Molendijkzaal Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Molendijkzaal 0.01. Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting 2015-2018"

Transcriptie

1 OVERZICHT De Ronde Aanvang: 19:00 Tijd Externe locatie: De Observant Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal :00 Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijk beheer en milieu vrz: Kennedy-Doornbos pfh: Tigelaar secr: Bongers Bestuur en dienstverlening vrz: Hessels pfh: Houwing/Bolsius/Tigelaar secr: Pen Veiligheid en handhaving vrz: Dijksterhuis pfh: Bolsius/Tigelaar secr: Van Kan 19:30 Wijken en wonen vrz: Kennedy-Doornbos pfh: Imming secr: Bongers Onderwijs vrz: Hessels pfh: Houwing secr: Pen Mobiliteit vrz: Dijksterhuis pfh: Buijtelaar secr: Van Kan 20:00 Sociaal Domein vrz: Kennedy-Doornbos pfh: Imming/Tigelaar secr: Bongers Economie en duurzaamheid vrz: Van Wijngaarden pfh: Van den Berg secr: Pen Sport vrz: Dijksterhuis pfh: Buijtelaar secr: Van Kan 20:30 Cultuur vrz: Van Wijngaarden pfh: Van den Berg secr: Pen Ruimtelijke ontwikkeling vrz: Dijksterhuis pfh: Buijtelaar secr: Van Kan 21:00 Statafelgesprekken Bestemmingsplan Euterpeplein 1 vrz: Paffen- Zeenni pfh: Buijtelaar secr: Bongers Beleidskader Sociaal Domein (voortgezette bijeenkomst) vrz: Van der Spoel pfh: Imming/Tigelaar secr: Van Kan 21:45 22:00 Verordeningen Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp vrz: Smulders pfh: Imming/Tigelaar secr: Van Kan 22:30 1

2 Datum: dinsdag 14 oktober 2014 Aanvang: 21:00 Statafelgesprekken Informatie

3 Statafelgesprekken Informatie Raadsleden, inwoners en vertegenwoordigers van instellingen praten met elkaar verder over de begroting in De Observant. Per onderwerp is er een statafel, waaraan men met elkaar in gesprek gaat. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Vooraf aanmelden is niet nodig.

4 De Ronde Datum: dinsdag 14 oktober 2014 Aanvang: 19:00 Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijk beheer en milieu Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Wijken en wonen Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Sociaal Domein Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Bestemmingsplan Euterpeplein 1 Voorbereiding besluit

5 Stedelijk beheer en milieu Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting (pdf) Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Milieudefensie - Begroting (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijke Beheer en Milieu (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijk beheer en Milieu (pdf) Audioverslag

6 Wijken en wonen Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak Clowntjeshof e.a. kleinschalige, niet commerciële evenementen - Begroting (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Wijken en Wonen (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Wijken en Wonen (pdf) Audioverslag

7 Sociaal Domein Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak Sovee - Begroting (Sociaal Domein) (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sociaal Domein (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sociaal Domein (pdf) Audioverslag

8 Bestemmingsplan Euterpeplein 1 Voorbereiding besluit Inhoud agendapunt Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (pdf) Raadsvoorstel gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (pdf) Bijlage - Digitaal ontwerpbestemmingsplan Bijlage - Zienswijzennota Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (pdf) Bijlage - Modelkeuzeformulier (pdf) Raadsinformatiebrief - RIB Ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (pdf) Ingekomen s inspraak Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (pdf) Audioverslag

9 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

10 Feitelijke vragen over conceptbegroting Beh. afdeling CM-CF Reg. nr Algemeen Fractie Vraag Datum 1. Groen Links In de begroting zijn prestatie-indicatoren en gerealiseerde waarden per programma en deelprogramma gespecificeerd voor de jaren voor Streefwaarden voor die indicatoren voor de jaren ontbreken grotendeels. Tijdens de presentatie van de begroting door de wethouder Financiën is na een vraag van GroenLinks hierover toegezegd dat de indicatoren en streefwaarden voor 2015 en volgende jaren zouden worden toegevoegd aan de begroting. Dat is nog niet gebeurd. Daarom nogmaals de vraag: Wat zijn per programma de prestatieindicatoren en bijbehorende streefwaarden (eventueel met marges) voor de jaren ? 2. SP Bij voorgaande begrotingsbehandelingen formuleerde het college de raadsvoorstellen zo dat de beslispunten de beleidskeuzes inzichtelijk maakten en aangaven waar de verschillen zaten met het tot dat moment gevoerde beleid. Op die manier waren de beslispunten bovendien goed amendeerbaar. Waarom is er nu voor een andere vorm gekozen? 3. SP Bij de presentatie van de voorliggende begroting werd aangegeven dat het college gebruik heeft gemaakt van externe functionarissen om de vormgeving van de begroting te wijzigen. Hoeveel is er voor deze functionarissen betaald? 4. Christen Unie Bij diverse programma's (o.a. Veiligheid) staan keurige staafdiagrammen met prestatie- en/of effectindicatoren (die overigens in de PDF wegvallen) waarin de cijfers van de afgelopen jaren staan, tot Waarom is er niet voor gekozen om de ambities te projecteren naar de komende jaren (tenminste voor 2015)? Soms worden deze ambities genoemd in de tekst, maar in de meeste gevallen ontbreken deze. 5. D66 Wat zijn de resultaten uit het verleden en de streefwaarden voor de toekomstige jaren van de effectindicatoren en de prestatie ontvangst Sector /afdeling Antwoord

11 indicatoren in de begroting voor zover beschikbaar en niet opgenomen in de begroting? 6. VVD In alle hoofdstukken zijn de streefwaarden/kpi's niet uitgezet in de tijd (geen terugblik en geen vooruitblik). Hierdoor is het niet mogelijk de KPI's op onder andere realiteit en ambitie te beoordelen. Wanneer worden alsnog voorgaande en toekomstige jaren toegevoegd? 7. VVD Sommige hoofdstukken hebben geen of nauwelijks KPI's; wanneer worden deze toegevoegd? 8. VVD Op de pagina's met de overzichten van lasten en baten in de jaren uitgezet wordt soms een tekstuele toelichting gegeven op grote fluctuaties (bv op pagina 29 bij Stedelijk Beheer en Milieu). Bij de meeste hoofdstukken gebeurt dit echter niet (bv pagina 73 RO en pagina 75 Wonen & Wijken). Kan er ook bij deze hoofdstukken op de betreffende pagina's een korte tekstuele toelichting komen? 9. VVD In sommige hoofdstukken komen ambities uit het coalitieakkoord duidelijk terug in de doelstellingen (bv pagina 123 Financiën) en in andere hoofdstukken niet (pagina 103 Economie). Kunnen de (meest essentiële) ambities in de relevante hoofdstukken alsnog verwerkt worden in de doelstellingen? 10. CDA Bij de lasten wordt wel een toelichting gegeven en bij de baten niet, waarom en wordt het nog aangevuld? 11. CDA De begroting is moeilijk leesbaar. Soms wordt er met percentages gemeten, soms met geld en soms met getallen. Waarom is het niet consequent weergegeven? In de vorige begrotingen was er informatie beschikbaar bij de cijfers en was de toelichting uitgebreider. Waarom is de verdiepingsslag niet aanwezig? Bestuur en dienstverlening Fractie Vraag Datum 1. Christen Unie 2. Christen Unie Er wordt gesproken over meer digitaal, dus meer digitale diensten beschikbaar stellen. Echter hoe wordt de doelgroep geborgd die taalbarrières/ taalachterstand ervaren dan wel mensen die geen of nauwelijks in bezit zijn van digitale middelen? ontvangst Hoeveel procent van onze diensten zijn al digitaal beschikbaar? Sector /afdeling Antwoord

12 3. D66 Bureau regio Amersfoort gaat van in begroting 2014 naar in Begroting Welke (raads)beslissing ligt hieraan ten grondslag? 4. D66 Begroting griffie is in de begroting 2014 ongeveer terwijl de rekening en de begroting laten zien. Blijkbaar zaten griffiekosten in begroting 2014 in bijvoorbeeld de post ambtelijke organisatie verborgen. Daarnaast is de begrotingspost 2015 zo n 3,5% hoger dan de rekening 2013 liet zien. Waardoor is deze stijging te verklaren? 5. D66 De uitgaven aan ICT stijgen sterk in de begroting. Wordt er op dit gebied iets bijzonders uitgevoerd? Was het al langer bekend dat deze uitgaven zo sterk zouden gaan stijgen? Op welke wijze is de raad hierover geïnformeerd? 6. OPA Volgens de historicus Vitruvius werden de vrouwen van de stad Karya, de Karyatiden, door Athene gezien als verraadsters omdat hun stad de zijde van Perzië had gekozen in een oorlog en de dames te familiair met de Perzische soldaten waren omgegaan. Daarom werden zij na de oorlog door Athene als slavinnen verkocht en symbolisch verplicht, voor eeuwig het dak van het Erechteion te dragen. Volgens de andere overlevering betreft het hier vrouwen die als dienaressen aan de goden geschonken waren. In beide gevallen geldt onze vraag: waarom vindt het College dit een passende illustratie bij een uitspraak over vitale democratie? (pag. 10) 7. OPA "In één keer goed". Welke middelen worden gehanteerd om te controleren of deze doelstelling in de praktijk behaald wordt? (pag. 13) 8. PvdA Bestuurlijke ontwikkeling en deregulering: We continueren gemeentebreed onze inzet op het betrekken van burgers, partners en bedrijven bij overheidsbesluiten en verkennen andere vormen en manieren om dat te doen. We stimuleren goede initiatieven in de stad (koplopersaanpak). Het LSA (Landelijk Samenwerkingsverband Actieve bewoners) heeft, geïnspireerd door de Localism Act uit Engeland, een pakket buurtrechten ontworpen waarmee burgerinitiatieven worden gestimuleerd. Door het (lokaal) invoeren van deze rechten krijgen gemeenschappen en groepen individuen meer bevoegdheden, passend bij de verantwoordelijkheden die ze in deze tijd ook toegeschoven krijgen. Er ontstaat een meer actieve en betrokken

13 samenleving, met minder bureaucratie en minder onvrede. Maakt een pakket buurtrechten zoals hierboven omschreven deel uit van de verkenning van het college naar nieuwe/andere vormen en manieren van betrokkenheid?en zo ja, op welke termijn? 9. CDA Wij experimenteren met ander vormen van maatschappelijke afspraken dan regelgeving. Hoe wordt dit dan juridisch geregeld? kan dat? wat is de status ervan? 10. CDA Een maatschappelijke regel kan nooit een vervanging zijn van regelgeving. Je kunt wel experimenteren met nieuwe besluiten en maatschappelijke afspraken, maar wat is de juridische status van de maatschappelijke afspraken. 11. CDA Het buurtbudgetregeling is niet gelijk op de website als in de begroting? 12. CDA Wat is exact het bedrag voor het eenmalige vrij gekomen besteedbaar bedrag bij Sociaal Domein. 13. CDA Bij de HOR staat een besparing van ,- vanwege verhuizing. Is het pand reeds verkocht of zijn er nog steeds kosten tav van de vorige lokatie? 14. CDA Het Rijk is van plan de proces verbaal-vergoeding af te schaffen. Is in de begroting rekening gehouden met deze verliespost? Om welk bedrag gaat het voor Amersfoort, jaarlijks? Veiligheid en handhaving Fractie Vraag Datum 1. Christen Unie 2. Christen Unie Kunt u de verschuivingen van lasten op Veiligheid en handhaven verklaren? Op Sociale en Fysieke veiligheid wordt bezuinigd en op Vergunning, Toezicht en Handhaving wordt geïnvesteerd. Waarom staan straatcoaches in de gedetailleerde begroting op een budget voor euro per jaar, terwijl er vorig jaar bij de vaststelling van de begroting per motie veel meer geld werd uitgetrokken voor straatcoaches. Toen werd gezegd dat de euro die het Jaarplan IVP beschikbaar stelde voor straatcoaches slechts voldoende was voor één duo. Hoeveel straatcoaches zijn nu actief en hoeveel kosten zij? 3. D66 In presentatie bij sociale veiligheid werd aangegeven een halvering van de kosten (van 2,8 naar 1,4 miljoen). In de begroting lijkt het een stabiele financiële situatie over de periode te zijn. Graag horen wij een nadere toelichting over ontvangst Sector /afdeling Antwoord

14 waar in de begroting de aangekondigde besparing op sociale veiligheid wordt gerealiseerd? 4. D66 De begroting voor het programma toezicht en handhaving toe met zo n 1,7 miljoen. Wat is hiervan de oorzaak? 5. D66 We constateren een sterke fluctuatie t.a.v. post Handhaving in de openbare ruimte: Rekening 2013: 2,9mln, Begroting 2014: en Begroting 2015: 2,2mln. Kunt u deze fluctuatie toelichten? 6. OPA OPA Amersfoort is geen kritiekloze voorstander van cameratoezicht in de preventie van misdaad en onveiligheid, maar het hoort o.i. wel deel uit te maken van de mix. Waarom wordt cameratoezicht nergens genoemd in het deel over veiligheid? Zijn camera's begrepen in de uitgaven voor veiligheid en zo ja, voor hoeveel? (pag. 19) 7. OPA Deskundigen zijn ernstig verdeeld in hun oordeel over de effectiviteit van Burgernet. Op grond waarvan kent het College zodanige waarde toe aan het systeem dat het de deelname er aan wil vergroten? Of spelen andere factoren een rol, zoals het geven 8. Amersfoo rt 2014 van een gevoel van actieve deelname aan burgers?(pag. 19) Veiligheid is pas goed meetbaar als we betrouwbare gegevens ontvangen. Wij hebben over de inbraken in Vathorst cijfers ontvangen ( code B22 en code A22; 4 inbraken en 2 pogingen) die niet overeenkomen met cijfers die we ontvingen van de winkeliers: 9 inbraken en 5 pogingen. a) Hoe verklaart u de discrepantie tussen deze cijfers? b) Is het College voornemens speciale maatregelen te nemen voor het winkelcentrum Vathorst? 9. PvdA Sociale veiligheid Voor het versterken van veiligheid in de wijken wordt het college gevraagd om met voorstellen te komen. Daarvoor maakt de coalitie vrij in de begroting. Burgerinitiatieven voor het versterken van sociale veiligheid kunnen hierin een belangrijke plaats krijgen, evenals de inzet van straatcoaches tegen overlast van straatgroepen. Waar komt dit terug? 10. PvdA Fysieke veiligheid Norm brandweer is 26% van de gevallen te laat, lijkt erg hoog. Klopt dat? 11. CDA Wij kunnen de cijfers van de VRU in programma 2 niet vinden

15 Waar zitten de cijfers van VRU? 12. CDA Veiligheid komt zowel voor bij sociale veiligheid als bij sociaal domein, hoe zijn de raakvlakken tussen de beide onderdelen in de begroting omschreven? 13. CDA Prestatie indicator: binnen 2 weken verlenen van omgevingsvergunning, is nu 12%, moet naar 65% in Hoe wordt dit dan geregeld? Stedelijk beheer en milieu Fractie Vraag Datum 1. SP In het financiële overzicht wordt gesproken over herstel van het bomenareaal. In het coalitie akkoord is sprake van uitbreiding. Welke van de twee is correct? Als het slechts om herstel gaat, waarom is de ambitie om het bomenareaal uit te breiden verlaten? 2. SP Hoeveel bomen kunnen met het genoemde bedrag opnieuw geplant en onderhouden worden? 3. SP In het coalitieakkoord is sprake van behoud van de groene ruimte. Er is sinds het akkoord groene ruimte verloren gegaan. Hoeveel geld wordt er gereserveerd om de groene ruimte in omvang weer te herstellen? 4. Groen Links 5. Christen Unie 6. Christen Unie Indicatoren stedelijk beheer lijken in tegenspraak. Hoe kan het dat als 84% van de inwoners tevreden is over het onderhoud, dit gemiddeld een 5,9 krijgt? Waar wordt het geld aan uitgegeven. Graag uitsplitsen, net als bij de rekening. Als effectindicator wordt gesproken over de inwoners die tevreden zijn over het onderhoud van de wijk. Wordt hier ook onderscheid gemaakt tussen enerzijds de gemeentelijke inzet voor dit onderhoud en anderzijds de inzet van de wijkbewoners? Bij de monitoring van de luchtkwaliteit wordt gesteld dat er metingen verricht zullen worden. Wat wordt er gedaan met deze resultaten en in hoeverre gaat het college hier actief over in gesprek met de provincie etc? 7. D66 Waar bestaat de bijdrage derden uit taak reclameobjecten van circa 690k per jaar? De opbrengsten van reclameobjecten blijft de komende jaren gelijk. Is hier geen sprake van ontvangst Sector /afdeling Antwoord

16 indexering? 8. D66 Ten opzichte van de begroting 2014 daalt het budget van programma stedelijk beheer met zo n 8 miljoen euro. Kunt u dit toelichten? 9. D66 Wat is de opbrengst van 613k per jaar bij de taak dienstverlening AVU? 10. D66 Beheer fietsparkeren staat voor in dit programma, terwijl in programma mobiliteit het fietsparkeren kost. Betekent dit dat het beheer 2 keer zo duur is als uitvoering? 11. OPA De uitgavendaling voor stedelijk beheer/milieu van 2015 t.o.v wordt verklaard met het Beekdal. Echter, ook ten opzichte van 2013 dalen de uitgaven aanmerkelijk in 2015 en 16. Wat is hiervan de verklaring? (pag. 28/29) 12. OPA Het College zet in op veel zelfbeheer door burgers. Hoe is dit naar de mening van het College georganiseerd wat betreft kosten, toezicht e.d.? (pag. 30/31) 13. Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort 2014 Meer zelfbeheer en burgerinitiatieven door vergroten van betrokkenheid van burgers.. a) Welke instrumenten gaat de gemeente gebruiken om de kwaliteit van de woonomgeving op peil te houden dan wel te verhogen? b) Welke meetbare ambitie heeft het College om de huidige schaalscore fysieke kwaliteit 5.9 te waarborgen of te verhogen? Luchtkwaliteit meten: op grond van welke criteria wordt er aanvullende gemeten? Geluidwerende maatregelen: welk bedrag wordt bij het Rijk aangevraagd voor geluidwerende maatregelen? Groene vergunning, we stimuleren bouwbedrijven om groen te bouwen: a) Worden voorwaarden voor het groen bouwen ook opgenomen in de (ver-)bouw bij onderwijsinstellingen? b) Welke financiële prikkel wordt bouwbedrijven geboden waardoor het groene-bouwen wordt gestimuleerd? Indicator CO2; Het College geeft aan dat de daling van CO2 uitstoot door woningen sterk doorzet a) Waarop is deze verwachting gebaseerd? b) Welke concrete inspanningen/maatregelen doet het College

17 om deze verwachting waar te maken? 18. PvdA "We brengen voor de komende jaren kwantitatief en kwalitatief de vraag in beeld voor wat betreft de inrichting van onze openbare ruimte en de fysieke veiligheid ervan. Het gaat om beheer en onderhoud (dagelijks en middellange termijn) die we dekken vanuit onze gebiedsbudgetten en het Fonds Openbare Ruimte en om toekomstige vervangingsinvesteringen die nog niet in de begroting zijn opgenomen." Welke bedragen gaat het om ivm gebiedsbudgetten, Fonds Openbare ruimte en vervangingsinvesteringen 19. PvdA "Natuurlijke hulpbronnen raken op en er wordt te veel afval geproduceerd waardoor het milieu zwaar wordt belast. Met dit initiatief willen we circulair ondernemerschap aanjagen." Hoe gaan het college de gemeentelijke organisatie, bedrijven en andere organisaties dit onder de aandacht brengen om in 2020 het doel van 10% circulair inkopen te bereiken? Wat is de consequentie als dit doel niet bereikt wordt? 20. PvdA "De Co2 uitstoot door woningen neemt sinds 2012 niet meer af". Op welke wijze maken kunnen we afspraken maken met de corporaties de tendens van minder CO2 voort te zetten. 21. CDA CO2 neutraal stad: de ambitie is hoog maar er is zo te zien geen geld hiervoor beschikbaar gemaakt in de begroting. Kunt u aangeven waar het benodigde geld omschreven is? 22. CDA Afval: faciliteren lokale initiatieven: hoe? wat zijn de kosten hiervan? 23. CDA Prestatie saneringswoningen loopt tot Waarom niet verder? 24. CDA Gescheiden riool: door de effecten van klimaatverandering, is er een prioritering en versnelling van gescheiden riool nodig. Is dat in de begroting meegenomen inclusief het benodigde geld? Sociaal domein Fractie Vraag Datum 1. SP Vanaf 2015 is er structureel 100 miljoen Euro beschikbaar voor intensivering van het armoedebeleid in het gemeentefonds. ontvangst Sector /afdeling Antwoord

18 Hoeveel hiervan gaat naar de gemeente Amersfoort en hoe gaat dit geld worden ingezet in de begroting ? 2. SP De langdurigheidstoeslag wordt afgeschaft en vervangen door een individuele inkomenstoeslag. Hoe wil het college deze inkomenstoeslag in gaan vullen en hoeveel geld is hiervoor gereserveerd binnen de begroting ? 3. SP De invoering van de kostendelersnorm zal leiden tot minder uitgaven aan uitkeringen. Hoeveel korting op de uitgaven voor uitkeringen verwacht u dat dit zal opleveren in de begroting? 4. SP Hoeveel geld is er binnen de begroting gereserveerd voor het verstrekken van de categoriale bijzondere bijstand? 5. SP Wordt er gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot verruiming van de centrale inkomensnorm van het sociaal minimum? Zo ja, met hoeveel wordt deze norm verruimd? Kunt u aangeven hoeveel extra geld er nodig is binnen de begroting wanneer deze norm verruimd wordt met 10% (b.v. van 110% naar 120%)? 6. SP Is er binnen de begroting ruimte gereserveerd voor een stadspas? Zo ja, hoeveel geld is hiervoor gereserveerd? Is er binnen de begroting ruimte gereserveerd voor een declaratiefonds voor maatschappelijke participatie? Zo ja, hoeveel is hiervoor gereserveerd? 7. SP Hoeveel geld is er binnen de begroting gereserveerd voor realisatie van beschutte werkplekken? Om hoeveel beschutte werkplekken gaat het? Hoeveel geld is er nodig binnen de begroting als Amersfoort de maximaal hoeveelheid beschutte werkplekken gaat realiseren? 8. SP Hoeveel geld is er binnen de begroting gereserveerd voor realisatie van garantiebanen? Om hoeveel garantiebanen gaat het? 9. SP Hoeveel geld is er naast het realiseren van beschutte werkplekken en garantiebanen binnen de begroting gereserveerd voor de begeleiding en ondersteuning van arbeidsgehandicapten? 10. SP Hoeveel geld is er binnen de begroting gereserveerd voor reintegratie op de arbeidsmarkt van mensen met een uitkering? Welk deel hiervan is gereserveerd voor externe partijen

19 (commerciële bedrijven, etc?) Graag een opsomming van alle externe partijen geven met het bijbehorend begroot bedrag. 11. SP Wordt er in de begroting rekening gehouden met kortingen op de uitgaven aan uitkeringen door het toepassen van strafkortingen? Zo ja, hoeveel korting op de uitgaven is hiervoor begroot? 12. SP Hoe groot is, in geld uitgedrukt en zo exact mogelijk weergegeven, het verschil tussen de huidige budgets voor WMO en Jeugdzorg in Amersfoort (gebaseerd op de huidige taken) en de budgets voor WMO en Jeugdzorg in Amersfoort als weergegeven in de voorliggende begroting (gebaseerd op de nieuwe aanpak)? Graag antwoord specificeren. 13. SP Onder Vangnetfunctie (blz. 39) staat Wij blijven zorgen voor mensen die dat nodig hebben. Door middel van exact welke begrotingsposten garandeert u deze belofte? 14. SP U garandeert behoud van de signaleringsfunctie in de WMO. Exact welke begrotingsposten leiden tot het waarmaken van deze garantie? 15. SP Het coalitieakkoord wil overschotten op o.a. bijstand overhevelen naar in het akkoord omschreven coalitieambities. Exact welke begrotingsposten maken deze overheveling zichtbaar? 16. SP Op welke wijze probeert u werknemers in de Huishoudelijke Hulp en de Jeugdzorg te begeleiden van werk naar werk en exact welke begrotingsposten hebben hier betrekking op? 17. SP De basisinfrastructuur in wijken moet taken overnemen die in het huidige bestel onder verantwoordelijkheid van de gemeente vallen. Exact welke begrotingsposten garanderen een succesvolle overname van deze taken? 18. Groen Links Een van de doelstellingen voor het sociaal domein is om de omvang van de specialistische hulp terug te brengen en meer te investeren in de basisinfrastructuur (zie Meerjaren beleidskader Sociaal Domein). Wat is de verklaring voor de zeer geringe afname van het budget voor de specialistische zorg tussen 2015 en 2018? Wat is de verklaring voor de geringe toename van het budget voor de basisinfrastructuur voor de jaren ? Zijn de ambities op het gebied van de basisinfrastructuur voor 11,5 miljoen te verwezenlijken, oftewel, kunt u aannemenlijk maken dat voor dit bedrag de

20 19. Groen Links 20. Christen Unie 21. Christen Unie 22. Christen Unie 23. Christen Unie 24. Christen Unie 25. Christen Unie gewenste ontwikkelingen in de basisinfrastructuur gestalte kunnen krijgen? Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) sluit per 1 januari 2015 wegens de veranderingen in de jeugdzorg en de komst van de wijkteams de deuren. Wat is de reden dat er desondanks in het gedetailleerd begrotingsoverzicht nog budget voor het CJG is voorzien? Waarom wordt er zo sterk bezuinigd in de basisinfrastructuur? Welke taken vallen weg tussen 2013 en 2014? Waarom gaan de lasten en de baten bij Werk en Inkomen zo sterk omhoog over de jaren? De sociale basisinfrastructuur bestaat uit familie, vrienden, buurtbewoners, mantelzorgers, vrijwilligers, verenigingen, sociaal werkers, scholen en sociale ondernemers. Vallen cursussen en trainingen rond sociale vaardigheid, zindelijkheid, levensvaardigheden, Piep zei de Muis etc. onder de sociale basisinfrastructuur of onder de gespecialiseerde zorg? Wordt hierop bezuinigd? Zo ja, hoeveel? In de transitievisie regio Eemland is gezegd dat 80% van het budget van zorginstellingen wordt ingezet voor zorgcontinuïteit en 20% voor innovatie. Klopt het dat dit betekent dat instellingen 20% moeten bezuinigen en dat innovatie dus eigenlijk betekent dan dat ze creatief moeten omgaan met het doorvoeren van deze bezuinigingen in hun bedrijfsvoering zonder de zorgcontinuïteit in gevaar te brengen? Klopt het dat deze bezuiniging van 20% is opgebouwd uit 11% rijksbezuiniging, 4% gemeentelijke uitvoeringskosten en 5% opbouw van reserves? Kunt u vertellen in welke gevallen deze reserve aangesproken zal worden? De 20% bezuiniging is op de cliëntenaantallen en het budget voor Wordt dit budget gecorrigeerd als blijkt dat het budget en de cliëntenaantallen in 2014 hoger waren dan in 2013? Klopt het dat zorginstellingen niet alleen te maken krijgen met een korting van 20% op hun budget, maar ook met de eis dat 5% van het budget naar extra Social Return moet gaan, dus dat zij naast de arbeidsgehandicapten die zij reeds in dienst hebben nog 5% moeten investeren in het begeleiden en

21 26. Christen Unie 27. Christen Unie 28. Christen Unie 29. Christen Unie 30. Christen Unie 31. Christen Unie aannemen van extra arbeidsgehandicapten? Wij kiezen in 2015 eerst voor continuïteit. Met de structureel gesubsidieerde instellingen die in 2014 diensten aanbieden in de sociale basisinfrastructuur, hebben we ook voor 2015 prestatieafspraken gemaakt. Met welke instellingen zijn voor 2015 afspraken gemaakt? Zowel in de sociale basisinfrastructuur als in de gespecialiseerde zorg zijn instellingen actief die niet eerder een subsidierelatie hadden met de gemeente Amersfoort. Hoeveel zorginstellingen zijn in 2014 in Amersfoort actief? Hoeveel zorginstellingen hebben meegedaan aan de aanbesteding voor 2015? Hoeveel zorginstellingen zullen in 2015 subsidie krijgen van de gemeente Amersfoort om zorgtaken uit te voeren? Hebben de zorginstellingen die niet actief zullen zijn in aan de gemeente Amersfoort laten weten aan welke zorginstellingen zij hun cliënten zullen overdragen? Als blijkt dat sommige wijkteams overbelast raken, terwijl andere wijkteams weinig te doen hebben, is het dan mogelijk om professionals over te dragen van het ene naar het andere wijkteam of om een wijkteam in te stellen als vliegende keep te die overbelaste wijkteams ondersteunt? Hoe gaat u de instroom in de opvangvoorzieningen beperken? Waarom heeft u bij re-integratie extra aandacht voor ouderen Is leeftijd belangrijker dan slaagkans om deel te kunnen nemen aan een re-integratietraject? 32. D66 De uitgaven vervoerscontinuum zijn in de jaren euro hoger dan in 2014 (volgens de begroting 2014). Kunt u deze toename toelichten? 33. D66 Wat betekent de negatieve uitgave bij de post tekort tlv reintegratie? 34. D66 Bij de kwaliteitsnormen ontbreekt preventie en wat is het budget hiervoor? 35. D66 Hoeveel geld ontvangt Amersfoort uit de back-office voor werkzaamheden regiogemeente? 36. OPA (pag. 43) Welke kosten zijn per jaar gemoeid met: a. de op dit moment bestaande STIPs - welke zijn dit b. de in voorbereiding zijnde STIPs - welke zijn dit

22 c. nog te ontwikkelen STIPs - welke zijn dit? 37. OPA Waar blijft de evaluatie van de STIPs die, blijkens mondelinge toezegging van de wethouder vóór het reces, de basis zou moeten vormen van temporisering, c.q. uitbreiding van de STIPs, en die volgens OPA en anderen de basis zou moeten vormen voor het antwoord op de vraag of de STIPs überhaupt moeten blijven bestaan? (pag. 43) 38. OPA Waarop baseert het College, zonder de evaluatie uit de vorige vraag, zijn positieve oordeel over de STIPs? (pag. 44) 39. OPA Aan welke aansluiting met andere partners en domeinen wordt gedacht bij de verdere ontwikkeling (laatste regel van pagina 46?) 40. OPA Het College ambieert het tegelijk handhaven van prijs, kwaliteit en levertijd. De eerste en de laatste hiervan kunnen gemakkelijk in strijd zijn met de middelste. Hoe gaat het College met die verhouding om? (pag. 47) 41. OPA Hoe en wanneer plant het College, de Raad in te lichten over het toestaan van wachtlijsten indien die nodig blijken te zijn? (pag. 47) 42. OPA Hoe ver is de gemeente met het realiseren van zijn deel van de "garantiebanen"? Hoe ver zijn de regiogemeenten? Hoe gaat het College de Raad op de hoogte houden van de ontwikkelingen op dit terrein? (pag. 53) 43. Amersfoort Amersfoort 2014 Gemeente zorgt ervoor dat Amersfoorters tijdig worden voorzien van juiste informatie en advies We staan nu 2.5 maanden voor de invoering per Een groot deel van de bewoners is nog geheel niet op de hoogte van de wijkwijzigingen per Al eerder heeft Amersfoort2014 gevraagd om inzicht te krijgen een communicatieplan. a) Kan het concrete communicatieplan (en niet de uitgangspunten van het communicatiebeleid) openbaar gemaakt worden (wanneer wordt wie geïnformeerd)? b) Loopt de geplande informatievertrekking aan de bewoners volgens planning? Zo nee, wat is daarvan de oorzaak? Gemeente richt in elke wijk een laagdrempelige voorziening in voor informatie en advies met een ontmoetingsfunctie. Dit kan een STIP zijn, maar we onderzoeken hoe we dit gaan vormgeven

23 45. Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort 2014 a) Betekent bovenstaande tekst dat het nut en noodzaak van de STIP nu wel geëvalueerd gaan worden? b) Betekent dit dat het mogelijk is dat de in 2013 ingevoerde STIP s wellicht toch zullen verdwijnen en er een nieuw informatiepunt 2014 wordt ingevoerd? Wij ontvangen berichten vanuit de wijken dat de gemeente via veel personen van verschillende afdelingen communiceert met wijkteams, STIP s, buurthuizen, activiteitencentra e.d. Dat brengt nogal wat verwarring. a) Is het College bekend met deze geluiden vanuit de wijken? b) Indien ja: welke maatregelen neemt het College om ervoor te zorgen dat er vanuit het gemeentehuis efficiënt en eenduidig gecommuniceerd gaat worden in de wijken? Wij richten in elke wijk wijkteams op, die per de spil worden in de uitvoering van het sociale domein a) Hoeveel wijkteams zijn er al ingericht, gereed en al aan het werk? b) Hoeveel wijkteam zijn nog niet ingericht en aan het werk? c) Indien er een aantal wijkteams nog niet is ingericht: wat is daarvan de oorzaak en hoe denkt het College dat nog te realiseren voor ? Voor de belangrijke verbinding tussen wijkteams en onderwijs (basisinfrastructuur) is een ontwikkelagenda opgesteld. Amersfoort2014 constateert helaas dat er nog zeer weinig contacten zijn gelegd tussen (de zorgteams van) scholen en de wijkteams, terwijl er zeer veel expertise en kennis aanwezig is in de scholen. Amersfoort2014 vindt dat er meer en snel geïnvesteerd moet worden in deze contacten tussen onderwijs en wijkteams. a) Onderschrijft het College het bovenstaande? b) Zo ja, wat betekent dat concreet voor de komende maanden tot ? c) Kan het College (met spoed ) een plan van aanpak ontwikkelen om de contacten tussen onderwijs en wijkteams te bevorderen? Het Snelfonds is een onderdeel van het Sociaal Fonds Amersfoort. Het woord zegt het al: dit fonds verleent snel en direct financiële hulp ( lening/voorschot) aan inwoners van onze gemeente

24 a) Hoeveel aanvragen zijn er al ingediend bij het Snelfonds? b) Hoeveel aanvragen zijn er niet gehonoreerd? c) Wij hebben signalen gekregen dat aanvragen niet gehonoreerd worden als de aanvrager niet kan aantonen dat het voorschot/de lening terugbetaald kan worden. Maar deze aanvragers hebben toch juist een acuut financieel probleem? Is het College op de hoogte van deze signalen? d) Hoe kan acute hulpverlening plaatsvinden als er minimaal 2 tot 3 dagen over de besluitvorming wordt gedaan? c) Wat gebeurt er verder met de aanvragers, waarvan de aanvraag niet binnen vier dagen gehonoreerd wordt en die nog steeds in acute geldnood zitten? 49. VVD Op pagina 46 geeft college aan, dat het (sociale) wijkteams wil, die passen in de wijk. Verschillen zijn mogelijk. Wijkteams stemmen kennis en functioneren af op de wijkvraag; verschillen tussen teams moeten (gefundeerd) toegeschreven worden aan wijkverschillen zonder dat er willekeur en wildgroei mag ontstaan. Vraag 1a: kan het college wat preciezer aangeven welke gedachten hieraan ten grondslag liggen? Vraag 1b. Houden die verschillen misschien enig verband met de filosofie achter de huidige buurtbudgetten, waarbij achterstandswijken meer subsidie krijgen dan andere wijken en dorpen? 50. VVD Op pagina 47: We houden via de administratieve processen en toetsinstrumenten een continu scherp oog op de budgetten en besteding. We toetsen de prijs, de kwaliteit en de levertijd. Daarbij zijn de budgetten van het Rijk leidend en begrenzend. Bij dreigende overschrijding van de budgetten nemen we beheersmaatregelen - zoals het toestaan van wachtlijsten. Vraag 1a: kan het college aangegeven waarom wordt nu al het toestaan van wachtlijsten als beheersmaatregel aangegeven? Vraag 1b: kan het college aangegeven welke overige beheersmaatregelen hij voornemens is te doen? 51. PvdA Decentralisaties sociaal domein: In het begrotingsoverzicht is de ontwikkeling van de integratie-uitkering sociaal domein (bestaande uit de middelen die per 2015 voor de uitvoering van de Jeugdwet en de WMO (het nieuwe deel) naar gemeenten gaan en uit het

25 participatiebudget zoals dat per 2015 voor de Participatiewet beschikbaar komt) opgenomen na verwerking van de septembercirculaire 2014 van het Rijk. Zeer recent zijn door de staatssecretaris diverse aanpassingen gedaan mbt de beschikbare budgetten. Kan het college deze aanpassingen z.s.m. in de begroting verwerken?en wat voor effect hebben deze aanpassingen op de in de begroting genoemde doelstellingen? 52. PvdA Werk en inkomen Samenwerking met werkgevers in de regio Hoe vindt de samenwerking met de werkgevers in de regio concreet plaats en welke afspraken (en resultaten?) zijn er al te melden? Hoe worden lokale bedrijven gestimuleerd om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. 53. PvdA Noodfonds en knelpunten fonds Hoe staat het daarmee? Waar in de begroting is dat terug te vinden? 54. CDA Het aantal volwassenen dat mantelzorg doet loopt achter, van 12 naar 11%. De metingen zijn tot Zijn er nieuwe metingen in 2013 of 2014 beschikbaar om te controleren of deze daling doorzet? onderscheid tussen basis infra en wat kun je zelf regelen. 55. CDA In de begroting wordt gesproken over structureel tussen wal en schip. Kan de gemeente dat van te voren zien en hierop wordt hier op geanticipeerd? De indicatoren worden namelijk pas in 2015 vastgesteld. 56. CDA Is het wettelijk volledig vastgelegd dat in 2015 alleen met de vaste partners gewerkt mag worden of is er enige ruimte voor innovatie met nieuwe partners? 57. CDA is kostenbesparing in de zorg het enige doel? Kanteling WMO laat zien dat dit (nog) geen geld oplevert. Is de decentralisatie in Amersfoort geslaagd of mislukt als het net zo duur is gebleven? 58. CDA Hoe wordt de samenwerking van de huisarts met de wijkteams gewaarborgd en hoe wordt er omgegaan met de persoonlijke medische gegevens? Moet er geen geld uitgetrokken worden

26 om samenwerking huisartsen te bevorderen? 59. CDA Sociaal fonds: is dit fonds niet zodanig strak ingekaderd dat mensen er niet bij kunnen? Wat wordt er aan communicatie gedaan om Sociaal Fonds bekend te maken? 60. CDA Indicator aantal jongeren dat jeugdzorg gebruikt is in de begroting onbekend. Deze gegevens zijn uiteraard wel bekend, Graag deze gegevens in de begroting toevoegen? 61. CDA Wat valt onder kosten Algemene Gezondheidszorg kosten? CDA W&I: waar zijn extra ondersteuningskosten voor opleiding en begeleiding voor 55+ werkelozen te vinden? Hierover zou in 1 juli jl. extra EU geld zijn aangevraagd (zie antwoorden op vragen OPA destijds n.a.v. aflopen vorige subsidie) Onderwijs Fractie Vraag Datum 1. Christen Unie 2. Christen Unie 3. Christen Unie in de begroting zijn bedragen opgenomen voor de modernisering van de schoolgebouwen. Waaruit bestaat deze modernisering en in hoeverre zijn deze werkzaamheden verantwoordelijkheid van de gemeente en/of schoolbesturen? (doordecentralisatie) Bij het onderwijsbeleid wordt de volgende prestatieindicator genoemd: aantal ABC-scholen dat werkt vanuit hoogste ambitieniveau. Hoeveel ABC-scholen hebben lagere ambities en waarom? Is het aantal ABC-scholen evenredig verdeeld over de stad? Wat is de reden waarom scholen er voor kiezen om geen ABC-school te worden of het niet mee te zijn. Doorgaande ontwikkelingslijn: met betrekking tot de samenwerking voortijdig schoolverlaten wordt gesteld dat het convenant wordt voorgezet. Tot welke resultaten heeft dit convenant geleid? 4. D66 Hoeveel kosten worden er gemaakt voor leerlingenvervoer voor leerlingen die zijn aangewezen op scholen voor speciaal onderwijs buiten Amersfoort? Wordt deze dienst alleen verleend aan leerlingen die buiten Amersfoort naar school moeten of ook voor leerlingen van het speciaal onderwijs die naar een school binnen Amersfoort gaan? ontvangst Sector/ afdeling Antwoord

27 Kunt u een schatting geven van de verandering van de kosten leerlingenvervoer als gevolg van de invoering passend onderwijs? 5. D66 Er bestaat een kans dat de BTW over de vervoerskosten met terugwerkende kracht afgedragen moeten worden. Is hier al meer duidelijkheid over en wordt hier in de begroting rekening mee gehouden? 6. D66 Wat betekent een negatieve uitgave van 1,4 miljoen bij Eigenaarslasten opo? 7. D66 Bij fasering investeringen algemeen staat ook een negatieve 8. Amersfoort Amersfoort 2014 uitgave, waar bestaat deze uit? In de begroting onderwijs en al eerder bij de behandeling van de Kadernota in juli 2014 is duidelijk dat er sprake is van een 2.2 mln. bezuiniging op het onderwijs. a) Deze bezuiniging is al maanden bekend! Waarom is die dan niet in deze begroting verwerkt? NB; dat geldt ook voor effecten van de overheveling van het onderhoud van het primair onderwijs. Deze zijn ook niet verwerkt in deze begroting terwijl deze al lang bekend zijn! b) Tot op heden heeft het College aangegeven niets inhoudelijks gezegd over deze bezuiniging en slechts aangegeven met het onderwijsveld te willen overleggen over de invulling van deze bezuiniging. Dat is natuurlijk prachtig en zeer wenselijk. c) Maar heeft het College inmiddels ( na 8 maanden) ook zelf ideeën omtrent de invulling van deze bezuiniging? d) Zo nee, waarom niet en zo ja; welke zijn dat? Bij motie van o.a. Amersfoort2014 heeft het College toegezegd zich in te spannen om de relatie tussen onderwijs en arbeidsmarkt te verbeteren. In de begroting wordt verwezen naar de inhoud van de motie. a) Welke concrete activiteiten zijn er al ondernomen om de contacten tussen onderwijs en arbeidsmarkt te verbeteren. b) Is er al een Plan aan Aanpak ontwikkeld en beschikbaar? Zo ja; kan de gemeenteraad hierover worden geïnformeerd? c) Indien er geen Plan van Aanpak is, wil Amersfoort2014 graag een tijdpad ontvangen over de stappen die gezet gaan worden VVD Op pagina 62 staat de zin: Wij regelen het vervoer van

28 leerlingen die zijn aangewezen op scholen voor speciaal onderwijs buiten Amersfoort of voor leerlingen die vanwege geloof of levensovertuiging aangewezen zijn op scholen buiten Amersfoort: a) Is het landelijk verplicht deze taak m.b.t. geloof of levensovertuiging uit te voeren? b) Hoeveel kost dit de gemeente Amersfoort per jaar? c) Waar wordt de dekking hiervoor gevonden? d) Waar ligt de grens van het vervoer, zullen wij bijvoorbeeld vervoer naar Maastricht financieren als dat voor een bepaalde geloofsovertuiging nodig is? 11. PvdA In hoeverre sluit het huidige onderwijsaanbod van de regio aan op de zogeheten ruit (advies, bouw, zorg, ICT) van sterke sectoren? 12. PvdA Onderwijsbeleid In hoeverre sluit het huidige onderwijsaanbod van de regio aan op de zogeheten ruit (advies, bouw, zorg, ICT) van sterke sectoren? 13. CDA We missen de cijfers bij de effect indicatoren voor de periode 2013 t/m 2014 bij voortijdig schoolverlaten. Kunt u deze cijfers toevoegen? 14. CDA Waar komt het verschil 2016 en 2014 vandaan? Is dit bedrag gereserveerd voor het JvO? 15. CDA In hoeverre grijpt deze methodiek in op klasniveau? Sport Fractie Vraag Datum 1. GroenLinks De extra investeringen t.b.v. de sport uit de prioriteiten van de coalitie worden toegevoegd aan de reserves. Betekent dat de investeringen pas na 2016 zullen plaatsvinden? 2. SP Diverse Sportclubs hebben verregaande plannen voor ontwikkeling (zoals bijvoorbeeld bij Sportpark Zielhorst). Waaruit wordt dit bekostigd? 3. SP De 1/3e regeling is gebruikt voor oneigenlijke doeleinden (veiligheid). In hoeverre wordt het gebruik van de 1/3e regeling actief gestimuleerd bij sportverenigingen? ontvangst Sector /afdeling Antwoord

29 4. SP In de begroting wordt aangegeven dat openbare ruimte dient te worden ingericht, zodat het uitnodigt om te bewegen? Zijn hier voorbeelden van? Zo ja, welke. Zo nee, wat heeft men op het oog? 5. SP Wanneer zijn er voldoende sportverenigingen met sport- en beweegaanbod voor sporters met een lichamelijke of verstandelijke beperking? 6. SP Wat is de bijhorende indicator bij voldoende sportverenigingen met sport- en beweegaanbod voor sporters met een lichamelijke of verstandelijke beperking? 7. SP Wat is de bijhorende indicator voor het zoveel mogelijk wegwerken van de wachtlijsten bij sport? 8. SP Er dient meer ruimte te zijn voor talentontwikkeling van jonge mensen. Dit wordt echter niet verder gespecificeerd. Welke acties zullen worden ondernomen om dit talent verder te laten ontwikkelen? 9. SP Wordt geld tbv sport ook aangewend om de groene ruimte te verstevigen? Veel sporters gebruiken namenlijk deze ruimte. Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoeveel? 10. D66 Bij welke taak zien we de kapitaallasten voor de investeringen voor het nieuwe sportcomplex aan de Hogeweg terug? 11. D66 Welke kosten vallen weg door afstoten van 2 zwembaden en 1 sporthal? (pag. 69) 12. OPA Het College hecht o.m. aan sportverenigingen met een sterk bestuur. Amersfoort steunt de ontwikkeling van sporttechnisch kader; welke ondersteuning wordt gegeven aan de ontwikkeling van sterk bestuurlijk kader? (pag. 69) 13. OPA Waarop is de eenduidige keuze voor de profilering van Amersfoort als loopstad gebaseerd? (pag. 69) 14. PvdA We willen verenigingen binnen randvoorwaarden (meer) ruimte bieden om zelf ondernemend te zijn. Ook dit draagt bij aan de ontwikkeling van sterke, brede sportverenigingen. Waar mogelijk zoeken wij naar mogelijkheden van synergie door verdere samenwerking tussen verenigingen. Dit kan leiden tot verplaatsing van verenigingen. De herhuisvesting van Gym XL heeft prioriteit in het accommodatiebeleid. Bijna alle sportverenigingen worden gerund door vrijwilligers en niet door ondernemers. a) Hoe ver gaat het college in de verwachting tot

30 ondernemerschap? b) Welke andere voorstellen worden in het kader van de mogelijkheden tot synergie gedaan, behalve voorstellen tot fusies tussen clubs? c) Heeft het college nagedacht om meer dan de helft van het budget voor sportaccomodaties niet aan een vereniging te besteden, maar dit evenredig te verdelen over meerdere verenigingen? 15. PvdA Evenementen maken de stad aantrekkelijk en levendig. Wij ondersteunen sportevenementen die veel Amersfoorters in beweging zetten. Hardloopevenementen, zoals de marathon, zijn daarvoor bij uitstek geschikt. Wij willen Amersfoort als loopstad op de kaart zetten en ondersteunen initiatieven die daar aan bijdragen. a) Welke criteria worden gehanteerd om een bepaald evenement wel of niet te steunen? b) Moet een evenement een minimum aantal deelnemers hebben, om in aanmerking te komen voor steun? 16. CDA Waarom zijn de baten vanaf , 0, Ruimtelijke ontwikkeling Fractie Vraag Datum 1. SP Bij verkoop van monumenten in gemeentelijk bezit met een cultuur(historische) waarde (zoals de Elleboogkerk), hoe wordt de instandhouding van die waarde gewaarborgd? 2. SP De gemeente heeft ongebruikt gemeentelijk vastgoed (momenteel 9, volgens Stadsmakelaar). In hoeverre stimuleert de gemeente het gebruik van dit vastgoed voor (tijdelijke) culturele activiteiten? 3. SP Voor grondexploitaties heeft de gemeente het verlies moeten nemen en mag zij de winst pas opboeken wanneer er daadwerkelijk een verkoop plaats heeft gevonden. Bent u met ons van mening dat de nu aangegeven winst minder is dan het genomen verlies en dat daardoor het rekeningresultaat een vertekenend beeld laat zien? Zo niet, zou u dat dan toe kunnen lichten? ontvangst Sector/ afdeling Antwoord

31 4. SP Er zijn grote plannen voor De Nieuwe Stad om organische te ontwikkelen. Welke risico s ziet u bij het organisch ontwikkelen? 5. SP Bij het ontwikkelen van De Nieuwe Stad zijn veel bouwprojecten afhankelijk van het revenu dat wordt gegenereerd uit eerdere ontwikkelprojecten. De herontwikkeling zal plaats gaan vinden over meerdere bestuurperiodes en maakt het afhankelijk van de grillen van de economie. Deelt u deze mening? Zo ja, welke tegenmaatregelen ziet u? Zo nee, zou u dat toe kunnen 6. Groen Links lichten? We leveren in 4 jaar tijd vanuit de Voorzieningen Openbare Ruimte netto zo'n 9 miljoen in op investeringen in de riolering. Waarom kan deze 9 miljoen niet gecompenseerd worden vanuit de rioolheffing? Wat is de ontwikkeling van de dekkingsgraad van de rioolheffing als we deze onttrekking daarin betrekken? 7. D66 Waarom blijven de kapitaallasten van de Flint stijgen, terwijl ze net hebben verbouwd? 8. D66 In begroting 2014 zaten posten voor Wieken Vinkenhoef (7milj), Vathorst (10milj) en de Lichtenberg (23milj) terwijl het bedrag voor grondexploitaties vrijwel gelijk blijft op 35milj? Hoe kan dit? 9. D66 Waar bestaat de subsidie ondernemersfondsen uit? Zijn dit meerdere fondsen of betreft het hier alleen de OBA (ondernemersfonds binnenstad Amersfoort). 10. OPA Waar is de gereserveerde 1,6 miljoen voor renovatie/herhuisvesting Flehite precies voor bedoeld? (pag. 74) 11. OPA De wens tot maximale opbrengst van het vastgoed kan gemakkelijk in strijd zijn met de wens, het gemeentelijk vastgoed te benutten voor de huisvesting van maatschappelijk belangrijke organisaties, gebiedsontwikkeling en het behoud van culturele waarden. Actuele voorbeelden zijn de voormalige ruimte van KAdE en de Elleboogkerk: beiden potentieel van eminent maatschappelijk belang, beiden vrijwel perspectiefloos op de commerciële markt, maar ook: beiden in een soort vagevuur omdat tussen die twee domeinen (maatschappij versus

32 commercie) niet gekozen wordt. Hoe ziet het Collega dit? (pag. 82/83) 12. Amersfoort 2014 Vastgoed wordt afgestoten. De totale vastgoedportefeuille wordt gereduceerd, kostenbesparing voor beheer door derden. a) In de begroting nemen de lasten voor vastgoed toe. Hoe verklaart ( de oorzaken) het College deze toename in relatie tot wat er in de begroting is opgeschreven? b) Hoeveel vastgoed dat nog door de gemeente wordt beheerd, wordt bewoond door mensen die daarmee gestart zijn op basis van de Leegstandwet va 1981 en hoeveel doen dat op basis van de nieuwe Leegstandswet van 2013? c) Heeft de gemeente al die jaren ( zie vraag 7b) ook juridisch juist gehandeld naar de tijdelijke bewoners toe, op de wijze zoals in beide wetten is vastgesteld? 13. Amersfoort De lasten op de grondexploitatie voor 2016 zijn aanzienlijk 2014 hoger ( 10 mln.) dan andere jaren. Hoe zijn deze hogere lasten 2016 te verklaren? 14. VVD Vraag over de effectindicatoren onder RO over bezoek van Amersfoorters aan 'het bos' ten zuiden en ' ten westen van de stad'. Waarom wordt dit niet als de Utrechtseheuvelrug benoemd? Amersfoort grenst aan een een bijzonder natuurgebied dat landelijke bekendheid geniet, maar wij noemen het 'het bos ten zuiden van Amersfoort'. Een belangrijke vraag vanuit citymarketing perspectief, je moet wel weten welke parels je in huis hebt. 15. CDA Zijn deze effectindicatoren belangrijk? En zijn dan unieke bezoekers mensen in de Eempolder geweest in 2011? Dit klinkt erg onwaarschijnlijk, hoe wordt dit gemeten? 16. CDA Waar zijn de kosten van de nieuwe stad in de begroting opgenomen? 17. CDA Wat bepaalt de grote fluctuaties bij de reserves in 2015 en 2016? 18. CDA Wat is de gemeentelijke visie bij vastgoed (kantoor en winkelcentra), wij kunnen geen geld in de begroting vinden om vastgoedproblematiek aan te pakken? Wijken en wonen 23

33 Fractie Vraag Datum ontvangst 1. Christen Over de indicator sloop bij wonen. Wat is het aantal Unie huizen dat door sloop EN verkoop EN huurverhoging werden onttrokken aan de sociale huurmarkt? 2. D66 Hoe komt het dat er geen kosten en uitgaven worden opgevoerd voor jongeren? 3. D66 De begroting voor wijken daalt zeer sterk in 2015 ten opzichte van 2014, net als de begroting voor wonen. Kunt u deze daling toelichten? 4. OPA Niet alleen de prijs en het eigendom van woningen zijn van belang. OPA Amersfoort mist een programma voor de realisering van aanmerkelijk meer levensloopbestendige woningen, ook op lange termijn. Is dat programma er wel en zo ja, hoe ziet het er uit? Als het er niet is, waarom dan niet? 5. Amersfoort Amersfoort 2014 (pag. 91) We zijn goed voorbereid op de scheiding van woning en zorg, die door het Rijk aangebracht is. We maken wonen met (mantel)zorg mogelijk. Kunt u concreet aangeven welke maatregelen er genomen zijn om dit mogelijk te maken? We stimuleren de levensloopbestendigheid en toegankelijkheid van woningen Kan het College aangeven naar welk percentage gestreefd wordt eind 2015? Sector /afdeling Antwoord 7. CDA De baten nemen significant af vanaf Wat doen we niet meer of waar geven we het aan uit? 8. CDA Wat bedoelt u met de zinsnede wij maken wonen met mantelzorg mogelijk. wat bedoelt u daarmee? Kunt u de bandbreedte van huurwoning tot koopwoning aangeven? 9. CDA Wat is de bandbreedte tussen huur en koop m.b.t

34 mantelzorg/levensbestendig bouwen. 10. CDA Wat is de ambitie van Vathorst en wat is dan die focus? CDA Budget gaat naar beneden, van 5 mio naar 1.6 mio. Wat werd voor 5 mio gedaan en wat wordt minder gedaan om tot 1.6 mio te komen? 12. CDA Bij wijken: Onderliggende Cijfers Buurtbudgetten: waarom zijn niet alle buurtbudgetten even hoog (vgl. Nieuwland 28200, Hoogland 21800; Binnenstad 16100)? Welke verdeelsleutel wordt hierbij gehanteerd? 13. CDA Bij wonen: Welke kosten worden gemaakt bij de genoemde posten onder wonen door de gemeente? De gemeente verhuurt/verkoop toch geen huizen e.d. 14. CDA Welke kosten worden gemaakt voor woonschippers e.d.? Mobiliteit Fractie Vraag Datum 1. SP Voor verkeersveiligheid rond scholen wordt in 2017 en 2018 geen geld vrij gemaakt. Wat is hier de rede voor? 2. SP Als het gaat om duurzaamheid scoort Amersfoort niet goed. Is euro voldoende om die achterstand tov andere gemeenten goed te maken? In hoeverre is de aanleg van Kersenbaan en Hertenkop duurzaam? Welke maatregelen worden genomen om de Westelijke Ontsluiting duurzaam aan te leggen? Voor de goede orde, het aanleggen van beide wegen zijn op zichzelf bijzonder on-duurzaam. Hoe denkt de coalitie dit te gaan compenseren? Gaat de coalitie met dit bedrag ook investeren in zonne- en windenergie? Hoeveel m2 zonnecellen en windturbines kunnen met dit budget worden aangeschaft? 3. SP Bij toekomstige infrastructurele projecten wordt binnen het projectbudget rekening gehouden met benodigde groenvoorzieningen en groencompensatie. Betekent dit volledige compensatie? Zo nee, waarom niet? 4. Christen Bij de streefcijfers t.a.v. de tevredenheid met parkeergelegenheid Unie in de buurt wordt een percentage van 76% genoemd voor de gehele stad. In de binnenstad en de vergunningsgebieden is dit respectievelijk 49% en 61%. Maar buiten de vergunningengebieden is dit 74%. Hoe kun je dan een gemiddeld ontvangst Sector /afdeling Antwoord

35 percentage van 76% behalen voor de gehele stad. Kloppen deze percentages? 5. D66 In 2017 en 2018 wordt er significant minder uitgegeven aan verkeersveiligheid dan in 2015 en Waar zit deze daling precies in? 6. D66 Waarom dalen de algemene lasten bij de taak stedelijk verkeer? D66 Waar bestaat de bijdrage derden uit bij de taak mutaties reserves programma 9? 8. D66 Baten mobiliteit dalen sterk in 2017 ten opzichte van 2015 en Kunt u dit toelichten? 9. PvdA Mobiliteit: De autobereikbaarheid borgen we door met toepassing van dynamisch verkeersmanagement het autoverkeer over de meest logische routes te geleiden. ( ) Voor de bereikbaarheid van het centrum krijgt bestemmingsverkeer prioriteit boven doorgaand verkeer, dat een goed alternatief krijgt geboden. Past binnen het hier geschetste beleid ook een eventuele aanpassing van de verkeerssituatie rond De Nieuwe Poort? 10. CDA Het budget voor mobiliteit wordt steeds minder. Komen de baten uit de reserves? 11. CDA En is ,- afdoende voor mobiliteit. In 2016, 2017, 2018 wordt niet meer geïnvesteerd. Is dit voldoende om de ambities waar te maken en Amersfoort bereikbaar te houden? O.a. fietsbereikbaarheid Economie en duurzaamheid Fractie Vraag Datum 1. Groen Links 2. Groen Links Alle drie de grafieken missen een bijschrift bij de y-as, het is onduidelijk wat er hier uitgedrukt wordt. Waar wordt het geld aan uitgegeven? Graag uitsplitsen, net als bij de rekening. De doelstellingen t.a.v. klimaatneutraal, klimaatbestendig en afvalloos uit de Structuurvisie missen in de tekst. Daarnaast ligt er een opdracht om deze uit te werken in 2015 tot een verduurzamingsprogramma tot Ook hierover lezen we niets in de begroting. Wat gaat het college doen aan deze beleidsdoelen? ontvangst Sector /afdeling Antwoord

36 3. D66 Amersfoort stopt met de bijdrage aan het recreatieschap Midden- Nederland van circa 65k per jaar. Waar is dat in de cijfers terug te zien? 4. D66 Begroting van dit programma wordt circa 30% kleiner in 2016 ten opzichte van Kunt u dit toelichten? 5. PvdA In de tweede plaats willen we een balans tussen wonen en werken. We meten het aantal banen per inwoner van jaar. Deze indicator laat ons zien of de economische ontwikkeling de bevolkingsontwikkeling voldoende bijhoudt. Balans tussen wonen en werken: we willen dat de ontwikkeling van de werkgelegenheid gelijke tred houdt met de algehele (bevolkings)ontwikkeling van de stad. Groei is daarbij geen doel op zich, we willen een stad voor wonen én werken zijn. De ontwikkeling van de bevolking laat een tendens zien van een toename van 65+ en een afname van jaar. Betekent dit dat de ambities ten aanzien van het aantal banen automatisch naar beneden bijstelt? 6. PvdA Rode Loper: we staan klaar voor (nieuwe) bedrijven en onderhouden uitstekende relaties. We bouwen ons accountmanagement voor bedrijven verder uit. Bij accountmanagement hebben een geselecteerd aantal bedrijven één vaste contactpersoon binnen de gemeente. Door middel van uitbreiding in de investeringen in accountmanagement wordt bedrijvigheid naar de stad getrokken, wat eventueel voor kannibalisatie in de regio zou kunnen zorgen Zijn er plannen om een bepaald deel van dit budget te besteden aan het stimuleren van potentiële ondernemers in de stad? 7. PvdA "Voor het aantrekken van economische activiteit en werkgelegenheid in Amersfoort wordt ingezet op een acquisiteur voor 1 miljoen per jaar." Op welke wijze wordt dit vorm gegeven in de regio en daarbuiten? Hoe kunnen we monitoren dat die acquisitie z'n vruchten afwerpt? 8. CDA Wat waren de prestatieindicatoren bij het project Smart Grids? CDA Economie: totaal selectieve toegang/algemene Lasten: deze dalen sterk tussen 2015 en 2016: hoe komt dit? 10. CDA Duurzaamheid en innovatie: waarom zijn er alleen kosten? Leveren innovaties e.d. niet ook returm on investment binnen 1-2 jaar? 27

37 11. Cultuur Fractie Vraag Datum 1. SP De gemeente lijkt in mindere mate een rol te willen vervullen binnen de cultuursector en wil de organisatie van culturele activiteiten overlaten aan ondernemers en de beoefenaars. Is dit een juiste constatering? Zo ja, hoe behoud de gemeente controle over de hoeveelheid aan culturele activiteiten? Zo nee, wat is de rol van de gemeente in de culturele sector? 2. SP Hoe gaat lokaal talent bij culturele activiteiten betrokken worden? Welke programma s liggen hieraan ten grondslag? 3. SP Vaak ontbreekt het lokaal talent aan kennis en slagkracht om 4. Christen Unie 5. Christen Unie 6. Christen Unie henzelf te promoten. Welke rol gaat de gemeente hier in spelen? Als prestatieindicator bij Archief Eemland wordt gesproken over aantal bezoekers educatie. Het getal is 53, maar per welke eenheid/tijd? Kan hier een toelichting op gegeven worden? Bij kunst en cultuur wordt de effectindicator gebruikt van 'inwoners die voorstelling, concert of museum hebben bezocht'. In hoeverre wordt hier een onderscheid gemaakt tussen mensen die frequent activiteiten in het kader van kunst en cultuur bezoeken en de groep die nauwelijks of niet in aanraking komt met kunst en cultuur Wordt er bij de effectindicator 'inwoners die actief aan kunst en cultuur doen' ook gekeken naar de sociaal-economische achtergrond en de wijk waarin zij woonachtig zijn? 7. D66 Wat verklaart de stijging van de kapitaallasten van beeldende kunst in 2017 en de daaropvolgende sterke daling in 2018? 8. D66 Kunt u de fluctuaties in volgende posten toelichten: Overige podiumkunsten van 1,2milj naar ? Archief Eemland van naar 1,16milj? 9. OPA Kunst en cultuur zijn van autonome waarde, los van hun verhoopte waarde voor het economisch klimaat en de aantrekkelijkheid van de stad. Waarom noemt het College die autonome waarde niet? (pag. 119) 10. OPA Historisch is het in Nederland zo gegroeid dat de gemeenten, vooral de wat groteren, een onmisbare schakel zijn in de ondersteuning en bescherming van kunst en cultuur, altijd na de steun van publiek en bedrijfsleven, maar op velerlei terrein vóór ontvangst Sector /afdeling Antwoord

38 het Rijk. Waarom noemt het College die rol niet bij de effectindicatoren en gaan die nu uitsluitend over de tevredenheid van het publiek in verschillende vormen? (pag. 119) 11. OPA Hoe verhoudt zich de opmerking over het Stadshart met de recente berichten dat Spoffin en Dias Latinos er over denken, de binnenstad te verlaten? (pag. 120) 12. VVD Op pagina 74 onderaan in de tabel: ) Wat is toneeltec" 2) Waarom zijn de kosten voor het meerjarigonderhoud van de Aegtenkapel in 2017 zo hoog? De verbouwing vindt toch nu plaats? 13. VVD Op pag. 120 bij Extra aandacht voor Stadshart : Ons Stadshart wordt steeds aantrekkelijker door nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen: De Nieuwe Stad, langs de oevers van de Eem, de Zonnehof en Wagenwerkplaats. We vergroten de levendigheid met culturele activiteiten en evenementen, versterken de economische vitaliteit met horeca en winkels en verbeteren de verbindingen tussen de verschillende onderdelen in het Stadshart. Vraag: Het Stadshart van Amersfoort heeft zijn aorta in het Kamp Kwartier. De Kamp en omliggende straten hebben grote economische vitaliteit en een belangrijke verkeers- en parkeerfunctie. Met de keuze voor revitalisering van de Flint, de verbetering van de Hogeweg en de komst van het Hogewegkwartier is het belang van de noordzijde van het centrum nog verder vergroot. Waar en hoe ondersteunt het college het belang van dit gebied? 14. PvdA Kunst en cultuur: We werken, samen met provincie en stad Utrecht, aan de ambities uit het Cultuurpact. Dat is gericht op een samenhangende aanpak en inzet van middelen gericht op cultuureducatie, erfgoed, culturele infrastructuur en cultuurtoerisme, uitmondend in aantal specifieke deelovereenkomsten. Daarbij verkennen we ook de mogelijke meerwaarde van verbindingen (cross-overs) tussen cultuur en andere domeinen (welzijn, sport, onderwijs, economie). Kan het college inzicht bieden om welke deelovereenkomsten het gaat en welke middelen daarmee zijn gemoeid? 15. PvdA Cultuur

39 Waar zittten media; oude media als radio, kranten en tv en nieuwe media? 16. CDA Zet de neerwaartse spiraal van het archief Eemland door na 2010? CDA Betalen Baarn, Soest, Leusden, Eemnes, Renswoude en Woudenberg mee aan het archief Eemland? 18. CDA Wat wordt verstaan onder waarde onder de grond? En wat bepaalt wanneer je het moet opgraven? 19. CDA De effect indicatoren stoppen bij 2010, terwijl er indicatoren beschikbaar zijn van de jaren Kunt u deze indicatoren toevoegen? 20. CDA Begrijpen we nu goed dat sportevenementen nu door het cultuurbudget bekostigd kunnen worden? 21. CDA Wat zijn de prestatie indicatoren voor de lokale omroep EVA? CDA Waar zijn de kosten en baten van de festivals te vinden? CDA Waarom stijgen de kosten voor Armando in 2018 weer? Valt er tegen die tijd weer een financiële injectie te verwachten? 24. CDA Begrijpen wij het goed dat er helemaal geen baten bij Eemhuis worden begroot bijv. vanuit huurders zoals Bieb, Archief, Scholen in de Kunst (per gebruikte m2 bijv.)? 25. CDA Totaal amateurkunst beeldende kunst/kapitaallasten: hoe ontstaat de scherpe kostenstijging tussen , van respektievelijk 42k naar 73k? 26. CDA Bibliotheken: waarom zijn toegerekende bedrijfsvoeringskosten - 22k? Wordt ergens geld vrijgemaakt door sluiting o.i.d., zo ja waar? 27. CDA Waarom worden kosten en de productievolumes die deze veroorzaken over alle jaren in de culturele sector gelijk gesteld? Is er iets te zeggen over fluctaties hierin, bijv. door bevolkingstoename, verschuiving..? Financiën en belastingen Fractie Vraag Datum 1. GroenLinks Het grootste financiële risico (17%; ruim 6 miljoen euro) is de beweging in het sociaal domein / 3 decentralisties (zie ). ontvangst Sector /afdeling Antwoord

40 Graag zien we een berekening (eventueel met marges) en onderbouwing van dit risico. De recent verschenen RIB en RIB geeft financieel gezien weinig informatie over de risico s. 2. GroenLinks Is het juist dat de structurele onderwijstaakstelling ad 2, miljoen in 2015 incidenteel gedekt wordt uit de onderuitputting kapitaallasten 2014 en 2015? Maakt dat de begroting voor begrotingsjaar 2015 nog wel structureel sluitend? 3. GroenLinks Op wordt aangegeven dat de begroting in 2018 structureel sluitend is. Er wordt aangegeven: Daarnaast is er sprake van een groot aantal andere positieve en negatieve ontwikkelingen de komende jaren. Aangezien de jaarschijf 2018 een overschot kent van 0,1 miljoen, is de begroting bestaand beleid daarmee structureel sluitend. Dit is niet conform de tabel daarboven. Graag zien we een toelichting op het groot aantal positieve en negatieve ontwikkelingen en waarom dat tot een overschot van 0,1 miljoen leidt. 4. SP Op welke wijze en middels welke begrotingsposten anticipeert u op de kerntakendiscussie die voor eind 2015 is gepland? 5. SP De renovatie van het Stadhuis zal sober en doelmatig zijn. Hoe denkt de coalitie dit te combineren met een sterke reductie van de energiekosten? 6. Christen Kunt u ons een uitsplitsing geven van de reserves? Unie 7. Christen Unie 8. Christen Unie 9. Christen Unie Waarom worden slechts 12 instellingen opgenomen die subsidie krijgen in de Paragraaf Subsidies? Is hier sprake van een bezuiniging op deze instellingen? Wat zullen de gevolgen zijn voor de begroting als wij vanaf 2015 de rekenrente (nu 4,5%) gelijktrekken aan de rente bij grondexploitaties, dus op 4% zetten? Bij de meerjarenbegroting, op pagina 136, wordt gesteld dat de gevolgen van de loonsverhogingen alsmede de effecten van de inflatie zullen opgevangen moeten worden binnen de bestaande budgetten. Heeft dit consequenties voor de omvang van de formatie van de ambtelijke organisatie? 10. D66 Wat verklaart de sterke daling (-1mln euro) van de bijdragen van derden in de post diverse lasten en baten?

41 11. D66 Waaruit bestaan de kapitaallasten binnen de post rente en dividenden? 12. D66 Er worden substantiële bedragen toegevoegd in 2015 en 2016 aan de algemene dekkingsreserve. De oorsprong hiervan is bijdragen derden. Waar komt dit geld precies vandaan? 13. D66 Wat valt onder de taakstelling ombuigingen? Is dit de bezuinigingsopgave voor de komende jaren? 14. D66 Waarom zit in deze paragraaf ook een groot deel van de inkomsten voor het sociale domein? Hoe groot is dit deel en kan dit inzichtelijk gemaakt worden? Gemeentefonds ten opzichte van sociaal deel. 15. D66 Waarom is in de begroting 2018 geen kostenpost meer opgenomen voor financiën en belastingen? De uitgaven op deze post laten een sterk dalende tendens zien over periode respectievelijk 24,64mln - 11,99mln - 7,72mln - 6,71mln - 3,48mln - 0,0mln. Graag toelichting. 16. D66 Bij meerjarenbegroting: In de tabel verbetering begroting bestaand beleid wordt in 2017 en 2018 rekening gehouden met een verbetering van euro. Echter, als de bedragen genoemd in de daar bovenstaande tekst worden opgeteld ( ) is de uitkomst een verbetering van euro (afgerond 0.7mln). Waar zit het verschil van precies in? 17. D66 Bij Reserves en voorzieningen, uitgebreide staat: a) De bedragen zijn niet x zoals boven de tabel staat aangegeven. Klopt dit? b) Waar komt de toevoeging aan de algemene reserve van euro in 2014 vandaan? c) Bij het totaal van de reserve ter afdekking van de risico s is het saldo begin euro. In 2014 wordt toegevoegd en onttrokken. Dat zou betekenen dat het saldo begin zou moeten zijn. In de tabel wordt bij saldo begin 2015 echter weergeven. Zou het begin saldo 2015 niet lager, namelijk 17,3mln, moeten zijn? Zo nee, waarom niet? d) In 2015 en 2016 wordt elk jaar ongeveer 5mln aan de saldireserve onttrokken. Ten bate waarvan komen deze onttrekkingen? e) De reserve wijkse voorziening Vathorst heeft een negatieve

42 stand. Betekent dit dat we deze reserve in de toekomst tot nul moeten aanvullen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer moet deze op nul staan? f) Er worden in 2014, 2015 en 2016 aanzienlijke bedragen uit de algemene dekkingsreserve onttrokken. Hierdoor loopt de gemeente rente-inkomsten mis. Is hiermee rekening gehouden in de begroting? Waar worden deze onttrekkingen voor gebruikt? Op welk moment heeft de raad toestemming gegeven om deze onttrekkingen te doen, of doet de raad dit bij het goedkeuring van deze begroting? g) Er wordt in euro onttrokken uit de reserve dekking kapitaallasten op de post Eemcentrum. Kunt u deze onttrekking nader duiden? h) Is de voorziening grondexploitaties hetzelfde als de voorziening onderhanden werk? Zo ja, zou hier dan niet 32mln euro groot moeten zijn (de negatieve NCW van de grondexploitaties?) Zo nee, waar is de voorziening onderhanden werk dan terug te vinden in de begroting? 18. D66 Bij paragraaf Risicomanagement en weerstandsvermogen: Wat is de stand van zaken van de uitwerking van de risico s Podium en Trapezium? Waar in de begroting is dit terug te vinden? Worden de risico s m.b.t. Podium en Trapezium nog meegerekend in berekening van de benodigde weerstandscapaciteit? 19. OPA In september werd bekend dat de verantwoordelijk minister (Plasterk) nog nadere informatie wil voordat hij eventueel besluit tot het herinvoeren van stemcomputers. Het spraakmakende comité "Wij vertrouwen stemcomputers niet" is ook nog allesbehalve overtuigd. Waarom trekt het College dan toch al uit voor de aanschaf van nieuwe stemcomputers? (pag. 146) 20. OPA Voor welke aan te passen wijkaccommodaties zijn de twee maal in 2015 en 2017 bestemd? (pag. 147) 21. OPA De enige illustratie bij het hoofdstukje "Onderhoud kapitaalgoederen" betreft de Kei. Kan het College aangeven tot welke categorie kapitaalgoederen de Kei behoort en wat de plaats er van is in het actieve beheer en onderhoud van kapitaalgoederen?

43 22. Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort Amersfoort 2014 (pag. 185) We gaan het stadhuis renoveren. De totale kosten zijn begroot op 1.8 mln. euro. Waar zijn deze kosten terug te vinden in de begroting? Bij Amersfoort is de schuldquote 147 % ( gegevens VNG). De VNG: Bij een netto schuldquote van boven de 130% springt het licht voor de gemeente op rood. De houdbaarheidstest van de VNG kan een goede kijk geven naar de toekomst aldus de VNG a) Amersfoort2014 is bezorgd over deze schuldenlast. Is het College bereid ter geruststelling van onze fractie om z.s.m. de houdbaarheidstest van de VNG te doen of is dit al gebeurd? b) Is het College bereid de uitkomst daarvan (t.z.t. ) openbaar te maken? Er wordt structureel ieder jaar meer onttrokken aan de reserves dan er wordt toegevoegd. Amersfoort2014 vraagt zich af ( zeker in relatie tot vraag 10) of dat een verstandige werkwijze is. Graag verneemt Amersfoort2014 de opvatting van het College over deze structurele werkwijze? Wanneer het totaal van de opgegeven reserveringen per programma opgeteld worden en vergeleken worden met de opgegeven totalen in het uitgebreide totaaloverzicht, kloppen de cijfers van 2014 en 2015 niet. Voor de andere jaren kloppen ze wel. Hoe verklaart u de verschillen voor 2014 en 2015? De volatiliteit staat op een geruststellende 43%. (raadsnorm is 47%). Op welke wijze is deze volatiliteit berekend? De loonkosten 2015 zijn ongewijzigd t.o.v d.w.z. dat de loon/prijsbijstelling 0% bedraagt. Amersfoort2014 vraagt zich af of dit een reële aanname is, gelet op de cao en de personele gevolgen die de decentralisatie met zich meebrengt? De weerstandscapaciteit ( nu ratio 1.4 ) neemt in de jaren na 2015 af. a) Wordt dat veroorzaakt door de ruime onttrekking uit de reserves in 2015? b) Vindt het College dit een verantwoord beleid in het kader van de onzekere economische situatie? Kunt u uw ja-of nee-antwoord ook van argumenten voorzien?

44 29. Amersfoort 2014 Structurele subsidies: Stichting Mediagroep EVA ,- Incidentele subsidies 2015 voor lokale journalistieke producties en media-innovaties ,- a) Hoe verhouden deze subsidies zich tot elkaar? Kan een aanvrager van beide subsidies gebruik maken? b) Wij ontvangen graag een specificatie van de toewijzing van subsidies voor 2015 voor beide subsidiestromen c) Wij ontvangen graag een overzicht van afgewezen aanvragen voor 2015 voor beide subsidiestromen 30. VVD Op pagina 142 wijst het college op een stevige daling van de weerstandsratio; die loopt van 1.4 terug naar 0.7. De raad heeft al uitgesproken dat die ratio weer groter dan 1 moet worden. Vraag 2a: kan het college nu al aangeven welk begin van een oplossing het ziet om de weerstandsratio op het door de raad gewenste niveau te brengen? Vraag 2b: denkt het college daarbij aan afstoten van taken, eventuele bezuinigingen/ombuigingen of een mixtum daarvan? 31. PvdA Bedrijfsvoering: We willen een organisatie die blijvend kan inspelen op die veranderingen. Daarvoor passen we de hoofdstructuur van onze organisatie aan. De sectoren verdwijnen en daarvoor in de plaats komt een directiestructuur. We zoeken daarbij passende ontwikkelprogramma s voor leidinggevenden en medewerkers. Het gaat erom dat de juiste mens op de juiste plek in de organisatie zit om zo te kunnen werken aan de opgaven waar we voor staan. Waar nodig passen we bestaande Organisatie- en Ontwikkelplannen aan en plaatsen we medewerkers in de nieuwe structuur. Reeds in het voorjaar van 2012 werd de wenselijkheid van verdergaande veranderingen aangegeven in RIB Eind 2013 is de raad geïnformeerd over de benoeming van de nieuwe gemeentesecretaris en over de organisatie ontwikkeling in 2014 (RIB ). Is het college bereid en in staat de raad op korte termijn te informeren over reeds genomen concrete maatregelen en bijbehorende resultaten? 32. PvdA Verbonden partijen: Het is de inzet van het college om regionaal samen te werken in 2015 door binnen de regio door één gemeente een aantal

45 beleidsarme taken te verrichten voor alle gemeenten in de Regio Amersfoort. Het betreft taken op het terrein van de jeugdzorg en specifieke taken die nu nog binnen de AWBZ en straks onder de WMO 2015 vallen. Als beleidsarme taken worden door het college opgesomd: inkoop en contractering, backoffice ondersteuning (administratie, registratie), beheer digitaal loket/beheer informatie- en administratiesystemen en kwaliteits- en budgetbewaking/verzorging stuurinformatie en beheersmaatregelen. Juist in de sfeer van inkoop en contractering kan het allerwegen beoogde maatwerk door gemeenten worden geleverd. Hoe valt dit te rijmen met een gemeenschappelijke regeling? 33. PvdA Risicomanagement en weerstandsvermogen: Met het onderhandelingsresultaat Vathorst en de uitwerking daarvan in de actuele grondexploitatie 2013/2014 zijn de risico's aanzienlijk beperkt (RIB ). De resterende risico's betreffen vooral die ten aanzien van de grondwaarden voor winkels, woningen, kantoren. Kan het college een nadere toelichting geven t.a.v. die resterende risico's? 34. PvdA Subsidies: De gemeente Amersfoort heeft een structurele subsidierelatie met ruim 100 instellingen en verleent daarnaast ongeveer 300 incidentele subsidies per jaar. Het wettelijk kader is vastgelegd in de Algemene subsidieverordening 2013 (ASV) en de nadere subsidieregelingen. Het gaat hier om een domein dat in gezamenlijkheid een zeer groot deel van de gemeentebegroting omvat. Is het college voornemens om het subsidiebeleid te betrekken bij de komende kerntakendiscussie? 35. PvdA IJkpunten Financiële Positie: Naast de begroting 2014, ontving de gemeenteraad de nota IJkpunten Financiële Positie. In deze nota stelde het college voor om een aantal kengetallen te benoemen en die meerjarig te volgen om zodoende een beter beeld te krijgen van hoe stabiel, weerbaar en wendbaar onze begroting is. Volgens een recente VNG publicatie (Kengetallen financiële positie gemeenten - eind 2013 ) beschikt de gemeente Amersfoort

46 over een Nettoschuld quote van 147% en een Nettoschuld per inwoner van Wat betekenen de door de VNG berekende kengetallen voor de stabiliteit, weerbaarheid en wendbaarheid van de begroting? 36. PvdA Treasury: kapitaalmarktrente Waarop is de verwachte hogere rente voor 2015 e.v. gebaseerd? Door de toestand in de wereld en de stagnerende economische groei zal de rente wellicht lager zijn. Wat voor gevolgen heeft het voor de begroting van Amersfoort als de rente inderdaad minder stijgt? 37. CDA De algemene baten en lasten staan in dezelfde post. Hoe moeten we nu de cijfers lezen? Graag ontkoppeling van baten en lasten. 38. CDA Kunt u meer toelichting bij geldleningen en beleggingen, zowel bij lasten als baten? 39. CDA Worden de incidentele baten en lasten voor buurtsportcoaches structureel? 40. CDA Waarom investeren we in 2016 en 2017 in studentenhuisvesting Is dit gebaseerd op een feitelijk tekort of op een fictief verwacht tekort? 41. CDA Wat wordt er niet meer gedaan bij de onderwijshuisvesting? Taakstelling onderwijshuisvesting is ,-. Is er al een beeld hoe dit wordt ingevuld? 42. CDA In coalitieakkoord staat 2% OZB stijging en in de begroting ,5%. Waarom wijkt dit af? 43. CDA De kosten voor schoonmaken van de wegen wordt voor 30% toegerekend aan rioolbelasting. Is dit blijvend beleid? 44. CDA Hoeveel beheer- en exploitatiebedrijven is beschikbaar voor het vastgoed van de gemeente? Kan centraliseren efficiency opleveren 45. CDA Welzin krijgt een subsidie van 6 mio. Is het geld meer of minder dan in 2013 nu dat de subsidies minder zijn geworden? 46. CDA Waarom zijn de subsidies voor de buitenkasten meer geworden?

47 Aanmeldingen gesprek over conceptbegroting, dinsdag 14 oktober reg.nr Zaal Portefeuillehouder Onderwerp Organisatie Naam inspreker Tekst Molendijkzaal uur Bolsius, Houwing, Tigelaar Bestuur en dienstverlening Molendijkzaal uur Houwing Onderwijs Onderwijsgroep Amersfoort de heer K. de Boer Molendijkzaal uur Molendijkzaal uur Van den Berg Van den Berg Economie en duurzaamheid Cultuur Meerwegen Scholengroep de heer R. Horst College van Bestuur KPOA de heer W. Ellenbroek Sovee de heer R. Caubo tekst StadsLAB033 de heer D. Kaan Stadslandbouw de heer C. Holthackers Scholen in de Kunst de heer A.Keijzer tekst Vereniging Dorpsbelangen Hoogland de heer J. Bijvank Oranjecomité Hoogland de heer W. Hartman Oranjevereniging Hooglanderveen de heer A. Jonker tekst Holland Opera mevrouw J. Hoolboom tekst + 3 films Stichting Amersfoort Jazz de heer E. Dijxhoorn Wijkmuseum Soesterkwartier mevrouw J. Sickmann tekst Bibliotheek Eemland de heer E. de Groot tekst Amersfoort in C (De Kelder; Theater De Lieve Vrouw; De Flint; Bibliotheek Eemland; Scholen in de Kunst) de heer P. Baltus tekst Vermeerzaal uur Vermeerzaal uur Bolsius, Tigelaar Buijtelaar Veiligheid en handhaving Mobiliteit Milieudefensie Amersfoort de heer E. Palmboom tekst Veilig Verkeer Nederland de heer G.H.J. Weierink Vermeerzaal uur Buijtelaar Sport Atletiekverenigingen AV Triathlon mevrouw K. Knopper tekst Atletiekvereniging Altis de heer F. Schneijderberg Vermeerzaal uur Buijtelaar Ruimtelijke ontwikkeling Vrienden van De Kamp de heer N. van Zwetselaar tekst Raadzaal uur Tigelaar Stedelijk beheer en milieu Milieudefensie Amersfoort de heer P. Löhnberg de heer J.J. Madderom Raadzaal uur Imming Wijken en wonen Clowntjeshof e.a. kleinschalige, nietcommerciële evenementen de heer J. de Boer tekst + foto's Raadzaal uur Imming Sociaal Domein Sovee de heer R. Caubo tekst Ouderenbond PCOB de heer R.J.M. van der Pol Cliëntenraad Wmo de heer T. ter Horst Stichting Ravelijn mevrouw S. Cox

48 Inbreng Peter Löhnberg namens Milieudefensie Amersfoort over onderwerp Milieu tijdens De Ronde op 14 oktober in de Raadzaal Geachte aanwezigen, Milieudefensie Amersfoort is blij met de ambities en doelstellingen van de gemeente op milieugebied. Zo waarderen we aanvullende metingen van de luchtkwaliteit i.p.v. alleen modelberekeningen die bijvoorbeeld in Utrecht veel te lage concentraties aangaven. Ook waarderen we het initiatief om zonnepanelen te laten plaatsen op scholen voor gebruik binnen de postcoderoos. Verder lijken het te veel reparaties achteraf i.p.v. het voorkomen bij de bron. Een paar voorbeelden. U wilt geluidswerende maatregelen i.p.v. langzamer verkeer. U wilt anticiperen op de gevolgen van klimaatverandering i.p.v. het tegengaan van klimaatsverandering, o.a. door meer voorlichting over energiebesparend gedrag. U wilt betere afvalscheiding i.p.v. de productie van minder afval. U wilt snellere vergunningen voor groen bouwen i.p.v. het eisen van groen bouwen voor het verlenen van een vergunning. Op andere punten laat u te veel aan de markt over waar u in kunt grijpen. Zo hebben we het college gevraagd om op de dag van de duurzaamheid (10 oktober) maatregelen aan te kondigen tegen open winkeldeuren. De Amersfoortse winkeliers hebben zelf voorgesteld om daar per branche afspraken over te maken. De gemeente heeft de bevoegdheid om dit te verplichten. Intussen ontvingen we van de wethouder van Milieu een uitnodiging om binnenkort met alle steakholders te gaan werken aan het sluiten van de deuren.

49 De meeste door ons voorgestelde maatregelen besparen geld in plaats dat ze geld kosten. Mede daarom, maar vooral voor het milieu, nodigen we u uit tot deze verschuivingen in uw begroting. Dank voor uw aandacht.

50 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijk beheer en milieu Voorzitter: Kennedy-Doornbos Secretaris: Bongers Aanwezig: Dassen, Flikkema, Janssen, Koet-Minis, Langendam, Molenkamp, Noortman-Nieu wendijk, Smulders, Van der Spoel, Steenbeek-Los Publiek: 7 Verslag: MKW Portefeuillehouder: Tigelaar Gast: Löhnberg (Milieudefensie Amersfoort), Madderom Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Heet een ieder welkom. Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Milieudefensie is blij met de ambities en doelstellingen op milieugebied. - De aanvullende meting van de luchtkwaliteit wordt gewaardeerd in plaats van alleen modelberekeningen. Modelberekeningen geven immers een verkeerd beeld, zo bleek eerder in Utrecht. - Het initiatief om zonnepanelen te plaatsen op scholen wordt toegejuicht. - Toch zijn er nog aandachtspunten. De gemeente wil geluidswerende maatregelen in plaats van langzamer verkeer en men wil anticiperen op de gevolgen van klimaatsverandering in plaats van tegengaan. Zelfs in een strenge winter staan de gordijnen open. De gemeente zou erop kunnen wijzen dat met een kleine ingreep veel energie kan worden bespaard. - Niet alleen investeren in afvalscheiding maar ook in verminderen van afval - De gemeente wil snel een vergunning voor groen bouwen, in plaats van het eisen van groen bouwen. - Op andere punten laat de gemeente veel aan de markt over. Zo is aan het college gevraagd op de Dag van de Duurzaamheid maatregelen aan te kondigen tegen open winkeldeuren. De winkeliers hebben zelf afgesproken hierover per branche afspraken te maken. Blij is Milieudefensie met de brief om met alle stakeholders te bekijken wat men kan doen deze winter. Inspreker (Madderom): - Inspreker heeft een paar maanden geleden ook al ingesproken over het milieu. De centrale vraag is of de ene burger de ander mag vergiftigen. - Zijn buurman stookt dag en nacht hout. Elke dag is zijn kachel aan. Er staat een enorme stapel hout naast zijn woning. Hij heeft vreselijk last van de overlast. Het hout bevat veel giffen als het wordt verbrand, vergelijkbaar met asbest. De buurman heeft asbest in wording in grote voorraden liggen. De buurman moet een verbod krijgen, evenals alle andere mensen die een stapel hout naast hun woning hebben liggen. - Wat doet de gemeente eraan om dat te verminderen dan wel op te laten houden? GroenLinks (Janssen): - Wat verwacht u van ons in het kader van de begrotingsbespreking? Inspreker (Madderom): - Er moet meer geld zijn voor handhaving. Niet alleen zijn buurman maar iedere houtstoker moet worden aangeschreven. Eigenlijk moet het verboden zijn om grote stapels hout en als gevolg hiervan gevaarlijke stoffen op te slaan. Vuurwerk mag je ook niet zomaar in de tuin opstapelen. GroenLinks (Janssen): - Is het een suggestie om de prestatie-indicatoren die in de begroting worden genoemd, te veranderen naar andere indicatoren? 1

51 Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Hij zou eerder denken aan middelen om de productie tegen te gaan en zorgen dat de afvalscheiding sterker wordt gestimuleerd. ChristenUnie (Van der Spoel): - Begrijpt dat wat nu door de gemeente gedaan wordt, volgens Milieudefensie het paard achter de wagen spannen is. Hij hoort zeggen dat er minder verkeerslawaai moet komen terwijl de gemeente inzet op geluidsreducerende maatregelen. Klopt het dat Milieudefensie wil dat er meer aan de oorzaken moet worden gewerkt in plaats van het bestrijden van de symptomen? Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Dat is juist. Er moeten veel meer 30km-zones komen. SP (Molenkamp): - In de gemeentelijke duurzaamheidsindex scoort Amersfoort vrij gemiddeld, maar op het gebied van natuur en duurzaamheid laat Amersfoort heel wat steken vallen. Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Noemt als voorbeeld de Westelijke Randweg die wordt omgelegd, omdat de bewoners denken dat dit minder verkeerslawaai geeft. Daar is Milieudefensie ongelukkig mee. De effecten voor de natuur worden onderschat. SP (Molenkamp): - Als Milieudefensie een vergelijking maakt tussen Amersfoort en andere steden, hoe doet Amersfoort het dan? Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Milieudefensie is heel gelukkig met wat Amersfoort tot dusver doet. Amersfoort loopt redelijk voorop, maar het kan nog beter. Amersfoort zou een voorbeeldgemeente op het gebied van duurzaamheid moeten worden. PvdA (Smulders): - Waar denkt Milieudefensie aan bij energiebesparende maatregelen? Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Er kan wordt getracht minder verlichting op gebouwen en straten te plaatsen. Dit zou bovenal onder de burgers moeten worden gestimuleerd. PvdA (Smulders): - Ten aanzien van de heer Maddrom lijkt er een grote nasleep te zitten in zijn verhaal. Heeft de heer Maddrom contact met de buurman en is mediation mogelijk? Inspreker (Madderom): - Zijn buurman vindt centrale verwarmingen ondingen. Er valt niet met hem te praten. De uitstoot van mensen die hout stoken, moet worden gemeten. Burgerpartij Amersfoort (Langendam): - In het oog springt de aanleg van meer 30km-zones vanuit het oogpunt van beperking van geluidsoverlast. Maar bij 30 kilometer rijden auto s niet op hun efficiëntst. Wat je wint aan geluidsoverlast krijg je terug aan fijnstof. Hij wil daar meer cijfers over zien. Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Het betreft geluid en verkeer, dat moet worden teruggedrongen. Bij meer 30km-gebieden gaan automobilisten wellicht meer fietsen. 2

52 D66 (Dassen): - In het coalitieakkoord staat dat er een nieuw verlichtingsplan komt voor de stad met als voorbeeld de stad Gent. - Voor wat betreft de afvalscheiding doet Amersfoort al veel. - Door de markt wordt ook al veel opgepakt. - Ten aanzien van de geluidsoverlast: veel mensen rijden in een Prius. Op termijn zal dit probleem nog minder zijn, want dan rijden nog meer mensen in een elektrische auto. Voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Milieudefensie wordt verzocht haar bijdrage digitaal aan te leveren. GroenLinks (Janssen): - Wil bespreken of de genoemde indicatoren degene zijn waarmee de gemeente het wil doen. De C0 2 - reductie kende bijvoorbeeld een overall indicator. - Waarom zijn geen streefwaarden meegenomen? - In 2030 moet de gemeente Amersfoort energieneutraal zijn. Passen de indicatoren bij het beleid dat is afgesproken? Voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Over de wijze van behandeling van de indicatoren wordt door de griffie een opzet gemaakt. Wethouder (Tigelaar): - Signalen hebben het college bereikt dat men zich afvraagt waarom geen streefwaarden zijn opgenomen. Dat heeft deels te maken met techniek. Op 28 oktober a.s. zal hierover een informatiememo volgen. - Bekeken wordt of de indicatoren kunnen worden gemeten over de gehele stad. - Het klopt dat er een streven bestaat om de stad in 2030 C0 2 -neutraal te laten zijn en dan ook te bepalen welke indicator hierbij hoort. Milieudefensie Amersfoort (Löhnberg): - Het is niet reëel dat de markt mensen gaat overhalen om energiezuiniger te leven. Amersfoort2014 (Koet-Minis): - Het is een marktwerking wanneer wordt gestimuleerd dat de mensen LED-lampen dienen te kopen. De voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Sluit de bijeenkomst en dankt de aanwezigen voor de inbreng. Conclusie Bespreek- en discussiepunten: - Investeren in meten luchtkwaliteit en zonnepanelen is goed - Niet alleen investeren in afvalscheiding maar ook in verminderen van afval - Niet alleen investeren in geluidswerende maatregelen maar ook in verminderen verkeerslawaai - Niet alleen anticiperen op klimaatverandering maar dat ook proberen te voorkomen - Maatregelen om winkeldeuren te sluiten in de winter - Houtrookoverlast verminderen door meer handhaving - Meer 30 km zones, dan pak je bovendien vaker de fiets - Minder verlichting is energiezuiniger - Indicatoren in relatie tot doelstelling CO 2 neutraal in Wat kan door de overheid en wat door de markt opgepakt kan worden - Indicatoren bij doelstellingen Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

53 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van tot uur vergaderruimte: Raadzaal (1.02) aantal bezoekers: 7 Onderwerp Van Soort bijeenkomst Van de raadsleden werd gevraagd Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Stedelijk beheer en Milieu College van B&W Voorbereiding besluit Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Kennedy-Doornbos Collegelid Tigelaar Secretaris Bongers Ambtenaren Reg.nr Fractiewoordvoerders Dassen (D66), Flikkema (VVD), Janssen (GL), Koet-Minis (Amersfoort2014), Langendam (BPA), Molenkamp (SP), Noortman-Nieuwendijk (CDA), Smulders (PvdA), Van der Spoel (CU), Steenbeek-Los (OPA) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken Inspreker - De heer P. Löhnberg, Milieudefensie Amersfoort - De heer J.J. Madderom Bespreek- en discussiepunten o.a.: - Investeren in meten luchtkwaliteit en zonnepanelen is goed - Niet alleen investeren in afvalscheiding maar ook in verminderen van afval - Niet alleen investeren in geluidswerende maatregelen maar ook in verminderen verkeerslawaai - Niet alleen anticiperen op klimaatverandering maar dat ook proberen te voorkomen - Maatregelen om winkeldeuren te sluiten in de winter - Houtrookoverlast verminderen door meer handhaving - Meer 30 km zones, dan pak je bovendien vaker de fiets - Minder verlichting is energiezuiniger - Indicatoren in relatie tot doelstelling CO 2 neutraal in Wat kan door de overheid en wat door de markt opgepakt kan worden - Indicatoren bij doelstellingen Toezeggingen Portefeuillehouder gaat na of er een betere indicator is om de doelstelling Amersfoort CO 2 neutraal in 2030 te meten. Advies aan het presidium Naar Het Besluit met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING STEDELIJK BEHEER EN MILIEU

54 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

55 Subsidiabiliteit ClowntjesHof. In de Ronde van juli jl. is er door mij en enkele anderen aandacht gevraagd voor het gebruiken van buurtbudget voor buurtoverstijgende, voor alle wijken van Amersfoort georganiseerde, kleinschalige, niet-commerciële, volledig door vrijwilligers opgezette, voor sponsorende bedrijven niet interessante, evenementen. Evenementen(tjes) die omwille van onpartijdigheid in de binnenstad gehouden worden en dan ook al vaak een beroep doen op het bbn buurtbudget. Het Kidsfestival in mei en ClowntjesHof (CH) in juni zijn 2 van dat soort evenementen. Als betrokkene bij CH wil ik u enig inzicht geven in onze financiële gang van zaken en onze Totaal Amersfoort gericht zijn. Dat vergt toch wel een historische opsomming. Financiën CH was tot 2009 een onderdeel van de tot dan gehouden KeiStadFeesten en werd vanuit dat budget gefinancierd.. Toen met de KSF gestopt werd stopte DUS ook CH. De gehele gemeentelijk KSFsubsidie werd in een klap overgeheveld naar Spoffin. De vrijwilligers betrokken CH (zo n 60 a 70 personen) gaven nadrukkelijk te kennen dit unieke kinderevenement in de binnenstad van Amersfoort voort te willen zetten. Ook CH-bezoekertjes in de omgeving van deze vrijwilligers gaven nadrukkelijk aan dat zij wilden dat CH door zou gaan. En wat doe je als ook enthousiast zijnde KernComité dan? In 2010 werd financiering gevonden door de boedelverdeling van de ACC v.w.b. commerciële sponsoren te benaderen In 2011 en 2012 verminderde die sponsoring sterk tot die in 2013 op nul eindigend. De bijdrage van de Horecavereniging de Hof was in 2012 uiterst welkom, maar door bedrijfseconomische problematiek in deze sector droogde ook die stroom op (voor 2014 is er nu een kleine opleving via niet-vereniging gebonden kleine sponsorbedragen van enkele ondernemers) In 2011 en 2012 kwam door de inzet van CH vrijwilligers op de ijsbaan op het LVK de vergoeding die tegenover hun inzet stond ten goede aan CH, maar na 2012 was er geen LVK-ijsbaan meer. Sinds 2011 wordt een beroep gedaan op de buurtbudgetten. De bijdrages beperkten zich aanvankelijk uitsluitend tot de bbn, Liendert en Kruiskamp, voor 2014 sluiten ook Kattenbroek, het Soesterkwartier en Kattenbroek aan. Sinds 2011 is er diverse malen een beroep gedaan op gemeentelijk subsidie zowel bij de beleidsambtenaren als bij wethouders. Maar omdat de doelgroep van CH niet valt binnen het beleidsterrein van de gemeentelijke sectoren ving en vangt CH overal bot. CH is géén cultuur, géén sport, géén toerisme, géén marketingmiddel, ga maar door. Reden waarom we dan ook sinds 2011 op advies van de burgemeester, gevraagd naar een sectoroverstijgende sector een beroep op de buurtbudgetten zijn gaan doen. Tijdens de KeiStadFeesten periode is er reserve opgebouwd voor het in stand houden van de inventaris (zo n 120 pakken, 130 pruiken, stapels doosjes schmink, in de loop van enig jaar opgebouwde hoeveelheid knuffels, catering- en TD materiaal etc. etc,) totaal vervangingswaarde zo n Alle jaarlijkse inkomsten dekken niet de jaarlijkse uitgaven. Er wordt dus eenvoudig ingeteerd op de reserve. Zo doorgaand zal CH 2015 de laatste zijn. Onderstaand overzicht geeft u inzicht over de afgelopen jaren. ClowntjesHof historie inkomsten/uitgaven werk. Werk. Voorl. Werk. Werk. Voorl. Inkomsten Uitgaven Bedrijven sponsoring Algeme/organ Horeca sponsoring Att. Mdwkrs Prive sponsoring Verv. Invent Inzet voor KIA Catering buurtbudget bijdrage Attracties Totaal Totaal Exploitatie tekort

56 Bezoekersverdeling naar herkomst en leeftijdsgroep In 2012 en in 2014 is onderzocht waar de bezoeker(tjes) vandaan kwamen en of ze tot de :onderbouw of de bovenbouw hoorden Daartoe werden de (groot)ouders gevraagd naar de 4-cijferige postcode en het aantal meekomende kinderen in de 2 leeftijdsgroepen. Dubbeltellingen hebben zich niet voorgedaan omdat bevraagden een keycord omgehangen kregen waardoor voor een 2 e keer lastig vallen voorkomen werd. Conclusies zijn: 20% van de bezoekertjes komt van buiten de gemeente Amersfoort (Enkelen uit Griekenland en de UK, maar die zullen wel niet speciaal voor CH naar Amersfoort gekomen zijn). Was in 2012 de % spreiding over de wijken tov het gemiddelde herkenbaar in 2012 is de spreiding over de wijken bijna gelijk. De jongere bezoekers hebben significant de overhand Verdeling aantal bezoekertjes ClowntjesHof 2012 vs 2014 O.b.v ge-enqueteerde (groot)ouders Ge-enqueteerd Van totaal uit: Amersfoort 80% 80% Buurgemeentes n.b. 10% Rest nederlnd 20% 10% Van totaal uit Amersfoort (bij gelijke verdeling zou ieder 8% zijn) <5% 5-10% 10-15% <5% 5-10% 10-15% Binnenstd x x Soest.kw x x Schothrst x x Kruisk x x Liend x x Randbr x x Leusd.kw x x Bergkw x x Zielh x x Kattenbr x x Vathrst x x Nwlnd x x Hoogl/veen x x Naar leeftijd (van totaal) <8jaar 75% 83% >8jaar 25% 17% Op basis van het aantal uitgedeelde knuffels aan kinderen die een prestatie leveren (stokken vangen, kop van jut, behendigheidsspel, karaoke) wordt CH door 1000 á 1250 kinderen bezocht. (3 scholen vol!!!) daarbij rekening houdend met de niet-knuffelaars en degenen die 2 of meer knuffels verdienen.

57 Afsluiting ClowntjesHof is een langzamerhand traditioneel kinderevenement (in 2014 voor de 16 e maal) dat grote moeite moet doen om het lage bedrag dat met de organisatie gemoeid is bij elkaar te krijgen. (Mensen die een beetje met dit soort bijltje hakken snappen niet dat het voor zo weinig kan.) Liever stak het KermnComité haar effort in het bedenken van leuke en interessante kinderactiviteiten. Door de beleidsmakers en beslissers binnen het bestuur van de gemeente worden dit soort kinder - evenementen mogelijk ondergewaardeerd of niet gezien als aandachtwaardig. Het verkrijgen van bijdrages uit de buurtbudgetten zijn onderhevig aan visies van wisselende besturen; soms néé vanwege uitsluitend eigen wijk-gericht zijn; afhankelijk van verschillende toewijzingsmodellen. De continuïteit is niet te waarborgen. De totale hoogte van de bijdrages is (hoe welkom of ze ook zijn) niet voldoende om de organisatie mogelijk te maken, terwijl alle effort die gestoken wordt om andere geldstromen te genereren om vrijwel nul uitlopen. Het heffen van entree of attractiekaartjes voor CH wordt niet overwogen. ClowntjesHof is een kinderevenement voor ALLE kinderen uit ALLE lagen van de bevolking en helemaal GRATIS.

58 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Wijken en Wonen Voorzitter: Kennedy-Doornbos Secretaris: Bongers Aanwezig: Aghina, Van Bruggen, El-Messaoudi, Janssen, Koet-Minis, Langendam, Meijer, Sanders, Van der Spoel, Steenbeek-Los Publiek: 7 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Imming Gast: De Boer (kleinschalige evenementen) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Heet iedereen welkom. Clowntjeshof (De Boer): - Vraagt in het kader van Clowntjeshof de mogelijkheden te onderzoeken om kleinschalige nietcommerciële evenementen, die voor alle Amersfoorters worden georganiseerd, binnen de begroting van de gemeente een financieel fundament te geven. Dit soort evenementen, zoals de organisatie van Clowntjeshof en Kids Festival, vallen buiten de boot van de beleidsvelden. Men moet heel veel energie steken in het sluitend krijgen van de begroting. Die energie steekt men liever in de inhoud van de evenementen. - Sponsoring van bedrijven begint op te drogen en de doelgroep is vaak niet interessant. Wel zijn er bedrijven die in nature een bijdrage leveren. - Ondersteuning wordt gevraagd bij buurtbudgetten. Die veranderen echter ieder jaar van samenstelling en focus. Er zit geen continuïteit in. - Via de griffie is inzicht verkregen in de inkomsten en uitgaven waaruit klip-en-klaar blijkt dat Clowntjeshof geen bestaansrecht meer heeft omdat ingeteerd moet worden op de inventaris en onderhoud. Gevraagd wordt om meer betrokkenheid van de raad, zodat de evenementen voor de kinderen niet verloren gaan. Amersfoort2014 (Koet-Minis): - Op welke gronden is de subsidie afgewezen? Clowntjeshof (De Boer): - Alleen binnen de eigen beleidsvelden wordt subsidie verstrekt. Sectoroverstijgend is er geen mogelijkheid om het voor elkaar te krijgen. De burgemeester heeft hen aangeraden een beroep te doen op de buurtbudgetten, maar dat is geen sectoroverstijgende activiteit c.q. financiering. OPA (Steenbeek-Los): - Elke wijk in Amersfoort kan geld aanvragen via het buurtbudget. Clowntjeshof (De Boer): - Bij evenementen komen de mensen uit allerlei buurten. Van diverse buurtbudgethouders wordt subsidie gevraagd. Deze teams veranderen ieder jaar van samenstelling en de procedure is bijna bij elke aanvraag verschillend. Er zit geen continuïteit in het verhaal. De ene keer wordt wel verstrekt en de andere keer niet. D66 (Sanders): - Welke sponsoren zijn nog meer benaderd voor het festival? Clowntjeshof (De Boer): 1

59 - Alle soorten bedrijven die binding kunnen hebben met deze evenementen, zijn benaderd. Een jaar of zes geleden lukte het nog wel. Thans droogt zoiets op en gaan bedrijven meten wat ze ervoor terug krijgen. Veel bedrijven stoppen ermee. CDA (Aghina): - Er wordt een opmerking gemaakt buurtbudgetten. Dat is een intrigerende opmerking. Welke motivatie geven de budgethouders erbij? Clowntjeshof (De Boer): - De binnenstad geeft een bijdrage, maar andere wijken vinden dat de gelden alleen kunnen worden bestemd voor de betreffende buurt. Eigen mensen eerst. Dat hoopt men te doorbreken, omdat er wordt georganiseerd voor alle buurten. GroenLinks (Janssen): - Betreft het effect op de begroting één festival of is het probleem groter? Clowntjeshof (De Boer): - Men heeft er last van bij Clowntjeshof, Kids Festival, Gluren bij de buren en een vierde evenement waarvan hij thans de naam niet meer weet. D66 (Sanders): - Wil het hebben over Wonen, en met name de prestatieafspraken met woningbouwcorporaties. Kan hier invloed op worden uitgeoefend en dan specifiek op de woonruimte? Immers, men betaalt voor een woning van 80m² dezelfde prijs als voor een woning van 110 m². GroenLinks (Janssen): - Ziet de vertaling van de doelstellingen in de effectindicatoren niet terug. De paragraaf Vathorst hoort onder Wijken en niet onder Wonen. PvdA (El-Messaoudi): - Ordevoorstel: Er worden teveel technische vragen gesteld. - Begrijpt de link met de begroting ten aanzien van de prestatieafspraken met corporaties niet. D66 (Sanders): - Wenst een apart Ronde-overleg. SP (Meijer): - Een aandachtspunt is de beschikbaarheid van sociale huurwoningen en de verkoop van sociale huurwoningen alsmede de verwevenheid met het sociale domein en de veronderstelde basisinfrastructuur in wijken. Wat nog wordt gemist in de wijkopzet is de relatie tussen Amersfoort Vernieuwt en de verplichting van corporaties om sociale huurwoningen te verkopen. Dat heeft gevolgen voor de beschikbaarheid van sociale huurwoningen. De SP overweegt voorstellen om een andere richting in te slaan. - Eventuele motie: In welke mate wordt het huidige wijkenbeleid ingezet om de sociale basisinfrastructuur in de wijken te garanderen. ChristenUnie (Van der Spoel): - Het buurtbudget krijgt een andere methodiek en daar is hij nieuwsgierig naar. De budgetten worden gezien als een middel om de sociale cohesie te stimuleren en activiteiten te organiseren. In sommige wijken functioneert dat goed en in andere wijken verdwijnt het bijna onzichtbaar. Diverse ambities worden al uitgevoerd. Welke nieuwe ambities kunnen worden opgesteld? Wethouder (Imming): - Een evaluatie wijkgericht werken is gehouden. Daarvan is weinig teruggezien bij de insprekers. Er zijn twee avonden geweest met partijen uit de stad. Daarin is de conclusie getrokken dat de aanpak van het wijkgericht werken of gebiedsgericht werken in combinatie met het Sociale Domein toe is aan een up- 2

60 date. Dat is toegezegd: er komt een nieuwe visie op het gebiedsgericht werken. Moties lijken daardoor overbodig. SP (Meijer): - Is niet de bedoeling om geld voor buurtbudgetten te reserveren voor het Sociale Domein. CDA (Aghina): - In het hele verhaal zal het CDA letten op het levensloopbestendige karakter van wijken (mobiliteit en voorzieningen). Conclusie: Bespreek- en discussiepunten: - Financiering van kleinschalige niet-commerciële evenementen voor kinderen (bijv. clowntjeshof, Kidsfestival) - Prestatieafspraken met woningcorporaties - Beschikbaarheid en verkoop sociale huurwoningen en beprijzing - Basisinfrastructuur in relatie tot wijkenbeleid - Buurtbudgetten - Levensloopgeschikte karakter van wijken - Indicatoren bij doelstellingen Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

61 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van tot uur vergaderruimte: Raadzaal (1.02) aantal bezoekers: 7 Onderwerp Van Soort bijeenkomst Van de raadsleden werd gevraagd Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Wijken en Wonen College van B&W Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Kennedy-Doornbos Collegelid Imming Secretaris Bongers Ambtenaren Reg.nr Fractiewoordvoerders Aghina (CDA), Van Bruggen (PvdA), El-Messaoudi (PvdA), Janssen (GL), Koet- Minis (Amersfoort2014), Langendam (BPA), Meijer (SP), Sanders (D66), Van der Spoel (CU), Steenbeek-Los (OPA) Inspreker(s)/ De heer J. de Boer (kleinschalige evenementen, brief op LIS: 12-15, ) genodigden Samenvatting en afspraken Bespreek- en discussiepunten: Financiering van kleinschalige niet-commerciële evenementen voor kinderen (bijv. clowntjeshof, Kidsfestival) Prestatieafspraken met woningcorporaties Beschikbaarheid en verkoop sociale huurwoningen en beprijzing Basisinfrastructuur in relatie tot wijkenbeleid Buurtbudgetten Levensloopgeschikte karakter van wijken Indicatoren bij doelstellingen Toezeggingen Advies aan het presidium Portefeuillehouder bevestigt de al eerder gedane toezegging binnenkort met een update te komen van gebiedsgericht werken. Naar Het Besluit met debat beslui# v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING WIJKEN EN WONEN

62 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

63 Basisinfrastructuur kind van de rekening? De basisinfrastructuur vormt samen met de zelfredzaamheid het fundament van het sociale domein. Echter, alle aandacht gaat uit naar de wijkteams. De wijkteams lijken de oplossing voor alle problemen in de sociale sector. Begrijpelijk, maar niet verstandig, want nu dreigt de basisinfrastructuur het kind van de rekening te worden. De begroting voor het sociale domein staat vol met ambitieuze voornemens en doelstellingen. Wat nu nodig is, is de aansluiting bij de dagelijkse praktijk, met een basisinfrastructuur die een stevig fundament vormt waardoor problemen van burgers zo snel en eenduidig mogelijk worden opgelost. Een sterke basisinfrastructuur voorkomt dat te snel een beroep wordt gedaan op het wijkteam en zorgt ervoor dat wijkteams goed en verantwoord kunnen afschalen. In de begroting is naar verhouding relatief weinig budget opgenomen voor de versterking van de basisinfrastructuur. Het is algemeen bekend dat als je in de basis investeert je enorme besparingen in de specialistische zorg kunt bereiken. Uit de begroting blijkt dat niet, dreigt nu verschraling? SOVEE staat dicht bij het onderwijs en sluit met haar diensten aan bij de zorg in en rondom de school. Naar ons idee gaat het om directe pedagogische ondersteuning, informatie en advies voor leerkrachten en ouders zodat eenvoudige vragen en problemen over opvoeden en opgroeien relatief snel kunnen worden opgelost. Zo voorkomen we dat alles bij het wijkteam terecht komt. Het wijkteam is er immers voor de complexe vraagstukken en de toegang tot de specialistische zorg. Eenvoudige pedagogische problemen kunnen op school, in de wijk en op de sportclub worden opgelost. In samenwerking en samenspraak met vrijwilligers en professionals, formeel en informeel. Samen met collega instellingen als Ravelijn, NVA, Welzin en Stadsring 51. Het gaat mij om de zorg voor jongeren, kinderen en ouders, niet om organisaties. En om diezelfde reden roep ik u op om vooral te investeren in preventie en het versterken van de basis, inhoudelijk én financieel. Rogér Caubo, Directeur-bestuurder SOVEE

64 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting : Sociaal Domein Voorzitter: Kennedy-Doornbos Secretaris: Bongers Aanwezig: Bijlholt, Van Bruggen, De la Combé, Happe, Jongerman, Van Koningsveld, Langen dam, Meijer, Prins, Steenbeek-Los, Stoelinga, Vlug en Voogt. Publiek: 25 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Tigelaar, Imming Gast: Caubo (SOVEE), Cox (Stichting Ravelijn), Ter Horst (Cliëntenraad WMO) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Kennedy-Doornbos): - Heet iedereen welkom. Na inventarisatie zal de heer R.J.M van der Pol namens de PCOB niet inspreken. SOVEE (Caubo): - De basisinfrastructuur en de zelfredzaamheid vormen het fundament voor het Sociale Domein. Echter, alle aandacht gaat uit naar de wijkteams. Die teams lijken de oplossing voor alle problemen in de sociale sector. Dat is niet verstandig. De basisinfrastructuur lijkt het kind van de rekening te worden. De begroting voor het Sociale Domein staat vol met doelstellingen en ambitieuze voornemens. Wat nodig is, is de aansluiting bij de basis die een stevig fundament vormt, waardoor problemen snel en eenduidig worden opgelost. Een gedegen basis zorgt ervoor dat er minder snel een beroep wordt gedaan op het wijkteam en kunnen afschalen. - SOVEE staat dicht bij het onderwijs. In die basiszorg gaat het om adequate pedagogische ondersteuning. Eenvoudige vragen kunnen hierdoor relatief snel worden opgelost. Zo wordt voorkomen dat alles bij het wijkteam komt. De wijkteams zijn er in zijn optiek alleen voor de complexe vraagstukken en de toegang tot de specialistische zorg. - Het gaat om de zorg voor jongeren en kinderen met hun ouders en niet om organisaties. Er moet vooral worden geïnvesteerd in preventie en het versterken van de basis. Stichting Ravelijn (Cox): - De afgelopen tijd is veel tijd besteed aan de vorming van wijkteams. Een goede ontwikkeling waarbij professionals met elkaar samenwerken en zorg zo dicht mogelijk bij de ontvanger wordt aangeboden. Het grootste deel van de zorg zal moeten komen via het eigen netwerk, de mantelzorgers en de vrijwilligers. Er zijn tal van organisaties die een bijdrage leveren aan de basisinfrastructuur. In 2015 dient een open oog en oor te worden gehouden voor het sociale kapitaal en de basisinfrastructuur ten volle benut en verstevigd te worden. Zo kan zij de meest essentiële aanvulling vormen voor de formele zorg en ervoor zorgen dat de mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. De basisinfrastructuur zal haar kracht aan de gemeenschap van Amersfoort teruggeven. Cliëntenraad WMO (Ter Horst): - Zorgen worden gemaakt over het mindere budget. Er zijn ook scherpere eisen voor subsidietoekenning. Hoe kunnen mensen krijgen waar ze recht op hebben? - Er wordt gekeken naar een collectieve ziektekostenverzekering. In de praktijk is het niet gemakkelijk om over te stappen en dezelfde voorzieningen te behouden. Het college wordt gevraagd dit erbij te onderhandelen. - Een aandachtspunt is de trage afhandeling van zaken via het CAK. - In september was een bijeenkomst over dit onderwerp geldt als een overgangsjaar. In het begin zullen heus nog wel zaken fout gaan. Spreker is bang voor spraakverwarringen en beginnersfoutjes en hoopt op coulance van de gemeente. 1

65 SP (Meijer): - Veel zaken zijn uit het hart gegrepen. - SOVEE is in onderhandeling met de gemeente en levert mensen aan de wijkteams. In relatie tot de begroting vraagt hij of SOVEE zich voldoende ondersteund voelt. - Wat voor gevolgen hebben de transities voor de formatie van SOVEE? Moeten mensen worden ontslagen en hoeveel? SOVEE (Caubo): - SOVEE is betrokken bij de decentralisaties en de inrichting van de wijkteams. Een aantal mensen heeft een plek gekregen in verschillende wijkteams. - SOVEE is in gesprek met de gemeente inzake de prestaties over Dat betekent in grote lijnen dat de omvang van SOVEE ongeveer hetzelfde blijft, maar er vindt een duidelijke taakverschuiving plaats. - Met de gemeente vinden gesprekken plaats over de functies die voor de stad in 2016 en 2017 kunnen worden vervuld, zoals op het gebied van pedagogische aanpak en de verbinding onderwijs/jeugdzorg. Spreker is positief over de functies die men kan inzetten. - Ontslagen zijn niet uitgesloten. Amersfoort2014 (Stoelinga): - Maakt zich zorgen over de relatie zorg en wijkteams. Wat dreigt er verloren te gaan als de wijkteams een aantal taken overnemen? SOVEE (Caubo): - Ten aanzien van het primaire onderwijs kan het een goede aansluiting zijn met het werkveld. Ten aanzien van het voortgezet onderwijs zal veel expertise worden gemist. Er zijn straks maximaal 22 wijkteams en dat is voor de meeste scholen niet uitvoerbaar. Amersfoort 2014 (Stoelinga): - De contactpersonen van SOVEE komen niet in de wijkteams terecht? SOVEE (Caubo): - Denkt van niet, maar daar verschillen de meningen over. Er is een grote bundeling van kennis opgebouwd ten aanzien van het mbo. Als je dat via de wijkteams laat afvloeien, verwatert het op den duur en kun je opnieuw beginnen. GroenLinks (Prins): - De activiteiten van SOVEE behoren tot de basisinfrastructuur of tot de wijkteams of allebei? SOVEE (Caubo): - De diensten en functie die SOVEE uitvoert, horen voornamelijk in de basis thuis. Daarmee wordt bedoeld dichtbij in het onderwijs met pedagogische ondersteuning, maar ook de coachingstrajecten en de sportactiviteiten. GroenLinks (Prins): - Kan iets meer worden gespecificeerd hoe de basisinfrastructuur inhoudelijk kan worden versterkt? SOVEE (Caubo): - In de begroting staan verschillende cijfers. Daar staat een bezuiniging van 2 miljoen op de basisinfrastructuur. In de praktijk moet nog veel vorm krijgen en hij weet niet of het op deze manier mogelijk is aansluiting te zoeken tot de formele en informele zorg. D66 (Bijlholt): - De basisinfrastructuur is belangrijk. Heeft SOVEE een idee waar het geld vandaan moeten worden gehaald om de basisinfrastructuur te versterken? SOVEE (Caubo): - De decentralisaties en het Sociale Domein hebben de bedoeling om de basis te versterken en ervoor te 2

66 zorgen dat er minder specialistische zorg nodig is. Veel was versnipperd en er diende meer en efficiënter te worden samengewerkt. Wat effectiever kan, moet ook worden nagestreefd. Het is aan de gemeenteraad om te besluiten wat hij belangrijk vindt. CDA (Vlug): - Is de doelstelling haalbaar dat door meer te investeren in de basisinfrastructuur minder geld gaat naar de specialistische zorg? SOVEE (Caubo): - Is daarvan overtuigd, op de langere termijn, mits de basis op orde is. CDA (Vlug): - Welke geluiden komen er vanuit de vrijwilligers van Ravelijn? Wat is nodig om te zorgen dat de basisinfrastructuur er niet onder gaat lijden? Stichting Ravelijn (Cox): - De zorg, ook de informele, moet meer door elkaar heen opgevangen worden. Er wordt nu al geïnvesteerd in het actief opzoeken van de wijkteams en gekeken wordt naar de verbinding tussen de informele zorg en de wijkteams. Er zijn veel combinaties te maken. Als het voor een vrijwilliger niet mogelijk is, worden bijvoorbeeld hbo-studenten ingezet. Het is een proces van veel kansen en groeimogelijkheden. Maar dat heeft een investering nodig in de infrastructuur. PvdA (De la Combé): - Sluit aan bij het betoog van mevrouw Cox. Er vindt een herijking plaats in de bestaande incidentele budgetten en subsidieregelingen, dus ook in de budgetten die naar de professionele instellingen gaan. De zorg is geen werkgelegenheidsproject. De komende jaren moet de zorg voldoende kwaliteit behouden met de inzet van capabele personen, formeel dan wel informeel. SP (Meijer): - Het lijkt erop dat de heer Caubo zijn expertise wil laten vervangen door vrijwilligers. CDA (Vlug): - Mevrouw Cox handelt oplossingsgericht, maar zijn er ook knelpunten? - Wat heeft Ravelijn nodig van de gemeente om het beleid tot een succes te maken? Stichting Ravelijn (Cox): - Het is geen simpele oplossing. Vrijwilligers en informele zorg doen geweldige dingen. Daar moet men heel dankbaar voor en zuinig op zijn, maar het is niet het antwoord op alles. Wat nodig is, is het besef dat men vrijwilligers aan zich moet binden. Als je wilt dat het op een goede manier wordt ingezet, dan is het nodig dat je dat ondersteunt. Dat vraagt facilitering van het proces. CDA (Vlug): - Zit er voldoende ruimte in de begroting om daaraan tegemoet te komen? Stichting Ravelijn (Cox): - Het is niet helemaal bekend wat er in begroting overblijft. De helft is incidenteel en de rest structureel. Met relatief weinig middelen wordt veel bereikt en het zou jammer zijn als bepaalde diensten moeten worden opgeheven, zoals de klussendienst. GroenLinks (Prins): - Hoe wordt in de toekomst de signaleringsfunctie vormgegeven? Cliëntenraad WMO (Ter Horst): - Er blijft altijd een signaleringsfunctie. Gehoopt wordt op signalen vanuit de wijkteams. In die mate moet er sprake zijn van tweerichtingsverkeer, zodat in preventieve zin zaken kunnen worden opgepakt. 3

67 SP (Meijer): - Is Ravelijn in staat om de signaleringsfunctie die het had, op te vangen? - Is de heer Ter Horst gelukkig met de wijze waarop zaken worden geregeld via de verzekeraars? Stichting Ravelijn (Cox): - Er zijn circa 400 vrijwilligers die voor informele projecten van Ravelijn werken. Dat zijn er veel minder dan het aantal in de huishoudelijke hulp. Dat kan dus niet een-op-een worden overgenomen. Cliëntenraad WMO (Ter Horst): - De ontwikkelingen omtrent de collectieve verzekering voor chronisch zieken en gehandicapten heeft hij niet paraat. GroenLinks (Prins): - De basisinfrastructuur is vrij cruciaal in het nieuwe systeem. In hoeverre kunnen zorgbehoevenden de basisinfrastructuur vinden? Er is immers geen loket voor. Er zijn er heel veel. SOVEE (Caubo): - Er zijn diverse manieren om zorgbehoevenden te adviseren. Hopelijk kan dit in een goede vorm worden voortgezet, fysiek of via een digitaal platform. ChristenUnie (Kennedy): - Worden alle functies die bij SOVEE worden uitgevoerd voortgezet vanuit 2014 naar 2015? Behoren die functies bij de specialistische zorg of de basisinfrastructuur waarop men afschaalt? SOVEE (Caubo): - De functies die worden vervuld, met onder meer het trajectbureau, de groepsgerichte opvoedondersteuning, de leerlingbegeleiding en coachingstrajecten, vallen allemaal onder de basisinfrastructuur. Dat wordt in 2015 waarschijnlijk voortgezet. CDA (Vlug): - Heeft een vraag over de kanteling. Dat is het terugduwen van de zorg naar zelfredzaamheid. Hoe werkt dat in de praktijk? Kan alles worden opgelost met zelfredzaamheid? Geldt dat voor alle doelgroepen? Hoe kunnen mensen worden toegerust om de kanteling te realiseren richting de zorgontvangers? Stichting Ravelijn (Cox): - De kanteling is het proces waar men thans in zit. Mensen worden gewezen op hun eigen verantwoordelijkheid. Dat is breed een goede ontwikkeling. Er komen veel krachten los en er kan vaak meer dan men denkt. Er zitten echter wel grenzen aan. Er komen ook mensen bij Ravelijn die niet altijd geschikt zijn als vrijwilliger om het werk uit te voeren. Cliëntenraad WMO (Ter Horst): - Sluit aan bij het verhaal van mevrouw Cox. De vraag is waar die grens ligt. Een aantal zaken kun je niet altijd neerleggen bij vrijwilligers omdat die te persoonlijk zijn. Daarom ook het verschil tussen vrijwilligers en professionals. Spreker merkt reeds nu al veel onrust onder mensen die het afgelopen jaar minder uren huishoudelijke hulp hebben toegewezen, daarbij aangewakkerd door de onrustgevoelens van de medewerkers van de huishoudelijke hulp die onzeker zijn over het behoud van hun eigen baan. De onrust is groot. SOVEE (Caubo): - De kanteling en transformatie vinden plaats op verschillende niveaus en gebieden. De organisatie en de medewerkers zullen moeten kantelen. Het kan niet van de ene op de andere dag. Cultuurverandering is het moeilijkste wat er is. En niet alle mensen zijn ervoor geschikt. GroenLinks (Prins): - In de Kadernota is al aangegeven dat geld verdwijnt uit het Sociale Domein. Daar is de fractie op tegen en men zal voorstellen om dit niet te doen. 4

68 SP (Meijer): - Bewaart zijn bijdrage voor de discussie over de beleidskaders. D66 (Happe): - Ten aanzien van de basisinfrastructuur wordt een amendement overwogen voor meer geld. Een dekking dient nog te worden gevonden. Wethouder (Imming): - In het kader van de feitelijke weergave is het van belang te melden dat voor de basisinfrastructuur een overgangsjaar geldt. Aan de budgetten van de aanbieders in de basisinfrastructuur is niets veranderd. De bedragen blijven gelijk. De enige reden waarom het in de begroting minder lijkt, is dat de kapitaalslasten voor het welzijnsvastgoed zijn overgezet naar een ander programma. Het totale bedrag lijkt minder, maar per saldo is het gelijk. In 2015 wordt gekeken wat de basisinfrastructuur nodig heeft ten behoeve van de transformatie en dat zal impact hebben op de manier waarop het geld wordt herverdeeld in de totaalbegroting van het Sociale Domein. CDA (Van Koningsveld): - De fractie wenst aandacht voor de mantelzorg. Hij is blij dat de budgetten en de aanbieders vastliggen, zoals de wethouder zegt, maar wenst ook een percentage voor de innovatieve zorg. Een amendement wordt daartoe overwogen. Mogelijk kan de port of entry worden geschapen via de Voedselbank, waar veel kwetsbare mensen komen. Een amendement wordt overwogen zodat aldaar een ondersteuningspunt komt en mensen ongedwongen worden geholpen. Conclusie: Bespreek- en discussiepunten: - Basisinfrastructuur versus wijkteams - Investeren in basis zorgt voor besparing in specialistische zorg - Het gaat om zorg, niet om organisatie - Investeren in preventie en in basis (inhoudelijk en financieel) - Benut en verstevig basisinfrastructuur om mensen zo lang en zo prettig mogelijk thuis te laten wonen - Toereikendheid budget voor toekennen van Wmo-aanvragen - Tegengaan stapeling eigen bijdragen door samenwerking: cliënt mag niet de dupe zijn - Samenwerking met scholen van belang in basisinfrastructuur - Inzetten op verbinding tussen informele zorg en wijkteams - Sovee en Ravelijn hebben ook signaleringsfunctie: kunnen zij ook wegvallen signaleringsfunctie van huishoudelijke hulp opvangen? - Borgen van vinden van basisinfrastructuur door zorgvragers - Grenzen aan zelfredzaamheid en eigen kracht - Grenzen aan wat je aan vrijwilligers kunt overlaten - Budget voor sociaal domein in sociaal domein laten - GroenLinks kondigt amendement aan om budget van sociaal domein in sociaal domein te laten. - D66 kondigt amendement aan om meer geld beschikbaar te stellen voor basisinfrastructuur. - Portefeuillehouder geeft aan dat het budget voor aanbieders in de basisinfrastructuur in 2015 niet minder wordt; vastgoed is nu uit het budget voor sociaal domein gehaald en daardoor lijkt het minder. - CDA kondigt amendement aan om budget beschikbaar te stellen om innovatieve zorg mogelijk te maken. - CDA kondigt amendement aan voor ondersteuningspunt bij Voedselbank en Kledingbank voor toeleiding naar basisinfrastructuur (ook voor zorgmijders). Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 5

69 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 20:00 tot 21:00 uur vergaderruimte: Raadzaal (1.02) aantal bezoekers: 25 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sociaal Domein Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Kennedy-Doornbos (tevens woordvoerder) Collegelid Imming, Tigelaar Secretaris Bongers Ambtenaren Peltenburg Fractiewoordvoerders Bijlholt (D66), Van Bruggen (PvdA), De la Combé (PvdA), Happe (D66), Jongerman (SP), Kennedy-Doornbos (CU), Van Koningsveld (CDA), Langendam (BPA), Meijer (SP), Prins (GL), Steenbeek-Los (OPA), Stoelinga (Amersfoort2014), Vlug (CDA), Voogt (VVD) Inspreker(s)/ Insprekers: genodigden De heer R. Caubo, Sovee De heer T. ter Horst, Cliëntenraad Wmo Mevrouw S. Cox, Stichting Ravelijn Samenvatting en afspraken Reg.nr Bespreek- en discussiepunten: Basisinfrastructuur versus wijkteams Investeren in basis zorgt voor besparing in specialistische zorg Het gaat om zorg, niet om organisatie Investeren in preventie en in basis (inhoudelijk en financieel) Benut en verstevig basisinfrastructuur om mensen zo lang en zo prettig mogelijk thuis te laten wonen Toereikendheid budget voor toekennen van Wmo-aanvragen Tegengaan stapeling eigen bijdragen door samenwerking: cliënt mag niet de dupe zijn Samenwerking met scholen van belang in basisinfrastructuur Inzetten op verbinding tussen informele zorg en wijkteams Sovee en Ravelijn hebben ook signaleringsfunctie: kunnen zij ook wegvallen signaleringsfunctie van huishoudelijke hulp opvangen? Borgen van vinden van basisinfrastructuur door zorgvragers Grenzen aan zelfredzaamheid en eigen kracht Grenzen aan wat je aan vrijwilligers kunt overlaten Budget voor sociaal domein in sociaal domein laten Toezeggingen Advies aan het presidium GroenLinks kondigt amendement aan om budget van sociaal domein in sociaal domein te laten. D66 kondigt amendement aan om meer geld beschikbaar te stellen voor basisinfrastructuur. Portefeuillehouder geeft aan dat het budget voor aanbieders in de basisinfrastructuur in 2015 niet minder wordt; vastgoed is nu uit het budget voor sociaal domein gehaald en daardoor lijkt het minder. CDA kondigt amendement aan om budget beschikbaar te stellen om innovatieve zorg mogelijk te maken. CDA kondigt amendement aan voor ondersteuningspunt bij Voedselbank en Kledingbank voor toeleiding naar basisinfrastructuur (ook voor zorgmijders). Naar Het Besluit met debat beslui# v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING SOCIAAL DOMEIN

70 Agendapunt De Ronde Titel Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Reg.nr Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Buijtelaar Ambtelijk contact Ludeking ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit Reden van aanbieding Bevoegdheid van de raad om bestemmingsplannen vast te stellen. Inhoud In 2010 heeft een initiatiefnemer een verzoek ingediend voor de bouw van een supermarkt op de locatie aan het Euterpeplein 1 waar toen nog de Opstandingskerk stond. In het geldende bestemmingsplan Randenbroek- Schuilenburg 2007 heeft deze locatie de bestemming Maatschappelijke doeleinden met een nadere aanduiding Levensbeschouwelijke en religieuze doeleinden. Binnen deze bestemming is de bouw van een supermarkt niet mogelijk. Eind 2010 heeft het college de initiatiefnemer schriftelijk medegedeeld onder voorwaarden medewerking te willen verlenen aan dit initiatief. Naast stedenbouwkundige, economische en verkeertechnische randvoorwaarden waren dat ook voorwaarden aan het participatieproces. Het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd van 10 april tot en met 21 mei In deze periode zijn 6 zienswijzen ingediend (waarvan 1 namens 95 medeondertekenaars). In de zienswijzennota heeft het college geoordeeld dat geen van de zienswijzen aanleiding geeft tot aanpassing van het bestemmingsplan. Van de raadsleden wordt gevraagd Zijn mening te geven over het voorliggende raadsvoorstel, de zienswijzennota en het bestemmingsplan en zich voor te bereiden op besluitvorming. Vervolg Besluitvorming in Het Besluit. Advies presidium Op verzoek van GroenLinks heeft het presidium dit onderwerp eerst in De Ronde geagendeerd. In deze De Ronde wordt gestart met een 1-minuutronde. Bijbehorende documenten Raadsvoorstel Zienswijzennota Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Modelkeuzeformulier Raadsinformatiebrief Ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. # v1 - AGENDAPUNT DR BESTEMMINGEPLEIN EUTERPEPLEIN 1

71 Gemeente Amersfoort RAADSVOORSTEL Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : Aan : Gemeenteraad Datum : 27 augustus 2014 Portefeuillehouder : Wethouder J.C. Buijtelaar Agendapunt : B&W-vergadering : De Ronde : Agenda Het Besluit : Vastgesteld besluit : TITEL Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. BESLISPUNTEN 1. de zienswijzennota bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. vast te stellen; 2. in het ontwerpbestemmingsplan "Euterpeplein 1 e.o. de ambtshalve wijziging aan te brengen, zoals deze is opgenomen in hoofdstuk 3 van de zienswijzennota bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o."; 3. het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (met identificatienummer NL.IMRO.0307.BP , getekend op de ondergrond met de bestandsnaam Grootschalige basiskaart ) digitaal en analoog gewijzigd vast te stellen; 4. omgevingsvergunningen op basis van het bestemmingsplan "Euterpeplein 1 e.o." te toetsen aan de Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld op 27 januari 2009 en bijgesteld op 3 juli 2012); 5. voor het plangebied geen exploitatieplan als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen; 6. gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht verzoeken om toestemming te verlenen tot versnelde publicatie in het kader van de Wet ruimtelijke ordening. AANLEIDING In 2010 heeft een initiatiefnemer een verzoek ingediend voor de bouw van een supermarkt op de locatie aan het Euterpeplein 1 waar toen nog de Opstandingskerk stond. In het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg 2007 heeft deze locatie de bestemming Maatschappelijke doeleinden met een nadere aanduiding Levensbeschouwelijke en religieuze doeleinden. Binnen deze bestemming is de bouw van een supermarkt niet mogelijk. Het verzoek is middels een Haalbaarheidstoets afgewogen. Eind 2010 heeft het college de initiatiefnemer schriftelijk medegedeeld onder voorwaarden medewerking te willen verlenen aan dit initiatief. Naast stedenbouwkundige, economische en verkeertechnische randvoorwaarden waren dat ook voorwaarden aan het participatieproces. Medio 2011 is in overleg met de gemeente gestart met de verdere uitwerking van het plan met Hoorne Vastgoed, de opvolger van de eerste initiatiefnemer. Dat leidde in 2012 tot een set aanvullende voorwaarden voor de ontwikkeling en de bereidheid de bestemmingsplanprocedure op te starten. Na een voorbereidingstraject is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd van 10 april tot en met 21 mei In deze periode zijn 6 zienswijzen ingediend. BETROKKENHEID OMGEVING NA TER INZAGE LEGGING ONTWERPBESTEMMINGSPLAN In het afgelopen half jaar laten betrokken bewoners via verschillende wegen weten dat zij zich niet serieus genomen voelen door de gemeente. Dit mondde uiteindelijk uit in een bestuurlijk overleg gevolgd door een brandbrief. Daarin vragen zij het bestemmingsplantraject stil te zetten en eerst een participatietraject te doorlopen over de toekomst van het Euterpeplein en hoe een tweede supermarkt daar in past. Omdat het beleid ten aanzien van de versterking van de wijkfunctie van het Euterpeplein en het belang van een tweede supermarkt daarin, onderdeel zijn van vigerend beleid én deze na onderzoek ten aanzien van overlast binnen de wettelijke en gemeentelijke kaders is in te passen, ziet het college daartoe geen aanleiding Inlichtingen bij: N.J.M. Ludeking, SOB/RO, (033)

72 raadsvoorstel pagina 2 Gemeente Amersfoort Daarnaast wijzen de bezorgde bewoners op fouten in het proces. Dat gaat met name om de betrokkenheid van bewoners door de initiatiefnemer. In 2010 hebben wij, zoals al in de aanleiding van dit voorstel is aangegeven, voor dat proces een aantal voorwaarden over betrokkenheid van bewoners en winkeliers meegegeven. Deze zijn opgenomen in de in maart 2014 met de huidige ontwikkelaar gesloten grondexploitatieovereenkomst. Die voorwaarden zijn: -Buurt en winkeliersvereniging informeren en op de hoogte houden van de ontwikkelingen en vorderingen gedurende het hele proces. -Plannen in een concept-fase op een informatieavond voorleggen voor reactie aan buurt en winkeliersvereniging -Suggesties/ideeën van buurt en winkeliersvereniging voor zover ze haalbaar zijn en een verbetering betekenen, meenemen in het definitief ontwerp en indien niet haalbaar gemotiveerd afwijzen. De ontwikkelaar heeft daaraan als volgt invulling gegeven: na de informatie-avond van 1 juli 2013 zijn de ideeën/suggesties die bewoners schriftelijk hebben ingediend middels een brief gemotiveerd afgewezen. In de zienswijzenprocedure hebben zij opnieuw gereageerd. Onderdeel van het bestemmingsplanproces is dat wij deze ideeën/suggesties opnieuw beoordelen, overnemen of gemotiveerd afwijzen. Met deze stappen wordt voldaan aan de voorwaarden voor betrokkenheid van bewoners zoals ze door ons zijn meegegeven aan de ontwikkelaar. Wij moeten helaas vaststellen dat een deel van de bewoners een ander verwachtingspatroon heeft ontwikkeld over de wijze waarop zij worden betrokken en de uitkomst van dit proces. De ideeën/suggesties die tot nog toe zijn overgenomen of gemotiveerd afgewezen hebben voor hen niet geleid tot een bevredigend resultaat. Wij blijven uiteraard binnen de kaders van de bestemmingsplanprocedure - open staan voor nieuwe ideeën/suggesties die tot een verbetering van de plannen kunnen leiden. Vertrekpunt voor ons is daarbij is dat het gemeentelijk beleid (o.a. in de detailhandelsnota 2011 en de besluitvorming door uw Raad en het college) de ontwikkeling van de supermarkt mogelijk maakt. Wij zullen ons blijven inspannen om het draagvlak voor komst van de supermarkt te vergroten, maar voorzien dat het niet zal lukken alle bewoners hierin mee te krijgen. BELANGRIJKSTE BESTEMMINGSPLANWIJZIGINGEN Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste wijzigingen in het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. ten opzichte van het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg 2007 : De bestemming wordt Detailhandel in plaats van Maatschappelijke doeleinden- levensbeschouwelijk en religieuze doeleinden; Het bouwvlak wordt anders gesitueerd, tegen de bestaande bebouwing aan in plaats van vrijstaand; De bouwhoogte wordt voor het grootste deel lager (5 in plaats van 10 meter) maar voor een klein deel hoger. Op de hoek van de Randenbroekerweg en het Euterpeplein komt een hoogteaccent van 10 meter; De bestemming Verkeer-Verblijf wordt ruimer t.b.v. het parkeren en de bevoorrading; Een deel van de bestemming Groen tussen de parkeerplaats en de tuin van de aangrenzende woningen aan de Bachweg blijft behouden. Hier wordt een groenstrook aangelegd als overgang van particulier eigendom naar de parkeerplaats; Een deel van de groenstrook langs de Flierbeek wordt gebruikt voor de herinrichting van het parkeerterrein achter de nieuwe supermarkt. Uitsnede geldend bestemmingsplan Randenbroek- Schuilenburg 2007 Uitsnede ontwerp bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o.

73 raadsvoorstel pagina 3 Gemeente Amersfoort De herontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt met voorliggend bestemmingsplan bestaat uit de bouw van een Vomar supermarkt. Het gebouw voor de nieuwe supermarkt zal aansluiten bij het bestaande winkelblok met bovenwoningen en zal een winkelvloeroppervlakte hebben van circa 950 m2. Locatie Euterpeplein 1 e.o. Impressie voorlopig ontwerp supermarkt Gelijktijdig met de nieuwbouw van de supermarkt wordt de omliggende openbare ruimte heringericht. Dit is noodzakelijk om het parkeren ten behoeve van de supermarkt op een goede manier in te passen en om de bevoorrading van de supermarkt op een veilige manier mogelijk te maken. Naast de nieuwbouw van de supermarkt en de herinrichting van het openbaar gebied, wordt de oever van de Flierbeek, langs het parkeerterrein, heringericht als een moeraszone. Hiermee wordt een doelstelling van de ecologische verbindingszone (het creëren van een natuurvriendelijke oever) gerealiseerd. De herinrichting van de oever valt buiten de plangrens van voorliggend bestemmingsplan maar is wel onderdeel van de privaatrechtelijke afspraken met de ontwikkelaar die de herinrichting voor zijn rekening neemt. BEOOGD EFFECT Zodra het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. de procedure heeft doorlopen beschikt de gemeente over een geactualiseerd, gestandaardiseerd en digitaal bestemmingsplan voor het gebied. Op basis van dit bestemmingsplan kunnen omgevingsvergunningen worden verleend voor de bouw van de supermarkt en de inrichting van het gebied. ARGUMENTEN 1.1 Geen van de zienswijzen geeft aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan Het ontwerp bestemmingsplan heeft gedurende zes weken voor iedereen ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn 6 zienswijzen ingediend waarbij 1 van de zienswijzen is ingediend namens 95 medeondertekenaars. In de zienswijzennota zijn de zienswijzen samengevat en van een beoordeling voorzien. De belangrijkste bezwaren die naar voren komen in de zienswijzen zijn; de verkeersaantrekkende werking, bevoorrading, parkeerproblemen en aantasting van het groen. Daarnaast betwisten zij nut en noodzaak van een tweede supermarkt. Voor een samenvatting en beoordeling van de zienswijzen, wordt verwezen naar de bijgevoegde zienswijzennota. 2.1 Vaststellen bestemmingsplan is nodig om herontwikkeling mogelijk te maken Omdat de herontwikkeling van de betreffende locatie aan het Euterpeplein niet mogelijk is op basis van het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg 2007, is het noodzakelijk om voorliggend bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. vast te stellen. 3.1 Het vaststellen van een exploitatieplan is niet nodig Het vaststellen van een exploitatieplan is niet nodig omdat er een grondexploitatieovereenkomst is gesloten met de ontwikkelaar.

74 raadsvoorstel pagina 4 Gemeente Amersfoort KANTTEKENINGEN 2.1 Maatschappelijk draagvlak Het maatschappelijk draagvlak is tweeledig. De winkeliersvereniging en de (winkel)bezoekers van het plein zullen een tweede supermarkt op het Euterpeplein waarderen. Maar er is ook een groep omwonenden die een tweede supermarkt niet wenselijk vindt omdat zij overlast verwachten van de verkeersaantrekkende werking, de bevoorrading en het parkeren. Deze groep omwonenden heeft verschillende keren contact gezocht met de gemeente om hun bezwaren kenbaar te maken. De door hen aangekaarte zaken, die ook naar voren zijn gekomen in de zienswijzen, zijn beoordeeld en afgewogen. De zienswijzen meewegend komen wij tot de conclusie dat de bestemming detailhandel met als invulling een supermarkt, een goede en passende aanvulling van het wijkwinkelcentrum, die tevens passend is binnen het bestaande beleid. Er vindt door de komst van de supermarkt geen onevenredige aantasting plaats van de gebruiksmogelijkheden, het woongenot en woonmilieu van het omliggende gebied, ondermeer omdat deze in een bestaand wijkwinkelcentrum wordt gebouwd. Door de komst van een tweede supermarkt rijdt er meer verkeer naar het wijkwinkelcentrum en ontstaat er meer parkeerdruk. De te verwachten extra overlast is niet dusdanig groot dat de ontwikkeling moet worden afgewezen, temeer omdat dit aansluit bij onze beleidslijn om het winkelcentrum te versterken. 2.2 Wijziging bij vaststelling bestemmingsplan - vastleggen parkeernormen Bij de hele planvorming voor zowel de bouw van de supermarkt als van het ontwerpbestemmingsplan is uitgegaan van de parkeernormen zoals die zijn vastgelegd in de Nota Parkeernormen 2009, vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli Deze normen blijven van toepassing voor dit bestemmingsplan. Daarom wordt voorgesteld het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd vast te stellen door in artikel 3 van de regels van het bestemmingsplan op te nemen dat voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid zoals vastgelegd in de Nota Parkeernormen 2009 (zoals deze is vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012) en dat daardoor voor de functie detailhandel in wijk- buurt en dorpcentra de norm wordt gehanteerd van 3,3 parkeerplaatsen per 100 m2 bruto vloeroppervlak). 2.3 Parkeer- en verkeerstudie ingediend na afloop van de zienswijzenperiode Na afloop van de zienswijzenperiode is op 4 augustus 2014 door Stibbe advocaten, namens de Albert Heijn, een parkeeronderzoek (opgesteld door Goudappel Coffeng: Parkeer en verkeerstudie Euterpeplein, kenmerk AHV042/Skw/ ) naar de gemeente gestuurd waaruit zou blijken dat de te verwachten parkeeroverlast groter is dan in het bestemmingsplan is aangegeven. Officieel is dit onderzoek geen onderdeel van de zienswijze omdat het buiten de termijn is ingediend. Maar gezien de relatie met de afweging van de zienswijzen wordt er in de zienswijzennota wel kort op het onderzoek ingegaan en een uitleg gegeven over de verschillende opvattingen ten aanzien van de gehanteerde parkeernormen en de parkeeroverlast. DUURZAAMHEIDS ASPECTEN In het kader van duurzaamheid moet gezocht worden naar de samenhang op sociaal-cultureel, economisch en ecologisch vlak. Daarbij zijn lange termijn opgaven van belang zoals klimaatbestendigheid, beheersing van de verkeersdruk en energieneutrale gebouwen. De ontwikkelaar heeft aangegeven dat de supermarkt gaat werken met verschillende duurzame maatregelen, zoals vloerverwarming waarbij de restwarmte van de condensoren wordt gebruikt, LED verlichting, dakafdekking van koelingen en vriezers, duurzaam transport en afvalretourstroom. Daarnaast wordt de oever van de aan het plan grenzende Flierbeek, een ecologische verbindingszone, heringericht als moeraszone. Hiermee wordt een doelstelling van de ecologische verbindingszone, namelijk het creëren van een natuurvriendelijke oever, gerealiseerd. De herinrichting van de oever valt buiten de plangrens van voorliggend bestemmingsplan, maar is wel onderdeel van de privaatrechtelijke afspraken met de ontwikkelaar die de herinrichting voor zijn rekening neemt.

75 raadsvoorstel pagina 5 Gemeente Amersfoort FINANCIËN Met de ontwikkelaar is een grondexploitatieovereenkomst gesloten. Op grond van deze overeenkomst komt de ontwikkeling en realisatie van het plan voor rekening en risico van de ontwikkelaar. BETROKKEN PARTIJEN Tijdens het wettelijk vooroverleg zijn vooroverlegpartners betrokken bij het bestemmingsplan. De opmerkingen die in dat kader zijn gemaakt, zijn waar nodig verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. De supermarkt wordt ontwikkeld door Hoorne Vastgoed. Hoorne Vastgoed heeft op 1 juli 2013 tijdens een inloopavond het plan voor de bouw van de supermarkt gepresenteerd aan omwonenden. Ook de gemeente was aanwezig bij die inloopavond. Van 10 april tot en met 21 mei 2014 heeft het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegen waarbij een ieder de gelegenheid is geboden een zienswijze over het plan naar voren te brengen. De ter inzage legging is aangekondigd in de stadsberichten van de Stad Amersfoort, de Staatscourant en op de gemeentelijke website. Daarnaast is een brief gestuurd naar de bewoners van het omliggende gebied met daarin informatie over de ter inzage legging en de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. VERVOLG Na vaststelling van het bestemmingsplan wordt het opnieuw gedurende zes weken ter inzage gelegd. Omdat het bestemmingsplan gewijzigd wordt vastgesteld, krijgt eerst de provincie zes weken de tijd om te beslissen of zij op de wijziging willen reageren. Omdat de wijziging enkel gaat om aanpassing van de de regel over de toets van omgevingsvergunningen aan de juiste parkeernota, en niet leidt tot een wezenlijk ander plan dan het ontwerpbestemmingsplan, wordt verzocht om versnelde publicatie. Wanneer de provincie hiermee instemt, hoeven de zes weken bedenktijd niet te worden afgewacht. Gedurende de termijn waarin het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan ter inzage ligt, kunnen diegenen die een zienswijze over het ontwerpbestemmingsplan hebben ingediend en belanghebbenden, die kunnen aantonen dat zij redelijkerwijze geen zienswijze kenbaar hebben kunnen maken over het ontwerpbestemmingsplan, of belanghebbenden die bezwaar hebben tegen de in het bestemmingsplan aangebrachte wijzigingen, een gemotiveerd beroepschrift indienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het besluit van de gemeenteraad van Amersfoort treedt in werking na afloop van de beroepstermijn. Een eventueel beroep schorst de werking van het plan niet. Daarvoor moet een afzonderlijk verzoek om voorlopige voorziening worden gericht aan de Voorzitter van de Raad van State. Burgemeester en wethouders van Amersfoort, de secretaris, de burgemeester, Bijlagen: - Ontwerpraadsbesluit - Zienswijzennota bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. - Het ontwerpbestemmingsplan is digitaal in te zien via klik naar zoeken in alle plannen (via de kaart), klik op het gebied Randenbroek-Schuilenburg en klik vervolgens door naar "Ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o.". Ook is het plan digitaal in te zien via de landelijke voorziening

76 raadsbesluit pagina 1 Gemeente Amersfoort RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Amersfoort; Reg.nr op basis van het voorstel van burgemeester en wethouders van 27 augustus 2014, sector SOB/RO (nr ); b e s l u i t: 1. de zienswijzennota bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. vast te stellen; 2. in het ontwerpbestemmingsplan "Euterpeplein 1 e.o. de ambtshalve wijziging aan te brengen, zoals deze is opgenomen in hoofdstuk 3 van de zienswijzennota bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o."; 3. het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (met identificatienummer NL.IMRO.0307.BP , getekend op de ondergrond met de bestandsnaam Grootschalige basiskaart ) digitaal en analoog gewijzigd vast te stellen; 4. omgevingsvergunningen op basis van het bestemmingsplan "Euterpeplein 1 e.o." te toetsen aan de Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld op 27 januari 2009 en bijgesteld op 3 juli 2012); 5. voor het plangebied geen exploitatieplan als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen; 6. gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht verzoeken om toestemming te verlenen tot versnelde publicatie in het kader van de Wet ruimtelijke ordening. Vastgesteld in de openbare vergadering van de griffier de voorzitter

77 Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Zienswijzennota

78 Zienswijzennota Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (Doc.nr. # ) 2

79 INHOUD 1. INLEIDING Status zienswijzennota Procedure bestemmingsplan Ingekomen zienswijzen 4 2. ZIENSWIJZEN: ONTVANKELIJKHEID, SAMENVATTING, BEOORDELING EN CONCLUSIE Parkeren, de verkeersafwikkeling en communicatie met omwonenden Parkeren Verkeersafwikkeling Communicatie De zienswijzen Zienswijze van de heer F.L.E. W. en mevrouw I.I. W.-B. v. B Zienswijze van de heer R. H Zienswijze van mevrouw A. V. en de heer E. v. B Zienswijze van Stibbe advocaten namens Ahold Europe Real Estate & Construction B.V en Albert Heijn B.V Zienswijze van de heer B. v. V Zienswijze van de heer S. S., de heer J. S., de heer D. S. V.d. L., namens 95 mede ondertekenaars 26 3 WIJZIGINGEN IN HET BESTEMMINGSPLAN 38 3

80 1. Inleiding 1.1. Status zienswijzennota De zienswijzennota behoort bij het besluit over het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o.. De zienswijzennota bestaat uit drie hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat een overzicht van de ingekomen zienswijzen en de verdere procedure van het besluit. In hoofdstuk 2 is per zienswijze aangegeven of deze ontvankelijk is en of de zienswijze aanleiding is tot aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan. Hoofdstuk 3 bevat een overzicht van de wijzigingen die bij de vaststelling van het bestemmingsplan worden doorgevoerd Procedure bestemmingsplan De procedure voor vaststelling van een bestemmingsplan is geregeld in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Bovendien is de afdeling 3.4. van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing verklaard (zienswijzenprocedure). Zienswijzenronde Het ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. heeft na publicatie in de Stad Amersfoort en de Staatscourant met ingang van donderdag 10 april tot en met woensdag 21 mei 2014 ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn kon iedereen schriftelijk of mondeling een zienswijze indienen. Vaststelling Na de zienswijzenronde beslist de gemeenteraad over de vaststelling van het bestemmingsplan. De gemeenteraad weegt hierbij de ontvangen zienswijzen mee. Na vaststelling heeft het besluit rechtskracht na afloop van de beroepstermijn van 6 weken. Beroep Tegen het besluit tot vaststelling kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Ingekomen zienswijzen Schriftelijke zienswijzen 1. De heer F.L.E. W. en mevrouw I.I. W.-B. v. B. (ontvangen 10 mei 2014) 2. De heer R. H. (ontvangen 20 mei 2014) 3. Mevrouw A. V. en de heer E. v. B. (ontvangen 20 mei 2014) 4. Stibbe advocaten namens Ahold Europe Real Estate & Construction B.V. en Albert Heijn B.V. (ontvangen 21 mei 2014) 5. De heer B. v. V. (ontvangen 21 mei 2014) 6. De heer S. S., de heer J. S., de heer D. S. V. d. L., namens 95 mede ondertekenaars (ontvangen 21 mei 2014) Mondelinge zienswijzen Er zijn geen mondelinge zienswijzen ingediend. 4

81 2. Zienswijzen: ontvankelijkheid, samenvatting, beoordeling en conclusie In dit hoofdstuk worden de zienswijzen behandeld. Omdat veel zienswijzen betrekking hebben op het parkeren, de verkeersafwikkeling en op de communicatie met omwonenden, worden deze aspecten in paragraaf 2.1 van dit hoofdstuk nader toegelicht. In paragraaf 2.2 wordt iedere zienswijze samengevat en van een beoordeling voorzien. In de conclusie is aangegeven of, en zo ja hoe, wijzigingen in het besluit worden doorgevoerd naar aanleiding van de zienswijze. 2.1 Parkeren, de verkeersafwikkeling en communicatie met omwonenden Parkeren Het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. maakt detailhandel mogelijk binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak en met bijbehorende bestemmingsregels. Aan de bestemmingsregels moet worden voldaan wanneer een omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Eén van de regels betreft het parkeren. Wanneer een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor het realiseren van een detailhandelsvestiging moet bij die vergunningaanvraag worden aangetoond dat voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid zoals vastgelegd in de Nota Parkeernormen 2009 zoals die is vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli Dit is de parkeernota die van kracht was ten tijde van het opstellen en in procedure brengen van het ontwerpbestemmingsplane Euterpeplein 1 e.o. De daadwerkelijke toets over het parkeren vindt dus plaats bij de aanvraag om een omgevingsvergunning. Voldoet een aanvraag niet dan kan de vergunning geweigerd worden. Bij het in procedure brengen van een bestemmingsplan moet al wel beoordeeld worden of het aannemelijk is dat aan de eisen kan worden voldaan. Daarom is op basis van een voorlopig ontwerp voor de supermarkt, dat de ontwikkelaar heeft laten opstellen, een parkeerbalans opgesteld. Deze is als bijlage 3 toegevoegd aan de toelichting van het bestemmingsplan. De parkeerbalans geeft een dusdanig beeld van het parkeren dat het voldoende aannemelijk is gemaakt dat voorzien kan worden in voldoende parkeergelegenheid. Aan de hand van het onderstaande kaartje wordt een nadere uitleg gegeven over de berekening van de parkeereis. 5

82 Werkwijze opstellen parkeerbalans Om te kunnen bepalen hoeveel parkeerplaatsen benodigd zijn voor een nieuwe ontwikkeling wordt als volgt te werk gegaan. Aan de hand van de Nota Parkeernormen wordt vastgesteld hoeveel parkeerplaatsen de nieuwe functie (supermarkt) op zichzelf nodig heeft. Omdat in dit plan andere functies verdwijnen (kerk en pizzeria) mag de parkeerdruk die deze functies met zich mee brachten, daarop in mindering worden gebracht (volgens het nieuw voor oud -principe uit de Nota Parkeernormen). Voor het bepalen van de parkeerdruk is de zaterdagmiddag het maatgevende moment. Parkeerdruk nieuwe supermarkt De totale oppervlakte van de nieuwe supermarkt is 1170 m2. In deze oppervlakte is het aantal m2 van de passage (140 m2) niet opgenomen omdat dit een doorgang is van het Euterpeplein naar de parkeerplaats en deze geen winkelfunctie heeft. Op basis van de oppervlakte van de supermarkt (1170 m2) en de geldende parkeernorm voor een supermarkt (3,3 parkeerplaatsen per 100 m2, bron: Nota Parkeernormen 2009, vastgesteld op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012) komt het aantal parkeerplaatsen dat de supermarkt nodig heeft uit op 11,7 x 3,3 = 38,6 parkeerplaatsen. Parkeerdruk voormalige functies Op dit aantal parkeerplaatsen wordt in mindering gebracht, het aantal parkeerplaatsen dat nodig was voor de pizzeria en kerk die op deze locatie gevestigd waren. Het maatgevende moment daarvoor is de zaterdagmiddag. Aangenomen mag worden dat de kerk normaal gesproken op die tijden geen bezoekers trok en daarmee geen parkeerdruk met zich meebracht. Net als de meeste winkels en voorzieningen op het Euterpeplein, had de pizzeria geen eigen terrein en moest de parkeerdruk oplossen in het openbaar gebied. Zoals in de parkeerbalans bij het bestemmingsplan is aangegeven is de parkeernorm voor de pizzeria 8,5 parkeerplaatsen per 100 m2. De oppervlakte van de pizzeria was 140 m2 waarmee de parkeerbehoefte uitkomt op 1,4 x 8,5 = 11,9 parkeerplaatsen. De berekening is gemaakt voor een piekmoment, zaterdagmiddag. De gemiddelde bezettingsgraad van de pizzeria is dan 70%. Dit betekent een aantal parkeerplaatsen van 0,7 x 12 = 8,3. Dit aantal mag dus in mindering worden gebracht op het aantal parkeerplaatsen dat de supermarkt nog moet realiseren omdat deze parkeerplaatsen ten behoeve van de pizzeria niet verdwijnen, maar de pizzeria zelf wel gesloten is. Conclusie parkeerbalans Het totale aantal parkeerplaatsen dat nodig is voor de supermarkt komt daarmee uit op 38,6 8,3 = 30,3 parkeerplaatsen (afgerond naar 31 in de parkeerbalans). Uit parkeeronderzoek is gebleken dat de bezetting van het parkeerterrein op de maatgevende zaterdagmiddag circa 10 auto s was. Om ook aan deze auto s ruimte te blijven bieden zijn er dus op het parkeerterrein =41 parkeerplaatsen nodig Ruimtelijke mogelijkheden aanleggen parkeerplaatsen Er is door de initiatiefnemer en de gemeente gezamenlijk onderzocht wat de meest optimale parkeeroplossing is. Een ondergrondse parkeergarage bleek economisch niet haalbaar. Een bovengrondse garage, bovenop het gebouw, betekende een hoog gebouw met hellingbanen. De ontsluiting daarvan zou veel ruimte vragen wat stedenbouwkundig een onwenselijk groot en hoog bouwvolume zou opleveren. Tevens was de verwachting dat parkeerruimte onder of op het gebouw onvoldoende gebruikt zou gaan worden en dat de parkeerdruk in openbaar gebied daarmee zou toenemen. Alles afwegende was de conclusie dat de nu gekozen oplossing de voorkeur heeft, waarbij 41 parkeerplaatsen op maaiveld worden gerealiseerd. 6

83 Afwijken beleidsregel parkeernormen De parkeeroplossing wordt gerealiseerd in het openbaar gebied, door gebruik te maken van de bestaande 28 parkeerplaatsen en deze uit te breiden tot 41 parkeerplaatsen. Door slechts 41 parkeerplaatsen te realiseren wordt afgeweken van de regel uit de Nota Parkeernormen 2009 (vastgesteld 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012) dat bestaande openbare parkeerplaatsen slechts gebruikt mogen worden wanneer de parkeerdruk ter plaatse en in de nabije omgeving niet boven de 80% uitkomt. Deze buffer van 20% wordt aangehouden voor bijvoorbeeld een toename van autobezit in de toekomst. Dit zou betekenen dat van de bestaande 28 parkeerplaatsen slechts 23 gebruikt zouden mogen worden ten behoeve van de nieuwe ontwikkeling. Ofwel, er zouden = 5 extra plekken gerealiseerd moeten worden: in de nieuwe situatie dus 46 in plaats van 41 parkeerplaatsen. Om de volgende redenen wordt het acceptabel geacht van de 80-%-regel" af te wijken en voor deze ontwikkeling 41 plaatsen aan te leggen. - Op deze locatie (parkeerterrein langs de Flierbeek) is 41 parkeerplaatsen het maximum aantal dat aangelegd kan worden. - In het gemeentelijk beleid staat al jaren dat uitbreiding van detailhandel met een tweede supermarkt aan het Euterpeplein wenselijk is. - Daarnaast stond de Opstandingskerk, de voormalige invulling van deze locatie, al geruime tijd leeg. Invulling van het kerkgebouw bleek moeilijk. Met de ontwikkeling van een supermarkt wordt een nieuwe invulling gegeven aan een bestaande, niet functionerende, locatie in dit winkelcentrum. - De parkeervraag van de supermarkt en de huidige geparkeerde auto's worden opgevangen op het nieuwe vergrootte parkeerterrein. De parkeerdruk in de omgeving neemt dus niet toe. Alleen op piekmomenten (bijvoorbeeld zaterdagmiddag) zal de bezetting van het nieuwe parkeerterrein maximaal zijn en is er geen bufferruimte beschikbaar Verkeersafwikkeling Parkeerterrein: Het nieuwe parkeerterrein wordt ontsloten op zowel de Bachweg (bestaande in-/uitgang) als de Randenbroekerweg (nieuwe in-/uitgang). Hiermee wordt de verkeersdruk van en naar de supermarkt gespreid. Bevoorrading: De keuze voor de wijze van bevoorraden aan de zijde van de Randenbroekerweg is mede ingegeven door de wens de laad- en losstrook veilig in- en uit te kunnen rijden. Zowel het in- als het uitrijden is mogelijk zonder ingewikkelde manoeuvres door vrachtwagens. Vrachtwagens rijden aan vanaf de Beethovenweg en rijden vervolgens de laad- en losstrook weer uit over de Randenbroekerweg richting Hogeweg. Een andere rijrichting van de vrachtwagens is niet mogelijk omdat het laad- en losdock op zo'n manier wordt vormgegeven dat de vrachtwagens hier uitsluitend vanaf de kruising Beethovenweg-Randenbroekerweg in kunnen rijden. Wanneer de vrachtwagens vanaf de Randenbroekerweg het laad- en losdock in zouden rijden dan zouden ze door moeten rijden tot midden op de kruising om te kunnen laden en lossen. 7

84 Alternatieve oplossingen voor de opstelplaats, bijvoorbeeld aan de zijde van het Euterpeplein, zouden met zich mee brengen dat de vrachtwagen minder veilige manoeuvres moet maken zoals achteruitrijden. In het drukke winkelgebied vinden wij dat niet gewenst. Consequentie van deze verkeersafwikkeling is dat een beperkt aantal keren per dag ( 2 tot 3 keer) een vrachtwagen door de Randenbroekerweg zal rijden. Dit wordt aanvaardbaar geacht, wat beschreven staat in de toelichting op het bestemmingsplan in paragraaf 3.3. Bevoorraden via de Ringweg Randenbroek brengt ongewenste manoeuvres met zich mee op het Euterpeplein. Vanaf het Euterpeplein is het niet mogelijk om de laad- en losstrook in te rijden omdat de bocht die daarvoor gemaakt moet worden te scherp is voor vrachtwagens. Een oplossing voor een laad- en losplaats waarbij een wegrijdende vrachtwagen via Euterpeplein rechtstreeks wegrijdt naar de Ringweg Randenbroek, is op aangeven van omwonenden onderzocht maar kan alleen wanneer het laad- en losdock langs het Euterpeplein wordt gesitueerd. Deze is dan alleen met ingewikkelde en onveilige (achteruitrijd-)manoeuvres door voetgangersgebied en door kruising van voet en fietspaden te bereiken. De wijziging van de kruising Beethovenweg/Randenbroekerweg/inrit vrachtverkeer wordt gedaan om de verkeerssituatie veiliger te maken. De kruising wordt voorzien van een verhoogd plateau om het verkeer, dat de kruising nadert en wil oversteken, te remmen. Daarnaast wordt een vrijliggende laaden losstrook aangelegd zodat de bevoorradende vrachtwagens niet op de rijbaan hoeven te staan. In het nieuwe ontwerp voor de Hogeweg-binnen is er rekening mee gehouden dat een vrachtwagen bij de Randenbroekerweg de Hogeweg op kan draaien Communicatie Communicatie over de ontwikkeling Sinds 2011 is door de ontwikkelaar met enkele direct aanwonenden van de te ontwikkelen locatie en de winkeliersvereniging gesproken over de ontwikkeling. In samenspraak met de gemeente is gekomen tot een concept plan voor het gebouw en de herinrichting van het omliggend gebied. Op basis van het conceptplan is een modelkeuze voorgelegd en akkoord bevonden door het presidium. Zoals gebruikelijk bij Modelkeuze 1 is de initiatiefnemer verzocht de buurt te informeren over het plan. Op 1 juli 2013 is een informatieavond gehouden door Hoorne Vastgoed in het Klokhuis. Op deze avond is het voorlopig ontwerpplan voor de supermarkt en de herinrichting van de openbare ruimte getoond. De gemeente was aanwezig om procedurele en andere gemeentezaken toe te kunnen lichten. De avond was drukbezocht. Veel mensen waren positief over de ontwikkelingen (enkelen hebben dat ook aan de ontwikkelaar g d ). Een groep bewoners ten noorden van het plein vreesde overlast. Hen is verzocht hun zorgen schriftelijk in te dienen zodat die meegenomen konden worden in de verdere uitwerking van het bestemmingsplan. Dat hebben zij gedaan in een uitgebreide brief. 8

85 Door de ontwikkelaar is vervolgens pas op de plaats gemaakt, van september 2013 tot februari 2014, omdat zij eerst overeenstemming moesten bereiken met een mede-eigenaar aan het Euterpeplein over de planontwikkeling. Het risico was aanzienlijk dat het plan niet of gewijzigd verder zou kunnen. Gedurende die periode zijn de bezorgde bewoners op de hoogte gehouden van de voortgang en van bijvoorbeeld uitgevoerde verkeersonderzoeken. Toen duidelijk was dat het plan door de initiatiefnemer in procedure gebracht ging worden is conform afspraak meteen, en nog voor de ter inzage legging, in maart met de bezorgde bewoners gesproken en is hun brief beantwoord. Hen is aangegeven dat hun opmerkingen en alternatieve ideeën allemaal zijn onderzocht en besproken maar niet hebben geleid tot een ander plan, omdat deze alternatieven wel tot minder overlast voor hen zou kunnen leiden, maar ook tot meer onveiligheid of overlast elders op het Euterpeplein. Samenvattend verwacht de gemeente dat het drukker wordt, wat een consequentie is van de keuze om het winkelcentrum conform actueel beleid te versterken. Maar het wordt niet zodanig druk dat het leidt tot onveiligheid of onevenredige overlast. Vervolgens is het ontwerpbestemmingsplan in procedure gebracht. Daarbij is de raad expliciet geïnformeerd over voor- en tegenstanders van het plan en dat bezwaren geen aanleiding gegeven hebben het plan te wijzigen. Dit leidde tot het inwinnen van informatie door de Raad, maar niet tot agendering of heroverweging van het proces. Vervolgens is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Op initiatief en in aanwezigheid van de winkeliersvereniging is aan het eind van de ter inzage legging half mei 2014 nog eens met bewoners gesproken. Daarbij gaven zij wederom aan teleurgesteld te zijn dat het plan niet is aangepast na hun opmerkingen en benadrukten zij het gebrek aan draagvlak en nut en noodzaak van de supermarkt. Zij konden zich ook niet vinden in de argumenten van de winkeliersvereniging die het belang van de tweede supermarkt onderstreepten. Tijdens de afwikkeling van de zienswijzen is nogmaals overleg geweest met de bezorgde bewoners. Daarbij is door hen aangegeven dat zij het wenselijk vinden het bestemmingsplantraject stil te zetten en eerst een participatietraject te doorlopen over de toekomst van het Euterpeplein en hoe een tweede supermarkt daar in past. Omdat het beleid ten aanzien van de versterking van de wijkfunctie van het Euterpeplein en het belang van een tweede supermarkt daarin, onderdeel zijn van vigerend beleid én deze na onderzoek ten aanzien van overlast binnen de wettelijke en gemeentelijke kaders is in te passen, ziet het college daartoe geen aanleiding. Communicatie over het bestemmingsplan In de notitie Rol van de Raad in RO procedures staat beschreven welke procedure voor welk type bestemmingsplan moet worden gevolgd. Op basis van die notitie is voorgesteld om de procedure behorende bij model 1 te volgen voor het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o.. De procedure van model 1 kan volgens de notitie gevolgd worden voor ontwikkelingen op perceelsniveau en die passen in het gemeentelijk beleid. Op 21 mei 2013 heeft het college ingestemd met het volgen van deze procedure, en het presidium heeft vervolgens op 11 juni 2013 de procedure behorende bij model 1 vastgesteld voor dit bestemmingsplan. In de notitie Rol van de Raad in RO procedures staat ook beschreven hoe de procedure van de verschillende modellen er uit ziet. Bij model 1 wordt direct een ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Er vindt geen inspraak plaats in het voortraject. 9

86 2.2 De zienswijzen Zienswijze van de heer F.L.E. W. en mevrouw I.I. W.-B. v. B. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 10 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Samenvatting Reclamanten zijn om de volgende redenen tegen de huidige plannen: a. Het maatschappelijk draagvlak voor de komst van de supermarkt is niet aangetoond. Beoordeling: Opeenvolgende besluiten van de gemeenteraad laten de wenselijkheid zien van een tweede supermarkt aan het Euterpeplein. - In de Nota Detailhandel uit 2002 is genoemd dat het wenselijk is dat het wijkwinkelcentrum aan het Euterpeplein versterkt wordt. - Op 10 april 2007 heeft het college een besluit genomen over de versterking van de detailhandelsfunctie aan het Euterpeplein als wijkwinkelcentrum, door toevoeging van maximaal 1500 m2 verkoopvloeroppervlak. - In de Nota Detailhandel 2011 is aangegeven dat uitbreiding van het aantal winkelmeters is toegestaan in wijkwinkelcentra. Het Euterpeplein is één van de wijkwinkelcentra in Amersfoort. Het maatschappelijk draagvlak komt aan de orde tijdens de wettelijke procedure over het bestemmingsplan. In dat kader is het ontwerpbestemmingsplan voor een periode van 6 weken ter inzage gelegd waarbij een ieder de gelegenheid had een zienswijze over het plan kenbaar te maken bij de gemeenteraad. In dit geval zijn er 6 zienswijzen ingediend waarvan er 1 is medeondertekend door een groot aantal personen (86 formulieren met daarop in totaal 95 handtekeningen). Dit geeft aan dat er een groep omwonenden is die zich niet kan vinden in de ontwikkeling van een supermarkt volgens de regels van het ontwerpbestemmingsplan zoals dit ter inzage heeft gelegen. Dit zal worden meegenomen bij de afweging over de zienswijzen en over de vaststelling van het bestemmingsplan. Er is echter ook een groep omwonenden die zich wel kan vinden in de voorgestelde ontwikkeling. Deze groep heeft niet gereageerd op het ontwerpbestemmingsplan omdat zij met het plan in kunnen stemmen. Dit bleek ook tijdens de informatieavond van 3 juli b. Reclamanten zijn als direct belanghebbenden (eigenaren aangrenzend perceel) niet betrokken in welke vorm van overleg dan ook. Ook zijn er geen inspraakmogelijkheden geboden. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar paragraaf van deze zienswijzennota. c. Er is sprake van belangenverstrengeling omdat een ambtenaar wordt ingehuurd als projectleider voor de Vomar. Beoordeling: De Vomar heeft een projectleider voor de locatie Euterpeplein 1. Deze projectleider is dienst van Hoorne Vastgoed. De gemeente heeft een eigen projectleider voor dit project, die werkzaam is bij de afdeling Projectontwikkeling van de gemeente. Er is geen sprake van belangenverstrengeling. 10

87 d. Een aanvraag van reclamanten over de bouw van een praktijkruimte op eigen perceel, grenzend aan de groenstrook langs de parkeerplaats is afgewezen omdat de groenstrook behoort tot ecologische hoofdstructuur/verbindingszone. Nu wordt de parkeerplaats wel op die plek uitgebreid. Beoordeling: In 2001 is door reclamant een aanvraag ingediend om een deel van de groenstrook, gelegen achter zijn perceel, te kopen van de gemeente. Reclamant wilde het deel van de groenstrook gebruiken ten behoeve van de bouw van een praktijkruimte. Dit verzoek is destijds afgewezen omdat de groenstrook onderdeel was van het zogenaamde structurele groen. Het was geen onderdeel van een ecologische verbindingszone. Bij de voorgenomen herinrichting van het parkeerterrein wordt een deel van de groenstrook meegenomen om daarmee de ruimte voor het aanleggen van parkeerplaatsen te vergroten. Er zal echter niet worden gebouwd op dit deel van de groenstrook. De groenstrook zal gedeeltelijk worden verhard en het deel van het groen dat blijft behouden zal door de initiatiefnemer met nieuw groen worden ingericht. Het Valleikanaal en de Heiligenbergerbeek behoren tot de ecologische hoofdstructuur. De Flierbeek is daar geen onderdeel van, maar is wel van belang voor een samenhangende groenstructuur. Door een goede inrichting en ruimte voor natuur langs de beek zal uitwisseling van soorten via Flierbeek naar Valleikanaal mogelijk zijn en anderzijds via Flierbeek, singel langs de Stadsring, naar Heiligenbergerbeek en Eem. In het geldende bestemmingsplan Randenbroek- Schuilenburg staat beschreven dat langs de Flierbeek, daar waar de bestemming woondoeleinden grenst aan de beek, waar mogelijk een bebouwingsvrije zone gehanteerd wordt van 5 meter van de oever van de beek. Zoals op onderstaande afbeeldingen is te zien wordt een deel van de groenstrook ingericht als parkeerterrein. Hiermee wordt geen bebouwing mogelijk gemaakt maar uitsluitend verharding en inrichting ten behoeve van het parkeren. Ter compensatie van de verharding die zal worden aangebracht, wordt de overgang van het water naar de groenstrook opnieuw ingericht door de ontwikkelaar. Deze overgangszone wordt ingericht als moeraszone, waarmee aansluiting wordt gezocht bij één van de ecologische uitgangspunten; het creëren van natuurvriendelijke oevers. Deze kwalitatieve maatregelen, die in nauw overleg met de stadsecoloog worden uitgewerkt, compenseren het kwantitatieve verlies in voldoende mate. De groenstrook die blijft bestaan tussen de plangrens van het nieuwe bestemmingsplan en de Flierbeek varieert in breedte van ongeveer 3,5 tot 7 meter. De groenstrook die langs de achterzijde van de percelen aan de Bachweg 69 en 71 loopt wordt smaller. Deze strook is echter, zoals bovenstaand beschreven, geen onderdeel van de ecologische hoofdstructuur of verbindingszones. 11

88 Geldend bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg Nieuw bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. (geprojecteerd over de luchtfoto) e. Er zal geluidsoverlast ontstaan (door winkelverkeer, slaande portieren, rammelende boodschappenkarretjes, roepende en schreeuwende supermarktbezoekers). Beoordeling: Bij de beoordeling van de maximale geluidsniveaus blijft stemgeluid, in dit geval van supermarktbezoekers, buiten beschouwing. Dit zou wel meegewogen worden wanneer de locatie een van de openbare weg afgesloten ruimte betreft ofwel een binnenterrein (Het wel of niet meewegen van stemgeluid komt voort uit de Wet geluidhinder). Wel is het geluid afkomstig van winkelverkeer en winkelwagentjes beoordeeld. Dit is terug te vinden in het akoestisch onderzoek. Uit dat onderzoek blijkt dat het geluid van winkelwagentjes en winkelverkeer binnen de normen blijft. Wel wordt geadviseerd om stille winkelwagens te gebruiken en een gladde bestrating. In navolging van dit advies is in de overeenkomst die met de ontwikkelaar is gesloten opgenomen dat op het rijgedeelte van de parkeerplaats asfalt zal worden gelegd. De parkeerplekken zelf kunnen bestraat worden met klinkers. Daarnaast gaat de supermarkt gebruik maken van stille winkelwagens. f. Er zijn en komen te weinig parkeerplaatsen. Beoordeling: In de toelichting op het bestemmingsplan en in bijlage 3 daarvan, is weergegeven dat de komst van de supermarkt per saldo leidt tot een extra parkeerdruk van 31 parkeerplaatsen. Rekening houdend met de bestaande parkeerdruk van gemiddeld 10 parkeerplaatsen op het parkeerterrein maakt, dat er een parkeerplaats nodig is met 41 parkeerplekken. In het ontwerp dat er nu ligt voor de supermarkt wordt hieraan voldaan (een extra uitleg over het parkeren is opgenomen in paragraaf van deze zienswijzennota). g. De komst van de supermarkt voegt niets toe. Beoordeling: Het Euterpeplein is een wijkwinkelcentrum waar verschillende soorten detailhandel gevestigd zijn. Momenteel is er één grote supermarkt, de Albert Heijn. Vanuit gemeentelijk beleid is een tweede supermarkt wenselijk ter versterking van de functie van het wijkwinkelcentrum. Met voorliggend bestemmingsplan wordt ter plaatse van de voormalige Opstandingskerk detailhandel mogelijk gemaakt. De bestemming detailhandel maakt een tweede supermarkt mogelijk. Voor de invulling van de detailhandelsbestemming uit het bestemmingsplan is een overeenkomst gesloten met een ontwikkelaar betreffende de vestiging van een Vomar supermarkt. Dit is een 12

89 supermarkt van een andere formule en met een ander prijsniveau dan de Albert Heijn supermarkt. h. Het nieuwe gebouw zal volledig misstaan in het straatbeeld van het Euterpeplein. Beoordeling: In hoofdstuk 3 van de toelichting op het bestemmingsplan zijn de ruimtelijke effecten beschreven van het nieuwe gebouw. De rooilijnen en het bouwvolume worden vastgelegd in het bestemmingsplan. Deze zijn door de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit (CRK = voorheen welstandscommissie en monumentencommissie) stedenbouwkundig beoordeeld en akkoord bevonden. De CRK beoordeelt of het uiteindelijke bouwplan (dat nog ingediend moet worden) en de architectuur passend zijn op de locatie. Het voorlopig ontwerp voor de supermarkt is in 2013 beoordeeld door de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit en akkoord bevonden. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan Zienswijze van de heer R. H. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 20 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Samenvatting a. De Randenbroekerweg met momenteel aan één zijde een fietspad, is levensgevaarlijk geworden voor fietsers. Beoordeling: De Randenbroekerweg is een erftoegangsweg (30km zone). Gelet op de verkeersintensiteiten en het gebruik van de Randenbroekerweg, is een fietspad niet noodzakelijk en is gemengd gebruik van de rijbaan door zowel fietsers als gemotoriseerd verkeer verantwoord. b. Reclamant stelt dat er, door het opheffen van de fietspaden aan beide zijden van de Randenbroekerweg en mede gezien de breedte van de weg van 6 meter, een zeer onoverzichtelijke en verkeeronveilige situatie ontstaat. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder punt a. c. Er wordt nodeloos groen opgeofferd ten behoeve van parkeerplekken. Waarom geen ondergrondse parkeergelegenheid aanleggen met een eenzijdige uitrit aan de Bachweg waar het verkeer vele malen luwer is. Beoordeling: In eerdere stadia van het ontwerp voor de supermarkt zijn ondergrondse parkeervoorzieningen onderzocht. Deze zijn om uiteenlopende redenen (inpasbaarheid, functionaliteit, financiële haalbaarheid) niet haalbaar gebleken. Een nadere uitleg over de parkeervoorziening is te vinden in paragraaf van deze zienswijzennota. 13

90 d. Een drukke supermarkt wordt verkeerskundig vergeleken met een, alleen op zondag gedurende 2 uur drukke, kerk. De in een eerder stadium hiervoor gegeven verklaring zou kwaadwillenden kunnen doen denken dat het in 2010 opheffen van een deel van het fietspad langs de Randenbroekerweg al is gebeurd vooruitlopend op de komst van een nieuwe supermarkt. Beoordeling: Het opheffen van het fietspad aan de oostzijde van de Randenbroekerweg in 2010 (het deel tussen de Elgarstraat en de Hogeweg) stond destijds los van de plannen voor de supermarkt. Naderhand is, naar aanleiding van verzoeken van aanwonenden, ook het stuk fietspad tussen de Beethovenweg en Elgarstraat opgeheven. Bij dat tweede besluit zijn de plannen voor een tweede supermarkt in de overwegingen betrokken. De vergelijking van de verkeersdruk van een drukke supermarkt met die van een kerk is juridisch-planologisch mogelijk. Een groot gebouw met een religieuze functie kan in theorie dagelijks bezocht worden door grote groepen mensen. In vergelijking met het gebruik van de voormalige Opstandingskerk zal een supermarkt meer verkeer aantrekken. Daarom is in de berekening voor het ontwerpbestemmingsplan uit gegaan van een worst case scenario. Dat betekent in dit geval dat bij de berekening van het aantal verkeersbewegingen is uit gegaan van een op zichzelf staande supermarkt en niet van een supermarkt in een wijkwinkelcentrum. Voor de nieuwe supermarkt is berekend dat deze circa ca verkeersbewegingen per etmaal genereert. In de uitkomsten van deze worstcase berekening blijven de verkeersintensiteiten zowel planologisch als verkeerskundig binnen acceptabele waarden voor een erftoegangsweg. Ook wanneer er geen fietspaden langs de weg liggen en de fietsers gebruik moeten maken van de rijbaan. e. Reclamant juicht het wel toe dat er een supermarkt in een wat lager prijssegment bij komt aan het Euterpeplein. Beoordeling: We nemen deze positieve opmerking voor kennisgeving aan. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan Zienswijze van mevrouw A. V. en de heer E. v. B. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 20 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Samenvatting en beoordeling Reclamant vreest een verslechtering ten aanzien van de veiligheid, leefbaarheid, groen en de parkeerdruk. a. De veiligheid van de Randenbroekerweg verslechterd door een toename van de verkeersdrukte van personenvervoer en vrachtvervoer. Reclamant stelt voor om de Randenbroekerweg te vrijwaren van transport van en naar de supermarkt en hiervoor de Ringweg Randenbroek te gebruiken. Daarnaast ontbreekt een onderbouwing voor de verkeersveiligheid van de wijziging van de kruising Beethovenweg/Randenbroekerweg/inrit vrachtverkeer supermarkt. Reclamant verzoekt de wijziging te benutten als kans om het kruispunt veiliger te maken en hier een onafhankelijk bureau in te laten adviseren. 14

91 Beoordeling: De keuze voor de wijze van bevoorraden aan de zijde van de Randenbroekerweg is mede ingegeven door de wens de laad- en losstrook veilig in- en uit te kunnen rijden. Zowel het in- als het uitrijden is mogelijk zonder ingewikkelde manoeuvres door vrachtwagens. Vrachtwagens rijden aan vanaf de Beethovenweg en rijden vervolgens de laad- en losstrook weer uit over de Randenbroekerweg richting Hogeweg. Een andere rijrichting van de vrachtwagens is niet mogelijk omdat het laad- en losdock op zo'n manier wordt vormgegeven dat de vrachtwagens hier uitsluitend vanaf de kruising Beethovenweg-Randenbroekerweg in kunnen rijden. Wanneer de vrachtwagens vanaf de Randenbroekerweg het laad- en losdock in zouden rijden dan zouden ze door moeten rijden tot midden op de kruising om te kunnen laden en lossen. Op de onderstaande afbeeldingen is de rijrichting van het bevoorradende verkeer aangegeven. Consequentie van deze verkeersafwikkeling is dat een beperkt aantal keren per dag ( 2 tot 3 keer) een vrachtwagen door de Randenbroekerweg zal rijden. Dit wordt aanvaardbaar geacht, wat beschreven staat in de toelichting op het bestemmingsplan in paragraaf 3.3. Bevoorraden via de Ringweg Randenbroek brengt ongewenste manoeuvres met zich mee op het Euterpeplein. Vanaf het Euterpeplein is het niet mogelijk om de laad- en losstrook in te rijden omdat de bocht die daarvoor gemaakt moet worden te scherp is voor vrachtwagens. Een oplossing voor een laad- en losplaats waarbij een wegrijdende vrachtwagen via Euterpeplein rechtstreeks wegrijdt naar de Ringweg Randenbroek, kan alleen wanneer het laad- en losdock langs het Euterpeplein wordt gesitueerd. Deze is dan alleen met ingewikkelde en onveilige (achteruitrijd-)manoeuvres te bereiken. De wijziging van de kruising Beethovenweg/Randenbroekerweg/inrit vrachtverkeer wordt gedaan om de verkeerssituatie veiliger te maken. De kruising wordt voorzien van een verhoogd plateau om het verkeer, dat de kruising nadert en wil oversteken, te remmen. Daarnaast wordt een vrijliggende laad- en losstrook aangelegd zodat de bevoorradende vrachtwagens niet op de rijbaan hoeven te staan. b. De levendigheid wordt aangetast: 1. Reclamant vindt dat er een anoniem (naar binnen gericht) massief gebouw komt. Beoordeling: Een bestemmingsplan gaat niet over de architectuur van gebouwen. De architectuur en uitstraling van het gebouw wordt door de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit beoordeeld op basis van de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen (voorheen bouwvergunning). Die moet nog worden aangevraagd voor deze supermarkt. In 2013 heeft de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit al wel het voorlopig ontwerp voor de supermarkt, waaraan u refereert, beoordeeld en aanvaardbaar geacht. 15

92 2. Reclamant vraagt hoe zit het met de veiligheid als de passage gesloten is. Beoordeling: Vanuit veiligheidsoogpunt zal de passage alleen toegankelijk zijn tijdens de openingstijden van de supermarkt. Buiten de openingstijden van de supermarkt is het parkeerterrein alleen toegankelijk via de Bachweg of via de Randenbroekerweg. Die ingangen worden niet afgesloten. Vanaf de Randenbroekerweg is zicht over het gehele parkeerterrein. 3. Reclamant maakt zich zorgen over leegstand. Beoordeling: De nieuwe supermarkt wordt gebouwd op de locatie van de voormalige Opstandingskerk die al geruime tijd leeg stond. In het bestemmingsplan wordt een gebouw mogelijk gemaakt met de bestemming detailhandel. Mocht de situatie zich voor doen dat de supermarkt in de toekomst vertrekt van deze locatie, dan kan het gebouw in gebruik worden genomen door een andere winkel. Dit hoeft geen supermarkt te zijn. Met een tweede supermarkt wordt een extra trekker aan het Euterpeplein gevestigd. Wij verwachten dat dit meer bezoekers zal trekken die ook andere winkels aan het plein kunnen gaan bezoeken. 4. Reclamant vindt dat de vormgeving van de supermarkt in samenspraak met de omwonenden moet plaatsvinden. Beoordeling: De vormgeving van de supermarkt moet voldoen aan de bouwregels in het bestemmingsplan. Een bestemmingsplan zegt echter niets over architectuur. De Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit (voorheen welstandscommissie en monumentencommissie) beoordeelt of het uiteindelijke bouwplan (dat nog ingediend moet worden) en de architectuur passend zijn op de locatie. Het voorlopig ontwerp voor de supermarkt is in 2013 beoordeeld door de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit en akkoord bevonden. Dit ontwerp is aan omwonenden getoond op de informatieavond die is gehouden op 1 juli Door de nieuwe supermarkt zou een impuls ontstaan voor andere winkels. Maar de parkeerplaats is aan achterzijde en de ingang in de passage. Dus bezoekers zien andere winkels niet. Beoordeling: Bezoekers van de supermarkt zullen zich bewust zijn van het feit dat ze een supermarkt bezoeken in een wijkwinkelcentrum en niet een op zichzelf staande supermarkt. De ingang van de supermarkt komt in de passage aan de kant van het Euterpeplein. Een bezoek aan de supermarkt kan daarom eenvoudig gecombineerd worden met een bezoek aan een andere winkel op het Euterpeplein. c. Reclamant verzoekt consequent te blijven en de waarden die aan de ecologie zijn toegekend te respecteren door ten minste de ecologische verbindingszone en bij voorkeur ook de omliggende groenvoorziening in haar huidige vorm te handhaven. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling van de zienswijze onder d. 16

93 d. Ten aanzien van het parkeren geeft reclamant de volgende punten aan: 1. Eerst de bestaande situatie in kaart brengen met bijbehorende parkeerdruk. Vervolgens berekenen welke ruimte er is voor nieuwe functies en niet de supermarkt als een eiland beschouwen. Nu is er sprake van wensrekenen. Beoordeling: Deze nieuwe ontwikkeling wordt getoetst aan de Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012). Bijlage 3 van de toelichting van het bestemmingsplan bevat een parkeerbalans. Uit deze parkeerbalans blijkt dat voldaan wordt aan de parkeereis. Hierin is bijvoorbeeld ook rekening gehouden met de bestaande parkeerdruk op het parkeerterrein. De berekening van de parkeerbalans is ook nog een keer toegelicht in paragraaf van deze zienswijzennota. 2. Er is onduidelijkheid over het winkeloppervlak. Beoordeling: Op de verbeelding bij het bestemmingsplan is een bouwvlak opgenomen met de bestemming detailhandel. Aan die bestemming zijn bouwregels gekoppeld. De verbeelding en de regels samen, bepalen daarmee het maximale bouwvolume van het gebouw. Ook is in de regels opgenomen dat voldaan moet worden aan de Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012). De ontwikkelaar heeft een voorlopig ontwerp laten opstellen. Dit voorlopig ontwerp voldoet aan de regels van het bestemmingsplan. In dat voorlopig ontwerp heeft de supermarkt een brutovloeroppervlak van 1170 m2 en een winkelvloeroppervlak van 950 m2. Het brutovloeroppervlak wordt gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies (buitenmuren). Het brutovloeroppervlak bestaat uit: het winkelvloeroppervlak (950 m2), magazijn (130 m2) en een kantine (90 m2). Binnen het winkelvloeroppervlak vindt de daadwerkelijk verkoop aan de klanten plaats. 3. Er wordt afgeweken van de geldende parkeernorm (parkeerbalans heeft het over norm van 3,3, de Nota parkeernormen over 3,5 en het CROW over 3,6 tot 5,6). Beoordeling: Het CROW (een onafhankelijke kennisorganisatie op het gebied van infrastructuur, openbare ruimte en verkeer & vervoer) heeft parkeerkencijfers geformuleerd. Het gaat hier om ervaringscijfers die als hulpmiddel dienen om tijdens een ontwerpproces rekening te houden met een indicatie van het aantal benodigde parkeerplaatsen binnen een ontwerp. Hierbij wordt op verschillende wijzen onderscheid gemaakt, waardoor een bandbreedte ontstaat in de parkeerkencijfers. Met behulp van de parkeerkencijfers kan een gemeente eigen parkeernormen vaststellen om te gebruiken bij de parkeerbehoefte-indicatie binnen ruimtelijke ontwerpen. Wanneer een gemeenteraad gemeentelijke parkeernormen heeft vastgesteld dan moeten die normen bij ruimtelijke ontwikkelingen toegepast worden. In de gemeente Amersfoort heeft de gemeenteraad de Nota Parkeernormen 2009 vastgesteld (d.d. 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012). De normen uit die nota zijn gebruikt voor het plan van de supermarkt. Er is hier sprake van een ontwikkeling in de categorie wijk-, buurt- en dorpscentra en daarvoor geldt een norm van 3,3 parkeerplaatsen per 100 m2 brutovloeroppervlak. 17

94 4. In de tekst staat dat met inachtneming van de ecologische eisen er 41 parkeerplekken gerealiseerd kunnen worden. Op de tekeningen is echter zichtbaar dat de groenstructuur wordt aangetast en dat er dus 41 parkeerplekken worden gerealiseerd maar niet met aandacht voor ecologie. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder onder d. 5. Reclamant verzoekt een deugdelijke parkeerbalans te laten opstellen door een onafhankelijk bureau op basis waarvan de maximum omvang van de supermarkt kan worden bepaald. Beoordeling: Bijlage 3 van de toelichting op het bestemmingsplan bevat de parkeerbalans. In paragraaf van de toelichting op het bestemmingsplan wordt deze toegelicht en ook in paragraaf van deze zienswijzennota wordt een extra toelichting gegeven op de parkeerbalans. Wij zien geen reden dit door een onafhankelijk bureau te laten toetsen of herhalen. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan Zienswijze van Stibbe advocaten namens Ahold Europe Real Estate & Construction B.V en Albert Heijn B.V. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 21 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Samenvatting De zienswijze richt zich tegen alle onderdelen van het bestemmingsplan, voor zover daarmee wordt voorzien in een planologisch kader ten behoeve van de realisatie van detailhandel en de daarmee samenhangende voorzieningen. De parkeersituatie en de afwikkeling van het verkeer zijn de punten waarover de grootste zorg bestaat. a. Parkeren De parkeerbalans is niet duidelijk/niet correct. Er worden onvoldoende parkeerplaatsen gecreëerd in het plangebied; 1. Er wordt gerekend met een van de CROW afwijkende norm Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder onder d Niet duidelijk is waarom er een aantal van 8 parkeerplaatsen in mindering wordt gebracht vanwege de verdwijnende pizzeria. Beoordeling: Net zoals de meeste andere winkels en voorzieningen aan het Euterpeplein had de pizzeria geen eigen terrein en werd de parkeerbehoefte in het openbaar gebied opgevangen. Zoals in de parkeerbalans bij het bestemmingsplan is aangegeven is de parkeernorm voor de pizzeria 8,5 parkeerplaatsen per 100 m2. De oppervlakte van de pizzeria was 140 m2 waarmee de 18

95 parkeerdruk uitkomt op 1,4 x 8,5 = 11,9 parkeerplaatsen. De berekening wordt gemaakt voor een piekmoment, zaterdagmiddag. De gemiddelde bezettingsgraad van de pizzeria is dan 70%. Dit betekent een aantal parkeerplaatsen van 0,7 x 12 = 8,3. Dit aantal mag dus in mindering worden gebracht op het aantal parkeerplaatsen dat de supermarkt nog moet realiseren omdat deze parkeerplaatsen ten behoeve van de pizzeria niet verdwijnen, maar de pizzeria zelf wel gesloten is (in de Nota Parkeernormen vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari is dit vastgelegd in de nieuw-voor-oud-regeling ). 3. Niet duidelijk is hoe de bestaande parkeerdruk van 10 parkeerplaatsen is berekend; Het achterliggende parkeerterrein is openbaar gebied en daar mag de parkeerdruk niet meer bedragen dan 80%. Beoordeling: Zoals in de parkeerbalans is aangegeven zijn er tellingen verricht op twee maatgevende zaterdagmiddagen. Daaruit is een gemiddelde bestaande parkeerdruk gekomen van 10 parkeerplaatsen. Het achterliggende parkeerterrein is inderdaad openbaar gebied. Volgens de Nota Parkeernormen 2009 (vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012) kunnen de parkeerplaatsen in het openbaar gebied als vervangende parkeerruimte worden aangemerkt, zolang de bezettingsgraad van de openbare parkeerplaatsen ter plaatse en in de nabije omgeving niet boven de 80% komt. Deze buffer van 20% wordt aangehouden voor bijvoorbeeld een toename van het autobezit in de toekomst of voor ontwikkelingen in de omgeving. Een verder uitleg over dit punt is te vinden in paragraaf van deze zienswijzennota. 4. De parkeerdruk op het Euterpeplein is op dit moment, op zaterdagen, al te hoog. Beoordeling: Voor het opvangen van de parkeerdruk van de supermarkt wordt geen gebruik gemaakt van de parkeerruimte op het Euterpeplein, wel van het parkeerterrein langs de Flierbeek (het achter de locatie liggende terrein). Dit parkeerterrein wordt uitgebreid waarbij ook rekening wordt gehouden met de bestaande parkeerdruk van 10 parkeerplaatsen. Door deze ontwikkeling neemt de parkeerdruk op het Euterpeplein niet toe. 5. Gesteld wordt dat er 41 parkeerplaatsen worden aangelegd omdat er niet meer passen. Dit zou een reden moeten zijn om een functie niet toe te staan. Beoordeling: In paragraaf van deze zienswijzennota wordt uitgebreid ingegaan op het parkeren. Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar die paragraaf. 6. Gesteld wordt dat er 41 parkeerplaatsen worden aangelegd omdat dit voldoende is voor de parkeerdruk van de supermarkt. Het aantal van 41 is echter niet voldoende. Beoordeling: In paragraaf van deze zienswijzennota wordt uitgebreid ingegaan op het parkeren. Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar die paragraaf. 7. Gesteld wordt dat het parkeerterrein aantrekkelijker wordt voor andere parkeerders en zo kan bijdragen aan een verbetering van de parkeersituatie aan de zijde van het plein. Het parkeerterrein kan echter geen overloopparkeren vanuit het plein aan. Beoordeling: 19

96 Met de komst van een nieuwe supermarkt is het aannemelijk dat mensen het parkeerterrein langs de Flierbeek beter gaan benutten omdat dit terrein na realisatie van de supermarkt, direct aan het winkelcentrum grenst en beter wordt ontsloten. Het parkeerterrein kan tijdens een groot deel van de openingstijden van de winkels bijdragen aan het opvangen van de parkeervraag. Alleen tijdens piekmomenten zijn de 41 parkeerplaatsen, volgens de berekeningen, nodig voor de supermarkt. Op andere momenten is de parkeervraag minder groot. b. Verkeer Reclamant maakt zich om verschillende redenen zorgen over de verkeersafwikkeling. Verkeersafwikkeling vrachtauto s: 1. Zowel de Randenbroekerweg, Mendelssohnstraat als Hogeweg zijn geen wegen die geschikt zijn voor commercieel verkeer ten behoeve van de bevoorrading van de supermarkt. Zowel de Beethovenweg als de Randenbroekerweg zijn erftoegangswegen. Beoordeling: Met uitzondering van de Hogeweg (wijkontsluitingsweg) zijn de genoemde wegen inderdaad erftoegangswegen. Dat betekent niet dat de bevoorradende vrachtwagens hier niet zouden kunnen of mogen rijden. Het gaat in dit geval om bestemmingsverkeer voor de supermarkt. Net als voor de overige winkels op het Euterpeplein moeten deze bevoorradende vrachtwagens gebruik maken van erftoegangswegen om de bestemming te bereiken. De genoemde wegen zijn voor dit bestemmingsverkeer geschikt. Het laad- en losdock van de supermarkt wordt op zo'n manier vormgegeven dat deze uitsluitend in te rijden is vanaf de kruising Beethovenweg-Randenbroekerweg en niet komende vanaf noordelijke richting over de Randenbroekerweg. Ze kunnen het laad- en losdock wel uitrijden via de Randenbroekerweg richting de Hogeweg. 2. Een verkeersafwikkeling van vrachtauto s in zuidelijke richting is ook niet mogelijk omdat de vrachtauto s dan zouden moeten keren op de weg. Beoordeling: Een verkeersafwikkeling in zuidelijke richting is inderdaad niet wenselijk. 3. Bovengenoemde punten kunnen leiden tot opstoppingen en een verminderde bereikbaarheid van de Albert Heijn-supermarkt. Beoordeling: Bevoorradend verkeer voor de nieuwe supermarkt komt aanrijden via de Beethovenweg, stopt buiten de rijbaan op een speciaal daarvoor aan te leggen laad- en losstrook, en rijdt vervolgens weg via de Randenbroekerweg. Het is daarom niet aannemelijk dat de geplande manier van bevoorraden zal leiden tot een verminderde bereikbaarheid van de Albert Heijn-supermarkt. Alleen tijdens het inrijden van het laad- en losdock door de vrachtwagen zal het overig verkeer daarop mogelijk kortdurend even moeten wachten. Dit oponthoud is vergelijkbaar met het moeten wachten op bijvoorbeeld een uitparkerende auto op het Euterpeplein. Verkeersafwikkeling bezoekers supermarkt: 4. Er is onvoldoende rekening gehouden met de verkeersaantrekkende werking van een nieuwe supermarkt en het effect daarvan op het Euterpeplein en omgeving. Beoordeling: In paragraaf van de toelichting op het bestemmingsplan is een beschrijving gegeven van de verkeersaantrekkende werking van het plan voor de supermarkt. Hierin is te lezen dat is berekend dat de nieuwe supermarkt circa 1130 verkeersbewegingen per etmaal zal genereren. Deze 20

97 berekening gaat uit van een worstcase scenario wat in dit geval betekent dat in de berekening is uitgegaan van het aantal verkeersbewegingen van een op zichzelf staande supermarkt. In de uitkomsten van deze worstcase berekening blijven de verkeersintensiteiten zowel planologisch als verkeerskundig binnen acceptabele waarden. Tellingen aan de Randenbroekerweg en Bachweg (van medio september 2013) kwamen uit op een gemiddelde van respectievelijk 1600 en 500 motorvoertuigen per dag. Als je weer van het meest negatieve scenario uitgaat en alle auto s rijden via 1 straat, zou met de verkeersgeneratie van de nieuwe supermarkt van gemiddeld 1130, het totaal uitkomen op 2730 voertuigen per dag voor de Randenbroekerweg. En 1630 voertuigen per dag voor de Bachweg. Beide getallen blijven ruimschoots binnen de gangbare richtlijn van voertuigen per dag voor dergelijke wegen. In de berekening is geen rekening is gehouden met het gegeven dat de nieuwe supermarkt in een bestaand wijkwinkelcentrum wordt gevestigd. In de praktijk zal een deel van het bezoek aan de nieuwe supermarkt nu ook al naar het Euterpeplein gaan om boodschappen te doen. Op basis van kencijfers voor een wijkwinkelcentrum trekt een dergelijke supermarkt ongeveer 600 voertuigen per dag. Het is daarom aannemelijk dat de netto verkeerstoename van de nieuwe supermarkt in de praktijk lager zal zijn dan de in het ontwerpbestemmingsplan aangegeven worstcase-berekening van 1130 voertuigen, en eerder rond de 600 voertuigen per dag zal liggen. In het bestemmingsplan is gekozen voor een worstcase berekening omdat daarmee de minst gunstige situatie wordt beoordeeld. 5. Het achterliggende parkeerterrein krijgt een uitrit aan de Bachweg en Randenbroekerweg. Dit zijn beide erftoegangswegen. Beoordeling: Gezien de uitkomsten van de berekening van de verkeersaantrekkende werking van de supermarkt, leidt het ontsluiten van het parkeerterrein op zowel de Randenbroekerweg als de Bachweg verkeerskundig niet tot overschrijding van de gangbare richtlijn voor de verkeerintensiteit op erftoegangswegen. 6. De verslechterde verkeerssituatie leidt tot een verminderde bereikbaarheid van de Albert Heijn-supermarkt en getuigt niet van een goede ruimtelijke ordening. Beoordeling: De vestiging van een nieuwe supermarkt zal leiden tot meer verkeer op en rond het Euterpeplein. De verkeersaantrekkende werking is beschreven in paragraaf van de toelichting op het bestemmingsplan, en tevens in de beoordeling van deze zienswijze onder punt B.4. Het is niet aannemelijk dat de nieuwe supermarkt zal leiden tot een slechtere bereikbaarheid van de Albert Heijn supermarkt. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Nagezonden informatie van Stibbe advocaten, namens Ahold Europe Real Estate & Construction B.V en Albert Heijn B.V. Ontvankelijkheid Het nagezonden rapport van Goudappel Coffeng (Parkeer en verkeerstudie Euterpeplein, kenmerk AHV042/Skw/ ) is buiten de termijn ontvangen (5 augustus 2014). Deze informatie is daarom geen onderdeel van de beantwoording van de zienswijzen. In het kader van een zorgvuldige afweging wordt wel een reactie opgenomen over het rapport. 21

98 Inhoud rapport In het rapport van Goudappel Coffeng wordt aangevoerd dat de parkeer- en verkeersveiligheidssituatie op dit moment niet in orde is op het Euterpeplein. Er zouden te weinig parkeerplaatsen zijn, wildparkeren zou aan de orde zijn, en de situaties zou onveilig zijn. Kort gezegd stellen ze dat: 1. onder verwijzing naar het Goudappelrapport, dat de parkeerdruk op het plein nu al te hoog is en dat extra parkeerdruk niet wenselijk is. Die extra parkeerdruk ontstaat volgens Stibbe/Goudappel doordat er volgens hun volgens de CROW-richtlijen 67 parkeerplaatsen nodig zijn, terwijl wij maar 31 voorschrijven. 2. zoekverkeer en foutparkeren zullen leiden tot verminderde bereikbaarheid en parkeeroverlast in omliggende woonwijken. 3. de voorgestelde oplossing voor laden en lossen uit leefbaarheids- en veiligheidsredenen niet wenselijk is omdat vrachtwagens via de Randenbroekerweg rijden. Een directe ontsluiting naar de Ringweg Randenbroek zou wenselijk zijn. Ze concluderen dat een supermarkt alleen mogelijk zou moeten zijn wanneer als voorwaarde wordt opgenomen dat een parkeergarage onder de nieuwe supermarkt is gerealiseerd die in voldoende parkeerruimte voorziet. Reactie gemeente Ad 1. In Amersfoort werken we met de door de gemeenteraad vastgestelde Nota Parkeernormen De daarin vastgelegde normen zijn leidend. Op basis van die normen is het aantal van 31 parkeerplaatsen bepaald. In totaal worden 41 parkeerplaatsen gerealiseerd omdat er vanuit wordt gegaan dat nog ruimte moet worden geboden aan de bestaande parkeerdruk op het terrein van gemiddeld 10 auto s op de maatgevende zaterdagmiddag. Op de telmomenten uit het Goudappelrapport blijkt overigens dat de parkeerdruk op het terrein langs de beek toen slechts tussen de 5 en 7 auto s lag. Ad 2. Wij zijn van mening dat de 41 parkeerplaatsen voldoende parkeerruimte bieden voor de nieuwe supermarkt. In tegenstelling tot de huidige situatie, wordt het nieuwe parkeerterrein goed bereikbaar met de auto (aan twee zijden ontsloten) en heeft een directe looproute naar de ingang van de supermarkt. Wij zijn van mening dat er daarmee voldoende waarborgen zijn dat dit terrein goed gebruikt gaat worden en dat er geen sprake zal zijn van extra parkeerdruk op het Euterpeplein. Er zal wel sprake zijn van een toename van het aantal verkeersbewegingen rond het Euterpeplein. Wij zijn van mening dat deze toename acceptabel is. Overigens wordt ook in het Goudappelrapport gesteld dat de oversteekbaarheid voor voetgangers op het Euterpeplein acceptabel blijft en dat de huidige weginrichting ook in de toekomstige situatie, met supermarkt, voldoet. Ad 3. Bij de planvorming voor de supermarkt zijn verschillende oplossingen voor het laden en lossen beoordeeld. Wij zijn van mening dat de nu gekozen oplossing de voorkeur heeft, omdat het bevoorradend verkeer op een veilige manier de bevoorradingsplaats kan bereiken (vooruit inrijden, vooruit uitrijden). Een oplossing waar de vrachtwagen via Euterpeplein direct naar de Ringweg Randenbroek rijdt brengt met zich mee dat de vrachtwagen onveilige manoeuvres (waaronder achteruit rijden) moet maken op het Euterpeplein. Wij vinden dat onwenselijk. In het Goudappelrapport wordt een aantal uitgangspunten gehanteerd die naar onze mening niet juist zijn. - Op pagina 3 van het rapport wordt gesteld dat de Nota Parkeernormen 2009 aangeeft dat een bezettingsgraad van 80% wordt gehanteerd voor een acceptabele parkeersituatie. Op basis hiervan wordt op pagina 6 gesteld dat in de huidige situatie al sprake is van een onacceptabele verkeerssituatie, omdat volgens het rapport op gezette tijden de parkeerdruk rond het plein boven de 80% is. 22

99 Antwoord: In de Nota Parkeernormen 2009 wordt het percentage van 80% enkel genoemd voor de situaties waarbij gebruik wordt gemaakt van openbare parkeerruimte om een parkeervraag op te lossen. In de Nota Parkeernormen 2009 wordt niet gesteld dat 80% de grens is voor een acceptabele parkeersituatie. - Op p.8 wordt gesteld dat op basis van de Nota Parkeernormen 2009 de parkeernorm voor een supermarkt minimaal 3,3pp/100m2 bvo bedraagt en maximaal 4,0pp/100m2 bvo, en dat op basis hiervan het gemiddelde zou moeten worden genomen. Antwoord: Het eerst genoemde getal in de tabellen van de Nota Parkeernormen 2009 is de norm die als uitgangspunt geldt. Het getal 4,0 is in dit geval inderdaad de maximumnorm die toegepast kan worden. - Er wordt gerekend met kencijfers uit de CROW-publicatie 317. De gemeentelijke Nota Parkeernormen 2009 is leidend en juridisch bindend Zienswijze van de heer B. v. V. Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 21 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Samenvatting Reclamant stelt dat het plan op deze manier nadelig zal uitpakken voor het plein en de buurt. a. De voorgestelde supermarkt is niet complementair maar concurrerend, niet alleen voor de Albert Heijn maar voor alle middenstanders op het plein. Daarnaast is er niet voorzien in alternatieve functies voor het gebouw, mocht de supermarkt niet slagen. Beoordeling: Het Euterpeplein is een wijkwinkelcentrum waar verschillende soorten detailhandel gevestigd zijn. Momenteel is er één grote supermarkt, de Albert Heijn. Met voorliggend bestemmingsplan wordt ter plaatse van de voormalige Opstandingskerk detailhandel mogelijk gemaakt. Vanuit gemeentelijk beleid is een tweede supermarkt wenselijk ter versterking van de functie van het wijkwinkelcentrum. Er is een overeenkomst gesloten met een ontwikkelaar betreffende de vestiging van een Vomar supermarkt. Dit is een supermarkt van een andere formule en met een ander prijsniveau dan de Albert Heijn supermarkt. Zoals in paragraaf 3.2 van de toelichting op het bestemmingsplan is aangegeven, verwachten wij dat een extra trekker aan het Euterpeplein meer bezoekers zal opleveren voor de andere winkels aan het plein. De nieuwe supermarkt wordt gebouwd op de locatie van de voormalige Opstandingskerk die al geruime tijd leeg stond. In het bestemmingsplan wordt een gebouw mogelijk gemaakt met de bestemming detailhandel. Mocht de situatie zich voor doen dat de supermarkt in de toekomst vertrekt van deze locatie, dan kan het gebouw in gebruik worden genomen door een andere winkel. Dit hoeft geen supermarkt te zijn maar kan ook een ander type winkel zijn. b. De sociale functie van het plein wordt aangetast. Het grote pand tast de horecafunctie van dit deel van het plein aan. De gesloten gevelwand die ontstaat is niet passend in de bouwstijl van het plein en zorgt voor een onvriendelijke uitstraling. Uit de stukken blijkt niet dat buurtbewoners betrokken zijn geweest bij de voorbereidingen voor het plan. Beoordeling: Reclamant geeft aan dat het grote pand de horecafunctie van dit deel van het plein aan tast. In het voorliggende bestemmingsplan wordt inderdaad geen horeca mogelijk gemaakt. Wanneer dit wel was gedaan zou een zeer grote horecavestiging mogelijk worden gemaakt en dat is op deze plek niet wenselijk. Overigens is op de begane grond van alle overige panden met de bestemming 23

100 Gemengd in het bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg horeca toegestaan tot een bepaalde maximale oppervlakte. Wat betreft de opmerking van reclamant over de architectuur van het voorlopig ontwerp van de nieuwe supermarkt, wordt verwezen naar de beoordeling van de zienswijze onder h. En voor de beoordeling van het deel van de zienswijze dat gaat over de betrokkenheid van buurtbewoners bij het plan wordt verwezen naar de beoordeling van de zienswijze onder b. c. De definitie van ontwrichting van detailhandelsstructuur is in het ruimtelijk-economisch onderzoek als drogredenering ingezet. Volgens de stukken leidt de vestiging van de Vomar niet tot duurzame ontwrichting van de detailhandelsstructuur. Verwezen wordt naar bestuursrechtspraak van de Raad van State. Daarin wordt echter gesproken over ontwrichting van het voorzieningen niveau. In de stukken bij het bestemmingsplan wordt aangegeven dat er geen sprake is van duurzame ontwrichting van de detailhandel omdat je boodschappen kunt blijven doen in de supermarkt. Dat is vast niet de bedoeling van het optimaliseren van de detailhandelstructuur. Beoordeling: Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen moeten de volgende punten in ieder geval worden beoordeeld; o Is er behoefte aan de ontwikkeling Het ruimtelijk-economisch onderzoek dat is uitgevoerd voor deze ontwikkeling laat zien dat er binnen de wijken Randenbroek- Schuilenburg nog ruimte is voor ontwikkelingen/uitbreiding van detailhandel. Wanneer een regionaal onderzoek zou aantonen dat er geen regionale behoefte is aan supermarkten, hoeft dat niet te betekenen dat lokale ontwikkelingen niet meer mogelijk zijn. Wel moet er dan een onderbouwde reden zijn waarom medewerking wordt verleend aan de ontwikkeling. In het geval van het Euterpeplein is er al jaren sprake van uitbreiding van het Euterpeplein met een tweede supermarkt en omdat in dit geval een supermarkt van een andere formule en met een ander prijsniveau wordt toegevoegd aan het wijkwinkelcentrum, hebben wij besloten medewerking te verlenen aan het wijzigen van de bestemming om de supermarkt mogelijk te maken op deze locatie. Daarnaast zien wij de toevoeging van een detailhandelsbestemming, die een tweede supermarkt mogelijk maakt, als een aanvulling op de aanwezige winkels waarmee de positie van het wijkwinkelcentrum kan worden verstevigd. o Is de ontwikkeling op te vangen in bestaand stedelijk gebied De nieuwe supermarkt wordt gebouwd op de locatie van de voormalige Opstandingskerk. Deze locatie wordt al geruime tijd niet gebruikt. De ontwikkeling wordt dus mogelijk gemaakt door herstructurering van een bestaande locatie in het stedelijk gebied. d. De behoeftemeting aan deze supermarkt is gebaseerd op verouderde gegevens uit En er is geen rekening gehouden met gebiedsontwikkeling Hogekwartier en Hogeweg, met kansen op het terrein van extramuralisering van de zorg, wellness en lifestyle waardoor geen zorgvuldige afweging is gemaakt voor een duurzame ontwikkeling van het plein. Beoordeling: In de gebiedsontwikkeling Hogekwartier/Hogeweg is rekening gehouden met de aanwezigheid van het wijkwinkelcentrum Euterpeplein. Daarom is daar maar zeer beperkt detailhandel toegestaan. Er hebben zich geen initiatieven aangediend voor extramuralisering van de zorg, wellness en lifestyle. Het gaat hier om een particulier initiatief. Wij kunnen de initiatiefnemer niet verplichten om extra functies te ontwikkelen. In dit geval is de initiatiefnemer met een plan gekomen dat 24

101 beoordeeld is door de gemeente. De gemeente heeft vervolgens, na beoordeling van het voorlopig ontwerp voor een supermarkt, ingestemd met het wijzigen van het bestemmingsplan om dit initiatief mogelijk te maken. e. Parkeerplaatsen worden gerealiseerd ten koste van de ecologische verbindingszone. De voorgenomen parkeerplaatsen maken een knip in de ecologische verbindingszone en is niet in overeenstemming met de structuurvisie van de provincie Utrecht. Ook in de gemeentelijke beleidsvisie Groen Blauwe Structuur staat een lange termijn streven naar een ecologische verbindingszone Flierbeek. Bovendien wordt de parkeernorm niet gehaald en is het nee-tenzij principe niet gehanteerd. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder onder d. Daar kan nog aan worden toegevoegd dat de Provincie Utrecht in de structuurvisie enkel maatregelen voorstelt voor de Ecologische Hoofdstructuur. De Flierbeek behoort niet tot de Ecologische Hoofdstructuur zoals die is aangewezen door de provincie. Ook het nee-tenzij principe is daarom niet van toepassing. In de beleidsvisie Groen Blauwe structuur van de gemeente, staat als doelstelling voor de Flierbeek; Continuering natuurwaarden (inrichten natuurvriendelijke oevers) en wandelmogelijkheden. De oever van de Flierbeek wordt langs de parkeerplaats door de ontwikkelaar op een natuurvriendelijke manier ingericht, in samenspraak met de gemeentelijk ecoloog. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de doelstelling uit de beleidsvisie Groen Blauwe structuur. Een onderbouwing voor het parkeren is te vinden in paragraaf van deze zienswijzennota. f. In het akoestisch onderzoek is uitgegaan van verkeerde normen en uitgangspunten. Het omgevingstype is rustige woonwijk in plaats van gemengd gebied. En er wordt uitgegaan van stille winkelwagens en glad asfalt, terwijl er waarschijnlijk klinkers komen. Beoordeling: Het omgevingstype Gemengd gebied komt uit de VNG-brochure Bedrijven en milieuzonering. Volgens deze brochure is de definitie van omgevingstype gemengd gebied als volgt. 'Een gemengd gebied is een gebied met matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven'. Onder 'kleine bedrijven' worden in elk geval bedrijven met milieucategorie 1 en 2 verstaan. Het plangebied van het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. vormt de begrenzing van het wijkwinkelcentrum Euterpeplein. Op dit plein bevindt zich een groot aantal winkels, woningen en tevens enkele horecavestigingen. Hiermee voldoet het gebied aan de omschrijving van het omgevingstype Gemengd gebied. In de overeenkomst van grondexploitatie die is gesloten met de ontwikkelaar is vastgelegd dat er asfalt wordt gelegd op de rijloper op de parkeerplaats. Het gebruik van stille winkelwagens is bij nieuwe supermarktvestigingen zeer gebruikelijk. De ontwikkelaar heeft aangegeven dat dit type winkelwagens in alle supermarkten van de Vomar wordt gebruikt. g. De quickscan Flora en fauna levert geen informatie over de flora en fauna rond om het Euterpeplein. Gaat alleen over vleermuizen. Niet over de Flierbeek. Het rapport is niet relevant want de sloop heeft al plaatsgevonden. Beoordeling: Voor de sloop was het noodzakelijk om inzicht te krijgen in eventueel aanwezige vleermuizen. De sloop is inderdaad inmiddels afgerond. De Flora en fauna bevindt zich met name in en langs de Flierbeek, die overigens buiten de plangrens van dit bestemmingsplan ligt. Met de 25

102 natuurvriendelijke herinrichting van de oever van de Flierbeek worden in nauw overleg met de stadsecoloog, kwalitatieve maatregelen getroffen die de aanwezigheid van flora en fauna ten goede zullen komen. h. Onderbouwing van het plan is onvoldoende. Er is bijvoorbeeld geen draagvlakonderzoek onder buurtbewoners. Reclamant vraagt om herziening van het plan, gebaseerd op juiste gegevens, met in achtneming van de door de gemeente geformuleerde uitgangspunten en in goed overleg met de buurt. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling van de zienswijze onder onder a. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan Zienswijze van de heer S. S., de heer J. S., de heer D. S. V.d. L., namens 95 mede ondertekenaars Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn binnengekomen (ontvangen 21 mei 2014) en van een ondertekening voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. In de zienswijze wordt aangegeven dat er 102 medeondertekenaars zijn. Wij gaan echter niet uit van 102 medeondertekenaars maar van 95. Er zijn namelijk 86 formulieren bij de zienswijze gevoegd met in totaal 95 handtekeningen. Het aantal van 102 medeondertekenaars dat in de zienswijze wordt genoemd komt voort uit een eerdere handtekeningeninzameling. Die was voorafgaand aan de zienswijzentermijn. Daarbij zijn 89 formulieren ingezameld met in totaal 102 handtekeningen. Deze formulieren kunnen echter niet gezien worden als medeondertekening van de zienswijze omdat niet duidelijk is dat het over dit bestemmingsplan gaat, ze voorafgaand aan de termijn zijn ondertekend en niet voorzien zijn van een machtiging voor het indienen van de zienswijze of een argumentatie over het ontwerpbestemmingsplan. Samenvatting Omwonenden hebben bezwaren tegen de voorgenomen ontwikkeling en vestiging van een Vomar supermarkt op de locatie Euterpeplein 1. De bezwaren zijn tweeledig: a. Bezwaar tegen de manier waarop het plan mogelijk wordt gemaakt en op alle manieren wordt gefaciliteerd. Terwijl het plan negatieve effecten heeft op de omgeving; 1. Er wordt gesuggereerd dat omwonenden betrokken zijn, terwijl er alleen een inloopavond is geweest op 1 juli Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de paragraaf van deze zienswijzennota. 2. Er zijn opzettelijk stukken naar de raad gestuurd tijdens het verkiezingsreces. Beoordeling: 26

103 Aan het begin van het traject van het bestemmingsplan heeft de gemeenteraad het besluit genomen om voor dit bestemmingsplan de procedure behorende bij model 1 te volgen. Dat betekent dat direct een ontwerpbestemmingsplan ter inzage wordt gelegd en dat geen inspraak over het plan wordt gehouden. Voordat het plan in ontwerp ter inzage wordt gelegd, wordt de gemeenteraad hiervan op de hoogte gesteld met een raadsinformatiebrief. In de raadsinformatiebrief over het ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. is expliciet aangegeven dat er voor- maar ook tegenstanders zijn van het plan. Dit is gedaan om de raad de gelegenheid te bieden dit mee te nemen in de afweging over het al dan niet instemmen met de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan. Na het versturen van die raadsinformatiebrief hebben raadsleden twee weken de tijd om het plan te agenderen voor bespreking in De Ronde. Er zijn verschillende vragen gesteld door raadsleden over het plan maar het plan is niet geagendeerd voor bespreking in De Ronde. Daarmee heeft de gemeenteraad ingestemd met het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan. Dit speelde inderdaad rond het verkiezingsreces. Maar ook in die periode blijft de gemeenteraad plannen beoordelen. 3. Gemeente en Vomar zijn al jaren in overleg om de supermarkt er door te drukken. Beoordeling: Het is correct dat er al enige jaren gesproken wordt over de vestiging van een tweede supermarkt aan het Euterpeplein. In eerste instantie met een andere ontwikkelaar. Dat plan is destijds niet door gegaan. Vervolgens heeft de huidige initiatiefnemer een voorlopig ontwerp plan ingediend. Dit plan is beoordeeld door de verschillende gemeentelijke disciplines en die beoordeling heeft geleid tot instemming over het starten van een bestemmingsplanprocedure voor het wijzigen van de bestemming van "Maatschappelijke doeleinden - levensbeschouwelijke en religieuze voorzieningen" naar "Detailhandel". 4. Gemeente, Vomar en winkeliersvereniging bevestigen elkaar in een tunnelvisie als zou een extra supermarkt de enige redding zijn van het plein; Beoordeling: Zoals al eerder in deze zienswijzennota is aangegeven wordt al gedurende enige jaren gesproken over het toevoegen van een supermarkt aan het Euterpeplein. Het plan van de huidige initiatiefnemer, die de locatie van de voormalige Opstandingskerk wil herontwikkelen tot een supermarkt, is beoordeeld en hiervoor is het ontwerpbestemmingsplan opgesteld. De gemeente en de winkeliersvereniging verwachten dat een extra supermarkt een versterking van de functie van het wijkwinkelcentrum kan hebben. 5. De gemeente lijkt meer op te komen voor de belangen van 1 ondernemer dan voor een hele wijk van actieve en betrokken burgers; Beoordeling: Wanneer een initiatiefnemer zich meldt bij de gemeente met een plan voor de herontwikkeling van een locatie dan wordt dat plan door de verschillende gemeentelijke disciplines beoordeeld. Wanneer die beoordeling positief is dan wordt de benodigde planologische procedure gestart. Tijdens die planologische procedure wordt het plan ter inzage gelegd waarbij een ieder de mogelijkheid heeft een zienswijze over het plan kenbaar te maken. Alle ingediende zienswijzen worden vervolgens beoordeeld en van een gemeentelijke reactie voorzien, waarbij de verschillende belangen worden afgewogen. In dit geval is voorafgaand aan de ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan, het plan voor de supermarkt gepresenteerd tijdens een bijeenkomst. Deze bijeenkomst was georganiseerd door de initiatiefnemer maar ook de gemeente was aanwezig om vragen te beantwoorden. 27

104 Tijdens de ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan heeft een grote groep omwonenden de zienswijze van reclamanten mede ondertekend. Dit wordt in de belangenafweging meegenomen. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat er ook een groep omwonenden is die niet op het plan gereageerd heeft omdat zij zich kunnen vinden in de herontwikkeling. Dit bleek al tijdens de informatieavond op 1 juli De verschillende meningen en standpunten van de betrokkenen bij deze ontwikkeling zijn in de uiteindelijke belangenafweging meegewogen. 6. Het is niet aantoonbaar dat er draagvlak is voor de supermarkt; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder onder a. 7. Het is wel aantoonbaar dat er veel negatieve geluiden zijn, gezien de vele handtekeningen onder deze zienswijze; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder punt A.6 van deze zienswijze. 8. Een brief van juli 2013 met bezwaren tegen de ontwikkeling werd pas in maart 2014 beantwoord. Daarna is ontwerpbestemmingsplan meteen ter inzage gelegd. Er is bewust voor gekozen niet in overleg te treden met omwonenden over alternatieven; Beoordeling: De formele beantwoording van de brief van reclamanten van 23 juli 2013 heeft inderdaad pas plaatsgevonden op 6 maart In de tussenliggende periode is echter wel contact met reclamanten geweest via . Daarin is aangegeven dat het op dat moment niet mogelijk was om inhoudelijk te reageren op de bezwaren en voorstellen van reclamanten omdat het bij de gemeente niet bekend was of, en in welke vorm, de initiatiefnemer door zou gaan met de plannen voor de supermarkt. Zodra dit bij de gemeente bekend was is de brief van reclamanten beantwoord. 9. De grondexploitatieovereenkomst is gesloten met de ontwikkelaar zonder voorafgaand overleg met belanghebbenden; Beoordeling: Over een grondexploitatieovereenkomst wordt geen overleg gevoerd met omwonenden. Bij een grondexploitatieovereenkomst zijn de initiatiefnemer en de gemeente de belanghebbenden. Wel wordt een grondexploitatieovereenkomst, nadat deze getekend is door zowel de gemeente als de initiatiefnemer, gepubliceerd en bestaat de mogelijk om deze overeenkomst in te zien. In dit geval is de grondexploitatieovereenkomst gesloten op 11 maart 2014 en gepubliceerd op 26 maart 2014 in de stadsberichten in de Stad Amersfoort. Hierop zijn geen reacties bij de gemeente binnengekomen. 10. Een Wob-verzoek van 23 juli 2013 is genegeerd; Beoordeling: De brief van 23 juli 2013 is uitgebreid beantwoord. De laatste alinea bevatte de tekst: 28

105 "Indien en voor zover er stukken/onderzoeken beschikbaar zijn waarvan wij kennis zouden moeten nemen, verzoeken wij u daarvan een exemplaar aan ons te verstrekken, zo nodig met een beroep op de Wet openbaarheid bestuur. Daaronder zou ook een schriftelijk toezegging vallen van uw gemeente, of iets wat daarop lijkt, om medewerking te verlenen aan het plan... " Aangezien het bij de gemeente op dat moment niet bekend was of, en in welke vorm, de initiatiefnemer door zou gaan met de plannen voor de supermarkt, waren er op dat moment geen stukken die verstrekt konden worden. 11. Economisch motief is leidend voor gemeente; Beoordeling: Wanneer een verzoek wordt ingediend voor herontwikkeling van een locatie wordt dit verzoek allereerst beoordeeld door de verschillende gemeentelijke disciplines. Is de beoordeling positief dan wordt gestart met een planologische procedure en wordt een grondexploitatieovereenkomst gesloten. Dit is de volgorde van zaken bij ontwikkelingen zoals die aan het Euterpeplein. 12. Er zal meer concurrentie ontstaan, ook ten opzichte van andere wijkwinkelcentra. En de detailhandelsnota is nog niet eens goedgekeurd; Beoordeling: Concurrentie is geen ruimtelijk relevant afwegingskader bij het vaststellen van een bestemmingsplan. Wel wordt, voordat een bestemmingsplan in procedure wordt gebracht, een initiatief beoordeeld aan de hand van het detailhandelsbeleid. In de geldende Nota Detailhandel 2011 wordt aangegeven dat in wijkwinkelcentra uitbreiding van het aantal winkelmeters is toegestaan. Het Euterpeplein is in deze Nota aangeduid als wijkwinkelcentrum. 13. De woonomgeving wordt aangetast met waardevermindering tot gevolg; Beoordeling: De locatie waar het voorliggende bestemmingsplan voor is opgesteld bevindt zich in een wijkwinkelcentrum. Met de herontwikkeling van de locatie wordt het wijkwinkelcentrum uitgebreid met een tweede supermarkt die zich echter in een ander prijssegment bevindt dan de al bestaande supermarkt. Hierdoor wordt de wijkverzorgende functie van het winkelcentrum Euterpeplein uitgebreid. Eventuele nadelige effecten van de herontwikkeling op de woonomgeving zijn niet onevenredig groot. De woonomgeving heeft op dit moment al te maken met de effecten van het wijkwinkelcentrum. Met de komst van een tweede supermarkt zal het drukker worden in het wijkwinkelcentrum. Maar dit zal geen significant negatieve effecten met zich mee brengen, waarmee normen overschreden worden. 14. Veel verzoeken om planschade en/of nadeelcompensatie zullen worden ingediend; Beoordeling: Wanneer het bestemmingsplan de procedure heeft doorlopen bestaat inderdaad de mogelijkheid tot het indienen van planschadeverzoeken en/of nadeelcompensatie. Deze verzoeken worden op dat moment beoordeeld. Dit is echter geen ruimtelijk relevant afwegingskader bij de vaststelling van een bestemmingsplan. Wel zijn hierover afspraken gemaakt met de initiatiefnemer. Deze afspraken zijn vastgelegd in de grondexploitatieovereenkomst. 15. De nieuwe supermarkt zal veel extra verkeer genereren dat door erftoegangswegen zal rijden. Dat verkeer hoort over de wijkontsluitingswegen Ringweg Randenbroek en Beethovenweg te rijden. Ook de ingang van de parkeerplaats is beoogd aan de 29

106 Randenbroekerweg en niet op het plein zelf. Er komen volgens berekeningen 1130 autoritten per dag bij. Er zouden motorvoertuigen acceptabel zijn op een erftoegangsweg. Dit is echter onacceptabel; Beoordeling: Er zal sprake zijn van een toename van het aantal verkeersbewegingen en het is begrijpelijk dat omwonenden dit als een negatief effect beschouwen; er zal immers meer verkeer door de straten gaan rijden. De berekende toename van het aantal verkeersbewegingen blijft echter wel ruim binnen de gangbare normen voor dit type weg. Het maximum van motorvoertuigen is voor een erftoegangsweg een algemeen geaccepteerd verkeerskundig cijfer. 16. Distributie is beoogd aan de Randenbroekerweg terwijl de Ringweg Randenbroek er vlak naast ligt en voor dit soort verkeer bedoeld is. Gemeente acht vrachtverkeer over het Euterpeplein gevaarlijk vanwege de vele voetgangers. Maar over de Randenbroekerweg minder gevaarlijk terwijl daar het voet- en fietspad wordt geschrapt en er sprake is van veel schoolgaande kinderen; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder a. 17. Gevaarlijke situaties ontstaan door schrappen fietspad en voetpad. En door versmallen van de weg; Beoordeling: De Randenbroekerweg is een erftoegangsweg met een maximum snelheid van 30 km/uur. De verkeersintensiteiten zullen, ook na de komst van de supermarkt, op het drukste deel van de weg hooguit 2500 motorvoertuigen per etmaal bedragen. Dit aantal ligt ruim binnen de gangbare richtlijnen van motorvoertuigen: voor erftoegangswegen een algemeen geaccepteerd verkeerskundig cijfer. Daarnaast is het mengen van verkeer op dit type wegen, waarbij fietsers op de rijbaan rijden, verkeerskundig verantwoord bij intensiteiten van 2500 motorvoertuigen per etmaal. 18. Er is niet of onvoldoende nagedacht over de veranderingen aan de Hogeweg; Beoordeling: In de plannen voor de reconstructie van de Hogeweg is voorzien in een halve afsluiting van de kruising Randenbroekerweg-Hogeweg. In het ontwerp is er rekening mee gehouden dat vrachtverkeer vanaf de Randenbroekerweg de Hogeweg op kan rijden in oostelijke richting (rechtsaf). Verder zal de halve afsluiting, ten opzichte van de huidige situatie, betekenen dat er minder verkeer vanaf de Hogeweg via de Randenbroekerweg zal rijden. 19. Verkeers- en parkeerplannen moeten worden meegenomen in het bestemmingsplan. Ook de consequenties van de verkeersmaatregelen aan de Hogeweg; Beoordeling: In de toelichting op het bestemmingsplan is beschreven wat het effect is van de herontwikkeling van deze locatie op de verkeers- en parkeersituatie. Ook is dit beoordeeld aan de hand van het geldende beleid. Voor de beoordeling van het deel van deze zienswijze over de Hogeweg wordt verwezen naar punt A.18 van deze zienswijze. 30

107 20. Parkeernorm wordt niet gehaald. Niet alle parkeerplaatsen kunnen op eigen terrein worden opgelost. Het achterliggende parkeerterrein is geen eigen terrein. Daarom dient huidige plan te stranden; Beoordeling: Het uitgangspunt vanuit het gemeentelijke parkeerbeleid is dat het parkeren op eigen terrein moet worden opgelost. Wanneer dat niet haalbaar is kan hiervan worden afgeweken en kan gebruik worden gemaakt van de beschikbare parkeerruimte in het openbare gebied. Ook dit staat in het gemeentelijke parkeerbeleid. Een uitgebreide beschrijving over het parkeren is te vinden in de toelichting op het bestemmingsplan, in de parkeerbalans die als bijlage 3 is gevoegd bij de toelichting op het bestemmingsplan en in paragraaf van deze zienswijzennota. 21. Er is nu al een parkeerprobleem op het Euterpeplein. Door winkeliers wordt hierover al jaren geklaagd. Parkeerplekken op het plein worden permanent bezet door bewoners en winkelpersoneel; Beoordeling: Door de initiatiefnemer van de nieuwe supermarkt wordt het achter de locatie liggende terrein opnieuw ingericht om meer parkeerplaatsen te realiseren dan er op dit moment zijn. In totaal kunnen er na de herinrichting 41 auto s parkeren. Een uitgebreide beschrijving over het parkeren is te vinden in de toelichting op het bestemmingsplan, in de parkeerbalans die als bijlage 3 is gevoegd bij de toelichting op het bestemmingsplan en in paragraaf van deze zienswijzennota. 22. Circa 5 parkeerplaatsen van de pizzeria worden toegerekend aan de Vomar terwijl die bij het plein horen; Beoordeling: De ruimte waar voorheen de pizzeria was gevestigd wordt in de nieuwe situatie een onderdoorgang naar het achterliggende parkeerterrein. Daarmee is deze ruimte geen onderdeel van de supermarkt en wordt deze oppervlakte niet meegeteld in de berekening van de parkeernorm. Bij de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van de supermarkt wordt getoetst of voldaan wordt aan de Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012; de normen ten tijde van het opstellen van het bestemmingsplan). Mocht op dat moment blijken dat de oppervlakte van de supermarkt groter is dan waar op dit moment van wordt uitgegaan (op basis van het voorlopig ontwerp dat door de initiatiefnemer is voorgelegd aan de gemeente), dan moeten er meer parkeerplaatsen worden aangelegd dan nu in de parkeerbalans is aangegeven. 23. Parkeerplaatsen van een supermarkt worden intensiever gebruikt dan van een pizzeria; Beoordeling: De normen voor de verschillende functies liggen vast in de gemeentelijke Nota Parkeernormen. De Parkeerbalans die als bijlage 3 is gevoegd bij de toelichting op het bestemmingsplan, is gebaseerd op deze Nota Parkeernormen 2009 (zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012). 24. De vierkante meters van de passage (pizzeria) moeten meegeteld worden bij de berekening van de parkeernorm voor de supermarkt omdat deze volledig ten dienste staat van de supermarkt; 31

108 Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder punt A.23 van deze zienswijze reserve parkeerplaatsen ten behoeve van toekomstige ontwikkelingen worden gevonden ter plaatse van 2 abri s op het plein; Beoordeling: Er is in het kader van de ontwikkeling van de supermarkt niet gesproken over reserveparkeerplaatsen ter plaatse van 2 abri s op het plein. 26. Een nieuwe in/uitgang van het parkeerterrein aan de Randenbroekerweg zal rondcirkelend verkeer tot gevolg hebben, en wachtrijen op de Randenbroekerweg op drukke tijden; Beoordeling: Een nieuwe ontsluiting is om de volgende redenen wenselijk: Spreiding van het verkeer, dat naar de supermarkt en het wijkwinkelcentrum komt, over de Randenbroekerweg en de Bachweg De toegang vanaf de Bachweg is te smal voor tweerichtingsverkeer. Het is niet ondenkbaar dat op drukke tijden kort oponthoud kan ontstaan op de Randenbroekerweg. Gelet op het karakter (type van de weg en breedte van de weg) is dat niet onacceptabel. 27. Het achterliggende parkeerterrein zou nu onveilig zijn maar dit blijkt nergens uit; Beoordeling: Het feit dat de parkeerplaats op dit moment niet optimaal wordt gebruikt maakt dat het een redelijk stille plek is. Dit kan als onveilig worden ervaren maar dat is een subjectief oordeel. 28. Er kunnen niet voldoende parkeerplekken worden gerealiseerd op het achterliggende parkeerterrein zonder de groenstrook en ecologische verbindingszone aan te tasten; Beoordeling: Het aantal parkeerplaatsen dat volgens de Parkeerbalans nodig is voor de supermarkt kan aangelegd worden op het achterliggende parkeerterrein door dit terrein opnieuw in te richten. Hierbij wordt een deel van de groenstrook bij het parkeerterrein getrokken. Ter compensatie wordt door de initiatiefnemer de oever van de Flierbeek heringericht in samenspraak met de gemeentelijke ecoloog. Deze kwalitatieve verbetering van de oever van de Flierbeek is voldoende compensatie voor de afname van de breedte van de groenstrook. 29. Bewoners aan de Bachweg mochten niet de tuin uitbreiden ter plaatse van de ecologische verbindingszone en geen achteringang maken voor een praktijk door de groenstrook. Parkeren mag nu wel; Beoordeling: In 2001 is door een bewoner van de Bachweg een aanvraag ingediend om een deel van de groenstrook, gelegen achter zijn perceel, te kopen van de gemeente. Reclamant wilde het deel van de groenstrook gebruiken ten behoeve van de bouw van een praktijkruimte. Dit verzoek is destijds afgewezen omdat de groenstrook onderdeel was van het zogenaamde structurele groen. Het was geen onderdeel van een ecologische verbindingszone. 32

109 Bij de voorgenomen herinrichting van het parkeerterrein wordt een deel van de groenstrook meegenomen om daarmee de ruimte voor het aanleggen van parkeerplaatsen te vergroten. Er zal echter geen bebouwing worden gerealiseerd en het deel van de groenstrook dat overblijft zal worden heringericht met groen door de initiatiefnemer. Daarnaast zal de initiatiefnemer, ter compensatie van de verharding van een deel van het groen aan de noordzijde van het parkeerterrein, de oever van de Flierbeek opnieuw inrichten als moeraszone. 30. Er is nog geen definitieve oplossing voor het aantasten van de ecologische verbindingszone; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder punt A. 29 van deze zienswijze. 31. Er wordt niet gekeken naar negatieve effecten op nabij gelegen woningen; Beoordeling: Dat is wel beoordeeld. Negatieve effecten zijn met name te verwachten ten aanzien van een verkeersaantrekkende werking en geluid. De supermarkt zal leiden tot een toename van het aantal verkeersbewegingen. Gezien het feit dat de supermarkt gerealiseerd wordt in een bestaand wijkwinkelcentrum waar al sprake is van meer verkeersbewegingen dan in een rustige woonwijk, wordt deze toename als aanvaardbaar beoordeeld. In het akoestisch onderzoek is beoordeeld of de supermarkt leidt tot geluidshinder bij de omliggende woningen. Ook is beoordeeld of aantrekkende verkeersbewegingen leiden tot geluid hinder voor omliggende woningen. Voor beide gevallen wordt geconcludeerd dat wordt voldaan aan de geldende normen. b. Bezwaar tegen de vestiging van een supermarkt op zich. Wat ook negatieve gevolgen heeft voor het plein. 1. In april 2007 zou er al een besluit door het college zijn genomen over toevoegen van max 1500 m2 vvo detailhandel aan Euterpeplein. Hoe is dit aan bewoners bekend gemaakt; Beoordeling: Het is niet gebruikelijk om over alle collegebesluiten te communiceren met omwonenden, anders dan het plaatsen van het besluit op de website. In het geval van het collegebesluit van april 2007 geldt eveneens dat deze op de gemeentelijke website is geplaatst. 2. Uitbreiden van het aantal winkelmeters betekent niet dat dit moet gebeuren ter plaatse van andere bestemmingen. Een dergelijk besluit kan alleen maar gaan over uitbreiden ter plaatse van de bestemming detailhandel; Beoordeling: In het nu nog geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg is de huidige bebouwing strak omlijnd met bestemmings- en bebouwingsgrenzen. Het is daarmee niet mogelijk om, op basis van het geldende bestemmingsplan, binnen de bestemming detailhandel extra winkelmeters te realiseren. Er zal in alle gevallen een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk zijn. De locatie waar de nieuwe supermarkt is gepland, is een locatie die al geruime tijd niet in gebruik is. Bovendien sluit de locatie direct aan op het winkelcentrum. Een functiewijziging van deze locatie, waarmee het aantal winkelmeters van het Euterpeplein wordt uitgebreid, is daarom positief beoordeeld. Overigens zijn ook andere relevante ruimtelijke aspecten afgewogen bij de 33

110 beoordeling of medewerking zou worden verleend aan het starten van een planologischjuridische procedure. 3. Zijn er sinds 2007 geen uitbreidingen van winkelmeters geweest. Recent nog uitbreiding van apotheek Boots en Albert Heijn. Is de 1500 m2 niet opgebruikt; Beoordeling: In mei 2008 is een bouwaanvraag ingediend voor het uitbreiden van de winkel van Albert Heijn en apotheek Boots. De uitbreiding van het aantal m2 aan winkelbebouwing was destijds 24,51 m2. Met de uitbreiding van de bebouwing kon de apotheek worden verplaatst waardoor zowel de apotheek als de winkel van Albert Heijn kon worden vergroot. De Albert Heijn winkel is daarbij vergroot met ongeveer 210 m2, de apotheek met ongeveer 100 m2. Deze uitbreiding samen met de voorgenomen oppervlakte van de nieuwe supermarkt blijft binnen de 1500 m2. 4. De passage moet meegeteld worden in het winkelvloeroppervlak. Dit is dus niet 950 maar 1150 m2; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling van punt A.23 van deze zienswijze. 5. Uit het economisch/distributieplanologisch onderzoek bij het plan blijkt dat Amersfoort al op het landelijk gemiddelde zit qua detailhandel in de categorie dagelijks; Beoordeling: Het voorlopig ontwerp plan voor de supermarkt dat door de initiatiefnemer is ingediend, is beoordeeld aan de hand van gemeentelijk beleid, milieuaspecten en overige ruimtelijk relevante aspecten. Wanneer regionale onderzoeken zouden aantonen dat er niet veel ruimte is voor extra detailhandel, hoeft dit niet te betekenen dat een lokale ontwikkeling niet meer mogelijk is. Er kan aanleiding zijn medewerking te verlenen aan ontwikkelingen. Gekeken wordt dan naar de aard en de schaalgrootte van de ontwikkeling, de aard van de omgeving, de ruimtelijke uitstraling en ruimtelijke kwaliteit, het veranderende consumentengedrag, de invloed op leegstand, de gevolgen voor de omgeving. In dit geval wordt een locatie die al geruime tijd niet in gebruik is, en die aansluit op het bestaande winkelcentrum, herontwikkeld. Daarnaast geeft het gemeentelijk beleid aan dat er nog ruimte is voor het toevoegen van detailhandel aan het Euterpeplein. Uit het ruimtelijkeconomisch onderzoek blijkt dat er aan het Euterpeplein ruimte is voor ontwikkeling. Na het afwegen van de verschillende ruimtelijk relevante en milieu aspecten, is het voorlopig ontwerp plan positief beoordeeld en om de ontwikkeling mogelijk te maken is een bestemmingsplanprocedure gestart. 6. Op het plein is al leegstand. Dit wordt niet beter door het versmallen van het aanbod met nog een supermarkt; Beoordeling: Wij zien de tweede supermarkt als een aanvulling op de aanwezige winkels, die kan zorgen voor een versteviging van de positie van het wijkwinkelcentrum. 7. Er is niet aangetoond dat bewoners in de omgeving nog een supermarkt willen; Beoordeling: 34

111 Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder a. 8. Vomar is geen tegenhanger van Albert Heijn maar meer van hetzelfde; Beoordeling: De Vomar is een supermarkt van een andere formule, een voordeelmarkt, en hoort tot een ander prijssegment dan de Albert Heijn. 9. Het ruimtelijk economisch onderzoek is niet deugdelijk. Er wordt uitgegaan van verkeerde aannames, er wordt gewerkt met verkeerde vergelijkingen (winkelcentra met 1 supermarkt in plaats van 2, als winkels hun deuren zouden moeten sluiten zouden deze ruimtes weer opgevuld worden. Maar steeds meer winkels moeten hun deuren sluiten); Beoordeling: Het ruimtelijk-economisch onderzoek beoordeeld of er marktruimte is voor de supermarkt. Gekeken is onder andere naar het inwonertal in de omliggende wijken Randenbroek en Schuilenburg, de bestedingsruimte per persoon en de omvang van het aanbod aan dagelijkse goederen. Hieruit blijkt dat er ruimte is voor detailhandel in dagelijkse goederen in de wijken Randenbroek en Schuilenburg. Wij zien geen aanleiding om te twijfelen aan het uitgevoerde onderzoek. 10. De Hoogvliet aan het Operaplein blijft open terwijl die dicht zou gaan; Beoordeling: Op dit moment is het winkelcentrum aan het Operaplein conserverend bestemd in het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg. Dit betekent dat de huidige bebouwing de bestemming Detailhandel heeft. Het winkelcentrum kan op basis daarvan blijven bestaan in de huidige vorm. Het kan niet worden uitgebreid binnen het geldende bestemmingsplan. 11. Dat er ruimte is voor de ontwikkeling omdat Amersfoort onder het landelijk gemiddelde zit wat betreft leegstand, is een drogredenering. Beoordeling: In het ruimtelijk-economisch onderzoek dat als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan is gevoegd, wordt aangegeven dat er ruimte is voor uitbreiding van het aantal winkelmeters detailhandel op basis van een analyse van de marktomstandigheden in de wijken Randenbroek en Schuilenburg. Daarbij is onder andere gekeken naar het inwonertal, de bestedingsruimte per persoon en de omvang van het aanbod aan dagelijkse goederen. Dat Amersfoort onder het landelijk gemiddelde zit wat betreft leegstand, wordt niet als reden genoemd in het onderzoek. c. Alternatieve voorstellen Niet alle ondergetekenden van de zienswijze staan achter de alternatieve voorstellen. De voorstellen moeten gezien worden als uitnodiging om in gezamenlijk overleg naar oplossingen te zoeken. 1. Blauwe zone parkeren Euterpeplein. Bewoners en winkelpersoneel gaan parkeren op het achterliggende parkeerterrein en de bezoekers van het Euterpeplein parkeren op het plein in de blauwe zone; Beoordeling: Ook al wordt een blauwe zone ingesteld, dan nog moet voor de ontwikkeling van een supermarkt voldaan worden aan de Nota Parkeernormen 2009 (vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012) 35

112 en moeten dus voldoende parkeerplaatsen worden aangelegd. Daar komt bij, dat het invoeren van een blauwe zone binnen het gemeentelijk parkeerbeleid in principe niet wordt ingezet vanwege de hoge handhavingkosten. 2. Geen in/uitrit parkeerplaats aan Randenbroekerweg maar alleen aan de Bachweg; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder punt A. 26 van deze zienswijze. 3. Bevoorrading aan zijde Euterpeplein in plaats van aan de zijde van de Randenbroekerweg. Albert Heijn moet ook bevoorraden via het plein. Aanzicht gebouw vanaf Beethovenweg wordt hiermee beter. Randenbroekerweg kan huidige breedte behouden, evenals het voeten fietspad; Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling onder a. 4. Elders extra parkeergelegenheid realiseren, bijvoorbeeld in de groenstrook aan de Beethovenweg aan de overzijde van de voorgestelde ontwikkeling; Beoordeling: Uit het oogpunt van functionaliteit is een parkeerterrein aan de overzijde van de Randenbroekerweg niet wenselijk vanwege de afstand tot de supermarkt en het winkelcentrum. De invloedsfeer van het winkelcentrum zou zich hiermee uitbreiden naar de overzijde van de Randenbroekerweg. Bovendien zou een hele groenstrook moeten worden heringericht tot parkeerplaats terwijl in het voorliggende plan de bestaande parkeerplaats wordt geoptimaliseerd. Bij het herinrichten van het bestaande parkeerterrein ten behoeve van meer parkeerplaatsen, hoeft maar een deel van de groenstrook van bestemming en functie te veranderen. 5. Extra verkeersremmende voorzieningen realiseren zoals meer 30-km borden, een inritconstructie op de kruising Beethovenweg- Randenbroekerweg en een extra zebrapad; Beoordeling: De Kruising Beethovenweg-Randenbroekerweg blijft een gelijkwaardige kruising en blijft eveneens voorzien van een snelheidsremmend plateau. Het is gemeentelijk beleid om het aantal verkeersborden tot het noodzakelijke te beperken. Extra 30km-borden dragen naar onze mening niet bij aan een betere verkeerssituatie. Dit geldt ook voor het aanleggen van een zebrapad op de Randenbroekerweg. Het winkelend publiek bevindt zich met name op het plein en niet zozeer op de Randenbroekerweg. En op het Euterpeplein zijn verschillende zebrapaden waar overgestoken kan worden. 6. Extra beschermende voorziening zoals een beschermd fietspad langs de hele Randenbroekerweg rechterzijde, parkeren aan 1 zijde van de Randenbroekerweg, aanleggen van verkeersdrempels in de Elgarstraat en Mendelssohnstraat, gedwongen routering vrachtwagens Vomar; Beoordeling: Enkel vanwege de komst van een nieuwe supermarkt zien wij op dit moment geen aanleiding voor extra snelheidsremmende maatregelen in de Elgarstraat of Mendelssohnstraat. Dit geldt 36

113 eveneens voor andere verkeerskundige maatregelen, anders dan behorend bij het ontwerp voor de openbare ruimte van de supermarkt. 7. Alternatief ontwerp gewenst omdat het gebouw op een onjuiste manier veel te beeldbepalend is qua bouwmassa, materiaal en kleurgebruik; Beoordeling: Het bestemmingsplan gaat niet over het materiaal en kleurgebruik van een nieuw gebouw. Zodra een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt aangevraagd zal deze aan de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit (voorheen monumentencommissie en welstandscommissie) worden voorgelegd. Wel wordt de bouwmassa vastgelegd. Deze bouwmassa is beoordeeld en akkoord bevonden. De oppervlakte van het bouwvlak wordt groter dan in het nu geldende bestemmingsplan. De bouwhoogte wordt voor het grootste deel lager dan mogelijk is volgens het nu geldende bestemmingsplan; 5 meter in plaats van 10 meter, waarbij op de hoek van de Randenbroekerweg en het Euterpeplein een hoogteaccent komt van 10 meter. Waar de voormalige kerk een vrijstaand bouwwerk was aan het plein, gaat de nieuwe supermarkt juist deel uit maken van het plein doordat het aansluitend op de bestaande bebouwing aan de noordzijde van het plein wordt gebouwd. Doordat de rooilijn meer naar voren wordt gelegd, naar het plein toe, krijgt de bebouwing aan deze noordzijde een duidelijkere begrenzing. Bij de beoordeling van het voorlopig ontwerp plan voor de supermarkt is de bouwmassa en de situering daarvan aan het plein positief beoordeeld. 8. Door schuiven van locaties en winkels, na overleg met eigenaren en ontwikkelaar, kan er een betere oplossing worden gevonden; Beoordeling: Het gaat hier om een particulier initiatief. Wanneer een particulier een plan indient bij de gemeente wordt dat plan beoordeeld op alle relevante aspecten. In dit geval hebben wij het plan beoordeeld en akkoord bevonden. Er was geen aanleiding om in overleg te gaan met andere winkeliers en eigenaren over het verschuiven van winkels en andere functies. 9. Er is niet voldoende onderzoek gedaan naar een alternatieve invulling van de locatie met bijvoorbeeld woningbouw of kleinschaligere winkelruimtes, een gezondheidscentrum, buurthuis, horeca, bejaardenfitness etc. Hiermee zou het plein economisch versterken in plaats van vernietigen zoals de huidige plannen doen. Beoordeling: Voor de beoordeling van dit deel van de zienswijze wordt verwezen naar de beoordeling van zienswijze onder d. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. 37

114 3 Wijzigingen in het bestemmingsplan De zienswijzen geven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Ambtshalve wordt het bestemmingsplan op één punt aangepast. Bij de hele planvorming voor zowel de bouw van de supermarkt als van het ontwerpbestemmingsplan is uit gegaan van de parkeernormen zoals die zijn vastgelegd in de Nota Parkeernormen 2009, vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli Deze normen blijven van toepassing voor dit bestemmingsplan. Daarom zal in artikel 3 van de regels van het bestemmingsplan worden opgenomen dat voorzien dient te worden in voldoende parkeergelegenheid zoals vastgelegd in de Nota Parkeernormen 2009 zoals deze is vastgesteld door de gemeenteraad op 27 januari 2009 en bijgesteld op de parkeernormen bij besluit van de gemeenteraad van 3 juli 2012, en dat daardoor voor de functie detailhandel in wijk- buurt en dorpcentra de norm wordt gehanteerd van 3,3 parkeerplaatsen per 100 m2 bruto vloeroppervlak. Vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van Amersfoort d.d nr

115 39

116 Modelkeuze RO-procedure Aan: Gemeenteraad Van: College Onderwerp: Bestemmingsplan Euterpeplein Datum 28 mei 2013 Korte omschrijving aanvraag wijziging bestemmingsplan Hoorne Vastgoed wil een Vomar Voordeelmarkt bouwen op het Euterpeplein 1. Het huidige kerkgebouw is gesloopt. De nieuwbouw van de supermarkt zal aansluiten bij het bestaande winkelblok met bovenwoningen. De supermarkt zal bestaan uit een begane grond van ongeveer 1269m2 bruto vloeroppervlak, met inbegrip van winkelruimte, expeditieruimte en een passage tussen het Euterpeplein en het achterliggende parkeerterrein, die ook als entree voor de supermarkt gebruikt gaat worden. De hoogte van het bouwplan voor het winkelgedeelte zal ongeveer 5 meter bedragen. Op de verdieping komt een kantine voor het personeel. Voor het kantinegedeelte en het deel voor de expeditie bedraagt de bouwhoogte in totaal circa 8 meter. Tenslotte wordt een klein hoogteaccent gebouwd met een bouwhoogte van circa 10 meter. Naast de nieuwbouw van de supermarkt zal de omliggende openbare ruimte heringericht worden. Het bestaande parkeerterrein aan de achterzijde wordt opnieuw ingericht, qua capaciteit uitgebreid en volwaardig aangesloten op de Randenbroekerweg. De Randenbroekerweg wordt geherprofileerd om een goede en veilige bevoorrading mogelijk te maken. Locatie van de ontwikkeling Voorzijde van het gebouw Bestemmingsplan De gronden van de locatie vallen binnen het bestemmingsplan Randenbroek Schuilenburg 2007, vastgesteld op 19 juni 2007 door de gemeenteraad van Amersfoort en goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Utrecht op 5 februari De gronden zijn bestemd als Maatschappelijke doeleinden met nader aanduiding (r) levensbeschouwelijke en religieuze doeleinden. Daarnaast is het te bebouwen openbaar gebied naast de voormalige kerk en het achterliggende parkeerterrein bestemd als Verkeersdoeleinden, de sloot als Water en de groenstrook als Groen. De bestemming Maatschappelijk staat het gebruik als supermarkt niet toe. Bovendien is de gewenste supermarkt groter dan het huidige bouwvlak toestaat. De supermarkt zal in oppervlakte circa 2 keer zo groot worden als het voormalige kerkgebouw. De supermarkt krijgt in het nieuwe bestemmingsplan de bestemming Detailhandel. De extra parkeerdruk als gevolg van de bestemmingswijziging wordt opgelost door uitbreiding van het achtergelegen openbaar # v1 - MODELKEUZE PRESIDIUM BESTEMMINGSPLAN EUTERPEPLEIN

117 parkeerterrein conform de nota Parkeernormen Amersfoort 2009 (bijgesteld 3 juli 2012). Om de bouw van een supermarkt mogelijk te maken, zal een planologische procedure gevoerd moeten worden. In voorliggend geval wordt een nieuw (postzegel)bestemmingsplan opgesteld. Hiermee wordt naast het mogelijk maken van de supermarkt, ook een actueel planologisch kader opgesteld. Advies modelkeuze: model 1,2 of 3 en motivering Advies: Model 1. Motivering keuze model 1: Het betreft hier een ontwikkeling met een beperkt karakter op perceelsniveau. Het gaat om een ontwikkeling van een supermarkt waar voorheen een kerkgebouw stond. De ontwikkeling is in overeenstemming met de volgende relevante beleidsbeslissingen: - Ontwikkelingsplan Randenbroek/Schuilenburg : Hierin is opgenomen dat het Euterpeplein opgewaardeerd gaat worden met de aanpak van de openbare ruimte, een luifelplan en een uitbreiding van detailhandel met een tweede supermarkt op de locatie van de Opstandingskerk. Dit is overgenomen uit een rapport dat is opgesteld door Bureau Ruimtelijke Ordening (BRO) uit In dat rapport zijn de commerciële en maatschappelijke voorzieningen in de Amersfoort Vernieuwt wijken in kaart gebracht en is een toekomstvisie voor de winkelcentra neergelegd. - Nota Detailhandelsbeleid 2011 (door de gemeenteraad op 29 maart 2011 vastgesteld): In deze nota is aangegeven dat voor wijkwinkelcentra, zoals het Euterpeplein, uitbreiding van het aantal winkelmeters is toegestaan. De procedure behorende bij model 1 houdt in dat er direct een ontwerpbestemmingsplan ter inzage wordt gelegd, waarbij een ieder de mogelijkheid heeft een zienswijze over het plan in te dienen bij de gemeenteraad. Model 1 betekent dat er geen afzonderlijke inspraakprocedure over het ontwerpbestemmingsplan zal plaatsvinden. Advies omtrent agendering startdocument, inclusief motivering : -bij model 2: rechtstreeks naar Het Besluit, tenzij..; -bij model 3 : eerst naar De Ronde of rechtstreeks naar Het Besluit Planning procedure kaderstelling (indien van toepassing) Advies Presidium (in te vullen door griffie): Modelkeuze behandelschema RO procedure: 11 juni 2013: presidium stemt in met keuze voor model 1 Agendering startdocument: - # v1 - MODELKEUZE PRESIDIUM BESTEMMINGSPLAN EUTERPEPLEIN

118 Gemeente Amersfoort RAADSINFORMATIEBRIEF Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : Aan : Gemeenteraad Datum : 4 oktober 2013 Portefeuillehouder : Wethouder P. van den Berg Programma 7. Ruimtelijke : ontwikkeling TITEL Ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. KENNISNEMEN VAN Het ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. en ons voornemen om de procedure te starten door het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen. AANLEIDING Tot voor kort stond aan het Euterpeplein 1 een kerk. Op de locatie van deze, inmiddels gesloopte, kerk wordt met het voorliggende bestemmingsplan de bouw van een supermarkt mogelijk gemaakt. Het gebouw voor de nieuwe supermarkt zal aansluiten op het bestaande winkelblok met bovenwoningen en zal een winkelvloeroppervlakte hebben van circa 950 m2. Gebouwd wordt een supermarkt van de VOMAR-formule, wat door de ontwikkelaar wordt aangemerkt als een formule met een laag/middelhoog prijsniveau. Dit is complementair aan de op het Euterpeplein aanwezige supermarkt met een middelhoog/hoog prijsniveau. Locatie Euterpeplein 1 e.o. Ontwerp supermarkt (bron: Hoorne Vastgoed) Gelijktijdig met de nieuwbouw van de supermarkt wordt de omliggende openbare ruimte heringericht. Dit is noodzakelijk om het parkeren voor de supermarkt op een goede manier in te passen en om de bevoorrading van de supermarkt op een veilige manier mogelijk te maken. Naast de nieuwbouw van de supermarkt en de herinrichting van het openbaar gebied, wordt de oever van de Flierbeek langs het parkeerterrein heringericht als een moeraszone. Hiermee wordt een doelstelling van de ecologische verbindingszone (het creëren van een natuurvriendelijke oever) gerealiseerd. De herinrichting van de oever valt buiten de plangrens van voorliggend bestemmingsplan maar is wel onderdeel van de privaatrechtelijke afspraken met de ontwikkelaar die de herinrichting voor zijn rekening neemt. HISTORIE In de Nota Detailhandel uit 2002 is al aangegeven dat wij de functie van het wijkwinkelcentrum Euterpeplein willen versterken; Inlichtingen bij: N.J.M. Ludeking, SOB/RO, (033)

119 raadsinformatiebrief pagina 2 Gemeente Amersfoort Op 10 april 2007 heeft het college een besluit genomen over de versterking van de detailhandelsfunctie van het Euterpeplein als wijkwinkelcentrum voor Randenbroek/Schuilenburg door toevoeging van maximaal 1.500m2 vvo detailhandel toe te staan; In de Nota Detailhandel 2011, Amersfoort Stad om te winkelen (vastgesteld 29 maart 2011) is aangegeven dat uitbreiding van het aantal winkelmeters is toegestaan in de wijkwinkelcentra. Het Euterpeplein is één van de wijkwinkelcentra in Amersfoort; De startnotitie voor het bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o., met daarbij het voorstel voor het presidium om de procedure behorende bij model 1 te volgen, is besproken in het college van 21 mei 2013; Het presidium heeft vervolgens op 11 juni 2013 ingestemd met het voorstel tot het volgen van de procedure behorende bij model 1; Op 1 juli 2013 is er een inloopbijeenkomst georganiseerd door de ontwikkelaar over het ontwerp voor de supermarkt en de herinrichting van het omliggende openbaar gebied; Op 11 juli 2013 is het bestemmingsplan in het kader van het wettelijk vooroverleg naar diverse instanties gestuurd. Zij konden tot 23 augustus 2013 reageren op het plan. De ontvangen reacties zijn beoordeeld en waar nodig verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. KERNBOODSCHAP In het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg 2007 heeft de locatie Euterpeplein 1 de bestemming Maatschappelijke doeleinden met een nadere aanduiding Levensbeschouwelijke en religieuze doeleinden. Binnen deze bestemming is de bouw van een supermarkt niet mogelijk. Om de bouw van de supermarkt mogelijk te maken is het voorliggende ontwerpbestemmingsplan opgesteld en kan in procedure worden gebracht. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste wijzigingen in het ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. ten opzichte van het geldende bestemmingsplan Randenbroek-Schuilenburg 2007 : De bestemming wordt Detailhandel in plaats van Maatschappelijke doeleinden; Het bouwvlak wordt anders gesitueerd; De bouwhoogte wordt voor het grootste deel lager (5 in plaats van 10 meter). Voor een klein deel blijft de hoogte 10 meter; Op de hoek van de Randenbroekerweg en het Euterpeplein komt namelijk een hoogteaccent van 10 meter; De bestemming Verkeer-Verblijf wordt ruimer voor het parkeren en de bevoorrading; Een deel van de bestemming Groen tussen de parkeerplaats en de tuin van de aangrenzende woningen aan de Bachweg blijft behouden. Hier wordt een groenstrook aangelegd als overgang van particulier eigendom naar de parkeerplaats. Uitsnede geldend bestemmingsplan Randenbroek- Schuilenburg 2007 Uitsnede ontwerpbestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. CONSEQUENTIES Procedureel Uw raad kan het ontwerpbestemmingsplan binnen 2 weken agenderen voor de vergadering van De Ronde. Indien dit niet gebeurt, starten wij de officiële bestemmingsplanprocedure en leggen wij het ontwerpbestemmingsplan ter inzage.

120 raadsinformatiebrief pagina 3 Gemeente Amersfoort Nadat het nieuwe bestemmingsplan de wettelijke procedure heeft doorlopen, kan de omgevingsvergunning voor het bouwen van de supermarkt worden verleend. Maatschappelijk draagvlak Het maatschappelijk draagvlak is tweeledig. Een grote groep bewoners zal een tweede supermarkt op het Euterpeplein erg kunnen waarderen. Maar bij een kleinere groep omwonenden zal het draagvlak minder groot zijn, omdat zij overlast verwachten van de supermarkt vanwege de verkeersaantrekkende werking en bevoorrading. Deze kleinere groep omwonenden heeft al een bezwaarbrief geschreven, die inmiddels is beantwoord. De door hen aangekaarte zaken zijn onderzocht en beoordeeld. De onderzoeken wijzen uit dat de bestemming detailhandel met als invulling een supermarkt, geen onevenredige aantasting betekent van de gebruiksmogelijkheden, het woongenot en woonmilieu van het omliggende gebied. DUURZAME ASPECTEN In het kader van duurzaamheid moet gezocht worden naar de samenhang op sociaal-cultureel, economisch en ecologisch vlak. Daarbij zijn lange termijn opgaven van belang zoals klimaatbestandigheid, beheersing van de verkeersdruk en energieneutrale gebouwen. De ontwikkelaar heeft aangegeven dat de supermarkt gaat werken met verschillende duurzame maatregelen, zoals vloerverwarming waarbij de restwarmte van de condensoren wordt gebruikt, LED verlichting, dakafdekking van koelingen en vriezers, duurzaam transport en afvalretourstroom. Daarnaast wordt de oever van de aan het plan grenzende Flierbeek, een ecologische verbindingszone, heringericht als moeraszone. Hiermee wordt een doelstelling van de ecologische verbindingszone, namelijk het creëren van een natuurvriendelijke oever, gerealiseerd. De herinrichting van de oever valt buiten de plangrens van voorliggend bestemmingsplan, maar is wel onderdeel van de privaatrechtelijke afspraken met de ontwikkelaar die de herinrichting voor zijn rekening neemt. FINANCIËN Met de ontwikkelaar is/wordt voor de terinzagelegging een overeenkomst gesloten. Op grond van deze overeenkomst komt de ontwikkeling en realisatie van het plan voor rekening en risico van de ontwikkelaar. BETROKKEN PARTIJEN /COMMUNICATIE De supermarkt wordt ontwikkeld door Hoorne Vastgoed. Deze heeft op 1 juli 2013 tijdens een inloopavond het plan voor de bouw van de supermarkt gepresenteerd aan omwonenden. Het volgende moment waarop omwonenden worden betrokken bij de procedure is bij de ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan. Gedurende een periode van 6 weken, die start in april 2014, kan een ieder een zienswijze over het plan kenbaar maken aan de gemeenteraad. De eventuele zienswijzen worden meegewogen bij de uiteindelijke vaststelling van het bestemmingsplan. Burgemeester en wethouders van Amersfoort, de secretaris, de burgemeester,

121 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van tot uur vergaderruimte: Raadzaal (1.02) aantal bezoekers: 45 Onderwerp Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Reg.nr Van College van B&W Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit Van de raadsleden Zijn mening te geven over het voorliggende raadsvoorstel, de zienswijzennota en het werd gevraagd bestemmingsplan en zich voor te bereiden op besluitvorming Voorzitter Paffen-Zeenni Collegelid Buijtelaar Secretaris Bongers Ambtenaren Ludeking Fractiewoordvoerders Dijksterhuis (CU), Fousert (Amersfoort2014), Hessels (VVD), Janssen (GL), Molenkamp (SP), Mulder (OPA), Sanders (D66), Smulders (PvdA) tot uur, Van Wegen (BPA) Inspreker(s)/ Insprekers: genodigden - de heer S. Smulders (proces) - de heer J. Smits (verkeer) - de heer B. van Vliet (groen) - mevrouw A. Volker (parkeren) - de heer D.S. van der Laan (leefbaarheid) - de heer W. Lucas (conclusie) - mevrouw J. de Haas - de heer A. al Khatib (Stibbe, namens Albert Heijn en Ahold) - de heer D. van Beusekom (GoudappelCoffeng, namens Albert Heijn en Ahold) - mevrouw J. Reichenfeld (namens de projectontwikkelaar Hoorne Vastgoed) - de heer P. Jansen (voorzitter Winkeliersvereniging Euterpeplein) Samenvatting en afspraken De insprekers hebben het woord gevoerd en vragen beantwoord van de woordvoerders. De woordvoerders hebben in 1 minuut hun aandachtspunten en zorgen geuit. In principe is men niet tegen de komst van de supermarkt maar men heeft vragen en zorgen over aantasting ecologische hoofdstructuur, parkeernormen en participatietraject, verkeerssituatie en inpassing. Toezeggingen Advies aan het presidium VVD, D66 en ChristenUnie kunnen in principe instemmen met deze bestemmingsplanwijziging en agendering in Het Besluit, wel met de kanttekeningen die zijn gemaakt rond parkeren, ecologische hoofdstructuur en participatieproces. De andere fracties zijn tegen agendering in Het Besluit van het voorliggende voorstel. De PvdA heeft zich over beide zaken niet uitgesproken omdat de woordvoerder, vanwege zijn voorzitterschap in een andere De Ronde, de bijeenkomst had verlaten. Naar Het Besluit zonder debat, met moties en amendementen # v1 - BESLUITENLIJST DR BESTEMMINGSPLAN EUTERPEPLEIN 1 E.O.

122 Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. De Ronde Datum: dinsdag 14 oktober 2014 Aanvang: 19:00 Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Bestuur en dienstverlening Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Onderwijs Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Economie en duurzaamheid Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Cultuur Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit

123 Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Bestuur en dienstverlening Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Bestuur en dienstverlening (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Bestuur en dienstverlening (pdf) Audioverslag

124 Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Onderwijs Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak Sovee - Begroting (Onderwijs) (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Onderwijs (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Onderwijs (pdf) Audioverslag

125 Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Economie en duurzaamheid Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Economie en duurzaamheid (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Economie en Duurzaamheid (pdf) Audioverslag

126 Besluitenlijst Bestemmingsplan Euterpeplein 1 e.o. Cultuur Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak Scholen in de Kunst - Begroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Oranjevereniging Hooglanderveen en Oranjecomité Hoogland - Begroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Holland Opera - Begroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Wijkmuseum Soesterkwartier - Begroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Bibliotheek Eemland - Begroting (pdf) Bijlage - Tekst inspraak Amersfoort-in-C e.a. - Begroting (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Cultuur (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Cultuur (pdf) Audioverslag

127 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

128 Verslag De Ronde op 14 oktober 2013: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Bestuur en dienstverlening Voorzitter: Hessels Secretaris: Pen Aanwezig: Blaauw, De la Combé, Van Daalen, Van de Kolk, Land, Paffen-Zeenni, Van Wijngaarden Pers: nee Publiek: 9 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Houwing Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Hessels): - Er hebben zich geen insprekers gemeld. D66 (Blaauw): - Juicht het programma en coalitieakkoord toe. Het programma heet Samen maken we de stad. De wethouder laat zien daarin stappen te maken. VVD (Van Wijngaarden): - Deregulering is een belangrijk punt en zij is blij dat het een aparte paragraaf is geworden binnen het programma. - Op pagina 4 staat bij bestuurlijke ontwikkelingen en deregulering voor 2015 een bedrag opgenomen van ,00 en voor ,00. Zij meent dat in het coalitieakkoord voor 2015 een bedrag is opgenomen van ,00 voor deregulering. Voor de jaren 2015 en 2016 is ,00 opgenomen voor bestuurlijke ontwikkeling. CDA (Paffen-Zeenni): - Is blij dat de deregulering is opgenomen in het programma. - Er staat dat er wordt geëxperimenteerd met andere vormen van maatschappelijke afspraken. Hoe is dat juridisch geregeld? - In hoeverre wordt het budget gelijk verdeeld over alle wijken bij de buurtbudgetregeling? - Er komt minder geld vrij vanuit de proces-verbaalvergoedingen. Het rijk schaft die vergoedingen af. Is dat bekend en wordt daarmee rekening gehouden in de begroting? ChristenUnie (Van de Kolk): - Is blij met dit onderdeel van de begroting. - In het coalitieakkoord staat dat de kerntakendiscussie in 2015 gevoerd wordt. In de begroting staat dat het college eind 2015 met een procesvoorstel komt. Zij vraagt daar een toelichting op. PvdA (De la Combé): - Vraagt hoe de gemeente omgaat met de burger. Het gaat om de verhouding tussen bestuurder en bestuurden. Kan Amersfoort de voorbeelden elders uit het land volgen, waarbij buurten zelf diensten verlenen? In Engeland is hiermee al veel ervaring opgedaan. In Almere en Den Bosch wordt hiermee al geëxperimenteerd. Is de wethouder hiervan op de hoogte en is zij bereid daarover een nader gesprek aan te gaan? Het gaat dan bijvoorbeeld om groenvoorziening. SP (Van Daalen): - Er wordt gesproken over samenwerken en deregulering. Hoe ziet het college dat? Er wordt gesproken over transparantie, maar er zijn ook vaak stukken met geheimhouding. Hoe wil het college de mens centraal stellen 1

129 ten opzichte van de deregulering en de bezuiniging? Wethouder (Houwing): - Het college is druk bezig met de beantwoording van de technische vragen die schriftelijk zijn ingediend. - Een aantal partijen is blij met de ingezette weg. Na de begrotingsbehandeling in november 2014 zal het college de eerste besprekingen houden over de invulling van de kerntakendiscussie. De discussie wordt niet alleen vanuit financieel oogpunt aangevlogen. Het college zal ook nadenken over de inhoud van de kerntakendiscussie vanuit coalitieakkoord Ruimte voor raad en stad. - De opmerking van de VVD over genoemde bedragen neemt zij mee en zal zij na laten trekken. Dat wordt in de schriftelijke beantwoording meegenomen. - Het buurtbudget is volgens haar niet voor alle wijken gelijk. Zij kan daar nu niet verder op ingaan. - Bij de deregulering wil het college nadenken over andere vormen van maatschappelijke afspraken. Daarbij wordt gekeken of dat past binnen de juridische kaders. Als het niet past, wordt gekeken naar de consequenties en of het passend gemaakt kan worden. Binnen de kaders verwacht het college dat er stappen gezet kunnen worden. Het onderwerp komt later nog terug. - De mens centraal onderschrijft zij, maar daarbij zijn meerdere invalshoeken en uitganspunten mogelijk. Het gaat erom de regelgeving zodanig in te richten dat die helder en transparant is. Ten aanzien van het bestuur moet dat voor de inwoners zo laagdrempelig en transparant mogelijk zijn. Ten aanzien van de ontwikkeling in de stad moeten mensen in de eigen woonomgeving daarbij worden betrokken. - De beantwoording over de proces-verbaalvergoedingen komt schriftelijk. Conclusie: Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: - deregulering, o.a. ambities, budget, juridische randvoorwaarden van experimenten; - aanpak kerntakendiscussie; - verantwoordelijkheid buurten en wijken voor beheer en diensten; - mens centraal stellen bij deregulering en bezuinigingen. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 2

130 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 19:00 tot 19:30 uur vergaderruimte: Molendijkzaal (0.01) aantal bezoekers: 9 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Bestuur en dienstverlening Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Hessels Collegelid Houwing Secretaris Pen Ambtenaren Reg.nr Fractiewoordvoerders Blaauw (D66), De la Combé (PvdA), Van Daalen (SP), Van de Kolk (CU), Land (GL), Paffen-Zeenni (CDA), Van Wijngaarden (VVD) - Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken Toezeggingen Advies aan het presidium Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: deregulering, o.a. ambities, budget, juridische randvoorwaarden van experimenten; aanpak kerntakendiscussie; verantwoordelijkheid buurten en wijken voor beheer en diensten; mens centraal stellen bij deregulering en bezuinigingen. Beantwoording van vraag over budget deregulering in komende jaren (Van Wijngaarden) wordt meegenomen bij beantwoording van feitelijke vragen. Naar Het Besluit met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING BESTUUR EN DIENSTVERLENING

131 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

132 Voorkom aftakeling van externe ondersteuning in en rondom de school De school is de plaats waar elke jongere komt en dé plaats voor laagdrempelige ondersteuning voor leerlingen die het moeilijk hebben. We weten met z n allen dat preventieve, eenvoudige zorg voorkomt dat grote problemen ontstaan. Volgens de voorstellen moet Amersfoort vanaf 2016 een bedrag van 2,1 miljoen euro bezuinigen op onderwijs. De gemeenteraad moet daarover in 2015 een besluit nemen. De directe ondersteuning aan scholen wordt in 2015 mogelijk al overgeheveld naar de wijkteams. Daarmee stopt een goed functionerend systeem. Door de externe zorg rondom leerlingen in het voortgezet onderwijs uitsluitend in de wijkteams neer te leggen mis je belangrijke kansen. Het is niet doeltreffend en praktisch gezien onuitvoerbaar. Wijkteams zijn de toegangspoort tot de zorg. Op het moment dat een jongere bij een wijkteam terecht komt, zijn er echter al kansen verkeken. Preventie hoort in de basisstructuur, het liefst in de school. Goede zorg op school voorkomt dat het wijkteam moet worden ingeschakeld en tegelijkertijd helpt het de wijkteams om bij complexe problemen de juiste aansluitende zorg te vinden. Organiseer de preventieve, eenvoudige zorg zo dicht mogelijk bij de school met een vaste ondersteuner die de schoolcultuur kent en snel kan verbinden tussen ouders, leerling en school. Vroege afstemming tussen onderwijs en zorg werkt. Dat blijkt uit het experiment Zorg Advies Team naar Voren dat dit jaar op een aantal Amersfoortse scholen voor voortgezet onderwijs is uitgevoerd. Preventieve, lichte hulp op school voorkomt dat relatief eenvoudige vragen uitgroeien tot complexe problemen. De afgelopen jaren hebben we in Amersfoort een goede zorgstructuur voor jongeren opgebouwd. Laten we die versterken in plaats van verzwakken. Ik roep u op om de voorgestelde bezuiniging van 2,1 miljoen euro op onderwijs in Amersfoort te beperken en het geld dat nu beschikbaar is voor preventieve hulp niet in zijn geheel over te hevelen naar de nieuwe wijkteams. Er moet budget beschikbaar blijven om binnen de Amersfoortse scholen kinderen en jongeren te ondersteunen. Rogér Caubo Directeur-bestuurder SOVEE

133 Verslag De Ronde op 14 oktober 2013: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Onderwijs Voorzitter: Hessels Secretaris: Pen Aanwezig: Flikkema, Keskin, Van de Kolk, Land, Molenkamp, Noortman-Nieuwendijk, Sondorp, Stoelinga, Vijzelman-Waarheid Pers: nee Publiek: 16 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Houwing Ambtenaar/Gast: De Boer (Onderwijsgroep Amersfoort), Van der Horst (Meerwegen Scholengemeenschap), Ellenbroek (College van Bestuur KPOA), Caubo (SOVEE) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Hessels): - Opent De Ronde. - Geeft het woord aan de insprekers. Onderwijsgroep Amersfoort (De Boer): - Complimenteert de wethouder met het feit dat de korting voor 2015 nog niet is doorgevoerd. Voor de jaren erna adviseert hij de gemeenteraad niet te bezuinigen op huisvesting. Waarom wordt deze bezuiniging niet integraal uit het Gemeentefonds gehaald? Meerwegen Scholengemeenschap (Horst): - Sluit aan bij de vorige spreker. - Hij hoopt dat de raad zich realiseert hoe groot de bezuiniging is die voorligt voor 2016 en de jaren daarna. Het gaat daarbij om bijna 10% van de onderwijsbegroting. - Hij verzoekt om de huisvestingsbegroting niet te belasten met een bezuiniging. Hierdoor wordt de decentralisatie en het integraal huisvestingplan een onmogelijke exercitie. SOVEE (Caubo): - Kiest een andere invalshoek. Het gaat om de externe leerlingenzorgondersteuning. De school is de plaats waar iedere jongere komt en het is de plaats voor ondersteuning voor leerlingen die het moeilijk hebben. - Amersfoort moet vanaf ,1 miljoen bezuinigen op onderwijs. Daarover moet in 2015 een besluit worden genomen. De ondersteuning vanuit SOVEE wordt mogelijk in 2015 al overgeheveld naar de wijkteams. - Daarmee komt een einde aan een goed functionerend systeem. Door de zorg in de wijkteams onder te brengen, worden kansen gemist. - Preventie hoort thuis in de basis en het liefst in de school. Goede zorg binnen de school voorkomt inschakeling van het wijkteam. - Organiseer preventieve zorg zo dicht mogelijk bij de school met een vaste ondersteuner die de schoolcultuur kent. - Relatief eenvoudige vragen kunnen hierdoor goed worden opgevangen. In de afgelopen 15 jaar heeft dit systeem zich bewezen. Hij roept de raad op de bezuiniging van 2,1 miljoen te beperken en het geld dat beschikbaar is voor preventieve hulp niet in zijn geheel over te hevelen naar de wijkteams. College van Bestuur KPOA (Ellenbroek): - Verbaast zich erover dat in een stad waar D66 de grootste partij is, wordt bezuinigd op onderwijs. - In de voorbereiding op de verkiezingen is gesproken over het belang van onderwijs in de stad, ook als economische factor. Als daarop wordt bezuinigd, heeft dat een effect. - Door de motie Haersma Buma op de onderwijsbegroting wordt 256 miljoen uit het Gemeentefonds gehaald. Deze bezuiniging leidt tot verarming van het onderwijs. Dat verdienen leerlingen en medewerkers niet. 1

134 Amersfoort2014 (Stoelinga): - Maakt zich zorgen over de stand van zaken in de contacten tussen onderwijs en wijkteams. - Dreigt SOVEE te verdwijnen in deze opzet? Waarom zijn de wijkteams niet de goede opzet? SOVEE (Caubo): - SOVEE verdwijnt niet. Het gaat om de opgebouwde samenwerking en de expertise en dat die niet verloren gaat. Hij meent dat de wijkteams niet de juiste vorm zijn om dit verder op te pakken. - Hij heeft enig inzicht in de manier van werken van de wijkteams. De wijkteams zijn er vooral voor ingewikkelde complexe problemen. Zij moeten generalistisch werken. Voor goede zorg binnen een school moet bekend zijn wat er in de school speelt en hoe het onderwijs werkt. GroenLinks (Land): - Hoe zien de mensen uit het onderwijs de opmerkingen de heer Caubo? Meerwegen Scholengemeenschap (Horst): - Heeft geen kant-en-klare oplossing. Er gebeurt veel in het onderwijs. Over de wijkteams wordt vanuit diverse settingen verschillend gedacht. Vanuit het onderwijs is bekend dat hoe dichter de school bij de leerlingen staat, des te beter is de oplossing die de wijkteams kunnen bieden. Het VO en het mbo trekken leerlingen uit een wijdere omgeving. Moeten die scholen worden opgezadeld met verschillende wijkteams? Hij vindt het te vroeg om hiervoor een pasklare oplossing aan te geven. Er wordt met meerdere gemeenten over gesproken. Wat in een wijkteam opgelost kan worden, moet daar ook worden opgelost, maar er moet oog zijn voor die organisaties die met een scala aan wijkteams en gemeenten te maken hebben. - Hij maakt verschil tussen scholen die op lokaal en regionaal niveau werken. Naarmate de school dichter bij leerling en wijk staat, kan eerder voor een wijkgerichte aanpak worden gekozen dan bij scholen met een regionale functie. College van Bestuur KPOA (Ellenbroek): - Vindt het belangrijk dat de zorg zo dicht mogelijk bij de leerling komt. Hoe dat wordt georganiseerd, maakt hem niet uit. Er moet worden gewaakt dat er niet allerlei bureaucratie en overlegmodellen worden ingericht, die veel geld kosten. Er wordt altijd eerst over de structuur nagedacht. Hij wil eerst kijken naar een oplossing, eventueel via pilots zoals in het Soesterkwartier en Vathorst, om daarna te kijken op welke manier dat gefaciliteerd kan worden. SOVEE (Caubo): - Geeft aan dat hij niet tegen de wijkteams is. Het wijkteam is prima voor primair onderwijs. Ten aanzien van het VO en het mbo heeft hij daarover grote twijfels. Amersfoort2014 (Stoelinga): - Vraagt naar de stand van zaken binnen de scholen die de heer Ellenbroek vertegenwoordigt. College van Bestuur KPOA (Ellenbroek): - Er moet nog veel gedaan worden. OPA (Vijzelman-Waarheid): - Vraagt aan de heer Caubo wat er ten aanzien van de leerlingen het best in het wijkteam kan worden opgepakt en wat de school kan oplossen. SOVEE (Caubo): - Op school moeten zoveel mogelijk de eenvoudige preventieve vragen worden opgelost. Bij meer complexere vraagstukken moet dat door een wijkteam worden opgepakt. ChristenUnie (Van de Kolk): - Vraagt of de heer Caubo dit punt ook heeft ingebracht bij de discussie over de wijkteams. 2

135 SOVEE (Caubo): - Is met de gemeente in discussie over dit onderwerp. Amersfoort2014 (Stoelinga): - Volgens de heer Horst wordt het een onmogelijke exercitie om met de bezuinigingen dit plan van de grond te tillen. Kan inspreker dit verduidelijken? Meerwegen Scholengemeenschap (Horst): - Het gaat over een budget voor de huisvesting van circa 19 miljoen. Daar gaat ruim 10% vanaf. Dat budget is niet jaarlijks vrij besteedbaar. Veel van de kosten liggen in kapitaalslasten vast. Als daar 10% vanaf gaat, wordt de speelruimte zo klein en zal hij waarschijnlijk aangeven die verantwoordelijkheid niet te zullen opnemen. - Denkt dat met de bezuiniging ongeveer 50% van de vrij besteedbare ruimte wordt weggehaald. CDA (Noortman-Nieuwendijk): - Zegt dat twee weken geleden in De Ronde is gesproken over het integraal huisvestingsplan. Het lijkt erop dat de Meerwegen Scholengemeenschap nu aangeeft dat het plan geen kans van slagen heeft. Zij had het idee dat alle scholen de schouders onder het plan wilden zetten. Ziet Meerwegen Scholengemeenschap het huisvestingsplan wel zitten? Meerwegen Scholengemeenschap (Horst): - Staat met hart en ziel achter het plan. Er wordt veel tijd en energie in het plan gestoken. Hij wil het plan tot een succes te maken. De gemeente wil in het vrij besteedbare deel een zo gigantische ingreep doen, dat het voor de scholen onmogelijk wordt om te doen wat zij graag willen. De overheveling moet wel reëel zijn. GroenLinks (Land): - Het college is van mening dat de onderwijsbezuiniging op de onderwijsbegroting moet drukken. Inspreker heeft het over het huisvestingsbudget. Dat houdt in dat het geld uit het budget voor onderwijsbeleid moet komen. Meerwegen Scholengemeenschap (Horst): - Hoopt dat hij hierover met de gemeente kan spreken. De totale begroting onderwijs betreft ruim 26 miljoen. Als daar 19 miljoen vanaf gaat blijft er maar een kleine speelruimte over. Het collegestandpunt is in zoverre onjuist dat het gaat om een bezuiniging vanuit het Gemeentefonds. De achtergrond van de motie is dat geld voor onderwijshuisvesting daar niet terechtkomt. SP (Molenkamp): - Kan de heer Ellenbroek aangeven waarop hij moet gaan bezuinigen als dit voorstel wordt doorgevoerd? College van Bestuur KPOA (Ellenbroek): - Het zal te maken hebben met afspraken die met de gemeente worden gemaakt. In de lokale educatieve agenda is een aantal doelstellingen geformuleerd en daar zal de oplossing gevonden moeten worden. Hij pleit ervoor om de oplossing niet daar te zoeken. Wethouder (Houwing): - De bezuinigingsdoelstelling is opgenomen in het coalitieakkoord. Het college meent dat voordat het komt met een invulling voor deze forse opgave, daar tijd voor genomen moet worden. Er is gezocht naar een incidentele dekking voor Voor de jaren daarna kan goed worden nagedacht over de taakstelling. - Met de raad en het onderwijsveld zijn informatieve bijeenkomsten gehouden. Er is recent een collegebericht uitgegaan met een toelichting op de begrotingscijfers. - De eerste vervolgbijeenkomst is op 18 november a.s. waarbij de woordvoeders onderwijs en het onderwijsveld met elkaar in gesprek kunnen gaan. - Het college wil voordat het met een voorstel komt de raad en het onderwijsveld aan zet laten komen. Voorzitter (Hessels): - Op 28 november a.s. bespreekt commissie B&V de begroting. - Op 4 november a.s. zijn de Algemene Beschouwingen over de begroting. 3

136 - Op 11 november a.s. beslist de raad hierover. - Vanaf uur vanavond kan in De Observant met raadsleden verder worden gesproken. Conclusie: Insprekers hebben het woord gevoerd en woordvoerders hebben vragen gesteld. Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: - geen bezuinigingen doorvoeren op onderwijs, m.n. huisvesting; - behoud preventie- en zorgtaken bij (middelbare) scholen; - zorg dichtbij leerling organiseren; - investeren in onderwijs is positief voor economie; - effecten van bezuinigingen op onderwijs. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 4

137 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 19:30 tot 20:00 uur vergaderruimte: Molendijkzaal (0.01) aantal bezoekers: 16 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Onderwijs Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Hessels Collegelid Houwing Secretaris Pen Ambtenaren Reg.nr Fractiewoordvoerders Flikkema (VVD), Keskin (PvdA), Van de Kolk (CU), Land (GL), Molenkamp (SP), Noortman-Nieuwendijk (CDA), Sondorp (D66), Stoelinga (Amersfoort2014), Vijzelman (OPA) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken Toezeggingen - Advies aan het presidium Insprekers: - De heer K. de Boer - Onderwijsgroep Amersfoort - De heer R. van der Horst - Meerwegen Scholengroep - De heer W. Ellenbroek - Voorzitter college van bestuur KPOA - De heer R. Caubo - Sovee Insprekers hebben het woord gevoerd en woordvoerders hebben vragen gesteld. Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: - geen bezuinigingen doorvoeren op onderwijs, m.n. huisvesting; - behoud preventie- en zorgtaken bij (middelbare) scholen; - zorg dichtbij leerling organiseren; - investeren in onderwijs is positief voor economie; - effecten van bezuinigingen op onderwijs. Naar Het Besluit met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING ONDERWIJS

138 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

139 Verslag De Ronde op 14 oktober 2013: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Economie en duurzaamheid Voorzitter: Van Wijngaarden Secretaris: Pen Aanwezig: Dassen, Janssen, Hessels, Koet-Minis, Van de Kolk, Molenkamp, Mulder, Paffen- Zeenni, Sanders, Smulders Pers: nee Publiek: 14 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Van den Berg, Ambtenaar/Gast: De Boer (gemeente Amersfoort), Kaan (StadsLAB033), Holthackers (Stadslandbouw) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Van Wijngaarden): - Opent De Ronde. - Geeft het woord aan de insprekers. StadsLAB033 (Kaan): - Komt zijn ambities delen en roept de raad op daaraan mee te doen. Hij is geïnspireerd door de blue zones. Dat zijn traditionele gemeenschappen. Hij is gestart met StadsLAB033 om te kijken of maatschappelijke vraagstukken vormgegeven kunnen worden en daarmee te streven naar een blue zone. - Dat gebeurt door onderwijs, overheid en ondernemers te koppelen op vraagstukken. Dat wordt gedaan met sociaal kapitaal uit de regio. - Er zijn diverse samenwerkingsverbanden waaronder met scholen. Daarnaast zijn er werkzoekenden die via StadsLAB033 een netwerk willen opbouwen. - Voorbeeld hiervan is: het gezamenlijk met het mbo opzetten van de 3D-printcampus. Het bedrijfsleven zit niet te wachten op mensen die nu worden opgeleid vanuit het Tech College. - In het experiment worden vraagstukken met elkaar gedeeld. Hij vraagt de gemeente vraagstukken achter te laten en mee te doen aan het experiment. EEM (Holthackers): - Vraagt aandacht voor echt eten in de Eemstad. De stad beschikt over een actief netwerk voor lokaal voedsel, stadslandbouw en regionaal voedselbeleid. - Het voedselnetwerk Eem heeft een waardevolle bijdrage geleverd aan het regionaal voedselbeleid. Amersfoort heeft succesvol meegedaan aan het Europese project Sustainable Food in Urban Communities. Dat verdient continuering. - De stad moet regionaal voedsel op de agenda houden. Dat moet verder geprofessionaliseerd worden. - In Engeland is onderzoek gedaan naar regionaal voedsel. Van elke pond die daar wordt besteed in de supermarkt vloeit 70% weg. Van elke pond die wordt besteed aan regionaal voedsel vloeit niets weg, maar de inzet daarvan wordt verdubbeld. Amersfoort2014 (Koet-Minis): - Heeft de heer Kaan ook nauwe samenwerking met het Vaklab op de Kleine Koppel? - Hoe nauw is de samenwerking? StadsLAB033 (Kaan): - Werkt samen met het Vaklab. Voor de subsidieaanvraag voor de 3D-printer wordt samengewerkt met het Vaklab. 1

140 - Partijen zoeken elkaar op meerdere terreinen op. Bij de aanvraag voor de 3D-printer is gezamenlijk met het ROC, het Vaklab en tien regionale bedrijven de aanvraag ingediend. CDA (Paffen-Zeenni): - Hoe groot is het netwerk van StadsLAB033? Hoeveel mensen maken gebruik van het initiatief? - Zijn er al mensen die hieraan een baan hebben overgehouden? StadsLAB033 (Kaan): - Op dit moment zijn er acht mensen die in een uitkeringssituatie zitten aanwezig bij StadsLAB033. Daarnaast zijn er circa vijftien ZZP'ers aanwezig, die proberen binnen het initiatief hun werkzaamheden uit te breiden. - Het initiatief is in maart 2014 gestart. Er zijn nog geen succesverhalen op dat vlak. Er zijn veel successen op andere vlakken, maar die hebben nog niet tot een baan hebben geleid. VVD (Hessels): - Vraagt aan de heer Holthackers of zijn netwerk in de regio ook samenwerkt met de klassieke boeren. EEM (Holthackers): - Heeft contacten met grootschalige boeren. Het is alleen de vraag of de stad met die boeren wil samenwerken als zij zeer milieuonvriendelijk werken. Het gaat om regionaal voedsel dat op een transparante en verantwoorde manier wordt geproduceerd. - Er is een grote database met diverse boeren uit de regio. Recent is onderzoek gedaan door CAH Vilentum over hoeveel boeren er in de regio beschikbaar zijn voor het opschalen van lokaal voedsel in de stad. - Hij is op de hoogte van de initiatieven van de corporaties Boerenhart en Local2Local. GroenLinks (Janssen): - Vraagt aan de insprekers welke indicatoren voor hen aangeven dat de gemeente op de goede weg is. Wat moet de gemeente in de begroting meten om te weten dat de initiatieven succesvol zijn? EEM (Holthackers): - Zaken moeten gemonitord en gemeten worden. Hij wil beginnen met het meten van initiatieven die er nu zijn. Als wordt geïnventariseerd hoeveel initiatieven er nu zijn en hoe die bijdragen aan een regionale voedseleconomie, staat dat nu nog op een laag niveau. - Het project moet verder worden ontwikkeld. Hij kan de raad wel verder informeren over kwalitatieve resultaten met betrekking tot regionaal voedselbeleid. StadsLAB033 (Kaan): - Heeft deze vraag samen met Amersfoortse onderzoekers in de stad en regio uitgezet. Hij wil de parameters ophalen om daar jaarlijks op terug te komen. - Wellicht kan dit in de begroting meelopen. PvdA (Smulders): - Aan welke investering denkt de Holthackers als het gaat om lokaal voedsel? EEM (Holthackers): - Het gaat om het continueren van het bestaande netwerk. Als dit netwerk in stand gehouden moet worden, moeten daarvoor mensen aanwezig zijn die verbindingen kunnen leggen. Het gaat vaak om uren en locaties met elkaar verbinden. - Er zijn veel kleine initiatieven die verder opgeschaald moeten worden om het verschil te maken in de regio. - Hij denkt wel dat er een substantiële investering van enkele tienduizenden euro's mee gemoeid is. SP (Molenkamp): - Stadslandbouw en regionaal voedsel staan in Amersfoort op een redelijk laag niveau. Kan de heer Holthackers een inschatting geven wat de gevolgen van het opschalen van stadslandbouw en regionaal voedsel zijn voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt? 2

141 EEM (Holthackers): - Als mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt gemotiveerd en geënthousiasmeerd kunnen worden tot meer betrokkenheid bij regionaal voedsel door middel van logistieke ondersteuning is dat winst. - Voedselfocus Amersfoort wil graag voedsel voor en met de cliënten verbouwen. Dat geeft synergie op sociale participatie. - Het gaat vooral om de kwantiteit van regionaal voedsel. Als dat verbeterd kan worden naar 10%, is dat heel ambitieus. Het is van en voor de stad. D66 (Dassen): - Is enthousiast over de netwerkaanpak van StadsLAB033. D66 wil aandacht vragen voor de driehoek, onderwijs, gezondheidszorg en ICT. - Richt het StadsLAB033 zich ook op domotica? StadsLAB033 (Kaan): - Een van de projecten is het gezondsheidspark. Dat gaat over de assen van HU naar het nieuwe Meander Medisch Centrum om te kijken of met opleiding de zorg via apps meer gestimuleerd kan worden. - Op 27 november a.s. is er een gesprek met de RvB van Meander, Beweging 3.0 et cetera om hieraan opvolging te geven. OPA (Mulder): - Geeft aan dat zijn fractie geen amendement zal indienen op dit onderwerp. - Hij overweegt een motie om te stimuleren dat de stad iets gaat doen aan de samenwerking met scholen. In andere steden ontstaan allerlei bedrijven in de omgeving van hogescholen en universiteiten en dat mist hij in Amersfoort. Conclusie: Insprekers hebben het woord gevoerd en woordvoerders hebben vragen gesteld. Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: - blue Zone scan Amersfoort (oud worden, vitaal blijven, gelukkig zijn); - duurzaam lokaal voedsel uit stad en regio; - stadslandbouw op gemeentelijke agenda; - indicatoren voor succes van duurzaam voedselbeleid. Fractie OPA overweegt een motie over het stimuleren van innovatieve start-ups. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

142 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 20:00 tot 20:30 uur vergaderruimte: Molendijkzaal (0.01) aantal bezoekers: 14 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Economie en Duurzaamheid Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Van Wijngaarden Collegelid Van den Berg Secretaris Pen Ambtenaren De Boer Fractiewoordvoerders Dassen (D66), Hessels (VVD), Janssen (GL), Koet-Minis (Amersfoort2014), Van de Kolk (CU), Molenkamp (SP), Mulder (OPA), Paffen-Zeenni (CDA), Sanders (D66), Smulders (PvdA) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken Reg.nr Insprekers: - De heer D. Kaan - StadsLAB033 - De heer C. Holthackers - EEM Insprekers hebben het woord gevoerd en woordvoerders hebben vragen gesteld. Gespreks- en discussiepunten die aan de orde zijn geweest: - blue Zone scan Amersfoort (oud worden, vitaal blijven, gelukkig zijn); - duurzaam lokaal voedsel uit stad en regio; - stadslandbouw op gemeentelijke agenda; - indicatoren voor succes van duurzaam voedselbeleid. Fractie OPA overweegt een motie over het stimuleren van innovatieve start-ups. Toezeggingen - Advies aan het presidium Naar Het Besluit met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING ECONOMIE EN DUURZAAMHEID

143 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

144

145 Inspreektekst tegen subsidieafbouw Oranjevereniging Hooglanderveen en Oranjecomité Hoogland Raadscommissie - 14 oktober 2014 Geachte raadsleden, Mijn naam is Adri Jonker en ik spreek hier namens de Oranjevereniging Hooglanderveen en het Oranjecomité Hoogland. Ik hoop met mijn betoog en met uw hulp, een verandering te bereiken van het collegebesluit over onze subsidie-afbouw. Zonder de jaarlijkse cultuursubsidie van respectievelijk en euro komt ons bestaansrecht ernstig in gevaar. Onze argumenten Bij het Collegebesluit vorige week is geen enkele argumentie gegeven. We zetten daarom onze argumenten nog even op een rijtje. Koningsdag: ontmoeting en verbinding Afgelopen zaterdag zei Koning Willem-Alexander nog dat Koningsdag een feest is, dat door mensen werkelijk kan worden meebeleefd. Een feest dat in het teken staat van ontmoeting en verbinding. En dat is precies wat wij al zo n 60 jaar doen: zorgen dat jong en oud, elk jaar, samen Koningsdag kan vieren. Dit grootse Oranjefeest organiseren wij belangeloos en zonder winstoogmerk voor alle inwoners van Amersfoort Noord. Meer dan een kleedjesmarkt En wat doen wij dan allemaal? Een greep uit onze activiteiten: een lampionnenoptocht,vuurwerkshow, een aubade, kinderkleedjesmarkt, kinderspelen, ponyrijden, attracties, optredens van artiesten en van jong zang- en danstalent. Op 4 mei organiseren we samen de Dodenherdenking en op 5 mei 2015 Bevrijdingsdag. Onze bezoekers komen uit Hoogland, Hooglanderveen, Kattenbroek, Nieuwland, Schothorst-Noord en Vathorst (dat zijn in totaal bijna inwoners). Het niveau kleedjesmarkt zijn wij inmiddels wel ontstegen. Dodenherdenking Er wordt in Amersfoort op 4 mei maar op twee plaatsen een dodenherdenking gehouden. Eén daarvan is bij de gedenknaald in Hoogland, waar ieder jaar honderden mensen de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdenken. Deze waardige gebeurtenis wordt samen met de geloofsgemeenschap Amersfoort Noord georganiseerd en neemt ook een zeer belangrijke plaats in, in Amersfoort Noord. Ondernemerschap Wij doen een beroep op de lokale ondernemers voor sponsoring. Maar liefst 90 ondernemers dragen bij in financiële middelen of in goederen of diensten. Als de structurele subsidie vervalt zullen we een groter beroep op onze dorpsgenoten moeten doen. Maatschappelijke betrokkenheid Maatschappelijke betrokkenheid vinden wij heel belangrijk. In dat kader betrekken we volgend jaar basisscholen en basisschoolkinderen bij onze dodenherdenking.

146 Verder houden we de oranjetraktatie aan alle ziekenhuispatiënten en verplegend personeel van het Meander MC en bewoners en personeel van het woonzorgcentrum Hooglanderveen in ere. Stijgende kosten Onze kosten stijgen elk jaar door strengere veiligheidseisen en legeskosten voor vergunningen. U snapt, dat ons bestaansrecht en onze veelzijdige inzet onzeker worden als de structurele subsidie stopt. Een groot publiek zal het dan zonder al onze activiteiten moeten doen, omdat wij het financieel niet meer rond kunnen krijgen. William Hartman, voorzitter Oranjecomité Hoogland Adri Jonker, voorzitter Oranjevereniging Hooglanderveen

147 14 oktober 2014, Amersfoort, Geachte raad, beste mensen, Mijn naam is Joke Hoolboom, ik ben regisseur en algemeen directeur van Holland Opera. Holland Opera is gevestigd in een van de bruisende hartkamers van Amersfoort, de Veerensmederij op de Wagenwerkplaats; geboren uit een burgerinitiatief en door de inzet van vele professionals komt dit deel van Amersfoort steeds meer tot leven. Zo vormt de Veerensmederij deze herfstvakantie het hart van de Spoorparade. Er worden elke dag 15duizend mensen verwacht en u bent allen van harte welkom bij de opening op 16 oktober en uiteraard onze dagelijkse optredens. Holland Opera maakt jeugdopera en grote opera op bijzondere locaties (zoals afgelopen zomer het succesvolle Orfeo Underground in de parkeergarage onder het Eemplein). Daarnaast ontwikkelen wij educatietrajecten voor het basis- en voortgezet onderwijs. Wij staan daarmee aan de basis van de leefgemeenschap in Amersfoort, jaarlijks bezoeken duizenden kinderen en jongeren onze voorstellingen en werken zij samen met ons aan projecten als; There s Music in Waste, waar ze instrumenten ontwikkelen uit afval en daarop muziek leren maken wat resulteert in een eigen concert in onze theaterzaal. Onze core business is muziek. Muziek die live gebracht wordt door klassiek geschoolde musici, waar klassiek klinkt naast jazz, rock en pop. De tijdgeest is vluchtig. Holland Opera vangt de aandacht door niet alleen cross overs te maken in muziekstijlen, maar ook in beleving. Zo bestaat de vormgeving van Suikertantes, onze komende kerstproductie, volledig uit film en animatie. Een uitdaging voor ons als makers en een beleving voor ons publiek. Wij zijn blij dat de stad Amersfoort achter het werk van Holland Opera staat en dat zij ons financieel steunt. Na het wegvallen van de structurele landelijke subsidie binnen de BIS hebben we ons beleidsplan flink moeten aanpassen, terwijl onze focus op Amersfoort voorop is blijven staan. Zo lukt het ons om, dankzij succesvolle producties en samenwerkingen door te gaan. In samenspraak met de branche organisatie NAPK en jeugddansgezelschap de Stilte willen we de Basis Infra Structuur (bis) uitbreiden met verschillende disciplines. De Bis kent nu alleen jeugdtheater en geen jeugddans of jeugdopera. Dat is een omissie en ik hoop dat de stad Amersfoort ook richting de Raad voor Cultuur deze plannen wil ondersteunen. Uit onderzoek is gebleken dat muziek die je ervaart tussen je 8 en 16e levensjaar een onuitwisbare indruk maakt. Mensen met vergevorderde Alzheimer kunnen weer even praten als ze muziek horen uit die periode in hun leven. Wij vinden het daarom van zeer groot belang dat kinderen en jongeren actief met verschillende muziekstijlen in aanraking komen. Het is een verrijking voor de rest van je leven. Met vriendelijke groet, Joke Hoolboom E M Holland Opera Postbus AL Amersfoort T +31 (0) E KVK IBAN NL41INGB BIC INGBNL2A BTW B.01 Holland Opera is gespecialiseerd in het maken van opera voor kinderen en jongeren en opera op locatie

148 Verwijzingen naar filmpjes Holland Opera: 1. Suikertantes (onze nieuwe kerstproductie) 2. Blauwbaard (de voorstelling waarvan wij scenes laten zien tijdens de Spoorparade) 3. There s Music in Waste

149

150

151

152 Verslag De Ronde op 14 oktober 2013: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Cultuur Voorzitter: Van Wijngaarden Secretaris: Pen Aanwezig: Blaauw, De la Combé, Van Daalen, Flikkema, Van de Kolk, Land, Mulder Noortman-Nieuwendijk, Sondorp, Stoelinga Pers: ja Publiek: 19 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Van den Berg Gast: Keijzer (Scholen in de Kunst), Bijvank (Vereniging Dorpsbelangen Hoogland), Hartman (Oranjecomité Hoogland), Jonker (Oranjevereniging Hooglanderveen), Hoolboom (Holland Opera), Dijxhoorn (Stichting Amersfoort Jazz), Sickmann (Wijkmuseum Soesterkwartier), De Groot (Bibliotheek Eemland), Baltus (Amersfoort in C) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Van Wijngaarden): - Opent De Ronde. - Geeft het woord aan de insprekers. Amersfoort in C (Baltus): Spreekt in namens Theater de Lieve Vrouw, De Flint, Bibliotheek Eemland, Scholen in de Kunst, Podium de Kelder, Kunsthal KAdE, Museum Flehite, Mondriaanhuis en Architectuurcentrum FASadE. In de conceptbegroting staat: kunst en cultuur leveren een bijzondere bijdrage aan het economische klimaat en de aantrekkingskracht van de stad. Het college heeft als doel: zorg te willen dragen voor toekomstbestendige en financieel weerbare culturele basisinstellingen. Net nu de culturele ondernemers weer stappen voorwaarts maken, wordt er indirect toch op de rem getrapt. Het gaat dan om een korting van 1,5%. Dat is substantieel geld voor de instellingen. Dat geld is nodig voor het gewenste vitale culturele klimaat van Amersfoort. Scholen in de Kunst (Keijzer): - Als een kind twee treden mag zetten op de ladder van cultuur, dan verandert dat het perspectief van het kind. Dat is het verschil maken. - Directeuren worden gecomplimenteerd met cultureel ondernemerschap en het op orde houden van het huishoudboekje. In die wereld is de schatkist Eemhuis gebouwd. Een schatkist waarvan de gemeente de schatkistbewaarder en ambassadeur is. - Hij vraagt om aandacht voor de immateriële waarde van cultuur. Daarmee wordt het verschil gemaakt en daarmee wordt Amersoort de leukste stad van het land. - Op het dak van het gemeentehuis staat een citaat van Piet Mondriaan: Ondanks alles strijdt het ideele tegen het materiële. Bibliotheek Eemland (De Groot): - Heeft kennis genomen van het feit dat de gemeente geen nieuwe bezuinigingen oplegt bij cultuur. Het culturele veld heeft al vier jaar bezuinigingen achter de rug. - De bibliotheek heeft een bezuinigingstaakstelling van circa 1 miljoen gerealiseerd. Voor 2015 wordt de nullijn gehanteerd. Tijdens het opstellen van de begroting was er nog geen cao-akkoord. Die zal voor de bibliotheken waarschijnlijk uitkomen op een verhoging van 2,5% per jaar. - Daarmee is een bedrag van ,00 gemoeid. Dat is precies het bedrag dat de bibliotheek heeft 1

153 vrijgemaakt voor de zondagopenstelling. - Vraagt de nullijn te heroverwegen en in lijn met het collegeakkoord de culturele organisaties een financiële adempauze te gunnen. Holland Opera (Hoolboom): - Holland Opera is gevestigd op de Wagenwerkplaats en geboren uit een burgerinitiatief. - De Veerensmederij vormt in oktober 2014 het hart van de Spoorparade. - Holland Opera maakt jeugdopera en opera op bijzondere locaties, zoals opera in de parkeergarage onder het Eemplein. - Jaarlijks bezoeken veel mensen de optredens van Holland Opera. - Na het wegvallen van de landelijke subsidie binnen de BIES is het beleidsplan flink aangepast. - In samenwerking met de brancheorganisatie NAPK wil Holland Opera de basisinfrastructuur binnen de (landelijke) BIES uitbreiden met verschillende disciplines. - Zij hoopt dat het college Holland Opera richting de Raad voor Cultuur wil ondersteunen. - Uit onderzoek is gebleken dat muziek in de vroege levensjaren een onuitwisbare indruk maakt. Het is daarom van belang dat kinderen met verschillende muziekstijlen in aanraking komen. Vereniging Dorpsbelangen Hoogland (Bijvank): - Dorpsbelangen heeft met verbazing kennis genomen van het besluit van het college om de structurele subsidie aan het Oranjecomité Hoogland en de Oranjevereniging Hooglanderveen af te bouwen. - Het college onderbouwt zijn besluit door te stellen dat er in andere wijken ook activiteiten worden georganiseerd op Koningsdag en op 4 en 5 mei. - Het college gaat voorbij aan het historisch verleden van beide organisaties. Dat is niet te vergelijken met andere wijken. Het buurtbudget dient een ander doel. - Zonder afbreuk te doen aan andere organisaties, legt hij de focus op 4 en 5 mei. Dorpsbelangen hecht aan de georganiseerde herdenkingen op 4 mei bij de gedenknaald in Hoogland. Juist in deze tijd is het van groot belang om op gepaste wijze de slachtoffers van oorlogsgeweld te herdenken. Bij deze herdenking, die veel bezoekers uit Amersfoort-Noord trekt, is de locoburgemeester altijd aanwezig. Het college onderkent blijkbaar de waarde van deze bijeenkomst. Het is vreemd dat de gemeente daar dan geen budget voor vrijmaakt. - Door het stopzetten van de subsidie komt de herdenking voor alle inwoners van Amersfoort-Noord in gevaar. - Doet een klemmend beroep op de raad dit besluit terug te draaien. Oranjevereniging Hooglanderveen (Jonker): - Spreekt ook in namens inspreker Hartman. - Hoopt met zijn betoog een verandering te bereiken in het collegebesluit over de subsidie-afbouw. Zonder deze subsidies komt het bestaansrecht van beide verenigingen ernstig in gevaar. - Koning Willem-Alexander heeft aangegeven dat Koningsdag in het teken staat van ontmoeting en verbinding. Dat is precies wat beide verenigingen al ruim 60 jaar doen. - Op 4 mei wordt dodenherdenking en op 5 mei wordt Bevrijdingsdag georganiseerd. De bezoekers komen uit heel Amersfoort-Noord, in totaal bijna inwoners. - Dodenherdenking wordt in Amersfoort op twee plekken georganiseerd, een daarvan is bij de Gedenknaald in Hoogland. - Veel ondernemers dragen bij aan de instandhouding van beide organisaties. Als de structurele subsidie vervalt, moet er een groter beroep gedaan worden op de dorpsbewoners. Wijkmuseum Soesterkwartier (Sickmann): - Vraagt hoeveel Amersfoort over heeft voor cultuur in het Soesterkwartier. - Het Volksmuseum in Wijk C in Utrecht kost de gemeente 20,00 per bezoeker. - Het Wijkmuseum heeft bij de start een startsubsidie van de gemeente ontvangen. De laatste vijf jaar heeft de stichting alles zelf geregeld. In 2012 heeft Portaal de stichting een museumwoning aangeboden. Aandacht en geschiedenis versterkt het zelfbewustzijn van inwoners. - De stichting heeft niet voldoende sponsoren. Het vraagt veel inzet van vrijwilligers om het museum overeind te houden. Portaal heeft daar de laatste twee jaar bij geholpen. Eind december 2014 komt 2

154 een einde aan die bijdrage. De stichting werkt er hard aan om zelf sponsoren te vinden. - Voor 2015 vraagt de stichting om een eenmalige subsidie van 3.000,00. Stichting Amersfoort Jazz (Dijxhoorn): - Jazz Amersfoort heeft regelmatig overleg met de besturen van Zomertheater Amersfoort, Dias Latinos en Proef Amersfoort. - Bij succesvolle evenementen in de stad gaat het over drie zaken: draagvlak, samenwerking en bewijsvoering. - De laatste jaren worden er veel kosten gemaakt voor vergunningen. Het zou de festivals enorm helpen als de kosten voor vergunningen worden teruggebracht. - Veiligheid is een groot goed, maar het kan wel goedkoper. - Dagbewoners, mensen die hier werken, zijn potentiële bezoekers van de festivals. De gemeente kan helpen die mensen naar de binnenstad te trekken. - Met Citymarketing is getracht aan te tonen hoeveel geld de festivals opleveren. Dat is mislukt omdat er te weinig geld was om die opdracht uit te voeren. Als daarvoor meer geld wordt uitgetrokken, kan worden aangetoond wat de meerwaarde is van festivals in de stad. Voorzitter (Van Wijngaarden): - Er zijn tafels gereserveerd in De Observant om daar per programma verder met raadsleden over te spreken. - De inspraakreacties kunnen via de griffie met alle raadsleden worden gedeeld. Conclusie: Insprekers hebben het woord gevoerd. Wegens tijdgebrek hebben woordvoerders geen vragen gesteld. Punten die aan de orde zijn geweest: - bezuinigingen op kunst- en cultuurinstellingen; - immateriële waarde van kunst en cultuur; - subsidies voor herdenking 4 mei, viering 5 mei en Koningsdag; - subsidie wijkmuseum Soesterkwartier; - bijdrage voortbestaan festivals Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

155 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 20:30 tot 21:00 uur vergaderruimte: Molendijkzaal (0.01) aantal bezoekers: 19 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Cultuur Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Van Wijngaarden Collegelid Van den Berg Secretaris Pen Ambtenaren Reg.nr Fractiewoordvoerders Blaauw (D66), De la Combé (PvdA), Van Daalen (SP), Flikkema (VVD), Van de Kolk (CU), Land (GL), Mulder (OPA), Noortman-Nieuwendijk (CDA), Sondorp (D66), Stoelinga (Amersfoort2014) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken Toezeggingen - Advies aan het presidium Insprekers: - De heer A. Keijzer - Scholen in de Kunst - De heer J. Bijvank - Vereniging Dorpsbelangen Hoogland - De heer A. Jonker - Oranjevereniging Hooglanderveen, mede namens de heer W. Hartman - Oranjecomité Hoogland - Mevrouw J. Hoolboom - Holland Opera - De heer E. Dijxhoorn - Stichting Amersfoort Jazz - Mevrouw J. Sickmann - Wijkmuseum Soesterkwartier - De heer E. de Groot - Bibliotheek Eemland - De heer P. Baltus- Amersfoort in C Insprekers hebben het woord gevoerd. Wegens tijdgebrek hebben woordvoerders geen vragen gesteld. Punten die aan de orde zijn geweest: - bezuinigingen op kunst- en cultuurinstellingen (verzoek niet toepassen van nullijn); - immateriële waarde van kunst en cultuur; - subsidies voor herdenking 4 mei, viering 5 mei en Koningsdag; - subsidie wijkmuseum Soesterkwartier; - bijdrage voortbestaan festivals Naar Het Besluit met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING CULTUUR

156 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... De Ronde Datum: dinsdag 14 oktober 2014 Aanvang: 19:00 Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Veiligheid en handhaving Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Mobiliteit Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Sport Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Ruimtelijke ontwikkeling Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Beleidskader Sociaal Domein (voortgezette bijeenkomst) Voorbereiding besluit Verordeningen Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp Voorbereiding besluit

157 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Veiligheid en handhaving Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Veiligheid en handhaving (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Veiligheid en handhaving (pdf) Audioverslag

158 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Mobiliteit Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Mobiliteit (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Mobiliteit (pdf) Audioverslag

159 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Sport Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak AV Triathlon - Begroting (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sport (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sport (pdf) Audioverslag

160 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Ruimtelijke ontwikkeling Rondetafelgesprek en voorbereiding besluit Inhoud agendapunt gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting (pdf) Raadsvoorstel Vaststelling Begroting Bijlage - Webversie conceptbegroting Bijlage - PDF van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Bijlage - Notitie presidium betreffende planning begroting Bijlage - Feitelijke vragen over conceptbegroting Bijlage - Overzicht aanmeldingen gesprek over conceptbegroting Bijlage - Tekst inspraak Vrienden van de Kamp - Begroting (pdf) Verslag Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Ruimtelijke Ontwikkeling (pdf) Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Ruimtelijke Ontwikkeling (pdf) Audioverslag

161 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Beleidskader Sociaal Domein (voortgezette bijeenkomst) Voorbereiding besluit Inhoud agendapunt Beleidskader Sociaal Domein (voortgezette behandeling) (pdf) Bijlage - *Doelstellingenparagraaf (pdf) Bijlage - Agendapunt Beleidskader Sociaal Domein oktober 2014 Besluitenlijst Voortgezette behandeling Beleidskader Sociaal Domein (pdf) Audioverslag

162 Besluitenlijst Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting... Verordeningen Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp Voorbereiding besluit Inhoud agendapunt Verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2015 (pdf) Raadsvoorstel Verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 en Jeugdhulp Amersfoort 2015 (pdf) Verordening maatschappelijke ondersteuning Amersfoort 2015 (pdf) Verordening Jeugdhulp Amersfoort 2015 (pdf) Bijlage - *Advies Seniorenraad Verordening Wmo 2015 (pdf) Bijlage - *Advies GPPA verordening maatschappelijke ondersteuning 2015 (pdf) Bijlage - Webdossier sociaaldomein Besluitenlijst Verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2015 (pdf) Audioverslag

163 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

164 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Veiligheid en handhaving Voorzitter: Dijksterhuis Secretaris: Van Kan Aanwezig: Van den Berg, El-Messaoudi, Fousert, Hunink, Kraanen, Meijer, Mulder, Pijper, Prins, Van Wegen Pers: nee Publiek: 5 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Bolsius Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Dijksterhuis): - Er hebben zich geen insprekers gemeld. - In het onderwerp van de agenda moet toezicht vervangen worden door veiligheid. - Het is de bedoeling om gespreks- en discussiepunten boven tafel te krijgen en te inventariseren of er fracties zijn die moties of amendementen overwegen met betrekking tot deze paragraaf van de begroting. ChristenUnie (Hunink): - Had gehoopt met inwoners van de stad in gesprek te gaan over veiligheid. - In de fractie is gesproken over straatcoaches en de inzet van straatcoaches. Mogelijk zal hierover een motie of amendement worden ingediend vanwege het belang hiervan. - De ambities komen in de begroting niet sterk naar voren. D66 (Pijper): - Een van belangrijkste conclusies uit de begroting is dat het bedrag ongeveer gelijk blijft. Enkele weken geleden tijdens de bespreking van het belangrijkste item, de sociale veiligheid, werd aangegeven dat het bedrag hiervoor teruggegaan was. Dit wordt echter niet teruggevonden in de begroting. Mogelijk wordt hierover een motie of amendement ingediend. SP (Meijer): - Een belangrijk punt voor de SP is het voldoende zichtbaar zijn van de wijkagent. Uit de begroting is niet geheel duidelijk of dit het geval is. - Een ander punt is de mate waarin verkokering wordt tegengegaan. Wat is de kortste weg voor meldingen? Woningbouwcorporaties, wijkwelzijn, de gemeente, straatcoaches, buurtvaders hebben allen een rol. - Het is allerminst zeker dat de uitkomsten van de transities ten gevolge van de veranderingen in het sociaal domein oplevert dat iedereen, inclusief mensen met een GGZ-achtergrond, de plek krijgt die nodig is en waar recht op is. Als gevolg hiervan zullen mensen aan het openbare leven deel gaan nemen die ondersteuning nodig hebben en waarvoor een extra beroep zal worden gedaan op veiligheidshandhaving. Is daarin voorzien in deze begroting? GroenLinks (Prins): - De fractie zal waarschijnlijk niet met moties of amendementen komen. - Er zijn schriftelijke vragen gesteld over de prestatie-indicatoren. - Vindt de verbinding tussen doelstellingen en prestatie-indicatoren interessant. BPA (Van Wegen): - Heeft geen punten op dit onderwerp. SP (Meijer): 1

165 - Kan zich voorstellen dat de heer Van Wegen iets meer houvast wil hebben op het terrein van de wijkagenten gezien zijn inbreng bij andere onderwerpen. BPA (Van Wegen): - Geeft aan dat het standpunt van zijn fractie bekend is. Wil niet opnieuw over dit 'stokpaardje' spreken. - Geeft desgevraagd aan dat ook het standpunt over een eventuele beleidswijziging ook bekend is. VVD (Kraanen): - De BPA maakt met regelmaat allerlei opmerkingen over het beleidsterrein veiligheid. Dit is de gelegenheid om dat beleid bij te stellen per motie of amendement. - Onderschrijft de opmerking van de heer Meijer. BPA (Van Wegen): - Wil nog geen moties of amendementen aankondigen. CDA (Van den Berg): - De fractie heeft een aantal technische vragen gesteld waar de antwoorden van afgewacht worden. - Is niet van plan moties of amendementen in te dienen. - Maakt zich zorgen over de verbinding tussen zorg en welzijn en de politie. Zou daarover verder in gesprek willen gaan. - Kan de portefeuillehouder iets zeggen over het mogelijk wegvallen van de proces-verbaalvergoeding per 2015? Amersfoort2014 (Fousert): - Heeft vragen gesteld over de discrepantie tussen het aantal meldingen van inbraken dat bij de politie bekend is en het werkelijke aantal. Winkeliers doen blijkbaar geen aangifte meer. Hoe zijn de verschillen te verklaren? - De fractie is van plan om een motie of amendement over het vergroten van de aangiftebereidheid in te dienen. PvdA (El-Messaoudi): - Adviseert om af en toe met de districtschef van de politie te spreken. Zij is open, transparant en zeer toegankelijk. Spreekt zelf regelmatig met de districtschef en het heeft hem inzicht gegeven in hoe de politie werkt. - Noemt het probleem van de Shisha lounges (waterpijpen). Inmiddels zijn er 3 of 4 lounges in Amersfoort. Er wordt hiervoor oneigenlijk gebruikgemaakt van de horecaexploitatievergunning omdat deze is afgegeven voor een restaurant of café/bar. Dit is een onderwerp voor handhaving en controles. - Zal met een motie hierover komen omdat het aantal klachten rondom sommige van deze lounges toeneemt. - Is voornemens om met een motie betreffende jongerenwerk te komen. VVD (Kraanen): - Vindt dat zaken zoals het issue van de wijkagenten thuishoren in de bespreking van het IVP en niet bij de bespreking van de begroting. - Zal geen moties of amendementen indienen. - Wacht nog op de beantwoording van een aantal schriftelijke vragen over overlast. - De cijfers met betrekking tot sociale veiligheid die gepresenteerd werden tijdens de behandeling van het IVP waren erg gunstig. De gemeente is niet verantwoordelijk voor de aangiftebereidheid van mensen. Hierop valt wel beleid te maken. Een motie of amendement hierover zal wellicht gesteund worden door de fractie. - Heeft geen op- en aanmerkingen over dit deel van de begroting. OPA (Mulder): - De fractie komt vrijwel zeker niet met moties of amendementen. - Inzake het gevoel van veiligheid valt op dat de focus vooral ligt op het verminderen van inbraken terwijl de ouderen vooral bang zijn voor intimidatie, insluiping en oplichting aan de deur. Die cijfers bleken fors gestegen. - Weet niet op welke manier meer ingespeeld kan worden op de onveiligheidsgevoelens van inwoners. 2

166 PvdA (El-Messaoudi): - Bedoelt de heer Mulder een budget voor een project op het gebied van preventie? OPA (Mulder): - Mensen voelen zich onveilig op andere terreinen dan op het terrein van inbraak terwijl daar alle aandacht naar uitgaat. Het gaat vooral om de richting van het voorlichtingsbeleid van de gemeente. VVD (Kraanen): - Zegt dat het niet mogelijk is om beleid te maken op het ad hoc reageren op zaken die spelen. - De campagnes voor de zaken die worden genoemd, bestaan al. Portefeuillehouder (Bolsius): - De wijkagent is niet afgeschaft. - De politiebegroting loopt niet via de gemeentebegroting. - Het aantal agenten in Amersfoort gaat toenemen. - De wegvallende gelden van het grote stedenbeleid zorgen voor de halvering van het budget voor sociale veiligheid. Dit is rijksgeld dat de gemeente kreeg. De gemeente heeft de keuze gemaakt om dit niet met eigen geld te compenseren. - De vraag over de straatcoaches zal worden beantwoord. - Bij het IVP kan verder gesproken worden over het tegengaan van verkokering en de veranderingen in het sociale domein. Korte lijnen zijn van belang. Daarin spelen de wijkagent, de huisarts en het wijkteam een belangrijke rol. - Het wegvallen van de proces-verbaalvergoeding is ook voor Amersfoort een probleem. Op jaarbasis gaat het over enkele tonnen. De bijdrage waaruit handhavers betaald worden, zal wegvallen. Vanuit de VNG wordt hierover hard onderhandeld met de politiek. Spreker verwijst naar de column van een directielid van de VNG op de website van de VNG. - De gemeente werkt met de cijfers van de politie. Als mensen geen aangifte doen, komen ze niet in de statistieken van de politie terecht. Bij het IVP kan verder gesproken worden over aangiftebereidheid. - Wil graag signalen ontvangen over Shisha lounges die oneigenlijk gebruik maken van vergunningen. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

167 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 19:00 tot 19:30 uur vergaderruimte: Vermeerzaal (1.03) aantal bezoekers: 5 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Veiligheid en handhaving Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek / Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Dijksterhuis Collegelid Bolsius Secretaris Van Kan Ambtenaren - Fractiewoordvoerders Van den Berg (CDA), El-Messaoudi (PvdA), Fousert (Amersfoort2014), Hunink (CU), Kraanen (VVD), Meijer (SP), Mulder (OPA), Pijper (D66), Prins (GL), Van Wegen (BPA) Inspreker(s)/ - genodigden Samenvatting en afspraken Reg.nr De woordvoerders hebben hun mening gegeven over het hoofdstuk Veiligheid en handhaving en zijn met elkaar in debat gegaan. Behandelde onderwerpen: - inzet / beschikbaarheid wijkagent - tegengaan verkokering - veranderingen sociaal domein vs. veiligheid / handhaving - aangiftebereidheid - opkomst shisha lounges - gevoel van veiligheid Volgende fracties komen mogelijk met een motie of amendement: - ChristenUnie over straatcoaches - Amersfoort2014 over aangiftebereidheid winkeliers - PvdA over jongerenwerkers Toezeggingen Advies aan het presidium Naar Het Besluit, met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING VEILIGHEID EN HANDHAVING

168 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

169 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Mobiliteit Voorzitter: Dijksterhuis Secretaris: Van Kan Aanwezig: De la Combé, Fousert, Van Hamersveld, Hunink, Jongerman, Mulder, Paffen-Zeenni, Prins, Van Wegen, Van Wijngaarden Pers: nee Publiek: 9 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Buijtelaar Ambtenaar/Gast: Palmboom (Milieudefensie Amersfoort), Weierink (Veilig Verkeer Nederland) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Dijksterhuis): - Er hebben zich twee insprekers gemeld: de heer Palmboom van Milieudefensie Amersfoort en de heer Weierink van Veilig Verkeer Nederland. - Het is de bedoeling om gespreks- en discussiepunten boven tafel te krijgen en te inventariseren of er fracties zijn die moties of amendementen overwegen met betrekking tot deze paragraaf van de begroting. Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Vindt dat de gemeente Amersfoort niet echt ambities heeft op het gebied van mobiliteit. - Er wordt voortgegaan op de reeds ingezette weg: meer autoverkeer, toenemende mobiliteit, meer wegen. Het overgrote deel van de uitgaven gaat naar de auto. - Had liever een proactieve begroting gezien gericht op het stimuleren van alternatieven voor de auto. - Stelt voor om de groene golf te onderbreken voor overstekende fietsers en voetgangers, te kiezen voor schone openbaarvervoerbussen, verlaging van de snelheid van het autoverkeer waardoor scooters zich veilig in de verkeersstroom kunnen mengen. - Had liever een begroting gezien met meer oog voor milieu en leefbaarheid voor alle Amersfoorters. VVN (Weierink): - Vraagt aandacht voor de verkeersveiligheid van de middelbare schooljeugd. De provincie gaat hier minder in investeren. VVN hoopt dat de gemeente dit voorbeeld niet gaat volgen. - VVN heeft een meldpunt Black spots en biedt zijn diensten en expertise aan aan de gemeente. D66 (Van Hamersveld): - Vraagt hoe laag de snelheid zou moeten zijn om scooters van de fietspaden af te kunnen krijgen. Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Circa 30/40 kilometer per uur. De groene golf die op veel wegen is ingevoerd helpt de snelheid alleen maar verder omhoog. Scooters en snorscooters horen niet op een fietspad maar om veilig op de weg te kunnen rijden mag de snelheid daar niet te hoog zijn. CDA (Paffen-Zeenni): - Vraagt of de heer Weierink bekend is met de lijst spots die de gemeente Amersfoort hanteert of hanteert VVN een eigen lijst van black spots? VVN (Weierink): - VVN beschikt over een eigen lijst. Deze is opgesteld aan de hand van meldingen van inwoners van de stad. Het meldpunt is in te zien voor de ambtenaren. Zij kunnen hierop hun beleid afstemmen. 1

170 CDA (Paffen-Zeenni): - Vraagt de heer Palmboom hoe de onderbreking van de groene golf ten behoeve van overstekende voetgangers en fietsers geregeld kan worden. Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Het betekent dat de groene golf onderbroken moet worden. Dit is wellicht voor autoverkeer lastig en niet goed voor het milieu maar op dit moment worden fietsers en voetgangers gewoon gepest. Mensen worden bijna gedwongen om door rood te wandelen waardoor de verkeersveiligheid afneemt. In dit geval gaat de veiligheid en het gemak voor de fietser/voetganger voor het milieu. - Als het de automobilist te gemakkelijk wordt gemaakt, zal deze niet een alternatief vervoermiddel kiezen. De gemeente moet een goed alternatief bieden en de automobilist meer 'dwingen' om een ander vervoermiddel te kiezen. Het beleid van de gemeente is hierin veel te zacht en zou meer dwingend moeten zijn. BPA (Van Wegen): - Vraagt wat het standpunt van beide insprekers is over de elektrische fiets. Deze rijden ook met 45 km per uur over het fietspad. VVN (Weierink): - VVN biedt een cursus aan waar gebruikers van een e-bike leren omgaan met een e-bike. - Het is belangrijk dat de wegen zodanig zijn ingericht dat het veilig is voor alle verkeersdeelnemers. Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Er moeten regels komen voor e-bikers die harder gaan dan 25 km per uur. Deze moeten als bromfiets worden beschouwd. VVD (Van Wijngaarden): - Vraagt om uitleg van de opmerking dat de provincie minder gaat doen inzake verkeersveiligheid van scholieren van middelbare scholen. Wat verwacht VVN hierin van de gemeente? VVN (Weierink): - Het zou mooi zijn als de gemeente het gat weet in te vullen dat de provincie nu laat vallen. - Het ROVU zet veel projecten in om de verkeersveiligheid te vergroten. Veel van deze projecten worden niet meer ondersteund door de provincie vanwege bezuinigingen. - Hoopt dat de gemeente mogelijkheden biedt om deze projecten te ondersteunen. ChristenUnie (Hunink): - Vraagt of er wel mogelijkheden zijn voor voortzetting van projecten voor leerlingen van de basisschool. VVN (Weierink): - VVN biedt een breed palet aan cursussen aan voor basisscholen, middelbare scholen, volwassenen en 50- plussers. De knelpunten ontstaan doordat de provincie de projecten op het gebied van de middelbare scholen gaan afknijpen. Voor het basisonderwijs geldt dit ook maar in mindere mate. ChristenUnie (Hunink): - De heer Palmboom geeft aan dat vooral veel geïnvesteerd wordt in asfalt. De gemeente doet echter ook veel voor het fietsverkeer en het openbaar vervoer. Is dit dan te weinig ambitieus? Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Vindt het veel te weinig. Het is niet evenredig. Als de gemeente mensen op de fiets wil krijgen, moeten ze wellicht uit de auto gejaagd worden. SP (Jongerman): - Is de lijst met black spots ook beschikbaar voor het publiek? VVN (Weierink): 2

171 - De lijst staat op de website van VVN. GroenLinks (Prins): - Hoe denkt de heer Palmboom automobilisten uit de auto te kunnen krijgen? Milieudefensie Amersfoort (Palmboom): - Op de website wordt binnenkort Utopiamersfoort gepubliceerd. Daarin wordt aangegeven welke kant Milieudefensie Amersfoort met Amersfoort op wil. - De gemeente moet het delen van auto's stimuleren, het particuliere autobezit binnen de gemeente moet niet worden geënthousiasmeerd, parkeernormen moeten niet verder worden verhoogd. PvdA (De la Combé): - De gemeente geeft aan dat er binnen Amersfoort geen black spots zijn. Spreker voelt een spanning tussen dit gegeven en hetgeen de heer Weierink hierover zegt. - Heeft VVN een overzicht van concrete black spots? VVN (Weierink): - Het zijn niet zozeer black spots maar meldingen die door inwoners van Amersfoort zijn gedaan. Op de website van VVN is het mogelijk voor bewoners om melding te maken van verkeersonveilige situaties. Het kan gaan over hard rijden maar ook over het ontbreken van een verkeersbord. Voorzitter (Dijksterhuis): - Dankt de insprekers voor hun bijdrage aan de discussie. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 3

172 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 19:30 tot 20:00 uur vergaderruimte: Vermeerzaal (1.03) aantal bezoekers: 9 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Mobiliteit Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek / Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Dijksterhuis Collegelid Buijtelaar Secretaris Van Kan Ambtenaren - Reg.nr Fractiewoordvoerders De la Combé (PvdA), Fousert (Amersfoort2014), Van Hamersveld (D66), Hunink (CU), Jongerman (SP), Mulder (OPA), Paffen-Zeenni (CDA), Prins (GL), Van Wegen (BPA), Van Wijngaarden (VVD) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken - de heer E. Palmboom, Milieudefensie Amersfoort - de heer G.J. Weierink, Veilig Verkeer Nederland De insprekers hebben het woord gevoerd. Vervolgens hebben woordvoerders hen vragen gesteld en zijn zij met elkaar en de insprekers in debat gegaan. Besproken onderwerpen: - ambities t.a.v. ontmoedigen autogebruik - effecten groene golf voor voetgangers/fietsers - verlagen max. snelheid naar 30/40 km/u - aandacht voor middelbare schooljeugd - aanpakken black spots (verkeersonveilige locaties) - gebruik e-bikes Toezeggingen Advies aan het presidium Naar Het Besluit, met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIE OVER CONCEPTBEGROTING MOBILITEIT

173 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

174

175 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sport Voorzitter: Dijksterhuis Secretaris: Van Kan Aanwezig: Van Daalen, Fousert, Van Hamersveld, Keskin, Kraanen, Noortman-Nieuwendijk, Van der Spoel, Vijzelman-Waarheid, Pers: Nee Publiek: 10 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Buijtelaar Gast: Knopper (Atletiekvereniging AV Triathlon), Schneijderberg (Atletiekvereniging Altis) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Dijksterhuis): - Er hebben zich twee insprekers gemeld: mevrouw Knopper van Atletiekvereniging AV Triathlon en de heer Snijdenberg van Atletiekvereniging Altis. - Het is de bedoeling om gespreks- en discussiepunten boven tafel te krijgen en te inventariseren of er fracties zijn die moties of amendementen overwegen met betrekking tot deze paragraaf van de begroting. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Vraagt aandacht voor de plannen voor de aanleg van atletiekfaciliteiten in sportpark Birkhoven. - Medio augustus is hierover een brief gestuurd en er is een werkbezoek georganiseerd. - De twee grote atletiekverenigingen in Amersfoort (AV Triathlon en Altis) hebben samen meer dan 2000 leden in de leeftijd van 6 tot 80 jaar. Er is slechts 1 atletiekbaan. Dit zorgt voor grote drukte en soms voor gevaarlijke situaties. - De wachtlijst telt circa 150 kinderen. - Met de aanleg van extra atletiekfaciliteiten naast het clubhuis van AV Triathlon kan de druk op de atletiekbaan in Schothorst worden verlicht en kan de atletieksport in Amersfoort verder groeien. Ook kunnen andere doelgroepen gebruik maken van de extra faciliteiten. - AV Triathlon en Altis zijn brede sportverenigingen. Sociale verbinding heeft een prominente plek binnen het meerjarenbeleidsplan. - De verenigingen hebben alles organisatorisch en financieel goed op orde. Ze zijn ondernemend, zelfvoorzienend en al jaren oplossingsgericht. - Vraagt om de plannen te ondersteunen en te financieren zodat de verenigingen door kunnen gaan met waar ze goed in zijn: verbinden en bewegen. - Desgevraagd geeft spreker aan dat het in totaal om een bedrag van circa ,00 gaat. Het uitwerken van de plannen kost echter al een aantal duizenden daarom is het exacte bedrag nog niet bekend. Atletiekvereniging Altis (Snijdenberg): - Beide verenigingen zijn in competitie met elkaar maar op bestuurlijk niveau werken ze op alle fronten samen. - Er is een gebrek aan trainingsfaciliteiten om met name jeugdleden meer te kunnen binden. - Zodra iemand er uitspringt, heeft deze toch snel de neiging om naar een andere vereniging te gaan met betere faciliteiten. - Ook Altis wordt er beter van als AV Triathlon betere faciliteiten krijgt. VVD (Kraanen): - Vraagt om uitleg van de opmerking dat de veiligheid regelmatig in het geding is. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Op donderdagavond is de baan bijvoorbeeld dusdanig vol dat er regelmatig bijna-botsingen gebeuren. 1

176 D66 (Van Hamersveld): - Vraagt of het project over een aantal jaren verspreid zou kunnen worden. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Zou dit juist graag verspreid willen over een aantal jaren. Hoe eerder gestart kan worden met de aanleg hoe eerder gestart kan worden met nieuwe groepen en het wegwerken van de wachtlijsten en de drukte op de atletiekbaan afneemt. D66 (Van Hamersveld): - Vraagt of al eens gebruik is gemaakt van de 1/3 regeling die hiervoor in het leven is geroepen. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - De vereniging heeft hiervan geen gebruikgemaakt. Het is wel in het bestuur besproken maar men wil eerst weten wat de mogelijkheden bij de gemeente zijn. D66 (Van Hamersveld): - Vraagt of het juist is dat het gaat om het stuk grond gaat achter de hockeyvelden. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Dat klopt. Dit is het terrein waar voorheen de tijdelijke voorzieningen van Birkhoven stonden. Deze grond is wel toegewezen aan de 'sport'. VVD (Kraanen): - Wil graag van de wethouder weten of dit inderdaad zo is. Portefeuillehouder (Buijtelaar): - Zal dit moeten nakijken. PvdA (Keskin): - Er zijn meerdere clubs met goede plannen die iets voor de breedtesport doen en iets betekenen voor de maatschappij maar het budget is beperkt. - Is benieuwd wat zijn collega-raadsleden zien als criteria om straks bepaalde zaken toegewezen te krijgen. Voorzitter (Dijksterhuis): - Vindt dit een goed discussiepunt voor later in het gesprek. - Wil eerst de feitelijke vragen aan de insprekers laten stellen. ChristenUnie (Van der Spoel): - Vraagt of er mogelijkheden zijn voor noodvoorzieningen. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Een grasbaan van 300 meter is vrij eenvoudig aan te leggen. De grond zou dan wel tot de beschikking moeten zijn van de vereniging. Atletiekvereniging Altis (Snijdenberg): - Looptrainingen en technische trainingen zouden gescheiden kunnen worden. Amersfoort2014 (Fousert): - Hoe is de afstemming met de middelbare scholen over het gebruik van de atletiekbaan? Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper): - Dat verloopt goed, deze zaken worden door de SRO georganiseerd. - Ook veel basisscholen maken gebruik van de atletiekbaan. Ook voor hen is de baan vaak vol. - Ook voor de nieuwe faciliteit wil men graag samenwerken met de SRO. Hierover zijn nog geen concrete 2

177 contacten. Amersfoort2014 (Fousert): - Vraagt of er een opbrengstenmodel is. Atletiekvereniging AV Triathlon (Knopper) - Men wil dit graag op dezelfde wijze als de atletiekbaan: het onderhoud is voor de SRO. - De vereniging huurt de baan en denkt mee met mogelijkheden om deze zoveel mogelijk te verhuren. Voorzitter (Dijksterhuis): - Dankt de insprekers voor hun inbreng. - De heer Keskin stelde een belangrijke vraag. Zijn er raadsleden die op deze vraag in willen gaan? D66 (Van Hamersveld): - Er zou een voorstel komen om op een andere manier te kijken naar de verdeling van de gelden met betrekking tot het wegwerken van de wachtlijsten. Wanneer is dit voorstel beschikbaar? - Een aantal sportverenigingen wacht dringend op een antwoord om te kijken of ze zelf kunnen investeren buiten de investering die de gemeente kan doen met betrekking tot de toewijzing van de 2,5 miljoen die er voor de komende twee jaar is gereserveerd. VVD (Kraanen): - Aan het einde van de vorige raadsperiode is er een discussie gevoerd door de raadsleden over de criteria die hieraan gehangen zouden worden. Hieraan zou een vervolg gegeven worden. Dit sluit naadloos aan bij hetgeen de heer Keskin vraagt: hoe gaan we de toewijzing doen? - De 2,5 miljoen extra investering in de sport staat vermeld bij het programma RO op pagina Wanneer vindt de volgende Ronde-discussie plaats waarin een vervolg wordt gegeven aan de discussie uit januari jl. Portefeuillehouder (Buijtelaar): - Het voorstel is inderdaad om een vervolg te geven aan de bespreking van 28 januari jl. - Er zal niet alleen gekeken worden naar de wachtlijsten maar ook naar zaken als speelbelasting en dergelijke. Hierover is op 6 oktober jl. gesproken met een aantal mensen uit het veld. Dit zal voor het einde van het jaar met de raad bespoken worden. - Het heeft tot doel om voorafgaand aan het sportseizoen 2015/2016 te komen tot de noodzakelijke uitgevoerde investeringen op sportaccommodaties zodat knelpunten weggenomen worden. D66 (Van Hamersveld): - Wellicht kunnen er nog wat handvatten meegegeven worden aan de wethouder. Voorzitter (Dijksterhuis): - Denkt dat dit beter is tijdens de bespreking van het onderwerp zelf. - Vraagt of er punten zijn waarover de fracties van plan zijn moties of amendementen in te dienen. D66 (Van Hamersveld): - Er is een aantal vragen gesteld waarop de antwoorden afgewacht worden. - Is vanwege de beantwoording door de wethouder dat hij op tijd klaar wil zijn voor het nieuwe sportseizoen niet van plan moties of amendementen in te dienen. VVD (Kraanen): - Kan zich hier in grote lijnen bij aansluiten. - Vraagt of in een amendement wel een verdeling over bepaalde sportverenigingen kan worden aangegeven. - Vindt dit lastig omdat er allerlei overleggen plaatsvinden. - Wacht af wat er aan voorstellen van het college komt. - Is blij met de extra investering in de sport. De fractie kan zich vinden in de betreffende paragraaf in de begroting. 3

178 ChristenUnie (Van der Spoel): - In de begroting wordt al wel een aantal accenten gelegd. Dan gaat het vooral over voetbal- en hockeyvelden. De atletiek komt hij in de begroting niet of nauwelijks tegen. - De raad moet goed nadenken over de vraag of er een voldoende verdeling is over de sporten. Het is zoeken naar waar de balans ligt als het gaat over de verdeling van gelden over de verschillende takken van sport. - Wacht de criteria af. VVD (Kraanen): - De discussie moet eerst gevoerd worden. PvdA (Keskin): - Proeft dat de collega-raadsleden af willen wachten. - Heeft enkele weken geleden een motie teruggetrokken omdat de wethouder tijd nodig had om met de medewerkers in overleg moest. - De criteria moesten herzien worden. - Zijn terug bij af. De criteria waren er enkele jaren terug. Waarom zouden we wachten en niet alsnog een motie indienen en een debat voeren over deze criteria. D66 (Van Hamersveld): - Als de criteria die er nu zijn, worden aangehouden dan zou bijvoorbeeld KVVA niet in aanmerking komen. Juist door die criteria viel deze vereniging enkele keren buiten de boot. - Nieuwe criteria worden opgesteld om te kijken of verenigingen die kortere wachtlijsten hebben maar potentie hebben om in de toekomst te groeien en andere activiteiten op de velden kunnen organiseren de mogelijkheid bieden. - Er moet gekeken worden naar de goede balans hoe gelden toegekend kunnen worden aan alle sportverenigingen. - Er moet een zorgvuldige afweging plaatsvinden. VVD (Kraanen): - Wil meegeven dat als er nu al geld gereserveerd wordt voor enkele verenigingen, het geld snel op is. OPA (Vijzelman-Waarheid): - Vindt de sociale aspecten ook belangrijk omdat sport onderdeel wordt van de basisinfrastructuur. - Heeft geen moties of amendementen in voorbereiding. SP (Van Daalen): - Het extra geld dat beschikbaar is gesteld voor de sport is een goede ontwikkeling. - Naar de criteria zal goed moeten worden gekeken. - Is benieuwd naar de antwoorden op de gestelde vragen. Op basis daarvan wordt beoordeeld of er een motie of amendement wordt ingediend. CDA (Noortman-Nieuwendijk): - Wacht de antwoorden op de gestelde vragen af voordat besloten wordt of men met moties of amendementen komt. Amersfoort2014 (Fousert): - Is niet de woordvoerder op dit thema. - Zijn collega is bezig met gesprekken met KVVA dat een belangrijke functie voor de wijk heeft. Voorzitter (Dijksterhuis): - Proeft een grote eensgezindheid. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 4

179 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 20:00 tot 20:30 uur vergaderruimte: Vermeerzaal (1.03) aantal bezoekers: 10 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Sport Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek/ Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Dijksterhuis Collegelid Buijtelaar Secretaris Van Kan Ambtenaren - Reg.nr Fractiewoordvoerders Van Daalen (SP), Fousert (Amersfoort2014), Van Hamersveld (D66), Hunink (CU), Keskin (PvdA), Kraanen (VVD), Noorman-Nieuwendijk (CDA), Van der Spoel (CU), Vijzelman (OPA) Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken - mevrouw K. Knopper, AV Triathlon - de heer F. Schneijderberg, Atletiekvereniging Altis De insprekers hebben het woord gevoerd. Vervolgens hebben woordvoerders hen vragen gesteld en zijn zij met elkaar en de insprekers in debat gegaan. Besproken onderwerpen: - investeren in atletiekverenigingen - gevaarlijke situaties bij atletiekverenigingen - criteria toewijzen financiële middelen aan sportverenigingen - sociale aspecten sport Toezeggingen Advies aan het presidium Wethouder zegt toe dat een raadsvoorstel over de criteria voor het toewijzen van financiële middelen aan sportverenigingen eind dit jaar naar de raad komt. Naar Het Besluit, met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING SPORT

180 Agendapunt De Ronde Titel Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Voltallige college Ambtelijk contact Pen ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit/rondetafelgesprek Reden van aanbieding Ter voorbereiding op de besluitvorming over de begroting op 11 november zijn inwoners, ondernemers en organisaties uitgenodigd om te reageren op de conceptbegroting. Inhoud Belangstellenden kunnen kort, in circa 2 minuten, hun onderwerp naar voren brengen of mening kenbaar maken. Begrotingsprogramma s worden parallel behandeld in drie zalen. Het schema staat hieronder. Reg.nr Raadzaal Molendijkzaal Vermeerzaal Stedelijk beheer en milieu Bestuur en dienstverlening Veiligheid en handhaving Wijken en wonen Onderwijs Mobiliteit Sociaal Domein Economie en Sport duurzaamheid Cultuur Ruimtelijke ontwikkeling Insprekers kunnen zich aanmelden tot aanvang van de vergadering, maar bij voorkeur vóór maandag 13 oktober uur in verband met het inplannen. Graag aanmelden bij de raadsgriffie via een mail naar of telefoonnummer LET OP: Aansluitend op De Ronde, na uur, kunnen raadsleden, insprekers en belangstellenden met elkaar verder praten in de Observant. Per begrotingsprogramma is een statafel ingericht, waaraan het gesprek informeel kan worden voortgezet. Van dit gesprek wordt geen verslag gemaakt. Van de raadsleden wordt gevraagd Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Vervolg - 28 oktober in De Ronde: behandeling van begroting door commissie Begroting & Verantwoording - 4 november vanaf uur: algemene beschouwingen, incl. toelichting conceptmoties en -amendementen - 11 november vanaf uur: slotdebat en besluitvorming Advies presidium - Bijbehorende documenten Raadsvoorstel vaststelling begroting Webversie conceptbegroting Pdf-bestand van conceptbegroting Sheets presentatie begroting op 30 september Notitie presidium betreffende planning begrotingsbehandeling # v2 - AGENDAPUNT DE RONDE GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING 14 OKTOBER 2014

181 Voorzitter, leden van de Raad, In de initiatiefgroep Vrienden van de Kamp werken bewoners, ondernemers en pandeigenaren aan een vernieuwing van het woon-, winkelgebied in het Kampkwartier. Die vernieuwing is hard nodig. In een, mede door de gemeente gefinancierd, concept ontwerp komen problematiek en oplossingen duidelijk aan de orde. Het Kampkwartier, de Kamp en aanliggende straten, is onderdeel van het kernwinkelgebied. Toch is dit voor velen een minder bekend terrein. Dit heeft te maken met de overheersende rol van het verkeer waardoor dit niet als een winkelgebied wordt ervaren en met de huidige inrichting van het gebied rond de Kamperbinnenpoort. Komend uit de Langestraat lijkt dit nu het einde van de stad. Bezoekers en congresgangers in de Flint hebben geen idee dat zij in de binnenstad zijn. Juist dit deel van de binnenstad heeft grote kwaliteiten. Het heeft op veel vlakken haar originaliteit behouden. Monumentale panden zijn ruim aanwezig en hebben hun oorspronkelijke gevels goed bewaard. In dit gebied werken ca 100 zelfstandige, meest kleine ondernemers, zij zorgen voor een grote verscheidenheid op het gebied van ambacht en assortiment. De combinatie van wonen en werken geeft een gevoel van een levendig deel van de oude stad. Hier moet je zijn! De visie van Vrienden van de Kamp is beschreven in een concept ontwerp. Hierin ligt de nadruk op de Kamp als verblijfsgebied voor voetgangers. We zoeken mogelijkheden om meer ruimte te bieden voor voetgangers en het verkeer zich te laten realiseren dat het gast is. Op het concept ontwerp is door, bewoners, ondernemers en pandeigenaren, verenigd in Vrienden van de Kamp, zeer positief gereageerd. Ook van tal van raadsleden hebben we de afgelopen weken positieve reacties gehoord. Om dit ontwerp goed uit te werken vragen Vrienden van de Kamp een bescheiden budget voor Daarnaast vragen wij u om in het voorjaar van 2015 duidelijk te maken hoe in de jaren vanaf 2016 voldoende budget beschikbaar kan komen om herinrichting te realiseren. U heeft hierover van ons een brief ontvangen. Ik dank u voor de aandacht en hoor graag uw reactie hierop.

182 Verslag De Ronde op 14 oktober 2014: Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Ruimtelijke ontwikkeling Voorzitter: Dijksterhuis Secretaris: Van Kan Aanwezig: Aghina, Fousert, Hessels, Hunink, Janssen, Molenkamp, Sanders, Smulders Pers: nee Publiek: 6 Conceptverslag: MKW secretariaatsservices Portefeuillehouder: Buijtelaar Ambtenaar/Gast: Van Zwetselaar (Vrienden van De Kamp) Reg. nr.: Doel: Van de raadsleden wordt gevraagd: - Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties; - In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht. Voorzitter (Dijksterhuis): - De heer Van Zwetselaar van Vrienden van De Kamp heeft zich als inspreker gemeld. - Het is de bedoeling om gespreks- en discussiepunten boven tafel te krijgen en te inventariseren of er fracties zijn die moties of amendementen overwegen met betrekking tot deze paragraaf van de begroting. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - In het initiatief Vrienden van De Kamp werken bewoners, ondernemers en pandeigenaren samen aan de vernieuwing van woon- en winkelgebied De Kamp. - Vernieuwing is hard nodig. - De Kamp is een kernwinkelgebied maar is voor velen onbekend terrein. Dit heeft te maken met de overheersende rol van het verkeer waardoor het niet als een winkelgebied wordt ervaren en met de huidige inrichting van het gebied van de Kamperbinnenpoort. Komend vanuit de Langestraat lijkt dit nu het einde van de stad. - Bezoekers en congresgangers van de Flint hebben geen idee dat ze in de binnenstad zijn. - Juist dit deel van de binnenstad heeft grote kwaliteit: het heeft op veel vlakken haar originaliteit behouden. Monumentale panden zijn ruim aanwezig en hebben hun oorspronkelijke gevels nog goed bewaard. - In dit gebied werken circa 100 zelfstandige, meest kleine, ondernemers. Zij zorgen voor een grote verscheidenheid op het gebied van ambacht en assortiment. - De combinatie van wonen en werken geeft het gevoel van een levendig deel van de oude stad. - De visie van de Vrienden van De Kamp is beschreven in een conceptontwerp dat mede gefinancierd is door de gemeente. Hierin ligt de nadruk op de Kamp als verblijfsgebied voor voetgangers. Gezocht moet worden naar mogelijkheden om meer ruimte te creëren voor voetgangers en het verkeer zich laten realiseren dat het gast is. - Er is zeer positief gereageerd op het conceptontwerp door de partijen die verenigd zijn in de Vrienden van De Kamp. Ook veel raadsleden hebben positief gereageerd. - Om het ontwerp goed uit te werken vragen Vrienden van De Kamp een bescheiden budget voor 2015 en daarnaast vraagt men de gemeente om in het voorjaar van 2015 duidelijk te maken hoe in de jaren vanaf 2016 voldoende budget beschikbaar kan komen om herinrichting te realiseren. Hierover is een brief gestuurd. VVD (Hessels): - Vraagt of inspreker het bescheiden budget kan benoemen. Waar is in 2015 behoefte aan en in de daarop volgende jaren? Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Voor de uitwerking van het plan: het voorlopig ontwerp, programma van eisen en kostencalculatie is circa ,00 nodig. Wat niet nodig is, wordt niet uitgegeven. Amersfoort2014 (Fousert): - Er ligt nu een conceptontwerp waarvan de gemeente een deel van de kosten heeft gefinancierd. Om welk bedrag gaat het? 1

183 Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - De gemeente heeft hiervan 7.000,00 gefinancierd. Daarnaast is het gefinancierd door ondernemers en vanuit veel zelfinitiatief. Amersfoort2014 (Fousert): - Het plan ziet er mooi uit. Met het geven van het bedrag van de gemeente hiervoor worden verwachtingen gecreëerd. Wat is de volgende stap? Wat kan de gemeente met de gevraagde investering van ,00. Kan hiermee een bestek worden gemaakt? Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - De bedoeling is dat er een goed uitgewerkt plan ligt dat tot stand is gekomen in samenspraak met de bewoners, ondernemers en pandeigenaren. De richtlijnen waar het plan aan moet voldoen, zijn duidelijk: een goed ontwerp dat instemming heeft, een gedragen visie door de directbetrokkenen. Dit betekent een goed uitgewerkt ontwerp dat voldoet aan de gestelde eisen. Hiervoor kunnen specialisten worden ingehuurd. Amersfoort2014 (Fousert): - Vindt het heel goed dat vanuit bewoners een plan wordt bedacht dat gedragen wordt en waar de gemeente achter staat. Dit is volgens hem sneller en efficiënter dan wanneer de gemeente met een plan komt. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Dat was ook de duidelijke opdracht bij de verstrekking van de 7000,00: zorg voor een gedragen visie. Vroeger schreef de gemeente wat voor en kon de bewoner wat opmerkingen in de marge maken. Nu is dat omgedraaid. De bewoner komt met een plan waar de gemeente op reageert. GroenLinks (Janssen) - De vraag is eigenlijk of de gemeente bereid is om geld beschikbaar te stellen om iets aan De Kamp te doen en onder welke randvoorwaarden. - Past dit in de planningen voorzieningen openbare ruimte? Is hier wel of geen rekening mee gehouden? Is daar ruimte te creëren? Dan pas heeft het zin om door te gaan naar een ontwerp. Er ligt eerst een principevraag voor. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Het een is inderdaad onlosmakelijk verbonden met het ander. D66 (Sanders): - Heeft gehoord dat de gemeente heeft aangegeven dat hier voorlopig geen geld voor is en dat dit pas over enkele jaren aan de orde is. Wat heeft dit voor gevolgen? Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Tien jaar niets doen aan De Kamp is het wegtrekken van winkels. Met name de sterke zaken overwegen te verhuizen naar elders als er niet meer loop naar het gebied komt. - Als de sterke zaken wegtrekken, gaat De Kamp achteruit. - Het verkeersveiligheidsaspect moet meegenomen worden. Het is een risicovol gebied voor fietsers en voetgangers. - Het is niet de meest comfortabele straat om door te lopen terwijl het een bijzonder assortiment winkels heeft. ChristenUnie (Hunink): - Zou er met fasering een aantal zaken aangepakt kunnen worden? - Vindt het plan er bijzonder uitzien. Zou er graag in breder verband, inclusief de ambtelijke staf, eens uitgebreider naar willen kijken. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Het is mogelijk om de plannen in fasering in te delen. - Er is een klein budget beschikbaar voor verbetering van stadsentrees. Het gevaar is dat dingen dan half worden 2

184 aangepakt. - Voor scheiding van hemelwaterafvoer is een budget beschikbaar. Dit budget is gelabeld. Dit spaart de kosten en zou de riolering sparen. - De riolering van het gebied blijkt nog goed te zijn. Maar na 10 jaar wachten begint de riolering ook slechter te worden. - Het Kampkwartier heeft met zijn monumentale panden een toegevoegde waarde voor de binnenstad en moet niet verloren gaan. - Wil meer beweging in de stad. Meer beweging in de stad betekent meer economie in de stad. D66 (Aghina): - Constateert dat inspreker de parel buiten de poort wil oppoetsen zodat toeristen en de Amersfoorters ervan kunnen genieten. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Een belangrijk deel van de stad is ketengebonden. Dit gebied is dat niet. Er zit nog het oude patroon van ondernemers. PvdA (Smolders): - Denkt dat het goed is om te kijken naar een gefaseerde aanpak. - Hoe kan de autodruk worden verminderd? Is de detailhandel blij met het eventueel autoluw maken van het gebied? Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - Met de afdeling Verkeer van de gemeente wordt bekeken hoe het autoverkeer kan worden verminderd. - Onnodig verkeer moet zoveel mogelijk worden weggehouden uit het gebied. - Van het weghalen van de autodruk is een aantal ondernemers en bewoners geen voorstander. De verdeling zal ongeveer 50/50 zijn. - Op het moment dat De Kamp verbeterd wordt, komt vanzelf de vraag of dat op deze manier moet. - Gefaseerd uitvoeren is zeker mogelijk. Er kan bijvoorbeeld eerst een verbinding worden gemaakt tussen de Langestraat en De Kamp. VVD (Hessels): - Bij De Kamp horen ook de omliggende straten en het parkeren bij de Flint en de Beestenmarkt. - Het is een belangrijk economisch gebied. - De Flint staat weer beter op de kaart. Het zou handig zijn als mensen de weg weten naar De Kamp en naar de binnenstad. - Op dit moment is er geen budget beschikbaar. In een gefaseerd perspectief en door het breder te trekken door economie en parkeren te betrekken wordt het interessant om hier nog eens verder over te spreken. - Zou graag de Bloemendalsestraat betrekken bij de plannen omdat dit een belangrijk horecagebied wordt. Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - De link met de Bloemendalsestraat is zeker te maken. SP (Molenkamp): - Kan de inspreker de fasen van fasering schetsen? Wat is de hoofdprioriteit? Vrienden van De Kamp (Van Zwetselaar): - De verbinding tussen De Kamp en de Langestraat visueel vriendelijker maken. - De toegang naar de binnenstad knijpen, wellicht door het ombuigen van verkeersstromen. Voorzitter (Dijksterhuis): - Ondersteunt het idee van de heer Hunink om nog eens in breder verband over het onderwerp te bespreken. Dit zal bij het presidium worden neergelegd om te bekijken of hier agendaruimte voor is. - Bedankt de inspreker voor zijn inbreng. - Vraagt de fracties of er moties of amendementen zullen worden voorbereid. 3

185 GroenLinks (Janssen): - Zou graag meer inzicht in de investeringen voor de komende jaren willen hebben. D66 (Aghina): - De fractie heeft iets in beraad inzake De Kamp. Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 november 2014 de griffier, de voorzitter, 4

186 Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van 20:30 tot 21:00 uur vergaderruimte: Vermeerzaal (1.03) aantal bezoekers: 6 Onderwerp Gesprek met inwoners en organisaties over conceptbegroting Ruimtelijke Ontwikkeling Van College van B&W Soort bijeenkomst Rondetafelgesprek / Voorbereiding besluit Van de raadsleden Kennis nemen van de inbreng van inwoners en organisaties werd gevraagd In gesprek gaan met inwoners, organisaties en collegeleden over punten die naar voren zijn gebracht Voorzitter Dijksterhuis Collegelid Buijtelaar Secretaris Van Kan Ambtenaren - Reg.nr Fractiewoordvoerders Aghina (CDA), Fousert (Amersfoort2014), Hessels (VVD), Hunink (CU), Janssen (GL), Molenkamp (SP), Sanders (D66), Smulders (PvdA) - de heer N. van Zwetselaar, Vrienden van de Kamp Inspreker(s)/ genodigden Samenvatting en afspraken De heer Van Zwetselaar heeft het woord gevoerd. Vervolgens hebben woordvoerders hem vragen gesteld en zijn zij met hem en elkaar in debat gegaan. Er is met name gesproken over de plannen Vrienden van de Kamp voor vernieuwing van het woon-, winkelgebied in het Kampkwartier en dan in het bijzonder over: - een investering van t.b.v. voorlopig ontwerp, programma van eisen en kostencalculatie - gefaseerde invoer plannen - verminderen autodruk - breder trekken gebied (o.a. Bloemendalsestraat, gebied rondom De Flint) Woordvoerders geven aan graag op een later moment in De Ronde te spreken over de plannen van de Vrienden van de Kamp. Toezeggingen Advies aan het presidium Naar Het Besluit, met debat # v1 - BESLUITENLIJST DR GESPREK MET INWONERS EN ORGANISATIES OVER CONCEPTBEGROTING RUIMTELIJKE ONTWIKKELING

187 Agendapunt De Ronde Titel Voortgezette behandeling Reg.nr Beleidskader Sociaal Domein Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Imming/Tigelaar Ambtelijk contact Van Ravesteyn ( ) Programma 4. Zorg, welzijn en wijkontwikkeling/ 11. Werk en inkomen Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit Reden van aanbieding Op verzoek van De Ronde van 7 oktober jl. vindt een voortgezette behandeling plaats waarin met name de doelstellingenparagraaf zal worden besproken. Inhoud Het beleidskader bevat de hoofdlijnen van de beweging in het sociaal domein, voor 2015 tot Daarin wordt een fasering aangebracht. Het beleidskader geeft weer welke keuzes en al gemaakt zijn of nu aan de raad worden voorgelegd. Er zijn ook vraagstukken die meer tijd en ervaring vragen om tot een goede afweging te kunnen komen. Het beleidskader kent daarom ook ontwikkelvraagstukken die in het overgangsjaar 2015 verder worden onderzocht en uitgewerkt. De hoofdlijnen in dit beleidskader worden vertaald in verordeningen en nadere regels, die meer praktische informatie geven. Voor de ontwikkelvraagstukken wordt een uitvoeringsagenda uitgewerkt. Van de raadsleden wordt Zijn mening te geven over het voorliggende raadsvoorstel en zich voor te gevraagd bereiden op besluitvorming over het beslispunt: het beleidskader voor de beweging in het sociaal domein vast te stellen, voor de periode Met in acht neming van: a. Het streefbeeld voor 2016 b. De nog te maken keuzes in 2015 c. De ontwikkelvraagstukken Vervolg Besluitvorming in Het Besluit (28 oktober) Advies presidium Presidium heeft op verzoek van de woordvoerders in De Ronde deze voortgezette behandeling geagendeerd. Bijbehorende documenten Raadsvoorstel Meerjarig beleidskader sociaal domein Amersfoort Verslag bijeenkomst maatschappelijke partners en cliënt- en adviesraden 10 en 11 september 2014 Besluitenlijst De Ronde Beleidskader Sociaal Domein *Doelstellingenparagraaf Ingekomen reacties cliënten en adviesraden: GPPA opmerkingen bij concept beleidskader Sociaal Domein Advies Seniorenraad Beleidskader Sociaal Domein Reactie Klankbordgroep WMO van mensen met een verstandelijke beperking Reactie en advies van de klankbordgroep Verstandelijk Gehandicapten Amersfoort Achtergronddocumenten Raadsvoorstel en -besluit 15 juli 2014, Inrichting wijkteams 2015 sociaal domein Raadsvoorstel en -besluit 17 december 2013 Organiseren van de beweging in het sociaal domein Raadsvoorstel en -besluit 9 juli 2013 Visie en uitgangspunten Raadsinformatiebrief Besluitvormingswijzer Sociaal Domein *Toegevoegd ten opzichte van eerdere publicatie # v1 - AGENDAPUNT DR BELEIDSKADER SOCIAAL DOMEIN (VOORTGEZETTE BEHANDELING)

188 Meerjarig beleidskader sociaal domein Amersfoort Inhoud 1. Inleiding 3 2. Het sociaal domein in De rollen van inwoners, overheid en maatschappelijke partners Het sociaal domein als piramide Advies, informatie en toegang tot het netwerk Het brede sociaal domein Regie en keuzevrijheid Kwaliteit Handhaving In geval van nood Meedenken en ontwikkelen Van streefbeeld naar ambitie en doelstellingen Wat is er al besloten over het sociaal domein in 2016? Wettelijke veranderingen met ingang van Maatschappelijke context Kaders die Amersfoort al heeft vastgesteld Wat is er nodig om te komen waar we willen zijn in 2016? Wat is minimaal vereist begin 2015? Wat moeten we nog organiseren? Welke besluiten moeten we nog nemen? Welke ontwikkelvraagstukken hebben we? Monitor sociaal domein Financieel kader Integratie-uitkering Sociaal domein Beschikbare middelen sociaal domein Besteding van middelen Sociaal domein 45 Bijlage 1: Overzicht verordeningen en nadere regels Inleiding 2 2. Het sociaal domein in De rollen van inwoners, overheid en maatschappelijke partners Het sociaal domein als piramide Advies, informatie en toegang tot het netwerk Het brede sociaal domein Regie en keuzevrijheid Kwaliteit Handhaving In geval van nood Meedenken en ontwikkelen Samengevat: de ambitie en doelstellingen Wat is er al besloten over het sociaal domein in 2016? Wettelijke veranderingen met ingang van

189 3.2. Maatschappelijke context Kaders die Amersfoort al heeft vastgesteld Wat is er nodig om te komen waar we willen zijn in 2016? Wat is minimaal vereist begin 2015? Wat moeten we nog organiseren? Welke besluiten moeten we nog nemen? Welke ontwikkelvraagstukken hebben we? Monitor sociaal domein Financieel kader Integratie-uitkering Sociaal domein Beschikbare middelen sociaal domein Besteding van middelen Sociaal domein 40 Bijlage 1: Overzicht verordeningen en nadere regels 41 2

190 1. Inleiding Dat het sociaal domein momenteel sterk in ontwikkeling is, kan niemand zijn ontgaan. Amersfoort is daar ook volop mee bezig. Er is een ingrijpende herordening gaande die al enkele jaren geleden is ingezet. Met name in 2013 en 2014 heeft de gemeenteraad zich uitgesproken over de manier waarop de gemeente wil omgaan met de drie decentralisaties (zorg&ondersteuning, jeugdzorg en werk en inkomen). We noemen dat de transitie, en die moet op 1 januari 2015 een feit zijn. Na de inrichting van het nieuwe stelsel staat de transformatie op de agenda: wat voor sociaal domein willen we uiteindelijk zien als de transitie is gemaakt? Hoe benutten we de beleidsruimte die de gemeente in het sociaal domein heeft gekregen? Hoe zorgen we voor meerwaarde door de drie decentralisaties te bundelen en in relatie te brengen met wat er daaromheen gebeurt, in de medische zorg, de veiligheid en het (passend) onderwijs. Het Meerjarig Beleidskader Sociaal Domein 2015 geeft een concrete aanzet tot de start van de transformatie. De afgelopen jaren is al op verschillende momenten met allerlei partijen gesproken over zowel de inrichting van de transitie als over de uitgangspunten voor de transformatie. De beweging in het sociaal domein is een beweging die de gemeente Amersfoort niet alleen kan maken. In bijeenkomsten en persoonlijke contacten met formele en informele aanbieders, cliënten en hun omgeving, hebben we gewerkt aan een sterk partnerschap in het sociaal domein. De opbrengst van die gesprekken, commentaren en aanvullingen, maar ook kritische kanttekeningen en zorgen hebben een plek gekregen in dit beleidskader. En ook is het beleidskader met deze groepen besproken. Met de gemeenteraad is diverse keren gesproken over de ijkpunten van de beweging in het sociaal domein. Zo was er op 15 juli 2014 een rondetafelgesprek met de raad aan de hand van een gespreksnotitie over het beleidskader in het sociaal domein. Daar ging het onder meer over cliënttevredenheid, over kwaliteit en over toegankelijkheid. Die thema s komt u ook in dit beleidskader weer tegen. Rode draad in veel van deze gesprekken is dat de inhoud en beweging positief zijn. Zorgen zijn er vooral over het tempo waarin dit moet gebeuren en of de zorg niet vooral minder wordt. Reactie van cliëntenvertegenwoordiging: Wij constateren dat het voorgelegde stuk meer een raamwerk is dat de richting aangeeft dan een (vastomlijnd) beleidskader. Er zijn nog (veel) open einden en onzekerheden. Dit heeft ontegenzeggelijk te maken met de omvang en de complexiteit van de materie. Dit beleidskader bevat de hoofdlijnen voor ons nieuwe beleid in het sociaal domein voor meer jaren, van 2015 tot voorbij Maar daarin zit wel een fasering. Het beleidskader geeft weer welke keuzes en afspraken we nú kunnen maken. Er zijn ook vraagstukken die meer tijd en ervaring vragen om tot een goede afweging te kunnen komen. Het beleidskader kent daarom ook ontwikkelpunten die we in het overgangsjaar 2015 nog verder willen onderzoeken. De hoofdlijnen in dit beleidskader worden uitgewerkt in verordeningen en nadere regels. In hoofdstuk 2 schetsen we hoe het sociaal domein in Amersfoort eruit zal zien vanaf 2016, uitgaande van de wettelijke kaders en de kaders die de gemeenteraad al heeft 3

191 gesteld. Vervolgens leest u in hoofdstuk 3 wat die wettelijke kaders zijn en welke besluiten door de raad al zijn genomen. In hoofdstuk 4 benoemen we wat er nog geregeld en georganiseerd moet worden, welke besluiten er nog genomen moeten worden en welke ontwikkelpunten er nog zijn. Door die fasering denken we recht te doen aan de ingewikkelde opgaven waarvoor Amersfoort als stad staat, in de samenwerking tussen gemeente, inwoners en maatschappelijke partners. We staan immers voor een verandering met een omvang die ongekend is voor het sociaal domein. Dat betekent dat de effecten nog niet altijd zijn te voorzien. In de uitvoering zullen zich nog tal van dilemma s voordoen. Pas in de loop van 2015 zullen we op basis van goede monitoring vervolgbesluiten kunnen nemen. Dit beleidskader geeft de hoofdlijnen van ons beleid voor de komende jaren. Het biedt houvast voor een ingrijpende beweging in het sociaal domein. Met deze beweging willen we bereiken dat inwoners van Amersfoort zo goed mogelijk kunnen meedoen in onze samenleving. In eerste instantie door te kijken naar hun eigen mogelijkheden of die van hun omgeving. Daar waar dat niet lukt, te zorgen voor zorg en ondersteuning dichtbij in de wijk. Dit organiseren we door nieuwe taken op het gebied van zorg, jeugdzorg, werk en inkomen zo goed mogelijk in te richten met de beperkte middelen die er zijn. En door samen met maatschappelijke partners, cliënten en inwoners van Amersfoort te zoeken naar nieuwe manieren van elkaar helpen en ondersteunen. 4

192 2. Het sociaal domein in 2016 Hoe functioneert het sociaal domein in 2016? Om die vraag te beantwoorden bieden we in dit hoofdstuk eerst een schets van ons streefbeeld. Dat is per definitie een ideaalbeeld: we beseffen dat de werkelijkheid een stuk weerbarstiger zal zijn. De gemeente zal fouten maken / dilemma s tegenkomen, inwoners moeten hun weg nog vinden in de nieuwe werkelijkheid, professionals en organisaties moeten nog groeien in hun nieuwe rol. Tot slot werken we het streefbeeld uit in een ambitie en doelstellingen. Nb. Omdat wij in dit hoofdstuk een streefbeeld in 2016 beschrijven, verwijzen we naar het jaar 2015 in de verleden tijd De rollen van inwoners, overheid en maatschappelijke partners De afgelopen decennia is de overheid in het sociaal domein een zeer prominente rol gaan spelen, deels omdat ze dat zelf wilde, deels omdat anderen (inwoners, maatschappelijke partners) die rol verwachtten van de overheid. In 2016 is die rol aanmerkelijk bescheidener. Met het sociaal domein bedoelen we het geheel van alle inspanningen die inwoners, maatschappelijk partners en overheid met elkaar leveren om mensen in staat te stellen deel te nemen aan de maatschappij. Dat omvat dus meer dan de drie grote decentralisaties, meer dan jeugdzorg, zorg en ondersteuning en werk en inkomen. Het gaat ook om onderwijs en passend onderwijs, gezondheid, (sociale) veiligheid en wonen. Op al die terreinen laat de overheid meer los; het initiatief ligt vaker dan voorheen bij inwoners en maatschappelijke partners. De gemeente speelt daarin wel een cruciale rol: als regisseur van de professionele inzet en als verantwoordelijke voor het voorzien in een vangnet. Ze ziet erop toe dat de collectieve middelen efficiënt en effectief worden uitgegeven, ze bewaakt toegankelijkheid en kwaliteit. Ze maakt ruimte voor de inbreng van inwoners en zorgt er samen met hen en maatschappelijke partners voor dat niemand tussen wal en schip raakt. Inwoners van Amersfoort werken en zorgen soms ook buiten de stad. Leidend is dat we voor de inwoners van Amersfoort zorg en ondersteuning bieden. Het verhaal van Saïd en verderop in dit hoofdstuk dat van Susanna, Mark, het gezin De Vries en Willem geven een praktisch beeld van de nieuwe werkelijkheid in het sociaal domein in Deze vier voorbeelden zijn gebaseerd op casussen uit de huidige praktijk, die we hebben vertaald naar de nieuwe manier van werken in De gebeurtenissen zijn realistisch, de namen gefingeerd. Saïd (64) woont als Marokkaanse Nederlander sinds 1980 in Amersfoort, met zijn dove vrouw Fatna. Hun twee kinderen wonen met hun gezinnen ver weg in het zuiden van het land. Saïd heeft veel lichamelijke klachten: rugpijn, hoofdpijn en andere kwaaltjes waarvoor hij zeer regelmatig de huisarts bezoekt. De huisarts vermoedt dat achter die moeilijk te diagnosticeren kwalen sociale problematiek schuil gaat en stelt Saïd voor om contact op te nemen met het wijkteam. Saïd stemt hiermee in. 5

193 Een medewerker van het wijkteam legt een huisbezoek af en treft twee mensen vol goede wil, maar met beperkte mogelijkheden: ze kunnen zich maar met moeite handhaven en willen geen beroep doen op hun kinderen. De hulpvraag betreft vooral het houden van overzicht over de dagelijks te regelen zaken en praktische zaken in het huishouden, zoals de administratie, sociaal isolement en beperkte zelfredzaamheid. Tot nu toe sprong een verre buurvrouw regelmatig bij (onder meer om de vele brieven van instanties uit te leggen en te helpen beantwoorden). Die heeft echter een beroerte gehad en kan bijna niet meer de deur uit, dus op haar durven ze ook al geen beroep meer te doen. Het wijkteam bespreekt met Saïd en zijn vrouw waar zij ondersteuning bij nodig hebben, aan wie zij die zouden kunnen vragen en hoe zij dat kunnen bespreken. Saïd neemt contact op met de verre buurvrouw. Zij is beperkt in haar mogelijkheden, maar toch zeer bereid om te blijven helpen. Door de ziekenhuisopname na haar beroerte was ze het contact even kwijt, maar ze wil graag weer aan de slag. In geval van nood kan ze samen optrekken met iemand van de moskee, die twee straten verderop woont. Andersom kunnen Saïd en Fatna haar ondersteunen door boodschappen voor haar te doen. De kinderen hebben weliswaar een druk gezinsleven maar willen ook graag hun ouders steunen. Zij spreken af dat zij ieder eens per maand langskomen. Via de stichting Ravelijn wordt een vrijwilliger gevonden die als maatje samen met Fatna praktische zaken kan regelen en erop uit kan, waardoor Saïd wordt ontlast. Nu het plan dat Fatna en Saïd met het wijkteam hebben gemaakt wordt uitgevoerd, sluit het wijkteam de ondersteuning af. Fatna en Saïd weten dat zij als het nodig is weer contact kunnen opnemen. Met ondersteuning van de algemene voorzieningen (wijkteam en vrijwilligersbemiddeling) heeft het gezin op deze manier blijvende informele ondersteuning door het eigen netwerk en een vrijwilliger tot stand gebracht Het sociaal domein als piramide Het sociaal domein in 2016 is te zien als een piramide. De basis van die piramide bestaat uit wat mensen voor zichzelf en voor elkaar kunnen betekenen. Het gaat hier om zelfredzaamheid en samenredzaamheid, om de inzet van gezinsleden, mantelzorgers, familie, vrienden, mensen in de buurt, kerken, vrijwilligers, sportverenigingen, winkeliers enzovoort. Amersfoorters zoeken en bedenken zelf oplossingen voor problemen. In de basis kunnen veel problemen worden opgelost, maar niet alle. Soms is georganiseerde hulp nodig. In de eerste plaats komt die van scholen, kinderopvang, activiteitencentra, huisartsen, vrijwilligerscentrale, plekken waar informatie en advies kan worden gekregen en van het te vormen Advies en meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. Dat zijn plekken met een lage drempel, waar mensen vanzelfsprekend binnen komen. We vatten ze samen met het woord sociale basisinfrastructuur. Als daar de oplossing niet te vinden is, kunnen Amersfoorters terecht bij sociale wijkteams (hierna kortweg genoemd wijkteams). De wijkteams zullen dan samen met de mensen bekijken naar goede oplossingen, in eerste instantie met inzet vanuit het wijkteam. Als ook die inzet niet voldoende is, kunnen Amersfoorters een beroep doen op professionals die gespecialiseerd zijn in de aanpak van bijzondere problemen. Dat hoeft niet altijd in die volgorde: zo nodig kunnen de verschillende niveaus ook tegelijkertijd en in wisselwerking met elkaar 6

194 worden ingezet. Feitelijk werkt het hele sociaal domein zo als een vangnet met enkele lagen. Figuur 1. De opbouw van de piramide in het sociaal domein Verschil De belangrijkste verschillen in hoe het sociaal domein nu en straks werkt, zijn in het kort: Het sociaal domein biedt meer ruimte aan de eigen kracht van inwoners. Amersfoorters met plannen en initiatieven krijgen zoveel mogelijk de ruimte. Het beroep op zelfredzaamheid en samenredzaamheid neemt toe. Professionals zullen nog meer inzetten op het ondersteunen en koppelen van mensen (en netwerken) die vaardig zijn in het oplossen en aanpakken van problemen. Bijvoorbeeld mantelzorgers, buurtbewoners die het initiatief nemen om de leefbaarheid in de wijk te verbeteren en naar elkaar om te zien, ouders die elkaar helpen met de aanpak van opvoedproblemen. In 2016 zijn het niet per se de professionals die problemen oplossen. Hun rol is vooral het ondersteunen van inwoners en hun naasten bij het zelf zoeken naar de juiste oplossing. Dit vraagt een andere inzet van zowel de inwoner als de professional. Ook wordt er minder gauw een specialistische of collectief gefinancierde voorziening ingezet dan voorheen. Er wordt meer aangesloten bij de specifieke situatie van de inwoner. Vaker dan voorheen is het de gemeente die de inzet van die professional of voorziening financiert en stuurt. Maar tegelijk zijn er in 2016 nog minder overheidsmiddelen dan in Wij vangen dat op door problemen sneller te signaleren, meer in de thuissituatie zorg en ondersteuning te bieden en de hulpverlening beter op elkaar af te stemmen, waardoor er minder een beroep gedaan hoeft te worden op duurdere specialistische zorg. De meest in het oog springende organisatorische verandering is de vorming van wijkteams die in het 7

195 sociaal domein als spil en aanjager fungeren en ambulante zorg en ondersteuning kunnen bieden. Het beeld van de piramide drukt dat uit: breed aan de basis, smal aan de top. Om die werking preciezer in beeld te brengen, is het goed om dieper in te gaan op de afzonderlijke onderdelen Zelfredzaamheid en de sociale basisinfrastructuur Opvoeden, voor elkaar zorgen, elkaar ondersteunen, onderlinge bekommernis zijn dingen die Amersfoorters zelf regelen, zonder dat daar de overheid of een professional een actieve rol in speelt. De mate waarin inwoners zich daarvoor inzetten, verschilt. Een zeer intensieve variant is mantelzorg. Inwoners zetten zich ook in op lossere basis, als vrijwilliger voor kerken, moskeeën, charitatieve instellingen, buurtverenigingen, patiëntenverenigingen, de vrijwilligerscentrale, on line sociale marktplaatsen en dergelijke. Mantelzorgers, vrijwilligers en de maatschappelijke partners daaromheen ook wel aangeduid met de term civil society vormen in 2016 met elkaar de sociale basisinfrastructuur. Die is het fundament van het sociaal domein. Dáár komen mensen met hun problemen, daar zoeken en vinden ze in veel gevallen de oplossing, daar vinden mensen mogelijkheden om hun sociale energie in vrijwilligerswerk om te zetten en daar starten ook allerlei initiatieven die inspelen op (nieuwe) behoeften. In veel opzichten veranderen aard en inhoud van de sociale basisinfrastructuur amper: inwoners blijven zich voor elkaar inzetten. Wat wel verandert is, dat er meer samenhang komt tussen de onderdelen van de sociale basisinfrastructuur, zodat het een stevig fundament van de piramide vormt. Wat ook verandert, is de betekenis en de plek in het sociaal domein. Waar het sociale voorheen vooral het domein van professionals was, is er nu meer aandacht voor hoe mensen het zelf met elkaar redden en hoe dat versterkt kan worden. Amersfoorters vinden in de sociale basisinfrastructuur informatie en advies (persoonlijk of digitaal), ontmoeting en lichte ondersteuning en toerusting. Amersfoort spant zich in om vrijwilligers en mantelzorgers actief te ondersteunen bij hun waardevolle inzet. Het is goed om ons te realiseren dat er al nu al veel initiatieven worden genomen en dat we niet uit het oog moeten verliezen, dat we daarop verder kunnen bouwen. Dit is treffend verwoord tijdens een bijeenkomst in februari van dit jaar, waarin een aantal spelers in deze stad gevraagd was om te reflecteren op de beweging in het sociaal domein: We hoeven niet opnieuw te beginnen met goud te zoeken. Dat goud is al in ruime mate aanwezig in de stad, in allerlei vormen en maten! Wijkteams In de sociale basisinfrastructuur kan veel, maar niet alles. Er zijn immers grenzen aan de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van inwoners. Veel mantelzorgers ervaren overbelasting. Ook vrijwilligers kunnen zich overvraagd voelen. Een deel van de problematiek bij inwoners, in gezinnen en huishoudens vraagt om een zwaardere aanpak. Als er in de sociale basisinfrastructuur geen oplossing is, kunnen Amersfoorters in hun eigen wijk een beroep doen op een wijkteam. In elk wijkteam werken circa dertien 8

196 professionals, die met elkaar van alle markten thuis zijn, van arbeid tot zorg. Ze hebben expertise op het gebied van opvoeden en opgroeien, veiligheid en huiselijk geweld, licht verstandelijke beperkingen, lichamelijke beperkingen, psychische stoornissen, ouder worden, verslaving en financiën. Ze pakken problemen op en brengen waar nodig samenhang aan. Het wijkteam brengt samen met mensen de brede zorgvraag in beeld voor het hele huishouden, door middel van een gesprek. Samen stellen ze een plan op met doelen. Op basis daarvan wordt bekeken wat nodig is om de gewenste verbetering in iemands situatie te bereiken of de best denkbare oplossing te bieden. Als dat realistisch is, kijken de wijkteams met de inwoner naar mogelijkheden om problemen zelf, met het eigen netwerk, met vrijwillige ondersteuning of via algemene voorzieningen aan te pakken. Het wijkteam biedt zelf ook direct zorg en ondersteuning. Het gaat daarbij om vormen van hulp zoals individuele opvoedingsondersteuning, algemeen maatschappelijk werk, schoolmaatschappelijk werk, cliëntondersteuning, maar ook om zorg die voorheen op basis van een indicatie werd gegeven, zoals gezinsbegeleiding, ambulante opvoedhulp en de begeleiding en verzorging van jeugdigen met een verstandelijke beperking. Als de inschatting is, of als in de praktijk blijkt, dat de aanpak van een probleem specialistische zorg vereist, zorgen de wijkteams dat de inwoner die krijgt. De wijkteams zijn in de meeste gevallen de toegang tot die hulp. Als specialistische ondersteuning nodig is die wordt gefinancierd door de zorgverzekering, dan wordt afgestemd met de huisarts die daarvoor de toegang geeft. Als het nodig is om een goede beoordeling te maken, doet het wijkteam een beroep op de expertisepool, een groep deskundige professionals die geconsulteerd kan worden en gerichte adviezen kan geven. De specialistische hulp wordt ingezet als onderdeel van het gehele plan, gecoördineerd door het wijkteam samen met het huishouden. Kwaliteitstoetsing gebeurt op meerdere manieren in het wijkteam. In het werkproces, doordat medewerkers in duo s werken, casussen in team worden besproken en de teamleid(st)er die het individueel functioneren van teamleden monitort. En misschien wel het belangrijkste: de teamleden zijn professionele en gedreven mensen die optimale zorg willen bieden. Daarnaast vindt binnen de ambtelijke organisatie achteraf toetsing en controle van de rechtmatige en doelmatige besteding van middelen plaats (budget- en kwaliteitsbeheer en interne controle). Waar een voorziening veel specifieke kennis vereist, zoals hulpmiddelen (wonen, rollen en vervoer), inkomensondersteuning en/of toeleiding naar werk, hebben we die kennis gebundeld in een stedelijk loket. Ook inwoners die (nog) niet aan het werk kunnen, 9

197 krijgen ondersteuning bij het vinden en doen van vrijwilligerswerk of een andere vorm van (sociale of maatschappelijke) participatie. Het stedelijk loket werkt nauw samen met de wijkteams. Het wijkteam heeft de regie als er meerdere problemen spelen in het huishouden. De wijkteams zijn niet de enige toegang tot specialistische zorg. In de nieuwe Jeugdwet is opgenomen dat de huisarts, de jeugdarts en de medisch specialist direct zelf kunnen verwijzen naar de specialistische jeugdzorg en dat de toegang tot de jeugdbescherming en -reclassering via een gecertificeerde instelling moet gebeuren. Daarnaast is er sprake van een specifieke toegangsregeling voor het gebruik maken van maatschappelijke opvang. Figuur 2. De leden van het wijkteam Berg-/Leusder-/Vermeerkwartier Samenhang in de aanpak Misschien wel de grootste winst van de nieuwe inrichting van het sociaal domein is de samenhang. In het oude stelsel waren instellingen georganiseerd rond doelgroepen, deelproblemen en diagnoses. Op hun eigen, specifieke terrein konden ze vaak uitstekend uit de voeten, maar het systeem werkte belemmerend voor de juiste samenhang. In 2016 is en blijft de Amersfoorter eigenaar van zijn eigen probleem en van de oplossingen die daarvoor worden ingezet. Hij 1 voert de regie, tenzij dat echt niet kan of zelfs averechts werkt. Die samenhang is mensenwerk en ontstaat daar waar de verschillende schakels in het domein optimaal met elkaar samenwerken. Het sociaal domein moet functioneren als een slim netwerk, een organisch geheel dat kan inspelen op lokale bijzonderheden en zelfs op tekortkomingen in andere delen van het netwerk. Geen statisch systeem, maar een lerend netwerk, dat meeleeft met inwoners, de wijk en de stad. De vroegtijdige signalering van problemen is daarin van groot belang. Hoe eerder iemand in beeld komt, hoe makkelijker het vaak is om te helpen. Er zijn vele al bestaande plekken en punten in de stad waar signalering plaatsvindt. Van belang is dat signalen beter samenkomen daar waar er ook een vervolg aan kan worden gegeven. 1 Waar we hij schrijven bedoelen we natuurlijk ook zij. 10

198 Amersfoorters kunnen via de wijkteams of andere kanalen zoals de huisarts, jeugdgezondheidszorg, de wijkverpleegkundige en een stedelijke voorziening in 2016 een beroep doen op verschillende soorten voorzieningen. Dat kan variëren van opvoedingsadviezen, hulp bij het huishouden, woningaanpassingen en vervoer tot opvang, beschermd wonen, pleegzorg, specialistische GGZ, inkomensondersteuning en arbeidstoeleiding. Hieronder volgt een overzicht van verschillende voorzieningen op het gebied van jeugdzorg, werk en inkomen en zorg. Overzicht van verschillende (specialistische) voorzieningen op het gebied van jeugdzorg, werk en inkomen en zorg Jeugdzorg Werk en inkomen Zorg Specialistische zorg ambulant Specialistisch zorg intramuraal Activering en reintegratie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt Individuele begeleiding Dagbesteding en vervoer Jeugdbescherming / reclassering (SAVE) Algemeen Meldpunt voor Kindermishandeling en Huiselijk Geweld (AMHK) Crisishulp Verstrekken van bijstandsuitkeringen Maatwerkvangnet (bijzondere bijstand) Collectieve ziektekosten verzekering Schuldhulpverlening Financiële ondersteuning van kinderen bij sport en cultuur Kortdurend verblijf Cliëntondersteuning Beschermd wonen Vrouwenopvang Huishoudelijke hulp Voorzieningen voor wonen, rollen en vervoer Susanna (14) is op een vrijdagnacht in bedenkelijke staat aangetroffen op Hoog Catharijne. De politie doet een zorgmelding bij het Advies en Meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling. Het AMHK neemt contact op met het SAVE-team van Bureau Jeugdzorg. Het SAVE-team zet de vraag door naar het wijkteam dat besluit meteen op huisbezoek te gaan. De ouders vertellen dat zij zich grote zorgen maken over de grote bek van hun dochter. Op school doen zich ook problemen voor. Susanna vertelt zelf dat zij op school wordt gepest. Ze is klein voor haar leeftijd en probeert zich groter voor te doen. Op haar eigen ouders lijkt ze neer te kijken. Er wordt een casusoverleg georganiseerd op school met Susanna zelf, haar moeder, de zorgcoördinator en het wijkteamlid. Daarin worden afspraken gemaakt over de begeleiding van Susanna op school. 11

199 In overleg met het wijkteam spreken Susanna en haar ouders af dat er een coach wordt gezocht voor Susanna. Ze kiest voor de moeder van een vriendinnetje uit de buurt. Die is verrast, maar stemt in en pakt haar rol met verve op: ze voert elke week minstens een coachingsgesprek met Susanna en heeft daarnaast regelmatig contact met de ouders. Het wijkteam ondersteunt de ouders in de opvoeding van Susanna en ondersteunt ook de coach. Na een tijdje geeft de coach bij het wijkteam aan dat ze zich zorgen maakt. De ouders liggen kennelijk al een hele tijd met elkaar in de clinch. Een medewerker van het wijkteam gaat opnieuw op huisbezoek. In een eerste gesprek ontkennen de ouders dat er iets aan de hand is, maar de wijkteammedewerker houdt vol. Na enige aarzeling komen stevige financiële problemen boven tafel. Het stel komt rond van een bijstandsuitkering, maar moeder wil absoluut niet beknibbelen op uitgaven voor hun dochter, zeker nu het weer wat beter gaat. Vader hoopt het probleem met het kopen van krasloten op te lossen, maar dat heeft voorlopig vooral veel gekost. De schulden zijn intussen te hoog opgelopen. Het wijkteam spreekt af om bij het volgende overleg samen met de minimacoach een plan op te stellen om de financiële problemen in het gezin te baas te worden. Het wijkteam ondersteunt vader en moeder bij het stellen van grenzen aan de uitgaven van hun dochter Advies, informatie en toegang tot het netwerk Hoe vinden Amersfoorters in 2016 hun weg naar zorg en ondersteuning als ze er zelf en met hun naasten niet uitkomen? Ze kunnen bij de wijkteams terecht, bij de huisarts, het consultatiebureau of een vrijwilligersorganisatie in de wijk. Ook het gemeentelijk klantcontactcentrum (KCC) helpt inwoners telefonisch of aan de balie bij algemene vragen of verwijst ze door naar de juiste plek als gerichte informatie of ondersteuning nodig is. Voor Amersfoorters die moeite hebben om op eigen kracht de zorg en ondersteuning te vinden die ze nodig hebben, zijn er verschillende vormen van cliëntenondersteuning. Dat kan in de vorm van informatie en advies, of trainingen door vrijwilligers of professionals. Zo nodig kunnen Amersfoorters zich ook laten bijstaan of vertegenwoordigen door een mentor. De gemeente geeft daar informatie over en kan bewoners erbij helpen. Een belangrijke rol spelen de laagdrempelige, voor iedereen toegankelijke plekken voor informatie en advies in de wijk, waar mensen elkaar ook gewoon kunnen ontmoeten. Daar werken vrijwilligers, ondersteund door professionals. Zij bieden een luisterend oor, kennen de sociale kaart van de wijk en reiken de helpende hand. Zij beantwoorden eenvoudige vragen en verwijzen naar de sociale wijkteams of naar instanties. Ook helpen ze bewoners op weg die iets voor hun buurt willen doen Het brede sociaal domein De taken waarvoor de gemeente verantwoordelijk is op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet en de Participatiewet hebben raakvlakken met andere terreinen en het werk van andere instellingen en professionals, zoals de gezondheidszorg, het onderwijs, de woningcorporaties en de partijen in de veiligheidsketen (veiligheidsregio, politie, justitie, reclassering). 12

200 Gezondheidszorg De eerstelijns gezondheidszorg bestaat uit de huisartsen met hun praktijkondersteuners, de wijkverpleging, de jeugdgezondheidszorg en paramedici, zoals fysiotherapeuten en logopedisten. Met een deel daarvan heeft de gemeente een directe relatie, zoals met de jeugdgezondheidszorg. Met de anderen is de relatie indirect: de financiering vindt plaats door de zorgverzekeraars. De eerstelijns gezondheidszorg is voor het bieden van ondersteuning van groot belang: veel sociale problemen laten zich eerst als somatisch gelden (denk aan spanningshoofdpijn en rugklachten), wijkverpleegkundigen komen voortdurend in aanraking met sociale problematiek, huisartsen zijn belangrijke verwijzers voor de wijkteams en vormen de toegang tot specialistische zorg voor volwassenen die wordt gefinancierd door de zorgverzekering. Daarnaast behouden huisartsen en jeugdartsen de bevoegdheid direct te kunnen verwijzen naar alle vormen van jeugdhulp zonder tussenkomst van het wijkteam. Amersfoort investeert daarom in een open en levendige samenwerking tussen de eerstelijns gezondheidszorg en de wijkteams. Gezondheidscentrum Orion: Met veel enthousiasme hebben huisartsen vanuit het project Orion Straalt gewerkt aan een nieuwe aanpak om eerstelijns zorg beter te verbinden met de sociale basisinfrastructuur. In 2014 heeft dit geleid tot de opening van het gezondheidscentrum Orion. In dit centrum wordt door de huisartsen de verbinding tussen zorg en welzijn daadwerkelijk in praktijk gebracht. Dit concept komt voort uit het convenant Gezond en Vitaal Amersfoort dat tussen de gemeente en Achmea is afgesloten. Daarnaast heeft de gemeente afspraken gemaakt met de zorgverzekeraars om te zorgen dat inwoners zo compleet mogelijke dienstverlening ontvangen. Zo zijn er afspraken gemaakt over de inhoud van de zorg (de vorm van het aanbod en wanneer iemand daar recht op heeft), maar ook over het proces (aanvragen, afhandeling, wie doet wat?) en over afstemming bij de inkoop. Aan de hervorming van de langdurige zorg werkt de gemeente Amersfoort in regionaal verband samen met Achmea, (zorg)aanbieders en cliënten(organisaties) via transitietafels. Daar gaat het over thema s als continuïteit van zorg en ondersteuning, herstructurering van het vastgoed, beperken van fricties op de arbeidsmarkt, informatievoorziening, het voorkomen administratieve lasten en zorgvernieuwing. Onderwijs en passend onderwijs Verreweg de meeste kinderen volgen vanaf de leeftijd van 5 jaar onderwijs. Scholen hebben contact met leerlingen en hun ouders, maar ook met andere instellingen in de wijk, zoals voor- en naschoolse opvang, cultuur en sport. Zo zijn scholen ook in 2016 een vindplaats van kinderen en jongeren met wie het niet zo goed gaat en dus van groot belang voor het functioneren van het sociaal domein. Scholen schakelen tijdig professionals in om een beroep op dure vormen van jeugdzorg te voorkomen; ze verbinden daarbij interventies op school en thuis. En andersom: sociaal werkers 13

201 ondersteunen leerkrachten, intern begeleiders, zorgcoördinatoren op scholen. In zowel het primair als het voortgezet onderwijs en het MBO is de organisatie zo ingericht dat het wijkteam tijdig wordt ingeschakeld bij leerlingen die zorg en ondersteuning nodig hebben. Als dat nodig is, kunnen ook leerplichtambtenaren de schakel zijn tussen school, leerling en wijkteam. De wet passend onderwijs is per 1 augustus 2014 ingegaan. Gemeenten en samenwerkingsverbanden in het primair en voortgezet onderwijs zetten zich volgens deze wet in voor hetzelfde doel: jeugdigen groeien gezond en veilig op, ontwikkelen hun talenten op school, thuis en in hun vrije tijd en doen mee naar vermogen. Belangrijk is ook de aansluiting met het speciaal onderwijs: die leerlingen wonen vaak in een andere wijk dan waar de scholen staan en hebben een grotere behoefte aan zorg en ondersteuning. Zowel in het primair en voortgezet onderwijs als in het MBO is het uitgangspunt dat complexe individuele zorgvragen worden opgepakt door het wijkteam. Vraagstukken die breder zijn dan de hulpvraag van een leerling of een gezin, zoals opvoedingsondersteuning voor een specifieke school of opvang, ouderbetrokkenheid of het versterken van de handelingsbekwaamheid van leerkrachten wordt stadsbreed georganiseerd. Om als samenwerkingsverbanden en gemeenten de ambitie waar te kunnen maken, wordt in de regio Eemland gewerkt met een ontwikkelagenda. Deze bestaat uit zeven thema s. De eerste twee thema s hebben betrekken op de praktische kant van de inrichting van passend onderwijs (PO), dit betreft de thema s onderwijshuisvesting en leerlingvervoer. Thema s 3 t/m 5 hebben betrekking op de samenhang met de decentralisatie van de zorg voor de jeugd. Thema 6 richt zich op de aanpak van de thuiszitters en ten slotte in thema 7 staat de samenhang centraal, de doorlopende ontwikkellijnen. Wonen en zorg Voor de woningcorporaties, zorgaanbieders van ouderenzorg, geestelijke gezondheidszorg, fysieke en verstandelijk gehandicapten en mogelijk ook voor 14

202 projectontwikkelaars ligt er de komende jaren een grote uitdaging om nieuwe zorg- en woonconcepten met elkaar te ontwikkelen, mogelijk ook in bestaande gebouwen en complexen. Deze zijn gericht op het in staat stellen van mensen om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen. De gemeente faciliteert de betrokkenen de komende jaren om deze nieuwe zorg- en woonconcepten met elkaar te ontwikkelen. Dit door waar nodig en mogelijk partijen bij elkaar te brengen, mee te denken en mogelijke knelpunten in gemeentelijk beleid en regelgeving weg te nemen. Veiligheid Veiligheid speelt een belangrijke rol in het sociaal domein. Ten eerste via de preventie: investeren in sociale samenhang en leefbaarheid in wijken draagt bij aan een veilige leefomgeving. Als inwoners hulp krijgen, is het belangrijk dat er ook altijd aandacht is voor veiligheid. Waar mensen een gevaar vormen voor zichzelf kan bemoeizorg worden ingezet: dat is zorg waar mensen zelf niet om vragen. Bij situaties waar huiselijk geweld of kindermishandeling speelt, wordt naast een hulpverleningsplan voor het huishouden ook een veiligheidsplan opgesteld. Voor minderjarigen hebben de SAVE-teams een belangrijke rol. SAVE staat voor Samenwerken aan Veiligheid, een project voor vernieuwing van de jeugdbescherming. Binnen SAVE staat de continuïteit voor het gezin en voor de ketenpartners voorop. Zo kan één en dezelfde werker het aanspreekpunt zijn voor het gezin, ongeacht welke vorm van hulp het gezin nodig heeft en ongeacht of er sprake is van een juridische maatregel of niet. Zo nodig gaat een SAVE- medewerker mee naar een gezin om te bepalen wat de bodemeisen van veiligheid in de specifieke gezinssituatie zijn en hoe de veiligheid kan worden geborgd, zonder dat het hoeft te komen tot het opleggen van een jeugdbeschermingsmaatregel. De begeleiding van het gezin blijft dan in handen van het wijkteam. Bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling is vaak sprake van samenloop van hulpverlening met een strafrechttraject. Voor het bereiken van een duurzaam veilige situatie van de betrokkenen is het belangrijk dat de veiligheidsketen en hulpverlening met elkaar samenwerken. In 2015 zijn het Steunpunt huiselijk geweld Utrecht en Amersfoort en het Advies- en meldpunt kindermishandeling samengevoegd tot het Advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (AMHK). Daar kunnen alle Amersfoorters, inwoners en professionals, terecht met problemen of meldingen van huiselijk geweld en kindermishandeling. De hulpverlening en de veiligheidsketen trekken samen op om effectief te zijn in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, ieder met hun eigen verantwoordelijkheid. Politie en justitie zijn belangrijke samenwerkingspartners als de problemen ook een strafrechtelijke kant hebben. In het gezin De Vries zijn veel problemen. Moeder heeft een verstandelijke beperking en kampt met obesitas. Zoon Timo (4) heeft een grote taalachterstand. Vader is werkloos en gebruikte tot voor kort regelmatig geweld, ook tegen zijn vrouw. Buren klagen regelmatig over geluidsoverlast. Het SAVE-team en wijkteam hebben samen met het gezin een plan opgesteld, maar de ouders laten te weinig verbetering zien in hun gedrag. Er blijven daarom zorgen over de veiligheid van Timo en uithuisplaatsing wordt overwogen. 15

203 Dan komt bij de politie een melding van huiselijk geweld binnen die dermate ernstig is dat de burgemeester een huisverbod oplegt aan de vader. Dit schudt het gezin wakker: er moet nu echt iets gebeuren. De procescoördinator huisverbod van het AMHK spreekt met het SAVE-team en het wijkteam af dat er een zogenaamde Eigenkracht-conferentie wordt belegd. Daar wordt afgesproken dat familie en buren het gezin zullen ondersteunen en blijven motiveren tot het uitvoeren van het plan. Timo krijgt logopedie en extra begeleiding op school. De huisarts geeft een indicatie af aan vader voor een hulptraject bij De Waag en hij krijgt via de afdeling arbeidsintegratie van de gemeente hulp bij het zoeken naar werk. Moeder krijgt ondersteuning van een diëtist bij het tegengaan van haar obesitas. Het wijkteam vindt via hun contacten in de wijk vrijwilligerswerk in de buurt voor moeder. De buren houden een oogje in het zeil en vangen Timo regelmatig op. Het wijkteam ziet erop toe dat wordt voldaan aan de basisvoorwaarden voor veiligheid van Timo. Als daar twijfels over zijn, schakelt het wijkteam met het SAVE-team en gaan ze samen op bezoek. Met een melding op locatie weet de politie dat er direct actie nodig is als er opnieuw een melding komt over geweld. De sfeer in het gezin verbetert aanmerkelijk. Het plan bestaat uit een combinatie van informele ondersteuning vanuit het netwerk, ondersteuning door het wijkteam als algemene voorziening, de diëtiste en de huisarts via de eerstelijns gezondheidszorg, specialistische hulp van de Waag (ZVW) en drang vanuit het SAVE-team en de politie. Er zijn intussen heel wat hulpverleners betrokken, maar dankzij het strakke plan en de regie van de casemanager van het wijkteam leidt dat niet tot problemen Regie en keuzevrijheid Dat de inwoner zelf in het hele sociaal domein de hoofdrol speelt, betekent dat hij zo mogelijk ook de regie houdt als hij professionele zorg en ondersteuning krijgt. In complexe situaties wordt daarbij het sociale netwerk betrokken, bijvoorbeeld de mantelzorger. Er zijn ook instellingen die inwoners helpen regie te voeren. Regie kun je leren: in de gesprekken met de cliëntvertegenwoordigers en adviesraden werd benoemd dat je regie ook kan ontwikkelen. Daarnaast kwam naar voren dat regie ook te maken heeft met het gevoel controle te hebben. In elke wijk is er één wijkteam en alle inwoners in die wijk zijn in beginsel daarop aangewezen. Mochten individuele Amersfoorters met een van de medewerkers van het team niet een juiste klik ervaren, dan is er de mogelijkheid om een beroep te doen op een andere medewerker in het wijkteam. Er is een grote diversiteit onder Amersfoorters als het gaat om leeftijd, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, herkomst, geestelijke of fysieke beperking(en), geslacht, seksuele voorkeur en bijvoorbeeld de samenstelling van het huishouden en de sociaaleconomische status. Het wijkteam houdt daar rekening mee in de zoektocht met de cliënt of het huishouden naar de juiste oplossing, de juiste zorg en ondersteuning. Waar mogelijk is er keuzevrijheid voor de cliënt als specialisten buiten het wijkteam de zorg en 16

204 ondersteuning leveren. De professionele organisaties leveren de zorg en ondersteuning die aansluit bij de situatie van de cliënt: zijn zorgbehoefte, zijn capaciteiten, zijn persoonlijke voorkeuren. Bij de inkoop van zorg realiseren we waar dit mogelijk is een voldoende divers professionele aanbod, zowel qua diensten als qua medewerkers. Bij bepaalde vormen van specialistische zorg is dat niet mogelijk. Keuzevrijheid kan wel op gespannen voet staan met efficiency en kwaliteit. Als de gemeente een aanbieder niet langer contracteert omdat deze niet kan voldoen aan de samen met cliënten vastgestelde kwaliteitsnormen, verkleint dat de keuzevrijheid van Amersfoorters. Een onbeperkt aantal aanbieders brengt echter hoge administratieve lasten met zich mee, zonder dat daarmee de kans op maatwerk groter wordt. Daarnaast kunnen Amersfoorters in beginsel een persoonsgebonden budget (PGB) aanvragen zoals wettelijk is vastgelegd. De gemeente streeft er wel naar om de zorg in natura zoveel mogelijk te laten aansluiten op de vraag van de cliënten, zodat er zo min mogelijk mensen zijn die uit noodzaak voor een PGB kiezen. Voor een PGB gelden bovendien ook enkele voorwaarden: - De aanvrager moet naar het oordeel van de gemeente in staat zijn om de taken die horen bij een PBG, zoals het beheer ervan, op een verantwoorde manier uit te voeren; - De zorg en ondersteuning die met het PGB betaald wordt, moet van voldoende kwaliteit zijn; - Als het om een jeugdzorgvoorziening gaat, dan moet de cliënt bovendien motiveren waarom een aanbod in natura niet past. Om de kwaliteit te waarborgen en het risico van oneigenlijk gebruik te verminderen, is landelijk vastgesteld dat het PGB niet rechtstreeks, maar via de Sociale Verzekeringsbank wordt overgemaakt naar de zorgverlener (het zogeheten trekkingsrecht ). Willem (75) woont na het overlijden van zijn man Jacob alleen. Hij mist zijn partner erg. Hij heeft weinig sociale contacten. Met een deel van zijn familie heeft hij slecht contact omdat zij vanwege hun geloofsovertuiging problemen hebben met zijn homoseksualiteit. Een deel van zijn vriendenkring is overleden. Anderen wonen verder weg en Willem durft niet meer zo goed alleen op reis nu hij niet meer zo goed ter been is. In de buurt heeft hij alleen contact met een directe buurman. Veel mensen die hij kende zijn verhuisd met de nieuwe buren heeft hij geen contact. Hij vindt het moeilijk om nieuwe contacten te leggen omdat hij niet wil verzwijgen dat hij met een man getrouwd is geweest, maar niet weet hoe anderen daarop zullen reageren. De buurman neemt contact op met het wijkteam omdat hij zich zorgen maakt over Willem. Het wijkteam vraagt de buurman om Willem te vragen of het goed is dat zij langskomen. Na overleg met het wijkteam vraagt Willem een Wmo-vervoersvoorziening aan zodat hij weer zelfstandig kan reizen. Het wijkteamlid dat bij Willem thuis is geweest vraag bij een teambespreking of er teamleden zijn die andere homoseksuele oudere mannen in de wijk kennen. Dat blijkt zo te zijn en de teamleden stellen hem en Willem voor hun gegevens uit te wisselen. Willem sluit zich aan bij ANBO Roze, waar hij andere homoseksuele ouderen ontmoet. Enkele weken later vraagt het wijkteam aan Willem of hij een rol wil spelen in de begeleiding van een paar pubers die het thuis moeilijk hebben en bij hem om de hoek wonen. 17

205 2.6. Kwaliteit In de jaren voor de decentralisaties in het sociaal domein zijn voor de vele (vaak verkokerde) vormen van zorg en ondersteuning allerlei kwaliteitsstandaarden, keurmerken en certificeringen ontwikkeld. Die kwamen ter discussie te staan door de nieuwe inrichting van het sociaal domein, met principes als zelfredzaamheid en één huishouden, één plan. De kwaliteitsnormen die de wetgever stelt (met name in de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet) vormden vanaf dat moment een solide basis. Ook hiervoor was 2015 een overgangsjaar. In dat jaar voldeden de gemeente en de door haar gecontracteerde, professionele aanbieders aan de wettelijke eisen en aan de kwaliteitseisen. Het gaat daarbij onder meer om eisen aan de bedrijfsvoering en aan het niveau van de ingezette professionals. Op basis van dat minimumniveau is vanaf 2015 gewerkt aan vernieuwing, en wel op basis van drie uitgangspunten: - de cliëntervaring staat centraal; - de administratieve lasten zijn minimaal; - de invulling van de wettelijke kwaliteitsnormen mogen verschillen per vorm van zorg en ondersteuning; het gaat immers om een grote variëteit aan voorzieningen voor een grote diversiteit aan cliënten. Amersfoorters spelen een actieve rol in het formuleren van de kwaliteitskaders. Ze geven daarbij te kennen dat maatwerk, respect en gelijkwaardigheid een belangrijke rol spelen. Zij willen dat naar hen geluisterd wordt, dat ze gezamenlijk met de professional een plan Figuur 3. Cliënten en cliëntvertegenwoordigers verwoorden hun visie (Woordenwolk op basis van brainstorm met cliënten op 24 juni 2014) kunnen maken, met doelen en interventies waarmee ze het eens zijn. De kwaliteitszorg past in 2016 bij de nieuwe inrichting van het sociaal domein. Het zijn daarom niet de instellingen of de overheid die eenzijdig bepalen wat kwaliteit is: de ervaring van de Amersfoorters zelf is van groot belang. Vaak zijn dat individuele gebruikers van voorzieningen. De mate waarin zij tevreden zijn over de zorg of ondersteuning telt zwaar. Daarvoor wordt jaarlijks de cliënttevredenheid gemeten met behulp van landelijke instrumenten. 18

206 Er is echter meer dan alleen de individuele cliënttevredenheid: ook de ervaring van het netwerk rondom de cliënt zegt veel over de kwaliteit. Soms liggen de individuele cliënttevredenheid en de ervaring van het sociale netwerk niet in elkaars verlengde. Zo zijn zogeheten zorgmijders bijna per definitie niet tevreden met de hun geboden zorg en ondersteuning, maar de mensen rondom hen wel en de zorgmijders vaak op termijn zelf ook, als het weer beter met hen gaat. Ook vanuit het maatschappelijk belang (in termen van veiligheid en beperking van de overlast) kan zorg geboden worden waar een cliënt zelf niet om vraagt Handhaving In het sociale domein staat de integrale benadering van de zorgvraag van inwoners centraal. Door die integrale aanpak krijgen cliënten vaak te maken met verschillende en soms complexe regelingen en wetten. Wanneer de cliënt niet goed bekend is met de regelgeving, lopen we het risico dat daar onterecht gebruik van wordt gemaakt. Als gemeente proberen we fraude zo veel mogelijk te voorkómen door duidelijke voorlichting en optimale dienstverlening. We willen aansluiten op de ontwikkelingen in het sociale domein door ook op het gebied van handhaving steeds breder en integraler te werken. 1. Duidelijke voorlichting: - Contactpersoon - Heldere website - Brochure klanten - Nieuwsblad KanSZ 2. Optimale dienstverlening: - Maatwerk en maatwerkvangnet - Samenhelpen met andere instanties Beter Handhaven 4. Lik-op-stuk sanctioneren: - Alles terugvorderen - Boete of maatregel 3. Vroegtijdige detectie: - Streng aan poort - Risico- en signaalsturing - Interventieteam Daar waar desondanks sprake is van fraude, sporen wij deze zo snel mogelijk op en gaan over tot sancties. Dit vraagt onder andere om fraudealertheid bij professionals. Ook werken we steeds vaker vanuit een gemeentelijke interventieteam, waarin we integraal samenwerken met andere instanties op casusniveau. 19

207 2.8. In geval van nood Eerder in dit beleidskader is het sociaal domein aangeduid als een vangnet met enkele lagen. Elk onderdeel van dat vangnet is erop gericht problemen te voorkomen of beperkt en beheersbaar te houden en aan te pakken op een zo licht mogelijke manier, zo dichtmogelijk bij de inwoner zelf, op maat. Echter: geen enkel systeem is waterdicht. Het lokale systeem van zorg en ondersteuning kan nog zo integraal ontworpen zijn, er zullen ook in 2016 altijd Amersfoorters zijn die aanvullend maatwerk behoeven. Dat kan zijn vanwege oorzaken buiten het lokale systeem, bijvoorbeeld problemen met de zorgverzekering of met de kredietregistratie, of de stapeling van effecten van lokaal en landelijk beleid. Een andere oorzaak kan zijn dat mensen letterlijk de zorg mijden en de geboden hulp niet aannemen. Meer dan voorheen zal de gemeente te maken krijgen met crisissituaties omdat er meer mensen met zware problemen onder verantwoordelijkheid van gemeente komen. In deze gevallen is het ten eerste van belang om 24 uurs bereikbaarheid te garanderen, zodat er snel gehandeld kan worden en erger wordt voorkomen. En dan is ook de overdracht na de crisis een punt van aandacht. Wie helpt je verder als je op zondagmiddag weer uit een crisisopvang richting huis gaat? Dit vereist afspraken tussen de formele en informele partners in de keten. Soms zijn specifieke inkomensvoorzieningen nodig om te voorkomen dat mensen tussen wal en schip raken. Die bestaan per definitie uit individueel maatwerk: een combinatie van gesprekken en vaak ook financiële ondersteuning. Onderwerp in die gesprekken is in elk geval een brede beoordeling van de situatie van de aanvrager, met aandacht voor de noden maar ook voor de eigen mogelijkheden. Belangrijk daarbij is stigmatisering te voorkomen. De hele piramide is er op ingericht om mensen tijdig te helpen. Maar waar dat niet werkt worden noodmaatregelen ingezet, niet pas als alles al geprobeerd is. Acute crisissituaties zijn helaas ook in 2016 onvermijdelijk. De gemeente heeft vanaf 2015 te maken met gezinnen, jongeren en volwassenen met soms ernstige problematiek. En niet alle situaties zijn vooraf te onderkennen en te voorkomen. Dit wordt opgevangen met protocollen en werkafspraken met partners. We proberen wel van crisissituaties te leren. Elke crisis wordt geëvalueerd om te toetsen of het systeem adequaat is. En zo niet, dan wordt de werkwijze aangepast. Dit mag echter niet leiden tot het dichtregelen van de processen. Professionals moeten ruimte houden om een inschatting te kunnen maken en maatwerk te kunnen leveren Meedenken en ontwikkelen Dat Amersfoorters zelf de regie voeren over hun zorg en ondersteuning, betekent niet alleen dat ze die zoveel mogelijk zelf inrichten, maar ook dat ze actief meedenken en mee ontwikkelen. Inwoners geven in 2016 samen met de gemeente en maatschappelijke partners vorm en inhoud aan beleid. Cliënten zijn inwoners met specifieke kennis over die voorzieningen die zij nodig hebben om zelfstandig te kunnen functioneren. Cliëntparticipatie is dus niet anders dan een onderdeel van de bredere inwonersparticipatie. 20

208 Uiteraard voldoen de gemeente Amersfoort en de aanbieders aan de vereisten die relevante wetten (zoals de Wmo) in dat opzicht stellen. Op verschillende niveaus functioneren adviesraden. Inwoner- en cliëntenparticipatie gaan echter verder dan dat. Daarvoor zien we in 2016 verschillende vormen, formeel en informeel Van streefbeeld naar koersen op ambitie en doelstellingen Met opmaak: Markeren Om het streefbeeld te realiseren vraagt dat we kunnen koersen op een ambitie en doelstellingen. En dat we onze inzet bepalen: op welke wijze zetten we ons in om de doelstellingen te realiseren. Met de monitor sociaal domein die nog in ontwikkeling is, gaan we volgen of we met de inzet de doelstellingen realiseren; dit vraagt ook dat we aangeven wanneer we vinden dat een doelstelling is gerealiseerd. Dit doen we door indicatoren te bepalen, te tellen en vertellen. Hieronder zijn de ambitie en doelstellingen uitgewerkt. In het programma sociaal domein in de begroting zijn naast de ambitie en doelstellingen ook de inzet en indicatoren opgenomen. Het streefbeeld dat wij in dit hoofdstuk uitgebreid hebben beschreven laat zich kort samenvatten in de ambitie die voor het programma sociaal domein is opgenomen in de concept begroting Thans wordt deze ambitie uitgewerkt in doelstellingen en onze inzet. De ambitie: Vanaf 1 januari 2015 worden wij verantwoordelijk voor een aantal grote opgaven in het Sociaal Domein. De hulpverlening en de zorg wordt niet meer op landelijke overheid geregeld, maar op gemeentelijk niveau. Dichterbij de mensen dus die deze hulp en zorg nodig hebben. Onze ambitie is om deze zorg en ondersteuning samenhangend, vanuit het perspectief van de bewoners te organiseren. Deze overgang van taken deze transitie - willen we tevens gebruiken om de manier waarop de zorg en ondersteuning verleend wordt, aan te passen. We willen de eigen kracht van bewoners maximaal stimuleren en de samenwerking tussen partijen in de zorg en hulpverlening vergroten. We starten in 2015 met een hoge ambitie. We willen zorg dichterbij, onder verantwoordelijkheid en zeggenschap van Amersfoorters zelf regelen. Effectiever én efficiënter. Om het nieuwe systeem te bouwen en ontwikkelen, en de beweging in het sociaal domein te kunnen maken, vraagt dat we met elkaar samenwerken en in gesprek blijven. We zullen met elkaar invulling moeten geven aan een nieuwe rol en taakverdeling tussen de gemeente, burgers, maatschappelijke partners, onderwijs en ondernemers. We realiseren ons tegelijkertijd dat we, ook en misschien wel juist aan de start van een nieuwe manier van werken, steeds fouten zullen maken en dat incidenten blijven voorkomen. Onze reactie hierop is cliënt- en oplossingsgericht. We schieten daarbij niet 21

209 meteen in de reflex van extra regels, ingrijpende systeemaanpassingen of beschuldigingen. De doelstellingen Algemeen 1.Wij realiseren voor 2015 continuïteit van zorg 2.Wij kiezen vanaf 2016 voor vernieuwing van zorg en ondersteuning waarbij meer nadruk wordt gelegd op preventie en vroegsignalering zorg dichtbij en zelfredzaamheid van inwoners 3.Wij investeren in de cultuuromslag om er zorg voor te dragen dat alle partijen aangemoedigd en ondersteund worden in het vervullen van de nieuwe rollen en verantwoordelijkheden 4.Wij zoeken voortdurend de dialoog en samenwerking met de inwoners, bewonersinitiatieven, maatschappelijke partners, onderwijs en ondernemers om samen te bouwen aan het nieuwe systeem van zorg en ondersteuning 5.We streven er naar dat mensen zoveel mogelijk zelfstandig (of in hun omgeving) kunnen wonen 6.We stimuleren de participatie en zullen sociaal isolement van mensen tegengaan 7.Wij komen op voor bewoners die niet zelfstandig in hun inkomen kunnen voorzien of onvoldoende participeren in de samenleving en bieden een vangnet 8.De inzet van onze middelen is doeltreffend en doelmatig Sociale basisinfrastructuur 1.We willen de sociale basisinfrastructuur versterken en daarom a. kiezen wij in 2015 eerst voor continuïteit en maken met de structureel gesubsidieerde instellingen die in 2014 diensten aanbieden in de sociale basisinfrastructuur prestatieafspraken voor b. bieden we vanaf 2016 we ruimte aan nieuwe organisaties en partijen (waaronder bewoners-initiatieven). c. stimuleren wij initiatieven om collectieve vormen van ondersteuning op te zetten, zowel formele als informele initiatieven. 22

210 d. willen wij dat bewoners weten waar zij terecht kunnen met vragen op het gebied van het sociaal domein en hun weg kunnen vinden naar zorg en ondersteuning en voorzien daartoe in goed toegankelijke informatie en advies e. streven wij naar open en prettige plekken in wijken voor ontmoetingen, waarbij we aansluiten bij natuurlijk ontstane en bestaande plekken f. willen wij de stad ook fysiek zoveel als mogelijk toegankelijk maken en houden voor mensen met een fysieke beperking. g. realiseren wij een levendig leer- en ontwikkelklimaat voor kinderen en jongeren. h. kiezen wij ervoor om mantelzorgers als specifieke groep te ondersteunen en ontlasten bij hun taak en pakken dat samen met mantelzorgers en mantelzorgorganisaties op. Ambulante zorg en ondersteuning inclusief wijkteams 1.Wij streven naar nabije zorg op maat en een duidelijke toegangspoort naar zorg en ondersteuning en vormen daarom wijkteams voor alle wijken 2.Wij willen wijkteams die passen bij de wijk, die integraal en generalistisch werken en die bestaan uit medewerkers die deskundig, professioneel en een uitstekend oordeelsvermogen hebben. 3.Met de inzet van wijkteams willen we bereiken dat de inzet van specialistische hulp wordt verminderd 4.We besluiten in de loop van 2015 over de toekomstige organisatie, financiering en aansturing van de wijkteams Specialistische zorg en ondersteuning 1.We zorgen voor een specialistisch zorgaanbod en de beschikbaarheid van specifieke voorzieningen die goed aansluiten bij de zorgbehoeften van de inwoners van Amersfoort 2.We brengen de WMO-taken die we stedelijk willen organiseren onder in het stedelijk loket binnen onze gemeentelijke organisatie 3.We willen dat bij een acute zorgbehoefte zorg snel geleverd wordt 23

211 Bescherming en veiligheid 1.Wij bieden kwetsbare mensen laagdrempelig hulp bij psychosociale problematiek, om ernstiger problemen of escalatie van problemen te voorkomen. 2.Bij huishoudens waar sprake is van een combinatie van zorg met dwang- en drangmaatregelen, werken we vanuit het principe 'een huishouden, een plan'. 3.We beperken de instroom in de opvangvoorzieningen en bevorderen de door- en uitstroom. 4.We bestrijden huiselijk geweld en kindermishandeling daadkrachtig en treden op als de veiligheid van het kind in het geding is. Werk en inkomen 1.We zorgen er voor dat mensen met een (grotere) afstand tot de arbeidsmarkt in een beschermde omgeving zinvol kunnen doen. 2.We zorgen er voor dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt eventueel met loonkostensubsidie- zoveel mogelijk geplaatst worden in een reguliere arbeidsomgeving 3.We richten ons op de preventie en aanpak van fraude..we bieden een vangnet voor inwoners die niet zelfstandig in hun inkomen kunnen voorzien, bijzondere kosten hebben in verband met een chronische ziekte of een handicap of die onvoldoende kunnen participeren in de samenleving. 5.We hebben een sluitende aanpak voor kwetsbare jongeren. Amersfoort wil zorg en ondersteuning samenhangend, vanuit het perspectief van de burger en dichterbij de burger organiseren. Hierbij houden we rekening met de diversiteit van de Amersfoorters. In het nieuwe systeem moeten alle hulp- en zorgverleners optimaal met elkaar samenwerken: gericht op de cliënt. Daarin blijft de Amersfoorter eigenaar van zijn eigen vraag of probleem en van de oplossingen die daarvoor worden ingezet. Hij of zij blijft de regie voeren, behalve als duidelijk is dat dat geen reële optie is of zelfs averechts werkt. We blijven daarbij inzetten op het vergroten van de zelfredzaamheid en volwaardige participatie in de samenleving. Professionals zijn er voor taken die niet door mensen zelf of hun omgeving kunnen worden opgepakt omdat deze bijvoorbeeld te zwaar of complex zijn. Professionals werken daarbij samen met mantelzorgers en ondersteunen hen waar nodig, als er geen sociaal netwerk is wordt dit zoveel mogelijk opgebouwd. Een goede en complementaire samenwerking tussen formele en informele zorg is het uitgangspunt. Het aantal hulpverleners in één huishouden is zo beperkt mogelijk om 24

212 coördinatieproblemen te voorkomen. Financiële ondersteuning van burgers is als uitgangspunt altijd tijdelijk. Om het nieuwe systeem te bouwen en ontwikkelen, en de beweging in het sociaal domein te kunnen maken, vraagt dat we met elkaar samenwerken en in gesprek blijven. We zullen met elkaar invulling moeten geven aan een nieuwe rol en taakverdeling tussen de gemeente, burgers en maatschappelijke partners. 25

213 3. Wat is er al besloten over het sociaal domein in 2016? Al met al ziet het sociaal domein er in 2016 heel anders uit dan we tot nu toe gewend waren. Dat komt door wettelijke veranderingen die, vaak na een jarenlange aanloop, in 2015 hun beslag krijgen. Het nieuwe wettelijke kader is een reactie op een maatschappelijke werkelijkheid die sterk aan verandering onderhevig is. In dit hoofdstuk schetsen we die ontwikkelingen. Verder brengen we in beeld welke kaders er tot nu toe al gesteld zijn en wat er nog nader bepaald moet worden Wettelijke veranderingen met ingang van 2015 De belangrijkste wettelijke veranderingen zijn de volgende: - De decentralisatie van delen van de AWBZ naar de Wmo De AWBZ is herzien en dat betekent vooral dat het voorzieningenpakket kleiner wordt. Een deel daarvan wordt overgenomen door de zorgverzekeraars (zoals wijkverpleegkundigen), een groter deel komt onder verantwoordelijkheid van de gemeenten, de rest wordt ondergebracht in de Wet Langdurige Zorg. Mensen die voorheen gebruik maakten van AWBZ-regelingen voor individuele begeleiding, groepsbegeleiding (beter bekend onder de naam dagbesteding), kortdurend verblijf en vervoer, kloppen met ingang van 2015 bij de gemeente aan. Daarnaast wil de wetgever dat mensen langer thuis blijven wonen in plaats van in een instelling. Daartoe vindt er een scheiding van wonen en zorg plaats, zowel fysiek als in de financiering. In aanvulling op de huidige verantwoordelijkheid voor maatschappelijke opvang (voor o.a. daklozen) wordt ook de functie beschermd wonen onder onze verantwoordelijkheid gebracht als centrumgemeente. - De decentralisatie van de jeugdzorg Per 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp, preventie, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Deze vormen van hulp en zorg waren voorheen een taak voor de rijksoverheid, provincies of stadsregio s, gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars. Door die versnippering in de financiering was de jeugdzorg verre van doelmatig en nodeloos complex. De verwachting is dat er op lokaal niveau meer samenhang kan ontstaan. Alleen de zorg voor jeugdigen met een verstandelijk beperking (die levenslang op zorg blijven aangewezen) blijft een verantwoordelijkheid van het Rijk. In het kielzog van deze decentralisatie is de Wet Passend Onderwijs ingevoerd, die voor alle scholen een zorgplicht voorschrijft. - De Participatiewet In de Participatiewet worden met ingang van 1 januari 2015 alle regelingen gebundeld die er zijn om mensen te helpen meedoen met de samenleving. Bij voorkeur via een baan, maar als dat te hoog gegrepen is via bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. De gemeente blijft verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand en krijgt daarnaast onder meer de voorzieningen onder haar hoede die voorheen vielen onder de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) en de Wajong (uikeringen voor mensen die al van jongs af aan geen of minder arbeidsmogelijkheden hebben). 26

214 Deze decentralisaties gaan elk gepaard met omvangrijke budgetkortingen die gefaseerd worden doorgevoerd.. Kortom: de gemeente krijgt er veel meer taken bij, maar er is minder budget om deze taken uit te voeren. Voorzieningen De (Wmo 2015) maakt een onderscheid tussen: - Algemene voorzieningen Dit is het aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning. - Maatwerk voorzieningen Hier gaat het om een op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen ten behoeve van: o zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen o participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen o beschermd wonen of opvang voor personen die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving in verband met psychische of psychosociale problemen of omdat zij de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld. Volgens de Jeugdwet gaat het om de volgende vormen van voorzieningen: - Basishulp: o Voorzieningen gericht op preventie van opvoed- en opgroeiproblemen o Sociaal team voor hulpverlening bij opvoed- en opgroeiproblemen - Specialistische jeugdhulp o Hulp voor jeugdigen met (ernstige) opvoed- en opgroeiproblemen die niet preventief of door sociaal team geboden kan worden o Hulp voor jeugdigen met psychische klachten of stoornissen (voorkomen, behandelen en genezen) o Hulp voor jeugdigen met een verstandelijke beperking o Begeleiding en persoonlijke verzorging jeugdigen - Overige en individuele voorzieningen: - Het college stelt bij nadere regeling vast welke overige en individuele voorzieningen op basis van de basishulp en specialistische jeugdhulp beschikbaar zijn. En verder: - Kinderbeschermingsmaatregelen: o Voogdij en de voorlopige voogdij - Jeugdreclassering: 27

215 o Reclasseringswerkzaamheden en het begeleiding van en toezicht houden op jeugdigen die deelnemen aan een scholings- en trainingsprogramma. Gecertificeerde instellingen hebben wettelijk gezien de positie om aan te geven welke jeugdhulp in specifieke gevallen ingezet moet zetten. Ook kinderrechters, het openbaar ministerie en de directeur of de selectiefunctionaris van een justitiële jeugdinrichting (JJI) hebben deze in de wet verankerde positie. Samengevat betekent het landelijk kader dat ook in het nieuwe systeem de functies van Jeugdbescherming en Jeugdreclassering vrij scherp zijn vastgelegd. De ruimte voor de gemeente voor de uitvoering van deze taken betreft dan ook voornamelijk de positionering van deze taken in het brede palet van de zorg voor jeugd Maatschappelijke context De veranderingen in de wetgeving komen niet uit de lucht vallen. De verhouding tussen overheid en inwoner is al langere tijd aan het verschuiven. Na de Tweede Wereldoorlog werd een omvangrijk stelsel van voorzieningen voor sociale zekerheid, onderwijs, zorg en welzijn opgebouwd, waarin de rijksoverheid steeds meer de hoofdrol kreeg: de verzorgingsstaat. Al in de jaren zeventig werd duidelijk dat die verzorgingsstaat problemen kende. Hij was moeilijk duurzaam te financieren en er was veel kritiek op de bureaucratie, de complexiteit en de gebrekkige aansluiting van de voorzieningen op wat mensen nodig hadden. De oplossing werd gezocht in twee richtingen: marktwerking en decentralisatie. Intussen werden inwoners mede ten gevolge van de verzorgingsstaat steeds mondiger. Ze verlangden steeds nadrukkelijker dat de voorzieningen aansloten op hun eigen leefsituatie en waren in meerderheid steeds beter in staat om hun eigen leven te organiseren. Steeds minder ouderen bleken bijvoorbeeld van plan om zich in hun derde levensfase te laten onderbrengen in bejaardenoorden. Ze wilden zo zelfstandig mogelijk blijven wonen. Ook veel mensen met een beperking en mensen met psychiatrische problemen wilden een eigen, volwaardige plek in de samenleving. Niet iedereen kan en wil in die trend mee. Veel Nederlanders hebben moeite met meekomen in de steeds complexer wordende samenleving. Een deel van hen is functioneel analfabeet. Doordat we steeds verder van elkaar af wonen en de arbeidsparticipatie van vrouwen groeide, is de vanzelfsprekendheid van sociale netwerken kleiner geworden. De koers van het beleid van diverse kabinetten in de afgelopen decennia is echter duidelijk gebleven: minder dure instituties, meer zorg in en rondom het huis, een grotere rol van informele netwerken en familieverbanden. Die koers kwam in een stroomversnelling toen de westerse wereld vanaf 2008 in een crisis terecht kwam. Om de financiële sector van ineenstorting te redden moest de overheid aanzienlijke verplichtingen aangaan, terwijl de economie kromp. Dat betekende: minder inkomsten, minder uitgaven en binnen Europees verband het verbod om dat probleem op te lossen met een te snel oplopende staatsschuld. De regering koos voor aanzienlijke bezuinigingen, ook op sociale zekerheid, zorg en welzijn. De komende jaren zal moeten blijken hoe die maatschappelijke trends leiden tot nieuwe 28

216 verhoudingen in het sociaal domein. Uit onze gesprekken met maatschappelijke partners en cliëntorganisaties in Amersfoort blijkt dat er zorgen zijn. Hoeveel kan er bezuinigd worden voordat de voorzieningen onder een kwalijke ondergrens komen? Hoeveel veerkracht kan die mondige inwoner opbrengen? Wat kunnen sociale verbanden in steden en wijken aan? Maatschappelijke partners in Amersfoort geven aan dat ze de inhoudelijke lijn ondersteunen en ook mogelijkheden zien om te bezuinigen. Maar: het tempo waarin dit moet gebeuren is te hoog. Er is meer tijd nodig om vaste kosten af te bouwen en bijvoorbeeld gebouwen te verkopen of anders in te richten. Dit zorgt voor frictiekosten waarvan nu niet duidelijk is wie hiervoor verantwoordelijk is. Duidelijk is in elk geval dat de overheid niet meer in alle gevallen de reddende hand kan en moet bieden. Het initiatief is aan de burger, de rol van de overheid en de door haar gefinancierde instellingen en professionals is die van ondersteuning en facilitering. In de kern is dat niet een radicale breuk. Ook in de hoogtijdagen van de verzorgingsstaat en ook tijdens de crisis werd het leeuwendeel van de zorg en ondersteuning geleverd door inwoners onderling, in de vorm van mantelzorg, informele zorg en burenhulp. Het percentage mantelzorgers en vrijwilligers in ons land is al jaren ongeveer gelijk en in vergelijking met andere landen vrij hoog. Ook de professionele zorg en ondersteuning veranderde mee: daar kwam een sterkere nadruk op samenwerking en zelfs ketenvorming en op werken in de eerste lijn en in wijken. Toch verandert er wel iets: de inwoner ontwikkelt zich steeds meer tot mondige doe-het-zelver, de overheidsfinanciën blijven voorlopig krap en de gemeentelijke overheid staat aan het roer. Tegelijkertijd zijn er ook mensen die geconfronteerd werden met een stapeling van de effecten van bezuinigingsmaatregelen. De kunst is om in die nieuwe verhoudingen ook het sociaal domein anders in te richten Kaders die Amersfoort al heeft vastgesteld Voor die nieuwe inrichting van het sociaal domein heeft de gemeente Amersfoort in de afgelopen jaren al een groot aantal besluiten genomen. Zo stelde de gemeenteraad in juli 2013 de visie en uitgangspunten voor de beweging in het sociaal domein vast en besloot hij in december 2013 over het organiseren van de beweging in het sociaal domein. Een belangrijke mijlpaal was verder het raadsbesluit in juli 2014 om de wijkteams in te richten. De gemaakte keuzen zijn als volgt samen te vatten Inhoud: visie en uitgangspunten De visie voor de beweging in het sociaal domein werd vertaald in een zevental inhoudelijke uitgangspunten voor het sociaal domein: 1. Zelfredzaamheid voorop Als ondersteuning gevraagd wordt, dan kijken we eerst wat iemand zelf kan. We vergroten de zelfredzaamheid en benutten en versterken daarbij de contacten met de omgeving. We nemen het probleem daarbij niet over, maar zorgen dat iemand zelf aan het stuur blijft. 2. De omgeving doet mee 29

217 Iedereen doet mee in Amersfoort. Dat geldt niet alleen voor de mensen die hulp nodig hebben, maar voor iedereen. Buurtbewoners, familie, de gemeente, hulpverleners, de politiek en bijvoorbeeld ook werkgevers. Iemand die hulp of ondersteuning nodig heeft, staat nooit alleen. De omgeving is vaak meer dan bereid om te helpen. Maar dat gaat niet altijd vanzelf. Het kan nodig zijn dat iemand helpt organiseren dat de omgeving meedoet in de oplossing van het probleem of de vraag. Een belangrijk uitgangspunt is dus dat we altijd eerst zoeken naar oplossingen in de eigen omgeving: het gezin, het eigen netwerk, de buurt. 3. Voorkomen is beter dan genezen Als we op tijd kunnen signaleren dat er bij iemand een vraag om hulp is, en daar goed op inspelen kunnen we problemen voorkomen. Dat is natuurlijk prettiger voor de mensen waar het om gaat en ook nog eens goedkoper. Daarbij is het nodig dat we oog hebben voor de mensen die geen vraag (durven te) stellen, niet weten dat ze hem kunnen stellen of niet weten waar. We rekenen hierbij op de signalerende rol van zowel formele als informele organisaties en mensen in de persoonlijke omgeving. 4. Oplossingen per persoon, soms samen Het is belangrijk om per persoon te kijken hoe iemand het best geholpen is. Dat betekent niet dat elke oplossing ook persoonlijk hoeft te zijn. De oplossing kan soms juist liggen in het gebruik maken van activiteiten die voor een groep bedoeld zijn. Denk bijvoorbeeld aan een buurtmaaltijd in plaats van bezorging aan huis. Deelnemen aan een groep geeft de mogelijkheid om contact op te doen met andere mensen. Het ontmoeten van andere mensen is niet alleen prettig, maar kan ook weer nieuwe informatie of hulp opleveren. 5. We laten niemand vallen Als iemand hulp nodig heeft, moet hij of zij eerst proberen om dat zelf in zijn omgeving te regelen. Maar dat is niet altijd wenselijk, of kan of lukt niet altijd meteen. Als het echt niet kan, moet de hulp van professionals komen. Er moet altijd ondersteuning zijn voor mensen die het moeilijk hebben. Die professionele hulp komt alleen nooit in de plaats van de eigen verantwoordelijkheid van mensen. 6. Hulp dichtbij huis Als mensen hulp en ondersteuning nodig hebben, zoeken we die dichtbij huis. In het eigen netwerk, de straat, buurt of wijk. En we maken daarbij gebruiken van het aanbod van zorg en welzijn in de buurt. Ondersteuning in de buurt of wijk is makkelijk te vinden via één ingang, snel toegankelijk en gebundeld. 7. Eén huishouden, één plan Er zijn huishoudens die geholpen moeten worden omdat zij meerdere problemen tegelijk kennen. Deze mensen zijn niet geholpen door op verschillende onderdelen van het dagelijks leven iets te organiseren, maar juist door een plan te maken om alle problemen in één keer aan te pakken. Ook in het geval van gezinnen kijken we naar wat de gezinsleden zelf wel kunnen doen en welke mogelijkheden er zijn voor hulp in de omgeving. 8. Snelle interventies als hulp nodig is Met opmaak: Lettertype: Cursief, Onderstrepen 30

218 Organisatie Om deze uitgangspunten te realiseren is een organisatie nodig. Daarvoor heeft de raad in 2013 en 2014 uitgangspunten vastgesteld. 1. Wijkgericht werken is een van de uitgangspunten voor de drie decentralisaties. We ontwikkelen met inwoners, professionals en instellingen een aanpak die goed aansluit bij de kenmerken en behoeften van bewoners en ondernemers in de wijk. 2. De toegang voor onze inwoners tot algemene basisvoorzieningen beleggen we primair bij de sociale wijkteams en steunpunten in de wijk (STIPS). Daar waar het effectief en efficiënt is organiseren we ook de toegang voor de tweedelijns zorg op die manier. 3. De toegang voor de ondersteuning die niet is belegd bij de sociale wijkteams en/of STIPS concentreren we zo mogelijk op één plek in de stad. We onderzoeken of en op welke manier de huidige loketten van bijvoorbeeld UWV, Wmo en Sociale Zekerheid zouden kunnen worden samengebracht. 4. Ondersteuning die niet effectief en efficiënt in de wijk of in de stad kan worden georganiseerd, organiseren we in de regio Amersfoort en als dat niet kan op schaal van de provincie Utrecht. De kern is dat we lokaal uitvoeren wat lokaal kan en (boven-)regionaal doen wat écht niet lokaal kan worden uitgevoerd. 5. Voortbouwen op en/of uitbreiden van de bestaande activiteiten, voorzieningen en bewonersinitiatieven in de wijken. Hiermee maken we optimaal gebruik van bestaande structuren. 6. Zorgbehoevenden die langdurige zorg nodig hebben, krijgen keuzevrijheid in het selecteren van zorgaanbieders die bij hen passen. Door zo te werken, investeert Amersfoort in het bevorderen van sociale samenhang, toegankelijkheid, veiligheid en leefbaarheid. Met name de sociale basisinfrastructuur is daarbij van belang Sturing en financiering De organisatie van het sociaal domein dient op een adequate manier te worden gestuurd en gefinancierd. Daarvoor zijn de volgende uitgangspunten vastgesteld: 1. Voor sommige vormen van ondersteuning zoals de residentiële jeugdvoorzieningen is het niet efficiënt deze op lokaal niveau in te kopen. Die vormen van ondersteuning kopen we in met de gemeenten in de regio We geven ondersteuning binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde budgetten en de al in de gemeentebegroting aanwezige middelen voor deze domeinen (onder meer jeugd en wijkwelzijn). Kortingen op deze budgetten compenseren we niet vanuit de gemeentelijke begroting. De Participatiewet is daarop een uitzondering, aangezien daarover in het coalitieakkoord, het collegeprogramma 2013/2014 en de kadernota andere afspraken zijn gemaakt. 3 2 Onder inkopen worden verschillende vormen van financiering verstaan, waaronder subsidiëring, klassiek aanbesteden en bestuurlijk aanbesteden. 3 Hierover staat in het Coalitieakkoord : De coalitie is bereid geld uit de algemene middelen in te zetten om de gevolgen van de participatiewet voor de betreffende mensen te verzachten. Indien uit het nieuwe wetsvoorstel Participatiewet blijkt dat vanaf 1 januari 2015 aanvullende maatregelen nodig zijn zal het college ter zake een voorstel aan de raad voorleggen. Hierbij wordt primair bezien of de 31

219 3. Als er op onderdelen van de ondersteuning meer middelen nodig zijn, zoeken we die primair door herschikking binnen het beschikbare budget. Dat is zonder schotten inzetbaar. Binnen deze kaders heeft de raad in juli 2014 besloten om per 1 januari 2015 stadsbreed in elke wijk van Amersfoort een wijkteam operationeel te hebben dat zelf ook zorg en ondersteuning biedt en daarnaast zo veel mogelijk functioneert als toegang tot ondersteuning en voorzieningen met uitzondering van de toegang tot zorg en voorzieningen waarvoor specifieke (technische) kennis nodig is. De sturing op de wijkteams ligt in handen van de gemeente en de kosten (geraamd op 10,9 miljoen) worden gedekt uit de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor het sociaal domein en de bestaande middelen in de gemeentebegroting. Uitgangspunt voor 2015 is functiegerichte bekostiging van de wijkteams en substitutie van taken (nieuw voor oud); zie voor meer informatie: Landelijke en regionale samenwerking Amersfoort werkt op vier niveaus samen in het sociaal domein, zie ook onderstaande afbeelding. - Een aantal functies, met name in de jeugdzorg, wordt landelijk ingekocht. Dit betreft zeer specialistische functies zoals kinder- en jeugdpsychiatrie in academische ziekenhuizen. De VNG maakt hiervoor de afspraken. Voor een deel worden de functies betaald door het VNG (die hiervoor rechtstreeks middelen van het rijk ontvangt), voor een ander deel nemen de gemeenten zorg af naar behoefte en betalen daarvoor volgens de gemaakte afspraken,. - Amersfoort werkt met de regiogemeenten samen op provinciaal niveau met de vijf andere Utrechtse regio s. Ook hier gaat het om de jeugdzorg, waarbij afspraken zijn gemaakt over de ontwikkeling en uitvoering van bijvoorbeeld de SAVE aanpak (Samen Werken aan Veiligheid), het Advies- & Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (AMHK). en de aansluiting op de justitiële instellingen. - In de regio Amersfoort Amersfoort (Amersfoort, Leusden, Baarn, Bunschoten, Soest, Woudenberg en voor onderdelen Eemnes en Nijkerk) vindt intensieve samenwerking en bestuurlijke afstemming plaats over de ontwikkeling van de Wmo, jeugd en werk en inkomen. Dit is noodzakelijk omdat zorgaanbieders vaak niet alleen lokaal opereren en ook het hoger en middelbaar onderwijs bovenlokaal zijn georganiseerd. Daarnaast is het efficiënt om kennis en ervaring uit te wisselen. De regio kent ook een indeling naar arbeidsmarkt. Amersfoort werkt in het kader van de Participatiewet samen in de arbeidsmarktregio Amersfoort. Hierin nemen naast Amersfoort als centrumgemeente deel: Leusden, Baarn, Bunschoten, Soest, Woudenberg en Nijkerk. maatregelen zijn te financieren door herschikking binnen het ontschotte budget voor het sociaal domein. 32

220 - Amersfoort is centrumgemeente en heeft de verantwoordelijkheid voor organiseren van opvang en beschermd wonen in het centrumgemeentegebied (regio Amersoort en Heuvelrug, het oostelijk deel van de provincie). - Voor de aanpak huiselijke geweld moeten centrumgemeenten met hun regiogemeenten een regiovisie huiselijk geweld opstellen als uitwerking van het bredere beleidskader. Centrumgemeenten Amersfoort en Utrecht werken hiervoor samen aan een bovenregionale regiovisie van alle gemeenten in de provincie. - Amersfoort is gastgemeente voor 2015 voor twee taken: o Het verwerven van zorg voor (delen van) de Wmo en jeugdzorg en het verzorgen van de daarbij behorende financieel-administratieve organisatie o Het uitvoeren van dienstverlening voor Wmo-taken die tot en met 2014 door de gemeenschappelijke regeling SBG zijn uitgevoerd. Daarbij is randvoorwaarde dat het gaat om de verwerking van eenduidige producten, tegen kostprijs. Er zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met gevolgschade en besluitvorming. Nb. De indelingen van de regio Amersfoort en het centrumgemeentegebied overlappen, maar zijn niet identiek. Daarnaast nemen ook niet alle gemeenten in de regio alle diensten af die Amersfoort als gastgemeente levert. Figuur 4. Overzicht van landelijke en regionale samenwerking. 33

221 4. Wat is er nodig om te komen waar we willen zijn in 2016? Binnen de gestelde kaders zoals ze hiervoor zijn beschreven, beweegt het sociaal domein in Amersfoort in principe in de gewenste richting. Dat in principe betekent drie dingen. Ten eerste is duidelijk dat er nog zaken georganiseerd en besloten moeten worden om te komen waar we in 2016 willen zijn en ook om op 1 januari 2015 op een goede wijze het transitiejaar in te kunnen gaan. Ten tweede is het nodig om een aantal zaken verder uit te werken en hebben we ontwikkelopgaven. Ten derde moeten we de ontwikkelingen in de praktijk steeds terdege monitoren om te kunnen beoordelen of de beweging inderdaad de goede kant op gaat of dat er aanpassingen nodig zijn Wat is minimaal vereist begin 2015? Vanaf 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor een heel pakket aan taken. Niet alles zal op 1 januari 2015 geregeld zijn. Maar wat zijn dan de basis- of minimumvereisten die klaar moeten staan? Minimaal moet voorzien worden in het volgende:: 1. Zorg voor / aan cliënten wordt gecontinueerd (zorgcontinuïteit). Dit vereist afspraken met zorgaanbieders en duidelijkheid aan cliënten dat bestaande trajecten doorlopen. 2. Inwoners kunnen met (nieuwe) vragen voor ondersteuning of hulp terecht in de sociale basisinfrastructuur (ook de huisarts, wijkverpleegkundige en de jeugdgezondheidszorg) wijkteams en/of een stedelijk loket. En deze kunnen op hun beurt weer specialistische hulp inschakelen. Hiervoor zijn afspraken met deze partners in de basisinfrastructuur nodig, moeten de wijkteams en stedelijk loket operationeel zijn en moeten inwoners weten waar ze met hun vragen voor ondersteuning terecht kunnen. 3. Basis sturings- en verantwoordingssystemen zijn ingericht. Dit betreft met name de bedrijfsvoering van de gemeente en de afspraken hierover met zorgaanbieders en partners in de sociale basisinfrastructuur. Hiermee kunnen contractafspraken, budgetten en wachtlijsten worden gemonitord Wat moeten we nog organiseren? We lopen de belangrijkste zaken langs die nog georganiseerd moeten worden om in 2016 te komen waar we willen zijn en goed te kunnen beginnen aan het transitiejaar De sociale basisinfrastructuur Om de sociale basisinfrastructuur te versterken, kiest de gemeente in 2015 eerst voor continuïteit: met de structureel gesubsidieerde instellingen die in 2014 diensten aanbieden in de sociale basisinfrastructuur, maken wij ook voor 2015 prestatieafspraken. Wij richten dit aanbod nu in voor drie functies: informatie & advies, ontmoeting en ondersteuning & toerusting. Daarnaast faciliteren wij de interactie en samenwerking met bewonersinitiatieven. In 2015 werken wij met onze maatschappelijke partners (inwonerinitiatieven, vrijwilligers- en welzijnsorganisaties, sociaal ondernemers, etc.) toe naar een basis voor de wijze waarop wij vanaf 2016 afspraken willen maken met het veld. 34

222 Wij behouden daarin de regie. We gaan de incidentele en structurele budgetten en subsidieregelingen herzien en een groter deel van die middelen beschikbaar maken voor de ondersteuning van bewonersinitiatieven en innovatie. Ook kunnen er met andere organisaties afspraken worden gemaakt. Om Amersfoorters tijdig te voorzien van de juiste informatie en advies zorgt de gemeente in alle wijken voor laagdrempelige voorzieningen voor informatie en advies met daaraan gekoppeld een ontmoetingsfunctie. Dat kan een STIP zijn. We onderzoeken nog hoe we deze voorzieningen vormgeven. We doen dat mede op basis van de evaluatie van de bestaande STIPS. Naast deze functie op wijkniveau zal de gemeente ook een algemeen stedelijk telefoonnummer en website openen voor informatie en advies. Via deze kanalen kunnen inwoners algemene vragen stellen en hun weg vinden naar specifieke informatie en advies. Mantelzorgers vormen een cruciale schakel in het sociaal domein. Van hen wordt al veel gevraagd en mogelijk nog meer. Overbelasting is steeds een risico. Daar moet een passende ondersteuning tegenover staan. Samen met de mantelzorgers kijken we waar deze ondersteuning het beste uit kan bestaan, of de ondersteuning goed aansluit bij de behoefte, en wat er al is. In de gesprekken met cliënten en partners kwam duidelijk naar voren dat er veel zorg is over de ondersteuning van de mantelzorgers. Komend jaar is het van belang de bewustwording te vergroten dat mantelzorgers ondersteund en ontlast moeten worden. Dit betekent iets voor de mantelzorger zelf die soms moet los laten, alsook voor de zorgontvanger die soms minder moet claimen. En tot slot ook voor de professional: die moet oog hebben voor de gelijkwaardige positie van de mantelzorger. Voor de gemeenten is er ook een rol, namelijk het wegnemen van tegenstrijdige regelgeving. Partnerorganisatie bij bespreking beleidskader: Zorg dat mantelzorgers adem kunnen halen! Het is van belang dat mantelzorgers af en toe afstand kunnen nemen om overbelasting te voorkomen De wijkteams Op dit moment is de vorming van wijkteams in volle gang. Op 1 januari 2015 zijn er in alle wijken wijkteams. In 2015 worden bij zorgaanbieders uren zorg ingekocht die medewerkers van deze aanbieders leveren in de wijkteams. Deze medewerkers blijven in dienst bij hun oude werkgever maar leggen verantwoording af aan de gemeentelijke leiding van de wijkteams. De wijkteams maken organiek deel uit van de gemeentelijke organisatie. De jeugdwet stelt dat jeugdhulpverleners moeten voldoen aan specifieke kwaliteitseisen en dat dit geregistreerd wordt. Dit betekent onder andere verplichte scholing. Aangezien in de sociale wijkteams medewerkers uit verschillende beroepsgroepen werken die allemaal ook ingezet worden bij de jeugdhulpverlening moet worden uitgezocht hoe de wijkteams aan de kwaliteitseisen kunnen voldoen. 35

223 Op enig moment is ontwikkeling van de wijkteams zo ver gevorderd dat het werk van de wijkteams mogelijk meer op afstand van de gemeente kan worden uitgevoerd. In de loop van 2015 besluiten we over de toekomstige organisatie, financiering en aansturing. We zullen hierover weer met de raad in gesprek gaan Het stedelijk loket We hebben al een goed stedelijk loket binnen onze gemeentelijke organisatie van waaruit we zorg dragen voor inkomensondersteuning, activering en arbeidstoeleiding. Dit loket gaan we ook benutten voor de Wmo-taken die we stedelijk willen organiseren: op het gebied van wonen, rollen en vervoer. Vanwege de overgangssituatie zullen we ook vanuit dit stedelijk loket de organisatie van de oude Wmo-taken continueren. In dit stedelijk loket worden ook taken voor regiogemeenten verricht. Hiervoor worden met de gemeenten dienstverleningsovereenkomsten gesloten Welke besluiten moeten we nog nemen? Om in 2016 te zijn waar we willen zijn, maar ook om klaar te zijn voor de transitie op 1 januari 2015 moeten we over een aantal zaken nog besluiten nemen. We lopen de belangrijkste besluitvorming die nog moet plaatsvinden langs Participatiewet De invoering van participatiewet vraagt nog de nodige voorbereiding en besluitvorming. De regionale portefeuillehouders werk en inkomen hebben afspraken gemaakt over de wijze waarop deze voorbereiding wordt ondernomen. Zij hebben uitgangspunten en processtappen bepaald. De raad is hierover onder andere geïnformeerd met raadsinformatiebrief en Op dit moment is verdere benodigde besluitvorming in voorbereiding Verordeningen en nadere regels Om zaken goed te regelen moeten wij vóór januari 2015 een nieuwe verordening voor de Wmo en de Jeugdzorg opstellen. Ook in het kader van de invoering van de participatiewet moeten er verordeningen worden opgesteld. De verordeningen vragen besluitvorming door de raad. Daarnaast moeten de verordeningen uitwerkt worden in nadere regels. Dat is een bevoegdheid van het college. Een overzicht van de verordeningen en nadere regels staan in bijlage Klachtenregeling In het kader van de eisen van de nieuwe wetgeving rondom de jeugdzorg en de Wmo worden bestaande klachtenregelingen aangepast. Ook voor het werk dat gedaan wordt in de wijkteams is het nodig dat we een klachtenregeling opstellen die voldoet aan zowel de Algemene Wet Bestuurrecht, de Wmo als de Jeugdwet. Op dit moment wordt gewerkt aan de besluitvorming hierover Calamiteitenprotocol 36

224 In het kader van de nieuwe wettelijke taken voor de jeugdzorg en Wmo moeten nieuwe afspraken met alle betrokkenen worden gemaakt over hoe te handelen in geval van calamiteiten in de jeugdzorg en de Wmo. Ook hierover wordt besluitvorming voor het einde van dit jaar voorbereid. Hierbij kunnen we de al bestaande gemeentelijke protocollen, werkprocessen en de brede ervaring van de gemeenten in het omgaan met ernstige incidenten goed benutten. Ook de zorgaanbieders werken al met calamiteitenprotocollen en hun ervaring zullen we meenemen. Bij calamiteiten zijn in eerste instantie erkenning en ondersteuning voor degenen die bij het incident betrokken zijn van wezenlijk belang. Vervolgens is het onderzoek volgend op calamiteiten gericht op het achterhalen van oorzaken en de beïnvloedende factoren die het incident mogelijk hebben gemaakt en het doen van aanbevelingen voor veiligheids- en kwaliteitsverbeteringen om herhaling te voorkomen Eigen bijdragen Het wettelijke kader biedt ons de mogelijkheid om voor voorzieningen een eigen bijdrage te vragen. Hiervoor geldt echter een aantal beperkingen. Zo mag geen eigen bijdragen gevraagd worden voor de meeste onderdelen van de jeugdzorg. Het systeem van eigen bijdragen draagt bij aan: - solidariteit / ontzien van lage inkomens - eigen verantwoordelijkheid en kostenbewustzijn - het beïnvloeden van het gebruik van zorgvoorzieningen - de betaalbaarheid van de voorzieningen. Op basis van deze argumenten gaan wij werken met eigen bijdragen, Dit zal in de verordeningen en nadere regels geconcretiseerd worden. Hierbij zal nadrukkelijk aandacht zijn voor het voorkomen van ongewenste stapelingen van eigen bijdragen Tegemoetkoming kosten voor chronisch zieken en gehandicapten Tot voor kort waren er twee landelijke regelingen die voorzagen in compensatie voor de meerkosten van chronisch zieken en gehandicapten: de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (WTCG) en de regeling Compensatie Eigen Risico (CER). Deze regelingen zijn beëindigd omdat ze te ongericht waren en hun doel voorbij schoten. Een deel van het budget wordt overgeheveld naar de gemeente, met de opdracht via maatwerk gericht te voorzien in deze compensatie. Bij de invulling van dit maatwerk denken wij aan de volgende elementen: Voor de meerkosten in het algemeen van chronisch zieken en gehandicapten scheppen we met ingang van 2015 een extra pakket binnen de collectieve zorgverzekering. De gemeente draagt bij aan de extra premie, het is aan de inwoner om zich al dan niet extra te verzekeren. Voordelen zijn: geringe bureaucratie, geen lastige indicering wie wel of niet tot de doelgroep chronisch ziek of gehandicapt behoort, geringe uitvoeringskosten. Maar er is ook een nadeel: minder keuzevrijheid voor de verzekerde. Het extra aanvullende pakket kan slechts worden afgenomen bij één verzekeraar. 37

225 Voor chronisch zieken en gehandicapten, die beperking ondervinden in zelfredzaamheid en participatie, gelden de inhoudelijke uitgangspunten van de beweging in het sociaal domein. Dat wil zeggen: niet de ziekte of de handicap op zich staan voorop; het gaat om de ondervonden beperkingen in zelfredzaamheid en participatie. We gaan breed kijken wat er nodig is om de zelfredzaamheid en participatie te verbeteren. Als hoge extra kosten ten gevolge van chronische ziekte of handicap (voor zover niet op te vangen binnen de collectieve ziektekostenverzekering) beperkingen geven in zelfredzaamheid of participatie is er een individueel ondersteuningsarrangement mogelijk om die financiële beperkingen te verminderen. Tegemoetkoming voor mensen tot een nader te bepalen inkomen van de compensatie van het eigen risico (CER). Verwacht wordt dat in november 2014 besloten kan worden over het voorstel tot een samenhangend pakket van maatregelen. In het toewerken naar dit voorstel zoeken we actief het contact op met belanghebbende partijen Welke ontwikkelvraagstukken hebben we? Het jaar 2015 is een transitiejaar en zal juist daarom vooral een leerjaar worden. Zonder volledig te kunnen zijn onderkennen we op dit moment de volgende ontwikkelvraagstukken De rollen van en relatie tussen inwoners, overheid en maatschappelijke partners Cruciaal in de beweging in het sociaal domein is de verandering in de rolverdeling: overheid en maatschappelijke partners ondersteunen inwoners bij het vinden van oplossingen. Het voortouw ligt bij de bewoners en hun naasten zelf. Daar zitten grenzen aan. Nu al spannen veel bewoners zich als mantelzorger en vrijwilliger tot het uiterste in; het is maar de vraag of daar veel rek in zit. Sommige bewoners die het zelf niet redden hebben eenvoudigweg geen netwerk om zich heen; of hun naasten zijn zelf mensen met een zorgvraag; of hun familie wil niets meer van hen weten. In zulke gevallen zullen professionals niet kunnen volstaan met faciliteren. Uit gesprekken met inwoners en maatschappelijke partners komt naar voren dat mensen zich veel zorgen maken en vrezen dat veel mensen tussen wal en schip raken. Het is belangrijk dat er veel geïnvesteerd wordt in de cultuuromslag en er zorg voor te dragen dat alle partijen aangemoedigd en ondersteund worden in het vervullen van de nieuwe rollen en verantwoordelijkheden. Dit vraagt dat we voortdurend met elkaar in gesprek en dialoog blijven. In de relatie tussen gemeente en maatschappelijke partners, waaronder zorgaanbieders zal er ook een verschuiving in de relatie plaatsvinden. Als er wordt samenwerkt op basis van partnerschap, dan betekent dat: ruimte geven aan elkaar, vertrouwen opbouwen en duidelijke doelen formuleren. In de gesprekken met partners kwam naar voren dat het geven van ruimte aan initiatieven noodzakelijk is om te kunnen innoveren. Dit hoeft niet 38

226 te gaan om meer budget, maar kan soms simpelweg bestaan uit het toestaan van een andere aanpak of insteek. Het is van belang dat de zorgaanbieders van specialistische zorg en voorzieningen hun producten en organisaties blijven doorontwikkelen, zodat er aansluiting blijft bestaan bij de behoeften van de inwoners en zorg en voorzieningen ook efficiënt worden geleverd. In de relatie van de gemeente met de aanbieders van zorg en ondersteuning is voorts van invloed dat de gemeente bij de inkoop van voorzieningen en zorg het volgende beleid zal hanteren: Daar waar sprake is van een echte markt en marktwerking heeft het de voorkeur om zorg en voorzieningen te contracteren via marktwerking. Veelal door middel van (Europese)aanbestedingen. Voorbeeld hiervan is huishoudelijke hulp en voorzieningen als rolstoelen en scootmobielen. Veelal zal in deze situatie sprake zijn van contractering op basis van het privaatrecht (inkoop). Monitoring van kwaliteit, innovatie en doelmatigheid zal plaatsvinden met instrumenten die in de markt worden gebruikt (outputfinanciering,, etc.). Daar waar geen sprake is van een markt en marktwerking dient op een andere wijze bereikt te worden dat de gevraagde producten en diensten tegen zo laag mogelijk kosten worden opgeleverd en de benodigde innovatie wordt gerealiseerd. Veelal zal in deze situatie sprake zijn van langdurige relaties, waar bij tussen gemeente en zorgaanbieder sprake is van strategisch partnerschap. Kwaliteit, innovatie en doelmatigheid worden bevorderd en gemonitord met instrumenten als audits, doorlichtingen, benchmarks en visitaties als onderdeel van een overkoepelend contractmanagement Organisatie van de wijkteams Er zijn verschillen tussen wijken en dus moet er ruimte zijn voor verschil tussen wijkteams. Die moeten immers hun functioneren afstemmen op wat ze in de wijk tegenkomen. Die specificiteit heeft grenzen: de verschillen tussen de wijkteams moeten wel toegeschreven kunnen worden aan die verschillen tussen wijken en niet aan willekeur of wildgroei. Bovendien dient de gemeente een algemeen kwaliteitsniveau in het oog te houden. Dat vergt onderzoek. Er is nu gekozen voor generalistische teams, vraag voor 2015 is of deze keuze in alle situaties de juiste is. Ook het kennisbehoud binnen de teams is een punt van aandacht, hoe houd je specialistische kennis vast als mensen in een generalistische team functioneren? Op enig moment is ontwikkeling van de wijkteams zo ver gevorderd dat het werk van de wijkteams mogelijk meer op afstand van de gemeente kan worden uitgevoerd. In de loop van 2015 besluiten we over de toekomstige organisatie, financiering en aansturing. We zullen hierover met de raad in gesprek gaan Professionals in de wijkteams: belang van deskundigheid en een lerende omgeving 39

227 Wijkteams vormen een spil in het sociaal domein en dus spelen de medewerkers in die teams een cruciale rol. Het kunnen vervullen van die rol vergt een hoge mate van oordeelsvermogen en deskundigheid en dus in alle gevallen professionaliteit. Over welke competenties dienen medewerkers te beschikken? Voor complexe kwesties kunnen ze een beroep doen op de expertisepool. Kritisch moet worden gevolgd of de professionaliteit en het toezicht daarop adequaat is georganiseerd. Beslismacht brengt het risico van willekeur met zich mee. Besluiten van wijkteams over toegang tot en toekenning van voorzieningen worden in het proces getoetst. Daarnaast vindt achteraf (steeksproefsgewijs) toetsing en controle plaats, onder meer door benchmarking tussen de wijkteams. Professionals die werken in de wijkteams moeten voldoen aan hun professionele standaard, maar moeten ook de ruimte en het vertrouwen krijgen om op basis van hun deskundigheid te handelen. Protocollen zijn ondersteunend maar moeten niet belemmerend zijn om maatwerk te kunnen leveren. Hiervoor is het belangrijk dat de werkprocessen zo worden ingericht dat professionals werken in een lerende omgeving, waar op basis van gedeelde ervaring doorlopend deskundigheid wordt opgebouwd en ontwikkeld. De wijkteams werken nu op deze manier. Wij willen daarvan leren om na te gaan hoe we dit ook in andere ondersteuning die wij bieden door te voeren. Bij calamiteiten zijn in eerste instantie erkenning en ondersteuning voor degenen die bij het incident betrokken zijn van wezenlijk belang. Vervolgens is het onderzoek volgend op calamiteiten gericht op het achterhalen van oorzaken en de beïnvloedende factoren die het incident mogelijk hebben gemaakt en het doen van aanbevelingen voor veiligheids- en kwaliteitsverbeteringen om herhaling te Organisaties en gemeenten werken al met calamiteitenprotocollen. Hier ligt een ontwikkelopgave om eenduidigheid te creëren Kwaliteit We willen Amersfoorters invloed geven op het formuleren van de kwaliteitskaders. Organisaties die specialistische zorg bieden zijn al met deze ontwikkeling bezig. Door de nieuwe wettelijke kaders wordt ook landelijk nagedacht over wat een professionele standaard moet zijn en worden nieuwe vormen van cliënteninbreng ontwikkeld. In de wijkteams loopt hiervoor een pilot waarvan wij de uitkomsten willen benutten. Wij ontwikkelen onze kwaliteitskaders samen met professionals en cliënten. Daarvoor gelden drie uitgangspunten: - de cliëntervaring staat centraal - de kwaliteitsnormen mogen verschillen per vorm van zorg en ondersteuning - de administratieve lasten zijn minimaal. Bij de uitwerking van de kwaliteit wordt rekening gehouden met de privacy wetgeving. Invulling van de toezichthoudende rol wordt nader uitgewerkt. Het benutten van klachten voor kwaliteitsverbetering is daarvan onderdeel. Partners benoemen ook dat het van belang is om te meten / weten wat de kwaliteit is van de wijkteams en de samenwerking tussen organisaties. Kwaliteit is meer dan alleen de dienstverlening binnen een organisatie. Het gaat steeds meer over de kwaliteit van een combinatie van ondersteuning. Het draait om samenhang. 40

228 Hartekreet partner: Laat de cliënt niet teveel lijstjes invullen, meet één keer, bij voorkeur over het gezinsplan Zorgmijders Hoe moeten we omgaan met zorgmijders? En hoeveel zorgmijders zijn er nu feitelijk? Dit zijn vragen die zich niet eenvoudig laten beantwoorden. Hoe ver moeten we gaan met bemoeizorg? Hebben mensen het recht om zorg te mijden, zeker in situaties waarin zij geen overlast veroorzaken voor hun omgeving? Deze discussie zullen wij in 2015 voeren met diverse interne en externe belanghebbenden. Reactie cliëntenvertegenwoordiger: zorgmijders (bevinden) zich in alle sociale lagen. Het kost vaak moeite met deze mensen contact te leggen. Om zulke mensen te herkennen kan het goed zijn de wijk te schouwen, d.w.z. met bekenden van die wijk zoals leden van het wijkteam, een wijkagent en een enkele andere. Dan kun je soms zien aan een tuin die niet onderhouden wordt, aan een stapel post achter de brievenbus o.a. of het een zorgmijder betreft. Op langere termijn is herkennen van deze mensen van belang. Allereerst om hun isolement te doorbreken. Mensen kiezen niet voor zo n bestaan maar zijn er in terecht gekomen Cliëntenparticipatie Cliëntenparticipatie in de beweging in het sociaal domein is meer dan deelname van inwoners aan het beleidsproces. Kern is een optimale zeggenschap van Amersfoorters op alle niveaus van zorg en ondersteuning, ook en met name dicht op de uitvoering. Dit vraagt dat we de huidige wijze waarop we cliëntparticipatie hebben georganiseerd durven loslaten en samen zoeken naar nieuwe wijzen van organiseren. Hierover zijn wij momenteel al in gesprek met cliënt- en adviesraden Passend onderwijs en jeugdzorg Er is een ontwikkelagenda van het samenwerkingsverband passend onderwijs van het Primair onderwijs en Voortgezet onderwijs en de regiogemeenten. Deze agenda bestaat uit 7 thema s; deze betreffen inhoudelijke vraagstukken over de verbinding die gelegd moet worden tussen jeugdzorg en passend onderwijs. Betrokken partijen zijn volop bezig met de uitwerking hiervan Versterken van de sociale basisinfrastructuur door een levendig leeren ontwikkelklimaat Een goed pedagogisch klimaat draagt bij tot het voorkomen van problemen bij kinderen en jongeren en is daarmee een belangrijke versterking van de sociale basisinfrastructuur van de stad. Op welke wijze het leer- en ontwikkelklimaat voor kinderen en jongeren het beste versterkt kan worden vraagt nog om nadere uitwerking Relatie tussen formele en informele zorg 41

229 Formele en informele initiatieven lopen steeds meer door elkaar heen. Vrijwilligers helpen bijvoorbeeld formele zorgaanbieders en informele initiatieven worden steeds professioneler. Deze ontwikkeling vraagt de komende tijd aandacht van alle betrokken. Professionele organisaties kunnen informele initiatieven meer ondersteunen en inzetten. En er moet ook worden gesproken over de positie van vrijwilligers en burgers in de hulpverlening. Hoeveel mag je doen? Waar ligt de grens? Hoe ga je om met privacyregels? Daarnaast is een vraag hoe we overbelasting van vrijwilligers voorkomen. Met partners uit de sociale basisinfrastructuur en de wijkteams is afgesproken, over deze onderwerpen het komende jaar verder door te praten Monitor sociaal domein De monitoring van de ontwikkelingen in het sociaal domein is een belangrijk instrument om te onderzoeken of de doelen die we met de beweging in het sociaal domein beogen, worden gerealiseerd. En ook om te bekijken wat de effecten zijn van de beweging in het sociaal domein en daarover verantwoording te kunnen afleggen. Monitoring is ook van belang voor het krijgen van antwoorden op onze ontwikkelvraagstukken en te bekijken hoe het stelsel in opbouw functioneert, en om te toetsen of de aannames waarop dit stelsel is gebaseerd ten aanzien van bijvoorbeeld zelfredzaamheid en samenredzaamheid kloppen. Ook wettelijk zijn wij gehouden aan het monitoren.er wordt thans gewerkt aan de vormgeving van de monitor sociaal domein. Hierbij wordt, ook om onnodige administratieve lasten voor zorgaanbieders te vermijden, aangesloten bij de landelijke ontwikkelde gemeentelijke monitor sociaal domein en al bestaande landelijke registratiesystemen. De cliënten- en adviesraden en de gemeenteraad worden nauw bij betrokken bij de vormgeving van de monitor sociaal domein. 42

230 5. Financieel kader Tot slot van dit beleidskader sociaal domein aandacht voor het financieel kader waarin wij de beweging in het sociaal domein gaan maken. Door uw raad vastgesteld uitgangspunt hierbij is dat de beweging dient te worden gemaakt binnen de beschikbaar gestelde rijksmiddelen en de al binnen de gemeentebegroting gereserveerde middelen voor deze activiteiten. Het financieel kader is opgenomen in de door u vastgestelde Kaderbrief die dit najaar wordt uitgewerkt tot een begroting Integratie-uitkering Sociaal domein Met ingang van 2015 worden gemeenten op grond van de WMO, de Jeugdwet en de Participatiewet integraal verantwoordelijk voor het sociaal domein. De decentralisaties gaan in 2015 gepaard met een toevoeging van 10,3 miljard aan het gemeentefonds. Het voornemen was hiervoor een deelfonds sociaal domein in het leven te roepen, een tijdelijk bijzondere uitkeringsvariant binnen het gemeentefonds. In september 2014 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties dit wetsvoorstel ingetrokken. Besloten is de middelen aan de gemeente te verstrekken in de vorm van een integratieuitkering. Hiermee zijn de middelen vrij besteedbaar voor de gemeenten. Wel hebben Rijk en VNG afgesproken om dit geld de komende drie jaar in ieder geval in te zetten voor de uitvoering van de nieuwe gedecentraliseerde taken in het sociaal domein. Zodat gemeenten op tijd klaar staan en kunnen voorkomen dat burgers tussen wal en schip belanden. De integratie-uitkering sociaal domein bestaat uit de middelen die per 2015 voor de uitvoering van de WMO 2015 (het nieuwe deel) en voor de Jeugdwet naar gemeenten gaan en uit het participatiebudget zoals dat per 2015 voor de Participatiewet beschikbaar komt. De participatiemiddelen werden tot 2015 aan gemeenten beschikbaar gesteld via een specifieke uitkering Beschikbare middelen sociaal domein Voor 2015 zijn de budgetten bekend gemaakt. Voor de periode zijn alleen op macroniveau de budgetten voor de integratie-uitkering sociaal domein bekend gemaakt. Op welke concrete budgetten we na 2015 voor de uitvoering van de WMO en de Jeugdwet kunnen rekenen is nog niet bekend. Niettemin is hier wel een globale inschatting van te maken. Op basis van de door het Rijk voor de periode aangegeven mutaties van de macrobudgetten kunnen, gegeven de voor 2015 beschikbare budgetten, de beschikbare middelen worden afgeleid. Noodzakelijkerwijs wordt daarbij verondersteld dat het aandeel van Amersfoort in het macrobudget niet wijzigt. In de praktijk zal overigens wel sprake zijn van wijziging. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat het Rijk objectieve verdeelmodellen introduceert. De op hiervan te ontvangen bedragen zullen afwijken van de thans berekende historische budgetten. De objectieve verdeelmodellen zullen stapsgewijs worden ingevoerd. 43

231 Uitgaande van een integrale benadering van de taken binnen het sociaal domein zijn onderstaand indicatief de beschikbare middelen voor het sociaal domein in de periode opgenomen. Omschrijving (* mln.) Nieuwe taken: - Jeugd 41,4 40,8 39,4 39,6 - WMO [inclusief beschermd wonen] 48,5 50,8 49,4 49,3 Bestaand: - WSW rijksbudget 22,3 22,3 22,3 22,3 - Re-integratie 4,2 4,2 4,2 4,2 - Inkomensdeel 46,0 48,7 51,2 53,0 - Bestaande budgetten zorg en welzijn 72,0 71,7 71,8 71,7 Totaal 234,4 238,5 238,3 240,1 Ten opzichte van de bedragen die in de kaderbrief zijn opgenomen is er sprake van enkele verschillen. Belangrijkste verschil is dat het WWB-inkomensdeel conform opgave van het Rijk is verhoogd als gevolg toename van het aantal bijstandscliënten. In bovenstaand overzicht en in de begroting zijn de taakmutaties zoals opgenomen in mei- en septembercirculaire 2014 en de bijstelling van de Participatiewet nog niet verwerkt. Deze mutaties zullen wij zo mogelijk nog dit jaar aan u voorleggen middels een begrotingswijziging. Zoals gemeld zullen de beschikbare bedragen ook nog wijzigen als gevolg van de introductie van objectieve verdeelmodellen. Bij de septembercirculaire 2014 is bekend gemaakt dat op grond van deze modellen de Wmo-bijdragen voor Amersfoort afnemen. Dit betekent voor Wmo een uiteindelijk nadeel van 0,6 mln. per jaar. Voor beschermd wonen is voor de regio sprake van een uiteindelijk nadeel van 1,1 mln. per jaar. Het Rijk heeft het streven om in de decembercirculaire 2014 het ingroeipad en de budgetten 2016 en volgende jaren bekend te maken. Voor jeugd wordt nog gewerkt aan een objectief verdeelmodel. 44

232 5.3. Besteding van middelen Sociaal domein In onderstaande tabel is de begrote besteding van de middelen op hoofdlijnen opgenomen. In de binnenkort aan u voor te leggen begroting wordt eea nader toegelicht. Thans wordt nog volop gewerkt aan de vormgeving, inkoop en subsidiering van de verschillende onderdelen. Zeker in de eerste jaren zal dit kunnen leiden tot verschuivingen binnen het programma. Omschrijving (* mln.) Basisinfrastructuur 11,5 10,9 9,5 9,7 Ambulante zorg en ondersteuning, inclusief wijkteams 18,5 18,5 18,5 18,5 Specialistische zorg en ondersteuning 49,2 50,0 49,4 49,3 Bescherming en veiligheid 57,5 58,9 58,0 57,9 Werk en inkomen 96,7 99,5 102,2 104,0 Subtotaal 233,4 237,8 237,6 239,4 Mutaties reserves 1,0 0,7 0,7 0,7 Totaal 234,4 238,5 238,3 240,1 De post mutaties reserves betreft onder andere geraamde stortingen en onttrekkingen in de sociale reserve, reserve dekking kapitaallasten en reserve calamiteiten budgetsubsidiëring. 45

233 Bijlage 1: Overzicht verordeningen en nadere regels In deze bijlage staat een overzicht van de nog vast te stellen verordeningen en nadere regels Jeugdwet Verordening Jeugd Wmo (2015) Verordening Wmo Nadere regels Jeugd en Wmo Op basis van het beleidskader en de verordeningen zal de verwachte indeling van de nadere regels de volgende worden: Nadere regels Jeugd en Wmo 1. De Toegang: 2. Uitwerking PGB beleid: Nadere regels Jeugd 1. Vrij toegankelijke hulp en niet vrij toegankelijke hulp Nadere regels Wmo 1. Criteria maatwerkvoorziening, eigen bijdrage 2. Het betrekken van inwoners bij beleid 3. Jaarlijkse waardering mantelzorgers Participatiewet 1. Verordening tegenprestatie 2. Verordening individuele inkomenstoeslag 3. Verordening cliëntenparticipatie 4. Afstemmingsverordening 5. Verordening verrekening bestuurlijke boete De zogenaamde doelmatigheids verordeningen moeten uiterlijk 1 juli 2015 zijn vastgesteld; hierover moet nog nadere, lagere regelgeving worden gepubliceerd. Het betreft de volgende onderwerpen: 1. Verordening loonkostensubsidie en loonwaarde 2. Re-integratieverordening: ondersteuning arbeidsinschakeling en aanbieden van voorzieningen; scholing of opleiding; premie gericht op arbeidsinschakeling; 46

234 beschut werk. 3. Verordening individuele studietoeslag 47

235 # v1 - BESLUITENLIJST DR VOORTGEZETTE BEHANDELING BELEIDSKADER SOCIAAL DOMEIN Besluitenlijst De Ronde datum: 14 oktober 2014 van tot uur vergaderruimte: Vermeerzaal (1.03) aantal bezoekers: 30 Onderwerp Voortgezette behandeling Beleidskader Sociaal Domein Van College van B&W Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit Van de raadsleden Zijn mening te geven over het voorliggende raadsvoorstel en zich voor te werd gevraagd bereiden op besluitvorming over het beslispunt: het beleidskader voor de beweging in het sociaal domein vast te stellen, voor de periode Met in acht neming van: a. Het streefbeeld voor 2016 b. De nog te maken keuzes in 2015 c. De ontwikkelvraagstukken Voorzitter Van der Spoel Collegelid Imming Secretaris Van Kan Ambtenaren Peltenburg Fractiewoordvoerders Bijlholt (D66), De la Combé (PvdA), Happe (D66), Jongerman (SP), Kennedy- Doornbos (CU), Van Koningsveld (CDA), Meijer (SP), Prins (GL), Steenbeek-Los (OPA), Vijzelman (OPA), Vlug (CDA), Voogt (VVD) Inspreker(s)/ genodigden - Samenvatting en afspraken Reg.nr Woordvoerders hebben hun reactie gegeven op het (aangepaste) beleidskader en zijn met elkaar en de wethouder het debat aangegaan. Op SP en CDA na zijn woordvoerders over het algemeen blij met de doorgevoerde aanpassingen. Besproken onderwerpen: - link met onderwijs - beschermd wonen - klachtenregelingen - rol en inzet wijkverpleegkundige - signalering als doelstelling - wachtlijsten - communicatie - keuzevrijheid en eigen regie De volgende fracties komen mogelijk met een motie of amendement: - GroenLinks over signalering - Amersfoort2014 over communicatie - ChristenUnie over keuzevrijheid en eigen regie Toezeggingen Advies aan het presidium Wethouder Imming zegt toe: - de raad te informeren: o over de samenwerking met het onderwijs t.a.v. de veranderingen in het sociaal domein (via een raadsinformatiebrief); o als er meer informatie is over de korting die de gemeente vanuit Het Rijk op het onderdeel beschermd wonen krijgt; o over de verschillende klachten- en bezwaar- en beroepregelingen (via een raadsinformatiebrief); - dat wethouder Tigelaar de openstaande vragen over kwetsbare jongeren (D66) en aanpak van fraude (SP) schriftelijk zal beantwoorden; - de op 9 juli 2013 aangenomen amendementen A-4.2 en A-4.5 nog in het beleidskader te verwerken. Naar Het Besluit, met debat (gecombineerd met behandeling Verordeningen Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp) woordvoerder 1 e ronde: dhr. Prins (GroenLinks)

236 Agendapunt De Ronde Titel Verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2015 Datum 14 oktober 2014 Van College van B&W Portefeuillehouder Imming/Tigelaar Ambtelijk contact Van Ravesteyn ( ) Soort bijeenkomst Voorbereiding besluit Reden van aanbieding Om uitvoering te geven aan de taken op het gebied van de Wmo en de Jeugdhulp dient de raad voor 1 november 2014 twee verordeningen vast te stellen, zoals vastgelegd in de Wmo 2015 en de Jeugdwet. Hierin worden de regels opgenomen die de gemeente gaat hanteren voor het bepalen van de ondersteuning van cliënten met een hulpvraag. Inhoud Met de verordeningen en de daarop gebaseerde nadere regels wordt de rechtspositie van de cliënt gewaarborgd en afgebakend. De beide verordeningen zijn lokaal ontwikkeld om per gemeente zoveel mogelijk tot afstemming te komen binnen het Sociaal Domein. Voor de inhoudelijke en bovenlokale onderwerpen is de inhoud van de artikelen van beide verordeningen afgestemd met de regiogemeenten. Reg.nr Bij het ontwikkelen van de verordeningen, waarbij gebruik gemaakt is van de modelverordeningen van de VNG, zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Een integrale verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp acht het college niet haalbaar. Daarbij wordt de argumentatie van de VNG gevolgd dat de wetten inhoudelijk te veel van elkaar verschillen voor een integrale verordening. De beide verordeningen treden per 1 januari 2015 inwerking. De verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp worden uitgewerkt in nadere regels. Van de raadsleden wordt gevraagd Hun mening te geven over het voorliggende raadsvoorstel en de verordeningen en zich voor te bereiden op besluitvorming erover. Vervolg Besluitvorming in Het Besluit. Op korte termijn volgt een peiling over de nadere regels op de Verordening Maatschappelijke ondersteuning 2015 en Jeugdhulp Deze worden daarna door het college vastgesteld. Advies presidium In deze De Ronde wordt gestart met een 1-minuutronde. Bijbehorende documenten Raadsvoorstel Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 Verordening Jeugdhulp Amersfoort 2015 *Advies Seniorenraad Verordening Wmo 2015 *Avies GPPA Verordening Wmo 2015 Achtergronddocumenten Webdossier sociaal domein *Toegevoegd ten opzichte van eerdere publicatie # v2 - AGENDAPUNT DR VERORDENINGEN MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING EN JEUGDHULP 2015

237 Gemeente Amersfoort RAADSVOORSTEL Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : Aan : Gemeenteraad Datum : 22 september 2014 Portefeuillehouder : F. Imming en M. Tigelaar Agendapunt : B&W-vergadering : De Ronde : Agenda Het Besluit : Vastgesteld besluit : TITEL Verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 en Jeugdhulp Amersfoort BESLISPUNTEN 1. De verordening Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 per 1 januari 2015 vast te stellen. 2. De verordening Jeugdhulp Amersfoort 2015 per 1 januari 2015 vast te stellen. 3. De verordening Wmo individuele compenserende maatregelen 2012 per 1 januari 2015 in te trekken. AANLEIDING Om uitvoering te geven aan de taken op het gebied van de Wmo en de Jeugdhulp dient de gemeenteraad voor 1 november 2014 de verordening vast te stellen. Dit is vastgelegd in de Wmo 2015 en de Jeugdwet. Een gemeentelijke verordening is een regeling die geldt voor iedere inwoner van de gemeente Amersfoort. In de verordening worden de algemene regels opgenomen die de gemeente Amersfoort gaat hanteren voor het bepalen van de ondersteuning van cliënten met een hulpvraag. BEOOGD EFFECT Met het vaststellen van de verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 en Jeugdhulp Amersfoort 2015 en de daarop gebaseerde nadere regels wordt de rechtspositie van de cliënt gewaarborgd en afgebakend. TOELICHTING De verordeningen Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp worden lokaal ontwikkeld om per gemeente zoveel mogelijk tot afstemming te komen binnen het Sociaal Domein. Voor de inhoudelijke en bovenlokale onderwerpen is de inhoud van de artikelen van beide verordeningen afgestemd met de regiogemeenten. De afstemming voor de verordening Jeugdhulp vindt plaats in het regionale beleidsteam jeugd met het oog op de vereiste wettelijke regionale samenwerking bij o.a. inkoop, rechtspositie en financiën. Bij het ontwikkelen van de verordeningen, waarbij gebruik gemaakt is van de (concept) modelverordeningen van de VNG, hanteren we de volgende uitgangspunten: Een integrale verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp achten wij niet haalbaar. We volgen in deze afweging de argumentatie van de VNG dat de wetten inhoudelijk te veel van elkaar verschillen voor een integrale verordening. Dat neemt niet weg dat de verordeningen wel gelijktijdig ontwikkeld kunnen worden. De beide verordeningen treden per 1 januari 2015 inwerking. De verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp gaan uit van het uitgangspunt dat de raad de kaders vaststelt en dat wij als college de beleidsinhoudelijke onderwerpen vaststellen. De raad wordt tijdens de Ronde van 11 november 2014 de gelegenheid geboden zich door middel van een peiling uit te spreken over de nadere regels in het kader van het Sociaal Domein. Inlichtingen bij: J. van Ravesteyn, MO, (033)

238 raadsvoorstel pagina 2 Gemeente Amersfoort Specifiek voor de Wmo geldt dat cliënten die zich acht weken (de onderzoeksperiode voor de gemeente) voor 1 januari 2015 melden, onder de nieuwe Wmo vallen. Voor aanvragen die voor 1 januari 2015 zijn ingediend en nog niet zijn afgehandeld, is een overgangsregeling in de verordening opgenomen. Voor de jeugdhulp geldt deze argumentatie niet. Wel is er landelijk voor gekozen om met de termijn van 8 weken aan te sluiten bij de termijn die in de Wmo 2015 wordt genoemd. ARGUMENTEN In het Sociaal Domein is nog veel in beweging. Dit complexe beleidsterrein moet de komende jaren nog verder doorontwikkeld en verder uitgewerkt worden. Bovendien zullen de in 2015 opgedane ervaringen aanleiding zijn de verordeningen aan te passen. De Verordeningen gelden derhalve vooralsnog alleen voor In de loop van 2015 komen wij, indien nodig en gewenst, met aangepaste verordeningen. KANTTEKENINGEN 1. De beide verordeningen zijn om advies aan de cliënt- en adviesraden voorgelegd. Indien de adviezen onverhoopt aanleiding geven tot aanpassing van de verordeningen(en), zullen wij de aangepaste verordening(en) aan u voorleggen. 2. In de verordening worden bepaalde regelgevende bevoegdheden aan het college gedelegeerd. Wij kunnen met gebruikmaking van deze bevoegdheden nadere regels vaststellen. Bijvoorbeeld rondom de eigen bijdrage systematiek of de hoogte van een persoonsgebonden budget (PGB). Uw raad wordt hierbij betrokken doormiddel van een peiling. Voor de Participatiewet en de Opvang (voorheen maatschappelijke opvang en vrouwenopvang) wordt uw raad nog dit jaar afzonderlijke verordeningen ter vaststelling voorgelegd. FINANCIËN De verordeningen worden uitgevoerd binnen de financiële kaders zoals door uw raad in onder meer het Beleidskader Sociaal Domein en de gemeentebegroting zijn en worden vastgesteld. VERVOLG Peiling en vaststelling nadere regels voor verordeningen Verordening Maatschappelijke ondersteuning 2015 en Jeugdhulp BETROKKEN PARTIJEN Aan de cliënt- en adviesraden wordt advies gevraagd over de beide verordeningen en de door ons op te stellen nadere regels. Burgemeester en wethouders van Amersfoort, de secretaris, de burgemeester, Bijlagen - Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort Verordening Jeugdhulp Amersfoort 2015

239 raadsbesluit pagina 3 Gemeente Amersfoort RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Amersfoort; Reg.nr op basis van het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 september 2014, sector MO (nr ); b e s l u i t: 1. De verordening Maatschappelijke Ondersteuning Amersfoort 2015 per 1 januari 2015 vast te stellen. 2. De verordening Jeugdhulp Amersfoort 2015 per 1 januari 2015 vast te stellen. 3. De verordening Wmo individuele compenserende maatregelen 2012 per 1 januari 2015 in te trekken. Vastgesteld in de openbare vergadering van de griffier de voorzitter

240 Verordening maatschappelijke ondersteuning Amersfoort 2015 (# ) September 2014 De raad van de gemeente Amersfoort gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van (datum en nummer); gelet op de artikelen 2.1.3, 2.1.4, eerste, tweede, derde en zevende lid, 2.1.5, eerste lid, 2.1.6, 2.1.7, 2.3.6, vierde lid, en 2.6.6, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; gezien het advies van (naam commissie); overwegende dat burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen voor de wijze waarop zij hun leven inrichten en deelnemen aan het maatschappelijk leven; dat van burgers verwacht mag worden dat zij elkaar daarin naar vermogen bijstaan; dat burgers die zelf, dan wel samen met personen in hun omgeving onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn tot participatie, een beroep moeten kunnen doen op ondersteuning door de gemeente, zodat zij zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven wonen; dat het noodzakelijk is om regels vast te stellen ter uitvoering van het beleidsplan als bedoeld in artikel van de wet met betrekking tot de ondersteuning bij de versterking van de zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen, beschermd wonen en opvang, en dat het noodzakelijk is om de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking te bevorderen en daarmee bij te dragen aan het realiseren van een inclusieve samenleving; besluit vast te stellen de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015 Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - algemeen gebruikelijke voorziening: voorziening die niet speciaal is bedoeld voor mensen met een beperking en die algemeen verkrijgbaar is en niet of niet veel duurder is dan vergelijkbare producten; - andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; - bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikel 2.1.4, eerste lid, van de wet; - gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; - hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; - maatwerkvoorziening: de maatwerkvoorziening als omschreven in artikel van de wet, te verstrekken als voorziening in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget - melding: melding aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; - onderzoek: zoals bedoeld in artikel eerste lid van de wet; - pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel van de wet; - voorliggende voorziening: algemene voorziening of andere voorziening waarmee aan de hulpvraag wordt tegemoetgekomen; - wet: Wet maatschappelijke ondersteuning Artikel 2. Procedureregels aanvraag maatschappelijke ondersteuning Het college bepaalt met inachtneming van de artikelen tot en met van de wet bij nadere regeling op welke wijze in samenspraak met de cliënt wordt vastgesteld of de cliënt voor een maatwerkvoorziening voor zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen of opvang in aanmerking komt. Artikel 3. Criteria voor een maatwerkvoorziening 1. Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening: a. ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of participatie die de cliënt ondervindt, voor zover de cliënt deze beperkingen naar het oordeel van het college niet op eigen Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

241 kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemeen gebruikelijke voorzieningen of algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven; b. ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de samenleving van de cliënt met psychische of psychosociale problemen en de cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het onderzoek, een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving. 2. Ten aanzien van een maatwerkvoorziening met betrekking tot zelfredzaamheid en participatie geldt dat een cliënt alleen voor een maatwerkvoorziening in aanmerking komt als: a. de noodzaak tot ondersteuning voor de cliënt redelijkerwijs niet vermijdbaar was, en b. de voorziening voorzienbaar was, maar van de cliënt redelijkerwijs niet verwacht kon worden maatregelen te hebben getroffen die de hulpvraag overbodig had gemaakt. 3. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven, a. tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; b. tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of c. als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning. 4. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate voorziening. Artikel 4. Advisering Het college kan een door hem daartoe aangewezen expertisepool om advies vragen als het dit van belang acht voor de beoordeling van de aanvraag om een maatwerkvoorziening. Artikel 5. Inhoud beschikking 1. In de beschikking tot verstrekking van een maatwerkvoorziening wordt in ieder geval aangegeven of deze als voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt en wordt tevens aangegeven hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt. 2. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in natura wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd: a. welke de te verstrekken voorziening is en wat het beoogde resultaat daarvan is; b. wat de ingangsdatum en duur van de verstrekking is; c. hoe de voorziening wordt verstrekt, en indien van toepassing, en d. welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn. 3. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd: a. voor welk resultaat het pgb kan worden aangewend; b. welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het pgb; c. wat de hoogte van het pgb is en hoe hiertoe is gekomen; d. wat de duur is van de verstrekking waarvoor het pgb is bedoeld, en e. de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb. 4. Als sprake is van een te betalen bijdrage wordt de cliënt daarover in de beschikking geïnformeerd. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

242 Artikel 6. Regels voor pgb 1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel van de wet. 2. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt. 3. De hoogte van een pgb wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura en is toereikend voor de aanschaf daarvan, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering. 4. Het college stelt nadere regels vast over de wijze waarop de hoogte van een pgb wordt vastgesteld. 5. Het college stelt nadere regels vast onder welke voorwaarden betreffende het tarief, een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt de mogelijkheid heeft om diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk. Artikel 7. Regels voor bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen 1. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd: a. voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning, en, b. voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang hij van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, overeenkomstig het Besluit maatschappelijke ondersteuning, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot. 2. Het college kan bij nadere regeling bepalen: a. voor welke algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, de cliënt een bijdrage is verschuldigd; b. wat per soort algemene voorziening de hoogte van deze bijdrage is; en c. dat de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is afgewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 3. De kostprijs van een maatwerkvoorziening en een pgb wordt bepaald: a. door een aanbesteding; b. na een consultatie in de markt, of c.in overleg met een aanbieder. 4. Het college bepaald bij nadere regeling, door welke andere instantie dan het CAK in de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb worden vastgesteld en geind. Artikel 8. Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning 1. Aanbieders zorgen voor een goede kwaliteit van voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen, door: a. het afstemmen van voorzieningen op de persoonlijke situatie van de cliënt; b. het afstemmen van voorzieningen op andere vormen van zorg; c. erop toe te zien dat beroepskrachten tijdens hun werkzaamheden in het kader van het leveren van voorzieningen handelen in overeenstemming met de professionele standaard; 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek, en het zo nodig in overleg met de cliënt ter plaatse controleren van de geleverde voorzieningen. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

243 Artikel 9. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering 1. Onverminderd artikel van de wet doet een cliënt aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing als bedoeld in artikel of van de wet. 2. Onverminderd artikel van de wet kan het college een beslissing als bedoeld in artikel of van de wet herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a. de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. de cliënt niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb is aangewezen; c. de maatwerkvoorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; d. de cliënt niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening of het pgb verbonden voorwaarden, of e. de cliënt de maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt. 3. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 4. Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd. 5. Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd. 6. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb s. Artikel 10. Jaarlijkse waardering mantelzorgers Het college bepaalt bij nadere regeling waaruit de waardering blijk voor mantelzorgers van cliënten in de gemeente bestaat. Artikel 11. Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door derden 1. Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren diensten, in ieder geval rekening met: a. de aard en omvang van de te verrichten taken; b. een redelijke toeslag voor overheadkosten; c. een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en werkoverleg; d. kosten voor bijscholing van het personeel. 2. Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren overige voorzieningen, in ieder geval rekening met: a. de marktprijs van de voorziening, en b. de eventuele extra taken die in verband met de voorziening van de leverancier worden gevraagd, zoals: 1 o. aanmeten, leveren en plaatsen van de voorziening; 2 o. instructie over het gebruik van de voorziening; 3 o. onderhoud van de voorziening, en 4. verplichte deelname in bepaalde samenwerkingsverbanden (bijv. sociaal wijkteams). Artikel 12. Klachtregeling Voor de afhandeling van klachten van cliënten die betrekking hebben op gedragingen jegens hen van het college of van personen die namens haar meldingen en aanvragen als bedoeld in deze Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

244 verordening behandelen, hanteert het college de op het moment van indienen van de klacht geldende klachtenregeling. Artikel 13. Medezeggenschap bij aanbieders van maatschappelijke ondersteuning 1. Aanbieders stellen een regeling vast voor de medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder welke voor de gebruikers van belang zijn ten aanzien van alle voorzieningen. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van de medezeggenschapsregelingen van aanbieders door periodieke overleggen met de aanbieders en een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek. Artikel 14. Betrekken van ingezetenen bij het beleid 1. Het college betrekt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval cliënten of hun vertegenwoordigers, bij de voorbereiding van het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning, overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. 2. Het college stelt ingezetenen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende maatschappelijke ondersteuning, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 3. Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning. 4. Het college kan nadere regels vast stellen ter uitvoering van het tweede en derde lid. Artikel 15. Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1. De verordening individuele compenserende maatregelen 2012 wordt ingetrokken. 2. Een cliënt houdt recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de verordening individuele compenserende maatregelen 2012, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 3. Aanvragen die zijn ingediend onder de verordening individuele compenserende maatregelen 2012 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening. 4. Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de verordening individuele compenserende maatregelen 2012 wordt beslist met inachtneming van die verordening. Artikel 16.Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de cliënt afwijken van hetgeen bij deze verordening is bepaald, indien toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 17. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

245 Toelichting Modelverordening maatschappelijke ondersteuning 2015 Algemeen Deze verordening geeft uitvoering aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (hierna: Wmo 2015). De Wmo 2015 maakt onderdeel uit van de bestuurlijke en met toepassing van een budgetkorting financiële decentralisatie naar gemeenten van een aantal taken uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (hierna: AWBZ). Deze taken worden toegevoegd aan het takenpakket dat al bij gemeenten lag onder de oude Wet maatschappelijke ondersteuning. Hierbij wordt deels voortgeborduurd op de weg die met die wet al was ingezet. Er wordt bekeken wat redelijkerwijs verwacht mag worden van de cliënt en zijn sociaal netwerk, vervolgens zal waar nodig de gemeente in aanvulling hierop hem in staat stellen gebruik te maken van een algemene voorziening of als dat niet volstaat een maatwerkvoorziening waarmee een bijdrage wordt geleverd aan zijn mogelijkheden om deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer en zelfstandig te functioneren in de maatschappij. Er dient telkens een zorgvuldige toegangsprocedure doorlopen te worden om de hulpvraag van de cliënt, zijn behoeften en de gewenste resultaten helder te krijgen, om te achterhalen wat de cliënt op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, mantelzorg of met hulp van zijn sociaal netwerk dan wel door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten kan doen om zijn zelfredzaamheid en participatie te handhaven of verbeteren, om te bepalen of zo nodig met gebruikmaking van een algemene voorziening kan worden volstaan, of dat een maatwerkvoorziening nodig is, en of sprake is van een voorliggende of andere voorziening die niet onder de reikwijdte van de Wmo 2015 valt. De Wmo 2015 en deze verordening leggen deze toegangsprocedure daarom in hoofdlijnen vast. Want waar het recht op compensatie dat bestond onder de oude Wet maatschappelijke ondersteuning is komen te vervallen, wordt een recht op een zorgvuldige, tweezijdige procedure daartegenover gesteld. Een dergelijke procedure die bovendien goed wordt uitgevoerd, zal telkens tot een juist eindoordeel moeten leiden; ondersteuning waar ondersteuning nodig is. Indien de cliënt van mening is dat het college hem ten onrechte geen maatwerkvoorziening verstrekt of dat de maatwerkvoorziening onvoldoende bijdraagt aan de zelfredzaamheid of participatie, of dat hem opvang of beschermd wonen ten onrechte wordt onthouden, kan betrokkene daartegen vanzelfsprekend bezwaar maken en daarna eventueel in beroep gaan tegen de beslissing op zijn bezwaar. De rechter zal toetsen of de gemeente zich heeft gehouden aan de voorgeschreven procedures, het onderzoek naar de omstandigheden van betrokkene op adequate wijze heeft verricht en of de ondersteuning een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven. De Wmo 2015 en deze verordening leggen veel bevoegdheden bij het college. De uitvoering hiervan zal echter in de regel namens het college gedaan worden (in mandaat) door deskundige consulenten, ambtenaren of bijvoorbeeld aanbieders. Waar in deze verordening en in de wet het college staat, kan het college deze bevoegdheid namelijk mandateren aan ondergeschikten dan wel nietondergeschikten op grond van de algemene regels van de Awb. Op grond van artikel van de wet kan het college de vaststelling van rechten en plichten van de cliënt echter alleen mandateren aan een aanbieder. Zie voor de definitie van aanbieder de toelichting onder artikel 1. Deze beperking geldt alleen voor mandatering aan niet-ondergeschikten. Het college kan de vaststelling van rechten en plichten ook aan ondergeschikten mandateren. De Wmo 2015 schrijft in artikel 2.1.3, eerste lid, voor dat de gemeente per verordening de regels dient vast te stellen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het verplichte gemeentelijk beleidsplan met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning. In de verordening dient overeenkomstig de artikelen 2.1.3, tweede tot en met vierde lid, 2.1.4, derde en zevende lid, en van de Wmo 2015 in ieder geval bepaald te worden: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

246 - op welke wijze en op basis van welke criteria wordt vastgesteld of een cliënt voor een maatwerkvoorziening voor zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen of opvang in aanmerking komt; - op welke wijze de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld; - welke eisen worden gesteld aan de kwaliteit van voorzieningen, inclusief eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten; - ten aanzien van welke voorzieningen een regeling voor de afhandeling van klachten van cliënten vereist is; - ten aanzien welke voorzieningen een regeling voor medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder die voor de gebruikers van belang zijn vereist is; - op welke wijze ingezeten, waaronder cliënten of hun vertegenwoordigers, worden betrokken bij uitvoering van de wet, voorstellen voor beleid kunnen doen, gevraagd en ongevraagd advies kunnen uitbrengen over verordeningen en beleidsvoorstellen, worden voorzien van ondersteuning en deel kunnen nemen aan periodiek overleg; - op welke wijze de kostprijs van een maatwerkvoorziening wordt berekend; en - op welke wijze het college zorg draagt voor een jaarlijkse blijk van waardering voor de mantelzorgers van cliënten in de gemeente. Ook dient de gemeente overeenkomstig de artikelen 2.1.3, derde lid, en 2.6.6, eerste lid, van de Wmo 2015 per verordening regels te stellen: - voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget, en van misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet; - ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit van de voorziening, waar het college ten aanzien daarvan de uitvoering van de Wmo 2015 door derden laat verrichten. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de toepasselijke arbeidsvoorwaarden. Daarnaast kan de gemeente op grond van de artikelen 2.1.4, eerste en tweede lid, 2.1.5, eerste lid, en 2.3.6, derde lid, van de Wmo 2015: - bepalen dat cliënten voor algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, en maatwerkvoorzieningen een bijdrage verschuldigd zullen zijn; - de hoogte van de bijdrage voor de verschillende soorten van voorzieningen, ook wanneer de cliënt de ondersteuning zelf inkoopt met een persoonsgebonden budget, in de verordening verschillend vaststellen. Hierbij kan tevens worden bepaald dat op de bijdrage een korting wordt gegeven voor personen die behoren tot daarbij aan te wijzen groepen en dat de bijdrage afhankelijk is van het inkomen en het vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot; - bepalen dat de bijdragen voor opvangvoorzieningen door een andere instantie dan het CAK wordt vastgesteld en geïnd; - bepalen dat in geval van een minderjarige cliënt die niet zelf de eigenaar is van de woning, een bijdrage wordt opgelegd aan diens onderhoudsplichtige ouders en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag over de cliënt uitoefent; - bepalen dat aan personen met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen die daarmee verband houdende aannemelijke meerkosten hebben, een tegemoetkoming wordt verstrekt ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en de participatie, en vaststellen welke de toepasselijke grenzen zijn met betrekking tot de financiële draagkracht; - bepalen onder welke voorwaarden betreffende het tarief de persoon aan wie een persoonsgebonden budget wordt verstrekt, de ondersteuning kan inkopen van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. Deze verordening kan niet los worden gezien van het beleidsplan, dat de raad op grond van artikel van de Wmo 2015 eveneens dient vast te stellen. In dit beleidsplan wordt het door het gemeentebestuur te voeren beleid met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning vastgelegd. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

247 Artikelsgewijs Artikel 1. Begripsbepalingen Een algemeen gebruikelijke voorziening is bijvoorbeeld een elektrische fiets. Gebruikelijke hulp is niet in de verordening, maar in de wet gedefinieerd en is bijvoorbeeld de hulp van een partner van de cliënt. Zie ook de wettelijke definitie hieronder. Het gesprek is het mondeling contact na een melding waarin het college met degene die maatschappelijke ondersteuning vraagt zijn gehele situatie inventariseert ten aanzien van zijn mogelijkheden om op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociaal netwerk dan wel met gebruikmaking van voorliggende voorzieningen, algemeen gebruikelijke voorzieningen, algemene voorzieningen of maatwerkvoorzieningen zijn zelfredzaamheid of participatie te verbeteren of te voorkomen dat hij gebruik moet maken van beschermd wonen of opvang. Het aantal definities van artikel 1 is beperkt aangezien de wet (in artikel 1.1.1) al een flink aantal definities kent die ook bindend zijn voor deze verordening. Ook de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) kent een aantal (definitie)bepalingen die voor deze verordening van belang zijn, en niet vernoemd zijn in de verordening. Artikel 2. Procedureregels aanvraag maatschappelijke ondersteuning Deze bepaling is opgenomen om een zorgvuldige procedure te waarborgen en kan worden gezien als een uitwerking van de verplichte delegatiebepaling van artikel 2.1.3, eerste lid en tweede lid, onder a, van de wet. Daarbij is onder meer bepaald dat de gemeente bij verordening in ieder geval bepaalt op welke wijze een cliënt in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening voor zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen of opvang. Artikel 3.Criteria voor een maatwerkvoorziening In artikel 2.1.3, tweede lid, onder a, van de wet is bepaald dat de raad bij verordening moet aangeven op basis van welke criteria het college kan vaststellen of een cliënt voor een maatwerkvoorziening voor zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen of opvang in aanmerking komt. In de memorie van toelichting op deze bepaling (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 3, blz. 134) wordt aangegeven dat het bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening op maatwerk aankomt. Gemeentelijke vrijheid is nodig omdat de behoeften van inwoners per gemeente kunnen verschillen en de sociale en fysieke infrastructuur per gemeente anders is. Ook het aanbod van algemene voorzieningen is niet in iedere gemeente gelijk. Het is daarom niet mogelijk of wenselijk dat in de verordening limitatief wordt geregeld welke maatwerkvoorzieningen zullen worden verstrekt. De gemeente moet wel aan de hand van geschikte en toepasbare criteria meer in detail en concreet nader afbakenen in welke gevallen iemand een maatwerkvoorziening kan krijgen. In dit artikel is deze verplichting uitgewerkt. Artikel 4. Advisering Het college kan extern advies inwinnen indien dat voor de beoordeling van een aanvraag nodig is; als dat de enige mogelijkheid is om een zorgvuldig onderzoek naar de aanvraag te doen, is het zelfs in zekere zin verplicht. Het is bij de adviesaanvraag van belang dat hierbij een heldere vraag of afgebakende opdracht wordt verstrekt, zodat duidelijk is voor de cliёnt en de adviseur welk aanvullend onderzoek nog nodig is. In artikel 2.3.8, derde lid, van de wet is een medewerkingsplicht opgenomen. De cliёnt is verplicht aan het college desgevraagd de medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze wet. Artikel 5. Inhoud beschikking Uitgangspunt van de wet is dat de cliёnt een maatwerkvoorziening in natura krijgt. Indien gewenst door de cliёnt bestaat echter de mogelijkheid van het toekennen van een budget. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

248 Tweede lid, onder a, en derde lid, onder a: het beoogde resultaat is bijvoorbeeld mobiliteit en niet een scootmobiel. Zie ook de toelichting op artikel 5, eerste lid, onder b. Tweede, onder b, en derde lid, onder d: onder duur valt ook de termijn waarop een voorziening technisch is afgeschreven. Het vierde lid dient uitsluitend ter informatie aan de cliënt. Het college neemt niet de hoogte van de bijdrage in de kosten in de beschikking op. Dat loopt immers via het CAK, evenals de mogelijkheid van bezwaar en beroep daartegen. Zie artikel 12 en artikel 2.14, zesde lid, van de wet, waarin is bepaald dat de bijdrage voor een maatwerkvoorziening dan wel een persoonsgebonden budget, met uitzondering van die voor opvang, wordt vastgesteld en voor de gemeente geïnd door het CAK. Artikel 6. Regels voor pgb Het college kan op grond van artikel van de wet een pgb verstrekken. Als aan alle wettelijke voorwaarden daartoe is voldaan, kan zelfs van een verplichting van het college worden gesproken. Van belang is dat een pgb alleen wordt verstrekt indien de cliёnt dit gemotiveerd vraagt (zie artikel 2.3.6, tweede lid, onder b). Met behoud van de motivatie-eis wordt geborgd dat duidelijk is dat het de beslissing van de aanvrager zelf is om een pgb aan te vragen (zie de toelichting op amendement Voortman c.s., Kamerstukken II 2013/14, , nr. 103). Het tweede lid geeft aan dat het in beginsel niet mogelijk is om achteraf kosten te declareren. Het derde tot en met vijfde lid berusten op artikel 2.1.3, tweede lid, onder b, van de wet. Hierin staat dat in de verordening in ieder geval wordt bepaald op welke wijze de hoogte van een pgb wordt vastgesteld, waarbij geldt dat de hoogte toereikend moet zijn. In de memorie van toelichting (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 3, blz. 39) is vermeld dat de gemeente bijvoorbeeld kan bepalen dat het pgb niet hoger mag zijn dan een percentage van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan het verlenen van adequate ondersteuning in natura. Gemeenten hebben daarmee ook de mogelijkheid om differentiatie aan te brengen in de hoogte van het pgb. Gemeenten kunnen verschillende tarieven hanteren voor verschillende vormen van ondersteuning en voor verschillende typen hulpverleners. Gemeenten kunnen bij het vaststellen van tarieven in de verordening bijvoorbeeld onderscheid maken tussen ondersteuning die wordt geleverd door het sociale netwerk, door hulpverleners die werken volgens de kwaliteitsstandaarden en hulpverleners die dat niet doen (zoals werkstudenten, zzp ers zonder diploma s e.d.). Een aanvraag voor een pgb kan geweigerd worden voor zover de kosten van het pgb hoger zijn dan de kosten van de maatwerkvoorziening (artikel 2.3.6, vijfde lid, onder a, van de wet). De situatie waarin het door de cliënt beoogde aanbod duurder is dan het aanbod van het college betekent dus niet bij voorbaat dat het pgb om die reden geheel geweigerd kan worden. Cliënten kunnen zelf bijbetalen wanneer het tarief van de door hen gewenste aanbieder duurder is dan het door het college voorgestelde aanbod. Het college kan het pgb slechts weigeren voor dat gedeelte dat duurder is dan het door het college voorgestelde aanbod. Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen doordat de gemeente vanwege inkoopvoordelen maatwerkvoorzieningen al snel goedkoper zal kunnen leveren dan wanneer iemand zelf ondersteuning inkoopt met een pgb. Daarbij kan gedacht worden aan vervoersof opvangvoorzieningen. Een pgb is gemiddeld genomen ook goedkoper dan zorg in natura omdat er minder overheadkosten hoeven te worden meegerekend. De maximale hoogte van een pgb is in de verordening begrensd op de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate door het college ingekochte maatwerkvoorziening in natura. Ten aanzien van het zesde lid is van belang dat in de nota naar aanleiding van het verslag (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 34) de regering heeft aangegeven dat onder dit sociale netwerk ook mantelzorgers kunnen vallen. Wel is de regering van mening dat de beloning van het sociale netwerk in elk geval beperkt moet blijven tot die gevallen waarin het de gebruikelijke hulp overstijgt en dit aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt en aantoonbaar doelmatiger is. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

249 Overeenkomstig de huidige Wmo-praktijk met betrekking tot informele hulp wordt hierbij in ieder geval gedacht aan diensten (zorg van mantelzorgers bijvoorbeeld). Informele hulp bij hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen is minder goed denkbaar. Ingeval ook hiervoor een pgb wordt aangevraagd is voor gemeenten van belang dat slechts een pgb wordt verstrekt indien naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de in te kopen diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt (artikel 2.3.6, tweede lid, onder c, van de wet). Bij het beoordelen van de kwaliteit als bedoeld in artikel 2.3.6, tweede lid, onder c, van de wet weegt het college mee of de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verstrekt (artikel 2.3.6, derde lid, van de wet). Artikel 7. Regels voor bijdrage voor maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen Deze bepaling geeft uitvoering aan de artikelen 2.1.4, eerste tot en met derde en zevende lid, en 2.1.5, eerste lid van de wet. De wet maakt een onderscheid tussen de bijdragen in de kosten van algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen. De bijdragen in de kosten van algemene voorzieningen mag de gemeente bepalen en dit mag kostendekkend zijn. De bijdragen in de kosten van maatwerkvoorzieningen zijn gelimiteerd tot een bedrag gelijk aan de kostprijs van de voorziening (artikel 2.1.4, derde lid, eerste zin, van de wet) en in het Besluit maatschappelijke ondersteuning worden regels vastgesteld met betrekking tot deze bijdragen (artikel 2.1.4, vierde lid, van de wet). Artikel 8. Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning Deze bepaling betreft een uitwerking van de verordeningsplicht in artikel 2.1.3, tweede lid, onder c, van de wet, waarin is bepaald dat in de verordening in ieder geval wordt bepaald welke eisen worden gesteld aan de kwaliteit van voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen. De regering legt de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van voorzieningen bij de gemeente en de aanbieder. Het is aan de gemeente om in de verordening te bepalen welke kwaliteitseisen worden gesteld aan aanbieders van voorzieningen. Die eisen zullen ook betrekking kunnen hebben op de deskundigheid van het in te schakelen personeel. De regering benadrukt in de memorie van toelichting op artikel 2.1.3, tweede lid, onder c, van de wet (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 3) dat de kwaliteitseisen die zijn vervat in de artikelen 3.1 e.v. van de wet en die zich rechtstreeks tot aanbieders richten, daarbij uitgangspunt zijn. De eis dat een voorziening van goede kwaliteit wordt verleend, biedt veel ruimte voor de gemeenten om in overleg met organisaties van cliënten en aanbieders te werken aan kwaliteitsstandaarden voor de ondersteuning. In het eerste lid zijn een aantal voor de hand liggende kwaliteitseisen uitgewerkt. Het in het tweede lid genoemde jaarlijkse cliëntervaringsonderzoek is verplicht op grond van artikel 2.5.1, eerste lid, van de wet. Artikel 9. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering Deze bepaling betreft een uitwerking van de verordeningsplicht in artikel 2.1.3, vierde lid, van de wet, waarin is bepaald dat in de verordening in ieder geval regels worden gesteld voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een maatwerkvoorziening of een pgb, alsmede van misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet. Het derde lid is een kan -bepaling. Een pgb wordt verstrekt met de bedoeling dat men daarmee een voorziening treft. Als binnen zes maanden na de beslissing tot het verstrekken van het pgb nog geen voorziening is getroffen, heeft het college de bevoegdheid om de beslissing geheel of gedeeltelijk in te Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

250 trekken. Deze bepaling is te zien als een verbijzondering van de bepaling in het tweede lid, onder e (dat tevens op maatwerkvoorzieningen (in natura) ziet). In artikel tot en met van de wet zijn regels voor het verhaal van kosten opgenomen en is de bevoegdheid aan het college gegeven tot het (in geldswaarde) terugvorderen van een ten onrechte verstrekte maatwerkvoorziening of pgb. Hierbij is tevens bepaald dat het college het terug te vorderen bedrag bij dwangbevel kan invorderen. Uit de memorie van toelichting op artikel (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 3, blz. 157) wordt duidelijk dat daarnaast de mogelijkheid blijft bestaan om maatwerkvoorzieningen terug te vorderen; omdat het niet in alle gevallen mogelijk is een al genoten maatwerkvoorziening terug te vorderen, kan het college de waarde van de genoten maatwerkvoorziening uitdrukken in een bedrag dat voor terugvordering in aanmerking komt. In het vijfde en zesde lid zijn dan ook bepalingen opgenomen die het college de bevoegdheid geven tot terugvordering van in eigendom en in bruikleen verstrekte voorzieningen. Artikel 10. Jaarlijkse waardering mantelzorgers Deze bepaling betreft een uitwerking van de verordeningsplicht in artikel van de wet. Hierin is opgenomen dat bij verordening wordt bepaald op welke wijze het college zorg draagt voor een jaarlijkse blijk van waardering voor de mantelzorgers van cliënten in de gemeente. Artikel stelt dat het moet gaan om mantelzorgers van cliënten in de gemeente. Artikel van de wet definieert een cliënt als een persoon die gebruik maakt van een algemene voorziening, maatwerkvoorziening of pgb, of door of namens wie een melding is gedaan. Het gaat dus ook om mantelzorgers van cliënten die een hulpvraag hebben aangemeld, ook al is daar geen voorziening op basis van deze wet uitgekomen. Voorts is de woonplaats van de cliënt bepalend, zodat het dus ook mantelzorgers kan betreffen die in andere gemeenten wonen. Artikel 11. Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door derden Het college kan de uitvoering van de wet, met uitzondering van de vaststelling van de rechten en plichten van de cliënt, door aanbieders laten verrichten (artikel 2.6.4, eerste lid, van de wet). Met het oog op gevallen waarin dit ten aanzien van een voorziening gebeurt, moeten bij verordening regels worden gesteld ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een voorziening en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan (artikel 2.6.6, eerste lid, van de wet). Daarbij dient in ieder rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de arbeidsvoorwaarden. Om te voorkomen dat alleen gekeken wordt naar de laagste prijs voor de uitvoering worden in dit artikel een aantal andere aspecten genoemd waarmee het college bij het vaststellen van tarieven (naast de prijs) rekening dient te houden. Hiermee wordt bereikt dat een beter beeld ontstaat van reële kostprijs voor de activiteiten die zij door aanbieders willen laten uitvoeren. Uitgangspunt is dat de aanbieder kundig personeel inzet tegen de arbeidsvoorwaarden die passen bij de vereiste vaardigheden. Hiervoor is ten minste een beeld nodig van de vereiste activiteiten en de arbeidsvoorwaarden die daarbij horen. Dit biedt een waarborg voor werknemers dat hun werkzaamheden aansluiten bij de daarvoor geldende arbeidsvoorwaarden. Artikel 12. Klachtregeling De gemeente is op grond van de Awb in het algemeen verplicht tot een behoorlijke behandeling van mondelinge en schriftelijke klachten over gedragingen van personen en bestuursorganen die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn. In deze bepaling is een regeling ten aanzien van klachten tegen aanbieders opgenomen. Een dergelijke bepaling is verplicht op grond van artikel 2.1.3, tweede lid, onder e, van de wet, waarin is bepaald dat in de verordening in ieder geval wordt bepaald ten aanzien van welke voorzieningen een regeling voor de afhandeling van klachten van cliënten is vereist. De aanbieder is ten aanzien van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

251 in de verordening genoemde voorzieningen verplicht een klachtregeling op te stellen (artikel 3.2, eerste lid, onder a, van de wet). In de memorie van toelichting (Kamerstukken II 2013/14, , nr. 3, blz ) staat dat cliënten in beginsel moeten kunnen klagen over alles wat hen niet aanstaat in de manier waarop zij zich bejegend voelen. De cliënt kan ontevreden zijn over het gedrag van een gemeenteambtenaar, bijvoorbeeld over de wijze waarop een gesprek is gevoerd of over diens (vermeende) gebrek aan deskundigheid. Is de cliënt niet tevreden over een gedraging van de aanbieder, dan kan het ook gaan om bijvoorbeeld de kwaliteit van de geleverde maatschappelijke ondersteuning (in verband met de deskundigheid van de medewerker of een bepaalde houding of uitlating, gebrekkige communicatie of (on)bereikbaarheid van de aanbieder). Het ligt voor de hand dat cliënten die zich benadeeld voelen zo veel mogelijk deze klacht eerst bij de betreffende aanbieder deponeren. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat de aanbieder de klacht snel in behandeling neemt en de klacht ook snel afhandelt. Daar waar de afhandeling niet naar wens is, staat de weg naar de gemeente voor het indienen van de klacht open. Artikel 13. Medezeggenschap bij aanbieders van maatschappelijke ondersteuning Dit artikel geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, tweede lid, onder f, van de wet, waarin is bepaald dat in ieder geval moet worden bepaald ten aanzien van welke voorzieningen een regeling voor medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder welke voor de gebruikers van belang zijn, vereist is. In dit artikel gaat het dus om medezeggenschap van cliënten tegenover de aanbieder. Voorheen moest de aanbieder voldoen aan de in de Wet klachtrecht cliënten en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) gestelde regels. Onder de Wmcz werd inspraak tegenover de aanbieder reeds verwezenlijkt via de cliëntenraad. Onder de Wmo 2015 is het stellen van regels geheel aan gemeenten overgelaten. In het eerste lid is dit uitgewerkt door te bepalen dat aanbieders een regeling voor medezeggenschap dienen vast te stellen. De aanbieder is ten aanzien van de in de verordening genoemde voorzieningen verplicht een medezeggenschapsregeling op te stellen (artikel 3.2, eerste lid, onder b, van de wet). In het tweede lid zijn een aantal instrumenten voor het college aangegeven om te zorgen dat de verplichting tot medezeggenschap door aanbieders goed wordt uitgevoerd. Artikel 14. Betrekken van ingezetenen bij het beleid Deze bepaling geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, derde lid, van de wet. In het eerste lid is verwezen naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat er eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het Wmo-beleid als op andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever, omdat iedereen op enig moment aangewezen kan raken op ondersteuning. Met het vierde lid wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven. Artikel 15. Intrekking oude verordening en overgangsrecht In het tweede lid is overgangsrecht opgenomen voor lopende voorzieningen op basis van de oude verordening. In het derde lid is bepaald dat aanvragen die voor de inwerkingtreding van deze nieuwe verordening zijn ingediend maar waarop bij de inwerkingtreding nog niet is beslist, worden afgedaan op grond van de nieuwe verordening. In het vierde lid is voor lopende bezwaarschriften bepaald dat Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

252 deze volgens de oude verordening worden afgedaan. Daarnaast bevat de wet nog overgangsrecht voor AWBZ cliënten die overgaan naar de Wmo en voor de doelgroep beschermd wonen (zie de artikelen 8.1 tot en met 8.4 van de wet.] Artikel 16. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de cliënt afwijken van de bepalingen van deze verordening. Dit afwijken kan alleen meer ten gunste en nooit ten nadele van de jeugdige en ouders. Het gebruik maken van de hardheidsclausule moet nadrukkelijk worden beschouwd als een uitzondering. Bij de beoordeling van de aanvraag zou het college zelf aanleiding kunnen zien om de hardheidsclausule toe te passen. In het algemeen geldt dat de jeugdige en zijn ouders gemotiveerd moet aangeven dat zijn situatie bijzonder is en dat voor het overige ook nader moeten onderbouwen. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

253 Verordening jeugdhulp Amersfoort 2015 (# ) De raad van de gemeente Amersfoort gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en , vierde lid,van de Jeugdwet; gezien het advies van [naam commissie]; overwegende dat de Jeugdwet de verantwoordelijkheid voor het organiseren van goede en toegankelijke jeugdhulp bij de gemeente heeft belegd, waarbij het uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid voor het gezond en veilig opgroeien van jeugdigen allereerst bij de ouders en de jeugdige zelf ligt; en dat het noodzakelijk is om regels vast te stellen over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige voorzieningen, met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning en de wijze van beoordeling van, en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening, over de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen, de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld, voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening of een persoonsgebonden budget alsmede misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet, en regels ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van jeugdhulp of de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan; besluit vast te stellen de Verordening jeugdhulp Amersfoort Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Jeugdwet, op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen; hulpvraag: behoefte van een jeugdige of zijn ouders aan jeugdhulp in verband met opgroeien opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de wet; individuele voorziening: op de jeugdige of zijn ouders toegesneden voorziening als bedoeld in artikel 2, tweede lid; overige voorziening: overige voorziening als bedoeld in artikel 2, eerste lid; pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel van de wet, zijnde een door het college verstrekt budget aan een jeugdige of zijn ouders, dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort van derden te betrekken; wet: Jeugdwet. Artikel 2. Vormen van jeugdhulp 1. De volgende vormen van overige voorzieningen zijn beschikbaar: a. Onder basishulp wordt in ieder geval verstaan: i. Voorzieningen gericht op preventie van opvoed- en opgroeiproblemen ii. Sociaal team voor hulpverlening bij opvoed- en opgroeiproblemen 2. De volgende vormen van individuele voorzieningen zijn beschikbaar: a. Onder specialistische jeugdhulp wordt in ieder geval verstaan: i. Hulp voor jeugdigen met (ernstige) opvoed- en opgroeiproblemen die niet preventief of door sociaal team geboden kan worden ii. Hulp voor jeugdigen met psychische klachten of stoornissen (voorkomen, behandelen en genezen) iii. Hulp voor jeugdigen met een verstandelijke beperking iv. Begeleiding en persoonlijke verzorging jeugdigen Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

254 3. Het college stelt bij nadere regeling vast welke overige en individuele voorzieningen op basis van het eerste en tweede lid beschikbaar zijn. Artikel 3 Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts 1. Het college draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na een verwijzing door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts naar een jeugdhulpaanbieder, als en voor zover genoemde jeugdhulpaanbieder van oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig is. 2. Als de jeugdige of zijn ouders hierom verzoeken, legt het college de te verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in een beschikking als bedoelt in artikel 6. Artikel 4. Toegang jeugdhulp via de gemeente Het college stelt bij nadere regeling regels met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning en de wijze van beoordeling van, en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening. Het college geeft daarbij aan op welke wijze hij jeugdigen en ouders informeert over de mogelijkheid en het belang om in bepaalde gevallen een beroep op jeugdhulp te doen. Artikel 5. Advisering Het college kan een door hem daartoe aangewezen expertisepool om advies vragen als het dit van belang acht voor de beoordeling van de aanvraag om een specialistische jeugdhulpvoorziening. Artikel 6. Inhoud beschikking 1. In de beschikking tot verstrekking van een individuele voorziening wordt in ieder geval aangegeven of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt en wordt tevens aangegeven hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt. 2. Bij het verstrekken van een voorziening in natura wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd: a. welke de te verstrekken voorziening is en wat het beoogde resultaat daarvan is; b. wat de ingangsdatum en duur van de verstrekking is; c. hoe de voorziening wordt verstrekt, en indien van toepassing, d. welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn. 3. Bij het verstrekken van een voorziening in de vorm van een pgb wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd: a. voor welk resultaat het pgb kan worden aangewend; b. welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het pgb; c. wat de hoogte van het pgb is en hoe hiertoe is gekomen; d. wat de duur is van de verstrekking waarvoor het pgb is bedoeld, en e. de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb. 4.Bij het verstrekken van een individuele voorziening worden in de beschikking tevens de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken vastgelegd. 5.Als sprake is van een te betalen ouderbijdrage worden de jeugdige of zijn ouders daarover in de beschikking geïnformeerd. Artikel 7. Regels voor pgb 1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel van de wet. 2. De hoogte van een pgb wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate individuele voorziening in natura. 3. Het college kan nadere regels stellen over de wijze waarop de hoogte van een pgb wordt vastgesteld. 4. Het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden de persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, de jeugdhulp kan betrekken van een persoon die behoord tot het sociale netwerk. 5.Het college verstrekt geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt. Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

255 Artikel 8. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering 1. Onverminderd artikel van de wet doen een jeugdige of zijn ouders op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening. 2. Onverminderd artikel van de wet kan het college een beslissing over een individuele voorziening herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a. de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. de jeugdige of zijn ouders niet langer op de individuele voorziening of op het pgb zijn aangewezen; c. de individuele voorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; d. de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden van de individuele voorziening of het pgb, of e. de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is bestemd. 3. Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van degene die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten individuele voorziening of het ten onrechte genoten pgb. 4. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 5. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb s. Artikel 9. Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, rekening met: a. de aard en omvang van de te verrichten taken; b. de voor de sector toepasselijke CAO-schalen in relatie tot de zwaarte van de functie; c. een redelijke toeslag voor overheadkosten; d. een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en werkoverleg; e. kosten voor bijscholing van het personeel. Artikel 10. Vertrouwenspersoon 1. Het college zorgt ervoor dat jeugdigen, ouders en pleegouders een beroep kunnen doen op een onafhankelijke vertrouwenspersoon. 2. Het college wijst jeugdigen en ouders erop dat zij zich desgewenst kunnen laten bijstaan door een onafhankelijke vertrouwenspersoon. Artikel 11. Klachtregeling Voor de afhandeling van klachten van ouders en jeugdigen die betrekking hebben op gedragingen jegens hen van het college of van personen die namens haar meldingen en aanvragen als bedoeld in deze verordening behandelen, hanteert het college de op het moment van indienen van de klacht geldende klachtenregeling. Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

256 Artikel 12. Inspraak en medezeggenschap 1. Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. 2. Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 3. Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning. 4. Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede en derde lid. Artikel 13. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige en ouders afwijken van hetgeen bij deze verordening is bepaald, indien toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 14. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening jeugdhulp gemeente Amersfoort. Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

257 Toelichting Algemeen Deze verordening geeft uitvoering aan de Jeugdwet. Deze wet maakt onderdeel uit van de bestuurlijke en financiële decentralisatie naar gemeenten van de jeugdzorg, de jeugd-ggz, de zorg voor verstandelijk beperkte jeugdigen en de begeleiding en persoonlijke verzorging van jeugdigen. Daarnaast wordt met deze wet een omslag gemaakt van een stelsel gebaseerd op een wettelijk recht op zorg (aanspraak) naar een stelsel op basis van een voorzieningenplicht voor gemeenten (voorziening), op een wijze zoals eerder is gebeurd met de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Het wettelijke recht op jeugdzorg en individuele aanspraken op jeugdzorg worden hierbij vervangen door een voorzieningenplicht waarvan de aard en omvang in beginsel door de gemeente worden bepaald (maatwerk). Het doel van het jeugdzorgstelsel blijft echter onverminderd overeind: jeugdigen en ouders krijgen waar nodig tijdig bij hun situatie passende hulp, met als beoogd doel ervoor te zorgen de eigen kracht van de jongere en het zorgend en probleemoplossend vermogen van het gezin te versterken. De Jeugdwet schrijft in de artikelen 2.9, 2.10 en 2.12 voor dat de gemeenteraad per verordening in ieder geval regels opstelt: over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige (jeugdhulp)voorzieningen; met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning, de wijze van beoordeling van en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening; over de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, werk en inkomen; over de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld; voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening of persoonsgebonden budget, alsmede van misbruik of oneigenlijke gebruik van de Jeugdwet; over de wijze waarop ingezetenen worden betrokken bij de uitvoering van de Jeugdwet, en ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit van jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, waar het college ten aanzien daarvan de uitvoering van de Jeugdwet door derden laat verrichten. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de toepasselijke arbeidsvoorwaarden. Artikel 2.9 van de Jeugdwet biedt verder ruimte om met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Jeugdwet andere regels te stellen. Deze verordening maakt hier spaarzaam gebruik van; om een meer compleet beeld te geven van de rechten en plichten van burgers en de gemeente. Daarnaast kan op grond van artikel 8.1.1, vierde lid, bij verordening bepaald worden onder welke voorwaarden de persoon aan wie een persoonsgebonden budget wordt verstekt, de jeugdhulp kan betrekken van een persoon die behoort tot zijn sociale netwerk. Deze verordening kan niet los worden gezien van het beleidsplan, dat de raad op grond van artikel 2.2 van de Jeugdwet eveneens dient vast te stellen. In dit beleidsplan wordt het door het gemeentebestuur te voeren beleid vastgelegd met betrekking tot preventie en jeugdhulp, de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

258 Toeleiding naar de jeugdhulp De toeleiding naar de jeugdhulp kan op verschillende manieren plaatsvinden. Vrij toegankelijk In de verordening is onderscheid gemaakt tussen overige (vrij-toegankelijke) en individuele (niet vrijtoegankelijke) voorzieningen op het gebied van jeugdhulp (zie artikel 2, eerste, respectievelijk tweede lid). Voor een deel van de hulpvragen zal volstaan kunnen worden met een vrij-toegankelijke voorziening. Hier kunnen de jeugdige en zijn ouders gebruik van maken zonder dat zij daarvoor een verwijzing of een besluit van de gemeente nodig hebben. De jeugdige en zijn ouders kunnen zich voor deze jeugdhulp dus rechtstreeks tot de jeugdhulpaanbieder wenden. Toegang jeugdhulp via de gemeente Ook kan een hulpvraag van een jeugdige of zijn ouder binnenkomen bij de gemeente. De beslissing door de gemeente welke zorg een jeugdige of zijn ouder precies nodig heeft, komt vervolgens tot stand in overleg met die jeugdige en zijn ouders. In een gesprek tussen een door de gemeente ingezette deskundige en de jeugdige en zijn ouders zal gekeken worden wat de jeugdige en zijn ouders eventueel zelf of met behulp van hun netwerk kunnen doen aan het probleem. Als aanvullend daarop een voorziening op het gebied van jeugdhulp nodig is, dan zal eerst gekeken worden of dit een vrij-toegankelijke voorziening is of een niet vrij-toegankelijke voorziening. Is het laatste het geval dan neemt deze deskundige, namens het college, een besluit en verwijst hij de jeugdige door naar de jeugdhulpaanbieder die volgens de deskundige de aangewezene is om de betreffende problematiek aan te pakken. De procedure regels zullen in de beleidsregels worden vastgesteld. Toegang via de huisarts, de jeugdarts en de medisch specialist De Jeugdwet regelt daarnaast dat de jeugdhulp toegankelijk is na een verwijzing door de huisarts, de jeugdarts en de medisch specialist. Na een dergelijke verwijzing staat echter nog niet vast welke specifieke behandelvorm van jeugdhulp (dus bijvoorbeeld welke therapie) een jeugdige of zijn ouder precies nodig heeft. Een jeugdige kan op dat moment terecht bij de jeugdhulpaanbieders die de gemeente heeft ingekocht. In de praktijk zal het de jeugdhulpaanbieder zelf zijn die op basis van zijn professionele autonomie na de verwijzing beoordeelt welke voorziening precies nodig is (de behandelvorm), hoe vaak iemand moet komen (de omvang) en hoe lang (de duur). Bij deze beoordeling dient de jeugdhulpaanbieder zich te houden aan de afspraken die hij daarover met de gemeente heeft gemaakt in het kader van de contract- of subsidierelatie. Deze afspraken zien op hoe de gemeente haar regierol kan waarmaken en op de omvang van het pakket. Deze afspraken zullen verder ook ingaan op hoe de artsen en de gemeentelijke toegang goed van elkaar op de hoogte zijn van de doorverwijzing of behandeling van een kind, zodat de integrale benadering rond het kind en het principe van 1 gezin 1 regisseur 1 plan, met name bij multiproblematiek, kan worden geborgd en er geen nieuwe verkokering zal plaatsvinden, waarbij professionals niet goed van elkaar weten dat zij bij het gezin betrokken zijn. Daarnaast zal de jeugdhulpaanbieder rekening moeten houden met de regels die de gemeente bij verordening heeft gesteld. Deze verordening regelt welk aanbod van de gemeente alleen via verwijzing of met een besluit van de gemeente toegankelijk is (zie artikel 2). Omdat de gemeente verder geen nadrukkelijke rol speelt in bij de toegang via de huisarts, de jeugdarts en de medisch specialist, regelt deze slechts een enkel aspect met betrekking tot het proces (zie artikel 3). Artikel 9 en verder zijn wel van overeenkomstige toepassing. Toegang via de gecertificeerde instelling, de kinderrechter, het openbaar ministerie en de directeur of de selectiefunctionaris van de justitiële jeugdinrichting Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

259 Een andere ingang tot de jeugdhulp is via de gecertificeerde instelling, de kinderrechter (via een kinderbeschermingsmaatregel of een maatregel tot jeugdreclassering), het openbaar ministerie en de directeur of de selectiefunctionaris van de justitiële jeugdinrichting. De gecertificeerde instelling is verplicht om bij de bepaling van de in te zetten jeugdhulp in het kader van een door de rechter opgelegde kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering te overleggen met de gemeente. Uiteraard kan bij dit overleg een kostenafweging plaatsvinden. De gemeente is op haar beurt vervolgens gehouden de jeugdhulp in te zetten die deze partijen nodig achten ter uitvoering van de kinderbeschermingsmaatregel of de jeugdreclassering. Deze leveringsplicht van de gemeente vloeit voort uit het feit dat uitspraken van rechters te allen tijde moeten worden uitgevoerd om rechtsgelijkheid en rechtszekerheid te kunnen garanderen. Ook hier geldt dat de gecertificeerde instelling in beginsel gebonden is aan de jeugdhulp die de gemeente heeft ingekocht. Als de kinderrechter een ondertoezichtstelling of gezagsbeëindiging uitspreekt, wijst hij gelijktijdig in de beschikking de gecertificeerde instelling aan die de maatregel gaat uitvoeren. Dit kan de rechter juist omdat de raad voor de kinderbescherming in zijn verzoekschrift een concreet advies geeft over welke gecertificeerde instelling de maatregel zou moeten uitvoeren. De raad voor de kinderbescherming neemt een gecertificeerde instelling in zijn verzoekschrift op die na overleg met de gemeente en gezien de concrete omstandigheden van het geval hiervoor het meest geschikt lijkt. De raad voor de kinderbescherming is verplicht om hierover met de gemeente te overleggen. Deze toegang wordt al in de Jeugdwet zelf geregeld en komt verder dus niet terug in deze verordening. Toegang via de advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (AMHK) Ten slotte vormt ook het AMHK een toegang tot onder andere jeugdhulp. Het AMHK geeft advies over vermoedens en gevallen van huiselijk geweld en kindermishandeling, onderzoekt indien nodig op basis van een melding of er sprake is van kindermishandeling, motiveert zo nodig ouders tot accepteren van jeugdhulp en legt daartoe contacten met de hulpverlening. Deze toegang wordt al in de Jeugdwet zelf geregeld en komt verder dus niet terug in deze verordening. Artikelsgewijs Artikel 1. Begripsbepalingen Onder het begrip andere voorziening wordt in deze verordening verstaan een voorziening die niet op grond van de Jeugdwet wordt getroffen, maar in het kader van maatschappelijke ondersteuning, onderwijs, werk en inkomen of zorg. Zie ook artikel 2.9, onder b, van de wet. De individuele voorzieningen en overige voorzieningen zijn opgenomen in artikel 2. Hoe individuele voorzieningen verkregen kunnen worden, is nader geregeld in beleidsregels. De definitie van pgb is opgenomen omdat de afkorting pgb in het spraakgebruik inmiddels meer is ingeburgerd dan voluit persoonsgebonden budget. Het aantal definities van artikel 1 is beperkt aangezien de wet al een flink aantal definities kent die ook bindend zijn voor deze verordening. Deze wettelijke definities zijn dan ook niet nogmaals opgenomen in de verordening. Het betreft onder meer definities van centrale begrippen als jeugdhulp, jeugdige en ouder. In de verordening gebruiken we de begrippen jeugdige en ouder overeenkomstig de Jeugdwet. Indien mogelijk aangeduid algemeen als jeugdigen en ouders en specifiek veelal als de jeugdige of zijn ouders. Gebruik van of impliceert ook de betekenis en. Met de aanduiding de jeugdige of zijn ouders bedoelen we dus: de jeugdige (van bijvoorbeeld 16 jaar of ouder) zelfstandig, de jeugdige met een of beide ouders (in de definitie van artikel 1 van de wet: de gezaghebbend ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt, niet zijnde een pleegouder) (bij een jeugdige tussen de 12 en de 16 jaar), of de ouders namens de jeugdige (bij een jeugdige jonger dan 12 jaar). Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

260 In artikel 1.1 van de wet is jeugdhulp als volgt gedefinieerd: 1. ondersteuning van en hulp en zorg, niet zijnde preventie, aan jeugdigen en hun ouders bij het verminderen, stabiliseren, behandelen en opheffen van of omgaan met de gevolgen van psychische problemen en stoornissen, psychosociale problemen, gedragsproblemen of een verstandelijke beperking van de jeugdige, opvoedingsproblemen van de ouders of adoptiegerelateerde problemen; 2. het bevorderen van de deelname aan het maatschappelijk verkeer en van het zelfstandig functioneren van jeugdigen met een somatische, verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem en die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt, en 3. het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid bij jeugdigen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking of een somatische of psychiatrische aandoening of beperking, die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt, met dien verstande dat de leeftijdgrens van achttien jaar niet geldt voor jeugdhulp in het kader van jeugdstrafrecht. Ook de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) kent een aantal definitiebepalingen die voor deze verordening van belang zijn, zoals: aanvraag (artikel 1:3, derde lid, van de Awb) en beschikking (artikel 1:2 van de Awb). Artikel 2. Vormen van jeugdhulp Dit artikel geeft een nadere uitwerking van de verplichte delegatiebepaling van artikel 2.9, onder a, van de wet, waarin is bepaald dat de gemeente bij verordening regels stelt over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige (jeugdhulp)voorzieningen. Uit de memorie van toelichting op de wet (Kamerstukken II 2012/13, , nr. 3) komt naar voren dat de burger recht heeft op een duidelijk beeld van het aanbod van voorzieningen binnen de gemeente. Artikel 3 Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts In artikel 2.6, eerste lid, onderdeel g, van de Jeugdwet is geregeld dat, naast de gemeentelijk georganiseerde toegang tot jeugdhulp, ook de directe verwijzingsmogelijkheid door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts naar de jeugdhulp blijft bestaan. Dit laatste geldt zowel voor de vrijtoegankelijke (overige) voorzieningen als de niet vrij-toegankelijke (individuele) voorzieningen. Met een dergelijke verwijzing kan de jeugdige rechtstreeks aankloppen bij de jeugdhulpaanbieder. In de praktijk zal het de jeugdhulpaanbieder (bijvoorbeeld de jeugdpsychiater, de gezinswerker of orthopedagoog) zijn die na de verwijzing (stap 1) beoordeelt welke jeugdhulp precies nodig is. Deze bepaalt in overleg met de jeugdige of ouder daadwerkelijk de concrete inhoud, vorm, omvang en duur van de benodigde jeugdhulp. Deze aanbieder stelt dus feitelijk vast wat naar zijn oordeel de inhoud van de benodigde voorziening dient te zijn en hij zal zijn oordeel mede baseren op de protocollen en richtlijnen die voor een professional de basis van zijn handelen vormen (stap 2). Zie ook de algemene toelichting. Als de jeugdige of zijn ouders dit wensen òf in het uitzonderlijke geval dat het college een besluit neemt dat afwijkt van het oordeel van de jeugdhulpaanbieder, legt het college de te verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in een beschikking aan de jeugdige of zijn ouders. Op die manier wordt de jeugdige en zijn ouders de benodigde rechtsbescherming geboden en wordt voorkomen dat het college talloze beschikkingen moet afgeven die hetzelfde luiden als hetgeen de jeugdige of zijn ouders naar het oordeel van de jeugdhulpaanbieder nodig hebben. Artikel 4. Toegang jeugdhulp via de gemeente Deze bepaling regelt de toegang van jeugdhulp via de gemeente en is opgenomen om een zorgvuldige procedure te waarborgen. Dit alles ter uitvoering van artikel 2.9, onder a, van de wet waarin is bepaald dat de gemeente bij verordening in ieder geval regels stelt over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige voorzieningen, met betrekking tot de voorwaarden Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

261 voor toekenning en de wijze van beoordeling van, en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening. Artikel 5. Advisering Het college kan extern advies inwinnen indien dat voor de beoordeling van een aanvraag nodig is; als dat de enige mogelijkheid is om een zorgvuldig onderzoek naar de aanvraag te doen, is het zelfs in zekere zin verplicht. Het is bij de adviesaanvraag van belang dat hierbij een heldere vraag of afgebakende opdracht wordt verstrekt, zodat duidelijk is voor de jeugdige en ouders en de adviseur welk aanvullend onderzoek nog nodig is. Artikel 6. Inhoud beschikking Indien de jeugdige of zijn ouders een formele aanvraag bij het college indienen (artikel 8) of er overeenkomstig artikel 3, tweede lid, een beschikking afgegeven wordt, dient het college een schriftelijke beschikking op te stellen, waartegen zij bezwaar en beroep op grond van de Awb kunnen indienen. Uitgangspunt van de wet is dat de jeugdige of zijn ouders een voorziening in natura krijgen. Indien gewenst door de jeugdige of zijn ouders bestaat echter de mogelijkheid van het toekennen van een pgb. In de beschikking wordt alleen ter informatie opgenomen dat een ouderbijdrage is verschuldigd (vierde lid). De vaststelling en inning geschiedt door het bestuursorgaan dat namens de gemeente met de inning is belast. Artikel 7. Regels pgb Bij nota van wijziging (Kamerstukken II 2013/ , nr. 11, artikel MM) is de regeling in artikel van de wet voor het pgb aangepast ( gestandaardiseerd ) aan de verwante regelgeving met betrekking tot de maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015), In deze regeling stond dat een pgb slechts wordt verstrekt indien aan de in het derde lid gestelde voorwaarden is voldaan. Bij amendement Bergkamp/Voortman (Kamerstukken II 2013/ , nr. 109) is het woord slechts geschrapt omdat dit een onnodige en overbodige inperking van het recht op een pgb leek te suggereren. Bij amendement Bisschop en Voortman (Kamerstukken II 2013/ , nr. 100) is het vijfde lid zo aangepast dat duidelijk is geworden dat jeugdigen of hun ouders zelf kunnen bijbetalen wanneer het tarief van de door hen gewenste aanbieder duurder is dan de in de betreffende situatie goedkoopst adequate door het college te bieden individuele voorziening in natura. Het college kan het pgb slechts weigeren voor dat gedeelte dat duurder is dan deze door het college te bieden individuele voorziening in natura. Nadere regels worden in de beleidsregels vastgelegd. Artikel 8. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering Deze bepaling is een uitwerking van de bij nota van wijziging ( Kamerstukken II 2013/ , nr. 11, artikel D) ingevoegde verplichte delegatiebepaling van artikel 2.9, onder d, van de wet, waarbij is bepaald dat de gemeente bij verordening regels stelt voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening, alsmede van misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet. Ook deze bepaling beoogt het standaardiseren met de regelgeving met betrekking tot de aan elkaar verwante beleidsterreinen van jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning. Zie ook de toelichting onder artikel 10. In de toelichting op de nota van wijziging is voorts vermeld dat het tot de gemeentelijke verantwoordelijkheid behoort misbruik van de geboden voorzieningen te voorkomen en, waar nodig, op te treden tegen onterecht gebruik van individuele voorzieningen of persoonsgebonden budgetten. Een zorgvuldig gebruik van collectieve middelen is wezenlijk voor het draagvlak daarvan. De artikelen tot en met (oorspronkelijk genummerd: 8.1.1a tot en met 8.1.1c) zijn eveneens bij nota van wijziging en ter standaardisering van de regelgeving aan het wetsvoorstel toegevoegd. Het eerste lid berust mede op artikel 8.1.2, eerste lid, van de wet. Ook de overige onderdelen van artikel en artikel en geven handen en voeten aan de bestrijding van misbruik en Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

262 oneigenlijk gebruik en zijn opgenomen in deze verordening. De wettekst van de artikelen tot en met is veelal beperkt tot de pgb. Waar mogelijk en zinvol, is dit ter uitwerking van de delegatiebepaling in artikel 2.9, onder d, van de wet, in de verordening uitgebreid tot de individuele voorziening in natura. Hiervoor kan ook steun gevonden worden in de tekst van de toelichting op artikel 8.1.2, waarbij is vermeld dat de in het eerste lid geregelde inlichtingenverplichting als uitgangspunt heeft dat van de jeugdige en zijn ouders aan wie een individuele voorziening of een daaraan gekoppeld pgb is verstrekt, verlangd kan worden dat ze voldoende gegevens en inlichtingen verstrekken om het college in staat te stellen te beoordelen of het beroep op die individuele voorziening of het daaraan gekoppelde pgb terecht is gedaan. Indien het de jeugdige of zijn ouders redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat er feiten en omstandigheden, of daarin opgetreden wijzigingen, zijn die van invloed kunnen zijn op de toekenning van de individuele voorziening of het daaraan gekoppelde pgb, dienen zij dit onverwijld aan het college te melden. Verstrekken zij niet onverwijld uit eigen beweging of op verzoek van het college alle gevraagde inlichtingen en bewijsstukken, dan heeft dat gevolgen voor de toekenning van de voorziening of het daaraan gekoppelde pgb. Het college kan niet alleen bij een aanvraag, maar ook in andere stadia concrete informatie en bewijsstukken van de belanghebbende vragen. Het tweede lid is geënt op artikel van de wet. Ook hier is de tot de pgb beperkte reikwijdte van artikel van de wet op grond van het bepaalde in artikel 2.9, onder d, van de wet uitgebreid tot de individuele voorziening in natura. Artikel 9. Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering Het college kan de uitvoering van de Jeugdwet, met uitzondering van de vaststelling van de rechten en plichten van de jeugdige of zijn ouders, door aanbieders laten verrichten (artikel 2.11, eerste lid, van de Jeugdwet). Met het oog op gevallen waarin dit ten aanzien van jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering gebeurt, moeten bij verordening regels worden gesteld ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van jeugdhulp of de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan (artikel 2.12 va de Jeugdwet). Daarbij dient in ieder rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de toepasselijke arbeidsvoorwaarden. Om te voorkomen dat er alleen gekeken wordt naar de laagste prijs voor de uitvoering worden in dit artikel een aantal andere aspecten genoemd waarmee het college bij het vaststellen van tarieven (naast de prijs) rekening dient te houden. Hiermee wordt bereikt dat er een beter beeld ontstaat van reële kostprijs voor de activiteiten die zij door aanbieders willen laten uitvoeren. Uitgangspunt is dat de aanbieder kundig personeel inzet tegen de arbeidsvoorwaarden die passen bij de vereiste vaardigheden. Hiervoor is ten minste een beeld nodig van de vereiste activiteiten en de arbeidsvoorwaarden die daarbij horen. Dit biedt een waarborg voor werknemers dat hun werkzaamheden aansluiten bij de daarvoor geldende arbeidsvoorwaarden. Artikel 10. Vertrouwenspersoon In artikel 2.6, eerste lid, onder f, van de wet is bepaald dat het college ervoor verantwoordelijk is dat jeugdigen, hun ouders of pleegouders een beroep kunnen doen op een vertrouwenspersoon. Met de vertrouwenspersoon wordt een functionaris bedoeld zoals deze nu al werkzaam is binnen de jeugdzorg. Onafhankelijkheid, beschikbaarheid en toegankelijkheid zijn belangrijke factoren (wettelijke vereisten) voor een goede invulling van deze functie. De wet adresseert het college rechtstreeks en vraagt niet om hierover bij verordening een regeling op te stellen. De bepaling uit de wet is toch in de verordening opgenomen vanwege het in het belang om in de verordening een compleet overzicht van rechten en plichten van jeugdigen en ouders te geven. Bij algemene maatregel van bestuur (het Uitvoeringsbesluit Jeugdwet) zal een nadere uitwerking Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

263 worden gegeven van de taken en bevoegdheden van de vertrouwenspersoon. Artikel 11. Klachtregeling Dit artikel regelt het gemeentelijke klachtrecht. De gemeente is al op grond van de Awb in het algemeen verplicht tot een behoorlijke behandeling van mondelinge en schriftelijke klachten over gedragingen van personen en bestuursorganen die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn. Gelet op het van toepassing zijnde hoofdstuk 9 van de Awb, waarin een uitvoerige regeling omtrent klachtbehandeling is gegeven, en ook het recht is neergelegd om na de afhandeling van de klacht de bevoegde ombudsman te verzoeken een onderzoek in te stellen, kan in deze verordening met een enkele bepaling worden volstaan. In de regel zal eerst de aanbieder worden aangesproken bij klachten over de wijze van behandeling. De klachtmogelijkheid tegenover de aanbieder is geregeld in artikel e.v. van de wet. Pas wanneer dit klachtrecht niet bevredigend is, of niet logisch, bijvoorbeeld bij gedragingen van gemeenteambtenaren, dan komt de gemeentelijke klachtmogelijkheid in zicht. Artikel 12. Inspraak en medezeggenschap In dit artikel zijn bepalingen opgenomen over inspraak en medezeggenschap bij de gemeente. De mogelijkheid tot inspraak en medezeggenschap tegenover de aanbieder is al geregeld in artikel e.v. van de wet. Regeling van de inspraak en medezeggenschap is verplicht op grond van artikel 2.10 van de wet in samenhang met artikel 2.1.3, derde lid, van de Wmo In artikel 2.10 (in de redactie van de Nota van wijziging op het wetsvoorstel Wmo 2015 van 12 maart 2014, kamerstukken II 22841, nr. 35) worden de artikelen 2.1.3, derde lid, en (jaarlijks cliëntervaringsonderzoek) van de Wmo 2015 van overeenkomstige toepassing verklaard. Ingevolge artikel 2.1.3, derde lid, van de Wmo 2015 dient bij verordening te worden bepaald op welke wijze ingezetenen worden betrokken bij de uitvoering van deze wet. In het eerste lid is verwezen naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het jeugdhulpbeleid als op andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever, omdat iedereen op enig moment aangewezen kan raken op ondersteuning. Met het vierde lid wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven. Artikel 13. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige en ouders afwijken van de bepalingen van deze verordening. Dit afwijken kan alleen meer ten gunste en nooit ten nadele van de jeugdige en ouders. Het gebruik maken van de hardheidsclausule moet nadrukkelijk worden beschouwd als een uitzondering. Bij de beoordeling van de aanvraag zou het college zelf aanleiding kunnen zien om de hardheidsclausule toe te passen. In het algemeen geldt dat de jeugdige en zijn ouders gemotiveerd moet aangeven dat zijn situatie bijzonder is en dat voor het overige ook nader moeten onderbouwen. Verordening Jeugdhulp gemeente Amersfoort

264

265

266

267 Gemeente Amersfoort t.a.v. het College van B&W Postbus EA Amersfoort Onderwerp: - advies verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015 Amersfoort, 13 oktober Geachte College. In uw brief van 1 oktober 2014 met kenmerk MO/BC/SEC/ ) vroeg u ons advies over de verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort Wij constateren dat: - de termijn om advies te geven erg krap is; - u in uw brief schijft u: Waar de verordeningen vooral de juridische kant vastleggen, geven de zogenaamde nadere regels meer praktische informatie Voor ons is dat de reden om nu slechts een korte reactie op de verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015 te geven. Wij hopen later dit jaar een uitgebreid advies te kunnen geven over de nadere regels. Inmiddels hebben wij kennis genomen van het advies dat u van de SRA hebt ontvangen. Het GPPA heeft niet veel toe te voegen aan de aanvullingen, vragen en tekstuele opmerkingen van de SRA. Korte reactie GPPA op de verordening. Wij waarderen de volgende onderdelen positief: - De mogelijk tot inzetten van een expertisepool (artikel 3) Wij nemen aan dat dat onder andere betrekking heeft op zaken rond wonen, rollen en vervoer. - De keuzevrijheid voor een PGB (artikel 5) - Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning (artikel 8) - De jaarlijkse waardering mantelzorg (artikel 10) Wij zijn benieuwd op welke manier u die waardering denkt vorm te geven. GPPA; advies verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Amersfoort 2015

0. Algemeen Fractie Vraag Datum

0. Algemeen Fractie Vraag Datum Feitelijke vragen over conceptbegroting 2015-2018 Beh. afdeling CM-CF Reg. nr. 4801078 0. Algemeen Fractie Vraag Datum 1. Groen Links In de begroting zijn prestatie-indicatoren en gerealiseerde waarden

Nadere informatie

Vermeerzaal 1.03. Pvda en Trots: Raadsinformatiebrief 2012-145: Combinatiefunctionaris Hessels/Bongers. Oostlander/Pen

Vermeerzaal 1.03. Pvda en Trots: Raadsinformatiebrief 2012-145: Combinatiefunctionaris Hessels/Bongers. Oostlander/Pen De Raad 18-12-2012 Aanvang: 19:00 *gewijzigd / toegevoegd ten opzichte van eerder gepubliceerde versie Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 Het Plein 19:00 19:15 - - VERVALLEN: Vragen

Nadere informatie

De Raad 04-12-2012 Aanvang: 19:00

De Raad 04-12-2012 Aanvang: 19:00 De Raad 04-12-2012 Aanvang: 19:00 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 19:00 Waarborgen ruimtelijke kwaliteit door stadsbouwmeester en commissie ruimtelijke kwaliteit vrz: Land secr:

Nadere informatie

De Raad 24-11-2015 Aanvang: 19:00

De Raad 24-11-2015 Aanvang: 19:00 De Raad 24-11-2015 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 Het Plein 19:00 19:30 20:00 20:15 Raadsacademie: Circulair inkopen van ambitie naar praktijk in Amersfoort vrz: Smulders pfh: Buijtelaar/Kemmerling

Nadere informatie

Doorkiesnummer : (0495) 575 521 Agendapunt: 8 ONDERWERP

Doorkiesnummer : (0495) 575 521 Agendapunt: 8 ONDERWERP Wijnen, Peter FIN S3 RAD: RAD131106 2013-11-06T00:00:00+01:00 BW: BW131001 voorstel gemeenteraad Vergadering van de gemeenteraad van 6 november 2013 Portefeuillehouder : J.M. Cardinaal Behandelend ambtenaar

Nadere informatie

De Ronde 20-01-2009 Aanvang: 20:30

De Ronde 20-01-2009 Aanvang: 20:30 De Ronde 20-01-2009 Aanvang: 20:30 Tijd Molendijkzaal 0.01 20:30 Bestemmingsplan Buitengebied Oost Rondetafelgesprek met gemeenteraad Leusden Het ontwerpbestemmingsplan Buitengebied Oost heeft ter inzage

Nadere informatie

vragen Jaarrekening 2014

vragen Jaarrekening 2014 vragen Jaarrekening 201 Inhoud vragen Lokale Partij Grave... 2 vragen VP Grave... 3 vragen Keerpunt 20... vragen CDA... vragen VVD... vragen TROTS... vragen Fractie Eigenhuijsen... 1 vragen Jaarrekening

Nadere informatie

De Raad 26-02-2013 Aanvang: 19:00

De Raad 26-02-2013 Aanvang: 19:00 De Raad 26-02-2013 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 B&W-kamer 1.25 19:00 Voortgezette bijeenkomst Wijziging Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Utrecht vrz: Barske pfh: Bolsius

Nadere informatie

Aanleiding en probleemstelling

Aanleiding en probleemstelling No.: Portefeuillehouder: Wethouder Harmsen Afdeling: Welzijn en Onderwijs Behandelaar: C.H.A.M. Weterings De raad van de gemeente Tholen Tholen, 16 juni 2015 Onderwerp: voorstel om in te stemmen met de

Nadere informatie

Paragraaf Decentralisaties

Paragraaf Decentralisaties Paragraaf Decentralisaties Per 1 januari 2015 zijn de decentralisaties in het sociaal domein realiteit geworden. Belangrijke taken op het gebied van jeugdhulp, maatschappelijke ondersteuning en participatie

Nadere informatie

b Onvermijdelijk Er moeten keuzes worden gemaakt ten aanzien van de investeringsportefeuille.

b Onvermijdelijk Er moeten keuzes worden gemaakt ten aanzien van de investeringsportefeuille. gemeente Eindhoven Raadsnummer Inboeknummer 12BST02184 Beslisdatum B&W Dossiernummer RaadsvoorstelMeerjaren Investeringsprogramma 2013 na MKBA Inleiding De gemeente Eindhoven wil blijvend investeren in

Nadere informatie

PEILING. TITEL Funglijbaan sportcomplex Hogekwartier

PEILING. TITEL Funglijbaan sportcomplex Hogekwartier PEILING Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : 4922934 Aan : Gemeenteraad Datum : 10 maart 2015 Portefeuillehouder : Wethouder J.C. Buijtelaar TITEL Funglijbaan sportcomplex Hogekwartier PEILPUNT Wij

Nadere informatie

INFORMATIEPAKKET. voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein

INFORMATIEPAKKET. voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein INFORMATIEPAKKET voor dienstverleners met betrekking tot de marktverkenning van de gemeente Leeuwarden binnen het Sociaal Domein Gemeente Leeuwarden Maart 2014 Blad 2 Blad 3 Algemene informatie Deze informatie

Nadere informatie

Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Kosten

Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Kosten Algemene doelstelling Accommodatiebeleid Maatschappelijk Vastgoed In stand houden en ontwikkelen van maatschappelijk vastgoed die de sociale infrastructuur versterkt, gekoppeld aan een optimale spreiding

Nadere informatie

De Raad 29-11-2005 Aanvang: 18:00

De Raad 29-11-2005 Aanvang: 18:00 De Raad 29-11-2005 Aanvang: 18:00 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 B&W-kamer 1.25 Extra locatie 18:00 Tijd. voorbereidend intern overleg Projectgroep Veilig op Straat (VOS); presentatie Hotspots Herbouwvarianten

Nadere informatie

Bedrijfsvoering. Bedrijfsvoering. Gemeenteraad van de gemeente Oostzaan. P. Flens

Bedrijfsvoering. Bedrijfsvoering. Gemeenteraad van de gemeente Oostzaan. P. Flens Gemeenteraad van de gemeente Oostzaan Gemeentehuis Bezoekadres Kerkbuurt 4, 1511 BD Oostzaan Postadres Postbus 20, 1530 AA Wormer Telefoon 075 651 2100 Fax 075 651 2244 E-mail antwoord@over-gemeenten.nl

Nadere informatie

Bijlagen 1 Voorjaarsnota

Bijlagen 1 Voorjaarsnota Raadsvoorstel Agendapunt: Onderwerp Voorjaarsnota 2012 Datum voorstel 10 april 2012 Datum raadsvergadering 15 mei 2012 Bijlagen 1 Voorjaarsnota Ter inzage Aan de gemeenteraad, 0. Samenvatting De voorjaarsnota

Nadere informatie

Voorstel aan de Raad. Datum raadsvergadering / Nummer raadsvoorstel 27 mei 2015 / 63/2015. Fatale termijn: besluitvorming vóór:

Voorstel aan de Raad. Datum raadsvergadering / Nummer raadsvoorstel 27 mei 2015 / 63/2015. Fatale termijn: besluitvorming vóór: Datum raadsvergadering / Nummer raadsvoorstel 27 mei 2015 / 63/2015 Fatale termijn: besluitvorming vóór: Onderwerp Uitvoering Toelage Hulp bij het Huishouden Programma Zorg & Welzijn Portefeuillehouder

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL. TITEL Verordening reclamebelasting 2011

RAADSVOORSTEL. TITEL Verordening reclamebelasting 2011 RAADSVOORSTEL Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : 3686069v4 Aan : Gemeenteraad Datum : 20 april 2011 Portefeuillehouder : Wethouder M.C. Barendregt Wethouder G. Boeve Wethouder J.C. Buijtelaar Agendapunt

Nadere informatie

De Raad 24-06-2008 Aanvang: 18:30

De Raad 24-06-2008 Aanvang: 18:30 De Raad 24-06-2008 Aanvang: 18:30 Tijd Zandfoort aan de Eem 18:30 Slotparade GA2030 20:30 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 20:45 Taskforce Armoede Voorbereiding besluit Tussenbalans

Nadere informatie

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 9-9-2014 Openbaar Onderwerp : Beleidskader Sociaal Domein

ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Datum B&W-vergadering : 9-9-2014 Openbaar Onderwerp : Beleidskader Sociaal Domein ADVIES BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Datum B&W-vergadering : 9-9-2014 Openbaar Onderwerp : Beleidskader Sociaal Domein Portefeuillehouder(s) : P.J.M. Fens, K. van Waaijen Afdelingshoofd : Paraaf : Paraaf

Nadere informatie

Simpelveld. Advies aan burgemeester en wethouders. Onderwerp: jaarstukken 2014. gemeente. Behandelend ambtenaar:

Simpelveld. Advies aan burgemeester en wethouders. Onderwerp: jaarstukken 2014. gemeente. Behandelend ambtenaar: Advies aan burgemeester en wethouders gemeente Simpelveld Datum advies: 6 mei 2015 Financiële consequenties: Afdeling: Bedrijfsvoering Zaakkenmerk: 47584 Openbare besluitenlijst: ja Behandelend ambtenaar:

Nadere informatie

Betreffende beantwoording schriftelijke vragen van de heer Maxim van Luttikhuizen (SP) inzake Deregulering in het fysieke domein.

Betreffende beantwoording schriftelijke vragen van de heer Maxim van Luttikhuizen (SP) inzake Deregulering in het fysieke domein. Corsanummer: 1400276623 Op 16 oktober 2014 zijn bij de raadsgriffie vragen binnen gekomen van de heer Maxim van Luttikhuizen van de fractie SP gericht aan de voorzitter van de Raad op grond van ex artikel

Nadere informatie

Participatiewet. 9 september 2014. raadscommissie EM - 1 -

Participatiewet. 9 september 2014. raadscommissie EM - 1 - Participatiewet raadscommissie EM 9 september 2014-1 - Inhoud achtergrond wijzigingen sociale zekerheid hoofdlijnen Participatiewet 1 januari 2015 financiering Rijk wetswijzigingen WWB 1 januari 2015 voorbereidingen

Nadere informatie

De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00

De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00 De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 19:00 Basisrichting Structuurvisie Amersfoort 2030 Informatie Regionaal Werkvoorzieningschap Amersfoort en omgeving:

Nadere informatie

De Raad 29-10-2013 Aanvang: 19:00

De Raad 29-10-2013 Aanvang: 19:00 De Raad 29-10-2013 Aanvang: 19:00 Tijd Raadzaal 1.02 HB 19:00 Herdenking Ramón Smits Alvarez 19:45 Tijd Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 Vervallen onderwerpen Het Plein (vervallen) 20:00 20:30 21:00

Nadere informatie

Geachte collega raadsleden, Dagelijks bestuur, Publiek op de tribune, En misschien ook publiek thuis via de webcam,

Geachte collega raadsleden, Dagelijks bestuur, Publiek op de tribune, En misschien ook publiek thuis via de webcam, Geachte collega raadsleden, Dagelijks bestuur, Publiek op de tribune, En misschien ook publiek thuis via de webcam, Deze voorjaarsnota is de eerste stap naar drastische bezuinigingen voor de komende jaren.

Nadere informatie

GEMEENTE SCHERPENZEEL. Raadsvoorstel

GEMEENTE SCHERPENZEEL. Raadsvoorstel GEMEENTE SCHERPENZEEL Raadsvoorstel Datum voorstel : 18 augustus 2015 Raadsvergadering : 29 september 2015 Agendapunt : Bijlage(n) : 8 Kenmerk : Portefeuille : wethouder H.J.C. Vreeswijk Behandeld door:

Nadere informatie

Wmo adviesraad Boxtel. p/a Boxtelseweg 31. 5298 VA Liempde

Wmo adviesraad Boxtel. p/a Boxtelseweg 31. 5298 VA Liempde Wmo adviesraad Boxtel p/a Boxtelseweg 31 5298 VA Liempde Gemeente Boxtel t.a.v. het College van Burgermeesters en Wethouders Postbus 1000 5280 DA Boxtel Betreft: Reactie van de Wmo adviesraad Boxtel op

Nadere informatie

Voor en met elkaar : burgerinitiatieven worden beloond

Voor en met elkaar : burgerinitiatieven worden beloond Voor en met elkaar : burgerinitiatieven worden beloond Verenigingen, stichtingen en instellingen barsten doorgaans van de ambities en toekomstplannen. Maar om ze te realiseren heb je financiële middelen

Nadere informatie

Onderwerp Keuzenota's Wmo 2015/Jeugdwet en Participatie/Maatregelen WWB

Onderwerp Keuzenota's Wmo 2015/Jeugdwet en Participatie/Maatregelen WWB Raadsvoorstel Agendapunt: 04 Onderwerp Keuzenota's Wmo 2015/Jeugdwet en Participatie/Maatregelen WWB Datum voorstel Datum raadsvergadering Bijlagen Ter inzage 23 september 2014 28 oktober 2014 Nota 'Triple

Nadere informatie

Vraag: Vragen ter voorbereiding op de commissie 2014/029. Onderwerp: Wmo-beleidsplan en Wmo-verordening 2015. Commissievergadering: 18 september 2014

Vraag: Vragen ter voorbereiding op de commissie 2014/029. Onderwerp: Wmo-beleidsplan en Wmo-verordening 2015. Commissievergadering: 18 september 2014 Vragen ter voorbereiding op de commissie 2014/029 Onderwerp: Wmo-beleidsplan en Wmo-verordening 2015. Commissievergadering: 18 september 2014 Gesteld door: CDA / Monique Krikhaar Portefeuillehouder: Teammanager:

Nadere informatie

BELEIDSKADER SOCIAAL DOMEIN (NIEUWE WMO EN JEUGDWET)

BELEIDSKADER SOCIAAL DOMEIN (NIEUWE WMO EN JEUGDWET) BOB 14/001 BELEIDSKADER SOCIAAL DOMEIN (NIEUWE WMO EN JEUGDWET) Aan de raad, Voorgeschiedenis / aanleiding Per 1 januari 2015 worden de volgende taken vanuit het rijk naar de gemeenten gedecentraliseerd:

Nadere informatie

De Raad 22-09-2009 Aanvang: 19:00

De Raad 22-09-2009 Aanvang: 19:00 De Raad 22-09-2009 Aanvang: 19:00 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 19:00 Economische visie: opgaven, Raad en agenda peiling BPA: Uitgangspunten deelnemingen (nav RIB 2009-99) Informatie/peiling

Nadere informatie

Programma 1 - Bestuur en veiligheid

Programma 1 - Bestuur en veiligheid Vragen door raadsfracties over de Programmabegroting 2014-2017 Nr. Van Wie Vragen Programma 1 - Bestuur en veiligheid 1. CDA Vraag: Blz. 10, Communicatie Wat kost een extra pag. in Gemeente thuis 2. CDA

Nadere informatie

Onderwerp Subsidieverlening Het Inter-lokaal inzake dienstverlening in het kader van Werk & Inkomen en de Papierwinkel

Onderwerp Subsidieverlening Het Inter-lokaal inzake dienstverlening in het kader van Werk & Inkomen en de Papierwinkel Openbaar Onderwerp Subsidieverlening Het Inter-lokaal inzake dienstverlening in het kader van Werk & Inkomen en de Papierwinkel Programma / Programmanummer Werk & Inkomen / 1061 BW-nummer Portefeuillehouder

Nadere informatie

Er is voldaan aan de verplichting in de Jeugdwet om een beleidsplan en een verordening vast te stellen.

Er is voldaan aan de verplichting in de Jeugdwet om een beleidsplan en een verordening vast te stellen. Datum: 28-10-14 Onderwerp Beleidsplan jeugd en verordening jeugdhulp Status Besluitvormend Voorstel 1. het regionale beleidsplan jeugd vast te stellen 2. het lokale beleidsplan jeugd gemeente Boxtel 2015

Nadere informatie

2012 actuele begroting op 31-12-12

2012 actuele begroting op 31-12-12 WMO 4 e berap Bestuurlijke samenvatting Landelijke ontwikkelingen bij de overheid hebben in voor nogal wat wijzigingen, maar ook onzekerheid gezorgd. Zo werd besloten dat de overgang van Begeleiding naar

Nadere informatie

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL RAADSVOORSTEL Registr.nr. 1423468 R.nr. 52.1 Datum besluit B&W 6juni 2016 Portefeuillehouder J. Versluijs Raadsvoorstel over de evaluatie van participatie Vlaardingen, 6juni 2016 Aan de gemeenteraad. Aanleiding

Nadere informatie

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Besluitenlijst van het college van burgemeester en wethouders d.d. 15 december 2015 PERS

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS. Besluitenlijst van het college van burgemeester en wethouders d.d. 15 december 2015 PERS BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Besluitenlijst van het college van burgemeester en wethouders d.d. 15 december 2015 PERS Zaak Onderwerp Concept besluit Samenvatting Besluit 39478 Dienstverleningsovereenkomst

Nadere informatie

AF D R U K V OO R B E EL D B E S T U U R L IJ K BE H AN D E L VO O R S TEL

AF D R U K V OO R B E EL D B E S T U U R L IJ K BE H AN D E L VO O R S TEL AF D R U K V OO R B E EL D B E S T U U R L IJ K BE H AN D E L VO O R S TEL Vaststelling Beleidsplan Transitie Sociaal Domein 2015-2016, de deelbeleidsplannen Jeugd, Participatiewet en WWB maatregelen,

Nadere informatie

Kadernota Participatie en Inkomen. Raadsinformatieavond 14 januari 2014

Kadernota Participatie en Inkomen. Raadsinformatieavond 14 januari 2014 Kadernota Participatie en Inkomen Raadsinformatieavond 14 januari 2014 Opbouw 1. Urgentie/aanleiding 2. Gekozen insteek en proces 3. Drieledige veranderstrategie a. Versterken bedrijvigheid en stimuleren

Nadere informatie

Gemeente Almere. Voorstel aan Burgemeester en Wethouders Besluit. Aanwijzingsbesluit uitstallingen, reclameborden, speeltoestellen en overige objecten

Gemeente Almere. Voorstel aan Burgemeester en Wethouders Besluit. Aanwijzingsbesluit uitstallingen, reclameborden, speeltoestellen en overige objecten Voorstel aan Burgemeester en Wethouders Besluit Verseon 16 oktober 2015 Pagina 6/6 Vergaderdatum 13 oktober 2015 Besluit conform voorstel B en W besluit Aanwijzingsbesluit uitstallingen, reclameborden,

Nadere informatie

De perspectief nota en de najaarsnota lieten een positief beeld zien.(+137.000).

De perspectief nota en de najaarsnota lieten een positief beeld zien.(+137.000). Begroting 2015-2018 Begroting 2015-2018 11-11-2014 voor ons ligt de begroting 2014 2018. Voor de PvdA zijn de mensen belangrijk. Mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt die nu buiten spel staan, maar

Nadere informatie

Algemeen Bestuur. De commissie heeft geadviseerd het voorstel door te geleiden voor besluitvorming in het Algemeen Bestuur

Algemeen Bestuur. De commissie heeft geadviseerd het voorstel door te geleiden voor besluitvorming in het Algemeen Bestuur Algemeen Bestuur Onderwerp: Jaarstukken 2014 Portefeuillehouder: B. de Jong Vertrouwelijk: nee Vergaderdatum: 8 juli 2015 Afdeling: MO Medewerker: A Peek Dossiernummer: 927419 versie 7 Behandeld in Datum

Nadere informatie

ZGW : 27590. Voorstelronde De aanwezigen stellen zich kort voor. Het overzicht van aanwezige organisaties is opgenomen in de bijlage.

ZGW : 27590. Voorstelronde De aanwezigen stellen zich kort voor. Het overzicht van aanwezige organisaties is opgenomen in de bijlage. Aanwezig namenlijst laatste pagina Afwezig Kenmerk ZGW : 27590 Datum Notulen Door 13 april 2016 Henny Jansen Datum Vergadering Vergadering van 12 april 2016 Aftrap Mevrouw Bouchier, projectleider van de

Nadere informatie

Oostzaan Buiten gewoon

Oostzaan Buiten gewoon GESCAND OP Gemeente Oostzaan Buiten gewoon Gemeenteraad van de gemeente Oostzaan 1 8 NOV. 215 Gemeente Oostzaan Gemeentehuis ;adres Kerkbuurt 4, 1 5H BD Oostzaan Pöi adres Postbus 2, 1 53 AA Wormer Telefoon

Nadere informatie

COLLEGEBERICHT AAN DE RAAD Van : Burgemeester en Wethouders Reg. nr. : 4533853 Aan : Gemeenteraad Datum : 06-11-2013 Portefeuillehouder : B.J. Lubbinge, van Eijk, v. Muilekom ONDERWERP Planning programma

Nadere informatie

portefeuillehouder ak e i e \* Secretaris akkoord

portefeuillehouder ak e i e \* Secretaris akkoord Gemeente Zandvoort B&W-ADVIES Verordening Nadere regels Beleidsnota Overig Na besluit (B&W/Raad): Uitgaande brief verzenden Stukken retour Publicatie Afdeling / werkeenheid: MD/BA Auteur : P. Haker Datum

Nadere informatie

PROCEDURE EN CRITERIA VOOR VERSTREKKING

PROCEDURE EN CRITERIA VOOR VERSTREKKING PROCEDURE EN CRITERIA VOOR VERSTREKKING financiële bijdragen uit het leefbaarheidsbudget 1 1. Inleiding De gemeenteraad van Hellendoorn heeft enkele budgeten overgedragen aan de dorpen en wijken in de

Nadere informatie

Aanpassen begroting Zorg en Welzijn

Aanpassen begroting Zorg en Welzijn Collegevoorstel Openbaar Onderwerp Aanpassen begroting Zorg en Welzijn Programma / Programmanummer Zorg & Welzijn / 1051 Portefeuillehouder B. Frings Samenvatting Met dit voorstel leggen wij een begrotingswijziging

Nadere informatie

Aantal bijlagen: - Agendapunt: 8

Aantal bijlagen: - Agendapunt: 8 Adviescommissie 5 oktober 2011 Dagelijks bestuur 12 oktober 2011 Algemeen bestuur 2 november 2011 Aantal bijlagen: - Agendapunt: 8 Onderwerp Uitgangspunten financieel beleid 2012-2013 Het algemeen bestuur

Nadere informatie

Commissie: Samen leven 9 juni 2016. Gemeenteraad: 30 juni 2016

Commissie: Samen leven 9 juni 2016. Gemeenteraad: 30 juni 2016 Raadsvoorstel Onderwerp: Tijdelijke huisvesting Vergunninghouders Commissie: Samen leven 9 juni 2016 BBVnr: 1084300 Portefeuillehouder: Mevr. T. Keuzenkamp e-mailadres opsteller: b.monsma@bar-organisatie.nl

Nadere informatie

Budget Educatie en Participatie Projecten (BEPP)

Budget Educatie en Participatie Projecten (BEPP) Budget Educatie en Participatie Projecten (BEPP) Met het Budget Educatie en Participatie Projecten willen de provincie Groningen en het Rijk een aantal doelstellingen bereiken. We hanteren daarbij een

Nadere informatie

** documentnr.: zaaknr.:

** documentnr.: zaaknr.: ** documentnr.: zaaknr.: Raadsvoorstel Onderwerp Datum college : Richtinggevend document Programmabegroting 2015-2018 : n.v.t. Portefeuillehouder : Raadswerkgroep Takendiscussie Contactpersoon : Afdeling

Nadere informatie

VERGADERING GEMEENTERAAD 2014

VERGADERING GEMEENTERAAD 2014 VERGADERING GEMEENTERAAD 2014 VOORSTEL Registratienummer 1148435 Bijlage(n) 4 Onderwerp gewijzigde begroting 2014, ontwerp begroting 2015, meerjarenraming 2016-2018 en de scenariokeuze transitie werkvoorzieningschap

Nadere informatie

Onderwerp Vraag / toezegging Stand van zaken per 1 september 2015 Deadline. Besluitvorming en stand van zaken financiën inzichtelijk maken

Onderwerp Vraag / toezegging Stand van zaken per 1 september 2015 Deadline. Besluitvorming en stand van zaken financiën inzichtelijk maken Actielijst raadscommissie Fysiek en Economie t/m raadsvergadering 14 juli 2015 Onderwerp Vraag / toezegging Stand van zaken per 1 september 2015 Deadline 18.12 23-10-2012 raad Project Trambaan Maastricht

Nadere informatie

Aan de leden van de gemeenteraad Sliedrecht. Hierbij bieden wij u bijgevoegde stukken aan voor: besluitvorming zienswijze kennisname

Aan de leden van de gemeenteraad Sliedrecht. Hierbij bieden wij u bijgevoegde stukken aan voor: besluitvorming zienswijze kennisname Aan de leden van de gemeenteraad Sliedrecht Datum 31 mei 2012 Hierbij bieden wij u bijgevoegde stukken aan voor: besluitvorming zienswijze kennisname Geheimhouding op grond van de Wet openbaarheid van

Nadere informatie

COLLEGEVOORSTEL Digitaal bestand: HR 28-04-2015 AF (Adviesformulier)

COLLEGEVOORSTEL Digitaal bestand: HR 28-04-2015 AF (Adviesformulier) COLLEGEVOORSTEL Digitaal bestand: HR 28-04-2015 AF (Adviesformulier) Afd./Team : KC Opsteller : H. Rietman Toestelnr. : 06-13313709 Datum : 22-04-2015 Agendanummer: In te vullen door Secr. Programma 12.

Nadere informatie

Geachte heer, mevrouw,

Geachte heer, mevrouw, CDA Fractie T.a.v. de heer A.J. de Leeuw Kerkdreef 40 2922 BH KRIMPEN AAN DEN IJSSEL Datum: 06/02/2014 Zaaknummer: ZK14000207 D Afdeling: Samenleving Contactpersoon: Z I. Remeeus Uw brief van: 08-01-2014

Nadere informatie

Kwaliteit. 1 Inleiding. 2 De wettelijke voorwaarden. 2.1 Jeugdwet

Kwaliteit. 1 Inleiding. 2 De wettelijke voorwaarden. 2.1 Jeugdwet Kwaliteit 1 Inleiding Wat is kwaliteit van zorg en wat willen we als gemeenten samen met onze zorgaanbieders ten aanzien van kwaliteit afspreken? Om deze vraag te beantwoorden vinden twee bijeenkomsten

Nadere informatie

Kunt u ons een opsomming geven van de argumenten waarom de gemeente Boekel afscheid heeft genomen van een eigen sociale dienst?

Kunt u ons een opsomming geven van de argumenten waarom de gemeente Boekel afscheid heeft genomen van een eigen sociale dienst? Geacht college van Burgemeester en Wethouders, Onlangs hebben wij de Programma- en Productbegroting 2016 ontvangen. Dank hiervoor. Uiteraard danken wij ook de ambtenaren voor het samenstellen van deze

Nadere informatie

Over de voorliggende planningslijst kan verder nog het volgende worden opgemerkt:

Over de voorliggende planningslijst kan verder nog het volgende worden opgemerkt: MEMO Aan: presidium Van: griffie Betreft: planningslijst PS-stukken Datum: 16 november 2015 1. Planningslijst Voor u ligt de meest recente planningslijst. In de lijst is de planning van stukken die vragen

Nadere informatie

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD

VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD Datum Raadsvergadering: Bestuurlijk hoofdthema: Programma F Middelen en Economie BBVnummer: 134653 Raadsvoorstel: 134948 Portefeuillehouder: Bert Euser Onderwerp 2e Tussenrapportage

Nadere informatie

Collegebesluit. 2. Geen aanvullende maatregelen te nemen om het financiële risico, geraamd op maximaal 0,8 mln, te compenseren;

Collegebesluit. 2. Geen aanvullende maatregelen te nemen om het financiële risico, geraamd op maximaal 0,8 mln, te compenseren; Collegebesluit Org. onderdeel: MO/ZCS Opsteller: M.J.J.M. Zuiderwijk User-id: ZUIM1 Tel: 5038 Onderwerp: WMO-BETREKKEN FINANCIËLE DRAAGKRACHT Toelichting: Bij het verstrekken van hulp bij het huishouden,

Nadere informatie

Voorzitter, Er is al heel veel gezegd. Dat gaat de VVD niet doen.

Voorzitter, Er is al heel veel gezegd. Dat gaat de VVD niet doen. Er is al heel veel gezegd. Dat gaat de VVD niet doen. Toen wij over het coalitieakkoord spraken, telde de VVD Den Haag haar zegeningen. Er werd ruimte geboden voor een aantal van onze ideeën. Bijvoorbeeld

Nadere informatie

Presentatie Nuenense buurt- en wijkverenigingen 17 november 2014 Wethouder Paul Weijmans, portefeuillehouder coördinatie Transities

Presentatie Nuenense buurt- en wijkverenigingen 17 november 2014 Wethouder Paul Weijmans, portefeuillehouder coördinatie Transities De drie transities Jeugdwet, Wmo 2015 en Participatiewet Presentatie Nuenense buurt- en wijkverenigingen 17 november 2014 Wethouder Paul Weijmans, portefeuillehouder coördinatie Transities Nieuwe verantwoordelijkheden

Nadere informatie

Onderwerp: Gewijzigde begroting 2014, ontwerpbegroting 2015 en scenariokeuze transitie werkvoorzieningsschap Zaanstreek-Waterland (Baanstede).

Onderwerp: Gewijzigde begroting 2014, ontwerpbegroting 2015 en scenariokeuze transitie werkvoorzieningsschap Zaanstreek-Waterland (Baanstede). Raadsvoorstel Raadsvergadering: 25 september 2014 Agendapunt: september 2014-9 Voorstelnummer: 9 Landsmeer, B&W vergadering 16 september 2014 Onderwerp: Gewijzigde begroting 2014, ontwerpbegroting 2015

Nadere informatie

Onderwerp: Zienswijzen op de begrotingen voor 2014 van de Gemeenschappelijke Regelingen

Onderwerp: Zienswijzen op de begrotingen voor 2014 van de Gemeenschappelijke Regelingen Raadsvoorstel Aan de raad van de gemeente Sliedrecht Sliedrecht, 21 mei 2013 Zaaknummer: 1011614 Onderwerp: Zienswijzen op de begrotingen voor 2014 van de Gemeenschappelijke Regelingen Beslispunten Wij

Nadere informatie

Raadsvoorstel agendapunt

Raadsvoorstel agendapunt Raadsvoorstel agendapunt Aan de raad van de gemeente IJsselstein Datum Zaaknummer : 98220 Programma : Economie, werk en inkomen Cluster : Samenleving Portefeuillehouder: dhr. V.G.M. van den Berg Informatie

Nadere informatie

SERVICECODE AMSTERDAM

SERVICECODE AMSTERDAM SERVICECODE AMSTERDAM Inleiding Stadsdeel Zuidoost heeft de ambitie om tot de top drie van stadsdelen met de beste publieke dienstverlening van Amsterdam te horen. Aan deze ambitie wil het stadsdeel vorm

Nadere informatie

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar Openbaar Onderwerp Subsidieverlening project School's cool en Coachproject Nijmegen 2014 tot en met 2016 Programma / Programmanummer Onderwijs / 1073 BW-nummer Portefeuillehouder H. Beerten Samenvatting

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL 09.0158 incl erratum dd 26 januari 2010. B&W-besluit d.d.: 15-12-2009 / 26 januari 2010 B&W-besluit nr.: 09.1462 / 10.

RAADSVOORSTEL 09.0158 incl erratum dd 26 januari 2010. B&W-besluit d.d.: 15-12-2009 / 26 januari 2010 B&W-besluit nr.: 09.1462 / 10. RAADSVOORSTEL 09.0158 incl erratum dd 26 januari 2010 Rv. nr.: 09.0158 B&W-besluit d.d.: 15-12-2009 / 26 januari 2010 B&W-besluit nr.: 09.1462 / 10.0091 Naam programma +onderdeel: Stedelijke Ontwikkeling

Nadere informatie

Initiatiefvoorstel. Status: besluitvormend. Agendapunt: * Instelling Jongerenraad. Datum: 22 juni 2015. Decosnummer: 361

Initiatiefvoorstel. Status: besluitvormend. Agendapunt: * Instelling Jongerenraad. Datum: 22 juni 2015. Decosnummer: 361 Initiatiefvoorstel Status: besluitvormend Agendapunt: * Onderwerp: Instelling Jongerenraad Datum: 22 juni 2015 Portefeuillehouder: drs. H.C.P. Noten Decosnummer: 361 Informant: Jan Rooijakkers j.rooijakkers@dalfsen.nl

Nadere informatie

documentnr.: INT/C/16/24902 zaaknr.: Z/C/16/27528 Raadsvoorstel

documentnr.: INT/C/16/24902 zaaknr.: Z/C/16/27528 Raadsvoorstel *Z01633AB306* documentnr.: INT/C/16/24902 zaaknr.: Z/C/16/27528 Raadsvoorstel Onderwerp : Jaarrekening 2015 en begroting 2017 ODBN Datum college : 21 juni 2016 Portefeuillehouder : G.M.P. Stoffels Afdeling

Nadere informatie

Vaststelling subsidie kwaliteitsimpuls peuterspeelzalen

Vaststelling subsidie kwaliteitsimpuls peuterspeelzalen enlijst B&W Smallingerland - week 13-2012 Afd. Nr. Onderwerp 22 maart 2012 Saza 1. Vaststelling subsidie kwaliteitsimpuls peuterspeelzalen In het kader van een kwaliteitsimpuls peuterspeelzalen is in 2011

Nadere informatie

Informatieproces Beoogde coalitie

Informatieproces Beoogde coalitie Gemeenteraad Amersfoort Aan de heer L.L.M. Bolsius, voorzitter Stadhuisplein 1 3811 LM AMERSFOORT Utrecht, 3 april 2014 Onderwerp: advies informateur Geachte heer Bolsius, In uw opdrachtbrief van 24 maart

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL. TITEL Toekomstgerichte media-agenda

RAADSVOORSTEL. TITEL Toekomstgerichte media-agenda RAADSVOORSTEL Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : 3802123v2 Aan : Gemeenteraad Datum : 14 juni 2011 Portefeuillehouder : Wethouder M.C. Barendregt Agendapunt : HB-6 B&W-vergadering : 31-05-2011

Nadere informatie

Sector : I Nr. : 10/63.13 Onderwerp : Gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân

Sector : I Nr. : 10/63.13 Onderwerp : Gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân AAN: De raad van de gemeente Ferwerderadiel Sector : I Nr. : 10/63.13 Onderwerp : Gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân Ferwert, 11 december 2013 Op meerdere

Nadere informatie

Een hoop nieuwe verantwoordelijkheden. Decentralisaties in het Sociaal Maatschappelijk Domein

Een hoop nieuwe verantwoordelijkheden. Decentralisaties in het Sociaal Maatschappelijk Domein Louis Litjens - Projectdirecteur Ramon Testroote - Wethouder Louis Louis Litjens Ramon Testroote - Wethouder Ramon Testroote Litjens - Projectdirecteur Projectdirecteur Wethouder Een hoop nieuwe verantwoordelijkheden

Nadere informatie

Onderwerp Aanvullend krediet t.b.v. renovatie basisschool De Regenboog

Onderwerp Aanvullend krediet t.b.v. renovatie basisschool De Regenboog Raadsvoorstel Agendapunt: Onderwerp Aanvullend krediet t.b.v. renovatie basisschool De Regenboog Datum voorstel Datum raadsvergadering Bijlagen Ter inzage 28 mei 2014 8 juli 2014 Activiteitenplan+ kostenraming

Nadere informatie

Politieke bijdrage fractie PvdA begroting 2012. Voorzitter,

Politieke bijdrage fractie PvdA begroting 2012. Voorzitter, Politieke bijdrage fractie PvdA begroting 2012 Voorzitter, In uw inleidende tekst geeft u aan dat zich niet wil laten gijzelen door het rijksbeleid en de daarbij behorende bezuinigingen. U wilt nu duidelijkheid

Nadere informatie

Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015

Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015 Startnotitie nota mantelzorg en vrijwilligerswerk Hellevoetsluis 2015 Datum: maart 2015 Afdeling: Samenlevingszaken In- en aanleiding Voor u ligt de startnotitie voor de aankomende beleidsnota van de gemeente

Nadere informatie

Portefeuillehouder: W. Zorge Behandelend ambtenaar Tina Bollin, 0595-447776 gemeente@winsum.nl (t.a.v. Tina Bollin)

Portefeuillehouder: W. Zorge Behandelend ambtenaar Tina Bollin, 0595-447776 gemeente@winsum.nl (t.a.v. Tina Bollin) Vergadering: 11 maart 2014 Agendanummer: 9 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: W. Zorge Behandelend ambtenaar Tina Bollin, 0595-447776 E-mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. Tina Bollin) Aan de gemeenteraad,

Nadere informatie

Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014

Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014 Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014 Inleiding Uit onze gemeentelijke armoedemonitor 1 blijkt dat Leeuwarden een stad is met een relatief groot armoedeprobleem. Een probleem dat nog steeds

Nadere informatie

Voorstel onderzoek De gemeente als goed samenwerkingsspeler voor initiatieven uit de samenleving

Voorstel onderzoek De gemeente als goed samenwerkingsspeler voor initiatieven uit de samenleving Voorstel onderzoek De gemeente als goed samenwerkingsspeler voor initiatieven uit de samenleving Achtergrond In oktober heeft een uitvraagronde plaatsgevonden waarin de fracties van de gemeenteraden van

Nadere informatie

Op 10 oktober heeft u ons schriftelijk vragen gesteld met betrekking tot de stand van zaken pilot Sociaal Wijkteam Ospel.

Op 10 oktober heeft u ons schriftelijk vragen gesteld met betrekking tot de stand van zaken pilot Sociaal Wijkteam Ospel. Gemeentehuis Raadhuisplein 1, Nederweert PvdA fractie Nederweert Postbus 2728 6030 AA Nederweert T 14 0495 of (0495) 677 111 F (0495) 633 245 E info@nederweert.nl www.nederweert.nl NL08 BNGH 028.50.05.804

Nadere informatie

Datum : Status : Monitoring Sociaal Domein Krimpen aan den IJssel 1 e kwartaal 2015

Datum : Status : Monitoring Sociaal Domein Krimpen aan den IJssel 1 e kwartaal 2015 Datum : Status : Monitoring Sociaal Domein Krimpen aan den IJssel 1 e kwartaal 2015 Inleiding Met ingang van 1 januari 2015 heeft de gemeente er enkele nieuwe taken en verantwoordelijkheden bij gekregen

Nadere informatie

Collegevoorstel. Collegevoorstel. Maatschappelijke Ontwikkeling. zaak_zaaknummer. Ja, zonder beperkingen Zorg en Welzijn

Collegevoorstel. Collegevoorstel. Maatschappelijke Ontwikkeling. zaak_zaaknummer. Ja, zonder beperkingen Zorg en Welzijn zaak_id bericht_nummer bericht_id Collegevoorstel zaak_zaaknummer Maatschappelijke Ontwikkeling Regnr B&W dd 28-04-2015 Openbaar Programma Ja, zonder beperkingen Zorg en Welzijn DT dd OR dd B&W dd OR dd

Nadere informatie

Ondernemersfonds 2015 Subsidie Huis voor de Binnenstad

Ondernemersfonds 2015 Subsidie Huis voor de Binnenstad Collegevoorstel Openbaar Onderwerp Ondernemersfonds 2015 Subsidie Huis voor de Binnenstad Programma Economie & Werk BW-nummer Portefeuillehouder T. Tankir Samenvatting Op 1 september 2015 sloot de indieningstermijn

Nadere informatie

Onderwerp: Visiedocument Drie decentralisaties: Vooruitzicht op veranderingen in het maatschappelijk domein

Onderwerp: Visiedocument Drie decentralisaties: Vooruitzicht op veranderingen in het maatschappelijk domein Agendapunt : 6 Voorstelnummer : 11-085 Raadsvergadering : 7 november 2013 Naam opsteller : L. Hulskamp/ E. van Braak/ M. Zweers / M. Klaver Blankendaal Informatie op te vragen bij : L. Hulskamp Portefeuillehouders

Nadere informatie

Scenario Participatiewet 2013-2016 Iedereen doet mee, niemand aan de kant

Scenario Participatiewet 2013-2016 Iedereen doet mee, niemand aan de kant Scenario Participatiewet 2013-2016 Iedereen doet mee, niemand aan de kant Inzet MEEWERKEN tegenprestatie naar vermogen optima forma Uitgangspunten: Huidige beleidsuitspraken Vraagstelling: Is dit betaalbaar

Nadere informatie

Van Martin Heekelaar m.heekelaar@berenschot.nl 030-2916814 Datum 30 oktober 2012 Betreft

Van Martin Heekelaar m.heekelaar@berenschot.nl 030-2916814 Datum 30 oktober 2012 Betreft Van Martin Heekelaar m.heekelaar@berenschot.nl 030-2916814 Datum 30 oktober 2012 Betreft Financiële gevolgen Regeerakkoord i.v.m. gemeentelijke regelingen W&I Op 29 oktober presenteerden de VVD en de PvdA

Nadere informatie

Mondelinge vragen gesteld op de begrotingsmarkt. Vraag Gevraagd is om een overzicht van alle risico s en de aannames/berekeningen hierachter.

Mondelinge vragen gesteld op de begrotingsmarkt. Vraag Gevraagd is om een overzicht van alle risico s en de aannames/berekeningen hierachter. Mondelinge vragen gesteld op de begrotingsmarkt. Gevraagd is om een overzicht van alle risico s en de aannames/berekeningen hierachter. Overzicht alle risico s Zoals ook in de paragraaf weerstandsvermogen

Nadere informatie

Van: J. Michel Tel nr: 8384 Nummer: 15A.01329

Van: J. Michel Tel nr: 8384 Nummer: 15A.01329 N I E T O P E N B A A R VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS & RAADSINFORMATIEBRIEF Van: J. Michel Tel nr: 8384 Nummer: 15A.01329 Datum: 7 december 2015 Team: Realisatie & Beheer Tekenstukken: Ja Bijlagen:

Nadere informatie

Onderwerp: Aanvraag ESF-subsidie Actieve Inclusie 2014 2016 Reg.nummer: 2014/379169

Onderwerp: Aanvraag ESF-subsidie Actieve Inclusie 2014 2016 Reg.nummer: 2014/379169 Collegebesluit Onderwerp: Aanvraag ESF-subsidie Actieve Inclusie 2014 2016 Reg.nummer: 2014/379169 1 Inleiding; Sinds mei 2014 is er een nieuwe ESF-subsidieregeling van kracht. Een belangrijke wijziging

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Bevoegdheid Raad. Vergaderdatum: 28 oktober 2014 Registratienummer: 2014/44 Agendapunt nummer: 5a

Raadsvoorstel. Bevoegdheid Raad. Vergaderdatum: 28 oktober 2014 Registratienummer: 2014/44 Agendapunt nummer: 5a Raadsvoorstel Bevoegdheid Raad Vergadering Gemeenteraad Oirschot Vergaderdatum: 28 oktober 2014 Registratienummer: 2014/44 Agendapunt nummer: 5a Onderwerp Scenario's dekkingsplan begroting 2015-2018 Voorstel

Nadere informatie