Zintuigen en waarnemen

Vergelijkbare documenten
Samenvatting Biologie Thema 4:

Samenvatting Biologie voor Jou 2A Thema 4 Waarnemen en regeling

- Prikkels worden opgevangen - Prikkels worden omgezet in impulsen (elektrische stroomstootjes)

6.1. Boekverslag door F woorden 29 juni keer beoordeeld. Biologie voor jou. Opdracht: 1

Examentrainer. Vragen vmbo-bk. Het oor. Oorpijn

Zintuigelijke waarneming

Biologie samenvatting H6. Let op: ik weet niet of deze samenvatting helemaal goed is.

Docent: A. Sewsahai Thema: Zintuigelijke waarneming

Samenvatting Biologie voor Jou 1B Thema 6 Waarnemen, regeling en gedrag. Zintuig = orgaan dat reageert op prikkels uit de omgeving

ZINTUIGEN: GEVOELIGE ANTENNES

4 keer beoordeeld 30 mei 2017

Samenvatting Biologie Basisstof 1 tot 10

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 6, Regeling en gedrag

6,5. Samenvatting door een scholier 2017 woorden 28 oktober keer beoordeeld

Toets Communicatie (eindtoets) 1

Gebruik module 1 bij het beantwoorden van de vragen. Indien je het antwoord hierin niet kunt vinden dan mag je andere bronnen gebruiken.

Waarneming zintuig adequate prikkel fysiek of chemisch zien oog licht fysiek ruiken neus gasvormige

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken

Zintuigen. Expertgroep 5: Sterretjes zien. Naam leerling:... Leden expertgroep:...

Reageren op je omgeving

Voor deze les heb je nodig: een computer met internet verbinding

Samenvatting Biologie 3.1 tm 3.5 extra 3.1, 3.2, 3.5

Het oog (H2) Harro Reeders. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Zonder zintuigen weet je niet wat er om je heen gebeurt. Daarom gebruik je oren, je ogen, je neus, je huid en je tong.

Thema 7Oog, oogafwijkingen en oogcorrecties

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

Pilot in de 1HV klassen

Vragen: Your experience with senses: describe what you ve collected in your blog, both in images and in text.

Klas 2. Herhaling biologie klas 1

7,3. Samenvatting door een scholier 2527 woorden 31 maart keer beoordeeld

uitleg proefje 1 spiegelbeeld schrijven

Docentenhandleiding Oogfunctiemodel

inh oud 1. Inleiding 3 2. Kijken en zien 4 3. Proefjes 4. Hoogte, breedte en diepte 5. Gefopt door licht en donker 6. Gefopt door schuine lijnen

Lens plat of lens bol?

Handleiding Oogfunctiemodel

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

kaarsen de zon olielampen petroleumlampen gloeilampen fakkel maan en sterren brandend hout TL buizen gaslantaarns de zon vuur

Voelen: de huid hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Kernvraag: Hoe verplaatst licht zich en hoe zien we dat?

Samenvatting Biologie Thema 7 + 8

OMSCHRIJVING LESSTOF

4 Gedrag. 4.2 Aapt een aap echt na? 4.4 Hoe leven dieren samen in een groep? 4.1 Opdrachten Opdrachten

VITA Module 4 kgt. Diagnostische toets

Zintuigen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

B Accommodatie van de ooglens

H7 Zintuigelijke waarneming:

Vanuit de wereld om ons heen komen voortdurend prikkels op ons af: Geluiden Warmte/kou Lichtprikkels Bewegingen Smaken Geuren

GEZONDHEIDSKUNDE-AFP LES 3. Zintuigen

Samenvatting project natuur zintuigen

Het zou het leven een stuk lastiger maken als een van je zintuigen niet goed of juist te goed werkt. En natuurlijk

Examentrainer. Vragen vmbo-bk. Scan

Zintuigen. zien ruiken. horen. voelen. proeven

Gezichtsbedrog hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Ruimten Wetenschapsspellen en Robots

Biologie Tijdsduur : * Goed gezien????? Doel: Na deze opdracht heb je zelf gemerkt dat je soms de dingen anders ziet dan ze zijn.

Werkboekje Grote Wetenschapsdag

> Lees Hoe praten we?

Zintuigen. Expertgroep 3: Welke smaak proef je? Naam leerling:... Leden expertgroep:...

Operaties aan het oor

1.2 Het oor, opvangen van geluiden HB p.32-35

Ruiken en proeven vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Waarneming en regeling. Basisstof 6

Lesbrief Assenstelsels. Versie 1

Science+ leerjaar 1 4 x 45 min, werk allen of in duo s. module 1: het oog

Tekstboek. VMBO-T Leerjaar 1 en 2

1. Wat is het verschil tussen een natuurgetrouwe en een schematische tekening?

Operaties aan het oor

1.1 Het oog Beschermende delen van het oog. Deel 1 Hoe verkrijgen organismen informatie over hun omgeving?

Basic Creative Engineering Skills

Ruiken en proeven vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Kernvraag: Hoe verplaatst geluid zich en hoe horen we dit?

Ruiken en proeven vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Repetitie Lenzen 3 Havo Naam: Klas: Leerstof: 1 t/m 7

BIOGENIE 3.2 DEEL 1: ORGANISMEN ONTVANGEN PRIKKELS UIT HUN OMGEVING

Prezi les 1: Website:

Zintuigen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 woensdag 20 mei uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Horen vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Trommelvliesbuisjes bij volwassenen

Met Word een hoger cijfer halen. Word ken je al, toch kun je nog veel meer doen met Word. Nog beter leren omgaan met Word

Je hersenen je ruggenmerg en je zenuwen vormen samen je zenuwstelsel. Het zenuwstelsel zorgt ook voor de werking van spieren en klieren.

BREINBREKERS EN ILLUSIES

Keel-, neus- en oorheelkunde. Operaties aan het oor

1 K u n je a l l e s w a a r n e m e n? Geef twee voorbeelden van inwendige prikkels Wat verste je onder een adequate prikkel?

Basic Creative Engineering Skills

Practicum: Het ontkiemen van zaadjes

Operatie aan het oor. Keel-Neus- en Oorheelkunde

Lesbrief: Lekker ontspannen? Thema: Wat is Mens & Dienstverlenen?

Lesmateriaal bovenbouw

Leren als een expert!

OMSCHRIJVING LESSTOF

Herhalingsles Het lichaam. Ademhaling. Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan.

Hoe leer ik uit... Naam: Klas:

Oren om te horen. 1. Leesopdracht

Nachtbrakers NACHTRUST

Transcriptie:

Zintuigen en waarnemen Klas: Naam:........ 1

Inhoudsopgave Inleiding 3 1. Aan-TEKENING-en 4 2. De Instructie video 5 Introductie 5 Richtlijnen voor de video s 6 Video 1: De huid 6 Video 2: Neus en tong 7 Video 3: De Oren 7 Video 4: De ogen (onderdelen) 8 Video 5: Het Pupilreflex 8 Video 6: Het zenuwstelsel 9 Het script 10 3. Gezichtsbedrog 12 4. Practica 17 Doolhof 17 Gevoeligheid van de huid 18 Kleuren zien 19 Blinde vlek 20 5. Teken de zintuigen 21 De huid 21 Het gehoororgaan 22 De ogen (buitenaanzicht) 23 De ogen (doorsnede) 24 Aantekeningen 25 Basisstof 1 Reageren op je omgeving 25 Basisstof 2 De huid 25 Basisstof 3 De neus en de tong 26 Basisstof 4 De oren 26 Basisstof 5 De ogen 27 4 2

Inleiding Voor het komende hoofdstuk over zintuigen en waarnemen hoef je alleen je tekstboek mee te nemen. Voor de rest van je werk maak je gebruik van dit boekje. Voor dit boekje krijg je dus ook je laatste werkboek cijfer van het jaar! Taak Inhoud 1 Maken van aantekeningen bij uitleg. Bestuderen bronnen voor video. Maken script voor de video. 2 3 4 Maken instructievideo. Video opsturen naar docent. Klassikaal kijken van instructievideo s Maak een mooie voorkant op de kaft van dit boekje. Opdrachten over gezichtsbedrog maken. Docent: uitleg practicum carrousel Practicum 1, practicum Doolhof Practicum 2, practicum Gevoeligheid van de huid Practicum 3, practicum Kleuren zien Practicum 4, practicum Blinde vlek 5 6 Tekening maken van de huid. Tekening maken van het gehoororgaan. Tekening maken van het buitenaanzicht van een oog. Tekening maken van een dwarsdoorsnede van het oog. Maken aantekeningen van basisstof 1: Reageren op je omgeving. Maken aantekeningen van basisstof 2: De huid. Maken aantekeningen van basisstof 3: De tong en de neus. Maken aantekeningen van basisstof 4: De oren. Maken aantekeningen van basisstof 5: De ogen. 3

1. Aan-TEKENING-en 4

2. De Instructie video Introductie Het afgelopen jaar heb je heel wat instructievideo s gezien voor biologie. Tijd om de rollen om te draaien. Voor het hoofdstuk over zintuigen en waarnemen gaan jullie de instructievideo s maken. De video s maken jullie in groepjes tijdens de les. Er zijn in totaal zes onderwerpen waarover een video gemaakt gaat worden, dit betekend dat de klas in zes groepjes verdeeld wordt en dat elk groepje verantwoordelijk is voor één onderwerp. Als jullie de video af hebben sturen jullie de video naar mij op. Van alle losse video s maak ik één lange video, deze gaan we in de les erna bekijken. Zorg ervoor dat je video leuk is om naar te kijken en dat de presenator goed te verstaan is. De video die jullie is maximaal vijf minuten lang. In de video s moeten een aantal zaken aan bod komen, in de tabellen hieronder kun je per onderwerp terugvinden wat er minimaal in de video terug moet komen. In de biologielokalen staan modellen van veel verschillende organen waaronder de zintuigen. In jullie instructievideo maken jullie gebruik van de aanwezige modellen. Verder kun je om je uitleg te verduidelijken ook gebruik maken van tekeningen of andere hulpmaterialen. Bij het maken van de video volg je een aantal stappen: 1. Lees in je tabel wat er in jullie video te zien moet zijn. 2. Kijk de video ( s) van de verdieping. 3. Schrijf een script. 4. Filmen van jullie video! 5. Stuur de video naar je docent. 5

Richtlijnen voor de video s Hieronder vinden jullie de benodigde informatie voor het maken van jullie instructie video. Lees het eerst goed door, bekijk alle informatie en video s bij bronnen voordat jullie aan de slag gaan bij het schrijven van jullie script. Video 1: De huid Begrippen: Drie lagen van de huid: o Opperhuid o Lederhuid o Onderhuidse bindweefsel Opperhuid bestaat uit twee lagen: o Hoornlaag o Kiemlaag Onderdelen in de huid: o Bloedvat o Talgklier o Haar en haarspiertje o Pijnpunt o Tastknopje o Drukzintuig o Zenuw Bij de uitleg: Laten jullie met behulp van het model van de huid zien waar de verschillende onderdelen zich bevinden. Jullie leggen uit wat de functies van de verschillende onderdelen zijn. Julie leggen met behulp van een tekening de begrippen: opperhuid (hoornlaag en kiemlaag), lederhuid en onderhuids bindweefsel uit. Bronnen: Tekstboek: basisstof 2 (blz. 55 en 56). Het klokhuis: Brandwondencentrum. https://www.hetklokhuis.nl/tvuitzending/94/brandwondencentrum Extra: Als je, je verbrand kun je een eerste-, tweede-, of derdegraadsbrandwond oplopen. Wat zijn brandwonden en wat is zijn de kenmerken van een eerste-, tweede-, of derdegraadsbrandwond 6

Video 2: Neus en tong Begrippen: Onderdelen van het reukzintuig: o Neusholte o Reukharen o zintuigcellen o Neusslijmvlies o Geurzenuw Bronnen: Tekstboek basisstof 3 (blz. 57 en 58) Afb. 8 Reukzintuig (blz. 57) Afb. 9 De smaakzintuigen (blz. 58) Het klokhuis: Smaak. https://www.hetklokhuis.nl/tvuitzending/3179/smaak Het klokhuis: Ruiken. https://www.hetklokhuis.nl/tvuitzending/928/vragen%20van %20kinderen%20199 Bij de uitleg: Laten jullie met behulp van een model van het hoofd zien waar zich de neus, neusholte en tong zich bevindt. Jullie leggen uit wat de functies van de verschillende onderdelen zijn. Met een tekening vergelijken jullie het uiterlijk van een zintuigcel in de neus en een zintuigcel in je tong. Extra: De informatie over de neus en de tong staan in dezelfde paragraaf. Kunnen jullie uitleggen waarom het logisch is dat deze twee zintuigen in één paragraaf behandeld worden? Tip: Kun je goed proeven als je verkouden bent en dus niet goed door je neus kunt ademen? Video 3: De Oren Begrippen: Onderdelen van het gehoorzintuig: o Oorschelp o Gehoorgang o Oorsmeerkliertjes o Gehoorbeentjes (3) Hamer Stijgbeugel Aambeeld o Trommelvlies o Buis van Eustachius o Slakkenhuis o Gehoorzenuw. Bij de uitleg: Laten jullie met behulp van het model van de oren zien waar de verschillende onderdelen zich bevinden. Jullie leggen uit wat de functies van de verschillende onderdelen zijn. Bronnen: Tekstboek basisstof 4 (blz. 59t/m 62). Afb. 13 Een oor schematisch (blz. 60). Het klokhuis: Disco-oor: https://hetklokhuis.nl/tvuitzending/3345/disco-oor Extra: De sterkte van geluid wordt gemeten in decibel. Vergroot afbeelding 12 op bladzijde 60 en leg het begrip decibel uit. In het oor bevindt zich nog een zintuig, het evenwichtszintuig. Laat met behulp van het model zien waar het evenwichtszintuig zich bevindt en hoe het werkt. 7

Video 4: De ogen (onderdelen) Begrippen: Onderdelen van het oog: o Hoornvlies o Lens o Pupil o Iris o Oogspier o Harde oogvlies o Vaatvlies o Netvlies o Glasachtig lichaam o Gele vlek o Blinde vlek o Oogzenuw Bij de uitleg: Laten jullie met behulp van het model van het oog zien waar de verschillende onderdelen zich bevinden. Jullie leggen uit wat de functies van de verschillende onderdelen zijn. LET OP! Het stuk over pupilreflex hoeven jullie niet uit te leggen. Dit doet een ander groepje. Bronnen: Tekstboek basisstof 5 (blz. 63 en 64). Afb. 18, een oog (blz. 63). Afb 19, een oog doorsnede (blz. 64) Het klokhuis: Oogonderzoeker: https://hetklokhuis.nl/tvuitzending/3157/oogonderzoeker Extra: Leg uit hoe het komt dat wij als mensen diepte kunnen zien, we kunnen zien of iets ver weg of dichtbij is. Video 5: Het Pupilreflex Begrippen: De pupilreflex Kringspieren Straalsgewijs lopende spieren Pupil Iris Verdieping: Tekstboek basisstof 5 (blz. 65). Afb. 22 iris en pupil (blz. 65). Het klokhuis: Oogonderzoeker: https://hetklokhuis.nl/tvuitzending/3157/oogonderzoeker Bij de uitleg: Gebruik bij je uitleg een duidelijke tekening waarbij je duidelijk kunt zien waar de kringspieren en straalsgewijs lopende spieren rond je pupil zitten (afbeelding 23 op bladzijde 65) In de instructievideo leg je uit hoe het pupilreflex ervoor zorgt dat er altijd voldoende maar ook niet te veel licht op het netvlies valt. Leg duidelijk uit hoe de straalsgewijs lopende spieren en de kringspieren hierbij helpen. Wat gebeurt er als de kringspieren samentrekken? Wat gebeurt er als de straalsgewijs lopende spieren samentrekken. Laat met behulp van een lampje zien dat de pupil groter en kleiner wordt. Leg duidelijk uit wanneer en waarom de pupil groter en kleiner wordt. 8

Video 6: Het zenuwstelsel Begrippen: Hersenen Ruggenmerg Zenuwen Wervel Onderdelen van een zenuwcel: o Cellichaam o Celkern o Uitlopers Bij de uitleg: Laten jullie met behulp van het model van de ruggengraat zien hoe de ruggenmerg goed beschermd is. Laat je zien dat alle zintuigen door middel van zenuwen verbonden zijn aan de hersenen. De hersenen geven signalen door aan het lichaam via de zenuwen. Bronnen: Tekstboek basisstof 1 (blz. 54). Afb. 3 (blz. 54). Tekstboek basisstof 8 (blz. 75 t/m 77). Afb 38 en 39 (blz. 77) Het klokhuis: MS. https://hetklokhuis.nl/tvuitzending/2965/ms Extra: In het lichaam bevinden zich drie verschillende type zenuwcellen. Ze zien er alle drie anders uit en hebben een verschillende functie. 9

Het script Voor het maken van een goede video bedenk je eerst goed wat je gaat vertellen. Jullie schrijven hier onder duidelijk op wat jullie gaan vertellen en in welke volgorde jullie het gaan vertellen. Schrijf ook op welke hulpmiddelen je op welk moment nodig hebt, denk hierbij aan het model van het zintuig. Gebruik de witte vakken om jullie tekst te verduidelijken met bijvoorbeeld een schets. In het script moeten alle begrippen terugkomen waarover jullie uitleg gaan geven. 10

11

3. Gezichtsbedrog Soms lijkt het alsof alles in een afbeelding klopt. Maar als je goed kijkt zal je zien dat, dat niet het geval is. Omcirkel in de tekeningen wat er niet klopt. 12

Vorm illusie Vorm illusies ontstaan doordat je hersens overal patronen proberen te herkennen. Bij sommige afbeeldingen gebeurd het dus dat je iets ziet dat er eigenlijk niet is. De Afbeelding hiernaast is een voorbeeld van een vorm illusie. Het bestaat uit alleen maar rechte lijnen. Maar wat gebeurd er als je nu naar het kruis in het midden van de afbeelding kijkt? Beschrijf het hier onder wat je ziet. Laterale Inhibitie Zoals je weet vangen je zintuigcellen (de staafjes en kegeltjes) in je oog licht op en sturen daarna een signaaltje naar je hersenen. De zintuigcellen kun je ook voor de gek houden en dat gebeurd op de afbeelding hiernaast. Kies een witte stip uit en kijk hiernaar wat gebeurd er met de andere stippen? Het punt waar je, je op concentreert blijft gewoon wit. De andere stippen veranderen omdat de afbeelding veel zwart bevat. Daardoor komt er veel Informatie in je ogen binnen die je Hersens vertellen dat er veel zwart gekleurd is. Er zijn maar weinig plekken wit, zo weinig dat je ogen eigenlijk voor jou bepalen dat je de witte stippen het niet goed kan zien. 13

Rechte lijnen? De twee afbeeldingen hieronder zijn ook vorm illusies. Je hersens proberen altijd overal patronen in te herkennen dus ook bij deze afbeeldingen. Het lijkt of de lijnen scheef zijn. Controleer met behulp van je liniaal of een ander recht voorwerp of dit ook zo is. Schrijf je bevindingen hieronder op. Dan is natuurlijk de vraag hoe dit kan. Als je naar de afbeelding kijkt krijgen je hersenen veel informatie van je ogen. Als het signaal van je ogen bij je hersens aankomt gaan je hersens de informatie verwerken. Je hersens vinden de lijnen die je in de afbeelding ziet minder belangrijk dan het contrast tussen zwart, wit en grijs. Als je goed naar de afbeelding kijkt zie je lichte grijze schaduwen langs de lijnen. Deze schaduwen zorgen ervoor dat het lijkt alsof de lijnen kromlopen. Je hersens vinden de schaduwen namelijk belangrijker dan de rechte lijnen. De zintuigcellen zijn moe Als je heel geconcentreerd naar een afbeelding kijkt zorg je ervoor dat je zintuigcellen moe worden. We gaan jullie zintuigcellen met een simpele opdracht moe maken. Kijk 30 seconden naar de drie kleine stippen in het midden van de afbeelding en dan naar een muur. Wat gebeurd er? 14

Eigenwijze hersens Hiernaast zie je zes losse onderdelen die samen twee driehoeken lijken te vormen. Leg uit hoe het kan dat je ogen zes losse onderdelen zien maar dat je hersens hier vervolgens een andere vormen van maken. Lees goed Wat staat er in de driehoek? Waarschijnlijk lees je 'de mus in de boom. Dat staat er alleen niet. Lees het nog maar eens. Zie je het al? Omdat je gewend bent dat er één keer het woordje 'de' gebruikt wordt, zie je het ook maar één keer staan. Dat heeft niets met je ogen te maken. Die kunnen best twee keer het woord 'de' lezen. Je hersenen verwachten alleen niet dat het er twee keer staat. Onze hersens zijn best slim Je hebt je ogen en hersens wel genoeg voor de gek gehouden. Je zou bijna gaan denken dat ze helemaal niet goed werken. Gelukkig is dat niet waar. Lees het volgende stukje tekst maar is. Het shcinjt niet zoveel uit te mkaen in wekle vgoorlde de lrteets van een wrood staan. Als de esetre en de lastate lteter op de jtusie platas saatn kun je de mtseee wodeorn zednor pebolrmen lzeen. Dit komt ddaoort je heeernsn geen aptare lrteets lzeen, maar hlee woedron. 15

Ambigue figuren Ambigue figuren zijn figuren die je op twee manieren kan bekijken. Je kan er twee dingen in zien. Welke dingen kun je zien in de plaatjes hieronder? De olifant Hoeveel poten heeft de olifant in de afbeelding hiernaast? De Pijl en omgekeerde pijl. Welke pijl lijkt langer? Welke pijl is langer? Leg uit hoe dit kan? 16

4. Practica Doolhof Ratten kunnen heel goed de weg in een doolhof leren. Aan het eind van de doolhof krijgen ze eten. Dat is hun beloning. Als ze voor het eerst in de doolhof gezet worden, lopen ze maar een beetje lukraak rond. Ze nemen dan steeds beslissingen: linksaf, rechtsaf of rechtdoor. Na een aantal keren oefenen kunnen ze heel snel het doolhof doorlopen. Het lukt zelfs om ratten een heel ingewikkeld doolhof te leren Kunnen mensen dit ook? En zo ja, hoe snel leren ze het dan? Omdat het te ingewikkeld is om een doolhof te maken waar je doorheen kunt lopen, ga je dit onderzoek uitvoeren met een vingerdoolhof. Je gaat uitzoeken hoe snel je met je vinger een doolhof kan doorlopen. 1. Blinddoek de proefpersoon of laat deze zijn/haar ogen dicht doen. Het is belangrijk dat de proefpersoon de doolhof niet van tevoren kan zien! 2. Laat de proefpersoon bij het startpunt beginnen en de doolhof tot het eind doorlopen. 3. Noteer hoelang hij erover doet en hoeveel fouten er gemaakt worden. Dat wil zeggen hoe vaak een verkeerde beslissing genomen wordt. 4. Na een korte pauze, laat je de proefpersoon de tweede poging doen. 5. Noteer weer de tijd en het aantal fouten 6. Herhaal dit totdat er vrijwel geen fouten meer gemaakt worden. 7. Zet de gegevens in een tabel. Poging Aantal fouten Tijd 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 17

Gevoeligheid van de huid In je huid zitten veel zintuigcellen die ervoor zorgen dat je goed kunt voelen. Maar niet met elk deel van je huid kun je even goed voelen. Met dit experiment ga je onderzoeken met welk deel van huid je het beste kunt voelen. Dit doe je door twee puntige voorwerpen zachtjes tegen de huid te duwen. Eerst ver van elkaar af en daarna steeds een stukje dichter bij elkaar. Op een bepaald moment voelt de proefpersoon niet twee losse punten maar slecht één punt. Voor dit experiment heb je een liniaal en twee redelijk scherpe potloden nodig.!!let OP!!!!Duw zachtjes en beschadig de huid van de proefpersoon niet!! 1. Tijdens het experiment kijkt de proefpersoon niet naar de plaats waar de potloden tegen zijn/haar huid aangeduwd worden. 2. Duw het eerste potlood zachtjes op de huid van de bovenarm. 3. Duw het tweede potlood op een afstand van 6 cm van het eerste potlood op de huid. 4. De proefpersoon zegt of hij dit voelt als één of twee punten voelt. 5. Noteer in de tabel een twee als de proefpersoon twee potloodpunten voelt. 6. Laat het eerste potlood staan en beweeg het tweede potlood een centimeter dichterbij. 7. De proefpersoon zegt of hij één of twee potloodpunten voelt. 8. Ga door tot de proefpersoon nog maar één potloodpunt voelt. Zet bij de afstand waar hij/zij nog maar één punt voelt een kruisje een kruisje in de tabel. 9. Volg deze stappen ook voor de andere plaatsen van de huid. 10. Vul in de laatste kolom in hoe gevoelig de betreffende plek was, 1 = niet gevoelig, 10 = pijnlijk. Bovenarm 6 cm 5 cm 4 cm 3 cm 2 cm 1 cm 0,5 cm Gevoeligheid 1-10 Onderarm Bovenkant hand Handpalm Wijsvinger Leg uit waarom hoe het volgens jou komt dat niet elke plaats van de huid even gevoelig is. 18

Kleuren zien Onze ogen zorgen ervoor dat we kunnen zien, licht komt ons oog binnen en schijnt op ons netvlies. Het netvlies (letter S, in de afbeelding) neemt het licht waar en stuurt signalen naar onze herenen. Onze hersenen zorgen maken van de informatie uit de ogen een mooi beeld. Licht Als we kijken kunnen we verschillende kleuren zien, we kunnen ook zwart, wit en grijs zien. Op ons netvlies bevinden zich twee soorten zintuigen die licht kunnen waarnemen, we hebben staafjes en kegeltjes. Staafjes kunnen zwart, wit en grijstinten waarnemen. De kegeltjes kunnen kleuren waarnemen. Samen zorgen ze ervoor dat we alles goed kunnen waarnemen. Gele vlek De kegeltjes bevinden zich voornamelijk recht achter de les op het netvlies we noemen die plek op het netvlies de gele vlek. De staafjes zitten er vooral omheen. Dat betekent dat we alleen recht voor ons goed kleuren kunnen zien. Dingen die zich naast je bevinden kun je wel zien maar je kunt niet goed zien welke kleur het object heeft. Met deze oefening ga je hiermee experimenteren. Je hebt voor dit experiment een liniaal en vijf gekleurde kaartjes nodig (Zwart, rood, geel, blauw en groen). 1. Laat de proefpersoon (P) aan de linkerkant van een tweepersoonstafel gaan zitten met zijn/haar ellenbogen onder het hoofd. 2. Leg in de hoek van de tafel het zwarte kaartje. De proefpersoon houdt de linker ook dicht en kijkt naar het zwarte kaartje. LET OP, de proefpersoon mag het hoofd en ogen niet bewegen. 3. Iemand anders gaat achter de proefpersoon staan en schuift een gekleurd kaartje (in de afbeelding het gestreepte kaartje) langzaam van rechts naar links. 4. De proefpersoon zegt als hij/zei het kaartje ziet. 5. Meet de afstand tussen het zwarte kaartje en het gekleurde kaartje. 6. Schuif het kaartje nu verder. 7. De proefpersoon zegt als hij/zei de kleur van het kaartje ziet. 8. Meet nu de afstand tussen het zwarte kaartje en het gekleurde kaartje nogmaals. 9. Noteer de resultaten in de onderstaande tabel. Kleur kaartje Rood Geel Groen Blauw Afstand waarop het kaartje zichtbaar is voor de proefpersoon Afstand waarop de kleur zichtbaar is voor de proefpersoon 19

Blinde vlek Licht Bij het vorige practicum over de gele vlek heb je geleerd dat je kleuren voornamelijk waarneemt bij de gele vlek van je oog. Alle signalen van je netvlies worden via de oogzenuw doorgegeven aan de hersenen. Op de plaats waar de oogzenuw vast zit aan het oog zitten geen zintuigcellen (staafjes en kegeltjes). Deze plaats noemen we de blinde vlek. Met dit deel van je oog kun je dus niet waarnemen en ben je dus blind. Jullie gaan nu een experiment doen met de blinde vlek van je oog. Voor dit experiment heb je alleen de onderstaande afbeelding met het poppetje en de stip nodig. Blinde vlek Oogzenuw 1. Doe je rechteroog dicht. 2. Hou je boekje met gestrekte armen voor gezicht en hou de zwarte stip recht voor je linkeroog. 3. Beweeg het boekje langzaam dichterbij terwijl je naar de zwarte stip blijft kijken. 4. Wat gebeurt er op een gegeven moment met het mannetje? Wij kunnen zien doordat er licht is. Licht van de zon of een lamp schijnt op een voorwerp. Dat voorwerp weerkaatst het licht en het licht dat het voorwerp weerkaatst vangen onze ogen op en valt op ons netvlies. Op een bepaalde afstand van je gezicht zie je het mannetje niet meer. Op dat moment weerkaatst het licht dat op het mannetje schijnt precies op de blinde vlek, het deel van het netvlies waar zich geen zintuigcellen bevinden. Om die reden kun je het mannetje dan niet zien. 5. Doe het experiment nogmaals maar houd je rechteroog open. Verdwijnt het mannetje nog steeds? 20

5. Teken de zintuigen Om een nog beter beeld te krijgen van de zintuigen en waar ze zich bevinden in je lichaam ga je een aantal tekeningen maken. De tekeningen maak je met potlood en kleur je daarna ook in. De huid Maak hieronder een schematische tekening van een doorsnede van de huid. Bij het maken van de tekening kun je gebruik maken van afbeelding 4 en 5 op bladzijde 55 van je tekstboek. In de tekening heb je minimaal de volgende onderdelen getekend en benoemd: bloedvat, talgklier, haar en haarspiertje, pijnpunt, tastknopje, drukzintuig, zenuw, opperhuid, lederhuid en onderhuidse bindweefsel. 21

Het gehoororgaan Maak hieronder een schematische tekening van een doorsnede het gehoororgaan. Bij het maken van de tekening kun je gebruik maken van afbeelding 13 op bladzijde 60 van je tekstboek. In de tekening heb je minimaal de volgende onderdelen getekend en benoemd: oorschelp, gehoorgang, oorsmeerkliertjes, trommelvlies, trommelholte, hamer, aambeeld, stijgbeugel, slakkenhuis, evenwichtszintuig en gehoorzenuw. 22

De ogen (buitenaanzicht) Maak hieronder een schematische tekening van het buitenaanzicht van een oog. Bij het maken van de tekening kun je gebruik maken van afbeelding 18 op bladzijde 63 van je tekstboek. In de tekening heb je minimaal de volgende onderdelen getekend en benoemd: wenkbrauw, ooglid, wimpers, pupil, iris, harde oogvlies en hoornvlies. 23

De ogen (doorsnede) Maak hieronder een schematische tekening van een dwarsdoorsnede van een oog. Bij het maken van de tekening kun je gebruik maken van afbeelding 21 op bladzijde 64 van je tekstboek. In de tekening heb je minimaal de volgende onderdelen getekend en benoemd: hoornvlies, lens, pupil, iris, oogspier, harde oogvlies, vaatvlies, netvlies, glasachtig lichaam, gele vlek, blinde vlek en oogzenuw. 24

Aantekeningen Basisstof 1 Reageren op je omgeving Basisstof 2 De huid 25

Basisstof 3 De neus en de tong Basisstof 4 De oren 26

Basisstof 5 De ogen 27

28