Bestandskoppeling XML koppelvlak
Bestandskoppeling XML koppelvlak Versie 4.3 Product: Bestandskoppeling: XML koppelvlak Versie: 4.3 Datum: 2015-03-15 Status: Publicatie status
Inhoudsopgave Versie historie... 4 Introductie... 5 Leeswijzer... 6 Hoofdstukoverzicht... 6 Elementen in dit document... 7 Feiten... 8 Domein specificatie... 9 Foutafhandelingspecificatie...10 Werking...11 Bestandskoppeling: XML koppelvlak... 11 Scenario s...16 Scenario 1: Koppeling met documengenerator derden... 16 Bijlage 1: Diacriet specificatie...17 Bijlage 2: Voorbeeld XML...19 Copyright 2015, Centric Netherlands B.V. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder schriftelijke toestemming van Centric Netherlands B.V. Versie 4.3 2015-03-15 Centric Netherlands B.V.
Versie 4.3 Versie historie Versie Datum Wijzigingen 4.3 2015-03-15 Publicatie versie Versie 4.3 2015-03-15 4 /19 Centric Netherlands B.V.
Introductie Introductie Dit document specificeert de interactie van informatie die wordt beheerd met de module Documentenuitvoer, specifiek de bestandskoppeling: XML koppelvlak. Deze koppeling is bedoeld om andere documentgenerators (van derde partijen) te kunnen koppelen met Centric procesapplicaties met behulp van de module Documentenuitvoer (MDU). Deze koppeling vindt plaats middels XML bestanden. Versie 4.3 2015-03-15 5 /19 Centric Netherlands B.V.
Leeswijzer Leeswijzer Hoofdstukoverzicht Deze bestandskoppeling specificatie bevat de volgende hoofdstukken: Versie Historie Introductie: Leeswijzer Feiten: Een overzicht met belangrijke wijzigingen / aanpassingen. Achtergronden over de belangrijkste bestandskoppeling features, verbeteringen en waar deze documentatie is te vinden. Uitleg hoe dit document gelezen wordt. Lijst met feiten over het gebruik van de bestandskoppeling. Dit beslaat o.a. encodering, communicatie standaarden, risico van de informatie en beveiliging. Domein Specificatie: Een woordenboek waarin alle typen data worden verklaard die worden gebruikt in de bestandskoppeling. Foutafhandeling: Werking: Referenties: Bekende problemen en algemene informatie over foutafhandeling van de bestandskoppeling. Omschrijving van de te volgen stappen om de bestandskoppeling te laten werken. Verwijzingen naar standaarden, technologieën en andere waardevolle bronnen die in dit document worden aangehaald. Versie 4.3 2015-03-15 6 /19 Centric Netherlands B.V.
Leeswijzer Elementen in dit document Referenties Dit document bevat diverse verwijzingen naar standaarden en technieken die als gemeengoed worden beschouwd. Een verwijzing naar zo n standaard of techniek wordt genummerd opgenomen. Een voorbeeld is: [1]. Domeinen Een domein is een uitgebreide uitleg van een bepaald datatype. In het voorbeeld hieronder wordt het domein Datum omschreven. Dit betekent dat overal waar in een service gesproken wordt over een datum, deze altijd op onderstaande manier geformatteerd is. Hierop is specifieke validatie uit te voeren. Vaak worden in domeinen referenties opgenomen naar standaarden. Datatype Datum Voorbeeld 2014-12-31 Uitleg Datum in ISO8601 [1] formaat. Parameters Parameters zijn namen van gegevens die worden uitgewisseld. Het datatype is vaak een verwijzing naar een domein. Ten slotte worden alle bijzonderheden genoemd die betrekking hebben op het datatype en het uitwisselen van dit gegeven. Parameter Datatype Omschrijving / bijzonderheden Message String Iedere tekstwaarde wordt geaccepteerd. Noodzakelijk. Voorbeeldbestand Bij services worden voorbeeldberichten gegeven van zowel de aanvrager als de antwoorder. Voorbeeldberichten bevatten ook eventuele headers naast het bericht dat wordt verstuurd. Hieronder staat een zeer kort voorbeeld. 1 <?xml version="1.0" encoding="utf-8"?> 2 <bestandsuitwisseling> 3 <bericht> 4 <message>test</message> 5 </bericht> 6 </bestandsuitwisseling> 7 Werking Bestandskoppelingen kunnen op verschillende manieren zijn opgebouwd. Beschrijf op welke wijze deze bestandskoppeling werkt en waar bestanden geplaatst of gevonden kunnen worden. Versie 4.3 2015-03-15 7 /19 Centric Netherlands B.V.
Service API Feiten Feiten Onderwerp Bestandslocatie Tekencodering Verkeer Standaard beginpunten Doelnetwerken / Vertrouwensgebieden Data restricties Algemene datarichting Risicoklassificatie data Feit Directory UNC pad UTF-8 C:\ProgramData\Centric\module documentenuitvoer\4.3\infiles Intranet / LAN Geen Uitvoer (van het systeem naar andere verwerkers) Beantwoord: Wat is de hoogste risicoclassificatie van gegevens die worden aangeboden in de bestandsuitwisseling? CBP Risicoklasse II Indeling in de risicoklasse volgens de norm van CBP Beveiliging van persoonsgegevens [2]. Uitleg risico Beantwoord: Waarom is de deze risicoklassificatie gekozen? Een burgerservicenummer (BSN) wordt verstuurd bij diverse services. Certificaatgegevens Beantwoord: Wordt een certificaat gebruikt bij deze bestandsuitwisseling? Waar staat of staan deze certificaten? Welk type organisatie levert het certificaat? Wat is de mate van vertrouwen? Er wordt geen certificaat gebruik. Beveiligings- en authenticatiemechanisme Beantwoord: Welk beveiligingsmechanisme of standaard wordt gebruikt voor authenticatie met deze bestandsuitwisseling? Hoe wordt een sessie onderhouden? Welke overige beveiligingen worden toegepast? Er wordt niet gebruik gemaakt van een beveiligingsmechanisme of authenticatie. Versie 4.3 2015-03-15 8 /19 Centric Netherlands B.V.
Domein Specificatie Domein specificatie Een domein bevat definities van alle soorten data die worden gebruikt in de bestandsuitwisseling. Datatype BSN Voorbeeld 654114560 Uitleg Een integer van 8 of 9 getallen. Nummers die beginnen met een 9 worden gebruikt voor testdoeleinden. Geldige BSN s voldoen aan de elfproef. [3] Het BSN wordt gebruikt om een persoon in Nederland te kunnen identificeren. Het is persoonsgebonden, dus een persoonsgegeven en dus privacygevoelige informatie. Datatype Datum Voorbeeld 2014-12-31 Uitleg Datum in ISO8601 [1] formaat. Datatype GUID Voorbeeld 3F2504E0-4F89-11D3-9A0C-0305E82C3301 Uitleg Globally Unique Identifier [4]. Datatype Voorbeeld 1 Uitleg ietsmeteenerglangenaam Een keuze uit een van de volgende mogelijkheden: 1: Laat het systeem sneller werken, maar met meer fouten 2: Laat het syteem minder fouten maken, maar heeft meer CPU nodig 9: Bekijk iedere 5 minuten wat de slimste waarde is Datatype SOFI Voorbeeld 654114560 Uitleg Synoniem van BSN, wordt gebruikt in het legacy deel. Versie 4.3 2015-03-15 9 /19 Centric Netherlands B.V.
Foutafhandelingspecificatie Foutafhandelingspecificatie Er vindt geen foutafhandeling plaats op deze koppeling, alleen indien de aan te roepen executabel niet aan te roepen is. Verder vindt er geen terugkoppeling meer plaats nadat het XML bestand is geplaatst. Versie 4.3 2015-03-15 10 /19 Centric Netherlands B.V.
Werking Werking Bestandskoppeling: XML koppelvlak Omschrijving Er wordt per te genereren document 1 XML aangeleverd, de hoofdnode van deze XML is <TAAK>. Velden Taak Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden GEMEENTECODE Integer (altijd éénmalig aanwezig) Dit attribuut geeft aan vanuit welke aansturende applicatie het oorspronkelijke CTC bestand is aangeboden. PROCESSOR String (optioneel) Geeft aan of het document een tekst of spreadsheet document betreft. MODELDOC Document Een <TAAK> node bevat altijd één <DOCUMENT> node, in deze <DOCUMENT> node kunnen de volgende attributen voorkomen: Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden MODELDOC String (altijd éénmalig aanwezig in de eerst voorkomende Document tag) Dit attribuut geeft het basissjabloon aan dat gebruikt dient te worden voor de generatie van het resultaatdocument. Hiervoor kunnen absolute paden, relatieve paden of sharepoint links gebruikt worden. PREVIEW Boolean Met het!preview commando kan het document getoond worden dat net gegenereerd is. Document wordt geopend als alleen lezen, kan wel gemuteerd, maar niet opgeslagen worden. PREVIEWEDIT Boolean Document tonen (document is overschrijfbaar op de opgeslagen locatie) en muteerbaar in Word. PREVIEWLOCK Boolean Document tonen en beveiligen tegen wijzigen. Het document kan door de gebruiker gewijzigd noch opgeslagen worden. PREVIEWINVULLEN Boolean Document tonen en invulscherm tonen (Macro) met behulp van preview interface. OPSLAAN String Opslaglocatie van het resultaat bestand. BEWAARPDF String Opslaglocatie van het PDF resultaat bestand. PRINTER String Logische naam van een printer zoals gedefinieerd in module Documentenuitvoer. Versie 4.3 2015-03-15 11 /19 Centric Netherlands B.V.
Werking Velden Een <DOCUMENT> node bevat vrijwel altijd één of meerdere <VELD> nodes, in deze <VELD> nodes kunnen de volgende attributen voorkomen: Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden Veld String Hierin staan de variabelen zoals ze gebruikt dienen te worden in het eindresultaat. In principe zijn de namen hiervan uniek tenzij deze zich binnen een tabel bevinden (zie tabel) TABEL String (zie Tabel) IMAGE String (zie Image) Veld Een veld correspondeert met een variabele in het document en bevat de naam van een variabele en de in te vullen waarde. Een naam kan meerdere keren voorkomen in het modeldocument en slechts eenmaal in de XML, tenzij het opgenomen is binnen een tabel. Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden NAAM String De naam van de variabele en is uniek tenzij deze zich bevindt in een tabel. WAARDE String Dit is de waarde die deze variabele in het resultaatdocument moet gaan bevatten. Deeldoc Middels het deeldoc commando is het mogelijk om een tekst uit een ander document te gebruiken in het samengestelde document. Kop- en voetteksten van het ingevoegde document worden hierbij genegeerd. Dit deeldocument kan een reeds eerder gegenereerd document zijn of een sjabloon. Naar het in te voegen document kan verwezen worden middels een absoluut pad, een relatief pad of een sharepoint link. Een deeldoc tag bevat maar één attribuut: Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden MODELDOC String Dit attribuut geeft de variabele in het document aan voor het = teken en het in te voegen document na het = teken. Voorbeeld: <DEELDOC MODELDOC="tekstblok=tekstbok.docx"> Document Toevoegen Door gebruik van het Document Toevoegen commando is het binnen module Documentenuitvoer mogelijk een extra document toe te voegen aan het te genereren document. Dit kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor bijlage uit andere documenten of het kan gebruikt worden voor herhaling om meerdere versies van een zelfde document te genereren. Alle velden en tabellen die voorkomen in deze scope hebben alleen betrekking op dit toe te voegen document. Indien een document tag genest voorkomt binnen een andere document tag kan deze de volgende attributen bevatten Versie 4.3 2015-03-15 12 /19 Centric Netherlands B.V.
Werking Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden MODELDOC String Indien dit attribuut niet meegegeven is dan wordt het de waarde in de eerste document tag gebruikt, waar deze verplicht aanwezig is. Voorbeeld: <DOCUMENT MODELDOC="diac.docx" OPSLAAN="test.docx" PREVIEWEDIT="TRUE"> <VELDEN></VELDEN> <DOCUMENT MODELDOC=""> <VELDEN></VELDEN> <DOCUMENT MODELDOC="bijlage.docx"> <VELDEN></VELDEN> </DOCUMENT> </DOCUMENT> </DOCUMENT> Tabel Een tabel kan optioneel voorkomen tussen velden, een tabel werkt op basis van herhaling van unieke veldnamen. Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden VELDEN (zie String velden) Binnen een tabelconstructie wordt gebruik gemaakt van herhaling op veldnamen. Dit wil zeggen dat bij het voorkomen van een eerder voorgekomen veldnaam een nieuwe tabelregel wordt gedefinieerd. TABEL String Tabellen kunnen genest voorkomen, dit wil zeggen dat een tabelconstructie zelf ook weer een of meerdere andere tabelconstructies kunnen bevatten. Voorbeeld: <TABEL NAAM="diac1"> <VELDEN> <VELD NAAM="teken" WAARDE=" 001" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="waarde" WAARDE="Accent acute" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="teken" WAARDE=" 002" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="waarde" WAARDE="Accent grave" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="teken" WAARDE=" 003" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="waarde" WAARDE="Accent circumflex" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="teken" WAARDE=" 004" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="waarde" WAARDE="A Diaeresis (Umlaut)" KODEERVELD="false"></VELD> </VELDEN> </TABEL> Varianten van de <TABEL> node kunnen zijn: TABELMETKOP Hierbij wordt in het resultaatdocument de eerste regel van de tabel niet herhaald zodat deze ingezet kan worden als header. TABELWISSEN Hierbij dient de hele tabel uit het document verwijderd te worden. Voorbeeld: <TABELWISSEN NAAM="test"> </TABELWISSEN> Versie 4.3 2015-03-15 13 /19 Centric Netherlands B.V.
Werking Commentaar Een CTC bestand kan commentaar bevatten, dit commentaar wordt ook in de XML meegegeven als XML commentaar. Informatie in binnen commentaar wordt niet gebruikt om een document te genereren en wordt puur informatief gebruikt. Opmaakcodes en diacrieten Diacrieten worden in de XML vervangen door zogenaamde diacrietcodes. Voor het gemak worden hier ook enkele opmaakcodes voor gebruikt. Code Functie Voorbeeld Resultaat s Spatie Jan sjansen Jan Jansen t Tab Auto tboot tfiets Auto Boot Fiets r Nieuwe regel Dit is de eerste regel ren dit Dit is de eerste regel is de tweede p Nieuwe pagina Dit is de eerste pagina pdit de tweede En dit is de tweede Dit is de eerste pagina -----volgende pagina------ Dit de tweede Voor diacrieten wordt een -teken meegegeven gevolgd door een 3 cijferige code. Een voorbeeld is 016, deze geeft ă als resultaat. Voor een uitgebreide tabel van diacrietcodes zie bijlage 1. Opsomming Een opsomming kan voorkomen op het zelfde niveau als <VELDEN>, ook op het zelfde niveau als velden. De seperators geven aan door welke tekens ze gescheiden worden, de lastseperator attribuut geeft het laatste scheidingsteken aan. Veldnamen zijn binnen een opsomming altijd gelijk aan ~. Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden NAAM String Dit wordt gebruikt als naam van de opsomming. SEPERATOR String Dit zijn de scheidingstekens tussen de verschillende waarden van de opsomming. LASTSEPERATOR String Dit is het scheidingsteken dat gebruikt wordt tussen de laatste 2 waarden van de opsomming. Voorbeeld: <OPSOMMING NAAM="getuigen" SEPERATOR=", " LASTSEPERATOR=" en "> <VELDEN> <VELD NAAM="~" WAARDE="Kees van Dam" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="~" WAARDE="Piet Zwart" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="~" WAARDE="Jan de Hoop" KODEERVELD="false"></VELD> <VELD NAAM="~" WAARDE="Klaas Klaassen" KODEERVELD="false"></VELD> </VELDEN> </OPSOMMING> Bovenstaand voorbeeld zou in MDU resulteren in: Kees van Dam, Piet Zwart, Jan de Hoop en Klaas Klaassen. Image In het modeldocument kan via een MDU commando een afbeelding worden opgenomen op de plaats van een placeholder. Deze commando worden in de XML opgenomen middels de image tag. Een image kan voorkomen op hetzelfde niveau als een veld. Versie 4.3 2015-03-15 14 /19 Centric Netherlands B.V.
Werking De image tag bevat de volgende attributen: Velden Datatype Omschrijving / bijzonderheden NAAM String De naam van de placeholder in het modeldocument BESTAND String De locatie van de in te voegen afbeelding, dit kan een absoluut of een relatief pad zijn. Voorbeeld: <IMAGE NAAM="objectlogo" BESTAND="Logo.jpg" /> Versie 4.3 2015-03-15 15 /19 Centric Netherlands B.V.
Referenties Scenario s Scenario 1: Koppeling met documengenerator derden Omschrijving De beschreven koppeling is in eerste instantie bedoeld om via een Centric applicatie een document te kunnen genereren met een documentgenerator van een derde partij. Om dit te kunnen faciliteren. 1. Centric procesapplicatie genereert een CTC bestand 2. MDU pakt dit CTC bestand op en plaatst een XML bestand op de werkplek 3. MDU roept vervolgens een in te stellen executable aan met de locatie van het XML bestand als argument. 4. XML bestand kan na verwerking door de documentgenerator verwijderd worden. Versie 4.3 2015-03-15 16 /19 Centric Netherlands B.V.
Bijlagen Bijlage 1: Diacriet specificatie 001 Á A Accent acute 002 À A Accent grave 003 Â A Accent circumflex 004 Ä A Diaeresis (Umlaut) 005 Ã A Tilde 006 Ă A Breve 007 Å A Ring 008 Ā A Macron 009 Ą A Ogonek 011 á a Accent acute 012 à a Accent grave 013 â a Accent circumflex 014 ä a Diaeresis (Umlaut) 015 ã a Tilde 016 ă a Breve 017 å a Ring 018 ā a Macron 019 ą a Ogonek 020 ª Ordinal indicator vrouwelijk 041 Ć C Accent acute 042 Ĉ C Accent circumflex 043 Č C Caron 044 Ċ C Dot 045 Ç C Cedille 051 ć c Accent acute 052 ĉ c Accent circumflex 053 č c Caron 054 ċ c Dot 055 ç c Cedille 061 Ď D Caron 062 Đ D Hoofdletter D met streep 071 ď d Caron 072 đ d Kleine d met streep 081 É E Accent acute 082 È E Accent grave 083 Ê E Accent circumflex 084 Ë E Diaeresis (Umlaut) 085 Ě E Caron 086 Ė E Dot 087 Ē E Macron 088 Ę E Ogonek 091 é e Accent acute 092 è e Accent grave 093 ê e Accent circumflex 094 ë e Diaeresis (Umlaut) 095 ě e Caron 096 ė e Dot 097 ē e Macron 098 ę e Ogonek 121 Ĝ G Accent circumflex 122 Ğ G Breve 123 Ġ G Dot 124 Ģ G Cedille 128 Euro teken 131 ģ g Accent acute 132 ĝ g Accent circumflex 133 ğ g Breve 134 ġ g Dot 141 Ĥ H Accent circumflex 142 Ħ H Hoofdletter H met streep 151 ĥ h Accent circumflex 152 ħ h Kleine h met streep 161 Í I Accent acute 162 Ì I Accent grave 163 Î I Accent circumflex 164 Ï I Diaeresis (Umlaut) 165 Ĩ I Tilde 166 İ I Dot 167 Ī I Macron 168 Į I Ogonek 171 í i Accent acute 172 ì i Accent grave 173 î i Accent circumflex 174 ï i Diaeresis (Umlaut) 175 ĩ i Tilde 176 ī i Macron 177 į i Ogonek 178 ı i Kleine i zonder punt 181 Ĵ J Accent circumflex 191 ĵ j Accent circumflex 201 Ķ K Cedille 211 ķ k Cedille 221 Ĺ L Accent acute 222 Ľ L Caron 223 Ļ L Cedille 224 Ŀ L Hoofdletter L met punt 225 Ł L Hoofdletter L met streep 231 ĺ l Accent acute 232 ľ l Caron 233 ļ l Cedille 234 ŀ l Kleine l met punt 235 ł l Kleine l met streep 261 Ń N Accent acute 262 Ñ N Tilde 263 Ň N Caron 264 Ņ N Cedille 265 Ŋ N Hoofdletter ENG 271 ń n Accent acute 272 ñ n Tilde 273 ň n Caron 274 ņ n Cedille 275 ŋ n Kleine eng 276 ʼn n Kleine n met apostrophe 281 Ó O Accent acute Versie 4.3 2015-03-15 17 /19 Centric Netherlands B.V.
Bijlagen 282 Ò O Accent grave 283 Ô O Accent circumflex 284 Ö O Diaeresis (Umlaut) 285 Õ O Tilde 286 Ő O Dubbele accent acute 287 Ō O Macron 288 Ø O Hoofdletter O met slash 291 ó o Accent acute 292 ò o Accent grave 293 ô o Accent circumflex 294 ö o Diaeresis (Umlaut) 295 õ o Tilde 296 ő o Dubbele accent acute 297 ō o Macron 298 ø Kleine o met slash 299 º Ordinal indicator mannelijk 301 Þ Hoofdletter THORN 311 þ Kleine thorn 341 Ŕ R Accent acute 342 Ř R Caron 343 Ŗ R Cedille 351 ŕ r Accent acute 352 ř r Caron 353 ŗ r Cedille 361 Ś S Accent acute 362 Ŝ S Accent circumflex 363 Š S Caron 364 Ş S Cedille 371 ś s Accent acute 372 ŝ s Accent circumflex 373 š s Caron 374 ş s Cedille 381 Ť T Caron 382 Ţ T Cedille 383 Ŧ T Hoofdletter T met streep 391 ť t Caron 392 ţ t Cedille 393 ŧ t Kleine t met streep 401 Ú U Accent acute 402 Ù U Accent grave 403 Û U Accent circumflex 404 Ü U Diaeresis (Umlaut) 405 Ũ U Tilde 406 Ŭ U Breve 407 Ű U Dubbele accent acute 408 Ů U Ring 409 Ū U Macron 410 Ų U Ogonek 411 ú u Accent acute 412 ù u Accent grave 413 û u Accent circumflex 414 ü u Diaeresis (Umlaut) 415 ũ u Tilde 416 ŭ u Breve 417 ű u Dubbele accent acute 418 ů u Ring 419 ū u Macron 420 ų u Ogonek 441 Ŵ W Accent circumflex 451 ŵ w Accent circumflex 481 Ý Y Accent acute 482 Ŷ Y Accent circumflex 483 Ÿ Y Diaeresis (Umlaut) 491 ý y Accent acute 492 ŷ y Accent circumflex 493 ÿ y Diaeresis (Umlaut) 501 Ź Z Accent acute 502 Ž Z Caron 503 Ż Z Dot 511 ź z Accent acute 512 ž z Caron 513 ż z Dot 521 Æ Hoofdletter AE 522 æ Kleine ae 525 Œ Hoofdletter OE 526 œ Kleine oe 527 ß Ringel-S 528 µ Micro teken 529 π Pi-teken 530 Ω Ohm teken 531 ð Kleine eth 532 ĸ Kleine k (Groenlands) 533 " Quotation mark 534 [ Linker rechte haak 535 ] Rechter rechte haak 536 Vertical bar 537 Omgekeerd uitroepteken 538 Cent teken 539 Pond teken 540 $ Dollar teken 541 Yen teken 542 # Nummer teken 543 Paragraaf teken 544 Valuta teken 545 «Angle-quotation-mark links 546 Graden teken 547 ± Plusminus teken 548 ² Superscript 2 549 ³ Superscript 3 550 Vermenigvuldig teken 551 Midden punt 552 Deel teken 553» Angle-quotation-mark rechts 554 ¼ Kwart teken 555 ½ Half teken 556 ¾ Drie-kwart teken 557 Omgekeerd vraagteken 558 _ Onderlijn 559 @ Commercial A Versie 4.3 2015-03-15 18 /19 Centric Netherlands B.V.
Bijlagen Bijlage 2: Voorbeeld XML 8 <?xml version="1.0" encoding="utf-8" standalone="yes"?> 9 <TAAK GEMEENTECODE="10" PROCESSOR="WORDPROCESSOR"> 10 <!--commentaar--> 11 <DOCUMENT MODELDOC="voorbeeld.docx" PRINTER="backoffice" PRINTDOCUMENT="TRUE" PREVIEWEDIT="TRUE"> 12 <VELDEN> 13 <VELD NAAM="variabel1" WAARDE="waarde1y" KODEERVELD="false"></VELD> 14 <VELD NAAM="variabel2" WAARDE="waarde2y" KODEERVELD="false"></VELD> 15 <VELD NAAM="variabel3" WAARDE="waarde3y" KODEERVELD="false"></VELD> 16 <VELD NAAM="variabel4" WAARDE="waarde4y" KODEERVELD="false"></VELD> 17 </VELDEN> 18 <TABEL NAAM="voorbeeld"> 19 <VELDEN> 20 <VELD NAAM="tabvar1" WAARDE="x" KODEERVELD="false"></VELD> 21 <VELD NAAM="tabvar2" WAARDE="y" KODEERVELD="false"></VELD> 22 <VELD NAAM="tabvar1" WAARDE="a" KODEERVELD="false"></VELD> 23 <VELD NAAM="tabvar2" WAARDE="b" KODEERVELD="false"></VELD> 24 </VELDEN> 25 <TABEL NAAM="genest"> 26 <VELDEN> 27 <VELD NAAM="nesttabvar1" WAARDE="1" KODEERVELD="false"></VELD> 28 <VELD NAAM="nesttabvar1" WAARDE="2" KODEERVELD="false"></VELD> 29 <VELD NAAM="nesttabvar1" WAARDE="3" KODEERVELD="false"></VELD> 30 </VELDEN> 31 </TABEL> 32 <VELDEN> 33 <VELD NAAM="tabvar1" WAARDE="x" KODEERVELD="false"></VELD> 34 <VELD NAAM="tabvar2" WAARDE="y" KODEERVELD="false"></VELD> 35 </VELDEN> 36 </TABEL> 37 <VELDEN></VELDEN> 38 <IMAGE NAAM="afbeelding" BESTAND="afbeelding.jpg" /> 39 <DEELDOC MODELDOC="deeldoc=deeldocument.docx"> 40 <VELDEN></VELDEN> 41 <DOCUMENT MODELDOC="" PRINTER="backoffice"> 42 <VELDEN> 43 <VELD NAAM="variabel1" WAARDE="waarde1x " KODEERVELD="false"></VELD> 44 <VELD NAAM="variabel2" WAARDE="waarde2x" KODEERVELD="false"></VELD> 45 <VELD NAAM="variabel3" WAARDE="waarde3x" KODEERVELD="false"></VELD> 46 <VELD NAAM="variabel4" WAARDE="waarde4x" KODEERVELD="false"></VELD> 47 </VELDEN> 48 <TABELWISSEN NAAM="voorbeeld"> 49 <VELDEN> 50 <VELD NAAM="deeldoc" WAARDE="" KODEERVELD="false"></VELD> 51 <VELD NAAM="afbeelding" WAARDE="" KODEERVELD="false"></VELD> 52 </VELDEN> 53 <DOCUMENT MODELDOC="bijlage.docx" PRINTER="backoffice"> 54 <VELDEN></VELDEN> 55 </DOCUMENT> 56 </TABELWISSEN> 57 </DOCUMENT> 58 </DEELDOC> 59 </DOCUMENT> 60 </TAAK> Versie 4.3 2015-03-15 19 /19 Centric Netherlands B.V.