Stagering en profilering bij verslaving
|
|
|
- Johanna van der Wal
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 korte bijdrage Stagering en profilering bij verslaving w. van den brink, g.m. schippers achtergrond Het wel of niet kunnen stellen van de diagnose misbruik of afhankelijkheid van middelen zegt nauwelijks iets over de ernst en het beloop van de aandoening of over de reactie op een bepaalde behandeling. Bovendien zijn ook de beschikbare effectieve behandelingen in de praktijk slechts bij een beperkte groep patiënten succesvol. Een mogelijke oorzaak van deze problemen is de te grote heterogeniteit binnen de bestaande diagnostische categorieën. Door de beoogde samenvoeging van de diagnoses misbruik en afhankelijkheid in de nieuwe diagnose stoornis in het gebruik dreigt deze heterogeniteit in de dsm-5 nog groter te worden. doel Doen van suggesties ter verbetering van diagnostiek en behandeling via de stagering en de profilering van verslaving en afhankelijkheid. methode Literatuuronderzoek. resultaten Een mogelijke oplossing is vermindering van heterogeniteit binnen een diagnostische categorie via stagering en profilering. Daarvoor suggereren wij een op de oncologie gebaseerd en neurobiologisch gefundeerd stageringsmodel voor verslaving. Daarnaast kunnen patiënten met een verslaving nader getypeerd of geprofileerd worden via het gebruik van fenotypische, endofenotypische en genetische informatie. conclusie De combinatie van diagnostiek, stagering en profilering zal leiden tot een effectievere en efficiëntere behandeling van verslaafden. [tijdschrift voor psychiatrie 54(2012)11, ] trefwoorden afhankelijkheid, dsm-5, stagering, profilering, verslaving In de dsm-ii (1952) werd verslaving nog gezien als een subcategorie van de antisociale persoonlijkheidsstoornis. Verslaving werd ook door professionals in veel gevallen nog gezien als een vorm van wilszwakte en niet als ziekte. In de dsm-iii (1980) wordt verslaving voor het eerst gepresenteerd als een aparte diagnostische hoofdcategorie met twee qua ernst te onderscheiden stoornissen: misbruik (minder ernstig) en afhankelijkheid (ernstig). In de dsm-iii-r (1987) wordt de diagnose afhankelijkheid verbreed en tegelijkertijd wordt de diagnose misbruik vernauwd. In dsm-iv (1994) blijft het onderscheid tussen misbruik en afhankelijkheid bestaan, maar wordt binnen de diagnose afhankelijkheid onderscheid gemaakt tussen afhankelijkheid met en zonder onthoudingsverschijnselen en/of tolerantie. Dat wil niet zeggen dat verslaving op dat moment al door iedereen wordt gezien als een serieus te nemen ziekte. In 1997 schreef de directeur van het National Institute for Drug Abuse in de Verenigde Staten daarom in Science een artikel met als titel Addiction is a brain disease, and it matters (Leshner 1997). In dit artikel demonstreert hij dat we verslaving het best kunnen zien als een hersenziekte, dat verslaafden patiënten zijn die behandeling verdienen en dat deze behandeling ook vergoed behoort te worden. tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012)
2 w. van den brink/g.m. schippers Samenvoeging In de dsm-5 lijken misbruik en afhankelijkheid samengevoegd te gaan worden tot één nieuwe stoornis in het gebruik van een middel. Daarbij worden de 11 dsm-iv-criteria voor misbruik (4 criteria) en afhankelijkheid (7 criteria) samengevoegd, terwijl het bestaande misbruikcriterium juridische problemen wordt vervangen door het nieuwe criterium craving (apa 2011). Een patiënt voldoet aan de dsm-5-diagnose stoornis in het gebruik als hij of zij voldoet aan ten minste 2 van de 11 criteria. Deze nieuwe definitie houdt in dat de heterogeniteit binnen de diagnose verslaving in dsm-5 waarschijnlijk nog groter zal zijn dan binnen dsm-iv al het geval was. Dat laatste is van belang omdat heterogeniteit binnen de diagnose verslaving waarschijnlijk één van de belangrijkste redenen is voor de geringe voorspellende waarde van de diagnose voor het beloop van de stoornis en voor de in omvang beperkte effecten van de behandeling van verslaafde patiënten. Heterogeen beloop Onderzoek laat zien dat het beloop van de ziekte bij een dsm-iv-diagnose misbruik of afhankelijkheid in de algemene bevolking erg wisselend is: van alle mensen met een dsm-iv-diagnose alcoholmisbruik of -afhankelijkheid voldoet een belangrijk deel (81 en 67%) na 1 jaar al niet meer aan de minimale diagnostische criteria, terwijl een belangrijke minderheid (15 en 26%) na 3 jaar nog steeds aan de minimale criteria van de stoornis voldoet (de Bruijn e.a. 2005). Voor een aanzienlijk deel van de groep gaat het dus om een tijdelijk probleem, terwijl het voor een substantiële subgroep lijkt te gaan om een chronische stoornis. Kortom, de diagnose afhankelijkheid zegt op zich niet zo heel erg veel over het beloop van de stoornis. Kennelijk is de heterogeniteit binnen de diagnose verslaving te groot en zijn het andere of aanvullende kenmerken die bepalen hoe de stoornis zich ontwikkelt, zoals de setting (algemene bevolking, huisarts, verslavingszorg en gevangenis), ernst en de duur van de stoornis, aard van het middel of de combinatie van middelen waaraan men verslaafd is. Heterogeen effect behandeling Onderzoek heeft verder aangetoond dat er voor bijna alle vormen van verslaving op dit moment bewezen effectieve behandelingen beschikbaar zijn (Emmelkamp & Vedel 2007; van den Brink 2011). Een probleem daarbij is echter dat de effecten beperkt van omvang zijn (Cohens d = 0,30-0,60; d is een gestandaardiseerde effectmaat voor een verschil in gemiddelden). Ook heeft slechts een beperkte groep patiënten baat bij deze behandelingen (nnt = 6-10; number needed to treat is het aantal patiënten dat behandeld moet worden om er één extra beter te maken), terwijl nog onvoldoende bekend is welke patiënten wel of geen baat zullen hebben bij een bepaalde behandeling. Ook hier lijkt heterogeniteit binnen de diagnose verslaving het probleem. Toevoegen informatie Om tegemoet te komen aan de zojuist genoemde problemen met de diagnose verslaving zijn er globaal twee mogelijke strategieën: (1) opdelen van de diagnostische categorie in een groot aantal diagnostische subcategorieën of (2) het toevoegen van informatie aan de diagnostische categorie verslaving, waardoor als het ware flexibele, op de persoon van de patiënt toegesneden, diagnostische subgroepen ontstaan. Met de beoogde veranderingen in de dsm-5 lijkt de eerste oplossing een gepasseerd station. Bovendien zou een dergelijke strategie waarschijnlijk niet voldoende flexibiliteit creëren om tot een nauwkeurige, op de patiënt afgestemde behandeling te kunnen komen (personalized medicine). Met de tweede oplossing is in de oncologie ondertussen veel succesvolle ervaring opgedaan. Het gaat daarbij om een selectie van aanvullende informatie, waarbij het stadium van het ziekteproces (stagering) en de bijzondere (persoonsgebonden) ken- 942 tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012) 11
3 stagering en profilering bij verslaving merken van de ziekte (profilering) centraal staan (Beekman e.a. 2012). stagering Oncologie In de oncologie wordt voor de stagering van solide tumoren veelvuldig gebruikgemaakt van het tnm-systeem (uicc 2010; org/resources/tnm). Daarbij staat de T voor tumorgrootte (T0-Tis-T4), de N voor de aanwezigheid van positieve regionale lymfklieren (N0-N3) en de M voor de aanwezigheid van metastasen op afstand (M0-M1) (zie tabel 1). Op basis van een combinatie van deze kenmerken wordt een indeling in stadia gemaakt: stadium I (Tis-1N0M0); stadium II (T1-2N1-2M0); stadium III (T3-4N1-2M0); stadium IV (T3-4N2-3M1). Op basis van deze stadia (en de histologische kenmerken van de tumor) besluit men vervolgens of en zo ja met welk doel er geopereerd zal worden (Cowherd 2012). tnm-systeem voor verslaving Naar analogie van het tnm-systeem in de oncologie kunnen we ook een tnm-systeem voor de stagering van verslaving opstellen (tabel 2). Ontwikkeling (T) Voor de T gaan we daarbij uit van de ontwikkeling van de verslaving, waarbij over de tijd een geleidelijke uitbreiding van de ziekte naar meer en soms ook andere delen van de hersenen plaatsvindt (Koob & Volkow 2010). We spreken van T0 wanneer jongeren al op zeer jonge leeftijd middelen gebruiken zonder dat op dat moment al duidelijk is of dit risicogedrag zal uitmonden in misbruik of afhankelijkheid. Van Tis (is = in situ) is sprake als volwassenen wel frequent en vaak ook overmatig gebruiken, maar de diagnose misbruik nog niet van toepassing is. T1 staat voor misbruik (met impulsregulatiestoornissen gerelateerd aan prefrontale afwijkingen: anterieure cingulate cortex en dorsolaterale prefrontale cortex), T2 voor afhankelijkheid (met craving en saillantie gerelateerd aan afwijkingen van de orbitofrontale cortex, amygdala en ventraal striatum) en T3 voor verslaving (met dwangmatig drugzoekend gedrag dat waarschijnlijk gerelateerd is aan afwijkingen van het dorsale striatum). We maken hier overigens onderscheid tussen afhankelijkheid en verslaving om aan te geven dat tabel 1 tnm-systeem in de oncologie (Cowherd 2012; uicc 2012) Betekenis Variabele Betekenis T Tumorgrootte T0 Tis T1 T2 T3 geen (primaire) tumor carcinoma in situ kleine tumor grote tumor zonder doorgroei grote tumor met doorgroei N Regionale lymfklieren N0 N1 N2 N3 M Metastasen op afstand M0 M1 S Stadium I II II IV geen positieve lymfklieren positieve lymfklieren dichtbij tussen N1 en N3 positieve lymfklieren op afstand geen metastasen op afstand metastasen op afstand Tis-1/N0/M0: resecteerbaar (res.) T1-2/N1-2/M0: res. T3/N2-3/M0: niet res., wel operabel T3/N2-3/M1: inoperabel tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012)
4 w. van den brink/g.m. schippers er neurobiologische aanwijzingen zijn dat een dergelijk onderscheid zinvol is. Gevolgen (N) Voor de N kijken we naar de gevolgen van de verslaving voor het psychisch en het lichamelijk functioneren, waarbij N0 staat voor de afwezigheid van psychiatrische en somatische comorbiditeit en N3 voor zeer ernstige psychiatrische en/of somatische comorbiditeit, bijvoorbeeld Korsakoff ten gevolge van een alcoholverslaving of longkanker ten gevolge van een nicotineverslaving (zie tabel 2). Sociale beperkingen (M) Voor de M van het systeem kijken we naar de aanwezigheid en de ernst van de gevolgen van de verslaving voor het sociale functioneren, waarbij M0 staat voor geen of slechts geringe sociale beperkingen en M1 voor matige tot ernstige sociale beperkingen ten gevolge van het verslavingsgedrag (zie tabel 2). Gewenste intensiteit van zorg Op basis van deze kenmerken kan men verschillende stadia onderscheiden, een inschatting maken over de kans op terugval (Pedersen & Hesse 2009) en vervolgens een keuze maken voor de meest geëigende intensiteit van zorg (Merkx e.a. 2006). Bij stadium I moet bij jongeren (T0) bijvoorbeeld gekeken worden of er een onderliggende stoornis (ADHD, CD) aanwezig is die behandeld moet worden om erger te voorkomen, terwijl stadium I bij (jong)volwassenen (Tis-1) een goede indicatie is voor een internetbehandeling of een korte interventie door de huisarts. Patiënten met een verslaving stadium II en III komen het meest in aanmerking voor een korte of middellange ambulante behandeling door professionals in de verslavingszorg, terwijl alleen patiënten met een verslaving stadium IV in aanmerking komen voor een langdurige klinische behandeling of langdurige intensieve ambulante begeleiding. Diagnostisch instrument Gelukkig beschikt de verslavingszorg al over het diagnostische instrumentarium waarin de meeste aspecten van het tnm-systeem voor verslaving adequaat in beeld zijn gebracht. Met de in Nederland ontwikkelde Measurements in the tabel 2 Voorstel voor aangepast tnm-systeem voor gebruik in de verslavingszorg Betekenis Variabele Betekenis T Verslaving T0 asymptomatisch + risicofactoren (begin gebruik jonge leeftijd) Tis frequent binge-gebruik, maar voldoet niet aan diagnose misbruik T1 misbruik met patroon overmatig/ongepast gebruik middelen T2 afhankelijkheid met hunkering en (vaak) tolerantie/onthouding T3 verslaving met compulsief gebruik en verlies positieve belevingen N Comorbiditeit N0 geen bijkomende psychiatrische of somatische comorbiditeit N1 lichte psychiatrische (depressie) of somatische problemen (bijv. soa s) N2 matige psychiatrische (adhd) of somatische problemen (hiv-infectie) N3 ernstige psychiatrische (psychose) of somatische problemen (cirrose) N4 zeer ernstige psychiatrische (dementie)/terminale somatische ziekte M Sociaal disfunctioneren M0 geen of lichte sociale beperkingen M1 matige of ernstige sociale problemen S Stadium 0 T0/N>0/M0: behandeling risicofactor/stoornis I Tis-1/N0/M0: internet of eerstelijns interventie II T1-2/N1-2/M0: kort ambulant (met/zonder medicatie) III T3/N2-3/M0: langer ambulant (met medicatie) IV T3/N2-3/M1: lang(er) klinisch of lang intensief ambulant Wellicht zouden we in plaats van over een tnm-systeem beter kunnen spreken over een vcs-systeem, waarbij V staat voor de ernst van de verslaving, C voor de ernst van de aanwezige comorbiditeit en S voor de ernst van het sociale disfunctioneren. Men dient zich bij dit alles te realiseren dat het hier slechts een analogie betreft, bedoeld om van te leren en geen voorstel voor een formele classificatie. 944 tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012) 11
5 stagering en profilering bij verslaving Addictions for Triage and Evaluation (mate) kunnen we de aard en de ernst van de verslaving, van de psychiatrische en somatische comorbiditeit en van de beperkingen in het sociale functioneren nauwkeurig vaststellen. Deze kan men via een algoritme omzetten in een stadium met daaraan gekoppeld een advies voor een toewijzing van zorg met optimale intensiteit (Schippers e.a. 2010). In de mate is er echter nog onvoldoende aandacht voor risicosituaties en voorstadia die vooraf (kunnen) gaan aan een verslaving. De mate is ook niet geschikt voor het genereren van specifieke behandeladviezen, zoals het geven van antwoorden op de vraag of wel of geen medicatie moet worden ingezet en zo ja, welke medicatie voor een bepaalde patiënt het meest geschikt is. Daarvoor is nadere diagnostiek nodig, die meer is toegespitst op de (kenmerken van) de persoon van de verslaafde, of anders gezegd: daar is profilering voor nodig. profilering Welke kenmerken? Een nadere beschrijving van de kenmerken van de verslaving bij een specifieke patiënt kan zich op verschillende niveaus en verschillende aspecten richten. In de oncologie maakt men daarbij onderscheid tussen klinische, pathologische (histologie: mate van differentiatie) en moleculair genetische (genetisch profiel) kenmerken van de tumor. Op een vergelijkbare manier kan profilering bij verslaving zich richten op de persoonspecifieke aspecten van het klinische beeld (het fenotype), op de onderliggende psychodynamische of neurobiologische aspecten van de verslaving en de verslaafde (het intermediaire fenotype of het endofenotype) of op de daar weer aan ten grondslag liggende oorzaken (de ontwikkelingsgeschiedenis of het genotype). Bij de keuze van kenmerken die geschikt zijn voor het profileren van de stoornis moet men niet alleen naar de voorspellende waarde voor het beloop en de reactie op een bepaalde behandeling op groepsniveau kijken. Het is ook nodig om te kijken naar de sensitiviteit en de specificiteit van een bepaald kenmerk voor de voorspelling van de uitkomst bij een specifieke patiënt en de daarmee samenhangende betrouwbaarheid en stabiliteit van dat kenmerk. Ook moet men bij de selectie van profileringskenmerken rekening houden met de uitvoerbaarheid, de kosten en de toegevoegde voorspellende waarde. Fenotypische kenmerken zijn bijvoorbeeld gemakkelijk te meten, maar de voorspellende waarde voor het beloop of de behandeluitkomst is vaak beperkt. Endofenotypische kenmerken gemeten met neuropsychologische testen of beeldvormend onderzoek hebben vaak een geringe specificiteit en zijn niet altijd even stabiel, terwijl ook de uitvoerbaarheid en de kosten een belangrijke beperking kunnen vormen. Dat laatste geldt natuurlijk ook voor veel psychodynamische kenmerken, waarvan de voorspellende waarde bovendien meestal niet bekend is. Genetisch materiaal is tegenwoordig steeds makkelijker te verzamelen (bijvoorbeeld sputum in plaats van bloed) en het wordt steeds goedkoper om dit te analyseren. De betrouwbaarheid en de stabiliteit van de gegevens zijn uitstekend en er komen steeds meer aanwijzingen dat de toegevoegde voorspellende waarde van genetische informatie aanzienlijk kan zijn. Welke interventies? Er zijn ondertussen voldoende aanwijzingen dat profilering van belang kan zijn voor het kiezen van specifieke interventies bij verslaafden. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat zelfgerapporteerde impulsiviteit voor een belangrijk deel het effect van een behandeling met de cognitieverbeteraar modafinil bij pathologische gokkers bepaalt: patiënten met een hoge impulsiviteit hebben baat bij een dergelijke behandeling, terwijl patiënten met een geringe impulsiviteit juist verslechteren met deze behandeling (Zack & Poulos 2009). Verder blijken alcoholisten met antisociaal gedrag of met een familiaire belasting voor tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012)
6 w. van den brink/g.m. schippers alcoholafhankelijkheid beter te reageren op een behandeling met naltrexon dan alcoholisten bij wie deze factoren geen rol spelen (Rohsenow e.a. 2007). Voorspellende waarde? Als we ten slotte kijken naar de voorspellende waarde van moleculair genetische informatie, dan lijkt het effect van naltrexon bij alcoholafhankelijkheid sterk bepaald te worden door de aanwezige variant van de mu-opiaatreceptor bij de patiënt (o.a. Oslin e.a. 2003), terwijl het effect van acamprosaat bij de behandeling van alcoholisten mede bepaald wordt door genetische varianten van gamma-aminoboterzuur-, glutamaat- en dopaminereceptorgenen (Ooteman e.a. 2009). De introductie van genoombrede associatiestudies heeft er ondertussen toe geleid dat er ook hele nieuwe genetische voorspellers beschikbaar zijn gekomen voor het effect van medicamenteuze behandelingen bij verslaafden (Kiefer e.a. 2011). Deze bevindingen zijn bovendien van groot belang voor een beter inzicht in de onderliggende neurobiologische mechanismen die ten grondslag liggen aan (bepaalde) verslavingen. conclusie Uit dit korte overzicht blijkt dat stagering en profilering bij de diagnostiek en de behandeling van verslaafden een oplossing kunnen bieden voor de te grote heterogeniteit binnen de beoogde dsm-5-categorie stoornis in het gebruik van een middel. Gebruik van deze methoden zal leiden tot een betere voorspelling van het beloop, een betere inschatting van de vereiste zorgintensiteit (op basis van stagering) en een betere indicatie voor specifieke (medicamenteuze) behandelingen (op basis van profilering). Dit zal op termijn leiden tot een effectievere en efficiëntere vorm van behandeling van verslaafden met minder terugval en met aanzienlijk minder kosten voor de maatschappij. Uit het voorgaande is duidelijk geworden dat het tnm-systeem uit de oncologie daarbij een belangrijk aanknopingspunt vormt. Tegelijkertijd dient men zich te realiseren dat het hier slechts een analogie betreft en dat het tnm-systeem in de oncologie voortdurend aan verandering onderhevig is. Het model dat wij in dit artikel beschrijven, is niet meer dan een eerste aanzet tot de ontwikkeling van een stagerings- en profileringssysteem voor verslaving. De validiteit van het systeem met de daar thans in opgenomen variabelen moet voor een belangrijk deel nog empirisch getoetst worden. Stagering zorgt ervoor dat we ons niet alleen maar richten op het eindstadium van de ziekte en dat we meer aandacht krijgen voor het ontwikkelingsperspectief en dus ook voor de voorstadia en de vroege stadia van verslaving. Dat laatste heeft duidelijke voordelen voor preventie en voor vroege detectie en behandeling, maar het brengt ook risico s van overdiagnostiek en medicalisering van normaal experimenteergedrag met zich mee; aspecten die voortdurend tegen elkaar moeten worden afgewogen. Profilering kan ervoor zorgen dat er weer meer aandacht komt voor de individualiteit van de patiënt en dat behandelingen specifieker worden en de zorg beter op maat wordt aangeboden. Er is echter ook een risico dat patiënten pas behandeld kunnen gaan worden na een lang diagnostisch proces, terwijl men direct had kunnen beginnen met een in veel gevallen effectieve cognitief gedragstherapeutische behandeling. Dat laatste geldt vooral voor patiënten in de vroegere stadia van de ziekte. Hoe sneller mensen dan behandeld kunnen worden, hoe beter het is. Al met al bieden stagering en profilering in aansluiting op een professioneel uitgevoerde standaarddiagnostiek belangrijke mogelijkheden voor verbetering van de behandeling. Er moet echter wel worden gewaakt voor medicalisering en psychiatrisering van normaal experimenteergedrag van jongeren en voor verstarring van diagnostische en zorgtoewijzingsprocedures 946 tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012) 11
7 stagering en profilering bij verslaving literatuur American Psychiatric Association. DSM-5 development. APA; Beekman AT, van Os J, van Marle H, van Harten PN. Stagering en profilering van psychiatrische stoornis. Tijdschr Psychiatr 2012; 54: Brink W van den. Evidence-based Pharmacological Treatment of Substance use Disorders and Pathological Gambling. Curr Drug Abuse Rev 2011; 5: Bruijn C de, van den Brink W, de Graaf R, Vollebergh WA. The three year course of alcohol use disorders in the general population: DSM-IV, ICD-10 and the craving withdrawal model. Addiction 2006; 101: Cowherd SM. Tumor staging and grading: a primer. Methods Mol Biol 2012; 823: Emmelkamp P, Vedel E. Alcohol- en drugsverslaving: een gids voor effectief vgebleken behandelingen. Amsterdam: Nieuwezijds; Kiefer F, Witt SH, Frank J, Richter A, Treutlein J, Lemenager T, e.a. Involvement of the atrial natriuretic peptide transcription factor GATA4 in alcohol dependence, relapse risk and treatment response to acamprosate. Pharmacogenomics J 2011;11: Koob GF, Volkow ND. Neurocircuitry of addiction. Neuropsychopharmacology 2010; 35: Leshner AI. Addiction is a brain disease, and it matters. Science 1997; 278: Merkx MJ, Schippers GM, Koeter MJ, Vuijk PJ, Oudejans S, de Vries CC, e.a. Allocation of substance use disorder patients to appropriate levels of care: feasibility of matching guidelines in routine practice in Dutch treatment centres. Addiction 2007; 102: Ooteman W, Naassila M, Koeter MW, Verheul R, Schippers GM, Houchi H, e.a. Predicting the effect of naltrexone and acamprosate in alcohol-dependent patients using genetic indicators. Addict Biol 2009; 14: Oslin DW, Berrettini W, Kranzler HR, Pettinati H, Gelernter J, Volpicelli JR, e.a. A functional polymorphism of the mu-opioid receptor gene is associated with naltrexone response in alcohol-dependent patients. Neuropsychopharmacology 2003; 28: Pedersen MU, Hesse M. A simple risk scoring system for prediction of relapse after inpatient alcohol treatment. Am J Addict 2009; 18: Rohsenow DJ, Miranda R Jr, McGeary JE, Monti PM. Family history and antisocial traits moderate naltrexone s effects on heavy drinking in alcoholics. Exp Clin Psychopharmacol 2007; 15: Schippers GM, Broekman TG, Buchholz A, Koeter MW, van den Brink W. Measurements in the Addictions for Triage and Evaluation (MATE): an instrument based on the World Health Organization family of international classifications. Addiction 2010; 105: UICC. TNM classification of malignant tumours. 7de druk. Chichester: Wiley-Blackwell; tnm Zack M, Poulos CX. Effects of the atypical stimulant modafinil on a brief gambling episode in pathological gamblers with high vs. low impulsivity. J Psychopharmacol 2009; 23: auteurs wim van den brink is hoogleraar Psychiatrie en Verslaving, afd. Psychiatrie, Amsterdam Institute for Addiction Research, Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam. gerard schippers is hoogleraar Verslavingszorg en Zorgevaluatie, afd. Psychiatrie, Amsterdam Institute for Addiction Research, Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam, tevens Arkin ggz. Correspondentieadres: prof. dr. W. van den Brink, afd. Psychiatrie, Amsterdam Institute for Addiction Research, Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam, Tafelbergweg 25, 1105 BC Amsterdam. [email protected] Geen strijdige belangen meegedeeld. Het artikel werd voor publicatie geaccepteerd op tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012)
8 w. van den brink/g.m. schippers summary Staging and profiling in addication W. van den Brink, G.M. Schippers background The existence or non-existence of the formal diagnosis substance abuse or dependence is in fact of little consequence in terms of the severity of the affliction, the course of the disorder and the response to a specific type of treatment. Furthermore, the effective treatments that are currently available seem to work only in a minority of the patients in routine clinical practice. A possible reason for these discrepancies is too much heterogeneity within the diagnostic categories. The planned merging of the diagnoses substance abuse and dependence into a single diagnostic category substance use disorder in dsm-5 is likely to increase the heterogeneity still further. aim To provide suggestions for improvement of diagnosis and treatment through staging and profiling of addiction and dependency. method Study of the relevant literature. results A possible solution is to reduce the heterogeneity by the introduction of staging and profiling. Therefore, we present a model for addiction which is based on existing models in oncology and on current knowledge about the neurobiology of addiction. In addition, we demonstrate in what way individual patients with an addiction can be characterised and profiled in more detail through the use of phenotypical, endophenotypical and genetic information. conclusion The combination of diagnosis, staging and profiling will lead to more effective and efficient treatment for patients suffering from addiction. [tijdschrift voor psychiatrie 54(2012)11, ] key words addiction, dependency, dsm-5, profiling, staging 948 tijdschrift voor psychiatrie 54 (2012) 11
Verslavingsgedrag van DSM-IV naar DSM-5
korte bijdrage Verslavingsgedrag van DSM-IV naar DSM-5 ACHTERGROND In mei 2013 werd de 5de editie van de dsm gepresenteerd met belangrijke veranderingen in de classificatie van verslaving. DOEL Bespreken
Stagering en profilering van patiënten met een dubbele diagnose
korte bijdrage Stagering en profilering van patiënten met een dubbele diagnose ACHTERGROND Hoewel er in het werkveld grote behoefte is aan stageren en profileren binnen de psychiatrische diagnostiek, is
Neurobiologie van verslaving. R. Schipper Arts in opleiding tot psychiater GGNet
Neurobiologie van verslaving R. Schipper Arts in opleiding tot psychiater GGNet Inhoud Inleiding Neuropsychologische concepten Neurobiologische concepten Genen en verslaving EPA en verslaving Inleiding
Wat doen zelfhulp en vroeghulp aan verslaving?
Wat doen zelfhulp en vroeghulp aan verslaving? Dag van de verslaving 12 oktober 2007 Gerard M. Schippers Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam Tijdschrift sinds 2005 Bohn Stafleu Van Loghum
Diagnose en classificatie in de psychiatrie
Diagnose en classificatie in de psychiatrie Klinische Validiteit Research Betrouwbaarheid Prof dr Bert van Hemert psychiater en epidemioloog Afdelingshoofd psychiatrie DBC Kosten-baten 2 Diagnosen in de
De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS
Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering
Onderzoek naar werkzaamheid schematherapie bij borderline persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid
Onderzoek naar werkzaamheid schematherapie bij borderline persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid presentatie ESPRi Symposium 26-11-2015 Michiel Boog, klinisch psycholoog, psychotherapeut Titel:
Clinical Staging en Vroege Interventie voor Borderline Persoonlijkheidsstoornis
Clinical Staging en Vroege Interventie voor Borderline Persoonlijkheidsstoornis Christel Hessels Symposium, 16 maart 2017 Persoonlijkheidsstoornissen gedurende de levensloop Borderline persoonlijkheidsstoornis
Gerard M. Schippers. Diagnos3ek en triage in de behandeling van alcoholverslaving
Gerard M. Schippers Diagnos3ek en triage in de behandeling van alcoholverslaving Symposium Nieuwe ontwikkelingen in de behandeling van alcoholverslaving 1-11- 2013 THE AMSTERDAM INSTITUTE FOR ADDICTION
Stagering en Profilering van Verslavingsziekten
Stagering en Profilering van Verslavingsziekten Wim van den Brink Academic Medical Center University of Amsterdam Amsterdam Institute for Addiction Research MATE Forum 2011 AMC Amsterdam 23 juni Inhoudsopgave
hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de
MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN. Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein
MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein 28 november 2014 Middelengerelateerde problematiek 1. Algemeen A. Middelengebruik in België B. Gevolgen:
Farmacotherapeutische behandelmogelijkheden bij alcoholafhankelijkheid. Dr. De Mulder Psychiater-PsychotherapeutePAAZ H.-Hartziekenhuis Lier
Farmacotherapeutische behandelmogelijkheden bij alcoholafhankelijkheid Dr. De Mulder Psychiater-PsychotherapeutePAAZ H.-Hartziekenhuis Lier Alcohol: Epidemiologische gegevens WHO: Europa, regio hoogste
Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit
1 Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit Nicola G. de Vries Open Universiteit Nicola G. de Vries Studentnummer 838995001 S71332 Onderzoekspracticum scriptieplan
HERSENZIEKTEN, AUTONOMIE EN GEDRAG. Werkbezoek OM Dordrecht 6-10-2009
HERSENZIEKTEN, AUTONOMIE EN GEDRAG Werkbezoek OM Dordrecht 6-10-2009 Co-morbiditeit is de norm (gegevens uit intern onderzoek Bouman GGZ) HEROÏNE (VAAK POLYDRUGGE BRUIK) ALCOHOL STIMULAN- TIA CANNABIS
PK Broeders Alexianen Tienen
PROGRAMMA 09u30 Ontvangst Koffie 10u00 Verwelkoming en inleiding Ivo Vanschooland Dr. H. Peuskens Getuigenis Pauze Getuigenis Herman Hacour 12u00 Aperitief en lunch 14u00 Werkgroepen begeleid door: Hacour
GGz in de huisartsenpraktijk. Christina Van der Feltz-Cornelis Symposium: Huisarts en POH GGz: samen sterker! Nieuwegein 22 januari 2015
GGz in de huisartsenpraktijk Christina Van der Feltz-Cornelis Symposium: Huisarts en POH GGz: samen sterker! Nieuwegein 22 januari 2015 MODEL BASISGGZ Model BasisGGz-Generalistische GGz-Specialistische
Behandeleffecten. in Forensisch Psychiatrisch Center de Rooyse Wissel. Treatment effects in. Forensic Psychiatric Centre de Rooyse Wissel
Behandeleffecten in Forensisch Psychiatrisch Center de Rooyse Wissel Treatment effects in Forensic Psychiatric Centre de Rooyse Wissel S. Daamen-Raes Eerste begeleider: Dr. W. Waterink Tweede begeleider:
Disclosure belangen Dyllis van Dijk
Disclosure belangen Dyllis van Dijk (Potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële) vergoeding
INDICATIE VOOR ZORG EN BEHANDELING IN DE VERSLAVINGSZORG CALL RESULTATEN SCOREN
INDICATIE VOOR ZORG EN BEHANDELING IN DE VERSLAVINGSZORG CALL RESULTATEN SCOREN April 2016 Aanleiding en context Eén van de eerste producten ontwikkeld door Resultaten Scoren betrof de Module Intake met
Je bent alleen maar verslaafd! Wim van Loon, Psychiater. 10 februari 2014
Je bent alleen maar verslaafd! Wim van Loon, Psychiater. 10 februari 2014 Comorbiditeit: Voorkomen van verschillende stoornissen bij 1 persoon. Dubbele diagnose: Verslaving (afhankelijkheid en misbruik
Back to the future: oude en nieuwe behandelingen Prof. Dr. Geert Dom, Hoogleraar, Universiteit Antwerpen (UA, CAPRI)
Back to the future: oude en nieuwe behandelingen Prof. Dr. Geert Dom, Hoogleraar, Universiteit Antwerpen (UA, CAPRI) [email protected] Alcohol Wat komt op ons af of is er al? Drugs x 80/jaar Medicatie
Nederlandse samenvatting
Addendum A 173 Nederlandse samenvatting Het doel van het onderzoek beschreven in dit proefschrift was om de rol van twee belangrijke risicofactoren voor psychotische stoornissen te onderzoeken in de Ultra
Samenvatting. Samenvatting
Samenvatting Op grond van klinische ervaring en wetenschappelijk onderzoek, is bekend dat het gezamenlijk voorkomen van een pervasieve ontwikkelingsstoornis en een verstandelijke beperking tot veel bijkomende
Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and
Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers
Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën
Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën The Relation between Personality, Education, Age, Sex and Short- and Long- Term Sexual
Individuele gevoeligheid voor riskant middelengebruik in de adolescentie. Anja Huizink
Individuele gevoeligheid voor riskant middelengebruik in de adolescentie Anja Huizink Adolescentie = grenzen verkennen Op zoek naar prikkels Brein in ontwikkeling Nucleus accumbens (basale ganglia): -
Roesmiddelen en probleemgedrag: naar een Forensische Verslavingspsychiatrie?! Werkbezoek NIFP 26-06-2008
Roesmiddelen en probleemgedrag: naar een Forensische Verslavingspsychiatrie?! Werkbezoek NIFP 26-06-2008 Achter dat probleemgedrag zit(ten). De gevolgen van middelengebruik op het gedrag Mogelijk verslaving
Middelgerelateerde en verslavingsstoornissen
Middelgerelateerde en verslavingsstoornissen Van DSM-IV naar DSM-5 Sietske Dellbrügge JACQUELINE HOVENS Denken over verslaving Moreel model Heropvoedingskampen Farmacologisch model Drankbestrijding Symptomatisch
Disclosure belangen Dyllis van Dijk
Disclosure belangen Dyllis van Dijk (Potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Geen Geen Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële)
Behandeling van verslaving en comorbiditeit. de Noord Nederlandse ervaring
Behandeling van verslaving en comorbiditeit de Noord Nederlandse ervaring Gent 14 nov2014 Primaire problematiek naar voorkomen in bevolking en % in behandeling 1 Setting van hulp in VZ VNN 34 ambulante
Risk & Requirements Based Testing
Risk & Requirements Based Testing Tycho Schmidt PreSales Consultant, HP 2006 Hewlett-Packard Development Company, L.P. The information contained herein is subject to change without notice Agenda Introductie
Positioneren van de SPV
Regiobijeenkomst SPV-en Friesland 27 november 2014 Positioneren van de SPV Gerard Lohuis Historie van SPV Eind jaren 60 vorige eeuw - Opnamebekorten - Opname voorkomen - Professional die in de thuissituatie
Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag. Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer?
Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer? Type of Dementia as Cause of Sexual Disinhibition Presence of the Behavior in Alzheimer s Type? Carla
Vijf jaar routine outcome management in de ambulante verslavingszorg
korte bijdrage Vijf jaar routine outcome management in de ambulante verslavingszorg s.c.c. oudejans, g.m. schippers, m.e. spits, m. stollenga, w. van den brink achtergrond In het project Benchmark Leefstijltraining
Running head: OPVOEDSTIJL, EXTERNALISEREND PROLEEMGEDRAG EN ZELFBEELD
1 Opvoedstijl en Externaliserend Probleemgedrag en de Mediërende Rol van het Zelfbeeld bij Dak- en Thuisloze Jongeren in Utrecht Parenting Style and Externalizing Problem Behaviour and the Mediational
Inhoud. deel i de omvang en aard van het probleem 19. Voorwoord 1 1
Voorwoord 1 1 deel i de omvang en aard van het probleem 19 1 Psychiatrische comorbiditeit van verslaving in relatie tot criminaliteit 2 1 Arne Popma, Eric Blaauw, Erwin Bijlsma 1.1 Inleiding 2 2 1.2 Psychiatrische
Prevalentie en behandeling van ADHD bij patiënten met een verslaving
Prevalentie en behandeling van ADHD bij patiënten met een verslaving Katelijne van Emmerik van Oortmerssen Ellen Vedel Wim van den Brink Robert A. Schoevers overzicht Achtergrond IASP prevalentie studie
Schizofrenie en comorbide verslaving
Schizofrenie en comorbide verslaving Wilma Reesink GGZ Verpleegkundig Specialist GGNet Apeldoorn Workshopindeling: 1. Stellingen bespreken aan de hand van het Lagerhuismodel met doel: kennis testen, dilemma
Stadiëring en interepisodisch functioneren bij Bipolaire Stoornissen
Stadiëring en interepisodisch functioneren bij Bipolaire Stoornissen Ralph Kupka hoogleraar Bipolaire Stoornissen VU Medisch Centrum Academische Zorglijn Bipolair, GGZinGeest Altrecht Bipolair Stabiel
Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon
Zelfwaardering en Angst bij Kinderen: Zijn Globale en Contingente Zelfwaardering Aanvullende Voorspellers van Angst bovenop Extraversie, Neuroticisme en Gedragsinhibitie? Self-Esteem and Fear or Anxiety
Mentaal Weerbaar Blauw
Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.
Disclosure belangen Janneke Valk, bedrijfsarts
Disclosure belangen Janneke Valk, bedrijfsarts (potentiële) belangenverstrengeling Geen / Zie hieronder Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium
De Samenhang tussen Dagelijkse Stress, Emotionele Intimiteit en Affect bij Partners met een. Vaste Relatie
De Samenhang tussen Dagelijkse Stress, Emotionele Intimiteit en Affect bij Partners met een Vaste Relatie The Association between Daily Stress, Emotional Intimacy and Affect with Partners in a Commited
Academische Werkplaats Ernstige Psychotische Aandoeningen
Academische Werkplaats Ernstige Psychotische Aandoeningen 1 Inhoud 1. a. Missie en b. Geschiedenis 2. Wie zijn wij? 3. Wat gaan wij doen? a. Stadia en profiel b. Interventie onderzoek c. Onderwijs en opleiding
Autisme en de DSM-5 symposium autismenetwerk Zuid- Holland Zuid Autismeweek
Autisme en de DSM-5 symposium autismenetwerk Zuid- Holland Zuid Autismeweek Woensdag 2 april 2014 Ad van der Sijde, Yulius Autisme Paul Reijnen, BOBA Inhoud Presentatie Vragen Veranderingen DSM-5 autisme
Persoonlijkheidsstoornissen
DSM-5 WHITEPAPER Persoonlijkheidsstoornissen Bij persoonlijkheidsstoornissen is sprake van manieren van over zichzelf en anderen denken en voelen die een aanzienlijke negatieve invloed hebben op het functioneren
Angst & Verslaving. Angst en verslaving 10 oktober 2014 Bouwe Pieterse, psychiater
Angst & Verslaving Angst en verslaving 10 oktober 2014 Bouwe Pieterse, psychiater Inhoudsopgave Achtergrond Etiologie Epidemiologie Diagnostiek Behandeling Kushner ea Multidisciplinaire Richtlijn alcohol
Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?
De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve
Nora Volkow, Director NIDA
APA TeleReview 2008 Verslaving Prof. dr. Wim van den Brink AMC, Amsterdam 8 mei 2008 Nora Volkow, Director NIDA Nora Volkow en Salience Shifting TAMAR TAMAR Inhoudsopgave Epidemiologie Neurobiologie van
LOWER RESPIRATORY TRACT INFECTIONS IN ADULTS: A CLINICAL DIAGNOSTIC STUDY GENERAL PRACTICE
LOWER RESPIRATORY TRACT INFECTIONS IN ADULTS: A CLINICAL DIAGNOSTIC STUDY IN GENERAL PRACTICE A.W. Graffelman LOWER RESPIRATORY TRACT INFECTIONS IN ADULTS: A CLINICAL DIAGNOSTIC STUDY IN GENERAL PRACTICE
Modafinil bij alcoholafhankelijke patiënten: het effect op terugval
korte bijdrage Modafinil bij alcoholafhankelijke patiënten: het effect op terugval l. joos, l. schmaal, n. broos, a.e. goudriaan achtergrond Terugval in alcoholproblematiek komt bij ruim de helft van de
Validatie van de Depressie lijst (DL) en de Geriatric Depression Scale (GDS-30) bij Verpleeghuisbewoners
Validatie van de Depressie lijst (DL) en de Geriatric Depression Scale (GDS-30) bij Verpleeghuisbewoners van Somatische en Psychogeriatrische Afdelingen Validation of the Depression List (DL) and the Geriatric
Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen?
Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Richtlijnen Casus IDDT Richtlijnen, wat zeggen ze niet! Richtlijnen Dubbele Diagnose, Dubbele hulp (2003) British
Disclosure belangen spreker
Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële) vergoeding Aandeelhouder
Terugvalpreventie bij anorexia nervosa
Terugvalpreventie bij anorexia nervosa Tamara Berends, Verpleegkundig Specialist GGZ Altrecht Eetstoornissen Rintveld Lectoraat Zorg & Innovatie in de Psychiatrie Utrecht Research Group Eating disorders
DEEL 1 PROTOCOL SCREENING EN DIAGNOSTIEK VAN ADHD BIJ VERSLAVING
DEEL 1 PROTOCOL SCREENING EN DIAGNOSTIEK VAN ADHD BIJ VERSLAVING 1 Het protocol screening en diagnostiek 1.1 Algemene toelichting Attention-deficit/hyperactivity disorder (aandachtstekortstoornis met
Emotionele Arbeid, de Dutch Questionnaire on Emotional Labor en. Bevlogenheid
Emotionele Arbeid, de Dutch Questionnaire on Emotional Labor en Bevlogenheid Emotional Labor, the Dutch Questionnaire on Emotional Labor and Engagement C.J. Heijkamp mei 2008 1 ste begeleider: dhr. dr.
Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten
Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents
De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.
RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede
Depressief syndroom Persoonlijke Psychiatrie,
Depressief syndroom Persoonlijke Psychiatrie, 21-6-2017 Jan Spijker, psychiater, hoogleraar Chronische Depressie, Radboud Universiteit Nijmegen hoofd programma depressie Pro Persona, Nijmegen Indeling
Effecten van een op MBSR gebaseerde training van. hospicemedewerkers op burnout, compassionele vermoeidheid en
Effecten van een op MBSR gebaseerde training van hospicemedewerkers op burnout, compassionele vermoeidheid en compassionele tevredenheid. Een pilot Effects of a MBSR based training program of hospice caregivers
Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis.
Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met een Psychotische Stoornis. The Effect of Assertive Community Treatment (ACT) on
INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren
De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:
Samenvatting. Samenvatting
amenvatting Het aantal mensen met dementie neemt toe. De huisarts speelt een sleutelrol in het (h)erkennen van signalen die op dementie kunnen wijzen en hiermee in het stellen van de diagnose dementie,
Verslaving en verslavingszorg
korte bijdrage Verslaving en verslavingszorg w. van den brink, g.m. schippers samenvatting In de laatste 50 jaar is de kennis over de epidemiologie, de etiologie, de pathogenese, de preventie en de behandeling
GENDER, COMORBIDITY & AUTISM Inleiding INHOUD Opzet en Bevindingen per onderzoek Algemene Discussie Aanbevelingen Patricia J.M. van Wijngaarden-Cremers Classifications & Gender Patient cohort 2004 Clusters
Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.
Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary
Verslaving apart? Dubbele diagnostiek als standaardbehandeling. dr. C.A. Loth
Verslaving apart? Dubbele diagnostiek als standaardbehandeling in de GGz dr. C.A. Loth Cijfers 1,2 miljoen alcoholisten/problematische drinkers 1,8 miljoen dagelijkse gebruikers benzo s, 22 % gebruikt
Slaapstoornissen in de psychiatrie: het belang van behandeling
Slaapstoornissen in de psychiatrie: het belang van behandeling - Dr. Marike Lancel - Divisie Forensische Psychiatrie Slaapcentrum voor Psychiatrie Assen Het interactieve brein in slaap 12-10-2012 Slaapstoornissen
Behandeling van problematisch middelengebruik van leefstijltraining naar cognitieve gedragstherapie
Behandeling van problematisch middelengebruik van leefstijltraining naar cognitieve gedragstherapie Dr Wencke de Wildt Directeur behandelzaken Jellinek GZ psycholoog VGCT 2016 Inhoud 15 jaar cognitieve
Cognitieve stoornissen bij patiënten met een bipolaire stoornis
Cognitieve stoornissen bij patiënten met een bipolaire stoornis Marieke J. van der Werf-Eldering, psychiater Overige werkgroepleden: Nienke Jabben, Baer Arts en Siegried Schouws Overzichtsartikel Cognitieve
Summary 124
Summary Summary 124 Summary Summary Corporate social responsibility and current legislation encourage the employment of people with disabilities in inclusive organizations. However, people with disabilities
De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering
De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering The Relationship between Daily Hassles and Depressive Symptoms and the Mediating Influence
dr. Wiepke Cahn UMCUtrecht
dr. Wiepke Cahn UMCUtrecht Ypsilon 30 jaar Schizofrenie onderzoek staat in Nederland nu 20 jaar op de kaart - Ypsilon en onderzoekers trekken met elkaar op sinds die tijd Epidemiologische studies genetica
De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en. proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten
De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten The relationship between depression symptoms, anxiety symptoms,
Linking Depression. Longitudinal and neuroimaging genetic studies in major depressive disorder. Esther Opmeer
Linking Depression Longitudinal and neuroimaging genetic studies in major depressive disorder Esther Opmeer Nederlandse Samenvatting Depressie staat in de top 3 van ziekten die de meeste ziektelast geven
Ouderen en verslaving Dick van Etten Verpleegkundig Specialist GGZ Centrum Maliebaan
Ouderen en verslaving Dick van Etten Verpleegkundig Specialist GGZ Centrum Maliebaan U moet de bakens verzetten en noch sterke drank, noch bier meer gebruiken: houdt u aan een matig gebruik van een redelijke
Screenen op psychische aandoeningen onder WIA-aanvragers
Screenen op psychische aandoeningen onder WIA-aanvragers Bert Cornelius - Muntendam Symposium 2010 The performance of the K10, K6 and GHQ-12 screening scales to detect present state psychiatric disorders
Neurobiologische achtergronden van agressie
Neurobiologische achtergronden van agressie Studiedag EFCAP 2010 arne popma vumc, academische afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie 1 2 boodschap om mee naar huis te nemen biologische factoren alleen kunnen
Masterroute Klinische Psychologie
Masterroute Klinische Psychologie Masterweek Marieke Pijnenborg Contact Twee Coördinatoren Wiljo van Hout Ineke Wessel Eén e-mailadres [email protected] Wetenschappelijke oriëntatie Onderwijs
Nonrespons en ernstige klachten bij OCD: richtlijnen herzien? Else de Haan PhD Lidewij Wolters PhD Amsterdam, the Netherlands
Nonrespons en ernstige klachten bij OCD: richtlijnen herzien? Else de Haan PhD Lidewij Wolters PhD Amsterdam, the Netherlands Behandeling OCS bij kinderen Cognitieve gedragstherapie (CGT) Combinatie CGT
Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN
Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN Het Effect van Online Cognitieve Gedragstherapie op Seksuele Disfuncties bij Vrouwen The Effectiveness of Internet-based Cognitive-Behavioural
De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior
De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:
Innovaties voor Amsterdammers met GGZ problematiek. Prof.dr. J.H. Smit jh.smit@ggzingeest
Innovaties voor Amsterdammers met GGZ problematiek Prof.dr. J.H. Smit jh.smit@ggzingeest Directeur Onderzoek & Innovatie GGZ Ingeest Afdeling Psychiatrie Vumc Psychiatrie in getallen: wereldwijd in 2010
2 SYSTEMEN IN 1 HOOFD
2 SYSTEMEN IN 1 HOOFD Dr. Eva Debusscher Psychiater Eenheid Ontwenning dr. Céline Hinnekens Doctor in de psychologie; Psycholoog Eenheid Ontwenning INTRODUCTIE INTRODUCTIE INTRODUCTIE INTRODUCTIE OVERZICHT
Het Verband Tussen Negatieve Levensgebeurtenissen, 5-HTTLPR en Reactieve. Agressie. Pien S. Martens. Open Universiteit Heerlen
REACTIEVE AGRESSIE Het Verband Tussen Negatieve Levensgebeurtenissen, 5-HTTLPR en Reactieve Agressie Pien S. Martens Open Universiteit Heerlen Naam student: Pien Sophie Martens Studentnummer: 850945172
Vergelijking MMPI-2 met MMPI-2-Restructured Form (RF) Voor As-I. Pathologie Binnen de Testdiagnostiek
Vergelijking MMPI-2 met 1 Vergelijking MMPI-2 met MMPI-2-Restructured Form (RF) Voor As-I Pathologie Binnen de Testdiagnostiek Comparison between MMPI-2 and MMPI-2-Restructured Form (RF) for Axis-I Pathology
Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1
Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1 Relatie tussen Attitude, Sociale Invloed en Self-efficacy en Intentie tot Contact tussen Ouders en Leerkrachten bij Signalen van Pesten
CAT VRAGEN OEFENEN Week 4. Cursus Psychisch Functioneren Mw. dr. U. Klumpers, psychiater/ cursuscoördinator Maandag 25 maart 2013
CAT VRAGEN OEFENEN Week 4 Cursus Psychisch Functioneren Mw. dr. U. Klumpers, psychiater/ cursuscoördinator Maandag 25 maart 2013 1. De moeder van Julian, 16 jaar, komt bij de huisarts. Julian heeft in
Cannabis. Van frequent naar afhankelijk gebruik
Improving Mental Health by Sharing Knowledge Cannabis Van frequent naar afhankelijk gebruik CanDepgroep Peggy van der Pol Margriet van Laar Ron de Graaf Nienke Liebregts Wim van den Brink Dirk Korf Frequent
Antisociaal gedrag en problematisch middelengebruik. KFZ call
Antisociaal gedrag en problematisch middelengebruik KFZ call 2015-9 Projectgroep Auteurs: Fleur Kraanen, Joan van Horn*, Jan van Amsterdam, Roos Dekker, Juliette Hutten en Lieke Nentjes. Klinische Psychologie,
Gepersonaliseerde verslavingszorg is mogelijk en moet gepraktiseerd worden
Gepersonaliseerde verslavingszorg is mogelijk en moet gepraktiseerd worden Wim van den Brink Academic Medical Center University of Amsterdam Amsterdam Institute for Addiction Research Amsterdamse School
Middelen, delictgedrag en leefstijltraining. Marscha Mansvelt
Middelen, delictgedrag en leefstijltraining Marscha Mansvelt Inhoud Hoe gaat de Waag om met middelengebruik als risicofactor voor delictgedrag? Leefstijltraining 1. Alcohol is de meest sociaal geaccepteerde
Denken en Doen Doen of Denken Het verband tussen seksueel risicovol gedrag en de impulsieve en reflectieve cognitie.
0 Denken en Doen Doen of Denken Het verband tussen seksueel risicovol gedrag en de impulsieve en reflectieve cognitie. Denken en Doen Doen of Denken Het verband tussen seksueel risicovol gedrag en de impulsieve
Diagnostiek van Persoonlijkheidsstoornissen. De Relatie tussen. Persoonlijkheidskenmerken en de. Kernfactoren van (Mal)Adaptief Functioneren
Diagnostiek van Persoonlijkheidsstoornissen De Relatie tussen Persoonlijkheidskenmerken en de Kernfactoren van (Mal)Adaptief Functioneren bij Patiënten met Persoonlijkheidsstoornissen Diagnostics of Personality
De beste zorg voor psychische en verslavingsproblemen
De beste zorg voor psychische en verslavingsproblemen 3 Parnassia Groep is specialist in geestelijke gezondheid Psychische klachten, een psychische stoornis of ziekte: ze kunnen iedereen treffen en ernstig
