Evaluatierapport Gebruik ICT binnen Content and Language Integrated Learning Bevindingen van leraren en leerlingen Drs. Gerard Baars
Inleiding In de tweede helft van 2008 is op zes basisscholen in Rotterdam het project Het gebruik van ICT binnen Content and Language Integrated Learning (CLIL) uitgevoerd. Dit project is in opdracht van kennisnet opgezet door EarlyBird in samenwerking met het ROC Zadkine en de Hogeschool Rotterdam. Doelstellingen van dit project waren: - Leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om Engelstalige teksten voor zaakonderwerpen op internet te kunnen opsporen en te kunnen beoordelen op geschiktheid voor leerlingen uit de eigen groep; - Leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om leerlingen te begeleiden bij het vinden van geschikte Engelse teksten op het internet ten behoeve van CLIL; - Leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om leerlingen te begeleiden bij het digitaal presenteren van zelfgekozen Engelse teksten op het internet. Het pilot project is een relatief nieuw initiatief binnen het Nederlandse basisonderwijs. Het maakt onderdeel uit van een breder onderzoek naar de mogelijkheden om ICT middelen en bronnen te gebruiken bij Engelstalige activiteiten en lessen in het basisonderwijs. In de eerste fase van het project zijn verschillende workshops georganiseerd om de leraren te scholen op de doelstellingen van dit project. In pilots in verschillende bovenbouw-groepen hebben Nederlandstalige leraren het gebruik van ICT binnen CLIL in de praktijk uitgeprobeerd. Deze leraren zijn vanuit EarlyBird ondersteund. Bij zowel de leraren als de leerlingen is het werken met ICT middelen binnen CLIL geëvalueerd. In dit evaluatierapport wordt verslag gedaan van de bevindingen. Gerard Baars Risbo Rotterdam, januari 2009
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Inleiding... iii Inhoudsopgave... iv Hoofdstuk 1 Doel en opzet van het evaluatieonderzoek... 1 1.1 Doel evaluatieonderzoek... 1 1.2 Participanten... 1 1.3 Meetinstrumenten... 2 Hoofdstuk 2 Resultaten... 3 2.1 Bevindingen van leraren... 3 2.2 Bevindingen van leerlingen... 11 Hoofdstuk 3 Conclusies en aanbevelingen... 13 3.1 Conclusies... 13 3.2 Aanbevelingen... 14 Bijlage 1. Vragenlijst leraren... 15 Bijlage 2. Vragenlijst leerlingen... 21 iv
Hoofdstuk 1 Doel en opzet van het evaluatieonderzoek 1.1 Doel evaluatieonderzoek De evaluatie van het project Gebruik ICT binnen CLIL richt zich op de bevindingen van de leraren en leerlingen met het werken met ICT binnen Content and Language Integrated Learning. Bij de leraren is daarbij specifiek aandacht voor de volgende onderdelen: - Relevantie en waarde van Engelse teksten op internet voor Content and Language and Language Integrated Learning; - Zoeken en beoordelen van Engelse teksten op internet door de leraar; - Zoeken van Engelse teksten op internet door leerlingen; - Hulpmiddelen om leerlingen te ondersteunen bij het zoeken naar Engelse teksten op internet; - Maken van presentaties op de computer (digitale presentaties) door leerlingen; - Randvoorwaarden voor het werken met ICT binnen CLIL. Bij de leerlingen is ook een evaluatie uitgevoerd. Deze richtte zich met name op de waardering van de leerlingen voor de Engelstalige teksten die de leraar hen aanbood, de waardering voor het zelf selecteren van Engelse teksten en de waardering voor het maken van presentaties op de computer. 1.2 Participanten Aan de evaluatie hebben 6 leraren basisonderwijs van zes verschillende scholen meegedaan. Daarnaast hebben 91 leerlingen geparticipeerd.
Hoofdstuk 1 1.3 Meetinstrumenten Voor zowel de leraren als de leerlingen is een vragenlijst ontwikkeld om de elementen uit paragraaf 1.1 te meten. De vragenlijst voor de leraar is te vinden in bijlage 1. Deze bevat 26 gesloten vragen op een 4-punts Likert schaal (zeer mee oneens, mee oneens, mee eens, zeer mee eens). Daarnaast zijn enkele basisgegevens van de leraren gevraagd, zoals leeftijd, geslacht, groep, aantal leerlingen in de groep, aantal computers in de groep, aantal jaar dat leraar Engelse lessen verzorgt, aantal jaar dat de leraar de computer gebruikt in het onderwijs, en het aantal jaar ervaring in het basisonderwijs. In 2 open vragen konden de respondenten aangeven tegen welke knelpunten ze waren aangelopen tijdens de uitvoering van het project en welke oplossingen daarvoor te bedenken zijn. Daarnaast konden ze aangeven bij welke onderdelen ze graag extra ondersteuning willen krijgen. In de laatste vraag is de respondenten gevraagd op een 10- punts-schaal een eindoordeel te geven over het pilotproject Het gebruik van ICT binnen Content and Language Integrated Learning (CLIL). Voor de leerlingen is een vragenlijst opgesteld, waarin hen werd gevraagd om op een 5-punts-schaal (helemaal niet, beetje niet, beetje niet/ beetje wel, beetje wel, helemaal wel) te reageren op een aantal stellingen over Engelstalige teksten die ze aangereikt kregen van hun leraar, over teksten die ze zelf op internet selecteerden en over het maken van presentaties op de computer. Daarnaast is gevraagd naar een aantal basisgegevens zoals de naam van de school, groep (6,7,8) en geslacht (jongen, meisje). De vragenlijst voor de leerlingen staat in bijlage 2. De vragenlijsten zijn zowel door de leraren als de leerlingen na afloop van het pilotproject ingevuld. EarlyBird heeft er op de scholen voor gezorgd dat de vragenlijsten door alle leraren en leerlingen zijn ingevuld, waardoor de respons optimaal was. 2
Hoofdstuk 2 Resultaten 2.1 Bevindingen van leraren Achtergrondgegevens responderende leraren Alle 6 responderende leraren geven onderwijs in de bovenbouw van de basisschool (groep 6,7,8). Er zijn 3 mannelijke en 3 vrouwelijke respondenten. De leeftijd van de respondenten varieert van 25 tot 54 jaar (gemiddeld 39 jaar). Het aantal leerlingen, waaraan de respondenten lesgeven, varieert van 17 tot 35, met een gemiddelde van 24. De respondenten hebben tussen de 2 en 4 computers in de groep. Er is een grote spreiding in het aantal jaar dat de respondenten Engelse lessen verzorgen (minimum = 1 jaar; maximum = 26 jaar). Het aantal jaar dat de respondenten de computer in de klas gebruiken varieert van 1 tot 21. Het aantal jaar ervaring in het basisonderwijs varieert van 1 tot 31 jaar. Relevantie en waarde van Engelse teksten op internet voor Content and Language Integrated Learning In tabel 2.1 staan de scores van de responderende leraren op de items in de vragenlijst die te maken hebben met de relevantie en waarde van Engelse teksten op het internet voor CLIL.
Hoofdstuk 2 Tabel 2.1 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op de items over de relevantie en waarde van Engelse teksten op internet Engelse teksten op internet hebben een duidelijke meerwaarde voor Content and Language Integrated Learning (CLIL) (item 12) Er zijn genoeg Engelstalige teksten op internet te vinden die zeer geschikt zijn voor leerlingen uit mijn groep (item 14) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 3.00 0.00 0.0% 100.0% 3.00 0.00 0.0% 100.0% Uit deze tabel blijkt dat de respondenten vinden dat Engelse teksten op het internet meerwaarde hebben voor Content and Language Integrated Learning (CLIL). Ook zijn er genoeg teksten op internet te vinden die geschikt zijn voor de eigen groep. Zoeken en beoordelen van Engelse teksten op internet door leraar In tabel 2.2 staan de scores van de respondenten op de items in de vragenlijst die te maken hebben met het zoeken en beoordelen van Engelse internetteksten door leraren voor leerlingen van de eigen groep. Tabel 2.2 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op items over zoeken en beoordelen van Engelse teksten op internet door de leraar Ik ben in staat om te beoordelen of Engelse teksten op internet geschiktheid zijn voor mijn eigen groep (item 10) Ik ben goed in staat om in te schatten welke woorden in de M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 3.00.63 16.7% 83.3% 2.83.41 16.7% 83.3% 4
Resultaten Engelse internetteksten ik moet uitleggen aan leerlingen of moet laten opzoeken (item 19) Ik denk dat leerlingen de Engelse internetteksten die ik ze aanbied moeilijk vinden (item 22) Ik moet de leerlingen nog veel woorden van de Engelse teksten die ik ze aanbied uitleggen of laten opzoeken (item 17) Alleen door gebruik te maken van de Lextutor kan ik bepalen of Engelse teksten op internet geschikt zijn voor mijn groep (item 18) Ik heb voldoende kennis van Engelse taalverwerving om geschikte Engelse teksten op internet voor leerlingen te selecteren (item 28) Ik heb voldoende ICTvaardigheden om geschikte Engelse teksten op internet te vinden (item 27) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 2.50.55 50.0% 50.0% 2.83.41 16.7% 83.3% 2.33.52 66.7% 33.3% 3.17.41 0.0% 100.0% 2.83.98 16.7% 83.3% Uit tabel 2.2 blijkt dat de responderende leraren in het algemeen vinden dat ze in staat zijn om Engelstalige teksten op internet te beoordelen op geschiktheid voor de eigen groep. Ook geven ze aan dat ze goed kunnen inschatten welke woorden nog moeten worden uitgelegd aan de leerlingen of moeten worden opgezocht. De respondenten geven aan dat ze veel woorden uit de Engelse teksten die ze aan de leerlingen aanbieden moeten uitleggen. De meeste respondenten zeggen over voldoende kennis van Engelse taalverwerking te beschikken en over voldoende ICT-vaardigheden om geschikte Engelse teksten op internet te vinden. 5
Hoofdstuk 2 Zoeken van Engelse teksten door leerlingen In tabel 2.3 staan de scores van de responderende docenten op de items in de vragenlijst die te maken hebben met het zoeken naar Engelse teksten op internet door leerlingen zelf. Tabel 2.3 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op items over zoeken naar Engelse teksten op internet door leerlingen Ik laat leerlingen zelfstandig Engelse teksten op internet zoeken (item 31) Leerlingen in mijn groep zijn in staat om zelfstandig geschikte Engelse teksten op internet te vinden (item 11) Leerlingen begrijpen de Engelse teksten die zij zelf op internet vinden goed (item 16) Ik heb de indruk dat leerlingen veel leren van de Engelse teksten zie zij zelf op internet vinden (item 13) Ik heb het idee dat leerlingen veel leren door zelf Engelse teksten op internet te selecteren (item 29) Leerlingen hebben veel begeleiding nodig bij het vinden van geschikte Engelse teksten op internet (item 15) Ik vind het makkelijk om leerlingen te begeleiden bij het zoeken naar geschikte Engelse teksten op internet (item 23) Ik instrueer de leerlingen, voordat ze Engelse teksten op internet gaan zoeken (item 32) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 2.50.55 50.0% 50.0% 2.33 1.03 66.7% 33.3% 2.50.55 50.0% 50.0% 2.67.52 33.3% 66.7% 2.80.45 20.0% 80.0% 3.00.63 16.7% 83.3% 2.33.82 50.0% 50.0% 3.17.41 0.0% 100.0% 6
Resultaten Ik geef leerlingen feedback tijdens het zoeken van Engelse teksten op internet (item 34) Ik geef leerlingen feedback na afloop van het zoeken van Engelse teksten op internet (item 35) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 2.33 1.15 33.3% 66.7% 3.00 0.00 0.0% 100.0% Uit tabel 2.3 blijkt dat 50% van de responderende leraren de leerlingen zelf Engelstalige teksten op internet laat zoeken. Een meerderheid van de respondenten vindt echter dat leerlingen uit de eigen groep niet in staat zijn om deze teksten zelfstandig te vinden. Daarentegen denkt een meerderheid dat leerlingen wel veel leren van het zelf zoeken van de teksten. De meeste respondenten vinden dat leerlingen begeleid moeten worden bij het zoeken naar Engelstalige teksten op internet. De helft van de respondenten vindt echter dat het niet makkelijk is om leerlingen hierbij te begeleiden. Hulpmiddelen om leerlingen te ondersteunen bij zoeken teksten op internet In tabel 2.4 staan de scores van de responderende docenten op de items in de vragenlijst die te maken hebben met een aantal hulpmiddelen die gebruikt kunnen worden om leerlingen te ondersteunen bij het zoeken naar Engelstalige teksten op internet. 7
Hoofdstuk 2 Tabel 2.4 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op items over hulpmiddelen om leerlingen te ondersteunen bij het zoeken naar teksten op internet Het gebruik van webquests is een goede manier om leerlingen Engelse internetteksten aan te reiken (item 20) De site www.steffie.nl is zeer geschikt om leerlingen wegwijs te maken op het internet (item 21) 3.17.41 0.0% 100.0% 3.50.55 0.0% 100.0% Uit tabel 2.4 blijkt dat de respondenten vinden dat webquests en de site www.steffie.nl goede hulpmiddelen zijn om leerlingen Engelstalige internetteksten te laten zoeken. Maken van digitale presentaties door leerlingen In tabel 2.5 staan de scores van de respondenten op de items die te maken hebben met het maken van presentaties op de computer (digitale presentaties) door leerlingen. Tabel 2.5 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op items over het maken van digitale presentaties door leerlingen Leerlingen uit mijn groep zijn goed in staat om digitale presentaties van hun projecten te maken (item 25) Ik ben voldoende in staat om leerlingen te begeleiden bij het maken van digitale presentaties van hun projecten (item 26) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 2.83.75 33.3% 66.7% 2.83.41 16.7% 83.3% Uit deze tabel blijkt dat de meerderheid van de respondenten vindt dat leerlingen goed in staat zijn om digitale presentaties van hun projecten te 8
Resultaten maken. Ook achten de meeste respondenten zichzelf voldoende in staat om leerlingen hierbij te begeleiden. Randvoorwaarden In tabel 2.6 staan de scores van de respondenten op de items die te maken hebben met randvoorwaarden voor het gebruik van ICT binnen CLIL. Tabel 2.6 Gemiddelde (M), standaard deviatie (SD) en % (zeer) mee (on)eens op items over randvoorwaarden Er zijn geen technische problemen geweest tijdens de uitvoering van dit pilotproject (item 33) Ik heb voldoende computers tot mijn beschikking om leerlingen zelf Engelse teksten op internet te laten zoeken en verwerken (item 30) Ik heb zelf voldoende ondersteuning gekregen bij de uitvoering van dit pilotproject (item 24) M SD % (zeer) mee oneens % (zeer) mee eens 2.50.84 33.3% 66.7% 2.17.75 66.7% 33.3% 3.00.00 0.0% 100.0% Uit tabel 2.6 blijkt dat een meerderheid van de respondenten vindt dat ze onvoldoende computers tot hun beschikking hebben om leerlingen zelf Engelse teksten op internet te laten zoeken en verwerken. Alle respondenten zijn van mening dat ze bij de uitvoering van het pilotproject voldoende ondersteuning hebben gekregen. Knelpunten pilotproject en oplossingen In een open vraag (item 36) konden de respondenten aangeven tegen welke knelpunten ze tijdens het pilotproject zijn aangelopen en wat mogelijke oplossingen voor deze knelpunten zijn. De volgende aspecten zijn gerapporteerd: 9
Hoofdstuk 2 - Een knelpunt bij dit soort pilotprojecten is de tijdsinvestering. Bij ons op school is afgesproken dat de near-native speaker de CLIL-lessen gaat doen en dat de leerkrachten zich met de methode bezig gaan houden - In mijn functie als vakleerkracht zie ik de groepen 3x een half uur per week. Voor projectmatig werk als dit kom ik veel (contact) tijd tekort. Ik moet hiervoor een beroep doen op de groepsleerkracht - Vooral werken aan webquests kost veel tijd. Met 2 computers in de klas en 30 kinderen duurt het lang voordat ze het af kunnen maken. Vaste tijden helpen - Gebrek aan eigen vaardigheid computergebruik. Computernetwerk, waar altijd iets mis mee is. Het niveau was voor mij te hoog. Ik dacht steeds aan de opdrachten te kunnen werken. Helaas bleek ik terug op school steeds tegen problemen aan te lopen - Ik kan mijn groep leerlingen nog niet geheel zelfstandig laten zoeken. Ze zijn nog erg ongeduldig en hebben een duidelijk kader nodig waar binnen ze moeten zoeken. Ze zijn ook vluchtig als ze een lap tekst voor zich krijgen. Behoefte aan extra ondersteuning In een tweede open vraag (item 37) konden de respondenten aangeven bij welke onderdelen ze graag extra ondersteuning zouden krijgen. Daarbij werden de volgende onderdelen genoemd: - Duidelijke stap voor stap instructie waarmee ook de digibeet aan de slag kan - Ik heb de leerlingen nog niet zelfstandig laten zoeken naar geschikte teksten. Daar moet ik zelf eerst een goed plan voor bedenken Eindoordeel responderende leraren In het laatste item van de vragenlijst (item 38) is de leraren gevraagd om een eindoordeel over het pilotproject te geven. Het gemiddeld cijfer van de respondenten op een 10-punts-schaal was 7.5 met een standaard deviatie van.55. Het laagste cijfer was een 7.0, het hoogste een 8.0. 10
Resultaten 2.2 Bevindingen van leerlingen Achtergrondgegevens responderende leerlingen Van de 91 leerlingen die in de analyses zijn meegenomen zitten er 31 in groep 6, 33 in groep 7 en 27 in groep 8. De groep respondenten bestaat uit 41 jongens en 46 meisjes; van 4 studenten ontbreekt dit gegeven. Scores op items vragenlijst In tabel 2.7 staat een samenvatting van de antwoorden van de leerlingen op de vragenlijst. Tabel 2.7 Samenvatting antwoorden vragenlijst leerlingen M SD % (helemaal) niet % (helemaal) wel Ik vind Engels leuk. 4.14.95 5.7% 82.7% Ik vind de computer leuk. 4.53.82 4.6% 92.0% Ik zit vaak achter de computer. 3.34 1.08 22.7% 46.6% Ik vind de Engelse teksten die 2.79 1.18 33.3% 31.1% de meester of juf mij geeft moeilijk. Ik leer veel nieuwe woorden 3.90 1.13 11.1% 70.0% door de Engelse teksten die ik van de juf of meester krijg. Ik kan zelf goed Engelse 3.08 1.36 33.3% 41.7% teksten op internet vinden. Als ik op internet een Engelse 2.66 1.47 47.6% 30.5% tekst vind, kan ik die goed gebruiken voor mijn werkstuk. Ik leer veel nieuwe woorden 3.33 1.38 27.6% 50.6% door de Engelse teksten die ik zelf op internet vind. Ik vind de Engelse teksten die 2.92 1.25 41.2% 35.3% ik zelf op internet vind moeilijk. Ik moet vaak woorden uit 2.41 1.15 51.2% 17.5% 11
Hoofdstuk 2 Engelse teksten die ik op internet vind opzoeken. Ik vind het zoeken van Engelse teksten op internet makkelijk. Ik vind het leuk om Engelse teksten op internet te zoeken. Ik vind het leuk om een presentatie op de computer te maken. Ik kan goed presentaties op de computer maken. Ik vind het maken van een presentatie op de computer makkelijk. M SD % (helemaal) niet % (helemaal) wel 3.46 1.38 24.7% 53.0% 3.33 1.51 28.4% 53.4% 3.57 1.50 25.3% 57.5% 3.34 1.32 26.7% 50.0% 3.21 1.40 30.6% 43.5% Uit tabel 2.7 blijkt dat een zeer ruimte meerderheid van de responderende leerlingen Engels leuk vindt. Ongeveer een derde van de leerlingen vindt de Engelse teksten die de leraar aanbiedt moeilijk. 70% geeft aan veel te leren van de Engelse teksten die de leraar aanreikt. Meer dan 40% van de leerlingen geeft aan dat ze goed in staat zijn om zelf Engelstalige teksten op internet te vinden. Een meerderheid vindt het leuk om deze teksten zelf te zoeken. Ongeveer de helft van de responderende leerlingen geeft aan dat ze veel nieuwe woorden leren door de Engelse teksten die ze zelf op internet vinden. Over het maken van digitale presentaties (presentaties op de computer) is meer dan de helft enthousiast. De helft van de respondenten vindt dat ze dit goed kunnen. 12
Hoofdstuk 3 Conclusies en aanbevelingen 3.1 Conclusies Bij het interpreteren van de evaluatieresultaten moet worden opgemerkt dat slechts 6 leraren hebben meegedaan aan dit pilotproject. Dat is een zeer kleine steekproef. Toch geven de resultaten van dit onderzoek enkele belangrijke indicaties voor de waarde van het gebruik van ICT binnen CLIL en enkele aanwijzingen hoe het gebruik verbeterd kan worden. Het eerste belangrijke resultaat van dit evaluatieonderzoek is dat de responderende leraren vinden dat op internet genoeg Engelstalige teksten te vinden zijn die bruikbaar zijn voor de eigen groep. De meeste respondenten zijn daarbij van mening dat ze goed in staat zijn om deze teksten te beoordelen op geschiktheid voor de eigen groep. De meeste leerlingen geven aan dat ze veel nieuwe woorden leren door de teksten die de leraar aanbiedt. Hiermee lijkt de eerste doelstelling van dit pilotproject bereikt: leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om Engelstalige teksten voor zaakonderwerpen op internet te kunnen opsporen en te kunnen beoordelen op geschiktheid voor leerlingen uit de eigen groep. Het tweede belangrijke resultaat is dat de meeste responderende leraren vinden dat de leerlingen niet in staat zijn om zelfstandig geschikte teksten op internet te vinden. Ze geven daarbij aan dat leerlingen hierbij veel begeleiding nodig hebben. Drie van de zes respondenten geeft aan dat ze het makkelijk vinden om leerlingen te begeleiden bij het zoeken van geschikte teksten; de andere 3 respondenten vinden dit niet makkelijk. Hiermee lijkt de tweede doelstelling van dit pilotproject deels gehaald. Deze doelstelling luidt: leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om leerlingen te begeleiden bij het vinden van geschikte Engelse teksten op het internet ten behoeve van CLIL. De derde doelstelling van dit project luidt: Leraren in de bovenbouw van het basisonderwijs te leren om leerlingen te begeleiden bij het digitaal
Hoofdstuk 3 presenteren van zelfgekozen Engelse teksten op het internet. Uit de resultaten van deze evaluatie blijkt dat de meerderheid van de responderende leraren vindt dat leerlingen in staat zijn om digitale presentaties van hun projecten te maken. Ook zegt een meerderheid leerlingen hierbij voldoende te kunnen begeleiden. De helft van de leerlingen geeft aan dat ze goed presentaties op de computer kunnen maken. Een meerderheid van de leerlingen vindt dit leuk. Hiermee lijkt deze doelstelling grotendeels behaald. Geconcludeerd kan worden dat dit pilotproject succesvol was. Dit blijkt uit de waardering van de leraren voor de ondersteuning die ze vanuit EarlyBird hebben ontvangen en het eindcijfer dat ze voor dit project gaven. Het gemiddelde cijfer was een 7.5. 3.2 Aanbevelingen Om in de toekomst op een succesvolle en bevredigende manier ICT binnen CLIL te kunnen gebruiken, zal vooral veel aandacht besteed moeten worden aan twee belangrijke punten. Ten eerste zal ervoor gezorgd moeten worden dat een aantal randvoorwaarden goed wordt ingevuld. Leraren zullen vanuit de school gefaciliteerd moeten worden in tijd om op een gestructureerde manier kennis over en vaardigheden in het gebruik van ICT binnen CLIL op te kunnen doen. Daarnaast moet ervoor gezorgd worden dat scholen beschikken over voldoende adequate computers om leraren en leerlingen in staat te stellen om Engelstalige teksten op internet te kunnen opzoeken en waarderen. Een tweede aanbeveling: er zal meer kennis moeten worden ontwikkeld om leerlingen effectief te begeleiden bij het zelfstandig zoeken van geschikte Engelstalige teksten op het internet. Hiervoor moeten ook handzame instrumenten voor leraren ontwikkeld worden. 14
Bijlage 1. Vragenlijst leraren Geachte docent, De afgelopen periode heeft u meegedaan aan het pilotproject Het gebruik van ICT binnen Content and Language Integrated Learning (CLIL). Doelstellingen van dit project waren: - Engelstalige teksten voor zaakonderwerpen op internet kunnen opsporen en kunnen beoordelen op geschiktheid voor leerlingen uit de eigen groep; - Leerlingen kunnen begeleiden bij het vinden van geschikte Engelse teksten op het internet ten behoeve van CLIL; - Leerlingen kunnen begeleiden bij het digitaal presenteren van zelfgekozen Engelse teksten op het internet. Het pilot project is een relatief nieuw initiatief binnen het Nederlandse basisonderwijs. Het maakt onderdeel uit van een breder onderzoek naar de mogelijkheden om ICT middelen en bronnen te gebruiken bij Engelstalige activiteiten en lessen in het basisonderwijs. Belangrijk onderdeel van het onderzoek is uw mening over het gebruik van ICT binnen CLIL. We willen u daarom vriendelijk verzoeken om onderstaande vragen te beantwoorden. Alle gegevens zullen anoniem worden verwerkt. Alvast vriendelijk dank voor uw medewerking, namens EarlyBird, Sjoerd Heeringa
Bijlage 1 A. Algemene gegevens 1. Wat is de naam van uw school? 2. In welke groep geeft u les? groep: 3. Hoeveel leerlingen heeft u in uw leerlingen groep? 4. Hoeveel computers heeft u tot uw beschikking voor uw onderwijs? computers 5. Wat is uw geslacht? man / vrouw (omcirkel) 6. Wat is uw leeftijd? jaar 7. Hoeveel jaar verzorgt u Engelse jaar lessen? 8. Hoeveel jaar gebruikt u de computer in uw onderwijs? jaar 9. Hoeveel jaar ervaring heeft u in het basisonderwijs? jaar B. Vragen over het gebruik van ICT binnen CLIL Wij willen graag weten hoe u het gebruik van ICT binnen CLIL heeft ervaren. Geef aan in welke mate u het eens/ oneens bent met de volgende stellingen. Zet een kruisje. Zeer mee oneens Mee oneens Mee eens Zeer mee eens 10. Ik ben in staat om te beoordelen of Engelse teksten op internet geschiktheid zijn voor mijn eigen groep. 11. Leerlingen in mijn groep zijn in staat om zelfstandig geschikte Engelse teksten op internet te vinden. 12. Engelse teksten op internet hebben een duidelijke meerwaarde voor Content and Language Integrated 16
Vragenlijst leraren Zeer mee oneens Mee oneens Mee eens Zeer mee eens Learning (CLIL). 13. Ik heb de indruk dat leerlingen veel leren van de Engelse teksten zie zij zelf op internet vinden. 14. Er zijn genoeg Engelstalige teksten op internet te vinden die zeer geschikt zijn voor leerlingen uit mijn groep. 15. Leerlingen hebben veel begeleiding nodig bij het vinden van geschikte Engelse teksten op internet. 16. Leerlingen begrijpen de Engelse teksten die zij zelf op internet vinden goed. 17. Ik moet de leerlingen nog veel woorden van de Engelse teksten die ik ze aanbied uitleggen of laten opzoeken. 18. Alleen door gebruik te maken van de Lextutor kan ik bepalen of Engelse teksten op internet geschikt zijn voor mijn groep. 19. Ik ben goed in staat om in te schatten welke woorden in de Engelse internetteksten ik moet uitleggen aan leerlingen of moet laten opzoeken. 20. Het gebruik van webquests is een goede manier om leerlingen Engelse internetteksten aan te reiken. 21. De site www.steffie.nl is zeer geschikt om leerlingen wegwijs te maken op het internet. 22. Ik denk dat leerlingen de Engelse internetteksten die ik ze aanbied moeilijk vinden. 23. Ik vind het makkelijk om leerlingen te 17
Bijlage 1 Zeer mee oneens Mee oneens Mee eens Zeer mee eens begeleiden bij het zoeken naar geschikte Engelse teksten op internet. 24. Ik heb zelf voldoende ondersteuning gekregen bij de uitvoering van dit pilotproject. 25. Leerlingen uit mijn groep zijn goed in staat om digitale presentaties van hun projecten te maken. 26. Ik ben voldoende in staat om leerlingen te begeleiden bij het maken van digitale presentaties van hun projecten. 27. Ik heb voldoende ICT-vaardigheden om geschikte Engelse teksten op internet te vinden. 28. Ik heb voldoende kennis van Engelse taalverwerving om geschikte Engelse teksten op internet voor leerlingen te selecteren. 29. Ik heb het idee dat leerlingen veel leren door zelf Engelse teksten op internet te selecteren. 30. Ik heb voldoende computers tot mijn beschikking om leerlingen zelf Engelse teksten op internet te laten zoeken en verwerken. 31. Ik laat leerlingen zelfstandig Engelse teksten op internet zoeken. 32. Ik instrueer de leerlingen, voordat ze Engelse teksten op internet gaan zoeken. 33. Er zijn geen technische problemen geweest tijdens de uitvoering van dit pilotproject. 34. Ik geef leerlingen feedback tijdens het 18
Vragenlijst leraren Zeer mee oneens Mee oneens Mee eens Zeer mee eens zoeken van Engelse teksten op internet. 35. Ik geef leerlingen feedback na afloop van het zoeken van Engelse teksten op internet. 36. Knelpunten waar ik tegenaan ben gelopen tijdens de uitvoering van dit project en oplossingen daarvoor zijn: 37. Ik zou graag extra ondersteuning krijgen bij: 38. Wat is uw eindoordeel over het pilotproject Het gebruik van ICT binnen Content and Language Integrated Learning (CLIL)? Omcirkel één cijfer. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 19
Bijlage 2. Vragenlijst leerlingen Hallo! Ik wil graag wat vragen stellen over het gebruik van de computer bij Engels. Jouw antwoord is altijd goed, je kunt niets fout invullen! Als je iets niet snapt, dan kun je het aan de meester of juf vragen. Alvast bedankt voor het invullen! De naam van mijn school is: In welke groep zit je? Omcirkel je groep. 6 7 8 Ben je een jongen of een meisje? Omcirkel. Jongen Meisje Geef je mening! Helemaal Beetje niet Beetje wel, Beetje wel Helemaal Omcirkel je antwoord! niet Beetje niet wel Ik vind Engels leuk. Ik vind de computer leuk. Ik zit vaak achter de computer. Ik kan zelf goed Engelse teksten op internet vinden. Als ik op internet een Engelse tekst vind, kan ik die goed gebruiken voor mijn werkstuk.
Bijlage 2 Geef je mening! Helemaal Beetje niet Beetje wel, Beetje wel Helemaal Omcirkel je antwoord! niet Beetje niet wel Ik vind de Engelse teksten die de meester of juf mij geeft moeilijk. Ik leer veel nieuwe woorden door de Engelse teksten die ik zelf op internet vind. Ik leer veel nieuwe woorden door de Engelse teksten die ik van de juf of meester krijg. Ik vind het leuk om een presentatie op de computer te maken. Ik kan goed presentaties op de computer maken. Ik vind de Engelse teksten die ik zelf op internet vind moeilijk. Ik moet vaak woorden uit Engelse teksten die ik op internet vind opzoeken. Ik vind het maken van een presentatie op de computer makkelijk. Ik vind het zoeken van Engelse teksten op internet makkelijk. Ik vind het leuk om Engelse teksten op internet te zoeken. Vergeet niet je antwoorden in te leveren bij je juf of meester! 22