Omzetbelasting week 3 programma Ondernemer en fiscale eenheid Uitbreiding begrippen levering en dienst Afstandsverkopen Gemengde prestaties Afwijkende plaats van dienst 1 Ondernemer 1 van 2 Artikel 7 1. Ondernemer is ieder die een bedrijf zelfstandig uitoefent. 2. Waar in deze wet wordt gesproken van bedrijf, wordt daaronder mede verstaan: a. beroep; b. de exploitatie van een vermogensbestanddeel om er duurzaam opbrengst uit te verkrijgen. 2 Ondernemer 2 van 2 Wettelijke eisen Ieder Jurisprudentie: elke denkbare samenwerkingsvorm (entiteit) Bedrijf Volgens de jurisprudentie is een bedrijf een: organisatie van kapitaal en arbeid, die in een duurzaam streven, aan het economisch verkeer deelneemt (vereist een meer dan symbolische vergoeding). Zelfstandig Duidt op het ontbreken van een gezagsverhouding is dus niet in loondienst werkzaam; Ondernemer moet handelen in kader van zijn onderneming geldt ook voor aan bedrijf/beroep verwante nevenactiviteiten. 3 Laman Opleiding & Advies 1
Bedrijf 1 van 2 Artikel 7 2. Waar in deze wet wordt gesproken van bedrijf, wordt daaronder mede verstaan: a. beroep; b. de exploitatie van een vermogensbestanddeel om er duurzaam opbrengst uit te verkrijgen. In lid 2 vinden wij een uitbreiding van het begrip bedrijf. Onder het begrip bedrijf valt ook: het zelfstandig uitgeoefend beroep (bijv. arts, advocaat, accountant); de exploitatie van een zaak om er duurzaam opbrengst uit te verkrijgen. 4 Bedrijf 2 van 2 Voorbeeld Verhuur van een vakantiehuisje gedurende de tijd dat de eigenaar het niet gebruikt. Valt onder uitzondering art. 11-1-b sub 2 belast Tabel 1 post b.11 6% OB Stelling ministerie: geldt pas bij verhuur vaaf 180 dagen per ar. Andere voorbeelden zijn de exploitatie van: een octrooirecht, licentie; auteursrecht; filmrechten; etc. 5 Fiscale eenheid 1 van 2 Drie voorwaarden Financiële verwevenheid Meer dan 50% van de aandelen / het vermogen; direct of indirect in dezelfde hand. Hoe als VOF houdster is van meer dan 50% van de aandelen van een BV? Organisatorische verwevenheid Leiding/directie van de verschillende bedrijven bestaat direct of indirect uit dezelfde personen. Economische verwevenheid Activiteiten richten zich op hetzelfde doel of dezelfde klantenkring, of activiteiten van de leden zijn complementair (aanvullend). 6 Laman Opleiding & Advies 2
Fiscale eenheid 2 van 2 Een fiscale eenheid is alleen mogelijk tussen ondernemers die in NL wonen, gevestigd zijn of in NL een vaste inrichting hebben. Voorbeeld Pensioenverzekeraars zijn over de premies geen OB verschuldigd; er is sprake van een vrijgestelde prestatie. Dit heeft o.a. tot gevolg dat zij hun inkoop-ob niet in aftrek kunnen brengen. Bij grote ondernemingen (bijv. Ahold) zie je nu dat zij een eigen pensioen-bv oprichten. Deze pensioen-bv sluit met Ahold pensioenverzekeringen af voor het personeel dat bij Ahold werkt. De activiteiten van de pensioen-bv zijn complementair aan de prestaties van Ahold. Omdat Ahold alleen belaste prestaties verricht, mag de pensioen-bv als onderdeel van de fiscale eenheid alle voorbelasting in aftrek brengen. 7 Afwijkende plaats van levering Afwijkende regeling voor afstandsverkopen Voor leveringen van goederen anderen dan nieuwe vervoermiddelen en margegoederen aan particulieren waarbij de goederen: Wordt goed nee Waar goed zich bevindt`. vervoerd? Afstandsverkoop? nee Waar vervoer aanvangt. Land van bestemming tenzij drempel. door/in opdracht van de ondernemer worden vervoerd van een lidstaat naar een andere lidstaat is de plaats van levering het bestemmingsland. 8 Drempelbedrag Regeling afstandsverkopen geldt alleen als: omzet voorafgaande ar omzet lopende ar meer is dan drempelbedrag van 100.000 Voorbeeld Postorderbedrijf V te Luxemburg levert een dvd-speler aan Piet Korenhof in Arnhem. Het postorderbedrijf zorgt voor het vervoer. Het postorderbedrijf heeft vorig ar voor meer dan 100.000 aan goederen aan Nederlandse particulieren geleverd. De plaats van levering is Nederland. Zijn vrouw Marianne koopt een camrecorder in Dusseldorf. Zij neemt de recorder zelf mee naar huis. De plaats van levering is nu in Dusseldorf. Op de levering aan Piet drukt NL-OB, op de levering aan Marianne D-OB. 9 Laman Opleiding & Advies 3
Verleggingsregeling Voorbeeld Een Duitse ondernemer houdt in NL een voorraad aan. Hij levert vanuit deze opslagplaats: voor 1.000 aan goederen aan een ondernemer in NL; voor 1.000 aan goederen aan een particulier in NL. Omdat de goederen al in NL opgeslagen liggen, is de plaats van levering in beide gevallen in NL (dus geen ICV zie les 6). Bij levering aan: NL-ondernemer wordt de heffing verlegd; NL-particulier wordt NL-OB geheven van D-ondernemer. De D-ondernemer moet zich bij de NL-fiscus als buitenlandse ondernemer moet aanmelden. 10 Diensten 1 van 3 Artikel 1 Onder de naam 'omzetbelasting' wordt een belasting geheven ter zake van: a. leveringen van goederen en diensten, welke in Nederland door een als zodanig handelende ondernemer onder bezwarende titel worden verricht; Artikel 4 1. Diensten zijn alle prestaties, niet zijnde leveringen van goederen in de zin van artikel 3. Uit de samenhang met art. 1 blijkt dat de dienst tegen vergoeding verricht moet worden. Daarbij moet er een causaal verband zijn tussen prestatie en betaling. Soms niet direct duidelijk hoe of wat. 11 Diensten 2 van 3 Subsidies Of een subsidie tot de vergoeding behoort, is afhankelijk van de vorm waarin de subsidie wordt verleend. Prijssubsidie Aantal diensten x bedrag per dienst, dus omvang subsidie fluctueert met aantal diensten is deel vergoeding OB. Exploitatiesubsidie Onafhankelijk van aantal prestaties geen vergoeding. 12 Laman Opleiding & Advies 4
Diensten 3 van 3 Prestatie tegen zeer lage vergoeding Hamvraag Komt in het economisch verkeer aan de vergoeding enige betekenis toe? Voorbeeld Gemeente legt een sportaccommodatie aan; kostprijs 1.000.000. De gemeente verkoopt de accommodatie voor het symbolische bedrag van 1 aan een sportvereniging. Is hier sprake van verkoop/levering of van schenking. En hoe bij verkoop voor 50.000? 13 Interne diensten Sinds 2010 kent de Wet ook regels voor interne diensten. Onder interne diensten verstaan wij het gebruik van goederen uit het bedrijf: voor privédoeleinden Denk aan privégebruik auto, privégebruik van gereedschappen, lenen van een tv uit eigen radio- en tv-zaak; voor onzakelijke doeleinden gebruik van auto, gereedschappen, etc voor privédoeleinden door personeel, niet-zakelijke gratis dienstverlening aan derden (invullen aangiftebiljet voor familielid). De regel geldt alleen als de op de goederen drukkende OB geheel of gedeeltelijk in aftrek is gebracht. 14 Gemengde prestaties Prestatie bestaat soms uit een samenstel van een levering en een dienst. Voor het samenstel wordt een prijs berekend. Hoe doen wij dit nu voor de OB? Oplossing 15 Laman Opleiding & Advies 5
In Nederland 1 van 2 Art. 1-a: alleen belast als feit in Nederland wordt verricht. Het is dus belangrijk te weten waar een prestatie wordt verricht. Art. 5: plaats van levering. Wordt het goed vervoerd? Waar vervoer aanvangt. nee Waar goed zich bevindt. 16 In Nederland 2 van 2 Art. 6 hoofdregel plaats van dienst Wordt de dienst aan een andere ondernemer verleend? nee B2C: waar dienstverlener woont, is gevestigd of vaste inrichting heeft. B2B: waar de afnemer woont, is gevestigd of vaste inrichting heeft. Een ondernemer is gevestigd waar de bestuurstaken worden verricht - HvJ 28 juni 2007, C-73/06, Planzer. Op deze hoofdregel bestaan een aantal uitzonderingen. Uit HvJ 26 sep 1996, C-327/94, Dudda blijkt dat uitzonderingen voorgaan op de hoofdregel. 17 Tussenpersonen art. 6a Wet OB Tussenpersoon verleent dienst aan een andere ondernemer? nee Volgt de eraan ten grondslag liggende hoofdprestatie HvJ, 27 mei 2004, C-68/03, Lipjes (verkoop cht). Volgt de hoofdregel B2B 18 Laman Opleiding & Advies 6
Onroerende goederen art. 6b Wet OB Dienst wordt verleend voor een bepaald onroerend goed? nee Waar het onroerend goed is gelegen Hoofdregel toepassen. 19 Vervoersdiensten art. 6c Wet OB De Wet OB maakt onderscheid in: 1. personenvervoer art. 6c-1 Wet OB, waar feitelijk verricht. 2. goederenvervoer: a. goederen voor ondernemers hoofdregel waar afnemer woont. b. intracommunautair goederenvervoer art. 6c-3 Wet OB voor andere dan ondernemers lidstaat van vertrek. c. niet-intracommunautair goederenvervoer art. 6c-2 Wet OB, voor andere dan ondernemers. waar feitelijk verricht. 20 Cultuur, sport, wetenschap art. 6d Wet OB Diensten in verband met culturele etc. activiteiten worden verricht waar de activiteiten feitelijk plaatsvinden. Denk aan beurzen, tentoonstellingen, wedstrijden, e.d. De regel geldt ook voor samenhangende diensten. Samenhangende diensten Uit HvJ, 26 sep 1996, C-327/94, Dudda geluidstechnicus blijkt dat alleen sprake is van met de culturele activiteit etc. samenhangende diensten als die diensten een noodzakelijke voorwaarde vormen voor de verwezenlijking van de activiteit. 21 Laman Opleiding & Advies 7
Met B2C-vervoer samenhangende diensten Met vervoer samenhangende dienst wordt verleend aan andere ondernemer? nee Hoofdregel B2B Waar feitelijk verricht 22 Diensten m.b.t. roerende zaken voor niet-ondernemers Dienst m.b.t. roerende zaken verleend aan andere ondernemer? nee Hoofdregel B2B Waar feitelijk verricht HvJ: diensten van dierenartsen vallen niet onder art. 6e Wet OB maar onder de hoofdregel van art 6 Wet OB. 23 Restaurant- en cateringdiensten Dienst wordt verricht aan boord van schip, trein of vliegtuig tijdens EU-deel van het personenvervoer? nee Waar het vervoer aanvangt. Waar feitelijk verricht HvJ 2 mei 1996, C-231/94, Faaborg-Gelting gebruik maaltijd aan boord van veerboot. 24 Laman Opleiding & Advies 8
Verhuur van vervoermiddelen art. 6g Wet OB Betreft de verhuur van een schip? > 90 dgn? nee Waar het ter beschikking is gesteld nee > 30 dagen verleend aan Hoofdregel B2B: ondernemer waar afnemer woont nee nee Waar het ter beschikking is gesteld Hoofdregel B2C: waar dienstverlener woont 25 Elektronische diensten art. 6h Wet OB Ondernemer buiten EG elektronische diensten Niet-ondernemer binnen EG Plaats van dienst: waar de afnemer is gevestigd. Elektronische diensten: zie bijlage II van de BTW-richtlijn. Kenmerkend is dat deze diensten via het internet of een ander elektronisch netwerk worden verleend en dat informatietechnologie daarbij onontbeerlijk is. (webhosting, het leveren en bewerken van software, het beschikbaar stellen van databanken, levering van films, muziek, e.d. en het verstrekken van onderwijs op afstand). 26 Aangewezen diensten art. 6i Wet OB Ondernemer binnen EG aangewezen dienst Niet-ondernemer buiten EG Plaats van dienst: waar de afnemer is gevestigd. a. b. c. e. f. g. i. j. Het verlenen en de overdracht van rechten art. 6i-1-a Wet OB Diensten op het gebied van reclame art. 6i-1-b Wet OB Diensten door raadgevende personen art. 6i-1-c Wet OB. Bank-, financiële en verzekeringsverrichtingen art. 6i-1-e Wet OB Beschikbaar stellen van personeel art. 6i-1-f Wet OB Verhuur van roerende zaken m.u.v. vervoermiddelen art. 6i-1-g OB Telecommunicatiediensten art. 61-1-i Wet OB Radio en televisie art. 6i-1-j Wet OB 27 Laman Opleiding & Advies 9
Voorkomen van concurrentieverstoringen Voorkomen van onbelastbaarheid bij gebruik en exploitatie binnen EU door niet-ondernemer. Het gaat om volgende diensten door ondernemers van buiten de EU verricht aan niet-ondernemers binnen de EU: Verhuur vervoermiddel; diensten bedoeld in art. 6i-1-a t/m art. 6i-1-g Wet OB verricht lichaam/niet-ondernemer in de zin van de AWR; telecommunicatie-, radio- en televisieomroepdiensten verricht voor niet-ondernemers. 28 Einde 29 Laman Opleiding & Advies 10