Handtekeningen verzamelen



Vergelijkbare documenten
Graffitiwand De nacht

Spel: Slangen en ladders

Werkblad 3: Gravenfeest China

PPA Naam Vak Duits Niveau Mavo Geldend voor klas 10

13. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven van informatie uit gesproken en geschreven Engelstalige teksten.

D of T Bingo! Welke regels hebben jullie gehanteerd? Omdat hij werd gestoord, wendde hij zijn gezicht naar de deur.

BEGINNERSCURSUS DAG 6

2c nr. 1 zinnen met want en omdat

2b nr. 1 Zinnen met verschillende volgorde

Product Informatie Blad Toets Engels

Sociale leeromgeving. Wie zit er in jouw netwerk? Leeromgeving sociale leeromgeving

LESBRIEF. Laat uw leerlingen 10 minuten lezen in 7Days. Uw leerlingen mogen zelf weten welke artikelen ze deze 10 minuten lezen.

DE INFOBEURS. School, regels, wonen, drugs, Inhoud. Doelgroep. Vakgebied. Materialen. Doelen STERKE SCHAKELS 1

Sociale taal. De volgorde is:

11. De leerling leert verder vertrouwd te raken met de klank van het Frans door veel te luisteren naar gesproken en gezongen teksten.

luisteren: ET 4, 6 spreken: ET 15, 18, 23 lezen: ET 10, 12 schrijven: ET 28, 30, 31, 34 mondelinge interactie: 24, 27

PTA Engelse taal en literatuur HAVO Belgisch Park cohort

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas

In elke zin staat een werkwoord. Werkwoorden zijn woorden die aangeven welke handeling of toestand of welk proces in de zin centraal staat.

LESBRIEF. Laat uw leerlingen 10 minuten lezen in 7Days. Uw leerlingen mogen zelf weten welke artikelen ze deze 10 minuten lezen.

Product Informatie Blad Toets Engels

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden.

Infofiche 1. Ik ontbijt. Jij toch ook? Doelstellingen

Z I N S O N T L E D I N G

PROFIEL TOERISTISCHE EN INFORMELE TAALVAARDIGHEID

Onderdeel: Grammatica -- RKW Algemene informatie: Wat moet je kennen: Wat moet je kunnen: Toetsing:

Vragenlijst Groep 7 en 8

Handleiding basiswoordenschat.

Les 1. 1 En jij? O 2 keer per jaar O 3 keer per jaar O 4 keer per jaar. Wat is een rapport? 1. Krijgt jouw kind een rapport?

enkele genoeg informatie korting ongeveer overstappen rechtstreekse reis spoor vertrekt

Werkwoorden zijn woorden die aangeven wat iets of iemand doet, is of wordt.

Sta in je recht. Lessen over (kinder)rechten voor PO

IN DRIE STAPPEN NAAR EEN FOUTLOZE WERKWOORDSPELLING. werkwoordspelling.com M.Kiewit

Actieve voedingsdriehoek: Een gezond gedicht

Wat heb je gisteren gedaan?

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Infofiche 1. De actieve voedingsdriehoek. Doelstellingen. De leerlingen begrijpen het principe van de actieve voedingsdriehoek.

Maatschappelijke Zorgboerderij. Amatheon. Nikki van Berlo. Jasmijn Borms. Joy Willems T4B

2.5!"FAMILIETREKJES. # basistaak DOEL MATERIAAL ORGANISATIE VERLOOP

Let op! Alles graag getypt in lettergrootte 12, lettertype mag je zelf kiezen.

Algemene instructies voor de strategie: Vragen stellen. Introductiefase bij de eerste les:

13. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven van informatie uit gesproken en geschreven Engelstalige teksten.

Leerlingen leren hoe ze ruzies constructief kunnen oplossen. Leerlingen leren hoe ze het na een ruzie weer goed kunnen maken

De golf spoelt op het strand. 1. golf 2. strand

lesmateriaal Taalkrant

Werkwoordspelling 1F. Doelgroepen Werkwoordspelling 1F. Omschrijving Werkwoordspelling 1F

De Drakendokter: Gideon

Routeboekje. Taal op maat. Groep 4. Dit boekje is van:

In Evacuate the dancefloor van Cascada wordt een langer motief gebruikt. Meteen daarna wordt een variatie gespeeld.

JAARPROGRAMMA GROEP 7

Overzicht rapportmodule

Kern 6: geit-pauw-duif-ei

Tuin van Heden 3 en 4 Werken met kunst in de paasperiode. Kernles 1: Kunstenaar, wat vertel je mij?

Schrijfpalet. Denk goed na! 12. Olifant met gsm?

Kaaiendonkse. Tradities. (studieles ) Vooraf. Voorbereiding leerkracht

Kijk nog eens in het boek op bladzijde 80 naar Werkwoorden in een andere tijd.

Thema Op het vliegveld. Cursus vier, week acht deel b. Josée Coenen en Ans Drubbel. d.d. oktober cursus vier, week acht

Les 3 Voorspellen Leestekst: Mijn droom. Introductiefase:

D of T Bingo! Hoe heette dat meisje dat daar zo veel tijd aan besteedde? Wie heeft de tv uitgezet?

Les 1 Integratie Leestekst: Een bankrekening. Introductiefase

Ontkenning niet of geen

(Vak)teksten lezen in vmbo - mbo - Handleiding

Les 17 Zo zeg je dat (niet)

Zeggen ze Persoon A Persoon B Persoon C Persoon D Persoon E Iets over de maat? Iets over de kleur? Iets over de stof? Iets over de prijs?

Bijvoorbeeld: ik wil dat mijn leerlingen in de derde klas de werkwoorden op de juiste manier kunnen vervoegen.

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN

Met welk werk kunnen kinderen uit groep 5-6 thuiskomen en hoe kunt u uw kind thuis helpen?

Hoe leer ik uit... Naam: Klas:

Referentieniveaus taal en rekenen Primair onderwijs

taalkaart 1 Ik ga op reis en Ik ga op reis en Wat ga je doen? Je leert wat een reisverhaal is. Je schrijft er zelf een.

Aantekening Nederlands Grammatica: bedrijvende en de lijdende vorm

HEB JE HUISWERK VANDAAG?

Kerndoel Deze les levert een bijdrage aan kerndoel 3. De leerlingen leren omgaan met tijd in alledaagse situaties

Ontkenning niet of geen

Lesvoorbereiding Leef! Sociaal-emotionele vaardigheden klas 3-4

De kunst van het opzetten

Lou en Lena: NEE tegen geweld!

Naam:. Datum :.. Realisatie : servetring afstudeerproject Steffi Dekinder KHL

Hoe maak je een werkstuk?

Wielewoelewool, ik ga naar school! Toelichting

futurum (vs) conditionalis perfectum

Programma van Inhoud en Toetsing

GROEP 3 GROEP 4 GROEP 5 GROEP 6 GROEP 7 GROEP 8. limme Taal. Kranten en tijdschriften

Een nieuw jaar nieuwe kansen en 9 tips die je helpen je doelen te bereiken. coaching en energetische therapie.

Juf Sabine en juf Maaike

Welkom. Wat leren we in groep 5? Psalm

Actielessen. Lesbrief 3. Leren in de bibliotheek. Wat leert u in deze les? Veel succes!

Naam: Klas: Bedrijf: Stageperiode:

Mentor Datum Groep Aantal lln

DE BAAN OP! Een interessant bedrijf kiezen. Inhoud. Doelgroep. Vakgebied. Materialen. Doelen STERKE SCHAKELS

Gebruik het onderstaande formulier om feedback te geven bij een presentatie van een medeleerling. Feedback van (naam)

Pol Van Damme. Leesfiches

Eigen vaardigheid Taal

Mijn lichaam is goed! Doe-opdrachten rond lichaamsbeeld voor 5-6 BaO

Lesbrief 14. Naar personeelszaken.

Meedoen met de Monitor

Woordenkennis In Huis. Kaartenparen om het oefenen en het versterken van de woordenschat zowel receptief alsook productief. Bestelnummer

Studieplanner leerlingen NAAM: Datum Weekopdracht. Doel en in: klaar Week 1 Week 2 Leren leren : Tekst 1 lezen tot aan het plaatje met de

Transcriptie:

Aantal personen Hele klasgroep Taalniveau Reproducerend taalniveau Niveau Verschillende niveaus mogelijk (met of zonder hulp van afbeeldingen; met of zonder hulp van ) Niveau zelf te kiezen Vaardigheden Leesvaardigheid Mondelinge interactie: spreekvaardigheid en luistervaardigheid Thema Allerlei inhouden mogelijk Grammatica: voltooid deelwoord Evaluatie Door de jongeren en de leerkracht Doe-activiteit Spelduur Materialen voorgedrukte en plaats voor handtekeningen Foto s http://office.microsoft.com/nl-be/images/

Verloop Doel: als eerste naast elke vraag één handtekening vastkrijgen. De handtekeningen bij de tien moeten van tien verschillende medeleerlingen komen (en niet van de vraagsteller zelf). De leerlingen bepalen zelf het beheersingsniveau, waarop ze met taal zullen omgaan. Ofwel gebruiken ze een blad met ondersteunende illustraties ofwel een blad zonder illustraties ofwel een blad zonder de, enkel met de illustraties. De leerlingen bewegen zich allemaal met hun blad met door de klas. Ze spreken één van de medeleerlingen aan en stellen hem naar keuze een vraag van het blad. Het best kiezen ze een vraag waarvan ze vermoeden dat die leerling er positief zal op antwoorden. De medeleerling antwoordt met JA of NEEN en mag indien hij wenst, nog wat meer info bij zijn antwoord geven. Bij een JA-antwoord zet de medeleerling zijn handtekening op het blad van de vraagsteller. Bij een NEEN-antwoord krijgt de vraagsteller geen handtekening. Hij gaat daarna naar een andere medeleerling en stelt hem een vraag van het blad waarvoor hij nog geen handtekening verzameld heeft. Wie het eerst bij elke vraag een handtekening van een verschillende medeleerling heeft, is gewonnen. De tien handtekeningen moeten wel van tien verschillende leerlingen komen en men mag zelf geen handtekening op zijn eigen blad zetten. Men mag ook niet meer dan één handtekening op het blad van eenzelfde medeleerling zetten. Nadien kan eventueel het gebruik en de vorming van het voltooid deelwoord aangeleerd of herhaald worden. Tips, variaties De focus van deze activiteit ligt op de reproductie van zinnen in de V.T.T., maar op een speelse onbewuste manier. Een verdere stap kan zijn dat de jongeren nadien zelf zo n blad samenstellen (structurerend niveau) en bewust met de grammatica en de woordenschat aan de slag gaan. Het nieuwe materiaal kan ook in de klas gebruikt worden. Heel wat variatie is mogelijk door de activiteiten te veranderen, of de tijd van het werkwoord, of de bijwoorden van tijd (vandaag, gisteren ) enz. Je kan ook een werkblad gebruiken waar enkel de afbeeldingen op staan en waarbij de jongeren zelf eerst een activiteit moeten bedenken en pas dan elkaar be.

1. Heb je deze week een ei gebakken? 2. Heb je deze week groenten gegeten? 3. Heb je deze week gesnoept? 4. Heb je deze week een pizza besteld? 5. Heb je deze week koffie gezet? 6. Heb je deze week een verjaardag gevierd? 7. Heb je deze week de mixer gebruikt? 8. Heb je deze week eetwaren gekocht? 9. Heb je deze week alkohol gedronken? 10. Heb je deze week een blik geopend?

1. Heb je deze week een ei gebakken? 2. Heb je deze week groenten gegeten? 3. Heb je deze week gesnoept? 4. Heb je deze week een pizza besteld? 5. Heb je deze week koffie gezet? 6. Heb je deze week een verjaardag gevierd? 7. Heb je deze week de mixer gebruikt? 8. Heb je deze week eetwaren gekocht? 9. Heb je deze week alkohol gedronken? 10. Heb je deze week een blik geopend?

1.? 2.? 3.? 4.? 5.? 6.? 7.? 8.? 9.? 10.?

1. Heb je deze week je gsm opgeladen? 2. Heb je deze week naar muziek geluisterd? 3. Heb je deze week een tijdschrift gelezen? 4. Heb je deze week een mail beantwoord? 5. Heb je deze week naar tv gekeken? 6. Heb je deze week gefietst? 7. Heb je deze week de bus genomen? 8. Heb jij deze week aan sport gedaan? 9. Heb je je deze week moeten haasten? 10. Ben je deze week moe geweest?

1. Heb je deze week je gsm opgeladen? 2. Heb je deze week naar muziek geluisterd? 3. Heb je deze week een tijdschrift gelezen? 4. Heb je deze week een mail beantwoord? 5. Heb je deze week naar tv gekeken? 6. Heb je deze week gefietst? 7. Heb je deze week de bus genomen? 8. Heb jij deze week aan sport gedaan? 9. Heb je je deze week moeten haasten? 10. Ben je deze week moe geweest?

1.? 2.? 3.? 4.? 5.? 6.? 7.? 8.? 9.? 10.?