Innovatie Programma Veen
|
|
|
- Julius Meijer
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Innovatie Programma Veen Plan van Aanpak WLD en LNH i.s.m. VIC
2 Bloemrijk hooiland in Laag Holland Marijke Bresser 2 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
3 Inhoud Inleiding 4 Achtergrond en beleid 5 Visie op een nieuw type agrarisch bedrijf in Laag Holland 6 Intermezzo: Een korte introductie op het IPV 7 Het programma 9 Veehouderij met een veranderend waterpeil 11 Paludicultuur 13 Tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur 15 Gesloten watersysteem op bedrijfsniveau 16 Marktverkenning 17 Wet- en regelgeving 18 Carbon credits 18 Onderzoek 19 Communicatie 19 Planning 20 Begroting 21 Programma en projectmanagement 22 Samenwerking en organisatie 22 Colofon 23 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 3
4 Inleiding De bodem in veengebieden daalt als gevolg van veenoxidatie door ontwatering. Ontwatering is nodig voor rendabele landbouw en om dorpen en infrastructuur droog te houden. De verdergaande daling van de bodem heeft grote gevolgen voor de landbouw, natuur en landschap en de economie. De kosten voor het watersysteembeheer zullen stijgen, landbouw wordt steeds moeilijker en het kenmerkende landschap zal veranderen. Overheden zijn zich hiervan bewust en zoeken, in hun beleidsprocessen en uitvoering met actoren, in het gebied naar mogelijkheden om dit proces te stoppen en te keren. Dit vraagt een grote inspanning en creativiteit van alle partijen. Water, Land en Dijken (WLD) en Landschap Noord-Holland (LNH) hebben het initiatief genomen om samen op zoek te gaan naar een innovatieve aanpak om het dalen van het veen aan te pakken. Uitgangspunt is om ontwatering om te buigen naar vernatting. WLD en LNH zijn hiervoor het Innovatie Programma Veen Laag Holland (IPV) gestart. Dit heeft tot doel nieuwe rendabele landbouwbedrijven te ontwikkelen, waar met hogere grondwaterpeilen de productie van melk en vlees wordt gecombineerd met natte teeltsystemen met nieuwe gewassen (paludicultuur). Vernatting heeft ook invloed op de ontwikkeling van natuur en landschap. De effecten van een veranderend peil voor het open veenweidelandschap en weidevogels worden goed onderzocht. Want ook dit zijn, samen met het veenpakket, kernkwaliteiten van het landschap in Laag Holland. Het IPV spreekt zich niet uit waar en op welke schaal vernatting gaat plaatsvinden, maar het verkent en ontwikkelt nieuwe manieren om te komen tot behoud van veen en onderzoekt welke effecten vernatting kan hebben voor de agrarische sector, de natuur en het landschap. De inzet van nieuwe financieringsvormen, zoals carbon credits, kunnen hierin een rol spelen om de rentabiliteit van nieuwe landbouwbedrijven te vergroten en de financiering van nieuwe bedrijfssystemen en natuurbeheer mogelijk te maken. WLD en LNH kunnen dit niet alleen en zullen hierin de samenwerking zoeken met overheden, kenniscentra en het bedrijfsleven voor ondersteuning op het gebied van financiering, kennis, onderzoek, communicatie en wet- en regelgeving. Dit document beschrijft de aanpak van het IPV. 4 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
5 Achtergrond en beleid Bodemdaling in veengebieden is vooral het gevolg van veenoxidatie, die in belangrijke mate wordt beïnvloed door de grondwaterstand. Door klimaatverandering (hogere temperaturen, droogte) zal de snelheid van de bodemdaling met meer dan 50% kunnen toenemen. Bodemdaling treedt op omdat voor de landbouw, bebouwing en infrastructuur ontwatering moet plaatsvinden. Bij veenoxidatie komen broeikasgassen vrij, die bijdragen aan opwarming van de aarde. De verdergaande daling van de bodem heeft ook grote gevolgen voor de economie. De kosten voor het watersysteembeheer zullen stijgen, landbouw wordt steeds moeilijker en beheerkosten van kenmerkende natuur en landschap zullen stijgen. Om bodemdaling te beperken zal de grondwaterstand moeten worden verhoogd. Dit heeft gevolgen voor de mogelijkheden om veehouderij te bedrijven. Immers, indien de begaanbaarheid beperkt wordt, zullen bedrijfsmatige maatregelen genomen moeten worden om alsnog te kunnen blijven beweiden en gras te oogsten. Overheden zijn zich bewust van deze problematiek en willen de bodemdaling beperken. Ze hebben dit beleid recent vastgelegd in documenten zoals: Bouwsteen H: Bodemdaling in veenweiden (Bouwsteen voor het Waterprogramma van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier); Vernatting voor veenbehoud: Rapport in opdracht van Provincie Noord-Holland ten behoeve van bouwsteen H: Bodemdaling in veenweidegebieden; De scenario- en MKBA-studie van Laag Holland; De Agenda Groen van de Provincie Noord-Holland; De nota Toekomst Laag Holland. Innovatie in het veen(weide)gebied en visie op vier deelgebieden van de provincie Noord-Holland; Het Ontwerp Provinciaal Waterplan van de provincie Noord-Holland. Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 5
6 Visie op een nieuw type agrarisch bedrijf in Laag Holland WLD en LNH hekennen de hiervoor beschreven problematiek en de noodzaak om de bodemdaling te beperken. Als we het veen willen behouden is vernatting noodzakelijk. Een aangepast peil vraagt een verandering in agrarisch landgebruik in combinatie met systeemaanpassingen. En het kan ook nieuwe kansen voor behoud en ontwikkeling van de biodiversiteit en het landschap bieden. WLD en LNH zien in veenweidegebieden toekomstperspectief voor nieuwe gecombineerde bedrijven in natte gebieden, waarbinnen de volgende onderdelen te zien zijn: Veeteelt met een bedrijfsvoering die is aangepast aan een hoger grondwaterpeil (bv met peilgestuurde drainage); Teelt van nieuwe gewassen die passen bij de natte omstandigheden (paludicultuur), zoals lisdodde (voor de vezelindustrie), veenmos (voor potgrond), azolla en cranberry (voor de voedingsindustrie); Daar waar nodig, tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur. Deze natte teelten zullen een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan een verminderde uitstoot van broeikasgassen. Het hoge waterpeil vermindert de uitstoot uit de bodem en de paludicultuurgewassen leggen actief CO₂ vast. Het verschil tussen uitstoot en vastlegging heeft een waarde. Deze is te kapitaliseren met carbon credits. Carbon credits zijn te verhandelen en kunnen daardoor een bron van inkomsten vormen. Daarnaast blijven inkomsten uit verbreding (natuur, landschap, agro-toerisme, streekproducten, etc.) mogelijk. In het nieuwe type agrarisch bedrijf wordt zoveel mogelijk gestreefd naar het zelf bergen van regenwater in natte perioden, om dit water in de zomer te benutten om het peil op de graslanden omhoog te kunnen zetten. Paludicultuurpercelen zijn hiervoor zeer geschikt. Een ander streven is om de omzetting van droog naar nat per bedrijf te kunnen uitvoeren, zonder dat peilaanpassingen nodig zijn het omringende watersysteem. In veel veenweidegebieden ligt een groot aantal onderbemalingen, die geschikt zijn voor paludicultuur. 6 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
7 vrij naar de animatiefilm: Omhoog met het veen, toekomst voor boeren en natuur van Chaja Hogeweg zie de film op: Veengebieden zijn van nature nat, waardoor veen kan worden gevormd Al sinds lange tijd wordt het ontwaterd. Eerst voor akkerbouw.... en later ook voor veeteelt. Daardoor blijft de bodem dalen, terwijl de zeespiegel stijgt.. En dat heeft grote gevolgen. We willen nu nadenken over veenbehoud door vernatting. Daarmee kunnen we bodemdaling en de CO2-uitstoot beperken....en onder natte omstandigheden kan de natuur zelfs CO2 vastleggen. En dat alles met behoud van het veenlandschap....en bijzondere diersoorten, zoals de roerdomp. In praktijkproeven met paludicultuur telen we lisdodde of veenmos,..waarmee de boer een inkomen heeft én het veen behouden blijft. Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 7
8 Veehouderij met een veranderend waterpeil Paludicultuur met de teelt van veenmos Tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur 8 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
9 Het programma WLD en LNH zijn van mening dat een grootschalige transitie in de landbouw in Laag Holland naar een nieuw type agrarisch bedrijf, zoals hiervoor beschreven, niet zomaar gemaakt wordt. Daarvoor moet eerst grondig worden uitgezocht: Of het werkt en of het economisch rendabel is; Welke nieuwe teelten en veerassen geschikt zijn en welke systeemaanpassingen (zoals peilgestuurde drainage) noodzakelijk zijn; Welke aanpassingen aan het watersysteem nodig zijn; Welke nieuwe financieringsvormen (zoals carbon credits) kunnen worden gevonden; Wat de effecten op natuur en landschap zijn; Wat de bijdrage is aan het stoppen van de bodemdaling en de beperking van de CO₂ -uitstoot; Welke keten (productie, oogst, markt) kan worden ontwikkeld voor de nieuwe gewassen; Welke aanpassingen aan wet- en regelgeving op dit type bedrijf noodzakelijk zijn; Maar vooral: Biedt het een aantrekkelijk alternatief waar agrariërs in willen stappen? WLD en LNH willen dit in de praktijk onderzoeken met een proefopstelling. Centraal in het innovatieprogramma staan 3 praktijkprojecten: Veehouderij met een veranderend peil, paludicultuur en tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur. Deze 3 parktijkprojecten hebben zes ondersteunende projecten, zie onderstaand schema. De praktijkprojecten en ondersteunende projecten worden hierna kort beschreven. Veehouderij met een veranderend waterpeil Paludicultuur Tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur Watermanagement Marktverkenning Wet- en regelgeving Carbon credits Onderzoek Communicatie Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 9
10 Bloemrijk hooiland De blaarkop, vanouds een geschikt veeras voor de veenweiden stuwconstructie drainage veenbodem sloot waterpeil hoofdbuis De werking van peilgestuurde drainage kleine buizen De grutto, een kenmerkende vogel van het veenweidelandschap 10 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
11 Veehouderij met een veranderend waterpeil Voor traditionele veehouderij in de veenweiden geldt een drooglegging van rond de 60 cm beneden maaiveld. Dit is nodig voor voldoende draagkracht om het vee te weiden en de weiden vroeg begaanbaar te krijgen voor tractoren en machines. Gevolg van deze drooglegging is jaarlijks een bodemdaling van ongeveer 5-10 mm. Vernatting van de bodem heeft gevolgen voor de mogelijkheden om veehouderij te bedrijven. Wanneer de begaanbaarheid beperkt wordt, zullen maatregelen genomen moeten worden om toch te kunnen blijven beweiden en het gras te oogsten. De combinatie van hogere grondwaterstanden, beweiding en ander graslandbeheer is in principe ook goed voor de weidevogels. Veenweidegebied is van groot belang voor weidevogels. Daarom wordt er gekeken of maatregelen elkaar kunnen versterken. Dit praktijkproject zal zich richten op: De werking van peilgestuurde drainage; Draagkrachtversterkend graslandmanagement in natte omstandigheden; Aangepast sloot- en baggerbeheer; De combinatie van aangepast watermanagement met weidevogelbeheer; Een nieuwe vorm van landbouw specifiek voor veenweidegebieden. Hiermee willen we de volgende vragen beantwoorden: Is rendabele veehouderij mogelijk op gronden met een waterstand van cm onder maaiveld of minder? Kan peilgestuurde drainage een bijdrage leveren aan het weidevogelbeheer (vertragen grasgroei waar nodig, graslandsamenstelling, bodemleven beschikbaar maken voor weidevogels)? Kan peilgestuurde drainage gebruikt worden om de gewenste grasgroei in verband met de graslandgebruik-planning te sturen? Kun je hiermee de bodemdaling c.q. veenoxidatie substantieel afremmen? Wat betekent het veranderend waterpeil voor de waterkwaliteit? Wat betekent vernatting voor dierenwelzijn en diergezondheid? Zijn bij deze omstandigheden andere veerassen een mogelijk alternatief? Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 11
12 Riet Bouwmateriaal: Bioblocks Lisdodde Bouwplaten en isolatiemateriaal Veenmos Orchideeënpotgrond Cranberry Cranberry verwenpakket Azolla Eiwitrijk veevoeder 12 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
13 Paludicultuur Paludicultuur is de teelt van gewassen die van nature goed gedijen onder natte omstandigheden, zoals riet, lisdodde, veenmos, cranberry en kroosvaren. Deze vorm van telen is niet nieuw. In grote delen van de wereld wordt bijvoorbeeld rijst geteeld, ook dit is een vorm van paludicultuur. De teelt van sommige van deze gewassen heeft een bijkomend voordeel voor de agrariër: ze kunnen in natte perioden water bufferen. In de zomer, als de vraag naar water het hoogst is, kan dan een eigen watervoorraad worden benut door berging op het land. Het draagt daarmee bij aan het beperken van de inlaat van boezemwater, op het moment dat de watervraag het hoogst is. Paludicultuur kan ook mogelijk een aanvullende bron van inkomsten vormen voor de boer. Er is berekend dat paludicultuur een economisch aantrekkelijke aanvulling op of alternatief kan vormen voor traditionele veehouderij (bron: bijdrage Landbouw Economisch Instituut aan het rapport Vernatting voor Veenbehoud ). Dit praktijkproject zal zich richten op: Marktkansen voor diverse paludicultuurgewassen; Rendabele teelt- en oogstmethoden voor de verschillende gewassen; Verwerking en bewerking t.b.v. het eindproduct; Bufferen van water. Hiermee willen we de volgende vragen beantwoorden: Is rendabele paludicultuur mogelijk op veengronden met een beperkt landbouwkundig perspectief in Laag Holland? Kan paludicultuur als waterbuffer een bijdrage leveren aan het integraal water management? Wat zijn de effecten op natuur en landschap? Hoeveel kan paludicultuur bijdragen aan de bodemdaling en het afremmen van veenoxidatie? Is er sprake van vorming van andere broeikasgassen zoals bijv. methaan? Kan paludicultuur een bijdrage leveren aan behoud en versterking van de biodiversiteit in veengebieden? Wat is de bijdrage van paludicultuur aan het verbeteren van de waterkwaliteit? Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 13
14 Uitmijnen van meststoffen door oogsten van biomassa Bloemrijk hooiland De blaarkop is een veeras dat zich goed thuisvoelt op de veenweiden Roerdomp Visotter 14 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
15 Tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur Ook voor natuurbeheerders biedt paludicultuur kansen. Het kan helpen de contrasten tussen natte natuurgebieden en droge landbouwgebieden te verminderen door paludicultuur in te zetten als buffergebied rondom natuurgebieden. Het kan verder benut worden als vorm van overgangsbeheer van voormalige landbouwgronden naar natuurontwikkeling. De teelt van paludicultuurgewassen zorgt voor een versnelde afvoer van meststoffen, zodat binnen een kortere termijn goede omstandigheden worden bereikt voor natuurontwikkeling. Dit praktijkproject zal zich richten op: Marktkansen voor diverse paludicultuurgewassen; Rendabele teelt- en oogstmethoden voor de verschillende gewassen; Verwerking en bewerking t.b.v. het eindproduct; Bufferen van water. Hiermee willen we de volgende vragen beantwoorden: Kan paludicultuur gebruikt worden als overgangsfase naar natuurontwikkeling? Welke vorm van paludicultuur biedt hierbij de beste kansen voor omvorming naar natuur? Is tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur een goed en kostenbesparend alternatief voor afplaggen? Zijn ongewenste effecten voor natuur te verwachten, zoals toename van ongewenste soorten of impact op bestaande natuurwaarden? Wat is de bijdrage aan de bodemdaling en het afremmen van veenoxidatie? Wat is de bijdrage van paludicultuur aan het verbeteren van de waterkwaliteit? Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 15
16 Watermanagement De drie praktijkprojecten vragen een daarop aangepast watermanagement. Dit betekent in de praktijk een relatie tussen het watersysteem van de praktijkprojecten onderling. De uitdaging is het watermanagement voor de toekomst zodanig in te richten dat het klimaatbestendig en flexibel is. Dit watermanagement gaat uit van een regenwater gestuurd systeem, waarbij regenwater deels op (eigen) land wordt opgevangen om later in het jaar in te zetten bij het waterbeheer. Het is een vorm van ecosysteembenadering, die kansen biedt voor nieuwe teelten. Doel is om een zoveel mogelijk zelfvoorzienend systeem te ontwikkelen, dat zo weinig mogelijk water uit de boezem nodig heeft en als eenheid binnen een ongewijzigd watersysteem kan functioneren. Dit kan wellicht door diepgelegen onderbemalingen te benutten voor paludicultuur en waterbuffering, en door gekoppeld daaraan peilgestuurde drainage aan te leggen op graslanden. Dit project zal ondersteunend zijn aan de drie praktijkprojecten en zich richten op: Het ontwerpen van een watermanagementsysteem dat faciliterend, flexibel en klimaatbestendig is; Testen van het systeem in de praktijk. Hiermee willen we de volgende vragen beantwoorden: Aan welke eisen moet een klimaatbestendig en flexibel watersysteem, dat nieuwe vormen van landgebruik in Laag Holland faciliteert, voldoen? Kan opschaling van paludicultuur tot een robuuster watersysteem leiden? Wat zijn de mogelijkheden en beperkingen van een watersysteem, dat meer regenwatergestuurd is? Wat zijn de kosten van het benodigde watersysteem? Wat zijn de effecten op de waterkwaliteit? 16 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
17 Marktverkenning Producten afkomstig van paludicultuur en veehouderij met een veranderend waterpeil zijn alleen succesvol als ze concurrerend zijn ten opzichte van traditionele veehouderij. In een marktverkenning wordt dit onderzocht. Verder wordt inzichtelijk gemaakt hoe de ketenstructuur eruit ziet van teelt en oogst tot en met het eindproduct en afzetmarkt. Een lijst met mogelijke geschikte gewassen wordt getoetst op marktkansen en klimaateigenschappen van de gewassen, met name voor het uitmijnen van meststoffen. Zo ontstaat een pallet aan gewassen, die zowel economisch als klimatologisch kansrijk zijn. Voor deze gewassen zal de ketenstructuur en een business case verder worden uitgewerkt. Hiermee willen we de volgende vragen beantwoorden: Welke gewassen lenen zich, gezien vanuit de markt, het beste voor paludicultuur? Wat is het concurrerend vermogen van deze gewassen ten opzichte van andere agrarische producten? Hoe ziet de business case voor deze gewassen er uit? Wat is er nodig om de ketenstructuur voor deze gewassen economisch rendabel te organiseren? Welke gewassen lenen zich het beste voor uitmijnen? Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 17
18 Wet- en regelgeving De uitvoering van het IPV moet passen binnen de wet- en regelgeving. Het gaat hier bijvoorbeeld om ruimtelijke ordening, Flora- en faunawet, Omgevingswet, Natuurbeschermingswet, waterbeheer, milieuwetgeving. Binnen het IPV zal een project wet- en regelgeving zich richten op de vragen: Met welke wet- en regelgeving en vergunningen heeft een nieuw type agrarisch bedrijf te maken? Hoe kunnen procedures voor vergunning aanvraag het beste verlopen? En wat vraagt dit van de vergunningverlener? Waar is aanpassing van beleid en wet- en regelgeving gewenst om dit nieuw type bedrijf mogelijk te maken? Carbon credits Een mogelijk aanvullende financieringsbron bij beperking van bodemdaling van veengebieden biedt het uitgeven van carbon credits. Door verhoging van het waterpeil wordt de veenoxidatie vertraagd. Hiermee wordt ook de uitstoot van broeikasgassen direct sterk verlaagd en kunnen veenvormende planten zelfs CO₂ vastleggen. De vermindering van uitstoot en vastlegging heeft een waarde en is te kapitaliseren in carbon credits. Dit kan worden vermarkt op een vrijwillige markt waarin lokale bedrijven, die CO₂ uitstoten, hun emissierechten in de eigen regio financieel kunnen compenseren in plaats van bijvoorbeeld in een tropisch regenwoud. De stapeling van positieve effecten: klimaatwinst, biodiversiteit en herstel van ecosysteemdiensten kan een carbon credit-systeem extra aantrekkelijk maken. In Duitsland is een dergelijk systeem reeds operationeel en zijn de eerste gebieden ingericht met financiering uit de private sector en particulieren. Het IPV zal een vrijwillig regionaal/provinciaal carbon credit-systeem ontwikkelen. Het zal hierbij gebruik maken van bestaande systemen in het buitenland (het Duitse concept van MoorFutures ) en van ontwikkelingen elders in Nederland. Het IPV streeft naar een vrijwillig systeem met vermarkting op regionaal/provinciaal niveau en waardering van de carbon credits op landelijk niveau. Met andere woorden, het carbon creditssysteem moet universeel toepasbaar zijn in de Nederlandse veen(weide) gebieden. In dit project willen we antwoord op de volgende vragen: Is er interesse bij het bedrijfsleven om te investeren in carbon credits? Hoe komen we tot een erkend regionaal carbon credits systeem met een betrouwbaar loket van uitgifte (erkenning houdt onder meer in dat de carbon credits zijn gekalibreerd voor West Nederland)? Welke neveneffecten kunnen bij de implementatie ontstaan? 18 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
19 Onderzoek Het IPV is een programma met een groot aantal onderzoeksvragen. Vragen die we met de huidige kennis nog niet kunnen beantwoorden. Hiervoor zal binnen het IPV een project onderzoek worden gestart dat binnen de praktijkprojecten een aantal zaken zal onderzoeken. Hierbij zal de samenwerking worden gezocht met kennis- en onderzoeksinstituten zoals het VIC en universiteiten. Het onderzoek zal zich richten op: Effecten op veenoxidatie en daarmee op de bodemdaling; Effecten op de uitstoot van broeikasgassen; Rentabiliteit voor het agrarisch bedrijf; De landbouw-economische vergelijking van het nieuw gecombineerd bedrijf met huidige agrarische bedrijven in Laag Holland; Effecten op natuurwaarden en biodiversiteit; Uit- en afspoeling van meststoffen; Optimaliseren van biochemische eisen van gewassen voor paludicultuur; Kwaliteit en kwantiteit van de oogst van gewassen voor paludicultuur; Oogstmachines en het effect daarvan op de bodem; Rendabiliteit van tijdelijke paludicultuur als overgang naar natuur; Biochemisch onderzoek naar de effectiviteit van tijdelijke paludicultuur; De effecten op waterkwaliteit en waterkwantiteit. Communicatie Het IPV en de kansen voor een nieuw type agrarisch bedrijf in het veenweidegebied, dient breed gecommuniceerd te worden met agrariërs, burgers, het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en de overheid. Zij zullen geïnformeerd én geconsulteerd worden. Hiervoor zal een communicatieplan worden opgesteld. Onderdelen daarin zijn: Het IPV laten zien op locatie. Hiertoe wordt een excursielocatie ingericht; Informatieverstrekking via website, social media en brochures; Aansluiting bij bestaande communicatie projecten zoals de Veengesprekken, Veenschetsen en Puur Laag Holland. Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 19
20 Planning De planning voor het IPV is op hoofdlijnen: Activiteiten 2015 planning Plan van Aanpak IPV Onderzoek financieringssporen gereed maart 2015 februari/ juni Vergunningverlening en aankoop grond gemeente Zaanstad Marktverkenning voor keuze gewassen paludicultuur Carbon credits oplijnen naar eerste verkoop 2016 Inrichtingsplan en bestek IPV Procesmanagement 2015 Activiteiten 2016 Publieksversie IPV Inrichting locatie Uitvoering IPV Eerste nieuwe bedrijven in veenweidegebied februari/ juni mei/ juni mei/ oktober augustus/ oktober 2015 planning januari tot en met 2020 na Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
21 Begroting Het IPV wordt voor de periode 2015 tot en met 2020 als volgt begroot: Projectbegroting Onderdeel kosten totaal /2020 opmerking Veehouderij Paludicultuur Tijdelijke paludicultuur inrichting, deelprojectorg., exploitatie inrichting, deelprojectorg., exploitatie inrichting, deelprojectorg., exploitatie Watermanagement Marktverkenning Wet- en regelgeving Carbon credits Onderzoek Communicatie incl. peilgestuurde drainage ontwikkelen MF.NL 15, bouw verk org. 16 deels al in lopende projecten (waarvan ,- voor documentaire over bodemdaling voor 5 veenprovincies) Procesmanagement Lokatie beheer sub. Totaal Communicatie gedekt Benodigd voor % onvoorzien Totaal BTW 21% Totale projectkosten Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 21
22 Programma en projectmanagement Het IPV zal bestaan uit 3 praktijkprojecten en 6 ondersteunende projecten (zie blz. 5 en 6). Dit complete programma van 9 projecten zal gemanaged worden door een programmamanager, aangesteld door WLD en LNH. De programmamanager bewaakt de voortgang en onderhoudt het contact met relevante overheden en partners. De losse projecten krijgen eigen projectleiders, waarbij een projectleider meerdere projecten kan leiden. Zij leggen verantwoording af aan de programmamanager. Samenwerking en organisatie WLD en LNH zijn eigenaar van het IPV en zullen zich gezamenlijke inzetten voor het slagen ervan. Daarmee ontstaat een unieke samenwerking tussen een landbouw gerelateerde organisatie en een natuurbeschermingsorganisatie. Beide partijen zullen hun eigen specifieke kennis, ervaring en belang inbrengen. LNH stelt de locatie beschikbaar, WLD zorgt voor agrariërs uit hun achterban die het agrarisch werk kunnen uitvoeren. Indien aanvullende locaties nodig zijn, zullen beide partijen zich hiervoor inzetten. Beide partijen leveren projectleiders. Echter WLD en LNH kunnen het niet alleen. Daartoe zijn partners benaderd die helpen het IPV te doen slagen. Deze partners brengen specifieke kennis en ervaring in over financiering, uitvoering van onderzoek, netwerken voor productafzet en marktverkenning en communicatie. Hierbij moet gedacht worden aan kenniscentra (zoals het Veenweiden Innovatie Centrum in Zegveld), Universiteiten, belangenorganisaties (zoals LTO) en het bedrijfsleven. Het streven is partners niet alleen op specifieke onderdelen in projecten te laten participeren, maar ook onderdeel van het gehele IPV te laten zijn. Common Land - een organisatie die gericht is op het ontwikkelen en schaalbaar maken van de business case van duurzaam landgebruik - heeft de intentie uitgesproken om als business developer en verbinder bij te dragen. Zij vormen de haak naar het bedrijfsleven. Commonland wil het IPV traject aanvullen met soortgelijke initiatieven in het Groene Hart en Friesland. Hiermee wordt het IPV opgeschaald naar het gehele veenweidegebied. Daarnaast is ondersteuning nodig van de overheid: provincie, hoogheemraadschap, gemeenten en ministerie van EZ. Daarbij gaat het om commitment, financiering, beleidsvorming en wet- en regelgeving. Het streven is deze overheden nauw te betrekken bij de ontwikkeling en uitvoering van het IPV. Het programmanagement en de samenwerking zullen nader worden uitgewerkt in: Een programmaoverleg, projectgroepen (waarin ook partners participeren), bestuurlijk overleg en partnerbijeenkomsten. 22 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC
23 Colofon Dit document is tot stand gekomen in opdracht van de Provincie Noord-Holland met bijdragen van Water, Land en Dijken, Landschap Noord-Holland en Veenweide Innovatie Centrum. Auteurs bijdragen: Water, Land en Dijken: Veenweide Innovatie Centrum: Landschap Noord-Holland: Redactie en revisie: Provincie Noord-Holland: HHNK: Samenstelling en vormgeving: Verantwoording illustraties: Stripverhaal: Sjaak Hoogendoorn Joke Stoop Hartger Griffioen Niels Hogeweg Walter Menkveld Bas van de Riet Roel van Gerwen Peter Hoogervorst Ad Stavenuiter Geert-Arjen Balder Roel van Gerwen Pag. 1: BVAS, pag. 10 (4e foto) Joke Huijser Bressen, pag: 10 (4e foto) (vrij naar illustratie Waterschap Peel en Maasvallei, pag 12 (10e foto) Eric Sjoedin, pag. 14 (4e foto) Catherine Trigg, pag.16: Henk Verbruggen Vrij naar de animatiefilm: Omhoog met het veen, toekomst voor boeren en natuur van Chaja Hogeweg ( 26 februari 2015 Innovatie Programma Veen Laag Holland, Plan van Aanpak , WLD, LNH, VIC 23
24
INNOVATIE PROGRAMMA VEEN IPV
INNOVATIE PROGRAMMA VEEN IPV presentatie Heel Holland Zakt, 31 maart 2016 Roel van Gerwen, Walter Menkveld Inhoud Het probleem bodemdaling Experimenteren met veengroei De toekomst van de landbouw in veenweidegebieden
INNOVATIE PROGRAMMA VEEN IPV Roel van Gerwen Programmamanager IPV
INNOVATIE PROGRAMMA VEEN IPV Roel van Gerwen Programmamanager IPV De opgave: tegengaan bodemdaling +55-70% ontwatering bodemdaling www.wageningenur.nl 335.000 ha veen met een dikte van 40 cm en meer www.knmi.nl
Een route naar een. Programmatische aanpak duurzame veenweideontwikkeling. 12 april 2017 Siem Jan Schenk/ Ruud Maarschall Derk Jan Marsman
Een route naar een Programmatische aanpak duurzame veenweideontwikkeling 12 april 2017 Siem Jan Schenk/ Ruud Maarschall Derk Jan Marsman Uitgangspunten Gebiedscommissie Laag Holland (MKBA in 2009) Bodemdaling
STUREN MET WATER. over draagvlak en draagkracht in de westelijke veenweiden
STUREN MET WATER over draagvlak en draagkracht in de westelijke veenweiden STUREN MET WATER Het ontwerp Sturen met water van het Veenweide Innovatiecentrum Zegveld (VIC) zet in op actief, dynamisch grondwaterbeheer
AQUATISCHE LANDBOUW. haal meer uit land én water
AQUATISCHE LANDBOUW haal meer uit land én water AQUATISCHE LANDBOUW Waarom wel het land, maar niet de sloot benutten in de veenweiden? Dat is de vraag waar het om draait in het icoon Aquatische landbouw
meer stad meer landschap
meer stad meer landschap een nieuw perspectief Hanneke Kijne Academie van Bouwkunst Amsterdam Hoofd masteropleiding Landschapsarchitectuur meer klimaatverandering temperatuur stijgt meer klimaatverandering
Bodemdaling in veengebieden Pompen of verzuipen?
Bodemdaling in veengebieden Pompen of verzuipen? Ilperveld Waaierverkaveling van voormalige hoogveenkoepel bij Nieuw-Loosdrecht Foto: Theo Baart Het mooie veen achter de duinen 100 na Christus Vos, P.C..
Functie volgt peil. maaiveldverloop. Grutto s, jongvee, ruwvoer, veensafari. Grutto s, jongvee, ruwvoer, veensafari. Huiskavel en gebouwen
zones Functie volgt peil 70-50 cm 50-30 cm 0-30 cm 50-30 cm 70-50 cm maaiveldverloop gebruik waterpeil Huiskavel en gebouwen Gemiddeld 50 cm Grutto s, jongvee, ruwvoer, veensafari Natte Natuur, Piekberging
Kringlooplandbouw: Meer verdienen met aandacht voor het natuurlijk systeem. Linda van der Weijden
Kringlooplandbouw: Meer verdienen met aandacht voor het natuurlijk systeem Linda van der Weijden Opzet Inhoud: Hoe ontwikkel je met het natuurlijk systeem? Proces: Hoe pakken we dat aan? 2 Wat is kringlooplandbouw?
Dalende bodems, stijgende kosten
Dalende bodems, stijgende kosten Mogelijke maatregelen tegen veenbodemdaling in het landelijk en stedelijk gebied door Gert Jan van den Born 1 Aanleiding voor een studie over veenbodemdaling Recent verleden:
Fact sheet Bodemdaling door veenoxidatie
Fact sheet Bodemdaling door veenoxidatie Wat is bodemdaling door veenoxidatie? Bij de ontginning van het westelijke veenweidegebied zijn sloten gegraven om de moerassen van West Nederland geschikt te maken
Bodem en Water, de basis
Bodem en Water, de basis Mogelijkheden voor verbeteringen 5 febr 2018 Aequator Groen & Ruimte bv Het jaar 2017 April tot 30 juni April tot sept Aequator Groen & Ruimte bv 2 Jaar 2017 2017 Zomer warmer
1 e Veldcongres Natte teelten in het veengebied 30 september 2016 Veenweiden Innovatiecentrum (VIC), Zegveld
1 e Veldcongres Natte teelten in het veengebied 30 september 2016 Veenweiden Innovatiecentrum (VIC), Zegveld Op 30 september 2016 vond het 1 e Veldcongres Natte teelten in het veengebied plaats, georganiseerd
PEILVERHOGING IN HET VEENWEIDEGEBIED; GEVOLGEN VOOR DE INRICHTING EN HET BEHEER VAN DE WATERSYSTEMEN
PEILVERHOGING IN HET VEENWEIDEGEBIED; GEVOLGEN VOOR DE INRICHTING EN HET BEHEER VAN DE WATERSYSTEMEN JOS SCHOUWENAARS WETTERSKIP FRYSLÂN VEENWEIDE SYMPOSIUM 11 APRIL 2019 OPZET PRESENTATIE 1. Wat is de
Aanpak regie verzilting Noord-Nederland. Titian Oterdoom
Aanpak regie verzilting Noord-Nederland Titian Oterdoom Toename verzilting Bodemdaling zeespiegelstijging Grilliger neerslagpatroon met langere perioden van droogte Warmer klimaat meer verdamping gewassen
Bodem & Klimaat. Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer
Bodem & Klimaat Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer Jaartemperaturen en warmterecords in De Bilt sinds het begin van de metingen in 1706 Klimaatverandering KNMI scenarios Zomerse dagen Co de Naam
DE BANEN NAAR EEN HOGER PEIL
DE BANEN NAAR EEN HOGER PEIL Bekijk op https://www.youtube.com/watch?v=pgyczqy-krm voor het herinirichtingplan Sarsven en De Banen. Begin vorige eeuw kwamen plantenliefhebbers uit het hele land al naar
TOPSURFLAND. 1. Waterschappen
TOPSURFLAND Hieronder wordt beschreven wat de toegevoegde waarde is van Topsurf voor de samenleving en wat de effecten zijn van het gebruik van Topsurfland voor alle belanghebbenden. 1. Waterschappen De
Samen Ontwikkelen. Stuurgroep Nationaal Landschap Groene Hart i.o. 19 september 2012 / concept
Samen Ontwikkelen Stuurgroep Nationaal Landschap Groene Hart i.o. 19 september 2012 / concept Samen Ontwikkelen 2. Water Bodem & Gebruik 3. Het Groene Hart, met zijn veenweiden, Over de realisatie van
Landschapswaaier Bouwstenen voor duurzame landbouw en natuur in het Groene Hart Henk Kloen en Rita Joldersma, CLM
Landschapswaaier Bouwstenen voor duurzame landbouw en natuur in het Groene Hart Henk Kloen en Rita Joldersma, CLM Download rapport: www.clm.nl/publicaties/data/671.pdf In opdracht van Staatsbosbeheer en
De bodem daalt sneller dan de zeespiegel stijgt. Tijd voor een innovatieve en integrale aanpak van bodemdaling!
De bodem daalt sneller dan de zeespiegel stijgt Tijd voor een innovatieve en integrale aanpak van bodemdaling! In de Nederlandse Delta wonen negen miljoen mensen. Hier wordt zeventig procent van ons inkomen
Waterbeheer en landbouw
Waterbeheer en landbouw Melkveehouderij in veenweidegebieden Bram de Vos (Alterra) Idse Hoving (Animal Sciences Group) Jan van Bakel (Alterra) Inhoud 1. Probleem 2. Waterpas model 3. Peilverhoging polder
1 Natuur in de Krimpenerwaard
Zelfrealisatie 1 Natuur in de Krimpenerwaard Binnen natuurgebieden zijn een grote hoeveelheid aan dier- en plantensoorten te vinden. Hoe groter ( robuuster ) de natuurgebieden zijn, hoe beter de soorten
Samenwerking rondom Bodem De praktijk in Noord-Brabant
Samenwerking rondom Bodem De praktijk in Noord-Brabant Harrie Vissers 21 september 2017 Congres SIKB Varkensdichtheid per gemeente (aantal varkens per ha landbouwgrond) aantal varkens Nederland: 12,5 mln
Formulier ten behoeve van het indienen van schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 37 van het Reglement van Orde Verenigde Vergadering Delfland
Formulier ten behoeve van het indienen van schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 37 van het Reglement van Orde Verenigde Vergadering Delfland Peilbeheer en weidevogels Aanleiding De Algemene Waterschapspartij
Onderwaterdrains in het veenweidegebied
Onderwaterdrains in het veenweidegebied Onderwaterdrains in het veenweidegebied Onderwaterdrains in veenweidegebieden Door het afwateren van de veenweide-gebieden daalt daar de bodem. Het veen in de bodem
Toekomstbestendige veenweidepolder Lange Weide. Presentatie Nationale POP congres 23 november 2017
Toekomstbestendige veenweidepolder Lange Weide Presentatie Nationale POP congres 23 november 2017 Inhoudsopgave Bodemdalingsbeleid West-Nederland (Chris) Aanleiding en context project (Kees) Toepassing
toekomst veenweide Inspiratieboek
toekomst veenweide Inspiratieboek BOSCH SLABBERS toekomst veenweide Inspiratieboek Opdrachtgever Kennis voor Klimaat In samenwerking met Alterra, DHV, Gemeente Midden-Delfland, Provincie Zuid-Holland,
Westelijke Veenweiden
Westelijke Veenweiden Nota Ruimte budget 113 miljoen euro Planoppervlak 73.000 hectare in totaal voor alle projecten Trekker Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit De Groene Ruggengraat, waar
Deelexpeditie onderwaterdrainage
Deelexpeditie onderwaterdrainage 1 Aanleiding Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling Het aanpakken van de bodemdalingsproblematiek Binnen de context van een veranderend klimaat Grote en urgente uitdagingen
ONDERZOEK RUIMTELIJKE KWALITEIT Zoektocht Drinkwater Twente. 2e ontwerpatelier. locaties: Goor Lochemseberg Daarle Vriezenveen Sallandse Heuvelrug
ONDERZOEK RUIMTELIJKE KWALITEIT Zoektocht Drinkwater Twente 2e ontwerpatelier locaties: Goor Lochemseberg Daarle Vriezenveen Sallandse Heuvelrug 5 locatiesin beeld Proces Principes waterwinning Bestaande
Startnotitie Toekomstplan Oostzanerveld
Startnotitie Toekomstplan Oostzanerveld (vastgesteld 15 november 2005) blooming Platteland Walter Menkveld Oktober 2005 Startnotitie Toekomstplan Oostzanerveld Inleiding De afgelopen drie jaar hebben de
Ruimte voor water. in het rivierengebied
Ruimte voor water in het rivierengebied Het rivierengebied bestaat bij de gratie van de grote rivieren met daarlangs de zich eindeloos voortslingerende dijken. Daartussen vruchtbare klei, groene weilanden
Presentatie van gebiedsavond Peilbesluit Zegveld Gebiedsavond De Haak 29 oktober 2018
Presentatie van gebiedsavond Peilbesluit Zegveld Gebiedsavond De Haak 29 oktober 2018 In gesprek over het water(peil) in De Haak, Zegveld en alternatieven voor het toekomstig waterpeil Programma Welkom
Waterschap Hollandse Delta. dynamiek in de delta
Waterschap Hollandse Delta dynamiek in de delta Inhoud De dynamiek in de tijd Een dynamische ruimte De opgaven nu en voor de toekomst Water besturen Functionele overheid Algemeen belang en specifiek belang
Notitie Effecten maaivelddaling veenweidegebied op grondwatersysteem Fryslân Inleiding Werkwijze
Notitie Effecten maaivelddaling veenweidegebied op grondwatersysteem Fryslân Theunis Osinga, Wetterskip Fryslân Wiebe Terwisscha van Scheltinga, Wetterskip Fryslân Johan Medenblik, Provincie Fryslân Leeuwarden,
Ruimte voor het veen! Zwolle, 24 november 2016 Peter de Ruyter, landschapsarchitect
Ruimte voor het veen! Zwolle, 24 november 2016 Peter de Ruyter, landschapsarchitect Eerste Laag Boskoop Alle Hosper, landschapsarchitect (1943-1997) Dokkum Leeuwarden Harlingen Drachten Sneek Heerenveen
Agrariërs gezocht! Subsidie voor water en bodem
Agrariërs gezocht! Subsidie voor water en bodem Meer informatie over de regeling: www.hdsr.nl/agrariers Subsidieregeling Regionaal partnerschap voor water en bodem Gezocht: agrariërs die de waterkwaliteit
De kustpolders: Hoe behoud een essentiële stap is richting duurzame ontwikkeling
De kustpolders: Hoe behoud een essentiële stap is richting duurzame ontwikkeling Prof. dr. Patrick Meire Universiteit Antwerpen Ecosystem management research group De polders, tussen de kust en zandig/zandlemig
Gebiedsavond Bodegraven-Noord
Gebiedsavond Bodegraven-Noord Programma 20.00 u Welkom door Jan Leendert van den Heuvel 20.10u Presentatie over schetsontwerp voor Bodegraven-Noord 20.30u Korte pauze, vragen inventariseren 20.45u Tafelgesprekken
FRIESE VEENWEIDEGEBIED HISTORIE EN VEENWEIDEVISIE
FRIESE VEENWEIDEGEBIED HISTORIE EN VEENWEIDEVISIE 30-3-2015 1 INTRODUCTIE Andrea Suilen Planvormer bij Wetterskip Fryslân o.a. betrokken bij; Uitvoeringsplan Veenweidevisie Waterbeheersingsprojecten veenweidegebied
Ruimte om te leven met water
Ruimte om te leven met water Het huidige watersysteem is volgens de nieuwe In de toekomst wil het waterschap een zoveel Om de benodigde ruimte aan hectares te verwerven inzichten niet meer op orde. Aanpassingen
Klimaatverandering, kansen voor agrarische ondernemers
Klimaatverandering, kansen voor agrarische ondernemers Nationale Najaarsconferentie POP 3 Workshop Klimaatverandering en Landbouw Utrecht, 17 Nov. 2016 door Pier Vellinga Wetenschappelijk directeur Kennis
Maatschappelijke Kosten Baten Analyse Waarheen met het Veen
Maatschappelijke Kosten Baten Analyse Waarheen met het Veen Ernst Bos en Theo Vogelzang (LEI) Opgave LEI: Beoordeel peilstrategieën Groene Hart op basis van Maatschappelijke Kosten en Baten Opbouw presentatie:
Klimaateffectschetsboek West-en Oost-Vlaanderen NATHALIE ERBOUT ZWEVEGEM, 5 DECEMBER 2014
Klimaateffectschetsboek West-en Oost-Vlaanderen NATHALIE ERBOUT ZWEVEGEM, 5 DECEMBER 2014 Klimaateffectschetsboek Scheldemondraad: Actieplan Grensoverschrijdende klimaatbeleid, 11 september 2009 Interregproject
Nationaal klimaatbeleid en de betekenis van landgebruik in de mitigatieopgave. door Gert Jan van den Born
Nationaal klimaatbeleid en de betekenis van landgebruik in de mitigatieopgave door Gert Jan van den Born 1 Klimaatbeleid: Nationale uitwerking Europese klimaatafspraken: kader voor de nationale opgave
Landbouwkundig belang van een goede waterhuishouding Everhard van Essen Jan van Berkum
Landbouwkundig belang van een goede waterhuishouding Everhard van Essen Jan van Berkum Aequator Groen & Ruimte bv Opzet presentatie Wat is het belang van een goede waterhuishouding? Wat is een optimale
Groene diensten Leveren van biodiversiteit. Jetze Genee, 11 april 2019
Leveren van biodiversiteit Jetze Genee, 11 april 2019 (ANLb pakketten) WAT zijn dat? 6-jarige pakketten natuur en landschapsbeheer Conform via de landelijke catalogus Groen Blauwe diensten vastgesteld.
Watersysteem van de Toekomst: vervolg debat-diner
Memo Aan deelnemers diner-debat Eye Kopie aan Contactpersoon Rik van Terwisga Datum 8 januari 2015 Onderwerp Vervolg Debat-diner "Watersysteem van de Toekomst" Watersysteem van de Toekomst: vervolg
Peilbesluit Rietveld 2017
Peilbesluit Rietveld 2017 Vast te stellen door het algemeen bestuur op 04-10-2017 Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden Titel: Peilbesluit Rietveld 2017 Dm: #1259444 Auteur: Linda Nederlof Datum: juni
Klimaatverandering en onze voedselzekerheid
Klimaatverandering en onze voedselzekerheid Prof. Dr. Martin Kropff Rector Magnificus Wageningen University Vice-president Raad van Bestuur Wageningen UR Ons klimaat verandert Ons klimaat verandert Oplossingsrichtingen
Ruimte voor het Veen. Op weg naar een nationaal gebiedsprogramma met regionale uitwerkingen
Ruimte voor het Veen Op weg naar een nationaal gebiedsprogramma met regionale uitwerkingen Landschapstriënnale, 26 september 2017 Peter de Ruyter, landschapsarchitect bron: Boskoops museum Kind van het
Samenvatting. Verkenning haalbaarheid bouwstenen toekomstperspectief Restveengebied
Samenvatting Verkenning haalbaarheid bouwstenen toekomstperspectief Restveengebied 1. Met deze richtinggevende verkenning weer een stap in het gebiedsproces Restveengebied Voornemen tot peilfixatie Het
Samenvatting peilvoorstellen en afwegingen
Samenvatting peilvoorstellen en afwegingen 14.52044 De peilvoorstellen en afwegingen van het ontwerp-peilbesluit voor de Zuid- en Noordeinderpolder worden hier gegeven. Dit ontwerppeilbesluit is opgesteld
Schoonwatervallei: op weg naar een klimaatbestendige polder
Impressie van het veldsymposium Schoonwatervallei: op weg naar een klimaatbestendige polder Het klimaat verandert, iedereen weet het! Dat heeft gevolgen voor wonen, werken en recreëren. Op een zomerse
Veenweiden Krimpenerwaard: wat gaat er gebeuren?
Veenweiden Krimpenerwaard: wat gaat er gebeuren? april 2018 2 1 De toekomst van de Krimpenerwaard De Krimpenerwaard is een bijzondere plek. Dat willen we graag zo houden en versterken. Gemeente en hoogheemraadschap
Structuurvisie Eiland van Schalkwijk + beoordelingskader en -protocol
Structuurvisie Eiland van Schalkwijk + beoordelingskader en -protocol Behoud en ontwikkeling van het landelijk karakter en de openheid van het gebied met ruimte voor landbouw, natuur, water, recreatie,
Zuid-Holland is een mooie provincie met grote steden en veel groen. Zuid-Holland is
Klare taal Inleiding Zuid-Holland is een mooie provincie met grote steden en veel groen. Zuid-Holland is ook een kwetsbare provincie. De bodem daalt en de zeespiegel stijgt door klimaatverandering. Er
Bijlage E: Peilvakken en de gewenste grond- en oppervlaktewaterpeilen.
Blad 95 van 127 Bijlage E: Peilvakken en de gewenste grond- en en. Zie ook de bijgevoegde Peilvakkenkaart op A0. Afweging en uitgangspunten peilenplan Terwolde De belangrijkste afweging bij de totstandkoming
NIEUWSBRIEF. Nieuwe aanpak Noordrand Krimpenerwaard: Ruimte voor ondernemen. Oktober Partijen in de Krimpenerwaard en de provincie
NIEUWSBRIEF Nieuwe aanpak Noordrand Krimpenerwaard: Ruimte voor ondernemen Oktober 2014 Partijen in de Krimpenerwaard en de provincie Zuid-Holland gaan op een andere manier samenwerken aan de ontwikkeling
Middelburg Polder Tempelpolder. Polder Reeuwijk. Reeuwijk. Polder Bloemendaal. Reeuwijksche Plassen. Gouda
TNO Kennis voor zaken : Oplossing of overlast? Kunnen we zomaar een polder onder water zetten? Deze vraag stelden zich waterbeheerders, agrariërs en bewoners in de Middelburg-Tempelpolder. De aanleg van
Milieu. Waterkwaliteit: Denk aan: nitraat uitspoeling / erfwater / gewasbeschermingsmiddelen / alles wat oppervlakte- en grondwater kan vervuilen
Naam: Milieu Waterkwaliteit: Denk aan: nitraat uitspoeling / erfwater / gewasbeschermingsmiddelen / alles wat oppervlakte- en grondwater kan vervuilen Slootrandenbeheer Baggeren Krabbescheer bevorderen
Zienswijzen heer Liebregts Zienswijze d.d. 8 december 2011, gesprekken d.d. 26 januari jl. en 23 februari jl.
Bijlage B, Nota van beantwoording zienswijzen van de heren Liebregts, van Dommelen, van Mierlo en ZLTO afdeling Kempen Zuidoost. Zienswijzen heer Liebregts Zienswijze d.d. 8 december 2011, gesprekken d.d.
Samenvatting. Inkomensverlies per ha grasland
Samenvatting 1 De veenweidegebieden ondervinden verschillende problemen, zoals bodemdaling, een verminderde kwaliteit van het oppervlaktewater en een aanzienlijke bijdrage aan de CO 2 -emissie. Een verlaagd
Opgesteld door ing. A.M. Rodenbach, Recreatie Noord-Holland NV, d.d. 21 januari 2013
RUIMTELIJKE ONDERBOUWING, BEHOREND BIJ DE AANGEVRAAGDE VERGUNNING OMG-12-181 Voor de inrichting en het gebruik van een evenemententerrein in deelgebied De Druppels, tegenover Wagenweg 22/24 te Oudkarspel
