Lesvoorbereidingsformulier

Vergelijkbare documenten
Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Maten en gewichten. Meettoestellen zoals het meuken en de unster kennen we vandaag niet meer. Vroeger gebruikte men deze om te meten.

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Overzicht van het project

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Lesvoorbereidingsformulier

Thema Beroepen. Les 1: Beroepen doorheen de tijd

Naam student: Bo Dutrieue Leergroep OLO 3B2 Naam mentor: Mevrouw Cindy Van Severen Klas 3 Aantal lln.: 23

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS LESONTWERP

Lesvoorbereidingsformulier

L E S V O O R B E R E I D I N G

Lesvoorbereidingsformulier

Lesfiche 1. Rooms-katholieke godsdienst

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS LAGER ONDERWIJS

Algemene lessen. Les 1: Het mysterie van de verdwenen portretten

Begeleidende uitleg voor de leerkracht:

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS

LESONTWERP ALGEMENE VAKKEN / VOEDING-VERZORGING

Leerlingen maakten reeds kennis met het toepassingsgebied biochemie. De leerlingen hebben al analyserend en onderzoekend gewerkt.

L E S V O O R B E R E I D I N G

Lesvoorbereidingsformulier

LESVOORBEREIDING nr: 31

Wijchense Molen. Lesbrief

Thema kinderportretten

LESONTWERP ALGEMENE VAKKEN / VOEDING-VERZORGING

Lesfiche 3. Rooms-katholieke godsdienst De advent - Welzijnszorg. Ervaren dat je ook mooie geschenken kan wensen waar geen geld voor nodig is.

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER SPECIALISATIESTAGE

doelst. inhoud Methode leermiddelen

Lokaal: Vak: Beeldende Vorming

Mentor Datum Groep Aantal lln

Leerplan VVKBaO. Verbondenheid door middel van rituelen tijdens speciale gelegenheden. Jenthé Adriaens, Elise Buts & Sharis Vertommen

Lesfiche 2. Rooms-katholieke godsdienst

SPELFICHE: WAT WORD IK?

Lesvoorbereiding Bachelor in het onderwijs: secundair onderwijs

LESVOORBEREIDING nr: 18

Lesvoorbereiding Student leraar secundair onderwijs groep 1

LESVOORBEREIDING nr: 4

Workshop. Timmeren. - de oppervlakte van de plank berekenen, en de oppervlakte van het binnenwerk berekenen: basis x hoogte

Steekkaart: nummer 2W

LESONTWERP ALGEMENE VAKKEN / VOEDING-VERZORGING

6 Mens en techniek ICT 1ste graad

Museumles Tureluurtje. Docentenhandleiding

Lesvoorbereiding Onderbouw (groep 3)

Competentie: Leergebied: Zuid Nederland. Constructies

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS flexibel traject

Lesvoorbereiding. Inhoudelijke gegevens vak of vormingsgebied: Wereldoriëntatie, China.

Mentor Datum Groep Aantal lln

Bijlage 5 5.I. colade. Op naar de top. Arschoot Elien. Economische groei. 4 de jaar ASO. D hauwers Fien. Lerarenhandleiding.

Lesvoorbereiding. Praktijkbeoordeling

eindtermen basisonderwijs

SOCIALE VAARDIGHEDEN: contactsleutels

LESVOORBEREIDING ALGEMENE VAKKEN / VOEDING - VERZORGING

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER DERDEGRAADSSTAGE Datum nazicht: Naam student: Stefanie Van Calenberg Stageschool: De Zonnebergen

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS flexibel traject

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS LESONTWERP

PROFESSIONELE BACHELOR IN HET ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS LESONTWERP

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER (LVF)

Doe-het-zelfpakket: geschiedenis

LESVOORBEREIDING nr: 7

Schuilt er een onderzoeker in jou?

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER BASISSTAGE

Steekkaart: nummer 3We

Mentor Datum Groep Aantal lln

Lesvoorbereiding. Datum: 19 februari 2013 aantal leerlingen: 33 tijd: Groep: 4

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER

Begeleidende uitleg voor de leerkracht:

LESVOORBEREIDING. Gegevens over de student Gegevens over de school en de klas Gegevens over de les Naam: Vak: Muzische vorming Groep: 1A

Mentor Datum Groep Aantal lln. Helma Goudsmits a 32

Voorbereiding. Aanvang les en duur:

LESONTWERP ALGEMENE VAKKEN / VOEDING-VERZORGING

Gebruikte bronnen voor de leerlingen: bundel verzorging - ziek zijn, instrumenten van een dokter

DOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN ONDERWIJS- EN LEERACTIVITEITEN (STRATEGIE) MEDIA EN WERKVORMEN

DE RODE DRAAD VAN TWENTE

LESONTWERP ALGEMENE VAKKEN / VOEDING-VERZORGING

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

Transcriptie:

Lerarenopleiding Thomas More Kempen Campus Turnhout Campus Blairon 800 2300 Turnhout Tel: 014 80 61 01 Fax: 014 80 61 02 Campus Vorselaar Lepelstraat 2 2290 Vorselaar Tel: 014 50 81 60 Fax: 014 50 81 61 Lesvoorbereidingsformulier Naam student(e): Nicky Scheirs Opleiding: Bachelor Lager Onderwijs Niveau: 1 2 3 Stageschool: Datum lesuitvoering: Mentor: Leerjaar: 3 e graad Uur: 50 minuten Leergebied + leereenheid: Wereldoriëntatie Lesonderwerp: Project: Erfgoed van Heist-op-den-Berg Korte informatie en stellingenspel Gebruikte documentatie: André Geens (Heemkring Die Swane Heist-op-den-Berg) Rik Van den Broeck (Heemkring Die Swane Heist-op-den-Berg) Gaston Van den Broeck (Molenaar Kaasstrooimolen) Museumgids van het heemmuseum Didactisch materiaal (media): Infokaarten Afbeeldingen bij infokaarten Werkblad met vragen bij infokaarten Groene en rode kaarten Stellingenspel: stellingen en antwoorden voor de leerkracht Bijlagen bij deze lesvoorbereiding: Infokaarten Afbeeldingen bij infokaarten Werkblad met vragen bij infokaarten Stellingenspel: stellingen en antwoorden voor de leerkracht Beginsituatie: (inhoudelijke beginsituatie, leefwereld lln., verschillen tussen lln., organisatorische beginsituatie) Omschrijving beginsituatie: Aandachtspunten i.v.m. deze les: - De leerlingen kregen reeds drie lessen over dit thema. - De leerlingen krijgen les in een school die gelegen is in een deelgemeente van Heist-op-den-Berg of in de buurgemeente Hulshout. - De leerlingen kunnen reeds verhalen gehoord hebben over de Kaasstrooimolen en Pandoerenhoeve van bijvoorbeeld grootouders. - De leerlingen kunnen de Pandoerenhoeve en Kaasstrooimolen al eens bezocht hebben. Pagina 1

Hoe ga je er concreet rekening mee houden: - De leerkracht kan de vragen van de voorgaande les gebruiken wanneer de leerlingen sneller klaar zijn. Zo mogen ze een vraag kiezen en informatie opzoeken op een computer in de klas. Daarna kunnen zij eventueel de informatie kort vertellen aan de andere leerlingen. Deze vragen komen vanuit de leerlingen zelf na de inleidende les. - De leerkracht zal de twee leerlingen die de infokaarten van de Kaasstrooimolen en Pandoerenhoeve vandaag aan de computer plaatsen. Zij zullen de site van de Heemkring bezoeken. Doelen: Leerplan: VVKBaO Leerplan Wereldoriëntatie (2010) Leerplandoelen: Overkoepelende doelen - 0.1 Kinderen willen meer te weten komen over de wereld in al z n dimensies, hier en elders, vroeger en nu. P. 36-0.5 Kinderen werken samen. P. 37 o Dat houdt in dat ze niemand uitsluiten, anderen helpen, afspraken binnen de groep naleven, overleggen over groepsopdrachten. - 0.6 Kinderen drukken zich zo verstaanbaar mogelijk uit en benoemen waar mogelijk de dingen correct. P. 37-0.10 Kinderen kunnen vragen stellen waarvan de antwoorden onderzoekbaar of opzoekbaar zijn. P. 39-0.15 Kinderen kunnen verslag uitbrengen over hun bevindingen. P. 41 o Dat houdt in dat ze verslag kunnen uitbrengen over een taakgroep. Mens en levensonderhoud - 1.1 Kinderen zien in dat mensen moeten zorgen voor hun dagelijks bestaan. P. 46 o Dat houdt in dat ze ervaren, vaststellen en uiten dat zeer veel menselijke activiteiten gericht zijn op het vervullen van materiële en levensnoodzakelijke behoeften (voeding, bescherming, veiligheid, gezondheid, ) - 1.2 Kinderen zien in dat mensen arbeid verrichten om in hun levensonderhoud te voorzien. P. 46 o Dat houdt in dat ze kunnen illustreren dat in (bepaalde delen van) een samenleving mensen vaak zelf hun levensnoodzakelijke producten (voeding, kleding, bescherming, woning, ) produceren. o Dat houdt in dat ze kunnen illustreren dat mensen goederen kunnen produceren en diensten verrichten op zeer verschillende plaatsen (thuis, op de boerderij, in de fabriek, ). Mens en medemens - 4.12 Kinderen kunnen hulp vragen en zorg aanvaarden. P. 79 o Dat houdt in dat ze op een beleefde manier iets kunnen vragen. o Dat houdt in dat ze dankbaarheid tonen tegenover iedere die hen helpt. Dat houdt in dat ze zich laten helpen als ze iets niet kunnen. Mens en samenleving - 5.11 Kinderen zien in dat (groepen van) mensen en instellingen vaak macht en/of gezag uitoefenen. P. 89 o Dat houdt in dat ze vaststellen dat de invloed van mannen en vrouwen in groepen vaak ongelijk verdeeld zijn. Mens en techniek - 6.1 Kinderen zien in dat courante producten gemaakt zijn uit welbepaalde materialen en/of grondstoffen. P. 95 o Dat houdt in dat ze ervaren en uiten op welke wijze een aantal grondstoffen worden verwerkt tot materialen en/of producten (bv. meel tot brood). - 6.6 Kinderen zien in dat producten worden gemaakt volgens bepaalde technische principes. P. 97 o Dat houdt in dat ze ervaren en uiten dat een constructie (toren, huis, puzzel, ) of bereiding wordt gemaakt met behulp van verschillende onderdelen of ingrediënten en in relatie staan tot elkaar in functie van het vooropgesteld doel. Mens en tijd - 8.12 Kinderen zien in dat mensen, dieren, planten, objecten, opvattingen, structuren evolueren in de tijd. P. 128 o Dat houdt in dat ze vaststellen en uiten dat mensen nu andere gewoonten en gebruiken hebben dan vroeger. o Dat houdt in dat ze inzien dat de producten die er nu zijn, er niet altijd waren. o Dat houdt in dat ze weten dat de evolutie van de techniek het leven van mensen verandert. Pagina 2

- 8.13 Kinderen zijn nieuwsgierig naar de historische ontwikkeling van planten, dieren, mensen, voorwerpen, systemen, actuele toestanden. P. 128 o Dat houdt in dat ze vragen stellen bij en actief op zoek gaan naar de voorgeschiedenis van hedendaagse fenomenen als ontspanning en vrije tijd, arbeid, speelgoed, communicatie, samenlevingsvormen, feesten, woningbouw, o Dat houdt in dat ze overblijfselen van vroeger opsporen in hun omgeving. Mens en ruimte - 9.10 Kinderen kunnen plaatsen en gebeurtenissen waar ze kennis mee maken vlot op een passende kaart of plattegrond terugvinden. P. 139 o Dat houdt in dat ze een voorstelling in hun hoofd hebben van een aantal plattegronden en kaarten zodat ze in een praktische toepassing op een plattegrond van de eigen provincie vlot de eigen gemeente, de buurgemeenten, de provinciehoofdstad en enkele andere belangrijke plaatsen kunnen situeren. Lesdoelen: 1. De leerlingen kunnen informatiekaarten grondig lezen. 2. De leerlingen kunnen een partner vinden aan de hand van bij elkaar horende informatiekaarten. 3. De leerlingen kunnen met hun partner overleggen wat ze aan de anderen willen vertellen. 4. De leerlingen kunnen de informatie van hun informatiekaarten aan de anderen overbrengen. 5. De leerlingen kunnen vragen stellen over de onderwerpen die aan bod komen. 6. De leerlingen kunnen de inhoudelijk interessante vragen rond het thema erfgoed van Heistop-den-Berg van de inleidende les correct beantwoorden door gebruik te maken van computer en boeken. 7. De leerlingen kunnen de opgezochte informatie over de vragen rond het thema erfgoed van Heist-op-den-Berg van de inleidende les overbrengen aan de andere leerlingen. 8. De leerlingen kunnen bijvragen stellen over de vragen rond het thema erfgoed van Heist-opden-Berg van de inleidende les. 9. De leerlingen kunnen de stellingen over het project correct beantwoorden met akkoord (groene kaart) of niet akkoord (rode kaart). 10. De leerlingen kunnen de antwoorden van de stellingen over het project beargumenteren. 11. De leerlingen kunnen met respect hun mening geven over het project, het thema en de activiteiten. Evaluatie doelen (in te vullen na de lesuitvoering): Pagina 3

Oriëntatiefase 10 1 2 3 Motivatie Infokaarten combineren - De haard (delen van de haard, koken, koude hand, vleeskroon, ) - Meubels (stoel, kleerkist, ladenkist of kommode, schapraai, ) - Maten en gewichten (unster, meuken, wegen, ) - Bouw van een lemen huis (hout, leem, stro, 3 fasen van de bouw, ) - Onderwijs (lei en griffel, houten boekentas, geen leerplicht, ) - De Kaasstrooimolen en Pandoerenhoeve van vandaag (website, bezoeken, brood bakken, molen in werking, ) Motivatie Infokaarten lkr: Ik deel enkele kaartjes uit. Lees jouw tekst goed of bekijk jouw foto s. over gaat het? Daarna zoek je naar een kaartje dat te maken heeft met jouw kaartje. Je zal per 2 zijn. (Of per 3: tekst, zwart-wit foto en kleurenfoto) Overloop samen wat er op jullie kaartjes staat. Daarna krijg je een werkblad. Je beantwoordt de vragen samen. lkr deelt de infokaarten uit. lln lezen hun infokaart. lln zoeken naar hun partner. lkr deelt de werkblaadjes uit. lln vullen per 2 het werkblaadje in. lkr begeleidt. lln met de infokaarten over de Kaasstrooimolen en Pandoerenhoeve vandaag bezoeken de website van de Heemkring Die Swane Heist-op-den-Berg. Leerfase Fase 1 10 4 5 Verwerving Voorstelling van de infokaarten - Informatie vertellen aan de anderen van de klas - Bijbehorende foto s tonen Verwerving Infokaarten: voorstellen van de informatie lkr: Je hebt nu de vragen beantwoord en de tekstjes gelezen. Je komt nu per 2 naar voor en vertelt in eigen woorden wat je geleerd en onthouden hebt van jouw tekstje. Pagina 4 lln komen per 2 naar voor. lln overlopen wat ze leerden over hun onderwerp. lln luisteren aandachtig naar elkaar. lkr en lln bespreken kort. lln geven de prenten door.

fase 2 15 6 7 8 Verwerving/Verwerking Opdracht woordspin 1. Kijk naar de woordspin van wereldoriëntatie. 2. Kies een vraag uit waarop jij het antwoord wil weten. 3. Zoek op het internet naar het antwoord op de vraag. 4. Plaats het antwoord in een WORD-document met de vraag erbij. 5. Ben je klaar, dan vraag je aan de leerkracht om je document op te slaan. 6. Kleur de vraag die jij oploste op de woordspin. Zo weten de anderen dat deze vraag al beantwoord is. Informatie vanuit de woordspin - Vragen vanuit de woordspin van de eerste les wereldoriëntatie - De vragen werden opgelost door de leerlingen wanneer ze sneller klaar waren tijdens een les. - De leerlingen vertellen hun informatie aan de anderen. - De leerlingen vertellen wat ze vonden van deze opdracht. Verwerving/Verwerking Informatie vanuit de woordspin lkr: Aan het begin van deze lessen, maakten we samen een woordspin. Jullie mochten hierover informatie opzoeken wanneer je sneller klaar was. lkr stelt enkele vragen: - Lukte dit goed? - Heb je veel opgezocht? - Vond je de antwoorden? - Vond je dit een leerrijke opdracht? lkr: Wie wil vertellen wat hij of zij opgezocht en geleerd heeft? ll komt naar voor en zegt zijn vraag. Ll vertelt wat hij als antwoord gevonden heeft en legt uit aan de klas. De andere lln mogen vragen stellen. lkr begeleidt. Controlefase en/of slot 15 9 10 Pagina 5 Evaluatie Stellingen - Groen = akkoord - Rood = niet akkoord - Stellingen over het volledige project en de lessenreeks. - De informatie van de voorgaande lessen komt aan bod. - De leerlingen vertellen wat het antwoord is en vertellen in eigen woorden. Evaluatie lkr: Je hebt deze week meer geleerd over het thema van het erfgoed van Heist-op-den-Berg. lkr: We gaan even kijken wie goed oplette tijdens deze lessen. Ik zal stellingen voorlezen. Je krijgt een groen en een rood kaartje. Denk je dat de stelling juist is, steek je het groene kaartje in de lucht. Denk je dat de stelling fout is, steek je de rode kaart in de lucht.

1. Met paard en kar verplaats je je minder snel dan met de auto. 2. Een koude hand is een hand die koud heeft. 3. Vroeger waren de wegen slechter. 4. De unster is een weegschaal. 5. Het lemen huis was niet stevig. 6. Op een lei kan je schrijven met een griffel. 7. De kinderen hadden 100 jaar geleden al een stoffen boekentas zoals wij. 8. De Kaasstrooimolen kan vandaag nog draaien. 9. De Pandoerenhoeve stond in zijn beginjaren in Schriek. 10. Het bakhuis dat nu bij de Pandoerenhoeve en Kaasstrooimolen in Bruggeneinde staat, is het originele. 11. De naam Kaasstrooimolen komt van een gewas, namelijk biezen. Niet waar, dit is een ijzer dat gebruikt werd om een warme stoofpot van het vuur te halen. Zo konden ze zich niet verbranden. Niet waar, het lemen huis was zeer stevig gemaakt. Het dak van stro kon echter snel branden. Niet waar, de kinderen die 100 jaar geleden leefden, hadden vaak een houten boekentasje waarin ze hun lei en griffel konden opbergen. Niet waar, het bakhuis werd nagebouwd door de leerlingen van de vakschool van Heist-op-den-Berg. lkr zegt steeds een stelling. lln beantwoorden de stellingen met een groene of rode kaart. lln vertellen waarom ze wel of niet akkoord zijn. Lln verklaren hun antwoorden. lkr vult aan indien nodig. lkr toont voorwerpen en foto s waar mogelijk. Pagina 6

12. De molen staat sinds 1418 in Bruggeneinde. 13. De Pandoerenhoeve is een typische langgevelhoeve. 14. Het graan wordt tussen de tandwielen van de molen geplet. 15. Vlas vormde een belangrijke bron van inkomsten voor de Heistse boer. 16. Boter wordt gemaakt van chochomelk. 17. De Balderse kap was het hoofddeksel voor de vrouw. 18. Klompen zijn zeer warm om te dragen in de winter. 19. De molen kan niet bewegen. 20. De keuken van vroeger noemen we een moos. Niet waar, het graan wordt tussen twee maalstenen geplet tot meel. Niet waar, boter wordt gemaakt van verse melk. Niet waar, in de winter deden de mensen zelfs stro in hun klompen om warme voeten te hebben. Niet waar, de molen kan gedraaid worden naar de wind. Zo vangt de molen meer wind. Pagina 7