Inhoudsopgave. 1. Voorwoord van de voorzitter Kerncijfers Het Restauratiefonds in beeld 6

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Inhoudsopgave. 1. Voorwoord van de voorzitter 2. 2. Kerncijfers 4. 3. Het Restauratiefonds in beeld 6"

Transcriptie

1

2 inhoud Inhoudsopgave 1. Voorwoord van de voorzitter 2 2. Kerncijfers 4 3. Het Restauratiefonds in beeld 6 4. Verslag van het bestuur Modernisering monumentenzorg; van beleid naar praktijk Markt- en productontwikkeling en strategische advisering Restauratie- en instandhoudingsmarkt voor rijksmonumenten Samenwerking met provincies, gemeenten en fondsen Communicatie en voorlichting Algemeen beheer en bedrijfsvoering Vooruitblik op 2012 en verder Bestuur Jaarrekening Balans per 31 december Staat van baten en lasten Waarderingsgrondslagen Toelichting op de balans Niet uit de balans blijkende verplichtingen Toelichting staat van baten en lasten Overige gegevens Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Organisatiestructuur 48

3 voorwoord 1. Voorwoord van de voorzitter Begin 2011 had ik als voorzitter van Nationaal Restauratiefonds een gesprek met de wethouders monumentenzorg van een aantal grote Nederlandse gemeenten. De discussie voerde ons langs de veranderende wereld van de monumentenzorg. Het beschikbare ruimtelijke ordenings instrumentarium, de wijzigende bestuurlijke verhoudingen, het herbestemmen van monumenten. Het was opvallend dat er weinig gesproken werd over regels of geld, en destemeer over draagvlak voor cultureel erfgoed. De term beschermd is een predikaat van trots geworden, niet langer de last van bevriezen of hinderen. Tijdens dit gesprek werd ik getroffen door de bevlogenheid waarmee de wethouders spraken over het erfgoed in hun stad en hun ambities voor het behoud van ons cultureel erfgoed. bestaan - Bond Heemschut was er misschien geen monumentenzorg geweest. Zonder de inzet van de vele particuliere eigenaren waren talloze gebouwde monumenten verloren gegaan. Maar tegelijkertijd kan dat particulier initiatief niet zonder een overheid die kaders schept en randvoorwaarden invult. Een overheid die bovenal een eigen inzet pleegt om de zaken van nationaal belang op te pakken en te financieren. Geen enkele particulier of organisatie is in staat om Beschermde Stads- en Dorpgezichten te creëren. Geen enkele particulier of organisatie kan een Ecologische Hoofdstructuur realiseren. Die megaopgaven zijn bestemd voor een handelende overheid. 2 prof. mr. pieter van vollenhoven Diezelfde bevlogenheid trof ik dit jaar ook weer op de Open Monumentendag. Op de zaterdag bezocht ik twee prachtige monumenten. Een boerderij die met veel inzet en inspanning van een zorginstelling, samen met de toekomstige bewoners, werd omgevormd tot een leefgemeenschap voor mensen met een verstandelijke beperking. Vervolgens bezocht ik een monumentaal kerkje, dat op een prachtige manier is herbestemd en een woonfunctie heeft gekregen. De trotse eigenaren leidden die dag niet alleen mij, maar ook honderden belangstellenden rond in hun net gerestaureerde woning. En zo bezochten die dag nog zo n mensen de opengestelde monumenten in ons land. Elk jaar word ik getroffen door de trots die bewoners van monumenten tonen voor hun bezit. En door het elan waarmee zij vertellen over de geschiedenis daarvan. Wat leert mij dat? In ieder geval dat het draagvlak voor het behoud en het gebruik van monumenten groot is. Een solide draagvlak in de samenleving is van groot belang. Het is echter geen vanzelfsprekendheid. Dat ondervind ik dezer dagen als voorzitter van Nationaal Groenfonds, wanneer ik kijk naar de draconische ingrepen in het natuurbeleid die daar in het kader van de bezuinigingen plaatsvinden. Het draagvlak voor natuurbehoud in ons land leek decennialang zeer groot. En toch kan er aan de Ecologische Hoofdstructuur getornd worden zonder dat er een breed protest uit de samenleving klinkt. In mijn beleving ligt de oorzaak hiervoor mede in het feit dat de wereld van de natuur helaas aanzienlijk onduidelijker is dan de wereld van de monumenten. Natuurlijk besef ik dat vergelijken ongelukkig maakt, maar toch is het meer dan de moeite waard om van de monumentenwereld te leren. De wereld van de monumenten is goed georganiseerd en transparant. Bovendien is er een belangrijke rol voor de particulier. Zonder Victor de Stuers of zonder de in 1911 opgerichte - dit jaar vierden zij hun 100 jarig Rond de oprichting van het Restauratiefonds werd de monumentenzorg geconfronteerd met een uiterst moeizame financiële situatie. Er was door bezuinigingen op de begroting van de monumentenzorg sprake van een grote restauratie-achterstand, terwijl politiek gezien iedereen doordrongen was (en nog steeds is) van de noodzaak om monumenten te behouden. Dat vroeg om een creatieve oplossing; het vervangen van een deel van de subsidie door laagrentende leningen. Dat brengt een groot voordeel met zich mee: de rente en aflossing van die leningen vloeien terug, zodat je per saldo méér geld voor monumenten kan uittrekken. Er kwam een aparte stichting om de financiële kant van de monumentenzorg te structureren: Nationaal Restauratiefonds. Want een stichting die buiten de overheid stond, kon iets wat een Rijksdienst destijds niet kon: leningen verstrekken en beheren, subsidies voorfinancieren, kortom: restauratieprojecten financierbaar maken. Iets dat vandaag de dag nog steeds geldt. Nationaal Restauratiefonds doet dat met verstand van financieren en hart voor monumenten. Uit de huidige omvang van het Revolving Fund van ruim 350 miljoen en het feit dat dit bijna geheel is uitgezet in leningen mag blijken dat dit beantwoordt aan een behoefte. In die rol is het Restauratiefonds uitgegroeid tot een volwaardig financier voor de monumentensector, zowel voor eigenaren als voor overheden. Ook in 2011 heeft het Restauratiefonds haar rol als monumenten financier goed kunnen vervullen. Ondanks de economische tegenwind blijven eigenaren van monumenten investeren in het in stand houden van hun bezit. De ingrepen beperken zich wellicht tot het hoogstnoodzakelijke. De spreekwoordelijke gouden kranen blijven achterwege. Dat eigenaren blijven investeren uit zich ook in de financieringsproductie van het Restauratiefonds. In 2011 werd voor bijna 40 miljoen euro aan Restauratiefonds-hypotheken verstrekt. Een fors hoger bedrag dan voor-

4 gaande jaren, omdat in 2011 ook eigenaren die normaal gesproken voor subsidie in aanmerking komen de keuze voor een laagrentende lening hebben gemaakt. Het geeft aan dat monumenteigenaren overigens al jarenlang bereid zijn om te investeren in het behoud van ons cultureel erfgoed. Dat moeten we koesteren. Als voorzitter van het Restauratiefonds ben ik in de afgelopen jaren pleitbezorger geweest van een financieringsstelsel waarin structureel budget is voor de twee sporen die samen zorgen voor het in stand houden van monumenten; onderhoud en restauratie. Door tijdig onderhoud financieel te ondersteunen, wordt gewaarborgd dat monumenten zo lang mogelijk in goede staat blijven. Omdat veel bouwmaterialen, ondanks goed onderhoud een eindige levensduur hebben, moet ook voor het uitvoeren van restauraties budget worden gereserveerd. Ik ben zeer verheugd dat ik dit tweesporenbeleid herken in de brief die staatssecretaris Zijlstra eind 2011 naar de Tweede Kamer stuurde over het structureel beschikbaar stellen van budget voor restauraties en herbestemmingen. Daarmee maakt de staatssecretaris een einde aan de werkwijze waarbij in de afgelopen jaren vooral via ad hoc-regelingen gesubsidieerd werd, wat leidde tot veel onzekerheid bij de eigenaren van monumenten. De staatssecretaris hanteert als uitgangspunten voor de verdeling van de restauratiemiddelen; laagrentende leningen voor de eigenaar die kan financieren, subsidie voor de eigenaar die daar niet toe in staat is. In mijn ogen een gezond standpunt, waarmee de beweging wordt voortgezet die met de oprichting van het Restauratiefonds in 1985 begon. Met ingang van 2012 stelt het ministerie van OCW de komende zes jaar met jaarlijkse stortingen ruim 100 miljoen euro aan het Restauratiefonds beschikbaar voor het financieren van restauraties en herbestemmingen. Daarnaast heeft de staatssecretaris aangekondigd dat er vanuit het Rijk jaarlijks 20 miljoen euro beschikbaar is om samen met de provincies subsidieregelingen voor monumentenrestauraties te bekostigen. vanuit de markt oproept (de multiplier). Uiteindelijk krijgt de overheid bij elke geïnvesteerde euro één euro vijftig terug in de schatkist. Investeren levert meer op dan bezuinigen! Als ik als voorzitter van het Restauratiefonds nog een zorg mag uiten betreft dat het behoud van de cultuurhistorisch waardevolle landschappen in ons land. De zorg hiervoor lijkt achter te blijven bij het behoud van ons gebouwd erfgoed. Om deze reden onderzoekt het Restauratiefonds hoe het behoud van onze cultuurhistorisch waardevolle landschappen beter vorm kan krijgen. Wij willen samen met de Rijksdienst en de provincies meer helderheid krijgen over wat nu de echt cultuurhistorisch waardevolle landschappen zijn, welke financiële uitdagingen er zijn en welke instrumenten nodig zijn om deze landschappen voor de toekomst daadwerkelijk te kunnen behouden. Ik wil daarbij ook onderzoeken of je in de toekomst ook voor waardevolle landschappen kunt gaan spreken van rijks-, provinciale- en gemeentelijke monumenten. Nationaal Restauratiefonds blijft zich ook in de komende jaren inzetten voor de financiering van monumenten in hun omgeving, en dus ook voor die cultuurhistorisch waardevolle omgeving. Samen met de Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed, met gemeenten en provincies, met particuliere instellingen en vooral met eigenaren, de monumentenzorgers bij uitstek. Gezamenlijke krachten zijn nodig om de vele kansen van onze rijke cultuurhistorie te benutten. Juist in deze economisch moeilijke tijd. Professor mr. Pieter van Vollenhoven Voorzitter Nationaal Restauratiefonds 3 Ik kan niet nalaten nogmaals te betogen dat de Nederlandse overheid er juist in deze economisch zware tijden verstandig aan doet te blijven investeren in de restauratie, het onderhoud en waar nodig het herbestemmen van monumenten. Dat is niet alleen goed voor de monumenten zelf, maar voor de hele Nederlandse economie. Het restaureren van monumenten is een arbeidsintensief proces, waardoor elke in monumentenzorg geïnvesteerde euro veel werkgelegenheid oplevert. Het Restauratiefonds heeft met het rapport Investeren in Monumenten 2010 nogmaals aangetoond dat een overheidsinvestering voor het in stand houden van monumenten een forse extra investering

5 kerncijfers 2. kerncijfers Portefeuille financieringen 2009 Bouwrekeningen Voorfinanciering rijkssubsidies Overige Bouwrekeningen Totaal Bouwrekeningen Leningen Laagrentende leningen Marktconforme rentende leningen Financiering OCW Overige laagrentende leningen: Regionale Restauratiefonds-hypotheken Cultuurfonds-hypotheken Varend Monument-Leningen Totaal leningen Totaal portefeuille financieringen Overige portefeuilles 2009 Aangetrokken onderhandse leningen Zero-leningen Belegde Subsidie-op-termijn Brom rekening-courant (aantal) Productie 2009 Bouwrekeningen Leningen Overige gegevens 2009 Uitbetaalde rijkssubsidies Revolving Fund Gecreëerd opnieuw beschikbaar Revolving Fund Resultaat

6 De Nederlandse overheid doet er verstandig aan te blijven investeren in de restauratie, het onderhoud en waar nodig het herbestemmen van monumenten. Dat is niet alleen goed voor de monumenten zelf, maar voor de hele Nederlandse economie. Het restaureren van monumenten is een arbeidsintensief proces, waardoor elke in monumentenzorg geïnvesteerde euro veel werkgelegenheid oplevert 5

7 restauratiefonds 3. Het Restauratiefonds in beeld 6 Stichting Nationaal Restauratiefonds is in 1985 opgericht, op initiatief van het toenmalige ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC). De basis hiervoor is in 1984 gelegd in de Nota voor de Monumentenzorg. Het Restauratiefonds opereert binnen de statuten en de (beleids-)kaders van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en werkt nauw samen met dit ministerie en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Bij de start in 1985 was het Restauratiefonds primair belast met het uitbetalen van monumentensubsidies, het verstrekken van Restauratiehypotheken, voorfinancieren van subsidies en het beheren van het zogenoemde Revolving Fund. Deze dienstverlening is met instemming van het ministerie verbreed tot het bieden van een totale financieringsoplossing voor het restaureren van monumenten. De dienstverlening bleef daarnaast niet beperkt tot rijksmonumenten, maar breidde zich uit naar gemeentelijke monumenten, beeldbepalende panden en, in het kader van de stadsvernieuwing, de particuliere woningverbetering. Monumenten staan immers niet op zichzelf, maar maken integraal deel uit van de zorg voor de gebouwde omgeving. Deze visie deelde ook minister d Ancona, toen zij in 1991 formeel toestemming gaf aan het Restauratiefonds om het werkterrein hiernaar uit te breiden. In het midden van de jaren negentig startte het Restauratiefonds actief met het uitbrengen van strategische adviezen over (het financieren van) de monumentenzorg. Dat leidde in de jaren daarna tot een hechte samenwerking met de ministeries van OCW en Financiën. Sinds 1996 stelt de Staat der Nederlanden zich borg voor de activiteiten van het Restauratiefonds die zich richten op rijksmonumenten. In 2010 werd deze borgstelling uitgebreid naar gemeentelijke en overige monumenten. Het Restauratiefonds verbreedde het aandachtsgebied naar het gehele koninkrijk. Op verzoek van het ministerie van OCW werd op Curaçao meegewerkt aan het opzetten van een monumentenfonds naar analogie van het Restauratiefonds. Met instemming van datzelfde ministerie zijn op alle eilanden van Caraïbisch Nederland ook revolverende fondsen beschikbaar gesteld. Sinds de Nota Belvedère in 1999 zet het Restauratiefonds zich eveneens actief in voor het behoud van het cultuurhistorisch waardevolle landschap in ons land. Al deze ontwikkelingen hebben geleid tot een bredere focus op het cultureel erfgoed. In 2006 zijn de statuten van het Restauratiefonds als gevolg van de hierboven geschetste ontwikkelingen aangepast, met instemming van het ministerie van OCW. De missie en visie van het Restauratiefonds beschrijft het gehele brede werkterrein en dient als afbakening van alle activiteiten. In dit jaarverslag leest u een samenvatting van deze missie en visie, die de hoofddoelstellingen van de organisatie duidelijk in beeld brengt. Missie Het Restauratiefonds zet zich in voor het in stand houden van Nederlandse monumenten door het financieren, het geven van informatie en voorlichting, het uitbetalen van subsidies en het beheren van revolverende fondsen. Wij doen dit voor monumenteigenaren. Op klantgerichte wijze, waarbij wij streven naar een gezond financieel resultaat. Integer, solide en efficiënt. Dit betekent dat onze kerntaken liggen op het gebied van financiering en advies (subsidies, revolverende fondsen, informatie en voorlichting). Onze focus ligt op monumenten in Nederland. De manier waarop wij dit doen, is klantgericht; de behoefte van de eigenaar van het monument staat centraal. Wij zoeken geen maximaal financieel resultaat, maar een gezonde balans tussen kosten en opbrengsten (gezond financieel resultaat). Het Restauratiefonds heeft geen winstoogmerk. Wij zijn een betrouwbare en degelijke partner (integer en solide) en zoeken altijd naar een zo efficiënt mogelijke manier om aan de wensen van onze klanten te voldoen. Visie Het Restauratiefonds wil een onafhankelijke en onmisbare partner zijn voor monumenteigenaren als het gaat om het financieren van en kennis over het behoud van monumenten. Wij hebben hiervoor structureel voldoende middelen beschikbaar. Hiermee leveren wij een substantiële bijdrage aan een mooi en herkenbaar Nederland. Dit betekent dat het Restauratiefonds ernaar streeft zelfstandig te opereren en voldoende bestaansrecht te hebben. De markt voor monumentenzorg vraagt om een professionele ketenregisseur, die met behulp van financiële kennis en kunde in staat is een brug te vormen tussen de monumenteigenaar en overheden aangaande monumentenzorg. Wanneer het gaat over financiering van en kennis over monumenten vervullen wij als totaalleverancier deze rol betreffende het proces en het financiële aspect van het behoud van monumenten. Er is voldoende continuïteit in de vorm van geld. Onze trots ligt in een belangrijke bijdrage aan een mooi en herkenbaar Nederland; met verstand van financieren en een groot hart voor monumenten.

8 7

9 bestuursverslag 4. Verslag van het bestuur 4.1 Modernisering monumentenzorg; van beleid naar praktijk In het afgelopen decennium is de monumentenzorg volop in verandering. Door verschillende kabinetten zijn extra financiële middelen beschikbaar gesteld om de restauratie-achterstand weg te werken. Het accent ligt nu op het instandhouden van monumenten. Daarnaast is een duidelijke verbreding te zien van de objectgerichte, individuele monumentenzorg naar een meer gebiedsgerichte benadering. Ook heeft een verschuiving in bestuurlijke bevoegdheden en verantwoordelijkheden plaatsgevonden. De modernisering van de monumentenzorg krijgt hiermee steeds verder gestalte. Herbestemmen van gebouwen, complexen en structuren die hun functie verliezen, kan leegstand en verval tegengaan, en daarmee het verlies aan belangrijke cultuurhistorische waarden voorkomen. Bij het moderniseren van de monumentenzorg is herbestemmen daarom een essentieel onderwerp. Om de aandacht voor herbestemmen vorm te geven is een Nationaal Programma Herbestemming in het leven geroepen. Een groot aantal organisaties werkt aan een gezamenlijke agenda van activiteiten. Het Restauratiefonds participeert hier ook in. Samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is in 2011 een regeling voor het wind- en waterdicht houden van leegstaande objecten die wachten op een herbestemming en een regeling voor haalbaarheidsonderzoeken opgezet. In samenwerking met BOEi is ook gewerkt aan een onderzoek naar de onrendabele top bij herbestemmingsprojecten en aan het bijeenbrengen van kennis over de financiering van herbestemmingprojecten. Deze is ingebracht in de digitale Kennisbank Herbestemmen van het Nationaal Programma Herbestemming. 8 Modernisering Monumentenbeleid In 2010 stemde de Tweede Kamer in met de beleidsvoornemens van toenmalig minister Plasterk van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) voor de Modernisering Monumentenzorg (MoMo). Er werd enthousiast gereageerd. Vooral omdat de minister minder regels, kortere procedures en structureel meer financiële middelen aankondigde, om bij te dragen aan het duurzaam in stand houden van rijksmonumenten. In 2011 is voortvarend gewerkt aan het implementeren van het MoMo beleid. Het ministerie van OCW en het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) hebben in 2011 wijzigingen in wet- en regelgeving voorbereid, zoals het aanpassen van de Monumentenwet, het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en het Besluit omgevingsrecht (het Bor). In 2011 zijn kleinere ingrepen vergunningvrij geworden. Ingrepen gericht op onderhoud aan rijksmonumenten, zoals het opstoppen van een rieten dak of het schilderen in eenzelfde kleur. Een belangrijke doelstelling van de Modernisering van de Monumentenzorg is om de cultuurhistorie meer te integreren in de ruimtelijke ordening. Gemeenten zijn vanaf januari 2012 verplicht om bij het maken van een bestemmingsplan de aanwezige cultuurhistorische waarden te inventariseren en vervolgens vast te leggen in het bestemmingsplan. Dat geeft vooraf duidelijkheid aan de initiatiefnemers. Monumentenzorg wordt hierdoor minder als een hindermacht ervaren. Een punt van zorg voor het Restauratiefondsbestuur is echter of alle gemeenten hiertoe in staat zijn. Uit onderzoek dat het Restauratiefonds heeft verricht, blijkt dat ruim een op de drie monumentenambtenaren zijn of haar gemeente hiertoe voorlopig nog niet in staat acht. Vooral omdat de benodigde capaciteit ontbreekt. In meer dan de helft van de Nederlandse gemeenten is slechts 0,1 tot 0,5 fte beschikbaar voor het opstellen en uitvoeren van het monumentenbeleid. Nu steeds meer taken worden gedecentraliseerd van het Rijk naar provincie of gemeente, is een goede ondersteuning vanuit het Rijk van groot belang. Financiering monumentenzorg Een toekomstbestendig monumentenbestel vraagt ook om een adequate en structurele financiering. Een situatie waarin het begrip restauratieachterstand tot het verleden behoort en klantgerichte subsidieregelingen en financieringsinstrumenten de monumenteigenaar in staat stelt het cultureel erfgoed zo goed mogelijk in stand te houden. In 2011 is de instandhoudingsregeling voor monumenten aangepast en is onderzocht hoe deze verder verbeterd kan worden. Ook zijn de eerste stappen gezet naar een structurele restauratieregeling en is de fiscale aftrekregeling voor monumenten gewijzigd. Op 1 januari 2011 is een aangepaste instandhoudingsregeling (Brim) van kracht geworden. Hierin zijn ten opzichte van de vorige regeling een aantal vereenvoudigingen doorgevoerd, die het aanvragen van subsidies eenvoudiger en minder tijdrovend maken. Een belangrijke aanpassing is het introduceren van een keuzemogelijkheid tussen subsidie en laagrentende lening. Eigenaren van rijksmonumenten die in aanmerking komen voor subsidie (circa ) kunnen in plaats van subsidie ook een Restauratiefonds-hypotheek aanvragen. In 2011 is daar al veelvuldig gebruik van gemaakt. Afgelopen jaar is in opdracht van het ministerie van OCW een evaluatie van het Brim uitgevoerd. Deze had als hoofdvraag: bereikt het Brim zijn doel? Stimuleert het eigenaren van monumenten tot planmatig onderhoud van hun pand? Uit de evaluatie komt naar voren dat de Brim-filosofie door het veld breed gedragen wordt. Eigenaren geven aan dat zij inderdaad planmatiger te werk gaan als het gaat om het in stand houden van hun monument. Dure restauraties worden hierdoor beperkt of uitgesteld, wat het op de langere termijn economisch voordelig maakt. De effectiviteit van de regeling wordt echter voor een deel teniet gedaan door de grote

10 overvraag sinds 2010 en door de onvoorspelbaarheid of men wel of niet in de prijzen valt. Het bestuur van het Restauratiefonds kijkt met zorg naar deze grote overvraag aan Brim-subsidies. Zeker nu de staatssecretaris heeft laten weten dat het jaar 2012 een tussenjaar wordt voor het Brim. In 2012 wordt gekozen voor continuïteit. Dit betekent dat afgewezenen uit 2011 en laagste begrotingen voorrang krijgen. Hiervoor is 48,5 miljoen euro beschikbaar. Een nieuw Brim treedt pas in 2013 in werking. Met ingang van 2012 stelt het ministerie van OCW een meerjarig restauratiebudget beschikbaar voor restauraties en herbestemmingen. Het Restauratiefonds is verheugd over de komst van een meerjarig restauratiebudget, waarbij jaarlijks 37 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld t.b.v. de monumentenzorg. Hiervan wordt in zes jaarlijkse termijnen een bedrag van 17 miljoen euro (totaal 103 miljoen euro) gedoteerd aan het Revolving Fund van het Restauratiefonds ten behoeve van nietwoonhuismonumenten. Het overige deel van 20 miljoen euro wordt jaarlijks via de provincies beschikbaar gesteld aan de monumentenzorg. Daarmee wordt gestalte gegeven aan de lang gekoesterde wens voor een structurele geldstroom voor grote restauratieprojecten. Deze zijn in de afgelopen jaren vooral via ad hoc-regelingen gesubsidieerd, wat leidde tot veel onzekerheid bij de eigenaren van deze monumenten. Het bestuur van het Restauratiefonds onderschrijft de keuzes die de staatssecretaris heeft gemaakt bij de uitgangspunten voor de toekomstige verdeling van de middelen. Laagrentende leningen voor de eigenaar die kan financieren, subsidie voor de eigenaar die daar niet toe in staat is. Hoe de verdeling van deze subsidies via de provincies gaat verlopen is eind 2011 nog onzeker. Met een potentieel reservoir van aanvragers tot een totaal van 600 miljoen euro subsidie, blijft het toekennen van restauratiesubsidies echter wel een kwestie van prioriteren en keuzes maken. Eind 2011 is een wetsvoorstel aangenomen voor de zogeheten Geefwet. Het doel is om giften aan culturele instellingen (tijdelijk) extra te stimuleren en het totaalbedrag aan giften substantieel toe te laten nemen. Om de Geefwet mogelijk te maken, wordt de aftrek van uitgaven voor monumentenpanden versoberd. Dat moet een bedrag van 12 miljoen euro opleveren. Daarvan komt overigens maar circa 5 miljoen euro terecht in de cultuursector en de rest bij onder andere sportverenigingen en scoutingclubs. Het vrijgekomen budget van de afbouw van de monumentenaftrek wordt nu dus helaas voor meer dan de helft besteed buiten de culturele sector. Voor de eigenaar van een rijksmonumentaal woonhuis vervalt de mogelijkheid om eigenaarslasten en afschrijvingen als aftrekbare kosten voor de Inkomstenbelasting op te geven. Van de onderhoudskosten is met ingang van het belastingjaar 2012 nog maar 80% aftrekbaar. Dat geldt voor zowel monumenten die eigen woning zijn, als voor monumenten die onder de vermogens-rendementheffing (Box III) vallen. De drempel om voor de aftrek in aanmerking te komen vervalt ook voor alle monumenten. Daarmee wordt de regeling dus veel simpeler en wordt onderhoud gestimuleerd. Een punt van zorg voor het Restauratiefondsbestuur zijn de forse bezuinigingen op het cultuurbudget. Ook de monumentenzorg wordt hierdoor getroffen. In 2012 wordt een generieke en structurele bezuiniging van 2,2% doorgevoerd. Deze loopt vanaf 2013 en verder op naar 5%. Daarmee ontstaat de zorg dat juist op het moment dat de restauratie-achterstanden van de afgelopen 20 jaar weggewerkt worden, er wederom nieuwe achterstanden dreigen te ontstaan. In veel monumentale panden vinden culturele activiteiten plaats. Hierbij kan het gaan om concerten in kerken, maar ook om theatervoorstellingen in een herbestemd fabrieksgebouw. Bezuinigingen in de cultuursector kunnen dus ook een negatieve uitwerking krijgen op de exploitatie en het gebruik van monumenten. 4.2 Markt- en productontwikkeling en strategische advisering Modernisering Monumentenzorg In 2011 heeft veel overleg plaatsgevonden met het ministerie van OCW en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed over de implementatie van het beleidsplan Modernisering Monumentenzorg en de wijzigingen in wet- en regelgeving die hieruit voortkomen. De betrokkenheid van het Restauratie fonds is het meest concreet bij het uitwerken van nieuwe regelingen voor grote restauraties en herbestemmingen, het aanpassen van het Brim en het project Kennisinfrastructuur Modernisering Monumentenzorg (KiMoMo). Restauratiefondsplus-hypotheek Op verzoek van het ministerie van OCW heeft het Restauratiefonds in 2011 de Restauratiefondsplus-hypotheek ontwikkeld. De positieve ervaringen met het Revolving Fund voor woonhuismonumenten zijn voor de staatssecretaris aanleiding geweest om dit systeem ook voor andere (grote) restauraties en herbestemmingen in te zetten. Met ingang van 2012 stelt het ministerie van OCW de komende zes jaar met jaarlijkse stortingen ruim 100 miljoen euro beschikbaar. Uit dit fonds wordt de zogeheten Restauratiefondsplus-hypotheek verstrekt. Vergelijkbaar met de lening voor woonhuizen, maar met een hoger leenbedrag. Het minimale leenbedrag is euro, het maximale 2,5 miljoen euro. De looptijd van de lening is maximaal 30 jaar. Ook hier worden rente en aflossing weer aan het Revolving Fund toegevoegd om nieuwe projecten uit te financieren. In november 2011 zijn de Voorwaarden en Kenmerken voor deze leningen gepubliceerd in de Staatscourant en per 1 januari 2012 kunnen aanvragen worden ingediend. 9

11 bestuursverslag 10 Onderzoeken monumentenzorg In de zomer van 2011 heeft het Restauratiefonds een groot onderzoek uitgevoerd onder eigenaren van gemeentelijke monumenten, met als doel de restauratiebehoefte bij gemeentelijke monumenten in Nederland in kaart te brengen. Het is voor het eerst dat hiernaar landelijk onderzoek is verricht. Hiervoor werden ruim monumenteigenaren benaderd. Uit het onderzoek blijkt dat de helft van de monumenteigenaren niet positief is over de onderhoudsstaat van het monument. Ruim 17 procent van de eigenaren noemt de onderhoudsstaat zelfs slecht of matig en 33 procent beoordeelt het als redelijk. Geldgebrek is voor 64 procent van de eigenaren de belangrijkste reden voor de gebrekkige onderhoudsstaat. Aan de eigenaren die verwachten de komende drie jaar (een deel van) de restauratiewerkzaamheden te gaan uitvoeren, is gevraagd hoe zij deze gaan financieren. Opvallend is dat 54% van deze groep wel concrete restauratieplannen heeft, maar nog niet weet hoe men de restauratiewerkzaamheden gaat financieren. Uit onderzoek van het Restauratiefonds uit 2009 bleek een enorme bereidheid onder gemeenten om nieuwe gemeentelijke monumenten aan te wijzen (6.000 tot nieuwe monumenten in twee jaar). Het is daarbij wel van belang dat het in stand houden van deze monumenten ook voldoende ondersteund wordt. Bijna de helft van de monumenteigenaren is ontevreden over de ondersteuning van de gemeente. Het Restauratiefonds heeft naar aanleiding van dit onderzoek aan de provincies en aan ruim honderd gemeenten een onderzoeksrapport met de resultaten voor de eigen gemeente of provincie beschikbaar gesteld. Met veel van deze gemeenten en provincies wordt gesproken over de onderzoeksuitkomsten en de verbetermogelijkheden bij het ondersteunen van monumenteigenaren. monumentale woningbezit. Het zijn vooral de herbestemmingsactiviteiten die bij corporaties vrijwel stoppen. Caribisch Nederland Samen met het ministerie van OCW is in 2011 verder invulling gegeven aan een financieringsoplossing voor de monumentenproblematiek op de eilanden van Caribisch Nederland. Er is gewerkt aan het opzetten van een structuur om restauraties op deze eilanden te financieren, via een eigen fonds of rechtstreeks via het Restauratiefonds. Hiervoor is in de periode acht miljoen euro beschikbaar gesteld door het ministerie van OCW. Deze middelen worden revolverend, als laagrentende leningen ingezet. De bestemming wordt door de diverse eilandbesturen vastgesteld, binnen de kaders die het ministerie van OCW hiervoor aangeeft. Het Restauratiefonds heeft hierover in 2011 intensief contact gehad met bestuurders en monumentenzorgers op alle eilanden van Caribisch Nederland. Sinds eind 2011 is het op alle eilanden mogelijk om leningen te verstrekken. Productontwikkeling In 2011 zijn diverse verkenningen uitgevoerd of producten ontwikkeld: Als onderdeel van MoMo is samen met het ministerie van OCW gewerkt aan de uitbreiding van de bestaande Achterborg voor rijksmonumenten naar de cultuurhistorisch waardevolle objecten die door gemeenten en provincies zijn aangewezen. Met de Achterborg stelt de Staat zich garant voor het Restauratiefonds ten opzichte van haar geldgevers bij de financiering van monumenten. De interne procedures, automatisering en marktbewerking zijn hier in 2011 op aangepast. In het afgelopen jaar is het Restauratiefonds betrokken bij een onderzoek naar de restauratiemarkt en de arbeidscapaciteit tot 2015 van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB). Het Restauratiefonds heeft hiervoor informatie beschikbaar gesteld en deelgenomen aan de begeleidingscommissie. Op verzoek van het ministerie van OCW is de Restauratiefondsplushypotheek ontwikkeld. Een laagrentende lening voor grote restauraties en herbestemmingen van rijksmonumenten zonder woonfunctie. In november 2011 zijn de Voorwaarden en Kenmerken van deze leningen gepubliceerd in de Staatscourant. In de eerste helft van 2011 is samen Aedes (overkoepelende organisatie voor woningcorporaties), de ministeries van OCW en Binnenlandse Zaken en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed opdracht gegeven aan het EIB voor een onderzoek onder corporaties. Ruim 150 corporaties hebben via een enquête en interviews aangegeven wat hun verwachtingen zijn voor de komende jaren met betrekking tot het restaureren en herbestemmen van hun monumentale panden. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat corporaties in de periode bijna monumenten gerestaureerd hebben. Voor de komende periode is de verwachting dat de corporaties veel minder restauratie-inspanningen gaan verrichten dan in de voorgaande periode. Het aantal restauraties door corporaties zal ruwweg halveren en ze gaan zich vooral concentreren op het al verworven Uit marktonderzoek onder eigenaren van gemeentelijke monumenten is gebleken dat de helft van de eigenaren van plan is om de komende drie jaar werkzaamheden uit te voeren in het monument om het energieverbruik omlaag te brengen. Voor het Restauratiefonds is dit aanleiding om actief te verkennen of er eenvoudige financieringsvormen te ontwikkelen zijn die de monumenteigenaar ondersteunen in de realisatie van een duurzaam monument. In juni 2011 is het Fonds voor Mobiel Erfgoed opgericht. Het ministerie van OCW heeft hiertoe al eerder een miljoen euro toegevoegd aan het Revolving Fund. Uit dit fonds worden Mobiel Erfgoed-Leningen verstrekt aan eigenaren van mobiel erfgoed. De uitvoering vindt plaats

12 in samenwerking met de Mondriaan Stichting. De Mondriaan Stichting fungeert als loket en verzorgt de beoordeling en toekenning. Het Restauratiefonds verstrekt de financieringen. Samen met de provincie Noord-Holland is het Noord-Hollands Fonds voor Monumenten ontwikkeld. De provincie heeft ruim vijf miljoen euro beschikbaar gesteld aan het Restauratiefonds om dit fonds op te richten. Eigenaren van provinciale monumenten met een woonfunctie, kunnen een lening tegen een lage rente aanvragen voor hun restauraties. Fonds 1818, actief in De Haag en de regio Haaglanden, heeft bij het Restauratiefonds een eigen revolverend fonds voor restauratie, herbestemming en duurzaamheid ondergebracht. Het Restauratiefonds voert het beheer en verstrekt vanuit dit fonds laagrentende leningen. Restauratiefonds-hypotheken Met de invoering van het Brim 2011 komen alle eigenaren van woonhuizen of monumenten met een woonfunctie in aanmerking voor de laagrentende Restauratiefonds-hypotheek. Het Restauratiefonds verstrekt deze laagrentende leningen (beduidend lager rentepercentage dan de marktrente met een minimum van 1,5%) uit het Revolving Fund. In 2011 is voor 39,4 miljoen euro aan Restauratiefonds-hypotheken verstrekt. Dit is fors hoger dan de 31,3 miljoen euro die in 2010 is gerealiseerd. Aan eigenaren die in het Brim in aanmerking komen voor subsidie wordt met ingang van 2011 de mogelijkheid geboden om in plaats van subsidie een Restauratiefonds-hypotheek aan te vragen. Met de invoering van het Brim 2011 kan tevens voor elke zelfstandige eenheid binnen een monumentaal complex een aanvraag worden gedaan. Voor 2011 was dat per monumentnummer. Door deze wijzigingen is er voor 8,5 miljoen euro meer aan Restauratiefonds-hypotheken verstrekt. Met provincies wordt in toenemende mate samengewerkt bij het inzetten van de beschikbare gelden voor de monumentenzorg. Dit gebeurt in de vorm van het uitbetalen van subsidies of het verstrekken van financieringen. 4.3 Restauratie- en instandhoudingsmarkt voor rijksmonumenten Financieringen voor rijksmonumenten Met het verstrekken van financieringen en het uitbetalen van subsidies heeft het Restauratiefonds een belangrijke bijdrage bij het in stand houden van monumenten. Voor de eigenaar van een rijksmonument is het Restauratiefonds een vast aanspreekpunt als het gaat om de financiering van restauratie of onderhoud. Bijvoorbeeld voor een laagrentende Restauratiefonds-hypotheek of een Totaal-financiering; een financiering op maat voor het hele restauratieproject. Het Restauratiefonds heeft de ambitie om bij tenminste 70% van de restauraties van rijksmonumenten daadwerkelijk betrokken te zijn. Een goede indicator voor het aantal restauraties vormen de afgegeven mededelingen door Belastingdienst Bureau Monumentenpanden (BBM) en het aantal door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed afgegeven subsidiebeschikkingen voor restauraties. Op basis van deze telling bedroeg het aantal restauraties gedurende geheel 2011: 858. Over geheel 2010 waren dit restauraties. In 2011 was het Restauratiefonds bij bijna 70% van deze restauraties betrokken, bijvoorbeeld via een financiering, de RestauratieWijzer of een subsidie-uitbetaling. De dienstverlening door het Restauratiefonds wordt in 2011 door klanten met een 8,8 (2010: 8,7) als rapportcijfer gewaardeerd. Met deze productie komt het bedrag aan verstrekte Restauratiefondshypotheken boven het in de meerjarenprognoses beoogde niveau. Overige financieringen voor monumenten In 2011 hebben ruim 240 eigenaren gekozen voor een langlopende financiering bij het Restauratiefonds voor een totaalbedrag van 18,9 miljoen euro. Bij de Restauratiefonds-hypotheken financiert het Restauratiefonds bij bijna 35% van de restauraties ook de overige investeringskosten voor zijn klanten. Naast deze financieringen biedt het Restauratiefonds bijzondere kredietfaciliteiten voor onder meer Stadsherstel-organisaties en restaurerende instellingen. Het totaalbedrag aan verstrekte leningen is gestegen van 58,9 miljoen euro in 2010 naar 68,4 miljoen euro in Dit betreft zowel de laagrentende leningen als de marktconforme leningen voor alle soorten monumenten, zowel rijksmonumenten als gemeentelijke en provinciale monumenten (zie paragraaf 4.4). Bouwrekeningen In 2011 zijn minder Bouwrekeningen verstrekt dan het jaar ervoor. In 2011 werd voor 83,8 miljoen euro aan Bouwrekeningen gecontracteerd, tegen 119,7 miljoen euro in In aantallen is de totale productie van Bouwrekeningen gedaald van 601 in 2010 naar 583 in het afgelopen jaar. De portefeuille Bouwrekeningen bedraagt per ultimo 2011: 17,0 miljoen euro. In de portefeuille Bouwrekeningen zijn ook de Voorfinancieringen Belastingteruggave opgenomen. Het Restauratiefonds verstrekt deze kortlopende leningen, waarmee een eigenaar een deel van de kosten die hij terugkrijgt van de Belastingdienst kan voorfinancieren. Subsidie voor rijksmonumenten Naast het verstrekken van financieringen betaalt het Restauratiefonds ook subsidies uit voor rijksmonumenten. In 2011 zijn door de Rijksdienst voor 11

13 bestuursverslag 12 het Cultureel Erfgoed in totaal nieuwe rijksbeschikkingen afgegeven. Dit is een forse daling ten opzichte van 2009 en 2010 (resp en 1.673). Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten (Brim) In 2006 is de subsidieregeling voor het in stand houden van rijksmonumenten van start gegaan, waarmee het Rijk een verschuiving van restauratie naar het in stand houden van monumenten wil bewerkstelligen. Verspreid over een periode van zes jaar worden de verschillende categorieën monumenten opgenomen in de instandhoudingsregeling. In 2011 kon de laatste groep eigenaren van kerkelijke gebouwen een aanvraag indienen. Ook voor de zogeheten groene monumenten werd het aanvragen van een Brim-subsidie mogelijk. Daarmee zijn alle categorieën monumenten toegetreden tot de instandhoudingsregeling. In 2011 zijn in het kader van deze regeling in totaal 486 beschikkingen afgegeven, met een totaal toegekend subsidiebedrag van 57,6 miljoen euro. Door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) werden ruim aanvragen afgewezen bij gebrek aan budget. Het Restauratiefonds betaalt namens het ministerie van OCW de Brimsubsidies uit en verzorgt de bevoorschotting tijdens de planperiode van zes jaar. Hierdoor is de uitvoering van het geplande onderhoud minder afhankelijk van het jaarlijks beschikbaar komen van subsidie. Achterstandsregelingen In 2011 zijn ook extra subsidiegelden beschikbaar gekomen voor monumenten die een restauratie-achterstand hebben. De uitvoering van deze bijzondere regelingen is afhankelijk van het beschikbaar komen van incidenteel extra geld. In 2011 is via de Restauratieregeling een bedrag van 46,2 miljoen euro beschikbaar gekomen voor 57 grote restauratieprojecten. Op grond van oudere achterstandsregelingen als de Rrwr en de SRHCE zijn in 2011 nog drie beschikkingen afgegeven voor een bedrag van 2,3 miljoen euro. Besluit rijkssubsidiëring restauratie monumenten 1997 (Brrm) Voor het Brrm konden in 2011 geen nieuwe aanvragen meer ingediend worden. Reeds ingediende aanvragen worden nog afgehandeld. Door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is in 2011 nog voor euro aan Brrm-subsidiebeschikkingen afgegeven voor twee restauratieprojecten. Besluit rijkssubsidiëring onderhoud monumenten (Brom) Het aantal eigenaren dat gebruikmaakt van het Brom is geleidelijk minder geworden is het laatste jaar waarin nog Brom-subsidies verstrekt zullen worden. In 2011 zijn in totaal 682 Brom-beschikkingen afgegeven. Dit is aanzienlijk minder dan in 2010 (1.037 beschikkingen). Uitbetaling rijkssubsidies In 2011 is in totaal 115,3 miljoen euro aan rijkssubsidies uitbetaald (2010: 136,3 miljoen euro). 4.4 Samenwerking met provincies, gemeenten en fondsen Naast de financiering van rijksmonumenten financiert het Restauratiefonds ook provinciale monumenten, gemeentelijke monumenten, beeldbepalende panden in Beschermde Stads- en Dorpsgezichten en stadsvernieuwing. Het Restauratiefonds werkt hierbij samen met verschillende gemeenten en provincies, maar ook met particuliere organisaties, zoals Prins Bernhard Cultuurfonds en VSBfonds. Cultuurfondsen voor Monumenten Het Restauratiefonds en Prins Bernhard Cultuurfonds hebben tien jaar geleden het initiatief genomen om de financiële mogelijkheden te verruimen voor het behoud van gemeentelijke en provinciale monumenten en van beeldbepalende panden in Beschermde Stads- en Dorpsgezichten. Sinds 2005 zijn negen provinciale Cultuurfondsen actief in Friesland, Gelderland, Groningen, Noord-Brabant, Noord-Holland, Overijssel, Utrecht, Zeeland en Zuid-Holland. Deze fondsen worden mede gevoed door VSBfonds, provincies, gemeenten, corporaties en andere monumenten organisaties. Uit de Cultuurfondsen voor Monumenten worden laagrentende leningen verstrekt. In 2011 zijn 79 Cultuurfonds-hypotheken verstrekt voor een bedrag van 5,5 miljoen euro. Daarmee is het productievolume gestegen (2010: 3,5 miljoen). Inmiddels is 24,9 miljoen euro, van de beschikbare 29 miljoen euro in de Cultuurfondsen voor Monumenten, uitgezet in leningen. In de meeste provincies (met uitzondering van Utrecht en Overijssel) zijn de beschikbare middelen in 2011 vrijwel geheel besteed. In 2011 is overleg gevoerd met Prins Bernhard Cultuurfonds en de provincies over extra stortingen in de Cultuurfondsen. Dit heeft geleid tot een extra storting door de provincie Zeeland. De provincies Noord-Brabant en Gelderland hadden in 2010 al een aanvullende storting verricht. Regionale Restauratiefondsen Voor een aantal gemeenten en provincies heeft het Restauratiefonds eigen Regionale Restauratiefondsen opgericht. Dit is een eigen revolverend fonds, waaruit de gemeente of provincie laagrentende leningen kan toekennen aan eigenaren van gemeentelijke en provinciale monumenten. Het Restauratiefonds zorgt daarna voor het beoordelen, verstrekken en beheer van de leningen. In totaal zijn er nu tien decentrale overheden met een eigen revolverend fonds, waarvan zeven gemeenten: Amsterdam, Deventer, Dordrecht, Leeuwarden, Rotterdam, Schiedam en

14 Utrecht, en de drie provincies Drenthe, Gelderland en Noord-Brabant. De totale omvang van deze Regionale Restauratiefondsen bedraagt eind 2011: 29,7 miljoen euro, waarvan 15,1 miljoen euro in de vorm van laagrentende leningen is uitgezet. In 2011 werden 29 leningen verstrekt voor een bedrag van 2,6 miljoen euro. Overige lokale revolverende fondsen Samen met de provincie Noord-Holland is het Noord-Hollands Fonds voor Monumenten ontwikkeld. De provincie heeft ruim 5 miljoen euro beschikbaar gesteld aan het Restauratiefonds om dit fonds op te richten. Eigenaren van provinciale monumenten met een woonfunctie en eigenaren van stolpboerderijen kunnen een lening tegen een lage rente aanvragen voor hun restauraties. Fonds 1818, actief in Den Haag en de regio Haaglanden, heeft in samenwerking met Prins Bernhard Cultuurfonds bij het Restauratiefonds een eigen revolverend fonds voor de restauratie en herbestemming van gemeentelijke monumenten en rijksmonumentale kerken ondergebracht. Het Restauratiefonds verstrekt na de kredietbeoordeling vanuit dit fonds laagrentende leningen en voert het beheer uit. Subsidie-op-termijn Subsidie-op-termijn is feitelijk een mengvorm van subsidie en financiering en wordt met name toegepast bij stadsvernieuwing. De gemeente verstrekt op termijn (veelal na 15 jaar) een subsidie aan de eigenaar. Deze kan voor de tussenliggende periode gebruikmaken van een aflossingsvrije lening van het Restauratiefonds. Deze lening wordt uiteindelijk door de eigenaar afgelost met de subsidie die beschikbaar komt. De portefeuille Subsidie-op-termijn bestaat eind 2011 uit definitieve beschikkingen met een totale schuldrest van 87,8 miljoen euro. Deze beschikkingen moeten gedurende hun looptijd aangroeien tot een eindwaarde van 109,4 miljoen euro. Nieuwe beschikkingen worden nog beperkt afgegeven (2011: 122 stuks). Naast de definitief vastgestelde beschikkingen zijn er ook nog 294 voorlopige beschikkingen in portefeuille. Deze beschikkingen worden door de gemeente definitief gemaakt, zodra de betreffende restauratie/renovatie is uitgevoerd en alle controles daarop hebben plaatsgevonden. Mobiel erfgoed Naast het reeds bestaande Fonds voor Varend Erfgoed, dat in samenwerking met VSBfonds wordt gevoerd, is in juni 2011 het Fonds voor Mobiel Erfgoed opgericht. Het ministerie van OCW heeft hiertoe een miljoen euro toegevoegd aan het Revolving Fund. Uit dit fonds worden Mobiel Erfgoed-Leningen verstrekt aan eigenaren van mobiel erfgoed. De uitvoering vindt plaats in samenwerking met de Mondriaan Stichting. Deze stichting fungeert als loket en verzorgt de beoordeling en toekenning. In 2011 zijn nog geen Mobiel Erfgoed-Leningen verstrekt. 4.5 Communicatie en voorlichting Het Restauratiefonds wil monumenteigenaren zo goed mogelijk informeren over de financiering van de restauratie en het onderhoud in de meest ruime zin van het woord. Voorlichting over wet- en regelgeving is hier onlosmakelijk mee verbonden. Intensief contact Voorlichting wordt door het Restauratiefonds op verschillende manieren gegeven. Dagelijks beantwoordt het Restauratiefonds vele vragen van monumenteigenaren en professionele monumentenzorgers. De trend, waarin telefonisch contact met eigenaren en professionals steeds meer vooraf wordt gegaan door contact via internet, is dit jaar verder doorgezet. Dat is met name te merken aan de voorkennis waarover de bellers beschikken. Het aantal inkomende telefoongesprekken met een voorlichtend karakter is licht gestegen (5.130 ten opzichte van in 2010). Het aantal bezoekers van onze website is ongeveer 6% lager ( ten opzichte van in 2010). Bijna 10% van de bezoekers aan de website van het Restauratiefonds komt via Monumenten.nl. Ongeveer 20% vindt ons via adwords in Google. Samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is in 2011 gewerkt aan een informatiegids voor nieuwe monumenteigenaren. De intentie van staatssecretaris Zijlstra en het Restauratiefonds is om elke nieuwe monumenteigenaar direct te voorzien van uitgebreide informatie. Monumenten.nl Monumenten.nl is een overkoepelende informatiebron binnen de monumentenzorg. De site richt zich in eerste instantie op eigenaren van monumenten, met informatie over het in stand houden van hun pand. Daarnaast wil de site iedereen die beroepsmatig betrokken is bij monumenten van dienst zijn. Uiteraard is de informatie ook toegankelijk voor iedereen die geïnteresseerd is in monumenten in de meest brede zin van het woord. Monumenten.nl is een samenwerking tussen de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en het Restauratiefonds. In 2011 is Monumenten.nl technisch en qua uitstraling geheel vernieuwd en voorbereid op de doelstellingen van het project Kennisinfrastructuur Modernisering Monumentenzorg (KiMoMo), waarmee kennis en informatie beter gedeeld kan worden met de eigenaren en het monumentenveld. Het aantal unieke bezoekers is ruim in Het aantal abonnees op de maandelijkse digitale nieuwsbrief is bijna RestauratieWijzer Met de RestauratieWijzer wordt de eigenaar via persoonlijke begeleiding, vanaf het eerste uur, zo goed mogelijk begeleid bij alle financiële en procesmatige aspecten van het restauratieproject. Bijvoorbeeld met een 13

15 bestuursverslag 14 handig stappenplan, maar ook met een vrijblijvend advies of een eigenaar de financiële lasten van een restauratie kan dragen. Alle aanvragen voor deze dienst komen via de website van het Restauratiefonds binnen. Eind 2011 maken ruim 330 klanten gebruik van de RestauratieWijzer. Van hen zijn 157 in 2011 klant geworden. Zij geven een gemiddeld tevreden heidscijfer van 8,2. Van de nieuwe aanvragers zit het grootste deel (ruim 70%) in een aankoopsituatie. Juist op dat moment is grote behoefte aan goede en snel beschikbare informatie en ondersteuning. Ongeveer de helft van deze klanten besluit uiteindelijk niet over te gaan tot aankoop, bijvoorbeeld omdat de lasten voor de restauratie te hoog worden. Daarmee zijn veel potentiële monumenteigenaren behoed voor een valkuil. In 2011 is de dienstverlening van de RestauratieWijzer vergaand gedigitaliseerd en is de papieren informatiemap volledig verdwenen. Klanten ervaren de actuele digitale informatie positief. Opleidingen en cursussen De voorlichting aan gemeenteambtenaren en andere professionals vindt plaats binnen het cursusproject Erfgoed in de Praktijk. Dit is een samenwerkingsverband met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Erfgoed Nederland. In 2011 zijn 25 cursusdagen georganiseerd, waaraan 423 professionals hebben deelgenomen. Via Erfgoed in de Praktijk worden door het Restauratiefonds ook samen met NVM-SOM, het opleidingsinstituut voor makelaars, cursusdagen georganiseerd. In 2011 zijn vijf cursussen gegeven. Deze dagen trokken 95 enthousiaste deelnemers. Naast deze cursusdagen verzorgt het Restauratiefonds regelmatig voorlichtingsbijeenkomsten in samenwerking met gemeenten en/of monumentenorganisaties. In 2011 gebeurde dat tien keer, met in totaal ruim 900 toehoorders. Evenementen en publiciteit In 2011 heeft het Restauratiefonds een aantal evenementen georganiseerd en bijdragen geleverd aan verscheidene door derden georganiseerde evenementen. Voorbeelden hiervan zijn de start en afronding van restauraties, diverse symposia en congressen rond herbestemmen van monumenten en religieus erfgoed, de introductie van het informatiepakket voor nieuwe monumenteigenaren, de Nederlandse Restauratiebeurs en de Open Monumentendag. In 2011 zijn door en over het Restauratiefonds persberichten uitgebracht en artikelen geplaatst, zowel in landelijke als in regionale media. In 2011 waren het vooral de artikelen naar aanleiding van de economische onderzoeken, onderzoek naar de restauratiebehoefte van gemeentelijke monumenten, de uitreiking van de informatiegids Monumentaal Wonen, de introductie Restauratiefondsplus-hypotheek, de Cultuurfondsen voor Monumenten en de optredens van onze voorzitter die de aandacht vroegen. Het Restauratiefonds stelt huize Hoevelaken regelmatig beschikbaar als vergaderlocatie voor andere organisaties in monumentenland, waarbij het Restauratiefonds aan de vergadering deelneemt of daarin een presentatie verzorgt. In 2011 waren dat bijvoorbeeld, de provinciale steunpunten monumentenzorg, de Monumentenwacht, de taxateurs van Belastingdienst Bureau Monumentenpanden (BBM), de Erfgoedacademie en Federatie Instandhouding Monumenten (FIM). 4.6 Algemeen beheer en bedrijfsvoering Verantwoord ondernemen Het Restauratiefonds wil integer en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). Een hoogwaardig MVO-beleid is daarom onderdeel van onze reguliere dienstverlening en productverantwoordelijkheid. Het Restauratiefonds is transparant in zijn product- en dienstverlening en de rapportages daarover. Het Restauratiefonds hanteert een gedragscode. Deze geeft de spelregels en de speelruimte aan waarbinnen de werkzaamheden van de medewerkers zich moeten afspelen. Wij hebben daarbij aandacht voor klanttevredenheid, klachtenbehandeling, zorgplicht, transparantie, veiligheid, reclame en privacy. In onze producten en processen willen wij integer en transparant zijn en voldoen aan de geldende regelgeving en gedragscodes. Het Restauratiefonds streeft in zijn bedrijfsvoering naar een lage milieubelasting door het bewust gebruik van materialen en duurzame inkoop. Papierarm werken is hiervan een voorbeeld. Uitvoering activiteiten door Fondsenbeheer Nederland B.V. Evenals voorgaande jaren zijn alle activiteiten voor het Restauratiefonds uitgevoerd door Fondsenbeheer Nederland B.V. Via Fondsenbeheer Nederland stelt Rabo Vastgoedgroep haar brede expertise van vastgoed (ontwikkeling, financiering en management) beschikbaar aan het Restauratiefonds. Fondsenbeheer Nederland biedt dergelijke faciliteiten, zonder winstoogmerk, ook aan Nationaal Groenfonds, Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn), Maatschappij voor Behoud, Ontwikkeling en Exploitatie van industrieel erfgoed (BOEi), Boerderij en Landschap, Stichting Klimaatlandschap Nederland en de Stichting behoud en herbestemming Religieus Erfgoed (BHRE). Dankzij deze organisatievorm worden belangrijke synergie voordelen behaald. De dienstverlening van Fondsenbeheer Nederland is contractueel vastgelegd in een managementovereenkomst. Het waarborgen van het onafhankelijk opereren van het Restauratiefonds ten opzichte van Fondsenbeheer Nederland is één van de belangrijkste aspecten van deze overeenkomst. In samenhang met deze managementovereenkomst werken het Restauratiefonds en Fondsenbeheer Nederland samen op

16 het gebied van kostendeling. Fondsenbeheer Nederland gaat hiervoor verplichtingen aan (bijvoorbeeld voor personeel, huisvesting, kantoorautomatisering e.d.) voor rekening en risico van het Restauratiefonds en de andere fondsen waarmee Fondsenbeheer Nederland soortgelijke overeenkomsten heeft gesloten. Voordeel van deze werkwijze is onder andere dat de verrekening van deze onderling gedeelde kosten vrij van btw is. Fondsenbeheer Nederland maakt onderdeel uit van Rabo Vastgoedgroep, een 100% dochter van Rabobank. Rabobank en Rabo Vastgoedgroep tonen een warme belangstelling voor de activiteiten van Fondsenbeheer Nederland. De activiteiten van Fondsenbeheer Nederland passen goed binnen het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, zoals Rabo Vastgoedgroep en Rabobank dat hoog in hun vaandel hebben. Personeel en organisatie Eind 2011 werkten (vanuit Fondsenbeheer Nederland) 41 fte voor het Restauratiefonds (eind 2010: 40 fte). Dit is inclusief alle ondersteunende diensten. Met deze personele inzet zijn in 2011 de activiteiten voor het Restauratiefonds uitgevoerd, ondanks de toename van het aantal activiteiten. Een en ander is mogelijk geweest dankzij de steeds verdergaande inzet van geautomatiseerde hulpmiddelen en dankzij de samenwerking met de andere organisaties waarvoor Fondsenbeheer Nederland het management voert. Informatievoorziening en automatisering Ook in 2011 heeft de geautomatiseerde ondersteuning voor het merendeel van de Restauratiefonds-activiteiten plaatsgevonden met behulp van het systeem SF2000 in combinatie met het CRM-pakket Scope en het digitaal archiefsysteem Xtendis. Via deze systemen wordt het proces van uit te betalen subsidies, rekening-courantverhoudingen en het verstrekken en beheren van financieringen ondersteund. SF2000 is in 2011 verbeterd waardoor een betere stroomlijning van het administratieve verwerkingsproces is ontstaan. Ook is in 2011 een grote functionele aanpassing doorgevoerd in SF2000, waarmee het uitbetalen en verantwoorden van subsidies volgens het Uniform Subsidiekader (USK) mogelijk is geworden. Nagenoeg alle processen voor het Brim, zowel het deel dat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed uitvoert als het deel van het Restauratiefonds, worden via het SF2000-systeem ondersteund. Hierbij wordt gebruikgemaakt van de hedendaagse mogelijkheden die het internet biedt, zoals het digitaal kunnen aanvragen van subsidies en het digitaal kunnen indienen van declaraties. Dankzij deze samenwerking tussen de Rijksdienst en het Restauratiefonds kan de uitvoering van het Brim efficiënt en klantvriendelijk plaatsvinden. In 2011 is het project Papierarm werken in samenwerking met de andere fondsen binnen Fondsenbeheer Nederland afgerond. Een project dat gestart is in 2009 met als doel om de gehele papierstroom te digitaliseren. Wij kunnen spreken van een groot succes. Niet alleen is nu sprake van een efficiëntere procesgang, maar er zijn hiermee ook aansprekende resultaten geboekt op het terrein van MVO. In 2011 is een start gemaakt met het Innovatieprogramma Dit innovatieprogramma is erop gericht om samen met de andere fondsen binnen Fondsenbeheer Nederland de huidige automatiseringstoepassingen, waaronder het systeem SF2000, gefaseerd te vernieuwen. Bij de automatisering wordt nauw samenwerkt met Rabo Vastgoedgroep en wordt gebruikgemaakt van alle faciliteiten die zij op dit terrein biedt. Kwaliteitsbewaking In 2011 is het programma van kwaliteitsbewaking gecontinueerd. Hierbij wordt, door niet direct bij het uitvoeringsproces betrokken medewerkers, stelselmatig beoordeeld of de werkzaamheden voldoen aan de daaraan gestelde eisen. Hiermee wordt de kwaliteit van de dienstverlening vastgesteld en wordt een aanzet tot verbetering gegeven. Het programma van kwaliteitsbewaking wordt in goed overleg met de externe accountant opgesteld en uitgevoerd. Contractuele relatie met de Rijksoverheid Een groot deel van de activiteiten van het Restauratiefonds komt voort uit hierover met de Rijksoverheid gesloten overeenkomsten. In 2011 zijn met het ministerie van OCW afspraken gemaakt over de Restauratiefondsplushypotheek. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over de invoering van het Uniform Subsidiekader en over de uitvoering van enkele specifieke regelingen. Het ministerie van OCW heeft in 2011 aangekondigd dat zij in 2012 willen komen tot een algehele vernieuwing van de contracten met het Restauratiefonds. Dit met als doel deze (soms gedateerde) contracten te actualiseren en aan de huidige eisen te laten voldoen. Er is bij dat alles geen intentie om de feitelijke samenwerking te gaan herzien. In 2010 is de Achterborgovereenkomst tussen de ministeries van Financiën en OCW en het Restauratiefonds in het kader van de modernisering van het monumentenbeleid aangepast. Deze overeenkomst is van groot belang bij het verstrekken van financieringen door het Restauratiefonds. Op grond van deze overeenkomst stelt de Staat zich garant voor het Restauratiefonds ten opzichte van haar geldgevers, voor zover dit betrekking heeft op door het Restauratiefonds verstrekte financieringen aan eigenaren van monumenten. In 2011 is voldaan aan de voorwaarden, zoals deze zijn vastgelegd in de Achterborgovereenkomst. De samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed over de geautomatiseerde ondersteuning van de Rijksdienst bij de uitvoering van het Brim (via het systeem SF2000+) loopt formeel tot eind 2011, maar is 15

17 bestuursverslag 16 voor (een deel van) 2012 verlengd. De Rijksdienst heeft de intentie dit deel van de automatisering weer in eigen beheer te nemen. De afspraken met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed over Monumenten.nl zijn in 2011 herzien en verlengd tot Kern daarbij is dat de Rijksdienst mede in het licht van het project KiMoMo een steeds prominentere rol krijgt bij de dagelijkse operatie van Monumenten.nl. Monumenten.nl versterkt daarmee de rol als portal naar alle informatie over monumenten. Rechtmatigheid Bij de overheid is steeds meer aandacht voor rechtmatig handelen. Het Restauratiefonds heeft overeenkomsten met het ministerie van OCW afgesloten, waarin is afgesproken dat onderdelen van overheidsbeleid door het Restauratiefonds worden uitgevoerd. Dit betreft voornamelijk het op voorschot uitbetalen van subsidies en het verstrekken van Restauratiefondshypotheken. Via het interne programma kwaliteitsbewaking wordt continue getoetst of de activiteiten plaatsvinden binnen de kaders die hierover met de overheid zijn afgesproken. Deze controle is mede gericht op het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsregelingen. Sinds 2010 wordt op verzoek van, en in overleg met, het ministerie van OCW een rechtmatigheidsonderzoek door de externe accountant uitgevoerd. De accountant heeft op basis van dit onderzoek bij de jaarrekening 2011 een rechtmatigheidsverklaring afgegeven ten behoeve van het ministerie van OCW. Op voorschot uitbetalen van subsidies Het Restauratiefonds is betaalloket voor vrijwel alle subsidies die door het ministerie van OCW worden toegekend aan eigenaren van rijksmonumenten. De eindverantwoording wordt opgemaakt door het ministerie van OCW. Het Restauratiefonds betaalt, naar gelang het werk vordert, op voorschot subsidies uit aan eigenaren en incasseert zo nodig te veel uitbetaalde voorschotten terug. De in dit kader uitbetaalde subsidies zijn in balanspost nummer 5 weergegeven. Verstrekken van Restauratiefonds-hypotheken Op grond van de instandhoudingsregeling worden door het Restauratiefonds laagrentende leningen (Restauratiefonds-hypotheken) verstrekt aan daarvoor in aanmerking komende eigenaren van rijksmonumenten. Deze leningen worden vanuit het Revolving Fund van het Restauratiefonds verstrekt binnen de kaders van de Voorwaarden en Kenmerken van de hypotheek. Deze zijn door het ministerie van OCW vastgesteld, conform het voorstel van het Restauratiefonds. In 2011 heeft het Restauratiefonds 364 nieuwe Restauratiefonds-hypotheken verstrekt, met een totale hoofdsom van 39,4 miljoen euro. Wet op het financieel toezicht Een deel van de activiteiten van het Restauratiefonds vallen onder de werking van de Wet financieel toezicht. Voor een gedeelte van deze wet heeft het Restauratiefonds van De Nederlandsche Bank een ontheffing ontvangen. De activiteiten waarvoor ontheffing is verkregen, betreffen specifiek zogenaamde niet-professionele partijen die bij het Restauratiefonds gelden aanhouden. Bij banken is op dergelijke gelden het deposito garantiestelsel van toepassing. Deze ontheffing is door De Nederlandsche Bank in 2006 verleend en in 2009 voor drie jaar verlengd. De ontheffing loopt nu tot 1 september Aan de aan deze ontheffing gestelde voorwaarden is in 2011 voldaan. Bij het Restauratiefonds aangehouden gelden, waarvoor in principe het depositogarantiestelsel van toepassing zou zijn, zijn gedekt door een hiervoor door Rabobank afgegeven garantie. Risicomanagement Het Restauratiefonds hecht sterk aan een laag risicoprofiel. Het beleid is gericht op het voortdurend en zorgvuldig bewaken en beheersen van risico s die zijn activiteiten met zich meebrengen. De voornaamste te beheersen risico s bij het Restauratiefonds betreffen de kredietverlening, het liquiditeitsrisico, renterisico en het operationele risico. Kredietverlening De kredietverlening door het Restauratiefonds gebeurt grotendeels voor eigen rekening en risico. De interne en administratieve organisatie is ingesteld op de hoge eisen die dit met zich meebrengt. Er is een Customer Due Diligence-regeling (CDD) voor de acceptatie, identificatie, verificatie, monitoring en review van klanten en transacties. Daarnaast is kennis van de monumentenmarkt cruciaal bij het beheersen van de uit de kredietverlening voortvloeiende risico s. Voor het grootste deel van de kredieten geldt, dat de acceptatie daarvan plaatsvindt op basis van hiervoor in Nederland gangbare bancaire kredietacceptatieregels, evenals regels vastgelegd in het eigen handboek Kredieten. Hierin zijn onder andere de toetsnormen, zoals die door Autoriteit Financiële Markten (AFM) zijn ontwikkeld, opgenomen. Daarmee volgt het Restauratiefonds de geldende Gedragscode Hypothecaire Financiers. Als altijd is het Restauratiefonds zeer alert op monumenteigenaren die hun verplichtingen aan het Restauratiefonds niet na kunnen komen. Bij dit alles kan het Restauratiefonds zijn toegevoegde waarde voor de monumentensector laten zien door, daar waar dat krediettechnisch verantwoord is, restauraties te blijven financieren. Renterisico De activiteiten van het Restauratiefonds brengen renterisico s met zich mee. Binnen de kaders van het treasury-statuut is het beleid erop gericht

18 deze renterisico s te minimaliseren. Het renterisico wordt actief gemanaged en het risico wordt voornamelijk beperkt met rente derivaten. De overeenkomsten die zijn gesloten met financiële instellingen ten behoeve van het aangaan van derivaat transacties kennen geen bijstort verplichting als gevolg van marktwaarde ontwikkelingen van de derivaten. Operationele risico s Operationele risico s worden beheerst door een continue kwaliteitsbewaking op het juist naleven van procedures, zoals vastgelegd in het handboek Administratie Organisatie. Bevindingen vanuit kwaliteitsbewaking worden periodiek gerapporteerd aan het management, evenals aan de externe accountant. Jaarlijks wordt bovendien een EDP-audit uitgevoerd op de geautomatiseerde informatievoorziening. In deze audit is aandacht voor SF2000 in combinatie met het CRM-pakket Scope. Deze systemen zijn binnen Fondsenbeheer Nederland specifiek ontwikkeld voor financieringsactiviteiten met subsidiemiddelen, waaronder uit te betalen subsidies, rekening-courantverhoudingen en het verstrekken en beheren van financieringen. De rapportage van kwaliteitsbewaking en de EDP-audit geven aan dat de uitvoering van de processen en het gebruik daarbij van geautomatiseerde hulpmiddelen onder controle is. Liquiditeitsrisico Het liquiditeitsrisico beperkt zich tot de portefeuille Totaal-financieringen, waarbij de uitgezette leningen worden gefinancierd op de kapitaalmarkt. Het liquiditeitsrisico is het risico dat het Restauratiefonds de uitgezette Totaal-financiering niet kan aantrekken op de kapitaalmarkt en dat de opslag op de rente over aan te trekken leningen kan variëren. Als gevolg van de kredietcrisis en de onrust op de financiële markten is deze opslag toegenomen. De opslag die de financiële partijen het Restauratiefonds in rekening brengen is echter beperkt vanwege de hoge kredietwaardigheid van het fonds en vanwege de Achterborgovereenkomst. Treasury Alle treasury-activiteiten hebben in 2011 plaatsgevonden binnen de kaders van het in 2011 herziene treasury-statuut van het Restauratiefonds. Hoofdlijn van dit statuut is, dat de treasury-activiteiten een sterk risicomijdend karakter hebben. Per eind 2011 wordt voor 10 miljoen euro gelden aangehouden bij het ministerie van Financiën. Dit betreft nog uit te betalen subsidies, die bij het ministerie worden aangehouden in het kader van het Geïntegreerd Middelenbeheer. In 2011 is specifiek aandacht gegeven aan ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt en aan ontwikkelingen bij banken (de kredietcrisis). Mede dankzij het risicomijdende treasury-beleid heeft het Restauratiefonds geen nadelen ondervonden van deze crisis. Het Restauratiefonds houdt zijn middelen alleen aan bij partijen die voldoen aan de hoge eisen die het treasury-statuut daaraan stelt. De kredietverlening van banken aan het Restauratiefonds staat niet onder druk. 17

19 bestuursverslag 18 Financieel resultaat Over 2011 is een financieel resultaat behaald van 2,1 miljoen euro (2010: 5,4 miljoen euro). Dit resultaat wordt toegevoegd aan het Revolving Fund en komt daarmee direct beschikbaar voor het (laagrentend) financieren van restauraties. Het renteresultaat van 2011 is euro hoger dan het resultaat over 2010 (2011: 11,661 miljoen euro / 2010: 11,472 miljoen euro). Het hogere renteresultaat ten opzichte van 2010 is de resultante van lagere rentebaten (2,203 miljoen euro), lagere rentelasten (2,045 miljoen euro) en een hogere rente opbrengsten op het saldo nog uit te betalen subsidies ( euro). De gerealiseerde bedrijfslasten over 2011 zijn 3,70 miljoen euro hoger dan 2010 (2011: 11,79 miljoen euro, 2010: 8,09 miljoen euro). De hogere bedrijfslasten ten opzichte van 2010 worden voor een groot deel verklaard door een toename van dotatie aan de voorzieningen van 2,86 miljoen euro. De dotatie valt uiteen in een hogere dotatie aan de voorziening voor insolventie met euro en een dotatie aan de voorziening renteswaps van 2,57 miljoen euro. Verder zijn de beheerkosten ten opzichte van 2010 toegenomen met euro. De hogere kosten van de vergoeding aan Fondsenbeheer Nederland ten opzichte van 2010 worden verklaard door de start van het innovatieprogramma. Het Restauratiefonds maakt al jaren, volgens een bestendige lijn, gebruik van het instrument renteswaps. Het beleid van het fonds is erop gericht om risico s, waar mogelijk, volledig af te dekken. Hiertoe is een treasurystatuut vastgesteld. Het huidige gebruik van de financiële instrumenten vindt geheel plaats binnen de kaders van het genoemde statuut. de negatieve marktwaarde zichtbaar wordt gemaakt door verwerking in de staat van baten en lasten. De toepassing van de verslagleggingsregels R.J.290 moet bijdragen aan het verschaffen van inzicht in een betrouwbaar beeld van de aard en de omvang van het vermogen en het resultaat. Uiteraard voldoet het Restauratiefonds geheel aan alle regelgeving in dit kader. Het specifieke karakter van het Restauratiefonds brengt echter met zich mee dat de toepassing van de regelgeving tot een grotere fluctuatie in het jaarresultaat leidt. Naar het oordeel van het bestuur sluit de hierboven genoemde regelgeving daarom niet goed aan bij de uitvoeringsopdracht die het Restauratiefonds heeft gekregen vanuit de overheden. Dit oordeel heeft betrekking op de afwijkende financieringscondities in relatie tot de waarderingsgrondslagen van RJ290. Met name toepassing van kostprijs hedge accounting ten aanzien van de positie renteswaps in relatie tot niet-marktconforme financieringsbronnen, komt naar het oordeel van het bestuur het vereiste inzicht in de aard en omvang van vermogen en resultaat niet ten goede. De toepassing van de regelgeving maakt het resultaat grilliger als gevolg van marktwaarde wijzigingen, terwijl het risicobeleid gericht is op het beperken van de invloed van rentefluctuaties op de onderliggende kasstromen over een langere periode. Revolving Fund Het Revolving Fund heeft per eind 2011 een omvang van 351 miljoen euro (eind 2010: 345 miljoen euro). In 2011 heeft het ministerie van OCW de laatste dotatie aan het Revolving Fund van 2 miljoen euro gestort, waarmee de vorming van een Monumentenfonds voor de restauratieprojecten op de eilanden van Caribisch Nederland van 8 miljoen euro is voltooid. Vanuit dit onderdeel van het Revolving Fund worden aan de eilanden van Caribisch Nederland of aan eigenaren van monumenten aldaar leningen verstrekt. De opname van de voorziening renteswaps in de jaarrekening is de boekhoudkundige verwerking van de marktwaarde van de lopende renteswaps per ultimo De negatieve marktwaarde van deze renteswaps wordt volledig gecompenseerd door de positieve marktwaarde op uitgezette leningen. De regelgeving gebiedt dat de positieve marktwaarde van de uitgezette leningen niet zichtbaar is in de jaarrekening, maar dat alleen De schuldrest van de per eind 2011 vanuit het Revolving Fund verstrekte leningen bedraagt 343 miljoen euro. Belangrijk voor de ronddraaiende werking van het Revolving Fund is de mate waarin verstrekte leningen worden afgelost. In 2011 is voor 19 miljoen euro aan aflossingen ontvangen. Dit is 5,92% van de portefeuille per begin 2011 (2010: 5,5%). stand van zaken aanwending Revolving Fund 2009 Beschikbaar Revolving Fund Uitgezet in laagrentende leningen Tekort / overschot

20 4.7 Vooruitblik op 2012 en verder In 2012 krijgt het nieuwe beleid van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor het moderniseren van de monumentenzorg verder vorm. Beleidsvoornemens worden vertaald naar nieuwe wet- en regelgeving, en belangrijker, naar een nieuwe uitvoeringspraktijk. Op basis van zijn specifieke expertise wil het Restauratiefonds als deskundige op het gebied van financiën in relatie tot monumentaal erfgoed in de meest brede zin van het woord, bijdragen aan de uitwerking hiervan. Het bestuur van het Restauratiefonds ziet een structureel en transparant financieringsstelsel als een belangrijke voorwaarde voor het behoud van cultureel erfgoed als essentieel onderdeel van een toekomstbestendig monumentenbeleid. Een passend budget voor de restauratie en het in stand houden van monumenten is daarbij essentieel. In het kader van de modernisering van het monumentenbeleid zijn de financiële middelen verruimd voor de twee sporen binnen het in stand houden van monumenten: het onderhoudsspoor en het restauratiespoor. Het Restauratiefonds geeft graag uitwerking aan dit voornemen. In 2012 zullen wij hiervoor ook daadwerkelijk nieuwe producten en diensten, zoals de Restauratiefondsplus-hypotheek, introduceren. Het Restauratiefonds kijkt met belangstelling naar de uitkomst van de evaluatie van het Brim en de voorstellen voor een vernieuwde instandhoudingsregeling per Voor de toekomst heeft de monumentensector behoefte aan een helder en meetbaar investeringsprogramma. Zeker als in ogenschouw genomen wordt dat er een potentieel reservoir van aanvragers tot een totaal van 600 miljoen euro subsidie bestaat en er een veel kleiner budget beschikbaar is. Het toekennen van restauratiesubsidies blijft een kwestie van prioriteren en keuzes maken. Het Restauratiefonds wil in de komende jaren blijven bijdragen aan het in stand houden van onze monumenten door het uitbetalen van beschikbare subsidies, het verstrekken van laagrentende Restauratiefonds(plus)- hypotheken én door gerichte voorlichting aan monumenteigenaren. In 2013 zal het gehele Revolving Fund uitgezet zijn in laagrentende leningen. Belangrijk voor de ronddraaiende werking van het Revolving Fund is de mate waarin verstrekte leningen worden afgelost. Dat bepaalt vanaf 2013 hoeveel middelen er de volgende jaren beschikbaar zijn voor het verstrekken van nieuwe laagrentende leningen. Wij willen samen met het ministerie van OCW zoeken naar mogelijkheden om blijvend aan de vraag naar laagrentende leningen te voldoen en het Revolving Fund inflatiebestendig te maken. De uitbetalings- en financieringsprocessen, evenals de voorlichtings activiteiten zullen steeds verder worden gedigitaliseerd, met als doel deze nog efficiënter en klantvriendelijker te laten verlopen. De toenemende belangstelling onder gemeenten en provincies naar financiële instrumenten (onder andere regionale restauratiefondsen) voor eigen monumentenbeleid, zal in 2012 naar verwachting doorzetten. Het Restauratiefonds blijft voor gemeenten en provincies dé natuurlijke partner bij het uitwerken van nieuwe revolverende fondsen voor het behoud van ons cultureel erfgoed. Het Restauratiefonds zet in 2012 extra in op het versterken van de provinciaal georganiseerde Cultuurfondsen voor Monumenten. In het licht van het moderniseren van de monumentenzorg blijft het Restauratiefonds ook aandacht vragen voor actuele thema s, zoals het stimuleren van herbestemmen van monumenten, het cultuurhistorisch waardevolle landschap en het borgen van cultuurhistorie in de ruimtelijke ordeningsprocessen. Het bestuur van het Restauratiefonds vindt het zorgelijk dat het daadwerkelijke behoud van de cultuurhistorisch waardevolle landschappen achter lijkt te blijven bij het behoud van ons gebouwd erfgoed. Het jaar 2012 wordt benut om meer helderheid te verkrijgen en te verschaffen over wat nu de cultuurhistorisch waardevolle landschappen zijn. Ook wil het Restauratiefonds samen met Rijk en provincies een beeld krijgen van het aantal en de omvang hiervan, van de financiële uitdagingen die er zijn en van de instrumenten die nodig zijn om deze landschappen voor de toekomst daadwerkelijk te kunnen behouden. Voor 2012 is een resultaat begroot van 2,6 miljoen euro. Dit hogere begrote resultaat ten opzichte van het gerealiseerde resultaat in 2011 (2,1 miljoen euro) wordt met name veroorzaakt door de verwachte lagere dotatie aan de voorzieningen, de begrote lage geldmarktrente en de lagere rentebaten over nog uit te betalen subsidies. Voor 2012 is de totale productie aan leningen begroot op ruim 74,3 miljoen euro. Hierin is een bedrag begroot van 28 miljoen euro voor het verstrekken van Restauratiefonds-hypotheken en 18 miljoen euro voor het verstrekken van Restauratiefondsplus-hypotheken. De verdere ontwikkelingen in de Nederlandse economie en binnen de financiële wereld laten zich vooralsnog moeilijk schatten. Zonder enige concessie te doen aan de kwaliteit van onze dienstverlening en kredietbeoordeling blijft het Restauratiefonds alert op de ontwikkelingen. De economische crisis biedt niet alleen bedreigingen, maar ook kansen. Eigenaren zullen sneller de weg vinden naar het Restauratiefonds en overheden en instellingen zijn steeds meer geïnteresseerd in het instrument van laagrentend lenen. Deze kansen pakt het Restauratiefonds graag op. 19

Nationaal Restauratiefonds JAARVERSLAG 2009

Nationaal Restauratiefonds JAARVERSLAG 2009 Nationaal Restauratiefonds JAARVERSLAG 2009 inhoud Inhoudsopgave 1. Voorwoord van de voorzitter 2 2. Kerncijfers 4 3. Het Restauratiefonds in beeld 6 4. Verslag van het bestuur 8 4.1 Naar een toekomstgericht

Nadere informatie

Nationaal Restauratiefonds. Jaarverslag 2012. Verstand van financieren, hart voor monumenten.

Nationaal Restauratiefonds. Jaarverslag 2012. Verstand van financieren, hart voor monumenten. Nationaal Restauratiefonds Jaarverslag 2012 Verstand van financieren, hart voor monumenten. Inhoudsopgave 3 1. Voorwoord van de voorzitter 4 2. Kerncijfers 6 3. Het Restauratiefonds in beeld 8 4. Verslag

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Onderzoek Gemeenteambtenaren 2013

Onderzoek Gemeenteambtenaren 2013 Onderzoek Gemeenteambtenaren Uitkomsten onderzoeken Gemeenteambtenaren Inleiding Voor u ligt het rapport met de uitkomsten van het onderzoek onder gemeenteambtenaren. In dit rapport wordt het resultaat

Nadere informatie

baten totaal-financieringen voorzieningen accountantsverklaring

baten totaal-financieringen voorzieningen accountantsverklaring Nationaal Restauratiefonds JAARVERSLAG 2008 rente baten lasten kerncijfers liquide middelen revolving fund totaal-financieringen balans bestuur & organisatie voorzieningen verplichtingen laagrentende leningen

Nadere informatie

Rotterdams Restauratiefonds 2006

Rotterdams Restauratiefonds 2006 Rotterdams Restauratiefonds 2006 2 Een stad vol bijzondere monumenten Rotterdam is rijk aan bouwwerken uit diverse periodes. Moderne architectuur en monumenten gaan daarbij hand in hand. Neem het rijksmonument

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Onderwerp: Herbestemming kerk

Onderwerp: Herbestemming kerk Onderwerp: Herbestemming kerk Herbestemming Kerkgebouwen Instandhoudingsregeling Brim - keuze tussen subsidie of een laagrentende lening * 1x per jaar specifieke indieningsperiode + aanvraag subsidie bij

Nadere informatie

Investeren in ruimtelijke kwaliteit. Fondsenbeheer Nederland. Investeren in ruimtelijke kwaliteit

Investeren in ruimtelijke kwaliteit. Fondsenbeheer Nederland. Investeren in ruimtelijke kwaliteit Investeren in ruimtelijke kwaliteit Fondsenbeheer Nederland Westerdorpsstraat 68 Postbus 15 3870 DA Hoevelaken T: (033) 253 94 28 E: info@fondsenbeheer.nl www.fondsenbeheer.nl Investeren in ruimtelijke

Nadere informatie

Leeuwarder Restauratiefonds

Leeuwarder Restauratiefonds Financiële regeling voor eigenaren van gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden in Leeuwarden Leeuwarder Restauratiefonds Leeuwarden heeft een van de mooiste historische binnensteden van Noord-Nederland.

Nadere informatie

Nationaal Restauratiefonds. ja arversl ag 2010

Nationaal Restauratiefonds. ja arversl ag 2010 Nationaal Restauratiefonds ja arversl ag 2010 inhoud Inhoudsopgave 1. Voorwoord van de voorzitter 2 2. Kerncijfers 4 3. Het Restauratiefonds in beeld 6 4. Verslag van het bestuur 8 4.1 Modernisering monumentenzorg;

Nadere informatie

H Historische gebouwen zijn tastbare bewijzen van een rijk en. Financieel wegwijs in de monumentenwereld. Fiscale voordelen, subsidies en leningen

H Historische gebouwen zijn tastbare bewijzen van een rijk en. Financieel wegwijs in de monumentenwereld. Fiscale voordelen, subsidies en leningen Fiscale voordelen, subsidies en leningen Financieel wegwijs in de monumentenwereld Wonen in een historisch pand is een droom van velen. Niet alleen vanwege de tastbare sporen van het verleden, maar ook

Nadere informatie

INFORMATIEBROCHURE. Regelingen voor eigenaren van gemeentelijke monumenten

INFORMATIEBROCHURE. Regelingen voor eigenaren van gemeentelijke monumenten INFORMATIEBROCHURE Regelingen voor eigenaren van gemeentelijke monumenten regelingen voor eigenaren van gemeentelijke monumenten Inleiding De gemeente Doesburg is bijzonder rijk aan erfgoed. De binnenstad

Nadere informatie

Overeenkomst Cultuurfonds voor Monumenten Groningen

Overeenkomst Cultuurfonds voor Monumenten Groningen Overeenkomst Cultuurfonds voor Monumenten Groningen Algemeen Stichter(s) - Provincie Groningen, Nationaal Restauratiefonds en Prins Bernhard Cultuurfonds Datum akte - 3 november 2003 Datum in werking treden

Nadere informatie

30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007

30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007 vra2007ocw-23 30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN Vastgesteld (wordt door griffie

Nadere informatie

Rijksmonumentale kerken en het Restauratiefonds

Rijksmonumentale kerken en het Restauratiefonds Rijksmonumentale kerken en het Restauratiefonds 1. Onderzoeksopzet Datum: 23 november 2009 Opdrachtgever: Nationaal Restauratiefonds Doelgroep: Eigenaren van rijksmonumentale kerkgebouwen (3.880 panden)

Nadere informatie

Investeren in monumentaal vastgoed. 14 mei 2014

Investeren in monumentaal vastgoed. 14 mei 2014 Investeren in monumentaal vastgoed 14 mei 2014 Monument: lust of last? Lust! Ondernemen in een monument begint bij het Restauratiefonds Instandhouding Nederlandse monumenten; Voor monumenteigenaren; Revolving

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden STAATSCOURANT Nr. Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. 13664 15 september 2009 Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden 7 september 2009 Nr. CPP2009/1290M

Nadere informatie

Onderwerp: Vaststelling van de "Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2009".

Onderwerp: Vaststelling van de Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2009. BIJLAGENUMMER 37 Overeenkomstig voorstel besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad, gehouden op 11 juni 2009 AAN DE RAAD Stede Broec, 18 mei 2009 Onderwerp: Vaststelling van de "Subsidieverordening

Nadere informatie

B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016

B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016 B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016 2016 Artikel 1 Algemeen De provincie Groningen heeft een budget beschikbaar voor restauratie en herbestemming van rijksmonumenten in

Nadere informatie

Onderzoek naar de restauratiebehoefte bij eigenaren van gemeentelijke monumenten

Onderzoek naar de restauratiebehoefte bij eigenaren van gemeentelijke monumenten Samenvatting Onderzoek naar de restauratiebehoefte bij eigenaren van gemeentelijke monumenten Juli / augustus 2011 2 Onderzoeksopzet Datum: 30 september 2011 Opdrachtgever: Nationaal Restauratiefonds Uitgevoerd

Nadere informatie

Onderzoek Monumenteigenaren 2013

Onderzoek Monumenteigenaren 2013 Onderzoek Monumenteigenaren Uitkomsten onderzoeken Monumenteigenaren Inleiding Voor u ligt het rapport met de uitkomsten van het onderzoek onder monumenteigenaren. In dit rapport wordt het resultaat weergegeven

Nadere informatie

Regelingen voor particulieren

Regelingen voor particulieren Kennisdocument Voordelen monumentenpanden U heeft een rijksmonumentenpand of u heeft het voornemen om een rijksmonumentenpand te kopen. Dit betekent dat u aan vele wetten en regels gebonden bent. Waar

Nadere informatie

Beschermd monument of beeldbepalend pand?

Beschermd monument of beeldbepalend pand? 6 e Cultuur n e e t historisch Apeldoorn e m g Beschermd monument of beeldbepalend pand? Van aanwijzing tot restauratie Bent u (toekomstig) bezitter van een monument, beeldbepalend pand of maakt uw pand

Nadere informatie

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden 1 Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven

Nadere informatie

30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007

30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007 30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007 nr. Lijst van vragen en antwoorden Vastgesteld (wordt door griffie ingevuld

Nadere informatie

P r o v i n c i e F l e v o l a n d

P r o v i n c i e F l e v o l a n d Aan: Provinciale Staten Onderwerp: Provinciaal restauratie-uitvoeringsprogramma 2003-2008. Statenvergadering: 2 oktober 2003 Agendapunt: 10 1. Wij stellen u voor: Het Provinciaal restauratie-uitvoeringsprogramma

Nadere informatie

Monumenten in Midden-Delfland

Monumenten in Midden-Delfland Monumenten in Midden-Delfland In de gemeente Midden-Delfland staan veel monumenten. Deze geven de diverse dorpskernen ieder hun eigen sfeer en uitstraling. De gemeente Midden-Delfland is Cittaslow gecertificeerd.

Nadere informatie

Gemeente Moerdijk. Monumentenwijzer. Informatie over gemeentelijke monumenten

Gemeente Moerdijk. Monumentenwijzer. Informatie over gemeentelijke monumenten Gemeente Moerdijk Monumentenwijzer Informatie over gemeentelijke monumenten Inhoudsopgave Woord van de Wethouder... 3 Hoe wordt een object een gemeentelijk monument?... 5 Moet ik een vergunning aanvragen?...

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek Nationaal Restauratiefonds eerste halfjaar 2013

Klanttevredenheidsonderzoek Nationaal Restauratiefonds eerste halfjaar 2013 2013 Klanttevredenheidsonderzoek Nationaal Restauratiefonds eerste halfjaar 2013 1 Klanttevredenheidsonderzoek Nationaal Restauratiefonds 2013 1 Inleiding Voor u ligt het rapport met de uitkomsten van

Nadere informatie

Onderzoeksplan Duurzame Projectontwikkeling van historische gebouwen

Onderzoeksplan Duurzame Projectontwikkeling van historische gebouwen Kenniscentrum NoorderRuimte Onderzoeksplan Duurzame Projectontwikkeling van historische gebouwen Inhoud 1. Inleiding: context Energieke Restauratie 2. Probleemdefinitie 3. Onderzoeksdoel 4. Beoogd onderzoeksresultaat

Nadere informatie

Algemene informatie Restauratiefinanciering

Algemene informatie Restauratiefinanciering Informatiemap deel B Algemene informatie Restauratiefinanciering In dit deel B van de informatiemap wordt ingegaan op de algemene zaken die betrekking hebben op de financiering van restauratieprojecten

Nadere informatie

Woord vooraf 3. Inhoud 5. 1 Waarom monumentenzorg? 6. 1.1 Het belang van monumenten 6 1.2 Leeswijzer 8. 2 Investeren in monumenten... loont!

Woord vooraf 3. Inhoud 5. 1 Waarom monumentenzorg? 6. 1.1 Het belang van monumenten 6 1.2 Leeswijzer 8. 2 Investeren in monumenten... loont! Investeren in Monumenten 2010 2 Woord vooraf Voor u ligt Investeren in Monumenten 2010. Een vervolg op het in 2007 door Nationaal Restauratiefonds uitgegeven rapport Investeren in Monumenten. Dit rapport

Nadere informatie

INTRODUCTIE NETWERK BELANGENBEHARTIGERS ZH DELFT 22 SEPTEMBER 2012

INTRODUCTIE NETWERK BELANGENBEHARTIGERS ZH DELFT 22 SEPTEMBER 2012 INTRODUCTIE NETWERK BELANGENBEHARTIGERS ZH DELFT 22 SEPTEMBER 2012 INTRODUCTIE MODERNISERING MONUMENTENZORG ONNO HELLEMAN MODERNISERING MONUMENTENZORG MODERNISERING MONUMENTENZORG Uitgangspunten: - cultureel

Nadere informatie

Notitie Stand van zaken Brabantse monumenten

Notitie Stand van zaken Brabantse monumenten Notitie Stand van zaken Brabantse monumenten Aan PS De resultaten van de tot dusver uitgevoerde provinciale impulsen voor restauratie van monumenten zijn goed, de waardering in het veld is groot. De achterstand

Nadere informatie

Monumenten. onze zorg. gemeente Oude IJsselstreek 1

Monumenten. onze zorg. gemeente Oude IJsselstreek 1 Monumenten onze zorg gemeente Oude IJsselstreek 1 Inhoudsopgave Voorwoord van John Haverdil 03 Monumentenzorg 04 De waarde van monumenten 06 Gemeentelijke monumentenzorg 07 Hoe wordt een pand een gemeentelijke

Nadere informatie

Jaarverslag 2013. mei stipe fan:

Jaarverslag 2013. mei stipe fan: Jaarverslag 2013 mei stipe fan: opgesteld door de raad van toezicht op 4 juni 2014 1 Inhoud Algemeen 3 Activiteiten 4 Samenwerking 6 MonumentenMonitor Fryslân 7 2 Algemeen Stichting Monumentenwacht Fryslân

Nadere informatie

Controleprotocol voor subsidies verleend op grond van regelingen bij of krachtens de Monumentenwet 1988.

Controleprotocol voor subsidies verleend op grond van regelingen bij of krachtens de Monumentenwet 1988. Copro 13126 Controleprotocol voor subsidies verleend op grond van regelingen bij of krachtens de Monumentenwet 1988. 1 Inhoud 1. Algemene uitgangspunten... 3 1.1. Doelstelling... 3 1.2. Wettelijk kader...

Nadere informatie

Informatieblad (aangepaste regeling m.i.v. 1 oktober 2012) Subsidieregeling stimulering herbestemming monumenten

Informatieblad (aangepaste regeling m.i.v. 1 oktober 2012) Subsidieregeling stimulering herbestemming monumenten Winkel met streekproducten in voormalige schuur bij een tot restaurant herbestemde boerderij in Bunnik. Informatieblad (aangepaste regeling m.i.v. 1 oktober 2012) Subsidieregeling stimulering herbestemming

Nadere informatie

HERBESTEMMINGSINFORMATIE ALGEMEEN

HERBESTEMMINGSINFORMATIE ALGEMEEN HERBESTEMMINGSINFORMATIE ALGEMEEN www.herbestemmingnoord.nl Kenniscentrum Herbestemming Noord Het doel van Kenniscentrum Herbestemming Noord is een duurzame herbestemming tot stand te brengen met een zo

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 31 700 XI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (XI) en van de begrotingsstaat

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 32 156 Monumentenzorg Nr. 15 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

De BRIM m.i.v. 2006 de nieuwe subsidieregeling voor Rijksmonumenten, vervanger van BRRM en BROM.

De BRIM m.i.v. 2006 de nieuwe subsidieregeling voor Rijksmonumenten, vervanger van BRRM en BROM. De BRIM m.i.v. 2006 de nieuwe subsidieregeling voor Rijksmonumenten, vervanger van BRRM en BROM. Drs I.W.M. Duijvestijn ID monumenten & landgoederen ADVIES bv, Amersfoort (033-4225370) Inleiding; Het BROM

Nadere informatie

Bijlage 4 Overzicht van vermindering/vermeerdering bestuurslasten MoMo, voor gemeente, provincie, rijk en eigenaar. Gemeente

Bijlage 4 Overzicht van vermindering/vermeerdering bestuurslasten MoMo, voor gemeente, provincie, rijk en eigenaar. Gemeente Bijlage 4 Overzicht van vermindering/vermeerdering bestuurslasten MoMo, voor gemeente, provincie, rijk en eigenaar Gemeente Pijler 1 Afbouwen aanwijzing beschermde stads en dorpsgezichten: Minder tijd

Nadere informatie

Voorstel aan raad. Geadviseerd besluit. Samenvatting ROM. H.J. Weeda. 5 februari 2013 Intrekken SVn subsidieverordening

Voorstel aan raad. Geadviseerd besluit. Samenvatting ROM. H.J. Weeda. 5 februari 2013 Intrekken SVn subsidieverordening Voorstel aan raad Verantwoordelijke afdeling ROM Nummer Inboeknummer: Raad d.d. Paragraaf begroting: 27 maart 2013 Steller: L. Aries Portefeuillehouder H.J. Weeda Datum Onderwerp 5 februari 2013 Intrekken

Nadere informatie

Brim 2013. Toelichting op de nieuwe regeling. Renate Pekaar SCEZ 17 oktober 2012

Brim 2013. Toelichting op de nieuwe regeling. Renate Pekaar SCEZ 17 oktober 2012 Brim 2013 Toelichting op de nieuwe regeling Renate Pekaar SCEZ 17 oktober 2012 Programma Korte terugblik Brim, Brim 2011 en overgangsjaar 2012 Belangrijkste wijzigingen Brim 2013 Vragen? Mogen ook tussendoor

Nadere informatie

Bestuurlijke afspraken restauratie rijksmonumenten en ruimtelijk beleid voor erfgoed

Bestuurlijke afspraken restauratie rijksmonumenten en ruimtelijk beleid voor erfgoed Bestuurlijke afspraken restauratie rijksmonumenten en ruimtelijk beleid voor erfgoed Eindrapportage evaluatieonderzoek Annelies van der Horst Stella Blom, Justin de Kleuver Bestuurlijke afspraken restauratie

Nadere informatie

Steeds minder startersleningen beschikbaar

Steeds minder startersleningen beschikbaar RAPPORT Starterslening in Nederland Steeds minder startersleningen beschikbaar Uitgevoerd in opdracht van www.starteasy.nl INHOUD Starterslening in Nederland Steeds minder startersleningen beschikbaar

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2010 708 Besluit van 27 september 2010, houdende regels met betrekking tot de financiële ondersteuning van eigenaren van beschermde monumenten ten

Nadere informatie

KTO Monumenten. Sociaal Geografisch Bureau gemeente Dordrecht. drs. R.D.J. Scheelbeek

KTO Monumenten. Sociaal Geografisch Bureau gemeente Dordrecht. drs. R.D.J. Scheelbeek KTO Monumenten Sociaal Geografisch Bureau gemeente Dordrecht drs. R.D.J. Scheelbeek juni 2006 Colofon Opdrachtgever Tekst Drukwerk Informatie Sector Stadsontwikkeling Sociaal Geografisch Bureau Stadsdrukkerij

Nadere informatie

Romboutslaan 20 3312 KP Dordrecht 06-4421 5656 www.brugwachtershuisjes.nl info@brugwachtershuisjes.nl

Romboutslaan 20 3312 KP Dordrecht 06-4421 5656 www.brugwachtershuisjes.nl info@brugwachtershuisjes.nl Romboutslaan 20 3312 KP Dordrecht 06-4421 5656 www.brugwachtershuisjes.nl info@brugwachtershuisjes.nl Jaarverslag 2014 Stichting Brugwachtershuisjes 2 april 2015 Voorwoord De Stichting Brugwachtershuisjes,

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Erfgoed en Kunsten Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 23199 21 december 2011 Regeling van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van 13 december 2011, nr.

Nadere informatie

Onderzoek draagvlak voor monumenten Nationaal Restauratiefonds 4 september 2014

Onderzoek draagvlak voor monumenten Nationaal Restauratiefonds 4 september 2014 Nationaal Restauratiefonds 4 september 2014 Nationaal Restauratiefonds Inleiding In augustus 2014 is in opdracht van het Nationaal Restauratiefonds een onderzoek uitgevoerd onder Nederlanders over hun

Nadere informatie

Collegevoorstel. Zaaknummer: 00421740. subsidie restauratie molen Drunen

Collegevoorstel. Zaaknummer: 00421740. subsidie restauratie molen Drunen Collegevoorstel Inleiding In april 2014 verzocht de eigenaar van de Drunense molen Hertogin Johanna van Brabant de gemeente Heusden om een bijdrage in de restauratie daarvan. Hij vroeg om een aanvulling

Nadere informatie

Goed project maar geen geld? Fonds1818 helpt!

Goed project maar geen geld? Fonds1818 helpt! Goed project maar geen geld? Fonds1818 helpt! Emma s Hof Den Haag Aanvraag indienen Op de website www.fonds1818.nl kunt u het digitale aanvraagformulier invullen. Of u stuurt een uitgewerkt projectplan

Nadere informatie

Intentieovereenkomst tussen het Ministerie van. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en. Rabobank met betrekking tot het Revolverend

Intentieovereenkomst tussen het Ministerie van. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en. Rabobank met betrekking tot het Revolverend Intentieovereenkomst tussen het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Rabobank met betrekking tot het Revolverend Fonds Energiebesparing 11 Juli 2013 Betrokken partijen Initiatiefnemer:

Nadere informatie

HERBESTEMMINGSINFORMATIE PROFESSIONALS

HERBESTEMMINGSINFORMATIE PROFESSIONALS HERBESTEMMINGSINFORMATIE PROFESSIONALS www.herbestemmingnoord.nl Kenniscentrum Herbestemming Noord Het doel van Kenniscentrum Herbestemming Noord is een duurzame herbestemming tot stand te brengen met

Nadere informatie

Geachte Voorzitter, Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Geachte Voorzitter, Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag VROM verandert! Kijk voor meer informatie op www.vrom.nl Directoraat-Generaal Wonen, Wijken en Integratie Directie Aandachtsgroepen, Betaalbaarheid & Corporaties Cluster Huurbeleid en Aandachtsgroepen

Nadere informatie

Stichting "Rijnlandse Molenstichting"

Stichting Rijnlandse Molenstichting Inhoudsopgave Bestuursverslag 2 Verklaring van het bestuur 3 Jaarrekening Balans per 31 december 2013 4 Staat van baten en lasten 2013 5 Algemene toelichting 6 Er is door Horlings Accountants en Belastingadviseurs

Nadere informatie

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Nr. WJZ/2004/39660 (8142) (Hoofd) Afdeling DIRECTIE WETGEVING EN JURIDISCHE ZAKEN Nader rapport inzake het voorstel van wet tot wijziging van de Monumentenwet

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 13309 17 maart 2016 Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden 7 maart 2016 nr. BLKB 2016/360M Belastingdienst/Directie

Nadere informatie

Denken in Kansen 40+ club s-hertogenbosch 3 februari 2014

Denken in Kansen 40+ club s-hertogenbosch 3 februari 2014 Denken in Kansen 40+ club s-hertogenbosch 3 februari 2014 NV Monumenten Fonds Brabant Introductie NV Monumenten Fonds Brabant - Missie: NV Monumenten Fonds Brabant wil professioneel en risicodragend bijdragen

Nadere informatie

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden. Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden. Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen Besluit van 7 maart 2016, nr. BLKB 2016/360M De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende

Nadere informatie

Financiële verantwoording

Financiële verantwoording Financiële verantwoording Stichting "Rijnlandse Molenstichting" Inhoudsopgave Bestuursverslag 2 Verklaring van het bestuur 3 Jaarrekening Balans per 31 december 2014 4 Staat van baten en lasten 2014 5

Nadere informatie

Doel Het doel van het Brim 2013 en de Sim is de instandhouding van beschermde monumenten. Het kan daarbij gaan om:

Doel Het doel van het Brim 2013 en de Sim is de instandhouding van beschermde monumenten. Het kan daarbij gaan om: INLEIDING De Subsidieregeling instandhouding monumenten (Sim) is gebaseerd op het Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten 2013 (Brim 2013). Het Brim 2013 is een kapstok - regeling met een paar

Nadere informatie

B&W besluit Publicatie

B&W besluit Publicatie B&W besluit Publicatie Onderwerp Stelselwijziging leningen via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Bestuurlijk behandelvoorstel (2013/367273) CS/CC Collegebesluit 1. Kennis te nemen van het eindrapport

Nadere informatie

Monumenten in de gemeente Katwijk

Monumenten in de gemeente Katwijk Monumenten in de gemeente Katwijk Met het oog op de toekomst van ons verleden Als u bouwplannen heeft is het belangrijk om te weten of uw pand een beschermd monument is. Informeer tijdig voordat u gaat

Nadere informatie

Nee. Het Bureau Monumentenpanden kan geen beslissing of advies afgeven. U hoeft dit formulier niet verder in te vullen.

Nee. Het Bureau Monumentenpanden kan geen beslissing of advies afgeven. U hoeft dit formulier niet verder in te vullen. Belastingdienst Verzoek Inkomstenbelasting Vennootschapsbelasting Vaststelling aftrekbaarheid onderhoudskosten voor rijksmonumentenpand Over dit formulier Voor wie is dit formulier bestemd? Dit formulier

Nadere informatie

Commissie Welzijn, Zorg en Cultuur. 18 juni 2002 Nr. 2002-04324, IWW Nummer 34/2002

Commissie Welzijn, Zorg en Cultuur. 18 juni 2002 Nr. 2002-04324, IWW Nummer 34/2002 Commissie Welzijn, Zorg en Cultuur 18 juni 2002 Nr. 2002-04324, IWW Nummer 34/2002 Voordracht van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten van Groningen betreffende de verstrekking van een achtergestelde

Nadere informatie

Als u werkzaamheden aan uw rijksmonumentenpand gaat verrichten

Als u werkzaamheden aan uw rijksmonumentenpand gaat verrichten 12345 9 Als u werkzaamheden aan uw gaat verrichten Bent u eigenaar van een en bent u van plan werkzaamheden aan uw pand te verrichten? Dan kunt u een deel van de kosten misschien aftrekken. In deze folder

Nadere informatie

voor een Kerken Nevenfunctie-Lening en/of aanvullende financiering

voor een Kerken Nevenfunctie-Lening en/of aanvullende financiering Aanvraagformulier voor een Kerken Nevenfunctie-Lening en/of aanvullende financiering Inzenden naar: Nationaal Restauratiefonds, Antwoordnummer 34, 3860 VE HOEVELAKEN Leeswijzer De aanvrager is de eigenaar

Nadere informatie

Monumentenstichting Harlingen. Beleidsplan

Monumentenstichting Harlingen. Beleidsplan Monumentenstichting Harlingen Beleidsplan 2015 2018 Postadres: Postbus 20, 8860 AA Harlingen Aanvraag voor Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) IBAN NL 23 RABO 0325 5695 68 e-mail: info@msh.frl website:

Nadere informatie

- 1 - De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

- 1 - De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, - 1 - Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 3 augustus 2012, nr. JOZ/378065, houdende regels voor het verstrekken van aanvullende bekostiging ten behoeve van het stimuleren

Nadere informatie

b Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college Uitvoering van de Integrale Visie Erfgoed

b Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college Uitvoering van de Integrale Visie Erfgoed gemeente Eindhoven Raadsnummer 13R5269 Inboeknummer 13bst00467 Beslisdatum B&W 15 januari 2013 Dossiernummer 13.02.451 RaadsvoorstelWijziging Erfgoedverordening Inleiding Op 10 april jl. heeft de Raad

Nadere informatie

PEILING MET ALTERNATIEVEN

PEILING MET ALTERNATIEVEN Gemeente Amersfoort PEILING MET ALTERNATIEVEN Van : Burgemeester en Wethouders Reg.nr. : 4518181 Aan : Gemeenteraad Datum : 4 november 2013 Portefeuillehouder : Wethouder P. van den Berg Programma : 1

Nadere informatie

Rectificatie Gemeenteblad Katwijk Jaargang 2014, nummer 12071, Verordening Stimuleringsleningen monumenten Katwijk

Rectificatie Gemeenteblad Katwijk Jaargang 2014, nummer 12071, Verordening Stimuleringsleningen monumenten Katwijk GEMEENTEBLAD Nr. 53741 29 september Officiële uitgave van gemeente Katwijk. 2014 Rectificatie Gemeenteblad Katwijk Jaargang 2014, nummer 12071, Verordening Stimuleringsleningen monumenten Katwijk In het

Nadere informatie

logoocw Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag 12 juli 2005 DK/B&B/05/26052 Filmstimuleringsbeleid

logoocw Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag 12 juli 2005 DK/B&B/05/26052 Filmstimuleringsbeleid logoocw Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk 12 juli 2005 DK/B&B/05/26052 Onderwerp Filmstimuleringsbeleid Eind november vorig jaar

Nadere informatie

De gereserveerde 15 miljoen euro voor Maastricht Culturele Hoofdstad wordt over de hele provincie ingezet voor culturele doeleinden.

De gereserveerde 15 miljoen euro voor Maastricht Culturele Hoofdstad wordt over de hele provincie ingezet voor culturele doeleinden. Limburg heeft een uniek en veelzijdig cultuuraanbod. Dit komt tot uitdrukking in een enorme verscheidenheid met talloze monumenten, cultureel erfgoed, musea, culturele organisaties, evenementen en een

Nadere informatie

Aandachtspunten bij onderzoek naar herbestemming

Aandachtspunten bij onderzoek naar herbestemming Aandachtspunten bij onderzoek naar herbestemming INITIATIEFNEMERS DIE EEN WAARDEVOL OUD GEBOUW EEN NIEUWE FUNCTIE WILLEN GEVEN, LATEN DE MOGELIJKHEDEN DAARTOE VAAK EERST ONDERZOEKEN. DAT STIMULEERT HET

Nadere informatie

Handreiking herbestemming cultureel erfgoed

Handreiking herbestemming cultureel erfgoed Handreiking herbestemming cultureel erfgoed Herbestemming en hergebruik staan in het centrum van de belangstelling. Meer en meer gaat overheidsbeleid er vanuit dat we eerst het gebruik van bestaand gebied

Nadere informatie

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument Monumentaal wonen gids voor eigenaren van een rijksmonument Informatie aangeboden door Nationaal Restauratiefonds en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in samenwerking met Vereniging van Nederlandse

Nadere informatie

Uitvoeringsbesluit financiering instandhouding provinciale monumenten in Drenthe

Uitvoeringsbesluit financiering instandhouding provinciale monumenten in Drenthe Uitvoeringsbesluit financiering instandhouding provinciale monumenten in Drenthe (geconsolideerde versie, geldend vanaf 1-1-2013) Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie provincie Drenthe Officiële

Nadere informatie

STARTPAKKET RURAAL ERFGOED

STARTPAKKET RURAAL ERFGOED STARTPAKKET RURAAL ERFGOED CHECKLIST Startpakket Ruraal Erfgoed komt tot stand onder auspiciën van Innovatieplatform Duurzame Meierij met een financiële bijdrage van Belvedere, EU (Leader+) en IDM. Projectontwikkeling:

Nadere informatie

Subsidieverordening voor onderhoud en restauratie van monumenten

Subsidieverordening voor onderhoud en restauratie van monumenten Subsidieverordening voor onderhoud en restauratie van monumenten Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is

Nadere informatie

Instelling Fonds en vaststelling Verordening Stimuleringsleningen Beeldbepalende Objecten Krimpen aan den IJssel

Instelling Fonds en vaststelling Verordening Stimuleringsleningen Beeldbepalende Objecten Krimpen aan den IJssel Raadsvoorstel Agendanummer: 8 Datum raadsvergadering: 2 oktober 2014 Onderwerp: Instelling Fonds en vaststelling Verordening Stimuleringsleningen Beeldbepalende Objecten Krimpen aan den IJssel Gevraagde

Nadere informatie

Binden, bewaren, bezielen en betalen

Binden, bewaren, bezielen en betalen EGH/ZHL november 2013 Binden, bewaren, bezielen en betalen voor landschap en erfgoed in Zuid-Holland Zuid-Holland heeft veel te bieden qua natuur, landschap en erfgoed. Er zijn talrijke partijen die zich

Nadere informatie

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument Monumentaal wonen gids voor eigenaren van een rijksmonument Informatie aangeboden door Nationaal Restauratiefonds, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de

Nadere informatie

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument

Monumentaal wonen. gids voor eigenaren van een rijksmonument Monumentaal wonen gids voor eigenaren van een rijksmonument Informatie aangeboden door Nationaal Restauratiefonds, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de

Nadere informatie

Jaarverslag 2014. mei stipe fan:

Jaarverslag 2014. mei stipe fan: Jaarverslag 2014 mei stipe fan: opgesteld door de raad van toezicht op 27 februari 2015 1 Inhoud Algemeen 3 Activiteiten 4 Samenwerking 6 MonumentenMonitor Fryslân 7 2 Algemeen Stichting Monumentenwacht

Nadere informatie

Ag. nr.: Reg. nr.: Datum:

Ag. nr.: Reg. nr.: Datum: Datum: 25-6-13 Onderwerp Herinvoering van de verstrekking van startersleningen Status Besluitvormend Voorstel 1. Aanvullende middelen beschikbaar te stellen van in totaal 265.510,52 via begrotingswijziging

Nadere informatie

De Varend Monument- Lening. Een laagrentende lening voor de restauratie van varend erfgoed

De Varend Monument- Lening. Een laagrentende lening voor de restauratie van varend erfgoed De Varend Monument- Lening Een laagrentende lening voor de restauratie van varend erfgoed Nationaal Register Varende Monumenten Een deel van de monumentale schepen in Nederland staat geregistreerd in het

Nadere informatie

J^ J. provmcie ~^^^ groningen

J^ J. provmcie ~^^^ groningen J^ J. provmcie ~^^^ groningen 13 maart 2012 Corr.nr. 2012-11.623, LGW Nummer 6/2012 Zaaknr. 385833 Voordracht van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten over deelname aan RaboStreekrekeningen en de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 29 734 Wijziging van de Monumentenwet 1988 inzake de rol van het provinciaal bestuur en het gemeentebestuur bij de rijkssubsidiëring van beschermde

Nadere informatie

UITVOERINGSBESLUIT FINANCIERING INSTANDHOUDING PROVINCIALE MONUMENTEN IN DRENTHE

UITVOERINGSBESLUIT FINANCIERING INSTANDHOUDING PROVINCIALE MONUMENTEN IN DRENTHE UITVOERINGSBESLUIT FINANCIERING INSTANDHOUDING PROVINCIALE MONUMENTEN IN DRENTHE HOOFDSTUK 1, ALGEMEEN Artikel 1, Begripsomschrijvingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. provinciaal monument:

Nadere informatie

Leegstand & transformatie

Leegstand & transformatie Leegstand & transformatie Trends & ontwikkelingen Frank Strolenberg Nationaal Programma Herbestemming/Rijksdienst Cultureel Erfgoed 5 december 2013 Herbestemming is van alle tijden Grote kerk van Veere

Nadere informatie