Arbeidsmatige dagbesteding
|
|
|
- Irena Koster
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Arbeidsmatige dagbesteding Een verkennend onderzoek naar aard en omvang Eindrapport Een onderzoek in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Sonja van der Kemp Félicie van Vree B3047 Leiden, 16 februari 2006
2
3 Voorwoord Het ministerie van VWS heeft behoefte aan inzicht in de aard en de omvang van de arbeidsmatige dagbesteding zoals die door dagcentra en activiteitencentra geboden wordt aan GGZ-cliënten en personen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. Dit inzicht is gewenst voor de toekomstige positionering van deze vormen van ondersteuning; binnen of buiten de AWBZ. Het kabinet onderzoekt namelijk of deze ondersteunende en activerende begeleiding kan worden overgeheveld. Het ministerie heeft Research voor Beleid gevraagd een inventariserend onderzoek uit te voeren naar de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding. Hoofddoel van het onderzoek is een definitie van arbeidsmatige dagbesteding op te stellen en aan de hand daarvan de aard en omvang van de dagbesteding te bepalen. Dit doel is beantwoord door met behulp van deskundigen uit het veld een begrippenkader op te stellen, een enquête uit te zetten onder alle aanbieders van dagbesteding en een verdiepingsfase uit te voeren bij een aantal aanbieders uit de verschillende sectoren. Wij willen hierbij alle betrokkenen en met name de negen instellingen uit het panel, hartelijk bedanken voor de enthousiaste en waardevolle inbreng. Félicie van Vree Projectleider zorg 3
4 4
5 Inhoudsopgave 1 Inleiding Beleidscontext Doel en vraagstelling Onderzoeksmethoden Leeswijzer 10 2 Afbakening arbeidsmatige dagbesteding Dimensies Afbakening Conclusie 15 3 Omvang van de dagbesteding Kwaliteit van de kwantitatieve gegevens Geïnventariseerde dagbesteding Schatting omvang dagbesteding Totale omvang van de dagbesteding Omvang van de dagbesteding per categorie Aantal cliënten Conclusie 22 4 Aard van de arbeidsmatige dagbesteding Resultaten van de enquête Gehandicaptenzorg Lichamelijk gehandicapten Verstandelijk gehandicapten Geestelijke gezondheidszorg Zorgboerderijen Conclusie 37 5 Totstandkoming van het aanbod Bevorderende factoren Belemmerende factoren Aansluiting van het aanbod bij behoefte cliënten Mogelijkheden voor uitstroom van cliënten Conclusie 43 6 Conclusies en discussie Conclusies Discussie 49 5
6 Bijlage 1 Expertinterviews en samenstelling panel 53 Bijlage 2 Deelnemers Delphi-methode 55 Bijlage 3 Vragenlijst enquête 57 Bijlage 4 Bestaande definities 63 Bijlage 5 Bezochte dagbestedingslocaties 65 Bijlage 6 Overzicht van de onderzoeksresultaten 67 6
7 1 Inleiding 1.1 Beleidscontext Op grond van de AWBZ kunnen mensen met een beperking (verstandelijk, lichamelijk of psychisch/psychiatrisch) geïndiceerd worden voor ondersteunende of activerende begeleiding. Deze twee functies maken deel uit van de (zeven) functiegerichte aanspraken van de AWBZ zoals die in 2003 zijn ingevoerd. Ondersteunende en activerende begeleiding kan zowel in uren als in dagdelen worden geïndiceerd. Uit de brief van het Kabinet aan de Tweede Kamer van 23 april 2004 over de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) blijkt het kabinet de mogelijkheden voor overheveling van de dagbesteding naar verschillende domeinen nader te willen onderzoeken. Uitgangspunt daarbij is dat de dagbesteding voor gehandicapten en chronische psychiatrische patiënten vanuit het principe van inclusief beleid het beste zou passen in het onderwijsdomein (leerplichtige kinderen) en in het arbeidsdomein (volwassenen). Inclusief beleid gaat uit van het principe: algemeen wat kan en speciaal waar dat moet. Het streven van inclusief beleid is erop gericht de reguliere voorzieningen zodanig in te richten dat zoveel mogelijk mensen, al dan niet met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking, er gebruik van kunnen maken. Categoriaal beleid met speciale, op bepaalde doelgroepen gerichte voorzieningen wordt zo minder nodig. De ontwikkeling richting het versterken van inclusief beleid op het gebied van arbeid en onderwijs is in een stroomversnelling gebracht door de komst van de WMO. Om het beleid rond de overheveling en de bestuurlijke positionering van de dagbesteding op een goede manier vorm te geven, maar ook om te bepalen of vanuit de overheid voldoende beleidsmatige aandacht aan het onderwerp gegeven wordt, is informatie nodig over de aard en de huidige omvang van de arbeidsmatige dagbesteding. Op dit moment is niet voldoende duidelijk hoeveel mensen gebruik maken van arbeidsmatige dagbesteding, om welke activiteiten het gaat, hoeveel instellingen arbeidsmatige dagbesteding aanbieden en wat het budget is wat hiermee gemoeid is. 7
8 1.2 Doel en vraagstelling Het doel van het onderzoek is inzicht te geven in de aard en de omvang van arbeidsmatige dagbesteding. De bijbehorende onderzoeksvragen zijn als volgt geformuleerd: 0. Wat zijn in de praktijk toetsbare definities van arbeidsmatige dagbesteding voor de verschillende doelgroepen (personen met verstandelijke, lichamelijke en psychische beperkingen)? 0. Welk type AWBZ-cliënten zou volgens de definitie (onder 1) in aanmerking kunnen komen voor arbeidsmatige dagbesteding? 0. Welke dagbestedingsactiviteiten bieden AWBZ-instellingen aan? 0. Wat is in de praktijk het aandeel van arbeidsmatige dagbesteding (uitgedrukt in cliënten, aantal instellingen en budget) in de totale dagbesteding, uitgedrukt naar doelgroep? 0. Wat is de inhoud van het aanbod van arbeidsmatige dagbesteding, uitgesplitst naar doelgroep? 0. Welke bevorderende en belemmerende factoren spelen een rol bij het aanbieden van arbeidsmatige dagbesteding? Welke invloed hebben deze factoren op het aanbod? 1.3 Onderzoeksmethoden In het onderzoek staan twee aspecten centraal: ten eerste de definiëring van het begrip arbeidsmatige dagbesteding en ten tweede de inventarisatie van de aard en omvang van de dagbesteding. Daarvoor is gebruik gemaakt van verschillende onderzoeksmethoden. Voor de afbakening van het begrip arbeidsmatige dagbesteding is gebruik gemaakt van deskresearch, expertinterviews en een groepsgesprek met een panel van aanbieders. Een globale inventarisatie van aard en omvang van de dagbesteding heeft plaatsgevonden door middel van een internetenquête. Tenslotte zijn, ter verdieping van de inventarisatie, bezoeken uitgevoerd bij enkele dagbestedingslocaties van de negen aanbieders uit het panel. Deskresearch In een search in de literatuur en via internet is informatie gezocht over het begrip dagbesteding, het begrip arbeidsmatige dagbesteding en de invulling hiervan in de praktijk. Expertinterviews Het onderzoek strekt zich uit over verschillende sectoren en een groot aantal partijen is hierbij betrokken. Om een goed inzicht te krijgen in de problematiek en eventuele bestaande registraties, indelingen en typeringen, zijn negen interviews gehouden met vertegenwoordigers van koepels van zorgaanbieders en belangenverenigingen van cliënten. Een overzicht van de betrokken organisaties is opgenomen in bijlage 1. Raadpleging panel Voor het onderzoek is een panel samengesteld van zorgaanbieders, die in verschillende fasen van het onderzoek zijn geraadpleegd. Het panel bestond uit negen zorgaanbieders, zes in de gehandicaptenzorg (zowel voor lichamelijk als verstandelijk gehandicapten) en drie in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Een overzicht van de zorgaanbieders in het panel is opgenomen in bijlage 1. 8
9 Met de panelleden is een groepsgesprek gehouden, waarbij is ingegaan op het aanbod van arbeidsmatige dagbesteding en de wijze waarop arbeidsmatige dagbesteding zich onderscheidt van andere vormen van dagbesteding. Delphi-methode Op basis van de informatie die is verzameld is een conceptdefinitie van arbeidsmatige dagbesteding opgesteld. Om de conceptdefinitie van arbeidsmatige dagbesteding te toetsen in de praktijk, nader te specificeren en zo te komen tot een door het veld gedeelde definitie is de Delphimethode toegepast. Met deze methode wordt de kennis van een groep experts verzameld en gedestilleerd door middel van een aantal discussieronden. Voor de Delphi-methode zijn experts (panel van zorgaanbieders, koepels van aanbieders, cliëntenorganisaties, overheid en wetenschappelijk experts) per geraadpleegd. In bijlage 2 vindt u een overzicht van de organisaties die een bijdrage hebben geleverd. Ronde 1 bestond uit het voorleggen van de concept-afbakening en het vragen om een reactie daarop. In ronde 2 werden de reacties gebundeld en, voorzien van een voorstel voor aanpassing, nogmaals voorgelegd aan de experts. De opbrengst is een afbakening van het begrip arbeidsmatige dagbesteding. Internetenquête Door middel van een internetenquête is de omvang van de dagbesteding geïnventariseerd. Daarbij is ingegaan op het aantal deelnemers, het aandeel van de activiteiten dat als arbeidsmatig kan worden beschouwd en het type activiteiten. De enquête werd voorafgegaan door een telefonische screening, waarbij is gevraagd of de organisatie dagbesteding voor volwassenen aanbiedt. De adressen van aanbieders zijn verkregen via de VGN en GGZ Nederland. Deze gegevens zijn aangevuld met de zorgboerderijen met een eigen AWBZ-toelating. Deze adressen zijn verkregen via het Steunpunt Landbouw en Zorg. In totaal zijn 310 organisaties telefonisch benaderd. Hiervan zijn 295 organisaties telefonisch bereikt. In totaal gaven 53 organisaties aan dat zij geen dagbestedingsactiviteiten voor volwassenen aanbieden, 2 organisaties wilden geen contactpersoon doorgeven. Uiteindelijk zijn 240 organisaties benaderd met de vragenlijst (239 per , 1 per post). 1 Van deze organisaties hebben er na verzending van de enquête nog 14 gemeld dat zij geen dagbestedingsactiviteiten voor volwassenen aanbieden. De vragenlijst is opgenomen in bijlage 3. Uiteindelijk hebben 128 organisaties de enquête ingevuld. Dit is een respons van 57%. Tabel 1.1 geeft de respons per sector weer. In de gepresenteerde tabellen tellen de aantallen op tot 136, aangezien enkele organisaties meerdere vragenlijsten hebben ingevuld (voor verschillende onderdelen van de organisatie). Tabel 1.1 Respons enquête op organisatieniveau Aantal benaderd met enquête (excl. niet behorend tot doelgroep) Respons Responspercentage Gehandicaptenzorg % GGZ % Zorgboerderijen (met AWBZ-toelating) % Totaal % 1 89 GGZ-instellingen, 140 instellingen voor gehandicaptenzorg en 11 zorgboerderijen. 9
10 Niet alle vragenlijsten hebben betrekking op de gehele organisatie. In de gehandicaptenzorg heeft 95% van de organisaties de vragenlijst voor de hele organisatie ingevuld, in de GGZ is dit 68%. Bezoeken bij dagbestedingslocaties Het doel van deze onderzoeksfase was om een verdiepend inzicht te krijgen in het aanbod van dagbestedingsactiviteiten en daarnaast een koppeling te maken tussen kenmerken van cliënten en kenmerken van dagbestedingactiviteiten. Daartoe zijn bezoeken uitgevoerd bij dagbestedingslocaties van de negen zorgaanbieders uit het panel. In totaal zijn 23 locaties bezocht, waarbij is gestreefd naar het bezoeken van locaties die uiteenlopen in de mate waarin de activiteiten arbeidsmatig zijn. Tijdens deze bezoeken is gesproken met managers, locatiehoofden, teamleiders, groepsleiders en leden van de cliëntenraad. 1.4 Leeswijzer De resultaten van het onderzoek worden beschreven in de volgende hoofdstukken. Hoofdstuk 2 gaat ten eerste in op de afbakening van het begrip arbeidsmatige dagbesteding. In hoofdstuk 3 komt de omvang van de arbeidsmatige dagbesteding in Nederland aan de orde. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 een beschrijving gegeven van de aard van de arbeidsmatige dagbesteding. In hoofdstuk 5 volgt een beschrijving van de bevorderende en belemmerende factoren die een rol spelen bij het aanbieden van arbeidsmatige activiteiten. Tenslotte volgen in hoofdstuk 6 de conclusies en discussie. 10
11 2 Afbakening arbeidsmatige dagbesteding De eerste cruciale stap bij het in kaart brengen van de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding in Nederland is het definiëren van het begrip arbeidsmatige dagbesteding. De aanbieders van dagbesteding maken vaak gebruik van de term arbeidsmatig, maar niet iedereen geeft dezelfde invulling aan het begrip. Bestaande definities (zie bijlage 4) bieden onvoldoende aanknopingspunten voor dit onderzoek. Wel zijn de criteria, op basis waarvan indicatiestelling voor de sociale werkvoorziening plaatsvindt, vastgelegd in het besluit uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken. Uitgangspunt bij de afbakening is dat arbeidsmatige dagbesteding alleen dagbesteding omvat voor cliënten met een AWBZ-indicatie AB-dag of OB-dag. Dit betekent dat het gaat om dagbesteding in dagdelen, dit is over het algemeen dagbesteding in groepsverband. Dagbestedingsactiviteiten met individuele begeleiding, zoals jobcoaching van een cliënt in een regulier bedrijf, worden daarmee buiten beschouwing gelaten. Daarnaast geldt dat de afbakening is gericht op het onderscheiden van groepen activiteiten. Clienten kunnen verschillende soorten dagbesteding binnen een week combineren. 2.1 Dimensies Op basis van de bestaande definities, expertinterviews en het groepsgesprek met aanbieders van dagbesteding zijn dimensies in kaart gebracht waarop arbeidsmatige dagbesteding zich onderscheidt van niet-arbeidsmatige dagbesteding en van arbeid. Het gaat om de volgende dimensies: Doel van de activiteiten Aard van de activiteiten Productie-eisen Begeleiding Nakomen van afspraken Locatie Financiële vergoeding Deze dimensies zijn samengevat in het schema op de volgende pagina. 11
12 Dagbesteding Arbeid Dimensies Niet-arbeidsmatige dagbesteding Arbeidsmatige dagbesteding Doel van de activiteiten Doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten, gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden Doel van de activiteiten is toeleiding naar arbeid Het doel van de activiteiten is het genereren van inkomsten Aard van de activiteiten De activiteiten richten zich primair op recreatie (hobby, sport, snoezelen ) of educatie / ontwikkeling De activiteiten richten zich primair op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (intern of extern) Productie-eisen Geen kwantitatieve productie-eisen, kwalitatieve productie-eisen zijn mogelijk Kwantitatieve en kwalitatieve productie-eisen Begeleiding De activiteiten worden uitgevoerd onder begeleiding van een zorgverlener De activiteiten worden uitgevoerd zonder begeleiding van een zorgverlener Nakomen van afspraken Aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijden) zijn geen ingrijpende consequenties verbonden Aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijden) zijn consequenties verbonden Locatie Woonvorm / activiteitencentrum / zorgboerderij / cliëntgestuurd project Werkproject Regulier bedrijf / SW-bedrijf / vereniging / non-profit organisatie Financiële vergoeding Geen salaris, geen onkostenvergoeding Geen salaris, wel onkostenvergoeding Salaris 12
13 2.2 Afbakening De dagbesteding voor volwassenen in dagdelen is op basis van de beschreven dimensies onderverdeeld in vier categorieën, namelijk: niet-arbeidsmatige dagbesteding, meer vrijblijvende vormen van arbeidsmatige dagbesteding, niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding, toeleiding naar arbeid. Deze categorieën hebben als basis gediend voor de inventarisatie van de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding, zoals wordt beschreven in hoofdstuk 3 en 4 van dit rapport. De categorieën worden hieronder beschreven aan de hand van de eerder genoemde dimensies. A: Niet-arbeidsmatige dagbesteding Activiteiten die primair gericht zijn op recreatie of educatie. Doel van de activiteiten is de cliënten een zinvolle dagbesteding te bieden gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. Indien bijvoorbeeld door cliënten producten worden gemaakt, zijn deze niet voor de verkoop en worden hieraan geen kwalitatieve of kwantitatieve eisen gesteld. Voorbeelden hiervan zijn creatieve activiteiten, sport en spel, kookgroep en snoezelen. Als gekeken wordt naar de dimensies uit het schema gelden de volgende kenmerken: doel van de activiteiten: het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. aard van de activiteiten: de activiteiten zijn primair gericht op recreatie (hobby, sport) of educatie / ontwikkeling productie-eisen: er zijn geen kwantitatieve en kwalitatieve productie-eisen begeleiding: De activiteiten worden uitgevoerd onder begeleiding van een zorgverlener nakomen van afspraken: aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) zijn geen ingrijpende consequenties verbonden locatie: de activiteiten vinden plaats binnen de woonvorm, activiteitencentrum, zorgboerderij of cliëntgestuurd project. financiële vergoeding: deelnemers aan de activiteiten krijgen geen salaris en geen onkostenvergoeding B: Meer vrijblijvende vormen van arbeidsmatige dagbesteding Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij de meer vrijblijvende vormen van arbeidsmatige dagbesteding worden geen kwantitatieve productie-eisen gesteld, kwalitatieve productie-eisen zijn wel mogelijk. Er is geheel geen tijdsdruk, cliënten kunnen bijvoorbeeld vaak pauze nemen. Er zijn wel afspraken over de aard van de activiteiten en de dagdelen en tijdstippen waarop de activiteiten worden uitgevoerd, maar er zijn geen consequenties aan verbonden als de cliënt de afspraken niet nakomt. 13
14 Als gekeken wordt naar de dimensies gelden de volgende kenmerken: doel van de activiteiten: het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden aard van de activiteiten: de activiteiten zijn primair gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (voor externe partijen of ten behoeve van het activiteitencentrum / zorgboerderij / werkproject / bedrijf) productie-eisen: er zijn geen kwantitatieve productie-eisen, kwalitatieve productie-eisen zijn mogelijk begeleiding: De activiteiten worden uitgevoerd onder begeleiding van een zorgverlener nakomen van afspraken: aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) zijn geen ingrijpende consequenties verbonden locatie: de activiteiten vinden plaats binnen of vanuit de woonvorm, activiteitencentrum, zorgboerderij, cliëntgestuurd project, werkproject of regulier bedrijf / SW-bedrijf / vereniging / nonprofit organisatie financiële vergoeding: deelnemers aan de activiteiten krijgen geen salaris, een onkostenvergoeding is wel mogelijk C: Niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij arbeidsmatige dagbesteding worden (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. De kwantitatieve eisen liggen wel onder de eisen die worden gesteld bij de sociale werkvoorziening. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een groep een target heeft die per dag gehaald moet worden, waarbij alle deelnemers worden verwacht een bijdrage te leveren. Wel kan de individuele bijdrage per dag verschillen. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan verbonden zijn (bijv. overplaatsing naar een andere groep, geen onkostenvergoeding). Als gekeken wordt naar de dimensies gelden de volgende kenmerken: doel van de activiteiten: het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. aard van de activiteiten: de activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (voor externe partijen of ten behoeve van het activiteitencentrum / zorgboerderij / project / bedrijf) productie-eisen: er zijn kwantitatieve en kwalitatieve productie-eisen begeleiding: De activiteiten worden uitgevoerd onder begeleiding van een zorgverlener nakomen van afspraken: aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) zijn consequenties verbonden locatie: de activiteiten vinden plaats binnen of vanuit de woonvorm, activiteitencentrum, zorgboerderij, cliëntgestuurd project, werkproject of regulier bedrijf / SW-bedrijf / vereniging / nonprofit organisatie. financiële vergoeding: deelnemers aan de activiteiten krijgen geen salaris, een onkostenvergoeding is wel mogelijk D: Toeleiding naar arbeid Het doel van de activiteiten is primair toeleiding naar (reguliere) arbeid. De activiteiten zijn eveneens gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (aan derden of ten behoeve van het activiteitencentrum, zorgboerderij of werkproject). Er zijn afspraken over de termijn waarbinnen de toeleiding naar arbeid plaats moet vinden. Aan de activiteiten wor- 14
15 den (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan zijn verbonden. Als gekeken wordt naar de dimensies gelden de volgende kenmerken: doel van de activiteiten: het doel van de activiteiten is toeleiding naar arbeid. aard van de activiteiten: de activiteiten zijn primair gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (voor externe partijen of ten behoeve van het activiteitencentrum / zorgboerderij / project / bedrijf) productie-eisen: er zijn kwantitatieve en kwalitatieve productie-eisen begeleiding: De activiteiten worden uitgevoerd onder begeleiding van een zorgverlener nakomen van afspraken: aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) zijn consequenties verbonden locatie: De activiteiten vinden plaats op uiteenlopende locaties. financiële vergoeding: deelnemers aan de activiteiten krijgen geen salaris, een onkostenvergoeding is wel mogelijk. Toeleiding naar arbeid vindt met name plaats met individuele begeleiding, deze vormen van dagbesteding vallen niet onder de reikwijdte van het onderzoek. 2.3 Conclusie Op basis van expertinterviews, een groepsgesprek met zorgaanbieders, deskresearch en de Delphi-methode is een afbakening opgesteld van arbeidsmatige dagbesteding. Er kunnen vier categorieën van dagbesteding worden onderscheiden: A. Recreatie en educatie B. Vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding C. Niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding D. Toeleiding naar arbeid Categorie A omvat alle niet-arbeidsmatige dagbesteding. Categorieën B, C en D zijn subcategorieën van arbeidsmatige dagbesteding. De dimensie waarop arbeidsmatige dagbesteding zich met name onderscheidt van nietarbeidsmatige dagbesteding is de aard van de activiteiten. Arbeidsmatige activiteiten richten zich primair op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Nietarbeidsmatige activiteiten richten zich primair op recreatie en/of educatie. Deze indeling van de dagbesteding in vier categorieën is als uitgangspunt gehanteerd bij de inventarisatie van de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding. Hier wordt in de volgende hoofdstukken nader op ingegaan. 15
16 16
17 3 Omvang van de dagbesteding Dit hoofdstuk gaat in op de omvang van de (arbeidsmatige) dagbesteding in Nederland. Ten eerste wordt in paragraaf 3.1 ingegaan op de kwaliteit van de kwantitatieve gegevens. In paragraaf 3.2 komen de resultaten van de internetenquête onder zorgaanbieders aan de orde. In paragraaf 3.3 wordt op basis van de verzamelde gegevens een schatting gemaakt van de omvang van de (arbeidsmatige) dagbesteding. Tenslotte wordt in paragraaf 3.4 de conclusie beschreven. 3.1 Kwaliteit van de kwantitatieve gegevens Bij de inventarisatie van de omvang van de dagbesteding is een aantal knelpunten geconstateerd, waardoor het presenteren van eenduidige, betrouwbare cijfermatige gegevens over de omvang van de dagbesteding op basis van de enquête niet goed mogelijk is: Zorgaanbieders registreren gegevens over het aantal cliënten en de verdeling over de activiteiten vaak niet centraal. De gegevens moeten in alle afzonderlijke regio s of vestigingen worden geïnventariseerd. Hierdoor konden zij niet altijd binnen de gestelde termijn volledige gegevens voor de organisatie aanleveren. Bij veel zorgaanbieders is de dagbesteding voor cliënten met een indicatie OB dag of AB dag organisatorisch niet gescheiden van de dagbesteding voor cliënten met een indicatie verblijf. Cliënten nemen in dezelfde centra en dezelfde groepen deel aan activiteiten. Voor een deel is er daarbij sprake van onderaannemerschap: de aanbieder van (extramurale) dagbesteding verzorgt ook dagbesteding voor cliënten van een andere (intramurale) zorgaanbieder. In de GGZ bestaat een deel van het dagbestedingsaanbod uit een inloopfunctie, waar cliënten geheel vrijblijvend gebruik van kunnen maken. Voor sommige organisaties was het niet mogelijk om een onderscheid te maken tussen cliënten die gebruik maken van de inloop en cliënten die werkelijk gebruik maken van dagbestedingsactiviteiten, waardoor zij geen goed beeld kunnen geven van het aantal cliënten. Cliënten met een Persoonsgebonden budget (PGB) zijn niet opgenomen in de productieafspraken. In het rappel voor de enquête is de instellingen gevraagd deze cliënten wel mee te tellen bij het aantal cliënten. Het is voor instellingen niet gebruikelijk om in de registratie een onderscheid te maken naar type dagbestedingsactiviteiten. De vragen over de verdeling van cliënten naar type dagbesteding sluiten dan ook niet aan bij de wijze van registreren. Voor de interpretatie van de resultaten van de enquête is van belang dat in de opgegeven productieafspraken en aantallen cliënten waarschijnlijk door een deel van de organisaties ook cliënten met een indicatie verblijf zijn meegeteld. Cliënten met een PGB zijn niet opgenomen in de productieafspraken, in hoeverre zij wel zijn meegeteld in de aantallen cliënten kan niet worden vastgesteld. 17
18 3.2 Geïnventariseerde dagbesteding In deze paragraaf volgt een beschrijving van de dagbesteding zoals die is geïnventariseerd door middel van een internetenquête onder zorgaanbieders. Daarbij is gevraagd naar de totale omvang van de dagbesteding voor volwassenen in groepsverband en de verdeling over de verschillende categorieën dagbesteding. Voor de presentatie van de resultaten hebben we ervoor gekozen de organisaties in te delen op basis van de sector waar de organisatie primair onder valt. Daarbij onderscheiden we de gehandicaptenzorg, de GGZ en zorgboerderijen. Dit neemt niet weg dat een deel van de organisaties dagbesteding aanbiedt voor verschillende doelgroepen. Aantal aanbieders In totaal hebben 128 aanbieders meegewerkt aan de enquête. Al deze organisaties bieden dagbestedingsactiviteiten aan voor volwassenen. De doelgroepen waaraan dagbesteding wordt geboden zijn: verstandelijk gehandicapten, lichamelijk gehandicapten, zintuiglijk gehandicapten, meervoudig gehandicapten, cliënten met psychische beperkingen en (ex-)verslaafden. Vrijwel al deze organisaties bieden activiteiten aan in de categorieën recreatie en educatie (94%) en vrijblijvend arbeidsmatig (92%). Ongeveer tweederde (63%) van de organisaties biedt bovendien activiteiten aan in de categorie niet vrijblijvend arbeidsmatig. Ongeveer de helft (47%) biedt activiteiten aan in de categorie toeleiding naar arbeid. De totale groep aanbieders van dagbesteding voor volwassenen bestaat naar schatting uit 226 organisaties, waarvan 135 in de gehandicaptenzorg, 80 in de GGZ en 11 zorgboerderijen met een eigen AWBZ toelating. 1 Productieafspraken en aantal deelnemers In tabel 3.1 is voor de geënquêteerde organisaties weergegeven welke productieafspraken zij in 2005 hadden met het zorgkantoor en hoeveel cliënten gebruik maken van de dagbesteding. In deze tabel zijn alleen die organisaties meegenomen die zowel het aantal cliënten als de productieafspraken hadden ingevuld. Tabel 3.1 Productieafspraken voor 2005 en aantal cliënten eind 2005 in de dagbesteding voor volwassenen in groepsverband (OB / AB dag), bij de instellingen die aan de enquête hebben meegewerkt Productieafspraken Aantal cliënten N Omvang totale populatie Gehandicaptenzorg dagdelen GGZ uren Zorgboerderijen dagdelen Totaal De meeste zorgboerderijen hebben een structurele samenwerking met een zorginstelling of worden gefinancierd vanuit persoonsgebonden budgetten (PGB), zij hebben geen eigen AWBZ toelating. In 2004 waren er in totaal 432 zorgboerderijen in Nederland (bron: 2 Een deel van de organisaties heeft de productieafspraken ingevuld in uren en een deel in dagdelen. Bij organisaties die de productieafspraken hebben ingevuld in dagdelen, is dit omgerekend naar uren. Daarbij is uitgegaan van 4 uur per dagdeel. 18
19 Verdeling van dagbestedingsactiviteiten over de verschillende categorieën De definities van de verschillende categorieën dagbesteding zijn in de enquête voorgelegd aan de respondenten. Hen werd gevraagd een inschatting te maken welk deel van de cliënten met name gebruik maakt van de verschillende vormen van dagbesteding. De resultaten zijn weergegeven in tabel 3.2. Tabel 3.2 Gemiddeld percentage cliënten dat (naar schatting) met name gebruik maakt van de verschillende categorieën activiteiten Geh. zorg GGZ Zorgboerderijen A: recreatie en educatie 42% 50% 6% B: vrijblijvend arbeidsmatig 33% 25% 79% C: niet vrijblijvend arbeidsmatig 20% 16% 9% D: toeleiding naar arbeid 3% 8% 5% Anders 1% 2% 0% N Uit deze tabel blijkt dat zowel in de gehandicaptenzorg als in de GGZ ongeveer de helft van de cliënten met name deelneemt aan arbeidsmatige dagbesteding (categorie B, C of D). Bij de zorgboerderijen nemen vrijwel alle cliënten deel aan arbeidsmatige dagbesteding. 3.3 Schatting omvang dagbesteding In deze paragraaf wordt een schatting gemaakt van de omvang van de (arbeidsmatige) dagbesteding. Daarbij maken we een onderscheid tussen de omvang in aantal dagdelen of uren, in budget en in aantal cliënten. De schatting is gebaseerd op cijfers van het CTG over de productieafspraken voor 2005 en de resultaten van de enquête onder instellingen in de gehandicaptenzorg en de GGZ Totale omvang van de dagbesteding In tabel 3.3 zijn de productieafspraken voor dagbesteding in groepsverband voor volwassenen 1 weergegeven voor de sectoren gehandicaptenzorg en GGZ (inclusief verslavingszorg). Uit de gegevens van het CTG blijkt dat ook in de sector Verpleging & Verzorging productieafspraken worden gemaakt voor de betreffende functies. Deze productieafspraken zijn in de tabellen buiten beschouwing gelaten. 1 Bron: CTG. Het betreft de volgende prestaties: H518 (dagactiviteit LG), H519 (dagactiviteit VG basis), H520 (dagactiviteit VG extra), H523 (dagactiviteit ZG), F125 (dagactiviteit GGZ LZA) en UREAA (GGZ). De prestatie F125 is in 2004 geïntroduceerd: nieuwe aanbieders registreren de activiteiten op F125, terwijl bestaande aanbieders dezelfde activiteiten registreren op UREAA. 19
20 Tabel 3.3 Productieafspraken en budget voor dagbesteding in groepsverband voor volwassenen in 2005, weergegeven per sector (Bron: CTG) Productieafspraken Budget (in euro s) Gehandicaptenzorg dagdelen GGZ uren Totaal Omvang van de dagbesteding per categorie In tabellen 3.4 en 3.5 zijn schattingen van de productieafspraken en het budget voor de verschillende categorieën activiteiten weergegeven. Deze schattingen zijn een combinatie van de gegevens van het CTG (tabel 3.3) en de verdeling van cliënten over de categorieën op basis van de enquête onder instellingen (tabel 3.2). Tabel 3.4 Geschatte productieafspraken in de verschillende categorieën activiteiten (afgerond op 1.000) 1 Gehandicaptenzorg (in dagdelen) GGZ (in uren) A: recreatie en educatie B: vrijblijvend arbeidsmatig C: niet vrijblijvend arbeidsmatig D: toeleiding naar arbeid Anders Totaal Tabel 3.5 Geschat budget in de verschillende categorieën activiteiten (in euro s, afgerond op 1.000) 1 Gehandicaptenzorg GGZ Totaal A: recreatie en educatie B: vrijblijvend arbeidsmatig C: niet vrijblijvend arbeidsmatig D: toeleiding naar arbeid Anders Totaal Aantal cliënten Om een schatting te maken van het aantal cliënten dat gebruik maakt van de dagbesteding, worden de gegevens over de productieafspraken gecombineerd met gegevens uit de enquête over het gemiddelde aantal dagdelen per cliënt per week. 1 De aantallen in deze tabel wijken, als gevolg van afronding, enigszins af van de in tabel 3.3 genoemde aantallen. 20
21 Aantal cliënten in de gehandicaptenzorg In de enquête is de organisaties gevraagd in te vullen wat de verdeling is van cliënten over het aantal dagdelen dat zij wekelijks van de dagbestedingactiviteiten gebruik maken. Voor de 67 organisaties die deze vraag hebben beantwoord leidt dit tot een gemiddelde van 7,3 dagdelen per cliënt per week (uitgaande van deelname aan de activiteiten gedurende 47 weken per jaar). Indien echter de productieafspraken die organisaties ingevuld hebben gedeeld worden door het ingevulde aantal cliënten dat van dagbesteding gebruik maakt (61 organisaties vulden beide vragen in), komen we uit op een gemiddelde van 6,1 dagdelen per cliënt per week. 1 Naar verwachting zal de werkelijkheid tussen beide waarden inliggen. Deze gegevens leiden, indien toegepast op de productieafspraken in tabel 3.3, tot een schatting van het totale aantal cliënten in de gehandicaptenzorg dat gebruik maakt van dagbesteding tussen de en cliënten. Een uitsplitsing naar categorieën is weergegeven in tabel 3.6. Tabel 3.6 Geschat aantal cliënten in de gehandicaptenzorg in de verschillende categorieën activiteiten (afgerond op 100) Minimum Maximum 7,3 dagdelen per cliënt per week 6,1 dagdelen per cliënt per week A: recreatie en educatie B: vrijblijvend arbeidsmatig C: niet vrijblijvend arbeidsmatig D: toeleiding naar arbeid Anders Totaal Uit deze tabel blijkt dat het aantal cliënten dat gebruik maakt van arbeidsmatige dagbesteding (categorie B, C en D) naar schatting tussen de en ligt. Om meer exacte uitspraken te kunnen doen moet nader worden geïnventariseerd hoeveel dagdelen cliënten gemiddeld deelnemen aan de dagbestedingsactiviteiten. Aantal cliënten in de GGZ Voor de GGZ leiden de twee berekeningsmethoden tot een gemiddelde deelname aan de activiteiten van 7,5 uren per cliënt per week (ingevuld door 21 organisaties) en 16,5 uren per cliënt per week (ingevuld door 13 organisaties). Bij deze berekeningen is uitgegaan van deelname aan de activiteiten gedurende 47 weken per jaar. Het verschil tussen de gemiddelden is veel groter dan in de gehandicaptenzorg. Daarbij gelden dezelfde mogelijke verklaringen als bij de gehandicaptenzorg 1 en daarnaast is de representativiteit van deze uitkomsten minder door het kleine aantal organisaties dat de vragen die van belang zijn voor deze schatting heeft ingevuld. De inschatting van het aantal cliënten in de GGZ is derhalve lastiger. 1 Voor het verschil tussen beide methoden zijn verschillende verklaringen mogelijk: 1. productieafspraken kunnen afwijken van de gerealiseerde productie, 2. het aantal cliënten is een momentopname, 3. de registratie van het aantal dagdelen per cliënt is niet nauwkeurig. 21
22 Deze gegevens leiden, indien toegepast op de productieafspraken in tabel 3.3, tot een schatting van het totale aantal cliënten in de GGZ dat gebruik maakt van dagbesteding tussen de en De ondergrens van cliënten is onwaarschijnlijk aangezien de 21 organisaties die de enquête hebben ingevuld reeds cliënten hebben (zie tabel 3.1). In totaal bieden circa 80 organisaties in de GGZ dagbesteding aan. Het ligt daarom voor de hand dat het werkelijke aantal cliënten dichter bij de ligt dan bij de Een uitsplitsing van het aantal cliënten naar categorieën is weergegeven in tabel 3.7. Tabel 3.7 Geschat aantal cliënten in de GGZ in de verschillende categorieën activiteiten (afgerond op 100) Minimum Maximum 16,5 uren per cliënt per week 7,5 uren per cliënt per week A: recreatie en educatie B: vrijblijvend arbeidsmatig C: niet vrijblijvend arbeidsmatig D: toeleiding naar arbeid Anders Totaal Uit deze tabel blijkt dat het aantal cliënten dat gebruik maakt van arbeidsmatige dagbesteding (categorie B, C en D) naar schatting tussen de en ligt. Om een meer nauwkeurige schatting te kunnen maken van het aantal cliënten in de GGZ die gebruik maken van de dagbesteding is een grondige inventarisatie nodig van het aantal uren dat cliënten gemiddeld per week deelnemen aan de activiteiten. Het aantal aanwezige uren per week is in de GGZ aanzienlijk lager dan in de gehandicaptenzorg. Op verklaringen daarvoor wordt nader ingegaan in hoofdstuk Conclusie De omvang van de dagbesteding Instellingen in de gehandicaptenzorg hebben gezamenlijk productieafspraken voor 10,3 miljoen dagdelen dagbesteding voor volwassenen. Het bijbehorende budget is circa 370 miljoen euro. De doelgroepen voor deze dagbesteding zijn verstandelijk gehandicapten, lichamelijk gehandicapten, zintuiglijk gehandicapten en meervoudig gehandicapten. In totaal maken naar schatting tussen de en cliënten gebruik van deze vorm van dagbesteding. De dagbesteding in de gehandicaptenzorg wordt aangeboden door circa 135 organisaties. Instellingen in de GGZ hebben gezamenlijk productieafspraken voor 5,4 miljoen uren dagbesteding voor volwassenen in groepsverband. Het bijbehorende budget is circa 40 miljoen euro. In totaal maken naar schatting tussen de en cliënten gebruik van deze dagbesteding. De dagbesteding in de GGZ wordt aangeboden door circa 80 organisaties. 22
23 De omvang van de arbeidsmatige dagbesteding De totale omvang van de arbeidsmatige dagbesteding kan worden ingeschat door de omvang van de categorieën B, C en D samen te nemen. Dan ontstaat het volgende beeld: In de gehandicaptenzorg bestaan de productieafspraken voor arbeidsmatige dagbesteding naar schatting uit 5,8 miljoen dagdelen, met een budget van circa 207 miljoen euro. Aan deze activiteiten nemen naar schatting tussen de en cliënten deel. De productieafspraken voor arbeidsmatige dagbesteding in de GGZ omvatten naar schatting 2,7 miljoen uren, met een budget van 20 miljoen euro. In totaal nemen naar schatting tussen de en cliënten deel aan deze activiteiten. 23
24
25 4 Aard van de arbeidsmatige dagbesteding In dit hoofdstuk volgt een beschrijving van het type activiteiten dat wordt aangeboden binnen de categorie arbeidsmatige dagbesteding, uitgesplitst naar gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg. Tevens wordt een beschrijving gegeven van de deelnemers aan de arbeidsmatige dagbesteding. Tot de categorie arbeidsmatige dagbesteding worden de volgende subcategorieën gerekend: vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding, niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding en toeleiding naar arbeid. Bij de beschrijving van het aanbod aan arbeidsmatige dagbesteding wordt gebruik gemaakt van de in hoofdstuk 2 geïntroduceerde dimensies. In paragraaf 4.1 worden ten eerste enkele resultaten van de enquête weergegeven. De beschrijving van de arbeidsmatige dagbesteding en de deelnemers in paragrafen 4.2 en 4.3 komt voort uit de werkplekbezoeken die zijn uitgevoerd bij dagbestedingslocaties van negen zorgaanbieders. Een overzicht van de bezochte locaties is opgenomen in bijlage 5. Paragraaf 4.4 gaat in op de rol van zorgboerderijen in de dagbesteding. In paragraaf 4.5 volgt tenslotte de conclusie over de aard van de arbeidsmatige dagbesteding. 4.1 Resultaten van de enquête In de enquête zijn enkele vragen gesteld over de invulling van de arbeidsmatige dagbesteding op groepsniveau. Categorieën arbeidsmatige dagbesteding In onderstaand tabel is te zien hoe de groepen met arbeidsmatige activiteiten zijn verdeeld over de verschillende categorieën. Tabel 4.1 Verdeling van de ingevulde dagbestedingsgroepen over de categorieën van arbeidsmatige dagbesteding Geh. zorg GGZ Zorgboerderijen Vrijblijvend arbeidsmatig (B) 52% 37% 63% Niet vrijblijvend arbeidsmatig (C) 23% 16% 25% Toeleiding naar Arbeid (D) 3% 4% 0% B + C 13% 12% 0% C + D 3% 16% 0% B, C + D 3% 10% 0% Onbekend 3% 6% 13% Totaal aantal ingevulde groepen N Uit deze tabel blijkt dat een aanzienlijk deel van de arbeidsmatige dagbesteding vrijblijvend van aard is in alle sectoren. Wel komen combinaties van verschillende categorieën activiteiten binnen één groep in de GGZ veel vaker voor dan in de gehandicaptenzorg. Type activiteiten Het type activiteiten komt voor een groot deel overeen tussen de sectoren. Veel voorkomende activiteiten zijn licht industrieel werk (inpakwerk, assemblage), groenonderhoud, houtbewerking, 25
26 horeca (café, restaurant, catering), dienstverlening (receptie, schoonmaakwerk), kaarsen en zeep maken en activiteiten op de boerderij. Daarnaast zijn er veel creatieve productiegroepen (keramiek, hout, textiel) en kunstateliers. Andere activiteiten die voorkomen zijn: bakkerij, administratief werk, fietsenreparatie, winkel, klussenteam, theater, wasserette, tweedehands winkels, metaalbewerking en grafisch werk. 4.2 Gehandicaptenzorg In deze paragraaf volgt een beschrijving van arbeidsmatige activiteiten in de gehandicaptenzorg, gebaseerd op de bezoeken bij de dagbestedingslocaties. Het aanbod van dagbestedingsactiviteiten voor lichamelijk gehandicapten en verstandelijk gehandicapten wordt apart beschreven. Er is wel sprake van enige overlap en er zijn locaties waar beide doelgroepen terecht kunnen. Over het algemeen is de dagbesteding voor deze doelgroepen echter gescheiden op organisatieniveau en/of locatieniveau Lichamelijk gehandicapten In totaal zijn bij twee organisaties drie locaties bezocht waar arbeidsmatige activiteiten werden aangeboden voor lichamelijk gehandicapten. Aard van het aanbod Doel van de activiteiten: Het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. Aard van de activiteiten: Bij de bezochte locaties vallen de arbeidsmatige dagbestedingsactiviteiten voor lichamelijk gehandicapten allemaal in de categorie vrijblijvend arbeidsmatig. Er worden producten gemaakt voor de verkoop of diensten geleverd. Bij geen enkele activiteit worden productie-eisen gesteld. Ook zijn er geen consequenties aan het niet nakomen van afspraken over aanwezigheid of productie. Als de cliënt niet gemotiveerd is voor de activiteit zal wel worden gezocht naar een dagbestedingsgroep die beter aansluit bij de behoefte van de cliënt. In alle andere gevallen, zoals een afname van mogelijkheden van de cliënt, wordt er naar gestreefd cliënten zo lang mogelijk deel te laten nemen aan de activiteiten. Voorbeelden van activiteiten zijn: het maken van creatieve producten voor verkoop in een winkel, op markten of in opdracht (bijv. hout, keramiek, textiel, schilderijen). een grafisch bureau waar websites worden ontwikkeld en bijgehouden en folders en brochures worden gemaakt. een metaal- en houtwerkplaats waar van hout en metaal meubels e.d. worden gemaakt of opgeknapt. een bakkerij waar broodjes worden gebakken voor verkoop in een eigen winkeltje en voor de kantine van het activiteitencentrum. 26
27 Uit de enquête blijkt dat er wel niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbestedingsgroepen voor lichamelijk gehandicapten zijn, maar minder dan voor verstandelijk gehandicapten. Tijdens de werkplekbezoeken was één locatie met niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding toegankelijk voor zowel lichamelijk gehandicapten, verstandelijk gehandicapten en GGZ-cliënten. Deze locatie komt nader aan de orde in paragraaf 4.2.2, aangezien verstandelijk gehandicapten hierbij het meest vertegenwoordigd waren. Zie hiervoor het voorbeeld van een arbeidsmatige locatie in het kader. Productie-eisen: Er zijn geen kwantitatieve productie-eisen voor cliënten. Er is voor de cliënten ook geheel geen werkdruk. Iedereen kan naar eigen vermogen deelnemen aan de activiteiten. Wel is de kwaliteit van het product belangrijk. De activiteiten worden echter zodanig afgestemd op de mogelijkheden van de cliënt dat vrijwel iedereen een bijdrage kan leveren. Begeleiding: De begeleiding bestaat naast taakgerichte begeleiding en het bedenken en realiseren van aanpassingen in de werkzaamheden (bijvoorbeeld hulpmiddelen) ook uit sociaal-emotionele begeleiding (bijvoorbeeld bij verwerking van de handicap, persoonlijke problemen) en uit ADL-hulp (hulp bij eten, drinken, toiletbezoek). De begeleiders hebben over het algemeen een agogische achtergrond, soms gecombineerd met specifieke vakkennis (bijvoorbeeld voor een bakkerij of textielgroep). De gemiddelde begeleidingsintensiteit is één begeleider op 4 à 5 cliënten. Nakomen van afspraken: De cliënten nemen op vaste dagen en tijdstippen deel aan de activiteiten. Aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) zijn echter geen consequenties verbonden. Locatie: De activiteiten vinden plaats binnen een activiteitencentrum. Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen twee soorten activiteitencentra: Activiteitencentra waar recreatieve en educatieve activiteiten worden gecombineerd met vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. Het gaat daarbij veelal om creatieve activiteiten zoals textiel, houtbewerking, aardewerk etc. Een voorbeeld hiervan is een textielgroep, waar cliënten soms kleding voor zichzelf maken en soms kleding maken voor verkoop in een winkel van de organisatie. Activiteitencentra waar de nadruk ligt op arbeidsmatige activiteiten. Alle activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Er worden opdrachten uitgevoerd voor externe opdrachtgevers. Een voorbeeld hiervan is een hout- en metaalwerkplaats waar in opdracht meubels en dergelijke worden vervaardigd. Financiële vergoeding: De deelnemers aan de activiteiten krijgen geen financiële vergoeding. 27
28 Deelnemers en deelname Kenmerken deelnemers Zowel cliënten met een indicatie OB dag of AB dag als cliënten met een indicatie voor verblijf nemen deel aan de arbeidsmatige activiteiten. Deelnemers aan de activiteiten zijn bij de bezochte locaties voor een groot deel cliënten met niet aangeboren hersenletsel. Hieronder bevinden zich vrij veel cliënten die al een arbeidsverleden hebben. Zij kiezen er soms eerder voor om deel te nemen aan de meer creatieve activiteiten, aangezien ze geen behoefte meer hebben om te werken. Tegelijkertijd is het voor een deel van deze doelgroep moeilijk om te accepteren dat zij niet meer kunnen werken. Dit betekent dat de deelname aan arbeidsmatige activiteiten niet altijd samenhangt met de vaardigheden die men heeft. Doorstroom naar regulier werk is voor een groot deel van de cliënten geen haalbaar doel, wat o.a. komt doordat veel cliënten ADL-hulp nodig hebben. Deelname aan activiteiten De deelname aan de activiteiten kan uiteenlopen van 1 dagdeel tot 10 dagdelen per week. Het gemiddelde aantal dagdelen dat de cliënten deelnemen aan de activiteiten ligt rond de 4 tot 6 dagdelen per week. Deelnemers aan de activiteiten bij een activiteitencentrum met gemengde activiteiten (recreatie, educatie en arbeidsmatig) nemen veelal deel aan activiteiten in verschillende categorieën (zowel recreatie, educatie als arbeidsmatig). Bij de activiteitencentra die zich richten op arbeid nemen de cliënten over het algemeen alleen deel aan arbeidsmatige activiteiten. Sommigen gaan daarnaast echter ook enkele dagdelen naar een activiteitencentrum met recreatieve activiteiten. Toelatingscriteria Bij de activiteitencentra met zowel recreatieve als vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten zijn er over het algemeen geen toelatingscriteria voor een arbeidsmatige activiteit. Hooguit gelden praktische eisen, zoals hygiënisch werken bij voedselbereiding. Verder wordt met name gekeken naar de interesse van de cliënt. Voor de activiteitencentra die zich richten op arbeidsmatige activiteiten gelden wel een aantal criteria voor de toelating van cliënten. Daarbij staat eveneens centraal dat de cliënt interesse moet hebben voor de activiteit en gemotiveerd moet zijn. Daarnaast geldt echter dat de cliënt een bijdrage moet kunnen leveren aan de productie, voor de werkplaats betekent dat bijvoorbeeld dat cliënten iets met hun handen moeten kunnen doen. Tevens betekent dit dat de cliënt enige mate van zelfstandigheid moet hebben, één op één begeleiding is niet continu mogelijk. Bij aanmelding hoeft de cliënt de benodigde vaardigheden nog niet te hebben, maar de cliënt moet wel leerbaar zijn, wat betekent dat hij de benodigde vaardigheden moet kunnen aanleren. De snelheid waarmee de activiteit wordt uitgevoerd is niet van belang. 28
29 Voorbeeld: grafisch bureau voor lichamelijk gehandicapten Het grafisch bureau ontwerpt en onderhoudt websites, voert administratieve werkzaamheden (bijv. invoeren van adressen) uit en ontwerpt folders en boekjes. Dit gebeurt in opdracht van de zorgaanbieder zelf en in opdracht van verenigingen en non-profitorganisaties. De cliënten werken in enkele ruimtes waar computers zijn opgesteld. Vrijwel alle cliënten zitten in een rolstoel, enkelen maken gebruik van beademingsapparatuur. De werkplek is aangepast aan de cliënten, door bijvoorbeeld gebruik te maken van in hoogte verstelbare bureaus. De activiteiten op het grafisch bureau zijn vrijblijvend arbeidsmatig. De activiteiten zijn primair gericht op het maken van producten voor interne en externe opdrachtgevers. De kwaliteit van het geleverde product moet goed zijn. Er zijn geen kwantitatieve productie-eisen, maar er wordt wel van cliënten verwacht dat ze naar vermogen een bijdrage leveren. Bij het aannemen van opdrachten wordt een ruime termijn gehanteerd, aangezien cliënten regelmatig ziek zijn. De begeleiding is deels taakgericht, de begeleiders ondersteunen de cliënten bij het uitvoeren van de taken. Daarnaast speelt ook de persoonlijke verzorging een belangrijke rol. Veel cliënten hebben hulp nodig bij eten, drinken en toiletbezoek. De opbrengsten van de activiteiten worden gebruikt om materialen en apparatuur aan te schaffen. Cliënten krijgen geen vergoeding Verstandelijk gehandicapten In totaal zijn bij vijf zorgaanbieders tien locaties bezocht waar primair dagbestedingsactiviteiten werden aangeboden aan verstandelijk gehandicapten. Bij enkele van deze locaties staat het aanbod ook open voor lichamelijk gehandicapten en cliënten met een psychische beperking. Aard van het aanbod Doel van de activiteiten: Het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. Aard van de activiteiten: De arbeidsmatige activiteiten dagbestedingsactiviteiten voor verstandelijk gehandicapten bestaan uit zowel vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten als ook niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. 29
30 Voorbeelden van vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten zijn: Het maken van creatieve producten: Producten die cliënten maken worden veelal verkocht in eigen winkels van de organisatie of op (kerst)markten. Het gaat bijvoorbeeld om ansichtkaarten, keramiek, schilderijen, kaarsen, zeep, houtproducten (kapstokken, kandelaars, speelgoed etc.). Op zeer kleine schaal worden bij deze groepen externe opdrachten uitgevoerd, veelal van particulieren. Het bakken van taarten voor de verkoop het bezorgen van kranten en folders. Licht industrieel werk: assemblage, tellen, sorteren en inpakken. Opruim- en schoonmaakwerk bij een hockeyvereniging: de werkzaamheden bestaan uit het opruimen van de hockeyvelden, de kantine vegen, glazen spoelen, snoep inpakken etc. Bij de vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten worden naast de arbeidsmatige activiteiten meestal ook sportactiviteiten aangeboden. Enkele voorbeelden van niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding zijn: Licht industrieel werk: assemblage, tellen, sorteren en inpakken Bedrijfskantine: lunch voorbereiden en verkopen, schoonmaken Drukwerk, graveren, koerierswerk Kinderkleding maken Restaurant De inhoud van de activiteiten overlapt deels tussen vrijblijvend en niet vrijblijvend arbeidsmatig. Wel geldt over het algemeen dat de creatieve productiegroepen vrijblijvend van aard zijn. Productie-eisen: Voor de meeste activiteiten gelden geen kwantitatieve productie-eisen. Iedereen kan naar eigen vermogen deelnemen aan de activiteiten. Uitzondering daarop is het werk in een restaurant. Bij alle activiteiten is de kwaliteit van het product belangrijk. De activiteiten worden echter zodanig afgestemd op de mogelijkheden van de cliënt (door hulpmiddelen of aanpassen van de activiteit) dat vrijwel iedereen een bijdrage kan leveren. Bij de niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten is er soms wel sprake van enige werkdruk voor de cliënten, dit komt met name voor als er externe opdrachten worden uitgevoerd. Bij het aannemen van opdrachten wordt echter altijd getracht zoveel ruimte in de planning te houden dat er geen sprake is van werkdruk. Als de cliënten het werk in uitzonderlijke gevallen niet afkrijgen, springen begeleiders bij. Begeleiding: De begeleiding is met name taakgericht en daarnaast gericht op sociaal-emotionele begeleiding. ADL-hulp is over het algemeen niet nodig. Begeleiders zijn voor een deel agogisch geschoold en voor een deel hebben zij een achtergrond die aansluit bij de activiteiten die worden uitgevoerd. De begeleidingsintensiteit varieert gemiddeld van ongeveer 1 begeleider op 4 cliënten tot 1 begeleider op 8 cliënten. Ook hebben sommige organisaties een acquisiteur in dienst om opdrachten te verwerven, dit geldt met name voor het industriële werk. Om opdrachten te kunnen verwerven en uitvoeren wordt soms ook samengewerkt met andere centra van de organisatie, centra van andere zorgaanbieders of de sociale werkvoorziening. 30
31 Om te zorgen dat het aanbod zo goed mogelijk aansluit bij de behoefte van de cliënt hebben sommige organisaties bovendien medewerkers in dienst die specifiek de ontwikkeling van cliënten en mogelijkheden voor doorstroom in de gaten houden. Bij één organisatie is daar bijvoorbeeld een trajectcoördinator voor aangesteld. Deze coördinator heeft regelmatig contact met de cliënten en kijkt in overleg met hen of de dagbesteding aansluit bij hun wensen. Als dat niet het geval is wordt gekeken naar mogelijkheden voor deelname aan andere bestaande activiteiten, activiteiten buiten het activiteitencentrum of de mogelijkheden voor ontwikkeling van nieuwe activiteiten. Nakomen van afspraken: De cliënten nemen op vaste dagen en tijdstippen deel aan de activiteiten. Veelal zijn er bovendien vaste pauzetijden. Bij een deel van de locaties zijn aan het niet nakomen van afspraken (over activiteiten, dagen en tijdstippen) consequenties verbonden. Deze activiteiten zijn dus nietvrijblijvend arbeidsmatig. Het gaat om consequenties als overplaatsing naar een ander (meer vrijblijvend) activiteitencentrum of het niet krijgen van de financiële vergoeding. Daarbij moet opgemerkt worden dat deze consequenties veelal pas worden toegepast in het uiterste geval (bijvoorbeeld door structureel weigeren van werkzaamheden of agressie) en in onderling overleg. Er wordt altijd gezocht naar een dagbestedingsplaats die beter aansluit bij de wensen en mogelijkheden van de cliënt. In de praktijk komt het bovendien zeer weinig voor dat dergelijke consequenties worden toegepast. Cliënten komen vrijwillig en zijn meestal gemotiveerd voor deelname. Locatie: Er kunnen verschillende soorten locaties worden onderscheiden: Activiteitencentra die een combinatie bieden van recreatieve, educatieve en (zeer) vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. Hier worden over het algemeen alleen vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten aangeboden. Activiteitencentra waar de nadruk ligt op arbeidsmatige activiteiten. Alle activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Veel organisaties hebben bijvoorbeeld locaties waar licht industrieel werk wordt uitgevoerd (al dan niet vrijblijvend). Locaties buiten een activiteitencentrum, waar cliënten in groepsverband onder begeleiding van de zorgaanbieder activiteiten uitvoeren. Bijvoorbeeld een bedrijfskantine of opruimwerkzaamheden voor een hockeyvereniging. De activiteitencentra die zich richten op arbeidsmatige activiteiten hebben, in tegenstelling tot de activiteitencentra die ook recreatieve activiteiten aanbieden, veelal een bedrijfsmatige uitstraling. Dit draagt voor cliënten bij aan het gevoel dat ze naar hun werk gaan. Financiële vergoeding: De deelnemers aan de arbeidsmatige activiteiten krijgen meestal geen financiële vergoeding. Twee van de bezochte locaties bieden de deelnemers een stimuleringsvergoeding van 1 euro per dagdeel. 31
32 Deelnemers en deelname Kenmerken van deelnemers Deelnemers hebben verschillende maten van verstandelijke beperkingen, soms in combinatie met lichamelijke beperkingen. Daarnaast spelen gedragsproblemen bij een deel van de cliënten een rol, sommigen hebben een SGLVG 1 indicatie. Zowel cliënten met een indicatie OB-dag of AB-dag als cliënten met een indicatie voor verblijf nemen deel aan de activiteiten. Deelname aan activiteiten De deelname aan de activiteiten kan variëren van 1 dagdeel tot 10 dagdelen per week. Een groot deel van de cliënten komt vier of vijf dagen per week naar de dagbesteding. Op de locaties met zowel educatieve, recreatieve als vrijblijvend arbeidsmatige activiteiten worden deze verschillende typen activiteiten vaak gecombineerd door cliënten. Cliënten die gebruik maken van de dagbesteding op een locatie die alleen arbeidsmatige activiteiten aanbiedt, nemen vaak de hele week aan dezelfde soort activiteit deel. Wel is het meestal mogelijk om de activiteiten te combineren met meer recreatieve activiteiten op een ander activiteitencentrum of met begeleid werken. Daar wordt in beperkte mate gebruik van gemaakt. Toelatingscriteria De activiteitencentra die recreatieve en vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten combineren hanteren geen toelatingscriteria. De interesse van de cliënt staat centraal bij de keuze voor de activiteiten. Wel kunnen praktische voorwaarden gelden, zoals hygiënisch werken bij voedselbereiding. Bij de activiteitencentra die zich alleen richten op arbeidsmatige activiteiten gelden wel enkele toelatingscriteria. Het belangrijkste is eveneens dat de cliënt interesse heeft in de activiteit en gemotiveerd is om deel te nemen. Daarnaast moet de cliënt een bijdrage kunnen leveren aan de productie en een goede kwaliteit kunnen leveren, de snelheid waarmee wordt gewerkt is niet van belang. Bij veel activiteiten die in opdracht van externe opdrachtgevers worden uitgevoerd is er wel sprake van enige werkdruk. Cliënten die aan deze activiteiten deelnemen moeten daar dus mee om kunnen gaan. Cliënten die weglopen kunnen niet aan alle arbeidsmatige activiteiten deelnemen. Bij sommige activiteiten (met name daar waar sprake is van contact met klanten) kunnen gedragsproblemen een reden zijn om overplaatsing van een cliënt te overwegen. Over het algemeen kunnen cliënten met een meervoudige complexe handicap en cliënten die veel verzorging nodig hebben niet deelnemen aan niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. 1 SGLVG = sterk gedragsgestoorde licht verstandelijk gehandicapten 32
33 Voorbeeld van activiteiten buiten een activiteitencentrum Bij een zorgaanbieder gaat een groepje van vijf cliënten twee keer per week een dag op locatie enige werkzaamheden uitvoeren voor een hockeyvereniging. Het gaat daarbij om activiteiten zoals afval verwijderen van de hockeyvelden, de kantine aanvegen, glazen spoelen en snoep inpakken voor de verkoop in de kantine. Daarbij is één begeleider aanwezig van de zorgaanbieder, die de cliënten ondersteunt bij het uitvoeren van de taken. Deze begeleider ondersteunt tevens een cliënt die activiteiten uitvoert op de naburige manege. Er zijn beperkte voorwaarden voor deelname aan de activiteiten; het is van belang dat de cliënten niet weglopen, dat ze graag buiten willen werken en zich niet misdragen tegen bezoekers. Een belangrijk doel van het project is dat de cliënten buiten het activiteitencentrum activiteiten kunnen verrichten. In de toekomst worden de activiteiten op de locatie mogelijk verder uitgebreid. Er zijn geheel geen productie-eisen. Cliënten krijgen geen vergoeding voor deelname aan de activiteiten. Voorbeeld van een arbeidsmatige locatie Dit is een voorbeeld van niet-vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding. Op een locatie worden activiteiten aangeboden voor zowel verstandelijk gehandicapten als lichamelijk gehandicapten en mensen met een psychische beperking. De activiteiten zijn: receptie / administratie, graveren, drukwerk, nabewerking, koerierswerk, kantine / catering en het maken van kinderkleding. Om deel te kunnen moet de cliënt een bijdrage kunnen leveren aan het productieproces. Er zijn vaste werktijden. De levering van producten en diensten vindt altijd plaats in opdracht van derden of voor verkoop in de eigen winkel van de organisatie. Er wordt naar gestreefd een werksfeer te creëren, de cliënten moeten het gevoel hebben dat ze naar het werk gaan. Er zijn verder geen algemene eisen waar een cliënt aan moet voldoen, wel heeft elke afdeling een eigen eisenpakket afhankelijk van de werkzaamheden. Het gaat dan bijvoorbeeld om sociale vaardigheden en handvaardigheid. De snelheid waarmee de cliënt werkt is niet belangrijk. De begeleiding is grotendeels taakgericht. Cliënten krijgen een stimuleringsbijdrage van 1 euro per dagdeel. Er zijn vaste werktijden waar alleen als daar goede redenen voor zijn (medisch, vervoer) van kan worden afgeweken. 4.3 Geestelijke gezondheidszorg In totaal zijn bij drie organisaties negen locaties bezocht waar dagbestedingsactiviteiten worden aangeboden voor cliënten met een achtergrond in de GGZ. Bij enkele locaties wordt ook dagbesteding aangeboden aan verstandelijk gehandicapten. 33
34 Aard van het aanbod Doel van de activiteiten: Het doel van de activiteiten is een zinvolle dagbesteding voor cliënten gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden en het opbouwen van een werkritme. Sterker dan in de gehandicaptenzorg ligt de nadruk op toeleiding naar arbeid. Aard van de activiteiten: In de GGZ worden activiteiten aangeboden in alle drie de categorieën van arbeidsmatige dagbesteding: vrijblijvend arbeidsmatig, niet vrijblijvend arbeidsmatig en toeleiding naar arbeid. In dagactiviteitencentra (DAC s) worden alleen vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten aangeboden: voorbeelden hiervan zijn een fietsenreparatiewerkplaats en een klussendienst. Aan deze activiteiten wordt veelal deelgenomen in combinatie met meer recreatieve activiteiten. Binnen werkprojecten worden de verschillende categorieën activiteiten (vrijblijvend, niet vrijblijvend, toeleiding naar arbeid) gecombineerd. De categorie waarin de cliënten deelnemen aan het werkproject is afhankelijk van de fase waarin de cliënt zich bevindt. Voor cliënten die net starten bij een werkproject zijn de activiteiten vrijblijvend. Aan cliënten die zich verder ontwikkelen worden wel eisen gesteld aan het nakomen van afspraken en zijn de activiteiten niet vrijblijvend. Tenslotte wordt voor een deel van de cliënten binnen de werkprojecten gericht gewerkt aan toeleiding naar arbeid. Voorbeelden van werkprojecten zijn: Een zorghotel: de activiteiten bestaan uit het ontvangen van gasten, het bereiden van maaltijden, schoonmaken en administratie. Een grafisch bureau: de activiteiten bestaan uit ontwerpen van brochures e.d., kopieerwerk, administratieve werkzaamheden. Een eetcafé / restaurant: de activiteiten bestaan uit maaltijden bereiden, serveren en afrekenen, schoonmaken. Een winkel voor verkoop van tweedehands spullen: de activiteiten bestaan uit het ophalen van spullen, schoonmaken en opknappen en verkopen. Gevarieerde activiteiten: receptie, administratie, houtbewerking, fietsenmakerij, keuken, grafische dienst, assemblage, pottenbakkerij. Productie-eisen: Kenmerkend voor de werkprojecten is dat de instroomdrempel over het algemeen zeer laag is. Vrijwel iedereen kan op zijn eigen niveau deelnemen. Het is echter wel de bedoeling dat cliënten zich ontwikkelen. Naarmate de cliënt verder vordert in het proces veranderen ook de eisen die gesteld worden aan het nakomen van afspraken en de te leveren productie. Begeleiding: De begeleiding is met name ondersteunend en daarnaast gericht op het aanleren van vaardigheden. Daarbij wordt veel aandacht besteed aan het bieden van een veilige werkplek voor cliënten, waar de beperkingen die zij hebben worden geaccepteerd. Bij de werkprojecten varieert de begeleiding van circa 1 begeleider op 6 cliënten tot 1 begeleider op 8 cliënten. 34
35 Nakomen van afspraken: Deelname aan activiteiten binnen de dagactiviteitencentra is over het algemeen geheel vrijblijvend. Voor de deelnemers aan de werkprojecten geldt dat wordt verwacht dat zij zich houden aan afspraken over werktijden en uit te voeren werkzaamheden. De eisen die gesteld worden hangen samen met de fase in het proces waarin de cliënt zich bevindt. Mogelijke consequenties van het niet nakomen van afspraken kunnen zijn het overplaatsen naar een andere (meer vrijblijvende) dagbestedingslocatie of het niet krijgen van de vrijwilligersbijdrage. In de praktijk komen dergelijke consequenties echter niet vaak voor. Locatie: Binnen de GGZ kunnen twee verschillende soorten locaties worden onderscheiden: Dagactiviteitencentra (DAC s), bij deze centra wordt een inloopfunctie gecombineerd met creatieve, educatieve en vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. Werkprojecten: werkprojecten kunnen bestaan uit meerdere losse activiteiten binnen één (arbeidsrehabilitatie)centrum of uit activiteiten met één gezamenlijk doel, zoals een restaurant of hotel. Financiële vergoeding: Deelnemers aan de vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten krijgen over het algemeen geen financiële vergoeding. Deelnemers aan niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten krijgen een vrijwilligersbijdrage, dit varieert van 1,15 tot 2 euro per dagdeel. Deze vergoeding valt binnen de toegelaten vergoeding voor vrijwilligerswerk. Daarnaast wordt veelal een reiskostenvergoeding geboden. Deelnemers Kenmerken van deelnemers De deelnemers hebben een achtergrond in de GGZ en hebben uiteenlopende beperkingen. Aan de arbeidsmatige activiteiten nemen ook cliënten deel die tevens gebruik maken van een verblijfsfunctie. Deelname aan de activiteiten Cliënten nemen gemiddeld ongeveer 3 tot 4 dagdelen per week deel aan de werkprojecten. Bij sommige werkprojecten is er sprake van een minimum en/of een maximum aantal dagdelen dat een cliënt kan deelnemen. Eén van de verklaringen die genoemd worden voor dit relatief klein aantal dagdelen is dat cliënten in de GGZ vaak (nog) een balans moeten vinden in hun dagelijks leven; ze wonen zelfstandig, moeten een werkritme opbouwen en handhaven, zijn soms nog in behandeling en zijn daarbij vaak, inherent aan de psychische beperking, verminderd belastbaar. Ook wordt er naar gestreefd zoveel mogelijk cliënten een kans te bieden om aan een werkproject deel te nemen. Toelatingscriteria Voor deelname aan de activiteiten op een dagactiviteitencentrum gelden geen toelatingscriteria. De eisen die bij de werkprojecten aan de cliënten worden gesteld zijn afhankelijk van hoever de cliënten zijn in het ontwikkelingsproces. De instroomdrempel voor veel activiteiten is zeer laag. Binnen het zorghotel is het bijvoorbeeld mogelijk dat iemand een paar uur per week onder begeleiding komt schoonmaken. 35
36 Vereiste voor deelname is wel dat de cliënt een bijdrage kan leveren aan de productie of dienstverlening. Daarnaast zijn er praktische voorwaarden die samenhangen met de activiteiten die worden uitgevoerd. Iemand die zich bezighoudt met voedselbereiding moet bijvoorbeeld hygiënisch kunnen werken en iemand die receptiewerk wil doen moet de telefoon durven opnemen. Ernstige gedragsproblemen, diefstal of gebrek aan motivatie kunnen redenen zijn om (tijdelijke) schorsing of overplaatsing van een cliënt naar een andere activiteit te overwegen. Voorbeeld van een werkproject: Zorghotel Eén van de bezochte projecten is een zorghotel, dat ruimte biedt aan gasten met psychische problemen en wordt gerund door 52 vrijwilligers (cliënten). Vanuit de zorgaanbieder wordt het hotel ondersteund door een algemeen coördinator en een ondersteuner. De activiteiten bestaan uit het ontvangen van gasten, administratie, schoonmaken en het verzorgen van eten en drinken. Deelnemers werken gemiddeld 10 uur per week in het zorghotel. De toelatingseisen zijn zeer beperkt, de instroom is zeer laagdrempelig. Er wordt naar gestreefd zoveel mogelijk cliënten een kans te bieden om deel te nemen. Het is wel de bedoeling dat cliënten de verwachtingen waarmaken, maar op sommige plekken zijn de verwachtingen minimaal. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat een cliënt onder begeleiding een paar uur per week komt stofzuigen. Voor de meeste functies binnen het zorghotel zijn functieprofielen opgesteld. Cliënten hoeven bij binnenkomst echter nog niet over alle vaardigheden te beschikken, deze kunnen ze in de loop der tijd ontwikkelen. Wel zijn er enkele praktische eisen, bijvoorbeeld: iemand die in de keuken met messen wil werken moet een goede fijne motoriek hebben, iemand die receptiewerk wil doen moet de telefoon op durven nemen. 4.4 Zorgboerderijen Een deel van het aanbod aan dagbesteding vindt plaats binnen zorgboerderijen. De meeste zorgboerderijen hebben een vaste samenwerking met een zorginstelling (37%) of zijn onderdeel van een zorginstelling (22%). Ook werkt een groot deel zelfstandig met financiering vanuit PGB s (26%). Slechts een klein deel van de zorgboerderijen heeft een eigen AWBZ erkenning (5%). 1 Omdat de organisaties zonder eigen AWBZ-erkenning nauw verbonden zijn aan zorginstellingen of met PGB s werken is deze doelgroep niet afzonderlijk bij het onderzoek betrokken. Een deel van de activiteiten bij de zorgboerderijen kunnen arbeidsmatig worden genoemd. Het merendeel van deze activiteiten is vrijblijvend arbeidsmatig. Het gaat bijvoorbeeld om groenonderhoud, het verzorgen van dieren, het kweken van planten en activiteiten in het bos. Ook andere activiteiten zoals weven en keukenactiviteiten kunnen worden uitgevoerd. De activiteiten zijn gericht op een brede doelgroep. Veel zorgboerderijen bieden activiteiten aan voor zowel verstandelijk gehandicapten als lichamelijk gehandicapten en cliënten met een psychische beperking. 1 Bron: Steunpunt Landbouw en Zorg, 36
37 4.5 Conclusie Aard van het aanbod Enkele algemene conclusies met betrekking tot de aard van het aanbod zijn: Complexiteit van de activiteiten De complexiteit van de activiteiten binnen de arbeidsmatige dagbesteding loopt sterk uiteen. Dit varieert van een bakkerij waar cliënten bijvoorbeeld één appeltje op een dag schillen, tot een project waarbij de cliënten een restaurant runnen met alle activiteiten en de werkdruk die daarbij komen kijken. In het algemeen geldt dat de activiteiten in de GGZ complexer van aard zijn dan de activiteiten in de gehandicaptenzorg. Ook zijn de activiteiten in de GGZ meer gericht op ontwikkeling en toeleiding naar arbeid. Opvallend is dat in de GGZ vaak verschillende categorieën arbeidsmatige activiteiten binnen één groep plaatsvinden, terwijl in de gehandicaptensector de groepen vaak meer homogeen zijn. Soort activiteiten De activiteiten voor de verschillende doelgroepen (lichamelijk gehandicapten, verstandelijk gehandicapten en GGZ-cliënten) vertonen sterke overeenkomsten in de soort activiteiten. In het algemeen is een aantal veel voorkomende activiteiten te benoemen, zoals houtbewerking, industrieel werk, creatieve productiegroepen, groenonderhoud en horeca-activiteiten. Daarnaast bieden zorgaanbieders soms andere initiatieven, zoals een zorghotel, verkoop van tweedehandsspullen, post bezorging of demontage van apparaten. Het aanbod van dergelijke activiteiten hangt veelal samen met affiniteit van begeleiders en/of cliënten en ook met het type werk dat men kan binnenhalen. Combinatie van arbeidsmatige activiteiten met andere activiteiten Vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten worden veelal aangeboden in combinatie met recreatieve activiteiten, zoals sport. Bij de niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten geldt over het algemeen dat de cliënten alleen aan de arbeidsmatige activiteit deelnemen. Als ze al deelnemen aan recreatieve vormen van dagbesteding gebeurt dat niet op dezelfde locatie waar ze de arbeidsmatige activiteiten uitvoeren. Deelnemers Enkele algemene conclusies met betrekking tot de kenmerken van de deelnemers zijn: Deelname aan de activiteiten Een belangrijk verschil tussen de sectoren is het aantal uren / dagdelen dat cliënten per week deelnemen aan de dagbestedingsactiviteiten. In de GGZ is de gemiddelde deelname van cliënten 1 à 2 dagen per week, terwijl dit in de gehandicaptenzorg 3 à 4 dagen per week is. Eén van de verklaringen die genoemd worden voor dit verschil is dat cliënten in de GGZ vaak (nog) een balans moeten vinden in hun dagelijks leven; ze wonen zelfstandig, moeten een werkritme opbouwen en handhaven, zijn soms nog in behandeling en zijn daarbij vaak, inherent aan de psychische beperking, verminderd belastbaar. 37
38 Algemene criteria In het schema in bijlage 6 is een overzicht gegeven van algemene criteria die zorgaanbieders hanteren voor deelname aan arbeidsmatige activiteiten. In de praktijk blijkt dat vrijwel alle cliënten die een bijdrage kunnen leveren aan het productieproces of de dienstverlening, hoe beperkt die bijdrage ook is, kunnen deelnemen aan vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. Voor de niet-vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten gelden wel enige aanvullende eisen zoals het nakomen van afspraken en om kunnen gaan met enige werkdruk. In de GGZ worden bovendien kwantitatieve productie-eisen gesteld, die afhankelijk zijn van het stadium waarin de cliënt zich bevindt. Geen vastgelegde eisen Hoewel er zeker algemene criteria kunnen worden geformuleerd, hanteren zorgaanbieders geen vastgelegde eisen waaraan cliënten moeten voldoen om deel te kunnen nemen aan arbeidsmatige activiteiten. Het is vooral de onderlinge samenhang tussen een aantal factoren die bepaalt welke activiteit voor de cliënt geschikt is. Daarbij staat de interesse en motivatie van de cliënt voor een activiteit centraal. Andere belangrijke factoren zijn o.a.: praktische vaardigheden, sociale vaardigheden, de hoeveelheid prikkels die een cliënt aankan en de mate van begeleiding die nodig is. De criteria die worden gehanteerd verschillen per organisatie, per activiteit en zijn mede afhankelijk van persoonlijke inschatting. Ook worden de criteria soms in de loop der tijd aangepast in verband met veranderingen van de cliëntpopulatie of wensen van cliënten. In de praktijk geldt bij veel organisaties dat niet zozeer cliënten worden gezocht die het werk kunnen doen, maar dat de activiteiten worden aangepast aan de mogelijkheden van cliënten. Praktische vereisten De specifieke eisen die instellingen stellen aan de cliënt zijn veelal praktisch van aard en sterk afhankelijk van het type activiteit waaraan de cliënt wil deelnemen. Het gaat bijvoorbeeld om het hygiënisch kunnen werken bij voedselbereiding, vaardigheid in het omgaan met machines bij houtbewerking, het duidelijk kunnen praten en de telefoon op durven nemen bij receptiewerk en klantcontacten aankunnen bij een eetcafé. 38
39 5 Totstandkoming van het aanbod In dit hoofdstuk wordt ingegaan op bevorderende en belemmerende factoren voor het tot stand komen van het aanbod aan arbeidsmatige dagbesteding. Achterliggende reden van deze onderzoeksvraag is dat belemmeringen in het totstandkomen van het aanbod aan arbeidsmatige activiteiten kan leiden tot een discrepantie tussen het aanbod en de wensen en behoeften van cliënten. Wellicht dat met beleidsmatige aandacht voor deze factoren belemmeringen kunnen worden weggenomen en bevorderende factoren worden gestimuleerd. Ten eerste komen in dit hoofdstuk de bevorderende factoren aan de orde, gevolgd door de belemmerende factoren. Vervolgens wordt gekeken naar de aansluiting van het aanbod bij de behoefte van cliënten en de bevorderende en belemmerende factoren die een rol spelen bij de uitstroom naar regulier of gesubsidieerd werk. 5.1 Bevorderende factoren De gesignaleerd bevorderende factoren zijn in te delen in de volgende onderwerpen: Vraagsturing Vermaatschappelijking Subsidiering Samenwerking Veranderende cliëntpopulatie Vraagsturing De afgelopen jaren is, in alle sectoren en op alle terreinen, de vraag van de cliënt als uitgangspunt genomen voor het realiseren van aanbod. Ook in de dagbesteding heeft deze omslag plaatsgevonden. De wensen van de cliënten zijn de basis geworden voor het samenstellen van een aanbod aan activiteiten. Uit zowel de schriftelijke enquête als de wekplekken en interviews komt naar voren dat vrijwel alle cliënten behoefte hebben om activiteiten uit te voeren die gerelateerd zijn aan arbeid, deels in combinatie met meer ontspannende activiteiten. Door te zoeken naar mogelijkheden om verkoopbare producten te maken of opdrachten uit te voeren voor particulieren of bedrijven wordt een zinvolle invulling aan de dagbesteding gegeven. Dit heeft, zo blijkt uit de interviews met aanbieders en uit de gesprekken met vertegenwoordigers van cliënten, een positief effect op het gevoel van eigenwaarde van cliënten. Bovendien zijn arbeidsmatige activiteiten geschikt om cliënten te helpen structuur en ritme in hun leven aan te brengen. Met name organisaties in de GGZ benadrukken dat arbeidsmatige dagbesteding een belangrijk middel is om cliënten zich te laten ontwikkelen op het gebied van arbeid. Daarmee is het een goede voorbereiding op deelname aan regulier werk. Vermaatschappelijking Naast het centraal stellen van de vraag van cliënten speelt ook de zogenaamde vermaatschappelijking een rol. De maatschappelijke participatie van mensen zou worden vergroot door het intramurale aanbod om te zetten in extramurale arrangementen op alle terreinen, waaronder zorg, wonen en werk. Het zoeken naar dagbesteding buiten de traditionele setting van een activiteitencentrum past hier in. Door arbeidsmatige activiteiten te verrichten en, in sommige organisaties, de plek van de activiteiten te verplaatsen naar een andere (werk)omgeving (bijvoorbeeld een bedrij- 39
40 venterrein of een café in een winkelcentrum) wordt getracht een bijdrage te leveren aan de maatschappelijke participatie van mensen. Subsidiëring Een aantal organisaties, met name in de GGZ, noemt als bevorderende factor het feit dat subsidies verkregen konden worden door bepaalde arbeidsmatige activiteiten aan te bieden. Samenwerking Enkele organisaties in de gehandicaptenzorg benoemen samenwerking met andere partijen (andere sectoren, woningbouwverenigingen, zorgboerderijen, scholen en MEE-organisaties) als stimulerende factor. Door het delen van kennis en ervaringen kan een vliegwieleffect ontstaan bij het realiseren van plannen. Bij de werkplekbezoeken is een aantal succesvolle projecten bezocht waar een samenwerking tussen de GGZ en verstandelijke gehandicapten tot stand is gekomen (restaurant, eetcafé). Veranderende cliëntpopulatie Enkele organisaties in de gehandicaptensector noemen veranderingen in de cliëntpopulatie als stimulerende factor. Een voorbeeld hiervan is de toename van het aantal licht verstandelijk gehandicapte cliënten met gedragsproblemen. Deze cliënten hebben andere vaardigheden en mogelijkheden en vragen om een meer gevarieerd aanbod aan activiteiten. 5.2 Belemmerende factoren Belemmerende factoren die organisaties noemen, zijn: Opdrachten verwerven Wet- en regelgeving Financiële middelen Draagvlak Opdrachten verwerven De belangrijkste belemmering die zorgaanbieders (zowel in de gehandicaptenzorg als de GGZ) ervaren bij het aanbieden van arbeidsmatige activiteiten is het vinden van voldoende gepast werk. Onder gepast werk wordt dan verstaan werk van het juiste niveau en met weinig tijdsdruk. In de GGZ kunnen cliënten vaak meer complexe activiteiten uitvoeren, maar is het gebrek aan continuïteit van de werkzaamheden een struikelblok. Zorgaanbieders zien concurrentie van lagelonenlanden en het machinaal uitvoeren van eenvoudig productiewerk als belangrijke redenen voor het moeilijk verwerven van passend werk. De opdrachten worden vaak binnen gehaald door de begeleiders. De vaardigheden op acquisitiegebied, het eigen netwerk en interesse zijn doorslaggevend voor het succes hiervan. 40
41 Wet- en regelgeving Een deel van de zorgaanbieders ervaart belemmeringen bij het realiseren van arbeidsmatige activiteiten door wet- en regelgeving. Daarbij kan gedacht worden aan regelgeving rond arbeidsomstandigheden, voedselveiligheid etc. Het in acht nemen van de regels vraagt vaak enorme investeringen, terwijl de opbrengsten van de activiteiten zeer beperkt zijn. Financiële middelen In beide sectoren noemen zorgaanbieders de groepsgrootte die op basis van de beschikbare financiering nodig is als belemmering voor het bieden van maatwerk en het ontwikkelen van kleinschalige initiatieven. In de GGZ noemen de zorgaanbieders verder als belemmering dat er een productieplafond is in de afspraken met het zorgkantoor, waardoor er weinig uitbreidingsmogelijkheden zijn. Draagvlak Bij de start van arbeidsmatige activiteiten hebben verschillende organisaties weerstand ervaren van zowel ouders als begeleiders van de activiteiten. Men was bang dat cliënten teveel belast zouden worden en ze de productiedruk niet aan zouden kunnen. Na de introductie van de arbeidsmatige activiteiten is deze weerstand verdwenen. 5.3 Aansluiting van het aanbod bij behoefte cliënten Uit de enquête blijkt dat het merendeel van de zorgaanbieders van mening is dat het aanbod van arbeidsmatige activiteiten aansluit bij de behoefte van cliënten. In de GGZ wordt vaker aangegeven dat de activiteiten niet helemaal aansluiten (zie onderstaande tabel). In de gesprekken met leden van cliëntenraden werd dit beeld bevestigd. Bij de betreffende instellingen zijn de cliënten zijn tevreden over het aanbod en vinden zij dat zij voldoende mogelijkheden hebben om het aanbod te beïnvloeden. Tabel 5.1 In hoeverre vindt u dat het aanbod van activiteiten met een arbeidsmatig karakter aansluit bij de behoefte van cliënten? Geh. zorg GGZ Zorgboerderijen Volledig 53% 29% 60% Deels wel, deels niet 43% 71% 40% Helemaal niet 4% 0% 0% N De redenen die de zorgaanbieders noemen voor het niet (volledig) aansluiten van het aanbod bij de behoefte van cliënten sluiten deels aan bij de genoemde belemmeringen. In de gehandicaptenzorg worden de volgende aspecten genoemd: Een gebrek is aan repeterend / industrieel werk. Daarmee samenhangend wordt genoemd dat het aanbod van werk eenzijdig en fluctuerend in hoeveelheid is. Doordat grote opdrachten worden uitgevoerd kan bovendien niet volledig worden aangesloten bij alle individuele wensen. Voor producten die in de activiteitencentra worden gemaakt kan niet altijd een afzetmarkt worden gevonden. 41
42 De activiteiten vinden nog te weinig plaats in de maatschappij en teveel binnen activiteitencentra van de zorgaanbieder. Als redenen hiervoor worden terughoudendheid van de maatschappij en financiële middelen genoemd. Er zijn niet voldoende financiële middelen om kleinschaligere projecten op te zetten die meer in de maatschappij staan. In de GGZ spelen vergelijkbare aspecten: Het is moeilijk om het juiste werk voor de doelgroep te acquireren en er is onvoldoende afwisseling in het werk. Voor de GGZ geldt daarbij dat ook de verscheidenheid in opleidingsniveaus van cliënten het lastig maken om voldoende differentiatie in activiteiten te vinden. Daarnaast hebben cliënten vaak ambities die niet altijd haalbaar zijn, zoals volledige reïntegratie. Tenslotte zijn er onvoldoende financiële middelen voor kleinschaligheid en flexibiliteit in de activiteiten. 5.4 Mogelijkheden voor uitstroom van cliënten Om een beeld te krijgen van de mate waarin er doorstroom plaatsvindt vanuit de dagbesteding naar gesubsidieerd of regulier werk is in de enquête een vraag gesteld over dit onderwerp. Het resultaat is slechts indicatief, aangezien het niet mogelijk was om de uitstroom in de enquête uitgebreid te bevragen. De uitstroom zoals bepaald in de enquête is weergegeven in tabel 5.2. Tabel 5.2 Uitstroom uit de dagbesteding naar gesubsidieerd of regulier werk (indicatieve cijfers) Aantal uitgestroomde Uitstroom als percentage van N cliënten in 2004 totaal aantal cliënten eind 2005 Gehandicaptenzorg 126 0,7% 68 GGZ 251 4,0% 22 Zorgboerderijen 5 4,5% 5 Totaal 382 1,5% 95 Uit de enquête blijkt dat bij de ondervraagde organisaties in 2004 in totaal bijna 400 cliënten zijn uitgestroomd uit de dagbesteding naar gesubsidieerd of regulier werk. Als dit wordt gerelateerd aan het aantal cliënten ten tijde van de enquête (eind 2005) is dat circa 1,5% van het aantal cliënten. De uitstroom is in de GGZ beduidend hoger dan in de gehandicaptenzorg, maar betreft toch maar een beperkt deel van het totale aantal deelnemers aan de activiteiten. In de gehandicaptenzorg geven aanbieders aan dat zij in de afgelopen jaren veel hebben geïnvesteerd in de uitstroom van cliënten naar arbeid buiten het dagbestedingscentrum. De cliënten waarvoor dat mogelijk was zijn inmiddels grotendeels geplaatst. Men verwacht de komende jaren niet veel extra cliënten te kunnen uitplaatsen, omdat er relatief weinig nieuwe cliënten binnenkomen waarvoor uitstroom naar betaald werk een reële optie is. Daarnaast maakt de economische situatie van de afgelopen jaren het lastiger om werkplekken buiten de activiteitencentra te vinden. Ook wordt als reden genoemd dat scholen steeds meer proberen gehandicapten direct te begeleiden naar werk, waardoor degenen die daartoe in staat zijn niet eens in de dagbesteding terecht komen. De zorgaanbieders streven dan ook naar het vinden van activiteiten zonder loonwaarde, maar wel buiten het activiteitencentrum. 42
43 Ook in de GGZ geldt dat het lastig is om voor cliënten een werkplek te vinden buiten de dagbesteding. De aard van het ziektebeeld en de beperkingen leiden vaak tot een wisselende arbeidsproductiviteit en soms tot regelmatig terugkerende perioden van opname en behandeling. Het vinden en behouden van reguliere of gesubsidieerde arbeid is hierdoor zeer lastig. Werkgevers zijn vaak terughoudend om cliënten uit de GGZ aan te nemen. De meeste organisaties trachten door middel van jobcoaching cliënten te begeleiden naar regulier werk of vrijwilligerswerk. In een aantal bezochte instellingen zijn de activiteitenbegeleiders geschoold in jobcoaching en/of worden specifieke functionarissen betrokken als duidelijk wordt dat een cliënt een traject naar werk in kan en wil gaan. WSW-bedrijven Doorstroom van cliënten naar de sociale werkvoorziening heeft voor veel zorgaanbieders niet de voorkeur. Het imago van de SW-bedrijven is niet positief. Een enkele zorgaanbieder heeft een structurele samenwerking met een SW-bedrijf. Met name in de GGZ bestaat de indruk dat de SW-bedrijven niet voldoende zijn ingesteld op de doelgroep. Zij hebben volgens hen onvoldoende kennis van de beperkingen van cliënten en sluiten onvoldoende aan bij de vaardigheden die clienten (in de dagbesteding) hebben opgedaan. Daarnaast speelt een rol dat de overgang tussen de dagbesteding en de SW-bedrijven, onder meer door wachtlijsten bij de SW-bedrijven, niet soepel verloopt. 5.5 Conclusie Maatschappelijke veranderingen, zoals het centraal stellen van de wensen van de cliënt en de beoogde vermaatschappelijking hebben een bevorderende invloed op het aanbod aan arbeidmatige activiteiten. Echter het vinden van geschikte werkzaamheden en beperkte financiële middelen, onder andere om kleinschalige initiatieven te financieren, vormen een belemmering om de plannen om te zetten in daden. Toch zijn de meeste organisaties in de gehandicaptensector van mening dat het aanbod aan activiteiten goed aansluit bij de behoefte van de cliënten. In de GGZ zou men het aanbod graag nog meer toespitsen op de wensen van de cliënten, maar leiden ook niet reële verwachtingen van cliënten tot een niet optimale aansluiting. Uitstroom naar regulier werk heeft - hoewel in beperkte mate - de afgelopen periode plaatsgevonden, met name in de GGZ. In de gehandicaptensector verwacht men geen groei in de uitstroom. Uitstroom naar SW-bedrijven vindt maar in beperkte mate plaats. Er is weinig structurele samenwerking tussen de betreffende organisaties, het imago van de SW-bedrijven is niet positief en praktische belemmeringen staan een eenvoudige overgang naar de sociale werkvoorziening in de weg. 43
44 44
45 6 Conclusies en discussie In dit rapport zijn de resultaten beschreven van een verkennend onderzoek naar de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding in Nederland. In paragraaf 6.1 worden de conclusies beschreven aan de hand van de onderzoeksvragen, die in hoofdstuk 1 zijn beschreven. Daarna wordt in paragraaf 6.2 ingegaan op de implicaties van de resultaten voor een eventuele overheveling van de arbeidsmatige dagbesteding. 6.1 Conclusies 1. Wat zijn in de praktijk toetsbare definities van arbeidsmatige dagbesteding voor de verschillende doelgroepen (personen met verstandelijke, lichamelijke en psychische beperkingen)? In dit onderzoek zijn zeven dimensies geïdentificeerd waarop arbeidsmatige dagbesteding zich onderscheidt van niet-arbeidsmatige dagbesteding en reguliere arbeid. Dit zijn de volgende dimensies: het doel van de activiteiten, de aard van de activiteiten, productie-eisen, begeleiding, nakomen van afspraken, locatie en financiële vergoeding. Deze dimensies zijn van toepassing op dagbesteding voor alle doelgroepen (personen met verstandelijke, lichamelijke en psychische beperkingen). Arbeidsmatige dagbesteding onderscheidt zich met name van niet-arbeidsmatige dagbesteding op de dimensie aard van de activiteiten. Arbeidsmatige activiteiten zijn primair gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Niet-arbeidsmatige activiteiten zijn primair gericht op recreatie en/of educatie, er kunnen wel producten worden gemaakt die worden verkocht maar daar is de activiteit niet primair op gericht. Binnen de arbeidsmatige dagbesteding zijn drie subcategorieën te onderscheiden: Vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding: Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij de meer vrijblijvende vormen van arbeidsmatige dagbesteding worden geen kwantitatieve of kwalitatieve productie-eisen gesteld. Er is geheel geen tijdsdruk, cliënten kunnen bijvoorbeeld vaak pauze nemen. Er zijn wel afspraken over de aard van de activiteiten en de dagdelen en tijdstippen waarop de activiteiten worden uitgevoerd, maar er zijn geen consequenties aan verbonden als de cliënt de afspraken niet nakomt Niet vrijblijvende arbeidsmatige dagbesteding: Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij arbeidsmatige dagbesteding worden (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. De kwantitatieve eisen liggen wel onder de eisen die worden gesteld bij de sociale werkvoorziening. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een groep een target heeft die per dag gehaald moet worden, waarbij alle deelnemers worden verwacht een bijdrage te leveren. Wel kan de individuele bijdrage per dag verschillen. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan verbonden zijn (bijv. overplaatsing naar een andere groep, geen onkostenvergoeding). 45
46 Toeleiding naar arbeid: Het doel van de activiteiten is toeleiding naar (reguliere) arbeid. Er zijn afspraken over de termijn waarbinnen de toeleiding naar arbeid plaats moet vinden. De activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij toeleiding naar arbeid worden kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. 2. Welk type AWBZ-cliënten zou volgens de definitie (onder 1) in aanmerking kunnen komen voor arbeidsmatige dagbesteding? Algemene criteria In onderstaand schema wordt een overzicht gegeven van algemene criteria die zorgaanbieders hanteren voor deelname aan arbeidsmatige activiteiten. In de praktijk blijkt dat vrijwel alle cliënten die een bijdrage kunnen leveren aan het productieproces of de dienstverlening, hoe beperkt die bijdrage ook is, kunnen deelnemen aan vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten. Voor de niet-vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten gelden wel enige aanvullende eisen zoals het nakomen van afspraken en om kunnen gaan met enige werkdruk. In de GGZ worden bovendien kwantitatieve productie-eisen gesteld, die afhankelijk zijn van het stadium waarin de cliënt zich bevindt. Geen vastgelegde eisen Hoewel er zeker algemene criteria kunnen worden geformuleerd, hanteren zorgaanbieders geen vastgelegde eisen waaraan cliënten moeten voldoen om deel te kunnen nemen aan arbeidsmatige activiteiten. Het is met name de onderlinge samenhang tussen een aantal factoren die bepaalt welke activiteit voor de cliënt geschikt is. Daarbij staat de interesse en motivatie van de cliënt voor een activiteit centraal. Andere belangrijke factoren zijn o.a.: praktische vaardigheden, sociale vaardigheden, de hoeveelheid prikkels die een cliënt aankan en de mate van begeleiding die nodig is. De criteria die worden gehanteerd verschillen per organisatie, per activiteit en zijn mede afhankelijk van persoonlijke inschatting. Ook worden de criteria soms in de loop der tijd aangepast in verband met veranderingen van de cliëntpopulatie of wensen van cliënten. In de praktijk geldt bij veel organisaties dat niet zozeer cliënten worden gezocht die het werk kunnen doen, maar dat de activiteiten worden aangepast aan de mogelijkheden van cliënten. Praktische vereisten De specifieke eisen die instellingen stellen aan de cliënt zijn veelal praktisch van aard en sterk afhankelijk van het type activiteit waaraan de cliënt wil deelnemen. Het gaat bijvoorbeeld om het hygiënisch kunnen werken bij voedselbereiding, vaardigheid in het omgaan met machines bij houtbewerking, het duidelijk kunnen praten en de telefoon op durven nemen bij receptiewerk en klantcontacten aankunnen bij een eetcafé. 46
47 Categorie Vrijblijvend arbeidsmatig Typologie cliënten Cliënten kunnen deelnemen aan de activiteiten als ze: Interesse in de activiteit hebben een bijdrage kunnen leveren aan de productie / dienstverlening (niet alleen maar toekijken). Een kwalitatief acceptabele bijdrage kunnen leveren Enigszins zelfstandig kunnen werken (1 op 1 begeleiding is niet continu mogelijk) Opdrachten willen uitvoeren De benodigde vaardigheden hebben of kunnen leren Afspraken kunnen nakomen Bij sommige activiteiten (externe opdrachten): om kunnen gaan met enige productiedruk / werkdruk Bij sommige activiteiten: kunnen en willen samenwerken. Niet weglopen (genoemd in VG sector) Dit betekent in de praktijk dat cliënten die veel verzorging nodig hebben en cliënten met een meervoudige complexe handicap over het algemeen niet in aanmerking komen voor deelname aan activiteiten in deze categorie. Niet vrijblijvend arbeidsmatig Ernstige gedragsproblemen, diefstal of gebrek aan motivatie kunnen redenen zijn om (tijdelijke) schorsing of overplaatsing naar een andere activiteit te overwegen. Cliënten kunnen deelnemen aan de activiteiten als ze: Interesse in de activiteit Een bijdrage kunnen leveren aan de productie / dienstverlening Leiding kunnen en willen accepteren Gemotiveerd zijn, plezier hebben in de activiteit Afspraken kunnen nakomen Een kwalitatief acceptabele bijdrage leveren Met enige mate van tijdsdruk om kunnen gaan Een bepaalde mate van handvaardigheid hebben Enige sociale vaardigheden hebben Enigszins zelfstandig kunnen werken Beschikken over enig concentratievermogen In de GGZ-sector kunnen, afhankelijk van de fase waarin de cliënt zich bevindt productiviteitseisen worden gesteld. Het is de bedoeling dat cliënten een ontwikkeling laten zien. Toeleiding naar arbeid Ernstige gedragsproblemen, diefstal of gebrek aan motivatie kunnen redenen zijn om (tijdelijke) schorsing of overplaatsing naar een andere activiteit te overwegen. Zie bovenstaande. Afhankelijk van het stadium waarin de cliënt zich bevindt worden productiviteitseisen en werkdruk opgebouwd. Vaak wordt een termijn gesteld waarbinnen toeleiding naar arbeid mogelijk moet zijn (bijvoorbeeld 1,5 tot 2 jaar). Ontwikkelingen worden planmatig uitgevoerd en geëvalueerd. 3. Welke dagbestedingsactiviteiten bieden AWBZ-instellingen aan? Vrijwel alle organisaties die dagbesteding voor volwassenen aanbieden, bieden activiteiten aan in de categorieën A (recreatie en educatie) en B (vrijblijvend arbeidsmatig). Ongeveer tweederde van de organisaties biedt bovendien activiteiten aan in categorie C (niet vrijblijvend arbeidsmatig). Ongeveer de helft biedt daarnaast activiteiten aan in categorie D (toeleiding naar arbeid). Bij onderzoeksvraag 5 wordt verder ingegaan op de inhoud van de arbeidsmatige dagbesteding. 47
48 4. Wat is in de praktijk het aandeel van arbeidsmatige dagbesteding (uitgedrukt in cliënten, aantal instellingen en budget) in de totale dagbesteding, uitgedrukt naar doelgroep? De omvang van de dagbesteding Instellingen in de gehandicaptenzorg hebben gezamenlijk productieafspraken voor 10,3 miljoen dagdelen dagbesteding voor volwassenen. Het bijbehorende budget is circa 370 miljoen euro. De doelgroepen voor deze dagbesteding zijn verstandelijk gehandicapten, lichamelijk gehandicapten, zintuiglijk gehandicapten en meervoudig gehandicapten. In totaal maken naar schatting tussen de en cliënten gebruik van deze vorm van dagbesteding. De dagbesteding in de gehandicaptenzorg wordt aangeboden door circa 135 organisaties. Instellingen in de GGZ hebben gezamenlijk productieafspraken voor 5,4 miljoen uren dagbesteding voor volwassenen in groepsverband. Het bijbehorende budget is circa 40 miljoen euro. In totaal maken naar schatting tussen de en cliënten gebruik van deze dagbesteding. De dagbesteding in de GGZ wordt aangeboden door circa 80 organisaties. De omvang van de arbeidsmatige dagbesteding De totale omvang van de arbeidsmatige dagbesteding kan worden ingeschat door de omvang van de categorieën B, C en D samen te nemen. Dan ontstaat het volgende beeld: In de gehandicaptenzorg bestaan de productieafspraken voor arbeidsmatige dagbesteding naar schatting uit 5,8 miljoen dagdelen, met een budget van circa 207 miljoen euro. Aan deze activiteiten nemen naar schatting tussen de en cliënten deel. De productieafspraken voor arbeidsmatige dagbesteding in de GGZ omvatten naar schatting 2,7 miljoen uren, met een budget van 20 miljoen euro. In totaal nemen naar schatting tussen de en cliënten deel aan deze activiteiten. 5. Wat is de inhoud van het aanbod van arbeidsmatige dagbesteding, uitgesplitst naar doelgroep? Een opsomming van activiteiten die worden aangeboden binnen de verschillende categorieën dagbesteding is opgenomen in bijlage 6. Enkele algemene conclusies met betrekking tot de aard van het aanbod en verschillen tussen doelgroepen zijn: Complexiteit van de activiteiten De complexiteit van de activiteiten binnen de arbeidsmatige dagbesteding loopt sterk uiteen. Dit varieert van een bakkerij waar cliënten bijvoorbeeld één appeltje op een dag schillen, tot een project waarbij de cliënten een restaurant runnen met alle activiteiten en de werkdruk die daarbij komen kijken. In het algemeen geldt dat de activiteiten in de GGZ complexer van aard zijn dan de activiteiten in de gehandicaptenzorg. Ook zijn de activiteiten in de GGZ meer gericht op ontwikkeling en toeleiding naar arbeid. Opvallend is dat in de GGZ vaak verschillende categorieën arbeidsmatige activiteiten binnen één groep plaatsvinden, terwijl in de gehandicaptensector de categorie veelal per groep verschilt. 48
49 Soort activiteiten De activiteiten voor de verschillende doelgroepen (lichamelijk gehandicapten, verstandelijk gehandicapten en GGZ-cliënten) vertonen sterke overeenkomsten in de soort activiteiten. Het aanbod kent een aantal klassieke activiteiten te benoemen, zoals houtbewerking, industrieel werk, creatieve productiegroepen, groenonderhoud en horeca-activiteiten. Daarnaast bieden zorgaanbieders soms meer unieke of vernieuwende initiatieven, zoals een zorghotel, verkoop van tweedehandsspullen, post bezorging of demontage van apparaten. Het aanbod van dergelijke activiteiten hangt veelal samen met affiniteit van begeleiders en/of cliënten en ook met het type werk dat men kan acquireren. Combinatie van arbeidsmatige activiteiten met andere activiteiten Vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten worden veelal aangeboden in combinatie met recreatieve activiteiten, zoals sport. Bij de niet vrijblijvende arbeidsmatige activiteiten geldt over het algemeen dat de cliënten alleen aan de arbeidsmatige activiteit deelnemen. Als ze al deelnemen aan recreatieve vormen van dagbesteding gebeurt dat niet op dezelfde locatie waar ze de arbeidsmatige activiteiten uitvoeren. 6. Welke bevorderende en belemmerende factoren spelen een rol bij het aanbieden van arbeidsmatige dagbesteding? Welke invloed hebben deze factoren op het aanbod? Maatschappelijke veranderingen, zoals het centraal stellen van de wensen van de cliënt en de beoogde vermaatschappelijking hebben een bevorderende invloed op het aanbod aan arbeidmatige activiteiten. Echter het vinden van geschikte werkzaamheden en beperkte financiële middelen, onder andere om kleinschalige initiatieven te financieren, vormen een belemmering om de plannen om te zetten in daden. Toch zijn de meeste organisaties in de gehandicaptensector van mening dat het aanbod aan activiteiten goed aansluit bij de behoefte van de cliënten. In de GGZ zou men het aanbod graag nog meer toespitsen op de wensen van de cliënten, maar leiden ook niet reële verwachtingen van cliënten tot een niet optimale aansluiting. Uitstroom naar regulier werk heeft - hoewel in beperkte mate - de afgelopen periode plaatsgevonden, met name in de GGZ. In de gehandicaptensector verwacht men geen groei in de uitstroom. Uitstroom naar SW-bedrijven vindt maar in beperkte mate plaats. Er is weinig structurele samenwerking tussen de betreffende organisaties, het imago van de SW-bedrijven is niet positief en praktische belemmeringen staan een eenvoudige overgang naar de sociale werkvoorziening in de weg. 6.2 Discussie Aanleiding voor het onderzoek naar de aard en omvang van dagbesteding, en met name het arbeidsmatige karakter hiervan, is de verkenning van mogelijkheden om de dagbesteding in dagdelen over te hevelen uit de AWBZ naar het onderwijsdomein (leerplichtige kinderen) en het arbeidsdomein (volwassenen). Met dit inventariserende onderzoek wenste het ministerie van VWS meer inzicht in de aard van de huidige dagbesteding in de gehandicaptenzorg en GGZ en meer specifiek de mate waarin de dagbesteding voor volwassenen een arbeidsmatig of arbeidstoeleidend karakter heeft. In dit onderzoek zijn deze vragen, voor zover dat op dit moment mogelijk is, beantwoord. 49
50 Als het ministerie van VWS er, ten behoeve van overheveling, voor kiest een splitsing aan te brengen tussen arbeidsmatige en niet-arbeidsmatige dagbesteding, zijn de volgende aandachtspunten van belang: 1. Definiëring van arbeidsmatige dagbesteding De grens tussen arbeidmatig en niet-arbeidsmatige activiteiten is arbitrair. Op basis van literatuuronderzoek en consensus tussen deskundigen zijn in dit onderzoek vier categorieën dagbesteding gedefinieerd: recreatie en educatie, vrijblijvend arbeidsmatig, niet vrijblijvend arbeidsmatig en toeleiding naar arbeid. Bij met name activiteiten die vallen onder de definitie vrijblijvend arbeidsmatig is de vraag of deze activiteiten als arbeid of als recreatie beschouwd moeten worden. Deze categorie vormt een overgang tussen activiteiten die duidelijk niet arbeidsmatig zijn (recreatie en educatie) en activiteiten die duidelijke raakvlakken hebben met arbeid (niet vrijblijvend arbeidsmatig en toeleiding naar arbeid). De activiteiten in de categorie vrijblijvend arbeidsmatig zijn enerzijds arbeidsmatig aangezien ze primair zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Anderzijds is de inzet van deelnemers bij deze activiteiten van vrijblijvende aard, zijn de voorwaarden en vereisten beperkt, evenals soms ook de uiteindelijke productie. 2. Indicatiestelling Als arbeidsmatige en niet-arbeidsmatige dagbesteding onder een verschillende financiële en/of organisatorische verantwoordelijkheid gaan vallen, dienen (indicatie)criteria te worden opgesteld op basis waarvan wordt bepaald voor welk soort dagbesteding cliënten in aanmerking komen. In de huidige indicatiestelling voor dagbesteding in dagdelen wordt een dergelijk onderscheid niet gemaakt. Dit onderzoek biedt nog onvoldoende basis om eenduidige criteria te benoemen op basis waarvan kan worden bepaald of de cliënt in aanmerking komt voor arbeidsmatige activiteiten. Zo kunnen op grond van deze bevindingen bijvoorbeeld geen uitspraken worden gedaan over de minimumprestatie van cliënten of de hoeveelheid persoonlijke begeleiding, zoals dit bij de WSW indicatiestelling wordt gedaan. In de huidige situatie is bij de keuze voor een activiteit de motivatie en interesse belangrijker dan (fysieke en sociale) vaardigheden van de cliënt. De invulling van het aanbod van arbeidsmatige dagbesteding verschilt bovendien sterk tussen aanbieders, waardoor de mogelijkheden voor cliënten ook per aanbieder verschillen. De mogelijkheden zijn mede afhankelijk van beschikbare plaatsen binnen activiteiten. 3. Organisatorische en financiële aspecten Splitsing van arbeidsmatige en niet arbeidsmatige dagbesteding betekent dat een groot deel van de aanbieders hun activiteiten moeten gaan ontvlechten. In de huidige organisatorische invulling van arbeidsmatige dagbesteding is sprake van een grote verwevenheid van arbeidsmatige en niet-arbeidsmatige dagbesteding. Er zijn veel locaties waar arbeidsmatige en niet-arbeidsmatige activiteiten worden gecombineerd. 50
51 Op groepsniveau is een dergelijk onderscheid over het algemeen wel mogelijk. Een groep is niet arbeidsmatig als de activiteiten primair gericht zijn op recreatie of educatie. Een groep is arbeidsmatig als de activiteiten primair zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Ook dan geldt echter dat cliënten, met name in de gehandicaptenzorg, op zeer verschillende niveaus kunnen deelnemen aan deze arbeidsmatige groepen. Bij sommige cliënten is de vraag of gesproken kan worden van arbeidsmatige dagbesteding. Het gaat bijvoorbeeld om cliënten die een zeer beperkte bijdrage kunnen leveren aan het eindproduct (bijvoorbeeld een cliënt die één appel schilt op een ochtend). Het is voor deze cliënten alleen mogelijk om deel te nemen aan arbeidsmatige activiteiten doordat er een mix is van cliënten met verschillende niveaus. De begeleiding van cliënten bij de dagbesteding wordt op dit moment vanuit verschillende bronnen gefinancierd, namelijk uit de AWBZ-functies ondersteunende en activerende begeleiding en uit de functie verblijf (dagbestedingcentra krijgen een deel van het budget van de intramurale instelling overgedragen). Daarnaast kunnen cliënten met een PGB deelnemen aan de activiteiten. 4. Continuïteit in aanbod werk Op dit moment wordt in de verschillende sectoren activiteiten aangeboden die als arbeidsmatig zijn gedefinieerd. De diensten of producten die men levert zijn voor externe klanten. In de meeste gevallen worden deze externe opdrachten binnen gehaald via (het netwerk van) de betreffende begeleiders. Van echte acquisitie van werk is op dit moment nog lang niet overal sprake. De opbrengsten van de activiteiten zijn minimaal en soms niet eens kostendekkend. Het aantal plaatsen op de arbeidsmatige afdelingen wordt voor een deel bepaald door het aanbod aan werk. Mocht arbeidsmatige dagbesteding organisatorisch en/of financieel afgesplitst wordt van nietarbeidsmatige dagbesteding vraagt dit: duidelijkheid over het benodigde aanbod (op basis van de indicatiestelling) meer inzet en expertise voor het binnenhalen van voldoende werk duidelijkheid over de mate waarin de activiteiten kostendekkend moeten zijn. 5. Afbakening WSW Een afsplitsing van arbeidsmatige dagbesteding leidt tot een categorie activiteiten die tegen de WSW aan ligt. Cliënten verrichten activiteiten voor externe klanten in een beschutte werkomgeving. Het creëren van deze vorm van arbeidsmatige dagbesteding vraagt een zeer goede afbakening met de WSW. Om te voorkomen dat cliënten tussen de wal en het schip vallen of onduidelijkheid ontstaat over de concurrentiepositie van beide organisaties, zullen grenzen en onderlinge afspraken duidelijk moeten zijn en zal samenwerking tussen de verschillende organisaties tot stand moeten komen. 51
52 52
53 Bijlage 1 Expertinterviews en samenstelling panel Overzicht van organisaties die hebben meegewerkt aan de expertinterviews: VGN GGZ Nederland CG raad FvO LPR De Meergroep Steunpunt Landbouw en Zorg ANGO Zorgaanbieders in het panel: Radar Roads Maaskringgroep De Compaan Gemiva SVG groep Siza Dorp groep InteraktContour Sherpa Stichting AGO 53
54 54
55 Bijlage 2 Deelnemers Delphi-methode Overzicht van organisaties die hebben meegewerkt aan de Delphi-methode voor het opstellen van de afbakening van de arbeidsmatige dagbesteding. Begeleidingscommissie VGN GGZ Nederland FvO Ministerie van VWS Ministerie van SZW LPR Panel aanbieders InteraktContour Sherpa Stichting AGO Gemiva SVG Maaskringgroep Roads Stichting Radar Overige deskundigen IGPB De Meergroep NIZW 55
56 56
57 Bijlage 3 Vragenlijst enquête Vragenlijst Inventarisatie Dagbesteding B3047, 7 november 2005 We leggen u deze vragenlijst voor in het kader van een onderzoek naar de aard en de omvang van arbeidsmatige dagbesteding. Research voor Beleid voert dit onderzoek uit in opdracht van het ministerie van VWS. Het doel van het onderzoek is inzicht te krijgen in de aard en omvang van de arbeidsmatige dagbesteding, zoals dagcentra en activiteitencentra die aanbieden aan GGZ-cliënten en mensen met een verstandelijke, zintuiglijke of lichamelijke beperking. Dit inzicht is gewenst voor de toekomstige positionering van deze vormen van dagbesteding; binnen of buiten de AWBZ. In de begeleidingscommissie van het onderzoek participeren de VGN, GGZ Nederland, de FvO, de LPR, het ministerie van SZW en het ministerie van VWS. Met deze vragenlijst inventariseren we bij alle aanbieders van dagbesteding de omvang van de dagbesteding en de soorten dagbesteding die geboden worden. Het gaat hierbij uitdrukkelijk om groepsgewijze dagbesteding aan volwassenen in dagdelen. Wij stellen het op prijs als één persoon de gegevens invult voor de gehele organisatie. Bij organisaties met meerdere locaties kan één persoon wellicht de gegevens inventariseren en vervolgens de gegevens voor de gehele organisatie invullen. Dit voorkomt dat gegevens overlappen of ontbreken. Als dit in uw organisatie niet mogelijk is kan de enquête apart voor verschillende locaties worden ingevuld. Extra inlogcodes hiervoor kunt u opvragen via onderstaand telefoonnummer of adres. Mocht u meer informatie wensen bij de beantwoording van de vragen kunt u contact opnemen met Sonja van der Kemp, tel: of via de [email protected]. Achtergrondgegevens Ten eerste willen we u vragen enkele algemene gegevens in te vullen. 1. Wat is uw naam? Wat is uw functie? Voor welke groepen (volwassen) cliënten biedt uw organisatie dagbesteding aan? (meer antwoorden mogelijk) 1 verstandelijk gehandicapten 2 lichamelijk gehandicapten 3 zintuiglijk gehandicapten 4 meervoudig gehandicapten 5 mensen met een psychische beperking 6 anders, namelijk Op hoeveel vestigingen biedt uw organisatie dagbestedingsactiviteiten voor volwassenen in groepsverband aan? Onder een vestiging verstaan we een fysieke eenheid (d.w.z. een gebouw), dit kan afwijken van de organisatorische eenheid... (aantal) 5. Vult u de vragenlijst in voor de gehele organisatie? 1 ja 2 nee 57
58 6. Voor welke vestiging(en) vult u de vragenlijst in? Indien u de vragenlijst niet voor de gehele organisatie invult, vragen we u vraag 7 (productieafspraken) wel voor de totale organisatie in te vullen, vanaf vraag 8 kunt u de vragen invullen voor de vestiging(en) die u hier heeft vermeld.. Dagbesteding, begripsbepaling Hieronder vindt u een beschrijving van verschillende soorten dagbestedingsactiviteiten die kunnen worden aangeboden. Aangezien niet alle instellingen dezelfde begrippen en termen hanteren, hebben we ervoor gekozen de verschillende soorten dagbesteding in enkele zinnen te omschrijven. Voor alle activiteiten geldt dat het dagbestedingsactiviteiten zijn voor volwassenen, in groepsverband en AWBZ-gefinancierd. De activiteiten vallen in de AWBZ-functies: OB/AB dag. De activiteiten vinden plaats onder begeleiding van een zorgverlener. Categorie A: recreatie en educatie Activiteiten die primair gericht zijn op recreatie of educatie. Doel van de activiteiten is de cliënten een zinvolle dagbesteding te bieden gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. Indien bijvoorbeeld door cliënten producten worden gemaakt, zijn deze niet voor de verkoop en worden hieraan geen kwalitatieve of kwantitatieve eisen gesteld. Voorbeelden hiervan zijn creatieve activiteiten, sport en spel, kookgroep en snoezelen. Categorie B: het maken van producten of leveren van diensten, vrijblijvend Deze activiteiten zijn primair gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (aan derden of ten behoeve van het activiteitencentrum, zorgboerderij of werkproject). Doel van de activiteiten is de cliënten een zinvolle dagbesteding te bieden gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. De activiteiten zijn vrijblijvend van aard. Bij deze vormen van dagbesteding worden geen kwantitatieve productie-eisen gesteld, kwalitatieve productie-eisen zijn wel mogelijk. Er is geheel geen tijdsdruk, cliënten kunnen bijvoorbeeld vaak pauze nemen. Er zijn wel afspraken over de aard van de activiteiten en de dagdelen en tijdstippen waarop de activiteiten worden uitgevoerd, maar er zijn geen ingrijpende consequenties aan verbonden als de cliënt de afspraken niet nakomt. Categorie C: het maken van producten of leveren van diensten, niet vrijblijvend Deze activiteiten zijn eveneens primair gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (aan derden of ten behoeve van het activiteitencentrum, zorgboerderij of werkproject). Doel van de activiteiten is de cliënten een zinvolle dagbesteding te bieden gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden. Deze activiteiten zijn niet vrijblijvend van aard: er worden (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een groep een target heeft die per dag gehaald moet worden, waarbij alle deelnemers worden verwacht een bijdrage te leveren. Wel kan de individuele bijdrage per dag verschillen. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan zijn verbonden. Voorbeelden hiervan zijn: productiegroepen met een target. Categorie D: toeleiding naar arbeid Het doel van de activiteiten is primair toeleiding naar (reguliere) arbeid. De activiteiten zijn eveneens gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten (aan derden of ten behoeve van het activiteitencentrum, zorgboerderij of werkproject). Er zijn afspraken over de termijn waarbinnen de toeleiding naar arbeid plaats moet vinden. Aan de activiteiten worden (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan zijn verbonden. NB. Het is mogelijk dat deze activiteiten binnen uw organisatie niet in groepsverband, maar alleen individueel worden aangeboden. In dat geval vallen deze activiteiten niet onder dit onderzoek. 58
59 Blok 1 Gegevens dagbesteding, organisatieniveau Ten eerste willen we zicht krijgen op de totale omvang van de dagbesteding voor volwassenen in groeps-verband binnen uw organisatie. 7. Kunt u aangeven welke productieafspraken uw organisatie voor 2005 met het zorgkantoor heeft gemaakt over dagbesteding voor volwassenen in groepen? Vult u deze vraag s.v.p. in voor de gehele organisatie. 1 De productie-afspraken omvatten in dagdelen dagbesteding voor volwassenen in groepen (OB/AB Dag) 2 Deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie 8. Kunt u aangeven hoeveel cliënten op dit moment binnen uw organisatie gebruik maken van dagbesteding voor volwassenen in groepen (OB/AB Dag)? 1 In totaal maken. cliënten gebruik van dagbesteding voor volwassenen in groepen (OB/AB Dag) 2 Deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie 9. Kunt u aangeven hoe de verdeling is van de cliënten over het aantal dagdelen dat zij van dagbestedingsactiviteiten gebruik maken? Aantal cliënten Aantal dagdelen per week 1 dagdeel 2 dagdelen 3 dagdelen 4 dagdelen 5 dagdelen 6 dagdelen 7 dagdelen 8 dagdelen 9 dagdelen Ga naar vraag dagdelen 1 Deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie 10. Kunt u dan wel onderstaande minder gedetailleerde - gegevens invullen: Aantal cliënten Aantal dagdelen per week 1 of 2 dagdelen 3 dagdelen of meer 1 Deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie 59
60 In de volgende vragen wordt ingegaan op de verdeling van de activiteiten over de verschillende categorieën (A, B, C en D). 11. Wilt u per categorie activiteiten (A, B, C en D) aangeven of uw organisatie activiteiten aanbiedt die in die categorie vallen? Categorie A: recreatie en educatie ja nee Categorie B: het maken van producten of leveren van diensten, vrijblijvend Categorie C: het maken van producten of leveren van diensten, niet vrijblijvend Categorie D: toeleiding naar arbeid 12. We willen u vragen aan te geven hoe de cliënten zijn verdeeld over de verschillende categorieën activiteiten (A, B, C en D). Het gaat om de activiteiten waar de cliënten overwegend gebruik van maken. Als dit niet exact kunt aangeven willen we u vragen om een schatting te geven (in procenten) Categorie A: recreatie en educatie Aantal cliënten (exact) Percentage cliënten (schatting) Categorie B: het maken van producten of leveren van diensten, vrijblijvend Categorie C: het maken van producten of leveren van diensten, niet vrijblijvend Categorie D: toeleiding naar arbeid Anders (valt niet binnen de beschrijving van één van de categorieën) 1 deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie Indien u een antwoord heeft ingevuld bij anders, kunt u dan hieronder beschrijven welke activiteiten het betreft? 13. Hoeveel cliënten zijn in 2004 vanuit de dagbesteding in uw organisatie doorgestroomd naar regulier of gesubsidieerd werk? (vul hier het aantal cliënten in) 1 deze gegevens zijn niet beschikbaar binnen mijn organisatie Indien bij vraag 11: categorie B, C en D = nee Einde vragenlijst 60
61 Blok 2 Gegevens dagbesteding, groepsniveau We willen u nu vragen enkele vragen te beantwoorden op groepsniveau. Het gaat om groepen die binnen uw organisatie worden onderscheiden in de dagbesteding voor volwassenen in groepsverband. 14. Hoeveel groepen binnen uw organisatie vallen onder de categorieën B, C en/of D? (dit zijn dus groepen die producten maken voor verkoop of diensten leveren, groepen die zich primair richten op recreatieve en educatieve activiteiten kunt u buiten beschouwing laten). We vragen u bij vraag 16 om enkele kenmerken in te vullen van deze groepen... (vul hier het aantal groepen in) 15. Hoeveel van deze groepen voeren de dagbestedingsactiviteiten uit binnen een regulier bedrijf of instelling of binnen een SW-bedrijf? Het gaat hierbij bijvoorbeeld om groepsdetacheringen of enclaves.. (vul hier het aantal groepen in) 16. We willen u vragen om van elke groep in de categorieën B, C en/of D een aantal kenmerken in te vullen (soort activiteit, categorie, aantal cliënten en aantal FTE begeleiding). Indien er binnen uw organisatie meer dan 10 verschillende groepen zijn, vragen we u de 10 groepen te beschrijven waar de meeste cliënten aan deelnemen. Groep 1 Soort activiteit (bv. groenonderhoud, industrieel werk, fietsen repareren) Categorie (B, C, D of een combinatie hiervan) Aantal deelnemende cliënten (per week) Aantal FTE begeleiding Groep 2 Groep 3 Groep 4 Groep 5 Groep 6 Groep 7 Groep 8 Groep 9 Groep 10 61
62 Blok 3 Het aanbod van activiteiten met een arbeidsmatig karakter Tenslotte willen we u enkele vragen stellen over het aanbieden van activiteiten met een arbeidsmatig karakter. Het gaat dan om activiteiten die gericht zijn op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Hiermee willen we inzicht krijgen in eventuele belemmeringen die u hierbij ervaart. 17. In hoeverre vindt u dat het aanbod van activiteiten met een arbeidsmatig karakter aansluit bij de behoefte van cliënten? 1 volledig Ga naar vraag 19 2 deels wel, deels niet 3 helemaal niet 18. Wat zijn redenen waarom het aanbod volgens u niet volledig aansluit bij de behoefte van cliënten? 19. Heeft u specifieke beleidsmatige activiteiten ondernomen om het aanbod van arbeidsmatige activiteiten (beter) te laten aansluiten bij de behoefte van cliënten? 1 Nee 2 Ja, namelijk Welke factoren hebben uw organisatie gestimuleerd / ondersteund bij het aanbieden van activiteiten met een arbeidsmatig karakter? 21. Welke factoren hebben uw organisatie belemmerd bij het aanbieden van activiteiten met een arbeids-matig karakter? Dit is het einde van de vragenlijst. Wij willen u hartelijk danken voor uw medewerking! 62
63 Bijlage 4 Bestaande definities Gehandicaptenzorg Van Pelt 1 hanteert voor dagbesteding in de verstandelijk gehandicaptensector een indeling in vijf type activiteiten: 1) loonarbeid onder aangepaste omstandigheden; 2) arbeidsmatige dagbesteding; 3) gevarieerde activiteiten; 4) zeer eenvoudige activiteiten en 5) zeer eenvoudige activiteiten plus verzorging / verpleging. Volgens Van Pelt kenmerkt arbeidsmatige dagbesteding zich door het feit dat er wel kwaliteits-, maar geen kwantiteitseisen aan de geleverde producten/diensten worden gesteld. Tevens is er sprake van een duidelijke arbeidsbeleving. Loonarbeid onder aangepaste omstandigheden wordt volgens Van Pelt daarentegen aangeboden in een niet vrijblijvende sfeer en worden zowel kwaliteits- als kwantiteitseisen aan de productie gesteld. Overigens kunnen arbeidsmatige activiteiten ook deel uitmaken van de derde categorie: gevarieerde activiteiten. GGZ Door het CTG wordt in de Beleidsregel prestatiebeschrijvingen extramurale zorg 2 de volgende beschrijving gegeven van arbeidsmatige activiteiten in de extramurale GGZ: Hieronder vallen gestructureerde activiteiten, waarbij met de cliënt gerichte afspraken zijn gemaakt over de werkzaamheden die verricht zullen worden (er is een overeenkomst tussen cliënt en aanbieder). Het gaat om onbetaalde werkzaamheden (wél is in de praktijk een beperkte onkostenvergoeding mogelijk). Er zijn duidelijke afspraken gemaakt over het aantal dagdelen dat de cliënt werkzaam is en het tijdstip waarop de werkzaamheden verricht worden. De volgende punten zijn van belang: arbeidsmatige activiteiten hebben betekenis in het kader van persoonlijke ontplooiing en verkenning van individuele mogelijkheden, bijvoorbeeld gericht op het opdoen van arbeidservaring of het toeleiden naar een (on-)betaalde baan; arbeidsmatige activiteiten zijn gericht op het aanleren en/of onderhouden van arbeidsvaardigheden; er is een stimulerend leer- en oefenmilieu; arbeidsmatige activiteiten zijn gericht op herstel van mensen met psychiatrische en/of psychische problemen (rehabilitatiedoelen) en dragen bij aan bevordering van maatschappelijke (her-) integratie; arbeidsmatige activiteiten hebben een stabiliserend effect op het dagelijks leven van de cliënten en dragen op die manier bij aan het voorkomen van isolement, terugval en decompensatie. 1 Van Pelt, 1997, De Zwakzinnigen Inrichting, uitgeverij de Tijdstroom. 2 CTG: Beleidsregel prestatiebeschrijvingen extramurale zorg. BELEIDSREGEL II-730/III-930 Bijlage 8 bij circulaire CAO/masr/A/04/17c 63
64 Toelatingscriteria Wsw 1 Aanvragers die te kennen geven voor een vorm van dagbesteding op grond van de AWBZ in aanmerking te willen komen worden eerst naar de indicatiecommissie sociale werkvoorziening verwezen tenzij bij de aanvraag op grond van informatie van derden evident is dat zij niet zullen worden toegelaten. Om te kunnen werken binnen de SW moet de aanvrager en of meerdere beperkingen hebben van lichamelijke aard, verstandelijke aard en/of psychische aard, waardoor aanpassingen in de arbeidssituatie noodzakelijk zijn die niet buiten de Wsw gerealiseerd kunnen worden, maar wel binnen de Wsw. Tevens moet de aanvrager in staat worden geacht met de noodzakelijke aanpassingen - regelmatig arbeid in Wsw-verband te kunnen verrichten. Daarbij gelden de volgende vier criteria: Meer dan één functie van verschillend functieniveau of in verschillende branches moet door de aanvrager kunnen worden vervuld; de maximaal benodigde inwerktijd, onder adequate begeleiding is daarbij voor de eenvoudigste functies niet langer dan 10 weken per functie. De tijd die nodig is voor persoonlijke begeleiding buiten de functionele contacten die, gegeven de aard van de functie, als gebruikelijk moeten worden beschouwd is gelimiteerd tot vijftien procent van de te werken arbeidstijd. Aaneengesloten moet kunnen worden gewerkt, tenminste over een periode van een uur. De aanvrager in staat moet zijn een minimum prestatie te leveren van vijftien procent van een normale arbeidsprestatie. Deze criteria zijn vastgelegd in een beslisschema. Indien de aanvrager aan al deze criteria voldoet krijgt deze een indicatie voor de sociale werkvoorziening. 1 Besluit van 24 september 2004 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening alsmede de bepalingen betreffende de indicatie en herindicatie in het kader van genoemde wet in de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (besluit uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken). 64
65 Bijlage 5 Bezochte dagbestedingslocaties Organisatie Locatie Activiteiten Categorie activiteiten 1 Categorie cliënten Roads Grafisch bureau Grafisch ontwerpen, kopiëren, administratie B, C GGZ Haarlemmerhoutproject Houten meubels e.d. maken / opknappen A, B GGZ Zorghotel Gasten ontvangen, schoonmaken, koken etc. B, C GGZ Radar ARC Radar Werk Receptie, administratie, houtbewerking, fietsenmakerij, C, D GGZ keuken, grafische dienst, assemblage. Borghuis Café / eethuis C, D GGZ / VG DAC Doetinchem Fietsenreparatiewerkplaats, klusserij, klussencursus, A, B GGZ handvaardigheid, tekenen en schilderen, textiel, computercursus, bar (inloop) catering, wandelen. ARC Grutbroek Hout, assemblage, pottenbakkerij C, D GGZ Maaskringgroep De Opslag Verkoop tweede hands spullen: ophalen spullen, opknappen/schoonmaken, B, C, D GGZ verkoop Het bestek Restaurant: maaltijden bereiden, serveren en afrekenen C, D GGZ / VG Gemiva-SVG AC Noordbaan Licht industrieel werk, houtwerkplaats (speelgoed) B VG AC Jottem Diverse creatieve (productie)groepen (ansichtkaarten, A, B VG kaarsen, aardewerk etc), taarten bakken Sherpa Sherpa bedrijf Licht industrieel werk C VG / LG / GGZ AC Het Laapershonk Diverse creatieve productiegroepen A, B VG De Compaan Park met sport Opruimen, schoonmaken van hockeyvelden en kantine B VG Bedrijfskantine Bereiden en verkopen van de lunch, schoonmaken, C VG verzorgen koffiecorners AC Weesperstraat Recreatieve activiteiten, folders bezorgen, licht industrieel A, B VG werk Stichting AGO Westend Licht industrieel werk B, C VG / LG / GGZ Siza Dorp Groep Sara Elden Graveren, drukwerk, koerier, kinderkleding naaien C VG / LG / GGZ etc. Sara Driel Kaarsen maken B VG AC de Houtmolen Diverse creatieve productiegroepen (houtwerkplaats, A, B LG (m.n. NAH) schilderen, keramiek), kinderboerderij Interaktcontour AC de Trommel Creatieve groepen A LG (m.n. NAH) AC De Pol Bakkerij, textielgroep, winkel, aardewerk, sieraden A, B LG (m.n. NAH) e.d. Praag en de Werkerij Grafisch bureau, maken en opknappen meubels (hout & metaal) B LG (m.n. NAH) 1 A = recreatie en educatie, B = vrijblijvend arbeidsmatig, C = niet-vrijblijvend arbeidsmatig, D = toeleiding naar arbeid. 65
66 66
67 Bijlage 6 Overzicht van de onderzoeksresultaten Categorie Voorbeeldactiviteiten 1 Typologie cliënten Omvang Vrijblijvend arbeidsmatig Grafisch bureau Cliënten kunnen deelnemen aan de activiteiten als ze: Hout- en metaalwerkplaats Interesse in de activiteit hebben Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten bakkerij een bijdrage kunnen leveren aan de productie / voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij de Creatieve productie: aardewerk, houtbewerking, dienstverlening (niet alleen maar toekijken). meer vrijblijvende vormen van arbeidsmatige dagbesteding textiel etc., bedoeld voor de verkoop Een kwalitatief acceptabele bijdrage kunnen leveren worden geen kwantitatieve of kwalitatieve produc- tie-eisen gesteld. Er is geheel geen tijdsdruk, cliënten Licht industrieel werk (assemblage, inpakken, sorteren) Enigszins zelfstandig kunnen werken (1 op 1 begeleiding is niet continu mogelijk) kunnen bijvoorbeeld vaak pauze nemen. Er zijn wel afspraken Kantine Opdrachten willen uitvoeren over de aard van de activiteiten en de dagdelen Kaarsen maken De benodigde vaardigheden hebben of kunnen le- en tijdstippen waarop de activiteiten worden uitgevoerd, Kranten / folders bezorgen ren maar er zijn geen consequenties aan verbonden als de Taarten bakken Afspraken kunnen nakomen cliënt de afspraken niet nakomt. Zorgboerderij Bij sommige activiteiten (externe opdrachten): om Fietsenmakerij kunnen gaan met enige productiedruk / werkdruk Klussendienst Bij sommige activiteiten: kunnen en willen samenwerken. Zorghotel Niet weglopen (genoemd in VG sector) Dit betekent in de praktijk dat cliënten die veel verzorging nodig hebben en cliënten met een meervoudige complexe handicap over het algemeen niet in aanmerking komen voor deelname aan activiteiten in deze categorie. Ernstige gedragsproblemen, diefstal of gebrek aan motivatie kunnen redenen zijn om (tijdelijke) schorsing of overplaatsing naar een andere activiteit te overwegen. Gehandicaptensector: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal dagdelen per jaar: 3,4 miljoen Geschat budget per jaar: 122 miljoen euro GGZ: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal uren per jaar: 1,4 miljoen Geschat budget per jaar: 10 miljoen euro 1 Bij sommige activiteiten, bijvoorbeeld het zorghotel, is de dagbesteding voor een deel van de cliënten vrijblijvend arbeidsmatig, maar voor andere cliënten niet vrijblijvend arbeidsmatig. Deze activiteiten worden in meerdere categorieën genoemd. 67
68 Niet vrijblijvend arbeidsmatig Deze activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij arbeidsmatige dagbesteding worden (beperkte) kwalitatieve en kwantitatieve productie-eisen gesteld. De kwantitatieve eisen liggen wel onder de eisen die worden gesteld bij de sociale werkvoorziening. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een groep een target heeft die per dag gehaald moet worden, waarbij alle deelnemers worden verwacht een bijdrage te leveren. Wel kan de individuele bijdrage per dag verschillen. Bij het niet nakomen van afspraken (over de activiteiten, dagdelen en tijdstippen) kunnen daar consequenties aan verbonden zijn (bijv. overplaatsing naar een andere groep, geen onkostenvergoeding). Drukwerk Graveren Administratie Licht industrieel werk/assemblage Kantine/ keuken Catering Receptie Koerierswerk Kinderkleding maken Café / eethuis / restaurant Zorghotel Grafisch bureau Post Houtbewerking Fietsenmakerij Pottenbakkerij Cliënten kunnen deelnemen aan de activiteiten als ze: Interesse in de activiteit Een bijdrage kunnen leveren aan de productie / dienstverlening Leiding kunnen en willen accepteren Gemotiveerd zijn, plezier hebben in de activiteit Afspraken kunnen nakomen Een kwalitatief acceptabele bijdrage kunnen leveren Met enige mate van tijdsdruk om kunnen gaan Een bepaalde mate van handvaardigheid hebben Enige sociale vaardigheden hebben Enigszins zelfstandig kunnen werken Beschikken over enig concentratievermogen In de GGZ-sector kunnen, afhankelijk van de fase waarin de cliënt zich bevindt productiviteitseisen worden gesteld. Het is de bedoeling dat cliënten een ontwikkeling laten zien. Gehandicaptensector: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal dagdelen per jaar: 2,1 miljoen Geschat budget per jaar: 74 miljoen euro GGZ: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal uren per jaar: 0,9 miljoen Geschat budget per jaar: 6 miljoen euro Toeleiding naar arbeid Het doel van de activiteiten is toeleiding naar (reguliere) arbeid. Er zijn afspraken over de termijn waarbinnen de toeleiding naar arbeid plaats moet vinden. De activiteiten zijn gericht op het maken van producten voor de verkoop of het leveren van diensten. Bij toeleiding naar arbeid worden kwalitatieve en kwantitatieve productieeisen gesteld. Restaurant / café / eethuis Kringloop Receptie / administratie Post Houtbewerking Fietsenmakerij, Keuken Grafische dienst Assemblage Pottenbakkerij Ernstige gedragsproblemen, diefstal of gebrek aan motivatie kunnen redenen zijn om (tijdelijke) schorsing of overplaatsing naar een andere activiteit te overwegen. Zie bovenstaande. Afhankelijk van het stadium waarin de cliënt zich bevindt worden productiviteitseisen en werkdruk opgebouwd. Vaak wordt een termijn gesteld waarbinnen toeleiding naar arbeid mogelijk moet zijn (bijvoorbeeld 1,5 tot 2 jaar). Ontwikkelingen worden planmatig uitgevoerd en geëvalueerd. Gehandicapten: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal dagdelen per jaar: 0,3 miljoen Geschat budget per jaar: 11 miljoen euro GGZ: Geschat aantal cliënten: Geschat aantal uren per jaar: 0,4 miljoen Geschat budget per jaar: 3 miljoen euro Hoewel toeleiding naar arbeid in de gehandicaptensector wel in kleine omvang voorkomt, zijn in het onderzoek alleen activiteiten in de GGZ-sector die aan deze beschrijving voldoen betrokken. Toelichting bij de tabellen: In alle sectoren en bij alle categorieën activiteiten gelden tevens praktische criteria voor deelname aan activiteiten, zoals: hygiënisch kunnen werken bij voedselbereiding, vaardigheid in het omgaan met machines bij houtbewerking, het duidelijk kunnen praten en de telefoon op durven nemen bij receptiewerk, klantcontacten aankunnen bij een eetcafé. Aan sommige activiteiten kunnen cliënten in een rolstoel lastig deelnemen (bijv. kranten bezorgen, werken in een krappe keuken). 68
69 Research voor Beleid Schipholweg Postbus AZ Leiden telefoon: (071) telefax: (071)
Budgetten en vergoedingen wat betreft zorgboerderijen
Budgetten en vergoedingen wat betreft zorgboerderijen Deze notitie is bedoeld om meer inzicht te geven over de budgetten en vergoedingen die op zorgboerderijen betrekking kunnen hebben als het gaat om
Aantal cliënten per stelsel nu en. Straks 18.400. Figuur 1 - Aantal cliënten (18-) naar huidig en toekomstig stelsel
Gehandicaptenzorg van AWBZ naar Jeugdwet Vanaf 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor de volledige jeugdzorg. Vanuit verschillende domeinen wordt dan de zorg voor kinderen en jongeren onder de 18
Arbeidsmatige dagbesteding werkt
Arbeidsmatige dagbesteding werkt Marjet van Houten 14 maart 2014 18-03-14 Programma Welkom, kennismaking Korte inleiding arbeidsmatige dagbesteding Samenloop met beschut werken Wat komt er op het bordje
Behandeld door Telefoonnummer adres Kenmerk l / Ervaringen invoering Wlz 16 september 2015
Aan alle Wlz-uitvoerders Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 E [email protected] I www.nza.nl Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres l Onderwerp Datum
KADERS CONTRACT INLOOP GGZ OPDRACHTGEVERS
Kaders Contract Inloop GGZ Ons kenmerk: 14.0007294 KADERS CONTRACT INLOOP GGZ OPDRACHTGEVERS Gemeente Blaricum Gemeente Bussum Gemeente Eemnes Gemeente Hilversum Gemeente Huizen Gemeente Laren Gemeente
Zorg en Ondersteuning aan mensen met een verstandelijke beperking. Wat verandert er in de zorg in 2015
Zorg en Ondersteuning aan mensen met een verstandelijke beperking Wat verandert er in de zorg in 2015 De zorg in beweging Wat verandert er in 2015? In 2015 verandert er veel in de zorg. Via een aantal
Iedereen wordt welkom geheten en er wordt een voorstelrondje gedaan.
Thematisch werkatelier Dagbesteding bijeenkomst 1 Datum 11 maart 2012 Gemeentehuis Oosterhout Deelnemers Naam Ad Huijsman Mark Nederhof Rob van Uden Teus Kortlever Corinne Adema Luus Hendriks Stella Terlouw
Tafel 3: AFRONDING FASE 1
Tafel 3: AFRONDING FASE 1 Agenda 10.00 10:45 Stand van zaken werkgroepen 10.45 11.00 Toelichting openstaande punten 11.00 12.15 Doorlopen concept deelovereenkomst 12.15 12:30 Vervolgtraject Stand van zaken:
Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update
Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update Inleiding In juni 2013 heeft de VGN de eerste impactanalyse van het kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptenzorg
Decentralisatie extramurale Begeleiding. Suzanne Goedoen Saskia Hartendorp 16 juni 2011
Decentralisatie extramurale Begeleiding Suzanne Goedoen Saskia Hartendorp 16 juni 2011 Huidige omvang AWBZ Lasten 2010 Verpleging en verzorging Gehandicaptenzorg GGZ Overige zorg Subsidie PGB Overige lasten
Analyse databestanden ten behoeve van verblijfszorg thuis. Eindrapportage
Analyse databestanden ten behoeve van verblijfszorg thuis Eindrapportage Analyse databestanden ten behoeve van verblijfszorg thuis Eindrapportage Enschede, 18 juni 2007 NV/07/1673/afp mw. ir. N.M.H. van
BELEIDSREGEL CA-300-583. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire CARE/AWBZ/13/05c
Bijlage 12 bij circulaire CARE/AWBZ/13/05c BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit
Beleidsnotitie dagbesteding Senioren+
Beleidsnotitie dagbesteding Senioren+ Beleidsnotitie Dagbesteding Auteur(s) T. Dries Datum Oktober 2009 Advies/instemming: Managementteam 27 oktober 2009 Centrale Verwantenraad 26 januari 2010 Centrale
Rolstoelen AWBZ Gevolgen van artikel 15 BZA-AWBZ
Onderzoeksrapport Rolstoelen AWBZ Gevolgen van artikel 15 BZA-AWBZ Op 19 juni 2006 uitgebracht aan het hoofd van de afdeling Geschillen van het College voor zorgverzekeringen Uitgave College voor zorgverzekeringen
BELEIDSREGEL CA-300-536. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire AWBZ/Care/12/07c
Bijlage 12 bij circulaire AWBZ/Care/12/07c BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit
Dagbesteding en werken bij Eleos
Dagbesteding en werken bij Eleos Activiteiten In een arbeidstrainingscentrum biedt Eleos activiteiten aan voor mensen die op zoek zijn naar een zinvolle dagbesteding, arbeids(re)integratie of scholing.
Wmo begeleiding WF6 2017
Wmo begeleiding WF6 2017 Perceelbeschrijving Dagbesteding - Arbeidsmatig & Belevingsgericht Drechterland, Enkhuizen, Koggenland, Medemblik, Opmeer, Stede Broec. Perceelbeschrijving dagbesteding arbeidsmatig
BELEIDSREGEL BR/FZ-0003
BELEIDSREGEL ZZP-TARIFERING EN TARIEVEN EXTRAMURALE PARAMETERS IN DE FORENSISCHE ZORG Ingevolge artikel 57 eerste lid onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) juncto artikel 6 van
Rapport Monitor decentralisaties Federatie Opvang
Rapport Monitor decentralisaties Federatie Opvang Amersfoort, maart 2015 1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 2 Respons en achtergrondkenmerken 3 Inkoop 4 Administratieve lasten en kwaliteitseisen 5 Gevolgen
Cliëntenonderzoek Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Zutphen 2015
Cliëntenonderzoek Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Zutphen 2015 Gemeente Deventer Team Kennis en Verkenning Jaap Barink Juni 2015 Inhoud Samenvatting... 4 Inleiding... 6 1. Indienen melding...
BELEIDSREGEL CA-300-523. Volledig Pakket Thuis
BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis Op grond van artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast
Blad 1. Bijlage 3. Nadere beschrijving productcodes en diensten Maatwerkvoorziening Begeleiding
Bijlage 3. Nadere beschrijving product en diensten Maatwerkvoorziening Begeleiding Op basis van de prestatiebeschrijvingen opgesteld door de Nza (2013). Nza F125 Dagactiviteit GGZ-LZA (p/u.) Toeleidingtraject
Overheveling Begeleiding. Suzanne Goedoen Yvonne Gökmen 31 mei 2011
Overheveling Begeleiding Suzanne Goedoen Yvonne Gökmen 31 mei 2011 Omvang AWBZ Lasten 2010 Verpleging en verzorging Gehandicaptenzorg GGZ Overige zorg Subsidie PGB Overige lasten 12,9 miljard 6,4 miljard
Eigen bijdrage Zorg zonder Verblijf en Wmo 2013. Zorg thuis
Eigen bijdrage Zorg zonder Verblijf en Wmo 2013 Zorg thuis Ontvangt u zorg thuis zoals verpleging of begeleiding? Dit heet Zorg zonder Verblijf. Heeft u hulp bij het huishouden of een voorziening of hulpmiddel,
Achtergrondinformatie geldstromen en wetten
Achtergrondinformatie geldstromen en wetten Tot stand gekomen in het kader van het project RAAK-MKB Ontwerpen voor zorgverleners Auteurs Dr. F. Verhoeven; onderzoeker lectoraat Co-design (HU) Ing. K. Voortman-Overbeek;
Vragenlijst voor PGB houders regio Kop van Noord Holland
Vragenlijst voor PGB houders regio Kop van Noord Holland Met deze vragenlijst kunt u zich voorbereiden op het invullen van de digitale versie op www.hhm.nl/pgbregiodenhelder Volgens onze inschatting kost
ACTIVITEITEN EN WERK VOOR MENSEN MET EEN LICHAMELIJKE HANDICAP EN/OF NIET-AANGEBOREN HERSENLETSEL
Ondersteuning bij activiteiten en werk ACTIVITEITEN EN WERK VOOR MENSEN MET EEN LICHAMELIJKE HANDICAP EN/OF NIET-AANGEBOREN HERSENLETSEL Voorpagina: Gerben de Gruijl: Jarenlang had ik mij beziggehouden
Geachte mevrouw Mete en heer Spoeltman,
Aan de leden van Provinciale Staten, mevrouw F. Mete en de heer H. Spoeltman Datum : 23 juni 2009 Briefnummer : 2009-37.030/25/A.6, CW Zaaknummer : 181452 Behandeld door : R.J. Vos Telefoonnummer : (050)
Begeleiding AWBZ Ontwikkelingen aanspraak AWBZ-functie BG Gemeente 's-gravenhage
Begeleiding AWBZ 2009 Ontwikkelingen aanspraak AWBZ-functie BG Gemeente 's-gravenhage Eerste kwartaal 2009 Inhoudsopgave 0. Voorwoord 2 1. Inleiding 3 2. Cliënten met BG op 1 januari 4 3. Cliënten met
c. De termijn waarvoor deze beleidsregel geldt loopt tot en met 31 december 2011.
Bijlage 25 bij circulaire AWBZ/Care/10/10c BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis (VPT) 1. Algemeen a. Deze beleidsregel is van toepassing op de zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Algemene Wet
Dagbesteding. WMO en dagbesteding regio Amsterdam
Dagbesteding WMO en dagbesteding regio Amsterdam Samenwerken biedt kansen In uw gemeente wonen cliënten die voor het merendeel al jaren gebruik maken van Heliomare Dagbesteding. Met deze folder willen
Voor u ligt een opzet van de Wmo-arrangementen GGZ, zoals voorbereid in de werkgroep BW van 24 augustus en 15 september jl.
V02 Wmo arrangementen GGZ - Werkgroep Beschermd Wonen (BW) Aan : Fysieke overlegtafel Beschermd Wonen 20 september 2016 Van : Werkgroep Beschermd Wonen Datum : 16 september 2016 Inleiding De Wmo-arrangementen
Vertaaltabel ZZP naar functies/klassen versie 4.1 Van toepassing per 1-1-2011 t/m 31-3-2011
#2010084698v6 Vertaaltabel ZZP naar functies/klassen versie 4.1 Van toepassing per 1-1-2011 t/m 31-3-2011 Wijzigingshistorie Datum Auteur Versie Wijziging 12-12-2006 CVZ 1.0 Definitieve versie 04-04-2007
ZZP VV. Toelichting op de tabellen Voor een toelichting op onderstaande tabellen, zie laatste pagina. PV SGLVG som VP VG VV ZG aud ZG vis ZG ZZP
Overzicht pgb ZZP tarieven Tabel opgemaakt door Per Saldo, februari, overeenkomstig de beleidsregel langdurend verblijf (LDV) van het CVZ (Aan deze tabel kunnen geen rechten worden ontleend) Afkortingen
1. Alle dagbesteding inclusief vervoer gaat naar de gemeente (Wmo en Jeugdwet). Ook de dagbesteding van cliënten met een hoog zzp.
17 misverstanden over de Wet langdurige zorg (Wlz) Per 1 januari 2015 komt de Wet langdurige zorg (Wlz) in de plaats van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De Wlz is van toepassing op cliënten
Aan het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlem
Aan het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlem Datum Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer E-mail Kopie aan Onderwerp 3 november 2016 2016/18 S.K. Augustin 023-511 5273 [email protected]
Opzet gegevensuitwisseling Plein en aanbieders
Opzet gegevensuitwisseling Plein en aanbieders Informatie Deelovereenkomst In de bijlage 3 bij de deelovereenkomst van de Basisovereenkomst Inkoop Sociaal Domein is een nadere beschrijving van de productcode
Algemene gegevens Om te beginnen willen wij graag wat algemene informatie van u ontvangen. Uw gegevens worden geanonimiseerd verwerkt.
VRAGENLIJST Quickscan voorbereiding decentralisatie begeleiding Algemene gegevens Om te beginnen willen wij graag wat algemene informatie van u ontvangen. Uw gegevens worden geanonimiseerd verwerkt. Vraag
Uitkomsten enquête toetsingskader doelmatige en verantwoorde zorg thuis
Bl-16-10236 Tekst voor de website Uitkomsten enquête toetsingskader doelmatige en verantwoorde zorg thuis In 2015 is het toetsingskader doelmatige en verantwoorde zorg thuis ingevoerd. Het kader is een
Bijlage B. Uitgaven en gebruik formele langdurige zorg en ondersteuning. Ab van der Torre. Pagina 1 van 22
Bijlage B Uitgaven en gebruik formele langdurige zorg en ondersteuning Ab van der Torre Pagina 1 van 22 Bijlage bij de publicatie: Landelijke evaluatie van de Hervorming Langdurige Zorg. Veranderde zorg
De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij Research voor Beleid. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in
Achtergronden en motieven bij wachten op een pgb Eindrapport Een onderzoek in opdracht van het ministerie van VWS drs. L. Boer drs. M. Hollander Projectnummer: B3811 Zoetermeer, 16 december 2010 De verantwoordelijkheid
Ik krijg nu AWBZ-zorg. Wat krijg ik in 2015?
Factsheet Ik krijg nu AWBZ-zorg. Wat krijg ik in 2015? De overheid gaat de langdurige zorg anders organiseren. Hoe is de overgang van de ene wet naar de andere geregeld? Vanaf 1 januari 2015 verandert
Quickscan dagbesteding
Quickscan dagbesteding Een basis voor innovatie TL/12/0233 12 oktober 2012 Over Timeslab TimesLab richt zich op innovaties in de zorg. Wij hebben voor onze opdrachtgevers een meerwaarde door onze kennis
Werken, dagbesteding & vrije tijd bij SDW. SDW ondersteunt mensen met een handicap.
Werken, dagbesteding & vrije tijd bij SDW SDW ondersteunt mensen met een handicap. Wat kan SDW voor u betekenen? Iedereen in West-Brabant met een verstandelijke beperking kan terecht bij SDW voor ondersteuning
Verkenning effecten zorgzwaartebekostiging voor cliëntgroepen zonder verblijf
Verkenning effecten zorgzwaartebekostiging voor cliëntgroepen zonder verblijf Enschede, maart 2008 MK/08/0440/imz2 mw. drs. M. Kingma mw. drs. M.L. Pansier-Mast mw. ir. H. van der Werf Inhoudsopgave Samenvatting...
Unal College. Professionele zorg, aandacht voor culturele achtergrond
Unal College Trainingen en werkbegeleiding aan (jong) volwassenen met een verstandelijke beperking Unal College Professionele ondersteuning en training met aandacht voor culturele achtergrond voor (jong)
Gemeente Roosendaal. Cliëntervaringsonderzoek Wmo over Onderzoeksrapportage. 26 juni 2017
Gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2016 Onderzoeksrapportage 26 juni 2017 DATUM 26 juni 2017 Dimensus Beleidsonderzoek Wilhelminasingel 1a 4818 AA Breda [email protected] www.dimensus.nl (076) 515
Verpleging en verzorging (V&V)
Bijlage 1 : Aanscherping ZZP-omschrijvingen en algoritmen Op verzoek van VWS zijn de zorgzwaartepakketten (ZZP s) voor de AWBZ inhoudelijk aangescherpt en de algoritmen in het ZZP-registratieprogramma
Doelgroeponderzoek AWBZ en Wmo Utrecht
Stavangerweg 23-5 9723 JC Groningen telefoon (050) 5252473 fax (050) 5252473 Hardwareweg 4 3821 BM Amersfoort Telefoon (033) 4546665 e-mail [email protected] website www.kwiz.nl Doelgroeponderzoek AWBZ en
Aan de commissie Inwonerszaken
Vergaderdatum 29 augustus 2007 Made, 14 mei 2007 Agendapunt Aan de commissie Inwonerszaken Onderwerp Leesstuk indicatie en levering Hulp bij het huishouden Voorstel Financiële paragraaf Ter kennísname:
Ik krijg nu AWBZ-zorg. Wat krijg ik in 2015?
Factsheet Ik krijg nu AWBZ-zorg. Wat krijg ik in 2015? De overheid gaat de langdurige zorg anders organiseren. Hoe is de overgang van de ene wet naar de andere geregeld? Vanaf 1 januari 2015 verandert
Dagbesteding. WMO en dagbesteding
Dagbesteding WMO en dagbesteding Samenwerken biedt kansen In uw gemeente wonen cliënten die voor het merendeel al jaren gebruik maken van Heliomare Dagbesteding. Met deze folder willen we u informeren
Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update 5
Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update 5 Inleiding In juni 2013 publiceerde de VGN de eerste impactanalyse van het kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptenzorg.
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG
>Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Primair Onderwijs IPC 2400 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ
Presentatie decentralisatie AWBZ > Wmo Gemeente Eindhoven
Presentatie decentralisatie AWBZ > Wmo Gemeente Eindhoven Dinsdag 4 februari 2014 De data in de decentralisatie monitor betreft taken die vanuit de AWBZ en zorgverzekeringswet naar gemeenten komen Taken
Regionale Bijeenkomsten Zorgkantoorregio s
Regionale Bijeenkomsten Zorgkantoorregio s Regio: Rotterdam (gemeenten Rotterdam, Capelle a.d. IJssel en Krimpen a.d IJssel) John Boumans Accountmanager VV&T Achmea Zorgkantoor Agenda Vormen van begeleiding,
De NZa berekent de totale contracteerruimte voor 2014 met inachtneming van de volgende punten:
> Retouradres Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Kenmerk
!7": ZORG 'EHANDICAPTENZORG
!7": ZORG 'EHANDICAPTENZORG )NKOOPBELEID,ANGDURIGE :ORG +LANTVERSIE De inkoop van gehandicaptenzorg in 2015 1 Als het nodig is heb je recht op langdurige zorg. Denk aan thuiszorg, verblijf in een verpleeg-
Bijsluiter. Productiegegevens Zorg zonder Verblijf Wet maatschappelijke ondersteuning
Bijsluiter Productiegegevens Zorg zonder Verblijf Wet maatschappelijke ondersteuning Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Samenstelling datasets 4 2.1 Zorgafname per regeling (zorgperiode en zorgjaar) 4 2.2 Zorgafname
Factsheet Begeleiding onder de Wmo in de Hoeksche Waard
Factsheet onder de Wmo in de Hoeksche Waard Alexander Neels 9 april 0 Analyse dataset naar Wmo In het kader van de overheveling van begeleiding en van de AWBZ naar de Wmo is er per gemeente een tweede
Uitkomsten enquête Toetsingskader Doelmatig en Verantwoorde Zorg Thuis
Bl-16-10222 Uitkomsten enquête Toetsingskader Doelmatig en Verantwoorde Zorg Thuis Zorgverzekeraars Nederland 21 maart 2016 1 Uitkomsten enquête Toetsingskader Doelmatig en Verantwoorde Zorg Thuis In 2015
Veel gestelde vragen overgangsrecht persoonsgebonden budget (PGB) Jeugd
Veel gestelde vragen overgangsrecht persoonsgebonden budget (PGB) Jeugd Wat is trekkingsrecht? Begin september heeft u een brief ontvangen van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) over het PGB via trekkingsrecht.
Kwaliteitsonderzoek begeleiding
Kwaliteitsonderzoek begeleiding Kwaliteitsonderzoek Begeleiding najaar 2016 Pagina 1 van 18 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 2. Werkwijze en verantwoording 5 Het doel van het onderzoek 5 Uitvoering onderzoek
Regeling gezamenlijke aanlevering ZZP-opgave
REGELING Gezamenlijke aanlevering ZZP-opgave Regeling gezamenlijke aanlevering ZZP-opgave Gelet op de artikelen 61, 62 en 68 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) heeft de Nederlandse Zorgautoriteit
BELEIDSREGEL AL/BR Overheveling GGZ budget AWBZ-Zvw
BELEIDSREGEL Overheveling GGZ budget AWBZ-Zvw Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels
Productenboek dagbesteding Informatie voor (potentiële) cliënten en verwanten over dagbestedingsproducten van Amerpoort.
Productenboek dagbesteding Informatie voor (potentiële) cliënten en verwanten over dagbestedingsproducten van Amerpoort. Iedereen besteedt z'n dag graag op z'n eigen manier. Daarom heeft Amerpoort een
Onafhankelijke cliëntondersteuning Wlz
Het Huis voor de Zorg: * Is een onafhankelijke organisatie, die zorgvragers/zorgconsumenten in Limburg een eigen stem geeft samen met een sterk netwerk van provinciale maatschappelijke organisaties. Gefinancierd
Harry Zegerius (06) 51 96 34 13 Bas Bodzinga (06) 51 43 34 13. Inspiratiesessie: Arbeidsmatige Dagbesteding
Harry Zegerius (06) 51 96 34 13 Bas Bodzinga (06) 51 43 34 13 Inspiratiesessie: Arbeidsmatige Dagbesteding Philadelphia Verantwoordelijkheid Passie Aandacht Professionaliteit - 2 Philadelphia Philadelphia
( ) Anja Tissen - PPT Huisstijl[1].ppt Pagina 1. Welkom bij Gemeente Haaren
(06-02-2012) Anja Tissen - PPT Huisstijl[1].ppt Pagina 1 Welkom bij Gemeente Haaren (06-02-2012) Anja Tissen - PPT Huisstijl[1].ppt Pagina 2 TRANSITIE AWBZ Aanleiding: Forse groei aanspraken AWBZ Maatregelen:
Gebruik In de bijlage (volgt nog) zijn gegevens opgenomen over het gebruik dagactiviteiten in 2015 in de regio.
Startnotitie Dagactiviteiten Huidige situatie In de huidige uitvoering van dagactiviteiten is een onderscheid in drie segmenten : dagactiviteiten voor jeugd, volwassenen en ouderen. Zij worden gescheiden
Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting
Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting Marlijn Abbink-Cornelissen Marcel Haverkamp Janneke Wilschut 5 April 2016 1 Samenvatting Samenvatting Dit is het vijfde rapport van de monitor HH(T). Deze monitor inventariseert
Subsidiënt: Ministerie van VWS. Zorgverleners werken liever met interne oproepkrachten dan met personeel van buitenaf
De gegevens in deze factsheet mogen met bronvermelding (E.E.M. Maurits, A.J.E. de Veer & A.L. Francke. Zorgverleners werken liever met interne dan met personeel van buitenaf. Utrecht: NIVEL, 2013) worden
Raadsledendag 20 september
Raadsledendag 20 september Wet langdurige zorg & Zorgverzekeringswet Marlies Kamp Manon Jansen Programmamanagement HLZ 3 Presentatie 1. Wet langdurige zorg 2. Zorgverzekeringswet 3. Implementatie 4. Communicatie
Signaal. Signaal. Mensen met een beperking in Den Haag
Signaal Signaal Uitgave Auteurs Informatie Onderzoek en Marlies Diepeveen Marlies Diepeveen Integrale Vraagstukken 070-3535386 Nr 9, Jaargang 2007 [email protected] Oplage Redactieadres Internet
Analyse Beschermd wonen regio Holland Rijnland 5 december 2014
Analyse Beschermd wonen regio Holland Rijnland 5 december 2014 1 Toelichting bij de analyse De centrumgemeente Leiden heeft op verschillende momenten in 2014 gegevens ontvangen over Beschermd wonen van
