ZEEBRIEF#134 16 mei 2016



Vergelijkbare documenten
De nieuwe Shell-schepen (S en O-klasse) uit de periode begin zestigerjaren

ZEEBRIEF# mei 2016

Voorlopig onderzoek naar de gronding van ms Zhen Hua 10 Europoort, 2 februari 2008

Traject Djakarta-Rotterdam

Chr. Oranjevereniging Marken en Oranje Herdenking 4 mei 2017 Thema: Verhalen van de oorlog

Haven van Amsterdam. Open zee. Sluis Ijmuiden

DUIVENDRECHT. Duivendrecht (1) (Vs) 1919 Louise Tiemann Bratholm Tunni Tot zinken gebracht in 1942

Vaarroute: Venetië Bari Katakolon/Olympia (Griekenland) Santorini Rhodos Op zee Dubrovnik Venetië

8.2 Fort Elmina. De leerkracht bespreekt de vragen met de leerlingen die op hun plaats zitten.

Halzen. met. Clipper Stad Amsterdam


De Zephyr liep in 1931 van stapel bij scheepswerf Van Diepen in Waterhuizen als Motorgaljas Bente.

BPR, geluidseinen, lichten 28 februari 2017

Hr.Ms Drenthe Jaarverslag Door Carel Fleischacker. Bron: Jaarboek Kon. Marine Commandant: Kapitein-luitenant ter zee W.

Eerste druk, Eddy Laan Corrector: Paula Breeveld Fred Olsen line, foto s Bergerac/Tenorga

Eigenlijk best dicht. op-en-neer naar Londen in het najaar

Batseba en vier vrouwen gered

Schotland reis e verslag. Onderweg ging het werk natuurlijk gewoon door, ook Adrie was onverstoorbaar bezig in de spoelkeuken.

Muus Visser en de tanker Ondina

Nr Title Publisher Year Scale Tresor Kaartenkamer

De ondergang van de Spaanse Armada een spannend verhaal

inhoud blz. Inleiding 1. De haven 2. Soorten havens 3. Soorten vracht 4. Lossen en laden 5. Werken in de haven 6. Filmpjes Pluskaarten

ZEEBRIEF#88 3 oktober 2013 ZWARTE ZEE (3) DEEL 4 ( )

Laat de teleurstellingen van vandaag nooit de dromen van morgen overschaduwen

De postverbindingen tussen Nederland en Overzeese gebiedsdelen

Een meesterlijk stuk bergingswerk

Korte geschiedenis van de Hilde Torm

Beknopt stormverslag 15-16/10/2002

Schotland reis MS Word Export To Multiple PDF Files Software - Please purchase license. 10 mei tot 15 mei

Zeerecht GZV (4) Werk- en rusttijden. 4 op 4 af? 5 op 7 af 8 op 4 af? 4 op 8 af 4 op 8 af? 14 op 14 af? gzv-4. gzv-4. gzv-2 kzv-3

ALGEMEEN EN BEPERKT STUURBREVET 19 november 2011

Naar de golf van Aden met Duncan Vlaar

Postagent aan boord van schepen

Reglementen. Ivar ONRUST

Examen November 2005

Back-up procedure. Melding Afvalstoffen Haven van Rotterdam. Bezoek Schip. Contact. Het Port Community System (PCS) is niet beschikbaar

HERKOMST EN BESTEMMING GOEDEREN VIA ROTTERDAM

Wat je van ver haalt is!

UITSPRAAK 4 VAN 2015 VAN HET TUCHTCOLLEGE VOOR DE SCHEEPVAART IN DE ZAAK NR 2015.V4-ARKLOW BEACH

Werkblad Meander Thema 1: Onderweg

Inhoud. Voorbereiding. Waar ga je naar toe. Hoe doe je het met School. Een probleem. Ik heb niks te doen. Dag en nacht varen.

Tweede persoon 50% korting!

Afmeervoorziening Cruiseschepen IJmuiden

21 e jaargang maart 2013 No135.

1. Bij welk type behoren de afmetingen van 67 meter lang en 8.20 meter breed?

ALGEMEEN EN BEPERKT STUURBREVET 21 november 2009

Examen Beperkt stuurbrevet

ALGEMEEN EN BEPERKT STUURBREVET 13 maart 2010

In welk land ligt Oslo? Noorwegen. Welk land is een eiland in de Noordelijke IJszee? IJsland Welke letter heeft die zee op de kaart?

7 e bericht van zeevarenden Vrijdag We spreken inmiddels al effe Zweeds.

Inleiding. Wat is het Vasa schip? Koningshuis Vasa ( )

(Frans/Goofy) ( )

Examen Maart De vrije zijde van een beperkt manoeuvreerbaar schip wordt overdag aangeduid met (CEVNI):

Bergingsvaartuig BRUINVISCH. ruim 80 jaar historie. Nieuwsbrief-2018

Examen November 2007

Les Aardrijkskunde & Geschiedenis

Elk vaartuig dat geschikt is als vervoersmiddel op het water. Een boot die door spierkracht wordt voortbewogen.

21 e jaargang juli 2013 No136.

ANTARCTICA een wereld apart!

Beknopt stormverslag 25/11/2006

ZEEBRIEF#88 3 oktober 2013 ZWARTE ZEE (3) DEEL 3 ( )

VOLVO Ocean Race 2009

Opmerking: Tenzij anders vermeld hebben de vragen betrekking op het APSB.

ECLI:NL:RBMID:2006:AZ5254

Stichting tot behoud van De AMS ms Bernisse

1. Hieronder is een verkeerssituatie afgebeeld. Geen van beide schepen volgt stuurboordwal. Geef aan welk vaartuig voorrang heeft.

Introductie Seinvlaggen

ALGEMEEN EN BEPERKT STUURBREVET 16 november 2013

Nieuwsbrief extra 9 oktober 2004

Een week varen met de morgenster. Suzanne van Tilborg.

Navtex 518 khz Navarea I, II en III (per land)

EEN ZENDSCHIP IN MAASSLUIS RADIO DELMARE

De D-tankers van Shell

DEEL 1 - VRAGEN 1-20

Vaarbewijs 1. Verlichting

Naam HAVEN ROTTERDAM import en export

Reisverslag Helgoland

In 1618 vaart Jan Janse met zijn schip in de buurt van de Canarische Eilanden als het plotseling hard begint te waaien. Hij stuurt als de bliksem

ZEEBRIEF#88 3 oktober 2013 ZWARTE ZEE (3) DEEL 5 ( )

Daags nadat Momgomery's troepen over de Rijn waren, stak Church.1i de rivier over in een Amerikaanse stormboot,

Amsterdam, Nederland

PROMOTIES VOORJAAR 2017

Berichten aan Zeevarenden OOSTENDE 21 JULI 2011 NR. 15

1/17 SCHELDE SLEPEN VAN MOEILIJK HANDELBARE SCHEPEN EN/OF VARENDE TUIGEN

Groep 7 - Varen over de Westerschelde

Vakantie Vrouwenpolder Zeeland 2003

Begrippen en Definities. Ivar ONRUST

Een wal van zand, klei of steen die mensen beschermt tegen hoog water. De plek waar het rivierwater in de zee uitkomt.

Inhoud blz. 1. Op reis 2. De trekschuit 3. De postkoets 4. De stoomtrein 5. De auto 6. Het vliegtuig 7. Filmpjes Pluskaarten Bronnen en foto s

Overige nieuwbouw Shell-tankers in de tachtigerjaren

BPR. Algemene Bepalingen. Instructie CWO 3 BPR

lichten en bruggen/sluizen 28 februari 2017

VOLVO Ocean Race 2009

ALGEMEEN EN BEPERKT STUURBREVET 6 juni 2009

INHOUDSOPGAVE VNS TOEN EN THANS (VNSTNT)

Landing Westkapelle 1 november 1944 Locatie: op de zeedijk bij het museum Het Polderhuis

De Molukse Emigranten

1/18A LOODSEN OP AFSTAND BIJ GESTAAKTE LOODSKRUISPOST IN DE SCHELDEMONDEN

Beknopt stormverslag 24-25/11/2012

BPR. Dagtekens. Instructie ZI BPR

Transcriptie:

Een reisje met de WITTE ZEE..deel 2 ZEEBRIEF#134 16 mei 2016 3-12-1955 de WITTE ZEE van Maassluis naar Lübeck. 5-12-1955 te Lübeck. 11-12-1955 van Lübeck naar Djakarta met de baggermolen SEMURU II. 14-12-1955 te Brunsbüttelkoog en gewacht op beter weer. 3-1- 1956 vertrokken van Brunsbüttelkoog naar Cuxhaven en daar gewacht op beter weer. 5-1-1956 van Cuxhaven. 9-1-1956 te Falmouth om te wachten op beter weer. 13-1-1956 vertrokken van Falmouth om de GELE ZEE (Foto: Skyfotos) met 2 zuigers te assisteren door Het Kanaal. 15-1-1956 te Falmouth. 16-1-1956 van Falmouth met de baggermolen SEMURU II. 29-1-1956 passage Pantellaria, Italië in de Middellandse Zee. 6-2-1956 te Port Said. 7-2-1956 van Port Said. 18-2-1956 zware tegenwind in de Rode Zee en schuilen. 23-2- 1956 de reis vervolgd. 27-2-1956 te Djibouti om te bunkeren. 28-3-1956 te Djakarta en de sleep afgeleverd. 28-3-1956 van Djakarta naar Singapore. 3-4-1956 te Singapore en gebunkerd. 4-4-1956 van Singapore met s.s. ANGBY naar Hong Kong. 14-4-1956 te Hong Kong en de sleep afgeleverd. ANGBY, 20-3-1913 te water, 6-1913 opgeleverd door Scott & Sons, Bowling (243) als MAURITANIE aan Maurice Castanie, Oran, vlag: Frankrijk. Vrachtschip, 767 BRT, T 3 cyl, 9 kn. 1919 verkocht aan Cie. des Chargeurs Marocains, Bordeaux-Frankrijk, in beheer bij Plisson & Cie. 1923 verkocht aan Cie. des Chargeurs Français Bordeaux-Frankrijk, in beheer bij Plisson & Cie. 1926 verkocht aan Sarawak S.S. Co. Ltd., Kuching, Maleisië, herdoopt ANGBY. 1931 in beheer bij Straits Steamship Co. Ltd. 2-1-1944 verkocht voor 8.000 aan Ministry of War Transport, Londen. 1944 1946 ingezet tussen Colombo en Trincomalee, Ceylon. 1946 verkocht aan Sarawak Steamship Co. Ltd. 12-1955 gestrand op de Rejang River, Sarawak, zwaar beschadigd door de ruwe zeegang. 1956 gesloopt te Hong Kong door Hong Kong Chiap Hua Manufactory Co. Ltd. 17-4-1956 van Hong Kong naar Saigon. 23-4-1956 te Saigon. 25-4-1956 van Saigon met een kraanpoton voor Oran. 8-5-1956 de kraanpoton lek en koers gezet naar Trincomalee, Ceylon. 16-5-1956 te Trincomalee voor reparatie. De ponton, zou daar blijven liggen tot na de moesson. 30-5-1956 de WITTE ZEE met de losse boot vertrokken naar Aden. 9-6-1956 te Aden. 13-6-1956 van Aden met 3 bakken. 29-7-1956 tijdens slecht weer de tros van een bak gebroken, de bak door de sleepboot OOSTZEE gevonden, 31-7-1956 de bak weer vast gemaakt. 3-8-1956 te Rotterdam.

8-9-1956 met de losse boot naar de Clyde om een baggermolen, en vanaf Dartmouth een sleepboot, naar Takoradi, Ghana te slepen. 11-9-1956 te Glasgow. 14-9-1956 van Glasgow met de baggermolen AMANFUL, 14-9-1956 van Glasgow naar Takoradi met de baggermolen AMANFUL. 17-9-1956 te Dartmouth. 23-9-1956 van Dartmouth naar Falmouth. 28-9-1956 passage Kaap Vilano. 1-10-1956 passage Porto. 3-10-1956 op 90 mijl ZW van Lissabon, terug naar Lissabon met baggermolen en sleepboot. 4-10-1956 te Lissabon. 10-10- 1956 van Lissabon. 16-10-1956 passage Las Palmas. 22-10-1956 op 160 mijl N.T.W. Dakar naar Takoradi met baggermolen en sleepboot. 5-11-1956 te Takoradi. 7-11-1956 van Takoradi naar Conakry, Guinee. 11-11-1956 te Conakry. 17-11-1956 van Conakry naar Funchall, Madeira met 2 bakken. 29-11-1956 te Funchall, Madeira 3-12-1956 te Gibraltar. 5-12-1956 van Gibraltar met de kraan KIZILIRMAK II naar Samsun, Turkije. 17-12-1956 te Samsun. 18-12-1956 vertrokken naar Dakar om de lichter SAINTONGE naar Engeland te slepen, 3-1-1957 te Dakar. 5-1-1957 van Dakar naar Falmouth. 19-1-1957 te Vigo om de lekke SAINTONGE te repareren. 26-1-1957 vanaf Vigo te Ceuta. 29-1-1957 vertrokken met de bak CAPUCINE en sleepboot HERCULE naar Le Havre. 8-2-1957 te Le Havre. 10-2-1957 naar Vigo om de gerepareerde lichter SAINTONGE op te halen. 14-2-1957 te Vigo. 20-2-1957 van Vigo met de SAINTONGE. 25-2-1957 de WITTE ZEE te Antwerpen met de SAINTONGE vanaf Vigo. 26-2-1957 van Antwerpen naar Vlissingen. 26-2-1957 te Vlissingen. 28-2-1957 samen met de GELE ZEE van Vlissingen naar Rotterdam met de VITTANGI. VITTANGI De ertstanker "Vittangi" uit Zweden is op 21 februari 1957 voor de kust van Vlissingen op de Leugenaarsbank aan de grond gelopen en maakte daarna slagzij. De bemanningsleden werden opgevangen in een hotel. Met behulp van een kraan en enkele schepen werden hun persoonlijke bezittingen van boord gehaald en tevens werd een deel van de lading overgeheveld. Het lossen van de lading was niet eenvoudig, in eerste instantie was men zelfs bang dat het schip zou breken. Het schip werd daarna voorzichtig naar de RDM gesleept, waar het op 1 maart 1957 in dok 8 werd gedokt. Aangezien men niet precies wist wat de schade was, geschiedde het oppompen van het dok met de uiterste zorgvuldigheid. De schade bleek aanzienlijk te zijn. Aan stuurboord, ongeveer 3,50 m uit hart schip, was de 22 mm dikke bodem van vóór tot even voor midscheeps over een lengte van 49 m opengescheurd ter plaatse van een langsschot, dat eveneens zwaar beschadigd was. Aan het einde van de scheur, iets voor midscheeps, was de bodem over een oppervlakte van ca. 25 x 17 m ingedeukt tot een grootste diepte van ca. 1,20 m en bovendien gescheurd. In de bodem van het achterschip aan stuurboord bevond zich nog een deuk van ca. 12 x 7 m, met een grootste diepte van ca. 30 cm. Voor herstel van deze aanzienlijke schade was een groot aantal platen van bijzonder staal nodig. Deze binnen een korte tijd op de werf geleverd te krijgen was een groot probleem, aangezien de staalfabrieken overal met gecontracteerde leveringen zaten. Met veel moeite en veel onderhandelen lukte het echter hiervoor een oplossing te vinden en konden de staalplaten tijdig geleverd worden, waarna het schip hersteld kon worden. (Bron: rdm-archief.nl). Tanker, VITTANGI zwaar beschadigd - Aan de grond bij Vlissingen (Van een onzer verslaggevers) - Het ziet er naar uit, dat de Zweedse "Vittangi", die gisteravond in de vaargeul vlak bij de Vlissingse boulevard aan de grond liep, verloren is. Het ruim 16.000 ton metende schip heeft aan stuurboord een scheur van 40 meter lengte onder de waterlijn. Vier tanks zijn vol water gelopen. De sleepboot "Scaldis", die aanvankelijk getracht heeft het water uit het schip te pompen, heeft die poging gestaakt, toen bleek dat het zeewater sneller in het schip stroomde dan de pompen het eruit konden werken.

De "Scaldis" heeft zich er daarna toe bepaald het achterschip van de "Vittangi" op zijn plaats te kouden om te voorkomen, dat het schip zou breken. Inmiddels werd assistentie van sleep- en bergingsvaartuigen gevraagd uit Maassluis en Antwerpen. De sleepboot "Poolzee", die onder weg was van Suez naar Rotterdam, wijzigde koers en haastte zich naar Vlissingen, waar het schip om drie uur vannacht aankwam. Uit Terneuzen kwam op verzoek van Rijkswaterstaat de sleepboot "Best" assisteren. Het bergingsvaartuig "Zeepaard" uit Maassluis en de "Dolfijn" uit Vlissingen arriveerden eveneens. Maar de gezamenlijke krachtsinspanning bleek vergeefs. Het water in de tanks rees en daalde gelijk met het tij van de zee. De "Vittangi" heeft bij het binnenvaren van de rede van Vlissingen iets te veel stuurboord aangehouden, waardoor het schip met de boeg vastraakte aan de rand van de smalle vaargeul. Waarschijnlijk zal men nu trachten het schip verder op de bank te trekken. Indien dat lukt, is de enige mogelijkheid de lading te lossen en te trachten het lek te dichten. De "Vittangi" is zeer zwaar geladen. Het schip is in 1953 gebouwd. (HVV, 19-2-1957, foto: Dert/RDM Archief, links de SCALDIS, rechts de POOLZEE). Bergers Voldaan - VITTANGI behouden (Van een onzer verslaggevers) - Vlissingen is een attractie armer. Het is jammer voor de exploitanten van etablissementen langs de boulevard, maar de Vittangi is nog vóór de zondag, waarop een record aantal Belgische bezoekers werd verwacht, verdwenen van zijn al bijna vertrouwd geworden plekje bij het Leugenaarshoofd. Duizenden kijkers zagen vrijdag de Nederlandse bergers weer een knap stuk werk leveren.

's Avonds om half negen werd het schip in de Vlissinger Buitenhaven afgemeerd. De Vittangi was gered. In de late namiddag, bij hoog tij, was de ertstanker voor de boulevard weggesleept. Het optimisme van de bergingsdeskundigen was juist gebleken. Voldaan hebben zij de Vittangi gisteravond verlaten. Het schip wordt nu in Vlissingen gelost. Nadat een noodreparatie is verricht gaat het naar Antwerpen voor volledig herstel. (HVV, 23-2-1957, foto: Dert/RDM Archief). VITTANGI naar Rotterdam De "Vittangi" zal in Rotterdam worden gerepareerd. Bij duikeronderzoek is gebleken, dat de bodem van het schip over een lengte van 30 a 40 meter gescheurd is. De scheepvaartinspectie heeft toestemming gegeven de "Vittangi" over zee naar Rotterdam te slepen. (HVV, 26-2-1957). Sleepreis Vlissingen-RDM zit er op Kreupele VITTANGI bij werf gemeerd WITTE ZEE thuis na bijna een half jaar (Van onze verslaggever aan boord van de "Gele Zee") - De vonken spoten witgloeiend uit de kluisgaten van de gehavende Zweedse ertstanker "Vittangi", toen de zeesleepboten "Gele Zee" en "Witte Zee" gisteravond om goed zeven uur in de Rotterdamse haven hun trossen met sleepkettingen binnenhaalden. De sleepreis van Vlissingen naar de RDM was voltooid. Vier havensleepboten konden het verder alleen wel rooien. De zeeslepers keerden terug naar Maassluis. Dat was voor de "Witte Zee" voor het eerst sinds bijna zes maanden, want hij is sedert september niet meer thuis geweest. Hij zwierf altijd met iets op sleeptouw in dat halfjaar over de Zwarte Zee, langs de Afrikaanse kusten en naar havens in Spanje, Italië en Engeland, maar nu zat de reis erop. Toen we Maassluis passeerden, was dat goed te merken: de mannen van de "Witte Zee" klommen op de hoogste dekken om naar hun familieleden uit te kijken. Of dat gelukt is, weten we niet, maar het lijkt twijfelachtig, omdat er zo véél mensen op het havenhoofd stonden. Dat was in Hoek van Holland ook al zo. Daar waren een paar honderd auto's langs de Waterweg geparkeerd en stonden de belangstellenden ook mannetje aan mannetje. Assistentie Tot even voor de Waterwegmonding hadden de twee zeeslepers het alleen opgeknapt. Het bergingsvaartuig "Buffel" was voor alle zekerheid steeds in de buurt gebleven. Maar bij de loodsboot kwamen de "Maas" en de "Argus" assisteren. Ze maakten achter vast. Daar kwam ook de rijkshavenmeester Vellenga met de sierlijke "Rijkshavendienst V" poolshoogte nemen. Op die manier werd het dus een kloek konvooi: in het midden de machtige "Vittangi" en daaromheen zes kleinere vaartuigen, waarbij zich later nog een motorboot van de Rivierpolitie voegde. Voor die tijd was het een rustige routinereis. Nadat de zeeslepers de gewonde ertstanker veilig buiten de Westerschelde hadden gebracht, was er in geen enkel opzicht nog een vuiltje aan de lucht. De zon stond stralend aan de strak-blauwe hemel. Er was een kille, maar nauwelijks merkbare wind. En de "Vittangi" volgde zonder nukken haar begeleiders, die samen over meer dan drieduizend paardekrachten beschikten. Lang op de benen Zon routinereis moet u ook weer niet onderschatten, want we hebben gezien, dat kapitein Van der Snoek en stuurman Joosse van 's morgens vijf tot 's avonds half negen onafgebroken op hun benen hebben gestaan. En wat voor hen geldt, geldt ook voor al die anderen. Voor machinist Elfring, voor marconist Revet en voor matroos Quak, want ze zijn stuk voor stuk de gehele dag in touw geweest, al vinden ze dat zelf ook doodgewoon.

Goed, in de namiddag, direct na het eten, toen we zo gezapig over de Noordzee voeren, zijn ze met uitzondering van de stuurman wel even naar de hut gegaan. Ze moesten zich scheren, want 's avonds zouden ze thuis zijn. Een ongekend genot! Maar voor de rest is er de hele dag poot-aan gespeeld. Er valt een heleboel te doen op zo'n zeesleper, vooral als je weet, dat je de sleep, in dit geval een 16.000 ton grote ertstanker, straks in moeilijk vaarwater moet afleveren. Vlotte vaart Tot de Hoek is het reuze vlot gegaan. We lagen om vier uur al voor de Waterweg. Nu moet ik toegeven, dat kapitein Van der Snoek dat 's morgens al voorspeld had. De spoorwegen kunnen nog wat van hem leren. Het was natuurlijk geen toeval, dat het zo vlot was gegaan. Dat hadden ze fijn uitgekiend: de getijstromen hielpen

een handje en op die manier maakten we een gemiddelde vaart van zes mijl per uur. En de "Vittangi" (met gevaarlijke buikwond) gooide geen roet in het eten. Maar op de Waterweg was het uit met de pret. Daar hielpen geen "Maas", "Argus", "Kralingen",'of "Krimpen" aan. De getijstroom - het was gaande eb - werd nu een geduchte tegenstander, die de vaart uit het transport haalde. Traag slot We gingen heel traag naar Rotterdam en hoe heftiger die ebstroom werd, hoe meer fraaie verwachtingen vervlogen. Neen, kapitein Van der Snoek zou te laat op het bruiloftsfeest komen en de mannen van de "Witte Zee" kwamen nog later thuis dan ze vreesden. De vier havenslepers konden het op de rivier met dat geweldige schip alleen niet klaren. De zeeslepers moesten er bij blijven. En zo zijn we langzaam, maar zeker naar Rotterdam gekoerst; alleen de "Buffel" bleef in Maassluis achter. Het was alweer pikkedonker - net als toen we uit Vlissingen vertrokken - toen we bij Vlaardingen kwamen, maar op dat moment was de reis voor de zeeslepers bijna voltooid. Met een ferme stoot op de scheepsfluit besloten zij hun taak en de "Vittangi" ging verder met de havenslepers. Kapitein Van der Snoek kwam niet véél te laat voor dat feest en de vrouwen van de mannen van de "Witte Zee" stonden om half negen nog op de Govert van Wijnkade. En de "Vittangi" lag toen veilig voor de wal. Er was dus volop reden tot tevredenheid in Maassluis! (HVV, 1-3-1957, foto: collectie B. Scholten, foto VITTANGI te Rotterdam: Cas Oorthuys, collectie Ben Scholten). VITTANGI, IMO 5382697, 7-10-1953 te water, 22-12-1953 opgeleverd door Kockums, Malmö (364) als VITTANGI aan A/B Grangesberg-Oxelosund, Zweden. 16.479 BRT, 21.070 DWT. 14,5 kn. 7.200 EPK, 5.371 kw, M.A.N., de werf. 18-12-1970 verkocht aan Luna IV Cia. Nav. S.A., Panama, vlag: Griekenland, in beheer bij Astir Navigation Co. Ltd., Nicosia en Athene (K. & N. Mamidakis), 23-12-1970 herdoopt PAPANICOLIS. 23-12-1970 vertrokken van Gothenborg. 1971 verbouwd tot tanker, in beheer bij Mamitank Shipping Enterprises S.A., Athene (K. & N. Mamidakis), 15.883 BRT, 8.873 NRT, 24.664 DWT. 26 tanks, 33.028 m3. 1974 herdoopt KANARIS. 10-7-1983 gearriveerd te Chittagong om gesloopt te worden. (Foto: Hans-Wilhelm Delfs/Shipspotting, 1967, Kiel, passage m.s. HEIMKEHR). HEIMKEHR, IMO 5145609, 6-4-1951 te water gelaten, 5-6-1951 opgeleverd door Meidericher Schiffswerft G.m.b.H. & Co. K.G., Duisburg (239) als HEIMKEHR aan Ernst Trautman, Duisburg. 210,71 BRT, 96,26 NRT, 256 DWT. 37,98 x 6,53 x 2,52 x 2,299 meter. 8 kn. 250 EPK, 187 kw, 6 cyl, 4 tew, 270 x 360, Deutz, Klöckner-Humboldt-Deutz A.G. 1965 verkocht aan Jurgen & Eckard Schmidt, Duisburg. 1970 verkocht aan Bernhard Matthies, Brunsbüttelkoog. 1973/74 verkocht aan Johanna Wilhelmina Kleinbauer, Brunsbüttel. 1979 (BINN.eu) verkocht aan P. Vermeij h.o.d.n. Fa Griffon, in de binnenvaart, herdoopt GRIFFON. (IVR 2315490). 23-9-1983 verkocht aan D.G. en P. Schouten, Krimpen a/d IJssel, herdoopt CHRISTIAAN WILLEM. 3-3-1987 verkocht aan P.Schouten en P.J. Christe, Krimpen a/d IJssel. 1997 verkocht aan P.J. Christe, Krimpen a/d IJssel. 8-3-1957 de WITTE ZEE samen met de SCALDIS, HOLLAND, DOLFIJN, ROLF GERLING en J.P. BREST de THORPE GRANGE vlot gebracht, deze liep omhoog bij de Schone Waardin bij Vlissingen. Het vrachtschip ten anker gelegd op de rede van Vlissingen. Brits schip aan de ketting - Het Britse m.s. Thorpe Grange, dat in de nacht van donderdag op vrijdag bij Ritthem aan de grond is gelopen en daarna was vlot gesleept, is thans aan de ketting gelegd. Dat gebeurde op verzoek van mr. A. J. van de Weel, rechtskundig raadsman van de polder Walcheren. Volgens het polderbestuur heeft het schip namelijk de zeedijk beschadigd. Nadat een cautie van ƒ 150.000 gestort was, heeft het schip zijn reis naar Londen kunnen voortzetten. (NvhN, 11-3-1957, krant: NvhN, 9-3-1957). THORPE GRANGE, IMO 5360170, 8-12-1953 te water, 5-1954 opgeleverd door Bartram & Sons, South Dock, Sunderland (343) als THORPE GRANGE aan Houlder Line Ltd., Londen. 8.695 BRT, 12.050 DWT. 145,05 (138,94) x 18,90 meter. 13 kn. 4.700 EPK, 3.606 kw, Doxford, Wallsend Slipway & Eng. C. Ltd.

1966 herdoopt ST. MERRIE. 1971 herdoopt THORPE GRANGE. 1972 herdoopt ST. MERRIEL. 1973 verkocht aan Joo Hong Maritime Navigation Pte. Ltd., Singapore, herdoopt JOO HONG. 1975 verkocht aan Li-Ta Shipping Co. Pte. Ltd., Singapore, herdoopt PAN TECK. 1977 vlag: Maleisië, 1977 herdoopt LIVA. 4-4-1979 bij Sheng Huat Steel & Iron Works Co. Ltd., Kaohsiung om gesloopt te worden, 2-5-1979 aanvang sloop. (Foto THORPE GRANGE en info: 7seasvessels.com). 21-3-1957 assistentie aan de coaster SABINE met machineschade van het Noorderhoofd te Hoek van Holland naar Rotterdam. 23-3-1957 de tanker SAN SILVESTRE gekonvooieerd over de Nieuwe Waterweg naar Pernis. 25-3-1957 stuurassistentie verleend door de CLYDE, WITTE ZEE, MAAS en ARGUS aan de tanker WORLD GUARDIAN van zee naar Pernis. 16-4-1957 in ballast van Rotterdam naar Port Said. 18-4-1957 op 240 mijl NNO van Finisterre naar Port Said. 21-4-1957 op 100 mijl west v. Gibraltar naar Port Said. 24-4-1957 op 170 mijl west v. Bizerta naar Port Said. 30-4-1957 te Port Said. 2-5-1957 van Port Said naar Rotterdam met bok CONDOR en de bergingsvaartuigen BRUINVISCH en ZEEHOND. Ruimingswerk in Suezkanaal geëindigd De laatste schepen van de bergingsvloot der Verenigde Naties, de Nederlandse vaartuigen "Witte Zee", "Bruinvisch", "Zeehond" (foto: NN) en "Condor", hebben het Suezkanaal verlaten, zo heeft generaal Wheeler, die het ruimingswerk heeft geleid, het secretariaat van de volkerenorganisatie gisteren telegrafisch laten weten. De "Witte Zee" had de andere drie schepen op sleeptouw. "Wij verlaten Suez precies vijf maanden nadat wij uit New York waren vertrokken", aldus de generaal, die zelf morgen via Parijs naar New York terugkeert. (HVV, 3-5-1957). 8-5-1957 op 100 mijl Z.W. Westpunt Kreta naar Rotterdam met bok en twee bergingsvaartuigen. 11-5-1957 dwars van Malta naar Rotterdam. 14-5-1957 passage Bizerta. 17-5-1957 passage Algiers. 20-5-1957 passage Gibraltar. 29-5-1957 op 50 m zuid ten westen Finisterre naar Rotterdam met bok en 2 bergingsvaartuigen. 1-6-1957 op 170 mijl ZW Ouessant. 4-6-1957 op 30 mijl zo van Wight naar Rotterdam. 6-6-1957 te Maassluis met bok en 2 bergingsvaartuigen. 17-6-1957 gemonsterd #128 te Maassluis voor een reis naar Gothenborg. Kapitein: P. de Werker. 1e stuurman: J.J.L.F. Bout. 2e stuurman: L.F. Lucardie. Marconist: A.W. van Dam. Matroos: B. van Harmelen, A.I. Kap, A. van Oosterhout. Matroos o/g: C.H. van Aalst, C.B. Kaper, A.C. Jongejan. Jongen: W.N.A. van Leeuwen. Kok: T. van Velsen. 1e machinist: L.J. van Rijsoort. 2e machinist: P.C. Scherpenberg. 3e machinist: J.A. Neve. Olieman: P.C. Lorwa, A. Pop, G.J. Dammers. 18-6-1957 gemonsterd #132 te Maassluis voor een reis naar Gothenborg. Runner: J. de Groot, A. v.d. Meide, P.J. Harselaar, J.J. v.d. Pijl, S. Beekhuizen, M.B. Vinkeoog. 19-6-1957 de WITTE ZEE van Rotterdam naar Gothenborg met drie bakken. 20-6-1957 terug te Maassluis met 3 bakken. 27-6-1957 gemonsterd #141 te Maassluis voor een reis naar Brest. Kapitein: P. de Werker. 1e stuurman: J.J.L.F. Bout. 2e stuurman: L.F. Lucardie. Marconist: A.W. van Dam. Matroos: B. van Harmelen, A.I. Kap, A. van Oosterhout. Matroos o/g: C.H. van Aalst, C.B. Kaper, A.C. Jongejan. Jongen: W.N.A. van Leeuwen. Kok:

T. van Velsen. 1e machinist: L.J. van Rijsoort. 2e machinist: P.C. Scherpenberg. 3e machinist: J.A. Neve. Olieman: P.C. Lorwa, A. Pop, G.J. Dammers. 27-6-1957 van Maassluis naar Brest. 29-6-1957 te Brest. 1-7-1957 de sleepboten BARENTSZ-ZEE NOORDZEE en WITTE ZEE met m.s. IOANNIS te Brest. 3-7-1957 van Brest naar Nordenham op 30 mijl ZW van Boulogne naar Nordenhamn met IOANNIS. 8-7-1957 op 60 mijl NNW van Terschelling. 9-7-1957 te Nordenham. 10-7-1957 van Nordenham naar Maassluis. 11-7-1957 te Maassluis. IOANNIS, IMO 5244821, 1957 opgeleverd door A.G. "Weser" Werk Seebeck, Bremerhaven (814) als IOANNIS aan N.E. Nea Tychi, Griekenland. 9.345 BRT, 5.836 NRT, 14.010 DWT. Vrachtschip, G 20.501 m3, B 18.477 m3. 14 kn. 5.600 EPK, 4.178 kw, Sulzer 8SD72, Sulzer Bros Ltd. 18-6-1957 in aanvaring gekomen met de T2 tanker STONY POINT. 1957 verkocht aan Compañia Salaminia de Navegacion S.A. Panama, vlag: Griekenland, in beheer bij Fafalios Ltd., Londen, herdoopt MYRTIDIOTISSA. 1970 in beheer bij Propontis Shipping Ltd., Londen. 1972 verkocht aan Marnuesta Cia. Armadora S.A., Panama, thuishaven en vlag: Chios-Griekenland, in beheer bij Victoria Steamship Co. Ltd., Londen. 1978 in beheer bij Z. & G. Halcoussis Co. Ltd., Piraeus. 21-5-1982 opgelegd te Galaxidi. 1984 verkocht aan Tornado Shipping Ltd., Malta, herdoopt TORNADO. 7-3-1985 gearriveerd bij Tawakkal Ltd., Gadani Beach om gesloopt te worden. (Foto MYRTIDIOTISSA: BobS/Shipspotting, 7-11-1978, Gravesend). HET WACHTEN MOE! De Thames sleept de Stony Point naar Antwerpen - Ioannis gaat naar Bremen De sleepboot Thames van L. Smit en Co.'s Internationale Sleepdienst te Rotterdam, die, zoals men weet, dagen voor Falmouth heeft liggen wachten om toestemming te krijgen de uitgebrande Amerikaanse tanker Stony Point naar binnen te slepen, is het wachten moe geworden en heeft koers gezet naar Antwerpen, de haven waarvoor de lading van dit tankschip bestemd was. Gister heeft de directie van het sleepbedrijf de hele kwestie nogmaals onder het oog gezien en daar er geen olie meer uit de Stony Point lekt, werd in overleg met de rederij besloten, de sleep naar Antwerpen te laten koersen. Een reparatieploeg van de Thames heeft de kieren, ontstaan doordat de wanden van de tanks door de brand waren ontzet, voorlopig gedicht. Met hoopt op een goede aan- en binnenkomst te Antwerpen. Achterstevoren aan de sleeptros - Het 9345 ton metende Griekse schip loannis, dat op 19 juni tijdens dikke mist voor Brest in aanvaring is geweest met de Stony Point, zal van Brest naar Bremen worden gesleept door de sleepboten Barentszee, Noordzee en Witte Zee. Verwacht wordt dat het Griekse schip in Bremen gerepareerd zal worden. Daar het voorschip door brand zwaar beschadigd is, zal slepen op de normale manier niet mogelijk zijn en zal het schip achterstevoren de reis naar de Duitse haven maken, getrokken door de Barentszee en de Noordzee. De Witte Zee vormt de achterhoede en zal helpen het schip in de juiste richting te houden. De sleepreis zal waarschijnlijk a.s. zondag beginnen. (NvhN, 27-5-1957). STONY POINT, MC #798, 8-9-1942 kiel gelegd, 16-2-1943 te water, 18-4-1943 opgeleverd door Kaiser Co., Inc., Swan Island, Portland, Oregon (6) als STONY POINT aan U.S. War Shipping Administration, Portland, Oregon. 10.448 BRT. Tankschip, type T2-SE-A1. 1948 verkocht aan United States Petroleum Carriers Inc., New York, in beheer bij A.S. Onassis (per LCI should be American Marine Corp.). 1957 verkocht aan Alexander S. Onassis Corp., Monrovia-Liberia. 18-6-1957 tijdens een reis van Sidon naar Antwerpen, geladen met petroleum, op 15 mijl ten westen van Ouessant in aanvaring gekomen met de IOANNIS, raakte daarna in brand, naar Antwerpen gesleept, 10-1959 te Antwerpen en aanvang sloop, 1959 gesloopt door Jos. de Smedt, Antwerpen. (Foto: Smit International/ http://www.aukevisser.nl/).

12-7-1957 gemonsterd #159 te Maassluis voor een reis naar Europese havens. Kapitein: P. de Werker. 1e stuurman: J.J.L.F. Bout. 2e stuurman: J.J. de Knegt. Marconist: A.W. van Dam. Matroos: B. van Harmelen, A.I. Kap, A. van Oosterhout. Matroos o/g: C.H. van Aalst, C.B. Kaper, A.C. Jongejan. Jongen: W.N.A. van Leeuwen. Kok: T. van Velsen. 1e machinist: L.J. van Rijsoort. 2e machinist: G. Mol. 3e machinist: J.A. Neve. Olieman: P.C. Lorwa, A. Pop, G.J. Dammers.

12-7-1957 gemonsterd #160 te Maassluis voor een reis naar Europese havens. Runner: A.P. Janssen, J. v.d. Cijs, J.J. v.d. Pijl. 15-7-1957 van Maassluis naar Emden met een baggermolen. 17-7-1957 van Emden naar Maassluis. 18-7- 1957 te Maassluis. 1-8-1957 gemonsterd #187 te Maassluis voor een reis naar Europese havens. 1e stuurman: P.S. de Nijs. Marconist: C.J. Greep. Kok: J. Hardenberg. Koksmaat: A. Poldervaart. Handlanger: J. Waaleboer. 3-8-1957 proefvaart op de Noordzee. 9-8-1957 gemonsterd #186 te Maassluis voor een reis van Wallsend-on-Tyne met een L.C.T. (Landing Tank Craft, landingsvaartuig) naar Port Moresby, Papoea-Nieuw-Guinea. Kapitein: P. de Werker. 1e stuurman: P.S. de Nijs. 2e stuurman: J.J. de Knegt. Marconist: H.J. v.d. Zee. Matroos: A. Oosterhout, E.J. Boers, A.I. Kap Jr. Matroos o/g: C.H. van Aalst, C.W. Kaper, J. Stuifzand. Kok: J. Hardenberg. Jongen: A. Poldervaart. 1e machinist: A.J. van Rijsoort. 2e machinist: P.C. Scherpenberg. 3e machinist: J.A. Neve. Olieman: A. Pop, G.J. Dammers. Handlanger: J. Waaleboer. 9-8-1957 gemonsterd #177 te Maassluis voor een reis naar Port Moresby. Runner: G. de Been, D. Stolk, N.L. Trainor. 12-8-1957 passage Hoek van Holland naar Wallsend-on-Tyne met de losse boot. 18-8-1957 van Wallsend-on- Tyne met een L.C.T. naar Port Moresby. 24-8-1957 op 70 mijl N van Burlings naar Port Moresby met

landingsvaartuig. 27-8-1957 op 65 mijl WNW Oran. 2-9-1957 200 mijl WTZ Westpunt Kreta naar Port Moresby met landingsvaartuig. 6-9-1957 te Port Said. 7-9-1957 van Suez. 10-9-1957 op 80 mijl NW van DJeddah naar Port Moresby. 13-9-1957 op 70 mijl NTW van Perim Island. 15-9-1957 van Aden. 18-9-1957 passage Socotra, Jemen. 21-9-1957 op 480 mijl WNW van Minicoi, India. 24-9-1957 op 100 mijl 0.z.0. Minicoy. 27-9-1957 op 230 mijl Oost van Ceylon. 3-10-1957 dwars van Bengkalis. 6-10-1957 op 100 mijl 0.z.0 Billiton. 9-10-1957 ten noorden van Lombok. 10-10-1957 passage Soembawa. 13-10-1957 op 160 mijl OtZ van Timor naar Port Moresby met landingsvaartuig. 14-10-1957 op 370 mijl OZO van oostpunt Timor. 16-10-1957 op 240 mijl WZ Str Torres. 17-10-1957 passage Straat Torres. 19-10-1957 te Port Moresby. 23-10-1957 in ballast van Port Moresby via Singapore naar Hong Kong. 6-11- 1957 van Singapore naar Rotterdam (HVV, 9-11-1957). Bestemming gewijzigd in Hong Kong. 13-11-1957 op 170 mijl Z van Hong Kong. 13-11-1957 te Hong Kong. 16-11-1957 van Hong Kong met een tanklichter naar Sorong, Nieuw-Guinea. 19-11-1957 op 270 mijl NNW van Straat Mindoro naar Sorong met bak. 28-11-1957 passage Halmaheira, Celebes naar Sorong met bak. (Foto: een basis van de oliemaatschappij N.N.G.P.M. (Nederlandsche Nieuw Guinea Petroleum Maatschappij) te Sorong, Nieuw-Guinea, 1953, fotocollectie N.N.G.P.M.). 1-12-1957 te Sorong met bak. 8-12-1957 te Singapore vanaf Sorong, Nieuw-Guinea. 11-12-1957 op de rede te Singapore. 12-1957 vertrokken van Singapore richting Rotterdam. In de Rode Zee orders gekregen tot het slepen van een motorschip van Port Sudan naar Massawa. 6-1-1958 van Port Sudan naar Massawa met motorschip. 8-1-1958 te Massawa, Ethiopië (Eritrea). 13-1-1958 te Suez. 17-1-1958 van Port Said. 19-1-1958 te Port Said. 26-1-1958 van Port Said naar Bari met tanker. 29-1-1958 op 90 mijl N. van Alexandrië naar Bari met tanker. 1-2-1958 op 40 mijl noord van Kreta naar Bari. 4-2-1958 op 210 mijl Z.O. van Bari met tanker. 6-2-1958 te Bari. 13-2-1958 van Bari naar Taranto, Italië met tankmotorschip. 16-2-1958 op 140 mijl ZtO van Taranto met tankmotorschip. 18-2-1958 dwars van Kaap Passero (Sicilië) tanker gasvrij maken. 20-2-1958 op 90 mijl Z. Taranto naar Taranto. 21-2-1958 te Taranto. 5-3-1958 van Port de Bouc, Frankrijk naar Tenerife met een rotsbreker. 6-3-1958 op 40 mijl O.T.N. Barcelona naar Tenerife. 8-3-1958 op 25 m. O. Alicante naar Teneriffe. 10-3-1958 passage Malaga. 11-3-1958 passage Gibraltar. 13-3-1958 op 510 mijl NO van Tenerife. 14-3-1958 op 350 mijl NO van Tenerife. 17-3-1958 te Tenerife. 19-3-1958 van Tenerife naar Leghorn (Livorno). 31-3-1958 gemonsterd #70 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Port Moresby. Kapitein: P.J.W. de Koe. 1e Stuurman: B.H. Sluijter. 2e Stuurman: K. v.d. Schoor. Maconist: H.A. Mens. Matroos: J. Bergwerff, C. de Heer, F.K. Tholens. Matroos o/g: A.M. Kegel, H.F. Klijn, H. Dullemont. Kok: J. van Vliet. Jongen: H.A. van Opzeeland. 1e Machinist: A.J. Rijsoort. 2e Machinist: A. Langendoen. 3e Machinist: P. van Dam. Olieman: A. de Waal, C. Kats, K. Hoogstad. 31-3-1958 gemonsterd #70A te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Port Moresby. Runner: W.G. Syaranamul, C. van Beelen, J. van Dam, P. Bekooy. 2-4-1958 gemonsterd #74 te Maassluis voor een reis naar Port Moresby, runner: J. van Sonsbeek. Afgelost per touringcar Op 1 april 1958 vertrok de, die dag ervoor gemonsterde bemanning, per touringcar van Maassluis naar Genua. Een afstand van 1.500 km, met een overnachting te Ulm en Bolzano naar Genua waar het gezelschap na een voorspoedige reis, maar zonder zware shag, op donderdag arriveerde. De tabak is door de Italiaanse douane in verzekerde bewaring gesteld en zou bij terug keer opgehaald kunnen worden. Die dag de

bemanning afgelost en dezelfde dag vertok de bemanning o.l.v. kapitein Piet de Werker met de bus naar Maasluis om voor de Pasen thuis te zijn. Zaterdag 5 april kwam de bus weer terug te Maassluis na een reis van 3.189 km. De eerste aflossing in het buitenland. 9-4-1958 de WITTE ZEE van Genua naar La Spezia. 25-4-1958 van La Spezia naar Aden met 2 bakken. 28-4- 1958 passage Straat Messina. 30-4-1958 op 120 mijl W.T.N. Kreta naar Aden. 1-5-1958 dwars westpunt Kreta naar Aden. 4-5-1958 te Port Said. 5-5-1958 van Suez naar Aden. 7-5-1958 passage The Brothers naar Aden. 7-6-1958 van Port Said. 15-6-1958 passage Gibraltar. 22-6-1958 van Bombay te Maassluis. Over het jaarverslag 1957-1958, in de race om de Blauwe Wimpel, geëindigd op de 9e plaats met 22.846 gesleepte mijlen. 26-6-1958 gemonsterd #123 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Glasgow. Kapitein: P. de Werker. 1e Stuurman: C. Bos. 2e Stuurman: M.M. Menting. Marconist: R. Gerz. Matroos: J. Zeegers, C. de Heer, H.M.J. Voogdt. Matroos o/g: A.M. Kegel, H.F. Klijn, M. de Haan. Kok: T. van Velsen. Jongen: P.C. Scherpenberg. 1e Machinist: A.J. Rijsoort. 2e Machinist: A. Langendoen. 3e Machinist: P. van Dam. Olieman: A. de Waal, C. Kats, K. Hoogstad. 26-6-1958 gemonsterd #124 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Glasgow. Runner: C. van Beelen, J. van Dam, J. van Sonsbeek, D. Stolk, J. Brinkman, J.M. v.d. Meide. 26-6-1958 van Maassluis naar Glasgow. 27-6-1958 passage Dungeness naar Glasgow. 1-7-1958 met 2 bakken van Glasgow naar Burutu, Nigeria. 2-7-1958 passage South Rock. 6-7-1958 op 240 mijl N. Kaap Finisterre. 7-7-1958 op 120 mijl N. Kaap Finisterre. 16-7-1958 te Las Palmas. 17-7-1958 van Las Palmas. 20-7-1958 op 120 mijl NtW Kaap Blanca naar Burutu met 2 bakken en sleepboot. 23-7-1958 op 180 mijl van Dakar, Senegal naar Burutu met 2 bakken en sleepboot. 26-7-1958 op 160 mijl ZtW Dakar. 1-8-1958 te Freetown, Sierra Leone. 21-8-1958 te Freetown. 28-8-1958 van Monrovia, Liberia naar Burutu. 31-8-1958 op 240 mijl WtZ Takoradi, Ghana naar Burutu. 1-9-1958 te Abidjan. 4-9-1958 van Abidjan naar Freetown. 10-9- 1958 van Freetown naar Burutu. 12-9-1958 te Freetown. 21-9-1958 op 160 mijl Z. van Freetown naar Burutu met twee bakken. 26-9-1958 te Abidjan, Ivoorkust. 1-10-1958 van Abidjan naar Burutu. 7-10-1958 te Burutu, Nigeria. 8-10-1958 van Burutu naar Rotterdam. 17-10-1958 van Dakar naar Rotterdam. 24-10- 1958 te Cadiz. 29-10-1958 van Cadiz naar Bayonne. 5-11-1958 te Bayonne. 9-11-1958 te Maassluis. SCHEPEN IN MOEILIJKHEDEN - Alhena op de Schelde in kritieke positie - Door sleepboten van zandbank losgetrokken. Het Nederlandse m.s. Alhena (7289 t.) van Van Nievelt-Goudriaan en Co. te Rotterdam, is zaterdagavond na het vertrek uit Antwerpen aan de grond gelopen en opengescheurd. Het schip liep op de zandplaat Noordballast in de Schelde nabij de Belgisch-Nederlandse grens. Het ongeluk gebeurde bij laag water. De 58 passagiers en bemanningsleden zijn zaterdagavond en zondagochtend door sleepboten van boord gehaald, met uitzondering van de kapitein en vier bemanningsleden, die achterbleven om assistentie te verlenen bij pogingen het schip te bergen. Verscheidenen sleepboten, die na een verzoek om assistentie naar de Alhena opgestoomd, probeerden het schip hoger op de zandplaat te trekken, terwijl schuiten werden gereed om, zodra dit mogelijk zou zijn, een deel van de lading over te nemen. De Alhena had een scheur opgelopen van het bovendek tot het tussendek, vlak voor de brug. Het schip had een gemengde lading aan boord, die in Rotterdam en Antwerpen geladen was en die bestemd was voor Zuid-Amerika. Aanvankelijk was de positie van de Alhena niet gunstig. Het motorschip was gedeeltelijk ontwricht en zat op een scherpe zandrug. De toestand van het schip was vrij kritiek, doch tenlotte lukte het enkele sleepboten, geholpen door het hoge tij, de Alhena los te trekken en naar Antwerpen toe te brengen. Het schip is een dok binnengesleept oor reparaties. Intussen zijn 21 passagiers en bemanningsleden naar Nederland teruggekeerd. De anderen blijven voorlopig in het Zeemanshuis te Antwerpen.

WITTE ZEE, foto F. Stigter, kaart P3-SI-NI L. Smit & Co. Duitse schepen in moeilijkheden - Twee Duitse mijnenvegers, de Seelöwe en de Seestern, behorend tot een flottielje van vier mijnenvegers, zijn vanmorgen ten westen van Vlieland in moeilijkheden geraakt. Eén der schepen had machine-, het andere roerschade. De sleepboten Simson en Stentor zagen door het stormweer geen kans de haven van IJmuiden te verlaten. Ook de Witte Zee moest onverrichterzake terugkeren. Van Duitsland uit vertrok vervolgens de sleepboot Wotan, maar deze is inmiddels ook teruggekeerd, omdat de beide schepen - elk 543 ton en elk met 70 koppen aan boord - omstreeks half een vanmiddag meldden, dat assistentie niet langer nodig was. De intussen van Terschelling vertrokken sleepboot Zuidzee heeft dus eveneens de steven kunnen wenden. (NvhN, 12-1-1959). 13-1-1959 met een droogdok van IJmuiden naar Paramaribo. 15-1-1959 op 40 mijl ZO van Wight. 16-1-1959 passage Start Point. 26-1-1959 op 55 mijl ZW van Ouessant. 29-1-1959 op 80 mijl W van Kaap Finisterre. 2-2-1959 op 210 mijl NtO van Madeira naar Paramaribo. 5-2-1959 op 140 mijl N van Tenerife. 9-2-1959 op 380 mijl W.Z.W. Las Palmas naar Maracaïbo. 28-2-1959 te Paramaribo. 8-3-1959 van Santiago de Cuba met een bak naar Perth Amboy, New Jersey. 20-3-1959 te Perth Amboy, New Jersey. 27-3-1959 van New York naar Rotterdam, 19-4-1959 ETA te Rotterdam. 28-3-1959 terug te New York met machineschade. 3-4-1959 van New York naar Rotterdam. 4-1959 met twee kranen van Rouen naar IJmuiden. 25-4-1959 van IJmuiden te Maassluis. 28-4-1959 van Maassluis met 2 bakken en terug uit zee te Maassluis met schade. 1-5-1959 vertrokken met 2 bakken (BIOPIO en ALVIELA) naar Beira, Mozambique. 2-7-1959 ETA te Beira. 19-5-1959 te Dakar. 21-5- 1959 van Dakar naar Beira. 2-7-1959 te Beira. 5-7-1959 te Beira naar Rotterdam. 4-8-1959 van Lissabon met een motorschip naar Amsterdam. 11-8-1959 te Maassluis. 31-8-1959 naar de Noordzee voor een proefvaart en terug te Maassluis. De Nederlandse zeeslepers, de Blankenburg, de Zwarte Zee en de Witte Zee van Leen Smit en Co's Internationale Sleepdienst trekken een 26.000-tons droogdok door het Engelse Kanaal. Zondag is dit konvooi vertrokken uit Bremerhaven om het 217 meter lange en 45 meter brede dok naar de werf van de Griekse reder Niarchos te Scaramanga (Skaramagas, Griekenland) bij Piraeus te brengen. Het dok zal aan schepen tot 50.000 ton plaats kunnen bieden. Het werd in secties in Dusseldorp gebouwd en in Bremerhaven gemonteerd. De slepers verwachten, dat de reis met het dok een maand zal duren. (HVV, 9-9-1959). 1-9-1959 vertrokken van Maassluis naar Bremen. 2-9-1959 te Bremerhaven. 6-9-1959 samen met de ZWARTE ZEE en BLANKENBURG met een droogdok van 26.000 ton vertrokken van Bremerhaven naar Scaramanga Bay, Griekenland. 9-9-1959 passage Dover. 22-9-1959 passage Gibraltar. 9-10-1959 te Scaramanga van Gibraltar. 11-10-1959 van Piraeus naar Marseille. 17-10-1959 van Marseille naar Napels met 2 bakken. 23-10-1959 te Napels.

10-1959 samen met de BLANKENBURG getracht in slecht weer om de TRANSPOLLUX vlot te slepen, 21-10- 1959 is de TRANSPOLLUX op Sicilië aan de grond gelopen, de bemanning is aan boord van de WITTE ZEE genomen en afgezet te Syracuse. TRANSPOLLUX: 14-12-1929 kiel gelegd, 7-6-1930 te water, 13-6-1930 opgeleverd door Sun SB. & D.D. Co., Chester, Pa. (124) als EASTERN SUN aan Motor Tankship Corp., Philadelphia, in beheer bij Sun Oil Co. Motortankschip. 9.100 BRT. 14.584 DWT. 11 kn. 1948 verkocht aan Sun Oil Company, Philadelphia-U.S.A. 1954 verkocht aan Nereus Shipping Co., S.A., Puerto Cortes-Honduras, herdoopt LEO M. 1955 verkocht aan Cia. Naviera Transcontinental S.A., Puerto Cortes, in beheer bij Tak Shipping Corp., New York, herdoopt TRANSARCTIC. 1956 verkocht aan Transpollux Carriers Corp., Monrovia-Liberia, in beheer bij Anthony Culucundis & Elias J. Kulukundis, herdoopt TRANSPOLLUX. 21-10-1959 tijdens een reis van Trogis naar U.S. Gulf aan de grond gelopen op 1,5 mijl ten zuiden van Cape Correnti Light Vessel, Sicilië, voor 10-3-1960 in tweeën gebroken, CTL. (Foto EASTERN SUN: fleetsheet.com). 30-10-1959 de WITTE ZEE van Syracuse naar Buenos Aires, 27-11-1959 ETA te Buenos Aires. 11-11-1959 van Dakar n. Buenos Aires. 1-12-1959 van Buenos Aires met motorschip CAP DOMINGO naar Hamburg. 10-12-1959 op 180 O van Rio de Janeiro. 28-12-1959 op 300 mijl ZZW Dakar naar Hamburg. 11-1-1960 t.h.v. Lissabon. 14-1-1960 t.h.v. Ferrol. 18-1-1960 t.h.v. Brest. 21-1-1960 te Rotterdam. 23-1-1960 van Rotterdam naar Kiel met m.s. CAP DOMINGO. 25-1-1960 passage Brunsbüttel en te Kiel. CAP DOMINGO, IMO 5060574, 18-2-1958 te water, 28-4-1958 opgeleverd door Kieler Howaldtswerke A.G., Kiel (1071) als CAP DOMINGO aan Hamburg-Sudamerikanische D.G., Hamburg. 2.974 BRT, 2.982 DWT. 17,75 kn. 6.000 EPK, 4.476 kw, M.A.N., de werf. 3-10-1959 in aanvaring gekomen met de tanker TRITON (LIB-45, 10.603 BRT, ex BIG BEND, type T2-SE-A1), bemanning van boord, 5-10-1959 achter een sleepboot te Buenos Aires, 10-12-1959 vertrokken achter de WITTE ZEE naar Kiel, 25-1-1960 te Kiel om gerepareerd te worden bij Howaldtswerke. 12-4-1960 in de vaart. 9-3-1970 verkocht aan Det Bergenske D/S, Bergen, in beheer bij A/S J. Ludwig Mowinckels Rederi, Bergen, herdoopt CRUX. 2-1973 verkocht aan Mediteranska Plovidba, Korcula, herdoopt MARCO POLO. 1984 verkocht voor sloop aan Brodospas, Split, 4-10-1984 te Split om gesloopt te worden, 17-5-1985 aanvang van de sloop. (Foto: Skyfotos/Sjöhistoriska Museet, Stockholm, Zweden).

27-1-1960 passage Brunsbüttel naar Zeebrugge met m.s. HINDSHOLM. 29-1-1960 dwars van Texel en de tros gebroken. 31-1-1960 te Zeebrugge. 31-1-1960 te Maassluis vanaf Zeebrugge. Sleepboten in moeilijkheden Twee Nederlandse zeesleepboten, de Witte Zee en de Tyne, beide van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst, verkeren op de Noordzee in moeilijkheden. De Witte Zee heeft gemeld, dat het zijn sleep verloor op drie mijl ten westen van het lichtschip Texel. Er is een reddingboot uitgevaren naar de Witte Zee. De sleepboot Tyne, die in de buurt van het lichtschip Westhinder ligt heeft gemeld, dat het een mankement heeft aan de stuurinrichting. De sleepboot Witte Zee is er naderhand in geslaagd op drie mijl ten zuiden van het lichtschip Texel een nieuwe sleepverbinding tot stand te brengen met de losgebroken Hindsholm. (NvhN, 29-1-1960).

Witte Zee in moeilijkheden met sleep (Van een onzer verslaggevers) - De sleepboot Witte Zee van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst kreeg vanmorgen in de harde noordwester storm ter hoogte van Texel moeite met zijn sleep, het vrachtschip Hindsholm. Eerst sloeg de Hindsholm, waarop vier runners zijn, los en dreef het schip gevaarlijk naar de kust. De Witte Zee wist weer vast te maken, maar ook toen was de situatie nog niet plezierig. Het transport werd langzaam naar de kust gedreven. Onmiddellijk gevaar was er niet. Kapitein Kalkman meldde, dat hij het nog vijftien uur zou kunnen volhouden, voordat de toestand précair zou worden. Als de wind even zou afnemen, zou hij uit de gevaarlijke zone kunnen komen. Intussen had bij het lichtschip Westhinder de sleepboot Tyne, eveneens van Leen Smit, moeilijkheden met de stuurinrichting. De sleper Tasman Zee is bij de Tyne, zodat daar geen gevaar bestaat. (HVV, 30-1-1960). HINDSHOLM: 20-5-1922 opgeleverd door Frederikshavns Værft & Flydedok A/S, Frederikshavn (163) als HINDSHOLM aan Det Forenede Dampskibs Selsk., Kopenhagen. 1.512 BRT, 876 NRT, 2.775 DWT. 8,5 kn. 2 Schotse ketels, v.o. 235 m2. 800 IPK, T 3 cyl. 9-4-1940 te Manchester in beslag genomen door British authorities, 1940 overgedragen aan Ministry of Shipping/M.o.W.T., Londen, in beheer bij Ellerman's Wilson Line Ltd., Londen. 1945 terug bij DFDS. 20-3-1958 opgelegd te Kopenhagen. 23-12-1959 samen met s.s. KATHOLM en s.s. SVANHOLM verkocht aan Brugse Scheepsloperij N.V., 29-12-1959 te Kopenhagen overgedragen, 31-1-1960 gearriveerd bij Brugse Scheepsloperij N.V., Brugge om gesloopt te worden, gesloopt in 1960. (Foto HINDSHOLM: Danish Maritime Museum, Elsinore). 17-2-1960 sleepboot WITTE ZEE van Rotterdam naar Rio de Janeiro met de snijkopzuiger MATO GROSSO (Gusto, gebouwd door J. & K. Smit #399, foto: F. Sigter/De Sleeptros). 22-2-1960 op 60 mijl v Brest naar Rio Janeiro. 25-2-1960 op 150 mijl NNW van Ferrol. 29-2-1960 t.h.v. Ferrol, Noord-Spanje. 3-3- 1960 t.h.v. Lissabon. 10-3-1960 op 480 mijl N.W. Dakar. 15-3-1960 van Dakar. 21-3-1960 op 660 mijl NW Monrovia. 31-3-1960 op 300 mijl 0.n.0. Vitoria. 7-4-1960 van Santos naar Rio Janeiro met een tankbak en een sleepboot. 12-4-1960 van Rio Janeiro naar s.s. MARIKEN op 600 mijl ZZO van Rio Janeiro. 13-4- 1960 vastgemaakt op s.s. MARIKEN en naar Rio Janeiro. 25-4-1960 op 360 mijl 0.n.0. van Salvador, Brazilië. 28-4-1960 op 300 mijl NO van Recife. 2-5-1960 op 750 mijl z.w. van Dakar. 6-5-1960 op 360 mijl z.w. van Dakar. 25-5-1960 t.h.v. Hoek van Holland naar Hamburg. 26-5-1960 te Hamburg met s.s. MARIKEN. WITTE ZEE naar Noor in nood - (Van een onzer verslaggevers) - De sleepboot Witte Zee is op volle kracht onderweg van Rio de Janeiro, waar juist een sleep werd afgeleverd, naar het Noorse vrachtschip Mariken, dat op zeshonderd mijl ten zuiden van deze havenstad in moeilijkheden verkeert. De Witte Zee hoopt morgen bij het Noorse schip te zijn. De 2103 ton metende Mariken heeft gemeld, dat zij lekkage in het voorschip heeft. De rederij heeft een contract met Leen Smit en Co's Internationale Sleepdienst afgesloten. (HVV, 12-4-1960) MARIKEN, IMO 5414634: 10-7-1946 te water, 12-12-1946 opgeleverd als MILDRID door Nylands Verksted, Oslo (351) aan A/S Turid & A/S Djerv, Trondheim, in beheer bij Bachke & Co. 2.103 BRT, 1.174 NRT, 3.620 DWT. 11 kn. 2 ketels, 321 m2, 1.400 IPK, C2 cyl + turbine, de werf. 1949 herdoopt NORMILDRID. 1951 herdoopt MILDRID. 1-8-1954 tijdens een reis van Trondheim naar Rochester, geladen met houtpulp, in brand in positie 42.7 NB. en 01.56 OL., 2-8-1954 op 1,5 mijl van Felixstowe aan de grond gezet, 4-8-1954 brand onder controle, 6-8-1954 vlot gebracht en naar Harwich gesleept, CTL, verkocht aan Ruud-Pedersen, Oslo, via Emden naar Haugesund gesleept en daar gerepareerd, herdoopt ESCAPE. 1955 tijdens de reparatie

verkocht aan Lorentzen & Co., Oslo, in beheer bij Lorentzen's Rederi Co., Oslo, herdoopt MAGNUS STOVE. 10-1955 in de vaart. 1956 verkocht aan I/S Mariken, Drammen, in beheer bij Pehrson & Wessel, herdoopt MARIKEN. 1959 verkocht aan J. H. Wessels Kulforretning A/S, Drammen, in beheer bij Pehrson & Wessel. 1961 in beheer bij Wessel & Norløff. 1963 verkocht aan D. Xanthopoulos & M. Gaitanos, Piraeus, herdoopt ALEXANDROS X. 1969 verkocht aan Panagiotis Raikos & Theodora Stratigou, Piraeus, herdoopt CAPETAN CONSTANDIS. 1970 verkocht voor sloop naar Griekenland, 5-1970 aanvang sloop bij N. Savvas Shipyard, Eleusis, 9-1970 sloop voltooid. (Foto: Bachke & Co./Finn R. Hansen/skipshistorie.net). 27-5-1960 de WITTE ZEE van Hamburg naar Kopenhagen. 30-5-1960 t.h.v. Gothenborg met een stoomschip voor Zeebrugge. 2-6-1960 te Zeebrugge en naar Maassluis. 27-6-1960 van Maassluis naar Dover. 28-6-1960 te Dover. 3-7-1960 van Dover. 6-7-1960 te Rotterdam met de voor sloop bestemde sleepboot PALADIN. PALADIN: 4-9-1913 te water, 1913 opgeleverd door Murdoch & Murray Ltd., Port Glasgow (256) als PALADIN aan Anchor Line Ltd., Glasgow, in beheer bij Henderson Bros. 332 BRT. 1.500 IPK, 2 x C2 cyl, Ross and Duncan, Glasgow. 1914 in dienst The Admiralty, Londen. 17-11-1914 herdoopt PALADIN II. 1919 terug bij Anchor Line Ltd. 31-1-1919 herdoopt PALADIN. 1935 verkocht aan Anchor Line (1935) Ltd., Glasgow, in beheer bij Henderson Bros. 1939 verkocht aan Clyde Shipping Company Ltd., Glasgow. 1945 verkocht aan The Admiralty. 1946 verkocht aan Southampton, Isle of Wight and South of England Royal Mail Steam Packet Company Ltd., Southampton. 1960 verkocht voor sloop, 3-7-1960 vertrokken van Dover, 5-7-1960 bij N.V. Holland Scheepswerf en Machinehandel, Hendrik Ido Ambacht om gesloopt te worden. (Info: clydesite.co.uk, foto: NN/ballastblog.blogspot.nl/ plimsoll.org). 3-7-1960 de WITTE ZEE van Rotterdam naar Dartmouth. 9-7-1960 samen met de sleepboot NOORDZEE van Dartmouth naar Zeebrugge met t.t. POUKOULET. 11-7-1960 te Zeebrugge. POUKOULET: 15-11-1935 kiel gelegd, 4-4-1936 te water, 20-5-1936 opgeleverd door Sun SB. & DD. Co., Chester, Pa (153) als GULFBELLE aan Gulf Oil Corporation, Philadelphia. Tankschip, 7.104 BRT, 11.402 DWT. 12 kn. 2 S Turbine, Westinghouse. 20-10-1943 tijdens een reis van New York naar Houston, in ballast, op 3 mijl ten oosten van Jupiter Light, Florida in aanvaring gekomen met s.t. GULFLAND, in brand geraakt, 22-10-1943 te Port Everglades en de brand geblust, CTL. 1944 verkocht aan Cia. Lama de Vapores, S.A., Panama, in beheer bij A.G. Pappadakis, herdoopt POUCOU. 1949 verkocht aan Cia. Poukou de Vapores, S.A., Panama, in beheer bij Freighters & Tankers Agency Corp., New York, herdoopt POUKOULET. 1960 verkocht voor sloop, gesloopt bij Van Heyghen Frères te Brugge in 1960.

18-7-1960 van Maassluis naar Kiel. 19-7-1960 te Brunsbüttel. 20-7-1960 van Brunsbüttel naar Rotterdam met baggermolen GOOILAND en bak. 21-7-1960 t.h.v. Texel naar Rotterdam. GOOILAND, IVR 2306961, 1920 gebouwd te Oudewater voor G. de Groot, Leusden. 56 ton. Baggermolen. 1962 verkocht aan Eimert Bouman, Vught. 1967 verkocht aan A. Blokland, Sliedrecht. 1987 gesloopt. (Foto GOOILAND: fotoarchief J. Koster/binnenvaart.eu). 22-7-1960 van Rotterdam naar IJmuiden. 23-7-1960 te Rotterdam met kraan. NIEUWE GRAANELEVATOR - Getrokken door de sleepboot "Witte Zee" van L. Smit en Co.'s Internationale Sleepdienst, is de GRAANELEVATOR 28 de Nieuwe Waterweg binnengekomen. De laatste van een serie van vier, die gebouwd werd door Verschure en Co.'s Scheepswerf en Machinefabriek N.V. te Amsterdam voor de Graan Elevator Mij. N.V. te Rotterdam. De capaciteit bedraagt meer dan 400 ton per uur. Betekent dit al een vergroting van de Rotterdamse graanoverslagcapaciteit, deze zal nog aanzienlijk worden opgevoerd na het tot stand komen van net vastewal-overslagbedrijf, dat de Graan Elevator Mij. in samenwerking met de Graan Silomaatschappij in het Botlekgebied gaat ondernemen en waaraan werkzaamheden binnenkort zullen beginnen. (Gereformeerd gezinsblad, 30-07-1960). 27-7-1960 van Rotterdam naar Rouen. 2-8-1960 te Passage West, Ierland vanaf Rouen met 2 sleepboten. 4-8- 1960 t.h.v. Dublin naar Glasgow. 18-8-1960 op 70 mijl ZO van Nice. 22-8-1960 op 160 WNW van Kaap Matapan. 25-8-1960 op 25 mijl Z van Scarpanto, Griekenland. 29-8-1960 van Mersin, Turkije naar Marseille. 1-9-1960 t.h.v. Kreta naar Marseille. 5-9-1960 op 665 mijl NW van Messina. 9-9-1960 te Marseille. 3-10- 1960 op 20 mijl ZO van Lomé, Togo. 6-10-1960 op 80 mijl ZO van Lomé, Togo. 6-10-1960 op 80 mijl z.o. Takoradi van Koko, Nigeria naar Monrovia met een baggermolen en een bak. 10-10-1960 t.h.v. Abidjan, Ivoorkust. 13-10-1960 op 300 mijl ZO Monrovia. 15-10-1960 te Monrovia. 17-10-1960 t.h.v. Monrovia. 18-10-1960 te Monrovia. 27-10-1960 op 110 ZW Accra, Ghana. 31-10-1960 op 80 Z van Monrovia. 3-11-1960 op 250 WNW van Freetown op reis van Lagos, Nigeria met een zuiger naar IJmuiden. 7-11-1960 op 290 mijl N van Dakar naar IJmuiden. 14-11-1960 op 420 mijl ZW van Lissabon. 21-11-1960 op 150 mijl ZW van Plymouth. 24-11-1960 te Rotterdam. 30-11-1960 van Maassluis naar Oran. 8-12-1960 van Oran naar Marseille. SLEEPTROS BRAK Tanker HAVLIDE bij Bizerta vergaan - (Van onze Rotterdamse correspondent) De Liberiaanse tanker Havlide, die verleden week in de Middellandse Zee in brand raakte en verlaten werd, is in de afgelopen nacht ten oosten van de haven van Bizerta gestrand en waarschijnlijk verloren. De tanker was op sleeptouw genomen door een Frans schip, dat de Havlide, door het breken van de tros, kwijtraakte. Voor een nieuwe tros kon worden uitgebracht, was de tanker al gestrand. Het is momenteel daar stormweer. De sleepboot Witte Zee is in de nabijheid maar kan niets ondernemen. De tanker zit met het achterschip tot de midscheeps onder water. Toen de Havlide in brand raakte en verlaten werd, ging het overgrote deel van de bemanning over op de tanker World Influence. Intussen kwamen berichten door dat een schip in de buurt van de Havlide was gezien en dat op het wrak de Franse vlag was gehesen. Later bleek dat het Franse schip Biblos enige matrozen aan boord van de tanker had gezet en een tros had uitgebracht. De sleep zette koers naar Bizerta dat het dichtst in de buurt lag. De Fransen hebben geen geluk gehad met deze sleep. In de afgelopen nacht, toen zij Bizerta naderden, brak de tros. Toen de Witte Zee vanmorgen bij de strandingsplaats kwam, zag men de tanker over de halve lengte onder water zitten. (NvhN, 12-12-1960). Slepers van Smit voeren een verbeten strijd (Van een onzer verslaggevers) - Twee Nederlandse zeeslepers voeren in de Middellandse Zee een verbeten strijd tegen de elementen. De Witte Zee probeert met man en macht een Noorse tanker, die bij Bizerta gestrand is, los te krijgen. Tot dusver zonder succes, want het weer is zo slecht, dat men gisteravond nog geen

kans heeft gezien, mensen aan boord van het rampschip - de Havlide - te zetten. Mensen, die aan boord van de tanker een onderzoek moeten instellen naar de wijze waarop hel schip moet worden vlotgetrokken. Als de tanker nog te redden is. Een rampschip, dat woensdag in brand vloog, 25 mijl ten oosten van Kaap Bon in Tunesië. De gehele bemanning ging in de reddingsboten. Allen werden opgepikt door het Liberiaanse tankschip 'World Influence'. Toen kwam de 'Witte Zee'. Deze sleper van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst te Rotterdam lag in Oran. Daar zou hij een sleep baggermateriaal gaan halen. Bestemming Turkije. De 'Witte Zee' stevende echter op de 'Havlide' af. Maar hoe ze ook speurden, die van de 'Witte Zee' konden de Noorse ramptanker nergens ontwaren. Wat bleek? Het Franse s.s. 'Biblos', dat in de buurt van de 'Havlide' was, had de tanker al op sleeptouw genomen. Blijkbaar waren de Fransen erin geslaagd aan boord van de 'Havlide' te komen en een tros vast te maken. In elk geval hesen zij de Franse vlag op de Noor. Zo toog de 'Witte Zee' onverrichterzake terug naar Oran... Tros gebroken Toen kwam de tijding dat de tros waarmee de Fransman de 'Havlide' naar Bizerta wilde slepen, was gebroken. Dat was twee mijl ten oosten van de haveningang van Bizerta. De 'Havlide' zat er muurvast op de rotsen, terwijl de storm aanwakkerde. Onder deze omstandigheden was er voor de 'Witte Zee' gisteren geen beginnen aan. Vandaag zouden de mannen van L. Smit en Co. proberen aan boord van de tanker te gaan. Inmiddels stoomde gisteren de 'Schelde', ook van L. Smit en Co., met het Japanse m.s. 'Nagato Maru' op sleeptouw, naar Piraeus. Vrijdag is deze sleepboot erin geslaagd de Japanner, die in de haven van Famagusta op Cyprus strandde, vlot te trekken. Zelf gestrand Zodra de sleep in Piraeus is zal de 'Schelde' terugkeren naar Famagusta om daar te helpen bij het vlot brengen van het Zuidslavische vrachtschip 'Snjeznik', dat bij - pogingen om de 'Nagato Maru' te helpen zelf op de punt van een rif strandde. Personeel van L. Smit en Co. zal dan proberen ook de 'Snjeznik' te bergen. Men is reeds bezig met het lossen van de lading om het schip te doen rijzen. Er bevinden zich hout, stukgoed en asbestpijpen aan boord. Gisteren zouden er pompen op de Japanner worden gebracht. (HVV, 13-12-1960). HAVLIDE, 10-1941 opgeleverd door Kockums Mek. Verks. A/B, Malmö (227) als FALSTERBOHUS aan Trelleborgs Ångfartygs Nya A/B, Trelleborg, in beheer bij J. Malmros. Tankschip, 10.236 BRT. 13 kn. 1944 in beheer bij Trelleborgs Ångfartygs A/B. 1948 tijdens een reis van Gothenborg naar Malmö bij Hallands Väderö op een mijn gelopen, aan de grond gezet om zinken te voorkomen, vlot gebracht en naar Kockums Mekaniska Verkstads A/B, Malmö voor de reparatie. 1955 verkocht aan A/S Havlide & A/S Herdebred, Skien-Noorwegen, in beheer bij O. & H. Holta A/S, herdoopt HAVLIDE. 7-12-1960 tijdens een reis van Aden naar Dakar en Lagos in brand, schip verlaten in positie 37 NB. en 11.35 OL., aan de grond, 11-12- 1960 op de rede van Bizerta en de brand uit, CTL, verkocht voor sloop naar Griekenland, 25-2-1961 gearriveerd te Piraeus en daarna gesloopt. (Foto FALSTERBOHUS: Otto Ohm/Steinar Norheim /skipshistorie.net). 14-12-1960 te Bizerte. 19-12-1960 van Oran naar Marseille. 19-12-1960 op 180 N van Oran. 26-12-1960 op 80 mijl ZW van Napels naar Mersin, Turkije. 9-1-1961 op 150 mijl ZO van Rhodos. 16-1-1961 op 40 mijl O van Siracuse, Italië. 23-1-1961 naar m.s. ANACREON, gestrand bij Barcelona. 23-1-1961 bij Barcelona. Vergeefse reis van WITTE ZEE - De Witte Zee van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst heeft maandag een vergeefse reis gemaakt naar het 7359 br. reg. ton metende Griekse ms Anacreon, dat iets ten zuiden van Barcelona was gestrand. De Griekse vrachtvaarder kwam namelijk later op de middag op eigen kracht vlot. Het was de bedoeling dat ook de sleepboot Elbe hulp zou verlenen. (HVV, 24-1-1961).

ANACREON: 11-10-1943 te water, 2-1944 opgeleverd door Wm. Doxford & Sons Ltd., Sunderland (711) als EMPIRE LORD aan Ministry of War Transport, Sunderland, in beheer bij W. Runciman & Co. Ltd. 7.359 BRT, 10.025 DWT. 10,5 kn. 1946 verkocht aan United British SS. Co. Ltd., Londen, in beheer bij Haldin & Philipps Ltd., herdoopt ALDINGTON COURT. 1947 in beheer bij Haldin & Co. Ltd. 1953 in beheer bij Court Line Ltd. 1959 verkocht aan Cosmar Shipping Corp., Piraeus, in beheer bij G. Lemos, herdoopt ANACREON. 1966 verkocht aan Garden City Shipping Co. Inc. Panama, in beheer bij F. Italo Croce, Genua, herdoopt WHITE DAISY. 1968 verkocht aan Cia. Naviera Rivabella S.A., Panama, in beheer bij Sebastiano Tuillier, Lugano, herdoopt ROBERTINA. 15-6-1970 tijdens een reis van Takoradi naar Leith, geladen met bauxite, op 2 mijl west van Cape Garraway, Liberia lek geraakt en gestrand, het schip verlaten door de bemanning, CTL. (Foto ANACREON: Arthur Blundell Collection/7seasvessels.com). 26-1-1961 de WITTE ZEE passage Gibraltar naar Zeebrugge. 13-2-1961 op 50 mijl Z van Plymouth. 20-2- 1961 op 150 mijl W van Cadiz. 27-2-1961 op 100 mijl NO van Oran naar Limassol. 6-3-1961 op 120 N van Benghazi. 12-3-1961 vanaf Zeebrugge te Limassol met een zuiger. 13-3-1961 van Limassol naar Port Said. 3-1961 van Port Said met een L.C.T. (Landing Craft Tank, type landingsvaartuig dat onder andere tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ingezet) naar Milazzo, Sicilië. 21-3-1961 op 80 NW van Alexandrië. 31-3-1961 passage Gibraltar. 2-4-1961 van Cadiz naar de Azoren met een ponton. 8-5-1961 op 1.200 mijl NO van Trinidad. 8-5-1961 van Paramaribo naar Vlissingen met het stoomschip ANNIE. 13-5-1961 s.s. ANNIE maakte 20 graden slagzij, de runners van boord, 13-5-1961 de runners weer aan boord en konden de slagzij verhelpen en de verbinding herstellen. 16-5-1961 op 550 mijl ZW van Ponta del Gada. 1-6-1961 van Vlissingen te Maassluis.

21-6-1961 van Rotterdam naar zee voor een proefvaart. 28-6-1961 te Rotterdam. 6-1961 maakte een reis van Rotterdam naar Folkestone met bergingsvaartuigen. In het Kanaal een sleepboot en een bak overgenomen van de OOSTZEE voor Antwerpen. 3-7-1961 te Antwerpen met een sleepboot en een bak. 4-7-1961 van Antwerpen te Vlissingen. 8-7-1961 passage Vlissingen vanaf Le Havre naar Antwerpen met sleep een drijvende bok. 11-7-1961 passage Vlissingen naar zee. 17-7-1961 van Lissabon naar Tema, Ghana met een baggermolen. 24-7-1961 op 180 mijl ZZW van Las Palmas naar Tema. 7-8-1961 t.h.v. Ivoorkust. 12-8-1961 te Tema. 21-8-1961 te Conakry, Guinee. 30-8-1961 te Dakar met m.s. ATLAS HUGO STINNES. ATLAS HUGO STINNES: 10-1955 opgeleverd door Atlas Werke A.G., Bremen (389) als ATLAS HUGO STINNES aan Hugo Stinnes Industrie u. Handel G.m.b.H., Bremen, in beheer bij Hugo Stinnes Transozean Schiff. G.m.b.H. 2.984 BRT. 13 kn. 13-11-1969 tijdens een reis van Libreville, Gabon naar Hamburg met hout op de rotsen gelopen op circa 10 mijl ten westen van Sassandra, Ivoorkust. (Foto: naviearmatori.net). 4-9-1961 de WITTE ZEE op 300 mijl N.W. van Monrovia. 7-9-1961 te Monrovia. 9-9-1961 samen met de HUMBER van Monrovia naar Lissabon. 21-9-1961 op 650 mijl W van Gibraltar. 25-9-1961 op 100 mijl W van Gibraltar. 28-9-1961 te Lissabon. 2-10-1961 van Lissabon naar Rotterdam. 14-10-1961 te Maassluis met baggermolen. 17-10-1961 van Maassluis naar zee voor assistentie aan de sleepboot LOIRE die met de bulker HARRY W. HOSFORD in moeilijkheden kwam. 20-10-1961 nog stand-by. 20-10-1961 te Maassluis. LOIRE, met ertsboot op sleeptouw, in moeilijkheden (Van een onzer verslaggevers) De sleepboot Loire van Leen Smit en Co's Internationale Sleepdienst is gisteravond op de Noordzee in moeilijkheden geraakt. De Loire was met de Canadese ertsboot Harry W. Hosford onderweg van Rotterdam naar Hamburg, toen zij, 35 mijl uit de kust van Den Helder, het roer in de zware noordwesterstorm niet meer onder controle kon houden. De tros moest worden losgegooid en de ertsboot, die speciaal voor de vaart op de Grote Meren is gebouwd en in de tot windkracht 10 oplopende Storm vrijwel onmanoeuvreerbaar was geworden, ging voor anker. Volgens Leen Smit en Co. lopen sleepboot en sleep geen direct gevaar. De sleepboot Witte Zee is gisteravond uit de Waterweg vertrokken om zo nodig assistentie te verlenen. Beide sleepboten blijven in de buurt van de Harry W. Hosford tot de storm is geluwd. Daarna zal een van beide met de sleep doorvaren naar Hamburg. (HVV, 18-10-1961). HARRY W. HOSFORD: 12-1903 opgeleverd door Jenks SB. Co., Port Huron, Mich. (26) als F.B. SQUIRE aan Mack Steamship Co., Port Huron, U.S.A. 4.582 BRT. T3 cyl, 10 kn. 1906 verkocht aan Jenkins Steamship Co., Port Huron, in beheer bij C.O. Jenkins. 1911 in beheer bij A.T. Kinney. 1914 in beheer bij C.O. Jenkins. 1936 verkocht aan Buckeye Steamship Co., Wilmington, Del., in beheer bij J.T. Hutchinson, herdoopt HARRY WM. HOSFORD. 1961 verkocht voor sloop, 16-3-1961 vetrokken van Rotterdam naar Hamburg met de sleepboot LOIRE, 22-10-1961 met de sleepboot LOIRE gearriveerd bij Eisen u. Metall A.G., Hamburg om gesloopt te worden, gesloopt in 1961. Tanker met storing aan stuurmachine binnengesleept - (Van een onzer verslaggevers) Vier sleepboten van Leen Smit en Co., de Noordzee, Witte Zee, Steenbank en Schouwenbank, hebben gistermiddag de bijna 30.000 brt. metende Liberiaanse tanker Al Malik Saoed Al Awal de Nieuwe Waterweg binnengesleept. De tanker was vijf mijl ten noordwesten van Hoek van Holland met schade aan de stuurmachine voor anker gegaan. Hij is voor reparatie naar Wilton-Fijenoord te Schiedam gesleept. (HVV, 28-10-1961).

AL-MALIK SAUD AL-AWAL, IMO 5500760, 4-1955 opgeleverd door Howaldtswerke A.G., Hamburg (883) als AL-MALIK SAUD AL-AWAL aan Saudi Arabian Tankers Co. Ltd., Dammam, in beheer bij A.S. Onassis. 28.738 BRT, 2 stoomturbines. 16,5 kn. 1960 verkocht aan Garraway Transportation Co., Monrovia, in beheer bij A.S. Onassis. 29.440 BRT, 18.499 NRT, 47.130 DWT. 9-6-1966 tijdens laden te La Salina een explosie in de machinekamer gevolgd door brand, 10-6-1966 aan de grond gezet op Lake Maracaibo (10.20 NB. en 71.45 WL), 13-6-1966 brand geblust, vlot gebracht, CTL, verkocht aan Eckhardt & Co., Hamburg, 22-12-1966 te Hamburg, achterschip gesloopt, voorschip aan het achterschip van de tanker ANNE MILDRED BRØVIG (1962, 25.454 BRT) gezet, verbouwd tot opslagtanker voor Dubai Petroleum Company. (Foto AL-MALIK SAUD AL-AWAL: Michael Neidig/Shipspotting, 15-4-1968 Waltershof, Hamburg). 29-10-1961 te Maassluis. 30-10-1961 vertrokken naar Palermo met 2 sleepboten. 6-11-1961 op 75 mijl NW van Porto. 9-11-1961 passage Gibraltar. 13-11-1961 op 79 mijl N van Algiers. 27-11-1961 op 75 N van Istanbul. 27-11-1961 passage Istanbul van Sulina, Roemenië naar Calcutta met twee duwboten. 4-12-1961 te Port Said. 5-12-1961 van Suez. 15-12-1961 van Djibouti naar Calcutta. 8-1-1962 op 850 mijl Z van Calcutta. 17-1-1962 te Calcutta met 2 sleepboten. 21-1-1962 van Calcutta naar Tamatave, oostkust Madagaskar. 5-2-1962 te Tamatave. 12-2-1962 op 125 mijl N van Diégo-Suarez, Madagaskar. 8-3-1962 te Suez met twee pontons (piggyback), een bak en een sleepboot bestemd voor Duinkerken (later veranderde de bestemming in resp. Boulogne en Antwerpen). 12-3-1962 van Port Said naar Duinkerken, de sleepboot bleef te Port Said en is door de NOORDZEE naar Duinkerken gebracht. 21-3-1962 te Genua. 21-3-1962 te Malta. 29-3-1962 van Malta naar Boulogne met 2 lichters. 7-4-1962 passage Gibraltar naar Antwerpen. 12-4-1962 t.h.v. Porto. 23-4-1962 te Maassluis. Deens schip geramd bij Hoek van Holland ROTTERDAM (ANP) Dinsdagavond om 1 minuut over acht heeft zich nabij de Nieuwe Waterweg tijdens tamelijk dikke mist - het zicht was goed honderd meter - een scheepsbotsing voorgedaan, die aanvankelijk ernstig leek. Het Deense vrachtschip met passagiersaccommodatie Siena rond 9000 bruto register ton - dat Rotterdam 's avonds omstreeks zes uur had verlaten met bestemming Bremen, werd geramd door de Shelltanker Atys - 12100 brt. De Siena kreeg een zodanig gat ter hoogte van ruim 4, dat het er aanvankelijk naar uitzag dat het zou zinken. Een kwartier na de aanvaring maakten de opvarenden aanstalten het schip te verlaten. Inmiddels was de loodsboot Rigel langszij gekomen en weldra voer ook de reddingboot President Jan Lels van Hoek van Holland uit om assistentie te verlenen. Even later voegden zich daarbij de sleepboten Steenbank en Schouwenbank van L. Smits Internationale Sleepdienst. Zeven vrouwen en 2 kinderen en 4 passagiers met kinderen en nog enkele opvarenden o.a. de echtgenote van de kapitein van de Siena, werden door de loodsboot overgenomen en later in Hoek van Holland aan land gebracht. De waterdichte schotten wisten het instromende water te keren en gelukkig kon men ook de machinekamer droog houden. De zware mist, die het verkeer op en buiten de Waterweg ernstig belemmerde, maakte ook het manoeuvreren met het lekgeslagen schip niet eenvoudig. Maar om elf uur stond vast dat het gevaar voor zinken bezworen was en kon de Siena toestemming worden verleend naar Rotterdam terug te keren daarbij geassisteerd door de beide sleepboten waarbij zich later nog de Witte Zee uit Maassluis voegde. Vrouwen vol lof De vrouwen en kinderen aan boord zijn door de loodsboot in Hoek van Holland aan land gezet en vandaar per autobus naar het Skandinavische zeemanshuis in Rotterdam vervoerd. De kapiteinsvrouw die als woordvoerster van dit groepje schipbreukelingen optrad was vol lof over de behandeling die zij genoten en

over de vriendelijkheid allerwegen ondervonden. Over het gebeurde zelf wilde zij niets zeggen. Wel had zij zodra zij daartoe de kans kreeg met Kopenhagen getelefoneerd. Voorlopig zullen zij in het zeemanshuis blijven tot nadere beslissingen zijn genomen. (Friese koerier: 25-04-1962, foto SIENA: Roy Thorsteinson/Marc Piché/Shipspotting, 1969, Vancouver). SIENA, IMO 5327166, 1954 opgeleverd door A/S Nakskov Skibsværft, Nakskov (136) als SIENA aan A/S Det Østasiatiske Kompagni, Kopenhagen. 8.854 BRT, 16 kn. 1975 verkocht aan Henry Stephens Shipping Co. Ltd., Lagos-Nigeria, herdoopt D.F. FAJEMIROKUN. 1979 verkocht aan Tex-Dilan Shipping Co. Ltd., Panama, in beheer bij S.L. Sethia Liners Ltd., Londen, herdoopt SLS EVEREST. 30-12-1979 tijdens een reis van Casablanca naar Chittagong met fosfaat ging de lading schuiven en gezonken op 5 mijl van Casablanca. 24-4-1962 van de Noordzee te Rotterdam. 2-5-1962 van Rotterdam naar Den Helder. 4-5-1962 te Rotterdam, sleepte samen met de GELE ZEE de kruiser H.M. ZEVEN PROVINCIËN C802. (Foto: NN/claesenpeter.nl). H.M. ZEVEN PROVINCIËN: 19-5-1939 kiel gelegd als KIJKDUIN, 22-8-1950 gedoopt ZEVEN PROVINCIËN door H.M. koningin Juliana en te water gelaten bij N.V. Rotterdamsche Droogdok Mij., Rotterdam (219), 17-12-1953 proefvaart en in dienst gesteld bij de Kon. Marine. 4 olie-gestookte Yarrow ketels en 2 Parsons tubines, 82.000 APK. 30 knopen. 17-5-1975 uit dienst gesteld. 17-8-1976 verkocht naar Peru, herdoopt ALMIRANTE AGUIRRE. Hr. Ms. De Zeven Provinciën (C802) was een Nederlandse lichte kruiser van de De Zeven Provinciënklasse die samen met het zusterschip Hr. Ms. De Ruyter voor de Tweede Wereldoorlog op stapel waren gezet, ter vervanging van de Java en Sumatra als onderdeel van het vlootplan Dekkers. Het was de laatste kruiser die dienstdeed in de Nederlandse marine; in 1975 werd zij uit dienst genomen. 27-6-1962 van Hoek v. Holland naar Gravesend. 21-7-1962 met 2 bakken en een sleepboot te Pepel (bij Freetown, Sierra Leone). 4-8-1962 te Lissabon. 4-8-1962 van Lissabon naar Gibraltar. 5-9-1962 van São Miguel, Azores naar Bilbao. 10-9-1962 te Bilbao om een veerboot en een koelschip te slepen naar Montevideo. 18-9-1962 op 200 mijl ZW van Lissabon. 20-9-1962 op 100 mijl N van Las Palmas. 27-9-1962 op 250 mijl W. van Dakar tijdens een reis van Bilbao naar Montevideo. 11-10-1962 op 450 mijl Z. van Recife, van Bilbao naar Montevideo. 18-10-1962 Z van Rio de Janeiro. 24-10-1962 te Montevideo. 27-10-1962 van Montevideo naar Trinidad voor stationsdienst te Port of Spain. 6-12-1962 te Bocagrande, Florida, assisteerde de sleepboot CARAIBISCHE ZEE met de boorbak VINEGARROON. 13-12-1962 van Trinidad naar Guayaquil, Ecuador. 18-12-1962 passage Panamakanaal naar Guayaquil, Ecuador. 22-12-1962 te Guayaquil. 4-1-1963 van Guayaquil met de zuiger BARBEDOS naar IJmuiden. 10-1-1963 op 270 mijl Z van Panama. 14-1-1963 te Cristobal. 16-1-1963 van Cristobal. 21-1-1963 op 110 mijl WNW van Barranquilla, Colombia. 24-1-1963 op 150 mijll WNW van Barranquilla, Colombia. WITTE ZEE verloor sleep - De zeesleepboot "Witte Zee" van L. Smit en Co. heeft tijdens zwaar stormweer in de Caribische Zee haar sleep verloren. Deze bestond uit de zuiger "Barbedos", waarmee de sleepboot op 4 januari uit Guayaquil (Ecuador) naar Nederland was vertrokken. Op 25 januari is de "Barbedos" op 160 mijl ten noordwesten van Cartagena vergaan. De runners konden in veiligheid worden gebracht. (Leeuwarder Courant, 30-01-1963).

Sleep verspeeld in zware storm - ROTTERDAM (ANP) De zeesleepboot Witte Zee van L. Smit en Co. heeft tijdens zwaar stormweer in de Caraïbische Zee haar sleep verloren. Deze bestond uit de zuiger Barbedos waarmee de sleepboot op 4 januari uit Guayaquil (Ecuador) naar Nederland was vertrokken. (HVV, 30-01- 1963). 28-1-1963 te Aruba. 31-1-1963 van Aruba naar Trinidad met een bak. 4-2-1963 te Trinidad. 12-2-1963 te Jacksonville, Florida. 15-2-1963 van Jacksonville naar Salaverry, Peru. 16-2-1963 te Jacksonville. 25-2-1963 te Christobal. 28-2-1963 van Balboa naar Salaverry, Peru. 6-3-1963 te Salaverry. 7-3-1963 van Salaverry naar Curaçao voor stationsdienst. 20-3-1963 te Fort de France, Martinique. 2-4-1963 POOLZEE en WITTE ZEE van Fort de France, Martinique naar Houston. 8-4-1963 Z van Haiti. 11-4-1963 POOLZEE en WITTE ZEE, Fort de France naar Panama City, Florida op 200 mijl zuid van Cienfugos, Cuba. 18-4-1963 de POOLZEE en WITTE ZEE te Panama City, Florida. Daarna ging de WITTE ZEE naar Freeport, Bahamas. 5-6- 1963 van Lissabon naar Santander met een stoomschip. 10-6-1963 te Santander. 15-6-1963 van Santander te Maassluis. L. Smit & Co neemt aantal sleepboten uit dienst L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst in Rotterdam het grootste zeesleepbedrijf ter wereld zal geleidelijk aan een aantal kleinere en ouden schepen van haar vloot uit de dienst nemen. Aanleiding daartoe is dat de waarde van de zeeslepers met een vermogen tot 3000 pk bij de huidige ontwikkeling in de scheepvaart relatief snel vermindert. De te verslepen objecten worden steeds zwaarder, de noodzaak de sleepreis zo snel mogelijk te doen verlopen steeds dringender. Deze ontwikkeling werd geaccentueerd door de in dienststelling van de nieuwe "Zwarte Zee", die met haar vermogen van 9000 pk en grote bunkercapaciteit juist voor de grotere opdrachten is ontwikkeld. Het nieuwbouwprogramma, dat nu door L. Smit en Co. wordt afgewerkt, omvat dan ook voornamelijk sleepboten met een vermogen van 3000 pk of meer. De "kleintjes" worden daar de dupe van. Als eersten gaan dit jaar uit de vaart de slechts 1000 pk sterke "Ebro" (gebouwd in 1939) die vorig jaar nog 13.000 zeemijlen sleepte, de in de oorlogstijd in het buitenland gebouwde "Caraïbische Zee" (4500 pk) en vermoedelijk ook de 2200 pk sterke "Gele Zee" welke eveneens in de oorlogsjaren in bedrijf werd genomen. Als er geen kopers komen worden deze schepen gesloopt. Hun werk zal worden overgenomen door twee 3250 pk'ers. de "Hudson" en de "Orinoco" die respectievelijk volgend jaar en begin 1965 in dienst worden gesteld. Geen ontslagen Er is sprake van hoewel dit niet door de directie is bevestigd dat vier andere sleepboten binnenkort in de Europoort zullen worden opgeslagen, als blijkt dat zij niet meer rendabel te maken zijn. Dat zijn de "Humber" (1350 pk), de "Tyne" (1350 pk, foto: R. Koning), de "Poolzee" (1000 pk) en de "Witte Zee" (1000 pk). De directie van L. Smit en Co. heeft verklaard dat het onwaarschijnlijk is dat zeevarenden zullen moeten worden ontslagen als gevolg van deze maatregelen. Er is onder het personeel een normaal verloop, dat eventueel niet zal worden aangevuld. De zeevloot van L. Smit en Co. omvat op het ogenblik 23 sleepboten; twee schepen (de Hudson en de Orinoco) zijn in aanbouw. Zeven slepers, w.o. de Caraïbische Zee hebben een vermogen van meer dan 3000 pk, de rest varieert van 1000 pk tot 2500 pk. (Gereformeerd gezinsblad, 13-05-1963).

30-9-1963 gemonsterd #189 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar New York. Kapitein: J.J. Klein. 1e Stuurman: L.D. Hoogvliet. 2e Stuurman: W. Ketting. Marconist: H.J. van der Zee. Matroos: F. v.d. Kaaden, A.W.W. Louer. Matroos o/g: G.B. Severs, J. v.d. Most, A.M. Minderhout. Kok: P.J. Temmerman. Jongen: H. Oprel. 1e Machinist: T. van Voorst. 2e Machinist: W. Roodenburg. 3e Machinist: J. Speijer. Olieman: J. van Oostrum. Handlanger: M.C. Dijkshoorn. Jongen TD: B. Hees. Runner: P. Rijpsma. 1-10-1963 te Woolwich, U.K. voor een reis naar Milford Haven met de T.B. 1. 11-10-1963 ETA te Milford Haven vanaf Liverpool. 15-10-1963 ETA te Milford Haven vanaf Liverpool. 19-10-1963 te Amsterdam. 19-10- 1963 van Amsterdam naar Abidjan. 24-10-1963 op 130 mijl N van Ferrol. 28-10-1963 op 300 mijl NO Madeira. 31-10-1963 passage Las Palmas. 5-11-1963 t.h.v. Dakar naar Abidjan. 11-1963 t.h.v. Dakar de ponton overgegeven aan de BARENTSZ-ZEE en daarna koers gezet naar Maassluis. 16-11-1963 de WITTE ZEE te Maassluis. 21-11-1963 gemonsterd #222 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Europese havens en een reis van Maassluis naar New York (monsterrol#189). Kok: P.J. Temmerman. Matroos: J.G. Lennerts, F.J. v.d. Kuil. Jongen: W. Torenstra. De Indonesische vrachtboot H.O.S. TJOKROAMINOTO IS aan de grond gelopen bij de Noorderpier te Hoek van Holland. Sleepboten van Smit Internationale, waaronder, rechts, de SCHELDE IV (1958-1970) proberen het schip vlot te trekken. (foto: nimh-beeldbank.defensie.nl, 21-11-1963). Eerste Indonesische schip haalt Rotterdam niet - H.O.S. TJOKROAMINOTO op Noorderpier bij de Hoek (Van een onzer verslaggevers) - Sinds vannacht vijf minuten over half vierzit op de punt van het Noorderhoofd bij Hoek van Holland, muurvast geklemd tussen de basaltblokken en met het voorschip 40 meter in de Nieuwe Waterweg stekend, het Indonesische vrachtschip HOS Tjokroaminoto. Bij afnemende westerstorm is de twee jaar oude 10.000-tonner met een bemanning van 70 koppen en de vrouw en een kind van de hoofdmachinist aan boord, op de pier gelopen. Alle bemanningsleden van het in een hachelijke positie verkerende schip, waren vanmorgen nog aan boord. De vrouw en het kind zijn er in de loop van de middag af gehaald. Drie andere opvarenden, een Belgische Scheldeloods, diens assistent en een Nederlandse kompasssteller, die in Antwerpen aan boord waren gekomen, zijn kort na tien uur vanmorgen al door de Hoekse reddingboot Koningin Wilhelmina aan wal gebracht. Deze drie mannen sliepen toen de Tjokroaminoto met een enorme klap op de pier stootte. Bij hun aankomst in de Hoekse Berghaven weigerden ze iets te vertellen, zelfs hun namen verzwegen zij. De stranding gebeurde kort nadat de loodsdienst voor de Waterweg, die gisteravond wegens de storm was gestaakt, weer was hervat. Er lagen toen vele schepen voor de mond te wachten. De gezagvoerder van het Indonesische schip, het eerste schip onder roodwitte vlag, dat na het herstel van de betrekkingen met Djakarta Rotterdam zou aandoen - is daarvan indirect, de dupe geworden. Niet beloodst Hij wachtte niet tot hij aan de beurt was om beloodst te worden, maar zette op eigen gelegenheid koers naar de Waterweg. Op de Hoekse seinpost zag men het schip naderen en plotseling, vermoedelijk door een zware grondzee, werd het uit de koers geslagen en schoot het dwarsscheeps op de Noorderpier af. Vlakbij de lichtopstand, slechts 15 meter van het baken verwijderd, schoof het op de rotsblokken en bleef het beukend in de nog steeds hoge golven vastzitten. Hoek van Holland sloeg alarm. De zeesleper Schelde van Leen Smit en Co. vertrok onmiddellijk van zijn station bij de Berghaven, snel gevolgd door de kustslepers Steenbank en

Schouwenbank. Schipper Willem van Seters bleef met de Koningin Juliana eerst even in de Berghaven wachten, maar spoedig vond ook hij het raadzaam de Indonesiërs zijn hulp aan te bieden. Geen beweging Zij hadden die vooralsnog niet nodig. De drie sleepboten maakten snel vast, in de hoop nog van het opkomende water te profiteren. Om vijf uur was de vloed op zon hoogst, maar hoewel intussen nog vier andere Rotterdamse slepers (EUROPA, AZIË, STROOMBANK en MIDDELBANK) bij de Tjokroaminoto waren gearriveerd, was er ook toen geen beweging in het schip te krijgen. Bij het dagaanbreken zijn we met een motorboot polshoogte gaan nemen. De bergers van Van den Tak uit Rotterdam lieten zich toen nog niet uit over hun kansen, maar het was duidelijk dat het schip het zwaar te verduren had. Er stond nog steeds een harde wind. Het geboeide voorschip stak als een dreigend zwaard in de Waterweg, hoog op de basaltblokken liggend. Achter stak het schip vrij diep en hoewel het daar vlot lag, haalde al het zwoegen van de slepers niets uit. Soms, wanneer de hoge zeeën terug liepen, konden we onder het vlak doorkijken. De dubbele bodem van de Tjokroaminoto moet lek zijn. Het schip verloor stookolie en dat maakte vooral de Rijkshavenmeester, verantwoordelijk voor de veilige vaart op de Waterweg, ongerust. Vanmorgen om vijf uur legde hij alle scheepvaart op de Rotterdamse zeeweg stil, een maatregel die voor het laatst in 1952 werd genomen, toen het Panamese vrachtschip Faustus door de noorderpier was geslagen. Twee uur later mochten de schepen weer in en uit varen. Zou het schip vlot gesleept kunnen worden en ernstige lekkage vertonen, dan is het uitgesloten dat het direct mag worden binnengebracht. Om ieder risico van zinken in de Waterweg te voorkomen zal het dan - op het strand bij Hoek van Holland of op de Maasvlakte- aan de grond worden gezet. Pas in de loop van de morgen kregen de sleepboten direct contact met de gezagvoerder, van het ongeluksschip. De Indonesiër beschikte namelijk niet over de z.g. VHF-radio, het type waarmee deze sleepboten zijn uitgerust. Loods aan boord De reddingboot keerde daarom na het dagaanbreken terug naar de Berghaven terug om een loods te halen, die met een portofoon op de Tjokroaminoto werd gezet en vanaf de brug het contact met de bergers kan onderhouden. Waarschijnlijk zal hij het pas laat vanmiddag druk krijgen. Omstreeks tien uur hepen de vier kleinste sleepboten de Waterweg weer binnen. Het vrachtschip zat toen in een zo moeilijke positie dat er geen denken aan was het van de pier te sleuren. Pas tegen de avond (omstreeks zes uur is het weer hoog water) zou een nieuwe poging worden gedaan. Smit en Co. zullen dan meer dan 10.000 pk op het schip zetten: de zeven slepers van vanmorgen krijgen dan nog assistentie van de zeeslepers Witte Zee, Tyne en de kustslepers Argus en Atlas. Lukt het ook dan niet, dan begint het er voor de Tjokroaminoto kwalijk uit te zien. Het schip heeft het op de basaltblokken zo kwaad, dat het met het uur vrijwel zeker grotere schade oploopt. In Hoek van Holland herinnert men zich ook maar al te goed het lot van de Faustus en dat van de in 1954 op het Noorderhoofd gelopen Britse vrachtscheepje Spanker. De Faustus sloeg in 1952 zelfs dwars door de pier en zonk in de Waterweg, waar zij ook haar graf heeft gekregen. De Spanker bleef op precies dezelfde plaats waar nu de Indonesiër geboeid ligt, zitten. Dit schip is toen van kiel tot schoorsteen gesloopt. Er is nu alleen een winstpunt. De Tjokroaminoto heeft slechts een kleine lading stukgoed in, haar machine is intact en het schip kan de slepers helpen door op volle kracht achteruit te slaan. De Tjokroaminoto was bestemd voor de Rotterdamse Waalhaven. Of het daar nog ooit zal arriveren, was vanmiddag twijfelachtig. (Het Vrije Volk: democratisch-socialistisch dagblad, 20-11-1963, foto s.s. SPANKER: NN/Gebr. Spanjersberg, Engelse

kolenboot van plm. 1.000 ton. Gestrand in de nacht van 7 op 8 augustus 1954 op de Noorderpier te Hoek van Holland). Indon. vrachtschip na 32 uur trekken veilig de haven in Van onze correspondent ROTTERDAM, donderdag. NA 32 UUR lang de hele Rotterdamse scheepvaartwereld in spanning te hebben gehouden, kwam gisteravond om kwart over acht het eerste Indonesische schip, na het hervatten van de betrekkingen, de haven, van Rotterdam binnen. Het schip, de nauwelijks twee jaar oude "H.O.S. Tjokroaminoto", had meer dan een etmaal met de kop op de punt van de Noorderpier bij Hoek van Holland gezeten, nadat men zonder Waterwegloods, maar met twee Belgische loodsen en een Noordzeeloods uit Antwerpen aan boord de Waterweg had willen binnenlopen. In de tijd tussen vastlopen en losraken moest het scheepvaartverkeer op de Waterweg tweemaal, resp. voor 2 uur en voor 1,5 uur, worden stilgelegd en balde L. Smit en Co's Sleepdienst al zijn beschikbare paardenkrachten samen om met elf sleepboten het schip los te trekken. VELE TROSSEN DE EERSTE poging bij hoog water om zes uur gistermorgen mislukte, 's Avonds bij het vallen van de duisternis groepten er meer sleepboten rond het schip samen dan er trossen konden worden uitgebracht. Smit had zelfs de zeeslepers "Witte Zee" en "Tyne", die juist van grote reizen terug waren, snel vaarklaar gemaakt. Om kwart voor drie 's middags begon het trekken, maar pas om half zeven leek het los te raken - een triomfantelijk bericht ging al over de scheepsradio's. Het schip bleek echter slechts met de boeg op de pier 90 te draaien. EEN VERDER trekken met alle macht deed achter elkaar zes trossen van verschillende sleepboten breken, en om acht uur kwamen drie sleepboten, die zelfs geen reservetrossen meer overhadden, terug naar de Berghaven in Hoek van Holland. Nauwelijks een kwartier later gaf het schip zich gewonnen aan de overgebleven sleepboten en liet zich van de punt van de pier trekken. Op eigen kracht en alsof er geen vuiltje aan de lucht was geweest, voer het even later de Waterweg op, niet naar de Merwehaven om stukgoed te lossen, zoals de bedoeling was, maar naar de werf van Verolme voor onderzoek en reparatie. Het had twee lekke ruimen in het voorschip. (De Telegraaf, 21-11-1963). H.O.S. TJOKROAMINOTO, IMO 5139117, 1961 opgeleverd door Nippon Kokan, Tsurumi (768) als H.O.S. TJOKROAMINOTO aan P.N. Djakarta Lloyd, Indonesië. 7.332 BRT, 10.990 DWT. 5 ruimen, G 18.395 m3, B 14.580 m3. 20 kn. 8.950 EPK, 6.677 kw, MAN, Mitsubishi Nippon H.I. Donderdagmiddag nog steeds brand op de Indonesische vrachtboot H.O.S. TJOKROAMINOTRO in Amsterdam. Het schip, dat slagzij maakte, was omringd door blusboten. Foto: Mulder/Schuetz/ ANP, 29-10- 1964. 1965 verkocht aan Sinesis Cia. Nav. S.A., Panama, vlag: Griekenland, in beheer bij Agelef Shipping Co. (London) Ltd., Londen (A. Angelicoussia), herdoopt SINESIS. 1965 herdoopt DJATISARI. 1973 verkocht aan Anangel Hope Maritime Co. Ltd., Famagusta-Cyprus. 1975 verkocht aan P.T. Perusahaan Pelayaran Samudra

Djakarta Lloyd, Jakarta. 1983 verkocht voor sloop naar India, 9-1983 gesloopt bij Gupta Steel, Bombay. (Foto DJATISARI: René Beauchamp/Shipspotting, 29-4-1978, Montréal). 28-11-1963 de WITTE ZEE van Rotterdam naar Alexandrië met passagiersschip ISIS. 2-12-1963 t.h.v. Brest. 9-12-1963 op 100 mijl z. van Lissabon. 16-12-1963 zuid van Sardinië. 19-12-1963 t.h.v. Malta. 25-12-1963 te Alexandrië. 3-1-1964 te Malta en op station. 13-1-1964 van Malta. 30-1-1964 te Plymouth. ISIS, 1963 opgeleverd door Chr. Ruthoff, Mainz-Kastel als ISIS aan MISR Shipping & Travel, Cairo-Egypte. 70 x 12 meter. 148 passagiers. Bestemd voor de vaart op de Nijl tussen Cairo en Luxor. 2016 nog in de vaart, nu als AMARANTE ISIS. (Info: De Sleeptros, foto: Ary Groeneveld/De Sleeptros, passage Koningshaven te Rotterdam, inzet AMARANTE ISIS: egypt-nile-cruise.com). 31-1-1964 gemonsterd #19 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Europese havens en een reis van Maassluis naar New York. Matroos o/g: J. Polman. 4-2-1964 vanaf Plymouth te Antwerpen met een tanker. 5-2-1964 gemonsterd #21 te Maassluis voor een reis van Maassluis naar Europese havens en een reis van Maassluis naar New York. Marconist: R.F. Ottevanger. Olieman: H. Rotman.

s.s. BROTHER GEORGE, foto: Walter E. Frost, 24-9-1955, Vancouver 22 februari 1964. Bij de poging tot berging van het Liberiaanse ss. "Brother George", dat op The Needles bij het eiland Wight strandde is de "Witte Zee" de volgende dag op een rif gelopen en kort daarna gezonken. Alle 16 opvarende werden gered. Een andere sleepboot van L. Smit & Co. heeft de Liberiaan later vlot gebracht. Op 23 februari 1964 liep de onder Liberiaanse vlag varende BROTHER GEORGE op de zuidkust van Wight. In een dichte mist raakte het schip vlakbij de "Needles" een rotspartij. Er werd direct een noodsein de lucht in gestuurd. De sleepboot WITTE ZEE uit Rotterdam verrichtte op dat moment stationsdienst in de buurt van Dungeness en reageerde meteen op de noodkreet van de BROTHER GEORGE. Toen de WITTE ZEE de plaats des onheil had bereikt was er een flinke stormachtige zuidenwind opgestoken. Deze, met daarbij een erg ruwe zee, maakte het niet gelijk mogelijk om een sleepverbinding tot stand te brengen. De WITTE ZEE ging op zo'n 250 meter van de BROTHER GEORGE ten anker. Reddingboten en helikopters van de kustwacht werden dan ook stand-by gehouden om eventueel de uit 29 man bestaande bemanning van de Liberiaan te halen. Tijdens de avond, bij de opkomende vloed, wilde de kapitein van de BROTHER GEORGE dat de WITTE ZEE een poging ondernam om een lijn over te gooien. De gezagvoerder van de WITTE ZEE, kapitein Kleyn, vertelde later dat hij liever had gewacht op hulp van de uit Hoek van Holland naderende Smit sleper SCHELDE. Hij besloot het toch te wagen, omdat het Liberiaanse schip met haar bemanning, in een benarde positie verkeerden. De WITTE ZEE liet een anker vallen om zo met het achterschip langzaam en voorzichtig het vastgelopen schip te naderen en men wist een lijn over te brengen. Nauwelijks was de lijn overgeschoten, of een grondzee kwakte de WITTE ZEE, ondanks het uitgeworpen anker, zo'n veertig meter naar de kust. Bovenop een rotsformatie onder water. De sleepboot stootte hevig en ook zij bleef vast op de rotsen zitten. Binnen zeer korte tijd stonden de bemanningsverblijven onder water. Uiteraard werden de aan boord aanwezige bergingspompen gelijk ingezet, maar men kon het water niet de baas blijven en algauw viel de hoofdmotor uit. Intussen was de havensleper GATCOMBE langszij gekomen en de helft van de WITTE ZEE bemanning sprong over. Kort daarna moest ook kapitein Kleyn met de resterende bemanning over op de reddingsboot die ook ter plaatse was. Even leek het er nog op dat de Witte Zee te bergen was. Het strand van het eiland Wight was maar twee mijl verder en misschien zou het lukken om de WITTE ZEE op het strand te zetten. Met de eerste en tweede machinist liet kapitein Kleyn zich terug brengen aan boord van de WITTE ZEE. Ze wisten zelfs nog de hoofdmotor aan de praat te krijgen, maar het roer was hopeloos ontwricht en het schip draaide om de eigen as. Bovendien rees het water dusdanig snel aan boord van de WITTE ZEE dat de motor weer stopte en er kortsluiting uitbrak in het hoofdschakelbord. Er was nog maar één mogelijkheid over; de WITTE ZEE proberen te slepen naar ondiep water met behulp van de GATCOMBE. Immers de helft van de eigen bemanning zat daar aan boord. Kapitein Kleyn besloot weer terug te gaan naar de reddingboot om zich naar de GATCOMBE te laten brengen. Juist toen zij oversprongen naar de reddingboot, sloeg deze tegen de scheepswand van de Witte Zee en werd zwaar beschadigd. De schipper van de reddingboot wilde geen verdere risico's meer nemen en zette koers naar Yarmouth. De GATCOMBE volgde. Alle zestien opvarenden van de WITTE ZEE bereikten veilig de wal. Een half uur later hoorden zij het droevige nieuws over hun WITTE ZEE. De Franse zeesleper ABEILLE X had de WITTE ZEE nog op sleeptouw kunnen nemen, maar slaagde er echter niet in om het schip in veiligheid te brengen. Rond middernacht zonk de Rotterdamse zeesleper WITTE ZEE. (Bron: angelfire.com).

Krantenknipsels - Rotterdamsch Nieuwsblad, 24-02-1964, collectie: R.P. van de Wetering Witte Zee vergaat bij bergingspoging Alle opvarenden in veiligheid (Van een onzer verslaggevers) - Enkele uren nadat zij een op de kust van Wight de geworpen Liberiaanse vrachtvaarder te hulp was gekomen, is gisteravond de Nederlandse zeesleper Witte Zee door de bemanning verlaten. De sleepboot liep bij de bergingspoging op onder water liggende rotsen. Alle zestien opvarenden werden gered. De Witte Zee zonk niet direct. Het schip kwam bij hoog water vlot en werd gisteravond om tien uur door de Franse zeesleper Abeille 10 op sleeptouw genomen, maar verdween kort voor middernacht in de golven. Leen Smit en Co. hadden de Witte Zee gestationeerd in het Engelse Kanaal. Zondag ving kapitein J.J. Kleyn noodseinen op van de Liberty Brother George (7200 BRT), die nabij Needies op de zuidwestpunt van Wight was gestrand. Flinke storm Om twee uur 's middags kwam de Witte Zee bij het vrachtschip aan. Er stond toen een flinke storm en de pogingen een tros over te brengen mislukten. Omstreeks zes uur stuurde kapitein Kleyn zijn schip dwars door de branding, dicht lang de Liberty, om te proberen een lijn over te werpen. Dat werd hem fataal. Volgens een ooggetuige van de kustwacht werd de sleepboot door de golven opgenomen. Hij sloeg met het voorschip op de rotsen, waarom de kust bij Needies berucht is. Het schip begon onmiddellijk water te maken, de machines vielen uit. Het kreeg zware brekers over en de kapitein gaf opdracht van boord te gaan. Radiodienst In Maassluis kon men alles in het kantoor van Leen Smit en Co. volgen. De gezagvoerder stond in verbinding met de radiodienst en bleef rapporteren tot ook hij de brug moest verlaten. Acht man werden overgenomen door de reddingboot van Yarmouth, de acht anderen kwamen aan boord van de Britse sleepboot Gatcombe. Nadat ook zij waren overgestapt op de reddingboot, die de schipbreukelingen naar Yarmouth bracht, kwam de uit Duinkerken vertrokken Abeille 10 op de plaats van de ramp. Plotseling vlot Deze sleper concentreerde zijn aandacht op de muurvast zittende Liberiaan, tot men plotseling merkte dat de Witte Zee op de vloed was vlot gekomen. De Fransman kon snel vastmaken, trok de sleepboot in dieper water en koerste ermee in de richting van de Solvent. Hij bereikte dit tussen Wight en Zuid-Engeland lopende water, echter niet. De Witte Zee maakte zoveel water, dat hij na ruim een uur toch nog onderging.

Het vlot komen van het wrak was overigens als zo'n verrassing gekomen, dat wij het bericht van de Engelse kustwacht kregen voor men er bij Smit en Co. van op de hoogte was. Het werd later door de kapitein van de Witte Zee uit een hotel in Yarmouth bevestigd. Zijn verslag was kort en sober. Er stond na de stranding zo'n zware zee dat de sleepboot ieder ogenblik kon ondergaan en het niet verantwoord was langer aan boord te blijven. De Witte Zee was een van de drie oudste slepers van Smit en Co. De 1000 pk'er is twaalf jaar geleden al eens bijna vergaan, toen het vrachtschip Radmar op de Maasvlakte was gelopen. Toen kregen de Witte Zee en de Ganges de tros in de schroef. De Ganges ging onder, de Witte Zee werd geborgen. Liberiaan nog vast Het Liberiaanse schip zat vanmorgen nog vast op de rotsen. De toestand is vannacht wat verslechterd, maar de bemanning blijft voorlopig nog aan boord. Er liggen vijf sleepboten bij, die er geen van alle in zijn geslaagd vast te maken. Een van de vijf is de Smit-sleper Schelde, die zondagmiddag uit Hoek van Holland is vertrokken. Volgens de Engelse kustwacht is het zeer onwaarschijnlijk, dat de Brother George kan worden geborgen. De bemanning De gezagvoerder J.J. Kleyn van de Witte Zee, is afkomstig uit Goes. De andere geredden zijn: de stuurlieden L. D. Hoogvliet, Maasland en W. Ketting, Maasland, de werktuigkundigen T. van Voorst, Vlissingen, W. Roodenburg, Maassluis en J. Speijer, Maassluis. Voorts: marconist R.F. Ottevanger, IJmuiden, kok P.J. Temmerman, Rotterdam, en de matrozen P. Rijpsma, Maassluis, F. van der Kaaden, Berkel, F.J. van der Kuil, Vlaardingen, J. van der Most, Vlaardingen, W. Torenstra, Monster, J. Polman, Maassluis, R. Rotman, Arnhem, en B. Hees, Den Haag. (Het Vrije Volk: Democratisch-Socialistisch Dagblad, 24-02-1964). De BROTHER GEORGE bij Maassluis. ROTTERDAM - De sleepboot "Schelde" heeft de LIberiaanse vrachtvaarder "Brother George" (7.235 BRT) veilig de nieuwe waterweg binnengebracht. Zoals bekend verloor de sleepdienst van Smit tijdens een bergingspoging bij het eiland Wight de sleepboot "Witte Zee". (Bron: Fotoarchief 1963-1965, Algemeen Nederlands Persbureau, Verv.jaar: 26-02-1964). Na ondergang van de Witte Zee - Schelde sleepte gestrande Liberiaan bij Wight vlot (Van onze correspondent te Rotterdam) De sleepboot Schelde van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst te Rotterdam is het gisteravond gelukt het bij Wight op de rotsen gestrande Liberiaanse stoomschip Brother George vlot te brengen. Even na hoogwater, 's avonds om kwart over negen, kwam het schip vlot, nadat de Schelde 's middags een trosverbinding tot stand had gebracht. De Brother George is vermoedelijk niet zwaar beschadigd. Het schip maakt weinig water. De machine is echter uitgevallen en het roer is vernield. De Schelde sleept de Brother George naar Rotterdam. Het tot stand brengen van een trosverbinding was een moeilijke zaak. De catastrofale gebeurtenis met de sleepboot Witte Zee was een waarschuwing temeer voor de Schelde, die gistermorgen op de plaats van de stranding was aangekomen. Kapitein J. van der Ende waagde zich omzichtig in de buurt van de gestrande Liberiaan. Op 400 meter afstand reeds raakte de Schelde even de rotsachtige bodem, maar dat had geen ernstige gevolgen. De Schelde kon toen echter niet dichter naderen. Kapitein Van der Ende heeft toen een sloep te water gelaten, waarmee de tros werd overgebracht naar de Brother George. Om twee uur gistermiddag stond de tros vast. Tegen het middaguur had men reeds waargenomen, dat de Brother George door de zeegang op de rotsen bewoog. Op de top van hoogwater kwam de Liberiaan plotseling vlot. Toen bleek dat het schip geen water maakte, werd direct de sleepreis naar Rotterdam aangevangen. Weer thuis

De zestien bemanningsleden van de Witte Zee zijn gistermiddag per vliegtuig op de Rotterdamse luchthaven Zestienhoven aangekomen. Slechts enkele van hen droegen eigen kleren, het overgrote deel was er, toen zich het noodlot over hun schip voltrok, niet meer in geslaagd al hun kledingstukken bij elkaar te krijgen. (Nieuwsblad van het Noorden, 25-02-1964). De WITTE ZEE op de zeebodem. Afbeelding: wikipedia, rechts de beting, foto: jlunderwater.co.uk SCHELDE: 24-2-1964 Lib. s.s. BROTHER GEORGE vlot gebracht t.h.v. eiland Wight en sleept schip naar Rotterdam. 26-2-1964 geassisteerd op de Nieuwe Waterweg door o.a. de sleepboten ARGUS en ATLAS, afgemeerd bij scheepswerf Verolme in de Botlek. BROTHER GEORGE, type Liberty EC2-S-C1, 6-1-1942 kiel gelegd, 28-3-1942 te water, 5-5-1942 opgeleverd door Bethlehem-Fairfield Shipyard Inc., Baltimore (2019) als ROBERT TREAT PAIME aan U.S. War Shipping Administration, Baltimore. 7.191 BRT. 1947 verkocht aan French Government - Min. de la Marine Marchande (Cie. Générale Transatlantique), Le Havre, herdoopt DIEPPE. 1954 verkocht aan Garraway S.A., Monrovia-Liberia (Georgandis Bros.), herdoopt BROTHER GEORGE. 6-1-1964 gestrand bij Dry Tortugas. 10-1-1964 gestrand bij Key West. 23-2-1964 gestrand bij Brook, Isle of Wight. 24-2-1964 vlot gebracht door de sleepboot SCHELDE. 26-2-1964 gearriveerd op de Nieuwe Waterweg. 7-1964 gesloopt bij N.V. Holland, Frank Rijsdijk te Hendrik Ido Ambacht. (Foto BROTHER GEORGE: Walter E. Frost, 25-9-1955, Vancouver). "BROTHER GEORGE kwam veilig thuis De sleepboot " De Schelde" van L. Smit's Internationale Sleepdienst leverde gistermiddag om prompt twee uur bij paal 19 op de Nieuwe Waterweg de Liberiaanse vrachtvaarder. "Brother George" (7.235 BRT) af aan twee sleepboten van de nieuwe Rotterdamse sleepdienst en twee van de sleepdienst van de werf van Verolme en kort daarna lag het schip, dat 24 uur op de rotsen bij Brook Point op het eiland Wight vast gezeten had, veilig gemeerd. Op de werf zal de schade worden vastgesteld en dan zal beslist worden waar de reparatie zal worden uitgevoerd. Bodemschade heeft deze twintig jaar oude Libertyboot nauwelijks opgelopen - het maakte althans op de sleepreis naar Rotterdam geen water - maar de schade aan roer, schroef en machines lijkt vrij aanzienlijk.

Omtrent het vergaan van de "Witte Zee", die in eerste instantie het schip te hulp voer en daarbij zelf op de verraderlijke rotspieken liep, vertelde de eerste stuurman dat kapitein Kleyn toen zij lek stootte, De "Schelde" met de "Brother George" op de Nieuwe Waterweg de "Brother George" op een afstand tussen de 100 en 200 meter was genaderd. "De sleepboot werd door een brandingsgolf gepakt en op een onzichtbare rotspiek geworpen", zo vertelde deze Griekse scheepsofficier in gebroken Engels. "Wij konden geen hulp bieden", voegde hij er aan toe.. De heer B. Cleveringa, chef van de nautische dienst van Leen Smit's sleepbedrijf, vertelde dat "De Schelde" grote moeite heeft gehad de "Brother George" van de rotsen te halen. Het schip was zeker 75 meter op de rotsachtige kust geschoven en uiteraard bleef "De Schelde" na het verspelen van de "Witte Zee" op ruime afstand. Het was een heel gemartel om de sleeptros over te brengen met behulp van een motorboot en wij hadden het geluk dat deze nergens bleef hangen. Na vier uur constant trekken kwam er beweging in de Liberiaan, die leeggepompt was en dankzij een flinke vloed wat opgetild werd. De reis naar Rotterdam verliep zonder incidenten. (De waarheid, 27-02-1964).

Dinsdagmiddag is de zeesleepboot "Witte Zee" te water gelaten, een zusterschip van de grootste en tot voor kort sterkste sleepboot ter wereld "Zwarte Zee". De "Witte Zee" (9.000 pk) zal nog deze zomer in dienst worden gesteld. Fotograaf: Ge van der Werff, (12988115), ANP Historisch Archief, ANP. m.s. WITTE ZEE (3), IMO 6613287, 3-6-1966 gedoopt WITTE ZEE door mevr. C.M. Kleyn van Willigen- Goddard en te water gelaten, 15-9-1966 technische proefvaart. (Foto: Skyfotos). Tanker gevaarlijk vast bij de Hoek bergingsactie met twee sleepreuzen (Van een onzer verslaggevers) - Hoog op de Noorderpier voor Hoek van Holland wachtte in het begin van de middag de Noorse tanker Anco State op het moment, waarop vier sleepboten - de Zwarte Zee en de Witte Zee, de Maasbank en de Vikingbank - zouden proberen het schip uit zijn benarde positie te verlossen. De 9003 BRT metende Anco State, eigendom van de rederij Andersen te Oslo, zat toen al uren vast. Ds tanker strandde vanochtend om half vijf bij stormachtig weer. De opvarenden wilden niet van boord. Later haalde de reddingsboot Koningin Juliana toch twee vrouwen af. Om één uur hadden de Zwarte Zee en de Witte Zee vastgemaakt. De andere twee slepers, werden bij de hand gehouden. Tegen drie uur zou het water zo hoog zijn, dat pogingen de Noor vlot te trekken succes konden hebben. De stranding van de Anco State noopte de scheepvaart tot grote voorzichtigheid. Een deel van de lading namelijk bestaat uit acrelonitriet, een zeer explosieve stof. Ten behoeve van het in- en uitgaande scheepsverkeer en de reddingsactie zijn tal van voorzorgsmaatregelen getroffen. Windkracht 9 Toen de Anco State vanochtend voor De Hoek opdoemde, stond er een flinke storm. De metingen wezen windkracht 9 uit. De loodsdienst was al sinds het middernachtelijk uur gestaakt. De kapitein van de Noor trachtte zonder loods de Nieuwe Waterweg binnen te komen. Dat mislukte: de Anco State sloeg bakboord-midscheeps op de Noorderpier. Er werd een SOS uitgezonden. De Koningin Juliana voer

uit. Maar toen de reddingsboot de tanker was genaderd, kregen de redders te verstaan dat niemand van de Anco State van boord wilde. De kapitein had inmiddels ook sleepboothulp gevraagd. De Maasbank en de Vikingbank van de Nieuwe Rotterdamse Sleepdienst werden uitgestuurd en slaagden erin vast te maken. De wind was gaan luwen. De Maaskant en de Vikingbank trokken tevergeefs. Tegen half acht, toen de Anco State door het vallende tij steeds hoger was komen te zitten, staakten zij hun pogingen. Gedurende deze reddingspoging was de in- en uitgaande scheepvaart gestremd. Toen het om half elf volledig laag water was, bleek de positie van de tanker niet al te rooskleurig. Het schip helde en maakte water in de voorpiek en de dubbele bodem. Tegen elf uur kwam de Koningin Juliana opnieuw langszij. Nu werden er twee vrouwen aan boord genomen: Agnes Larsen en Alice Skagen. Ze werden met een taxi naar het Scandinavische Zeemanshuis aan het Willemsplein in Rotterdam gebracht. Inmiddels waren er reeds experts van de Rotterdamse brandweer en van de Rijkshavendienst op de Anco State geweest voor een onderzoek naar de lading. Hun bevindingen leidden tot speciale maatregelen. Overigens leverde de toestand van het schip en de lading geen direct gevaar voor de scheepvaart op. De kans op het door een lek vrijkomen van eventuele gevaarlijke stoffen was namelijk niet zo groot. Rond het middaguur voeren de Zwarte Zee en de Witte Zee van L. Smit en Co. - met hun 9000 pk. de sterkste slepers ter wereld - naar, de plaats des onheils. De spiksplinternieuwe Witte Zee, die pas twee dagen geleden, zijn technische proefvaart maakte en vanmorgen voor een laatste inspectie nog in dok lag, begon hiermee aan zijn allereerste karwei. De bergingsactie had een uniek tintje: voor het eerst in de geschiedenis van sleepvaart en berging waren er twee 9000 pk-reuzen samen voor een zaak aan het werk. NIEUWE SLEPER De zeesleper Witte Zee, een zusterschip van de' bekende Zwarte Zee, is vanmorgen uit Schiedam vertrokken voor de eerste technische proefvaart buitengaats. Aan het einde van deze maand zal de zeesleper, die 77 meter lang en negen meter breed is, aan de rederij Smit & Co in Rotterdam worden overgedragen. Met een snelheid van zeventien mijl koerste de gloednieuwe Witte Zee, voortgedreven door 9000 paardenkrachten richting Noordzee. (HVV, 15-9-1966). ANCO STATE los: eerst onderzoek naar de lading (Van een onzer verslaggevers) - Experts-gascontroleurs van Verwey's Handelslaboratorium te Rotterdam en deskundigen van de Rijkshavendienst hebben vandaag een onderzoek ingesteld aan boord van de in de Waterwegmond verankerde Noorse tanker Anco State. Dit onderzoek betreft speciaal de 700 ton acrelonitryle, die deel uitmaken van de lading. Deze stof is zeer brandbaar. Wanneer acrelonitryle met water in aanraking zou komen, kunnen er zeer giftige dampen ontstaan. Niet voor niets zijn gisteren de honderden belangstellenden voor de stranding en de berging van de Anco State door de politie gewaarschuwd! De tanker heeft bij de stranding op en het lostrekken van de basaltblokken van de Noorderpier schade opgelopen aan de voorpiek en aan de bodem. Bij de voorpiek maakte het schip zelfs water. De experts van de N.V. Verwey waren voor het controleren van de ruimen voorzien van drukpakken en persluchtmaskers. De deskundigen van de Rijkshavendienst namen het nautische gedeelte van het onderzoek voor hun rekening. Van het resultaat van het onderzoek zal afhangen of de tanker mag doorvaren. Zo ja, dan zal de gevaarlijke lading acrelonitryle in de lek worden gelost en de overige lading, bestaande uit smeerolie, in Pernis. VIJF SLEPERS De berging van de Anco State kreeg donderdagmiddag nog een bijzonder aspect doordat de twee, elk 9.000 pk sterke superslepers van L. Smit en Co., de Zwarte Zee en de pas voltooide, Witte Zee, wel in de nabijheid van iet gestrande schip waren, maar niet aan het werk hebben deelgenomen. De winch van de Noorse tanker bleek niet bij machte de zware sleeptrossen van de Zwarte Zee en de Witte Zee aan boord te trekken.

Met de lichtere trossen van vijf andere - veel kleinere - sleepboten, die bovendien dichter bij de Noor konden komen, bleek dit wél mogelijk. De vijf op de golven "dansende" redders van het Noorse schip waren de Azië, Maasbank, Schouwenbank, Steenbank en Vikingbank van de Nieuwe Rotterdamse Sleepdienst die met L. Smit & Co. gelieerd is. De berging stond onder leiding van de heer Cleveringa,'' chef nautische- dienst van L. Smit en Co. Ondanks de zeer ruwe zee en de stormachtige wind zijn donderdagmiddag vijf sleepboten erin geslaagd, de Noorse tanker Anco State van de Noorderpier voor Hoek van Holland los te trekken. (HVV, 16-9-1966, foto's: internet/de Sleeptros). ANCO STATE, IMO 5041891, 1961 opgeleverd door Haugesund M/V A/S, Haugesund (21) als BEREAN aan A/S A.O. Andersen & Co. Eftf., Oslo-Noorwegen. 9.003 BRT, 5.030 NRT, 13.320 DWT. L 16.141 m3. 7.500 EPK, 5.595 kw, A/B Gotaverken. 1964 herdoopt ANCO STATE. 1967 verkocht aan Ole Schroder & Co., Noorwegen, herdoopt SAGA STATE. 1970 verkocht aan Ocean S.S. Co. Ltd. & P&O Steam Nav. Co. Ltd., U.K., in beheer bij Panocean Shipping & Terminals Ltd., herdoopt POST RUNNER. 1978 verkocht aan Two Arrows Mar. & Post Service Ltd., Panama, herdoopt ARGENPUMA. 1979 verkocht aan Grettel Mar. Corp., Panama, herdoopt ACRON C. 1980 verkocht aan Osiwell Ltd., Panama, herdoopt CHELSEA PIONEER. 1981 verkocht aan Osiwell Ltd. & Siwell International Shipping Ltd., Panama. 1983 verkocht aan Karonas Shipping Corp., Panama, in beheer bij Narval Shipping Corp., herdoopt PIONEER II. 1984 verkocht aan Lara Shipping Corp., Panama, herdoopt LARA. 20-8-1984 gearriveerd bij I.M. Varela Davalillo te Castellon om gesloopt te worden. (Foto: NN/stadsarchief Rotterdam/NN). Witte Zee aan Smit overgedragen (Van een onzer verslaggevers) - Uniek in de hele wereld is wat L. Smit en Có's Internationale Sleepdienst thans bezit: een machtige sleepboottweeling, Zwarte Zee en Witte Zee van elk 9000 pk. Drie jaar na de geboorte van de Zwarte Zee is de "Witte" eveneens bij de werf Smit Kinderdijk ter wereld gekomen als het sprekend evenbeeld van haar sterke en reeds met sleeproem overladen tweelingzus. In volle zee is donderdagmiddag de Witte Zee (kosten 8 miljoen gulden) door de werf overgedragen aan de rederij. L. Smit en Co. heeft thans een vloot van twintig zeesleepboten, waaronder twee van 9000, drie van 4500 en vier van 4000 pk. De sleepboot Ierse Zee, vroegere Zwarte Zee, zal binnenkort worden gesloopt. Gaat L. Smit en Co zijn sleepbootvloot nog verder uitbreiden? Wij vroegen het tijdens de officiële proefvaart van de Witte Zee aan Smit's directeur P. E. E. Kleyn van Willigen. "De zaak zit zo," zei hij, "dat we wel van plan zijn vandaag of morgen prijsopgaaf te vragen voor de bouw van een derde sleepboot in de klasse van de Zwarte en Witte Zee. Dat wil nog niet direct zeggen, dat we er een bestellen." "Wordt er niet gedacht aan nog grotere slepers dan de Zwarte en Witte Zee?" Nog grotere slepers in de lucht? Zelfde vermogen De directeur van L. Smit had die vraag kennelijk verwacht. Maar zijn antwoord was, dat men het eerst zal zoeken in een andere en grotere produktie van hetzelfde machinevermogen, bij voorbeeld door de toepassing van verstelbare schroeven.

"Wel zijn we bezig met proefnemingen om onze Europoort-slepers aan te passen bij de snelle tankervergroting. Wanneer de mammoets van 175.000 ton en groter naar Rotterdam komen, dan zal L. Smit gereed zijn om ze te bedienen." Tijdens dit gesprek aan de railing van de Witte Zee onder een milde najaarszon en bij een kalme zee kwam de loodsboot Rigel in zicht. Het is het schip van het Loodswezen in de Hoek, van waar de rijksloodsen naar de te beloodsen schepen varen. Bij deze gelegenheid maakte zich een der gele loodsbootjes van het moederschip los om van de Witte Zee (op officiële proefvaart), de traditionele kruiken geestrijk vocht in ontvangst te nemen. Op de Witte Zee zelf volgde wat later de overdracht van het schip door Smits Kinderdijk-directeur ir. W.W. Kalis, aan de rederij. "We zijn er trots op," aldus de heer Kalis, "ook de Zwarte Zee te hebben gebouwd, die sinds 1963 reeds zoveel prachtig werk heeft gedaan. Ik hoop dat de Witte Zee evenzeer zal bijdragen tot de roem van L. Smit en Co. op de wereldzeeën." De vlag van de werf werd gestreken en de rederij vlag ging in top, waarna de heer Kleyn van Willigen uiting gaf aan de vreugde over de komst van de Witte Zee, die zo bijzonder past in het moderniseringsprogramma voor de slepersvloot. Glunderend deelde de kapitein van de Witte Zee, de heer Strijbos, in de gelukwensen over en weer. Hij is al sinds 1935 in dienst bij L. Smit en Co, waar hij als lichtmatroos begon. Tikje verschil "Niet helemaal precies eender zjjn ze, de Zwarte en de Witte Zee," zei kapitein Strijbos, toen hij ons rondleidde op zijn schip., Maar 't zijn allebei prachtige schepen. Met de Witte Zee gaan we zaterdag met twee bakken naar Engeland (Middlesborough) en om vandaar een cutterzuiger op te halen, maar dat is zogezegd een "inrij"- karweitje om te kijken hoe de boot zich houdt. "En de Anco State dan, toen die op de pier zat?" Kapitein Strijbos lacht breeduit: "Ja, toen was in de eerste plaats het schip nog niet overgedragen en ten tweede konden we onze zware trossen niet aan boord van die Noor krijgen omdat zijn winch ze niet kon hijsen. Maar voor de rest deed de Witte Zee het al prachtig." Straks gaan we voorlopig bij de Azoren op station liggen." Brede, witte schuimsporen trekkend beschreef de Witte Zee donderdagmiddag full speed (38 km per uur of 20 knoop) en op de volle kracht van zijn twee elk 4500 pk Smit-Man-motoren, een grote boog voor de kust, waar tankers en vrachtschepen lagen te wachten op de loodsboot. De Witte Zee is niet alleen een der krachtigste zeeslepers ter wereld, het is ook een mooi schip met verrassend comfortabel ingerichte verblijven voor officieren en bemanning, die zelfs over air-conditioning kunnen beschikken. Het schip is zowel geschikt voor dienst in de tropen als in koude streken. De uitrusting voor het slepen en bergen, de nautische apparatuur en de dekinstallaties, ze zijn alle van de modernste allure en opvallend degelijk afgewerkt. (HVV, 30-9-1966). 27-9-1966 proefvaart m.s. WITE ZEE, 29-9-1966 officiële proefvaart en opgeleverd door Smit Kinderdijk V.o.F., Kinderdijk (911) aan N.V. Smit Internationale Sleepbootmaatschappij "Witte Zee", Rotterdam, in beheer bij L. Smit & Co.'s Internationale Sleepdienst, Rotterdam. Roepsein PIRD. 1.539 BRT, 146 NRT. 77,44 (68,50) x 12,85 x 6,91 x 6,138 meter. 9.000 IPK, 7.000 EPK, 2 x 12 cyl, 4 tew, 450 x 660, vertraagd naar 1 schroef, M.A.N., de werf. 1-10-1966 de WITTE ZEE met 2 bakken van Rotterdam naar Middlesborough. 2-10-1966 te Middlesborough, terug naar Rotterdam met een cutterzuiger. 6-10-1966 te Schiedam. 8-10-1966 naar station op de Azoren. 17-10-1966 de WITTE ZEE op de rede van Ponta del Gada, São Miguel, Azoren met Panamese m.s. 'Seven Stars' met lekkage op sleeptouw. (HVV, 18-10-1966).

WITTE ZEE bij Panamees - ROTTERDAM (ANP) - De Nederlandse sleepboot Witte Zee probeert een lekgeslagen Panamees schip, de Seven Stars (3.690 ton) geladen met erts, naar de haven Ponta Delgada op de Azoren te slepen. Het schip kwam gisteravond in moeilijkheden op 100 mijl van Ponta Delgada. De sleepboten Witte Zee en Barendszee schoten te hulp vanuit havens op de Azoren. De bemanning - die eerst deels aan boord was van een Noorse tanker - stapte over op de Barendszee, die echter te zwaar werd belast. De bemanning is later verdeeld over de beide sleepboten. (HVV, 15-10-1966, foto BARENTSZ-ZEE: Skyfotos). De nieuwe sleepboot Witte Zee is in actie gekomen bij de Azoren. Daar verkeerde het Panamese ss. Seven Stars in moeilijkheden als gevolg van een ernstige lekkage in ruim 2. De sleepboot Barendszee was er het eerst bij, maar deze gaf het karwei overaan de Witte Zee. De Seven Stars bevindt zich nu voor de haven van Bahrein (?) in afwachting van toestemming om binnen te lopen. (HVV, 18-10-1966). SEVEN STARS, IMO 537333, MC #2244, te water als LEWIS HALL, 4-1945 opgeleverd door Walter Butler Shipbuilders Inc., Duluth, Minn. (333) als MESH KNOT aan U.S. War Shipping Administration, Duluth, Minn. Motorvrachtschip, type C1-M-AV1. 3.805 BRT, 2.123 NRT. 1.700 EPK, Bosch-Sulzer Bros., St. Louis. 1948 verkocht aan China Union Lines Ltd., Shanghai, herdoopt UNION POWER. 1949 vlag: Taiwan. 1966 verkocht aan Seven Shipping Co., Panama, in beheer bij Letasa S.A., Bilbao, herdoopt SEVEN STARS. 17-10- 1966 de sleepboot WITTE ZEE op de rede van Ponta del Gada, São Miguel, Azoren met schade. 11-11-1966 van São Miguel, Azoren met de sleepboot NEPTUNIA (ex RODE ZEE) naar Cadiz, 17-11-1966 te Cadiz. 1967 verkocht aan Timber Shipping Co., Panama, herdoopt TIMBER THREE. 1968 verkocht voor sloop naar Spanje, 8-1968 aanvang sloop door Aguilar y Peris te Valencia, gesloopt in 1968. (Foto TIMBER THREE ex SEVEN STARS: Chris Finney/Shipspotting, 11-1967 aankomst te Wallaroo, Australië).

9-9-1983 vertrokken van Colombo. 10-1983 de WITTE ZEE opgelegd te Bahrain. 1984 verkocht aan Euroatlantic Shipping Corp., Monrovia. 8-4-1984 vertrokken achter de sleepboot DRADO naar Karachi, 4-1984 gearriveerd te Karachi om gesloopt te worden, gesloopt in 1984. (Foto's WITTE ZEE: T. v.d. Zee. 11-5- 1981, Nieuwe Maas t.h.v. Vlaardingen).