Functieomschrijving woonbegeleider



Vergelijkbare documenten
Functieomschrijving van begeleiders dagbesteding

Functieomschrijving begeleider met actieve nachtdienst

Taakomschrijving van een opvoeder/begeleider binnen de woonvorm. 1. Dagelijkse verzorging

Functieomschrijving ortho-agoog.

Het animatieteam in staat te stellen op een effectieve en kwalitatieve wijze bij te dragen tot:

Begeleider in de kinderopvang

1. Verzorgende taken. De verzorgende in de ouderenzorg staat in voor een aantal basiszorgen.

Deskundige in animatie en activatie

O.C.M.W.-LOCHRISTI FUNCTIEBESCHRIJVING ADMINISTRATIE WZC. 1. Plaats in de organisatie

FUNCTIEPROFIEL. Functie: Leefgroepmedewerker. A. Functiebeschrijving. 1. Doel van de functie

Functiebeschrijving. Werkt onder leiding van en rapporteert aan: directeur (WoonZorgCentrum) Geeft leiding aan: alle medewerkers van de dienst

Functieomschrijving medewerker sociale dienst.

O.C.M.W.- LOCHRISTI FUNCTIEBESCHRIJVING VERZORGING /VERPLEGING. 1. Plaats in de organisatie

LOKAAL DIENSTENCENTRUM Administratief medewerk(st)er dienstencentrum

HUISHOUDELIJK EN TECHNISCH ONDERHOUD INTERIEURVERZORGING

ALGEMENE FUNCTIEGEGEVENS. Kinderbegeleid(st)er buitenschoolse kinderopvang. Functiebeschrijving

FUNCTIEPROFIEL Functie: Leefgroepmedewerker in schoolvervangende dagopvang voor kinderen met autisme

Functiebeschrijving Niveau C1-C3 Leidinggevend

Begeleid(st)er buitenschoolse opvang

Competentieprofiel. Maatschappelijk werker

O.C.M.W.- LOCHRISTI FUNCTIEBESCHRIJVING VERZORGING/VERPLEGING. 1. Plaats in de organisatie

FUNCTIEBESCHRIJVING. Graad: Deskundige Functietitel: Coördinator uitvoering

Teamcoördinator ALERT-team

vzw beschut wonen DE OVERWEG ONZEOPDRACHT

Het ondersteunen en mee uitvoeren van de boekhouding alsook het voeren van een verantwoord aankoopbeleid.

FUNCTIEFAMILIE 5.2 Operationeel leidinggeven

Visie Hanterings- en mobiliteitsbeleid (hamobel) 1. Visie

Als je in zorg of welzijn werkt, krijg je veel te maken met zorgvragers die ondersteunt moeten worden in hun persoonlijke verzorging/adl.

FUNCTIEBESCHRIJVING. Het afdelingshoofd Technische Zaken staat in voor de algemene leiding van de afdeling technische zaken.

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie.

De Leemwinning. toelichting. Info-avond oktober Jeugdzorg Emmaüs 1

Functiebeschrijving teamverantwoordelijke Ruimtelijke en stedelijke ontwikkeling

Samen leren jezelf te zijn, kansrijk en uniek Wij maken werk van talent!

Functiekaart. Werkt onder leiding van en rapporteert aan de coördinator (Vrije tijd - Kinderopvang)

Functieprofiel. Wat is het?

1. Functienaam: centrumleider lokaal dienstencentrum Oud St. Jozef. Niveau : B1-B2-B3 Weddeschaal : B1- B2-B3

FUNCTIEBESCHRIJVING ADJUNCT TEAMVERANTWOORDELIJKE SPORT (ADJUNCT WERKLEIDER) (M/V)

Vul hieronder als eerste jouw naam in en de datum waarop je deze scan hebt ingevuld!!

Teamcoördinator Regioteam Mortsel

FUNCTIEBESCHRIJVING Onderwijzend personeel LERAAR ASV (OV1 OV2 OV3) Buitengewoon Secundair Onderwijs

Functie en competentieprofiel ZORGKUNDIGE

Bij de intake de hulpvraag analyseren ; Regelmatige contacten (telefonisch en persoonlijk) met. De patiënt en zijn familie ervaart

Brugfiguur flankerend onderwijs FUNCTIEBESCHRIJVING

De hoofdverpleegkundige als pacemaker. op naar een kwaliteitsvollere relatie tussen patiënt en medewerkers

Woonzorgcentrum De Berk

Het ondersteunen en mee uitvoeren van de boekhouding alsook het voeren van een verantwoord aankoopbeleid.

FUNCTIEPROFIEL. Functie: Zorgcoördinator. A. Functiebeschrijving. 1. Doel van de functie

VRIJWILLIGERSWERK VISIETEKST & AFSPRAKEN

O.C.M.W.- LOCHRISTI. 2. Functie -analyse 2.1. Doelstelling van de functie

Teamverantwoordelijke De Passant

Functiebeschrijving Maatschappelijk werker dienst Gezinszorg en aanvullende thuiszorg

Diensthoofd overheidsopdrachten. Dienst Administratieve en juridische zaken overheidsopdrachten

LOGISTIEKE ONDERSTEUNING B

Functiekaart. Werkt onder de leiding van en rapporteert aan coördinator Afdeling opvoeden Buitenschoolse Kinderopvang)

FUNCTIEBESCHRIJVING FUNCTIE: NIVEAU: adviseur financiën en begroting WEDDENSCHAAL: A1a-A2a. Plaats in het organogram. Hoofddoel van de functie

Kerntaak 1 Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning

Samen doen. Zorgvisie. Zorg- en dienstverlening van A tot Z

COMPETENTIEPROFIEL MEDEWERKER KEUKEN COZ SINT - JOZEF

FUNCTIEBESCHRIJVING WONINGVERANTWOORDELIJKE

1.GEBRUIKERSGERICHT Rusthuizen, dagverzorging en kortverblijf Serviceflats en woningcomplexen met dienstverlening

Competentiemanagement bij de federale overheid

FUNCTIEPROFIEL VERANTWOORDELIJKE WOONOPVANG RESIDENTIE VIJVERPLEIN

Workshop: Familiegericht werken. SOFA-model

VACATURE Trajectbegeleider (m/v) Persoonlijke ontwikkelingstrajecten vzw LEJO 100% Voor een op te starten P.O.T.-antenne in Boom

Rol: Maatschappelijk assistent

Functiebeschrijving: B2 Secretariaatscoördinator

Vroegtijdige zorgplanning VZP. WZC Sint Anna vzw Behoort tot GVO vzw (Gast Vrij Omgeven)

Beroepscompetentieprofiel gastouder

FUNCTIEBESCHRIJVING. Afdeling: Subafdeling:

FUNCTIEBESCHRIJVING VOOR HET AMBT VAN DIRECTEUR

Functiekaart. Werkt onder leiding van en rapporteert aan jeugdconsulent (Vrije tijd - Jeugd)

Maatschappelijk werker dienst budgetbeheer/ algemene sociale dienstverlening

De weg naar zinvolle dagbesteding voor mensen met dementie. begeleidingsprogramma voor organisaties die zorg leveren aan mensen met dementie

Charter collectieve rechten en plichten

Competentiemanagement bij de federale overheid

Functie en competentieprofiel GEGRADUEERD VERPLEEGKUNDIGE

FUNCTIEBESCHRIJVING. deskundige juridische aangelegenheden. De deskundige juridische aangelegenheden rapporteert aan het diensthoofd stafdienst..

Functiekaart. Functie. Doel van de entiteit. Plaats in de organisatie. Voor kennisname. Dienst: Sociale Dienst. Functienaam: arbeidstrajectbegeleider

OPLEIDINGSPROGRAMMA ILW. DUUR: 36 maanden 24 maanden indien de competenties Logistieke hulp in de verzorgingssector reeds zijn verworven

Ik ben pedagogisch medewerker bij TintelTuin

Functiebeschrijving directeur basisonderwijs

Functiebeschrijving Niveau C1-C3 Niet-Leidinggevend

Transcriptie:

Functieomschrijving woonbegeleider 1. Inleidende visie over de functie van begeleider Begeleiden van personen met een mentale handicap is veelomvattend en uitdagend. De begeleider vormt de spil van de dagelijkse en continue zorg en/of ondersteuning voor personen met een mentale handicap. Hij biedt directe begeleiding aan de bewoner en optimaal afgestemd op zijn vragen. Dit vraagt van de begeleider een grote draagkracht en goed ontwikkelde communicatieve vaardigheden. De functieomschrijving biedt een opsomming van begeleidingsopdrachten. De concrete invulling kan maar gebeuren door naast de functieomschrijving, ook de woongroep- of dienstengids te nemen van de werkplaats waar een begeleider tewerk gesteld is, en deze twee samen te voegen. Elke werkplaats heeft namelijk zijn eigenheid, en vult nog een aantal typische zaken aan van de bewoners. Deze functieomschrijving kan niet los gezien worden van de functieomschrijving van de woonverantwoordelijke, de wooncoördinator, de ortho-agoog en de medewerker sociale dienst. Zij hebben een ondersteunende en coachende rol naar de woonbegeleiders toe. Deze coaching betreft inhoudelijke opties bijvoorbeeld over: deelverantwoordelijkheden, persoonlijk begeleiderschap, opdrachten die kunnen gerealiseerd worden in de mate dat de woonbegeleider zich constructief opstelt t.o.v. hen en hun opdracht. De functieomschrijvingen, van alle hierboven vermelde functies, veronderstellen een fundamenteel wederzijds respect voor de functie en de bereidheid de eigen werking af te stemmen op samenwerking met de anderen. 2. Opdracht met betrekking tot bewoners Elke opdracht die een begeleider uitvoert, vertrekt vanuit de relatie met de bewoner. Dit is het fundament dat steeds de kwaliteit van de ondersteuning beïnvloedt. Cfr. Referentiekader: ethiek van de professionele ondersteuningsrelatie De persoonlijk begeleider neemt hier een speciale plaats in als belangenbehartiger voor zijn/haar bewoners. Cfr.Referentiekader: burgerschapsmodel 2.1 Informatie verzamelen en informatie registeren: - zich voldoende informeren over alle bewoners en over de aandachtsbewoners in het bijzonder: door het lezen van persoonlijke dossiers. door het informeren bij de andere teamleden en het netwerk. door voortdurende observatie. door het inschatten van mogelijkheden en beperkingen van bewoners. door dagelijks informatie uit te wisselen via o.a. de overdrachtsmomenten. - registreren van de informatie in het persoonlijk dossier - onthalen van nieuwe bewoners - altijd met een bewust omgaan met het beroepsgeheim

2.2 Dagelijkse verzorging Verzorgingsmomenten hebben niet alleen als doel de verzorging op zich. Het zijn ook momenten die bewust benut moeten worden om de relatie met de bewoner kwaliteitsvol uit te bouwen. Ondersteuning bij de dagelijkse verzorging veronderstelt een bewust en gezamenlijk afwegen van de mate van effectieve hulp of het helemaal overnemen en/of stimuleren, opvolgen en controle bij zelfhygiëne. Bij elke gradatie van ondersteuning is expliciete aandacht voor de privacy evident, net zoals het respecteren van scharniermomenten van de dag, met voldoende aandacht voor alle rituelen die een dag helpen structureren. Alertheid voor lichamelijke problemen en begeleiden bij hygiënische of medische verzorging, en doorverwijzen indien aangewezen. Aandacht hebben voor het zich aankleden en de presentatie: onze normen tellen niet, maar wel het maatschappelijke aanvaardbare. We moeten zelf steeds bewust de vraag stellen wat aanvaardbaar is, en wat onze eigen normen hierbij betekenen, want deze kleuren sterk onze mening. Maaltijden ondersteunen met oog voor gezonde voeding en voedingsgewoonten. 2.3 Psychosociale begeleiding Opbouwen van een vertrouwensrelatie met de bewoner, als persoonlijk begeleider in het bijzonder. Tegelijkertijd moet er aandacht zijn voor de grenzen van het persoonlijke begeleiderschap: in het groeien moet ook loslaten mogelijk zijn. Opvangen, interpreteren en rekening houden met (verborgen) signalen van bewoner, en dan samen zoeken naar antwoorden. Het proces is belangrijker dan een pasklaar resultaat. Dit krijgt een vertaling in het respect voor het levensverhaal van elke bewoner, met persoonlijke zin geving en het opbouwen van een positief zelfbeeld. Bieden van emotionele, sociale en praktische begeleiding en ondersteuning, ook bij conflictsituaties. Als begeleider moet je het conflict kunnen hanteren, en steeds weer opnieuw kunnen starten. Er kan daarvoor een kader gemaakt worden met persoonlijke afspraken, (dat gerangschikt zit in het persoonlijke dossier), en dat zowel met de bewoner als met de collega s kan besproken worden. Bewoners stimuleren om hun eigen zorgvraag te leren kennen en te uiten. Indien wenselijk en haalbaar, hiervoor ook individuele overlegmomenten organiseren. Dit kan een bijzondere opdracht zijn voor de persoonlijk begeleider. Bieden van basisveiligheid, om verdere groei mogelijk te maken. Uitnodigen tot het maken van keuzes 2.4 Groepsgericht werken In samenspraak met bewoners, regels en afspraken maken binnen de werking en toezien op de naleving ervan. Zorgen voor een vertaling op maat van iedereen. Organiseren van bewonersvergaderingen en kringgesprekken. Bemiddelen bij en hanteren van conflicten en situaties, en de groepsdynamiek kunnen beïnvloeden. Zorgen voor een gepaste groepssfeer. Bevorderen van de integratie van nieuwe bewoners in de groep. Positief omgaan met de veranderingen (bvb. nieuwe bewoners, of veranderingen bij bewoners) 2.5 Woonomgeving / leefklimaat (leren ) inrichten van de leefruimte

mee instaan voor de orde en de netheid in de leefruimtes en de onmiddellijke buitenomgeving (terras, tuin) betrokkenheid van de bewoners op het woon- en leefklimaat door samen te werken of aangepaste ondersteuning te bieden het creëren van een basis van veiligheid, zekerheid, regelmaat, geborgenheid, openheid en structuur het creëren van een sfeer en aankleding aangepast aan de bewoner 2.6 Vrije tijdsactiviteiten organiseren en begeleiden van activiteiten en/of er ook zelf aan deelnemen tijdens de week tijdens het weekend tijdens de vakantieperiodes ( meerdaagse uitstappen/ kampen) toezien op, ondersteunen van en motiveren tot zinvolle vrije tijdsbesteding op maat, ook buiten het centrum zorgen dat bewoners zoveel als mogelijk kunnen deel nemen aan het leven in de maatschappij 2.7 Dagbesteding organiseren of helpen plannen van een gevarieerde dagbesteding op maat van de bewoner zorgen voor voldoende communicatie met alle betrokkenen (jobcoaches, geïntegreerde ergotherapeuten, medewerkers CvD, familieleden, kinesitherapeuten, ) rondom: o planning o evaluatie o bijsturing inschrijven in het dienstverleningsplan er op toe zien dat tijdig naar het werk wordt vertrokken: hetzij extern, hetzij binnen het centrum 3. Opdrachten met betrekking tot medewerkers 3.1 Het eigen begeleidersteam: overleg over en het opstellen van het dienstverleningsplan van elke bewoner (dit kunnen zowel de driejaarlijkse besprekingen zijn ofwel het jaarlijks bespreken van doelstellingen of knelpunten). overleg over en het opstellen van de visie van de werking (dit kunnen zijn doelstellingen op het niveau van de werking, of een uitwerking van het afdelingsbeleidsplan dat vertaald wordt naar de werking; dit is terug te vinden in de woongroep). samenwerken met andere teamleden op professionele wijze. Dit houdt in: initiatief nemen tot, en constructief deelnemen aan overleg, en consequent uitvoeren van afspraken in het kader van verantwoord handelen Cfr. Directienota: verantwoord handelen constructief kunnen meewerken aan de sfeer in een team rekening houden met de waarden en normen van collega s uitkomen voor de eigen mening en zichzelf zijn binnen het team. opnemen van deelverantwoordelijkheden

initiatief kunnen nemen flexibel kunnen werken bij ziekte, dienstwissels, onverwachte situaties kunnen omgaan met een beslissing waar je als begeleider niet achter staat. samenwerken maar ook op elkaar inspelen; wanneer twee mensen op dienst staan, is een afstemming op elkaar heel belangrijk werken met de uitdagingen die veranderingen meebrengen, zoals nieuwe collega s, een nieuwe visie, bewust omgaan met jezelf als deel van het geheel. Het geheel is meer dan de som van de delen, en dat werkt pas als elk deeltje bezorgd is om het geheel. Het eigen individuele handelen moet je voortdurend kunnen toetsen aan de visie van de organisatie en het team. Als teamlid heb je eigen taken maar blijf je medeverantwoordelijk voor de taken van anderen. Aandacht voor het welzijn en de draagkracht van iedereen is een must. open staan voor feedback en bereid zijn om bijsturing te krijgen, en dit zelf ook door geven aan collega s. Dit betekent dat je constructief meewerkt: door jezelf open en dus ook kwetsbaar op te stellen, en anderzijds gevoelige punten van anderen durven bespreekbaar te maken (met de betrokkene rechtstreeks en/of in team). overleggen over de organisatie van activiteiten, projecten, vormingsinitiatieven,. 3.2 Andere medewerkers respect tonen voor ieders functie. In de inleiding werd al verwezen naar de nauwe samenhang van de functies van woonverantwoordelijke, wooncoördinator, ortho-agoog en medewerker van de sociale dienst. Bovendien maakt de nodige kennis van en het respect voor de functieomschrijving van de anderen, de essentie uit van het multidisciplinair werken. Alle leden leveren hun bijdrage in het opstellen, het uitvoeren en het evalueren van het dienstverleningsplan. Aangezien het persoonlijk dossier in de woongroep wordt bewaard, is een open houding (informatie doorgeven, informatie vragen) en actieve samenwerking met iedereen (verpleegkundige, kinesitherapeut, ergotherapeut, arts, ) evident. Deze constructieve basishouding wordt ook verondersteld naar de medewerkers van andere diensten en departementen en zorgt ervoor dat elke andere medewerker zijn werk goed kan doen. zorgen voor een passend onthaal attent zijn voor het maken en het opvolgen van goede afspraken bewaken of zorgen voor een goede sfeer doorgeven van relevante informatie 3.3. Begeleiding van nieuwe personeelsleden en stagiairs opnemen van mentorschap voor stagiairs coaching van nieuwe personeelsleden Cfr. Directienota: introductie nieuwe medewerkers 4. Opdracht met betrekking tot organisatorische aspecten 4.1 Budgetbeheer: beheren van de hem/haar toevertrouwde budgetten (bv zakgeld-, voedings-, kledij-, huishoud-, werkingsbudget)

organiseren en begeleiden van spaarprojecten, indien bewoners hiertoe zelf initiatief nemen of willen leren sparen. 4.2 Organisatie van het leefgebeuren Op de hoogte blijven van alle aspecten, en indien nodig stappen ondernemen, die te maken hebben met een ruimere organisatie van het leefgebeuren. Middelen die kunnen gebruikt worden zijn: procedures, directienota s, woongroepgids, weekinfo, Uitvoeren van deelverantwoordelijkheden: bij een deelverantwoordelijkheid behartigt één teamlid een bepaald aspect van de werking. De deelverantwoordelijke hoeft niet alles zelf uit te voeren, maar waakt er over dat dit aspect vlot verloopt. o klussenverantwoordelijke o medische deelverantwoordelijke o bestelling van luiers o busverantwoordelijke o.. Rekening houden met speciale gebeurtenissen (feestjes, woongroepkampen, uitstappen, ) Organiseren van tijdelijke opvang voor bewoners uit andere groepen, bijvoorbeeld tijdens vakantiemomenten. 5. Opdracht met betrekking tot het persoonlijk netwerk van de bewoner Professionele contacten opbouwen en onderhouden met het persoonlijk netwerk van de bewoner. De woonbegeleider is de aangewezen persoon om te streven naar een kwaliteitsvolle en vraaggerichte samenwerking met het persoonlijk netwerk, in het kader van gedeelde zorg. Cfr. Referentiekader: inspraak en participatie Bijzondere aandacht hebben voor een gepast onthaal bij de tussendoor contacten. Actief luisteren en handelen in de voorfase van de klachtenprocedure. Het persoonlijk netwerk informeren over de toestand en de specifieke begeleiding van de bewoner, de persoonlijke begeleider heeft hierbij een specifieke opdracht van coördinatie en rapportage. Deelnemen aan het overleg over wijzigingen in de dienstverlening, wijzigingen in individuele woon- en leefsituatie of over maatregelen betreffende lichamelijke en/of geestelijke evolutie van de bewoner. Deelnemen aan uitwisselingsgesprekken, initiatief opnemen inzake samenwerking. De medewerker sociale dienst coacht waar nodig de woonbegeleider in de contacten met het persoonlijk netwerk. Indien nodig,verwijst de medewerker sociale dienst het persoonlijk netwerk door naar andere instanties. 6. Administratieve opdracht invullen van het dagboek correct gebruik maken van de overdrachtsinstrumenten maken van observatie- en/of dienstverleningsverslagen

maken van verslagen van uitwisselingsgesprekken of huisbezoeken maken van teamverslagen up-to-date houden van het persoonlijk dossier invullen van aanwezigheidslijsten/bestelbonnen/formulieren zoals aangegeven in de directienota s. Bijvoorbeeld: maaltijdenblad, verlofaanvraag, ongevalsaangifte, De administratieve opdracht houdt in dat verslagen worden gemaakt én dat formulieren worden ingevuld, de opdracht veronderstelt ook dat deze documenten doorgegeven worden en de nodige opvolging krijgen; m.a.w. zorgen dat ze op de juiste plaats terecht komen. Dit veronderstelt actief werken met de procedures en directienota's alsook de houding om documenten zo correct en zo volledig mogelijk in te vullen. 7. Logistieke opdracht Inschakelen van de bewoners bij het dagelijks werk: de bus kuisen, klein tuinonderhoud, bed opmaken, afvalsortering en recyclage. Uitvoeren van huishoudelijke taken (koken, wassen, aankopen organiseren, schoonmaken ). Uitvoeren van kleine herstellingen. Melden dat herstellingen dienen te worden uitgevoerd Cfr. Directienota: Herstellingendienst Informeren van bewoners m.b.t. de lopende herstellingen die hun aanbelangen. Samenwerken met de onderhoudsdienst en logistieke dienst: geven van informatie m.b.t. wat en wanneer iets dient te gebeuren. Zorg dragen voor een veilige woon- en werkomgeving voor de bewoners en in geval van melding doen van gevaarlijke situaties. Omgaan met de ter beschikking gestelde middelen als een goede huisvader. 8. Opdracht met betrekking tot Vorming, Training en Opleiding Optimaliseren van de eigen deskundigheid door: zelfstudie, raadplegen van vakliteratuur, het volgen van een opleiding, deelnemen aan vormingsinitiatieven, zoals vermeld in de VTO planning. Verantwoordelijkheid opnemen voor de eigen professionele ontwikkeling door een actieve bijdrage te leveren bij het opstellen, het opvolgen en het evalueren van het individueel VTO plan. Doorgeven en uitwisselen van kennis en ervaring aan collega s. 9. Opdracht met betrekking tot externe contacten Positief beïnvloeden van beeldvorming van personen met een mentale handicap door: onthaal van externe mensen binnen het centrum, of door deelname aan externe bijeenkomsten

meewerken aan samenwerkingsinitiatieven met de plaatselijke gemeenschap, scholen, vrijetijdsorganisaties, lokale socio-culturele verenigingen Bijdrage leveren bij het werven van vrijwilligers Cfr. Directienota: Vrijwilligerswerking Vrijwilligers en externen wegwijs maken en ondersteunen in de taken die zij opnemen Een passende onthaalcultuur aanbieden 10. Algemene beleidsopdrachten Bereid zijn om constructief mee te denken bij het zoeken naar oplossingen voor problemen die de eigen woongroep overstijgen Deelname aan werk- en projectgroepen. Actief werken met het kwaliteitshandboek: de referentiekaders en de procedures, de directienota s, de woongroepgids. 11. Opdracht in verband met de implementatie van de Missie en de referentiekaders Elke werknemer van het centrum draagt actief bij tot het waarmaken van de principes in de missie en de referentiekaders. Dit gebeurt zowel door het voorleven als door het verwijzen naar deze teksten in de dagelijkse situaties. Dit is zichtbaar in: De pastorale werking van de eigen groep inkleuren en levendig houden Taken bewust uitvoeren, met oog voor de meerwaarde die je als begeleider op dat moment kan betekenen. Nastreven van kwaliteit in alle aspecten van het werk.