EXTREMUMVRAAGSTUKKEN MET

Vergelijkbare documenten
Dag van de wiskunde 26/11/2005. R. Van Nieuwenhuyze. Docent wiskunde en statistiek aan Ehsal, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

GEOGEBRA IN DE EERSTE GRAAD. Kan dit wel? R. Van Nieuwenhuyze. Docent wiskunde en statistiek aan Ehsal, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

GeoGebra Quickstart. Snelgids voor GeoGebra. Vertaald door Beatrijs Versichel en Ivan De Winne

GEOGEBRA IN DE TWEEDE GRAAD. Kan dit wel? Roger Van Nieuwenhuyze Docent wiskunde en statistiek aan Ehsal, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

PROBLEEMOPLOSSEND DENKEN MET

Open het programma Geogebra. Het beginscherm verschijnt. Klik voordat je verder gaat met je muis ergens in het

INLEIDING TOT GEOGEBRA

GEOGEBRA 5. Ruimtemeetkunde in de tweede graad. R. Van Nieuwenhuyze. Hoofdlector wiskunde aan Odisee, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

ICT Practicumboek (4e JAAR secundair onderwijs)

Proefexemplaar. ICT PraCTICumboek (1e graad / onderbouw) Filip Geeurickx Jan Thoelen Roger Van Nieuwenhuyze. GeoGebra

Lesbrief GeoGebra. 1. Even kennismaken met GeoGebra (GG)

GEOGEBRA 5. Ruimtemeetkunde in de eerste graad. R. Van Nieuwenhuyze. Oud-hoofdlector wiskunde aan Odisee, lerarenopleiding Brussel

GEOGEBRA 4. R. Van Nieuwenhuyze. Hoofdlector wiskunde, lerarenopleiding HUB, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

GEOGEBRA 5. Ruimtemeetkunde in de tweede en derde graad. R. Van Nieuwenhuyze. Hoofdlector wiskunde aan HUB, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

Kaas. foto 1 figuur 1. geheel aantal cm 2.

Eindexamen vwo wiskunde B 2014-I

Bal in de sloot. Hierbij zijn x en f ( x ) in centimeters. Zie figuur 2.

Analytische Meetkunde

GEOGEBRA 6 IN DE eerste graad B

Uitgewerkte oefeningen

1 Coördinaten in het vlak

Nadat GeoGebra wordt opgestart zie je het hierna afgebeelde venster: Algebra Venster. Teken Venster. Invoerveld

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Eerste ronde.

IJkingstoets september 2015: statistisch rapport

ICT. Meetkunde met GeoGebra. 2.7 deel 1 blz 78

IJkingstoets september 2015: statistisch rapport

IJkingstoets september 2015: statistisch rapport

1 Cartesische coördinaten

4.0 Voorkennis. 1) A B AB met A 0 en B 0 B B. Rekenregels voor wortels: Voorbeeld 1: Voorbeeld 2: Willem-Jan van der Zanden

Dynamische meetkunde. Een reactie op euclides 84-8

Dag van GeoGebra Probleemoplossende vaardigheden en onderzoekscompetentie wiskunde 28 mei 2011 Gent

BESCHRIJVENDE STATISTIEK MET GEOGEBRA 4.0

Examen VWO. wiskunde B. tijdvak 2 woensdag 21 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Studie van functies en de analytische meetkunde in het vierde jaar van het ASO-TSO-KSO

ICT-LEERLIJN (met GeoGebra) Luc Gheysens WISKUNDIGE COMPETENTIES

Paragraaf 4.1 : Gelijkvormigheid

wiskunde B Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen.

Vlakke meetkunde en geogebra

Opgave 1 Bestudeer de Uitleg, pagina 1. Laat zien dat ook voor punten buiten lijnstuk AB maar wel op lijn AB geldt: x + 3y = 5

4.0 Voorkennis. 1) A B AB met A 0 en B 0 B B. Rekenregels voor wortels: Voorbeeld 1: Voorbeeld 2: Willem-Jan van der Zanden

Examen HAVO. wiskunde B. tijdvak 2 woensdag 24 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Voorbereidende sessie toelatingsexamen

Proefexemplaar. ICT PRACTICUMBOEK (3e JAAR / ONDERBOUW) Tim Van der Hoeven Roger Van Nieuwenhuyze

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Wiskunde: goniometrie en meetkunde. 22 juli dr. Brenda Casteleyn

Hoofdstuk 6 : Projectie en Stelling van Thales

Dossier 4 VECTOREN. Dr. Luc Gheysens. bouwstenen van de lineaire algebra

Actief gedeelte - Maken van oefeningen

Hoofdstuk 3: De stelling van Pythagoras

Eindexamen wiskunde B havo II

wiskunde B vwo 2017-II

De vergelijking van Antoine

4.1 Rekenen met wortels [1]

Lijst van alle opdrachten versie 13 mei 2014

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Eerste Ronde.

Examen VWO. wiskunde B (pilot) tijdvak 1 woensdag 18 mei uur

Eindexamen vwo wiskunde B 2013-I

Eindexamen wiskunde B havo II

Eindexamen vwo wiskunde B pilot 2013-I

Eindexamen wiskunde B1-2 vwo 2008-II

Eindexamen wiskunde B1-2 havo 2008-II

Eindexamen wiskunde B1-2 vwo 2008-II

Hoofdstuk 10 Meetkundige berekeningen

Ijkingstoets 4 juli 2012

Examen HAVO. wiskunde B1,2. tijdvak 1 dinsdag 20 mei uur

Eindexamen wiskunde B1-2 havo 2008-I

1 Middelpunten. Verkennen. Uitleg

Uitwerkingen Mei Eindexamen VWO Wiskunde B. Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek

14.0 Voorkennis. sin sin sin. Sinusregel: In elke ABC geldt de sinusregel:

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Eerste Ronde.

2.1 Cirkel en middelloodlijn [1]

Examen HAVO. wiskunde B (pilot) tijdvak 2 woensdag 22 juni uur

Examen HAVO. wiskunde B1,2. tijdvak 2 woensdag 18 juni Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Hoofdstuk 7 : Gelijkvormige figuren

Eindexamen wiskunde B pilot havo II

Oefenexamen wiskunde vmbo-tl Onderwerp: meetkunde H2 H6 H8 Antwoorden: achterin dit boekje

Bewijzen onder leiding van Ludolph van Ceulen

Meetkunde. MBO Wiskunde Niveau 4 - Leerjaar 1, periode 3

Examen VWO. Wiskunde B Profi

P is nu het punt waarvan de x-coördinaat gelijk is aan die van het punt X en waarvan de y-coördinaat gelijk is aan AB (inclusief het teken).

Luc Gheysens - Extremumvraagstukken p.1

tan c b + a c c b HOOFDSTUK 8 DRIEHOEKSMETING IN EEN RECHTHOEKIGE DRIEHOEK EXTRA OEFENINGEN

Voorbeeld paasexamen wiskunde (oefeningen)

Examen HAVO wiskunde B. tijdvak 1 vrijdag 17 mei uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

wiskunde B pilot vwo 2017-II

2 Vergelijkingen van lijnen

Eindexamen wiskunde B1-2 havo 2001-II

wiskunde B vwo 2016-I

Vraag Antwoord Scores. M π 35,5 en dit geeft M 3959 ) (cm 2 ) 1 ( ) ( ) ) 1 De inhoud van de ton is dus 327 (liter) 1

SAMENSTELLEN EN ONTBINDEN VAN SNIJDENDE KRACHTEN

EXAMEN SCHAKELCURSUS MIDDELBARE LASTECHNIEK WISKUNDE 2010

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Tweede Ronde

d = 8 cm 2 6 A: = 26 m 2 B: = 20 m 2 C: = 18 m 2 D: 20 m 2 E: 26 m 2

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Eerste Ronde.

Eindexamen vwo wiskunde B pilot 2014-I

S3 Oefeningen Krachtenleer Hoofdstuk II II-3. II-3 Grafisch: 1cm. II-3 Analytisch. Sinusregel: R F 1

In een zware tornado worden maximale windsnelheden van ongeveer 280 km/u bereikt.

Eindexamen wiskunde B havo I (oude stijl)

Transcriptie:

EXTREMUMVRAAGSTUKKEN MET Luc Gheysens Roger Van Nieuwenhuyze Vakbegeleiders wiskunde Inleiding GeoGebra is een wiskundepakket dat meetkunde, algebra en analyse combineert. Het pakket werd ontwikkeld door Marcus Hohenwarter aan de Universiteit van Salzburg. Enerzijds is GeoGebra een dynamisch meetkundepakket. Je kan constructies uitvoeren met punten, rechten, lijnstukken, vectoren en kegelsneden en je kan alle objecten daarna op een dynamische manier wijzigen. De corresponderende coördinaten en vergelijkingen van de getekende objecten verschijnen in het algebravenster. Anderzijds kunnen functies, vergelijkingen en coördinaten rechtstreeks worden ingebracht in het algebravenster via de commandolijn onderaan het scherm. De overeenkomstige objecten verschijnen meteen in het tekenvenster. Deze twee standpunten zijn typisch voor Geogebra: een uitdrukking in het algebravenster correspondeert met een object in het tekenvenster en omgekeerd. GeoGebra is een open-sourcepakket en het kan gratis gedownload worden op http://www.geogebra.be. De Nederlandse vertaling is het werk van Beatrijs Versichel, Ivan De Winne en Pedro Tijtgat. Er is een gebruikersforum : www.geogebra.at/forum en een voorbeeldenbank : www.geogebra.at/en/wiki. In deze tekst pakken we een aantal extremumvraagstukken aan. GeoGebra is immers uiterst geschikt voor een dynamische aanpak van dergelijke vraagstukken : je kan het probleem visualiseren, op een schets kan je exploreren, het verschijnen van de coördinaten van de punten en de vergelijkingen van de gebruikte meetkundige objecten is een hulpmiddel om een beter wiskundig inzicht te ontwikkelen en tenslotte kan je ook het rekenwerk (dat je manueel op papier hebt uitgevoerd) controleren. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 1

Voorbeeld 1 De punten A en B liggen respectievelijk op 400 meter en op 800 meter van een kruispunt C en tussen deze twee punten loopt een landweg. De wegen AC en BC maken een hoek van 90 in het punt C. Boer Frans wil een rechthoekige weide EDFC afbakenen, waarbij het punt E op AC ligt, F op BC en D op de verbindingsweg tussen A en B. Waar moet hij het punt D kiezen opdat deze rechthoekige weide een zo groot mogelijke oppervlakte zou hebben? Hoe groot is die maximale oppervlakte dan? Oplossing Hieronder wordt de situatie visueel voorgesteld met behulp van GeoGebra op schaal 1:10 000. Zoals uit de onderstaande figuur blijkt zijn zowel het tekenvenster als het algebravenster actief. Dit laatste venster kan men activeren door te klikken op Beeld en daarna op Algebravenster. Je kan ook de toetsencombinatie Ctrl + A gebruiken. Nadat deze figuur in het tekenvenster was opgebouwd, hebben we de verschillende constructiestappen opgevraagd (zie onderstaande figuur). Die stappen verschijnen op het scherm door op Beeld te klikken en daarna op Overzicht constructiestappen. Het is zelfs mogelijk om de verschillende constructiestappen als een soort diamontage te laten afspelen. Hiervoor klikt men op Beeld en daarna op Navigatiebalk voor constructieoverzicht. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz.

Via dit overzicht kan je nu zelf gemakkelijk de figuur terug opbouwen. Door het punt D te verslepen over het lijnstuk [AB] kan je nagaan hoe de oppervlakte van de rechthoek EDFC verandert. Het punt G werd als volgt bepaald: via het commandovenster werd de opdracht G = (x(d),p) ingegeven. Hierbij is P de oppervlakte van de rechthoek EDFC. Door rechts te klikken op het punt G kan je nu kiezen voor spoor aan. Op die manier wordt bij het verslepen van het punt D de grafiek uitgetekend van de functie die het verloop van de oppervlakte van rechthoek EDFC weergeeft in functie van de x-coördinaat van het punt D. Dit blijkt een parabool te zijn met als top het punt (4,8). Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 3

Klik nu met de rechtermuisknop op G en vink spoor aan voor G uit. Als je nu D versleept, kan je gemakkelijk nagaan dat de punten C(0,0), H(, 6), J(4,8), D(6, 6) en B(8,0) op die parabool liggen. Door te klikken op het vijfde icoontje van links krijg je meteen de mogelijkheid om de kegelsnede te bepalen door deze vijf punten. Teken ook de rechte AB via het derde icoontje van links. De vergelijking van de parabool is 5x² - 00x + 50y = 0 en van de rechte 4x + 8y = 3. Door in het algebravenster op beide vergelijkingen rechts te klikken kan je achtereenvolgens het voorschrift van de parabool onder de vorm y = ax² + bx + c laten verschijnen (hier : y = -0.5x² + 4x) en de vergelijking van de rechte onder de vorm y = ax + b (hier : y = -0.5x + 4). Probeer nu ook eens dit vraagstuk op te lossen via manueel rekenwerk. Stel de vergelijking op van de rechte door de punten A(0,4) en B(0,8). Druk de oppervlakte van de rechthoek uit als een functie van de breedte x. Zoek dan de eerste afgeleide van deze kwadratische functie en bepaal hiermee de afmetingen van de rechthoek met de grootste oppervlakte. De weide van boer Frans blijkt een maximale oppervlakte van 8 hectare te hebben, nl. met afmetingen van 400 meter op 00 meter. Voorbeeld Het dak van de woning van boer Frans heeft de vorm van een gelijkbenige driehoek met een basis van 10 meter en een hoogte van 4 meter. Hierin wil hij een rechthoekige zolderkamer construeren. Op de onderstaande figuur zie je een schets op schaal 1:100. Bepaal de afmetingen van de grootst mogelijke kamer, m.a.w. bepaal de lengte en de breedte en de hoogte van de rechthoek EDGF met de grootst mogelijke oppervlakte. Zorg er ook voor dat het punt H (zie tekening) de grafiek doorloopt van de functie die de oppervlakte weergeeft in functie van de abscis van het punt G wanneer je het punt D versleept over het lijnstuk [BC]. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 4

Oplossing Bouw de onderstaande figuur op en toon hiermee aan dat de grootst mogelijke kamer een breedte heeft van 5 meter en een hoogte van meter. Los dit vraagstuk daarna ook op via manueel rekenwerk. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 5

Voorbeeld 3 Boer Frans wil een dakgoot maken met behulp van 3 identieke planken. De goot is symmetrisch opgebouwd en bovenaan open en heeft twee opstaande wanden. Hoe groot moet boer Frans de hoek tussen de grondplank en een opstaande wand kiezen opdat de goot een maximaal debiet zou hebben? Bereken ook het volume van de goot als je er een bepaalde lengte aan toekent. P geeft de hoek weer tussen de grondplank en een opstaande wand, uitgedrukt in radialen en π kan dus variëren van tot π. π Bij een hoek van is de goot balkvormig en bij een hoekgrootte π heb je eigenlijk geen goot meer want de drie planken liggen dan naast elkaar in een vlak. Het volume wordt berekend en uitgezet door middel van het punt I. Als c de breedte van een plank is en d de lengte van de goot dan is het volume: c.d.(sinx sinx.cosx) met x de hoek tussen de opstaande wand en de grondplank De kromme die hierboven getekend is geeft het verloop van het volume weer als de hoek π tussen de planken varieert van tot π. (Een deel van de grafiek is uiteraard zinloos) Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 6

Probeer nu zelf het vraagstuk op te lossen via manueel rekenwerk. Toon hiermee aan dat het debiet van de goot maximaal is als x = 10. Voorbeeld 4 De droogmolen van boerin Fransien bestaat uit een verticale metalen staander [AB] die m lang is. Rond het punt D scharniert een staaf [DF] van 1,80 m lengte en [AE] is een verbindingsstuk van 40 cm waarbij de vaste afstand DE 60 cm is. [AF] stelt de eigenlijke waslijn voor. Het punt D kan men vastschroeven tussen een hoogte van 1 meter en meter. Op welke hoogte moet boerin Fransien het punt D vastschroeven opdat het punt F zich zo laag mogelijk zou bevinden? Welke hoek maakt de arm [DF] dan met de verticale staander? En hoe hoog bevindt het punt F zich dan? Oplossing Bouw de figuur zelf op. Hieronder staan twee standen afgebeeld van de droogmolen waarbij het punt D respectievelijk op 1,0 m en op 1,60 m hoogte is vastgeschroefd. Telkens staat de waarde van hoek α en de hoogte van het punt F aangeduid. De figuren zijn op schaal 1:0 getekend. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 7

Los dit vraagstuk ook manueel op. Stel AD = x en α = ADˆ E. Bepaal via de cosinusregel in driehoek ADE een uitdrukking voor cos α in functie van x. Toon hiermee aan dat FG 15 + 3x² = 10 x +. x Via de eerste afgeleide van deze uitdrukking vind je dat de minimale hoogte van het punt F gelijk is aan 13,87 m voor x = 3,87 m. Dan is α = 30 36 3. Voorbeeld 5 Franceska, het dochtertje van boer Frans en boerin Fransien drinkt dagelijks een portie karnemelk met een rietje uit een tas die de vorm heeft van een halve bol met een diameter van 10 cm. Het rietje is 1 cm lang. Wanneer het rietje in de tas valt, zal het glijden tot het zwaartepunt zo laag mogelijk ligt. Bepaal de laagste positie van het zwaartepunt. Welke hoek maakt het rietje dan met de bovenrand van de tas? Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 8

Oplossing Bedenk zelf een oplossing voor dit probleem. Schets hiervoor eerst de situatie met behulp van GeoGebra. Op de onderstaande figuur zijn twee posities van het rietje afgebeeld. Door het punt C te verslepen over de halve cirkelboog varieert de positie van het rietje. Bij elke stand worden de hoek α en de afstand van het zwaartepunt E van het rietje tot de bovenrand van de tas berekend. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 9

Los dit probleem daarna op via manueel rekenwerk en vergelijk het gevonden resultaat met de benadering die je via de simulatie hebt gevonden. Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 10

Addendum. Oplossingen van de extremumvraagstukken via afgeleiden. Voorbeeld 1 1 De rechte AB heeft als vergelijking y = x + 4. Kies CF = x, dan is de oppervlakte van de rechthoek EDFC gelijk aan O'(x) = -x + 4 = 0 x = 4. 1 O (x) = x² + 4x. De weide met de grootste oppervlakte heeft een lengte van 400 m en een breedte van 00 m en bijgevolg is de maximale oppervlakte gelijk aan 80 000 m² of 8 ha. Voorbeeld 4 De rechte BC heeft als vergelijking y = x + 4. 5 Kies als x de halve basis van de rechthoek EDGF, dan is de oppervlakte van deze rechthoek 4 gelijk aan O (x) = x( x + 4). 5 O'(x) = 16 x + 8 = 0 x =,5. 5 De maximale oppervlakte van de rechthoek bekomt men als de breedte gelijk is aan 5 m en de hoogte gelijk aan m. Voorbeeld 3 De vierhoek ABCD moet een zo groot mogelijke oppervlakte hebben. B+ b O(x) =.hoogte c+ e+ c O(x) =. csin x c + ccos( π x) =.csinx c ccos x =.csinx = c(1 cos x). csin x = c (sin x sin x cos x) Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 11

Dan is O'(x) = c (cos x cos x + sin x) = c (cos x cos x). De vergelijking O'(x) = 0 heeft als enige mogelijke oplossing voor dit probleem bijgevolg is de doorsnede van de goot maximaal als x = 10. π x = en 3 Voorbeeld 4 Kies x = AD, dan is BD = 10 x. Pas in driehoek AED de cosinusregel toe : 4 = x² + 9 6x cosα. Hieruit volgt dat 5 + x² cosα =. 6x Dan is FG = 10 x + 9 cos α 15 + 3x² = 10 x +. x x² 15 De eerste afgeleide hiervan is gelijk aan, waaruit blijkt dat FG een minimum x² bereikt als x = 15. Rekening houdend met de schaal 1:0 betekent dit dat de afstand AD ongeveer 77,5 cm is en dat Fransien de pin moet vastzetten op een hoogte van ongeveer 1,5 cm. 15 Dan is cos α = zodat α = 30 36'3". 9 Het punt F bevindt zich dan op ongeveer 77,5 cm boven de grond. Voorbeeld 5 EF = EB sin α = (10 cos α 6) sin α = 5 sin α 6 sin α. De eerste afgeleide hiervan is gelijk aan 10 cos α 6 cos α = 10 (cos² α 1) 6 cos α = 0 cos² α 6 cos α 10. De enige oplossing van de vergelijking 10 cos² α 3 cos α 5 = 0 die een scherpe hoek 3 + 09 oplevert is cosα = en dan is α = 9 1'34". In dit geval is EF = 1,33. 0 Extremumvraagstukken met GeoGebra blz. 1