Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Vergelijkbare documenten
Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld inartikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT I. MELDING II. PARTIJEN

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, lid 1, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, lid 1, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37 van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37 van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. pagina 1 van 5. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\44304opb.htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37 van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\76openbdoc.htm

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37 van de Mededingingswet.

BESLUIT. file://e:\archief1998\besluiten\bcm\bcm htm

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37 van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

Transcriptie:

BESLUIT Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet. Zaaknummer 2064 / Kamps - Schothuis I. MELDING 1. Op 22 augustus 2000 heeft de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit een melding ontvangen van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 34 van de Mededingingswet. Hierin is medegedeeld dat Kamps AG voornemens is zeggenschap te verkrijgen, in de zin van artikel 27, onder b, van de Mededingingswet, over de activiteiten van Bakkerij Schothuis B.V., Bakkerij Schothuis Nieuw Amsterdam B.V. en Bakkerij Schothuis International B.V. Van de melding is mededeling gedaan in Staatscourant 165 van 28 augustus 2000. Naar aanleiding van de mededeling in de Staatscourant zijn geen zienswijzen van derden naar voren gebracht. II. PARTIJEN 2. Kamps AG (hierna: Kamps) is een naamloze vennootschap naar Duits recht. De aandelen van Kamps worden verhandeld op de beurs van Frankfurt. Kamps is actief op het gebied van de productie, distributie en verkoop van brood en gebak/banketproducten. 3. Bakkerij Schothuis B.V., Bakkerij Schothuis Nieuw Amsterdam B.V. en Bakkerij Schothuis International B.V. (hierna tezamen: Schothuis) zijn besloten vennootschappen naar Nederlands recht. Zij zijn dochterondernemingen van Goma Beheer B.V. Schothuis is actief op het gebied van de productie, distributie en verkoop van brood en gebak/banketproducten. III. DE GEMELDE OPERATIE 4. De gemelde operatie behelst de verwerving door Kamps International N.V., een 100%-dochtervennootschap van Kamps, van alle aandelen in Schothuis. Partijen hebben een intentieverklaring d.d.14 juli 2000 overgelegd tussen Goma Beheer B.V. en Kamps International N.V.. IV. TOEPASSELIJKHEID VAN HET CONCENTRATIETOEZICHT 5. De gemelde operatie is een concentratie in de zin van artikel 27, onder b,

van de Mededingingswet. De hierboven, onder punt 4 omschreven transactie leidt er toe dat Kamps uitsluitende zeggenschap verkrijgt over Schothuis. 6. Betrokken ondernemingen, in de zin van het Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet (Staatscourant 1 van 2 januari 1998), zijn Kamps en Schothuis. 7. Uit de bij de melding ter beschikking gestelde omzetgegevens blijkt dat de gemelde concentratie binnen de werkingssfeer van het in hoofdstuk 5 van de Mededingingswet geregelde concentratietoezicht valt. V. BEOORDELING A. Relevante markten Relevante productmarkt(en) Opvatting van partijen 8. Partijen zijn van oordeel dat de markten die door de concentratie worden benvloed, de markten zijn voor de productie, verkoop en distributie van brood enerzijds en de productie, verkoop en distributie van banket en gebak anderzijds. Ten aanzien van de broodmarkt zijn partijen van mening dat geen nader onderscheid tussen dagvers brood, voorgebakken brood respectievelijk broodproducten dient te worden gemaakt. In de branche en in de verschillende marktonderzoeken wordt geen eenduidige indeling op dit gebied gemaakt. Partijen zijn voorts van mening dat dagvers brood, voorgebakken brood en broodproducten zowel aan de vraagzijde als aan de aanbodzijde substitueerbaar zijn. Bakkerijbedrijven produceren doorgaans producten voor elk van de drie categorien. Ook voor consumenten zouden de genoemde producten uit de drie deelmarkten deels substituten zijn. Ten aanzien van de markt voor banket en gebak zijn partijen van mening dat deze markt niet verder kan worden onderscheiden in een aparte markt voor gebak en een aparte markt voor banket. Partijen hanteren hiervoor dezelfde argumenten als voor het niet nader segmenteren van de markt voor brood. 9. Voorts zijn partijen van mening dat een nadere onderverdeling van de bovengenoemde gebieden, al naar gelang wordt geleverd aan grootafnemers dan wel aan kleinafnemers en consumenten, achterwege dient te blijven omdat veel leveranciers zowel aan groot- als aan kleinafnemers leveren. Beoordeling 10. In eerdere besluiten is ten aanzien van brood in het midden gelaten of sprake is van onderscheiden (deel)markten met betrekking tot dagvers brood en niet-dagvers brood (te weten: voorgebakken brood en broodproducten).[1] Ook in het onderhavige geval kan in het midden worden gelaten of separate markten moeten worden onderscheiden voor dagvers en niet-dagvers brood, aangezien de uiteindelijke beoordeling van de gevolgen van de onderhavige concentratie hierdoor niet wordt benvloed (zie punt 15). 11. Ten aanzien van gebak[2] en banket[3] kan in het onderhavige geval in het midden worden gelaten of gebak en banket tot dezelfde markt behoren of dat

een nader onderscheid dient te worden gemaakt naar gebak enerzijds en banket anderzijds en welke producten precies tot welke deelmarkt zouden behoren, aangezien dit de materile beoordeling niet benvloedt (zie punten 16-18). 12. Eveneens kan in het onderhavige geval in het midden worden gelaten of een nader onderscheid dient te worden gemaakt naar levering aan verschillende distributiekanalen (zoals supermarkten, brood- en banketzaken, markten en overig) of levering aan verschillende grootafnemers (zoals horeca, instellingen, bedrijfskantines en overig), aangezien dit de materile beoordeling evenmin benvloedt (zie punten 19 en 20). Relevante geografische markt(en) 13. Met partijen kan worden aangenomen dat in het onderhavige geval de concentratie vanuit nationaal perspectief beoordeeld dient te worden. Kamps en Schothuis leveren voornamelijk aan supermarkten. De inkoop voor supermarkten vindt overwegend op centraal en daarmee op nationaal niveau plaats. Ook de belangrijkste concurrenten van partijen zijn landelijk actief. Er is geen reden om aan te nemen dat de posities van partijen op regionaal niveau van een andere orde van grootte zijn dan hun posities op een nationale markt. 14. Ook[4] in het onderhavige geval kan in het midden blijven of de levering van niet-dagvers brood mogelijk een ruimer gebied bestrijkt dan Nederland (zie punt 15). B. Gevolgen van de concentratie Brood 15. Op basis van eerder gehanteerde GfK-gegevens[5] over 1999, vertegenwoordigt de totale broodmarkt in Nederland NLG 2,9 miljard.[6] Op basis van deze gegevens bedraagt het gezamenlijk marktaandeel van partijen minder dan 15% op de markt voor brood. Indien een nader onderscheid wordt gemaakt naar dagvers brood en niet-dagvers brood, overlappen de activiteiten van partijen slechts op het gebied van dagvers brood. Op grond van de eerder gehanteerde GfK-cijfers over 1999, zou de markt voor dagvers brood circa NLG 2,5 miljard bedragen. Op grond hiervan bedraagt het gezamenlijke marktaandeel van partijen op de markt voor dagvers brood minder dan 15%. Gebak en banket 16. Volgens gegevens uit het onderzoek van het Studiecentrum Snacks en Zoetwaren was de waarde van de totale markt voor gebak en banket in 1999 NLG 1958 miljoen indien gekeken wordt naar de producten die vallen onder de categorien gebak en banket als bedoeld in punt 11[7] en NLG 1593 miljoen indien de definitie van partijen[8] wordt gevolgd. Het gezamenlijke marktaandeel van partijen bedraagt, onafhankelijk hiervan, niet meer dan 10% op de totale markt voor gebak en banket. 17. Volgens gegevens van het Studiecentrum Snacks en Zoetwaren zou de marktomvang voor gebak, zoals omschreven onder punt 11, in 1999 NLG 860 miljoen bedragen. Het gezamenlijke marktaandeel van partijen op deze markt bedraagt in dat geval minder dan 15%. Partijen zijn van mening dat cake niet

tot gebak behoort, in welk geval activiteiten van partijen op het gebied van gebak niet overlappen. 18. Op grond van gegevens van het Studiecentrum Snacks en Zoetwaren bedraagt de omvang van de markt voor banket zoals door partijen afgebakend [9] in 1999 NLG 810 miljoen (consumentenwaarde). Op basis hiervan zouden partijen een gezamenlijk marktaandeel van niet meer dan 11% behalen. Indien gekeken wordt naar de producten die vallen onder de categorie banket als bedoeld in punt 11[10], bedraagt de omvang van de markt voor banket NLG 1098 miljoen, en het gezamenlijke marktaandeel van partijen minder dan 8%. Distributiekanalen / grootafnemers 19. Indien een onderverdeling zou worden gemaakt naar distributiekanalen (supermarkten, brood- en banketzaken, markten en overig) of naar grootafnemers (zoals horeca, instellingen, bedrijfskantines en overig), overlappen de activiteiten van partijen op het gebied van de levering aan supermarkten. Partijen verkopen het overgrote deel van het dagverse brood en een deel van hun banket aan supermarkten. De overlap op het gebied van levering van dagvers brood en banket aan horeca en brood- en banketzaken is qua omzet van geringe omvang en kan bij de beoordeling verder buiten beschouwing blijven. 20. Supermarkten verkopen ca 71% van al het brood dat in Nederland wordt gekocht[11] en beschikken over een zekere inkoopmacht. Grote afnemers van partijen in 1999 waren Albert Heijn, Laurus, A&P Supermarkten, Trade Service Nederland en Superunie. Op grond van gegevens van partijen kan worden geconcludeerd dat ook op het gebied van de levering aan supermarkten minder dan 20% van de leveringen door partijen worden gedaan. Er is geen reden aan de opgave van partijen te twijfelen. Bovendien hebben de belangrijkste concurrenten van partijen, Bakkersland en Bake Five, een vergelijkbare positie op de markt. Afnemers zien deze concurrenten als beste alternatief voor partijen en namen in veel gevallen brood af van zowel partijen als van deze concurrenten[12]. VI. CONCLUSIE 21. Na onderzoek van deze melding is de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit tot de conclusie gekomen dat de gemelde operatie binnen de werkingssfeer valt van het in hoofdstuk 5 van de Mededingingswet geregelde concentratietoezicht. Hij heeft geen reden om aan te nemen dat als gevolg van die concentratie een economische machtspositie kan ontstaan of worden versterkt die tot gevolg heeft dat een daadwerkelijke mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan op significante wijze wordt belemmerd. 22. Gelet op het bovenstaande deelt de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit mede dat voor het tot stand brengen van de concentratie waarop de melding betrekking heeft geen vergunning is vereist. Datum: 20 september 2000

w.g. Drs. R.J.P. Jansen Plv. directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit een gemotiveerd beroepschrift indienen bij de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, sector bestuursrecht, Postbus 50951, 3007 BM, Rotterdam. -------------------------------------------------------------------------------- [1] Zie zaaknr. 988/Quality Bakers Erkens Bakkerijen, besluit van 18 augustus 1998, zaaknr. 1089/Oveneen, besluit van 21 december 1998 en zaaknr. 1820/Kamps Quality Bakers, besluit van 28 maart 2000, punt 12. [2] Onder gebak wordt verstaan vers gebak (dagverse taart, gebakjes en schnitten), diepgevroren gebak, cake en vlaaien. [3] Onder banket wordt verstaan de aan brood gerelateerde producten als donuts, muffins, bolussen, eierkoeken, oliebollen, koekjes e.d. [4] Zie zaaknr. 1820/Kamps Quality Bakers, reeds aangehaald, punt 17. [5] GfK is een bureau dat marktonderzoeken uitvoert. [6] Zie zaaknr. 1820/Kamps Quality Bakers, reeds aangehaald, punt 18 alsmede voetnoot 4. [7] Zie ook voetnoot 2 en 3. [8] Partijen rekenen tot de markt voor gebak en banket: gebak, diepvriesgebak, stuksartikelen banket gevuld, kleine cakejes, cake en seizoensbanket. [9] Partijen rekenen tot banket de stuksartikelen banket gevuld, kleine cakejes, cake en seizoensbanket. [10] Zie ook de derde voetnoot van dit besluit: ten opzichte van de indeling van partijen wordt, conform de omschrijving onder punt 11, koeken/koekjes toegevoegd en cake niet tot banket gerekend. [11] Bron: Nederlands Bakkerij Centrum, Feiten over brood 2000 d.d. 10 maart 2000. De cijfers hebben betrekking op 1999. [12] Zie zaaknr. 1820/Kamps Quality Bakers, besluit van 28 maart 2000, punt 19.

Aan de inhoud van deze pagina's kunt u geen rechten ontlenen.