Hogeschool Zuyd, Sittard
|
|
|
- Erika Eilander
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: Small Business & Retail Management Niveau: hbo bachelor Croho: Varianten: voltijd/duaal Visitatiedatum: 26 en 27 september 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december 2007
2 2/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
3 Inhoud 3 Deel A: Onderwerpen Voorwoord Inleiding Werkwijze Oordeelsvorming Oordelen per facet en onderwerp 11 Deel B: Facetten 15 Onderwerp 1 Doelstelling van de opleiding 17 Onderwerp 2 Programma 19 Onderwerp 3 Inzet van personeel 31 Onderwerp 4 Voorzieningen 34 Onderwerp 5 Interne kwaliteitszorg 36 Onderwerp 6 Resultaten 39 Deel C: Bijlagen 43 Bijlage 1: Onafhankelijkheidsverklaring panelleden 44 Bijlage 2: Deskundigheden panelleden 50 Bijlage 3: Bezoekprogramma 54 Bijlage 4: Overzichtslijst van door de opleiding ter inzage gelegd materiaal 56 Bijlage 5: Domeinspecifieke competenties 57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 3/57
4 4/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
5 Deel A: Onderwerpen NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 5/57
6 6/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
7 1.1 Voorwoord Dit rapport is het verslag van het panel dat in opdracht van NQA de opleiding Small Business and Retail Management van de Hogeschool Zuyd heeft onderzocht. Het beschrijft de werkwijze, de bevindingen en de conclusies. Het onderzoek heeft plaatsgevonden in het kader van de accreditatie van hogere beroepsopleidingen. Het onderzoek is begonnen in augustus 2007, toen het zelfevaluatierapport bij NQA is aangeleverd. Als onderdeel van het onderzoek heeft het panel de opleiding gevisiteerd op 26 en 27 september 2007, samen met de opleiding Commerciële Economie. Het panel bestond uit: De heer drs. R.E. de Graaff (voorzitter, domeinpanellid CE); De heer prof. mr. drs. J.Th. Degenkamp (domeinpanellid SB&RM); De heer drs. J.W.G. van Scheerdijk (domeinpanellid SR&RM); Mevrouw S. van Schaik (studentpanellid CE); Mevrouw drs. M.E. Voorthuis (NQA-auditor), Mevrouw E.J. Stolp (NQA-junior auditor). Dit panel voldoet aan de eisen zoals gesteld in het document Protocol ter beoordeling van de werkwijze van visiterende en beoordelende instanties van de NVAO (22 augustus 2005). Het panel beschikt over relevante werkvelddeskundigheid en over vakdeskundigheid. Onder vakdeskundigheid wordt verstaan het vertrouwd zijn met de meest recente ontwikkelingen en vertrouwd met lesgeven en beoordeling en toetsing minstens op het niveau/oriëntatie van de te beoordelen opleiding. Daarnaast beschikt het panel over onderwijsdeskundigheid, studentgebonden deskundigheid en visitatiedeskundigheid (zie bijlage 2). Het rapport bestaat uit drie delen: Deel A: een hoofdrapport, het Onderwerprapport, waarin de oordelen van het panel over de basiskwaliteit van de opleiding op onderwerpniveau worden uitgesproken met daarbij de overwegingen waarop die oordelen zijn gebaseerd. Het gaat hier om oordelen in de gradatie positief/negatief. Tevens wordt hier het eindoordeel geformuleerd. Deel B: een Facetrapport waarin op facetniveau door het panel oordelen en argumenten ter onderbouwing van dat oordeel worden gegeven. De oordelen gaan uit van de vierpuntsschaal (onvoldoende, voldoende, goed en excellent) conform het voorschrift van de NVAO. Uitzondering hierop is facet 2.6, als gevolg van aanvullende instructies van de NVAO wordt hier het oordeel voldaan of niet voldaan gegeven. Dit Facetrapport vormt de basis van het Onderwerprapport. Deel C: hierin zijn alle relevante bijlagen opgenomen. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 7/57
8 1.2 Inleiding Op 1 januari 2001 is de Hogeschool Zuyd ontstaan uit een fusie tussen de Hogeschool Limburg en de Hogeschool Maastricht. Hogeschool Zuyd biedt 50 bacheloropleidingen en 6 masteropleidingen aan, verdeeld over zes sectoren: economie, gezondheidszorg, kunst, onderwijs, gedrag & maatschappij en techniek. Deze opleidingen zijn geclusterd in 19 faculteiten met locaties in Heerlen, Maastricht en Sittard. De faculteiten worden door diverse hogeschoolbrede diensten ondersteund. De hogeschool telt circa studenten en 1350 medewerkers. De opleiding Small Business and Retail Management (SB&RM) in Sittard maakt deel uit van de faculteit Commercieel Management van de Hogeschool Zuyd. De opleiding is in 2002 gestart met een voltijd en duale variant. Het aantal voltijdstudenten, dat instroomt is sinds 2002 gemiddeld 71, voor de duale variant is de gemiddelde instroom sinds studenten. Gelijktijdig met de visitatie van SB&RM is de opleiding CE gevisiteerd, waarover een afzonderlijke rapportage verschijnt. In de marge is de nieuwe opleiding Commercieel Management (CM) onderzocht. CM is een Brede Bachelor waarin de huidige opleidingen CE en SB&RM alsook de reeds geaccrediteerde opleiding Food & Business middels een planningsneutrale conversie worden opgenomen. In september 2007 is de nieuwe opleiding van start gegaan. Vanaf dat moment worden de huidige opleidingen afgebouwd. Het onderwijsconcept van de opleiding SB&RM (Vraaggestuurd Competentiegericht Maatwerkonderwijs of VCM) dient als voorbeeld voor de opzet van de nieuwe opleiding CM, gebaseerd op een intern onderzoek naar het VCM-concept. De opleiding SB&RM is nog niet eerder gevisiteerd. 1.3 Werkwijze De beoordeling van de opleiding door het panel verliep volgens de werkwijze zoals die is neergelegd in het Beoordelingsprotocol van NQA. Deze werkwijze wordt hieronder beschreven. Het onderzoek vond plaats op basis van het domeinspecifieke referentiekader dat voor de opleiding geldt (zie facet 1.1). NQA onderscheidt drie fasen in het visiteren: de voorbereidingsfase, het eigenlijke bezoek door het panel en de rapportagefase. Hieronder volgt een korte toelichting per fase. De voorbereidingsfase Allereerst heeft een NQA-auditor het zelfevaluatierapport gecontroleerd op kwaliteit en compleetheid (de validatie) en daarmee op bruikbaarheid voor de visitatie. Vervolgens bereidden de panelleden zich in de periode augustus 2007 inhoudelijk voor op het bezoek in september /57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
9 Zij bestudeerden het zelfevaluatierapport (en bijlagen), formuleerden in een beoordelingsformat hun voorlopige oordelen op basis van argumenten en zij formuleerden vraagpunten. Zij gaven hun bevindingen door aan de NQA-auditor. Op basis van een overzicht van voorlopige oordelen inventariseerde de NQA-auditor tenslotte kernpunten en prioriteiten voor materialenonderzoek en gesprekken. Tijdens een voorbereidende vergadering is het bezoek door het panel voorbereid. De opleiding heeft in haar zelfevaluatierapport kenbaar gemaakt voor welk domeinspecifiek referentiekader zij kiest. De NQA-auditor heeft met de domeindeskundigen in het panel bekeken of sprake is van adequate domeinspecifieke doelstellingen, of dat nadere aanvulling dan wel nadere specificatie nodig is. In het facetrapport is aangegeven op welke landelijke beroeps- en opleidingsprofielen het domeinspecifieke kader (en het opleidingsprogramma) is gebaseerd. Het bezoek door het panel NQA heeft een bezoekprogramma ontwikkeld voor de (dag-)indeling van het bezoek door het panel, dat is aangepast aan de specifieke situatie van de opleiding (bijlage 3). Er vonden gesprekken plaats met het opleidingsmanagement, docenten, studenten, afgestudeerden en met werkveldvertegenwoordigers, alsook met onderwijsontwikkelaars van de nieuwe opleiding CM. Aan het begin en tijdens het bezoek heeft het panel ter inzage gevraagd materiaal bestudeerd. Tussen de gesprekken door heeft het panel ruimte ingelast om de bevindingen uit te wisselen en te komen tot gezamenlijke en meer definitieve (tussen-) oordelen. De bevindingen zijn door de panelleden beargumenteerd. Aan het einde van het bezoek heeft de voorzitter een mondelinge terugkoppeling gegeven van enkele indrukken en ervaringen van het panel, zonder expliciete oordelen uit te spreken. De fase van rapporteren Door NQA is, op basis van de bevindingen van het panel, een tweeledige rapportage opgesteld, bestaande uit een facetrapport en een onderwerprapport, waarin de kwaliteit van de opleiding is beoordeeld. Met dit rapport kan de opleiding accreditatie aanvragen bij de NVAO. NQA heeft in november 2007 een concept van het totaalrapport, bestaande uit het onderwerprapport (deel A) en het facetrapport (deel B) naar de opleiding gestuurd voor een controle op feitelijke onjuistheden. Naar aanleiding van de door de opleiding gemaakte opmerkingen zijn wijzigingen aangebracht. Het definitieve rapport is door het panel vastgesteld in december 2007 en in dezelfde maand ter beschikking gesteld aan de opleiding, die het samen met de accreditatieaanvraag kan indienen bij de NVAO. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 9/57
10 1.4 Oordeelsvorming In dit hoofdstuk wordt per onderwerp een oordeel uitgesproken op basis van weging van de facetten die van dat onderwerp deel uitmaken. Bij deze weging spelen de beslisregels zoals die door de NQA in het Beoordelingsprotocol zijn geformuleerd en nader uitgewerkt in de notitie Handreiking voor oordeelsvorming een belangrijke rol. Tevens is bij de beoordeling rekening gehouden met accenten die de opleiding eventueel legt, het domeinspecifieke kader en een vergelijking met andere relevante opleidingen op een aantal aspecten. Het eindoordeel is voorzien van een aanvullende tekst als sprake is van: weging van de oordelen op facetniveau; benchmarking; generieke bevindingen die het facetniveau overschrijden; bepaalde accenten respectievelijk best practices. In de oordelen per onderwerp wordt steeds een herhaling gegeven van de oordelen op de facetten gevolgd door een weging die leidt tot het eindoordeel. De (uitgebreide) argumentatie is te vinden in het facetrapport. Daar waar een argumentatie/beoordeling voor duaal afwijkt van de voltijd, is dit expliciet vermeld. Indien dit niet wordt vermeld, gelden voor de duale opleiding dezelfde argumentatie/oordelen als voor de voltijdopleiding, aangezien de duale opleiding inhoudelijk voornamelijk is gebaseerd op dezelfde module-inhouden als de voltijdopleiding. Volgorde en onderwijsmethodieken kunnen daarbij verschillen. 10/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
11 1.5 Oordelen per facet en onderwerp Totaaloverzicht van oordelen op facet- en onderwerpniveau Onderwerp/Facet SB&RM voltijd SB&RM duaal Onderwerp 1 Doelstelling van de opleiding 1.1 Domeinspecifieke eisen voldoende voldoende 1.2 Niveau bachelor goed goed 1.3 Oriëntatie HBO bachelor goed goed Totaaloordeel Positief Positief Onderwerp 2 Programma 2.1 Eisen HBO voldoende voldoende 2.2 Relatie doelstellingen en inhoud programma goed goed 2.3 Samenhang in opleidingsprogramma voldoende voldoende 2.4 Studielast voldoende voldoende 2.5 Instroom goed goed 2.6 Duur voldaan voldaan 2.7 Afstemming tussen vormgeving en inhoud excellent excellent 2.8 Beoordeling en toetsing voldoende voldoende Totaaloordeel Positief Positief Onderwerp 3 Inzet van personeel 3.1 Eisen HBO goed goed 3.2 Kwantiteit personeel goed goed 3.3 Kwaliteit personeel goed goed Totaaloordeel Positief Positief Onderwerp 4 Voorzieningen 4.1 Materiële voorzieningen goed goed 4.2 Studiebegeleiding voldoende voldoende Totaaloordeel Positief Positief Onderwerp 5 Interne kwaliteitszorg 5.1 Evaluatie resultaten goed goed 5.2 Maatregelen tot verbetering goed goed 5.3 Betrekken van medewerkers, studenten, alumni voldoende voldoende en het beroepenveld Totaaloordeel Positief Positief Onderwerp 6 Resultaten 6.1 Gerealiseerd niveau voldoende voldoende 6.2 Onderwijsrendement voldoende voldoende Totaaloordeel Positief Positief Doelstellingen opleiding Het facet 1.1 Domeinspecifieke eisen wordt voor de beide varianten met een voldoende beoordeeld. De facetten1.2 Niveau bachelor en 1.3 Oriëntatie HBO bachelor worden voor de beide varianten met een goed beoordeeld. Het oordeel over het onderwerp Doelstellingen van de opleiding derhalve positief. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 11/57
12 Programma De facetten 2.1 Eisen HBO, 2.3 Samenhang in opleidingsprogramma, 2.4 Studielast en 2.8 Beoordeling en toetsing worden voor de voltijd en de duale variant met een voldoende beoordeeld. De facetten 2.2 Relatie doelstellingen en inhoud programma, 2.5 Instroom worden voor de voltijd en de duale variant met een goed beoordeeld. Het facet 2.6 krijgt voor de beide varianten een voldaan. Het facet 2.7 wordt voor de beide varianten met een excellent beoordeeld. Het panel is tot dit oordeel gekomen, vanwege de resultaten van de benchmark, die hogeschoolbreed is uitgevoerd en waaruit blijkt dat de opleiding SB&RM hoog scoort wat betreft de studieloopbaanbegeleiding, leeractiviteiten en assessment (drie zijden van de zogenoemde Maatwerktriangel). Op basis van dit resultaat kan de opleiding als een good practice binnen de hogeschool worden beschouwd. Het door de opleiding uitgevoerde didactisch concept wordt overgenomen in de nieuw opgerichte opleiding Commercieel Management, waarin de opleiding volgens een planningsneutrale conversie wordt opgenomen. Het oordeel over het onderwerp Programma is zowel voor de voltijd als voor de duale variant positief. Inzet van personeel De facetten 3.1 Eisen Hbo, 3.2 Kwantiteit personeel en 3.3 Kwaliteit personeel worden zowel voor de voltijd als de duale variant met een goed beoordeeld. Het oordeel over het onderwerp Inzet van personeel is derhalve voor de voltijd en de duale variant positief. Voorzieningen Facet 4.1 Materiële voorzieningen wordt voor de voltijd en de duale variant met een goed beoordeeld. Het facet 4.2 Studiebegeleiding wordt voor de voltijd en de duale variant met een voldoende beoordeeld. Het oordeel over het onderwerp Voorzieningen is voor de voltijd en de duale variant derhalve positief. Interne kwaliteitszorg De facetten 5.1 Evaluatie resultaten en 5.2 Maatregelen tot verbetering worden voor de voltijd en de duale variant met een goed beoordeeld. Het facet 5.3 Betrekken van medewerkers, studenten, alumni en het beroepenveld wordt zowel voor de voltijd en de duale variant met een voldoende beoordeeld. Het oordeel over het onderwerp Interne kwaliteitszorg is derhalve voor de voltijd en de duale variant positief. Resultaten Het facet 6.1 Gerealiseerd niveau wordt voor de voltijd en de duale variant met een voldoende beoordeeld. Het facet 6.2 Onderwijsrendement wordt voor de voltijd en de duale variant beoordeeld met voldoende. Het oordeel over het onderwerp Resultaten is voor de voltijd en de duale variant derhalve positief. Totaaloordeel 12/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
13 Op grond van voorgaand schema en de inhoudelijke onderbouwing daarvan, blijkt dat de opleiding op alle zes de onderwerpen, zowel voor de voltijd als de duale variant positief scoort. Derhalve is de conclusie, dat het totaaloordeel over de beide varianten van de opleiding positief is. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 13/57
14 14/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
15 Deel B: Facetten NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 15/57
16 16/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
17 Onderwerp 1 Doelstelling van de opleiding Facet 1.1 Domeinspecifieke eisen Voldoende Criteria - De eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij de eisen die door (buitenlandse) vakgenoten en de beroepspraktijk gesteld worden aan een opleiding in het betreffende domein (vakgebied/discipline en/of beroepspraktijk). Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De opleiding Small Business & Retail Management (SB&RM) hanteert voor de voltijd en de duale variant de landelijke competenties, zoals vastgesteld door het Landelijk Opleidingenoverleg LOO, SB&RM en gevalideerd door het landelijke werkveld. Het landelijke profiel bestaat uit 31 competenties, verdeeld in twee groepen: persoonlijke karakteristiek, waarbij het gaat om hoe en wie de ondernemer c.q. retailmanager is in het persoonlijk functioneren en effectieve aanpak, waarbij het gaat om vakinhoudelijk werken. In 2004 is het profiel landelijk herijkt; de competenties zijn geactualiseerd en geclusterd van 31 naar 12 competenties. De indeling van persoonlijk karakteristiek (de eerste 4 competenties) en effectieve aanpak (competenties 5-12) is behouden, alsook het onderscheid tussen twee beroepsrollen ondernemer en manager. Het herijkte profiel is eveneens gevalideerd door het landelijke werkveld (SB&RM: het competentieprofiel herijkt, landelijk overleg SB&RM, januari 2004). De opleiding heeft zich de landelijke competenties eigen gemaakt door per competentie een aantal meetbare gedragskenmerken te beschrijven ( Maatwerk : competentiegericht leren ). Het panel is hier positief over. Het panel mist echter een internationale positionering van de opleiding. Dit bevreemdt het panel, met name gelet op de locatie van de opleiding nabij België en Duitsland en gelet op het belang van de globalisering van ondernemersactiviteiten. Het panel komt op basis van dit laatste argument tot het oordeel voldoende in plaats van goed op dit facet. Facet 1.2 Niveau bachelor Goed Criteria - De eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij algemene, internationaal geaccepteerde beschrijvingen van de kwalificaties van een bachelor. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De eerste tien landelijke competenties worden gedekt door de tien generieke HBOkwalificaties van de commissie Franssen. Deze zijn verantwoord en vastgelegd in het competentieprofiel LOO-SB&RM (zie 1.1). NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 17/57
18 Vervolgens heeft de opleiding de landelijke competenties gekoppeld aan de Dublindescriptoren. Met een matrix heeft zij inzichtelijk gemaakt dat de competenties 5-12 betreffende de effectieve aanpak door de Dublin-descriptoren worden afgedekt. Bijvoorbeeld 'toepassen kennis en vaardigheid', 'oordeelvorming' en 'leervaardigheid' is herkenbaar in competentie 7; 'de afgestudeerde student analyseert methodisch waar in de bedrijfsvoering veranderingen kunnen worden aangebracht, teneinde betere resultaten te bereiken in het perspectief van continuïteit van de onderneming'. Facet 1.3 Oriëntatie HBO bachelor Goed Criteria - De eindkwalificaties zijn mede ontleend aan de door (of in samenspraak met) het relevante beroepenveld opgestelde beroepsprofielen en/of beroepscompetenties. - De eindkwalificaties weerspiegelen het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar in een specifiek beroep of samenhangend spectrum van beroepen waarvoor een HBO-opleiding vereist is of dienstig is. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: Het competentieprofiel is gevalideerd door het landelijke werkveld (zie 1.1). De relevantie van de eindcompetenties komt formeel en informeel aan de orde in overleg met het LOO- SB&RM, de werkveldcommissie en met de bedrijfscoaches van de organisaties waar studenten opdrachten uitvoeren. Het landelijke competentieprofiel maakt een onderscheid tussen de ondernemer en de (retail)manager. Deze twee beroepsrollen zijn in de praktijk van de beginnende ondernemer nog niet zo sterk gescheiden. Er komen allerlei mengvormen van de rollen voor. De opleiding richt zich daarom op het opleiden van ondernemende managers, aldus het management tijdens de visitatie, terwijl andere opleidingen SB&RM in Nederland de nadruk leggen op ondernemen dan wel managen. De retailcomponent komt volgens het panel (te) weinig aan bod. Veel aandacht wordt besteed aan ondernemersvaardigheden. Afgestudeerden dienen de verschillende aspecten van ondernemen en managen samenhangend te kunnen overzien, waaronder economische, bedrijfsmatige, juridische, personele en organisatorische aspecten. Met een helikopterview dienen zij te kunnen schakelen tussen verschillende aspecten van het ondernemerschap en zijn zij praktisch en planmatig onderlegd. Als beginnend beroepsbeoefenaar zijn zij in staat de transfer van de ene naar de andere werkomgeving of situatie te maken, aldus de opleiding. Na het afstuderen zijn de SB&RM ers inzetbaar in verscheidende functies en werkomgevingen. Een deel komt terecht in een managementfunctie binnen organisaties, die zich richten op de consument, bijvoorbeeld als store manager, marketing & sales functionaris of product- of accountmanager. Anderen kiezen voor het zelfstandig ondernemerschap als starter of opvolger van een bestaande organisatie en een derde groep komt terecht in een staf- of beleidsfunctie. Onderwerp 2 Programma 18/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
19 Facet 2.1 Eisen HBO Voldoende Criteria - Kennisontwikkeling door studenten vindt plaats via vakliteratuur, aan de beroepspraktijk ontleend studiemateriaal en via interactie met de beroepspraktijk en/of (toegepast) onderzoek. - Het programma heeft aantoonbare verbanden met actuele ontwikkelingen in het vakgebied / de discipline. - Het programma waarborgt de ontwikkeling van beroepsvaardigheden en heeft aantoonbare verbanden met de actuele beroepspraktijk. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De opleiding SB&RM gebruikt het opleidingsconcept van de hogeschool, Vraaggestuurd Competentiegericht Maatwerkonderwijs (VCM), als uitgangspunt voor het curriculum. Dat houdt in dat kritische beroepssituaties en competenties (zie 1.1) als uitgangspunt dienen voor de praktijkopdrachten per blok of beroepsoriëntatie (stage). Ter voorbereiding op de praktijkopdrachten van elk blok ontwikkelen studenten kennis en vaardigheden middels trainingen, workshops en PGO-trainingen (probleem gericht onderwijs). Kennisontwikkeling vindt plaats aan de hand van casussen en problemen die voor het grootste deel direct aan de praktijk zijn ontleend. De blokcoördinator controleert de blokken jaarlijks op actualiteit. Met name in het begin van de opleiding krijgen zij kennis aangereikt, onder andere wiskunde en statistiek. Het panel vindt dat de opleiding wat weinig aandacht besteedt aan bedrijfseconomische kennis. Binnen de blokken wordt gewerkt met actuele informatiebronnen en leermiddelen. Voor elke action learning opdracht verzamelen studenten zelf de meest actuele literatuur. Voor de eerstejaars is in het blokboek beschreven welke informatiebronnen en leermiddelen verplicht zijn, voor derdejaars werkt de opleiding meer met aanbevolen literatuur. Het panel heeft de literatuurlijsten bestudeerd en beoordeelt de literatuur als van voldoende niveau en actueel, maar merkt op dat de vakinhoud wat mager vertegenwoordigd is. Vakliteratuur is deels verplichte literatuur (vooral in de propedeuse en het tweede leerjaar) en deels literatuur die de student zelf zoekt bij de action learning opdrachten, die hij uitvoert in het kader van zijn competentieontwikkeling. Het panel heeft weinig (verplichte) literatuur aangetroffen met betrekking tot het vak recht. Relatief veel boeken hebben betrekking op statistiek en logistiek. Het panel heeft weinig of geen internationaal georiënteerde of Engelstalige literatuur aangetroffen bij de verplichte literatuur. Studenten gaven tijdens de visitatie aan dat zij vanaf het eerste jaar leren om vragen te stellen, wanneer zij bepaalde kennis missen die niet in het standaard aanbod zit. Studenten kunnen terecht bij de tutor voor extra informatie of extra literatuur. De ontwikkeling van studenten verloopt in interactie met de beroepspraktijk. Elk blok van de eerste twee jaar kent ten minste één gastcollege of excursie. Studenten vertelden het panel tijdens de visitatie dat ook de gastsprekers informatiebronnen aanreiken. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 19/57
20 Studenten werken aan praktijkgerichte casussen en action learning opdrachten. Eerstejaars voeren de opdrachten voor externe organisaties binnen de opleiding uit; tweedejaars voeren de opdracht uit in een bedrijf buiten de opleiding. Zij voeren ten minste één action learning opdracht in de Euregio (Duitsland en België) uit. Verder worden tweedejaars gestimuleerd om in meerdere branches te werken om een brede kijk te ontwikkelen op het vakgebied. Studenten lopen in het eerste jaar vijf weken mee in een organisatie naar keuze. Daarnaast starten zij in een groep een non-fictieve onderneming, zetten een product op de markt en houden de onderneming het gehele studiejaar draaiende. Tweedejaars gaan eveneens vijf weken in de praktijk aan de slag en voeren zelfstandig bepaalde werkzaamheden uit. In het blok 'Netwerken' leren studenten solliciteren en zelf action learning opdrachten acquireren. Tevens is in de blokken van het tweede leerjaar van de voltijdopleiding een excursie en/of een gastcollege opgenomen en wordt gewerkt aan praktijkgerichte casussen en action learning opdrachten. Derdejaars studenten starten met drie blokken (15 weken) "werken en leren" in een organisatie. Naast reguliere werkzaamheden moeten zij een kwaliteitsproject uitvoeren, gericht op een meetbare verbetering van een bestaande situatie, procedure of proces dat niet het gewenste resultaat oplevert. Binnen de overige blokken van het derde jaar werken studenten in de praktijk aan action learning opdrachten. Het vierde jaar is volledig vraaggestuurd: op basis van een persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) stelt de student de eigen leerroute vast, bestaande uit verschillende beroeps- en praktijkgerichte action learning opdrachten, projecten en beroepsoriëntaties. Onderzoeksvaardigheden komen in het curriculum integraal aan de orde door in het eerste jaar de beoordeling van de action learning opdrachten te beoordelen met het oog op observeren, beschrijven, herkennen en duiden. In het tweede jaar wordt dit verdiept door de beoordeling te richten op de probleemdefinitie en analyse van het probleem, terwijl de focus bij de beoordeling in de laatste twee leerjaren vooral ligt op implementeren, beheren en controleren. Studenten zijn in het kader van het vraaggestuurde leren zelf verantwoordelijk voor het verzamelen van relevante informatie en gegevens. De opleiding ondersteunt hen daarin gedurende het eerste en tweede jaar met een "biebinstructie", waarin studenten leren bronnen te onderzoeken en beoordelen op relevantie, een training deskresearch, interviewtechnieken en basisvaardigheden statistiek en een blok gericht op marktonderzoek. In het derde jaar moeten studenten in hun projectplannen literatuuronderzoek verantwoorden en theoretische concepten aandragen. Het panel heeft een aantal projectopdrachten bestudeerd en geconstateerd dat er niet veel gebruik wordt gemaakt van de volgens het panel benodigde theoretische concepten. Studenten in de duale variant van SB&RM werken naast de opleiding in de beroepspraktijk van een ondernemende (retail)manager en ontwikkelen daar relevante competenties. Zij lopen in het eerste jaar mee in een andere organisatie dan waar zij werkzaam zijn. In elk blok werken zij aan action learning opdrachten, veelal binnen de eigen organisatie, en delen zij kennis en ervaringen met medestudenten. Deze opdrachten zijn dusdanig opgebouwd dat studenten gedurende de studie steeds dieper de organisatie in moeten. 20/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
21 De opleiding heeft aantoonbare verbanden met de actuele ontwikkelingen van het vakgebied, doordat casussen en action learning opdrachten rechtstreeks uit het werkveld komen. De opleiding waarborgt de ontwikkeling van beroepsvaardigheden tevens door de praktijkgerichtheid van de opdrachten in elk blok. Bij de vormgeving speelt de Werkveldadviescommissie een rol. Zo is naar aanleiding van een praktijkproject het onderwerp notuleren in het programma gebracht, vertelde het werkveld tijdens de visitatie. De Werkveldcommissie komt elke twee maanden bij elkaar en vertegenwoordigt de vakgebieden van zowel CE als SB&RM als de nieuwe opleiding CM (Commercieel Management, per september 2007 van start gegaan). In de Studentenmonitor van 2007 beoordelen studenten van SB&RM de afstemming op de beroepspraktijk met een 7,1 (op een tienpuntsschaal). Internationalisering in het programma is een aandachtspunt van het management en één van de speerpunten van beleid voor de komende jaren. Inhoudelijk is het SB&RM programma internationaal georiënteerd door het taalonderwijs in Engels en Duits of Frans en door het verplichte project in de Euregio. Het panel is positief over de praktijkgerichtheid van de opdrachten en het aandeel van de beroepspraktijk in het programma. Het panel constateert echter dat de vakliteratuur slechts een smal gedeelte van het curriculum beslaat. Bovendien maakt de opleiding weinig of geen gebruik van verplichte internationale dan wel Engelstalige literatuur. Het panel komt met name op basis van de opmerkingen over de literatuur tot het oordeel voldoende. Facet 2.2 Relatie doelstellingen en inhoud programma Goed Criteria - Het programma is een adequate concretisering van de eindkwalificaties, qua niveau, oriëntatie en domeinspecifieke eisen. - De eindkwalificaties van de doelstellingen zijn adequaat vertaald in leerdoelen van (onderdelen van) het programma. - De inhoud van het programma biedt studenten de mogelijkheden om de geformuleerde eindkwalificaties te bereiken. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: Het curriculum is geordend door een blokstructuur. In elk blok staat tenminste één kritische beroepssituatie centraal. Binnen de kritische beroepssituaties staan de competenties centraal die als uitgangspunt hebben gediend bij het vorm en inhoud geven van het betreffende blok. De competenties per blok zijn te vinden in de blokboeken. Het panel constateert dat competenties in de blokboeken consequent worden benoemd in relatie tot de activiteiten en leerdoelen. Het eerste jaar van de opleiding is aanbodgestuurd qua inhoud en context. In het tweede jaar bepaalt de student de context door te kiezen binnen welke organisatie hij of zij de geleerde inhoud gaat toepassen. In het derde jaar wordt ook de inhoud voor een groot deel door de student zelf bepaald, omdat de opleiding naast de kritische beroepssituatie NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 21/57
22 alleen nog bepaalt aan welke competenties studenten binnen een blok moeten werken. Het vierde jaar is volledig vraaggestuurd: studenten stellen een POP op naar aanleiding van een gapanalyse van de nog te ontwikkelen competenties van het landelijk profiel en competenties naar keuze voor individuele profilering. De individuele leerroute moet voldoen aan randvoorwaarden van de opleiding, die beschreven zijn in de studiegids. De gapanalyse en randvoorwaarden borgen dat de competenties volledig aan bod komen. De opleiding heeft alle blokken en onderdelen van de eerste drie jaar van het curriculum getoetst aan het landelijke profiel en in een matrix geplaatst (curriculummatrix SB&RM). Hieruit blijkt dat alle competenties meerdere malen in het curriculum voorkomen. Om de gedragskenmerken verder hanteerbaar te maken, maakt de opleiding gebruik van de vier niveaus van Miller: knows en knows how (met betrekking tot de cognitie), shows how (handelen in een gesimuleerde omgeving) en 'does' (handelen in de beroepspraktijk). Elk jaar komen alle niveaus terug in verschillende toetsmomenten. Bovenstaande werkwijze voor het vertalen van competenties in leerdoelen en onderwijsactiviteiten is gelijk voor de beide varianten (voltijd en duaal). Op basis van het POP van de student, waarin zijn competentieontwikkeling centraal staat, bepaalt de student de inrichting van het onderwijs in het derde en vierde leerjaar. Hij formuleert zelf leerdoelen, die bijdragen aan het realiseren van de competenties. Het panel heeft geconstateerd, dat dit adequaat gebeurt. Facet 2.3 Samenhang in opleidingsprogramma Voldoende Criteria - Studenten volgen een inhoudelijk samenhangend opleidingsprogramma. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De competentieontwikkeling van studenten vormt de rode draad van de opleiding. Competenties en gedragskenmerken komen binnen een blok integraal aan de orde. Doordat elk blok is gericht op een kritische beroepssituatie, is er zichtbaar sprake van een horizontale samenhang. De vier niveaus van Miller (zie ook facet 2.2) komen elk jaar terug; niet alleen in de onderwijsactiviteiten, maar ook in de toetsing. Door een toename van complexiteit en zelfsturing ervaren studenten een verticaal samenhangend programma, aldus het management. Studenten bevestigden dit tijdens de visitatie. Iedere student heeft een docent als persoonlijke coach voor de studieloopbaanbegeleiding en competentieontwikkeling. De coaches zijn verantwoordelijk voor de individuele leerroute van de student. Het panel is van mening dat het borgen van de inhoudelijke samenhang van de individuele leerroutes niet volledig betrouwbaar kan zijn, wanneer alleen de coach hiervoor verantwoordelijk is. Ook gelet op het feit dat er een beperkt aantal uren beschikbaar is voor de gesprekken met de coach. Het panel heeft vernomen dat in de nieuwe opleiding CM de examencommissie hiervoor verantwoordelijkheid gaat dragen. 22/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
23 Samenhang in het programma wordt ook gerealiseerd doordat de opbouw van de blokken in de eerste twee jaar vrijwel identiek is. Elk blok start met een zogenaamde kick-off bijeenkomst, waarin studenten informatie ontvangen over onder meer het centrale thema van het blok en de relevantie voor het beroep. In elk blok werken studenten aan diverse PGO- en informatieve taken, die gerelateerd zijn aan de beroepssituatie en voeren zij een action learning opdracht uit. De opbouw van de blokken vanaf het derde jaar is afhankelijk van de invulling die de student er aan geeft. Het buitenschools leren komt in elk blok aan bod, hetzij door middel van de action learning opdracht, die de student voor een externe organisatie uitvoert, hetzij door middel van de onderdelen 'beroepsoriëntatie'. De competentieontwikkeling zorgt voor een inhoudelijke en verticale samenhang tussen binnen- en buitenschools leren. Dit is ook voor de duale studenten de verbindende factor in het programma. Studenten gaven tijdens de visitatie aan dat zij het programma logisch van opbouw vinden, en dat zij samenhang ervaren. Uit de Studentenmonitor 2007 komt de score 6,4 op de samenhang van de vakken. Studenten dienen aldus vanaf het derde jaar zelf invulling dienen te geven aan hun leerroute en zijn verantwoordelijk voor de samenhang ervan. Het panel is echter van oordeel dat de samenhang van de leerroute niet overtuigend geborgd is. Te meer, omdat deze taak niet bij de examencommissie ligt. Het panel komt op basis hiervan tot het oordeel voldoende. Facet 2.4 Studielast Voldoende Criteria - Het programma is studeerbaar doordat factoren, die betrekking hebben op dat programma en die de studievoortgang belemmeren zoveel mogelijk worden weggenomen. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De voltijdopleiding bestaat uit vier jaar. Elk jaar is verdeeld in negen blokken. De studielast in EC is evenredig verdeeld over de leerjaren en over de blokken; zeven volgtijdelijke blokken van zeven EC en twee parallelle blokken van respectievelijk zeven EC ( Jong ondernemen, netwerken, ondernemingsplan ) en vier EC ( groei in ondernemerschap ). De duale variant kent dezelfde opbouw, behalve dat duale studenten op basis van Eerder of Elders Verworven Competenties (EVC) een vrijstelling van 60 EC in de hoofdfase krijgen. Dat betekent dat deze variant uit drie jaar bestaat. Duale studenten leren meer intensief op de werkvloer, en hebben minder contacturen in de opleiding. Zij komen in een blok van vijf weken op de eerste, tweede en vijfde week twee dagdelen op de opleiding. De voltijdopleiding heeft in de propedeuse 20 contacturen per week ingeroosterd. Voor het tweede, derde en vierde jaar geldt een gemiddeld aantal contacturen van 15 per week. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 23/57
24 De studeerbaarheid van de opleiding wordt bevorderd door de PGO-training aan het begin van de studie. Tevens wordt aan het begin van elk leerjaar een presentatie gegeven om de veranderingen in de mate van vraagsturing toe te lichten. Zo krijgen studenten een goed beeld van wat er van hen verwacht wordt en hoe zij het onderwijs het beste kunnen aanpakken. De opleiding hanteert een negatief bindend studieadvies (BSA) wanneer studenten, voltijd en duaal, minder dan 46 EC van de propedeuse behalen na één jaar; na twee jaar moet de propedeuse zijn afgerond. De roosters zijn zo veel mogelijk sluitend; de lessen zijn verdeeld over vier dagen zodat de vijfde werkdag besteed kan worden aan het uitvoeren van de action learning opdrachten of aan een bijbaan, waarin opgedane kennis en vaardigheden toegepast kunnen worden. Studenten gaven tijdens de visitatie aan dat zij deze vijfde dag inderdaad aan deze activiteiten besteden. Om uitstelgedrag te voorkomen heeft de opleiding gekozen voor korte blokken van vijf weken; deadlines liggen daardoor dichtbij. De korte doorlooptijd van de blokken werkt studielastverhogend. Het leren van kennis en het toepassen ervan in de praktijk vindt gelijktijdig plaats. In de nieuwe opleiding CM stapt men daarom over op blokken van tien weken. De eerste vijf weken ligt de focus op de kennis, de volgende vijf weken wordt de kennis toegepast in de praktijk. Zo wordt er rust ingebouwd en kunnen studenten meer geconcentreerd werken, zo is de verwachting. De evaluatiescore voor de spreiding van de tentamens was in ,5. De score op de stelling De opleiding is goed te doen in de tijd die ervoor staat, was in ,4. Toetsmomenten en deadlines worden tijdig bekend gemaakt, namelijk steeds aan het begin van het studiejaar (september). In de Studentenmonitor 2007 scoort dit item voldoende. Dit geldt voor de eerste twee studiejaren; in de laatste twee jaren is de toetsplanning vraaggestuurd en individueel. De opleiding maakt geen gebruik van tentamenweken, maar plant tentamens en herkansingen doorgaans op de vrijdag van de laatste week van een blok. Schriftelijke toetsen kunnen in het volgende blok worden herkanst of het jaar daarop, action learning opdrachten kunnen op aanwijzing van de docent worden gereviseerd. Volgens studenten zijn er voldoende herkansingsmogelijkheden, zo bleek tijdens de visitatie. Het herkansen van de action learning opdracht kan problemen opleveren wanneer dit na de revisie van het verslag nog een onvoldoende oplevert. Dat betekent dat de opdracht een jaar later overnieuw uitgevoerd moet worden tegelijk met de opdracht van het volgende jaar. Met name voor duale studenten kan dit tot uitval leiden, aldus de alumni tijdens de visitatie. Volgens het panel is dit een probleem van meer algemene aard. De verantwoordelijkheid van studenten voor de eigen studieroute houdt in dat studenten zelf moeten inschatten wat in termen van studielast en studeerbaarheid haalbaar is. Studenten worden daarbij begeleid door de persoonlijke coach. Studenten hebben het panel verteld, dat zij geen struikelvakken hebben ervaren. Indien er een vak is dat een struikelvak dreigt te worden, melden zij dit bij de docent, die vervolgens de noodzakelijke begeleiding geeft. 24/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
25 Hogeschoolbreed is voor studenten met een lichamelijke of visuele handicap of functiebeperking de Routeplanner ontwikkeld met informatie over mogelijke regelingen en oplossingen om studievertraging te voorkomen, zoals deficiëntieprogramma s met betrekking tot faalangst en dyslexie. Studenten ervaren de studielast met name in het derde en vierde jaar als zwaar, door de overgang van een aanbodgestuurd curriculum naar een vraaggestuurd curriculum. Dit wordt volgens het management echter niet als negatief ervaren, omdat studenten ook beseffen dat het onderdeel deel uitmaakt van het werken binnen een organisatie. Het panel komt op basis hiervan en op basis van het feit dat studenten de vijfweekse blokken niet voldoende studeerbaar vinden tot het oordeel voldoende. Facet 2.5 Instroom Goed Criteria - Het programma sluit qua vorm en inhoud aan bij de kwalificaties van de instromende studenten: vwo, havo, middenkaderopleiding of specialistenopleiding (WEB) of daarmee vergelijkbare kwalificaties, blijkend uit toelatingsonderzoek. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De opleiding informeert aankomende studenten over de in-, door- en uitstroom, het arbeidsperspectief en de moeilijkheid en zwaarte van de opleiding door middel van een voorlichtingsbrochure (één voor voltijd en één voor duaal) en de website en organiseert vier keer per jaar een open dag. Scholieren kunnen ook een dag meelopen met het reguliere lesprogramma. De opleiding verzorgt tevens presentaties op MBO-opleidingen over het beroep, de opleiding en over de verkorte leerroute voor MBO-studenten. Tijdens de visitatie gaven de studenten aan dat de oriëntatie voorafgaand aan de opleiding een goed beeld gaf van wat zij konden verwachten. Hun verwachtingen zijn gerealiseerd, zo vertelden zij het panel. Om toegelaten te worden tot de opleiding gelden de wettelijke instroomeisen. Studenten met een HAVO of VWO-diploma met de profielen Economie en maatschappij' en 'Cultuur en maatschappij', en studenten met een MBO-4-diploma zijn zonder meer toelaatbaar. Voor overige profielen geldt dat de student economie in het vakkenpakket dient te hebben of een toelatingsexamen economie moet doen. Onder leiding van de Examencommissie wordt de kennis van economie op HAVO-niveau getoetst. Docenten voeren met elke student een intakegesprek om de wederzijdse verwachtingen uit te wisselen. Aan het eind van de intakeprocedure geeft de docent een (niet bindend) advies voor de studiekeuze. Voor duale studenten gelden aanvullende toelatingseisen, vastgelegd in de EVCprocedure. De aspirant-student vult een 'portfoliobrief' in samen met diens leidinggevende, waarna een criteriumgericht interview plaatsvindt. Daarbij wordt gelet op de motivatie, de taken en verantwoordelijkheden op de huidige werkplek, de competenties en gedragskenmerken en de kennisdomeinen, waarover de student beschikt. Eventueel volgt er een aanvullend assessment. Op basis hiervan geeft de opleidingscoördinator een schriftelijk bindend advies met betrekking tot de instroom en de NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 25/57
26 leerroute. Duale studenten vertelden het panel tijdens de visitatie dat door deze intakeprocedure duidelijk wordt wat de duale variant vraagt qua inzet en studielast. Instromende studenten met een verwante MBO-opleiding (ondernemer/manager detailhandel, filiaalbeheer of ondernemer groothandel) ontvangen op basis van EVC een standaard vrijstelling voor de beroepsoriëntatie van het eerste jaar (voltijd). Meer vrijstellingen kunnen schriftelijk worden aangevraagd bij de examencommissie, waarbij studenten door middel van relevante bewijsstukken in een portfolio de competentiebeheersing moeten aantonen. Regelingen met betrekking tot vrijstellingen zijn beschreven in de OER 2006/2007. MBO-studenten van drie ROC s in de regio kunnen deelnemen aan het propedeuseblok jong ondernemen en/of marktverkenning. Wanneer zij dit succesvol afronden en vervolgens instromen kunnen ze vrijstelling krijgen voor deze blokken. Met ROC Leeuwenborgh is dit in een convenant vastgelegd; studenten kunnen in een doorlopende leerlijn instromen in de opleiding SB&RM. Eerstejaars beginnen met de PGO-training, waarmee zij worden voorbereid op de werkvormen van de opleiding. Ook krijgen zij een 'biebtraining' waarin studenten leren welke informatiebronnen waar beschikbaar zijn en hoe ze relevante informatie kunnen vinden. Door het gestructureerde aanbodgerichte curriculum in het eerste jaar kan de student langzaam wennen aan de manier van werken en aan het HBO-niveau. Instromende mbo-studenten ontvangen in de eerste twee blokken van de propedeuse extra coaching op het gebied van 'leren leren'. De opbouw van het duale curriculum houdt per definitie al rekening met de specifieke doelgroep van werkenden. Studenten beoordelen de aansluiting van het curriculum bij de vooropleiding met een 6,2, zo blijkt uit de Studentenmonitor Studenten leren in het eerste jaar brieven schrijven, formuleren, rapporteren en hoe een verslag op te bouwen. Tijdens de visitatie gaven studenten aan dat het taalaspect ook meeweegt in de beoordeling van schriftelijke opdrachten. Studenten vertelden bijvoorbeeld dat zij stukken zonder beoordeling terugkrijgen, indien er nog taalfouten in staan. Hogeschool Zuyd heeft de Code of Conduct ondertekend. Facet 2.6 Duur Voldaan Criteria - De opleiding voldoet aan formele eisen met betrekking tot de omvang van het curriculum: hbo-bachelor: 240 studiepunten. 26/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
27 Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De voltijdopleiding duurt vier jaar, waarin studenten per jaar 60 EC kunnen halen, samen een omvang van 240 EC. De studieduur kan worden verkort op basis van de EVC-procedure. Studenten kunnen dan een deel van de EC ontvangen voor Eerder Verworven Competenties. Duale studenten kunnen, met 60 EC vrijstelling, 240 EC behalen in drie jaar. Facet 2.7 Afstemming tussen vormgeving en inhoud Excellent Criteria - Het didactisch concept is in lijn met de doelstellingen. - De werkvormen sluiten aan bij het didactisch concept. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De hogeschool hanteert het opleidingsconcept 'vraaggestuurd competentiegericht maatwerkonderwijs' (VCM), dat in 2002 is ontstaan naar aanleiding van discussies over verbreding van bacheloropleidingen en verder uitgewerkt in de notities 'Maatwerk: naar een nieuwe onderwijsarchitectuur' (maart 2004) en 'Verbreding: op weg naar brede bachelors' (april 2005) en 'Maatwerk in uitvoering' (mei 2005). Volgens de visie van de opleiding zijn competenties complex van aard, voortdurend in ontwikkeling, onderling niet compenseerbaar en vindt toepassing plaats in verschillende contexten. De leeromgeving is daarom gebaseerd op de toekomstige beroepscontext; de 'kritische beroepssituaties'. De regie wordt steeds meer aan de studenten overgedragen, zodat zij door reflectie besef ontwikkelen van hun eigen bekwaamheid. De docent stuurt steeds minder en coacht meer. In de blokken 'Groei in ondernemerschap' vindt de studieloopbaanbegeleiding plaats. Studenten leren hierin vaardigheden zoals leren-leren, feedback geven en ontvangen en reflecteren. In elk blok werken studenten aan opdrachten die min of meer aansluiten bij de inhoud van het parallelle blok (de kritische beroepssituatie). Aan iedere kritische beroepssituatie worden concrete en praktijkgerichte problemen en knelpunten gekoppeld. Het praktijkprobleem is het uitgangspunt, waarvoor studenten op zoek gaan naar achterliggende problemen/oorzaken, antwoorden, oplossingen en deze implementeren en toetsen. Zoals al eerder werd vermeld, bepaalt de opleiding in het eerste leerjaar, zowel de inhoud als de context van de onderwijsactiviteiten. Vanaf het tweede jaar is de student verantwoordelijk voor de context van de onderwijsactiviteiten en bepaalt de opleiding de inhoud. In het derde jaar bepaalt de opleiding per blok slechts de competenties en de kritische beroepssituatie en bepaalt de student de verdere context en de invulling. Het vierde jaar is volledig vraaggestuurd; de student bepaalt zowel de inhoud als de context van de individuele leerroute. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 27/57
28 Binnen de duale variant vindt de overgang van aanbodgestuurd leren naar volledige vraagsturing binnen drie in plaats van vier jaar plaats; de context is vanaf de start van de opleiding vraaggestuurd en betreft over het algemeen de organisatie, waarbinnen de student werkzaam is. 'Maatwerkonderwijs' zorgt ervoor dat iedere student een eigen competentiegerichte leerroute kan uitstippelen, binnen de kaders van de examencommissie en na toetsing op studeerbaarheid en organisatorische beheersbaarheid. De begeleider is de persoonlijke coach, begeleiding vindt plaats binnen het blok "Groei in ondernemerschap". Vanaf het derde studiejaar is de begeleiding meer op maat en individueel. De opleiding hanteert werkvormen die volgens het panel goed aansluiten bij het onderwijsconcept PGO (probleem gestuurd onderwijs), hoor- en instructiecolleges, werkgroepen, zelfstudie en action learning opdrachten in het eerste en tweede jaar. In het derde jaar is samenwerkend leren in projecten de belangrijkste werkvorm, ondersteund door inhoudelijke trainingen en coaching, zowel individueel als in groepsverband. In het laatste jaar bepalen studenten zelf de werkvormen en vinden er intervisiebijeenkomsten plaats. In het blok "capita selecta" kunnen studenten extra trainingen of workshops 'kopen' van hun urenbudget. Uit de Studentenmonitor 2007 blijkt dat studenten de mate waarin het leerconcept hen stimuleert tot zelfstandig denken en een kritische instelling met een 7.8 en de mate waarin het leerconcept zorgt voor een uitdagende leeromgeving met een 6,4. De keuzemogelijkheden beoordelen studenten eveneens met een 6,4. Tijdens de visitatie toonden de studenten enthousiasme over het type onderwijs van de opleiding. De wijze waarop de opleiding SB&RM invulling heeft gegeven aan het onderwijsconcept VCM is binnen de hogeschool als voorbeeld aangewezen voor andere opleidingen. De nieuwe opleiding CM wordt goeddeels ingericht op basis van het VCM. In 2006 heeft de VCM-scan plaatsgevonden, een onderzoek naar de mate waarin opleidingen succesvol zijn in onder andere SLB, leeractiviteiten en assessment, drie zijden van de maatwerktriangel. Van de 34 opleidingen die aan het onderzoek hebben deelgenomen scoort SB&RM, samen met drie andere opleidingen, hoog op de drie aspecten van het VCM concept. Op grond van de uitkomsten van de VCM-scan en de bevindingen tijdens de visitatie, heeft het panel besloten het oordeel excellent op dit facet toe te kennen. Facet 2.8 Beoordeling en toetsing Voldoende Criteria - Door de beoordelingen, toetsingen en examens wordt adequaat getoetst of de studenten de leerdoelen van (onderdelen van) het programma hebben gerealiseerd. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: Het toetsbeleid van de opleiding is beschreven in de brochure 'Toetsen binnen vraaggestuurd competentiegericht maatwerkonderwijs' (maart 2006). De toetsing is ingericht volgens de niveau s van Miller ( knows, knows how, shows how en does ). Gedurende de studie vindt er een verschuiving plaats van kennistoetsen ( knows ) naar 28/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
29 het handelen in de beroepspraktijk (does). De manier van beoordelen is in de visie van de opleiding authentiek, congruent, geïntegreerd, criteriumgerelateerd en leerwegonafhankelijk. In het eerste jaar worden drie kennistoetsen afgenomen, waarin de kenniscomponent van competenties wordt getoetst. De student ontvangt voor elke competentie een cijfer. De action learning opdrachten worden afgesloten met een learner rapport, een reflectieverslag of een presentatie, waarin de student moet aantonen dat de beoogde competenties en gedragskenmerken zijn ontwikkeld. Talen en ICT worden getoetst in vaardigheidstoetsen en presentaties. In het tweede jaar worden de kennistoetsen vervangen door casustoetsen, verder worden de toetsvormen uit het eerste jaar behouden. In het derde jaar schrijft de student voorafgaand aan een blok een projectplan waarin inhoudelijke, projectmatige en competentiegerichte doelstellingen zijn geformuleerd, alsook de organisatie en een plan voor toetsing. Het plan wordt op vaste criteria beoordeeld door de examinator, die ook inhoudsdeskundige is van dat blok. De competenties waaraan de student heeft gewerkt worden getoetst door middel van een rapportage, competentiekaarten, driehoeksgesprekken en een 360-graden feedback. De periode 'werken en leren' in het derde jaar wordt beoordeeld op competentieontwikkeling, verslaglegging middels het logboek, de participatie tijdens de terugkomdagen en de rapportage die ter afronding van het kwaliteitsproject wordt geschreven. De competentieontwikkeling wordt door de student aangetoond in een tussentijds en afsluitend reflectieverslag en door vijftien bewijzen, die met behulp van competentiekaarten geleverd moeten worden. Competentiekaarten worden door de student zelf en door bijvoorbeeld collega s of leidinggevenden op de werkvloer ingevuld. In het vierde jaar (voor duaal: het tweede deel van het derde studiejaar) worden de competenties getoetst met behulp van 360-graden feedback, action learning rapportages en competentiekaarten in het persoonlijke portfolio. Het panel heeft ingevulde formats van de 360-graden feedback ingezien, als onderdeel van het portfolio; tenminste drie anderen met wie de student verschillende relaties heeft, geven per gedragskenmerk een 1, 2 of 3, waarna de score berekend wordt. De opleiding wordt afgerond met een bachelorproof. De student vraagt de bachelorproof aan, wanneer hij of zij denkt te kunnen aantonen dat alle competenties op eindniveau worden beheerst. Dit wordt veelal eerst met de persoonlijk coach besproken. De opleiding hanteert het competentieprofiel als uitgangspunt voor het minimale eindniveau. De bachelorproof bestaat uit een criterium gericht interview (CGI) met de opleidingscoördinator, een onafhankelijk docent en een onafhankelijk vertegenwoordiger van de beroepspraktijk, waarbij het portfolio als input en bewijslast dient. De persoonlijk coach is ook aanwezig ter ondersteuning van de student. De drie examinatoren bestuderen voorafgaand aan de bachelorproof het portfolio, en zij bespreken onderling welke competenties zij als speerpunt zullen nemen. De student houdt een presentatie van ongeveer tien minuten over een door hem, haar zelf aangereikt onderwerp: bijvoorbeeld een toelichting op zijn portfolio, een toelichting op zijn competentieontwikkeling aan de hand van projecten, die hij heeft uitgevoerd of een toelichting op één van de projecten, die hij in het kader van zijn individuele leerroute heeft gedaan. Daarna volgt het criteriumgerichte interview van drie kwartier, waarin de drie NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 29/57
30 examinatoren unaniem vaststellen of de student het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar heeft. De docent let vanuit zijn deskundigheid op de kenniscomponent en de werkveldvertegenwoordiger vooral op de toepassing daarvan in de praktijk. De bachelorproof wordt door de opleiding beschouwd als de ultieme vaststelling dat de student de competenties heeft gerealiseerd. Het panel heeft van de vraaggesprekken slechts minimale verslaglegging teruggezien. Zij heeft aldus niet kunnen verifiëren of de hierboven beschreven procedure daadwerkelijk wordt toegepast. De opleiding is thans bezig om criteria voor de beoordeling van de bachelorproof te formuleren. Het panel heeft al gedragscriteria gezien en de criteria zoals beschreven in de ppt-presentatie voor vierdejaars. Het panel heeft zich geen duidelijk beeld kunnen vormen van de weging van het portfolio enerzijds en het vraaggesprek anderzijds. Toetsontwikkeling vindt plaats volgens een vaste procedure. In het zelfevaluatierapport is beschreven: De blokcoördinator doet een voorstel voor de kennis- of casustoets, die door de opleidingscoördinator geaccordeerd moet worden voor en na het genereren van de toets door het bureau onderwijs. Tijdens de visitatie bleek dat docenten die een toets hebben ontworpen, deze eerst door collega s laten checken en vervolgens door de toetscommissie. De toetscommissie toetst tevens achteraf de validiteit van de afgenomen toetsen. Deze stappen in toetsontwikkeling worden afgetekend op het tentamen begeleidingsformulier. Het panel heeft niet ingevulde kennistoetsen bekeken en is hierover positief. De kennistoetsen bestaan uit zowel open vragen als multiple-choice. Bij elke toets is in een bijlage de weging per opgave vastgelegd, alsook de cesuur voor het totaalcijfer. De weging van de antwoorden is niet altijd vastgesteld. Het panel heeft geen gemaakte toetsen kunnen inzien. Hogeschool Zuyd bewaart alle schriftelijke examen- en tentamen(werk)stukken of andere bewijsstukken 60 dagen. Daarna worden deze aan de student teruggegeven of vernietigd. In het geval er sprake is van een beroepsprocedure, wordt de bewaartermijn verlengd (Standaard Onderwijs- en Examenregeling). Wel heeft het panel beoordeelde projectopdrachten en stageverslagen kunnen bestuderen. Het panel vindt de beoordeling van de projectopdrachten enigszins ondoorzichtig. Een duidelijke beoordelingsstructuur of -standaard ontbreekt. Het panel onderkent echter, dat het beoordelen van kennis in de opdrachten en verslagen lastig is. Om meeliftgedrag te voorkomen wordt de individuele inbreng van groepsopdrachten gecontroleerd, doordat studenten over deze opdrachten een reflectieverslag schrijven over elkaars bijdrage. Tevens geven zij elkaar mondeling feedback. Het panel betwijfelt of deze methode in voldoende mate meeliftgedrag bij deze opdrachten kan voorkomen. Twee weken na afloop van de kennis- of casustoets is een inzagemoment waarin de toets wordt besproken en ruimte is voor vragen. Op initiatief van de student is het mogelijk om een action learning opdracht te bespreken. Duale studenten kunnen in overleg met de betreffende docent de toetsen inzien. Uit de Studentenmonitor 2007 blijkt dat studenten de mate waarin de toetsen aansluiten op het onderwijs beoordelen met een 6,4. Vooraf wordt duidelijk aangegeven waarop studenten beoordeeld worden. Het panel is positief over de wijze waarop de opleiding vorm heeft gegeven aan de toetsing in het algemeen en aan de bachelorproof. Het panel stelt vast dat de 30/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
31 toetsvormen goed aansluiten op het grotendeels vraaggestuurde en competentiegerichte onderwijs. Het panel heeft echter geen gemaakte toetsen kunnen bestuderen en heeft van de bachelorproofs geen verslaglegging aangetroffen. Ook ontbreken tot op heden nog criteria voor de beoordeling van de bachelorproof. Op basis van deze twee laatste argumenten komt het panel tot het oordeel voldoende op dit facet. Onderwerp 3 Inzet van personeel Facet 3.1 Eisen HBO Goed Criteria - Het onderwijs wordt voor een belangrijk deel verzorgd door personeel dat een verbinding legt tussen de opleiding en de beroepspraktijk. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De faculteit CM volgt met het personeelsbeleid de doelen en uitgangspunten van de hogeschool. In het document 'Stand van zaken notitie personeelsbeleid faculteit CM' zijn de speerpunten van dit beleid beschreven, waaronder kenniscirculatie en het verdiepen van onderzoeksvaardigheden van medewerkers door het leveren van een bijdrage aan kenniskringen. Kenniscirculatie vindt onder meer plaats binnen het expertisecentrum 'Ondernemen'. In een pilot 'Accountmanagement' (2006/2007) wordt geëxperimenteerd met het inpassen van vragen uit de markt naar voor studenten en docenten interessante projectopdrachten. Daarnaast levert de faculteit verzoeken tot kennisontwikkeling aan het expertisecentrum, die omgezet worden in maatwerkonderwijs. In 2006 is door het SKO de gezamenlijke aanvraag van drie faculteiten, waaronder CM, voor het lectoraat Innovatief Ondernemen en Risicomanagement gehonoreerd. Het panel heeft de CV s van de vaste kern van tien medewerkers bestudeerd. Hieruit blijkt dat acht van de tien medewerkers in de praktijk als ondernemer, dan wel als retailmanager hebben gewerkt. Twee docenten zonder 'eigen' praktijkervaring zijn op docentstage dan wel op bedrijfsbezoek geweest. Op het moment van de visitatie werkten nog vier docenten in de praktijk naast hun aanstelling bij de hogeschool. Van de medewerkers komt bijna iedereen (90%) via de stagebegeleiding en de afstudeerbegeleiding in contact met het werkveld. Action learning opdrachten worden door docenten geworven in de beroepspraktijk en via het expertisecentrum Ondernemen van de faculteit CM. Afhankelijk van de complexiteit, diepgang en omvang worden opdachten van het expertisecentrum uitgevoerd door een docent, student of combinatie van beide. Ook de gastcolleges en excursies in het eerste en tweede jaar dragen bij aan een relatie met de praktijk. Deze worden door de docenten georganiseerd. Docenten zijn volgens studenten voldoende op de hoogte van de beroepspraktijk, zo blijkt uit de Studentenmonitor Dit blijkt ook uit de gesprekken met de studenten, docenten, het werkveld en alumni tijdens de visitatie. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 31/57
32 Facet 3.2 Kwantiteit personeel Goed Criteria - Er wordt voldoende personeel ingezet om de opleiding met de gewenste kwaliteit te verzorgen. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De docent-student ratio is 1 fte op 29 studenten. De ratio is gelijk aan de streefnorm van de opleiding. De vaste kern van de opleiding bestaat uit elf docenten. Drie docenten worden vanuit andere opleidingen van de faculteit ingezet bij de opleiding. In het personeelsbestand van de faculteit is met tijdelijk en/of gedetacheerd personeel een flexibele schil' van in totaal19% van het personeelsbestand aangebracht. Op deze wijze is de faculteit in staat in te spelen op actuele ontwikkelingen in het beroepenveld en kunnen fluctuaties in de omvang van de studentenpopulatie worden opgevangen. Het gemiddelde ziekteverzuim ligt op 3,16% en blijft daarmee onder de hogeschoolnorm van 4%. Wanneer een docent ziek is, wordt deze zo vaak mogelijk vervangen door een collega om lesuitval te beperken. Het functiehuis voor onderwijsgevenden, dat in 2003/2004 is ingevoerd, kent acht verschillende functies van tutor via docent naar senior-docent. Zeven van de elf medewerkers zijn ingedeeld in de functie docent. Twee medewerkers zijn senior tutor, er is één tutor en één seniordocent. Tijdens de visitatie is gesproken met de docenten die betrokken zijn bij de ontwikkeling van de nieuwe opleiding CM over de formatie volgens het functiehuis ten opzichte van een eventueel gewenste formatie. Het functiehuis bleek niet volledig toepasbaar op de rollen binnen het onderwijs in het VCM-model, waar alle medewerkers zowel docent als coach en tutor zijn. Het functiehuis zegt daardoor meer over de inschaling van docenten dan over de rollen die zij bekleden binnen het onderwijs. Studenten vinden docenten over het algemeen voldoende bereikbaar. De score in 2007 is 6,4. Tijdens de visitatie toonden studenten zich tevreden over de betrokkenheid van de docenten. Er waren geen klachten over lesuitval of late reacties op bijvoorbeeld vragen aan docenten. De betrokkenheid en bereikbaarheid van de docenten kwamen tevens als positieve punten naar voren in de gesprekken met alumni, werkveld en docenten. Facet 3.3 Kwaliteit personeel Goed Criteria - Het personeel is gekwalificeerd voor de inhoudelijke, onderwijskundige en organisatorische realisatie van het programma. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: 32/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
33 Door de hogeschool zijn zes kerncompetenties vastgesteld voor het personeel: resultaatgerichtheid, klantgerichtheid, samenwerking, omgevingsbewustzijn, materiedeskundigheid en veranderingsgerichtheid. De faculteit heeft het voornemen deze competenties uit te breiden met ondernemerschap en coaching. In 2006 is gestart met een 'nulmeting' onder docenten met oog op de kerncompetenties. Met een POP werken zij vervolgens aan competentieontwikkeling, die in de jaargesprekken aan de orde komt, naast hun organisatorische en onderwijskundige functioneren. Conclusies en afspraken worden vastgelegd voor de volgende gespreksronde/beoordelingsgesprekken en voor het personeelsdossier. Het panel heeft de verslagen ingezien. Scholing en deskundigheidsbevordering zijn gebaseerd op de speerpunten, zoals die in het personeelsbeleid van de hogeschool en in de strategische meerjarenplannen zijn geformuleerd. Gemiddeld gebruikt een medewerker 6 à 10% van zijn taakomvang voor scholing. Vanuit de faculteit wordt 10% van de loonkosten van de medewerker hiervoor geoormerkt. Aan deze uren wordt deels op eigen initiatief invulling gegeven, deels op basis van individuele afspraken (POP) en een gedeelte bestaat uit verplichte scholing, die door het management wordt vastgesteld. In 2007 is bijvoorbeeld voor alle medewerkers van de faculteit (onderwijzend en ondersteunend personeel) een tweetal trainingen gegeven op het gebied van coaching en assessment. Elke onderwijsmedewerker dient in het bezit te zijn van een pedagogisch didactisch getuigschrift. Wanneer de docent nog niet beschikt over een dergelijk getuigschrift, dient hij of zij dit getuigschrift in het eerste of tweede jaar van de aanstelling te behalen. Dit is tevens een voorwaarde voor een vast dienstverband. Uit de CV s blijkt dat alle docenten op tenminste HBO-niveau zijn opgeleid; 70% heeft een wetenschappelijke opleiding gedaan. Het panel stelt vast dat het team bestaat uit docenten met een voldoende gevarieerde achtergrond en relevante praktijkervaringen. Binnen de opleiding heerst een open cultuur van collegiale intervisie. Teamleden vragen bijvoorbeeld aan een collega om er tijdens een training of les bij te komen zitten voor feedback. Ook wordt er met elkaar gediscussieerd over bijvoorbeeld een action learning opdracht, toets of een product dat een student heeft ontwikkeld. Studenten beoordelen via de Studentenmonitor 2007 de inhoudelijke deskundigheid van de docenten met een 6,6. Onderwerp 4 Voorzieningen Facet 4.1 Materiële voorzieningen Goed Criteria - De huisvesting en materiële voorzieningen zijn toereikend om het programma te realiseren. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 33/57
34 De opleiding is gehuisvest in het gebouw aan de Havikstraat in Sittard. Dit gebouw wordt gedeeld met andere opleidingen van de faculteit CM, alsmede met de faculteiten HEAO Financieel Management, Personal Business Management en ICT. De locatie is geschikt voor het onderwijs van SB&RM binnen het VCM, door de aanwezigheid van bijvoorbeeld projectruimtes, met en zonder computer, waarin groepjes studenten kunnen werken aan bijvoorbeeld de action learning opdrachten. Collegezalen zijn voorzien van presentatiemiddelen zoals beamers, laptops, overheadprojectors en video/dvd-spelers. Het gebouw heeft ruime openingstijden, ook in de avond. De opleiding heeft een ruime mediatheek c.q. studielandschap. De aanwezige nationale en internationale vakliteratuur, tijdschriften en kranten zijn relevant en actueel. Ook is er bedrijfsinformatie voorhanden, zoals jaarverslagen. Ten behoeve van de vraaggestuurde blokken uit het derde leerjaar heeft de mediatheek een website ingericht met relevante informatiebronnen die de student voor betreffende blokken kan raadplegen of gebruiken. Om de beschikbaarheid van studieboeken te garanderen is uitleen slechts beperkt mogelijk. Binnen de bibliotheek zijn voldoende studieplekken ingericht. Tijdens de visitatie gaven studenten aan dat ruimte voor zelfstudie tijdens bijvoorbeeld tussenuren door de opleiding voor hen werd gereserveerd. Dit is afgesproken naar aanleiding van klachten vanuit de opleidingscommissie. Er zijn 250 werkplekken met een computer beschikbaar. Bij een studentenpopulatie van 1500 studenten, is er één computer op zes studenten beschikbaar. Ook is het mogelijk met een laptop in te loggen op de netwerk infrastructuur van de hogeschool. Er is een ICT helpdesk voor vragen op gebied van de ICT-faciliteiten. Per 2007/2008 beschikt de opleiding over een draadloos netwerk. In het gebouw zijn ondersteunende diensten beschikbaar, zoals het bewonersservicepunt, het Bureau Onderwijs voor de roostering, organisatie van tentamens en cijferregistratie en een reproafdeling waar blokboeken, readers en kopieerkaarten worden verkocht. De repro is niet beschikbaar voor printopdrachten voor studenten. Uit de Studentenmonitor 2007 blijkt dat studenten tevreden zijn over de mediatheek en bibliotheek (score 6,4). De computerfaciliteiten (aantal, beschikbaarheid en kwaliteit) scoren 5,5 en de collegezalen en de les- en werkgroepruimtes 6,2. Er is wel sprake van piekbelasting van computerfaciliteiten op het midden van de dag. Thans zijn er binnen de faculteit mogelijkheden gecreëerd om eerstejaars studenten (van de nieuwe opleiding CM) via de hogeschool een laptop te laten aanschaffen. Het panel heeft tijdens het bezoek een rondleiding door het gebouw gekregen en vindt de voorzieningen van voldoende tot goede kwaliteit. Facet 4.2 Studiebegeleiding Voldoende Criteria - De studiebegeleiding en informatievoorziening aan studenten zijn adequaat met het oog op de studievoortgang. 34/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
35 - De studiebegeleiding en informatievoorziening aan studenten sluiten aan bij de behoefte van studenten. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De begeleiding van studenten vindt gedurende de opleiding op verschillende manieren plaats. In de blokken 'Groei in ondernemerschap' worden studenten begeleid in hun persoonlijke en professionele ontwikkeling. De begeleiding is in handen van de persoonlijke coach. Tijdens individuele coachingsgesprekken worden de door de opleiding of student gestelde doelstellingen besproken, evenals de reflectie hierop en de competentieontwikkeling. De producten van de opdrachten en de reacties en beoordelingen daarop van zichzelf, de medestudenten, docenten en werkveldbegeleiders worden in het digitale portfolio verzameld. Door het regelmatige contact heeft de persoonlijke coach een goed beeld van de studievoortgang van de individuele studenten. Studenten ontvangen ook begeleiding tijdens de action learning opdrachten, beroepsoriëntaties en de stageperiode 'werken en leren'. De action learning opdrachten worden in de voltijdopleiding begeleid door de docent van het betreffende blok; in de duale opleiding heeft de student een bedrijfscoach die hem daarin begeleidt. Tijdens de visitatie bleek dat in het werkveld zoveel vraag is naar studenten voor projectopdrachten, dat de opleiding kan selecteren op de kwaliteit van begeleiding door bedrijfscoaches. De opleiding heeft hierover frequent contact met de bedrijven Voltijdstudenten worden tijdens de beroepsoriëntaties en de stageperiode begeleid in hun het dagelijks functioneren door een bedrijfscoach. Hij voert onder andere gesprekken met de studenten over hun competentieontwikkeling. De begeleiding van de opleidingscoach is ook gericht op het volgen van de ontwikkeling van de student, het signaleren van problemen en het organiseren en onderhouden van contacten tussen de student, de opleiding en de bedrijfscoach Driemaal tijdens de stageperiode vinden er driehoeksgesprekken plaats en vijfmaal is er een terugkomdag voor studenten op de opleiding. Locatiebreed zijn er twee opleidingsdecanen die de student onder meer informatie geven over studentzaken als studiefinanciering, studentenverzekeringen en de rechten en plichten van de student. Studenten kunnen met de decaan persoonlijke problemen bespreken die niet met de studie te maken hebben, maar die de studievoortgang kunnen belemmeren. Daarnaast beschikt de locatie over twee vertrouwenspersonen. In 2005 is hogeschoolbreed het studentvolgsysteem Osiris geïmplementeerd. Via Infonet kan de student op elk moment de studieresultaten inzien en de studievoortgang volgen. Resultaten van toetsen zijn volgens afspraak binnen 10 werkdagen bekend en uiterlijk vier weken na bekendmaking via Osiris te raadplegen. Via Infonet kunnen studenten tevens roosterwijzigingen bekijken en zich inschrijven voor tentamens. Op Blackboard is voor elk blok een pagina ingericht met relevante informatie en/of wijzigingen. Voor ad hoc zaken, zoals lesuitval, wordt gebruik gemaakt van . Verdere informatie voor studenten is beschikbaar in de voorlichtingsbrochure, de studiegids, de OER en de blokboeken. De informatievoorziening over de studievoortgang scoort in de Studentenmonitor 2007 onvoldoende. Over de snelheid waarmee de uitslagen van tentamens binnen zijn, waren NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 35/57
36 de studenten in 2006 tevreden (score 7,0) en in 2007 ontevreden (4,4). Informatie over lesroosters, tentamenroosters en veranderingen scoort in ,4. Gezien de zeer matige score in 2007 met betrekking tot het tijdig bekend zijn de tentamenuitslagen komt het panel tot het oordeel voldoende. Onderwerp 5 Interne kwaliteitszorg Facet 5.1 Evaluatie resultaten Goed Criteria - De opleiding wordt periodiek geëvalueerd, mede aan de hand van toetsbare streefdoelen. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De faculteit CM stelt een meerjarenplan op, waaruit jaarlijks een jaarplan wordt afgeleid. De Audit & Control-groep van de hogeschool toetst het plan op meetbaarheid van de te bereiken resultaten, de mate van consistentie met de hogeschoolkaders en de verbeterdoelstellingen op grond van (externe) evaluaties. Op faculteitsniveau is de kwaliteitszorg uiteengezet in het document: Procedure Verbetercycli Overzichten (Faculteit Commercieel Management, juni 2007). In het document wordt uiteengezet op welke wijze het systeem van kwaliteitszorg gaat werken, welke doelen zijn geformuleerd en wie verantwoordelijk is voor welke evaluatie(s). In een matrix wordt aangegeven op welke wijze de verbetercyclus wordt gehanteerd. Tevens heeft het panel het document: Procedure Jaarplannen Faculteit Management (november 2006) gezien. Ook hierin zijn doelen en verantwoordelijkheden beschreven en wordt de PDCA-cyclus van de faculteit in een overzicht weergegeven. Voor de opleiding SB&RM wordt eveneens de Procedure Blokevaluaties (november 2006) beschreven en in een stroomdiagram weergegeven. De faculteit CM heeft een coördinator kwaliteitszorg, die verantwoordelijk is voor het integrale kwaliteitszorgsysteem van de faculteit en het coördineren van de verschillende evaluatie-instrumenten. Het onderwijs en de organisatie van de opleiding SB&RM worden jaarlijks geëvalueerd met de Studentenmonitor en de Personeelsmonitor. Na elk blok wordt het onderwijs geëvalueerd in een gesprek tussen de blokcoördinator en de studenten, die aan het blok hebben deelgenomen. Ter voorbereiding op dit gesprek ontvangen studenten een vragenlijst. De stages worden mondeling geëvalueerd in het eindgesprek tussen student, bedrijfscoach en docent. De werkveldcommissie en de opleidingscommissie leveren input voor opleidings- en organisatie aspecten. Voor de alumni is er een alumnipanel over het onderwijs en de aansluiting op de arbeidsmarkt. Evaluatie-uitslagen worden besproken in het teamoverleg en de opleidingscommissie. De opleiding streeft naar 70% tevredenheid of een gemiddelde score van 7 op een tienpuntsschaal. Sinds 2007 wordt de studenttevredenheid gemeten op een 36/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
37 vijfpuntsschaal; de opleiding rekent de uitslagen om naar een tienpuntsschaal om de kwaliteit over de termijnen heen te kunnen vergelijken. In 2006 was de respons op de Studentenmonitor hogeschoolbreed erg laag door de digitale afname. In 2007 is de monitor weer in papieren vorm afgenomen. Het resultaat was een respons van 30 tot 40%. Het panel stelt vast dat de opleiding de diverse aspecten van het onderwijs periodiek evalueert en in de hierboven genoemde documenten haar systeem van kwaliteitszorg goed beschrijft. Facet 5.2 Maatregelen tot verbetering Goed Criteria - De uitkomsten van deze evaluatie vormen de basis voor aantoonbare verbetermaatregelen die bijdragen aan de realisatie van de streefdoelen. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De coördinator kwaliteitszorg is samen met de opleidingscoördinator verantwoordelijk voor het uitzetten en coördineren van de verbeteracties, alsmede voor de bewaking van de vastgestelde procedure. De resultaten van de Studenten- en Personeelsmonitor worden besproken in het managementteam, de algemene faculteitsvergadering, het teamoverleg en de opleidingscommissie. Wanneer minder dan 60% tevreden is of lager dan een 6 scoort wordt actie ondernomen. Bij een score tussen 6 en 7 (respectievelijk 60-70% tevreden) vindt eerst een nadere analyse plaats en wordt indien daar aanleiding voor is actie ondernomen. De verbeteracties worden vastgelegd in de notulen van betreffend overleg. De resultaten van de blokevaluaties worden besproken in het blokteam en zonodig worden verbeteracties geformuleerd door de blokcoördinator. Hij is ook verantwoordelijk voor de borging van de samenhang en voor de uitvoering van het plan door bijvoorbeeld de docenten. Verbeteringen zijn sinds kort voor studenten terug te zien in de evaluatieresultaten per onderwijsblok. Docenten gaven tijdens de visitatie als voorbeeld van een verbetering, naar aanleiding van evaluatieresultaten de recente bijstelling van een financieel blok. Uit de blokevaluatie bleek dat veel studenten moeite hadden met de stof. Toen is besloten om in de laatste drie weken van het blok een spreekuur in te roosteren, zodat studenten met hun vragen bij een docent terecht kunnen. Aangezien de opleiding voor de eerste keer wordt gevisiteerd, kan zij niet aantonen dat zij verbeteringen heeft doorgevoerd naar aanleiding van deze visitatie. Facet 5.3 Betrekken van medewerkers, studenten, alumni en het beroepenveld Voldoende Criteria NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 37/57
38 - Bij de interne kwaliteitszorg zijn medewerkers, studenten, alumni en het afnemend beroepenveld van de opleiding actief betrokken. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: Medewerkers worden betrokken bij de interne kwaliteitszorg via de Personeelsmonitor, de blokevaluaties en via de voorbereiding en uitvoering op het visitatie- en accreditatietraject. Medewerkers kunnen feedback geven tijdens de algemene vergadering, het teamoverleg en via de opleidingscommissie, de deelraad en de centrale medezeggenschapsraad. Docenten hebben voorts zitting in de werkveld- en examencommissie. Ook het jaargesprek is een moment waarop docenten hun mening kunnen geven. In het gesprek tijdens de visitatie bleek dat docenten tevreden zijn over de manier en mate waarin zij een rol kunnen spelen in de kwaliteit van het te geven onderwijs. Studenten worden betrokken bij de kwaliteitszorg door deelname aan de Studentenmonitor, de blokevaluaties en het accreditatietraject. Tevens door hun deelname aan de opleidingscommissie, de deelraad en de centrale medezeggenschapsraad. Studenten beoordelen de wijze waarop de opleiding het onderwijs evalueert in 2007 met een 6,2. In 2002 zijn de eerste studenten begonnen aan de opleiding, waardoor er nog niet veel afgestudeerden zijn. De opleiding nodigt hen uit voor een alumnipanel. Zo worden zij betrokken bij de visitatie. Het alumnibeleid is nog niet verder uitgewerkt. Hogeschoolbreed is er een website voor contact tussen afgestudeerden en de opleiding, maar het is onduidelijk in hoeverre de opleiding hiervan gebruik maakt of wil maken. Het werkveld is betrokken bij de kwaliteitszorg door deelname aan de werkveldadviescommissie. De commissie heeft volgens het panel een actieve houding. De commissie komt ten minste drie maal per jaar bijeen. De opleidingscoördinator en een docent nemen deel aan deze overleggen. Hierin worden naast onderwijskundige zaken ook recente ontwikkelingen in de beroepspraktijk besproken en wordt nagegaan in hoeverre deze in het curriculum kunnen worden gebruikt. Het panel mist onderzoek naar de tevredenheid van werkgevers van afgestudeerden. Het panel concludeert dat de opleiding er voor een groot deel in slaagt om de verschillende stakeholders bij de kwaliteitszorg te betrekken. Op basis van het feit dat alumni nog maar mondjesmaat zijn betrokken bij de kwaliteitszorg van de opleiding en het ontbreken van een onderzoek onder werkgevers, komt het panel tot het oordeel voldoende. Onderwerp 6 Resultaten Facet 6.1 Gerealiseerd niveau Voldoende Criteria - De gerealiseerde eindkwalificaties zijn in overeenstemming met de nagestreefde eindkwalificaties qua niveau, oriëntatie en domeinspecifieke eisen. 38/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
39 Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De student dient om voor de bachelorproof te slagen de landelijke SB&RM competenties te realiseren. Ten minste vier competenties moeten een zogenoemde 'plusscore' hebben, waarmee de student zich profileert. Deze profilering kan ook betrekking hebben op competenties buiten het profiel. De student dient zich tijdens de bachelorproof te presenteren als een volwaardige beroepskracht die het eigen professionele handelen kan legitimeren aan de hand van het beroepsprofiel. Hij dient tevens de eigen beroepsontwikkeling richting te kunnen geven. De bachelorproof bestaat uit een vraaggesprek met drie examinatoren; hierbij dient het portfolio als input en bewijslast. De opleiding heeft nog geen criteria voor de bachelorproof geformuleerd (zie ook facet 2.8). Ook wordt er nog geen schriftelijke verslaglegging van gemaakt. Werkveldvertegenwoordigers met wie het panel heeft gesproken, vinden de afgestudeerden direct goed inzetbaar op een leidinggevende functie en bekwaam om zowel operationeel als strategisch mee te kunnen communiceren in een middelgrote of grote organisatie. De afgestudeerden zelf voelen zich zelfverzekerd en bekwaam, zo bleek uit het gesprek van het panel met vertegenwoordigers uit het werkveld. Het panel heeft portfolio s van tien afgestudeerden bestudeerd om zich een oordeel te vormen over het gerealiseerde competentieniveau van de studenten. Het panel heeft hierbij gelet op het theoretische niveau, de opbouw en leesbaarheid, de inhoud en het in de portfolio s gepresenteerde onderzoek. Het panel heeft geconstateerd dat de studenten weinig theorie en literatuur gebruiken bij het oplossen van praktijkproblemen. Het panel is er echter, op basis van de opbouw en inhoud van het curriculum en het gesprek met studenten tijdens de visitatie, van mening dat zij beschikken over voldoende kennis, die nodig is voor het succesvol uitoefenen van het beroep. Het panel beoordeelt de opbouw en de leesbaarheid van de portfolio s als zeer divers. De opleiding onderschrijft dit en gaf tijdens de visitatie aan dat zij naar aanleiding van de eerste afstudeerervaringen en ervaringen met de portfolio s de richtlijnen hiervoor nader heeft gespecificeerd. Tot heden werd studenten hierbij te veel vrijheid geboden. Zo hebben sommige studenten de beoordeling van docenten in hun portfolio opgenomen en anderen niet. Ook de veelheid aan irrelevant materiaal (een optelsom van , korte opdrachten en formulieren) doet volgens het panel enige afbreuk aan de leesbaarheid. Tot slot: de portfolio s zijn zeer persoonlijk geschreven, wat de professionaliteit ervan niet ten goede komt. Om de portfolio s meer de standaardiseren is thans een voorbeeldportfolio op Blackboard geplaatst. Een aantal van de studenten heeft een onderzoek gedaan, waarvan het rapport als bewijslast in het portfolio is opgenomen. Dit waren een klanttevredenheidsonderzoek, een marketingplan of ondernemingsplan. Het panel is van oordeel dat de uitgevoerde onderzoeken een HBO-niveau hebben. Alle portfolio s bevatten een POP, reflectieverslagen, verslagen van onderwijsblokken, voortgangsrapportages, soms 360 graden analyses en reacties van docenten en werkplekbegeleiders. Als onderzoeksmethodes wordt gebruik gemaakt van enquêtes, SMART, DEPESTanalyses, ansoff-matrices, financiële modellen en motivatietheorieën, theoretische modellen als ABEL, SWOT en BCG. Alle onderzoeken zijn voldoende relevant voor het NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 39/57
40 werkveld, aldus het panel. De beoordeling door de opleiding is volgens het panel adequaat. De conclusie van het panel luidt dat basiskennis betreffende economie en ondernemen/retail in voldoende mate aan bod komt in de opleiding, maar dat deze in de producten niet in alle gevallen in voldoende mate tot uitdrukking komt. Het panel vindt ten aanzien van deze vakken een sterkere koppeling tussen de theorie en praktijk gewenst. Competenties worden voldoende getoetst in het curriculum en zijn terug te vinden in de producten. Het panel heeft echter geen inzicht gekregen in de vraag of deze competenties ook in voldoende mate in de bachelorproof worden getoetst, aangezien hiervan tot op heden geen verslag wordt gemaakt. Zij komt op basis van deze argumenten tot het oordeel voldoende. Facet 6.2 Onderwijsrendement Voldoende Criteria - Voor het onderwijsrendement zijn streefcijfers geformuleerd in vergelijking met relevante andere opleidingen. - Het onderwijsrendement voldoet aan deze streefcijfers. Het oordeel wordt als volgt beargumenteerd: De opleiding streeft naar een propedeuserendement van 50% na twee jaar en een diplomarendement van 55% na vijf jaar. De opleiding laat in een overzicht zien dat het propedeuserendement van de voltijdstudenten voor de eerste twee cohorten net onder de streefnorm ligt (ongeveer 45%), maar dat het derde cohort een stijging laat zien (67,2%). Van het vierde cohort haalt 52,8% de propedeuse in twee jaar. De duale variant bestaat vanaf Het propedeuserendement van het eerste cohort blijft, net als de voltijd, onder de streefnorm (44,4%). Het tweede cohort (2004) haalt de norm wel met 63,6%, maar voor cohort 2005 geldt voor de duale variant weer een daling(46,2%). Om het propedeuserendement te verbeteren heeft de opleiding het intakegesprek geïntroduceerd bij de instroom en samenwerking gezocht met MBO-opleidingen. In de nieuwe opleiding is de BSA-norm verhoogd waarmee scherper geselecteerd kan worden. Op landelijk niveau voeren de economische opleidingen gezamenlijk de discussie over het type studenten dat aangetrokken wordt, aangezien landelijk de uitval door verkeerde studiekeuze groot is. Van de 63 studenten die in 2002 zijn begonnen is op het moment van de visitatie 31% afgestudeerd. Van de 47 studenten van cohort 2003 is 10,5% afgestudeerd (na vier en een half jaar). Van de 9 duale studenten uit 2003 is 44,4% afgestudeerd. Van de 11 duale studenten uit 2004 (verkorte opleiding) is 27,3% afgestudeerd. Door de sterke praktijkgerichtheid van de opleiding komt het voor dat studenten in het bedrijfsleven een positie aangeboden krijgen. Dit veroorzaakt volgens het management van de opleiding het grootste deel van de uitval in de hoofdfase. Alumni van de duale opleiding hebben tijdens de visitatie aangegeven dat uitval soms ook werd veroorzaakt 40/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
41 door de studielast; met name het herkansen van action learning opdrachten zorgt voor vertraging en uitval. De opleiding beschikt niet over betrouwbare cijfers en streefcijfers betreffende de gemiddelde studieduur van studiestakers, vanwege het feit dat op hogeschoolniveau hiervoor geen stuurgetallen zijn geformuleerd. De opleiding geeft aan dat op basis van de thans beschikbare rendementscijfers nog geen valide en betrouwbare conclusies zijn te trekken, gezien de korte bestaansduur van de opleiding. Het panel stelt vast dat de streefcijfers van de opleiding over het algemeen niet worden gehaald. Het panel komt op basis hiervan tot het oordeel voldoende. NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 41/57
42 42/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
43 Deel C: Bijlagen NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 43/57
44 Bijlage 1: Onafhankelijkheidsverklaring panelleden 44/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
45 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 45/57
46 46/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
47 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 47/57
48 48/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
49 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 49/57
50 Bijlage 2: Deskundigheden panelleden Opleidingen Commerciële Economie en Small Business and Retail Management, Hogeschool Zuyd Deskundigheid cf. Protocol VBI s; 22 augustus 2005 Panellid domein: De heer drs. R.E. de Graaff Panellid De heer prof.mr.drs. J.Th. Degenkamp Panellid: De heer drs. J.W.G. van Scheerdijk Student panellid: Mevrouw S. van Schaik Panellid NQA: Mevrouw drs. M.E. Voorthuis Panellid NQA: Mevrouw E.J. Stolp Relevante werkvelddeskundigheid X X X Vakdeskundigheid: Vertrouwd met meest recente ontwikkelingen Vakdeskundigheid: Vertrouwd met lesgeven en beoordeling en toetsing minstens op niveau/oriëntatie te beoordelen opleiding X X X Onderwijsdeskundigheid X X X X X X Studentgebonden deskundigheid X Visitatiedeskundigheid X X X X Nadere informatie over de achtergronden van de panelleden: Panellid de heer drs. R.E. de Graaff De heer De Graaff is ingezet vanwege zijn werkvelddeskundigheid. Hij heeft veel ervaring in commerciële economie door verschillende functies bij nationale en internationale ondernemingen. Daarnaast heeft de heer De Graaff ervaring als examinator NIMA Sales. De heer De Graaff heeft door zijn werkervaring kennis van de accreditatiesystematiek. Voor deze visitatie is hij aanvullend individueel geïnstrueerd over het accreditatieproces in het hoger onderwijs en de werkwijze van NQA. Opleiding: Stichting Leraren Opleiding Utrecht, geschiedenis 2 de graad en geografie 3 de graad Universiteit Utrecht, geschiedenis Management Centre Europe: Finance for non-financial people, Lateral thinking for management, Marketing for non-marketeers 50/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
51 Diverse cursussen: Understanding and developing leadership, Problem solving and decision making, Presentation skills, Positive negotiations, Time management, Teamwork skills en diverse verkooptrainingen Diverse congressen en seminars gevolgd op het gebied van projectmatig werken Werkervaring: Cosinta b.v., opzetten distributiekanaal in België Apple Computer b.v., logistiek- en distributiemedewerker voor Nederland en in België, Dealer-manager, Account-manager, Business unit manager education Interleaf Benelux, accountmanager LBC b.v, marketing & verkoop, trainer NEC b.v., verkoopmanager Benelux 2000 heden Primavera Nederland, verkoopmanager Benelux Panellid de heer prof.mr.drs. J.Th. Degenkamp De heer Degenkamp is ingezet als panellid vanwege zijn vakdeskundigheid, zijn onderwijsdeskundigheid en zijn internationale deskundigheid op het gebied van bestuurskunde/overheidsmanagement, juridische opleidingen en de opleiding management, economie en recht. De heer Degenkamp heeft daarnaast relevante werkvelddeskundigheid, is vertrouwd met de meest recente ontwikkelingen en met lesgeven, beoordeling en toetsing op het gebied van fiscale economie, commerciële economie en bedrijfseconomie. De heer Degenkamp heeft Recht gedoceerd aan een economische faculteit. Daarnaast heeft de heer Degenkamp zich verdienstelijk gemaakt bij allerlei activiteiten om de relatie universiteit-maatschappij stevig te houden, onder meer in het voorzitterschap van de stichting Ondernemend Groningen en bij het geven van cursussen op het gebied van het starten van een eigen bedrijf in de jaren tachtig. De heer Degenkamp heeft de NQA auditortraining Hoger Onderwijs gevolgd en is daarnaast aanvullend individueel geïnstrueerd voor deze visitatie. Opleiding: 1954 HBS-b examen Doctoraal economie Doctoraal rechten Werkervaring: Organisatieadviseur Econoom bij de Raad van State Wetenschappelijk medewerker UvA Hoogleraar rechtswetenschap RUG Voorzitter examencommissies Recht NIVRA Hoogleraar rechtswetenschap Nyenrode Lid geschillencommissie HBO Lid Commissie van Toezicht Faculteit Economie en Management, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen 1997 heden Mediator/arbiter NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 51/57
52 Panellid de heer drs. J.W.G. van Scheerdijk De heer Van Scheerdijk is ingezet als panellid vanwege zijn werkvelddeskundigheid op het gebied van Small Business and Retail Management. Na zijn opleiding Bedrijfseconomie aan de Universiteit van Tilburg met als afstudeerrichting Services- en Retailmarketing is de heer Van Scheerdijk gaan werken als medewerker marketing en verkoop bij R&M. De heer Van Scheerdijk is voor deze visitatie individueel geïnstrueerd over het proces van visitatie en accreditatie in het hoger onderwijs en over de werkwijze van NQA. Opleiding: VWO (Atheneum) Universiteit van Tilburg: Bedrijfseconomie, afstudeerrichting Services- en Retailmarketing Werkervaring: 04/03 09/03 Interpolis: afstudeerstage en scriptie over kansen voor zelfbediening voor de Alles in één Polis 05/ R&M: medewerker marketing en verkoop 12/04 02/05 Marketingplan geschreven voor STIBA, de brancheorganisatie voor autodemontagebedrijven (naast baan bij R&M) 05/05 heden Consultant bij Retail Management Center Panellid student mevrouw S. van Schaik Mevrouw Van Schaik is ingezet als student panellid. Zij is derdejaars student Commerciële Economie aan de Avans Hogeschool te Breda. Daarvoor heeft zij Management, Economie en Recht gestudeerd. Mevrouw Van Schaik beschikt over studentgebonden deskundigheid met betrekking tot studielast, onderwijsaanpak, voorzieningen en kwaliteitszorg bij opleidingen Commerciële Economie. Zij is qua leeftijd en vooropleiding representatief voor de primaire doelgroep van de opleiding. Mevrouw Van Schaik is individueel geïnstrueerd over het proces van accreditatie in het hoger onderwijs en over de werkwijze van NQA. Opleiding: 2004 heden Commerciële economie, Avans Hogeschool te Breda Management, economie en recht, Avans Hogeschool te Breda (niet voltooid) HAVO, Cambreur college te Dongen Werkervaring: 2003 heden The Gant Store te Breda, Verkoopmedewerker; verkoop van luxe herenkleding 2003 Xelling, Callcentermedewerker. Verkoop van Pensioenfondsen en Hotelbon HCN Het Callcenter Netwerk te Tilburg, Callcentermedewerker, in- en outbound projecten Diversen: 2006 heden Voorzitter Damesdispuut Chique 2006 heden Voorzitter Commissie Studentzaken Avans Medezeggenschapsraad 2005 heden Student-lid Avans Medezeggenschapsraad 2005 heden Student-lid academieraad van Avans Hogeschool 2006 Vice-voorzitter Damesdispuut Chique 2006 Penningmeester introductiecommissie BSF Maurits 52/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
53 2004 Secretaris Damesdispuut Chique Mevrouw Drs. M.E. Voorthuis Mevrouw Voorthuis beschikt zowel door haar opleiding als door haar werk over een brede onderwijskundige kennis van en ervaring met het onderwijs. Zij heeft een groot aantal jaren gewerkt als senior-adviseur en -onderzoeker op het terrein van met name het hoger onderwijs en de bve sector en hierover gepubliceerd. Voor het hoger onderwijs voerde zij een groot aantal onderzoeken en adviestrajecten uit. Deze hadden onder andere betrekking op de implementatie en evaluatie van tal van onderwijskundige vernieuwingen, alsook op kwaliteitszorg. Andere terreinen waarop zij onderzoek deed en adviestrajecten uitvoerde zijn studiebegeleiding en studieloopbanen, studiekeuzeprocessen en de positie van allochtone studenten in het hoger onderwijs. Daarnaast was zij gedurende een aantal jaren projectleider van een monitorproject van management- en verkooptrainingen bij een gerenommeerd internationaal bedrijf voor managementtrainingen. Als auditor heeft zij ruime ervaring binnen verschillende domeinen in zowel het hoger beroepsonderwijs, als het universitaire onderwijs. Opleiding: 1973 Diploma Pedagogische Academie 1985 Doctoraal Pedagogische Wetenschappen, met het hoofdvak Onderwijskunde en de bijvakken Organisatiesociologie en Bestuurskunde 1989 Leergang Modulair Onderwijs bij het Nederlands Studie Centrum Cursus Gegevensverwerking met Data Entry en SPSS/PC+ Training Krauthammer International Cursus Vergelijking ATLAS/ti-Nvivo Werkervaring: Basisonderwijs SCO-Kohnstamm instituut van de Universiteit van Amsterdam HBO-raad, afdeling Kwaliteitszorg heden Netherlands Quality Agency 2005 Vanuit NQA gedetacheerd bij de Quality Assurance Netherlands Universities (QANU) Panellid mevrouw E.J. Stolp (NQA auditor) Mevrouw Stolp is ingezet als NQA-auditor. Zij is bekend met het proces van accreditatie in het hoger onderwijs en is verder ingewerkt binnen de werkwijze van NQA. Mevrouw Stolp heeft vanuit haar opleiding en ervaring kennis van organisatorische, didactische en onderwijskundige processen. Opleiding: Eerstegraads Docent Beeldende Vorming Autonome Beeldende kunst Werkervaring: SKON, Groepsleidster naschoolse opvang; beleidvorming opvang van 7plusser en projectleider Implementatie van beleid bij collega-vestigingen Zelfstandige beroepspraktijk voor beeldende kunst heden NQA, junior auditor NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 53/57
54 Bijlage 3: Bezoekprogramma BEZOEKPROGRAMMA VISITATIE CE, SB&RM en CM Dag 1: woensdag 26 september 2007 Tijd Activiteit Wie Opmerkingen/ bijzonderheden uur Ontvangst visitatiepanel Ans van der Klauw Faculteitsdirecteur (A007) uur Materiaalbestudering/ Visitatiepanel paneloverleg uur Gesprek met het Ans van der Klauw opleidingsmanagement Harold Limpens Opleidingscoördinator uur Pauze uur Gesprek met studenten CE Suzanne Wagener (lj 2) Dré Hendriks (lj 2) Geertje Wanders (lj 3) Ryanne Maessen (lj 3) Pim van Noorden (lj 4) Marcella van Weert (lj 4) uur Gesprek met docenten CE Loek Swelsen Bert Jorritsma Vivianne Theunissen uur Materiaalbestudering/ paneloverleg uur Gesprek met alumni en werkveld CE uur Snack uur Gesprek met alumni en werkveld SB&RM Peter Frambach Ilja Castermans Mario Zotti George Meijer Visitatiepanel Bob Engels (alumnus) Ruud Ruijl (alumnus) Joep Loop (alumnus) Rik Houtman (werkveld) Ger Smith (werkveld) Leo Mengelers (werkveld) Niels Wetzels (vt alumnus) Aimée Gorter (vt alumnus) Luke Manders (du alumnus) Robert Ruiter (werkveld) Chiel van Rijn (werkveld) Roger Kleijnen (werkveld) Lonneke Scheijvens (werkveld) Trudy van Twuijver (werkveld) Post propedeuse Post propedeuse, studieloopbaanbegeleiding Post propedeuse, Lid kenniskring Innovatief Ondernemerschap & Risk Management Post propedeuse, stagecoördinator Post propedeuse, Lid kenniskring Toerisme & Cultuur Post propedeuse, lid werkveldcommissie Post propedeuse, vz examencommissie Voor meer informatie zie bijlage Voor meer informatie zie bijlage 54/57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
55 Dag 2: donderdag 27 september 2007 Tijd Activiteit Wie Opmerkingen/ bijzonderheden uur Ontvangst visitatiepanel Ans van der Klauw Faculteitsdirecteur uur Materiaalbestudering/ paneloverleg uur Gesprek met studenten SB&RM uur Gesprek met docenten SB&RM Visitatiepanel Hugo Geurtjens (vt lj 2) Annyk Nelissen (vt lj 2) Dieu Frissen (vt lj 2) Kristel Folie (vt lj 3) Michiel Elshout (vt lj 3) Bjorn Nievergeld (vt lj 4) Rianne Muris (vt lj 4) Johan Schouten (vt lj 4) Gerard Biesmans (du lj 2) Freddy Wittelings (du lj 3) Jos Maas Tamara Mayer Hans Koenraad Jeannie Teeuwen Rob Knaapen Jan van der Put uur lunch uur Rondleiding door gebouw Kristel Folie uur Gesprek met ontwikkelaars en uitvoerders CM Jos Maas Harry Elshout Linda Hendriks Wiel Hotterbeekx Stephan Benedik Annelies Falk Armand Odekerken uur Paneloverleg Visitatiepanel uur 2 de gesprek opleidingsmanagement Ans van der Klauw Harold Limpens uur Afsluitend paneloverleg Visitatiepanel Lid opleidingscommissie Coach Coach Coach Coach Coach Coach, lid opleidingscommissie Coach, lid werkveldcommissie Coach Coach, vz examencommissie Coach Coach Coach Faculteitsdirecteur Opleidingscoördinator NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 55/57
56 Bijlage 4: Overzichtslijst van door de opleiding ter inzage gelegd materiaal Materiaal Beleidsdocumenten (op opleidings- en hogeschoolniveau) kwaliteitszorg organisatie personeelsbeleid (o.a. functie- en kwalificatieprofielen, documentatie over functioneren en professionaliseren) onderwijsbeleid en toetsbeleid rendementsbeleid Onderwerp/facet , 6 Evaluatierapporten/ -resultaten (zowel intern als extern onderzoek) Inclusief de meetinstrumenten 2, 3.3, 4, 5, 6.2 Onderwijs- en examenregeling Beoogde eindkwalificaties 1 Beroepsprofiel of vergelijkbaar document 1 Studiegids 2, 4.2 Overzicht van het programma (voor elke variant en locatie) 2 inclusief studiepunten Overzicht van personeel (kwalificaties van docenten) 3.1 Kengetallen 6.1 Curriculummateriaal: 2 modulehandleidingen stage/afstudeerhandleidingen boekenlijst projectopdrachten deficiëntieprogramma s studieboeken readers Toetsen, portfolio s en assessments, inclusief beoordelingen 2.8, 6.2 Afstudeerproducten, inclusief beoordelingen 6.2 Stageverslagen, inclusief beoordelingen /57 NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du)
57 Bijlage 5: Domeinspecifieke competenties. Zie de website van de HBO-raad: NQA - Hogeschool Zuyd; hbo bacheloropleiding Small Business & Retail Management (vt/du) 57/57
Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase
Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase 11 februari 2008 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Accreditatiekader, toegespitst
Hogeschool Zuyd, Sittard
Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: Commercieel Management Niveau: hbo-bachelor Croho: 34126 Variant: voltijd Visitatiedatum: 26 en 27 september 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
Concept Beoordelingskader voor het bijzondere kenmerk residentieel onderwijs
Concept Beoordelingskader voor het bijzondere kenmerk residentieel onderwijs 2 december 2008 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordelingskader 4 pagina 2 1 Inleiding Dit beoordelingskader bevat een aantal facetten
Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van de Hogeschool Drenthe
College van Bestuur Hogeschool Drenthe Postbus 2080 7801 CB EMMEN Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van de Hogeschool
Hogeschool Zuyd, Sittard. Opleiding: Commerciële Economie Niveau: hbo bachelor Croho: 34402 Varianten: voltijd
Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: Commerciële Economie Niveau: hbo bachelor Croho: 34402 Varianten: voltijd Visitatiedatum: 26 en 27 september Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december 2007
Teamscan op accreditatiewaardigheid
Teamscan op accreditatiewaardigheid De Teamscan accreditatiewaardigheid (in vervolg: scan) geeft inzicht in hoe het opleidingsteam ervoor staat met betrekking tot de opleidingsaccreditatie. De scan bestaat
Besluit. College van bestuur. Hanzehogeschool Groningen. Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN
College van bestuur Hanzehogeschool Groningen Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Facility
Breakout sessie 2-5. Stelsel 3.0 Accreditatie op Maat: Opleidingsbeoordeling. Introductie
Breakout sessie 2-5 Stelsel 3.0 Accreditatie op Maat: Opleidingsbeoordeling De voorstellen beschreven in deze notitie dienen als uitwerking van (aangekondigde) wetswijzigingen. Op basis van deze wetswijzigingen
Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland
Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland 17 december 2015 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Wanneer een Toets Nieuwe Opleiding? 4 3 Werkwijze Toets Nieuwe Opleiding 5 4 Aanvraagdossier ten behoeve van
AVANS Hogeschool, s-hertogenbosch
AVANS Hogeschool, s-hertogenbosch Opleiding: Varianten: Civiele Techniek voltijd en duaal Visitatiedata: 29 en 30 september 2004 NQA (Netherlands Quality Agency) 2 NQA visitatie Avans Hogeschool vestiging
Bachelor of Business Administration (MER opleiding)
Bachelor of Business Administration (MER opleiding) voor decentrale overheden Het Onderwijs De Bachelor of Business Administration voor decentrale overheden (Management, Economie & Recht, MER) wordt aangeboden
HBO Bedrijfskunde Bachelor of Business Administration (BBA)
HBO Bedrijfskunde Bachelor of Business Administration (BBA) HBO Bedrijfskunde Academie Mercuur en AdviCo verzorgen in samenwerking met Hogeschool SDO de opleiding HBO Bachelor Bedrijfskunde. Het programma
Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool
NAO nederlands- vlaamse accreditatieorganisatie Besluit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool Datum: 1 oktober
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleiding: Commerciële Economie, hbo-bachelor Croho: 34402 Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Locaties: Arnhem en Nijmegen Visitatiedatum: 19 juni 2007 Netherlands Quality
Hogeschool INHOLLAND, School of Agriculture and Technology
Hogeschool INHOLLAND, School of Agriculture and Technology Opleiding: Luchtvaarttechnologie, bachelor Variant: voltijd Visitatiedata: 5 en 6 april 2005 NQA (Netherlands Quality Agency) Utrecht, augustus
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleiding: Elektrotechniek, hbo-bachelor; Croho: 34267 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 27 mei 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, september 2008
Christelijke Hogeschool Windesheim
Christelijke Hogeschool Windesheim Opleiding: Management, Economie en Recht; hbo-bachelor, croho: 34435 Locatie: Zwolle Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 16 april 2009 Netherlands Quality Agency
De NVAO beoordeelt het onderwerp doelstellingen opleiding derhalve voldoende.
College van Bestuur van de Christelijke Hogeschool Windesheim Postbus 10090 8000 GB ZWOLLE Besluit datum 10 februari 2005 onderwerp Definitief besluit accreditatie hbo-bachelor Bouwkunde van de Christelijke
Noordelijke Hogeschool Leeuwarden Opleiding: Commerciële Economie, hbo bachelor Croho: 34402 Varianten: voltijd, deeltijd
Noordelijke Hogeschool Leeuwarden Opleiding: Commerciële Economie, hbo bachelor Croho: 34402 Varianten: voltijd, deeltijd Visitatiedatum: 4 juli 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
Deeltijd voor professionals
Deeltijd voor professionals Presentatie informatiedossier 13-04-2016 Aanvraag Vooraf Gemeenschappelijk onderwijsmodel Informatiedossier Bijlagen Onze vraag voor NVAO Voldoet opzet en uitwerking 2 Inleiding
Hogeschool Zuyd, Sitard
Hogeschool Zuyd, Sitard Opleiding: MZD bachelor; deeltijd Croho: 34538 Opleiding: PBM, bachelor; voltijd Croho: 34125 Visitatiedatum: 14 juni 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, oktober 2007
Management & Organisatie
Management & Organisatie Algemeen De opleiding Bedrijfskunde MER (deeltijd) wordt verzorgd door het Instituut voor Bedrijfskunde, Hanzehogeschool Groningen. Steeds meer krijgen organisaties te maken met
Informatie werkplekleren
Informatie werkplekleren Pabo Venlo 2014-2015 Inhoudsopgave Inleiding Blz. 3 Stagedagen Blz. 4 Stageweken Blz. 4 Jaaroverzicht 2014-2015 Blz. 5 Opleidingsprogramma Blz. 6 Propedeusefase Hoofdfase Afstudeerfase
Hogeschool Utrecht, locatie Utrecht
Hogeschool Utrecht, locatie Utrecht Opleiding: hbo-master Dovenstudies/ Leraar Nederlandse Gebarentaal Croho: 44104 Variant: deeltijd Visitatiedatum: 18 december 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht,
Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg
5 Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg Master Special Educational Needs, bestaande uit 4 opleidingen: - de opleiding leraar speciaal onderwijs algemeen (LSO dt); - de opleiding leraar speciaal
Fontys Hogescholen, Eindhoven
Fontys Hogescholen, Eindhoven Opleiding: Management Economie en Recht; hbo-bachelor Croho: 34435 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 16 april 2009 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, juli
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleiding: Financial Services Management HBO bachelor, locatie Arnhem Croho: 34414 Varianten: voltijd & deeltijd
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleiding: Financial Services Management HBO bachelor, locatie Arnhem Croho: 34414 Varianten: voltijd & deeltijd Visitatiedatum: 25 juni 2007 Netherlands Quality Agency
PEER REVIEWS. Managementgroep Interactum September 2014
PEER REVIEWS Managementgroep Interactum September 2014 Met peer review wordt een systeem bedoeld waarbij de betreffende opleidingen structureel gebruik maken van elkaars deskundigheid en elkaars critical
AVANS Hogeschool, Tilburg
AVANS Hogeschool, Tilburg Opleiding: Technische Bedrijfskunde; hbo-bachelor Croho: 34421 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 9 oktober 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december 2008
Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde
Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde Toelating Hbo-ba Verpleegkunde vs.29.10.2015 Pagina 1 1. Toelatingsbeleid 1.1 Officiële toelatingseisen Als voorwaarde voor toelating tot de
ZUYD HOGESCHOOL
ZUYD HOGESCHOOL 2018-2019 Beschrijving leertraject Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB), inclusief de Basis Kwalificatie Examinering (BKE) Klik op een van onderstaande linken om direct naar
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2018-2019 Opleidingsdeel voor de bachelor lerarenopleidingen voortgezet onderwijs van Driestar hogeschool (onderdeel van Driestar educatief)
ASSESSMENTS VAN DE BACHELOR LGL en GPW
ASSESSMENTS VAN DE BACHELOR LGL en GPW FHTL, UTRECHT 2017-2018 Inhoudsopgave INLEIDING 3 PROPEDEUSE- ASSESSMENT 4 TOELATINGSEISEN VOOR HET ASSESSMENT: 4 INHOUD VAN HET PORTFOLIO 4 OPMERKINGEN 5 HOOFDFASE-
Besluit. College van Bestuur van de Christelijke Hogeschool Windesheim Postbus GB ZWOLLE
College van Bestuur van de Christelijke Hogeschool Windesheim Postbus 10090 8000 B ZWOLLE Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor
Hogeschool INHOLLAND. Opleidingen: Voedingsmiddelentechnologie, bachelor Varianten: voltijd/duaal. Visitatiedata: 2 en 3 juni 2005
Hogeschool INHOLLAND Opleidingen: Voedingsmiddelentechnologie, bachelor Varianten: voltijd/duaal Visitatiedata: 2 en 3 juni 2005 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, november 2005 2 NQA - visitatie
Hanzehogeschool Groningen
Hanzehogeschool Groningen Opleiding: Commerciële Economie, hbo bachelor; Croho: 34402 Varianten: voltijd, deeltijd, duaal Visitatiedatum: 25 april 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, oktober
AVANS Hogeschool, Breda
AVANS Hogeschool, Breda Opleiding: Management, Economie en Recht; hbo-bachelor Croho: 34435 Varianten: voltijd/duaal Visitatiedatum: 24 september 2009 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
Noordelijke Hogeschool Leeuwarden
Noordelijke Hogeschool Leeuwarden Opleiding: Pedagogiek hbo-bachelor Locatie: Leeuwarden en Zwolle Croho: 35158 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 9 juni 2009 Netherlands Quality Agency (NQA)
Besluit. College van bestuur. Hogeschool van Amsterdam. Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM
College van bestuur Hogeschool van Amsterdam Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM Besluit Besluit strekkende tot positieve beoordeling van een aanvraag Toets nieuwe opleiding hbo-master Integraal Leiderschap
Hanzehogeschool Groningen, Leeuwarden
Hanzehogeschool Groningen, Leeuwarden Opleiding: HBO-bachelor Vormgeving (Academie voor Popcultuur), Croho: 39111 Varianten: voltijd Visitatiedatum: 10 mei 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht,
Bijlage 2. Protocol toetsing Associatedegreeprogramma. 15 december 2009
Bi Bijlage 2 Protocol toetsing Associatedegreeprogramma door de NVAO 15 december 2009 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Toets Associate-degreeprogramma in de hbo-bachelor 4 2.1 2.2 Criteria De status van de bacheloropleiding
Jaarlijkse Studenten Enquete (JSE) Behaalde resultaten en samenvatting. Studiejaar
Jaarlijkse Studenten Enquete (JSE) Behaalde resultaten en samenvatting Studiejaar 2-2 Inhoudopgave Inleiding Samenvatting De enquete vragen De resultaten 7 2 Inleiding De Jaarlijkse Studenten Enquete (JSE)
Fontys Hogescholen, locatie Eindhoven Opleiding: Fiscale Economie, hbo bachelor Croho: 34409 Varianten: voltijd/deeltijd
Fontys Hogescholen, locatie Eindhoven Opleiding: Fiscale Economie, hbo bachelor Croho: 34409 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 5 februari 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, mei 2007
Christelijke Hogeschool Windesheim
Christelijke Hogeschool Windesheim Opleidingen: Accountancy en Bedrijfseconomie, hbo-bachelor; Varianten: Accountancy voltijd/deeltijd/duaal Bedrijfseconomie voltijd Visitatiedatum: 27 juni 2006 Netherlands
me nse nkennis Competentiegericht opleiden in de BIG opleidingen Getting started
me nse nkennis Competentiegericht opleiden in de BIG opleidingen Getting started Inhoud Competentiegericht opleiden 3 Doel van praktijktoetsen 4 Wijze van evalueren en beoordelen 4 Rollen 5 Getting started
Avans Hogeschool, s-hertogenbosch
Avans Hogeschool, s-hertogenbosch Opleiding: Integrale veiligheid, hbo bachelor Croho: 39201 Varianten: voltijd en deeltijd Visitatiedatum: 12 juni 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, oktober
Hogeschool Zuyd, Heerlen
Hogeschool Zuyd, Heerlen Opleiding: Fysiotherapie, hbo-bachelor Variant: voltijd Visitatiedata: 12 oktober 2005 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december 2005 Inhoud 2 NQA - visitatie Hogeschool
2. Bevindingen met betrekking tot het VBI-rapport
College van bestuur Hogeschool Rotterdam Postbus 25035 3001 HA ROTTERDAM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Trade Management
Hogeschool Zuyd, Heerlen
Hogeschool Zuyd, Heerlen Opleiding: Facility Management Visitatiedata: 13 en 14 oktober 2004 NQA (Netherlands Quality Agency) 2 NQA - visitatie Hogeschool Zuyd opleiding Facility Management Inhoud 3 Deel
Avans Hogeschool, Tilburg
Avans Hogeschool, Tilburg Opleidingen: Varianten: Bouwkunde, Bouwtechnische Bedrijfskunde en Civiele Techniek voltijd en duaal Visitatiedata: 4 en 5 november 2004 NQA (Netherlands Quality Agency) Utrecht,
Hogeschool INHOLLAND Opleiding: Sociaal Juridische Dienstverlening, hbo bachelor; Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Locaties: Rotterdam/Den Haag
Hogeschool INHOLLAND Opleiding: Sociaal Juridische Dienstverlening, hbo bachelor; Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Locaties: Rotterdam/Den Haag Visitatiedatum: 31 oktober 2006 Netherlands Quality Agency
Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bestuurskunde/Overheidsmanagement van de NHL Hogeschool
,nvao r nederlands-vlaam se accreditatie organisatie S uif Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bestuurskunde/Overheidsmanagement van de NHL Hogeschool datum
Hogeschool Rotterdam, Rotterdam
Hogeschool Rotterdam, Rotterdam Opleiding: Communicatie, hbo bachelor Croho: 34405 Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Visitatiedatum: 10 mei 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, oktober 2007 2/63
Hogeschool INHOLLAND, Rotterdam
Hogeschool INHOLLAND, Rotterdam Opleiding: Integrale Veiligheid, hbo-bachelor Croho: 39201 Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Visitatiedatum: 3 juni 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
BEOORDELING BESTAANDE EXPERIMENTEN LEERUITKOMSTEN
NVAO NEDERLAND BEOORDELING BESTAANDE EXPERIMENTEN LEERUITKOMSTEN PROTOCOL APRIL 2019 Inhoud Inleiding... 3 1 Standaarden... 4 1.1 Toepassing standaarden... 4 1.2 Standaarden voor de beperkte beoordeling...
Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs
Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 12 november 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Handreiking voor specifieke invulling van de standaarden
Bijlage A Competenties van de opleiding
Bijlage A Competenties van de opleiding A.1 Curriculum opleiding Werktuigbouwkunde Bouwstenen Stenden Hogeschool heeft de strategische keuze gemaakt om al haar opleidingen op te bouwen met behulp van (deels
Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Hogeschool Arnhem en Nijmegen Opleiding: Management in Zorg, hbo-bachelor Locatie: Nijmegen Croho: 34538 Varianten: deeltijd Visitatiedatum: 26 juni 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
NSE: Van vraag naar verbetering
NSE: Van vraag naar verbetering Olof Wiegert Hogeschool van Amsterdam Stafafdeling Onderwijs en Onderzoek Hogeschool van Amsterdam 46444 studenten 3539 medewerkers 7 domeinen 68 voltijd bachelor opleidingen
Studeren aan het hbo. W i n d e s h e i m z e t k e n n i s i n w e r k i n g
Studeren aan het hbo Inhoud van de presentatie Kenmerken van het hbo Verschil tussen havo en hbo Verschil hbo en universiteit Opbouw van een hbo-opleiding Studieresultaten en begeleiding Toelating en aanmelding
Hogeschool INHOLLAND, Delft
Hogeschool INHOLLAND, Delft Opleiding: Plattelandsvernieuwing, bachelor Variant: voltijd Visitatiedata: 20 en 21 april 2005 NQA (Netherlands Quality Agency) Utrecht, augustus 2005 2 NQA - visitatie Hogeschool
Hogeschool Rotterdam, Rotterdam
Hogeschool Rotterdam, Rotterdam Opleiding: Commerciële Economie, bachelor (incl. specialisatieprogramma SportMarketing & Management) Croho: 34402 Varianten: voltijd/deeltijd/duaal Visitatiedatum: 16 mei
Informatievergadering. Hervisitatie Specifieke lerarenopleiding
Informatievergadering Hervisitatie Specifieke lerarenopleiding Wie zijn we? Besluit Vlaamse Regering Visitatieprotocol Planning ZER en beoordelingskader Visitatieproces Visitatiecommissie 23/04/2014 2
Hogeschool Zuyd, Maastricht
Hogeschool Zuyd, Maastricht Faculteit Social Work Opleiding: Sociaal Pedagogische Hulpverlening (voltijd) Visitatiedata: 20 en 21 oktober 2004 NQA (Netherlands Quality Agency) 2 NQA - visitatie Hogeschool
Besluit. Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus CA LEIDERDORP
Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor
Hogeschool voor de Kunsten Utrecht
Hogeschool voor de Kunsten Utrecht Opleiding: Docent Beeldende Kunst & Vormgeving, hbo-bachelor; Croho: 39100 Varianten: voltijd en deeltijd Visitatiedatum: 11 september 2007 Netherlands Quality Agency
Associate degree Deeltijd
Associate degree Deeltijd 2018-2019 Bloemsierkunst Vakmanschap, effectief communiceren en managen op hbo-niveau in de bloemsierkunst U bent werkzaam in de bloemenbranche, als zelfstandig ondernemer of
Besluit strekkende tot een positief oordeel van een aanvraag toets nieuwe opleiding van de hbo-bachelor HBO-Rechten van Capabel Hogeschool
nvao nederlands - vlaamse accreditatieorganisatie Besluit strekkende tot een positief oordeel van een aanvraag toets nieuwe opleiding van de hbo-bachelor HBO-Rechten van Capabel Hogeschool datum 29 december
2. Bevindingen met betrekking tot het VBI-rapport
Hogeschool Dirksen B.V. De heer D. van der Mark, directeur Postbus 3090 6802 DB ARNHEM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor
Hogeschool Utrecht. Huidtherapie, hbo-bachelor. Farmakunde, hbo-bachelor. Visitatiedatum: 16 maart 2006
Hogeschool Utrecht Opleiding: Variant: Opleiding: Varianten: Huidtherapie, hbobachelor voltijd Farmakunde, hbobachelor voltijd en deeltijd Visitatiedatum: 16 maart 2006 Netherlands Quality Agency (NQA)
Fontys Hogescholen, Tilburg en Sittard
Fontys Hogescholen, Tilburg en Sittard Opleiding: Leraar voortgezet onderwijs 1e graad Lichamelijke Opvoeding hbo-bachelor Croho: 35025 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 2 april 2008 Netherlands
Hogeschool INHOLLAND, Alkmaar. Visitatiedata: 16 en 17 maart 2005
Hogeschool INHOLLAND, Alkmaar Opleiding: Varianten: Werktuigbouwkunde voltijd en deeltijd Visitatiedata: 16 en 17 maart 2005 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, november 2005 2 NQA visitatie Hogeschool
Hanzehogeschool Groningen, Groningen
Hanzehogeschool Groningen, Groningen Opleiding: Opleiding voor Logopedie; hbo-bachelor Croho: 34578 Varianten: voltijd Visitatiedatum: 20 mei 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, november 2008
Hogeschool Zeeland, Vlissingen
Hogeschool Zeeland, Vlissingen Opleiding: Personeel en Arbeid, hbo-bachelor; Croho: 34609 Varianten: voltijd, deeltijd Visitatiedatum: 9 januari 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, april 2008
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2016-2017 Opleidingsdeel voor de bachelor lerarenopleidingen voortgezet onderwijs van Driestar hogeschool (onderdeel van Driestar educatief)
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016
Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016 Opleidingsdeel voor de bachelor lerarenopleidingen voortgezet onderwijs van Driestar hogeschool (onderdeel van Driestar educatief)
Fontys Hogescholen Opleiding: Hogere Kaderopleiding Pedagogiek (HKP) RAPPORTAGE
Fontys Hogescholen Opleiding: Hogere Kaderopleiding Pedagogiek (HKP) RAPPORTAGE 28-03-2005 NQA (Netherlands Quality Agency) Betreft: Fontys Hogescholen, Tilburg Opleiding: Hogere Kaderopleiding Pedagogiek
Beoordelingskader Kader voor de beperkte toets nieuw Associate-degree (Ad-)programma van de NVAO (Stcrt. 2014, nr 9832).
nvao w nederlands -vlaa m se accreditatieorganisatie sluit Besluit strekkende tot een oordeel voldoende van een aanvraag toets nieuw Associate-degreeprogramma Juridisch medewerker van de Hogeschool van
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Locatie: Nijmegen Opleiding: Opleidingskunde, hbo bachelor Varianten: Voltijd en deeltijd
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Locatie: Nijmegen Opleiding: Opleidingskunde, hbo bachelor Varianten: Voltijd en deeltijd Visitatiedatum: 8 mei 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, juli 2007
Hogeschool Zuyd, Heerlen
Hogeschool Zuyd, Heerlen Opleiding: Advanced Nursing Practice; hbo-master Croho: 49246 Varianten: duaal Visitatiedatum: 10 juni 2009 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, september 2009 2/69 NQA -
Hogeschool Zeeland, Vlissingen Opleiding: Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD), hbo-bachelor; Croho: 34616 Varianten: voltijd en deeltijd
Hogeschool Zeeland, Vlissingen Opleiding: Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD), hbo-bachelor; Croho: 34616 Varianten: voltijd en deeltijd Visitatiedatum: 12 september 2007 Netherlands Quality
Curriculumevaluatie BA Wijsbegeerte
Curriculumevaluatie BA Wijsbegeerte Beste student, U heeft onlangs alle onderdelen van uw bacheloropleiding Wijsbegeerte afgerond en kunt nu het BA-diploma aanvragen. Het bestuur van het Instituut voor
Vrijstellingsregels Open Universiteit: procedure voor het verlenen van vrijstelling
U2014/4637-1 Vrijstellingsregels 2014-2015 Open Universiteit: procedure voor het verlenen van vrijstelling Deze procedure voor het verlenen van vrijstelling van het afleggen van een of meer tentamens en/of
Hanzehogeschool Groningen, Groningen
Hanzehogeschool Groningen, Groningen Opleiding: Elektrotechniek; hbo-bachelor Croho: 34267 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 15 april 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, juli 2008
Hogeschool Rotterdam. Opleiding: Small Business and Retail Management Niveau: HBO-bachelor Croho: 34422 Varianten: voltijd en duaal
Hogeschool Rotterdam Opleiding: Small Business and Retail Management Niveau: HBO-bachelor Croho: 34422 Varianten: voltijd en duaal Visitatiedatum: 16 mei 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht,
INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.
1 INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.4 Onderwijs- en examenregeling... 4 2. TOELATING TOT DE OPLEIDING...
Hogeschool Rotterdam. Opleiding: Vrijetijdsmanagement, hbo bachelor Croho: 34438 Varianten: voltijd. Visitatiedatum: 4 juni 2007
Hogeschool Rotterdam Opleiding: Vrijetijdsmanagement, hbo bachelor Croho: 34438 Varianten: voltijd Visitatiedatum: 4 juni 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, november 2007 2/54 NQA - visitatie
Fontys Hogeschool, Tilburg
Fontys Hogeschool, Tilburg Opleiding: Docent Drama, hbo bachelor; Croho: 34745 Variant: Voltijd Visitatiedatum: 10 april 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, juni 2008 2/54 NQA - visitatie Fontys
Hanzehogeschool Groningen
Hanzehogeschool Groningen Opleiding: Master Physician Assistant Locatie: Groningen Croho: 49115 Varianten: duaal Visitatiedatum: 27 mei 2009 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, september 2009 2/57
Hogeschool INHOLLAND, Amsterdam
Hogeschool INHOLLAND, Amsterdam Opleiding: Master Advanced Nursing Practice Niveau: hbo-master Croho: 49246 Varianten: duaal Visitatiedatum: 15 oktober 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
Hogeschool Zuyd, Sittard
Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: Accountancy, hbo bachelor Croho: 34406 Varianten: voltijd Visitatiedatum: 10 en 11 oktober 2007 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december 2007 Inhoud 2/69 NQA
Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: International Business & Management Studies, hbo bachelor Varianten: voltijd
Hogeschool Zuyd, Sittard Opleiding: International Business & Management Studies, hbo bachelor Varianten: voltijd Visitatiedata: 11 en 12 oktober 2006 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, december
