QUICK SCAN GEVOLGEN VAN AFSCHAFFING MELKQUOTUM
|
|
|
- Sebastiaan van Wijk
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 QUICK SCAN GEVOLGEN VAN AFSCHAFFING MELKQUOTUM Achtergronddocument bij nieuwsbericht 1 april 2015 Hans van Grinsven 1 april 2015
2
3 Inhoud 1 Achtergrond 4 2 Gevolgen voor economie 4 3 Gevolgen voor mestproblematiek 5 4 Gevolgen voor weidegang 6 5 Gevolgen voor milieu en natuur 7 6 Slotbeschouwing 8 7 Belangrijkste referenties 9 PBL 3
4 1 Achtergrond Het melkquotum is in 1984 door EEG ingevoerd vanwege melkplassen en boterbergen die ontstonden door garantieprijzen In 2007 is door de EU besloten om het quotum in 2015 af te schaffen vanwege toenemende vraag buiten EU, met name China Nederland was het enige land in de EU die het melkquotum volledig vol melkte en de laatste jaren ook overschreed. Vanaf 2007 zijn de Nederlandse melkveehouders gaan anticiperen op het verdwijnen van het quotum en gaan uitbreiden De verwachting van het LEI en anderen was een groei van de melkproductie met 20%, waarvan de helft door meer melkkoeien en de helft door een hogere melkproductie per koe In 2014 waren er 11% meer melkkoeien dan in 2007 en was de melkproductie met 16% gestegen. De verwachte groei is dus nu al grotendeels gerealiseerd. Het kan ook betekenen dat de groei is overschat. De belangrijkste betekenis van de afschaffing van het quotum op 1 april is het einde van de superheffing. Deze heffing bedraagt 28 ct per liter waardoor de melkveesector de laatste jaren honderden miljoenen euro boete heeft moeten betalen aan de Europese Commissie. 2 Gevolgen voor economie De netto export waarde van Nederlandse agro-food sector in 2014 was bijna 50 miljard euro, ongeveer de helft van totale netto exportwaarde. Nederland produceerde in 2014 ruim 12 miljard liter melk. Ongeveer tweederde van die productie is voor de export, vooral in de vorm van kaas en melkpoeder. De netto exportwaarde van de zuivelsector is ruim 5 miljard euro. Veel bedrijven zijn vanaf 2007 gaan investeren in nieuwe stallen en melkrobots. Investeringen per bedrijf van een half miljoen euro of meer waren niet ongebruikelijk. De rente op die leningen drukt op het inkomen (ondanks lage rentestand door risico opslagen wel 5%) Veel bedrijven (ca. 40%) waren tegen afschaffing van het quotum en zijn juist niet gaan uitbreiden. De melkprijzen die de melkveehouders ontvangen zijn sinds 2008 gemiddeld 5 ct hoger dan daarvoor en in 2013 historisch hoog met ruim 40 ct per liter. Dit verklaart mede de investeringsbereidheid in uitbreiding. Echter in 2014 zijn de prijzen gekelderd tot 30 ct per liter, o.a. door overproductie door Nieuwe Zeeland, minder groei van de vraag in ZO. Azië en de Rusland Boycot. De lange termijn verwachting is dat prijzen zullen stijgen. Desondanks zullen veel melkveehouders mogelijk dit jaar al financiële problemen krijgen door de huidige lage melkprijzen op de wereldmarkt. PBL 4
5 De afschaffing van het quotum versnelt de schaalvergroting in de melkveehouderij. De gemiddelde bedrijfsgrootte nam sinds 2007 toe van 68 naar 86 melkkoeien in Het aantal bedrijven met meer dan 250 melkkoeien verviervoudigde in de afgelopen 10 jaar. In Zuid Nederland was de gemiddelde groei van de melkveestapel per bedrijf tussen 2000 en 2007, dus voor de aankondiging van de afschaffing van het quotum, 1,5 melkkoe per jaar; en nam toe naar 2,9 melkkoe per jaar in de periode Gevolgen voor mestproblematiek Ondanks de groei van de melkveestapel sinds 2007 is de totale mestproductie (uitgedrukt in fosfaat en stikstof) nauwelijks toegenomen, ook niet voor de melkveehouderij. Dit komt vooral door voermaatregelen, verbetering van de efficiency en door een afname van het vleesvee op melkveebedrijven. De fosfaatproductie in 2014 was 168 mln kg, waarvan 75 uit de melkveehouderij. Tussen 2010 en 2015 is de afzetruimte van mest op Nederlandse landbouwgrond sterk afgenomen, door aanscherping van (vooral) de fosfaat gebruiksnormen op bouwland. Die totale afname bedraagt circa 25 mln kg fosfaat (15% van de jaarlijkse mestproductie in 2014). Hierdoor nemen de mestoverschotten van de veehouderijbedrijven toe en moeten ze meer mest afvoeren. Maar omdat er ook minder afzetruimte is op akkerbouwbedrijven of extensieve melkveebedrijven, moet er meer mest worden verwerkt. De extra benodigde verwerkingscapaciteit kan oplopen tot 10 mln kg fosfaat. Sinds 2013 is een wettelijke mestverwerkingsplicht van kracht voor alle bedrijven die niet alle mest op eigen grond kunnen afzetten. Deze plicht is nodig om te zorgen dat het mest aanbod binnen de gebruiksnormen past en zou ook moeten bijdragen aan een stabiel aanbod van mest voor verwerking. De belangstelling van het bedrijfsleven voor de ontwikkeling van de nieuwe mestwerkingsfabrieken is niet groot vanwege een onzeker verdienmodel en problemen bij de vergunningverlening Er zijn verschillende technieken voor mestverwerking van eenvoudig (mechanische scheiding dikke en dunne fractie) tot high tech (flocculatie en omgekeerde osmose). Om bij te dragen aan de oplossing van het mestoverschot, moeten de fosfaatrijke fractie van de verwerking uit de landbouw worden geëxporteerd. Vooral de export naar Duitsland is belangrijk, maar deze staat de laatste jaren onder druk, ondermeer omdat de veerijke Bundes Länder in het grensgebied ook hun mestbeleid aanscherpen. De helft van de melkveebedrijven moet mest afvoeren. Dit aantal neemt versneld toe door de schaalvergroting als reactie op de afschaffing van het melkquotum. Tot op heden wordt minder dan 1% van de rundveemest verwerkt. Vergisting van rundveemest is een interessante optie vanwege de subsidies voor vernieuwbare energie, maar vergisting draagt niet bij aan oplossing van het mestoverschot. In tegendeel vergisting van mest vergrootte het mestoverschot met 3 mln kg fosfaat, omdat er P houdende co-vergistingsmaterialen worden gebruikt en het restproduct van de vergisting als dierlijke mest wordt aangemerkt. Rundveemest is minder geschikt voor verwerking vanwege het lage fosfaatgehalte, maar juist aantrekkelijk voor akkerbouwers vanwege het relatief hoge gehalte aan PBL 5
6 organische stof. De toename van het mestoverschot op melkveebedrijven door uitbreiding na de afschaffing van het quotum zal daarom vooral in de akkerbouw worden afgezet en daar varkensdrijfmest verdringen. Die extra varkensmest moet worden verwerkt. De extra kosten daarvoor worden deels betaald door melkveehouders die hun mestverwerkingsplicht binnen een voorziening in de wet kunnen verkopen aan de varkenshouders. 4 Gevolgen voor weidegang Er is een breed maatschappelijk en politiek draagvlak voor behoud van de weidegang omdat het bijdraagt aan de kwaliteit van het landschap en het welzijn van de koe. Weidegang is gedefinieerd als dat de koeien gedurende 6 maanden minstens zes uur per dag weiden. De weidegang neemt al jaren af, maar sinds 2012 lijkt de afname te stagneren. In 2014 werd nog 70% van de melkkoeien geweid. De stagnatie van de afname van de weidegang bevreemdt want behoud van weidegang is lastig voor melkveebedrijven die hun veestapel sterk uitbreiden en houden op één locatie zonder verwerving van extra grond. De omvang van de veestapel en de grootte van huiskavel (het grasland direct rond het bedrijf) maken het logistiek onmogelijk. Melk van weidende koeien krijgt een premie van 1 ct per liter. Voor kleinere bedrijven met een voldoende grote huiskavel maakt toepassing van weidegang de productie van melk ook goedkoper. Voor grote bedrijven met een ongunstige kavelligging is dat niet zo. Weidegang verhoogt het koewelzijn ten opzicht van de klassieke ligboxenstal met harde betonnen vloeren en beperkte bewegingsvrijheid. Koeien krijgen daar sneller last van ontstekingen van o.a. klauwen en uiers. Er is geen consensus over of weidegang het dierenwelzijn verhoogt ten opzichte van nieuwe moderne stallen met extra aandacht voor welzijn (vrijloop, zachte bedding). Melk en vlees van rundvee met een groter aandeel gras in het rantsoen is mogelijk gezonder vanwege een betere vetzuursamenstelling (omega-3 en -6) en hogere gehaltes aan anti-oxidanten. De vetzuursamenstelling van de melk kan ook op andere wijze positief worden beïnvloed. Nu is het aandeel gras in rantsoen 35% in Zuid Nederland en 60% in Noord Nederland. De rest van het rantsoen bestaat uit krachtvoer (o.a. op basis van soja) en snijmaïs (vooral in Zuid Nederland). Behoud van grondgebondenheid vergroot de mogelijkheid om weidegang toe te passen en ook om meer voer van eigen grond te betrekken en meer mest op eigen grond uit te rijden. De nieuwe melkveewet, die in 2016 van kracht wordt, beoogt om grondgebondenheid te bevorderen. Dit gebeurt door eisen te stellen aan het aandeel van de mest van extra melkkoeien dat op eigen grond kan worden afgezet. Voor de intensieve bedrijven, is dat een kwart tot de helft van de extra mest die zij produceren sinds De groei voor die periode is dus vrijgesteld. Deze invulling betekent dat een intensiteit van 6 melkkoeien per hectare nog steeds mogelijk is. PBL 6
7 5 Gevolgen voor milieu en natuur Het grootste deel van de Nederlandse natuur op land en in water wordt te zwaar belast met stikstof, en wat betreft het water, ook met fosfaat. De gemiddelde nitraatconcentratie in het bovenste grondwater onder landbouw op zand in voldoet aan de doelstelling van 50 mg/l van de Nitraatrichtlijn. Maar dit betekent ook dat de helft van de meetlocaties niet voldoet aan de norm. De gemiddelde nitraatconcentratie in het bovenste grondwater in het Zuidelijk Zandgebied is ongeveer 80 mg/l. o De melkveehouderij bezet ongeveer de helft van het zandareaal en realiseert een gemiddelde nitraatconcentratie van ruim 50 mg/l ( ), en ruim de helft van de bedrijven zit boven de norm, De belangrijkste bron van stikstofbelasting van de natuur op land is stikstofdepositie. Op 124 van de 168 Natura2000 gebieden is de stikstofbelasting te hoog. Volgens de Natura2000 richtlijn moet de milieukwaliteit in deze gebieden op een zo redelijk mogelijke termijn voldoende zijn voor de instandhouding van natuurlijke vegetatie. Dit heeft het Nederlandse kabinet vertaald naar dat alle stikstofgevoelige natuur in 2032 in een goede staat is. o De Nederlandse landbouw draagt circa 30% bij aan de depositie op de natuur, waarvan ongeveer de helft afkomstig uit de melkveehouderij. In ongeveer de helft van het Nederlandse wateren zijn de stikstof en fosfaatconcentraties te hoog voor het bereiken van een goede ecologische toestand zoals die in 2027 moet zijn gerealiseerd volgens de eisen van de Kaderrichtlijn Water. o De landbouw, vooral indirect via afspoeling uit landbouwgrond, is verantwoordelijk voor 60% van de oppervlaktewater belasting. Waarschijnlijk is meer dan helft afkomstig uit grasland. De landelijke populaties weidevogels (grutto, scholekster, kievit) liggen 40-60% onder het niveau van Intensief grasbeheer is daar debet aan, agrarisch natuurbeheer draagt bij aan behoud. De al opgetreden groei van de melkveestapel sinds 2007 vertaalt zich niet naar een duidelijke toename van de stikstof- en fosfaat excretie. Dit zou kunnen beteken dat voermaatregelen effectief zijn en geen grote stijging betekenen van de landelijke N en P overschotten en ammoniakemissie. Lokaal, daar waar de uitbreidende melkveebedrijven liggen, kan de ammoniakemissie wel toenemen, zowel door de uitbreiding zelf, als door beperking van de beweiding. Om die reden zijn er problemen met de vergunningverlening in het kader van de natuurwet. De PAS regeling moet deze impasse doorbreken. Het principe van de PAS regeling is een reductie van de totale ammoniakuitstoot in de landbouw met 10 kiloton in 2032, waarvan de helft wordt teruggegeven als ontwikkelingsruimte. De ruimte is vooral nodig voor de uitbreidende melkveehouderijen. Omdat de stikstofdepositie op natuur te hoog blijft zijn aanvullende maatregelen nodig om te voldoen aan Natura2000 eisen, vooral tijdelijk herstelbeheer en anti-verdrogingsmaatregelen. PBL 7
8 6 Slotbeschouwing Er is een risico dat er onvoldoende mestverwerkingscapaciteit is in 2015 en latere jaren. Dat probleem wordt in beperkte mate veroorzaakt door de groei van de melkveehouderij. Er zal vooral extra varkensmest moeten worden verwerkt. Het is onzeker of de mestafzet naar Duitsland kan blijven groeien, en een risico dat die zal afnemen. Dit probleem kan verkleind worden door de mestverwerkingsplicht lager in te stellen. Maar dit brengt milieurisico s met zich meer, net zoals een te hoge mestverwerkingsplicht. De weidegang zal waarschijnlijk verder afnemen door de versnelde schaalvergroting, ondanks de schijnbare tijdelijke stagnatie. Weidemelkpremies zijn voorlopig alleen relevant voor de binnenlandse consumptie van Nederlandse zuivel, die een derde van de binnenlandse productie bedraagt. Landelijk gezien zijn de risico s voor milieu en natuur door de uitbreiding van de melkveestapel vrij beperkt. Daar waar uitbreidende bedrijven dicht bij natuur liggen zijn er risico s dat de ammoniakdepositie toeneemt. Omdat de melkveebedrijven zelf beperkte mogelijkheden hebben om de ammoniakemissie te beperken zijn ze afhankelijk van emissiereductie in andere sectoren. Door de toenemende druk op de mestmarkt, vooral in Zuid Nederland, en de extra verwerkingsopgave voor varkensmest neemt daar mogelijk ook de fraudedruk toe. Momenteel zou 40% van de mest niet volgens de regels worden afgezet, en zijn er sterke aanwijzingen dat er in de meest veedichte regio boven de milieunorm wordt bemest (20-30%). De nieuwe melkveewet en de PAS verkleinen de risico s dat de uitbreiding van de melkveehouderij ten kosten gaat van de weidegang, natuurherstel en de grondgebondenheid, maar nemen deze niet weg. De afschaffing van het melkquotum is niet alleen een kans maar ook een risico voor melkveebedrijven. Alle melkveehouders krijgen te maken met meer variabele inkomsten door meer fluctuerende melkprijzen, en bij aanhoudende lage melkprijzen ook een risico op faillissement. Hoewel Nederland tot de snelle groeiers behoort, groeit de melkproductie in andere lidstaten van de EU ook. De mogelijkheden om de productie te verhogen binnen de eisen van de gemeenschappelijk Europese milieu- en natuurrichtlijnen zijn in de grote oude lidstaten (Frankrijk, UK en BRD) en nieuwe lidstaten (Polen, Roemenië) veel groter dan in Nederland. Het ligt in de rede dat op de langere termijn het concurrentie voordeel van Nederland verdwijnt, en productie van bulkzuivel voor de wereldmarkt minder interessant wordt. PBL 8
9 7 Belangrijkste referenties CBS-statline CLM (2015). Grondgebonden melkveehouderij. Compendium van de Leefomgeving. Europese Commissie, DG Agro (2014). Short term outlook for arable crops, meat and dairy markets in the European Union EZ (2015). Aanbieding AMvB grondgebonden groei melkveehouderij LEI (2015). De agrarische handel van Nederland 2014 PBL (2012). Evaluatie meststoffenwet Publ. nr PBL (2012). Kwaliteit voor later 2. Publ. nr PBL (2012). Balans van de Leefomgeving. Publ. nr PBL (2013). Ex ante evaluatie mestbeleid Publ. nr PBL (2014). Balans van de Leefomgeving. Publ. nr PBL (2014). Beoordeling Programmatische Aanpak Stikstof. Publ. nr. 425 PBL 9
AMvB Grondgebonden groei melkveehouderij. 21 April 2015 Harry Kager LTO Nederland
AMvB Grondgebonden groei melkveehouderij 21 April 2015 Harry Kager LTO Nederland Terminologie Onderwerpen Achtergronden mestverwerkingsplicht Achtergronden Melkveewet AMvB Grondgebonden groei melkveehouderij
Mest, mestverwerking en wetgeving
Mest, mestverwerking en wetgeving Harm Smit Beleidsmedewerker Economische Zaken, DG AGRO Inhoud Feiten en cijfers. Huidig instrumentarium. Visie op mestverwerking en hoogwaardige meststoffen Toekomstig
Varianten binnen de wet Verantwoorde Groei Melkveehouderij
Varianten binnen de wet Verantwoorde Groei Melkveehouderij Carin Rougoor en Frits van der Schans CLM Onderzoek en Advies Achtergrond Begin juli 2014 heeft staatssecretaris Dijksma het voorstel voor de
Mestbeleid in Nederland
Mestbeleid in Nederland Harm Smit Senior beleidsmedewerker Ministerie van Economische Zaken, DG AGRO Inhoud 1. Mest van Nederland a. Productie b. Gebruik 2. Beleidsontwikkelingen a. Vijfde Actieprogramma
Mest, mestverwerking en mestwetgeving
Mest, mestverwerking en mestwetgeving Frits Vink Ketenmanager grondgebonden veehouderij Ministerie van Economische Zaken Inhoud Feiten en cijfers (3 sheets) Huidig mestbeleid (2 sheets) Mestbeleid: koers
Kosten/baten-analyse MC-installaties en gebruikerservaringen MC
Kosten/baten-analyse MC-installaties en gebruikerservaringen MC LEI Wageningen UR: Co Daatselaar Aanleiding en doelstellingen onderzoek Veel mest elders af te zetten tegen hoge kosten, druk verlichten
Waarden van fosfaatrechten - achtergrondnotitie Natuur & Milieu 1 februari 2016
Waarden van fosfaatrechten - achtergrondnotitie Natuur & Milieu 1 februari 2016 1 Aanleiding en samenvatting In 2015 heeft toenmalig staatssecretaris Dijksma van EZ fosfaatrechten voor de melkveehouderij
Mineralenmanagement en economie
Mineralenmanagement en economie Mineralenmanagement en economie Economische impact mestbeleid wordt groter (10 jaar gebruiksnormen) Verlagen derogatie op zand Aanscherpen gebruiksnormen Interen op bodemreserves
2015: Kans(en) en/of bedreiging voor de melkveehouder?!
2015: Kans(en) en/of bedreiging voor de melkveehouder?! Vic Boeren (06 53407806) Eric Bouwman (06 26544114) november 2014 DLV Dier Groep BV Onafhankelijk, toonaangevend en landelijk werkend adviesbedrijf
Fosfaatproblematiek en mestverwerking
Fosfaatproblematiek en mestverwerking Jaap Uenk DOFCO BV, Twello www.dofco.nl 19 januari 2016, Lettele Inhoud presentatie 1. Introductie 2. Binnenlandse mestmarkt 3. Mestverwerkingsplicht 4. Export 5.
Oplossing mestafzet voor de veehouderij in De Liemers
Oplossing mestafzet voor de veehouderij in De Liemers Presentatie Ing. Jaap Uenk MAB LTO Noord afdeling De Liemers, 3 november 2010 Inhoud presentatie Ontwikkeling mestsituatie in Nederland Ontwikkeling
Groeimogelijkheden verkend bij AMvB grondgebonden melkveehouderij
Groeimogelijkheden verkend bij AMvB grondgebonden melkveehouderij Eventuele Aart Evers Michel de Haan subtitel Op 29 maart heeft staatsecretaris Sharon Dijksma voorstellen voor de Algemene Maatregel van
Resultaten KringloopWijzers 2016
Resultaten KringloopWijzers 2016 7 september 2017 Gerjan Hilhorst WLR - De Marke Het belang van lage verliezen Mineralenverliezen belasten het milieu EU beleid: beperken verliezen uit landbouw Streven:
Mestbeleid. Stelsel van verplichte mestverwerking. 13 januari 2014. Joke Noordsij. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Mestbeleid Stelsel van verplichte mestverwerking 13 januari 2014 Joke Noordsij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland 1 Inhoud Wat hebben we nu aan mestbeleid Wat gaat er veranderen Stelsel verplichte
Verder verduurzamen melkveehouderij; Pro-actieve aanpak Route2020
Verder verduurzamen melkveehouderij; Pro-actieve aanpak Route2020 0 Experts verwachten een volumegroei van ~20% tot 2020 door het afschaffen van de quota... Nederlandse melkproductie (mln kg/jaar) 14,000
Be- en verwerken van mest: een zegen voor water en milieu?
Kennisdag emissies, vergroening en verduurzaming in de landbouw Be- en verwerken van mest: een zegen voor water en milieu? Mark Heijmans 2 december 2014 Het speelveld: schaken op meerdere borden Opzet
Mestbeleid 2014 begint nu
Mestbeleid 2014 begint nu Kees van Ham DLV Intensief Advies BV 06 26 54 80 10 [email protected] Mestbeleid 2014 Programma: Nieuwe beleid Productie Nederland Gebruiksnormen fosfaat en stikstof Verwerkingsplicht
Slimme mestverwerking voor rundveehouderij. Al dan niet met mestlevering
Slimme mestverwerking voor rundveehouderij Al dan niet met mestlevering Even Mestac voorstellen Mestac, een mestproducenten coöperatie Mestafzet in boerenhanden Structureren van mestmarkt (300.000 ton)
Ontwikkelingen in de melkveehouderij Frits van der Schans Carin Rougoor 21 maart 2016
Ontwikkelingen in de melkveehouderij Frits van der Schans Carin Rougoor 21 maart 2016 Op 1 april 2015 is de productiebeperking van de melkveehouderij (melkquotum) afgeschaft. Milieudefensie is geïnteresseerd
de bodem in de kringloop wijzer Frank Verhoeven ir Frank
de bodem in de kringloop wijzer Frank Verhoeven ir Frank Verhoeven Verstand van het platteland! Boerenverstand werken aan praktische duurzaamheid! Zo verkopen we de melk Wat is duurzame melk? Blije koeien:
Vruchtbare Kringloop Overijssel = Kringlooplandbouw. Gerjan Hilhorst WUR De Marke
Vruchtbare Kringloop Overijssel = Kringlooplandbouw Gerjan Hilhorst WUR De Marke Kringlooplandbouw Kringlooplandbouw begint met het verminderen van de verliezen => sluiten van de kringloop => minder aanvoer
Invulling verplichte mestverwerking
Invulling verplichte mestverwerking Ondernemersdag intensief Ben Rooyackers (Mestac), Jos van Gastel (ZLTO) Wat gaan we doen? Korte inleiding Behoefte aanvullende export fosfaat Inventarisatie Mestverwerkingscapaciteit
Bijlage notitie 2. Ex ante evaluatie mestbeleid 2013 Plaatsingsruimte fosfaat uit meststoffen in 2015 en daarna
Bijlage notitie 2. Ex ante evaluatie mestbeleid 2013 Plaatsingsruimte fosfaat uit meststoffen in 2015 en daarna W.J. Willems (PBL) & J.J. Schröder (PRI Wageningen UR) november 2013 Sinds 2010 is de gebruiksnorm
Mestmarkt en mestverwerking
Mestmarkt en mestverwerking Jaap Uenk DOFCO BV, Twello VAB, 22 september 2015 Inhoud Introductie Stand van zaken mestverwerking (Technieken, producten, markten en capaciteit) (8) Waarom is verwerking nog
Duurzame landbouw Gezond voedsel - Vitaal platteland. Studiedag NVTL. Frits van der Schans. 11 maart 2014
Duurzame landbouw Gezond voedsel - Vitaal platteland Studiedag NVTL Weidegang Frits van der Schans 11 maart 2014 Uitnodiging - Wat is weidegang precies? - Hoe belangrijk is het en hoe belangrijk vinden
Bewerken rundveemest tot kunstmestvervangers; perspectieven voor de melkveehouderij
juli 2008 rapport 1211.06 Bewerken rundveemest tot kunstmestvervangers; perspectieven voor de melkveehouderij D.J. den Boer T.A. van Dijk H. van der Draai nutriënten management instituut nmi bv postbus
FOSFAATRECHTEN VOOR MELKVEE
FOSFAATRECHTEN VOOR MELKVEE Een quickscan naar hun effecten op de leefomgeving en de sector PBL-publicatienummer 1882 Carin Rougoor, Hans van Grinsven en Jan van Dam 30 september 2015 Colofon FOSFAATRECHTEN
Ontwikkelingsruimte melkveebedrijven West-Nederland. C. Rougoor, F. van der Schans (CLM)
882 Ontwikkelingsruimte melkveebedrijven West-Nederland C. Rougoor, F. van der Schans (CLM) Ontwikkelingsruimte melkveebedrijven West-Nederland Auteurs: Publicatienummer: Carin Rougoor, Frits van der Schans
KLW KLW. Meer ruwvoer lucratiever dan meer melk? Jaap Gielen, Specialist melkveehouderij 15/22 februari Ruwvoerproductie en economie!
Meer ruwvoer lucratiever dan meer melk!? Jaap Gielen, Specialist melkveehouderij 15/22 februari 2017 Meer ruwvoer lucratiever dan meer melk? Ruwvoerproductie en economie! KLW Actualiteit: Managementinstrument
Introductie Optimus advies door middel van Melkveewet en GLB 2015
Introductie Optimus advies door middel van Melkveewet en GLB 2015 Bijeenkomst 26 januari P.G. Kusters land- en tuinbouwbenodigdheden B.V, Dreumel Optimus advies Gestart in 2014 als samenwerkingsverband
Uitslag KringloopWijzer
Uitslag KringloopWijzer Bedrijfspecifieke excretie melkvee Bedrijfs-kringloopscore Jaaropgave : 2014 Omschrijving : plomp 2014 feb15 Naam veehouder : Plomp Agro Vof Straat + huisnummer : Geerkade 10 Postcode
Petra Berkhout. Onderzoeker, Onderzoeksinstituut LEI Wageningen UR GRONDONTWIKKELINGEN IN PERSPECTIEF
Petra Berkhout Onderzoeker, Onderzoeksinstituut LEI Wageningen UR GRONDONTWIKKELINGEN IN PERSPECTIEF Grondontwikkelingen in perspectief Grondgebonden Ondernemen, 17 november 2015 Petra Berkhout Structuur
Mest Mineralen Kringloopwijzer
Mest Mineralen Kringloopwijzer 24 november 2015 Studieclub Rundveehouderij Beers-Haps Toon van der Putten Optimus advies 0412-622005 www.optimus-advies.nl even voorstellen Beroepsmatige achtergrond: Landbouwkundig
Kringloopmanagement KRINGLOOPMANAGEMENT. Waarom Kringloopmanagement Ontwikkelingsperspectief melkveehouders
Kringloopmanagement Waarom! KRINGLOOPMANAGEMENT VAB-expeditie: Aan de slag met de 16 oktober 2014 Jaap Gielen Management informatie - Benchmark Rekenmodel Balansen Achtergronden Kabinetsreactie op toekomstig
Kansen voor mestscheiding
Kansen voor mestscheiding Studiemiddag Inagro 29 maart 2012 Gerjan Hilhorst Livestock Research De Marke Koeien & Kansen is een samenwerkingsverband van 16 melkveehouders, proefbedrijf De Marke, Wageningen
Rabobank Cijfers & Trends
Rabobank Cijfers & Trends Een visie op branches in het Nederlandse bedrijfsleven. 39e jaargang editie 2014/2015 Perspectief De Nederlandse melkveehouderij is, samen met de toeleverende en verwerkende industrie,
Mestsituatie en de verwerkingsplicht Gelderse Vallei en Utrechts zandgebied
Mestsituatie en de verwerkingsplicht Gelderse Vallei en Utrechts zandgebied Jaap Uenk DOFCO Beheer BV, Ruurlo, 27 februari 2014, Barneveld [email protected] INHOUD Introductie Mest- en mineralensituatie
20-4-2012. Afwegingskader Opstallen - Weiden. Stichting Weidegang (missie) Programma
Afwegingskader Opstallen - Weiden Symposium Lekker Buiten: Outdoor Animal Husbandry De kracht en uitdagingen van het buiten houden van vee 19 april Wageningen Ir. Q.G.W. (René) van den Oord sr. adviseur
GroenLinks Bronckhorst. Themabijeenkomst Groengas Hoe groen is ons gas? 2 juni 2015
GroenLinks Bronckhorst Themabijeenkomst Groengas Hoe groen is ons gas? 2 juni 2015 Waarom co-vergisten Omdat de meststoffenwet veehouders verplicht de overtollige (mineralen in de) mest te ver(be)werken
Mestverwerking in De Peel
Mestverwerking in De Peel Mestverwerking Jan van Hoof, Jeanne Stoks, Wim Verbruggen Maart 2012 Agenda Doel van de avond Wat is mest? Wat is het mestprobleem? Waar komt mest vandaan? Hoeveel mest is er?
Schuivende panelen. Petra Berkhout
Schuivende panelen Petra Berkhout Kerncijfers agrocomplex Nederland, 2012 2 Aandeel (%) van deelcomplexen in TW en werkgelegenheid, 2012 Deelcomplex Toegevoegde waarde Werkgelegenh eid 2012 2012 Akkerbouw
Over het mestprobleem en mogelijke oplossingen. Oene Oenema Wageningen University, Alterra
Over het mestprobleem en mogelijke oplossingen Oene Oenema Wageningen University, Alterra Over het mestprobleem en mogelijke oplossingen Oene Oenema Wageningen University Alterra Nationaal Mestcongres
Achtergronden Koeien & Kansen - KringloopWijzer
Achtergronden Koeien & Kansen - KringloopWijzer Achtergrond BEX (Koeien &Kansen) Samenwerking binnen K&K Voorgesteld mestbeleid NL- EU Samen inspelen op ontwikkelingen uit markt en maatschappij Kringloop
Gedetailleerde doelen Duurzame Zuivelketen
Gedetailleerde doelen Duurzame Zuivelketen Inleiding Via de Duurzame Zuivelketen streven zuivelondernemingen (NZO) en melkveehouders (LTO) gezamenlijk naar een toekomstbestendige en verantwoorde zuivelsector.
Duurzaamheid in de melkveehouderij
Duurzaamheid in de melkveehouderij Kampereiland 15 maart 2012, Alfons Beldman Opbouw presentatie 1. Wat is duurzaamheid? 2. Ontwikkeling duurzaamheid melkveehouderij. 3. Duurzame zuivelketen 4. Kies je
Grondgebonden melkveehouderij
Duurzame landbouw Gezond voedsel - Vitaal platteland Grondgebonden melkveehouderij Frits van der Schans Eric Hees Carin Rougoor Nadere informatie: 06 5380 5381 / [email protected] Vragen mbt grondgebondenheid
Grondgebondenheid = Eiwit van eigen land
Grondgebondenheid = Eiwit van eigen land Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door: Gerjan Hilhorst WUR De Marke Inhoud Resultaten (waar staan we?) Vergelijking laag en hoog scorende bedrijven Resultaten
De voorwaarden voor een derogatie (periode ) zijn als volgt gewijzigd:
Onderwerp: Wat is het effect van gewijzigde derogatievoorwaarden op het mestoverschot? Naar: Harm Smit, Min EZ Van: Jaap Schröder, WUR-PRI Datum: 31 maart 2014 Inleiding De ruimte voor de plaatsing van
Ammoniakreductie, een zaak van het gehele bedrijf
Ammoniakreductie, een zaak van het gehele bedrijf Pilotveehouder Henk van Dijk Proeftuinadviseur Gerrit de Lange Countus Accountants Proeftuin Natura 2000 Overijssel wordt mede mogelijk gemaakt door: 8
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 33 979 Regels ten behoeve van een verantwoorde groei van de melkveehouderij (Wet verantwoorde groei melkveehouderij) Nr. 98 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS
Historie van melkvee en mineralen. [email protected]
Historie van melkvee en mineralen Aart van den Ham [email protected] Duurzame ontwikkelingsstrategieën Nederland in Europees mineralenperspectief Nederland in Europees mineralenperspectief Nederland
Rekenmodel grondgebondenheid behorende bij de AMvB Verantwoorde groei melkveehouderij
Rekenmodel grondgebondenheid behorende bij de AMvB Verantwoorde groei melkveehouderij 1. Inleiding Met de Wet verantwoorde groei melkveehouderij (in werking getreden op 1 januari 2015) is het begrip melkveefosfaatoverschot
Tanja de Koeijer, Harry Luesink en Gideon Kruseman (LEI Wageningen UR) November 2013
Bijlage notitie 9. Ex ante evaluatie mestbeleid 213 Effect van verplichte mestverwerking op de afzetprijs van mest: 1: Empirisch-theoretische relatie tussen vraag en van. Tanja de Koeijer, Harry Luesink
Voorsprong met mineralen
Voorsprong met mineralen Samen staan de sectoren sterker Deze bijeenkomst werd mogelijk gemaakt door LTO Gelderland, Overijssel en de Rabobank. Circulaire Economie Nieuwe toverwoord of kansrijke uitdaging
Melkveehouderij Lelystad. Frits van der Schans, Lien Terryn
Frits van der Schans, Lien Terryn Analyse van de gebruiksruimte Bij gemeente Lelystad zijn aanvragen gedaan voor omgevingsvergunningen voor zeer grote melkveebedrijven. Daarop wil de gemeente weten of
Kringloopdenken. centraal. op elk melkveebedrijf! ir. Frank Verhoeven
Kringloopdenken centraal op elk melkveebedrijf! ir. Frank Verhoeven Inhoud - Introductie - Duurzame melk en de kringloopwijzer - Wetgeving geeft weinig andere opties - Van kringloopwijzer naar kringloopboer!
Antwoord. van Gedeputeerde Staten op vragen van A.H.K. van Viegen (PvdD) (d.d. 20 juli 2015) Nummer 3060
van Gedeputeerde Staten op vragen van A.H.K. van Viegen (PvdD) (d.d. 20 juli 2015) Nummer 3060 Onderwerp Vervolgvragen afschaffen melkquotum Aan de leden van Provinciale Staten Toelichting vragensteller
Disruptive innovations. Marktgericht mest management 6/10/17. Centraal of op bedrijfsniveau?
Marktgericht mest management Centraal of op bedrijfsniveau? Hans van den Boom Relatiemanager innovatie Food & Agrien Duurzame Energie Rabobank Nederland Food & Agri Disruptive innovations Innovaties die
Hoe haal ik voordeel uit de KringloopWijzer?
Hoe haal ik voordeel uit de KringloopWijzer? NISCOO Heerenveen Zwier van der Vegte, Bedrijfsleider KTC De Marke Het belang van lage verliezen Mineralenverliezen belasten het milieu: Overheid wil dit beperken
Grotere landbouwbedrijven bepalen grondvraag en -prijs
Grotere landbouwbedrijven bepalen grondvraag en -prijs Huib Silvis en Martien Voskuilen Grotere bedrijven zijn bij uitbreiding van het areaal landbouwgrond in het voordeel omdat zij over het algemeen hogere
gespecialiseerde bedrijven overige bedrijven aantal varkens per bedrijf
De markt voor de varkenshouderij in Nederland Structuur In Nederland worden op ongeveer 1. bedrijven varkens gehouden. Het aantal bedrijven met varkens is de afgelopen jaren duidelijk afgenomen (figuur
Dierlijke mest. Inleiding
054 1 Dierlijke mest Inleiding Dierlijke mest is afkomstig van de veehouderij, waar met name runderen, varkens en kippen worden gehouden voor menselijke consumptie in binnen- en buitenland. Door de sterke
Ex ante analyse wetsvoorstel stelsel van verantwoorde mestafzet
Ex ante analyse wetsvoorstel stelsel van verantwoorde mestafzet Ex-ante analyse wetsvoorstel stelsel van verantwoorde mestafzet T.J. de Koeijer H.H. Luesink A. van den Ham LEI-nota 12-085 Augustus 2012
Hergebruik mestwater uit de veehouderij
Hergebruik mestwater uit de veehouderij Oscar Schoumans Alterra, Wageningen UR Bijeenkomst Watermanagement in de Agroketen d.d. 25 september 2013, Venlo Inhoud 1. Achtergronden 2. Sluiten van de kringlopen
Mestbeleid. Verplichte mestverwerking
Mestbeleid Verplichte mestverwerking Eind december 2013 zijn de details van de verplichte mestverwerking bekend geworden. Dit betekent onder andere dat de verwerkingspercentages en de definitie van verwerken
Effecten van derogatie op de kosten van mestafzet
Effecten van op de kosten van mestafzet Tanja de Koeijer, Harry Luesink en Pieter Willem Blokland Effecten van op de kosten van mestafzet Tanja de Koeijer, Harry Luesink en Pieter Willem Blokland Dit
