De kracht van verrassing

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De kracht van verrassing"

Transcriptie

1 De kracht van verrassing Een experimenteel onderzoek naar de invloed van creatieve media advertenties op electronic word-of-mouth in vergelijking met traditionele media advertenties. Vita Behage Communicatiewetenschap Universiteit van Amsterdam Lotte Salome 16/01/2017 Aantal woorden: 5123

2 Abstract In dit experimenteel onderzoek is getracht inzicht te verwerven in het verband tussen creative media advertising vs. traditional media advertising en electronic word-of-mouth. Er hebben in totaal 72 participanten van boven de 18 jaar aan dit onderzoek meegedaan waarvan er 27 man en 45 vrouw waren. Er is middels een online experiment gekeken of participanten eerder geneigd waren content online te delen (ewom) wanneer zij werden blootgesteld aan een creatieve media advertentie (CMA) dan wanneer zij werden blootgesteld aan een traditionele media advertentie (TMA). Uit de resultaten is gebleken dat participanten die in de creatieve conditie zaten eerder geneigd waren tot ewom dan participanten die in de traditionele conditie zaten. Op basis van eerder onderzoek wordt er beargumenteert dat dit deels toe te schrijven is aan zelfverbetering belangen. In vervolgonderzoek zal door het ontwikkelen van een valide schaal meer duidelijkheid gecreëerd kunnen worden omtrent de rol die zelfverbetering belangen spelen. 2

3 1. Inleiding 4 2. Conceptueel model Probleemstelling Definities concepten Argumentatie op basis van literatuur Hypothese 8 3. Methode Verantwoording methode Design Steekproef Pre-test Stimulusmateriaal Meetinstrument Schaalconstructie Procedure Resultaten Voorbereidende analyses Manipulatiecheck Storende factoren Toetsen hypothese Aanvullende analyse Conclusie en discussie Appendix Literatuurlijst Voorbeelden CMA Stimulusmateriaal 24 3

4 1. Inleiding Consumenten worden tegenwoordig niet meer verrast door reclames op televisie, grote billboards langs de snelwegen of advertenties in bushokjes (Dahlén, Friberg & Nilsson, 2009). Dit zijn enkele voorbeelden van traditionele media advertenties (hierna TMA). Mede door het feit dat de werking van TMA afzwakt worden er steeds nieuwe manieren bedacht om een reclame boodschap over te brengen en deze zijn alles behalve traditioneel (Dahlén, Friberg & Nilsson, 2009). Eén van die nieuwe manieren staat beter bekend als creative media advertising (hierna CMA). CMA onderscheidt zich van andere manieren van adverteren op twee vlakken. Ten eerste wordt een creatieve advertentie weergegeven op een medium dat nog niet eerder gebruikt is als advertentieplatform. Ten tweede moet het medium een associatieve overlap hebben met het merk waar reclame voor gemaakt wordt (Dahlén, 2005). Het medium communiceert dus als het ware de boodschap, doordat het medium een link heeft met het merk waarvoor er geadverteerd wordt. Enkele bestaande voorbeelden van CMA zijn advertenties op een bananenschil, rietjes en een hijskraan (appendix 6.2). Wanneer er gekeken wordt naar de eigenschappen van CMA in vergelijking met de eigenschappen van TMA kan er een belangrijke aanwijsbaar verschil opgemerkt worden. Deze nieuwe niet-traditionele manier van adverteren wordt namelijk, in tegenstelling tot TMA, door consumenten ervaren als verrassend. De reden hiervoor is onder andere dat consumenten geen advertenties verwachten op een bananenschil, rietjes of op een hijskraan. CMA wordt ook wel gezien als een onconventioneel medium om op te adverteren (Dahlén, 2005). Bovendien blijkt uit onderzoek van Berger en Milkman (2012) dat verrassing wordt gezien als een van de hoofdoorzaken van electronic word-of-mouth (hierna ewom). Dit houdt in dat consumenten eerder geneigd zijn om advertenties online te bespreken die verrassend zijn dan advertenties die niet verrassend zijn. Deze experimentele studie tracht te onderzoeken of CMA zorgt voor meer ewom dan TMA, omdat CMA dit verrassende element bevat. EWOM is een complex begrip dat teniet gedaan wordt wanneer enkel vermeld wordt dat het gaat om het online delen van content. Er zijn tal van factoren die de werking van ewom kunnen verklaren en één van die factoren staat beter bekend als zelfverbetering belangen (self-enhancement concerns). Het begrip zelfverbetering belangen houdt in dat individuen geneigd zijn met anderen te delen waarvan zij denken dat het hun interessant doet lijken (Berger & Iyengar, 2013). Deze experimentele studie tracht antwoord te geven op de vraag: Wat is het effect van CMA op ewom in vergelijking met TMA. 4

5 De aanleiding van deze empirische studie is de gevonden lacune, betreffende dit vraagstuk, in een voorbereidend literatuuronderzoek. Het is reeds onduidelijk wat het effect van CMA is op ewom in vergelijking met TMA, wanneer er specifiek getest wordt op het verschil in de mate van verrassing. Met andere woorden of een verrassende CMA uiting voor meer ewom zorgt dan een niet-verrassende TMA uiting. Het resultaat van deze experimentele studie heeft dan ook als wetenschappelijk belang om deze lacune op te vullen en zo bij te dragen aan de wetenschappelijke kennis. Daarnaast creëert deze experimentele studie nieuwe inzichten omtrent dit onderwerp die van maatschappelijk belang zijn voor verschillende partijen. Bedrijven die momenteel gebruik maken van TMA kunnen de bevindingen van deze experimentele studie in acht nemen bij het maken van toekomstige marketing beslissingen. Er wordt getracht beter inzicht te verwerven in de invloed die CMA heeft op ewom neigingen om zo in kaart te brengen of deze manier van adverteren geschikt is voor het behalen van ewom doelstellingen. Daarnaast wordt er getracht meer informatie te verschaffen voor bedrijven die reeds gebruik maken van CMA. De resultaten van dit onderzoek kunnen een beter inzicht bieden in de werking van CMA vs. TMA in verband met ewom en eventuele dieperliggende verklaringen. 5

6 2. Conceptueel model 2.1 Probleemstelling In deze empirische studie wordt getracht een lacune in de bestaande wetenschappelijke kennis op te vullen. Deze lacune is gevonden middels een voorbereidend onderzoek in de vorm van een literatuurstudie. Behage (2016) heeft in deze literatuurstudie gevonden dat het reeds onduidelijk is of CMA voor meer ewom zorgt dan TMA. Er zal nu eerst besproken worden welke concepten binnen dit empirisch onderzoek een rol spelen en wat de betekenis van deze concepten is. Vervolgens wordt de hypothese schematisch weergegeven en deze wordt onderbouwd op basis van wetenschappelijke literatuur. 2.2 Definities concepten Binnen deze empirische studie is de onafhankelijke variabele CMA. Dahlén (2005) definieert CMA als: Creative media ads display promoted messages on media vehicles that are not previously used for advertising and have an associative overlap with the promoted brand (pp. 89). Dit betekent dus dat een advertentie wordt weergegeven op een medium dat nog niet eerder gebruikt is als advertentie platform en dat dit medium een associatieve overlap moet hebben met het merk dat gepromoot wordt. Indien er niet aan deze twee voorwaarden wordt voldaan, kan een advertentie niet beschouwd worden als CMA. De afhankelijke variabele in deze empirische studie is ewom. De meest gebruikte definitie luidt: Any positive or negative statement made by potential, actual, or former customers about a product or company, which is made available to a multitude of people and institutions via the Internet (Hennig-Thurau, Gwinner, Walsh & Gremler, 2004, pp. 39). Dit houdt in dat elk positieve of negatieve statement dat wordt gemaakt door een potentiële, huidige of vroegere consument over een product of bedrijf voor een groot aantal mensen of instituties toegankelijk is via het internet. Het begrip ewom omvat veel meer dan alleen het delen van content via het internet. Er zijn verscheidende factoren die een verklaring kunnen geven voor de dieperliggende werking van dit begrip. Eén van die factoren zijn zogenaamde zelfverbetering belangen. Dit houdt in dat: Individuals are most likely to share with others what they think will make them look interesting (Berger & Iyengar, 2013, pp. 568). Oftewel, individuen zijn het sterkst geneigd content met andere te delen waarvan zij denken dat het hun interessant doet lijken. 6

7 2.3 Argumentatie op basis van literatuur Uit eerder onderzoek blijkt dat CMA een bepaalde mate van verrassing bij de consument teweegbrengt (Dahlén, 2005; Rosengren, Modig & Dahlén, 2015). De voornaamste reden dat CMA zorgt voor verrassing is dat consumenten de middelen die gebruikt worden om op te adverteren zoals een bananenschil, rietjes of een hijskraan niet verwachten. Daarnaast wordt CMA door consumenten gezien als nieuw en de nieuwigheid van het medium kan een effect op zich teweegbrengen. Een nieuwe stimulus is per definitie onverwachts. De reactie van de consument is een zekere mate van verrassing (Dahlén & Edenius, 2007; Rosengren, Modig & Dahlén, 2015). CMA wordt door consumenten dus gezien als verrassend en nieuw. Indien een advertentie verrassend en nieuw is zorgt dit er voor dat consumenten geneigd zijn een advertentie interessanter te vinden. Er is ook onderzoek dat schrijft dat op het moment dat consumenten iets labelen als nieuw, er een verschuiving ontstaat van verrassing naar interesse (Siliva, 2005). Dingen die interessant zijn, worden eerder en meer online besproken dan dingen die niet interessant zijn. Met andere woorden zorgen interessante dingen voor ewom (Dahlén, Friberg & Nilsson, 2009; Eelen & Seiler, 2016; Dahlén & Edenius, 2007; Berger & Iyengar, 2013; Bakshy, Hofman, Mason & Watts, 2011; Berger & Schwartz, 2011; Silvia, 2005; Silvia, 2008; Eelen et al., forthcoming). Er is ook empirisch bewijs gevonden dat verrassing één van de drijvende krachten is in ewom (Berger & Milkman, 2012; Derbaix & Vanhamme, 2003; Dobele, Lindgreen, Beverland, Vanhamme, & van Wijk, 2007). Dit is misschien deels toe te wijzen aan selectieve zelfverbetering belangen; individuen zijn het sterkst geneigd content met anderen te delen waarvan zij denken dat het hun interessant doet lijken (Berger & Iyengar, 2013). Consumenten zijn geneigd om interessante of verrassende content te delen omdat het entertainend is en omdat het positief op hen reflecteert. Het suggereert dat zij interessante content én content met een hoog entertainmentgehalte kennen (Berger & Milkman, 2012). Samengevat wordt CMA dus beschouwd als verrassend en nieuw. Advertenties die verrassend en nieuw zijn worden door consumenten tevens beschouwd als interessant. Interessante en verrassende advertenties veroorzaken vervolgens meer ewom dan advertenties die dat niet zijn. Er wordt beargumenteerd dat dit deels te maken heeft met zelfverbetering belangen; consumenten willen interessant overkomen en gaan dus onder andere verrassende content delen. 7

8 2.4 Hypothese Er is op basis van voorbereidend literatuuronderzoek een hypothese opgesteld. Er wordt verwacht dat CMA tot meer ewom leidt dan TMA. Met andere woorden wordt er verwacht dat verrassende advertenties leiden tot meer ewom dan niet-verrassende advertenties. De hypothese luidt: CMA zorgt voor meer ewom dan TMA. Deze hypothese is grafisch weergegeven in figuur 1. CMA vs TMA H1 ewom Figuur 2.1 conceptueel model 8

9 3. Methode 3.1 Verantwoording methode Om de hypothesen die binnen dit onderzoek zijn opgesteld te testen is er een experiment uitgevoerd. Er is gekozen voor een experiment, omdat hiermee de condities binnen de onafhankelijke variabele (CMA versus TMA) gemanipuleerd konden worden met als doel het causale effect daarvan vast te stellen op de afhankelijke variabele (ewom). Het experiment dat uitgevoerd is, is een zuiver experiment. Er is namelijk naast een experimentele groep (CMA conditie) sprake van een controle groep (TMA conditie), en de onderzoekseenheden zijn op basis van toeval aan de experimentele groep dan wel de controle groep toegewezen (Boeije, t Hart & Hox, 2009). 3.2 Design Het design van dit experiment is een one-factor (CMA vs TMA) between subjects design. De afhankelijke variabele is ewom en de mediator is zelfverbetering belangen. Bij een between subjects design krijgen de participanten de experimentele conditie te zien, in dit experiment CMA, óf de controle conditie te zien, in dit experiment TMA. Hierdoor wordt er voorkomen dat de participanten niet door de verschillende condities beïnvloed worden, waardoor de kans op bias afneemt. Echter kan het zo zijn dat er individuele verschillen bestaan tussen respondenten die zich voordoen als storende factoren en dus invloed hebben op de accuraatheid van de resultaten. Om dit te voorkomen worden de participanten willekeurige toegewezen aan één van de twee verschillende condities. 3.3 Steekproef De steekproef is getrokken uit vrienden, Facebook vrienden, collega s, familie en kennissen van de onderzoeker en omvat 72 participanten. Van de 72 participanten waren 27 proefpersoon een man en 45 proefpersonen een vrouw. Deze participanten hebben allemaal op vrijwillige basis meegedaan en hebben dus geen vergoeding gekregen voor deelname aan het experiment. Vanwege ethische overwegingen zijn er in de dataset enkel participanten van boven de 18 opgenomen. De gemiddelde leeftijd van de participanten was M = 30,06 (SD = 13,86). De werving van de participanten verliep als volgt. Op het Facebook profiel van de onderzoeker is een link geplaatst naar de online survey met de vraag of zo veel mogelijk mensen deze wilden invullen. Ook heeft de onderzoeker via WhatsApp de link naar de online 9

10 survey verspreid. Om meer participanten te werven zijn er ook s verstuurd naar mensen die via Facebook of WhatsApp niet bereikt konden worden toch nog te kunnen bereiken. Er is in alle gevallen nadrukkelijk gevraagd of deze link door zo veel mogelijk mensen gedeeld en ingevuld kon worden om een sneeuwbaleffect te creëren. 3.4 Pre-test Om er zeker van te zijn dat het stimulusmateriaal het beoogde effect zou hebben is er een pretest uitgevoerd. Deze online vragenlijst is gemaakt in Qualtrics. Er is getest of participanten de CMA conditie als verrassend zagen en de TMA conditie als niet-verrassend zagen, dan wel minder verrassend zagen. Het design van de pre-test was een one-factor within subjects design met twee verschillende condities (CMA vs TMA). De participanten kregen één afbeelding te zien van een creatieve advertentie en één afbeelding te zien van een traditionele advertentie te zien (appendix 6.3). De participanten kregen deze afbeeldingen in een willekeurige volgorde te zien. Aan de pre-test hebben 12 participanten deelgenomen. De participanten die hebben deelgenomen aan de pre-test zijn studenten van de Universiteit van Amsterdam die Communicatiewetenschap studeren. De participanten hebben tijdens een werkgroep bijeenkomst een online vragenlijst ingevuld. De resultaten zijn gemeten aan de hand van 6-items op een gecombineerde zevenpunts-liktertschaal (Hutter & Hoffmann, 2014; Eelen & Seiler, 2016; Rauwers & Van Noort, 2016) die loopt van (1) helemaal mee oneens tot (7) helemaal mee eens. De vragen die gesteld zijn luidde: Ik vind de advertentie ongewoon, Ik vind de advertentie verrassend, Ik vind de advertentie alledaags, Ik vind de advertentie verbazingwekkend, Ik vind de advertentie opwindend, Ik vind de advertentie voorspelbaar. Vraag drie en zes zijn bewust andersom gesteld, omdat zo de betrouwbaarheid van de resultaten verhoogd wordt. Bij het uitdraaien van de factoranalyse zijn beide variabelen gehercodeerd. Het resultaat van de pre-test was in lijn met de verwachtingen van de onderzoeker; er is een significant verschil gevonden tussen de CMA conditie en de TMA conditie. De CMA conditie scoorde M = 5,88 (SD = 0,74) en de TMA conditie scoorde M = 2,11 (SD = 0,80). De participanten zagen de CMA conditie dus als meer verrassend dan de TMA conditie. Er kan daarom in de hoofdstudie gebruik worden gemaakt van deze items als stimuli. 3.5 Stimulusmateriaal Omdat uit de pre-test is gebleken dat het stimulusmateriaal het beoogde effect heeft, zijn er voor het experiment dezelfde afbeeldingen gebruikt als voor de pre-test (appendix 6.3). Beide 10

11 afbeeldingen bevatten een advertentie van het merk Sprite en zijn bovendien bestaande advertenties. De slogan van Sprite is: Born to refresh. Op foto 1 is de CMA conditie te zien. Het betreft een douche op het strand die is getransformeerd naar een frisdrankdispenser. Hierdoor lijkt het net alsof mensen zich niet wassen met water maar met Sprite. Er wordt hier geadverteerd op een medium dat doorgaans niet gebruikt wordt als advertentieplatform en er is bovendien een associatieve overlap met de advertentie en de slogan van Sprite. Hierdoor wordt deze advertentie gebruikt als CMA conditie. Op de originele foto stond meer tekst op de douche, maar dit is met Photoshop weggehaald, omdat dit een storende factor kon zijn. Op foto 2 is de TMA conditie te zien. Dit is een afbeelding van een abri die op de stoep staat met daarin een Sprite advertentie. Op de advertentie worden een Sprite flesje en het Sprite logo gepresenteerd. Er wordt hier gebruik gemaakt van een traditioneel medium (een abri) waardoor deze advertentie gezien wordt als TMA. Ook hier zijn teksten op de advertentie middels Photoshop weggehaald, omdat dit een storende factor had kunnen zijn. Er is bewust gekozen voor afbeeldingen waar geen mensen op staan en op beide afbeeldingen is het lekker weer. Dit komt tevens ten goede van de interne validiteit, omdat dit storende factoren hadden kunnen zijn. De participanten werden aan het stimulusmateriaal blootgesteld via een computerscherm of via hun mobiele telefoon. De participanten moesten vragen beantwoorden naar aanleiding van het stimulusmateriaal dat te zien was op foto s. De participanten konden de link op elke plek en op elk tijdstip openen zolang zij beschikking hadden over een internetverbinding. 3.6 Meetinstrument De vragenlijst die binnen dit onderzoek als meetinstrument figureert bestaat uit verschillende onderdelen. Nadat de participanten de CMA dan wel TMA conditie gezien hebben krijgen zij eerst vragen over hun ewom intenties (α = 0,90, M = 2,51, SD = 2,02). Vervolgens worden er vragen gesteld met betrekking tot de attitude van de participanten jegens het merk Sprite. Dit zou namelijk eventueel een covariaat kunnen zijn. Vervolgens wordt de manipulatiecheck uitgevoerd om te meten of de participanten de CMA conditie daadwerkelijk verrassender vinden dan de TMA conditie (α = 0,93, M = 3,28, SD = 1,57). De vragenlijst wordt afgesloten met vragen over demografische kenmerken. De afhankelijke variabele binnen dit experiment is ewom. Er wordt gekeken of participanten eerder geneigd zijn de verrassende CMA conditie online te delen dan de niet-verrassende TMA conditie online te delen vanwege zelfverbetering belangen. EWOM wordt gemeten aan 11

12 de hand van drie items op een 10-punts bipolaire schaal (Sohn, 2009). Deze items luiden: niet-waarschijnlijk waarschijnlijk, niet-aannemelijk aannemelijk, onmogelijk mogelijk. 3.7 Schaalconstructie ewom Er is een factoranalyse uitgevoerd om te testen of de stellingen die deelneigingen meten samengevoegd konden worden tot een betrouwbare schaal. Er is één component met een Eigenwaarde hoger dan één. Dit is ook duidelijk te zien in de figuur; er ligt één component links van de knik. Dit component verklaart voor 84,49% de variantie in de overige variabelen. Uit de betrouwbaarheidsanalyse blijkt dat de schaal betrouwbaar is (α = 0,90). De schaal kan verbeterd worden indien Neiging delen Sprite 3 onmogelijk: mogelijk verwijderd wordt, maar dit is niet de beste keuze omdat de N, die al relatief klein is, dan nog kleiner wordt. Bovendien is de schaal al betrouwbaar en het verwijderen van het item maakt dit niet beter. Alpha zou in dit geval 0,95 worden. 3.8 Procedure Indien een participant vrijwillig mee wilt doen aan het onderzoek, dan opent de participant de toegestuurde link van de online vragenlijst. De vragenlijst kan op elke plek waar de participant toegang heeft tot een computer dan wel mobiele telefoon met internet ingevuld worden en is dus niet plaats- of tijdgebonden. De participant wordt eerst gevraagd een informed consent digitaal te ondertekenen en krijgt vervolgens een inleidende tekst te zien. Er wordt aan de participant gevraagd deze tekst aandachtig te lezen. Daarna krijgt de participant het stimulusmateriaal te zien. Dit is óf de CMA conditie óf de TMA conditie. Vervolgens beantwoordt de participant stellingen die te maken hebben met het delen van content in het dagelijks leven en ewom intenties na aanleiding van het zien van de advertentie. Daarna worden vragen gesteld met betrekking tot mate van verrassing (de manipulatiecheck). Er wordt tevens aan de participant gevraagd of hij/zij reeds bekent is met het merk Sprite en of de participant wel eens Sprite drinkt. Dit kunnen mogelijk covariaten zijn. Aan het einde van de vragenlijst wordt de participant gevraagd vragen betreffende demografische kenmerken in te vullen. Er is gevraagd naar leeftijd, geslacht en opleidingsniveau. Na afloop van de vragenlijst wordt de participant bedankt voor zijn/haar deelname. 12

13 4. Resultaten 4.1 Voorbereidende analyses Allereerst is er gekeken of er bepaalde resultaten missing gemaakt moesten worden. Er bleek dat 50 proefpersonen de enquête deels of helemaal niet hebben ingevuld. Deze zijn handmatig uit de dataset verwijderd. Hierna zijn er nog negen proefpersonen uit de dataset verwijderd, omdat zij de vragen op de juiste manier beantwoord hebben. In de vragenlijst was namelijk een vraag over algemene herinnering en een filmpje over een Ikea reclame opgenomen. Er is bij de antwoorden op de vraag over algemene herinnering gekeken wat de proefpersonen opgeschreven hebben en op basis hiervan zijn er nog negen proefpersonen uit de data set verwijderd. Deze proefpersonen hadden opgeschreven wat zij zich konden herinneren over het filmpje en niet over de advertentie. Deze vragen zijn in dit onderzoek verder niet meegenomen en ook over het filmpje zijn geen verdere vragen opgenomen in dit onderzoek. Er hoefde hierdoor uiteindelijk geen proefpersoon meer missing gemaakt te worden. Vervolgens zijn de schalen van twee vragen met betrekking tot mate van verrassing omgedraaid. Dit waren: Ik vond de advertentie alledaags en Ik vond de advertentie voorspelbaar. Deze vragen zijn gesteld alsof de advertentie niet verrassend was, om er voor te zorgen dat de participanten hun aandacht er bij zouden houden. 4.2 Manipulatiecheck Om te testen of de CMA conditie daadwerkelijk werd gezien als verrassender dan de TMA conditie is er een manipulatiecheck uitgevoerd. Allereerst in er een factoranalyse uitgevoerd. Hieruit bleek dat er één component met een Eigenwaarde hoger dan één is. Dit is ook duidelijk te zien in de figuur; er ligt één component links van de knik. Dit component verklaart voor 73,72% de variatie in de overige variabelen. Uit de betrouwbaarheidsanalyse blijkt dat de schaal betrouwbaar is (α = 0,93). De schaal kon niet verbeterd worden. Uit de variantieanalyse is gebleken dat de CMA conditie (M = 2,07, SD = 0,71) en de TMA conditie (M = 4,62, SD = 1,09) significant van elkaar verschillen F(1, 70) = 141,10, p < 0,001, eta² = 0,67. Dit betekent dat de proefpersonen de CMA conditie duidelijk als meer verrassend zien dan de TMA conditie. Deze resultaten zijn van uitzonderlijk belang voor het verdere onderzoek, omdat anders niet met zekerheid te zeggen is dat het eventuele effect toe te schrijven is aan het feit dat de CMA conditie verrassender is dan de TMA conditie. 13

14 4.3 Storende factoren Er is tevens getest of geslacht, leeftijd en opleidingsniveau eventueel invloed hebben op de resultaten. Dit zou namelijk een vertekent beeld kunnen opleveren. Geslacht is een dichotome variabele en daarom is er een Chi kwadraat toets uitgevoerd. Hieruit blijkt dat de frequenties significant ongelijk zijn, Chi kwadraat (1), 4,5, p = 0,034. Het mannelijke geslacht (N = 27) is duidelijk minder sterk vertegenwoordigd dan het vrouwelijke geslacht (N = 45). Opleidingsniveau en leeftijd worden beide beschouwd als een interval/ratio variabele en om deze reden is er een Pearson correlatiecoëfficiënt toetst uitgevoerd. Hieruit blijkt dat geen significante relatie is gevonden tussen leeftijd en ewom neigingen, r = -0,26, p = 0,832 en is er ook geen significantie relatie gevonden tussen opleidingsniveau en ewom, r = 0,01, p = 0,941. Leeftijd en opleidingsniveau zullen dus geen effect hebben op de eventuele effecten die gevonden worden dat het deze resultaten vertekent. Aan de proefpersonen is tevens gevraagd of zij van tevoren met het merk Sprite bekend waren. Alle 72 proefpersonen waren van te voren met het merk Sprite bekend en dit aspect zal dus geen invloed hebben op de resultaten. Merkbekendheid heeft dus geen invloed invloed op de resultaten. 4.4 Toetsen hypothese Om de hypothese die is opgesteld te toetsen en de onderzoeksvraag te kunnen beantwoorden is er een ANCOVA uitgevoerd. Deze analyse is uitgevoerd, omdat uit voorbereidende analyses al is gebleken dat geslacht een significant effect heeft op ewom. Uit de ANCOVA is gebleken dat er een significant, klein effect bestaat tussen de conditie waarin een proefpersoon zit (CMA of TMA) en ewom neigingen, F (1, 68) = 6,36, p = 0,014, η 2 = 0,083, wanneer er gecontroleerd wordt voor geslacht. Participanten die in de CMA conditie zaten (M = 3,18, SD = 2,27) zijn dus eerder geneigd om de advertentie online te delen dan de participanten die in de TMA (M = 1,91, SD = 1,57) conditie zaten. De hypothese die voor dit onderzoek opgesteld is wordt hiermee bevestigt; CMA zorgt voor meer ewom dan TMA. 4.5 Aanvullende analyse Er is tevens getest of participanten die aangeven in het dagelijks leven meer content te delen, ook eerder geneigd waren de advertentie die zij gezien hadden te delen. Uit de t-toets op een correlatiecoëfficiënt is echter gebleken dat het verband tussen het delen van content en het delen van de advertentie niet significant is (r = -0,09, p = 0,456). Met andere woorden, 14

15 participanten die in het dagelijks leven vaker content delen dan participanten die minder vaak content delen zijn niet per se eerder geneigd om de advertentie die zij gezien hebben te delen. 15

16 5. Conclusie en discussie In dit onderzoek is getracht een antwoord te formuleren op de vraag wat het verband is tussen CMA en ewom in vergelijking met TMA. Uit het experimentele onderzoek is gebleken dat participanten die binnen dit onderzoek in de CMA conditie zaten significant meer geneigd waren tot ewom dan participanten die in de TMA conditie zaten. Hiermee wordt de hypothese bevestigd dat CMA tot meer ewom leidt dan TMA. In dit onderzoek is er beargumenteerd dat participanten eerder geneigd zijn tot ewom bij het zien van CMA dan bij het zien van TMA vanwege het verrassende effect van CMA. Er is getest en bevestigd dat participanten binnen dit onderzoek de CMA conditie als verrassender beschouwen dan de TMA conditie. Dit is in lijn met eerder onderzoek dat gedaan is naar de mate van verrassing dat wordt opgewekt bij een CMA uiting vs. een TMA uiting (Dahlén, 2005; Rosengren, Modig & Dahlén, 2015). Uit eerder onderzoek is ook gebleken dat op het moment dat consumenten een dergelijke uiting interessant vinden, zij eerder geneigd zijn dit online te bespreken (ewom) dan wanneer zij een uiting niet interessant vinden (Dahlén, Friberg & Nilsson, 2009; Eelen & Seiler, 2016; Dahlén & Edenius, 2007; Berger & Iyengar, 2013; Bakshy, Hofman, Mason & Watts, 2011; Berger & Schwartz, 2011; Silvia, 2005; Silvia, 2008; Eelen et al., forthcoming). Dit kan in verband gebracht worden met content dat gezien wordt als verrassend, omdat deze content tevens gezien wordt als interessant (Siliva, 2005). Daarnaast is uit eerder onderzoek gebleken dat consumenten geneigd zijn om verrassende content te delen omdat dit positief op hen reflecteert (Berger & Iyengar, 2013; Berger & Milkman, 2012).Wanneer deze kennis wordt toegepast op het huidige onderzoek kan er beargumenteerd worden dat dit toe te schrijven is aan zelfverbetering belangen. Consumenten zijn, volgens het principe van zelfverbetering belangen, eerder geneigd content met anderen te delen die hun interessant doet lijken. CMA wordt gezien als content dat verrassender is dan TMA en verrassende content wordt gezien als interessanter dan niet verrassende content. Daarnaast zijn consumenten dan eerder geneigd content met elkaar te delen. Hierdoor kan er beargumenteerd worden dat consumenten eerder geneigd zijn een verrassende CMA uiting online te delen (ewom) dan een niet-verrassende TMA uiting als gevolg van zelfverbetering belangen. 16

17 Het experiment dat uitgevoerd is, is een zuiver experiment. Er is naast een experimentele groep (CMA conditie) sprake geweest van een controle groep (TMA conditie), en de onderzoekseenheden worden op basis van toeval aan de experimentele groep dan wel de controle groep toegewezen. Dit zorgt voor een verhoogde interne validiteit van het onderzoek. Er is bovendien bij het ontwikkelen van het stimulusmateriaal uitvoerig nagedacht over eventuele storende factoren. Zo zijn op beide foto s alle mensen verwijderd en is alle tekst van de advertenties verwijderd. Dit zorgt ook voor een verhoogde interne validiteit. Daarnaast is er bij het opstellen van het stimulus materiaal ook nagedacht over de eventuele invloed van het merk Sprite. Er is namelijk bewust gekozen voor een neutraal merk, zodat dit geen invloed op de resultaten zou hebben. Uiteraard kunnen participanten Sprite niet lekker vinden, of misschien andere frisdrank lekker vinden. Echter, is het geen merk met een zware lading. Bovendien is het een merk waarvan er verwacht werd dat iedereen het zou kennen. Uit het experiment is ook gebleken dat alle participanten bekend waren met het merk. Deze aspecten komen ten goede van de interne validiteit. Er zijn echter ook enkele kritische kanttekeningen te zetten. Het feit dat het experiment niet is uitgevoerd op straat of op het strand, waar de advertenties op de afbeelding zich eigenlijk bevinden, heeft een negatieve invloed op de externe validiteit. De resultaten van dit online experiment kunnen hierdoor minder goed gegeneraliseerd worden naar de werkelijkheid dan de resultaten van een veldexperiment (Boeije, t Hart & Hox, 2009). Dit euvel zou verholpen kunnen worden door het experiment in het veld uit te voeren. Dit kost echter veel meer tijd en geld dan het uitvoeren van een online experiment. Een ander aspect dat voor een verlaagde externe validiteit zorgt is dat er gebruik is gemaakt van afbeeldingen van een advertentie in plaats van de daadwerkelijke advertentie. Het zien van een afbeelding van een advertentie of het zien van de advertentie in real life kan invloed hebben op de antwoorden van participanten. Hierdoor zijn de resultaten minder goed naar de werkelijkheid te generaliseren. Ook dit zou verholpen kunnen worden door het experiment in het veld uit te voeren. Tevens is gebleken dat er aan dit experiment meer vrouwen dan mannen hebben meegedaan. Dit kan een negatieve invloed hebben op de externe validiteit, omdat vrouwen anders op het stimulusmateriaal kunnen reageren dan mannen. Dit verschil is middels SPSS gecorrigeerd tijdens het uitvoeren van de regressieanalyse, maar idealiter zou er in vervolgonderzoek beter rekening gehouden moeten worden met een gelijke verdeling van geslacht. De participanten hebben tijdens het invullen van de vragenlijst ook een filmpje gezien. Dit filmpje heeft verder geen rol gespeeld in dit experiment. Dit filmpje heeft echter wel gezorgd 17

18 voor een verlaagde interne validiteit, omdat er nu niet bij elke participant met zekerheid vast te stellen is dat zij antwoorden hebben gegeven op de vragen aan de hand van de afbeelding of het filmpje. Dit kan echter in vervolgonderzoek makkelijk voorkomen worden door het meetinstrument volledig af te stellen op de eigen hypothesen. Het resultaat van dit onderzoek levert een bijdrage aan de wetenschappelijke kennis en zorgt voor het opvullen van de tot voor kort bestaande lacune betreffende dit onderwerp. Er is duidelijkheid gecreëerd over de invloed van CMA op ewom in vergelijking met TMA en hiermee is er een begin gemaakt met het opvullen van deze lacune. Tevens komen enkele resultaten van dit onderzoek overeen met eerder onderzoek. Zo was reeds duidelijk dat CMA meer verrassing opwekt dan TMA (Dahlén, 2005; Rosengren, Modig & Dahlén, 2015). Dit onderzoek bevestigd dit en draagt hierdoor bij aan de wetenschappelijke fundering omtrent CMA vs. TMA en ewom. Bovendien was reeds duidelijk dat verrassing één van de drijvende krachten is in ewom (Berger & Milkman, 2012; Derbaix & Vanhamme, 2003; Dobele, Lindgreen, Beverland, Vanhamme, & van Wijk, 2007). Dit experimentele onderzoek heeft deze kennis met elkaar in verband gebracht en de nodige analyses uitgevoerd om zo tot nieuwe inzichten te komen. Maatschappelijk gezien levert dit onderzoek ook een bijdrage voor bedrijven die er naar streven meer ewom te genereren. Deze bedrijven kunnen besluiten een CMA strategie op te nemen in hun marketing plan om zo meer ewom te genereren. Tevens hebben bedrijven nu een beter inzicht in de reden hier achter, namelijk zelfverbetering belangen. Binnen dit onderzoek is er een link gelegd tussen zelfverbetering belangen en het verband tussen CMA vs. TMA en ewom, op basis van bestaande literatuur. Momenteel is er nog geen valide schaal ontwikkeld die het begrip zelfverbetering belangen goed kan meten. Hier liggen dan ook zeker mogelijkheden voor vervolgonderzoek. Door het ontwikkelen van een valide schaal die zelfverbetering belangen toetst kan er meer duidelijkheid geschept worden over de rol die zelfverbetering belangen spelen binnen dit verband. Middels deze manier is het mogelijk ewom en zelfverbetering belangen van elkaar te scheiden en zelfverbetering belangen te zien als een losstaande variabele. 18

19 6. Appendix 6.1 Literatuurlijst Bakshy, E., Hofman, J. M., Mason, W. A., & Watts, D. J. (2011). Everyone s an influencer: quantifying influence on twitter. Proceedings of the fourth ACM international conference on Web search and data mining, Doi: / Behage, V. (2016). Een literatuuronderzoek naar het effect van creative media advertising op electronic word-of-mouth. Berger, J., & Iyengar, R. (2013). Communication Channels and Word of Mouth: How the Medium Shapes the Message. Journal of Consumer Research, 40(3), doi: / Berger, J., & Milkman, K. L. (2012). What Makes Online Content Viral? Journal of Marketing Research, 49(2), doi: /jmr Berger, J., & Schwartz, E.M. (2011). What drives immediate and ongoing word of mouth? Journal of Marketing Research, 48(5), doi: /jmkr Boom. Boeije, H., Hart t, H. & Hox, J. (2009) Onderzoeksmethoden (8e druk). Amsterdam: Dahlén, M., & Edenius, M. (2007). When is advertising advertising? Comparing responses to non-traditional and traditional advertising media. Journal of Current Issues & Research in Advertising, 29(1), doi: / Dahlén, M., Friberg, L., & Nilsson, E. (2009). Long live creative media choice. Journal of Advertising, 38(2), doi: /JOA Dahlén, M. (2005). The Medium as a contextual clue: Effects of Creative Media Choice. Journal of Advertising, 34(3), doi: /

20 Derbaix, C., & Vanhamme, J. (2003). Inducing word-of-mouth by eliciting surprise a pilot investigation. Journal of Economic Psychology, 24(1), doi: /S (02) Dobele, A., Lindgreen, A., Beverland, M., Vanhamme, J., & Van Wijk, R. (2007). Why pass on viral messages? Because they connect emotionally. Business Horizons, 50(4), doi: /j.bushor Eelen, J., Rauwers, F., Wottrich, V. M., Voorveld, H. A., & van Noort, G. (forthcoming). Consumer Responses to Creative Media Advertising: A Literature Review. In P. De Pelsmacker (Ed.), Advertising in new formats and media: Current research and implications for marketers. Eelen, J., & Seiler, M. R. (2016). Creative Media Use Increases Online Sharing of Your Ad (but Seems Less Effective for Your Brand). In Advances in Advertising Research 6, doi: / _23 Hennig-Thurau T., Gwinner, K.P., Walsh G., & Gremler D.D. (2004). Electronic word-of-mouth via consumer-opinion platforms: what motivates consumers to articulate themselves on the Internet? Journal of Interactive Marketing 18(1), doi: /dir Huang, C. C., Lin, T. C., & Lin, K. J. (2009). Factors affecting pass-along intentions (PAEIs): Integrating the social capital and social cognition theories. Electronic Commerce Research and Applications, 8(3), doi: /j.elerap Hutter, K., & Hoffmann, S. (2014). Surprise, surprise. Ambient media as promotion tool for retailers. Journal of Retailing, 90(1), doi: /j.jretai Rauwers, M. F., & van Noort, G. (2016). The Underlying Processes of Creative Media Advertising. In Advances in Advertising Research 6, Verkregen via 20

21 Rosengren, S., Modig, E., & Dahlén, M. (2015). The value of ambient communication from a consumer perspective. Journal of Marketing Communications, 21(1), doi: / Silvia, P.J. (2005). What is interesting? Exploring the appraisal structure of interest. Emotion, 5(1), 89. doi: / Silvia, P.J. (2008). Interest The curious emotion. Current Directions in Psychological Science, 17(1), doi: /j x Sohn, D. (2009). Disentangling the effects of social network density on electronic word of mouth (ewom) intention. Journal of Computer Mediated Communication, 14(2), doi: /j x 21

22 6.2 Voorbeelden CMA Voorbeeld CMA bananenschil Voorbeeld CMA rietje 22

23 23 Voorbeeld CMA hijskraan

24 6.3 Stimulusmateriaal Foto 1 CMA conditie Foto 2 TMA conditie 24

De effecten van creative media. advertising op advertentie-attitude en. de rol van persuasieve intentie

De effecten van creative media. advertising op advertentie-attitude en. de rol van persuasieve intentie De effecten van creative media advertising op advertentie-attitude en de rol van persuasieve intentie Student: Simone Rienks (6074715) Docent: dr. Marijn Meijers Vak: Afstudeerproject Persuasieve Communicatie

Nadere informatie

Maakt creative media advertising het verschil? Een onderzoek naar de effecten CMA versus TMA en de modererende rol van merkbekendheid.

Maakt creative media advertising het verschil? Een onderzoek naar de effecten CMA versus TMA en de modererende rol van merkbekendheid. Maakt creative media advertising het verschil? Een onderzoek naar de effecten CMA versus TMA en de modererende rol van merkbekendheid. Student: Frederique Thans Studentnummer: 10729542 Afstudeerproject:

Nadere informatie

Het gebruik van creative media advertising in de bierindustrie

Het gebruik van creative media advertising in de bierindustrie Het gebruik van creative media advertising in de bierindustrie Een experimenteel onderzoek naar de effecten van creative media advertising op de mate van verrassing en de advertentieattitude over bier

Nadere informatie

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars Management Summary Wat voor een effect heeft de vorm van een bericht op de waardering van de lezer en is de interesse in nieuws een moderator voor dit effect? Auteur Tessa Puijk Organisatie Van Diemen

Nadere informatie

Motivationele oriëntatie bij sociale vergelijking: Wanneer, waarom en met wie vergelijken?

Motivationele oriëntatie bij sociale vergelijking: Wanneer, waarom en met wie vergelijken? Motivationele oriëntatie bij sociale vergelijking: Wanneer, waarom en met wie vergelijken? Motivational orientation in social comparison: When, Why en with whom to compare? Dirk J. van Os eerste begeleider:

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiviteit van Angstcommunicaties 1 (In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiveness

Nadere informatie

Geslacht, Emotionele Ontrouw en Seksdrive. Gender, Emotional Infidelity and Sex Drive

Geslacht, Emotionele Ontrouw en Seksdrive. Gender, Emotional Infidelity and Sex Drive 1 Geslacht, Emotionele Ontrouw en Seksdrive Gender, Emotional Infidelity and Sex Drive Femke Boom Open Universiteit Naam student: Femke Boom Studentnummer: 850762029 Cursusnaam: Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Geheugenstrategieën, Leerstrategieën en Geheugenprestaties. Grace Ghafoer. Memory strategies, learning styles and memory achievement

Geheugenstrategieën, Leerstrategieën en Geheugenprestaties. Grace Ghafoer. Memory strategies, learning styles and memory achievement Geheugenstrategieën, Leerstrategieën en Geheugenprestaties Grace Ghafoer Memory strategies, learning styles and memory achievement Eerste begeleider: dr. W. Waterink Tweede begeleider: dr. S. van Hooren

Nadere informatie

Emotionele Arbeid, de Dutch Questionnaire on Emotional Labor en. Bevlogenheid

Emotionele Arbeid, de Dutch Questionnaire on Emotional Labor en. Bevlogenheid Emotionele Arbeid, de Dutch Questionnaire on Emotional Labor en Bevlogenheid Emotional Labor, the Dutch Questionnaire on Emotional Labor and Engagement C.J. Heijkamp mei 2008 1 ste begeleider: dhr. dr.

Nadere informatie

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën The Relation between Personality, Education, Age, Sex and Short- and Long- Term Sexual

Nadere informatie

Theorie! Cognitive Bias Modification! Resultaten onderzoek!

Theorie! Cognitive Bias Modification! Resultaten onderzoek! Cognitive Bias Modification Resultaten onderzoek December 2013 Jules Reijnen Ron Jacobs Theorie Cognitive Bias Modification (CBM) is een recent onderzoeksgebied dat zich richt op de vertekening (bias)

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Wetenschappelijk Onderzoek: Experimenteel Onderzoek

Wetenschappelijk Onderzoek: Experimenteel Onderzoek Programma Wetenschappelijk Onderzoek: Experimenteel Onderzoek Pieter Wouters 1. Kenmerken van experimenten 2. Het selecteren van onderzoekseenheden 3. Experimentele designs 4. Validiteit van experimenten

Nadere informatie

Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen. Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en

Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen. Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en Moderatie van de Big Five Persoonlijkheidsfactoren op de Relatie tussen Gepest worden op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten en Ziekteverzuim Moderation of the Big Five Personality Factors on

Nadere informatie

Rapport voor deelnemers M²P burgerpanel

Rapport voor deelnemers M²P burgerpanel Rapport voor deelnemers M²P burgerpanel Weergaven van publieke opinie in het nieuws en hun invloed op het publiek Dit rapport beschrijft de resultaten van een onderzoek over weergaven van publieke opinie

Nadere informatie

CORPORATE BRANDING AND SOCIAL MEDIA: KEY FINDINGS FOR DUTCH CONSUMERS Theo Araujo

CORPORATE BRANDING AND SOCIAL MEDIA: KEY FINDINGS FOR DUTCH CONSUMERS Theo Araujo CORPORATE BRANDING AND SOCIAL MEDIA: KEY FINDINGS FOR DUTCH CONSUMERS Theo Araujo BEOORDEEL DEZE LEZING VIA DE MIE2018 APP! Geef direct na deze lezing jouw beoordeling. Zoek de lezing op via Programma

Nadere informatie

Informatie over de deelnemers

Informatie over de deelnemers Tot eind mei 2015 hebben in totaal 45558 mensen deelgenomen aan de twee Impliciete Associatie Testen (IATs) op Onderhuids.nl. Een enorm aantal dat nog steeds groeit. Ook via deze weg willen we jullie nogmaals

Nadere informatie

Taal en communicatie - profielwerkstuk

Taal en communicatie - profielwerkstuk Taal en communicatie profielwerkstuk Op weg naar een onderzoek Op weg naar een onderzoeksverslag Als voorbeeld: een experimenteel onderzoek: de kracht van Twitter je kunt me volgen op Twitter: @roblepair

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions Onderzoeksopzet Danique Beeks Studentnummer: 2054232 Advanced Business Creation Stagebedrijf: JH Busines Promotions Bedrijfsbegeleider: John van den Heuvel Datum: 12 September 2013 Inhoudsopgave Inleiding

Nadere informatie

Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1

Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1 Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1 Relatie tussen Attitude, Sociale Invloed en Self-efficacy en Intentie tot Contact tussen Ouders en Leerkrachten bij Signalen van Pesten

Nadere informatie

van Werknemers Well-being Drs. P.E. Gouw

van Werknemers Well-being Drs. P.E. Gouw De Invloed van Werk- en Persoonskenmerken op het Welbevinden van Werknemers The Influence of Job and Personality Characteristics on Employee Well-being Drs. P.E. Gouw Eerste begeleider: Dr. S. van Hooren

Nadere informatie

LinkedIn Profiles and personality

LinkedIn Profiles and personality LinkedInprofielen en Persoonlijkheid LinkedIn Profiles and personality Lonneke Akkerman Open Universiteit Naam student: Lonneke Akkerman Studentnummer: 850455126 Cursusnaam en code: S57337 Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

De Relatie tussen Hechting en Welbevinden bij Ouderen: De mediërende Invloed van Mindfulness en Zingeving

De Relatie tussen Hechting en Welbevinden bij Ouderen: De mediërende Invloed van Mindfulness en Zingeving De Relatie tussen Hechting en Welbevinden bij Ouderen: De mediërende Invloed van Mindfulness en Zingeving Relationships between Attachment and Well-being among the Elderly: The mediational Roles of Mindfulness

Nadere informatie

Bent u gemotiveerd? L.E.J. Gerretsen Studentnummer: Eerste begeleider: prof. dr. L. Lechner Tweede begeleider: Dr. A.

Bent u gemotiveerd? L.E.J. Gerretsen Studentnummer: Eerste begeleider: prof. dr. L. Lechner Tweede begeleider: Dr. A. Bent u gemotiveerd? Een Experimenteel Onderzoek naar de Invloed van een op het Transtheoretisch Model Gebaseerde Interventie op de Compliance bij de Fysiotherapeutische Behandeling van Psychiatrische Patiënten

Nadere informatie

A. Business en Management Onderzoek

A. Business en Management Onderzoek A. Business en Management Onderzoek Concepten definiëren Een concept (concept) is een algemeen geaccepteerde verzameling van betekenissen of kenmerken die geassocieerd worden met gebeurtenissen, situaties

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

ONDERZOEKSRAPPORT CONTENT MARKETING EEN ONDERZOEK NAAR DE BEHOEFTE VAN HET MKB IN REGIO TWENTE AAN HET TOEPASSEN VAN CONTENT MARKETING

ONDERZOEKSRAPPORT CONTENT MARKETING EEN ONDERZOEK NAAR DE BEHOEFTE VAN HET MKB IN REGIO TWENTE AAN HET TOEPASSEN VAN CONTENT MARKETING ONDERZOEKSRAPPORT CONTENT MARKETING EEN ONDERZOEK NAAR DE BEHOEFTE VAN HET MKB IN REGIO TWENTE AAN HET TOEPASSEN VAN CONTENT MARKETING VOORWOORD Content marketing is uitgegroeid tot één van de meest populaire

Nadere informatie

De Perceptie van Fair-Trade Producten door Mannen. Pascal van Vliet ANR: 888951. Bachelor thesis Psychologie en Maatschappij. Datum: 13 februari 2014

De Perceptie van Fair-Trade Producten door Mannen. Pascal van Vliet ANR: 888951. Bachelor thesis Psychologie en Maatschappij. Datum: 13 februari 2014 1 De Perceptie van Fair-Trade Producten door Mannen Pascal van Vliet ANR: 888951 Bachelor thesis Psychologie en Maatschappij Datum: 13 februari 2014 Docent: Dhr. R. M. A. Nelissen Universiteit van Tilburg

Nadere informatie

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon Zelfwaardering en Angst bij Kinderen: Zijn Globale en Contingente Zelfwaardering Aanvullende Voorspellers van Angst bovenop Extraversie, Neuroticisme en Gedragsinhibitie? Self-Esteem and Fear or Anxiety

Nadere informatie

De causale Relatie tussen Intimiteit en Seksueel verlangen en de. modererende invloed van Sekse en Relatietevredenheid op deze relatie

De causale Relatie tussen Intimiteit en Seksueel verlangen en de. modererende invloed van Sekse en Relatietevredenheid op deze relatie Causale Relatie tussen intimiteit en seksueel verlangen 1 De causale Relatie tussen Intimiteit en Seksueel verlangen en de modererende invloed van Sekse en Relatietevredenheid op deze relatie The causal

Nadere informatie

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner The association between momentary affect and sexual desire: The moderating role of partner

Nadere informatie

Wil jij zijn wat je ziet? Een onderzoek naar de effecten van blootstelling aan aantrekkelijke modellen op het zelfbeeld van Nederlandse consumenten

Wil jij zijn wat je ziet? Een onderzoek naar de effecten van blootstelling aan aantrekkelijke modellen op het zelfbeeld van Nederlandse consumenten Wil jij zijn wat je ziet? Een onderzoek naar de effecten van blootstelling aan aantrekkelijke modellen op het zelfbeeld van Nederlandse consumenten Merlene Rasing Bachelorthesis Studentnummer: 6214649

Nadere informatie

JoTondeur (VUB), Koen Aesaert & Johan van Braak (UGent)

JoTondeur (VUB), Koen Aesaert & Johan van Braak (UGent) JoTondeur (VUB), Koen Aesaert & Johan van Braak (UGent) Inhoud Context en theorie ICT-competenties studentleraren Strategieën lerarenopleiding (SQD) Probleemstelling Methode Survey Multilevel analyse Resultaten

Nadere informatie

MANTELZORG, GOED GEVOEL

MANTELZORG, GOED GEVOEL UITKOMSTEN ONDERZOEK: MANTELZORG, GOED GEVOEL Inhoud: Theorie & Vragen Methode Theoretische achtergrond: Mantelzorgers zijn iets minder gelukkig dan de rest van de bevolking (CBS, 2016). Mantelzorg brengt

Nadere informatie

Cultuursurvey. Betrouwbaarheidsonderzoek voor Stichting LeerKRACHT. Maaike Ketelaars Ton Klein

Cultuursurvey. Betrouwbaarheidsonderzoek voor Stichting LeerKRACHT. Maaike Ketelaars Ton Klein Cultuursurvey Betrouwbaarheidsonderzoek voor Stichting LeerKRACHT Maaike Ketelaars Ton Klein Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 2 Eerste voorstel voor de aanpassing van de vragenlijst... 7 2.1 Oorspronkelijke

Nadere informatie

Begrijp je doelgroep en connect Search en Social voor de opbmale klant beleving

Begrijp je doelgroep en connect Search en Social voor de opbmale klant beleving Begrijp je doelgroep en connect Search en Social voor de opbmale klant beleving Speaking Publishing Consulting Training European Search Personality 2015 www.stateofdigital.com - www.basvandenbeld.com -

Nadere informatie

Sociale Cognitie bij Psychisch Gezonde Volwassenen

Sociale Cognitie bij Psychisch Gezonde Volwassenen Sociale Cognitie bij Psychisch Gezonde Volwassenen Onderzoek met het Virtuele Lab Social Cognition in Psychologically Healthy Adults Research with the Virtual Laboratory Anja I. Rebber Studentnummer: 838902147

Nadere informatie

Computeraffiniteit belangrijk op kantoor

Computeraffiniteit belangrijk op kantoor Auteur A.R. Goudriaan E-mailadres [email protected] Datum 16 november 2008 Versie 1.0 Titel Computeraffiniteit belangrijk op kantoor Computeraffiniteit belangrijk op kantoor tevredenheid over de automatiseringsafdeling

Nadere informatie

Beïnvloedt Gentle Teaching Vaardigheden van Begeleiders en Companionship en Angst bij Verstandelijk Beperkte Cliënten?

Beïnvloedt Gentle Teaching Vaardigheden van Begeleiders en Companionship en Angst bij Verstandelijk Beperkte Cliënten? Beïnvloedt Gentle Teaching Vaardigheden van Begeleiders en Companionship en Angst bij Verstandelijk Beperkte Cliënten? Does Gentle Teaching have Effect on Skills of Caregivers and Companionship and Anxiety

Nadere informatie

EMPO voor Ouders en Jongeren versie 2.0

EMPO voor Ouders en Jongeren versie 2.0 EMPO voor Ouders en Jongeren versie 2.0 2011 Praktikon BV Nijmegen: Harm Damen 1. Wat is de EMPO? De EMPO 2.0 is een lijst voor zelfevaluatie om de empowerment bij ouders (EMPO Ouders 2.0) en jongeren

Nadere informatie

TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk

TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk Leveraging Synergy and Emotion in a Multi-platform World A Neuroscience-Informed Model of Engagement, Journal of Advertising Research

Nadere informatie

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Een onderzoek naar de invloed van cognitieve stijl, ziekte-inzicht, motivatie, IQ, opleiding,

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress, Emotionele Intimiteit en Affect bij Partners met een. Vaste Relatie

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress, Emotionele Intimiteit en Affect bij Partners met een. Vaste Relatie De Samenhang tussen Dagelijkse Stress, Emotionele Intimiteit en Affect bij Partners met een Vaste Relatie The Association between Daily Stress, Emotional Intimacy and Affect with Partners in a Commited

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Het Verband Tussen Negatieve Levensgebeurtenissen, 5-HTTLPR en Reactieve. Agressie. Pien S. Martens. Open Universiteit Heerlen

Het Verband Tussen Negatieve Levensgebeurtenissen, 5-HTTLPR en Reactieve. Agressie. Pien S. Martens. Open Universiteit Heerlen REACTIEVE AGRESSIE Het Verband Tussen Negatieve Levensgebeurtenissen, 5-HTTLPR en Reactieve Agressie Pien S. Martens Open Universiteit Heerlen Naam student: Pien Sophie Martens Studentnummer: 850945172

Nadere informatie

Bij gebrek aan bewijs

Bij gebrek aan bewijs Bij gebrek aan bewijs kennis is macht! internet in de spreekkamer P.A. Flach Bedrijfsarts Arbo- en milieudienst RuG 09-10-2006 1 3 onderdelen 1. Wat is EBM 2. Zoeken in PubMed 3. Beoordelen van de resultaten

Nadere informatie

De relatie tussen Stress Negatief Affect en Opvoedstijl. The relationship between Stress Negative Affect and Parenting Style

De relatie tussen Stress Negatief Affect en Opvoedstijl. The relationship between Stress Negative Affect and Parenting Style De relatie tussen Stress Negatief Affect en Opvoedstijl The relationship between Stress Negative Affect and Parenting Style Jenny Thielman 1 e begeleider: mw. dr. Esther Bakker 2 e begeleider: mw. dr.

Nadere informatie

AdVISHE: Assessment of the Validation Status of Health- Economic Decision Models

AdVISHE: Assessment of the Validation Status of Health- Economic Decision Models AdVISHE: Assessment of the Validation Status of Health- Economic Decision Models Pepijn Vemer, George van Voorn, Isaac Corro Ramos, Maiwenn Al, Talitha Feenstra Rationale In theorie: Doe alles! Een model

Nadere informatie

De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale. Veerkracht en Demografische Variabelen

De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale. Veerkracht en Demografische Variabelen Running head: INVLOED VAN DAGELIJKSE STRESS OP BURN-OUT KLACHTEN De Invloed van Dagelijkse Stress op Burn-Out Klachten, Gemodereerd door Mentale Veerkracht en Demografische Variabelen The Influence of

Nadere informatie

Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding. Relation between Cyberbullying and Parenting. D.J.A. Steggink. Eerste begeleider: Dr. F.

Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding. Relation between Cyberbullying and Parenting. D.J.A. Steggink. Eerste begeleider: Dr. F. Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding Relation between Cyberbullying and Parenting D.J.A. Steggink Eerste begeleider: Dr. F. Dehue Tweede begeleider: Drs. I. Stevelmans April, 2011 Faculteit Psychologie

Nadere informatie

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen.

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. The Relationship between Intimacy, Aspects of Sexuality and Attachment

Nadere informatie

1. Reductie van error variantie en dus verhogen van power op F-test

1. Reductie van error variantie en dus verhogen van power op F-test Werkboek 2013-2014 ANCOVA Covariantie analyse bestaat uit regressieanalyse en variantieanalyse. Er wordt een afhankelijke variabele (intervalniveau) voorspeld uit meerdere onafhankelijke variabelen. De

Nadere informatie

Geloof in een Rechtvaardige Wereld en Afkeuring van Geweldsslachtoffers: De Invloed

Geloof in een Rechtvaardige Wereld en Afkeuring van Geweldsslachtoffers: De Invloed Geloof in een Rechtvaardige Wereld en Afkeuring van Geweldsslachtoffers: De Invloed van Sociale Categorisering, Persoons-identificatie, Positie-identificatie en Retributie Belief in a Just World and Rejection

Nadere informatie

3.1 Itemanalyse De resultaten worden eerst op itemniveau bekeken. De volgende drie aspecten dienen bekeken te worden:

3.1 Itemanalyse De resultaten worden eerst op itemniveau bekeken. De volgende drie aspecten dienen bekeken te worden: Werkinstructie Psychometrische analyse Versie: 1.0 Datum: 01-04-2014 Code: WIS 04.02 Eigenaar: Eekholt 4 1112 XH Diemen Postbus 320 1110 AH Diemen www.zorginstituutnederland.nl T +31 (0)20 797 89 59 1

Nadere informatie

DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1

DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1 DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1 Dankbaarheid in Relatie tot Intrinsieke Levensdoelen: Het mediërende Effect van Psychologische Basisbehoeften Karin Nijssen Open Universiteit

Nadere informatie

De Invloed van Persoonlijke Doelen en Financiële Toekomst perspectieven op Desistance van. Criminaliteit.

De Invloed van Persoonlijke Doelen en Financiële Toekomst perspectieven op Desistance van. Criminaliteit. Running head: Desistance van Criminaliteit. 1 De Invloed van Persoonlijke Doelen en Financiële Toekomst perspectieven op Desistance van Criminaliteit. The Influence of Personal Goals and Financial Prospects

Nadere informatie

Online Marketing. Door: Annika Woud ONLINE MARKETING

Online Marketing. Door: Annika Woud ONLINE MARKETING Online Marketing Door: Annika Woud 1 Inhoudsopgaven 1 Wat is online marketing? 2 Hoe pas je online marketing toe op een website? Hoe pas je het toe? SEO Domeinnaam HTML Google Analytics Advertenties op

Nadere informatie

Bij herhaalde metingen ANOVA komt het effect van het experiment naar voren bij de variantie binnen participanten. Bij de gewone ANOVA is dit de SS R

Bij herhaalde metingen ANOVA komt het effect van het experiment naar voren bij de variantie binnen participanten. Bij de gewone ANOVA is dit de SS R 14. Herhaalde metingen Introductie Bij herhaalde metingen worden er bij verschillende condities in een experiment dezelfde proefpersonen gebruikt of waarbij dezelfde proefpersonen op verschillende momenten

Nadere informatie

Methoden van onderzoek. Werkcollege 5

Methoden van onderzoek. Werkcollege 5 Werkcollege 5 Werkcollege 5: Inhoud 1. Instructies bij opdrachten 2. Populatie - steekproef 3. Vragenlijst ontwikkelen 2 Instructies opdrachten 3 Werkcollege 5: Inhoud 1. Instructies bij opdrachten 2.

Nadere informatie

[2012] Online hotel reviews. Yvette Dijkhof Masterthesis Universiteit van Amsterdam Scriptiebegeleider: Dr. ir. Peeter Verlegh

[2012] Online hotel reviews. Yvette Dijkhof Masterthesis Universiteit van Amsterdam Scriptiebegeleider: Dr. ir. Peeter Verlegh [2012] Online hotel reviews Yvette Dijkhof Masterthesis Universiteit van Amsterdam Scriptiebegeleider: Dr. ir. Peeter Verlegh Online hotel reviews Onderzoek naar positieve en negatieve online reviews over

Nadere informatie

Innovatie van dienstverlening via Loket. Reden voor gebruik en gebruikerstevredenheid.

Innovatie van dienstverlening via Loket. Reden voor gebruik en gebruikerstevredenheid. Innovatie van dienstverlening via Loket. Reden voor gebruik en gebruikerstevredenheid. In het kader van het project Innovatie van dienstverlening doet ICOON onderzoek naar de vraag onder welke omstandigheden

Nadere informatie

Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN

Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN Het Effect van Online Cognitieve Gedragstherapie op Seksuele Disfuncties bij Vrouwen The Effectiveness of Internet-based Cognitive-Behavioural

Nadere informatie

Online Trust. Informatie-uitwisseling Opdracht

Online Trust. Informatie-uitwisseling Opdracht Online Trust Informatie-uitwisseling Opdracht 2 2014-2015 Dit document bevat een voorstel voor de onderzoeksopdracht voor de cursus Informatie-uitwisseling van de opleiding Informatiekunde Team #71: Bluelephant

Nadere informatie

Effecten van embedded advertising. Vandaag. Waarom Werkt Embedded Advertising? Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen. Effecten van regelgeving

Effecten van embedded advertising. Vandaag. Waarom Werkt Embedded Advertising? Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen. Effecten van regelgeving Effecten van embedded advertising en de bijbehorende regelgeving dr. Eva van Reijmersdal (dr.) Sophie Boerman Universiteit van Amsterdam Vandaag Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen 1. Likeability

Nadere informatie

Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager

Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager Tijdschriften lezen. Totale consumptie van magazine content stijgt. Since I began reading magazines in electronic form,

Nadere informatie

Profile visitors NRC Q

Profile visitors NRC Q NRC Media presents About NRC Q A unique concept Business news platform for ambitious people on the go Short, sharp articles with professional infographics Daily newsletter at 5.30am News updates via WhatsApp

Nadere informatie

Sportclubs en Sociale Media

Sportclubs en Sociale Media Sportclubs en Sociale Media Wilko de Graaf DSO, 7 november 2013 Sportclubs en Sociale Media Mike Muller en Wilko de Graaf Kenniskring Sport, Management en Ondernemen Domein Bewegen, Sport en Voeding Hogeschool

Nadere informatie

Wat motiveert u in uw werk?

Wat motiveert u in uw werk? Wat motiveert u in uw werk? Begin dit jaar heeft u kunnen deelnemen aan een online onderzoek naar de motivatie en werktevredenheid van actuarieel geschoolden. In dit artikel worden de resultaten aan u

Nadere informatie

Meervoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden

Meervoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden Er is onderzoek gedaan naar rouw na het overlijden van een huisdier (contactpersoon: Karolijne van der Houwen (Klinische Psychologie)). Mensen konden op internet een vragenlijst invullen. Daarin werd gevraagd

Nadere informatie

Programma. - Construct-> dimensies -> indicatoren -> items vragenlijst. - Pilot met de vragenlijst. - Plannen van het onderzoek.

Programma. - Construct-> dimensies -> indicatoren -> items vragenlijst. - Pilot met de vragenlijst. - Plannen van het onderzoek. Bijeenkomst 3 1 Programma Mini-presentaties Vragenlijst maken Kwaliteit van de vragenlijst: betrouwbaarheid en validiteit Vooruitblik: analyse van je resultaten Aan de slag: - Construct-> dimensies ->

Nadere informatie

Samenvatting. De huidige studie onderzocht de effectiviteit van creative media advertising (CMA) in

Samenvatting. De huidige studie onderzocht de effectiviteit van creative media advertising (CMA) in Samenvatting De huidige studie onderzocht de effectiviteit van creative media advertising (CMA) in vergelijking met traditional media advertising (TMA) in sociale marketing rondom milieuproblemen door

Nadere informatie

De Relatie Tussen de Gehanteerde Copingstijl en Pesten op het Werk. The Relation Between the Used Coping Style and Bullying at Work.

De Relatie Tussen de Gehanteerde Copingstijl en Pesten op het Werk. The Relation Between the Used Coping Style and Bullying at Work. De Relatie Tussen de Gehanteerde Copingstijl en Pesten op het Werk The Relation Between the Used Coping Style and Bullying at Work Merijn Daerden Studentnummer: 850225144 Werkstuk: Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Wat wil jij dat er echt verandert? onderzoek naar verandering

Wat wil jij dat er echt verandert? onderzoek naar verandering Wat wil jij dat er echt verandert? onderzoek naar verandering voor BNP Paribas B12115, mei 2010 BNP Paribas Wat wil jij dat er echt verandert? 1/ pag. Politiek Nederlanders willen online kunnen stemmen

Nadere informatie

- Mensen gaan meer variëteit kiezen bij hun consumptiekeuzes wanneer ze weten dat hun gedrag nauwkeurig publiekelijk zal onderzocht worden.

- Mensen gaan meer variëteit kiezen bij hun consumptiekeuzes wanneer ze weten dat hun gedrag nauwkeurig publiekelijk zal onderzocht worden. Abstract: - 3 experimenten - Mensen gaan meer variëteit kiezen bij hun consumptiekeuzes wanneer ze weten dat hun gedrag nauwkeurig publiekelijk zal onderzocht worden. - Studie 1&2: consumenten verwachten

Nadere informatie

Effect toiletreclame Ziggo. Altermedia Rapportage Auteurs: Jeroen Bruin, Daan Damen en Jeroen Senster Project Z4778

Effect toiletreclame Ziggo. Altermedia Rapportage Auteurs: Jeroen Bruin, Daan Damen en Jeroen Senster Project Z4778 Effect toiletreclame Ziggo Altermedia Rapportage Auteurs: Jeroen Bruin, Daan Damen en Jeroen Senster Project Z4778 Achtergrond, doel- en probleemstelling In opdracht van Altermedia, in naam van Oskar van

Nadere informatie

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention Samenvatting Wesley Brandes MSc Introductie Het succes van CRM is volgens Bauer, Grether en Leach (2002) afhankelijk van

Nadere informatie

Positionering en idee ontwikkeling. zondag 2 december 12

Positionering en idee ontwikkeling. zondag 2 december 12 Positionering en idee ontwikkeling Agenda Review presentaties Customer Journey Positionering Van Cover Story naar Ideeën HKJ s Forced-Fit Huiswerk Customer Journey Vragen? Hoe was het bezoek? Customer

Nadere informatie

Keuzetwijfels in de Emerging Adulthood rondom Studie- en Partnerkeuze. in Relatie tot Depressie

Keuzetwijfels in de Emerging Adulthood rondom Studie- en Partnerkeuze. in Relatie tot Depressie 1 Keuzetwijfels in de Keuzetwijfels in de Emerging Adulthood rondom Studie- en Partnerkeuze in Relatie tot Depressie Open Universiteit Nederland Masterscriptie (S58337) Naam: Ilse Meijer Datum: juli 2011

Nadere informatie

Personalisatie van emotionele of functionele boodschappen als oplossing voor het creëren van brand love?

Personalisatie van emotionele of functionele boodschappen als oplossing voor het creëren van brand love? Personalisatie van emotionele of functionele boodschappen als oplossing voor het creëren van brand love? Naam: Ruben Betjes Studentnummer: 10624759 Vak: Afstudeerproject Persuasieve Communicatie Docent:

Nadere informatie

KWANTITATIEF TESTEN. experimenteel ontwerp (MIT 14) statistische analyse (MIT 15)

KWANTITATIEF TESTEN. experimenteel ontwerp (MIT 14) statistische analyse (MIT 15) KWANTITATIEF TESTEN experimenteel ontwerp (MIT 14) statistische analyse (MIT 15) tips Google Wikipedia MIT 14, 15 stats.stackexchange.com ander onderzoek dat lijkt op het jouwe experimenteel ontwerp kwantitatieve

Nadere informatie

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van

Nadere informatie

DESIGNEFFECT HET ONDERZOEK NAAR EFFECTIVITEIT VAN DESIGN

DESIGNEFFECT HET ONDERZOEK NAAR EFFECTIVITEIT VAN DESIGN DESIGNEFFECT HET ONDERZOEK NAAR EFFECTIVITEIT VAN DESIGN DesignEffect Waarom is het instrument DesignEffect ontwikkeld? Blauw Research heeft, in samenwerking met de werkgroep Design & Effectiviteit van

Nadere informatie