EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie



Vergelijkbare documenten
EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Medische Laboratoriumtechniek

Basiskennis en Basisvaardigheden IV (404)

Basiskennis en Basisvaardigheden II (245)

Basiskennis en Basisvaardigheden III (304)

EINDTERMENDOCUMENT Proefdierverzorger

EINDTERMENDOCUMENT Medewerker Beeldtechnieken

Referentieniveaus uitgelegd. 1S - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1S rekenen. 1F - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1F rekenen

WISKUNDIGE TAALVAARDIGHEDEN

Scheikunde inhouden (PO-havo/vwo): Schaal, verhouding en hoeveelheid

Voorstel van de Taakgroep Vernieuwing Basisvorming voor nieuwe kerndoelen onderbouw VO

Domein A: Vaardigheden

PTA scheikunde Belgisch park cohort

EINDTERMENDOCUMENT Procesoperator B

Examenprogramma scheikunde havo

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Procestechniek

EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Milieutechniek

Leerstof voortentamen wiskunde B. 1. Het voortentamen wiskunde B

Examenprogramma scheikunde vwo

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Examenprogramma scheikunde vwo

Examenprogramma scheikunde havo

WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

EINDTERMENDOCUMENT Basisoperator

Bedrijfsoriëntatie 2 BEDRIJFSORIËNTATIE 2 (CAL01.2/CREBO:50211)

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Kerntaak 1: Voorbereiden van analyses

Examenprogramma natuurkunde havo

STICHTING VAKOPLEIDING PROCESINDUSTRIE

Examenprogramma natuurkunde vwo

Aansluiting op het actuele curriculum (2014)

EINDTERMENDOCUMENT Uitvoerend Milieumedewerker

Bedrijfsoriëntatie 1 BEDRIJFSORIËNTATIE 1 (CAL01.1/CREBO:50240)

Examenprogramma wiskunde D havo

Examenprogramma scheikunde vwo

Onderwijsbehoeften: - Korte instructie - Afhankelijk van de resultaten Test jezelf toevoegen Toepassing en Verdieping

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Gelijkwaardig verklaarde eindtermen natuurwetenschappen Voor de tweede graad ASO

Prof. Margriet Van Bael STUDENTNR:... Conceptuele Natuurkunde met technische toepassingen. Deel OEFENINGEN

Leerstof voortentamen wiskunde B. 1. Het voortentamen wiskunde B

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen

EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Fotonica

Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

1 De bouw van stoffen

Domein A: Inzicht en handelen

Biologie inhouden (PO-havo/vwo): Evolutie

STUDIEGEBIED CHEMIE (tso)

Rekenen en wiskunde ( bb kb gl/tl )

VOET EN WISKUNDE. 1 Inleiding: Wiskundevorming

Citizen science Waterkwaliteit en de aansluiting bij het onderwijs. Reina Kuiper - SME Advies

ADMINISTRATIEF MEDEWERKER

Seizoen: Vak: NaSk II (Scheikunde) Klas: 3 en 4 Afdeling: Mavo

'Hier havo.hbo hoort u mij?' (Nieuwe) Scheikunde

Onderwerp: Onderzoek doen Kerndoel(en): 28 Leerdoel(en): - Onderzoek doen aan de hand van onderzoeksvragen - Uitkomsten van onderzoek presenteren.

begin van document Eindtermen vwo wiskunde B (CE) gekoppeld aan delen en hoofdstukken uit Moderne wiskunde 9e editie

Studiegebied. (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen. Derde graad...

Het meten met Multimeters.

Pagina 1 van 5. Examenprogramma Profielvak: dienstverlening & producten. De kern

Economie en maatschappij(a/b)

Examenprogramma wiskunde A vwo

ECTS-fiche. Elektro-mechanica HBO5. toegepaste mechanica

Handreiking toelichting bij descriptoren NLQF

WISKUNDIGE TAALVAARDIGHEDEN. De leerlingen ontwikkelen (binnen het gekende wiskundig instrumentarium) Derde graad kso/tso. Tweede graad kso/tso

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen

SCHEIKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2020

OVERZICHT MODULES PAV

Examenprogramma biologie vwo

Theoriebronnen Operator A Leerjaar 1

LANDSEXAMEN MAVO

9 Stugheid en sterkte van materialen.

PTA maatschappijleer 1&2 KBL Bohemen cohort

EUREK(H)A! 1 Thema 1 Zintuigen A Terugkaatsing en spiegels Nieuw Bijlage 48a

Oefenopgaven INDUSTRIËLE CHEMIE

Eindtermen wiskunde. 1. Getallen. Nr. Eindterm B MB NB Opm. B = behaald MB = meer behaald NB = niet behaald Opm. = opmerking

Jaarplan. Quark Quark 4.2 Handleiding. TSO-BTW/VT TSO-TeWe. ASO-Wet

Het examenprogramma wiskunde A havo

Examenprogramma Profielvak: dienstverlening & producten

Gravitatie en kosmologie

Langere vraag over de theorie

Leerjaar. e-learning. Procesoperator A Mechanisch operator A

de ph-schaal van 0 tot 14 in verband brengen met zure, neutrale en basische oplossingen en met de concentratie van H+-ionen en OH--ionen;

Seizoen: Vak: NaSk I (Natuurkunde) Klas: 3 en 4 Afdeling: Mavo. School Examens (SE s) met open/gesloten vragen

Biologie inhouden (PO-havo/vwo): Dynamisch evenwicht

Nask2 inhouden (PO-vmbo)

verwijderen P kleurenblindheid 3.6 Optische toestellen: bril verwijderen P 45 (3.6) - 47 A Terugkaatsing en spiegels Nieuw Bijlage 48a

2e druk, 6e oplage, februari Instituut Fysieke Veiligheid ISBN

PTA maatschappijleer 2 KBL Bohemen cohort

PTA maatschappijkunde KBL Bohemen cohort

Examenprogramma biologie vwo vanaf CE 2016

LANDSEXAMEN MAVO

Keurmerk: Duurzame school

Transcriptie:

STICHTING VAKOPLEIDING PROCESINDUSTRIE EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie

Stichting Vakopleiding Procesindustrie Postbus 93 2269 A Leidschenda telefoon 070-320 93 88 telefax 070-320 51 86 internetsite http://www.vapro.nl e-ail info@vapro.nl EINDTERMENDOCUMENT Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie De volledige kwalificatie wordt, naast de OL-leerweg, ook via de L-leerweg ogelijk geaakt. Dit betekent voor de L-leerweg een aangepaste SU-verdeling. Ingediend bij Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen op 30 ei 2002 Uitgave: ei 2002 Crebo-code kwalificatie: 10707 Datu inwerkingtreding: 1 augustus 2003

INTRODUCTIE EN TYPERING VAN DE KWALIICATIE RURIEK I: INTRODUCTIE EN TYPERING VAN DE KWALIICATIE 1. Introductie In dit eindterendocuent staan de eindteren en andere relevante gegevens over de iddenkaderopleiding Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie. Het docuent geldt voor opleidingen die vanaf 1 augustus 2003 starten. Het eindterendocuent bevat de volgende rubrieken: I II III IV V VI Introductie en typering van de kwalificatie Opleidingsindicaties Advies ACOA Ipleentatie Ondertekening Eindteren ijlagen 2. Naa van de kwalificatie Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-3 -

3. eroepstypering De kwalificatie Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie aakt deel uit van het beroepenveld Laboratoriutechniek, dat weer onderdeel is van de sector PML (Procestechniek, Milieutechniek, Laboratoriutechniek en otonica). eroepenveld Laboratoriutechniek Werkneers in het beroepenveld laboratoriutechniek hebben eestal tot taak onsters van stoffen te neen, deze voor te bewerken en te controleren of te analyseren. Het werk vindt plaats op laboratoria, bijvoorbeeld in ziekenhuizen, in productiebedrijven, bij onderzoeksinstituten, bij ingenieursbureaus en bij Keuringsdiensten van Waren. Vaak wordt bij het werk gebruik geaakt van hoogwaardige, geautoatiseerde analyse-apparatuur, waarbij van de laboratoriuedewerker wordt verwacht dat hij/zij uiterst nauwkeurig, volgens strikt vastgelegde (kwaliteits)regels werkt. Afhankelijk van de coplexiteit van het werk, de ate waarin de edewerker zijn eigen werk oet indelen en/of eewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe procedures en het afbreukrisico van de te analyseren stoffen is een kwalificatie op niveau II, III of IV vereist. eroepstypering De Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie is veelal werkzaa in de cheie, rubber- en kunststofverwerkende industrie, aardewerkindustrie en etaal-, achine- en transportiddelenindustrie, Hij/zij werkt veelal binnen de afdelingen onderzoek & ontwikkeling, productie en kwaliteitsdienst onder leiding van een hoofd van de afdeling. De belangrijkste taken van de Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie bestaan uit het vaststellen van eigenschappen van aterialen en het bewaken van de kwaliteit van de productieprocessen. Daarnaast wordt veel aandacht besteed aan het be- en verwerken van aterialen. eroepstaken De belangrijkste taken van de Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie zijn: et behulp van diverse apparatuur en achines vaststellen en controleren van eigenschappen van vele soorten aterialen; eetgegevens adinistratief verwerken (registreren, bewerken, opslaan en rapporteren); be- en verwerken van aterialen in het kader van (product-)onderzoek en -ontwikkeling; bewaken van de kwaliteit van productieprocessen volgens voorschrift en eventueel aan de hand van eetgegevens het productieproces (doen) bijsturen; eenvoudige objecten kunnen ontwerpen volgens van te voren opgestelde eisen; 4. Niveau van de kwalificatie Niveau IV, iddenkaderopleiding - 4 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

INTRODUCTIE EN TYPERING VAN DE KWALIICATIE 5. Korte onderbouwing niveau-aanduiding De wijze waarop de kwalificatie Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie is ingeschaald op de diensies verantwoordelijkheid, coplexiteit en transfer is te lezen in onderstaand schea. De waarde per diensie is gearceerd weergegeven. verantwoordelijkheid wat betreft werk van anderen verantwoordelijk voor eigen takenpakket verantwoordelijk niethiërarchisch verantwoordelijk hiërarchisch verantwoordelijkheid wat betreft afbreukrisico geringe verantwoordelijkheid redelijk grote verantwoordelijkheid grote verantwoordelijkheid coplexiteit geautoatiseerde routines toepassen standaardprocedures toepassen cobinatie van standaardprocedures ontwikkelen van nieuwe procedures transfer naar ander beroep functiegebonden kennis en vaardigheden beroepsgebonden kennis en vaardigheden beroepsonafhankelijke kennis en vaardigheden transfer naar nieuwe ontwikkelingen beperkt o te schakelen redelijk o te schakelen goed o te schakelen Wat betreft de diensies verantwoordelijkheid en transfer wordt nog het volgende opgeerkt. In de sector PML ovat het begrip verantwoordelijkheid ook de verantwoordelijkheid voor iddelen, het ilieu en de gezondheid van anderen. Dat wil zeggen dat ook de ate waarin er sprake is van afbreukrisico, is eegewogen bij het vaststellen van het niveau van de kwalificatie. In de sector PML wordt et transfer ook het verogen bedoeld o als beroepsbeoefenaar ee te groeien et een steeds veranderende beroepsinhoud. Met nae in de laboratoriutechniek is er sprake van continue veranderingen van analyseethoden die technologisch steeds geavanceerder worden. De ate waarin de kwalificatie voorbereidt op technologische ontwikkelingen, is eegewogen bij het vaststellen van het niveau van de kwalificatie. 6. Korte beschrijving plaats van de kwalificatie in de kwalificatiestructuur van het CO/LO De kwalificatie aakt deel uit van de kwalificatiestructuur PML (Procestechniek, Milieutechniek, Laboratoriutechniek, otonica). In de bijlagen staat het schea van de kwalificatiestructuur van het beroepenveld Laboratoriutechniek. MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-5 -

7. Aanduiding van de gelegitieerd(e) beroepsprofiel(en) of vergelijkbare inforatiebronnen die als basis hebben gediend voor de eindteren De kwalificatie is gebaseerd op foreel en inforeel onderzoek in de bedrijfstak. Het forele deel wordt beschreven in de volgende docuenten: Eiers, T., rietan, J. (septeber 1996). Geeenschappelijkheden in de kwalificaties van laboratoriupersoneel. Stichting Industrieel Vakanschap. Thoas, E., rietan J. (1998). Positionering nieuwe TOA-opleiding, verkennende studie. Stichting Industrieel Vakanschap. eek,. Van. (1999). Taken en functies van TOA s, onderzoeksrapport. Sielink, V.I. (2000). Arbeidsarkt en beroepsprofielen laboratoriutechniek secundair beroepsonderwijs. Dijk 12 eleidsonderzoek. Het inforele onderzoek vindt continu plaats iddels contacten et het bedrijven- en instellingsveld. 8. Mate waarin de eindteren zijn gebaseerd op wettelijke beroepsvereisten, inclusief die zijn neergelegd in richtlijnen van de Raad van Europese Geeenschappen De eindteren gericht op ARO en veiligheid sluiten aan bij de afspraken die tussen diverse branches en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn geaakt. ovendien zijn de eindteren voor Veiligheid afgested et het Nederlands Instituut voor Arbeidsvraagstukken / TNO.V. te Asterda. - 6 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

INTRODUCTIE EN TYPERING VAN DE KWALIICATIE 9. enaing deelkwalificaties benodigd voor diploering Een cursist heeft recht op een diploa Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie als hij de volgende deelkwalificaties heeft behaald: - Maatschappelijke Culturele Voring III (302) - asiskennis en asisvaardigheden III (304) - eroepspraktijkvoring III (385) - Maatschappelijke Culturele Voring IV (402) - asiskennis en asisvaardigheden IV (404) - Materiaaltechnologie Algeeen (457) - Karakterisering en Vorgeving van Materialen (458) - eroepspraktijkvoring IV (485) De volgende vrije keuze deelkwalificaties kan de cursist binnen deze kwalificatie behalen: - Kunststoftechnologie (490) - Polyeertechnologie (492) - Coposiettechnologie (491) - Internationale beroepsoriëntatie 3 (303) - Technische Onderwijsassistentie (464) - Toegepaste Wiskunde en Natuurkunde (425) MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-7 -

RURIEK II: OPLEIDINGSINDICATIES 1. Aanduiding van welke opleiding/kwalificatie de kwalificatie een voortzetting vort De kwalificatie is een voortzetting van de iddenkaderopleiding Middenkaderfunctionaris Laboratoriutechniek, differentiatie Materiaaltechnologie. 2. Leerweg(en) Zowel de beroepsopleidende als de beroepsbegeleidende leerweg worden als geschikt gezien. - 8 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

OPLEIDINGSINDICATIES 3. Advies over het aantal studiebelastingsuren en aanduiding van de deelkwalificaties die bij exainering externe legitiering behoeven OL-Leerweg: De totale studiebelasting van de kwalificatie bedraagt 6400 SU's. De beroepspraktijkvoring bedraagt 25 % (1600 SU's). De vrije ruite bedraagt 10 % (640 SU's). De extern te legitieren deelkwalificaties zijn et een * gearkeerd. school- beroepspraktijkcoponent coponent totaal Maatschappelijke Culturele Voring III (302) 460 -- 460 * asiskennis en asisvaardigheden III (304) 1045 -- 1045 * eroepspraktijkvoring III (385) -- 505 505 Maatschappelijke Culturele Voring IV (402) 200 -- 200 * asiskennis en asisvaardigheden IV (404) 695 -- 695 * Materiaaltechnologie Algeeen (457) 830 -- 830 Karakterisering en Vorgeving Mat. (458) 1090 -- 1090 * eroepspraktijkvoring IV (485) -- 935 935 Vrije ruite 480 160 640 ------ ------ ------ Totaal 4800 1600 6400 vrije keuze deelkwalificaties: * Kunststoftechnologie (490) 200 400 600 * Polyeertechnologie (492) 200 400 600 * Coposiettechnologie (491) 200 400 600 Internationale beroepsoriëntatie 3 (303) 150 150 300 * Technische Onderwijsassistentie (464) 300 500 800 Toegepaste Wiskunde en Natuurkunde (425) 260 -- 260 L-Leerweg: De totale studiebelasting van de kwalificatie bedraagt 6400 SU's. De beroepspraktijkvoring bedraagt 70 % (4480 SU's). De vrije ruite bedraagt 10 % (640 SU's). De extern te legitieren deelkwalificaties zijn et een * gearkeerd. MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-9 -

school- beroepspraktijkcoponent coponent totaal Maatschappelijke Culturele Voring III (302) -- 460 460 * asiskennis en asisvaardigheden III (304) 810 235 1045 * eroepspraktijkvoring III (385) -- 505 505 Maatschappelijke Culturele Voring IV (402) -- 200 200 * asiskennis en asisvaardigheden IV (404) 495 200 695 * Materiaaltechnologie Algeeen (457) 230 600 830 Karakterisering en Vorgeving Mat. (458) 385 705 1090 * eroepspraktijkvoring IV (485) -- 935 935 Vrije ruite -- 640 640 ------ ------ ------ Totaal 1920 4480 6400 vrije keuze deelkwalificaties: * Kunststoftechnologie (490) 200 400 600 * Polyeertechnologie (492) 200 400 600 * Coposiettechnologie (491) 200 400 600 Internationale beroepsoriëntatie 3 (303) 150 150 300 * Technische Onderwijsassistentie (464) 300 500 800 Toegepaste Wiskunde en Natuurkunde (425) 260 -- 260 4. Overheidsbekostiging De opleiding tot Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie kot voor overheidsbekostiging in aanerking. - 10 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

IMPLEMENTATIE EN ONDERTEKENING 5. Vereiste vooropleiding Voor de opleiding Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie is een VMO diploa theoretische, geengde of kaderberoepsgerichte leerweg vereist. Voor diploa s uit de sectoren Zorg & Welzijn en Econoie is bovendien het sectorvak wiskunde of natuur-scheikunde verplicht. Ook een VO- of MAVO-diploa et wis- en natuurkunde op iniaal C-niveau sluit naadloos aan bij de opleiding voor de kwalificatie Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie. 6. Doorstrooogelijkheden Het diploa Middenkaderfunctionaris Materiaaltechnologie geeft in principe recht op toelating tot alle verwante HO-opleidingen. 7. Maatschappelijk Culturele Kwalificering Maatschappelijk Culturele Kwalificering kan worden teruggevonden in de volgende deelkwalificaties: - Maatschappelijk Culturele Voring III (302) - eroepspraktijkvoring III (385) - Maatschappelijk Culturele Voring IV (402) - Karakterisering en Vorgeving van Materialen (458) - eroepspraktijkvoring IV (485) 8. Afsteing et andere instanties Afsteing et andere CO's/LO's is niet relevant. Het eindterendocuent is voorgelegd en na aendering goedgekeurd door: - de beroepsvereniging; - het verzaelde schoolwezen Laboratoriutechniek; - NNI; - NIA-TNO. MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-11 -

RURIEK III: EINDTERMEN 1. De eindteren Onderstaand zijn de eindteren per deelkwalificatie weergegeven. In de kolo Taco staat een taxonoiecode confor Roiszowski. toelichting kolo Taco eitelijke kennis (feiten, procedures) egripsatige kennis (begrippen, principes) /p/i/r Reproductieve vaardigheden cognitief/psychootorisch/interactief/reactief /p/i/r Productieve vaardigheden cognitief/psychootorisch/interactief/reactief - 12 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

MAATSCHAPPELIJKE CULTURELE VORMING III 302 Maatschappelijke Culturele Voring III (302) NEDERLANDS 302.01 De kandidaat kan zich et juiste toepassing van spelling, woordkeus en stijl, ondeling en schriftelijk in het Nederlands uitdrukken. 302.02 De kandidaat kan verschillende lees- en luisterstrategieën toepassen. 302.03 De kandidaat kan Nederlandstalige handleidingen en schriftelijke opdrachten interpreteren. 302.04 De kandidaat kan uit schriftelijk of elektronisch opgeslagen gegevens relevante inforatie verzaelen. 302.05 De kandidaat kan in een beluisterde tekst hoofd- en bijzaken onderscheiden. 302.06 De kandidaat kan de inhoud van artikelen van algeene en technische aard saenvatten. 302.07 De kandidaat kan eetrapporten, labjournaals en eenvoudige zakelijke brieven in correct Nederlands opstellen. 302.08 De kandidaat kan een inforatieve voordracht houden. /i 302.09 De kandidaat kan een sollicitatiebrief schrijven. 302.10 De kandidaat kan een sollicitatiegesprek voorbereiden en uitvoeren. 302.11 De kandidaat kan een zakelijk telefoongesprek voeren. /i 302.12 De kandidaat kan overleg et collega's en leidinggevenden voorbereiden en voeren. 302.13 De kandidaat kan een werkoverleg voorbereiden, actief bijwonen en een besluitenlijst aken. /i MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-13 -

ENGELS 302.14 De kandidaat kan de binnen het laboratoriu gangbare eleenten, benaingen, begrippen en vakteren uit het Engels vertalen. 302.15 De kandidaat kan enkele veelvoorkoende begrippen naar het Engels vertalen. 302.16 De kandidaat kan eenvoudige Engelse laboratoriuvoorschriften, handleidingen, gebruiksaanwijzingen en docuentatie interpreteren. 302.17 De kandidaat kan een eenvoudig (telefoon)gesprek in het Engels voeren. /i INORMATICA 302.18 De kandidaat kan de invloed van de coputer op het dagelijks leven 302.19 De kandidaat kan de functie en werking van de basisonderdelen van een coputersystee 302.20 De kandidaat kan de functie en werking van (de eest gangbare) randapparatuur van een coputersystee 302.21 De kandidaat kan de begrippen 'hardware' en 'software' 302.22 De kandidaat kan de eest gebruikte functies van een operating-syste toepassen. 302.23 De kandidaat kan de belangrijkste functies van een tekstverwerkingsprograa toepassen. 302.24 De kandidaat kan het begrip 'spreadsheet' 302.25 De kandidaat kan et een spreadsheetprograa eenvoudige handelingen verrichten. 302.26 De kandidaat kan het begrip 'database' 302.27 De kandidaat kan et een database-prograa eenvoudige handelingen verrichten. 302.28 De kandidaat kan randapparatuur en netwerksysteen toepassen. /p 302.29 De kandidaat kan bij het verwerven van inforatie van geautoatiseerde gegevensbestanden en nieuwe edia toepassen. 302.30 De kandidaat kan bestaande coputerprograa's voor berekeningen - 14 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

MAATSCHAPPELIJKE CULTURELE VORMING III 302 en adinistratie toepassen. MAATSCHAPPIJLEER 302.31 De kandidaat kan over aatschappelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op werk en individu zijn ening geven. 302.32 De kandidaat kan op basis van respect et ensen et een andere aatschappelijke en culturele achtergrond ogaan. 302.33 De kandidaat kan de werking van de parleentaire deocratie /r/i Rr/i 302.34 De kandidaat kan het Nederlandse sociale stelsel 302.35 De kandidaat kan zijn waarden, noren en opvattingen over de betekenis van arbeid voor individu en saenleving weergeven. 302.36 De kandidaat kan de betekenis van veranderingen op het gebied van arbeidsarkt, veiligheid, gezondheid, welzijn, werkgelegenheid en sociale zekerheid 302.37 De kandidaat kan stappen die kunnen leiden tot het vinden en aanvaarden van betaald werk onderneen. 302.38 De kandidaat kan de rechten, plichten en verantwoordelijkheden voortvloeiend uit een arbeidscontract 302.39 De kandidaat kan inforatie otrent rechten, plichten en verantwoordelijkheden in geval van werkloosheid, ziekte of arbeidsongeschiktheid in een gegeven situatie inwinnen. 302.40 De kandidaat kan de verschillende typen bedrijven en instellingen waarin laboratoriuedewerkers hun beroep uitoefenen, 302.41 De kandidaat kan de redenen waaro een laboratoriuedewerker zich dient te houden aan de regels van de beroepsethiek /i /i Rr/c/i LICHAMELIJKE OPVOEDING 302.42 De kandidaat kan de relatie tussen bewegen en gezondheid 302.43 De kandidaat kan de wijze waarop de lichaelijke conditie verbeterd kan worden en hoe blessures voorkoen kunnen worden, 302.44 De kandidaat kan de verantwoordelijkheid ten aanzien van de MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-15 -

gezondheid 302.45 De kandidaat kan het bewegen als een zinvolle en plezierige vor van vrijetijdsbesteding 302.46 De kandidaat kan enkele bewegingstechnische en -tactische vaardigheden toepassen. 302.47 De kandidaat kan de voor de binnen-bewegingssituaties vereiste sociale vaardigheden toepassen. 302.48 De kandidaat kan de bewegingscultuur en de plaats en functie daarvan in de saenleving 302.49 De kandidaat kan de bijzondere aspecten van lichaelijkheid en bewegen voor de toekostige beroepssituatie /p /i - - - - - - 16 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

INTERNATIONALE EROEPSORIËNTATIE 3 303 Internationale eroepsoriëntatie 3 (303) nuer eindter Tac o 303.01 De kandidaat kan de topografie van het betreffende land in grote lijnen weergeven. 303.02 De kandidaat kan de relatie tussen de geologische/kliatologische gesteldheid en de bestaansiddelen van het betreffende land 303.05 De kandidaat kan het bevolkingsaantal en de bevolkingssaenstelling van het betreffende land weergeven. 303.04 De kandidaat kan de historische ontwikkeling van het betreffende land in grote lijnen 303.05 De kandidaat kan de kenerken van het politiek bestel, de belangrijkste politieke stroingen en de belangrijkste actuele politieke kwesties van het betreffende land 303.06 De kandidaat kan de belangrijkste culturele kenerken van het betreffende land 303.07 De kandidaat kan de plaats van de eigen opleiding in de onderwijsstructuur van het betreffende land 303.08 De kandidaat kan de huidige econoische situatie van het betreffende land in grote lijnen 303.09 De kandidaat kan de positie van het betreffende land in de Europese Unie of de relatie van het betreffende land et de Europese Unie De kandidaat kan een klantenbriefing vertalen naar een creatieve briefing en op basis hiervan een script, scenario, treatent en storyboard ontwikkelen voor productie- en prestatiedoeleinden. ORGANISATIE VAN DE AREID 303.10 De kandidaat kan de belangrijkste werkgevers- en werkneersorganisaties noeen. 303.11 De kandidaat kan een vergelijking aken tussen de rechten, plichten en verantwoordelijkheden die voortvloeien uit een arbeidsovereenkost in MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-17 -

nuer eindter Tac o een vergelijkbare werksituatie/functie in het betreffende land en in Nederland. 303.12 De kandidaat kan een vergelijking aken tussen de rechten, plichten en verantwoordelijkheden die gelden voor een werkneer in geval van werkloosheid, ziekte, zwangerschap en arbeidsongeschiktheid in het betreffende land en in Nederland. 303.13 De kandidaat kan.b.t. het betreffende land de invloed van de overheid op de arbeidsarkt INTERNATIONALE SAMENWERKING 303.14 De kandidaat kan beschrijven waaro internationale saenwerking belangrijk is en wat de doelen van internationale saenwerking zijn. 303.15 De kandidaat kan de hoofddoelstellingen van de Europese Unie 303.16 De kandidaat kan de huidige lidstaten van de Europese Unie en de belangrijkste eisen voor toetreding noeen. 303.17 De kandidaat kan de belangrijkste organen van de Europese Unie 303.18 De kandidaat kan aangeven of en zo ja welke econoische saenwerkingsrelaties bestaan tussen het betreffende land en Nederland. 303.19 De kandidaat kan aangeven of en zo ja welke afspraken bestaan tussen het betreffende land en Nederland otrent verkeer van werkneers, dienstenverkeer en vestiging. EDRIJSORIËNTATIE De kandidaat dient voor realisering van onderstaande eindteren de in het stagebiedende land en/of de stagebiedende arbeidsorganisatie gesproken MVT in redelijke ate te beheersen. 303.20 De kandidaat kan de doelstellingen, producten en/of diensten van de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie oschrijven. 303.21 De kandidaat kan de organisatievor van de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie 303.22 De kandidaat kan de organisatie- en verantwoordelijkheidsstructuur van de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie (of bij grote bedrijven van de afdeling) scheatisch weergeven. 303.23 De kandidaat kan veiligheids-, gezondheids- en ilieu-aspecten beschrijven waaree de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie te aken heeft. - 18 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

INTERNATIONALE EROEPSORIËNTATIE 3 303 nuer eindter Tac o 303.24 De kandidaat kan de taken beschrijven waaruit het beroep waarvoor hij/zij wordt opgeleid in de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie is opgebouwd. 303.25 De kandidaat kan de hulpiddelen en procedures oschrijven waaree de beroepstaken in de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie worden uitgevoerd. 303.26 De kandidaat kan de arbeidsostandigheden beschrijven waaronder het beroep in de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie wordt uitgevoerd. 303.27 De kandidaat kan de in het betreffende land algeeen geldende kwalificatie-eisen ten aanzien van het betreffende beroep noeen. 303.28 De kandidaat kan een vergelijking aken tussen de wijze van uitvoering van het betreffende beroep en de arbeidsostandigheden in het betreffende land en in Nederland. 303.29 De kandidaat kan kerntaken/-activiteiten die behoren tot het beroep waarvoor hij/zij wordt opgeleid in de betreffende buitenlandse arbeidsorganisatie uitvoeren. 303.30 De kandidaat kan een verslag aken.b.t. de in de betreffende arbeidsorganisatie verrichte beroepstaken/-activiteiten. 303.31 De kandidaat kan een vergelijking aken tussen de ogelijkheden die werkneers hebben o invloed uit te oefenen binnen een arbeidsorganisatie in het betreffende land en in Nederland. MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-19 -

asiskennis en asisvaardigheden III (304) SCHEIKUNDE 304.01 De kandidaat kan de belangrijkste scheikundige en natuurkundige verschijnselen onderscheiden. 304.02 De kandidaat kan de begrippen engsel, zuivere stof, verbinding, eleent, olecuul en atoo 304.03 De kandidaat kan de belangrijkste scheidingsethodes van engsels 304.04 De kandidaat kan het periodiek systee en cheische notaties interpreteren. 304.05 De kandidaat kan de opbouw van atoen et behulp van de atootheorie van ohr (t/ het eleent calciu) 304.06 De kandidaat kan de principes van verschillende cheische reacties 304.07 De kandidaat kan voor een cheische reactie een reactieschea opstellen. 304.08 De kandidaat kan eenvoudige reactievergelijkingen kloppend aken en daaraan berekeningen uitvoeren. 304.09 De kandidaat kan de belangrijkste eigenschappen en toepassingen van oxiden, zuren, basen en zouten noeen. 304.10 De kandidaat kan de systeatische naa voor zouten en voor eenvoudige covalent gebonden stoffen afleiden. 304.11 De kandidaat kan de oplosbaarheid van zouten in oplosbaarheidstabellen opzoeken. 304.12 De kandidaat kan het ontstaan van een neerslag bij het saenvoegen van elektrolytoplossingen voorspellen. 304.13 De kandidaat kan de covalente en de ionbinding 304.14 De kandidaat kan et de volgende grootheden: volue, concentratie, olaire assa, stofhoeveelheid in ol en dichtheid eenvoudige - 20 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN III 304 berekeningen uitvoeren. 1.15 De kandidaat kan de ph van oplossingen van sterke zuren en basen berekenen. 304.16 De kandidaat kan benodigde fysische constanten in hand- of tabellenboeken opzoeken. 304.17 De kandidaat kan de belangrijkste functionele groepen van organische stoffen herkennen en benoeen. 304.18 De kandidaat kan eenvoudige laboratoriubenodigdheden hanteren. Rp/ c 304.19 De kandidaat kan op basis van gegeven nauwkeurigheidsaanduidingen aatglaswerk, balansen en eetapparatuur selecteren. 304.20 De kandidaat kan eleentaire cheische experienten uitvoeren. Rp/ c 304.21 De kandidaat kan een eenvoudige opstelling bouwen. Rp/ c 304.22 De kandidaat kan eetgegevens van eenvoudige experienten adinistreren en rapporteren. 304.23 De kandidaat kan bij onzorgvuldig handelen tijdens laboratoriuwerkzaaheden de gevaren voor ens en ilieu 304.24 De kandidaat kan accuraat, betrouwbaar en volgens analysevoorschrift werken. /p IOLOGIE 304.25 De kandidaat kan de plaats en ontwikkelingen van de biologie in de natuurwetenschappen noeen. 304.26 De kandidaat kan het belang van de systeatiek voor de naageving van organisen noeen. 304.27 De kandidaat kan de beginselen van het werken et de lichticroscoop toepassen. 304.28 De kandidaat kan de bouw en functies van de cel en cel-onderdelen op lichticroscopisch en elektronen-icroscopisch niveau noeen. 304.29 De kandidaat kan de verschillende fasen van de celcyclus, inclusief itose en eiose, Rp/ c MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-21 -

304.30 De kandidaat kan de beginselen van de klassieke genetica 304.31 De kandidaat kan de functies van de belangrijkste biooleculen noeen. 304.32 De kandidaat kan de processen die betrokken zijn bij de eiwitsynthese in de cel noeen. 304.33 De kandidaat kan de relevante eigenschappen, functies en toepassingen van enzyen noeen. 304.34 De kandidaat kan de eleentaire stofwisselingsprocessen in organisen 304.35 De kandidaat kan de factoren die van invloed zijn op de verenigvuldiging van icro-organisen noeen. 304.36 De kandidaat kan het nut en de schadelijke invloed van icroorganisen op het dagelijks leven 304.37 De kandidaat kan voren van transport van oleculen in en uit cellen noeen. 304.38 De kandidaat kan de bouw en de werking van de bloedsoloop bij de ens 304.39 De kandidaat kan de belangrijkste bestanddelen van het bloed en de functies ervan noeen. 304.40 De kandidaat kan eenvoudige laboratoriubepalingen et ziekten van het bloed of bloedsoloop in verband brengen. 304.41 De kandidaat kan de belangrijkste afweerechanisen van het lichaa noeen. 304.42 De kandidaat kan de eleentaire kenerken van ecosysteen noeen. 304.43 De kandidaat kan eenvoudige biologische laboratoriubenodigdheden hanteren. 304.44 De kandidaat kan eetgegevens nauwkeurig verwerken in een labjournaal en dit in de vor van een eetrapport rapporteren. 304.45 De kandidaat kan biologische handelingen op een systeatische en logische wijze confor veilige biologische technieken, waaronder de GMT- en VMT-regels, uitvoeren. Rp/ c /p - 22 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN III 304 NATUURKUNDE 304.46 De kandidaat kan op correcte wijze natuurkundige grootheden, eenheden en afgeleide eenheden hanteren. 304.47 De kandidaat kan volgens een nauwkeurig oschreven opdracht diverse fysische grootheden et de goede nauwkeurigheid bepalen. 304.48 De kandidaat kan de resultaten van fysische experienten rapporteren. 304.49 De kandidaat kan et betrekking tot bewegingen, kracht, assa en dichtheid eenvoudige berekeningen uitvoeren. 304.50 De kandidaat kan et betrekking tot druk, vloeistoffen, gassen, dapen, fase-overgangen en vochtigheid eenvoudige berekeningen uitvoeren. 304.51 De kandidaat kan et betrekking tot arbeid, verogen, energie, warte en uitzetting eenvoudige berekeningen uitvoeren. 304.52 De kandidaat kan de volgende begrippen: opwaartse kracht, wet van Archiedes, wet van Hook, brekingsindex en dispersie 304.53 De kandidaat kan et betrekking tot spiegels, lenzen en prisa s eenvoudige berekeningen en constructies uitvoeren. 304.54 De kandidaat kan de eigenschappen van geleiders, isolatoren en weerstanden 304.55 De kandidaat kan et betrekking tot stroo, spanning en elektrisch verogen eenvoudige berekeningen uitvoeren. 304.56 De kandidaat kan het principe van enkele veel voorkoende elektrische schakelingen 304.57 De kandidaat kan de wet van Coulob en de betekenis van veldlijnen /p /p 304.58 De kandidaat kan het principe van een transforator 304.59 De kandidaat kan spannings- en strooeters op de juiste wijze in een elektrisch circuit opneen en aflezen. 304.60 De kandidaat kan et elektrische schakelingen en apparatuur veilig werken. 304.61 De kandidaat kan de eest voorkoende grootheden en begrippen et betrekking tot trillingen en golven 304.62 De kandidaat kan de globale indeling van het elektroagnetisch spectru en de eigenschappen van UV-, IR en zichtbaar licht noeen. /p /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-23 -

WISKUNDE 304.63 De kandidaat kan et gebruikaking van de wetenschappelijke notaties van getallen berekeningen uitvoeren. 304.64 De kandidaat kan et breuken, achten en wortels rekenen. 304.65 De kandidaat kan et erkwaardige producten berekeningen uitvoeren. 304.66 De kandidaat kan et recht evenredige grootheden berekeningen uitvoeren. 304.67 De kandidaat kan algebraïsche bewerkingen uitvoeren. 304.68 De kandidaat kan et assa/volue percentages berekeningen uitvoeren. 304.69 De kandidaat kan de relevante functies op de rekenachine gebruiken. 304.70 De kandidaat kan eerste- en tweedegraads vergelijkingen oplossen. 304.71 De kandidaat kan grafieken van eerstegraads functies tekenen. 304.72 De kandidaat kan een stelsel van twee lineaire vergelijkingen et twee onbekenden oplossen. 304.73 De kandidaat kan grafieken van tweedegraads, gebroken, eenvoudige gonioetrische en eenvoudige logaritische functies interpreteren. 304.74 De kandidaat kan (eet) resultaten grafisch weergeven. 304.75 De kandidaat kan et lijnstukken en hoeken berekeningen uitvoeren. 304.76 De kandidaat kan et regelatige vlakke figuren berekeningen uitvoeren. 304.77 De kandidaat kan otrek en inhoud van regelatige ruitelijke objecten berekenen. 304.78 De kandidaat kan eenvoudige statistische begrippen 304.79 De kandidaat kan statistische diagraen tekenen. - 24 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN III 304 KWALITEIT, ARO, VEILIGHEID EN MILIEU 304.80 De kandidaat kan de belangrijkste voorschriften en achtergronden op het gebied van veiligheid en arbeidsostandigheden confor de ARO-wet en andere richtlijnen Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - relevante onderwerpen uit de veiligheids- en gezondheidswetgeving kan noeen; - de begrippen risico, preventie en beheersaatregelen kan beschrijven; - de oorzaken van een ongeval en ethoden van ongevalpreventie kan beschrijven; - de belangrijkste aspecten van het gebruik van werkvergunningen kan noeen. 304.81 De kandidaat kan veiligheidssybolen, cheiebladen, p-waarden en MAC-waarden toepassen. 304.82 De kandidaat kan preventieve aatregelen et betrekking tot brandbare, giftige, bijtende en oxiderende stoffen Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - de risico's en beheersaatregelen voor het ogaan et gevaarlijke stoffen kan 304.83 De kandidaat kan de werking en toepassing van blusstoffen en brandbestrijdingsiddelen verklaren. Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - de risico's en beheersaatregelen voor brand en explosies kan 304.84 De kandidaat kan de verschillende persoonlijke bescheringsiddelen en hun toepassing Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - het juiste gebruik en de toepassingsgebieden van persoonlijke bescheringsiddelen kan 304.85 De kandidaat kan et elektrische apparatuur veilig werken. /p 304.86 De kandidaat kan de effecten en preventieve aatregelen van straling 304.87 De kandidaat kan de belangrijkste eet- en controlegereedschappen ten behoeve van etingen van brandbaarheid, explosiegrenzen en vergiftigingsgevaar gebruiken. /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-25 -

304.88 De kandidaat kan veiligheidsaatregelen toepassen op zijn werkplek. /p 304.89 De kandidaat kan bij calaiteiten de voorschriften van het rapenplan uitvoeren. 304.90 De kandidaat kan actie onderneen wanneer de arbeidsostandigheden niet in overeensteing zijn et de AROwet of andere geldende regelingen. /p /i 304.91 De kandidaat kan een aantal veiligheidsiddelen deonstreren. /p 304.92 De kandidaat kan kwaliteitszorg in het laboratoriu toepassen. 304.93 De kandidaat kan ethoden en procedures ter voorkoing en bestrijding van ilieuverontreiniging in het laboratoriu toepassen. 304.94 De kandidaat kan de noodzaak van het zorgvuldig toepassen van ilieuvoorschriften bearguenteren. 304.95 De kandidaat kan het effect van beroepswerkzaaheden op het ilieu 304.96 De kandidaat kan aatregelen die ilieubelastende gevolgen bij beroepswerkzaaheden beperken, noeen. 304.97 De kandidaat kan voor aterialen die door de beroepsgroep worden gebruikt alternatieven die het ilieu inder belasten, noeen. 304.98 De kandidaat kan de ilieuaanduidingen op verpakkingen herkennen. - - - - - - 26 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

EROEPSPRAKTIJKVORMING III 385 eroepspraktijkvoring III (385) 385.01 De kandidaat kan gangbare laboratoriuapparatuur na instructie volgens een vastgesteld protocol instellen en bedienen. 385.02 De kandidaat kan gangbare laboratoriutechnieken na instructie routineatig uitvoeren. 385.03 De kandidaat kan afwijkingen van het norale patroon signaleren en elden. 385.04 De kandidaat kan ilieu-eisen en voorschriften voor het laboratoriu noeen. 385.05 De kandidaat kan zijn werkzaaheden overeenkostig de gestelde kwaliteits-, ARO-, veiligheids- en ilieunoren uitvoeren. 385.06 De kandidaat kan situaties en werkzaaheden op de werkplek op ilieurisico's inschatten. 385.07 De kandidaat kan afval van op de werkplek toegepaste aterialen op basis van aanduidingen op verpakkingsateriaal en op basis van ilieukenerken van de producten zelf scheiden. 385.08 De kandidaat kan routineatig en onder realistische arbeidsdruk werken. Rp Rp /r /r /r Rp 385.09 De kandidaat kan de adinistratie van het eigen werk verzorgen. 385.10 De kandidaat kan schriftelijke en ondeling over zijn werkzaaheden rapporteren. 385.11 De kandidaat kan zowel individueel als in groepsverband werken. Ri/c 385.12 De kandidaat kan o binnen de praktijksituatie een goede werksfeer te handhaven en te bevorderen, sociale en counicatieve vaardigheden toepassen. /i 385.13 De kandidaat kan, indien nodig, et vertrouwelijke gegevens ogaan. Pr 385.14 De kandidaat kan de organisatie van het laboratoriu - - - - - MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-27 -

Maatschappelijke Culturele Voring IV (402) NEDERLANDS 402.01 De kandidaat kan een vergadering voorbereiden, actief bijwonen en notuleren. 402.02 De kandidaat kan aangeboden inforatie kritisch beoordelen en zijn standpunt daarover bearguenteren. /i /i ENGELS 402.03 De kandidaat kan Engelse benaingen en begrippen van het vakgebied en van het bedrijf/de branche 402.04 De kandidaat kan in een geschreven of beluisterde Engels tekst hoofden bijzaken onderscheiden. 402.05 De kandidaat kan in het Engels een gesprek et vakgenoten voeren. /i 402.06 De kandidaat kan een eenvoudige zakelijke brief in het Engels opstellen. 402.07 De kandidaat kan forulieren in het Engels invullen. 402.08 De kandidaat kan eenvoudige eetrapporten en werkverslagen in het Engels opstellen. INORMATICA 402.09 De kandidaat kan het principe van de eest voorkoende standaardinterfaces 402.10 De kandidaat kan software en randapparatuur et behulp van - 28 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

MAATSCHAPPELIJKE CULTURELE VORMING IV 402 standaard-software installeren. 402.11 De kandidaat kan de belangrijkste functies van een spreadsheetprograa toepassen. 402.12 De kandidaat kan de belangrijkste functies van een databaseprograa toepassen. 402.13 De kandidaat kan handboeken van applicatie-prograa's raadplegen. 402.14 De kandidaat kan de gevolgen van de technologisering voor de aard en organisatie van het werk 402.15 De kandidaat kan algeene en vakspecifieke coputerprograa's toepassen. 402.16 De kandidaat kan elektronische inforatie-systeen raadplegen. MAATSCHAPPIJLEER 402.17 De kandidaat kan de uitgangspunten, de groeperingen en de instituties van de belangrijkste levensbeschouwelijke en politiek-ideologische stroingen in Nederland 402.18 De kandidaat kan verschijningsvoren en oorzaken van eancipatie, individualisering en vergrijzing 402.19 De kandidaat kan factoren die van invloed zijn op de aatschappelijke positie van allochtone groepen in de saenleving 402.20 De kandidaat kan de begrippen noren, waarden, oraal en ethiek 402.21 De kandidaat kan de begrippen bedrijfscultuur, beroepscode en bedrijfsethiek 402.22 De kandidaat kan verschillende visies ten aanzien van ilieu saenvatten. 402.23 De kandidaat kan wat de standpunten zijn van de belangrijkste instellingen in Nederland ten aanzien van ilieubeleid - - - - - MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-29 -

asiskennis en asisvaardigheden IV (404) SCHEIKUNDE 404.01 De kandidaat kan het scheiden van engsels in verschillende zuivere stoffen 404.02 De kandidaat kan de opbouw van atoen et behulp van de atootheorie van ohr 404.03 De kandidaat kan de atoobouw et de elektronenverdeling over de subschillen 404.04 De kandidaat kan et behulp van kennis over atoobouw de cheische eigenschappen van een eleent karakteriseren en de indeling van het periodiek systee in groepen beredeneren. 404.05 De kandidaat kan uit de systeatische naa voor eenvoudige zouten en covalent gebonden stoffen de forule afleiden. 404.06 De kandidaat kan het verband tussen de bouw van oleculen en deeltjes en hun cheische eigenschappen 404.07 De kandidaat kan de ionbinding, de covalente binding, de polaircovalente binding en de etaalbinding 404.08 De kandidaat kan et behulp van elektronegativiteitswaarden en ruitelijke vor van oleculen het al of niet hebben van een dipool beredeneren. 404.09 De kandidaat kan voor een cheische reactie een reactievergelijking opstellen. 404.10 De kandidaat kan redoxvergelijkingen et gegeven halfvergelijkingen opstellen. 404.11 De kandidaat kan eenvoudige redox-halfvergelijkingen opstellen. 404.12 De kandidaat kan aan engsels gehalteberekeningen uitvoeren. 404.13 De kandidaat kan et de volgende grootheden: volue, concentratie, olaire assa, stofhoeveelheid in ol, dichtheid en olair volue van gassen berekeningen uitvoeren. - 30 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN IV 404 404.14 De kandidaat kan de factoren die de reactiesnelheid beïnvloeden, 404.15 De kandidaat kan een energiediagra van een reactie interpreteren. 404.16 De kandidaat kan de regel van Le Chatelier en Van 't Hoff bij evenwichten toepassen. 404.17 De kandidaat kan et behulp van de evenwichtsconstante K berekeningen uitvoeren. 404.18 De kandidaat kan het verschil tussen sterke en zwakke elektrolyten 404.19 De kandidaat kan et ph, K z en K b berekeningen uitvoeren. 404.20 De kandidaat kan de ph van buffers berekenen. 404.21 De kandidaat kan een buffer et de gewenste ph aken. /p 404.22 De kandidaat kan de structuurforules en de systeatische naen voor organische stoffen bepalen. 404.23 De kandidaat kan het begrip isoerie 404.24 De kandidaat kan de stereoisoerie van eenvoudige organische verbindingen 404.25 De kandidaat kan het verband tussen de bouw van organische stoffen en hun fysische eigenschappen 404.26 De kandidaat kan reacties aan organische verbindingen in reactievergelijkingen weergeven. 404.27 De kandidaat kan titraties et visuele eindpuntsbepaling uitvoeren. Rp/ c 404.28 De kandidaat kan een foutendiscussie over verkregen eetresultaten opstellen. 404.29 De kandidaat kan chroatografische technieken uitvoeren. /p 404.30 De kandidaat kan van een UV/Vis spectrofotoeter de onderdelen en opbouw 404.31 De kandidaat kan de Wet van Labert-eer toepassen. 404.32 De kandidaat kan een spectrofotoeter voor een kwantitatieve analyse toepassen. 404.33 De kandidaat kan et behulp van standaarden en hun geeten extincties een kalibratielijn opstellen en eree de concentratie van een onbekende bepalen. Rp/ c /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-31 -

IOLOGIE 404.34 De kandidaat kan de relaties tussen de biologie en de andere natuurwetenschappen 404.35 De kandidaat kan bij eenvoudige deterinaties de belangrijkste taxonoische wetten toepassen. 404.36 De kandidaat kan functionele verbanden tussen cellen en celonderdelen 404.37 De kandidaat kan van de belangrijkste biooleculen de bouw en de functies 404.38 De kandidaat kan de belangrijkste aspecten van de basale stofwisselingsprocessen 404.39 De kandidaat kan het proces van de eiwitsynthese in de cel 404.40 De kandidaat kan de belangrijkste eigenschappen, functies en toepassingen van enzyen 404.41 De kandidaat kan voren van passief en actief transport van oleculen in en uit cellen 404.42 De kandidaat kan de invloed van icro-organisen op het ontstaan van ziekten 404.43 De kandidaat kan toepassingsogelijkheden van icro-organisen in de industrie 404.44 De kandidaat kan de verenigvuldiging van icro-organisen en de factoren die hierop van invloed zijn, 404.45 De kandidaat kan de bouw en de cyclus van virussen 404.46 De kandidaat kan ethoden van isolatie, tellen, screenen en ophopen van icro-organisen toepassen. 404.47 De kandidaat kan van een aantal bacteriesoorten een eenvoudige acroscopische, icroscopische en biocheische deterinatie uitvoeren. 404.48 De kandidaat kan de relatie tussen de belangrijkste coponenten van het bloed en de daarbij behorende functies 404.49 De kandidaat kan eenvoudige biologische, klinisch cheische en heatologische bepalingen in lichaasvloeistoffen et ziekten van het bloed of bloedsoloop in verband brengen. 404.50 De kandidaat kan de werking van de belangrijkste afweerechanisen van het lichaa 404.51 De kandidaat kan de eleentaire kenerken van ecosysteen /p /p - 32 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN IV 404 NATUURKUNDE 404.52 De kandidaat kan volgens oschreven opdracht et de goede nauwkeurigheid diverse fysische grootheden bepalen. 404.53 De kandidaat kan et betrekking tot bewegingen, kracht, assa, dichtheid, oent en evenwicht berekeningen uitvoeren. 404.54 De kandidaat kan et betrekking tot druk, vloeistoffen, gassen, dapen, fase-overgangen en vochtigheid berekeningen uitvoeren. 404.55 De kandidaat kan et betrekking tot arbeid, verogen, energie, warte en uitzetting berekeningen uitvoeren. 404.56 De kandidaat kan de principes van balansen, theroeters, druketers, densieters en hygroeters 404.57 De kandidaat kan et betrekking tot spiegels, lenzen, prisa's en optische instruenten berekeningen en constructies uitvoeren. 404.58 De kandidaat kan de eest voorkoende afbeeldingsfouten van lenzen verklaren. 404.59 De kandidaat kan et betrekking tot (soortelijke) weerstand, geleidingsverogen, inwendige weerstand, bron- en klespanning en de wetten van araday en Nernst berekeningen uitvoeren. 404.60 De kandidaat kan de principes van de belangrijkste elektrische coponenten en schakelingen 404.61 De kandidaat kan et betrekking tot elektrische en agnetische velden berekeningen uitvoeren. 404.62 De kandidaat kan de specificaties van elektronische (eet)-apparatuur interpreteren. 404.63 De kandidaat kan eetresultaten van fysische experienten et de eest gangbare coputerprograa's verwerken en volgens voorschrift rapporteren. 404.64 De kandidaat kan et betrekking tot trillingen en golven berekeningen uitvoeren. 404.65 De kandidaat kan het elektroagnetisch spectru et voorbeelden, toepassingen, en verklaringen 404.66 De kandidaat kan het principe van een traliespectroscoop, polarieter en (spectro)fotoeter /p /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-33 -

WISKUNDE 404.67 De kandidaat kan grafieken van eerstegraads, tweedegraads, gebroken, wortel, odulus, eenvoudige gonioetrische, logaritische en exponentiële functies tekenen. 404.68 De kandidaat kan eerstegraads, tweedegraads, gebroken, wortel, odulus, eenvoudige gonioetrische, logaritische en exponentiële vergelijkingen oplossen. 404.69 De kandidaat kan statistische berekeningen uitvoeren. 404.70 De kandidaat kan tussen logaritische en exponentiële functies en hun grafieken verbanden leggen. 404.71 De kandidaat kan et graden en radialen berekeningen uitvoeren. 404.72 De kandidaat kan het begrip kans hanteren. KWALITEIT, VEILIGHEID EN MILIEU 404.73 De kandidaat kan de betekenis, principes en belangrijkste begrippen van de kwaliteitszorg in het laboratoriu 404.74 De kandidaat kan het proces hoe via noralisatieprocessen noren tot stand koen, 404.75 De kandidaat kan enkele oorzaken en gevolgen van water-, bode- en luchtverontreiniging en geluid(soverlast) 404.76 De kandidaat kan et betrekking tot nauwkeurigheid en betrouwbaarheid berekeningen uitvoeren. - - - - - - 34 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

TOEGEPASTE WISKUNDE EN NATUURKUNDE 425 Toegepaste Wiskunde en Natuurkunde (425) NATUURKUNDE 425.01 De kandidaat kan et betrekking tot veldsterkte en potentiaal in een elektrisch veld berekeningen uitvoeren. 425.02 De kandidaat kan het ontladingsgedrag van een condensator 425.03 De kandidaat kan et behulp van de wet van Stokes het begrip viscositeit van een stof 425.04 De kandidaat kan de fysische achtergronden van elektroforese 425.05 De kandidaat kan de kracht tussen evenwijdige elektrische stroen, de invloed van het ediu en de oorzaak van wervelstroen verklaren. 425.06 De kandidaat kan het principe van technische en analytische toepassingen gebaseerd op elektroagnetise 425.07 De kandidaat kan et betrekking tot de energie van een foton berekeningen uitvoeren. 425.08 De kandidaat kan het principe van de atooodellen van Rutherford en ohr 425.09 De kandidaat kan een (eenvoudig) energieschea lezen. 425.10 De kandidaat kan het principe van luinescentie, fluorescentie en fosforescentie 425.11 De kandidaat kan de bij de scheikunde gehanteerde fysische begrippen uit de atoofysica toepassen. 425.12 De kandidaat kan de fysische achtergronden van de atoaire eissieen absorptiespectroetrie 425.13 De kandidaat kan het ontstaan van het röntgenspectru in een röntgenbuis 425.14 De kandidaat kan de belangrijkste toepassingen van röntgenstraling MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-35 -

425.15 De kandidaat kan et betrekking tot de bouw van een kern, radioactieve straling en dosietrie berekeningen uitvoeren. 425.16 De kandidaat kan de belangrijkste ethoden o radioactieve straling te detecteren, 425.17 De kandidaat kan de belangrijkste bronnen en toepassingen van radioactieve straling 425.18 De kandidaat kan de veiligheidsaatregelen bij het hanteren van stralingsbronnen WISKUNDE 425.18 De kandidaat kan (gonioetrische) liieten berekenen. 425.19 De kandidaat kan statistische berekeningen en bewerkingen uitvoeren. 425.20 De kandidaat kan bij berekeningen en redeneringen grafische rekenachines toepassen. 425.21 De kandidaat kan de begrippen aplitude, evenwichtsstand, faseverschil, frequentie in een wiskundige en fysische context toepassen. 425.22 De kandidaat kan van de vor y = a sin (bx + c) + d of y = a cos (bx + c) + d bij een gegeven sinusoïde of periodiek verschijnsel, sinusoïden tekenen en een forule opstellen. 425.23 De kandidaat kan de forules voor sin 2x en cos 2x en de forules sin 2 x + cos 2 x = 1 en sin x / cos x = tan x toepassen. 425.24 De kandidaat kan de begrippen hellingscoëfficiënt en raaklijn toepassen. 425.25 De kandidaat kan bij het verifiëren de extree waarden van een functie et behulp van de afgeleide functie bepalen. 425.26 De kandidaat kan et behulp van differentiëren realistische optialiseringsprobleen oplossen, waarbij uit een context de te optialiseren functie oet worden opgesteld. 425.27 De kandidaat kan functies op asyptotisch gedrag analyseren. 425.28 De kandidaat kan het begrip differentiequotiënt als aat voor de geiddelde verandering van een functie op een interval hanteren. 425.29 De kandidaat kan in het geval de functie is gegeven door een tabel, grafiek of forule het differentie-quotiënt berekenen. 425.30 De kandidaat kan het begrip differentiaalquotiënt als aat voor de infinitesiale verandering van een functie hanteren. 425.31 De kandidaat kan in het geval de functie gegeven is door een forule het - 36 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

TOEGEPASTE WISKUNDE EN NATUURKUNDE 425 differentiaalquotiënt benaderen. 425.32 De kandidaat kan als karakteristiek voor de verandering van het veranderingsgedrag van een functie de tweede afgeleide hanteren. 425.33 De kandidaat kan de notaties f ' (x), dy/dx, d/dx f(x) en f '' (x) hanteren. 425.34 De kandidaat kan de eerste en tweede afgeleide in diverse situaties interpreteren. 425.35 De kandidaat kan de eleentaire regels van differentiëren toepassen. - - - - - MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-37 -

Materiaaltechnologie Algeeen (457) 457.01 De kandidaat kan basishandelingen ter voorbereiding en uitvoering van verspanende en niet-verspanende werktuigbouwkundige bewerkingen uitvoeren. 457.02 De kandidaat kan basishandelingen van technisch en werktuigbouwkundig tekenen uitvoeren. 457.03 De kandidaat kan basiskennis betreffende echanische kenerken, eigenschappen en typeringen van stoffen en aterialen bij de gangbare verspanende en niet-verspanende werktuigbouwkundige bewerkingen toepassen. 457.04 Van de gereedschappen en achines die nodig zijn bij verspanende en niet-verspanende werktuigbouwkundige bewerkingen, kan de kandidaat: a. een typering van de basisprincipes en de toepassingsethoden geven; b. een globale technische oschrijving geven; c. vaardig gebruik aken. 457.05 Van de apparatuur voor eet- en regeltechniek, kan de kandidaat: a. een typering van de basisprincipes en de toepassingsethoden geven; b. een globale technische oschrijving geven; c. vaardig gebruik aken. 457.06 Van het instruentariu voor de belangrijkste ateriaalonderzoeken, kan de kandidaat: a. een typering van de basisprincipes en de toepassingsethoden geven; b. een globale technische oschrijving geven; c. vaardig gebruik aken. 457.07 Van de belangrijkste vorgevingsapparatuur kan de kandidaat: a. een typering van de basisprincipes en de toepassingsethoden geven; b. een globale technische oschrijving geven; c. vaardig gebruik aken. /p /p /p /p - 38 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

MATERIAALTECHNOLOGIE ALGEMEEN 457 457.08 De kandidaat kan kennis van de eigenschappen en de structuur van organische verbindingen, reactieechanisen en polyerisatiereacties bij de ateriaalkunde van de belangrijkste polyeren toepassen. /p 457.09 De kandidaat kan een typering van de eigenschappen van anorganische verbindingen, cheische reacties en fysisch-cheische verschijnselen van belang voor de ateriaalkunde geven. 457.10 De kandidaat kan basisvaardigheden bij het technisch tekenen toepassen. 457.11 De kandidaat kan werktuigbouwkundige tekeningen, bijvoorbeeld atrijzen van een product, et deskundigen (ontwerpers, technische tekenaars, applicatie- en productontwikkelaars) bespreken. 457.12 De kandidaat kan basistechnieken van het ontwerpen van eenvoudige objecten volgens van te voren opgestelde eisen toepassen. /p /i - - - - - MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-39 -

Karakterisering en Vorgeving van Materialen (458) 458.01 De kandidaat kan het ontstaan, de structuur en de eigenschappen van de belangrijkste polyeren typeren en kan het verband tussen de structuur en de eigenschappen van deze aterialen deonstreren. 458.02 De kandidaat kan kennis van de structuur en eigenschappen van aterialen bij onderzoek en vorgeving toepassen. 458.03 In geval van norafwijkingen, kan de kandidaat beoordelen: a. of het ateriaal bestand is tegen be- en verwerkingsethodes; b. of de achine bestand is tegen be- en verwerkingsethodes. 458.04 Van de belangrijkste eetethoden van ateriaaleigenschappen kan de kandidaat: a. de principes en toepassingsethoden deonstreren; b. zelfstandig volgens voorschrift uitvoeren. 458.05 De kandidaat kan ten behoeve van (product)onderzoek en -ontwikkeling basisvaardigheden van be- en verwerkingstechnieken toepassen. 458.06 Van de belangrijkste vorgevingstechnieken kan de kandidaat: a. de principes en toepassingsethode deonstreren; b. vaardig gebruik aken. 458.07 De kandidaat kan van de eest voorkoende etalen de belangrijkste eigenschappen noeen. 458.08 De kandidaat kan het verband tussen de structuur en de eigenschappen van de volgende aterialen aantonen: theroplasten (kunststoffen), elastoeren (kunstrubbers), coposieten (saengestelde aterialen) en keraiek. 458.09 De kandidaat kan de principes en gebruikersogelijkheden van algeene en specifieke karakteriseringstechnieken voor theroplasten, elastoeren, coposieten en keraiek deonstreren. 458.10 De kandidaat kan vakbekwaa en zelfstandig algeene en specifieke karakteriseringstechnieken volgens voorschrift uitvoeren. 458.11 De kandidaat kan van enkele polyeren de ateriaalspecifieke kenerken van het ontwerpen aantonen. /p /p /p /p /p - 40 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

KARAKTERISERING EN VORMGEVING VAN MATERIALEN 458 458.12 Van de eest gangbare aterialen kan de kandidaat het verband tussen de verschillen in ateriaaleigenschappen en de consequenties daarvan bij het hanteren van ontwerpcriteria, beoordelen. 458.13 De kandidaat kan: a. basisvaardigheden in het technisch tekenen toepassen; b. aan de hand van een eenvoudige werktuigbouwkundige tekening beoordelen welke etingen oeten worden uitgevoerd c. de etingen, genoed in b, zelfstandig uitvoeren. 458.14 De kandidaat kan aan de hand van eetgegevens de ate van bijsturing van het productieproces beoordelen. 458.15 De kandidaat kan ten behoeve van de goede voortgang van de werkzaaheden op adequate wijze zowel ondeling als schriftelijk et betrokkenen couniceren. /p /p /i 458.16 De kandidaat kan de werkzaaheden overzichtelijk en efficiënt indelen en uitvoeren. /p 458.17 De kandidaat kan in een adequaat tepo werken. /p 458.18 De kandidaat kan in het kader van zijn werkzaaheden in groepsverband saenwerken. 458.19 De kandidaat kan de resultaten van zijn werkzaaheden in verslagen vastleggen. /i KWALITEITSZORG 458.20 De kandidaat kan de achtergronden van genoraliseerde regelingen voor kwaliteitssysteen 458.21 De kandidaat kan de eerste- en tweede lijns controles in de laboratoriuwerkzaaheden toepassen. 458.22 De kandidaat kan het doel en de organisatie van inter- en intralaboratoriucontroles 458.23 De kandidaat kan de uitslag van inter- en intralaboratoriucontroles interpreteren. 458.24 De kandidaat kan resultaten beoordelen, correct weergeven en aan de betrouwbaarheid toetsen. /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-41 -

458.25 De kandidaat kan statistische toetsen op het gebied van uitbijters en voor het vergelijken van series eetresultaten toepassen. 458.26 De kandidaat kan in het laboratoriu gebruikelijke controlekaarten toepassen. /p - 42 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

TECHNISCHE ONDERWIJSASSISTENTIE 464 Technische Onderwijsassistentie (464) nuer eindter taco VOOREREIDING EN PRACTICA 464.01 De kandidaat kan zelfstandig de technische voorbereiding van deonstratieproeven en practica uitvoeren. /p 464.02 De kandidaat kan bij de uitvoering van practica assistentie verlenen. Pi/c/p 464.03 De kandidaat kan proeven deonstreren. Ri/c/p 464.04 De kandidaat kan het veilig uitvoeren van proeven begeleiden. /i/p 464.05 De kandidaat kan de werking van een apparaat uitleggen. /i/p 464.06 De kandidaat kan in overleg et betrokkenen hulpiddelen ten behoeve van practica ontwerpen en ontwikkelen. 464.07 De kandidaat kan door iddel van technische tekeningen et instruentenakers couniceren. 464.08 De kandidaat kan eleentaire bewerkingen et gangbare aterialen uitvoeren. 464.09 De kandidaat kan audiovisuele en ICT technieken in het natuurwetenschappelijke onderwijs toepassen. 464.10 De kandidaat kan kennis en vaardigheden voor het diploa Eerste Hulp ij Levensbedreigende situaties uitvoeren. /p /p/i /p /i/p /p/i ADMINISTRATIE EN EHEER 464.11 De kandidaat kan de inventaris- en voorraadadinistratie voor in het onderwijs gebruikelijke aterialen voeren. 464.12 De kandidaat kan op verantwoorde wijze het beheer over apparatuur, onderdelen van achines en apparatuur, cheicaliën en biologische preparaten voeren. 464.13 De kandidaat kan bij het opstellen van de begroting en bij de budgetbewaking adviseren. 464.14 De kandidaat kan een voorschrift voor bediening of onderhoud van apparatuur ontwikkelen. 464.15 De kandidaat kan inspectief en preventief onderhoud aan apparatuur en werkogeving uitvoeren. 464.16 De kandidaat kan noodzakelijk door derden te verrichten onderhoud of reparatie signaleren. /p /p /p /i MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-43 -

nuer eindter taco 464.17 De kandidaat kan bij onderhoud de geschikte specialist in (laten) schakelen. KWALITEIT, ARO, VEILIGHEID EN MILIEU 464.18 De kandidaat kan de belangrijkste voorschriften en achtergronden op het gebied van veiligheid en arbeidsostandigheden confor de ARO-wet en andere richtlijnen Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - relevante onderwerpen uit de veiligheids- en gezondheidswetgeving kan noeen; - de begrippen risico, preventie en beheersaatregelen kan beschrijven; - de oorzaken van een ongeval en ethoden van ongevalpreventie kan beschrijven; - de belangrijkste aspecten van het gebruik van werkvergunningen kan noeen. 464.19 De kandidaat kan veiligheidssybolen, cheiebladen, p-waarden en MAC-waarden toepassen. 464.20 De kandidaat kan preventieve aatregelen et betrekking tot brandbare, giftige, bijtende en oxiderende stoffen Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - de risico's en beheersaatregelen voor het ogaan et gevaarlijke stoffen kan 464.21 De kandidaat kan de werking en toepassing van blusstoffen en brandbestrijdingsiddelen verklaren. Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - de risico's en beheersaatregelen voor brand en explosies kan 464.22 De kandidaat kan de verschillende persoonlijke bescheringsiddelen en hun toepassing Hieronder wordt verstaan dat de kandidaat: - het juiste gebruik en de toepassingsgebieden van persoonlijke bescheringsiddelen kan 464.23 De kandidaat kan et elektrische apparatuur veilig werken. /p 464.24 De kandidaat kan de effecten en preventieve aatregelen van straling 464.25 De kandidaat kan de belangrijkste eet- en controlegereedschappen ten behoeve van etingen van brandbaarheid, explosiegrenzen en vergiftigingsgevaar gebruiken. /p 464.26 De kandidaat kan veiligheidsaatregelen toepassen op zijn werkplek. /p 464.27 De kandidaat kan bij calaiteiten de voorschriften van het rapenplan uitvoeren. /p - 44 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

TECHNISCHE ONDERWIJSASSISTENTIE 464 464.28 De kandidaat kan actie onderneen wanneer de arbeidsostandigheden niet in overeensteing zijn et de ARO-wet of andere geldende regelingen. /i 464.29 De kandidaat kan een aantal veiligheidsiddelen deonstreren. /p 464.30 De kandidaat kan kwaliteitszorg in het laboratoriu toepassen. 464.31 De kandidaat kan ethoden en procedures ter voorkoing en bestrijding van ilieuverontreiniging in het laboratoriu toepassen. 464.32 De kandidaat kan de noodzaak van het zorgvuldig toepassen van ilieuvoorschriften bearguenteren. 464.33 De kandidaat kan het effect van beroepswerkzaaheden op het ilieu 464.34 De kandidaat kan aatregelen die ilieubelastende gevolgen bij beroepswerkzaaheden beperken, noeen. 464.35 De kandidaat kan voor aterialen die door de beroepsgroep worden gebruikt alternatieven die het ilieu inder belasten, noeen. 464.36 De kandidaat kan de ilieuaanduidingen op verpakkingen herkennen. - - - - - MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-45 -

eroepspraktijkvoring IV (485) 485.01 De kandidaat kan zelfstandig gangbare laboratoriuapparatuur volgens een vastgesteld protocol instellen en bedienen. Pp/ c 485.02 De kandidaat kan gangbare laboratoriutechnieken uitvoeren. Pp/ c 485.03 De kandidaat kan bij afwijkingen van het norale patroon een inschatting van de aard van de probleen aken en dit rapporteren. 485.04 De kandidaat kan de kwaliteits-, ARO-, veiligheids- en ilieunoren binnen de laboratoriusituatie toepassen. /r /p 485.05 De kandidaat kan een planning van de eigen werkzaaheden aken. Pr 485.06 De kandidaat kan et de (eet)resultaten een rapportage opstellen. 485.07 De kandidaat kan zowel individueel als in groepsverband werken. Pi/c 485.08 De kandidaat kan schriftelijk en ondeling over werkzaaheden van een langere periode rapporteren. 485.09 De kandidaat kan o binnen de praktijksituatie een goede werksfeer te handhaven en te bevorderen sociale en counicatieve vaardigheden toepassen. 485.10 De kandidaat kan de bedrijfsorganisatie en de plaats van het laboratoriu daarin /i - - - - - - 46 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

COMPOSIETTECHNOLOGIE 491 Kunststoftechnologie (490) Nuer Eindter Taco KUNSTSTOKENNIS 490.01 De kandidaat kan de belangrijkste begrippen uit de polyeerkunde 490.02 De kandidaat kan de belangrijkste eigenschappen van polyeren, gekoppeld aan structuurkenerken 490.03 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische, cheische, elektrische en optische eigenschappen van kunststoffen beschrijven, inclusief de eest voorkoende testethoden. 490.04 De kandidaat kan de factoren noeen die degeneratie van kunststoffen veroorzaken. 490.05 De kandidaat kan de belangrijkste vul- en toeslagstoffen en de invloed die deze op de eigenschappen en de verwerkingswijze van kunststoffen hebben, noeen. VERWERKINGSTECHNIEKEN EN RECYCLING 490.06 De kandidaat kan de belangrijkste kunststofverwerkingstechnieken voor de diverse typen kunststoffen noeen. 490.07 De kandidaat kan de belangrijkste aspecten die te aken hebben et kunststofrecycling EXTRUDEREN, MENGEN, SPUITGIETEN 490.08 De kandidaat kan de opbouw en werking van een extruder 490.09 De kandidaat kan de belangrijkste proceskenerken van extrusie 490.10 De kandidaat kan de belangrijkste extrusie-ethoden 490.11 De kandidaat kan de belangrijkste begrippen behorende bij engen van MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-47 -

Nuer Eindter Taco kunststoffen verklaren. 490.12 De kandidaat kan de opbouw en werking van een spuitgietachine 490.13 De kandidaat kan de belangrijkste proceskenerken van spuitgieten 490.14 De kandidaat kan de opbouw van een atrijs en de verschillende soorten atrijzen noeen. CONSTRUEREN MET KUNSTSTOEN 490.15 De kandidaat kan het ontwerpproces van een kunststof product 490.16 De kandidaat kan basisprincipes uit de echanica, gekoppeld aan constructieonograen, op te ontwerpen kunststof producten toepassen. 490.17 De kandidaat kan de belangrijkste vorgevingsdetails van te ontwerpen kunststof producten noeen. EHEERSSYSTEMEN 490.18 De kandidaat kan eenvoudige probleen in de kunststofverwerking et behulp van statistische technieken oplossen. Pp/c 490.19 De kandidaat kan een eenvoudig kwaliteitszorgsystee 490.20 De kandidaat kan de belangrijkste aspecten van veiligheid, gezondheid, welzijn en ilieu in de kunststofverwerking toepassen. Pp/c PRAKTIJK 490.21 De kandidaat kan de in 490.1 t/.20 opgedane kennis en vaardigheden toepassen in een reële praktijksituatie. 490.22 De kandidaat kan verantwoordelijkheid dragen in de praktijksituatie in organisatorisch en aatschappelijk verband. 490.23 De kandidaat kan schriftelijk en ondeling rapporteren over zijn werkzaaheden. Pp/c 490.24 De kandidaat kan veilig en ilieubewust functioneren. /p - 48 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

COMPOSIETTECHNOLOGIE 491 Coposiettechnologie (491) Nuer Eindter Taco KUNSTSTOKENNIS 491.01 De kandidaat kan de belangrijkste begrippen uit de polyeerkunde 491.02 De kandidaat kan de belangrijkste eigenschappen van polyeren, gekoppeld aan structuurkenerken 491.03 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische, cheische, elektrische en optische eigenschappen van kunststoffen beschrijven, inclusief de eest voorkoende testethoden. 491.04 De kandidaat kan de factoren noeen die degeneratie van kunststoffen veroorzaken. 491.05 De kandidaat kan de belangrijkste theroharders/harsen en hun praktische toepassingen noeen. 491.06 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische en cheische eigenschappen van theroharders/harsen 491.07 De kandidaat kan de principes van de verwerking van therohardende halffabrikaten 491.08 De kandidaat kan de belangrijkste theroplastische atrixaterialen voor coposieten en hun praktische toepassingen noeen. 491.09 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische en cheische eigenschappen van theroplastische atrixaterialen 491.10 De kandidaat kan de principes van de verwerking van theroplastische atrixaterialen 491.11 De kandidaat kan de verschillende typen vezels noeen. 491.12 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische en cheische eigenschappen van de verschillende typen vezels 491.13 De kandidaat kan de fabricage-ethoden van vezels 491.14 De kandidaat kan de verschillende typen textiele verwerkingstechnieken MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-49 -

(inclusief voorbehandeling) van vezels 491.15 De kandidaat kan de verschillende kernaterialen 491.16 De kandidaat kan de fabricagetechnieken van de verschillende kernaterialen 491.17 De kandidaat kan de belangrijkste vul- en toeslagstoffen en de invloed die deze hebben op de verwerking, de uitharding en de echanische eigenschappen, noeen. VERWERKINGSTECHNIEKEN 491.18 De kandidaat kan de verschillende verwerkingsethoden van theroplastische en therohardende coposiet-halffabrikaten 491.19 De kandidaat kan de toepassing van een bepaalde verwerkingsethode beschrijven in relatie tot product en productie. 491.20 De kandidaat kan de principes van allenbouw en allenonderhoud 491.21 De kandidaat kan de belangrijkste bewerkingstechnieken van coposietaterialen COMPOSIETEIGENSCHAPPEN EN -TESTMETHODEN 491.22 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische en cheische eigenschappen, inclusief de eest voorkoende testethoden van coposieten ONTWERP, VORMGEVING EN CONSTRUCTIE 491.23 De kandidaat kan beschrijven welke constructieve overwegingen van belang zijn bij het vorgeven van een coposietateriaal, in relatie tot de keuze van de productietechniek. 491.24 De kandidaat kan noeen op welke anieren coposietaterialen verstijfd kunnen worden. 491.25 De kandidaat kan noeen hoe verschillende coposietaterialen et elkaar verbonden kunnen worden. EHEERSSYSTEMEN 491.26 De kandidaat kan eenvoudige probleen in de coposietateriaal productie, et behulp van statistische technieken oplossen. Pp/c - 50 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

COMPOSIETTECHNOLOGIE 491 491.27 De kandidaat kan een eenvoudig kwaliteitszorgsystee 491.28 De kandidaat kan de belangrijkste aspecten van veiligheid, gezondheid, welzijn en ilieu in de coposietateriaal productie toepassen. Pp/c PRAKTIJK 491.29 De kandidaat kan de in 491.1 t/ 28 opgedane kennis en vaardigheden toepassen in een reële praktijksituatie. 491.30 De kandidaat kan verantwoordelijkheid dragen in de praktijksituatie in organisatorisch en aatschappelijk verband. 491.31 De kandidaat kan schriftelijk en ondeling rapporteren over zijn werkzaaheden. Pp/c 491.32 De kandidaat kan veilig en ilieubewust functioneren. /p MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-51 -

Polyeertechnologie (492) Nuer Eindter Taco SYNTHESE VAN POLYMEREN 492.01 De kandidaat kan de verschillende polyerisatiereacties en reactieechanisen PROCESTECHNIEK VAN DE POLYMEEREREIDING 492.02 De kandidaat kan de verschillende procesvoeringen van polyerisatieprocessen, inclusief de relevante procesparaeters 492.03 De kandidaat kan de kenerken van de eest gebruikte reactoren voor polyerisatieprocessen noeen. 492.04 De kandidaat kan de bereiding van onoeren via kraakprocessen 492.05 De kandidaat kan de verschillende typen engsysteen bij polyerisatieprocessen 492.06 De kandidaat kan de opwerkingstechnieken van de verschillende typen polyeren uit de reactor tot granulaat 492.07 De kandidaat kan enkele polyerisatieprocessen CHEMISCHE EN YSISCHE ANALYSETECHNIEKEN 492.08 De kandidaat kan de opbouw en werking van de gaschroatograaf, inclusief de diverse injectie- en detectie-technieken 492.09 De kandidaat kan een scheiding beoordelen onder andere et behulp van begrippen als stationaire/obiele fase en schotelgetal. 492.10 De kandidaat kan berekeningen uitvoeren aan gelfiltratie en aan HPLC. 492.11 De kandidaat kan de principes van de spectrofotoetrische technieken - 52 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE

POLYMEERTECHNOLOGIE 492 Nuer Eindter Taco UV/VIS, XR en (T)IR 492.12 De kandidaat kan de principes van de spectrofotoetrische technieken AAS/AES, ICP en NIRS noeen. 492.13 De kandidaat kan de belangrijkste begrippen uit de spectrofotoetrie 492.14 De kandidaat kan et ijklijnen berekeningen uitvoeren aan spectrofotoetrisch bepaalde coponenten. 492.15 De kandidaat kan de belangrijkste technieken van onsternae en onsterconditionering, -handling en -voorbewerking 492.16 De kandidaat kan de principes van in-, on-, en offline beonstering en analyse STRUCTUREN, EIGENSCHAPPEN EN KARAKTERISERING 492.17 De kandidaat kan de belangrijkste eigenschappen van polyeren, gekoppeld aan structuurkenerken 492.18 De kandidaat kan de belangrijkste echanische, fysische, cheische, elektrische en optische eigenschappen van theroplastische polyeren beschrijven, inclusief de eest voorkoende testethoden. 492.19 De kandidaat kan ethoden o het brandgedrag van polyeren te bepalen en o olecuulassa s van polyeren te eten VERWERKING EN TOEPASSING 492.20 De kandidaat kan de verschillende copounderingstechnieken van theroplasten noeen. 492.21 De kandidaat kan de verschillende vorgevingstechnieken van theroplasten, inclusief principes van toegepaste apparatuur en de belangrijkste aspecten van de procesvoering (o.a. procesparaeters) 492.22 De kandidaat kan de belangrijkste paraeters in vorgevingsprocessen interpreteren. 492.23 De kandidaat kan de principes van eetethoden aan gereed product beschrijven en relateren aan de polyeereigenschappen, de vorgevingstechniek en de gehanteerde procesostandigheden. PRAKTIJK De kandidaat kan de in 492.1 t/ 492.23 opgedane kennis en vaardigheden MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE / UITGAVE MEI 2002-53 -

Nuer Eindter Taco 492.24 toepassen in een reële praktijksituatie. Pp/c 492.25 De kandidaat kan verantwoordelijkheid dragen in de praktijksituatie in organisatorisch en aatschappelijk verband. 492.26 De kandidaat kan schriftelijk en ondeling rapporteren over zijn werkzaaheden. 492.27 De kandidaat kan veilig en ilieubewust functioneren. /p - 54 - UITGAVE MEI 2002 / MIDDENKADERUNCTIONARIS MATERIAALTECHNOLOGIE