Cliëntervaringsonderzoek Wmo
|
|
|
- Ida Verbeek
- 6 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Ten Boer Laura de Jong Marjolein Kolstein Oktober 2018 Inge de Vries
2 Inhoud Inhoud Effect van de ondersteuning Conclusie Colofon Samenvatting Inleiding Opzet van het onderzoek Respons Achtergrondkenmerken respondenten Vragen van deelnemers Resultaten Redenen om contact op te nemen met de gemeente Redenen die meespeelden in contact gemeente Contact met de gemeente Onafhankelijke cliëntondersteuner (Keukentafel)gesprek met de gemeente Kwaliteit van de ondersteuning Overige ondersteuning
3 Samenvatting Alle gemeenten zijn volgens de Wmo verplicht om een cliëntervaringsonderzoek (CEO) uit te (laten) voeren. Dit wordt elk jaar gedaan middels een enquête. Ook in 2018 is er weer een steekproef getrokken uit de Wmo-cliënten die in een voorziening hadden in de gemeente Ten Boer. Opzet Landelijk zijn er tien vragen verplicht in het Wmo cliëntervaringsonderzoek. Dit zijn de volgende stellingen (en één vraag): 1. Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag 2. Ik werd snel geholpen 3. De medewerker nam mij serieus 4. De medewerker en ik hebben in het gesprek samen naar oplossingen gezocht 5. Wist u dat u gebruik kon maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner? 6. Ik vind de kwaliteit van de ondersteuning die ik krijg goed 7. De ondersteuning die ik krijg past bij mijn hulpvraag 8. Door de ondersteuning die ik krijg, kan ik beter de dingen doen die ik wil 9. Door de ondersteuning die ik krijg kan ik mij beter redden 10. Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven Respons Deze rapportage bevat de analyse van de resultaten van het CEO Wmo voor de gemeente Ten Boer als geheel. In totaal hebben 113 van de 403 aangeschreven personen de enquête volledig ingevuld. Dit is een respons van 28 procent. Redenen om contact op te nemen met de gemeente De helft van de respondenten zocht contact met de gemeente omdat zij nergens meer naar toe konden omdat ze geen vervoer hadden. Daarnaast is het huishoudelijke werk thuis niet meer aankunnen een veelgenoemde reden. Er is gevraagd welke redenen meespeelden om naar de gemeente te gaan. 56 procent noemt hier dat zij doorverwezen zijn door de huisarts of een andere zorgverlener. 41 procent geeft aan dat meespeelde dat hun omgeving de ondersteuning niet meer aan kon. Contact met de gemeente Over het contact met de gemeente zijn de meeste respondenten positief. Vooral als het gaat om het serieus nemen van de hulpvraag en het samen met de medewerker zoeken naar oplossingen. De medewerkers lijken redelijk goed zichtbaar te zijn; 73 procent wist waar hij/zij moest zijn met zijn/haar hulpvraag. 71 procent zegt snel te zijn geholpen door de gemeente. Daarnaast zijn door de gemeente Groningen en Ten Boer extra vragen aan de vragenlijst toegevoegd. Deze vragen gaan over de reden waarom men contact opnam met de gemeente, het eventuele (keukentafel)gesprek en het effect van de ondersteuning. 2
4 Onafhankelijke cliëntondersteuner Een onafhankelijke cliëntondersteuner is iemand die de cliënt helpt de weg te vinden naar zorg en ondersteuning in de gemeente. Vanaf begin, met de invoering van de Wmo, zijn alle gemeentes verplicht om een onafhankelijke cliëntondersteuner beschikbaar te stellen voor haar burgers. 31 procent van de respondenten wist dat ze gebruik konden maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner. Dit is een vrij laag aandeel en komt waarschijnlijk doordat veel mensen die in een voorziening hadden, deze vóór kregen. Daardoor hebben zij niet de mogelijkheid gehad om gebruik te maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner. Het cijfer voor Ten Boer is vrijwel gelijk aan het landelijke cijfer (30 procent). Gesprek met de gemeente In had 53 procent van de respondenten in de afgelopen 12 maanden een (keukentafel)gesprek met de gemeente. In en was dit 34 procent. De daling in het percentage cliënten dat een (keukentafel)gesprek heeft gehad is onder andere een gevolg van het feit dat de gemeente Ten Boer in (keukentafel)gesprekken heeft gevoerd met een aantal groepen bestaande clienten. De meeste cliënten (84 tot 95 procent) zijn (heel) tevreden over de verschillende aspecten van het (keukentafel)gesprek. Effect van de ondersteuning De respondenten geven aan dat de ondersteuning een positief effect heeft op hun leven; rond de 80 procent is het (helemaal) eens met de drie stellingen die hierover gesteld zijn. De respondenten vinden vooral dat zij zich beter kunnen redden en dat zij beter de dingen doen die zij willen doen door de ondersteuning die zij krijgen. Er is ook gevraagd naar de effecten die de ondersteuning heeft op de verschillende aspecten van het dagelijks leven van de respondenten. De ondersteuning draagt met name bij aan de mogelijkheid om familie, vrienden en anderen te zien en te spreken (72 procent). Verder draagt de ondersteuning bij aan binnen en buiten het huis rond lopen/rijden (71 procent) en het regelen en op orde houden van het huishouden (69 procent). Tabel 1 geeft op de volgende pagina een totaalbeeld van de resultaten voor de gemeente Ten Boer in, en en in vergelijking met het landelijke gemiddelde. Bij 59 procent van de respondenten die een (keukentafel)gesprek hebben gehad, was er iemand aanwezig naast de cliënt zelf, zoals een naaste, onafhankelijke cliëntondersteuner of iemand anders. In 14 procent van de gevallen was er een onafhankelijke cliëntondersteuner aanwezig. Kwaliteit van de ondersteuning Rond de 80 procent van de respondenten is tevreden over de kwaliteit van de ondersteuning die de gemeente biedt en vindt dat de ondersteuning die zij krijgt past bij de gestelde hulpvraag. 3
5 Tabel 1: resultaten verplichte vragen, naar jaar in Ten Boer en landelijk (% beantwoord met (helemaal) mee eens of ja (bij vraag 5) landelijk 1. Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag 2. Ik werd snel geholpen De medewerker nam mij serieus De medewerker en ik hebben in het gesprek samen naar oplossingen gezocht 5. Wist u dat u gebruik kon maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner? 6. Ik vind de kwaliteit van de ondersteuning die ik krijg goed 7. De ondersteuning die ik krijg past bij mijn hulpvraag 8. Door de ondersteuning die ik krijg, kan ik beter de dingen doen die ik wil 9. Door de ondersteuning die ik krijg kan ik mij beter redden 10. Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven
6 1. Inleiding Alle gemeenten zijn volgens de Wmo verplicht om een cliëntervaringsonderzoek (CEO) uit te (laten) voeren. Hiervoor is een verplichte landelijke vragenlijst en instructie samengesteld. Omdat elke gemeente deze vragenlijst gebruikt, kunnen de uitkomsten met elkaar vergeleken worden (benchmark). Daarnaast heeft het onderzoek een signaleringsfunctie. 1.1 Opzet van het onderzoek De enquête bestaat uit de volgende tien verplichte vragen over de ontvangen ondersteuning, het contact en gesprek met de gemeente en de kwaliteit en effecten van de ondersteuning. 1. Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag 2. Ik werd snel geholpen 3. De medewerker nam mij serieus 4. De medewerker en ik hebben in het gesprek samen naar oplossingen gezocht 5. Wist u dat u gebruik kon maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner? 6. Ik vind de kwaliteit van de ondersteuning die ik krijg goed 7. De ondersteuning die ik krijg past bij mijn hulpvraag 8. Door de ondersteuning die ik krijg, kan ik beter de dingen doen die ik wil 9. Door de ondersteuning die ik krijg kan ik mij beter redden 10. Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven Om aanvullende inzichten op te doen, heeft de gemeente Groningen/Ten Boer aan de verplichte vragenlijst een aantal vragen toegevoegd. De extra vragen gaan dieper in op de reden waarom de respondent contact heeft gezocht met de gemeente, het (keukentafel)gesprek, de ervaringen met de onafhankelijke cliëntondersteuner en de effect(en) van ondersteuning op zelfredzaamheid en participatie. Volgens de richtlijnen vanuit de rijksoverheid is een steekproef getrokken uit de Wmo-cliënten die in een maatwerkvoorziening hadden in de gemeente Ten Boer. Rond 15 mei 2018 hebben de cliënten uit de steekproef een uitnodigingsbrief met papieren vragenlijst ontvangen. In de brief stond tevens een inlogcode waarmee ze de vragenlijst online konden invullen. Men kon tot 15 juni de vragenlijst invullen. Het betreft een anonieme enquête; de privacy van de deelnemers is gewaarborgd. In deze rapportage bespreken we de resultaten van de gemeente Ten Boer in zijn geheel. In de figuren zijn niet alleen de uitkomsten van te zien, maar ter vergelijking ook de uitkomsten van en. Het cliëntervaringsonderzoek is erop gericht inzicht te bieden in de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning, zoals die is ervaren door inwoners die in geregistreerd stonden als Wmo-cliënt met een individuele voorziening. Dit onderzoek gaat dus over de dienstverlening in het jaar. 1.2 Respons In totaal hebben 124 cliënten de vragenlijst (deels) ingevuld. Omdat sommige cliënten de vragenlijst onvolledig of te laat hebben teruggestuurd, zijn de antwoorden van 113 respondenten meegenomen in de analyse. Dit is een respons van 28 procent. De respons op de verplichte vragen ligt tussen 97 en 100 procent. De relevante respons ligt tussen 64 en 85 procent. Bij de relevante respons worden antwoorden zoals geen mening, niet van toepassing en weet niet niet geteld als respons. 5
7 44 procent van de respondenten geeft aan hulp te hebben gehad bij het invullen van de vragenlijst. Figuur 1: geslacht respondenten Tabel 1: steekproef en respons Steekproef Ten Boer Aantal personen Cliëntenbestand 405 Aangeschreven cliënten eerste brief 403 Totale respons 124 (31%) Onvolledig beantwoorde enquêtes 11 Geldige respons 113 (28%) 76% man vrouw 1.3 Achtergrondkenmerken respondenten 76 procent van de respondenten van het onderzoek is vrouw; 24 procent is man (zie figuur 1). Qua voorziening zitten de meeste respondenten in de categorie oud-wmo (59 procent) (zie figuur 2). 28 procent valt in de categorie combi oud-wmo en Wmo 18+ en 12 procent heeft alleen Wmo 18+. De definities van de verschillende cliëntgroepen zijn als volgt: - Oud-Wmo: cliënten die gebruik maken van vervoer, hulpmiddelen, woningaanpassingen, scootmobiel, etc. - Wmo 18+: cliënten die gebruik maken van individuele- en groepsbegeleiding (dagbesteding), kortdurend verblijf, huishoudelijke hulp - Combinatie Oud-Wmo en Wmo 18+: een combinatie van voorzieningen en diensten uit de categorieën hierboven beschreven (exclusief Beschermd Wonen) Figuur 2: voorziening respondenten Combi Oud-Wmo en Wmo 18+ Alleen Wmo 18+ (zonder Beschermd wonen) Alleen Oud-Wmo 12% *Door afronding telt het totaal niet op tot 100 procent 28% 59% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 6
8 Figuur 3 laat zien dat bijna drie kwart van de respondenten 70 jaar of ouder is (71 procent). 48 procent is 80 jaar of ouder. Figuur 3 leeftijd respondenten* 80 jaar of ouder 48% 70 tot en met 79 jaar 23% 60 tot en met 69 jaar 50 tot en met 59 jaar 9% 8% 40 tot en met 49 jaar 30 tot en met 39 jaar 18 tot en met 29 jaar jonger dan 18 jaar 4% 2% 4% 3% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% *Door afronding telt het totaal niet altijd op tot 100 procent 1.4 Vragen van deelnemers Een aantal respondenten heeft contact gezocht met het KCC of de WIJ-teams omdat ze niet begrepen waarom zij aangeschreven waren voor dit onderzoek. Dit kwam voornamelijk omdat er cliënten zijn die wel een lopende voorziening hadden in maar hiervan geen gebruik maakten. Er is geen geval bekend van personen die geen lopende indicaties hadden in maar wel aangeschreven zijn. Het feit dat een vervoersindicatie (taxipas) onder de Wmo valt heeft bij een aantal respondenten tot verwarring geleid, dit kwam ook regelmatig terug in de commentaarvelden op de enquête en in telefoongesprekken met de WIJ-team medewerkers. 7
9 2. Resultaten 2.1 Redenen om contact op te nemen met de gemeente Waarom namen de respondenten contact op met de gemeente? De redenen hiervoor staan in tabel 2. De meest aangevinkte reden is dat men nergens meer naartoe kan omdat zij geen vervoer meer heeft (54 procent). Daarnaast kon bijna de helft het huishoudelijke werk thuis niet meer aan. Beide percentages zijn een stuk hoger dan in, toen een derde beide redenen aanvinkte. Tabel 2: contact met de gemeente, naar bestaande en nieuwe cliënt Waarom contact met gemeente Omdat ik nergens meer naartoe kan omdat ik geen vervoer heb 54% 34% 46% Omdat ik het huishoudelijke werk thuis niet meer aan kan 49% 34% 70% Anders 21% 0% Omdat ik moeite heb me zelf te wassen en te kleden 19% 42% 22% Omdat ik niet weet hoe ik bepaalde problemen kan oplossen en wat ik moet kiezen Omdat ik me eenzaam voel en meer contact wil met andere mensen 14% 10% 13% 12% 5% 6% Omdat ik niet meer binnenshuis rond kan lopen/rijden 11% 14% 21% Omdat ik overdag niks te doen heb 10% 2% 7% Omdat ik moeite heb om mijn financiële zaken te regelen en de administratie te doen 10% 6% 4% Omdat ik als mantelzorger overbelast ben of dreig te raken 5% 5% 1% Bij deze vraag waren meerdere antwoorden mogelijk. 2.2 Redenen die meespeelden in contact gemeente Naast de voornaamste reden om contact op te nemen, is ook gevraagd of bepaalde zaken meespeelden om naar de gemeente te gaan. Van de respondenten die hierop geantwoord hebben, geeft ruim de helft aan dat ze doorverwezen zijn door hun huisarts of andere zorgverlener (zie figuur 4). Dit is lager dan eerdere jaren. Bij 41 procent van de respondenten kon de omgeving hen niet (meer) ondersteunen. 31 procent geeft aan dat zij contact met de gemeente zochten omdat zij niet wisten waar en hoe zij ondersteuning konden regelen. 29 procent zocht contact omdat ze het probleem en de keuzes niet meer overzagen. Figuur 4: Redenen die meespeelden om naar de gemeente te gaan Ik wist niet waar en hoe ik ondersteuning kon regelen 31% 26% 69% 74% 41% 59% Ik overzag het probleem en de keuzes niet meer 28% 71% 72% 71% Mijn omgeving (partner, kind, ouder) kan mij niet, of niet meer, ondersteunen 41% 44% 33% 59% 56% 67% Ik ben doorverwezen door mijn huisarts of door een andere zorgverlener 56% 61% 65% 44% 39% 35% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Ja Nee 8
10 2.3 Contact met de gemeente De respondenten kregen een aantal stellingen voorgelegd over hoe er met hun hulpvraag is omgegaan. Bijna drie kwart van de respondenten wist waar zij terecht konden met hun hulpvraag. Dit is lager dan in en, toen resp. 84 en 81 procent het hier (helemaal) mee eens was. Zeven van de tien respondenten geven aan dat ze snel geholpen werden. Men is vooral positief over de stelling de medewerker nam mij serieus (87 procent). Tenslotte geeft ruim drie kwart aan dat zij samen met de medewerker naar oplossingen gezocht hebben. Dit is vooral een verbetering ten opzichte van, toen twee derde het hier (helemaal) mee eens was. De relevante respons voor de vragen over het contact met de gemeente ligt tussen de 64 en 68 procent. Figuur 5: Contact met de gemeente 2.4 Onafhankelijke cliëntondersteuner Een onafhankelijke cliëntondersteuner is iemand die de cliënt helpt de weg te vinden naar zorg en ondersteuning in de gemeente. Vanaf begin, met de invoering van de Wmo, zijn alle gemeentes verplicht om een onafhankelijke cliëntondersteuner beschikbaar te stellen voor haar burgers. In konden cliënten deze cliëntondersteuner aanvragen via De Deel. 69 procent van de respondenten wist niet dat zij gebruik konden maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner. In en was dit percentage resp. 63 en 66 procent. Dit is een vrij hoog aandeel en komt waarschijnlijk doordat veel mensen die in een voorziening hadden, deze vóór kregen. Daardoor hebben zij niet de mogelijkheid gehad om gebruik te maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner. Landelijk wist 30 procent van de respondenten van de cliëntondersteuner af. Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag 49% 11% 12% 4% 33% 31% 48% 53% 14% 10% 4% 7% Ik werd snel geholpen 26% 21% De medewerker nam mij serieus 38% 32% 23% 42% 43% 48% 49% 50% 60% 20% 7% 9% 5% 21% 10% 12% 13% 12% 3% De medewerker en ik hebben in het gesprek samen naar oplossingen gezocht 27% 49% 47% 19% 3% 3% 14% 52% 22% 9% 3% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Helemaal mee eens Mee eens Neutraal Niet mee eens Helemaal niet mee eens Er zijn slechts vier respondenten die de vraag over de tevredenheid over de onafhankelijke cliëntondersteuner hebben ingevuld. Drie van hen zijn hierover tevreden en één neutraal. Figuur 7: Wist u dat u gebruik kon maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner? 31% 69% 37% 63% 34% 66% 0% 20% 40% 60% 80% 100% Ja Nee 9
11 2.5 (Keukentafel)gesprek met de gemeente Een derde van de respondenten heeft in de afgelopen 12 maanden een (keukentafel)gesprek gehad (zie tabel 4). Dit is gelijk aan vorig jaar. In was dit percentage echter een stuk hoger (53 procent). Deze daling in en is onder andere een gevolg van het feit dat de gemeente Ten Boer in (keukentafel)gesprekken heeft gevoerd met een aantal groepen bestaande clienten. Dit was het geval voor AWBZ-overgangscliënten en alle cliënten met een indicatie huishoudelijke hulp. Bij zes van de tien respondenten die een (keukentafel)gesprek hebben gehad, was er iemand aanwezig naast de cliënt zelf, zoals een naaste, onafhankelijke cliëntondersteuner of iemand anders. In 14 procent van de gevallen was er een onafhankelijke cliëntondersteuner aanwezig bij het gesprek. Dit percentage was in 10 procent en in 7 procent. In bijna twee derde van de gevallen was er een naaste bij de (keukentafel)gesprekken. Dit is lager dan in en (resp. 86 en 82 procent). Tabel 4: gebruik (keukentafel) gesprek, naar jaar Jaar (Keukentafel)gesprek gehad 53% 34% 34% Figuur 8: tevredenheid (keukentafel)gesprek Het contact met degene met wie u het (keukentafel)gesprek had 20% 11% 36% 35% 23% 11% 23% 13% 38% 33% 11% 50% 57% De manier waarop er naar u geluisterd werd 60% 52% 55% Bij alle stellingen over de tevredenheid over het (keukentafel)gesprek valt op dat men in veel tevredener is dan in en (zie figuur 8). Bijna iedereen is tevreden over het contact met de degene met wie ze het (keukentafel)gesprek voerden (95 procent). In en was dit resp. 70 en 68 procent. 93 procent is (heel) tevreden over de manier waarop er naar hen geluisterd werd. Over de gekozen oplossing is 92 procent (heel) tevreden en over 50% De deskundigheid van de medewerker De gekozen oplossing 53% 54% de deskundigheid van de medewerker 84 procent. 59% 58% 46% 59% 14% 26% 20% 23% 8% 2% 11% 2% 15% 16% 5% 13% 4% 15% 14% 5% 2% 9% 8% 7% 7% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Heel tevreden Tevreden Neutraal Ontevreden Heel ontevreden 10
12 2.6 Kwaliteit van de ondersteuning 86 procent van de respondenten is tevreden over de kwaliteit van de ondersteuning. In is dit iets hoger dan in en (beide 82 procent). Bijna acht van de tien vinden dat de ondersteuning die zij krijgen past bij hun hulpvraag. Dit percentage is iets lager dan in (83 procent). Figuur 9: Kwaliteit van de ondersteuning Ik vind de kwaliteit van de ondersteuning die ik krijg goed 23% 63% 14% 32% 50% 13% 53% 12% De ondersteuning die ik krijg past bij mijn hulpvraag 55% 18% 28% 55% 13% 26% 52% 14% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Helemaal mee eens Mee eens Neutraal Niet mee eens Helemaal niet mee eens 2.7 Overige ondersteuning 10 procent van de respondenten maakt gebruik van voorzieningen zoals de inloop of activiteit in het buurthuis, klussendienst, boodschappenservice, was en strijkservice. Ongeveer de helft van de ondervraagden ontvangt hulp van een naaste, zoals een partner, familie, vrienden of buren. Van deze groep heeft 13 procent het idee dat de naaste die voor hen zorgt het niet aankan. 6 procent van de respondenten geeft aan dat zij zelf of hun partner hulp krijgt van een individuele vrijwilliger (bijvoorbeeld een maatje of coach). 2.8 Effect van de ondersteuning Drie stellingen in de vragenlijst gingen over het effect dat de ondersteuning heeft op het leven van de cliënten. De respondenten geven aan dat de ondersteuning een positief effect heeft; rond de 80 procent is het (helemaal) eens met de drie stellingen. 84 procent van de respondenten kan door de ondersteuning beter de dingen doen die zij wil doen. Nog eens 84 procent zegt dat zij zich beter kan redden door de ondersteuning die zij krijgen. Ruim drie kwart is het (helemaal) eens met de stelling Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven. In zijn er meer respondenten het (helemaal) mee eens met de stellingen dan in en. De relevante respons voor de vragen in figuur 10 ligt tussen de 80 en 83 procent. Figuur 10: Wat levert de ondersteuning op? Door de ondersteuning die ik krijg, kan ik beter de dingen doen die ik wil 21% 63% 16% 26% 26% 52% 50% 16% 4% 4% 4% Door de ondersteuning die ik krijg kan ik mij beter redden 22% 31% 30% 62% 49% 48% 14% 15% 16% 3% 5% Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven 23% 36% 56% 44% 38% 18% 23% 19% 4% 4% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Helemaal mee eens Mee eens Neutraal Niet mee eens Helemaal niet mee eens 11
13 We hebben ook gevraagd naar de effecten die de ondersteuning heeft op de verschillende aspecten van het dagelijks leven van de respondenten. Hierbij tellen alle soorten ondersteuning mee, ook die van naasten, vrijwilligers, buurthuismedewerkers, etc. De ondersteuning draagt met name bij aan de mogelijkheid om familie, vrienden en anderen te zien en te spreken (72 procent ja of grotendeels ) (zie figuur 11). Ook draagt de ondersteuning bij aan binnen en buiten het huis rond lopen/rijden (71 procent) en het regelen en op orde houden van de financiën (69 procent). In noemt men vaker dat de ondersteuning bijdraagt aan werken en/of leren dan in en. Wassen, kleden en verzorgen en het huishouden regelen en op orde houden dragen in minder bij dan in. De relevante respons op deze vragen is 28 tot 69 procent. Figuur 11: ondersteuning en hulpmiddel(en) dragen bij aan Binnen en buiten uw huis rond lopen/rijden 38% 36% 25% 27% 13% 15% 15% 16% 46% 41% 25% 38% 40% 39% 35% 31% 42% 46% 49% 22% 15% 30% 22% 8% U wassen, kleden en verzorgen 28% 19% 32% 36% 33% 34% 39% 18% Uw huishouden regelen en op orde houden Uw financiën regelen en op orde houden 27% 22% 33% 37% 40% 25% 36% 7% 26% 27% 22% 22% 27% 13% 13% 27% 11% 9% 5% 12% 21% 21% 41% 33% 52% 44% 37% 44% 8% 8% 18% 12% 11% 12% 22% 25% 18% De mogelijkheid om familie, vrienden en anderen te zien en spreken Anderen helpen Werken en/of leren 7% 4% 9% 0% 20% 40% 60% 80% 100% Ja, helemaal Grotendeels Een beetje Nee, helemaal niet 12
14 3. Conclusie Over het algemeen reageren de Wmo-cliënten in Ten Boer positief op de stellingen in de vragenlijst. Minimaal 71 procent is het (helemaal) eens met de stellingen. Vooral over het effect van de ondersteuning is men te spreken. Ruim acht van de tien respondenten kunnen door de ondersteuning beter de dingen doen die zij willen en zich beter redden. Daarnaast merkt men ook het effect van de ondersteuning op het dagelijks leven. Ruim zeven van de tien respondenten geven aan dat de ondersteuning bijdraagt aan de mogelijkheid om familie, vrienden en anderen te zien en te spreken en aan binnen en buiten het huis rond lopen/rijden. Over het contact met de gemeente is rond de drie kwart van de respondenten positief. Zij wisten waar ze moesten zijn met hun hulpvraag, werden snel geholpen en hebben samen met de medewerker naar oplossingen gezocht. Voor de meeste stellingen geldt dat er in iets positiever gereageerd is dan in. Dit is met name het geval voor de tevredenheid over het (keukentafel)gesprek. Vooral over het contact en de manier waarop er geluisterd werd zijn in door bijna alle cliënten tevreden. In waren dit nog zeven van de tien. De kwaliteit van de ondersteuning wordt goed beoordeeld (86 procent). Acht van de tien respondenten vinden dat de ondersteuning die zij krijgen past bij hun hulpvraag. Ook over de medewerkers is men tevreden; 87 procent zegt dat de medewerker hen serieus nam. Over het (keukentafel)gesprek zegt minimaal 84 procent dat zij tevreden zijn over de manier waarop er naar hen geluisterd werd, de gekozen oplossing en het contact met degene met wie men het (keukentafel)gesprek had. Over het contact rondom het (keukentafel)gesprek is zelfs 95 procent (heel) tevreden. Verder zien we dat de onafhankelijke cliëntondersteunder niet erg bekend is; ruim een kwart is bekend met de ondersteuner. Dit lage aandeel komt waarschijnlijk doordat veel mensen die in een voorziening hadden, deze vóór kregen, en daardoor niet de mogelijkheid hebben gehad om gebruik te maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner. 13
15 Colofon Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Ten Boer Auteurs: Laura de Jong Marjolein Kolstein Inge de Vries Opdrachtgever: Gemeente Ten Boer Fotografie: Gemeente Ten Boer Uitgave: Onderzoek en Statistiek Ten Boer T (050) E [email protected] I
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo WIJ-gebieden 2017 Laura de Jong Marjolein Kolstein Oktober 2018 Inge de Vries www.oisgroningen.nl Inhoud Samenvatting... 2 2.9 Tot slot... 20 Bijlage 1: de WIJ-gebieden...
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Groningen 2016 Age Stinissen Erik van der Werff Juli 2017 Michiel Mollema www.os-groningen.nl Inhoud Samenvatting... 2 1. Inleiding... 5 1.1 Opzet van het onderzoek...
CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO
Rapport CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO Gemeente Landsmeer Augustus 2016 www.ioresearch.nl COLOFON Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020-3330670 Rapportnummer 2016/134 Datum Augustus
Bijlage 4 Tabellenbijlage Noardwest Fryslân
Bijlage 4 Tabellenbijlage Noardwest Fryslân BLOK 1: Contact Contact Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag (%(helemaal)mee eens) Ik werd snel geholpen (%(helemaal)mee eens) De medewerker nam mij
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
RAPPORTAGE Gemeente IJsselstein mei 2018 RESULTAAT KWALITEIT CONTACT 2017 Gemeente IJsselstein Deze samenvatting presenteert de belangrijkste uitkomsten van het cliëntervaringsonderzoek (CEO) Wmo over
Vragenlijst over uw ervaringen met de Wmo
Vragenlijst over uw ervaringen met de Wmo gemeente Utrechtse Heuvelrug Deze vragenlijst gaat over u. U kunt hem alleen invullen, of samen met uw naaste (bijvoorbeeld uw partner of mantelzorger). Uw antwoorden
Vragenlijst over uw ervaringen met de Wmo
Vragenlijst over uw ervaringen met de Wmo onderzoek Deze vragenlijst gaat over u. U kunt hem alleen invullen, of samen met uw naaste (bijvoorbeeld uw partner of mantelzorger). Uw antwoorden zijn anoniem
CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO
Rapport CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO Gemeente Nijkerk Juli 2016 www.ioresearch.nl COLOFON Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020-3330670 Rapportnummer 2016/109 Datum Juli 2016 Opdrachtgever
Toelichting uitkomsten Cliëntervaringsonderzoek Wmo 2016
Toelichting uitkomsten Cliëntervaringsonderzoek Wmo 2016 Inleiding Op basis van de Wmo 2015 zijn gemeenten verplicht jaarlijks een cliëntervaringsonderzoek uit te voeren. De vier Westerkwartiergemeenten
Cliëntervaringen Wmo Gemeente Boxtel
Cliëntervaringen Wmo Gemeente Boxtel Meting 2016 Juli 2016 Afdeling Onderzoek & Statistiek Gemeente s-hertogenbosch Samenvatting De gemeente Boxtel vindt het belangrijk om de ervaringen van cliënten met
Cliëntervaringen Wmo s-hertogengbosch. Nulmeting 2016
Cliëntervaringen Wmo s-hertogengbosch Nulmeting 2016 Afdeling Onderzoek & Statistiek Juli 2016 Samenvatting De gemeente s-hertogenbosch vindt het belangrijk om de ervaringen van cliënten met Wmoondersteuning
CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO
Rapport CLIËNTERVARINGS- ONDERZOEK WMO Gemeente Ede September 2016 www.ioresearch.nl COLOFON Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020-3330670 Rapportnummer 2016/concept Datum September
Clientervaringsonderzoek Wmo & Jeugd
Clientervaringsonderzoek Wmo & Jeugd Inhoudsopgave Samenvatting 3 1. Inleiding 4 1.1 Doelgroep 4 1.2 Methode 4 1.3 Respons 4 2. Resultaten Wmo 5 2.1 Contact en toegankelijkheid van hulp of ondersteuning
Cliëntervaringsonderzoek Wmo en Jeugdwet
Cliëntervaringsonderzoek Wmo en Jeugdwet Management Summary Gemeenten zijn verplicht om jaarlijks inzicht te krijgen in de ervaringen van cliënten vanuit de Wmo en Jeugdwet. Onderzoeksbureau Flycatcher
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
RAPPORTAGE Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Elburg juni 2017 Samenvatting In maart t/m mei 2017 heeft ZorgfocuZ voor de gemeente Elburg het cliëntervaringsonderzoek Wmo uitgevoerd. De doelgroep voor
Ervaringen Wmo. Cliëntervaringsonderzoek Berg en Dal 2017
Ervaringen Wmo Cliëntervaringsonderzoek Berg en Dal 2017 Inhoud 1. Achtergrond van het onderzoek... 2 2. Het regelen van ondersteuning... 4 3. Kwaliteit van de ondersteuning... 6 4. Vergelijking regio...
Gemeente Roosendaal. Cliëntervaringsonderzoek Wmo over Onderzoeksrapportage. 26 juni 2017
Gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2016 Onderzoeksrapportage 26 juni 2017 DATUM 26 juni 2017 Dimensus Beleidsonderzoek Wilhelminasingel 1a 4818 AA Breda [email protected] www.dimensus.nl (076) 515
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Alphen aan den Rijn September 2016 I. Dooms BBA A. van den Heuvel N. Meys Projectnummer: 840070 Correspondentienummer: DH-1409-7060 INHOUD INLEIDING 1 SAMENVATTING
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
RAPPORTAGE Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Stichtse Vecht november 2018 RESULTAAT KWALITEIT CONTACT Cliëntervaringsonderzoek Wmo 2017 Gemeente Stichtse Vecht Deze samenvatting presenteert de belangrijkste
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
RAPPORTAGE Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Noordenveld juli 2017 Samenvatting In april t/m juni 2017 heeft ZorgfocuZ voor de gemeente Noordenveld het cliëntervaringsonderzoek Wmo uitgevoerd. De doelgroep
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo Gemeente Best Definitief rapport September 2016 I. Dooms BBA A. van den Heuvel N. Meys Projectnummer: 840070 Correspondentienummer: DH-0209-7037 CLIËNTERVARINGSONDERZOEK WMO
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
RAPPORTAGE Gemeente Haarlem februari 2019 RESULTAAT KWALITEIT CONTACT 2018 Gemeente Haarlem Deze samenvatting presenteert de belangrijkste uitkomsten van het cliëntervaringsonderzoek (CEO) Wmo over 2018.
Landelijk cliëntervaringsonderzoek
Landelijk cliëntervaringsonderzoek Monitor Januari t/m december 2016 Ons kenmerk: 17.0010587 Datum: 22-09-2017 Contactpersoon: Rosan Hilhorst E-mail: [email protected] Inhoud 1. Inleiding... 3
Cliëntervaringsonderzoek Wmo
Cliëntervaringsonderzoek Wmo REGIO DRECHTSTEDEN - 2016 Inhoud Volgens de Wmo 2015 is iedere gemeente in Nederland verplicht jaarlijks te onderzoeken hoe cliënten de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning
Samenwerkende gemeenten West- Brabant: gemeente Moerdijk
Samenwerkende gemeenten West- Brabant: gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 Definitieve rapportage 4 augustus 2016 DATUM 4 augustus 2016 TITEL Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 ONDERTITEL
Gemeente Winterswijk Wmo klanttevredenheidsonderzoek
Gemeente Winterswijk Wmo klanttevredenheidsonderzoek 25 november 2015 GOM PAN ADVIES VOOR WONINGMARKT EN LEEFOMGEVING GOM PAN EN ADVIES VOOR WONINGMARKT EN LEEFOMGEVING DATUM 25 november 2015 TITEL Wmo
Rapportage cliëntervaringsonderzoek WMO Gemeente Aalburg
Rapportage cliëntervaringsonderzoek WMO Versie 1.0.0 Drs. J.J. Laninga juni 2017 www.triqs.nl Voorwoord Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over het uitgevoerde cliëntervaringsonderzoek
Gemeente Bergen op Zoom
Gemeente Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 Onderzoeksrapportage 14 oktober 2016 DATUM 14 oktober 2016 TITEL Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 ONDERTITEL Onderzoeksrapportage OPDRACHTGEVER Gemeente
Gemeente Ommen. Cliëntervaringsonderzoek Wmo over Onderzoeksrapportage. 28 juli 2017
Gemeente Ommen Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2016 Onderzoeksrapportage 28 juli 2017 DATUM 28 juli 2017 Dimensus Beleidsonderzoek Wilhelminasingel 1a 4818 AA Breda [email protected] www.dimensus.nl (076)
Uitkomsten cliëntervaringsonderzoek Wmo 2015
Uitkomsten cliëntervaringsonderzoek Wmo 2015 1. Algemeen In het Westerkwartier is het cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2015 afgerond en zijn de resultaten hiervan inmiddels bekend. In 18 van de 23 Groningse
