NOTA PERIFERE DETAILHANDEL AMERSFOORT

Vergelijkbare documenten
Notitie Definitie perifere detailhandel

Noordoost-Brabant, Agri Food capital Regionale detailhandelsfoto Felix Wigman 19 februari 2014

Actualisering PDV/GDVbeleid. FoodValley. Raadsinformatiebijeenkosmt. 23 november Guido Scheerder

Ruimtelijk-economische onderbouwing Goossens Tweewielers Velp

PDV/GDV cluster Eijsden (Gronsveld)

Begeleidingscommissie

Detailhandel op bedrijventerreinen. Notitie. pagina 1 van 8

Detailhandelsstructuur Veenendaal Nu en in de toekomst

Gebiedskoers Detailhandel Hoek van Holland. Gemeente Rotterdam

voeren. Vraagstelling duurzame in het m² wvo een

Heerhugowaard Stad van kansen

Toepassing van het provinciaal detailhandelsbeleid

1 gemeente Winterswij k I I I I. Partiële herziening voorschrifte n. Bestemmingsplan Industrieterrein Vèèneslat zui d I I.

VERZONDEN 20SEP.2Ö13. Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg Postbus LH TILBURG

GEMEENTEBLAD. Nr Beleidsnotitie Detailhandel augustus Officiële uitgave van gemeente Wijchen.

: Gemeente Hellevoetsluis : Royal HaskoningDHV : Dhr. A. van Rossum, Tuincentrum Groenrijk Aralia

POL-uitwerking werklocaties - Regionale visie detailhandel Noord Limburg

Herijking Nota Detailhandel Eindhoven. Marco Karssemakers Economie & Cultuur

Ontwerp Regionale structuurvisie en Beleidsplan PDV Zuid-Holland Zuid

Nieuw-Mathenesse, eerste herziening

Referentienummer Datum Kenmerk GM februari

Voorstellen. Afsprakenkader detailhandel regio Achterhoek 22 april Aanleiding en doel. Proces Afsprakenkader. Toename leegstand.

Alles blijft Anders. Het winkellandschap Gerard Zandbergen CEO Locatus

2 Trends en ontwikkelingen

Gebiedskoers Detailhandel Overschie. Gemeente Rotterdam

Beleidsnota 4.2 Bedrijven en werklocaties, onderdeel Retail

Samenvatting Eindhoven Regionaal koopstromenonderzoek SRE. Samenwerkingsverband Regio Eindhoven

Hillegersberg - Schiebroek

ZIENSWIJZENNOTITIE Ontwerpwijzigingsplan Ekkersrijt; Grando

Gebiedskoers Detailhandel Rozenburg. Gemeente Rotterdam

Oosterhout, visie boodschappenstructuur. Presentatie gemeenteraad, 6 december 2016 Aiko Mein

Seminar de toekomst van stadsdeelen wijkcentra

Gezamenlijk PDV/GDV-beleid WERV+B gemeenten 1. Gezamenlijk PDV/GDV-beleid. WERV+B gemeenten. Beleidsplan gemeenten WERV + Barneveld

De supermarkt als drager van de Nederlandse winkelstructuur

OMGEVINGSVERGUNNING. Nr. ovxid Burgemeester en wethouders van Vlaardingen;

Gebiedskoers Detailhandel Hoogvliet. Gemeente Rotterdam

ONTWERPBESTEMMINGSPLAN. Herziening Schutboom 8 en Bergstraat 28 Gemeente Boekel. NieuwBlauw Stedenbouw en landschap

MEMO CENTRUMPLAN REUSEL ADVIES RUIMTELIJK- FUNCTIONELE CONSTELLATIE SUPERMARKTEN

snel dan voorzien. In de komende jaren zal, afhankelijk van de (woning)marktontwikkeling/

Gebiedskoers Detailhandel Prins Alexander. Gemeente Rotterdam

Gebiedskoers Detailhandel Noord. Gemeente Rotterdam

Vastgesteld door de gemeenteraad op 8 mei Beleid Internetwinkels West Maas en Waal

Kwaliteitsverbetering aanloopstraten. Presentatie 31 mei 2012

ONDERWERP: Detailhandelsvisie Arnhem

Beleid perifere en grootschalige detailhandel

CONCEPT advies. Onderwerp: Overwegingen bij toestaan verplaatsing Vomar naar bedrijventerrein ( )

Provinciale en Interprovinciale Studie Detailhandel

RAADSVOORSTEL. Raadsvergadering. Onderwerp Convenant Regionale Detailhandelsafspraken. Aan de raad,

Nieuwe dynamiek voor binnensteden

Ruimtelijke Ontwikkeling Ruimtelijke Ordening & Vergunningen en Economie, Cultuur en Educatie

gemeente Eindhoven Rapenland 1996, Centraal Woensel, Acht Noord C, I Acht Noord C, Stratum buiten de ringweg en Gestelse Ontginning

Beleid voor perifere detailhandel Purmerend

DPO Grootschalige bouw- en tuinmarkt Harnaschpolder Midden-Delfland

Bergen op Zoom. Aan het college van B&W en de raad van de gemeente Bergen op Zoom. Bergen op Zoom, 16 februari Betreft: bezwaar versmarkt

: Oplegnotitie Retailvisie Gooi & Vechtstreek

DATABANKEN OVER HET VERANDERENDE WINKELLANDSCHAP. Beschrijving. Verzorgingsgebieden Verkenner Nederland /

Detailhandelsvisie Katwijk

GEMEENTE VALKENSWAARD. Nota. gemeente Valkenswaard Team ROE en VTH

De veerkrachtige binnenstad

Advies bedrijventerrein Schieoevers Zuid in Delft

Bergambacht structuurvisie Detailhandel

Rabobank Cijfers & Trends

Transcriptie:

NOTA PERIFERE DETAILHANDEL AMERSFOORT Afdeling Economische Zaken - 1 -

INHOUDSOPGAVE pagina 1. INLEIDING 1 1.1 Aanleiding 1 1.2 Doelstelling 2 1.3 Aanpak 2 2. UITGANGSPUNTEN EN ALGEMEEN KADER 4 2.1 Inleiding 4 2.2 Rijksbeleid 4 2.3 Provinciaal beleid 6 2.4 Beleid gemeente Amersfoort 2002-2003 7 3. TRENDS EN ONTWIKKELINGEN 8 3.1 Inleiding 8 3.2 Toenemende bestedingen 8 3.3 Schaalvergroting 9 3.4 Brancheverruiming 9 3.5 Branchevervaging 9 3.6 Thematische concepten/concentratie 9 3.7 Spreiding 10 4. AMERSFOORTSE SITUATIE 11 4.1 Inleiding 11 4.2 Aanbodvolume 11 4.3 Structuur 11 4.4 Locaties en branchering 12 5. TOEKOMSTIG PERIFEER DETAILHANDELSBELEID 13 5.1 Inleiding 13 5.2 Consumentenelectronica / sport en spel 13 5.3 Woninginrichting / keukens en sanitair 14 5.4 Bouwmarkten en tuincentra 16 5.5 Auto s, boten en caravans 16 5.6 Overig verspreid aanbod 16 5.7 Randvoorwaarden 17 6. VOORSTEL 18 BIJLAGE 1 Advies begeleidingscommissie - 2 -

1. INLEIDING 1.1 Aanleiding Binnen de gemeente Amersfoort vormt de Nota Detailhandel (2002) het beleidskader voor detailhandelsontwikkelingen. Uitgangspunten zijn handhaving van een optimaal voorzieningennivo in een fijnmazige winkelstructuur én behoud en versterking van de positie van de binnenstad als lokaal en regionaal koopcentrum. In aansluiting hierop is het de bedoeling dat winkels zich in of direct bij de reguliere winkelcentra en winkelgebieden vestigen. Er zijn echter branches, zoals woninginrichting, keukens/sanitair, bouwmarkten en tuincentra, die daar vanwege de aard en omvang van de artikelen niet goed passen. Deze branches zijn onder randvoorwaarden toegestaan op perifere locaties. Sinds begin jaren negentig neemt ook vanuit andere branches de belangstelling voor perifere locaties toe. Deze locaties zijn over het algemeen goedkoper en gemakkelijker per auto bereikbaar. Vooruitlopend op de -nooit vastgestelde- 5 e Nota Ruimtelijke Ordening van het rijk is in de gemeentelijke Nota Detailhandel (2002) aangegeven dat in Amersfoort, naast de traditionele perifere branches, ook de branches consumenten-electronica en sport/spel op een aantal perifere locaties zijn toegestaan. De volgende overwegingen maken een actualisatie/uitwerking van het gemeentelijke perifere detailhandelsbeleid noodzakelijk: 1. De binnenstad van Amersfoort is kwetsbaar en heeft stevige impulsen nodig om de regionale trekkracht te vergroten. Over de gehele linie staat het functioneren van de binnenstad onder druk en dat is vooral in enkele deelgebieden goed zichtbaar. Om de perifere ontwikkelingen vooral complementair te laten functioneren aan en niet ten koste te laten gaan van de positie van de binnenstad, dient extra zorgvuldig om te worden gegaan met de vestiging van detailhandel op perifere locaties. 2. Doordat de 5 e Nota Ruimtelijke Ordening nooit is vastgesteld, strookt het gemeentelijk perifeer detailhandelsbeleid qua branchering niet met het rijksbeleid. Tevens verschilt het gemeentelijke beleid van het in 2003 vastgestelde provinciale detailhandelsbeleid. 3. Het perifere detailhandelsaanbod in Amersfoort is nogal verspreid gevestigd en heeft daarmee geen optimale samenhang en trekkracht. - 3 -

Tevens is van ondernemerszijde de afgelopen tijd nadrukkelijk aangedrongen op aanscherping van het gemeentelijk perifeer detailhandelsbeleid. De komende jaren zal het aantal inwoners van Amersfoort aanzienlijk groeien. Hiermee zal de vraag naar artikelen in perifere branches, zoals woninginrichting, bouwmarkten en tuincentra, toenemen. Ter onderbouwing van een adequaat beleid is een nadere analyse van de marktmogelijkheden van belang. 1.2 Doelstelling De nota Perifere Detailhandel Amersfoort moet een nieuw afwegingskader bieden voor vestiging van detailhandel buiten de reguliere winkelgebieden. Hiermee kan Amersfoort: Initiatieven vanuit de markt zorgvuldig toetsen en begeleiden. Ruimtelijke randvoorwaarden bieden om op perifere locaties, complementair aan de binnenstad en bestaande winkelcentra, vernieuwingsimpulsen voor lokale en regionale winkelstructuur in Amersfoort maximaal te faciliteren. Uitgaande van de marktmogelijkheden en het vastgestelde beleid richting geven aan de branchering, locaties en gewenste omvang voor perifere detailhandel. 1.3 Aanpak Voor de uitwerking van het perifere detailhandelsbeleid, zijn de in de Nota Detailhandel (maart 2002) geformuleerde uitgangspunten gehanteerd: Streven naar een optimaal voorzieningennivo in een fijnmazige winkelstructuur met binnenstad, stadsdeelcentra, wijkcentra en buurtcentra. Versterken van de regio-positie. Ter onderbouwing is DHV om een ruimtelijk-economisch onderzoeks-advies gevraagd. Op basis van locale en regionale vraag- en aanbodgegevens heeft DHV een ruimtelijke analyse gemaakt. Hierbij is tevens gebruik gemaakt van landelijke bestedingsgegevens en te verwachten ontwikkelingen hierin. Het adviesrapport van DHV is als bijlage bijgevoegd. - 4 -

Ten aanzien van de distributieve ruimte voor (perifere) detailhandel, is ingezoomd op de branches met detailhandelsignatuur: bouwmarkten, tuincentra, consumentenelectronica en sport/spel. Vanwege hun nauwere relatie met of vestiging in reguliere winkelgebieden, is een goede functionele afstemming belangrijk. Om de stand van zaken en de toekomstvisie goed af te stemmen is een begeleidingscommissie gevormd. Hierin hebben deelgenomen: de Vereniging van Amersfoortse Bedrijven (VAB); de Ondernemers Federatie Amersfoort (OFA); Ambion; de Kamer van Koophandel Gooi- en Eemland; de Provincie Utrecht (Economische Zaken). De commissie is drie keer bijeen gekomen; tijdens een startbijeenkomst, een tussentijdse rapportage en de bespreking van het eindconcept. De commissie onderschrijft de conclusies en aanbevelingen van DHV. De aanbevelingsbrief namens de begeleidingscommissie is als bijlage bijgevoegd. Tevens heeft er tussentijds een discussiebijeenkomst plaatsgevonden met een aantal Amersfoortse makelaars, waarin hun visie ten aanzien van de vestiging van perifere detailhandel is geïnventariseerd. - 5 -

2. UITGANGSPUNTEN EN ALGEMEEN KADER 2.1 Inleiding Al geruime tijd wordt in Nederland specifiek beleid gevoerd ten aanzien van de vestiging van perifere detailhandel. Begin jaren 70 werden gemeenten voor het eerst geconfronteerd met de opkomst van zogenaamde weidewinkels of witte schuren die een vestigingsplaats zochten aan de rand van of buiten de stedelijke bebouwing. Dit leidde tot een vrees voor een onevenwichtige ruimtelijke detailhandelsstructuur in een gemeente of regio, een slechte bereikbaarheid van die winkels met het openbaar vervoer (en dus voor mensen zonder auto) en verkeers- en parkeeroverlast voor de naaste omgeving. Deze overwegingen vormden de basis voor het ontwikkelen van het perifere detailhandelsbeleid, waarbij vestiging in de periferie van de stad aanvaardbaar was voor zover deze complementair was aan de voorzieningen in de reguliere winkelgebieden, zoals de binnensteden. Aan het beleid werd praktisch invulling gegeven door alleen bepaalde branches op perifere locaties toe te staan. In de loop der jaren is het beleid als gevolg van de opkomst van nieuwe winkelformules (o.a. Ikea) verder ontwikkeld, waarbij meer branches zich perifeer mochten vestigen. 2.2 Rijksbeleid Het perifere detailhandelsbeleid van het rijk heeft als doel: Handhaven van de winkelfunctie van bestaande winkelconcentraties. Bevorderen van dynamiek in de detailhandel. Uitgangspunt is dat detailhandel in principe gevestigd dient te worden in of grenzend aan bestaande winkelgebieden. Alleen volumineuze detailhandel zoals woninginrichting, keukens/sanitair, auto s, boten, caravans, bouwmarkten en tuincentra mogen zich hierbuiten vestigen, mits geen onevenwichtige aantasting van de bestaande verzorgingsstructuur optreedt. In het kader van het zogenaamde PDV-beleid 1 gelden voor perifere vestiging de volgende uitzonderingen: 1. Detailhandel in brand- en explosiegevaarlijke stoffen. 2. Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit van industrie en ambacht (in eigen bedrijf vervaardigde goederen). 1 PDV = Perifere Detailhandels Vestigingen - 6 -

3. Winkelformules die vanwege aard en omvang van de gevoerde artikelen een groot oppervlak voor uitstalling nodig hebben (volumineuze artikelen). Het betreft hier de branches woninginrichting, keukens/sanitair, auto s, boten en caravans, bouwmarkten, tuincentra en grove bouwmaterialen. De nadere uitwerking van het PDV-beleid is aan gemeenten en provincies. Een deel van deze PDV-branches is zelden of nooit in winkelgebieden gevestigd en heeft geen directe relatie met de distributieve structuur zoals detailhandel in brand- en explosiegevaarlijke stoffen, auto s, boten en caravans en grove bouwmaterialen. Aangezien deze branches nauwelijks een relatie hebben met winkelen en er bovendien nauwelijks of geen sprake is van complementariteit en/of synergie tussen deze perifere vestigingen en de reguliere winkelgebieden, worden deze branches de nota niet verder besproken. Deze nota richt zich inhoudelijk op de PDV-branches die wel enige relatie hebben met winkelen zoals woninginrichting, keukens/sanitair, bouwmarkten en tuincentra. Naast het PDV-beleid met branchering als criterium heeft het rijk in 1993 het GDV-beleid 2 geïntroduceerd. Bij GDV gelden de PDV-branchebeperkingen niet. De winkeloppervlakte, minimaal 1.500 m² per vestiging, vormt hier het belangrijkste criterium. Het rijk heeft landelijk dertien stedelijke knooppunten benoemd waar Grootschalige geconcentreerde Detailhandels Vestigingen buiten de reguliere winkelgebieden mogelijk zijn. Amersfoort is niet aangewezen als een van de dertien knooppunten, waardoor ontwikkeling van een aparte perifere GDV-locatie hier niet mogelijk is. In 2001 was de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening Ruimte maken, ruimte delen in voorbereiding. Wat betreft (perifeer) detailhandelsbeleid is de basisgedachte van de Vijfde Nota dat het rijk minder regulerend wil optreden en meer verantwoordelijkheid wil neerleggen bij de provincies en gemeenten. In dit kader zouden provincies en gemeenten gezamenlijk een goede afweging moeten maken over het toestaan van detailhandel buiten de bestaande winkelgebieden. Door kabinetswijzigingen is de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening niet vastgesteld. Naar verwachting zal de basislijn van de Vijfde Nota door het huidige kabinet voor een belangrijk deel worden overgenomen, en daarmee de neiging om vanuit het rijk perifere ontwikkelingen minder te reguleren en meer verantwoordelijkheid bij provincies en gemeenten neer te leggen. 2 GDV = Grootschalige geconcentreerde Detailhandels Vestigingen - 7 -

2.3 Provinciaal beleid Het beleid van de provincie Utrecht is neergelegd in de Provinciale Visie Detailhandel (mei 2003). Voor de perifere detailhandel houdt de provincie Utrecht, net als de meeste andere provincies, vast aan het vigerende PDVbeleid. Uitgangspunt hierbij is dat perifere vestiging alleen is toegestaan voor branches die vanwege aard en omvang van de artikelen moeilijk inpasbaar zijn in bestaande winkelgebieden. Het betreft veelal volumineuze artikelen. Overwegingen: De provincie legt de prioriteit bij de reguliere winkelgebieden en blijft nadrukkelijk aandacht geven aan het bevorderen van de vitaliteit en het vestigingsklimaat van de binnensteden en andere bestaande winkelcentra. Tevens wordt aandacht gegeven aan het selectief benutten van vestigingsmogelijkheden op perifere locaties voor detailhandel, teneinde het schaarse aanbod van dergelijke locaties, veelal bedrijventerreinen, zo veel mogelijk ten goede te laten komen aan andere economische activiteiten dan detailhandel. Voor Grootschalige Detailhandels Vestigingen (> 1.500 m²), zoals consumentenelektronica en sport/spel, ziet de provincie een duidelijke relatie met de binnenstad of andere grote winkelcentra. Locaties in of direct grenzend aan centrumgebieden zijn voor deze Grootschalige Detailhandels Vestigingen dé aangewezen plaats. - 8 -

2.4 Beleid gemeente Amersfoort 2002-2003 Zoals aangegeven heeft de gemeentelijke Nota Detailhandel (januari 2002) twee belangrijke uitgangspunten: handhaving van een optimaal voorzieningenniveau in een fijnmazige winkelstructuur én behoud en versterking van de positie van de binnenstad als lokaal en regionaal koopcentrum. Voor het gemeentelijk perifere detailhandelsbeleid zijn de volgende uitgangspunten aangegeven: Branchering De gebruikelijke PDV-branches 3 worden vanwege aard en omvang van de artikelen en het grootschalige karakter van de winkels toegelaten op perifere locaties. Inspelend op de vraag vanuit de markt van de jaren 90 en het naar verwachting minder regulerende rijksbeleid zijn hier de branches consumentenelektronica en sport/spel extra aan toegevoegd. Locaties Gebieden die voor perifere detailhandel in aanmerking komen zijn de randzone van Isselt langs de Amsterdamseweg en de zone langs de A1 4. Distributieve ruimte Toestemming voor concrete vestiging van perifere detailhandel wordt pas verleend wanneer door middel van een distributieplanologisch onderzoek wordt aangetoond dat er voldoende marktruimte voor is. Met het oog op de vitaliteit van de Amersfoortse binnenstad en de verschillen met rijks- en provinciale beleid is het van belang om dit beleid tegen het licht te houden. 3 PDV-branches: woninginrichting, keukens/sanitair, auto s, boten en caravans, bouwmarkten en tuincentra 4 Zone langs de A1 = Bedrijvenpark Vathorst, bedrijventerrein Calveen en De Brand - 9 -

3. TRENDS EN ONTWIKKELINGEN 3.1 Inleiding De druk vanuit de detailhandelsmarkt ten aanzien van perifere locaties is de laatste jaren sterk toegenomen. Ontwikkelingen als schaalvergroting in de detailhandel, stijgende huurprijzen en slechter wordende bereikbaarheid van de reguliere winkelgebieden zijn hier de oorzaak van. Ondanks de economische recessie op korte termijn zal de druk op perifere locaties op middellange en lange termijn naar verwachting blijven groeien. Ontwikkelingen die hierbij een rol spelen zijn: toenemende bestedingen in de perifere branches, schaalvergroting, brancheverruiming, branchevervaging en ontwikkeling van thematische concepten. In dit hoofdstuk zullen deze trends en ontwikkelingen worden toegelicht. 3.2 Toenemende bestedingen De verwachting is dat de detailhandelsbestedingen de komende jaren verder zullen groeien. Nationale en internationale ontwikkelingen bepalen voor een groot deel de bestedingen in Amersfoort. Toch zijn er daarnaast ook enkele lokale factoren / ontwikkelingen die van invloed zijn op het bestedingsnivo in Amersfoort: De komende jaren stijgt het inwonertal van Amersfoort van ca. 132.000 tot 152.000 inwoners, waarmee ook het bestedings-volume zal toenemen. Door de vestiging van perifere branches richting te geven en optimaal te faciliteren en ruimtelijke randvoorwaarden te bieden, zal de kwaliteit en kwantiteit van het perifere aanbod toenemen. Als gevolg hiervan wordt de regionale aantrekkingskracht en dus het marktgebied groter. Uiteindelijk resulteert dit in een groter bestedingsvolume. Bij vestiging van een mega-formule zoals Ikea (>25.000 m²) zal de regionale trekkracht toenemen en dus het marktgebied groter worden, wat naar verwachting ook een positief effect op de bestedingsontwikkeling zal hebben. - 10 -

3.3 Schaalvergroting In veel branches is de gemiddelde winkelomvang per vestiging toegenomen (= schaalvergroting). Dit heeft geleid tot ruimtegebrek in binnensteden en een toenemende belangstelling voor uitplaatsing naar perifere locaties. Vooral grootschalige formules met een relatief lage omzet per m² hebben interesse in perifere locaties, omdat die veelal goedkoper zijn, meer ruimte bieden en per auto gemakkelijker bereikbaar zijn. 3.4 Brancheverruiming Brancheverruiming ontstaat door vestiging van niet-pdv-branches, zoals consumentenelektronica en sport/spel, op perifere locaties. Toch staat perifere vestiging voor deze branches niet bijvoorbaat garant voor succes en rendement en gaat hun vestigingstendens niet alleen in perifere richting. Uit recente ontwikkelingen elders blijkt dat, behalve doelgerichte aankopen, het kijk- en vergelijkgedrag van consumenten voor deze niet-pdvwinkels ook een belangrijke rol blijft spelen. Dit is een bezoekmotief dat consumenten verbindt met binnensteden. In binnensteden gevestigd profiteren deze winkels van de daar aanwezige consumentenstromen met passanten met de mogelijkheid voor impulsaankopen. Naar verwachting blijven binnensteden en grotere stadsdeelcentra voor deze branches de belangrijkste aankoopplaats. 3.5 Branchevervaging Schaalvergroting gaat nogal eens gepaard met assortiments-uitbreiding. Woonwarenhuizen die onder meer huishoudelijke artikelen en verlichting aanbieden en mega-bouwmarkten die hun assortiment hebben uitgebreid met bijvoorbeeld fietsen, autoaccessoires, huishoudelijke- en decoratieve artikelen zijn hier voorbeelden van. 3.6 Thematische concepten/concentratie De perifere branches woninginrichting en keukens/sanitair hebben een groot marktbereik. Consumenten willen deze artikelen graag voor de aankoop vergelijken en zijn bereid om hiervoor een wat grotere afstand af te leggen. Daarom wordt voor deze branches vaak gestreefd naar thematisering en concentratie, bijvoorbeeld aan een woonboulevard. - 11 -

3.7 Spreiding Bouwmarkten en tuincentra daarentegen hebben een beperkter marktbereik en worden frequenter bezocht. Het kijk- en vergelijkgedrag speelt in deze branches een minder grote rol. Daarom is een evenwichtige spreiding van winkels met voldoende consumenten in de nabijheid voor deze branches belangrijker dan clustering rond een thematisch concept. - 12 -

4. AMERSFOORTSE SITUATIE 4.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de perifeer gevestigde detailhandel in Amersfoort. Zoals eerder vermeld is deze nota vooral gericht op perifere branches die enige relatie hebben met winkelen en het kijk- en vergelijkgedrag van consumenten zoals woninginrichting, keukens /sanitair, bouwmarkten en tuincentra. Achtereenvolgens zullen het aanbodvolume, de structuur, de perifere locatie(s) en de branchering worden toegelicht. 4.2 Aanbodvolume Aanbodvolume relatief: Voor de perifere branches woninginrichting en keukens/sanitair loopt Amersfoort wat betreft de totale omvang van het aanbod redelijk in de pas met het landelijke beeld. Voor bouwmarkten is regionaal sprake van een beperkter aanbod dan het landelijk gemiddelde. De omvang van het aanbod van tuincentra is in deze regio beduidend groter dan landelijk gemiddeld. In de huidige aanbodsituatie bedient de regio zichzelf en is er geen sprake van een dominante rol van Amersfoort in het perifere detailhandelssegment. De geringe regionale trekkracht wordt echter niet veroorzaakt door een gering aanbodvolume; al met al is het perifere aanbod momenteel redelijk in balans met het inwonertal cq. de koopkracht. Belangrijke manco s zijn versnippering over een aantal locaties en veroudering van het aanbod. Met andere woorden: de structuur. 4.3 Structuur Amersfoort beschikt op dit moment niet over een grotere perifere locatie met een samenhangende structuur en een attractieve eigentijdse uitstraling. Hierdoor is Amersfoort onvoldoende in staat om de consumenten in de regio te overtuigen en te binden. Tevens ontbreekt de synergie tussen het perifere aanbod en de binnenstad. - 13 -

Gemiddeld genomen blijft de omvang per vestiging voor het perifere aanbod 10-15% achter bij het landelijke beeld. Het perifere detailhandelsaanbod is verspreid gevestigd over een aantal locaties en is deels verouderd. Concentraties van voldoende omvang (20.000 25.000 m²) ontbreken. 4.4 Locaties en branchering De drie belangrijkste perifere detailhandelslocaties in Amersfoort zijn de Kop van Isselt-Amsterdamseweg, Calveen en De Brand. De Kop van Isselt-Amsterdamseweg is met ca. 25.000 m² vvo (= verkoop vloer oppervlak) het belangrijkste en grootste perifere detailhandelsgebied in Amersfoort. Het aanbod varieert van woninginrichting (Carpet-land) en bouwmarkten (Gamma) tot tuincentra (Europatuin) en dealers van personenauto s (Volvo, Fiat) en is nogal verspreid gevestigd. Vanwege het ontbreken van een heldere samenhangende structuur en door menging met kantoren en anderssoortige bedrijven lukt het echter niet de regionale consument te trekken. Ondanks het feit dat het gebied zo dicht bij de binnenstad ligt, is er maar beperkt sprake van onderlinge synergie. In principe zijn er in het gebied voldoende mogelijkheden voor uitbreiding en kwalitatieve verbeteringen, zodat een samenhangende structuur met een overtuigende eigentijdse uitstraling kan worden gecreëerd. De snelweglocatie Calveen mist eveneens als gevolg van een menging met anderssoortige bedrijven en kantoren een samenhangende structuur. Versterkingsmogelijkheden zijn hier beperkt. Het aanbod bestaat uit een verzameling van grootschalige formules met de Praxis-bouwmarkt als voornaamste trekker. De perifere detailhandel op De Brand bestaat uit één sterke formule: Piet Klerx (woninginrichting). De relatief beperkte omvang (ca. 12.000 m²) zal in toenemende mate moeten concurreren met grotere concentraties elders. - 14 -

5. TOEKOMSTIG PERIFEER DETAILHANDELSBELEID 5.1 Inleiding In het voorgaande is aangegeven dat het gemeentelijk perifeer detailhandelsbeleid, zoals verwoord in de Nota Detailhandel 2002, op onderdelen moet worden aangepast c.q. aangescherpt. Met name de positie van de binnenstad, de aansluiting met het nog vigerende rijks- en het recentelijk vastgestelde provinciale beleid en het ontbreken van een samenhangend perifeer aanbod van voldoende omvang, waardoor de regionale trekkracht gering is, maken een actualisatie noodzakelijk. Een zorgvuldig perifeer detailhandelsbeleid moet de basis vormen voor een vitale binnenstad met goede vestigingsmogelijkheden en een, complementair daaraan, robuust perifeer aanbod met voldoende regionale trekkracht. Dit vraagt om concentratie, schaalvergroting en het tegengaan van verdere verspreiding van het aanbod. Voor het te voeren perifeer detailhandelsbeleid komen achtereenvolgens consumentenelektronica, sport en spel en de relevante perifere branches aan de orde. Tenslotte wordt een aantal randvoorwaarden voor perifere vestiging besproken. 5.2 Consumentenelektronica en sport/spel De positie van de binnenstad is kwetsbaar. Over de gehele linie staat het functioneren onder druk en dat is vooral in enkele deelgebieden goed zichtbaar. Detailhandel is een ondernemersactiviteit, waarbij de gemeente faciliterend en aanmoedigend kan optreden. In dit kader stimuleert de gemeente samen met de Kamer van Koophandel bijvoorbeeld het opzetten van binnenstadsmanagement, met veel aandacht voor promotie. Bij het functioneren van winkelprojecten (in de binnenstad) is de gemeente geen direct belanghebbende partij; de gemeente ontvangt geen winst vanuit goed functionerende projecten en loopt geen risico bij matig functionerende projecten. Via het vestigingsbeleid voor de verschillende detailhandelsbranches kan de gemeente echter wel degelijk een belangrijke rol spelen en zo nodig sturend optreden. Zo kan de gemeente terughoudend opereren ten aanzien van de perifere vestiging van branches - 15 -

die, bij vestiging in of direct bij de binnenstad, een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de (regionale) trekkracht van de binnenstad en die, bij vestiging op perifere locaties, de (regionale) trekkracht van de binnenstad juist aantasten. In deze categorie van branches vallen consumentenelektronica en sport/spel. Enerzijds bestaat er in deze niet-pdv-branches, samenhangend met schaalvergroting, een tendens naar perifere vestiging. Anderzijds hebben deze branches ook nadrukkelijk een relatie met winkelen en kijk- en vergelijkgedrag van consumenten en worden ze niet alleen doelgericht bezocht, maar hebben ze in hun functioneren wel degelijk profijt van de consumentenstromen in de reguliere winkelcentra, zoals de binnenstad. Naar verwachting blijft de binnenstad en haar directe omgeving voor deze branches de belangrijkste aankoopplaats. Op basis van het voorgaande is het zaak om consumentenelektronica en sport/spel te concentreren in of bij de reguliere winkelcentra, in het bijzonder in of bij de binnenstad. Hiermee wordt de (rand van de) binnenstad voor deze branches zoekgebied 1en wordt het nabij de binnenstad te ontwikkelen Eemcentrum zoekgebied 2. Op termijn, als de binnenstad en het Eemcentrum voldoende zijn ingevuld, komt de directe omgeving van het Eemcentrum als vestigingsgebied in beeld (wordt zoekgebied 3). Voorstel Vestiging van de branches consumentenelektronica en sport/spel concentreren in of bij de reguliere winkelcentra, in het bijzonder in de (rand van de) binnenstad (= zoekgebied 1) en in het nog te ontwikkelen Eemcentrum (= zoekgebied 2). Op termijn ook in de omgeving van het Eemcentrum (wordt zoekgebied 3). 5.3 Woninginrichting en keukens/sanitair Het aanbod in de PDV-branches woninginrichting en keukens/sanitair is nogal verspreid over Amersfoort gevestigd. Hiermee ontbreekt op dit moment een concentratie die groot genoeg is om regionaal een rol van betekenis te spelen. Het nieuwe en bestaande aanbod van woninginrichting en keukens/sanitair dient in de toekomst dan ook zoveel mogelijk geconcentreerd te worden, zodat meer bundeling ontstaat. Verder maakt een deel van het huidige aanbod een verouderde indruk, clustering in nieuwe planmatige concepten zou bijdragen aan de uitstraling. Concentratie en - 16 -

vernieuwing zijn van belang om op regionaal nivo meer attractiviteit en trekkracht te genereren. Gezien het reeds aanwezige aanbod, de redelijk centrale situering binnen Amersfoort en de vrij korte afstand ten opzichte van de binnenstad is de grootste huidige perifere locatie, Kop van Isselt-Amsterdamseweg de meest aangewezen locatie voor concentratie (uitbreiding en nieuwe vestiging) van het aanbod van woninginrichting en keukens/sanitair, met het Eemcentrum als vertrekpunt. Om verdere verspreiding c.q. versnippering van het aanbod tegen te gaan is van het belang om elders terughoudend met nieuwe vestiging om te gaan. Gezien de stijging van het inwonertal in Vathorst en de daardoor toenemende locale vraag naar de perifere branches woninginrichting en keukens/sanitair is, aanhakend bij bouwmarkten en tuincentra, beperkt vestiging op Bedrijvenpark Vathorst denkbaar. Het betreft dan aanbod dat vooral is gericht op consumenten in de directe omgeving, Vathorst. Het primaat voor nieuwe vestigingen op het vlak van woninginrichting en keukens/sanitair moet op het schaalnivo van geheel Amersfoort bij de Kop van Isselt-Amsterdamseweg liggen. Voorstel Perifere vestiging van woninginrichting en keukens/sanitair concentreren op de Kop van Isselt-Amsterdamseweg, met het Eemcentrum als vertrekpunt. Daarnaast is aanhakend bij bouwmarkten en tuincentra en gericht op de locale markt beperkt vestiging op Bedrijvenpark Vathorst mogelijk. Voor grootschalige formules in perifeer te vestigen branches met een eigen autonome trekkracht (zoals Ikea, indicatie > 20.000 m² vvo), die in bestaand gebied moeilijk inpasbaar zijn, kan, bij aangetoonde wenselijkheid, eveneens een uitzondering worden gemaakt. Voor dit soort grootschalige perifere ontwikkelingen is een snelweglocatie op Bedrijvenpark Vathorst de meest aangewezen locatie. Voorstel Vestiging van megaformules in perifeer te vestigen branches met autonome trekkracht (> 20.000 m²) bij aangetoonde wenselijkheid eveneens toestaan op Bedrijvenpark Vathorst. - 17 -

5.4 Bouwmarkten en tuincentra Voor bouwmarkten en tuincentra is concentratie op een locatie met andere perifere branches geen noodzaak. Deze zaken worden frequenter en meer doelgericht bezocht. Kijk- en vergelijkgedrag speelt een minder grote rol dan bij bijvoorbeeld woninginrichting. Nabijheid vinden consumenten daarentegen wel belangrijk. Daarom is een evenwichtige spreiding van deze winkels met voldoende consumenten in de buurt belangrijker dan clustering/concentratie bij andere aanbieders in dezelfde branche. Primair is een goede afstemming met de locale marktmogelijkheden gewenst. Deze moeten ook bepalend zijn voor de locatie-keuzes. Nieuwe marktmogelijkheden dienen zich vanzelfsprekend vooral aan in Vathorst, zodat vestiging op bedrijvenpark Vathorst daar voor de hand ligt. In tweede instantie kan, met name voor tuincentra, worden gedacht aan bedrijventerrein De Wieken/Vinkenhoef als vestigingsplaats. Voorstel Perifere vestiging van bouwmarkten en tuincentra toestaan op locaties met voldoende locale marktmogelijkheden, zoals Bedrijvenpark Vathorst. 5.5. Auto s, boten en caravans De zogenaamde ABC-branches staan niet centraal in deze nota. Zoals vermeld hebben de perifere branches auto s, boten, caravans in hun functioneren nauwelijks relatie met de binnenstad en de andere winkelgebieden. Wel geldt vooral voor autodealers dat concentratie en clustering de trekkracht ten goede komt. In dit kader kunnen de bestaande concentraties op Isselt en Calveen als zoekgebied 1 worden gezien en Bedrijvenpark Vathorst als zoekgebied 2. 5.6 Overig verspreid aanbod Om in Amersfoort een economisch robuust perifeer aanbod te realiseren is het van belang om te streven naar concentratie en bundeling op de locaties Isselt (zoekgebied 1) en bedrijvenpark Vathorst.(zoekgebied 2) Om die reden wordt voorsgesteld om overig verspreid gevestigde perifere detailhandelsbedrijven te consolideren. Bij eventuele uitbreidingswensen zullen verplaatsingsopties onderzocht moeten worden. Voorstel Overig verspreid gevestigde perifere detailhandelsbedrijven consolideren. - 18 -

5.7 Randvoorwaarden In het kader van een zorgvuldig beleid is het van belang om bij de beoordeling van nieuwe vestigingsaanvragen, naast branchering en locatie, ook de distributieve marktruimte als criterium te laten fungeren. Deze moet in een onafhankelijk onderzoeksadvies worden aangetoond. Voor een aantal perifere branches heeft DHV een indicatie van de distributieve ruimte gegeven (zie onderstaande tabel ). Bij nieuwe aanvragen in de toekomst dient een actualisatie voor de betreffende branche plaats te vinden. Indicatie marktruimte (bij groei bestedingsvolume van 2% tot 2010) Branche 2005 (m² vvo*) 2010 (m² vvo*) Woninginrichting 2.400 12.000 Tuincentra 3.300 5.000 Bouwmarkten 1.100 5.000 * vvo = verkoopvloeroppervlak Voorstel Nieuwe perifere vestiging van de genoemde branches toestaan als er distributief voldoende marktruimte is. In het hoofdstuk over trends en ontwikkelingen is ingegaan op de tendens tot branchevervaging. Van belang is dat ook winkelformules op perifere locaties in kunnen spelen op de behoeften van consumenten en in hun assortiment met hun tijd mee kunnen gaan. Tegelijkertijd moeten nevenartikelen binnen het assortiment niet de hoofdmoot gaan uitmaken. De betreffende PDVbranche is immers de noemer waaronder perifere vestiging is toegestaan. Daarom moeten de hoofdartikelen van de PDV-branche, bijvoorbeeld meubels, conform de bestemming dominant blijven ten opzichte van eventuele nevenartikelen. Op die manier blijft de beoogde complementariteit ten opzichte van de reguliere winkelgebieden, waaronder de binnenstad, gewaarborgd. - 19 -

6. VOORSTEL 1. Kennis nemen van de nota Perifere Detailhandel in Amersfoort, die een actualisatie is van het gemeentelijke perifere detailhandelsbeleid. 2. Vestiging van de branches consumentenelektronica en sport/spel concentreren in of bij de reguliere winkelcentra, in het bijzonder in de (rand van de) binnenstad (= zoekgebied 1) en in het nog te ontwikkelen Eemcentrum (= zoekgebied 2). Op termijn ook in de omgeving van het Eemcentrum (wordt zoekgebied 3). 3. Perifere vestiging van woninginrichting en keukens/sanitair concentreren op de Kop van Isselt-Amsterdamseweg. Daarnaast is aanhakend bij bouwmarkten en tuincentra en gericht op de locale markt beperkt vestiging op Bedrijvenpark Vathorst denkbaar. 4. Vestiging van megaformules in perifeer te vestigen branches met autonome trekkracht (> 20.000 m²) bij aangetoonde wenselijkheid eveneens toestaan op Bedrijvenpark Vathorst. 5. Perifere vestiging van bouwmarkten en tuincentra toestaan op locaties met voldoende locale marktmogelijkheden, zoals Bedrijvenpark Vathorst. 6. Overig verspreid gevestigde perifere detailhandelsbedrijven consolideren. 7. Nieuwe perifere vestiging van de genoemde branches toestaan als er distributief voldoende marktruimte is. - 20 -