mila. Ik ben

Nadere informatie

Van start in NT2 SCHOOL

Van start in NT2 SCHOOL Van start Van start in NT2 SCHOOL Ga naar www.nt2school.nl. Maak een account aan. (Als je al een account hebt, log dan in!) Klik op Lesmateriaal. Voer eenmalig onderstaande code in. Bevestig. Je kunt nu

Nadere informatie

Talenquest Duits 2thv: Grammatica

Talenquest Duits 2thv: Grammatica Talenquest Duits 2thv: Grammatica Episode 1: Het geslacht van zelfstandige naamwoorden In het Duits kun je onderscheiden: mannelijk: der Hund ein Hund vrouwelijk: die Katze eine Katze onzijdig: das Pferd

Nadere informatie

Schule: Schreiben B 2. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52653

Schule: Schreiben B 2. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52653 Schule: Schreiben B 2 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 15 July 2015 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52653 Dit lesmateriaal is gemaakt

Nadere informatie

2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of zij/hij je kan doorverbinden met de heer Schröder?

2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of zij/hij je kan doorverbinden met de heer Schröder? Telefon Dialog 1 - Verbinden 1 Guten Tag. Deutsche Bank. Sie sprechen mit Frau/Herrn Rau. Telefon Dialog 1 - Verbinden Kunde 1 Groet terug en stelt je voor. 2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of

Nadere informatie

1. INLEIDING 2. LESMATERIAAL

1. INLEIDING 2. LESMATERIAAL DOCENTENHANDLEIDING 1. INLEIDING Nederlands in Beeld (NIB) is bedoeld om zoveel mogelijk via beeldmateriaal de betekenis van woorden en zinnen duidelijk te maken. Cursisten met weinig schoolervaring hebben

Nadere informatie

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets.

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets. Werkwoorden Hebben en zijn De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets. persoon onderwerp hebben zijn 1 enk. ik heb ben 2 enk. jij/u hebt bent

Nadere informatie

Inhoud. 1 Spelling en uitspraak. 2 Grammatica

Inhoud. 1 Spelling en uitspraak. 2 Grammatica Inhoud 1 Spelling en uitspraak 1 spelling 11 Algemene regels 11 Klinkers en medeklinkers 11 Accenttekens 12 Hoofdletters 13 Los of aan elkaar? 13 Afbreken 14 2 uitspraak 14 De letters van het alfabet 15

Nadere informatie

Taaljournaal Leerlijnenoverzicht - Lezen

Taaljournaal Leerlijnenoverzicht - Lezen Taaljournaal Leerlijnenoverzicht - Lezen 1.1 Eigen kennis 1.1.1 Kinderen kunnen hun eigen kennis activeren, m.a.w. ze kunnen aangeven wat ze over een bepaald onderwerp al weten en welke ervaringen ze er

Nadere informatie

BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON

BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON BRIEVEN ALS BRONMATERIAAL: BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON Ook de Duitse vijand schreef brieven en stond in contact met het thuisfront. Zoals reeds eerder vermeld werden er vaak vormen van

Nadere informatie

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat.

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. A. LEER EN TOETSPLAN DUITS Leerjaar: 2 Onderwerp: Leesvaardigheid De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. De leerling leert strategieën te gebruiken

Nadere informatie

Handleiding bij begeleiding van studenten die beginnen met het leren van Nederlands (A1). (ontworpen voor het basisexamen inburgering A1)

Handleiding bij begeleiding van studenten die beginnen met het leren van Nederlands (A1). (ontworpen voor het basisexamen inburgering A1) Handleiding bij begeleiding van studenten die beginnen met het leren van Nederlands (A1). (ontworpen voor het basisexamen inburgering A1) Instructieboek voor begeleiders en docenten. Ad Appel Uitgave:

Nadere informatie

2 Правописание Spelling 11 Hoofdletters en kleine letters 11 Klinkers na de sisklanken ж, ч, ш, щ / г, к, х / ц 12 Interpunctie 12

2 Правописание Spelling 11 Hoofdletters en kleine letters 11 Klinkers na de sisklanken ж, ч, ш, щ / г, к, х / ц 12 Interpunctie 12 Inhoudsopgave 1 Русский алфавит Het Russische alfabet 10 2 Правописание Spelling 11 Hoofdletters en kleine letters 11 Klinkers na de sisklanken ж, ч, ш, щ / г, к, х / ц 12 Interpunctie 12 3 Фонетика Fonetiek

Nadere informatie

Les 5 Werkwoorden 22 Les 6 De persoonsvorm van het werkwoord 24 Les 7 De, het, een 26 Les 8 Het meervoud (op -en, -s of - s) 28 Herhalingstoets 2 30

Les 5 Werkwoorden 22 Les 6 De persoonsvorm van het werkwoord 24 Les 7 De, het, een 26 Les 8 Het meervoud (op -en, -s of - s) 28 Herhalingstoets 2 30 Inhoud Deel 1 Grammaticale vormen Les 1 Letter, woord, zin, getal, cijfer 12 Les 2 Zinnen 14 Les 3 Persoonlijke voornaamwoorden (1) 16 Les 4 Hij / het / je / we / ze 18 Herhalingstoets 1 20 Les 5 Werkwoorden

Nadere informatie

Inleiding IN DIT BOEK LEES JE WAAROM STEUN, RESPECT EN VERTROUWEN BIJ VRIENDSCHAP HOREN.

Inleiding IN DIT BOEK LEES JE WAAROM STEUN, RESPECT EN VERTROUWEN BIJ VRIENDSCHAP HOREN. Inleiding Met wie heb je de meeste lol? En wie bel je als je een probleem hebt? Vaak zijn dat je. Sommige mensen hebben veel, andere mensen hebben er maar een paar. Vriendschap is belangrijk in ons leven.

Nadere informatie

VSO leerlijn Engels (uitstroom arbeid)

VSO leerlijn Engels (uitstroom arbeid) VSO leerlijn Engels (uitstroom arbeid) LEERLIJN ENGELS VSO Leerlijnen Kerndoelen 1.1. Taalbegrip 1. De leerling leert vertrouwde woorden en basiszinnen te begrijpen die zichzelf, zijn/haar familie en directe

Nadere informatie

Studiehandleiding. Arabisch voor beginners

Studiehandleiding. Arabisch voor beginners Studiehandleiding Arabisch voor beginners Samengesteld door: Herzien door: drs. C. Hanssen, sinds 1991 docent Arabisch aan de Universiteit van Utrecht Aziz Boukayouo Lay-out en opmaak: NTI DTP Studio,

Nadere informatie

Spelling. A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema:

Spelling. A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema: Spelling 1. Werkwoorden: tegenwoordige tijd A. Kijk voor de vormen van de tegenwoordige tijd naar het volgende schema: ik - je/u/hij/ze t we/jullie/ze en bijvoorbeeld: ik drink ik bied je drinkt je biedt

Nadere informatie

EEN AFSPRAAK ANNULEREN

EEN AFSPRAAK ANNULEREN EEN AFSPRAAK ANNULEREN Je hebt een afspraak voor een intakegesprek. Je kan niet naar de afspraak gaan. Je telefoneert naar het secretariaat. Je annuleert de afspraak. Wat moet je doen? 1. Lees de dialoog

Nadere informatie

NEDERLANDS Taalverzorging 1F Woord/zin Deel 1 van 3

NEDERLANDS Taalverzorging 1F Woord/zin Deel 1 van 3 NEDERLANDS Taalverzorging 1F Woord/zin Deel 1 van 3 Colofon Uitgeverij: Edu Actief b.v. 0522-235235 info@edu-actief.nl www.edu-actief.nl Auteur(s): Ruud Schinkel Inhoudelijke redactie: Ina Berlet Titel:

Nadere informatie

Studiehandleiding. Duits voor beginners

Studiehandleiding. Duits voor beginners Studiehandleiding Duits voor beginners Lay-out en opmaak: NTI DTP Studio, Leiden 1 e druk, november 2012 001204546 2012, NTI bv, Leiden Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd,

Nadere informatie

EEN AFSPRAAK MAKEN VOOR EEN INTAKEGESPREK

EEN AFSPRAAK MAKEN VOOR EEN INTAKEGESPREK Maya wil een cursus Nederlands volgen. Ze moet een afspraak maken voor een intakegesprek met het Huis van het Nederlands. Wat moet je doen? 1. Luister twee keer naar het fragment. Beantwoord de vragen

Nadere informatie

Horeca Vak Opleidingen. Eindopdracht. Ontwerp je restaurant en ontvang je gasten. Naam: Klas: De ontvangstfase

Horeca Vak Opleidingen. Eindopdracht. Ontwerp je restaurant en ontvang je gasten. Naam: Klas: De ontvangstfase Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht Ontwerp je restaurant en ontvang je gasten. Naam: Klas: De ontvangstfase opleiding - crebo 94140 Gastheer/ -vrouw Leerroute GHV1 B.O.L./ B.B.L. cohort 2016 periode 2

Nadere informatie

De Grote Duitse Donald Duck Opdracht!

De Grote Duitse Donald Duck Opdracht! De Grote Duitse Donald Duck Opdracht! Naam Klas Cijfer Opdracht 1 Kijk naar de voorkant van het blad. Je ziet Kwik, Kwek en Kwak die in het Duits trouwens Tick, Trick und Track genoemd worden met hun rugzakken

Nadere informatie

Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht. Time Management

Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht. Time Management Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht Time Management Meine Tagesordnung Name.. Klasse opleiding - crebo 94153 94161 Zelfstandig werkend gastheer/ -vrouw ZGH1 Hotel- Congres- en Evenementen Management LBE1

Nadere informatie

Voorwoord 6. Woordenlijst 283

Voorwoord 6. Woordenlijst 283 Inhoud Voorwoord 6 Thema s 1 Kennis maken en afspreken 10 2 Feesten 30 3 Boodschappen doen en winkelen 52 4 Vervoer 74 5 Vrije tijd 94 6 Wonen 116 7 Gezondheid 138 8 Uiterlijk en karakter 162 9 Opleiding

Nadere informatie

De KERNCURSUS opbouw, doelstellingen, inhoud, lesmateriaal

De KERNCURSUS opbouw, doelstellingen, inhoud, lesmateriaal LESPROGRAMMA - TALEN VOOR KINDEREN EN TIENERS De KERNCURSUS opbouw, doelstellingen, inhoud, lesmateriaal - 1 : introductiemodule - 2 / 3 / 4 : basiscursus - 5 / 6 / 7 : zilveren cursus - 8 / 9 / 10 : gouden

Nadere informatie

Actielessen. Lesbrief 3. Leren in de bibliotheek. Wat leert u in deze les? Veel succes! http://www.edusom.nl

Actielessen. Lesbrief 3. Leren in de bibliotheek. Wat leert u in deze les? Veel succes! http://www.edusom.nl http://www.edusom.nl Actielessen Lesbrief 3. Leren in de bibliotheek Wat leert u in deze les? Hoe je kunt leren in de bibliotheek en op het internet Grammatica: voltooide tijd Veel succes! Deze les is

Nadere informatie

DPS. Communicatie. Werkblad: werkwoordspelling

DPS. Communicatie. Werkblad: werkwoordspelling Werkstuk schrijven DPS Communicatie Werkblad: werkwoordspelling On line, korte, doelgerichte cursussen. Aan de slag wanneer het u uitkomt. Via Skype contact met een ervaren docent. Makkelijker was het

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Thema Op zoek naar werk Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Inleiding Deze les gaat verder over het zoeken naar werk. De vrouw,, gaat weer naar de winkel om over werk te praten. Ze wil de manager

Nadere informatie

Woordenlijst Nederlands Duits

Woordenlijst Nederlands Duits Taaltalent deel 1 Methode Nederlands voor midden- en hoogopgeleide anderstaligen Woordenlijst Nederlands Duits Hoofdstuk 2 Het feest Henny Taks Katja Verbruggen u i t g e v e r ij coutinho c bussum 2014

Nadere informatie

Basisgrammatica. Prisma Taalbeheersing. Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg. Begrijpelijk voor iedereen. Duits

Basisgrammatica. Prisma Taalbeheersing. Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg. Begrijpelijk voor iedereen. Duits Prisma Taalbeheersing Basisgrammatica Duits Begrijpelijk voor iedereen Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten - Antwerpen 6 Inhoud Grammatica - Waar doe je het voor?

Nadere informatie

Leerwerkboek. Chinees. Go 100

Leerwerkboek. Chinees. Go 100 Leerwerkboek Chinees Go 100 se k a ra k te rs Le e r 1 0 0 C h in e Go 100 Leer 100 Chinese karakters LEERWERKBOEK CHINEES Julie Lo Emily Yih Jan van der Putten (cultuurteksten) ΒΟ INHOUDSOPGAVE Lessen

Nadere informatie

Voornaamwoorden. Klaus trägt seinen Koffer. Klaus draagt zijn koffer. Er trägt ihn.

Voornaamwoorden. Klaus trägt seinen Koffer. Klaus draagt zijn koffer. Er trägt ihn. 4 Voornaamwoorden Er zijn de volgende soorten voornaamwoorden: Persoonlijke voornaamwoorden Wederkerende voornaamwoorden Bezittelijke voornaamwoorden Aanwijzende voornaamwoorden Betrekkelijke voornaamwoorden

Nadere informatie

Prestatie-indicatoren 1.3 Zie bijlage 1 voor een overzicht van de competenties inclusief prestatie-indicatoren en beoordelingscriteria.

Prestatie-indicatoren 1.3 Zie bijlage 1 voor een overzicht van de competenties inclusief prestatie-indicatoren en beoordelingscriteria. Duits L2 Vakcode 56017 Moduleverantwoordelijke mevr. K. Voogd (k.m.voogd@saxion.nl) ECTS 4 Kwartiel 1.3 en 1.4 Competenties IBL1 Prestatie-indicatoren 1.3 Zie bijlage 1 voor een overzicht van de competenties

Nadere informatie

INHOUD. Seite 5 INHOUD. Inleiding 9

INHOUD. Seite 5 INHOUD. Inleiding 9 INHOUD INHOUD Inleiding 9 Kapitel 1 Fünf falsche Freunde 11 A Trainingssprache 12 B Gesprächssituationen 14 B 1 Hoe stel je je aan iemand voor en geef je nadere informatie over jezelf 14 Hoofdtelwoorden

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Lesperiode: 1 week 36 t/m week 38 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende regel De stam van werkwoorden kunnen noteren

Nadere informatie

CONCEPT. Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo

CONCEPT. Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo Preambule Voor alle domeinen van Engels geldt dat het gaat om toepassingen van kennis en vaardigheden op thema s die alledaags en vertrouwd zijn. Hieronder worden

Nadere informatie

Overzicht toetsen en oefeningen Grammatica I. Grammatica I

Overzicht toetsen en oefeningen Grammatica I. Grammatica I Overzicht toetsen en oefeningen Grammatica I Grammatica I Rubriek Oefening Type Opgaven Uitleg Alle onderwerpen Totaaltoets Grammatica I (*) 42 1 Klanken/letters Deeltoets 1 (*) Naamwoorden Deeltoets 2

Nadere informatie

Logboek bij de lessenserie over. Cengiz und Locke. van Zoran Drvenkar. Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment:

Logboek bij de lessenserie over. Cengiz und Locke. van Zoran Drvenkar. Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment: Logboek bij de lessenserie over Cengiz und Locke van Zoran Drvenkar Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment: ANWEISUNGEN Dit is een serie van drie lessen. Jullie gaan in zes groepen van vier of vijf leerlingen

Nadere informatie

Profiel Professionele Taalvaardigheid

Profiel Professionele Taalvaardigheid Profiel Professionele Taalvaardigheid PPT Het Profiel Professionele Taalvaardigheid omvat de taalvaardigheid die nodig is om professioneel in het Nederlands te functioneren en is in de eerste plaats gericht

Nadere informatie

Hoe leer ik uit... Naam: Klas:

Hoe leer ik uit... Naam: Klas: Hoe leer ik uit... Naam: Klas: 1 Inhoud Woorden... 3 Flashcards... 3 Opschrijven... 3 WRTS... 3 Tekenen... 4 Stones... 5 Flashcards Opschrijven - WRTS... 5 Het thema van de Stone... 5 Stukjes combineren...

Nadere informatie

BEGINNERSCURSUS DAG 2

BEGINNERSCURSUS DAG 2 1 BEGINNERSCURSUS DAG 2 A. FORCING Tekst: Hans en Hilde B. GRAMMATICA Vorming O.T.T. Substantief: de/ het Vraagwoorden Vraagzin (inversie) C. CONVERSATIE Elkaar vragen stellen (cfr. Voorstelling) Een gewone

Nadere informatie

Ik leer Nederlands sinds...

Ik leer Nederlands sinds... Ik leer Nederlands sinds... LES Waar is mijn pen? a Schrijf het juiste nummer bij het plaatje. het boek 2 het bord 3 cursist 4 docente 5 het mobieltje 6 het oefenboek 7 pen 8 het potlood 9 het raam 0 het

Nadere informatie

Thema 4 Communicatie. Taalhulp Telefoneren. Informele situaties - opbellen en opnemen. Hoi, Diana. Hallo, Diana van Someren. Hi, met. Hé, met John.

Thema 4 Communicatie. Taalhulp Telefoneren. Informele situaties - opbellen en opnemen. Hoi, Diana. Hallo, Diana van Someren. Hi, met. Hé, met John. Thema 4 Communicatie Taalhulp Telefoneren Informele situaties - opbellen en opnemen Hoi, Diana. Hallo, Diana van Someren. Hi, met. Hé, met John. Met Diana. Met Diana van Someren. Is John ook? Is Diana

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Vak: Nederlands Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) 2016-2017 Lesperiode: 1 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende

Nadere informatie

Basiscursus 2 Nederlands voor buitenlanders. Tekstboek. DM-Basiscursus2-tekstboek_05.indd 1 07-09-15 12:34

Basiscursus 2 Nederlands voor buitenlanders. Tekstboek. DM-Basiscursus2-tekstboek_05.indd 1 07-09-15 12:34 Basiscursus 2 Nederlands voor buitenlanders Tekstboek DM-Basiscursus2-tekstboek_05.indd 1 07-09-15 12:34 Basiscursus 2 Nederlands voor buitenlanders P.J. Meijer A.G. Sciarone Tekstboek Herziene editie

Nadere informatie