GARANTIES TOT AAN DE VOORDEUR Evaluatie van het experiment Gebundelde Individuele Leningen. Auteur Gijs Hoofs



Vergelijkbare documenten
Raadsbijlage Voorstel tot het sluiten van een deelnemingsovereenkomst met de Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting

Speech Annet Bertram,DG Wonen, namens de minister van VROM bij Jubileumbijeenkomst SVN 5 oktober 2006 te Rotterdam

Starterslening Utrecht Financiële handreiking aan starters op de Utrechtse (koop)woningmarkt.

Veilig uw eigen droomhuis kopen

Handige tips bij aankoop woning

Onderzoek naar de restauratiebehoefte bij eigenaren van gemeentelijke monumenten

Achtergronden Wormerlandse VROM Startersregeling. 1. Waarom SVn-startersregeling?

Koopgarant Kopen met korting

De Starterslening. Een steuntje in de rug voor woningkopers

gemeente Eindhoven Raadsnummer 07.R2$$4.OOI Inboeknummer o7bstoao34 Beslisdatum BSP a oktober 2007 Dossiernummer

Gemeente Delft. !$ -Dl Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad. Gevraagde beslissing: de 'Verordening Blijverslening gemeente Delft vaststellen.

Verordening Duurzaamheidslening Gemeente Leeuwarden 2015

RAADSVOORSTEL MET BESLUIT

SCENARIO S TOEKOMST STIMULERINGSLENINGEN

Gemeente Delft. : Verlenging en technische wijziging Verordening Blijverslening gemeente Delft

De raad van de gemeente Bergen; gelezen het voorstel van het college van Bergen van 4 sept. 2012;

Resultaten starterslening

Energiesprong Nul op de meter. Waarom zou je dat willen? Is het haalbaar? Alleen voor hele milieubewuste mensen? Wat is het precies?

Onderverdeeld in - Juridische vragen - Vragen over onderhoud - Financiële vragen. Juridische vragen:

Concept Raadsvoorstel

Particuliere woningverbetering funderingsherstel Schiedam

Rapport. Rapport betreffende een klacht over de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Datum: 23 oktober Rapportnummer: 2013/151

ALLES OVER HET KOPEN VAN EEN WONING BIJ WOONSTAD ROTTERDAM. jouwhuis.nu

De raad der gemeente Putten; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 maart 2016, nr ; besluit:

2. Startersleningen. Werking Starterslening

ALLE INFORMATIE OVER HET KOPEN VAN EEN HUIS BIJ WOONSTAD ROTTERDAM

EVALUATIE STARTERSLENING HARDINXVELD-GIESSENDAM

Starterslening Hof van Twente

Verordening Stimuleringslening Nul-op-de-meterwoningen Zaanstad

Resultaten bewonersonderzoek, meting 2013

Ons kenmerk ML40/ Datum uw brief

Starterslening en Koopsubsidie

Een eigen huis, voor iedereen haalbaar.

Ag. nr.: Reg. nr.: Datum:

Bouw zelf je eigen droomhuis. Woonstad Rotterdam maakt het mogelijk in het Oude Westen

Evaluatie Back to Basics: De Nieuwe Koers

Notitie evaluatie provinciaal impulsplan Starters: een eigen thuis!

Voorstel aan raad. Geadviseerd besluit. Samenvatting ROM. H.J. Weeda. 5 februari 2013 Intrekken SVn subsidieverordening

* * RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering van Stuk/nummer Agendapunt 10 juli 2012 KNDK/2012/ Datum: 4 juli 2012 Verzonden: 6 juli 2012

Hof de Vriendschap Oordeel deelnemers en bewoners

Hoe word ik lid van de woonvereniging...?

Koopgarant. Kopen met korting en terugkoopgarantie van bestaande bouw

*INT * Meerdere - INT

Raadsstuk. Onderwerp: Vaststellen verordening : Stimuleringslening Duurzame Stedelijke Vernieuwing Haarlem BBVnr: 2016/397219

AGENDAPUNT NR: Concernstaf Bureau Gemeentesecretaris 3 januari Pagina 1 van 10

*ZAACC9B7FC0* Adviesnota. Raad van : 12 december 2013 Agendapunt : 11 Volgnr. : Reg. nr. : Z /INT

OP ZOEK NAAR JE EERSTE WONING? DE STARTERSLENING MAAKT HET MOGELIJK

Kopen met korting en terugkoopgarantie van bestaande bouw

Onderzoek burgerinitiatief. Tevredenheid van indieners

Verordening Blijverslening gemeente Oss 2016 Pagina 1 van 6. Verordening Blijverslening. De raad van de gemeente Oss;

Een woning kopen zonder zorgen. Maatschappelijk Verantwoord Eigendom

Voortgang. Programma VvE-balie

Ambtelijke bijstand: Mw. Drs. J. Bolt 1

Het crowdfunding platform voor. professionals. Hypotheek

stek: kopen met of zonder korting kopen met terugkoopgarantie

De Starterslening. van woningcorporaties. Een steuntje in de rug voor woningkopers

De Starterslening. van woningcorporaties. Een steuntje in de rug voor woningkopers

VA S T G O E D. KOOPgarant is een product van Woondrecht Vastgoed

Aanvraag Stimuleringslening Particuliere Woning Verbetering

Reflectiegesprekken met kinderen

B&W besluit Publicatie

Gemeenten en de spreiding van opdrachten voor schilderwerk

Energietransitie: Iedereen moet meedoen

Naar een effectief gemeentelijk instrumentarium voor particuliere woningverbetering

Verordening Blijverslening, gemeente Haarlem. Artikel 1 Begripsbepalingen. Deze verordening wordt verstaan onder:

Notitie. Betreft: Startersleningen Zoeterwoude. Datum: 1 oktober 2012

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 juni 2015; gezien het advies van de commissie Leefomgeving van 20 mei 2015

De raad van de gemeente Tholen. Tholen, 19 september 2017

BESLUIT: Verordening Stimuleringslening Maatschappelijk Vastgoed gemeente Hilversum 2016 vast te stellen

Ons kenmerk: A.C.P. van Kruijssen Doorkiesnummer: adres: Datum o 2 SEP. 2015

Speciaal voor nieuw woongebied De Plantage De Starterslening voor uw eerste koopwoning

Aan de raad AGENDAPUNT NR Doetinchem, 13 december 2017 ALDUS VASTGESTELD 21 DECEMBER Blijverslening

Investeer slim in uw woning met energiebesparende maatregelen. Aantrekkelijke rente - boetevrij aflossen

Verordening Blijverslening gemeente Aa en Hunze

360 feedback 3.1 M. Camp Opereren als lid van een team Omgaan met conflicten Omgaan met regels

Aanvraagformulier voor: Lening Particuliere Woningverbetering gemeente Deventer

Evaluatie Startersregeling Gemeente Bronckhorst

Voorstel raad. Initiatiefvoorstel startersleningen gemeente Hollands Kroon 4 maart 2014

Raadsvoorstel. Onderwerp Blijverslening. Status Besluitvormend

je stek koopgarant & koopcomfort Kopen met of zonder korting en terugkoopgarantie.

AANVRAAGFORMULIER SUBSIDIE FUNDERING/CASCOHERSTEL

RAADSVOORSTEL Hart van Austerlitz, garantstelling voor de te sluiten hypotheek voor de koop van acht woningen bestemd voor ouderen

Nadere bestudering van de juridische merites en jurisprudentie leert, dat aan dit vraagstuk nogal wat haken en ogen zitten.

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 24 oktober 2017;

FINANCIER VOOR MENSEN, WONEN & WIJKEN SVn

Intentieovereenkomst tussen het Ministerie van. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en. Rabobank met betrekking tot het Revolverend

(E) M C>> NEDERLANDSE VERENIGING VOOR. Strekking concept-wetsvoorstel. Advies. bi - br-

Verordening stimulering particuliere woningverbetering Sterrenberg. gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 juni 2017,

Uit ervaring blijkt ook dat met energieverbeterende maatregelen gemiddeld 30% energiebesparing gerealiseerd

HAALBAARHEID DE MOGELIJKHEDEN.

Bijlage 1 Interviewleidraad voor het interview met locatiemanagers

SUBSIDIEREGELING DUURZAAM EN LEEFBAAR OOSTSTELLINGWERF 2016

Op welke manier zou een evenementenloket u kunnen helpen bij de organisatie?

Evalueren van projecten met externen Kennisdocument Onderzoek & Statistiek

De Starterslening U wilt een woning kopen. Dat kan een

Jaarverslag 2009 en de toekomst

Duurzaamheidsagenda Informatiebijeenkomst INTERREG project VvE s nul op de meter ready

Notitie Startersfonds provincie Utrecht 2009

Initiatiefvoorstel. Beschikbaar stellen startersleningen

Transcriptie:

GARANTIES TOT AAN DE VOORDEUR Evaluatie van het experiment Gebundelde Individuele Leningen Auteur Gijs Hoofs

U kunt SEV-publicaties vinden op www.sev.nl, of bestellen bij: SEV Postbus 1878 3000 BW Rotterdam telefoon 010-282 50 50 sev@sev.nl De SEV ontwikkelt innovatieve oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken op het gebied van wonen. Wij zijn onafhankelijk, maar kunnen niet zonder initiatiefrijke netwerkpartners. Samen met hen beproeven we ideeën voor innovaties in de praktijk.

Garanties tot aan de voordeur Voorwoord Garanties tot aan de voordeur. Deze uitdrukking gebruikt men om de situatie te beschrijven dat je met een product dat niet aan je verwachtingen voldoet, bij niemand terecht kunt om verhaal te halen of om het te ruilen. Op twee manieren is deze titel van toepassing op het onderwerp van deze evaluatie: nieuwe financieringsmogelijkheden voor de verbetering van gezamenlijke gebouwdelen van Verenigingen van Eigenaren (VvE). Allereerst is hij van toepassing vanuit het gezichtspunt van de financier. Het is lastig om leningen te verkrijgen voor het wegwerken van achterstallig onderhoud van gemeenschappelijke delen. De financier vraagt vaak een garantie of zekerheid voor de aangegane verplichting. Zoals uit de rest van dit rapport zal blijken is die garantie voor de financier vaak een kwestie van garanties tot aan de voordeur. Het blijkt vrij lastig verhaal te halen bij VvE s in herstructureringsgebieden. De eerste reden is technisch van aard en hangt samen met het juridische kader van de VvE men koopt geen appartement, maar oefent een appartementsrecht uit. Het direct verhalen op een individuele eigenaar is onmogelijk en dient via de VvE te lopen. De tweede reden is praktisch. Vaak hebben de eigenaren in de VvE zich tot over hun oren in de schuld gestoken om hun droomhuis te kunnen verwerven. Ook dan is het lastig verhaal halen. Garanties tot aan de voordeur is ook letterlijk bedoeld. Dan slaat het op de garantstellingen die in de VvE, gechargeerd gezegd, tot aan de individuele voordeuren van het appartement gelden en de collectieve delen van het appartementsgebouw niet. We constateren in het rapport namelijk dat we in Nederland veel producten en ervaringen hebben van de borgstelling voor individuele leningen (leningen achter de voordeur dus), maar dat voor de borgstelling voor collectieve varianten deze producten en ervaringen nog in de kinderschoenen staan. Dit rapport beschrijft de ervaringen die zijn opgedaan met een nieuw product dat daaraan tegemoet wil komen: de gebundelde individuele leningen. Enkele gemeenten en VvE s deden ervaring op met de financiering van groot onderhoud aan gemeenschappelijke gebouwdelen via deze leningvorm. Daarbij onderzocht men of het mogelijk was om Nationale Hypotheek Garantie te verkrijgen op deze lening, zodat uiteindelijk de financiers ook de markt van het financieren van de VvE s verder zouden betreden. Dit rapport beschrijft onafhankelijk het experimentverloop en de resultaten. Overigens is de inhoud van dit rapport voorgelegd aan de deelnemers en hebben zij ingestemd met de inhoud daarvan. Tot slot wil ik alle deelnemers dan ook bedanken voor de medewerking aan dit experiment. Het was voor jullie, net zomin als voor mij, van tevoren duidelijk wat uiteindelijk de uitkomsten waren. Experimenteren pur sang! Gijs Hoofs

Garanties tot aan de voordeur Inhoudsopgave Samenvatting en conclusies 7 Inleiding 9 Probleemschets 9 Doelstellingen 9 Evaluatievragen 10 Aanpak evaluatie 10 Opbouw rapport 11 1 Aanleiding voor het experiment 13 2 De visie van de deelnemers op het probleem 15 2.1 Kader 15 2.2 Hoe denkt men over activering van VvE s? 15 2.3Motieven van afgevallen gemeenten en projecten 16 2.4 Voorlopige conclusies 18 3 Korte beschrijving van de projecten 19 3.1 Inleiding 19 3.2 De karakteristieken van de projecten 19 3.3 Arnhem: De betrokkenheid is erg groot en wordt goed gewaardeerd 20 3.4 Enschede: Exelleren in VvE s via de Stichting Stedelijk Wonen niet voor iedereen 21 3.5 Nijmegen: Op eigen kracht verder met raad en daad 22 3.6 Leidschendam-Voorburg: Kleinere VvE s betekenen niet altijd kleinere problemen 23 3.7 Voorlopige conclusies 25 4 De resultaten van de nieuwe financieringsvorm 27 4.1 De resultaten 27 4.2 Aantal deelnemers 27 4.3Welke investeringen zijn getroffen? 27 4.4 De beoordeling van de kredietwaardigheid van de VvE 28 4.5 Voorlopige conclusies 31 5De borgstelling door het Waarborgfonds 33 5.1 De resultaten 33 5.2 Welke afwijkingen stond het Waarborgfonds toe? 33 5.3Enkele impressies over de borgstelling 34 5.4 Een kant-en-klaar instrument voor heel Nederland? 35 5.5 Welke particuliere investeringen kunnen we ontlokken met één euro? 36 5.6 Voorlopige conclusies 38 6 Analyse 39 6.1 Aanbevelingen voor het proces 39 6.2 De meerwaarde van het nieuwe product 40 6.3De meerwaarde van de borging via het huidige model 41 7 Slotconclusies en aanbevelingen 45 Bijlage: Procesmodel 51

Garanties tot aan de voordeur Samenvatting en conclusies Aanleiding voor het experiment In 2001 constateert het ministerie van VROM dat het in goede onderhoudsstaat brengen maar ook houden van appartmentengebouwen een maatschappelijk probleem is. Een probleem voor het gebouw en zijn eigenaren. Zij zijn vaak niet in staat om leningen op de kapitaalmarkt aan te trekken om de onderhoudsachterstand te financieren. Daarnaast heeft een sjofel appartementencomplex een nadelig effect op de bereikte verbeterinspanningen in de directe omgeving van het gebouw. Het achterblijven van investeringen in de eigen woning heeft bij VvE s twee hoofdredenen: ten eerste het onvoldoende of niet functioneren van de VvE. Hierdoor vindt onderhoud van het eigen bezit pas in een te laat stadium of helemaal niet plaats. Ten tweede hebben VvE s die redelijk functioneren problemen met de financiering. Financiering is lastig rond te krijgen omdat: - er een gebrek is aan onderpand voor het onderhoud aan de gezamenlijke bouwdelen; - financiers deze markt onvoldoende betreden; - financiers tot op dat moment alleen leningen verstrekken met individuele toeberekening aan beter gesitueerde appartementsrechteigenaren en VvE s. Het Stimuleringsfonds Nederlandse Gemeenten (SVn) ziet dit probleem ook. Het SVn beheert gemeentelijke fondsen met als oogmerk deze duurzaam aan te wenden voor volkshuisvestelijke doeleinden. Medio 2001 doet het SVn een voorstel aan het ministerie van VROM. Vanuit een triggerfonds kan het SVn aan VvE s een aantrekkelijke en laagdrempelige financiering verstrekken. Deze bestaat uit een door het SVn ontwikkeld product: laagrentende leningen in een gebundelde vorm met individuele borgtocht, ook wel de gebundelde individuele lening (GIL) genoemd. Een nieuwe kijk op leningen Het SVn recruteerde de experimentpartners. Het ministerie stortte 227.000 euro in het fonds en ging met vijf VvE s en de gemeenten Arnhem, Enschede, Groningen, Leidschendam- Voorburg en Nijmegen van start. Weliswaar hadden de meeste gemeenten al ervaring met het verstrekken van collectieve leningen aan VvE s voor de financiering van groot onderhoud; de ontwikkelde SVn-vorm was nieuw en het experimenteren waard vanwege de veronderstelde activerende werking. De lening is aldus een laatste zetje, waardoor de VvE weer op eigen kracht verder zou kunnen. Onder de tienduizend euro geldt een onderhandse akte als zekerheidsstelling, bij bedragen daarboven dient de vestiging van een tweede hypotheek als zekerheid voor de financier. Daarnaast, specifiek voor collectieve varianten, is toetsing van de kredietwaardigheid van de VvE noodzakelijk. De partijen wilden in deze eerste pilot ervaring opdoen met het verstrekken van leningen en het effect op het activeren van de VvE. Daarnaast deed men ervaring op hoe zwaar of hoe licht de krediettoets voor de VvE diende te zijn en welke voorwaarden en procedures noodzakelijk waren. Tussenbalans Eind 2002 maakte de SEV een tussenbalans op. Het instrument bewees zijn waarde voor een beperkt deel van de VvE-markt. De resultaten waren onvoldoende uitgekristalliseerd om exact aan te geven welk deel. De ervaringen verdienden een vervolg. De deelnemende gemeenten gaven namelijk aan dat de borgstelling van hun deel van de investering op problemen stuitte. Twee andere conclusies waren de administratieve complexiteit en het belang van een goede lokale ondersteuning van de VvE s in het totale verbetertraject. Om het rendement van de inspanningen uit de eerste pilot te maximaliseren, werd een vervolgfase 7

geformuleerd: het uitwerken van een VvE-financieringsproduct met Nationale Hypotheek Garantie. Deelnemers aan deze tweede fase waren de gemeenten Arnhem, Enschede, Leidschendam-Voorburg en Nijmegen. De resultaten Door de complexiteit van de financiering en het ontbreken van voldoende zekerheden zien financiers zelden heil in het verstrekken van leningen aan VvE s. De veronderstelling is dat de Gebundelde Individuele Lening naast het mogelijk maken van de financiering van gemeenschappelijke bouwdelen, ook effect sorteert op de activering van VvE s. Voor deze samenvatting geven we de belangrijkste conclusies weer. Effect op het functioneren De vraag naar een financieel product is slechts de resultante van een redelijk tot goed functionerende VvE. Hierdoor heeft de GIL of enig ander financieel product weinig te maken met het activeren van een VvE. Het maatschappelijke probleem van de slecht tot redelijk functionerende VvE s blijft daardoor bestaan. Deze VvE s komen op eigen kracht niet verder; hiervoor is een actieve aanpak op gemeentelijk niveau noodzakelijk. De GIL draagt wel bij aan het verder bestendigen van een onderhoudscultuur binnen VvE s en het besef van het deelnemer zijn van een vereniging van eigenaren. Dit komt door de gebundelde vorm (er moet een zogenaamd moederbesluit zijn genomen), de verplichte meerjarenonderhoudsplanning en de storting in het collectieve bouwkrediet. Hierdoor is de GIL een goede aanvulling op het financieringsrepertoire dat VvE s ten dienste staat (te weten: van individuele leningen tot collectieve vormen, van hypothecaire zekerheid tot onderhandse akten). Het product is goed in te zetten voor appartementsgebouwen in het middensegment van de woningmarkt, bestaande uit tien tot twintig appartementen, met een financieringsbehoefte van tien- tot dertigduizend euro per appartement. Voor kleinere complexen en lagere leningen is een individuele financiering zonder hypothecaire zekerheid aantrekkelijker. Voor grotere complexen is met een collectieve financiering effectiever en doeltreffender te werken. Meerwaarde Nationale Hypotheekgarantie De belangrijkste meerwaarde van NHG is het solvabiliteitsvrije karakter van de geldlening voor de geldverstrekker. Indien NHG-borg op de lening van toepassing zou kunnen zijn, zou dit betekenen dat meer financiers deze markt betreden. Het experiment laat zien dat de huidige juridische kaders legitiem zijn voor uniforme maatstaven voor veilige en verantwoorde financiering op hypothecaire titel voor de individuele eigenaar-bewoner, maar wringt voor collectieve financiering. Doorgaan met het huidige model betekent dat individuele borging ondergeschikt gemaakt zou moeten worden aan een collectieve toetsing. Dit is af te raden en het is werkbaarder om andere modellen te ontwikkelen. De problematiek van VvE s is te kenschetsen als het verlenen van financiering voor een startend ondernemer met een nieuw product. Het beoordelen daarvan is bewerkelijk en hangt sterk af van de inschatting van de ondernemerskwaliteiten en het imago van het product. De aard van de problematiek maakt dat het rendement in deze markt maatschappelijk is. Door het nog ontbreken van een goede gestandaardiseerde achtervangconstructie en daarmee de beperking van risico s, zullen financiers deze VvE-markt vooralsnog niet uit zichzelf betreden. 8

Garanties tot aan de voordeur Inleiding Dit rapport is de evaluatie van een experiment met de gemeenten Arnhem, Enschede, Nijmegen en Leidschendam-Voorburg waar men praktijkervaring opdeed met een innovatief financieringsinstrument ontwikkeld door het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (kortweg: SVn). Deze zogeheten Gebundelde Individuele Lening (GIL) had tot doel om de financiering van groot onderhoud te vergemakkelijken en daardoor kwaliteitsverbeteringen van de gezamenlijke gebouwdelen van appartementencomplexen mogelijk te maken. Probleemschets In Verenigingen van Eigenaren is het noodzakelijk om gezamenlijk verplichtingen aan te gaan voor het op orde houden van het bezit van de individuele eigenaar. Veel kopers kennen deze plicht van het zogenaamde appartementsrecht niet. Vaak zijn ze helemaal niet bekend met het fenomeen Vereniging van Eigenaren. We hebben toch ons huis gekocht? Zoveel mensen, zoveel wensen: individuele eigenaren verschillen in draagkracht en hebben hun eigen ideeën en motieven om zich te binden aan de collectieve besluiten die een vereniging moet nemen. Dit is een eerste spanningsveld. Collectieve besluiten komen pas na veel overtuiging en volharding van het bestuur tot stand. Als alle eigenaren vervolgens hebben ingestemd om mee te betalen aan een lekkend dak, dan blijkt dat banken niet zonder meer willen financieren. Je blijkt dan als vereniging niet-kredietwaardig of de bank zegt dat hij geen garanties kan krijgen omdat er geen onderpand is. Dat dak blijkt namelijk van iedereen te zijn. De geldgever zal óf leningen verstrekken aan iedereen afzonderlijk en dus individuele garanties willen, óf hij leent aan de vereniging maar wil dan harde garanties met betrekking tot de kredietwaardigheid daarvan. Of de geldverstrekker begint er gewoon niet aan. Dit is voor hem een stuk lastiger dan een standaard hypotheek. Belangentegenstellingen: Eigenaren: Het is vervelend als één persoon die kennelijk andere belangen heeft, zijn veto kan uitspreken over de wensen van andere kleine eigenaren. De emoties liepen hoog op tijdens de vergaderingen. Grooteigenaar: Maar de kleine eigenaren wisten waar ze aan begonnen voordat ze de woning kochten. Emoties mogen zakelijke oplossingen niet in de weg staan. Doelstellingen De SEV is gevraagd om dit experiment van een onafhankelijk evaluatierapport te voorzien. Het ministerie van VROM is de opdrachtgever. De doelstellingen van VROM zijn het ontwikkelen van een financieringsvorm waarbij het voor de verenigingen makkelijk wordt geld te lenen voor een onderhoudsingreep aan de gezamenlijke bouwdelen. En het stimuleren van de ontwikkeling van financiële instrumenten die, anders dan de bestaande, gericht zijn op activering van de bewoners van een vereniging. Het SVn benoemde drie doelstellingen voor haar product: - het opdoen van praktijkervaring met de GIL; - om zo tot een standaardpakket te komen van toetsing, voorwaarden en procedures waaronder de GIL zo eenvoudig mogelijk kan worden verstrekt; - en het ontlokken van substantiële private investeringen met een bescheiden overheidsbijdrage. 9

Voor de tweede fase van het experiment formuleerden de deelnemers als doelstelling het uitwerken van een VvE-financieringsproduct met Nationale Hypotheek Garantie. Concreet betekende dat het oprekken van de toetsingskaders: op welke onderdelen van de toetsing kan men geoorloofd afwijken en blijven de risico s beheersbaar? Ten slotte wensten de in de tweede pilot deelnemende gemeenten een aanvullende doelstelling, namelijk het vereenvoudigen van de GIL waar dit mogelijk is binnen de juridische kaders. Deze doelstelling is voor de evaluatie vertaald in de vraag of het product doelmatig, goed uitvoerbaar en controleerbaar is. Evaluatievragen Hoofddoelstelling van de evaluatie is het formuleren van een genuanceerd antwoord op de vraag: Wat is het effect van de Gebundelde Individuele Lening met borging door NHG op het realiseren van de financiering van gezamenlijke gebouwdelen? De evaluatievragen van de pilot zijn geformuleerd als: 1. Wat is het effect van de GIL op het functioneren en mogelijke activering van VvE s? 2. Zijn de geformuleerde toetsingscriteria en voorwaarden voor de GIL uitvoerbaar en doelmatig? 3. Wat is het multiplier-effect dat met de inleg van 227.000 euro kan worden bereikt? 4. Onder welke voorwaarden is het mogelijk om NHG op de lening te verlenen en wat is het voordeel hiervan? 5. Waar zitten de knelpunten? 6. Welke extra afwegingen zijn noodzakelijk om de VvE s te kunnen bedienen met NHG? 7. Wat is de toegevoegde waarde van het product GIL voor VvE s en gemeenten? 10

Garanties tot aan de voordeur Aanpak evaluatie Het kleine aantal deelnemende gemeenten en projecten aan het experiment noopt tot een exemplarische aanpak van de evaluatie. Bij een kwalitatieve beschrijving horen ook open vragen. De antwoorden die eenieder daarop gaf, zijn letterlijk in dit rapport weergegeven door citaten in de tekst tussen aanhalingstekens te zetten. In de letterlijke betekenis was de ontwikkeling van de GIL een experiment. Overigens, hierbij de complimenten aan de deelnemers om zo n onderwerp zo onbevangen tegemoet te treden. In een experiment komen vele zaken werkenderweg en al improviserend tot stand. Zo ook de evaluatie. Het had weinig zin om vooraf een vaste vragenlijst op de deelnemers af te vuren. De gevolgde methode is het schetsen van de grote lijnen, welke later zijn ingevuld met de details. Om aan de waan van het citaat te ontkomen, geven we in hoofdstuk zes een samenvattende analyse. Bij het begin van de evaluatie is een tour-d horizon gemaakt met alle belanghebbenden. Hiermee kwamen de hoofdlijnen van het experiment naar boven. Vervolgens voerden we gesprekken (via gestructureerde vragenlijsten) met de gemeenten en de bestuurders van de VvE s. Deze gesprekken zijn vanwege de couleur locale allemaal op locatie gehouden. Waar dat mogelijk was, is ook individuele nietsvermoedende bewoners naar hun mening gevraagd. De openheid die men tentoonspreidde, gaf de nodige distantie tussen maatschappelijke en papieren werkelijkheid. Niettemin blijft het de uitdaging om beleid en realiteit met elkaar te verbinden. Oftewel, schrijven en praten over borgstellingen en garanties hebben een hoog abstractiegehalte, maar uiteindelijk draait het om de VvE in de straat. Opbouw rapport Tot slot de opbouw van dit rapport. In hoofdstuk één beschrijven we de aanleiding voor het experiment, in hoofdstuk twee de visies op het probleem. Een beschrijving van de deelnemende VvE s en het beleid en de aanpak van de deelnemende gemeenten komt in hoofdstuk drie aan bod. Wij geven in hoofdstuk vier de resultaten van de Gebundelde Individuele Lening weer. Aan bod komen vragen als: Welke investeringen zijn getroffen? Hoe is de beoordeling van de kredietwaardigheid verlopen? Het daaropvolgend hoofdstuk gaat in op de borgstelling van de Gebundelde Individuele Lening via Nationale Hypotheek Garantie. Wat zijn de impressies van de deelnemers en is het product generiek inzetbaar? Een analyse van de doelstellingen van de pilot komt aan bod in hoofdstuk zes. Ten slotte geven we in hoofdstuk zeven de slotconclusies en aanbevelingen. 11

Garanties tot aan de voordeur 1 Aanleiding voor het experiment Het verbeteren van het functioneren van VvE s, zeker die met minder draagkrachtige eigenaren, heeft de aandacht van de overheid. Een van de indicatoren voor een slecht- of niet-functionerende VvE is het achterblijven van onderhoud. Langzamerhand verslechtert de bouwkundige toestand van het appartementencomplex en groot onderhoud dringt zich onontkoombaar op. Niet alleen bij het wegwerken van dat achterstallig onderhoud, maar ook bij planmatig onderhoud aan de gemeenschappelijke delen van appartementsgebouwen is het voor de welwillende VvE-bestuurder moeilijk om de financiering te realiseren. Het in goede onderhoudsstaat brengen en houden van de gebouwen door VvE s heeft niet alleen de zorg van gemeenten, ook VROM deelt deze zorg. In 2001 constateerde zij de volgende belemmeringen: - het gebrek aan onderpand bij het afsluiten van een lening voor onderhoud aan de gezamenlijke bouwdelen; - financiers betreden deze markt onvoldoende, onder meer vanwege de ondoorzichtige (en kleinschalige) structuur van een VvE; - financiers verstrekken alleen leningen met individuele toeberekening aan beter gesitueerde appartementsrechteigenaren en VvE s. Samenwerkingsovereenkomst SVn en VROM Medio 2001 doet het Stimuleringsfonds Nederlandse Gemeenten (SVn) een voorstel aan het ministerie van VROM. De strekking van dat voorstel is een verdubbelingsfonds van waaruit het SVn laagrentende leningen aan VvE s verstrekt in een gebundelde vorm met individuele borgtocht: de Gebundelde Individuele Lening (GIL). Na de bekrachtiging van dit voorstel met een samenwerkingsovereenkomst, ligt de weg vrij tot de start van de huidige pilot. In 2002 is de samenwerkingsovereenkomst tussen het SVn en VROM beklonken en vertaald naar een eerste proefproject: het VROM-verdubbelingsfonds. Inhoud van het experiment Met een investering van VROM van 227.000 euro zou het SVn een experimenteerbudget genereren tot een totaalbedrag van 800.000 tot 1.000.000 euro bestemd voor laagrentende VvE-leningen. Dat bedrag maakte het mogelijk dat in drie steden circa negen projecten als pilot konden meedoen. Als voorwaarde dienden deze drie steden eenzelfde totaalbedrag aan leningen te verstrekken, afkomstig uit het eigen revolving fund bij het SVn. Aldus ontstond een verdubbelingsfonds van maximaal twee miljoen euro. Dit gaf voldoende financiële ruimte om in de eerste fase van het experiment (van februari 2002 tot oktober 2003) te bepalen wat op basis van praktijkervaringen de productspecificaties van een GIL zijn. Tevens kon ervaring worden opgedaan met een te ontwikkelen toets voor de beoordeling van de kredietwaardigheid van VvE s en hun leden. Het SVn droeg zorg voor de werving van pilotpartners, te weten de gemeenten die op hun beurt de appartementencomplexen en VvE-besturen aandroegen. De systematiek van het verdubbelingsfonds maakte dat gemeenten garanties op het VROMdeel van de uitgezette leningen moesten geven. De deelnemende pilotgemeenten gaven aan dat dit voor hun deel van de lening problematisch was. Het was niet de intentie een nieuwe gemeentegarantie -structuur te hanteren. Hiervoor zocht men naar een andere oplossing. In overleg met het SVn en de deelnemende gemeenten deed het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) aan VROM een voorstel voor verlenging van het experiment. Het WEW gaf aan te willen onderzoeken of Nationale Hypotheek Garantie (NHG) op de verbeterde GIL mogelijk is. De SEV maakte in november 2002 een tussenbalans op. 1 1 De Gebundelde Individuele Lening. Een tussenevaluatie. SEV, november 2002. 13

De tweede fase: mogelijkheden voor borgstelling via de NHG Tegelijkertijd verscheen een rapport naar het functioneren van de appartementenmarkt in Nederland. 2 De onderzoekers signaleren dat financiering van het onderhoud aan de gezamenlijke bouwdelen niet te realiseren is. Deze deskundigen spraken de zorg uit voor het verbeteren van het functioneren van VvE s, zeker kleine verenigingen (vijf tot vijftig appartementen), verenigingen met minder draagkrachtige eigenaren en oudere (vooroorlogse) VvE s. De aanbevelingen betroffen maatregelen om eenvoudige, collectieve financiering van onderhoudswerkzaamheden te ontwikkelen. Het aanbod van het WEW én de resultaten van het rapport waren voor VROM reden om het experiment een tweede fase te laten ingaan. Het Waarborgfonds werd als participant aan het experiment toegevoegd. Het SVn kreeg opdracht om nieuwe deelnemers te vinden voor een pilot met als doelstelling het uitwerken van een VvE-financieringsproduct met Nationale Hypotheek Garantie. Ten slotte haakte in de zomer van 2004 ook VvE Belang aan, om vanuit haar positie als belangenvereniging voor VvE s de toekomst van het ontwikkelde product mee te helpen vormgeven. Deze tweede fase liep uiteindelijk van oktober 2003 tot december 2004. 2 Koopappartementen in Nederland. Laagland advies, 2002. 14

Garanties tot aan de voordeur 2 De visie van de deelnemers op het probleem In deze evaluatie heeft iedere deelnemer zo zijn eigen kijk op de knelpunten bij het activeren van slapende VvE s. In dit hoofdstuk geven we een weergave van hun visies. Speciale aandacht ook voor de visie van de deelnemers die gedurende het experiment zijn afgevallen. 2.1 Kader Bij aanvang van het experiment zijn door het SVn zes gemeenten geworven voor de pilot, te weten Arnhem, Den Haag, Enschede, Leiden, Leidschendam-Voorburg en Nijmegen. Uiteindelijk haakten Den Haag en Leiden af. In hoofdstuk drie zoomen we verder in op de projecten van de uiteindelijk deelnemende gemeenten. In onderstaande tabel zetten we de gegevens voor de deelnemende gemeenten op een rij. Gemeente Percentage Percentage Percentage Percentage Gemiddelde Aard VvE particuliere koop particuliere VvE s grootte VvE sector huur Arnhem 54 35 20 n.b. 24 Vooroorlogse voorraad: boven/benedenwoningen; Naoorlogs: portieketage-, galerijwoningen en maisonettes Den Haag 61 34 27 n.b. n.b. Zeer divers, voor- en naoorlogs Enschede 55 42 13n.b. n.b. Jaren 60/70 portieketagewoningen Leiden 61 44 17 n.b. n.b. Naoorlogs: portieketage Leidschendam 70 54 16 73 3-6 Jaren 30 en jaren 60/70 -Voorburg sterk portieketagewoningen doorgesplitst Jaren 50/60 bezit Nijmegen 51 37 14 n.b. 12-24 Tabel 1 Eigendomsverhouding particuliere woningvoorraad (Bron: WBO 2002 en eigen gegevens gemeenten). Opvallend is dat op een uitzondering na, de gemeenten niet direct een beeld hebben van het aantal VvE s in hun particuliere woningvoorraad. Opvallend zijn de hoge percentages particulier bezit in Leidschendam-Voorburg, Leiden en Den Haag (70 resp. 61%). Bijna driekwart van het bezit in Leidschendam-Voorburg bestaat uit VvE s (73%). Waarschijnlijk geldt zo n hoog percentage ook voor de gemeente Den Haag. Net zoals in Leidschendam-Voorburg bestaat de vooroorlogse voorraad uit Haagse portieken met kleine VvE s. In Leiden zal het percentage VvE s lager liggen vanwege de vele monumentenpanden. Het percentage particuliere huur (al dan niet in VvE s) is groot in Den Haag en Arnhem. Van de Arnhemse situatie weten we dat de uitponding van deze complexen leidt tot extra complicaties bij het activeren van particulier bezit. Leidschendam-Voorburg en Den Haag kennen een oud particulier bezit: een substantieel deel is gebouwd in de jaren twintig en dertig. Het vooroorlogse bezit in Arnhem betreft de boven- en benedenwoningen. Concluderend kan men stellen dat de particuliere woningvoorraad zelfs bij het kleine aantal deelnemers reeds zeer divers van samenstelling en aard is. 2.2 Hoe denkt men over activering van VvE s? De veronderstelling van dit experiment is dat de VvE met een eenmalige impuls op eigen kracht verder kan. Deze impuls dient dan wel te zijn ingebed in een gecombineerde aanpak die betrekking heeft op organisatie, onderhoudsbeleid en financieel beleid. In de samenwerkingsovereenkomst tussen het SVn en VROM is te lezen dat gemeenten er niet altijd toe 15

komen om VvE s de vereiste ondersteuning op die drie gebieden te geven. Het verdubbelingsfonds zou een extra trigger zijn in de bewustwording van de noodzaak en het verstrekken van laagdrempelige stimuleringsleningen. We vroegen de verschillende actoren bij aanvang van het experiment naar hun visie hierop. In het tekstkader hieronder geven we de meningen weer. De rode draad in de verschillende visies is dat financiering pas als laatste probleem aan de orde komt. Eerst dient het bestuur en beheer te zijn geregeld. Visies op de veronderstelling: Gemeente: De problemen kun je herleiden tot 60% sociale problemen, 30% bouwkundige problemen en 10% financiële problemen. Gemeente: Bij ons kun je de VvE s in twee klassen indelen. Klasse een wordt bewoond door ouderen. Klasse twee wordt bewoond door studenten en starters. Met beide kom je niet verder. Ouderen hebben van hun appartement hun paleisje gemaakt en zien de noodzaak van onderhoud niet in. Daarbij komt nog dat ze sowieso op latere leeftijd niets meer willen. Jongeren hebben zich in de schulden gestoken om een woning te bemachtigen en gebruiken het huis als springplank naar wat beters. Met de VvE als rechtspersoon is het lastig kersen eten. Bestuurder-bewoner: Ik ben de ayatollah van de groep. Je moet altijd achter de mensen aan. Zonder dat komt er niets van terecht. En vergeet niet om alles in eigen hand te houden. De vele tussenschijven bij de financiering zijn een crime. Waarom geen een-op-een relatie met het SVn? Beheerder: Professioneel beheer. Daar voorkom je alles mee. Ook de financiën. Bewoner: Ik weet niet of banken niet willen financieren. Maar het zou onterecht zijn indien de VvE goede voornemens heeft. Intermediaire organisatie: Autoriteit kweken en exploitatieperspectief bieden als bestuurder. Dan breng je een onderhoudscultuur aan. De rest is dan peanuts. Belangenorganisatie: De eigenaar van een appartementsrecht weet vaak niet dat hij rechtens lid van een VvE is en beseft niet wat het lidmaatschap daadwerkelijk betekent. Voorlichting dus. Bank: In de kern draait het om zicht op waardeontwikkeling. 2.3 Motieven van afgevallen gemeenten en projecten Tijdens de pilot hebben twee gemeenten serieuze interesse getoond, maar uiteindelijk trokken zij zich terug. Met deze gemeenten is een telefonisch gesprek gevoerd om de redenen van afhaken te achterhalen. Den Haag: geen geschikte projecten, is financiering wel het hoofdprobleem? De gemeente Den Haag 3 gaf als belangrijkste reden op dat men binnen de korte tijd geen geschikte projecten voor het experiment kon vinden. Een andere belangrijke reden was de voorwaarde aan de deelname: het verdubbelingsfonds vergde een even grote storting van de gemeentelijke SVn-gelden in het fonds als de bijdrage van het ministerie van VROM. Dat stuitte op bezwaren aangezien men in Den Haag ervoor heeft gekozen deze gelden volledig onder te brengen bij NV Woningbeheer 4. Den 3Het gesprek is gevoerd met Pieter Janssen, dienst Stedelijke Ontwikkeling afdeling Woningzaken. 4 Dit is een intermediaire organisatie die werkt aan de verbetering van vastgoed in stedelijke gebieden met versnipperd, veelal heterogeen bezit zoals VvE s. Woningbeheer werkt met en voor gemeenten, corporaties, vastgoedbeleggers en particuliere eigenaren. 16

Garanties tot aan de voordeur Haag kent aflopende programma s voor particuliere woningverbetering, de onderhoudsstimulering stopt eind 2005. Op de vraag hoe men aankijkt tegen het functioneren en de kwaliteit van de VvE s in de eigen stad, is men van mening dat men de zaken redelijk op orde heeft. Niettemin ontwikkelt men nieuw beleid voor de particuliere woningverbetering. Ten slotte wijst de gemeente op de lange procesduur: dat er tussen het activeren en het opleveren tweeënenhalf tot drie jaar zit, is heel normaal. Kern is de bewustwording, niet de financiering. Nadat bewustwording is bijgebracht, gaat het erom de structuur en continuïteit van VvE s te waarborgen en een onderhoudscultuur bij te brengen. In het totale proces duurt dit het langst (schatting: twee jaar). Is dit eenmaal op orde, dan gaat het om snelheid van werken. Na dit stadium kun je de financiering in een half jaar rond hebben als je als partij adequaat reageert. Leiden: capaciteitsproblemen en verborgen problematiek De gemeente Leiden 5 geeft als belangrijkste reden op de onvoldoende capaciteit binnen het ambtelijke apparaat voor de begeleiding van de pilot. Er is nog wel intern aandacht gevraagd voor het probleem van de VvE s, de verantwoordelijk wethouder kent echter andere prioriteiten toe en heeft het onderwerp geparkeerd. In het meerjarenplan van het college komt dit onderwerp niet voor. Leiden heeft andere beleidsprioriteiten zoals: monumenten, studenten en het Rembrandt-jaar. Men merkt op dat andere, zichtbaardere problemen politiek beter scoren. Wellicht is Leiden slachtoffer van haar eigen successen. Het tot voor kort uitgevoerde stadsvernieuwingsbeleid had al vroeg speciale aandacht voor complexe particuliere woningverbetering. De complexiteit bestond uit de gecombineerde aanpak van sterk versnipperd bezit: individuele woonhuismonumenten waar zowel subsidies als financieringsfaciliteiten werden ingezet (Leiden heeft de hoogste dichtheid monumentenpanden van Nederland). Deze aanpak was zeer succesvol. Het bezit in de stad is over het geheel genomen redelijk van kwaliteit met enkele negatieve uitschieters. Hierdoor komt men de VvE s niet als een structureel probleem tegen. De gemeente Leiden ziet absoluut het belang in van een nieuw financieringsproduct voor VvE s. Wel relativeert men de effecten door te wijzen op de ervaringen met de verstrekking van zachte leningen voor bijvoorbeeld het Opplussen van woningen en het treffen van energiebesparende maatregelen in de particuliere woningverbetering. VvE s meldden zich niet, ondanks gerichte oproepen en publiciteit. Sowieso maken particulieren weinig gebruik van laagrentende leningen. Op de vraag hoe men aankijkt tegen de kwaliteit en het functioneren van VvE s, noemt men het Luifelbaanproject. In Leiden-Zuidwest staan veel middelhoge portiekflats, soms op een winkelstrip. Particuliere nieuwbouw betekent een upgrading voor de winkelstrip aan de Luifelbaan; ook de grootgrutter vernieuwt zijn winkel. Men vraagt zich af wat de rest van de particuliere eigenaren (gemengde VvE met winkel en deelverenigingen per portiek) aan de overzijde van de straat zal doen. Lukt het om in het kielzog van de upgrading deze VvE s mee te trekken? Men volgt de ontwikkelingen met belangstelling. De marketing van VvE-beleid: Beleidsmedewerkers bij gemeenten: Je ziet gewoon dat de kwaliteit van VvE s geen issue is. Mijn memo moest het opnemen tegen investeringen voor het komende Rembrandt-jaar. Dat gaat over de verborgen potenties van onze stad. Daar scoort de wethouder op. Nou, ik zou de VvE s eerder verborgen problematiek willen noemen. Het dualisme zorgt er wel voor dat de betrokkenheid afneemt. De wethouder heeft de problematiek wel in de gaten wel lage prioriteit hoor maar de raad ziet helemaal geen problemen. Je moet de problemen en de wethouder op een voetstuk plaatsen. We betrekken hem er nadrukkelijk bij. 5 Het gesprek is gevoerd met Peter de Vos, servicepunt Bouwen en Wonen van het Stadsbouwhuis. 17

Afgevallen projecten Tijdens de pilot is alleen het project Herenstraat uit Voorburg afgevallen. Men vroeg een lening aan voor herstel van het dak van een gemengde (wonen boven winkels) VvE met monumentenstatus. De belangrijkste reden voor het afvallen was de plotselinge inbreng van eigen middelen. Toen tijdens de pilot het bovenste appartement werd verkocht, veranderde dit de uitgangssituatie. Aangezien iedereen zich verantwoordelijk voelde (winkel stelde zich ook coöperatief op) had men geen trek meer in langer wachten. Men koos voor boter bij de vis om meteen aan de slag te gaan en was daar kennelijk nu toe in staat. 2.4 Voorlopige conclusies - Een goed zicht van gemeenten op de omvang van de VvE-voorraad lijkt te ontbreken. - De overeenkomst tussen particuliere woningverbetering met individuele eigenaren en woningverbetering met VvE s is dat beide twee fasen kennen. Een voortraject van bewustwording (het willen ontwikkelen), en een financieringstraject ( in staat zijn te kunnen ). Belangrijkste verschil is dat het voortraject bij de VvE s veel langer duurt. In het voortraject leg je de basis voor het draagvlak voor een vervolg. Investeren in het voortraject levert daarom voor VvE s veel rendement op. - De VvE-problematiek heeft weinig (lokaal) politieke prioriteit. - Door de succesvolle stadsvernieuwing is het overgrote deel van de stad op peil gebracht. Daardoor zijn budgetten opgeheven of aflopend. De VvE-problematiek heeft daarom veel weg van het narooien van de stadsvernieuwing. 18

Garanties tot aan de voordeur 3 Korte beschrijving van de projecten 3.1 Inleiding In dit hoofdstuk schetsen wij de karakteristieken van de projecten. Vervolgens leest u de weerslag van de interviews met de gemeentelijk projectleiders en de complexbeheerders. Allereerst beschrijven we hoe de betreffende VvE zich verhoudt tot het gemeentelijk kwaliteitsbeleid en beschrijven we welk instrumentarium men inzet ter ondersteuning van de VvE. Als laatste komt de reden van deelname aan het experiment aan bod. Aan de bestuurders legden we vragen rond drie thema s voor: het aangaan van de financiering, het ontstaan van de bouwkundige achterstand en het functioneren van de VvE. De tips die men gaf voor VvE s die in de toekomst een dergelijk proces ingaan, wilden we u niet onthouden. Die volgen als laatste. 3.2 De karakteristiek van de projecten Arnhem Enschede Leidschendam-Voorburg Nijmegen Straat Bouw Aantal appartementen Gemengde VvE Uitponding? Gemiddelde investering per appartement Totaal Ligging gemeentelijk aandachtsgebied Beheer Bestuur Gem. leeftijd bewoners Deelname aan laatste 3 vergaderingen Reden onderhoudsachterstand volgens bestuurder Was het zonder lening ook gelukt? 50.000 optioneel aan: Roosendaalsestraat Naoorlogs, flat 28 appartementen, 3 bedrijfsruimten en garageboxen Nee (alleen koop) Nee? 15.500 372.000 Ja (Klarendal), tevens 56- wijken aanpak Eigen beheer Voorzitter is eigenaar/bewoner 34 jaar 90% Niet tijdig onderhoud plegen. Jarenlange verwaarlozing doordat merendeel woningen van één eigenaar waren Ja, dan had iedereen individueel moeten financieren [via gemeentegarantieregeling met hogere rente, GH]. Stok achter de deur was dat de gemeente het geheel ter hand zou nemen en het recht op subsidie zou vervallen Collectief onderhoudsfonds Park de Kotten Naoorlogs, flat 24 appartementen Nee Nee 14.000 240.000 Nee Domein (woningcorporatie) Voorzitter is eigenaar/bewoner 45 50 jaar 80% Er is alleen de laatste 10 jaar geschilderd. Je moet de kennis hebben. Betonrot zie je pas als de brokken er afvallen Absoluut niet. Dan hadden we alleen de schil gedaan. Wanneer mensen mee moeten financieren was het een stuk lastiger geworden Collectief onderhoudsfonds (met goede verantwoording richting SVn) Van de Wateringelaan Vooroorlogs, portieketageflat in 3 lagen 3 appartementen (halve portiek) Nee Nee 16.000 48.000 Ja (Voorburg-Noord) Eigen beheer Voorzitter is eigenaar/bewoner 35 jaar 100% Ontbreken gezamenlijke opknapwerkzaamheden door een VvE Ja, maar dan zou het minder grondig aangepakt worden en financieel een stuk moeilijker zijn te realiseren Collectief onderhoudsfonds Koningsmantelhof Naoorlogs, flat 24 appartementen Nee Ja, ver voortgeschreden 16.000 224.000 Ja (Actiegebied) Extern (Hestia) Extern administratiekantoor (Hestia) 28-35 jaar 60% Uitponding en grooteigenaar/verhuurder heeft jarenlang weinig tot geen onderhoud uitgevoerd Nee, veel jonge eigenaren met weinig overwaarde die al redelijk maximaal in de financiering zitten. Een tweede hypotheek wordt door veel mensen als negatief ervaren en kan vaak ook niet worden verstrekt. Collectief onderhoudsfonds Tabel 2 Gegevens deelnemende VvE s (Bron: Gegevens van betreffende beheerders). 19

3.3 Arnhem: De betrokkenheid is erg groot en wordt goed gewaardeerd Op de VvE in de Roosendaalsestraat rustte een aanschrijving. Niettemin blijft de interne besluitvorming traag. De geïnterviewde bestuurder merkt op: Ons vorige bestuur is jarenlang bezig geweest met het zoeken naar een juiste financieringsvorm, terwijl de toestand van het gebouw steeds verder achteruit ging. Nieuwe bezems vegen schoon, de nieuwbakken bestuurder stelt meteen orde op zaken: Toen ik als nieuwe bewoner de kar ben gaan trekken was het eerste doel inzichtelijk krijgen wat het precies ging kosten. Dat was men vergeten te doen. De keuze voor de GIL is niet bewust gedaan, er zijn geen leningsvormen tegenover elkaar gezet: Dat de gemeente toen met het SVn op de proppen kwam was gunstig. De voorwaarden van het SVn, zoals boetevrij aflossen en vooral een rente van 1,5% gaf de doorslag. Men is zeer tevreden over de gemeente. Vooral de persoonlijke betrokkenheid en de vlotte afhandeling worden geroemd. Het vervolg verloopt hierdoor ook vlot. Op 1 juni zijn de facturen verstuurd en in oktober heeft bijna iedereen betaald (99,5%). De belangrijkste knelpunten liggen meer in de besluitvaardigheid van de VvE en de onbekendheid met het proces dan in de financiering. De natuurlijke aanspreekpersoon zoekt de VvE bij de gemeente, anders dan bij het hypotheekkantoor, bank, beheerder of notaris. Op de achtergrond speelt natuurlijk mee dat de gemeente zowel subsidieverstrekker als dreiger is. Door de aanschrijving trok de gemeente het initiatief naar zich toe om het VvE-bestuur beter te laten functioneren. Als we vragen naar de hartekreet, antwoordt de bestuurder dat het SVn ook eisen aan het verbouwingsplan dient te stellen. Op die manier wordt ervoor gezorgd dat er een goed onderbouwd verhaal ligt, zodat iedere bewoner uiteindelijk ziet wat hij voor zijn geld krijgt. Als tips voor andere VvE s wijst de bestuurder op de ontvangen steun en toeverlaat van de gemeente. Noodzaak actieve aanpak: Bewoner: Wat mij stoort is dat de goeden onder de kwaden lijden. Wij hebben ons portiek netjes op orde. Spreken elkaar ook aan als er een lamp kapot is of vuilnis ligt. Maar verderop, daar interesseert men zich voor niets. Dat is niet goed voor onze straat. Volgens mij is het voor de gemeente heel eenvoudig. Je ziet gewoon te veel bordjes te koop voor de ramen hangen. Het is net een duiventil. Daar zouden ze wat aan moeten doen. Bewoner-bestuurder: Je moet het [onderhoud] actief onder de aandacht van bewoners brengen. Die zeggen altijd dat het wel meevalt. Ik liet digitale foto s maken van onze gebreken. Die vergrootte ik dan anderhalf maal anderhalf. Erbij twee financieringsmodellen. Zien was toen doen geloven. Zelfs negentigjarigen overtuig je daarmee. Gemeente-ambtenaar: Je weet gewoon dat er iedere dertig jaar groot onderhoud aankomt. Je kunt je daar als gemeente heel goed op instellen met je beleid. Hier houden wij een lijst bij met VvE s die dertig jaar geleden zijn gebouwd. Zo kun je daar actief op inspringen. Bestuurder: Eigenlijk is het een wonder dat we er als bestuur zijn uitgekomen. Je moet wel van heel veel markten thuis zijn. Behalve bouwkundig expert moet je ook nog goed kunnen onderhandelen en financieel onderlegd zijn. Natuurlijk kun je dat van buiten inhuren, maar hoe beoordeel je die voorstellen dan? Als er ergens een informatie- en uitwisselingspunt voor bestuurders was of je zou je bijvoorbeeld kunnen laten coachen zou dat een uitkomst zijn. Gemeentelijke aanpak Arnhem kent een lange traditie in de stadsvernieuwing. De gemeentelijke ondersteuning bij de particuliere woningverbetering is zeer intensief en ver ontwikkeld. Dit 20