Wat motiveert u in uw werk?
|
|
|
- Elke van der Woude
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Wat motiveert u in uw werk? Begin dit jaar heeft u kunnen deelnemen aan een online onderzoek naar de motivatie en werktevredenheid van actuarieel geschoolden. In dit artikel worden de resultaten aan u gepresenteerd. Zijn de uitkomsten onverwachts? Dat hangt natuurlijk af van wat uw verwachting is. In het persoonlijk rapport dat opvraagbaar was na het deelnemen aan het onderzoek, is ingegaan op uw scores ten opzichte van uw referentiegroep. In dit artikel zal een meer algemene beschouwing worden uiteengezet waarbij de focus ligt op de resultaten die gelden voor de gehele populatie. De doorsnee actuarieel geschoolde in het onderzoek is man. Is 40 jaar oud en verdient ruim 81 duizend euro per jaar (excl. bonus). Hij heeft 14,5 jaar werkervaring en 5 jaar werkervaring in zijn huidige functie en werkt bij een bedrijf met meer dan 500 werknemers. Is actuaris en heeft een wetenschappelijke opleiding (WO) genoten en werkt ongeveer 36 uur per week in vaste dienst bij een verzekeraar. Verder woont hij in het westen van het land en krijgt 7,4% bonus en geeft zijn baan een score van 7,5. Zijn matchingscore (op basis van het onderzoek) met zijn baan is 70%. De matchingscore geeft aan in welke mate de respondent past bij zijn huidige baan op basis van de criteria die de respondent belangrijk vindt. Geslacht: man Leeftijd: 40 jaar Sal.: Bonus: 7,4% Werkgever: verzekeraar Grootte org. >500 medewerkers Woonplaats: westen Werkervaring 14,5 jaar Huidige functie:5 jaar Opl.:WO en AAG Contracturen:36 uur per week Contracttype:vaste dienst Tevredenheidscore:7,5 Matchingscore: 70% Het onderzoek Alvorens in te gaan op de resultaten is het goed om nog even stil te staan bij het onderzoek. Welke vragen zullen in het onderhavige onderzoek beantwoord worden? De twee vragen waar het in dit artikel om draait zijn: (1) wat motiveert actuarieel geschoolden in hun werk en (2) vanuit welke motivatietheorieën kan dit worden verklaard? Om te bepalen vanuit welke motivatietheorie de respondenten worden gemotiveerd wordt gebruik gemaakt van een aantal categorieën die R. Vinke onderscheidt binnen de motivatietheorieën. De categorieën die de revue zullen passeren zijn de behoeften, taak, gedrag, eigenschappen en bureaucratie. Voor een deze categorieën zullen kort de belangrijkste aspecten besproken worden die volgens de desbetreffende categorie de motivatie verklaren. De categorie behoeften veronderstelt dat de motivatie tot handelen bepaald wordt door ondermeer de behoeften zelfstandigheid, waardering, ontplooiing/doorgroeimogelijkheden en (goed) beleid. Slecht beleid kan volgens deze categorie als een dissatisfier optreden. Wanneer de motivatie verklaard wordt door middel van de inhoud van de taak noemen we dit motivatie vanuit de categorie taak. Mensen die de nadruk leggen op de taak willen onder andere autonoom zijn, competent, voldoening hebben in hun werk, variatie in taken en groeimogelijkheden. Binnen de categorie gedrag spelen de aspecten waardering, het aangaan van duidelijke en uitdagende doelen en het verkrijgen van een passende beloning een belangrijke rol. Een dieper liggende eigenschap zoals bijvoorbeeld het prestatiemotief bepaalt de motivatie volgens de categorie eigenschappen. Andere motieven binnen deze categorie zijn machts-, vermijdingsmotief en het sociale motief. In de klassieke categorie bureaucratie draait het voornamelijk om duidelijkheid over gezag en structuren. Hierbij is persoonlijk belang ondergeschikt aan het groepsbelang. Vanzelfsprekend worden verschillende type mensen gemotiveerd door uiteenlopende aspecten uit de motivatieleer. Maar hoe worden actuarieel geschoolden gemotiveerd? Worden ze bijvoorbeeld gemotiveerd vanuit een taak, vanuit behoeften of meer vanuit gedrag? En in hoeverre komt de score op tevredenheid van de huidige baan overeen met hun matchingscore? Om antwoord te kunnen geven op bovenstaande vragen zal gebruik worden gemaakt van de antwoorden van de respondenten. De vraag is alleen of deze steekproef representatief is voor de gehele populatie van actuarieel geschoolden. Doordat mensen vrijwillig de online test hebben ingevuld zal er mogelijk een bias zijn opgetreden. Door juist totale anonimiteit te garanderen is geprobeerd om deze bias zo klein mogelijk te laten zijn. In de resultaten is te zien dat zowel jong als oud hebben meegedaan en respondenten met variërende salarissen hebben deelgenomen. De eventuele neiging om onjuiste antwoorden te geven was tevens
2 klein vanwege anonimiteit. Vandaar dat in dit onderzoek wordt aangenomen dat de uitkomsten representatief zijn voor de gehele populatie van actuarieel geschoolden. Dit wordt overigens mede onderbouwd doordat de vergelijkbare kerncijfers met betrekking tot leden en studenten in het jaarverslag in lijn zijn met de beschrijvende statistieken in het onderzoek. Beschrijvende statistieken U hoeft als geen ander te worden uitgelegd dat de gemiddelde actuarieel geschoolde niet representatief is voor een hele populatie. Laten we ons daarom meer verdiepen in de beschrijving van de data. Het aantal respondenten is 426. Hiervan is 72% man en 28% vrouw. De verdeling van de leeftijd van de respondenten is weergegeven in figuur 1. Figuur 1: Leeftijdsverdeling actuarieel geschoolden Van de respondenten werkt 58% bij een bedrijf met meer dan 500 medewerkers in dienst. 5% van de respondenten heeft een eenmanszaak en de overige 37% werkt bij een bedrijf met 2 tot 500 medewerkers. Verder is het merendeel van de respondenten in vaste dienst (zie figuur 2) en bijvoorbeeld 5% heeft een tijdelijk contract met uitzicht op vast. Figuur 2: Verdeling over contracttypen In figuur 3 is de verdeling weergegeven over de salarisklassen. De grootste groep verdient tussen de 80 en 100 duizend euro. Verder blijkt uit het onderzoek dat 35% van de respondenten geen bonus ontvangt en het overgrote deel van de mensen die deze wel krijgt ontvangt een bonus tussen de 2 en 30 procent.
3 Figuur 3: Verdeling over salarisklassen De verdeling van de respondenten over het type organisatie is weergegeven in figuur 4. Het grootste percentage van de respondenten werkt bij een verzekeraar gevolgd door een consultancykantoor. Figuur 4: Verdeling over organisatietypen
4 In figuur 5 en 6 zijn respectievelijk de verdeling van de tevredenheidscore en de verdeling van de matchingscore weergegeven. Figuur 5: Verdeling tevredenheidscore Wanneer gekeken wordt naar de gemiddelde matchingscore en tevredenheidscore voor elk type organisatie met meer dan 15 respondenten kan het volgende afgeleid worden. De respondenten die werken bij een detacheringsbureau en pensioenuitvoerder hebben zichzelf gemiddeld de hoogste tevredenheidscore gegeven (7,7). De respondenten die werken bij een consultancykantoor zijn het minst tevreden (7,4). Met betrekking tot de matchingscore scoren pensioenfondsen (71%) het hoogste en staan detacheringbureaus onderaan (66%). Opgemerkt dient te worden dat de verschillen in de gemiddelde scores niet erg groot zijn. Figuur 6: Verdeling matchingscore Wat verder opvalt is dat de correlatie tussen tevredenheidscore en de matchingscore slechts 55% is. Bij het bespreken van de resultaten zal dit verband verder uitgediept worden. Resultaten De respondenten is onder andere gevraagd om voor de verschillende criteria een score te geven met betrekking tot hun huidige functie. In tabel 1 is een overzicht gegeven van de hoogst en laagst scorende criteria (schaal van 1 tot 10). Het volgende valt op. De score op werkdruk is laag en kan een indicatie zijn dat de werkdruk relatief hoog is. Dit wordt mede bevestigd door een relatief lage score op vrije tijd. Verder is er beperkte ruimte om je eigen koers te varen en spelen macht en direct afgerekend worden op je resultaat niet een hoofdrol op de afdelingsvloer. De respondenten geven verder aan dat moeilijke keuzes niet makkelijk uit de weg zijn te gaan. Daarnaast is teamwerk belangrijk voor goed kunnen functioneren en voelen ze zich competent. Presteren is belangrijk, terwijl ook wordt aangegeven dat je er
5 niet direct op wordt afgerekend (relatief lage score op belonen versus straffen). Sociaal zijn is ook belangrijk voor goed functioneren en bevestigt de aanwezigheid van teamwerk met een hoge score. hoogste scores laagste scores Teamwerk 8,52 macht 5,62 confrontatie 8,47 Belonen versus straffen 5,57 Competent 8,38 eigen koers kunnen varen 5,45 sociaal 8,08 vrije tijd 5,09 prestatie 8,03 Lage werkdruk 3,48 Tabel 1: Hoogste en laagste gemiddelde scores op de criteria Interessant is om nu te kijken naar wat de respondenten hebben gekozen als belangrijkste en minst belangrijke criteria met betrekking tot een baan (zie tabel 2). Wat opvalt is dat lage werkdruk en macht niet als belangrijk worden ervaren en dit aansluit bij hoe de respondenten werkdruk en macht in hun huidige baan ervaren. Opgemerkt dient te worden dat de overige genoemde minst belangrijke criteria ook een relatief lage score hebben. Dit is niet weergeven in tabel 2. Merk verder op dat de criteria die door de respondenten als belangrijkst worden ervaren in een baan niet overeen komen met de hoogste scores in tabel 1. belangrijkste criteria ontplooiings-/doorgroeimogelijkheden goede financiële beloning voldoening veel zelfstandigheid flexibiliteit minst belangrijke criteria netwerkmogelijkheden bureaucratie macht lage werkdruk competitie Tabel 2: Belangrijkste en minst belangrijke criteria voor een baan Op tabel 2 wordt nu nog wat dieper ingegaan. In deze tabel staan namelijk de criteria die volgens de respondenten het belangrijkste zijn aan een baan. Op basis van deze criteria kan geconcludeerd worden dat actuarieel geschoolden gemotiveerd worden vanuit de categorie taak binnen de motivatieleer. Vier van de belangrijkste criteria in tabel 2 komen namelijk overeen met aspecten die belangrijk zijn in de categorie taak (autonoom zijn, competent, voldoening hebben in hun werk en groeimogelijkheden). Verder geldt dat de belangrijke criteria zelfstandigheid en ontplooiingsmogelijkheden aspecten zijn die een grote rol spelen in de categorie behoeften binnen de motivatieleer. Uit tabel 2 is af te leiden dat de categorie bureaucratie niet belangrijk is volgens de respondenten voor het verklaren van de motivatie. Ook de eigenschaptheorieën waarin het machtsmotief besproken wordt zijn niet belangrijk met betrekking tot een baan. Op basis van bovenstaande kan dus gesteld worden dat de criteria die actuarieel geschoolden vooral belangrijk vinden in een baan verklaard kunnen worden vanuit een taak perspectief en in mindere mate door behoeften. In tabel 3 worden de hoogste en laagste correlaties tussen de tevredenheidscore en de verschillende criteria weergegeven. Deze correlaties kunnen als een indicatie worden gezien van de bijdrage van de criteria aan de motivatie, waarbij de motivatie indirect gemeten wordt door de tevredenheid. (Hier ligt de assumptie aan ten grondslag dat motivatie en werktevredenheid sterk correleren.) Wanneer gekeken wordt in tabel 3 naar de hoogste correlaties tussen de tevredenheidscore en de scores op de criteria leidt dit tot een andere conclusie dan op basis van tabel 2. Dit is niet verwonderlijk omdat er ook niet een heel sterk verband, correlatie van 55%, bestaat tussen de matchingscore en de tevredenheidscore. Het verband is positief, maar het is dus niet zo dat de criteria die de respondent als belangrijk heeft bestempeld daadwerkelijk ook zijn tevredenheidscore in hoge mate verklaren. De vraag rijst of respondenten zelf wel goed in staat zijn om rechtstreeks de belangrijkste criteria te selecteren die de tevredenheid bepaalt inzake hun huidige baan. Uit tabel 3 blijkt namelijk dat vooral waardering van invloed is op de tevredenheidscore (Er is gekeken naar de individuele correlaties tussen de tevredenheidscore en een bepaald criterium). Verder correleren de criteria duidelijke doelen, competitie, beleid en ontplooiing het hoogste met de tevredenheidscore.
6 hoogste correlaties laagste correlaties waardering 0,63 prestatie 0,04 duidelijke doelen 0,44 aandacht 0,02 competitie 0,41 Verwachting 0,00 beleid 0,40 lage werkdruk -0,07 ontplooiing 0,38 bureaucratie -0,10 Tabel 3: Laagste en hoogste correlaties tussen tevredenheidscore en de criteria Gebaseerd op bovenstaande tabel 3 kan worden opgemaakt dat de respondenten juist gemotiveerd worden vanuit de categorie gedrag binnen de motivatieleer. Bij deze categorie spelen namelijk waardering en het aangaan van duidelijke doelen een grote rol. Een aantal criteria met de hoogste correlaties komen ook weer terug in de motivatietheorieën met betrekking tot de categorie behoeften (zoals waardering, ontplooiing en beleid). De mate waarin taaktheorieën een rol spelen voor het verklaren van motivatie is volgens tabel 2 een stuk minder. Eigenlijk alleen ontplooiing heeft betrekking op deze categorie. Verder geldt dat de respondenten volgens tabel 2 wederom niet gemotiveerd worden vanuit bureaucratie en eigenschappen. Wat verder opvalt is dat lage werkdruk wederom geen invloed heeft op de tevredenheidscore en er geen duidelijke negatieve verbanden bestaan tussen bepaalde criteria en de tevredenheidscore. Conclusie Het antwoord op de vragen wat actuarieel geschoolden motiveert in hun werk en vanuit welke motivatietheorieën dit kan worden verklaard is niet eenduidig. Uitgaande van dat de steekproef representatief is voor de totale populatie actuarieel geschoolden kunnen de volgende conclusies getrokken worden. Wanneer actuarieel geschoolden direct wordt gevraagd wat zij belangrijk vinden in een baan is dit voornamelijk te verklaren vanuit de categorie taak binnen de motivatietheorieën. De nadruk bij deze categorie ligt op onder andere autonoom zijn, competent zijn, voldoening hebben in hun werk, variatie in taken en groeimogelijkheden. Aangenomen dat de tevredenheidscore en de criteria die de motivatie verklaren sterk correleren, kan gekeken worden naar de criteria die hoog correleren met de tevredenheidscore om de criteria te bepalen die van invloed zijn op de motivatie. Op basis van deze indirecte methodiek wordt de motivatie voornamelijk verklaard met behulp van de categorie gedrag binnen de motivatietheorieën. Bij deze categorie spelen waardering, het aangaan van duidelijke en uitdagende doelen en het verkrijgen van een passende beloning een grote rol. De categorie behoeften binnen de motivatietheorieën speelt zowel direct (door het te vragen aan respondenten) en nog meer volgens indirect (via de correlaties) een rol bij het verklaren wat actuarieel geschoolden belangrijk vinden. Volgens deze categorie zijn ontplooiing, waardering en zelfstandigheid belangrijk. Voor de categorieën bureaucratie en eigenschappen geldt dat ze beiden zowel indirect als direct gemeten geen rol spelen bij het verklaren van de motivatie en tevredenheid. In tabel 4 zijn de door de respondenten belangrijkste criteria weergegeven (direct) en de criteria met de hoogste correlatie (indirect) met de tevredenheidscore. belangrijkste criteria ontplooiings-/doorgroeimogelijkheden goede financiële beloning voldoening veel zelfstandigheid flexibiliteit hoogste correlaties waardering duidelijke doelen competitie beleid ontplooiing Tabel 4: Belangrijkste criteria en criteria met hoogste correlatie
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's Versie 5.0.0 Drs. J.J. Laninga December 2015 www.triqs.nl Voorwoord Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over het uitgevoerde ervaringsonderzoek naar
Benchmark Klanttevredenheid
Benchmark Klanttevredenheid - dummy rapport - Laurens van Graafeiland 14-10-2010 1 Toelichting benchmark Methodiek In de benchmark worden de verdelingen van het gebruik van de verschillende communicatiemiddelen
Werkbelevingsonderzoek 2013
Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:
FORMELE GESPREKKEN, REGELDRUK EN REGELRUIMTE. Analyse op basis van het Personeels- en Mobiliteitsonderzoek mei 2016
ARBEIDSMARKTPLATFORM PO. Van en voor werkgevers en werknemers FORMELE GESPREKKEN, REGELDRUK EN REGELRUIMTE Analyse op basis van het Personeels- en Mobiliteitsonderzoek 2014 mei 2016 1 Arbeidsmarktplatform
/hpm. Onderzoek werkstress, herstel en cultuur. De rol van vrijetijdsbesteding. 6 februari 2015. Technische Universiteit Eindhoven
Onderzoek werkstress, herstel en cultuur De rol van vrijetijdsbesteding 6 februari 2015 Technische Universiteit Eindhoven Human Performance Management Group ir. P.J.R. van Gool prof. dr. E. Demerouti /hpm
OBS A.M.G. Schmidt 7 februari 2014
OBS A.M.G. Schmidt 7 februari 2014 Managementrapportage Scholengemeenschap Veluwezoom wil periodiek meten hoe de tevredenheid is onder haar belangrijkste doelgroepen: leerlingen, ouders, leerkrachten en
TEVREDEN WERKEN IN HET PRIMAIR ONDERWIJS. Onderzoek naar de tevredenheid en werkbeleving van personeel in het primair onderwijs.
ARBEIDSMARKTPLATFORM PO. Van en voor werkgevers en werknemers TEVREDEN WERKEN IN HET PRIMAIR ONDERWIJS Onderzoek naar de tevredenheid en werkbeleving van personeel in het primair onderwijs april 2016 1
KNELPUNTBEROEPEN LOKALE BESTUREN Focus op een aantal knelpuntfuncties
KNELPUNTBEROEPEN LOKALE BESTUREN Focus op een aantal knelpuntfuncties Tess Poppe 26 maart 205 Inhoud DEEL I Knelpuntberoepen OCMW s... 2. Overzicht functies... 2.. Verpleegkundige... 3..2 Hoofdverpleegkundige...
RAPPORT CIJFERREEKSENTEST (MIDDELBAAR NIVEAU)
RAPPORT CIJFERREEKSENTEST (MIDDELBAAR NIVEAU) Respondent: Jill van Reem ( voorbeeld) E- mailadres: voorbeeld@testing talents.nl Geslacht: vrouw Leef tijd: 30 Opleiding sniveau: wo Verg elijking sg roep:
Samenvatting en rapportage Klanttevredenheidsonderzoek PPF 2011/2012
Samenvatting en rapportage Klanttevredenheidsonderzoek PPF 0/0 Stichting Personeelspensioenfonds Cordares (PPF) Astrid Currie, communicatieadviseur Maart 0 versie.0 Pagina versie.0 Inleiding Op initiatief
Online onderzoek Uw werknemers
Toelichting Online onderzoek In dit bestand vindt u een inspirerende voorbeeldvragenlijst voor een werknemertevredenheid onderzoek! De vragenlijst is bedoeld als hulpmiddel bij het opstellen van uw eigen
RAPPORT ANALOGIEËNTEST (HOGER NIVEAU)
RAPPORT ANALOGIEËNTEST (HOGER NIVEAU) Respondent: Jill Voorbeeld E- mailadres: [email protected] Geslacht: vrouw Leef tijd: 30 Opleiding sniveau: hbo Verg elijking sg roep: Representatieve steekproef
Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang. Sandra Terwolbeck, Amstelveen 8 oktober 2008
Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang Sandra Terwolbeck, Amstelveen 8 oktober 2008 Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang Huidige uitdagingen voor organisaties Veranderd werknemersperspectief
Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test
Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test Respondent: Jill Voorbeeld Email: [email protected] Geslacht: vrouw Leeftijd: 39 Opleidingsniveau: wo Vergelijkingsgroep: Normgroep marketing
(Na)zorg bewust meten
26 Het volgen van uitbehandelde patiënten levert waardevolle inzichten op (Na)zorg bewust meten Tekst: Simone Fens, Ellis van Duist, Marjon Woudstra Qualizorg en MTCZorg zijn twee jaar geleden een initiatief
Maatschappelijke Participatie
Maatschappelijke Participatie Marjolein Kolstein September 2016 www.os-groningen.nl BASIS VOOR BELEID 1. Inleiding 3 1.1 Aanleiding van het onderzoek 3 1.2 Doel van het onderzoek 3 1.3 Opzet van het onderzoek
Uitkomst van de Enquête
Uitkomst van de Enquête Naar aanleiding van het rapport tussen leden en leiders heeft de commissie Noten een enquête uit gestuurd waarin de aanbevelingen worden voorgelegd aan leden en sympathisanten van
Vertrekredenen jonge docenten in het vo
Vertrekredenen jonge docenten in het vo 1 Inhoudsopgave Inleiding I. Willen jonge personeelsleden het vo verlaten? II. Waarom verlaten jonge docenten het vo? Rob Hoffius, SBO Januari 2010 2 Verlaten jonge
Dorpsschool Rozendaal 7 februari 2014
Dorpsschool Rozendaal 7 februari 2014 Managementrapportage Scholengemeenschap Veluwezoom wil periodiek meten hoe de tevredenheid is onder haar belangrijkste doelgroepen: leerlingen, ouders, leerkrachten
Resultaten EAM Barometer 2010
1 van 14 Resultaten EAM Barometer 2010 Beschikt Onderhoudend Nederland over een onderhoudsbesturingssysteem? Onderdeel Opgenomen Toelichting Rappotage resultaten onderzoek Individuele resultaten deelnemer
RAPPORT CIJFERREEKSENTEST (HOGER NIVEAU)
RAPPORT CIJFERREEKSENTEST (HOGER NIVEAU) Respondent: Jill Voorbeeld E- mailadres: [email protected] Geslacht: vrouw Leef tijd: 30 Opleiding sniveau: hbo Verg elijking sg roep: Representatieve
DOORSTROOM VAN VMBO NAAR HAVO Onderzoek onder ruim vmbo-scholieren naar hun intentie om voor de havo te kiezen
DOORSTROOM VAN VMBO NAAR HAVO Onderzoek onder ruim 20.000 vmbo-scholieren naar hun intentie om voor de havo te kiezen Februari 2019 Surrounded by Talent 2 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Onderzoeksvragen
Handleiding Nederlandse Werkwaardentest
Handleiding Nederlandse Werkwaardentest Versie 1.0 (c), mei 2008 Dr Edwin van Thiel Nederlandse werkwaardentest De Nederlandse werkwaardentest is eind 2006 ontwikkeld door 123test via een uitgebreid online
Onderzoek tevredenheid medewerkers FICTIEF. 2012 Rapportage. Walvis ConsultingGroep Amersfoort, maart 2012 Onderzoeker: drs.
Onderzoek tevredenheid medewerkers FICTIEF 2012 Rapportage Walvis ConsultingGroep Amersfoort, maart 2012 Onderzoeker: drs. Ronald Zwart Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding en leeswijzer... 3 1.1 Inleiding:
Inleiding Motivatie & Leerstijlen. Hoogste scores. Motivatie overzicht. Uw resultaten in een overzicht. Naam:
Rapportage De volgende tests zijn afgenomen: Test Motivatie en Leerstijlenvragenlijst (MLV-M) Status Voltooid Vertrouwelijk Naam Datum onderzoek 12 mei 2014 Emailadres Inleiding Motivatie & Leerstijlen
Klantpensioenmonitor Pensioenfonds UMG
St. Anthoniusplaats 9 6511 TR Nijmegen 024 663 9343 [email protected] Klantpensioenmonitor Pensioenfonds UMG 05-06-2015 1 Inhoudsopgave Management summary 3 Introductie 5 Deelnemerinformatie 6 Pensioenbewustzijn
Monitor Volwaardige Arbeidsrelaties
Monitor Volwaardige Arbeidsrelaties in de architectenbranche QUICKSCAN mei 2013 Inhoud Monitor Volwaardige Arbeidsrelaties 3 Resultaten 6 Bureau-intermediair I Persoonlijk urenbudget 6 Keuzebepalingen
Kwaliteitshandboek CKG Molenberg
3. Kwaliteitssysteem 3.5. Meten, analyseren en verbeteren van de hulp- en dienstverlening 3.5.5. Medewerkerstevredenheid versie 2011 Doel: Ministerieel besluit: Art. 7 5: Daartoe beschrijft het centrum
Samenvatting. BS Alexanderschool/ Denekamp. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Alexanderschool
BS Alexanderschool/ Denekamp Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Alexanderschool Enige tijd geleden heeft onze school BS Alexanderschool deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling.
Proeftuinplan: Meten is weten!
Proeftuinplan: Meten is weten! Toetsen: hoog, laag, vooraf, achteraf? Werkt het nu wel? Middels een wetenschappelijk onderzoek willen we onderzoeken wat de effecten zijn van het verhogen cq. verlagen van
Thematische behoeftepeiling. Uitkomsten en conclusies van een brede enquête onder patiëntenorganisaties
Thematische behoeftepeiling Uitkomsten en conclusies van een brede enquête onder patiëntenorganisaties Inleiding In de komende jaren ontwikkelt de VSOP toerustende activiteiten voor patiëntenorganisaties
Jeugdzorg 7 juni 2013. RAPPORTAGE totaalset
Jeugdzorg 7 juni 2013 RAPPORTAGE totaalset Resultaten voordezorg.nl Zes jeugdzorgorganisaties hebben meegedaan aan voordezorg.nl. Medewerkers hebben antwoord gegeven op de vragen: Hoe denkt u over uw werk?
4.5.2. Motivatietheorieën en validiteit
117 4.5.2. Motivatietheorieën en validiteit 'For every problem there is a theory, that is simple, elegant and wrong'. Een citaat dat zeer van toepassing is op de theorievorming van rondom motivatie. In
Toelichting op de resultaten van de korte enquête (quick scan) René Alberts juni 2011
Toelichting op de resultaten van de korte enquête (quick scan) René Alberts juni 2011 Inleiding In deze toelichting wordt eerst een kopie van de korte enquête getoond zodat helder is welke vragen aan de
Samenvatting. BS De Regenboog/ Tochtwaard: Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Regenboog/ Tochtwaard
BS De Regenboog/ Tochtwaard Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Regenboog/ Tochtwaard Enige tijd geleden heeft onze school BS De Regenboog/ Tochtwaard deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling.
Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey
Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey ICOON Paper #1 Ferry Koster December 2015 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in de relatie
Informatiebrochure gebruik van de Flexibiliteits Index Test (FIT-60)
Informatiebrochure gebruik van de Flexibiliteits Index Test (FIT-60) Auteurs: T. Batink, G. Jansen & H.R.A. De Mey. 1. Introductie De Flexibiliteits Index Test (FIT-60) is een zelfrapportage-vragenlijst
Master Competence Analysis. Feedback Rapport Demo (feedback) 2 17-03-2006
Master Competence Analysis Feedback Rapport Demo (feedback) 2 17-03-2006 I N L E I D I N G In dit rapport vindt u de uitslag van uw Master Competence Analysis (MCA). Het doel ervan is u een eerlijk, nauwkeurig
Samenvatting, conclusies en discussie
Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit
Samenvatting. BS De Petteflet/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Petteflet
Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Petteflet Enige tijd geleden heeft onze school BS De Petteflet deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 218522 ouders
Persoonlijk rapport van: Marieke Adesso 29 Mei 2006 1
Talenten Aanzien en Erkenning 3 Besluitvaardigheid 8 Confrontatie en Agitatie 4 Doelgerichtheid 4 Talenten Hulpvaardigheid 5 Ontzag 3 Orde en Netheid 4 Pragmatisme 6 Stressbestendigheid 7 Verantwoording
Samenvatting. BS De Swoaistee/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Swoaistee
Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Swoaistee Enige tijd geleden heeft onze school BS De Swoaistee deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 218522 ouders
1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items
1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items item Persoon 1 2 3 1 1 0 0 2 1 1 0 3 1 0 0 4 0 1 1 5 1 0 1 6 1 1 1 7 0 0 0 8 1 1 0 Er geldt: (a) de p-waarden van item 1 en item 2 zijn
Samenvatting. BS De Rank/ Meerkerk. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Rank. Ouders vinden 'De leerkracht' op school het belangrijkst
Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Rank Enige tijd geleden heeft onze school BS De Rank deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 161853 ouders en verzorgers
Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie
Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Voorlopige resultaten van het onderzoek naar de perceptie van medewerkers in sociale (wijk)teams bij gemeenten - Yvonne Zuidgeest
DONATEUR KIEST GOEDE DOEL VANWEGE ONDERWERP EN STOPT MET STEUN VANWEGE ONTEVREDENHEID OVER GOEDE DOEL
Meting maart 2013 Het Nederlandse Donateurspanel van WWAV wordt mede mogelijk gemaakt door het CBF en is uitgevoerd door Peil.nl DONATEUR KIEST GOEDE DOEL VANWEGE ONDERWERP EN STOPT MET STEUN VANWEGE ONTEVREDENHEID
VOORBEELDRAPPORT MARKETING EN SALES POTENTIEEL TEST
VOORBEELDRAPPORT MARKETING EN SALES POTENTIEEL TEST Respondent: J. de Vries ( voorbeeld) E- mailadres: [email protected] Geslacht: Man Leef tijd: 32 Opleiding sniveau: HBO Verg elijking sg roep: Normg
Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen
Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Jeroen Nieuweboer Allochtonen in, en voelen zich minder thuis in Nederland dan allochtonen elders in Nederland. Marokkanen, Antillianen
Mate van tevredenheid van deelnemers aan de training in de cursuskalender
Mate van tevredenheid van deelnemers aan de training in de cursuskalender Digitaal Cursisten - Panelonderzoek 1 WoonWerk Jonna Stasse Woerden, mei 2007 In geval van overname van het datamateriaal is bronvermelding
Rapport Mobiliteit in het voortgezet onderwijs Analyse van de instroom, uitstroom en interne mobiliteit in het voortgezet onderwijs
Arbeidsmarkt & mobiliteit Rapport Mobiliteit in het voortgezet onderwijs Analyse van de instroom, uitstroom en interne mobiliteit in het voortgezet onderwijs Rapport Mobiliteit in het voortgezet onderwijs
Samenvatting. BS Het Kompas/ Ijmuiden. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Kompas
Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Kompas Enige tijd geleden heeft onze school BS Het Kompas deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 203379 ouders
De impact van legalisering van online. kansspelen op klassieke loterijen. April 2011. In opdracht van Goede Doelen Loterijen NV
De impact van legalisering van online kansspelen op klassieke loterijen April 2011 In opdracht van Goede Doelen Loterijen NV Uitgevoerd door: MWM2 Bureau voor Online Onderzoek Auteurs Matthijs Wolters
Rapportage Dagbesteding en Vervoer. www.triqs.nl
Rapportage Dagbesteding en Vervoer Versie 1.0.0 Juli 2012 Drs. J.J. Laninga DBV2.0 www.triqs.nl VOORWOORD Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over de uitgevoerde meting. Deze rapportage
Vlaams Archeologencollectief
Vlaams Archeologencollectief Resultaten enquête verloning 7 Resultaten VLAC-enquête 7 Inhoudstafel. Algemene informatie. Verdeling respondenten. Private sector. Functie. Ervaring. Brutoloon. Contract 9.
Samenvatting. BS Rehoboth/ Boskoop. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Rehoboth. Ouders vinden 'De leerkracht' op school het belangrijkst
Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Rehoboth Enige tijd geleden heeft onze school BS Rehoboth deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 227360 ouders en
Appraisal. Datum:
Appraisal Naam: Sample Candidate Datum: 08-08-2013 Over dit rapport: Dit rapport is op automatische wijze afgeleid van de resultaten van de vragenlijst welke door de heer Sample Candidate is ingevuld.
Meting tevredenheid werkgevers AANSLUITING MBO-ARBEIDSMARKT [ ]
Meting tevredenheid werkgevers AANSLUITING MBO-ARBEIDSMARKT [12-3-2018 ] 1. Inleiding Op 14 oktober 2015 heeft Tweede Kamerlid Straus een motie ingediend om een indicator voor de tevredenheid van werkgevers
Rapportage onderzoek. Leiderschap en Bevlogenheid
Rapportage onderzoek Leiderschap en Bevlogenheid 2013-2014 Inhoudsopgave Achtergrondinformatie onderzoek...2 Doelen van het onderzoek...2 Procedure van het onderzoek...2 Resultaten...3 Kenmerken deelnemers
Life event: Een nieuwe baan
Life event: Een nieuwe baan Inhoudsopgave 1 Belangrijke bevindingen 2 Achtergrond en verantwoording 3 Onderzoeksresultaten Arbeidsvoorwaarden en pensioenregeling Pensioeninformatie Pensioenkennis Waardeoverdracht
Monitor werkdruk in de kraamzorg 2018
Monitor werkdruk in de kraamzorg 2018 Daniël de Rijke BSc In opdracht van de NBvK Juni 2018 Monitor werkdruk in de kraamzorg 2018 Daniël de Rijke/NBvK, juni 2018 Pagina!1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1
Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen
1 Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen Peter van der Meer Samenvatting In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te geven op de vraag in hoeverre het mogelijk is verschillen
VERTROUWEN NEEMT TOE EN LOYALITEIT WORDT BELANGRIJKER
Het Nederlandse Donateurspanel van WWAV wordt mede mogelijk gemaakt door het CBF en is uitgevoerd door Kien Het Nederlandse Donateurspanel METING MAART 2015 VERTROUWEN NEEMT TOE EN LOYALITEIT WORDT BELANGRIJKER
De respons op het onderzoek was 57% en is daarmee representatief. Het aantal respondenten was 171 van de 300 genodigden.
Beste ouders, Hierbij presenteren wij de resultaten van de oudertevredenheidsonderzoeken van 2017. Dit onderzoek is online gehouden en heeft de tevredenheid van ouders gemeten t.a.v. meerdere aspecten
Onderzoek Autoverzekeringen 2017
Onderzoek Autoverzekeringen 2017 Onderzoeksrapport consumentenonderzoek autoverzekeringen 2017 Goedkoopsteautoverzekeringen.net Inhoudsopgave Inleiding 3 Gegevens respondenten 4 Resultaten 5 1. Autogebruik
Arbeidsmarktmobiliteit van ouderen
Arbeidsmarktmobiliteit van ouderen Jan-Willem Bruggink en Clemens Siermann Werkenden van 45 jaar of ouder zijn weinig mobiel op de arbeidsmarkt. Binnen deze groep neemt de mobiliteit af met het stijgen
IBG en GBA Een gevaarlijk koppel
IBG en GBA Een gevaarlijk koppel Een onderzoek naar de gevolgen van koppeling van de bestanden van de Informatie Beheer Groep en de Gemeentelijke Basis Administratie Wetenschappelijk bureau ASVA OBAS Maart
3. Werknemers die niet deelnemen aan de pensioenregeling van de werkgever
3. Werknemers die niet deelnemen aan de pensioenregeling van de werkgever 3.1 Inleiding Er kunnen verschillende redenen zijn waarom een werknemer niet deelneemt aan de pensioenregeling van zijn werkgever.
