2.4.1 Handschrift ontwikkeling Marjolein van Buuren Anne van Wensveen Werkcollege 6
Werkcollege 6 Doelen Je kunt jouw kennis van de handschriftontwikkeling van kinderen in groep 1 t/m 3 gebruiken om deze ontwikkeling te begeleiden en te stimuleren. Je kunt de leerstofopbouw van het handschriftonderwijs van groep 1 t/m 3 uitleggen.
In groep 3 leren de kinderen een nieuwe letter schrijven. Wanneer is het effectief om de letter voor te schrijven? A. De leerkracht moet de letter nooit voorschrijven, omdat de letter meestal niet perfect wordt geschreven. Tijdens de instructie kan beter de digibordsoftware aangezet worden, zodat de leerlingen een perfecte lettervorm geschreven zien worden. B. De leerkracht moet alleen bij de instructie de nieuwe letter voorschrijven, want tijdens het oefenen worden ze alleen maar afgeleid als de leerkracht de letter nog een keer voorschrijft. C. De leerkracht moet de letter tijdens de instructie niet voorschrijven, maar hiervoor de digibordsoftware inzetten. Tijdens het inoefen kan de leerkracht wel fout geschreven letters verbeteren. D. De leerkracht moet de letter voorschrijven tijdens zowel de instructie van de nieuwe letter als het corrigeren van kinderen tijdens het inoefenen.
Welke stelling(en) zijn waar? Stelling 1 Tekenen met twee handen leidt tot een betere vaardigheid van de schrijfhand. Stelling 2 Ruimtelijke oriëntatie oefeningen in de gymzaal: op de bank, naast de bank, links.. leiden tot een betere oriëntatie op het platte vlak. Stelling 3 Kinderen die een slechte grote motoriek hebben, kunnen vaak niet goed schrijven. Stelling 4 De grote motoriek moet bij kleuters eerst geoefend voordat de fijne motoriek getraind kan worden.
Leerstofopbouw handschriftonderwijs Groep 1, 2 en 3 VOORBEREIDEND SCHRIJVEN schrijfvoorwaarden Groep 3 en 4 AANVANKELIJK SCHRIJVEN instructiefase Groep 5 t/m 8 VOORTGEZET SCHRIJVEN handschriftonderhoud pengreep pendruk schrijfhouding fijne motoriek oog-handcoördinatie ruimtelijke oriëntatie in het platte vlak kritische waarneming concentratie - attitude letters tekenen groep 3: kleine letters cijfers koppelen lezen-schrijven? schrijfrijpheid groep 4: hoofdletters keuze: blokschrift of verbonden schrift handschriftcriteria blokschrift sierschrift toetsenbord vaardigheid Van instrumentele vaardigheden naar grafo-cognitie (=letterkennis)
Kleuters en letters lettertype lettertraject letterverhoudingen
Lettertype Blokschrift Kleine letters KAPITALEN
Lettertraject Met het natekenen van letters leren de kinderen de specifieke kenmerken van een letter herkennen. Kleine details worden soms heel erg uitvergroot.
Letterverhoudingen Kleuters schrijven letters vaak even groot.
KAPITALEN zijn echte kleuterletters - ze zijn opgebouwd uit losse streken - alle letters zijn even hoog - en gespiegeld nog herkenbaar
Handschriftontwikkeling ruimtelijke oriëntatie in het platte vlak Van losse streken in één zone naar doorgaande beweging in één draairichting met weinig zonebesef naar doorgaande beweging met draairichtingwisseling en kerende streken en steeds meer zonebesef
Welke deelvaardigheden heb je nodig om te kunnen schrijven?
Schrijfvingers buigen en strekken Goede driepuntspengreep Instrumentele vaardigheden Oog-handcoördinatie Goede schrijfhouding Drukbeheersing Kritische waarneming Nauwkeurig en geconcentreerd werken
Schrijfhouding
Misconceptie m.b.t. motorische ontwikkeling proximaal-distaalprincipe
Het proximaal-distaalprincipe Een opvatting die lange tijd wereldwijd geaccepteerd werd is het proximaal-distaalprincipe. Proximaal = grove motoriek Distaal = fijne motoriek buigen en strekken van de schrijfvingers Volgens dit principe ontwikkelt de motoriek zich eerst proximaal en vervolgens distaal (van dichtbij de romp naar steeds verder weg van de romp).
De proximale en distale motoriek ontwikkelen zich los van elkaar. De grote en fijne motoriek kunnen beide los van elkaar getraind worden. Het is dus niet zo dat eerst de grote motoriek moet worden getraind voordat de fijne motoriek kan worden getraind (Case-Smith, Fisher & Bauer, 1989; Exner, 1996). Corstens-Mignot, Cup en Van Hartingsveldt-Bakker (2000). SOESSS
Schrijfmethoden: 3 verschillende werkwijzen 1. Grof motorische programma s Novoskript Schrijfdans 2. Schrijfpatronen Handschrift Pennenstreken Schrijven in de basisschool 3. Fijn instrumentele vaardigheidstraining Schrift
1. Grof motorische programma s Ruimtelijke oriëntatie Evenwicht - op één been staan Groot motorische oefeningen Novoskript Tweehandige oefeningen Schrijfdans
2. Schrijfpatronen Sluiten schrijfpatronen aan bij de ontwikkeling van de kleuter?
Schrijfpatronen Het volgen van trajecten is erg lastig voor het jonge kind. Ontwikkeling: Losse streken Eén draairichting tegen de klok in met de klok mee Draairichtingwisselingen Pennenstreken Schrijven in de basisschool, groep 3
Schrijfpatronen
Schrijfpatronen Wat wordt hier geoefend? Schrijven in de basisschool, groep 1-2
3. Fijn instrumentele vaardigheid aansturing vanuit de vingers trainen Nodig: Dunne potloden Kleine kleurplaatjes Techniek: Kleuren met kleine ronddraaiende bewegingen
- goede pengreep en schrijfhouding oefenen - fijne motoriek (buig- en strekfunctie) trainen - druk op potlood leren beheersen - verband ontdekken tussen greepwijze en penpuntdruk - oog-handcoördinatie trainen - concentratie - nauwkeurig leren werken
Arceren - goede greep en schrijfhouding oefenen - fijne motoriek (buig- en strekfunctie) trainen - rechte en gebogen neerhalen leren trekken - evenwijdige neerhalen leren trekken - lijnen op gelijke afstand zetten (spatiering) - oog-handcoördinatie trainen - concentratie - nauwkeurig leren werken
Samengevat: Bij kleuters kan de fijn grafisch instrumentele vaardigheid getraind worden. Trainen van fijn grafisch instrumentele vaardigheid: met dun potlood of dunne pen op papier; met een juiste pengreep en daarbij steeds nauwkeuriger leren werken.
Schrijfvoorwaarden oefeningen
Hulpmiddelen voor een goede pengreep Wat werkt wel en wat niet?
Schrijfgereedschap
Dit waren de lessen handschriftontwikkeling. Groep 1, 2 en 3 VOORBEREIDEND SCHRIJVEN schrijfvoorwaarden Groep 3 en 4 AANVANKELIJK SCHRIJVEN instructiefase Groep 5 t/m 8 VOORTGEZET SCHRIJVEN handschriftonderhoud pengreep pendruk schrijfhouding fijne motoriek oog-handcoördinatie ruimtelijke oriëntatie in het platte vlak kritische waarneming concentratie - attitude letters tekenen groep 3: kleine letters cijfers koppelen lezen-schrijven? schrijfrijpheid groep 4: hoofdletters keuze: blokschrift of verbonden schrift handschriftcriteria blokschrift sierschrift toetsenbord vaardigheid Van instrumentele vaardigheden naar grafo-cognitie (=letterkennis)