========================= OEF 1 =============================

Vergelijkbare documenten
Praktijkopgave: Kleenext

verkoopprijs (laagseizoen)(reisbureau) consument commissie (9% van de verkoopprijs) verkoopprijs (touroperator) reisbureau (commissie 9%)

De break-evenanalyse. De break-evenanalyse De veiligheidsmarge Het indifferentiepunt Differentiële kosten

Break-evenanalyse Het break-evenpunt is de afzet waarbij geen winst maar ook geen verlies wordt gemaakt.

OPGAVEN HOOFDSTUK 6 ANTWOORDEN

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9

ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9

OPGAVEN HOOFDSTUK 6 UITWERKINGEN

Antwoorden hoofdstuk 14

Voorraadwaardering. Fabricagekosten: = = 25 => fabricage kostprijs

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 9

Direct costing en break even analyse

BREAK EVEN ANALYSE. Break-even wil zeggen dat er noch winst noch verlies is.

BIJLAGE 9.A: OPGAVE a2 UIT DE TEST KENNIS VAN PROCEDURES (Omwille van de leesbaarheid is bij het omzetten naar PDF de gulden vervangen door de.

... 1% = 1/100 = 0,01 = 1 van de % = 2/10 = 0,2 = 20 van de % = 1/4 = 0,25 = 25 van de % = 1/2 = 0,5 = 50 van de 100

Uitwerkingen proefexamen II PDB kostencalculatie

Break-evenanalyse Creatieve bedrijfsuitjes

UITWERKINGEN OPGAVEN

M&O VWO 2011/

Het tentamen dien je te maken op het uitwerkingenpapier. Je doet dit als volgt!!

Opgave 2 a. Met welke formule berekenen we de integrale kostprijs? b. Hoe noemen we integrale kostprijsberekening ook wel?

Bedrijfseconomie samenvatting H1 Les 1

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 5

d. Contributiemarge: 160 ( 295 -/ /- 66) = Constante kosten /- Bedrijfsresultaat bij direct costing

OPGAVEN HOOFDSTUK 6 ANTWOORDEN

Hoeveel moet u omzetten om quitte te spelen?

Samenvatting Economie Hoofdstuk 1,3t/m6: Financieel Management

Oefeningen: Break-even analyse

-> Bereken de brutowinst en de nettowinst van Jeroen.

Case study 1: Contributiemarge

De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten

constante en variabele kosten

Hoofdstuk 25, 30 en 31

Samenvatting M&O periode 1. Hoofdstuk 13 8,4. Paragraaf 1. Samenvatting door G woorden 12 maart keer beoordeeld

Economie Klas 3 mavo

Deze uitwerkingen horen bij het boek Examentraining basiskennis Calculatie BKC van de uitgeverij OBCO, ISBN VERSIE 2 dd

UITWERKINGEN OPGAVEN OEFENEXAMEN 1 ASSOCIATIE MBA-KC

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Fabricage kosten Grondstoffen Machinekosten Loon productiepersoneel Hulpafdelingen (onderhoud/magazijn) Deze kosten zijn samen de fabricagekostprijs

Samengevat bereken je de nettowinst van een onderneming zo:

BREAK EVEN PUNT. Kostprijsberekening Hendrik Claessens

Uitwerkingen proefexamen I PDB kostencalculatie

2 Kostprijsberekening en opslagmethode

Revenue managementgame bungalowpark Joop Lengkeek, 7 maart

BREAK EVEN PUNT. Oefeningen Kostprijsberekening: Het Break Even Punt

b Economische voorraad: de voorraad waarover de onderneming prijsrisico

Bereken het marktpotentieel en de marktpenetratie van dit adviesbureau.

3 Consumentenprijs, BTW en inkoopwaarde van de omzet

1.9.2 Verschil tussen direct costing en integrale kostencalculatie

Handleiding BreakEven Calculator Door Thomas Vulsma

bedrijfseconomie havo voorbeeldvraag

Welke BTW tarieven zijn er? 21% luxe goederen 6% primaire levensbehoefte 0% vrijgesteld (export, overheidsdiensten)

Voorbeeldexamen Management Controle

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

100% 100% = 30% 1.2. Winst, opbrengsten en kosten In de meest eenvoudige vorm kan de winst als volgt worden uitgerekend:

Case bungalow park. Opgave 1

MARKETING / 09A. HBO Marketing / Marketing management. Raymond Reinhardt 3R Business Development.

Het programma van vandaag

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10

MODULE 3: Het eigen adviesbureau De eigen winkel (vaardigheidstoets voor de opleidingen Modestyling en Interieuradviseur) Inhoud:

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel COST- & MANAGEMENTACCOUNTING DONDERDAG 15 DECEMBER :00 11:00 UUR

TOETS 1 - Basiskennis Calculatie (BKC)

ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 10

OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE

Samenvatting Management & Organisatie Berekeningen

Thema 3 Ondernemen is risico s nemen en beheersen. Onderzoeksvraag 6 Wanneer draait een onderneming break-even? 1 Intro. 2 Probleemstelling

Inkoopprijs 100% + marge 10% = verkoopprijs 110% Stel de inkoopprijs bedraagt 800 en de winstmarge 10% van de

Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke productie/afzet.

2 Constante en variabele kosten

Kaarten module 4 derde klas

Examen HAVO. Voorbeeldopgaven HAZO. Bedrijfseconomie, ondernemerschap en financiële zelfredzaamheid

Een overzicht van de factoren die de omvang van de gevraagde hoeveelheid van een artikel bepalen.

Omzetsnelheid en omzetduur Het beheren van de voorraad doe je op basis van kengetallen. Kengetallen helpen je te bepalen of je voorraad optimaal is.

Om de optimale bestelgrootte te vinden neem je de volgende stappen: XX. Bereken de totale voorraad- en bestelkosten per jaar. XX

De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten. dinsdag 14 juni 2016

b Economische voorraad: de voorraad waarover de onderneming prijsrisico

Opgave 9.5 Variabele kosten per stuk: / = 3,75 Totale variabele kosten bij eenheden: ,75 =

HARTELIJK WELKOM. 18 mei Startersdag Unizo. BAERT Alfred

Samenvatting Economie Consument & Producent

2 Constante en variabele kosten

Marketing mix instrumenten Prijs

PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie

Kamer van Koophandel (KvK): hier kom je meer te weten over vergunningen, wetgeving en btw.

Examen HAVO. Voorbeeldopgaven Hazo. Bedrijfseconomie, ondernemerschap en financiële zelfredzaamheid

In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing. Bij deze opgave behoren de informatiebronnen 6 tot en met 8.

Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo. Hoofdstuk 17 tot en met 28. Normering. Aantal punten x = cijfer 63

Dit examen bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad en bestaat uit 3 opgaven met in totaal 18 vragen.

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 6 tot en met 8.

omzetbelasting btw: exclusief-inclusief

De normale afzet van Verhoeven, uitgedrukt in ton/km per jaar, is als volgt verdeeld:

TOELATINGSTOETS M&O. Datum

opgave 1 Hoeveel bedraagt het opslagpercentage voor de indirecte kosten op de directe kosten die samenhangen met de reiskosten?

Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m juni 2009 proeftoets 100 minuten. In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.

Transcriptie:

========================= OEF 1 ============================= Mevrouw Janssen heeft een bedrijf en verkoopt koffietassen met opdruk via haar webwinkel. Haar constante kosten bedragen 25.000, haar variabele kosten 4 per product en haar verkoopprijs is 12. Mevrouw Janssen verkoopt 10.000 tassen per jaar. Gevraagd: Bereken de contributiemarge (=dekkingsbijdrage) per product. oplossing: Dekkingsbijdrage = 12 4 = 8 De dekkingsbijdrage per product bedraagt 8. ========================= OEF 2 ============================= WebOnline v.o.f. is een bedrijf gespecialiseerd in webdesign, de volgende gegevens zijn bekend over dit bedrijf: Omzet: 480.000 Vaste kosten: 180.000 Variabele kosten: 120.000 a. Bereken de dekkingsbijdrage in procenten b. Bereken de BEO (Break-even ) Voor het berekenen van de dekkingsbijdrage in procenten moeten we eerst de variabele kosten uitdrukken als percentage van de, dus: 120.000 / 480.000 * 100 = 25% Vervolgens weet je dat de verkoopprijs 100% is, en de variabele kosten dus 25%. De dekkingsbijdrage is dus: 100% 25% = 75% (a). Nu je de dekkingsbijdrage in procenten hebt uitgerekend kun je ook de BEO (Break-even ) gaan berekenen, dat doe je middels de gegeven formule. BEO = 180.000 / 75 (hier neem je dus niet het percentage) x 100 = 240.000 (b) ========================= OEF 3 ============================= Contributie: de contributie is de bijdrage van de in de vaste kosten en de winst. De contributie geeft dus aan welk deel van je wordt besteed aan vaste kosten en aan winst. Contributie = variabele kosten Als starter zal je dus een schatting moeten maken van je verwachte (prognose) en de verwachte variabele kosten die je zal moeten maken om die vooropgestelde prognose te realiseren. Contributiemarge: dit is de contributie uitgedrukt als percentage ten opzichte van de. Contributiemarge = ( variabele kosten) in een percentage t.o.v. de. Je prognose is 236 250,00 EUR. Veronderstel nu dat je je variabele kosten geraamd hebt op 101 000,00 EUR (of 42,75 % van je ). Contributie: je contributie bedraagt dan: 236 250,00 101 000,00 = 135 250,00 EUR. Dit bedrag vertegenwoordigt dus de vaste kosten en de winst. Contributiemarge: 135 250,00 x 100 Je contributiemarge bedraagt: (135 250,00 x 100)/236 250,00=57,25 %

========================= OEF 4 ============================= Het break-evenpoint vind je door middel van volgende formule: vaste kosten / contributiemarge Je prognose is 236 250,00 EUR. Veronderstel nu dat je je variabele kosten geraamd hebt op 101 000,00 EUR (of 42,75 % van je ). De vaste kosten bedragen 60 000,00 EUR Wat is dan het break-evenpunt? 60 000 / 0,5725 = 104 803,50 EUR ========================= OEF 5 ============================= Op dezelfde manier Omzet: 3 000 000,00 Vaste kosten: 670 000,00 Variabele kosten: 2 135 000,00 ==> 2135/3000*100%=71,17% BE-Omzet = 670.000 / (1-0,7117)= 2 323 968 ========================= OEF 6 ============================= Rentabiliteitsanalyse voor meerdere producten productgroep Omzet % Variabele kost ( x 1000) contributie contributiemarge A 22562? 1579??? B 45852? 5502??? C 8956? 1612??? D 10584? 3810??? E 63897? 15974??? (x 1000) % variabele kost contributie (x1000) contibutiemarge A 22562 14,86% 1579 20983 93,00% B 45852 30,20% 5502 40350 88,00% C 8956 5,90% 1612 7344 82,00% D 10584 6,97% 3810 6774 64,00% E 63897 42,08% 15974 47923 75,00%

========================= OEF 6_02 ============================= Rentabiliteitsanalyse voor meerdere producten productgroep Omzet % Variabele kost ( x 1000) contributie contributiemarge A 22562? 1579??? B 45852? 5502??? C 8956? 1612??? D 10584? 3810??? E 63897? 15974??? Bepaal de gewogen contributiemarge A: contributiemarge * percentage =? % B: contributiemarge * percentage =? % etc voor C tot en met E Tel al deze percentages samen op % variabele kost contributie (x1000) contibutiemarge A 22562 14,86% 1579 20983 93,00% B 45852 30,20% 5502 40350 88,00% C 8956 5,90% 1612 7344 82,00% D 10584 6,97% 3810 6774 64,00% E 63897 42,08% 15974 47923 75,00% 151851 gewogen contributiemarge A 13,82% B 26,57% 81,25% C 4,84% D 4,46% E 31,56%

========================= OEF 6_03 ============================= Rentabiliteitsanalyse voor meerdere producten De vaste verkoopkosten/maand = 4.068.372,00 productgroep Omzet % Variabele kost ( x 1000) contributie contributiemarge A 22562? 1579??? B 45852? 5502??? C 8956? 1612??? D 10584? 3810??? E 63897? 15974??? Nadat je de gewogen contributiemarge hebt bepaald geef nu de waarde van de BEP() ==> Vaste kost gedeeld door de gewogen contributiemarge % variabele kost contributie (x1000) contibutiemarge A 22562 14,86% 1579 20983 93,00% B 45852 30,20% 5502 40350 88,00% C 8956 5,90% 1612 7344 82,00% D 10584 6,97% 3810 6774 64,00% E 63897 42,08% 15974 47923 75,00% 151851 gewogen contributiemarge A 13,82% B 26,57% 81,25% C 4,84% D 4,46% E 31,56% vaste verkoopkosten/maand = 4068372 BEP = 5007427,47 = 5007,43 x 1000

========================= OEF 7 ============================= De verdelers van de pantoffels SLOEF wil zijn marktaandeel vergroten in Wallonië. Er zijn ongeveer 5 630 handelszaken waar men pantoffels verkoopt, en in 3 150 daarvan verkoopt men ook het merk SLOEF. Onderzoek heeft uitgewezen dat de totale pantoffels van alle handelszaken in Wallonië voor een bepaalde periode 28 366 335,00 EUR bedraagt. De van alle handelszaken waar ze ook merk SLOEF verkopen, is 12 218 320 EUR. De eigen van het merk SLOEF in deze periode in Wallonië bedraagt 5 006 387,00 EUR. Gevraagd: analyseer de efficiëntie van het distributiebeleid van de verdeler van SLOEF en bepaal de marktspreiding marktspreiding: 3150/5630 = 55,95% Dit betekent dat de pantoffels van het merk SLOEF in bijna 55,95 % van alle winkels die pantoffels verkopen aanwezig zijn ========================= OEF 8 ============================= De verdelers van de pantoffels SLOEF wil zijn marktaandeel vergroten in Wallonië. Er zijn ongeveer 5 630 handelszaken waar men pantoffels verkoopt, en in 3 150 daarvan verkoopt men ook het merk SLOEF. Onderzoek heeft uitgewezen dat de totale pantoffels van alle handelszaken in Wallonië voor een bepaalde periode 28 366 335,00 EUR bedraagt. De van alle handelszaken waar ze ook merk SLOEF verkopen, is 12 218 320 EUR. De eigen van het merk SLOEF in deze periode in Wallonië bedraagt 5 006 387,00 EUR. Gevraagd: analyseer de efficiëntie van het distributiebeleid van de verdeler van SLOEF en bepaal het marktbereik. Leg ook uit wat dit concreet betekent. Marktbereik = verkopen in de productklasse door gekozen distribuanten : verkopen in de productklasse door alle distribuanten marktbereik: 12 218 320,00/28 366 335,00 = 43,07% de winkels waar hun merk verkocht wordt realiseren maar 43,07% van de totale pantoffels van handelszaken in Wallonië dus ze hebben de bij de klant iets minder (of iets meer) populaire winkels gekozen om hun merk aan te beiden

========================= OEF 9 ============================= IV.3.2.- Praktijkopgave contributiemargeberekening pag 105 Berekening van de contributiemarges per productgroep en voor het totale assortiment: Schermtype/regio gem. maand aandeel contributiemarge gewogen contributiemarge LCD-schermen regio A 1.212.000 37,58% 25% 9,40% regio B 912.000 28,28% 32% 9,05% regio C 1.101.000 34,14% 36% 12,29% totaal lcd 3.225.000 100,00% 30,73% Plasma schermen regio A 317.000 13,74% 18% 2,47% regio B 989.000 42,87% 12% 5,14% regio C 1.001.000 43,39% 41% 17,79% totaal plasma 2.307.000 100,00% 25,41% totaal 5.532.000 ========================= OEF 10 =============================

========================= OEF 11 ============================= gemiddelde afzet van 20.225 eenheden vaste kosten zijn gegeven: 35.000,00 variabele kostprijs: 0,60 Wij wensen een mark-up wenst toe te passen van 20% De groothandelsmarge bedraagt 10% en de retailmarge 15% Aan wat is de eenheidsprijs gelijk. 0,60 + 35000/20225 = 2.33 verkoopprijs berekend met de mark-up formule: eenheidsprijs/ (1-markup) Verkoopprijs af-fabriek: 2,33/(1-0.2) = 2,91 Verkoopprijs groothandel: 2,91/(1-0.1) = 3,23 Verkoopprijs kleinhandel: 3,23/(1-0.15) = 3,80 We hanteren de kostprijs-plus methode (hint => mark-up prijszetting) ========================= OEF 12 ============================= Prijszetting volgens de mark-down methode. Er kan geredeneerd worden vertrekkend vanuit de consumentenprijs. In het management zijn er bvb twee strekkingen: een lage prijs, en dus hoge volumes ofwel hogere verkoopprijs. Veronderstel dat er consensus is over wat er bedoeld wordt met lage prijs, namelijk 3,18 terwijl de hogere prijsstrategie een verkoopprijs van 3,59 betekent. Nu kan door middel van de mark-down methode teruggerekend worden welke prijszetting voor het bedrijf haalbaar is. onze markup wordt bepaald op: 20% De groothandelsmarge bedraagt 10% en de retailmarge 15% De formule voor de mark-down prijszetting: Kostprijs = verkoopprijs / (1 + mark down) Vertrekkend van 3,18 euro (1) Bereken de inkoopprijs kleinhandel: 3,18/(1+0,15)= 2,77 (2) Bereken de inkoopprijs groothandel: 2,77 / (1+0,10) = 2,52 (3) Bereken de af-fabriekprijs : zelfde als hierboven