(Na)zorg bewust meten



Vergelijkbare documenten
Clienttevredenheidsonderzoek juni 2016

CQ-Index GGZ Beschermd Wonen

Jaarcijfers 2012 en trendcijfers Fysiotherapie

CQ-Index GGZ Begeleid Zelfstandig Wonen

Jaarcijfers 2011 en trendcijfers Fysiotherapie. Landelijke Informatievoorziening Paramedische Zorg

Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's

Biowalking voor ouderen

Werkinstructie PREM Fysiotherapie NIVEL, december 2016

Een effectiviteitsanalyse van de

Nederlandse samenvatting

Wat motiveert u in uw werk?

Arbocuratieve fysiotherapie: een effectieve beweging?

Oncologische revalidatie REVALIDEREN BIJ KANKER

Qualizorg. Inhoud. FysioRoadmap 4.4

Centre for. Care Research (WOK, KWAZO) (CEBP) Universiteit Maastricht. Centre for Evidence Based Physiotherapy

KWALITEITSRAPPORTAGE PROLAPS vaginale verzakking

Oncologische Revalidatie. Zuyderland Revalidatie

Work Ability Index Duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers

Meerderheid van de Nederlanders is bekend met directe toegang fysiotherapie

ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed

Eén op de vijf patiënten vindt oefentherapeut zonder verwijzing Factsheet Landelijke Informatievoorziening Paramedische Zorg, maart 2009

Vitamine B12 deficiëntie

Samenvatting rapportage CQ index Zinzia Zorggroep 2014

RAPPORTAGE ZGAO CLIËNTENRAADPLEGING CQ-INDEX ZORG THUIS 2016

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Vragenlijst Eigen Regie - versie voor mantelzorgers/ouders -

Gemeente Roosendaal. Cliëntervaringsonderzoek Wmo over Onderzoeksrapportage. 26 juni 2017

GEZONDHEID SUBSTANTIEEL VERBETERD

Onderzoek heeft aangetoond dat een hoge mate van herstelbehoefte een voorspellende factor is voor ziekteverzuim. Daarom is in de NL-SH ook de relatie

ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed

Revalidatieprogramma

Samenwerking en INnovatie in GEriatrische Revalidatie Ineke Zekveld LUMC

Samenvatting Nederlands

Voorwaarden CQ-index en EPD Fysiotherapie 2016

Screening (4050, ) Eenmalig logopedisch onderzoek (4102, 4103, ) Hanen-ouderprogramma (4307, ) Uittoeslag

ANALYSE PATIËNTERVARINGEN ELZ HAAKSBERGEN

Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen

SAMENVATTING bijlage Hoofdstuk 1 104

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.

Rapportage enquête. Peiling Informatiebehoefte van mensen met MS en hun naasten

Chronische pijn. Informatie en behandeling

Vragenlijst 2013, tot Praktijkprofiel gespecifeerd voor Praktijk: Praktijk Manuele Therapie J.C Kropman

Ervaringen met de zorg van de huisarts. Huisartsenpraktijk de Pelikaan

koopzondagen 2012 def KOOPZONDAGEN EN KOOPAVONDEN DE MENING VAN DE BURGER

CQ-Index Opvang. Rapportage cliëntervaringsonderzoek niet-ambulante cliënten. Levantogroep

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Van Klacht Naar Kracht deelnemersresultaten april

Kennis en rolopvatting van professionals gedurende Alcohol mij n zorg?!

Tevredenheidsonderzoek 2014 / Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl

ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed

Chapter 11. Nederlandse samenvatting

Burgerpanel Capelle aan den IJssel

Goede kankerzorg is meer dan een medische behandeling

(2016.1) Schouder: Secundair Impingement-syndroom

Jaarcijfers 2012 en trendcijfers Oefentherapie Cesar/Mensendieck

Inleiding. Methode. Inclusiecriteria CQI-spataderen

CQ-index Fysiotherapie, Verkorte lijst, versie 2.1

Meerjarencijfers Fysiotherapie Landelijke Informatievoorziening Paramedische Zorg

Chronische pijn. Locatie Arnhem

Vitamine B12 deficiëntie

TEVREDENHEIDSONDERZOEK 2009

Meten is weten. ook. bij collum care

Yes We Can. Inzicht in de effecten van de behandeling

Vragenlijst. Bestemd voor personen van 18 jaar en ouder die gebruik maken (of hebben gemaakt) van fysiotherapie. CQ-index fysiotherapie. Versie 3.

Monitor Volwaardige Arbeidsrelaties

Tevredenheidsonderzoek Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv

Zorg door de fysiotherapeut

Ervaringen thuiszorgcliënten V&V Raffy Breda

Toezicht op de toegankelijkheid en kwaliteit van de veteranenzorg met behulp van de CQ-index

Samenvatting, conclusies en discussie

Directe toegang fysiotherapie: de keus is aan de patiënt.

arbo :27:30

E-health4Uth: extra contactmoment vanuit de Jeugdgezondheidszorg voor 15/16 jarigen

Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking Geeke Waverijn, Mieke Rijken

Introductie Waarvoor worden de onderzoeksresultaten gebruikt? Anonimiteit en privacy Invulinstructie

Yes We Can Fellow onderzoek

Transcriptie:

26

Het volgen van uitbehandelde patiënten levert waardevolle inzichten op (Na)zorg bewust meten Tekst: Simone Fens, Ellis van Duist, Marjon Woudstra Qualizorg en MTCZorg zijn twee jaar geleden een initiatief gestart om recidive in de zorg te meten onder uitbehandelde fysiotherapiepatiënten. Hiermee wilden zij in kaart brengen hoe het patiënten na drie maanden en twaalf maanden vergaat. Simone Fens, fysiotherapeut/manueel therapeut MSc. bij MTCZorg, heeft de resultaten geanalyseerd en op basis van de resultaten die uit het eerste metingsmoment naar voren zijn gekomen (na drie maanden, over een periode van 18 maanden), een tussentijdse conclusie geformuleerd. Sinds 2005 wordt de Consumer Quality Index (CQi) ingezet door fysiotherapiepraktijken. Middels de CQi wordt de kwaliteit van zorg vanuit het patiëntenperspectief op een betrouwbare en wetenschappelijk verantwoorde manier gemeten. Wanneer de patiënt is uitbehandeld wordt deze uitgenodigd om zijn/ haar ervaring te delen door middel van het invullen van de CQi-vragenlijst. Zo wordt bij MTCZorg, een eerstelijns centrum voor revalidatie, re-integratie en preventie, ook al jaren gebruik gemaakt van de diensten van Qualizorg, een dataverzamelingsbureau die in de zorg de CQi-vragenlijst uitzet. Met de uitkomsten van de CQi-vragenlijst kan MTCZorg zijn zorg evalueren op basis van de ervaring van de patiënt. Dit kan op therapeutniveau, maar ook op praktijkniveau. Aangezien deze inventarisatie alleen wordt gedaan op het moment dat de patiënt net de behandeling heeft afgerond, weet de fysiotherapeut van MTCZorg niet wat er op de lange termijn met de patiënt gebeurt. Zo kan de uitbehandelde patiënt na drie maanden het gevoel hebben terug bij af te zijn of kan deze andere zorgverleners bezocht hebben om uiteindelijk wel de klachten onder controle te krijgen. Om het lange termijn resultaat van de fysiotherapeuti- 27

er preventief anders gehandeld worden tijdens de behandeling. Ook kan men de cliënt daarover nadrukkelijk adviseren hoe dit in de toekomst te voorkomen is. Tabel 1: Parameters CQi en nazorg. sche behandeling beter te inventariseren wordt er een extra nazorgmeting gedaan. De doelstellingen van deze nazorgmeting zijn divers. Qualizorg wil voor de patiënten een toegevoegde waarde bieden. Door deze nazorg-vragenlijst uit te zetten, hopen zij de waardering en betrokkenheid te vergroten onder de patiënten, wat weer leidt tot een positieve relatie tussen patiënt en fysiotherapeut. MTCZorg heeft vooral belang bij de uitkomsten van deze nameting om op de lange termijn de resultaten van de behandeling beter te kunnen inventariseren. Middels de nazorgmeting is het mogelijk om per diagnosecode een inventarisatie te maken. Zo kan er per diagnosecode(groep) gekeken worden in hoeverre de klachten zijn verminderd en of er bijvoorbeeld recidieven zijn opgetreden. Wanneer dit bij bepaalde diagnosecodes vaker voorkomt bij MTCZorg, kan De nazorgvragenlijst versus CQi-vragenlijst Na afname van de CQi-vragenlijst worden de patiënten benaderd of zij mee willen doen met de nazorgmeting. In deze nazorgmeting worden er vragen gesteld die nogmaals hun fysieke en psychische status inventariseren. Hiernaast worden er ook andere factoren geïnventariseerd: worden adviezen die door de fysiotherapeut zijn geopperd opgevolgd? Voldoet de patiënt aan een gezonde norm van bewegen? Hoe is de mentale gezondheid van de patiënt? Deze factoren kunnen weer in relatie gebracht worden met de huidige status omtrent de klachten van de patiënt. Dankzij de CQi-vragenlijst beschikt de fysiotherapiepraktijk over verschillende kenmerken van de patiënt en de behandeling. Zo worden de patiëntkenmerken (leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, DTF/ Figuur 1: Onderlinge relatie vragen CQi en Nazorg (oranje relaties die in huidige artikel worden beschreven). 28

verwijzing, diagnosecode), interventiekenmerken (aantal behandelingen en behandelvorm) en parameters die wat zeggen over het behandelresultaat en de tevredenheid van de patiënt geïnventariseerd. In de vragenlijst van de nazorgmeting worden de parameters voor het behandelresultaat herhaald. Hierna wordt dieper ingegaan op recidief van klachten en bezoek van andere zorgverleners. In bijgaande tabel zijn alle parameters opgesomd die vallen onder populatiekenmerken, interventiekenmerken, de parameters van het behandelresultaat en die van de promotiezorg welke in de CQivragenlijst worden gemeten en welke in de nazorg-vragenlijst. Aanpak In de periode van september 2011 tot maart 2013 is de CQi-vragenlijst 526 keer ingevuld door patiënten. Hiervan reageerde 48% (253) positief op de vraag of ze benaderd wilden worden voor een extra nazorgmeting. Op basis van diagnosecodes is er een onderverdeling gemaakt op aard/locatie van klachten. Bij het maken van de subgroepen was een vereiste dat de subgroep minimaal 25 patiënten bevatte, zodat er een goede afspiegeling van de populatie was. Om het lange termijn resultaat te evalueren is er met name gekeken naar parameters die het behandelresultaat meten. Er is gekeken of er een relatie was tussen verschillende populatiekenmerken of interventiekenmerken met de score van de parameters die het behandelresultaat meten. In Figuur 1 zijn alle relaties te zien die zijn geanalyseerd tussen de subgroepen van de vragen. Deze worden weergegeven met een pijl. De stip geeft Het is zinvol om de lange termijn resultaten van de fysiotherapiepatiënt te inventariseren aan dat er ook gekeken is naar relaties van parameters binnen één subgroep. In dit artikel worden als voorbeeld slechts drie analyses besproken: 1. Is er sprake van een significant verschil in de mate van verandering van klachten tussen de twee meetmomenten (CQi(T1) en Nazorg(T2)) in relatie tot directe toegankelijkheid fysiotherapie (DTF) of verwijzing door huisarts/specialist? 2. Welke diagnosecodegroepen scoren beter op zelfredzaamheid tijdens de nazorgmeting (T2)? 3. Is er een relatie tussen de mening van de patiënt over zijn/haar psychische status (CQi(T1)) en de mate van verandering van de klachten tussen de twee meetmomenten (CQi(T1) en Nazorg (T2))? Uitkomsten Mate verandering in klachten in relatie tot DTF of verwijzing Er is gekeken of er een significant verschil is voor de mate van de verandering in klachten tussen de patiënten die verwezen zijn of middels DTF onder behandeling zijn gekomen bij de fysiotherapeut. Zoals te zien is in Figuur 2 is er op beide meetmomenten een significant verschil gevonden tussen verwijzing en DTF. De patiënten die door verwijzing naar de fysiotherapeut zijn gegaan geven aan dat de klachten minder veranderd zijn ten opzichte van de patiënten die direct naar de fysiotherapeut zijn gegaan en onder behandeling zijn gekomen bij MTCZorg. Naar aanleiding hiervan is het praktijkbeleid en de behandelstrategie van MTCZorg aangepast. Figuur 2: Mate van verandering klachten in relatie tot verwijzing of DTF. Cijfer tussen de 1-10, waarbij 1 staat voor De klachten zijn geheel verdwenen 29

Zelfredzaamheid en locatie/aard van klachten Met deze analyse wordt er gemeten of er bepaalde diagnosecodegroepen zijn die op basis van diagnosecodes duidelijk minder hoog scoren op zelfredzaamheid, omdat de patiënten zelf minder goed kunnen omgaan met de ervaren klachten. Middels deze gegevens kan MTCZorg Inventarisatie van psychische status wordt tijdens de intake nog meer benadrukt inventariseren welke patiëntengroepen beperkt scoren op zelfredzaamheid. In Figuur 3 is te zien dat met name postoperatieve knieklachten, conservatief beleid na lage rug hernia en klachten op meerdere plekken beperkt scoren op zelfredzaamheid. Daarnaast is te zien dat patiënten met klachten in bekken/ lies, ellebooggewricht en onderbeenregio juist hoog scoren op zelfredzaamheid. Naar aanleiding van onderstaande gegevens heeft MTCZorg besloten bij de laag scorende diagnosecodegroepen de behandelstrategie aan te passen en extra aandacht te geven aan het aspect zelfredzaamheid tijdens de behandeling. Relatie tussen psychische status en mate verandering klachten Er is gekeken of de mening van de patiënt over zijn/haar psychische status een relatie heeft met de mate van verandering van de klachten, zie Figuur 4. Wanneer de patiënt aangaf in het CQi meetmoment (T1) dat de psychische gezondheid uitstekend was, bleek de mate van verandering van klachten significant te verschillen ten opzichte van de mensen die aangaven dat hun psychische gezondheid goed, redelijk of slecht was. Tijdens de nazorgmeting (T2) bleek dit significante verschil niet meer aanwezig. Er was echter wel een duidelijke trend zichtbaar, mogelijk is dit het gevolg van de kleinere steekproef. Op basis van deze resultaten heeft MTCZorg besloten om haar praktijkbeleid licht te wijzigen; inventarisatie van psychische status wordt tijdens de intake nog meer benadrukt. Dit geldt met name voor diagnoses waar uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat de psychische status van de patiënt het herstel van een lichamelijke klacht negatief kan beïnvloeden. Figuur 3: Diagnosecode groepen in relatie tot het beter omgaan met klachten door gegeven adviezen van de fysiotherapeut. 31

Verwezen patiënten hebben minder klachtenafname dan patiënten die door DTF onder behandeling komen Figuur 4: Mening psychische gezondheid (T1) en mate verandering klachten ten opzichte van periode voor de behandeling (T1 / T2). Voorlopige conclusies Op basis van de resultaten van de nazorgmeting van Qualizorg kan er geconcludeerd worden dat het zinvol is om de lange termijn resultaten van de fysiotherapiepatiënt te inventariseren. Middels de nazorgmeting is er te zien wat er op lange termijn gebeurt met de fysiotherapiepatiënt. MTCZorg is hierdoor in staat om haar behandeling indien nodig aan te passen, zodat de lange termijn resultaten verbeteren. Zo is gebleken dat verwezen patiënten minder klachtenafname hebben dan patiënten die middels DTF onder behandeling zijn gekomen. Hiernaast komt naar voren dat de mening van de patiënt omtrent zijn/haar psychische gezondheid gerelateerd is aan de mate van verandering van klachten. Naar aanleiding van de resultaten zijn MTCZorg en Qualizorg de vragenlijst aan het optimaliseren en onderzoeken zij of dit verder uitgezet kan worden. j Meer info? 33