Alternatieve vluchtroute aanduiding
|
|
|
- Philomena Bogaerts
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Onderzoek naar de effectiviteit van Nodazzle Versie: 1.0, 4 februari 2010 Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid Nibra Postbus HA Arnhem T F [email protected]
2 Colofon Opdrachtgever: Contactpersoon: Titel: Lightcompany de heer M. Ten Wolde Alternatieve vluchtrouteaanduiding. Onderzoek naar de effectiviteit van Nodazzle Datum: 4 februari 2010 Status: Eindrapport Versie: 1.0 Projectnummer: 431N9001 Auteurs: Projectleider: Review: Eindverantwoordelijk: drs. ing. M. Kobes drs. K. Groenewegen drs. ing. M. Kobes dr. ir. M.G. Duyvis dr. ir. J.G. Post (hoofd onderzoek NIFV) NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 2
3 Inhoud Managementsamenvatting 4 1 Inleiding 5 2 Onderzoeksverantwoording Meten van effectiviteit Testopstelling Testmethode Registratie Testpersonen 12 3 Resultaten van de looptesten Routekeuze Vluchttijd 16 4 Resultaten van de belevingstest De invloed van het systeem in scenario s met en zonder rook De invloed van de rook op de systemen Invloed van de volgorde van de uitgevoerde belevingstesten 21 5 Discussie over de resultaten 21 6 Conclusies en aanbevelingen Conclusies Aanbevelingen 23 Literatuur 24 NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 3
4 Managementsamenvatting Onderzoek naar de effectiviteit van Nodazzle The Lightcompany heeft het NIFV gevraagd de effectiviteit van Nodazzle te testen. Nodazzle is een alternatief systeem voor vluchtrouteaanduiding. Het systeem bestaat uit armaturen die met LED s zijn verlicht. Een armatuur is voorzien van een groen verlicht pictogram, in de vorm van een pijl, en een lichtbron die naar de grond schijnt. Deze lichtbron is rood bij de armaturen die de vluchtroute aanduiden en groen bij de armaturen ter plaatse van de nooduitgang. De armaturen bevinden zich op de wanden, op ongeveer 90 centimeter hoogte. Een systeem voor vluchtwegaanduiding is effectief als mensen in geval van nood snel de dichtstbijzijnde nooduitgang kunnen vinden. Verder moet het voor aanwezigen duidelijk zijn dat het systeem de vluchtroute aangeeft, en moeten zij vertrouwen hebben in het systeem, wil het effectief zijn. De effectiviteit van het Nodazzle systeem is onderzocht middels een praktijkonderzoek, namelijk met een looptest en een belevingstest. De looptest is uitgevoerd in een rooksituatie, de belevingstest is uitgevoerd in zowel een rooksituatie als een situatie zonder rook. Om de effectiviteit te meten zijn de resultaten van de testen met het Nodazzle systeem vergeleken met de resultaten van dezelfde testen met het conventionele systeem voor routeaanduiding. Aan het experiment namen 41 personen deel, waarvan 20 personen de looptest in de testsituatie met Nodazzle hebben gedaan en 21 personen de looptest in de testsituatie met de conventionele transparant hebben uitgevoerd. Conclusies Gezien de beperkingen van het onderzoek is het slechts een eerste aanzet. De uitkomsten van het onderzoek geven dan ook niet meer dan eerste indicatie van de effectiviteit van het Nodazzle systeem. Over de effectiviteit van het Nodazzle systeem kunnen onder de toegepaste testcondities de volgende conclusies getrokken worden: Het Nodazzle systeem scoort in de looptest beduidend beter dan het conventionele systeem. Het Nodazzle systeem wordt door de testpersonen in de belevingstest op alle beoordelingscriteria beduidend beter beoordeeld dan het conventionele systeem. Het verschil is het grootst in de situatie met rook. De negatieve invloed van rook op de scores in de belevingstest van het systeem is voor het conventionele systeem beduidend sterker dan voor het Nodazzle systeem. Aanbevelingen De aanbeveling is om het systeem nader te testen in een uitgebreide studie met een meer complexe testomgeving en een grotere variatie aan testscenario s. De aanbeveling is om het systeem ook te testen tijdens een onaangekondigde ontruimingsoefening, waarbij de deelnemers niet kunnen vermoeden dat het om een testsituatie gaat. Zowel uit deze studie als uit eerdere onderzoeken, blijkt dat het conventionele systeem van vluchtrouteaanduiding niet altijd optimaal effectief is. De aanbeveling is daarom om met behulp van gedragsonderzoek te bepalen welke uitvoeringen van vluchtrouteaanduiding het meest effectief zijn. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 4
5 1 Inleiding De vluchtrouteaanduiding in gebouwen in Nederland bestaat over het algemeen uit groene borden met pictogrammen die op ongeveer plafondhoogte zijn geplaatst. Wanneer een noodverlichtingsysteem vanwege veiligheidsredenen noodzakelijk is, zijn de pictogrammen verlicht. Dit zijn de zogeheten transparanten. Andere uitvoeringen van vluchtrouteaanduidingen komen in gebouwen in Nederland nauwelijks voor. De vluchtrouteaanduiding is er vooral op gericht om mensen naar de dichtstbijzijnde uitgang te leiden. Uit een literatuuronderzoek 1 naar menselijk gedrag bij brand is echter gebleken dat mensen doorgaans vluchten via de bekende weg en nauwelijks via de dichtstbijzijnde nooduitgang. Verder blijkt uit incidentanalyses dat het systeem met de hoog geplaatste transparanten maar een beperkte invloed heeft op het vinden van de nooduitgang, aangezien brandslachtoffers de transparanten vaak niet hadden opgemerkt 2 of hadden genegeerd 3. Een onderzoek naar de effectiviteit van mogelijke alternatieve vormen van/systemen voor vluchtrouteaanduiding is daarom wenselijk. The Lightcompany heeft het NIFV gevraagd de effectiviteit van Nodazzle te testen. Nodazzle is een alternatief systeem voor vluchtrouteaanduiding. Het systeem bestaat uit armaturen die met LED s zijn verlicht. Een armatuur is voorzien van een groen verlicht pictogram, in de vorm van een pijl, en een lichtbron die naar de grond schijnt. Deze lichtbron is rood bij de armaturen die de vluchtroute aanduiden en groen bij de armaturen ter plaatse van de nooduitgang. In figuur 1 zijn de twee typen armaturen weergegeven. Aanduiding voor de nooduitgang Aanduiding voor de vluchtroute Figuur 1: Uitvoering vluchtrouteaanduiding Nodazzle 1 Kobes Ouellette Ouellette 1993; Boer 2002; Johnson 2005 NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 5
6 De effectiviteit van het Nodazzle systeem is onderzocht middels een praktijkonderzoek. Daarin zijn testen uitgevoerd naar de routekeuze, de vluchtsnelheid en de situatiebeleving van testpersonen in een gebouw. Er zijn twee systemen van vluchtrouteaanduiding getest, namelijk het conventionele systeem van hooggeplaatste transparanten en het alternatieve systeem van Nodazzle. Deze rapportage bevat de bevindingen van de testen met zowel het conventionele als het alternatieve systeem. In hoofdstuk 2 is (een verantwoording van) de onderzoeksmethode beschreven. In hoofdstuk 3 en zijn de resultaten van de testen weergegeven. Hoofdstuk 5 is discussie van de resultaten beschreven en de conclusies en aanbevelingen zijn in hoofdstuk 6 opgenomen. 2 Onderzoeksverantwoording 2.1 Meten van effectiviteit Een systeem voor vluchtwegaanduiding is effectief als mensen in geval van nood snel de dichtstbijzijnde nooduitgang kunnen vinden. Verder moet het voor aanwezigen duidelijk zijn dat het systeem de vluchtroute aangeeft, en moeten zij vertrouwen hebben in het systeem, wil het effectief zijn. Op basis van deze drie criteria (snelheid, duidelijkheid en vertrouwen) is besloten de effectiviteit van beide systemen te meten aan de hand van drie variabelen: De snelheid waarmee men een veilig gebied (de uitgang of nooduitgang) bereikt; De gekozen uitgang (normale uitgang of nooduitgang); De motivatie en beleving van de testpersonen, waaronder het al dan niet gebruik gemaakt hebben van de vluchtroutesignalering, de duidelijkheid van de signalering, de afstand waarop de signalering zichtbaar is en de mate waarin het systeem de testpersoon zich op zijn gemak stelt. Om bovenstaande variabelen te kunnen meten is gekozen voor het uitvoeren van een looptest en een belevingstest (zie paragraaf 2.2). Om de effectiviteit te meten zijn de resultaten van de testen met het Nodazzle systeem vergeleken met de resultaten van de testen met het conventionele systeem voor routeaanduiding. Invloed van rook Wanneer een testpersoon meerdere malen een looptest uit zou voeren dan is de kans groot dat het gedrag van de testpersonen in de tweede en volgende looptest sterk beïnvloed wordt door de ervaringen uit de eerste looptest. Daarom is besloten dat iedere testpersoon slechts één looptest uitvoert, hetzij in de testsituatie met het Nodazzle systeem of in de testsituatie met het conventionele systeem. Gezien het beperkte aantal testpersonen kon slechts gekozen worden voor één ontruimingsscenario, namelijk een scenario met of zonder beperkt zicht door rook. Uit de literatuur is bekend dat rook veel invloed heeft op de routekeuze. Door verminderd zicht en oriëntatieproblemen bemoeilijkt rook het vinden van de (nood)uitgang. Daarnaast is in rooksituaties het snel en via de kortste route vluchten essentieel om de noodsituatie te kunnen overleven. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 6
7 In het bestaande systeem zijn de armaturen op een hoog niveau geplaatst, waar zich ook de rook bevindt: hierdoor zijn de aanduidingen op de armaturen niet goed zichtbaar. In het Nodazzle systeem zijn de armaturen lager geplaatst. Op basis van bovenstaande overwegingen is besloten de looptest in een rooksituatie uit te voeren. Omdat de effectiviteit van een vluchtroutesignaleringssysteem niet alleen afhangt van snelheid en routekeuze maar ook van vertrouwen in het systeem, is een belevingstest uitgevoerd in een rooksituatie. De belevingstest kan door één testpersoon meerdere malen worden uitgevoerd, aangezien er uitsluitend sprake is van een beoordeling en niet van het meten van gedrag. Omdat het individuele beoordelingskader van iedere persoon anders is, heeft iedere persoon beide systemen beoordeeld. De verschillen in de beoordeling van de twee systemen zijn eerst op persoonsniveau en daarna op groepsniveau geanalyseerd. Omdat alle testpersonen beide systemen hebben beoordeeld, waren er voldoende personen om twee ontruimingsscenario s te testen. Daarom is er in aanvulling op de belevingstest in een rooksituatie, voor gekozen ook belevingstesten in een situatie zonder rook (nulsituatie) uit te voeren. Zie voor een scenario-indeling tabel 1 in paragraaf Testopstelling De testen zijn uitgevoerd in het gebouw van KIWA in Rijswijk. Hiervoor is een gedeelte van een vleugel van het gebouw afgezet voor het houden van de testen. Figuur 2 geeft de testopstelling weer. De testopstelling bestond uit een lange gang, met aan de ene zijde een deur naar een trappenhuis, welke in de test fungeerde als uitgang. Aan het andere uiteinde van de gang werd een nooduitgang gecreëerd, door de deur van de laatste kamer als nooduitgang aan te duiden. In het midden van de gang was één van de kantoren (kamer 31) ingericht als startpunt voor het loopexperiment. Bij de looptest stond zowel achter de nooduitgang als achter de hoofduitgang één waarnemer, die zorgde voor de tijdswaarneming en de opvang van de testpersoon. De nooduitgang werd voorzien van één van beide signaleringssystemen (transparant of Nodazzle). In het conventionele systeem werd één armatuur aan het uiteinde van de gang op ongeveer 2 meter hoogte geplaatst (zie figuur 2). In het Nodazzle systeem werden vier armaturen op ongeveer 0.9 meter hoogte geplaatst, namelijk één aan het uiteinde van de gang en drie op de lange zijde van de gang. De hoofduitgang werd niet voorzien van verlichting. Tijdens de experimenten was het licht in de gang uit, met uitzondering van een lamp direct boven de deur van kamer 31. Deze lamp had een lichtintensiteit die vergelijkbaar is met normale noodverlichting. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 7
8 Nooduitgang Hoofduitgang Figuur 2: Plattegrond testopstelling 2.3 Testmethode De testpersonen werden na aankomst op de testlocatie in een centraal gedeelte van het pand opgevangen en vulden daar een intakeformulier in. In de vragenlijst werden gegevens over de deelnemer gevraagd, zoals over gevolgde opleidingen en over ervaringen op het gebied van brandveiligheid. Testgroepen en verdeling over scenario s Voorafgaand aan de testen werden de deelnemers verdeeld over vier testgroepen. De personen in elke testgroep deden eerst individueel mee aan één van de twee looptestscenario s, zodat het individuele gedrag van de testpersonen niet werd beïnvloed door groepsprocessen. De personen deden daarna groepsgewijs mee aan twee van de vier belevingsscenario s. De mogelijkheid van beïnvloeding door anderen werd voorkomen door het niet toestaan van onderlinge communicatie tijdens de belevingstesten. Een overzicht van de verdeling van de testgroepen over de scenario s is opgenomen in tabel 1. Tabel 1: Overzicht van verdeling van testgroepen over scenario s Test groep Deelnemernummers Scenario looptest Scenario 1 belevingstest Scenario 2 belevingstest G1A Nodazzle met rook Nodazzle met rook Transparant met rook G1B Transparant met rook Transparant met rook Nodazzle met rook G2A Nodazzle met rook Nodazzle zonder rook Transparant zonder rook G2B Transparant met rook Transparant zonder rook Nodazzle zonder rook NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 8
9 De twee vluchtrouteaanduidingen ter plaatse van de nooduitgang. Situatie zonder rook. De twee vluchtrouteaanduidingen ter plaatse van de nooduitgang. Situatie met rook. Figuur 3: Testopstellingen Looptesten Een testgroep ging met de testcoördinator naar de testgang. De groep deelnemers kwam binnen via de deur die in de test functioneerde als normale uitgang, waardoor de deelnemers bekend raakten met de route van kamer 31 naar buiten. Op het moment dat de deelnemers richting kamer 31 liepen, was er nog geen nooduitgangsysteem of rook te zien. Aan de deelnemers werd gevraagd in kamer 31 te wachten. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 9
10 Situatie ter plaatse van de nooduitgang. Situatie ter plaatse van de hoofduitgang. Figuur 4: Opstelling van rookgeneratoren Terwijl de deelnemers wachtten in kamer 31, werd het scenario in de gang klaargemaakt en werd met twee rookgeneratoren rook in de gang geblazen. Deze waren hoog opgesteld (zie figuur 4) om de situatie van warme rook, die opstijgt, zo goed mogelijk te benaderen. Vervolgens werd één testpersoon uit de groep meegenomen naar de startpositie van de test. Deze was vlak voor de deur naar de gang, waar een halletje was gecreëerd, zodat de overige deelnemers geen direct zicht hadden op de deur. Daar kreeg de testpersoon de opdracht op papier te lezen. Op deze manier wisten de andere testpersonen niet wat de opdracht was. Op het briefje stond de volgende mededeling: Er is brand. Verlaat het pand via de nooduitgang. Vervolgens gaf de testcoördinator portofonisch de start van de test door aan de waarnemers, en begon de testpersoon te vluchten. Zodra de deelnemer een van beide uitgangdeuren had geopend, werd dit portofonisch gemeld door de waarnemer, die achter de deur stond. Daarna werd de testpersoon door de waarnemer naar de vragenlijstruimte gebracht. Vervolgens werd de testopstelling gecontroleerd en gereedgemaakt voor de volgende testpersoon. Na afronding van de looptesten werden de belevingstesten uitgevoerd. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 10
11 Belevingstesten De belevingstesten werden groepsgewijs uitgevoerd, in groepen van vijf personen. Aan een groep van vijf personen werd gevraagd mee te gaan naar de testopstelling, door de gang te lopen en daarbij de vluchtrouteaanduiding en de omgeving te bekijken,en vervolgens een vragenlijst in te vullen. In de vragenlijst gaf de testpersoon aan verschillende aspecten van het systeem van vluchtrouteaanduiding een score op een schaal van 1 tot 10. Terwijl de eerst groep testpersonen de eerste vragenlijst invulde, begon de tweede groep van vijf personen aan de eerste belevingstest. Vervolgens werd de testopstelling omgebouwd (van Nodazzle naar transparant, of van transparant naar Nodazzle en werd de tweede belevingstest op identieke wijze en met dezelfde goep uitgevoerd als de eerste test. Afhankelijk van het scenario stond er wel of geen rook in de gang tijdens de belevingstest. Interview na afloop Na de laatste belevingstest zijn alle deelnemers gevraagd mee te werken aan een kort interview. Dit interview is geregistreerd met een camera. In het interview lag de nadruk op de voorkeur van de testpersonen voor één van beide systemen en op de motivering van deze voorkeur. Methode voor analyse De resultaten van de loop- en belevingstesten zijn geanalyseerd aan de hand van het model dat in figuur 5 is weergegeven. B C A A = invloed van systeem met rook, B = invloed van rook op Nodazzle systeem, C = invloed van rook op conventioneel systeem Figuur 5: Model voor analyse De individuele resultaten van de testen zijn per groep bij elkaar opgeteld en gemiddeld; dit is de gemiddelde groepscore. De invloed van het systeem is geanalyseerd door de gemiddelde groepsscores per resultaatitem in de looptesten (looptijd en uitgangkeuze) te vergelijken. In figuur 5 is dit aangegeven met pijl A. De invloed van de rook wordt geanalyseerd door vergelijking van de groepsscores per resultaatitem in de belevingstesten (beoordelingsitems in de vragenlijst). In figuur 5 is dit aangegeven met de pijlen B en C. De volgorde van de geteste scenario s in de belevingstesten zou van invloed kunnen zijn op de groepscores. Om dit uit te sluiten heeft de ene helft van de testpersonen binnen een scenario eerst het Nodazzle systeem en daarna het conventionele systeem beoordeeld. De andere NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 11
12 helft heeft het in omgekeerde volgorde beoordeeld. Dit is weergegeven in de pijlen G1a en G1b voor de beoordeling in het scenario zonder rook, en in de pijlen G2a en G2b voor de beoordeling in het scenario met rook. 2.4 Registratie De registratie vond plaats met behulp van videocamera s, stopwatches en door middel van vragenlijsten:. Het gedrag van de testpersonen tijdens de looptesten is geregistreerd met videocamera s. De looptijden zijn door middel van stopwatches geregistreerd. Het startmoment werd portofonisch doorgegeven aan de waarnemers bij de uitgangen. Zodra de testpersoon de uitgang had bereikt, werd de tijdsmeting beëindigd. Na de looptest hebben de testpersonen een vragenlijst ingevuld, waarbij werd ingegaan op de motivatie voor het gedrag en de waarnemingen van de testpersoon tijdens het vluchten. Na elk deel van de belevingstest hebben de testpersonen een vragenlijst ingevuld. De vragenlijst van de belevingstest bestond uit het beoordelen van het systeem op acht verschillende aspecten. De geregistreerde gegevens (De uitgangkeuze, vluchtsnelheid, motivaties en de cijfers voor de aspecten van de belevingstest) zijn geanalyseerd: de resultaten worden weergegeven in hoofdstuk Testpersonen De testpersonen zijn geworven door de opdrachtgever. Een deel van de testpersonen had een directe sociale relatie met de opdrachtgever: het betroffen onder andere vrienden en familie van de opdrachtgever. Het andere deel van de testpersonen had geen directe sociale relatie met de opdrachtgever, zoals bekenden van vrienden en bekenden van de opdrachtgever en mensen die werkzaam zijn op de testlocatie bij KIWA. De opdrachtgever heeft aangegeven dat alle testpersonen vooraf niet op de hoogte waren van de inhoud van het onderzoek of van de kenmerken van het Nodazzle systeem. Wel waren de testpersonen op de hoogte van het feit dat het onderzoek zich richtte op brandveiligheid en dat zij eenvoudige, niet-gevaarlijke handelingen moesten uitvoeren. Voor de werving van de deelnemers werden criteria aangegeven op basis waarvan iemand wel of niet aan de test mee mocht doen. Voorwaarden voor deelname waren een minimale leeftijd van 18 jaar en een goede gezondheid. De testpersonen mochten bijvoorbeeld niet lijden aan lichamelijke klachten als hart- en vaatziekten, longziekten en epilepsie. Aan het experiment namen 41 personen deel. In totaal hebben 20 personen de looptest in de testsituatie met Nodazzle gedaan en hebben 21 personen de looptest in de testsituatie met de conventionele transparant uitgevoerd. In tabellen 2 en 3 ziet u de belangrijkste kenmerken van de deelnemers. De waarden in de tabellen betreffen de percentages van de groepsomvang. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 12
13 Tabel 2: Aantal, geslacht en leeftijd testpersonen in de looptest Kenmerk Totaal Scenario Nodazzle Scenario Transparant Groep G1a & G2a G1b & G2b Aantal personen Geslacht Man 51% 20% 81% Vrouw 49% 80% 19% Leeftijd, gemiddeld 44 jaar 39 jaar 49 jaar Minimum 18 jaar 18 jaar 20 jaar Maximum 78 jaar 75 jaar 78 jaar Tabel 3: Opleiding en ervaring testpersonen in de looptest Kenmerk Totaal Scenario Nodazzle Scenario Transparant Groep G1a & G2a G1b & G2b Groepsomvang Leidinggevende functie (ja) 54% 30% 77% Opleidingsniveau MAVO / LBO 7% 15% - HAVO / MBO 20% 25% 14% VWO / HBO 63% 50% 76% Universiteit 10% 10% 10% Veiligheidsopleidingen BHV-cursus (ja) 27% 25% 29% EHBO-cursus (ja) 42% 45% 38% Brandweeropleiding (ja) 5%* 5%** 5% Brandveiligheidsopleiding 4 (ja) 20%* 20%** 19% Bekend met brandveiligheidsvoorschriften 5 (ja) 29%* 25%** 33% Eerdere ervaringen Betrokken geweest bij brand (ja) 24%* 25% 24%** Betrokken geweest bij zwaar ongeval (ja) 20% 15% 24% Eerder in het gebouw geweest (ja) 24% 30% 19% * 2% geen antwoord; ** 5% geen antwoord 4 Genoemd zijn: ME opleiding (2x), preventiecursussen, Fire Controle, brandveiligheid, beveiliging, FSE en cursus op het werk. 5 Genoemd zijn: diverse voorschriften (brandweer Den Haag), letten op vluchtroutes, ervaringen als directeur bij een groot warenhuis, vluchtroutes, bewegwijzering, haspelruimte, NEN, ontruimingsprocedure, verplicht aanwezige brandblusapparaten, nooduitgangen, verlichting, bouwbesluit en ontruimingsplan. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 13
14 3 Resultaten van de looptesten In dit hoofdstuk worden de resultaten van de looptesten gepresenteerd. In paragraaf 3.1 worden de resultaten over de routekeuze besproken, in paragraaf 3.2 volgen de resultaten over de vluchttijd en in paragraaf 3.3 is de analyse van de gegevens opgenomen. 3.1 Routekeuze In deze paragraaf worden de invloeden van het systeem en de persoonsvariabelen op de routekeuze beschreven Transparantverlichting versus Nodazzle In het testscenario met de transparantverlichting is 66.7% via de nooduitgang gevlucht. De overige 33.3% is gevlucht via de hoofduitgang. In het testscenario met Nodazzle is 90% via de nooduitgang gevlucht. De overige 10% is gevlucht via de hoofdingang. De resultaten zijn in tabel 4 opgenomen. Tabel 4: Routekeuze Scenario Nodazzle (N=20) Scenario Transparant (N=21) Kenmerk N % N % Nooduitgang % % Hoofduitgang % % Transparant Van de zeven personen die in het testscenario met de transparantverlichting via de hoofduitgang zijn gevlucht hebben drie personen de vluchtroutekeuze gebaseerd op de bekendheid met de route: één van deze personen is werkzaam in het gebouw waarin de test heeft plaatsgevonden en twee van deze personen waren bekend met de route aangezien zij via deze route de testopstelling waren binnengekomen. Verder hebben twee personen hebben de keuze voor de hoofduitgang onbewust gemaakt één persoon heeft de vluchtroute gebaseerd op het zicht en een andere persoon zag licht onder de deur van de hoofduitgang en is daar naartoe gelopen. Van de 14 personen die via de nooduitgang zijn gevlucht heeft één persoon de vluchtroute gebaseerd op de vluchtrouteaanduiding. Deze persoon is eerst in de richting van de hoofduitgang gevlucht en is daarna omgekeerd. Nodazzle Van de twee personen die in het testscenario met Nodazzle via de hoofduitgang zijn gevlucht heeft één persoon de vluchtroute gebaseerd op een verwachting waar een vluchtdeur gesitueerd zou zijn en de andere persoon heeft vooraf gekeken waar een vluchtdeur was (in dit geval de hoofduitgang). Van de 18 personen die via de nooduitgang zijn gevlucht hebben 16 personen de vluchtroute gebaseerd op de vluchtrouteaanduiding Mogelijke invloeden van persoonsvariabelen In tabellen 5 en 6 is per gekozen uitgang informatie over de testpersonen opgenomen. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 14
15 Tabel 5: Kenmerken van testpersonen die via de nooduitgang zijn gevlucht Scenario Nodazzle (N=20) Scenario Transparant (N=21) Kenmerk N % N % Nooduitgang % % Geslacht Man % % Vrouw % % Leeftijd Gemiddeld Minimum Maximum BHV-opleiding Ja % % Nee % % Eerder in gebouw geweest Ja % % Nee % % Tabel 6: Kenmerken van testpersonen die via de hoofduitgang zijn gevlucht Scenario Nodazzle (N=20) Scenario Transparant (N=21) Kenmerk N % N % Hoofduitgang % % Geslacht Man 0 0.0% % Vrouw % % Leeftijd Gemiddeld Max Min BHV-opleiding Ja % % Nee % % Eerder in gebouw geweest Ja 0 0.0% % Nee % % Geslacht In het testscenario met de transparantverlichting is 64.7% van de 17 mannen en 75.0% van de vier vrouwen via de nooduitgang gevlucht. In het testscenario met Nodazzle zijn alle vier mannen (100.0%) en 87.5% van de 16 vrouwen via de nooduitgang gevlucht. Leeftijd De gemiddelde leeftijd van de personen die in het testscenario met de transparantverlichting via de nooduitgang is gevlucht is 48.9 jaar. Dit is 48.6 jaar bij de personen die via de hoofduitgang zijn gevlucht. In het testscenario met Nodazzle is de gemiddelde leeftijd van de personen die via nooduitgang is gevlucht 40.2 jaar en bij degenen die via de hoofduitgang zijn gevlucht 29.5 jaar. BHV-opleiding In het testscenario met de transparantverlichting waren in totaal vijf personen die een BHV-opleiding hebben gevolgd. Drie van hen (60.0%) zijn via de nooduitgang gevlucht. In het testscenario met Nodazzle waren in totaal zes personen die een BHV-opleiding hebben gevolgd. Vijf van hen (83.3%) zijn via de nooduitgang gevlucht. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 15
16 Bekendheid met gebouw In het testscenario met de transparantverlichting waren in totaal 17 personen niet eerder in het gebouw geweest. Elf van deze personen (64.7%) zijn via de nooduitgang gevlucht. Vier personen waren wel eerder in het gebouw geweest van wie één persoon via de nooduitgang is gevlucht (25.0%). In het testscenario met Nodazzle waren in totaal 14 personen niet eerder in het gebouw geweest. Twaalf van deze personen (85.7%) zijn via de nooduitgang gevlucht. Zes personen waren wel eerder in het gebouw geweest en deze zijn allemaal via de nooduitgang is gevlucht (100.0%). 3.2 Vluchttijd De looptijden zijn met behulp van stopwatches geregistreerd. Het startmoment werd portofonisch doorgegeven aan de waarnemers bij de uitgangen. Zodra de testpersoon de uitgang had bereikt, werd de tijdmeting beëindigd Transparantverlichting versus Nodazzle In tabel 7 zijn de vluchttijden weergegeven. Tabel 7: Vluchttijd in seconden N= aantal, Gem. = gemiddelde, Min-max = minimum en maximum, (..) = waarden zonder langzaamste Scenario Nodazzle Scenario Transparant Kenmerk N Gem. Min-max N Gem. Min-max Totaal sec sec (33 sec) (15-62) Nooduitgang sec sec (33 sec) (15-62) Hoofduitgang 2 35 sec sec De gemiddelde vluchttijd in het scenario met de transparantverlichting was 35 seconden. De snelste testpersoon was in 15 seconden bij de uitgang en de langzaamste testpersoon was in 94 seconden bij de uitgang. De tijd van de langzaamste testpersoon wijkt meer dan een factor 2 af van het gemiddelde, en 50% ten opzichte van de op een na langzaamste persoon. Omdat de waarde van de langzaamste testpersoon zo extreem is, is het uitsluiten van deze langzaamste persoon in een deel van de analyse gerechtvaardigd. Hierdoor is het mogelijk om de invloed van deze ene, extreme meetwaarde uit te schakelen en een beeld te krijgen van de situatie zonder deze extreme meetwaarde. Wanneer de langzaamste testpersoon niet in de berekening wordt meegenomen was de gemiddelde vluchttijd 33 seconden en de maximale vluchttijd 62 seconden. In het scenario met Nodazzle was de gemiddelde vluchttijd 18 seconden, waarbij de vluchttijd van de testpersonen varieerde tussen 8 en 46 seconden. De gemiddelde vluchttijd was daarmee ongeveer twee keer sneller dan in het scenario met de transparantverlichting. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 16
17 3.2.2 Mogelijke invloeden van persoonsvariabelen In tabel 8 zijn de vluchttijden per persoonsvariabele weergegeven. Tabel 8: Vluchttijd in seconden N= aantal, Gem. = gemiddelde,min max = minimum en maximum, (..) = waarden zonder langzaamste Scenario Nodazzle Scenario Transparant Kenmerk N Gem. Min-max N Gem. Min-max Geslacht Man 4 26 sec sec Vrouw sec sec (46 sec) (15-62) Leeftijd sec sec sec sec (34 sec) (15-62) BHV-opleiding Ja 5 12 sec sec Nee sec sec (33 sec) (15-62) Eerder in gebouw geweest Ja 6 22 sec Nee sec sec (33 sec) (15-62) Geslacht In het scenario met de transparantverlichting vluchtten mannen met een gemiddelde vluchttijd van 30 seconden ongeveer twee keer sneller dan de vrouwen, die er gemiddeld 58 seconden over deden om de uitgang te bereiken. Wanneer de langzaamste vluchttijd (94 seconden) niet wordt meegerekend vluchtten de mannen ongeveer anderhalf keer sneller dan de vrouwen. In het scenario met Nodazzle vluchtten de vrouwen sneller dan de mannen. De vrouwen deden er gemiddeld 19 seconden over om de uitgang te bereiken en mannen gemiddeld 26 seconden. Leeftijd Er zijn twee leeftijdscategorieën geanalyseerd, namelijk 18 tot 39 jaar en 40 jaar en ouder. Deze categorieën zijn willekeurig gekozen. In het scenario met de transparantverlichting zijn de vier personen die in de leeftijdscategorie van 18 tot 39 jaar vallen gemiddeld in 30 seconden naar de uitgang gevlucht. In de leeftijdscategorie van 40 jaar en ouder (N=17) is de gemiddelde vluchttijd 37 seconden. Het verschil tussen de leeftijdscategorieën is zo minimaal, dat op basis van deze studie geen conclusies over de invloed van leeftijd op loopsnelheid getrokken kunnen worden. In het scenario met Nodazzle was er geen verschil in de gemiddelde vluchttijd tussen de twee leeftijdsgroepen: de gemiddelde vluchttijd van de negen personen in de leeftijdscategorie tot 40 jaar en van de elf personen in de leeftijdscategorie van 40 jaar en ouder was 18 seconden. BHV-opleiding De testpersonen die een BHV-opleiding hebben gevolgd vluchtten gemiddeld iets sneller dan de testpersonen die geen BHV-opleiding hebben gevolgd. In het scenario met de transparantverlichting was de gemiddelde vluchttijd van personen met een BHV-opleiding 32 seconden. Bij de groep van personen zonder BHVopleiding was de gemiddelde vluchttijd 37 seconden. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 17
18 In het scenario met Nodazzle was de gemiddelde vluchttijd van personen met een BHV-opleiding 12 seconden en zonder BHV-opleiding 18 seconden. De verschillen tussen de testpersonen met en zonder BHV-opleiding is zo minimaal, dat op basis van deze studie geen conclusies over de invloed van een BHV-opleiding op de loopsnelheid getrokken kunnen worden. Bekendheid met gebouw In het testscenario met transparantverlichting was de gemiddelde vluchttijd van de personen die al eens eerder in het gebouw waren geweest 31 seconden. De gemiddelde vluchttijd is daarmee iets sneller dan de gemiddelde vluchttijd van de personen die voor het eerst op de testlocatie aanwezig waren. De gemiddelde vluchttijd van deze laatste groep is namelijk 37 seconden. In het testscenario met Nodazzle is de verhouding net andersom: de testpersonen die bekend zijn met gebouw zijn gemiddeld in 22 seconden naar de uitgang gevlucht, terwijl de testpersonen die voor het eerst op de testlocatie aanwezig waren gemiddeld in 17 seconden naar de uitgang zijn gevlucht. Concluderend kan gesteld worden dat er in deze studie geen noemenswaardige invloed van de persoonsvariabelen op de loopsnelheid is geconstateerd. 4 Resultaten van de belevingstest In dit hoofdstuk worden de resultaten van de belevingstesten gepresenteerd. In paragraaf 4.1 wordt de invloed van het systeem besproken voor de scenario s met en zonder rook. In paragaraaf 4.2 volgen de resultaten van de invloed van rook op de beoordeling van beide systemen. In paragraaf 4.3 wordt tenslotte de invloed van de volgorde van de belevingstest op de beoordeling van beide systemen geanalyseerd. 4.1 De invloed van het systeem in scenario s met en zonder rook Zoals in figuur 6 te zien is, scoort het Nodazzle systeem ten opzichte van het systeem met transparanten beter in de belevingstest. Het Nodazzlesysteem scoort in de belevingstest zonder rook gemiddeld een 8.5 terwijl het transparantensysteem gemiddeld een 6.1 scoort. In de testen met rook scoort Nodazzle gemiddeld een 8.4 en het transparantsysteem een 3.5. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 18
19 Figuur 6: Beoordelingen in de belevingstesten Als gekeken wordt naar de verschillen in gemiddelde score per aspect valt er een aantal zaken op. Nodazzle scoort op alle aspecten beter dan het transparantsysteem, en Nodazzle scoort het beste op gemak om de weg te vinden, duidelijkheid dat het systeem de weg naar buiten wijst en duidelijkheid waar de vluchtroute langsgaat. Bij deze laatste is het verschil tussen Nodazzle en het transparantsysteem het grootst. In het scenario met rook scoort het Nodazzle systeem nog beter ten opzichte van het transparantsysteem, als dit vergeleken wordt met het scenario zonder rook. In het scenario zonder rook scoort Nodazzle gemiddeld 2.4 punten hoger op een schaal van 1 tot 10 (8.5 versus 6.1), in scenario s met rook is dit een verschil van 4.9 punten (8.4 versus 3.5). In tabel 9 zijn de verschillen tussen de systemen bij de twee scenario s weergegeven. Zoals hierboven beschreven zijn alle verschillen positief voor het Nodazzle systeem. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 19
20 Tabel 9: Belevingsscores: invloed van het systeem N= Nodazzle, T= Transparant Scenario s zonder rook Scenario s met rook Verschil Verschil Aspect N T (N-T) N T (N-T) Gemak om de weg te vinden Duidelijkheid dat het systeem de snelste weg naar buiten aanwijst Duidelijkheid waar de vluchtroute langsgaat Duidelijkheid waar de nooduitgang is De afstand waarop je de nooduitgang kunt zien Verlichtingssterkte in de vluchtroute Zicht in de gang Mate waarin het systeem u op uw gemak stelt Totale score belevingstest De invloed van de rook op de systemen Als de gegevens van de belevingstest van het scenario Nodazzle met rook vergeleken worden met die van Nodazzle zonder rook dan blijkt Nodazzle zowel met als zonder rook ongeveer even goed te scoren (8,4 met rook ten opzichte van 8,5 zonder rook). Bij eenzelfde vergelijking bij het transparantsysteem blijkt dat het transparantsysteem met rook aanzienlijk slechter scoort dan zonder rook (6.1 zonder rook, 3.5 met rook). Zie ook tabel 10. Tabel 10: Belevingsscores: invloed van rook N= Nodazzle, T= Transparant Scenario Nodazzle Scenario transparant Zonder Met Zonder Met Aspect rook rook Verschil rook rook Verschil Gemak om de weg te vinden Duidelijkheid dat het systeem de snelste weg naar buiten aanwijst Duidelijkheid waar de vluchtroute langsgaat Duidelijkheid waar de nooduitgang is De afstand waarop je de nooduitgang kunt zien Verlichtingssterkte in de vluchtroute Zicht in de gang Mate waarin het systeem u op uw gemak stelt Totale score belevingstest NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 20
21 4.3 Invloed van de volgorde van de uitgevoerde belevingstesten De beoordelingsresultaten van de groepen die dezelfde scenario s in de belevingstest deden, maar in een verschillende volgorde uitvoerden, zijn geanalyseerd (zie figuur 5 in paragraaf 2.3). Hieruit is gebleken dat de volgorde waarin de belevingstesten zijn uitgevoerd, nauwelijks invloed heeft gehad op het resultaat. Respondenten die eerst het transparantsysteem bekeken, gaven Nodazzle een iets hoger cijfer dan de respondenten die eerst Nodazzle bekeken. Voor de beoordelingsscore van het transparantsysteem maakte het niet uit welk systeem eerst bekeken werd. Ongeacht de volgorde van de belevingstesten scoorde Nodazzle veel beter dan het transparantsysteem. 5 Discussie over de resultaten Alvorens conclusies uit de resultaten van het onderzoek te trekken, moeten er enkele kanttekeningen geplaatst worden. Het onderzoek is uitgevoerd met beperkte middelen en in beperkte tijd, waardoor het onderzoek zelf ook beperkingen kent. Dit onderzoek is slechts een eerste aanzet en geeft een beperkt beeld van de effectiviteit van het Nodazzle systeem ten opzichte van het conventionele systeem. De uitkomsten van het onderzoek geven dan ook niet meer dan eerste indicatie van de effectiviteit van het Nodazzle systeem. De systemen zijn in de looptest getest met ongeveer 20 personen per scenario. Voor een wetenschappelijk verantwoorde vaststelling van de daadwerkelijke effectiviteit van beide systemen zou het onderzoek grootschaliger moeten worden opgezet, met meer testpersonen: hoe meer testpersonen hoe betrouwbaarder de resultaten. Ook zouden meer onderzoeksopstellingen moeten worden getest, zoals een opstelling waarin de uitgangen op grotere afstand liggen, de uitgangen niet direct in de eerste zichtlijn liggen en waarbij een route gevolgd moet worden met meerdere routekeuze-opties. Een andere beperking van het onderzoek is dat de testgroep, onder andere op het gebied van leeftijd en opleidingsniveau, geen representatieve weergave van een gemiddelde populatie in een gebouw is. Bovendien had een aantal testpersonen een relatie met de opdrachtgever of was bekend met het gebouw. Ondanks dat de testpersonen niet over de inhoud van het onderzoek waren geïnformeerd, bestaat de kans dat de onderzoeksresultaten ongewild beïnvloed zijn. Voor een wetenschappelijk verantwoord onderzoek is het noodzakelijk dat de testpersonen volstrekt onafhankelijk zijn van opdrachtgever en niet bekend zijn met de testlocatie. De testpersonen wachtten voorafgaand aan de test in een ruimte grenzend aan de gang waar de test gehouden werd. Doordat deze ruimte fysiek niet volledig luchtdicht was afgesloten van de gang, kwam er na enkele testen rook van de gang de wachtruimte in. Dit werd door de testpersonen opgemerkt, waardoor met name de personen die aan het eind van de testgroep aan de beurt waren, het vermoeden NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 21
22 konden hebben dat het om een test met verminderd zicht door rook ging. Mogelijk heeft dit het gedrag beïnvloed. De testpersonen hadden nu slechts de keuze tussen twee uitgangen: de (bekende) normale uitgang en de gesitueerde nooduitgang. Ongeacht de keuze voor de richting, kwam een testpersoon na een relatief korte afstand bij een uitgang. Dit is geen gemiddelde situatie. In een complex gebouw met complexe vluchtwegen is er wellicht meer of minder verschil in de effectiviteit van de systemen. Hiervoor is aanvullend onderzoek wenselijk. De testcondities waren niet altijd optimaal te regelen en daardoor niet volkomen vergelijkbaar. De hoeveelheid rook in de gang werd handmatig bediend. Hierdoor was de rookdichtheid niet bij elke testpersoon precies gelijk. De indruk ontstond dat de rook in de eerste testen met het transparantsysteem dichter was dan in de testen met het Nodazzle systeem. Verder is in vier testen van de eerste testgroep per abuis het licht aangebleven in de testgang. Uit de analyse van de resultaten is er geen noemenswaardig verschil waargenomen tussen beide testcondities. Het was voor de testpersonen zeer duidelijk dat de brand gesimuleerd was. Hierdoor is het mogelijk dat testpersonen zich anders gedragen hebben dan bij een daadwerkelijke brand. Gezien de beperkte testomvang en bovengenoemde kanttekeningen dienen de resultaten uitsluitend geïnterpreteerd te worden voor de gebruikte testgroep, testomgeving en testopzet. De resultaten mogen niet zondermeer gegeneraliseerd worden. Om in het algemeen te kunnen concluderen dat het Nodazzlesysteem een gelijkwaardig of wellicht zelfs beter systeem is dan het conventionele transparantsysteem met groene bordjes, is een uitgebreider vervolgonderzoek noodzakelijk. 6 Conclusies en aanbevelingen 6.1 Conclusies Met inachtneming van de beperkingen van het onderzoek, zoals weergegeven in hoofdstuk 5, kunnen over de effectiviteit van het Nodazzle systeem onder de toegepaste testcondities de volgende conclusies getrokken worden: 1. Het Nodazzle systeem scoort in de looptest beduidend beter dan het conventionele systeem: - In de looptest met het Nodazzle systeem vluchtte 90% van de testpersonen via de nooduitgang, in de test met het conventionele systeem was dit 67%. - Van de personen die via de nooduitgang vluchtten heeft in de test met het Nodazzle systeem 89% de route gebaseerd op de vluchtrouteaanduiding, in de test met het conventionele systeem was dit 7%. - De gemiddelde looptijd in de test met het Nodazzle systeem was 18 seconden, in de test met het conventionele systeem was dit 35 seconden. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 22
23 2. Het Nodazzle systeem wordt door de testpersonen in de belevingstest op alle beoordelingscriteria beduidend beter beoordeeld dan het conventionele systeem. Het verschil is het grootst in de situatie met rook: - In de situatie zonder rook scoort het Nodazzle systeem gemiddeld een 8.5 op de acht beoordelingscriteria, het conventionele systeem scoort gemiddeld een In de situatie met rook scoort het Nodazzle systeem gemiddeld een 8.4 op de acht beoordelingscriteria, het conventionele systeem scoort gemiddeld een De negatieve invloed van rook op de scores in de belevingstest van het systeem is voor het conventionele systeem beduidend sterker dan voor het Nodazzle systeem: - Het Nodazzle systeem scoort in de situatie met rook (8.4) ongeveer even hoog als in de situatie zonder rook (8.5). - Het conventionele systeem scoort in de situatie met rook (3.5) beduidend slechter dan in de situatie zonder rook (6.1). 6.2 Aanbevelingen 1. Hoewel deze studie een eerste indruk geeft die wijst op een grotere effectiviteit van het Nodazzle systeem ten opzichte van het conventionele systeem, zijn er beperkingen aan de aard en omvang van deze studie (zie hoofdstuk 5). De aanbeveling is daarom om het systeem nader te testen in een uitgebreide studie met een meer complexe testomgeving en een grotere variatie aan testscenario s. 2. Deze studie is opgezet als een praktijkexperiment, waarbij de testpersonen wisten dat ze aan een onderzoek deelnamen. Om het gedrag van mensen in een werkelijke noodsituatie beter te benaderen, wordt aanbevolen om het systeem ook te testen tijdens een onaangekondigde ontruimingsoefening, waarbij de deelnemers niet kunnen vermoeden dat het om een testsituatie gaat. 3. Zowel uit deze studie als uit eerdere onderzoeken, blijkt dat het conventionele systeem van vluchtrouteaanduiding niet altijd optimaal effectief is, zie bijvoorbeeld de publicaties van Ouellette (1993), Boer (2003) en Johnson (2005). De aanbeveling is daarom om met behulp van gedragsonderzoek te bepalen welke uitvoeringen van vluchtrouteaanduiding het meest effectief zijn. NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 23
24 Literatuur Boer 2002 Johnson 2005 Kobes 2008 Ouellette 1993 Boer LC. Gedrag van automobilisten bij evacuatie van een tunnel. TNO, Soesterberg, The Netherlands, Johnson CW. Lessons from the evacuation of the world trade centre, 9/ for the development of computer-based simulations. Cognition, Technology and Work; 2005; 7; Kobes M. Zelfredzaamheid bij brand. Kritische factoren voor het veilig vluchten uit gebouwen. Boom Juridische uitgevers, Den Haag, Ouellette MJ. Visibility of exit signs. Progressive Architecture 1993; 74; 7; NEDERLANDS INSTITUUT FYSIEKE VEILIGHEID Nibra 24
Menselijk gedrag bij brand. Validatie van de toepassing van serious gaming in onderzoek naar brandveiligheidspsychonomie
Menselijk gedrag bij brand Validatie van de toepassing van serious gaming in onderzoek naar brandveiligheidspsychonomie Een nieuwe kijk op brandveiligheid Veilig vluchten is het belangrijkste aspect bij
Nieuwe technieken voor wayfinding in een gebouw
Nieuwe technieken voor wayfinding in een gebouw Ir. D.J. de Boer Lectoraat Brandveiligheid in de Bouw Samenspel BHV en vluchtwegaanduiding Door de aanwijzing van de BHV-er is een positief effect op het
FSE op basis van psychonomie
FSE op basis van psychonomie Margrethe Kobes Senior-onderzoeker NIFV Promovenda VU Amsterdam Inleiding Psychonomie: mens en omgeving Resultaten praktijkonderzoek in een hotel Gebruik van transparanten
Wayfinding bij brand. Nachtelijke ontruimingsoefeningen in een hotel
Nachtelijke ontruimingsoefeningen in een hotel Colofon Titel: Wayfinding bij brand. Nachtelijke ontruimingsoefeningen in een hotel Datum: 10 september 2010 Auteur: M. Kobes Nachtelijke ontruimingsoefeningen
Gedrag van mensen bij brand
Gedrag van mensen bij brand Drs. ing. Margrethe Kobes MIFireE Onderzoeker NIFV Promovenda VU, Crisislab 6-1-2009 1 Gedrag van mensen bij brand Wat doen mensen bij brand? Resultaten uit literatuuronderzoek
Zelfredzaamheid bij brand
Zelfredzaamheid bij brand Margrethe Kobes Onderzoeker NIFV Promovenda VU, Crisislab 6-6-2008 1 Inhoud Conclusies uit literatuuronderzoek Meer dan 300 wetenschappelijke publicaties incidentanalyses Experimentanalyses
Workshop Zelfredzaamheid bij brand De zorg voor een veilige ontvluchting
Workshop Zelfredzaamheid bij brand De zorg voor een veilige ontvluchting Margrethe Kobes en Karin Groenewegen Onderzoekers NIFV Nibra 4-11-2009 1 Doelen Verkrijgen van inzicht in aspecten die zelfredzaamheid
Snelle en veilige evacuatie
White paper EvaQ Lighting Snelle en veilige evacuatie Inhoud 1. EvaQ Lighting: vergroot de veiligheid tijdens een calamiteit... 2 1.1 Menselijk gedrag in een panieksituatie... 2 1.2 Wetgeving rondom vlucht-
Hoefbladstraat te Nieuw-Vennep Beoordeling brandveiligheid. Datum 10 december 2015 Referentie Hoofdweg GH ROTTERDAM
Hoofdweg 70 3067 GH ROTTERDAM T +31 (0)10-4257444 F +31 (0)10-4254443 E [email protected] www.dpa.nl/cauberg-huygen K.v.K 58792562 IBAN NL71 RABO 0112 075584 Hoefbladstraat 24-26 te Nieuw-Vennep Beoordeling
CarePower Cliënttevredenheidsonderzoek CarePower 2013/14
CarePower Cliënttevredenheidsonderzoek CarePower 2013/14 Datum : 01-02-2014 Auteur : Jaap Noorlander, Joris van Nimwegen Versie : 2 1 Inhoudsopgave Inleiding... Pagina 3 Vraagstelling... Pagina 3 Methode
Afbakening Het onderzoek richt zich op de fatale woningbranden in 2011. De niet-fatale woningbranden zijn in het onderzoek niet meegenomen.
Fatale woningbranden 2011 Managementsamenvatting Het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) heeft onderzoek verricht naar de oorzaken, omstandigheden en het verloop van woningbranden met dodelijke
Groepskenmerken Aantal cliënten 103 Gemiddelde leeftijd 52 (Dit is gebaseerd op 42 cliënten) 56 Mannen, 47 Vrouwen en 0 niet ingevuld
Verslag Kwaliteit van Leven vragenlijst Vertrouwelijk verslag In opdracht van Floww International Periode 23--202 tot en met 0-2-204 De gebruikte vragenlijst heeft in de kern de Nederlandse vertaling van
Samenvatting, conclusies en discussie
Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit
Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking
Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking Managementsamenvatting Inzicht in kritische factoren bij fatale woningbranden is onontbeerlijk om gericht en effectief brandveiligheidsbeleid
Brandveilig ontwerpen in de praktijk Deel 1 ontwerpen van vluchtwegen. Emiel van Wassenaar - 14 juni 2012
Brandveilig ontwerpen in de praktijk Deel 1 ontwerpen van vluchtwegen Emiel van Wassenaar - 14 juni 2012 6/15/2012 Emiel van Wassenaar BOUW RUIMTE MILIEU Inhoud deel 1 1. Het menselijk gedrag zelfredzaamheid
NOODVERLICHTING EN VLUCHTWEGAANDUIDING, WAAR MOET JE OP LETTEN?
NOODVERLICHTING EN VLUCHTWEGAANDUIDING, WAAR MOET JE OP LETTEN? NOODVERLICHTING EN VLUCHTWEGAANDUIDING, WAAR MOET JE OP LETTEN? Bij grote brand is het belangrijk dat mensen een gebouw snel kunnen verlaten.
Vluchten bij brand Samenspel BHV en vluchtwegaanduiding
Vluchten bij brand Samenspel BHV en vluchtwegaanduiding Eindrapportage Saxion Kenniscentrum Leefomgeving Versie 1.0 1 Colofon Opdrachtgever: Nederlandse Vereniging Fabrikanten Noodverlichting Auteur: ir.
Gemeente Breda. Omnibusenquête 2015. Onderzoek en Informatie. Bekendheid Alarmnummer
Gemeente Breda Onderzoek en Informatie Omnibusenquête 2015 Bekendheid Alarmnummer Publicatienummer: 1790 Datum: december 2015 In opdracht van: Kabinet van de Burgemeester Uitgave: Gemeente Breda BBO/Onderzoek
koopzondagen 2012 def KOOPZONDAGEN EN KOOPAVONDEN DE MENING VAN DE BURGER
koopzondagen 2012 def KOOPZONDAGEN EN KOOPAVONDEN DE MENING VAN DE BURGER Oktober 2012 2 Opdrachtnemer: Opdrachtgever: Team Financieel Advies, Onderzoek & Statistiek Camiel De Bruijn Ard Costongs Economie
VLUCHTEN BIJ EEN BRAND
VLUCHTEN BIJ EEN BRAND Waar zou op gelet kunnen worden wanneer er een brand is? Bij de brand in Volendam hebben van de 300 vluchtenden er slechts tien de twee nooduitgangen gebruikt, terwijl het gedrang
Gemeente Roosendaal. Cliëntervaringsonderzoek Wmo over Onderzoeksrapportage. 26 juni 2017
Gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2016 Onderzoeksrapportage 26 juni 2017 DATUM 26 juni 2017 Dimensus Beleidsonderzoek Wilhelminasingel 1a 4818 AA Breda [email protected] www.dimensus.nl (076) 515
Controlelijst brandveiligheid kinderdagverblijven/ basisscholen 2010. Naam instelling : Locatie adres : Contactpersoon : Telefoonnummer :
Controlelijst brandveiligheid kinderdagverblijven/ basisscholen 2010 Naam instelling : Locatie adres : Contactpersoon : Telefoonnummer : Datum (controlelijst ingevuld) Handtekening Toelichting op de controlelijst
Voorbeeldexamen Noodverlichtingsdeskundige
Voorbeeldexamen Noodverlichtingsdeskundige Lees zorgvuldig onderstaande informatie Dit voorbeeldexamen bestaat uit een casus met 4 open vragen. Het gebruik van een niet-programmeerbare rekenmachine is
Rapport. Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren
Rapport Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren Woerden, juli 2014 Inhoudsopgave I. Omvang en samenstelling groep respondenten p. 3 II. Wat verstaan senioren onder eigen regie en zelfredzaamheid?
Projectevaluatie. Naleefanalyse brandveiligheid kinderdagverblijven 2010. Harold van Uden, medewerker team Stedelijke Bedrijvigheid
Projectevaluatie Naleefanalyse brandveiligheid kinderdagverblijven 00 Projectleider : Harold van Uden, medewerker team Stedelijke Bedrijvigheid Datum: 8 augustus 00 Ondertekening: Opdrachtgever: Datum:
Informatie over de deelnemers
Tot eind mei 2015 hebben in totaal 45558 mensen deelgenomen aan de twee Impliciete Associatie Testen (IATs) op Onderhuids.nl. Een enorm aantal dat nog steeds groeit. Ook via deze weg willen we jullie nogmaals
Analyse van de cursus De Kunst van het Zorgen en Loslaten. G.E. Wessels
Analyse van de cursus De Kunst van het Zorgen en Loslaten G.E. Wessels Datum: 16 augustus 2013 In opdracht van: Stichting Informele Zorg Twente 1. Inleiding Het belang van mantelzorg wordt in Nederland
Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013
Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 212-21 In academiejaar 212-21 namen 5 mantelzorgers en 5 studenten 1 ste bachelor verpleegkunde (Howest, Brugge) deel aan het project Mantelluisten.
Datum Ons kenmerk Contactpersoon VH00/ Erik Boelaars
Veiligheid De gemeenteraad van Nijmegen Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen Telefoon 14024 Telefax (024) Openingstijden= E-mail [email protected] Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Datum Ons kenmerk Contactpersoon
VEILIGHEIDSREGIO HAAGLANDEN. RAPPORT van oplevering
VEILIGHEIDSREGIO HAAGLANDEN RAPPORT van oplevering Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding (nieuwbouw) Pagina 1 van 7 Toelichting voor gebruik Noodverlichtingsinstallaties kunnen op verschillende manieren
Klantpensioenmonitor Pensioenfonds UMG
St. Anthoniusplaats 9 6511 TR Nijmegen 024 663 9343 [email protected] Klantpensioenmonitor Pensioenfonds UMG 05-06-2015 1 Inhoudsopgave Management summary 3 Introductie 5 Deelnemerinformatie 6 Pensioenbewustzijn
NOODVERLICHTING INFORMATIE BLAD
NOODVERLICHTING INFORMATIE BLAD Over Noodverlichting Waar hoort noodverlichting te hangen? En aan welke eisen dient noodverlichting te voldoen? Welke wettelijke verplichtingen zijn er en welke normen moet
ANALYSE PATIËNTERVARINGEN ELZ HAAKSBERGEN
ANALYSE PATIËNTERVARINGEN ELZ HAAKSBERGEN Dr. C.P. van Linschoten Drs. P. Moorer Definitieve versie 27 oktober 2014 ARGO BV Inhoudsopgave 1. INLEIDING EN VRAAGSTELLING... 3 1.1 Inleiding... 3 1.2 Vraagstelling...
Tussenrapportage Toetstijden FVT DJI per februari 2012
TGO TOEGEPAST GEZONDHEIDS ONDERZOEK Tussenrapportage Toetstijden FVT DJI per februari 2012 dr. Roel Bakker dr. G.J. Dijkstra TGO A. Deusinglaan 1, Gebouw 3217 Postbus 58285 9713 AV Groningen (050) 3632857
Brand in uw bedrijf: De 4 stappen voor ontruiming
Brand in uw bedrijf: De 4 stappen voor ontruiming 2 Brand in uw bedrijf: 4 stappen voor ontruiming! INHOUD 3 Brand in uw bedrijf: 4 stappen voor ontruiming! HOOFDSTUK 1 ONTRUIMINGSPROCEDURE In de ontruimingsprocedure
Echte kerstbomen in openbare ruimten. Richtlijnen voor het veilig plaatsen van kerstbomen
Echte kerstbomen in openbare ruimten Richtlijnen voor het veilig plaatsen van kerstbomen 1 2 Kerstbomen in openbare ruimten, kan dat wel en hoe groot mogen deze dan zijn? Deze discussie duikt elk najaar
Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test
Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test Respondent: Jill Voorbeeld Email: [email protected] Geslacht: vrouw Leeftijd: 39 Opleidingsniveau: wo Vergelijkingsgroep: Normgroep marketing
SPA pilot St. Bonifatius College Utrecht i.s.m. Project-You! en MyPem
SPA pilot St. Bonifatius College Utrecht i.s.m. Project-You! en MyPem Nieuwe producten: de Student Profiel Analyse (SPA) en studiekeuzerichtlijnen In april 2015 lanceerde Thomas Education twee nieuwe producten:
Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.
Een chronische en progressieve aandoening zoals multiple sclerose (MS) heeft vaak grote consequenties voor het leven van patiënten en hun intieme partners. Naast het omgaan met de fysieke beperkingen van
AFD BEPERKING ONTSTAAN BRANDGEVAARLIJKE SITUATIE
UITGANGSPUNTEN Regelgeving Tekeningen Gebouw LEGENDA UITGANGSPUNTEN..P LEGENDA VOORZIENINGEN BRANDVEILIGHEID Opmerking 1 Opmerking 2 Het bouwplan is getoetst aan: - Bouwbesluit 2012; - 2.2 Sterkte bij
De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht
De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht Claudia de Graauw Bo Broers Januari 2015 1 Inhoudsopgave
Werkbelevingsonderzoek 2013
Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:
Hoe goed of slecht beleeft men de EOT-regeling? Hoe evolueert deze beleving in de eerste 30 maanden?
Hoe goed of slecht beleeft men de EOT-regeling? Hoe evolueert deze beleving in de eerste 30 maanden? Auteur: Ruben Brondeel i.s.m. Prof. A. Buysse Onderzoeksvraag Tijdens het proces van een echtscheiding
Voorbeeldexamen Noodverlichtingsdeskundige
Voorbeeldexamen Noodverlichtingsdeskundige Lees zorgvuldig onderstaande informatie Dit voorbeeldexamen bestaat uit 17 meerkeuzevragen. De casus staat als een apart boekje op de website. Het gebruik van
Resultaten tevredenheidsonderzoeken cliënten en medewerkers
Resultaten tevredenheidsonderzoeken cliënten en medewerkers Ervaring in de driehoek Cello heeft in de periode mei juni van dit jaar onderzoek laten uitvoeren naar de ervaringen van cliënten, ouders / vertegenwoordigers
Samenvatting. Samenvatting 8. * COgnitive Functions And Mobiles; in dit advies aangeduid als het TNO-onderzoek.
Samenvatting In september 2003 publiceerde TNO de resultaten van een onderzoek naar de effecten op het welbevinden en op cognitieve functies van blootstelling van proefpersonen onder gecontroleerde omstandigheden
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk
IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS
IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS IMPACTMETING VAN MONEYMATTERS - eindrapport - Y. Bleeker MSc (Regioplan) dr. M. Witvliet (Regioplan) dr. N. Jungmann (Hogeschool Utrecht) Regioplan Jollemanhof 18 1019 GW
Veilig vluchten uit gebouwen: wegwijs worden in de regel-geving
Veilig vluchten uit gebouwen: wegwijs worden in de regel-geving Probleem Wat zijn in de wet- en regelgeving de algemene uitgangspunten voor het ontwerp van een in de praktijk goed bruikbaar vluchtplan?
Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest
Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Respondent: Johan den Doppelaar Email: [email protected] Geslacht: man Leeftijd: 37 Opleidingsniveau: hbo Vergelijkingsgroep: Nederlandse beroepsbevolking
Rapport Cliënttevredenheidsonderzoek. Sociale Activering (Jobfactory) SMO Helmond
Rapport Cliënttevredenheidsonderzoek Sociale Activering (Jobfactory) 2014 SMO Helmond Uitgevoerd door Bureau De Bok, Franeker Verslagjaar 2014 1 Inhoudsopgave cliënttevredenheidsonderzoek Sociale Activering
Bijlagen. Tevredenheid van potentiële werknemers
Bijlagen Tevredenheid van potentiële werknemers Evaluatie Pastiel Bijlagen Tevredenheid van potentiële werknemers Pastiel Drs. Jan Dirk Gardenier MBA Erik Geerlink, MSc Lotte Piekema, MSc Februari 2014
Het belang van begeleiding
Het belang van begeleiding Langdurig zieke werknemers 9 en 18 maanden na ziekmelding vergeleken Lone von Meyenfeldt Philip de Jong Carlien Schrijvershof Dit onderzoek is financieel mogelijk gemaakt door
Enquête Telefonische dienstverlening
Enquête Telefonische dienstverlening Enquête Telefonische dienstverlening Colofon Titel:Enquête Enquete Telefonische dienstverlening Opdrachtgever: Gemeente Velsen Opdrachtnemer: Marieke Galesloot Datum:
Check Je Kamer Rapportage 2014
Check Je Kamer Rapportage 2014 Kwantitatieve analyse van de studentenwoningmarkt April 2015 Dit is een uitgave van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voor vragen of extra informatie kan gemaild worden
Een onderzoek autoverzekeringen. Pricewise 26-11-2014. Rapportage Auteurs: Yvette Randsdorp, Rob Doornbos Project Z5003
Een onderzoek autoverzekeringen Pricewise Rapportage Auteurs: Yvette Randsdorp, Rob Doornbos Project Z5003 26-11-2014 Inhoudsopgave Achtergrond, doel- en probleemstelling Pagina 3 Conclusies Pagina 4 Methode
Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen. Nienke Lammertink en Koen Breedveld
NEDERLANDERS OVER DE VIERDAAGSE Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen Nienke Lammertink en Koen Breedveld Mei 2016 1 Nederlanders over de
Onderzoek Inwonerspanel Jongerenonderzoek: alcohol
1 (19) Onderzoek Inwonerspanel Auteur Tineke Brouwers Respons onderzoek Op 5 december kregen de panelleden van 12 tot en met 18 jaar (280 personen) een e-mail met de vraag of zij digitaal een vragenlijst
Samenwerkende gemeenten West- Brabant: gemeente Moerdijk
Samenwerkende gemeenten West- Brabant: gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 Definitieve rapportage 4 augustus 2016 DATUM 4 augustus 2016 TITEL Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 ONDERTITEL
FireAlert Delta Industrieweg 40 b 3251 LX Stellendam 0181-770067 06-25328519
FireAlert Delta Industrieweg 40 b 3251 LX Stellendam 0181-770067 06-25328519 Noodverlichting 2 Noodverlichting en de regelgeving. Noodverlichtingsinstallaties en armaturen dienen conform Bouwbesluit, adequaat
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's
Rapportage Ervaringsonderzoek WOT's Versie 5.0.0 Drs. J.J. Laninga December 2015 www.triqs.nl Voorwoord Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over het uitgevoerde ervaringsonderzoek naar
RAPPORT OKTOBER Discriminatiemonitor. Midden-Drenthe TRENDBUREAU DRENTHE IS ONDERDEEL VAN CMO STAMM
RAPPORT OKTOBER 2017 Discriminatiemonitor TRENDBUREAU DRENTHE IS ONDERDEEL VAN CMO STAMM Midden-Drenthe Colofon Titel Discriminatiemonitor Midden-Drenthe Datum Oktober 2017 Trendbureau Drenthe, onderdeel
Sociale en culturele factoren in evacuatie simulaties. Dr. Natalie van der Wal
Sociale en culturele factoren in evacuatie simulaties Dr. Natalie van der Wal Uit de praktijk blijkt dat weinig mensen direct overgaan tot actie als het brandalarm afgaat. Het zal wel een oefening zijn,
Rapportage cliëntervaringsonderzoek CQI Kraamzorg. Kraamzorg JoNa BV
Rapportage cliëntervaringsonderzoek CQI Kraamzorg Kraamzorg JoNa BV Uitgevoerd door Kraamzorg Prestatie Monitor (Qualizorg B.V.) Periode: Van 01 01 2013 t/m 31 12 2013 Geaccrediteerd door : Inleiding In
LelyStadsGeluiden. De mening van de jongeren gepeild. School en werk 2007
LelyStadsGeluiden De mening van de jongeren gepeild School en werk 007 In 007 hebben.37 jongeren meegewerkt aan de jongerenenquête. Het onderzoek had als doel om in kaart te brengen wat jongeren doen,
OW 10.2440. Nameting project Studiekeuzegesprekken NHTV Opleiding International Game Architecture and Design
OW 10.2440 Nameting project Studiekeuzegesprekken NHTV Opleiding International Game Architecture and Design Bij de opleiding International Game Architecture and Design zijn de studenten die gestart zijn
Landelijke evaluatie van de resultaten van het Periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PPMO)
Landelijke evaluatie van de resultaten van het Periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PPMO) Instituut Fysieke Veiligheid Facilitair Dienstencentrum Postbus 7112 2701 AC Zoetermeer Zilverstraat 91, Zoetermeer
Vitamine B12 deficiëntie
Vitamine B12 deficiëntie Quality of life Retrospectief onderzoek Dit rapport bevat de analyses van de B12 Quality of Life Questionnaire, waarin meer dan 200 personen met een lage vitamine B12 waarde zijn
Fysieke Vaardigheid Toets DJI
Fysieke Vaardigheid Toets DJI Naar normering van toetstijden dr. R.H. Bakker dr. G.J. Dijkstra TGO, februari 2013 TGO Fysieke Vaardigheid Toets DJI: naar normering van toetstijden 1 TGO Fysieke Vaardigheid
Klanttevredenheidsonderzoek Bureau Wbtv 2015
Klanttevredenheidsonderzoek Bureau Wbtv 1 Juni 1 Doel van het onderzoek is het verkrijgen van inzicht in de huidige mate van tevredenheid van tolken en vertalers, afnemers van tolk- en vertaaldiensten
Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg
Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg Onderzoek uitgevoerd in opdracht van: Gemeente Tilburg DIMENSUS beleidsonderzoek December 2012 Projectnummer 507 Inhoudsopgave Samenvatting
Sciatica MED Trial resultaten na 1 jaar
Sciatica MED Trial resultaten na 1 jaar Micro endoscopische operatie (buisjesmethode) voor lage rughernia minder effectief U doet mee aan de Sciatica MED Trial, het doelmatigheidsonderzoek naar de behandeling
Fatale woningbranden 2003, 2008, 2009 en 2010: een vergelijking
Fatale woningbranden 2003, 2008, 2009 en 2010: een vergelijking Versie: 431N1009/2.0, 23 juni 2011 Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid Postbus 7010 6801 HA Arnhem T 026 355 24 00 F 026 351 50 51 [email protected]
Leerlingtevredenheidsonderzoek
Rapportage Leerlingtevredenheidsonderzoek De Meentschool - Afdeling SO In opdracht van Contactpersoon De Meentschool - Afdeling SO de heer A. Bosscher Utrecht, juni 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Vincent
Rapportage resultaten enquête project derdengelden
Rapportage resultaten enquête project derdengelden Inleiding De verplichting om een stichting derdengelden ter beschikking te hebben is sinds de introductie in 1998 een terugkerend onderwerp van discussie
Tevredenheid van familieleden en mantelzorgers met casemanagement bij dementie
Tevredenheid van familieleden en mantelzorgers met casemanagement bij dementie (in te vullen door mantelzorgers) Codering tevredenheidsonderzoek : _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Datum verzending : _ _ - _ _ - _
Internetpanel over de lokale media
Internetpanel over de lokale media In opdracht van: Afdeling Communicatie Rapportage door: Team Beleidsonderzoek & Informatiemanagement Gemeente Purmerend J. van Poorten november 2008 Verkrijgbaar bij:
VOORBEELDRAPPORT MARKETING EN SALES POTENTIEEL TEST
VOORBEELDRAPPORT MARKETING EN SALES POTENTIEEL TEST Respondent: J. de Vries ( voorbeeld) E- mailadres: [email protected] Geslacht: Man Leef tijd: 32 Opleiding sniveau: HBO Verg elijking sg roep: Normg
Ervaringen Wmo. Cliëntervaringsonderzoek Berg en Dal 2017
Ervaringen Wmo Cliëntervaringsonderzoek Berg en Dal 2017 Inhoud 1. Achtergrond van het onderzoek... 2 2. Het regelen van ondersteuning... 4 3. Kwaliteit van de ondersteuning... 6 4. Vergelijking regio...
Institute for Medical Technology Assessment. Productivity Cost Questionnaire Productivity and Health Research Group
Institute for Medical Technology Assessment Productivity Cost Questionnaire Productivity and Health Research Group Vragenlijst over uw gezondheid en werk Onderzoekers noemen deze vragenlijst de imta PCQ.
Hans Wijnbergen CCZ. Adviseur Veiligheid. Afdeling Advies & Monitoring
Hans Wijnbergen CCZ Adviseur Veiligheid Afdeling Advies & Monitoring 1 Doelstelling van de afdeling Advies & Monitoring Ondersteunen van regiodirecteuren op het gebied van naleving van normen die s Heeren
Hercontrole (Loze) brandmelding Telefoonnummer: Omschrijving voorschrift NvT NG V AP OT Vluchtwegen / uitgangen
Locatie: Controlelijst brandveilig gebruik Datum: Functie gebouw Bijeenkomstfunctie, café, discotheek, restaurant 50-250 personen Naam: Gemeente Weesp Dossier nr.: Z.58582/D.60270 Adres: Nieuwstraat 70a
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2016
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2016 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk
Masterclass Zelfredzaamheid bij brand
Masterclass Zelfredzaamheid bij brand Margrethe Kobes 6-6-2008 1 Introductie Wat is het doel van brandpreventie? 6-6-2008 2 Introductie Wat is het doel van brandpreventie? Wat heeft een brandpreventist/adviseur
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Ten Boer Laura de Jong Marjolein Kolstein Oktober 2018 Inge de Vries www.oisgroningen.nl Inhoud Inhoud... 1 2.8 Effect van de ondersteuning... 11 3. Conclusie... 13
Hoe brandveilig is uw bedrijf?
EXPEDITIE BRANDVEILIGHEID Hoe brandveilig is uw bedrijf? Beantwoord de vragen en ontdek of er verbeterpunten zijn. Ontdek welke punten u en uw medewerkers helpen bij het verbeteren van de brandveiligheid
INLEIDING. Namens het managementteam van de SPGH, Mirjam Diderich. Directeur. Hellendoorn 15 januari 2015
RESULTATEN OUDER-ENQUÊTE 01 INLEIDING In dit document worden de resultaten besproken van de ouderenquête die is afgenomen in november 01 (schooljaar 01-015). Doelstelling van de enquête is het meten van
hoofdstuk 1 doelstellingen hoofdstuk 2 diagnosen
Dit proefschrift gaat over moeheid bij mensen die dit als belangrijkste klacht presenteren tijdens een bezoek aan de huisarts. In hoofdstuk 1 wordt het onderwerp moeheid in de huisartspraktijk kort geïntroduceerd,
