ESA s wetenschappelijke programma: verleden, heden en toekomst

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ESA s wetenschappelijke programma: verleden, heden en toekomst"

Transcriptie

1 ESA s wetenschappelijke programma: verleden, heden en toekomst Ir. L.J. Timmermans In oktober 1995 werd in Toulouse de ESA-ministersconferentie gehouden. Een belangrijk discussiepunt was het budget van het wetenschappelijke ruimtevaartprogramma van ESA. Terwijl enkele individuele lidstaten hierbij vraagtekens zetten, hecht Nederland veel waarde aan dit programma. Uiteindelijk resulteerden de discussies in een compromis: voor de komende vijf jaar wordt het budget bevroren op 347 MAU (ongeveer ƒ 640 miljoen), met hooguit een correctie als de inflatie boven de 3 % komt. Halverwege 1998 zal het budget opnieuw bekeken worden. In dit artikel wordt een terug- en vooruitblik op de wetenschappelijke ruimtevaart in Europa gegeven. In de geschiedenis van de Europese wetenschappelijke ruimtevaart zijn vier fasen te onderscheiden: 1. de leerfase ( ), gekenmerkt door de publicatie van het Blue Book; 2. de Bondi-fase ( ), waarin een eerste poging werd gedaan om tot een wetenschappelijk beleid te komen; 3. de ESA-oprichtingsfase ( ), waarin Europa zelfstandig werd; en 4. de Horizon 2000 en Horizon 2000 Plus fase (1984-heden), waarin een eigen langetermijnbeleid werd gevormd. In dit artikel zullen bovenstaande fasen nader beschreven worden. Vervolgens zal de ontwikkeling van de verschillende wetenschappelijke missies in beeld worden gebracht, om uiteindelijk tot een conclusie te komen over hoe ESA haar taak tot nu toe heeft volbracht. De leerfase ( ) Deze eerste fase speelde zich af vóór het ESRO-tijdperk (de European Scientific Research Organisation, opgericht in 1962, was samen met de European Launcher Development Organisation de voorloper van ESA). Ondanks het prille stadium waarin de ruimtevaart zich nog bevond, was er reeds een ster- Afkortingen en volledige namen van in dit artikel voorkomende satellieten. COS ESRO EXOSAT FIRST GEOS HELOS HEOS HIPPARCOS HST INTEGRAL ISEE ISO ISPM IUE LAS SAS SOHO STEP TD XMM Celestial Observations Satellite European Space Research Organisation European X-ray Observatory Satellite Far Infrared and Submillimetre Space Telescope Geodetical Satellite Highly Eccentric Lunar Occultation Satellite Highly Eccentric Orbit Satellite High Precision Parallax Collecting Satellite Hubble Space Telescope International Gamma-Ray Astrophysical Laboratory International Sun-Earth Explorer Infrared Space Observatory International Solar Probe Mission International Ultraviolet Explorer Large Astronomical Satellite Small Astronomy Satellite Solar and Heliospheric Observatory Satellite Test of the Equivalence Principle Thor-Delta X-ray Multi Mirror mission 3

2 Massa van de wetenschappelijke satellieten van ESA als functie van de lanceerdatum. De rechthoeken geven een indicatie voor de capaciteiten van de verschillende lanceerders. Ulysses is gelanceerd door de Space Shuttle. Huygens is ook een speciaal geval omdat zij aan boord van de Amerikaanse satelliet Cassini zal worden meegenomen naar Saturnus en Titan. De massa van de Hubble Space Telescope zou buiten de schaal van deze figuur vallen. [ESA] ke drang om tot een gezamenlijk Europees wetenschappelijk ruimtevaartprogramma te komen, naast de nationale programma s die in verschillende landen ontwikkeld werden. Het Blue Book, geschreven in 1961, speelde hierbij een belangrijke rol. Verantwoordelijk voor dit boekwerk was de Scientific and Technical Working Group (STWG), een commissie samengesteld uit vertegenwoordigers van de Europese ruimtevaartindustrie en ruimteonderzoekers. De hoofdlijn van het voorgestelde programma weerspiegelde echter een gebrek aan realisme en volwassenheid; het Blue Book was in feite meer een intentieverklaring dan een echt programma. Het Launching Programme Advisory Committee (LPAC, het huidige Space Science Advisory Committee) en het Science and Technical Committee, een subcommissie van LPAC, maakten van het Blue Book een programma dat naar verwachting binnen de fi- nanciële grenzen zou blijven. Zij kwamen daarbij een aantal probleemgebieden tegen: Een evenredige verdeling van het budget over de verschillende onderzoeksgebieden kwam niet overeen met de opbrengst en kosten per onderzoeksgebied. De standaardbus (met als doel kostenbesparing) voor de astronomische satellieten van de TD-serie werd nooit verwezenlijkt: er is uiteindelijk slechts één TD-satelliet gebouwd (TD-1A, gelanceerd in 1972). De grote satellieten, die de voornaamste rechtvaardiging voor de oprichting van ESRO vormden, konden niet volgens plan gebouwd worden: zowel LAS als de komeetmissie werden pas veel later, na veelvuldige aanpassingen om binnen een realistisch budget te blijven, gelanceerd, respectievelijk als IUE (1978) en Giotto (1985). De kleinere lidstaten wilden liever eerst ruimtevaartervaring opdoen met een raketprogramma, terwijl de grotere lidstaten hun ervaring wilden uitbreiden met grote satellieten en interplanetaire missies. Het einde van de leerfase werd in 1968 bereikt met de lanceringen van ESRO-2, ESRO-1A en HEOS-1. Van 1964 tot 1967 werden in totaal 56 sondeerraketten gelanceerd: de oorspronkelijke doelstellingen (zie bijgaande tabel) waren niet verwezenlijkt. Het bleek moeilijk om op korte termijn een gebalanceerd wetenschappelijk programma te realiseren dat alle onderzoeksgebieden naar tevredenheid bestreek. Een langetermijnbeleid was derhalve noodzakelijk om binnen het financiële raamwerk tot een gebalanceerd programma te komen. De Bondi-fase ( ) De Italiaan Hermann Bondi werd in november 1967 tot hoofd van ESRO benoemd. Tot eind 1968 was slechts één nieuw project goedgekeurd (TD-1), en de tijd was rijp om nieuwe en krachtige beslissingen te nemen. In 1969 besloot ESRO tot goedkeuring van de satellieten ESRO-1B, HEOS-A2, ESRO- IV, COS-B en GEOS, waardoor continuïteit van wetenschappelijke satellieten gewaarborgd werd. Bondi verzocht LPAC om een langetermijnbeleid te definiëren door een 4

3 zorgvuldige selectie van mogelijke studies. Op aanbeveling van LPAC werd aan vier onderzoeksgebieden prioriteit gegeven: 1. fundamentele fysica, met voorkeur voor gravitatietheorieën; 2. plasmafysisch onderzoek in de magnetosfeer, de heliosfeer en de polaire ionosfeer; 3. astrofysica van hoog-energetische röntgen- en γ-straling; en 4. studies naar speciale kosmische straling. Planetair onderzoek, UV-astronomie en zonnefysica kwamen niet in deze aanbevelingen voor. Voor deze gebieden had men tussen 1975 en 1980 de lancering van drie tot vijf middelgrote satellieten in het verschiet: uiteindelijk werden COS-B, GEOS, ISEE-2 en IUE daadwerkelijk in deze periode gelanceerd, waarvan de laatste twee in samenwerking met NASA. Ook stelde LPAC HELOS (later herdoopt in EXOSAT) voor als opvolger van COS-B en GEOS. De belangen van de UV-astronomie werden gered door het advies deel te nemen aan NASA s SAS-D-project. Ondertussen kwam ESRO in een financiële crisis waaruit later ESA zou ontstaan. Het budget voor wetenschappelijke ruimtevaart was beperkt tot ongeveer 27 MAU, terwijl volgens LPAC bijna het dubbele noodzakelijk was (43-47 MAU). Aan het einde van deze fase was ESA gedwongen tot meer realistische doelstellingen. Men erkende dat men slechts één middelgrote satelliet per twee tot drie jaar kon lanceren, in plaats van elk jaar één grote en meerdere kleine. De wetenschappers werden gedwongen prioriteiten te stellen, en wisten dat slechts ideeën waarover zij het onderling eens waren tot succes konden leiden. Alleen internationale samenwerking bood de toegang tot wetenschappelijke ruimtevaart. De ESA-oprichtingsfase ( ) Het in 1973 genomen besluit om Europa onafhankelijke toegang tot de ruimte te geven door het ontwikkelen van de Ariane-raketfamilie zou van groot belang zijn voor het ontstaan van ESA. Met ISEE-2, IUE en Spacelab verbond ESA haar programma s meer en meer aan die van NASA. Deze samenwerking werd verder uitgebouwd door deelname aan HST en ISPM (Ulysses). Deze keuze was, min of meer, een consequentie van de aanbevelingen van LPAC om de Europese missies te beperken tot kleine of middelgrote projecten. De Verenigde Staten en de Sovjet Unie daarentegen maakten plannen voor grote, ambitieuze en uitdagende missies. Wilde Europa niet achterblijven, dan moest zij wel samenwerken. De samenwerking met de Verenigde Staten ontwikkelde zich voortvarend, zodat er al snel een optimistische stemming heerste als gevolg van de geboden mogelijkheden. Echter, er verschenen donkere wolken aan de hemel. De Europeanen leerden dat NASA er een eigen werkwijze op na hield en realiseerden zich hoe kwetsbaar de afspraken waren die in het Memorandum of Understanding Aantal en type lanceringen gedurende de eerste acht jaar van ESRO, zoals voorgesteld door de STWG in Aangenomen werd dat voor elke geslaagde missie twee lanceringen nodig waren. Achteraf blijkt dit voorstel veel te optimistisch te zijn geweest. Jaar Sondeerraketten < Kleine satellieten in lage banen Interplanetaire satellieten Gestabiliseerde astronomische satellieten en maansatellieten 5

4 waren ondertekend. De bindende betekenis die men in Europa hieraan gaf verschilde van de Amerikaanse interpretatie als intenties; NASA zag haar budget jaarlijks ter discussie gesteld in het Witte Huis en het Congres. Tegelijkertijd met deze crisis kwam de eerste Ariane-raket gereed, zodat Europa zelf toegang tot de ruimte kreeg. Beide gebeurtenissen verklaren de reeks van besluiten die tussen 1980 en 1983 werd genomen: Giotto, HIPPARCOS en ISO zouden als volledig Europese missies door de Ariane worden gelanceerd. Dit was een duidelijk keerpunt in ESA s beleid voor wetenschappelijke ruimtevaart. Hoewel er van een echte crisis sprake was, had het positieve effecten voor Europa. Bovenal realiseerde Europa zich dat master of your own destiny mogelijk was, en leiderschap zou betekenen op verschillende gebieden. De fundamenten voor ESA s eigen langetermijnbeleid waren hiermee gelegd. De Horizon 2000 en Horizon 2000 Plus fase (1984-heden) In 1983 werd duidelijk dat ESA niet langer kon doorgaan met haar bestaande methode om project na project te kiezen. De wetenschappers hadden een langetermijnperspectief en bepaalde toezeggingen nodig ter voorbereiding op de toekomst. Er waren echter ook tegenstanders, die vonden dat een lange- termijnbeleid zou leiden tot ontmoediging van de groep wetenschappers van wie het vakgebied (nog) geen plaats had in dit beleid. Hierdoor zou tevens hun steun aan ESA s wetenschappelijke programma verloren gaan. De oplossing was een gebalanceerd langetermijnprogramma, met de mogelijkheid om regelmatig nieuwe ideeën te lanceren. Echter, het budget dat sinds 1971 onveranderd was gebleven zou tot problemen kunnen leiden. De enige mogelijkheid om het budget op te schroeven was het ontwerpen van een uitgebreid plan met een raamwerk voor de toekomstige wetenschappelijke ruimtevaartactiviteiten. Zodoende kon het programma Horizon 2000 een aanvang nemen. Een eerste oproep voor concepten van nieuwe missies werd gedaan in de herfst van Diverse groepen werden geformeerd om prioriteiten te stellen, het technische gehalte in de verschillende gebieden te bepalen en aanbevelingen te formuleren. Op de laatste bijeenkomst, in juni 1984 onder voorzitterschap van de Nederlander Bleeker (momenteel directeur van SRON), werden de prioriteiten gesteld door het benoemen van vier zogenaamde Cornerstones (hoekstenen): invloed van processen van de Zon op de Aarde (Solar Terrestrial Science Programme, STSP, met SOHO en Cluster), komeetonderzoek (Rosetta), röntgenstraling (XMM) en astronomie in het submillimeter-gebied Ontwikkeling van de kosten voor het maken van ESA s wetenschappelijke satellieten als functie van de lanceerdatum. De donkere lijn toont de ontwikkeling van het jaarlijkse wetenschappelijke budget. De getallen geven een indicatie van de verhouding tussen de kosten en het budget in het jaar van lancering. Voor de missies na 1995 zijn de huidige schattingen weergegeven. Alle bedragen, in MAU, zijn omgerekend naar de economische condities van 1993.[ESA] 6

5 (FIRST). Tevens bestond de mogelijkheid om kleine en middelgrote projecten op kortere termijn te laten plaatsvinden; door een regelmatig terugkerende Call for Ideas behouden wetenschappers die niet betrokken zijn bij lopende projecten hun steun aan ESA. Dit gaf het wetenschappelijke programma een mate van flexibiliteit: de inhoud kon worden gericht zowel op evolutie van de wetenschap (b.v. STEP) als op mogelijkheden voor internationale samenwerking (b.v. Cassini/ Huygens). De onderliggende gedachte voor Horizon 2000 was de kosten binnen de perken te houden door èn de wetenschappers te dwingen hun hoge ambities te beperken èn een efficiëntere werkwijze te creëren bij het management van ESA. Een belangrijk en direct effect van Horizon 2000 was het besluit dat ESA s budget voor wetenschappelijke missies jaarlijks zou stijgen met 5 % boven de inflatie, hetgeen over een periode van tien jaar gerealiseerd zou worden. Voor het eerst zou ook de samenwerking met nationale programma s verwezenlijkt worden, zodat de inefficiënte strijd om geld vermeden werd. Ook de coördinatie met internationale programma s werd gemakkelijker. De Cluster satellieten die helaas bij de eerste Ariane-5 vlucht verloren gingen. [ESA] Massa en kosten van wetenschappelijke ESA-satellieten. Kosten, behalve voor EXOSAT en HIPPAR- COS, zijn exclusief nuttige lading. De bedragen, in MAU, zijn omgerekend naar de economische condities van Satelliet Lanceerdatum Kosten Kosten per Kosten per massa satelliet massa lading (MAU) (MAU/kg) (MAU/kg) GEOS-1 20 april ,2 1,005 8,727 ISEE-2 22 oktober ,1 0,670 3,864 EXOSAT 20 mei ,1 0,888 5,105 Giotto 2 juli ,9 0,375 3,716 HIPPARCOS 8 augustus ,8 0,796 2,566 Ulysses 6 oktober ,4 0,777 5,225 ISO 17 november ,0 0,268 7,444 SOHO 2 december ,0 0,177 0,508 Cluster april ,8 0,089 1,489 Huygens oktober ,6 0,711 5,242 XMM december ,1 0,165 1,026 7

6 Doordat de Cornerstones vaste elementen van het programma waren, wisten wetenschappers en industrie al lang van tevoren waar zij hun energie in zouden moeten steken, om zodoende de langdurige technologische ontwikkelingen te verwezenlijken die nodig zijn om de projecten tot stand te brengen. De Cornerstones brachten ook de lange tijd gezochte balans tussen de verschillende onderzoeksgebieden. Met Horizon 2000 Plus wordt momenteel eenzelfde benadering gevolgd. Hier zijn voor de periode drie Cornerstones gedefinieerd: een missie naar Mercurius; een interferometer-observatorium voor astrometrie/infrarood astronomie; en een observatorium voor gravitatiegolven. Daarnaast staan er voor deze lange termijn ook vier gedeeltelijk nog in te vullen middelgrote missies op het programma. Terugblik op wetenschappelijke missies De ontwikkeling van ESRO/ESA s wetenschappelijke missies blijkt goed uit een van de bijgaande figuren, waarin de massa van de verschillende ruimtevoertuigen wordt getoond. De toename in massa is duidelijk gerelateerd aan de capaciteiten van het lanceervoertuig. Omdat het niet erg waarschijnlijk is dat er in de nabije toekomst krachtiger lanceerders dan de Ariane-5 beschikbaar zullen komen, zullen de wetenschappers rekening moeten houden met het feit dat een massa van 3 tot 4 ton voorlopig het maximum zal zijn. Wel zal de nuttige lading een steeds hoger percentage van de totale massa voor haar rekening kunnen nemen. De ontwikkeling in missiekosten wordt getoond in een andere figuur. Hieruit blijkt dat ESA erin geslaagd is de kosten relatief goed onder controle te houden, ondanks de snelle toename van de technische capaciteiten van de missies. De missies kunnen worden ingedeeld in twee groepen: 1. Missies waarvan kosten voor het maken van de satelliet (Cost-To-Completion, CTC) ongeveer gelijk is aan het jaarlijkse wetenschappelijke budget. Hieronder vallen bijvoorbeeld Giotto, Ulysses, Huygens en INTEGRAL, allen middelgrote satellieten van Horizon Missies waarvan de kosten gelijk zijn aan tweemaal het jaarlijkse budget. Voorbeelden zijn EXOSAT, HIPPARCOS, ISO, de ESA-bijdrage aan HST en de Cornerstones van Horizon De duur van de verschillende ESA missies. Links van de diagonale lijn de bouw, rechts van de lijn de operaties in de ruimte. [ESA] 8

7 De Integral satelliet die het heelal in het gamma deel van het spectrum gaat bestuderen. [ESA] Bij deze grafiek moet worden opgemerkt dat de huidige twee middelgrote missies, M1 (Huygens) en M2 (INTEGRAL), momenteel op het niveau van het jaarlijkse wetenschappelijke budget worden gehouden, ook al heeft INTEGRAL in feite de omvang van een Cornerstone-missie. Deze kostenbeperking is het resultaat van internationale samenwerking en het hergebruik - voor het eerst in de wetenschappelijke programma s van ESRO/ESA - van een bestaand busontwerp, namelijk van XMM. Een bijgaande tabel toont de kosten van missies vanaf GEOS. De kosten per kilogram nemen af, waarbij Cluster de meest efficiënte missie is doordat zij gebaseerd is op vier identieke satellieten. Er zit momenteel ruim tien jaar tussen besluit en lancering van de Cornerstone-missies van Horizon 2000 en Horizon 2000 Plus. Deze tijd is nodig om de technologie van de missies goed te definiëren en voor te bereiden, en daarbij binnen het budget te blijven. Kortom, een langetermijnplanning, met een duidelijk financieel perspectief. Mede hierdoor heeft ESA een leidende positie opgebouwd op verschillende deelgebieden van het wetenschappelijke ruimteonderzoek. Horizon 2000 Plus biedt de mogelijkheid om deze positie nog verder uit te bouwen. Conclusie In de loop der tijd heeft ESA haar wetenschappelijke missies steeds efficiënter weten uit te voeren. Enkele voorbeelden waaruit dit blijkt, zijn: het is ESA gelukt om de kosten van haar missies relatief goed onder controle te houden, ondanks de snelle en enorme toename van de technische capaciteiten van deze missies; in 1995 bedroeg het wetenschappelijke budget slecht 12,8 % van het totale ESAbudget; dit is een kwart van het vergelijkbare Amerikaanse programma; de regelmatige lancering van kleine satellieten (met een massa minder dan 100 kg) is uitgegroeid naar lanceringen van satellieten als ISO, SOHO en Cluster, die elk enkele tonnen wegen; deze groei in prestaties is niet terug te zien in het jaarlijkse wetenschappelijke budget; het huidige budget is, met de jaarlijkse 5 % groei sinds 1985, in verhouding niet groter dan het ESRO-budget in 1964; de ontwikkelingstijd van huidige satellieten voor grote missies (b.v. Cluster) is even lang als die van kleinere satellieten (b.v. EXOSAT) 15 jaar geleden; wetenschappers hebben steeds meer moge- 9

8 makkelijker hun weg naar een groter wordend aantal gebruikers. Belangrijke redenen voor deze toename in efficiëntie zijn: de technologische ontwikkeling staat toe dat steeds grotere missies kunnen worden uitgevoerd met lagere kosten per kilogram; zowel ESA als de industrie hebben gedurende de afgelopen 35 jaar ruimschoots ervaring opgedaan met wetenschappelijke missies; het wetenschappelijke langetermijnbeleid - ingevuld met het programma Horizon leidt ertoe dat de benodigde technologie bijtijds ontwikkeld kan worden en dat standaard subsystemen voor verschillende missies kunnen worden gebruikt. Verder wordt internationale samenwerking tegenwoordig in een rationeler verband geplaatst, gebaseerd op gelijkwaardigheid van de partners, en worden nieuwe samenwerkingsverbanden makkelijker aangegaan. Ook wordt de coördinatie met nationale programma s constant verbeterd. Het vaste budget biedt wetenschappers in Europa, maar ook elders in de wereld, een stabiel programma, met missies die krachtige drijfveren zijn voor verdere technologische vernieuwingen. De afdaling van de Huygens sonde op Titan. [ESA] lijkheden om aan missies deel te nemen: het aantal Principal Investigators en Co- Investigators stijgt nog steeds; veel van ESA s wetenschappelijke satellieten overleven ruimschoots hun nominale levensduur, en de grote hoeveelheden gegevens die vrij komen, vinden steeds Het groeiproces dat de Europese wetenschappelijke ruimtevaart heeft doorgemaakt, heeft geleid tot een stabiel langetermijnprogramma, waaruit in de toekomst nog veel interessante ontwikkelingen zullen ontstaan. Dit artikel is gebaseerd op het artikel European Space Science - In Retrospect and in Prospect van R.M. Bonnet, directeur van het wetenschappelijke programma van ESA, gepubliceerd in ESA Bulletin 81 (februari 1995). 10

9 De Ariane-501-vlucht Ir. H.M. Sanders Op 4 juni jl. vond de lancering van de eerste Ariane-5 plaats. Het jammerlijk mislukken hiervan was een grote schok voor de Europese ruimtevaart. Hoe kon het gebeuren dat een raket, aan de betrouwbaarheid waarvan men zoveel zorg had besteed, al na 30 seconden faalde? Een raket met een beoogde betrouwbaarheid van 99%, waarvan elk boutje en moertje uitgebreid beschreven wordt, en waarvan zelfs achterhaald kan worden van welk ruwe erts ze zijn gemaakt en waar dat materiaal vandaan kwam. Daarnaast was er het verlies van de vier Cluster-satellieten, een unieke wetenschappelijke lading die met de Ariane ten onder ging. In dit artikel volgen een kort verslag van de gebeurtenissen en een verklaring voor zover de gegevens daarvan op het moment van schrijven beschikbaar waren. Vertraging op vertraging Het eerste gedeelte van de Ariane-501-vlucht verliep nog vlekkeloos. [E Braun] Volgens de oorspronkelijke planning was de eerste lancering van de Ariane-5 voorzien voor begin 1995: 1 april was lange tijd de geplande lanceerdatum. Echter, in 1994 zag men zich gedwongen deze datum te verschuiven naar november 1995 vanwege problemen met de ontwikkeling van de vaste-stuwstof aanjaagraketten, een half jaar uitstel. De leiding van het project verzekerde toen dat niet zou worden afgeweken van deze nieuwe datum. Gelukkig werden de problemen met het uitharden van de vaste stuwstof opgelost, en een lancering eind 1995 leek haalbaar. Verder uitstel werd echter onontkoombaar toen er tijdens beproevingen in Kourou ook nog problemen optraden met de Vulcain-hoofdmotor. Hoewel de problemen niet te wijten waren aan structurele fouten in het ontwerp, en op zichzelf geen serieuze vertraging opleverden, zorgde het relatief grote aantal ervoor dat het programma verder uitliep. Het dieptepunt werd bereikt toen in het najaar van 1995 twee Franse technici door verstikking omkwamen door een te grote concentratie stikstofgas in het lanceerplatform. Het daarop volgende onderzoek zorgde voor verdere vertraging. De lancering was inmiddels verschoven naar In februari kon de lanceercampagne van de vlucht van de eerste Ariane-5 van start gaan. De campagne zelf verliep redelijk voorspoedig, alhoewel ook hier weer een paar probleempjes uit de weg moesten worden ge- 11

10 De lanceerconfiguratie van Ariane-501. [ESA] 1. kap voor lading 2. trap met houdbare stuwstof 3. Vehicle Equipment Bay met daarin het verdachte besturingssysteem 4. vaste stuwstof aanjaagraket 5. vaste stuwstof motor 6. cryogene hoofdtrap 7. cryogene voortstuwing 8. lading (Cluster satellieten) Procentuele bijdrage van de verschillende landen aan het Ariane-5 programma. [ESA] ruimd. Op 4 juni brak eindelijk de grote dag aan waarop de eerste Ariane-5 zou worden gelanceerd. De lanceerdag, 4 juni De spanning was begrijpelijk groot toen men met het aftellen kon beginnen. Op vele plaatsen in Europa en in Guyana waren mensen verzameld om de lancering rechtstreeks mee te maken. Al snel bleek dat het weer niet erg wilde meewerken. Het regende plaatselijk rond Kourou, en onweer dreigde. Om blikseminslag op de raket te voorkomen, moeten de elektrisch geladen onweerswolken ver genoeg van het lanceerplatform verwijderd zijn om een lancering toe te laten. Tijdens het aftellen trokken de onweerswolken weg, maar het bleef regenen. De meteorologische dienst in Kourou ontdekte echter een gat in de bewolking, hetgeen een lancering mogelijk maakte. Het aftellen was inmiddels 7 minuten vóór de lancering gestopt om deze opklaring af te wachten. Daarnaast was er ook een probleem opgetreden met de Cluster-satellieten: er waren problemen met de klok die de commando s voor de eerste fase in een baan om de Aarde zou moeten geven. Dit werd echter snel verholpen. Toen door de weersverbetering de raket ook zichtbaar werd voor het volgstation op de Duivelseilanden, zo n 25 km voor de kust van Frans Guyana, kon men het aftellen hervatten. Dit volgstation volgt de raket met een infraroodtelescoop totdat de twee grote aanjaagraketten worden afgeworpen. Naarmate de klok terugliep steeg de spanning. Opvallend rustig telde de Franse vluchtleider de laatste 10 seconden af tot het moment van ontsteking. Het vluchtverloop Op T 0 werd het ontstekingsignaal aan de hoofdmotor gegeven, die daarna correct opstartte. Na enige seconden tijdsverloop om de juiste werking van de motor te testen, werden 7 seconden na T 0 de aanjaagraketten ontstoken. Op hetzelfde moment werden alle verbindingen met het lanceerplatform verbroken en begon de Ariane-5 aan zijn vlucht. Opvallend snel verliet de raket het lanceerplatform, met een veel grotere acceleratie dan men gewend is van de Ariane-4. Na 5 seconden begon de raket in de juiste richting te sturen door de motoren te draaien, en begon zijn klim naar een baan om de Aarde. Tijdens deze fase zijn het met name de straalpijpen 12

11 van de aanjaagraketten die de raket sturen. Overal waar men de lancering volgde steeg gejuich en applaus op, en de Ariane-5 vervolgde zijn vlucht hemelwaarts met donderend geraas. Toen, 27 seconden na het verlaten van het platform, begon de Ariane plotseling te draaien, en voordat iemand kon reageren ontplofte de raket. De ontzetting was groot, vooral door het plotselinge karakter van de gebeurtenissen. In een grote fontein van brandende stukken vaste stuwstof kwam de Ariane naar beneden. Onmiddellijk werden alle publieke observatiepunten rond het platform ontruimd, en werd het noodplan in werking gesteld. Ook begon men direct met het onderzoek om uit te vinden wat er verkeerd ging. Het bleek dat 34 seconden na de lancering, op een hoogte van 3,5 km, het besturingssysteem de straalpijpen van de stuwraketten naar hun uiterste stand gecommandeerd had; de hoofdmotor volgde kort daarna. Het gevolg was dat de Ariane een snelle rotatie inzette. De raket vloog op dat moment met hoog-subsone snelheid (Mach 0,7), en door de rotatie werd het aërodynamisch moment op de raket te groot. Het gevolg hiervan was dat de raket ter hoogte van de tweede trap begon te bezwijken. Dit was duidelijk zichtbaar op de videobeelden: een wolk bruine hydrazine ontsnapte uit de raket. Drie seconden nadat de draai was ingezet, blies de raket zichzelf op nadat hij meer dan 100 graden was gedraaid. De raket bevond zich toen op een hoogte van 4 km. Even later werd er ook van de grond een vernietigingscommando gestuurd, maar dat was reeds overbodig. Wat ging er mis? Nadat men van de allereerste schrik bekomen was, begon men te onderzoeken wat er was misgegaan en hoe het zover had kunnen komen. Daarnaast was men evenzeer geïnteresseerd in de vraag hoe een fout de uitgebreide kwaliteits- en betrouwbaarheidsprocedures had kunnen passeren. Al op de dag van de ontploffing bleek dat de fout waarschijnlijk te wijten was aan een fout in het besturingssysteem, waarschijnlijk een software-matige. Iets later werd bekend dat het inertiale platform de correcte hoeken en versnellingen had gemeten, maar dat er foutieve gegevens uit de boordcomputer kwamen. Als gevolg hiervan probeerde de Ariane een fout te corrigeren die niet bestond, met het bekende resultaat. Later werd de Vehicle Equipment Bay, het gedeelte van de raket waarin het verdachte besturingssysteem zich bevond, uit de Guyanese mangrovebossen gevist en onderzocht. Twee Cluster satellieten op elkaar gemonteerd zoals dat ook aan boord van Ariane501 is gebeurd. De Cluster satellieten zijn na de mislukte lancering gedeeltelijk terug gevonden. [ESA] Inmiddels is bekend geworden dat de fout inderdaad in het besturingssysteem zit. De Ariane-5 gebruikt hetzelfde traagheidsplatform als de Ariane-4, maar een test om te kijken of dat wel kon is uit budgettaire overwegingen niet uitgevoerd. De Ariane-5 is echter een grotere raket die feller accelereert, een hoger trillingsniveau heeft en in een iets andere baan vliegt. In het traagheidsplatform zijn twee routines actief: de eerste zorgt voor het afstellen en ijken van het platform vóór de lancering, en de tweede routine zorgt voor de werking van het platform in de vlucht. Ook na de start blijft de eerste routine nog een 50 seconden doorlopen, hoewel hij dan geen functie meer heeft. Dit is ook gebeurd bij de Ariane-4, en heeft nooit problemen opgeleverd. Door de andere baan, de grotere acceleratie en de hogere trillingen in de Aria- 13

12 Direct na de ontploffing van Ariane-5 worden medewerkers en gasten geëvacueerd vanaf de uitzichtspunten. [P. Aventurier, N. Le Corre/ Gamma] ne-5 heeft de ijkingsroutine een software overflow gecreëerd. Dit bracht de boordcomputer van slag, die daardoor foutieve gegevens ging genereren. Op haar beurt resulteerde dit erin dat de Ariane een fout ging corrigeren die niet bestond. De toekomst Op het moment van schrijven, wordt eind dit jaar genoemd als mogelijke datum voor de tweede testvlucht van de Ariane-5. Inmiddels is ook de vraag opgeworpen of een derde proefvlucht noodzakelijk is. De Franse minister voor ruimtevaartzaken Fillon heeft al aangekondigd dat volgens hem een derde vlucht noodzakelijk is. Die zou dan wel be- taald moeten worden door de industrie zelf, met name uit de winsten die men verwacht te behalen uit de lancering van grotere aantallen Ariane-4-raketten, teneinde de verdere vertraging van de Ariane-5 op te vangen. Omdat het Ariane-5-programma haar budget reeds met 20% overschreden heeft en daarmee de ESA-limiet heeft bereikt, is het uitbreiden van het programma moeilijk. De ESA-regel is dat als een programma meer dan 120% van het oorspronkelijk begrote bedrag kost, landen zich zonder meer uit het programma kunnen terugtrekken. Overigens is het erg onwaarschijnlijk dat dit gebeurt; de meeste landen hebben hun onvoorwaardelijke steun toegezegd. Verder twijfelt niemand er aan dat de Ariane-5 een succesvolle lanceerder zal worden als het huidige probleem is opgelost. Toch geeft het ongeluk aan dat conventionele raketten weinig fail-safe zijn: als er onverhoopt iets mis gaat, kan men weinig meer doen dan de raket met lading en al op blazen. Een herbruikbaar lanceervoertuig zou eventueel een noodlanding kunnen maken. Het blijft natuurlijk speculatie of zoiets in dit geval geholpen had, maar er zijn vele mislukte lanceringen te bedenken waarbij een noodlanding in ieder geval de lading had kunnen redden. Dit is eens te meer een reden om naast de Ariane-5 te blijven investeren in herbruikbare lanceersystemen. Delen van Ariane-5 en de Cluster-satellieten worden opgevist uit het moeras bij Kourou. [Space News] 14

13 Sloshsat FLEVO Ir. M.G.A. de Brouwer Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium Het is oktober Aan boord van de Space Shuttle -vlucht STS-94- lift de 100 kg zware Sloshsat FLEVO (Facility for Liquid Experimentation and Verification in Orbit) mee op een Hitchhiker-brug achterin het laadruim. Het experiment Sloshsat FLEVO is, zoals de naam al verraadt, een satelliet waarmee men vloeistofdynamica in gewichtloosheid onderzoekt. Naast de gebruikelijke systemen zoals een lichte structuur, voortstuwing, energievoorziening, computer, warmtebeheersing en communicatie, beschikt het satellietje over een lading waarmee zogenaamde klotsexperimenten kunnen worden uitgevoerd. Deze lading bestaat uit een vat met een inhoud van 90 liter, gevuld met 33,5 liter water. Hiervan worden op 270 locaties de laagdikte, alsmede enkele grootheden als temperatuur, druk en snelheid gemeten. De invloed van het klotsende water op de beweging van de satelliet zal met gyroscopen en versnellingsmeters nauwkeurig worden vastgelegd. De meetgegevens die de tien dagen durende vlucht oplevert, zullen een nieuwe generatie computermodellen valideren. Deze modellen zullen in staat moeten zijn klotsgedrag van vloeistof in de ruimte beter te simuleren en dus te voorspellen, zodat bij de besturing van een ruimtevaartuig met relatief veel vloeistof aan boord beter rekening gehouden kan worden met het klotsen. Hier valt onder andere te denken aan het koppelen aan het International Space Station Alpha voor bevoorrading van stuwstoffen, de nauwkeurige standregeling van observatiesatellieten en het efficiënter besturen van raketten. versiteiten in Nederland (Groningen, Delft), België en Israël. Deze wetenschappers hebben zich -zoals gebruikelijk in dergelijke onderzoeksprojecten- verenigd in een gebruikersgroep, de Investigators Working Group (IWG). De IWG bepaalt al in het beginstadium van het ontwerp aan welke eisen de satelliet moet voldoen, onder andere met betrekking tot de uitvoering van het klotsvat, het type sensoren en hun nauwkeurigheden, en de benodigde meettijd. Tevens zullen de leden van de IWG de experimenten begeleiden en de meetgegevens na afloop van de vlucht analyseren. Gedurende de tiendaagse missie van Sloshsat FLEVO worden de gegevens van de 150 sensoren doorgegeven aan de Space Shuttle. Onder andere met behulp van een Tracking and Data Relay Satellite (TDRS) worden de gegevens doorgegeven naar de Aarde. [F. Boon] Wetenschappelijke interesse Dat er vraag naar deze modellen is, blijkt bijvoorbeeld uit de interesse van onder andere wetenschappers binnen NASA, ESA en uni- 15

14 Het Wet Satellite Model voerde gedurende een 10 minuten durende vrije val, vloeistofdynamica-experimenten uit. [NLR] De wetenschappers binnen de IWG kennen elkaar al geruime tijd. Sommigen hadden al contact met elkaar gedurende vorige missies waar vloeistofgedrag in de ruimte werd onderzocht. Te denken valt hier onder andere aan een experiment aan boord van de Space Shuttle D-1-vlucht (met Wubbo Ockels, oktober 1985) en aan experimenten met een module gelanceerd met een Zweedse sondeerraket (het Wet Satellite Model (WSM) van het NLR, april 1992). Deze laatste vlucht maakte gebruik van de ongeveer 10 minuten durende micrograviteit in de vrije val vanuit de sondeerraket terug naar de Aarde. Water bewoog daar tussen de wanden van een binnen- en een buitencilinder, en simuleerde op die manier een tweedimensionale vloeistofbeweging. Ontwikkeling van het klotsvat De wetenschappers van de IWG stellen een aantal zware en soms tegenstrijdige eisen aan het experiment. Uitgangspositie was een vat met bolvormige uiteinden en een cilindervormig tussenstuk. Dit vat diende voor 38% gevuld te zijn met een vloeistof. Dit percentage komt voort uit de eis dat er nimmer een gasbel mag ontstaan die geen contact met de wand heeft; m.a.w. er dient altijd, ergens op de wand, een zgn. contactlijn (overgang vloeistof/ gas) te zijn. De positie van de vloeistof diende gemeten te kunnen worden zonder de stroming te verstoren. Gekozen is voor een systeem van capacitieve sensorplaatjes. Dit systeem (de Coarse Sensor Array, CSA) meet de capaciteit van het water boven de sensors. De CSA is echter alleen bruikbaar als zowel het tankmateriaal als het water zelf niet geleidend zijn. Dit heeft als consequentie dat het klotsvat uitgevoerd moet worden met kunststof, en dat het water volledig gedemineraliseerd moet zijn (d.w.z. alle geleidende ionen moeten eruit gefilterd zijn). Het bewaren van gedemineraliseerd water (een zeer reactieve stof dat een half jaar voor de vlucht opgesloten 16 in het vat aan NASA geleverd zal worden) gebeurt doorgaans in polyethyleen. Deze zachte kunststof is echter volstrekt ongeschikt als constructiemateriaal. Besloten werd daarom om een met aramidevezel versterkte tank te bouwen en die aan de binnenkant te coaten met polyethyleen. Voor dit coaten bleken slechts methoden beschikbaar te zijn die werken op bolle oppervlakken. Uiteindelijk is daarom besloten voor de volgende productiestrategie: op een aluminium mal wordt polyethyleen gespoten; op de dichte laag wordt lijm aangebracht, waarna de aramidevezel over het geheel gewikkeld wordt; hierna wordt de mal opgelost in natronloog - een stof waartegen polyethyleen bestand is. Het resultaat is een uit één stuk vervaardigde sterke tank, die aan de binnenkant bekleed is met het polyethyleen dat bestand is tegen gedemineraliseerd water. Deze tank wordt geïnstrumenteerd met 150 sensoren, die voor het grootste deel tussen de polyethyleen en de epoxy-laag geïntegreerd zijn. Door elektronisch tussen de sensoren te schakelen kan de vloeistof op 270 verschillende locaties gemeten worden.

15 Veiligheid Sinds het ongeluk met de Challenger in 1986, gaat NASA heel voorzichtig om met haar bemande lanceervoertuig, de Space Shuttle. Het vliegen als secundaire payload op een Hitchhiker-brug achterin de laadruimte van de Shuttle Orbiter, brengt dan ook een strenge beoordeling van het ontwerp door NASA met zich mee. De Amerikanen letten hierbij op alle aspecten en onderdelen van de lading: voor elk onderdeel van het ontwerp zijn veiligheidseisen beschreven. Gevraagd wordt bijvoorbeeld aan te tonen dat de satelliet de lanceertrillingen overleeft; dat een eventueel lekkende batterij geen kwaad kan; dat de elektronica de verschillende radioverbindingen niet stoort; en dat er geen brandbare stoffen in de satelliet verwerkt zijn. Een manier om aan de veiligheidseisen te voldoen, is het doorlopen van een streng testprogramma, iets dat bijvoorbeeld van toepassing is voor de structuur en de stuwstoftanks. Deze testprogramma s bestaan onder andere uit het nabootsen van de belastingen op triltafels, het simuleren van de ruimte in vacuümkamers, en het doen van onderzoek aan de gebruikte materialen. Een andere manier is een slim ontwerp, dat alle risico s uitsluit. Dit geldt voornamelijk voor alle veranderende situaties, zoals het aanzetten van onderdelen van de energievoorziening, of de besturing door een fout commando van een operator op de grond, of van een fout in een computerprogramma. Zo kan de batterij van Sloshsat FLEVO pas geladen worden door de zonnecellen, als een schakelaar is omgezet tijdens ejectie vanaf de Hitchhiker-brug. Zo kan zelfs menselijk falen nooit leiden tot het te ver laden van deze batterij, met het risico van een explosie of brand. Tijdens regelmatige intensieve discussies met NASA-veiligheidsspecialisten worden alle mogelijke aspecten ten aanzien van veiligheid in detail geanalyseerd, en moet worden aangetoond dat alle maatregelen worden genomen om de risico s tot een minimum te beperken. Dit heeft behoorlijke invloed op het ontwerp en de operaties tussen de Space Shuttle Orbiter en de satelliet. Ontwikkeling In 1993 werd er voor het eerst in het kader van het Technology Demonstration Programme van ESA een haalbaarheidsstudie naar Sloshsat gedaan. Uitgangspunt voor de studie was dat het tijdens WSM uitgevoerde tweedimensionale experiment uitgebreid moest worden naar een driedimensionale versie, terwijl tevens de meettijd langer diende te worden. Aan de basis van het ontwerp stond de lanceerder. Eerste onderzoekingen wezen uit dat het mogelijk was de gehele satelliet op het formaat wasmachine te houden, waardoor deze gelanceerd kon worden vanuit een Hitchhiker-brug uit de laadruimte van een Space Shuttle Orbiter. Hierbij neemt NASA de kosten van de lancering voor haar rekening, in ruil voor onderzoeksgegevens. De daarop volgende stap was het optimaliseren van het klotsvat binnen de gegeven ruimte. De wetenschappers kwamen met een vatgeometrie die karakteristiek is voor stuwstofvaten aan boord van ruimtevaartuigen: twee bolhelften met daartussen een cilindervormig deel waarvan de lengte gelijk is aan de straal van de bolhelften. De afmetingen werden, binnen de beschikbare ruimte in het Shuttlelaadruim, gemaximaliseerd. Zodoende kon men zo veel mogelijk vloeistof mee omhoog nemen, wat een positief effect op de metingen heeft. Immers: hoe groter het deel klotsende vloeistof aan boord, hoe groter de invloed daarvan op de satelliet is. Tenslotte werden de systemen ingevuld die benodigd zijn voor het functioneren van de satelliet. Behalve randvoorwaarden die opgelegd werden door de Space Shuttle -zoals communicatie- werd zo veel mogelijk gepro- 17

16 Subsystemen Voor het experiment meet men de beweging van Sloshsat FLEVO met behulp van gyroscopen (die de rotatie van de satelliet meten) en versnellingsmeters (die de lineaire versnelling meten). Dit is uitzonderlijk in de ruimtevaart, omdat van vrijwel elke satelliet tot nu toe de stand bepaald werd, in plaats van de beweging. De stand is voor Sloshsat FLEVO dan ook van minder belang, terwijl die voor bijvoorbeeld observatiesatellieten essentieel is. Een experiment zal bestaan uit het in beweging zetten van de satelliet, waarna vervolgens de beweging zal stoppen en het water zal beginnen te klotsen. Sloshsat FLEVO zal de bewegingen uitvoeren met behulp van een voortstuwingssysteem dat werkt met stikstof onder hoge druk. De Sloshsat FLEVO satelliet heeft ongeveer de afmetingen van een wasmachine. Duidelijk is het grote klotsvat te zien. [NLR/F. Boon] beerd om bestaande apparatuur in het ontwerp te verwerken, wat de kosten aanzienlijk drukt. In mei 1995 is de fase A/B succesvol afgerond, en momenteel bevindt het project zich in fase C/D. In oktober a.s. zal bij ESA de Critical Design Review plaatsvinden. Sloshsat FLEVO kost in totaal ongeveer ƒ 10 miljoen; dit is exclusief de lancering, die voor rekening van NASA komt. Deelnemers Sloshsat FLEVO is een samenwerkingsprogramma tussen het Europese Ruimtevaart Agentschap (ESA) en het Nederlands Instituut voor Vliegtuigontwikkeling en Ruimtevaart (NIVR). Hoofdaannemer is het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium, met bijdragen van Fokker Space, Verhaert (België), Newtec (België), Rafael (Israël) en NASA. De ontwikkeling van Sloshsat FLEVO wordt uitgevoerd in het kader van het ESA Technology Demonstration Programme (TDP) Phase 2 en het NIVR Ruimte Technologie programma. De computer aan boord is gebaseerd op een al door het NLR ontwikkelde versie die gevlogen heeft tijdens het TPX-experiment (Two Phase Experiment) in februari De computer zorgt voor het verzenden van de data van de 150 sensoren naar de Space Shuttle, en regelt de beweging van de satelliet tijdens de experimenten. De energievoorziening is gebaseerd op een combinatie van zonnecellen en een accu voor de tijd dat Sloshsat FLEVO in de schaduw van de Aarde verkeert. De (passieve) warmtebeheersing zal gebruik maken van isolerende dekens, speciale verf en verwarmingselementjes. Een licht maar stijf platform zal gebruikt worden om alle apparatuur aan te bevestigen. Deze constructie is vervaardigd uit aluminium, en voor de zonnepanelen worden composieten gebruikt. Sloshsat FLEVO is een project dat volgens het smallsat principe wordt uitgevoerd. Een klein projectteam werkt intensief samen om met een minimum aan bureaucratische overhead en in korte tijd een satelliet te bouwen. Voor communicatie wordt intensief gebruik gemaakt van teleconferencing en het Internet ( en data-overdracht). Het team dat de satelliet ontwerpt, zal ook de samenbouw en de operationele taken op zich nemen. 18

17 Blokdiagram waarin de samenhang tussen de subsystemen van Sloshsat FLEVO is weergegeven. [NLR] De belangrijkste partners zijn het NLR, verantwoordelijk voor het management, het experiment, de computer en de grondapparatuur, en Fokker Space, verantwoordelijk voor de structuur, de warmtehuishouding en de energievoorziening. Tevens wordt er samengewerkt met Verhaert in België, dat een aantal structuurdelen maakt (en tevens onder een ander contract met ESA het ejectiemechanisme), het eveneens Belgische Newtec (communicatiesystemen), Rafael in Israël (voortstuwingssysteem) en NASA (lancering). 19

18 SAX gaat aan het werk R.M.H. Noteborn De astronomen hebben er een nieuw instrument bij gekregen. Het is de SAX, wat staat voor Satellite per Astronomia a raggi X. SAX is dus een röntgensatelliet die van Nederlands-Italiaanse origine is. In de pers werd dan ook al gesproken van de twee-en-eenhalfde Nederlandse satelliet. De lancering vond plaats op 30 april 1995 met een Amerikaanse Atlas-Centaur-G vanaf het Cape Canaveral Air Station in Florida. Na de lancering werd de satelliet door de Italianen al snel omgedoopt tot Beppo -SAX, naar de Italiaanse natuurkundige Giuseppe Occhialini, een van de groten op het gebied van studies naar kosmische straling. De lancering Het is nog erg vroeg in de morgen als zich in de conferentiezaal van de Stichting Ruimte- Onderzoek Nederland (SRON) in Utrecht een groep mensen verzameld heeft om de lancering van SAX te volgen. Een deel van de aanwezigen werkt aan het project. De twee Wide-Field Camera s, onderdeel van het wetenschappelijk instrumentarium van SAX, komen bij dit instituut vandaan. Ook de zonnepanelen en het standregelsysteem komen uit Nederland: de hoofdaannemer hiervan is Fokker Space. De zonnesensoren komen bij TNO-TPD vandaan, de Monitoring & Reconfiguration Unit (voor detectie van defecte systemen) werd bij Stork Product Engineering gebouwd, en het NLR codeerde de software en testte het systeem. Na vele tests werd het sein gegeven om de satelliet de ruimte in te brengen. In Florida is het op het moment van lancering midden in de nacht, en voor de vluchtleiders is dit zo ongeveer de laatste activiteit van die dag. Om 6:31 uur (Nederlandse tijd) verheft de Atlas zich vanaf platform 36B. Het eerste doel is het bereiken van de parkeerbaan. Vervolgens neemt de Centaur het over om de satelliet in zijn uiteindelijke baan te brengen. Deze cirkelvormige baan ligt min of meer boven de evenaar (inclinatie 4,2 ) op ongeveer 600 km hoogte. Als de motor van de laatste trap dooft, is de satelliet in zijn baan. Tijd voor champagne vinden sommige aanwezigen in Utrecht. Eigenlijk is dat nog iets te vroeg, want de lancering is pas echt afgelopen als de satelliet SAX neemt waar in het röntgen-gebied. De helderste röntgenbronnen zijn neutronensterren of zwarte gaten in een dubbelstersysteem. Materie stroomt van een begeleidende ster naar het sterke zwaartekrachtveld van een neutronenster. Door de draaibeweging ontstaat een platte accretieschijf. Links is een rode dwerg als begeleider in een nauwe röntgendubbelster afgebeeld en rechts een witte dwerg in een zeer nauwe röntgendubbelster. [SRON] 20

19 De ogen van SAX SAX neemt waar in het röntgen-gebied, dat ligt van 0,01 tot 10 nanometer. Het bijzondere aan de satelliet is dat het voor het eerst is dat het hele röntgen-bereik met één satelliet wordt gemeten. Dat kan niet op Aarde, want hier wordt de straling door de atmosfeer afgeschermd. SAX doelstelling is het doen van gerichte waarnemingen aan hemelobjecten in het hele röntgen-gebied voor korte of langere tijd, en het scannen van de hemel in een deel van het röntgenbereik om zo meer gegevens te verzamelen over de röntgen-uitstraling van kosmische objecten. De meeste instrumenten kijken in dezelfde richting en hebben een hoge resolutie en klein gezichtsveld. Dit zijn de Narrow Field Instruments (NFI). Alleen de twee Wide Field Camera s kijken loodrecht op de richting van de NFI s en hebben een breed gezichtsveld. LECS (Low Energy Concentrator Spectrometer): gebouwd door ESTEC om een spectrum van objecten te maken van 0,1 tot 10 kev; MECS (Medium Energy Concentrator Spectrometer): net als LECS, maar dan voor het bereik van 1-10 kev; HPGSPC (High Pressure Gas Scintillatation Proportional Counter): kev; PDS (Phoswich Detector System): kev, doet ook metingen aan achtergrondstraling en wordt tevens gebruikt als gamma-ray burst monitor ( kev). In dat geval kan het instrument meten wanneer en waar er plotselinge uitbarstingen van gamma-straling aan de hemel zijn; - WFC1&2 (Wide Field Camera s): gebouwd door SRON om regelmatig de hemel af te scannen in een lage resolutie in het bereik 1,8-30 kev en in een gezichtsveld van 20. SAX is uitgerust met de volgende instrumenten: gesepareerd is; er kan nog steeds van alles misgaan. Een satelliet met een lange rakettrap er nog aangekoppeld is immers waardeloos. Maar gelukkig gaat ook de separatie goed, en komt SAX veilig aan op zijn plek van bestemming. De Centaur-trap begint nu aan zijn retro-manoeuvre. Dit wil zeggen dat alle resterende stuwstoffen uit de tanks worden geblazen om zo de raket uit de buurt van de satelliet te halen. Vóór de retro-manoeuvre heeft de laatste trap immers dezelfde snelheid als de satelliet zelf, en blijft dus in een omloopbaan. De retro-manoeuvre zorgt er ook voor dat de Centaur stilaan terug naar de Aarde begint te vallen. Launch and Early Operations Phase Terwijl in Utrecht de champagne nu echt open mag en in Florida de vluchtleiders elkaar feliciteren en op weg naar huis gaan, begint nu het werk voor de mensen in Rome waar het Operations Control Centre (OCC) zit. Hier begint de zogenaamde Launch and Early Operations Phase (LEOP), hetgeen betekent dat de satelliet wordt klaargemaakt voor zijn verblijf in de ruimte. Voor een groot deel gebeurt dat automatisch. Mocht de satelliet niet in een stabiele stand achtergelaten worden door de Centaur, dan is het ook mogelijk om met enkele stuurraketjes de vereiste stand te bereiken. Gelukkig was dit niet nodig: het standregelsysteem kon direct zonder probleem aan het werk. SAX draait zich hoog boven Afrika naar de Zon, vertrouwend op de zonnesensoren en de magnetometers en bewogen door de reactiewielen. Vervolgens worden de zonnepanelen automatisch ontvouwen. Al snel komt de satelliet in het zicht van het grondstation Malindi in Kenya, en wordt er druk gecommuniceerd. SAX stuurt zijn telemetriegegevens naar de Aarde, zodat de vluchtleiders in Rome kunnen verifiëren of alles volgens plan verloopt. Ook wordt met behulp van diverse rangingtechnieken de baan van de satelliet bepaald. Eerder is die baan al bepaald door de lanceerraket zelf, omdat die voor zijn eigen gui- 21

20 dance moet weten waar hij zit. Nu de satelliet los is van de raket worden de uiteindelijke baanelementen bepaald. Commissioning Phase Na één omloop is de LEOP afgelopen en begint de Commissioning Phase. Deze fase duurt twee maanden, en in deze tijd wordt Op Koninginnedag 1996, om uur (Nederlandse tijd) wordt SAX volgens planning gelanceerd. Voor de Atlas-Centaur raket was het de honderste lancering. [Lockheed-Martin] 22

Kleine satellieten made in Belgium

Kleine satellieten made in Belgium Kleine satellieten made in Belgium Is de trend in de satellietindustrie vergelijkbaar met deze in de elektronica : is miniaturisatie de toekomst? Hoewel er wereldwijd activiteiten lopen om steeds kleinere

Nadere informatie

Je geeft de antwoorden op deze vragen op papier, tenzij anders is aangegeven.

Je geeft de antwoorden op deze vragen op papier, tenzij anders is aangegeven. Examen HAVO 2008 tijdvak 1 vrijdag 23 mei totale examentijd 3 uur natuurkunde 1,2 Compex Vragen 14 tot en met 23 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de computer wel wordt gebruikt. Het gehele

Nadere informatie

Test je kennis! De heelalquiz

Test je kennis! De heelalquiz Test je kennis! heelalquiz Introductie les 3 Planeten, sterren, manen, de oerknal. Het zijn termen die leerlingen vast wel eens voorbij hebben horen komen. Maar wat weten de leerlingen eigenlijk al van

Nadere informatie

De Nederlandse bijdrage aan ENVISAT Arno Landewers, 13 januari 2010

De Nederlandse bijdrage aan ENVISAT Arno Landewers, 13 januari 2010 De Nederlandse bijdrage aan ENVISAT Arno Landewers, 13 januari 2010 De Europese ENVISAT satelliet is de eerste satelliet welke geheel ontwikkeld is voor observatie van de chemische samenstelling van de

Nadere informatie

Introductie Ruimtemissie Rosetta

Introductie Ruimtemissie Rosetta Introductie Ruimtemissie Rosetta klas 1-2 Tien jaar kostte het ruimtesonde Rosetta om op de plaats van bestemming te komen: komeet 67P/Churyumov-Gerasimenko: een reis van bijna 6,4 miljard kilometer. Rosetta

Nadere informatie

The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa

The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa The Color of X-rays. Spectral Computed Tomography Using Energy Sensitive Pixel Detectors E.J. Schioppa Samenvatting Het netvlies van het oog is niet gevoelig voor deze straling: het oog dat vlak voor het

Nadere informatie

Examen HAVO. natuurkunde 1,2 Compex. Vragen 1 tot en met 13. In dit deel van het examen staan vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt.

Examen HAVO. natuurkunde 1,2 Compex. Vragen 1 tot en met 13. In dit deel van het examen staan vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Examen HVO 2008 tijdvak 1 vrijdag 23 mei totale examentijd 3 uur natuurkunde 1,2 Compex Vragen 1 tot en met 13 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. ij dit examen

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde b 1-2 havo 2002 - II

Eindexamen wiskunde b 1-2 havo 2002 - II Pompen of... Een cilindervormig vat met een hoogte van 32 dm heeft een inhoud van 8000 liter (1 liter = 1 dm 3 ). figuur 1 4p 1 Bereken de diameter van het vat. Geef je antwoord in gehele centimeters nauwkeurig.

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in?

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in? Aanleiding voor het onderzoek Samenvatting In de 21 ste eeuw is de invloed van ruimtevaartactiviteiten op de wereldgemeenschap, economie, cultuur, milieu, etcetera steeds groter geworden. Ieder land dient

Nadere informatie

We wensen jullie veel succes en een leuke en leerzame Eureka Cup!

We wensen jullie veel succes en een leuke en leerzame Eureka Cup! Space exploration gaat over ruimtevaart. Nergens is techniek zo belangrijk als in de ruimtevaart. De allernieuwste technieken worden gebruikt in spaceshuttles en marslandertjes. Nieuwe materialen worden

Nadere informatie

Contents. Nederlandse samenvatting 1. Bibliography 6

Contents. Nederlandse samenvatting 1. Bibliography 6 Contents Nederlandse samenvatting 1 Bibliography 6 1 De terugkoppeling van protosterren op hun omgeving. Een onderzoek naar heet moleculair gas met Herschel Stervorming Het ontstaan van ons eigen zonnestelsel

Nadere informatie

Examen HAVO. Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl)

Examen HAVO. Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl) Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 19 juni 13.30 16.30 uur 20 02 Voor dit examen zijn maximaal 85 punten te behalen; het examen bestaat uit

Nadere informatie

Mac-Solar Stralingsmeter (SLM18c-2) met geïntegreerde sensor, energierendement van zonne-installaties

Mac-Solar Stralingsmeter (SLM18c-2) met geïntegreerde sensor, energierendement van zonne-installaties Mac-Solar Stralingsmeter (SLM18c-2) met geïntegreerde sensor, energierendement van zonne-installaties De zonnestralingsmeter Mac-Solar is een ideaal, handmatig apparaat voor zonneingenieurs, architecten

Nadere informatie

We wensen jullie veel succes en een leuke en leerzame Eureka Cup!

We wensen jullie veel succes en een leuke en leerzame Eureka Cup! Space exploration gaat over ruimtevaart. Nergens is techniek zo belangrijk als in de ruimtevaart. De allernieuwste technieken worden gebruikt in spaceshuttles en marslandertjes. Nieuwe materialen worden

Nadere informatie

UW PARTNER VOOR VACUÜM- EN PRECISIE- TECHNOLOGIE, VAN IDEE TOT REALISATIE.

UW PARTNER VOOR VACUÜM- EN PRECISIE- TECHNOLOGIE, VAN IDEE TOT REALISATIE. UW PARTNER VOOR VACUÜM- EN PRECISIE- TECHNOLOGIE, VAN IDEE TOT REALISATIE. Dat is onze belofte. DeRoovers heeft een brede ervaring op het gebied van product ontwikkeling. Een rode draad in deze ervaring

Nadere informatie

HANDLEIDING BEWEGINGSMELDER

HANDLEIDING BEWEGINGSMELDER HANDLEIDING BEWEGINGSMELDER Inhoud INSTALLATIE... 2 GEVOELIGHEIDSDETECTIE... 3 HUISDIERMODUS... 4 TESTEN... 5 WANNEER IS DE BEWEGINGSMELDER ACTIEF?... 6 LED AAN/UIT SELECTIE... 6 DETECTIEPATROON... 6 VEELGESTELDE

Nadere informatie

KONINKLIJKE NEDERLANDSE BOND van FILATELISTENVERENIGINGEN. RICHTLIJNEN ASTROFILATELIE Pag. 1

KONINKLIJKE NEDERLANDSE BOND van FILATELISTENVERENIGINGEN. RICHTLIJNEN ASTROFILATELIE Pag. 1 RICHTLIJNEN ASTROFILATELIE Pag. 1 1. TENTOONSTELLINGEN MET WEDSTRIJDKARAKTER 1.1 Zie voor de elementaire inhoud GREV 1.1-1.4, SREV 1.4.1. Deze richtlijnen zijn bedoeld om zowel de juryleden als de inzenders

Nadere informatie

Maar het leidde ook tot een uitkomst die essentieel is in mijn werkstuk van een Stabiel Heelal.

Maar het leidde ook tot een uitkomst die essentieel is in mijn werkstuk van een Stabiel Heelal. -09-5 Bijlage voor Stabiel Heelal. --------------------------------------- In deze bijlage wordt onderzocht hoe in mijn visie materie, ruimte en energie zich tot elkaar verhouden. Op zichzelf was de fascinatie

Nadere informatie

Examen HAVO. wiskunde B. tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen HAVO. wiskunde B. tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen HAVO 2012 tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur wiskunde B Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.. Dit examen bestaat uit 21 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 79 punten te behalen. Voor

Nadere informatie

Zelf een simpele ionisatiekamer bouwen

Zelf een simpele ionisatiekamer bouwen Zelf een simpele ionisatiekamer bouwen Simpele ionisatiekamer Een ionisatiekamer is een detector voor ioniserende straling, zoals alfa-, bèta- en gammastraling. Ten gevolge van ionisaties wordt de lucht

Nadere informatie

Big Ideas Great STEM. Katrien Strubbe

Big Ideas Great STEM. Katrien Strubbe + Big Ideas Great STEM Katrien Strubbe (Natuur)wetenschappen: doelen 2 Natuurwetenschappen geven leerlingen een fundamenteel en duurzaam inzicht in de structuren en processen die de mens, de natuur en

Nadere informatie

Honderd jaar algemene relativiteitstheorie

Honderd jaar algemene relativiteitstheorie Honderd jaar algemene relativiteitstheorie Chris Van Den Broeck Nikhef open dag, 04/10/2015 Proloog: speciale relativiteitstheorie 1887: Een experiment van Michelson en Morley toont aan dat snelheid van

Nadere informatie

HOE VIND JE EXOPLANETEN?

HOE VIND JE EXOPLANETEN? LESBRIEF GEEF STERRENKUNDE DE RUIMTE! ZOEKTOCHT EXOPLANETEN Deze NOVAlab-oefening gaat over een van de manieren om planeten buiten ons zonnestelsel op te sporen. De oefening is geschikt voor de bovenbouw

Nadere informatie

Je weet dat hoe verder je van een lamp verwijderd bent hoe minder licht je ontvangt. Een

Je weet dat hoe verder je van een lamp verwijderd bent hoe minder licht je ontvangt. Een Inhoud Het heelal... 2 Sterren... 3 Herzsprung-Russel-diagram... 4 Het spectrum van sterren... 5 Opgave: Spectraallijnen van een ster... 5 Verschuiving van spectraallijnen... 6 Opgave: dopplerverschuiving...

Nadere informatie

TO BOLDLY GO WHERE NO ONE HAS GONE BEFORE... EEN NIEUWE KOERS IN HET WETENSCHAPPELIJK RUIMTEONDERZOEK

TO BOLDLY GO WHERE NO ONE HAS GONE BEFORE... EEN NIEUWE KOERS IN HET WETENSCHAPPELIJK RUIMTEONDERZOEK TO BOLDLY GO WHERE NO ONE HAS GONE BEFORE... EEN NIEUWE KOERS IN HET WETENSCHAPPELIJK RUIMTEONDERZOEK De nieuwe strategie van SRON... De ruimte: de laatste grens. Dit is de nieuwe langetermijnstrategie

Nadere informatie

Meting zonnepaneel. Voorbeeld berekening diodefactor: ( ) Als voorbeeld wordt deze formule uitgewerkt bij een spanning van 7 V en 0,76 A:

Meting zonnepaneel. Voorbeeld berekening diodefactor: ( ) Als voorbeeld wordt deze formule uitgewerkt bij een spanning van 7 V en 0,76 A: Meting zonnepaneel Om de beste overbrengingsverhouding te berekenen, moet de diodefactor van het zonnepaneel gekend zijn. Deze wordt bepaald door het zonnepaneel te schakelen aan een weerstand. Een multimeter

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA s-gravenhage. Datum 27 februari 2009

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA s-gravenhage. Datum 27 februari 2009 > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA s-gravenhage Directoraat-Generaal Bezuidenhoutseweg 20 Postbus 20101 2500 EC Den Haag

Nadere informatie

Detectie van (het begin van) een calamiteit

Detectie van (het begin van) een calamiteit Detectie van (het begin van) een calamiteit Raak MKB Wireless Sensortechnologie bij Calamiteiten Enschede, 20 januari 2011 Auteur Ir. P. S. Griffioen lectoraat Ambient Intelligence Samenvatting In het

Nadere informatie

Examen HAVO. natuurkunde 1,2. tijdvak 1 vrijdag 23 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen HAVO. natuurkunde 1,2. tijdvak 1 vrijdag 23 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen HAVO 2008 tijdvak 1 vrijdag 23 mei 13.30-16.30 uur natuurkunde 1,2 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 27 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 75 punten te behalen.

Nadere informatie

Radiotelescopen. N.G. Schultheiss

Radiotelescopen. N.G. Schultheiss 1 Radiotelescopen N.G. Schultheiss 1 Inleiding In de module Het uitdijend Heelal hebben we gezien dat het heelal steeds groter wordt. Bijgevolg zijn de lichtstralen van melkwegstelsels die ver van ons

Nadere informatie

Slide 1. Slide 2. Slide 3. Slide 4

Slide 1. Slide 2. Slide 3. Slide 4 Slide 1 De Saturn V (Saturnus 5), het grootste lanceervoertuig ooit gebouwd, vliegt de nachtelijke hemel in op 17 december 1972. De raket was meer dan 110 meter hoog (langer dan een voetbalveld) en 10

Nadere informatie

Geen uitstoot meer. Wubbo Ockels gaat elektrisch. Werknemers opgelet! 1500 euro om jezelf te ontwikkelen

Geen uitstoot meer. Wubbo Ockels gaat elektrisch. Werknemers opgelet! 1500 euro om jezelf te ontwikkelen Alles wat je moet weten over metaalbewerking najaar 2007 www.metaaljournaal.nl WIN DEZE BEACHCRUISER Geen uitstoot meer Wubbo Ockels gaat elektrisch Werknemers opgelet! 1500 euro om jezelf te ontwikkelen

Nadere informatie

Uitschakelen in noodgevallen Doe de touch-key kort in de opening op het bedieningspaneel. Het alarm zal uitgaan.

Uitschakelen in noodgevallen Doe de touch-key kort in de opening op het bedieningspaneel. Het alarm zal uitgaan. Basis handeling Het systeem inschakelen Kort op de grote (in-/uitschakelen) knop drukken. Alarm klinkt eenmaal kort. Voortentlamp gaat 30 seconden aan. Het duurt 15 seconden voordat het alarm op beweging

Nadere informatie

Introductie Capa Switch KLS 100 - Algemeen

Introductie Capa Switch KLS 100 - Algemeen Introductie Capa Switch KLS 100 - Algemeen Opmerking: De Capa Switch KLS 100 mag alleen worden toegepast zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. De Capa Switch KLS 100 capacitieve niveauschakelaar

Nadere informatie

Nadat we het Made in Italy Viro Morso kettingslot hebben vergeleken met een geimporteerde copie is nu haar grote broer aan de beurt.

Nadat we het Made in Italy Viro Morso kettingslot hebben vergeleken met een geimporteerde copie is nu haar grote broer aan de beurt. Imitaties...Wees voorzichtig Deel III Supermorso originale Viro vs imitatie Nadat we het Made in Italy Viro Morso kettingslot hebben vergeleken met een geimporteerde copie is nu haar grote broer aan de

Nadere informatie

Examen HAVO. natuurkunde 1

Examen HAVO. natuurkunde 1 natuurkunde 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 24 mei 13.30 16.30 uur 20 05 Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen; het examen bestaat uit 25 vragen. Voor elk

Nadere informatie

Informatie over Lenzen

Informatie over Lenzen Informatie over Lenzen Camera CCD Sensor: De grootte van de camerabeeld sensor (CCD) beïnvloed ook de kijkhoek, waarbij de kleinere beeldsensoren een smallere kijkhoek creëren wanneer gebruikt met eenzelfde

Nadere informatie

Korte beschrijving van het project Inhoud van dit document Contactinformatie Team: Email: Telefoon: Persinformatie

Korte beschrijving van het project Inhoud van dit document Contactinformatie Team: Email: Telefoon: Persinformatie SpaceBillboard Onze missie is om mensen te inspireren en ruimtevaartonderzoek te steunen, door het eerste reclamepaneel ooit in de ruimte te lanceren. Korte beschrijving van het project SpaceBillboard

Nadere informatie

PLANETENSTELSELS IN ONZE MELKWEG. Opgaven

PLANETENSTELSELS IN ONZE MELKWEG. Opgaven VOLKSSTERRENWACHT BEISBROEK VZW Zeeweg 96, 8200 Brugge - Tel. 050 39 05 66 www.beisbroek.be - E-mail: info@beisbroek.be PLANETENSTELSELS IN ONZE MELKWEG Opgaven Frank Tamsin en Jelle Dhaene De ster HR

Nadere informatie

Computer Vision: Hoe Leer ik een Computer Zien?

Computer Vision: Hoe Leer ik een Computer Zien? Computer Vision: Hoe Leer ik een Computer Zien? Michael H.F. Wilkinson Instituut voor Wiskunde en Informatica Rijksuniversiteit Groningen Les voor technasium, 5 februari 2008 Informatica aan de RUG Informatica

Nadere informatie

De TRUMPF 3D laser systemen. Van applicatie ontwikkeling tot en met productie

De TRUMPF 3D laser systemen. Van applicatie ontwikkeling tot en met productie De TRUMPF 3D laser systemen STAP IN DE 3D WERELD VAN TRUMPF: Van applicatie ontwikkeling tot en met productie Met de TRUMPF TruLaser Robot en de TRUMPF TruLaser Cell bieden wij u op het gebied van lasersnijden

Nadere informatie

Nieuwe resultaten van de zoektocht naar het Higgs deeltje in ATLAS

Nieuwe resultaten van de zoektocht naar het Higgs deeltje in ATLAS Nieuwe resultaten van de zoektocht naar het Higgs deeltje in ATLAS Op 4 juli 2012 presenteerde het ATLAS experiment een update van de actuele resultaten van de zoektocht naar het Higgs deeltje. Dat gebeurde

Nadere informatie

Complexiteit. Inventive Systems b.v. www.inventive.nl info@inventive.nl 070-3368080

Complexiteit. Inventive Systems b.v. www.inventive.nl info@inventive.nl 070-3368080 " Complexiteit Het is niet eenvoudig om uit te leggen wat complexiteit precies is. Dat geldt zeker voor ICT-projecten. We associëren complexiteit met situaties en problemen met een hoge moeilijkheidsgraad.

Nadere informatie

De KNMI-weerballon Bovenluchtwaarnemingen

De KNMI-weerballon Bovenluchtwaarnemingen De KNMI-weerballon Bovenluchtwaarnemingen Luchtdruk, temperatuur, luchtvochtigheid en wind Elke nacht om 00:00 uur (Universal Time) of vaker bij extreme weersomstandigheden of voor onderzoeksdoeleinden

Nadere informatie

OPGAVE A. Bijlagen Bijlage A1: brief van de cliënt Bijlage D1: gepubliceerde octrooiaanvrage

OPGAVE A. Bijlagen Bijlage A1: brief van de cliënt Bijlage D1: gepubliceerde octrooiaanvrage OPGAVE A Uw cliënt ontwikkelt en fabriceert onder meer snoerstellen voor het aansluiten van elektrische apparaten op het lichtnet. Hij is van mening een uitvinding gedaan te hebben die de veiligheid van

Nadere informatie

3.5'' Digitale Fotolijst

3.5'' Digitale Fotolijst 3.5'' Digitale Fotolijst PL-DPF 351B User Manual Dank u voor het kiezen en kopen van deze digitale fotolijst. Leest u vooral eerst deze ebruikershandleiding zorgvuldig door, zodat mogelijke fouten en storingen

Nadere informatie

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur natuurkunde 1,2 Examen VWO - Compex Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur 20 05 Vragen 1 tot en met 17. In dit deel staan de vragen waarbij de computer

Nadere informatie

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Evo Evolutionary Project Management Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 10 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. EVO... 4 3. FASERING...

Nadere informatie

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu!

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! 18 Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! Belang van snelle en betrouwbare informatie groter dan ooit Drs. Wim Kouwenhoven en drs. Maarten van Delft Westerhof Drs. W.P. Kouwenhoven is manager

Nadere informatie

1 Leerlingproject: Relativiteit 28 februari 2002

1 Leerlingproject: Relativiteit 28 februari 2002 1 Leerlingproject: Relativiteit 28 februari 2002 1 Relativiteit Als je aan relativiteit denkt, dan denk je waarschijnlijk als eerste aan Albert Einstein. En dat is dan ook de bedenker van de relativiteitstheorie.

Nadere informatie

Probing Exoplanetary Materials Using Sublimating Dust R. van Lieshout

Probing Exoplanetary Materials Using Sublimating Dust R. van Lieshout Probing Exoplanetary Materials Using Sublimating Dust R. van Lieshout In de afgelopen paar decenia is het duidelijk geworden dat de Zon niet de enige ster is die wordt vergezeld door planeten. Extrasolaire

Nadere informatie

Deze opgaven zijn vastgesteld door de commissie bedoeld in artikel 24 van het Besluit eindexamens v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.

Deze opgaven zijn vastgesteld door de commissie bedoeld in artikel 24 van het Besluit eindexamens v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o. I V- 14 EINDEXAMEN VOORBEREIDEND WETENSCHAPPELIJK ONDERWIJS IN 1977 Woensdag II mei, 9.30-12.30 uur NATUURKUNDE Zie ommezijde Deze opgaven zijn vastgesteld door de commissie bedoeld in artikel 24 van het

Nadere informatie

Instructie advertenties. NWO-instituten. Algemeen

Instructie advertenties. NWO-instituten. Algemeen Instructie advertenties 1 Instructie advertenties NWO-instituten Algemeen Voor de instituten Astron, ING, NSCR, SRON en STW is een basisontwerp voor advertenties ontwikkeld. In deze instructie wordt kort

Nadere informatie

Oefenopgaven havo 5 et-4: Warmte en Magnetisme 2010-2011 Doorgestreepte vraagnummers (Bijvoorbeeld opgave 2 vraag 7) zijn niet van toepassing.

Oefenopgaven havo 5 et-4: Warmte en Magnetisme 2010-2011 Doorgestreepte vraagnummers (Bijvoorbeeld opgave 2 vraag 7) zijn niet van toepassing. Oefenopgaven havo 5 et-4: Warmte en Magnetisme 2010-2011 Doorgestreepte vraagnummers (Bijvoorbeeld opgave 2 vraag 7) zijn niet van toepassing. Opgave 2 Aardwarmte N2-2002-I -----------------------------------------------------------------

Nadere informatie

Waarom zijn er seizoenen?

Waarom zijn er seizoenen? Waarom zijn er seizoenen? Waarom zijn er seizoen? Vorig weekeinde was het ineens zover. Volop zomer op zaterdag met ruim 24 graden en een zonnetje, de dag erna was het herfst met 15 graden en gemiezer.

Nadere informatie

Practicum algemeen. 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag

Practicum algemeen. 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag Practicum algemeen 1 Diagrammen maken 2 Lineair verband en evenredig verband 3 Het schrijven van een verslag 1 Diagrammen maken Onafhankelijke grootheid en afhankelijke grootheid In veel experimenten wordt

Nadere informatie

1 Leerlingproject: Kosmische straling 28 februari 2002

1 Leerlingproject: Kosmische straling 28 februari 2002 1 Leerlingproject: Kosmische straling 28 februari 2002 1 Kosmische straling Onder kosmische straling verstaan we geladen deeltjes die vanuit de ruimte op de aarde terecht komen. Kosmische straling is onder

Nadere informatie

enexis.nl Aarding Voor alle zekerheid

enexis.nl Aarding Voor alle zekerheid enexis.nl Aarding Voor alle zekerheid Inhoud Belangrijkste punten 4 Aarding en elektriciteit 5 Geaard of niet? 5 Vier systemen van aarding 7 Aarding is onzichtbaar 8 Een veilige installatie 8 Wanneer

Nadere informatie

Hiatus: is de mondiale opwarming aan het vertragen?

Hiatus: is de mondiale opwarming aan het vertragen? Hiatus: is de mondiale opwarming aan het vertragen? In de periode 1998-2012 is de mondiale temperatuurtrend beduidend kleiner dan in de decennia ervoor. Deze trendbreuk wordt ook wel hiatus genoemd. De

Nadere informatie

Examen HAVO 2012. wiskunde B. tijdvak 1 donderdag 24 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen HAVO 2012. wiskunde B. tijdvak 1 donderdag 24 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen HAVO 2012 tijdvak 1 donderdag 24 mei 13.30-16.30 uur wiskunde B Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 19 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten te behalen. Voor

Nadere informatie

GPS. Global Positioning System, werking en toepassingen. Maarten Mennes Mei 2006.

GPS. Global Positioning System, werking en toepassingen. Maarten Mennes Mei 2006. GPS. Global Positioning System, werking en toepassingen. Maarten Mennes Mei 2006. GPS is de afkorting voor Global Positioning System. In dit werkstuk zal ik uitleggen hoe het systeem werkt en wat je ermee

Nadere informatie

Tweede Bijeenkomst: Zoektocht naar het Verborgen Hemelbeeld. Rond de Waterput donderdag 31 oktober 2013 Allan R. de Monchy

Tweede Bijeenkomst: Zoektocht naar het Verborgen Hemelbeeld. Rond de Waterput donderdag 31 oktober 2013 Allan R. de Monchy Tweede Bijeenkomst: Zoektocht naar het Verborgen Hemelbeeld Rond de Waterput donderdag 31 oktober 2013 Allan R. de Monchy Twee bijeenkomsten: Donderdag 17 oktober 2013: Historische ontwikkelingen van Astrologie.

Nadere informatie

Uitdijing van het heelal

Uitdijing van het heelal Uitdijing van het heelal Zijn we centrum van de expansie? Nee Alles beweegt weg van al de rest: Alle afstanden worden groter met zelfde factor a(t) a 4 2 4a 2a H Uitdijing van het heelal (da/dt) 2 0 a(t)

Nadere informatie

De bepaling van de positie van een. onderwatervoertuig (inleiding)

De bepaling van de positie van een. onderwatervoertuig (inleiding) De bepaling van de positie van een onderwatervoertuig (inleiding) juli 2006 Bepaling positie van een onderwatervoertuig. Inleiding: Het volgen van onderwatervoertuigen (submersibles, ROV s etc) was in

Nadere informatie

Overzicht. Vandaag: Frank Verbunt Het heelal Nijmegen 2014. uitdijing heelal theorie: ART afstands-ladder nucleo-synthese 3 K achtergrond.

Overzicht. Vandaag: Frank Verbunt Het heelal Nijmegen 2014. uitdijing heelal theorie: ART afstands-ladder nucleo-synthese 3 K achtergrond. Vandaag: Frank Verbunt Het heelal Nijmegen 2014 Kosmologie Overzicht uitdijing heelal theorie: ART afstands-ladder nucleo-synthese 3 K achtergrond Boek: n.v.t. Frank Verbunt (Sterrenkunde Nijmegen) Het

Nadere informatie

(On)voldoende spanningskwaliteit kost geld!

(On)voldoende spanningskwaliteit kost geld! (On)voldoende spanningskwaliteit kost geld! De verantwoordelijkheid voor een voldoende kwaliteit van de spanning en de stroom is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van netbeheerders, fabrikanten en

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl Nederlands 2011 - I

Eindexamen vmbo gl/tl Nederlands 2011 - I Tekst 1 Verkeerschaos dreigt in het heelal 5 10 15 20 25 30 35 40 (1) Kortgeleden beleefde de ruimte zijn eerste serieuze verkeersongeluk. Op ongeveer 800 kilometer boven Siberië kwamen een Amerikaanse

Nadere informatie

Een Project Management model. Wat is IASDEO?

Een Project Management model. Wat is IASDEO? Een Project Management model Project Management betekent risico s beheersen, voldoen aan allerlei vereisten, klanten tevreden stellen, beslissingen nemen, producten leveren, activiteiten coördineren, inputs

Nadere informatie

Oplossingsvrij specificeren

Oplossingsvrij specificeren Oplossingsvrij specificeren ir. J.P. Eelants, projectmanager Infrabouwproces CROW Samenvatting De methodiek van oplossingsvrij specificeren richt zich niet alleen op het formuleren van functionele eisen.

Nadere informatie

Er gebeurt niets. Ze willen niet weg.

Er gebeurt niets. Ze willen niet weg. Veel nieuw bij de DUO Laatst was ik op bezoek bij de DUO om in het nieuwe gebouw in Groningen te kijken. Naar het gebouw zelf en het Nieuwe Werken dat ze daar toepassen. Er is veel nieuw, want is er blijkt

Nadere informatie

Hoofdstuk 2: HYDROSTATICA

Hoofdstuk 2: HYDROSTATICA ysica hoofdstuk : Hydrostatica e jaar e graad (uur) - 95 - Hoofdstuk : HYDROSTTIC. Inleiding: Bouw van een stof.. ggregatietoestanden De zuivere stoffen die we kennen kunnen in drie verschijningsvormen

Nadere informatie

Aarding. Voor alle zekerheid. Meer informatie:

Aarding. Voor alle zekerheid. Meer informatie: Meer informatie: Provincie Groningen, Drenthe, Overijssel en de Noordoostpolder Aardingsbureau Noord Postbus 196 8000 GB Zwolle Telefoon 038 852 76 05 Provincie Friesland Postbus 81 8900 AB Leeuwarden

Nadere informatie

Instructie voor De training Het maken van een Video-verslag

Instructie voor De training Het maken van een Video-verslag Instructie voor De training Het maken van een Video-verslag >>>>> Een Videoverslag maken, en wat komt er allemaal bij kijken?

Nadere informatie

Astronaut van de toekomst

Astronaut van de toekomst Astronaut van de toekomst INHOUD WORKSHOP 1. BOUW DE SAPI-RAKET IN LEGO Aan de hand van een bouwschema bouw je een unieke raket in Lego. 2. LAAT DE LEDJES BRANDEN Door gebruik te maken van zonne-energie

Nadere informatie

TRUST WIRELESS OBSERVATION SYSTEM 100M

TRUST WIRELESS OBSERVATION SYSTEM 100M 1 Inleiding Deze handleiding is bedoeld voor gebruikers van de TRUST WIRELESS OBSERVATION SYSTEM 100M. De WIRELESS OBSERVATION SYSTEM 100M is te gebruiken als beveiliging van uw eigendommen. De set beschikt

Nadere informatie

met ICS+ technologie: netto besparingen tot 70%

met ICS+ technologie: netto besparingen tot 70% RHIMA korventransportmachines met ICS+ technologie: netto besparingen tot 70% De vaatwasmachines maken gebruik van het ingenieuze Intelligent Control Operating System. De operationele kosten van de ICS+

Nadere informatie

POWERTOOLS VOOR PROFESSIONALS 09/2015

POWERTOOLS VOOR PROFESSIONALS 09/2015 4 POWERTOOLS VOOR PROFESSIONALS 09/2015 KRACHTIG & COMPACT EY 74A2 LJ2G / PN2G / X Accu-schroef/boormachine 2 Nieuwe borstelloze motor De nieuwe grotere motor zorgt voor meer kracht en efficiëntie (vergeleken

Nadere informatie

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL 2014/2111(DEC) 29.1.2015

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL 2014/2111(DEC) 29.1.2015 EUROPEES PARLEMENT 2014-2019 Commissie begrotingscontrole 29.1.2015 2014/2111(DEC) ONTWERPVERSLAG over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Spoorwegbureau voor

Nadere informatie

ERATOSTHENES EXPERIMENT LEERKRACHTENHANDLEIDING

ERATOSTHENES EXPERIMENT LEERKRACHTENHANDLEIDING ERATOSTHENES EXPERIMENT LEERKRACHTENHANDLEIDING INLEIDING Reeds in de derde eeuw voor Christus bepaalde de Griek Eratosthenes de omtrek van de aarde, zonder Egypte te verlaten. Zijn schatting werd voor

Nadere informatie

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat INLEIDING Deze gebruiksaanwijzing is bedoeld voor Rapid 100E. Lees ze eerst grondig door alvorens u het apparaat in gebruik neemt. Deze gebruiksaanwijzing bevat de veiligheidsvoorschriften, de voorschriften

Nadere informatie

Zwart gat Simulatie KORTE BESCHRIJVING

Zwart gat Simulatie KORTE BESCHRIJVING Zwart gat Simulatie KORTE BESCHRIJVING Veel kinderen hebben ooit al gehoord van een zwart gat, en ze weten dat het een bodemloze put is. Als iets in een zwart gat valt, kan het er onmogelijk uit ontsnappen

Nadere informatie

Bijen Monitor. Figure 1. De computer die de sensoren bedient

Bijen Monitor. Figure 1. De computer die de sensoren bedient Bijen Monitor Hoe hoog is de temperatuur in een bijenkast en buiten de kast? Hoe hoog is de luchtvochtigheid in een bijenkast? Hoe zwaar wordt een bijenkast als de bijen honing gaan aanmaken of juist als

Nadere informatie

AC-inductiemotoren en BLDC-motoren lijken erg op elkaar. Het grootste verschil ligt in de constructie van de rotor.

AC-inductiemotoren en BLDC-motoren lijken erg op elkaar. Het grootste verschil ligt in de constructie van de rotor. Pneumatische pompen vormen al vele jaren de steunpilaar van de verfcirculatiewereld en daar zijn goede redenen voor. Ze zijn eenvoudig, betrouwbaar en dankzij de langzame heenen-weer gaande beweging beschadigen

Nadere informatie

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting xvii Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting Samenvatting IT uitbesteding doet er niet toe vanuit het perspectief aansluiting tussen bedrijfsvoering en IT Dit proefschrift is het

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT DER TECHNISCHE NATUURKUNDE

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT DER TECHNISCHE NATUURKUNDE TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT DER TECHNISCHE NATUURKUNDE Tentamen Computers bij fysische experimenten (3BB20) op dinsdag 25 oktober 2005 Het tentamen duurt 90 minuten en wordt gemaakt zonder

Nadere informatie

io ATerinzagelegging 7906913

io ATerinzagelegging 7906913 Octrooiraad io ATerinzagelegging 7906913 Nederland @ NL @ fj) @ @ Werkwijze en inrichting voor het tot stand brengen van een ionenstroom. Int.CI 3.: H01J37/30, H01L21/425. Aanvrager: Nederlandse Centrale

Nadere informatie

Olympia EKM 2100. (vertaling Zonnepanelen123 als service voor gebruikers)

Olympia EKM 2100. (vertaling Zonnepanelen123 als service voor gebruikers) (vertaling Zonnepanelen123 als service voor gebruikers) Vooraf: De Olympia EKM2100 is oorspronkelijk bedoeld als meetinstrument voor het meten van het verbruik van energie van uw apparaten. De EKM2100

Nadere informatie

VEILIGHEIDSVOORRADEN BEREKENEN

VEILIGHEIDSVOORRADEN BEREKENEN VEILIGHEIDSVOORRADEN BEREKENEN 4 Soorten berekeningen 12 AUGUSTUS 2013 IR. PAUL DURLINGER Durlinger Consultancy Management Summary In dit paper worden vier methoden behandeld om veiligheidsvoorraden te

Nadere informatie

Factsheet - Unieke superslanke composiet gevel

Factsheet - Unieke superslanke composiet gevel Factsheet - Unieke superslanke composiet gevel Achtergrond Het composiet gevelconcept is ontwikkeld binnen het SIA-RAAK programma Composieten in de glasarchitectuur onder leiding van het INHolland Composietenlab.

Nadere informatie

VLAANDEREN WALLONIE BRUSSEL. Keuring BOSEC of gelijkwaardig BOSEC of gelijkwaardig BOSEC of gelijkwaardig

VLAANDEREN WALLONIE BRUSSEL. Keuring BOSEC of gelijkwaardig BOSEC of gelijkwaardig BOSEC of gelijkwaardig WETGEVING De wetgeving over het gebruik van rookmelders is gewestelijke materie en verschilt bijgevolg in Vlaanderen, Wallonië en Brussel. Dit schema geeft een overzicht van de 3 gewesten: VLAANDEREN WALLONIE

Nadere informatie

Teaser. Pieter Vermeer Exit ready E: pc.vermeer@exitready.nl T: + 31(0)85 0600 320 M: + 31(0)6 1011 8222 Teaser Milan InnoVincY Pagina 1

Teaser. Pieter Vermeer Exit ready E: pc.vermeer@exitready.nl T: + 31(0)85 0600 320 M: + 31(0)6 1011 8222 Teaser Milan InnoVincY Pagina 1 Teaser T: + 31(0)85 0600 320 M: + 31(0)6 1011 8222 Teaser Milan InnoVincY Pagina 1 Missie Transformeren van landbouw waardeketens en verhogen van de productie van gewassen door het verstrekken van betaalbare

Nadere informatie

Status Roadmap 2.0 10.4.2012 Nico van Putten

Status Roadmap 2.0 10.4.2012 Nico van Putten Status Roadmap 2.0 10.4.2012 Nico van Putten Roadmap 2.0 Aanleiding en context Status Roadmaps 2.0 Evaluatie Hoe verder? Waarom Roadmap 2.0; het budget Consequenties van het beleid en in Regeerakkoord

Nadere informatie

ARUP studie Groningen 2013

ARUP studie Groningen 2013 ARUP studie Groningen 2013 Strategie voor structurele versteviging van gebouwen Nederlandse samenvatting Issue 17 januari 2014 Nederlandse samenvatting 1 Inleiding Dit rapport omvat een samenvatting van

Nadere informatie

OVERAL, variatie vanuit de kern. LES- BRIEF 3v/4hv. De zonne-energiecentrale van Fuentes de Andalucía

OVERAL, variatie vanuit de kern. LES- BRIEF 3v/4hv. De zonne-energiecentrale van Fuentes de Andalucía OVERAL, variatie vanuit de kern LES- BRIEF 3v/4hv De zonne-energiecentrale van 1 Zonne-energie is in overvloed beschikbaar maar het is nog niet zo eenvoudig om die om te zetten naar elektrische energie.

Nadere informatie

Bijlage 9 5. TESTEN VAN HET VOERTUIG OP DE TESTBAAN, DE WEG OF DE ROLLENBANK

Bijlage 9 5. TESTEN VAN HET VOERTUIG OP DE TESTBAAN, DE WEG OF DE ROLLENBANK Bijlage 9 E/ECE/324 Rev.1/Add.82/Rev.3 bladzijde 229 Bijlage 4 Aanhangsel 1 TEST VAN TYPE V (beschrijving van de uithoudingstest ter controle van de duurzaamheid van de voorzieningen tegen verontreiniging)

Nadere informatie

Deze Informatie is gratis en mag op geen enkele wijze tegen betaling aangeboden worden. Vraag 1

Deze Informatie is gratis en mag op geen enkele wijze tegen betaling aangeboden worden. Vraag 1 Vraag 1 Twee stenen van op dezelfde hoogte horizontaal weggeworpen in het punt A: steen 1 met een snelheid v 1 en steen 2 met snelheid v 2 Steen 1 komt neer op een afstand x 1 van het punt O en steen 2

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 200 XIII Jaarverslag en slotwet Ministerie van Economische Zaken 2014 Nr. 5 VERSLAG HOUDENDE EEN LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN Vastgesteld

Nadere informatie