Reanimeren: kunnen en durven? dr. Wiebe de Vries Hoe vaak komt het voor dat een patiënt na reanimatie een matige tot ernstige handicap heeft (thuis met veel hulp of in verpleeghuis)? A. 0-4% B. 5-10% C. 11-20% D. 21-40% E. 41-70% F. 71-99% G. 100% Ik vergelijk mijzelf vaak met anderen. C. Niet mee eens/niet mee oneens Ik ben bang voor mislukkingen. Ik tob regelmatig over mijn tekortkomingen. C. Niet mee oneens/niet mee eens C. Niet mee oneens/niet mee eens 1
Kunnen en durven Voorbeelden Examenvrees Plankenkoorts Agressief reageren De clown uithangen Verlegen houding Uitbundig gedrag Voorkomen Leren herkennen 10-11 jaar: 12 14 jaar: 16 18 jaar: Volwassenen: 8% 11 jaar: 13% 12 14 jaar: 24% 16 18 jaar:?? Volwassenen: Wordt Voor jonge vaak kinderen niet bedreigend herkend als en ambivalent bedreigend. Oefening Vormen Negatief Actief Hard werken Desoriëntatie Controle Transpireren Trillende handen Hartkloppingen Slapeloosheid Passief Positief Geen inspanning Activiteit ontlopen Goed voorbereiden Concentreren 2
Drivers De beste zijn Wees perfect Wees sterk Doe je best Maak voort Doe (de ander) genoegen De beste zijn Intern Extern Solisten Taak tot eind brengen Nemen leiding op zich Moeilijk schikken in ondergeschikte rol Bediscussiëren opdrachten 0 fouten Rood potlood Oorzaken Oorzaken Wat gebeurt er? 0 fouten Rood potlood Wat hadden anderen Succes is geluk of makkelijke opdracht Helemaal goed Aanduiden wat fout Wat goed Jij maakt je succes 3
Hersenen Neocortex Geëvolueerd Taal Denken Onbalans Cortex Oud Emotie Onafhankelijk Wees perfect Wees sterk Doe je best Maak voort Doe (de ander) genoegen De beste zijn Kracht Gezond perfectionisme Veel draagkracht Grote inspanning Veel doen in perfecte tijd Behoeften kunnen herkennen Gedachten Gedrag Gevoelens Wat doen Herformuleren Relaxatieoefening Aanmoediging, succeservaringen Zorg ervoor dat cursisten zich veilig voelen door de cursus voorspelbaar en overzichtelijk te houden. Vermijd sarcastische, kwetsende en vernederende opmerkingen tegen cursisten. Ga bij een slecht resultaat niet meteen uit van veronderstellingen als "U heeft er niets van begrepen". Doe ook geen uitspraken als "Volgende keer beter". Probeer kritiek in positieve vorm te leveren. Bij faalangstige cursisten niet dóórvragen, maar eerst even aan een ander vragen en daarna nogmaals proberen. Bespreek vooraf hoe de leerstof wordt teruggevraagd/beoordeeld. Zorg dat een cursist niet merkbaar langer moet oefenen. Geef een cursist na een black-out gelegenheid tot herkansing. Probeer cursisten die niet zo goed met faalangst omgaan te herkennen en praat hier over. Waardeer cursisten voor wie ze zijn en niet voor wat ze presteren. 4
5