BEHEERSPLAN december 2015 St Jansbergsteenweg 26 3040 Loonbeek opdrachtgever ontwerper Dhr & mevr. Vloebergs St Jansbergsteenweg 26 3040 Loonbeek Architectenbureau Sabine Okkerse bvba Meerspoort 19 9700 Oudenaarde 0496/80.77.60
Dhr; & mevr. Vloebergs - Wijnants St. Jansbergsteenweg 26 St. Jansbergsteenweg 26 BEHEERSPLAN - INHOUDSTAFEL pag.1 0. INHOUDSTAFEL 1. identificatiefiche p 3 2. bouwhistorische nota p 9 3. inventaris van erfgoedelementen p 15 4. beschrijving van de erfgoedwaarden p 65 5. visie op beheer p 69 6. overzicht éénmalige en terugkerende werkzaamheden p 73 7. voorstel opvolging en evaluatie p 79 8. bijlagen p 81
Dhr; & mevr. Vloebergs - Wijnants St. Jansbergsteenweg 26 St. Jansbergsteenweg 26 BEHEERSPLAN - INHOUDSTAFEL pag.2
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.3 1.IDENTIFICATIEFICHE & AFBAKENING 1. identificatie naam: Watermolen van Loonbeek en omgeving adres: St. Jansbergsteenweg 26 3040 Loonbeek (Huldenberg) bescherming: De watermolen ( molengebouw en schuur ) werden beschermd als monument, de onmiddellijke omgeving als dorpsgezicht bij MB van 10 maart 1994. besluitnummer: 2646 beheersplan opgemaakt in opdracht van: Dhr. & mevr. Vloebergs, St Jansbergsteenweg 26, 3040 Loonbeek ( Huldenberg ) 2. afbakening beheersplan Het beheersplan wordt opgemaakt voor de beschermde watermolen, de Ijsse en haar oevers en de percelen langs de Ijsse. Dit gebied vormt een opzichzelf staand geheel binnen het dorpsgezicht. Figuur 1: recent kadasterplan - afbakening beheersplan in rood
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.4 3. eigenaars / gebruikers perceelnr eigenaar adres gebruiker 26b, 25c, dhr & mevr. Vloebergs - St Jansbergsteenweg 26, 3040 eigenaar 23e, 62 c Wijnants Loonbeek 65g dhr. Van de Ven Bertelsheide 2, 3040 Loonbeek eigenaar 62b Agentschap natuur en bos Koning Albert II-laan 20 bus 8, 1000 Brussel 4. aanleiding tot en doel van opmaak beheersplan Dit beheersplan wordt opgemaakt om de gefaseerde restauratie van de molen en de schuur, waarvan in 2014-2015 reeds een eerste fase werd uitgevoerd, verder te kunnen zetten met de financiële steun van erfgoedpremies 5. contet Figuur 2: uittreksel gewestplan De als monument beschermde molen en de percelen van het dorpsgezicht zijn gelegen in natuurgebied ( groen op de kaart ) en grenzen aan het woongebied met landelijk karakter ( rood-wit gesptreepte zone ) De luchtfoto toont duidelijk de configuratie van de gebouwen op de molensite en de open ruimte als tuin van de woning. De oevers van de beek zijn aan weerszijden begroeid met bomen. Het grasland op het perceel 62 b is eveneens duidelijk te zien op de luchtfoto.
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.5 Figuur 3: luchtfoto Een deel van het dorpsgezicht is gelegen in het ven-gebied De Ijssevallei ; perceel 62 b ( volledig ), perceel 62 c en 23 e ( gedeeltelijk ) Figuur 4: afbakening vengebied ( overlay paars )
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.6 De percelen 62 b ( volledig ), 65 g en 62 c ( gedeeltelijk ) zijn gelegen binnen het habitatrichtlijngebied Valleien van de Dijle, Laan en Ijsse met aangrenzende bos- en moerasgebieden Figuur 5: afbakening habitatrichtlijngebied ( overlay donkergroen ) Grote delen van de vallei van de Ijsse zijn aangeduid als Speciale Beschermingszone ifv de EU Habitatrichtlijn. In de waterloop komen zeldzame en beschermde vissoorten voor. Langsheen de Ijsse loopt een officiële voetweg, het Ijssepad. Op de CAI kaart staan de percelen van de watermolen en het kasteel ingekleurd als gebieden met archeologisch potentieel ( nr 5173 )
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.7 Figuur 6: kaart CAI
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - IDENTIFICATIEFICHE pag.8
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.9 2. HISTORISCHE NOTA 2.1. historische evolutie molensite & omgeving De molensite is gelegen aan de rand van het Magrijsbos, ten zuiden van Loonbeek, op de oostelijke flank van de Ijssevalei. Het Magrijsbos is een historisch bos, dat reeds voorkomt op de kabinetskaart van Ferraris. Figuur 1: Ferraris kaart (1771-1778) De eerste nederzetting wordt reeds in de 13de eeuw vermeld. Op het einde van de 15de eeuw omvatte het domein een kasteel, een watermolen, een kapel ( de huidige St Antoniuskapel ), beemden, heide en bos. In 1579 werden het kasteel, de molen, enkele pachthoven en een groot deel van het dorp door de Geuzen in brand gestoken. De wederopbouw van de molen werd voltooid in de 17de eeuw. Op de 18de eeuwse Ferrariskaart zien we de loop van de Ijsse, het kasteel op de rechteroever en de molensite op de linkeroever. Het molengebouw bevindt zich op de plaats van de huidige molen, maar is korter. Op de site staat nog een tweede gebouw getekend, vermoedelijk het woonhuis van de molenaar. Langs de oevers van de Ijsse wordt een bomenrij getekend. De percelen op de rechteroever zijn deels graslanden, deels bebost. Er loopt een beekje door naar de kasteelvijvers. Op de kaart uit de atlas der buurtwegen worden 2 voetwegen getekend, de voetweg nr 15, die op de linkerover de loop van de Ijsse volgt. Op de rechteroever een weg met nr 5, die langs het kasteeldomein loopt. Beide voetwegen zijn op vandaag nog steeds aanwezig, al werd het tracé van voetweg 15 aangepast, de voetweg ligt op heden dichter naast de Ijsse. Op het perceel van de watermolen staan nu 3 gebouwen getekend, naast de molen en het woonhuis (? ) dat reeds op de Ferrariskaart stond, is er een schuur op het perceel bijgebouwd. Deze schuur is er op vandaag nog, ze kan gedateerd worden in het begin van de 19de eeuw.
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.10 Figuur 2: Atlas der buurtwegen ( 1843-1845)
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.11 Figuur 3: Popp kaart (1842-1880) De popp kaart toont hetzelfde beeld als de atlas der buurtwegen. Ook op vandaag heeft de site een vergelijkbaar uitzicht, de Ijsse behield zijn meanderende loop, de linkeroever is bebost, de rechteroever deels bebost, deels grasland. De voetweg langs de Ijsse bestaat nog, maar werd dichter naast de Ijsse gelegd. Op de molensite werd het molengebouw vergroot en werd het oostelijke gebouw in de 20ste eeuw afgebroken en werd op dezelfde plaats de huidige woning gebouwd. Een deel van de stallen bleef daarbij bewaard. Figuur 4: topografische kaart
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.12 2.2. historische evolutie molengebouwen Het molengebouw dateert uit de 18de eeuw, wellicht met een kern uit de wederopbouw in de 17de eeuw, na de verwoesting door de geuzen. Het maakt deel uit van losstaande bebouwing aan drie zijden van het erf en staat haaks op de IJse. Het gebouw, opgetrokken in baksteen met een natuurstenen plint, heeft twee bouwlagen en een zolder en bestaat uit twee delen : de eigenlijke molen aan de rivierkant en, in het verlengde daarvan, de voormalige molenaarswoning. op 18de & 19de eeuwse kaarten is te zien dat de molen oorspronkelijk veel kleiner was, het molenaarshuis werd vermoedelijk toegevoegd tussen 1850 & 1920 ( zie foto ). De monumentale kastanje die vandaag op de binnenkoer langs de oever staat, is nog niet te zien op deze foto. De bakstenen schuur met aangebouwd afdak en vlechtingen in de zijgevels dateert uit de 19de eeuw. Figuur 5: de molen omstreeks 1920 In 1901 werd de molen door graaf Adolf de Ribacourt verkocht aan Petrus Bosschaerts, die hem zelf ging eploiteren. Er kan vermoed worden dat na deze verkoop moderniseringswerken uitgevoerd werden. Het preciese jaartal waarin de cilinderwalsen, de houten plansichters en de wanmolen geplaatst werden, is niet gekend. De aandrijving gebeurde initieel door een dieselmotor. Na de tweede wereldoorlog, tussen 1945 en 1950 werden opnieuw aanpassingen uitgevoerd. In het molenhuis werden silo s gebouwd, in de schuur werd een graankuiser geïnstalleerd. Beide gebouwen werden dmv een transportschroef verbonden, waarmee het gekuiste graan van de schuur naar de silo in het molenhuis getransporteerd kon worden. De dieselmotor werd vervangen door een elektrische motor, die tot op heden op het gelijkvloers van het molenhuis staat. In 1952 werd de molen verkocht aan Guillaume Wijnants, hij verving het waterrad door een turbine. De eigenlijke eploitatie werd stopgezet op het einde van de jaren zestig, maar de molen draaide nu en dan nog, zij het zuiver als gelegenheidsmolen.
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.13 Het woonhuis is 20ste eeuws en bevindt zich op de plaats waar vroeger de stallen stonden. In 1990 werd de straatgevel aangepast. Op 10 maart 1994 werden molen en schuur beschermd als monument en hun onmiddellijke omgeving beschermd als dorpsgezicht. In 2014 werd gestart met de gefaseerde restauratie van de gebouwen. Volgende werken werden reeds uitgevoerd : - dringende instandhoudingswerken aan de schuur, waarbij een ingerot houten linteel boven de poort vernieuwd werd en metselwerk hersteld werd - de restauratie van de daken van de schuur en de restauratie van de vloerroosteringen en daken van de watermolen 2.3 bibliografie brochure ter gelegenheid van Open Monumentendag, met dank aan dhr. G. Vloebergs ( eigenaar ) www.inventaris.vioe.be, website van de Inventaris van het bouwkundig erfgoed door het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed www.geo.onroerenderfgoed.be, website van het geoportaal van Onroerend Erfgoed
Dhr. & mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN - HISTORISCHE NOTA pag.14
pag.15 3. INVENTARIS VAN ERFGOEDELEMENTEN 3.1 kadasterplan Figuur 1: kadasterplan met aanduiding van de foto s 3.2 algemene beschrijving / typering & ruimtelijke contet De site is gelegen aan de rand van het Magrijsbos, ten zuiden van Loonbeek, op de oostelijke flank van de Ijssevalei. Ze wordt in het westen begrensd door de St. Jansbergsteenweg en in het oosten door de Bertelsheide. Ten zuiden van de Ijsse ligt het kasteel Van der Vorst, deze site wordt niet verder behandeld in het beheersplan. foto 2 : St Jansbergsteenweg richting dorpscentrum foto 3 : toegang tot kasteel Van der Vorst
pag.16 foto 4 : achterzijde kasteel Van der Vorst foto 5 : rechteroever van de Ijsse en helling van het Magrijsbos 3.3 de Ijsse en haar oevers De Ijsse is een belangrijk structurerend element in het dorpsgezicht. Waar de Ijsse stroomopwaarts rechtgetrokken werd, behield ze stroomafwaarts haar meanderende loop. Het is een mooie heldere beek met een rijk visbestand. De waterkwaliteit scoort echter matig t.o.v. de normen van de Europese kaderrichtlijn water. Een belangrijk probleem is het in werking treden van de talrijke overstorten van het gemengde rioleringsstelsel tijdens hevige regenbuien, waardoor zowel afvalwater als hemelwater dat niet door de riolering kan worden afgevoerd, in de beek terecht komt. De molen is een vismigratieknelpunt, op vandaag is er geen vistrap langs de molen. Op een tiental meter na ter hoogte van de molen, worden de oevers gevormd door een natuurlijk talud. Op verschillende plaatsen kalven deze oevers af. Een deel van de linkeroever werd daarom recent versterkt met houten palen. Ter hoogte van de molen en de binnenkoer wordt de beek begrensd door een muur in baksteen. foto 6 : meanderende loop van de Ijsse foto 7 : afkalvende oevers
pag.17 foto 8 : houten oeverversterking foto 9 : muur in metselwerk thv binnenkoer molensite Naast de beek loopt een voetweg. Tussen de straat en de molen loopt deze op de rechteroever, net voorbij de molen steekt de wandelaar de beek over via een eenvoudig brugje in beton met stalen leuning, vervolgens gaat het pad verder op de linkeroever en volgt het de beek tot aan de Bertelsheide. Het pad is deels uitgevoerd in dolomiet, deels in aangestampte aarde. Er zijn geen zitbanken, nog openbare verlichting. Houten paaltjes bewegwijzeren het knooppuntennetwerk. Voorbij de tuin van de molenaarswoning, staan er bomen op de smalle strook tussen het pad en de beek. Deze bomen hellen over naar de beek, op één plaats ligt een omgevallen boom over de beek. foto 10 : wandelpad en brugje over de Ijsse
pag.18 foto 11 : wandelpad met bomenrij tussen pad en beek foto 12 : bewegwijzering knooppuntennetwerk De percelen 26b en 23e worden gebruikt als tuin. aan de straatzijde wordt de tuin van de straat afgesloten dmv een lage haag, de afsluiting van de tuin achteraan naar de beek bestaat uit een kastanje afsluiting en een haag in laurierkers. De tuin is een open en landelijke tuin, met grote gazonvlaktes, waarbij er langs de oever van de beek een massief van bomen en struiken bewaard is foto 13 : tuin aan straatzijde zicht naar oprit foto 14 : tuin aan straatzijde zicht naar beek De percelen 65g en 62 b zijn beboste percelen. Ze zijn gelegen in een compe van biologisch minder waardevolle elementen ( mw ) en van biologisch zeer waardevolle ( z ) elementen. De karteringseenheden zijn park ( kp ), alluviaal elzen essenbos ( va ), populier ( pop ), bomenrij met dominantie van ( al dan niet geknotte ) wilg ( kbs ), bomenrij met dominantie van populier ( kbp ) en zuur eikenbos.
pag.19 foto 15 : bos foto 16 : grasland Perceel 62b is een soortenrijk, permanent cultuurgrasland met dotterbloemen. 3.4 de bebouwing en de binnenkoer Behalve de als monument beschermde watermolen en schuur staan er nog 2 gebouwen binnen het dorpsgezicht, nl de woning en ( een gedeelte van ) de stallen. foto 17 : voorgevel woning en stal foto 18 : achterzijde woning en stal De woning heeft 2 bouwlagen onder een zadeldak met vernieuwde pannen. De gevels zijn bepleisterd en geschilderd, het schrijnwerk is in hout. Aan de tuinzijde is er een lagere uitbouw. De woning dateert uit de 20ste eeuw. Tussen woning en schuur nog een kleine stal, vermoedelijk uit het begin van de 19de eeuw, mogelijk zelfs ouder ( zie Ferrariskaart ). Het gebouw heeft één bouwlaag en een zadeldak met rode boomse pannen. De gevels zijn uitgevoerd in wit gekalkt baksteenmetselwerk. In de westgevel zijn een dubbele poort en 2 deurtjes, de oostgevel is een gesloten gevel. Watermolen, schuur, stal en woning vormen de begrenzing van een binnenkoer. Aan de zuidzijde loopt de Ijsse. De binnenkoer is verhard met steenslag. Langs de oever staat een monumentale paardenkastanje. De boom heeft verscheidene zeer zware zijtakken. De kroon zal daarom in de toekomst uitgelicht moeten worden om scheuren van takken te
pag.20 voorkomen. Tijdens de looptijd van het beheersplan zal de boom van volwassen fase naar veteranenfase overgaan. Opvolging is dan gewenst. foto 19 : binnenkoer met paardenkastanje 3.5 de schuur & de molen 3.5.1 gevels 3.5.1.1 zuidgevel schuur De zuidgevel (zijde binnenkoer) is opgetrokken uit baksteenmetselwerk formaat 26 5,5 12,5 cm. De gevel is wit geschilderd, het bovenste deel is niet geschilderd. Er is een zwarte plint van 55 cm hoog. foto 20 : zuidgevel schuur foto 21 : zuidgevel schuur foto 22 : zuidgevel schuur bovenste deel niet geschilderd foto 23 : beton linteel boven poort
pag.21 Rechts van de ingang zit een raampje met diefijzers met gebogen rollaag, het linteel en de dorpel zijn vervaardigd uit witte natuursteen. Nog aan deze zijde is een bouwspoor dat we niet kunnen duiden. Boven de poortopening zit een beton linteel, dat duidelijk een latere toevoeging is. Links van de ingang zit een spoor van een raamopening die nu dichtgemetseld is. Ten slotte zit in de linkerbovenhoek een doorgang waardoor ooit de archimedes-schroef zat waarlangs het graan getransporteerd werd naar de molen. foto 24 : raam rechts van poort foto 25 : dichtgemetst raam links van poort foto 26 : bouwspoor rechts van poort foto 27 : gat voor doorgang archimedesschroef Een toiletruimte is uiterst rechts tegen de gevel aangebouwd, voorzien van golfplaten dak. Enkel aan deze zijde van de inkom is een verharding terug te vinden van plat geplaatste baksteen met formaat 20 8.5 6 cm.
pag.22 foto 28 : aangebouwd toilet foto 29 : verharding in baksteen tegen gevel 3.5.1.2 westgevel schuur De westelijke topgevel is opgetrokken uit zichtbaar metselwerk formaat 25 12,5 5,5 cm, de aandaken zijn versierd met vlechtingen. Er zijn 5 verluchtingsgaten en 7 gevelankers. De hoekblokken en de dekstenen ter hoogte van de aandaken bestaan uit witte natuursteen foto 30 : westgevel schuur
pag.23 In de gevelopening staat een houten poort, deze naar binnen draaiende poort is niet meer functioneel sinds het vloerniveau achter de poort verhoogd werd. De poort is tijdelijk weggenomen sinds de restauratiewerken aan het dak. In de dagkanten van de poortopening zijn aan weerskanten 2 natuurstenen blokken terug te vinden, er is geen dorpel. Het houten linteel is vernieuwd en rust op natuursteen verdeelsloffen. Een gedeelte van het metselwerk boven de poort werd reeds hernomen bij het vernieuwen van het linteel, het overige metselwerk boven de poort is in slechte staat. foto 31 : hoekblok in natuursteen en gevelanker foto 32 : vernieuwd linteel en zone met metselwerk in slechte staat In het verleden werd het voegwerk hernomen met cementvoeg wat resulteert een grote zones van schade. foto 33 : schadebeeld westgevel 3.5.1.3 noordgevel schuur De noordgevel (tuinzijde) is uitgevoerd in zichtbaar baksteenmetselwerk met identieke stenen als de westelijke topgevel. Ter hoogte van de plint is er grote schade door opspattend water, pas bij de restauratie van het dak in 2015 werden goten en afvoerbuizen in zink aangebracht. Rechts in de gevel zit een opening van 30 30 cm, op een hoogte van 155 cm, het is de plaats waar een pijp naar buiten komt van de kuiser die het kaf van het koren scheidt.
pag.24 foto 34 : noordgevel schuur foto 35 : (stof) afvoer kuiser foto 36 : schadebeeld voet noordgevel 3.5.1.4 oostgevel schuur De oostgevel (tuinzijde) is naar uitzicht vergelijkbaar met de westgevel. Het schadebeeld is analoog aan dat van de noordgevel ( verweerde baksteen en verweerd voegwerk, beperkte scheurvorming, ). Links in de gevel zit een poortopening die op heden dichtgemetseld is met betonsteen, de dorpel ontbreekt. De bovenzijde is afgewerkt met een dubbele rollaag. Midden boven de poort bevindt zich een zone met afwijkend metselwerk met links ervan een zone die reeds hersteld is omdat er zich op die plaats een grote barst bevond. Ook thv de top werd reeds een stuk metselwerk hersteld.
pag.25 foto 37 : oostgevel schuur foto 38 : poortopening oostgevel met dubbele rollaag 3.5.1.5 oostgevel molen De oostgevel (zijde koer) telt 6 traveeën, en is opgebouwd uit 2 delen (verschillende bouwfasen). De eerste 4 traveeën omvatten de molen zelf, de laatste 2 vormen het molenhuis. De bouwnaad tussen molenaarshuisje en molen is in de oostgevel duidelijk zichtbaar. foto 39 : oostgevel molen foto 40 : oostgevel molen en molenhuisje De gevel is opgetrokken uit baksteen-metselwerk formaat 23,5 11,5 5,5 cm en werd gewit. Onder de witte verf zijn sporen terug te vinden van oker met daaronder opnieuw een witte kalklaag. De plint werd opgetrokken in natuursteen die later geteerd werd. Zones van de plint die in het verleden hersteld werden zijn uitgevoerd in baksteenmetselwerk. Het metselwerk is ter hoogte van de plint in zeer slechte staat.
pag.26 foto 41 : afwerklagen oostgevel foto 42 : schadebeeld plint Centraal in de gevel vinden we een bouwspoor van een vroegere deuropening, die via trappen toegankelijk was. De opening werd later ( vermoedelijk bij het aanpassen van de vloernivo s in functie van de maalderij ) dichtgemetseld met baksteen Rechts in de gevel treffen we sporen van 2 ramen die dichtgemetseld zijn, op deze plaats werd later de silo gebouwd. Rechtsonder zit een dichtgemetselde opening met houten linteel en dorpel en randblokken in witte natuursteen. De opening werd tijdens de restauratie van de daken dieperliggend ingevuld met metselwerk voor de stabiliteit van de achterliggende moerbalk. Er zijn meerdere sporen van rollagen en uiterst links ook een bouwspoor van een raam dat op heden dichtgemetseld is. foto 43 : bouwspoor vroegere deuropening foto 44 : dichtgemaakt raam in molenhuisje
pag.27 In deze gevel zitten een grote verscheidenheid aan gevelopeningen. We treffen er dorpels in natuursteen, hout of baksteen. De meeste ramen hebben houten lintelen. Twee ramen zijn voorzien van diefijzers waarvan ze bij één raam duidelijk een latere toevoeging zijn. Enkele ramen hadden luiken, de luikduimen zitten nog in de gevels. De ramen dateren vermoedelijk uit verschillende periodes, een deel van de ramen lijken ook recuperatie van elders. De deuren in het molenaarshuisje en in de molen zijn uitgevoerd in hout, waarbij de deur van de molen uit twee delen bestaat. De ramen zijn in donkergroen geschilderd terwijl de houten deuren groen/wit gestreept geschilderd werden. foto 45 : raam oostgevel foto 46 : raam oostgevel foto 47 : deur gelijkvloers foto 48 : deur verdieping en zolder
pag.28 3.5.1.6 noordgevel molen De noordelijke topgevel werd in 1992 volledig vernieuwd en is in goede staat. De gevel werd opgetrokken uit halfsteens metselwerk met baksteen van formaat 17 8 4,5 cm. De oorspronkelijke gevel bevindt zich nog achter deze nieuwe gevel, maar zou in zeer slechte staat zijn. Bovendien bleek bij uitvoering van de dakwerken dat de spouw tussen de oude en nieuwe gevel opgevuld werd met beton. foto 49 : noordgevel molen foto 50 : detail raamopening in topgevel De gevelopeningen en natuursteen elementen werden hernomen in deze nieuwe gevel. De ramen hebben houten lintelen maar geen dorpel, in de openingen staan eenvoudige houten ramen. Links van het linkse raam was er oorspronkelijk een opening in de gevel waarlangs de archimedesschroef van de schuur op de zolder van het molenhuis toekwam. Deze opening is niet meer zichtbaar in het vernieuwde parement, maar wel nog aan de binnenzijde van de gevel. 3.5.1.7 westgevel molen De westgevel ( straatgevel ) werd in 1992 op dezelfde manier als de noordgevel gerestaureerd, waarbij er een nieuwe gevel voor de oude gebouwd werd, de gevel is in goede staat. De gevel ter hoogte van het molenaarshuisje was op dat moment al volledig ingestort, de dragende muur ( binnenspouwblad ) werd opgetrokken in betonsteen. Ter hoogte van het molengebouw bevindt de oude gevel zich wel nog achter de nieuwe. Ook hier werden natuursteen elementen uit de oude gevel gehaald en in de nieuwe gevel ingewerkt. Bij de heropbouw zouden de oorspronkelijke raamopeningen hernomen zijn, al lijkt het eerder twijfelachtig of de 3 grote raamopeningen voordien ook al in de gevel zaten. De dorpels van deze ramen zijn samengesteld uit verschillende kleinere stukken natuursteen ( recup van elders in de gevel ). De enige houten deur in deze gevel zit voor de helft onder het maaiveld, om deze reden is een sleuf in het maaiveld gemaakt.
pag.29 foto 51 : westgevel molen foto 52 : raamopening in molenhuis foto 53 : raamopening in molen foto 54 : deuropening in molen In het midden van de gevel werd een oud wapenschild van de familie Van der Vorst in de nieuwe gevel geïntegreerd. foto 55 : wapenschild foto 56 : oude gevel achter nieuw parement
pag.30 3.5.1.8 zuidgevel molen De zuidelijke gevel ( watergevel ) is opgetrokken uit zichtbaar metselwerk, metsel- en voegwerk zijn in goede staat. De vijf raamopeningen hebben houten lintelen en de dorpels zijn uitgevoerd in baksteen. Het schrijnwerk is in hout en werd gebeitst. Gevel en schrijnwerk zijn in goede staat. foto 57 : watergevel en turbinelokaal 3.5.1.9 turbinelokaal Tegen de watergevel, boven de beek bevindt zich het lokaal van de turbine. De muren zijn uitgevoerd in baksteenmetselwerk op een draagstructuur in beton. Het dak is bedekt met golfplaten. 3.5.2 oevers van de beek thv de molen & sluiswerk De watermuren in de beek zijn opgetrokken in een combinatie van natuursteen- en baksteenmetselwerk en worden afgedekt met dekstenen in natuursteen. De muren zijn in slechte staat, delen zijn weggespoeld, de stenen zitten los en het voegwerk is verdwenen, de muren zijn overwoekerd door planten. Thv de binnenkoer zijn de watermuren opgetrokken in metselwerk van recentere datum. Het sluiswerk is uitgevoerd in beton, het bedieningsmechanisme en de sluisdeuren spoelden enkele jaren geleden weg, er resten nog slechts enkele sporen.
pag.31 foto 58 : watermuren in natuursteen foto 59 : watermuren in natuursteen foto 60 : restanten van sluitwerk foto 61 : restanten van sluiswerk foto 62 : turbinelokaal en oever thv binnenkoer
pag.32 3.5.3 daken De daken van schuur en watermolen werden gerestaureerd in 2014-2015. 3.5.3.1 dak schuur Het dak is gedekt met rode Boomse pannen, deze werden ter plaatse gerecupereerd en aangevuld met recuperatie van elders, ook de nokken werden gerecupereerd. De daken sluiten aan weerszijden aan tegen het bovendaks metselwerk van de topgevel, om waterinfiltratie te vermijden werd oorspronkelijke aanstrijking met mortel bij de restauratie vervangen door loden slabben. De goten zijn uitgevoerd in zink, bij de noordgevel zijn er 2 afvoerbuizen, bij de zuidgevel wordt het regenwater langs een ketting naar de riolering geleid foto 63 : dak schuur kant binnenkoer foto 64 : dak schuur kant tuin
pag.33 3.5.3.2 dak molen en molenhuis Het dak is gedekt met rode Boomse pannen, deze werden ter plaatse gerecupereerd en aangevuld met recuperatie van elders, de nokken zijn vernieuwd. De goten zijn uitgevoerd in zink, bij de oostgevel zijn er twee afvoerbuizen, bij de westgevel één. Thv het luiwerk bevindt zich een dakkapel, zodat de zakken rechtstreeks van buiten naar de verdieping gebracht konden worden, de dakkapel is bedekt met pannen, de zijkanten zijn afgewerkt met een beplanking in lariks. In het oostelijk dakvlak werden bij de restauratie 3 aluminium dakvlakraampjes ingewerkt. foto 65 : dak molen en molenhuis kant straat foto 66 : dak molen en molenhuis kant binnenkoer 3.5.4 interieur 3.5.4.1 interieur schuur ( 0.5 & 1.5 ) Op het gelijkvloers ( 0.5 ) reden de karren naar binnen om afgeladen te worden. De vloer is in beton en erg vochtig. De wanden zijn opgetrokken in recent metselwerk met formaat 19 8,5 6 cm. in beide wanden zit een opening als toegang tot de kelders.
pag.34 foto 67 : gelijkvloers schuur foto 68 : openingen naar kelder De delen links en rechts van de doorgang (1.5 ) werden naar verluid verhoogd om het afladen van de karren gemakkelijker te maken. De muren zijn opgetrokken uit metselwerk waarvan de onderste 2 m gecementeerd werd. De cementering is op sommige plaatsen in heel slechte staat. Daarnaast zijn er sporen van witte verf- of kalklagen op de wanden. In de oostgevel is het metselwerk in betonsteen zichtbaar dat gebruikt werd voor het dichtmetselen van de poort. In de zuidgevel zijn de bouwsporen zichtbaar van de roostering die vroeger de onderzijde van de dakoversteek vormde. foto 69 : interieur schuur verhoogde delen foto 70 : dichtgemetselde poortopening in oostgevel De vloer is uitgevoerd beton. In de noordwest hoek staat een recente constructie waarin zich de betonnen silo s bevinden, opgetrokken in wit geschilderd metselwerk met een linteel in beton. Op dit niveau bevindt zich een graankuiser die verder in detail besproken wordt. De dakstructuur is een traditionele structuur met spanten, gordingen en kepers. Spanten en gordingen zijn uitgevoerd in eik, de kepers zijn ronde sparrenkepers.
pag.35 De dakstructuur werd gerestaureerd in 2014-2015, de spanten werden behouden, de gordingen zijn deels behouden & deels vernieuwd, de kepers moesten integraal vernieuwd worden. Ook de dakoversteek aan de kant van de binnenkoer werd vernieuwd in eik. Er werd een onderdak aangebracht in houtvezelplaten ( type celit ) met daarop een onderdakfolie om de regen - & luchtdichtheid te garanderen. 3.5.4.2 interieur molenhuis gelijkvloers ( 0.2 ) Dit deel van het huisje is moeilijk toegankelijk, het is een lage ruimte waarin zich de elektromotor bevindt. foto 71 : gelijkvloers molenhuisje foto 72 : schadebeeld metselwerk De vloer bestaat uit gestampte aarde, de ruimte is erg vochtig. Tijdens de vorige restauratie werd vastgesteld dat het funderingsmetselwerk maar net onder de vloer aangezet werd. De muren zijn opgetrokken in massief baksteenmetselwerk. De westelijke muur is grotendeels uitgevoerd in volle betonblokken, nadat de oorspronkelijke gevel ingestort was. Bij de restauratie in 2014-2015 werden herstellingen aan het metselwerk uitgevoerd. Oorspronkelijk was er een trap van gelijkvloers naar verdieping ( zie trapgat ), de trap is niet meer aanwezig. 3.5.4.3 interieur molenhuis eerste verdieping ( 1.3 ) foto 73 : eerste verdieping molenhuisje foto 74 : eerste verdieping molenhuisje westgevel in betonsteen Deze ruimte was oorspronkelijk de woonruimte van de molenaar en was ook zo afgewerkt ( plankenvloer, gepleisterde wanden, bepleisterd plafond, haardje en ingemaakte kasten, ), met de verbouwing tot mechanische maalderij en de installatie van een silo in de noordoostelijke hoek, gingen deze elementen deels verloren en trad de verwaarlozing in.
pag.36 Op deze verdieping stond tot voor de restauratie een silo in de noordoostelijke hoek, de demontage ervan was noodzakelijk om de vloerconstructie te kunnen herstellen. De vloerconstructie is uitgevoerd met twee moerbalken en kinderbalken in eik. De constructie werd volledig vernieuwd bij de vorige restauratie, enkel in de middenzone konden de kinderbalken gerecupereerd worden. Er werd een werkvloer in OSB geplaatst in afwachting van een volgende restauratiefase. De wanden zijn opgetrokken in massief baksteenmetselwerk, op de muren zijn nog sporen aanwezig van de vroegere bepleistering. De westelijke muur is opgetrokken in volle betonblokken, nadat de oorspronkelijke gevel ingestort was. Tegen de noordelijke gevel stond vroeger een schouw, de schouw is verdwenen, het rookkanaal werd dichtgemetseld. Links en rechts van de schouw zijn er twee wandkasten bewaard. foto 75 : bewaarde wandkasten aan weerszijden van de schouw foto 76 : bouwspoor in oostgevel In de oostgevel zijn er sporen van raamopeningen, deze ramen werden dichtgemetseld toen de silo er geplaatst werd. In de zuidelijke binnenmuur is er een doorgang naar de molen, een tweede doorgang is deels dichtgemetseld en toont dat de vloernivo s oorspronkelijk anders waren. foto 77 : doorgang naar molen foto 78 : bouwspoor van tweede doorgang dichtgemetseld
pag.37 Momenteel is het plafond / de vloerconstructie zichtbaar, tot voor de restauratie was het plafond echter bepleisterd ( pleisterwerk op latwerk ). Oorspronkelijk was er een trap van verdieping naar zolder ( zie trapgat ), de trap is niet meer aanwezig. 3.5.4.4 interieur molenhuis tweede verdieping ( 2.3 ) Deze ruimte is de zolder van het molenhuis, net zoals op de verdieping stonden ook hier restanten van de vroegere installatie, oa een archimedesschroef en een silo. foto 79 : zolder molenhuis foto 80 : zolder molenhuis De vloerconstructie is uitgevoerd met één moerbalk en kinderbalken in eik. De moerbalk bleef behouden, de kinderbalken werden vernieuwd bij de vorige restauratie. Er werd een werkvloer in OSB geplaatst. De wanden zijn opgetrokken in massief baksteenmetselwerk, op de muren zijn nog sporen aanwezig van de vroegere bepleistering. De westelijke muur is opgetrokken in volle betonblokken, nadat de oorspronkelijke gevel ingestort was. In de noordelijke gevel bevond zich een schouw, het rookkanaal is dichtgemetseld. In de oostelijke gevel zit een bouwspoor van een dichtgemetseld raampje, voor de zuidelijke binnenmuur zijn restanten van een vakwerkgevel bewaard. De dakstructuur was in zeer slechte staat, bij restauratie werd de structuur volledig vernieuwd. De dakstructuur is een traditionele structuur met spanten, gordingen en kepers. Spanten en gordingen zijn uitgevoerd in eik, de kepers werden uitgevoerd in oregon en zijn opgevat als plankenkepers. Er werd een onderdak aangebracht in houtvezelplaten ( type celit ) met daarop een onderdakfolie om de regen - & luchtdichtheid te garanderen. 3.5.4.5 gelijkvloers molen ( 0.1 ) foto 81 : gelijkvloers molen
pag.38 Op het gelijkvloers bevindt zich enerzijds de overbrenging van de turbine naar het steenkoppel en anderzijds ook de aandrijving van de cilinderwalsen. De vloer is in beton en algemeen in redelijke staat. De muren zijn uitgevoerd in baksteenmetselwerk dat gekalkt werd. De onderste zone van de oostgevel is zwaar verweerd door vocht en zouten. In de westgevel zit een oud luikje, de opening erachter is volledig opgevuld met beton. foto 82 : vocht en zoutschade aan voet muur foto 83 : luikje in westgevel De vermoedelijk initieel aanwezige houten roostering werd in het verleden reeds vervangen door stalen I profielen en balken in naaldhout ( 7 18 cm ). In het plafond zit een gat voor het luiluik. De trap naar de eerste verdieping is een eenvoudige houten trap, die waarschijnlijk gerecupereerd werd van elders. 3.5.4.6 eerste verdieping molen ( 1.1 & 1.2 ) Op de eerste verdieping liggen de molenstenen en staan de cilinderwalsen opgesteld. foto 84 : eerste verdieping molen foto 85 : herstelde balkkop
pag.39 De plankenvloer is uitgevoerd in naaldhout. De planken zijn in slechte staat, op verschillende plaatsen zijn er gaten, die voorlopig dichtgelegd zijn met platen. De muren zijn uitgevoerd in baksteenmetselwerk dat gekalkt werd. Het plafond is opgebouwd uit een zichtbare vloerroostering met moerbalken in eik & kinderbalken uit verschillende houtsoorten. De aangetaste moerbalkkoppen in de westelijke gevel werden hersteld met epoy en een verloren beplanking. Er is een raveelconstructie voor het luiluik. Enkele moerbalken waren gewit. Er is een eenvoudige houten trap naar de tweede verdieping. 3.5.4.7 tweede verdieping molen ( 2.1 & 2.2 ) Op deze verdieping, onder het dak, staan de plansichters en de graankuiser. foto 86 : tweede verdieping richting watergevel foto 87 : houten wand & transportschroef De plankenvloer in 2.1 was in zeer slechte staat en werd bij de vorige restauratie vervangen door OSB platen. In 2.2 ligt een vloer in brede planken, vermoedelijk populier. De muren zijn uitgevoerd in baksteenmetselwerk dat gekalkt werd tot op hoogte van de muurplaten, de topgevel is hoger uitgevoerd in zichtbaar metselwerk. In de zuidgevel ( gevel waterkant ) is een ronde opening in de gevel, de functie is niet bekend. Tussen 2.1 en 2.2 staat een houten wand, met een brede horizontale beplanking, de beplanking werd rechtstreeks op het spant genageld. Boven een gedeelte van 2.1 & boven 2.2 werd nog een zolderverdieping gebouwd, de kinderbalken ( verschillende secties & houtsoorten ) rusten op de trekkers van de spanten. Deze constructie is in slechte staat en werd deels verwijderd om de dakconstructie ( gordingen ) te kunnen herstellen. Er is een eenvoudige houten trap naar de zolder. 3.5.4.8 derde verdieping molen ( 3.1 & 3.2 ) De vloeren bestaan deels uit OSB platen, deels uit plankenvloeren in zeer slechte staat. Tussen 3.1 en 3.2 staat een houten wand, met een brede horizontale beplanking, de beplanking werd rechtstreeks op het spant genageld.
pag.40 De dakstructuur is een traditionele structuur met spanten, gordingen en kepers. Spanten en gordingen zijn uitgevoerd in eik, de kepers zijn ronde sparrenkepers. De dakstructuur werd gerestaureerd in 2014-2015, de spanten werden behouden, de gordingen zijn deels behouden & deels vernieuwd, de ronde sparrenkepers moesten integraal vernieuwd worden Er werd een onderdak aangebracht in houtvezelplaten ( type celit ) met daarop een onderdakfolie om de regen - & luchtdichtheid te garanderen. foto 88 : derde verdieping molen 3.5.5 molentechnische installaties De molen is een 18de eeuwse watermolen, die in de 20ste eeuw verbouwd werd tot mechanische maalderij. Ook de ruimte in de schuur werd in het productieproces betrokken. Zie ook plannen op het einde van dit hoofdstuk, waarop de verschillende onderdelen aangeduid zijn. 3.5.5.1 molentechnische uitrusting schuur Op het verhoogde deel van de schuur, tegen de westgevel werden 2 silo s in beton gebouw. Een elevator zorgde voor het verticaal transport. Tussen schuur en molen was er een archimedesschroef, waarvan de restanten zowel in molen als in schuur nog aanwezig zijn. Het deel dat de verbinding maakte tussen de twee gebouwen is niet bewaard. Voor de silo s staat een graankuiser, aangedreven door een elektromotor. Op de vloer staat een weegschaal. foto 89 : elevator en archimedesschroef foto 90 : silo s en graankuiser
pag.41 foto 91 : graankuiser foto 92 : aandrijving dmv elektromotor foto 93 : weegschaal 3.5.5.2 molentechnische uitrusting molenhuisje Op het gelijkvloers staat de elektromotor, als aandrijving voor de cilindermolens. Twee elevatoren zorgen voor het verticaal transport. Op de zolder bevinden zich nog twee archimedesschroeven ( waarvan één richting schuur ).
pag.42 foto 94 : elektromotor gelijkvloers molenhuisje foto 95 : elevatoren eerste verdieping molenhuisje foto 96 : archimedesschroef zolder molenhuisje foto 97 : elevatoren zolder molenhuisje 3.5.5.3 molentechnische uitrusting gelijkvloers molen De turbine is opgesteld in een gebouwtje tegen de watergevel, ze werd in 1952 geplaatst, ter vervanging van het waterwiel. Via een riemaandrijving naar een horizontale as tegen de watergevel worden het luiwerk en één steenkoppel door de turbine aangedreven: - riemaandrijving naar luiwerk - onderaandrijving steenkoppel De watertoevoer kan open gezet worden door middel van een wiel.
pag.43 foto 98 : turbine foto 99 : riemoverbrenging van turbine naar as in molen foto 100 : riemaandrijving luiwerk foto 101 : onderaandrijving steenkoppel Aan de tegenoverliggende zijde ( binnengevel met molenhuisje ) ligt de aandrijfas van de elektromotor naar de cilindermolens. De elektrische voeding voor de motor hangt tegen de westgevel. Op het gelijkvloers staat daarnaast een weegschaal in een uitsparing in de vloer.
pag.44 foto 102 : wiel om watertoevoer open te zetten foto 103 : weegschaal foto 104 : as aangedreven door de elektromotor foto 105 : elektrische voeding elektromotor 3.5.5.4 molentechnische uitrusting eerste verdieping molen In de zuidwestelijke hoek ligt een steenkoppel met steenkist, deze uitrusting is volledig bewaard en kan mits beperkt herstel, opnieuw in werking gesteld worden, de aandrijving gebeurt via de turbine. In de zuidoostelijke hoek staat één molensteen tegen de muur, de tweede steen ligt ingewerkt in de vloer. Tegen de watergevel loopt de aandrijfriem voor het luiwerk, dat zich op de zolder bevindt. Op deze zolder stond nog een pletmolen, hij werd in de jaren 90 voor herstel weggevoerd en niet meer teruggebracht.
pag.45 foto 106 : steenkoppel foto 107 : riemaandrijving luiwerk foto 108 : molensteen in de vloer foto 109 : rechtopstaande molensteen In de molen was ook galg aanwezig om de molenstenen te lichten, het systeem is anders dan de traditionele galg met houten steunconstructie, de schroef moest in een speciale houten plank in de vloer van de tweede zolder gemonteerd worden. In de molen ligt nog een tweede beugel.
pag.46 foto 110 : beugel van de galg foto 111 : schroef voor de galg foto 112 : staaf waaraan de beugel opgehangen wordt Aan de noordzijde, tegen de muur met het molenhuisje, staan drie cilinderwalsen, twee van het merk Luther en één van het merk Daverio. Ze werden aangedreven met de elektromotor. In de westgevel zit een luikje ingewerkt waarachter het elektrisch bord zat. foto 113 : cilinderwals foto 114 : cilinderwals
pag.47 foto 115 : cilinderwals foto 116 : kastje waarachter elektrisch bord 3.5.5.5 molentechnische uitrusting tweede verdieping molen Op de tweede verdieping bevinden zich twee aan elkaar gekoppelde plansichters en één wanmolen met afzuigsysteem. Ze zijn met bamboestokken opgehangen aan de dakstructuur. Een transportband verbindt de wanmolen met de andere zolder. foto 117 : plansichters foto 118 : wanmolen
pag.48 foto 119 : ophanging aan bamboestokken foto 120 : transportsysteem wanmolen Op zolder 2.1 hangt het luiwerk, aangedreven door de turbine. Thv de dakkapel bevindt zich nog een tweede luisysteem. foto 121 : luiwerk aangedreven door turbine foto 122 : luiwerk in dakkapel foto 123 : luiwerk foto 124 : luiwerk
pag.49 3.5.5.6 gedemonteerde molentechnische uitrusting Op de eerste verdieping van het molenhuisje bevond zich een silo, welke ingebouwd was in de vroegere leefruimte. De silo werd bij de restauratie gedemonteerd om de structuur van de vloeren te kunnen herstellen / vervangen. De silo was in slechte staat en werd niet teruggeplaatst. De silo werd opgemeten en in detail gefotografeerd, deze documenten zijn bijgevoegd in bijlage 4 3.6 archeologie De site heeft een archeologisch potentieel. Op de CAI kaart staan de percelen van de watermolen en het kasteel ingekleurd als gebieden met archeologisch potentieel ( nr 5173 ). Reeds in de 13de eeuw is er sprake van een eerste nederzetting, op het eind van de 15de eeuw omvatte het domein een kasteel, watermolen, een kapel,. Op de plaats van het huidige woonhuis, dat uit de 20ste eeuw dateert, stond er reeds op het einde van de 18de eeuw een gebouw. 3.7 plannen
pag.50
pag.51
pag.52
pag.53
pag.54
pag.55
pag.56
pag.57
pag.58
pag.59
pag.60
pag.61
pag.62
pag.63
pag.64
WATERMOLEN LOONBEEK 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) BEHEERSPLAN SITUERING EN BESCHRIJVING ERFGOEDWAARDEN pag.65 4. BESCHRIJVING VAN DE ERFGOEDWAARDEN 4.1 industrieel-archeologische waarde ( beschermingsbesluit ) De molen werd beschermd als monument bij MB van 10 maart 1994 (beschermingsbesluit zie bijlage 3) Als motivatie van de bescherming wordt de industrieel-archeologische waarde vermeld : Het is een 18 e eeuwse watermolen voorzien van een turbine, van twee koppels maalstenen, van drie cilinderwalsen (twee van het merk Luther en één van Daverio ), van twee aan elkaar gekoppelde plansichters, van één wanmolen met afzuigsysteem, van een luiwerk, van één galg, van jakobsladders en goten in het molengebouw; van een metalen jakobsladder, van een reinigingsinstallatie voor granen en van een (voorlopig gedemonteerde) archimedes-schroef voor het transport van graan tussen de schuur en het molengebouw. De molen bezit ook een industriee-larcheologische waarde als dorpsgezicht: Als oude inplantingsplaats van een watermolen in de dorpskern en naast het kasteel waarbij deze watermolen als banmolen hoorde. 4.2 andere erfgoedwaarden Naast deze in het beschermingsbesluit vermelde erfgoedwaarde, worden volgende erfgoedwaarden benoemd 4.2.1. historisch - landschappelijke waarde De molensite, de Ijsse en haar oevers hebben een historisch-landschappelijke waarde. Het beheer gedurende eeuwen bepaalde het huidige uitzicht ; een meanderende beek, beboste oevers, in combinatie met historisch grasland en knotboomrijen. Het landelijke karakter bleef bewaard. Architectenbureau Sabine Okkerse bvba september 2015
WATERMOLEN LOONBEEK 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) BEHEERSPLAN SITUERING EN BESCHRIJVING ERFGOEDWAARDEN pag.66 4.2.2. archeologische waarde De site heeft een archeologisch potentieel, reeds in de 13de eeuw is er sprake van een nederzetting 4.2.3. historisch-architecturale waarde Het molengebouw uit de 18de eeuw heeft een historisch-architecturale waarde als voorbeeld van een Architectenbureau Sabine Okkerse bvba september 2015
WATERMOLEN LOONBEEK 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) BEHEERSPLAN SITUERING EN BESCHRIJVING ERFGOEDWAARDEN pag.67 traditionele baksteenbouw onder zadeldak, op een natuursteen plint. Vooral de oostgevel en zuidgevel ( watergevel ) zijn goed bewaard. In het interieur zijn de vloerconstructie van de tweede verdieping ( moeren kinderbalken ) en de traditionele dakconstructie uit spanten en gordingen, met getoogde pen-gat verbindingen, belangrijk. Ook de 19de eeuwse schuur is een fraai voorbeeld van baksteenbouw, met verzorgde details ( vlechtwerk topgevels, natuursteen ) en een indrukwekkend bewaard dakgebinte, opgebouwd uit spanten en gordingen, met getoogde pen-gat verbindingen. Architectenbureau Sabine Okkerse bvba september 2015
WATERMOLEN LOONBEEK 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) 3040 LOONBEEK ( HULDENBERG ) BEHEERSPLAN SITUERING EN BESCHRIJVING ERFGOEDWAARDEN pag.68 Architectenbureau Sabine Okkerse bvba september 2015
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN BEHEERSVISIE pag.69 5. VISIE OP BEHEER 5.1. molensite & onmiddellijke omgeving 5.1.1 hoofddoelstelling Hoofddoelstelling is het behoud en de verbetering van de erfgoedwaarden van de molensite en de als beschermde gebouwen. Dit houdt in : - het behoud van de configuratie van gebouwen rond een binnenkoer, omgeven door een open, landelijke tuin met streekeigen hagen en bomen - het behoud van het aan de woning aangebouwde schuurvolume, in het bijzonder van de gevel aan de zijde van de koer en de dakbedekking in Boomse pannen - het behoud van de monumentale kastanjeboom op de binnenkoer - het behoud van de erfgoedwaarden in het eterieur van de schuur - conservatie zichtbaar baksteenmetselwerk voor noord, oost- & westgevel - conservatie baksteenmetselwerk en wijze van afwerking ( geschilderd ) voor de zuidgevel - behoud dakvorm & materiaal ( dakbedekking in boomse pannen ) - behoud algemeen gesloten karakter van gevels en dak ( beperkte ingrepen zijn mogelijk ) - de behoud van de erfgoedwaarden in het interieur van de schuur - de conservatie van de dakstructuur - het behoud van de ruimtelijkheid in het interieur - het behoud / de verbetering van de erfgoedwaarden in het eterieur van de molen en het molenhuis - conservatie metselwerk in baksteen en natuursteen en wijze van afwerking ( geschilderd ) voor de oostgevel - conservatie metselwerk in baksteen voor de zuidgevel ( watergevel ), ev hernemen van historische aanwezige afwerklagen ( geschilderd ) om de erfgoedwaarde te verhogen - ev heraanbrengen van de historische afwerklagen ( geschilderd ) op de vernieuwde west- & noordgevel om de erfgoedwaarde te verhogen - behoud dakvorm & materiaal ( dakbedekking in boomse pannen ) - behoud algemeen gesloten karakter van de gevels en dak ( beperkte ingrepen zijn mogelijk ) - het behoud / de verbetering van de erfgoedwaarden in het interieur van de molen en het molenhuis - de conservatie van de dakstructuur van de molen - de conservatie van de verschillende verdiepingsvloeren - het verhogen van de erfgoedwaarde van de vloerafwerking - het verhogen van de erfgoedwaarde van het interieur van het molenhuisje - het integraal behoud van de molentechnische uitrusting - de conservatie van de nog aanwezige delen van de watermuren en het sluiswerk 5.1.2 nevendoelstellingen De molensite wordt momenteel bewoond door een gepensioneerd echtpaar. Zij wonen in het 20ste eeuwse woonhuis en gebruiken de molen & schuur als woningbijgebouwen. De percelen 26 e en 23 b worden gebruikt als privé tuin. Zolang de huidige eigenaars op de site wonen, zal de huidige bestemming behouden blijven De schuur blijft in gebruik als opslagruimte, evenals het gelijkvloers van de molen. De verdiepingen van de molen, die grotendeels ingenomen worden door de aanwezige molentechnische uitrusting, behouden hun functie als molen en krijgen geen nevenbestemming. Op de verdieping van het molenhuisje zal de eigenaar een kunstatelier voor zichzelf inrichten. Dit houdt in dat de verdieping van het huisje rechtstreeks van buiten toegankelijk gemaakt zal worden en dat de energieprestaties voor zover als mogelijk verbeterd zullen worden.
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN BEHEERSVISIE pag.70 5.1.3 doelstellingen op langere termijn Op termijn kan bekeken te worden of de molen functioneel hersteld kan worden; het reconstrueren van het sluiswerk, het herstellen van de watermuren, het herstellen van de turbine en het herstellen van het bewaarde steenkoppel & het luiwerk. Ook de eventuele energie-opwekking met de turbine is een nevendoelstelling die verder onderzocht kan worden. Voor de mechanische maalderij lijkt conservatie van de huidige toestand de meest realistische optie, verder onderzoek naar de mogelijkheid om bijv de elektromotor te herstellen, kan hierover meer duidelijkheid geven. 5.2. de Ijsse en haar oevers 5.2.1 hoofddoelstelling Hoofddoelstelling is het behoud van de erfgoedwaarde van de Ijsse en haar oevers, nl het behoud van de meanderende loop, de natuurlijke oevers en de begroeiing langs de oevers en de voetweg op de linkeroever. 5.2.2 nevendoelstellingen ( tekst aangeleverd door Maarten Van Aert VMM ) De Ijsse is een waterloop met hoge ecologische potenties. De vallei kreeg een groene gewestplanbestemming en grote delen ervan werden aangeduid als speciale beschermingszone i.f.v de EU-Habitatrichtlijn. In de waterloop komen zeldzame en beschermde vissoorten voor, wat ervoor zorgde dat de Ijsse als prioritaire waterloop voor vismigratie wordt beschouwd door de Benelu Beschikking M(2009)01. De Ijsse is tevens in de stroomgebiedbeheerplannen ( 2016-2021 ) opgenomen als speerpuntgebied, wat wil zeggen dat er versneld werk gemaakt moet worden van het behalen van de doelstelling goede ecologische toestand zoals opgelegd door de EU-kaderrichtlijn Water. De Vlaamse milieumaatschappij stemt het beheer van de waterloop maimaal af op deze ecologische doelstellingen; - er worden geen slibruimingen uitgevoerd - de oevers worden etensief beheerd - oeververstevigingen worden enkel aanbracht als gebouwen of infrastructuur in het gedrang komen De molen is een vismigratieknelpunt, waarvoor in de toekomst een oplossing gezocht moet worden. Omtrent de vistrap stemmen de adviezen van ANB, VMM en Onroerend Erfgoed niet overeen. Er wordt gewezen op de noodzaak om samen met ANB en VMM in overleg te gaan om tot een oplossing te komen. 5.3. percelen stroomafwaarts de Ijsse Hoofddoelstellingen zijn het behoud en de verbetering van de erfgoed- en natuurwaarden. Een deel van de percelen zijn gelegen in ven-gebied en Habitatrichtlijngebied. Een deel van de percelen zijn bebost. Voor de beboste gedeelten is de visie gericht op bosbehoud, waarbij in de toekomst een omvorming voorzien wordt naar inheems loofhout. Ook voor de niet beboste percelen wordt het beheer gericht op een habitatverbetering. Het dotterbloemgrasland dient behouden te blijven. In afwachting van de opmaak van een natuurrichtplan geniet elk VEN-gebied van een basisbescherming, die erop gericht is om de bestaande natuurwaarden te behouden. De principes voor de bescherming van de natuurwaarden binnen het VEN gebied zijn - bemesting mag en kan volgens hetgeen is vastgelegd in het mestdecreet - bestrijdingsmiddelen mogen enkel ingezet worden indien ontheffing op het bemestingsverbod is gegeven vanuit het mestdecreet - het bestaande landschap krijgt etra bescherming, het verwijderen van akkerranden, bermen,
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN BEHEERSVISIE pag.71 bomenrijen, die mee het landschap vorm geven, is niet mogelijk in het VEN - in het VEN mogen vegetaties en kleine landschapselementen niet worden gewijzigd. Dit betekent dat bijvoorbeeld duinen, heiden, moerassen, vennen, poelen, holle wegen en bronnen beschermd zijn. De soortenrijke graslanden ( de historisch permanente graslanden ) zijn volledig beschermd, de typisch permanente graasweides uit de landbouw mogen niet omgezet worden in akkers ( permanent wil zeggen dat ze minimaal 4 jaar onafgebroken als graasweide hebben gediend ) - binnen het VEN wordt gekozen voor duurzaam beheer van alle bossen. Voor bossen groter dan 5 hectare moet op termijn een bosbeheerplan opgemaakt worden volgens de criteria voor duurzaam bosbeheer. Voor privebos blijft het bestaande, goedgekeurde bosbeheerplan tot dan van kracht - het planten van niet-inheemse soorten mag enkel in een aantal gevallen. Het beplanten van lanen met populieren, het uitbaten van een bos volgens een bosbeheerplan en het onderhouden van een hoogstamboomgaard blijven bijvoorbeeld mogelijk. Ook cultuurhistorische elementen in kasteelparken, stadsparken, tuinen, binnen het VEN mogen onderhouden worden en bewaard blijven - binnen het VEN wordt de waterhuishouding zoals die nu is, behouden. Bestaande drainage en irrigatie mag blijven en onderhouden worden. Waterlopen mogen onderhouden worden volgens de code van de goede natuurpraktijk. Wijzigingen aan de waterhuishouding, zoals het aanleggen van nieuwe drainages, het rechttrekken van waterlopen, zijn verboden. 5.4. archeologie Hoofddoelstelling is het behoud van het archeologisch potentieel. Ingrepen in de bodem moeten maimaal vermeden worden en moeten, indien ze toch noodzakelijk zijn, voorafgaand archeologisch afgetoetst worden. 5.5. motivatie zen-erfgoed De monumentale kastanjeboom op de binnenkoer dient beschouwd te worden als ZEN-erfgoed. De eigenaar heeft geen opbrengst of nut bij het gebruik of beheer ervan. De paardenkastanje is als ZEN-erfgoed erkend op het afdelingsoverleg van 28 januari 2016.
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN BEHEERSVISIE pag.72
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.73 6. OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN Hieronder wordt een niet limitatief overzicht gegeven van de te verwachten instandhoudings-, onderhoudsen restauratiewerken die noodzakelijk zijn om de beoogde beheersdoelstellingen te bereiken. Onvoorzienbare werken, zoals na stormschade of vandalisme, kunnen niet op voorhand ingeschat worden en zijn niet opgenomen in het overzicht. De werken worden opgesplitst in werken uit te voeren op korte termijn ( KT premie-aanvraag in te dienen in 2016 ), middenlange termijn ( MLT binnen ca 2 tot 5 jaar ) en lange termijn ( LT meer dan 5 jaar ). 6.1. schuur, molen & molenhuis De daken van watermolen, molenhuis en schuur werden recent gerestaureerd, in verschillende fasen zullen de gevels van de schuur, de oostgevel ( binnenkoer ) van de watermolen & molenhuisje en het schrijnwerk van de molen gerestaureerd worden. In het molenhuisje wordt een tijdelijk kunstenaarsatelier ingericht. De aanwezige molentechnische uitrusting wordt geconserveerd. Toekomstige onderhoudswerken worden in principe uitgevoerd met dezelfde producten als deze die gebruikt werden bij de restauratie, tenzij anders vermeld. 6.1.1 restauratie van de gevels van de schuur aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating forfaitair verrekend zuidgevel (geschilderd baksteenmetselwerk ) - reinigen van de gevel met 1 10 jaar warm water onder middelhoge druk - plaatselijk herstel metselwerk ( vnl ter hoogte van de plint ) met handvormbaksteen en een hydraulische kalkmortel - plaatselijk herstel voegwerk met hydraulische kalkmortel - kaleien met een kaleimortel op basis van hydraulische kalk - schilderen met een silicaat- of siloaanverf 1 10 jaar westgevel (zichtbaar baksteenmetselwerk ) - reinigen van de gevel met warm water onder middelhoge druk - innaaien scheuren en herstellen barsten boven de poort - plaatselijk herstel metselwerk ( vnl daar waar grote schade door gebruik cementmortel ) met handvormbaksteen en een hydraulische kalkmortel - hernemen van voegwerk (100%), alle cementvoegen dienen verwijderd te worden en
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.74 vervangen door mortel op basis van hydraulische kalk. - plaatsen houten poort ( geschilderd ) - onderhoudsschilderwerk houten poort 1 10 jaar noord- en oostgevel (zichtbaar baksteenmetselwerk ) - reinigen van de gevel met warm water onder middelhoge druk - innaaien van scheuren ( beperkt ) - plaatselijk herstel metselwerk met handvormsteen en een hydraulische kalkmortel - hernemen van voegwerk (100%) met een mortel op basis van hydraulische kalk alle gevels - onderhoudsschilderwerk metalen gevelankers 1 10 jaar 6.1.2 restauratie van de gevels van molen & molenhuisje aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating forfaitair verrekend oostgevel (geschilderd baksteenmetselwerk ) - reinigen van de gevel met 1 10 jaar warm water onder middelhoge druk - plaatselijk herstel metselwerk plint ( bi- & buitenzijde ) met handvormsteen en hydraulische kalkmortel - injecteren tegen opstijgend vocht - plaatselijk herstel metselwerk overige delen gevels - plaatselijk herstel plint in natuursteen - plaatselijk herstel voegwerk met hydraulische kalkmortel - kaleien met een kaleimortel op basis van hydraulische kalk - schilderen met een silicaat- of siloaanverf 1 10 jaar - aanleggen van een drainage en verharding tegen de gevel westgevel (zichtbaar baksteenmetselwerk ) - vernieuwen buitenschrijnwerk in molenhuis
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.75 - herstellen of vernieuwen raamdorpels alle gevels - plaatselijk herstellen en herschilderen buitenschrijnwerk - onderhoudschilderwerk schrijnwerk - onderhoudsschilderwerk metalen gevelankers 1 10 jaar 1 10 jaar 6.1.3 interieurrestauratie schuur, molen & molenhuis aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating inrichten van een kunstenaarsatelier in het molenhuisje - plaatsen van een metalen buitentrap tegen de oostgevel - bepleisteren van de muren op de eerste verdieping - plaatsen van een houten trap van de eerste verdieping naar de zolder - herstellen van de ingemaakte kasten in de noordgevel - plaatsen van elektriciteit en verlichting forfaitair verrekend herstel vochthuishouding kelder molenhuis - aanleggen van een drainage - aanbrengen van 2 verluchtingsroosters in de westgevel boven het maaiveld - uitvoeren van een vloerplaat in gewapend beton, die verankerd wordt in de buitenmuren, ter versterking van de bestaande fundering herstel plankenvloeren in molen - plaatselijk herstellen van de vloerroostering van de 1ste verdieping - vernieuwen plankenvloer van de 1ste verdieping - vervangen werkvloer in OSB op de 2de verdieping door een plankenvloer - plaatselijk herstellen van de vloerroostering van de zolder - vernieuwen van de plankenvloer van de zolder opmerkingen - principeschets nieuwe buitentrap zie bijlage 6
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.76 6.1.4 molentechnische uitrusting aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating consolidatie molentechnische uitrusting - ontstoffen van de machines - behandelen van de houten elementen tegen houtaantasting - verwijderen van vliegroest op de metalen onderdelen en beschermen met lijnolie en terpentijn forfaitair verrekend 6.1.5 werkaamheden voor instandhouding ifv mogelijke toekomstige maalvaardige restauratie aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd - opvolgen van het schadebeeld aan de watermuren & indien nodig hermetselen van losliggende delen 6.2. gebouwen binnen het dorpsgezicht vrijstelling toelating forfaitair verrekend Naast de als monument beschermde watermolen en schuur staan er nog 2 gebouwen binnen het dorpsgezicht ( linkeroever ), nl de woning en ( een gedeelte van ) de stallen. Het dak en de westgevel van de stal zullen gerestaureerd worden, hiervoor zullen erfgoedpremies volgens de standaardprocedure aangevraagd worden. De woning is in goede staat, de gevels en het schrijnwerk werden recent door de eigenaar herschilderd. Na een periode van ca 10 jaar zal het schilderwerk ( gevels & schrijnwerk ) hernomen moeten worden. 6.2.1 restauratie van het dak van de stal aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd - afnemen van de dakbedekking in boomse pannen, met maimale recuperatie - plaatselijk herstellen van de dakstructuur - aanbrengen van een onderdak - herplaatsen van de ter plaatse gerecupereerde dakpannen, aan te vullen met identieke recuperatie pannen - vernieuwen van goten en afvoerbuizen in zink - vernieuwen van de randaansluitingen met woonhuis en schuur - herstellen en herplaatsen metalen gevelankers 6.2.2 restauratie van de westgevel ( zijde binnenkoer ) van de stal vrijstelling toelating forfaitair verrekend
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.77 aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating forfaitair verrekend - reinigen van de gevel met 1 10 jaar warm water onder middelhoge druk - plaatselijk herstel metselwerk met handvormbaksteen en een hydraulische kalkmortel - plaatselijk herstel voegwerk met hydraulische kalkmortel - kaleien met een kaleimortel op basis van hydraulische kalk - schilderen met een silicaat- of siloaanverf 1 10 jaar - plaatselijk herstellen en herschilderen van het buitenschrijnwerk - onderhoudschilderwerk 1 10 jaar schrijnwerk - onderhoudsschilderwerk 1 10 jaar metalen gevelankers 6.2.3 onderhoudswerkzaamheden overige gevels & daken ( woonhuis ) aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating - reinigen van de gevels met 1 10 jaar warm water onder middelhoge druk - onderhoudsschilderwerk op 1 10 jaar gevelpleister - onderhoudsschilderwerk op 1 10 jaar houten buitenschrijnwerk forfaitair verrekend 6.3. de Ijsse en haar oevers aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating - maaien van de grazige 2 tot 3 / oevervegetatie, met afvoer van jaar maaisel - herstel / aanvullen dolomiet 2 tot 3 / waar nodig jaar - borstelen om overtollige 1 / jaar bladeren te verwijderen - verwijderen overhangende takken - aanleggen van een vistrap - onderhoudssnoei en/of uitlichten van de kroon van de paardekastanje (ZEN) op de binnenplaats door een erkende boomverzorger (ETW) - begeleiding naar veteranenfase van de paardenkastanje (ZEN) op de binnenplaats door een erkende boomverzorger (ETW) forfaitair verrekend
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN OVERZICHT EENMALIGE EN TERUGKERENDE MAATREGELEN pag.78 opmerking - het onderhoud van het Ijssepad en de oever wordt uitgevoerd door de gemeente, in overleg met de VMM 6.4 percelen stroomafwaarts de Ijsse 6.4.1 voor de beboste percelen aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating forfaitair verrekend - plaatsen van een afgesloten schuurtje met afm ca 4 4 m voor de opslag van tuinmateriaal op perceel 65 g - aanleggen van een onverhard wandelpad op perceel 65 g - kappen kaprijpe populieren met een voorstel van nieuwe beplanting na het bekomen van een kapvergunning - hakhoutbeheer / periodiek 1/7-10 jaar kappen om de 7 à 10 jaar - inboeten met inheemse 1/7-10 jaar soorten ( nader te bepalen ) na elke hakhoutkap, in functie van instandhouding hakhoutbeheer - onderhoudssnoei en inboeten van de meidoornhaag 6.4.2 voor de graslanden aard der werken KT MLT LT terugkerend premiegerechtigd vrijstelling toelating forfaitair verrekend - maai- en/of begrazingsbeheer met afvoer van maaisel
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN VOORSTEL OPVOLGING EN EVALUATIE pag.79 7. VOORSTEL OPVOLGING & EVALUATIE Voor de verdere restauratie van de als monument beschermde gebouwen zullen erfgoedpremies volgens de standaardprocedure gevraagd worden. De werken worden gefaseerd, uitgaande van een raming van 25.000 euro ecl btw per gebouw per fase. De werkzaamheden die door de bouwheer uitgevoerd zullen worden, ( vnl schilderwerken ) zullen hierop aansluiten. Bij elke fase zal bij het beëindigen van de werkzaamheden een verslag over de werken, incl foto s overgemaakt worden. Het verslag wordt opgemaakt door de ontwerper ( indien deze aangesteld is ) of door de aannemer die de werken uitgevoerd heeft. Het verslag wordt uiterlijk 6 maand na het beëindigen van de werken door de eigenaar aan Onroerend Erfgoed overgemaakt. Van zodra de voorziene verdere restauratiewerken uitgevoerd zijn en er op korte termijn geen verdere werken gepland zijn, zal om de 5 jaar een verslag over de toestand van de site en de gebouwen door de eigenaar aan Onroerend Erfgoed overgemaakt worden.
Dhr. en Mevr. Vloebergs - Wijnants BEHEERSPLAN VOORSTEL OPVOLGING EN EVALUATIE pag.80
Dhr en Mevr. Vloebergs - Wijnants St. Jansbergsteenweg 26 St. Jansbergsteenweg 26 BEHEERSPLAN BIJLAGEN pag.81 8. BIJLAGEN bijlagen perimeter van het gebied waarvoor het beheersplan wordt opgemaakt lijst van premiegerechtigde werken lijst van handelingen waarvan de uitvoering vrijgesteld zal zijn van toelating lijst van ZEN-erfgoed met aanduiding op kaart lijst van open erfgoed met aanduiding op kaart lijst van ontsluitingswerken die in aanmerking komen voor een premie met aanduiding op kaart lijst van werken aan bomen en struiken waarvoor toelating nodig is lijst van cultuurgoederen die in aanmerking komen voor premie lijst van premiegerechtigde werken voor een orgel dat dateert van na WOI lijst van handelingen waarvoor CBS niet kan oordelen dat ze van die aard zijn om wezenlijke eigenschappen van een DG/SG te verstoren etra bijlagen - beschermingsbesluit - foto s en opmetingsplan silo - samenvattende tabel per bouwonderdeel - principeschets buitentrap niet van toepassing ( en dus niet bijgevoegd ) bijgevoegd bijlage 1 bijlage 2 bijlage 2 bijlage 1 bijlage 3 bijlage 4 bijlage 5 bijlage 6 Architectenbureau Sabine Okkerse bvba november 2015
Dhr en Mevr. Vloebergs - Wijnants St. Jansbergsteenweg 26 St. Jansbergsteenweg 26 BEHEERSPLAN BIJLAGEN pag.82 Architectenbureau Sabine Okkerse bvba november 2015