BUDGET 2013 OCMW INGELMUNSTER Vastgesteld door de RMW van 29 januari 2013 Namens het OCMW Ingelmunster: OCMW-Secretaris OCMW-Voorzitter Joost Vandeweghe Katrien Vandecasteele
Inhoud 1. De beleids- en Beheerscyclus (BBC) vooraf 2 1.1. Situering 2 1.2. Enkele boekhoudkundige aspecten 3 1.3. Ontstaan van het budget 3 2. De beleidsnota 5 2.1. De doelstellingennota 6 2.2. Het doelstellingbudget (schema B1) 7 2.3. De financiële toestand 8 2.4. Lijst van overheidsopdrachten 9 2.5. Lijst daden van beschikking 10 2.6. Lijst nominatief toegekende subsidies 10 3. De financiële nota 11 3.1. Het exploitatiebudget (schemab2) 11 3.2. Het investeringsbudget (schema s B3 en B4) 12 3.3. Het liquiditeitenbudget (schema B5) 15 4. Toelichting 16 4.1. Toelichting bij het exploitatiebudget 16 4.1.1. Exploitatiebudget per beleidsdomein (TB 1) 16 4.1.2. Evolutie van het exploitatiebudget (TB 2) 17 4.2. Toelichting bij het investeringsbudget 17 4.2.1. Transactiekredieten voor investeringsverrichtingen per beleidsdomein (TB3) 17 4.2.2. De evolutie van de transactiekredieten voor investeringsverrichtingen (TB4) 18 4.2.3. Raming ontvangsten en uitgaven uit de normale exploitatie voor de nieuwe investeringsenveloppen die betrekking hebben op de prioritaire beleidsdoelstellingen 19 4.3. Evolutie van het liquiditeitenbudget (TB5) 19 4.4. Overzicht per beleidsveld van de te verstrekken werkings- in investeringssubsidies 19 Pagina 1
1. De beleids- en Beheerscyclus (BBC) vooraf 1.1. Situering Het besluit van de Vlaamse regering betreffende de beleids- en beheercyclus van de gemeenten, de provincies en de OCMW s werd op 25 juni 2010 goedgekeurd. Het besluit treedt in principe pas in werking op 1 januari 2014. Lokale besturen konden echter op eigen verzoek en met toestemming van de bevoegde minister vervroegd intreden en dit vanaf 2012. Het OCMW en de gemeente van Ingelmunster hebben in onderling overleg gekozen om reeds in 2013 in te stappen in het BBCverhaal. Op 30 november 2011 nam de Raad voor Maatschappelijk Welzijn de beslissing om van start te gaan in 2013. Op 15 november 2011 nam de gemeenteraad een gelijkaardige beslissing. Het is belangrijk om te beklemtonen dat het besluit een implicatie heeft op gans het bestuur en dus verder gaat dan een louter nieuwe boekhouding. Het besluit is daar heel duidelijk in. Uit het besluit valt immers af te leiden dat de beheers- en beleidscyclus in zijn meest eenvoudige vorm in 3 grote fasen ingedeeld kan worden. Vooreerst is er een (beleids)planningsfase, daarnaast hebben we een (beleids)uitvoeringsfase en tenslotte een (beleids)evaluatiefase. Bij elk van die fasen horen een of meerdere rapporten. Het besluit van 25 juni 2010 onderscheidt beleidsrapporten, toelichtingen bij de beleidsrapporten en beheersrapporten. Onder de noemer beleidsrapporten tellen we 5 verschillende beleidsrapporten: het meerjarenplan, de aanpassing van het meerjarenplan, het budget, de budgetwijziging en de jaarreking. De door het bestuur gemaakte beleidskeuzes zullen in de verschillende beleidsrapporten vertaald moeten worden in al dan niet prioritaire beleidsdoelstellingen met bijhorende actieplannen en acties. De rapporten zijn dus meer dan een loutere verzameling van financiële gegevens. Ze moeten toelaten het beleid te sturen en te volgen. De beleidsrapporten moeten naast een ondersteuning van het beleid ook een basis voor een goed beheer zijn. Zij moeten een belangrijke ondersteuning zijn van het interne controlesysteem van het bestuur. Zij moeten het immers mogelijk maken dat de toegekende delegaties aan de budgethouders kunnen opgevolgd worden. Bovendien moeten zij een hulpmiddel zijn voor de controle op de financiële procedures, in het bijzonder inzake het beheer van het budget. Kortom de beleids- en beheersrapporten moeten een belangrijke rol spelen in de verbetering van de efficiëntie, de effectiviteit en de zuinigheid binnen de besturen. Het uitvoeringsbesluit BBC tracht hieraan tegemoet te komen door aan de besturen een aangepast instrumentarium ter beschikking te stellen dat zowel hun beleid als hun beheer adequaat kan ondersteunen en gaat dus verder dan een louter nieuwe boekhouding. Het budget voor 2013, alhoewel volledig volgens de principes van de nieuwe beleids- en beheerscyclus opgesteld, dient echter nog als een overgangsbudget aangezien te worden voor de legislatuur die net werd aangevat, en die pas vanaf 2014 volledig op gang zal komen, nadat het meerjarig beleidsplan van deze legislatuur is opgemaakt voor de jaren 2014 tot en met 2019. Het voorliggend budget moet dus worden beschouwd als een hoofdzakelijk budget gelijkblijvend beleid, waarin voor het OCMW slechts 1 lopende prioritaire beleidsprioriteit is opgenomen. Dit kan tot gevolg hebben dat dit budget gelijkblijvend beleid in de loop van 2013 een aantal wijzigingen zal ondergaan die nauw zullen aansluiten bij de te verwachten beleidsontwikkelingen, onder meer, het alsnog formuleren van nieuwe prioriteiten voor 2013. Pagina 2
Voor het OCMW Ingelmunster werden in de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 30 november 2011 4 beleidsdomeinen gedefinieerd: ALGEMENE FINANCIERING ALGEMEEN BESTUUR SOCIALE DIENSTVERLENING ZORG Deze beleidsdomeinen zullen dan ook de kern uitmaken van deze beleidsrapporten. In de beleidsnota wordt 1 prioritaire beleidsdoelstelling geformuleerd: - Verhogen van de energiezuinigheid van het OCMW-patrimonium 1.2. Enkele boekhoudkundige aspecten Voor het OCMW verandert er boekhoudkundig niet zo veel. We blijven werken met een systeem van dubbel boekhouden. Een eerste verandering is wellicht dat er in de oude NOB kosten en opbrengsten werden geregistreerd in het budget. Nu in het BBC-verhaal zijn dit enkel nog uitgaven en ontvangsten. Afschrijvingen komen nu bijvoorbeeld niet meer voor in het budget. Een tweede en meteen ook de belangrijkste wijziging is het feit dat de lokale besturen een financiële planning in evenwicht dienen in te dienen. We worden verplicht tot een verplicht dubbel financieel evenwicht te komen: 1) Het resultaat op kasbasis moet elk jaar positief zijn: dit houdt in dat onze ontvangsten moeten volstaan om onze uitgaven te dekken (=toestandsevenwicht of evenwicht op KT). Anders gezegd is dit de indicator voor de financiële gezondheid op korte termijn. 2) De autofinancieringsmarge mag op het einde van het meerjarenplan niet negatief zijn en de som van de autofinancieringsmarges over de 6 jaar van het meerjarenplan moet groter of gelijk zijn aan nul: dit houdt in op het einde van de bestuursperiode onze exploitatieontvangsten zullen volstaan om de exploitatie-uitgaven en de interesten en aflossingen te financieren (=structureel evenwicht of evenwicht op LT) Anders gezegd is dit het evenwicht op lange termijn of de garantie op de financiële gezondheid van het bestuur op lange termijn. Meer info omtrent dit dubbel evenwicht is terug te vinden in de beleidsnota onder het puntje financiële toestand 1.3. Ontstaan van het budget Het budget 2013 in de nieuwe BBC-stijl is het resultaat van een ruime voorbereiding die reeds meer dan 1 jaar bezig is. Uitgangpunt gedurende gans het proces was het afstemmen van de werking van het OCMW en de gemeente qua processen en documentenflows zodat een zo identiek mogelijke manier van registreren wordt bekomen zonder afbreuk te doen aan de eigenheid van elk bestuur. De uitdaging voor de financiële dienst was het grootst! Er werd gekozen voor 1 softwarepakket voor beide besturen, waar voorheen elke bestuur een verschillend softwarepakket had. Het OCMW en de gemeente Ingelmunster zijn gekomen tot de uitwerking van een gemeenschappelijk AR-stelsel (Algemeen Rekeningstelsel) voor het opstellen van het budget. Hierdoor komt bijvoorbeeld een factuur voor gas op een zelfde AR zowel bij OCMW als gemeente. Dit verhoogt de vergelijkbaarheid en leesbaarheid en inzetbaarheid van personeel tussen beide besturen. Ook qua rapportering en registreren is er maximale afstemming gebeurd tussen beide besturen. De decentrale werking uit de Pagina 3
gemeente werd overgenomen door het OCMW. De financiële dienst vormde een budget oude stijl om tot een voorstelbudget nieuwe stijl waarop verder gewerkt kon worden. Er werden intern opleidingen gegeven om iedereen in te leiden in het BBC-verhaal en in de nieuwe software om bestelbonnen aan te maken. Via enkele brainstorms binnen de verschillende diensten werden mogelijke doelstellingen, actieplannen en acties naar voor gebracht. In het MAT werd dan uiteindelijk 1 prioritaire beleidsdoelstelling weerhouden. De overige ideeën worden meegenomen en voorgelegd aan de nieuwe beleidsploeg om verder te bekijken. De financiële dienst heeft dan als laatste de koppeling gemaakt tussen de beleidsdoelstelling en het budget en alles in de nieuwe software verwerkt. Graag willen we iedereen bedanken die zijn steentje heeft bijgedragen tot de totstandkoming van dit eerste budget 2013 in BBC-stijl met in het bijzonder de mensen van de financiële dienst. Door hun inzet diende geen hulp ingeroepen te worden van dure consultants, waardoor het kostenplaatje van de hele operatie beperkt is kunnen blijven. Pagina 4
2. De beleidsnota Artikel 16 van het besluit van de Vlaamse regering inzake BBC beschrijft de inhoud van de beleidsnota. In de beleidsnota geven we een beschrijving van de beleidsdoelstellingen (uit het meerjarenplan) die het lopende boekjaar aan bod komen met de financiële vertaling ervan. De beleidsnota verwoordt het beleid dat het bestuur zal voeren en concretiseert de beleidsdoelstelling door acties toe te voegen aan de actieplannen. In de beleidsnota dient een invulling te geven aan volgende vragen: -Wat willen we bereiken? -Hoe willen we dit bereiken? -Wat zijn de financiële gevolgen hiervan? De beleidsnota bestaat uit de onderstaande zes onderdelen -de doelstellingennota -het doelstellingenbudget -de financiële toestand -lijst met opdrachten voor werken, leveringen en diensten -lijst met daden van beschikking De lijst met nominatief toegekende subsidies Echter in de omzendbrief van 20 juli 2012 met de budgetinstructies voor het boekjaar 2013 wordt aan de gemeenten en OCMW s die vanaf het boekjaar 2013 starten met de implementatie van de nieuwe beleids- en beheerscyclus, toegelaten dat het budget 2013 niet moet passen in het meerjarig beleidsplan. Deze maatregel is heel logisch aangezien het beleidsplan van de vorige legislatuur als afgewerkt kan worden beschouwd, terwijl een nieuw beleidsplan nog in opmaak is. Dit heeft een aantal consequenties die in het vervolg van het document duidelijk worden gemaakt. Pagina 5
2.1. De doelstellingennota Artikels 17, 18 en 19 van het besluit van de Vlaamse regering beschrijven de inhoud van de doelstellingennota en het doelstellingenbudget. In de doelstellingennota staan we stil bij de prioritaire beleidsdoelstellingen met de daaraan verbonden actieplannen, acties, uitgaven en inkomsten. Er is omwille van het politieke overgangsjaar slechts 1 prioritaire beleidsdoelstelling geformuleerd. Beleidsdoelstelling Beleidsdomein Beleidsitem 09030/09300/09500 Verhogen van de energiezuinigheid van het OCMW-patrimonium Sociale Dienstverlening en Zorg Actieplan 1.1.dakiso Isoleren van de daken Acties - uitvoeren van de nodige energiescans - laten isoleren van de daken door erkende onderneming Meting - stijging van het aantal woningen met een geïsoleerde dak binnen het bestaand OCMW-patriominum op 31/12/2013 in vergelijk met nulmeting op 31/12/2012 EXPLOITATIE INVESTERINGEN ANDERE UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO 2013 0 0 0 8.199 0 0 0 0 0 Actieplan 1.2.glas Acties Meting Plaatsen van dubbele beglazing - uitvoeren van de nodige energiescans - plaatsen van dubbele beglazing bij voorkeur door eigen diensten - stijging van het aantal woningen met dubbele beglazing binnen het bestaand OCMW-patriominum op 31/12/2013 in vergelijk met nulmeting op 31/12/2012 EXPLOITATIE INVESTERINGEN ANDERE UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO 2013 0 0 0 10.000 0 0 0 0 0 Actieplan 1.3.info Acties Meting LOI-bewoners energiebewust maken - toelichting rond energieverbruik in bewonerscontacten - energieverbruik bespreken met LOI-bewoners - energieverbruik op kwartaalbasis vergelijken met voorbije jaren EXPLOITATIE INVESTERINGEN ANDERE UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO UITGAVE ONTVANGST SALDO 2013 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Pagina 6
2.2. Het doelstellingbudget (schema B1) Uitgaven Ontvangsten Saldo ALGEMENE FINANCIERING 157.226 2.193.600 2.036.374 Prioritaire beleidsdoelstellingen Exploitatie Investeringen Andere Overig beleid 157.226 2.193.600 2.036.374 Exploitatie 66.411 1.623.600 1.557.189 Investeringen 290.000 290.000 Andere 90.815 280.000 189.185 ALGEMEEN BESTUUR 1.516.558 412.358-1.104.200 Prioritaire beleidsdoelstellingen Exploitatie Investeringen Andere Overig beleid 1.516.558 412.358-1.104.200 Exploitatie 1.493.558 412.358-1.081.200 Investeringen 23.000-23.000 Andere SOCIALE DIENSTVERLENING 2.676.898 2.085.103-591.795 Prioritaire beleidsdoelstellingen 17.110-17.110 Exploitatie Investeringen 17.110-17.110 Andere Overig beleid 2.659.788 2.085.103-574.685 Exploitatie 2.144.288 2.085.103-59.185 Investeringen 515.500-515.500 Andere ZORG 2.940.564 2.593.319-347.246 Prioritaire beleidsdoelstellingen 1.089-1.089 Exploitatie Investeringen 1.089-1.089 Andere Overig beleid 2.939.475 2.593.319-346.157 Exploitatie 2.924.975 2.593.319-331.657 Investeringen 14.500-14.500 Andere Totalen 7.291.246 7.284.379-6.867 Exploitatie 6.629.232 6.714.379 85.147 Investeringen 571.199 290.000-281.199 Andere 90.815 280.000 189.185 Pagina 7
2.3. De financiële toestand Volgens artikel 20 van het BBC-besluit bevat de financiële toestand minstens: Een vergelijking van het resultaat op kasbasis in het budget met het resultaat op kasbasis van het financiële boekjaar in kwestie in het meerjarenplan; Een vergelijking van de autofinancieringsmarge in het budget met de autofinancieringsmarge van het financiële boekjaar in kwestie in het meerjarenplan. De financiële toestand dient informatie te verschaffen over de toestand van het financieel evenwicht in het budget en dient deze gegevens te vergelijken met de toestand in het meerjarenplan. Volgens de instructies voor het opstellen van het meerjarenplan en het budget van de besturen die vanaf het financieel boekjaar 2011, 2012 of 2013 de beleids- en beheerscyclus toepassen, dienen de starters 2013 echter geen meerjarenplan op te maken, zoals reeds eerder aangegeven. In het budget 2013 moet bijgevolg de overeenstemming tussen budget en meerjarenplan niet worden gemaakt. Het cijfer van het resultaat op kasbasis is terug te vinden in de corresponderende rubrieken van het schema B5, het liquiditeitenbudget voor het budget 2013. In 2013 starten we met een resultaat op kasbasis gelijk aan 113 euro. Dit resultaat op kasbasis kwam tot stand door ook het gecumuleerd budgettaire resultaat van 2012 in te brengen. Dit resultaat is nu geraamd op 6.980 euro. Uiteraard is dit slechts een raming, aangezien de rekening 2012 nog niet definitief werd afgesloten. Wel werd er maximaal rekening gehouden met de mogelijke afwijking tussen budget en rekening op het moment van de opmaak van het budget 2013. Dit resultaat op kasbasis is zoals eerder gezegd het evenwicht op korte termijn. Aangezien dit positief is, voldoen we aan de eerste wettelijke verplichting. Het resultaat op kasbasis dient immers elk jaar positief te zijn. De tweede evenwichtsvoorwaarde is de belangrijkste: het structureel evenwicht. Deze voorwaarde stelt dat de autofinancieringsmarge tegen het einde van de legislatuur groter moet zijn dan nul en daarenboven moet ook de som van de autofinancieringsmarges van elk jaar over de 6 jaar groter of gelijk zijn aan nul. In 2013 starten we echter met een negatieve autofinancieringsmarge, namelijk - 5.667,69. Deze negatieve autofinancieringsmarge is voornamelijk te wijten aan hoge personeelskosten en werkingskosten. We kunnen besluiten dat de komende legislatuur ook voor een uitdaging op financieel vlak staat, zonder hierbij de belangrijkste doelstelling uit het oog te verliezen: een goede dienstverlening aan alle kwetsbare bevolkingsgroepen van Ingelmunster. Pagina 8
2.4. Lijst van overheidsopdrachten De Raad voor Maatschappelijk Welzijn is volgens het OCMW-decreet bevoegd voor vaststellen van de wijze waarop de overheidsopdrachten worden gegund en voor het vaststellen van de voorwaarden ervan. Het OCMW-decreet laat echter ook toe dat de bevoegdheid voor de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van een overheidsopdracht die nominatief is opgenomen in het budget door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn wordt gedelegeerd aan het Vast Bureau, het Bijzonder Comité of de OCMW-Secretaris (art.52, tweede lid, punt 12 OCMWdecreet). De lijst hierna beschrijft de nominatieve investeringen in het budget 2013. Lijst nominatieve overheidsopdrachten Env. Omschrijving Omschrijving VK TK 2013 Vaststelling wijze en voorwaarde van gunnen 2013/03 Vervangingsinvesteringen Aankoop ICTmateriaal 20.000,00 20.000,00 OCMWen verbeteringswerken 2013 Secretaris Pagina 9
2.5. Lijst daden van beschikking Een daad van beschikking is een juridische daad die een goed van een patrimonium afscheidt (verkoop, schenking) of die een zakelijk recht doet ontstaan op een goed dat deel blijft uitmaken van een patrimonium (hypotheek, vestiging van een erfdienstbaarheid). De Raad voor Maatschappelijk Welzijn is volgens het OCMW-decreet bevoegd voor het stellen van daden van beschikking met betrekking tot onroerende goederen. Het OCMW-decreet laat echter ook toe dat de bevoegdheid voor het stellen van daden van beschikking met betrekking tot onroerende goederen, met uitzondering van het aangaan van daden van beschikking, die nominatief is opgenomen in het budget door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn wordt gedelegeerd aan het Vast Bureau, het Bijzonder Comité of de OCMW-Secretaris (art.52, punt 18 OCMW-decreet). Voor 2013 zijn volgende daden van beschikking gepland: Verkoop woning Kweekstraat 42 85.000 Verkoop woning Kweekstraat 40 65.000 Verkoop woning Schoolstraat 19 50.000 Verkoop woning Schoolstraat 21 90.000 2.6. Lijst nominatief toegekende subsidies Het OCMW Ingelmunster kent geen subsidies toe. Er is dan ook geen lijst met nominatief toegekende subsidies. Pagina 10
3. De financiële nota Artikel 22 tot 24 van het besluit van de Vlaamse regering inzake BBC beschrijft de inhoud van de financiële nota. De wijze waarop de tabellen vorm gegeven moeten worden is bepaald bij Ministerieel Besluit van 1 oktober 2010 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten en de toelichting ervan, en van de rekeningstelsels van de gemeenten, de provincies en de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. In de financiële nota komt de autorisatie door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn aan de hoofdbudgethouder(s) tot uiting. In het OCMW Ingelmunster is dit de OCMW-secretaris. De financiële nota bestaat uit de onderstaande 3 onderdelen: - exploitatiebudget - investeringsbudget - liquiditeitenbudget 3.1. Het exploitatiebudget (schemab2) Uitgaven Ontvangsten Saldo ALGEMENE FINANCIERING 66.411 1.623.600 1.557.189 ALGEMEEN BESTUUR 1.493.558 412.358-1.081.200 SOCIALE DIENSTVERLENING 2.144.288 2.085.103-59.185 ZORG 2.924.975 2.593.319-331.657 Totalen 6.629.232 6.714.379 85.147 Pagina 11
3.2. Het investeringsbudget (schema s B3 en B4) DEEL 1: UITGAVEN I. Investeringen in financiële vaste activa A. Extern verzelfstandigde agentschappen Verbinteniskredieten Transactiekredieten Jaar 2013 Jaar 2014 Jaar 2015 Jaar 2016 Jaar 2017 Jaar 2018 > Jaar 2018 B. Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en soortgelijke entiteiten C. Publiek-Private Samenwerkingsverbanden D. OCMW-verenigingen E. Andere financiële vaste activa II. Investeringen in materiële vaste activa 571.199 571.199 A. Gemeenschapsgoederen 571.199 571.199 1. Terreinen en gebouwen 541.199 541.199 2. Wegen en overige infrastructuur 3. Installaties, machines en uitrusting 5.500 5.500 4. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 24.500 24.500 5. Leasing en soortgelijke rechten 6. Erfgoed B. Bedrijfsmatige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 2. Installaties, machines en uitrusting 3. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 4. Leasing en soortgelijke rechten C. Overige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 2. Roerende goederen III. Investeringen in immateriële vaste activa IV. Vooruitbetalingen op investeringen TOTAAL UITGAVEN 571.199 571.199 Pagina 12
DEEL 2: ONTVANGSTEN I. Verkoop van financiële vaste activa A. Extern verzelfstandigde agentschappen Verbinteniskredieten Transactiekredieten Jaar 2013 Jaar 2014 Jaar 2015 Jaar 2016 Jaar 2017 Jaar 2018 > Jaar 2018 B. Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en soortgelijke entiteiten C. Publiek-Private Samenwerkingsverbanden D. OCMW-verenigingen E. Andere financiële vaste activa II. Verkoop van materiële vaste activa 290.000 290.000 A. Gemeenschapsgoederen 290.000 290.000 1. Terreinen en gebouwen 290.000 290.000 2. Wegen en overige infrastructuur 3. Installaties, machines en uitrusting 4. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 5. Leasing en soortgelijke rechten 6. Erfgoed B. Bedrijfsmatige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 2. Installaties, machines en uitrusting 3. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 4. Leasing en soortgelijke rechten C. Overige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 2. Roerende goederen III. Verkoop van immateriële vaste activa IV. Investeringssubsidies en -schenkingen V. Ontvangen vooruitbetalingen op desinvesteringen TOTAAL ONTVANGSTEN 290.000 290.000 Pagina 13
Uitgaven Ontvangsten Saldo ALGEMENE FINANCIERING 290.000 290.000 ALGEMEEN BESTUUR 23.000-23.000 SOCIALE DIENSTVERLENING 532.610-532.610 ZORG 15.589-15.589 Totalen 571.199 290.000-281.199 Pagina 14
3.3. Het liquiditeitenbudget (schema B5) RESULTAAT OP KASBASIS Budget I. Exploitatiebudget (B-A) 85.147 A. Uitgaven 6.629.232 B. Ontvangsten 6.714.379 II. Investeringsbudget (B-A) -281.199 A. Uitgaven 571.199 B. Ontvangsten 290.000 III. Andere (B-A) 189.185 A. Uitgaven 90.815 1. Aflossing financiële schulden 90.815 2. Toegestane leningen 3. Toegestane investeringssubsidies 4. Overige transacties B. Ontvangsten 280.000 1. Op te nemen leningen en leasings 280.000 2. Terugvordering toegestane leningen en prefinancieringsleningen 3. Schenkingen, andere dan opgenomen onder deel I en II 4. Overige transacties IV. Budgettaire resultaat boekjaar (I+II+III) -6.867 V. Gecumuleerde budgettaire resultaat vorig boekjaar 6.980 VI. Gecumuleerde budgettaire resultaat (IV+V) 113 VII. Bestemde gelden (toestand op 31 december) A. Bestemde gelden voor exploitatie B. Bestemde gelden voor investeringen C. Bestemde gelden voor andere verrichtingen VIII. Resultaat op kasbasis (VI-VII) 113 Bestemde gelden I. Exploitatie II. Investeringen III. Overige Verrichtingen Totaal bestemde gelden Bedrag op 1/1 Mutatie Bedrag op 31/12 Pagina 15
4. Toelichting 4.1. Toelichting bij het exploitatiebudget 4.1.1. Exploitatiebudget per beleidsdomein (TB 1) Code Totaal ALGEMENE FINANCIERING ALGEMEEN BESTUUR SOCIALE DIENSTVERLENING ZORG I. Uitgaven 60/5 6.629.232 66.411 1.493.558 2.144.288 2.924.975 A. Operationele Uitgaven 60/4 6.563.471 650 1.493.558 2.144.288 2.924.975 1. Goederen en diensten 60/1 907.996 231.302 397.150 279.544 2. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 62 4.655.689 1.261.956 750.638 2.643.095 3. Specifieke kosten sociale dienst OCMW 648 992.500 992.500 4. Toegestane werkingssubsidies 649 5. Andere operationele uitgaven 640/7 7.286 650 300 4.000 2.336 B. Financiële uitgaven 65 65.761 65.761 II. Ontvangsten 70/5 6.714.379 1.623.600 412.358 2.085.103 2.593.319 A. Operationele ontvangsten 70/4 6.711.579 1.620.800 412.358 2.085.103 2.593.319 1. Ontvangsten uit de werking 70 1.182.726 5.800 500 105.300 1.071.126 2. Fiscale ontvangsten en boetes 73 3. Werkingssubsidies 740 5.360.668 1.615.000 403.172 1.838.359 1.504.136 4. Recuperatie specifieke kosten OCMW 748 136.925 136.925 5. Andere operationele ontvangsten 741/7 31.261 8.686 4.518 18.057 B. Financiële ontvangsten 75 2.800 2.800 III. Saldo 85.147 1.557.189-1.081.200-59.185-331.657 Pagina 16
4.1.2. Evolutie van het exploitatiebudget (TB 2) Deze tabel vergelijkt het budget jaar x, met budget jaar x-1 en jaarrekening x-2. Aangezien dit het eerste budget nieuwe stijl is kan de tabel niet geproduceerd worden 4.2. Toelichting bij het investeringsbudget 4.2.1. Transactiekredieten voor investeringsverrichtingen per beleidsdomein (TB3) DEEL 1: UITGAVEN Code Totaal ALGEMENE FINANCIERI NG ALGEMEE N BESTUUR SOCIALE DIENST- VERLENING ZORG I. Investeringen in financiële vaste activa 28 A. Extern verzelfstandigde agentschappen 280 B. Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en soortgelijke entiteiten 281 C. Publiek-Private Samenwerkingsverbanden 282 D. OCMW-verenigingen 283 E. Andere financiële vaste activa 284/8 II. Investeringen in materiële vaste activa 22/7 571.199 23.000 532.610 15.589 A. Gemeenschapsgoederen 571.199 23.000 532.610 15.589 1. Terreinen en gebouwen 220/3 541.199 1.000 526.610 13.589 2. Wegen en overige infrastructuur 224/8 3. Installaties, machines en uitrusting 230/4 5.500 1.000 3.500 1.000 4. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 240/4 24.500 21.000 2.500 1.000 5. Leasing en soortgelijke rechten 250/2 6. Erfgoed 27 B. Bedrijfsmatige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 229 2. Installaties, machines en uitrusting 235/9 3. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 245/9 4. Leasing en soortgelijke rechten 253/5 C. Overige materiële vaste activa 26 1. Terreinen en gebouwen 260/4 2. Roerende goederen 265/9 III. Investeringen in immateriële vaste activa 21 IV. Vooruitbetalingen op investeringen 2906 TOTAAL UITGAVEN 571.199 23.000 532.610 15.589 Pagina 17
DEEL 2: ONTVANGSTEN Code Totaal ALGEMENE FINANCIERI NG ALGEMEE N BESTUUR SOCIALE DIENSTVE RLENING ZORG I. Verkoop van financiële vaste activa 28 A. Extern verzelfstandigde agentschappen 280 B. Intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en soortgelijke entiteiten 281 C. Publiek-Private Samenwerkingsverbanden 282 D. OCMW-verenigingen 283 E. Andere financiële vaste activa 284/8 II. Verkoop van materiële vaste activa 22/7 290.000 290.000 A. Gemeenschapsgoederen 290.000 290.000 1. Terreinen en gebouwen 220/3 290.000 290.000 2. Wegen en overige infrastructuur 224/8 3. Installaties, machines en uitrusting 230/4 4. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 240/4 5. Leasing en soortgelijke rechten 250/2 6. Erfgoed 27 B. Bedrijfsmatige materiële vaste activa 1. Terreinen en gebouwen 229 2. Installaties, machines en uitrusting 235/9 3. Meubilair, kantooruitrusting en rollend materieel 245/9 4. Leasing en soortgelijke rechten 253/5 C. Overige materiële vaste activa 26 1. Terreinen en gebouwen 260/4 2. Roerende goederen 265/9 III. Verkoop van immateriële vaste activa 21 150-1781 IV. Investeringssubsidies en -schenkingen 4951/2 V. Ontvangen vooruitbetalingen op desinvesteringen 176 TOTAAL ONTVANGSTEN 290.000 290.000 4.2.2. De evolutie van de transactiekredieten voor investeringsverrichtingen (TB4) Deze tabel vergelijkt het budget jaar x, met budget jaar x-1 en jaarrekening x-2. Aangezien dit het eerste budget nieuwe stijl is kan de tabel niet geproduceerd worden Pagina 18
4.2.3. Raming ontvangsten en uitgaven uit de normale exploitatie voor de nieuwe investeringsenveloppen die betrekking hebben op de prioritaire beleidsdoelstellingen Prioritaire Beleidsdoelstelling: Verhogen van de energiezuinigheid van het OCMW-patrimonium Investeringsenveloppe: 2013/1: Verhogen energiezuinigheid OCMW-patrimonium PBDS Geraamde ontvangsten exploitatie: 0 Geraamde uitgaven exploitatie: -500 : we hopen door de betere isolatie een daling van het energieverbruik te realiseren, dus een daling van de uitgaven, deze daling van de uitgaven zou in de toekomst moeten kunen toenemen. 4.3. Evolutie van het liquiditeitenbudget (TB5) Deze tabel vergelijkt het budget jaar x, met budget jaar x-1 en jaarrekening x-2. Aangezien dit het eerste budget nieuwe stijl is kan de tabel niet geproduceerd worden 4.4. Overzicht per beleidsveld van de te verstrekken werkings- in investeringssubsidies Niet van toepassing. Pagina 19