Factsheet Pilotstudie Tools4School April 2014
|
|
|
- Dennis de Meyer
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Factsheet Pilotstudie Tools4School April 214 Tools4School is een gedragsinterventie voor jongeren die vanwege hun gedrag dreigen uit te vallen in het VO en VSO 1. De interventie is gebaseerd op de effectieve cognitieve- en sociale vaardigheidstraining Tools4U, die voor dit doel is aangepast aan de uitvoering in een onderwijssetting. Tools4School wordt op school uitgevoerd en bestaat uit een cognitieve- en sociale vaardigheidstraining voor de leerling, trainingsbijeenkomsten voor de ouders en een instructie voor docenten. Dit laatste is om de leerling in de klas te ondersteunen bij het generaliseren van de geleerde. Door deze opzet wordt een breed steunsysteem voor de leerling gecreëerd. Ttegelijkertijd wordt gewerkt aan het versterken van de relatie tussen ouders, school en leerling. Borging van de resultaten van de training op individueel niveau (versterkte school) en op schoolniveau (een meer planmatige aanpak m.b.t. het stimuleren van gewenst gedrag in de klas) behoren tot de interventie, evenals het systematisch verzamelen van data over de resultaten. Tools4School is daardoor een geschikte interventie voor selectieve en geïndiceerde preventie als onderdeel van Schoolwide Positive Behavior Support (SWPBS) 2. Tools4School is vanuit het samenwerkingsverband Pi7 ontwikkeld door PI Research, in samenwerking met De Bascule SOz, Onderwijsadvies en HCO. De procesevaluatie van de ontwikkeling en implementatie wordt uitgevoerd door Praktikon. De pilotstudie Tussen 212 en 216 vindt een pilot plaats waarin Tools4School wordt doorontwikkeld en op een aantal scholen wordt geïmplementeerd. Onderdeel van de pilot is een onderzoek naar de doelgroep en uitkomsten. In de periode januari - december 213 hebben 14 leerlingen meegedaan aan het pilotonderzoek, 2 meisjes en 12 jongens, met een gemiddelde leeftijd van 13 jaar (range jaar). Ze zijn getraind door vijf trainers en kwamen van zes verschillende scholen. Zeven leerlingen volgden een individuele training en zeven een groepstraining (één groep van drie en één groep van vier leerlingen). In deze factsheet worden de eerste resultaten uit de pilotstudie weergegeven. 1 Meer informatie over Tools4School is beschikbaar op of bij de projectleider Henrieke van Diest ([email protected]). 2
2 BESCHRIJVING DOELGROEP Er zijn acht mogelijke indicaties voor de doelgroep en drie mogelijke contra-indicaties. Van acht leerlingen is hiervoor een doelgroepanalyse-formulier ingevuld. Eén leerling blijkt aan de contraindicatie 'onjuist niveau' te voldoen. Bij de overige leerlingen zijn geen contra-indicaties geconstateerd. Gemiddeld genomen voldoen de leerlingen aan vier van de acht opgestelde indicatiecriteria (zie Figuur 1). Contra indicaties Indicaties doelgroep Onjuist schooltype (regulier/speciaal) Onjuist niveau Psychische problematiek Onvoldoende leerresultaat Onvoldoende profijt zorgteam Moeite met opvolgen gedragssuggesties Moeite met plannen, huiswerk maken, etc. Vaak afwezig van school Vaak betrokken bij incidenten Vaak problemen met klasgenoten Onvoldoende weerbaar tegen invloeden Figuur 1. Contra-indicaties en indicaties doelgroep (N=8 leerlingen). M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 2
3 Vaardigheden van de doelgroep COMPETENTIEBELEVING (CBSA) Met de Competentie BelevingsSchaal voor Adolescenten (CBSA) worden verschillende facetten van eigenwaarde en competentiebeleving gemeten; hoe goed de jongeren zelf denken dat ze ergens in zijn. Volgens de richtlijnen van de CBSA zijn zowel hele hoge scores (> 85e percentiel) als hele lage scores (< 15 e percentiel) op de schalen opvallend. Van 11 leerlingen is een aanvangsmeting van de CBSA. De groep leerlingen als geheel genomen, scoort op alle aspecten van competentiebeleving gemiddeld; zij ervaren geen hele hoge of hele lage competenties bij zichzelf. Kijken we echter op individueel niveau, dan blijken er wel grote verschillen te zijn. In Figuur 2 is te zien dat per schaal ongeveer dezelfde percentages leerlingen afwijken aan de bovengrens (> 85 e percentiel) als aan de ondergrens (< 15 e percentiel). Dat betekent dat de leerlingen allemaal op verschillende gebieden zichzelf als ofwel heel competent, ofwel heel incompetent ervaren. Er is geen algemeen beeld te schetsen van de doelgroep qua competentiebeleving Hoog (percentiel > 85) Gemiddeld Laag (percentiel <15) Figuur 2. Percentage leerlingen dat zeer laag (percentiel < 15), gemiddeld en heel hoog (percentiel > 85) scoort op de CBSA schalen (N=11). M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 3
4 STERKE EN MOEILIJKE PUNTEN (SDQ) De Strengths and Difficulties Questionnaire (SDQ) meet emotionele- en gedragsproblemen bij jongeren. Deze is door de leerlingen zelf, hun ouder (meestal moeder) en mentor van school ingevuld. Van 11 leerlingen is een aanvangsmeting van de SDQ. In Figuur 3 worden de gemiddelde percentielscores van jongeren zelf, moeder en de mentor weergegeven. Scores boven het 85e percentiel geven aan dat de ervaren problemen ernstig zijn. In Figuur 3 is te zien dat moeders de meeste problemen bij hun kind ervaren en dan met name gedragsproblemen. Gemiddeld genomen scoren zij op het 85e percentiel. Dat betekent dat zij de gedragsproblemen van hun kind behoorlijk ernstig vinden Emotionele problemen Gedragsproblemen Aandachtstekort - hyperactiviteit Problemen met leeftijdsgenoten Prosociaal gedrag Totale problemen Jongere Moeder Mentor Figuur 3. Gemiddelde percentielscores SDQ bij aanvang (N jongere = 1; N ouder = 11; N mentor = 11) Ook bij de SDQ zijn er grote individuele verschillen tussen jongeren. Daarnaast zijn er grote verschillen tussen het aantal problemen dat gerapporteerd wordt door de jongere zelf, door de moeder en door de mentor. In Figuur 4 is te zien hoeveel procent van de leerlingen een problematische score heeft (percentiel > 85). Zo ervaren mentoren bij bijna alle jongeren ernstige problemen op het gebied van prosociaal gedrag, waar jongeren dat helemaal niet zo ervaren en moeders in mindere mate. Ook zien mentoren bij ruim 6% van de jongeren ernstige problemen op het gebied van leeftijdsgenoten en aandachtstekort-hyperactiviteit. Moeders ervaren bij ruim 7% van de jongeren ernstige problemen op het gebied van gedrag, en bij ruim de helft van de jongeren ernstige problemen op het gebied van emoties, aandachtstekort-hyperactiviteit en leeftijdsgenoten. Jongeren zelf ervaren minder vaak ernstige problemen; de helft van de jongeren ervaart ernstige problemen op het gebied van emoties en 4% ervaart ernstige problemen op het gebied van leeftijdsgenoten. M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 4
5 Emotionele problemen Gedragsproblemen Aandachtstekort - hyperactiviteit Problemen met leeftijdsgenoten Prosociaal gedrag Totale problemen Jongere Moeder Mentor Figuur 4. Percentage jongeren dat problematisch scoort (>85e percentiel) op de subschalen en het totaal van de SDQ, volgens jongeren zelf (N=1) volgens ouders (N=11) en volgens mentoren (N=11). PSYCHOSOCIALE VAARDIGHEDEN (VPV) Met de Vragenlijst Psychosociale (VPV) worden psychosociale bij jongeren gemeten; die nodig zijn om als volwassenen zelfstandig en constructief aan de samenleving te kunnen deelnemen. Het gaat om interpersoonlijke (relationele en affectieve ) en intrapersoonlijke (zelfsturing en zelfbewustzijn). De VPV wordt door de leerlingen zelf, hun ouder (meestal moeder) en mentor ingevuld. Scores op de VPV worden in decielscores 3 weergegeven. Scores boven het 8 e en onder het 2 e deciel gelden als problematisch. Van 1 leerlingen is een aanvangsmeting van de VPV. De groep leerlingen als geheel genomen, scoort op alle aspecten van psychosociale gemiddeld (tussen het 2e en 8e deciel); zowel volgens henzelf als volgens ouders en mentoren. Kijken we echter op individueel niveau, dan blijken er wel verschillen te zijn. In Figuur 5 zijn per schaal steeds de percentages leerlingen te zien die afwijken aan de bovengrens (> 8 e deciel) en aan de ondergrens (< 2 e deciel). Een deel van de leerlingen vindt zichzelf op een aantal gebieden zeer vaardig, zij scoren boven het 8e deciel, wat mogelijk wijst op overschatting van zichzelf. Ook zijn er een aantal leerlingen die zichzelf op enkele gebieden helemaal niet vaardig vinden. Ouders en mentoren rapporteren over het algemeen bij iets meer leerlingen zeer lage scores op psychosociale. Een enkele leerling is volgens ouders en mentoren té zelfbewust. 3 Decielscores komen overeen met percentielscores, de verdeling loopt van -1 in plaats van -1 (dus deciel 1 betekent een percentielscore van -1). M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 5
6 1% 8% 6% 4% 2% % Relationele vhn Affectieve vhn Zelfsturing Zelfbewustzijn Relationele vhn Affectieve vhn Zelfsturing Zelfbewustzijn Relationele vhn Affectieve vhn Zelfsturing Zelfbewustzijn Interpersoonlijk Intrapersoonlijk Interpersoonlijk Intrapersoonlijk Interpersoonlijk Intrapersoonlijk jongere moeder mentor <2e deciel gemiddeld >8e deciel Figuur 5. Percentage problematische scores op de subschalen van de VPV volgens jongeren, ouders en mentoren (N=1). Wat verder uit de analyses naar voren kwam (niet te herleiden uit Figuur 5) is dat de leerlingen die zijn geselecteerd voor de groepstraining op alle schalen van de VPV hogere scores rapporteerden dan de leerlingen die de individuele training gaan volgen. Bij de scores van ouders en mentoren kwam dit verschil niet zo duidelijk naar voren. CONCLUSIE VAARDIGHEDEN EN PROBLEEMGEDRAG VAN DE DOELGROEP Over het algemeen kan gesteld worden dat moeders met name gedragsproblemen ervaren bij hun kinderen, mentoren ervaren vooral problemen op het gebied van prosociaal gedrag. Ten aanzien van competentiebeleving en psychosociale, blijken er grote individuele verschillen tussen de jongeren, waardoor het moeilijk is een algemeen beeld te schetsen van de doelgroep. Verder valt op dat jongeren minder gedrags- en emotionele problemen ervaren dan hun moeders en mentoren. Ook geven ze een hogere inschatting van hun dan hun moeders en mentoren. Het aantal jongeren waarover gerapporteerd wordt is echter gering, dus moeten gegevens met enige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 6
7 Eindmeting en verandering ten opzichte van aanvangsmeting COMPETENTIEBELEVING (CBSA) De leerlingen waarvan zowel een aanvangs- als een eindmeting is (N = 7) geven in het geheel genomen net als bij de aanvangsmeting - aan gemiddeld te scoren op competentiebeleving. Gaan we echter op individueel niveau kijken, dan zien we net als bij de aanvangsmeting grote individuele verschillen. Zo is in Figuur 6 te zien dat ruim 4% (N=3) van de leerlingen significant verbeterd is () op het gebied van school. Echter, 3% (N=2) van de leerlingen is significant achteruit gegaan (-) op dit gebied. Ook op de overige schalen wordt door enkele leerlingen vooruitgang geboekt en door enkele leerlingen achteruitgang. Op de meeste schalen wordt door de meeste leerlingen geen verandering gerapporteerd Figuur 6. Percentage jongeren dat op het gebied van competentiebeleving hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens henzelf (N=7) STERKE EN MOEILIJKE PUNTEN (SDQ) Van zes leerlingen is een aanvangs- en eindmeting van de SDQ. In de Figuren 7, 8 en 9 wordt de individuele vooruitgang op het gebied van gedrags- en emotionele problemen weergegeven volgens jongeren, ouders en mentoren. In deze Figuren worden de percentages leerlingen weergegeven die op de SDQ vooruit zijn gegaan én niet meer in het problematische gebied scoren (),vooruit zijn gegaan (), gelijk zijn gebleven () of achteruit zijn gegaan (-). In Figuur 7 is te zien dat 5% (N = 3) van de jongeren zelf aangeeft vooruit te zijn gegaan op het gebied van emotionele problemen. Op de overige schalen ervaren de meeste jongeren geen verandering, een enkeling ervaart juist meer problemen dan bij aanvang (-). Ook bij ouders (Figuur 8) en mentoren (Figuur 9) zijn er enkelen die meer en enkelen die minder problemen rapporteren; mentoren rapporteren over het algemeen de meeste verschillen. Zij zien vooral vooruitgang bij leeftijdsgenoten en prosociaal gedrag. Als we naar de totale probleemscore van de SDQ kijken, hebben de meeste jongeren geen significante verandering doorgemaakt. M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 7
8 Emotionele problemen Gedragsproblemen Aandachtstekort - hyperactiviteit Problemen met leeftijdsgenoten Prosociaal gedrag Totale problemen - Figuur 7. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens henzelf (N=6) Emotionele problemen Gedragsproblemen Aandachtstekort - hyperactiviteit Problemen met leeftijdsgenoten Prosociaal gedrag Totale problemen - Figuur 8. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens moeder (N=6) Emotionele problemen Gedragsproblemen Aandachtstekort - hyperactiviteit Problemen met leeftijdsgenoten Prosociaal gedrag Totale problemen - Figuur 9. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens mentor (N=7) M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 8
9 PSYCHOSOCIALE VAARDIGHEDEN (VPV) Van vier leerlingen is een aanvangs- en eindmeting van de VPV. In de Figuren 1, 11 en 12 wordt de individuele vooruitgang op interpersoonlijke (relationeel en affectief) en intrapersoonlijke (zelfsturing en zelfbewustzijn) weergegeven volgens jongeren, ouders en mentoren. Zo is in Figuur 1 te zien dat de helft van de jongeren rapporteert vooruit te zijn gegaan op psychosociale. In Figuur 11 en 12 is te zien dat mentoren en ouders meer vooruitgang zien dan de jongeren zelf. Dit kan ook komen doordat de jongeren zelf bij aanvang al niet in het probleemgebied scoorden Totaalscore psychosociale Interpersoonlijke Intrapersoonlijke Figuur 1. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens zichzelf (N=5) Totaalscore psychosociale Interpersoonlijke Intrapersoonlijke Figuur 11. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens moeder (N=5) Totaalscore psychosociale Interpersoonlijke Intrapersoonlijke Figuur 12. Percentage jongeren dat op gebied van gedragsproblemen hersteld is (), vooruit is gegaan (), gelijk gebleven () of achteruit is gegaan (-) volgens mentor (N=5) M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 9
10 VERANDERINGEN PER INDIVIDU In het geheel genomen zijn er nog te weinig gegevens om een helder beeld te geven van de veranderingen die bij jongeren hebben plaatsgevonden gedurende de training. Sommige jongeren, ouders en mentoren geven aan dat er vooruitgang is geboekt op verschillende gebieden. Anderen geven aan dat er geen veranderingen of zelfs verslechteringen hebben plaatsgevonden. Interessant is daarom om per individu te kijken naar de uitkomsten op de verschillende meetinstrumenten en op deze manier een beeld te krijgen van de veranderingen per individu. In Tabel 1 wordt per leerling, per instrument en informant, weergegeven op welke schalen ze vooruit zijn gegaan én niet meer in het problematische gebied scoren (),vooruit zijn gegaan (), gelijk zijn gebleven () of achteruit zijn gegaan (-). Vervolgens is per leerling een algeheel eindoordeel gegeven ten aanzien van de verandering. Tabel 1. Overzicht van significante verandering aanvangs- en eindmeting op de SDQ, VPV en CBSA per leerling. Vragenlijst SDQ VPV CBSA Eind Schaal EM GP AH PL PS T inter intra T SV SA SP FY GH HV GE oordeel Leerling A (Groep) LeerlingB (Individueel) Leerling C (Groep) Leerling D (Groep) Leerling E (Individueel) Leerling F (Groep) Leerling G (Groep) Jongere Ouder Mentor Jongere - Ouder - /- Mentor - Mentor Jongere - - /- /- Jongere /- Ouder - /- /- Mentor - /- Jongere /- Ouder - /- - Mentor Jongere Ouder - /- - Mentor Betekenis van de scores op de subschalen: = Significant verbeterd én niet meer in probleemgebied; = significant verbeterd binnen hetzelfde gebied; = geen verandering; - = significant verslechterd binnen hetzelfde gebied; -- = significant verslechterd naar probleemgebied Betekenis van de afkortingen: EM = Emotionele problemen; GP = Gedragsproblemen; AH = Aandachtstekort Hyperactiviteit; PL = Problemen met leeftijdsgenoten; PS = Prosociaal gedrag; T = Totaal Inter = interpersoonlijke ; intra = intrapersoonlijke ; T = Totaal SV = School; SA = Sociale acceptatie; SP = Sportieve ; FY = Fysieke verschijning; GH = Gedragshouding; HV = Hechte vriendschappen; GE = Gevoel van eigenwaarde Berekening eindoordeel: = Er is overwegend en/of vaker (meer dan 2 keer) vooruitgang geboekt op de verschillende subschalen /- = Er is even vaak vooruitgang of achteruitgang geboekt op de verschillende subschalen en/of minder dan 2 keer vooruitgang of achteruitgang op één van de subschalen. - = Er is overwegend en/of vaker (meer dan 2 keer) achteruitgang geboekt op de verschillende subschalen. N.B. Totaalscores van de SDQ en VPV zijn niet meegenomen in de berekening van het eindoordeel; zij vertonen te grote overlap met de subschalen. M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 1
11 In Tabel 1 is te zien dat er drie leerlingen in het algemeen vooruit zijn gegaan, twee leerlingen laten een incongruent beeld zien; ze zijn op enkele gebieden vooruit gegaan, maar ook op enkele gebieden achteruit gegaan, en bij twee leerlingen zijn overwegend negatieve veranderingen te zien. Eveneens valt ook hier op dat er tussen de verschillende informanten, jongeren, ouders en mentor, weinig overeenstemming is tussen voor- en achteruitgang op de verschillende schalen. Verschillen tussen ouders en mentoren kunnen verklaard worden doordat jongeren in de thuissituatie mogelijk ander gedrag laten zien dan op school. Tot slot valt op dat de leerlingen steeds veranderingen laten zien op heel verschillende schalen. Dat kan betekenen dat de training steeds inspeelt op de individuele problematiek van de jongeren en mogelijk een brede doelgroep bedient. Om deze hypothese te toetsen, zijn de doelrapportages (verslaglegging van de training) nader bekeken. Hierin worden de doelen geformuleerd en wordt aangegeven in welke mate deze zijn bereikt volgens ouders, jongere, trainer en mentor. Uit deze doelrapportages blijkt inderdaad dat er een grote verscheidenheid aan doelen is gesteld, afgestemd op de individuele problematiek van de jongere. De gestelde doelen zijn niet altijd gericht op het verbeteren van de, maar soms ook op bewustwording en zelfkennis. In dat licht kan een achteruitgang op een vragenlijst soms feitelijk een positieve ontwikkeling zijn omdat de informanten zich dan meer bewust zijn van de problematiek van de jongere. Uit een globale inhoudsanalyse van de doelrapportages blijkt dat de uitkomsten op de vragenlijsten goed overeenkomen en veelal te verklaren zijn vanuit de gestelde en behaalde doelen. Ook de negatieve uitkomsten op de vragenlijsten zijn veelal vanuit de gestelde doelen verklaarbaar en herkenbaar. CONCLUSIE OVER DE VERANDERING IN VAARDIGHEDEN EN PROBLEEMGEDRAG GEDURENDE DE TRAINING In het geheel genomen kan gesteld worden dat het moeilijk is om een helder beeld te geven over de veranderingen die bij jongeren hebben plaatsgevonden gedurende de training. Ook wanneer gekeken wordt naar individuele uitkomsten per jongere, is het beeld divers. Een aantal leerlingen zijn over het algemeen vooruitgegaan, enkelen zijn voor- en achteruitgegaan en enkelen zijn achteruitgegaan. Voor de totale groep lijkt er gemiddeld genomen verbetering te zijn op het gebied van interpersoonlijke psychosociale. Het lijkt erop dat de problematiek en de van de aangemelde jongeren heel divers zijn en de uitkomsten ook. Een globale inhoudsanalyse van de trainingsverslagen bevestigt deze hypothese: er is een grote verscheidenheid aan gestelde doelen. De uitkomsten van de vragenlijsten (zowel positief als negatief) zijn veelal te verklaren vanuit de gestelde en gerealiseerde doelen. Tot slot moet niet uit het oog worden verloren dat het om een zeer gering aantal respondenten gaat waarover gerapporteerd wordt. Wanneer er meer jongeren aan de training deelnemen en er meer aanvangs- en eindmetingen beschikbaar zijn, zullen wellicht meer eenduidige resultaten beschreven kunnen worden. M.R. Golbach & C. van Dam. Factsheet Pilot Study Tools4School. Nijmegen: Praktikon 11
Handycard Zorgmonitor 1 SDQ en KIDSCREEN-27
Handycard Zorgmonitor 1 SDQ en KIDSCREEN-27 SDQ (Strenghts and Difficulties Questionnaire) Meet de psychosociale aanpassing van de jeugdige. De SDQ wordt ingevuld door jeugdigen zelf (11-17 jaar) en ouders
Zorgmonitor boostersessie
Programma 1. Welke vragenlijsten worden ingevuld? 2. Hoe zien de rapportages er uit? 3. Hoe kun je de rapportage met cliënten bespreken bij de intake of start van de behandeling? 4. Hoe kun je de rapportage
PGA behandeling LKH Doorwerth en LKH Brabant, aangesloten bij LKH Nederland: Een vergelijkend onderzoek
PGA behandeling LKH Doorwerth en LKH Brabant, aangesloten bij LKH Nederland: Een vergelijkend onderzoek Projectgroep: Cisca Aerts, projectleider Annemarie Ellenbroek Nienke Geerts Brigitte de Jong Ronald
K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R
PSYCHOSOCIALE GEZONDHEID Jeugd 2010 4 K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R Kinderenonderzoek 2010 Om inzicht te krijgen in de gezondheid van de inwoners in haar werkgebied, heeft de GGD Zuid-Holland
Training Routine Outcome Monitoring en het bespreken van feedback
Training Routine Outcome Monitoring en het bespreken van feedback door van Programma 1. Wat is ROM en waarom? 2. Welke vragenlijsten worden ingevuld? 3. Hoe zien de rapportages er uit? 4. Hoe kun je de
Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success
Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Leercentrum Nijmegen Oberon, november 2012 1 Inleiding Playing for Success heeft, naast het verhogen van de taal- en rekenprestaties van de
COMPETENTIEBELEVINGSPROFIEL VROEG - ADOLESCENTEN PERSOONLIJKE RAPPORTAGE VAN
COMPETENTIEBELEVINGSPROFIEL VROEG - ADOLESCENTEN PERSOONLIJKE RAPPORTAGE VAN Naam Z Gegevens deelnemer Algemeen Naam Naam Z Leeftijd 14 Geslacht Normgroep Sociale wenselijkeheid man jongens 12 t/m 15 jaar
Veelgestelde vragen en antwoorden
Veelgestelde vragen en antwoorden Leraren en SPRINT -coördinatoren op SPRINT -scholen hebben regelmatig vragen over het SPRINT -programma. Hieronder wordt antwoord gegeven op de meest gestelde vragen,
Inhoud Inleiding Gedragsproblemen Psychosociale vaardigheden Emotionele vaardigheden Leervaardigheden De rol van het gezin Literatuur
Inhoud 1 Inleiding.... 1 1.1 Gedragsproblemen... 3 1.2 Psychosociale vaardigheden.... 4 1.3 Emotionele vaardigheden.... 5 1.4 Leervaardigheden.... 5 1.5 De rol van het gezin.... 6 Literatuur.... 6 2 Gedragsproblemen....
Aanvulling op. Resultaten STOP4-7 Tabellenboek trainingen
Aanvulling op Resultaten STOP4-7 Tabellenboek trainingen 2003-2006 Aanvulling op Resultaten STOP4-7 Tabellenboek trainingen 2003-2006 Praktikon maakt deel uit van de Stichting de Waarden te Nijmegen en
Kinderen in West gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in West gezond en wel? 1 Wat valt op in West? Voor West zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar
Kinderen in Noord gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Noord gezond en wel? 1 Wat valt op in Noord? Voor Noord zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar
LEVENSLOOPMONITOR PROTOCOL
LEVENSLOOPMONITOR PROTOCOL Het KAIRO project is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van ESF-Equal. Inhoud 1. Inleiding 2. Procesbewaking 3. Stappenplan 4. Overzicht gegevensverzameling 5. Onderzoeksinstrumenten
Leef je in! Een sociaal cognitieve vaardigheidstraining voor jongeren met een licht verstandelijke beperking en gedragsproblemen
Leef je in! Een sociaal cognitieve vaardigheidstraining voor jongeren met een licht verstandelijke beperking en gedragsproblemen Judith Arendsen, junior onderzoeker Research & Development Programma Ontwikkeling
De SDQ: invulgedrag van ouders en leerkrachten een vergelijking tussen bevolkingsgroepen
De SDQ: invulgedrag van ouders en leerkrachten een vergelijking tussen bevolkingsgroepen Tamara van Batenburg-Eddes Cathelijne Mieloo, Dick Butte, Petra van de Looij-Jansen, Wilma Jansen GGD Rotterdam-Rijnmond
6 Psychische problemen
psychische problemen 6 Psychische problemen Gonneke Stevens In onderzoek naar de gezondheid en het welzijn van jongeren is het relevant aandacht te besteden aan psychische problematiek, waarbij vaak een
Kanvas is de naam van het KanjerVolgsysteem.
Kanvas is de naam van het KanjerVolgsysteem. Het systeem bevat de volgende uitgangspunten: 1. Hoe kan ik voor leerkrachten en ouders zo eenvoudig mogelijk in kaart krijgen welke leerlingen zich positief
One Mile a Day. Onderzoeksrapport Augustus dr. Tine Van Damme, MSc. Marthe Vermeulen, dr. Davy Vancampfort, & prof. dr.
FACULTEIT BEWEGINGS- EN REVALIDATIEWETENSCHAPPEN One Mile a Day Onderzoeksrapport Augustus 2017 dr. Tine Van Damme, MSc. Marthe Vermeulen, dr. Davy Vancampfort, & prof. dr. Michel Probst Onderzoeksgroep
Monitor jongeren 12 tot 24 jaar
Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren tot 4 jaar Jongerenmonitor In 0 is in de regio IJsselland
Verwachtingen. Gezamenlijke gedragsverwachtingen. Ik ga aan het einde van deze workshop tevreden weg als ik. 10-11-2014.
SWPBS-congres 14 november 2014 De docent als schakel. Hoe de feedback van docenten bijdraagt aan de effectiviteit Tools4School Henrike van Diest Judy Broer Milou Golbach Henrike van Diest Projectleider
Sport en de persoonlijke ontwikkeling van kwetsbare jongeren
Sport en de persoonlijke ontwikkeling van kwetsbare jongeren Verslag van de eerste vragenlijstronde Jeugd, Zorg en Sport Auteur: Sabina Super, Niels Hermens, Kirsten Verkooijen Datum: 19 april 2016 Inleiding
Evaluatieonderzoek Psychiatrische Gezinsbehandeling voor Autisme. Eindverslag pilot. Gert Kroes
Evaluatieonderzoek Psychiatrische Gezinsbehandeling voor Autisme Eindverslag pilot Gert Kroes Evaluatieonderzoek Psychiatrische Gezinsbehandeling voor Autisme Eindverslag pilot Dr. Leo Kannerhuis Houtsniplaan
Gezondheid, welbevinden en leefstijl van scholieren in het voortgezet onderwijs
Gezondheid, welbevinden en leefstijl van scholieren in het voortgezet onderwijs Screening van de Jeugdgezondheidszorg in klas 2 over de schooljaren 2014-2017 Tynaarlo Willem Jan van der Veen Esther Huisman
Samenvatting, conclusies en discussie
Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit
DESSA. Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties. HTS Report. Liesbeth Bakker ID Datum
DESSA Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties HTS Report ID 5107-7085 Datum 10.11.2017 Leerkrachtversie Informant: Jan Jansen Leerkracht INLEIDING DESSA 2/23 Inleiding De DESSA is een vragenlijst
DESSA. Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties. HTS Report. Liesbeth Bakker ID Datum Ouderversie
DESSA Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties HTS Report ID 5107-7085 Datum 10.11.2017 Ouderversie Informant: Mevrouw Bakker Ouder INLEIDING DESSA 2/23 Inleiding De DESSA is een vragenlijst waarmee
BEPERKING ONDERWIJSPARTICIPATIE
BEPERKING ONDERWIJSPARTICIPATIE GOOD PRACTICES De onderbouwing van de beperking van de onderwijsparticipatie blijkt uit het VO Aanmeldformulier Amsterdam 2009-2010, niet ouder dan een half jaar, plus diagnostische
het laagste niveau van psychologisch functioneren direct voordat de eerste bestraling begint. Zowel angstgevoelens als depressieve symptomen en
Samenvatting In de laatste 20 jaar is er veel onderzoek gedaan naar de psychosociale gevolgen van kanker. Een goede zaak want aandacht voor kanker, een ziekte waar iedereen in zijn of haar leven wel eens
Kinderen in Centrum gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Centrum gezond en wel? 1 Wat valt op in Centrum? Voor Centrum zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van
Kinderen in Zuid gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Zuid gezond en wel? 1 Wat valt op in Zuid? Voor Zuid zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar
Psycholoog of leerkracht;
Psycholoog of leerkracht; Pharos, kennis en adviescentrum migranten, vluchtelingen gezondheid [email protected] [email protected] LOWAN PO coordinatorendag 7/10/2009 Wordt Zara psycholoog leerkracht of
DGT voor adolescenten
DGT voor adolescenten VGCT 2012 Met dank aan Nicole Muller Rosanne de Bruin Agaath Koudstaal Nicole Muller Kennismaking VGCT 2012 ESSPD 2012 In press; november 2012 VGCT 2012 Aangepast aan de ontwikkelingstaken
Resultaten eindtoets
Resultaten eindtoets 2013-2014 Dit rapport over de resultaten van de eindtoets (school) toont detailinformatie over de eindtoetsresultaten en schooladvies. De informatie is te gebruiken als sturingsinformatie.
BETREFT ZRM METING EN ANALYSE en METING MAATSCHAPPELIJK RENDEMENT
Bijlage 4 BETREFT ZRM METING EN ANALYSE en METING MAATSCHAPPELIJK RENDEMENT Voor een deel van de verantwoording voor het eerste halfjaar van 2016 is gebruik gemaakt van de ZelfRedzaamheid Matrix. Hieronder
PSYCHOSOCIALE GEZONDHEID
IJsselland PSYCHOSOCIALE GEZONDHEID Jongerenmonitor 20 92% normaal risico op psychosociale problemen.3 jongeren School Klas 2 13-1 jaar Klas - jaar 86% goede ervaren gezondheid %* is op school gepest *van
De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht
De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht Claudia de Graauw Bo Broers Januari 2015 1 Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: VAKMANSTAD, DE TWEEDE METING: Fysieke, sociale en cognitieve ontwikkeling van kinderen gemeten
Hoofdstuk 1: VAKMANSTAD, DE TWEEDE METING: Fysieke, sociale en cognitieve ontwikkeling van kinderen gemeten 1.1 Inleiding In dit hoofdstuk beschrijven we de resultaten uit de tweede meting (t=1) van het
Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success. september 2012
Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success september 2012 Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success september 2012 Opdrachtgever: KPC Groep Utrecht, oktober 2012
Minder zorgleerlingen door leerlingen met ASS? De Bijsluiter en de SchoolBijsluiter
Minder zorgleerlingen door leerlingen met ASS? De Bijsluiter en de SchoolBijsluiter Drs. Leo van t Spijker De Goudse Waarden, Gouda Mariska Jansen MSc CSO De Zonnehoek, Radboud Universiteit 5 e Nationale
Impulsklasonderzoek. Koen de Jonge Lectoraat Passend Onderwijs Hogeschool Leiden 06-25016157
Impulsklasonderzoek Koen de Jonge Lectoraat Passend Onderwijs Hogeschool Leiden 06-25016157 [email protected] Inhoud 1. Aanleiding 2. Onderzoeksvragen 3. Methode 4. Resultaten 5. Conclusie 6. Discussie
Opvoedingsondersteuning in Drenthe
Opvoedingsondersteuning in Drenthe Welke behoefte is er? Willem Jan van der Veen Marjan Kuilman Nynke van Zanden Themarapporten GGD Drenthe Assen, mei 2011 www.gezondheidsgegevensdrenthe.nl ii Inhoud Samenvatting...
Onderzoek School2Care
Onderzoek School2Care Factsheet pilot Augustus 2016 SCIENTIST PRACTITIONER NEJA School2Care is alweer vijf jaar een begrip in Amsterdam; niet meer weg te denken uit het onderwijs-zorg aanbod in de stad.
Nederlandse Samenvatting
Nederlandse Samenvatting De adolescentie is lang beschouwd als een periode met veelvuldige en extreme stemmingswisselingen, waarin jongeren moeten leren om grip te krijgen op hun emoties. Ondanks het feit
Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Zeevang Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs.
Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Zeevang Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs. Deze factsheet beschrijft de resultaten van de scholieren
Factsheet Pilotonderzoek Gezin Centraal
Factsheet Pilotonderzoek Gezin Centraal Coleta van Dam, Gert Kroes, Renske van Bemmel, Ella Tacq en Arjan Bolt Augustus 2014 Wat is Gezin Centraal? Gezin Centraal is een systeemgerichte interventie voor
Resultaten eindtoets
Resultaten eindtoets 2015-2016 Dit rapport over de resultaten van de eindtoets (school) toont detailinformatie over de eindtoetsresultaten en schooladvies. De informatie is te gebruiken als sturingsinformatie.
7-10-2013. Emotieherkenning bij CI kinderen en kinderen met ESM
7--3 Sociaal-emotioneel functioneren van kinderen met een auditieve/ communicatieve beperking Emotieherkenning bij kinderen en kinderen met Rosanne van der Zee Meinou de Vries Lizet Ketelaar Rosanne van
Wat moeten we weten? Bert Wienen
Wat moeten we weten? Bert Wienen WWW.CPS.NL Haring Haring Perceptie van de leraar? Onderzoek 1: wordt de perceptie beïnvloed door geboortemaand? Onderzoek 2: wordt de perceptie ten opzichte van een leerling
waardoor een beroerte kan worden gezien als een chronische aandoening.
amenvatting Elk jaar krijgen in Nederland zo n 45.000 mensen een beroerte, ook wel CVA (Cerebro Vasculair Accident) genoemd. Ongeveer 60% van hen keert na opname in het ziekenhuis of revalidatiecentrum
Nederlandse samenvatting
Nederlandse samenvatting 207 208 Deel I Het wordt steeds belangrijker gevonden om kinderen een stem te geven. Hierdoor kunnen kinderen beter begrepen worden en kan hun ontwikkeling worden geoptimaliseerd.
De pedagogische kwaliteit van SWPBS. Monique Nelen, PBS coach
De pedagogische kwaliteit van SWPBS. Monique Nelen, PBS coach Programma Even voorstellen SWPBS als methodiek Het pedagogische doel van onderwijs Pedagogische Kwaliteit SWPBS met pedagogische kwaliteit
DESSA. Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties. HTS Report. Otto Peterszoon ID Datum Leerkrachtversie
DESSA Vragenlijst over sociaal-emotionele competenties HTS Report ID 256-4 Datum 07.10.2014 Leerkrachtversie Informant: Neeltje Smit Leerkracht DESSA Interpretatie 3 / 20 INTERPRETATIE De DESSA biedt informatie
Kinderen in Zuidoost gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Zuidoost gezond en wel? 1 Wat valt op in Zuidoost? Voor Zuidoost zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor
Instrumenten voor het vaststellen van SE-problematiek die voorkomen op de lijst van toetsinstrumenten voor het schooljaar 2014/2015
Instrumenten voor het vaststellen van SE-problematiek die voorkomen op de lijst van toetsinstrumenten voor het schooljaar 2014/2015 een specificatie van score-onderdelen en grenswaarden, respectievelijk
Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie. Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven.
* Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven In dit proefschrift worden de resultaten van de PERRIN CP 9-16 jaar studie (Longitudinale
EMPO voor Ouders en Jongeren versie 2.0
EMPO voor Ouders en Jongeren versie 2.0 2011 Praktikon BV Nijmegen: Harm Damen 1. Wat is de EMPO? De EMPO 2.0 is een lijst voor zelfevaluatie om de empowerment bij ouders (EMPO Ouders 2.0) en jongeren
Begaafde jongeren, moeilijke gevallen? Het belang van systematisch onderzoek naar het functioneren van cognitief sterke jongeren
Begaafde jongeren, moeilijke gevallen? Het belang van systematisch onderzoek naar het functioneren van cognitief sterke jongeren Dr. Jeroen Lavrijsen & Prof. Karine Verschueren (KU Leuven) Maart 2019 Meer
Sportdeelname van jongeren met gedragsproblemen
Sportdeelname van jongeren met gedragsproblemen ONDERZOEK DREMPELS BETEKENIS VOORWAARDEN Remo Mombarg en Jan Willem Bruining (RUG/HIS) Koen Breedveld en Wouter Nootebos (Mulier Instituut) Saskia van Doorsselaer
Kinderen in Nieuw-West gezond en wel?
GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Nieuw-West gezond en wel? 1 Wat valt op in Nieuw-West? Voor Nieuw-West zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor
Samenvatting (Summary in Dutch) Het Belang van Leeftijdsgenoten: Sociale Problemen in de Kleuterklas en de Ontwikkeling van Psychische Problemen
(Summary in Dutch) Het Belang van Leeftijdsgenoten: Sociale Problemen in de Kleuterklas en de Ontwikkeling van Psychische Problemen 141 Als kinderen psychische problemen ontwikkelen zoals gedragsproblemen
Beschrijving van de gegevens: hoeveel scholen en hoeveel leerlingen deden mee?
Technische rapportage Leesmotivatie scholen van schoolbestuur Surplus Noord-Holland Afstudeerkring Begrijpend lezen 2011-2012, Inholland, Pabo-Alkmaar Marianne Boogaard en Yvonne van Rijk (Lectoraat Ontwikkelingsgericht
A c. Dutch Summary 257
Samenvatting 256 Samenvatting Dit proefschrift beschrijft de resultaten van twee longitudinale en een cross-sectioneel onderzoek. Het eerste longitudinale onderzoek betrof de ontwikkeling van probleemgedrag
TUSSENRAPPORTAGE INTENSIVERINGSTRAJECT REKENONDERWIJS VO. mei 2015
TUSSENRAPPORTAGE INTENSIVERINGSTRAJECT REKENONDERWIJS VO mei 2015 2 STAND VAN ZAKEN Deze tussenrapportage is een vervolg op de startrapportage van mei 2014 en de tussenrapportage van november 2014. De
Analyse van de cursus De Kunst van het Zorgen en Loslaten. G.E. Wessels
Analyse van de cursus De Kunst van het Zorgen en Loslaten G.E. Wessels Datum: 16 augustus 2013 In opdracht van: Stichting Informele Zorg Twente 1. Inleiding Het belang van mantelzorg wordt in Nederland
Resultaten eindtoets
Resultaten eindtoets 2013-2014 Dit rapport over de resultaten van de eindtoets (school) toont detailinformatie over de eindtoetsresultaten en schooladvies. De informatie is te gebruiken als sturingsinformatie.
Resultaten zelfevaluatie Met Waalwijk School voor praktijkonderwijs
Resultaten zelfevaluatie Met Waalwijk School voor praktijkonderwijs PrOZO! December 2008 Pagina 1/14 Pagina 2/14 INLEIDING De Met Waalwijk heeft een zelfevaluatie uitgevoerd in 2008, waarbij gebruik is
Praktijkgestuurd veranderingsonderzoek Orthopedagogisch Centrum Brabant
Praktijkgestuurd veranderingsonderzoek Orthopedagogisch Centrum Brabant Resultaten september 2008 - september 2009 Coleta van Dam Ronald De Meyer Praktijkgestuurd veranderingsonderzoek Orthopedagogisch
Dutch summary (Samenvatting van hoofdstukken)
Dutch summary (Samenvatting van hoofdstukken) 101 102 Hoofdstuk 1. Algemene introductie Het belangrijkste doel van dit proefschrift was het ontwikkelen van de Interactieve Tekentest (IDT), een nieuwe test
Onderzoek TNO en Movisie Kikid lesprogramma Benzies & Batchies
Onderzoek TNO en Movisie Kikid lesprogramma Benzies & Batchies 30-10-2013 Wat levert werken met Benzies & Batchies op? Seksueel grensoverschrijdend gedrag voorkómen en terugdringen Om seksueel grensoverschrijdend
Advies inzake afstemming vragenlijstonderzoek op VO scholen voor efficiëntere signalering en aanpak van risicoleerlingen, 2013.
Advies inzake afstemming vragenlijstonderzoek op VO scholen voor efficiëntere signalering en aanpak van risicoleerlingen, 2013. Aanleiding en opdracht In het kader van de nieuwe, vraaggerichte werkwijze
Op weg naar effectiviteit in het cluster 4 onderwijs
Samenvatting Op weg naar effectiviteit in het cluster 4 onderwijs Deel II: de resultaten van de eerste effectmeting Drs. R. Stoutjesdijk & Prof. Dr. E.M. Scholte M.m.v. Drs. H. Leloux-Opmeer 2 Inhoudsopgave
EFFECTIVITEIT VAN DE GEEF ME DE 5 BASISCURSUS
EFFECTIVITEIT VAN DE GEEF ME DE 5 BASISCURSUS Wetenschappelijk onderzoek In dit rapport worden de wetenschappelijke bevindingen beschreven betreffende de effectiviteit van de Geef me de 5 Basiscursus.
Samenvatting. BS De Fontein/ Helden. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Fontein. Ouders vinden 'Begeleiding' op school het belangrijkst
BS De Fontein/ Helden Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Fontein Enige tijd geleden heeft onze school BS De Fontein deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland
Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/22989 holds various files of this Leiden University dissertation
Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/22989 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Pouw, Lucinda Title: Emotion regulation in children with Autism Spectrum Disorder
In deze info krijgt u informatie over het oudertevredenheidonderzoek(oto)
Uitkomsten oudertevredenheidsonderzoek St. Josephschool Lochem In december 2014 hebben tevredenheidsonderzoeken plaatsgevonden onder medewerkers, ouders en leerlingen. De schoolrapportage is besproken
SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding
SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,
Leerlingtevredenheidsonderzoek
Rapportage Leerlingtevredenheidsonderzoek De Meentschool - Afdeling SO In opdracht van Contactpersoon De Meentschool - Afdeling SO de heer A. Bosscher Utrecht, juni 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Vincent
