Antwoorden hoofdstuk 6



Vergelijkbare documenten
Oefenopgaven Hoofdstuk 5

Financiële analyse. Les 2 Vermogensbehoefte en financiering. Auteur: Witek ten Hove, MBA

Vermogensbehoefte en financiering

Het eigen vermogen is permanent dat wil zeggen voor onbepaalde tijd (blijvend)aanwezig in de onderneming.

Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 2 opgaven en omvat 23 vragen.

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel FINANCE & RISK MANAGEMENT DINSDAG 15 DECEMBER UUR

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 4

Eigen vermogen Geplaats aandelenkapitaal Agioreserve Herwaarderingsreserve Wettelijke en statutaire reserves Ingehouden winst uit de voorgaande jaren

UNIFORM EINDEXAMEN HAVO 2015

Management en Organisatie VWO 6 Hst 31, 37 t/m 43

Vormen van samenwerking tussen ondernemingen

De comprehensive income statement

Hoofdstuk 8. Vreemd vermogen

Crowdfunding: publiek laten betalen, d.m.v. vermogen aan te trekken.

Oefenopgaven Hoofdstuk 4

12 Het eigen vermogen

Management en Organisatie VWO 4 Hoofdstuk 11. Oefenopgaven: aandelen, intrinsieke waarde en dividend

Deze examenopgave bestaat uit 11 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

Financieel Management

Werkgroepopdrachten Bedrijfseconomie DEEL A

13 Het vreemd vermogen

Antwoorden Hoofdstuk 18

informatie verschaffen: Boekwaarde begin van het boekjaar + som van de waarden waartegen in het boekjaar verkregen activa zijn opgenomen

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8

Hoofdstuk 12. Vreemd vermogen op lange termijn. Een lening (schuld) met een looptijd van langer dan een jaar. We bespreken 3 verschillende leningen:

Eindexamen m&o vwo 2008-I

Eigen vermogen ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid

Om je goed voor te bereiden ontvang je bijgaand op de volgende bladzijden:

Financiële aspecten van de planning

Deze examenopgave bestaat uit 10 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

12 Geconsolideerd kasstroomoverzicht

Eindexamen m&o havo II

Nadelen: Groot risico vanwege privéaansprakelijkheid. Lange werktijden. a Een vennootschap waarvan het eigen vermogen is verdeeld in aandelen.

Aurington. Administratie en Advies

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Samenvatting M&O hoofdstuk

Samenvatting Management & Organisatie Hoofdstuk 11, Eigen vermogen

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 3.

Samenvatting Management & Organisatie Hoofdstuk 11: Eigen vermogen

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 4

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10

Toets 3 HAVO 5 g Diagnostische toets 2012

Eindexamen vwo m&o II

Antwoorden hoofdstuk 19

Q1 Q2 Q3 Q4. Liquide middelen begin kwartaal Verkopen

PROEFEXAMEN 2 Praktijkdiploma Boekhouden

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 10 EN 11 JANUARI 2012

Rentegevoeligheid en duration

a. Gemiddeld debiteurensaldo: ( ) / 2 = Verkopen op rekening inclusief omzetbelasting: ,21 =

Tradealot Obligatie II van Tradealot B.V.

1 Het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investering in machines / 350 Desinvestering in machines 65 Aandeel in winst C / 20 Aandeel in dividend C 30

Examen VWO. economische wetenschappen II en recht (oude stijl)

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 6. In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.

Bedrijfsadministratie Examennummer: Datum: 30 juni 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl)

Oefenopgave 1. Oefenopgave 1. Crediteuren 600 EV 600. Debiteuren 400. Gebouwen 300 EV. Voorraden 200 Crediteuren. Kas 300

Bijlage HAVO. management & organisatie management & organisatie. tijdvak 2. Informatieboekje. tevens oud programma.

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel FINANCE EN RISK MANAGEMENT DINSDAG 3 MAART UUR

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 28 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl)

Externe Financiële Verslaggeving

Rijksuniversiteit Groningen Faculteit Economie en Bedrijfskunde Vakgroep Accounting ANTWOORDEN TENTAMEN FINANCIAL ACCOUNTING BDK

Vermogensbehoefte en financiering

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 4

AANVULLING NAAMLOZE VENNOOTSCHAP HAVO

Een onderhandse lening is een lang lopende lening waarbij geld uitgeleend word door 1 geldgever.

EXAMENPROGRAMMA. Financieel-Administratief Diploma('s) Diplomalijn(en)

Financiering 2 (323029)

Aanvulling Management en organisatie in Balans havo in verband met de expliciteringen van de examencommissie

Vermogen: geld Kapitaal (aandelen, obligaties, leningen (lange termijn))

Samenvatting Management & Organisatie Hoofdstuk 7 (Management in beweging)

Bedrijfsadministratie II Examennummer: Datum: 3 juli 2010 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

PDB. Antwoordenboek. berekeningen. Periodeafsluiting & Bedrijfseconomie

Wetenschappelijk Onderwijs

EXAMENPROGRAMMA. Financieel-Administratief Diploma('s) Diplomalijn(en)

Eindtermen en Toetstermen STIBEX Bedrijfseconomie en Periodeafsluiting

Eindtermen en Toetstermen STIBEX Bedrijfseconomie en Periodeafsluiting

11 Kasstroomoverzicht

5,5% Obligatielening

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 16 EN 17 JUNI 2009

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel FINANCE & RISKMANAGEMENT DINSDAG 8 MAART UUR. SPD Bedrijfsadministratie B / 8

Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 7

Hoofdstuk 43 belangrijk

2017 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 13

Oprichting met inbreng in geld x in natura

Obligaties Briqchain Real Estate

VBI WINKELFONDS NV ANNEXUM. Directie Annexum Beheer B.V. WTC, G-Toren Strawinskylaan XX Amsterdam HALFJAARBERICHT 2012

VOORBEELDEXAMEN HANDELS- EN FINANCIELE VERRICHTINGEN

Eindexamen m&o havo I

Deze examenopgave bestaat uit page 11 pagina s, inclusief het voorblad. Het examen bestaat uit 4 opgaven en omvat 23 vragen.

Transcriptie:

Antwoorden hoofdstuk 6 Opgave 6.1 In omloop zijn 50.000 : 10 = 5.000 aandelen a. Intrinsieke waarde per aandeel (50.000 + 35.000) : 5.000 = 17 Contante waarde van alle aandelen is 20.000 : 0,08 = 250.000 b. Rentabiliteitswaarde van 1 aandeel is 250.000 : 5.000 = 50 Opgave 6.2 In omloop zijn 400.000 : 25 = 16.000 aandelen a. Intrinsieke waarde per aandeel (400.000 + 140.000) : 16.000 = 33,75 Contante waarde van alle aandelen is 28.800 : 0,06 = 480.000 b. Rentabiliteitswaarde van 1 aandeel is 480.000 : 16.000 = 30 Opgave 6.3 12.000 : 3.000 = 4 (claims) Opgave 6.4 1.400.000 : 175.000 = 8 (claims) Opgave 6.5 a. 90.000 : 60.000 = 1,5 (claims) b. Op 2 aandelen, tegen inlevering van 3 (een geheel getal) claims Opgave 6.6 400.000 x 5 = 2.000.000 aandelen. Opgave 6.7 26,50 25 = 0,75 2 Opgave 6.8 60 56 = 0,80 5 Opgave 6.9?? 44 = 0,95 4 4 x 0,95 + 44= 47,80 Opgave 6.10 2.400.000 : 16 = 150.000 aandelen. Opgave 6.11 35.000.000 : 875.000 = 40 Antwoorden hoofdstuk 6 1

Opgave 6.12 Waarde voor aankondiging emissie: 30 x 36 = 1.080 Joska heeft 30 claims en kan inschrijven op 30 : 6 = 5 nieuwe aandelen Hij koopt 5 nieuwe aandelen bij voor 5 x 28 = 140 Hij speelt quitte als zijn waarde dan is: 1.220 Zijn waarde is echter: 30 + 5 (nieuwe) = 35 x 31 = 1.085 a. Verlies 135 b. Als Joska geen nieuwe aandelen koopt, kan hij zijn claims verkopen. De theoretische beurswaarde van 1 claim is: 31 28 = 0,50 6 Waarde voor aankondiging emissie: 30 x 36 = 1.080 Opbrengst van 30 claims bedraagt 30 x 0,50 = 15 Hij speelt quitte als zijn waarde dan is: 1.065 Zijn waarde is echter: 30 x 31 = 930 c. Verlies 135 Opgave 6.13 Waarde voor aankondiging emissie: 100 x 12 = 1.200 Oskam heeft 100 claims en kan inschrijven op 100 : 5 = 20 nieuwe aandelen Hij koopt 20 nieuwe aandelen bij voor 20 x 10,20 = 204 Hij speelt quitte als zijn waarde dan is: 1.404 Zijn waarde is echter: 100 + 20 (nieuwe) = 120 x 11,60 = 1.392 a. Verlies 12 b. Als Oskam geen nieuwe aandelen koopt, kan hij zijn claims verkopen. De theoretische beurswaarde van 1 claim is: 11,60 10,20 = 0,28 5 Waarde voor aankondiging emissie: 100 x 12 = 1.200 Opbrengst van 100 claims bedraagt 100 x 0,28 = 28 Hij speelt quitte als zijn waarde dan is: 1.172 Zijn waarde is echter: 100 x 11,60 = 1.160 c. Verlies 12 Opgave 6.14 Je moet een obligatiewaarde van nominaal 125 inleveren om een aandeel van nominaal 100 te krijgen. Opgave 6.15 Belegger heeft nominaal 4.000 obligaties Hij kan hiervoor 4.000 : 125 = 32 aandelen verwerven. Opgave 6.16 Belegger heeft nominaal 6.000 obligaties Hij kan hiervoor 6.000 : 120 = 50 aandelen verkrijgen. Opgave 6.17 Belegger heeft nominaal 9.000 obligaties Hij kan hiervoor 9.000 : 15 = 600 aandelen verkrijgen Antwoorden hoofdstuk 6 2

Opgave 6.18 a. Hij kan hiervoor 4.000 : 125 = 32 aandelen verkrijgen. Voor de uitgifte van nominaal 3.200 aandelen (32 x 100) verkrijgt de onderneming 4.000 aan obligatiewaarde. De agio is 4.000 3.200 = 800. b. Hij kan hiervoor 5.000 : 125 = 40 aandelen verkrijgen. De agio is 5.000 (Obligatiewaarde) 4.000 (nominale aandelenwaarde) = 1.000. c. Hij kan hiervoor 6.000 : 125 = 48 aandelen verkrijgen. De agio is 6.000 (Obligatiewaarde) 4.800 (nominale aandelenwaarde) = 1.200. Opgave 6.19 Er is voor 80 % van 4.000.000 = 3.200.000 aan obligaties ingeleverd. Hiervoor zijn 3.200.000 = 20.000 stuks aandelen uitgereikt, dit is in geld 20.000 x 100 160 = 2.000.000. Dit levert de onderneming 3.200.000 2.000.000 = 1.200.000 agio op. Mutaties op de oorspronkelijke balans: Aandelen in portefeuille wordt 2.000.000 minder (En geplaatst 2.000.000 meer) Agioreserve neemt met 1.200.000 toe Converteerbare obligatielening wordt 3.200.000 minder. Balans Diverse activa 11.440.000 Aandelenvermogen 8.000.000 Aandelen in port 1.000.000 7.000.000 Agioreserve 1.700.000 Converteerb. Obligatielening 800.000 Vreemd vermogen kort 1.940.000 11.440.000 11.440.000 Opgave 6.20 Er is voor 1.820.000 aan obligaties ingeleverd. Hiervoor zijn 1.820.000 = 13.000 stuks aandelen uitgereikt, dit is in geld 13.000 x 100 140 = 1.300.000. Dit levert de onderneming 1.820.000 1.300.000 = 520.000 agio op. Mutaties op de oorspronkelijke balans: Aandelen in portefeuille wordt 1.300.000 minder (en geplaatst 1.300.000 meer) Agioreserve neemt met 520.000 toe Converteerbare obligatielening wordt 1.820.000 minder. Balans Diverse activa 9.240.000 Aandelenvermogen 6.000.000 Aandelen in port 200.000 5.800.000 Agioreserve 1.320.000 Converteerb. Obligatielening 180.000 Vreemd vermogen kort 1.940.000 9.240.000 9.240.000 Antwoorden hoofdstuk 6 3

Opgave 6.21 Er is in totaal voor 1.500.000 820.000 = 680.000 aan obligaties ingeleverd, waarvoor ( 1.800.000 1.400.000) = 400.000 aan aandelenwaarde is uitgereikt. Er zijn 400.000 : 10 = 40.000 aandelen uitgereikt. De conversieprijs is 680.000 : 40.000 = 17 De conversiekoers is 17 x 100 % = 170 % 10 Opgave 6.22 Er is in totaal voor 1.000.000 40.000 = 960.000 aan obligaties ingeleverd, waarvoor ( 3.000.000 2.200.000) = 800.000 aan aandelenwaarde is uitgereikt. Er zijn 800.000 : 100 = 8.000 aandelen uitgereikt. De conversieprijs is 960.000 : 8.000 = 120 De conversiekoers is 120 x 100 % = 120 % 100 Opgave 6.23 1 converteerbare obligatie levert 1.000 : 25 = 40 aandelen op Conversiewaarde is 40 x 26,50 = 1.060 Opgave 6.24 a. 1 converteerbare obligatie levert 1.000 : 150 = 6,667 aandelen op Conversiewaarde is 6,667 x 153,50 = 1.023,33 b. Nee, want er wordt gevraagd naar de conversiewaarde van 1 obligatie Opgave 6.25 1.090 1.035 = 55 Opgave 6.26 De obligatie is 1.055 + 33 = 1.088 waard. Beurskoers is dan 1.000 1.088 x 100% = 108,8% Opgave 6.27 Hij verdient een korting van 1,5 % van 800 = 12 op een bedrag van 788 ( 800 12) in 20 dagen (30 10) In 20 dagen is dat 12 x 100 % = 1,52284264% 788 In 360 dagen is dat 360 x 1,52284264 % = 27,41% 20 Opgave 6.28 Hij verdient een korting van 1% van 600 = 6 op een bedrag van 594 ( 600 6) in 37 dagen (45 8) In 37 dagen is dat 594 6 x 100% = 1,01010101% In 360 dagen is dat 360 x 1,01010101% = 9,83% 37 Antwoorden hoofdstuk 6 4

Opgave 6.29 a. In portefeuille is voor 400.000.000. Dit betreft 400.000.000 : 10 = 40.000.000 aandelen. b. Geplaatst is voor 800.000.000. Dit zijn 800.000.000 : 10 = 80.000.000 aandelen. c. Op 80.000.000 oude aandelen komen 40.000.000 nieuwe, dus er zijn 2 claims nodig om op een nieuw aandeel in te schrijven. d. Theoretische claimwaarde is 24,40 21 = 1,70 2 Gevolgen voor op de balans: Liquide middelen neemt toe met 40.000.000 x 21 = 840.000.000 Geplaatst aandelen vermogen neemt toe met 40.000.000 x 10 = 400.000.000 Agio neemt toe met 440.000.000 e. Balans (x 1.000.000) Gebouwen 600 Aandelenvermogen 1.200 Inventaris 100 Agioreserve 440 Goederen 230 Vreemd vermogen lang 200 Debiteuren 160 Vreemd vermogen kort 100 Liquide middelen 850 1.940 1.940 Opgave 6.30 a. Maximaal 900.000 : 10 = 90.000 aandelen b. In omloop zijn 750.000 : 10 = 75.000 aandelen c. In portefeuille zijn 150.000 : 10 = 15.000 aandelen. Op 75.000 oude aandelen komen 15.000 nieuwe aandelen. Er zijn dus 5 claims nodig om op een nieuw aandeel in te schrijven. d. Theoretische claimwaarde is 29 5 26 = 0,60 Gevolgen voor op de balans: Liquide middelen neemt toe met 15.000 x 26 = 390.000 Geplaatst aandelen vermogen neemt toe met 15.000 x 10 = 150.000 Agio neemt toe met 240.000 e Balans (x 1.000.) Inventaris 300 Aandelenvermogen 900 Goederen 520 Agioreserve 240 Debiteuren 460 Vreemd vermogen lang 400 Liquide middelen 510 Vreemd vermogen kort 250 1.790 1.790 Antwoorden hoofdstuk 6 5

Opgave 6.31 a. Er is in totaal voor 2.200.000 950.000 = 1.250.000 aan obligaties ingeleverd, waarvoor ( 4.000.000 3.500.000) = 500.000 aan aandelenwaarde is uitgereikt. Er zijn 500.000 : 100 = 5.000 aandelen uitgereikt. De conversieprijs is 1.250.000 : 5.000 = 250 De conversiekoers is 250 x 100 % = 250 % 100 b. 1 converteerbare obligatie levert 1.000 : 250 = 4 aandelen op Conversiewaarde van 1 converteerbare obligatie is 4 x 259,50 = 1.038 c. Op de beurs is een converteerbare obligatie 1.070 waard Premie boven de conversiewaarde is 1.070 1.038 = 32 Opgave 6.32 a. Jan Vogel heeft voor 36.000 aan converteerbare obligaties. Bij conversie ontvangt hij 36.000 : 180 = 200 aandelen. b. Op 1 obligatie verkrijgt men 1.000 : 180 = 5,55556 aandelen. Conversiewaarde van een converteerbare obligatie is 5,55556 x 185,60 = 1.031,11 c. Premie boven de conversiewaarde is 1.080 1.031,11 = 48,89 Er is voor 1.170.000 aan obligaties ingeleverd. Hiervoor zijn 1.170.000 = 6.500 stuks aandelen uitgereikt, dit is in geld 6.500 x 100 180 = 650.000. Dit levert de onderneming 1.170.000 650.000 = 520.000 agio op. Mutaties op de oorspronkelijke balans: Aandelen in portefeuille wordt 650.000 minder (En geplaatst 650.000 meer) Agioreserve neemt met 520.000 toe Converteerbare obligatielening wordt 1.170.000 minder. d. Balans Diverse activa 8.830.000 Aandelenvermogen 6.000.000 Aandelen in port 100.000 5.900.000 Agioreserve 1.160.000 Converteerb. Obligatielening 330.000 Vreemd vermogen kort 1.440.000 8.830.000 8.830.000 Opgave 6.33 Ga gemakshalve uit van een factuurbedrag van 100. We hebben de keus om na 1 week 98 te betalen of na 6 weken 100. De korting van 2 wordt verdiend door 5 weken eerder te betalen. Korting in 5 weken: 2 x 100 % = 2,040816327 98 Korting in 52 weken: 52 x 2,040816327 % = 21,22% 5 Antwoorden hoofdstuk 6 6

Opgave 6.34 Marktwaarde van het eigen vermogen is 200.000 x 30 = 6.000.000 411.000 = 6.000.000 i = 411.000 i 6.000.000 i = 0,0685 p = 6,85 Opgave 6.35 a Er komen 3.400.000 : 17 = 200.000 nieuwe aandelen bij. Er zijn 200.000 800.000 = 4 claims nodig om op 1 aandeel in te schrijven. Theoretische claimwaarde: 20,20 17 = 0,80 4 b De agioreserve neemt toe met 200.000 x (17 10) = 1.400.000 Opgave 6.36 a De heer Paskwil ontvangt 4.000 12,50 = 320 aandelen b 1 converteerbare obligatie levert 80 aandelen à 13,40 = 1.072 De conversiewaarde van een converteerbare obligatie bedraagt 1.072 Antwoorden hoofdstuk 6 7